Issuu on Google+

JAARGANG 2 EDITIE 1

POOK Het meest belangwekkende magazine sinds Time. DE

GIPSBERG

BELEID

EVERGEMSE POLITICI AAN HET WOORD

MODERNISME IN

KLEIN RUSLAND

CC ROADSHOW THE EVIL PONY’S STEFANIE STOFFEERT MEETJESLAND VAKANTIELAND

DE

CINEMAROUTE


POOK DANKT

REDACTIE SVEN DE SCHEEMAEKER LIESELOT MECHELINCK MICHIEL VERGAUWE EVELYN DE CRAENE BERT CAMBIER

JAARGANG 2 EDITIE 1

POOK

WWW.OEMTATA.BE OEMTATA.VZW@GMAIL.COM

SOFIE DE MUYNCK TIJS VAN BRAGT INSPECTOR VEGGIE GERTJAN WILLEMS JOKE WILLEMS RUBEN DHONT JOKE BUIJS LB & SMOKE KATHLEEN PISMAN THE EVIL PONY’S PETER HOLVOET-HANSSEN DEFCOM NICHOLAS LATAIRE

VOLGENDE EDITIE SEPTEMBER 2012

VZW OEMTATA CIRQUE CONSTANCE N9 BARD PAUL VERGAUWE CHRIS COENE JOERI DE MAERTELAERE LISE FORE RONNIE PEDE DIE ZUKUNFT CAFE PASSE STEFANIE DE PUYDT TIM VAN LAERE VICKY VAN HIJFTE


EDITORIAAL EEN GEKLEURD VERHAAL

INDEX 2

GESCHIEDENIS VAN DEN OEMTATA

14

HET PRIKBORD CROCODILE DANNY INSPECTOR VEGGIE

15 22 34

MEER VAN VERMEER

6

HOGE BOMEN

NICHOLAS LATAIRE

10

DE GIPSBERG VAN RIEME

12

INTERVIEW CHRIS COENE

Waarom vertel ik u dit verhaal, beste Pooklezer. Wel, ik heb mij bijzonder hard gestoord aan de vooringenomenheid van de vraagstelster. Ze ging er precies vanuit dat iedereen in Eeklo zich per definitie stoort aan vreemdelingen op straat. Wie iets afweet van de methodiek van het sociaal onderzoek zou toch moeten weten dat gekleurde vragen gekleurde antwoorden opleveren. Ik mag dan ook hopen dat de dames voor hun opdracht gebuisd zijn. Of is mijn vertrouwen in het Vlaamse onderwijs nu te groot?

23

DE REBEL VAN DE FAMILIE

13

NIEUW JEUGDHUIS IN EVERGEM LUXEPROJECT OF BITTERE NOODZAAK?

18

ZELZATE BITCH

DE BENDE VAN DE COLRUYT

MEETJESLAND VAKANTIELAND DE CINEMAROUTE

STEFANIE STOFFEERT WERELDBEELD BRIEFGEDICHT

20 24

3

7

26

ALS DE ARTIEST DE PASSIE PREEKT

27

CIRQUE CONSTANCE ROADSHOW

30

THE EVIL PONY’S

POËZIE

TIJS VAN BRAGT

35

CULTUUREMMER DE COLLAGE

41

36

U heeft het ondertussen ongetwijfeld gemerkt: deze Pook ziet er een beetje anders uit dan zijn voorgangers. Omdat dat tegenwoordig hip is, hebben we het formaat aangepast. Iets kleiner, en dus handiger om lezen. Pook zal dit jaar slechts drie maal verschijnen. Kwaliteit is nu eenmaal belangrijker dan kwantiteit. Daarom beloven we u in de toekomst meer en grotere dossiers. De Evergemse politiek begint nu al te zweten. En omdat we graag àlle mediatrends volgen kunt u zich nu ook spotgoedkoop abonneren! Vervoeg snel de club via oemtata.vzw@gmail.com!

PETER HOLVOET-HANSSEN

DE FOTO

Nog niet zo heel lang geleden dwaalde ik met een collega door de straten van onze hoofdstad. Nu ja, een stad kan je Eeklo baarlijk noemen. Eerder een omhooggevallen dorp met twee straten, een park en een plein. ’t Was marktdonderdag en er heerste een aangename drukte. Op een straathoek werden we aangesproken door een drietal jonge meisjes. Of ze ons wat mochten vragen voor een schoolopdracht. “We zijn bezig met een kleine enquête onder de inwoners van Eeklo”, zo verduidelijkte een van de meisjes. “Wij wonen niet in Eeklo”, zo riposteerden we. “Geeft niet”, antwoordde het meisje. Ethiek of juistheid van de steekproef was blijkbaar toch niet zo belangrijk. “Eerste vraag: wat vindt u van het aantal vreemdelingen in Eeklo?” Mijn collega kijkt even rond en zegt: “Er zijn er veel te weinig, ik zie hier geen enkele neger rondlopen. Eeklo heeft dringend nood aan meer negers!” *stilte* De meisjes hadden dit antwoord duidelijk niet verwacht, zo kon ik afleiden uit hun blik vol afgrijzen. De enquête was afgelopen.

Wat vindt u allemaal terug in deze Pook? Voor elk wat wils, of wat dacht u? We laten de Evergemse oppositie aan het woord en onderzoeken de audiovisuele geschiedenis van onze omstreken in Meetjesland Vakantieland. We spitten daarnaast, haast letterlijk, de vuiligheid die de gipsberg nu eenmaal is, op. Naast de stevige portie poëzie, fotografie, ambacht, kunst en proza die jullie rotverwende lezertjes ondertussen gewend zijn, brengen we verslag uit van de finale van de Cirque Constance Roadshow. Ik vertel u nog niet wie er gewonnen heeft. Dat leest u verderop. Wat ik u wel kan vertellen is dat er op dat podium in Eeklo ook geen enkele neger te bespeuren was. Er stond wel een black metal band op de planken, maar black metal heeft blijkbaar niets te maken met negers… 2 (bc)


GESCHIEDENIS VAN DEN OEMTATA BIRDS OF A FEATHER FLOCK TOGETHER

toen ik wakker werd kon ik vliegen ik vloog het bed uit de badkamer in de spiegel toonde me twee vleugeltjes achteraan mijn hoofd mijn armen, mijn benen en alles daartussen was weg nog in bed veronderstelde ik seksloos fladderde ik boven de lavabo hoe ik me toen gewassen heb blijft tot op heden een raadsel een lederen blériotpet sierde mijn kop het kon ook een lindbergh geweest zijn je weet wel zo’n pet waarmee chauffeurs van oldtimers mee pronken mijn ogen schuilden achter een antieke stofbril daarop zweetten druppels en damp boven in bed bleef mijn penis maar lullen met mijn muze

D

en Oemtata vat in 2012 een 36e jaar van rebellie en volkscultuur aan. Elke editie van Pook kijken we nog eens achterom. De oneindige mogelijkheden die de vzw biedt aan vrijbuiters van alle aard, zijn gevolg van de inspanningen van vele peetvaders en -moeders. Pook pookt gerne in de aarde waaraan hij is ontsproten. Voor deze vijfde Geschiedenis van den Oemtata gingen we snuffelen aan de kribbe van ons dierbaar boegbeeld, de Oemtabird. “Toen ik wakker werd, kon ik vliegen!”

p.o.w.

E

ttelijke jaren voor Kamagurka de getekende absurditeit ten top dreef, brak de Oemtabird in 1978 uit zijn ei als een van de absurde cartoons van Oemtatapeetvader Paul Vergauwe. ‘Toen ik wakker werd, kon ik vliegen’. Dat vraagt om verklaring. We gingen verhaal halen bij Paul. Paul Vergauwe: “De cartoon heb ik op papier gezet na een avondje stevig toogvegen. De tekening combineert doopsuikercupidootjes met een Blériotmuts. Het softe en slijmerige van Cupido zit erin, maar ook het wetenschappelijke van

Lindbergh en Blériot (pioniers van het vliegen): vleugetjes van het engeltje plus een Blériotpet en een vliegbril.” Dat verklaart de tekening, maar wat met dat wakker worden? Paul Vergauwe: “Iedereen zit wel eens op iets te tobben. Uren, dagen, weken. Na alweer een nachtje pintelieren word je dan wakker en zie je opeens alles klaar. Je hebt de oplossing gevonden zonder er echt over te hebben nagedacht. Zo werd Blériot wakker, en kon hij vliegen. Slapen doet iedereen. vliegen niet. Maar als je

iets echt wil, ben je tot veel in staat. Dat is dan het Oemtataidee geworden. Je kan het ook lezen als ‘Toen ik wakker werd, kon ik opnieuw creatief zijn’. Als er wat gezopen wordt, wordt er ook bandeloos gebrainstormd. Met een pint in de kraag durf je al eens iets meer, en kan je out of the box denken. De bird heeft dus ook te maken met (creatieve) vrijheid. Als je dat wil kan je morgen (iets) veranderen. Toen ik wakker werd, kon ik de wereld aan. Als je wil rebelleren, dan doe je dat, zonder je iets van het gevestigde aan te trekken.”

“De tekening is dan voor het eerst gebruikt voor een affiche van het Oemtata Oogstfeest. Na mijn periode in de Oemtata werd de bird meer en meer als logo gebruikt. Zo zou Peter Dekesel met de bird op een vlag op Werchter de prijs voor de meest originele vlag in de wacht hebben gesleept...” “De bird is dan een beetje het uitgangsbord geworden van de Oemtata, en is dat nu nog. De vele Oemtata-initiatieven van nu zijn, vaak zonder het te weten, een mooie representatie van de oorspronkelijke cartoon.” 2 (mv)


MEETJESLAND VAKANTIELAND DE CINEMAROUTE

EN VÉLO

G

een onherbergzamer gebied dan het Meetjesland; afschuwelijke paaseikunst, dode Doel-lookalike-gehuchten, hier en daar een uit het circus weggelopen dwerg, om maar te zwijgen van al die geweldig misplaatste vluchtheuvels. Maar geen dal te diep en geen berg te hoog voor Pook, en daarom hangen we het komende jaar de toerist uit in eigen streek. Beginnen doen we met de Cinemaroute. Pook dook in de archieven van de dorpscinema en brengt u langsheen de cinematografische trekpleisters van weleer. Hup met die fietswielen! Ertvelde – Lindelaan - 10u30 – 0km

O

ngetwijfeld één van de meest legendarische dorpscinema’s van het Meetjesland is het RITZ in de Lindenlaan. Nadat de eigenaar van weleer moest kiezen tussen een echtelijke scheiding of de verkoop van zijn geliefde filmzaal, schoten Jan en Clara Owzczarczak de wanhopige man te hulp. Zij zouden tot in 1996 de cinemaliefhebber in Ertvelde trakteren op films als Hector, At play in the fields of the Lord en Free Willy. Een pittige anekdote:

nincx er die bewuste avond dat zijn voornaam niet Stijn maar Augustijn is. Prompt offerde brouwerij Van Steenbergen een bak Augustijn en zes glazen! De ter ziele gegane cinema verkocht zijn apparatuur aan filmzaal Paddenhouck van de Universiteit Gent, terwijl de zetels werden opgekocht door de Brusselse Cinema Nova. De recent verduisterde RITZletters die de gele voorkant van de cinema sierden, schijnen in goede handen te zijn.

nadat de raad van bestuur en de kerkvaders Jan verboden ‘La Verité’ met de wulpse Brigitte Bardot te vertonen, legde hij in de plaats de nog veel pikantere maar veel onbekendere ‘Nooit op zondag’ met Melina Mercouri op de filmrollen. Rebels! Rebels! Het zestigjarige bestaan (‘92) werd uitvoerig gevierd met een speech van Ronnie Pede, eindredacteur van het blad ‘Film en Televisie’, en een grote hoeveelheid Augustijn. Volgens de legende bekende Stijn Co-

Cinema RITZ, Ertvelde. 5

Veel minder bekend en met nog veel meer mystiek omhuld is de ‘Kinema van Artevelde’. De cinema zou maar een aantal jaar zijn uitgebaat in de jaren 1930 onder leiding van Kamiel Braekman. Aangezien de locatie ervan – de serviceflats in de Hospitaalstraat – geen blijk meer geeft van dit erfgoed, gaan we onmiddellijk verder richting Sleidinge.


Sleidinge – Sleidingedorp 4 11u10 - 7,9 km

V

ia de Kuipstraat, het Aardeken en Kluizen trappen we richting Sleidinge. Waar vandaag feestzaal Sanderus is, herbergde het gebouw destijds het lokale witte doek. Links vindt u de ingang van de feestzaal, rechts ziet u een grote deur die is afgesloten door houten balken. Daar moest u vroeger zijn! Vandaag wordt de zaal nog sporadisch gebruikt door de Sleinse filmclub. Ook in het gebouw van Jeugdhuis den Orbit zou vroeger een cinema geweest zijn, maar die werd al opgedoekt in de jaren zestig.

Kinema Sanderus, Sleidinge.

Evergem – Hoeksken 78 – 11u30 – 11 km (+ lunchpauze)

Z

elfs Evergem city beschikte destijds over een eigen cinema! Cinema Astrid werd in de loop der jaren omgedoopt tot cinema RIVA en doet vandaag dienst als broodjeszaak. De cinema werd opgericht in de jaren 1920 door Cyriel De Keyzer en hield stand tot de jaren 1970. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het gebouw in beslag genomen door de Duitse bezetters

en kreeg het de naam ‘Soldatenheim Wehrmachtskino’. De Keyzer bleef aan als uitbater, maar moest voortaan de programmatie aanpassen aan de wil van de bezetters, conform de propagandaregels. Een stukje geschiedenis én de ideale lunchpauze. We verorberen een broodje en gaan dan op zoek naar een ander uniek stukje Meetjeslandse filmgeschiedenis: de Kuitenbergmolen!

De Kuitenbergmolen, Belzele.

Belzele – Kuitenbergstraat – 12u15 – 15 km

A

an de oever van de Lieve prijkt een grote grafittitekening op de zijmuur van een oude hoeve. De tekening toont de Kuitenbergmolen die vroeger achter de woonst stond. Het bijzondere aan deze molen is dat hij dienst deed als filmlocatie voor de film ‘Moulin Maudit’, en laat deze laatste nu net de oudste Belgische film zijn die ooit is teruggevonden. De kortfilm werd gedraaid in 1909, duurde een tiental minuten en had Alfred Machin als regisseur. De molen dateert uit de 16e eeuw maar kende een tragisch einde. Nadat hij tijdens de Tweede Wereldoorlog deels werd vernield, ging de familie op zoek naar fondsen om het erfgoed te herstellen. In 1948 werden er subsidies toegekend, maar amper een week voor het geld zou worden overgemaakt, sloeg het noodlot toe: de molen werd met de grond gelijk gemaakt door een hevige windvlaag.

Cinema Astrid, Evergem.

De vriendelijke dame van de hoeve toonde ons een schilderij waarop de molen prijkt. Aarzel niet om ook zelf eens te vragen naar het volledige verhaal!


Eeklo – Markt – 13u30 – 28 km (+ streekbierpauze)

V

ia Lovendegem komen we aan in Eeklo, de hoofdstad van het Meetjesland. Wist u dat deze stad vroeger maar liefst drie cinema’s telde? Het was de tijd waarin politiek en cultuur nog sterk met elkaar verstrengeld waren, of de tijd waarin de verzuiling het ritme van het alledaagse leven bepaalde. In de Stationsstraat vond men de liberale Cinema Astrid. Op de markt, waar vandaag het KBC-kantoor is gehuisvest, kon men in de katholiek gezinde ‘De Gouden Leeuw’ naar de

film. Wij houden halt aan ‘Luxor’, vandaag een drankgelegenheid, waar we op het terras onze dorst laven met een streekbiertje. Deze teloorgegane cinema ontstond in 1928 onder de naam ‘cinema Ledeganck’ en werd uitgebaat door de toen zeer bekende voetballer Maurice L’Espé. Later ging de onafhankelijke cinema door het leven als ‘cinema Luxor’. Dit uitte zich in een vaak gedurfde programmering, tenminste in vergelijking met de katholieke collega’s aan de overkant.

Luxor, Eeklo.

Aalter – Stationsstraat 95 15u30 – 44 km (+ cinemabezoek)

E

en cinemaroute zonder een filmpje mee te pikken is als een café zonder bier, nietwaar? In Aalter, Crembo’s hometown, vinden we de enige officiële Meetjeslandse cinema waar de pellicule nog verlicht wordt. Hier komt de charme van de jaren 1950 samen met digitale projectie en de hedendaagse comfortstandaard. Wij kopen een ticketje (6 euro) voor de exquise cultfilm ‘De Piraten! Alle buitenbeentjes aan dek’ die aanvangt om 15u45.

Cinema Capitole, Aalter.

O

mstreeks kwart na vijf zetten we, een banaan of drie achter de kiezen, koers richting Ertvelde. Nadat we rond acht uur triomferend de Lindenlaan inrijden, slaan we aan de rotonde linksaf. Enkele honderden meters verder stappen we het friethuis Johan Spier binnen voor een welverdiend pak friet met desgewenst een beruchte Spierburger. Op zijn minst een langspeelfilm waardig!

Afzakken doen we in de Oemtata, waar The Three Tramps op tijd en stond het zaaltje omtoveren tot een onvervalste cinemazaal. Voorwaar, zien we daar niet de authentieke RITZ-letters prijken? 2 (edc) (Met dank aan Ronnie Pede) cinemanostalgie.wordpress.com/ 2011/05/11/cinema-ritz-ertvelde/

7


HOGE BOMEN Z

omergemnaar Nicholas Lataire is de jongste hoofdredacteur van het land. Drieëndertig pas maar toch al enige tijd hoofdredacteur van de nieuwsdienst van VTM, en dus eindverantwoordelijke, samen met collega Bart Van Doorne, van programma’s als Het Nieuws, Royalty, Stadion en het kersverse Voor de Show. Reden genoeg om deze getalenteerde Meetjeslander en licentiaat handelswetenschappen bij de lurven te pakken voor een kort maar krachtig interview, hoewel dat makkelijker gezegd bleek dan gedaan. Uitpuilende agenda’s, weet u wel. Uiteindelijk hebben we ons met honkbalknuppels een weg kunnen meppen tot op de nieuwsredactie in de Medialaan. Niemand had lust om ons tegen te houden en het resultaat lees je hieronder.

Hoe zou jij journalistiek definiëren? “Goede journalistiek onthult, legt zaken bloot die mensen werkelijk aanbelangen. Het klinkt misschien wat eenvoudig, maar het klopt wel: nieuws is datgene wat nieuw en onbekend is voor de mensen, waarbij de twee basisgevoelens verwondering en verontwaardiging zijn.” Hoe houd je de vinger aan de pols? Is er ruimte voor zelfstudie om nieuwe inzichten te verwerven? “Eerlijk? Neen, ik heb heel weinig tijd voor zelfstudie, elke dag is een gevecht tegen de klok, een ware rush tegen de tijd. Wel speelt anno 2012 in ons voordeel dat info – ook moeilijker informatie – veel toegankelijker is geworden. Dankzij de elektronische media en de ontzuiling van onze samenleving zijn een pak gegevens veel beter ontsloten. En natuurlijk is er het fenomeen van de specialisatie: bij complexe, technische dossiers geef ik enkele van mijn journalisten expliciet de opdracht de informatiestroom hierover

bij te houden. Zo volgen vier journalisten alle aspecten van de financiële crisis op de voet.” Is journalistiek te oppervlakkig geworden? Te vluchtig? “Ik vind van niet. Persoonlijk denk ik zelfs dat de kwaliteit van de journalistiek er sterk op vooruit is gegaan. Ik spreek uit eigen ervaring als ik zeg dat de populaire media nu meer aandacht besteden aan moeilijker thema’s dan vroeger. Ik vind dat trouwens de uitdrukkelijke plicht van populaire media om die thema’s te brengen. We vinden het essentieel dat pakweg de situatie in Syrië met zorg en nuance gebracht wordt. We doen dat ook. Wel moet ik toegeven dat er te weinig middelen gaan naar diepgravende onderzoeksjournalistiek, daar geef ik je helemaal gelijk in. Maar dat is helaas niet enkel bij ons het geval.” Kan de redactie volledig autonoom werken? Of ervaren jullie soms druk? “Met de hand op het hart: we kunnen hier op de redactie in volle onafhankelijkheid ons

NICHOLAS LATAIRE “Ik ben compleet verslaafd aan nieuws.”

ding doen. Nog nooit heb ik meegemaakt dat er druk werd uitgeoefend van hogerhand of van een adverteerder. Da’s voor mij ook een breekpunt als journalist, ik zou dat nooit dulden.” Redactiechef bij de Gentenaar, eind- en hoofdredacteur van Het Nieuws bij VTM, en kort daarna hoofdredacteur van de complete nieuwsdienst, het gaat allemaal met een rotvaart. Wat zijn de kwaliteiten van een goede hoofdredacteur? “Het is wat moeilijk om over mezelf te praten, maar in het algemeen moet je als hoofdredacteur een instinct voor nieuws hebben: wat wordt ‘groot’ nieuws en wat niet, en je moet soms in een handvol seconden cruciale beslissingen kunnen nemen. Daarnaast moet je echt je team kunnen leiden, je moet in staat zijn om enthousiasme over te brengen en je mensen de nodige energie en creativiteit kunnen geven. Je bent immers eerder een spelverdeler dan een scorende spits, en die rol achter de coulissen ligt me wel.”

Wie of wat inspireert je? “Ik vind het heerlijk om mijn hoofd leeg te maken door een eindje te gaan lopen. Vaak heb ik dan de beste ideeën. Maar om mezelf meteen weer tegen te spreken: in het weekend verzamel ik alle weekendedities van kranten rond mij en schuim alle nieuwszenders af. Ik ben compleet verslaafd aan nieuws. Ik zou ook graag eens samenwerken met twee hoofdredacteuren die ik erg bewonder: Peter Vandermeersch (De Standaard, NRC Handelsblad) en Paul Daenen (Het Laatste Nieuws). De eerste is iemand die een krant echt een heel eigen gezicht kan geven, hij incarneert als het ware zijn krant. En Paul Daenen heeft van zijn dagblad een onwaarschijnlijk succesnummer gemaakt. Ik weet dat er vaak wat meewarig gedaan wordt over Het Laatste Nieuws, maar heel Europa kijkt met veel respect naar het parcours van die krant: een populaire krant met uitstekende verkoopscijfers die toch regelmatig ook wat moeilijker technische, financiële en economische registers durft te bespelen, petje af hoor.” 2 (sds)


EEN GEVARIEERD AMBACHTJE STEFANIE STOFFEERT

O

p een stralende februarimiddag rol ik de oprit van een Oosteekloos landhuis op. Ik parkeer tussen stal en boom, en maak de bedenking dat mijn Corolla er de rust verstoort. Ik heb er een afspraak met Stefanie De Puydt, an old friend en bevallig stoffeerster. Met een beker noodzakelijke koffie loodst ze me naar een ateliertje op de eerste verdieping. Het invallende zonlicht leidt m’n blik naar een klassieke naaimachine, een Adler godverdomme.

STOFFEREN IS…

D

e meeste mensen denken dat stofferen niet ingewikkeld is, maar er komt heel wat bij kijken. Het is een gevarieerd ambachtje. Dat is ook de reden waarom Stefanie er zo door is gepassioneerd. “Om een oud meubel in een nieuw jasje te steken, moet je het eerst ontmantelen. Soms betekent dat strippen tot op het karkas. In een worst case scenario moet je ook het hout gaan restaureren. In mijn geval blijft dat meestal beperkt tot opschuren en lakken van het hout, of het opnieuw vastzetten van een losse poot. Bij ontmantelen komt er wel wat fysiek labeur aan te pas. De nieten en nagels moeten er stuk voor stuk uit. Even het verstand op nul zetten is therapeutisch. Na de ontmanteling begin je op te bouwen. Dat betekent vooral hard nadenken over de vorm, het materiaal, en over hoe het er uiteindelijk moet gaan uitzien. Daarvoor moet je toch wat afweten van stof, stikken en patronen maken. Bij een broek kan al eens een naad scheef zitten, dat zal niemand opvallen. Bij stofferen moet het patroon echter perfect zijn. Daar komt dus ook technisch inzicht bij kijken.

9

Stofferen betekent voor mij herstellen naar de oorspronkelijke staat. Wanneer iemand dat specifiek vraagt, kan ik natuurlijk een oud meubel ook een moderne look aanmeten. Oude Victoriaanse stoelen, veren, patronen stikken. Niet elke Stefanie wordt stoffeerster. Hoe kom je terecht bij dat stofferen? “Oei.. (gniffelt) Eerst volgde ik drie jaar lang avondschool beeldhouwen. Het derde jaar werd me duidelijk dat ik veel meer een functioneel dan kunstig persoon ben. Ik werd meer aangetrokken door ambacht dan kunst, en ontmoette er ook iemand die een soort masterproef deed die handelde over de relatie tussen meubels en kunst. Ik was opeens erg geïnteresseerd in meubels, en heb het beeldhouwen dan ingeruild voor een cursus restauratie. Toen ik op een zeker moment maar een halftijds contract meer aangeboden kreeg, schreef ik me in bij de VDAB voor een cursus stofferen. Terwijl volgde ik nu ook lessen stofferen in avondschool. Vanaf de opleiding bij de VDAB was het voor mij duidelijk: ‘dit is het wel’. Ik ben er heel naturel ingerold, al heeft het wat tijd nodig gehad.”


Canneren Aanbrengen van een rieten stoelzitting en stoelrug, meestal in een vierkantsmotief of in een motief met achthoekige gaatjes. Dit wordt ook wel ‘matten’ of ‘herrieten’ van een stoel genoemd. Capitonneren De techniek waarvoor de ‘Chesterfieldbank’ bekend staat. Op basis van een ruitenpatroon worden er in de stof plooien en knopen aangebracht. Het resultaat is een samenstel van kussentjes. Crin végétal Steppegras uit Noord-Afrika dat gebruikt wordt in het ambachtelijk stofferen. Het vervangt de moderne mousse. Door het samen te bundelen en vele naaitechnieken te hanteren, verkrijg je een authentieke zitting. Triple transport naaimachine In tegenstelling tot een gewone naaimachine heeft deze twee voetjes waardoor de stof ‘voortgetrapt’ wordt i.p.v. verschoven. Ideaal voor het stikken van zware stoffen en leder. Jute singels Brede banden die op het karkas worden aangespannen en de basis van de zitting vormen. Hierop komen de veren, die op hun beurt moeten worden gebonden en geknoopt. Crapaud Schattig zeteltje uit de 19e eeuw, in de stijl van LouisPhilippe, waarbij er normaal gezien geen houtwerk te zien is. Crapaud is de Franse benaming voor ‘pad’ … Het zeteltje kreeg deze fantasienaam door associatie met het uiterlijk van een soort kikker.

“Ik zie dit alles meer als een ambacht dan als kunst.”

Stofferen is momenteel niet je beroep. Heb je plannen om zelfstandig te worden? “Goh, enkel in bijberoep en op kleine schaal. Ik zou er nooit financieel afhankelijk van willen zijn, al is het zeker meer dan een hobby. De ideale situatie zou zijn: vier vijfden werken en de rest van de tijd en het weekend spenderen aan stoffeerprojecten. Fifty-fifty is momenteel echt niet haalbaar. Bovendien wil ik niet enkel in opdracht werken, maar me ook bezig houden met eigen ontwerpen en meer. Ik heb die creativiteit nodig. Experimenteren hoort er bij, ook met meubels en bijvoorbeeld lusters. Een ideetje dat ik allang wil uitwerken betreft een luster op basis van oude stoffeerveren. Maar goed, de tijd zal wel uitwijzen waar ik met dat stofferen uitkom.” Valt er überhaubt iets mee te verdienen? “Om dit voltijds op zelfstandige basis te kunnen doen, ik ken er, moet je keihard werken. Eens je wat naam hebt, kan

je best wat vragen voor een project. Maar op dit moment ben ik al blij met de opdracht, zodat ik kan blijven bijleren. Ik kan ook mijn perfectionisme maar moeilijk laten varen. Door al dat streven werk je vaak veel te lang aan een stoel of een kussen, en dat kan je niet doorrekenen. Ik ben veel te weinig commercieel ingesteld. Maar op termijn zal ik daar toch eens serieus moeten over nadenken (lacht). Maar schrijf maar op dat het het moment is, net omdat ik nu nog niet veel vraag (fronst een wenkbrauw).” Wie zijn de helden van het vak? “Oei, ik ben niet goed in netwerken. Ik zou het misschien meer moeten doen, maar ik vind het maar een vies woord. Ik lees er ook te weinig over. Ik ga wel eens kijken in de etalages van de concurrentie, maar onthoud geen namen. Als voorbeeld zou ik eerder stoffen zelf noemen, of kunstenaars. Louise Bougois vind ik bijv. fantastisch. Zij werkt ook met stoffen. Ik heb ook iets

met Scandinavische meubels; dat typische hout, die vormen. Al die merken van ontwerpers zijn ook zo duur. Da’s mijn wereld niet. Ik ben liever de underdog die evengoed mooie dingen aflevert.” Hoe ga je te werk? “Wanneer iemand me aanspreekt om een meubel te herstofferen, vraag ik eerst om een foto door te sturen. Dan kan ik mogelijks al iets zeggen over het budget. Daarna ga ik persoonlijk kijken of ik me niet op een onmogelijk meubel stort. Meestal neem ik het meubel dan ook al mee. Ik geef de mensen een richtprijs. Dat is zowat het moeilijkste van het hele proces, maar meestal zit ik er niet ver af. Meestal gaan we dan samen de stof kopen, of kiezen we een stof uit mijn eigen collectie (toont enthousiast rollen stof die ze net uit Marokko heeft meegebracht). Ik werk niet met een deadline. Voor degenen die het proces willen opvolgen, post ik een foto van de verschillende stadia op mijn blog.”


“Je moet constant rekening houden met de dikte, de lagen, de veerspanning. Alles moet symmetrisch.”

Wat is je droomproject? “Eerst een meubel zelf restaureren en er dan iets uniek van maken, er mijn eigen stempel op achterlaten, er iets unieks mee doen waar een ander nooit aan zou denken. En dan genieten van de erkenning door het verkocht te krijgen (lacht). Het moet experimenteel zijn, iets waar de creativiteit van af spat, en natuurlijk tot in de kleinste puntjes afgewerkt.” PERFECTIONISME “Mijn leerkracht had me vroeger al gewaarschuwd: oog voor detail kan een troef zijn, maar kan ook tegen je werken. Ik moet er op letten dat ik dingen kan loslaten. Zowel vloek als zegen. Ik ben in alles zo, behalve in het opruimen en kuisen van mijn studio (schatert). Ik stoffeer graag net omdat ik mijn perfectionisme erin kwijt kan. Ik merk wel dat ik op andere vlakken daarin verbeter. Ik kan beter loslaten, het is echt een uitlaatklep.” Wat is het moeilijkste aspect van je passie? “Patronen maken is klassiek een moeilijk onderdeel, maar dat heb ik na vele uren best goed onder de knie. Capitonneren is technisch het moeilijkste (knoppen innaaien in het kussen, nvdr). Vooral leder capitonneren is geen gemakkelijke klus. Ik heb nu een machine waar dat mee kan,

maar ik heb nog geen dergelijke opdracht gekregen, en heb misschien nog wel nood aan wat bijles. Een ander belangrijk aspect van stofferen is het zitcomfort. Je moet constant rekening houden met de dikte, de lagen, de veerspanning. Alles moet symmetrisch.” Heeft je verleden als beeldhouwster invloed op je werk? “Technisch niet. Esthetisch wel. Met beeldhouwen deed ik ook wel al mijn eigen ding, maar uiteindelijk is het wel een belangrijke stap richting stofferen geweest. Als ik aan mijn lusters begin zal ik er wel weer meer op terugvallen. Maar zoals eerder gezegd, zie ik dit alles meer als een ambacht dan als kunst. Voor ik aan beeldhouwen begon deed ik niks met mijn handen. Het heeft me vooral wakker gemaakt.” Is het een populaire ambacht? Heb je eigenlijk concurrentie? “Goh, jawel, maar zij weten van mijn bestaan niet af. Ik voel me echt wel de underdog. Er zijn heel wat winkeltjes in Gent, en ik kijk wel eens in hun etalages. Ik zoek eerder contact met restaurateurs en ontwerpers. Binnenkort zit ik samen met een meubelrestaurateur. Hij wil eigen meubelen gaan maken, en ik zou ze gaan stofferen. Dergelijke samenwerkingen met andere ambachten, dat is waar ik naartoe wil.” 2 (mv) stefaniedepuydt.wordpress.com 11


DE GIPSBERG VAN RIEME

GIFSTORT WORDT GROEN BELASTINGSPARADIJS H

et kan verkeren. De gipsbergen te Rieme langs de R4 stonden nog niet zo lang geleden bekend als ons eigen mini-Tsjernobyl. Een gigantisch stort vol bergen fosforgips die radioactieve deeltjes bevatten. Nu is de impact voor de onmiddellijke omgeving altijd beperkt gebleven, wat in Tsjernobyl toch een tikje anders is geweest. Feit is dat de erfenis van de industriële activiteiten van ‘de Kuhlmann’ een absolute rotzooi mag genoemd. De bodemvervuiling is gigantisch en niemand, ook de huidige eigenaars niet, voelen zich geroepen om het hele terrein te saneren. De 140 hectare zijn momenteel in handen van twee (heel) grote bedrijven. Baggerreuzen Dredging International en Jan De Nul hebben een consortium gevormd en zijn sinds 28 juni 2010 eigenaar van de gipsheuvels. Terranova (‘nieuwe aarde’) heet het hele zaakje nu. Poëzie en multinationals, altijd al een geslaagde combinatie geweest.

E

en kleine twee jaar later stellen we vast dat ze niet met hun vingers hebben zitten draaien. Er werd een bos aangeplant als groene buffer tussen het stort en de woonwijk Klein Rusland, de dijken, erg instabiel geworden na het faillissement van vorige eigenaar Nilefos Chemie, werden verstevigd, de bekkens met vervuild water gezuiverd en nieuwe ambities bekendgemaakt. Zo komt er een verwerkingscentrum voor baggerspecie, het zuidelijk deel zal verder opgehoogd worden met ‘vast, geurloos en niet-gevaarlijk materiaal’, een deel van de terreinen wordt gesaneerd om daarna aangeboden te worden als beschikbaar terrein voor nieuwe bedrijfsactiviteiten, en last but not least, de oprich-

ting van het grootste energiepark met zonnepanelen van de Benelux. Het huidige schepencollege vond dit kennelijk een fantastisch idee, want eind vorig jaar beslisten ze samen met Groen om zich voor maar liefst 875.000 euro borg te stellen voor dit zonnepark. Ook in Zelzate stelde de gemeente zich voor hetzelfde bedrag borg. Duizelingwekkende cijfers, en in Zelzate schoot de Pvda met scherp op deze beslissing. Bij ons was Open VLD de felste criticus van deze beslissing. We sleurden Vicky Van Hijfte, persoonlijk medewerker van Bart Tommelein in het parlement en drijvende kracht achter de lokale afdeling van de liberalen in Evergem, voor onze micro om tekst en uitleg te geven.

Open VLD vindt milieu geen prioriteit? “Helemaal niet, dat is het punt niet. Integendeel, ik vind milieu erg belangrijk. Ik zou bijvoorbeeld heel graag meer bomen laten aanplanten in onze dorpen en gemeenten, de beste oplossing trouwens om de hoge concentraties fijn stof tegen te gaan. Op dit moment is er absoluut geen controle op gekapte bomen. Elke wijk en elke straat zou verfraaid moeten worden met bomen. Op sluikstorten bijvoorbeeld mogen gerust hogere boetes geheven worden en we zijn voorstander van lagere, gedifferentieerde tarieven in het vernieuwde containerpark. Algemeen gesproken vinden we het concept van Terranova ook best oké.”

Waarom dan de felle kritiek? “Op het eerste zicht lijkt dit een schitterend project, een vervuilde site die door een privépartner wordt gesaneerd en die daarna een nieuwe, ecologische bestemming krijgt als zonnefarm. En niet zomaar een zonnefarm, maar de grootste zonnefarm van de Benelux. Een brownfield-project pur sang en dan nog eentje waar de gemeente geld aan kan verdienen via een participatie als bevoorrechte partner via Finiwo (de Financieringsintercommunale voor Investeringen in West- en Oost-Vlaanderen, nvdr). Buiten het feit dat wij vinden dat het nu niet het moment is om risicovolle investeringen te doen met het


DE GIPSBERG

“We laten de burgers twee keer betalen: één keer via hun belastinggeld dat we investeren en één keer via de elektriciteitsfactuur.”

Vicky Van Hyfte, Open VLD

geld van de burgers hebben wij twijfels bij het rendement van zonnepanelen (het gemiddeld rendement van zonnepanelen is inderdaad amper vijftien procent, windmolens geven tot drie maal meer rendement, nvdr). In wezen wordt hier de winst van een privéfirma betaald door de belastingbetaler. De kostprijs van de recyclage van zonnepanelen is ook zoiets dat systematisch genegeerd wordt. Ook het systeem van de groenestroom-certificaten stellen we ter discussie.“ Wat is het probleem met die certificaten? “Op 20 jaar tijd zal de NV Terranova Solar voor 87,3 miljoen euro aan groenestroomcertificaten binnenrijven. De gemeente Evergem krijgt hiervan als investeerder uiteraard een deeltje, maar het grootste stuk gaat naar

zonnepanelen. Wij mogen dus verwachten dat de elektriciteitsfactuur in onze regio zal stijgen na het operationeel worden van dit park. Energie is zo al bijna onbetaalbaar geworden. Ik vraag mij af of het in de huidige tijden ethisch nog verantwoord is om dergelijke investeringen te doen. We laten de burgers twee keer betalen: één keer via hun belastinggeld dat we investeren en één keer via de elektriciteitsfactuur. Ik vraag me af of de meerderheid hierover heeft nagedacht en of hierover gepraat is met Eandis om een financiële inschatting te kunnen maken voor de burger. Het spreekwoord zegt: ‘enkel de zon komt voor niks op’, maar dat is tegenwoordig ook al niet meer waar. Telkens de zon opkomt moeten we bang zijn dat onze elektriciteitsfactuur stijgt.” 2 (sds)

de privépartner. Wij investeren dus belastinggeld om een bedrijf rijker te maken. En dat is nog niet alles. Die groenestroomcertificaten worden sowieso door iemand betaald. Vorig jaar reeds gaf Eandis te kennen dat de elektriciteitsfactuur van elke Vlaming met 80 euro zou stijgen door de groenestroomcertificaten. Zij gaven toen aan dat vanaf volgend jaar de stijging niet voor elke Vlaming evenveel zou zijn, maar dat men zich zou baseren op het aantal zonnepanelen (en dus het aantal uitbetaalde groenstroomcertificaten) in een bepaalde regio. Dat wil dus zeggen dat als je in een regio woont met veel zonnepanelen, je elektriciteitsfactuur meer zal stijgen dan wanneer je in een regio woont met weinig zonnepanelen. Door dit park, zullen wij terechtkomen in een regio met enorm veel 13

Onderzoek van Pvda Zelzate stelt gerust Van de gipsberg Terranova te Zelzate waait jaarlijks 116 ton stof weg. Dat is vooral gips, maar er zitten ook radioactieve stofdeeltjes bij. Die kunnen de woningen binnendringen en houden een gezondheidsrisico in. De dokters van Geneeskunde voor het Volk waren pas gerustgesteld, nadat ze zelf een onderzoek instelden. In een handvol woningen in de aanpalende wijk Klein Rusland werden op eigen initiatief radonmeters geplaatst om eventuele radioactieve straling te kunnen detecteren. Geneeskunde voor het Volk Zelzate concludeert uit de metingen dat er geen verhoogde blootstelling aan radioactiviteit is voor de omwoners van de gipsberg.


CHRIS COENE, EEN INTERVIEW

Op uw initiatief kwam er toch een infovergadering, waarop de directeur een woordje uitleg hris Coene, voormalig uitbater van café The Maple te kwam geven? Stoepe en frontman van de in onze contreien wereldIn december heb beroemde coverband Never 2 Late, bekent kleur. In het ik inderdaad een najaar staat hij op de gemeentelijke verkiezingslijst van infovergadering georganiseerd in de SP-A. En toeval of niet, enige tijd geleden tekende de zanRaadzaal van het ger al meteen voor het eerste bescheiden relletje tussen onze voormalige gemeentelokale politici door op eigen initiatief een infovergadering huis van Ertvelde. De te organiseren voor de bewoners van de ‘Boomwijk’, een opkomst was bijzonsociale wijk in Ertvelde, op een boogscheut van ons oercafé der groot, de zaal zat de Oemtata. eivol. Alleen denk ik dat ik mag zeggen dat iedereen wat op zijn honger bleef zitten na de toelichting van de directeur. Conclusie is en blijft dat er niet afWat was precies verkleinen, de slaapruimte te vergeweken wordt van de het probleem? duisteren, het zonlicht te weren plannen: alle rolluiken moeten en voor meer privacy te zorgen. weg. Ik had ook niet de indruk “De Meetjeslandse BouwmaatDe bouwmaatschappij heeft dat die directeur zich echt kon schappij voor Volkswoningen de plaatsing van die rolluiken verplaatsen in de situatie van die (MBV) wil het houten buitenmensen. Het klinkt misschien schrijnwerk van de 117 huurwo- trouwens altijd mondeling toegestaan.” niet zo indrukwekkend, dat verningen vervangen door pvc en haal van de rolluiken, maar die hoogrendementsglas. Investeren in isolatie oudere mensjes zijn daar echt het In november hebben ze hierkan toch alleen maar hart van in en liggen er letterlijk voor een brief gestuurd naar alle toegejuicht worden? ’s nachts van wakker.” bewoners. “Op zich wel, maar ik wil vooral De brief vermeldt ook dat alle Wat stel je dan zelf voor de minimale communicatie aanvoorzetrolluiken verwijderd als oplossing? zullen worden en niet meer kaarten. Op geen enkel moment teruggeplaatst kunnen worden. heeft de eigenaar zich de moeite “Ik wil pleiten voor een officieel, Hierop is toch wel wat paniek getroost om te reageren op de structureel aanspreekpunt in de ontstaan in de wijk, niet in het vele, terechte vragen van de Boomwijk, en bij uitbreiding minst omdat een pak huurders buurtbewoners. in alle sociale woonwijken van ondertussen al wat ouder zijn. Een erg sociale aanpak kun je dit Evergem. De communicatie Bijna overal hebben de bewoners moeilijk noemen. Bovendien is tussen de huurders en de bouwzelf rolluiken geplaatst – vaak het een tikje absurd om hoogmaatschappij is ondermaats, een aanzienlijke investering voor rendementsglas te plaatsen als je de bewoners worden gewoon mensen met een bescheiden geen plannen hebt om de daken aan hun lot overgelaten. Naast inkomen – om inbraakkansen te te isoleren…” de rolluiken zijn er nog tal van

C

andere problemen, zoals de eventuele aanwezigheid van asbest, waarmee je als huurder op dit moment niet terecht kunt bij de bouwmaatschappij. Dat moet veranderen.” Naar verluidt was de gevestigde politieke orde niet echt opgezet met je initiatief? Zomaar eventjes als absolute nieuwkomer de knuppel in het hoenderhok gooien, blijkbaar ligt dat gevoelig? “Inderdaad, dit hele verhaal is me niet in dank afgenomen. Onder meer een kandidaat-burgemeester heeft me verweten de gangbare spelregels van de politiek niet te volgen. Maar ik wou in de eerste plaats die mensen helpen die in de kou stonden. Het was me nooit echt te doen om de persaandacht of de heisa op zich.” Wat beweegt een mens om in de politiek te stappen? En waarom SP-A? “Tsja, ik was daar al een tijdje op aan het broeden. Ik wil vooral dat onze gemeente, waar het toch goed leven is, een mooie, aangename gemeente blijft. Ik wil een tegengif bieden voor de verzuring, voor dat eeuwige gekanker. En SP-A was de eerste partij die me persoonlijk heeft aangesproken. In allereerste instantie wil ik de stem van de kleine man laten weerklinken, de grote man heeft al genoeg in de pap te brokken.” Wie zijn wij om dat tegen te spreken? 2 (sds)


NIEUW JEUGDHUIS IN EVERGEM

LUXEPROJECT OF BITTERE NOODZAAK?

K

ort na de gemeenteraadsverkiezingen van 2000 werd een dure eed gezworen: Evergem zou zijn eigen JOC krijgen. Zo hadden de meerderheidspartijen, een coalitie van de Ploeg Vrije Gemeentenaren (PVG) (een kartel tussen Spirit en SP-A), Open VLD en Groen!, beslist. Een JOC of Jeugdontmoetingscentrum is een jeugdhuis XXXL: een groot en modern gebouw, inclusief fuifzaal, polyvalente zalen, repetitielokalen, educatieve ruimtes. Een erg ambitieuze doelstelling met andere woorden. Helaas stellen we op dit eigenste moment vast dat de gebouwen van Jeugdhuis Tentakel te koop worden aangeboden. Een alternatief lijkt niet meteen de eerste prioriteit te zijn van onze lokale politici. We voelden twee kopstukken aan de tand hoe ze de toekomst van het jeugdbeleid in onze gemeente zien. Willen zij tijdens de nieuwe legislatuur werk maken van een JOC?

NEEN

JA

Joeri De Maertelaere N-VA

Kathleen Pisman GROEN

E

V

en van mijn prioriteiten als lijsttrekker van N-VA is de financiële gezondheid van deze gemeente. Hoewel de situatie momenteel vrij goed is, kondigen de komende jaren zich aan als bijzonder moeilijk. Ruimte voor luxeprojecten en luchtkastelen zal er niet zijn. We moeten eerlijk zijn: een jeugdontmoetingscentrum is op dit moment financieel niet haalbaar. We spreken toch al gauw over ruim twee miljoen euro. Bovendien ben ik niet helemaal overtuigd van het concept van één JOC voor Evergem. Vaststelling is dat deze gemeente uit heel veel verschillende dorpskernen bestaat, die bovendien vaak hun eigen dynamiek kennen. Ik ben niet zeker dat de jongeren van Sleidinge vlotjes naar Ertvelde zouden trekken, gesteld dat het JOC hier gevestigd wordt. Ik geloof meer in een gedecentraliseerde aanpak in de grote kernen zoals Evergem, Sleidinge en Ertvelde. We zijn altijd bereid om bestaande privé-initiatieven te ondersteunen. Dat ligt ook in de lijn van de basisfilosofie van de N-VA. De overheid moet vooral een bescheiden en ondersteunende rol krijgen, de echte dynamiek moet van onderuit komen, moet al aanwezig zijn. Echt jeugdwerk komt het best vanuit de jeugd zelf, kijk maar naar de werking van vzw Oemtata. Het van bovenuit opleggen van één centraal en grootschalig project houdt grote risico’s in. Voor dit soort jeugd- en dus vrijwilligerswerk heb je vooral een plaatselijk en groot draagvlak nodig. Bovendien, en dat mag toch ook wel even benadrukt worden, want het is absoluut niet zo dat we te krenterig zijn om geld te besteden aan onze jeugd, werd de laatste jaren een aanzienlijk budget vrijgemaakt voor subsidies en renteloze leningen voor de bouw en renovatie van de lokalen van onze jeugverenigingen (KLJ Kluizen, Scouts Evergem, chiro Wippelgem en Doornzele).

oor ons is dit een breekpunt. Studies tonen aan dat er echt een grote behoefte aan fuifruimte is bij onze jeugd. En voor alle duidelijkheid: ik breek hier geen lans voor een fuifzaal waar meer dan duizend man uit de bol kan gaan. Maar een ruimte voor twee- tot driehonderd man moet mogelijk zijn. Het blijft nog altijd de meest realistische piste om een deftig jeugdbeleid uit te bouwen. Enkel op die manier kun je de niet-georganiseerde jeugd bereiken, want de discussie wordt soms wat teveel verengd tot de jeugdbewegingen. Het probleem van de hangjongeren is ook het probleem van het gebrek aan een beleid voor die niet-georganiseerde jeugd. Ook als moeder zie ik mijn kinderen omwille van de degelijke omkadering het liefst naar een fuif gaan in een JOC. We zouden wel meerdere functies willen combineren, ook senioren zouden in dit gebouw hun gading moeten vinden. De groep actieve senioren wordt immers steeds groter. Ook de jeugd- en de uitleendienst zouden op deze centrale plek geïntegreerd moeten worden. Lijkt ons logisch als je wil komen tot een coherent beleid op lange termijn. Bij Groen vinden we een actieve, noem het zelfs een proactieve, rol van de plaatselijke overheid erg belangrijk, zeker als het onze jeugd betreft. Je kunt niet zomaar langs de zijlijn staan wachten tot er iets beweegt. De essentie is en blijft het ondervangen van de reële behoeftes van de jeugd. Wel geef ik toe dat ik op dit moment nog geen zicht heb op de budgettaire impact van een nieuw jeugd- en seniorencomplex. 2 (sds) 15


CROCODILE DANNY EEN MET DE NATUUR

N

ature is a bitch. De mystieke krachten van de natuur laten zich niet zo gemakkelijk temmen als een manke lama. Eén man werd uitverkoren om de mensheid te helpen een beter inzicht te krijgen in de natuur van de natuur. Duiven die de cabriolet onder vuur blijven nemen, vleesetende kamerplanten die steeds de nieuwste jonggeborene opvreten, houtwormen in de parket... Crocodile Danny staat u bij met raad en daad uit zijn alomgeprezen bestseller ‘Van Aap tot Zonnebloem’. In deze editie toont Danny ons hoe we onvruchtbare grond kunnen omtoveren tot een oase. Tips en tricks voor een vruchtbare akker.

“MEN MAKE EEN MARGINAAL VUUR”

“MEN NEME EEN VERS SCHARRELEI”

“MEN GOOIE HET EI IN HET VUUR”

“MEN ZOEKE EEN OUDE MUIS”

“MEN FIKKE DE OUDE MUIS”

“MEN VOEGE REGALO CORNICHONS TOE”

“MEN PROEVE DE ZUURTEGRAAD”

“MEN KRUIDE MET GEDROOGD BOMMAHAAR”

TBAAR VRUCH “MEN STRUATIE EEN LEPEL OXFAMKOFFIE”

“MEN PLACEERE EEN BOUQUET “MEN SPREKE DE WOORDEN: GARNIE VAN PISBLOMME” FOETIDISSIMA VULGARIS” 17

“MEN RONDE AF IN STIJL”


KLEIN RUSLAND GEVALLEN MODERNISTISCHE PAREL

E

en verouderde, troosteloze wijk die geprangd ligt tussen de immense gipsberg van de Rhodiafabriek, stinkende slibput van de Vlaamse Gemeenschap en de N49 Antwerpen-Zeebrugge. Met deze woorden wordt de Zelzaatse tuinwijk Klein Rusland momenteel beschreven, maar eigenlijk ontstond Klein Rusland als heus sociaal nieuwbouwproject. Pook vertelt u alles over dit modernistische architectuurpareltje.

MODERNISME IN ZELZATE

I

n 1920 werden de gronden te Zelzate aangekocht door de Nationale Maatschappij voor Goedkope Woningen en Woonvertrekken. Doel van de verkaveling was er een nieuw project te bouwen met modernistische visie waarin ruim 300 gezinnen konden worden gehuisvest. Er was immers grote nood aan goedkope arbeiderswoningen in de periode na de Eerste Wereldoorlog. De Nationale Maatschappij voor Goedkope Woningen en Woonvertrekken kwam er op initiatief van enkele lokale bedrijven en (uit Rusland gevluchte) fabrieksdirecteurs. Het ontwerp kwam van een samenwerking tussen architect Huib Hoste en urbanist Louis Van der Swaelmen waarin het modernisme niet alleen als stijl maar ook als standpunt werd getoond. Klein Rusland staat bekend als één van de eerste en grootste projecten uit het modernistisch Belgisch ensemble.

FORM FOLLOWS FUNCTION Het modernisme is meer dan enkel een stijl: het is een uiting van een denkwijze. Vernieuwing en vooruitkijken staan er centraal, als een reactie op het verleden. In de architectuur uitte dit zich tot het verwerpen van fantasietjes en theatrale geschiedkundige versieringen. Al wat nog telt is het functionele. ‘Form follows function’: hoe iets er zal uit zien, wordt bepaald door de functie. Weg met traditie en geschiedenis. Alleen zo kunnen nieuwe kunstvormen worden ontdekt. De modernistische architecten waren absoluut gefascineerd door de machine. Een auto dient als ‘machine om in te reizen’, een gebouw dient als ‘een machine om in te wonen’. Gedaan met decoratie en andere tralala, geometrie geeft de nieuwe architectuur vorm! Architect Hoste had de Nederlandse ‘Stijl’-beweging leren kennen tijdens zijn peri-

ode in ballingschap in Nederland. Hij hield er een passie aan kleurgebruik, geometrie en kubisme aan over, die hij toepaste in zijn modernistische architectuur. KLEIN RUSLAND ALS WOONMACHINE Het woonprogramma van Klein Rusland was een nieuwe woonmachine voor de inwoners. Alles was er aanwezig en met de modernistische look werd duidelijkheid geschept. Woon- en werkverkeer werd functioneel met elkaar gecombineerd. Dit uitte zich vooral in de aanleg van het project; de variatie van koppel- en rijwoningen, en het patroon tussen de voortuinen. Inwoners konden ontsnappen naar en zich ontspannen in hiervoor aangelegde tussenruimtes en openbaar groen. De modernisten hadden veel aandacht voor natuur, want natuur is orde, en orde verhoogt het levenscomfort van de

mensen. Daarom ontwierpen zij goedkope maar kwalitatieve woningen en voorzagen zij ook gemeenschappelijk te delen goed. Klein Rusland demonstreerde dit: het was een sociaal woonproject met woonfaciliteit voor arbeidersgezinnen, maar ook met geïntegreerde openbare plaatsen zoals winkels en een vrijgezellentehuis. Natuurlijk maakte de nabijheid van de Zelzaatse industrie een kort woon-werk-traject mogelijk. THE RUSSIANS ARE HERE De woonwijk werd in drie verschillende fases gebouwd, met telkens een verschillende (maar uiteraard modernistische) look. Het project kreeg al snel de naam ‘Klein Rusland’. Dat kwam enerzijds door de architectuur, waarbij de kubistische vormgeving aanleunt bij Russische invloeden. Anderzijds was de naam een verwijzing naar de oorspronkelijke inwoners en grondleggers. Zelzate kende in


de periode tussen de twee wereldoorlogen een sterke industriële bloei. Vele internationale industriëlen en werkkrachten arriveerden in dit knooppunt tussen Gent en Terneuzen. Onder hen was Dimitri Peniakoff. Peniakoff was na de Oktoberrevolutie niet langer welkom in Rusland omwille van zijn relatie met de Russische tsaar Nicolas II, en vluchtte samen met zijn vrouw, de Servische prinses Vera Rach, richting Zelzate. Hij werd er directeur van een nabijgelegen aluminiumfabriek en volgde de bouw van de nieuwe wijken streng op. Hij integreerde andere Russen in het project, waaronder Veretennikof (luitenant-generaal bij het Russische leger) die opzichter werd en meteen ook de eerste inwoner van Klein Rusland. Ook werden er veel Russische bouwvakkers tewerkgesteld. NONPLUS Klein Rusland werd opgebouwd in verschillende fases. Na woningen in baksteen volgden er in asbeton en in een laatste fase werden de watertoren en winkelhuizen gebouwd. Hoste had alle woningen ontworpen in baksteen, maar er bleek een tekort aan materiaal en ervaren werkkrachten. Gelukkig stond men in dit modernistisch project open voor nieuwe bouwmaterialen en methodes, waardoor men koos om verder te bouwen in asbeton met het nooit eerder gebruikte ‘NONPLUS’-systeem. Asbeton werd gestort tussen houten bekistingswanden met openingen voor ramen en deuren. Na het droogproces en uitpleisteren was het huis klaar. Dit systeem kon uitgevoerd worden door ongeschoolde werkkrachten, was snel én goedkoop; ideaal voor sociale woningbouw. Hoste gebruikte dakoversteken, kleuren (het waren allesbehalve witte kubussen) en asymmetrische blokramen en gaf zo ‘zijn’ Klein Rusland een uniforme look.

KLEIN GHETTO RUSLAND

DE TELOORGANG

Het conceptuele, modernistische uiterlijk van Klein Rusland daalde steeds meer in waarde. De slechte woonomstandigheden maakten de woningen bovendien niet aantrekkelijk om in te wonen. Van de vernieuwende culturele achtergrond van het project is nog maar weinig te merken. In 2009 werd beslist vier asbetonnen woningen aan het K. Mercierplein als monument te beschermen.

Het NONPLUS-systeem kende al snel bouwfysische en technische problemen: opstijgend vocht, condensvorming door slechte isolatie en ventilatie, lekkage van de dakbedekkingen, enz. Ook het kleine formaat maakte de woningen moeilijk leefbaar. Daarenboven had WOII Klein Rusland niet gespaard. Vanaf 1950 werden woningen heropgebouwd en werden ook de faciliteiten gerenoveerd. Ondertussen zocht men oplossingen voor de problematische asbetonwoningen. Zo kregen alle asbetonmuren, maar ook de bakstenen woningen een tweede schil in baksteen. In diezelfde periode werden een vijftigtal nieuwe woningen gebouwd. Er werd echter ook heel wat afgebroken. De winkelpanden en watertoren moesten eraan geloven en werden vervangen door drie appartementsblokken (naar het ontwerp van de Gentse architect G. Bontinck). Tijdens de renovatie werd ook het geometrische schrijnwerk vervangen waardoor de uniforme look nog meer verdween. 2 (lf )

Hoe verloopt het onderzoek? Zijn er al resultaten? Joke Buijs (erfgoedonderzoeker, Onroerend Erfgoed): “In november 2011 zijn we gestart met onderzoek naar de staat van het asbeton. Via scheurmeters wordt gekeken of de bestaande barsten nog actief zijn en er worden labotesten uitgevoerd. In september 2012 verwachten we de resultaten en kunnen we de nodige conclusies trekken over de bouwtechnische en economische haalbaarheid van een conservatie van de asbeton.”

19

Is het mogelijk Klein Rusland volledig te renoveren? Anderen menen dat dat geld beter geïnvesteerd wordt in afbraak en nieuwbouw. Joke Buijs : “Momenteel zijn de onderzoeken nog volop aan de gang. Er wordt gezocht naar het behalen van de hedendaagse woonnormen zonder afbreuk te doen aan de erfgoedwaarden van Klein Rusland. Omdat Klein Rusland een sociale woonwijk is, is niet alleen het bouwtechnische aspect belangrijk maar ook het sociale en economische aspect ervan. Indien we merken dat de restauratie op (één van) deze vlakken niet mogelijk is, zal worden overgeschakeld op vervangende nieuwbouw, maar uiteraard een nieuwbouw met dezelfde ruimtelijke en architecturale waarden als die van het oorspronkelijke erfgoed. Dit wordt ongetwijfeld opnieuw een uitdaging...”


ZELZATE BITCH DE BENDE VAN DE COLRUYT SPREEKT

W

ereldster Eddy Wally heeft jammer genoeg veel van zijn glans verloren. Maar niet getreurd. Zelzate vond in de Bende van de Colruyt gloednieuw potentieel. Deze groep jongeren maakte de voorbije jaren de straten van Zelzate en omstreken onveilig en verschenen dan ook meerdere keren in de pers. Ze zijn verantwoordelijk voor diefstallen, vechtpartijen, afpersingen en als kers op de taart het neersteken van een chiroleider op Summerswitch 2010. Sindsdien werden harde maatregelen genomen en een nultolerantiebeleid ingevoerd. Werpen deze maatregelen hun vruchten af? Hebben de bendeleden zelf het licht gezien? In Zelzate is het alleszins beduidend rustiger geworden. Pook praatte met Lucas en Jens, aka LB en Smoke, op zoek naar schuldgevoelens en toekomstplannen.

Wat heeft jullie aangezet tot al dat geweld in Zelzate? Lucas: “Voornamelijk verveling. Er is hier voor ons niets te doen. We hebben geen enkele plaats waar we kunnen rondhangen en ons amuseren. En tja, als je met een paar vrienden samenzit begin je elkaar op te jutten. Er heerst geen hiërarchie in onze groep, maar in Zelzate moet je wel een naam hebben. Als de mensen je hier niet kennen ben je niets. Daarom zijn we streken beginnen uithalen.” Diefstal, geweld en vooral de steekpartij op Summerswitch kan je nog moeilijk een ‘streek’ noemen. Lucas: “Met Summerswitch heb ik niet veel te maken. Ik kan mezelf niet goedpraten want ik was er bij, maar ik heb niets gedaan. Op die avond onstond er ruzie tussen leden van de Chiro en enkele jongere gasten van onze vriendenkring. Later zaten we op een bankje aan het busplein, en zagen we mannen van de Chiro op ons afkomen met stokken en champagnefles-

sen. De politie is tussenbeide gekomen en heeft de gemoederen kunnen bedaren. Toch is dat incident in ons hoofd blijven spoken. Wij beschermen elkaar, snap je? We zijn gewoon zo opgevoed. De dag nadien zijn we met een paar mannen naar de Chiro getrokken, en wat daar de gevolgen van waren weet iedereen. Het was een katen-muisspel die dag, en jammer genoeg hebben we de verkeerde mensen aangepakt.” Jens: “In het nieuws vertelde men dat we zomaar uit het niets zijn beginnen vechten. Het verhaal wordt niet van onze kant bekeken, en dat is jammer.” Jullie wilden naam maken in Zelzate, en hebben dat ook gedaan. De Bende van de Colruyt staat wellicht voor altijd op jullie voorhoofd geschreven. Lucas: “De Colruytbende is gewoonweg een belachelijke naam. De politie en de media hebben ons zo genoemd. Het is een naam waar we ons echt niet kunnen in vinden, maar ieder-


een kent ons nu zo. We heetten eigenlijk Ruina, wat chaos betekent in het Arabisch.” Intussen is het rustiger geworden in Zelzate. De nultolerantie werpt blijkbaar zijn vruchten af. Lucas: “We zijn gewoon zelf veel rustiger geworden. Iedereen is intussen zijn eigen weg gegaan. Dat heeft niets te maken met die nultolerantie. We zijn zelf wat tot inzicht gekomen. De meesten van ons hebben nu een vaste job en een vriendin. We willen niet dat onze kinderen hetzelfde pad als wij bewandelen.” Jens: “De nultolerantie werkt, maar op de verkeerde manier. We willen ons kalm houden omdat we, zoals Lucas al zei, aan onze toekomst moeten denken. Maar het wordt ons blijkbaar niet gegund. Ik stond bijvoorbeeld gisteren aan de schoolpoort op mijn vriendin te wachten. Lucas en ik stonden gewoon te praten. Een jongen kreeg een verkeerde indruk van ons, en dacht dat we hem iets wilden aandoen. In een mum van tijd stonden drie agenten in kogelvrije vesten rond mij. Ik begrijp dat ik onder de categorie verdachte personen val in Zelzate. Maar ik vond het niet nodig dat ze mij voor de ogen van de hele school zo moesten aanpakken. Hoe kan ik mijn reputatie verbeteren als dergelijke zaken blijven gebeuren? Ze zeggen dat ik niet te veel aandacht mag trekken. Maar ze staan wel met drie flikken achter mij als de school net gedaan is... Fock that.”

te luisteren. Jammer genoeg zijn er onlangs nieuwe agenten bijgekomen die denken dat ze zich moeten bewijzen. Ze pakken ons hard aan en dreigen met vanalles en nog wat. Ja dan gebeuren domme dingen natuurlijk.” Jens: “Een van hen zei onlangs dat hij ons wel eens zou tegenkomen in andere omstandigheden. Wat moeten we daar van denken? Dat hij ons zal aanpakken zonder uniform?”

Jullie hebben duidelijk problemen met de Zelzaatse politie. Lucas: “We kunnen intussen vrij goed overweg met de politie van Zelzate. We kennen elkaar, en hebben min of meer respect voor elkaar. Daarmee bedoel ik dat ze ons normaal behandelen. Ze nemen de tijd om naar ons

Vinden jullie dat de burgemeester de problemen goed heeft aangepakt? Lucas: “Ja, meneer de Vilder levert goed werk. Hij wil met ons samenwerken, en luistert echt naar onze problemen. Dat valt jammer genoeg niet bij iedereen in goede aarde. Zo heeft hij vorige week verteld dat

er is veel gebeurd en daarom dat ze praten ik heb men spijt getoond maar toch blijven ze haten ben nu rijk beloond met men lyricale gave maar toch ben ik onzeker als ik wandel op de straten want wat ik ook bereik ik voel de angst om te falen en geloof me dat is kut want tis men doel te slagen maar dan denk ik aan men maten RIP c en leroy ja voor hun zal ik het maken

hij dreigbrieven krijgt waarin ze hem een makakkenneuker noemen. Ik heb respect voor mensen die rust willen. Maar ik kan mij moeilijk voorstellen dat ze op die manier rust gaan krijgen. Ook onze begeleider levert heel goed werk. Je voelt echt dat hij met ons wil samenwerken, en niet gewoon elke maand zijn loonbriefje wil krijgen. De jongere generatie moet bijgestuurd worden, en aan de hand van deze jeugdprojecten kunnen we elkaar motiveren. Jens en ik werken bijvoorbeeld aan een rapproject. We leren kids rappen en songs schrijven samen met de begeleider. Er zijn ook danslessen. Zo houden we ze van de straat. We hebben ook een band gekregen met die jongens. Ze kijken naar ons op, maar deze keer op een goede manier, snap je?” 21

Jullie hebben het duidelijk over een andere boeg gegooid. Kunnen jullie het verleden achter jullie laten? Lucas: “We hebben alletwee een job, en willen blijven werken. Het is een andere manier van leven en het bevalt ons. Maar we moeten alletwee nog voor het gerecht komen. Ik moet me nog gaan verantwoorden voor rijden zonder rijbewijs.” Jens: “Ik moet nog voorkomen voor het incident op Summerswitch, en voor verboden wapendracht. Dus er volgt nog een staartje. Als ze het ons gunnen, willen we uit de spotlights blijven. Maar dan moeten incidenten zoals dat aan de schoolpoort ook uitblijven. Anders gaat het ons nooit lukken om rustig te blijven.” 2 (lm)


WERELDBEELD RUBEN DHONT


J

aarlijks reist een kleine delegatie van St. Lucas Hogeschool Gent richting Zuid-Afrika om er te werken in het opvangtehuis De Haven, waar kinderen terecht kunnen die door diverse omstandigheden geen thuis hebben. Het overgrote deel van die kinderen is besmet met HIV/AIDS en heeft aangepaste medische hulp nodig. Met verschillende evenementen proberen ze geld in te zamelen om daar ter plekke iets klein te kunnen betekenen. Er wordt voorzien in medicatie en ontspanning. Ruben Dhont heeft vijf jaar ervaring in De Haven. Zijn betrokkenheid deed hem nadenken over zijn rol als architect in de samenleving. Met zijn tekening ‘The Wall’ wil hij wijzen op ieders taak en verantwoordelijkheid in een wereld die steeds meer polariseert. Op ongenuanceerde wijze schetst hij twee uitersten. “Wij westerlingen zijn erin geslaagd ons te ommuren met een metaforisch meters hoge wand die het onmogelijk maakt om te gaan met datgene waar we niet mee willen omgaan. Het feit dat wij aan de kant van de muur zitten waar dromen werkelijkheid worden is enkel te danken aan het bestaan van een kant waar dromen dromen blijven. We wentelen ons in onverdeeldheid, zijn meesters in ontkenning en spoelen het schuldgevoel door met luxe. Dit weerspiegelt onze blinde trouw aan het koude kapitalistische systeem dat ons continu blijft verleiden. Zonder de sloppenwijken te willen idealiseren - ik heb de stank geroken en de armoede van dichtbij ervaren - voel ik mij als ontwerper sterk aangetrokken tot de onontworpen schoonheid die er het straatbeeld kleurt. Het is een plek waar van schuldgevoel geen sprake hoeft te zijn, een weefsel waar mensen niet in bedrukkende legbatterijen opgesloten zitten, maar vrij en op eigen risico in een stad leven waar moet worden omgegaan met de kwalen van hun bestaan. Ik vind dat studenten architectuur te weinig worden gewezen op de andere kant van de muur. Er wordt geschat dat in 2020 alle grootsteden met sloppenwijken zullen overwoekerd zijn. De problemen die daar ontstaan, staan mijlen ver van de Lange Wapper of het nieuwe ontwerp aan de Waalse Krook. Ik beschouw deze tekening als een kleine naald in een ballonnetje dat hier maar al te vaak wordt opgeblazen.”


I

n tijden dat de vlees- en visindustrielobby de bevolking wijsmaakt dat het allemaal nog wel meevalt met het dierenleed, de CO²-uitstoot en het slinkende visbestand, gaat Inspector Veggie in opdracht van uw lijfblad op pad in het culinaire Meetjesland met slechts één doel: uitvlooien hoe het met de veggievriendelijkheid van de lokale restauranthouders is gesteld. ‘De Parel’ in het pittoreske Watervliet onderging de vuurdoop.

INSPECTOR VEGGIE “Slurpend van ons aperitiefje kunnen we voorlopig nog de vrees die de steakmessen op de tafel teweegbrengen, onderdrukken.”

H

et is op een druilerige zaterdagavond dat we na reservatie en een autorit langsheen de uitgestrekte velden die de streek zo rijk is, binnenstappen in de gezellige drukte van De Parel. Het pand geeft de indruk van een Zuid-Duitse jachtstübe waar het aldaar geschoten wild langsheen de grill algauw zijn weg vindt naar de exorbitant gevulde feestdis van de daar aanwezige smulpapen. Onmiddellijk worden we aangesproken door een vriendelijke jongeman die ons naar een klein gezellig tafeltje brengt. We zitten nogal krap bemeten, geflankeerd door een achtkoppig gezelschap carnivoren enerzijds, en een druk bewandeld gangetje anderzijds, maar veel tijd om daarover te zeuren krijgen we niet. Een charmante serveerster brengt ons de kaarten en vraagt meteen of we iets te drinken willen. Mijn tafelgenote bestelt een ouderwetse rode porto terwijl ik opteer voor een al even traditionele Campari Orange.

Slurpend van ons aperitiefje kunnen we voorlopig nog de vrees die de steakmessen op de tafel teweegbrengen, onderdrukken. Een eerste blik op de menukaart doet de angst voor een sobere maaltijd aanzwellen tot we bijna gelijktijdig een klein zinnetje onderaan de kaart opmerken dat ons er diets op maakt dat vegetariërs het dienstpersoneel dienen te raadplegen. Zo gezegd, zo gedaan. Na een korte beraadslaging in de keuken wordt ofwel een salade met geitenkaas voorgesteld, ofwel een pasta. Veel uitleg wordt er niet gegeven, maar bij gebrek aan keuze gaan we ervoor. De deerne in mijn gezelschap besluit haar maagcapaciteit te reserveren voor het hoofdgerecht, terwijl ik niet kan nalaten ook de geitenkaas te proeven. Beiden nemen we de pastaschotel als hoofdgerecht. Het is even wachten, maar wanneer het optisch zeer aantrekkelijke bord door de ravissante jongedame

voor mijn neus geschoven wordt, verstomt het gesprek. Het is nu enkel de vraag of mijn andere zintuigen op dezelfde wijze bevredigd zullen worden. Dit blijkt al na de eerste hap ontegensprekelijk het geval te zijn. De geitenkaasjes zijn kort aangebakken en de salade is perfect uitgebalanceerd. De melange van pijnboompitten en een julienne van appeltjes verheft elk van de aanwezige ingrediënten naar een hoger niveau, mede door de bijzonder lekkere dressing waarmee het geheel besprenkeld is. Een topgerecht!

Een eenvoudige en ondertussen traditionele combinatie, maar de uitvoering ervan is subliem. Deze chef weet hoe een vegetariër te plezieren!

De verwachtingen zijn plotseling torenhoog, maar de pasta die we een klein half uur later opgediend krijgen, lost die moeiteloos in. Op ons bord ligt linguini met, naar grote waarschijnlijkheid, huisbereide pesto, kort geroosterde pijnboompitten, schilfers parmezaankaas, rucola en zongedroogde dan wel verse ovengebakken tomaten.

De Parel toont par excellence hoe je op vleesloze wijze de smaakpapillen in extase kan brengen. Een aanrader! 2 (woord: Inspector V en edc / beeld: edc)

Met een totale rekening van 85,90 euro vonden we dit niet spotgoedkoop, maar wetende dat de maaltijd geblust werd met een bijzonder te smaken huiswijn en dat mijn vrouwelijk gezelschap nog genoot van een Baileys terwijl ik een Irish Coffee binnenslurpte, betaalden we zeker geen astronomisch of buitenproportioneel bedrag.

De Parel Maagd van Gent 25 9988 Watervliet 09 379 98 18


DE REBEL VAN DE FAMILIE DEEL II: ARME JOHN

I

n deze onstuimige rubriek belichten we kort het leven van een uitzonderlijk persoon, een notoire dwarsligger, een voorvechter of vrijheidsstrijder, een revolutionair intellectueel of verdediger van de zwaksten en armsten onder ons, een relschopper en een stokebrand, iemand die lak heeft aan conventies en traditie, een virulente vrijdenker, een militante mensenrechtenactivist, kortom de niet te stuiten rebel van de familie.

O

nweerstaanbare held van dit sprookje is de Schot John Law (1671-1729). En je zou het niet onmiddellijk denken van John, maar de man was naast baanbrekend econoom en onderlegd wiskundige ook een uitmuntend kaartspeler, dankzij zijn talent voor cijfers en kansberekening. Hoewel John niet bepaald beantwoordt aan het archetype van de woeste bruut die in geruite rok, met halflang, roestkleurig haar door zijn omgeving dendert, was hij zeker van geen kleintje vervaard. Nog voor zijn dertigste levensjaar ontvluchtte hij zijn land omdat hij beticht werd van moord. Niet zomaar moord en doodslag in een stomdronken bui in de herberg: als een man van eer spietste hij zijn tegenstander in een old school duel aan zijn degen. De inzet was uiteraard de gunst van een bloedmooie vrouw, want John, knap, welbespraakt, sportief, was er de man niet naar om zich veel te ontzeggen op vlak van de vleselijke liefde. Eens gearriveerd in Amsterdam, in de achttiende eeuw het financiële hart van de wereld, zette hij zijn bandeloze leventje met overtuiging verder. John Law hoereerde er in de Lage Landen consequent op los, fêteerde het ene adellijke speelsalon na het andere en stond op alle fronten bijzonder alert zijn mannetje.

Ook op intellectueel vlak. Drie jaar na zijn vlucht publiceerde hij: ‘Money and Trade Consider’d with a Proposal For Supplying the Nation with Money’, wat beschouwd wordt als een van de allereerste wetenschappelijke, economische werken. Hierin argumenteert hij dat een economie die zich enkel bedient van muntstukken in edelmetaal gevangen zit en alleen maar kan stagneren. Een economie die daarentegen gebruikt durft te maken van uitgekiende kredietsystemen en papiergeld zal een ongekend hoge vlucht nemen: een handelaar die over honderdduizend zilver- en goudstukken beschikt en een krediet tot het tienvoudige kan bekomen, wordt in een mum van tijd een bijzonder succesvol ondernemer.

‘Het groote tafereel der dwaasheid’.

lijk leren kennen op orgieën en smeuïge feestjes allerhande en had tussen het ejaculeren door best wel wat vertrouwen gekregen in die slimme, rijzige Schot. Laatstgenoemde kreeg de toelating om een publieke bank op te richten en papiergeld uit te brengen, in de hoop de schatkist te kunnen spijzen. Aangespoord door het succes richtte hij enkele jaren later de eerste superonderneming op, de Mississipi Compagnie, die de acht staten van Frankrijk in Amerika exploiteerde en belangrijke monopolies kreeg: de tabakshandel en de exclusieve handelsrechten in onder meer China, OostIndië en Zuid-Amerika. In een agressieve publiciteitscampagne vol flagrante leugens schilderde hij de overzeese gebieden af als het land van melk en honing waar goud en handelswinsten voor het oprapen lagen. De bevolking werd collectief gek en tekende massaal in op de aandelen van de Mississipi Compagnie, wat de koers van de aandelen en het aantal aandeelhouders als een komeet naar omhoog deed schieten.

Klein probleempje: geen hond die zijn papiergeld en kredietsysteem hebben moest. Geld kon in de ogen van zijn tijdgenoten alleen maar glinsterend edelmetaal zijn, en geen vodje papier met wat krabbels van hoge pieten op. In zijn thuisland stuurden ze hem snel wandelen met zijn gekke ideeën. Gelukkig was er Frankrijk: financieel en economisch compleet aan de grond gebracht door de grootheidswaanzin en de oorlogen van Lodewijk de Veertiende, de Zonnekoning. Zijn opvolger, de Regent van Frankrijk, had John persoon25

Tot zover het goede nieuws. Na korte tijd nam de inflatie hand over hand toe, in twee jaar tijd verdubbelden de prijzen. Bovendien kwamen op dat moment ook een aantal berooide kolonisten terug, die een lichtjes afwijkende versie gaven van de beloofde gouden bergen: in werkelijkheid stelde de koloniale handel erg weinig voor. Paniek brak uit, de menigte vertrappelde zich voor de poorten van de hoofdzetel, de Staatsbank sloot noodgedwongen de deuren en alle maatregelen die Law uitvaardigde als Minister van Financiën mislukten. Enkel met de hulp van de Regent wist de viriele kaartspeler het land te ontvluchten en uit de klauwen van het woedende volk te blijven. Hij stierf compleet verarmd op 57-jarige leeftijd, en Frankrijk wachtte nog een zuinige zeventig jaar om opnieuw papiergeld in omloop te brengen. Maar toch, eind goed, al goed, na enkele decennia van aarzeling, moet je toch vaststellen: en ze speculeerden nog lang en onbezonnen…. 2 (sds)


PETER HOLVOET-HANSSEN

BRIEFGEDICHT GEACHT NAGESLACHT EEN OUDE STADSDICHTER AAN DE KINDEREN VAN HET NANORIJK

I

k, een versleten nanosok? Ja, ik schilder de wind, zing mijn gedichten de oude kinderkopjes in. Ik ratel als een populier, nog niet genetisch gemanipuleerd. Ik wil mijn geheime delen niet met de gemeenschap delen – zette ik op Facebook. Face… Zo passé. Je had mijn ruimtetijdkringen onder mijn ogen moeten zien. Mijn vrouw: ‘Uw gat is in congé met die broek. Ge doet gelijk een ezel, ge briest en zoent gelijk een paard met elandlippen. Dierentuin! Ge zijt precies een schooierke van Napels. Een Andy Garcia op sloefen.’ Andy Garcia was acteur. Sloefen zijn pantoffels. In mijn tijd konden die nog stinken. Mijn dochter tekende gezichtjes in de damp op de badkamerspiegel. Onze omgeving was vuil, lawaaierig, onveilig. Maar het leven is onveilig van nature. Dromen jullie niet van een nanoloze zondag? Pijn kent geen rust. Dus plan ik een tournee langs BSL4-laboratoria, ik volg bioveiligheidstrainingen. Ach, onze generatie ligt op apegapen. Wij slikten nog pillen. Lach maar: pillen! Als je driepuntzenuwontsteking had of trigemenus neuralgie – pompende en snijdende hoofdpijn van mond over kaak, oor en oog: veel pillen. ‘Weg baxter, bel de nanofoon.’ Te laat voor onze dierbaren met kanker. π Ik ben niet jaloers, wel voorzichtig. Neem mijn stoflongen in je handen. Hier krijgt men

moeilijk de sokken rond de tafel, loopt men achter de tijd aan – laat staan dat men de golf van ontwikkelingen kan rrrrrrrreguleren. Wij zijn de dwergen, jullie de reuzen. Homo constructus, bouw je een Doornreusje? Groeien zijn vingernagels ook met 5 tot 10 nanometer per minuut? Door het monster zelf te laten bewegen, gaat er geen nanodrupje verloren. Waar het moet groeien, groeit het. Vanzelf. Einstein leed aan chronisch tijdgebrek, cyborg. Ein – stein, ein – stein, ein – stein. Moet je binnen voor reparatie? O, je doet aan zelfassemblage. Wij moeten nog in de wachtkamer van de dokter vrouwenblaadjes lezen. Wij zetten iets in gang, heeft jouw generatie het nog in bedwang? Wij waren schijnvrij. Heb jij nog iets van vrijheid over? Kan jij ook niet meer op je stappen terugkeren? Vraag: wie kijkt er mee? Wie houdt je gegevens bij? Wie ziet in je hoofd? Hoe zit het met je privacy? Wie ziet wie er in je hoofd ziet? Hoe zijn de machtsverhoudingen? π ‘Opa, gaan we wat klonen met nanorobotjes?’ Nee, dat hoor ik nog niet. Maar nog even dan is het hier al nano wat de klok slaat. Nano, go! Een rage: vlekvrij, stofvrij, onkrasbaar, onbrandbaar. Alles glijdt van je af, hop in je nanojasje. Verbonden met jezelf en met de wereld. Nooit

Laat in de vloeiende vrouw van Ohio in haar verste en fijne aderen gaan varen twee korjalen met daarin twee nanodeeltjes goud. (Annemarie Estor)

meer kou. Alles onder controle. Angst? Detecteren, lokaliseren, elimineren. Kwantumsprong door de kwantumpoort. De nanoparade is prachtig. Geen chemotherapie meer… Drug delivery. Tja, glazenwasser, zeg maar dag met het handje. Vind maar eens een nanoloze muur, graffitispuiter. Mijn nageslacht, hoe is het op de nanoschool, monteer je al zenuwcellen op een chip? Je melk laat weten: ik ben niet meer goed – wat handig toch, zo’n nanoflesje. Knutselatomenpakket. Knikkeren met atomen. ‘Nanofiel!‘ Biosensoren alom. De muren praten, kleuren pas je aan, maar krijg je nog bezoek? Je trui streelt je geliefde aan de andere kant van de wereld, je lijf geeft energie. Risico’s. Gevolgen. Vertel me, is er niets misgelopen? Beschadigde cellen? Ontaarde nano in het milieu? Biochemische reactieketens verstoord? Braingateschandaal? Gevonden na het Bal van het Nanokristal: slim babypakje. Waar is de baby? Zijn er intussen gezondheidsrisico’s opgetreden? Download jij informatie in je hersenpan? Zit de arbeidsgeneeskunde niet in de knoop, o kunstmatige? Screen, screen. Hoe gaat een sollicitatie? ‘U bent onbruikbaar, binnen tien jaar bent u zwaar ziek.’ Wat zegt de vakbond dan? Hebben nanomensmachines nog vakbonden? Hier zitten we met onze tegenpolen. Instrumentalisten tegen deterministen. Jullie zijn

tenminste constructief. ’s Ochtends: hersenstimulatie. Humeur regelen. Kijken hoe het met het embryo staat. En het embryohulpje. Daar zoef je stil in je zuivere auto over slimme wegen, naar de firma Mensverbetering & Zonen. BANG. Zo verandert onze soort. Grenzen, wij kunnen ze niet meer trekken. We krijgen de nano’s maar niet bij de kraag: ze glippen alle kanten op, enteren, kenteren. Een revolutie. Onvoorspelbaar. - Wat kan, dat mag. Pottenkijkers. Ziekte gaat de wereld uit. En… - Honger? Ik blijf op mijn honger. Kunnen we nog bijsturen wat dreigt te ontsporen? - Wat een hinderlijke vraag, angsthaas, die moet je nu niet stellen. Vooruit! Zie de enorme voordelen, later zien we wel. Wil jij geen efficiëntere zonnecellen, de ultieme batterij?’ π Liggend op een onderzoekstafel zei ik: ‘Ik kan het woord duurzaam niet meer horen. Bestudeer eerst wat er al is. Ik ben op mijn hoede, werkt dat remmend?’ Buiten begonnen actiegroepen te scanderen. Produceren! Patenteren! Overhit? Neem een nanodrankje met natuurlijke nanomineralen. Geacht nageslacht, er bestaat toch nog poëzie? Of noem je het piëzo? Ik neem aan dat het energievraagstuk opgelost is. En de zee: niet meer vervuild? Waterfilters: profiteert iedereen mee? Nano


in Afrika? Ik bedoel, is er geen kloof ontstaan tussen de lang-zullen-ze-leven-nano’s en een lagere levensvorm, de nona’s of hoe noem je die arme donders, die lagere klasse? De badkamerspiegel wordt nooit meer mistig. Overal filmpjes. Virtuoos virtueel.Nee, geen nostalgie. Ik ben niet bang, dat remt de nieuwsgierigheid. Ik wil ook dat de blinden weer zien, de doven weer horen. Een tumorbarbecue. Jij maakt dat mee, niet? Life on Mars van Bowie: dé retro hit. Vertel me dan, voor je van opa biefstuk maakt: heb je nog ethische bedenkingen? Hoe ga je daarmee om? Met een moleculaire schaar? Ben je het zelf die dat denkt? Klein, klein nanootje, je maakt het veel te grof… Een professor mailde me: ‘Onderzoek! Onderzoek volgens de hoogste normen van wetenschappelijkheid. Openheid, controle, kritiek! Alle voordeelhouders betrokken.’ Dialoog, stap per stap. En niet vervreemden van je genen. Zeg me, hebben miniatuurwapens bijgedragen tot de vrede? 99,9 pct van de mensen: zo aardig. Maar wat als nano in verkeerde handen valt? Vaart wel. Ik spreek vanuit dat oude tijdperk. Please delete me, let me go. Maar wees op je hoede, gesensoreerde. Maak intussen verder het onzichtbare zichtbaar. Verbeeldingskracht aan de macht. To the atomic level! 2

Slaat de nano toe? Een gigantisch nanoprobleem met dit briefgedicht van Peter Holvoet-Hanssen? Surf naar www.kapersnest.be

NANOWADDE?

N

anotechnologie is de techniek die het mogelijk maakt te werken met deeltjes in de grootteorde van nanometers (afkorting nm, een miljardste van een meter). Dit is een schaal van grootte die net boven die van atomen (0,060 nm tot 0,275 nm) en eenvoudige moleculen ligt. Het woord nano komt van het Griekse woord ‘nanos’, wat dwerg betekent. Toepassingen van nanotechnologie zijn de emulsie van nanodeeltjes titaniumoxide in verf en vernis, deeltjes in zonnebrandcreme, cosmetica, slimme voedselverpakkingen, brandwerende kledij, lichtere en snellere computerchips, regeneratie van biologisch weefsel, de ontwikkeling van neuroprothesen, zelfreinigende vensters en veel meer. Problematisch is de onbekende giftigheid van de nieuwe producten. Studies toonden al aan dat nanotubes soortgelijke uitwerkingen op de gezondheid kunnen hebben als asbestvezels, dat nanodeeltjes veel giftiger kunnen zijn dan grotere deeltjes uit dezelfde

27

stof, en dat nanodeeltjes in lichaamscellen het DNA kunnen beschadigen en kanker kunnen veroorzaken. Deel van het probleem is dat de autoriteiten en hun adviseurs vaak niet weten hoe en wat ze moeten onderzoeken, terwijl in de industrie ongeremd en zonder veiligheidsvoorschriften verder geëxperimenteerd wordt. Zoals elke nieuwe basistechnologie heeft ook nanotechnologie gevolgen voor de manier waarop we leven en samenleven. Ook Pook meent dat het brede publiek moet worden betrokken bij de discussie over nanotechnologie en bij het opstellen van een agenda van maatschappelijke, ethische en juridische aspecten die een rol spelen bij de ontwikkeling van nanotechnologie en de toepassing ervan. Deze technologie heeft geweldig veel potentieel, maar de dichte mist rond de invloed van nanodeeltjes op milieu en gezondheid vereist een voorzichtige en gecontroleerde aanpak. Vooruitgang, jawel, maar niet ten koste van.


DE FOTO Sofie De Muynck. Guatemala City, 8 april 2010.


T

he Evil Pony’s ontstonden ongeveer acht jaar geleden. De Poniets ademen metal en zingen in eigen dialect. Ambiance is key. De vier heren moesten, tegen wil en dank, een band vormen. Hun naam werd namelijk vermeld in het dankwoord van de eerste cd van The Difference. Wat ooit begon als een grap, is ondertussen een heel eigen leven gaan leiden. Pook sprak met zanger Manu en gitarist Willem.

ALS DE ARTIEST DE PASSIE PREEKT MODERNE TAMBOERS The Evil Pony’s bestaan nu acht jaar. De grap is precies wel een beetje uit de hand gelopen. Hoe serieus nemen jullie de band nu? Manu: Humor is nog altijd onze belangrijkste drijfveer. Willem: We zijn wel serieus met de band bezig. M: We zijn er serieus mee bezig om grappig te zijn. Voor jullie zelf op het podium kropen waren jullie al enkele jaren bezig met het organiseren van optredens en metalfeestjes. Hoe komt het dat het zo lang heeft geduurd voor jullie de stap naar het podium gezet hebben? W: Omdat we geen muziek konden spelen. We hebben een jaar in het repetitiekot gezeten voor we in staat waren om ‘deftige’ nummers te schrijven. M: Na ons eerste optreden verschoten we redelijk hard omdat de mensen ons nog een

keer wouden zien spelen en we hadden zeker niet verwacht dat we acht jaar later nog bezig zouden zijn. Van waar komt de inspiratie voor de teksten? Uit het dagelijkse leven? M: Ja. Ik schrijf vooral over dingen die mij irriteren en die ik dan op een grappige manier probeer van mij af te schrijven. Zoals wanneer je op het toilet zit zonder wc-papier… W: Ik heb die tekst geschreven… M: Slecht voorbeeld… Maar ge begrijpt mij wel. Heb je dat nodig, teksten schrijven? W: Manu is een compleet andere mens geworden sinds hij de poëzie ontdekt heeft! Wat zijn jullie belangrijkste muzikale voorbeelden? W: (droog) Mijn sound en techniek is zwaar geïnspireerd

door Tool. En onze drummer is vooral beïnvloed door Slayer. Je hoort dat direct. M: Als ik twee invloeden moet uitkiezen, dan zou ik Belgian Asociality en Johnny Turbo zeggen. Die twee, gemengd met onze metal-achtergrond. Jullie zijn dus eigenlijk een soort van schlagerzangers, maar met een andere sound? W: Ja. Ooit noemde iemand ons moderne tamboers. Dat vond ik een fantastische omschrijving. M: Iemand heeft ooit gezegd dat wij cabaretmetal spelen. Dat vind ik tot nu toe nog altijd de beste omschrijving omdat ik ook probeer de mensen te doen lachen. En als een grap mislukt, dan lacht de rest van de band mij uit. Dat is ook goed. Heb je het nooit geprobeerd in het Engels? W: Voor ons is het altijd vanzelfsprekend geweest dat we in

’t Meetjeslands zouden zingen. ’t Is trouwens gemakkelijk. We mogen fouten schrijven in de teksten en moeten ze niet in ’t Engels vertalen. We zijn nu acht jaar verder. Wat zijn zowat de grootste successen uit jullie bestaan? W: Successen? M: De leukste momenten… Ik denk aan ons optreden in The Frontline, waar we tussen zware deathmetal- en thrashbands stonden. Ik vroeg mij op voorhand af wat we daar in godsnaam stonden te doen, maar achteraf bekeken was er bij ons het meeste ambiance. Toen besefte ik voor de eerste keer dat we goed bezig waren. W: Pret in het park was ook leuk… M: Toen we daar toekwamen vroegen we een pintje, maar ze hadden alleen maar rodebietensap. Dat alleen al was geniaal! W: En die vijfhonderd keer dat we in De Lochtink gespeeld hebben waren ook altijd super!


“ ’Ik heb daarnet een halve liter bloed gedronken’ verkoopt beter dan ‘Ik heb daarnet spruitjes gegeten’. ”

“Oogkleppen zijn eigenlijk alleen maar goed om progrock te vermijden.”

METALHEADS Wanneer zijn jullie naar metal beginnen luisteren? M: Op mijn veertiende ging ik op woensdagmiddag altijd bij een kameraad spelen. We drongen toen de kamer van zijn oudste broer binnen en stalen toen cassettes van Sepultura om over te nemen. W: Ik zat in de Guns ’n Roses club toen ik twaalf jaar was. Er waren welgeteld twee leden. We maakten toen onze eigen badges en luisteren naar cassettes van G’NR en Metallica. Kwatongen beweren wel eens dat metal tegenwoordig dood is, of toch zeker bang voor vernieuwing. Een bewijs daarvan zou de affiche van Graspop kunnen zijn. De headliners zijn allemaal bands die twintig jaar geleden succesvol waren… M: Als je over Graspop spreekt, dan spreek je over geld. En Iron Maiden en Slayer brengen nog altijd het meeste volk op de been. Naar jongere bands komt er geen 50.000 man kijken. Maar er zijn ook veel bands uit de jaren ‘80 die veel betekend hebben voor de metal die geen kans krijgen om te spelen op Graspop. W: Ik denk eigenlijk dat metal weer meer een niche geworden is. Nu komen er weer meer eigenzinnige dingen uit. Het wordt alleen maar interessanter

nu er minder geld mee gemoeid is. De bands zullen zich weer meer moeten bewijzen. M: Graspop is ook typisch Belgisch. In België moeten er echt kleppers van formaat op de affiche staan om duizenden mensen op de been te brengen. In Duitsland zijn er ook grote festivals waar er 20.000 man naar Venom staat te kijken. Op Graspop krijgen ze zelfs geen kans om te openen. In Duitsland is metal meer een traditie en zijn de fans nog trouw.

me in ieder geval niet voorstellen dat het gedaan is met de optredens in de jeugdhuizen en in de underground cafés. M: ’t Zal worden zoals in de jaren negentig in Engeland, met de illegale raves. W: ’t Gaat nog veel wijzer worden! M: En gevaarlijker (grijnst). W: Afin, Joke moet dood… Politiek dood bedoel ik he. Ik ben in ieder geval geen fan van al die regeltjes hier. Een mens kan precies niet meer voor zichzelf denken. Ik ken tegenwoordig trouwens maar weinig muzikanten of muziekliefhebbers die geen oordoppen bijhebben. Als het te luid is gaan ze in. Een mens moet ook de keuze hebben. Wie doof wil worden, wordt maar doof.

Hoe zal het aflopen met de nieuwe geluidsnormen in Vlaanderen? Gaan jullie een plexiglas kopen? W: Nooit! Ik stop nog liever met muziek maken. M: Vroeger zijn de hardrock en de metal ontstaan als reactie van jongeren tegen de gevestigde waarden. Ik denk dat dit altijd zo zal blijven. Als de politie ooit zal willen binnenvallen omdat we te luid spelen dan zullen ze met genoeg moeten zijn om ons optreden te stoppen… W: Ik weet niet hoe het in de praktijk gaat worden. Ik kan

Er heersen nogal wat clichés over metalheads: drugs, vechtpartijen, satanisme, … Van waar komen die? M: Zwart wordt sinds de middeleeuwen geassocieerd met het duistere, met het slechte. Maar je moet natuurlijk eerlijk zijn. In het begin deden bands als Venom of Celtic Frost ook 30

niets anders dan shockeren. Iemand die zegt ‘Ik heb daarnet een halve liter bloed gedronken’ verkoopt beter dan iemand die zegt ‘Ik heb daarnet spruitjes gegeten’. Het showelement is nu eenmaal belangrijk. W: Maar het is toch vooral een imago. metalheads zijn de braafste van allemaal. M: Ik ben de laatste vijftien jaar naar ontelbare optredens en festivals geweest. De keren dat er daar gevochten is kan ik op een hand tellen. De keren dat er op boerenfuiven niét gevochten is kan ik ook op een hand tellen… Er heerst ook wel een beetje een oogkleppenmentaliteit… W: Tim Matthijs! Vermeld hem maar in ’t boeksken hé (lacht). M: Ik heb een brede smaak. Als ik iets goed vind, dan vind ik ‘t goed. Het maakt mij niet uit of dat dan ‘echt’ is of niet. Maar er wordt uiteraard veel brol gemaakt. Iets wat goed is wordt vaak schaamteloos gekopieerd en gecommercialiseerd. Die bands verkopen dan vaak meer cd’s dan de echte grondleggers, maar daarom vind ik ze nog niet goed. W: Oogkleppen zijn eigenlijk alleen maar goed om progrock te vermijden. Of female voices. Die moeten ze gewoon verbieden, dat heeft niets met oogkleppen te maken (lacht). W: Mijn werk is mijn passie!


“In ’t Meetjeslands zingen is gemakkelijk. We mogen fouten schrijven in de teksten en moeten ze niet in ’t Engels vertalen.” MEETJESLAND METAL LAND Metal is momenteel heel populair in ’t Meetjesland. Enig idee hoe dat komt? W: Er zijn veel jeugdhuizen waar creatieve jongeren in de alternatieve muziekscene samenhokken en dingen kunnen doen die op commerciëlere plaatsen niet kunnen. Er zijn ook altijd een paar actieve mensen geweest in het Meetjesland die er aan bijgedragen hebben. Onze drummer Steven Mervielde heeft vroeger veel optredens georganiseerd. Daarna zijn wij begonnen met Club Klunen. Dat was een kliek die goed samenhing. Voelen jullie zich verantwoordelijk voor de boost? W: Er waren al veel mensen bezig met metal voor wij begonnen met Club Klunen, maar wij hebben die wel samengebracht. Waarom is Club Klunen ooit begonnen? W: We zagen niet genoeg alternatieven voor de liefhebbers van de gitaar. Maar eigenlijk hebben we het gewoon voor onszelf gedaan want we zaten ons vaak aan de toog te ergeren aan de slechte muziek. We hadden geen plan, maar blijkbaar hebben we toen wel een gat in de markt gevonden. Na het succes van de kleinere optredens begonnen jullie met het organiseren van Meetjesland Metalfest. In het begin ging dat goed, maar de laatste editie was een flop. Waar is het eigenlijk misgelopen? W: Het was een tweedaags festival geworden, en we wilden

dus ook wat grotere namen strikken. Maar betaalbare bands die volk trekken vinden was moeilijk. M: We vonden wel regelmatig bands die wilden komen maar niet mochten omdat ze een exclusiviteitcontract hadden bij Graspop. We hebben veel bands gehad die mondeling toegezegd hadden maar uiteindelijk toch niet mochten komen. Er was ook kritiek op het festival: de Meetjeslandse bands kwamen niet meer aan bod. W: Op de eerste editie speelden er enkel Meetjeslandse bands, maar je kunt die natuurlijk niet elke keer laten terugkomen. M: In die periode waren er hier ook nog niet zoveel bands als nu. Het was trouwens ook niet gemakkelijk om mensen van buiten de streek aan te trekken. Wij rijden regelmatig naar Antwerpen voor een optreden, maar een Antwerpenaar zal niet snel naar hier komen. Komt het Meetjeslands Metalfest ooit nog terug? W: Nu het nieuwe jeugdcentrum er bijna is zie ik wel opnieuw mogelijkheden. Wie weet… Zijn jullie bang dat er ooit een einde komt aan de Pony’s? M: We schrikken er nog altijd van dat we nog bestaan. We hebben nog nooit moeten vragen om ergens te mogen spelen, we worden altijd zelf gevraagd. Maar er zal waarschijnlijk wel eens een dag komen dat dat voorbij is. W: We werken natuurlijk wel aan onze muziek en aan het concept, maar op het einde van de rit doen we het voor onszelf.

We zullen ervoor zorgen dat we onze volgende cd zelf graag horen. Of hij verkoopt of niet is dan eigenlijk niet meer belangrijk. W: Ik zou vooral het live spelen missen. Maar als we voelen dat het niet meer werkt, dan stoppen we er wel mee. Wanneer komt de volgende cd er? W: (geheimzinnig) Het artwork is al klaar… M: Er zijn al redelijk wat nieuwe nummers, maar die zijn nog niet volledig af… W: Het promogedeelte en het concept zijn wel al opgezet. De show is bij de Pony’s heel belangrijk, dus daar zijn we ook al mee bezig. Kan Meetjeslandse muziek de wereld veroveren? W: Waarom niet? M: Ik weet het niet. Dat kan alleen maar lukken als er een systeem achter zit. Dan maakt het eigenlijk niet uit vanwaar een band komt. Iedereen kan groot worden, met goede begeleiding of wanneer je de juiste mensen kent. Er is hier zeker genoeg talent, maar metal is

natuurlijk niet het meest voor de hand liggende genre om groot te worden. Zouden jullie graag een hit scoren? W: Stiekem droom ik daar wel eens van. M: Ik weet het niet. Een hit scoren op zich zou ik wel zien zitten. Maar geleefd worden dat zie ik niet zitten. Ik wil niet dat er iemand is die mij vertelt wat ik moet aandoen en hoe ik mij moet gedragen. W: In De Afrekening staan, dat zou ik wijs vinden. Of gewoon een beetje airplay. Zou je er veel voor over hebben? M: Ik zou er wel speciaal voor repeteren, zodat het goed is, maar ze moeten zich niet beginnen moeien met mijn teksten. Ik ben geen commerciële hoer die zijn muziek gaat veranderen om op de radio te komen. W: Een radionummer moet ook drie minuten duren. Wij geraken daar met moeite (lacht). 2 (woord: beca/beeld: mv) www.myspace.com/evilponys


CIRQUE CONSTANCE ROADSHOW DE FINALE. 20 APRIL. N9. A

ah, heerlijk toch; de gehele Meetjeslandse muziekscene samengetroept in een afgeladen volle, uitverkochte N9. ‘Beter wordt het niet’ zou men plachten te denken, maar met de huidige organisatorische en muzikale bedrijvigheid in de streek zouden we er ons geld niet op willen verwedden. Dan nog liever een belegging bij een Griekse bank! Wat ooit begon als een bescheiden nevenproject van het ondertussen legendarische Cirque Constance Festival, is vandaag uitgegroeid tot het meest relevante en spraakmakende muziekconcours van de regio. Aangezien Pook daarenboven recentelijk tot ‘het meest belangwekkende magazine sinds Time’ werd uitgeroepen door een geheel onafhankelijk trendwatcherbureau, kon een verslag van deze muzikale hoogdag onmogelijk uitblijven. Pen, papier, camera, uit de kluiten gewassen perskaarten én een dijk van een evenement; meer hebben uw trouwe Pookreporters niet nodig. En avant!

Nicodaemon & The Misunderstood Vikings Je zou het zo niet meteen verwachten in dit tijdsgewricht, laat staan in de vredevolle beslotenheid van de N9, maar wanneer Nico Cocquyt en de zijnen omstreeks 20u aanvangen, duikt plots een schare stoere vikings op in het publiek. Je hoeft geen Einstein te heten om de link te leggen met de groepsnaam, maar toch; een pluim voor hun enthousiaste achterban! De band brengt eigenzinnige covers van het brede oeuvre van Nick Cave, en, toegegeven, bij momenten lijkt het alsof Nick Cave Nico in gedachten had toen hij zijn theatrale songs aan het schrijven was. Dat het podium bezet wordt door uitsluitend en uiterst bekwame muzikanten staat verder buiten kijf, en mede daardoor slagen ze er gaandeweg in ook de niet-Vikings in het publiek op sleeptouw te nemen. Ligt het dan aan het contrast tussen de immense inleving van de frontman en zijn bij momenten stokstijve muzikale compagnons, of aan die metaforische en evenzeer stokstijve fallus die de piano (ont)siert, dat we door bevreemding worden overvallen?

In een klein interview vragen we Nico naar een eerste reactie en hun drijfveer voor dit project. “Nick Cave heeft een heel epische manier van componeren, iets wat me altijd erg heeft aangesproken. Ook onze bevallige pianiste is fan van het eerste uur. Waarom covers? Omdat het interpreteren van bestaand werk naar onze mening moeilijker is dan zogenaamde eigen nummers te componeren. Het is vooral de gitarist die de arrangementen voor zijn rekening neemt, waarop de rest aanvult”, aldus een tevreden Nico.

32


“Metal in de N9, wie had dat ooit gedacht?”

Heidrun Tweede in rij is black metalband Heidrun. Drummer Bart Verhé heeft het druk; na een eerste geslaagde set met N & TMV is hij alweer aan de beurt. Dat hij bijlange nog niet is uitgeput, wordt snel duidelijk, en ook de rest van de muzikanten blijken springlevend. Heidrun werkt met een aanstekelijke gedrevenheid een uiterst puik optreden af dat doordrongen is van ontwapenende ritmewisselingen. Terwijl wij ons afvragen of de bandleden zich collectief hebben ingeschreven in een ‘synchroon headbangen’-cursus, ontpopt Manu van The Evil Pony’s zich ondertussen tot onbetwiste aanvoerder van de toeschouwers, die collectief – metalfan of niet – prettig gestoord meedreunen. “Metal in de N9, wie had dat ooit gedacht?”, vraagt de frontman zich af, waarop het publiek repliceert met een onvervalste oerkreet. “Wij werden geselecteerd in Aalter, wat al een complete verrassing was voor ons. Nu in de N9 staan is op zich al ongelooflijk; aan een eventuele podiumplaats durven we zelfs niet te denken. De Roadshow is een ontzettend leuk initiatief; het brengt leven in de Meetjeslandse brouwerij en het biedt podiumkansen”, zegt Willem, tevens lid van the Evil Pony’s. “We hebben ons heel goed geamuseerd, dat is het voornaamste!”, voegt hij er nog aan toe. Wij ook!

Hartd Over een heel andere boeg gooien de heren van Hardt het. Geen metal, geen tribute, wel Nederlandstalige rock. Dat die keuze op zijn minst getuigt van lef, hoeft geen betoog. De jonge gitarist (21) heeft duidelijk kennis van zake en al snel blijkt dat hij de liefde voor muziek met de paplepel heeft meegekregen van zijn

vader, de frontman. De gitaar valt niet ver van het podium. Ha-ha-ha. Catchy is wellicht het verkeerde woord, maar er zitten zeker enkele nummers tussen die gesmaakt worden en die bevestigen dat deze heren wel degelijk weten waar ze mee bezig zijn. We spreken de heren aan en komen zo te weten dat zoonlief tevens

gitarist is bij The Wantsomes, dat helaas niet kon doorstoten tot deze finale. “Het was heel plezant! Wel jammer voor onze originele drummer dat hij dit niet kon meemaken; wegens omstandigheden is hij momenteel niet in staat om te spelen. Maar het was echt een leuke ervaring!”


“Hier en daar doen ze denken aan The National en The Editors, maar ze beschuldigen van klakkeloze na-aperij zou geweldpleging zijn op de waarheid.”

Ringelblum Ongetwijfeld de meest vernieuwende sound van de avond wordt voortgebracht door de bijzonder jonge gasten van Ringelblum. Hier en daar doen ze denken aan The National en The Editors, maar ze beschuldigen van klakkeloze na-aperij zou geweldpleging zijn op de waarheid. Deze band heeft alles in huis om het te maken; een eigenzinnige drummer, een veelzijdige frontman (gitaar, KORG synthesizer, doorleefd stemgeluid), originele songs, all-in podiumpresence en een potentiële instanthit. ‘Come on, you’ve waited all night long...’ Krijg dat deuntje maar eens uit je hoofd! Wanneer we hen tussen pot en pint aantreffen, vertelt Pieter De Busschere, frontman, 17 jaar (!) en tevens bezieler van het C-3PO-project, dat de bandleden elkaar leerden kennen in de karateles en dat ze afkomstig zijn uit Eeklo en Sint-Laureins. “De voorronde in jeugdhuis Opsenter was slechts het derde optreden, dus we vinden het ontzettend leuk om hier te staan in de N9. Het geluid is hier top! Onze ambitie? Gewoon zoveel mogelijk optreden en op die manier ervaring opdoen.” 34


The Fur Rond middernacht verschijnt The Fur op het podium. Drummer Elias, gitarist Jens Hugo en bassist Laurent Eelbode (ooit 2de in Humo’s Rock Rally) doen feilloos het kunstje over waarmee ze eerder de Oemtata in vuur en vlam zetten, als het al niet nog indrukwekkender is. Ze brengen een carpaccio – rauw en fijn – van stoner en grossieren in compromisloosheid door te kiezen voor een puur instrumentale set. Met behulp van Jens Hugo’s psychedelische haarband en de goesting die de drie heren onafgebroken uitzweten, nemen ze het publiek moeiteloos mee in hun zelf bereide rock’n roll trip. Snijden! “Dat we louter instrumentaal spelen is een bewuste keuze omdat ons dat meer vrijheid geeft. We zijn nog maar tien maanden bezig maar het voelt goed. Ik ben zeer intens bezig met muziek; het heeft veel bijgedragen aan wie ik ben. Door welke bands we worden beïnvloed? Kuyss, RoToR en Idealus Maximus, om er maar drie te noemen”, legt Jens Hugo uit. Wanneer we vragen naar de keuze voor de bandnaam, volgt een grappige anekdote: “Eigenlijk heetten we oorspronkelijk Zazawie, maar toen onze bassist ons via een filmpje op het internet leerde kennen, dacht hij verkeerdelijk dat we The Fur heetten. Toen hij ons dat vertelde, hebben we besloten om die naam te behouden.” En zo geschiedde…

O

mstreeks half twee komt de jury, na lang en rijp beraad, met hun ontegensprekelijk verdict. Ringelblum mag zich de verdiende winnaar noemen van de 6de Roadshow en gaat naar huis met naam, faam en begeerde studiotijd bij The Mic in Ruiselede plus een vette bon voor muziekwinkel Sonor te Eeklo. Het zilver is voor The Fur, die een bandcoach in de wacht sleept, en op de derde plaats prijkt Heidrun. Maar voelt niet iedereen zich een beetje winnaar op avonden als deze? Huppelend in de alsmaar aanzwellende Meetjeslandse muziekwereld, surfend op de deining van het gemeenschapsgevoel, zorgeloos fluitend op een strorietje... Of is dat niet rock’n roll genoeg? 2 (woord: edc/beeld: mv) Interview met de organisatie Dit is de eerste keer dat de finale doorgaat in de N9. Tevreden? “Jawel! De N9 heeft een sterke reputatie en geldt als het belangrijkste concertgebouw in het Meetjesland. Muziekliefhebbers vinden dan ook gemakkelijk hun weg naar hier. Daarenboven kunnen we hier genieten van een professionele p.a.installatie en een doorwinterde p.a.-man, wat het zowel leuk maakt voor de groepen als voor het publiek. Dit is de zesde editie. De tijd gaat snel! Hoe hebben jullie de Roadshow zien evolueren? ‘We merken dat er steeds meer ruchtbaarheid wordt gegeven aan de muziekwedstrijd. Dat is tof om vast te stellen.

Het concept spreekt blijkbaar veel mensen aan, en door de voorrondes geografisch te verspreiden over het hele Meetjesland kunnen we een breed publiek bereiken.” Hebben jullie al groepen gehad waarvan jullie vermoeden dat ze het gaan maken in de muziekwereld? “Bij die vraag denken we vooral aan Summerbummerdownerfolk, met Piet Notteboom, Bert Cambier en Naomi Sijmons (aka Reena Riot) in de rangen. Maar Ringelblum heeft zeker ook dat potentieel! Het is vooral leuk om groepen podiumkansen te bieden en zo eventueel een springplank te zijn voor hen.”

Tot slot: wat is ‘t geheim van jullie succes? “Goh… We vinden het belangrijk om laagdrempelig te zijn. Iedereen kan deelnemen; er gebeurt vooraf geen selectie. De eerste twintig bands die zich aanmelden doen mee. We gaan er zeker mee door, want de nieuwe bands schieten als paddenstoelen uit de grond, wellicht mede door het verhoogde aantal podiumkansen die er momenteel zijn in de streek. Voor de rest doen we het gewoon heel graag en zijn we allemaal gebeten door muziek.” Bedankt en tot op het wei(ste) festival!


MEER VAN VERMEER WIE WAS DE SFINX VAN DELFT?

J

ohannes Vermeer (1632 - 1675) is een der beroemdste Nederlandse kunstschilders uit de Gouden Eeuw. Hij werd later de Sfinx van Delft genoemd omdat er zo weinig details over zijn leven bekend zijn. Vermeer had een voorkeur voor tijdloze, ingetogen momenten. Hij blijft raadselachtig vanwege de onnavolgbare kleurstelling en het verbijsterende lichtgehalte. In ‘Meer van Vermeer’ probeert Pook enkele details van het leven van de meester-schilder naar de oppervlakte te halen. Vermeer verwoof immers op subtiele wijze symbolische verwijzingen in zijn werken. Bovendien was hij thematisch zijn tijd ver vooruit. Vermeer was zijn tijd ver vooruit. Vooreerst stopte hij na slechts enkele schilderijen met het afbeelden van religieuze onderwerpen. Exit kerk. Vervolgens bande hij pijproken en gokspelen uit zijn composities. Goeiendag rookverbod en strenge wet op kansspelen. Maar goed. Daarmee dacht Vermeer voldoende aan de ‘classicistische fatsoen’ te hebben voldaan. Voor de rest had ie lak aan fatsoen, want het merendeel van zijn werken behandelde een zwoele mix van veel te luide muziek (vermoedelijk een soort Nederduitse black metal), een knappe jonge ‘Juffer’ en liters alkool. In acht genomen dat Vermeer slechts drie schilderijen per jaar afleverde, heerst er een sterk vermoeden dat dit thema een autobiografische creatieve reflex betrof. Dat is volgens experten ook de reden waarom Vermeer niet tot de ‘fijnschilders’ wordt gerekend. Alsnog zijn de werken van Vermeer vandaag de dag populairder dan die van zijn tijdsgenoot Rembrandt. Net daarom is het extra jammer dat in zijn tijd Johannes geen mens kon beroeren, en dat vervalsers na zijn dood op de koop toe bakken geld schepten met meesterlijke vervalsingen. Jammer edoch helaas Johannes.

De koppelaarster * 1656

Dame en twee heren * omstreeks 1659-1960

Vermeer was zijn tijd ver vooruit. Op twee exemplaren na (Gezicht op Delft en Het Straatje) zijn al Vermeers werken interieurs. Vermeer had duidelijk een voyeuristisch kantje. Zijn creaties zijn voornamelijk burgerlijke taferelen waarop de afgebeelde personen met dagelijkse activteiten bezig zijn en zowat door de schilder ‘betrapt’ lijken. Vermeers ‘reality painting’ was een verre voorloper van wat velen beschamend een immorele revolutie in tv-landschap noemen. Op lust beluste ontdekkingsreizigers die schunnige grappen vertellen aan beschonken edeldochters, op triestig beschamende wijze een wijf het hof maken en wat platte tietennijperij, het hoorde er allemaal bij. 2 (mv)


POËZIE SALIE EN HAAS Tijs Van Bragt 2. Die donderdag erop Trokken ganzen over een veld Grijze vogels in roze lucht. 1. Aan een touw Als een dode haas Ging vader hangen. Om wat te rijpen, had moeder gezegd.

Een man strooide er met as En zei luid vaders naam. Ik snapte niet waar hij bleef.

De vrouw die moeder troostte Wilde dat ik salie brandde. Daarmee werd ons huis ontsmet.

3. Weken later speelde moeder Een blij gezicht. En ik speelde machinist.

Ikzelf wilde dat vader kwam Om te spelen met de trein Het rijpen duurde me te lang.

In mijn hoofd floot vader Zijn vertreksein. Ik had hem zo gemist.

Tijs Van Bragt (°1985, woont in Groede) “Salie en een haas” staat in zijn debuutbundel “Alles is in mij” die voorgesteld werd op 28 januari 2012. 37


CULTUUREMMER MEETJESLANDSE MUZIEKCOLUMN Liefste Joke, Ik draag je in mijn hart. Echt waar. En ik vind het fijn om eens een minister te kennen zoals ik mijn buurman ken. Ik weet ook dat je dat ministerschap niet gestolen hebt. Maar ik kreeg zowaar een doodsteek in het hart, lieve minister van mijn dromen. De N9, Meetjeslandse muziekclub met uitstraling tot ver buiten Eeklo, valt zonder centen. En daar bovenop komen na het volgende nieuwjaar alle jeugdhuizen in gevaar als gevolg van uw geluidsnormenbeleid. Foei Joke! En dat voor een madam die uit het jeugdwerk komt en woont in hartje Meetjesland, waar jeugdhuizen bloeien, groeien, soms verdwijnen maar vaak ook opduiken. Jeugdhuizen zijn mini-cultuurcentra waar subculturen zoals rock’n roll, grafitti, games, fotografie, dans, film en -ja zelfs- kleinschalig theater tot leven komen. Dat zijn geen oorden van verderf, maar poelen van creativiteit. Jij weet dat toch? Je komt zelf uit de jeugdbeweging, dat heeft je mee gevormd tot de grote madam die je nu bent! Joke, echt waar. Ik vind de kritiek van sommige “culturo’s” op jou soms nogal kleintjes. Ik vind versprekingen of jouw bezoek aan het toneel van Wippelgem geen zaken die als misdaden moeten worden afgeschilderd. Wie Vlaams cultuurminister wordt, heeft een moeilijk maar schitterend parcours afgelegd. Ik vind, als rockmuzikant, ook het voorne-

men om gehoorschade aan te pakken bij de bron geen slecht idee. Helaas is rock’n roll een bron van gehoorschade. Ik heb deze namiddag nog bij Beo in Gent mijn oren laten ‘afgieten’ voor beschermende oortjes. Ik pleit schuldig wat dat betreft. Your cause is a good cause. Maar Joke, gij bloem uit Evergem: aanhoor mijn gebeden. Gooi het kind niet weg met het badwater. Maak een muziekclub zoals N9 Eeklo niet kapot. Zorg dat de jeugdhuizen in Vlaanderen de kleinschalige oorden van vertier en creativiteit blijven die ze al een kleine veertig jaar zijn. Gun ons die vrijheid. Surf niet mee op de golven van enkele conservatieve VOKA-fasco’s die hun kinderen liever op de golfclub of in de balletles zien dan bij de Chiro of in het jeugdhuis. Niets tegen ballet, hoor (wel tegen golf ). Maar een leven met rock’n roll is wat mij betreft zoveel rijker. Ik durf niet te denken wie ik zou geweest zijn zonder U2, Torhout-Werchter, Nick Cave, Ze Noiz, ’t jeugdhuis in Sleidinge en Cats in the Attic (mijn groepje van 100 jaar geleden, weet je nog). Gun dat je kinderen, Joke. Zeg tegen die voormalige VOKA-topman in je regering die onze centen beheert maar zelf niet kan tellen, dat hij Godverdorie (ik weet het, dat is niet zo katholiek) geld op tafel gooit om het jeugdhuiswerk en de cultuurmakers in stad én platteland in leven te houden. We hebben die steun nodig om van Vlaanderen

Manifestatie Drummers United, Ertvelde, zondag 1 april.

een creatief paradijs te maken om eens in stijve politieke termen te blijven. Zeg aan die ex-UNIZO-topman die nu je regeringsleider is, dat jij opkomt voor die kleine man in de straat die een festivalletje wil organiseren, of een toneelavond (bijvoorbeeld in Wippelgem), of een boek wil schrijven over de prachtige verhalen die in zijn streek leven, of op het dorpsplein piano wil spelen... Zeg aan uw vriend, mijnheer Peeters, dat het precies die zaken zijn die in de ons omringende landen al lang verdwenen zijn, waardoor sociale cohesie smolt als sneeuw voor de zon. Dat dit nog precies de rijkdom van ons land is. Neem ik u even mee naar de voorsteden van Rotterdam of Parijs om u dat uit te leggen? Of reizen we even samen naar de andere kant van de Atlantische Oceaan? Laat u niet misleiden door een conservatieve en socio-vernietigende agenda om een tweede Amerika te implementeren in Europa. Ik weet dat u zo niet bent. Voor u zijn die cohesie, dat verenigingsleven, die jeugdhuizen en die poelen wel belangrijk. Voor mij is dat de kern van rock’n roll. De reden waarom ik adem. En ook het wereldbeeld dat ik mijn dochters wens mee te geven. Wel, Joke, dan heb ik één conclusie. Dat mag iets kosten. Ik ben ook belastingbetaler. Ik betaal graag mee. Doe het, Joke. Je kunt het. Liefs, Bard. 2


MOVIE TIME: ENJOY POVERTY Episode III: Enjoy Poverty is een spraakmakend filmessay dat onvermijdelijk aanzet tot (zelf )reflectie en discussie, en alleen al daardoor de moeite waard is om te bekijken. De geëngageerde beeldend kunstenaar Renzo Martens begint zijn film zoals menig andere documentaire over de uitbuiting van de bevolking in ontwikkelingslanden, maar wijkt al gauw van de platgetreden paden af door situaties eerder te creëren in plaats van te registreren. Om de levensomstandigheden van de Congolese bevolking te verbeteren, roept hij hen op hun eigen rijkdommen te beheren. Vanuit de paradoxale vaststelling dat armoede het meeste geld opbrengt in Congo (o.a. via ontwikkelingshulp), beschouwt Martens dit als de grootste ‘rijkdom’ van het land. De Congolezen dienen hier dus beslag op te leggen, wat Martens promoot met een installatie van lichtgevende neonletters die ‘Enjoy Poverty’ vormen. Hij concretiseert deze boodschap door enkele Congolezen in een sneltempo op te leiden tot fotografen, opdat het geld dat internationale pers-

fotografen krijgen voor de gefotografeerde miserie rechtstreeks naar het afgebeelde Congolese volk zou vloeien. Wanneer het project echter mislukt, ziet Martens nog slechts één oplossing: zich neerleggen bij

de onrechtvaardigheid en leren leven met de armoede. Martens’ installatie krijgt hierdoor een andere betekenis; ‘Enjoy Poverty’ slaat nu op het gelukkig proberen zijn ondanks de miserabele levensomstandigheden, en er zeker niets aan trachten te veranderen, want dat lukt toch niet. Deze bedenking roept uiteraard heel wat (ethische) vragen op, maar is net daarom zo krachtig als statement en aanklacht. Wegens de woordenlimiet die mij van bovenhand wordt opgelegd, ontbreekt de ruimte om op andere aspecten van deze bijzonder rijke en veelgelaagde film in te gaan, zoals de egocentrische performance die Martens opvoert, of de perverse relatie tussen grondstoffen, internationale militaire interventies, ontwikkelingshulp, en media-aandacht. Bovendien gaat de film misschien wel in de eerste plaats, zoals Martens zelf aangeeft, “over ons en over de machtsrelaties in ons kijken. Over de relatie tussen kijker en beeld, over wie afbeeldt en wat afgebeeld wordt”. 2 (gw)

(www.diezukunft.be)

JOKE’S THEATERSELECTIE Ik zie het u denken: ‘het wordt geen weer om in een duffe en muffe theaterzaal te gaan zitten.’ Loos argument, want speciaal voor u geselecteerd: drie theaterstukken bij u in de buurt waarvoor u wel eens uit uw duffe en muffe zetel kan komen! God van de slachting – Jan Eelen (van don. 24 mei t.e.m. zat. 16 juni in Minardschouwburg in Gent, volgend seizoen op tournee in heel Vlaanderen) U leest het goed: Jan Eelen, bekend van o.a ‘Het Eiland’, ‘In de Gloria’ en ‘De Ronde’, waagt zich voor het eerst aan een theaterregie. De ingrediënten zijn herkenbaar: een tragedie waarbij de lach niet wordt geschuwd, een topcast met An Miller, Frank Focketyn, Oscar Van Rompay en Els Dot-

termans, en een ijzersterke tekst waarbij een alledaagse anekdote (twee volwassen echtparen komen samen om een incident tussen hun zonen uit te klaren) leidt tot snedige dialogen. De voorstellingen in NTGent zijn al volledig uitverkocht, maar houd vooral de speellijst voor het komende seizoen in de gaten!

www.ntgent.be

Sandy – Jan Sobrie en Peter Monsaert (28 april om 20u, Kopergietery Gent) vanaf 12 jaar Een cliché maar wel de waarheid: ‘Sandy’ is een jeugdtheaterstuk voor jong én oud. Het is niet de eerste keer dat Jan Sobrie en Peter Monsaert samen iets maken: ze werden al eerder geselecteerd voor Het Theaterfestival 2006 met hun stuk ‘Fimosis’. Jan Sobrie is gekend in jeugdtheatercircuit als acteur, regisseur en auteur en kan met zijn absurde en toch pakkende teksten heel fantasierijke werelden oproepen. De inhoud spreekt boekdelen: de twee gaan aan de slag als trouwe en trotse helpers van het zand39

mannetje genaamd Sandy. Ze verzamelen materiaal waarmee hun baas de mooiste dromen creëert. Kortom, een must voor wie houdt van visueel sterke, grappige maar toch ontroerende voorstellingen. Vergeet de kinderen niet mee te nemen!

www.kopergietery.be

Onder het Pierkespark – Bij De Vieze Gasten (zon. 20 mei om 15u) Voor wie meer houdt van het sociaalartistieke doel van theater, raad ik zeker het volgende aan: Bij’ De Vieze Gasten, het sociaal culturele hart van de Brugse Poort, is bezig met het creëren van een voorstelling rond het nieuw aangelegde Pierkespark. Verschillende jongeren en andere parkgebruikers, die er graag rondhangen, vertellen hun verhaal. Het wordt misschien niet de meest hoogstaande culturele hap, maar wel één met een mooi ideaal: mensen samenbrengen om te praten over hun dromen en verwachtingen.

www.deviezegasten.org

2 (jw)


SPONSORPAGINA

CIRQUE CONSTANCE Zijn er heden ten dage nog andere noemenswaardige zaken om over te praten dan de lamentabele fysieke paraatheid van Philippe Gilbert? Eigenlijk niet, maar omdat dit anders wel een heel erg kort artikel zou worden, willen we toch nog even de aandacht vestigen op wat de onverlaten van Cirque Constance zoal in de aanbieding hebben de komende weken.

Z

o is er op maandag 30 april een interessante thema-avond – je zou het zowaar zelfs een romantische avond kunnen noemen – in de Huysmanhoeve in Eeklo. Vroeger was deze vooravond van 1 mei een soort vruchtbaarheidsfeest waarbij men onder andere meibomen plantte en de mannen zich ongetwijfeld tegen het plaveisel dronken, want het was nu eenmaal een feest. Omdat Cirque Constance erg veel belang hecht aan traditie, organiseren we dus een intieme avond op een idyllische locatie die aan dat vruchtbaarheidsfeest refereert.

Er zijn die avond 2 optredens: Karen Willems (bekend van Yuko, Zita Swoon en Inwolves) en Jurgen De Bonde (Kohn en de Portables) doen een unieke improvisatieperformance rond het thema romantiek, terwijl Nicodaemon and the Lost Vikings een optreden ten beste geven met covers van Nick Cave. Allen daarheen dus!

D

e eerste zonnestralen van 2012 deden ons de voorbije weken al reikhalzend uitkijken naar de achtste editie van het Cirque Constance Festival (naar goede gewoonte het 3de weekend van september; gelieve dus die periode geen reizen te plannen, koters op de wereld te zetten of 2de zit te hebben). Voor de laatste nieuwtjes hierover kunt u altijd terecht op www.cirqueconstance.be. Tot de volgende!


SPONSORPAGINA

DIE ZUKUNFT


SPONSORPAGINA

CAFÉ PASSÉ ALLE DAGEN HOPEN VANAF 19:00u ZONDAG 15:00u

WOENSDAG EN DONDERDAG WANHOPEN

NU OOK OP DINSDAG DE MEEST GROOVY KEET VAN DE WERELD

DOORNENDIJK 1 ASSENEDE 0474496607


DE COLLAGE


1 2 3 juni

JUNI

6 7 8 juli

ROCK EARTHFIELD

KERMIS

studio 69 white trash dandy

randloper

the sloofs

spaghetti night

tribute band

pink floyd kermisbal met

the weedfarmers

the tradegy we live in

tropical party oemta dell arte

illegal festival party

schieting | bolling

jack&alex

christophe vekeman black eyed billy’s

john ghost AND MORE...

10 11 12 aug

24 juni

poemtata en de zomersnoepers

8 juli

poemtata op rock earthfield

26 augustus

16 17 18 aug ter land ter zee en in de lucht

15 16 17 juni 26 okt

straattheaterfestival luxemburg

POEMTATA

20 juli

12 13 mei 28 29 30 sept

abdijweekend tongerlo

kunstenfestival

poemtata op de gentse feesten

pukkelpop citytrip mons-bergen

KERMIS

ambush

sabrina

OEMTA TRAVEL

AUGUSTUS

never mind nessie inox | el dainty handbrake | zilke

dj seiss

24 25 26 aug

poemtata op oemta dell arte

www.poemtata.be

VROEMTATA

brouwerijbezoek van steenberge toeren op de moto

24 juni | 2 sept

www.oemtata.be


Pook jaargang 2, editie 1