AJN Jeugdartsen Nederland JA! #56

Page 1

Klimaat

Groenblauwe schoolpleinen dienen kind, school én klimaat Anne Roosendaal – De Klimaat Dokter ‘De zorg is enorm vervuilend’ AJN-lid Anne de Boer ‘De jeugdarts kan op veel manieren het verschil maken’ 2022 #56

voor echte bofkontjes

De huid van een kleintje is erg gevoelig, die wil je dus goed verzorgen. Door afsluiting van de huid en/of door een natte luier kunnen baby's schrale, rode billetjes krijgen. Sudocrem behandelt en voorkomt luieruitslag. Ook verzacht, beschermt en helpt het de rode en kwetsbare huid. Sudocrem ruikt lekker en kan meteen vanaf de geboorte worden gebruikt. Daarom is Sudocrem het meest gebruikte middel bij luieruitslag.*

Sudocrem is een medisch hulpmiddel. Lees voor gebruik de gebruiksaanwijzing. KOAG KAG 2977-1114-1569. NL/SUD/20/0013 * Nielsen, Category Report Bottom Care, P13 2020
www.sudocrem.nl Laat alle baby’s en moeders gratis kennis maken met Sudocrem. Mail je naam (functie en organisatie) en adresgegevens naar info.nl@sudocrem.com. Gratis samples?

Samenwerken loont

Een (mond)gezonde generatie laten opgroeien. Dat is wat zowel de jeugdarts (AJN) als de tandarts (KNMT) en hun teams nastreven. Echter, samenwerking tussen de beroepsgroepen is in de praktijk niet overal vanzelfsprekend. De lancering van de Praktijkkaart Tandarts & jeugdarts kan daar verandering in brengen. Ik vond het leuk en nuttig om dit toe te lichten.

Transitie

Wat gezond is voor een kind, is ook goed voor het klimaat. Mocht je geen tijd hebben om de JA! verder te lezen, onthoud dan in elk geval dit zinnetje. Toch raad ik je sterk aan de verhalen van deze editie te lezen, want ze staan bomvol inspiratie, adviezen en een dringende oproep om onze maatschappelijke rol te pakken bij het thema Klimaat. De klimaattransitie vraagt van iedereen veel, maar wees niet bezorgd; als jeugdartsen zijn we perfect toegerust. Zoals AJNlid Anne de Boer zegt: “We hebben de taak om de gezondheid van de jeugd te bevorderen, de maatschappelijke positie en aanzien als medicus om dit te doen, en de samenwerkingen, aanwezigheid in de wijken en de vaardigheden vanuit de M+G opleiding om dit te realiseren.”

Als jeugdartsen weten wij als geen ander wat gezond is voor een kind. En dus weten we eigenlijk ook heel goed wat goed is voor het klimaat. Zoals borstvoeding (Column), buitenspelen (Markant), veganistische voeding (Casus), en groenblauwe schoolpleinen (Onderzoek). Gezondheid en klimaat zijn met elkaar verbonden (Podium) en dat betekent ook dat we kritisch kunnen kijken naar hoe we onze eigen zorgpraktijk duurzamer inrichten (Expertise).

Als JA! zijn we ook in transitie. Heel fijn dat jullie met zovelen de recente enquête invulden. Er zaten veel tips en goede aanwijzingen bij en jullie spraken de wens uit tot een iets andere invulling van het blad. Die wens delen wij en dus zijn we achter de schermen hard bezig met het doorvoeren van deze veranderingen. Houd het in de gaten, want binnenkort zit JA! in een nieuw jasje, om jullie nog meer te inspireren, te prikkelen en te leren.

van der Torren hoofdredacteur JA!

Ik vind…

Klimaatverandering is de grootste bedreiging voor het welzijn en de gezondheid van onze planeet en al haar inwoners. Van alle mensen zijn kinderen het meest kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering doordat er een direct gevaar is om veilig te kunnen opgroeien en ontwikkelen. De klimaatcrisis is een kinderrechten-crisis. En als jeugdarts voel ik mij verplicht hier wat van te vinden.

Supergrappig!

Het was leuk dat ik voor mama’s werk op de foto ging, net als mijn zus vroeger. Mama gieterde water op mijn paraplu, dat was echt supergrappig! In de zomer wist ik niet meer wanneer het voor het laatst regende. Regen is leuk, dan kun je met een paraplu spelen en in de plassen stampen!

Ja! magazine 3 2022 #56 COLUMN VOORZITTER
Roselin Vassia Ivanova AIOS M+G/Jeugdgezondheid Milou Munk arts M+G Juliette covermodel (4 jaar)

INHOUDSOPGAVE

AJN-lid

AIOS M+G/Jeugdgezondheid

Anne de Boer benadert de grote thema’s klimaatverandering en ongelijkheid klein en lokaal. ‘De jeugdarts heeft veel ingangen om verschil te maken.’

Column

De impact die de productie van zuigelingenvoeding heeft op het milieu, mag wat meer meespelen in de overweging of je borstvoeding geeft, vindt arts M+G/Jeugdgezondheid Jantsje Heeringa.

Onderzoek

Groenblauwe schoolpleinen, waar zowel de flora & fauna (groen) als het water (blauw) centraal staan, dienen kind, school én klimaat. Beleidsmedewerker Esmee Overtoom van het Hoogheemraadschap van Delfland licht toe.

Dilemma

Pakt de jeugdarts zijn rol in de klimaatcrisis te laat? De meningen zijn verdeeld.

Ja! magazine 2022 #56 - 4 INHOUD
20
19
6
12

Podium

“Onderdeel van onze artseneed is ‘wel doen en niet schaden’. We zijn een gerespecteerde beroepsgroep met een voorbeeldfunctie”, aldus Nora van Gaal, tweedejaars AIOS Medische Milieukunde.

Expertise

Met De Klimaat Dokter wil specialist ouderengeneeskunde Anne Roosendaal artsen informeren, inspireren en activeren om zich in te zetten voor duurzame zorg.

Verder in dit nummer

Voorwoord: hoofdredacteur Roselin van der Torren

Casus: hoe reageer je op ouders die hun kind veganistisch laten eten?

Visie: over de recent gelanceerde Praktijkkaart Tandarts & jeugdarts

Boekrecensies

Markant: Annette Postma adviseert de jeugdarts over de meerwaarde van ‘groen’

Colofon

JA! magazine van de AJN

Frequentie: 3 keer per jaar

ISSN: 1873-8346

EDITIE: 2022 #56

Hoofdredacteur: Roselin van der Torren

Eindredactie: Marloes Tervoort

Redactiecoördinatie: Louise Dijkmans

dit nummer werkten mee: Eric Kampherbeek, Ellen Segeren, Jantsje Heeringa, Myrna Linders, Vassia Ivanova

COVER: Beeld: Eric Kampherbeek

ART DIRECTION/SALES: Elma Media BV, Silvèr Snoek Salesmanager, s.snoek@elma.nl Postbus 18, 1720 AA Broek op Langedijk T: 0226 331 600, I: www.elma.nl

ABONNEMENT: Alle AJN-leden ontvangen JA! Niet-leden kunnen losse nummers bestellen via secretariaat@ajnjeugdartsen.nl.

Marktvisie: Advertenties, advertorials en pagina’s Marktvisie vallen niet onder de verantwoordelijkheid van de redactie.

Rechten: Niets uit deze uitgave mag geheel of gedeeltelijk worden overgenomen zonder schriftelijke toestemming en bronvermelding van de uitgever.

SECRETARIAAT/CONTACT AJN: Churchillaan 11, 7e etage 3527 GV Utrecht, T: 0854 894 980 ja@ajnjeugdartsen.nl www.ajnjeugdartsen.nl www.facebook.com/jeugdartsennederland www.twitter.com/jeugdartsen www.linkedin.com/company/ajn-jeugdartsen-nederland/

Ja! magazine 5 2022 #56 INHOUD
03
28
33
37
38
22 30
Ja! magazine 2022 #56 - 6 ajn-lid
helpt als artsen klimaatverandering bestempelen als gezondheidsprobleem’
‘Het

wil onze verantwoordelijkheid aankaarten’

AIOS M+G/Jeugdgezondheid Anne de Boer houdt zich actief bezig met klimaatverandering en ongelijkheid. Grote en mondiale onderwerpen, die ze weet te benaderen door er juist klein en lokaal aan te werken.

Tekst: Ellen

Beeld: Eric Kampherbeek

Je bent in opleiding tot jeugdarts, hoe ver ben je? “Ik heb het eerste jaar afgerond. Daarvoor heb ik een jaar gewerkt als arts bij Veilig Thuis. Daar besefte ik dat in de jonge jaren gezondheid wordt gevormd en wordt bepaald hoe mensen als volwassenen meedraaien in de samenleving. Ik besefte ook dat je in die jonge jaren preventief veel kunt doen. Mijn supervisor was een ervaren jeugdarts/arts M+G. Zij heeft me helpen inzien dat ik arts M+G wilde worden en dat het in de jeugdgezondheidszorg moest zijn.”

Is het de juiste keus? “Jazeker. Mensen vroegen mij: je hebt niet in die richting gewerkt, hoe weet je dan dat je dat wilt? Dat maakte me wel zenuwachtig, maar ik zie steeds meer waarom dit klopt voor mij. Het is een rol midden in de maatschappij en dat zocht ik. In het werken met jeugd en ouders ben ik automatisch bezig met problematiek in de wijk en de stad en met beleid daaromheen. Ik ga vanzelf op verschillende niveaus nadenken. Ik wil graag arts M+G zijn, naast jeugdarts in de spreekkamer. Veel thema’s die ik interessant vind, zijn in dit werk heel zichtbaar. Ongelijkheid bijvoorbeeld, wat mij zeer aangrijpt.”

Wanneer wist je dat je arts wilde worden?

“Al vanaf het begin van de middelbare school. Ik wilde tropenarts worden om iets te doen aan de oneerlijkheid op de wereld, om me in allerlei landen in nare situaties nuttig te maken. Mijn beeld was dat ik als dokter mensen kon helpen. Pas na een paar jaar

opleiding merkte ik dat je daar geen dokter voor hoeft te worden en kwam ik erachter wat het werk inhoudt. Nu streef ik meer de maatschappelijke rol na dan de medische. Die betrokkenheid heb ik meegekregen van mijn ouders: mijn vader werkte bij de politie en mijn moeder in het onderwijs. Midden in de maatschappij. Dat kwam terug in de gesprekken aan de eettafel. In de studie Geneeskunde vond ik het medisch perspectief nogal nauw, ik wilde breder kijken. Daarom ben ik bij de internationale studievereniging IFMSA gegaan, die bijdraagt aan publieke en wereldwijde gezondheid. Tropenarts wilde ik niet meer worden, maar ik had wel interesse in hoe we in de wereld samenleven en hoe problemen met elkaar verbonden zijn. Zo kwam ik in mijn studie uit bij de master Global Health, om nog beter te snappen hoe gezondheid werkt, want dat wordt grotendeels buiten de gezondheidszorg gevormd. Ook wilde ik doorgronden wat ik daarin kan betekenen.”

Ja! magazine 7 2022 #56ajn-lid
‘Ik
‘Mij heeft het geholpen om klein en bij mezelf beginnen’

Heeft dat jouw kijk op klimaatverandering gevormd?

“In die master leerde ik hoe gezondheid landen en sectoren overschrijdt. Van daaruit is er een logisch bruggetje te maken naar klimaatverandering en de gevolgen voor gezondheid. Daar maak ik me zorgen over. Het is niet een probleem van één land of één bevolkingsgroep, het heeft overal impact. Tijdens mijn master mocht ik als jong delegatielid naar de jaarlijkse bijeenkomst van de WHO. Dat was ergens een dieptepunt. Ik zag daar dat afspraken maken op mondiaal niveau belangrijk is, maar ook heel complex en politiek beladen. Als jonge vrouw met grote idealen was mijn vraag: wat is hierin mijn aandeel? Maar in mijn studie ontdekte ik dat je je juist ook lokaal kunt inzetten voor mondiale problemen.”

Hoe kan een jeugdarts lokaal verschil maken?

“Mijn belangrijkste inzicht is dat het werk van de jeugdarts veel ingangen heeft om verschil te kunnen maken. Als jeugdartsen zijn we bijvoorbeeld bezig met overgewicht. Zo willen we dat kinderen meer fietsen en wandelen. Dat is win-win, want je verbetert de leefstijl én je verlaagt de CO2-uitstoot. Ook op beleidsniveau is het nuttig als artsen M+G actief zijn, zoals voor vergroening. Vooral in wijken waar achterstanden zijn, is vaak minder groen en kunnen mensen zich slechter aanpassen aan hitte. Wij zien kinderen die kwetsbaar zijn voor hitte en de luchtvervuiling die daaruit ontstaat. Zij zouden geholpen zijn met groenere wijken. Dat zijn aanknopingspunten. Het helpt als artsen klimaatverandering bestempelen als gezondheidsprobleem, het gaat niet alleen over smeltende ijskappen.”

Je schreef een essay over de taak van jeugdartsen bij klimaatverandering.

“Ik wil onze verantwoordelijkheid aankaarten. Klimaatverandering krijgt grote impact, juist voor de jeugd die er het langst aan wordt blootgesteld. Dat sluit aan bij onze taakomschrijving: jeugdgezondheid bevorderen en beschermen. Jeugdartsen hebben de maatschappelijke positie, aanwezigheid in de wijken, aanzien als medicus, vaardigheden vanuit de opleiding M+G en veel samenwerkingsmogelijkheden. Iedereen kan iets doen.”

Je zoekt dus naar een behapbare aanpak?

“Ja. Een docent in de master Global Health, Carijn Beumer, was daarbij inspirerend. Al die problemen en misstanden in de wereld veroorzaakten bij velen van ons op momenten een erg negatief gevoel. Carijn zei: kies iets waarvoor jij wilt gaan. Toen ben ik dichtbij begonnen, bij keuzes die ik maak. Dat is het minste wat ik kan doen. Dat betekent: practice what you preach. In ons werk speelt dat bij diensten en bij beleid: kan dit duurzamer? In rijke landen is de zorg een van de meest vervuilende sectoren. Deels vinden we het dat waard, maar deels is het onnodig.”

Was die studie Global Health een kantelpunt voor jou?

“Ja, die me deed inzien dat gezondheid verweven is met alles. Ik denk vaak: wat ligt hierachter aan politiek, normen en waarden, mondiale en lokale afspraken? Hoe beïnvloedt dat wie er voordeel of nadeel van ondervindt? Het klimaat heeft impact op iedereen, maar de impact is ongelijk verdeeld. Hoe mensen daar uitkomen, hangt van veel meer af dan van individuele keuzes. Dat inzicht was een grote verschuiving voor mij en dat is nuttig in mijn werk als jeugdarts. Alleen al hoe wij populaties met verschillende culturele achtergronden bedienen. Achter adviezen zitten allerlei normen en waarden. Nu ik zelf een baby heb, krijg ik adviezen over veilig slapen, maar in een groot deel van de wereld doen mensen het totaal anders. In hoeverre sluiten wij aan bij die diverse groepen?”

Hebben veel jonge artsen oog voor deze thema’s?

“Ik ben gelukkig geen uitzondering. Onze generatie is opgegroeid in een geglobaliseerde wereld, is meer internationaal georiënteerd en heeft naar mijn idee zeker oog voor mondiale problemen, zoals klimaatverandering. En er zijn initiatieven voor het vergroenen van de zorg of voor het benadrukken van het gezondheidsperspectief in de politiek. Van artsen wordt meer maatschappelijke betrokkenheid verwacht, ook buiten de spreekkamer. Daar is nog veel winst te behalen. Tegelijk hebben velen last van ‘verzuipen’ in dit gigantische onderwerp. Mij heeft het geholpen om klein en bij mezelf beginnen. Hoe beter ik mijn aandeel kon zien, hoe makkelijker het werd om niet passief te worden. Deze problemen zijn gevormd door heel veel kleine poppetjes, zoals jij en ik. In ons werk geldt ook: kijk dicht om je heen. Je hoeft niet naar de WHO, maar kijk naar je eigen werk, licht mensen voor en mobiliseer ze. Wat het leuker en haalbaarder maakt, is win-windenken. Het klimaat is verstrengeld met wat we al doen. Met de fiets naar school is leefstijl, maar ook klimaat, en dat kan je motiveren om het in te passen in je drukke werk. Dus wat ook je rol is: zet af en toe die groene bril op. Dan liggen de kansen voor het oprapen.”

Heb je een toekomstwens?

“Ja, dat is best een idealistisch beeld, waarvan ik niet weet of ik dat ga meemaken, maar ik hoop dat we als mensheid binnen de grenzen van de aarde terugkomen en daarbij de ongelijkheid verkleinen. Dan is er meer balans in hoe we leven en omgaan met grondstoffen, lucht en water. Daar wordt al hard aan gewerkt en daarin doe ik mijn deel.”

Anne schreef het essay ‘Grootste gezondheidsbedreiging van de eeuw: rol van de jeugdarts/arts M+G’.

Scan de QR-code voor het essay.

2022 #56 - 8 Ja! magazine
ajn-lid

‘Het werk van de jeugdarts biedt veel ingangen om verschil te maken’

Wie is…

Anne de Boer (1993) is geboren in Zwolle. Ze is AIOS M+G/Jeugdgezondheid en werkt voor de gemeente Utrecht. Daarvoor werkte ze een jaar als arts bij Veilig Thuis. Voor de Nederlandse tak van de internationale studentenorganisatie IFMSA was ze trainingscoördinator. Met de onderwerpen klimaat, milieu en gezondheid was ze in 2017-2018 actief voor het ministerie van VWS bij voorbereidingen en onderdelen van de World Health Assembly. Anne woont in Rosmalen met haar vriend en haar dochter, die in mei is geboren.

Ja! magazine 9 2022 #56ajn-lid

Flesvoeding kiezen

Wa t Watnu?

Borstvoeding is de beste voeding voor baby’s. Deze informatie is uitsluitend bestemd voor (para)medici.

Scan de QR code voor handige informatie over flesvoeding of ga naar www.nutriciavoorprofessionals/ professioneleondersteuning

Scan de QR code voor meer informatie over Nutrilon DuoBalans of ga naar www.nutriciavoorprofessionals.nl/ duobalans

ZIJN ALLE FLESVOEDINGEN GELIJK? ALLE
IN FLESVOEDING OP EEN RIJTJE
VOEDINGSSTOFFEN
onze
m met et e Me e ellkvkvevet & 2 H HMOMOO’’S NIEUW
VOOR U OM TE GEBRUIKEN
Nutrilon DuoBalans
meest geavanceerde flesvoeding voor de gezonde zuigeling. Met melkvet en 2 HMO’s
HANDIGE HULPMIDDELEN
• Hypotonie1,4 • Areflexie2 • Hoofd niet zelfstandig rechtop kunnen houden6 • Moeite met ademhalen4,5 • Problemen bij het slikken1,3 Polikliniek neurologie: Amsterdam UMC, locatie AMC, Radboudumc, Erasmus MC, Maastricht UMC+, LUMC Polikliniek neuromusculaire ziekten: UMC Utrecht ALS U SIGNALEN OPMERKT, NEEM DAN METEEN ACTIE-VERWIJS DOOR NAAR Een van die hierONDER genoemde Neuromusculaire Centra LET OP VROEGE WAARSCHUWINGSIGNALEN VAN SPINALE SPIERATROFIE (SMA) References: 1. Kolb SJ and Kissel JT. Neurol Clin 2015;33(4):831–46. 2. Prior TW, Leach ME, Finanger E. Spinal Muscular Atrophy februari 2000 [bijgewerkt 14 November 2019] In: Adam MP, Ardinger HH, Pagon RA, et al., editors. GeneReviews® [Internet]. Seattle (WA): University of Washington, Seattle; 1993–2020. 3. Wang CH, et al. J Child Neurol 2007;22(8):1027–49. 4. Pera MC, et al. PLoS One 2020;15(3):e0230677. 5. SMA Europe (2020). Type 1. Geraadpleegd van: https://www.sma-europe.eu/essentials/spinal-muscular-atrophy-sma/type-1/. Datum geraadpleegd: maart 2021 6. Markowitz JA, et al. JOGNN. 2004;33:12–20. NL--21-0001 Date of preparation: September 2021 HOOFD NIET RECHTOP KUNNEN HOUDEN TONGFASCICULATIES HYPOTONIE AREFLEXIE PROBLEMEN BIJ ADEMHALING & SLIKKEN
Ja! magazine 2022 #56 - 12 onderzoek

Groenblauwe schoolpleinen zijn leuk, logisch en nodig

Kind, school en klimaat tegelijk dienen? Dat kan met groenblauwe schoolpleinen; schoolpleinen waar zowel de flora & fauna (groen) als het water (blauw) centraal staan. Dit kent talloze voordelen en enkele uitdagingen. Esmee Overtoom, beleidsmedewerker klimaatadaptatie bij het Hoogheemraadschap van Delfland, ondersteunt scholen bij het investeren in klimaatbestendige groenblauwe schoolpleinen.

Tekst: Roselin van der Torren Beeld: Bureau RIS

Het klinkt eigenlijk zo logisch, dat je je afvraagt waarom we ooit tegelschoolpleinen maakten. “Groenblauwe schoolpleinen zijn beter voor de fysieke en mentale gezondheid van kinderen, beter voor de leefomgeving, en het is veel handiger met het oog op het veranderende klimaat”, vertelt Esmee Overtoom. Binnen het programma Klimaatkrachtig Delfland van het Hoogheemraadschap zijn sinds 2016 al 64 groenblauwe schoolpleinen (mede-) gerealiseerd en staan er nog zes in de planning voor dit jaar. Het Hoogheemraadschap biedt een stimuleringsbijdrage aan scholen voor de aanleg van groenblauwe schoolpleinen en werkt als intermediair om scholen, ontwerpers, hoveniers en andere betrokkenen samen te brengen. Daarnaast biedt het Hoogheemraadschap informatie en inspiratie via een website en webinar-reeks.

Positief voor de gezondheid

De effecten van groenblauwe schoolpleinen op kinderen zijn goed onderzocht en onder andere beschreven in ‘De waarde van een natuurrijke, gezonde buitenruimte rond scholen’, een recent rapport van IVN (Instituut voor Natuureducatie) en Jantje Beton. Groene schoolpleinen zijn goed voor de fysieke gezondheid van kinderen, omdat ze uitdagen tot meer en langer bewegen en meer risicovol spel, wat goed is voor de motorische ontwikkeling en het zelfvertrouwen. Daarnaast dragen de schoolpleinen bij aan de mentale gezondheid, omdat ze aanzetten tot meer sociale cohesie, minder pestgedrag en creatiever spel: meer diversiteit in de omgeving leidt tot meer diversiteit in spelvormen. Deze aspecten werken door in bijvoorbeeld een betere concentratie in de klas na de pauze. Ook komen kinderen door groenblauwe schoolpleinen meer in contact met water, aarde, plantjes, insecten, vogelhuisjes en dat draagt bij aan de kennis en interesse in de natuur. Tot slot helpen groenblauwe schoolpleinen scholen om buitenlessen te verzorgen - van biologieles tot rekenkunde - en onderzoekend leren te stimuleren.

Ja! magazine 13 2022 #56 ONDERZOEK

Positief voor de buurt

Esmee Overtoom: “Groenblauwe schoolpleinen helpen ook de buurt om een school heen. Het zorgt ervoor dat de lokale biodiversiteit toeneemt en het schoolplein wordt buiten schooltijd vaak als speelplek gebruikt door de wijk en de buitenschoolse opvang. Daarnaast heeft een schoolplein een voorbeeldfunctie voor de wijk; het laat zien hoe tuintjes ingericht kunnen worden en hoeveel plezier kinderen halen uit spelen in de natuur.” Als voorbeeld noemt Esmee de aanleg van het groenblauwe schoolplein bij Kindcentrum de Vlinder in Rotterdam. Daar wilde de buurt graag meedoen. “Op het schoolplein hingen regelmatig jongeren rond en er lag veel afval. De kinderen, de ouders en de buurt waren zeer gemotiveerd om de omgeving te veranderen. Vanaf het begin betrok de school iedereen en maakte het gebruik van sleutelfiguren uit de wijk. De buurt én ouders zijn belangrijk, want zij kunnen bijvoorbeeld ondersteunen bij het onderhoud en schoonhouden van het plein. Dat draagt bij aan langdurig succes van een groenblauw schoolplein.”

Positief voor het klimaat

Met het oog op het veranderende klimaat bieden groenblauwe schoolpleinen ook veel voordelen, aldus Esmee. “Met name de ‘blauwe’ component speelt hierin een belangrijke rol. Groenblauwe schoolpleinen houden water beter vast en maken het beter beheersbaar.” Goed dus om droogte tegen te gaan én om een grote hoeveelheid water, in het geval van een hoosbui bijvoorbeeld, op te vangen. “Sommige groenblauwe schoolpleinen hebben bijvoorbeeld een ondergrondse waterberging waar overtollig water opgevangen kan worden en gebruikt kan worden voor irrigatie van planten. ‘Groen’ houdt water ook beter vast dan stenen. Daarnaast zorgen bomen

INTERESSANTE WEBSITES

voor schaduwrijke plekken, wat bijdraagt aan een fijn speelklimaat en een leefbare temperatuur in de omgeving.”

Gemeenten zijn erbij gebaat dat scholen groenblauwe schoolpleinen aanleggen, omdat veel plekken in een stad privaat eigendom zijn en ze soms beperkte mogelijkheden hebben om de stad klimaatadaptief in te richten. Schoolpleinen hebben relatief grote oppervlaktes en liggen wijdverspreid door een stad. Het levert voor gemeenten

2022 #56 - 14 Ja! magazine ONDERZOEK
www.groenblauweschoolpleinen.nl www.platformbuitenspelen.nl
Esmee Overtoom, beleidsmedewerker klimaatadaptatie Hoogheemraadschap Delfland

dus een goede bijdrage aan de noodzakelijke klimaattransitie. Dit is waarom veel gemeenten scholen ondersteunen in de aanleg van een groenblauw schoolplein, soms zelfs met een verdubbelaar op de stimuleringsbijdrage van het Hoogheemraadschap.

Ontwerp

Esmee: “Een groenblauw schoolplein is geschikt voor basis- en middelbare scholen en kan op allerlei manieren ontworpen worden. Daarom brengen wij als Hoogheemraadschap scholen in contact met ervaren ontwerpers en hoveniers. Die gaan aan de slag met in het achterhoofd de wensen en beschikbare financiële ruimte van een school. Een groenblauw schoolplein hoeft niet meteen heel groots aangepakt te worden of heel duur te zijn. Een groen dak op een fietsenstalling is ook al heel waardevol. En een schoolplein hoeft niet meteen helemaal op de schop; ook een hoekje aanpakken is zinvol. Als een school subsidies regelt, hoeft de aanleg van een groenblauw schoolplein niet veel duurder te zijn dan een nieuw stenen plein. Om voor onze stimuleringsbijdrage in aanmerking te komen, moet een plein minimaal twee kuub water kunnen bergen. Daar wordt in het ontwerp dan rekening mee gehouden.” Op de website van groenblauwe schoolpleinen kunnen scholen inspiratie vinden voor het ontwerp: een wadi, moestuin, schaduwdoeken, waterpomp, touwbrug, klimbomen.

Succesfactoren

Esmee en haar team keken welke groenblauwe schoolpleinen een succes zijn en identificeerden meerdere succesfactoren. De belangrijkste; betrokkenheid van kinderen, ouders en de buurt vanaf het begin. Esmee: “Ouders moeten soms een drempel over, die zijn bang dat hun kind vies wordt of zien water als onveilig. Maar als ze uitleg krijgen en zien hoeveel plezier het oplevert, gaan ze vaak snel overstag. Kinderen kunnen goed worden betrokken: laat ze meedenken met het ontwerp, of een vlog maken over een bezoek aan een hovenier. Voor scholen is het raadzaam een fondsenwerver in de hand te nemen. Die helpt met meer financiële ruimte creëren en kent de voorwaarden van ieder fonds. Ook is het belangrijk de tijd te nemen; een groenblauw schoolplein realiseer je niet in een paar maanden. Een belangrijke randvoorwaarde voor langdurig succes is het regelen van beheer en onderhoud van het groenblauwe schoolplein.” En daar zit de grootste uitdaging van een groenblauw schoolplein: het vergt structureel onderhoud. Esmee: “Sommige scholen pakken dit op samen met de buurt, waarin iedereen een steentje bijdraagt. Andere scholen zijn een samenwerking aangegaan met een naburige MBO-opleiding Groenvoorziening, waarbij studenten praktijkervaring kunnen opdoen op het groenblauwe schoolplein. De meeste scholen regelen een vaste hovenier, maar dat is wel een structurele kostenpost voor een school.”

Rol jeugdartsen

Gevraagd naar wat jeugdartsen kunnen bijdragen, adviseert Esmee vooral in gesprek te gaan met scholen over hun schoolplein. “Benoem

de voordelen vanuit het kindperspectief en de leefbaarheid. Denk ook aan kleine, haalbare opties en geef handvatten om scholen op weg te helpen met de succesfactoren in je achterhoofd. Tover de grizzlyberen op de weg om naar teddyberen!”

Ze eindigt met een blik naar de toekomst: “De klimaatscenario’s zijn niet zo rooskleurig; er komt meer hittestress en er worden waterextremen verwacht. Het speelklimaat op school is dan zo belangrijk voor de gezondheid en het welzijn van kinderen. Groenblauwe schoolpleinen zijn een noodzaak.”

15 2022 #56 ONDERZOEK LUISTER, KIJK EN LEES OOK DIT: ‘Meer groen op het schoolplein: een interventiestudie’ -WUR: Podcast Gezonde School: Webinar-reeks Hoogheemraadschap over groenblauwe schoolpleinen: Whitepaper ‘De waarde van een natuurrijke, gezonde buitenruimte rond scholen’ (Jantje Beton en IVN): Effectstudie VU ‘The impact of greening schoolyards on the appreciation, and physical, cognitive and socialemotional well-being of schoolchildren: A prospective intervention study’: Ja! magazine
VOOR ZUIGELINGEN EN JONGE KINDEREN MET EEN KOEMELKALLERGIE (8-12g/L) Lactose HMO (5-15g/L) (Deze druppel is een weergave van de gemiddelde voedingswaarden, verhoudingen in borstvoeding) BINNENKORT VERKRIJGBAAR IN NEDERLAND! HMOs Althéra®, de intensief gehydrolyseerde formule (eHF) voor kinderen met een koemelkallergie (KMA): •Met 2 HMOs: 2’FL & LNnT • • • •Goede smaak 1. Niggemann B et al. Pediatr Allergy Immunol. 2008;19(4):348-54. • 2. Vandenplas Y et al. Acta Paediatr. 2013;102(10):990-8 • 3. Sorensen RU et al.
VOOR ZUIGELINGEN EN JONGE KINDEREN Met HMOs en makkelijk te absorveren ZONDER MEER WETEN? Scan de QR code voor onze allergie producten
voorbehouden aan de health care professional. Voeding voor medisch gebruik - Gebruiken onder medisch toezicht.
Geschikt geboorte
Dit document is uitsluitend
dieetbegeleiding om alle bronnen van koemelkeiwit uit het dieet van de moeder te halen. Indien men besluit om een ziekte kunnen leiden. Nestlé Health Science, Hoevestein 36G, 4903 SC Oosterhout Tel. : 020 5699588
www.NestleHealthScience.nl

Gezonde voeding is belangrijk voor de groei en ontwikkeling van het jonge kind en legt een stevig fundament voor de gezondheid op latere leeftijd. Een gevarieerde voeding met hoofdzakelijk basisvoedingsmiddelen levert hiervoor de benodigde voedingsstoffen. Al op jonge leeftijd ontwikkelen kinderen voedingsgewoonten die bepalend zijn voor hun voedingspatroon later in het leven.

E-learning: Jong geleerd is oud gedaan

In de e-learning leer je meer over smaakontwikkeling bij kinderen, goede voeding voor kinderen, hoe om te gaan met kinderen die moeilijk eten en de rol van de ouder.

• Ontwikkeld en geaccrediteerd voor (kinder)diëtisten, jeugdverpleegkundigen en jeugdartsen (jeugdarts KNMG of arts Maatschappij en Gezondheid, profiel Jeugdgezondheidszorg)

• Relevante onderwerpen over goede voeding voor kinderen vanaf 1 jaar

• Volg de e-learning wanneer het jou uitkomt

Meer informatie en aanmelden www.fcinstitute-academy.com/nl

Geaccrediteerd voor jeugdverpleegkundigen

Ben je een voedings- of gezondheidsprofessional en wil je meer weten over zuivel, voeding en gezondheid? Bezoek dan onze website en schrijf je in voor onze nieuwsbrief.

www.frieslandcampinainstitute.com/nl institute.nl@frieslandcampina.com

Volg ons op social media

Warm aanbevolen

Onlangs las ik een artikel over het fenomeen ‘baarschaamte’. Mensen met baarschaamte willen geen kinderen uit klimaatoverwegingen, onder het motto ‘je doet de wereld je kinderen aan en je kinderen de wereld’. Ik verwacht niet dat dit de oplossing is voor het jeugdartsentekort, maar het stimuleert wel om na te denken over hoe de milieuimpact van het krijgen van kinderen verminderd kan worden. Het type zuigelingenvoeding waarmee ouders hun kleintje grootbrengen kan al een wereld van verschil maken.

Verwonderd over het enorme aanbod sta ik af en toe voor het schap met kunstmatige zuigelingenvoeding in de supermarkt. Als jeugdarts moet je tenslotte op de hoogte blijven van de producten die fabrikanten allemaal bedenken voor jouw doelgroep. Kunstvoedingsfabrikanten strijden om de gunsten van jonge ouders (en jeugdgezondheidszorgprofessionals!) op zoek naar het beste voor hun kindje. De keuze is reuze: huismerken, A-merken, palmolievrij, echte melkvetten, prebiotische vezels of toch maar tonijnvrije geitenmelk?

Een substantieel deel van de Nederlandse veestapel wordt gehouden voor de productie van zuigelingenvoeding. Het vergt een heel proces om van veevoer tot zuigelingenvoeding te komen. ‘Gewone’ melk is ongeschikt voor zuigelingen, dus moet het eerst uitvoerig bewerkt worden. Er worden daarnaast verschillende stoffen aan toegevoegd, tot het poeder oplevert, die geschikt is om zuigelingenmelk van te maken. Dat moet dan nog wel verpakt en vervoerd worden en voordat het daadwerkelijk gedronken kan worden, weer aangelengd met schoon drinkwater en opgewarmd. Niet echt vriendelijk voor het klimaat allemaal.

Maar ik heb goed nieuws! Er bestaat namelijk zuigelingenvoeding, die zelfs een positieve impact op het klimaat heeft. Waarvoor geen bewerking, vervoer of verpakkingskosten noodzakelijk zijn, geheel afgestemd op de ontwikkelingsfase van het kindje, beschikbaar bij stroomuitval, bij afwezigheid van schoon drinkwater en bovendien bevordert het de gezondheid van moeder en kind op korte en lange termijn. En, -ook handig in tijden van inflatie- het is gratis. Deze bijzondere, ongeëvenaarde substantie die bijdraagt aan een gezonde planeet èn populatie is (tadaa!) … borstvoeding!

Als jeugdarts kan ik het alle zuigelingen warm aanbevelen. Zodat kinderen van ouders zonder baarschaamte een gezonde toekomst tegemoet gaan op moeder aarde!

(En ouders bovendien veel keuzestress bespaard blijft…)

arts M+G/Jeugdgezondheid en MPH bij GGD Fryslân

Column 19 2022 #56
Jantsje Heeringa
Ja! magazine

Hebben jeugdartsen altijd al aandacht gehad voor de fysieke omgeving, of was dat alleen in vroegere tijden? De meningen zijn verdeeld. Vier professionals blikken terug en vooruit, hoe de jeugdarts die deuk in dat befaamde pakje boter kan slaan.

NEE, ZEKER NIET

“Te laat? Nee, jeugdartsen hebben altijd een rol gehad. De eerste consultatiebureaus vonden begin 1900 plaats in achterstandswijken, waar de artsen en verpleegkundigen de matige luchtkwaliteit en slechte hygiëne bestreden. De eerste schoolartsen kwamen bij de invoering van de leerplicht. Toen moesten kinderen lang stilzitten in slecht geventileerde lokalen met weinig daglicht. In die tijd dacht men dat besmettelijke ziekten ontstonden uit slechte lucht, water of bodem. Om ziekten te voorkomen richtten de schoolartsen zich daarom op de fysieke ruimte. Die aandacht voor de fysieke omgeving van de jeugd is altijd gebleven. Nu is er, vooral in de spreekkamer, aandacht voor het klimaat. Zo adviseren jeugdartsen ouders bij de keuze voor borst- of flesvoeding. De milieubelasting van kunstvoeding is daarbij een van de bespreekpunten. Een ander voorbeeld is het stimuleren van buitenspelen. Ouders en leerkrachten worden bewustgemaakt van het belang van een groene omgeving. Ten derde: de AJN staat aan de wieg van het vuurwerkmanifest. Argumenten daarbij zijn onder andere de toename van fijnstof en de milieubelasting door het afsteken van consumentenvuurwerk. In deze voorbeelden pakken jeugdartsen hun rol in de klimaatcrisis. Kan het beter? Ja, in de opleiding tot arts M+G kan planetary health meer aan bod komen. Vooral buiten de spreekkamer kunnen we onze rol meer ontwikkelen tot een adviesrol naar gemeenten. Op scholen en kindercentra kunnen wij meer bewustwording creëren bij leerkrachten en besturen. Het gaat dan niet alleen om een lespakket ‘klimaat’, maar om gedragsverandering en aanpassingen in de hele schoolorganisatie. Planetary health is veelomvattend, houd het dus concreet. Richt je bijvoorbeeld op minder waterverbruik in jouw organisatie.”

KRITISCH LAAT

“Helaas pakken we die rol inderdaad te laat. Het is immers onze taak om de gezondheid en het welzijn van jeugdigen te bewaken en te bevorderen, zowel in het heden als in de nabije toekomst. Als er één gezondheidsdeterminant is die daarvoor een serieuze bedreiging vormt, is dat wel de huidige klimaatcrisis. De Children’s Climate Risc Index (CCRI) van UNICEF noemt kinderen extra kwetsbaar voor vuile lucht, hittegolven, overstromingen, stormen, droogte, branden, voedselschaarste en de daaruit voortkomende geopolitieke conflicten. Als voorbeeld de slechte luchtkwaliteit. In Nederland vallen hierdoor duizenden doden per jaar en zijn er tienduizenden ernstig zieken (bronnen: Longfonds en RIVM). Een groot aantal daarvan betreft kinderen met chronische luchtwegaandoeningen. Natuurlijk bekommert de JGZ zich al vele jaren om de luchtwegen van jeugdigen. Helaas, de goede niet te na gesproken, voornamelijk op individuele schaal. Zorgzame doekjes voor de afzonderlijke kinderen, doch geen tijdige essentiële aanpak van de daarachterliggende allesomvattende klimaatproblemen. Er waren uiteraard acties tegen vieze lucht in en rondom scholen, of blootstelling door verkeer in de omgeving. Werd de impact van de noodzakelijke interventies echter te lastig voor de gemeenten, onwelgevallig voor economische belangen en dreigde er teveel inbreuk op de persoonlijke vrijheid? Dan keek men te vaak de andere kant op.

De wereld staat momenteel qua klimaatcrisis, verlies aan biodiversiteit en toxicologische impact, letterlijk in brand. Volgens IPCC-rapporten zijn wij er kritisch laat bij en verandert er te weinig. Er zijn al mensen die daarom niet meer aan kinderen beginnen. Het klimaat is een regelrechte kinderrechtencrisis voor een gezonde ontwikkeling. Jeugdartsen, grijp adequaat in voordat het echt helemaal te laat is!”

Ja! magazine 2022 #56 - 20 DILEMMA
RIET HAASNOOT gepensioneerd arts M+G ULCO SCHUURMANS gepensioneerd jeugdarts
De jeugdarts pakt zijn rol in de klimaatcrisis te laat’

NIEUWE GENERATIE

“Met de stelling ben ik het niet eens. Het woord ‘te’ impliceert dat er niks meer gedaan kan worden door de jeugdarts op het gebied van klimaat. Dat is wat mij betreft niet waar. Voor zover ik op de hoogte ben, zijn initiatieven van jeugdartsen rond klimaat en duurzaamheid wel vrij nieuw. Laat klinkt negatief, terwijl de nieuwe initiatieven juist een hele goede ontwikkeling zijn op weg naar verbeterd beleid rond klimaat. Meerdere artsen binnen de jeugdgezondheidszorg hebben zich inmiddels aangesloten bij verschillende werkgroepen rond duurzaamheid en planetary health. Ik denk juist dat het nu de tijd is voor de jeugdarts om zijn rol te pakken. Binnen de hernieuwde landelijke opleiding is meer aandacht voor collectieve preventie dan in het vorig curriculum. De collectieve preventie heeft onder meer aandacht voor de invloed van de omgeving op de bevolking. Klimaat speelt hierin een grote rol. Samen met herhaalde noodkreten vanuit de wetenschap en meer kennis over wat klimaatverandering voor invloed heeft op kinderen en jongeren, zorgt dit voor momentum om in actie te komen. Een nieuwe, meer activistische generatie jeugdartsen realiseert zich dat zij wel degelijk kunnen bijdragen. De jeugdarts van de toekomst is wat mij betreft een arts die niet alleen in de spreekkamer zijn werk doet, maar een sociaal geneeskundig specialist die ook zijn invloed uitoefent op duurzaamheid en klimaat. Dat kan op microniveau, door aanpassingen op de eigen werkplek of GGD, of juist door invloed proberen uit te oefenen op gemeentelijk of landelijk niveau. Een beter milieu begint… ook bij de jeugdarts!”

ROEP OP TOT ACTIE

“Ik ben het niet eens met deze stelling, al vind ik wel dat we gezamenlijk onze verantwoordelijkheid te laat hebben genomen. Al decennia weten we dat het niet de goede kant op gaat met het klimaat, maar door onze kortetermijninteresses en gebrek aan langetermijnvisie blijft adequate actie uit. De jeugdarts zet zich in voor de gezondheid van de jeugd, daar hoort ook een leefbaar klimaat bij, nu en in de toekomst. De klimaatcrisis, biodiversiteitsverlies en milieuvervuiling zijn grote bedreigingen voor kinderen en jongeren. Daarom besteden wij in ons onlangs gelanceerde visiedocument ‘De Jonge Klimaatagenda 3.0’ speciaal aandacht aan gezondheid in relatie tot klimaatverandering. We zien nu al een toename van infectieziekten, psychische klachten, long- en hartaandoeningen, allergieën en andere gezondheidsproblemen. Dit zal in de toekomst alleen nog verder toenemen als het klimaat verder opwarmt en onze omgeving verder vervuilt. Onder jongeren zien wij veel bezorgdheid over het klimaat, vaak climate anxiety genoemd, wat niet altijd door oudere generaties wordt begrepen. Ik zou graag zien dat we hier als samenleving meer aandacht aan besteden en jonge mensen hierbij meer ondersteunen. Gelukkig zijn er in de zorg initiatieven die aandacht vragen voor de relatie tussen mens en natuur en tot actie oproepen om een gezond milieu en klimaat te verzorgen, zoals De Klimaat Dokter en Zorg voor klimaat. Roep als arts ook op tot actie tegen klimaatverandering en leg uit waarom het voor de volksgezondheid van belang is. Als iedereen nu zijn rol oppakt binnen duurzaamheidstransities, kunnen we samen op tijd het tij keren.”

Doorpraten over de stelling?

Dat kan in de app van de AJN (Forum)

Daar vind je ook deze stelling. Liever mailen? Stuur je bericht naar: ja@ajnjeugdartsen.nl

Ja! magazine 21 2022 #56 DILEMMA
M+G/Jeugdgezondheid
TIJS
RUTGERS AIOS
bestuurslid
TESSA DOOL
De Jonge Klimaatbeweging

Wie is Anne Roosendaal?

Anne Roosendaal is specialist ouderengeneeskunde. Sinds dit jaar werkt ze bij De Rijnhoven in Harmelen en Vleuten. Ze is geboren in North York (Canada), waar haar vader werkte als expat. Het gezin verhuisde terug naar Utrecht toen Anne één jaar oud was. Anne studeerde Geneeskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam en volgde de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde bij GERION. Tijdens haar opleiding lanceerde zij in februari 2021 samen met drie collega-AIOS ‘De Klimaat Dokter’. Anne woont met haar man Maarten en hun twee kinderen in Utrecht.

Ja! magazine 2022 #56 - 22 Expertise

’Gezond gedrag is meestal ook klimaatvriendelijk gedrag’

Anne Roosendaal was in opleiding tot specialist ouderengeneeskunde, toen zij tijdens een cursus ‘Leiderschap en organisatie’ met drie collega’s een plan opzette om de zorg te vergroenen. Zo ontstond de onderneming ‘De Klimaat Dokter’.

Tekst: Myrna Linders

Beeld: eigen beeld & iStock

Waarom hebben jullie De Klimaat Dokter opgericht?

“De zorg heeft een grote impact op het klimaat. Met je werk in de zorg breng je indirect gezondheidsschade toe, omdat je bijdraagt aan de klimaatcrisis. Daarnaast hangen het welzijn en de gezondheid van de mens heel erg samen met de gesteldheid van de natuur en de planeet. Luchtvervuiling is bijvoorbeeld een enorme risicofactor voor cardiovasculaire ziekten, maar ook voor longziekten. Eén op de vijf kinderen met astma heeft astma door luchtvervuiling. Ook heeft de sociaaleconomische status van mensen invloed op hun gezondheid. Als iemand niet goed kan rondkomen, is gezond en plantaardig eten wel het laatste waar hij aan denkt. Dat hangt allemaal met elkaar samen. Als arts heb je beloofd om niet te schaden en heb je een stem die over het algemeen serieus genomen wordt, zowel in de maatschappij als in de zorgsector. Als artsen zijn we er best goed in om ons overal tegenaan te bemoeien, laten we dat dan inzetten voor het grote goed. Met De Klimaat Dokter willen we onze collega’s helpen, de drempel verlagen en informatie verschaffen, zodat we het wiel niet allemaal zelf hoeven uit te vinden. Als we het samen doen, is het leuker.”

Hoe doen jullie dit precies?

“We geven informatie op onze website, daarnaast geven we workshops, lezingen en hebben we een nascholingsdag, die is geaccrediteerd voor vijf punten. Ook hoop ik via onze eigen De Klimaat Dokter Podcast en social media, zoals LinkedIn en Instagram, collega’s te inspireren, enthousiasmeren en motiveren om in beweging te komen voor het klimaat.”

Zijn hier ook al concrete verbeterinitiatieven uit voortgekomen? “Er is bijvoorbeeld de patiëntenfolder ontwikkeld over het verband tussen gezondheid en klimaat en de vervuiling door de zorg, die verspreid wordt via een QR-code en op te hangen is in de wachtkamer. Een ander mooi initiatief kwam van een huisarts in opleiding die zich erover frustreert dat er nog steeds vlees wordt geserveerd op medische congressen. Daar wilde zij iets mee. Ik heb haar op weg geholpen met dat project. Het succes is natuurlijk te wijten aan haar inzet, maar ik vind het leuk dat ik daar een rol in kan spelen. Dat is wat ik voor ogen heb: collega’s zo op weg helpen, dat we zoveel mogelijk groene dokters hebben, die daar groot of klein mee aan de slag gaan.”

Hoe is de belangstelling onder de artsen?

“Ik merk dat de motivatie steeds groter wordt. Anderhalf jaar geleden werd het onderwerp klimaat van de agenda gehaald, als ik

Ja! magazine 23 2022 #56 Expertise
‘Maak de eerste stap niet te groot en maak jezelf niet te klein’

gevraagd werd voor een praatje, maar niet kon. De afgelopen tijd heb ik de vraag om aan aandacht te besteden aan de impact van de zorg op het klimaat juist zien toenemen. Organisatoren zijn nu zelfs bereid ervoor te betalen. Het onderwerp leeft.”

Wat zijn duurzame verbeteringen die jij zelf hebt doorgevoerd in je dagelijkse praktijk?

“Duurzame verbeteringen op de werkvloer zijn in te delen in twee categorieën: projecten die de bedrijfsvoering veranderen, maar je kunt duurzaamheid ook meenemen in alles wat je doet. Zo loop ik aan het eind van elke dag een rondje langs alle computers om ze uit te zetten, omdat mensen die per ongeluk aan laten staan. Je kunt ook met collega’s afspreken om tijdens een bedrijfslunch of teamuitje te kiezen voor een plantaardige of duurzame variant. Een voorbeeld specifiek uit de zorg is de keuze voor medicijnen die je voorschrijft. Ik heb een bewoner met astma, die een extra puffer nodig heeft. Als de inhalatiekracht van de patiënt goed genoeg is, schrijf ik bij voorkeur een poederinhalator voor. Deze heeft veel minder impact op het milieu dan een dosisaerosol, want daarin zit een heel sterk broeikasgas.”

Is ook ergens te vinden welke medicijnen beter zijn dan andere?

“Dat zou heel fijn zijn, maar een overzicht is er nog niet. De dosisaerosol is een heel duidelijk voorbeeld. Qua pijnstilling is paracetamol een stuk beter voor het milieu dan NSAID’s. Die laatste brengen meer schade aan het oppervlaktewater en zijn schadelijk voor vissen. Meer informatie hierover is er eigenlijk niet en het is ook onbekend of er bij andere medicatie grote verschillen zijn. Waar we wel grote stappen mee kunnen maken is zinnig medicatiegebruik. Hoe kunnen we voorkomen dat mensen medicatie nodig hebben? Preventie van ziekte dus. Veel mensen gebruiken onterecht of met een onduidelijke indicatie maagbeschermers. Daar kun je ook verschil mee maken.”

Zijn er ook kleine stappen die jeugdartsen kunnen zetten? “Jeugdartsen hebben een prachtige rol in preventie en het behouden van gezondheid. Vaak is gezond gedrag ook klimaatvriendelijk gedrag. Als je de auto laten staan en vaker de fiets pakt, bespaar je de vervuiling van de auto, blijf je zelf gezonder én heb je daardoor waarschijnlijk minder zorg nodig. Jeugdartsen geven ook adviezen over voeding. Onderzoek wijst uit

2022 #56 - 24 Expertise
Ja! magazine

INTERESSANTE WEBSITES

Wil je meer lezen over De Klimaat Dokter en wat jij kunt doen om de zorg te vergroenen?

Luister via deze QR-code naar de podcast van De Klimaat Dokter:

dat een plantaardig dieet gezonder is. Er bestaat een zogenaamde ‘Schijf voor Life’, een tegenhanger van de bekende ‘Schijf van Vijf’, die op basis van wetenschappelijk onderzoek informatie geeft hoe je een gezond, volwaardig dieet op basis van plantaardige voeding kunt eten. Ik denk dat als die kennis gedeeld wordt, dit ook een verschil kan maken. Verder komt in de zorg ook een groot deel van de CO2-uitstoot door woon-werkverkeer. Daarin kun je als collega, als onderdeel van een team, een rol in spelen. Hoe kun je binnen je team stimuleren dat bijvoorbeeld huisbezoeken op de fiets worden afgelegd? Je bent dan ook meteen een voorbeeld voor ouders en kinderen die je bezoekt.”

Je noemde ook verbeteringen in de bedrijfsvoering. Wat voor stappen zouden werkgevers in de JGZ kunnen zetten?

“In ieder bedrijf, ook bij een GGD of JGZ-organisatie, moet worden nagedacht over hoe er met energie wordt omgegaan. Staan lichten

niet onnodig aan? Staan computers allemaal uit? Het kost 46 euro per computer per jaar als die ’s nachts aanstaat. Hier kunnen echt stappen in worden gemaakt. Verder kun je nadenken over het gebruik van wegwerpmateriaal en de opties voor herbruikbare varianten.”

Wat zou je jeugdartsen willen meegeven?

“Maak de eerste stap niet te groot en maak je zelf niet te klein. Je hebt meer impact dan je denkt. Kijk met een duurzame bril naar je werkdag en kijk welke kleine stappen je kunt zetten. Ga stapje voor stapje en als je eenmaal bezig bent, zul je meer kansen zien en kun je ook grotere impact maken.”

Welke dromen heb je nog?

“Het liefst ben ik over vijf jaar niet meer nodig. Ik hoop dat er dan niemand meer op een praatje van De Klimaat Dokter zit te wachten, omdat alles wat ik vertel algemene kennis is en ik ze niets nieuws meer kan vertellen.”

Ja! magazine 25 2022 #56 Expertise
ondertussen
‘Klimaatverandering heeft een negatief effect op gezondheid,
is de zorg ontzettend vervuilend’

Biologische flesvoeding op basis van geitenmelk.

Onze flesvoeding zit bomvol met Biologische volle geitenmelk. Frank, oprichter van Pure Goat Company, heeft met zijn zoontje zelf ervaren dat flesvoeding o.b.v. geitenmelk een goed alternatief is voor flesvoeding o.b.v. koemelk en van nature zacht is voor het buikje. Geitenmelk bevat bijvoorbeeld alleen A2 -caseïne (A2 melk) 1,2 en relatief minder S1 caseïne 3 Daarnaast bevat flesvoeding o.b.v. volle geitenmelk van nature hogere levels middellange vetzuurketens en sn-2 palmitinezuur 4. Deze eigenschappen dragen positief bij aan de verteerbaarheid van de melk. Met deze kennis en zijn eigen ervaring besloot Frank, destijds al werkzaam in de industrie, The Pure Goat Company op te richten. Er werden een aantal belangrijke regels opgesteld waar de flesvoeding aan moest voldoen: 1. o.b.v. geitenmelk, 2. Biologisch en 3. niks toevoegen wat niks toevoegt.

Het resultaat was een product met zoveel mogelijk lokale ingrediënten, geen tropische oliën, zonder Tonijn-extract, met GOS 5,6 en met alleen lactose.

natuurlijk Biologisch gecertificeerd. Biologisch gecertificeerd

Meer weten over onze producten? Stuur ons dan een berichtje via info@puregoatcompany.com Let’s goat! 1. Pattanayak S. (2013) Explor.anim.Med.Res. 3(2):93-94. 2. Jianqin et al. (2016) Nutrition Journal. 15:35. 3. Reis Lima et al. (2017) Goat Science. pp. 189-232. 4. Gallier et al. (2020) Nutrients. 12:3486. 5. Sierra et al. (2015) Eur J Nutr. 54:89-99. 6. Ben et al. (2008) World J Gastroenterol. 14(42): 6564-6568. Belangrijke informatie: borstvoeding is de beste voeding voor baby’s. Puregoatcompany.com zonder palmolie tonijn-vrij met GOS alleen lactose
Én
betekent onder andere: geen gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen, (preventieve) behandelingen met antibiotica of hormonen zijn niet toegestaan én is het product GMO-vrij.

We teach...

OPLEIDING ARTS MAATSCHAPPIJ EN GEZONDHEID, PROFIEL JEUGDARTS

Een Leven Lang Leren bij TNO: voor aios én praktijkopleiders

Aios

TNO leidt jeugdartsen op voor een sterke JGZ! Tijdens de opleiding ontwikkelen aios zich in de verschillende rollen van de jeugdarts variërend van de spreekkamer tot aan de wetenschap. Het leren vindt zo veel mogelijk plaats in en vanuit de praktijk, tijdens praktijkperiodes in de JGZ en tijdens stages. Daarnaast volgen aios cursorisch onderwijs in een eigen jaargroep. Dit leren en professionaliseren gaat door na de opleiding. Bij TNO wordt een stevige basis gelegd voor een Leven Lang Leren.

Praktijkopleiders

De praktijkopleider heeft een cruciale rol bij het leerproces van de aios: als coach, als begeleider en als rolmodel. Hij komt voor tal van uitdagingen te staan, zoals: Meer of juist minder sturing geven? Hoe organiseer ik de begeleiding vanuit mijn GGD? Hoe pas ik mijn begeleidingsstijl aan op de leerstijl van de aios? Over deze en andere uitdagingen organiseert TNO terugkomdagen voor opleiders. Over de thema’s stemt TNO af met Sogeon/NSPOH.

Uitgangspunten voor onderwijs en terugkomdagen bij TNO:

- Competentiegericht

- Leren met en van collega’s

- Presentaties en praktische opdrachten wisselen elkaar af - Ervaren docenten uit wetenschap en praktijk

- Aansluiting bij actueel onderzoek (binnen of buiten TNO)

- Eigen inbreng (onderwerpen, werkvormen) wordt zeer gewaardeerd.

Starten en instromen Opleiding

De opleiding start ieder jaar in september (in Eindhoven) en in maart (in Leiden)

Zie voor meer info: www.artsmg.nl www.tno.nl/onderwijs

…een breed scala aan medische vervolgopleidingen en bij- en nascholing, ook incompany. Jaarlijks keuze uit meer dan 30 nieuwe titels en 160 modules.

Onze scholing helpt je bij de ontwikkeling van je professionele vaardigheden. Met onderwijs en training van de NSPOH draag je met meer kennis en vaardigheden bij aan het verbeteren van de jeugdgezondheidszorg.

Kies bijvoorbeeld voor:

• Opleiding arts maatschappij + gezondheid, jeugdgezondheidszorg (1e fase)

• Opleiding arts maatschappij + gezondheid, 2e fase

• Basisopleiding praktijkopleiders aios sociale geneeskunde • Didactische scholing voor praktijkopleiders

Bij- en nascholing: • Kinderreanimatie • MAZL scholing • Opvoedingsondersteuning • Over kinderen en emoties gesproken • Peuters en slaap • Sociaal medische advisering in het kader van de jeugdwet • Terugkomdag voor Van Wiechen instructeurs • Train-de-trainerworkshop voor visusinstructeurs • Voeding en eetgedrag bij peuters • WOKJA • Zindelijkheid

Bekijk onze actuele bij- en nascholingskalender op www.nspoh.nl

Terugkomdagen

TNO organiseert meerdere terugkomdagen per jaar in Leiden en Eindhoven. Zie voor data en informatie: www.tno.nl/onderwijs

“Door deze dag heb ik meer inzicht gekregen in hoe mijn aios en ik beter kunnen samenwerken!”

“Deze docent maakt ingewikkelde theorie eenvoudig en toepasbaar in de praktijk!”

De NSPOH wil een waardevolle bijdrage leveren aan de verbetering van de volksgezondheid, de arbeidsomstandigheden en participatie in Nederland. Dit doen wij door professionals kwalitatief goed en vraaggestuurd op te leiden voor de hedendaagse praktijk van public en occupational health. Wij ontwikkelen en organiseren opleidingen, bij- en nascholing, in-company programma’s en symposia op academisch en post-hbo niveau.

1 2StA4 E indd 1 30 09 2022 10:00
1 2StA4 M indd 1 29 09 2022 14:09

Vlees noch vis

Het kan een verademing zijn voor ouders als jeugdartsen en verpleegkundigen weten wat een veganistische levensstijl inhoudt en daarover met oprechte interesse en kennis met ouders in gesprek gaan. De levenskeuze voor een veganistische levensstijl heeft niet alleen een positief effect op individueel niveau, maar ook in een breder perspectief: het bevordert de gezondheid van onze planeet.

Voor mij zitten de drie maanden oude Max en zijn twee ouders, voor een standaard consult. De ouders van Max zijn beiden hoogopgeleid en staan met beide benen op de grond. Het consult verloopt ontspannen. De ouders zijn tevreden over hoe Max het doet. Zoals gebruikelijk wordt de introductie van de bijvoeding op deze leeftijd

besproken. Tijdens mijn standaard uitleg hebben de ouders geen op- of aanmerkingen. Het onderzoek en de vaccinaties volgen zonder bijzonderheden. Het consult loopt op zijn einde en ik sta op om afscheid te nemen. En dan gebeurt het deurknop-fenomeen.

Moeder: “Mag ik toch nog een vraag stellen? Over de voeding?”.

Ja! magazine 2022 #56 - 28 casus
Tekst:

Uit eerdere ervaringen weet ik dat dit een belangrijk moment is. Een moment, waarop deze moeder zich kwetsbaar opstelt en ik kan werken aan het versterken van onze onderlinge band. Deze keer heb ik extra geluk: dit gezin is het laatste op mijn spreekuur, dus ik heb alle tijd voor ze. Ik begeleid de ouders terug naar hun stoelen.

Opgelucht

Moeder vertelt dat zij en haar partner veganistisch eten. Hoewel deze moeder heel stellig is in haar overtuiging dat Max alleen plantaardig eten en drinken aangeboden krijgt, vraagt ze zich toch af of het geen kwaad kan voor haar zoon, en of er bepaalde zaken zijn waarop ze moet letten. Meteen geef ik een compliment: “Wat fijn dat je me deze vragen stelt en wat goed dat jullie bewust bezig zijn met voeding.” Onmiddellijk zie ik dat ouders opgelucht zijn. Deze ouders hebben vanuit hun sociale kring veelvuldig de opmerking gekregen dat plantaardig eten niet geschikt is voor een kind, en al helemaal niet voor een baby. Dat er tekorten ontstaan in het eetpatroon, wat op zijn beurt een negatief effect zou hebben op de groei en ontwikkeling. Deze ouders hebben zich goed ingelezen over een plantaardig dieet en hebben voor zichzelf helder waarop te letten in hun eigen voedingspatroon. Door de kennis die ik heb over dit onderwerp, kan ik aansluiten bij ouders en hen vooral complimenteren met hun kennis en betrokkenheid rondom dierenwelzijn, klimaat en gezondheid. Hierin ligt ook mijn leermoment. Hoewel ik deze kennis had, gebeurde toch het deurknop-fenomeen. Ouders bevragen over hun visie op voeding en ze ruimte geven om hun aanpak zelf te vertellen, levert mij tijdswinst op. Zo kan ik het het deurknop-fenomeen voorkomen.

Impact

Bovenstaande casus schrijf ik op in de avond, nadat ik een presentatie heb gevolgd over wereldwijde kindergezondheid. Ongeveer een miljard kinderen, woonachtig in 33 landen, leeft in een land met een extreem verhoogd risico op gevolgen van klimaatverandering. Deze 33 landen zijn voornamelijk gesitueerd in Afrika en Azië. Deze landen zijn het minst verantwoordelijk voor de klimaatcrisis, maar hebben wel te maken met de grootste impact. Een plantaardige levensstijl zullen wij als JGZ-professional steeds vaker als onderwerp hebben in de spreekkamer. Wanneer de kennis bij ons aanwezig is, namelijk dat kinderen prima met een plantaardige intake gezond groot kunnen worden, vaak zelfs met gezondheidswinst, kunnen wij bij deze ouders aansluiten. Zelf probeer ik ook impact te maken in de spreekkamer door proactief te vertellen dat vlees en vis niet de norm hoeven te zijn, en dat er gezonde, goedkope en lekkere alternatieven bestaan. Samen hebben we niet alleen een impact op hun eigen kind, maar ook op de bijna een miljard kinderen in die hoogrisicogebieden.

Het Voedingscentrum publiceert de afgelopen jaren vaker in heldere taal omschreven informatie en adviezen op zijn website. Bij specifiekere vragen kan er altijd verwezen worden naar een kinderdiëtist, maar dit zal een uitzondering zijn. Laten wij als professionals het onderwerp normaliseren, ouders in hun kracht zetten en lof uitdelen voor het feit dat zij bijdragen aan een betere planeet.

WIE IS…?

Vassia Ivanova is jeugdarts KNMG en AIOS M+G/Jeugdgezondheid bij Jeugdgezondheidscentrum Zuid-Limburg. Ze maakt zich zorgen over de klimaatcrisis en ziet deze als een kinderrechtencrisis, omdat kinderen het meest kwetsbaar zijn voor de gevolgen van klimaatverandering.

Ja! magazine 29 2022 #56
casus
Ja! magazine 2022 #56 - 30 PODIUM

‘Als jeugdarts kun je veel doen voor planetary health’

De gezondheid van de planeet staat enorm onder druk en daarmee ook de gezondheid van mensen. Wat kun je daar als jeugdarts aan doen? Heel veel, weet Nora van Gaal, tweedejaars AIOS Medische Milieukunde. Zij voelt de urgentie om ‘iets te doen’ en zit daarom in twee werkgroepen voor planetary health.

Nora van Gaal voelt zich erg betrokken bij de toestand van de aarde. “De signalen dat het misgaat zijn overal en daar maak ik me zorgen over. Ik herken klimaatangst, maar mijn ervaring en de literatuur bevestigen dat dit verlammend werkt, terwijl klimaatboosheid juist een goede drijfveer is voor actie. Hoop krijg ik van iets positiefs doen. Als arts wil ik graag meewerken aan de systeemtransitie van welvaart naar welzijn. Ik wil bereiken dat we niet meer focussen op winst, maar op gezondheidswinst.”

WEL DOEN EN NIET SCHADEN

Wie denkt dat een arts weinig kan bijdragen, heeft het mis, vindt Nora. “Onderdeel van onze artseneed is ‘wel doen en niet schaden’. We zijn een gerespecteerde beroepsgroep met een voorbeeldfunctie. Daarbij hoort het minimaliseren van onze negatieve klimaatimpact als persoon en onze bedrijfsvoering; dat is klimaatmitigatie. Hoe reis je? Hoe ga je om met je afval? Dat hoort bij ‘niet schaden’ en dat reikt best ver.”

Ook klimaatoverwegingen binnen de advisering van jeugdartsen hebben impact. “Als een jonge moeder twijfelt tussen borstvoeding of de fles, is een extra argument voor borstvoeding de milieuschade van flesvoeding. En de schoolarts kan pleiten voor seizoensgebonden, lokale en biologische voeding in plaats van mango’s die wel gezond zijn, maar worden ingevlogen. Artsen

M+G kunnen binnen hun vak naar het grotere plaatje kijken. Er is ook ‘wel doen’. Ik zou bijvoorbeeld graag zien dat jeugdartsen en collega’s uit de jeugdzorg samen met scholen bedenken wie kwetsbaar is voor klimaatimpact, bijvoorbeeld door extreme hitte of juist kou tijdens de energiecrisis, en hoe we daarop passend kunnen acteren. Dan hebben we het over klimaatadaptatie. Je kunt als jeugdarts van alles doen. Schrijf eens een opiniestuk over wat in de praktijk duurzamer kan. Of stap in een werkgroep.”

31 2022 #56
Ja! magazine PODIUM

PLANETARY HEALTH

Waar public health zich beperkt tot de gezondheid van mensen, richt planetary health zich op de gezondheid van de aarde als geheel, inclusief alles wat groeit en bloeit. Willen we mensen gezond houden, dan moeten we de aarde gezond houden.

DE TIJD DRINGT

Dit laatste deed Nora. Ze zit in twee werkgroepen voor planetary health: één vanuit De Jonge Arts Maatschappij + Gezondheid (verder: de AIOS-groep) en een expertgroep binnen de KAMG. Van de AIOS-groep, die Nora in januari oprichtte, is ze voorzitter. “We komen elke twee weken bij elkaar en barsten na elke bijeenkomst weer van de energie. Dat inspireert ook anderen. We willen planetary health binnen public health aandacht geven, samenwerking aangaan met andere artsen en partijen die zich inzetten voor de planeet, en een volwaardige gesprekspartner zijn in het debat. Het moet duidelijk worden dat artsen onderdeel kunnen zijn van de systeemtransitie.” De groep presenteerde eind juli een visiedocument over de rol van artsen binnen planetary health, met een actielijst waar de groep druk aan werkt. “Het is belangrijk dat alle artsen in de publieke gezondheidzorg weten wat planetary health is, waarom het ons vak raakt en hoe ze eraan kunnen bijdragen. Het moet daarom in alle opleidingen opgenomen worden. Bij onderwerpen binnen ons vakgebied die gerelateerd zijn aan planetary health maken we elke keer dat haakje, en andersom vertalen we de uitdagingen binnen planetary health naar onze praktijk.”

GROTE THEMA’S AANKAARTEN

Ook in de KAMG-groep is Nora actief. “Deze groep wil zich mengen in het debat en wil standpunten uitdragen vanuit publieke gezondheid. Daarvoor moeten we silo’s doorbreken, profieloverstijgend zijn en grote thema’s aankaarten. Die noodzaak werd voelbaar tijdens de coronacrisis: artsen infectieziekten kwamen overal aan bod, maar jeugdartsen, die veel weten over de impact van de maatregelen op jongeren, hoorde je minder. Toen ontstond het idee om met specifieke werkgroepen opiniërend en richtinggevend te zijn over grote thema’s. De oprichting van de werkgroep voor planetary health is een begin.”

PAMFLET VOOR DE KLIMAATTOP

De eerste resultaten zijn er. In juni plaatste Het Parool een advies van voorzitter Henk Jans voor klimaatminister Rob Jetten: neem gezondheid als invalshoek voor klimaatplannen. Ook mengt

de werkgroep zich in een internetconsultatie over klimaatbeleid. Een inspirerend voorbeeld vindt Nora het Britse position statement voor de COP26, de klimaatconferentie in Glasgow in 2021, met als kern: de gezondheid van kinderen moet meegenomen worden in de klimaataanpak. “Dit statement is in de hoogste regionen doorgedrongen, dat is hoopvol. In navolging daarvan wil ik met de AIOS-groep of de KAMG-werkgroep voor COP27, de komende klimaatconferentie in november in Egypte, een pamflet opstellen, waarin de inzichten en afspraken uit de COP worden vertaald naar onze praktijk. Zowel voor de klimaatmitigatie als -adaptatie is transdisciplinaire samenwerking cruciaal. Iedereen is gevoelig voor de gezondheid van kinderen. Daarmee raak je aan de toekomst. Dus als jeugdarts heb je zeker impact.”

Meer lezen?

Visiedocument AIOS-groep: Het Britse standpunt voor de klimaatconferentie 2021 in Glasgow:

2022 #56 - 32 Ja! magazine
PODIUM

Tandarts en jeugdarts: een goed huwelijk

De rollen van jeugdarts en tandarts kunnen elkaar beter aanvullen, aldus Milou Munk, arts M+G, werkzaam bij de beroepsorganisatie van tandartsen, orthodontisten en kaakchirurgen (KNMT). Op haar initiatief is - in samenwerking met de AJN - de recent gelanceerde Praktijkkaart Tandarts & jeugdarts ontwikkeld: een handreiking om samenwerking tussen de twee beroepsgroepen te ondersteunen.

Tekst:

Milou: “Van de vijfjarigen in Nederland heeft 24% gaatjes in het melkgebit. Cariës is een serieus probleem, want het heeft veel gevolgen. Het kan de fysieke gezondheid van kinderen aantasten, denk aan eetproblemen, maar ook de psychosociale: kinderen met ernstige cariës schamen zich en verzuimen vaker van school. Het beïnvloedt dus de ontwikkeling. Ook speelt ongelijkheid mee, want meer kinderen uit gezinnen met een lagere sociaaleconomische status hebben een slecht gebit. Tijdig aanleren van tandenpoetsen, gezond eten en naar de tandarts gaan, kan de mondgezondheid preventief verbeteren en gezondheidsverschillen terugdringen. Als eerste handreiking voor meer samenwerking tussen jeugdarts en tandarts, en meer afstemming van zorg, heeft de AJN samen met de KNMT in juni de Praktijkkaart Tandarts & Jeugdarts uitgebracht.”

GROOT BEREIK VAN DE JGZ

“De JGZ heeft een enorm bereik, ook bij mensen die de weg naar zorg niet makkelijk vinden. Maar voor mondzorgverleners is het vaak lastig om kinderen tijdig te bereiken, zeker als ouders zelf niet naar de tandarts gaan. Als je het bereik van de JGZ verbindt aan de kennis en kunde van de mondzorgverlener en samenwerkingsafspraken maakt op lokaal niveau, is er winst te behalen. Waarom zou de jeugdarts ouders niet stimuleren om met hun kind naar de tandarts te gaan? En bij welke praktijken in de buurt kunnen ze met hun kind terecht? En als ouders de mondverzorging niet op orde krijgen, wat zegt dat over het algemene beeld van het gezin? Is dat een mogelijke kans voor samenwerking tussen beide beroepsgroepen en zou de pedagogische kennis en kunde van de JGZ niet ondersteunend kunnen zijn aan de rol van de mondzorgverlener?”

TIJDWINST VOOR DE JEUGDARTS

“Volgens veel jeugdartsen is er weinig tijd om mondgezondheid te bespreken. Ik herken dat vanuit mijn ervaring als jeugdarts 0-12 jaar. Dat was precies de aanleiding om de Praktijkkaart te ontwikkelen. Een korte opmerking over tandenpoetsen en een bezoekje aan de tandarts als de eerste tandjes doorbreken, kost amper tijd. Als de lokale samenwerking op orde is, kan de tandarts het overnemen met poetsinstructie en voedingsadvies om cariës te voorkomen. Dit kan juist tijdswinst opleveren voor de JGZ. Het is een prachtig, concreet voorbeeld van hoe je met preventie gezondheidsverschillen kunt verkleinen en kinderen een vaardigheid meegeeft, waar ze hun hele leven plezier van hebben. Mondzorg voor kinderen heeft ook een duurzame kant. Wie een gezonde mond heeft, hoeft niet of minder invasief behandeld te worden. En behandelingen zijn veel vervuilender dan tandartscontroles.”

VEROUDERDE RICHTLIJN

“Wat ik jammer vind, is dat het advies vanuit de handreiking van de jeugdartsen niet meer aansluit bij de nieuwste inzichten uit de mondzorg. De nieuwste richtlijn voor de mondzorg uit 2020 adviseert om kinderen vanaf de doorbraak van de eerste tanden naar de tandarts te sturen. Maar de ‘Handreiking Aandachtspunten Preventieve Mondzorg 0-19 jaar voor de JGZ’ van het NCJ stamt uit 2005 en hanteert nog het oude advies om kinderen vanaf 2 jaar naar de tandarts te verwijzen.”

JONG GELEERD…

“De Praktijkkaart is in beide beroepsgroepen positief ontvangen. Het is nog te vroeg om iets over cijfers te zeggen, maar

Ja! magazine 33 2022 #56VISIE Ja! magazine

professionals, verspreid over het land, hebben al contact gelegd met de andere beroepsgroep. Nog niet iedereen is op de hoogte van de Praktijkkaart. Zelf zie ik de mondgezondheid als onderdeel van de algemene gezondheid. JGZ en mondzorg kunnen elkaar daarin aanvullen en samenwerken. Voor ouders zou het net zo vanzelfsprekend moeten zijn om met hun kinderen naar de tandarts te gaan als naar het consultatiebureau. Dan verloopt een deel van de monitoring van de ontwikkeling bij het consultatiebureau en een deel bij de mondzorgprofessional. Samen vormt het de basis voor een kansrijke start in het leven. Ik zou het fantastisch vinden als in 2023 veel meer jonge kinderen regelmatig naar de tandarts gaan. Als je ouders ondersteunt bij het aanleren van gezond gedrag voor hun kind, wordt een basis gelegd voor het kind en nemen ouders er zelf iets van mee voor hun eigen gebit. Voor kinderen is het makkelijker om al jong gezond gedrag aan te leren dan om gedrag op latere leeftijd te veranderen.”

Verwijzen vanuit de JGZ werkt!

Promovenda Ashley Verlinden volgde vijf jaar lang twee groepen kinderen: de ene werd vanaf 6 maanden door de jeugdarts verwezen naar de tandarts, de controlegroep niet. 53% van de kinderen uit de eerste groep ging vóór de eerste verjaardag naar de mondzorgpraktijk, tegen 7% in de controlegroep.

Lees meer over het onderzoek van Ashley Verlinden via onderstaande QR-code:

Ja! magazine 2022 #56 - 34 VISIE

Praktijkkaart Tandarts & jeugdarts

Belang

PRAKTIJKKAART TANDARTS & JEUGDARTS

Goed contact tussen mondzorg en jeugdgezondheidszorg kan veel opleveren voor een gezond kindergebit. De Praktijkkaart Tandarts & jeugdarts, een initiatief van AJN en de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Tandheelkunde (KNMT), helpt om de eerste stap te zetten.

Samenwerking mondzorg-jeugdgezondheidszorg (JGZ) draagt bij aan integrale mondzorg voor kinderen. Om samenwerking te optimaliseren heeft de KNMT i.s.m. AJN deze praktijkkaart ontwikkeld.

De mondzorgverlener en JGZ-professional zijn op de hoogte van de (preventieve) mondzorg die zij aanvullend bieden aan kinderen en jongeren Betere op elkaar afgestemde en integrale mondzorg zorgt voor betere mondgezondheid bij kinderen, jongeren en hun ouders/verzorgers

In de JGZ- of mondzorgpraktijk

De jeugdarts is te vinden in de gemeente/wijk, vanuit JGZ-organisaties op locaties als het consultatiebureau en op scholen

Zorg dat je elkaar weet te vinden: ken elkaars namen en bereikbaarheid

Vraag ouders de contactgegevens van de JGZ- of mondzorgpraktijk Voor de mondzorgverlener: bij sommige JGZ-organisaties is er een apart telefoonnummer voor intercollegiaal overleg Zoek contact en maak een afspraak voor een kennismaking Jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen leiden kinderen toe/kunnen kinderen verwijzen naar een mondzorgverlener, eventueel een die werkzaam is in een kindertandartspraktijk Mondzorgverleners zien de kinderen vanaf het doorbreken van het eerste elementen

Richtlijnen

KIMO-richtlijnen: hetkimo.nl: diagnostiek, preventie & behandeling JGZ-richtlijnen: ncj.nl: Handleiding aandachtspunten preventieve mondzorg 0-19 jaar voor de JGZ

Achtergrond JGZ

JGZ is de (gratis) publieke gezondheidszorg voor jeugdigen tussen 0 en 18 jaar en is vastgelegd in de Wet publieke gezondheid (Wpg)

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het organiseren van JGZ binnen hun gemeente In heel Nederland heeft elk kind tot 18 jaar recht op JGZ

JGZ is te vinden in de wijk, voor daar woonachtigen (0-4 jaar), gekoppeld aan de basisscholen (4-12 jaar) en het voorgezet onderwijs (12-18 jaar)

Binnen een JGZ-team werken jeugdartsen, jeugdverpleegkundigen, assistenten en doktersassistenten

Het JGZ-team werkt daarnaast samen met ketenpartners uit het medisch en sociaal domein

Ja! magazine 35 2022 #56
Praktijkkaart TandartsJeugdarts ©2022 KNMT, AJN
VISIE
VISIE

ARFID te lijf !

Artsen de wijk in

Artsen

Hoopvol sloeg ik dit boek open; de titel gaf mij het beeld van artsen die lokaal en preventief werken. Misschien stond de jeugdgezondheidszorg er wel in, of in ieder geval ketenpartners. Helaas; het boek - met als ondertitel Red levens, spoor ziekten eerder op - gaat over vroegsignalering en vroegdiagnostiek, maar is vrijwel geheel curatief gericht. Middels zeven interviews met bekende artsen, onderzoekers en bestuurders, zoals René Bernards en Marcel Levi, verkent de auteur het werkveld en de toekomst. Maar in mijn optiek is het praten over innovatie van de dweil terwijl de kraan nog steeds open staat… Gelukkig komt bij het interview met Wanda de Kanter, longarts en anti-tabak-activist, primaire en secundaire preventie wél om de hoek kijken en benoemt zij, zeer terecht, het belang van een rookvrije generatie en preventieve opsporing: actief de wijken in om mensen te helpen stoppen met roken om longkanker en COPD te voorkomen. De andere interviews zijn weliswaar ook interessant en gaan voor een klein deel over tertiaire preventie, maar het gevoel blijft dat met deze toekomstvisies ziektes weliswaar eerder, maar alsnog te laat opgespoord gaan worden. Als artsen de wijk in gaan, dan graag preventief te werk gaan! Hopelijk volgt er een deel twee dat daar meer aandacht aan schenkt.

Schrijver: Willem Wansink uitgever: Scriptum (2022) prijs: € 12,50

de jeugdgezon ziekten eerde interviews me het werkveld en d bi wél om de hoekkijken en benoem meer aandacht aan schenk t. trictieve om de menDitdoet

Het derde boek van auteur Rita Maris over ARFID (Avoidant/Restrictive Food Intake Disorder; vermijdende/rest voed selinnamestoornis) is opnieuw een zoek tocht naar antwoorden op de vele nog openstaande vragen rondo eetstoornis. Opnieuw graaft ze dieper naar de etiologie, verschijningsvormen, comorbiditeit en behandelvormen. Dit doet ze door middel van diepte-interviews met ruim 80 zorgprofessionals en ervaringsdeskundigen, waaronder bekende artsen en onderzoekers op het gebied van eetstoornissen zoals prof. dr. Sandra Mulkens en kinderarts Annemarie van Bellegem. Het resulteert in een lijvig boek, dat zeer veel aspecten van de aandoening beschrijft, zoals diagnostiek, angst en trauma rondom eten, lichamelijke en psychische gevolgen en verhalen uit de prak tijk. In dit derde boek is ook meer aandacht voor jongeren en jongvolwassenen met ARFID. De opmaak is wat intimiderend met veel tek st en geen figuren; het lettertype is wel prettig groot. Dat maakt het geen licht leesvoer, maar wel heel informatief voor díe jeugdarts die zich verdiept in eetstoornissen of kinderen en jongeren met ARFID begeleidt.

Schrijver: Rita Maris uitgever: Graviant (2022) prijs: € 34,95 g foto’s. Daarnaast v gedragsveranderin maar ook noodzak

Het Klimaatboek

“Dit boek is er voor iedereen die met de toekomst van volgende generaties op onze planeet begaan is”, aldus de uitgever van het aankomende boek van Greta Thunberg, de wereldberoemde klimaatactivist. Klinkt als leesvoer voor jeugdartsen dus. Het Klimaatboek beoogt een totaalbeeld te schetsen van hoe de klimaatcrisis, milieucrisis en duurzaamheidscrisis met elkaar samenhangen en hoe en waarom de wereld verandert. Greta Thunberg hoopt hiermee ‘het belangrijkste verhaal ter wereld’ zoveel mogelijk te verspreiden en iedereen wakker te schudden. Ze deelt de kennis en bevindingen van vele wetenschappers, gezondheidsexperts, ingenieurs, economen en andere klimaatexperts en ondersteunt dit met grafieken en foto’s. Daarnaast vertelt ze haar eigen verhaal over haar leerproces en de protestacties. Doel van het boek is om iedereen tot gedragsverandering te laten komen en te fungeren als oproep om de samenleving breed te transformeren. Grootse plannen, maar ook noodzakelijk. Ik hoop dat we in staat zijn de opdracht van Greta op te pakken; Nu, voor het leven!

Schrijver: G uitgever: p rijs: € 30

Tekst: Roselin van der Torren

Ja! magazine 37 2022 #56 recensies

Opgroeien met groen verdient alle aandacht

Annette Postma is netwerkadviseur Natuur en Leefomgeving bij ‘Alles is gezondheid’, een landelijk netwerk van publieke en private partners voor een gezonder Nederland. Annette legt contact met artsen om de impact van natuur op gezondheid meer bekendheid te geven. Natúúrlijk wetenschappelijk onderbouwd. Vijf vragen over de meerwaarde van ‘groen’ en wat de jeugdarts hiermee kan.

‘Groen en gezondheid’… leeft dat onderwerp in Nederland? “Zeker! Sinds een jaar of twee merk ik dat het thema is geland. Het krijgt nu bijvoorbeeld aandacht in onderwijsprogramma’s en nascholingen. Niet alleen onze inzet, maar ook de coronamaatregelen hebben de bewustwording bij veel mensen vergroot. We zijn massaal de natuur ingetrokken en hebben ook zelf de positieve effecten van ‘groen’ ervaren.”

Hoe belangrijk is de medische hard evidence? “Heel belangrijk. Aan ‘zweverig gedoe’ heb je niets; de informatie over hoe de natuur werkt, moet kloppen en onderbouwd zijn met onderzoek. Want dan pas trek je mensen over de streep! Zo is wetenschappelijk bewezen dat bomen en planten etherische stoffen afgeven die het zenuwstelsel activeren. Dat verlaagt de bloeddruk en geeft je immuunsysteem een geweldige boost. Natuur maakt je brein rustiger en geconcentreerder. En zo is er veel meer bewijs dat je ‘groen’ met succes preventief en als medicijn kunt inzetten bij gezond opgroeien.”

Wat kan de jeugdarts met groen?

“Die kan nog vaker leefomgevingen van kinderen en groen met elkaar verbinden. Hoe ziet bijvoorbeeld de wijk eruit waarin zij werken? Denk aan de inrichting van schoolpleinen en parken; kunnen kinderen dichtbij en veilig spelen? Zoek als het even kan de gemeente op, schuif aan bij ontwerptafels en laat je invloed gelden.”

Welke samenwerking is er met ‘Zicht op buiten’?

“We stellen samen met dit netwerk een strategisch plan op voor de toekomst, want voldoende buitenspelen blijft een voorwaarde voor gezonde kinderogen, ondanks trends als verstedelijking, bezorgde ouders en moderne media. Maar groen gaat ook over de motoriek of leren samenwerken en doorzetten, creatief zijn. Ik heb met IVN en Jantje Beton een prachtige infographic gemaakt die de meerwaarde van spelen in de natuur benadrukt, met natuurlijk ook weer alle bewijzen.”

Heb je nog een tip voor de jeugdarts?

“Wees als arts concreet in je adviezen richting ouders: ‘Dit kun jij doen bij voeding: als een kind zelf groenten kweekt, eet het ook meer groente’. Het stikt van de mogelijkheden en de materialen, die jij kunt gebruiken om ouders en kinderen vaker naar buiten te krijgen. Zorg dat je weet welke groen-activiteiten het IVN Natuureducatie, Natuurmonumenten, de plaatselijke scouting en andere partijen, aanbieden bij jou in de wijk. Breng het letterlijk in kaart en deel het actief met ouders en jongeren.”

Verder lezen?

Een infographic over de waarde van natuur voor gezondheid van kinderen: (IVN & Jantje Beton, tekst: A. Postma)

Activiteiten voor kinderen: (IVN)

Wetenschap, een webinar, materialen en meer: www.allesisgezondheid.nl

2022 #56 - 38 Ja! magazine MARKANT

CURSUS Praten met kinderen en ouders over seksueel misbruik

Praten over seksueel misbruik geeft kinderen geen trauma, de stilte wel.

Tweedaagse training door Aafke Scharloo. Accreditatie: 10 PE-punten

Edities: 28 en 29 november 2022 & 13 en 14 april 2023 medilex.nl/pratenoverseksueelmisbruik

Eetstoornissen

Hoe kunt u mensen met een eetstoornis helpen, zowel fysiek als psycho-emotioneel? Hoe gaat u om met onderliggende psychische problemen en traumatische ervaringen? Inclusief ervaringsverhalen.

Dagvoorzitter: Greta Noordenbos

Datum: donderdag 15 december medilex.nl/eetstoornissen

CURSUS Emotieregulatietraining bij kinderen

Na deze training:

• herkent u problemen in emotieregulatie bij kinderen en jongeren

• kunt u deze problemen doorbreken

• weet u hoe u de zes basiscompetenties van emotieregulatie kunt aanleren

Data: 18 en 19 januari 2023 medilex.nl/emotieregulatietraining

CURSUS Gezondheidsrecht

Tijdens drie interactieve contactdagen vertellen ervaren advocaten in het gezondheidsrecht o.a. over:

Informatie-uitwisseling en beroepsgeheim

Patiëntenrechten in bijzondere situaties

Klacht- en tuchtrecht in de praktijk Diverse startdata!

Eerstvolgende editie: woensdag 8, 15 en 22 maart 2023 medilex.nl/gezondheidsrecht

030-6933887 | info@medilex.nl | www.medilex.nl fysiek & online
Zeer goed beoordeeld 12 PE-punten GEACCREDITEERD studieaanbod ONAFHANKELIJKE
15 PE-punten
nascholing

NUTRILON PEPTI KOEMELKALLERGIE

Pepti MCT bij ernstige verterings- en absorptie-stoornissen: 50% MCT-vetten koemelkallergie lactose-intolerantie.

100% intensief gehydrolyseerd wei-eiwit. 1

scGOS:lcFOS 9:1 die de honderdenHMO’s 2,3

Wilt u graag meer informatie of advies?

Wij zijn 24/7 bereikbaar voor ouders, en we zijn er ook voor u. 0800-0228060

minder infecties, antibioticagebruik en koorts4-6

lactose onder andere een darmmicrobiota 7,8

Betere waardering van smaak

2.

NUTRILON PEPTI
5
1.
3.
Bestel deze (kosteloos)koemelkprovocatietest bij uw Nutricia rayonmanager 5. 6. 7. 8. 9.
4.
ONZE MEEST VERTROUWDE INTENSIEF GEHYDROLYSEERDE DIEETVOEDING.