__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

MEI 2020

6

4 Salih (12) controleert zijn woede

8

Schotse hooglanders in de haven

12

Een dwergpapegaai als huisdier

Een schuilplaats in een kerk

Yara: ‘Juffen en meesters hoeven niets meer uit te delen aan hun leerlingen. Iedere leerling heeft 2 laadjes met daarin al zijn boeken, schriften en pennen.’

Yunus: ‘We desinfecteren onze handen als we de school ingaan.’ FOTO’S: PETER SNATERSE

Yunus, Jamia, schooldirectrice Sibel, Yara en Chaimae zijn blij dat ze weer naar school toe kunnen. KRALINGEN-CROOSWIJK – Basisscholen zijn sinds 11 mei weer voor een deel open. Scholen moeten ervoor zorgen dat er niet te veel kinderen tegelijkertijd in een klas zitten. En leraren en leerlingen moeten zich aan speciale regels houden. Yunus (9), Yara (9), Jamia (11) en Chaimae (11) van De Koningin Wilhelminaschool vertelden op 12 mei over de regels op hun school. TEKST: SUZANNE HUIG

‘We moeten onze handen insmeren met desinfecterende gel zodra we de school ingaan. De gel doodt virussen. De kans is daardoor kleiner dat we het coronavirus de school inbrengen’, vertelt Chaimae.

Kleinere klassen

‘Alle klassen zijn verdeeld in 2 groepen. Er is een ochtendgroep en een middaggroep. Ik zit normaal met 28 leerlingen in de klas. Ik zit nu met 14 leerlingen in de middaggroep’, vertelt Yunus. Jamia: ‘Ik vind het in de klas minder gezellig omdat de helft van mijn klasgenoten er niet is. Ik kan me wel beter concentreren omdat het rustiger is in de klas.’

Afstand houden

‘Leerlingen hoeven in de school geen afstand van elkaar te houden. We zitten gewoon naast elkaar in de klas. Ik vind dat fijn’, zegt Yara. ‘Leerlingen moeten wel 1,5 meter

Jamia en Chaimae zitten bij juf Jelissa. Jamia: ‘Juf Jelissa blijft achter de rode streep op de grond.’ afstand houden van juffen en meesters. De leraren hebben in hun lokaal een eigen gedeelte. Dat gedeelte is afgezet met gekleurd tape. Leerlingen mogen daar niet komen’, zegt Chaimae. Jamia: ‘Leraren moeten ook 1,5 meter afstand houden van elkaar.’

Uitleg van de leraar

Yara: ‘De juffen en meesters leggen opdrachten aan hun leerlingen uit als de leerlingen op school zijn. De leerlingen maken daarna een voorbeeldopdracht met hun leraar. De leerlingen krijgen de rest van de opdrachten als huiswerk mee. Dat huiswerk moet de volgende schooldag worden ingeleverd.’ Chaimae: ‘Ik ben heel blij dat ik weer naar school toe mag. Ik was thuis snel afgeleid als ik mijn schoolwerk maakte. Ik vind het fijn dat mijn juf mij nu weer motiveert en uitleg geeft.’


MEI 2020

Elsje komt thuis uit school. Ze

zegt tegen haar moeder: ‘De juf heeft verteld dat er 3 schapen

nodig zijn om een trui te breien.’

J

T

H

E M A T

K R

I

T

W A A

I

R D

E

G

E

N

E

S C H V

O O R

E

B

D O V

A

T

I

N V

L

O E

D

K

P

E

schapen konden breien.’

E

L

U

I

S

T

E

R

E

N D R

DEBAT

Birgit (10)

F

E

I

T

E

N

E

A S

K

E

I

ECHT

I

M H

E

E W N N C

E

E

N

D

C N

T

R

H N

L

G

E

N A

E G G B

R O N G

E

E

R D

A K

L

P

N R

G E

V O

E

L

I

R

U

G

I

N G N

Moeder reageert: ‘Ik wist niet dat

Jantje komt bij de dokter. Hij zegt:

‘Dokter, ik heb zo’n pijn in mijn oog als ik koffie drink.’ De dokter antwoordt: ‘Dan moet je het lepeltje uit je koffie halen.’ Jantine (11)

O V

E

T

E

I

T

A S O V I

R A

E

E

G P

BRON

LUISTEREN

DENKEN

ONDERWERP

NEP

OORDEEL

OVERTUIGING

ERVARING

PRATEN

FEITEN

SCHOOL

GEVOELIG

TEGEN

IDEE

THEMA

INVLOED

VOOR

KLAS

VRAGEN

KRANT

WAAR

KRITISCH

ANTWOORD (3 WOORDEN):

Er zitten 2 aardappelen in de pan. Vraagt de ene aardappel aan de

andere: ‘Hoe is het met je broer?’ De andere zegt: ‘Slecht, hij zit in de puree!’

REGELS: DE WOORDEN VIND JE HORIZONTAAL, VERTICAAL EN DIAGONAAL. JE MAG LETTERS

MEERDERE KEREN GEBRUIKEN. ALS JE DE OVERGEBLEVEN LETTERS IN DE JUISTE VOLGORDE ZET, KRIJG JE HET ANTWOORD. MAIL DIT ANTWOORD SAMEN MET JE VOORNAAM, LEEFTIJD EN HET TELEFOONNUMMER VAN JE OUDER(S) OF VERZORGER(S) (ZODAT WE CONTACT MET JE KUNNEN OPNEMEN ALS JE HEBT GEWONNEN) NAAR ANTWOORD@JONG010.NL. ALLEEN DE

WINNAAR KRIJGT BERICHT.

HET ANTWOORD VAN DE WOORDZOEKER VAN APRIL IS: KATTENSTAART. DE WINNAAR IS PATRICK (11). GEFELICITEERD!

Bram (8)

PUZZELCORNER.NL

Wat is groen en

heeft een gewei? Een dophertje. Mohammed (9)

Wat is groen en

skiet van een berg? Een skiwi.

serveren maar niet eten?

Een tennisbal.

Yannick (10)

Wat kun je wel

Mert (11)

Zoek de appeltjes in de kinderkrant! Kun jij ze allemaal vinden? Vul hier het aantal in:

OPRICHTER: ANGELIQUE VAN TILBURG

JONG010 - MEI 2020

HOOFDREDACTEUR: SUZANNE HUIG

JAARGANG 10 - EDITIE 9

FOTOGRAFEN: PETER SNATERSE,

OPLAGE: 38.000 KRANTEN

ARJEN JAN STADA VORMGEVING: MARCEL VAN DEN ASSEM REDACTIEMEDEWERKER: SASJA HOF AAN DEZE EDITIE WERKTEN MEE: PUZZELCORNER, RICHARD VAN DER VEN,

HEB JIJ EEN TIP VOOR JONG010? REDACTIE@JONG010.NL


MEI 2020

‘Ik denk dat de haven milieuvriendelijker kan worden als we overal op de wereld strenge regels maken voor schepen. Een regel kan bijvoorbeeld zijn dat schepen in havens alleen op zonne-energie mogen varen en niet op vervuilende olie.’

ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van de Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Ook naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen is hij benieuwd. Hoe kunnen we de haven volgens jou milieuvriendelijk maken? TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

‘Waar denk je aan als je aan de haven denkt? Je ziet misschien grote schepen en fabrieken voor je. Maar er gebeurt ook veel om de haven milieuvriendelijker te maken. Milieuvriendelijker betekent dat iets minder vervuilend is voor mensen, dieren en planten. De restwarmte van de industrie in de haven wordt bijvoorbeeld gebruikt om woningen te verwarmen. Steeds meer schepen gaan op gas varen in plaats van op stookolie. En bij de Maasvlakte is een strook met bloemen en een bijenvolk aangelegd. Hoe kunnen we de haven volgens jou nog milieuvriendelijker maken?’

NOUSSAIR (10)

Ahmed Aboutaleb. FOTO: GEMEENTE ROTTERDAM / MARC NOLTE

‘Ik vind dat de vrachtwagens die in de haven rijden allemaal elektrisch moeten worden. Ze zorgen dan niet meer voor luchtvervuiling in het havengebied.’

JENNY (9) ‘Ik denk dat de haven milieuvriendelijk kan worden als er milieuvriendelijke materialen worden gebruikt bij de bouw van schepen en fabrieken. Scheepsbouwers kunnen bijvoorbeeld verf gebruiken die niet schadelijk is voor de natuur.’

‘Ik denk dat de haven milieuvriendelijk wordt als de haven goed wordt schoongemaakt. Ik vind dat fabrieken en schepen die de haven vervuilen een hoge boete moeten betalen. Van het geld van die boetes kunnen machines worden gemaakt die de haven schoonmaken.’

Hoe kunnen we de haven volgens jou milieuvriendelijk maken?

‘Ik vind dat fabrieken de vervuilende lucht die ze uitstoten, moeten opvangen. In een fabriek moeten ze die lucht reinigen en hergebruiken. De lucht in de haven wordt dan veel minder vervuild.’

ESTHER (11)

LINA (11)

NEVAEH (11)

SOUHAIL (11)

KYMANI (11) ‘Ik denk dat fabrieken milieuvriendelijker kunnen worden door op zonne-energie en windenergie te gaan werken. Schepen kunnen ook milieuvriendelijker worden door op zonne-energie of windenergie te varen in plaats van op olie.’

‘De haven wordt vervuild doordat er veel afval in het water ligt. Ik vind dat de politie hoge boetes moet geven aan mensen die afval in het water of op straat gooien. Ik denk dat er dan minder afval op straat, in het water en in de haven terechtkomt. De haven wordt dan schoner.’

‘Ik denk dat de haven milieuvriendelijker wordt als bedrijven meer gaan samenwerken. Het ene bedrijf kan misschien het afval van een ander bedrijf goed gebruiken. En bedrijven kunnen bijvoorbeeld samen goederen vervoeren zodat er maar 1 schip hoeft te varen in plaats van dat er meerdere schepen moeten varen.’

CEYDEN (11)

Naam:

‘Fabrieken en vrachtwagens zorgen in de haven voor CO2. CO2 is slecht voor het milieu. Ik denk dat de haven milieuvriendelijker wordt als er bomen rondom de haven worden geplaatst. Bomen zetten CO2 om in zuurstof. Zuurstof is goed voor het milieu.’

CAITHLYN (11)


MEI 2020

De cursus is gratis. Kijk voor meer informatie op www.indigowest.nl of mail naar preventie@indigorijnmond.nl

ROTTERDAM – Iedereen is weleens boos. Sommige kinderen vinden het lastig om hun woede onder controle te houden. Ze gaan bijvoorbeeld schreeuwen, schelden of vechten. Het kan vervelende gevolgen hebben als je heel vaak heel erg boos bent. Sommige kinderen hebben bijvoorbeeld iedere dag ruzie op school of thuis.

Training ‘Ik kies voor zelfcontrole’

‘Ik kies voor zelfcontrole’ is een groepstraining van 9 bijeenkomsten. De deelnemers leren ruzies en problemen op te lossen. Ze leren hoe ze minder snel en minder vaak boos worden. En ze leren voor zichzelf op te komen zonder ruzie te maken. Salih (12) en Amjad (12) volgden de training.

TEKST: SUZANNE HUIG

DELFSHAVEN – Amjad: ‘Ik werd bijna iedere dag boos op school. Ik werd bijvoorbeeld boos als ik niet zelf mocht bepalen met wie ik samenwerkte. Ik werd ook vaak boos als een klasgenoot iets deed of zei wat ik niet fijn vond. Bijvoorbeeld als een klasgenoot met zijn pen op zijn tafel tikte. Ik schreeuwde en vocht soms als ik boos werd. Ik kreeg daardoor vaak ruzie met mijn klasgenoten of leraar. Ik heb de cursus ‘Ik kies voor zelfcontrole’ gevolgd omdat ik mijn gedrag wilde veranderen.’ TEKST: SUZANNE HUIG

‘Ik heb geleerd dat ik er zelf voor kies hoe ik me gedraag. Ik kan er zelf voor kiezen om me niet boos te gedragen. Ik ben behulpzaam en heb respect voor anderen. Maar ik kom heel anders op mensen over als ik me boos gedraag. Mijn boze gedrag zorgde ervoor dat mensen onaardig tegen mij gingen doen’, zegt Amjad.

Woede en spanning loslaten

‘Ik heb geleerd om te ontspannen als er iets gebeurt wat mij boos maakt. Ik tel eerst tot 10 zodat ik niet gelijk boos reageer. Ik loop daarna even naar een rustige plek toe. Ik denk daar aan wat mij boos maakt. Ik maak van mijn handen stevige vuisten. Ik maak me helemaal klein en kijk heel boos. Ik houd dat 1 minuut vol. Ik zeg daarna tegen mezelf: ‘Keep cool!’ Dat betekent ‘Blijf kalm!’ Ik schud dan een paar seconden met heel mijn lichaam. Ik raak daardoor alle woede en spanning in mijn lichaam kwijt. Het helpt mij om rustig en vriendelijk te blijven tegen de mensen om mij heen’, legt Amjad uit.

DELFSHAVEN – Salih had iedere dag problemen thuis en op school. ‘De problemen ontstonden meestal als ik niet luisterde naar mijn ouders of juf. Ik werd heel boos als mijn ouders of juf mij erop aanspraken dat ik niet luisterde. Ik praatte hard en riep lelijke dingen naar de mensen om heen. Ik kon mijn woede niet loslaten. Ik bleef uren boos als er thuis of op school iets was gebeurd’, vertelt Salih. TEKST: SUZANNE HUIG

Amjad: ‘De opdrachten in het cursusboek helpen mij om minder vaak boos te worden.’ FOTO'S: SUZANNE HUIG Onder controle

‘Ik vind het fijn dat ik nu om kan gaan met mijn woede en ander gedrag kan laten zien. Ik word niet meer zo snel boos op de mensen om mij heen. Ik heb mezelf onder controle. Ik ben heel blij dat ik de cursus heb gevolgd. Ik heb nu bijna geen ruzies meer op school en ben bijna nooit meer boos. Ik krijg daardoor ook minder straf op school. Ik vind het daardoor leuker om naar school te gaan’, vertelt Amjad.

Salih: ‘Ik raakte mijn concentratie op school kwijt als ik boos was. Ik ging dan vaak met mijn gezicht op tafel liggen en boos om mij heen kijken. Ik deed niet meer mee met de lessen. Ik vond het niet leuk meer om naar school te gaan. Ik ben de cursus gaan volgen omdat ik weer met plezier naar school toe wilde.’

Tot 100 tellen

‘Het is belangrijk om eerst rustig te worden als je boos bent. Ik heb bij de cursus geleerd dat ik rustig word door te tellen omdat ik me dan moet concentreren. Ik denk dan niet meer aan wat me boos maakte. Ik ben meestal helemaal rustig als ik tot 100 heb geteld’, vertelt Salih.

Woede mijn lichaam uit

Salih doet een oefening op de grond waarbij hij zijn woede loslaat. FOTO’S: ARJAN JAN STADA

‘Ik ga na het tellen in een rustige ruimte even op mijn rug liggen. Ik kijk dan heel boos. Ik span mijn buikspieren aan en maak vuisten van mijn handen. Ik denk aan wat mij boos maakte. Ik denk daarna aan iets dat ik leuk en fijn vind. Ik ontspan dan heel mijn lichaam. Ik blaas daarna langzaam uit. Mijn woede is dan helemaal uit mijn lichaam’, legt Salih uit.

Minder ruzies en problemen

‘Ik ben heel blij dat ik de cursus heb gevolgd. Ik beheers mezelf nu. Ik doe de oefening om rustig te worden en de oefening om mijn woede kwijt te raken als er iets gebeurt dat mij heel boos maakt. Ik heb daardoor veel minder ruzies en problemen thuis en op school. Het is daardoor gezellig thuis en in de klas’, zegt Salih.


MEI 2020

ROTTERDAM – Talia (12) heeft het syndroom van Chevon. ‘Het is een afwijking in mijn DNA. De afwijking zorgt ervoor dat ik epilepsie heb. Het is een heel zeldzaam syndroom. Maar heel weinig mensen hebben de aandoening’, vertelt Talia. TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

‘Epilepsie is een storing in de hersenen. De storing zorgt voor aanvallen. Er zijn verschillende soorten aanvallen. Ik heb absences. Absences zijn heel korte aanvallen waar ik zelf niets van merk. Een aanval duurt een paar seconden. Mijn ogen gaan meestal draaien en mijn oogleden gaan vaak knipperen tijdens een aanval. Ik heb dan zelf even niet in de gaten wat er met mijn lichaam gebeurt. Ik heb bijna iedere dag absences. Tussen de aanvallen door is er niets aan de hand met mij’, legt Talia uit.

Talia: ‘Ik kom graag in de bibliotheek op school want ik houd van lezen.’

Een fijne school

DNA

In je DNA staat informatie die bepaalt hoe jij eruitziet en hoe je lichaam werkt.

Syndroom ontdekt

Talia: ‘Ik heb tot mijn achtste op een gewone basisschool gezeten. Ik wist tot die tijd niet dat ik een syndroom heb. Mijn lichaam en ogen bewogen steeds vaker zonder dat ik daar zelf invloed op had. Ik kraste soms bijvoorbeeld ineens hard met een potlood op mijn tafel. En mijn ogen draaiden soms ineens een paar keer rond. Ik had het zelf niet in de gaten. Leraren en klasgenoten konden op die momenten even geen contact met mij krijgen. Het duurde altijd maar een paar seconden. Ik wist daarna niet wat er was gebeurd. Ik ben naar het ziekenhuis gegaan omdat het steeds vaker gebeurde. De dokter in het ziekenhuis kwam erachter dat ik epilepsie heb door het syndroom van Chevon.’

‘Ik ben naar de speciaal onderwijsschool Recon openluchtschool gegaan toen bekend werd dat ik epilepsie heb. Ik voel me heel fijn op deze school. Iedereen in mijn klas heeft een beperking of ziekte. Leraren en klasgenoten schrikken daarom niet als ik een aanval krijg. Ze zijn gewend aan ziektes en beperkingen. Op mijn school mag iedereen zichzelf zijn. Ik ben soms bijvoorbeeld moe als ik een aanval heb gehad. Ik voel me dan ineens niet lekker en kan me niet meer goed concentreren. Op mijn school is er een slaapruimte. Ik kan daar even slapen en uitrusten tussen de lessen door. Dat vind ik heel fijn’, vertelt Talia.

Talia: ‘Je kunt aan mij niet zien dat ik een beperking heb. Dat vind ik fijn.’

SYNDROOM

Verschillende klachten die samen voorkomen als ziekte.

Niet alleen fietsen of zwemmen

‘Ik neem iedere ochtend en iedere avond medicijnen in. De medicijnen zorgen ervoor dat ik minder epileptische aanvallen heb. Ik voel me niet beperkt of ziek omdat ik alles kan doen wat ik wil. Ik mag niet alles alleen doen. Ik mag bijvoorbeeld niet alleen ergens naartoe fietsen of alleen zwemmen. Ik kan in een gevaarlijke situatie terechtkomen als ik een aanval krijg terwijl ik alleen aan het fietsen of zwemmen ben. Er moet daarom altijd een volwassene bij mij zijn als ik fiets of zwem. De volwassene kan op mij letten en mij in veiligheid brengen als ik een aanval krijg’, zegt Talia.

Talia rust uit op één van de bedden in de slaapruimte op haar school.

AUTOMATISCH

Iets dat vanzelf gaat, zonder dat je er bij nadenkt.

Fonds Kind & Handicap helpt kinderen en jongeren met een handicap of chronische ziekte. Een handicap is een beperking waardoor je sommige dingen niet zo goed kunt. Een chronische ziekte is een ziekte die minimaal 3 maanden duurt, steeds terugkomt of niet genezen kan worden. De organisatie geeft bijvoorbeeld geld om hulpmiddelen te kopen, voorlichting te geven of onderzoek te doen.


MEI 2020

ROZENBURG – In de Rotterdamse haven ligt het natuurgebied De Landtong Rozenburg. De Landtong Rozenburg is een schiereiland tussen het Calandkanaal en de Nieuwe Waterweg. In het natuurgebied leven 40 Schotse hooglanders. Kuddebeheerder Manon gaf Julian (8) uit groep 5 van basisschool De Kralingsche School op 20 april een rondleiding over De Landtong. Julian: ‘Het natuurgebied zorgt ervoor dat de haven er mooier uitziet.’ TEKST: SUZANNE HUIG

Manon en Julian bij de Schotse hooglanders op De Landtong Rozenburg. FOTO’S: ARJEN JAN STADA

Ben je nieuwsgierig geworden naar de Schotse hooglanders? Bekijk een filmpje over kuddebeheerder Manon via WWW.PORTRANGERS.NL/VIDEOS

Julian. ‘Een kuddebeheerder houdt in de gaten of de kuddes Schotse hooglanders gezond zijn en zich goed gedragen. Ik loop 2 keer per week een rondje over De Landtong om te kijken hoe het met de dieren gaat. Ik help een dier alleen als het ziek is of zich gek gedraagt. Ik verzorg de dieren niet. De dieren verzorgen zichzelf. Bezoekers van het natuurgebied mogen de dieren ook niet voeren en aaien. De dieren worden opdringerig als ze worden gevoerd en geaaid. Ze kunnen zich dan vervelend gaan gedragen’, vertelt Manon.

Het natuurgebied onderhouden

‘De Schotse hooglanders onderhouden het natuurgebied. Ze eten wat ze hier vinden. Bijvoorbeeld gras, jonge boompjes, struiken en planten. Ze zorgen er daardoor voor dat het gebied niet helemaal vol groeit.

Het natuurgebied is daardoor een heel fijne plek om te leven voor andere dieren, zoals konijnen, vogels en vlinders’, zegt Julian.

Zaadjes verspreiden

‘De Schotse hooglanders lopen door heel het gebied. Ze zorgen er daardoor ook voor dat verschillende struiken, planten en bomen zich door het gebied verspreiden. De zaden van struiken, planten en bomen blijven aan de vacht van de dieren hangen en vallen er op een andere plek weer vanaf. Ze verspreiden daardoor zaadjes door heel het gebied. Uit die zaadjes groeien weer nieuwe struiken, planten en bomen’, legt Manon uit.

GENERATION

DISCOVER

ONDERHOUDEN

Verzorgen. Zorgen dat iets goed blijft.


MEI 2020

Julie: ‘Ik lig in bed vaak aan van alles te denken. Ik kan dan niet slapen omdat ik aan zoveel dingen denk. Wat kan ik doen?’

Hoi Julie, Het is niet erg om over van alles na te denken. Dat hoort bij je ontwikkeling. Het is wel vervelend als je door je gedachten niet kunt slapen. Als je niet kunt slapen, rust je niet goed uit en ben je overdag moe. Het is daarom belangrijk om ervoor te zorgen dat je niet te vaak wakker ligt.

Gedachten weggooien

Misschien kan het je helpen om een uur voordat je naar bed gaat even een moment voor jezelf te nemen. Je kunt in dat uur bijvoorbeeld nadenken over wat er die dag is gebeurd en waar je je zorgen over maakt. Je kunt je gedachten opschrijven. Je kunt dit samen met een ouder of verzorger doen als je het lastig vindt om dit alleen te doen. Als je je gedachten hebt opgeschreven, gooi je het papiertje in de prullenbak. Het is dan letterlijk verdwenen.

ILLUSTRATIE: COPAL EN CONSORTEN

ROTTERDAM – Marieke van het Centrum voor Jeugd en Gezin reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Julie (11) TEKST: SUZANNE HUIG

De baas over je gedachten

Marieke beantwoordt ingestuurde brieven. FOTO: PETER SNATERSE Heb jij een vraag aan Marieke of zit je ergens mee? Stuur een mail naar REDACTIE@JONG010.NL of stuur een brief naar Jong010, Overschieseweg 10G, 3044 EE Rotterdam.

Misschien komen er toch nog gedachten naar boven als je in bed ligt. Onthoud dat je zelf de baas bent over je gedachten. Stel jezelf de vraag: ‘Kan ik hier nu iets aan veranderen?’ Als het antwoord ‘nee’ is, heeft het geen zin om erover na te denken. Zorg dat er een pen en papiertje naast je bed liggen. Je kunt je gedachten dan opschrijven. Je hoeft er niet meer over na te denken als het uit je hoofd is. Je kunt daarna rustig gaan slapen. Je kunt het papiertje de volgende ochtend weggooien. DIT ARTIKEL IS GEMAAKT IN SAMENWERKING MET

Groetjes, Marieke

ROTTERDAM – Er gelden speciale maatregelen om het verspreiden van het coronavirus tegen te gaan. Er verandert daardoor van alles. Dat kan best spannend zijn. Misschien maak je je wel zorgen om familie, vrienden of school. Misschien voel je je alleen of is het thuis niet zo fijn.

Je kunt met De Kindertelefoon over van alles praten.

Je hoeft je naam niet te vertellen als je dat niet wilt.

De dingen die je zegt, zullen aan niemand anders worden verteld.

Misschien mis je iemand die je al een tijdje niet hebt kunnen zien. Of misschien verveel je je op de momenten dat je niet naar school gaat. Het is belangrijk om erover te praten als je ergens mee zit. Vind je het lastig om erover te praten? De Kindertelefoon heeft 5 praattips.

Je kunt iedere dag tussen 11:00 en 21:00 uur gratis bellen met De Kindertelefoon op

0800-0432

Je kunt iedere dag tussen 11:00 en 21:00 uur gratis chatten met De Kindertelefoon op WWW.KINDERTELEFOON.NL


MEI 2020 CENTRUM – Makis (8) gaat een paar keer per week magneetvissen. ‘Ik vis met een sterke magneet naar voorwerpen van metaal’, vertelt hij. Hij viste op 14 april in de Westersingel. TEKST: SUZANNE HUIG

Makis: ‘Mijn magneet trekt allerlei dingen aan. Bijvoorbeeld munten, sieraden, batterijen, schroeven, kluizen, fietsen en oud ijzer. Ik vind het iedere keer weer spannend om te magneetvissen omdat ik vooraf niet weet wat ik uit het water ga halen.’

110 kilo

‘Ik gebruik een touw van 20 meter lang. Mijn magneet zit aan het touw vast. Mijn magneet kan voorwerpen tot 110 kilo uit het water trekken’, vertelt Makis. Hij knoopt het touw om zijn middel. ‘Ik maak het touw vast aan mezelf zodat ik het niet per ongeluk kan loslaten en kan kwijtraken’, zegt hij. Makis gooit zijn magneet het water in. Makis: ‘De meeste voorwerpen liggen op de bodem. Ik wacht daarom even zodat mijn magneet de tijd heeft om naar de bodem te zinken.’

Een buis en een blikje

Makis vist een blikje en een buis uit de singel.

‘Ik zie dat het touw strak staat. Dat betekent dat er iets aan mijn magneet hangt’, zegt Makis trots. Hij trekt het touw langzaam terug het water uit. Er hangt een buis aan zijn magneet. Makis: ‘Ik denk dat de buis bouwafval is.’ Hij trekt de buis los van zijn magneet. Hij loopt een bruggetje op en gooit zijn touw het water weer in. ‘In de buurt van een brug ligt vaak veel afval omdat sommige mensen vanaf een brug spullen het water in gooien’, vertelt Makis. Hij vist vanaf de brug een blikje op.

FOTO’S: PETER SNATERSE

OVERSCHIE – De nichtjes Charlie (9) en Julia (10) hebben allebei een dwergpapegaai als huisdier. ‘Dwergpapegaaien zijn kleine vogels van ongeveer 15 centimeter groot’, zegt Charlie. TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG Julia: ‘Dwergpapegaaien zijn niet graag alleen. Ze voelen zich dan eenzaam. We spreken daarom bijna iedere dag af om samen iets te gaan doen met onze dwergpapegaaien. Onze vogels kunnen dan met elkaar spelen.’

Makis laat zijn touw met magneet zien. Goed voor het milieu

‘Magneetvissen is goed voor het milieu. Ik vis vaak afval en roestende voorwerpen op. Die spullen vervuilen het milieu en zijn slecht voor de dieren die in de sloten en singels leven. Ik gooi het afval dat ik vind gelijk weg in een prullenbak’, zegt Makis.

Blue en Peach

Charlie: ‘Mijn dwergpapegaai heet Blue. Blue is het Engelse woord voor blauw. Ik heb voor die naam gekozen omdat Blue blauw is.’ Julia: ‘Mijn dwergpapegaai heet Peach. Peach is het Engelse woord voor perzik. Ik heb mijn dwergpapegaai zo genoemd omdat ik vind dat ze de kleur van een perzik heeft.’ Charlie: ‘Blue en Peach zijn vriendinnen van elkaar.’

Eten, drinken en een snoepje Blue en Peach zitten op de schouders van Charlie en Julia.

‘Dwergpapegaaien eten vogelvoer en drinken water. We geven Blue en Peach iedere dag vers eten en drinken. Ze krijgen 1 keer per dag een zonnepit. Dat is een snoepje voor ze’, vertelt Julia. Charlie: ‘Ze krijgen 1 keer per week maagkiezelsteentjes te eten. De scherpe randjes van die steentjes zorgen ervoor dat ze de zaden die ze eten kunnen malen in hun maag.’ Julia: ‘Ze hebben de maagkiezelsteentjes nodig, anders krijgen ze buikpijn.’

Veel aandacht en knuffelen

‘Dwergpapegaaien houden ervan om veel aandacht te krijgen en te knuffelen. Ze kunnen hard gaan schreeuwen als ze zich vervelen’, vertelt Charlie. Julia: ‘Peach is daarom altijd bij mij als ik thuis ben. Ze slaapt in haar kooi in de woonkamer.’ Charlie: ‘Blue is ook altijd bij mij als ik thuis ben. Ze slaapt in haar kooi in mijn slaapkamer.’

Blue en Peach zitten veilig in een reistas. Wandelen

‘We gaan een paar keer per week met Peach en Blue wandelen. Blue zit dan meestal op mijn schouder. Peach zit meestal op de schouder van Julia’, zegt Charlie. Julia: ‘We nemen voor allebei een reistas mee als we gaan wandelen. We zetten ze in hun reistas als we katten tegenkomen. Katten kunnen anders onze dwergpapegaaien aanvallen of opeten.’


MEI 2020

‘Leg de voetbal voor je speelbeen op de grond. Je speelbeen is het been waarmee je de bal trapt.’

NOORD – Décharo (11) zit op voetbal bij voetbalclub R.K.S.V. Leonidas. Hij legt uit hoe je de voetbaltruc akka 3000 uitvoert.

‘Haal de bal naar je toe en tik de bal met de voorkant van je voet van je speelbeen omhoog, ongeveer ter hoogte van je heup.’

TEKST: ANGELIQUE VAN TILBURG FOTO’S: ARJEN JAN STADA

‘Draai je lichaam een kwartslag naar binnen. Een kwartslag is een vierde van een hele draai. Til je hak naar je bil en vang de bal op met je kuit.’

‘Tik de bal met je kuit omhoog.’

‘Schiet de bal weg met de voorkant van de voet van je speelbeen.’

Wil jij ook op een sport? Op voetbal of een andere sport? Kijk dan met je ouder(s), verzorger(s) of leerkracht op HTTPS://JEUGDFONDSSPORTENCULTUUR.NL/FONDSEN/ROTTERDAM

Of vraag of er bij jou op school een contactpersoon is van het Jeugdfonds Sport & Cultuur Rotterdam.

ROTTERDAM – Taeke (11) en Kevin (12) zitten in het G2-team bij Rotterdamse Hockeyvereniging Leonidas. ‘Een G-team is een team voor kinderen met een beperking. Sommige spelers hebben een lichamelijke beperking. Sommige spelers hebben een gedragsbeperking. En sommige spelers hebben een lichamelijke beperking en een gedragsbeperking’, legt Taeke uit. Kevin: ‘We houden allemaal rekening met elkaar. Niemand wordt uitgelachen.’ TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG Taeke en Kevin zijn allebei autistisch. ‘Onze hersenen werken een beetje anders. We vinden het soms lastig om te begrijpen wat er om ons heen gebeurt. En we weten soms niet goed hoe we ergens op moeten reageren’, legt Taeke uit. Kevin heeft ook een verstandelijke beperking. ‘Ik vind het moeilijk om dingen te leren. Ik heb meer tijd en uitleg nodig om iets te leren’, vertelt Kevin.

Taeke en Kevin.

6 spelers

‘Een gewoon hockeyteam bestaat uit 11 spelers. Ons team bestaat uit 6 spelers. Ons team is dus veel kleiner en ook rustiger. Ik vind dat heel fijn’, zegt Taeke. ‘Ons team heeft meerdere trainers. Ik kan daardoor een trainer om extra uitleg vragen als ik iets niet snap. Dat vind ik fijn’, vertelt Kevin.

Speciale regels

In een G-team gelden speciale spelregels. ‘We spelen op een kwart van een hockeyveld. We hoeven daardoor minder te rennen. Ik vind dat fijn want ik ben snel moe’, zegt Kevin. ‘Een regel is dat we rekening houden met onze tegenstanders. We moeten 3 keer overspelen voordat we mogen scoren als we voor staan met 3 of meer punten verschil. De tegenstander krijgt daardoor iets meer kans om nog te kunnen winnen’, vertelt Taeke.

Trainen en wedstrijden spelen

‘We trainen van maart tot november 2 keer per week buiten. We trainen van november tot maart 1 keer per week in een zaal. We spelen ongeveer 2 keer per maand een wedstrijd tegen een ander G-team’, zegt Kevin. Taeke: ‘We zouden in juni meedoen aan Special Olympics Nationale Spelen 2020. Het landelijke sportevenement voor sporters met een beperking kan door het coronavirus niet doorgaan. Dat vinden we heel jammer.’


MEI 2020

Wat betekent vrijheid voor jou? ROTTERDAM – In mei 1945 werd Nederland bevrijd. De Tweede Wereldoorlog was in Nederland voorbij. Nederland leeft vanaf dat moment in vrijheid. Wat betekent vrijheid voor jou?

‘Vrijheid betekent voor mij dat niemand anders bepaalt wat ik doe. Ik voel me door de coronamaatregelen nu iets minder vrij. Ik kan niet zomaar met iedereen afspreken en bij iedereen op visite gaan. Ik vind dat ik echt in vrijheid leef als ik alles kan doen wat ik zelf wil.’

‘Vrijheid betekent voor mij dat ik niet bang hoef te zijn om gevaar te lopen. Ik voel me vrij in Nederland. Ik mag mijn eigen mening hebben. Ik hoef niet bang te zijn dat ik word gestraft om mijn mening. Ik mag zelf bepalen wat ik doe zolang ik niemand pijn doe.’

Julie (11)

TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG

‘Vrijheid betekent voor mij dat ik mag vinden, denken, geloven en doen wat ik zelf wil. Ik vind het heel fijn dat ik mezelf mag zijn. De coronamaatregelen zorgen er nu voor dat ik niet helemaal zelf mag bepalen wat ik doe. Ik heb daardoor soms het gevoel dat ik nu even wat minder vrijheid heb.’

Stacey (11) Krzys (11) ‘Vrijheid betekent voor mij dat ik zelf mag bepalen wat ik doe en denk. Ik vind het belangrijk om in vrijheid te leven. Ik voel me veilig in Nederland omdat ik hier mezelf mag zijn. Ik denk dat ik veel minder gelukkig zou zijn als ik niet zelf zou mogen bepalen wat ik doe en denk.’

Maroua (10)

Wat betekent vrijheid voor jou?

‘Vrijheid betekent voor mij dat ik mezelf mag zijn. Ik leef in vrijheid want mijn vrienden, buurtgenoten en familie hebben respect voor mij. Ik voel me fijn en zelfverzekerd als ik bij hen ben.’

Steeds meer schepen gaan op … varen in plaats van op stookolie. PAGINA 3 Wat voor een soort training is de ‘Ik kies voor zelfcontrole’training? PAGINA 4 Hoe noem je verschillende klachten die samen voorkomen als ziekte? PAGINA 5 Welke deeltjes in het water laten het blauwe licht van de bureaulamp niet door? PAGINA 6

HET ANTWOORD VAN DE PUZZEL VAN APRIL IS: VLINDERSLAG. DE WINNAAR IS AMY (7). GEFELICITEERD! Wil je nog meer puzzelen? Kijk dan eens op PUZZELCORNER.NL voor meer leuke puzzels!

Welke andere dieren leven er in het natuurgebied behalve de Schotse hooglanders, vogels en vlinders? PAGINA 6 Wat doen dwergpapegaaien als ze zich vervelen? PAGINA 8

Mara (11)

Waar is magneetvissen goed voor? PAGINA 8 Waardoor kan het landelijke sportevenement voor sporters met een beperking niet doorgaan? PAGINA 9 Welke les volgt Omaira bij het PIT 010 Kunstlab? PAGINA 11

Door wie werd Nederland van 1940 tot 1945 bezet? PAGINA 12 Het Rotterdamse verzet mocht zijn wapens verstoppen in de kerk. Wat stal het verzet in ruil daarvoor voor de koster? PAGINA 12


MEI 2020

IJSSELMONDE – Omaira (10) zit op tekenles bij het PIT 010 Kunstlab. De tekenlessen in het buurtcentrum kunnen door het coronavirus niet doorgaan. Tekenjuf Heleen zet daarom iedere week een filmpje van een tekenles online.

‘Je tekent als eerst de neus. Ik teken een half driehoekje als neus. Als je een gezicht met een ronde neus wilt tekenen, teken je een half rondje’, zegt Omaira.

Omaira leerde in les 1 gezichten tekenen. Ze legt in 5 stappen uit hoe je een gezicht van een meisje tekent. Omaira: ‘Je hebt een wit vel en een potlood of stift nodig.’ TEKST: SUZANNE HUIG

Omaira: ‘Je tekent daarna de ogen. Je tekent de ogen door 2 keer het getal 6 naast elkaar te tekenen. Je kleurt de rondjes van de zessen in.’

‘Je tekent nu de mond. Je tekent een halve maan. Je zet in het midden een streep. Het gedeelte onder de streep kleur je in. Dat is de tong’, zegt Omaira.

Omaira: ‘Ik ben trots op mijn tekening.’

Omaira: ‘Je tekent daarna het haar van het meisje. Je tekent 2 boogjes naar elkaar toe. Je tekent waar de boogjes samenkomen een strikje. Je tekent aan de onderkant van het strikje weer 2 boogjes naar elkaar. Je hebt nu een staart getekend.’

‘Je tekent als laatst de nek. Je tekent de nek door vanaf de mond en vanaf het haar een lijn naar beneden te tekenen’, legt Omaira uit. FOTO’S: ARJEN JAN STADA

ROTTERDAM – In eten en drinken zitten verschillende stoffen die goed voor je zijn. Deze stoffen helpen je om te groeien, om gezond te blijven of om energie te krijgen. Het is belangrijk voor je lichaam om niet te veel suikers, vetten en calorieën te eten. Gezonde toetjes zonder te veel suikers en vetten mag je iedere dag eten. Fabian (11) en Jules (9) maken een gezond toetje van fruit en pure chocolade. TEKST EN FOTO’S: SUZANNE HUIG Gezond toetje Jules: ‘Ik was de druiven en aardbeien. Ik snijd daarna de kroontjes van de aarbeien af.’

‘We bestrooien de bananen met kaneelpoeder’, zegt Jules.

‘We steken een waxinelichtje aan onder het bakje. We doen in het bakje stukjes pure chocolade. Het kaarsje zorgt ervoor dat de chocolade smelt. Je kunt chocolade ook smelten in een pannetje. Vraag een volwassene om hulp’, zegt Fabian.

‘We zetten de ovenschaal 15 minuten in de oven als de oven op temperatuur is. De bananen worden daardoor warm en zacht’, zegt Fabian.

Jules: ‘Ik pel voor ons allebei een banaan. Ik leg de bananen in een ovenschaal. Ik verwarm de oven voor op 200 graden.’

‘We dopen het fruit in de gesmolten chocolade. Ons toetje is klaar!’, zegt Jules.


MEI 2020

ROTTERDAM – Op 10 mei 1940 vielen Duitse soldaten Nederland binnen. Op 14 mei 1940 werd Rotterdam gebombardeerd. Meer dan 800 mensen kwamen om. Ongeveer 80.000 mensen werden dakloos. Het bombardement zorgde ervoor dat Nederland zich overgaf aan de Duitsers. Van 1940 tot 1945 was Nederland bezet door de Duitsers. De Duitsers bepaalden de regels en waren de baas. In mei 1945 werd Nederland bevrijd. Het was het einde van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. We herdenken dit jaar dat het 75 jaar geleden is dat Nederland werd bevrijd. Tekst: Suzanne Huig

Fransje en Evi bekijken uniformen en wapens uit de Tweede Wereldoorlog. Foto’s: Arjen Jan Stada

DELFSHAVEN – In Museum Rotterdam 1940 – 1945 NU wordt verteld hoe Rotterdammers leefden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Fransje (8) en Evi (8) kregen op woensdag 6 mei een privérondleiding door het museum van Rob van Museum Rotterdam. Tekst: Suzanne Huig ‘Duitse bommenwerpers lieten op 14 mei 1940 meer dan duizend bommen vallen in het centrum van Rotterdam. Het centrum werd verwoest en een groot deel van de stad stond in brand. In dit museum liggen voorwerpen uit de Tweede Wereldoorlog’, vertelt Rob. Evi: ‘Ik vind het belangrijk dat hier voorwerpen uit de oorlog worden bewaard. De voorwerpen zorgen ervoor dat we aan de oorlog en de oorlogsslachtoffers blijven denken.’

Een bom uit de oorlog Evi en Fransje bekijken een bom die naast de vitrine ligt. Rob: ‘Een klein groepje Nederlanders vocht tegen de Duitsers. Je noemt die mensen het verzet. Het Rotterdamse verzet vroeg aan de Britten om op 29 november 1944 de Duitsers in Rotterdam te bombarderen. Eén van die bommen miste de Duitsers. Die bom kwam zonder te ontploffen in een tuin terecht. De bom is later opgegraven en ligt nu hier als herinnering aan de oorlog.’

De Jodenster Ze zien in een vitrine een Jodenster liggen. ‘Hitler gaf de Joden onterecht de schuld van alles dat niet goed ging. De Joden kregen steeds minder vrijheid. Ze mochten bijvoorbeeld niet meer met de trein, tram en bus reizen’, vertelt Evi. ‘Joden moesten vanaf 3 mei 1942 een Jodenster dragen’, vertelt Rob. ‘De Joden werden door de Jodenster makkelijk te herkennen. De Joden werden uiteindelijk naar werkkampen gestuurd en vermoord’, zegt Fransje. ‘Ik vind het heel erg dat de Joden onterecht slecht werden Fransje en Evi bekijken de bom uit de oorlog. behandeld. Het waren ook gewoon mensen. Ik vind dat iedereen gelijk moet worden behandeld’, zegt Evi. Kijk voor meer informatie op www.museumrotterdam.nl

FEIJENOORD – In de Tweede Wereldoorlog verstopten Joden zich op schuilplaatsen om niet door de politie of Duitsers te worden opgepakt. In de Breepleinkerk zaten 7 Joodse mensen bijna 3 jaar lang ondergedoken. Bas (11) en Twila (12) kregen op 13 mei een rondleiding in de kerk van gids Anja. Ze ontdekten het verhaal van de onderduikers. Tekst: Suzanne Huig

‘Vanaf 1942 werden Joden opgeroepen om zich te melden bij Loods24. Ze werden vanaf daar naar werkkampen gebracht. Rebecca en haar vriend Maurice waren Joods. De opa van Rebecca wilde niet dat ze zich bij Loods24 meldden. Hij vroeg aan de koster van de Breepleinkerk of hij een schuilplaats had voor Rebecca en Maurice’, vertelt Anja.

Twila, Anja en Bas voor de Breepleinkerk. Foto: Peter Snaterse

Rebecca en Maurice. Foto: Stichting Schuilplaats Orgelzolders Rotterdam

7 onderduikers Anja: ‘De koster maakte een schuilplaats in een ruimte naast het orgel op de zolder van de kerk. Rebecca en Maurice verstopten zich op de zolder. De ouders van Maurice verstopten zich 6 weken later ook op die zolder. De koster maakte aan de andere kant van het orgel een schuilplaats voor de Joodse Chaim en Fifi. In januari 1944 kreeg Rebecca op de schuilplaats een zoon. De koster en zijn vrouw verstopten vanaf dat moment 7 mensen.’

Bas staat op de zolder waar Rebecca met haar familie ondergedoken zat. Foto: Peter Snaterse Wil je met jouw klas de zolders bezoeken? Kijk voor meer informatie op www.orgelzolders.nl

Herdenk jij weleens oorlogsslachtoffers of overleden familieleden of vrienden? Zo ja, op welke manier herdenk jij?

Eten voor de onderduikers ‘De koster wilde graag mensen helpen. Hij liet het Rotterdamse verzet hun wapens verstoppen in de kerk. In ruil daarvoor stal het verzet etensbonnen voor de koster. De koster kon met die etensbonnen eten halen voor de onderduikers’, vertelt Bas.

Naam en leeftijd:

De orgelzolder Twila en Bas bekijken de zolder waar Rebecca met haar familie zat. ‘De onderduikers hadden het heel zwaar. Ze moesten muisstil zijn zodat niemand ontdekten dat ze zich daar verborgen hielden’, zegt Twila. Bas: ‘Ze zaten bijna dag en nacht op de zolder. Ze zaten in het donker want er was geen raam of lampje. De onderduikers mochten overdag af en toe de zolder af. Ze zaten dan even beneden in de kerk in het huis van de koster.’ Oorlog overleefd ‘De Duitsers vielen op 14 april 1945 de kerk binnen. De onderduikers waren bang dat ze werden ontdekt, maar de Duitsers waren op zoek naar de verstopte wapens’, zegt Twila. Bas: ‘De koster werd opgepakt omdat hij het verzet hielp. 3 weken later werd Nederland bevrijd. De onderduikers mochten vanaf dat moment hun schuilplaats verlaten en de koster werd bevrijd.’ KOSTER

Iemand die zorgt dat de kerk er netjes uitziet.

Schrijf hieronder op welke manier jij iemand herdenkt.

Profile for Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant

Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - mei 2020  

Jong010, de Rotterdamse kinderkrant, jaargang 10, editie 9, mei 2020

Jong010, dé Rotterdamse kinderkrant - mei 2020  

Jong010, de Rotterdamse kinderkrant, jaargang 10, editie 9, mei 2020

Profile for jong010

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded