Issuu on Google+

SUBS

SUBS

MAGAZINE

SNUFFELEN BIJ DE

DE

KM

MARINIER

ALGEMEEN SELECTIE TEST

B R AND,

BRA N D!

FINAL EXERCISE

P OTOM 2006-2007

SUBS-MAGAZINE

NUMMER 3

JAARGANG 7

B R AND,


VOORWOORD / INHOUDSOPGAVE

SUBS-MAGAZINE

RUBRIEK

INHOUD

VOORWOORD

FIT, FITTER, FITST! Dat je fit moet zijn om bij de marine te kunnen werken, bewijst dit magazine maar weer eens. Neem nou het artikel over de Praktische Opleiding tot Officier der Mariniers (POTOM). Op pagina 6 t/m 9 vind je het vierde en laatste deel van deze serie: na elf maanden bloed, zweet en tranen is onze held Sebastiaan eindelijk klaar met de opleiding en wordt hij – samen met de andere vijf POTOM’ers die het tot het bittere einde hebben volgehouden – eervol verwelkomd op de marinierskazerne in Rotterdam. En terecht, want als je leest wat deze jongens allemaal hebben moeten doorstaan, dan besef je dat ze heel, héél veel respect verdienen!

Maar voordat het allemaal zo ver is, zijn er gelukkig ook momenten waarop je kunt uittesten of zo’n inspannende baan wel wat voor jou is. Bijvoorbeeld tijdens een snuffelstage (pagina 22 t/m 25), waarbij je in drie dagen tijd kennismaakt met de marine in Den Helder en op Texel. Of tijdens de Marinier Algemeen Selectie Test, een eerste screening om te kijken of je fit genoeg bent om überhaupt als marinier te kunnen solliciteren (pagina 12 t/m 17). Nog niet eens officieel binnen, en de uitdagingen beginnen al!

Iets heel anders, maar ook intensief, is de basisopleiding NBCD. Iedereen die bij de marine in dienst treedt, moet daarvoor slagen. De oefenpraktijk is al behoorlijk realistisch: je ziet leerlingen in de weer met brandblussers en op vuurtjes af rennen, anderen tillen ‘bewusteloze’ collega’s op hun nek naar een hoger dek, terwijl weer ergens anders zelfhulp/kameradenhulp wordt toegepast op ‘gewonden’… Je leest erover op pagina 18 t/m 21.

Silvana Amerika, Coördinator SUBS

PAGINA 03

WIST JE DAT... DE MAG

PAGINA 06

BACK TO SCHOOL... POTOM (DEEL 4)

PAGINA 10

MAARTJE EN DE MARINE

PAGINA 12

MARINIER ALGEMEEN SELECTIE TEST (MAST)

Veel leesplezier!

P.S. Wist je al dat we een SUBS-hyve hebben? Check ‘m snel: jongerenclubsubs.hyves.nl!

BASIS NBCD-OPLEIDING

PAGINA 18

SNUFFELSTAGE BIJ DE MARINE

PAGINA 22

SUBS DUIKEN DIEPER... DE DIPONEGORO

PAGINA 26

EEN BAKKIE DOEN BIJ... MELISSA WESTDIJK

PAGINA 29

FOTO COVER: EEN 'WACHTPOST' BOUWEN TIJDENS DE SNUFFELSTAGE KM

PAGINA 2

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


IN DE RUBRIEK ’WIST JE DAT... BESTEDEN WE DIT JAAR AANDACHT AAN DE VERSCHILLENDE WAPENS DIE BIJ HET KORPS MARINIERS WORDEN GEBRUIKT. DEZE KEER: DE MAG, EEN MITRAILLEUR MET POWERRRR.

RUBRIEK

WIST JE DAT...

DE MAG

DE MAG – DIE MOET! Zoals je eerder in deze serie hebt kunnen lezen, heeft iedere marinier een persoonlijk wapen: de Diemaco C7, een semi-automatisch geweer, waarmee hij zich in de meeste situaties uitstekend kan redden. Zet je acht mariniers met hun Diemaco’s bij elkaar in een geweergroep, dan kom je qua vuurcapaciteit dus al best een heel eind – zou je denken. Echt niet! roepen de deskundigen: een béétje hete strijd vraagt om veel zwaarder geschut! De oplossing blijkt niet eens zo ingewikkeld te zijn: vervang één Diemaco door een MAG, en je bent er…

In de wapenkamer van de marinierskazerne in Rotterdam wijst sergeant Corpeleijn naar een lang ‘geval’ van hout, kunststof en metaal, met langs de zijkant een slinger van koperkleurige patronen. “Kijk, dat is hem: de MAG, de mitrailleur waarmee al onze mariniers kunnen schieten. Die gebruik je vooral in situaties – meestal oefensituaties, natuurlijk – dat je over een grote afstand snel vuuroverwicht wilt krijgen. De MAG zorgt voor dekking, een eerste vereiste als je iets voor elkaar wilt krijgen. Iedere geweergroep heeft er één. Dat is genoeg, want het is een heel krachtig ding. Bovendien heb je die zeven Diemaco’s ook nog. Een ijzersterke combinatie, alles met elkaar.”

MAG MET NACHTKIJKER

DE MAG HEEFT NAUWELIJKS LAST VAN STORINGEN

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 3

DE SCHUTTER EN DE HELPER


WIST JE DAT...

DE MAG

RUBRIEK

Pantserdoorborende patronen

Schutter en helper

Wat de MAG zo bijzonder maakt, is z’n gigantische vuurkracht. De kogels die dit wapen uitstoot, zijn groot, zwaar en snel. Daardoor hebben ze al gauw een flink effect. Voor het allerzwaarste werk kunnen zelfs speciale pantserdoorborende patronen worden ingezet. Die kun je maar beter niet tegenkomen tijdens een wandeling op de hei! Gelukkig wordt hier in Nederland uitsluitend geoefend met exercitiepatronen en losse munitie, de onschuldige broertjes van het ‘scherpe’ spul.

Omdat de schutter maar twee handen en twee ogen heeft, wordt hij altijd bijgestaan door een ‘helper’. Die draagt behalve z’n eigen Diemaco ook alle benodigdheden voor de MAG: accessoires, hulpstukken, munitie... Tijdens het schieten zelf, waarbij de schutter vaak plat op de grond ligt en de MAG op een twee- of een driepoot rust, zorgt de helper dat de patroonband niet op raakt. Ook houdt hij in de gaten waar de afgevuurde kogels heen gaan. Zeker bij de eerste pogingen wijken die namelijk vaak wat af van het doel – het is altijd even ‘zoeken’ naar de juiste richting en afstand. De helper kijkt en corrigeert de schutter: iets meer naar links, iets meer naar rechts, een iets andere hoek… Als de juiste positie uiteindelijk gevonden is, is dat dus een prestatie van beiden!

Alle patronen kunnen aan elkaar worden geklikt, en dat is handig als je aan één stuk door wilt schieten zonder bij te laden. Want dat is een ander belangrijk kenmerk van de MAG: wanneer je de trekker eenmaal hebt overgehaald, gaat ‘ie door met vuren totdat je loslaat – tenzij je al eerder door je patronen heen bent. In een minuut tijd kun je tientallen tot honderden schoten lossen, afhankelijk van de stand die je kiest: normaal vuur, snelvuur of stormvuur. De patronen worden in ‘slingers’ van 230 stuks aangeleverd, maar tijdens het schieten kan een volgende patroonband daar alvast onder aan worden geklikt.

DE HELPER CORRIGEERT DE SCHUTTER...

...EN ZORGT DAT DE PATROONBAND NIET OP RAAKT.

PAGINA 4

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


RUBRIEK

WIST JE DAT...

DE MAG

FACTS & FIGURES

Lichtspoor in het donker In het donker zijn normale kogels niet zichtbaar, maar dan volgt de helper de ‘tracers’, speciale lichtspoorpatronen. Het fosfor dat daarin verwerkt zit, begint te smeulen zodra het in contact komt met zuurstof. Standaard wordt er na elke vier gewone patronen één tracer afgevuurd; zo is de patroonband ook opgebouwd. In de lucht laat de tracer een lichtspoor achter, en op de plek waar hij neerkomt, ontstaat even een microbrandje. De helper ziet nu meteen of er bijgestuurd moet worden. Maar om in het donker niet alléén afhankelijk te zijn van lichtspoorpatronen, kan er op de MAG wel een nachtkijker worden gezet. Die geeft zicht – een groenig, nightshot-achtig beeld – tot maximaal 800 meter.

Hoe stabieler, hoe accurater De MAG is geen wapen om snel even mee uit de heup te schieten. “Hij is twee keer zo zwaar als de Diemaco, dus staand kun je er eigenlijk niet mee richten”, zegt de sergeant. “Bovendien geeft hij door z’n grote vuurkracht enorm veel terugslag. Een knappe marinier die daar geen last van heeft.” Als de MAG toch een keer snel moet worden ingezet, klapt de schutter de voorsteun uit – twee pootjes waar de loop op kan rusten – en gaat recht achter het wapen op de grond liggen. Blijft de geweergroep langer op één plek of is er meer tijd, dan stelt de helper de driepoot op. In het ideale geval graaft hij de pootjes een beetje in en legt er ook nog zandzakken op: “Hoe stabieler, hoe accurater. Bij een wapen met zoveel power als de MAG is dát de grote uitdaging…”

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

VOLLEDIGE NAAM: ‘ROEPNAAM’: KALIBER: WERKING:

VUURSNELHEDEN:

GEWICHT MET LOOP: GEWICHT ZONDER LOOP: LENGTE: BEREIK: RICHTMIDDELEN:

EXTRA VIZIER: LOOP EN WISSELLOOP:

PAGINA 5

Mitrailleur 7,62 mm NATO/MAG/FN MAG 7,62 mm automatisch, dankzij gasaftapsysteem normaal vuur (25-100 patronen per minuut), snelvuur(100-200 ppm), stormvuur (tot 750 ppm) 10,5 kg 7,7 kg 1,37 m 200 tot 1800 m vizierkorrel (achteraan op de loop) en viziervenster (vooraan op de loop) nachtkijker met zicht tot 800 m in verband met hitte en uitzetting moet de loop na elke 460 patronen (normaal vuur) verwisseld worden


POTOM - DEEL 4

BACK TO SCHOOL

RUBRIEK

DE PRAKTISCHE OPLEIDING TOT OFFICIER DER MARINIERS (POTOM) – DEEL 4 DE SLOTFASE: DRIE WEKEN LANG TOT HET UITERSTE GAAN…

PAGINA 6

- - KEER... t  NOG EEN is dit he DE POTOM to School ck over Ba e k ri ie se ze rubr

In de el van on r laatste de ficier de vierde en ing Tot Of id le comOp de he n sc va ti l ee de Prak s. M, onderd j het Korp s, de POTO Marinier ficier bi of t to g ciersin fi id of le ge op ri plete de vijfja jk deel van Koninkli Een groot ts op het aa pl t nd Den vi g in ) in IM id ople Marine (K uisbat voor de M is de th Instituu s de POTO en het jd ti m, ar erda Helder, ma ne in Rott s. In entkazer er Gh ni n ri Va le ma sis de jk m voor al s natuurli gscentru POTOM’er opleidin de n ge en e: in br rn jk ze ti ka ak de pr buiten de ook tijd door and, maar ook veel el Nederl in he at in n ga M iede . De POTO oefengeb Engeland april in nd ro ld M ee KI t bijvoorb ar van he studieja ting, elf het eerste ele afslui ni mo re ce maart van De of t. ri ar ua van st lt in febr va rde jaar r, de te het maanden la n ar. Vanaf ja ie ud st eiding ee ciersopl het tweede er t de offi en rd rd wo wo M n KI k da aan het r, maar oo lisretische en specia stuk theo feningen oe ld ve erd. ig se at ni lm ga ge or ge nog re ainingen aktijktr tische pr :

Daar is hij weer, voor de laatste keer in deze serie: Sebastiaan van Kan (23), die er op het vwo al van droomde om officier bij het Korps Mariniers te worden. Hoewel hij er bij zijn eerste twee sollicitaties niet doorheen kwam, bleef hij – noem het eigenwijs, noem het dapper – gewoon trouw aan zijn droom. En maar goed ook… De derde keer dat hij het probeerde, werd hij namelijk wél aangenomen! Een schot in de roos, zo is inmiddels gebleken. Want als je elf maanden zware praktijk zowel fysiek als mentaal weet te doorstaan, als het je lukt om al je examens en opdrachten te halen, als je erin slaagt jezelf en anderen in de meest extreme omstandigheden te motiveren, en als je aan het eind van de rit dan ook nog heel opgewekt roept dat het léúk was, dan moet je wel voor dit beroep in de wieg zijn gelegd!

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


RUBRIEK

BACK TO SCHOOL

POTOM - DEEL 4

EINDELIJK BINNEN! Na de luitenantsfase lijkt de POTOM voor een buitenstaander eigenlijk wel zo’n beetje klaar. De examens zijn voorbij, de cijfers binnen, de strepen verdiend… Nu alleen nog twee weken Engeland en één week eindoefening (FINEX) in Nederland – maar wat kan dat nou nog voorstellen als je alles al hebt gehad? “Als je dénkt dat je alles hebt gehad, ja… Want geloof me, we zijn die laatste week nog voor heel wat verrassingen komen te staan!” JE KOMT IN ONVERWACHTE SITUATIES TERECHT

Zoals? Sebastiaan kijkt even weg, schudt dan met zijn hoofd. “Over de FINEX mogen we met niemand praten. Sorry.” Doorvragen helpt niet. En stiekem hengelen naar een tipje van de sluier, daar trapt een doorgewinterde POTOM’er dus niet in. Kan hij dan ten minste vertellen waaróm er over die eindoefening zo geheimzinnig wordt gedaan? “Vooral vanwege het verrassingsaspect. Dat geldt voor iedere lichting. TACTISCHE SCHIETTRAINING IN ENGELAND

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 7

Wij mochten het niet weten van vorig jaar, degenen na ons mogen het niet weten van dit jaar, enzovoort. Anders is het gewoon niet meer echt. Je komt in onverwachte situaties terecht waar je ter plekke iets mee moet, totaal onvoorbereid. Improvisatie, daar draait het om. Ontdekken wat je allemaal in je hebt. Daar moet je dan van te voren natuurlijk niet over kunnen nadenken…”


POTOM - DEEL 4

BACK TO SCHOOL

RUBRIEK

Door moeras en riool

Scherpe handgranaat naar bunker

Voorafgaand aan de FINEX stonden er eerst nog twee weken Engeland op het programma. “Daar kan ik gelukkig wat concreter over zijn”, lacht Sebastiaan. Ze begonnen bij een trainingscentrum van de Royal Marine Commandos, vertelt hij. “Daar kregen we een paar middagen les in bergveiligheid, bergmarsen, navigeren in de bergen... Typisch van die onderwerpen waarvoor je níét in Nederland moet zijn. ’s Ochtends waren we vooral fysiek bezig. Er was bijvoorbeeld een zware hindernisbaan, de ‘endurance course’, waar je om te beginnen al zes kilometer bergopwaarts voor moest lopen. Eenmaal boven moest je dan binnen een vastgestelde tijd een heel stel hindernissen nemen, met je wapen en een battle vest van elf kilo op je lichaam.” Veel hindernissen hadden te maken met water: “Je had er een moeras, smalle kruipgangen, buizen met water, rioleringspijpen, tunnels, een plas – heel vies en heel nat allemaal, en soms ook een beetje benauwend.”

De tweede week in Engeland zag er totaal anders uit. “Toen hebben we voor het eerst echt tactische schiettrainingen op pelotonsniveau gehad. Daar waren twee pelotons mariniers uit Doorn voor overgekomen. Na heel veel oefenen hadden we ter afsluiting een nachtelijke pelotonaanval met scherpe munitie. Heel echt en heel spannend. Kruipend voorwaarts die oefenbaan over, scherpe handgranaten gooien als je bij een bunker kwam… Prachtig om een keer mee te maken, want uiteindelijk wordt dat toch je werk.”

DE ALLERLAATSTE METERS...

FELICITATIES EN SPEECHES

PAGINA 8

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


RUBRIEK

BACK TO SCHOOL

De derde week, de echte FINEX, kende behalve veel geheimen ook een absoluut hoogtepunt. Mét toeschouwers! Het was nog niet eens helemaal licht toen zich op die allerlaatste vrijdagochtend een zeer georganiseerde mensenmassa begon te installeren bij de poort van de Van Ghentkazerne: honderden militairen, van marinier tot officier, van adelborst tot drill instructor, opgesteld als een erehaag voor de POTOM’ers die om zeven uur binnen zouden komen. Op een afgezet deel van het plein ijsbeerden familie en vrienden heen en weer, zenuwachtig, verwachtingsvol, hun camera’s alvast in de aanslag.

POTOM - DEEL 4

Tromgeroffel, applaus, speeches en felicitaties Dan, om klokslag zeven uur, klinkt er in de verte muziek. Heel zacht nog, maar onmiskenbaar de tamboers en pijpers die voor de POTOM’ers uit marcheren. Zes zwaarbepakte jongens – bruin, groen, vies, en zo te zien volledig afgemat – komen steeds dichterbij. De laatste meters. Eindelijk, eindelijk zijn ze ‘thuis’. Elf maanden POTOM – pas nú is het klaar. Groots en overweldigend worden de helden verwelkomd, met tromgeroffel, applaus, speeches en felicitaties. Sebastiaans gezicht is smaller geworden, maar zijn ogen stralen. Bij het warme weerzien met zijn ouders weet hij weinig meer uit te brengen. Zijn tweelingbroer glimt van trots. Hoe Sebastiaan zich voelt, daar heeft hij nu nog geen woorden voor. Achteraf wel: “Ik was totaal afgepeigerd, maar ook waanzinnig blij. Dat moment dat we daar aankwamen en dat iedereen daar zo stond – kippenvel, echt kippenvel. Het was één geweldige roes, en die heeft nog dagen geduurd…”

AFGEPEIGERD, MAAR WAANZINNIG BLIJ

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 9

SEBASTIAAN VAN KAN, EERSTE LUITENANT DER MARINIERS


MAARTJE & DE MARINE

COLUMN

RUBRIEK

“ANOTHER 45 MILES TO GO…” Maartje van der Maas (26) woont in Spaarndam en is wachtsofficier aan boord van een van de nieuwste schepen van de Koninklijke Marine: Hr.Ms. Tromp. Na een wereldreis van een half jaar legt het schip, met een lichtelijk nerveuze bemanning aan boord, haar laatste mijlen af richting de marinehaven in Den Helder.

Donderdagnacht, 02.50 uur, ik lig net rustig te slapen – schrik ik wakker van een bekend deuntje over de scheepsomroep: “Another 45 miles to go…” Deze oude hit van Golden Earring schalt door het hele schip. Wow, nog maar 45 mijl te gaan voordat we de Lange Jaap, de bekende rode vuurtoren van Den Helder, passeren – en dan zit onze reis, de Global Enterprise, erop! Na vijfenhalve maand varen, bijna weer thuis! Ik vind het wel heel spannend hoor: mijn vriendje, mijn ouders, mijn vrienden weer zien... Zouden er thuis dingen veranderd zijn? Zou ik wel kunnen slapen in mijn eigen bedje? Zouden mijn vissen nog allemaal leven?

PAGINA 10

Ik besluit op te staan. Over een half uurtje moet ik toch naar de brug, omdat ik tijdens de terugreis de zogenaamde platvoet-dagwacht loop: van vier tot acht ’s nachts, en van vier tot acht ’s middags. Heb ik mooi de tijd om alle foto’s van de reis nog eens te bekijken… Het vertrek uit Den Helder op die regenachtige dag een half jaar geleden. Tanken op de Azoren, waar het ook zulk verschrikkelijk weer was. Daarna naar het zonnige Curaçao. Door het Panama-kanaal via San Diego naar de Hawaï-eilanden, voor de radartesten en de lanceringen. Op naar Australië, om kerst en oud en nieuw te vieren. Vervolgens Indonesië, waar we met de hele bemanning meededen aan de kranslegging voor de slachtoffers van de slag in de Javazee. Door naar Maleisië. Via Mauritius verder naar Kaapstad, Zuid-Afrika. Nog een korte stop in Dakar, Senegal, en ten slotte weer richting Nederland. Pfff... wat heb ik een hoop meegemaakt en gezien in dat korte halve jaar! Hoe moet ik dat allemaal gaan vertellen aan de mensen thuis?

SUBS 3, JAARGANG 7

In mijn nette uniform (het wordt tenslotte een belangrijke dag!) loop ik door het schip naar de Technische Centrale, om te vragen of er nog bijzonderheden zijn met de voortstuwing. Na die korte onderbreking van daarstraks – “Another 45 miles to go…” – is het nu weer doodstil in het schip. Iedereen is terug in dromenland.

JULI 2007


RUBRIEK

COLUMN

MAARTJE & DE MARINE

:

:

:

:

AUSTRALIE-KERST

MALEISIE-KUALA LUMPUR

INDONESIE-KRANSLEGGING HAWAI-LANCERINGEN

Even later sta ik op de brug met de roerganger te babbelen. Ook hij heeft zijn nette pak aan. Hij vertrouwt me toe dat hij best een beetje zenuwachtig is. “Mijn eerste kindje is net voor de reis geboren, mevrouw, en ik ben zo benieuwd hoe ze er nu uitziet!” Ik bedenk me dat de meeste bemanningsleden waarschijnlijk helemaal niet zo lekker liggen te slapen: iedereen heeft wel een reden om een beetje nerveus te zijn!

MAURITIUS

ZUID-AFRIKA-KAAPSTAD

DEN HELDER-DE LANGE JAAP!

AFMEREN IN DAKAR, SENEGAL

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 11

Rond een uurtje of zes begint het buiten langzaamaan wat lichter te worden. Het zonnetje doet erg haar best om op te staan. Om half zeven piept ze boven de horizon uit en verlicht ze de wolkenloze hemel. Wat een prachtige dag om thuis te komen!


DE MARINIER ALGEMEEN SELECTIE TEST

MAST

ARTIKEL

DE

MARINIER ALGEMEEN SELECTIE (MAST) TEST Marinier word je niet zomaar. Vraag maar aan de jongens die bezig zijn met de opleiding in Rotterdam! Daar word je echt niet eventjes toegelaten ‘omdat het je wel geinig lijkt’. Zonder goeie motivatie kun je het sowieso al schudden, maar daarnaast moet je bewijzen dat je sterk en fit genoeg bent! Wie warmloopt voor een carrière bij het Korps Mariniers, zal daarom eerst moeten warmlopen voor een pittige keuring, te beginnen met de Marinier Algemeen Selectie Test (MAST).

PAGINA 12

Als je hebt gesolliciteerd voor het beroep van marinier, rol je op een gegeven moment vanzelf de ‘keuringsmolen’ in. Formulieren, gesprekken, een sporttest, een medisch onderzoek, een psychologische test – het hoort er allemaal bij. Natuurlijk willen ze bij het Korps graag weten wat ze in huis halen, maar ook voor jóú is zo’n uitgebreide screening hartstikke belangrijk. Want stel nou dat je toch niet geschikt blijkt te zijn voor dit veeleisende vak, wanneer zou je daar dan achter willen komen: op een moment dat je nog rustig aan het idee kunt wennen en genoeg tijd hebt om je verder te oriënteren, óf een paar weken na de start van de opleiding, als je totaal bent afgeknapt en alleen maar kunt denken aan stoppen? Nou…!?

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


ARTIKEL

V

Kracht en conditie Het eerste onderdeel van de keuring is de Marinier Algemeen Selectie Test (MAST). Die kost je maximaal een dag op de kazerne in Amsterdam – plus heel wat uurtjes trainen van te voren! Hier worden namelijk vooral je kracht en conditie getest. Als je ruim op tijd begint met een verantwoord trainingsschema, toegespitst op de belangrijkste spiergroepen én op de conditie die je straks nodig hebt, dan heb je een goede kans van slagen. De poster bij dit SUBS-magazine kan je daar heel mooi bij helpen.

Twijfelgevallen Bij sommige kandidaten is de uitslag twijfelachtig: aan de ene kant lijken ze geschikt voor de opleiding, aan de andere kant zijn ze er qua kracht of conditie nog niet klaar voor. Deze ‘gevallen’ worden niet definitief afgekeurd, maar krijgen een sportadvies mee haar huis. Na drie of zes maanden mogen ze het dan nog eens proberen. Heb je de MAST in één keer gehaald, wees dan maar trots op jezelf – en heel blij! Over de eerste drempel ben je in elk geval heen, en die was zeker niet makkelijk... Óp naar de volgende sollicitatierondes: de medische keuring en het psychologisch onderzoek. Veel succes!

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

DE MARINIER ALGEMEEN SELECTIE TEST

WAT KUN JE VERWACHTEN OP EEN MAST-DAG? Vetmeting Hartfilmpje Krachttest (statische krachtmeting : terwijl jij met een spiergroep een aantal seconden tegen een apparaat duwt, wordt gemeten hoeveel kracht je daarbij kunt zetten) Fietstest (maximaaltest : terwijl de weerstand van de trappers elke minuut groter wordt, wordt gemeten hoelang jij in hetzelfde tempo kunt doorfietsen) Hardlopen (35 minuten aaneengesloten, in je eigen tempo) Bewegingsbaan in de sportzaal (10 onderdelen met hindernissen, waarvan er 6 met een voldoende moeten worden genomen) Physical Training (buiten, groepsgewijs, waarbij wordt gelet op doorzettingsvermogen, incasseringsvermogen en samenwerking, en zijdelings op leiderschapskwaliteiten) Korte evaluatie Intakegesprek met een wervingsvoorlichter over jouw motivatie en verwachtingen  en zelf kun je natuurlijk ook vragen stellen!

PAGINA 13


DE MARINIER ALGEMEEN SELECTIE TEST

DE

MAST

ARTIKEL

MAST IN DE PRAKTIJK

Hoe is het nou écht om zo’n selectietest te ondergaan? SUBS-magazine vraagt het een aantal jongens die het hele dagprogramma net achter de rug hebben. Deze bikkels behoren tot de zes gelukkigen (van de twintig kandidaten van vandaag!) die door mogen naar de volgende rondes: de medische keuring en het psychologisch onderzoek.

JOWAN VAN SCHAIK (19) uit Barneveld Jowan heeft het Grafisch Lyceum gevolgd (“Dat bleek eigenlijk niets voor mij, maar als je ergens aan begint, moet je het ook afmaken, heb ik altijd geleerd”) en werkt nu als stratenmaker, een behoorlijk fysieke baan. Waarom het Korps Mariniers? “Vooral om de uitdaging. Het is het zwaarste militaire onderdeel dat er is, en dat vind ik gewoon het mooist.” Jowan heeft de MAST vandaag voor de derde keer gedaan. Hij wist dus al een beetje wat hij kon verwachten, maar: “Dit was echt de laatste keer dat ik het geprobeerd zou hebben.” JOWAN

PAGINA 14

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


ARTIKEL

MAST

DE MARINIER ALGEMEEN SELECTIE TEST

MARC GUIJT (19) uit Katwijk Marc vond de Physical Training het zwaarste onderdeel van vandaag. Het hardlopen was wel relaxed: rustig tempo, beetje kletsen... “En op de bewegingsbaan had ik voor acht van de tien onderdelen een voldoende. Netjes toch?” Omdat het vandaag de tweede keer was dat hij de MAST deed, had Marc zich goed kunnen voorbereiden. Hij vindt het nuttig dat de MAST wordt gedaan, ook voor de kandidaten zelf. “Zo krijg je alvast een beetje een beeld van wat je op de mariniersopleiding zelf nog te wachten staat. Tenminste, daar ga ik vanuit!”

MARC

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 15


DE MARINIER ALGEMEEN SELECTIE TEST

MAST

ARTIKEL

FRANK WELLINK (17) uit Lekkerkerk “Bizar zwaar”, zegt Frank over de Physical Training, maar de andere onderdelen gingen wel. Frank houdt van water, is ermee opgegroeid. Na lang twijfelen tussen de Luchtmobiele Brigade en het Korps Mariniers heeft hij daarom voor het laatste gekozen, omdat je dan toch actiever bent op en om het water. Voordat Frank solliciteerde, heeft hij de online voorlichting gevolgd. Dat was goed te doen, zegt hij: alles werd duidelijk uitgelegd. “Wat ik van het ochtendprogramma vond? Ik heb een bloedhekel aan fietsen, maar toch heb ik het dertien minuten volgehouden. En die krachttest is heel vreemd. Je zet kracht, maar er beweegt niks.” FRANK

PAGINA 16

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


ARTIKEL

MAST

DE MARINIER ALGEMEEN SELECTIE TEST

PETER DE KONING (22) uit Bruchem

PETER

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

Peter had de MAST nog niet eerder gedaan. “Ik was niet echt zenuwachtig, maar een gezonde spanning was er wel, ja. Je slaapt in een andere omgeving, je hoort al die verhalen van de jongens die al een keer eerder de MAST hebben gedaan…” Bij de kikkersprongen kreeg Peter kramp in zijn benen. “Ik moest er echt doorheen worden gesleept!” Waarom het Korps? “Om de uitstraling. En ik wil graag tot het maximum gaan. Ik werk nu al vijf jaar in een chrysantenkwekerij en dat heb ik eigenlijk wel een beetje gezien.” Wat vindt hij van het idee dat hij als marinier uitgezonden kan worden? “Daar train je juist voor! Op uitzending kun je je nuttig maken en dat vind ik een fijn idee.”

PAGINA 17


-

VOOR HET GEVAL DAT...

NBCD-SCHOOL

ARTIKEL

CALAMITEITEN OEFENEN OP DE NBCD-SCHOOL

VOOR HET

GEVAL

DÁT....

Je gaat er natuurlijk niet vanuit, en je moet er ook niet te veel bij stilstaan, maar aan boord van een marineschip kún je – net als overal – te maken krijgen met gevaarlijke situaties: brand, een lek in de scheepswand, giftige dampen, nucleaire straling… Als zoiets ooit aan de orde is, dan moet elk bemanningslid precies weten wat er van ‘m wordt verwacht. Vandaar dat iedereen die bij de marine komt werken al vrij snel een NBCD-opleiding van twee weken volgt waarin je leert wat je moet doen bij Nucleaire, Bacteriologische en Chemische Oorlogsvoering en Damage Control. Zodat je straks een gat kunt dichten, een brand durft te blussen, een gasmasker kunt opzetten, en meer... Voor het geval dát!

Het ruikt een beetje naar brand op De Plaat, het oefenterrein van de NBCD-school in Den Helder, en af en toe komt er een rooksliert voorbij. Niks aan de hand. Hier hóórt dat erbij. Op een houten tribune zitten twintig matrozen in opleiding gespannen te wachten: het praktijkexamen brandbestrijding begint zo. “Probeer vooral rustig te blijven en doe gewoon wat je aan boord ook moet doen”, zegt de instructeur, in een poging zijn leerlingen te kalmeren. Gelukkig hoeven die straks geen brandende (nagebouwde) scheepsmoot in – de engste oefening, vinden veel van hen. Vandaag gaan ze ‘alleen maar’ een brandje blussen in de open lucht.

DOUWE MET DE POEDER-

GESPANNEN GEZICHTEN OP DE TRIBUNE

PAGINA 18

SUBS 3, JAARGANG 7

BLUSSER IN DE AANSLAG

JULI 2007


ARTIKEL

NBCD-SCHOOL

-

VOOR HET GEVAL DAT...

Proefschot met de blusser Voor Douwe en Kris, die als eersten aan de beurt zijn, staan elk twee blusapparaten klaar. Een eindje verderop zien ze de vlammen al uit twee metalen vaten slaan. Dan klinkt het startsein. Kris grijpt de CO2-blusser, trekt de borgpen eruit (“Altijd eerst ontgrendelen…”), geeft een proefschot naast zijn voet (“Goed gevuld, en hij doet het!”), rent gebukt op het vat af (“Duiken voor de rook!”), de blusser recht voor zich uit. “Brand, brand, brand!” schreeuwt hij, want ook dat hoort bij de procedure. In een mum van tijd heeft hij het vuur gedoofd. “Brand geblust!” Ook bij Douwe gaat het goed. “Brand geblust!”

Nu nog een keer, maar dan met de poederblusser. Helaas denkt Douwe ditmaal niet aan het proefschot, en als hij het dan nog een keer mag proberen, vergeet hij de blusser opnieuw te ontgrendelen. “Dat was niet zo best”, zegt hij, terug bij de tribune. “De zenuwen hè? Maar als de anderen straks allemaal geweest zijn, krijg ik nog een kans.” Gelukkig maar, want een halfuur later lukt het wél!

Geblindeerd en met persluchtmasker Behalve de scheepsmoot die speciaal voor brandoefeningen wordt gebruikt, staan er op De Plaat ook nog andere oefenmoten. “De ademluchtmoot, bijvoorbeeld”, wijst Kris. “Daar moet je geblindeerd uit proberen te ontsnappen, mét persluchtmasker op – alsof je op een schip zit waar je niks meer kunt zien door de rook. Alles moet dan natuurlijk op de tast, maar je bent samen met een buddy, dus je waarschuwt elkaar wel voor obstakels en zo. Best lachen! Alleen waren wij op het laatst onze hele oriëntatie kwijt: kwamen we aan de verkeerde kant de moot weer uit...” DOUWE & KRIS OP DE ADEMLUCHTMOOT

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 19


-

VOOR HET GEVAL DAT...

NBCD-SCHOOL

ARTIKEL

Huilen Minder ‘lachen’ is het onderdeel Nucleaire, Bacteriologische en Chemische Oorlogsvoering (NBC). “Met dat soort strijdmiddelen hoop je natuurlijk nooit in aanraking te komen”, zegt de instructeur. “Maar stel dát. Als militair moet je weten wat wat is, wat de risico’s zijn, wat je kunt doen om de schade te beperken... Eerst krijgen ze veel theorie, later gaan ze met beschermende kleding in de weer, ze leren zich ontsmetten na een aanval, en uiteindelijk mogen ze oefenen met het gasmasker. Op het laatst moeten ze dat binnen negen seconden op kunnen hebben, en dan ook góéd, natuurlijk. Dat checken wij echt met traangas: heb je het fout gedaan, dan is het huilen geblazen!”

PRAKTIJKEXAMEN 'POEDERBLUSSER'

Kraantje open TJES NBCD-FEI CD-opleiding

uit maakt deel iNB ta s li si Mi ba em De ti rste Mari MV, de Ee n elke va ng van de EM di soplei g g, de basi re Vormin e opleidin is de enig t Di geacht on , en matroos. re e iede marine di moet binnen de succesvol functie, s of d an aait alle dr rang, st CD NB Bij rond. e ge di af p, en hi hebb van het sc n heid: die en die va om veilig je buddy, n va e d di , or lf bo n ze Aa je van leden. bemannings gelnumde andere lid een re gs in nn ma be k el (neven) n gt ee t krij ndeert me po es rr co e manier mer, dat rt’. Op di ’rollenkaa de is bij op ak ak ta ta zijn rol/ reen wat ening. ef so id weet iede he ilig teit of ve mi la ca n ee

PAGINA 20

Ook ‘averij’ – dat net als brand onder Damage Control valt – wordt op De Plaat behoorlijk realistisch nagebootst. “Je moet dan bijvoorbeeld een scheur in de scheepswand dichtmaken”, vertelt Marchiano, bijna klaar met de NBCD-opleiding. “Dat oefen je in de slingermoot: net echt, want dat ding gaat als een varend schip heen en weer, soms zelfs zo heftig dat mensen er zeeziek van worden… Maar goed, terwijl jij die scheur probeert te dichten, zet de instructeur een kraantje open, en dan begint er water naar binnen te lopen. Doe je het niet goed, of ben je te langzaam, dan sta je op een gegeven moment dus tot aan je oksels in het water!”

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


-

NBCD-SCHOOL

ARTIKEL

VOOR HET GEVAL DAT...

Meelzakdraagmethode Onmisbaar bij welke calamiteit dan ook is Zelfhulp/Kameradenhulp (ZHKH): daarbij leer je – onder andere – levensreddende handelingen toe te passen op anderen én op jezelf. Als gevolg van een niet nader omschreven ongeval liggen Marchiano en Kimberley nu bewegingsloos op de vloer van een scheepsmoot. “Ze ademen nog wel”, zegt de instructeur, “maar het compartiment begint onder water te lopen.” Coördinatie, leiding, iemand beneden, iemand boven, mankracht, controle – er zal snel en slim gehandeld moeten worden. “Jij legt hém in de stabiele zijligging”, beslist Tanita, een leerling die van aanpakken weet. “En jullie tillen háár naar boven.” Zelf waarschuwt ze de Medische Actie Dienst en gaat achter andere hulptroepen aan. Ondertussen wordt Kimberley volgens de ‘meelzakdraagmethode’ over een schouder genomen en een dek hoger neergelegd. Een paar sterke matrozen brengen vervolgens ook Marchiano in veiligheid.

MARCHIANO IN STABIELE ZIJLIGGING

KIMBERLEY WORDT IN VEILIGHEID GEBRACHT DMV DE MEELZAKDRAAGMETHODE

Heel veel oefenen Kimberley voelde zich als ‘meelzak’ heel veilig, vertelt ze achteraf. “Ik merkte dat er boven én beneden mensen stonden om alles in goede banen te leiden, en dat ik door een paar sterke schouders de trap op werd getild. Ik had er het volste vertrouwen in.” Van een van de instructeurs heeft Kimberley gehoord dat er aan boord van de schepen ook veel geoefend wordt met NBCD-situaties als brand, gif en averij, en dat ook zelfhulp/kameradenhulp vaak terugkomt. “Dat vind ik heel goed. Want stel dat er een keer echt iets gebeurt, dan moet die routine er natuurlijk al wel helemaal in zitten.” DE 'SLACHTOFFERS': KIMBERLEY EN MARCHIANO

NBCD-EXAMENVAKKEN Fire Fighting

JULI 2007

Nuclaire, Bacteriologische en Chemische Oorlogsvoering (NBC) Damage Control (DC) Bedrijfsveiligheid, Milieu & Arbo (BVMA) Overleven op Zee Zelfhulp/Kameradenhulp (ZHKH)

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 21


SCHEPEN, STRAND EN SPETTERS

SNUFFELSTAGE KM

ARTIKEL

ORIËNTERENDE STAGE BIJ DE MARINE

SNUFFELEN AAN

SCHEPEN, STRAND EN SPETTERS Ooit waren stagiaires achttien-plussers die vanuit gerichte beroepsopleidingen de fijne kneepjes van het gekozen vak ‘in het echt’ gingen oefenen. Maar inmiddels mogen ook achttien-minners uit het voortgezet onderwijs de schoolbanken wel eens uit, de werkende wereld in, om zich alvast op de arbeidsmarkt te oriënteren. Weliswaar geen máánden, maar toch lang genoeg – meestal een week – om te ‘snuffelen’ aan de praktijk bij een drukkerij, in een ziekenhuis, in een kaasfabriek, of… bij de marine!

Deze week lopen er zeventien jongens en twee meiden mee met de drie dagen durende ‘snuffelstage’ van de marine. Luitenant ter zee Wigbold van het Bureau Stageondersteuning: “Deze stage is ontzettend populair: we zitten elke keer vol! Maar gelukkig kunnen we nog steeds bijna iedereen plaatsen. Normaal bestaat een groep uit maximaal zestien personen, maar deze week is een uitzondering. Daar zetten we wel extra mensen voor in: instructeurs van de Eerste Maritiem Militaire Vorming, bijvoorbeeld. Die zien in hun dagelijks werk natuurlijk ook veel beginners voorbijkomen, en voelen vaak heel goed aan welke begeleiding zij nodig hebben.” SLAPEN OP STRETCHERS MET SLAAPZAKKEN

PAGINA 22

SUBS 3, JAARGANG 7

VEEL DISCIPLINE

JULI 2007


ARTIKEL

SNUFFELSTAGE KM

SCHEPEN, STRAND EN SPETTERS

Zeker niet kinderachtig! De marine heeft instructeurs waar de scholieren zich heel prettig bij voelen: “Lekker stoer, en soms genadeloos streng, maar ondertussen houden ze heel goed in de gaten of de deelnemers het allemaal wel aankunnen… Want we willen natuurlijk niet dat iemand zich zwaar ongelukkig door zo’n week heen worstelt. Aan de ene kant mag de stage best realistisch zijn – de opdrachten die ze krijgen zijn ook zeker niet kinderachtig! – maar aan de andere kant zijn wij wel verantwoordelijk voor jongeren van 15, 16, 17 jaar, die soms nog heel kwetsbaar zijn. Ze willen graag afzien, maar het moet natuurlijk wel leuk blijven!” SAMENWERKING IS HEEL BELANGRIJK

Daan wil zweten! Terwijl de stage nog niet eens op z’n helft is, wordt er over dat afzien – of beter gezegd: het gebrek daaraan! – inderdaad al geklaagd. SUBS-lid Daan van der Horst (15) uit Amsterdam: “Ik dacht: dat wordt heel veel rennen en sjouwen, hijgen en zweten, maar ik ben niet eens moe!” Sergeant Vega, een van de begeleiders van de snuffelstage, en tevens coördinator, vangt dat op en begint breed te grijzen: “Joh, maak je niet druk! De dag is nog lang niet voorbij!” SUBS-LID DAAN V/D HORST

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 23

Gisteren maakten de stagiaires kennis met de ‘blauwe marine’: de vloot. “We kregen een rondleiding op de Zeven Provinciën en zijn een stuk wezen varen”, vertelt Daan. “Ook was er een uitgebreide voorlichting over de schepen, met filmpjes en verhalen en zo. Vanuit de kazerne in Den Helder zijn we vanochtend naar Texel vertrokken.” Vandaag draait het om de ‘groene marine’: de wereld van het Korps. “We slapen vannacht op stretchers met slaapzakken, in zo’n echte boogtent van de mariniers!”


SCHEPEN, STRAND EN SP

SNUFFELSTAGE KM

ARTIKEL

De lunch: een blikje met ‘iets’ Daan vertelt hoe ze hun eigen lunch moesten klaarmaken: “We kregen een blikje met iets erin… Eh, aardappels en doperwtjes… en dan nog iets eetbaars, iets… Nou ja, iets dat ik niet echt herkende…” Het blikje met ‘iets’ moest worden opgewarmd in een pannetje met heet water. En toen – lekker smullen? “Het was goed te eten, vond ik zelf. Maar er waren ook lui die het bijna niet weg kregen.” Tijdens de lunch werden ook de 24-uurs-rantsoenen uitgedeeld: kleine doosjes met compacte maaltijden. “Daar moeten we het voorlopig mee doen. Mij kan het niet schelen hoe het allemaal smaakt: dit hoort toch ook bij de ervaring!?”

Samenwerking, collegialiteit en groepsvorming

SCHEUREN IN EEN LCRM

PAGINA 24

Tijdens zo’n snuffelstage ontstaat de groepsvorming als vanzelf. Wigbold: “De eerste dag zijn het volslagen vreemden, die helemaal niets met elkaar hebben. Zeventien eigen karaktertjes, van allerlei leeftijden (tussen 15 en 23 jaar), van vmbo, havo of vwo, vanuit Zwolle of Heerhugowaard of Eindhoven… Hoe dan ook, totaal verschillend. Maar de tweede dag zie je ze al dichter bij elkaar komen. Natuurlijk stimuleren wij dat ook via onze activiteiten, want die draaien heel sterk om samenwerking, collegialiteit en groepsvorming. Als mensen daar minder goed tegen blijken te kunnen, dan is dat ook oké. Want tijdens zo’n oriënterende week mag je ook ontdekken wat je níét wilt. Maar in de meeste gevallen ontstaat er tussen de deelnemers een heel bijzondere band. Vooral de buddy’s kunnen aan het eind van de week vaak niet meer zonder elkaar!”


ARTIKEL

SNUFFELSTAGE KM

SCHEPEN, STRAND EN SPETTERS

Originele ideeën vanuit het niets

De grootste praatjesmaker

Maar nog even over die activiteiten: wat wordt er dan allemaal gedaan en geleerd, in die drie dagen? “Veel fysieke training, militaire discipline, zelfredzaamheid, improviseren, de duinen in, het strand op, het water in, lessen in leiderschap, opdrachten uitvoeren waar je met z’n allen een goede rolverdeling en een praktisch plan van aanpak voor nodig hebt…” Sergeant Vega geeft liever geen voorbeelden: “We doen deze snuffelstage nu twee keer per maand, vaak met hetzelfde basisprogramma. De lol van de opdrachten is dat de deelnemers eerst geen flauw benul hebben waar ze moeten beginnen, maar dat ze vervolgens vanuit het niets – door samen te brainstormen en de wildste ideeën in de groep te gooien – tot de meest originele oplossingen komen. Die lol willen we er graag in houden!”

Bij één zo’n opdracht, het in elkaar zetten van een ingewikkeld bouwwerk dat aan een aantal specifieke eisen moest voldoen, was Louis (17) aangewezen als leider. “Waarschijnlijk omdat ik de grootste praatjesmaker ben”, zegt hij lachend. Of dát het nou was, of iets anders, hij deed het in elk geval prima. “We hadden op zich een goed plan, maar tijdens het werk moesten we nog wel eens overleggen, want als je met een hele groep zo’n klus probeert te klaren, dan komen er af en toe toch nog onverwachte dingen langs. Ik moest dan telkens de knoop doorhakken. En de anderen die luisterden dan gewoon naar mij! Maf hoor!” Na het opbouwen, afbreken en opruimen van het goedgekeurde bouwwerk, krijgen de stagiaires de kleine Texelse marinehaven te zien. Daar mogen ze – verdeeld in groepjes en voorzien van alle mogelijke veiligheidsmaatregelen – in een gemotoriseerde rubberboot (LCRM) stappen. “Stop je camera’s maar even weg, want alles kan nat worden!” waarschuwt Sergeant Vega. De bestuurders van de LCRM’s zetten de vaart er inderdaad lekker in. Ze manoeuvreren om elkaar heen, maken scherpe bochten, en zorgen ervoor dat het zeewater alle kanten op spettert. De zon schijnt door de opspattende druppels heen – alsof je tussen de flonkerende sterren vliegt. Wat wil je nog meer? Snuffelen in een kaasfabriek? Dacht het niet…

LOUIS ALS LEIDER

SAY CHEESE!

WIL JIJ JE OOK OPGEVEN VOOR EEN SNUFFELSTAGE BIJ DE MARINE? OP WWW.WERKENBIJDEMARINE.NL VIND JE ONDER STAGES MEER INFO EN VOOR ELKE VOOROPLEIDING EEN AANMELDINGSFORMULIER. EN ALS JE VRAGEN HEBT, STUUR DAN EEN MAILTJE NAAR STAGE@MARINE.NL.

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 25


SUBS DUIKEN DIEPER

INDONESISCH KORVET

S B U S KEN DUI PER DIE

aat ine g t a g a zr z o e k u ir m S S U B o p o n d eE l k k w a . rp r het 8) e. l voo ann (2 e Marin onderwe a a i m S p e c e K a r r e o n i n k l i j kn a n d e r J a i me n d e K i j i n e e binn l duikt h taa

RUBRIEK

INDONESISCH KORVET ONDER NEDERLANDSE VLAG Als je het nieuwe korvet van de Indonesische marine in Den Helder ziet liggen, mét Nederlandse vlag, lijkt het erop dat onze vloot zomaar ineens is uitgebreid. Niet dus! Maar waarom dan die Nederlandse driekleur? Nou, omdat de Diponegoro en haar drie zustersschepen wél ‘bij ons’ in Vlissingen worden gebouwd – door Koninklijke Schelde Marinebouw.

Korvetten zijn kleiner dan fregatten, maar groter dan patrouillevaartuigen. Vergeleken met fregatten is hun bewapening lichter en hebben ze minder bemanningsleden. Voordeel is hun lagere prijs, nadeel is dat ze minder lang op zee kunnen blijven. Om die reden worden ze vooral in de eigen kustwateren ingezet, voor het bestrijden van smokkel en piraterij. Ook de nieuwe aanwinsten van de Indonesische marine – die overigens wel een tikkie groter zijn dan de meeste korvetten – zullen daar uiteindelijk voor worden gebruikt. FOTO: R. VAN DER KLOET I.O.V. SCHELDE MARINEBOUW

PAGINA 26

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


RUBRIEK

SUBS DUIKEN DIEPER

INDONESISCH KORVET

DE VIER INDONESISCHE KORVETTEN NAAM KRI Diponegoro KRI Hasanuddin KRI Sultan Iskandar Muda KRI Frans Kaisiepo

BOEGNUMMER 365 366 367 368

Best aardig bewapend! Qua bewapening hebben deze moderne stealth-korvetten van de Diponegoro-klasse, met een lengte van negentig meter, aardig wat in hun mars. Zo beschikken ze over torpedo’s om onderzeeboten uit te schakelen. Tegen andere schepen hebben ze geen Harpoons, zoals je die op de Nederlandse schepen vaak ziet, maar Exocets, met een bereik van zo’n zeventig kilometer. Vijandelijke vliegtuigen en inkomende raketten krijgen te maken met Mistral-raketten, die met hun infrarood-kop – dus niet met een radar, zoals de luchtverdediging van de Nederlandse schepen – op zoek gaan naar de warmte van het vijandelijke doel.

JULI 2007

KIEL GELEGD 24 maart 2005 24 maart 2005 8 mei 2006 8 mei 2006

TE WATER 16 september 2006 16 september 2006 december 2007 juni 2008

De Exocets en de Mistrals zijn beide van Franse makelij. Deze laatste is alleen geschikt voor verdediging op korte afstand. Aan boord van de korvetten bevinden zich verder nog twee mitrailleurs en een kanon.

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 27

IN DIENST juli 2007 november 2007 september 2008 maart 2009

Radar en sonar: ogen en oren De radar en sonar van een marineschip zijn als ogen en oren: ze houden de hele omgeving scherp in de gaten! Op de korvetten vind je daarom niet alleen een navigatieradar, maar hoog in de mast ook een MW08-radar, met een bereik van honderd kilometer. Vanzelfsprekend kan deze radar schepen opsporen, maar zijn belangrijkste taak wordt ‘luchtwaarschuwing’. Om ook onder water te kunnen ‘kijken’, is onder de schepen een Kingklip-sonar geplaatst. Die checkt met geluid of zich in de buurt misschien een onderzeeboot bevindt…


SUBS DUIKEN DIEPER

INDONESISCH KORVET

Eerste schip uit de Sigma-serie Hoewel de wapensystemen en sensoren (radar en sonar) van deze Indonesische schepen dus anders zijn dan wij gewend zijn, zien de korvetten er wél typisch Nederlands uit. Best logisch eigenlijk: ze zijn niet alleen in Nederland gebouwd, ze zijn hier ook ontworpen – als onderdeel van de nieuwe Sigma-serie van Schelde Marinebouw, een lijn van marineschepen in verschillende groottes, met allemaal ongeveer hetzelfde ontwerp. Indonesië was het eerste land dat daar schepen van bestelde. In 2004 werd begonnen met de bouw van het eerste korvet, de Diponegoro. Het vierde en laatste schip zal naar verwachting in 2009 in dienst worden gesteld. Voordat de Indonesische marine de korvetten in gebruik kan nemen, gaat Schelde Marinebouw ze eerst uitgebreid testen – ook de sensoren en de wapensystemen. Omdat dat laatste behoorlijk lastig is, heeft de scheepswerf de hulp ingeroepen van de Koninklijke Marine. Daarom vaart de Diponegoro tijdens de proefvaart als marineschip onder de Nederlandse vlag.

PAGINA 28

RUBRIEK

De proefvaart Tijdens de proefperiode zijn er ook opvarenden van de Nederlandse marine aan boord: kapitein ter zee Simon van der Sluijs, bijvoorbeeld, die dan als commandant de leiding heeft over de Diponegoro. Verder varen er personeelsleden mee van Thales, IMTECH en Schelde Marinebouw – en natúúrlijk is ook de Indonesische marine vertegenwoordigd. De Indonesische marine, die een van de drukste zeeroutes ter wereld veiliger moet maken, zal daar vanaf 2009 veel beter voor zijn uitgerust: voor hun enigszins verouderde vloot zijn deze vier nieuwe korvetten een enorme aanwinst!

SPECIFICATIES KLASSE: WATERVERPLAATSING: LENGTE: BREEDTE: DIEPGANG: VOORTSTUWING: MAXIMALE SNELHEID: BEMANNING: RAKETTEN TEGEN SCHEPEN: RAKETTEN TEGEN LUCHTDOELEN: TORPEDO’S: KANON: MITRAILLEURS: RADARS: SONAR: HELIKOPTERDEK:

Diponegoro 1700 ton 90,71 meter 13,02 meter 3,6 meter 2x SEMT Pielstick Diesels 28 knopen 80 personen MBDA MM40 Block II Exocet MBDA Mistral Tetral EuroTorp 3A 244S Mode II/, MU 90 76mm Super Rapid Oto Melara 2x 20mm Denel Vektor Thales Naval Nederland MW08-radar en navigatieradar Thales Kingklip -- helikopter(bv Lynx) geschikt voor een

SUBS 3, JAARGANG 7

e Jaim voor en g a a v vr ge r j een mening dan naa e b j i2007 e jk a HJULI j i G k e j ? n l il e of w dit artike ubs.nl . s e over rum op agazin o m het f r SUBSonde


RUBRIEK

EEN BAKKIE DOEN BIJ...

MELISSA WESTDIJK, OGHLD

EEN BAKKIE DOEN BIJ…

MELISSA WESTDIJK ONDERGESCHIKT HOOFD LOGISTIEKE DIENST Je ouders zijn een weekendje weg en hebben jou gevraagd om de tent te runnen. Je hoeft alleen maar een beetje te zorgen voor jou en je twee zusjes. Piece of cake! En die paar huishoudelijke taakjes waar je moeder het over had, die doe je er gewoon even bij. Boodschappen halen, brood uit het vuistje, paar brieven posten, pizzaatjes uit de oven, telefoon beantwoorden, heel veel cola, wasmachine aanzetten, zusje troosten met een zalfje op d’r knie, verlengsnoer terug naar de buurman, geld aannemen voor de bolderkar die je moeder via Marktplaats heeft verkocht… De afwas van het hele weekend doe je morgen wel. Om tien uur ’s avonds plof je moe op je bed en vraag je je af of je niks bent vergeten. Toch best een hele verantwoordelijkheid: de complete logistiek voor een gezin van – normaal gesproken – vijf personen! Kun je nagaan hoe het moet zijn om als Ondergeschikt Hoofd Logistieke Dienst te werken op het grootste schip van de Koninklijke Marine, met soms wel zevenhonderd man aan boord! Gelukkig weet luitenant ter zee Melissa Westdijk (24) wel van aanpakken…

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 29

“Eigenlijk ben ik Ondergeschikt Hoofd Logistieke Dienst, OGHLD, de rechterhand van de HLD. Maar omdat hij drie maanden op cursus moest en we voorlopig toch nog niet zouden gaan varen, zeiden ze tegen mij: neem jij het zolang maar over. Ik was nog maar net afgestudeerd, en de Johan de Witt was zo groot en zo nieuw… Het was me bijna té spannend! Maar aan de andere kant: wanneer krijg je nou de kans om zo jong al in zo’n functie te rollen? “


MELISSA WESTDIJK, OGHLD

EEN BAKKIE DOEN BIJ...

RUBRIEK

Alle ondersteunende diensten Het Hoofd Logistieke Dienst – of diens plaatsvervanger – is eindverantwoordelijk voor alle activiteiten die onder de LD vallen. “Tja, wat heb je?” vraagt Melissa zich hardop af. “De LDV, natuurlijk, de Logistieke Dienst Verzorging. De LDA, de Logistieke Dienst Administratie. De LDGB, de Logistieke Dienst Goederenbeheer. De LDGD, de Logistieke Dienst Geneeskundige Dienst. De ziekenboeg, de bevoorrading, de boekhouding, de wasserij, de kombuis, de toko, de salarisadministratie, de cafs, de longrooms, de recepties… Eigenlijk heb ik te maken met alle ondersteunende diensten!”

Geen vaktechnische hulp, wel organisatorische assistentie “Ik besloot er gewoon het beste van te maken, samen met alle 33 LD’ers die ik officieel moest aansturen. Was ik even blij dat daar veel mensen tussen zaten met járen ervaring. Zeker toen ik op een gegeven moment hoorde dat we toch al weg gingen uit Vlissingen, om echt te gaan varen!”

PAGINA 30

Maar Melissa is wel de laatste die de eer naar zich toe wil trekken. “Het financiële plaatje, iedere week, dat is wel mijn ding, ja. Zonder economische achtergrond – ik ben afgestudeerd in accountancy – zou ik deze functie niet aankunnen. Maar voor de rest zie ik mezelf meer als personeelsmanager voor de LD’ers. Want wat weet ik zelf nou van het hofmeester-zijn, bijvoorbeeld? Ik heb vorige week een keer meegedraaid tijdens een lunch voor 75 onderofficieren, maar mijn hemel, voordat je dan alles netjes hebt uitgeserveerd… Wat komt daar nog veel bij kijken!”

SUBS 3, JAARGANG 7

JULI 2007


RUBRIEK

EEN BAKKIE DOEN BIJ...

MELISSA WESTDIJK, OGHLD

“Of neem de ziekenboeg: daar werken nu twee verplegers, maar tijdens een missie fungeert dat echt als een hospitaal met een medisch team, inclusief anesthesisten en chirurgen! Die kan ik vaktechnisch natuurlijk niet helpen, maar ik probeer er wél voor te zorgen dat alles op rolletjes loopt. Wat dat betreft speelt mijn werk zich vooral af achter de schermen: als alles goed gaat – als iedereen op tijd een behoorlijke maaltijd krijgt, als elke zieke fatsoenlijk geholpen wordt, als iedereen elke maand z’n salaris ontvangt – dan heeft het grootste deel van de bemanning er geen benul van dat ik zelfs maar bestá. Des te beter, denk ik dan: mijn overkoepelende taak is om alle processen vanuit de logistieke bureaus zo onzichtbaar mogelijk te houden.” DE OGHLD ZORGT ERVOOR DAT ALLES OP ROLLETJES LOOPT

Knorrende maag Het moet je natuurlijk wel liggen, zo’n rol in de zijlijn: “Dat je met 33 LD’ers verantwoordelijk bent voor de basisbehoeften van de bemanning, daar staat bijna niemand bij stil. Want de technici, de mensen op de brug, de nauten, de wapendeskundigen – die doen toch het échte werk?” Melissa kan er wel om lachen. “Laat iedereen dat maar denken, hoor. Maar of zo’n techneut lekker functioneert met een zwerende vinger en een knorrende maag? Mwah! Vroeg of laat hebben ze ons toch echt nodig…!” MELISSA HEEFT TE MAKEN MET ALLE ONDERSTEUNENDE DIENSTEN

JULI 2007

SUBS 3, JAARGANG 7

PAGINA 31


COLOFON

SUBS-MAGAZINE IS EEN UITGAVE VAN DE KONINKLIJKE MARINE. HET IS BESTEMD VOOR ALLE LEDEN VAN SUBS -DE JONGERENCLUB VAN DE MARINE- EN VERSCHIJNT VIER KEER PER JAAR. TEKSTEN & REDACTIE Rita Meshulam, Veritaal Jaime Karremann Maartje van der Maas Silvana Amerika BEELD Audiovisuele Dienst Defensie Jaime Karremann Maartje van der Maas POTOM 2006-2007 Silvana Amerika VORMGEVING Krijn Ontwerp, Nijmegen

DRUK Hollandia Printing, Heerhugowaard REDACTIEADRES Koninklijke Marine SUBS-magazine Postbus 2630 1000 CP Amsterdam INSCHRIJVEN Ben je nog geen lid van SUBS en wil je je inschrijven? Surf dan naar www.subs.nl, klik op CLUB en kies ’Lid worden’. AFMELDEN Wil je geen lid meer zijn van SUBS? Mail dit dan ff naar info@subs.nl.

SUBS-MAGAZINE 7E JAARGANG, NUMMER 3 ( JULI 2007 )


SUBS-magazine 3-2007