Factsheet Cognitieve gedragstherapie bij experiëntiële vermijding
?
Experiëntiële vermijding is een copingstrategie waarbij mensen proberen te ontsnappen aan ongewenste ervaringen zoals pijnlijke herinneringen, angst of ongewenste gedachten, door verschillende strategieën toe te passen. Dit kan variëren van afleiding zoeken, zichzelf verdoven met verslavende middelen of gedrag, negatieve gedachten wegduwen of zichzelf constant bezighouden met afleidende activiteiten om niet geconfronteerd te worden met hun innerlijke ervaringen.
Hoe herken je experiëntiële vermijding? De patiënt:
Bagatelliseert de nare gebeurtenis, ervaring, sensaties of gevoelens Rationaliseert Ontkent negatieve emoties te (hebben) ervaren als gevolg van de nare gebeurtenis
Brengt geen nuances aan in de nare ervaring, deze wordt meer zwart-wit beleefd Maakt veelvuldig gebruik van vermijding, bijvoorbeeld drank, drugs of gamen om op deze wijze zich niet bezig te hoeven houden met negatieve gedachten, gevoelens of sensaties
Feiten • Experiëntiële vermijding kan op korte termijn helpen om onmiddellijke ongemakken te verminderen, maar kan op lange termijn negatieve gevolgen hebben • Experiëntiële vermijding kan leiden tot beperkingen in het dagelijks functioneren
• Experiëntiële vermijding is een transdiagnostische factor die kan bijdragen aan het ontstaan of in stand houden van psychische problemen, zoals aanhoudende lichamelijke klachten, angststoornissen, depressie en verslaving
Cognitieve gedragstherapie (CGT) bij experiëntiële vermijding
Uit onderzoek (o.a. Wegner e.a., 1987) blijkt dat het onderdrukken van ervaringen leidt tot een toename ervan.
De cognitief gedragstherapeut kan gebruik maken van exposure als behandeltechniek, naast experiëntiële technieken die te vinden zijn bij ACT, MBCT en schematherapie. Hierdoor kan de patiënt ervaren en leren: • Dat vermijding van ongewenste innerlijke ervaringen de klachten in stand houdt • Dat stilstaan bij ongewenst beoordeelde ervaringen te verdragen is en juist kan bijdragen aan een waardevol leven • Dat de intensiteit van ongewenste innerlijke ervaringen niet continu hoog is • Dat hij zijn innerlijke ervaringen op een accepterende en niet-oordelende manier kan benaderen, zonder ernaar te handelen of ze te onderdrukken • Dat hij in plaats van het vermijden van onplezierige ervaringen zich kan richten op wat belangrijk voor hem is in het leven en daartoe stappen kan zetten. Zelfs in aanwezigheid van negatieve gevoelens of gedachten (exposure)