VISIE 06 - 28 maart 2024

Page 1

Hoe redden we onze industrie?

Oud-VRTjournalist Chris De Nijs blikt terug

Vraag het aan Kunnen pleegouders ouderschapsverlof opnemen?

Made in Belgium Schriftjes van Aurora

Antwerpen Nieuwe locatie

EXTRA EDITIE VOOR LEDEN VAN HET ACV
| AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X | jaargang 80 | p806000 | 06 | ANTWERPEN | 28 ¬ 03 ¬ 2024 | MAANDELIJKSE UITGAVE | volgend nR 11.04.2024
voor het ACV

Kamer planten

Toen bekend raakte dat het slecht ging bij busbouwer Van Hool kwam de plaatselijke afdeling van werkgeversorganisatie Voka meteen met goed nieuws. ‘Geen paniek, hier zijn veel bedrijven op zoek naar technisch geschoold personeel.’ Op zich is het goed dat er mogelijk perspectief voor mensen is. Maar het wringt toch ook wat. Het gaat allemaal heel snel. Te snel naar mijn aanvoelen.

de tijd en de ruimte om zo een zware schok te verwerken.

Waar ik de goede bedoelingen van de plaatselijke afdeling van Voka nog het voordeel van de twijfel gun, krijg ik het wel echt op mijn zenuwen van experten die vinden dat we dat soort dingen maar moeten aanvaarden. Zelfs als bedrijven stevig winst maken, dan is het blijkbaar normaal dat ze nog meer willen en daarom mensen aan de deur zetten, zoals onlangs nog bij chocoladegigant Barry-Callebaut. In die logica zijn mensen een grondstof en moeten ze zich schikken naar de wetten en grillen van de economie. Dat is de nieuwe tijd, heet het. In die tijd is geen plaats meer voor jobzekerheid. We moeten het in het beste geval stellen met werkzekerheid. Het valt me wel op dat die profeten van de jobflexibliteit vaak zelf al jaren op dezelfde stoel zitten. Die flexibiliteit, dat is blijkbaar alleen maar voor anderen.

En het wordt nog straffer: omwille van die jobflexibiliteit moeten mensen volgens diezelfde experten ook niet te veel sociale rechten opbou- ¬

Als je praat met werkers die door een herstructurering of faling hun werk zijn kwijtgeraakt, dan wordt snel duidelijk dat dat vaak heel diepe littekens nalaat. Er is een gevoel van onmacht en van onrecht. We hebben zo hard ons best gedaan en nu worden we op deze manier bedankt. Mensen voelen zich terecht een speelbal in een spel waarin andere en vaak schimmige belangen belangrijker zijn. Mensen die jaren ergens gewerkt hebben, dat zijn geen kamerplanten die je snel-snel even verpot. Het blijven mensen. Die vrienden hebben gemaakt op hun werk, soms zelfs de liefde hebben gevonden. Die trots én zekerheid uit hun werk halen. Ze zijn geen gereedschap dat je zomaar even van gereedschapskoffer verandert. Gun hen

2 ¬ VISIE
Foto Belga

wen. Want dat is toch alleen maar hinderlijk voor de mobiliteit op de arbeidsmarkt, zeggen ze. Mensen met rechten, die kun je niet zo makkelijk ontslaan. En als ze een leuke en goedbetaalde baan hebben, dan blijven mensen daar toch maar te lang in hangen. En helemaal gortig wordt het als ontslagen mensen dan toch niet snel nieuw werk vinden. Dan pakken we toch gewoon hun werkloosheidsuitkering af. Want als ze de facturen niet meer kunnen betalen, dan zullen ze wel gelijk welk baantje aannemen.

En zo klinkt die nieuwe tijd toch wel heel sterk als de oude tijd.

Strengere regels voor kinderopvang

Vanaf 1 april gelden nieuwe regels in Vlaamse kinderopvang. Die geven voorrang aan gezinnen waar de ouders minstens vier vijfde werken of dagopleiding volgen. In een tweeoudergezin wordt er gekeken naar de gemiddelde tewerkstelling van beide ouders.

Dat maakt kinderopvang een pak minder toegankelijk voor gezinnen in moeilijke situaties. Tot nu toe werd aan voorzieningen in de kinderopvang gevraagd om minstens twintig procent van hun plaatsen voor te behouden aan onder meer alleenstaande ouders, mensen met een laag inkomen of gezinnen in kwetsbare situaties. De nieuwe regelgeving legt een maximum van tien procent van de totale capaciteit

op voor kinderen in ‘gezondheids- of welzijnssituaties’. Het aantal voorbehouden plaatsen voor gezinnen in kwetsbare situaties gaat dus fors achteruit. De criteria ‘gezinssamenstelling’ en ‘financiële situatie’ vallen bovendien weg als voorrangscriterium.

Een coalitie van achttien middenveldorganisaties stapt daarom naar het Grondwettelijk Hof. ‘Toegankelijke, kwalitatieve kinderopvang is een kinderrecht, een voorwaarde voor vrouwenemancipatie en een bron van steun voor ouders’, klinkt het bij De Kinderopvangzaak. ‘Kinderopvang is een basisvoorziening voor élk kind.’

 www.kinderopvangzaak.be

Hoger minimumloon vanaf 1 april

Op 1 april komt er de voorlopig laatste stap in de verhoging van het minimumloon met de verhoging van 35,7 euro zoals afgesproken tussen de sociale partners. Door deze opstap en een herziening van de werkbonus betekent dat voor een werknemer aan het gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen (GGMMI) een nettosprong van 51,99 euro

in april. De bijbehorende aanpassing van de werkbonus heeft ook een positief effect op de lonen daarboven. Zo gaan werknemers met een brutoloon van 2500 euro er ongeveer met 17 euro per maand op vooruit in april, bij 2800 euro is dat nog 4 euro extra netto per maand. In mei komt daar dan nog een indexering bij, met bijhorende aanpassingen..

Nieuwe wachtlijst voor sociale woning

Wie op een wachtlijst voor een sociale woning staat, kreeg van de woonmaatschappij een brief om zijn inschrijving te bevestigen. Kandidaat-huurders die zich niet binnen de maand online registreren op het Centraal Inschrijvingsregister, worden geschrapt en verliezen hun plek op de wachtlijst. Verschillende huisvestingsmaatschappijen bieden wel hulp aan

met het inschrijven.

‘De meest kwetsbare kandidaat-huurders zullen door deze drempel onterecht van de wachtlijst verdwijnen. Zo wordt de wachtlijst voor een sociale woning schijnbaar korter, maar is het recht op wonen van deze mensen niet gegarandeerd’, klinkt het bij het Netwerk tegen Armoede.

Redactieadres Visie, PB 20, 1031 Brussel ¬ e-mail: info@visieredactie.be ¬ Lezersbrieven lezers@visieredactie.be ¬ Abonnementen hilde.ceulemans@acv-csc.be - 02 244 32 81 ¬ Verantwoordelijke uitgever Bart Vannetelbosch ¬ Redactie Simon Bellens, Lies Van der Auwera, Nils De Neubourg, Dominic Zehnder, Djorven Ariën, Darius Cortez Cazas, Lieven Bax, Sim Geerts, Tinne Van Woensel, Rooni Theeboom, David Vanbellinghen

VISIE ¬ 3
Kort.
¬ Hoofdredactie An-Sofie Bessemans, Wim Troch ¬ Vormgeving Gevaert Graphics ¬ Druk Coldset Printing Partners ¬ Visie verschijnt tweewekelijks en is inbegrepen in het lidmaatschap van ACV bouwindustrie & energie, ACV-CSC METEA, ACV-Transcom en ACV Voeding en Diensten Ann Vermorgen, ACV-voorzitter © TIM DIRVEN

Tekst: Nils De Neubourg & Dominic Zehnder

Dossier. Toekomstoplossingen voor de Belgische industrie

Is een eigen industrie wel nodig?

Een eigen industrie is een zaak van economische veiligheid’. Victor De Decker, expert geo-economie bij het Egmont Instituut, valt met de deur in huis. Hij ziet dan ook hoe grote machtsblokken als China en de VS voortdurend hun eigen industrie en economie inzetten op het strijdtoneel van de mondiale politiek. ‘In een internatio -

naal conflict is dat een handig dreigingsmiddel. We herinneren ons nog hoe de Russische controle over energie en gas bij het begin van de oorlog in Oekraïne grote onzekerheid creëerde.’

Dat spierballengerol gaat niet liggen, verzekert De Decker: ‘China reageerde onlangs nog op een Amerikaanse exportcontrole van chiptechnologie door hun eigen export van kritieke mineralen te beperken. Ondertussen smeedden de VS samen met Japan en Nederland een coalitie om een dominante rol te spelen in de computerchipindustrie.’

Snelle winsten

Terwijl het belang van industrie internationaal toeneemt, verkleint de omvang van de Belgische. In 2023 daalde volgens de Nationale Bank de toegevoegde waarde in onze industrie met 3,1 procent. Sinds 2019 is er in de sector zelfs sprake van een krimp van zes procent. ‘Sinds de jaren 90 ligt de nadruk vooral op de financiële meerwaarde, voornamelijk in de dienstensectoren’, analy-

Sectoren als de voedsel- en energievoorziening zijn van zo’n belang dat een samenleving ineen dreigt te storten als die wegvallen.
4 ¬ VISIE
¬ VICTOR DE DECKER
©
ID/EMY ELLEBOOG

seert De Decker. ‘Je kunt het een keuze voor snelle winsten noemen.’

Die keuze kwam wel tegen een prijs: een terugval van de maakindustrie. Nochtans is volgens De Decker sterk industrieel beleid niet alleen nodig om onze concurrentiepositie te behouden, het houdt ook onze samenleving bij elkaar. ‘Sectoren als de voedsel- en energievoorziening zijn van zo’n belang dat een samenleving ineen dreigt te storten als die wegvallen. Andere sectoren als biotechnologie of hernieuwbare energie zijn dan weer belangrijk om onze toekomst veilig te stellen.’

Zware klappen maar ...

Al weken beheersen de donderwolken boven Van Hool het nieuws. Niet alleen de meer dan 2.500 banen bij de busbouwer zelf staan op de tocht, ook 3.000 werkplaatsen bij toeleveranciers zijn bedreigd. Het is niet het enige actuele treurspel in de maakindustrie. Zo sloot papierfabriek Sappi in Lanaken, met 640 medewerkers, recent de deuren. ‘Voor de streek rond Maasmechelen – een van de armste regio’s van het land – is dat een zware klap. De directie koos om een fabriek in Duitsland open te houden ten koste van de onze. Gelukkig kon een aantal mensen in de zusterfabriek net over de Maas aan de slag. Maar ook aan de Nederlandse oever verdwenen recent heel wat banen in de maakindustrie’, vertelt Roger Peeters, secretaris voor ACV bouw - industrie & energie.

100.000 banen weg op 10 jaar

De Belgische industrie zit al decennialang in zwaar weer. Waar het aandeel van de industrie in de jaren 70 nog goed was voor 40 procent van het Bruto Binnen-

Onze bedrijven produceren nu wel bijna de helft meer dan 30 jaar geleden.
¬ DRIES VAN DEN BROECK

lands Product (bbp), is dat nu nog de helft. De voorbije tien jaar zijn bijna 100.000 banen in de industrie verdwenen. Toch ligt onze industrie niet uitgeteld in de hoek, zegt econoom Dries Van den broeck van ACV-CSC METEA. ‘Het relatieve aandeel van de productie-industrie in de hele economie is sterk afgenomen, maar onze bedrijven produceren nu wel bijna de helft meer dan 30 jaar geleden.’

‘De actuele uitdagingen die de industrie echter parten spelen zijn niet min: hoge energiekosten, internationale – niet altijd eerlijke –concurrentie, subsidieraces, slabakkende economie bij belangrijke handelspartners als Duitsland, afhankelijkheid voor grondstoffen of onderdelen van andere landen zoals China … Om niet te spreken van de noodzakelijke en verplichte klimaattransitie die de industrie in het bijzonder treft. Om hun voortbestaan te verzekeren moeten deze ondernemingen in sneltempo vergroenen.’

VISIE ¬ 5 Dossier.
Bij busbouwer Van Hool staan 2.500 banen op de tocht. © ID/DAVID LEGRÈVE

Dossier.

Toekomstoplossingen voor de Belgische industrie

Een toekomstcheck is nodig

De planeet legt ons een omslag op. Door de klimaatverandering zullen we bijvoorbeeld onze producten niet langer kunnen verschepen als onze waterlopen droog staan’, zegt Kathleen Van Walle, beleidsadviseur voor de metaal- en textielsectoren van ACVCSC METEA. ‘De klimaatverandering brengt duidelijke uitdagingen met zich mee voor industriële banen, bijvoorbeeld in de toeleveringsketen van de auto-industrie’, aldus Benjamin Denis, hoofdbeleidsadviseur bij de wereldvakbond voor de industriële sectoren IndustriAll. ‘Gezien de urgentie van de klimaatverandering is status quo geen

1 2

Hoptie. We hebben regels en industriële akkoorden nodig, zodat de transitie rechtvaardig gebeurt en degelijke banen behoudt of creëert.’

‘De vergroening van onze industrie is een kans om mee op die technologische trein te springen en om niet langer afhankelijk te zijn van onbetrouwbare wereldspelers. Om de ambities waar te maken, moeten we in de toekomst tot vier keer meer investeren in de industriële sectoren dan we nu doen.’

Er is met andere woorden politieke beweging nodig. ‘Overheden moeten een duidelijk kader, perspectief en

et succes van de toekomstige industrie hangt ook af van het nationaal en regionaal beleid. Zo spelen bijvoorbeeld de regels voor subsidies voor onderzoek en ontwikkeling (O&O) een heel belangrijke rol. Niet in de laatste plaats omdat we in België op dat vlak absolute koploper zijn in de EU. In 2022 gaf België volgens Eurostat maar liefst 3,43 procent van het bbp uit aan O&O-steun. Daarmee staan wij op gelijke hoogte met de VS en zelfs een pak boven China.

Overheidssteun zonder verplichtingen

Overheidsgeld om innovatie te steunen is belangrijk en nodig, stelt Hanssens, maar hij zet wel kanttekeningen bij de in totaal meer dan 5,1 miljard euro aan O&O-steun in 2023. Daarvan vormen het niet moeten doorstorten van de bedrijfsvoorheffing van de lonen van onderzoekers en

belastingkredieten voor bedrijven vanuit de federale overheid, en middelen die op projectbasis worden toegekend vanuit Vlaanderen het grootste deel. Hanssens: ‘Het probleem is vooral dat de overgrote meerderheid van de steunmaatregelen te weinig leidt tot bijkomende economische activiteit. Dat toont ook onderzoek van het Federaal Planbureau aan. We moeten ons daar meer vragen over stellen: waar geven we geld aan uit? Is er maatschappelijk nut van die innovatie die we willen hebben? En verankert het die productie ook hier?’

zekerheid bieden. Maar ook ieder individueel bedrijf zou zelf een toekomstcheck moeten uitvoeren’, stelt Van Walle. ‘Welke weg wil het inslaan? Op welke strategie en technologie wordt ingezet? Werknemers moeten weten wat er komt in de toekomst, en moeten dus bij die vragen betrokken worden. Want een verandering in de productie zal ook andere vaardigheden, arbeidsorganisatie en technologieën eisen. Onze industrie hervormen gaat onlosmakelijk over de werknemers. Zij vragen zich momenteel vooral af of ze over tien jaar nog kunnen doen wat ze vandaag doen.’

Overheidssteun moet doelgericht

Vlaams minister van Economie Brouns (CD&V) maakt zich sterk dat de Vlaamse bedrijfssteun die gegeven wordt altijd voorwaardelijk is, ‘bijvoorbeeld op vlak van tewerkstelling of over de omvang van investeringen. Van bedrijven die hier vertrekken vorderen we consequent de gegeven steun terug, zoals dat ook bij Sappi gebeurd is.’

De laagste prijs mag niet het doorslaggevend criterium zijn bij overheidsopdrachten.
¬ KOEN REPRIELS

ACV-adviseur Koen Repriels wijst daarnaast naar het grote belang van overheidsopdrachten. ‘Bij de nieuwe bussen van De Lijn werd niet gekeken in welke omstandigheden die bussen gemaakt worden. De totale levenskosten van een product, dienst of werk moeten veel meer gewicht krijgen bij het gunnen van opdrachten. Ook sociale en milieueffecten in de keten moeten meetellen. De laagste prijs mag daarom niet het doorslaggevend criterium zijn.’

6 ¬ VISIE

Europees samenwerken, niet concurreren

In Europa woedt momenteel een interne strijd om de industrie naar het eigen land te lokken. Zo strooit Frankrijk gretig met geld om bedrijven te steunen bij cruciale investeringen om hun uitstoot te verminderen en de productie te vergroenen. Onder andere de Duinkerkse vestiging van staalbedrijf ArcelorMittal krijgt zo 850 miljoen euro om de fabriek om te bouwen met elektrisch aangedreven hoogovens, maar liefst de helft van de totale investering. De Franse minister van Economie klopte zich op de borst dat hij daarmee België de loef afstak. Ons land kon slechts een fractie daarvan bijdragen aan de vergroening van de Gentse vestiging. Ook op vlak van infrastructuurwerken en een soepel vergunningsbeleid weet

Noord-Frankrijk heel wat bedrijven aan te trekken, vaak ten koste van Belgische vestigingen. Zo sloot Beaulieu de garenspinnerij in België en verplaatste die vier kilometer verder naar het Franse Comines. ‘Dat is opmerkelijk, want jaren

Lidstaten moeten eensgezind inzetten op een volmondig Europees industriebeleid in plaats van onderling om de kruimels te vechten.

geleden is de industrie net uit die regio weggetrokken’, weet nationaal secretaris van ACV Voeding & Diensten Steve Rosseel. ‘De Fransen zetten nu heel hard in op bedrijven aantrekken. Zo zien wij ook grote voedingsproducenten zoals aardappelverwerker Clarebout nu nieuwe fabrieken neerpoten rond Duinkerke, ten koste van uitbreidingen in ons land.’

Samen één hecht economisch blok

Economisch adviseur van het ACV Renaat Hanssens hekelt de onderlinge concurrentie tussen de EU-landen. ‘Europa heeft de regels rond staatssteun aan bedrijven versoepeld zodat de Europese lidstaten een antwoord kunnen bieden aan de gigantische overheidssubsidies in de VS en in China. Daardoor zitten we nu in een situatie waarin de grote spelers zoals Frankrijk en Duitsland met gigantische sommen kunnen zwaaien waar kleinere landen nooit tegen op kunnen.’

‘Het is nochtans net het moment om eensgezind in te zetten op een volmondig Europees industriebeleid in plaats van onderling om de kruimels te vechten. Met China en andere Aziatische landen die steeds belangrijker worden kunnen we het ons niet veroorloven om verdeeld voor de dag te komen. We moeten met alle lidstaten samen één hecht economisch blok vormen.’

Vlaams minister van Economie, Innovatie en Werk Jo Brouns (CD&V) heeft in het kader van het Belgisch voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie zijn bezorgdheid daarover al meermaals geuit, maar voorlopig nog zonder resultaat. ‘We willen in grote lijnen terug naar het vroegere staatssteunkader, anderen zijn daar minder van overtuigd. Er is natuurlijk ook een verschil tussen concurrentie binnen Europa en de concurrentie met China en de VS. Het spreekt dat onze strategische autonomie daar van belang is.’

VISIE ¬ 7 Dossier.
De Franse minister van Economie Bruno Le Maire op bezoek bij ArcelorMittal Duinkerke waarin Frankrijk bijna 1 miljard euro pompte.
3

OOGGETUIGE IN PALESTINA

‘Twee uur omrijden om een ziekenhuis te bereiken, dat werd de vijftienjarige jongen zijn dood’

Eind januari reisde Walter Cornelis, voormalig nationaal secretaris van ACV Puls, naar Palestina. De aanstichter van de ‘witte woede’ van de zorg- en non-profitsector twintig jaar geleden strijdt vandaag tegen ander onrecht. ‘Wat ik op televisie zag, wilde ik met eigen ogen zien.’

Een Palestijnse gids leidde hem vanuit Jeruzalem rond langs de Palestijnse dorpen op de Westelijke Jordaanoever. ‘Onbeschrijflijk’, zegt Cornelis. ‘Elk dorp is omsingeld door Israëlische kolonisten die er illegale nederzettingen bouwen. Ze vernielen Palestijnse woningen of beschadigen infrastructuur om hen uit te hongeren en een normaal leven te beletten.’

‘In de laatste maanden verloren we al drie kinderen door het geweld’, vertelt Ghassan Najjar, die in Burin woont, een klein dorp met een paar duizend inwoners, omringd door drie nederzettingen. ‘Elke dag vallen ze ons aan, maar wij hebben geen wapens om ons te verdedigen. Onlangs schoot een kolonist een jongen van negen dood. Een jongen van vijftien raakte hij in zijn buik. Maar om het dichtstbijzijnde ziekenhuis te bereiken, moesten we door alle blokkades en checkpoints 40 kilometer rondrijden. De rit duurde twee uur. De jongen heeft het niet overleefd.’

In Burin zijn er verpleegkundigen en dokters die een medische spoedpost zouden kunnen bemannen. Om die op te richten, en al het nodige materiaal bijeen te krijgen, zamelt Walter Cornelis geld in. ‘Daarvoor is 15 à 20.000 euro nodig.’

Volgens Cornelis leidt de terechte aandacht voor de oorlog in Gaza af van wat er gebeurt op de Westelijke Jordaanoever. Daar maken kolonisten misbruik van, zegt hij. Meer nog, aldus Najjar: ‘Sinds 7 oktober (de dag van de terreuraanslag van Hamas in Israël, red.) worden de kolonisten bijgestaan door het Israëlische leger.’

 Wil je bijdragen aan de medische noodpost in Burin? Doe een storting op BE17 8916 6416 0121, met als mededeling ‘Burin Medical Post’.

VACATURES (M/V/X)

• Medewerker dienstverlening, databeheer en reporting – Brussel

~ hetacv.be/jobs

8 ¬ VISIE Kort.

Made in. Belgium

Papierwaren van Aurora

Zelfs al doet de naam geen belletje rinkelen, toch is de kans groot dat je al schreef op papier van Aurora. Te vinden in bijna elk grootwarenhuis, schoolgebouw en zelfs politiekantoor. Het werk van gemotiveerde medewerkers die het papier draaiende houden.

¬ Tekst Djorven Ariën ¬ Foto Wouter Van Vooren

CANITA BOLS (62) - Operator

‘Als snotneus van vijftien jaar ben ik hier begonnen en 47 jaar later ben ik hier nog altijd. Meer dan de helft van de tijd van Aurora heb ik meegemaakt. Ik heb nooit ander werk gewild en ben altijd trouw gebleven. In de liefde was dat ook altijd zo. ( lacht) Ik zou op pensioen kunnen, maar ik werk nog veel te graag. Al is het sinds een paar jaar niet meer voltijds. Maar mijn tempo ligt nog hoog en sommige jongeren hebben moeite om mij te volgen. Ik heb aan zoveel verschillende machines gestaan dat ik de tel ben kwijtgeraakt.’

PETER GORIS (40) - Operator

‘Ik maak de Splendid-schriften die veel mensen kennen van op de schoolbanken. Vroeger stonden op de achterkant tafels van vermenigvuldiging als geheugensteuntje voor de kinderen, maar ook voor sommige ouders denk ik. ( lacht) Ik werk al vijf jaar aan de machine waar ik startte. Ondertussen kan ik bijna elke omstelling probleemloos maken en ook als er iets misgaat, kan ik het vaak zelf oplossen. Ik ben begonnen als uitzendkracht maar kreeg na drie maanden al een vast contract. Ik ben trots om hier te werken. Mijn kinderen gebruiken op school schriftjes van Aurora en dan kan ik zeggen dat papa die gemaakt heeft.’

FEITEN

In 1935 ziet Aurora het levenslicht in het centrum van Turnhout. Toen werden vooral ambachtelijke schoolschriften gemaakt. In 1960 verhuist Aurora naar een 25.000m² grote site in Beerse. De productie zit volledig in België en het bedrijf is handen van de familie Peeters. 71 medewerkers verwerken per jaar 11.000 ton papier tot 28 miljoen agenda’s, schriften, notitieboekjes en meer.

JOHNNY VAN DONINCK (51) – Teamleader magazijn

‘Ik ben hier begonnen omdat ik als magazijnier een dagdienst kon doen. Dat kwam me beter uit, om voor de kinderen te zorgen. Vandaag ben ik teamleader van zes medewerkers in het magazijn. Met het ganse bedrijf gaan we jaarlijks op teambuilding, zo leer je ook collega’s van andere afdelingen kennen. Natuurlijk heeft de digitalisering een impact, maar ik ben ervan overtuigd dat papier niet zal verdwijnen, want kinderen moeten blijven leren schrijven. Studies tonen ook aan dat je veel beter kunt onthouden als je iets opschrijft. Misschien heeft het dalende niveau op school zelfs iets te maken met het feit dat er minder met de hand wordt geschreven.’

VISIE ¬ 9

Cultuur. Een selectie

MUZIEK BRIEF NAAR HET HIERNAMAALS

Bolis Pupul – in het dagelijks leven Boris Zeebroek, zoon van Kamagurka – legt op zijn eerste soloplaat zijn ziel bloot. Met een mix tussen breekbare en dansbare nummers neemt hij afscheid van zijn jong gestorven moeder. Daarbij neemt hij de luisteraar samen met zus Sarah mee naar Ma Tau Wai Road in Hongkong waar zijn mama de eerste jaren van haar leven doorbracht. Letters To Yu is daarmee een intiem en tegelijkertijd universeel werk van rouw en feestvreugde dat steevast balanceert tussen een lach en een traan.

~ Nu te streamen via je favoriete muziekapp

FILM

Wegwerpjongeren

Skunk, de nieuwste prent van regisseur Koen Mortier, is geen film voor gevoelige kijkers. Met onversneden rauwheid wordt hier het verhaal van de verwaarloosde Liam verteld, die in een gesloten jeugdinstelling terechtkomt nadat hij mentaal en fysiek mishandeld werd door zijn drugsverslaafde ouders. Skunk is gebaseerd op het gelijknamige boek van schrijver Geert Taghon die de echte verhalen van verschillende jongeren bundelde tot een beklijvend fictief verhaal. Met onder andere Natali Broods, Boris Van Severen en muziek van de bekroonde Kortrijkse metalband Amenra.

~ Nu in de bioscoop

FESTIVAL Ambacht in beeld

1. 2. 3.

Ambacht in beeld

Koperdrijven, smeden, kuipenmaken, snijdend houtdraaien, haren van de zeis, maar ook boekbinden, kumiko (Japanse houtbewerking), kraanzagen en kantrechten of glasblazen... In het Brusselse Tour & Taxis Gare Maritime kunnen jong en oud proeven van al deze ambachten tijdens het Ambacht in Beeld Festival. Ambachtslieden uit binnen- en buitenland wisselen kennis en vaardigheden uit. De toegang is gratis, de workshops zijn betalend. Met doorlopend ook montages over vakmanschappen zoals lemen, reuzenbouw, teeltselectie, vlechtwerk, draailierbouw, witloofteelt, mastenbouw …

~ 30 & 31 maart in Tour & Taxis Brussel ambachtinbeeldfestival.be

10 ¬ VISIE
8 7 4 9 2 1 8 6 1 2 3 5 6 9 7 6 8 5 5 4 6 8 3 2 7 1
© De Puzzelaar
SELECTIE
Breintrein
Sudoku
© CZAR FILM & TV
© BRAMKLOOS

We vragen het aan.

Tegen 2025 komen er 42.000 sociale huurwoningen bij

In 2014 beloofde de Vlaamse regering met Geert Bourgeois (N-VA) als ministerpresident 42.000 extra sociale huurwoningen in de daaropvolgende tien jaar. Ondertussen is die deadline nabij. Dat beloofde aantal bijkomende woningen lijkt onhaalbaar veraf.

Het leek wel de periode van goede voornemens en vooral dure beloftes bij de N-VA. In 2016 beloofde Liesbeth Homans als toenmalig Vlaams minister van Armoedebestrijding de kinderarmoede te halveren tegen het einde van de regeerperiode. ‘Reken mij daar maar op af’, was de zegel op die belofte. Later kon de huidig parlementsvoorzitter slechts toegeven dat ze haar woord niet heeft kunnen houden.

Twee jaar eerder gaf Geert Bourgeois – toen Vlaams minister-president – ook al zijn woord om tegen 2025 in 42.000 sociale huurwoningen en 6.000 bescheiden woningen extra te voorzien. Een jaar

voor die deadline is stilaan duidelijk dat ook die belofte nog moeilijk waar te maken valt. Waar in 2014 alle lokale sociale huisvestingsmaatschappijen samen 148.250 huurwoningen ter beschikking hadden, was dat in 2022 gestegen tot bijna 161.000. Bijna 13.000 woningen erbij dus, maar helaas nauwelijks een derde van de beloofde 42.000 sociale huurwoningen.

Ondertussen is de sector van sociale huurwoningen wel grondig veranderd. Sociale huisvestingsmaatschappijen moesten van huidige minister van Wonen Matthias Diependaele (ook N-VA) omvormen tot zogenaamde woonmaatschappijen, met bijbehorende

fusies. Dat kan het beeld op het aanbod van sociale woningen enigszins vertekenen.

Maar ook als de cijfers over het totale aanbod in de voortgangstoetsen van het Vlaams agentschap Wonen in Vlaanderen nauwkeuriger bekeken worden, is er geen spoor van de beloofde 42.000 bijkomende sociale huurwoningen. In 2014 tekenden de tabellen een huuraanbod van 159.000 woningen op. Eind 2022 bleef die teller op een totaal van 175.500 sociale huurwoningen staan. Volgens die telling kwamen er in de loop van die acht jaar slechts 16.500 woningen bij.

Piet Van den Bergh, expert arbeidsrecht ACV

Wie kan ouderschapsverlof opnemen?

‘Met ouderschapsverlof kun je je werk onderbreken voor de opvoeding van je kind. Je kunt alleen ouderschapsverlof opnemen als het verlof begint vóór het kind twaalf is (in het geval van een kind met een handicap is dat 21 jaar). Concreet hebben de volgende werknemers recht op ouderschapsverlof: de biologische moeder en de wettelijke vader van het kind, de persoon die het kind heeft erkend of de partner van de biologische moeder die meeouder is geworden, of de adoptieouders. Per kind hebben maximaal twee ouders recht op ouderschapsverlof.’

‘Om als meeouder in aanmerking te komen, moet je het meeouderschap kunnen bewijzen met een huwelijksakte, een bewijs van wettelijk samenwonen of een uittreksel van het bevolkingsregister dat aantoont dat je minstens drie jaar voor de geboorte al ingeschreven was op hetzelfde adres als het kind. Bovendien mag de biologische vader het kind niet hebben erkend.’

‘Stiefouders, plusouders en pleegouders hebben geen recht op ouderschapsverlof voor het stief-, plus- of pleegkind. Je kunt wél ouderschapsverlof opnemen voor je stiefkind op voorwaarde dat je het kind hebt geadopteerd of erkend.’

‘Het ACV vraagt dat ook pleegouders recht krijgen op ouderschapsverlof zoals alle andere ouders, en onderhandelt daarover momenteel in de Nationale Arbeidsraad.’

VISIE ¬ 11 Factcheck.
© ID/JIMMY KETS
‘We waarderen handenarbeid te weinig. Ten onrechte!’
12 ¬ VISIE Interview. VRT-journalist Chris De Nijs blikt terug op 35 jaar verslaggeving

Sinds 1988 was VRT-journalist Chris De Nijs een vaste waarde aan menige fabriekspoort.

Maar voortaan zien we hem niet meer te midden van sociale brandhaarden op het kleine scherm. 20 februari was zijn laatste werkdag. ‘Voortaan wil ik met mijn handen werken.’

¬ Tekst Lies Van der Auwera ¬ Foto Maarten De Bouw

In zijn straat in Brugge is de elektriciteit zopas uitgevallen. De koffiekan raakte nog net gevuld. ‘Zelf kan ik niets’, grapt De Nijs. Nochtans wijdde hij zijn hele loopbaan aan arbeid. Domeinen als het bedrijfsleven, de sociale zekerheid of de welzijnssector kent hij als zijn broekzak na 35 jaar verslaggeving. De journalistiek was een vak waar hij intuimelde, terwijl hij aan de slag was in de gehandicaptenzorg.

‘Een bijzondere interesse voor zwakkeren heb ik altijd gehad. Dat is een rode draad door mijn loopbaan. Hoe zorg je ervoor dat mensen zonder veel scholing of een handicap op de arbeidsmarkt hun weg vinden? Vroeger zag ik al hoe mensen met een handicap kunnen openbloeien op het werk. Arbeid kan ongelukkig maken, maar omgekeerd zag ik ook dat arbeid zin geeft.’

Kijken we neer op handenarbeid?

DE NIJS ¬ ‘Ik vind van wel. Terwijl dat volledig onterecht is. Ook vandaag zie ik met lede ogen aan hoe technische vaardigheden onderaan bungelen. Uit de jaarlijkse schoolverlatersrapporten blijkt dat nog steeds grote aantallen jongeren in het beroepsonderwijs kantoor volgen. In tijden van AI en automatische registratie lijken me dat vogels voor de kat. Waarom niet een ambacht met kennis en vaardigheden leren, als bouwvakker of schilder? We blijven denken dat kantoorbanen waardevoller zijn.’

‘Ik geloof heel sterk in jobfierheid. Ooit maakte ik een reportage in een fabriek waar confectie-arbeidsters met volle overtuiging jeans stikten. Door de eindredactie was de term ‘ongeschoolde arbeidsters’ in de reportage geslopen. Kwaad dat die vrouwen op mij waren, want kun jij dan een broek stikken?’

Amper een maand na uw pensioen verzamelt de pers aan de poorten van busbouwer Van Hool. Hoe kijkt u daarnaar?

DE NIJS ¬ ‘Ik ben eigenlijk sinds 88 bij alle grote sociale conflicten geweest. Voor het eerst in al die jaren stond ik zelf niet aan die poort, maar zag ik het op televisie. Ik voelde de aandrang om in mijn auto te springen, maar er is een tijd van komen en gaan.’

‘Wat bij Van Hool gebeurt is de voortzetting van een trend: die afbouw van de industriële arbeid is allang bezig. In 1988 was de kledingnijverheid al bijna helemaal weg uit Vlaanderen. Ook in de metaalverwerkende nijverheid is bijvoorbeeld de fabrieksarbeid bij Philips of bij Bekaert al helemaal of grotendeels weg. Hetzelfde geldt voor de voertuigen. Het begon met Renault, en vervolgens sloten Opel Antwerpen en Ford Genk. In Wallonië verdween Caterpillar. Nu gaat het over Van Hool, wellicht volgt Audi. We moeten ook opletten dat we dat niet eenzijdig toeschrijven aan loonverschillen met de buurlanden. Bij Van Hool gaat het om concurrentie met de zeer lage lonen in de eigen fabriek in Noord-Macedonië.’

Welke gevolgen ziet u voor de werknemers?

DE NIJS ¬ ‘We zijn sterk opgeschoven naar diensten en non-profit. En meer mensen werken. In 1988 was in Vlaanderen ongeveer 60 procent aan de slag, nu zo’n 77 procent. Maar hierbij komt een belangrijke kanttekening: het verdwijnen van de industrie is vooral een probleem voor wie kortgeschoold is. Vroeger zorgde de industrie voor werkgelegenheid met goede loon- en arbeidsvoorwaarden. Ook mensen met een eenvoudige, korte

scholing konden daar tegen een goed loon aan de slag. Dat is nu veranderd. De lagere middenklasse vindt vandaag moeilijker een duurzame baan met goede loon- en arbeidsvoorwaarden.’

Ook de sfeer bij betogingen en stakingen is veranderd volgens u.

DE NIJS ¬ ‘Dat kadert voor mij eveneens in die verschuiving naar diensten. In de industrie was het relatief simpel: doe de poort toe en je doel is bereikt. De fabrieksbazen lijden verlies. Maar vandaag werken meer mensen in winkels, in dienstverlening, bij de overheid, in welzijn of gezondheidszorg. Hun acties treffen niet meer enkel de baas, maar ook patiënten, ouderen, treinreizigers … Dat bemoeilijkt sociaal protest.’

‘Verder voel ik een toenemend onbehagen. Zo zie ik bij betogingen vaker relschoppers opduiken. Geen gele hesjes zoals in Frankrijk, maar ‘zwarte maskers’, die een ongeorganiseerd en moeilijker te kanaliseren sociaal protest belichamen.’

Wat gaat u doen met uw pensioen?

DE NIJS ¬ ‘Op een radicale uitspraak na mijn journalistieke jaren ga je me niet kunnen betrappen. Ik probeer genuanceerd in het midden te blijven staan en geloof steevast in goed doordachte compromissen.’

‘Daarnaast zoek ik nu naar een nieuw ritme. In ieder geval wil ik betrokken blijven bij welzijn en arbeid voor de zwaksten (De Nijs zit mee in het bestuur van een maatwerkbedrijf en een voorziening voor mensen met een handicap, red.) En ten slotte wil ik meer met mijn handen werken. Rustgevend vind ik dat, terwijl je nauwgezet bezig bent is er geen tijd voor andere gedachten.’

VISIE ¬ 13

Uitbuiting bij onderaanneming in bouwsector

Sociale dumping op Europese agenda

Vorige week voerde de EFBH (Europese hout – en bouwvakbond, waarvan ook ACVBIE lid is) actie aan het Europees Parlement. Doel is om sociale dumping in de bouwsector weer hoog op de Europese agenda te krijgen in aanloop naar de Europese verkiezingen.

¬ Tekst Lies Van der Auwera

¬ Foto ID/Joren De Weerdt

Vorige week ging de campagne #limitsubcontracting van start. Die wil een einde maken aan uitbuiting in de ketens van onderaanneming in de bouwsector. Nu de Europese verkiezingen naderen, gaat de campagne een nieuwe fase in. Een debat in het Europees Parlement - meteen de aftrap van de campagne - stelde de rol van de Europese Commissie scherp in vraag: ‘Misbruik van onderaannemingspraktijken - Kan de EU meer doen?’. Het antwoord is een volmondig ja.

Dringende actie op Europees en nationaal niveau is nodig, stelt Laetitia Baldan van het internationaal secretariaat van ACVBIE: ‘We moeten de uitbuiting van werknemers in onderaannemingsketens stoppen. De Europese Unie moet werknemers in onderaanneming beter beschermen. Eerlijke arbeidsomstandigheden moeten de norm zijn.’

Tom Deleu, algemeen secretaris van de EFBH, valt haar bij: ‘Werknemers hebben antwoorden nodig en echte oplossingen die hun leven positief veranderen. We willen concrete actie: onderaanneming inperken, regels rond openbare aanbeste -

dingen verstrengen en uitzendkantoren in de context van detachering verbieden. En er moeten meer inspecties komen, nationaal en Europees.’

Alarmerende studie

Tijdens de actie werd ook een recente studie van de Deense Aalborg Universiteit aangehaald. Die deed onderzoek naar werkomstandigheden van arbeiders met een migratieachtergrond in de Deense bouwsector. De resultaten zijn alarmerend en bovendien herkenbaar voor de hele Europese Unie.

De studie toont aan dat arbeiders met een migratieachtergrond oververtegenwoordigd zijn in gevaarlijke sectoren, waaronder de bouw. Bovendien werken ze vooral

Bouwsector zoekt afgevaardigden

De bouwsector organiseert geen sociale verkiezingen. Daarom is ACV bouw - industrie & energie (ACVBIE) steeds op zoek naar nieuwe afgevaardigden om syndicaal overleg tussen werkgever en werknemers te kunnen organiseren in bouwbedrijven. Vooral bedienden blijven nu nog te vaak ondervertegenwoordigd in dit overleg.

In bouwbedrijven verloopt het sociaal overleg volledig via de syndicale afvaardiging. Die neemt dan de rol van het comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW) en de ondernemingsraad (OR) over, met de ambitie om de werkomstandigheden te verbeteren. Niet elk bouwbedrijf heeft al een syndicale afvaardiging. Wie zich kandidaat stelt als afge-

in de meest risicovolle subsectoren, zoals sloopwerkzaamheden. Of ze werken vaker in zogenaamd ‘vuile, gevaarlijke en veeleisende banen’. Veel arbeiders gaven ook aan dat ze zonder pauze moeten doorwerken aan een hoog tempo, zelfs met blessures.

Cindy Franssen, Europees parlementslid voor CD&V, steunt alvast de vakbondseisen: ‘Onderaanneming mag geen vrijgeleide zijn voor de schending van werknemersrechten en sociale dumping. Nog te vaak is het een strategie van bedrijven om hun winst en concurrentiepositie op de markt te vergroten zonder aansprakelijk te zijn voor de gevolgen van hun handelingen. Daarom hebben we een geharmoniseerde Europese aanpak tegen misbruik nodig.’

vaardigde, kan zo’n overleg binnen zijn of haar bedrijf opstarten.

~ www.hetacv.be/worddelegeebouw

14 ¬ VISIE Sectornieuws.
Zorgen dat de collega’s ‘s ochtends opnieuw met een lach kunnen binnenkomen

Rudi Spigeleer werkt al 25 jaar bij Getinge, een onderneming die operatiezalen installeert. Vier jaar geleden besloot hij om er als eerste kandidaat ooit op te komen bij de sociale verkiezingen. Nu staat hij er opnieuw, samen met zeven collega’s.

Wij verkopen, installeren, onderhouden en herstellen operatietafels, lampen, beademingstoestellen en pendels voor medische gassen: alles wat nodig is om een operatiezaal te laten draaien. Het Belgische dochterbedrijf telt 75 werknemers.’

‘Er was geen sociaal overleg bij Getinge, maar vroeger was er wel altijd een dialoog mogelijk met de bazen. Dat veranderde toen we een Nederlands management kregen. Noem het gerust een schrikbewind. My way or the highway. Toen er op korte tijd twee medewerkers onterecht ontslagen werden (ze kregen later gelijk van de recht-

bank), heb ik me aangesloten bij de vakbond. Ik heb toen ook geïnformeerd hoe dat in zijn werk ging, een lijst opstarten voor de sociale verkiezingen. De secretaris van het ACV heeft contact met me opgenomen. Dat klikte goed, en toen is het allemaal heel snel gegaan. Ik heb nog twee collega’s gevonden die mee wilden opkomen.’

‘In het begin was het wel spannend: wat zou er allemaal op ons afkomen? Wij moesten nog veel leren, maar in vergaderingen voelden we dat de managers, voor het merendeel Nederlanders, echt van niks wisten. Ze kenden de wetgeving niet, ze wisten niet hoeveel slagkracht wij konden hebben.’

Het Duits management beseft ondertussen ook dat je in België als onderneming niet om het even wat kunt doen. We zijn hier goed beschermd als werknemer.
¬ RUDI SPIGELEER

‘Op een bepaald moment zaten vijf van de 25 techniekers thuis met een burn-out. Dat wil wat zeggen. De interne surveys waren altijd barslecht, maar er werd niets mee gedaan. Eind 2022 hebben we onze stoute schoenen aangetrokken en een mail gestuurd naar de twee grote bazen in Duitsland, met de vraag om een open gesprek te hebben. Sindsdien gaat het beter. Zij hebben één lid van het management ontslagen

en enkele anderen op een zijspoor gezet. De Duitse CEO zit nu mee aan tafel in Nederland, en bij ons zit de CFO erbij, en sindsdien is er weer een dialoog. Er wordt vooruitgang geboekt.’

‘Een van onze actiepunten waren de overuren. Bij de techniekers werd er voor en na de werktijd telkens een halfuur afgetrokken. Wij gaven aan dat dat niet wettelijk was, maar het bleef aanslepen. Volgens de managers was het een grijze zone. Wij hebben uiteindelijk de sociale inspectie uitgenodigd, met akkoord van de werkgever. Wij hadden gevraagd dat ze twee jaar retroactief zouden terugbetalen, maar van de sociale inspectie moesten ze drie jaar terugbetalen. Zo grijs was de zone niet.’ (lacht)

‘Ik ben blij dat ik de stap heb gezet om vakbondsafgevaardigde te worden. Mijn collega’s en ik zijn erin geslaagd om de dialoog open te trekken en een en ander geregeld te krijgen. Niet alleen die overuren, maar bijvoorbeeld ook een vergoeding voor werkkledij, een car policy, de 40-urenwerkweek waar de collega’s naar vroegen… Nu willen we werk maken van een desinfectieprocedure om onze techniekers te beschermen’

‘Onze collega’s zien ook dat er dingen ten goede veranderen. De helft van hen heeft zich ondertussen aangesloten bij de vakbond. Bij problemen komen ze naar ons en zoeken wij een oplossing. En het Duits management ziet ook in dat een vakbondswerking een win-win is, voor de werknemers én voor de firma. Ze beseffen ondertussen ook dat je in België als onderneming niet om het even wat kunt doen. We zijn hier goed beschermd als werknemer.’

‘Ik zou eigenlijk met vervroegd pensioen kunnen gaan, maar ik ga nog door. Dit keer zijn we met 8 kandidaten, voor 8 mandaten. Allemaal collega’s die willen dat de firma een betere plek wordt om te werken, zodat de collega’s ‘s ochtends opnieuw met een lach kunnen binnenkomen.’

Jouw regio. Vlaams-Brabant en Brussel
VISIE ¬ 15

SOCIALE VERKIEZINGEN 2024: ZELFDE STATUUT VOOR ARBEIDERS EN BEDIENDEN BIJ ENVALIOR Waarom

een onderscheid maken?

Sinds 1 januari vorig jaar heeft iedereen bij het Genkse chemiebedrijf Envalior, het vroegere DSM, het bediendestatuut. ‘Zeker 20 jaar geleden zetten we onze syndicale lijnen uit en vandaag kunnen we genieten van de resultaten van die lange termijnvisie’, zegt ACV-afgevaardigde Guido Maes.

¬ Tekst & foto Vicky Jans

Verontwaardiging

Het eenheidsstatuut omvatte voor de ACV-ploeg bij Envalior meer dan enkel de gelijkschakeling van de opzegtermijnen. ‘We verwachten dat iedereen, ongeacht zijn jobinhoud, elke werkdag even gemotiveerd op de werkvloer staat en met volle goesting zijn job doet. Waarom dan wel een onderscheid maken in statuten? Dat is toch onrechtvaardig? Eigenlijk is het pure verontwaardiging die achter deze redenering schuilgaat’, lacht Guido.

Historisch

Een eenheidsstatuut in elke betekenis van het woord realiseren, gebeurt niet overdag. ‘Het dagelijks syndicale werk springt het meest in het oog maar achter de schermen wordt minstens even hard gewerkt. Je kan niet zomaar even een historisch gegeven uitvegen. Bovendien moet hetgeen dat in de plaats komt doordacht en duurzaam zijn’, legt Frederik Wellens uit.

Trots

Naast de opzegtermijnen en eenzelfde groepsspaarplan werden het meest recent de loonschalen aangepakt. Aan dit alles gekoppeld, ontvangen alle werknemers sinds een tiental jaren dezelfde loonsverhoging in centen en delen ze op eenzelfde manier in de winst. ‘Ik denk dat onze syndicale ploeg met recht en reden trots mag zijn op wat we hier bereikten’, aldus Guido.

Voorwaarden

Naast de loonvoorwaarden worden er ook flink wat inspanningen geleverd op het vlak van de arbeidsvoorwaarden. CAO 104 -lees: werkbaar werk- is geen dode letter op de werkvloer bij Envalior. Maar minstens evenveel aandacht gaat uit naar het algemeen welzijn en de bedrijfscultuur.

Drie V’s

Dat kan door kleine maatregelen zoals een fruitautomaat of een veiligheidsweek ‘maar wil

Het dagelijks syndicale werk springt het meest in het oog maar achter de schermen wordt minstens even hard gewerkt.’

je werken rond absenteïsme, collegialiteit ... dan moet je ervoor zorgen dat werknemers zich goed voelen op je bedrijfsvloer’, vindt Benny Vanloffelt. Vertrouwen, verbinding en verantwoordelijkheid zijn de 3 V’s die de basis vormen van dit welzijnsbeleid. ‘We hebben dan ook begin dit jaar zonder problemen kunnen invoeren dat je 3 dagen aaneensluitend afwezig kan zijn door ziekte zonder een ziekteattest’, vertelt Frederik. ‘En neen, de afwezigheidscijfers gingen niet plots de hoogte in, integendeel.’

Samenwerking

Zo een beleid kan alleen maar waargemaakt worden door een goede samenwerking. ‘Gelukkig hebben wij een directie waarmee we -ook in moeilijke tijden- naar oplossingen kunnen zoeken. Op een open manier en in alle vertrouwen het gesprek met elkaar kunnen aangaan, maakt dat je als bedrijf stappen vooruit kan zetten. Dat is een win-win voor zowel de werknemers als de werkgever’, besluit Guido

VISIE ¬ 15 Jouw regio. Limburg
v.l.n.r. Benny, Guido & Frederik.

Kwaliteitsvolle kinderopvang en meer geboorteverlof voor mannen

Daags voor de internationale dag voor de rechten van de vrouw vond een opgemerkte actie met kinderwagens plaats in het Technologiepark in Zwijnaarde.

¬ Tekst Jan Maertens ¬ Foto Frederiek Vande Velde

We strijden voor een betere balans tussen arbeid en gezin. Een strijd die in 2024 nog altijd nodig is,’ benadrukt Sebbe Vandeputte van ACVBIE. ‘We pleiten voor een samenleving die zorgvriendelijker is. Daarin krijgt iedereen de kans om zorg en werk te combineren, terwijl er ook ruimte blijft voor persoonlijke tijd.’

De actievoerders verzamelden met de kinderwagens aan kinderdagverblijf Parkkabouter aan de ingang van het Technologiepark en vertrokken van daar in colonne naar BASF en Primoris.

‘Het was zeker geen alledaags zicht, onze stoet met kinderwagens’, zegt Merel Demey van ACV Puls. ‘We vielen op en we konden daardoor onze actiepunten aan de werknemers duidelijk maken. Zo heeft een vader of mee-ouder vandaag recht op 20 dagen geboorteverlof, terwijl de moeder minstens 15 weken heeft. Daardoor komt de zorg te vaak bij haar terecht, en dus ook het inkomensverlies. We pleiten ervoor om dit gelijk te trekken.’

‘De start aan het kinderdagverblijf was niet lukraak gekozen,’ vervolgt Sebbe Vandeputte. ‘We vragen een grotere waardering voor gezinsondersteunende diensten. De Vlaamse kind-begeleiderratio is met 1 op 9 in de groepsopvang en 1 op 8 in de gezinsopvang de hoogste kind-begeleiderratio voor baby’s en peuters van Europa. We willen meer, betaalbare en kwalitatiever plaatsen in de kinderopvang. Een kwaliteitsvolle kinderopvang vereist een serieuze verbetering van de arbeidsvoorwaarden voor de kinderbegeleiders en onthaalouders.’

Het laatste woord is voor Ann-Sofie Campe, ACV-afgevaardigde bij BASF: ‘Het heeft een jaar geduurd voor ik een voltijdse plek in een kinderopvang kon vinden terwijl ik van bij het begin van mijn zwangerschap op zoek ben gegaan. Het wordt er niet beter op, hoor ik van collega’s. Het is dikwijls best moeilijk en lastig om de puzzel van werk, gezin en privétijd te leggen.’

“Vrouwen bij dienstenchequebedrijven moeten zich dubbel plooien”

In Aalst dansten ze de limbo om aandacht te vragen voor vrouwen bij dienstenchequebedrijven.

De actie vond niet toevallig plaats op de Hopmarkt voor het kantoor van dienstenchequebedrijf Domestic Services. Jelle Vandendriessche van ACV Voeding en Diensten: ‘Mensen die voor dienstenchequebedrijven werken, moeten vaak hard werken, zonder de nodige erkenning. Het is dankzij hen dat onze economie draait en gezinnen met twee kunnen gaan werken. De sector van de dienstencheques is de enige waarvoor nog geen sectorakkoord is afgesloten. Momenteel moeten ze vechten voor het behoud van hun eindejaars- en syndicale premie, wat echt schrijnend is.’

CONTACT ACV Oost-Vlaanderen: www.hetacv.be/contact | afspraak boeken (telefonisch of kantoor) via www.afspraakACV.be | 09 244 21 11 Documenten mag je zonder omslag in de ACV-brievenbus deponeren: www.hetacv.be/brievenbussen

VISIE ¬ 15 Jouw regio. Oost-Vlaanderen

Geert Blieck, gewezen ACV-hoofdafgevaardigde bij CNHi, naast kersvers ACV-hoofdafgevaardigde Jorgé Oorlynck bij het gloednieuwe model maaidorser dat men dankzij het toekomstpact vanaf volgend jaar in Zedelgem zal produceren.

ACV-CSC Metea-afgevaardigden van CNHI Zedelgem kiezen voor oplossingen

‘Tewerkstelling komt op de eerste plaats’

Bij landbouwmachineproducent Case New Holland Industrial (CNHi) in Zedelgem gaf ACV-hoofdafgevaardigde Geert Blieck begin dit jaar de fakkel door aan Jorgé Oorlynck. ‘Ik heb meer dan 40 jaar voor CNHi gewerkt, waarvan zo’n 10 jaar als hoofdafgevaardigde. We hebben als ACV op verschillende punten écht het verschil kunnen maken’, vertelt Geert.

¬ Tekst en foto Jeroen Pollet

Jorgé werkt ondertussen 15

jaar bij CNHi en is er sinds 2011 ook syndicaal actief. ‘Ik wil als ACV-hoofdafgevaardigde verder bouwen op wat Geert samen met onze andere militanten realiseerde’, steekt Jorgé van wal.

Toekomstpact

‘Vijf jaar geleden sloten we een toekomstpact met de werkgever’, gaat Geert verder. ‘Door dit akkoord zal CNHi hier in Zedelgem vanaf volgend jaar het nieuwe paradepaardje van de maaidorsers produceren: de CR11 Next Generation. Uit testen blijkt dat die 25 à 30% productiever is dan de andere modellen op de markt. Dat zorgt voor meer werkzekerheid hier op de site en daar zijn we altijd voor gegaan: de tewerkstelling hier in Zedelgem vrijwaren.

Daarom hebben wij met dit toekomstpact als ACV ook onze nek uitgestoken, in tegenstelling tot sommige van onze concullega’s. Wij nemen onze verantwoordelijkheid.’

Constructief overleg ‘Het klopt dat wij ons constructief opstellen’, zegt Jorgé. ‘We proberen alles in overleg op te lossen. Actie starten we enkel als het overleg niets oplevert. En dat levert best mooie resultaten op, als we bv. kijken naar onze cao90 (winstpremie), fietslease, koopkrachtpremies, … dan mogen de akkoorden telkens gezien worden.’ Geert vult aan: ‘Ook qua preventie en veiligheid hebben we een mooie weg afgelegd. De laatste jaren zijn hier daardoor geen ernstige ongevallen meer geweest.’

Doorgroeimogelijkheden

Dat tewerkstelling en veiligheid prioritair blijft, maakte Jorgé al duidelijk. Maar hij wil in de komende jaren graag nog andere accenten leggen. ‘Ik wil ijveren voor een werksfeer waarin iedereen zich thuis voelt. Hier in CNHi zijn we allemaal collega’s ongeacht gender, afkomst, politieke voorkeur, … Daarnaast is kansen geven ook een speerpunt: mensen moeten mee kunnen evolueren met de technologie en wie daartoe gemotiveerd is, moet voldoende doorgroeimogelijkheden krijgen. We geven met onze ACV-kandidaten voor de komende sociale verkiezingen het goede voorbeeld: we bouwden de voorbije vier jaar aan een nieuwe, verjongde groep van gemotiveerde ACV-militanten’, besluit Jorgé.

TIJDELIJKE WERKLOOSHEID

Het toekomstpact verzekert dan wel tewerkstelling bij CNHi, momenteel is er wel wat tijdelijke werkloosheid. ACV-hoofdafgevaardigde Jorgé Oorlynck: ‘De onzekerheid in de landbouwsector speelt een rol: men stelt investeringen uit. Daarnaast spelen de hogere rentes en lagere subsidies in sommige landen ook een rol. We moeten ook besparen: ondanks de winstcijfers van vorig jaar zijn de beloftes aan de aandeelhouders niet ingelost, dus er is onzekerheid op de markten. Die factoren samen zorgen ervoor dat er nu tijdelijk minder werk is. We hopen op een heropleving tegen het einde van dit jaar.’

West-Vlaanderen koploper

CNHi is geen alleenstaand geval: er is een algemene toename van de tijdelijke werkloosheid. ‘Sinds het najaar van 2023 zien we een sterke stijging en we voelen die ook in onze kantoren’, zegt provinciaal ACV-voorzitter Wim David. ‘Er is ondertussen in alle Vlaamse provincies meer tijdelijke werkloosheid, maar West-Vlaanderen was jammer genoeg de trendsetter. De stijging is bij ons een stuk vroeger gestart. Er is duidelijk dringend nood aan een industriebeleid dat de noodzaak van onze maakindustrie ondersteunt.’

CONTACT ACV West-Vlaanderen: www.hetacv.be/stel-je-vraag afspraak boeken (telefonisch of kantoor) via www.hetacv.be/afspraak 051 23 58 00

VISIE ¬ 15
Jouw regio. West-Vlaanderen

ACV PROVINCIE ANTWERPEN KIEST EEN NIEUWE HOOFDZETEL!

1913 - 2024: ‘Een nieuwe locatie om de toekomstige uitdagingen beter aan te gaan !’

Na ruim 110 jaar verlaat het ACV haar historische site in de Nationalestraat. De nieuwe locatie wordt ‘The Pelican’, gelegen op de hoek van de Pelikaanstraat en de Keyserlei (tegenover het station Antwerpen-Centraal).

'Onze huidige gebouwen aan de Nationalestraat dateren uit de jaren tachtig en beantwoorden helaas niet meer aan de huidige vereisten', zegt Wim Penninckx, voorzitter van ACV provincie Antwerpen. 'We zochten al een tijdje naar een locatie met voldoende ruimte, maar ook de ligging, de mobiliteit, visibiliteit én duurzaamheid speelden een rol in onze keuze!'

'Tijdens deze zoektocht viel het ons ook op, dat de buurt rond de Pelikaanstraat niet ‘stil’ staat en dat er de afgelopen jaren heel wat investeringen zijn gebeurd. Deze buurt wordt de belangrijkste kantoorlocatie van de stad.

Werkomgeving van de toekomst!

'Het ACV ondersteunt dagelijks werknemers. We hebben hiervoor een locatie nodig waar heel veel van onze vrijwilligers vorming en ondersteuning krijgen, waar onze medewerkers advies kunnen geven, dossiers voorbereiden,…'

'Duurzaamheid is hierbij uitermate belangrijk: dat geven we

mee aan onze vrijwilligers – dat willen we ook zelf uitstralen naar onze eigen werknemers. De nieuwe site – binnen te wandelen via het centraal station – behaalt vandaag reeds de duurzaamheidsnormen van 2050 en beschikt over een BREEAM Excellent-certifcaat.'

Eén groot ACV!

Het ACV is een groot huis met vele kamers.

'We hebben in onze provincie meer dan 275.000 leden, 5000 vrijwilligers en 275 personeelsleden. Deze verdienen een moderne, goed bereikbare hoofdzetel.'

De keuze voor een nieuwe site betekent dat bijna alle sectoren

van het ACV terug samen onder één dak komen. De voorbije jaren was dit omwille van plaatsgebrek een stukje doorbroken.

Verhuizing

'De komende maanden zetten we het proces stap voor stap verder. We moeten onze kantoren nog inrichten. We stellen begin 2025 voorop als streefdoel voor de verhuizing van al onze diensten en beroepscentrales.'

VISIE ¬ 15
Jouw regio. Provincie Antwerpen
Zafar. (1987). ACW, Antwerpen, de kantoren van de Nationalestraat, 1987: voorgevel.

Comedian,

acteur en scenarist

Dries Heyneman gevat in

5 woorden

Keuzevrijheid

‘Mijn rol als sheriff in Chantal heeft me veel bekendheid opgeleverd als acteur. Maar ik ben ook scenarist en comedian. Dat is een gigantische vrijheid, kunnen kiezen waarmee je je bezighoudt. Veel acteurs kunnen moeilijk een rol weigeren, want er moet brood op de plank komen. Het liefst sta ik op een podium. Het directe contact met het publiek en de uitdaging om die lach te creëren, dat doet mijn bloed stromen. Scenarioschrijven is echt een werk van liefde. Ik sluit mezelf dan drie jaar op, maar veel geld of erkenning staat er meestal niet tegenover.’

Relativering

‘Mensen gebruiken humor in het dagelijks leven om dingen te relativeren. Dat is ook heel belangrijk voor de mentale gezondheid. Maar als je er je werk van maakt, dan wordt het soms moeilijk. Je hebt immers al veel kruit verschoten aan een publiek. Zo dreigt er niets over te blijven voor jezelf. Dan dreig je een beetje zoals een clown met tranen te worden. Daar worstel ik zelf soms ook wel mee.’

Angst

‘Angst heeft mij het meest belemmerd in mijn leven. Dat is ook de reden waarom ik pas later in mijn leven bekendheid gekregen heb. Vroeger werkte ik vooral achter de schermen. Door een goede therapeut en assertiviteitstrainingen heb ik dat kunnen doorbreken. Ik vind het vooral spijtig dat ik niet vroeger in mijn leven het zelfvertrouwen had dat ik nu heb. Dat heeft ook veel met opvoeding te maken. Waarmee ik niet wil zeggen dat mijn ouders het fout gedaan hebben. Iedereen is een kind van zijn tijd en omgeving. Maar als assertiviteit niet gestimuleerd wordt, dan ga je dat ook niet zelf ontwikkelen. Terwijl het wel een ongelooflijk cadeau is als je iemand zelfvertrouwen kunt geven. Daar proberen we bij onze eigen kinderen dan ook sterk op in te zetten.’

Antiheld

‘Ik speel of creëer nooit helden, want dat zijn saaie personages. Mijn opleiding als psycholoog helpt me bij het ontwikkelen van karakters. Ik vertrek vaak van bepaalde ziektebeelden en hou van antihelden. Zij zijn veel interessanter om te spelen en geestiger om naar te kijken, omdat ze vaker mislukken. Ik ben niet geïnteresseerd in iemand die alles kan en ken ook niemand die echt een fundamentele held is. Als er al helden zijn, dan zijn dat mensen die levens redden, zoals bijvoorbeeld in de zorg.’

Context

‘Als je uit een comedyshow losse fragmenten pikt, dan lijken comedians soms verschrikkelijke mensen. Maar in de context van de hele show, wordt dat veel genuanceerder. Van mij mag overal mee gelachen worden, zolang de timing en vooral de context klopt. Ik heb eigenlijk geen taboes op dat vlak.’

¬ Tekst Djorven Ariën ¬ Foto 5to9 Producties
ANTWERPEN
Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.