Page 1

2


VOORWOORD Ik ook altijd met mijn grote mond, voor je het weet zit je weer vast aan het samenstellen van een of ander internet magazine. Moet je vervolgens ook nog een thema gaan bedenken en zorgen dat alles op tijd binnen is en naar de vormgever kan. Waar is het allemaal goed voor, zou het niet weten. Ik heb vele keren op het punt gestaan om alles terug in handen van Derrel Niemeijer te geven of aan Nancy Meelens. Maar ik besloot dat ik hen dat niet kon aandoen want hadden zij niet net hun handel vol gehad aan het organiseren van een activiteit in Eindhoven? Wel grappig trouwens dat ik handen vol wil schrijven maar automatisch handel schrijf, van enige vorm van handel is hier geen sprake laat staan dat er handel te maken viel van het B.A.M evenement. Uit betrouwbare bronnen heb ik vernomen dat er een fonds opgericht moet worden "Help Nancy de winter door". Wie van jullie las trouwens automatisch handen? Ik denk verschillende lezers want er wordt immers niet meer zorgvuldig gelezen. Moet je met deze e-zine wel doen want er staan echt mooie dingen in. Mijn vrouw heeft mij drie dagen niet kunnen zien want om alles bij elkaar te schrapen voor deze editie heb ik mij opgesloten in een hutje op de hei aangezien ik na het lezen van alle inzendingen geen stad voor ogen meer kon zien. U begrijpt de meligheid slaat moe! Toen ik eindelijk dacht dat alles nu wel zo rond als mijn buik was, ze noemen mij niet voor niets de BMI, realiseerde ik me dat ik totaal geen verstand had van vormgeven. Ik kan nauwelijks mijn eigen leven vorm geven, laat staan zo'n magazine. Gelukkig was daar de rots in de branding Vincent Jongman die aanbood om op mijn hulpvraag in te gaan. Zo, dat was dan ook weer geregeld. Nu ik alle bijdragen gelezen heb kan ik stellen dat het een mooie uitgave zal zijn, vooral gericht op tekst dit keer. Wat een eer om alle inzendingen als eerste te mogen lezen en wat een talent scharrelt hier rond. Ik ga me nu weer concentreren op de organisatie van Dichter bij de Bar in Delft. Hier is in deze editie ook alles over te lezen, zelfs zo veel dat we een beroep op u als lezers doen om een bijdrage te leveren aan de crowdfunding. Het festival is gericht op het promoten van de taal en willen wij daar allemaal niet graag aan bijdragen? Ik wel in ieder geval en daarom; "wat bleek het leuk te zijn en wat doe ik het graag nog een keer!" O ja, dit is het eerste nummer van 2014. Laat ik jullie als lezer allen een mooi nieuw jaar wensen en laat de woorden tot je komen! Amen.

| Menno Olde Riekerink - Smit ps. mocht jouw bijdrage niet terug te vinden zijn dan heb ik deze nooit ontvangen. Vrees dus niet dat ik u boycot.

3


COLOFON Vormgever Vincent Jongman en tekst– en foto schraper van gedichten Menno Olde Riekerink wensen jullie een heel goed 2014 en wensen de volgende redacteur veel succes bij het samenstellen van de volgende Po-e-zine. | 1 januari 2014 Po-e-zine, editie 6 Themanummer: Randstad

4


Wie per trein door de Randstad reist kan maar beter een goed boek meenemen |Koos van Zomeren Deze aflevering van Poëzine heeft als thema de Randstad. Een mooi en eenvoudig thema zou je denken, zeker als je, zoals ik, in de Randstad woont. Genoeg over te schrijven en te dichten. Maar is dit wel zo? De Randstad als zodanig is een metropoolregio in het westen van Nederland die bestaat uit een aantal grote steden die liggen rond het Groene hart. En daar begint de schoen al meteen te wrikken. Waar ga ik het over hebben? Over een regio waar ik buiten een paar steden en wat omliggende gemeenten niet veel mee heb? Over de grote steden in dit gebied (waarmee ik de omliggende gemeenten oversla)? Over het Randstad gevoel (bestaat volgens mij helemaal niet)? Kortom, een op het eerste oog eenvoudig thema blijkt bij nadere bestudering helemaal niet zo eenvoudig als ik dacht.

Poëziepodia |Wouter van heiningen Op mijn blog www.woutervanheiningen.wordpress.com schrijf ik over poëzie en één van de categorieën die ik daar behandel is Poëziepodia. Wat me opviel na het schrijven van een aantal afleveringen was het volgende: Er zijn naar mijn weten in Vlaanderen geen poëziepodia zoals ze in Nederland wel veelvuldig worden georganiseerd (met beginnend talent en open podia) én de meeste poëziepodia zijn in de grote steden in de Randstad (!). Van de 27 door mij beschreven podia worden er 18 georganiseerd in de Randstad (waarvan 7 in Rotterdam). Nu weet ik dat er inmiddels wel een aantal podia bij zijn gekomen die ik nog niet beschreven heb maar daarvan zijn de meeste ook alweer in de Randstad. Nu kan het zijn dat ik te weinig weet van de rest van Nederland als het gaat om de organisatie van poëziepodia maar ook na veel zoekwerk op Internet kom ik niet veel verder. Van een bevriend dichter hoorde ik onlangs dat er in Breda, toch een plaats van enige omvang, geen enkel podium is waarop poëzie te horen of te zien is. Mocht de lezer van dit stuk aanvullingen op mijn lijstje kunnen verschaffen dan is dit zeer welkom.

5


Steden Zelf woon ik meer dan de helft van mijn leven in de stad Den Haag. Via mijn werk ben ik echter vooral gericht op (de regio groot) Rotterdam. In mijn eigen poĂŤzie speelt de stad dan ook met enige regelmaat een rol. Een voorbeeld over een bijzondere begraafplaats in Den Haag: de prikklok slaat nu nog eenmaal De kraaien zijn geen kraaien gaten in de tijd, toch, wie er meer, maar kauwen moet zijn hun zwarte werk verlicht is aanwezig Oud Eik en Duinen

hier trekt je laatste adem een kou doortrokken wintervacht aan en zingt de lucht in stilte

hij die stof verlangt wordt niet teleurgesteld, de grond wordt dik belegd met ons gepeins

Maar ook over het grootstedelijk gevoel heb ik gedicht. In dit geval over Hoog Catharijne in Utrecht middels het gedicht Stadskamer.

Stadskamer Huis van glas, de deur wijd open voor de dagelijkse gang van de mensenslang in slow motion of in fast forward de koopzucht lijkt een dwang maar drukt zich uit als een drang, naar deel uitmaken van de huiselijkheid

van de vele kamers in het koophuis van de stadsmakelaar in roerend goed van oud en nieuw kom binnen, wees welkom draag de taak niet als last omarm het staal en de binten van de nieuwe stad

6


Het Randstad gevoel Toch zijn dit voorbeelden van poëzie die gaan over plekken die toevallig in de Randstad liggen. Naar mijn weten zijn er geen dichters die zich hebben laten inspireren door de Randstad en daar over gedicht hebben. Het enige voorbeeld dat ik heb kunnen vinden was dat van Wil Melker. Maar eerlijk gezegd had dit ook over een grote stad buiten de Randstad geschreven kunnen zijn.

Conclusie Kom ik weer terug op mijn eerste vraag: Is de Randstad een goed thema voor een aflevering van Poëzine? Eerlijk gezegd denk ik van wel, niet zozeer om in beschrijvende zin iets zinnigs over te zeggen maar als het gaat om invulling van dit thema kun je feitelijk alles verwachten. Dat verrassingsaspect maakt dat ik in ieder geval heel nieuwsgierig ben naar deze editie van Poëzine. En of het waar is dat je een boek moet meenemen als je door de Randstad per trein reist? Natuurlijk, en bij voorkeur een dichtbundel.

De randstad

| Wouter van Heiningen www.woutervanheiningen.wordpress.com

het neon straalt en knippert vrolijk ja een flard muziek deint mee in warme lucht met feestelijke geuren luidruchtig bruist het leven door een open raam gordijnen die in felle kleuren zachtjes meebewegen. maar op de natte straat verschuifelt zat publiek ogen steeds ontwijkend voortdurend langs gezichten strijkend leeg en zonder lach handen in de zak niet beschikbaar voor een menselijk contact

hun jassen grijs hun koppen eigenwijs diep weggedoken in de kragen schouders zonder graat de meter privacy, het rolluik en de rijen sloten eisen voordeur als bevrijding van de rest de geur van eigen nest veiligheid in afgesloten dagen

7


Lofdicht op Zoetermeer 2 Het allermooist aan Zoetermeer zijn de borden waarop staat dat wanneer u ze passeert u Zoetermeer verlaat | Alexander Franken www.Alexanderen.nl

8


Verscholen in ĂŠĂŠn

Euromast, Rotterdam

Een horizon verscholen in de stad met om elke hoek een nieuw einde

Ongetwijfeld is het leuk om met de mond wagenwijd open te staan, maar voor de rest heb je er werkelijk geen donder aan -

Waar het achtergelaten leven doorgaat en je inhaalt als je te lang stilstaat

| Frans van de Giessen, Leerdam, Nederland

Waar geheimen voor het oprapen liggen Om door te geven of te houden Waar de droom gedroomd of geleefd wordt Waar we samen zingen en dansen en huilen en branden | Mark Boninsegna www.markboninsegna.nl

9


Randstad De stad nam mij op, ik voelde haar sfeer haar straten gebouwen rondom mij heen ik rook haar geuren, hier zag ik haar kleuren, deze stad is meer dan een verzameling steen hier ben ik welkom hier wil ik wonen. De stad kent veel scholen, theaters en winkels monumenten van vroeger, met architectuur regeringsgebouwen en debatten vol vuur mooie parken en bossen en vooral is er de zee hier ben ik geboren, geniet met mij mee. | Annemarie Maasdam, dec. 2013 www.dijkdichters.info

| Tekst: Edwin de Voigt Vormgeving: Arie de Vroed www.revolutie.tv

10


Dichter in de stad Meisjes uit de randstad

Na afloop in de derde kroeg,

Zag ik in ‘t café

Kaf van ‘t koren gescheiden,

Dragen geen onderbroeken, Kreeg ik waarom zij vroeg, Maar strings met harde g.

Zag haar van de kruk afglijden.

Vooraan in de zaal en blond, De trap naar haar kamer was steil, Haar lippen rood geweken.

Het licht zwak, maar volstond:

Dronk zij mijn mond,

In ‘t echt was zij niet blond

Terwijl ik las,

En zijn er blijkbaar dagen

En proefde wie ik was.

Dat meisjes uit de randstad Niet eens een g-string dragen.

| Gert-Jan van den Bemd www.grandfoulard.com

11


Het begin van taal ik ben kraterwanden, leidingen vol lekkende stroom. de pest waart in mijn ongedierte, ik ben het geraamte van een stad. karavanen trekken naar de grenzen om daar de taal opnieuw uit te vinden, met veertig namen voor brokstukken, zestig namen voor verval. iemand zal ze allemaal gebruiken in hetzelfde gedicht, het zal over jou gaan. ik wacht in mijn restanten op het woekeren van tijd. | Wibo Kosters www.wibokosters.nl

12


Zwaarbeladen

Hoe wij in de rondte

Mijn vlakgemaakte Vlaamse land

Je kent van A-wegen de afslag naar een N-weg om daar te ontnuchteren van de drukte het rood van achterlichten hoe ze drijven in de dronken meute van metaal

met grauwe grijze randbedrijven vol neonlichten en beton en achterbouw en achterklap en veel meer regen ook dan zon hier rijdt men over volle wegen met volle vrachten files lang van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat

boven het asfalt wolken snijden tot een stadswal een rand van aanplant geplakt tegen meevarend geluid aan de boorden wacht de oversteek je telt voorbijgangers tot het sein op veilig zie ze raam aan raam geschakeld staan

van autobaan tot autobaan om eerst te lossen, dan te laden

er is geen houden aan een thuis waar je vanuit volle straat binnenvalt

en daarna weer terug te gaan eentonigheid van stad tot stad

hangt alles aan een klare hemel dat je niet in wirwar en gewoel verdwaalt

maar meestal in een randgebied waar elke honderd meter rood

| Frans Terken www.fransterken.blogspot.nl

de mensheid van zichzelf niet ziet hoe zeer men leeft soms als de dood. | Bert deben E40 Gent - Oostende, woensdag 25 januari 2012. www.bertdeben.blogspot.be

13


| MartsArt

14


Broeistad De zon schijnt te schijnen. De tram weerkaatst. Hondenpoeplucht smelt in de straten. Zonnestank. IJsje eten? Ze likt. Het drupt langs de schacht. Op de stoep. Op een mier. Dood. Bankje graffity. Hij zocht, zij vond (er niks aan). Yes! I am back im Stadt. Ditje hier. Datje daar. Doet er niet toe. De massa deint. Ik zoek jou. Maar ik vind je niet. | Johan Visschers www.egoecho.nl

15


Streefkerk “Een uur wachten joh?? Godverdomme tering! In Rotterdam??! In die Wereldstad?! Hahaha! Godverdetering zeg hé!” Hij heeft een ingevallen mond. Niet zo’n type junkie, maar het soort pleurtopikmotgeenkunstgebit. Naast hem staat, nee hangt, of nee, beter nog: rammelt een oude kruk. Zodanig verroest dat er een bus kruipolie aan te pas moet komen als je ‘m zou willen verstellen. De vraag is of je dat echt zou willen. Want die kruk en hij zijn één. En er zitten stickers op. Dus dan moet je het al sowieso niet willen: moet je ook nog met een flesje stickerverwijderaar aan de gang. Dus nee… die kruk laten we voor wat ie is. De man heeft ook een bril op. Past wel bij die kruk. Het montuur stamt uit de tijd dat dergelijke monturen nog sneu waren en niet zo trendy als tegenwoordig. Geheel in stijl zit er een barst in het linkerglas en houden stukken half vergane en hier en daar loslatend tape de boel bij elkaar. “En waar moesje heen dan? Streefkerrek!? HAHAHA! Strééfkerrek!?? Tering! Hahaha! Godverdomme!” Hij slaat met zijn groezelige hand op zijn versleten spijkerbroek en zijn stem kraakt en raspt door de metro. Hij staat op. We zijn bij Oostplein. Hier vlakbij is het Havenziekenhuis, dus misschien verklaart dat die kruk. Geen idee. Het zou ook zomaar helemaal niets met elkaar te maken kunnen hebben. Terwijl hij opstaat pakt hij in één routineuze beweging zijn kruk en zichzelf meetrekkend, half steunend op die kruk die eigenlijk zelf een kruk nodig heeft, lacht en vloekt hij zich onbedaarlijk de metro uit. Als bij toverslag klinkt zijn stem ineens jong en op aangenaam volume als hij zich even omdraait: “Hé jongens, tot ziens hè?” Maar als de deuren opensissen loopt hij als een ware SeyssInquart het perron op. We horen hem schateren: “Godverdomme tering! HAHAHA! STREEFKERREK! Hahaha! Godverdetering!! De jongen naast het meisje uit Streefkerk laat het een seconde op zich inwerken en zegt terwijl hij zijn schouders ophaalt: “Nou, zijn dag is ook weer goed…” Waarop het meisje onaangedaan antwoordt: “Geloof me, zijn dag is èlke dag goed.” | Johan Visschers www.egoecho.nl

16


Verre vormen Het is dat wat diep zit. Diep van binnen. Dat wat maakt dat je je afvraagt, Bewust bent. Een vermoeide geest in een vermoeid lichaam. Maar met heldere gedachten. Op een warme, drukkende dag. De herinnering gaat terug, Naar woorden, Het uitschreeuwen van woorden, Onsamenhangende zinnen, Die proberen te verwoorden, Wat er allang niet meer toe doet. Wat is er te weten over het leven, Dan dat het ongrijpbaar is.

Twijfels en onzekerheid. Maar de verandering is onvermijdelijk. Samen met mij, Loop en denk en praat, Samen door de straten van de stad. De avond valt, de zon verdwijnt, De rivier weerkaatst onze stemmen, En draagt ze weg. Neem het in je op. Beleef dat moment. EÊn gedachte blijft hangen: Wordt het niet eens tijd‌ Tijd voor verandering. | JohanVisschers www.egoecho.nl

17


Geachte heer/mevrouw, Hartelijk dank voor uw bericht. We hebben u opgezegd. Met vriendelijke groet, Helpdesk OV-fiets

18


Verre vormen Jy en ek is baie dieselfde In die dat ons mekaar nie verstaan nie In die dat jou helde nie myne is nie en my helde nie joune is nie In die dat ons mekaar uitdaag en seermaak In die dat ons mekaar slyp: jy mý amper niks

Jý is:

ek jóú amper niks

soos ’n beeldskone vrou

maar tog

wat ek slégs sal soen

In dat jy verdwaald is in my

op die hand

soos ek is in jou al ken ek jou hoek tot

| Barend van der Merwe www.blogs.24.com/vdmbj/

kant

19


Welke rand aan welke stad. Periferie opgeslokt door conglomeratie Elk onderdeel bekomt een geheel. Al die gehelen nu een verzameling aan namen onder een naam, "Randstad". Zelfs dat niet groot genoeg. De metropolis dijt uit en zal bekomen Noordijsselstad. We draaien vd grootheid af en lezen over kleine dingen, geschreven door kleine schrijvers maar nu inmiddels zo groot in "Randstad". | Derrel Niemeijer

20


Van Banneling naar Heremiet Aan de rand v.d. stad leef jij. Eenzaam ondanks je vriendschap met God en je kennis. Verstoten uit de Randstad. Ze wilde je woorden niet horen. Liever de leugens v.d. pastoor. In de bossen, zo alleen. Toch heb je een vriend aan God en ook aan de dieren.

Elk beest eet uit je hand. Je ziet de levende bomen ... niet maar wel die gevallen zijn. De wortels ontheemd. Ze wijzen naar de hemel en jij geraakt in de sfeer. Grote gaten in jouw hart en in de grond die regenwater opvangen en jouw tranen. Je mist ze de randstedelingen. | Derrel Niemeijer

21


Stad – Rotterdam Van gebouwen en gruis Vanuit het park is de skyline een simpel silhouet die de maandagstilte vult met leegte

Groot zijn de gaten in de muren, hoe lang nog zal het duren voor jou fundamenten zijn blootgelegd

Boven de stad veegt de wind de lucht blauw; streeplicht valt in rechte banen tussen denkend beton

Het kind van de tekentafel ben je niet meer; beton bloedend en een lucht van teer verspreidt zich rond jouw karkas

Staal vormt glas naar papieren ideeĂŤn die tussen de gebouwen stuiven als een tochtig chanson

De namen die eens in jou woonden zijn bekenden van de vergetelheid geworden

Gerimpeld spiegelt een meeuw omhoog, wenkt in een hiaat tussen de gebouwen, speelt kunstenaar in witte vlekken op standbeelden en auto's

Een krant wordt omgeslagen door een onzichtbare hand, en nog een keer het is niet veel meer dat herinnert aan weleer

Water klotst tegen de kaden, spat uiteen en regent neer in onverstaanbare klanken

Een paar dagen mokerslagen ben je verwijderd van je graf nog even en het is af

Weer hult de stad zich in een mist, waar bij vlagen vormen herkenbaar zijn in al hun onduidelijkheid.

Misschien dat later, veel later een foto van jou in de krant wordt omgeslagen door een mensenhand.

| Frank Vingerhoets www.123website.nl/frankvingerhoets

| Frank Vingerhoets www.123website.nl/frankvingerhoets

22


Draaideurzondaar vergeef me, Almachtige want anders stap ik over het jaarcontract loopt bijna af | Rob Hilz

In gebed mijn Lid die tot in de Hemel reikt ons Genot worde geheiligd mijn Zaad zal weldra kome we genieten op aarde zoals in de 7de Hemel geef ons reden voor ons dagelijkse Nood en vergeef ons onze Zonden zoals ook wij aan anderen hun Zonden vergeven leid ons verdwaasd in bekoring, maar verlos ons nimmer van het Kwade want van U, O Vrouw, is het Koninkrijk zo zacht zo heerlijk tot in de eeuwigheid Amen | Rob Hilz

23


Legitimatie Een wachten achteraf – ogen die, in de tijd gesproken zich hopeloos tot verveling toe laten vertragen – een gevolgen verstrekkend ongeduld.

Er is een niets, een verblijven in het nergens van. Hebben wij er ooit iets van begrepen? Hoeveel voetstappen telde ik in de laatste uren indien ik

Een OV – chipkaart waarvan wordt geacht genoeg saldo te bedragen –

vermoeid van heg noch steg –

maar hoe zou het? In de winter wacht de halte koud en wil het nooit weten of men voor of na het eten – niets is zo zeker als het laatst genoten ongeduld. En wie weet met hoevelen? Er is geen tegenwoordige tijd, er is een smartphone die een identiteit sust en leert te vergeten.

De wind guurt gretig aan ons geweten. Wie ben je, vraag ik, maar niemand antwoordt terug. Ik heb al die tijd stil gezeten – wachtend tot ik de eerst komende – geen blik alsof jij ooit iemand was geweest –

| Elbert Gonggrijp www.natuurgedichten.blogspot.nl/

24


De randstad

Mila was thuis, drukdoende met haar conservatoriumexamen. Ze speelde de fluitstukken voor. Ik zag haar als een tropische vis met vele kleurschakeringen, schuchter, gedecideerd, “Je kunt me niet inspinnen in jouw net, jouw verwarring, glinsterend in het water. toch kom ik naar je toe. Ze speelde zoals ze was: verlegen. Je woont op kamers bij een oude hospita, zoals ik eerder. Wat heb je er van geleerd? Al die jaren hadden ze haar getraind voor een klassieke toon en een brutalere Troosteloos, moedeloos en slapeloos ben je. Dagenlang zit je te huilen. manier van spelen…tevergeefs.” En ik ben depressief. Wie zal je troosten?” Ik legde mijn hand op haar schouder en toen op de slagader bij haar oor, voelde Ik besloot haar te bezoeken en stapte op de interlokale bus naar Amsterdam, haar hartslag. dezelfde lijn die langs de hoge school ging waar ik enkel jaren voor ingenieur De fluit verstomde, het was als een droom. studeerde. “Ik heb wat voor je gedicht.” “O ja?” Voor de Coentunnel lagen drukke verkeersknooppunten verstopt met files. “Ja, ik heb het opgeschreven.” De opgespoten weilanden rondom stonden vol met hoogspanningsmasten. De kabels verdwenen aan de andere kant van het kanaal in de elektriciteitscentrale. Uit haar jurk haalde ze een keurig opgevouwen briefje, ze maakte het voorzichtig Het begin van de stad was herkenbaar aan de verspreid staande kantoorgebouwen, open. “Ik zal altijd van je blijven houden, van je ogen, mond en haar, overslagbedrijven en zeehavens. Zonder dat ik het wilde, las ik de teksten van Ik ben je ruggengraat, je steunpilaar, waar jij was, ik ben daar.” reclameborden, Ze wachtte op een reactie. Ik was vertederd. cijfers van nummerborden, de opschriften op gebouwen. Ze leek zo jong nu, zonder examengedachten. In de verwilderde graslanden reden jongen op opgevoerde motoren rond, maakten “Wil je iets drinken?” diepe sporen in de modder zoals Mila sporen in mijn brein. “Heb je dat dan?” Bij de eerste halte in Amsterdam stapten wat kantoormensen in. “Ja, Port.” “Prima, je weet dat ik daar van houd.” “We waren bezig met bewust worden, eigen theorieën, dachten in Flower Power, bloemen in je haar, lief zijn voor elkaar, provoceren, en allemaal op een witte fiets, Uit een van de houten kisten pakte ze een fles en twee glazen, vulde ze met Port. “Jij kunt beter gaan schrijven in plaats van muziek maken,” zij ik. de auto uit de stad, vrij en blij zijn.” Liepen met Buttons op “Stop de kernbewapening, geen neutronenbom.” En konden “Vind je?” Ik kroop naast haar op de bank, een versleten meubel van haar oma en opa. ’s nachts niet slapen. Ze gaf kopjes als een kat, ze doet me wat. De zon scheen door de ramen en verlichtte al de stofjes in de lucht. Ik nam de tram naar Oud Zuid, naar Mila. Niets kon ons scheiden, het was tijdloosheid. Ze keken elkaar aan. Ze sloot de De bus was volgepropt met zwetende mensen. gordijnen. Een benauwde kas op wielen, een ideaal broedterrein voor bacteriën. Aan de muur een spiegel met de opdruk: “Ooit een normaal mens ontmoet? En Je boterham kun je hier beter niet opeten. beviel het?” Ernaast een affiche van Waterhouse.

25


“De vrouw die zijn arm lieflijk vast heeft, ben ik, ”zei Mila. Hylas, in een moeras omringt door zeven nimfen, vlak voor de verleiding en zijn verdwijning. Alle vrouwen leken op een zelfde model van de schilder “Die teder met beide handen zijn arm vast heeft?” “Ja, dat ben ik die van je houd.” Het was alsof er geen Boze plannen in de wereld bestonden. Onder het raam stond een oud bed, met een kuil in de matras. Een bed kon je het niet noemen. Ik snoof de geur van haar parfum op. Dierfiguren zag ik in het lekkende plafond. Mila kleedde zich uit. Met een snelle ruk maakte ze haar haarband los. Haar blonde haar viel tot op haar heupen. Beneden werd gepraat. Schelle uitroepen verstoorde de stilte er werd gelachen. Ze zei: “Niets te zeggen is voldoende.” “Weet je nog hoe we op het plein speelden bij de grote oude eik. En hoe je vader ons redde uit de rivier?” “Ik weet het nog.” Druppeltjes liepen langs haar neus over de donzen haartjes boven haar mond. Ik kuste haar en proefde het zout van de zee. Ik keek naar de curve van haar rug en de vorm van haar billen. Mijn blik was blijven rusten op de hoogte van haar laarzen. Haar borsten prikten de lucht in tegenlicht uiteen. In de verte hoorde ik wagons rangeren, gerommel in de warme, geladen atmosfeer. Mijn gedachten worden als wagons aan elkaar gekoppeld voor een nieuwe bestemming. “Met je haar in krullen en naakt liep je vannacht door de bergen en dalen van mijn dromen en vormde je het epicentrum van een beving,” zei ik. “We zijn nog nooit zo ver geweest.” “Zonder elkaar komen we er niet meer.” Ze pakte zijn baret, zette die op haar hoofd. “Je bent als Che Guevara,” zei ze. “Revolutie, “ antwoordde ik.

Vermoeid ging ik naar de plaats van het feest, een gehuurde zaal aan Het Rokin. Aan een voorbijganger met een ontlastende hond vroeg ik de exacte locatie. Met een ontwijkende blik nam ik de informatie in ontvangst. Ik liep naar het donkere grachtenpand met de zwart uitgeslagen gevels. In de uiterst kleine entree kon ik kiezen uit een trap omhoog en een trap omlaag. De route was onduidelijk, de opslokkende donkerte in het souterrain lokte mij niet, ik koos voor de weg omhoog. Een deur stond open. Onder een scherp licht paste een man op de garderobe. In een slobberend pak en overhemd met losse boord hulde hij het vertrek in rook. Een gele vlek verkleurde zijn vingers waar hij zijn sigaret omklemde. “Weet u of hier een feest is van Mila uit Landsmeer?” “Nou, dat moet dan beneden zijn.” Tijdens zijn antwoord was de man schokkend opgestaan en weer gaan zitten In het lage benedengedeelte bevond zich een bar, daarachter een sober ingericht hogere zaal. Achterin was een podium. Twee negers waren aan het repeteren. Hun haar was zo geknipt dat enkel een smalle strook stekeltjes boven op de schedel was blijven staan. De glimlichten gaven een helmachtig effect. Samen met de musici voor het podium repeteerden ze het programma van die avond. Hun tweestemmige croonen bestond uit ritmische woorden waardoor iedereen bewoog. Ik was gaan zitten op een vrije stoel met om mij heen pauzerende muzikanten. De negers dansten nu voor in de zaal. Hun bruine, nauwsluitende tuinbroeken waren met sieraden versierd. De slangachtige synchrone dans prikkelde me. Regelmatig werden gedeelten herhaald. De drummer volgde exact de aanwijzingen van de zangers op. Met hun dynamische armbewegingen dirigeerden ze het geheel. Naast hem fotografeerde Mila. Haar fototoestel had een enorme zoomlens en was daarom op een schouderstatief geplaatst. Ze zag mij niet. “Alsof ze een bazooka afvuurt, ”dacht ik. De automatische flitsen fixeerden het schouwspel. Ik voelde me ellendig en besloot een cognac te drinken. Maar de pijn in mijn gewrichten verminderden niet. Anderhalf uur duurde het nog voor de show ‘Hot Pieces’ om middernacht begon.

26


Ik observeerde een jong meisje, ze keek me naar de ogen. Een opgemaakt heerschap doorkruiste zijn blik. Met moeite herkende ik Pedro, mijn vriend. Hij speelde trompet in het snel geformeerde decadente orkest. Zijn voorhoofd was met een parelrand versierd en de zwart omrande ogen sprongen opvallend uit de gepoederde huid naar voren. “Hallo, Pedro wat zie jij er grandioos uit!” “Ja, enorm hé. Was je trouwens al lang hier?” We vervolgden het gesprek aan de bar Hij keek naar de curve van haar rug en de vorm van haar billen. Zijn blik was blijven rusten op de hoogte van haar laarzen. Waarom stap je niet op mij af? En knoop je geen gesprek aan? Waarom wacht je tot ik het initiatief neem? Ze keerde zich een kwartslag om en staarde hem openlijk aan. Had zij mij gehoord, of leek dat zo, vroeg ik mij af? Haar borsten prikten de lucht in tegenlicht uiteen. In de verte hoorde hij treinen rangeren, gerommel in de warme, geladen atmosfeer. Wagons als gedachten, brokken die aan elkaar gekoppeld worden voor een nieuwe bestemming. “Pas als ik voor jou nieuwe grandioze zinnen zal formuleren, zullen we elkaar terugvinden, “bedacht ik. | Alex Brusse

27


Randstad Door het hectische geluid klinkt dat prachtige gefluit van een lijster of beflijster. het wenkt mij de Randstad uit. De wegen leiden ons een weg langs huizen, gevels, hoge daken. mensen kwaken, of doen zaken. volle hoofden, vol met taken. maar ik zweef, heel bevlogen over die woeste wegen weg. Volg de lijster, zijn rechte pad. niet gebonden aan de stad. Maar wanneer hij neder daalt vind ik, bijna uit het zicht, middenin het drukke leven, zijn nestje in het stadsstoplicht. | Vincent Jongman www.vincentjongman.nl

28


Lied voor mijn stad 't Erasmus MC in het mistlicht, Museumpark bij nacht. Ik fiets mijn weg naar jouw brughoofd, waar wassend water wacht. Deemoedig pedaal ik naar boven; vervuld van triomf daal ik af. Mijn rad zingt jouw naam tot de Pleinweg: Rotterdam, Rotterdam in de nacht Tot in de klinkers van Charlois, weerspiegelt de mist en jouw kracht. Mijn stad, laat mij in jou verdwalen. Rotterdam, Rotterdam in de nacht. | Irene Siekman

Oranbulant The town is filthy and incomplete, Thrown on its back by a blistering heat. Death rules over Oran, As rats gather To die together. No way to break the curfew, Escape the city walls. The boulevard of broken dreams Empty and forlorn, While hospitals are crammed With the damned, Holding on to the wreck of life With broken claws, Their grey faces livid, Their craters crying out Despair and disbelief. In a spa far away you wait for me While I fight this army of thousands. As hope crawls away To die a lonesome death, I know that my bubonic heart Will soon burst open With love and longing. | Gert van Lerberghe www.gertvanlerberghe.blogspot.nl/

29


First Night in Newhaven I jump. My two feet hit the tarmac. I know that by now Life has destroyed me somehow. Rain welcomes my defeat. Desolation never sleeps. Dark mansions rush through the fog, No living soul in the streets Of my life, part two. Lonely in a town not of my choice. A train passes, Quick catalogue of faces Tired and bored. Can I choose one? Can I keep it As a life-long companion In this urban heart of darkness?

House of God, open your doors! Am I to crave for your pews As a beggar on your stairs? Eat with me and drink with me, Be my bearer of light and truth In the city of tomorrow, Still an outpost to my past. Dance with me on the cobblestones, Be my devil and my sun. Superstition has no place In this black heart worn with age, Yet this temple will sustain me, Show me mercy, entertain me, Be the seed of hopes and dreams And my first new memories. | Gert van Lerberghe www.gertvanlerberghe.blogspot.nl/

30


Aan jouw hand Voor het eerst naar Holland ik vergeet het nooit meer , Randstad1 De grote stad , de harde G , de trein vol met vrolijke mensen . Mijn moeder die mijn hand stevig vast hield en ik vond het allemaal zo spannend Dit keer ook een ode aan een prachtige Pentekening van Loes Flendrie genaamd “My way “ Angstig liep ik mee met jou droomde lang van deze dag hart kloppend in mijn keel keek ik alleen naar buiten Ik zag ze wel kijken maar negeerde ze … Zag de obstakelen niet meer liep steeds sneller mijn hart harder en harder maar ik wilde alleen maar naar buiten Aan jouw hand | Magda Thomas

31


Bruggen aan de Maas Hoog haar hals de zwaan reikt sierlijk waar zilveren meeuwen dansen als in een wals Het water tegen de kade waar boten doorsnijden de wind het verzacht aan deze zo mooie facade de rode brug Willemsbrug houdt de bindingen vast stoer en stug Massaal en massief draagt de hefbrug die uitkijkt over de hoge panden was geweest Een rood hart in een vlag waar gedichten elkaar verbonden en eens een brug ijzerhard | Els Huurman uit: Tussen duim en wijsvinger inspiratiedicht Versen van Versus Rotterdam

32


Gezocht: Donateurs en Sponsoren Dichter bij … de Bar het festival Een interactief taalfestival gericht op educatie, participatie en ontwikkeling. Dichters, singer-songwriters, rappers, proza trekken door de stad en laten het publiek kennis maken met het begrip spelen met taal! 15 & 16 maart 2014 Delft Niet alleen gevestigde namen maar ook aankomend talent en amateurs, niet alleen dichters maar ook singersongwriters, rappers en schrijvers van proza krijgen de kans om een groot publiek te bereiken en gaan de samenwerking aan met elkaar. Dit doen zij door samen op te treden, deel te nemen aan workshops en met elkaar van gedachten te wisselen. Dit resulteert in een festival waarbij de artiesten van locatie naar locatie trekken en het publiek kan blijven zitten om alles mee te maken. Daarnaast vindt de organisatie dat dichter bij de bar meer moet zijn dan een consumptief festival. Het moet aan de ene kant een ontlading zijn van eerdere podia en aan de andere kant een start van nieuwe activiteiten. Bovendien moet er ruimte zijn voor workshops en moet er een kans geboden worden aan amateurdichters. Geen consumptief festival maar een festival waarbij participatie een grote rol speelt. Het voortraject (gericht op creëren van draagvlak en bekendheid) is inmiddels van start gegaan en het vervolgtraject (gericht op vernieuwende initiatieven en dichtersplatform) is uitgewerkt. Bereik: Voortraject: enkele honderden als publiek en ca. 60 deelnemers workshops en artiesten. Festival Dichter bij de Bar: ca. 2.500 bezoekers Doelstellingen festival Dichter bij de Bar: -Gevestigd- & aankomend talent een podium bieden om voor publiek voor te dragen. -Een breed publiek kennis laten maken met hedendaagse schrijfkunst en daarmee het bevorderen van de schrijfkunst in het algemeen. -Amateurschrijvers ervaring laten opdoen door duo’s te vormen met ervaren dichters. -Participerend schrijven & taalontwikkeling bevorderen: Workshops, ook versies specifiek gericht op kinderen en jongeren. -Participatie door een wedstrijd waarbij mensen moeten dichten over Delft. Om het festival mogelijk te maken vragen wij een ieder om een gunst, doneer of neem contact op over sponsoring! Doneren via: www.voordekunst.nl/vdk/project/view/1811-dichter-bij-de-bar voor sponsoring neem contact op met verzetdezinnen@gmail.com Naast het doneren is het festival ook te helpen met mensen die op ons stemmen. Ga naar www.jijmaakthetmee.nl en stem op dichter bij de bar. www.facebook.com/verzetdezinnen

33


Ooit waren wij gelukkig, Gelukkig nu niet meer!

34


We shape our buildings; thereafter they shape us. | Winston Churchill

35

Po-e-zine 6 Randstad  
Advertisement