Activiteitenverslag 2020

Page 1

Activiteitenverslag 2020 IGEMO: (t)huis in de regio Rivierenland



I n hou d s tafel 4

Algemeen directeur Peter De Bruyne aan het (voor)woord

6

Wonen en energie

12

Erfgoed

16

Klimaat

18

Projectontwikkeling en infrastructuur

34

Omgeving

43

Mobiliteit

46

Werken en leren, welzijn

51

Preventie en bescherming

54

Staten - Regionaal

56

Regionale samenwerking

61

In het DNA van IGEMO: de SDG’s


4 - IGEMO

Algemeen directeur Peter De Bruyne aan het (voor-) woord Jaarlijks presenteert IGEMO haar activiteitenverslag aan de algemene vergadering. Een moment om terug te blikken op het voorbije jaar. 2020 was geen Grand Cru-jaar. Vanaf begin maart overheersten de effecten van corona. Medewerkers werden verplicht om thuis te werken. Bestuursvergaderingen werden herleid tot “conference calls” via Teams. De mogelijkheden van online meetings werden afgetast en ontdekt. Maar onvermijdelijk leidde de “physical distance” ook tot een zekere mate van “social distance”, zowel op de werkvloer als in de relatie met de steden en gemeenten. Ondanks de moeilijke omstandigheden hebben de IGEMO-medewerkers in 2020 hun beste beentje voorgezet om de vele projecten, opdrachten en dienstverleningen uit te voeren. IGEMO profileert en manifesteert zich als een vereniging met twee hoedanigheden of rollen. Enerzijds bouwt IGEMO verder

haar uit

dienstverlening

met

nieuwe

aan

initiatieven,

haar

vennoten

projecten

en

diensten. Anderzijds investeert IGEMO in haar rol als regionaal samenwerkingsverband voor de 12 steden en gemeenten van het arrondissement Mechelen of de regio ‘Rivierenland’. Het laatste kwartaal van 2020 stond in het teken van de verlenging van IGEMO. Met het oog op de besluitvorming heeft IGEMO met haar vennoten enerzijds een evaluatie gemaakt over onze dienstverlening en anderzijds ook vooral vooruit gekeken naar de verwachtingen van onze vennoten naar de toekomst toe.


IGEMO - 5

De wijze waarop onze steden en gemeenten naar

een intergemeentelijk samenwerkingsverband creëert

IGEMO kijken is zeer divers en onderscheidend.

op zich geen band. Het biedt hoogstens een context

Sommige vennoten zijn eerder kritisch, anderen zijn

om verbondenheid te realiseren. Aan het vertrouwen

veeleer lovend. Alleszins, de evaluatie is zeer leerrijk

en de verbondenheid moeten we elke dag werken.

en biedt een enorme voedingsbodem voor onze toekomstige werking. Wat zijn de “lessons learned”?

Ten vierde, verwachtingen moeten correct gemanaged worden en engagementen moeten nagekomen

Ten eerste, de contacten met onze vennoten moeten

worden. Bij een aantal gemeenten leeft het idee dat

verder reiken dan de noodzakelijke besprekingen en

IGEMO dromen verkoopt, maar deze vervolgens niet

contacten met bevoegde schepenen en betrokken

zoals beloofd of afgesproken nakomt. Vooreerst,

ambtenaren in functie van onze projecten of diensten.

dromen mag en moet, maar we moeten ze wel

Het regelmatig afstappen bij onze vennoten, het

vastgrijpen en concreet maken. Zowel het proces of

periodiek organiseren van overleg met colleges en

het traject dat we willen bewandelen als het resultaat

managementteams zijn een absolute must.

dat we willen afleveren, moeten helder en duidelijk

Ten tweede, de verwachtingen van onze steden en gemeenten zijn zeer verschillend. Voor de ene vennoot is “good enough” de maatstaf. Zij kijken vooral naar IGEMO voor basisdiensten, het flexibel kunnen opvangen van calamiteiten en capaciteitsproblemen, het opruimen van hun dagdagelijkse shit die om een of andere reden is blijven liggen. Voor deze gemeenten is het belangrijk dat IGEMO snel en flexibel kan inspelen op acute noden, actuele problemen en uitdagingen. Andere vennoten verwachten net dat ietsje meer. IGEMO moet meer bieden en kunnen dan wat ze zelf in huis hebben. Het woord ‘topexpertise’ wordt daarbij niet zelden in de mond genomen. Wat IGEMO doet, moet extra zijn: een zeer hoog expertise- en kwaliteitsniveau, innovatief en creatief, outputgericht, maar met veel aandacht voor het procesmatige. De uitdaging voor IGEMO ligt erin om voor beide groepen van vennoten de gewenste dienstverlening te kunnen bieden, d.w.z. enerzijds een gedegen, betrouwbare en kwaliteitsvolle dienstverlening, waarbij vennoten uit de nood worden geholpen; anderzijds een dienstverlening op hoog expertiseniveau, waarnaar de vennoten met verwondering en bewondering naar opkijken en telkens opnieuw tot het besef komen: “wat een geluk dat we IGEMO hebben; dit hadden wij nooit zelf kunnen bolwerken.” Ten derde, het vertrouwen en de verbondenheid tussen de vennoot en IGEMO is complex maar o zo belangrijk. Het feit dat een gemeente vennoot is van

zijn, zowel voor IGEMO als voor de gemeente(n). Er mag geen misvatting kunnen bestaan over wat we gaan doen of wat we gaan bereiken. Wat IGEMO biedt en wat de vennoten mogen verwachten moet één op één afgestemd zijn. Vervolgens moeten we effectief doen en realiseren wat we vooropgesteld hebben. Geen excuses. Uiteraard kan en mag iets niet lopen zoals vooropgesteld. Er kan een kink in de kabel komen, een deadline kan door omstandigheden niet haalbaar zijn, het resultaat mag minder succesvol zijn dan verhoopt,… maar belangrijk is dat we dit niet onder de mat vegen of de gemeente in het ongewisse laten, maar wel hierover open, transparant en tijdig communiceren. Met deze en andere uitdagingen gaat IGEMO aan de slag! Dit gaat gepaard met veranderingen, ook op organisatorisch en personeel vlak. IGEMO heeft een missie, een ambitie en een plan. Gedreven door een groot geloof in lokale besturen en met een hart voor samenwerking, zetten de bestuurders en medewerkers van IGEMO zich elke dag in om met zin voor innovatie en creativiteit een kwaliteitsvolle en professionele dienstverlening te realiseren.   Dit activiteitenverslag is geen naslagwerk, waarin alle diensten, projecten en initiatieven omstandig worden omschreven. We bieden je bij wijze van proevertje een beperkte selectie

aan

van projecten, die

toonaangevend zijn voor de dienstverlening,  die IGEMO wil en kan bieden aan haar gemeentelijke vennoten. Ik wens jullie veel leesplezier!


6 - IGEMO

Wonen en energie

Iedereen heeft recht op een duurzame en kwalitatieve stek.

Stekr schiet gestroomd uit de startblokken IGEMO

heeft

sinds

juni

2020

een

nieuwe

dienstverlening naar de burger toe gelanceerd. Stekr heet die. Het bundelt de dienstverleningen van de Woonwinkel, het Woonloket en het Energiehuis en

Een naam die de lading dekt… met een knipoog De naam ‘Stekr’ is een energetische knipoog naar de eigen stek. Er werd lang nagedacht over de naam, maar Stekr dekt de lading volledig. De slogan ‘en

creëert zo één breed merk.

wonen loopt gestroomd’ drukt de ambitie van deze

Inwoners uit onze regio kunnen al jaren rekenen op

kwalitatief wonen promoten binnen Rivierenland.

een sterk uitgebouwde dienstverlening rond het thema ‘wonen’. Zo kon je in het gemeentehuis terecht bij de Woonwinkel of het Woonloket. Dankzij het Energiehuis kwam hier in 2019 een breed gamma aan energieadvies bij. Om inwoners optimaal te bereiken, werden al deze dienstverleningen rond wonen en energie in 2020 gebundeld. Stekr is werkzaam in de stad Lier en de gemeenten Berlaar, Bonheiden, Bornem, Duffel, Putte, Puurs-SintAmands, Sint-Katelijne-Waver en Willebroek.

nieuwe dienst perfect uit: Stekr wil energiezuinig en

Iedereen kan bij Stekr terecht voor: Alle vragen rond huren en verhuren; Ondersteuning van A tot Z bij je duurzame renovatie; Een gids in het financiële landschap van premies en leningen; Het beperken van het energieverbruik in je woning.


IGEMO - 7

Stekr kende (ondanks alles) een straf eerste jaar 2020 was allesbehalve een simpel jaar. Ook niet voor Stekr. Toch wist het team Stekr op de kaart te zetten als hét aanspreekpunt voor gratis advies op maat van de woning. Digitaal en telefonisch bleef Stekr bereikbaar, ook tijdens moeilijke coronamaatregelen en lockdowns. Het aantal dossiers, controles en adviezen was dan ook groot. Een stuk groter zelfs dan in 2019, toen de eenmaking van de Woonwinkel, het Woonloket en het Energiehuis nog niet van kracht was.

Nadine Labio, adviseur wonen en energie, is één van de drijvende krachten achter de loketwerking van Stekr. (Foto: Kaatigo)


8 - IGEMO

857

397 98

145

320

397 keer veldwerk in 2019:

857 keer veldwerk in 2020:

145 opnames in het leegstandsregister

320 opnames in het leegstandsregister

153 schrappingen uit het leegstandsregister

98 schrappingen uit het leegstandsregister

7

64

59

30

132 keer controle in 2019:

145 keer controle in 2020:

64 woningen conform

59 woningen conform

7 woningen niet-conform

30 woningen niet-conform

Controles woningkwaliteiT

145

132

Dossiers leegstand

153

Adviezen in loket

683

verstrekte adviezen in 2019

981

verstrekte adviezen in 2020


TO

TA

A

L

IGEMO - 9

201

529

ENERG I E

P R E M IE S 5

Aannemerspool

72

Energielening

44

Energiescan

Energiewetgeving - normen 2

Adviezen in loket

730

Aanpassingspremie 12 Fluvius 194 Gemeentelijke premies 32 Renovatiepremie 291

5

EPC

3

Mijnwarmhuis

AANTAL OPGESTARTE DOSSIERS

1

Offertevergelijking

21

35

TO

Zonnekaart

Energielening 29

L

9

V-test

555 A

4

Thermografie

65

Energiescans

TA

Renovatieadvies

6

Huur- en Isolatiepremie

1

Kreatie-Onesto

208

Mijn Warm Huis

Opvolgscan

9

237

Thermografische scans

Thermoscanning: warme vrijwilligers strijden tegen warmteverlies 7

237

10 opleidingen, georganiseerd voor vrijwilligers

opgeleide vrijwilligers

62 aanvragen voor thermoscan

2 uitgevoerde scans

scholen op de planning


10 - IGEMO

Jong en oud doen aan thermografie Voor het uitvoeren van de thermoscans rekenen we op sociaal geëngageerde burgers. Scholen en vrijwilligers gaan, na een opleiding, mee de straat op om thermografische scans bij burgers, buren, familie,... te maken. Zo nemen ze actief deel aan het lokaal energieverhaal. Burgers die een thermografische scan aanvragen, krijgen gepersonaliseerd advies en de nodige opvolging.

Maak kennis met 4 straffe vrijwilligers 2020 stond in het teken van 2 doelen: het opleiden van vrijwilligers en het opstarten van de werking met die vrijwilligers. Vrijwilligers Jan, Nancy, Paul en Ghislain waren enkele van de eerste enthousiastelingen binnen het project ‘Stronghouse’. Zij getuigen over hun ervaringen als thermoscanner.

Mijn interesse in thermografie werd aangewakkerd toen ik een audit liet uitvoeren bij mijn vorige woning. Ondertussen heb ik zelf een grondige renovatie achter de rug en bouwde ik veel kennis op. Je wooncomfort stijgt echt enorm wanneer je warmtelekken aanpakt. Bovendien moeten we met z’n allen het klimaat een handje verder helpen. Vrijwilliger Jan

Ik

merkte

meteen

het

verschil:

geen

koude

luchtverplaatsingen meer! Energie wordt steeds duurder. We moeten er dan ook duurzamer mee omspringen in het belang van de komende generaties. Nog niet iedereen is zich hiervan even bewust. Daarin wil ik graag helpen! Vrijwilliger Paul


IGEMO - 11

Als

interieurvormgever

ben

ik

geïnteresseerd

in hoe mensen wonen. Dankzij de thermoscans kan ik dorpsgenoten helpen bij het maken van hun energetische woonkeuzes. Ik roep dan ook geïnteresseerden in bouwkunde, technologie of (interieur)architectuur op om vrijwilliger te worden! Als thermoscanner doe je praktijkervaring op en leer je heel wat bij. Vrijwilliger Nancy

Ik heb zelf niet zo heel veel technologische voorkennis, maar ik help graag waar ik kan. Als thermoscanner kom ik in contact met mensen uit de buurt en kan ik mijn steentje bijdragen aan een beter klimaat. Vrijwilliger Ghislain

Goed voor je wooncomfort, het klimaat en je portemonnee! VDankzij de hulp van vrijwilligers kan Stekr de thermoscans gratis aanbieden. Alle vrijwilligers krijgen een opleiding en de nodige begeleiding van de renovatiecoach van Stekr. Energiezuinig wonen is beter voor je wooncomfort, het klimaat én je portemonnee. Vlaanderen wil bovendien tegen 2050 alle woningen klimaatneutraal maken. Er is nog veel werk aan de winkel, maar met onze warme vrijwilligers zetten we elke dag opnieuw een stap in de goede richting! Met steun van:


12 - IGEMO

Antwerpsestraat 144-148 te Lier, een voorbeeld van een waardevol pand, dat nog niet opgenomen is in de inventaris Onroerend Erfgoed.

Erfgoed

onze regio opgemaakt door het Vlaams Agentschap

De schat aan bouwkundig erfgoed binnen Rivierenland herinventariseren en valoriseren

heel wat interessante gebouwen aan bod, die niet op

Eén van de grotere projecten dat team erfgoed in 2020 uit de grond stampte (en dat de volgende jaren zal blijven lopen), is het herinventarisatie- en valorisatietraject binnen de gemeenten Willebroek, Duffel, Lier en Putte.

Herinventarisatie De inventaris bouwkundig erfgoed werd in 1985 voor

Onroerend Erfgoed. Tijdens de actualisatie (20172018) van de inventaris door de IOED kwamen echter de lijst stonden, omdat eerdere inventarisatietrajecten eerder thematisch of geografisch opgevat waren. Het herinventarisatietraject richt zich op het aanvullen van de bestaande inventaris erfgoed. Naast de reeds opgemaakte lijst tijdens het actualisatietraject zullen onze collega’s ook op zoek gaan naar waardevolle panden.

Valorisatie In de gemeenten is nood aan valorisatie: het naar waarde schatten van bouwkundig erfgoed. Het gaat hierbij om niet-beschermd maar wel waardevol erfgoed. Bij (ver)bouwdossiers is het soms moeilijk in te schatten welke gebouwen waardevol zijn, wat de erfgoedwaarde is en welke delen behouden moeten blijven. Vroeger was het Vlaams Agentschap Onroerend Erfgoed hiervoor verantwoordelijk, maar vandaag is dit een lokale aangelegenheid.


IGEMO - 13

Het valorisatietraject is een toolbox, die verder

Bovendien

is

het

de

bedoeling

bouwt op de inventaris erfgoed en de resultaten

quoteringsysteem ingebed wordt in gemeentelijke

van het herinventarisatieluik. Hierbij worden de

reglementen inzake stedenbouwkundige handelingen.

geïnventariseerde panden voorzien van een fiche met

Zo kunnen gebouwen met hogere erfgoedwaarden

een beschrijving van de verschillende erfgoedwaarden

beter beschermd worden en gebouwen met lagere

en de huidige conditie. Deze worden gelinkt aan een

bouwkundige

quoteringssysteem.

verbouwd worden.

Dit valorisatietraject betekent een vereenvoudiging

Met steun van:

erfgoedwaarden

dat

het

gemakkelijker

van het werk van gemeentelijke medewerkers, die in aanraking komen met deze panden. Zo kunnen ze snel zien welke delen van een geïnventariseerd pand belangrijk zijn om te behouden en, op die manier, gemotiveerd

beslissen

over

stedenbouwkundige

ingrepen.

Panden uit het herinventarisatie-traject + panden uit de inventaris bouwkundige erfgoed

Toepassing van het valorisatieinstrument Beschrijving, erfgoedwaarden, conditie en quotering

Snelle analyse van de erfgoedwaarden Betere bescherming van bouwkundig erfgoed

De werking van het herinventarisatie- en valorisatietraject, samengevat in een visual.


14 - IGEMO

Het kerkenplan, een cruciaal beleidsplan om in aanmerking te komen voor de restauratie van kerken, is een project van de IOED, uitgevoerd in opdracht van de gemeente Bornem.

Erfgoed, erfbeter, erfbest…

Dienst). Deze IOED is sinds 2016 actief in de regio Rivierenland. Sinds 1 januari 2021 vervoegt ook de culturele erfgoedcel Rivierenland onze werking.

De culturele erfgoedcel en de IOED, 2 diensten met 1 doel: het waarborgen en waarderen van cultureel en onroerend erfgoed Onze regio is met zijn kastelen, kerken, tradities en geschiedkundige verenigingen zeer rijk aan erfgoed. Dit erfgoed moet uiteraard beschermd en gekoesterd worden. De gemeenten zagen dan ook de nood om hierrond samen te werken met IGEMO. Deze samenwerking werd vastgelegd in de IOED (oftewel

Intergemeentelijke

Onroerend

Erfgoed

Het verschil tussen de IOED en de culturele erfgoedcel Rivierenland De IOED focust zich op het onroerend erfgoed in de

gemeenten

Bornem,

Puurs-Sint-Amands,

Willebroek, Sint-Katelijne-Waver, Duffel, Lier, Putte en Bonheiden.  Hun werkdomein  bestaat uit het bouwkundige erfgoed, het landschappelijke erfgoed en het archeologische patrimonium. Het team van de IOED verwezenlijkte reeds een aantal mooie projecten. Een voorbeeld hiervan is het beheersplan voor Stad Lier, waarin op een innovatieve wijze

gewerkt

werd

participatietraject,  om

met een

een

voorbereidend

draagvlak

voor

de


IGEMO - 15

van

beheersplannen te creëren bij de inwoners. De IOED stelde eveneens beheersplannen op voor het oude gemeentehuis van Putte en de site Midzelen in Sint-Katelijne-Waver.

Ook

het

geïntegreerde

de  Katelijnse  heemkundige

kring

Erf

en

Heem met de opmaak en het uitgeven van een heus Katelijns Woordenboek en het bestickeren van de nutskasten in Willebroek.

beheersplan voor de Bruine Beekvallei in Bonheiden is van de hand van de IOED. Tenslotte is de IOED IGEMO in een aantal gemeenten ook bezig met een grote herinventarisatie- en valorisatiecampagne. De culturele erfgoedcel Rivierenland richt

zich

op

het cultureel erfgoed in de gemeenten Bornem, Puurs-Sint-Amands, Willebroek, Sint-Katelijne-Waver en Duffel. Binnen het cultureel erfgoed is er een opdeling in roerend cultureel erfgoed en immaterieel erfgoed. Roerend cultureel erfgoed wordt bewaard in musea, archieven, bibliotheken, documentatiecentra, kerken,

kloosters,

bij

heemkundige

kringen,

erfgoedverenigingen, scholen, theaters, enz. Tot het immaterieel erfgoed behoren dan weer minder tastbare dingen, zoals verhalen, tradities, feesten, liederen, dialecten, stoeten, processies… Aan de officiële start van deze erfgoedcel, op 1 januari 2021, ging een uitgebreid voortraject vooraf. Dit voortraject werd opgestart in 2019 en liep door Met

de

gloednieuwe

culturele

erfgoedcel

Rivierenland richt IGEMO zich op het cultureel erfgoed in de gemeenten Bornem, Puurs-SintAmands, Willebrroek , Sint-Katelijne-Waver en Duffel.

in 2020. Het voortraject ging gepaard met een extensief participatiegedeelte, waarbij met alle erfgoedactoren van de gemeenten werd overlegd. Het doel van deze ontmoetingen: samen de uiteindelijke visie op cultureel erfgoed in de regio opstellen. Er zitten op dit moment al een aantal leuke projecten in de pijplijn: de begeleiding van het Groentenmuseum ’t GROM en het museum Fort Liezele in het bekomen van een regionale museumerkenning, het begeleiden

Nostalgische postkaarten uit Bornem, Duffel, Puurs-Sint-Amands, Willebroek en Sint-Katelijne-Waver. Deze kaarten maakten deel uit van een online en offline participatiecampagne tijdens het voortraject van de nieuwe culturele erfgoedcel Rivierenland.


16 - IGEMO

Een stuurgroep van Pentahelix vergadert in Puurs-Sint-Amands. Aan het woord: projectmanager klimaat Bert Serneels.

Klimaat

een participatief traject volgens de PentaHelix-

Regio Rivierenland ziet het leven door een groenblauwe bril

De PentaHelix-methodiek: wat houdt dat precies

IGEMO

hebben ook burgers en verenigingen, bedrijven,

is

territoriaal

methodiek opzetten. Daar zijn we heel tevreden over.”

coördinator

van

het

Burgemeestersconvenant voor klimaat en energie, de lokale vertaling van de Europese klimaatambities. In 2019 startte IGEMO gesprekken met haar gemeenten, om een Lokaal Klimaatpact af te sluiten en, via participatietrajecten, breed gedragen lokale klimaatactieplannen op te stellen en uit te voeren. Duffel, Berlaar en Puurs-Sint-Amands tekenden als eersten in. We vroegen projectmanager Bert Serneels wat 2020 heeft gebracht. Dag, Bert. Heb jij in 2020 nog andere gemeenten kunnen overtuigen om het Lokaal Klimaatpact af te sluiten met IGEMO?

“Zeer zeker, in januari 2020 stapten Bornem en Willebroek in en in september 2020 tekende ook Putte het Burgemeestersconvenant 2030. Sint-KatelijneWaver volgde begin 2021 als 7e gemeente, maar da’s voor het volgende activiteitenverslag (lacht). We kunnen dus in meer dan de helft van onze gemeenten

in?

methodiek, waarmee we in elke deelnemende gemeente

5

noodzakelijke

doelgroepen

willen

betrekken bij het opstellen en uitvoeren van het lokale klimaatactieplan. Naast het lokaal bestuur NGO’s en de academische wereld een belangrijke rol te spelen in het realiseren van de doelstellingen van het Burgemeestersconvenant. In 2030 40% minder CO2 uitstoten ten opzichte van 2012 is namelijk een enorme uitdaging, waar het lokaal bestuur op zijn eentje onvoldoende vat op heeft. Daarom moeten we alle stakeholders mee in het spreekwoordelijke bad krijgen.” Kun je dat concreet maken? Hoe heb je dat precies aangepakt?

“Samen met de schepen en ambtenaar voor klimaat en duurzaamheid kiezen we in elke gemeente gericht die actoren, die met een positieve ingesteldheid mensen kunnen mobiliseren en goede ideeën hebben rond zowel klimaatmitigatie –de uitstoot van broeikasgassen verminderen dus– als klimaatadaptatie –ons aanpassen aan de klimaatverandering, die nu al plaatsvindt. Klimaat omarmt een breed scala aan thema’s: wonen en renovatie, mobiliteit, duurzaam


IGEMO - 17

en

middenveldorganisaties hebben bovendien een schat

circulaire consumptie en het creëren van groenblauwe

aan ideeën, terreinkennis en een lokaal netwerk. Als

netwerken. Het is daarom van belang een divers

we al deze goede voorbeelden beter uitdragen en

samengestelde groep in elke gemeente te bereiken.

de bestaande positieve energie van alle betrokkenen

Denk bijvoorbeeld aan organisaties als Natuurpunt,

samenvoegen, ziet de toekomst er groenblauw uit

Velt, burgercoöperatie Klimaan of de Fietsersbond,

voor Rivierenland (lacht).”

ondernemen,

hernieuwbare

energie,

lokale

maar evenzeer werkgevers als Pfizer, Alvance of de plaatselijke UNIZO-afdeling. Ook leden van lokale adviesraden sluiten vaak aan.”

Ook de hogere overheden lijken sinds 2020 het

leven steeds meer door een groenblauwe bril te zien.

We gaan voor actieplannen, niet voor plannen om in een schuif te leggen.

Bert Serneels

Projectmanager klimaat

… Waarna jullie samen plannen maken? “Dat klopt, maar het moeten wel actieplannen zijn, geen plannen om in een schuif te leggen (lacht). Ik hoef niet uit te leggen dat mensen samenbrengen om rond klimaat te werken geen evidentie was in 2020. Toch hebben we ongeveer 20 lokale stuurgroepen – vaak online– gehouden met ruim 100 verschillende stakeholders. We overlopen dan wat de essentiële maatregelen zijn om de gemeente klimaatvriendelijker te maken. We kijken eveneens wat het huidige beleid van het lokaal bestuur reeds inhoudt of wat sommige lokale organisaties al gepland hadden. Door daarover in overleg te gaan, proberen we elkaars plannen te versterken en met nieuwe, aanvullende ideeën te komen.”

“Dat klopt, de Europese Commissie lanceerde in volle Coronacrisis haar zeer ambitieuze Green Deal. Het relancebeleid zal de komende jaren een groen investeringsbeleid zijn. Met IGEMO gaan we natuurlijk zorgen dat een deel van de beschikbare middelen naar Rivierenland stroomt. In Vlaanderen kondigden ministers Somers en Demir een Lokaal Klimaat- en Energiepact met de gemeenten aan, bovenop de al eerder aangekondigde Blue Deal, het plan tegen droogte. We kijken ook met belangstelling naar de kansen, die dat zal brengen. We hebben bij IGEMO overigens al heel wat klimaatprojecten lopende,

waarop

moeten jullie overal vanaf nul starten?

kunnen

intekenen: renovatieprojecten als ‘Van Thermoscan naar

Renofan’

en

‘SUPRA/De

Renovatiecoach’,

mobiliteitsproject MOVE en het 2IMPREZS-project rond energiebesparing op scholen.” Wat staat er verder nog op de agenda in 2021?

nieuwe jaar. We hebben stilaan voldoende ideeën verzameld en willen die vooral in de praktijk brengen. Om dat succesvol te doen, moet iedereen mee op de

“Neen, integendeel. Het is opvallend hoeveel acties, groot en klein, er al zijn. Alleen worden ze vaak niet in termen van klimaat benoemd. Alle besturen zetten bijvoorbeeld sterk in op fietsinfrastructuur, wat een

kar. We zullen dus een brede communicatiecampagne opzetten, zowel in onze deelnemende gemeenten als op regionaal niveau. Je hoort dus zeker nog van ons het komende jaar!”

belangrijke klimaatmaatregel is. Ook het behoud van open ruimte en vergroening staan al hoog op de agenda. Veel bedrijven doen al fantastische eerder

gemeenten

“Naast actie is communicatie hét codewoord van dit

Bestaan er al veel klimaatacties in Rivierenland of

maar

onze

onbekende

acties,

bijvoorbeeld

rond hernieuwbare energie of mobiliteit. Lokale

Met steun van:


18 - IGEMO

Woonproject Papenhof in Mechelen biedt kwalitatieve architectuur in het groen.

Projectontwikkeling en infrastructuur Project Papenhof: duurzaam wonen in het groen vlakbij het centrum van Mechelen woonproject Papenhof in Mechelen. Rond de 2 laatste ‘hofkes’ (Raapsteelhof en Aardpeerhof) van het woonproject werd in de zomer van 2020 het startschot gegeven voor de bouw van de eerste eengezinswoningen. methodiek, waarmee we in elke deelnemende gemeente 5 noodzakelijke doelgroepen willen betrekken bij het opstellen en uitvoeren van het lokale klimaatactieplan. Naast het lokaal bestuur hebben ook burgers en verenigingen, bedrijven, Woonproject Papenhof valt in de smaak


IGEMO - 19

De resultaten spreken voor zich: 80% van de bouwkavels (in totaal goed voor 27 BEN-woningen) werd tegen het einde van 2020 verkocht en de eerste eigenaars zijn intussen gestart met de bouw van hun woning. Er waren aan het einde van 2020 nog slechts 6 bouwkavels te koop, waarvan één voor halfopen bebouwing en 5 voor gesloten bebouwing.

het concept van de architectenpool. De eigenaars doen daarbij beroep op één van de 5 eigentijdse architecten, die door IGEMO en Stad Mechelen werden uitgekozen. De architecten werken binnen een vooraf vastgelegd materialen- en kleurenpallet. Op die manier wordt de kwalitatieve en coherente uitstraling van de woonwijk gegarandeerd, met voldoende ruimte voor eigen keuze en personalisatie door de eigenaars.

karakter van de wijk. Alle woningen worden voorzien van zonnepanelen en groendaken. Bovendien maken de 15 woningen boven de ondergrondse parking voor verwarming en koeling gebruik van een warmtepomp de bodem wordt gehaald.

10 voetbalvelden aan openbare ruimte en groengebied De duurzame, groene en autoluwe woonwijk Papenhof, goed voor 13 ha, krijgt zo steeds meer vorm. Meer dan een derde van het projectgebied, 4,7 ha of ongeveer

VillaVip: een thuis voor mensen met een beperking Begin september 2020 werd een verkoopovereenkomst tussen

Op die manier vrijwaren we het groene en autoluwe

in combinatie met een BEO-veld, waarbij energie uit

Voor het ontwerp van de woningen ontwikkelde IGEMO

ondertekend

Aardpeerhof en VillaVip terecht met hun wagen.

IGEMO

en

VillaVip

vzw.

VillaVip zal op de hoek van het Pastinaakhof en het Aspergeveld een zorgwoning realiseren, waar 10 volwassenen met een beperking samenwonen met een zorgkoppel. VillaVip heeft eind december 2020 de omgevingsvergunning verkregen en zal in 2021 van start gaan met de bouwwerkzaamheden.

Papenhof breidt verder uit Voor de realisatie van 21 BEN-wooneenheden met ondergrondse parking langs het Aspergeveld ging IGEMO op zoek naar een projectontwikkelaar. De opdracht werd in oktober 2020 gegund aan Willemen Real Estate. Het project bestaat uit 2 aparte bouwvolumes: het eerste volume wordt gevormd door een rij van 6 eengezinswoningen met tuin; het tweede volume bestaat uit een rij van 15 eengezinswoningen met tuin, met daaronder een ondergrondse parkeergarage. In deze garage kunnen ook de bewoners van het Raapsteelhof, het

10 voetbalvelden om precies te zijn, wordt ingericht als openbare ruimte en groengebied. Dit gebeurt aansluitend op het reeds bestaande Papenhofpark. Op dit moment is 70% van de wooneenheden, die initieel in het project voorzien zijn, al gebouwd en/of concreet gepland. De realisatie van de derde fase van het woonproject lonkt dus om de hoek.


20 - IGEMO

Pendelaar, schoolgaande jeugd of wielertoerist: de 14 extra kilometers veilig fietspad in de regio Rivierenland zijn er voor iedereen.

Het loopt op wieltjes: 14 km veilig fietspad in de regio Rivierenland De stad Lier en de gemeenten Berlaar, Putte en Duffel deden ook in 2020 een beroep op de dienstverlening van IGEMO inzake grondverwervingen voor openbaar nut. Vooral voor de aanleg van nieuwe fietspaden, in combinatie met rioleringswerken, is het aangaan van gesprekken met lokale grondeigenaars noodzakelijk. Het doel van deze gesprekken: eigenaars overtuigen om een deel van hun voortuin te verkopen aan de overheid. IGEMO legt hierbij de focus op een bemiddelende aanpak. Door een meer diepgaande dialoog te creëren tussen eigenaars en de overheid worden beide partijen letterlijk ‘gehoord’ wat betreft hun bezorgdheden. Vervolgens kunnen ze tot een oplossing komen, waarin beide partijen zich vinden. De aanpak van IGEMO wierp haar vruchten af. Zo werd in 2020 de eindspurt genomen in het afronden van meer dan 230 onderhandelingen voor de N10 in Lier, Berlaar en Putte, alsook de Hemelshoek in Berlaar.


IGEMO - 21

Jasmine Cryns, Goedele Adams, Annemieke Vrolijk en Sigrid Palmers poseren trots in een afgewerkte gymhal.

Gemeente Duffel en IGEMO samen voor een nieuwe gymhal De ontwikkeling van de nieuwe gymhal in Duffel startte in 2016. De oplevering vindt in 2021 plaats. Deze hal biedt plaats aan de 450 leden van turnkring OGK (‘Oefening Geeft Kracht’) en maakt turnen op het hoogste niveau perfect mogelijk. In dit meerjarenproject werken de gemeente Duffel en IGEMO samen, om zo tot een optimaal resultaat te komen. IGEMO is touwtrekker van het project; Duffel ondersteunt IGEMO in haar werking. Een totaalproject als dit vereist een uitgebreide planning. Alles begon bij projectmanager Carla Verraes. Zij stippelde het te volgen traject van A tot Z uit. Simpel was dat niet: het was immers de eerste keer dat IGEMO de vraag kreeg van een lokaal bestuur, om een dergelijk totaalproject op zich te nemen. Door de jaren heen staken heel wat IGEMO-medewerkers hun energie en expertise in dit project. Jasmine, Goedele, Annemieke en Sigrid, mochten, in naam van IGEMO, de afgewerkte gymhal als eersten betreden (en stiekem al eens uittesten).


22 - IGEMO

Dit zijn enkele experts (en hun takenpakket) achter de nieuwe gymhal te Duffel. Het grondgebied van de gemeente Duffel telt ca. 22,71km². Binnen dit gebied moest IGEMO in eerste instantie op zoek naar een geschikte locatie voor de gymhal. Dit was moeilijker dan het lijkt. Enerzijds moet het inplanten van deze nieuwe sportinfrastructuur binnen het bestaande planologisch kader van de gemeente passen; anderzijds moet het ook een antwoord bieden op de specifieke wensen wat betreft bereikbaarheid en parkeergelegenheid. Het bijzonder plan van aanleg Rooienberg-Oost vormde het planologisch kader van deze nieuwe sportsite. De site was, voor de komst van de nieuwe gymhal, reeds het kader voor het gemeentelijk zwembad, de sporthal Rooienberg, een atletiekpiste en verschillende voetbalvelden. Sigrid Palmers Deskundige omgeving

Ook budgetbeheer is één van onze vele taken. Bij de budgetbepaling van de gymhal bewees IGEMO haar kracht als neutrale partner. Er moest voldaan worden aan de kwaliteitseisen van de turnkring, maar ook aan het budget en de duurzaamheidseisen van het gemeentebestuur. Dit werd in een sluitende overheidsopdracht gegoten, om zo het perfecte bouwteam aan te werven. Ik behield als leidend ambtenaar steeds het overzicht over het hele project: facturatie, werfvergaderingen, het contact tussen de verschillende partijen, juridisch advies coördineren, technische fiches controleren,… noem maar op! In overleg met het gemeentebestuur, het bouwteam en de turnkring leidde ik alles in goede banen. Goedele Adams Projectontwikkelaar, budgetbeheer en bouwproces


IGEMO - 23

Nadat de geschikte locatie bepaald is, komt de uitdaging een gebouw neer te poten, waarbij de ambities van de opdrachtgever en de gebruikers op elkaar worden afgestemd. IGEMO nam hierin de taak van procesmanager. We stemden continu af met de verschillende partners, om de grote lijnen vast te leggen en, uiteindelijk, te komen tot een gedetailleerd beeld over hoe de gymhal er zou uitzien. IGEMO coördineerde ook alle nodige vooronderzoeken, zodat het toekomstige bouwteam alle data voorhanden had,

om

de

ontwerpplannen

bouwtechnisch

te

optimaliseren. In deze fasen zorgden wij ook voor de nodige preadviezen bij de diverse instanties, om een vlot verloop bij de omgevingsvergunning te garanderen. Bij dit project vormde uiteindelijk het archeologisch onderzoek één van de grotere uitdagingen. Tijdens het vooronderzoek stootten we immers op een 2.000 jaar oude Romeinse waterput. Tot hiertoe zijn maar weinig Romeinse nederzettingen in de nabije omgeving bekend. Duffel mag dus terecht fier zijn op deze uitzonderlijke vondst! Jasmine Cryns Projectontwikkelaar, aanbesteding en archeologie

Reeds bij de bouw van deze gymhal is er doordacht te werk gegaan. Het bestuur van Duffel en de aannemer hadden aandacht voor veiligheid en de geldende wetgeving. Dit zie je ook heel duidelijk in het eindresultaat. Voor de ingebruikname heb ik de controleverslagen bestudeerd en het gebouw bezocht. Op die manier kon ik zien hoe alles uiteindelijk in de praktijk is omgezet. Ik heb dan ook een positief advies voor indienststelling gegeven. Annemieke Vrolijk Preventie en bescherming


24 - IGEMO

2000 jaar oude Romeinse waterput Tijdens de voorbereidende graafwerken stootten de archeologen van GATE Archaeology op restanten van een Romeinse waterput van om en bij de 2 000 jaar oud. Nooit eerder werden er in Duffel dergelijke vondsten gedaan.

“Op basis van het eerder uitgevoerde archeologisch vooronderzoek werden nederzettingssporen uit de middeleeuwen verwacht. Tijdens de opgraving bleek echter dat er tussen de middeleeuwse sporen ook resten van een Romeinse nederzetting aanwezig waren. Van de houten huizen en bijgebouwen zijn vandaag nog de paalkuilen bewaard gebleven. We vonden ook een groot aantal Romeinse dakpanfragmenten, enkele ijzerslakken en typische Romeinse aardewerkvondsten.

Extra bijzonder is de manier, waarop de Romeinse waterput werd gebouwd. Hij is niet gemaakt met houten balken, maar met een houten vlechtwerk. De verticale staken werden in de grond geklopt en daartussen vlochten de Romeinen takken en twijgen. De houten structuur is bovendien goed bewaard. Jonathan Jacops Archeoloog


IGEMO - 25

Een (bedr)ijverig Berlaar verwelkomt KMO-zone De Hutten IGEMO en de gemeente Berlaar sloten 2020 feestelijk af. Voor het eindejaar van 2020 ontving Berlaar immers een gunstig Auditeursverslag, waarin de Raad van State werd geadviseerd het beroep tegen het RUP De Hutten te verwerpen (wat onderwijl ook effectief gebeurde). IGEMO nam hierop, weliswaar op behoedzame wijze, het initiatief, om verder te gaan met het voortraject van de projectontwikkeling. Er werd opnieuw leven geblazen in de samenwerking met studiebureau Arcadis en voorbereidende gesprekken werden aangevat met de gemeente Berlaar en diverse instanties.

Een economisch leefbaar Berlaar De toekomstige KMO-zone moet voldoende ruimte voorzien voor kleine en middelgrote lokale bedrijven, zodat de gemeente Berlaar op economisch vlak leefbaar

kan

blijven.

Momenteel

bedraagt

de

oppervlakte voor industrie- en KMO-zone slechts 1% van de totale oppervlakte binnen de gemeente. Deze is bovendien al volledig in gebruik genomen. Om plaats te bieden aan bijkomende kleinschalige bedrijvigheid,

evenals

de

herlokalisering

van

zonevreemde bedrijven, is de ontwikkeling van een lokaal bedrijventerrein absoluut noodzakelijk.

IGEMO denkt toekomstgericht Voor IGEMO is het totaalplaatje enorm belangrijk: een KMO-zone anno 2020 mag niet louter ‘pure’ bedrijfspercelen aanbieden. Enerzijds is groene ruimte daarbij cruciaal, zowel op als rond de site. In KMO-zone De Hutten blijven buurtbewoners bijvoorbeeld afgeschermd door een brede groenbuffer. Anderzijds zal zo weinig mogelijk verharding worden aangelegd. De focus ligt op de infiltratie en buffering van water. Door de specifieke inrichting zal de KMO-

Algemeen directeur van IGEMO Peter De Bruyne, Berlaars burgemeester Walter Horemans en bevoegd Berlaars schepen Willy Beullens (foto: David Legreve).

zone ook dienen als kortere weg voor fietsers en wandelaars, die vanaf de N10 snel willen doorsteken naar de achterin gelegen groene zones. Daarnaast krijgen zaakvoerders de mogelijkheid om te wonen op de KMO-zone. Zo zal het terrein ook na de werkuren kunnen leven en bloeien.


26 - IGEMO

Plaats voor 28 lokale bedrijven

zoveel mogelijk de interne inrichting af te stemmen op

Het grote aantal geïnteresseerde bedrijven bevestigt

oppervlakte van 4.2 ha en zal aan minstens 28 lokale

de toekomstige handelsactiviteiten. De voorlopige inrichtingsschets heeft een verkoopbare

de vraag naar een bijkomend lokaal bedrijventerrein in Berlaar. Een groot deel van deze bedrijven komt bovendien uit de gemeente zelf. Om zoveel mogelijk aan ieders noden te voldoen, wil IGEMO werken met flexibele perceelsgrenzen. Tijdens het voortraject zal IGEMO contact opnemen met de zaakvoerders, om

bedrijven plaats bieden. Op de KMO-zone zijn verschillende soorten activiteiten toegelaten, gaande van de productie en verwerking van goederen tot de opslag en herverdeling van goederen (groothandel). Ook

bedrijven,

toegespitst

op

onderzoek

en

ontwikkeling, kunnen hier hun plekje vinden.

Itterbeek Duffel, een voorbeeld aan duurzaamheid, is uitverkocht De KMO-zone ‘Itterbeek’ te Duffel is een voorbeeldproject voor Vlaanderen inzake duurzame ontwikkeling. IGEMO ontwikkelde in de jaren ‘90 al de eerste fase van het bedrijventerrein Itterbeek. Op deze eerste fase werden reeds de beginselen van een duurzaam bedrijventerrein gelegd. In 2000 begon IGEMO aan een tweede fase. Het koos daarbij resoluut voor de verdere uitbouw van het bestaande duurzame bedrijventerrein. Bij de ontwikkeling is veel aandacht besteed aan integraal waterbeheer, groenaanleg, biodiversiteit, mobiliteit, zuinig ruimtegebruik en gezamenlijk terreinbeheer. hemelwater wordt afgevoerd via open grachten tussen de percelen, die uitmonden in enkele open

Met de noodzakelijke aandacht voor integraal waterbeheer,

groenaanleg,

buffer- en infiltratiebekkens aan de achterzijde van

biodiversiteit,

de KMO-zone. Daarnaast is onder de rijbaan een

mobiliteit, zuinig ruimtegebruik en gezamenlijk

ondergronds bufferbekken voorzien dat dienst kan

terreinbeheer is KMO-Zone Itterbeek in Duffel

doen als bluswaterreserve. Voor de behandeling van

een voorbeeld op duurzaamheidsgebied.

huishoudelijk afvalwater zijn de bedrijven uit fase 2 aangesloten op een gemeenschappelijke kleinschalige waterzuiveringsinstallatie

Waterbeheer: infiltreren en capteren

(KWZI).

Het

gemengde

rioleringsstelsel in fase 1 werd omgevormd tot een gescheiden stelsel, zodat het ook voor de bedrijven uit fase 1 mogelijk werd zich aan te sluiten op de KWZI.

waterdoorlatende verhardingen. Hemelwater dat

Groenaanleg: buffers en beplanting

niet ter plaatse kan infiltreren wordt opgevangen

Daarnaast is veel aandacht besteed aan groenaanleg.

In

het

kader

nagenoeg

en

zoveel

alle

van

integraal

waterbeheer

parkeerplaatsen

mogelijk

hergebruikt.

uitgevoerd

Het

zijn in

overige

Ook de bedrijven hebben hier hun steentje aan


IGEMO - 27

bijgedragen. Er zijn groenbuffers aangeplant, er

koppelbouw en bebouwing met meerdere bouwlagen

werd voorzien in laanbeplanting langsheen de wegen

door IGEMO sterk aangemoedigd. Er werden

en de bedrijven hebben zich geëngageerd om

verschillende clusters voorzien met 2 tot 4 gekoppelde

minstens 15% van de niet-bebouwde oppervlakte

bedrijfsgebouwen. IGEMO heeft er daarnaast ook over

te beplanten. De aanwezigheid van open grachten,

gewaakt dat de bedrijven onmiddellijk minstens 60%

open infiltratiebekkens en veel groen komt de

van de bebouwbare oppervlakte effectief benutten.

biodiversiteit ten goede. Bovendien hebben IGEMO en enkele bedrijven, in samenwerking met Natuurpunt, bijenhotels geplaatst.

Mobiliteit: veilig en duurzaam Ook rond mobiliteit werd heel wat gedaan. De ontsluiting van de KMO-zone op de N108 werd volledig herzien in functie van verkeersveiligheid. Verkeerslichten

en

veilige

oversteekplaatsen

werden voorzien. Doorheen de zone is een fietspad gerealiseerd dat het centrum van Duffel met het bedrijventerrein verbindt. Om het gebruik van openbaar vervoer aan te moedigen, is de bushalte verplaatst naar een centraler punt en uitgerust met een fietsenstalling.

Ruimtelijke ordening: gekoppeld en efficiënt Om de beschikbare ruimte optimaal te gebruiken, is

Bedrijven: milieuvriendelijk en energiezuinig Heel wat bedrijven zijn koploper op het vlak van milieuvriendelijk en energiezuinig ondernemen. Zo is er bijvoorbeeld een bedrijf met passieve kantoren. Een ander bedrijf recupereert dan weer de warmte van diepvriezers voor de verwarming van het gebouw. Nog andere bedrijven hebben geïnvesteerd in zonnepanelen in combinatie met een warmtepomp, stellen elektrische dienstwagens ter beschikking aan hun medewerkers of produceren volledig CO2neutraal. De bedrijven hebben ook aandacht voor het gebruik van recycleerbare en herbruikbare materialen en verpakkingen. Kortom: de bedrijven dragen elk op hun eigen manier hun steentje bij.

Onderlinge samenwerking Tot slot heeft IGEMO ook ingezet op samenwerking tussen de bedrijven. Via gezamenlijk terreinbeheer worden de private grachten tussen de bedrijfspercelen en de laanbeplanting onderhouden, werd een samenaankoop voor elektriciteit, gas en afvalophaling georganiseerd en een nieuw bewegwijzeringsconcept ontwikkeld. In 2019 werd de laatste bedrijfskavel verkocht en onlangs is de nieuwe bewegwijzering geplaatst. Het bedrijventerrein is nu volledig gerealiseerd en biedt in totaal plaats aan 46 bedrijven op een oppervlakte van 18 ha. IGEMO is zeer fier op deze mooie realisatie, die in samenwerking met de gemeente Duffel tot stand is gekomen.

De KMO-zone ‘Itterbeek’ in Duffel is een voorbeeldproject voor Vlaanderen inzake duurzame ontwikkeling.


ST

A

TI

ST

IE

K

E

N

28 - IGEMO

Fase 1 ONTWIKKELD sinds begin jaren ‘90, 10 ha groot, 16 bedrijven gevestigd Itterbeek Duffel, een voorbeeld aan duurzaamheid, is uitverkocht


ST

A

TI

ST

IE

K

E

N

IGEMO - 29

Fase 2 ONTWIKKELD sinds begin jaren ‘00, 8 ha groot, 30 bedrijven gevestigd

Itterbeek Duffel, een voorbeeld aan duurzaamheid, is uitverkocht


30 - IGEMO

Of je nu in het centrum van Lier woont of in het buitengebied, de stad neemt, in samenwerking met IGEMO, de planning, de realisatie en het beheer van de IBA’s op zich als dienstverlening naar de burger toe.

Eerst water, de rest komt later: de IBA’s van de stad Lier In de stad Lier kunnen inwoners opnieuw intekenen voor de plaatsing van een IBA. Een wat? Een individuele behandelingsinstallatie voor afvalwater. Huishoudelijk afvalwater, dat niet geloosd kan worden op een gescheiden rioleringsstelsel, wordt op eigen terrein gezuiverd en geïnfiltreerd of proper afgevoerd in de bestaande grachten. Door meer water te laten zuiveren en infiltreren hopen Stad Lier en IGEMO een antwoord te bieden aan de droogteproblematiek in Vlaanderen. Uiteraard zorgt de propere regenafvoer ook voor kwaliteitsvollere waterlopen binnen onze blauwgroene netwerken.

Al 130 IBA’s gerealiseerd Sinds 2009 worden, in opdracht van Stad Lier, IBA’s geplaatst bij woningen, die te ver liggen van het rioleringsnetwerk. Het plaatsen van de IBA is een verplichting voor de eigenaar van de woning. Echter, omdat de stad Lier haar inwoners gelijk wil behandelen, ongeacht of ze nu in het centrum wonen of in het buitengebied, biedt de stad aan om de planning, de realisatie en het beheer van de IBA’s op zich te nemen als dienstverlening naar de burger toe.

Ontzorging is de hoofdprioriteit

Lier wordt in deze dienstverlening begeleid door IGEMO. De stad ontzorgen, dankzij onze aanwezige interne expertise, is bij deze samenwerking de hoofdprioriteit. Zo zorgde IGEMO in 2020 voor de opmaak van de betreffende overheidsopdracht. Deze

werd

vervolgens

gegund

aan

de

firma

BelleAqua, fabrikant en leverancier van kleinschalige waterzuiveringsinstallaties.

Besparing van 7 000 euro per eigenaar IGEMO coördineert ook de nodige plaatsbezoeken. In een eerste gesprek met de eigenaars bespreken we, samen met BelleAqua, vrijblijvend de mogelijkheden


IGEMO - 31

en de eventuele werkzaamheden, alsook de meest

en blijft van de stad– op privéterrein wordt geplaatst.

geschikte inplantingsplaats van de IBA. Wie ingaat

Per eigenaar wordt de totale besparing van deze

op het aanbod ontvangt een overeenkomst, waarbij

ingreep geschat op zo’n 7 000 euro.

ingestemd wordt dat de installatie –die eigendom is

IGEMO stroomlijnt de saneringswerken van basisschool De Kinderplaneet in Bornem Basisschool De Kinderplaneet, gelegen in de Jan Hammeneckerstraat in Bornem, plande de bouw van een nieuw schoolgebouw. Eén probleem: het kon deze werken niet laten doorgaan totdat een lekkende stookolietank onder de restanten van een oud gebouw eerst werd verwijderd. Al in 2002 werd een saneringsdossier opgestart om deze tank, samen met de omliggende vervuilde gronden, te verwijderen. Omwille van verschillende redenen, waaronder een bezwaar door buurtbewoners, zat het dossier echter muurvast.

IGEMO garandeert en coördineert IGEMO werd ingeschakeld om de voortgang van het project te garanderen. Tijdens een intense en efficiënte interventieperiode van 6 maanden coördineerde IGEMO onder meer de verdere aanstelling van studiebureau Esher bvba. Deze firma stond in voor de opmaak van een verslag van oriënterend en beschrijvend bodemonderzoek.

Ontzorgen met expertise Het is onze missie om, dankzij onze expertise, het lokale bestuur zoveel mogelijk te ontzorgen binnen dit project. IGEMO zette zich dan ook in voor de opmaak, publicatie en gunning van de overheidsopdracht. Zo konden de saneringswerken in het midden van de zomervakantie van 2020 plaatsvinden, waardoor de school gebruiksklaar was tegen de start van het nieuwe schooljaar.

Een vlotte samenwerking De samenwerking tussen de verschillende partijen verliep uitermate vlot. IGEMO volgde de administratie efficiënt op en eventuele bezwaren van buurtbewoners werden optimaal in kaart gebracht en behandeld. IGEMO besteedde ook de nodige aandacht aan de aftoetsing van de geplande saneringswerken met vzw Katholieke Scholen Groot-Bornem. Zij zullen immers de toekomstige bouwplannen van de school uittekenen en coördineren. Kortom: IGEMO kijkt verder dan haar eigen taken en probeert haar communicatie en werking te richten naar alle partners binnen dit verhaal.

Het mooie Bornem, waar basisschool De Kinderplaneet een zonnige toekomst tegemoet gaat dankzij de goede samenwerking tussen gemeente, IGEMO en alle andere betrokken partijen.


32 - IGEMO

Proefsleufonderzoeken worden uitgevoerd om te kijken of er archeologische sporen aanwezig zijn op een site.

Archeologische vooronderzoeken? IGEMO legt kwaliteit en efficiëntiewinst bloot. Sinds enkele jaren is de rol van archeologie bij ontwikkelingsprojecten sterk toegenomen. Om hierbij kwaliteit en efficiëntiewinst te bekomen, sloot IGEMO een raamovereenkomst af met de archeologische studiebureaus

BAAC

Vlaanderen,

GATE

en

Monument Vandekerckhove. Als aankoopcentrale stelt IGEMO deze overeenkomst ook open voor de gemeentebesturen binnen haar werkingsgebied.

Bouwprojecten en archeologie

De IOED IGEMO streeft naar een betekenisvolle omgang

met

het

archeologische

erfgoed.

De

afgesloten raamovereenkomst kadert hierin als opstap, om het archeologische traject zo vroeg mogelijk in het bouwproces te integreren. Het doel hiervan is optimaal rekening te houden met archeologische waarden, aangezien die een belangrijke bron van kennis over ons verleden vormen. De ervaring leert immers dat hoe eerder archeologische waarden worden vastgesteld, hoe sneller win-winsituaties gecreëerd worden voor zowel de bouwheer als de erfgoedsector. Waar veel projecten voor voldongen feiten staan, laat deze proactieve aanpak ruimte om nog andere maatregelen af te toetsen. Zo kan een aanpassing van het projectontwerp een opgraving vermijden en kostenbesparend werken voor de bouwheer. In het andere geval zorgt deze aanpak ervoor dat de nood aan een opgraving sneller duidelijk is, net als de kosten en duur ervan, wat vertraging en onvoorziene kosten vermijdt.


IGEMO - 33

Proefsleufonderzoeken worden uitgevoerd om te kijken of er archeologische sporen aanwezig zijn op een site.

Een actief erfgoedbeleid binnen projectontwikkeling Door deze raamovereenkomst wil IGEMO in eerste instantie een actief erfgoedbeleid voeren bij haar eigen projectontwikkelingen. Bijkomend heeft IGEMO de ambitie om deze dienstverlening, via de IOED, uit te breiden naar de lokale besturen. IGEMO treedt op als aankoopcentrale voor de uitvoering van archeologische vooronderzoeken bij vergunningsplichtige bodemingrepen. Dit wil zeggen dat de deelnemende gemeentebesturen via IGEMO bestellingen kunnen plaatsen voor het uitvoeren van archeologische bureaustudies, landschappelijk en archeologisch booronderzoek en proefsleuven. Daarnaast

kunnen

gemeentebesturen

beroep

doen op de IOED voor advisering tijdens het hele archeologietraject: de opmaak van de bestelbon, het beoordelen van de offertes, de opvolging van de uitvoering, enz. Gezien de goede relatie met de

sector en partners kunnen we ook snel inhoudelijke vragen aftoetsen met bijvoorbeeld het Agentschap Onroerend Erfgoed, Provincie Antwerpen, Dienst Erfgoed,…

Verschillende soorten archeologische vooronderzoeken In 2020 mocht IGEMO een 8-tal projecten in gang trekken, waaronder voor de Begijnhofsite (fase 2) in Lier. Op dit terrein zal de restauratie van 12 begijnhofwoningen gerealiseerd worden. Op basis van de verhouding prijs-kwaliteit selecteerde IGEMO studiebureau BAAC Vlaanderen voor de uitvoering van dit vooronderzoek. Vanaf de prijsvraag tot de uitvoering bewaakt IGEMO mee het plan van aanpak, zodat een vlot verloop kan worden gegarandeerd wat betreft de timing en de goedkeuring voor omgevingsvergunningaanvraag.


34 - IGEMO

Omgeving De intergemeentelijke omgevingsdienstverlening: expertise op maat De intergemeentelijke omgevingsdienstverlening is een team van experten, dat lokale omgevingsdiensten bijstaat, waar en wanneer nodig. Gemeenten kunnen rekenen op administratieve, technische en juridische expertise op het vlak van stedenbouw, milieu, ruimtelijke planning, GIS (geografisch informatiesysteem) en onroerend erfgoed. Wat in mei 2018 begon als een tijdelijke ondersteuning door de IGEMOdienst omgeving van het lokaal bestuur van Puurs-Sint-Amands, is anno 2021 uitgegroeid tot een volledig uitgewerkte intergemeentelijke omgevingsdienstverlening. Deze is momenteel actief binnen 4 van onze lokale besturen in de regio Rivierenland. Naast de gemeente PuursSint-Amands ondersteunen IGEMO-experten Lien, Jordi, Sigrid en Felipe ook de gemeenten Bornem, Bonheiden en Sint-Katelijne-Waver. Als streekintercommunale staat IGEMO in direct contact met de lokale besturen. Pijnpunten binnen de sector omgeving (bijvoorbeeld de voortdurende instroom van omgevingsvergunningsaanvragen, langdurig openstaande vacatures,…) zetten een omgevingsdienst onder grote druk. Daarom schiet IGEMO te hulp.

De experten van het team intergemeentelijke omgevingsdienstverlening: Lien Berben, Jordi De Vlam, Sigrid Palmers en Felipe Garcia Del Pino.


IGEMO - 35

De eerste ervaringen van/met de intergemeentelijke omgevingsdienstverlening Sigrid ondersteunt sinds eind 2020 de dienst omgeving van de gemeente Bornem. Ze doet dit 3 dagen per week. Begin 2021 sloot ook Lien zich aan bij de intergemeentelijke omgevingsdienstverlening, om zo een voltijdse ondersteuning van de omgevingsdienst Bornem via IGEMO te kunnen aanbieden. Samen met Annik Somers, vervangend diensthoofd omgeving, kijken Sigrid en Lien terug op hun eerste bevindingen en ervaringen.

Lien en Sigrid, de vrouwkracht achter de intergemeentelijk omgevingsdienstverlening.

goedgekeurd.” Op welke ondersteuning kan de dienst omgeving van de gemeente Bornem vandaag rekenen?

Sigrid: “Ikzelf voer verschillende taken uit voor de gemeente Bornem. Dit doe ik ter plaatse of van thuis uit. Weliswaar gaat mijn voorkeur uit

Waarom werd de ondersteuning aangevraagd?

naar het werken in de lokale gemeentehuizen,

Annik: “2021 blijkt voor de dienst omgeving te Bornem een vruchtbaar jaar te zijn. Door 2 gelijktijdige zwangerschapsvakanties binnen het team konden we

omwille van het persoonlijke contact. Ik volg de inkomende omgevingsvergunningsaanvragen op: van volledigverklaring tot en met het uitschrijven van een

de hulp van IGEMO goed gebruiken.”

advies. Ik beantwoord inkomende vragen vanuit de

Welke stappen diende de gemeente te

bewoners aan het loket op. Op woensdag voorzien

omgevingsmailbox en vang effectieve afspraken met we bovendien een avondloket.”

ondernemen om beroep te kunnen doen op de

intergemeentelijke omgevingsdienstverlening?

Lien: “Net als Sigrid beantwoord ik de inkomende

Annik: “De ondersteuning van IGEMO is vlot en efficiënt gegaan. Daar de intercommunale een zuiver moederbedrijf is, is ook de wetgeving overheidsopdrachten niet van toepassing. Graag geef ik nog even mee dat we voor de ondersteuning ook in zee gingen met andere partijen. IGEMO biedt een meer dan billijke prijs voor deze ondersteuning.” Sigrid: “Bij het toetreden tot de intergemeentelijk omgevingsdienstverlening gemeenten

zoveel

trachten

mogelijk

te

wij

ontlasten.

onze De

gemeenten stappen in via een raamovereenkomst, die we, in samenspraak met de gemeenten, steeds verder kunnen verfijnen. Deze raamovereenkomst wordt door de Gemeenteraad en de Raad van Bestuur

vragen

van

vanuit

de

burgers,

bouwheren,

omgevingsmailbox

omgevingsvergunningsaanvragen

en

architecten,… volg op

ik

de van

volledigverklaring tot en met het uitschrijven van een advies.” Wat is de grootste troef van de intergemeentelijke omgevingsdienstverlening van IGEMO?

Annik: “Het intergemeentelijke aspect biedt een meerwaarde. De experten van IGEMO kunnen immers ervaring vanuit andere besturen integreren in hun dagelijkse werk. Op die manier wordt meteen een optimalisatietraject gekoppeld aan verschillende processen. Zo leerde Sigrid ons al enkele kleine


36 - IGEMO

doch nuttige tips om o.a. ‘omgeving.net’ efficiënter te gebruiken. Wij ervaren dat we met de experten van de intergemeentelijke omgevingsdienst kunnen

IGEMO is overtuigd van het belang van sterke lokale besturen met een passie voor duurzaamheid, sociaal en maatschappelijk engagement. Lien: “Ondanks het feit ik nog maar enkele weken bij de gemeente Bornem werk, is het al een enorm leerrijke en boeiende ervaring geweest. Door samen te werken met de dienst ruimtelijke ordening van Bornem krijg je de kans om de mensen achter deze dienst te leren kennen. Bijgevolg kan je op een directe manier ideeën uitwisselen en van elkaar bijleren.” Sigrid: “Ik vind het zeer aangenaam werken in de gemeente Bornem. Ik ben al enkele jaren werkzaam bij IGEMO, maar ik leer nu pas de mensen achter onze lokale besturen echt kennen. Ik waardeer de samenwerking met de gemeente Bornem dan ook

Lien Berben ondersteunt de dienst omgeving van de gemeente Bornem.

enorm. Niettegenstaande mijn titel als deskundige omgeving leer ik nog elke dag bij door in aanraking te komen met concrete cases en situaties.”

beroepen op een uitgebreide dienstverlening met brede kennis en ervaring. In het adviseren van projecten leren we dus voortdurend bij.” Sigrid: “IGEMO is overtuigd van het belang van sterke lokale besturen met een passie voor duurzaamheid, sociaal en maatschappelijk engagement. Hiermee activeren wij een regionale dynamiek, ondersteunen wij steden en gemeenten en verlenen wij vernieuwende diensten op het vlak van wonen, werken en leven. IGEMO is vertrouwd met zijn lokale besturen en kent de specifieke werking ervan. Hierdoor kunnen we ons moeiteloos integreren binnen een lokale dienstverlening. Daarnaast vormt de vrijstelling van de BTW (cfr. zelfstandige groepering) voor onze gemeenten een grote troef.” Op welke manier kijk je terug op je eerste ervaringen met de intergemeentelijke

omgevingsdienstverlening van IGEMO? Annik: “De ondersteuning verloopt prima. Kortom: wij zijn supertevreden.”

Sigrid Palmers ondersteunt de dienst omgeving van de gemeente Bornem.


IGEMO - 37

Een eerste beeld van het Van der Lindenplein in Duffel. Je ziet de Netebrug aan de horizon.

IGEMO en Duffel bouwen samen bruggen De

nieuwe

Netebrug

in

Duffel

wordt

hoger

en zal parallel met de bestaande brug worden opgebouwd. Deze nieuwe infrastructuur past in een langlopende traditie, waarin Duffel ondertussen toe is aan haar vierde brug. Net als in de voorgaande vervangingsprojecten wordt ook nu de kans gegrepen om proactief te werken aan de directe omgeving van de aanlandingen, de Nete en, in uitbreiding, aan een toekomstperspectief voor een kern, die beide helften met elkaar verbindt.

1 project, 5 strategische gebieden Vanuit

het

toekomstperspectief

worden

Rond het Perwijspark;

De Stationsstraat; De omgeving van de Boomgaardstraat; De eigenlijke Netebrug. Ze zijn ‘strategisch’ omwille van hun locatie, de niet geringe uitdagingen, de hoge ambities en de betekenis die ze kunnen hebben in de ontwikkeling van de kern. We spreken van ‘gebieden’, omdat ze een zekere omvang hebben, maar ook omdat er verschillende opgaven in samenkomen, die niet los van elkaar bekeken kunnen worden.

De meerwaarde van het totaalproject: 1 + 1 = 3 Deze

strategische

geïntegreerde

gebieden

aanpak,

vragen

waarbij

om

een

verschillende

disciplines en stakeholders betrokken worden. Ook een

afbakening en verschillende strategische gebieden benoemd:

Het Van der Lindenplein;

vraagt het om een aanpak over projecten heen, opdat het resultaat meer zou zijn dan de optelsom van al die afzonderlijke projecten. Om die verschillende ambities af te stemmen en te verknopen tot een beter resultaat, wordt de rol van een ‘programmaregisseur’


38 - IGEMO

onderzocht, die samen met de gemeente zal werken aan de ruimtelijke en programmatische samenhang binnen de kern. De visie voor de kern is ontstaan vanuit een lopend masterplan voor de omgeving van het Van der Lindenplein. Daarin werd getracht om over de grenzen van het studiegebied de meerwaarde te onderzoeken in relatie met de kern. Vanuit dat denken werd een zesdaagse workshop georganiseerd onder leiding van IGEMO. Aanwezig tijdens die workshop: interne en externe experten, evenals verschillende stakeholders binnen en buiten de gemeente. De resultaten van dit denkwerk hebben geleid tot een meerledige ambitie voor de kern van Duffel, die als leidraad gebruikt kan worden om verschillende projecten beter op elkaar af te stemmen.

Een evenwicht tussen bottom-up en topdown werken Deze benadering is een mooi voorbeeld van een bottom-up benadering, waarbij bestaande initiatieven, lopende processen en dromen over de toekomst bij elkaar worden gebracht. Het biedt tegelijk een kader, dat kan worden aangescherpt d.m.v. gesprek en participatie met verschillende stakeholders. De combinatie van bottom-up en top-down werken loopt gericht en helpt om inzichten te laten leven en tot betere projecten te komen.

Binnen dit project werd een zesdaagse workshop georganiseerd onder leiding van IGEMO. Daar waren aanwezig: interne en externe experten, evenals verschillende stakeholders binnen en buiten de gemeente.


De ruimtelijke planning van Spreeuwenhoek, een gebied t.h.v. de Leuvensesteenweg, de Leuvense Vaart, Ragheno (Arsenaalsite) en het provinciaal domein Planckendael.

Ragheno en Spreeuwenhoek: IGEMO helpt Mechelen groeien en bloeien Als lokaal bestuur binnen Rivierenland kan je, letterlijk en figuurlijk, bouwen op ons team van ruimtelijke experts. IGEMO biedt immers advies en ondersteuning in alle fasen van een ruimtelijke visie: van beleid over ontwerp tot planning. Ook voor zeer specifieke ruimtelijke uitdagingen zoekt IGEMO een efficiënte en resultaatsgerichte oplossing. Zo kwam de stad Mechelen bij ons team van experts aankloppen m.b.t. 2 nieuwe projecten ruimtelijke planning: Spreeuwenhoek en Ragheno. Beide projecten maken dan wel deel uit van dezelfde stad, hun doelstellingen en ambities zijn toch heel erg verschillend.

Spreeuwenhoek: een groene en leefbare omgeving Spreeuwenhoek

is

het

gebied

tussen

de

Leuvensesteenweg, de Leuvense Vaart, Ragheno (Arsenaalsite) en het provinciaal domein Planckendael. De stad Mechelen wil dit gebied vooral een groene openbare invulling geven met voldoende wandel- en fietspaden. Daarnaast is er ook plaats voor compacte bebouwing en recreatieve voorzieningen in relatie met de bestaande kern. Al deze elementen samen moeten zorgen voor een groene en leefbare omgeving vlakbij het station en de Mechelse stadskern. Om deze doelstellingen te kunnen realiseren, is een bestemmingswijziging nodig naar woon- en recreatiegebied, wat enkel kan met een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP). IGEMO neemt het creëren van dit RUP op zich. Verschillende stakeholders, waaronder de buurt en de Vlaamse Overheid, zijn hierbij betrokken. Analyse en ontwerpend onderzoek worden ingezet om te komen tot een gepaste ontwikkeling tussen stad en openruimtegebied.

IGEMO - 39


40 - IGEMO

Ragheno: dé stadswijk van de toekomst

waar plaats is voor leefbare wijken, openbare ruimte

Ragheno is gelegen achter het station van Mechelen,

een kader voor de verdere ontwikkeling van de site.

in een gebied ter grootte van 100 voetbalvelden. Het bevindt zich tussen de Leuvensesteenweg, de Hanswijkvaart en de Hanswijkbeek. Hiermee vormt Ragheno een ruimtelijke schakel tussen verschillende

en ondernemerschap. Daarom werkt IGEMO, i.s.m. Tractebel en Plan+, aan een ruimtelijk uitvoeringsplan, om de principes uit het masterplan te verankeren in

Beide projecten, Spreeuwenhoek en Ragheno, lopen sinds 2019 en zouden, als alles volgens plan verloopt, tegen 2023 afgerond moeten zijn.

andere strategische stadsvernieuwingsprojecten, zoals de populaire woonwijk Coloma/Tervuursesteenweg en de winkel-wandelboulevard “Mechelen Boulevard leeft!”, die het station met het historische stadscentrum verbindt via de bekende Bruul. Vandaag is Ragheno een industrieterrein met weinig publieke ruimte, veel bedrijven en ook veel vervuilde grond. In de toekomst wil de stad van dit gebied een nieuw, duurzaam en aantrekkelijk stadsdeel maken, waar je kan wonen, werken, ontspannen en ontmoeten op een boogscheut van de kern. Ragheno moet uitgroeien tot dé stadswijk van de toekomst, met aandacht voor duurzame mobiliteit en innovatieve bouwconcepten in een omgeving,

Ragheno, een gebied ter grootte van 100 voetbalvelden, gelegen achter het station van Mechelen.

Omgevingshandhavingscel IGOHC behandelt recordaantal dossiers Samen met 7 lokale besturen en de betreffende politiezones vormt IGEMO, sinds 2016, de Intergemeentelijke Omgevingshandhavingscel (IGOHC). De cel wil het handhaven van schendingen inzake ruimtelijke ordening en milieu optimaliseren. Dit doet de IGOHC a.d.h.v. een handhavingsprogramma op basis van een uniform omgevingshandhavingsplan, een samenwerkingsprotocol en een jaarlijks actieplan. De IGOHC is op dit moment actief in Berlaar, Bonheiden, Bornem, Duffel, Lier, Putte en Sint-Katelijne-Waver. Met succes, zo blijkt!

De omgevingshandhavingscel: van een bescheiden begin...

Meteen na de opstart van de intergemeentelijke omgevingshandhavingscel gaven de aangesloten gemeentes

mondjesmaat

behandelde

dossiers

waren

dossiers

door.

bovendien

De

redelijk

eenvoudig. Er werd vooral ingezet op het schrijven en opmaken van het handhavingsbeleid.


IGEMO - 41

EVALUATIE DOSSIERS IGOHC 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0 Dossiers

Plaatsbezoeken

Raadgeving

Aanmaningen

Rauwe

cijfers Dossiers Plaatsbezoeken Raadgeving Aanmaningen Processen-verbaal Bestuurlijke maatregel Herstelvordering

Processenverbaal

Bestuurllijke maatregel

Herstelvordering

2018

2019

2020

69 50 1 29 18 1

74 97 0 51 27 2

106 164 30 111 62 10

2

4

6


42 - IGEMO

…naar een succesverhaal

dossiers is eveneens gestegen. Dit betekent dat

Ondertussen is het vertrouwen van de aangesloten

moeten genomen worden om te komen tot een

er meer dossiers zijn, waarin verregaande stappen

gemeentes in de omgevingshandhavingscel sterk

oplossing.

gegroeid. Het aantal dossiers steeg van 69 in 2018

Harde handhaving: meer uitzondering dan regel

naar 106 dossiers in 2020. De complexiteit van de “We ondervinden dat de partijen/overtreders zich meestal wel willen inzetten om tot een oplossing te komen. Door gewoon contact met hen op te nemen, is harde handhaving dan helemaal niet nodig.” Sara De Roeck Deskundige omgeving

Ondanks de stijging van het aantal complexe dossiers, worden de meeste overtredingen begaan omdat de wetgeving zeer complex is en de gevolgen niet altijd even duidelijk. De meerderheid van de dossiers wordt nog steeds opgelost met een gesprek of een brief. De door de gemeentebesturen aangestelde handhaver zal zijn vaststellingen altijd eerst formuleren via een aanmaning. Wanneer er echter geen gevolg gegeven wordt aan de aanmaningen, gaat het dossier over naar de gemeentelijke stedenbouwkundige inspecteur. In dit geval kan er meer herstelgericht gewerkt worden. Zo werden in 2020 9 bestuurlijke maatregelen opgelegd, evenals 1 veiligheidsmaatregel. Daarnaast leidde de IGOHC 6 herstelvorderingen in bij het Openbaar Ministerie. IGEMO beschikt over één aangestelde handhaver: Sara De Roeck, verbalisant ruimtelijke ordening, gemeentelijk

stedenbouwkundig

inspecteur

en

intergemeentelijk toezichthouder milieu. De omgevingshandhaving vormt hét sluitstuk van het vergunningenbeleid van de lokale besturen. De ambitie van deze cel is het inzetten op het lokaal handhaven met alle tools, die de Vlaamse decreetgever de besturen biedt.

Sara De Roeck, deskundige omgeving voor de Intergemeentelijke Omgevingshandhavingscel (IGOHC).


IGEMO - 43

Deskundige Pieter Dresselaers en projectmanager Tijs Veyt helpen mobiliteit binnen de regio Rivierenland op (deelfiets)wieltjes lopen.

Mobiliteit

Ik kwam uit de sector van de humanitaire hulp en

Opzij, opzij, opzij. Maak plaats, maak plaats, maak plaats. Team mobiliteit heeft ongelooflijke haast.

al een hele uitdaging. Daarbovenop kwam er een

Hallo, Tijs. In 2020 ben je gestart als

projectmanager bij IGEMO. Dat was in volle coronaperiode. Hoe verliep dat?

“Eerlijk? Niet helemaal van een leien dakje (lacht).

internationale betrekkingen. Me inwerken in mobiliteit en de complexe wereld van lokale besturen was dus lockdown een paar weken na m’n start bij IGEMO. Het is en blijft zeer bijzonder om mensen voornamelijk digitaal te spreken en te leren kennen. Moeilijk gaat echter ook. Ik heb bovendien zeer veel aan mijn fijne collega’s, die geen moeite sparen om me wegwijs te maken in mijn nieuwe job. Ik voelde al zeer snel dat ik bij IGEMO deel uitmaak van een ambitieuze en menselijke organisatie.” Mobiliteit is een zeer breed werkdomein. Hoe bepaalt IGEMO de focus?

“Klopt helemaal, mobiliteit is een heel belangrijk beleidsdomein voor lokale besturen. Het zit in feite op het snijvlak van ruimtelijke ordening, klimaat, lokale economie, sociale inclusie en vele andere


44 - IGEMO

ook

pilots in duurzame mobiliteit voor niet-stedelijk gebied.

razendsnel. Kijk maar naar de huidige trend in

Enkele voorbeelden: het Flexbus-pilootproject in

elektrificatie en digitalisering, die allerlei nieuwe

Klein-Brabant, deelmobiliteit in niet-stedelijk gebied,

mogelijkheden brengt. Niettemin hebben we focus

watervervoer, vervoersarmoede,... Zo’n Europees

nodig. Daarom kiezen we voor activiteiten, die

project is vooral interessant, omdat het de deur

dichtbij de bevoegdheden van lokale besturen staan.

openzet om samen te werken met andere nationale

We kiezen ook voor technologieën, die al “praktisch”

en internationale organisaties, die waardevolle kennis

klaar zijn. Technologieën, die voortvloeien uit wat

en ervaring inbrengen rond duurzame mobiliteit.

sommige besturen al geprobeerd hebben en waar een

Halfjaarlijks zijn er meetings met alle partners om een

grote regionale gemeenschappelijke deler mogelijk is.

stand van zaken te maken en de volgende stappen te

beleidsdomeinen.

Het

gaat

technologisch

Dat is bijvoorbeeld het ontzorgen van besturen bij het plaatsen van elektrische deelwagens of het verduurzamen van eigen vloten. Ook lokale communicatie en sensibilisering rond deelmobiliteit en fietsschoolwerking, waarbij we fietsvaardigheden bijbrengen aan kwetsbare doelgroepen, ondersteunen we vol overtuiging. Onze grote projecten, waar we

deze

activiteiten

onderbrengen,

zijn

het

samenwerkingsverband Bereikbare Regio en het Europese project MOVE.”

bespreken.

MOVE heeft héél wat resultaten geboekt, nietwaar? De pilot van de Flexbus in Klein-Brabant was een klinkend succes met 47% reizigersgroei tijdens de proefperiode. Deze resultaten hebben ook een invloed op de toekomst. In 2022 zal het openbaar vervoer in Vlaanderen heel wat veranderingen

Het ontzorgen van besturen bij het plaatsen van elektrische deelwagens of het verduurzamen van eigen vloten is voor ons een focus.

ondergaan. De nieuwe visie van de Vlaamse overheid –basisbereikbaarheid– zal dan in werking treden. Het succes van het Flexbus-project heeft anderen alvast geïnspireerd. Zo zijn alle belbussen van De Lijn nu ook online te boeken en heeft de meerderheid van de

Bereikbare Regio en MOVE: wat is dat ook alweer? Bereikbare

Regio

is

sinds

2016

vervoerregio’s in Vlaanderen Flexbussen opgenomen

het

samenwerkingsverband van onze lokale besturen. Het past binnen het bredere overlegmodel Rivierenland, met zijn regionale mandaatgroep, beleidsgroepen en Staten-Regionaal. Het doel is om over bestaande muurtjes heen te kijken. Bereikbare Regio legt zich binnen dit model toe op regionale projectvoorbereiding en -uitvoering wat betreft duurzame mobiliteit. MOVE (‘Mobility Opportunities Valuable to Everybody’) is ons belangrijkste regionale project op dit moment. Met Interreg-fondsen zetten we, via co-creatie, in op Saadet Gülhan en Alex Goethals, schepenen van mobiliteit voor Bornem en Puurs-Sint-Amands, poseren trots voor de Flexbus.


IGEMO - 45

in de vervoersplannen, die vanaf 2022 in werking

gespecialiseerde voertuigen. Ze zijn daarbij een

treden. Ook in onze eigen regio komen er

voorbeeld en hebben een voortrekkersrol. Wat

meer Flexbussen, o.a. in de omgeving van Bonheiden, Putte en Heist-op-den-Berg. Binnen MOVE hebben we, na voorbereidende gesprekken met aanbieders, Europese partners en regionale stakeholders, zoals de maatwerkbedrijven, ook een business plan opgesteld voor regionale deelfietsen. Dit business plan heeft 3 grote luiken. Allereerst wil het plan deelfietsen prioritair maken op grote knooppunten van het openbaar vervoer. Dit gebeurt in functie van natransport. Kortom: fiets en openbaar vervoer versterken elkaar. In een volgende, toekomstige fase staat er dan een uitbreiding naar

betekent zo’n samenwerking via een aankoopcentrale? Schaal én nabijheid bieden om lokale besturen te gidsen naar de juiste en meest duurzame oplossing voor hun noden. Het biedt de besturen ook betere voorwaarden. Die aankoopcentrale wordt opgestart in 2021, om dan vervolgens bestellingen te kunnen aannemen in 2022. Tot slot zijn we ook in het samenwerkingsverband Bereikbare Regio de speerpunten aan het finaliseren voor de komende 3 jaar. Acties rond duurzame logistiek, vrachtwagenparkeren, deelmobiliteit en fietsschoolwerking krijgen eveneens vorm!

een fijnmaziger netwerk gepland, veel meer op buurt- en lokaal niveau. Op die manier is er gestaag meer flexibiliteit voor reizigers, die een fiets kunnen nemen in voortransport en ook op elk punt hun deelfiets kunnen stallen. Tot slot focussen we ons op bedrijfsfietsen. Dit doen we in een gesloten systeem voor bedrijven(terreinen) via samenwerking tussen de maatwerkbedrijven en werkgevers. Het voorbeeld van Pfizer in Puurs-Sint-Amands leert dat zo’n systeem ook heel wat kansen biedt, om woon-werkverkeer met de fiets en met het openbaar vervoer te stimuleren. De eerste fase van dit plan is nu integraal overgenomen in het nieuwe vervoersplan voor Vervoerregio Mechelen. De nodige middelen worden daarom voorzien om deelfietsen vanaf 2022 op de 25 belangrijkste knooppunten in de regio te plaatsen.

Wat brengen de komende jaren? Er ligt best wat werk op de plank. Naast de al eerder vermelde projecten is IGEMO ook trekker in Vlaanderen, via samenwerking met alle andere streekintercommunales, om een aankoopcentrale op te zetten voor duurzame voertuigen. Lokale besturen staan voor een grote uitdaging om hun vloten te vergroenen, zeker binnen technische diensten en

Met steun van:


46 - IGEMO

Werken en leren, welzijn Duaal Leren: de ideale mix van leren in een onderneming en leren op school De onderwijsmarkt in onze regio is in volle verandering. Heel wat initiatieven zien dan ook het levenslicht. Zo is IGEMO voorzitter van het vernieuwde Provinciaal Overlegforum (POF) Duaal Leren en zet ze mee haar schouders onder het Centraal Meldpunt (CMP). Onder het motto ‘werken en leren in een topregio’ willen deze regionale initiatieven jongeren ondersteunen en begeleiden op het juiste moment in hun schoolcarrière.

Provinciaal Overlegforum (POF) Duaal Leren

schooljaar 2021-2022. Ondanks het feit dat al deze overlegmomenten digitaal zijn doorgegaan, zijn er grote stappen gezet in de netwerkvorming tussen de actoren.

Centraal Meldpunt Het Centraal Meldpunt is een ambitieus project tegen vroegtijdige schooluitval voor alle secundaire scholen in de regio. De doelstelling van het meldpunt: de ongekwalificeerde

binnen de regio.

Kansen benutten door regionale aanpak Dankzij de regionale aanpak van het CMP slippen jongeren, die binnen de regio van school wisselen, niet door de mazen van het net. Het POF Duaal Leren zorgt dan weer voor een evenwichtig, regionaal aanbod van trajecten.

duaal leren (30 maart 2018) voorziet in de oprichting van een overlegforum. In de provincie Antwerpen zijn er 3 erkende overlegfora, waaronder het overlegforum Rivierenland. Het overlegforum is samengesteld uit aanbieders van duaal leren, afgevaardigden van het CLB, sociale partners, het RTC, OCMW’s, VDAB, Syntra, het Departement Onderwijs & Vorming en

In deze rol als voorzitter hebben we in 2020 de verdeling van de ESF-middelen voor de projecten aanloopfase en IBAL in goede banen geleid. Ook hebben we met de betrokken actoren afgestemd over de programmaties voor het aanbod Duaal Leren voor

Rivierenland

aanspreekpunt en expertisecentrum voor alle CLB’s

werelden: werken én leren. Het decreet betreffende

waar.

binnen

verminderen. Het CMP fungeert als gemeenschappelijk

Duaal leren biedt jongeren het beste van beide

de organisatoren. IGEMO neemt het voorzitterschap

uitstroom

Met steun van:


IGEMO - 47


48 - IGEMO

Wijk-werken wijkt niet in Rivierenland, ook niet tijdens coronacrisis

de wijk-werking? “Uiteraard is er door de beperktere mogelijkheden in 2020 een daling vast te stellen in het aantal uren, dat de wijkwerkers hebben kunnen presteren. Als scholen sluiten of vzw’s hun werking opschorten, kunnen de wijk-werkers immers niet langer aan de slag daar. Ik heb tot mijn grote vreugde wel mogen vaststellen dat, bij elke versoepeling of heropening, het vertrouwen in onze wijk-werkers snel terug was. Vele opdrachten zijn dan ook nagenoeg meteen opnieuw opgestart.

Mara Piessens, coördinator van de wijk-werking Rivierenland.

Hey, Mara. Stel je eens aan ons voor. Wat

beteken jij precies voor het wijk-werken binnen Rivierenland?

“Mijn naam is Mara Piessens. Ik ben sinds september 2019 coördinator wijk-werken voor de 12 gemeenten

Wijk-werker Veerle maakt geboortegeschenken en cadeauzakjes voor de Stadsdienst van Lier.

van regio Rivierenland. Samen met de 7 bemiddelaars in het werkveld ondersteun ik de wijk-werkers en de gebruikers van de wijk-werking.” Hoe was 2020 voor jou en de wijk-werking?

In de regio Rivierenland blijven we continu inzetten op een zo gevarieerd aanbod voor wijk-werkers. Zo kunnen we beter inspelen op hun noden en de stap naar de arbeidsmarkt zoveel mogelijk verkleinen.

“2020 is voor iedereen een onvoorspelbaar jaar geweest. Als wijk-werkorganisator heb ik al snel besloten om, gedurende de lockdown, vooral in te zetten op een maximale ondersteuning bij (coronaproof) activiteiten. Zo hebben onze wijkwerkers o.a. kunnen helpen bij het veilig laten verlopen van markten. Deze flexibiliteit is een enorme meerwaarde voor gebruikers van de wijk-werking.” Wat was de invloed van het moeilijke jaar 2020 op

Met steun van:


IGEMO - 49

O PD RA C

381

H N

Meeste opdrachten in tuinonderhoud

A TI

EB

C

G

E S EV ER IK

RU

v

TE

1420

ACTIEVE WIJKWERKERS

826

Grootste groep gebruikers zijn de natuurlijke persoon

2020 in cijfers

Meeste uren

Er zijn tuinopleidingen

Er is geïnvesteerd in

gepresteerd in

georganiseerd voor

mondmaskers. Deze

de opdracht

alle wijk-werkers van

zijn aangeboden

‘ondersteuning en hulp

alle gemeenten van de

aan alle actieve

bij begeleiding van

regio

wijk-werkers ter

personen’

bescherming tijdens de COVID-crisis


50 - IGEMO

Liane De Boeck is sinds 2020 coördinator van de Regionale Welzijnskoepel.

Welzijnskoepel Rivierenland uit de startblokken De in 2019 opgestarte Regionale Welzijnskoepel Rivierenland schoot in 2020 écht uit de startblokken. Hoewel het wegvallen van de aanvankelijke coördinator en de uitbraak van de Coronapandemie die start niet vergemakkelijkten, werden toch een aantal urgente thema’s behandeld. Zo werd de door Corona stroef lopende dienstverlening van de vakbonden en de Hulpkas aangekaart. Dat resulteerde in gerichtere communicatiekanalen voor de OCMW’s bij moeizaam lopende dossiers. Knelpunten in de digitale cliëntdossiers van de lokale besturen werden geïnventariseerd via de werkgroep CIPAL. De in kaart gebrachte noden werden overgebracht aan de firma CIPAL en verder overleg is gepland. Naar aanleiding van het gevoel van hoge werklast kwam een werkgroep werklastmeting eenmalig bij elkaar om good practices te delen. Samen met het Family Justice Center werd een plan uitgewerkt om per politiezone een aanspreekpunt intrafamiliaal geweld aan te stellen. Dit werd gerealiseerd dankzij een bijkomende financiering van de gemeentebesturen. Ook de aanpak van dak en thuislozen kwam in een stroomversnelling terecht. Samen met het CAW Boom Mechelen Lier werd aan de hand van parallel lopende werkgroepen, zowel in Rivierenland als in de Rupelstreek, de problematiek in kaart gebracht en een eerste inspanning gedaan voor mogelijke oplossingen. Daarnaast vond er ook afstemming en uitwisseling plaats. Hoe omgaan met agressie en hoe de Coronacrisis aanpakken waren punten op de agenda. Ook het inzetten van de huurwaarborglening en het regelen van aanvullende steun werden besproken.


IGEMO - 51

AANTAL ARBEIDSONGEVALLEN

160 140 120 100 80 60 40 20 0 2011   2012   2013   2014   2015   2016   2017   2018   2019   2020

ongekend risico: COVID-19.

Preventie en bescherming

Een onbekend virus De lokale besturen stonden voor een grote uitdaging: hun

Voorkomen is beter dan genezen: de dienst preventie en bescherming Voor

de

GIDPBW

(Gemeenschappelijke

essentiële

dienstverlening

verderzetten

in

een periode, waarin er nog zeer weinig informatie beschikbaar was over dit nieuwe virus. Onze preventiedienst

werd

dan

ook

overstelpt

met

vragen van onze aangesloten besturen over hoe zij hun dienstverlening moesten organiseren, zodat werknemers hun activiteiten konden uitvoeren in optimale en veilige omstandigheden. Interne

Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk) was de start van 2020 op zich al spannend. Collega Jean Silverants ging op pensioen en nieuwe collega Annemieke Vrolijk volgde hem op. Veel tijd om in te werken kreeg Annemieke helaas niet, want al snel werden we geconfronteerd met een nieuw en

Gemeenten ontzorgen met advies Adviezen,

ondersteuning,

veiligheidsrondgangen,

risicoanalyses,… Ons team van preventieadviseurs was het hele jaar in de weer, om de aangesloten besturen door deze ongeziene periode te helpen.


52 - IGEMO

Sport en sportinfrastructuur (sporthallen en

Het ging dan om adviezen over: De werkorganisatie van essentiële diensten:

zwembaden);

thuiszorg, politiediensten, WZC’s,…;

Bibliotheken;

Telewerken en ergonomie;

Lokale dienstencentra;

Een veilige heropstart: klas- en kantoorinrichting,

Dienstnota’s politie;

organisatie gemeenschappelijk vervoer,…; Ventilatie;

...

Scholen waren een prioriteit in 2020

Handhygiëne; Nog zoveel meer.

Preventie en bescherming: een dynamisch gegeven

Heel veel aandacht ging naar het onderwijs, zowel het

Het dynamische aspect van preventie werd in 2020

zowel onze preventiedienst als het onderwijzend

des te meer in de verf gezet. Telkens opnieuw moest ons team schakelen naar aanleiding van nieuwe

leerplichtonderwijs als het deeltijds kunstonderwijs. Het klaarstomen van de 12 aangesloten scholen voor de heropstart in mei 2020 was een uitdaging voor personeel. Samen zijn we er echter wel in geslaagd alle aangesloten gemeentelijke scholen veilig te

wetgevingen, draaiboeken en protocollen.

helpen heropstarten.

In 2020 verschenen maar liefst 28 versies en

Een jaar, waarin uitzondering regel werd

aanpassingen van het MB (Ministerieel Besluit) Maatregelen

ter

voorkoming

van

de

verdere

verspreiding van COVID-19. Daarnaast moest ons team ook rekening houden met de verschillende burgemeesterbesluiten en politieverordeningen van de gouverneur. Ook de verwerking van de voortdurende stroom aan informatie en het opvolgen van de verschillende draaiboeken per sector nam ongeziene proporties aan. Door de verscheidenheid in dienstverlening van de lokale besturen was de opvolging van volgende draaiboeken en protocollen noodzakelijk:

Na de heropstart van de scholen waren de andere diensten

aan

bibliotheken,

de

beurt:

sportcentra,

lokale

dienstencentra,

zwembaden,…

De

werking van de GIDPBW stond eigenlijk zo goed als het volledige jaar in het teken van de COVID-crisis. De normale werking stond dan ook op een heel laag pitje: evacuatieoefeningen en geplande opleidingen werden geannuleerd, veiligheidsrondgangen stonden helemaal in het teken van COVID-19,… De coronapandemie vormde voor onze preventiedienst

Generieke gids;

een hele uitdaging op verschillende vlakken, maar er

Pandemiescenario’s en draaiboeken van het

arbeidsongevallen bereikte in 2020 een historisch

onderwijs; Kunst en cultuur; Kind en gezin; Ambrassade (Vlaams jeugdbeleid);

was ook een positieve kant aan de crisis. Het aantal lage score van 62 arbeidsongevallen met werkverlet, een daling met maar liefst 46% tegenover 2019!


IGEMO - 53

Ons team preventie en bescherming in de spotlight

De vele overlegmomenten om checklists af te stemmen, gezamenlijk adviezen uit te werken,… heeft ons in 2020 schijnbaar permanent in ‘teambuildingmodus’ doen belanden.

Veerle De Voldere GIDPBW-coördinator

Zo zie je maar: de COVID-periode heeft voor ons, net zoals bij de spreekwoordelijke medaille, ook een ‘positieve’ keerzijde gehad.

Marc Robijn Preventieadviseur

Wel of geen bezoek van de Sint aan onze lokale scholen: het is een advies, dat we mochten formuleren en dat me altijd zal bijblijven. Het toont ook aan hoe gevarieerd onze job is.

Annemieke Vrolijk Preventieadviseur


54 - IGEMO

Staten-Regionaal Regio Rivierenland groeit. Lokale besturen in de regio vinden elkaar steeds vaker en makkelijker om zowel operationeel als beleidsmatig samen te werken voor diverse uitdagingen in uiteenlopende domeinen. Stukje bij beetje wordt regio Rivierenland vormgegeven. Om te vermijden dat streekbeleid verzandt in een sectorale benadering, wordt er één maal per jaar een Staten-Regionaal georganiseerd. Dit is een meeting waarbij mandatarissen, ambtenaren, middenveldorganisaties, stakeholders en geïnteresseerden betrokken en geïnformeerd worden bij regionale ontwikkelingen en het streekbeleid. De laatste jaren groeide IGEMO uit tot het regionaal samenwerkingsverband van regio ‘Rivierenland’. Het spreekt voor zich dat IGEMO de organisatie van de Staten-Regionaal dus op zich neemt. De derde Staten-Regionaal vond op 7 maart 2020 plaats.


IGEMO - 55


56 - IGEMO

Regiomanagers Anthony Vanoverschelde en Ben Bruininkx, geflankeerd door Peter De Bruyne, algemeen directeur van IGEMO.

Regionale samenwerking Oost west, Rivierenland best: het team achter een ijzersterke regionale samenwerking Heel wat thema’s en beleidsdomeinen stoppen niet aan de gemeentegrens. Sinds 5 jaar werken twaalf gemeenten van het arrondissement Mechelen – gekend als regio Rivierenland – systematisch samen rond o.a. mobiliteit, economie, klimaat, welzijn en zorg, onderwijs, … De interesse voor een regionale aanpak zit in een stroomversnelling dankzij de

conceptnota Regiovorming van minister Somers. Intercommunale IGEMO was reeds voortrekker voor regionale samenwerking in Vlaanderen, en wil dit nog verder versterken via een nieuw team van deskundigen met elk hun eigen expertise. Hun ambitie: een regio met een sterke identiteit en samenwerkingscultuur neerzetten.

Maak kennis met de regiomanagers De duurzame ontwikkeling van Rivierenland centraal plaatsen in haar werking: dat is hét goede voornemen van IGEMO in 2021. Gebruik makend van de dynamiek van sterke lokale besturen, zet IGEMO bewuster in op een geïntegreerde aanpak binnen de regio. “Dat klinkt complex, maar het komt er kortweg op neer dat we in al onze activiteiten zullen kijken naar de economische, sociale én ecologische samenhang binnen de streek”, zegt regiomanager Anthony Vanoverschelde. Zijn collega-regiomanager Ben Bruininkx staat alvast te popelen: “Met een enthousiast en getalenteerd team als het onze gaat dat zonder twijfel lukken!”


IGEMO - 57

Wie zijn jullie? Ben: “Ik ben 32 jaar en woon in Edegem. Mijn vrouw en ik verwachten eerstdaags ons éérste kindje. In mijn vrije tijd neem ik regelmatig de koersfiets en verken ik het prachtige Rivierenland. Er is dichtbij huis geen mooiere streek om te verkennen. Fietsen in deze diverse omgeving, met haar vele fietspaden, landweggetjes, waterlopen, dorpen en steden, biedt mij rust. Het is ook de ideale manier om de regio beter te leren kennen. Na zo’n fietstocht kom ik steeds thuis met een hoop inspiratie om Rivierenland als regio nog sterker op de kaart te zetten.” Anthony: “Ik woon samen met de moeder van mijn 3 tieners in Willebroek, een parel binnen Rivierenland. Breng een bezoekje aan het Broek, de Hazewinkel of de Jachthaven in Klein-Willebroek en je weet dat ik niet overdrijf. Ik vind het ook heel fijn om Rivierenlanders te leren kennen. Daarnaast ben ik muziekfanaat en hou ik van cultuur, sport, wetenschap en, vooral, lekker eten. Voor al die dingen kom ik in Rivierenland volledig aan mijn trekken.”

Met ons enthousiast en getalenteerd team staan we ten dienste van lokale besturen om de economische, sociale én ecologische samenhang van het beleid binnen de regio Rivierenland te versterken. Het is een winwinsituatie voor alle partijen!

Anthony Vanoverschelde en Ben Bruininkx regiomanagers IGEMO

Wat doen jullie voor Rivierenland? Ben: “Onder impuls van onze algemeen directeur Peter De Bruyne zijn wij de stuwende kracht voor alle collega’s, die hun talenten en expertise bundelen om het potentieel van samenwerking in deze regio te maximaliseren.” Anthony: “Wat IGEMO interesseert, is dat Rivierenland zijn reputatie als goed voorbeeld van duurzame streekontwikkeling versterkt. Om hieraan bij te dragen, organiseert IGEMO overleg met en tussen lokale besturen en hun belanghebbenden. Ons doel: vanuit Rivierenland bijdragen aan een milieu- en klimaatvriendelijk Vlaanderen en het bevorderen van duurzaam handelen en ondernemen.” Ben: “Cruciaal in ons denken en werken zijn de SDG’s, oftewel duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (‘sustainable development goals’). Dit zijn binnen de Verenigde Naties afgesproken, wereldwijde streefdoelen voor duurzame ontwikkeling. Ze zijn één en ondeelbaar. Ze reflecteren de 3 dimensies van duurzame ontwikkeling: de economische, de sociale én de ecologische dimensie.” Anthony: “Het is een voorrecht te kunnen samenwerken met de toppers binnen ons team regionale samenwerking. We zijn trots hen even te mogen voorstellen!”


58 - IGEMO

Mobiliteit binnen Rivierenland

Wat doen jullie voor Rivierenland? Pieter: “Ik werk samen met de gemeenten en met een netwerk van burgerorganisaties, experts en bedrijven om onder meer deelmobiliteit, elektrisch rijden en voor iedereen toegankelijk vervoer mogelijk te maken. Regio Rivierenland biedt veel opportuniteiten voor duurzame mobiliteit, bijvoorbeeld om op een aangename, veilige en comfortabele manier te fietsen. We zijn daarnaast ook de regio met het grootst aantal treinstations per inwoner. Er liggen dus heel wat kansen om mensen de overstap te laten maken naar meer duurzame en gezonde manieren om zich te verplaatsen. Ik vind het voor mezelf een mooie missie om mensen die overstap te helpen maken.” Tijs: “Binnen IGEMO werk ik aan een resem uiteenlopende projecten: van deelmobiliteit over

Deskundige mobiliteit Pieter Dresselaers en projectmanager mobiliteit Tijs Veyt.

vervoersarmoede tot boeiende pilootprojecten, zoals de Flexbus in Klein-Brabant. Mobiliteit is dan ook

Wie zijn jullie?

een breed domein op het snijpunt van vele andere

Pieter: “Mijn naam is Pieter Dresselaers. Binnen

lokale economie, sociale inclusie, enzovoort. Mobiliteit

IGEMO fungeer ik als deskundige mobiliteit. Ik ben een fervent fietser en ga zonder eigen auto door het leven. Ik geloof dan ook echt dat het in Vlaanderen perfect mogelijk is om ons op een veiligere, gezondere en meer leefbare manier te verplaatsen. Daarom zet ik graag mijn schouders onder de ambitie van IGEMO om, met de gemeenten en steden in onze regio, tot de meest innovatieve te behoren op het vlak van duurzame mobiliteit.” Tijs: “Mijn naam is Tijs. Ik ben projectmanager binnen de cluster mobiliteit. Ik heb een professionele achtergrond in economie en de humanitaire wereld. Na wat buitenlandse omzwervingen, ben ik opnieuw beland bij mijn roots, in het prachtige Rivierenland. Ik ben namelijk geboren en getogen in Bornem, parel aan de Schelde, en woon nu in Mechelen. Mijn ambitie voor de toekomst: dat het nog aangenamer wordt om te fietsen langsheen de vele jaagpaden in de streek en dat we binnenkort opnieuw halt kunnen houden aan Zennegat 13 om wat te drinken en eten met familie en vrienden.”

thema’s. Denk maar aan ruimtelijke ordening, klimaat, evolueert bovendien heel erg snel, technologisch gezien dan. De huidige trend in elektrificatie is hiervan een goed voorbeeld. Rivierenland is zeer goed ontsloten, met heel wat voorzieningen op een zakdoek bij mekaar. Dit is een enorme troef, maar ook één die we moet veiligstellen voor de toekomst. Uiteraard is het een flinke uitdaging om meer in te zetten op fietsen, openbaar vervoer, deelmobiliteit en zero-emissie mobiliteit. Het is er echter wel één, die IGEMO, lokale besturen en heel wat andere partijen moeten

aanpakken.

Mijn

persoonlijke

ambitie:

Rivierenland een voorloper maken in duurzame mobiliteit. Concreet houdt dit in dat we straks beter doen dan de Vlaamse doelstelling om 40% van de verplaatsingen te verduurzamen tegen 2030. Als regio moet Rivierenland hierin minstens 50% halen. Op die manier kan socio-economische groei hand in hand gaan met een verminderde druk op ons leefmilieu.”


IGEMO - 59

Coördinator Regionale Welzijnskoepel Liane De Boeck en proces- en projectmanager ruimte Frédéric Rasier.

Welzijn en omgeving binnen Rivierenland

thuislozenbeleid. Daarnaast worden er afspraken gemaakt over de aanpak van intrafamiliaal geweld in de regio en de samenwerking om tot één loket kinderopvang te komen. Via het delen van goede praktijken en het samen aankaarten van knelpunten,

Wie zijn jullie?

gaat het welzijn in de regio er stevig op vooruit. Ik ben

Liane: “Ik ben Liane De Boeck. Sedert 1 november ben ik coördinator van de Regionale Welzijnskoepel Rivierenland. Voordien beperkten mijn activiteiten in de regio zich tot het maken van prachtige wandelingen in het weekend. Regio Rivierenland is echter zoveel meer dan een verzameling van mooie wandelplekken.” Frédéric:

“Ik

ben

Frédéric

Rasier,

proces-

en

projectmanager ruimte binnen de cluster omgeving. Mijn persoonlijke drijfveren en die van IGEMO liggen dichtbij elkaar. Immers, wat ons beiden drijft, is de zoektocht naar en het moment waarop alles samenkomt in één logisch verhaal. Zowel IGEMO als ikzelf zoeken naar coherentie, naar een brede visie, naar de samenhang in ogenschijnlijk tegenstrijdige

dan ook trots dat ik aan die impact kan bijdragen!” Frédéric: “Ik kijk naar ruimtegebruik binnen het Rivierenland.

Analyseren

en

maatschappijkritisch

denken, om zo ambities en visies te formuleren, vormen een vaste waarde in mijn aanpak. Ik vertrek steeds vanuit de ambitie om een kwalitatief resultaat neer te zetten, of het nu gaat om het ontwikkelen en toepassen van instrumenten of het uitvoeren van studies of ontwerpend onderzoek. Ik tracht eveneens coalities te vinden, die in een verder traject de realisatie kunnen ondersteunen op het terrein. In het DNA van IGEMO zit immers de ambitie om geïntegreerd en verbindend te werken over verschillende beleidsdomeinen heen. We stellen onszelf als doel de kwaliteiten binnen

belangen en perspectieven.”

Rivierenland in de verf te zetten, maar, minstens

Wat doen jullie voor Rivierenland?

te benoemen. Mijn doel: een regio met een sterke

Liane: “Via de Welzijnskoepel stemmen de 12

regio pakken we de vraagstukken van vandaag aan,

even belangrijk, ook de knelpunten binnen de streek

gemeenten van onze regio met elkaar af over verschillende

welzijnsthema’s.

Denk

om

te

beginnen aan het komen tot een gedragen dak- en

identiteit en een sterke verbeelding creëren. Met zo’n maar staan we ook klaar voor nieuwe uitdagingen, die zich blijven aandienen in de toekomst.”


60 - IGEMO

Het team regionale samenwerking van IGEMO in zijn natuurlijke habitat: t.h.v. het Zennegat, een prachtig plekje binnen Rivierenland

Een trotse directeur Peter: “Ik ben Peter De Bruyne, algemeen directeur van IGEMO. Ik heb de voorbije 25 jaar de gemeenten en de regio Rivierenland leren kennen en zien evolueren. Samenwerking is steeds belangrijker geworden, want de uitdagingen voor de regio zijn legio en complex. Het verzoenen, afstemmen, scherp krijgen en realiseren van de ambities op het vlak van ondernemen, wonen, welzijn, zorg, onderwijs, recreatie, natuurbeleving, sporten, omgevingskwaliteit, mobiliteit,… vergt een daadkrachtige en slagvaardige regionale aanpak met overheden, stakeholders en doelgroepen, die elkaar begrijpen, vertrouwen en steunen. Dit mee mogen en kunnen realiseren is voor IGEMO dé ultieme uitdaging.”

Rivierenland is een regio met een rijke geschiedenis. Het is nu het moment om hieraan het perspectief van een veelbelovende toekomst te koppelen. Tot eer en glorie van Rivierenland! Een regio, waar Rivierlanders terecht trots op zijn.

Peter De Bruyne Algemeen directeur IGEMO


IGEMO - 61

grote thema’s: mensen, planeet, welvaart, vrede en

SDG’s

partnerschap.

Een onlosmakelijk deel van IGEMO’s DNA

In het DNA van IGEMO Duurzaamheid de

SDG’s

zit

staan

in

het

expliciet

DNA

van

vermeld

IGEMO: in

onze

ondernemingsstrategie. IGEMO wil als organisatie

Samen naar een duurzame planeet

dan ook een voorbeeldfunctie opnemen en zal de

Duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (‘sustainable

en stelden een actieplan op met vijftien geplande

development

goals’

of

SDG’s)

zijn

een

SDG’s vanaf 2021 structureel implementeren binnen de eigen werking. We sluiten ons daarvoor aan bij het Voka Charter Duurzaam Ondernemen (VCDO) reeks

doelstellingen opgesteld door de Verenigde Naties. Ze bevatten een aantal wereldwijde streefdoelen met betrekking tot duurzame ontwikkeling en vervangen de Milleniumdoelstellingen. In september 2015 worden de SDG’s formeel aangenomen door de algemene vergadering van de VN. Gedurende de komende 15 jaar moeten 17 SDG’s, gekoppeld aan 169 targets, een actieplan vormen om de mensheid te bevrijden van armoede en de planeet terug op de koers richting duurzaamheid te plaatsen. Deze doelen, die één en ondeelbaar zijn, reflecteren de drie dimensies van duurzame ontwikkeling: het economische, het sociale en het ecologische aspect. De SDGs kunnen onderverdeeld worden in vijf

acties voor het komende werkjaar. Deze acties spelen in op de verschillende duurzaamheidsthema’s en kunnen zowel organisatorisch als heel praktisch van aard zijn. Zo zetten we een werkgroep SDG’s binnen onze organisatie op, zullen de duurzaamheidsdoelen veel prominenter opduiken in de communicatie van IGEMO en spelen verschillende acties in op een duurzamer personeelsbeleid binnen IGEMO. Ook renovatieprojecten als ‘Van Thermoscan naar Renofan’ of de steunactie voor De Keeting in Mechelen kaderen binnen het SDG-plan. Als minstens 10 van de 15 geplande acties als succesvol beoordeeld worden door een onafhankelijke jury van experts, mag IGEMO zich vanaf 2022 ambassadeur van de SDG’s noemen.