KIK 112. Vaas in lusterglazuur, ca. 1895-1905, “Céramiques Décoratives de Hasselt (1895-1954)”

Page 1

VAAS IN LUSTERGLAZUUR, CA. 1895-1905

“Céramiques Décoratives de Hasselt”, ‘1895-1954), keramiek met lusterglazuur, h. 20 x b . 18 cm, inv. nr. 1990.0025 Schenking fam. Villers


(D a n u fa c tu c e

%

C

be ♦ ♦ ♦ ♦ ♦ ♦

t ♦ t

[ É R flfl& IQ U E S

É C O R ftT IV E S

E H 0 ^ B D î P ( B e lg iq u e )

i l ’i produite érrjaïïïÉs pour constructions în jà lifs et irnperrrjéabîes

Bagues, zmutms ORNEMENTS, «BOUMtES» ÇOKS&US

o m p ir e io »-

crbscron s ,

etc .

{Société anonçméj

/

R tiru u TàüarapSjïquc : C tR E W U S S RRSSECT

<*} t i & f é' # ■«A. t O

■TiïsSpîï&i)e è Rssssli f f 5

*7

Husselt. IC ..... ............ .... .......

Briques nrjates en çoUIeurs Çann®8U.X décoratifs

jWs'Mîquss de fantaisie . et artistiques ’

VRS55, ÇECOHHSS, POTIERES

Céuronncs rncrtïiaires poteries * reflets rr}étalflqü.es

1 Ornernents d'après plans ^ et rçotfWe* , exportation TOUTE VENTE CST RÉPUTÉE PRYRBCC '"s i

hrssect

o u x tw e .s a iT

ce .

/*ode

RD,*<Spesa CE Rt3CE,«EHT SES FACTURES.

1

m Briefhoofd van de keramiekfabrief, ca. 1897, bemerk links de vermelding “poteries à reflets métalliques”.

iïïl ' l.ùsëMÉÊÈBMmM

H H


1. Algemene situering van de lusterglazuurproductie in Hasselt Binnen de diversiteit van de productie van de Hasseltse keramiekfabriek vormen de lusterglazuurproducten een klein doch zeer belangrijk onderdeel1. We kunnen alleen maar vermoeden dat de productie in kwantiteit niet zo groot is geweest. Deze conclusie kan getrokken worden uit het feit dat dit soort producten enkel maar bestemd is geweest voor een bepaald marktsegment. De productiekosten hiervoor lopen aardig op en dit soort keramiek zit dan ook zit dan ook in het hoogste (duurste) deel van het marktsegment. Dus enkel zeer kapitaalkrachtig publiek was in staat zich deze producten aan te schaffen. Ook de artisticiteit van de voorwerpen limiteerde het aantal potentiële klanten.

2. Beschrijving vaas in lusterglazuur, inv.nr. 1990.0025

Bodem vaas

van

de

Obusvormige vaas die staat in een voetstuk van vier omhoog wijzende armen die het vaaslichaam omklemmen en dragen. De vormgeving van deze vaas lijkt op het eerste zicht bizar maar het thema ‘vaas omklemt door houder’ vindt men regelmatig terug binnen de traditie van de art nouveau. De vier armen zijn hoekig doch ook afgerond en het standvlak verloopt naar de aanzet van de armen toe gebogen en niet recht. Van dit model zijn er tot nu toe drie verschillende uitvoeringen bekend. De hier besproken vaas met de schubbentekening op het vaaslichaam vermeld op de bodem “325” ingeperst en “A” ingekrast. Een andere uitvoering in twee effen kleuren vermeld op de bodem “325A” ingeperst en “4” in zwart glazuur. De derde vaas werd uitgevoerd in lusterglazuur, echter met een andere en subtielere tekening. Deze vaas vermeldt op de bodem “325” ingeperst en “A” in zwart glazuur.


3.Technisch dossier productie van de vaas De vaas, het voetstuk en de vier armen zijn vermoedelijk apart gemaakt. Dit wil zeggen dat er voor ieder deel een eigen gipsen mal bestaat waarin vloeibare klei (=kleislib) gegoten wordt. Dit kleislib verliest water door het poreuze gips en hecht zich zo tegen de wand van de mal. Na tien tot vijftien minuten vormt er zich een dikke kleilaag tegen de malwand. Het overtollige kleislib wordt, nu weggegoten en het dikkere deel dat achterblijft in de mal vormt een afdruk van het te maken voorwerp. Na een tijdje drogen krimpt de klei los van de malwand door het continue verlies van water. De verschillende mallen worden open gemaakt. We spreken nu van een leerhard voorwerp. Op dit moment kunnen de verschillende delen aan elkaar gezet worden door middel van een weinig kleislib (=engobe). Eest wordt het voetstuk en de vaas in elkaar geplaatst. Dan worden de armen gezet op de hoekige knik van het voetstuk en zachtjes tegen de vaaswand gehecht en aangedrukt. De kritieke plaatsen bij droging van dit voorwerp zijn de punten die aan het vaaslichaam gehecht zijn. Ook het aandrukken van de punten veroorzaakt vervorming van het vaaslichaam. Dit zorgde vermoedelijk voor nogal wat uitval. Het afwerken van randen en naden geschiet door middel van een vochtig sponsje, een spatel en een mes. Het spreekt vanzelf dat de behandeling van een leerhard voorwerp voorzichtigheid en fingerspitzengefühl vereist. Het is dan ook niet verwonderlijk dat zowel vroeger als nu dit werk gedaan wordt door vrouwen.

biscuitbrand Uit onderzoek naar de scherf (= kleibody) van het voorwerp kunnen we concluderen dat een zeer fijne kleimengeling gebruikt is. Iedere m anufactuur heeft haar eigen geheime kleimengeling voor een bepaald soort producten zodat zonder archiefbronnen niet te achterhalen is wat de eigenlijke samenstelling geweest is. Een scherf meestal werd vermoedelijk gebrand tussen 1000° C en 1150° C en is mogelijk samengesteld uit een steengoed klei die vermengd werd met een aardewerk klei. Bij proeven bleek dat de scherf haast geen water opnam. We mogen ervan uitgaan dat ook hier de mengeling “grès cérame” gebruikt werd, typisch voor Hasseltse keramiek. basisglazuur Na de biscuitbrand worden de voorwerpen naar de glazuurafdeling gevoerd. Hier wordt dan de eerste laag glazuur aangebracht, vermoedelijk door onderdompeling van het voorwerp in een vloeibare glazuurpap. Dit glazuur is een klassiek tinglazuur. Typisch voor Hasselt is de toevoeging van een onbekend percentage kobaltoxide of kobaltchromaat. Dan wordt het voorwerp voor de tweede maal gebrand (=glazuurbrand of gladbrand) bij een temperatuur van om en bij de 1000° C tot 1080° C. lusterglazuur Na de gladbrand worden de voorwerpen weer naar de glazuurafdeling gevoerd om er met lusterglazuur beschilderd te worden. De lusters zijn in principe dunne laagjes metaal die op het glazuur gelegd worden. Het zijn preparaten die metaalzouten bevatten. Componenten als o.a. bismutnitraat, zilvernitraat, koperoxide en kopersulfaat worden onafhankelijk of met elkaar gemengd of over elkaar gebruikt. In vloeibare toestand vermengd met een verdunner en een


etherische olie als medium wordt een tekening zeer dun op het voorwerp gezet (gepenseeld). De derde stookbeurt gebeurt bij 750° C à 850° C al naargelang de toegepaste lusters. De oven wordt eerst oxiderend opgestookt. Op een bepaald moment onstaat op en rond de voorwerpen een reducerende atmosfeer door het verbranden van de opgedroogde etherische oliën. Dit is het moment dat de zouten en oxiden zich hechten op het glazuur. De atmosfeer in de oven kan ook door zogenaamde rokers reducerend gemaakt worden, zo werden in het verleden bij een bepaalde temperatuur motte- of kamferballen in de oven geplaatst. Hierdoor komen de voorwerpen pikzwart en beroet uit de oven. Pas na een grondige poetsbeurt komt hun ware glans tevoorschijn. Het is duidelijk dat heel het verhaal van glazuren en meer bepaald lusterglazuren een grondige kennis van chemie en een uiterste discipline vereist in omgang met deze giftige stoffen2.

4. Kleine inventaris van modellen uitgevoerd in lusterglazuur Deze inventaris is slechts een momentopname en een poging om voor de eerste maal de voorwerpen in lusterglazuur te groeperen. De toekomst zal uitwijzen welke bekende en onbekende modelnummers in lusterglazuur uitgevoerd werden.

55 vaasje h. 21 cm modelnummer “55” ingeperst op bodem, “BH" ingeperst, “5” in zwart glazuur meandermotief privécollectie, Hasselt

86 vaasje h. 11,5 cm modelnummer “86” ingekrast op bodem, “3” in zwart glazuur basisglazuur is verm oedelijk een com binatie van tin- en loodglazuur dat bij de gladbrand flink is uitgevloeid waarover heen koperluster is gezet in een meandermotief privécollectie, Hasselt


158 schaal rabarberblad h. 12cm modelnummer “158” ingeperst op bodem te zien geweest op de tentoonstelling “Hasseltse porselein en keramiek” in 1983 in het Nationaal Jenevermuseum te Hasselt verblijfplaats onbekend 264 vaasje h. 63 cm te zien geweest op de tentoonstelling “Hasseltse porselein en keramiek” in 1983 in het Nationaal Jenevermuseum te Hasselt lelie- en bladmotief verblijfplaats onbekend PVMÜ

302 vaas h. 20 cm modelnummer “302” ingeperst op bodem, “AC” ingeperst co lle ctie S te d e lijk M useum S te llin g w e rff-W a e rd e n h o f 1990.0023, schenking familie Villers

310 vaas h. 30 cm m odelnum m er “3 1 0 ” in g e p e rst op bodem , “ H l” ingeperst collectie Rijksarchief, Hasselt


320 vaas h. 20 cm modelnummer “320” ingeperst op bodem, “C” ingeperst collectie S tedelijk Museum S tellingw erff-W aerdenhof 1990.0024, schenking familie Villers

321 vaas h. 23 cm m odelnum m er “321” ingeperst op bodem, “ FV” ingeperst collectie Stedelijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof 1986.0121, schenking vzw S ted elijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof

321 vaas h. 23 cm modelnummer “321” ingeperst op bodem, “FV” ingeperst, gesigneerd “F Manzy” 3 privécollectie, Hasselt


325 vaas h. 20 cm modelnummer “325” ingeperst op bodem, “A” in zwart glazuur collectie Stedelijk Museum StellingwerffW a e rd e n h o f 1 9 90.002 5, sch e n kin g familie Villers 325 vaas h. 20 cm modelnummer “325” ingeperst op bodem, “A” in zwart glazuur privécollectie, Hasselt

337 vaas h. 31 cm te zien geweest op de tentoonstelling “Hasseltse porselein en keramiek” in 1983 in het Nationaal Jenevermuseum te Hasselt pauwenogen verblijfplaats onbekend Verder zijn er nog enkele voorwerpen die geen modelnummer dragen:

sierschotel “Irissen” 0 4 5 cm collectie Stedelijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof 1990.0022, schenking familie Villers

sierschotel “Zonsondergang” 0 45 cm collectie Stedelijk Museum Stellingwerff-W aerdenhof 1988.0374, aankoop Stad Hasselt


Ë m

sierschotel “Vesuvius”4 0 45 cm collectie Museum voor Kunst en Geschiedenis, Brussel inv.nr. 73Y2

vaasje5 collectie Museum voor Kunst en Geschiedenis, Brussel

vaas h. 100 cm te zien geweest op de Provinciale Landbouwtentoonstelling te Sint-Truiden in 1907 en aldaar aangekocht door een grote bouwondernemer uit dezelfde s ta d 6 verblijfplaats onbekend

vaas in verguld bronzen houder h. 24,5 cm te zien op de tentoonstelling “Art nouveau België, Europalia”, Paleis voor Schone Kunsten, 1980-1981, cat.nr. 656 collectie Galerie Dewindt, Brussel


5. Modelvergelijking met Clément Massier te Golfe Juan (F)

Het verfijnde kleurenpalet van Clément Massier

Omstreeks 1883-1884 bracht de Franse keramist Clément Massier de catalogus ‘La Poterie du Golfe-Juan, Faïences d’Art’ uit. Onder het modelnummer 75 bemerken we een vaas die sterk lijkt op het nu besproken exemplaar van Hasselt. Er zijn echter kleine verschillen: het vaaslichaam loopt van onder naar boven toe versmallend, het voetstuk en de armen zijn duidelijk meer gebogen en in de armen zit een kleine inspringing. Clément Massier gebruikt ook een rijker en poëtischer kleurenpalet binnen zijn reeks van lusterproducten. De Hasseltse producten spelen over het algemeen met de kleuren lichtaubergine, zilvergroen, donkerpaars en hier en daar met donkerrood en koper.

6. Conclusie Alhoewel de “poterie artistique aux reflets métaliques”, de lusterglazuurproductie van het Hasseltse keramiekfabriek zeker het verzamelen waard is, dient toch enige voorzichtigheid aan de dag gelegd. Het is niet al goud wat blinkt! Niet alle lusterglazuurstukken zijn evenwaardig. De besproken vaas kan zowel vormelijk als qua tekening en kleurengebruik geklasseerd worden bij de betere artistieke keramiek van zijn tijd. Een topstuk is het echter niet. Zo’ n topstukken zijn wel de sierschotel ‘Irissen’ en het kleine vaasje met de subtiele donkerpaarse schildering (modelnummer 323) en de grote vaas die verkocht werd in 1907 op de Provinciale Landbouwtentoonstelling te Sint-Truiden7. Natuurlijk blijft een oordeel vellen steeds subjectief, gevoel kun je niet duiden.


Voetnoten: Voetnoot 1 Le petit bleu, 17 december 1896: “On est parvenu même a donner à certains objets des reflets métaliques d’or, d’argent et d’acier sur un fond d ’émail brillant.” Voetnoot 2 Directeur Victor Dessart verplichtte iedere werknemer die met glazuur werkte tot het drinken van een gratis glas melk per dag. De melk werd in de refter van de keramiekfabriek ter beschikking gesteld van deze werknemers. Dit om vergiftiging tegen te gaan. (interview met mevr. Janine Bijnens-Dessart op 24 mei 1991 ) Voetnoot 3 “F Manzy” is de enige gekende naam die voorkomt op een Hasselts voorwerp in lusterglazuur. Voetnoot 4 Dit stuk werd verworven omstreeks 1896. Voetnoot 5 Dit stuk werd verworven omstreeks 1896. Voetnoot 6 Deze grote vaas is van uitzonderlijke kwaliteit, ze is op het eerste zicht van een metalen vaas niet te onderscheiden. Het hele lichaam is bezaaid met zonnebloemen. De verblijfplaats van de vaas is onbekend daar ze eind jaren tachtig naar het buitenland verkocht werd. Op deze vaas was een etiket “Céramiques Hasselt” gekleefd. Gelijkaardig model als afgebeeld in ‘Massier’, p. 65. Voetnoot 7 Deze drie topstukken zijn door hun kwaliteit werkelijke showexemplaren voor beurzen en exposities. Ook de herkomst van deze stukken bewijst dit.

Verklarende woordenlijst kleislib = zeer fijn gemalen kleipoeder vermengt met water en waterglas waterglas = substantie toegevoegd aan kleislib, voorkomt klonteren leerhard= lichtjes opgedroogd voorwerp van klei, nog hanteerbaar en bewerkbaar scherf = kleibody engobe = kleipap, meestal iets minder vloeibaar dan kleislib uitval = verlies van producten door barsten tijdens het drogen of tijdens de stookbeurt biscuitbrand = eerste bakbeurt, door het vuur versteent het voorwerp glazuurbrandot gladbrand= stookbeurt om het glazuur te doen smelten op de voorwerpen oxideren = toevoegen van zuurstof tijdens de stookbeurt reduceren = onttrekken van zuurstof tijdens de stookbeurt ★ ★★ ★ ★



E I

Bibliografie

I

Hasseltse porselein en keram iek 1890-1952, Nationaal Jenevermuseum, Hasselt, 1983

I

A rt nouveau België, Europalia ’80, Paleis voor Schone Kunsten, Brussel, 1980.

■ Massier, L’Introduction de la céramique artistique sur la Côte d’Azur, Musée de la Céramique, Vallauris, 2000. !

Gracieus, Hasseltse keram iek u it de belle époque, Stedelijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof, Hasselt, 2002.

I J Kunst der Jarhundertwende und der zwanziger Jahre, Sammlung Kaérl H. Bröhan - Berlin, Band II Teil 1, Kunsthandwerk 1, Glas, Holz, Keramik, Berlin, 1976. !

!

De Belgische A rt Nouveau en A rt Deco wandtegels 1880-1940, Monumenten en Landschappen cahier 3, Mario Baeck en Bart Verbruggen, Brussel, 1996.

I

Céramistes de l’A rt Nouveau, Editions Pandora, Antwerpen, 1999.

I

Französische Keram ik 1870-1935, Ketterrer Kunst München, 203. Auktion, München, 1995.

I

Kunst in de K ijker nrs. 3 - 8 5 - 97, Publicatie Stedelijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof, Hasselt. *****



flf JJ

%


tekst:

Tony DAMEN

foto’s:

Sterfelijke Fotodienst / Massier (Musée Magnellij* Vallauris) / Art nouveau, Europalia / Hasseltse porselein & keramiek, NJH Hasselt

copyright:

M

Sterfelijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof Maastrichterstraat 85, B-3500 HASSELT tel. 011-24 10 70

fax 011-26 23 98

e-maÏÏ stellingwerffwaerdenhof@hasselt.be

In dezelfde reeks verschenen: 1991 I . Olieverfportret M.-H. van Beieren, 2de h. 17e E.; 2. Catharinapaneel oude handboogkamer, e. 17e - b. 18e E.; 3. Lusterglazuurvaas keramiekfabriek, tss. 1895 en 1914; 4. Blazoen rederijkerskamer 'De Roode Roos', D. Van Vlierden, ca. 1700; 5. Olieverfschilderij 'Week-end', L. Pringels, 1950; 6. Zilveren reliek-ostensorium, F. Jans Burduin Gent & I.F. Frédéric! Hasselt, 1703; 7. Kledingsstel Virga-Jessebeeld, 1689 - 1863 - 1901; 8. Olieverfschilderij 'De Grote Markt', J.N. Grauls, 1863; 9. Rijksdaalder G. van Groesbeeck, Hasselt, 1568; 10. Kaart-landschap paalstenen tss. Hasselt en Zonhoven, 1661 en 1666?

1992 I I . Schilderij 'De Grote Man', F. Minnaert, 1983; 12. Mirakelprent 0.-L.-V. Virga Jesse, R. Van Orley, wsch. 1689; 13. Zilveren wierookvat, J. Vinckenbosch, Hasselt, 19e E.; 14. Kaart Midden-en Zuid-Limburg, L. Capitaine, 1795; 15. Lederen Hasseltse brandblusemmer (1782) en vuurhaak; 16. Zilveren reliekhouder H. Barbara, ca. 1702; 17. Portret abt Eucherius Knaepen, P.J. Verhaghen, 1792; 18. Studiocamera 18/24, ca. 1920; 19. Olieverfschilderij 'Het bos', Djef Anten (1851-1913); 20. Juweel, zgn. 'reukappel'- Virga-Jessebeeld, e. 16e - b. 17e E.; 21. Schilderij ‘0.-L.-Vrouw met Kind', Antwerpse paneelmerken, 1ste h. 17e E.

1993 22. Liturgische gewaden St.-Vedastus Hoepertingen, 1ste h. 16e E.; 23. Mirakelprent H. Sacrament Herkenrode, Hasselt, P.F.Milis, 1854; 24. Gevelsteen "Den Soeten Naeme Jezus', 1664 (Hasselt); 25. Set van 4 vazen, Piet(er) Stockmans (°1940); 26. Portret Ulysse Claes (1792-1880), G. Guffens (1823-1901); 27. Sacraments-ostensorium of 'monstrans van Herkenrode', Parijs, 1286; 28. Schilderij 'Strandtafereel', 1930, Jos.Damien (1879-1973); 29. Gezicht op Hasselt naar Remacle Le Loup, 18e E., kopergravure; 30. Beeld 'Heilige Cecilia', 1530-1540; 31. Barokke zonnemonstrans, N. Sigers & S. Vander Locht, Hasselt, 1669.

1994 32. Biechtstoel, Brabants atelier, 1664; 33. Uurwerken v.d. Hasseltse uurwerkmaker Leonard Joosten (1762-1849); 36. Gouache ‘De Meukes’, ca. 1890, Paul Marie Bamps (1862-1932); 37. Kroningsprent O.-L.-V. Virga Jesse, Parijs, Lith.Fabre, 1867; 38. Het Hasseletum en de H istoria Lossensis, 2 historische werken v. Joannes Mantelius (1599-1676); 39. Litho “Heusden 2*. uit reeks (5) Heusden, Herman Gordijn, 1992; 40. Ontwerp voor “Overhandiging..." muurschildering Beurs Antwerpen, olie op doek, G. Guffens (1823-1901); 41. Aquarel ‘Strijdtoneel uit de Tiendaagse Veldtocht, Kermt, 7 augustus 1831’, A. von Geusau, 1835.

1995 42. Gevelplaat ‘ Veloce-Club hassaltois ‘Utile * Duld' - 2 mal 1892"; 43. Olieverfportret van Amoldus van Melbeeck op sterfbed, 17e E.; 44. Acryls van Ray Remans, 1989; 45. Pronkbeker J.-J.Thonissen, deels verguld zilver, P.Bruckmann & Söhne, Hellbronn, 1888; 46. Begijnenschotel, 1623, zilver, meesterteken: 3 zespuntige sterren In schild; 47. Vaste kunstwerken Herman Blondeel, Hugo Duchateau, Piet Stockmans in Museum Stellingwerff-Waerdenhof; 48. Schilderij 'Ijzel en mist', Djef Anten (1851-1913); 49. Aquarellen 'Hasseltse water-molens, 1893/94', Paul Marie Bamps (1862-1932); 50. Foto 'Jongeman met badmuts', gomdruk, 1/10, Jean Janssis; 51. Zilveren reliekhouder H.Hubertus, (1741-1742), Lambertus Hannosset, Antwerpen.

1996 52. Olieverfschilderij 'Zegening van boerenkrijgers op de Grote Markt', 1899, Djef Swennen (1871-1905); 53. Olieverfportret N.G. Vaesen (1768-1864), 1819, M.G. Tieleman; 54. Vaandel 'Kunstkring Alexis Pierloz Hasselt 1920', Hasselt; 55. Groepsportret 'Leden v.d. Virga-Jessebroederschap bij haar beeld", 1709, olie op paneel; 56. Beiaardklavier, ca. 1752, Hasselt (?) [bewaard in het Stedelijk Beiaardmuseum Hasselt); 57. De Hasseltse reus De Langeman, Melchior Tieleman, 1810; i 58. Reflectoren (2) zilverbeslag op houten kem, Arnold Frederici, 1714; 59. De gouden kronen v.d. Virga Jesse, Auguste Levesque, 1867; 61. Blauw Tafereel, Pierre Cox (1915-1974).

1997 62. Portret Guillaume Claes, Judith Crollen (1898-1982) naar werk van M.G. Tieleman, 1957; 63. Kaart prinsbisdom Luik, 17e E., Henricus Hondius (1597-1651); 64. Lithografie 'Oude halte Luikersteenweg', 1860, Charles Joseph Hoolans (Antwerpen, 1814); 65. Drieluik, 1989, Paule Nolens ("1924); 66. Soberheid, eenvoud en liefde, vier geometrische abstracte werken van Vincent Van Den Meersch (1912-1996); 67. Schild v.h. weversambacht, e. 17e - b. 18e E., Daniël van Vlierden (16511716); 68. Borstbeelden 10 Hasseltse burgemeesters, 1906, Emile Cantillon (1859-1917); 69. 'Portret van mijn dochter Madeleine' & ‘Portret van mijn zoon José', Jos. Damien (1879-1973); 70. Beeld Homo Sedans, Hub Baerten (°1945); 71. Beeld ‘O .-L-Vrouw met Kind', 1530-1540, Meester van Oostham.

1998 72. 'Panorama van Hasselt', Steven Wilsens (” 1937); 73. Portret Télémaque Claes (1831-1913), Tony Alain Hermant (1880-1939); 74. De Loonse muntslag In het kader v.d. monetaire internationalisering tijdens de middeleeuwen; 75. Speculaasplanken & 'Hasseltse speculaas'; 76. Wandtapijt "Euskadl: balladen en legenden', 1985, Simone Reynders (” 1924); 77. Schilderij 'Herfst - kasteel Henegauw', 1946, Paul Hermans (1898-1972); 78. Prehistorische polijststeen, Slnt-Quintinuskathedraai Hasselt; 79. Sierlijst 'Oorlogsgesneuvelden Hasselt 1914-1918', nt. gedateerd, Hasselt, Auguste Blanckart (1878-1952), Sylvain Brauns (1890-1947), Joseph Antoon Jossa (1884-?); 80. Schilderij 'Veldslag in een korenveld', 1864, Jules Van Imschoot (1821-1884).

1999 81. Litho's Hasselt gezien tussen 1960-1979, Jac. Leduc (” 1921); 82. Het huls Stellingwerf! (19e E)-Waerdenhof (17e E.); 83. Apparaten ontwikkeld en geproduceerd In de Philipsfabriek in Hasselt; 84. Hendrik van Veldeke, het genie van de hoofse literatuur (ca. 1140-ca.1200); 85. Céramiques Décoratives de Hasselt [1895-1954]: overzicht van de ronde reclame- en sierschotels van de voormalige keramiekfabriek in Hasselt; 87. Portret van Guillaume Stelllngwerff (1841-1923); 88. Register 'Co(e)mans', handschrift, 1611; 89. Standaard voor de 'Maatschappij Minerva', 1871, W; Geefs (?) 8 G. Guffens.

2000 90. Schilderij ‘Portret van Dr. L Willems’ (1822-1907), 1878, Godfried Guffens (1823-1901); 91. Maquette tweedekker Farman Type III, 1985; 92. Zespuntige 'S ier'van de l Roode Roos, 1627; 93. Lilho "Gezicht op de Leopoldplaats", ca. 1860, C. J. Hoolans; 94. ‘Analemmatische zonnewijzer' in de museumtuin, 2000; 95. Portret van Ridder Guillaume de Corswarem (1799-1884); 96. Pastel ‘Portret van mevrouw Leynen (1842-1920)", 1919, G.J. Wallaert (1889-1954); 97. Keramleken sierschotel ‘Irissen’, ca. 1896-1905. 98. Banier "Société Royale de Musique et de Rhétorique', 1858.

99. Hasselts zilver: aanwinsten 1996-2000; 100. Schilderij ‘Stadspanorama van H asselt', 1915, Jos. Damien (1879-1973); 101. Uithangteken ‘ Tabakskarot', 102. Karikatuurtekeningen ‘ 10 Hasseltse figuren’, Stef Vanstiphout (1931-1995). 103. Sporttrofeeén 11” Linieregiment: ‘Coupe du Roi Albert* 8 -Coupe Prince Léopold‘ (2); 104. Affiche ‘ Ville de Hasselt, 1882, programme des fêtes qui auront lieu à l’occasion de la kermesse...’ , 1882; 105. Staande klok met uurwerk, 1761, Joannes Augustinus (ca. 17351790), Hasselt; 106. Schilderij ‘ Overhandiging van het vrijheidscharter door G raat Amok1 1V van Loon aan de stad HasselT, 1846, Godfried Guffens (1823-1901); 107. Affiche ‘ KEMPO - bronnen en limonaden’, Druk. E. Roose, Hasselt

2002 108. Zes wandkleden over ‘ Het Sacrament van M irakel van HerkenrodtT, 1917, Jos. Damien (1879-1973); 109. Portretten van de vier abdissen van Herkenrode:1 Twee eeuwen, twee w eretdeif, 110. Restauratieverslag ‘ Rederijkerskraag De Roode Roos-; 111. Keramische vaas ‘ Ros Beiaard en de Vier Heemskinderen, Simonne Seynders (1924-).


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.