Skip to main content

Wat is de beste inkomstenmix?

Page 1

“Je levensstandaard zou je fiscale strategie moeten bepalen, niet andersom” Interview met Andy Coussement Je onderneming succesvol maken is één ding, maar slim geld uit je onderneming halen als bedrijfsleider is een andere zaak. Hoe bepaal je bijvoorbeeld hoeveel loon je jezelf moet uitkeren, als je enerzijds niet te veel personenbelasting wilt betalen, maar anderzijds wel voldoende aanvullend pensioen wilt opbouwen? Andy Coussement, hoofd van Competence Center Life bij Wilink, deelt er graag zijn visie over. Andy Coussement Andy Coussement begon enkele jaren geleden als fiscaal analist bij Wilink, en stond mee in voor de oprichting en uitbouw van het Competence Center Life. Ondertussen is hij verantwoordelijk voor alles wat levensverzekeringen en beleggingen betreft bij Wilink. Hij weet als geen ander hoe je financiële buffers van je onderneming inzet, zowel om het in je onderneming te laten renderen, als om het eruit te halen. Hoe weet je wat voor jou de beste inkomstenmix is? “Klanten vertrekken nog te vaak vanuit de fiscaliteit, en niet vanuit hun noden. In plaats van uit te zoeken welke fiscale constructie het voordeligst is, en hoe je daarmee gaat rondkomen, kan je je beter afvragen wat je nodig hebt, en hoe je de fiscaliteit daarop afstemt.” Hoeveel loon moet je jezelf dan uitkeren? “We werken allemaal hard, waarom zouden we daar dan niet van mogen genieten? Op een bepaalde leeftijd veranderen je noden echter, bijvoorbeeld wanneer de kinderen het huis uit zijn of wanneer het huis afbetaald is. We volgen onze klanten constant op, om de ideale inkomstenmix te herberekenen wanneer hun persoonlijke situatie verandert.”

Op welke manieren kan je geld uit je onderneming halen? “De eerste manier is natuurlijk door jezelf een loon uit te keren. Dat is aftrekbaar als kost, maar in België beland je al snel in de hoogste schijf van de personenbelasting: 50% plus gemeentebelasting. Tantièmes zijn ook een soort van bezoldiging, en worden ook zo belast. Ten slotte zijn er nog andere, kleine optimalisaties die je kan doen op de korte termijn, zoals belastingvrije forfaitaire onkostenvergoedingen en maaltijdcheques.” En op de langere termijn? “Enerzijds is er de Verlaagde Voorheffing/Précompte Réduit of VVPR-bis, een dividend waarop na de vennootschapsbelasting een verlaagde voorheffing van 15 in plaats van 30 procent geldt. Anderzijds is er de liquidatiereserve, als alternatief voor bedrijven die niet aan de

voorwaarden van een VVPRbis voldoen. Bij de aanleg van de reserve betaal je 10 procent bijkomende belasting, bij de uitkering nog eens 5 procent roerende voorheffing.” Wat zijn de voordelen van een VVPR-bis of liquidatiereserve? “Het zijn fiscaal interessante constructies waarbij je ongeveer 60 procent netto overhoudt, waar dat bij een loon in de hoogste schijf maar zo’n 40 procent is. Al zijn er natuurlijk ook nadelen: je betaalt dan wel minder belastingen, maar omdat je je geld voor een bepaalde periode vastzet, kan de inflatie ervoor zorgen dat je met datzelfde bedrag een aantal jaren later niet meer dezelfde koopkracht hebt. Daarnaast moet je er toch voor zorgen dat je privé de nodige recurrente inkomsten hebt om een goed dossier te hebben bij je bank, bijvoorbeeld voor een hypothecaire lening.”


Hoe zit het met je pensioen als zelfstandige? “In eerste instantie is er het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen, of het VAPZ. Gecombineerd met het wettelijk pensioen is dat echter vaak niet genoeg om je levensstandaard te behouden na pensionering. Daarom is er in tweede instantie ook de Individuele Pensioentoezegging of IPT. Hoeveel kapitaal je in je IPT kan storten, is afhankelijk van je bruto belastbaar inkomen. Ook daarom is het soms interessant om jezelf geen al te laag loon uit te keren, omdat je dan ook meer kapitaal voor je pensioen kan opbouwen.” “Er is wel één grote ‘maar’. De regels voor de berekening van je IPT zijn veranderd, omdat het wettelijk pensioen voor zelfstandigen - op termijn gelijkgesteld zal worden aan dat van bedienden. Doordat het aandeel wettelijk pensioen uit de eerste pijler hoger wordt, wordt het aandeel aanvullend pensioen uit de tweede pijler lager.”

Welke zijn die verschillende pensioenpijlers in België precies? “De eerste pijler is het wettelijke pensioen dat je - hopelijk - van de staat krijgt wanneer je de pensioenleeftijd bereikt. De tweede is het kapitaal dat je opbouwt via de onderneming: je VAPZ en IPT of POZ (Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen), wat een alternatief is voor zelfstandigen zonder vennootschap. De derde bestaat uit spaarvormen met fiscale voordelen voor de privépersoon, zoals pensioensparen of langetermijnsparen. De vierde zijn dan weer de vormen van niet-fiscaal sparen, zoals beleggingen in verzekeringsproducten. En afhankelijk van wie je spreekt, kan investeringsvastgoed als de vijfde pensioenpijler gezien worden.”

Dus er zijn ook niet-fiscale alternatieven? “Jazeker, ook binnen de verzekeringen bestaan er mooie oplossingen. Zo kan je kiezen tussen tak 21, waarbij je een gegarandeerd maar eerder beperkt rendement hebt, of tak 23, waarbij je mogelijk meer rendement krijgt, maar waarbij je kapitaal niet gegarandeerd wordt. Als je beleggingshorizon lang genoeg is, kan dat risico gelukkig wel beperkt worden.” Maar je kan ook in vastgoed investeren? “Fiscaal voordelige constructies zoals een IPT of een belegging zijn natuurlijk mooi, maar renderen pas echt op de lange termijn. Zeker wanneer je privévastgoed wilt kopen, heb je dat geld vaak sneller nodig, en daar kan je je contracten uit de tweede en vierde pijler wel voor gebruiken. Je kan een voorschot opnemen uit de reserves in je IPT of VAPZ voor je eigen inbreng bij een privé-aankoop. Je kan ook een bulletkrediet aangaan, gekoppeld aan je pensioenopbouw in de tweede en/of vierde pijler. Daarbij kan je de eindwaarde van die contracten nu al inzetten.”

Samengevat... Eerst en vooral maken we samen met jou de oefening om te kijken wat je allemaal nodig hebt van liquiditeiten om comfortabel te kunnen leven en je doelstellingen te behalen. Daarnaast is het belangrijk om ook te bekijken welk bedrag je later nodig zal hebben om ook na je pensioen op diezelfde manier te kunnen blijven leven. Aan de hand van deze bedragen en de marge in je onderneming gaan we dan samen op zoek naar meest ideale inkomstenmix. Die is voor iedereen uniek. We houden rekening met je persoonlijke noden en de fiscaliteit. We bekijken verschillende opties om de ‘dure’ bezoldiging aan te vullen met of te vervangen door goedkopere alternatieven. Eens we onze verloningspolitiek kennen, is het kwestie van de overgebleven marge ook te gaan optimaliseren. We bekijken de pensioenopbouw binnen en buiten de onderneming zowel fiscaal als financieel en maken een plan op om ons nodige kapitaal op termijn te bereiken.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Wat is de beste inkomstenmix? by wilink_be - Issuu