Page 1

08 13

v a k b l a d v o o r R I OOLt e c h n o l o g i e • JAN o k t/ F nEB o v/ M / dAA ec 2016 4 • jaargang 4 2

met de medewerking van

Dossier Pompen en kleppen Riool als spiegel van de stad Proefprojecten zwavelbeton: stand van zaken

Periodiciteit: driemaandelijks I Afgiftekantoor: Oostende X I P915318 I Verantwoordelijke uitgever: Filip Cossement I Boulevard des Canadiens 118 B-7711 Dottignies


RIOLERINGS VAKDAGEN DÉ VERBINDENDE VAKBEURS VOOR DE TOTALE RIOLERINGSBRANCHE

RioleringsVakdagen is uniek. Het is de enige vakbeurs in Nederland gespecialiseerd op de rioleringsbranche. Samen met de gelijktijdige Aqua Nederland Vakbeurs verbindt deze vakbeurs jaarlijks ruim 300 exposanten aan 9.900 vakspecialisten. Maak kennis met de producten van het ruime aanbod aan exposanten, breid uw netwerk uit en blijf op de hoogte van de laatste trends uit de branche. Dit jaar wordt voor de eerste keer ook het buitenterrein benut tijdens de beurs! RioleringsVakdagen is dé vakbeurs die u als vakspecialist niet mag missen!

EVENEMENTENHAL GORINCHEM 15, 16 en 17 maart 2016 | 12.00 - 20.00 uur

MEER INFORMATIE EN TICKETS via evenementenhal.nl/rioleringsvakdagen


16

32

RIORAMA Vakblad voor riooltechnologie. Gratis verspreid in Vlaanderen naar: aannemers rioolwerken & waterwerken, burgerlijke bouwkunde, technische diensten steden en gemeenten, intercommunales en studiebureaus.

36

PERIODICITEIT

Driemaandelijks Redactiecoördinatie

Nele Boudrez T 056/94 11 69 E nele.boudrez@fcomedia.be Redactie

Bart Vancauwenberghe Koen Vandepopuliere E redactie@riorama.be Vormgeving

Koen DHaene E koen.dhaene@fcomedia.be Reclame-advies

Katja Wijffels T 0473/86 59 70 E katja.wijffels@fcomedia.be Verantwoordelijke uitgever

Filip Cossement Canadezenlaan 118 - B-7711 Dottenijs T 056/77 13 10 F 056/77 13 11 E filip.cossement@fcomedia.be I www.fcomedia.be

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor de inhoud van de advertenties zijn enkel de adverteerders aansprakelijk

LID VAN DE UNIE VAN DE UITGEVERS VAN DE PERIODIEKE PERS

INHOUD INSIDE NEWS................................................................................................. 04 ACTUEEL Nieuw pompconcept wint RIONEDinnovatieprijs 2016............................................ 06 Vlaams Kenniscentrum Water sluit aan bij VITO..................................................... 09 BEURSNIEUWS IFAT op weg naar nieuwe records........................................................................ 10 Masterclasses geven Pumps & Valves en Maintenance extra dimensie........................ 12 RioleringsVakdagen 2016: meer ruimte voor demonstraties..................................... 13 FEDERATIES VLARIO-dag 2016 focust op bewustmaking van rioleringsproblematiek bij burgers ...... 15 DOSSIER pompen en kleppen Probleemloos werken cruciale voorwaarde voor pompen en kleppen ........................ 16 Veelzijdig pompaanbod bij Sulzer ...................................................................... 19 Uniek pompgemaal in Melle .............................................................................. 20 Mobiele dieselaangedreven pomp met laag brandstofverbruik ................................. 22 Putklep kruist degens met stankscherm .............................................................. 24 Merkonafhankelijkheid typeert Rental Pumps....................................................... 26 Gebrek aan pompkennis kost kapitalen ............................................................... 28 PROJECT Smet Group realiseert leidingentunnel in Kopenhagen............................................ 30 REPORTAGE Investeren in uitbouw én onderhoud.................................................................. 32 onderzoek Proefprojecten zwavelbeton: stand van zaken....................................................... 34 techniek Riool als spiegel van de stad............................................................................. 36 juridisch Een bedrijf overschrijdt de lozingsnormen: welke elementen beïnvloeden de rechter ter bepaling van de hoogte van de straf?............................................................. 38 productspot Voorbehandeling cruciaal bij buffering hemelwater................................................41 PRODUCTNEWS.............................................................................................. 42


INSIDE NEWS

Waterenquête Vlakwa Uit een enquête gerealiseerd door Vlakwa komt naar voren dat 61% van de professionele watergebruikers bijkomende inspanningen plant op het niveau van rationeel waterbeheer. Professionele watergebruikers verwachten niettemin verschillende moeilijkheden om dit gerealiseerd te krijgen. Voor de industriële watergebruikers ligt de focus op technische ingrepen om water te besparen, intern waterhergebruik en de vermindering van lozing van verontreiniging. De zorginstellingen en de horecasector zullen vooral inzetten op technische ingrepen om water te besparen en op maatregelen om water te besparen via sociale ingrepen. Op basis van de resultaten bereidt Vlakwa samen met de overheid en beroepsfederaties verschillende passende acties voor op economisch, technisch, sociaal, ruimtelijk en juridisch vlak. De volledige resultaten van de waterenquête zijn beschikbaar via www.vlakwa.be/publicaties/publicaties/waterenquete/.

• www.vlakwa.be

Xylem wint RIONEDinnovatieprijs 2016 Tijdens de RIONEDdag op 4 februari werd de winnaar van de RIONEDinnovatieprijs gekozen door het aanwezige publiek. Na een extra stemronde kwam de Flygt SmartRun Pump Cleaning van Xylem als winnaar uit de bus. Deze pompreinigingsfunctie lost verstoppingen zelf op, zonder tussenkomst van een monteur. De OV-FLEX van AQA HydraSep werd nipt tweedes. Meer over deze twee innovaties en de drie andere nominaties lees je in het artikel op p. 6-8.

• www.riool.net Benvitec produceert en installeert maatwerk voor overstorten Aquafin Het effluent van waterzuiveringen stroomt naar oppervlaktewater zoals beken en rivieren. Bij hoge waterstanden bestaat er een risico dat de effluentstoom omgekeerd wordt, m.a.w. dat het oppervlaktewater naar de waterbehandeling vloeit. Dit verhindert de goede werking van de gehele afvalwaterbehandeling en zorgt voor flink wat opruimwerk achteraf. Bestaande overstortvoorzieningen aanpassen aan standaard terugslagkleppen is technisch en economisch onverantwoord. De terugslagkleppen op maat voor bestaande overstortconstructies van Benvitec vormen hier een oplossing. Dit werd ondertussen toegepast in een tiental projecten voor Aquafin.

• www.benvitec.be (Foto: Stichting RIONED/Michelle Muus)

4


Uw expert in Integraal waterbeheer 1. Ultra Kyma® IT 2. V-Flow®

3. Rainbox® 3S

3

4

4. Rainbox® Cube

1 3

2 1

2

3 4 DYKA PLASTICS NV - NOLIMPARK 4004 - 3900 OVERPELT - dyka.be@dyka.com - www.dyka.be

onderzoeken

IKT Nederland onderzoeken

keuren

adviseren

testen

Zijn uw inspectieputten toe aan renovatie?

Kennis over de toestand van uw inspectieputten Onderzoek op basis van onze ervaringen en warentesten Ervaring in België, Nederland en Duitsland Meer Informatie: www.ikt-nederland.nl

IKT - Instituut voor ondergrondse infrastructuur Kantoorgebouw „De Enk“ Tivolilaan 205 6824 BV Arnhem T +31-(0) 26-84545 60 F +31-(0) 26-84545 61 www.ikt-nederland.nl info@ikt-nederland.nl


Op de RIONEDdag werd de innovatieprijs 2016 uitgereikt. Er waren achttien inzendingen van innovaties. Daaruit had de jury had er vijf geselecteerd. Iedereen in het publiek op de RIONEDdag kreeg vijf kaarten met elk een eigen kleur; zo kozen ze de uiteindelijke winnaar. De eindstrijd bleek heel spannend.

Nieuw pompconcept wint RIONEDinnovatieprijs 2016 De innovatieprijs van de Nederlandse Stichting RIONED is een jaarlijkse traditie. Op 4 februari is de prijs voor 2016 gewonnen door Xylem, voor haar pompreinigingsfunctie die verstoppingen zélf oplost, zonder monteur. Sterke tweede was de zelfrichtende overstortdrempel van AQAHydraSep BV. Maar ook de andere drie genomineerden maakten indruk.

Begin februari vond de jaarlijkse RIONEDdag plaats. Stichting RIONED is de koepelorganisatie voor stedelijk waterbeheer en riolering in Nederland. Daarin participeren alle professioneel betrokken partijen: overheden (gemeenten, waterschap-

Pitch met intelligente pig.

6

RIORAMA

pen, rijk en provincies), bedrijven (leveranciers, adviesbureaus, inspectiebedrijven en aannemers) en onderwijsinstellingen. Stichting RIONED en zijn Vlaamse tegenhanger, VLARIO, werken steeds vaker samen.

Innovatie 1: Intelligent pigs In Nederland ligt in de ondergrond meer dan 100.000 kilometer aan leidingen voor drink- en afvalwater. Maar de technieken om ze te inspecteren, zijn niet optimaal. Daarom begon Grontmij een zoektocht naar een oplossing. Inspiratie vonden ze in de olie- en gasindustrie. Daar worden al lang instrumenten gebruikt die dienst doen bij het onderhoud van leidingen, van binnenuit. Bij hun doorgang in de leidingen maken die instrumenten een gillend geluid, en ze zitten vol smurrie wanneer ze eruit komen. Daarom doopten Engelstaligen ze ‘pigs’ (varkens), een term die ook in het Nederlands is geslopen. De rioleringssector zet dergelijke ‘intelligent pigs’ echter nog niet in. Reden is dat ze niet goed door de afvalwaterpersleidingen kunnen. Ook is de meetapparatuur die in de olie- en gassector wordt gebruikt geschikt voor stalen leidingen, maar niet voor de materialen van rioleringsbuizen. Grontmij wil een serie intelligent pigs voor persleidingen in de watersector. Ze willen ertoe komen

De O2-put. Links is een model ervan te zien, in transparante behuizing.


actueel

door nieuwe meetapparatuur en sensoren uit verschillende vakgebieden te combineren met innovatieve ‘carriers’ (dragers van de meetapparatuur). Die carriers kunnen obstakels zoals bochten en appendages passeren. De pigs moeten diameters van 200 tot 1.500 mm aankunnen, en buismaterialen gaande van pvc tot asbestcement. Grontmij, Stowa en Stichting RIONED zijn trekker van het project. Omdat drinkwater- en afvalwaterleidingen van hetzelfde materiaal zijn, nemen ook drinkwaterbedrijven deel, net als de meeste waterschappen, een aantal grote gemeenten, Deltares, KWR en enkele ontwikkelaars van intelligent pigs. Innovatie 2: O2-put Het aantal buien waarbij in korte tijd zeer veel water valt, neemt toe. De riolering heeft niet de capaciteit om die hoeveelheid water te verwerken. Gevolg: wateroverlast. En wanneer het water in de woning komt, is er nog meer overlast. Om beter op de toekomst voorbereid te zijn, koppelen veel Nederlandse gemeenten steeds meer oppervlak van de gemengde riolering af. Zo komt capaciteit in het riool vrij. Maar bij afkoppelen kan de regenpijp niet meer bijdragen aan het ontspannen van de gemengde riolering. De ontluchtingsmogelijkheden gaan van drie naar één. Bij te grote druk zoekt de lucht een andere uitweg. Een gevolg kan stankoverlast in de woning zijn, bijvoorbeeld door overlopen van of opborrelen in toilet of schrobputje. Bedrijf Kragten komt met een oplossing: de O2-put. Deze put heeft twee aansluitingen waardoor de regenwatervoorziening en de gemengde riolering kunnen blijven ontluchten. Zo voorkomt hij wateroverlast én stankoverlast in de woning. De O2-put heeft de omvang van een emmer en past op elke hemelwateraansluiting op het riool. Daarvoor wordt de regenbuis aan bijvoorbeeld de voorkant van de woning doorgezaagd en de put in de onderbreking geplaatst. Eventueel kan de put worden voorzien van een infiltratievoorziening, zoals een geperforeerde buis of infiltratriekrat. Video: www.youtube.com/watch?v=p2Tso-4LcAs

mende, manuele stemrondes bleken nodig om het verschil aan stemmen met de winnaar te bepalen. Ontwerpers tekenen riolering uit op basis van de afvoercapaciteit die allicht nodig is; bij piekbelasting vindt overstorting plaats. Om water op straat, opstuwing in huisaansluitingen en andere overlast te voorkomen, mag de drempel niet te hoog zijn. Maar: hierdoor dreigt instroming bij hoog peil van het oppervlaktewater. AQA’s OV-FLEX zou een oplossing zijn. Het is een bewegende drempel die gemonteerd wordt op de overstortwand. De laagste stand is de hoogte die is gewenst voor de overstorting vanuit het riool. De drempel is voorzien van een drijver, die bij verhoging van het oppervlaktewaterpeil de drempel omhoog drukt. Zo wordt instroming van buitenwater (‘omgekeerde overstorting’) voorkomen. Door het eenvoudige ontwerp is de OV-FLEX in bestaande en ook in kleine overstortputten te plaatsen. Hierdoor is aanpassing op korte termijn mogelijk, waardoor knelpunten snel kunnen worden opgelost. Video’s: www.youtube.com/watch?v=Czf3qGnDBMM en www.youtube.com/watch?v=snPLnJTqGq4 Innovatie 4: Flygt SmartRun Pump Cleaning Het was uiteindelijk Xylem die, nipt, door het publiek werd gekozen tot winnaar van de RIONEDinnovatieprijs 2016. De innovatie is tijdens de RIONEDdag gepresen-

Het scheelde geen haar of de OV-FLEX had gewonnen: een bewegende drempel die gemonteerd wordt op de overstortwand.

Innovatie 3: OV-FLEX De OV-FLEX van onderneming AQA HydraSep BV beschermt het riool tegen instromend oppervlaktewater zonder verhoging van de overstortdrempel. Deze OV-FLEX won de innovatieprijs nét niet. BijkoAndré Pellis (links) en Fernando Padmos (rechts) zorgen ervoor dat monteurs minder snel moeten opdraven voor verstopte pompen.

RIORAMA

7


actueel

Royal Haskoning toonde aan dat digitalisering een grote toekomst wacht in de rioolsector.

teerd door Fernando Padmos, Sales Manager Public Utilities en André Pellis, Commercial Technical Marketeer van Xylem. Pellis: “Niemand wil pompverstoppingen. Toch zien we ze dagelijks. Pompen die verstoppen door bijvoorbeeld doekjes, textiel en plastic. Kortom zaken die niet in het riool horen.” Een oplossing is handmatig ontstoppen van afvalwaterpompen. Dat is geen prettige bezigheid en vaak een lastige taak. Jaren geleden al ontwikkelde firma Flygt de afvalwaterpomp met zelfreinigende N-waaier. Deze innovatie verminderde fors het aantal verstoppingsproblemen en het energieverbruik. Toch kan het nog gebeuren, bij extreme vervuiling, dat de pomp verstopt raakt. Als dat gebeurt, treedt de nieuwste innovatie in werking: de SmartRun Pump Cleaning. De SmartRun monitort continu de prestaties van de pomp en detecteert verstoppingen: deze die er zijn, en deze die er dreigen aan te komen. En door de Pump Cleaning kan de SmartRun verstoppingen voorkomen en zelf oplossen. Bij een verstopping, dreigend of aanwezig, wordt de pomp meerdere keren gestart en gestopt en wordt de draairichting veranderd: linksom en rechtsom. De tijdsduur tussen deze cycli wordt afgewisseld. De combinatie van het linksom en rechtsom draaien, samen met een hoog koppel, maakt het mogelijk de ontstane verstopping op te lossen. Zonder daarbij de maximale stroom te overschrijden. Het opheffen van de verstopping is een garantie voor de efficiënte werking van de installatie, luidt het. Bovendien voorkomt het onnodige storingsbezoeken door een monteur en verhoogt het de bedrijfszekerheid.

8

RIORAMA

Padmos: “Pompverstoppingen kosten geld en belasten het milieu. De schade van ongewenst lozingsgedrag kan oplopen tot tientallen miljoenen euro’s. Denk aan de personele inzet bij pompreparaties, de materialen voor het vervangen van pompen en de CO2-uitstoot die veroorzaakt wordt door energie- en brandstofverbruik. Het opheffen van de verstopping is een waarborg voor de efficiënte werking van de installatie, het voorkomt storingsbezoeken en verhoogt de bedrijfszekerheid.” De Pump Cleaning-functie is geïntegreerd in de nieuwste SmartRun besturing. Daarnaast houdt de put- en leidingreinigingsfunctie put én persleiding schoon, besloot Padmos. Video: www.youtube.com/watch?v=pDYm74RedEA Innovatie 5: Sturing met droogtevoorspelling Er zijn steeds betere neerslagvoorspellingen. Zo gebruiken velen de Buienradar-website om te zien of ze op de fiets kunnen stappen of de auto moeten nemen. Dergelijke afwegingen zijn inmiddels ook te maken voor de besturing van de waterketen. In de huidige situatie wordt vooral reagerend geregeld, uitgaande van de beschikbaarheid van water in de riolering. Als het niveau in het riool stijgt, wordt de maximum pompcapaciteit ingezet. Pas als het riool weer leeg is, wordt gestopt. Gevolg hiervan is dat de waterzuiveringsinstallatie in geval van een regenbui soms biologisch (first flush) en hydraulisch langdurig hoog wordt belast. Dat terwijl daar, op basis van de te verwachten neerslag, geen aanleiding voor is, omdat die zo klein is dat het risico op overstorten of wateroverlast zeer onwaarschijnlijk is.

Royal Haskoning focust met zijn innovatie op het sturen van het influentdebiet van een waterzuivering. Het doet dit op basis van neerslagmetingen, in combinatie met metingen van het niveau in de riolering. In een viertal pilots van Waterschap Vallei en Veluwe past de firma dit toe op zuiverinsinstallaties met een nageschakelde zandfilter. Zandfilters op zuiveringen zijn vaak ontworpen op droogweerafvoer; bij neerslag wordt een deel van het afvalwater gebypast langs de zandfilter. Dat betreft in veel gevallen een veelvoud (10 tot 20 keer) van de jaarlijkse overstortingshoeveelheden uit de riolering. Met behulp van sturing op basis van neerslagvoorspelling is dat te optimaliseren. Er zijn minstens vijf winsten met het nieuwe systeem te halen. De eerste winst is reductie van de vuilemissie doordat minder effluent ongefilterd wordt geloosd. Het extra volume dat wordt gefilterd, is meer dan het totale overstortingsvolume uit de riolering. Tweede winst is de meer gelijkmatige belasting van de waterzuiveringsinstallatie: dat zorgt voor efficiënter functioneren, namelijk verdere emissiereductie en minder gebruik van chemicaliën en energie. Ten derde wordt een zandfilter met het systeem beter benut. Ten vierde kan bij voorspelling van extreme buien gezorgd worden dat het stelsel zo leeg mogelijk is bij aanvang van de bui. En er kan voor gezorgd worden dat maximaal wordt opgetoerd in plaats van geleidelijk, op basis van niveaus in de pompkelder. Ten slotte groeit daarmee inzicht en bewustwording bij rioleur en zuiveraar. Bij onderhoud ziet de zuiveraar wat in het stelsel gebeurt en hoeveel de zuivering kan worden teruggetoerd. Met neerslagvoorspelling komen ook andere kansen in beeld: zo is het daarmee mogelijk het geautomatiseerd terugspoelen (reinigen) van zandfilters slimmer te plannen. Zodat bijvoorbeeld het niet gebeurt tijdens een bui, zodat meer water moet worden gebypassed. Video: www.youtube.com/watch?v=_p3PUJHa7Xg (Door Koen Vandepopuliere)

• www.riool.net


actueel

Vlaams Kenniscentrum Water sluit aan bij VITO Sinds 1 januari is het Vlaams Kenniscentrum Water (Vlakwa) een onafhankelijke afdeling van VITO (Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek). De integratie van Vlakwa in VITO beoogt een grotere synergie en draagkracht voor het onderzoeks- en economische onderwerp ‘watertechnologie’ in Vlaanderen.

en overheid werken in Vlaanderen samen in het Vlaams Kenniscentrum Water.” Intermediaire neutrale speler Bart Naeyaert, momenteel voorzitter van Vlakwa, benadrukt de rol die Vlakwa als intermediaire neutrale speler opneemt in het Vlaamse waterlandschap: “Vlakwa beschikt over een uitgebreid netwerk in de watersector, weet welke noden er leven en helpt stakeholders om de samenwerking aan te gaan. Dankzij die platformfunctie draagt het op een innovatieve manier bij aan de vergroening van de Vlaamse economie en de socio-economische ontwikkeling van Vlaanderen.”

Vlakwa werd in 2010 opgericht als vzw die de noodzakelijke inspanningen levert om de samenwerking tussen de diverse (water)actoren in Vlaanderen te bewerkstelligen om tot één Vlaams waterprogramma te komen en dit gezien het grote strategische, industriële en maatschappelijke belang van water in Vlaanderen. VITO werd in 1991 opgericht en is een toonaangevende Europese onafhankelijke onderzoeksorganisatie op het gebied van cleantech en duurzame ontwikkeling. “Grotere efficiëntie en draagkracht” Op vrijdag 11 december 2015 heeft de Vlaamse Regering haar goedkeuring gehecht aan de opname van de activiteiten van het Vlaams Kenniscentrum Water in de VITO-werking. Philippe Muyters, Vlaams minister van Werk, Economie,

Innovatie en Sport: “De inkanteling van Vlakwa in VITO is logisch en zal een grotere efficiëntie en draagkracht creëren voor watertechnologie in Vlaanderen. Beide instellingen hebben elk hun eigen sterktes en troeven, maar zullen door de sterkere samenwerking nog meer impact kunnen genereren. De Vlaamse strategie in onderzoek en innovatie bestaat uit meer samenwerking, meer efficiëntie en meer transparantie. De samensmelting van Vlakwa en VITO past perfect in die visie.” VITO neemt de acht medewerkers van Vlakwa over, die werkzaam blijven vanuit Kortrijk. De rol die Vlakwa moet opnemen, is bevestigd in ‘Visie 2050, een langetermijnstrategie voor Vlaanderen’, waarin de Vlaamse Regering een toekomstvisie schetst van het Vlaanderen dat ze in 2050 wensen: “Ondernemers, onderzoekers

Dirk Fransaer, gedelegeerd bestuurder van VITO: “VITO zal de Vlakwa-activiteiten in Kortrijk zo opstellen dat de werking en activiteiten hun huidige onafhankelijkheid in het waterlandschap behouden, terwijl er toch een operationele synergie met de VITO-wateractiviteiten wordt bereikt.” De integratie sluit aan bij de activiteiten van Vlakwa en de programmatorische sterkte van VITO. Voor VITO is Vlakwa een klankbord voor haar activiteiten in het domein Water en laat deze actie toe dat VITO haar doelstellingen in dit domein realiseert.

• www.vlakwa.be • www.vito.be

"VITO zal de Vlakwa-activiteiten in Kortrijk zo opstellen dat de werking en activiteiten hun huidige onafhankelijkheid in het waterlandschap behouden, terwijl er toch een operationele synergie met de VITO-wateractiviteiten wordt bereikt.” – Dirk Fransaer, gedelegeerd bestuurder van VITO

RIORAMA

9


IFAT op weg naar nieuwe records Als het van Messe München, de organisator van IFAT, afhangt, wordt er van 30 mei tot 3 juni opnieuw geschiedenis geschreven in het uitgebreide beurscomplex van de Duitse hoofdstad. Het ziet er immers sterk naar uit dat voor de vijftigste verjaardag van het evenement het bezoekersrecord zal worden verbeterd. De beurs heeft dan ook alle troeven in handen om die hoge ambities waar te maken. “Meer nog: Messe München breidt na het evenement van dit jaar haar accommodatie uit, onder meer om de capaciteit van onze wereldwijd toonaangevende organisatie verder te kunnen vergroten”, verduidelijkt Stefan Rummel, sinds vorig jaar verantwoordelijk voor het welslagen van het evenement.

De geboorte van IFAT dateert van 1966. “Met mijn 39 lentes heb ik die editie niet meegemaakt, maar het is duidelijk dat IFAT sinds die pioniersjaren een enorme metamorfose heeft doorgemaakt. Toen telden we 151 exposanten uit tien landen op een beursoppervlakte van 18.000 m², cijfers die voor die tijd behoorlijk impressionant waren en die trouwens te vergelijken zijn met de statistieken van de eerste IFAT India. Dit jaar verwachten we in Beieren meer dan 3.000 exposanten uit 50 landen.” IFAT startte destijds als een afvalwaterbeurs, waar ook de rioleringsmarkt goed vertegenwoordigd was, en heeft die roots nooit verloochend. “Afvalwater en rioleringen blijven heel belangrijke segmenten voor ons”, vervolgt Rummel. “Van de 16 beurshallen die over enkele maanden afgeladen vol zullen zitten, is zowat de helft volledig gewijd aan afval- en rioolwaterbehandeling. Stelselmatig is er een gezond evenwicht gekomen met andere nichesegmenten zoals recyclage, afvalverzameling, transport en de revalorisatie van afval. Telkens opnieuw vergt het een serieuze denkoefe-

10 RIORAMA

ning om daarin een goede balans te vinden, zodat geen enkele markt zich benadeeld voelt.” Drinkwater De beursorganisatie blijft dus permanent waakzaam om het beursaanbod zo veel mogelijk te laten corresponderen met de marktevoluties. Het is een van de redenen waarom dit jaar nadrukkelijker de focus wordt gelegd op het drinkwatersegment. “Als we eerlijk zijn, moeten we toegeven dat die branche bij ons niet zo goed vertegenwoordigd was. Daar komt nu verandering in door het partnership met de Duitse associatie voor drinkwater. Die samenwerking maakt het ook mogelijk om in het ondersteunende programma, met workshops en lezingen, hier voldoende aandacht aan te besteden.” Ergens is het opmerkelijk dat Messe München nieuwe paden blijft bewandelen. Eigenlijk kunnen de organisatoren het zich namelijk perfect permitteren om genoegzaam achterover te leunen en de hallen gewoon te vullen met ondernemingen die

sinds jaar en dag present zijn. Meer nog: het evenement is nu al helemaal volgeboekt. In sommige hallen komen geïnteresseerde exposanten – zeker zij die nog nooit als standhouder aan IFAT deelnamen – gewoon op een wachtlijst terecht. “Daar zullen we gevat op anticiperen”, licht Stefan Rummel toe. “Zodra IFAT 2016 voltooid verleden tijd is, starten we namelijk met de bouw van twee nieuwe beurshallen. Het is de bedoeling dat die afgewerkt zijn tegen medio 2018, zodat ze in gebruik kunnen worden genomen voor de volgende editie van ons evenement. Zo kunnen we onze beschikbare oppervlakte, die nu ruim 230.000 m² bedraagt, met circa 10% vergroten.” Die extra ruimte zal welkom zijn om in de toekomst ook plaats te bieden aan jonge start-ups. “Het klopt dat het voor pas gestarte bedrijven niet eenvoudig is om bij ons ruimte te krijgen. Dat is een belangrijk werkpunt voor de toekomst, want we beseffen maar al te goed dat die jonge talenten samen een gigantisch potentieel hebben om verrijkende ideeën te introduceren en op die manier voor een nieuwe dynamiek te zorgen.” Beleving Sowieso is het voor bezoekers al een stevige uitdaging om op IFAT langs te gaan bij alle exposanten die hun interesse wegdragen. Tussendoor kunnen ze zich laten verwonderen op een van de demonstratiezones, waar de meest uiteenlopende praktijktoepassingen getoond worden. Daarnaast zijn er nog meer dan 200 presentaties en workshops. Op de openingsavond worden naar goede gewoonte de GreenTec Awards uitgereikt. Deze onderschei-


BEURSNIEUWS

“Van de 16 beurshallen die over enkele maanden afgeladen vol zullen zitten, is zowat de helft volledig gewijd aan afval- en rioolwaterbehandeling.” – Stefan Rummel, managing director IFAT

dingen zijn misschien wel de meest prestigieuze bekroningen binnen de Europese milieu-industrie. “Het is opvallend hoe bedrijven die de focus leggen op technologische innovatie, zichzelf blijven uitvinden. Toch willen wij meer brengen dan productgerelateerde vernieuwingen. Ook de dienstverlenende bedrijven zetten zich meer dan ooit op de kaart. Gelukkig voor hen, en voor ons, kunnen zij makkelijker op de beursvloer worden geïntegreerd, aangezien ze minder ruimte nodig hebben.” Wegwijs Binnen het immense aanbod dat op IFAT te vinden is, zal het ook dit jaar voor de ruim 135.000 verwachte bezoekers geen sinecure worden om wegwijs te raken op de beursvloer. Gelukkig zorgt de organisatie voor heel wat ondersteuning, in de vorm van een catalogus en een app. “Sowieso zetten wij met Messe München ook sterk in op digitalisering. Zo is het de bedoeling om in de toekomst een platform voor ‘matchmaking’ te creëren. Het uitgangspunt hiervan is dat we bezoekers en exposanten de kans willen bieden om ook op de zovele niet-IFAT-dagen met elkaar in contact te komen. Dit moet een soort ‘open innovatieruimte’ worden waar mensen met vooruitstrevende ideeën op zoek gaan naar partners die op dezelfde golflengte zitten en eventueel al ervaring hebben opgebouwd om het idee in kwestie concreet te kunnen realiseren.” Voor een succesvol beursbezoek is een goede planning en voorbereiding essentieel. Interessante tool daarbij is de database van exposanten, die je vindt op de website van de milieubeurs. De Exhibitor Search-functie geeft uitgebreide informatie over de standhouders, hun producten en diensten. Internationaal IFAT München blijft met voorsprong het belangrijkste evenement van deze beurs, die zich al enkele

jaren ook internationaal almaar sterker profileert. Wat begon met de creatie van de IE-expo in China en IFAT India, kreeg het voorbije jaar een verlengstuk in nog eens twee organisaties: naast de succesvolle première van IFAT Eurasia in Turkije werd namelijk ook het IFAT Environmental Technology Forum in Zuid-Afrika opgestart. “Het is boeiend te mogen meeschrijven aan dat groeiverhaal”, aldus Rummel. “Het voorbije jaar ben ik de wereld rondgereisd om me overal te verdiepen in milieugerelateerde onderwerpen, en om belangrijke bedrijven te leren kennen. Gelukkig ben ik in de organisatie enkel maar het topje van de ijsberg, want deze beurs wordt gedragen door een enthousiast en ervaren team dat alle klappen van de zweep kent.” De uitbreidingsplannen van IFAT zijn overigens

nog lang niet ten einde. Zo realiseerde de organisatie onlangs nog de overname van een belangrijke machinebeurs in Rusland. “Ook dat illustreert dat we over de schwung beschikken om ook de komende 50 jaar gensters te slaan.” (Door Bart Vancauwenberghe)

• www.ifat.de

RIORAMA

11


BEURSNIEUWS

Masterclasses geven Pumps & Valves en Maintenance extra dimensie Al wie enig aanzien heeft in de wereld van pompen en kleppen komt op 20 en 21 april naar Antwerp Expo afgezakt voor de zestiende editie van Pumps & Valves. Deze nichebeurs heeft haar strepen verdiend, ook in de wereld van (afval)water. Na de goede resultaten van de twee vorige edities zal de technologiebeurs voor de derde keer simultaan georganiseerd worden met de beurs Maintenance, het community-event rond industrieel onderhoud, assetmanagement en productiebetrouwbaarheid. Uniek en nieuw voor deze editie is het concept met masterclasses.

Met de organisatie van de masterclasses zet Easyfairs in op het verhogen van de bezoekersbeleving. “Het is een interessant, betalend viparrangement, waarbij we mensen de kans geven om enerzijds een vorming te krijgen over één van de zeven topics die wij aanbieden en anderzijds andere bezoekers te ontmoeten tijdens een netwerkmoment”, legt John Barbier uit. “Op deze manier willen we de bezoekersbeleving verder optimaliseren. Concreet bieden wij masterclasses aan over corrosie, warmtevalorisatie, energieoplossingen van de toekomst, Atex, 3D-printing, technologische best practices in onderhoud en de betekenis van assetmanagement voor de onderhoudsorganisatie. Deze topics werden gekozen rekening houdend met de actuele behoeften van de markt.”

De kruisbestuiving met de beurs Maintenance blijkt een goede zet. Hierdoor krijgen bezoekers niet alleen een goed beeld van de pompen- en kleppenmarkt, maar blijven ze op de hoogte van recente trends en ontwikkelingen binnen alle gebieden van de onderhoudssector. Deze strategische beslissing wierp zijn vruchten af. Sinds 2012 telt de beurs telkens meer dan 300 exposanten en ook de bezoekersaantallen tonen aan dat de formule werkt. De tweejaarlijkse vakbeurzen mogen steevast rekenen op het bezoek van zo’n 5.500 professionele beslissingsnemers, ingenieurs en technici, actief in een brede waaier van industriële domeinen, dienstverlening en de openbare sector.

Stijgend bezoekersaantal De resultaten van een bezoekersenquête van de voorgaande editie leren dat 95% van de deelnemers dit een goede tot uitstekende beurs vindt. “Mensen komen in eerste instantie om algemene informatie te verzamelen over wat de markt aanbiedt, maar ook om bestaande leveranciers te ontmoeten.” Pumps & Valves biedt een volledig overzicht van alle innovaties en technologieën inzake industriële pompen, filters en filtratie, dichtingen, kleppen en regelkleppen, leidingen en pijpleidingen en processingapparatuur.

Speciale aandacht voor innovatie en veilig werken Traditiegetrouw zetten Maintenance en Pumps & Valves innovatie in de spotlights. Voor de zesde keer op rij gidst de BEMAS Innovation Route de bezoekers naar baanbrekende oplossingen en vernuftige systemen voor de onderhoudswereld. Al deze innovaties werden door een onafhankelijke jury op hun vernieuwende karakter en gebruikspotentieel beoordeeld. De innovatie met de beste score wordt op donderdag 21 april nog eens speciaal in de kijker gezet met de toekenning van de

12 RIORAMA

BEMAS Innovation Award 2016. Veilig werken is sinds jaar en dag een belangrijk topic in de wereld van maintenance. Vandaar dat organisator Easyfairs tijdens Maintenance en Pumps & Valves 2016 opnieuw speciale aandacht aan dit onderwerp besteedt. De Safe Maintenanceaward wordt uitgereikt aan zowel een dienstverlener als een technische dienst. Telkens gaat het om spelers die een toonbeeld zijn qua veilig onderhoud. Deze ceremonie zal plaatsvinden op 21 april vanaf 14 uur, waarna de aanwezigen met een hapje en drankje kunnen bijpraten.

• www.easyfairs.com

Praktisch Op woensdag 20 april is de beurs geopend van 10 tot 19 uur, met aansluitend een netwerkdrink tot 21 uur. Op donderdag 21 april is de beurs open van 10 tot 18 uur.


BEURSNIEUWS

RioleringsVakdagen 2016: meer ruimte voor demonstraties Van 15 tot en met 17 maart vormt Evenementenhal Gorinchem het decor voor de RioleringsVakdagen. Nieuw op deze zevende editie van de Nederlandse vakbeurs voor de rioleringsbranche is het buitenterrein, dat de exposanten toelaat ook de grootste producten te presenteren.

Gelijktijdig met de RioleringsVakdagen wordt Aqua Nederland Vakbeurs georganiseerd, de Nederlandse vakbeurs voor waterbehandeling, -management en –technologie. Beide beurzen brengen ruim 300 exposanten samen en trekken bijna 10.000 bezoekers aan. De combinatie van beide vakbeurzen biedt de bezoeker uitgebreid de mogelijkheid om te netwerken, kennis op te doen en de nieuwste producten en trends te ontdekken. Blik op de sector De RioleringsVakdagen verzamelen exposanten actief in onder andere rioolreiniging, onderhoud en –renovatie, afvalwatertechnologie en –zuivering. Ook een tiental Belgische bedrijven zal aan de beurs deelnemen. Buitenterrein als demonstratieruimte Voor deze editie wordt de vakbeurs uitgebreid met een buitenterrein, waardoor ook de grootste producten, zoals rioolbuizen, machines en voertuigen,

nu ook getoond kunnen worden. Op dit buitenterrein zullen exposanten hun producten ook live demonstreren, met onder meer live demonstraties met de allerkleinste waterjetrobot ter wereld, een kleine kousrenovatie en robotfrezen. Kennisprogramma De Nederlandse branchevereniging voor milieu- en watertechnologieën staat in voor het kennisprogramma op de beurs en organiseert onder andere sessies rond afvalwater en drinkwater.

• www.evenementenhal.nl/rioleringsvakdagen Praktisch De beurs is op 15, 16 en 17 maart 2016 geopend van 12 tot 20 uur. Bezoekers dienen zich vooraf online te registreren via www.evenementenhal.nl/aquario-go.

MOBIELE POMPEN & LEIDINGEN • VERHUUR • VERKOOP • REPARATIE & SERVICE 24/7

Killeweg 25 B-9200 Dendermonde I +32 (0)52 20 31 31 I www.rentalpumps.eu


federaties

VLARIO-dag 2016 focust op bewustmaking van rioleringsproblematiek bij burgers Voor iedereen in de rioleringssector in Vlaanderen is de VLARIO-dag sinds jaar en dag een hoogdag. Het evenement vormt een ideaal netwerkmoment om elkaar te ontmoeten op de beursvloer. Deze VLARIO-dag vindt dit jaar plaats op dinsdag 22 maart in Antwerp Expo. Alles draait tijdens de komende editie rond de terechte vraag: ‘Hoe maakt een gemeente de riolering zichtbaar voor zijn burgers?’ Het antwoord wordt geboden door veertien sprekers, die deze thematiek elk vanuit hun specifieke invalshoek zullen duiden.

De VLARIO-dag gaat officieel van start omstreeks 9.30 uur. Net als vorig jaar zal Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege de inleidende speech verzorgen. Daarna volgen drie thema’s, namelijk het ecologische, economische en juridische aspect. De drie thematische luiken In het ecologische luik zal worden nagegaan hoe een brongerichte aanpak binnen een gemeente

kan worden opgestart. Ook zal worden onderzocht of infiltreren overal haalbaar is, of waterneutraal bouwen een noodzaak of utopie is en of regels en richtlijnen de creativiteit fnuiken, dan wel aanzetten tot innovatie. Tot slot licht projectleider Kennisbeheer Riet Lismont toe wat VLARIO op dit vlak kan betekenen. Uiteraard is ook het financiële aspect enorm belangrijk in het licht van een goed rioleringsbeleid. Dit luik is dan ook volledig gewijd aan

een analyse van de financiële situatie van lokale besturen, de nieuwe watertariefstructuur en de impact ervan voor de burger. Vervolgens worden de nieuwe wijzigingen van het subsidiebesluit (meer doen met evenveel middelen?) en kwaliteitsborging bij de uitvoering bij rioolrenovatie uit de doeken gedaan. In het derde luik komt de handhaving aan bod: wat kan en is haalbaar en hoe dien je hier vervolgens als gemeente mee om te gaan? VLARIO-directeur Wendy Francken zal zich vervolgens in haar slotwoord nog even buigen over de vraag of we het nu al dan niet goed doen, waarna de netwerknamiddag zijn aanvang zal nemen via een werklunch en dito conversaties. Wie professioneel begaan is met riolering, hemel- en afvalwater, mag de VLARIO-dag met andere woorden niet missen. U kunt het volledige programma raadplegen en inschrijven via de hieronder vermelde website.

• www.vlario.be/vlario-dagen/2016

Praktisch Jaarlijkse VLARIO-dag met beurs Datum: dinsdag 22 maart 2016. Ontvangst vanaf 8.30 uur. Locatie: Antwerp Expo – Jan Van Rijswijcklaan 191 – 2020 Antwerpen

RIORAMA

15


Dossier Pompen & kleppen

16

RIORAMA


dossier

Probleemloos werken cruciale voorwaarde voor pompen en kleppen De wereld van de pompen is de jongste jaren enorm geëvolueerd, waardoor het voor heel wat stakeholders niet evident is om door de bomen het bos nog te zien. Met Erik De Doncker (EDO Pumps) overliepen we de belangrijkste uitdagingen. “We moeten klanten sensibiliseren om verder te kijken dan de recentste trends, en hen ervan overtuigen dat een pomp in de eerste plaats een bedrijfszekere werking moet garanderen.”

Zowel pompdistributeurs als -installateurs worden steevast met dezelfde uitdagingen geconfronteerd. “Het is niet eenvoudig om voortdurend een goede balans te vinden tussen service en kosten. Klanten willen steeds meer voor minder geld. Gevolg is dikwijls dat het (preventieve) onderhoud niet of niet goed wordt uitgevoerd, wat op lange termijn kosten met zich meebrengt.” Bovendien is er in de markt (bij leveranciers, opdrachtgevers en aannemers) vaak te weinig kennis over recente ontwikkelingen op het vlak van pompen. “Daardoor zien we dat nog te veel bestekken worden opgemaakt als ‘copy paste’. Er wordt dan hoofdzakelijk naar de prijs gekeken en nog meer naar gaten in het bestek, zodat men meerwerk kan ‘scoren’ en dus een hogere prijs kan verkrijgen. Op dat vlak is een heel belangrijke rol weggelegd voor de studiebureaus.” Innovaties De pompwereld staat nooit stil. Dat leidt regelmatig tot interessante innovaties. “De ontwikkeling van IE4-motoren is een van de meest in het oog springende vernieuwingen, alleen zijn ze momenteel nog te duur om te implementeren. Uiteindelijk moet de klant er ook voor willen betalen. De komende jaren verwacht ik ook nog IE4-motoren voor droog opgestelde pompen.” Het valt Erik De Doncker op dat de wereld van

het schoonwater op dit domein al verder staat. “Nieuwe technologieën laten toe om de meest efficiënte centrifugaalpomp te produceren. De eerste stappen werden gezet door de productie van hoog efficiënte elektromotoren. Door ze toe te passen met hoog efficiënte centrifugaalpompen, wordt een aanzienlijke energiebesparing gegarandeerd.” Daarnaast zorgt de toepassing van een extra frequentieomvormer voor bijkomende winst. “Hierbij werd de lat zeer hoog gelegd. De vraag is of deze uitvoeringen, die noodzakelijk zijn voor de toekomst, zich niet zullen keren tegen de kleinere producenten. Er wordt nu al gereageerd dat dit ook een van de doelen is van diverse pompmultinationals, die tevens de voortrekkers zijn om hogere efficiëntie te bewerkstelligen. Misschien moeten we ons voorbereiden op een tijdperk waarin er maar een paar pompconstructeurs zullen overblijven?”

Naast centrifugaalpompen kunnen hier ook droog opgestelde rioolwaterpompen opgesteld worden, “op voorwaarde dat er een droge pompkelder kan worden gerealiseerd. Het voordeel hiervan is het onderhoud ter plaatse. Minpuntje is dat het installeren van een pompkelder of pompruimte een relatief hoge kostprijs met zich meebrengt.” Strijden tegen verstopping Bij de keuze van een degelijke pomp, merkt De Doncker dat er eigenlijk te veel wordt gekeken naar het energetisch rendement. “Eigenlijk zou de nadruk vooral moeten liggen op het probleemloos werken van de pomp. Laat me dit staven met een voorbeeld: een hoog efficiënte rioolwaterpomp verstopt, hoewel ze misschien maar tien minuten per dag werkt. De gevolgen zijn zeer tijdsintensief, met bijkomende ecologische en economische kosten. Denk hierbij maar aan de verplaatsing met de interventiewagen, extra milieuvervuiling, enz. Soms moet de klant ook eens in de richting van een verstoppingsvrije vortexpomp durven denken, omdat deze in het

Waterzuivering “Bij waterzuivering wordt vaak geopteerd voor rioolwaterdompelpompen met een vortexwaaier voor langvezelig vuil (teruggetrokken wervelradwaaier of vrijstroomwaaier) en schroefcentrifugaalwaaiers voor efficiëntie. Ook de kanaalwaaier (een- of tweekanaal) voor het overpompen van grotere volumes met relatief hoog rendement en doorlaat, scoort goed.”

“De neiging is soms groot om de voorrang te geven aan een lager energieverbruik, in plaats van aan een bedrijfszekere werking.” – Erik De Doncker, EDO Pumps

RIORAMA 17


dossier

totaalplaatje op veel plaatsen beter scoort. Voor dat laatste is er helaas soms te weinig aandacht.” Ook in de Europese wetgeving is efficiëntie meer en meer de norm bij uitstek. “Er gaat een punt komen waarop efficiëntie prominenter wordt dan probleemloos werken. Door de onenigheid binnen Europa is de kans klein dat de vooropgestelde streefdata worden gehaald, en zullen bepaalde zaken naar een later tijdstip worden verschoven.” Aan deze eisen tegemoetkomen, is voor de producenten een moeilijke opgave. “De investeringen in motoren en onderzoek zijn zeer hoog, en dat in een zeer concurrentiële omgeving. De meeste klanten begrijpen niet hoe pompinstallaties werken en kijken enkel naar de nieuwste

trend, of dit nu relevant is of niet. Hoopgevend is wel dat recentelijk bestekken voor DWA-pompen werden opgesteld met een vrijstroomwaaier (of vortexwaaier). Ook daar is de neiging soms groot om de voorrang te geven aan een lager energieverbruik, in plaats van aan een bedrijfszekere werking.” (Door Bart Vancauwenberghe)

Nieuwe technologieën laten toe om de meest efficiënte centrifugaalpomp te produceren.

Invloed van Europese regelgeving De Europese verordening 547/2012 EG bepaalt het minimale rendement van alle waterpompen. Voor ieder bedrijfspunt (druk-debiet-toerental) wordt het minimumrendement bepaald en dit wordt vastgelegd in de MEI-waarde (Minimum Efficiency Index). Deze MEI is berekend uit een benchmark van alle pompen die op de markt aanwezig zijn. Sinds 1 januari 2013 was MEI 0,10 of MEI 10% geldig. Dit betekent dat de 10% slechtste pompen (qua rendement) niet meer op de markt gebracht mogen worden. Sinds 1 januari 2015 is het minimumrendement opgetrokken naar MEI 0,40. Met andere woorden: de 40% slechtste rendementen mogen niet meer geleverd worden. Bij het rendement van een pomp wordt gekeken naar drie punten op de pompcurve, met name het best efficiency point (BEP) of het punt met het hoogste rendement van de pomp, een punt met 25% lager debiet en een punt met 10% hoger debiet. De motivatie van deze verordening is energiebesparing, en dus de bescherming van het milieu. Bovendien biedt ze de verzekering dat er in de toekomst voldoende energie zal kunnen geproduceerd worden om aan de stijgende energiebehoefte te kunnen voldoen. Belangrijk om weten is dat het energieverbruik vooral bepaald wordt door de gevraagde druk en het debiet, en dat het rendement van de pomp en de motor maar een bijrol hebben. Door de nieuwe wetgeving zal het energieverbruik van de pomp maar enkele procenten dalen. In vergelijking met de impact van de leidingdiameter en het hoogteverschil is dat heel weinig. Als de leidingdiameter bijvoorbeeld vergroot wordt van 50 mm naar 80 mm, daalt het drukverlies met een factor 10 (of 90% energiebesparing). Als het hoogteverschil gehalveerd wordt (bijvoorbeeld: een gebouw van 3 verdiepingen in plaats van 6), halveert het drukverschil, wat dus neerkomt op 50% energiebesparing. Met die wetenschap in het achterhoofd werkt de Europese Unie aan een wetgeving om ook de systemen zelf te optimaliseren, wat een grotere impact op het milieu zal hebben. (Info kaderstuk met dank aan Packo Pumps)

18

RIORAMA


dossier

Veelzijdig pompaanbod bij Sulzer Een pionier zijn in innovatieve pompen: het is een ambitie die Sulzer Group altijd al koesterde. Dat onderstreept het bedrijf met een brede productportfolio, die zowel in communaal afvalwater als industriewater kan worden ingezet. Met de SNS-serie zet de onderneming die ambitie nog eens in de verf.

Sulzer stond altijd al bekend als een grote pompenfabrikant. Tot een tijdje geleden was het bedrijf minimaal actief in de wereld van afvalwater en milieu, maar die leemte werd ingevuld met de overname van het vroegere ABS-pompen. Het hoofdkwartier van Sulzer Pumps Wastewater Benelux is gevestigd in Maastricht Airport, waar onder meer de backoffice maar vooral een werkplaats van circa 1.000 m² beschikbaar is voor het herstellen van pompen en mengers. De gereviseerde pompen tot 90 kW kunnen vervolgens op een proefstand uitgebreid worden getest. In ons land beschikt het bedrijf over een satellietkantoor in Sint-StevensWoluwe. “Het ABS was van oudsher sterk in dompelpomptechniek”, verduidelijkt Luc van Dievoort, accountmanager voor segment Vlaanderen communaal en industrie. “Daarnaast omvat het assortiment onder meer ook dompelmengers, voortstuwers, droog opgestelde mengers, beluchting en compressoren. Daardoor kunnen we, met een totaalaanbod, voor ieder waterproject eigenlijk als centraal aanspreekpunt fungeren.” XFP-serie In de markt van het communaal afvalwater stelt Sulzer dompelpompen voor die variëren van 1,3 tot 1.000 kW. Ze kunnen worden ingezet voor

alle afvalwater, zowel in rioolpompstations als in waterzuiveringsinstallaties (communaal en industrieel). “Vroeger had je in rioleringen al beladen afvalwater”, vervolgt van Dievoort. “Mensen hadden dan al de gewoonte om hygiënische artikels in het toilet te droppen. Eind jaren 70 hadden we daar al een oplossing voor ontworpen met de Contrablock-hydrauliek. Tegenwoordig is het afvalwater evenwel anders en vaak zwaarder beladen samengesteld: minder afvalwater voor een grotere vuilvracht. Daarop hebben we geanticipeerd met de upgradedesign tot de Contrablock+, die een verstoppingsongevoeligheid van vaste stoffen door de waaier garandeert. Deze waaiers zijn open kanaalwaaiers met een makkelijk verstelbare bodemplaat, waardoor het eenvoudig is om het pomprendement te waarborgen gedurende de hele levensduur van de pomp. Deze producten zijn optimaal afgestemd op het afvalwater van een collector.” De innovatiedrang van Sulzer weerspiegelt zich ook in het feit dat het bedrijf als eerste dompelpompen uitrustte met IE3-motoren. “Daardoor slagen we erin de Total Cost of Ownership (TCO) voor onze klanten gevoelig te beperken, wat onder meer resulteert in een verminderde downtime bij lagere energiekosten.” De pompen tot 37 kW worden geproduceerd in de fabriek in Ierland, grotere vermogens worden in Scheiderhoehe nabij Keulen gefabriceerd. Hier Het vermogen van de XFP-pompen varieert van 1,3 tot 1.000 kW.

De SNS-serie leent zich voor het transport van licht verontreinigde afvalwaters en slurry’s.

vindt ook de productie plaats van de schachtpompen en dompelpompen met debieten tot 6.500 l/ sec. In Finland beschikt de groep over een vestiging die droog opgestelde pompen vervaardigt voor de behandeling van afvalwater uit de industrie. SNS-serie In het najaar van 2015 hield Sulzer de SNS-serie boven de doopvont. “Deze pompen kenmerken zich door een hoge kwaliteits- en energiestandaard”, vervolgt Van Dievoort. “Ze zijn goed geschikt voor het transporteren van licht verontreinigde afvalwaters en slurry’s. Typerend voor de SNS is het herwerkte hydraulische design. Een hoge materiaalstandaard, zoals RVS 316 en Duplex, is hier aan de orde. We mogen stellen dat dit heel kostenefficiënte oplossingen zijn, zowel op het vlak van initiële investering als inzake energieconsumptie. Deze reeks overstijgt de benchmark MEI 0,7, wat een goede indicatie geeft over de meerwaarde voor de TCO. Bovendien bezit deze pomp een aantrekkelijke NPSH-waarde, die illustreert hoe technologisch waardevol deze pompen zijn.” (Door Bart Vancauwenberghe)

• www.sulzer.com

RIORAMA 19


Het pompgemaal aan de monding van de Gondebeek in de Schelde, in Melle.

Uniek pompgemaal in Melle In Melle liepen enkele tientallen huizen regelmatig onder omdat een beek er de kwalijke gewoonte had af en toe buiten haar oevers te treden. Vandaag, echter, hebben de bewoners van die huizen altijd droge voeten. Dat komt door bufferbekkens. Maar ook door een innovatief pompgemaal. Het staat boven op de gravitaire uitwateringsconstructie in plaats van ernaast, en elke pomp is in een liftconstructie gemonteerd. Gravitaire ĂŠn gepompte afvoer gaan er door dezelfde koker.

Op het grondgebied van de gemeenten Balegem, Oosterzele, Merelbeke en Melle ligt het stroomgebied van de Gondebeek-Molenbeek en haar zijbeken. Het gebied heeft een oppervlakte van ongeveer 4.500 hectare. De Gondebeek mondt uit in de Schelde, op het grondgebied van Melle. Het waterpeil van de beek wisselt sterk. Het verhoogt fors bij langdurig hoogtij van de Schelde of na hevige regenval. Heel lang veroorzaakte dit wateroverlast, in Melle. Minstens eenmaal per jaar liepen tientallen huizen er onder omdat de Gondebeek buiten haar oevers trad. De Civiele Bescherming moest soms zelfs met mobiele pompen te hulp schieten om erger te voorkomen. Buffers en pompen Een definitieve oplossing drong zich op. Het begon met een computermodel. Dat werd opgemaakt door het studiebureau Arcadis in opdracht van het provinciebestuur van Oost-Vlaanderen. Het model wees uit dat de problemen opgelost zouden zijn met vier bufferbekkens en een pompgemaal. In 1998 zette de gemeente Oosterzele een eerste stap. Het legde een bufferbekken aan op de Molen-

20

RIORAMA

beek in Balegem. Dat bekken heeft een buffervolume van 5.115 kubieke meter water. Het treedt regelmatig in werking en wordt manueel bediend. Negen jaar later, in 2007, legde het provinciebestuur in Moortsele (Oosterzele) een gecontroleerd overstromingsgebied aan. Het betreft een bekken dat automatisch wordt gestuurd. Het is 18 hectare groot en stockeert 160.000 kubieke meter. Daarmee is het momenteel het grootste bekken in Oost-Vlaanderen onder provinciaal beheer. Om nog extra te kunnen afwateren bij hoogtij in de Schelde, was dus ook nog een pompgemaal nodig. Dat is gebouwd aan de monding van de Gondebeek in de Schelde, te Melle. Het gemaal is voltooid in mei 2013. Het computermodel begrootte de nodige maximale pompcapaciteit op 6.000 liter per seconde. Het project kostte 850.000 euro. De werken werden via een openbare aanbesteding gegund aan de firma Deckx Elektro Mechanica uit Dessel.

In betonnen kokers zitten grote, stalen bakken: de liften. In elke lift hangt een pomp.


dossier

Twee pompen bovenop Normaal komt een pompgemaal náást de waterloop. Maar de Gondebeek ligt ter hoogte van haar monding ingesloten tussen de infrastructuur van een bedrijf, Leus nv, en een school, het College Paters Jozefieten. Daardoor was het zeer moeilijk om de gronden te verwerven naast de waterloop. En als zich toch een mogelijkheid had aangediend om dat te doen, zou de grond heel duur zijn geweest. Uiteindelijk is de oplossing gevonden in een innovatief concept. Het gemaal kwam bóven de gravitaire uitwateringsconstructie (zoals bekend, is een gravitaire constructie er een waarbij water stroomt van een hoger naar een lager gelegen gebied). Het gemaal is zo geconfigureerd dat twee pompen van elk 3.000 liter per seconde trapsgewijs in werking zullen treden afhankelijk van het debiet dat zich aanbiedt. Waarom twee pompen? “Als één pomp defect is, is er nog de andere”, zegt Frank Van De Craen, projectleider Deckx Elektro Mechanica. “Er zijn twee pompen, en soms is één voldoende. Maar als het water blijft stijgen, springt de tweede pomp bij. Het is dus, in vaktermen uitgedrukt, een pompstation met opstelling 2+0. De gebruikte pompen zijn schachtpompen met propeller. Die staan ervoor bekend dat ze grote debieten bij lage opvoerhoogtes kunnen verpompen. Hoe hoger het waterniveau stijgt, hoe meer een pomp wordt opgetoerd.” Er zijn twee betonnen kokers: uitstroomconstructies naar de Schelde. Van De Craen: “In die kokers

zitten grote stalen bakken. Dat zijn liften. In elke lift hangt een pomp. De pompen worden naar beneden of boven getrokken met twee grote, hydraulische pistons: elk is twee meter lang. De liften hangen boven de Gondebeek. Normaal stroomt het water van de Gondebeek onder de liften door. Als het hoogtij is, als er noodweer is, komen de liften naar beneden. Ze sluiten dan de Gondebeek af van de Schelde. Het water wordt dan, via een overstort op de liften, in de Schelde gepompt. Wanneer de pompen niet meer moeten werken, worden ze opgehaald. Zo komt de doorlaat naar de Schelde opnieuw vrij.” “De pompen zijn ook frequentiegestuurd”, voegt hij eraan toe. Frequentiesturing heeft diverse voordelen, zoals energiebesparing, minder geluid, langere levensduur van de pompen en lage installatiekosten. Unieke oplossing Gravitaire én gepompte afvoer gaan dus door dezelfde koker. “Het is de eerste keer dat zo’n systeem in Vlaanderen is gebouwd”, stelt Van De Craen. “Het was wel al gebouwd in Nederland. Meer bepaald in provincie Zeeland. Het is er niet ingezet voor een beek, maar voor een polder die uitkomt in zee.” De technologie is er te vinden in waterschap Scheldestromen. Daar is hij ingezet voor het verpompen van het water van de Braakman naar de Westerschelde.

Technologie In Schelde en Gondebeek zitten niveaumeters en vlotters. Ze controleren de toestand aan de hand van enkele parameters. Als wat zij meten, duidt op gevaar, worden de pompliften neergelaten en de pompen gestart. Maar als de waarden voor de parameters erop wijzen dat het gevaar is geweken, worden de pompen gestopt. Daarna worden ze met de liften opgehaald. De parameters kunnen op elk ogenblik worden aangepast. Daarbij is het zoeken naar het ideale evenwicht tussen maximale veiligheid voor de bewoners enerzijds, en minimaal verbruik van energie anderzijds. Er zijn ook videocamera’s waarmee het mogelijk is op afstand te kijken naar Gondebeek en kokers. Zo krijgen de bedieners extra informatie over de werking van de installatie. Via een internetapplicatie kunnen ze toezicht houden op de werking en de peilen. En in geval van defect of alarm worden de verantwoordelijken via sms of e-mail dadelijk verwittigd. Het systeem registreert eigenlijk continu de werking van alle elementen; een gevolg is dat verdere optimalisatie mogelijk is door post factum analyse. Ten slotte werkt het Melse pompgemaal volautomatisch. De sturing gebeurt op basis van een PLC. Het is wel mogelijk om de bediening over te nemen. Dat gebeurt normaal gezien vanop afstand. Bijvoorbeeld kunnen bedieners vanop afstand de pompen naar beneden of boven te brengen. Diervriendelijk De mensen achter de installatie hebben ook gedacht aan de fauna in het water. Het gemaal is namelijk visvriendelijk. Vissen kunnen niet door de grofroosters. En wanneer de pompen draaien, wordt een stroboscopische installatie neergelaten. Die zorgt voor lichtflitsen onder water. Dat schrikt de vissen af en houdt ze op afstand. Zo worden ze niet opgezogen en gekwetst door de propellerbladen. Het pompgemaal zal dus zowel de mensen als de vissen in Melle charmeren. Eind goed, al goed? (Door Koen Vandepopuliere)

Grofroosters en een stroboscopische installatie moeten vissen beschermen. (Foto's: Provincie Oost-Vlaanderen)

RIORAMA 21


dossier

De schakelkast van de unit bevindt zich in een apart afsluitbaar luik, zodat de bedieningsdeuren gesloten kunnen blijven wanneer de pomp actief is.

Mobiele dieselaangedreven pomp met laag brandstofverbruik Quality Pumps is al vier jaar actief in de verkoop, de verhuur en de herstelling en service van pompen, leidingen en toebehoren. Sinds kort is het bedrijf uit Lochristi de exclusieve invoerder van de Screw Impeller Pump (SIP) van de firma Kabarda Pumps.

Deze mobiele dieselaangedreven pompen zijn geschikt voor het verpompen van vuil water en (ongezuiverd) rioleringswater met grove verontreiniging. De pomp garandeert een betrouwbare werking en heeft dankzij zijn geringe brandstofverbruik een lage CO2-uitstoot. Door de schroefcentrifugaalwaaier met grote vuildoorlaat kan deze pomp quasi verstoppingsvrij werken in de zwaarste omstandigheden. Het leegpompen van beken, grachten, sluizen, maar ook het verpompen van zwaar verontreinigd rioolwater vormt geen enkel probleem voor deze pompen. Vacuümpomp werkt enkel wanneer nodig Dankzij een eenvoudig maar efficiënt vacuümsysteem wordt de lucht uit de zuigleiding snel opgezogen. Bovendien kan deze pomp ook droogdraaien en een water-luchtmengsel verpompen (= slobberen). Een vochtsensor in het zuiggedeelte van de pomp zorgt ervoor dat de vacuümpomp (een onderhoudsvrije membraanpomp) slechts werkt wanneer dit effectief nodig is. Wanneer er door de vochtsensor geen lucht meer wordt waargenomen, schakelt de elektromagnetische koppeling de vacuümpomp automatisch uit. Detecteert de vochtsensor terug lucht, dan zal de vacuümpomp automatisch geactiveerd worden en de lucht worden weggezogen. Afsluitbare schakelkast De Screw Impeller-pompunit is uitgevoerd met een thermisch verzonken pompframe. Ook de omkasting en aansluitdelen zijn thermisch verzonken. De deuren en dakpanelen zijn vervaardigd uit verzonken plaat. De pomp is standaard uitgerust met beschermprofielen, heftrucksloffen, stapelhoeken en een hijsoog. De schakelkast

22 RIORAMA

van de unit bevindt zich in een apart afsluitbaar luik, zodat de bedieningsdeuren gesloten kunnen blijven wanneer de pomp actief is. Ecomizer Pro De Ecomizer Pro vormt de topversie in het gamma. Deze versie beschikt over een touchscreen waardoor het instellen van de automatische werking kinderspel wordt: minimum- en maximumpeil instellen (start- en stoppeil) en de druksensor die in het water geplaatst wordt, doet de rest. Bovendien zorgt deze druksensor ervoor dat indien er weinig water is, de Hatz-dieselmotor automatisch wordt afgetoerd tot op een lager toerental. Stijgt het water, dan zal de druksensor het commando geven om weer op te toeren tot het maximale toerental. Dit zorgt voor brandstofbesparing en

De pompunit is uitgevoerd met een thermisch verzonken pompframe.

een verminderde CO2-uitstoot. De sturingskast is ook uitgerust met een datalogger, zodat de meest relevante informatie bewaard en geconsulteerd kan worden. Optioneel kan deze pomp uitgerust worden met een modem, zodat dataraadpleging en bediening via computer, laptop, smartphone of tablet (zoals nakijken of er nog genoeg brandstof in de pomp aanwezig is) mogelijk worden. Drie overige versies Naast de Ecomizer Pro-versie, zijn er nog drie versies beschikbaar: n Basic: manuele bediening aan/uit, uitgerust met een Hatz-sturingskast; n Standard: automatische werking d.m.v. vlotters is mogelijk; n Standard Plus: automatische werking d.m.v. vlotters én toerentalvermindering bij waarneming van lucht in de zuigleiding. De verschillende versies zijn beschikbaar in uitvoeringen van 3” (SIP 753), 4” (SIP 100-4), 6” (SIP 150-6) en 8” (SIP 200-8) om debieten tussen 90 m³/ uur en 800 m³/uur te verpompen. (Door Bart Vancauwenberghe)

• www.qualitypumps.be

De druksensor in de Ecomizer Pro zorgt ervoor dat de Hatz-dieselmotor automatisch op een lager toerental draait indien er weinig water is.


SCREW IMPELLER PUMP Verpomp riool- en afvalwater met de SIP! Uitzonderlijk laag brandstofverbruik, uitgekiend design, grootste gemak en hoogste efficiëntie. Verpomp onzuiver water moeiteloos dankzij de verstoppingsvrije schroefcentrifugaalwaaier.

Interesse in deze pomp? Bouw Automotive

QUALITY PUMPS Bedrijvenlaan 10

B-9080 Lochristi +32 (0)9 342 32 32

EXCLUSIEVE

info@qualitypumps.be qualitypumps.be

DEALER

IN BELGIË!

AfwAteringsoplossingen

Duurzaam watermanagement met reHAU

RAUSIKKO Box - Integratie en buffering voor een optimaal waterbeheer - Geïntegreerd inspectiekanaal, gesloten onderaan voor vuilopslag en geperforeerd aan de zijkanten voor een optimale waterverdeling, reinigbaar tot 120 bar - Hoge belastbaarheid maakt inbouw onder extreme omstandigheden mogelijk - Duurzame, onbeperkte functionaliteit - Ontlasting van het rioolstelsel dankzij tussenopslag

b ox = Blauwe ar reinigba l x = e n ke o b e t r a Zw er ba ar inspec te

REHAU NV - Ambachtenlaan 22 - Ambachtszone Haasrode 3326 - 3001 Heverlee (Leuven) - Tel.: 016 39 99 11 - Fax: 016 39 99 12 - info.bel@rehau.com - www.rehau.be


Putklep kruist degens met stankscherm Problemen met water op straat, stankklachten, vervuiling van grachten en oplopende onderhoudskosten. Amsterdam heeft er genoeg van. Enkele ingenieurs van overheidsbedrijf Waternet zochten naar een oplossing en komen met de Putklep, een alternatief voor het stankscherm. De nieuwe klep zou zorgen voor minder klachten en lagere onderhoudskosten. Amsterdam voorziet er steeds meer van zijn buurten mee.

In straten zijn kolken te vinden: putten waarin regenwater wordt afgevoerd. Samen met het regenwater, stroomt er ook allerhande straatvuil in: plastic, zand, bladeren, olie... Bovendien ontsnapt via de klok stank vanuit het riool naar de straat. Een oplossing is het stankscherm. Zonder dat stankscherm raken de leidingen tussen kolk en riool vervuild met zand en slib, waardoor de afvoercapaciteit afneemt. Ook straatvuil blijft in de leidingen vastzitten: daardoor ontstaan verstoppingen. Uiteindelijke gevolgen zijn wateroverlast en klachten over rioollucht op straat. Nog een gevolg is verontreiniging van het oppervlaktewater: soms gaat dit gepaard met visuele overlast door ronddrijvend vuil. Met name in toeristische zones is dit niet gewenst. Het euvel Waternet is een Nederlandse overheidsinstelling die zich bezighoudt met drinkwatervoorziening, riolering en waterbeheer. Ze is in 2006 opgericht door de gemeente Amsterdam en door het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht.

24 RIORAMA

In 2007 sloeg de afdeling Onderhoud Riolering van Waternet alarm over de vele verstoppingen van riolen. Op talloze locaties bleek het systeem onvoldoende te functioneren met wateroverlast, klachten en kosten voor calamiteus onderhoud tot gevolg. Extra investering in het reinigen van leidingen bleek nodig om het probleem niet uit de hand te laten lopen.

Drie werknemers van Waternet kwamen bijeen om de juiste diagnose te maken: Wietse Dijkstra (Leidingwerken Afvalwater), Wiebe Bakker (Beleid Watersysteem) en Ron Vogel (Onderhoud Afvalwater). Dijkstra en Bakker: “In 2010 ontdekten we dat een belangrijke oorzaak was dat bij 50% van de kolken het stankscherm ontbreekt. Een ander onderzoek vond plaats door een promovendus aan de technische universiteit TU Delft, in 2013. Hij heeft veel gemeenten benaderd, gevraagd waar ze tegenaan liepen en metingen gedaan. Ook hij kwam tot de conclusie dat veel problemen ontstaan doordat tal van kolken niet deugdelijk zijn.” Losgeslagen Het stankscherm, leggen Dijkstra en Bakker uit, “moet altijd los kunnen om, met spuitlans en eventueel zelfs camera, vanuit de kolk in de leidingen te raken. Daarom wordt het scherm los opgehangen in een uitsparing of aan haakjes in de kolk. Maar af en toe rijden onderhoudsmedewerkers met een vrachtwagen in hoog tempo langs de kolken. Ze zuigen ze, met een zuigbuis, met veel snelheid en kracht machinaal leeg. Het vacuüm waarmee dat gebeurt is zo groot, dat geregeld ook het stankscherm losraakt en onderin de kolk belandt.” Ook blijken stankschermen los te raken als bijvoorbeeld een bus of vrachtwagen door de straat rijdt. En dan is er nog de situatie waarbij water op straat blijft staan na een regenbui. De stadsreiniging,


dossier

brandweer of zelfs inwoners roeren dan weleens met schep of stootijzer in de kolk. En meestal werkt dat goed: het opgehoopte vuil en zand in de kolk stroomt met het water weg naar het riool en ja hoor, plots doet de kolk het weer. Maar het stankscherm is dan wel beschadigd of raakte los. De stankschermen worden niet of slechts zelden teruggehangen of hersteld. De redenen zijn divers. Bijvoorbeeld weet de gemeente niet eens dat stankschermen ontbreken. Of aannemers die kolkreiniging aanbieden, doen dat tegen dermate lage prijzen dat ze geen tijd hebben stankschermen terug te hangen. “De mensen reinigen wel 300 kolken per dag. Je kan je voorstellen dat ze geen 300 keer op knieën en buik kunnen om het stankscherm terug te hangen”, stellen Dijkstra en Bakker. En onveilig is het vaak eveneens: het gebeurt op straat in de dode hoek van de puttenzuiger of vrachtwagen. Van idee naar praktijk De drie techneuten kwamen met een alternatief voor het stankscherm. “We creëerden de Putklep. Het is een klep die in iedere bestaande kolk geplaatst kan worden. Ze is bestand tegen het geweld van een zuigbuis, en ze kan opgeklapt worden om toegang te krijgen tot leiding en stelsel.” Het idee is in 2011 uitgewerkt tot een prototype. Dat is in een proefopstelling getest en onderzocht. Gekozen is om de eerste Putkleppen te installeren in een Amsterdams winkelgebied dat representatief is voor stedelijk gebied met diverse vervuilingsbronnen, zoals zwerfvuil van winkelend publiek, bladval en het verkeer.

u

“Amsterdam krijgt Putkleppen in 100.000 kolken. Daarmee zal de gemeente – een voorzichtige inschatting – 500.000 euro op jaarbasis aan onderhoudskosten besparen.” - Wietse Dijkstra en Wiebe Bakker, W&W ingenieurs Volgens Dijkstra en Bakker blijkt, ook enkele jaren na plaatsing, dat de Putklep tot de volgende verbeteringen leidt: minder water op straat, minder stankoverlast en minder verontreiniging van oppervlaktewater. Ze maakt tevens veilige, efficiënte en snelle kolkreiniging mogelijk, en leidt tot lagere kosten voor riool- en waterbeheer. Ze startten intussen W&W ingenieurs op, een spinoff van Waternet, dat zich focust op verdere ontwikkeling en commercialisering van de Putklep. De prototypes waren van roestvrij staal, geïnspireerd op de doorgaans gietijzeren stankschermen. “Na twee jaar testen, bleken de resultaten goed. Amsterdam heeft toen gezegd: we willen de hele binnenstad voorzien van putkleppen, maar dat moet betaalbaar blijven. Daarom maken we ze nu in polypropeen, dus kunststof. Ze zijn robuust: elke Putklep moet 40 jaar meegaan.” Het aantal klachten blijkt fors verminderd. “Vroeger kreeg Waternet er uit de binnenstad honderden. Nu krijgen we er nog nul à twee”, klinkt het. “Het beter tegenhouden van vuil betekent wel dat de zandvang van de kolk sneller vult, waardoor we die vaker moeten leegzuigen.” Amsterdam besloot wat later om de Putklep ook in al zijn andere buurten te monteren. Dijkstra en

Bakker: “In de binnenstad zijn nu 25.000 kolken voorzien van een Putklep. Dat wordt uitgebreid naar de hele stad: dan zullen 100.000 kolken ermee voorzien zijn. Tegenover deze investering staat dat Amsterdam daarmee – een voorzichtige inschatting – 500.000 euro op jaarbasis aan onderhoudskosten zal besparen.” De Putklep komt daarmee in kolken van verschillende leveranciers, met diverse maten en van allerlei bouwjaren. Om het bevestigen in al deze verschillend kolken goed, snel en goedkoop uit te kunnen voeren, heeft W&W ingenieurs een universeel monteersysteem ontwikkeld. Het monteren lukt in drie minuten, verzekeren ze. Naar België De Putklep kreeg heel wat eerbetoon. Zo won W&W ingenieurs er in 2013 de RIONEDinnovatieprijs mee en wonnen ze de AGV Waterinnovatieprijs. Intussen kijken Dijkstra en Bakker ook naar België. Veranderingen op til? (Door Koen Vandepopuliere)

• wenw-ingenieurs.nl • www.youtube.com/watch?v=UfJ-gNatPBM

illustratie 1: Een gevolg van een beschadigd of ontbrekend stankscherm is verontreiniging van het oppervlaktewater. Soms gaat dit gepaard met visuele overlast door ronddrijvend vuil. illustratie 2: Stankscherm in kolk. illustratie 3: Als straatvuil in de leidingen blijft vast zitten, ontstaan verstoppingen, en zo neemt het risico op wateroverlast toe.

v

w

RIORAMA 25


Merkonafhankelijkheid typeert Rental Pumps Soms schuilt er in een bedrijfsnaam meer dan je zou vermoeden. Neem nu Rental Pumps uit Dendermonde. De pompenspecialist doet namelijk meer dan zomaar pompen verhuren. Het bedrijf legt zich ook toe op verkoop van pompen en toebehoren, en ontpopte zich tot een adviseur voor specifieke projecten. Een aanpak die zijn vruchten afwerpt, zo blijkt. Eind dit jaar verhuist de groeiende onderneming namelijk naar een nieuwbouw in een industriezone.

In Nederland doet de naam Rental Pumps al sinds 1996 een belletje rinkelen. De markt van onze noorderburen wordt er bewerkt via een vestiging in Papendrecht, waar elf medewerkers aan de slag zijn. In 2001 schoot de onderneming ook in ons land uit de startblokken. Het pand waar het verhaal vijftien jaar geleden begon, is vandaag nog altijd de thuishaven van het bedrijf. Medeoprichter Lieven Vijverman fungeert anno 2016 als zaakvoerder. “Onze naam verraadt het al: zeker in de beginjaren legden wij ons exclusief toe op de verhuur van pompen. Toen er evenwel al vrij snel vanuit de markt de vraag kwam of wij ook pompen verkochten, hebben wij daar vlug op ingespeeld. We zijn toen ook gaan samenwerken met producenten van bepaalde pompen, om hun merken te verdelen. Zeker in ons land gaan verkoop en verhuur nog altijd hand in hand.” De oorzaak daarvan hoeven we niet zo ver te zoeken, meent Lieven Vijverman. “Heel wat Belgische ondernemers investeren graag zelf in materiaal, zeker als ze er vaak mee moeten werken. Automatisch zorgt dat voor een vrij goede band tussen klant en leverancier. Als ze dan voor specifieke projecten bepaalde huuroplossingen nodig hebben,

26

RIORAMA

vinden ze het handig daarvoor bij hetzelfde bedrijf terecht te kunnen. Dat geldt zeker als je als partner ook kan instaan voor het onderhoud en herstellingswerken, en hen intussen kan depanneren met een vervangtoestel.” Werkplaats De goed uitgeruste werkplaats is een van de grote troeven van Rental Pumps. “Hier onderhouden wij zowel onze eigen vloot als de pompen van onze klanten. Daarvoor werken we volgens een heel strikt stramien. Als wij een pomp hebben verhuurd, wordt die bij de terugkeer in ons bedrijf grondig gereinigd, gecheckt en getest. We onderwerpen het toestel aan een aantal controles, en meten het debiet en de druk die ze haalt. Alle gegevens van iedere pomp worden bijgehouden in een onderhoudsprogramma. Vervolgens krijgt iedere pomp een certificaat, waar de recente meetresultaten en de initialen van onze controlerende medewerker op vermeld staan. Dezelfde procedure passen wij toe op pompen van derden. Dankzij deze aanpak kun-

Het bedrijf staat erom bekend bij calamiteiten snel te kunnen ingrijpen.

nen we de pompen in optimale conditie houden.” Als er bij de tests een probleem opduikt, wordt de pomp gerepareerd. Na de herstellingswerken ondergaat ze een nieuwe test. “Die intensieve aanpak laat ons toe heel wat problemen te vermijden.”


dossier

Assortiment Rental Pumps legt zich toe op de verhuur en verkoop van mobiele pompen, inzetbaar bij o.a. calamiteiten, onderhoud- en renovatiewerken en elke andere situatie waar behoefte is aan een tijdelijke pompinstallatie. “Onze verhuurvloot bestaat uit circa 540 pompen en is heel breed en gediversifieerd. Vanuit het besef dat het voor onze klanten niet simpel is daarin het juiste product te vinden voor hun toepassing, ontpoppen we ons vanuit onze brede kennis en ervaring tot een ‘pompendokter’: we vergaren bij de klant alle mogelijke informatie over de job en gaan op basis daarvan de juiste pomp en leidingen selecteren. Een gelijkaardige aanpak hanteren we voor sleutel-op-de-deurprojecten: de klant vertelt ons met welke uitdaging hij wordt geconfronteerd, waarna het onze taak is ervoor te zorgen dat de vloeistof probleemloos van punt A naar punt B wordt getransporteerd.” Verkoop Eenzelfde filosofie wordt gebruikt bij de verkoop van pompen. In principe werkt Rental Pumps daarbij merkonafhankelijk, al zette het wel samenwerkingsverbanden op met enkele ‘preferred partners’ (zie kaderstuk). “Als de klant ons meldt waarvoor hij een pomp nodig heeft, kijken we eerst in de portfolio van onze partners of zij de meest geschikte oplossing hebben die wij zoeken. Is dat niet het geval, schuimen we verder de markt af om de pomp te kiezen waar onze klant het best mee geholpen is. Net daardoor willen

we het verschil maken: actief meedenken met onze klant, hen de gepaste oplossing voorstellen met gerenommeerde merken (zo goed als allemaal Europese fabricaten) en snel handelen.” Rental Pumps staat erom bekend bij calamiteiten snel te kunnen ingrijpen. “Als er bijvoorbeeld ergens een rioolbreuk wordt geconstateerd, worden wij vaak door Aquafin gecontacteerd om snel een complete installatie te voorzien voor het ompompen van het rioolwater. Als de klant dat wenst, kunnen wij ook draadloze storingsmelders op de pomp voorzien, zodat we nog sneller kunnen reageren bij problemen. Snel kunnen handelen is voor de overheid cruciaal, want zij moet bij schadegevallen kunnen aantonen er alles aan gedaan te hebben om milieuschade te voorkomen.”

Huurassortiment • hogedrukpompen voor diverse toepassingen, zoals tijdelijke brandblussystemen, koelwater voorzieningen, commissioning (het opleveren en testen van een unit voor deze in de fabriek operationeel wordt), pipeline services (reinigen en inspecteren van pijpleidingen); • vuilwaterpompen ten behoeve van de omleiding van beken en sloten, bypass van rioleringen, leegpompen van vijvers; • dompelpompen voor drainage, voor het ver pompen van vuilwater zonder grove delen;

Nieuwbouw Eind dit jaar verhuist Rental Pumps naar een nieuwbouw in de industriezone Bosveld. “Op onze huidige locatie hebben we uiteraard wel een vergunning, maar zitten we eigenlijk zonevreemd. Op de nieuwe locatie verruimen we onze oppervlakte tot 6.500 m², wat essentieel is voor onze groei. We zullen er meer ruimte hebben voor de werkplaats, voor stockage, voor onze kantoren én voor een showroom van ons verkoopaanbod. We hopen ook dat onze nieuwe site een aantrekkingspool wordt om enkele extra technische medewerkers in ons bedrijf te mogen verwelkomen”, besluit Lieven Vijverman.

• dompelpompen voor rioolwatertoepassingen,

(Door Bart Vancauwenberghe)

• AFEC (robuuste, prijsgunstige drainage-

• www.rentalpumps.be

dompelpompen);

voor vuilwater met grove delen; • baggerdompelpompen voor abrasieve vloei stoffen, zoals water met grote zandfracties; • pistonpompen voor grondwaterverlaging; • toebehoren zoals flexibels, afvoerbuizen, kleppen, afsluiters, watercontainers, debiet meters, verlengkabels, frequentieomvormers…

Verkoopassortiment Rental Pumps verdeelt de pompen van:

• Sulzer (gesofisticeerde lichtgewichtpompen, eventueel met ingebouwde Aquatronic-computer); • Hidrostal (schroefcentrifugaalpompen voor ruw rioolwater, slib en het verpompen van vezelachtige stoffen, zowel dompelpompen als droog opgesteld); • Toyo (Japanse baggerpompen voor het trans porteren van abrasieve vloeistoffen, zowel dompelpompen als droog opgesteld); • BBA Pumps (Nederlandse fabrikant van mobiele pompgroepen, zowel diesel als elektrisch aangedreven; produceert ook flexibels, leidingsystemen, snelkoppelingen...)

De specialisten van Rental Pumps treden op als een soort pompendokter.

RIORAMA 27


Voorbeeld van ‘geknepen’ afsluiters in drie persleidingen. (Foto’s: Oveducon)

Het Nederlandse adviesbureau en cursuscentrum Oveducon is gespecialiseerd in het geven van praktijkgerichte pomptechnische cursussen met naast ‘basis in pomptechniek’ en ‘pompberekening’ ook aanverwante onderwerpen als stromingsleer, leidingsystemen, analyse van pompstoringen en frequentieomvormers. De consultingactiviteiten omvatten onder meer probleemoplossing, offertebeoorde-

Gebrek aan pompkennis kost kapitalen Helaas functioneren ze zo vaak onzichtbaar: de grote diversiteit aan verdringer- en centrifugaalpompen die ons dagelijkse leven een stuk aangenamer maken. Of het nu gaat om de pomp van de centrale verwarming, de wasmachine, het bubbelbad, de pomp in het riool, van de waterzuiveringsinstallatie of van de zonnepanelen op het dak: de pompen staan ongemerkt hun werk te doen. We willen graag dat alles ‘gewoon’ blijft draaien. Mensen vertrouwen erop dat de vakman (of -vrouw) het weet. Laten we dat vertrouwen niet beschamen. In de praktijk komt het er echter op neer dat ook menig vakman onderschat wat erbij komt kijken om een goede pompinstallatie te realiseren. Daarnaast worden alle storingen, dingen die fout gaan en geld kosten, maar voor lief genomen.

ling, pomp- en leidingverliesberekening, clamp-on flowmeting en thermografie. In dit artikel deelt zaakvoerder Jos Overschie een aantal inzichten.

28

RIORAMA

Onzichtbaar wil niet zeggen ‘onbelangrijk’ of ‘te verwaarlozen’. We realiseren ons vaak pas hoe belangrijk iets is, als het defect raakt of zelfs herhaaldelijk niet doet wat we verwachten. Een pompinstallatie is net een puzzel: alle stukjes moeten precies in elkaar passen om er een vloeiend geheel van te maken; iets wat in evenwicht ís en niet lijkt, waardoor nog het evenwicht zoek is. Het gebrek aan pompkennis is iemand niet altijd aan te rekenen, aangezien het vergaren daarvan nogal versnipperd gebeurt. Resultaat is echter wel dat blijkt dat meer dan 70% van alle pompen niet in het gewenste werkgebied staat te draaien (onderzoek in Duitsland, maar het resultaat is vast en zeker representatief voor België). Vaak wordt een grotere pomp gekozen om er zeker van te zijn dat

het allemaal goed zal werken. Dit geeft een zeer nadelig effect op de energiebehoefte en onderhoudskosten van deze pompen. Om dit op te vangen, wordt vaak een ‘inregelklep’ of ‘smoorplaat’ (orifice) toegepast, maar ook dan gaat er soms wel 20% van de opgenomen energie verloren. Een pomp die niet in zijn A.O.R. (Allowable Operating Range) draait, is vatbaar voor schades met alle gevolgen van dien.

Cavitatie: een niet te onderschatten probleem In veel pomptechnische installaties is de schade veroorzaakt door cavitatie onnodig groot. De verantwoordelijke technisch medewerkers ervaren de symptomen niet als schokkend, wat te wijten is aan


dossier

een gebrek aan vakkennis. Als medewerkers eenmaal zelf ervaren hebben door horen en/of zien wat cavitatie teweegbrengt, is de schrik groot en dringt het besef door dat cavitatie een niet te onderschatten probleem is. De schokgolven die door de implosie van een cavitatiebel ontstaan, liggen tussen de duizend en tienduizend bar! Asafdichtingen zijn hier niet tegen bestand en zelfs pompassen van > 5 cm dikte breken nadat ze honderd minuten aan cavitatie zijn blootgesteld! De schade beperkt zich dus niet alleen tot de waaier en het pomphuis. Aan de andere kant worden veel schadegevallen onterecht toegeschreven aan cavitatie. Als technisch medewerkers de schadeoorzaak niet kunnen achterhalen, wordt vaak te snel de oorzaak gezocht in cavitatie. Ook in Mozambique en Bangladesh waar ik mocht werken, is cavitatie het toverwoord. In Bangladesh hadden veel bronpompen een levensduur van minder dan een jaar, wat toegeschreven werd aan cavitatie. Na onderzoek bleek echter vortexvorming en lekkage in de onderwaterverbindingen van de kabel de oorzaak te zijn van meer dan 95% van alle problemen.

Cavitatieschade aan het einde van de schoepen.

"In een vorige functie heb ik aan ruim 200 mensen die de hele dag niets anders doen dan pompinstallaties samenstellen en berekenen, een korte uitleg gegeven over NPSH-berekening. Tot mijn grote schrik waren er slechts twee mensen uit die groep die deze berekening dagelijks in de praktijk toepasten." - Jos Overschie, Oveducon

De juiste berekeningen Veel mankementen zijn te voorkomen door de juiste berekeningen uit te voeren. Het selecteren van de juiste pomp kan niet zonder een NPSH-berekening (Net Positive Suction Head). Door deze berekening uit te voeren, is in veel gevallen vooraf al te bepalen of een pomp gaat caviteren of niet. In een vorige functie heb ik aan ruim 200 mensen die de hele dag niets anders doen dan pompinstallaties samenstellen en berekenen, een korte uitleg gegeven over NPSH-berekening. Tot mijn grote schrik waren er slechts twee mensen uit die groep die deze berekening dagelijks in de praktijk toepasten. Dit is slechts één procent! Het succes van de installatie wordt bepaald door het samenspel van de juiste pompselectie, het leidingsysteem en facetten van de stromingsleer. Dit kan eventueel aangevuld worden met een frequentieomvormer, als dit een meerwaarde heeft op het

Cavitatieschade kan ook ontstaan door verstopping van de waaier.

proces en daardoor een energiebesparing tot wel 30-35% in de praktijk gerealiseerd kan worden. Een pompinstallatie die eerst duidelijk zichtbaar op papier aan alle kanten bekeken en berekend is door een medewerker die zich ontwikkeld heeft in alle facetten van de pomptechniek, zal daarna onzichtbaar op volle kracht zijn werk kunnen doen en als het goed is, blijven doen. (Door Jos Overschie)

• www.oveducon.nl

Schadebeeld bij een waaier. (Foto’s: Oveducon)

RIORAMA 29


aan dat hun aannemer oplossingen voorstelt die zowel op technisch, kwaliteits- als veiligheidsvlak aan de strengste eisen voldoen.”

Smet Group realiseert leidingentunnel in Kopenhagen Een tunnel aanleggen die binnenkort een cruciale rol zal spelen in de warmtevoorziening voor de stad Kopenhagen: dat was het project waarvoor Smet Group enkele jaren geleden inschreef op een Europese aanbesteding. Met succes: het bedrijf uit Dessel sloeg hiervoor de handen in elkaar met een Deense aannemer en haalde de opdracht binnen. Begin februari dit jaar zaten de werkzaamheden voor de Belgische aannemer erop. De onderneming bewees haar flexibiliteit door op een gevatte manier in te spelen op een stevige uitdaging.

De opdrachtgever voor dit project was Hofor. De Deense energie- en waterleverancier, die ook in Kopenhagen verantwoordelijk is voor de warmtevoorziening van de bevolking, wilde een tunnel aanleggen waar naast warmteleidingen ook leidingen voor andere nutsvoorzieningen in kunnen worden geïntegreerd. Smet Group engageerde zich voor dit project, na eerder al een goede ervaring te hebben opgedaan in dit Scandinavische land. In 2012 had het bedrijf namelijk al een tunnel aangelegd (inwendige diameter 2,5 meter, met een lengte van 1.100 meter) onder de stad Helsinge, waarbij men een ondergrondse buffer creëerde met een volume van 6.000 m³. Hierdoor diende er bij de rioolwaterzuiveringsinstallatie van Helsinge geen apart bufferbekken te worden voorzien. “Met het project in Kopenhagen kunnen we onze positie op de Deense markt bestendigen”, legt area manager Wouter Roels uit. Hij was intensief betrokken bij het voortraject, de voorbereiding en de continue opvolging van deze realisatie. “In Denemarken hechten bouwheren er erg veel belang

30

RIORAMA

Methode Smet Group paste ook in Kopenhagen de techniek van microtunnelling met een ‘gesloten front boorsysteem’ toe. Dit laat doorpersingen toe in zowel ontoegankelijke als toegankelijke diameters (variërend van 400 mm tot 3.500 mm inwendig) en is heel geschikt voor ondergrondse kruisingen van rivieren, wegen, natuurgebieden en overige infrastructuur. “Vanuit een vertrekschacht worden boorbuizen uit gewapend beton, staal, keramisch materiaal of glasvezelversterkte kunststof (GVK) één na één doorgeperst. Dit laatste gebeurt door middel van hydraulische persvijzels, waarbij een gelijktijdige ontgraving van de grond aan het boorfront door het boorschild plaatsvindt. Het systeem is stuurbaar en kan onder het grondwaterniveau worden aangewend.” De techniek is inzetbaar onder gevarieerde geologische omstandigheden, bij zowel zand-, klei-, leem- als veengrond. Mits gebruik van een aangepast boorrad, kan buisdoorpersing ook in zandsteen, mergel en rotsgrond toegepast worden. De techniek wordt onder meer ingezet bij de bouw van afvalwatercollectoren, rioleringen, waterleidingen, kabels- en/of leidingenkokers, ecotunnels, voetganger- en fietstunnels, drainages, buizendaken, aanlandingen van off-shore leidingen, enz. “We mogen gerust stellen dat buisdoorpersing een snelle, betrouwbare, veilige, efficiënte, precieze, waterdichte, multi-inzetbare en flexibele horizontale boortechniek is”, vindt Wouter Roels. Uitdagingen Het project in Kopenhagen stelde de Belgische aannemer voor enkele stevige uitdagingen. De tunnel werd geboord op 25 meter diepte. “De grondsamenstelling was niet zo evident. De combinatie van vrij zachte kalksteen met zeer harde, abrasieve vuursteenlagen stelde hoge eisen aan ons boorrad. Bovendien dienden we rekening te houden met een waterdruk van 2,5 bar.” De tunnel werd geboord op 25 meter diepte. Om de opleveringsdatum te halen, werd tijdens de kerstvakantie dag en nacht doorgewerkt.


project

In de zomer van 2014 startten de voorbereidende werken. De Deense partner-aannemer van Smet Group, die de supervisie van het hele project behartigt, maakte de werfzone klaar. In de tweede week van april 2015 kon het bedrijf met het eigenlijke boorproces beginnen. “Bij dergelijke projecten hebben we circa drie weken nodig om alle benodigde materialen te installeren. Vervolgens wordt het boorrad in de put gehesen. In dit geval ging het om een boorrad van 100 ton met een uitwendige diameter van 3,6 meter. Naar goede gewoonte wordt het boorschild bij projecten van deze omvang gedoopt. Bouwheer Hofor gaf het schild de naam Gertrude.” Scheur “Tot half mei verliep het boorproces helemaal naar wens”, vervolgt Wouter Roels. “Toen we circa 60 meter ver waren, bleek één van de doorpersbuizen te zijn gescheurd. Dit zorgde voor water in de buis, waardoor er niets anders opzat dan de werken tijdelijk te staken.” Enkele experts kwamen naar de site om de oorzaak van de scheur te achterhalen. Na analyse van allerlei data, bleken stenen in de oversnijding (dit is de marge van 2 cm in het boorgat die noodzakelijk is om wrijvingen te vermijden als de buis door het boorgat wordt geperst, red.) de scheur te hebben veroorzaakt. “Aangezien het onmogelijk was deze buis verder te gebruiken, stelden we na overleg met de bouwheer en de verzekeringsmaatschappij voor om de hele constructie achteruit te trekken en de slechte buizen eruit te halen.” Zo’n terugtrekoperatie is een enorme klus. De mensen bij Smet Group hadden wel al ervaring met zoiets, maar niet voor buizen van een dergelijke diameter. “Daarom hebben we een nieuw systeem ontworpen met trekstangen, waardoor het mogelijk is om de hele streng er via het boorschild uit te trekken.” Injectieplan Na 12 meter achteruit trekken, lag de gescheurde buis in de boorput. “Intussen hadden we een injectieplan uitgedokterd dat toeliet om via een van de buizen zo veel mogelijk ingesloten stenen uit de tunnel te halen, rekening houdend met de waterdruk. Vervolgens werd die buis weer gebetonneerd voor een waterdichte afsluiting, zodat we deze leidingen met stenen ook uit de tunnel konden trekken.”

“In Denemarken hechten bouwheren er erg veel belang aan dat hun aannemer oplossingen voorstelt die zowel op technisch, kwaliteits- als veiligheidsvlak aan de strengste eisen voldoen.” – Wouter Roels, area manager Smet Group

Daarna dienden de teams het treksysteem weer uit te bouwen en alles opnieuw te installeren voor het heropstarten van de perscyclus. “Dit voorval, waarvoor wij niet de verantwoordelijkheid dragen, zorgde uiteindelijk voor een oponthoud van zes maanden. In december konden we opnieuw starten met de buisdoorpersing. Om de opleveringsdatum (begin februari dit jaar) te halen, hebben we gedurende de volledige kerstvakantie dag en nacht doorgewerkt, met twee teams die iedere weekdag elk 12 uur aan de slag waren.”

Hiermee zit het werk er voor de mensen van Smet Group op. “De twee schachten van waaruit we gestart zijn, worden door onze Deense partner nu in beton afgewerkt, waarna de bouwheer gedurende een drietal maanden de tijd heeft om alle leidingen in de tunnel te voorzien. Daarna wordt alles nog waterdicht gemaakt. Tegen eind september moet de tunnel helemaal klaar zijn.” (Door Bart Vancauwenberghe)

• www.smetboring.be

Het vergt circa drie weken om alle benodigde materialen te installeren.

RIORAMA

31


Via gerichte (camera)inspecties wordt de theoretische info aangevuld met reële observaties, om de risico’s beter te kunnen inschatten.

het juiste moment en op de juiste plaats worden ingezet. Het assetmanagementplan van Aquafin omvat vier stappen:

Investeren in uitbouw én onderhoud Meer dan 5.500 kilometer leidingen heeft Aquafin nu al in beheer voor het Vlaamse Gewest. Gezien de ouderdom van een groot deel van de infrastructuur, stijgt het budget voor vervangingen en renovaties jaar na jaar. Steden en gemeenten doen er goed aan om hun rioleringsinfrastructuur ook preventief te inspecteren en waar nodig in te grijpen. Dat vermijdt onverwachte breuken of instortingen waarvan de economische en maatschappelijke impact vele malen groter is.

In de veronderstelling dat een riolering 75 jaar meegaat, is volgens berekeningen van de Vlaamse Milieumaatschappij jaarlijks een bedrag gelijk aan 1 à 2% van de totale waarde van het stelsel nodig voor onderhoud en renovatie. Op gemeentelijk niveau wordt jaarlijks slechts een kwart daarvan effectief geïnvesteerd in het onderhoud van rioleringsstelsels. Voor de volgende generaties dreigt dan ook een groot probleem. Want hoe betrouwbaar zijn oude riolen die niet of nauwelijks onderhouden worden? Voor gemeenten is het als dansen op een slappe koord: de financiële druk is erg hoog en er moet ook nog geïnvesteerd worden in de uitbouw van het stelsel om te voldoen aan de Kaderrichtlijn Water. Bij het zoeken naar een evenwicht en een maximaal rendement van het te besteden budget, houden ze het best rekening met de gevolgschade van een eventueel incident. Niet elke rioolbreuk heeft grote gevolgen, maar de meest kritische knelpunten hou je maar beter in de gaten. Bij falen kosten ze al gauw het tienvoudige van een preventieve ingreep. Een strategie om het rioleringsstelsel op een kostenefficiënte manier in goede staat te houden, kan de gemeente op termijn dan ook heel veel geld besparen.

32

RIORAMA

Goed beheer vraagt een plan De ervaring die Aquafin heeft met het beheer van de gewestelijke zuiveringsinfrastructuur, heeft het bedrijf verwerkt in een plan van aanpak voor assetmanagement dat werkt op lokaal niveau. Het uitgangspunt is dat de beschikbare middelen op

1. Inspectie- en ruimingsprogramma In eerste instantie verzamelt Aquafin alle informatie over het stelsel: gegevens uit de riooldatabank, omgevingsfactoren (ziekenhuizen, scholen…), mobiliteit, de eventuele faalhistoriek, locaties die kampen met wateroverlast, welke werken al werden uitgevoerd of nog gepland zijn… Met de gemeente stemt Aquafin vervolgens af waar de grootste bezorgdheden liggen. Alle voorgaande informatie is belangrijk om de impact van het falen van de infrastructuur te bepalen, ongeacht de waarschijnlijkheid dat het ook effectief gebeurt. Deze inschatting resulteert op het einde van de eerste stap in een programma voor inspectie en ruiming. 2. Uitvoeren inspectieprogramma In de volgende stap gaat Aquafin het terrein op. Door middel van camera-inspecties wordt informatie verzameld over de toestand van het stelsel. Nu zowel de theoretische als de reële informatie beschikbaar is, worden de risico’s berekend door de impact van een incident te koppelen aan de kans dat het zich voordoet. Deze informatie wordt verder aangevuld in de riooldatabank en het inspectie- en ruimingsprogramma wordt bijgestuurd. 3. Maatregelenprogramma Voor de knelpunten die werden vastgesteld tijdens de inspecties, stelt Aquafin aan de gemeente oplossingen voor. Dat kan gaan van eenvoudige ruimingen of het frezen van boomwortels tot meer ingrijpende vervangingen en renovaties. Uiteraard worden de projectvoorstellen geprioriteerd in functie van het risicoprofiel en de beschikbare middelen van de gemeente.

Op basis van de risico’s stelt Aquafin een maatregelenprogramma op, gaande van eenvoudige ruimingen tot ingrijpende vervangingen en investeringen.


reportage

4. Uitvoeren maatregelenprogramma In de laatste stap van het assetmanagementplan voert Aquafin de voorgestelde maatregelen ook uit: volledig portfoliobeheer, planning van de werken en een vlekkeloze uitvoering. Bovenstaande stappen zijn inherent aan een degelijk en realistisch assetmanagement. Het gros van de risico’s worden met dit plan afgedekt. Toch blijven incidenten mogelijk wanneer het bijvoorbeeld budgettair niet haalbaar was om bepaalde knelpunten op te lossen. Een gemeente die het beheer van haar assets toevertrouwt aan Aquafin, kan daarom ook voor noodinterventies een beroep doen op het bedrijf. In dat geval wordt onmiddellijk ingegrepen om de toestand te stabiliseren en de veiligheid te garanderen of tijdelijke herstellingen worden uitgevoerd. Doordat Aquafin werkt met raamcontracten voor bijvoorbeeld signalisatie, het huren van pompen, bouwkundige herstellingen, camerainspecties en ruimingen, kan het erg kort op de bal spelen. Ook heeft Aquafin in elk geval een draaiboek klaarliggen voor noodinterventies, maar zelfs een noodscenario specifiek voor de meest kritische leidingen in een bepaalde gemeente is mogelijk.

“Weg kon op korte tijd weer open”

• www.aquafin.be

alles aan gedaan om de kosten van de herstelling zo laag mogelijk te houden.”

De stad Hamont-Achel heeft via rioolbeheerder Riopact al enkele jaren ervaring met de methodiek van Aquafin. Zo werden de strategische kritische punten van het rioolstelsel in kaart gebracht en werd een inspectieen maatregelenprogramma opgesteld. Helaas kan niet alles tegelijkertijd aangepakt worden, waardoor Hamont-Achel vorig jaar ook kennismaakte met het actieplan voor noodinterventies. Peter Habraken, bij de stad verantwoordelijk voor de uitbestede openbare werken, doet het relaas. “Net voor een weekend stelden we een kleine verzakking vast in het fietspad ter hoogte van een rioleringsput in de Bosstraat. Enkele dagen later was die put plots wel 30 centimeter onder het betonnen fietspad verder weggezakt. ’s Anderendaags al liet Aquafin een camera-inspectie uitvoeren en bespraken we de resultaten. Voor de veiligheid besloten we dezelfde dag om de weg volledig af te sluiten voor alle verkeer. Een aannemer die een raamcontract heeft met Aquafin begon meteen met de herstelling. In de volgende dagen werd de exacte omvang van het probleem pas echt duidelijk. Er bleken diverse problemen met de riolering te zijn onder het volledige kruispunt. En laat dit nu net een kruispunt zijn op een belangrijke verbindingsas, met veel industrie errond! Dankzij de contacten van Aquafin kon er echter heel snel gestart worden met de herstelling. Op die manier konden wij ons concentreren op de communicatie met de bewoners en zorgen voor een omleiding van het verkeer. Uiteindelijk moesten er maar liefst acht rioleringsputten met bijbehorende verbindingsbuizen vervangen worden. Door de complexe situatie in de ondergrond kozen we er in overleg met Aquafin voor om zo weinig mogelijk nutsleidingen te verplaatsen en de rioleringsputten op andere posities te plaatsen. Hierdoor spaarden we tijd en geld uit. Dankzij een goede opvolging door alle partijen konden wij de weg opnieuw openstellen voor het verkeer na nauwelijks twee maanden, wat erg snel is voor werken van deze omvang. Dit was voor ons een belangrijk punt, omdat een omleiding enkel mogelijk was via smalle buurtwegen waar we tijdelijk eenrichtingsverkeer moesten instellen. Verder heeft Aquafin er ook

ISO 55001 bevestigt effectiviteit In april 2015 ontving Aquafin als eerste bedrijf in België het ISO 55001-certificaat voor de manier waarop het zijn assets beheert doorheen de volledige levenscyclus. Het certificaat bevestigt dat het doorgedreven risicobeheer rekening houdt met de verwachtingen van alle stakeholders om de performantie en de betrouwbaarheid van de infrastructuur te garanderen binnen het beschikbare budget. Voor de klanten is deze certificering een garantie dat hun assets bij Aquafin in goede handen zijn.

RIORAMA

33


Afbeelding 1: Te monitoren stalen, opgehangen net boven de waterlijn.

Proefprojecten zwavelbeton: stand van zaken In vorige edities van dit blad (Riorama 2, p. 22-23 en Riorama 8, p. 20-211) kon u al kennismaken met de eigenschappen van zwavelbeton als innovatief bouwmateriaal. Rioleringsproducten uit zwavelbeton combineren de monoliete robuustheid en het plaatsingsgemak van betonnen elementen met de zuurbestendigheid van gres. Na deel 1 ‘geprefabriceerde toegangs- en verbindingsputten van ongewapend zwavelbeton’ wordt momenteel het 2e deel van PTV 823 ‘buizen en hulpstukken van ongewapend zwavelbeton’ behandeld in de adviesraad bij Copro vzw.

Vijf proefopstellingen bestaande uit toegansputten en buizen In het verleden werd zwavelbeton uitvoerig getest, onder meer zijn weerstand tegen zwavelzuuraantasting. Schijven in zwavelbeton werden onderworpen aan versnelde aantastingsproeven in het Gentse Labo Magnel, gespecialiseerd in betononderzoek, onder leiding van Prof. Dr. ir. Nele De Belie: “Het zwavelbeton heeft een zeer dichte structuur en zuren krijgen nauwelijks vat op het materiaal. Door de complexiteit van het proces van biogene zwavelzuuraantasting (N.V.D.R. zie kaderstuk) is het zeer belangrijk om de experimenten in het laboratorium te valideren via proefprojecten in situ.” Daarom zocht Aquafin locaties uit, meestal in de buurt van een persleiding, gekenmerkt door hoge biogene zwavelzuuraantasting. De vijf proefprojecten werden in juni en september van vorig jaar geplaatst in Diest, Lanaken, Blankenberge, Ardooie en in Gellik. Om de evolutie en het gedrag van het materiaal te kunnen vergelijken en in kaart te brengen, werden een aantal stalen samen met een H2S-datalogger opgehangen net boven de waterlijn in de respectievelijke toezichtputten. Het te monitoren materiaal bestaat uit: • een kubus in zelfverdichtend beton van 150x150x150 mm (CEM I 52.5 R HSR LA water/ cement-factor 0.41); • een zwavelbetonnen kubus van 150x150x150 mm; • een zwavelbetonnen schijf Ø210 mm x H 70 mm. Er werd een RVS-frame in de gietijzeren putrand geplaatst waaraan de stalen werden opgehangen (Afbeelding 1).

34

RIORAMA

Een week voor de installatie van de proefopstelling werden in Labo Magnel 0-metingen op de stalen uitgevoerd. Deze bestaan uit een oppervlakteruwheidmeting op de TAP-schijven2, een massaweging en ultrasoon onderzoek op de kubussen. Om de drie maanden worden de blootgestelde kubussen gewogen, de pH-waarde van de condensatievloeistof bepaald en visuele wijzigingen nagegaan en op foto vastgelegd. Op het einde van de rit, in december 2016, zullen de opgehangen stalen beproefd en vergeleken worden met de resultaten van identieke stalen bewaard in labo-omstandigheden en de 0-metingen. Het resultaat van het onderzoek bestaat uit een vergelijking van: • de pH-evolutie met de H2S-meetwaarden; • de evolutie in massa van de kubussen; • de ultrasone meetwaarden met de kubusdruksterkten; • de evolutie van de oppervlakteruwheid op de TAP- schijven; • het visuele onderzoek.

Afbeelding 2: ZVB-kubus voor weging.

Eerste resultaten Tijdens de laatste monitoring in december van afgelopen jaar werden al een aantal spectaculaire evoluties vastgesteld. De pH-waarden gemeten op de condensatievloeistof van de zwavelbetonkubussen lagen tussen 0 en 2, wat hoge zwavelzuurconcentraties zijn. Deze lage pH-waarden wijzen duidelijk op het uitblijven van een neutralisatiereactie. Het zwavelbeton wordt met andere woorden niet aangetast. Dat er zich geen uiterlijke wijzigingen voordoen, op enkele roestvlekken afkomstig van het deksel na, bevestigt nogmaals de zuurbestendigheid van het materiaal. Bij de betonnen referentiekubussen echter werden pH-waarden in de condensatievloeistof gemeten tussen 6 en 9,5. Eén staal gaf zelfs een extreme waarde pH ≤ 2 weer. Als je weet dat de normale pH van dit beton 12,5 à 13 is, dan wijst dit duidelijk op een chemische reactie. De kubus met pH ≤ 2 vertoonde al na zes maanden blootstelling massaverlies en gipsvorming (Afbeeldingen 2 en 3). De andere kubussen vertonen duidelijke wijzigingen in uitzicht. (Door Guy Doumen, R&D riolering, Beton De Bonte NV)

• www.thiotube.com (1) U kunt deze artikels lezen op www.riorama.be > reeds verschenen. (2) TAP staat voor toestel voor versnelde aantastingsproeven.

Afbeelding 3: ZVB-kubus na weging.


onderzoek

“Het zwavelbeton heeft een zeer dichte structuur en zuren krijgen nauwelijks vat op het materiaal. Door de complexiteit van het proces van biogene zwavelzuuraantasting is het zeer belangrijk om de experimenten in het laboratorium te valideren via proefprojecten in situ.” – Prof. Dr. ir. Nele De Belie

Biogene zwavelzuuraantasting in de praktijk

Ondanks de Vlarem-wetgeving, die een lozingsnorm oplegt met als ondergrens pH ≥ 6, worden we de laatste decennia geconfronteerd met zuuraantasting aan betonnen afvalwaterleidingen. Dit is niet het gevolg van het niet respecteren van de lozingsnorm, maar wordt veroorzaakt door bacteriën die de pH spectaculair doen dalen. Dit heeft niet alleen zware gevolgen voor de duurzaamheid van het materiaal op zich, maar daarbovenop vormt dit een risico op bodemverontreiniging met een financiële kater tot gevolg. Een van de meest agressieve schademechanismen in cementbeton is biogene zwavelzuuraantasting. Al in 1945 onderzocht Parker deze aantasting in beton door bacteriën beter bekend onder de naam Acidothiobacillus. Als een afvalwaterstroom anaeroob is (geen zuurstof aanwezig), reduceren bepaalde bacteriën, waaronder de Desulfovibrio, vanuit een slijmlaag of een afzetting op de bodem van de buis, zwavelhoudende organische stoffen1 tot sulfiden. Hoe lager de pH van het afvalwater, hoe groter het deel van de sulfide dat beschikbaar is als H2S. Bij turbulentie komen deze sulfiden in grote hoeveelheden vrij.

De invloed van bacteriën De uit het afvalwater vrijgekomen H2S reageert met het vocht in de kruin van de buis om een verdund zuur te vormen. Een groot deel wordt met behulp van de aanwezige zuurstof chemisch geoxideerd tot elementair biozwavel. Deze krijtwitte neerslag in de schachtopbouw of aan de binnenzijde van het gietijzeren deksel (Afbeelding 4) is makkelijk herkenbaar en is een duidelijke maat voor de aanwezige H2S en H2SO4. De verdunde zuren verlagen de pH van het betonoppervlak van het normale niveau van ±12,5 naar ongeveer pH 7. In deze micro-omgeving wordt de biozwavel omgezet in H2SO4 (zwavelzuur), vooral door de bacterie Acidithiobacillus Thioxidans2, die slechts bij een pH van 7 of lager kan gedijen. In de kruin van de buis ontstaan snottieten die bestaan uit een slijmachtige biofilm in de vorm van stalactieten (Afbeelding 5). De pH van deze snottieten ligt tussen 0 en 2,5. De opeenvolgende generaties van bacteriën blijven zuur produceren en de pH verlagen tot ongeveer 0,5. De H2SO4 zal in eerste instantie de vrije kalk Ca(OH)2 (calciumhydroxide) in de poriën van de cementsteen oplossen. Hierdoor neemt de permeabiliteit in de cementsteen toe, waardoor het zwavelzuur nog sneller indringt. Eenmaal de vrije kalk is opgesoupeerd, wordt de cementsteen zelf aangetast. Aan het oppervlak ontstaat gips3 in de

Afbeelding 4: Zwavelneerslag op nodulair gietijzeren deksel, zes maanden na plaatsing.

vorm van een korst, die een bufferende werking heeft voor verdere aantasting, totdat deze instort of afbrokkelt en het proces zich weer voortzet (Afbeelding 6). Omdat het zwavelzuur wordt afgevoerd zodra het in de waterstroom terechtkomt4, zal de aantasting optreden in de kruin van de buis en net boven de waterlijn (Afbeelding 7). Biozwavel, een natuurlijke vorm van elementaire zwavel, is in tegenstelling tot elementair zwavel, dat hydrofoob en helder geel is, hydrofiel en zeer poreus van structuur. Vandaar de witte kleur (Afbeelding 8).

Afbeelding 7: Sectie van de buis, op 75 m van de uitloop van de persleiding, na 20 jaar dienst.

(1) Zwavelhoudende organische stoffen zijn SO4-2 (sulfaat) SO3-2 (sulfiet) S2O3-2 (thiosulfaat) en S0 (elementair zwavel). (2) Andere meewerkende oxiderende bacteriën zijn Thiobacillus Tioparus, T. Novellus, T. Neapolitanus en T. Intermedius. (3) Indien geen HSR-cement gebruikt zou zijn, zou vooral ettringietvorming van belang zijn. (4) Zwavelzuur wordt ook enkel gevormd boven de waterlijn, waar er aerobe condities zijn voor de Thiobacili.

Afbeelding 5: Snottieten.

Afbeelding 6: Gedeeltelijk losgekomen gipskorst.

Afbeelding 8: Afzetting van witte biozwavel op beton.

RIORAMA

35


Riool als spiegel van de stad Tal van aanwijzingen over onze gezondheid zijn te vinden in onze urine en uitwerpselen. Als we in het riool meten, kan dat dus een schat aan informatie opleveren. Het Waterschap Aa en Maas overweegt die data niet langer onbenut te laten. Ze zouden helpen juiste beslissingen te nemen inzake gezondheid van de bevolking, en ze zouden helpen bij bestrijding van drugscriminaliteit. Wie weet leidt het zelfs naar een nieuw product: het iToilet. Big data in riolenland...? Ze zijn op komst. Ferdinand Kiestra is Innovator bij Waterschap Aa en Maas, in Nederland. Hij legt uit dat riolen er van oudsher zijn gekomen om ziektes te voorkomen. De voorbije decennia is die functie steeds verder geoptimaliseerd. “Nu is het tijd voor een volgende grote stap: het bevórderen van onze gezondheid”, stelt hij. “Ons afvalwater bevat namelijk een schat aan informatie die we daarvoor kunnen inzetten. De big data van ons rioolstelsel zijn een uitstekende indicator voor opkomende epidemieën, van onze voedingsgewoonten, van ziekten...” Van big data tot iToilet De exponentieel snelle ontwikkelingen in sensoren stemmen zeer hoopvol, mijmert Kiestra. Je kan meten op pathogenen en virussen. Zo ga je na of er een epidemie aankomt. De uitdijing ervan kan dan geremd worden, bijvoorbeeld door te beslissen welke wijk moet worden afgesloten.

36

RIORAMA

Het concept zou ook helpen op te sporen welke drugs de bevolking gebruikt, en hoeveel. “Het helpt eveneens bij de opsporing van wie ze produceert. Bij de productie ontstaan afvalproducten, als die worden geloosd, zullen we dat zien in het rioolwater”, voegt Kiestra eraan toe. Er kan zo ook snel gemeten worden of er in een korte tijd veranderingen zijn, bijvoorbeeld na een inval van de politie bij productielocaties of inbeslaglegging door de douane. Dan zie je bijvoorbeeld: daalt daarna het gebruik? Voorts is na te gaan welke voedingsstoffen worden geconsumeerd. In het rioolwater is bijvoorbeeld het gehalte vezels na te gaan, het gehalte ijzer, calcium, enz. Dat geeft informatie over eventuele voedingsdeficiënties in bepaalde wijken. Tevens zou het systeem geneesmiddelen opsporen. Dat helpt vragen beantwoorden als: welke ziekten heersen er? Zijn die voedingsgerelateerd? Zijn de

niveaus zorgwekkend? Of nog: is aanvullende actie in het waterzuiveringsstation noodzakelijk om een teveel aan restanten van geneesmiddelen in het water te voorkomen? Kiestra wijst ook op stressgerelateerde stoffen. “Als je stress ervaart, maak je cortisol aan”, legt hij uit. “En dat scheid je af in de urine. Het is er meetbaar. De stof is dus terug te vinden in het water, na bezoek aan het toilet. Onder meer onderzoeksinstituut KWR is bezig dit te analyseren. Met die data zijn dan bijvoorbeeld vragen te beantwoorden als: bij welke toiletgroepen in het kantoor zijn de stressniveaus het hoogst? Gaat de stress in stijgende lijn? En wat zegt dat over de duurzame inzetbaarheid van deze medewerkers? Dat is gerelateerd aan zorgkosten, arbeidsproductiviteit...” Bij toiletbezoek komen tevens signaalstoffen van kanker vrij. Misschien is er vroegtijdig maag- en darmkanker mee op te sporen. “Ons droomscenario is het iToilet”, verrast Kiestra. “Met relatief eenvoudige metingen creëer je dan je eigen iToilet voor gezondheidsadvies op maat. Die ‘message from the Dark Side’ is dan zo in een app uit te lezen. Het systeem kan bewoners voedingsadvies geven, melden dat het stressniveau te hoog is, waarschuwen voor burn-out, enz.”


techniek

“Als de metingen de bevolking gezonder maken, zodat het medicijngebruik met 10% daalt, dan wordt elk jaar een bedrag bespaard dat acht keer hoger is dan de jaarlijkse kosten van het totale rioleringsbeheer.” – Ferdinand Kiestra, Innovator bij Waterschap Aa en Maas

Twijfelaars Zo’n systeem zal toch heel duur worden, zullen twijfelaars tegenwerpen. Maar Kiestra wijst erop dat in Nederland, volgens officiële cijfers, de jaarlijkse uitgave aan geneesmiddelen via de apotheek 95 miljard euro bedraagt. Als de metingen de bevolking gezonder maken, zodat het medicijngebruik met 10% daalt, dan bespaart het systeem elk jaar een bedrag van 9,5 miljard euro. “Dat is 8 keer meer dan de jaarlijkse kosten van het totale rioleringsbeheer in Nederland”, stelt Kiestra vast. Er blijken bij de voorbereidingen ook opmerkelijke vragen aan de oppervlakte te komen: “Bij onze voorbereidende gesprekken botsen we op ethische vraagstukken. Mag je eigenlijk wel iets zeggen over het stressniveau van de afdeling? Wat met de privacy? Wat als in een wijk meer dan gemiddeld druggebruik blijkt: dalen de huizenprijzen dan?” Contacten leggen Het waterschap legt intussen contact met actoren die een rol kunnen spelen in zo’n project. Kiestra: “We hebben gesprekken met partijen omtrent hoe haalbaar en realistisch het is. Zo spreken we met mensen van onderzoeksinstituut KWR. We spreken ook met gemeentelijke overheden en met leveranciers van meetapparatuur.” Kiestra denkt in de eerste plaats aan een systeem waarbij sensoren in riolen in realtime data vergaren. Zo wordt de uitvoerige bemonsterinslogistiek onnodig. De big data die de sensoren vergaarden, zouden dan online te consulteren zijn, bijvoorbeeld via laptop, tablet of gsm. “We bekijken ook op welke schaal we het uit willen rollen, en welke focus we willen leggen. Op maat van individuele personen? Huishoudens? Ziekenhuizen? Kantoorgebouwen? Afdelingen? Wijken? Steden? De data kunnen we dan vergelijken over regio’s, of het hele land.” Intussen heeft het waterschap al een potentiële projecttitel in gedachten: ‘brown data’, dat big data gelieerd aan riolen aanduidt. Hoe dan ook: riolen zullen niet ontsnappen aan nieuwe technologiën, zoveel is duidelijk.

Brown data vandaag De mogelijkheden benutten van big data is een sterke trend. Enkele concrete, prille verwezenlijkingen in riolen geven een eerste beeld van het potentieel. • De Universiteit van Wisconsin, USA, boog zich samen met een laboratorium in Massachusetts over uitwerpselen. Hun onderzoekers hebben meer dan 200 stalen rioolwater onderzocht op menselijke fecale bacteriën. Ze stelden vast dat je op basis van die gegevens vrij nauwkeurig kan inschatten hoeveel inwoners obees zijn. De schattingen zijn tot 89 procent accuraat. De vorsers voegen eraan toe dat uitwerpselen veel te vertellen hebben over eetpatroon, druggebruik en schadelijke bacteriën in het lichaam. • In het Europese project SEWPROF (oktober 2012-september 2016) werken 11 Europese instellingen samen. Deelnemers komen uit België, Nederland, Spanje, Italië, Noorwegen, Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. Onder meer zoeken de projectpartners er, in riolen, naar drugs als cocaïne, xtc, methamfetamine en cannabis. Ze gaan eveneens na in hoeverre het mogelijk is via rioolwater te bepalen hoeveel alcohol, nicotine of caffeïne de bevolking gebruikt. Ze bekijken nog andere, mineure componenten, zoals metabolieten van nieuwe synthetische drugs die nog niet illegaal zijn verklaard. Tevens zal SEWPROF nagaan of zo virussen zijn op te sporen en signaalstoffen van kankers. En ze zoeken naar medicijnen zoals Rilatine of morfine. • Viagra kun je officieel alleen op voorschrift van een arts krijgen. Maar online worden erectiemiddelen illegaal verkocht. In Nederland zocht onderzoeksinstituut KWR, samen met andere expertorganisaties en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) hoe erg het probleem is. Daartoe monitorden ze begin 2013 het rioolwater in drie steden: Amsterdam, Eindhoven en Utrecht. Ze stelden vast dat meer dan 60% van het verbruik niet kon worden verklaard door legale consumptie. Uit de resultaten blijkt volgens de onderzoekers de noodzaak actiever na te gaan hoe het zit met websites die medicijnen verkopen. • Uit analyses van rioolwater, door KWR, blijkt dat Antwerpen en Amsterdam het hoogste cocaïnegebruik per inwoner hebben. Ook blijken België en Nederland de grootste verbruikers van xtc. Op basis van de onderzoeksresultaten kon eveneens berekend worden dat het totale cocaïnegebruik in Europa 355 kilo per dag is. Dat komt overeen met 10 tot 15 procent van het wereldwijde gebruik van cocaïne.

De exponentieel snelle ontwikkelingen in sensoren maken een bigdataproject op rioolwater mogelijk. (Afbeelding: Waterschap Aa en Maas)

(Door Koen Vandepopuliere)

RIORAMA

37


PROJECT FEDERATIES JURIDISCH

Een bedrijf overschrijdt de lozingsnormen: welke elementen beïnvloeden de rechter ter bepaling van de hoogte van de straf? Bij een vastgestelde inbreuk door overschrijding van lozingsnormen door een bedrijf spelen voor een rechter heel wat elementen mee die de hoogte van de geldboete/straf kunnen bepalen. Vaststaande rechtspraak toont aan dat deze elementen soms héél feitelijk kunnen zijn, d.w.z. sterk afhankelijk van hoe een rechter op dat moment een interpretatie maakt van bepaalde feiten. Toch zijn er enkele steeds wederkerende feitelijke gedragingen van bedrijven waaraan door een rechter steevast zwaar wordt getild of die matigend kunnen werken. Enkele voorbeelden.

Vooreerst: de rechter bekijkt de gehele feitelijke situatie bij straftoemeting In een eerste fase kan een rechter in principe op zeer objectieve basis en ondersteund door proeven, keuringen en meetresultaten, (eenvoudigweg) vastleggen of een lozingsnorm werd overschreden of niet. In een tweede fase, eenmaal dus de normoverschrijding is vastgesteld en bewezen, is de bepaling van de straftoemeting echter een complexer verhaal en meer afhankelijk van de persoonlijke

38

RIORAMA

interpretatie van een veelheid aan elementen van de rechter. Het wordt algemeen aanvaard in de rechtspraak dat de straftoemeting moet worden bepaald op basis van de aard en de objectieve ernst van de bewezen verklaarde feiten, de begeleidende omstandigheden, het strafrechtelijke verleden en de maatschappelijke situatie van de overtreder. Het samennemen van deze zeer uiteenlopende elementen leidt uiteindelijk tot de bepaling van een specifieke geldboete en/of andere rechterlijke maatregelen die kunnen worden opgelegd aan de overtreder. Matigende en verzwarende elementen Het is dus niet zo dat indien een overtreder de overtreding van de lozingsnormen toegeeft, dat daarmee de kous af is en de strafmaat vaststaat, integendeel. De rechter gaat alle relevante elementen na die in het voordeel of in het nadeel kunnen spelen van de overtreder. Bepaalde matigende elementen kunnen in het voordeel spelen van een overtreder, bijvoorbeeld: • Heeft de overtreder tijdelijke maatregelen uitgevoerd, of had deze minstens de intentie tot uitvoering? Waarom wel/niet? •●Wat is de graad van medewerking van de bevoegde overheden/inspectie wat betreft de

metingen en vaststellingen en de communicatie van de overheden naar de overtreder toe inzake termijnen/oplossingen/maatregelen? Heeft de overtreder uit eigen initiatief de milieu-inspectie op de hoogte gebracht? •● Is er een eventuele versoepeling gedurende de jaren van bepaalde lozingsnormen? Dit kan evenwel niet leiden tot het naderhand opheffen van van de toen gedane inbreuk (zie verder inzake nietretroactiviteit). •● Is er een vertraging die te wijten is aan externe factoren/partijen, bijvoorbeeld in het kader van de bouw- of milieuvergunningsaanvraagprocedure (bijvoorbeeld als zonevreemd bedrijf of bij het oprichten van een afvalwatercollector door Aquafin)? Was er een noodzakelijke uitbreiding of aankoop van terreinen nodig om tot een structurele oplossing te komen? •● Was de gedane lozing en overschrijding van de norm al dan niet rechtstreeks? •● Zorgt de (zwakke) financiële situatie van de overtreder ervoor dat deze niet in staat was om structurele oplossingen te bieden? Dit element is, afhankelijk van de situatie, evenwel sterk bediscussieerbaar: het kan de opzettelijke bedoeling van overtreder misschien wel milderen, doch kan geen rechtvaardiging zijn om te blijven overschrijden.


juridisch

Ook zijn er verzwarende elementen die tegen de overtreder kunnen worden ontwikkeld, bijvoorbeeld: •● Is er sprake van een flagrant karakter/repetitiviteit van de overtreder of lange duur van het overschrijden van lozingsnormen? •● Was er een negatieve bereidwilligheid tot medewerking, transparantie van de overtreder? •● Wat is de opzet van de overtreder (d.i. het onmogelijk onwetend kunnen zijn dat de handeling of het nalaten leidt tot lozing met overschrijding van de norm als gevolg)? Wat kan van een professionele exploitant worden verwacht die als (hoofd)activiteit een handeling doet die de lozing beïnvloedt? •● Wat is het niveau en resultaat van gedane (tijdelijke of structurele) maatregelen en hebben deze het probleem effectief verholpen? •● Wordt de overschrijding onmiddellijk toegegeven of wordt deze telkens betwist? Bovenstaande overwegingen zijn allemaal sterk feitelijke elementen, waarbij dus niet op voorhand de uitkomst ervan (lees: het samennemen van álle elementen door de rechter om tot een beslissing te komen) kan worden voorspeld.

den uitgevaardigd, dat daardoor de voorgaande inbreuk (die door de versoepeling vanaf een bepaald moment geen inbreuk meer is) zou dienen opgeheven te worden en niet meer strafbaar zou moeten zijn. Dit is echter niet correct. Er is inderdaad zoiets als de retroactieve werking van de mildere strafwet (art. 2. Strafwet), maar dit is hier niet van toepassing: bij soepelere lozingsnormen is er namelijk niet een wijziging wat betreft de strafwet op zich, maar enkel wat betreft de opgelegde lozingsnormen. Ter vergelijking wordt de verkeerswetgeving aangehaald, waarbij in een situatie een snelheidslimiet kan worden opgetrokken, doch dat dit niet betekent dat een snelheidsovertreding voorafgaandelijk aan de wijziging van de snelheidslimiet niet meer strafbaar zou zijn. Er kan voor deze materie ten slotte verwezen worden naar een vonnis van de Rb. Eerste Aanleg (afd. Oudenaarde) van 19 september 2014, waarop dit artikel geïnspireerd is.

Conclusie •● Na het vaststellen van de normoverschrijding begint de feitelijke bewijsvoering voor de rechter pas écht: de rechter zal alle mogelijke feitelijke zaken bekijken omtrent de overtreder, diens geschiedenis en diens handelingen in het dossier, en zo bepalen of er matigende of verzwarende elementen bestaan om de straf/boete te sturen. De rechter bekijkt in principe al deze elementen samen. •● Bewijslast ligt voornamelijk bij overtreder: teneinde de rechter te overtuigen dat milderende elementen een beperkte/verlaagde straf rechtvaardigen, is het aan de overtreder om zoveel als mogelijk bewijs leveren van diens ‘goede gedrag’ of constructieve aanpak, ondermeer omtrent tijdelijke maatregelen. Het verdient dus aanbeveling alle (schriftelijke) documenten gedurende de jaren steeds goed bij te houden. (Door Wouter Vandorpe en David Haverbeke (Advocatenkantoor Fieldfisher LLP, Energy & Utilities, Brussel))

• www.fieldfisher.com/locations/brussels/energy

Enkele duidelijke lijnen in de rechtspraak Toch zijn er enkele principes in de Belgische rechtspraak omtrent overschrijding van lozingsnormen aan te geven die een vrij duidelijke lijn hanteren. Zo is er de omgekeerde bewijslast aan de overtreder i.v.m. tijdelijke (tussen)oplossingen: algemeen gaan rechters na, ongeacht of de financiële situatie van een overtreder het moeilijk maakt tot om structurele oplossingen te komen, of alles (redelijkerwijs) werd voorzien om (louter) technische of beperkte financiële tijdelijke oplossingen na te streven. De rechter legt de bewijsplicht bij de overtreder om afdoende aan te tonen en aannemelijk te maken “dat dergelijke tijdelijke oplossingen niet mogelijk waren”. Deze omgekeerde bewijslast is niet eenvoudig aan te tonen, en bepaalt mede in hoeverre een overtreder zich kan beroepen op overmacht. Ook wordt vaak geopperd dat als gedurende de overtreding (bijvoorbeeld van opeenvolgend 10 jaar lozing) soepelere lozingsnormen wor-

RIORAMA

39


MiniFlex Rioolcamera

Easysmoker rookgenerator

Al 10 jaar een vertrouwd gezicht op straat VDV cleaning is al tien jaar een vertrouwd gezicht op straat. Begonnen in Lokeren en uitgegroeid tot een nationaal begrip met meerdere vestigingen in Vlaanderen én Wallonië. We zijn toonaangevend in het reinigen, renoveren en inspecteren van riolen, gemalen, kolken, dockshelters, waterbassins, duikerverbindingen, tunnels en bedrijfsterreinen. Hoe? Kijk eens op www.vdvcleaning.be.

Waaslandlaan 8 A5, 9160 Lokeren • tel. 09 - 367 83 80 • fax. 09 - 367 83 79 • www.vdvcleaning.be • info@vdvcleaning.be


productspot

Door de voorzuivering (rechts), wordt maar een klein deel van de vuilfractie mee opgeslagen en geïnfiltreerd in het krattensysteem (links).

Voorbehandeling cruciaal bij buffering hemelwater De vuilfractie van regenwater eerst grotendeels afscheiden, zodat er in de bufferings- en infiltratiefase veel minder kans is op dichtslibben? Het is een noodzaak waar steeds meer gemeenten en grootwarenhuizen zich bewust van worden. Daarom stijgt het aantal projecten waar rekening gehouden wordt met een dergelijke voorbehandeling. Met SediClean heeft REHAU hiervoor een oplossing in huis.

weinig voor in vergelijking met het kostenplaatje van het geheel. “Het probleem met investeringen in ondergrondse infrastructuur is altijd hetzelfde: niemand ziet het, dus mag het amper iets kosten. Tot er na verloop van tijd plots vervelende problemen opduiken. Gelukkig maken steeds meer ondernemingen (grootwarenhuizen, bedrijven met een grote parking...) en gemeenten (op aanraden van de intercommunale of een studiebureau) de keuze voor de aaneenschakeling van een kunststof voorbehandelingssysteem met een modulair opvangbekken. De combinatie van onze SediClean met Rausikko Box leent zich daar heel goed voor.” (Door Bart Vancauwenberghe)

• www.rehau.be We leven in een maatschappij waar we meer en meer te maken krijgen met verharde oppervlakten, maar waarin regenwater niet zomaar in de riolering mag worden gestort. Daardoor stijgt de nood aan performante oplossingen voor infiltratie en buffering. Hiervoor bestaan op de markt diverse oplossingen, waaronder het krattensysteem Rausikko Box van REHAU. Om zo’n systeem optimaal te laten functioneren, is het evenwel essentieel dat het hemelwater vooraf al een zuivering ondergaat, waardoor er maar een klein deel van de vuilfractie mee wordt opgeslagen en geïnfiltreerd. Hiervoor beschikt REHAU over SediClean. “SediClean bestaat uit een buis in polypropyleen (PP), met een diameter DN 1000”, verduidelijkt commercieel afgevaardigde Jo Augustyns. “Naargelang de oppervlakte kan worden geopteerd voor buizen van 3, 6 of 9 meter lengte. Deze leiding fungeert als opvangbuis voor het grovere vuil dat naar het bekken komt toegestroomd. Voor- en achteraan zijn T-stukken (buizen van DN 400) gemonteerd, die tot boven aan het maaiveld reiken. Er kan ook een buis DN 1000 met ladder op worden gemonteerd, zodat het systeem inspecteerbaar is.” Het water valt naar beneden in de hoofdbuis en de vuile fractie zakt naar de bodem van de SediClean, zodat het hemelwater dat richting bekken of inspectieput stroomt, vrij zuiver is. “Je kan de

werking dus vergelijken met die van een bezinkingstank. Het grote voordeel van deze oplossing is dat ze ook reinigbaar is. De gemeente of bouwheer kan er bijvoorbeeld voor opteren om één keer per jaar met behulp van een zuiginstallatie het opgestapelde vuil uit de leiding te halen, zodat ze weer optimaal kan functioneren.” Groeiend bewustzijn SediClean is een systeem dat al enkele jaren bestaat, maar waar nu veel vraag naar is. De reden daarvoor is vrij eenvoudig, weet Jo Augustyns. “Hoewel heel wat spelers al jarenlang hameren op het belang van een voorzuivering, dringt dat besef nu pas bij veel gemeenten, bouwheren en intercommunales door. Jarenlang ging men er van uit dat het volstond om een (kunststof) opvangsysteem te voorzien. Nu komen heel wat stakeholders evenwel tot de conclusie dat die opvangbekkens dichtgeslibd zijn door alle smurrie die is meegespoeld, waardoor ze het functioneren van die bekkens in vraag gingen stellen.” De combinatie van een voorzuivering met een krattensysteem lijkt de meest geschikte oplossing. “Belangrijk is wel dat zo’n krattensysteem voorzien is van een bezinkkanaal, waarmee de afzetting in de structuur verder kan worden gereduceerd.” De meerkost van zo’n voorzuiveringssysteem stelt

Binnenzicht van SediClean.

RIORAMA RIORAMA 41


PRODUCTNEWS PRODUCT NEWS

8-duims dieselaangedreven, vacuümgeassisteerde vuilwaterpomp De compacte, droogzelfaanzuigende vuilwaterpomp BA180E D315 van BBA Pumps levert 720 m³/uur bij een maximale opvoerhoogte van 41 mwk. De pomp wordt aangedreven door een Perkins-dieselmotor die wereldwijd voldoet aan de emissienormen. Ingebouwd in een geluidsdempende omkasting, biedt deze pomp gegarandeerd een laag geluidsniveau en is ze beschermd tegen stof, regen, wind of sneeuw. Het LC30-bedieningspaneel biedt support in meer dan 10 talen. Door zijn lage gewicht kan de pomp gemakkelijk verplaatst worden of op een trailer gemonteerd worden.

• www.bbapumps.com

Individueel microzuiveringsstation Het individuele microzuiveringsstation Aqua-Telene werkt op basis van een biologisch fluïdisatieproces (vaste aerobe cultuur – luchtinjectie aan de onderkant) en is gebaseerd op een technologie die al 30 jaar gebruikt wordt in Japan. De Aqua-Telene combineert zuivering van afvalwater met een eenvoudige installatie en gemoedsrust voor de gebruiker.

• www.telene.com

Waterdoorlatende bestrating met oog voor ontwerpvrijheid Het natuurlijke evenwicht tussen verharding, groen en omgeving wint aan belang. Hydro Lineo van Stradus Infra speelt hierop in en laat toe vloeiend over te gaan van gesloten naar open bestrating en omgekeerd. Het concept werd bekroond met een FEBE Elements Award in de categorie Small Scale Precast en zorgt dat waterdoorlatendheid, begaanbaarheid en ontwerpvrijheid hand in hand gaan. Het concept bestaat uit drie verschillende modellen met een uniforme nominale buitenmaat, wat ze onderling uitwisselbaar maakt. Enkel de breedte van de verbrede voeg waarmee men gras- of grindlijnen creëert varieert naargelang het model. Dit laat toe op zeer eenvoudige wijze vloeiend over te gaan van een gesloten naar een open bestrating en omgekeerd. Ook kunnen zo looplijnen gecreëerd worden, zodat de keuze voor waterdoorlatende bestrating niet ten koste gaat van de begaanbaarheid.

• www.stadusinfra.be

42

RIORAMA


ACO. Totaaloplossingen ACO. Totaaloplossingen voor efficiënt voor efficiënt waterbeheer. waterbeheer.

[COLLECT] [COLLECT] [CLEAN][CLEAN]

[HOLD][HOLD] [RELEASE] [RELEASE]

Uiteindelijk wordt Uiteindelijk het water wordt het water Het water wordt Is het regenwater Is het regenwater Het water wordt Van de eerste druppel Van de eerste die druppel die gedimensioneerd gedimensioneerd afgevoerd afgevoerd gestockeerd ingestockeerd buffer- of in bufferof verontreinigd of verontreinigd wordt er of wordt er op de oppervlakte op de valt oppervlakte tot valt tot in de ondergrond, in denaar ondergrond, de naar de infiltratiebekkens infiltratiebekkens om om proceswater opgevangen? proceswater opgevangen? het grootste, berekende het grootste, berekende een rivier riolering, of een een rivier of een overstromingen overstromingen in lager in riolering, lager Vetten, oliën en Vetten, slibdeeltjes oliën en slibdeeltjes debiet, alles wordt debiet, alles wordt natuurlijk wachtbekken. natuurlijk wachtbekken. gelegen gebieden gelegen tegen gebieden te tegen te worden eruit gehaald, worden eruit gehaald, gecontroleerd gecontroleerd opgevangen opgevangen gaan. gaan. omdat het milieu omdat ons het milieu ons en in de gewenste en inrichting de gewenste richting dierbaar is. dierbaar is. gestuurd. gestuurd.

OLIE- EN OLIE- EN INFILTRATIEINFILTRATIEEN EN AFVOERGOTEN AFVOERGOTEN VETAFSCHEIDERS VETAFSCHEIDERS BUFFERINGSBEKKENS BUFFERINGSBEKKENS POMPPUTTEN POMPPUTTEN ACO Passavant n.v. ACO- Passavant Preenakkern.v. 8, 1785 - Preenakker Merchtem 8, 1785 - Tel.Merchtem 052 38 17 70 - Tel. - Fax. 052052 38 17 38 70 17 71 - Fax. - www.aco.be 052 38 17 71- -info@aco.be www.aco.be - info@aco.be


slim

Investeer in uw rioolstelsel • asset management van A tot Z • grondige gebiedskennis, zowel boven- als ondergronds • realistische ramingen • acties volgens risico en budget • expertenteam • 24/7

H

et rioolstelsel van uw gemeente vertegenwoordigt een belangrijk aandeel van uw activa. Heeft u er al eens bij stil gestaan wat de gevolgen zijn als het op een dag mis gaat? Herstellingskosten lopen al snel op tot het tienvoudige van een preventieve ingreep en op kritische plaatsen kan de ecologische

en maatschappelijke schade nog groter zijn. Met het asset management plan van Aquafin kent u de risico’s en zet u de beschikbare middelen in op het juiste moment en op de juiste plaats.

Aquafin NV Dijkstraat 8 • 2630 Aartselaar • T 03 450 45 11 • info@aquafin.be • www.aquafin.be

Riorama 13  

Riorama Magazine

Riorama 13  

Riorama Magazine

Advertisement