Issuu on Google+

reportage

\TERDEGE\PRODUCTIE\PAGINA\PLANNING\TD_14_008-013 8

2-4-2013 8:12:17


Voedselschandalen zetten ‘fabrieksvoedsel’ onder druk, de roep om verse producten wordt luider. Veel boeren, op zoek naar extra inkomsten, spelen in op de vraag naar streekproducten, rechtstreeks van het land of uit de boomgaard. Er zijn naast zuivelboerderijen vele honderden boerderijwinkels en een veelvoud aan verkooppunten. „Mensen kunnen zo de stal in lopen om te zien welk vlees hier in de vriezer ligt.” tekst Ad Ermstrang foto’s Sjaak Verboom

Vers van het land \TERDEGE\PRODUCTIE\PAGINA\PLANNING\TD_14_008-013 9

2-4-2013 8:12:45


V

rolijk wapperen de vlaggen bij de ingang van de parkeerplaats. Frans Renne heeft de smalle stroken met ‘Renne Streekproducten’ net verwisseld voor nieuwe exemplaren. „Dat moet je eigenlijk meerdere malen per jaar doen. Sneeuw, regen, zon en wind tasten de doeken behoorlijk aan.” Frans, zijn vrouw Irma en hun zoon Rob gaven de voormalige boerderij van hun (schoon)ouders de laatste jaren een heel ander aanzien. De aanleiding was ingrijpend. In 2000 begon Irma met de verkoop van vlees van hun vleesvee, nadat ze door een herseninfarct was getroffen. „Mijn leven stond in één keer op z’n kop. Ik werkte in de zorg, maar werd arbeidsongeschikt. Ik ben echter niet het type dat niets gaat doen en wil daarnaast graag mensen om me heen.” Zo ontstond het idee om te starten met de verkoop aan huis van

rundvlees uit hun eigen bedrijf. Ze begonnen met een vriezer met een glazen inkijk in de garage. Vleespakketten maakten al snel plaats voor maatwerk in de vorm van diepgevroren pakjes. Ook varkensvlees, afkomstig van een fokker uit de buurt, deed zijn intrede. Van het een kwam het ander. De Renne’s zagen de belangstelling voor een „vers en eerlijk” stuk vlees alleen maar toenemen. Rob: „Dat wordt verder gestimuleerd door allerlei schandalen, zoals recent met paardenvlees. Mensen weten graag waar hun voedsel vandaan komt. Dat is bij ons gemakkelijk, ze kunnen zo een kijkje in de stal nemen. We laten de stieren slachten bij een bedrijf waar geen handel worden gedreven. Daarmee is gegarandeerd dat het vlees van de eigen dieren hier weer terugkomt.”

Kaas en sappen

Kaas, jam, sappen, stoofpotten en - tijdens het seizoen - aardbeien en streekgebonden groenten- en fruitproducten volgden. „Allemaal afkomstig van bedrijven uit de polder.” De stallen werden omgebouwd tot winkelruimte

en ook voor rolstoelgebruikers toegankelijk gemaakt. Om de eigen identiteit te bewaken, heeft de familie Renne zich bewust niet bij de keten Landwinkels aangesloten. „Dan verkopen we dezelfde producten als vele anderen. Dat willen we niet. Net zomin als we producten uit de supermarkt verkopen. Allemaal prima spul, maar wij willen ons onderscheiden.” Vader Frans heeft het boerenbedrijf van zijn vader gestaakt en een deel van het vleesvee van de hand gedaan. Het vrijkomende deel van de stal wordt nu gevuld met vee van een buurman. Het woondeel van de boerderij is verbouwd tot een

Rob Renne: „Graag weten mensen waar hun voedsel vandaan komt”

Renne Streekproducten startte in 2000 met de verkoop aan huis van rundvlees uit het eigen bedrijf.

10 terdege ● 10 april 2013

\TERDEGE\PRODUCTIE\PAGINA\PLANNING\TD_14_008-013 10

2-4-2013 8:13:05


ruimte die aanvankelijk was bedoeld voor ontvangsten, proeverijen en workshops, zoals taarten maken en bloemschikken. Het gezin ging zelf in een nieuwe woning naast de boerderij wonen. De voormalige boerderij behoort tot het dorp Nagele, maar maakt met zijn ligging langs de belangrijkste toegangsweg tot Urk in de praktijk onderdeel uit van het vroegere eiland. Daar was behoefte aan een ruimte voor verjaardagen en partijtjes. Ook worden er vergaderingen gehouden. „Met de snelweg A6 in de buurt zit je hier heel gunstig.”

Webshop

Omdat De Kluishof, zoals de ruimte is genoemd, al snel te klein werd, is een overdekt tuinterras aangebouwd. Rob schat dat ze nu zo’n honderd gasten onderdak kunnen bieden. Hij levert op verzoek bufetten en zijn vader behaalde de nodige

horecadiploma’s. Regelmatig wordt de ruimte afgehuurd. „Doordat we de kosten laag houden, achter het terras enkele speelvoorzieningen voor kinderen hebben aangebracht en complete arrangementen verzorgen”, zo verklaart hij de belangstelling. Rob houdt zich vooral bezig met de verkoop van streekproducten via de webshop. „De meeste artikelen kun je prima met een pakketje versturen. De bezoekers van de winkel komen vooral uit Urk en omgeving, via internet hebben we klanten uit het hele land. Alleen vlees kun je moeilijk toesturen. Dat kan via de mail worden besteld en hier worden afgehaald. We hebben zelfs mensen uit Amsterdam die hier antibioticavrij vlees komen halen.” Hij gelooft in de toekomst van de streekproducten, die de laatste tijd gewild zijn als een zekere tegenbeweging op allerlei fabrieksartikelen. „De

vraag naar duurzaam vlees en ook biologisch vlees zal op termijn alleen maar toenemen.” Irma ziet nog een andere reden waarom mensen graag de winkel bezoeken. „Ze vinden hier tijd voor een gesprek en gezelligheid. In andere winkels worden klanten en personeel opgejaagd. Dat willen wij voorkomen en dat geeft goede gesprekken. Soms voel je je net een maatschappelijk werker.”

Dagverse melk

Ernst van der Schans uit het Gelderse Well verkoopt niet aan huis, maar bouwde met zijn vrouw Jacomine hun dagverse zuivelboerderij in een kwarteeuw uit tot een van de grootste van Nederland. ‘Zijn’ pakken melk, yoghurt en vlasoorten liggen nu in het schap van bijna iedere supermarkt. Den Eelder is een begrip geworden. Recent won hij een eerste prijs met zijn boerenyoghurt. Lachend: „Op school dachten ze de afgelopen jaren zelfs dat het onze achternaam was en werden de kinderen zo genoemd.” Het was niet zijn bedoeling om boer te worden. Van der Schans belandde in 1981 onver-

Ernst en Jacomine van der Schans bouwden hun zuivelboerderij uit tot een van de grootste van Nederland.

terdege 10 april 2013 11 ●

\TERDEGE\PRODUCTIE\PAGINA\PLANNING\TD_14_008-013 11

2-4-2013 8:13:25


wacht toch in de melkveehouderij, nadat zijn vader in 1975 was overleden en het voor zijn moeder moeilijk was om het boerenbedrijf alleen voort te zetten. Hij combineerde dat met zijn studie aan de Wageningen Universiteit, maar moest die afbreken toen het te druk werd. Door de ruilverkaveling was het mogelijk om enkele jaren later anderhalve kilometer verderop een nieuw bedrijf te beginnen, met 120 melkkoeien. Dat zou in de jaren daarna sterk uitbreiden, maar de melkquotering blokkeerde de uitbreidingsplannen. „We hebben toen gezocht naar nieuwe mogelijkheden en die gevonden in het zelf produceren van zuivelproducten. De Nederlandse zuivel is echt niet slecht, maar je zag in die tijd een sterke gerichtheid op bulkproducten tegen een lage prijs. Het werd steeds meer een grootschalige industrie, gericht op eiciënte

productie en minder op smaak en kwaliteit. Er waren toen al verschillende boeren actief in de kaasmakerij. Wij kozen voor traditioneel gemaakte dagverse zuivel met een bijzonder goede smaak. En, ik moet eerlijk zijn, het was natuurlijk ook bedoeld om de extra ruimte binnen de quotering te benutten.”

Spannend

Enkele jaren later lagen de eerste pakken van Den Eelder in de winkel. „We zijn heel kleinschalig begonnen, met enkele honderden liters melk per week. Daarvan maakten we boerenkarnemelk, geschikt voor de supermarkt. Met streepjescode en al. Die ontbrak toen nog op veel producten.” Melk kwam pas later, onder meer door de kortere houdbaarheidsdatum. „We karnen de melk. Net als vroeger. In de zuivelindustrie gaat dat anders, daar roomt men de melk af en zuurt die aan. In mijn jeugd was karnemelk een bijproduct, een beetje voor de kinderen en de rest voor de varkens. Nu is het omgedraaid en is boter een bijproduct. We hadden weinig ervaring en het was best

spannend. We moesten investeren in onze zuivelafdeling en de banken waren uiterst terughoudend. Retailers wimpelden ons af met de opmerking dat we nog maar eens terug moesten komen als het product er was. Toen het eenmaal zo ver was, zeiden ze: ‘Kom over een jaar nog maar eens terug, dan kijken we wel of je nog bestaat’.”

Pareltjes

Anno 2013 verwerkt Den Eelder enkele honderdduizenden liters melk per week. Naast Ernst en zijn vrouw zijn ook hun drie kinderen betrokken bij het bedrijf, dat aan nog eens vijftien tot twintig andere mensen werk biedt. Dagelijks worden er vele pallets met verse zuivelproducten afgeleverd bij de distributiecentra van de grote winkelketens, maar ook bij speciaalzaken. Het aantal koeien is gestaag gegroeid en bedraagt nu 450. Met

Pieterjan Brandsma: „Bij de honderdste gaat de vlag uit” De vraag naar verse en herkenbare boerderijproducten is de laatste jaren in een stroomversnelling geraakt. Dat weerspiegelt zich in het aantal boerderijwinkels. Een groot deel is aangesloten bij de coöperatie Landwinkel, dat het aantal deelnemers zag groeien tot 93. De coöperatie houdt kantoor in een pand op een industrieterrein in Veenendaal. Vier mensen houden zich, met hulp van enkele studenten of anderen, onder leiding van manager Pieterjan Brandsma bezig met de marketing van Landwinkel. Bijna een derde van de ‘echte’ boerderijwinkels in Nederland is aangesloten bij het samenwerkingsverband. Dat betekent een omvangrijke groei ten opzichte van het oprichtingsjaar 2006, toen 39 boeren en fruittelers voor de eerste maal de

geelgroene vlag hesen. Brandsma, die management studeerde in Wageningen, trad op dat moment in dienst van Landwinkel. Hij houdt zich onder meer bezig met het ontwikkelen van het assortiment en het organiseren van workshops en demonstraties. „Meestal bij een van de aangesloten leden. De ondernemer traint bij ons de ondernemer”, aldus Brandsma. Ook worden websitemodules aangeboden. Zo experimenteren enkele leden momenteel met een door Landwinkel bedachte webshopformule.

Groene Hart De contouren voor Landwinkel ontstonden al in 1997, toen in het Groene Hart een aantal boerderijwinkels de handen ineensloeg en zich verenigde onder de naam Groene Hart Landwinkel. In de Gelderse Vallei werd hun voorbeeld gevolgd. Zij waren ieder op hun eigen manier zo succesvol, dat nog geen tien jaar later werd besloten tot een landelijke coöperatie.

Brandsma prijst zich gelukkig met die keuze. „Het is bepaald geen ouderwets concept, een coöperatie als de onze is springlevend. Omdat de leden geld hebben ingelegd, hebben we sinds de kredietcrisis geen of nauwelijks een beroep hoeven te doen op een bank.” De onderneming in Veenendaal koopt producten in bij de leden en distribueert die over de winkels. Voorop staat dat de ondernemers hun vrijheid behouden, maar dat geldt eveneens voor de coöperatie, die goed let op de prijzen. „Als wij nieuwe producten aanbieden, doen we dat alleen als de betrokken ondernemer er goede resultaten mee heeft behaald. We kunnen en willen geen macht uitoefenen.” In het Landwinkel-concept blijft iedere winkel uniek. De verkoop-

12 terdege ● 10 april 2013

\TERDEGE\PRODUCTIE\PAGINA\PLANNING\TD_14_008-013 12

2-4-2013 8:13:51


enkele boeren die op dezelfde basis als Den Eelder werken, heeft Van der Schans afspraken gemaakt om zijn melkvoorraad zo nodig aan te vullen. De traditionele wijze van werken met de nadruk op kwaliteit maakt de pakken in de winkel een paar dubbeltjes duurder. Dat is lang niet altijd nadelig, heeft hij gemerkt. „Toen de minimumprijs voor melk werd afgeschaft, hield ik mijn hart vast, maar de retailers wilden ons juist hebben om een onderscheidend product aan te bieden. Onze pakken en bekers zijn voor hen de pareltjes in het schap.”

Koosjere zuivel

Naast dagverse zuivelproducten van de koe en de geit produceert de boerderij ook ecologische geitenmelk en koosjere zuivel. „Na de sabbat komt er een rabbijn uit Antwerpen. Onder zijn toeziend oog worden melk, yoghurt, karnemelk en andere zuivel gemaakt. Die gaat hoofdzakelijk naar Antwerpen en Londen. De ecologische geitenmelk is vooral voor de Duitse markt.” Iedere week worden zelfs enkele pallets (karne)melk naar Curaçao

en Benidorm gevlogen. De Nederlandse gemeenschappen daar willen hun eigen zuivelproducten kunnen inslaan. Duurzaamheid staat voorop. Dat wordt bedrijfsbreed gehanteerd. Zo kent een van de weilanden van de boerderij al jarenlang een aangepast gebruik door absolute rust in de maanden april tot en met juni, ten behoeve van de weidevogels. Met de inzet van groene energie uit mest van de eigen koeien en gebruik van zonne-energie is de zuivelboerderij op weg om energieneutraal te worden.

Ernst van der Schans: „In mijn jeugd was karnemelk voor de varkens”

Vijand

Het bedrijf groeit nog steeds. „Niet heel hard, daar streven we niet naar. Wel is groei nodig om de steeds toenemende kosten van de regelgeving te lijf te gaan. De elkaar opvolgende voorschriften zijn onze grootste vijand. Niet als het om voedselveiligheid gaat, maar daarnaast heb je te maken met allerlei regels die geen of onvoldoende rekening houden met de praktijk van een klein bedrijf.” De groei van Den Eelder betekent dat Ernst steeds meer achter zijn bureau zit. „Dan ben je bezig met aansturen. Eigenlijk wil ik dat niet, want daar ben je geen boer voor geworden.” Dat wordt soms goed gemaakt in de nachtelijke uren. „Wij zijn degenen die bij het bedrijf wonen. Als iedereen vertrokken is en er moet een koe kalven, sta ik er in mijn overall bij.” www.rennestreekproducten.nl www.deneelder.nl

ruimtes aan huis variëren sterk en boeren en fruittelers hebben ieder hun eigen streekproducten. In de regel wordt een minimumafstand van 9 kilometer tussen de Landwinkels gehanteerd. Door de samenwerking is het assortiment wel link uitgebreid. Door Landwinkel gelabelde producten als kaas en appelsap liggen in vrijwel ieder verkooppunt. Ook speciaal brood zonder schadelijke toevoegingen en bij een Landwinkel gebrouwen bier liggen vaak in de schappen.

Tegen de verdrukking in Hoeveel de omzetten bij de individuele deelnemers stegen, weet Brandsma niet exact. Wel dat in Veenendaal in 2011 een omzetgroei van 35 procent en vorig jaar een van 20 procent werd gemeten. Voor dit jaar verwacht hij een toename met 10 procent. „Natuurlijk vlakt dat wel wat af, maar het is gezien de omstandigheden om ons heen nog steeds een groei tegen de verdrukking in.” In 1997 geloofde volgens hem „nog vrijwel

niemand in de verkoop van verse producten door boeren. Toen leek grootschaligheid voor de boeren nog de enige oplossing. Omdat dat in het Groene Hart in veel gevallen onmogelijk was, werden daar de eerste initiatieven voor andere inkomstenbronnen ontwikkeld. Tegenwoordig wordt dat vaak aangevuld met zorgmoge-

lijkheden en dergelijke.” Hij voorziet de komende jaren een verdere vraag naar boerderijproducten. Het aantal deelnemende winkels zal verder toenemen. „Als we volgend jaar de honderdste deelnemer binnenhalen, gaat de vlag uit.” www.landwinkel.nl

terdege 10 april 2013 13 ●

\TERDEGE\PRODUCTIE\PAGINA\PLANNING\TD_14_008-013 13

2-4-2013 8:14:02


Td 14 natuurproducten