Page 1

't ALTENATUURTJE Altenatuur

101

Natuurbeschermingsvereniging

januari 2016

voor het Land van Heusden en Altena


’t Altenatuurtje 35e jaargang nr. 2, januari 2016. Uitgave van natuurbeschermingsvereniging Altenatuur. Opgericht 5-11-1980, ingeschreven 15-10-1981. BESTUUR: voorzitter: J. (Jaap) van Diggelen, secretaris: J.H. (Johan) Koekkoek, penningmeester: M. (Margo) van Beem, leden: L. (Len) Bruining H. (Herman) van Krieken J. (Jeanette) Pollema P. (Pia) Stierman G. (Goof) van Vliet

Sportlaan 24,

4286 ET Almkerk.

0183-402034

Emmikhovenseweg 6a,

4286 LH Almkerk.

0183-402231

Hilsestraat 12,

4269 VG Babyloniënbroek.

0416-351772

Van Gendtstraat 14, HilIsestraat 35, Dr. van Vuurestraat 76, Bruigomstraat 12, Molenstraat 28

4271 AM Dussen. 4269 VH Babyloniënbroek. 4271 XH Dussen. 4251 EP Werkendam. 4285 AB Woudrichem

0416-392373 0416-355155 0416-391654 0183-505341 0183-660782

INTERNET: www.altenatuur.nl Facebook: Facebook.com/altenatuur Twitter: @altenatuur REDACTIE: P. (Pia) Stierman Bruigomstraat 12, 4251 EP Werkendam. 0183-505341 tevens redactie adres VORMGEVING EN ILLUSTRATIES: J.A.P. (Jan) van Haaften Eikenlaan 5, 4254 AR Sleeuwijk. 06-49904862 CONTACTADRESSEN: Vogelwerkgroep: A. (Arie) van den Herik Oudendijk 33a, 4285 WH Woudrichem. 0183-304193 Beheercommissie Natuurgebieden: P. (Pia) Stierman Bruigomstraat 12, 4251 EP Werkendam. 0183-505341 LIDMAATSCHAP: jeugdlid €5,-- per jaar, gezinslidmaatschap €20,- per jaar, lid €12,50 per jaar ING-bank: NL43 INGB 0002 5930 26 of Rabobank Almkerk: NL67 RABO 0301 5243 19 t.n.v. penn. Altenatuur. Aanmeldingen, adreswijzigingen en opzeggingen opsturen naar de ledenadministratie. Beëindiging van het lidmaatschap schriftelijk vóór 1 december van het lopende jaar. Ledenadministratie Altenatuur, Dr. van Vuurestraat 76, 4271 XH Dussen. OMSLAG: Winter in de Wijkse Waard; Jan van Haaften. Omslagontwerp door Jan van Haaften.

2

Altenatuur heeft sinds 1-1-2011 de ANBI-status Het dossiernummer is: 77688 en het fiscaal nummer: 810362454.


Behalve de woestijngebieden dan. Een penwortel

met een rozet van bladeren daarboven. Meestal

diep ingesneden als bij de blad van een eik. Dan

een stengel. Soms meerdere. Onvertakt. Door een

enkel blad omvat. Een blad met twee oortjes. Lang

en puntig. Daarboven de kleine witte kruis-

bloempjes. Gegroepeerd in een trosje. Soms zonder

kroonblad. Meeldraden tel ik er zes. Onder de

F L O R A

Over de gehele wereld is dit plantje verspreid.

bloemen zijn al hauwtjes te zien, de driehoekige

zaaddoosjes. Karakteristiek. De naam komt van dit

gegeven. Een onkruid zou je kunnen zeggen, maar

dan doe je hem tekort. Een plantje van de wilde

ruigtes dan, vaak door herders betreden. Capselle

bursa-pastoris of Herderstasje. â?€

Jan van Haaften

3


Redactioneel

Een vol bezet jaar ligt weer achter ons. Een jaar waar we met de geweldige inzet van veel vrijwilligers een mooie bijdrage hebben kunnen leveren aan natuur en milieu. We aardig aan de weg hebben getimmerd met nieuwe initiatieven en met goed overleg steeds weer een stapje dichterbij de beoogde doelen konden komen. En tussen de bedrijven door brachten we ook het 100-ste nummer uit. Herman heeft deze keer het stukje 'Van het bestuur' geschreven, Jaap ging met zoonlief vogels kijken op IJsland, Andre van de Berg beantwoordt de vraag over de door mij dood gevonden palingen en nu zit ik weer met een vraag en die heb ik inmiddels bij Jaap neergelegd.

4

’n Paar weken geleden liep ik met m’n wederhelft door Utrecht, we kijken graag naar gevels en laten we daar nou een muur ontdekken die gedeeltelijk begroeid is met op Judasoren lijkende zwammetjes, tot wel een paar meter hoog. Ik ken de Judasoor alleen als een zwammetje dat vooral voor komt op hout en dan vaak op vlierbomen dus staan we hier voor een raadsel. Dat is nog eens natuur, en nog wel in de stad, vlakbij het Nederlands Volksbuurtmuseum, daar word ik nou blij van. De eigenaar minder denk ik, maar zij/hij laat het wel staan.


Eveneens blij ben ik met het in Parijs gesloten klimaatakkoord. Eindelijk is er wereldwijd het besef doorgedrongen om de klimaatverandering terug te dringen. Ik hoop dat er hiermee ook geen ruimte meer is voor het afkopen wat het sjoemelen weer in de hand werkt. In dit nieuwe jaar presenteren we weer met plezier dit nieuwe Altenatuurtje, met de nieuwe ontwikkelingen die Altenatuur voor 2016 op de rol heeft staan en vooral daarbij ook het streven tot samenwerking. U kunt het

allemaal weer lezen en ik wens u een gezond jaar toe met veel blije momenten. Iedereen bedankt voor zijn of haar bijdrage, de kopij voor het volgende Altenatuurtje ontvang ik graag voor 1 april 2016. Pia Stierman. Redactieadres: Bruigomstraat 12, 4251 EP Werkendam. E-mail: fam.stierman@gmail.com

5


6

Van het bestuur

11

Wilde planten van het vroegere Altena

26

Weidevogelbescherming Witte steenkool, goed voor het milieu, slecht voor de natuur

48 6

66 Kringloopkachel op griendhout


101

januari

In dit nummer: • Flora

2016 3

• Redactioneel

4

• Inhoud

6

• Van het bestuur

8

• De Liniewerkers

10

• Wilde planten van het vroegere Altena; deel I

13

• Heeft het 'Groene Geheim' nog wat opgeleverd

18

• Werfuiltje

20

• Fruitboomgaarden

22

• Record aantal soorten in de gemeente Woudrichem

24

• Winnaars jubileumpuzzel / Nieuwjaarswens

27

• Weidevogelbescherming

28

• Vulpes vulpi lupus - de vos is de vos een wolf

30

• Voor jou! (jeugdrubriek over de bunzing)

32

• Puzzel

36

• De middenpagina's met: pag. 1 Uitnodiging ledenvergadering 2016 pag. 3&4 Programma winter/voorjaar 2016 pag. 4 Werkochtenden Beheercommissie winterseizoen 2015-2016 • Gaswinning Zwaansheuvel, gemeente Aalburg • Nul op de meter

41 42

• Grienden, parels in het landschap

45

• Dierenwelzijn en duurzaamheid

48

• Vleermuisonderzoek in het Land van Heusden en Altena in 2015

50

• Witte steenkool, goed voor het milieu, slecht voor de natuur

54

• De plantenwerkgroep in 2015 • Vogels kijken op IJsland

59 62

• Waarnemingen van september t/m december 2015

71

• Kringloopkachel op griendhout

72

7


Van het bestuur Herman van Krieken

In deze rubriek schrijft een van de bestuursleden een stukje over wat hem of haar bezighoudt of motiveert.

Gaswinning Aalburg 8

Het bestuur van Altenatuur is wat mij betreft zeer divers, formalisten (weinig), anarchisten (iets meer), realisten (voldoende) en idealisten (veel), alles netjes verdeeld over vier mannen en vier vrouwen. Ik durf te zeggen dat we ongelooflijk actief zijn en niet alleen bestuurlijk. Veel bestuurders inventariseren van alles en nog wat en steken hun handen uit de mouwen in grienden, op ons fort en/of het kringloopcentrum. Overleggen doen we regelmatig met gemeenten en provincie, Waterschap Rivierenland, Brabants Landschap, Agrarische Natuurvereniging AltenaBiesbosch (ANV), Vereniging Milieu Beheer HankDussen (VMB), Archeologische Vereniging Land van Heusden en Altena en nog een heleboel andere belangenbehartigers. Bestemmingsplannen worden doorgeworsteld om ontwikkelingen die we onjuist achten te kunnen aankaarten bij gemeenten, provincie en een enkele keer bij een rechter. Overleg met boeren is de gewoonste zaak van de wereld, vaak voor de weidevogelbescherming, soms voor compensatie maatregelen omdat er in het buitengebied een nieuwe boerderij wordt gebouwd. Informatieavonden worden bezocht om onze visie te geven op de gepresenteerde plannen zoals de voorgenomen gaswinning in Aalburg. Vele zaken worden geregeld via werkgroepen, zoals het beheer van onze grienden en gebouwen of het beschermen van vogels in algemene zin of weidevogels en uilen in het bijzonder. Ook de planten hebben tegenwoordig een eigen werkgroep. Honderden


kinderen bezoeken het fort in Giessen om van onze bestuurders, die deel uit maken van de werkgroep Fort Educatie, iets te leren over natuur en milieu. Ook zaken als facebook en het Altenatuurtje worden in goed bestuurlijk overleg geregeld met de verantwoordelijke leden. Er lopen diverse bestuurlijke lijnen naar kringloopcentrum Altena in Almkerk, dat ontstaan is uit Altenatuur. Knap hoe één van de oprichters van het kringloopcentrum provinciale subsidie heeft kunnen regelen voor een enorme houtkachel waardoor we de gebouwen kunnen verwarmen met hout uit onze eigen regio (zie ook pag. 62 red.). Trots zijn we op een proef met natuurlijker bermbeheer dat met de verantwoordelijke wethouder en ambtenaren bestuurlijk is geregeld. Het Groene Geheim van Giessen over natuur, ecologie, biodiversiteit en duurzame energie is een enorm succes en heeft heel wat uurtjes gekost van de verantwoordelijke bestuurders. Dit is maar een beperkte opsomming van al de activiteiten die ons bestuur voor haar rekening neemt. Veel bestuursleden doen meerdere dingen binnen de vereniging en sommigen kunnen dat gelukkig ook tijdens kantooruren doen. Het bestuur is eindverantwoordelijk voor het doen en laten van de vereniging en moet dus altijd in hoofdlijnen op de hoogte zijn van de activiteiten. De gemiddelde leeftijd van het bestuur ligt, denk ik, zo rond de 60 jaar. Een bestuurlijk aandachtspunt waar we niet omheen kunnen. We hebben een prachtig clubhuis dat binnenkort wordt gerestaureerd. Besturen voor Altenatuur is alles behalve saai, veel zaken passeren de revue en je hoeft je nooit te vervelen. Voor 2016 wenst het Bestuur u een heel fijn jaar toe. ❀ 9


De Liniewerkers Johan Koekkoek

Onder leiding van Brabants Landschap is er een werkgroep ontstaan die zich bezighoudt met de ‘stoffering’ van ons landschap. Het idee voor de werkgroep is geboren op het Liniepad dat loopt vanaf fort Altena richting vesting Woudrichem. De werkgroep draagt de naam de Liniewerkers. De werkgroep bestaat nu uit 9 personen: Hennie Bisschop Frans Dansen Jan de Graaf Johan de Jong Johan Koekkoek Hans van de Pol Jos Schenkeveld Theo Vermeer Goof van Vliet

Raamsdonksveer Oudendijk; Nieuwendijk Gorinchem Almkerk Raamsdonksveer Poederoijen Sleeuwijk Woudrichem

arbeidzaam verleden: Essent arbeidzaam verleden: Basisschooldirecteur arbeidzaam verleden: Prov. Noord-Brabant arbeidzaam verleden: IJzervlechter arbeidzaam verleden: Leraar storingsmonteur 3 ploegendienst Sibelco Brabants Landschap, Leider Liniewerkers arbeidzaam verleden: Aannemer grond/water arbeidzaam verleden: Ambtenaar

Een lijstje van onze werkzaamheden: 1. Rijshout hakken in de Struikwaard voor Forteducatie. Kinderen hebben op het fort een scherm gevlochten tijdens de 'fortweek' van de brugklassen van het Altena College. 2. Schrankkeet bouwen voor schuilen tijdens slecht weer in het veld. Locatie: Griend van familie Snoek langs Almkerks / Woudrichemseweg. 3. Ruiteren in de berm van het Liniepad bij de Roefweg, maar ook op fort Giessen en in het Almbos. De ruiters staan de winter over om muizen te lokken voor de roofvogels. 4. Hooiruimen op fort Altena. De gebouwen van het fort zijn van hun hooi ontdaan zodat het hooi machinaal afgevoerd kon worden. 5. Wilgen knotten en opruimen bij het kooikershuisje in het Pompveld. Maar ook enkele herstel werkzaamheden aan de vangpijpen van de kooi. Tenslotte is er een grintkorf gegraven langs het kooikershuisje. 10


In de groep wordt met foto’s nogal stevig bijgehouden wat er zoal gebeurt. Hieronder het bouwen van de schrankkeet aan de Almkerkse/ Woudrichemseweg. Op de facebookpagina van Altenatuur zijn regelmatig nieuwe foto’s te vinden van onze activiteiten.

uwen schrankkeet bo schrankkeet bij griendje Sn oek aan de Woudr ichemseweg

In het open agrarische landschap langs de Almkerkse- / Woudrichemseweg liggen een handjevol kleine griendjes. Deze kleine landschapselementen zijn de moeite van het onderhouden in onze ogen meer dan waard. Helaas is de commerciële waarde slechts met een heel klein getal te schrijven, om niet te spreken dat deze waarde nagenoeg negatief ervaren wordt. Op de bestemmingsplankaart staan ze echter als natuur aangeduid en moeten ze dus ook als zodanig blijven bestaan. Altenatuur heeft in nauw overleg met Brabants Landschap gezocht naar verbetering van het commerciële rendement. Zij heeft de familie Snoek aangeboden om de griendjes weer te gaan hakken en het hout af te voeren. Bij deze eerste hakbeurt schiet er voor de familie geen financieel rendement over. Vanuit de griendjes wordt nu wat kachelhout geoogst dat afgezet kan worden bij het kringloopcentrum in Almkerk. Het overige hout zal versnipperd worden en naar de composteerinrichting van Verschoor worden afgevoerd. De kosten van afvoeren worden door de oogst opgebracht. Koffie/ thee / koek voor de vrijwilligers komt van Brabants Landschap dan wel van Altenatuur. Aandacht voor verjaardagen levert altijd wel een extra persoonlijke traktatie op.

11


Tijdens het werken, koffiedrinken, of tijdens de wandeling naar of van de werkplek gaat het nogal eens over de doelsoorten die wij hopen te beschermen. Het verhaal van Jos, de Leider, tijdens de wandeling in het Pompveld richting Kooikershuisje over de blauwe kleur van de Heikikker, maakte op mij nogal indruk. Ik had dat beestje al weleens gezien op een tocht door het Pompveld, maar ik wist niet dat het mannetje tijdens de paartijd blauw werd. “Je moet, als je hem in het oog krijgt in die tijd, rustig de tijd nemen. Hij verschuilt zich heel snel, maar even later komt hij weer tevoorschijn. Een prachtige blauwe kleur,” aldus Jos. Met de zon in de rug lopen we rustig (het graspad) de Pompveldse steeg uit richting Eendenveld. We hebben een magnifieke werkochtend achter de rug: - Jan de Graaf heeft getrakteerd, hij werd 70, - het vuur in de open haard verslond oud wilgenhout. - Men vond dat de oudste van het gezelschap de kruiwagen met gereedschap niet behoefde te duwen. Dat heb ik aangenaam gewaardeerd. Mochten er zich onder de lezers dan wel lezeressen belangstellenden bevinden, die ook eens mee willen het veld in, dan kan dat. Maandagmorgen half negen in de blauwe schuur van fort Giessen. Als je Jos Schenkeveld belt 06-13348876 dan hoor je een zeer vriendelijke stem. Je kunt mij ook mailen: johan@koek2.net. ❀

Heikikker

'Ruiteren' in het Almbos 12


Wilde planten van het vroegere Altena Deel 1: De 'Flora Backer' uit 1898 Ernst-Jan van Haaften

Tegenwoordig is goed bekend welke plantensoorten er nu in deze regio te vinden zijn. Oude plantengegevens zijn echter schaars, zeker die van meer dan 50 jaar oud. De slechts enkele bronnen die er wel zijn, geven een bijzonder inkijkje in de vroegere natuurrijkdom van het Land van Heusden en Altena. In deze serie bespreek ik een aantal van deze bronnen. In dit Altenatuurtje deel 1 over de ‘Flora van Almkerk en aangrenzende gemeenten’, opgesteld in 1898 door C.A. Backer [1]. Een unieke bron, waar door Van Oosten [2] al uitgebreid over geschreven is. Maar wie iets wil schrijven over historische plantengegevens in onze streek, kan niet anders dan beginnen met de ‘Flora Backer’.

Cornelis Andries Backer De opsteller ervan, Cornelis Andries Backer (1874-1963), was in die tijd nog geen 30 jaar oud en werkzaam als eerste onderwijzer aan de Openbare Lagere School in Almkerk. Tijdens en na zijn studie had hij zich ontwikkeld tot een fanatiek plantenonderzoeker. Naast zijn werk verzamelde hij veel gegevens over het voorkomen van wilde planten in de streek. 13


De Flora van Almkerk en aangrenzende gemeenten Deze flora is een door Backer opgestelde lijst van plantensoorten uit de gehele regio. De gegevens zijn verzameld in 1897 en 1898. Er zijn 370 soorten genoteerd. Achter elke soort is informatie vermeld over de plaatsen waar de soort gevonden is. Hieruit blijkt goed dat een groot gebied is onderzocht. Veel waarnemingen zijn gedaan in Sleeuwijk, Almkerk, Dussen, Giessen en Rijswijk, maar ook Biesbosch, Eiland Nederhemert, Zuilichem, Besoyen en Sprang worden als vindplaats vermeld. De 370 soorten en de beschrijvingen geven een interessant inzicht in de toenmalige plantengroei. Een eerlijke vergelijking met de tegenwoordige plantengroei is lastig te maken. De lijst is, zoals Backer zelf ook al aangeeft ‘nog op lange na niet volledig’. Tegenwoordig zijn ruim 700 plantensoorten bekend uit deze regio, waardoor verschillen natuurlijk makkelijk te vinden zijn. Door te kijken naar de soorten van bepaalde vindplaatsen, ontstaat toch een duidelijk beeld de vroegere rijkdom vergeleken met nu.

14

Talrijke akkeronkruiden In de Flora uit 1898 is achter diverse soorten als vindplaats ‘bouwland’ geschreven. Deze akkers waren


vooral te vinden op de hoger gelegen gronden. Duidelijk wordt dat, veel meer dan nu, allerlei kruidensoorten als akkeronkruid te vinden waren. Naaldenkervel, Akkerboterbloem en Ruw parelzaad zijn tegenwoordig in Nederland nog op slechts enkele plekken te vinden, maar werden in 1898 in deze regio op meerdere plekken door Backer genoteerd. De zeer zeldzame Spiesleeuwenbek werd gevonden op 'bouwland langs den zuidelijken Almoever tusschen Almkerk en Nieuwendijk'. Kleine wolfsmelk, Akkerviooltje, Blauw walstro en Aardaker zijn tegenwoordig slechts incidenteel te vinden in de regio, maar werden destijds op diverse plekken waargenomen. Korenbloem was toen al zeldzaam en werd alleen gevonden bij Giessen. Ook Bolderik werd slechts op één plek gevonden; op ’t Zand in Sleeuwijk. De lijst van Backer vermeldt verder achter een groot aantal algemene soorten eveneens de groeiplaats bouwland.

Spiesleeuwenbekje

Kaartje Almkerk en omgeving in 1900

15


Moerassige boezemlanden Het landschap van Altena buiten de dorpen aan het eind van de achttiende eeuw bestond uit een uitgestrekt polderlandschap met talrijke graslandperceeltjes. Vooral de meest laaggelegen delen van de polder fungeerden als boezems; hier werd het water tijdelijk geborgen voor het werd afgevoerd. Ook deze moerassige gebieden zijn door Backer goed bekeken. Zo groeiden op de 'boezem bij den Doornschen molen' in die tijd Geelhartje en Poelruit. Achter diverse moerasplanten noteerde hij als vindplaats 'boezems in den Duil', het poldergebied ten zuiden van Almkerk. Waterdrieblad, Waternavel, Moeraskartelblad, Veenpluis, Blaaszegge en Zeegroene zegge werden gevonden.

Waternavel Geelhartje Poelruit Blaaszegge

16

Bijzonder is hier ook de vermelding van de zeldzame Kleine valeriaan. Veel van deze soorten zijn tegenwoordig nog slechts te vinden in de enige oude boezem in de streek: de Kornsche Boezem. Kleine valeriaan is er na 1987 echter niet meer gezien.


Vroeger was alles groener... Over de Flora van Backer kan nog veel meer geschreven worden dan hierboven. Het schetst het beeld van een landschap met bloemrijke bermen en slootkanten, kruidenrijke akkers en bijzondere moerasvegetaties. Duidelijk is dat flink wat soorten die we nu in natuurreservaten koesteren, vroeger veel meer verspreid door het landschap voorkwamen. Veel van die variatie is wel verdwenen. Een dertigtal soorten van toen zijn we inmiddels geheel kwijtgeraakt. Gelukkig zijn de overige soorten gewoon nog aanwezig. Soms duidelijk minder talrijk, maar soms nog even algemeen. Door veel inventarisatiewerk weten we dat er nog veel meer soorten te vinden zijn. Goede reden om net als Backer ons te blijven verdiepen in de plantengroei van Heusden en Altena! Van Flora Almkerk naar Flora Java Hoe het verder met Backer ging? In 1901 vertrok hij naar Nederlands Indië. Na ook daar een korte tijd als onderwijzer gewerkt te hebben werd hij als botanist aangesteld bij het Herbarium. In 1931 keerde hij terug naar Nederland, waar hij zijn werk aan de flora van Nederlands Indië voortzette aan het Rijksherbarium in Leiden. Dit werk leidde tot een groot aantal wetenschappelijke publicaties. De belangrijkste hiervan is de zeer omvangrijke Flora van Java, welke in 1965, twee jaar na zijn overlijden, verscheen [3]. ❀ Literatuur [1] Backer, C.A. 1898. Flora van Almkerk en aangrenzende gemeenten. Uitgave in eigen beheer, Almkerk. [2] Oosten, C.D. van. 1992. Flora van het Land van Heusden en Altena. In: Diggelen, J. van, J.H. Koekkoek. J.B. van Buuren en G. Holl. (red.). Natuur tussen Maas en Merwe. Natuurbeschermingsvereniging Altenatuur. Almkerk. [3] Veldkamp, J.F. 2001. A short biography of C.A. Backer, nestor of the flora of Java. Flora Malaysiana Bulletin 12 (7/8): 364-376.

17


Heeft het Groene Geheim nog wat opgeleverd! Goof van Vliet

In Het Groene geheim van Giessen ging over de vergroting van de natuurlijke rijkdom, het versnellen van schone energie en het bekender maken van het groene Fort Giessen op het Eiland Altena Biesbosch. Door zoveel mogelijk positieve krachten bij elkaar te brengen.

Het zijn drie leuke en zinvolle acties geweest. Over het eerste deel op 18 april over groen/natuur is al eerder geschreven. Op 24 oktober ging het over het terugdringen van CO2uitstoot en het versneld toepassen van schone energie. De belangrijkste conclusie is dat we als natuur- en milieuvereniging de schijnwerper goed op de grote structurele veranderingen op onze Aarde hebben gericht. En die raken ook ons gebied.

18

Biodiversiteit We zijn wijzer geworden over biodiversiteit, over de wateroverlast en wat er aan te doen is, over een gezonde bodem en over gezond voedsel. We hebben een zeer goed bezochte groendag in april gehad en daarna nog wat aardige activiteiten. Van de provincie hebben we een prachtige – digitale – kaart gekregen van alle natuurgebieden en

ecologische verbindingszones in ons gebied. De 6% natuur is nu voor iedereen weer goed te vinden. Makkelijk voor nieuwe natuurplannen of de bescherming van bestaande. Klimaatverandering, grondstoffen en schone energie Het onder ogen zien van de klimaatverandering, het schaars worden van grondstoffen en er werkelijk wat aan doen bleek een taaie klus. Eigenlijk is duidelijk geworden dat veel mensen nog niet beseffen dat er zeer ingrijpende veranderingen aankomen. Denk bijvoorbeeld aan het nul-op-de-meter maken van alle woningen, het vervangen van alle benzine-/dieselauto’s door elektrische auto’s en fietsen en het fors verminderen van de vleesconsumptie. Dat zijn geen dingen voor onze kleinkinderen maar al voor onszelf!


Het lukte niet om een duurzaamheidsdag te organiseren. Wel hebben we 21 mensen en organisaties bereid gevonden om hun panden open te stellen voor bezoekers. Het waren allemaal voorbeelden van mensen die in schone energie hadden geïnvesteerd. De bezoeken per pand varieerden van 0 tot 10 mensen. Zeer goed werden de filmpjes op onze website/You Tube bezocht. Naar sommige hebben honderden mensen gekeken. Met de 21 'openstellers' hebben we een zeer dynamische lunch op het fort gehad. Niet alleen goed eten maar ook boeiende discussies over het realiseren van schone energie. Daar gaan we dus mee door met discussies, excursies, lezingen en workshops. DEcAB, de regionale energie coöperatie, gaat ook gesterkt door met het adviseren over energiebesparing, het collectief leggen van zonnepanelen, het gebruikmaken van de postcoderoos en misschien ook nog wel het realiseren van coöperatieve windmolens. Fort Giessen Het hele jaar door werden alle voorbereidingen op het Fort georganiseerd. De scouting heeft het fort meerdere malen voor activiteiten gebruikt. Er is ook een mooi boekje over het Fort uitgebracht. Fort Giessen is nu bij veel meer mensen bekend als een inspirerende plek waar je activiteiten kunt organiseren voor natuur en milieu.

Klimaatconferentie Verenigde Naties We hebben veel gehad aan de kennis die publiek werd rond de klimaatconferentie van de VN in december. Vooral de klimaatwandeling van Urgenda naar Parijs heeft zeer interessante filmpjes opgeleverd over de noodzaak tot verandering maar ook welke mogelijkheden daar voor zijn. Bijvoorbeeld over de landbouw, mobiliteit, energie-neutrale gebouwen, de rol van de kerken. Op YouTube zijn ze allemaal te vinden bij Urgenda. Marjan Minnesma wandelde ook 20 kilometer op ons eiland, van de pont van Sleeuwijk naar het Biesboschmuseum. Vanzelfsprekend hebben wij meegelopen en van de gelegenheid gebruik gemaakt om veel van elkaar te leren. Natuurlijk hebben Johan Koekkoek en Marjan Minnesma kennis met elkaar gemaakt. Zij als belangrijke duurzaamheidskoploper in Nederland en Johan als een heel gemotiveerde op ons eiland. ❀

19


Werfuiltje

n nog elukkig is er da g r a a m r, a a Moeilijk bereikb Dinsdag 5 juni. r. n uil op de oekse vogelaa ellen, dat ze ee b te Herman, onze Br en er b ro p altijd al hadden mij Dat ik vroeger . en d d ha Het zat zo. Ze en d en, Heusden gevon eller niet verget b e d s a w f scheepswerf in er w men was op de aan het bescher . t wel weten e had mijn 06 dus Punt zal he bereiken en dez en n a m er H ze en gaan? Ze hebb te ee m om Gelukkig kond n zi je ze ermee aan , zus en zo heb weten niet wat nummer. “Rinus en en d on ev g de werf een kerkuil op d; je t daar verander he is t a moeten”. W e. to heb aars, er naar mijn steen(uil)tje r a ja 2 3 r Wij, twee vogel ee gev , dat ik daar on moet n.l. weten et door; aar dat ging ni m , en bijgedragen. jd ri te e uil en de werf op kantoor waar d t he r a na We dachten ev d en p rsloge laten, eerplaats en lo wel bij de portie auto naar park o ut a e d e w de werf. Je mochten rt gevoel zo op a p a was. Gelukkig n ee el w t om de Het gaf me an gewerkt heb a je r a a dus doos mee. w en chines, gebouw ziet kranen, ma te houden. boel draaiende

Herman stond ervan te kijken hoe groot alles was; wij naar het kantoor. De simpele vraag: “wat komen jullie doen?’’ “Wij komen voor een kerkuil, die op de werf is gevangen”. Deze meneer wist van niets, maar hij zei wel: ”Hier boven op kantoor zitten zat uilen, vraag het daar maar”. Wij naar boven; zelfde vraag, zelfde antwoord: “zoek er maar één uit, er zitten hier zat uilen”. Echte werfhumor, ik voelde me helemaal thuis, maar je begrijpt, alle moeite voor niets, geen uilen. Ik zei tegen Herman: “was het wel bij Verolme Heusden? Was het niet bij Vervako?” 20


Vervako is een werf achter Verolme. Wij daar naartoe, maar eerst even naar mijn oude werkplaats Elektro toe; kijken wie daar nog was van de oude kern. Mij was bekend, dat bijna alle werknemers naar Sliedrecht en Krimpen gingen om daar schepen te bouwen. Echt, er was daar maar één oud werknemer, maar heerlijk om zo even met elkaar te dollen en oude koeien uit de sloot halen. Nu Vervako. Na wat gezocht en gevraagd te hebben, hadden we eindelijk beet. Oud collega Van de Broek voerde daar de scepter; met hem heb ik wat ritjes gefietst naar Heusden. Wedstrijdjes wie het snelst door Heusden was. En ja hoor, daar stond de doos met de uil. Eerst even kijken hoe hij eruit zag; wat bleek: geen kerkuil, maar een jong steenuiltje. “Van de Broek” zei ik, “je bent echt gezakt voor je uilenexamen”. Het beestje zag er nog goed uit, wel een beetje zwart.

“Waar heb je hem gevonden ?” “Gewoon, in Wat denk je. To de hal”. Wij er en de mannen naartoe. terugkwamen va grond, midden n de schaft zatin de hal tussen ie op de la smachines en ee pijpen aan elka n lasstraat, wa ar zetten. Niet ar ze te geloven!. W zoeken? Welke at heeft een ui uil zoekt zijn ne l hier te stplek in het da rokerige hal? N k(isolatie) van ergens zagen w zo ’n ij a Na nog gezellig anwijzingen, da t er meer uilen een bak koffie huisden. te hebben ged naar de Haars ronken gingen teeg voor opva we op weg ng van het uiltj Zo zie je, dat je e. toch op de raa rste plekken uile Hoe Herman d n kunt tegenko eze middag bel men. eefd heeft, wee gedacht hebben t ik niet. Hij zal : die Punt is oo w el k lichtelijk gesto hem op pad ben ord als je zo’n t. dag met Het gaf me ee n fijn dubbel g evoel, even teru nog een uiltje w g op de werf en eer de kans gev dan ook en om verder te leven. ❀ Rinus Punt 21


Fruitboomgaarden

22

Heel mijn leven heb ik rondgesnuffeld in fruitboomgaarden. Snoeien en enten deed ik al als kind, we hadden zelfs bomen met meerdere soorten appels. Een kwestie van enten en kijken wat er van terecht komt. Opa had als groente – en fruithandelaar hectaren met fruitbomen, mijn vader had een boomgaard en zelf heb ik ook weer de fruitbomen uit mijn jeugd als Glorie van Holland, Zoete BloemÊe en Sterappel. Een appel is gezond, maar niet voor de natuur. Een appel- of perenboomgaard wordt soms wel meer dan dertig keer per jaar bespoten met gif. De afzet van pesticiden is in Nederland het hoogst van heel Europa. Greenpeace onderzocht het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in de Nederlandse appel- en perenteelt. Afgelopen zomer namen hun onderzoekers monsters van bodem- en oppervlaktewater bij negen (nietbiologische) appel- en perenboomgaarden. Daarnaast kochten ze Nederlandse appels en peren bij vijf supermarktketens om te meten hoeveel gif er op het fruit zit dat u en ik kopen. De onderzoekers vonden veel gif. In de in totaal dertig


monsters zaten 197 sporen van 54 verschillende soorten bestrijdingsmiddelen. Het oppervlaktewater bleek het meest vervuild: gemiddeld veertien pesticiden per monster. Ze vonden ook te veel gif. Bij twintig watermonsters lag de concentratie boven de ‘chronische norm voor de bescherming van waterorganismen’. In vijf gevallen werd ook de Maximaal Aanvaardbare Concentratie (MAC) overschreden, variërend van 1,3 tot 130 keer de maximum toegestane concentratie overschrijding die niet onder doen voor die van een flinke Volkswagen dieselmotor. Er werden zeventien stoffen gevonden die in de appel- en perenteelt helemaal niet gebruikt mogen worden en maar liefst negen soorten gif die in Europa verboden zijn. Niet alleen bijen en andere insecten worden ziek van het gif; 44 van die 54 aangetroffen pesticiden is voor de mens kankerverwekkend of hormoonverstorend. Interessant genoeg worden de afgelopen decennia steeds minder gifresten aangetroffen op het fruit dat bij de groenteboer of supermarkt te koop

ligt. Het gebruik van gif op de boomgaarden stijgt echter fors zoals blijkt uit onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving. Dit komt omdat telers meer spuiten (tussen 2000 en 2012 een toename van 67 procent bij appels en 30 procent bij peren), maar hun fruit ook beter wassen voor het de boomgaard verlaat. Goed voor u, slecht voor de natuur. Hier ligt een schone taak voor de supermarkt en u als consument. Telers letten op gif residuen op de appels en peren die zij verkopen. Dit leidt ertoe dat telers langer voor de pluk blijven spuiten en gif gebruiken dat minder sporen achterlaat. Ook de overheid mag zich iets meer bekommeren om de kwaliteit van de bodem en het oppervlaktewater: op de helft van de meetpunten wordt de norm overschreden. Voor u als natuurbeschermer is er een eenvoudiger oplossing voorhanden: koop alleen biologisch geteeld fruit.❀ Bewerking artikel Het Geweten Vrij Nederland 21 november 2015.

Herman van Krieken 23 23


Record aantal soorten in de gemeente Woudrichem Jaap van Diggelen

Op waarneming.nl wordt jaarlijks een overzicht gepubliceerd van aantallen soorten organismen die er per gemeente in ons land zijn waargenomen. In januari 2015 stelden ErnstJan van Haaften, Bas Verhoeven en Jaap van Diggelen zich als doel om in 2015 de gemeente Woudrichem fors te laten stijgen in deze lijst. Ambitieus werd de lat op 2000 soorten gelegd. Dit doel is ruimschoots gehaald! Op 31 december waren er door in totaal 94 waarnemers 7355 waarneming ingevoerd van 2169 verschillende soorten. Waarschijnlijk staat drie-kwart van deze soorten op naam van Ernst-Jan en met name Bas. Onderstaande tabel toont hoe de aantallen soorten over groepen organismen verdeeld waren: Soortgroep Gewervelden

(zoogdieren-vogels-reptielen/amfibieĂŤn-vissen)

206

Insecten

(dagvlinders-nachtvlinders-micro’s-libellen)

620

Insecten overig

(bijen-wespen-vliegen-kevers-wantsen)

562

Overige ongewervelden (oa spinnen-mijten-weekdieren-wormen)

134

Planten

475

Mossen en korstmossen Paddenstoelen Totaal aantal soorten 24

aantal

(bloemplanten-varens-paardenstaarten-algen)

106 66 2169


Ruim 54 % van de waargenomen soorten is insect, 27 % behoort tot de planten (als we de korstmossen daar dan ook even bij rekenen, wat plantensystematisch gezien onjuist is) en de overige circa 20% is een gewervelde, een paddenstoel of een overige-ongewervelde. Deze percentages komen redelijk overeen met de aandelen van genoemde groepen in het totaal aantal organismen in ons land. Alleen de paddenstoelen en overige ongewervelden zijn ondervertegenwoordigd in verhouding tot hun aandeel in de Nederlandse soorten. De 2169 soorten waren goed voor een 20e plaats op de ranglijst van 393 gemeenten. Voor de provincie Brabant komen we op de tweede plaats achter Tilburg. Wat het nut is van deze exercitie vraagt u zich af? Sowieso geeft deze ‘soortenjacht’ een hoop waarneem-plezier. Hebben we in Woudrichem minder soorten dan in de winnende gemeente Ede of alle andere grote gemeenten uit de top vijf? Komen we specialisten tekort? Is onze gemeente gewoon kleiner? Allemaal een beetje waar. Kijk maar in onderstaande tabel.

25


Hierin is te zien dat we met een fractie van de aantallen waarnemers en waarnemingen vergeleken met de ‘topvijf van gemeenten’ geweldig goed gescoord hebben in Woudrichem. Het blijkt dat zelfs in de winnende gemeente slechts 10% van het totaal aantal soorten in ons land wordt gezien (3862 van de ruim 40.000 soorten) en dat wij hier in de gemeente ‘slechts’ ruim 5% waarnemen in 1 jaar. Bij langer zoeken (zeg maar 10 of 20 jaar) loopt dit op tot rond de 5000 soorten. Belangrijkste conclusie is dat de biodiversiteit overweldigend is, ook in onze omgeving, en dat je er in het dagelijks leven maar een fractie van opmerkt. Wilt u de hele lijst zien? Check http://waarneming.nl/ranks_gem_v2.php? laps=2015&prov=0 ❀

26


WINNAARS

Leu e i t c k e ac a d e r tie van de Winnaar van de JubileumPuzzel en de VVV-bon van â‚Ź25,- van de redactie

Tineke en Henk Kraaij 1

v

l

e

e

r

m

u

2

p

a

t

r

ij

s

3

a

l

m

l

e

p

5

m

a

4

a

6 7

w

u

l

i

s

e

l

a

a

r

d

e

l

i

e

f

j

a

n

t

a

t

e

l

e

p

Het bestuur van Altenatuur en de redactie van het Altenatuurtje wensen u een gelukkig nieuwjaar! 27


Weidevogelbescherming 2015 Len Bruining

Opnieuw stijging aantal gevonden legsels De komst van maar liefst negen nieuwe vrijwilligers bewijst wel dat weidevogelbescherming in onze streek leeft. Met in totaal 62 vrijwilligers zochten we dit voorjaar de akkers en weilanden af. Het is een hechte groep waarbij we gebruik maken van elkaars talenten. Tijdens de slotavond werd bekend gemaakt dat het aantal gevonden legsels ook dit jaar weer met tien procent gestegen is in vergelijking met vorig jaar. Werden er in vorig jaar 503 nesten gevonden, dit voorjaar liep de teller door naar exact 550 nesten. Vooral het aantal gevonden kievitsnesten laat opnieuw een forse toename zien. Toch was het dit voorjaar niet allemaal rozengeur en maneschijn. Het broedseizoen begon zeker veertien dagen later door de aanhoudende kou. Ook was het een zeer droog voorjaar met zo nu dan zware slagregens die jonge

Aantal beschermde legsels per soort per jaar van 2000-2015 ! !

2000# 2001#

2002# 2003# 2004#

2005# 2006#

2007# 2008# 2009#

2010# 2011# 2012#

2013#

2014#

2015#

Grutto# Kievit# Scholekster#

4! 48! 7!

#! #! #!

6! 27! 4!

5! 16! 1!

6! 105! 6!

10! 110! 17!

17! 192! 14!

14! 154! 23!

19! 173! 30!

30! 121! 18!

35! 187! 28!

31! 249! 45!

31! 377! 36!

32! 433! 36!

Tureluur# Wulp# Wilde#eend# Knobbelzwaan# Can.#Gans# Waterhoen#

0! 0! 1! 0! ! 0!

#! #! #! #! ! #!

0! 0! 0! 0! ! 0!

0! 0! 0! 0! ! 0!

1! 1! 0! 2! ! 0!

0! 0! 0! 0! ! 0!

4! 3! 2! 1! ! 1!

2! 1! 1! 0! ! 0!

3! 5! 0! 0! 1! 0!

4! 8! 1! 0! 0! 0!

5! 7! 7! 10! 4! 14! 15! 23! 0!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!! 1! 1! 1! 0!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!! ! ! ! 0!! ! ! ! 0! ! ! !

6! 28! 6! ! ! !

7! 39! ! ! ! !

Kleine#Plevier.# Rietgors#

0! 0!

#! #!

0! 0!

0! 0!

0! 0!

0! 0!

1! 1!

0! 0!

0! 0!

0! 0!

1! 0!

2! !

! !

1! !

2! 1!

2! !

Roodborsttapuit# Patrijs#

! 0!

! #!

! 0!

! 0!

! 0!

! 0!

! 1!

! 2!

! 0!

! 2!

! 0!

! !

! 1!

! 2!

2! 5!

! !

Meerkoet# Graspieper# Gele#Kwikstaart#

0! ! !

#! ! !

0! ! !

0! ! !

0! ! !

0! ! !

0! ! !

2! ! !

0! 1! !

0! 0! !

0! 0! !

! ! !

! 3! 2!

1! 1! !

2! 2! 1!

! ! !

Zwarte#stern# Fazant#

0! !

#! !

0! !

0! !

0! !

0! !

0! !

3! !

5! !

1! !

?! 1!

! 3!

! !

! !

# 1!

! !

Veldleeuwerik#

!

!

!

!

!

!

!

!

!

!

!

2!

4!

1!

Totaal#aantal#

60#

MKZ#

37#

22#

121#

137#

237#

202#

237#

181#

261#

340#

352#

366#

3! # 503# #

1! # 550# #

37! 234! 40!

38! 242! 39!

N.B.$Sinds$2011$is$er$sprake$van$collectief$ weidevogelbeheer$voor$grutto,$ wulp$en$tureluur.$ Dat$wil$zeggen$dat$vrijwilligers$ de$vogels$in$vooraf$vastgestelde$ kerngebieden$vanaf$afstand$observeren.$Niet$ alle$nesten$van$deze$soorten$ zijn$bezocht.$Het$aantal$in$het$schema$is$een$combinatie$ van$de$vondst$van$ legsels$die$buiten$ de$collectieve$ weilanden$vallen$en$officiĂŤle$alarmtellingen$ die$drie$keer$gehouden$zijn$in$de$maanden$mei$en$juni. Dussen/LenBruining/oktober/2015$

28


pulletjes het leven kostten. Daarnaast was er bijzonder veel predatie en vonden we lege nesten. De komende jaren zal de aandacht steeds meer uitgaan naar de overlevingskansen van de jonge kuikens, want juist in die kritieke fase gaat het vaak mis. Alle loopgroepen hebben de legsels met behulp van GPS op de site van het landelijke systeem van Landschapsbeheer Nederland ingevoerd. Het levert mooie kaartbeelden op van de locaties van de gevonden legsels. De ontwikkelingen staan niet stil. Voor het eerst verzorgden we gastlessen op een aantal basisscholen in het Land van Heusden en Altena. Geboeid keken de kids uit naar de powerpointpresentatie en ademloos luisterden ze naar de avonturen die de vrijwilligers ieder voorjaar weer beleven. Hopelijk slaat de vonk over. Met de medewerking van meer dan honderd boeren, talloze loonwerkers, de ANV, gebiedscoĂśrdinator Meeuwis Millenaar en medewerkers van het Brabants Landschap zetten we de weidevogels in onze streek op de kaart. Volgend voorjaar staat er weer een nieuwe ontwikkeling op stapel. Met een aantal plasdras gebieden in de kerngebieden wordt getracht om voor weidevogels een groter voedselaanbod te creĂŤren. Volg de weidevogelbescherming ook op facebook: Weidevogelgroep Altena. â?€

29


Shut your eyes and think of somewhere Somewhere cold and caked in snow Snow Patrol

Vulpes vulpi lupus – de vos is de vos een wolf Jaap van Diggelen

Een tijdje geleden haalde deze prachtige foto de wereldpers. Ik zag hem in de dagbladen maar ook op de voorpagina van Bionieuws, het vakblad voor biologen zal ik maar zeggen. Met deze foto won Don Gutoski op 15 oktober jl. de titel Wildlife photographer of the Year.

30

In het desolate niets van het Canadese Wapusk National Park, zien we een vos (Vulpes vulpes) die een gedode poolvos (Vulpes lagopus) voortsleept. Hun kopjes beiden met gesloten ogen in perfecte symmetrie, net als hun prachtige staarten. In een morbide pas de deux van twee sleeping beauties sleept de grotere ‘gewone’ vos, zijn kleinere ‘broer’ (voor wat daar nog van over is) over de sneeuwvlakte. Het smetteloos wit van de poolvos rood gekleurd door


zijn bloed. Bij een onmenselijke temperatuur van 30 graden onder nul, volgde de fotograaf de achtervolging van de poolvos door zijn grotere familielid gedurende 3 uren om uiteindelijk de winnende foto te maken. ‘A tale of two foxes’ wordt de foto genoemd. Het verhaal van twee vossen, met een knipoog naar Charles Dickens’ boek ‘A tale of two cities’. Welk verhaal wil de foto ons vertellen? Vulpes vulpi lupus zou ik willen parafraseren: de vos is de vos tot wolf, verwijzend naar het homo homini lupus van de filosoof Thomas Hobbes: de ene mens is voor de andere mens een wolf. De jury die de Wildlife Photographer of the Year kiest wil een ander verhaal laten vertellen. Volgens de berichtgeving is het volgende aan de hand: ‘door klimaatverandering verschuift het leefgebied van de rode vos noordwaarts. En dat levert een conflictgebied op’ aldus Bionieuws. ‘Vossen rukken door de opwarming naar het Noorden op en bedreigen hun kleinere, Noordelijke familieleden’ schrijft Trouw. Hier wil ik het fijne van weten en ga de verspreidingskaarten van beide soorten na. Wat blijkt? De poolvos is taaier en overleeft op de arctische toendra, de gewone- of rode vos heeft het hier aanzienlijk moeilijker. Maar hun leefgebieden overlappen al sinds mensenheugenis. De winnende foto had dus 100 jaar geleden ook genomen kunnen worden! Het enige verschil met nu is dat de rode vos de poolvos vaker tegenkomt. In streken waar de poolvos eeuwenlang vrijwel alleenheerser was gedijt de rode vos nu stukken beter. Het aantal confrontaties neemt dus toe. Het is een kwestie van verschuiving van leefgebieden als gevolg van menselijke activiteit. Eenzelfde verschijnsel zien we in ons land met het recent verschijnen van Zuidelijke soorten zoals de Zuidelijke keizerlibel, en het Geraniumblauwtje. Op een Engelse site lees ik dat honderden kwalitatief perfecte foto’s zijn ingezonden voor de wedstrijd. Doordat deze foto ons aan het denken zet over wat er in de wereld gaande is aan veranderingen, mede als gevolg van menselijk handelen, is hij door de jury verkozen. Misschien vertelt de foto nog een ander verhaal. De aandacht van de afgestompte lezer die niet meer verblikt of verbloost van foto’s van menselijk leed, veroorzaakt door rampen die samenhangen met klimaatverandering, wordt wellicht wel getrokken door dit serene en tegelijk trieste beeld. Geen krachtiger eye-opener dan de vredig gesloten ogen van de vossen op deze foto. ❀

31


Voor

jou! Jan van Haaften

Hallo jongens en meisjes, Een paar maanden geleden fietste ik door de duinen van Westerschouwen. Dat is in Zeeland. Daar zag ik langs het fietspad een bruin dier liggen. Ik stapte af en liep er naar toe. Het was een bunzing. Hij had een bruine vacht waardoor een lichtere gele kleur schemerde. Z’n snuit was wit en ook rond de oortjes zat een witte rand. Waarschijnlijk was hij ’s nachts gewond geraakt. Een verassende waarneming. Je ziet ze niet elke dag.

32 30


Een bunzing is een roofdier en gaat vooral ’s nachts op pad. Hij jaagt dan bijvoorbeeld op mollen, muizen, ratten, egels, kikkers en slangen. Een echte jager dus, die niet kieskeurig is. Zo eet hij voor de variatie ook vruchten en honing! Overdag rust hij meestal in z’n hol. Als het erg koud wordt, in de winter, verlaat hij z’n plekje wel eens voor een warmere plaats. Zoals op een boerderij tussen de strobalen. 33 31


ij gebruikt het vos. H . lf ze t ie n ij h Z’n hol maakt l van een konijn of van een prima o achtergelaten h n het scheelt veel energie! Eenneer Lekker handig e aapkamer. Ook handig als me ngen sl schuilplaats en uwtje vindt. En als ze samen joroeien. g bunzing een vro en daar goed beschermd op gen n n krijgen. Die kun t in het begin zijn de witte jo n bij n Dat is nodig wa e kunnen niets zien en moete zogen. Z l erg kwetsbaar. ken. Dat noemen we ook we n de moeder dri te zoogdieren. h Het zijn dus ec

34 32


Net als een hond kan een bunzing een geur achterlaten op bepaalde plaatsen. We noemen zo’n plek ook wel een territorium. Hij loopt dan langs planten of bomen en laat een vloeistof achter. Dat komt uit stinkklieren net onder z’n staart. Met die stinkende geur wil hij zeggen: “hier woon ik, wegwezen”. Misschien ken je het spreekwoord wel; stinken als een bunzing. Dat wordt wel eens gezegd als iets of iemand erg onaangenaam ruikt! Op internet is er nog veel meer te vinden over de bunzing. Je zou eens kunnen kijken op http://www.zoogdiervereniging.nl/bunzing-mustelaputorius. ❀

35 33


P U Z Z E L Jan van Haaften

LETTERPAREN Haal uit kolom 1, 2 en 3 een letterpaar. Maak hiervan drie keer een naam van zes letters. 1

2

3

KI

EK

ER

KR

RT

IT

MA EV

EL

LETTERDRIEHOEK Haal uit elke driehoek de dubbele letters. Maak hiervan een vogelnaam van zes letters.

34 36

T

B

O

RRQ

UGC

TKL

PSAT

MZUG

WOTV


UITNODIGING

1

ag in a

d de n p mi

Ledenvergadering 2016 Fort Giessen, 16 februari, aanvang 20.00 u. Het bestuur van Altenatuur nodigt u uit voor de jaarlijkse ledenvergadering, waarvoor de AGENDA als volgt is: 1. 2.

3. 4.

5. 6.

7. 8. 9.

10.

Opening. Notulen van de ledenvergadering van 17 februari 2015 (Zie Altenatuurtje nr. 99, mei 2015) Jaarverslag secretaris. Financieel jaaroverzicht 2015/begroting 2016 door de penningmeester. Stukken liggen vanaf 19.40 uur ter inzage op de bestuurstafel. Verslag kascontrolecommissie. Bestuursverkiezing. Aftredend en herkiesbaar: Margo van Beem, Len Bruining, Jeanette Pollema, Johan Koekkoek en Goof van Vliet. Rondvraag. Pauze Na de pauze: Rob Mulder geeft een overzicht van het werk van de Beheercommissie Natuurgebieden van Altenatuur, die inmiddels ruim 25 jaren bestaat. Sluiting 37


Activiteiten worden vooraf aangekondigd in de streekbladen. Let ook op de website en op Facebook voor eventuele wijzigingen: www.altenatuur.nl.

d de n p mi

2

Noteer de data vast in uw agenda! Donderdag 28 januari: Dagvlinders van het Land van Heusden en Altena De lezing wordt verzorgd door Anthonie Stip, ecoloog bij De Vlinderstichting, waar hij zich inzet voor de bescherming van en onderzoek aan insecten. De rode draad door zijn werk vormt het snijvlak van natuur en landbouw, bezien vanuit een brede range aan soortgroepen. Hij is afgestudeerd aan de Wageningen Universiteit op wilde bijen in het agrarisch gebied en deed eerder al onderzoek aan akkervogels. In de lezing wordt ingegaan op de dagvlinders van ons gebied, wat zijn de kansen en bedreigingen voor deze soorten? Wat kun je doen aan inrichting en beheer, bijvoorbeeld van bermen om dagvlinders meer kans te geven? Focus ligt daarbij op onder meer de Argusvlinder, het Zwartsprietdikkopje en diverse soorten Zandogen. Ook bespreekt hij de pilot beheermonitoring agrarisch natuurbeheer die in onze streek gaat plaatsvinden, hij probeert mensen te enthousiasmeren voor tellingen. Plaats: Fort Giessen; aanvang 20.00 uur.

38

ag in a

PROGRAMMA WINTER/VOORJAAR 2016


3

ag in a

Dinsdag 16 februari: ledenvergadering (uitnodiging zie middenpagina 1)

d de n p mi

Donderdag 24 maart: De Nieuwe Noordwaard, betekenis voor flora en fauna. Thomas van der Es, boswachter in de Biesbosch vertelt over de gevolgen van de grote waterstaatkundige werken in de Noordwaard voor de flora en met name de avifauna. In verband met het aanleggen van een enorm doorstroomgebied is het landschap en de dynamiek ervan sterk veranderd. Naast de vele wateren moerasvogels broeden er tientallen nachtegalen, blauwborsten en zeldzame Cetti ’s zangers en ook de majestueuze zeearend heeft het gebied ontdekt en broedt er al enkele jaren succesvol. Van der Es, die het gebied op zijn duimpje kent, laat ons zien wat er allemaal is veranderd. Plaats: Fort Giessen; aanvang 20.00 uur.

Zaterdag 14 mei: Voorjaarswandeling door het Vlijmens Ven Het Vlijmens Ven is een gebied onder Vlijmen waarin momenteel de bestaande natuurterreinen fors worden uitgebreid door Natuurmonumenten in samenwerking met Waterschap Aa en Maas, De Vlinderstichting, Staatsbosbeheer en de gemeenten Heusden en ’s-Hertogenbosch. Zeldzaam geworden soorten probeert men terug te brengen onder de noemer 'Blues in the Marshes', blauwtjes in de moerassen. Het gebied kent onder meer uitgestrekte blauwgraslanden gekleurd door zeldzaamheden als Blauwe knoop, Blauwe zegge en Pimpernelblauwtje. De wandeling wordt geleid door een lid van de Natuur- en milieuvereniging gemeente Heusden. Vertrek vanaf Fort Giessen om 8.30 uur.

39


4

De beheercommissie van Altenatuur zoekt voor de komende winterperiode weer vrijwilligers die een handje willen helpen bij het onderhoud van de natuurgebieden. Deze werkochtenden vinden op iedere derde zaterdag van de maand plaats en duren van 8.30 – 12.00 uur. De volgende Altenatuur-werkochtenden zijn gepland op: Zaterdagen 16 januari, 20 februari en 19 maart: Plaats: Wijde Alm Activiteit: onderhoud houtopstanden langs fietspad langs Wijde Alm (Noordoever). Verzamelen op parkeerplaats langs Wijde Alm, bereikbaar vanaf de Poortweg (weg tussen Almkerk en Uitwijk). Materiaal is aanwezig maar heeft u zelf goed gereedschap (takkenschaar, handzaagje) dan is het misschien wel handig om dat mee te brengen. Houdt u er ook rekening mee dat het weer koud en nat kan zijn en dan zijn laarzen, regenkleding en werkhandschoenen geen overbodige luxe. Hebt u nog vragen over een en ander dan kunt u ons altijd bellen. Graag tot ziens, met vriendelijke groet, Namens de beheercommissie: Jaap van Diggelen, (0183-402034) en Pia Stierman, (0183-505341)

40

ag in a

WERKOCHTENDEN BEHEERCOMMISSIE WINTERSEIZOEN 2015 - 2016

d de n p mi


Gaswinning Zwaansheuvel, gemeente Aalburg Het bedrijf Vermilion heeft plannen om opnieuw gas te gaan winnen op de locatie Zwaansheuvel ten zuiden van Andel. Als de aanvragen hiervoor in procedure komen is Altenatuur van plan om bezwaar te maken tegen de nieuwe poging om hier gas te winnen. Aardgas is geen duurzame energiebron en er bestaat een risico op lichte bodemdaling. Het vrijmaken van het gas uit de gashoudende zandsteenlaag wordt op gang gebracht dmv ‘fracking’. Hierbij worden allerlei hulpstoffen in de bodem gebracht waaronder diverse chemicaliën. Bij het opgang brengen van de winning (die volgens Vermilion 20 jaar gaat lopen) moet aanvankelijk het gas van onvoldoende kwaliteit worden afgefakkeld. Bij dit affakkelen worden ook de gebruikte chemicaliën verbrand. ❀ 41


Nul op de meter Johan Koekkoek

‘t Is een week voor sinterklaas, er is net een zending uit Spanje aangekomen, twee grote kisten met daarin de onderdelen voor onze warmtepomp. Een lang gekoesterd verlangen wordt vervuld.

42

Het installatiebedrijf is langs geweest om te zien waar de buiten- en de binnen-unit geplaatst zullen worden. Hierna staat een afbeelding van de lucht-water warmtepomp.

De warmtewisselaar voor de buitenlucht komt bij ons boven op het dak. De echte warmtepomp komt op de bovenverdieping. Daar maken we een grote kastruimte alwaar hij aangesloten wordt op het bestaande verwarmingssysteem. We hebben al een grote voorraadboiler, zodat de warmtepomp vooral overdag kan draaien als de buitenlucht de hoogste temperatuur heeft. Het keuzeproces kende de afgelopen jaren de volgende stappen: -­‐ De bestaande vlakke plaatcollector voor het binnen halen van warmte functioneert in de winter onvoldoende om een echte bijdrage te leveren aan onze vloerverwarming. Deze plaatcollectoren zouden we kunnen vervangen door zogenaamde heatpipes. Deze leveren in de winter meer op. Maar bij nadere beschouwing onvoldoende om substantieel bij te dragen aan de verwarming van onze woning.


-­‐ Extra isoleren van het dak en de vloer. Het noorddak beschikt over een isolatielaag van 3 cm tempex. Dit zou vervangen kunnen worden door een laag van 7-10 cm tempex. Het aantal dakramen in dat dakoppervlak maakt dat het rendement van deze ingreep (voorlopig) onvoldoende is. Voor de vloer geldt eenzelfde redenering. Er zit een kleine isolatielaag tegen de betonelementen van de vloer geplakt. Ooit zelf gedaan, maar van te slechte kwaliteit. Deze laag zou duidelijk dikker moeten zijn. -­‐ Aanschaf warmtepomp, hiervoor is nodig: o 24 PV panelen van elk 250 WP met een gezamenlijke opbrengst van 5200 kWh per jaar. o Warmtepomp met een capaciteit die kan variëren van 5-22 kW. * Bij strenge vorst heeft ons huis 3 m3 gas per uur nodig. De warmtepomp levert dan maximaal 22 kW per uur. Indien mijn boiler leeg is levert de warmtepomp maximaal 22 kWh rechtstreeks vanuit het elektriciteitsnet. De energiewaarde van 22 kW staat ongeveer gelijk met de energiewaarde van 3 m3 gas. Dus bij strenge vorst verstoken wij 22 kW per uur. Deze kWh’s komen dus rechtstreeks van het net. In de zomermaanden zetten wij bijna voldoende stroom op het net om in de winter toch wel een aantal dagen strenge vorst te overleven. Zolang de saldering blijft bestaan is dit een in onze ogen riante investering. Wij schatten, als het dan toch moet, de terugverdientijd duidelijk binnen de 10 jaar. Ons totale PV bezit bedraagt op dit moment 46 panelen met een totaal opbrengst van 9.300 kWh/jaar. Het ziet er naar uit dat dit onvoldoende is om in een strenge winter voldoende eigen stroom te hebben. We zullen dus moeten bezuinigen of extra isolatie moeten gaan plannen. Maar we, vooral ik, beogen binnen nu en twee jaar onze oude auto, een 14 jaar oude Prius, te gaan vervangen door een echte elektrische auto. Om 6.000 km te kunnen

43


rijden is ongeveer 1.000 kWh nodig. Dat zijn 5 panelen van 250 Wp, maar op ons huis of onze schuur is geen plaats meer voor extra panelen, dus moeten we uitwijken naar de moestuin. Daar is plaats voor wel 10 panelen en er ligt al een aansluitkabel. Dus hier kan het eventuele tekort voor de warmtepomp ook mee aangevuld worden. Op de moestuin wil ik komende jaren een soort drieslag teeltstelsel introduceren. -­‐ Eén deel beleggen met PV panelen, waardoor de ondergrond gedurende 3 jaar rust krijgt. -­‐ Eén deel bestemmen voor peulvruchten en overige vlinderbloemigen. -­‐ En één deel met overige voedselgewassen betelen. Na 3 jaar wil ik de PV panelen op een ander deel van de moestuin plaatsen. Of het hier ook werkelijk allemaal van komt zal de toekomst uitwijzen. Maar idealen zijn er om te koesteren. Ik hoop voldoende gezond te blijven om vorderingen te kunnen melden. ❀

10 panelen hier; bodem 3 jaar rust

44


Grienden, parels in het landschap Rinus Punt

Lekker rommelend in de griend achter Waardhuizen op de natuurwerkdag met Altenatuur denk je eraan hoe mooi het is om, genietend van je pensioen, zo bezig te zijn. Gezellig onder elkaar ervoor te zorgen, dat deze griend weer, na onze klus, drie jaar vooruit kan. Afgelopen zomer konden we het toch niet laten om naar onze griend 'de Vischplaat' te gaan. Mijn broer zag het helemaal zitten om een keer zelf te aanschouwen wat ons regelmatig in het knotseizoen verteld werd door medeknotters die daar in de zomer naar toe gingen. De wildernis waar je bijna niet doorheen komt: brandnetels, bramen, springbalsemien, guldenroede, riet enz.

45


Wij een bootje (met buitenboordmotor) gehuurd in Drimmelen. Drie onkundige schippers (mijn broer zijn vrouw was er ook bij) gingen een dagje varen in de Biesbosch. Dat dit allemaal zo gemakkelijk gaat sta ik van te kijken; je krijgt even uitleg hoe te starten en voor en achteruit en gaan met die banaan (bootje). Dus rustig pruttelend de haven uit; ik was het haasje met het roer (steel buitenboordmotor) in handen. Dan schrik je toch even als je de haven uitvaart en de grote Amer voor je ziet. Steek hem maar eens over in zo’n notendop; schat maar in hoe snel die 100 m. lange binnenvaartschepen op je af komen. De oversteek ging goed en we voeren richting de Vischplaat lekker langs de oever.

46

Het blijft voor mij geweldig zo door de Biesbosch te varen. Als knotploeg (vroeger werden we vanuit Drimmelen door de politieboot gebracht) wisten we de vaarweg. Luisterend naar de vogels, genietend van de natuur en de wolkenpartijen boven ons kwamen we aan op het eiland de Vischplaat. Saarloos de laatste eilandboer had liever niet, dat we in zijn haven aanlegden, dus een steigertje verder was ons startpunt. Na de boot vakkundig….. aangemeerd te hebben startten we met onze wandeling naar de eendenkooi. Het eerste stuk loop je over kades, die om het land van Saarloos liggen; twee reeën keken ons verstoord aan toen wij de griend naderden. Eenmaal bij de griend is er geen woord gelogen over de wildernis. Wat een wildernis als er geen pad gemaaid wordt. Het is dan echt zoeken om op het pad te blijven. Ik zei tegen mijn broer: “jij moet voorop, je bent de langste en de dikste", zowel zijwaarts lopend (buik) als voorwaarts maakt het geen verschil. Hij moest het pad banen naar de hut, die wij afgelopen winter hadden gebouwd. Ik was zo slim geweest om geen lange mouwen te hebben, dat is echt een ramp met al die brandnetels. We stonden ervan te kijken hoe gemakkelijk je van het pad op de dijk afdwaalt en onderuit kan glijden, vooral op plaatsen waar de bever de dijk ondermijnd had.


Onze hut lag echt verscholen. We waren hem bijna al gepasseerd. Hij was nog steeds intact. Na wat gedronken en gegeten te hebben wilden we toch het complete pad gaan lopen. Dat het een hele klus was kwamen we pas achter toen we de griend konden verlaten. Geweldig om ook deze zomerse ervaring mee te maken. Teruggekomen bij de boerderij kregen we van Mevrouw Saarloos koffie aangeboden; dat werd niet afgeslagen en buiten aan de picknicktafel bespraken we het hele griendgebeuren en over de uilen die in de schuur broeden. Nu broeden de kerkuilen in de tweede kast die ik met broer Wim heb opgehangen. Deze kast hangt op een rustigere plaats aan de andere kant van de schuur. Drie jonge uilen zijn er dit jaar uit het ei gekropen. Het was weer tijd om op te stappen. Het bootje lag nog netjes op ons te wachten, maar o wee, bij het trekken aan het startkoord wilde de motor niet starten! Je kon trekken, dat je een ons woog: hij vertikte het. Wat nu. Bellen naar Drimmelen? Kom op, hij moet het toch doen; je ziet nu pas: als de techniek je in de steek laat ben je nergens (wel ergens namelijk in de Biesbosch!!); weer een keer met bruut geweld getrokken aan het touwtje en wat denk je……. Hij begint te pruttelen. Ik zeg tegen mijn broer: “losmaken en zo snel mogelijk gaan varen”. Dit ging te snel; touw nog niet helemaal los, mijn broer plat in de boot, maar we voeren weer als echte schippers. Daarna zijn we helemaal het eiland rondgevaren. Ik wist niet, dat het eiland zo groot was. Vanuit de punt van het eiland zag je heel mooi de Moerdijkbrug. Mijn broer zag het binnenkomen en afmeren in de haven niet zitten, dus schipper Punt moest het maar doen, maar ik vind wel, dat het huren van een bootje aan meer regels gebonden moet zijn; iedereen kan zo maar achter het roer kruipen en het ruime sop kiezen. Weer een leuke belevenis met elkaar in een prachtig gebied met de naam Biesbosch. ❀

47


Dierenwelzijn en duurzaamheid Herman van Krieken

48 42

aan veel meer regels moeten houden. Een vorm van oneerlijke concurrentie gestimuleerd door onze banken. Het blijkt uit een 14 september gepubliVeel organisaties hebben hun mondvol ceerd rapport van de Stichting over dierenwelzijn en duurzaamheid. Onderzoek Multinationale OnderIn de praktijk blijkt het helaas te vaak nemingen (Somo). Het Oekraïense een wassen neus. Luchtwassers in Myronivsky Hliboproduct (MHP) is in stallen worden nogal eens uitgezet of handen van Yuriy Kosiuk, een van de functioneren niet goed. Shell boorde rijkste mannen van Oekraïne. Op 380 zonder pardon in de Noordpool en duizend hectaren land ten zuidwesten nam daarmee een enorm risico. van Kiev produceert MHP eigen Gelukkig waren de resultaten teleurkippenvoedsel en worden jaarlijks 332 stellend waardoor ze (voorlopig?) zijn miljoen kippen geslacht, ingevroren en gestopt. De emissiefraude van uiteindelijk geëxporteerd. Ter Volkswagen met dieselauto’s is vergelijking: in Nederland worden helemaal droevig stemmend. Ook jaarlijks 465 miljoen kippen geslacht. banken weten wel raad met het Binnen nu en twee jaar wil het bedrijf aanprijzen van hun fantastische fiks groeien met het oog op het producten en het voor de gek houden aanstaande vrijhandelsakkoord tussen van de klanten, dat wat ze in de Oekraïne en de EU. De banden tussen Engelstalige landen zo mooi ‘window MHP en Nederland zijn stevig. dressing’ noemen. Zie http:// Nederland is een van de belangrijkste eerlijkegeldwijzer.nl/bankwijzer/ voor afnemers: vorig jaar werd ruim 12 meer informatie over het handelen van duizend ton kippenvlees geïmporteerd onze banken in algemene zin. vanuit Oekraïne, hoofdzakelijk van Nederlandse banken hebben tientallen MHP. Nederlandse bedrijven leverden miljoenen euro’s uitgeleend aan een techniek voor de Oekraïense van de grootste kippenboerderijen ter slachterijen. Er zijn ook financiële wereld, in Oekraïne. Het goedkope vlees, dat hier op de markt komt, is een rechtstreekse concurrent van vlees van de Nederlandse boeren, die zich


naar Brussel en blokkeren ze onze wegen? Waarom vraag ik me af? Demonstreren voor nog meer vrije marktwerking en ondernemen met zo banden. Rabobank en ING hebben veel mogelijk subsidie? ‘Er barsten miljoenen geïnvesteerd in de kippenfabriek. Rabobank maakt in de steeds vaker discussies los over onze regels voor voedselveiligheid en periode 2008-2018 127,1 miljoen dierenwelzijn’ zegt onderzoeker Tim euro over aan MHP, ING investeert Steinweg van Somo. ‘Die zouden te 42,8 miljoen. De voormalige Boerenleenbank steunt op deze manier scherp zijn om de concurrentie met dit soort Oost-Europese bedrijven aan te een directe concurrent van de gaan, en dus moeten we in Nederland Nederlandse kippenboeren. Wakker de standaard verlagen hoor je dan. Dier noemde dat ‘een mes in de rug’ Dat is jammer, vooral omdat het een van die boeren. Bovendien is in concurrent is die we zelf in het zadel Oekraïne veel minder toezicht op hebben geholpen’. Laat dit allemaal dierenwelzijn dan elders in de EU, even tot u doordringen als u weer z’n terwijl Rabobank zegt een streng dierenwelzijnsbeleid te hanteren en te prachtig spotje van een bank op TV ziet en denk dan aan dierenwelzijn, hechten aan duurzame ontwikkeling. De handelswijze van de bank betekent duurzaamheid en uw stukje dierenwelzijn hier en een bedenkelijke kippenvlees. Toch maar ff kijken op eerlijkegeldwijzer.nl en vegetariër of kippenfabriek daar. Slachtoffer zijn onze kippenboeren die vaak financieel flexitariër worden? ❀ afhankelijk zijn van diezelfde bank. Bewerking artikel Volkskrant 14 september 2015 Het resultaat? Nog meer schaalvergroting waaraan de banken lekker kunnen verdienen? Stinkt straks in onze dorpen op het platteland naar kippenstront als de wind uit de verkeerde hoek komt? Waar is de grens? Als de kippen nog minder opbrengen dan gaan de boeren weer

43 49


Vleermuisonderzoek in het Land van Heusden en Jan van Haaften

Sinds een paar jaar doet de Zoogdiervereniging onderzoek naar 4 verschillende soorten vleermuizen. Dit doet men met behulp van vrijwilligers in het hele land. In 2013 is men begonnen met 4 groepen van 5 mensen. In 2014 heeft men de groepen uitgebreid met nog eens 5 groepen. En in 2015 heeft men dat nog eens herhaald. Over een aantal jaren zal zo heel Nederland bedekt zijn met kleine lokale groepen. Zo waren er in de loop van 2015 al 14 groepen die onderzoek deden, waaronder een groep van Altenatuur.

Ruige vleermuis

s Rosse vleermui Gewone dwergvleermuis

Laatvlieger

50

Men zocht tellers in West-Brabant en dat was een mooie gelegenheid om ons begin 2015 op te geven. Er werd een werkgroep van 5 mensen gevormd en we werden uitgenodigd om mee te doen. Na een aantal cursusdagen in Nijmegen kregen we apparatuur mee naar huis om de vleermuizen te gaan opsporen.


Altena in 2015 In Nederland leven naar schatting zo’n 800.000 vleermuizen. Omgerekend betekent dat, dat er zo ongeveer bij iedere 20 Nederlanders 1 vleermuis moet wonen. Nu moet ik er wel bij zeggen dat deze berekening niet helemaal opgaat, omdat er veel vleermuizen ‘buiten de bebouwde kom’ wonen. Ondanks het hoge aantal worden vleermuizen relatief weinig waargenomen. Logisch, want als de vleermuizen actief worden is het donker en zijn de meeste mensen al weer binnen. Ondanks de vele gegevens die er over vleermuizen binnenkomen bij de Zoogdiervereniging is er over bepaalde soorten nog onduidelijkheid. Het gaat dan met name over de Rosse vleermuis, Ruige dwergvleermuis, Gewone dwergvleermuis en Laatvlieger. De ‘wintertellingen’ en ‘zoldertellingen’ die ieder jaar worden gedaan leveren nog geen helder beeld op over de aantallen en hun woon- of verblijfplaats. Vandaar dat er nu ook ’s zomers ‘in het veld’ wordt geteld. Dat worden transecttellingen genoemd.

51


Met een auto rijden we jaarlijks een aantal keren een bepaalde route van ± 30 km. Niet harder dan 30 km per uur. Op de auto wordt er vooraf een ‘bat-detector’ gemonteerd. Dat is een apparaat dat met een hypergevoelige microfoon automatisch geluiden registreert en vastlegt.

- Ha 1; Sleeuwijk Altena Route

nk (30,86 km

)

e start Kerkeind Robijnsweg ra Robijnsweg ra Vijcie rd Monnikenhoef ra Lange Wiep la g Borcharenwe rd g Grote Waardwe rd Weerenweg ra Draepkilweg la Kilweg ne Brui rd Pauluszand rd Middellandweg ra Jeppegatweg rd g Oranjepolderwe la Nathalsweg la Jannezandweg ra weg Kille ra eg Hoge Polderw la eg Weeresteinw ra g Heimansgatwe ra ijk Kild la Dwarssteeg ra eg Zandste la eg Dijk d Dekkerw ra De Tol rd Rijksstraatweg rd Eikenlaan la ena Route

Alt

Altena Route

2; Almkerk -

Wij hebben in het Land van Heusden en Altena 3 routes uitgezet die we ieder 3 keer hebben gereden. De eerste keer als test, om te kijken of alles werkt en of er geen belemmeringen zijn. Daarna hebben we voor het echie gereden in juli, nadat de jongen waren uitgevlogen. En nog een keer in augustus. Route 1: Sleeuwijk-Hank-Sleeuwijk Route 2: Almkerk-Genderen-Almkerk Route 3: Giessen-Aalburg-Uitwijk

Aalburg 3; Giessen -

(30,76 km)

Genderen (30 ,12 km) Start Prov. Weg Zd. rd Korn la Kornpad ra Noorder veldseweg la Binnen (over brug) ra Binnen rd Baan ra Diebrach rd Diebrach t t la Oude kerk rd Zuiderbr straat ra Hagoort oeksedijk rd Eindsest raat rd Gansoye n la Kruisstraat ra Tol la Doeverensestra at la Hoofdstr ra Gendereaat nsedijk la Kleiberg ra Biesheu sestraat velweg la Midgraaf ra Lage Olde rsdijk la Broekgraaf ra Laagt la N322 la Hoekje rd Emmikho stop Prov. Wegvenseweg Zd.

52

sen. Start Fort Gies eg Giessenseste la over rotonde rd Stenenheul rd rsdijk Olde e Hog la Eendenveld la Biesheuvelweg ra Klaverplak la Veldstraat rd Bosseweg ra over rotonde rd Polstraat rd Polstraat ra A) Maasdijk (W& la n) Maasdijk (Vee rd (Andel) Hoge Maasdijk rd 2 N32 ken overste rd R) (G& Maasdijk la Dijkje la Veldweg la Rijswijksesteeg ra Uitwijksestraat rd nt stop Muziekte


Vleermuizen he bben goede og en waarmee ze prima kunnen zi in het schemerd en. Maar om vo uister edsel te kunnen stem en oren. Ti vinden gebruik jdens de vlucht en ze hun zendt de vleerm geluidjes uit. D uis voortdurend e echo hiervan korte wordt met de ze opgevangen en er gevoelige or zo kan hij feilloo en s bepalen waa (echolocatie). D r een insect vlie e geluiden die gt w orden uitgezon 15.000 Hz en den zijn erg ho hoger. Volwass og en mensen zijn , deze geluiden vaak niet meer nog te horen. Jo in staat om nge kinderen w Ook de bat-det el. ector vangt dez e hoge geluiden dus op.

We kregen een schat aan gegevens binnen. Behalve van de gezochte vleermuizen kregen we ook opnames van andere soorten vleermuizen en nog heel veel sprinkhanen. Nadat de sprinkhaangeluiden uit de opnames verwijderd waren hielden we de vleermuisgegevens over. Voor ons nu de taak om de goede naam bij de goede vleermuis te vinden. De opgedane kennis tijdens de cursusdagen kwam toen van pas. Na avonden en middagen achter de computer te hebben gezeten konden we voor 1 december onze tellingen doorgeven aan de Zoogdiervereniging. Nu is het afwachten of we ons werk goed gedaan hebben. Dat horen we binnenkort en dan geven we onze bevindingen ook weer door via dit Altenatuurtje. â?€ 53


Witte steenkool, goed voor het milieu, slecht voor de natuur? AndrĂŠ van den Berg

Tijdens een mailwisseling op 12 okt. 2015 schreef Pia Stierman mij samengevat het volgende: Vanmiddag liep ik langs de Merwede over het strandje bij de Groesplaat. Daar lagen over een afstand van 50 meter uit elkaar twee grote dikke palingen. Beide palingen hadden midden over hun rug een schuine knik wat waarschijnlijk de dood heeft veroorzaakt. Aanvankelijk dacht ik aan een slag van een scheepsschroef. Aanwezige vissers vertelden vervolgens dat er waarschijnlijk op dezelfde hoogte nog wel 50 exemplaren dreven en dat het elk jaar zo is wanneer de paling naar zee trekt. De dieren worden dan door de schoepen van waterkrachtcentrales e.d. geraakt. Pia vroeg zich af of dit en niet de overbevissing de oorzaak kon zijn van de achteruitgang van de palingstand en vroeg me of dit allemaal klopte.

54

Dikke paling, die ongeveer in het midden een klap heeft gehad is een bekend probleem dat al tientallen jaren voortduurt. De schade aan de paling wordt veroorzaakt door de draaiende schoepen van waterkrachtcentrales, poldergemalen en vermoedelijk wat minder ook door de scheepvaart. De grote schieralen (geslachtsrijpe vrouwtjes)) trekken vaak al vanaf augustus richting zee (katadroom) om naar men zegt in de Sargassozee af te paaien. Ze ondergaan dan een

optische verandering: de ogen worden groter, de buikzijde zilver wit en de rug wordt donkerder. In de late zomer heb ik de meeste beschadigde palingen gevonden, omdat dan de kans op extreem lage waterstanden het grootst is. Vistrappen die bij de diverse waterkrachtcentrales zijn aangebracht functioneren dan niet meer, doordat ze zijn droog gevallen. Maar ook de schoepen van de waterkracht centrales worden dan gevaarlijker voor grote paling (technisch verhaal).


Niet alleen migrerende paling is hier de dupe van, maar soms ook andere vissoorten zoals de prik. Tijdens een lage rivierwaterstand in mei 2011 mailde Ernst-Jan van Haaften uit Sleeuwijk mij of er in Hellouw langs

(anadroom) om af te paaien, waarbij de zeeprik het meest zeldzaam is. De schotzalm of zeeforel is een naar zee migrerende vorm van de beekforel die een aantal jaren nadat deze in zee is opgegroeid de rivieren optrekt

schuine knik

de Waal ook zeeprikken waren aangespoeld. Een dag later ben ik gaan kijken of liever gezegd ruiken want ik rook ze eerder dan ik ze zag en telde 8 zeeprikken (55- tot 80 cm), een schotzalm (60 cm.), een roofblei (65 cm.), enkele alen, brasems en wat flinke snoekbaarzen. De alen en de zeeprikken vertoonden dezelfde verminking als boven vermeld. De zeeprik en de schotzalm zijn soorten die anders dan de paling van zee- naar zoet water migreren

om af te paaien. Van deze laatste heb ik ook vroeger (jaren ’70 en ’80) toen de waterkwaliteit veel minder was dan nu, vrijwel ieder voorjaar wel een dood exemplaar gevonden op de stranden van de Groesplaat (doodsoorzaak onbekend). Terug naar de aal of paling die o.a. op de nationale Rode lijst voor vissen en de Europese lijst voor bedreigde diersoorten staat vermeld. Van de populatie uit de jaren ‘60 is volgens deskundigen nog slechts 1% over. Hoe is het zo ver gekomen?

55


Glasaal De Europese aal of paling blijft een geheimzinnige vissoort waarvan de paaigronden nog steeds niet exact bekend zijn. Wel is bekend dat de larven vanuit de oceaan met de golfstroom worden mee gevoerd,

naar met name de Europese kusten. Hier worden ze voor de eerste maal belaagd door Franse en Spaanse vissers, want een kilo glasaal zoals de larven worden genoemd brengt veel geld op. Hoewel de legale vangst door Europese regelgeving steeds meer is beperkt, wordt er nog steeds glasaal verkocht naar Japan en China. Op de Chinese markt levert dit kapitalen op. Er komt dus nog maar weinig glasaal de Nederlandse wateren binnen. Een ongelukkige bijkomstigheid is dat onze binnenwateren grotendeels zijn afgesloten.

56

In de jaren ’70 van de vorige eeuw zag ik nog glasaaltjes in de Biesbosch in lang gerekte golven langs de bootrand wiebelen. In Sleeuwijk zag ik dat ze door ieder klein gaatje in een oud sluisje de sloten op de Groesplaat wisten te bereiken. Het is nu (nog) verleden tijd.

Waterkwaliteit Jarenlang heeft deze typische bodemsoort een goede waterkwaliteit in de binnenwateren moeten ontberen. Allerlei toxische stoffen werden in het vetweefsel opgeslagen terwijl de kwaliteit van het voedsel minder werd. Daarnaast heeft men reproductie verstorende stoffen in paling aangetroffen en in toenemende mate ook allerlei parasieten. In veel gebieden zoals de Waal en Merwede is nog steeds een verbod van kracht om aal te vangen en te consumeren vanwege te hoge dioxines en PCBs. Overbevissing Andere manieren van vissen (zoals de kuilvisserij) hebben ook een grote rol gespeeld in de teruggang van de palingstand. Visbiologen hebben daar genoeg op gewezen, maar veel palingvissers vonden in een aantal interviews dat ze het beter wisten en gingen door tot het bijna op was. Daar komt nog bij dat het met palingetende vogelsoorten zoals aalscholvers en reigers de laatste jaren heel goed gaat. Echter predatie door vogels kan nooit de grote achteruitgang verklaren zoals vissers vaak beweren, omdat dan juist deze vogelsoorten door voedselgebrek een teruggang in de stand laten zien. Droogvallen Dat droogvallen van vistrappen een probleem vormt voor trekkende schieralen is voor de meeste mensen een raar verhaal‌. ze kunnen immers


over land trekken? Je hoort daar echter zelden iets over, ondanks het feit dat er in de nacht bij regenachtig weer (de beste tijd) in toenemende mate biologen in het veld zijn voor inventarisatie en lamponderzoek aan met name amfibieÍn en vissen. Zelf heb ik dit trek-fenomeen eenmaal waargenomen en nog wel overdag tijdens de eerste inventarisatie na de herinrichting van Polder Beneden Spiering in de Biesbosch: Het was 10 mei 1999. Door SBB was mij gevraagd een onderzoek te doen naar het voorkomen van amfibie- en visfauna. Het weer was goed maar wel wisselvallig kan ik me herinneren. Tegen het middaguur begon de lucht snel dicht te trekken en brak een heftig onweer los. De regen die volgde was van tropisch formaat en omdat de auto boven op de Bandijk dichtbij stond was ik daar net op tijd in gevlucht. De lucht werd inktzwart ‌ en onheilspellend! Bij toeval stond de auto precies voor de duiker die daar onderin de dijk het Gat van de Hardenhoek met de Spieringpolder verbindt of liever gezegd had verbonden omdat er onderaan de dijk voor de tralies die overtollige vegetatie moesten tegen houden nu een strook grasland lag. Grasland dat nu door de regen zeer drassig was geworden. Opeens was een beweging in het water zichtbaar, gevolgd door een aantal alen die zich door de spijlen van het rooster heen kronkelden

en zich tegen de oever omhoog in het drassige weiland begaven. Hyper enthousiast keek ik toe en vloog de auto uit met een broodje in de hand over het prikkeldraad langs het talud naar beneden. Toen ik beneden aan kwam waren al twee grote alen, tien meter verderop in de nieuwe Spieringplas verdwenen. Een andere volgde; de laatste, de dikste had er meer moeite mee dus heb ik hem geholpen. Het was gezien de kenmerken een schieraal in ontwikkeling. Waarom ze deze route kozen in plaats van de Spieringsluis (tijdens schutten) te gebruiken was onduidelijk. Een goed voorbeeld dat aangeeft dat paling niet zo maar even over kaden en graslanden van A naar B trekt deed zich voor in 2005 tijdens een onderzoek naar de verspreiding en habitat van de grote modderkruiper in het Pompveld. Bij een van de fuiken aangekomen, die op een driesprong van sloten gesteld stond, kreeg ik het idee dat er een zeer grote snoek of beverrat in de fuik moest zitten, zo zwaar gespannen stond het net. Bij het losmaken van de fuik zag ik vol verbazing dat er 4 grote vrouwtjes alen van 80/90cm. met een totaal gewicht van ruim 4 kg. opgepropt in zaten. Een 5de exemplaar was vermoedelijk van het mannelijk geslacht en veel kleiner. Verder werd er vrijwel geen paling gevangen in het Pompveld, ook geen rode aal (onvolwassen, jonge dieren). Dit resultaat geeft aan dat er dus

57


weinig of geen jonge paling naar binnen komt en dat volwassen dieren het Pompveld moeilijk verlaten. Het is al meer dan een decennium lang het algemene beeld in de meeste Nederlandse polderwateren. Ingang en uitgang Het binnen kunnen zwemmen en het verlaten van de Nederlandse wateren vormt voor een trekvis als de Paling een groot probleem, maar dit geldt overigens voor alle trekvissen. Het zogenaamde 'Kierbesluit' in het Haringvliet en een opening in de Afsluitdijk zullen verbetering brengen. In 2015 hebben nieuwe vistrappen en aalgoten op Tholen al flink succes geboekt. Zo worden steeds meer plaatsen intrekbaar. Ook binnen de plannen van de Kaderrichtlijn Water zijn honderden knelpunten voor vismigratie al opgelost of worden opgelost binnen enkele jaren.

58

Reddingsplan EU Om herstel van de paling populatie mogelijk te maken heeft de Raad van de EU in 2007 een Europese verordening vastgesteld en een akkoord gesloten tussen de 27 Europese lidstaten. Deze verordening verplicht alle lidstaten om met een eigen nationaal aalbeheerplan te komen en dit in de toekomst toe te passen, te evalueren en bij te stellen. Heel in het kort komt het o.a. op het volgende neer: Het wegvangen van glasaal voor de Aziatische markt moet trapsgewijs aan banden worden gelegd en

Nederland moet voor het oplossen van de migratieproblemen in ons land op grote schaal vistrappen aanleggen. Dit laatste is voor een groot deel al in werking. Er worden daarbij allerlei nieuwe technieken toegepast waarbij de effectiviteit wordt gemeten. Zo vindt bij barrières camera monitoring plaats en is er een aangepast turbinebeheer bij verandering in waterdebiet van toepassing. Tot slot De bedreiging van onze paling is dus niet alleen veroorzaakt door het ontbreken van de juiste visgeleiding of door overbevissing maar door een ‘en en’ situatie. Ondanks de toenemende betrokkenheid in Nederland en de andere EU landen ligt het niet voor de hand dat de palingpopulatie snel weer op peil zal zijn, daarvoor zijn de problemen rond de Europese paling te complex. Inmiddels zijn diverse verbeteringen geconstateerd, maar is 'Witte steenkool' voorlopig inderdaad goed voor het milieu maar slecht voor de natuur! ❀


De Plantenwerkgroep in 2015 Ernst-Jan van Haaften

De start‌ Sinds de start in 2013 maakte de plantenwerkgroep in 2015 haar derde jaar door. Voor aanvang van het seizoen hadden zich weer verschillende geïnteresseerden gemeld om aan te sluiten. Hierdoor bestaat de groep inmiddels uit 23 personen. Op een de startavond begin april op Fort Giessen zijn de plannen voor het seizoen besproken. Evenals de voorgaande jaren is weer een gebied uitgekozen om te inventariseren. Ook is een excursie gehouden naar een mooi gebied buiten de regio. Hier volgt een kort verslag van deze activiteiten.

Grote boterbloem

Inventarisatie van natuurgebied het Pompveld Een goede inventarisatie van het Pompveld vormde het hoofddoel van het seizoen. Omdat het hele gebied te groot is om in een jaar goed te onderzoek is gekozen alleen het westelijk gebiedsdeel onder de loep te nemen. De aanwezigheid van natte weilanden, grienden, bossen en veel slootjes zorgt voor een grote variatie aan plantensoorten. Gedurende het voorjaar en de zomer hebben we het gebied vijf keer bezocht. Hierbij zijn ongeveer 200 soorten genoteerd, waaronder verschillende bijzondere vondsten! In de slootjes vonden we veel waterplanten die buiten natuurgebieden nog maar nauwelijks te vinden zijn zoals Grote boterbloem, Pijptorkruid, Waterviolier en Holpijp. Aan lastige soortengroepen, zoals de fonteinkruiden en kroossoorten is speciaal aandacht besteed, waardoor we onder andere Spits en Puntig fonteinkruid konden

59


determineren. In de wilgengrienden is een geheel andere flora te vinden. Aan de noordkant van het gebied vonden we in natte greppels veel pollen van de zeldzame Elzenzegge. Op de oude wilgen groeien veel varen-soorten, waaronder Gewone eikvaren, Brede stekelvaren en Mannetjesvaren. In de bossen vonden we veel Groot heksenkruid, maar ook Hondstarwegras en Groot springzaad. Een nat hooiland in het centrum van het gebied bleek erg bloemrijk met bijvoorbeeld Moeras-rolklaver, Gewone brunel, Moeraswalstro en Kale jonker. De inventarisatie heeft de aanwezige soorten van het gebied goed in beeld gebracht. De resultaten zullen nog worden uitgewerkt in een verslag met een volledige soortenlijst. Excursie naar de Sliedrechtse Biesbosch Op 30 mei maakten we een mooie excursie naar de Sliedrechtse Biesbosch. Hier struinden we een dag lang door de graslanden van de Thomaswaard, Kraaiennest en Kop van de Oude Wiel. Dit gebied is befaamd vanwege de unieke stroomdalflora die er te vinden is. Tijdens onze excursie konden we hier volop van genieten. Een lange soortenlijst met vele bijzonderheden was het resultaat. Onder andere Rode bremraap, Bevertjes, Oosterse morgenster, Grasklokje,

60


Goudhaver, Weide-kervel, Kleine ruit, Knolsteenbreek, Ruige scheefkelk, Geelhartje, Smal fakkelgras, Stijf vergeet-mij-nietje en nog veel meer mooie soorten vonden we. Niet minder indruk maakte de enorme rijkdom aan bloemen in de hooilanden, met veel Margriet, Knoopkruid, Scherpe boterbloem. Dit maakte de excursie tot een zeer geslaagd uitstapje! Eindejaars plantenjacht Sinds twee jaar wordt deze activiteit georganiseerd door FLORON, de landelijke organisatie die onderzoek naar planten stimuleert. Het doel is te bekijken welke planten-soorten midden in de winter (kerstvakantie) nog bloeien. De zachte winters, die we tegenwoordig vaak meemaken, zorgen ervoor dat dit opvallend veel soorten zijn. De plantenwerkgroep doet op 30 december voor het eerst mee aan deze activiteit door het organiseren van een excursie bij Woudrichem. Op het moment van schrijven van dit artikel moet dit echter nog plaatsvinden. Een verslag is na 30 december te vinden op de Facebook-pagina van Altenatuur. Zie voor meer informatie ook www.floron.nl/plantenjacht. Vervolg in 2016 Ook dit jaar willen we weer een gebied in de streek goed inventariseren, welk gebied is nog niet bekend. Net als voorgaande jaren zullen we hiervoor verspreid door het jaar weer verschillende avonden door het gebied wandelen om alle soorten te noteren. Ook een excursie naar een mooi natuurgebied buiten de regio staat opnieuw op het programma. Interesse om mee te doen? Neem contact op met: * Johan de Bijl (johandebijl@hotmail.com), * Jaap van Diggelen (digge082@planet.nl) of * Ernst-Jan van Haaften (ejvanhaaften@hotmail.com) â?€

61


Vogels kijken op IJsland Jaap van Diggelen

Op IJsland is alles anders. Afgelopen zomer besefte ik dat opnieuw toen ik er voor de tweede maal met zoon Tom een aantal dagen was. Het verblijf op deze kolos van gestolde lava, uitgebraakt door de Mid-Atlantische rug ergens tussen het Amerikaanse en Europese vasteland is ĂŠĂŠn grote ontdekkingsreis. Het begint al bij aankomst op het vliegveld van Kevlavik. Net als de vorige keer moesten we bij het afhalen van onze opnieuw geheel witte huurauto, bevestigen aan de autoverhuurbalie dat het koetswerk geheel schadevrij was. Vijf jaar geleden strompelden we in het middernachtelijk donker om onze bolide heen en meenden geen schrammetjes, deukjes of ander door steenslag veroorzaakt letsel op de witte huid van onze heilige koe te zien. Dit keer had ik het er met Tom over gehad dat het handig zou zijn een zaklamp mee te nemen, gezien, ook weer opnieuw, het nachtelijke uur van aankomst. Tom dacht dat het licht van zijn smartphone voldoende zou moeten zijn. Ditmaal was de tactiek van de verhuurder gewijzigd. Er werd mij een formulier met een schets van onze auto (heilige koeien geef je geen geel oormerk, die schets je nog steeds) onder

62 62


de neus gedrukt en hier en daar zette de baliemedewerker een vinkje, met name links- en rechtsvoor op de auto. Of we even buiten wilden gaan kijken of er behalve de smetjes die hij zojuist op tekening aan had gegeven, ook nog overige ‘unreported damage’ was: schade die wij al constateerden als aanwezig, zonder dat wij er de oorzaak van zouden kunnen zijn. Achteraf bedenk ik me dat dit ritueel niets anders inhoudt dan een slaperige toerist prikkelen om nog eens goed het glimmende oppervlak van de auto af te speuren. Mocht in de eindeloze check-in/check-out van huurauto’s nog iets over het hoofd gezien zijn, dan kregen wij nu de kans om het nog te melden. We vonden uiteraard niets, zelfs niet de plekjes zoals op schets ingetekend: bestonden die eigenlijk wel? Het is, denk ik nu, meer een kwestie van mindsetting: wij gaan hier op dit eiland zorgvuldig om met onze spullen, of we dat goed in ons hoofd willen prenten. Natuurlijk had ik gelezen dat het met een luxe wagen niet is toegestaan buiten de geasfalteerde wegen te komen. Daarom zijn die karretjes ook spierwit, bedacht ik me. Als ze bij inlevering tot op het dak bruin zijn van het lavastof, dan geeft dat te denken. Waar heb jij gezeten? Overigens parkeerde ik later die week bij een waterval naast een zwarte Renault die bepokt en bemazeld was met korte strookjes wit plakband. ‘Reported damage’: reeds bekende schade, stond op ieder plakbandje. Toen begreep ik dat het schade-meldingscircus toch een soort van echt was. Landschap Het landschap van IJsland is van een ongeschonden naaktheid. Zodra je buiten bewoond gebied bent, en dat is al snel als je buiten Reykjavik komt, staar je over eindeloze vlakten lava, soms glad, dan weer pokdalig, kwistig bestrooid met rotsblokken; diepzwart of vreemd geelgroen door mossen en schaarse andere vegetatie. De horizon wordt vaak gevormd door bergkammen, -toppen of -ruggen. Rijdend over hoofdweg 1, de weg die de kust volgt en je in

63


ongeveer 1500 km het hele eiland doet ‘ronden’, verlies je het besef van ruimte en tijd. Je ‘normale’ referentiekader van menselijke landschapsinvulling (gebouwen en infrastructuur) ontbreekt evenals het natuurlijke: er zijn niet of nauwelijks bossen en dus ook geen coulissen die steeds nieuwe fragmenten landschap in je beeldveld brengen. Het is steeds de totaliteit van alles waar je middenin zit. Als je oog tot rust komt op een referentiepunt dan is dat gelijk voor tientallen minuten: een spierwit kerkje op een helling of een boerderij met wat biljartlakens groen, gepostzegeld op een ongerepte onmetelijke steenhelling. Alles doemt eerst op in je beeldveld, vervolgens heb je ruim de tijd om tot besef te komen wat je eigenlijk ziet, je passeert het een kwartier later en draait er zodanig omheen dat het tien minuten verderop nog in zicht is. Alsof je in een dinky-toy rijdt door het landschap rond de modelspoorlijn op je zolderkamertje maar dan in een ontzettend vreemde vorm van echt. Iedere vogel net anders dan bij ons Hoe onthaastend het landschap ook, in de korte tijd die ons gegeven was op het eiland wilden we zoveel mogelijk zien. Tom door de lens van zijn splinternieuwe Nikon camera, ik vooral door m’n Bynolyt verrekijker. Net als vijf jaar geleden had ik ook nu weer een verlanglijst van vogelsoorten die ik graag wilde zien, opschieten dus! Alles is anders op IJsland, niet in het minst de vogels. Een visdief die je langs ziet scheren is vrijwel zeker een Noordse stern, kijk goed naar iedere meeuw want een licht exemplaar kan zomaar een Grote burgemeester zijn en de eerste kraaien die ik zie blijken raven! Op binnenmeren maar ook in baaien en haventjes langs de kust zijn de meeste eenden Eiders en iedere fuut-achtige kan zomaar een Roodkeelduiker of IJsduiker zijn, de ‘gewone’ fuut ontbreekt. Waar soorten uit onze streken ontbreken nemen vaak heel andere hun plaats in, dat viel me op toen we in een gastverblijf bij een boerderij overnachtten.

64 64

Nationaal park Thingvellir


Kwetterende vogeltjes rond de gebouwen zijn hier geen Huismussen maar Barmsijzen en de rol van de Zwaluwen leek overgenomen door Graspiepers die rond de boerderij op insectenjacht waren. Sépappegaai En dan is er natuurlijk nog de nationale knuffelvogel van IJsland, de Papegaaiduiker, toepasselijk door de Friezen Sépappegaai genoemd. Deze clown onder de vogels leeft in 3 tot 4 miljoen paar (!) op het eiland. Dat is gelijk 60% van de wereldpopulatie. Toch moest ik er op onze vorige reis hard naar zoeken. De reisgids leidde ons toen via een onverhard slingerpad van krap 1 auto breed, naar de top van vogelrots Dyrholaey aan de Zuidkust. Hopend op weinig steenslag en geen enkele tegenligger reed ik met angst en beven omhoog. Boven aangekomen speurde ik vanaf de onbeschermde rand van de afgrond de rotsrichels af naar Papegaaiduikers (Puffins zeggen de Engelsen). Op de witgescheten rotsen wel Drieteenmeeuwen en Noordse stormvogels maar geen enkele Puffin. Het was 6 augustus, na half augustus zouden de Papegaaiduikers naar het Zuiden vliegen maar ze moesten er toch nog zijn, nu? Plotseling kwam ik op een idee. Voordat ze massaal op trek gaan, verzamelen ze in gigantische groepen in zee voor de kust. Vanaf de rand keek ik met m’n verrekijker in de duizelingwekkende diepte. En ja hoor, vanaf 120 meter hoogte ontdekte ik tienduizenden stipjes op het zee-oppervlak: dobberende Puffins. Af en toe vloog er eentje op en kreeg ik ze aardig in beeld. We hadden ons de spannende rit omhoog kunnen besparen dus. IJslanders zijn gek op deze vogels, niet alleen vanwege de handel - souvenirswinkels liggen vol met Papegaaiduikerknuffels en andere merchandise - maar vooral als delicatesse. Toch een beetje vreemd voor een vogel die op de internationale Rode Lijst staat.........

Dyrholaey

65


De vogels van IJsland zijn duidelijk nog niet gewend aan voortrazend verkeer. Nu valt dat ook nog wel mee zodra je op een half uurtje rijden van de hoofdstad bent. Eén auto per 5 á 10 minuten is dan al druk verkeer. Op veel plaatsen kom je het verschijnsel Einbreid bru tegen: eenbaansbrug. En die kan zomaar 100 meter lang zijn en terwijl pijlenborden of stoplichten geheel ontbreken heb ik niet gezien dat dit tot problemen leidde. Mocht je in de verte een tegenligger ontwaren dan wacht hij wel of je wacht zelf, als je het bord Einbreid bru hebt gezien. De asfaltrondweg is een 2-baans traject dat op een soort verhoging van een meter lavapuin door het landschap voert. Stoppen in de ‘berm’ kan niet: het asfalt stopt abrupt met een schuin steentalud waar je niet graag met je wielen af gaat. Zoals gezegd lijken de vogels niet beter te weten dan dat ‘hun’ open terrein altijd doorgaat, niet onderbroken door wegenlinten. Meerdere malen zag ik langs de route een Goudplevier op de asfaltrand staan, wat zeer gevaarlijk is gezien zijn platgereden soortgenoten die ik ook zag. De Torenvalk langs wegrand is op IJsland altijd het Smelleken (Falco columbarius, te omschrijven als de duif-achtige valk). Deze dwerg onder de valken posteert zich op keien of gewoon op de weg wat uiteraard zijn overleving niet ten goed komt: helaas zag ik vijf jaar geleden ook meermalen platgereden Smellekens (Engelsen hebben ook voor deze soort weer een schitterende naam: Merlin). Met tussen 500 en 1000 broedparen is dit veruit de algemeenste roofvogel op het eiland maar de exemplaren die wellicht uit gemakzucht van vogelvanger, aaseter langs de weg zijn geworden, zitten denk ik letterlijk op dood spoor. Toerisme is booming op IJsland waardoor de verkeersdrukte alleen maar toeneemt. Alles is anders op IJsland. Zo bestaan er helemaal geen amfibieën of reptielen op het eiland. De uitdrukking ‘koude kikker’ heeft kennelijk ook zijn grenzen. Insecten zijn er niet veel (met uitzondering van muggen) en de dagvlinders

66 66


ontbreken geheel wat voor mij toch wel een gemis is. Gelukkig heeft ieder nadeel zijn voordeel, namelijk dat je als bioloog dan weer beter naar de plantenwereld gaat kijken die ook schitterend anders is. Daarover een andere keer meer. Zoogdieren zijn op land niet algemeen maar in zee wel: robben en walvisachtigen komen in de visrijke baaien en zeeën rond het eiland algemeen voor. Op zoek naar de Giervalk Vijf jaar geleden kon ik Noordse Pijlstormvogel, Grote burgemeester, Grote jager, Zwarte zeekoet en natuurlijk de Papegaaiduiker toevoegen als NS, Nieuwe Soort, in m’n logboek. Bovenaan het wensenlijstje stond echter nog steeds de Giervalk. Concentreerde onze rondreis zich destijds op het Zuiden, nu richtten we ons op de eenzame (erg betrekkelijk begrip op IJsland) Noordelijker streken. Op een dagtrip langs de kust van het schiereiland Snaefellsnes zouden we kans maken op een Giervalk, die in het IJslands simpelweg Falki heet. De Giervalk is Europa’s grootste valkensoort. Zo groot als een Buizerd, groter nog dan ‘onze’ Slechtvalk en legendarisch vanwege zijn prachtige witte kleed. Zie, op de volgende bladzijde, de onovertroffen tekening van de Engelse ornitholoog John Gould: smetteloos wit, bespikkeld met pikzwarte hartjes. Hoe aaibaar kan een roofvogel worden. Giervalk – Falco rusticolus Witte vorm; John Gould 1873. Enige voorstudie maakte duidelijk dat ik een waarneming van de witte vorm op IJsland wel kon vergeten omdat die vrijwel alleen op Groenland voorkomt. Naast de donkere vorm die vooral in Scandinavië te vinden is kent IJsland een soort grijze tussenvorm. Er broeden naar schatting 300 - 400 paar op IJsland, met name in de onherbergzame hoger gelegen delen en op afgelegen

Op zoek naar de Giervalk bij Malarrif

67


68 68


rotskusten. Ze worden streng beschermd omdat er hoge prijzen voor gelden in de valkerij. Arabische oliesjeiks schijnen er bijna een ton voor over te hebben om met deze valk te kunnen jagen. De Giervalk leeft op IJsland voornamelijk van Alpensneeuwhoen (tot 90 % van de prooien), ook een soort van mijn lijstje. ’s Winters zijn deze hoenders, formaat Patrijs, ook spierwit waardoor ze oplossen in het sneeuwlandschap. Richting zomer wordt hun kleed zwartbruin waardoor ze dan wegvallen tegen donker lavasteen en vegetatie. Als in de vroege zomer het omschakelen van het witte kleed het verdwijnen van de sneeuw niet kan bijhouden, kun je geluk hebben en een licht beest op een donkere helling ‘spotten’. Nu in augustus was het daarvoor wel wat te laat in het seizoen en hoe we ook speurden, we zagen geen sneeuwhoenders. Onze zoektocht naar de Giervalk op Snaefellsnes was gezegend met prachtig weer. De temperatuur liep op tot de ongekende hoogte van 17 graden, wat door een heerlijke zon aanvoelde als ruim twintig. De Giervalk was te verwachten op de kliffen bij Malarrif volgens het boek De belangrijkste vogelgebieden in Europa. Op geen enkele kaart had ik deze plek kunnen vinden, vreemd want nu thuis vind ik hem direct met behulp van Google-Maps. We volgden de kustweg naar de punt van het schiereiland toen we plotseling een bordje met de afslag Malarrif passeerden. Yes! Dit was de hotspot uit een gerenommeerde gids, toch nog gevonden. We keerden om, namen de afslag, een doodlopend stukje asfalt richting een vuurtoren. We parkeerden en struinden een half uur over de rotsvlakte maar hadden geen geluk. Wat wil je ook met een vogelwaarnemingskans uit een boek van meer dan 25 jaar oud. Een prachtige dag maar helaas geen Giervalk. Ook het afscheid is anders De volgende dag is in sterk contrast met de vorige: het is druilerig weer,

Kustlijn bij Snaefellsnes

69


motregen, geen zon en geen vergezichten. Bovendien is het alweer de dag van vertrek. We checken uit bij ons hotel en rijden richting Kevlavik Airport. We hebben nog wat uurtjes speling en rijden naar de punt van het schiereiland Reykjanes, voorbij het dorpje Gardur. Ik kan geen afscheid nemen van IJsland en het waarnemen. Hier aan de kust zijn nog volop vogels te zien op de wiervelden op de rotsen. Steenloper, Bontbekplevier, Tureluur, Bonte strandloper. In de lucht Jan van Genten, Aalscholvers, Noordse stormvogels, Noordse sterns, Kleine mantelmeeuw en zelfs een Noordse pijlstormvogel. Ik noteer in mijn dagboek: ‘Op het ‘weiland’ terrein in de punt is een N. stern kolonie. Sterntjes krijsen, vliegen af en aan.Plusminus 50 m. voor me jagen 2 sterntjes krijsend achter een grote vogel aan. Duidelijk geen meeuw.Hij doet een paar vleugelslagen, glijdt even.De vogel is bruin, compact, veel groter dan de sterns.Het is duidelijk een roofvogel die verdwijnt achter een huis, ik ren er met Tom omheen maar we zien hem niet terug. Korte vleugels, rap, grootte wel Buizerd ongeveer. Dit moet een Giervalk zijn geweest. Later lees ik dat buiten het broedseizoen de Giervalken over heel het eiland zwerven, met name ook de nieuwe aanwas, de juvenielen, wat deze bruinachtige vogel waarschijnlijk geweest moet zijn. Op de wereldwijde waarnemingensite observado.org vind ik in totaal 5 meldingen van Reykjanes, de afgelopen 5 jaren (op 375 meldingen van heel IJsland). Geen ongewone vogel dus hier. Zul je altijd zien: bij verrassing kom je de vogelsoort tegen waar je eerder uitgebreid naar hebt gezocht op plaatsen waar hij zeker moest zitten. Maar dan altijd op een plaats waar je hem totaal niet had verwacht en bij minder gunstige waarnemingsomstandigheden. Alles anders op IJsland? Nou, bijna alles dan. ❀

70 70


Waarnemingen van sept. t/m dec. 2015 Doorgegeven aan Rinus Punt

Bedankt voor het melden, ik blijf op mijn post om de nieuwe waarnemingen te noteren! Met vriendelijke groet, Rinus Punt Hoofdstraat 48, 4265 HL Genderen Tel. 0416-352301 of 06-48638377 e-mail: mlpunt@hetnet.nl

71


Kringloopkachel op griendhout Johan Koekkoek

De provincie Noord-Brabant heeft in het kader van Natuur en Samenleving subsidie verleend voor de aanschaf van een houtkachel. De totale kosten voor aanschaf en aanleg bedragen zo rond de € 40.000. De subsidie hierop is iets meer dan de helft van dit bedrag. Dus in onze ogen substantieel. De motivatie voor het gaan stoken op wilgenhout is tweeledig: -­‐ Verbetering/verhoging (bio)diversiteit van ons landschap. -­‐ Vermindering gebruik fossiele brandstof. We leven in het stroomgebied van Maas en Rijn. Soms heb ik bij somber weer en heftige buien wel eens het gevoel dat we in het putje van de afvoer zitten. Maar als het dan opklaart en we met de beheercommissie van Altenatuur of de Liniewerkers van Brabants Landschap (zie elders in dit nummer) weer eens een perceeltje griend gekapt hebben en de stobben er parmantig bij staan dan is het regenbuigevoel totaal verdwenen. Zorgen omtrent klimaat en de daarbij behorende waterdreigingen spelen de laatste tijd toch wel wat sterker op dan een paar jaar geleden. Maar we proberen het tij te keren: geen fossiele brandstof meer gebruiken, en de lokale vegetatie, de natuurlijke begroeiing, stimuleren.

72

Stobbe, griend Emmikhoven


De afzet van griendhout begint duidelijk structuur te krijgen. Op de donderdag voor de natuurwerkdag, 7 november, hebben we met zijn zevenen van Altenatuur en Brabants Landschap, de griend aan de Wijde Alm, bij Uitwijk, afgezaagd. Op de natuurwerkdag was het plezierig uitdragen: -­‐ tak dunner dan 6 cm op de bos voor zinkstuk -­‐ dikker dan 6 cm op de stapel voor enerzijds palen voor oeverbescherming -­‐ anderzijds voor kachelhout. De gehele oogst wordt afgevoerd met onze uitrijwagen richting Pompveld alwaar het verder klaargemaakt wordt voor verzending. De kosten van het uitrijden worden opgebracht door de opbrengst van de drie soorten hout. Het kachelhout wordt afgevoerd naar het kringloopcentrum. We hebben daar nu zo’n 12 volle kooien staan met elk 4 kuub wilgenhout. Het stookhout heeft een lengte van maximaal 80 cm.

Kooien gevuld met wilgenhout 73


Op jaarbasis moet het wilgenhout 13.000 m3 aardgas vervangen. ’s Morgens om half negen wordt de kachel gevuld met 300 liter hout (100 kg) en aangestoken. Gedurende een minuut of 10 komt er rook uit de schoorsteen. Daarna zie je uit de schoorsteen alleen warme lucht opstijgen. Een warme kachel bijvullen levert altijd een weinig rookuitstoot op. Beslist een nadeel, maar helaas. De kachel verwarmt nu het hele gebouw met behulp van een buffer van 5.000 liter water. Als het gebouw warm is wordt het buffervat op temperatuur gebracht. De hoeveelheid warmte in het buffervat is te vergelijken met zo’n 40 m3 aardgas. Na de laatste vulling ’s avonds is er in de buffer voldoende warmte om de temperatuur in het gehele gebouw op 15 graden Celsius te houden. Voor de opslag van de houtvoorraad beschikt men over 20 kooien van elk 4 m3. Dit is net niet voldoende om de gehele winter door te komen. Deze voorraad wordt in de loop van de winter aangevuld uit de reserves die ergens in het veld opgeslagen liggen. Aan het einde van de winter worden de lege kooien weer volgereden met vers wilgenhout uit de gekapte grienden. ❀

74

Kachel met een buffer van 5m3


Kringloopcentrum Altena Kerkstraat 1, 4286 BA Almkerk.

tel. 0183-403080

- Inzameling - & Verkoop bruikbare goederen - Educatie & Voorlichting - Recycling

NIEUWE MEUBELEN? GROTE SCHOONMAAK? OPRUIMEN? VERHUIZEN?

BANKJE NODIG? OF EEN LEUKE BLOUSE? OF SERVIESGOED? OF DAT ENE BOEK?

Bel maandag t/m vrijdag van 9 tot 12 uur het Kringloopcentrum voor het ophalen van al uw bruikbare spullen!

Bezoek de Kringloopwinkel op de hoek van de Kerkstraat en de Woudrichemseweg in Almkerk!

OPENINGSTIJDEN KRINGLOOPCENTRUM

maandag dinsdag woensdag donderdag vrijdag zaterdag

winkel

afgeven bruikbare goederen

13.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 16.00 uur

09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 17.00 uur 09.00 - 16.00 uur

75


Doelstelling van de vereniging: We willen een bijdrage leveren aan het behoud en het bevorderen van de biodiversiteit in het Land van Heusden en Altena. Dat doen we o.a. door overleg met zoveel mogelijk personen of groepen waaronder overheden zoals gemeenten en provincie. Werkgroepen: - Beheercommissie - Fort-educatie - Vogelwerkgroep - Milieu en Klimaat - Weidevogelbescherming - DEcAB - Kringloopcentrum Altena

Activiteiten: - Natuurwandelingen - Lezingen - Diverse inventarisaties - Nachtvlindernacht - etc.

✠AANMELDINGSKAART Ja, ik wil ook meehelpen de natuur in het Land van Heusden en Altena te beschermen. Noteer mij daarom als lid / jeugdlid / gezinslid. naam: ______________________ straat: ______________________

Natuurbeschermingsvereniging ALTENATUUR

postcode: ________ ____

p/a. Mw. J. Pollema

plaats: ______________________

Dr. v. Vuurestraat 76

tel: _________________________

4271 XH Dussen

76 e-mail: ______________________

Altenatuurtje101  
Altenatuurtje101  

Veel plezier bij het doorbladeren en lezen van dit Altenatuurtje, hét verenigingsblad van Natuurbeschermingsvereniging Altenatuur!

Advertisement