__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

R E V E I L # 19 dag van de vergeten verhalen


REVEIL dag van de vergeten verhalen

© 2019 Reveil vzw


INHOUD

p09

Vooraf

p13

Mariet De Kegel Blauwen

p16

Anneleen Van Offel Echo

p18

Christine Van den Hove | Hoed en schoenen

p19

B.P. Arend | Schaduw

p20

Leen Raats | Muren gaan niet dood

p22

Sofie Florin | Was ik maar

p23

Andreas Raven

Zeventien verdiepingen is een lange afstand

p24

Simon Sileghem | Het zal wel niet

Rubriek Deerlijkse vertellers

|

|

|

Het lettertype collectief Kortrijk

6

p26

Alice Boudry | Broere

p29

Salma Nachi

p30

Martijn Verhelst | Ik mis u

p33

Trees Accou

p35

Imane Ghislaine | Hamza

p38

Vere Verheecke

p40

Thomas Jacques | Smeedwerk

p42

Roderik Six | C.

p43

Lise Surmont | Luisterrijk

p45

Annette Akkerman | Je warme mantel

p47

AimĂŠe Bruyninckx

p48

Rudi Lavreysen | Roger that

p50

Bart Steenhaut | Spinvis

7

p53

JosĂŠ Vandenbroucke

p57

Patrick Buysschaert

p60

Ruben Vandewoestijne | Iets-niets

p65

Dominique Minten | Vaders wis-kunde

p66

B.P Arend | 25

p67

Simon Sileghem | Maar de dood was me voor

p69

Willem De Pessemier | Eens de tijd het tikken verleert

p72

Stijn Viaene | Alois

p73

Lieven Baeyens | Vergeten

p75

Siel Verhanneman

Daar lag je ook maar te verdrinken

in al dat zwart en een driehoek wit

|


VOORAF

In 2012 stierven in de gemeente Deerlijk vier jonge mensen uit dezelfde vriendenkring in zes maanden tijd. De band Zinger, die zo een muzikale vriend had verloren, maakte er een nummer over, Grace (Everybody’s Dying these Days). Bij de voorbereiding van de bijbehorende videoclip kwam de band bij Nico Hermans, voorzitter van de Belgian Truckers Club (BTC). Hij had een oude Chevrolet Bisontruck gekocht om die als pensioenproject op te knappen. Nico was heel enthousiast om samen met zijn truck de hoofdrol te spelen in de video. Net voor de opnames kreeg Zinger een mailtje van een van de BTCvrienden van Nico. Zijn hart had het begeven tijdens de reparatiewerken. De BTC-kompanen lieten de band weten dat ze Nico’s werk graag wilden voortzetten en ook de clip wilden helpen afwerken. Toen de truck een jaar later af was, reden ze naar het kerkhof om Nico zijn afgewerkte pronkstuk te laten zien. De truckers en de band hieven het glas op Nico, terwijl de Zingerfanfare het nummer Grace speelde. De beelden van die avond werden de videoclip voor het lied. De truckers ontkurkten enkele flessen, toostten en lachten om schunnige anekdotes en Nico’s koppige karakter. Geen opsmuk, geen verheerlijking, enkel eerlijke, menselijke verhalen. Zanger Pieter Deknudt besloot om dit beklijvende moment mee te nemen naar zijn thuishaven Deerlijk. Samen met de cultuurraad organiseerde hij er op 1 november 2014 de eerste editie van Reveil. Tussen 17 en 18 uur baadde de lokale begraafplaats even in een gloed van theelichtjes, koperblazers en vergeten verhalen. De heemkring vertelde en de band speelde tussendoor muziek onder begeleiding van de lokale fanfare. De opkomst en reacties waren overweldigend.

9


De mensen achter Reveil ontdekten dat veel mensen de behoefte hebben om op 1 november iets meer te doen dan een chrysant op een graf te leggen. Sindsdien laat Reveil elk jaar op 1 november Vlaamse begraafplaatsen opleven met muziek, poëzie en verhalen. Aan de tweede editie in 2015 namen meer dan twintig gemeentes deel. In 2016 al meer dan zestig en in 2017 werd de kaap van zeventig bereikt en in 2018 werd bijna de kaap van 100 gehaald. Elke gemeente geeft een plaats aan lokale muzikanten en woordkunstenaars om een respectvol eerbetoon te brengen aan overleden streekgenoten. De zesde editie in 2019 vindt plaats in meer dan 100 gemeentes, wat net geen een op drie Vlaamse gemeentes is. Op elke locatie staan mensen stil om even na te denken, naar verhalen en poëzie te luisteren, herinneringen op te halen of te genieten van sfeervolle muziek bij zonsondergang. Dit jaar komen onder meer Dana Winner, Rick de Leeuw en Illuminine. Omdat het te jammer is om de opgehaalde verhalen, gedichten en herinneringen na elke editie telkens onder het stof te laten verdwijnen, besloot Reveil in 2016 om een verhalenblog op te zetten waar teksten op terechtkomen die mensen insturen. Het gaat om poëzie en fictie, alsook over de vergeten verhalen van dierbare overledenen. Enkele van die inzendingen prijken in dit boek naast werk van professionele auteurs, zoals Roderik Six, Siel Verhanneman en Anneleen Van Offel. Ook opkomend literair talent krijgt hier een plaats. Een mooi aandenken voor wie na Reveil 2019 nog wat wil nalezen, of een mooi eerbetoon aan alle mensen die het verdienen om niet vergeten te worden. Sinds 2017 wordt het Reveilboek geïllustreerd. Zo zorgden Lara Jakoba Breine, Sven Verhaeghe en Larissa Viaene samen met andere beloftevolle illustratoren voor illustraties bij enkele verhalen en gedichten.

10


BLAUWEN Mariet De Kegel

Ik zag je vanmiddag op het strand van mijn gedachten, de zon glimmend op je huid die je zoals altijd met olie had ingesmeerd. Jij wou geen oud vel. Je voelde licht, alsof alles wat woog verdwenen was. Alle aan elkaar genaaide lapjes pijn als een vlieger met de wind mee, littekens geheeld. Je zwaaide. Ik glimlachte terug en hield je met mijn ogen vast om nooit meer los te laten. Blijven kon niet, zei je. Eens de grens voorbij keer je niet meer terug, tenzij als bries met de wind langs mijn wangen zoals je vroeger deed.

13


Als je straks opnieuw vertrekt als een stukje wrakhout deinend op de golven, ben ik je dankbaar om alles wat je meenam van mij. Drijvend tot de einder naar verre landen waar het smelten mag. Bij jou hoefde ik niets uit te leggen, er was geen minder, meer of zus en zo. Waar jij bent, is alles eindeloos. Geen tijd, geen donker, scherf of kras. Wit en witter, een pallet van blauwen waar taal onuitgesproken wist wat van geen tel meer is. Als ik straks vertrek weet ik dat ik terug zal keren omdat wat jij hier doet met mij geen ander kan. Tenzij jouw vuur van toen

Lara Jakoba Breine

dat in mij nog steeds het licht ontsteekt.

14


ECHO Anneleen Van Offel

In een ander verhaal treurt een meisje zo erg om het verlies van haar

geliefde dat haar lichaam uitdooft, oplost, tot ze alleen nog maar stem

maar ik ga wel dood. En ze vertelde verder, over de keer dat haar

is. Ze bestaat uit het geluid van haar omgeving, haar omgeving leeft

broer een kip tot stervens toe zou opereren, mijn vader water in

in haar, wordt eeuwig herhaald. Alleen als een echo wordt ze nog

de broekzakken van zijn vader, over hoe we torens maakten van

opgemerkt, nooit wordt zij nog ergens gezien.

lego en onszelf een vliegend tapijt bedachten, en in die verhalen

zag ik mijn vader zijn moeder verliezen, langzaam verliezen,

Mijn grootmoeder kon plots de havermoutpap niet meer

Als we vroegen of ze heel even wilde zwijgen zei ze:

doorslikken die ik haar gaf. Ze gaf over, zakte diep in haar kussen.

langzaam verzinken in een verhaal dat wij

Haar blik draaide weg. De verpleegster zei dat we bij haar moesten

ten slotte

blijven, we konden overnachten naast haar bed.

over haar zullen vertellen, over een week waarin zij haar

leven samenvatte

enzovoort, enzovoort.

Het weggaan heeft een week geduurd. Ze heeft een

week gepraat. Zij vervaagde, liet haar lichaam achter, vertelde haar hele leven opnieuw in verhalen die we al kenden

die we een leven lang hadden gehoord

Op zondag stopte haar hart. In haar hersenen trok het kalium met

en die we zelf zouden herhalen, later, als een eerbetoon.

een snelheid van vijftig micrometer per seconde van neuron tot neuron, een brand, een golf van warmte en energie. De genen die haar

Doorzichtige laagjes vel als een zoutkorst op haar lippen,

drieĂŤntachtig jaar geleden hadden ontwikkeld in de baarmoeder van

we drukten ijsblokjes van champagne tegen haar mond,

haar moeder, ontwaakten (dat zou ik later lezen in een tijdschrift)

geen water. De dood komt met uitdroging.

maar tevergeefs

het kalium greep giftig om zich heen, en wij zagen haar

Het was goedkope cava, geen champagne. Ze hadden geen champagne.

wegglijden in haar lijf, we namen haar hand vast

Wie koopt er cava in het ziekenhuis? Wie iets te vieren heeft. Hadden

(en in ons een kloppend hart

we iets te vieren?)

en in de neuronen in onze hersenen kalium

(moeder en ik, samen in het winkeltje van het ziekenhuis.

slapend

16

17

maar klaar).


HOED EN SCHOENEN

SCHADUW

Christine Van den Hove

B.P. Arend

op een dag als vandaag

Je zal niet hier zijn

denk ik aan je bruine hoed

en verblind worden door de zon,

en aan je oude schoenen

die morgen mijn schaduw vormt.

aan dat lichtgroene hemd

dat je zo goed stond

Je zal niet hier zijn

wanneer de klok half zes

ik probeer me het weefsel

slaat terwijl ze overzee

van je tweed jasje te herinneren

achterloopt en alles nog

en dan krijg ik spijt

van alles wat ik heb weggedaan

maar net begint

zoals wij

ik zou je kleren willen terugvragen

dat ooit deden

aan wie ik ze gegeven heb

op een ochtend die

van alles zou ik een stuk op het bed leggen

het groene hemd

plots avond werd.

de grijze broek een paar donkere sokken het grof geweven jasje ernaast de hoed op het kussen en de schoenen aan het voeteneinde dan zou ik wachten tot jij daarin kwam

18

19


MUREN GAAN NIET DOOD Leen Raats

De wind had de hele nacht rond het huis gejaagd, met furieuze uithalen. Met een bonkend hart had ik geluisterd naar klepperende poortjes, rondvliegende takken en onrustig blaffende honden. En terwijl ik het moment uitstelde waarop de dromen van de afgelopen nacht zo vervaagd waren dat ik niet anders kon dan de echte wereld met al haar beperkingen te betreden, kwamen de beelden. Het witte knuffelolifantje dat mijn moeder van een mij onbekende bezoeker had gekregen toen ze in het ziekenhuis herstelde van haar borstamputatie. Hoe ik mijn moeder hielp de tafel te dekken voor wat haar laatste kerstdiner zou zijn. De woorden van Zjef Vanuytsel, die door me heen sneden. De droeve stem van mijn moeder terwijl ze meezong. ‘En toen liep ik bij je weg in de kilte van de morgen, met mijn ziel overhoop. Ik kwam dra terug met mijn handen vol nieuwe hoop.’ Hoe ze stiekem huilde in de keuken. De geur van verse soep. Dit kon zo niet verder. Nijdig graaide ik mijn sokken van de vloer. Ik schoof het gordijn net ver genoeg opzij om te zien hoe de wind met lange vingers door de bomen graaide. In het veld naast de tuin pikten kraaien verwoed naar de laatste restjes herfst. Het was 24 december, maar de winter had haar intrede nog niet gedaan. Het leek alsof deze herfst eeuwig duurde. Op kousenvoeten liep ik door het huis dat ik mijn thuis noemde. Mijn hand streelde te weten dat ze er nog waren. Tastbaar. Stevig. Muren gaan niet dood.

20

Cheyenne Deckx

onnadenkend langs de muren. Het gaf me een geruststellend gevoel,


WAS IK MAAR Sofie Florin

ZEVENTIEN VERDIEPINGEN IS EEN L ANGE AFSTAND Andreas Raven

nu hangt rond jou een voor en na

Ik ben nog verschillende keren

voor, je leefde hard

teruggekeerd naar de plek waar je sprong.

na, onvermoed niet meer De laatste jaren alleen maar in mijn dromen. 9 maanden in mijn buik

Telkens lukte het me om je af te leiden,

18 jaar daarna

de beslissing uit je hoofd te praten?

enkel in mijn hart

Terwijl ik je ongemerkt terug veilig naar beneden loods bedenk ik de ultieme grap waardoor alles in je leven

jouw pad week af van het mijne

toch nog perspectief krijgt, verzinnen we een plan

mijn weg is nog niet af

waarmee jouw toekomst weer leefbaar wordt.

kon ik maar

Zeventien verdiepingen is een lange afstand

heel even met je praten

te voet omhoog in een flatgebouw.

de dingen die overlopen in mijn hoofd

Op elke verdieping een nieuwe kans

vinden hun weg naar jou niet meer

om even door het raam te kijken en stil te blijven staan. Ik hoop dat je bij geen enkele verdieping hebt getwijfeld.

had ik maar

Dat de vastberadenheid om een eindbestemming te bereiken,

elke dag opnieuw

nooit voor iemand zo duidelijk was als toen voor jou.

was ik maar Aan die hoop hou ik me nog steeds vast. En dat je afscheid mooi en helder was, zo mooi en helder als het maar mogelijk kon zijn, daar alleen, hoog op een dak, met de ondergaande zon aan de einder, je allerlaatste uitzicht terwijl je de bladzijden uit je adresboekje één voor één als witte vlinders naar beneden liet dwarrelen. Ik hoop dat je meteen rust vond tijdens je sprong. Dat een absolute stilte en vrede je al tegemoet kwamen 22

23

nog voor je werkelijk viel.


Simon Sileghem

Ik droomde van stiltes onderdanig aan je huid zoals je sloeg naar de nacht de aangebleven zon op je zicht Zal een zin ooit tonen wat ik zag? Je laatste stromen van lucht en teder licht Ik kan alleen maar dromen

24

Lies Jaques

HET ZAL WEL NIET


BROERE Alice Boudry

‘Hoe kan iemand plots weg zijn?’

‘Doet doodgaan pijn?’ Het getril van mijn stem klinkt me pijnlijk zwak in de oren.

Mijn stem botst tegen Harry’s rug en glijdt langs de groenwollen herten op zijn trui naar beneden. Zijn silhouet versmelt met de nacht

Mijn broer komt van zijn zitplaats op de vensterbank en stapt naar

achter het raam. De plankenvloer schuurt tegen mijn blote voeten

me toe.

gert me. Het maakt een vies geluid wanneer ik erin bijt en het verder

‘Harry. Ik wil niet doodgaan.’ Een warme traan kietelt mijn wang.

lostrek. Normaal gezien ben ik een nagelbijter.

Verdriet is toch niet warm? Mijn lijf voelt koud. Niet warm.

Zijn zucht zweeft door mijn slaapkamer. ‘Ik weet het niet, Sam.

Harry’s vingers wrijven mijn wangen droog en voor ik het weet,

Dat is doodgaan, denk ik.’ ‘Hoe weet je dat je doodgaat?’ Buiten blaft een hond. De Winnie De Pooh wekker op mijn nachtkastje tikt onverstoord verder. Eigenlijk moet ik die weggooien. Ik

Het lettertype collectief Kortrijk

Het lettertype collectief Kortrijk

wanneer ik ze naar me toe trek. Het losse velletje aan mijn duim er-

duw ik mijn gezicht in de herten. De vezels prikken, maar zijn armen sluiten zich om mijn hoofd en de wereld wordt mijn deken, alles is weer goed. ‘Sam, broere, luister naar mij. Als je iemand verliest, moet je één ding onthouden. Jij bestaat uit cellen, ontzettend veel cellen. En in elke cel

ben al negen, dat is vier jaar te oud voor Winnie. Toch? Ik verschuif

zit een stukje van de persoon die je verliest. Dus als je die persoon

op de planken. Winnie lijkt Harry’s stilte ook vervelend te vinden.

mist, moet je enkel jezelf omhelzen. Dan voelen zij dat ook.’

Zijn getik klinkt steeds trager. ‘Harry?’ ‘Zitten ze in elke cel?’ Zijn donkerharige hoofd draait naar me toe. Zijn ogen zijn roodomrand en zijn oogleden opgezwollen, alsof al zijn tranen zich

‘In elke cel.’ Zijn wollen borstkas vibreert bij elk woord.

daar verzameld hebben. ‘Dat weet je niet, Sam.’ ‘Heb ik veel cellen?’

26

Ik kijk naar beneden. Mijn nagels zien eruit als de rouwbrief die we

Harry neemt mijn gezicht tussen zijn handen. Zijn haar valt in grap-

deze middag verstuurden, bleek en zwartgerand. Toen mama boven

pige lokken over zijn bruine ogen. Ik ga maandag naar de kapper,

de enveloppen begon te wenen omdat het etiketje van haar theezakje

ik zal hem vragen om mijn haar te knippen net zoals Harry! Ik hoop

in haar kopje was gegleden.

dat mijn haar ook zo over mijn ogen zal vallen.

27


Salma Nachi

‘Sam. Je hebt er duizenden. Miljoenen. Miljarden.’

na mijn laatste woord sluiten poorten mijn stem op

Een zacht gevoel verspreidt zich in mijn borstkas. ‘Dankje, Harry.’

probeer ik het geluid te splijten tot geruis

Zijn gegrinnik is aanstekelijk. ‘Geen probleem, Sam, ik ben er voor

de lucht met mijn handen te verzamelen

jou, dat weet je wel. En nu in bed, jij kleine garnaal.’ Hij draait zich

maar dit weerhoudt de klanken niet

om, loopt naar het venster en sluit de gordijnen.

om te kreuken in mijn sterflakens

De duisternis is onverwachts.

na mijn laatste woord leven ze verder

‘Harry?’ Ik graai mijn zaklamp van mijn speelgoedkast en schijn ermee rond in de kamer. Maar, de kamer is leeg. En koud.

Het lettertype collectief Kortrijk

Het lettertype collectief Kortrijk

de afgepeigerde trilharen in mijn oor buigen diep

Een traan prikt in mijn ogen. ‘Harry’, fluister ik. Zijn geur hangt nog in de kamer. Ik schijn met mijn zaklamp op mijn handen en probeer de snik terug in mijn keel dwingen. Mijn duim kleurt wit wanneer ik het losse velletje terug op zijn plaats duw. Ik sluit mijn ogen en leg mijn armen om me heen. Duizenden. Miljoenen. Miljarden.

28

29

voor de komst van het verleden het leven weergalmend scherp wordt dof en dof wordt niets de echo haalt mij in maar aan de rand van het bed stopt hij abrupt en laten mijn lippen, mijn stem los


IK MIS U Martijn Verhelst

Ik mis u

Ze ging graag op vakantie met de auto. Dan reden we naar ergens, tot we geen zin meer hadden. Ooit kwamen we uit in Polen, een an-

Ik mis ‘wat wil je eten? Kies maar.’

dere keer raakten we niet verder dan Aalst. We hebben de taal grens

En ‘nee daar heb ik geen zin in, kies iets anders.’

zeker 30 keer afgereden. Ze noemde het grensverleggende reizen.

Ik mis ‘hier komen brokken van’ en dan altijd de ‘zei ik het niet?’ Ik mis uw lachen met uw eigen moppen ‘want dan lacht er Soms maakte ze soep klaar, gewoon omdat ze daar zin in had. Dan

altijd iemand’

ging ze naar de winkel en kocht ze de halve groentenrayon leeg. Haar

Ik mis pijnlijke stiltes

ders’. Over iedere groente maakte ze een mopje en als ik niet moest lachen, dan ging die niet in de soep. ‘Het is groen en je kan er een vlot mee bouwen? Een Andrijvie’ In de soep ‘Het is groen en rijdt 150 op het 2e rijvak?

Het lettertype collectief Kortrijk

Het lettertype collectief Kortrijk

groenten sneed ze in alle vormen en maten ‘want dat is eens iets an-

Een snelderij’ In de soep Onze diepvriezer zat vol soep. De buren deden hun deur niet meer voor ons open en de familie kreeg voor kerst altijd een tupperware soep mee. Ik mis ‘een kikker!’ na mijn ‘het is groen’ Ik mis ‘stuur een berichtje als je thuis bent’

30

31

We hebben 1 keer hard gevochten. Tot de zon opkwam, tot we te moe waren om nog verder te ruziën. We stopten omdat de wekker ging. Daarna vochten we niet meer. We debatteerden. Dat is makkelijker. Ik mis ‘hoe was u dag?’ en uw ‘en op het werk?’ Ik mis ‘zet u maar, ik maak het eten klaar’


Trees Accou

Het nieuws is altijd sneller dan de post, krijgt vleugels of wordt doorgebeld. De rouwbrief zelf is zelden een verrassing. We staan erbij en kijken, bakken troost in appeltaarten en zetten stoelen klaar

Het lettertype collectief Kortrijk

voor de rouwstoet intreedt. We hangen boven condoleancekaarten, schrapen woorden samen. We vinden ze niet, maar leggen hart in onze handen, schouderklopjes, vrouw na vrouw omhelzen we. We schenken in en  zetten suiker bij de koffie, voor elk wat zoets. We vragen namen na, ça va? ontglipt ons.

Cornelia Boudens

maar we nemen niets terug.

33


HAMZA Imane Ghislaine

We gaan naar huis.

Jij had zo graag gewild dat ik het je nooit meer zou vragen.

maar jij legt je verdriet niet af,

Een vraag die antwoorden verteert.

je belijdt je rouw, je trouw

Ik vergat alles na een paar keer tikken van de klok,

aan wie er niet meer is.

het folterde jou door en door.

Je verdriet slijt niet,

Vooral toen ik doorhad dat een zure gedachte

maar errond groei je

jouw bewustzijn

met tijd, dat hopen we

van jouw aandacht aftrok.

weer heel.

Het lettertype collectief Kortrijk

Het lettertype collectief Kortrijk

Maar –tussen het familiegeruis van een familiemassaantwoordde je met lege woorden. En zo zei je ‘ik meen het, het gaat goed met mij’. Ik wist dat jij deze nacht niet meer vredig zou dromen. Het leek nog lang niet voorbij. De deur wilde je uit en dat deed je ook, om die ene vraag nooit meer tegen te komen. ‘De tijd vliegt niet, meid, want die vlucht weg. Wie van ons stoort wie? Wanneer is een antwoord leeg? Als ik je niet aankijk als ik iets zeg?’ ‘Hoe gaat het nu met je’

34

35


Maar jij antwoordde wéér met lege woorden, En zo zei je wéér ‘ik meen het, het gaat goed met mij’. Waarna je uit spijt in jezelf wegdook. De deur wilde je uit en dat deed je ook om die ene vraag gewoon nooit meer tegen te komen.

Het lettertype collectief Kortrijk

Je noemde jezelf ‘vaste klant van eigen therapie’. Waarom mag ik je dan niet zo noemen? Elke keer als je in mijn herinneringen een stilte laat exploderen, zwijg je als geen ander. Normaal zweeg je nooit

Lara Jakoba Breine

als er niets te zeggen viel.

36


Vere Verheecke

Ik wil jou niet schrijven

Spijt dat jij nooit zal weten hoe makkelijk het is om verliefd te

Ik wil niet vertellen dat je vertrokken bent

worden

Ik wil me niet inbeelden hoe het staal op jouw huid voelde

Spijt dat jij nooit zal horen hoe luid ik kan lachen in de schaduw

en me afvragen of je toen aan mij hebt gedacht

van een tankstation

Ik wil mijn ogen sluiten

bomen als ouders zou hebben

Dan zie ik opnieuw hoe wij ooit begonnen

Dat je niet kunt voelen hoe het is om meer te zijn dan dat wat je

Ik draag blauwe zomerjurk met zwarte kousenbroek want buiten

altijd al was

is het bijtend koud maar binnen bevreemdend heet.

Dat je meer bent dan enkel dat wat een ander niet voor jou kan zijn

En jij Jij staat daar met lachende mondhoeken, brullende ogen en de zin in een sigaret Ik ben niet vergeten hoe we de dagen aan elkaar regen met rozenbottelthee en kippenkruiden

Het lettertype collectief Kortrijk

Het lettertype collectief Kortrijk

Dat ik je niet meer kan zeggen dat ik dagen heb waarop ik liever

Het spijt me dat ik me soms onrechtmatig ongelukkig voel En het spijt me dat ik pas besefte hoe lief ik je had toen er enkel nog as overbleef Nu valt er enkel nog te missen Als ik je mis dan streel ik, ik streel om niet te vergeten

Hoe we dansten op kinderliedjes en pijn boetseerden tot enkel

Ik streel de herinneringen die als bladwijzers tussen de dagen zitten,

de contouren overbleven van dat wat we het liefste zagen

streel de wetenschap dat jij weg bent en de ijdele hoop dat je nu alles bent wat je hier niet kon worden

Ik ben niet vergeten hoe warm het donker kan zijn Hoe zacht verdriet kan voelen

Ik streel een verlies, streel alles wat je hier achterliet

En hoe we dachten dat we samen ten onder zouden gaan Ik sluit mijn ogen en we staan opnieuw in die kamer Twee vaderloze dochters op een woensdag in december En ik streel jouw wangen, al voel ik jouw huid niet. Ik voel enkel spijt

38

39


SMEEDWERK Thomas Jacques

Soms wordt het gemis zo groot, dat ik in de auto stap en naar jouw oude huis rij. De hoop een glimp van je op te vangen. Ik bel niet aan, uit angst het vertrouwde geluid niet

Het lettertype collectief Kortrijk

meer te herkennen. Alleen het zwarte smeedwerk herinnert aan vroeger. Plots gaat het licht in de voorkamer aan. Dus start ik de motor, rij naar een grootwarenhuis. Op zoek naar melancholie in het diepvriesvak. Thuis, doet de Dame Blanche het haar op mijn armen rechtstaan. Even zit je naast mij in de zetel, terwijl het ijs met mijn lach

Sven Verhaeghe

versmelt.

40


C.

LUISTERRIJK

Roderik Six

Lise Surmont

Dit is wat je ziet: een glimlach

Ze legde haar jas

de weelde van de zee,

over mijn schouders

een kind dat door een veld bloemen rent.

terwijl ik zeker was dat ook zij koud had.

Dit is wat je ruikt: dauw in een ontwakend woud,

Ze liet me toe mijn versteende handen

een bos krullen,

te verstoppen in haar wollen mouwen,

de geur van een schaterlach.

terwijl ook zij warmte wou.

Dit is wat je voelt: een natte huid,

Ze zei dat alles goed ging

benen om je heen,

en haar ogen spraken

handen die over je hart wandelen.

wijdopen verdriet. Ze had soldatenschouders;

Dit is wat je hoort: de maan die in haar woont,

haar rug zichtbaar beladen.

ronkend in de nacht, een echo die je troost.

Ik vroeg haar waar ze al die moed stak en hoopte zo de weg te vinden

Dit is wat je proeft: zilte lippen,

naar de onderhuidse schaamte, en het verlangen

tranen van geluk,

om die voor altijd

de kuiltjes in haar wangen.

achter te laten. Het doolhof ten einde.

En dit is wat blijft: haar bloemenveld, haar zee, haar warme echo in een bos, tranen van geluk.

42

43


JE WARME MANTEL Annette Akkerman

Ze dacht dat ze sterk was en

mijn voetstappen ontmaagden

ik dacht dat ze sterk was,

de verse sneeuw op je tuinpad

pas toen de tranen voluit

de vensters staren zwart de leegte in

over haar ronde wangen rolden

en als plengoffer

de achterdeur kraakt als knisperend ijs

op de grond terecht kwamen.

je huis is koud en killer dan ooit het gas is gisteren afgesloten

Het was toen de rivier stroomde

dat ik haar binnenkant zag

je warme jas hangt nog aan de kapstok

- ze toeliet dat ik zou kijken.

ik draag hem en daar is je geur

Doorzichtig papier werd ze,

het zachte nepbont koestert mijn wang

dat opgelucht alle woorden liet zien.

Zo lang verlangde ze naar zonlicht.

als was het je hand die me streelt

zoals je deed vanaf die eerste dag

Ze is luisterrijk.

in de jaszak vind ik lippenstift al wat dit huis me te bieden heeft vind ik in deze jas, ik stel me voor hoe je met rode lippen in je mantel   over het tuinpad loopt de eeuwige nacht in ik neem geen afscheid ik draag je warmte bij me

44

45


Aimée Bruyninckx

Stom en tegelijkertijd niet te verbazen. Dat wat clichématig bezongen wordt, toch waarheid blijkt te zijn. Je weet wel. Over die klok die even snel tikt en over hoe tijden veranderen. Overweldigend en verblindend. Wat herinneringen met je doen. Inès Lecluse — Impuls Atelier, De Academie Ieper

Of ze nu schoon, rauw, warm, vaag of ontdaan van scherpe randen zijn. Benauwend en moeilijk te bevatten. Hoe Snel de tijd werkelijk gaat. Of soms net compleet stil lijkt te staan. En je bij rede keer op keer vaststelt, dat ze tegen wil en dank immer onomkeerbaar is.

47


ROGER THAT Rudi Lavreysen

Als hij met zijn auto stopte, riepen we om ter snelst ‘Roger that’.

Al snel ligt de jaarlijkse verjaardagszin op de tuintafel. ‘Och, een

In een Amerikaanse film hadden we gezien dat een soldaat het tegen

jaar is niks’, zegt de jarige. ‘Het vliegt voorbij.’ ‘Nee, twintig jaar is

zijn walkietalkie zei. ‘Oke, begrepen’, lazen we in de ondertiteling.

niks’, zegt nonkel Roger. ‘Ik herinner me nog, toen wij klein waren,

We vonden het geweldig grappig om te zeggen als nonkel Roger

dat mensen van 80 jaar stokoud waren. Nu ben ik zelf bijna zo oud.

achterom kwam.

Het is niet te geloven’.

We zagen hem thuis vier keer passeren. Hij moest langs de vier

Er is iets van. Je ziet jezelf nooit zo oud als je bent. In je hoofd zit nog

vensters. Het grote raam aan de voorzijde van het huis, drie tellen

die dertigjarige. Zo is het ook bij nonkel Roger. Op zijn 75e kreeg hij

later het raam bij de tv en dan bij het hoge raam aan de schouw,

een hartaanval. Hij is er goed doorgekomen, maar hij loopt er sinds-

waar pa altijd zat. Het vierde raam was dat van de keuken, waar

dien ontzettend verkrampt bij. Meestal met zijn armen gekruist over

we hem opwachtten.

zijn borst.

Eenmaal binnen kwamen de verhalen op tafel. Net als vlaai en koffie.

Alsof hij tijdens die hartaanval alles wou vasthouden zoals het was.

En niet lang daarna een flesje bier voor nonkel Roger, dat ik mocht

Alsof hij niets wou loslaten.

opendoen. Voor onze pa een borrel. Het leek alsof hun mond telkens wat breder werd. Van het lachen. Of van de vlaai. Hij kwam graag en

Zoals dansen, zijn passie. Bij elk feest droeg hij witte schoenen.

wij zagen hem graag komen. Hij en onze pa waren twee handen op

Meteen klaar om een dansje te placeren. ‘Nee, dat dansen gaat nu

één buik. Ze hadden trouwens dezelfde buik.

niet meer’, zegt hij. ‘Ik ga nu elke week petanquen. Dat lukt nog. Daar laat ik de ballen maar wat dansen.’

Soms zie je het aan het gezicht dat mensen familie zijn. Als hij later op de avond naar huis vertrekt zie ik hem door de

Soms hoor je het aan hun stem. Soms zie je het aan hun buik.

weerspiegeling van het keukenraam naar het gezelschap kijken. Ik moet aan die bezoekjes denken, als ik hem zie zitten op het verHij merkt dat ik hem zie en hij knipoogt.

jaardagsfeest van ons ma. Zichtbaar vermagerd. Hij is net voor me gearriveerd, terwijl ik naar de slager was. Het is barbecue vandaag.

Roger that.

‘Ha, ge komt toch nog. Ik dacht, die zit zeker al op hete kolen’, lacht hij als ik me aan tafel zet.  

48

49


SPINVIS Bart Steenhaut

Aan mensen die geen huisdieren hebben krijg je niet uitgelegd hoe

We namen ‘m mee in onze auto, gingen tussendoor samen kanovaren

innig de vriendschap met een viervoeter kan zijn. Dat ze uniek zijn,

in Zwitserland, en de hele weg terug blijf hij spinnen op mijn schou-

met een eigen karakter en hun specifieke gewoonten.

der. Kopje links, kopje rechts. We gaven hem een naam en een thuis.

Ik heb van kindsbeen altijd katten gehad. Honden hebben baasjes,

Spinvis werd een speelkameraadje voor Ginger, die een jaar of twee

maar katten hebben slaven, gaat het gezegde. Ze geven geen pootjes

eerder was komen aanwaaien. En een maatje voor Batman die, zo

op bevel. Je kan ze roepen, maar als ze geen zin hebben om je te zien,

ontdekten we eens terug uit Italië- door onze buren na hun verhuis

sta je daar. Ik hou van hun eigenzinnigheid. Ook wel omdat ik er

was achtergelaten. Hij zat drie weken zonder eten, gevangen op een

mezelf in herken.

dak waar niet af te springen viel. Compleet verzwakt en op sterven

Twintig jaar geleden ontmoette ik op een camping in Umbrië een

na dood.

kitten. Hij was misschien een week of zes, verstoten door zijn moe-

Batman herstelde gelukkig, en kreeg er nog tien jaar bovenop tot

der. Wellicht de zwakste uit het nest. Beduusd onder een boom zak

de laffe kutziekte die kanker heet hem kwam halen. Het voelde alsof

ik hem zitten. Bang van alles en iedereen. Maar de honger won het

ik een kind verloor. Dat is het oneerlijke aan huisdieren. Je moet ze

op de angst, dus elke keer kon ik een paar centimeter dichterbij

telkens weer afgeven. Een fout van de natuur, zeg ik altijd. Een onver-

komen met een handvol droge brokjes die ik snel-snel in de buurt-

gefelijke vergissing. Ginger volgde twee jaar geleden, eveneens aan

winkel had gekocht. Na een week at hij uit mijn hand, en nog een

kanker. Er gaat geen dag voorbij dat ik niet aan hem denk. Het gemis

paar dagen verder -we hadden ons verblijf verlengd- verraste hij

slijt niet. Je leert er gewoon -dag na dag- iets beter mee omgaan.

me door plots vrolijk mee naar ons tentje te huppelen. Met om de

Mensen die geen huisdier hebben kijken me aan alsof ik gestoord

tien meter een pauze, zodat er even tijd was om over het pad te rolle-

ben. Ze doen maar. Sinds zondag is ook Spinvis voor altijd gaan

bollen. Kwestie van geur na te laten, want straks moest toch weer de

dromen. Wanneer je meer dan twintig jaar lief en leed hebt gedeeld

terugweg worden gevonden. Kleine katjes zijn slimmer dan ze eruit

is afscheid nemen niet gemakkelijk. En al helemaal niet als je de zelf

zien. It was meant to be.

de beslissing moet nemen om er een eind aan te maken. Lang geleden had ik met hem een deal gesloten: we zouden samen blijven tot we honderd waren. Ik vergat domweg dat Spinvis in kattenjaren rekende, maar hij heeft woord gehouden. Tot die inwendige bloeding vorig weekend. Op een half uur stond de dierenarts voor de deur ze heeft ‘m – thuis in de zetel- de twee verlossende spuitjes gegeven. Hij is in mijn armen gestorven.

50

51


José Vandenbroucke

Dierbare doden

het moment was daar, en we hebben een lange, pijnlijke doodstrijd

helden en heldinnen van het grote adieu

kunnen vermijden. Het gat dat hij achterlaat is zo groot als China. Ik

kom dichterbij, zet u bij

ben niet alleen mijn maatje kwijt, ik verlies ook een deel van mezelf.

wij hebben kastelen vol weemoed

Iedereen zal ongetwijfeld hetzelfde zeggen over zijn huisdier, maar

brood en wijn

Spinvis was de liefste poes ter wereld. Liefde op vier pootjes. Mijn

jullie kregen azijn te drinken

beste vriend, mijn schaduw, mijn soulmate, mijn steun en toeverlaat

een lans verwondde jullie zij

in moeilijke tijden, mijn onvermoeibare knuffelbeer en gezellige

wij hebben wierook en mirre en kamers vol weemoed

slaapgezel. Hij is niet één dag humeurig geweest, en hij had altijd

vol blauwe vlinders die men niet ziet

een verhaal bij dat met veel volume en gevoel voor dramatiek verteld

het vuur is aan, buiten is het koud

werd. Er zat geen gram agressie in dat kleine lijfje. Hij zal nooit meer

kom binnen

in mijn schoot slapen, me nooit nog helpen wanneer ik stukjes schrijf, me nooit nog komen begroeten als ik de voordeur binnen stap. Hij zal nooit meer in de tuin liggen soezen onder zijn favoriete vijgenboom. Niet meer spinnen na een aai. Nooit nog water komen drinken uit de

Rubriek Deerlijkse vertellers

De leegte is verpletterend, en de stilte hartverscheurend. Maar

wij hebben requiems en zeeën van stilte wij hebben de droeve liedjes die jullie van jullie vaders en van hun vaders leerden

douche. Nooit nog naar de lieve dierarts voor acupunctuur. Ik heb

van jullie moeders en hun moeders

onzettend veel van ‘m geleerd. Spinvis is niet meer waar hij vroeger

die liedjes die wij nu zingen

was. Maar vanaf nu is hij overal waar ik ga. Ik ben dankbaar dat ik zo

er is een tijd om kathedralen te bouwen

lang zo close met ‘m mocht zijn. Veel closer dan dat ik ooit met de

en een tijd dat een simpele hartslag

meeste mensen ben geweest. Ik kan niet eens beginnen met uit

een ademhaling niet meer lukt

te leggen hoe hard ik ‘m ga missen.

een korte tijd om eeuwig te beminnen en een eeuwigheid om nooit meer te zijn jullie zijn geweest, wij komen

52

53


ooit waren jullie waar wij nu zijn

we gaan stap per stap naar boven

ooit deden jullie wat wij nu doen

we rollen de steen naar de top

ooit komen ook wij naar dat land

hij weegt zoveel als een zucht

vol ruimte om voor altijd weg te dromen

als een pluim die wegwaait over het asfalt

daartussen waait enkel een koude wind

we zien de wijtewagen

en de vraag van een kind dat wil weten waarom

we zien de adem van de paarden dampend in de koele lucht

maar wij blijven het antwoord schuldig

wij moeten wennen aan zoveel dat nooit meer is

we maken plaats voor die vluchtige schim

zoveel dat we niet eerder konden leren

die zich haast over de velden

zoveel helder stralend wit dat even oplicht

zijn spoor is verwaaid onder het stof in het voortgaan van lente, zomer, herfst en winter wij weten nu meer dan we voor jullie heengaan wisten we leerden over de stilte we leerden over pijn en vergeven

Rubriek Deerlijkse vertellers

Rubriek Deerlijkse vertellers

in zoveel duister, we komen elkaar tegen

zoveel twijfels over zoveel waarover niet te kiezen valt zoveel leven dat wij niet maakten zoveel dood die wij niet deden

over onthouden en over vergeten

zoveel dat kwam en dat ging

ons bleef geen andere kans

wij herinneren het ons nog, wij weten meer dan ooit

we leerden het brood snijden enkel voor onszelf

wij werden wijzer, nooit waren we zo klein

we maakten kennis met de oeverloosheid van de avond

zo sprakeloos en zo verloren

met de zwaarte van het ochtendlicht pas nu jullie weg zijn weten we wat we wilden zeggen wat we moesten doen de zetel die blijft staan in de living de mantel die daar hangt in de kast de foto met jouw ogen die naar ons blijft kijken

54

en we zeggen: we kunnen niet anders

55


nooit was er zoveel voorlopigheid

We zin van-avond allemale teupe

zoveel adem in november zoveel hulpeloosheid voor onze handen

Eerbiedig en stille, naar ier gekoomm te leupe

we halen onze sjaal wat dichter aan

Iedreen kan wel ne zerk aanwijzn

we zetten onze kraag wat rechter

Waarip dat ie nui zit te peizn

we keren onze rug naar de wind tegen de koude, tegen het beter weten in

Reveil, sta ip…

wij geloven

We aasmen d’herinneringe in

dat de avond en de woorden

We peizn ip uldr’ ende, ip ulder begin

nooit de laatste woorden

Reveil, sta ip…

nooit de laatste avond zijn we sluiten onze ogen om te zien wat onzichtbaar is

Rubriek Deerlijkse vertellers

Rubriek Deerlijkse vertellers

Patrick Buysschaert

We zucht’n d’herinneringe uit Mee ’t verdriet da oes omsluit Reveil, sta ip… Duust blomm versieren ier ‘t kirkhof We peizn ip uldre, vul eerbied en lof Reveil, sta ip… Achtre al dien tijd, zitte nog oltijd in oes erte Da es wa dak vroegre te letter besefte

56

57


Helen Dierckx

Reveil, sta ip, dak ui nog ééne keer zie Reveil, sta ip, ‘k zoe toch zin zo blie ‘k zoe u willn stelln…. wel duust vraagn Waarip da me zittn te peizn…. ip éénzame daagn Rust ton maar zalig voart, in deesn Dirlijkse grond

Rubriek Deerlijkse vertellers

We staan nog altijd…… over den dood…. Verstomd

58


IETS-NIETS Ruben Vandewoestijne

Hij wou zoveel dat het niets werd,

Ten midden een continent

Water

Wij waren ondertussen zo ver geraakt

We dronken toen al de zuurstof uit je longen leeg

Hun brandpunt viel met onze ijk samen

Zoveel dat het niets werd

De toekomst

We aten van de dingen die leefden naast ons, we gingen aan land

Daar waar ze staarden in de verte Het was daar dat ze verdronken

Het water toen was op, als we voor altijd bleven stilstaan waren

Zoveel dat het niets werd

we op dezelfde plek gebleven

Daar hebben wij het vuur gebrouwen

De dingen naast ons die leefden aten we

Zuurstof dat door verkild water de mouwen opstroopte

We kuisten de stront uit ons gat

gedragen schrik aangejaagd

We trokken zelf verder inwaarts

Het continent modderde aan van onze stront

Onszelf beschermt tenminste

Veranderende tijden, zelfde plek

Een brug voor kinderen naar toekomst

Brandpunt, nu stonden wij hier

Zo is het altijd geweest

Als je zo diep zat, dat een modderstronk je hand reikte

Zoveel kinderen, schaatsbanen

goed genoeg was

En hij

Water

Minder dingen naast ons

Water

Onze ijk

Waarom klom jij nooit aan land

Alleen tegenover de Wereld

Was het omdat de dingen altijd bestonden

Een dood masker

Je sloeg overal je weg door,

Waarom verdronk je kinderen door ze dorst te geven

60

61


De dingen waarvoor we gewaarschuwd hadden

We zijn het reservoir aan zuurstof van lege mensen

Zelf nog niet willen worden

Omdat we al niets zijn

Ze leken verder gegaan,

Zuurstof is niets

Water trekt je snel een weg

Er leek geen mooiere dood dan het water

Ik denk aan je, vaak

Ik denk dat hier tijdens je afwezigheid een God is geweest

Jij, Jij dronk één teug en je ademde

Ik hoop dat jij het was

Mijn hand kon zo goed een modderstronk zijn.

Ik hoop dat je daarom niet al dood bent

Maar je nam één teug en je ademde

Soms weet ik het echt niet

Zoveel meer

Als God hier voor mij zou staan of ik dan op jou zou blijven wachten

Ik had me geen mooiere overkant ingebeeld

Ik weet hoe moeilijk je het hebt tussen alle mensenhanden

Ik weet hoe handen kunnen vergrijpen ook als je nergens bent

Je trok jezelf een weg, In bevlogen gedachten dacht ik dat ik het was

Ik ben bij jou

Mag ik weer je modderstronk zijn

In de tijd dat je weg was heb ik maar weinig gekunnen,

Ik zeg niets meer zonder jou

zelfs niet verveeld

Vergeet niet dat water de brug was, dat je niet meer

We hoeven nergens terug te keren

kan verdrinken in wat je wou

Water volgen tot onze voeten weer groot genoeg zijn

Trekken we verder vooruit

Wij zijn lucht, zuurstof, meer

We hoeven eigenlijk nergens meer te zijn

Echt doen bestaan we niet

Ik ben bij jou

Jij, ik, ik is jij weet je nog

Echt doen bestaat niet

62

63


VA D E R S W I S - K U N D E Dominique Minten

Ik heb de wereld voor je gladgemaakt, een schaatsbaan

Dat alles wiskunde was

Ik hoop dat jij geloofwaardigheid voor mij hebt bewaard in

Dat ge kon wandelen

dingen die je kon denken,

langs de X-as en de Y

dingen die je anders schikte op je kamer omdat je werd

en dat wij altijd zoekend zijn

afgeleid door iets dat bleef stilstaan in de lucht

naar de grote onbekende Dat alles altijd af is

Als we de zon in een blik hadden gevangen denk ik dat

en onvolmaakt tegelijk

vuur nooit nodig was geweest

en alles altijd klopt

Dan konden mensen voor altijd schaatsen op door ons

in de oneindigheid

verbeelde velden,

Ik geloofde u en zocht naar krijt

Lucht

in de zakken van uw jas

Ik tekende Pythagoras

Je weet dat je het kan want je hebt je nu zover laten drijven

Een manneke van zot met pijp

Je ballon heeft voor dat punt nooit vuur gevat

En begrijp nu pas

Ik zie je graag en ik geloof je

wat ge wilde wissen

Ik zie je graag schijnen

In dit onmetelijke missen

zie ik u wandelen

In niets voel ik mij veranderd

langs de X-as en de Y

Behalve dan

zonder spijt of schrik

De wereld van aarde

naar de grote onbekende

en geloof ik dat alles af is nu

Ik denk je al water was en ik lucht

en onvolmaakt tegelijk

Ik zag je niet behalve in een verkilde spiegel

en dat uw verhaal klopt

over die oneindigheid

Liefde is de zuurstof van het niets

64

65


25

MAAR DE DOOD WAS ME VOOR

B.P. Arend

Simon Sileghem

Ik wil je tonen

Ik had me een zondag voorgesteld

hoeveel het hier

met mijn moeder onder de kersenboom

veranderd is.

paardenogen volgden en honden

Â

golfden over oorkonden

Sinds je weg bent, zijn er zoveel

Ik had me een leven voorgesteld

wegen bijgekomen.

waarin moederhanden, oud en versleten

Â

kinderen vastnamen

Bomen zijn omver gekapt,

een geest om amper te vergeten

groen is veranderd in grijs, en ik ben 25 centimeter gegroeid.

Ik had me het voorgesteld maar de dood was me voor

66

67


EENS DE TIJD HET TIKKEN VERLEERT Willem De Pessemier

wij zijn tijdsgolven; van zodra we uit de baarmoeder komen, dragen we ze onder onze vingernagels als een voorbestemdheid voor wat komt leven is: a) van links naar rechts: tijdsinvulling tot het overhelt in b) van rechts naar links: (in lengte) (subjectief) (geweest) c) bovenal onomkeerbaar er zijn hartslagen die de borstkas zo hoog drukken dat ze als een patroon tussen mensen in komen te staan als een eindeloze herhaling van gewoontedier zoekt hok in monotone passerbeweging tot de punt verslijt repetitie van tijd tot tijd tot slinken komt en, afgesloofd om zijn as getold, zijn eigen vorm vergeet uiteindelijk volledig wegebt PARALLELLOGRAM! (om een nieuw uitgangspunt te hebben): bestaan is voortaan evenwijdig tegenover elkaar op de rand van verval zitten binnen eenzelfde hoekensom nieuwe vormen bedenken om tijd in te beslaan

Larissa Viaene

Â

69


maar elke ‘andere’ ruimte blijkt te klein om lichaam in leven te buigen en wij vallen er steeds buiten met een vingertop, een haarlok, de schaal van ons verstand elke afstand tussen duim en pink bestrijkt de tijd tussen duizeling en plooibaarheid van ledematen in de tussentijd overbruggen we de herinneringen tot ze een geur dragen over verschillende tijdspannes heen raken we elkaar altijd (na vandaag) bijna

Heather Cain

(nooit meer)

70


ALOIS

VERGETEN

Stijn Viaene

Lieven Baeyens

Jouw hoofd, de stoffige zolder die ik me nog herinner

al kan je die woorden

van toen oma met mij verstoppertje speelde

niet meer zo goed herkennen

toch blijven er flarden

Mijn hoofd, van uitpuilend enthousiasme verwrongen

of stukjes lettergrepen over

met builen en blutsen van me kinderlijk staand te houden

een soort souvenir

Het voortdurend vallen in dat eindeloze duister

of zo

over rondslingerende kleinigheden

een vergeten indruk

waarvan jij alleen ooit de scherpte wist

uit een andere tijd

Het grijpen naar de zoldermuren, jouw dunne hand

aanwezig nog in een geheugen

ooit nog een leider, nu slechts een twijg van uitgedroogd vlees

dat uit diezelfde woorden

bestond

Klaar om te kraken

zoals je dacht dat je ze vergeten was

zonder dat het jou raakt knip ik het licht aan steeds meer Tot het nacht

72

73


DAAR L AG JE OOK MAAR TE VERDRINKEN IN AL DAT ZWART EN EEN DRIEHOEK WIT Siel Verhanneman

I.

De kier jaren eerder

vader en dochter praten over hoe zij eigenlijk ook te klein “je houdt je godverdomme toch zo klein altijd.”

De kier hoe ze toen was

want breder dan een kier kan het niet geweest zijn wat er in die kier kon gebeuren: - een wanhopige kreet, door merg en been - een sereen vooroverbuigen, als een groet - een aanraking (mag dat nog, binnen dat stadium van het proces?) - een vlucht - een gedicht vijf op zich eenvoudige gebeurtenissen pijnlijk eenvoudig en de breedte van een kier je herinnert je goed hoe hij plots te klein werd voor zijn kleren, later de wereld, zijn ogen voor de kassen waarin hoe hij te klein hoe hij langzaamaan niks met zijn bankkaart fiets je nog om Jerina Malfait

twee pyjama’s, ondergoed, je vader

75


in die maanden doe je veel alsof

Tegenwoordig, denkt ze vaak, heb ik nog flarden.

alsof je alles begrijpt

‘Ik. Heb. Nog. Flarden.’

het ondergoed, je vader

klinkt als opflakkeren, ze weet nooit of ze nog eens verschijnen, misschien was de eerste keer ook hun laatste groet dus zij schrijft ze neer

ondertussen koop je ook een handtas

dwangmatig gedetailleerd

veel te duur en met zijn geld

schrijft ze alle flarden op

dat zou je wel terugbetalen wanneer alles weer als vroeger was

vult ze kieren

later zie je dit bewijs van hoe er niks te begrijpen viel

waarin nog zo veel godverdomme

van hoe hij langzaamaan niks

nog zo veel

je vader sterft.

De kier de eerste twee jaren na zijn dood

je draaide meteen de kier jouw rug toe, dat ging al even eenvoudig, de pijn kwam slechts jaren later te laat werp je de nood om troost uit als doorzichtig visdraad de slimme vrienden zwemmen erom heen de nieuwe vrienden struikelen, vloekend “zo klein, die nood van jou, zo klein, toch helemaal niet de moeite?” ambitieuze vrienden happen toe, hoe meer zij happen, hoe meer je zelf stappen naar achter rug zoekend naar de kier die kier te klein godverdomme, zo klein allemaal toch helemaal de moeite niet wanneer je zelf je visdraad niet wilt vinden. 76

77


kijkt hij nog naar haar

De kier jaren eerder

zonder alle bagage te zien een reis naar Italië die hij niet meer zou halen.

groots en dreigend

ziekenhuis, de eerste keer van veel

iets tussen wolken die blijven hangen en rotsen die blijven wegen

zijn eigen schuld

kijkt hij nog naar haar gezicht

of de last

haar borsten

‘Ja, de schuld van zijn last’

de knoopjes die hij

fluister je tegen jezelf knijp je in je handen.

altijd is er het afdwalen tot ergens boven haar linkerschouder op zoek naar een manier

het zou jullie eerste vakantie samen geweest zijn,

om dat puin van vroeger op te vangen

na vele jaren van wachten op elkaar

de mist plichtsbewust weg te vegen

een reis volledig afgestemd op de auto, jij en je lief

laten optrekken door er weemoedig naar te staren

er met het vliegtuig naartoe

ze volgt de weg die zijn ogen afleggen

alleen. met twee.

niet meer

je vader zingend in zijn witte bed achtergelaten,

zijn bezwerende blik die een toekomst boetseert

dacht dat hij de kapitein was op een cruise.

hun toekomst

hulpeloos

als klei

jullie waren hulpeloos

is zij nu

met dure taxi’s, een onweer, ramen open, duizenden duizenden

log en opgevuld

vliegen binnen, jij huilend op een ingezakt bed, jouw lief die

denkt ze aan haar borsten

beesten aan het doodmeppen daarna samen lijkjes afschrobben

de knoopjes zo veel lichter

hulpeloos

dan het puin, dat weet ze

jullie konden toen al niet zonder hem

voor niemand nog bestemd

het was niemands schuld altijd alles op de last steken.

78

hoe bouw je daar nog een huis omheen

79


II.

niet enkel de spierpijn kun je nu verdoven, ook het verdriet

‘Kijk toch wat ik kan. Mijn eigen verdriet verdoven.’

De kier is het lichaam

je bent heel trots op jezelf. je denkt dat het zo wel lukt om verder te gaan.

hij zegt je dat, wanneer je meer zou huilen, je minder tandpijn zou hebben

je zus sterft. stapelen flarden

De kier jaren eerder

stapelen jullie ontbijten. jullie vieren moederdag. op de plek waar later in wortelkanalen

je beste vriendin lijkt te werken. je beste vriendin was erbij de

middenriffen

laatste keer dat jij haar zag. je haat jezelf om het overdadig delen.

schouderbladen

je bent te laat, je verliest een kwartier

buiken, harde, gespannen

nooit nog zul je zo’n waardevolle vijftien minuten door je eigen

alles.

schuld kwijtspelen. weggooien. je hebt je les geleerd

De kier drie jaar later

later die ochtend toon je jullie nieuwe huis, gekocht met de e alle micro’s van je huid staan open

rfenis van een vader

je hebt een arm. teken daar een vlak op. daar zitten honderd micro’s.

“Loop maar eerst de trappen op”, puft ze.

bij gewone mensen werken er vijftig bij jou allemaal. jouw lijf is één

“Ik wandel al voor naar de auto”, zucht ze.

grote alarmfase. verdoven kan niet tenzij je dit jezelf aanleert. je leert dit aan jezelf een kinesist plant een potloodpunt in je schouder je hangt niet aan het plafond zoals de meeste van zijn klanten zegt hij je bent heel trots op jezelf

80

81


De kier een week later

III.

De kier nu

“Ze zeggen hier dat het kanker is”, smst ze. het begint soms bij een spier die samentrekt – dat je die plotse je zegt haar nog dat het wel goed komt

beweging net onder je oor niet meer kunt loslaten je bent een

je zegt hem nog dat ze altijd

wandelende spiersamentrekking en je begint meer te voelen dan

veel te snel

enkel dat oor en dan heb je plots iets waar je aan kunt sterven

panikeert onlangs viel je tijdens het skeeleren op je knie in foetushouding bleef je liggen je wist heel zeker dat het voor jou zo banaal zou eindigen nicole en francine wonen in de straat. 88 en 94. ze zorgen goed voor elkaar. je neemt het hen kwalijk want zij wel en jullie niet. je houdt van hen. wanneer je hen ziet wandelen doe je alsof je wordt opgebeld.

De kier nu

je weet nooit of je er te veel of te weinig aan denkt. aan de dood. je weet dat je er te veel over schrijft en dat je meedoet aan over de doden niets dan goed de slechte dingen bewaar je voor de huilbuien de huilbuien volgen de vijf fases niet jij volgt de vijf fases niet je weigert

82

83


De kier nu

je herkent je golven je begrijpt ze nog niet

de vijf fases zeggen weinig over hoe het nu verder moet met

nu en dan ben je blij

al wat in een leven vanzelfsprekend moet zijn.

lach je oprecht, vertel je hoe mooi alles ooit was

wat nu niet meer van zelfsprekend is:

denk je automatisch aan wat niet meer kan

- het zwaailicht van een ambulance - zussen zien

je lief gaat eraan onderdoor

- over zussen spreken

soms kijk je hoe hij wegkwijnt

- vaders zien

soms leer je hem nieuwe dingen

- over vaders spreken

maar eigenlijk wacht je,

- vrijen.

nu

de vijf fases zeggen niks over vrijen. over hoe banaal seks wordt

altijd op het volgende

na een dode vader en een dode zus. de schaamte die je voelt bij lust omdat het te dierlijk is. je verlaagt je tot zoiets bruut terwijl je trau-

jouw vader is gestorven

ma’s hebt. waarom zou je vrijen met zoveel trauma’s. de combinatie

jouw zus is gestorven

lijkt onmogelijk. het gevoel constant te worden bekeken. vanuit de

hemel? je eigen hoofd? de schaamte bij de lust en iedereen die ziet

wat nu niet meer vanzelfsprekend is:

dat het nu wel over zal zijn want kijk

- voelen

ze vrijen toch al weer.

- omhelzen zonder te verstikken

De kier nu

je wacht op het volgende maar er zijn vrienden die naar je visdraad vragen en er zijn mensen als kommetjes ze leert je dat verdriet mag bestaan en dat jij mag bestaan en dat er veel context is. je hecht je veel te snel. jouw anker vindt enkel nog haar stoelpoot.

84


Hier kan je zelf een verhaal, een gedicht of losse herinneringen over een dierbare die je altijd zal bijblijven neerschrijven.


Colofon

Auteurs: Mariet De Kegel, Anneleen Van Offel, Aimée Bruyninckx,

Christine Van den Hove, B.P Arend, Leen Raats, Sofie Florin, Andreas Raven, Simon Sileghem, Alice Boudry, Salma Nachi, Martijn Verhelst, Trees Accou, Imane Ghislaine, Vere Verheecke, Thomas Jacques, Roderik Six, Lise Surmont, Annette Akkerman, Rudi Lavreysen, Bart Steenhaut, José Vandenbroucke, Stijn Viaene, Patrick Buysscaert, Ruben Vandewoestijne, Willem De Pessemier, Lieven Baeyens, Siel Verhanneman, Dominique Minten Illustratoren: Lara Jakoba Breine, Cheyenne Deckx, Lies Jacques,

Cornelia Boudens, Lara Jakoba Breine, Sven Verhaeghe, Inès Lecluse, Helen Dierckx, Larissa Viaene, Heather Cain en Jerina Malfait. Cover en ontwerp: Astrid Fieuws

Verantwoordelijk uitgever: Reveil vzw Uitgever: Thomas Jacques

Hoofdredactie: Thomas Jacques & Imane Ghislaine Redactieraad: Thomas Jacques, Lara Jakoba Breine, Siel Verhanneman,

Imane Ghislaine, Aimée Bruyninckx, Pieter Deknudt, Lies Cattersel Een intiatief van Reveil vzw, Zinger en John, I’m Only Dancing Indien u na het lezen van deze bundel met vragen zit omtrent zelfmoord, kan u steeds gratis bellen naar het nummer 1813.

Met dank aan:


Mariet De Kegel / B.P Arend / Anneleen Van Offel / Bart Steenhaut / Imane Ghislaine / Stijn Viaene / Alice Boudry / Annette Akkerman / Thomas Jacques / Christine Van den Hove / Ruben Vandewoestijne / Lise Surmont / Dominique Minten / Sofie Florin / Leen Raats / Simon Sileghem / Siel Verhanneman / Willem De Pessemier / Vere Verheecke / Patrick Buysscaert / Martijn Verhelst / Aimée Bruyninckx / Andreas Raven / Roderik Six / Rudi Lavreysen / Salma Nachi / Lieven Baeyens / José Vandenbroucke / Trees Accou

Profile for reveilvlaanderen

Reveil19 Boek  

Reveil19 Verhalenboek.

Reveil19 Boek  

Reveil19 Verhalenboek.

Advertisement

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded