Issuu on Google+

PB- PP 

BELGIE(N) - BELGIQUE

E I M O N O C E E M A Z R DUU

DE NIEUWE GEMEENSCHAP – DRIEMAANDELIJKS TIJDSCHRIFT VAN HET AUGUST VERMEYLENFONDS DECEMBER 2016- FEBRUARI 2017 – AFGIFTEKANTOOR GENT X ERKENNINGSNUMMER P 309 575 – VU: KOEN GOETHALS - P/A V.F. TOLHUISLAAN 88, 9000 GENT

dng4_v1.indd 1

6/12/16 10:20


DUURZAAMHEID IN DE ECONOMIE De klimaatconferentie van de Verenigde Naties in Parijs vorig jaar december resulteerde in een bindend klimaatakkoord. De bijna 200 deelnemers zijn ermee akkoord gegaan de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen en de opwarming van de aarde tot maximaal 2 graden te beperken. Hoopgevend, zeker, maar het is niet omdat een akkoord op papier staat, dat het ook succesvol zal geïmplementeerd worden. Wilt het akkoord slagen, dan zal er een grondige transitie van de economie nodig zijn. Met ons eigen project Econolab, waarmee we in 2017 van start gaan, willen we de transitie naar een duurzame economie diepgravend onderzoeken. Samen gaan we nadenken hoe we sociale welvaart met een ecologisch verantwoorde economie kunnen combineren. We gaan dat niet passief vanuit de luie zetel doen, maar we gaan met elkaar en met deskundigen in dialoog treden. Voedsel voor de geest is evenwel belangrijk in dit proces, en met de interviews in dit nummer willen we jullie dan ook stof tot nadenken geven. Samen met journalist Dirk Barrez bekijken we wat er nodig is voor een geslaagd transitietraject richting een stabiele, betrouwbare economie. De culturele switch die nodig is, zal niet evident zijn, maar ook niet onmogelijk.

Dan hebben we nog Frank Moreels, voorzitter van de socialistische transportbond BTB-ABVV. Deze geeft zijn visie op de risico's van deeleconomie en de noodzaak aan een goed uitgewerkt arbeidsmodel met sociale rechten.

En tot slot volgt nog het verslag van een aangename babbel die we hadden met Dirk Van de Poel. Dirk is niet alleen bestuurder van AVF Antwerpen, maar is tevens voorzitter van Transitienetwerk Middenveld, het netwerk van vakbonden, de milieubeweging, NoordZuidorganisaties, sociale organisaties, de culturele sector, alternatieve media en wetenschappers. Samen zetten zij zich in om de transitie naar een duurzame samenleving waar te maken. Tom Cools

SYMPATHIE SPONSORS

Elke bijdrage vanaf 100 euro geeft recht op vermelding in deze lijst van sympathiesponsors. Wenst u het Vermeylenfonds financieel te steunen, neem dan contact op met het secretariaat van het Vermeylenfonds, Tolhuislaan 88, 9000 Gent, tel. 09 223 02 88, info@vermeylenfonds.be.

dng4_v1.indd 2

SEPTEMBER - OKTOBER - NOVEMBER 2016

04 STANDPUNTEN 04 Transitie en welvaart 08 Circulaire economie 12 Alle verworvenheden overboord

14 16 19 22 24

BOEKEN ECONOLAB PROJECT AGENDA EN VERSLAG HET RAADSEL VAN JEAN PAUL GEDICHT ¬ Peter Benoy

26 BV ¬ Dirk Van De Poel

28 COLUMN ¬ Peter Benoy ¬ Anita Van Huffel

COLOFON

edito

Wat is circulaire economie trouwens, en waarom is de omslag van een lineaire naar een circulaire economie zo noodzakelijk? Erik Paredis van het Centrum voor Duurzame Ontwikkeling legt het ons bevattelijk uit.

INHOUD

DE NIEUWE GEMEENSCHAP: driemaandelijks ledenblad van het August Ver-

meylenfonds vzw; verschijnt op 15 maart, 15 juni, 15 september en 15 december. REDACTIE Peter Benoy, Raf Burm, Tom Cools, Chantal De Cock, Caroline De Neve, Lieve De Neve, Matilde Dierickx, Koen Goethals, Roland Laridon, Johan Notte, Eliane Van Alboom, Anita Van Huffel, Raymond Vervliet en Anne Van De Genachte (+ vormgeving) ALGEMEEN SECRETARIAAT Tolhuislaan 88, 9000 Gent, t. 09 223 02 88 e-mail: info@vermeylenfonds.be - website: www. vermeylenfonds. be openingsuren: 9u - 12u en van 13u tot 17u. ABONNEMENT 15 euro (4 nummers). LIDMAATSCHAPSBIJDRAGE 15 euro per individu. U kunt lid worden door aan te sluiten bij een plaatselijke afdeling of door overschrijving op rek.nr. BE50 0011 2745 2218 van het Vermeylenfonds vzw, Tolhuislaan 88, 9000 Gent. Leden ontvangen gratis De Nieuwe Gemeenschap. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Koen Goethals, p/a Tolhuislaan 88, 9000 Gent. AUTEURSRECHTEN personen die we niet hebben kunnen bereiken i.v.m. eventuele auteursrechten kunnen de redactie contacteren. COVER ontwerp Anne Van De Genachte © Marc De Coninck STEUN HET VERMEYLENFONDS Giften vanaf 40 euro zijn fiscaal aftrekbaar. Reknr. BE50 001-1274522-18, Vermeylenfonds, Tolhuislaan 88, 9000 Gent. Om reden van milieuvriendelijkheid wordt dit tijdschrift op chloorvrij recycleerbaar papier gedrukt.

6/12/16 10:20


JAARTHEMA 2017-2018

© Robert Huygens

ECONOLAB Het vermeylenfonds start in januari met haar tweejaarlijks en overkoepelend project ECONOLAB, duurzaamheid in de economie. Twee jaar lang zal de werking van onze vereniging zich focussen op economische duurzaamheid en alles wat daarmee te maken heeft. • Hoe zorgen we ervoor dat onze planeet niet verder overbelast raakt? • Hoe moet ons economisch model eruitzien? • Welk arbeidsmodel willen we? Hoe bereiken we een gezonde work-life balans? • Hoe maken we de economie sociaal rechtvaardig en hoe gaan we om met de superdiversiteit? Al deze vragen inspireren ons tot boeiende debatten, lezingen, uitstappen, ... kortom een hele reeks activiteiten... Je afdeling licht je hier zeker nog over in!

3. Like de Econolab pagina op Facebook, deel de nieuwsberichten die erop verschijnen, plaats er zelf interessant nieuws over duurzaamheid op. 4. Nodig je vrienden uit om onze Facebookpagina Econolab leuk te vinden. 5. Volg Econolab op Twitter 6. Heb je een goed idee voor een lezing, een activiteit, …? Laat het ons weten! Samen bouwen aan een duurzame economie! Maar er is meer: ook jij kan actief meehelpen aan de verdere uitbouw van het Econolab-project. Met vereende krachten komen we verder!

www.econolab.net – www.facebook.com/ econolab/ – twitter: @econolabnet

focus Wat kan je doen? 1. Volg de dynamische website www. econolab.net. Lees de nieuwsberichten, praat erover, breng nieuws aan. 2. Ga naar een Econolab-activiteit van jouw afdeling. Leer over duurzame economie en denk mee.

3 FOCUS

dng4_v1.indd 3

6/12/16 10:20


© Chantal De Cock

Transitie & welvaart

Op alle vlakken botst de mens op de limieten van de groei. Enkele planetaire grenzen zijn bereikt of al ver overschreden. Het klimaat verandert, de oceanen verzuren, grondstoffen geraken uitgeput en de biodiversiteit gaat met rasse schreden achteruit. Toch mogen we niet te defaitistisch en fatalistisch worden. Als we snel actie ondernemen en onze economie duurzaam omvormen, is er nog een uitweg. Als deze transitie slaagt, belooft het een fascinerende tocht te worden. Dirk Barrez schreef hier een weldoordacht en vlot leesbaar boek over. Dirk, wat heeft jou ertoe aangezet een boek over transitie te schrijven? Dirk Barrez: “En dan nog met die titel (lacht). Ja, ik had ook ‘omschakeling’ als titel kunnen nemen, maar de term is internationaal en in wetenschappelijke kringen gemeengoed geworden; en is ook bekend dankzij de transition towns. Maar eigenlijk gaat dit denken verder op een oude beweging. Vandaag gebruiken we daar het woord transitie voor. We ambiëren van een slechte situatie naar een goede te gaan,

van niet duurzame naar duurzame systemen. Het transitieproces komt er op neer te analyseren waar het fout loopt en waar we naartoe willen, en te kijken wat we dan best moeten doen en hoe we daar geraken. Vroeger werden er begrippen zoals ontwikkeling gebruikt, later duurzame ontwikkeling. Maar in feite zijn die begrippen sterk aan mekaar gewaagd. Ook bij ontwikkeling wil je procesmatig naar een betere situatie. Ik heb het boek geschreven omdat onze welvaartsproductie niet ecologisch duurzaam is, en evenmin sociaal rechtvaardig. Als we ons niet bezinnen over welke richting we uitwillen om echt duurzaam te zijn, dreigen we vast te lopen. Eigenlijk moet het anders. Een extra reden om het te schrijven is dat zeker onze samenleving het moeilijk heeft om systematisch een keuze te maken voor betere oplossingen en daar ook fors mee op te schieten. Wij hebben nogal makkelijk de neiging te denken dat het wel zal gaan zoals het gaat. En als we dan experimenteren, maken we onszelf wijs dat we goed bezig zijn als we eens een elektrische laadpaal of een passiefschool bouwen. Daarmee krijg je niet iets dat systemisch echt beter

stand. EEN JOINT VENTURE VAN BURGER, POLITIEK EN ECONOMIE

4 STANDPUNTEN

dng4_v1.indd 4

6/12/16 10:20


draait. Dus denk ik dat het goed is het debat daarrond te stimuleren en de samenleving wakker te maken.” Als we zo’n transitieproces op gang willen trekken, waar moet dat dan vooral vandaan komen? Van de overheid of van de private sector? Dirk Barrez: “Er is een derde partij, de samenleving, die tussen staat en privé staat. Historisch komt innovatie dikwijls vanuit de samenleving, vanuit de sociale bewegingen. Het algemeen stemrecht, de achturendag, betaalde vakantie, vakbonden, mutualiteiten, sociale zekerheid, sociale marktcorrecties, allemaal gecreëerd door en gestuwd vanuit de samenleving. De beslissende factor om een transitie mogelijk te maken is de stuwing vanuit de samenleving. We moeten ook kijken waarom de transitiekracht van de oude sociale bewegingen zo sterk was. Voor de nieuwe uitdagingen zie ik al decennia niet diezelfde maatschappelijke kracht, en dat verontrust mij. Natuurlijk, de overheid zal dat mee moeten oppikken. Dat was ook de grote sterkte van oude sociale bewegingen, dat zij de staat hun oplossingen voor een welvaartsstaat wisten op te dringen. Alle vernieuwing begint met het experimenteren. Met innovatieve technieken. Je begint kleine initiatieven op te zetten en ziet wat er werkt. Het belangrijkste daarna is hoe je dat kleine initiatief krijgt opgeschaald of verspreid. Zo is de praktijk van scholing al duizenden jaren oud, maar de transitie naar een algemeen onderwijssysteem voor iedereen kwam er pas veel later. Daarvoor was een verbod op kinderarbeid en de invoering van leerplicht nodig, samen met een planmatige aanpak van de bouw van scholen tot in de kleinste uithoek en voortdurende investeringen in de opleiding en betaling van tal van leerkrachten.” En daar kan een overheid wel een rol in spelen. Dirk Barrez: “Ja. Daar moet de overheid zeker mee het verschil maken.” Een bekommernis die velen met mij wellicht zullen delen is of het ganse transitieverhaal geen verhaal is van ‘too little, too late’. Het eerste rapport van de Club van Rome dateert van 1972. De situatie is er sindsdien niet op verbeterd.

Dirk Barrez: “Jorgen Randers, één van de auteurs van het eerste rapport, heeft 40 jaar later - in 2012 - een boek geschreven met de titel 2052, een globale prognose voor de komende veertig jaar. Hij meent ook dat de situatie op die veertig jaar alleen maar verslechterd is. Het beste wat ik kan doen, zo zegt hij, is vertellen wat jullie niet gaan doen. Wat we misschien moeten gaan doen, maar niet gaan doen. Misschien werkt dat wel. Een van de dingen die hij schrijft is dat de grote systemische instortingen - waar zowat alle ecologische en sociale grenzen worden overschreden en de samenlevingsstructuren instorten - pas voor de 2de helft van de 21ste eeuw zullen zijn. Dat is eigenlijk een drama, zo zegt hij, want zo worden we niet gemotiveerd om de zaken aan te pakken.” Misschien schieten de mensen pas in gang als er een ramp gebeurt. De cynicus in mij zegt: ‘Laat die ramp maar komen, dan schieten de mensen sneller in gang.’ Dirk Barrez: “Ja, maar er is daar wel een probleem. Als we eindeloos wachten om grondig in te grijpen en de neerwaartse spiraal te lang haar gang kan gaan, geraken we systemisch zo in de problemen dat het te laat kan zijn om economie, samenleving en democratie boven water te houden en riskeren we zelfs een volledige ineenstorting van onze vertrouwde beschaving.” Iets wat Jared Diamond al eerder heeft beschreven. Dirk Barrez: “Ja. In zijn boek Ondergang geeft hij een heel pak voorbeelden zoals

"We moeten durven vaststellen dat wereldwinkels ons in een halve eeuw niet systemisch dichter bij mondiale eerlijke handel brengen"

TRANSITIE. ONZE WELVAART VAN MORGEN Het valt nog moeilijk te ontkennen dat er sleet zit op de mooie naoorlogse vooruitgangsverhalen. De gebraden kippen blijken dan toch niet uit de lucht te vallen en de wereld blijkt dan toch niet onuitputtelijk ontginbaar te zijn. Integendeel, dankzij onze vraatzucht zijn we in een nieuw tijdperk beland. Het antropoceen kenmerkt zich door drastische klimaatsveranderingen, grootschalige bodemerosie en verlies aan biodiversiteit. De aarde kraakt onder het gewicht van de mensheid. Gelukkig blijft niet iedereen apathisch bij de pakken zitten. De groep mensen die begeesterd zoekt naar manieren om deze neerwaartse spiraal te keren, groeit dagelijks en slaagt er in om een sterk en realiseerbaar alternatief te bieden voor het huidige economische bestel dat ons in de problemen heeft gebracht. Deze maatschappelijke omslagen in ons denken, doen en organiseren staan centraal in Transitie, het nieuwe boek van Dirk Barrez. Op zijn kenmerkende aanschouwelijke manier legt de auteur uit wat de systemische problemen zijn waar we momenteel mee geconfronteerd worden. Hij neemt ons mee naar de kern van het transitiedenken en licht toe hoe we het pad richting circulaire economie kunnen betreden. Met de nodige realiteitszin wijst hij ook op de manco’s van het transitiedenken. De stap van experiment naar systemische verandering zal niet evident

5 STANDPUNTEN

dng4_v1.indd 5

6/12/16 10:20


zijn. Maar dat mag ons niet tegenhouden aan de slag te gaan. Hij sluit dan ook af met een warme oproep tot actie. Wie al lang vertoeft in transitiemiddens, zal reeds vertrouwd zijn met de bevindingen in dit boek en is wellicht beter af met meer gespecialiseerde lectuur. Maar voor al wie meer wilt weten over wat we kunnen doen om de wereld voor ons nageslacht leefbaar te houden, is dit een prima inleiding in het transitiedenken. Dirk Barrez weet hoe je feiten en concepten helder en compact moet weergeven. Keer op keer blijkt uit zijn keuze van te behandelen onderwerpen, scherpe analyses en zoektocht naar realiseerbare oplossingen een oprecht engagement om de wereld beter achter te laten. Met Transitie levert hij zijn zoveelste geslaagde boek op rij af. Dat verdient op zijn minst onze volle aandacht en liefst ook onze actieve inzet. Transitie. Onze welvaart van morgen / Dirk Barrez / 2016 / Uitgeverij Pelckmans Pro & PALA / ISBN 978 94 6337 034 9

Paaseiland, de Maya’s en Vikingen op Groenland. Dat is gedocumenteerd. We weten uit het verleden dat we ons moeten wijsmaken dat een beschaving vanzelf het eeuwige leven heeft. Er zijn er die er in slagen om veel schokken te overleven. Maar er zijn er een pak die wel ten onder zijn gegaan. Nu, is het too little, too late? Too little is het tot nu toe zeker. Too late? Neen. Want wat is het alternatief? Als je je er bij neerlegt, dan geef je eigenlijk aan dat je je neerlegt bij de ineenstorting en de apocalyps. Onaangenaam is dat we in processen terecht komen waarbij, nog deze eeuw, de zeespiegel verontrustend dreigt te stijgen. De bevindingen voor de ijskappen op Groenland en zelfs Antarctica zien er niet goed uit. Alleen al een afgesmolten Groenlandse ijskap zorgt voor een verhoging met uiteindelijk zeven meter. Grote delen van de lage landen, maar evengoed de delta van de Nijl moet je in dat geval ontruimen. Dat zijn plekken waar enorm veel mensen wonen, niet toevallig, want dat zijn dikwijls de meest vruchtbare gebieden. Veel mensen moet je herhuisvesten. En hun inkomensbasis, hun voedselbasis valt weg. Dan krijg je enorme schokken in de mondiale samenleving. De mens wordt niet vriendelijker in zo’n stresserende situaties.”

© Dirk Barrez

ID DIRK BARREZ was ruim 20 jaar tvjournalist en reportagemaker voor de VRT. Hij is auteur van o.a. Coöperaties. Hoe heroveren we de economie? en Het mondiale uitzendkantoor. Daarnaast is hij hoofdredacteur van PALA.be, een website die antwoorden zoekt voor een meer sociale, ecologische en democratische wereld. Hij stond mee aan de wieg van diverse maatschappelijke initiatieven zoals o.a. Transitienetwerk Middenveld.

Integendeel. Dirk Barrez: “Het risico op oorlogen neemt toe. Net zoals bij de Maya’s. De crisis die hen trof werd alleen maar erger door het toenemende onderlinge geweld. Ik heb wel eens geschreven dat de luxe van de rijken bij een dergelijke ineenstorting is dat ze dan als laatste sterven, een toch wel betwijfelbaar voorrecht. Maar bon, dat is het meest donkere scenario. Dit hoeft niet de loop van de geschiedenis te worden. Daarin zijn we vrije mensen. We hebben middelen, we hebben mogelijkheden, we hebben perspectieven. We kunnen dromen koesteren en we kunnen die zelfs realiseren. We hebben dat vroeger gedaan. Er is geen enkele reden waarom we met mensen die beter opgeleid zijn, die meer technologie hebben, die meer inzichten kunnen verwerven in de problemen die hen overkomen, deze ook niet kunnen oplossen. Of we het doen, dat weet ik niet, maar de mogelijkheid is er.” De transitiebeweging groeit zeer bottom up, zonder al te veel overheidsinitiatief.

Het zijn vooral burgers die er mee aan de slag gaan. Durf jij in te schatten hoeveel procent actieve burgers er nodig is om een tipping point te krijgen? Dirk Barrez: “Niet echt, en degenen die ooit met weinigen zijn begonnen om mutualiteiten of coöperatieve banken uit de grond te stampen, vroegen zich dat wellicht ook niet af. Er zijn studies die erop wijzen dat als je 10 à 15 procent meekrijgt voor bepaalde praktijken, dat je naar zo’n kantelpunt zou gaan. Belangrijker is dat er kantelpunten zijn die we bereiken. Als je kijkt naar de energiewende in Duitsland bijvoorbeeld. Je ziet frappante verschillen tussen hoe wij dat aanpakken - of beter gezegd, niet aanpakken - en hoe landen als Duitsland dat doen. Daar zie je een wisselwerking tussen samenleving, politiek en economie die anders is bij hen dan bij ons. Dat is heel interessant omdat in het energieverhaal de technologie waarmee men werkt, voor een groot stuk op punt is gesteld bij ons. De moderne windmolentechnologie is in grote mate Belgisch. Als het gaat over zonnepanelen hebben we altijd mee in de spits gestaan. Als het gaat over elektrische voertuigen, hebben we altijd in de spits gestaan sinds 1900, want we hebben trams en treinen de wereld rond uitgevoerd. Maar dat is verdergezet. Ik herinner mij dat er veertig jaar geleden elektrische voertuigjes op de VUB rondreden. Er werd blijvend geëxperimenteerd. Wat zie je jammer genoeg? Ondanks die voorsprong in innovatie en technische kennis, weten we daar maatschappelijk, economisch & politiek geen gebruik van te maken en bouwen we dat niet uit tot nieuwe economische sectoren, tot nieuwe energiesystemen die de andere kunnen vervangen. Kijk dan naar Denemarken of Duitsland. Die werken anders. Duitsland heeft een veel sterkere stuwing vanuit de samenleving. Daar zegt men: ‘Kernenergie willen we weg, wij willen hernieuwbare energie en wij willen dat die van ons is.’ Je krijgt van overheidskant een afgesproken kader. Men beslist niet alleen uit kernenergie te stappen, maar men analyseert ook wat er in de plaats moet komen en hoe men daar moet geraken. Dat is transitiedenken. Ze scheppen het kader zo dat de samenleving er veel meer greep op heeft. In Duitsland is er vooreerst al veel meer hernieuwbare energie dan in vele andere

6 STANDPUNTEN

dng4_v1.indd 6

6/12/16 10:20


Wat ik bij jou nu hoor is dat het probleem in België bij de politiek ligt, of niet? Dirk Barrez: “Het ligt ook bij de samenleving en de economie. We zijn in geen van de drie uitblinkers om duurzame systemen op poten te zetten en snel uit te rollen. De positieve wisselwerking is er op die manier ook veel te weinig. Toen General Motors over kop ging, zei de Vlaamse minister-president dat we een taskforce moesten bijeen roepen om te werken aan de elektrische auto. Heeft er daarna iemand nog van die taskforce gehoord? We hebben nochtans mensen, expertise en middelen genoeg om die voertuigen te ontwikkelen, te bouwen, een markt te bezorgen, maar we hebben die inspanningen niet geleverd. Als je kijkt naar wat je nodig hebt voor een transitietraject, dan heb je innovatie en regelgeving nodig. Je hebt de politiek op een bepaald moment nodig. Je hebt structuren nodig voor de inbedding. Voor een energiewende heb je coöperaties nodig. Voor onderwijs heb je scholen nodig. Voor gezondheidszorg heb je mutualiteiten nodig. Voor een gelijkere inkomensverdeling heb je vakbonden nodig die systemisch inwerken op de welvaartsverdeling. Dat weten we uit het verleden. Dat is niet nieuw. Maar wat zie je nu? De drive om met het economische aan de slag te gaan, zie je veel minder bij de nieuwe sociale bewegingen. En de oude hebben het economische in grote mate losgelaten, het coöperatieve idee waarin we alles zelf in handen nemen, de wereld van het geld , de wereld van de distributie en gedeeltelijk zelfs van de

productie, de wereld van de media, de wereld van de cultuur, met uitgeverijen en zo. Dat hebben ze losgelaten.” Hoe kunnen we zo’n culturele switch alsnog doorvoeren? Dirk Barrez: “Dat is niet evident. Maar de visie is er. Dit soort denken leeft nu op tal van plekken. Alleen groeien startende sociale en coöperatieve initiatieven onvoldoende door. Ze zijn economisch niet gezond genoeg en trappen dikwijls op hun adem. Zo zijn we niet goed bezig. Het lukt niet op dezelfde manier als bij de oude sociale bewegingen. De mutualiteiten zijn in zeer moeilijke omstandigheden opgestart. Die zijn niet opgestart door mensen die meteen stevig in hun schoenen stonden. Maar hun idee van zich mutualistisch te verzekeren heeft zich verspreid en is uitgegroeid tot de systemisch belangrijkste pijler van onze gezondheidszorg. Op vergelijkbare wijze is het idee ontstaan om spaarbanken op te starten en de macht over het geld te veroveren. In tal van landen hebben boeren daarin vooropgelopen. Eerst richtten ze hun boerenbond op, hun vakbond; het tweede wat ze deden, was hun eigen bank maken. En zo bemeester je de

wereld. Dat is een ongelooflijke transitie die je in gang zet als je het geld bemeestert; zodat je je economie vrij kan sturen. Kijk maar naar het belang van de Raiffeisen- en Volksbanken in Duitsland. Wat maakt dat ze daar hun windmolens en hun coöperaties kunnen financieren? Zij hebben hun grote beleidskader. En de maatschappelijke wil om hun energietransitie in eigen handen te nemen. En er is geen probleem van financiering, want hun geld zit bij hun eigen lokaal gegrondveste banken. Ze hoeven zelfs niet bij de hoofdzetel aan te kloppen, want ze zitten zelf lokaal in de kredietcomités. Tot een paar decennia jaar geleden bestond dat ook bij ons in Cera. Eigenlijk is het straf dat wij het ganse bank- en geldwezen totaal uit maatschappelijke handen hebben gegeven. Maar tot vandaag zijn klassieke sociale bewegingen in de neoliberale storm meer weerbaar en hebben ze meer veerkracht dan de nieuwe bewegingen van de jongste vijftig jaar. Zij hebben bijvoorbeeld systemen die werken met recurrente inkomsten. Over het systeem van ledenbijdragen wordt gezegd dat dat een oud model is. Misschien wel, maar tot vandaag behoren vakbonden en mutualiteiten tot de meest performante en veerkrachtige maatschappelijke systemen, elders ook samen met maatschappelijk

© GMB Technology

landen. En die is voor maar liefst 65% in handen van de burgers, via coöperaties en dergelijke. Dat is de kracht van een burgerenergiebeweging. Alhoewel het kader van ‘bovenaf ’ komt, is het afgedwongen van ‘onderuit’ en biedt het de mogelijkheid om van ‘onderuit’ greep te krijgen op de economie. Het is zelfs zo dat de grote energieconcerns met de handen in het haar zitten en gaan klagen bij de Europese Commissie omdat hun verdienmodel voor hun ogen wordt weggekaapt. Dat is een heel goeie zaak. We zouden al wat geruster in de toekomst kunnen zijn in een omgeving zoals de Duitse of de Zwitserse, waarin de samenleving veel actiever is op economisch vlak, net om hun welvaartsmachinerie te verduurzamen.”

In Duitsland beslist men niet alleen uit kernenergie te stappen, maar men analyseert ook wat er in de plaats moet komen en hoe men daar moet geraken. Dat is transitiedenken. 7 STANDPUNTEN

dng4_v1.indd 7

6/12/16 10:20


Valt er dan niks te rapen bij de bewegingen die zijn ontstaan vanaf de jaren zestig? Heel veel zelfs, zeker in de al twintig jaar aanstormende digitale tijden die ons bijvoorbeeld de nieuwe common Wikipedia hebben gebracht, een uniek kennissysteem ‘van ons allemaal’… maar helaas een uitzondering tussen de nieuwe marktmonopolies van Google, Facebook, Uber, Airbnb… Het moeilijke is om nuttige, maatschappelijk en ecologisch duurzame alternatieven uit de samenleving even snel en systemisch te laten doorbloeien of te verspreiden. We moeten durven vaststellen dat wereldwinkels, een schitterend idee en initiatief om eerlijke handel na te streven, ons met duizenden winkels doorheen vooral Europa ons in een halve eeuw niet systemisch dichter bij mondiale eerlijke handel brengen. Voedselteams voeren ons niet structureel tot een agro-ecologische landbouw. Hoe nuttig alle répair cafés ook zijn, het is onvoldoende om tot een circulaire economie te komen, ze bieden vandaag geen tegenwicht voor bedrijven die systemisch artificieel verouderende producten op de markt brengen. En ja, peer to peer netwerken en productie zijn veelbelovend, al heel lang intussen, maar in de reële wereld verzetten ze voorlopig totaal onvoldoende de bakens. Er valt dus heel veel op te pikken, maar we gaan daarvoor de transitiekracht van de oude sociale bewegingen moeten herontdekken en heruitvinden op maat van de 21ste eeuw. Zij hadden hun cultuurbewegingen, media, bonden, mutualiteiten, coöperaties, partijen... En je kan dat afdoen als de wereld van gisteren, maar met welke hefbomen van vergelijkbare kracht ga je de wereld van morgen bouwen? En wie gaat ze in handen nemen, en houden?”

Circulaire economie Laten we beginnen met enkele basisbegrippen. Wat is circulaire economie? En waarom is het zo belangrijk een overgang te maken van lineaire naar circulaire economie? Erik Paredis: “Alvorens we over circulaire economie praten, moeten we eerst duurzaamheid goed omschrijven. Duurzaamheid gaat over 3 dingen: een hoge levenskwaliteit voor mensen, die levenskwaliteit bereiken binnen ecologische grenzen op een sociaal rechtvaardige manier en op een manier die mensen toelaat om in een democratisch systeem te leven. Niet alleen hier, maar wereldwijd. Dat geldt ook voor circulaire economie.

In het Centrum van Duurzame Ontwikkeling (Gent) ontmoeten we dr. Erik Paredis, die er al sinds 2001 onderzoek doet naar transitie en duurzaamheid. Momenteel focust hij zich vooral op socio-technische systeeminnovatie, duurzaamheidstransities, transitie governance, toekomstvisies en scenario's. Hij verdedigt de noodzaak aan een nieuw economisch model dat het huidige moet vervangen. De wegwerpcultuur en de overproductie zijn nefast voor onze samenleving en de planeet. Het zogenaamde ‘kringloopdenken’ en circulaire economieën bieden een gezonde, duurzame toekomst, zelfs met een business model.

© Erik Paredis

verankerde sterke spaarbanken, verzekeringen, distributiebedrijven en soms al nieuwe sterke initiatieven inzake bv. autodelen, hernieuwbare energie of open source software. Vakbonden kunnen aangevallen worden, maar zolang ze hun leden behouden, blijven ze bestaan en zijn ze autonoom. Dat zijn enorme hefbomen om ook de nieuwe initiatieven te omarmen.

ID ERIK PAREDIS (°1965) is sinds 2001 als onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Duurzame Ontwikkeling. Tussen 1993 en 2001 werkte hij voor de ngo Vlaams Overleg Duurzame Ontwikkeling als beleidsmedewerker, campaigner en coördinator. Hij is doctor in de politieke wetenschappen, licentiaat in de economische wetenschappen en in de Germaanse filologie.

Circulaire economie is al sinds de jaren ’60 aanwezig in het ecologische denken. Toen al opperden verschillende experts, waaronder de Club van Rome, dat de snelheid waarmee onze industriële samenleving grondstoffen onttrok en opgebruikte om uiteindelijk als afval te laten eindigen niet kon blijven duren. Enkele mensen lanceerden toen het ‘Spaceship Earth’- idee. Je bekijkt de aarde als een ruimteschip dat afgesloten is. Zonne-energie is altijd voorradig, maar op ecologisch vlak moet je je redden met wat er in het ruimteschip al aanwezig is. Je kan dus niet oneindig vervuilen en uitputten. In het Nederlands spraken we vroeger over kringloopeconomie. Dit wordt snel met de kringloopwinkel geassocieerd, maar kringlopen is overal aanwezig in de ecologie. Waterkringloop, energiekringloop, … . Dit idee gaat dus al heel lang mee.”

En toch lijkt het vandaag pas echt aan belang te winnen. Erik Paredis: “Het feit dat circulaire economie de laatste 5 jaar zo’n vlucht nam,

Tom Cools 8 STANDPUNTEN

dng4_v1.indd 8

6/12/16 10:20


heeft te maken met een aantal aspecten, zoals het uitgeput raken van grondstoffen en de rare earth metals. Dat zijn belangrijke grondstoffen die op heel gevoelige plekken verborgen zitten en zeldzaam worden. Denk maar aan de metalen die in de hernieuwbare technologie nodig zijn. In China kan je er heel wat vinden, in Bolivia ook. Maar in Europa vind je er nagenoeg geen. Dat is problematisch. Hoe zorgen we er nu voor dat we die bevoorrading kunnen garanderen? Wel, ze liggen hier voor het grijpen! (wijst naar gsm op tafel, nvdr.). We

veel efficiënter kan doen, kan je automatisch ook CO2 besparen. Je krijgt dus zaken als werkloosheidscrisis, geostrategische aspecten, milieu aspecten – die niet alleen gaan over de beschikbaarheid van grondstoffen maar ook over de uitstoot, het afvaldenken, … .” Beheren we ons afval dan wel goed genoeg? Erik Paredis: “De mensen die zich dagelijks met het afvalbeleid bezig houden, zien dat we voor een aantal fracties redelijk goed bezig zijn met inzameling en recyclage. Maar is dat voldoende? In de jaren ’70 sprak men

als circulaire economie? Erik Paredis: “Cradle-to-cradle past als concept binnen het idee van circulaire economie. Er zaten al enkele dingen in die opnieuw opgepikt zijn door het rapport van de Ellen MacArthur Foundation (een vooruitstrevende stichting die zich wereldwijd inzet voor de transitie van onze lineaire naar een circulaire economie, nvdr.). Wat je bijvoorbeeld duidelijk terug ziet komen, is dat zij onderscheid maken tussen 2 kringlopen. De biologische kringloop en de technische kringloop. De biologische

We hebben nieuwe businessmodellen en nieuwe technologieën nodig © Chantal De Cock

moeten ze enkel recycleren en de stoffen eruit halen. Dan spreken we over Urban Mining. We beschouwen de stad eigenlijk als een mijn waar alle voorraden die we moeten ontginnen aanwezig zijn.” Het afval wordt hèt materiaal van de toekomst? Erik Paredis: “Ja. Dat inzicht volgt uit de samenkomst van enkele factoren. Ten eerste het besef dat Europa een tekort aan grondstoffen zal krijgen, ten tweede de economische crisis die 5 à 10 jaar geleden begon en waar we nog steeds niet uit zijn. Die zorgt voor de snelle opkomst van groene economie, die meer groei en jobs zou opleveren en ons concurrentiekracht kan bieden. Ook de groeiende klimaatcrisis speelt mee. We moeten CO2, dat heel sterk gelinkt is aan allerlei vormen van productie en verbruik, reduceren. Als je al die zaken

van een soort ladder. Eerst moeten we afval proberen te voorkomen. Indien dat niet lukt, dan moeten we het afval hergebruiken. Niet mogelijk? Dan kunnen we materialen recycleren en als dat niet lukt kunnen we het eventueel verbranden en in het slechtste geval storten. Dit was en is nog altijd de afvalhiërarchie van het afvalbeleid. Begin jaren ’80 stortten we vooral. Men heeft dan een volledige omslag moeten maken om nog zo weinig mogelijk te storten/verbranden, en meer te recycleren en te hergebruiken. Men zag dat het huishoudelijk afval stagneerde en dat men eigenlijk op dezelfde hoeveelheid afval bleef hangen. Het bedrijfsafval is niet onder controle en stijgt in het algemeen. Is cradle-to-cradle (kringlooptheorie die stelt dat alle geproduceerde materialen na gebruik als grondstof moeten kunnen dienen voor een ander product) hetzelfde

kringloop zijn de hernieuwbare grondstoffen die van biologische materialen zijn gemaakt zoals hout en allerlei vezels. De technische kringloop zijn zaken die je niet zomaar terug kan vinden in de natuur, zoals metalen. Het tweede idee was dat als iets uiteindelijk toch afval wordt, het op z’n minst als voedsel in de natuur moet terugkomen. Het moet dus van materialen zijn gemaakt die de natuur niet vervuilen maar er juist iets aan bijdragen. Een soort voedingsstof, meststof dat gewoon composteert. Ook probeert men een aantal dingen die nu nog in die technische kringloop zitten, volledig te vervolmaken. Maar men moet ook proberen om zoveel mogelijk zaken op hernieuwbare basis te maken. De technische materialen kunnen nooit zomaar food worden.”

9 STANDPUNTEN

dng4_v1.indd 9

6/12/16 10:20


infografiek www.ellenmacarthurfoundation.org

“De hoop bestaat dat steeds meer materialen en producten op basis van deze tekening worden gemaakt. Er zitten een aantal uitdagende, mooie ideeën in over wat je met materialen kunt doen. Dat tekent een attractief economisch toekomstbeeld. Als we hier op grote schaal gaan inzetten, gaan we economisch groeien, de consumptiemogelijkheden gaan niet verminderen, het besteedbaar budget van gezinnen zal verhogen, er zullen extra jobs worden gecreëerd, CO2 worden bespaard, materialen worden bespaard en ga zo maar door. Waar zich nu problemen voordoen, winnen we opeens veel terrein en dat is een fantastisch verhaal.” Deel jij het geloof in dat verhaal? Erik Paredis: “Ik wil vooral laten zien dat deze vernieuwing ook veel businesskansen inhoudt op voorwaarde dat men openstaat voor verandering. Materialen moeten vernieuwd en gesubstitueerd worden, maar daarnaast moeten we ook nieuwe modellen evalueren die gecombineerd worden met al die andere ideeën van de deeleconomie. Je krijgt dus nieuwe businessmodellen waarrond we nieuwe technologieën en

een nieuw beleid nodig hebben. Daaraan gekoppeld – en waar bitter weinig wordt over gezegd - een heroriëntatie van allerlei instituties en financiële systemen, regelgeving en ga zo maar door. Een heel mooi beeld mits je veel verandert. De Ellen MacArthur Foundation gelooft heel sterk in ecologische modernisering. Een begrip dat al heel lang bestaat en sinds een tweetal jaar plots in de aandacht kwam omwille van een beweging die zich ‘ecomodernisation’ noemt. Door sterk in te zetten op technologie en op de rol van het bedrijfsleven kun je naar een duurzamere samenleving mits ondersteuning van de overheid. Dat zie je ook sterk terug in de Ellen MacArthur Foundation (verwijst naar de tekening). Maar volstaat dat? Is het dat wat we willen wanneer we het over een duurzame samenleving hebben? Daar heb ik wel wat vragen bij.” Ik heb een aantal jaar geleden M.K.J. Lievens geïnterviewd, naar aanleiding van zijn boek ‘De mythe van de groene economie’. Hij zei: Zelfs al kies je voor een groene economie, maar pak je het idee

van economische groei niet aan, ga je nog altijd veel te veel grondstoffen verbruiken en boven de draagkracht van de planeet terechtkomen. Deel jij die mening? Erik Paredis: “Ja. Heel veel denkers zetten ook in op efficiëntie. Efficiënter omgaan met materialen, energie, water, … dat is ongetwijfeld belangrijk. Maar men moet ook de totale omvang van het beslag op ecologische draagkracht beperken. Onze auto’s zijn efficiënter geworden wat ervoor zorgt dat je veel meer afstand aflegt en er ook meer auto’s zijn. We stoten toch meer uit, ook al zijn ze efficiënter. Daar zitten we dus met een belangrijk probleem waar we dikwijls rond fietsen. Als je circulaire economie toepast, kun je daar veel milieuwinst uit halen. Wat ik echter vreemd vind aan zulke rapporten, is dat men tegelijkertijd zegt dat we economisch zullen groeien, dat het besteedbaar budget van gezinnen zal verhogen maar dat men zich op geen enkel moment de vraag stelt “Tot wanneer kan dit? Is dit oneindig?”. Bij de cradle to cradle-beweging dacht men ook dat het niet slecht is om te consumeren. Dat afval is toch voedsel? Dat is een illusie.”

1 0 STANDPUNTEN

dng4_v1.indd 10

6/12/16 10:20


Ons consumptiepatroon zal er in een circulair economisch model dan toch een beetje anders gaan uitzien. Erik Paredis: “Je zal moeten wennen aan producten die je kunt laten repareren of vervangen en je zal gestimuleerd worden dat efficiënt te doen. Een heel belangrijk onderdeel daarvan is het denken in deeleconomie, gekoppeld aan een productdienstensysteem. Er zullen veel bedrijfjes ontstaan die allerlei diensten gaan leveren. Een gemakkelijk voorbeeld hiervan is dat je een wasdienst koopt in plaats van zelf een wasmachine te bezitten. Er staat nog een wasmachine in je huis maar ze zal niet je eigendom zijn. Je betaalt aan het bedrijf en je bent verzekerd van een efficiënte machine die weinig energie, water en materiaal verbruikt. Het bedrijf onderhoudt ook de machine en indien ze kapot gaat, wordt ze vervangen. Het ‘wasbedrijf ’ heeft er belang bij dat ze het toestel niet volledig moet weggooien, dat kapotte onderdelen kunnen worden vervangen. Dit alles in plaats van een bedrijf dat jou gewoon een wasmachine verkoopt, zoals vandaag. Na het verlopen van de garantie raadt men je aan een nieuwe machine te kopen omdat de herstellingskosten te hoog oplopen. Dus gaan we naar een systeem waar je van dingen gebruikmaakt terwijl ze jouw eigendom niet zijn. Men is nu al volop aan het experimenteren met businessmodellen waardoor het interessant wordt om diensten te verkopen. Philips is een bekend voorbeeld. Zij zorgen ervoor dat je goede verlichting hebt op een efficiënte manier. Het is hun eigendom, dus betaal je enkel voor de verlichting. Is ze niet goed, betaal je niet. Is ze wel goed, betaal je wel en als er iets kapot is komen zij het vervangen.” Zal de autosector daar ook in meevolgen? Erik Paredis: “Jazeker. Men kan zich aansluiten bij Taxistop of Cambio. Nu zijn er bij Cambio alleen nog maar verhuurwagens, maar je kan je voorstellen dat ze op termijn groot worden en een geïntegreerde dienst creëren. Die fiets die je gebruikt is niet jouw fiets. Je betaalt er pakweg 70 euro per jaar voor en indien er herstellingen nodig zijn, of in het ergste geval, een volledige vervanging door vernieling, staat ‘het bedrijf’ hiervoor in. Stel je voor dat je zo’n dienst, een soort geïntegreerd mobiliteitspakket krijgt zodat je op elk moment gemakkelijk geraakt waar je moet zijn.

(Verwijst opnieuw naar tekening, nvdr.) Het doel is om de kringen te sluiten op allerlei manieren. Je kan ze dichter en verder sluiten. De verste manier is volledige recyclage. Men kan ook zeggen “we houden het product, we gaan het product updaten, we halen er de verouderde delen uit en we steken er nieuwere delen terug in en het product is klaar om opnieuw op de markt te verschijnen. Een andere, dichtere manier om de kring te sluiten is het delen van dingen. Een mooi voorbeeld is die van de Europese auto. Als je naar de typische Europese auto kijkt, dan staat die voor 92% van de tijd stil en wordt die ook niet gebruikt door iemand anders. Dat is niet de bedoeling want we willen onze spullen efficiënt gebruiken.” En wat doen we met het bezit van de productiemiddelen? Die blijven in handen van de aandeelhouders? Erik Paredis: “In het model van Ellen MacArthur krijg je enorme verschuivingen. Niet enkel van de productiemiddelen, maar ook van de consumptiemiddelen die in handen komen van het bedrijfsleven. Dat zou een enorme vertekening van de macht kunnen betekenen, maar daar is men momenteel niet mee bezig. Die vraag wordt genegeerd.” Ook burgers nemen de laatste tijd veel maatschappelijke problemen en oplossingen zelf in handen. Burgerinitiatieven groeien overal. Zij stuwen ook de transitie. Erik Paredis: “Klopt. ‘Dégage’ in Gent bijvoorbeeld is een autodeelsysteem dat tussen burgers verloopt en dus geen bedrijf is. Je ziet ook veel coöperatieven ontstaan. Er zijn dus veel andere modellen mogelijk, die vaak meer doen dan alleen maar een dienst te leveren. Ze zijn minder winst georiënteerd en dus meer gericht op de noden die er lokaal zijn. Je sluit je niet aan bij de organisatie enkel omdat je een auto tot je beschikking hebt. Heel dikwijls gaat het over mensen die echt met elkaar moeten samenwerken. Daardoor ontstaan sociale netwerken. Bij sommige mensen is de reden ook een stuk ideologisch. Maar de Europese Commissie vertelt vooral het verhaal van de nieuwe businessmodellen en technologieën. Zij ziet niet dat er een compleet andere oriëntatie mogelijk is voor die circulaire economie. De vraag ‘wie bezit wat?’ wordt niet gesteld.

We staan nog maar aan het begin van de ontwikkeling. Niets is afgebakend, alles ligt nog open. De richtingen die we gaan nemen, de keuzes voor materialen, de keuzes voor eigendomsmodellen, businessmodellen, de keuzes voor welk soort technologie, wie er de eigendom van heeft, hoe open source die is, … Al die dingen zijn nog niet uitgeklaard, dus nu moeten we mensen die bekommerd zijn om brede duurzaamheid, mee de discussie laten voeren. Het volledige middenveld moet beseffen dat er meer dan 1 circulaire economie is en dat de toekomst open ligt voor honderden circulaire economieën.” Wat vind jij van de klassieke vakbonden? Spelen zij genoeg in op dat nieuwe verhaal? Erik Paredis: “De vakbonden hebben natuurlijk een heel conservatief imago en ik denk dat ze dat voor een stukje ook zijn, maar dat geeft gelukkig een rem op afbraak. Gelukkig dat ze er zijn. Langs de ene kant denk ik dat je die rem op die afbraak nodig hebt, maar langs de andere kant gaan ze veel actiever moeten meedenken over die ontwikkelingen die bezig zijn.” Tot slot: kan je Belgische bedrijven of producten opsommen die er voor jou uitspringen op vlak van innovatie en inspiratie? Erik Paredis: “Umicore wordt altijd als voorbeeld naar voren geschoven omdat het één van onze topbedrijven is die zichzelf heeft omgeschakeld (van het vroegere Union Minière) en daar een positieve draai aan heeft gegeven. Umicore wordt beschouwd als een topvoorbeeld van wat circulaire economie zou kunnen zijn, want zijn doen aan urban mining. Zij halen zeldzame metalen uit gsm’s en andere producten. Umicore ziet het overigens niet als een lokaal verhaal. Zij willen kringlopen sluiten op wereldvlak. We houden het niet binnen Europa, maar binnen de markten die ervoor betalen. Hartelijk dank voor dit gesprek! Wil je meer te weten komen over circulaire economie? Surf naar www.plan-c.eu/nl Tekst en interview: Matilde Dierickx en Tom Cools

11

dng4_v1.indd 11

6/12/16 10:20


Alle verworvenheden overboord DEELECONOMIE

© Robert Huygens

We laten niet toe dat mensen met hun eigen wagen een soort leefloon bijeen rijden, zonder enig sociaal recht

Econolab is een project van het Vermeylenfonds waarin we de transitie naar een duurzame economie onderzoeken. Ten gronde vragen we ons af hoe we sociale welvaart met een duurzame economie kunnen combineren. Vandaag laten we Frank Moreels aan het woord. Frank is voorzitter van de Belgische Transport Bond, één van de 6 beroepscentrales van het ABVV en federaal secretaris van de groep ‘wegvervoer en logistiek’, een belangrijk onderdeel van deze beroepscentrale. Met Frank gaan we dieper in op de rol en de ontwikkeling van deeleconomie en hun bijdrage aan dit transitieproces. Uber, Airbnb, SnappCar,... deeleconomieplatformen maken furore. Het ABVV en de BTB als beroepscentrale van de werknemers in de transportsector protesteren fel. Dreigt u niet weer als vakbond weggezet te worden als conservatief en oubollig. Frank Moreels: “Er zijn enkele zaken die ik op scherp wil stellen voor ik dieper op het

‘perceptieprobleem’ inga. Eerst en vooral zijn we een werknemersorganisatie die opkomt voor de belangen van de werknemers in de transportsector. De dag dat we dit niet meer doen, kunnen we er net zo goed mee stoppen. Ten tweede zijn we als vakbond niet tegen nieuwe technologie an sich. We vinden zelfs dat die nieuwe technologieën noodzakelijk zijn, zeker als ze bijvoorbeeld de veiligheid van werknemers kunnen verhogen. Dat tegenstanders van vakbonden ons graag wegzetten als een nieuwe soort luddieten, is vooral een trucje om het niet over de inhoud van onze kritieken te hebben. De taxiritten die door Uber worden aangeboden op de markt zijn oneerlijke concurrentie voor bedrijven die aan hun werknemers wel een reglementair loon betalen, die wel rij- en rusttijden respecteren (en dus de verkeersveiligheid) en die wel investeren in vormingen en opleidingen van hun personeelsleden. Natuurlijk hebben we begrip voor mensen die graag een centje bijverdienen, alleen doen ze dat beter op een legale manier en moet de overheid daarop toekijken. We zullen als vakbond niet toestaan dat er een nieuw precariaat ontstaat van mensen die met hun eigen wagen een soort van leefloon bijeen rijden, zonder dat er sociale rechten worden opgebouwd in de vorm van een pensioen. Er zal mij toch eens iemand moeten komen uitleggen wat daar oubollig of conservatief aan is.” Uber helpt wel het fileleed te verminderen…. Frank Moreels: “Dat moet nog bewezen worden. Wie bovendien denkt dat dit de oplossing is, wil ik toch met beide voeten op de grond zetten. Uber wordt de hele tijd gepromoot als enorm innovatief en “tegen de files”. Maar Taxistop doet dit al van in de jaren 70, zonder al die media-aandacht. Uber heeft een digitaal platform gebouwd

12

dng4_v1.indd 12

6/12/16 10:20


om ritten te organiseren en pakt daar maar liefst 26 procent honorarium op. Ze negeert daarbij iedere sociale verworvenheid die in de afgelopen 100 jaar werd opgebouwd, want ze vindt dat dit haar probleem niet is. Fraaie innovatie! Bovendien moet iemand mij ook eens goed uitleggen hoe een bedrijf als Uber het fileleed aanpakt? Door bestaande taxireglementeringen aan haar laars te lappen? Het Deense hooggerechtshof heeft een Uber chauffeur veroordeelt omdat hij de taxireglementering niet respecteerde. Uber-werknemers draaien zelf op voor hun bescherming maar zijn tegelijkertijd toch afhankelijk van de bedrijfstechnologie, zoiets noemen we schijnzelfstandigheid. We weten uit het verleden dat deze vormen van schijnzelfstandigheid niet alleen sociaal onwenselijk zijn maar ook niet bepaald het milieu ten goede komen. Elke weldenkende mens beseft dat sociale doelstellingen hand in hand gaan met milieudoelstellingen. Als de voorstanders van dit argument toch zo bekommerd zijn om het fileleed zouden ze beter inzetten op een fijnmazig en goed uitgebouwd openbaar vervoer.” Nochtans vindt de overheid dit initiatief een goed idee. Frank Moreels: “Dat is niet overal zo. In 2014 verbood toenmalig Brussels minister Grouwels Uber om in het gewest haar activiteiten verder te ontplooien. Neelie Kroes, toenmalig Europees commissaris, was daar heel verbolgen over. Wat blijkt? Mevrouw Kroes werkt nu voor Uber. In het belang van innovatie of maatschappelijke winsten? Of in wiens belang eigenlijk? Momenteel is Uber nog altijd illegaal in Brussel actief. Politici zoals Vincent Van Quickenborne zijn wel grote voorvechters van deze multinational. Alle argumenten zoals een (vermeende) daling van het aantal weekend-doden, zijn blijkbaar goed genoeg. Er is dus heel veel discussie over de maatschappelijke wenselijkheid van deeleconomie. Zoveel is duidelijk. We zullen naast elkaar blijven praten als we er niet in slagen om de goede praktijken van de disruptieve te onderscheiden. Platformen waar mensen met elkaar spullen ruilen of delen, creëren in mijn opinie een maatschappelijke meerwaarde. Platformen die daarentegen echt inzetten op een verdienmodel, die zich in de reguliere economie inschakelen en daarbij bestaande sociale, milieutechnische en/of fiscale

regelgeving willen ontlopen, ondermijnen op termijn de welvaartstaat.” Vakbonden reageren te corporatistisch volgens de voorvechters van de deeleconomie. Frank Moreels: “We zijn als vakbond voor een kwalitatieve tewerkstelling. Liefst met een contract van onbepaalde duur, met degelijke lonen, met een sterke en een professionele opleiding. Ook in de taxisector. We zijn immers niet tegen Uber, we willen dat het personeel op een correcte wijze wordt vergoed, zoals dat in cao’s is vastgelegd. Natuurlijk kan Uber goedkoper werken dan een regulier taxibedrijf, als je je personeel in een schijnzelfstandigheid laat opereren. Maar is dat de duurzame transitie die we voor ogen hebben? Als we iets uit de voorgaande industriële omwentelingen hebben mogen leren, is het toch wel dat we niet mogen toegeven aan sociale dumping? Een gelijkaardig verhaal geldt ook voor airbnb. Tuurlijk kunnen ze kamers goedkoper aanbieden dan in de hotelsector of dan een B&B. Iedereen die een kamer op overschot heeft met een oud bed kan die kamer op airbnb gooien. Blijkbaar zijn heel wat mensen vergeten dat er tot enkele jaren geleden televisieprogramma’s werden gedraaid waarin misnoegde toeristen getuigden over hoe ze met mooie folders van chique hotelkamers en parelwitte stranden werden om de tuin geleid. In werkelijkheid bleek het een krot te zijn. De overheid heeft toen ingegrepen door bijvoorbeeld een logiesdecreet te maken. Gaan we die verworvenheden nu allemaal op het spel zetten om een goedkopere kamer te kunnen boeken of voor enkele euro’s goedkoper de taxi te kunnen nemen?” Is de digitale disruptie nu niet omkeerbaar? Frank Moreels: “De digitale disruptie had nooit plaats kunnen vinden zonder de revolutie in de transportsector die zich in de afgelopen twee decennia heeft voltrokken Men heeft eens berekenend dat een kledingstuk dat u en ik kopen in de grote kledingketens ongeveer 48 000 km heeft gereisd tot het hier in Vlaanderen in de rekken hangt. Katoen uit de VS verscheept men naar India om te weven, het weefsel wordt verscheept naar Bangladesh om vernaaid te worden tot een broek of een hemd. De knopen komen uit Vietnam en de ritsen vanuit China. Eens geassembleerd

wordt het stuk naar Europa verscheept. En dat allemaal voor 19,99 euro. En we weten allemaal dat die 19,99 euro eigenlijk niet de kost dekt. De textielarbeiders uit Bangladesh worden uitgebuit voor een hongerloon, de zeelieden worden uitgebuit op de schepen. Eens hier pakweg in Antwerpen ontscheept, worden containers vervoerd met Oost-Europese vrachtwagenchauffeurs die aan lonen werken uit hun thuisland. De ecologische kosten van het vervoer worden amper doorgerekend. De file-ellende ook niet. De bijkomende gevolgen voor de volksgezondheid en de klimaatopwarming worden zelfs door bepaalde politieke elites betwist. En eens schepen afgeschreven zijn, worden ze gedumpt op stranden in India. Dit zijn toch ook serieuze bedenkingen die we naast de digitale disruptie mogen plaatsen. En dan zijn er nog logistieke integratoren zoals Katoennatie die vinden dat dokwerkers te veel verdienen. De digitale disruptie in de logistieke sector met de opkomst van de webwinkels en dergelijke meer, is slechts een sluitstuk van een evolutie die al ettelijke jaren aan de gang is.” Valt daar niets tegen te doen? Frank Moreels: “De verregaande deregulering die door grote internationale organisaties zoals IMF e.d. de wereld zijn opgedrongen moet volgens mij grondig herbekeken worden. Zo heeft minister Peeters het verbod op nachtarbeid opgeheven. Los van de bedenking of het allemaal wel zo oké is dat mensen 's nachts moeten werken omdat iemand per se sneller zijn nieuwe smartphone batterij wil hebben, hebben we het als beroepscentrale heel moeilijk met de manier waarop deze beslissing wordt opgelegd. We zijn trouwens wel bereid om te spreken over nachtarbeid indien het echt noodzakelijk is. Als dat in veilige en comfortabele omstandigheden kan, met een navenante verloning, dan kan daarover onderhandeld worden. Binnen de logistieke sector bestonden daar trouwens akkoorden over met bepaalde werkgevers. Maar nu wordt het eenzijdig opgedrongen door de regering. Met een slecht statuut voor de betrokken werknemers. Deze regering is gezwicht voor de chantage van Katoennatie en anderen om het verbod op te heffen. Met dit voorbeeld wil ik illustreren dat je door gewone, eenvoudige regelgeving al heel wat sociale en ecologische mistoestanden kunt

13

dng4_v1.indd 13

6/12/16 10:20


verhelpen. Dat vraagt 5 minuten politieke moed.” Moet deze problematiek niet op een hoger, supranationaal niveau aangepakt worden? Frank Moreels: “Deze strijd is inderdaad een internationale strijd geworden. We organiseren ons als vakcentrale in internationale vakbondswerkingen. Met ETF (European Transport Federation) hebben we een Fair transport actie op poten gezet (http://www.fairtransporteurope.eu/about) met de bedoeling genoeg handtekeningen te verzamelen om op het niveau van de Europese commissie de zware problematiek van de sociale dumping binnen de EU aan te klagen. We willen daar strikte regels en een efficiënte controle voor afdwingen. Nog te veel malafide bedrijven ontspringen elk vorm van sociale inspectie of controle, waardoor een vorm van straffeloosheid ontstaat. Daar zijn niet alleen de werknemers het onmiddellijke slachtoffer van. Maar evengoed de bonafide bedrijven die het wel goed voor hebben met hun personeel en wel hun onderneming op een correcte manier willen runnen. Op lange termijn verliest iedereen daar mee. Want bonafide bedrijven kunnen niet meer concurreren, gaan overkop, malafide bedrijven ontduiken sociale en fiscale wetgeving en de kost daarvan komt op termijn bij de maatschappij te liggen.” U ziet deeleconomie geen lang leven beschoren? Frank Moreels: “Toch wel, al zal het niet zo alomvattend zijn als de grote believers voorspellen. Zo zijn dankzij de inzet van een eerste generatie industriearbeiders in de 2de helft van de 19de eeuw de eerste

mutualiteiten ontstaan. Niemand kon toen voorspellen dat dit de basis zou vormen van een gezondheidseconomie die we vandaag kennen en in Vlaanderen een heel belangrijke motor van innovatie is. Ik geloof dus wel dat initiatieven in deeleconomie die echt inzetten op maatschappelijke meerwaarde een plaats in het economische stelsel zullen verwerven. Waar we daarmee zullen eindigen, is vandaag nog niet te voorspellen.. Maar deeleconomie op zich zal niet genoeg zijn om de transitie te maken. We zullen ook goed moeten nadenken over welke globalisering we willen. We zullen moeten inzetten op de vergroening van technologie in bestaande industriële takken en de transpostsector. Maar evengoed moeten we ook ijveren voor betere internationale afspraken en afdwingbare regelgeving. Zonder dat laatste zal het ook niet lukken. Het klimaatakkoord in Parijs was alvast een belangrijke stap, maar er zullen er nog heel wat moeten volgen. Een aantal denkers zoals Rutger Bergman of Rogier De Langhe benadrukken een maatschappelijk sentiment: dat alles vast loopt en niets nog beweegt, dat het te traag gaat. De complexiteit van structuren en beslissingstrajecten zorgt er soms voor dat het moeilijk is om de bomen nog door het bos te zien. Maar laat ons vooral het einddoel niet vergeten, en als we ons blijven herkennen in elkaars zwakte en vanuit die kwetsbaarheid verenigd terugvechten met alternatieve voorstellen, dan maken we op termijn de wereld wel tot een duurzamere plek.” Tekst en interview: Raf Burm

ID FRANK MOREELS Frank Moreels is geboren op 17 januari 1961 in Kortrijk en studeerde psychologie en pedagogiek aan de universiteit Gent. Hij begon zijn carrière als vormingswerker bij het ABVV en groeide door tot personeelsverantwoordelijke en coördinator van de logistieke diensten bij het ABVV. In 2007 maakte Frank de overstap naar Belgische Transportbond als federaal secretaris voor het wegvervoer en logistiek en zette de problematiek rond de sociale dumping in de sector prompt bovenaan de agenda. In 2012 werk hij covoorzitter van de BTB en in april 2016 voorzitter.

boe DE OPMARS VAN ROBOTS - MARTIN FORD

De eerste industriële revolutie, die in Groot-Brittannië van start ging, had grote gevolgen voor de arbeidsmarkt. De door stoommachines opgewekte kracht veranderde sectoren zoals de mijnbouw en de textielnijverheid. Het gewone volk werd er niet beter van. Uitbuiting en kinderarbeid waren aan de orde van de dag en weerstand tegen de invoering van machines kon dan ook niet uitblijven. De luddieten - genaamd naar Ned Ludd, een wever die in 1779 twee weefmachines zou hebben vernield - trokken het verzet tegen de industriële en technologische vooruitgang op gang. Telkens een machine gesaboteerd werd, werd er gezegd dat Ned Ludd dit had gedaan. Dreigbrieven aan fabriekseigenaars werden met zijn naam ondertekend. De komende decennia zullen we te maken krijgen met een nieuwe industriële revolutie, en de gevolgen voor de arbeidsmarkt zullen groter zijn dat alles wat de mensheid tot

14

dng4_v1.indd 14

6/12/16 10:20


nu toe heeft gekend. Volgens Martin Ford, auteur van De Opmars van Robots, komt dat omdat een zeer groot deel van de arbeid routineus, repetitief en voorspelbaar is. Recente vooruitgang in robotica, artificiële intelligentie en zelflerende machines doet vermoeden dat veel van deze arbeidstaken de komende twintig jaar zullen geautomatiseerd worden. De impact op de arbeidsvloer belooft vrij dramatisch te worden. Een begin dit jaar gepubliceerd rapport van het World Economic Forum - niet bepaald de meest linkse organisatie - voorspelt voor de komende vijf jaar een verlies van vijf miljoen banen in 's werelds belangrijkste economieën. Hoe correct deze schatting is, zal later blijken. Maar het lijkt vast te staan dat administratieve functies en kantoorbanen hard geraakt zullen worden, en vrouwen hierbij harder zullen worden getroffen dan mannen. Martin Ford is de oprichter van een softwarebedrijf in Silicon Valley. Na het schrijven van The Lights in the Tunnel, zijn vorige boek waarin hij waarschuwt dat ook hooggekwalificeerde personeelsleden dienen te vrezen voor het verdwijnen van hun jobs, werd hij er van verdacht een neoluddiet te zijn. Met De Opmars van Robots heeft hij deze kritiek willen pareren. Het is niet dat hij de technologische vooruitgang wilt tegenhouden, maar hij roept ons op tot alertheid en actie. Met concrete voorbeelden uit de huidige economie staaft hij grondig zijn bewering dat de middenklasse door de technologische revolutie waar we in beland zijn, zwaar onder vuur komt te liggen en de tweedeling tussen rijk en arm zal uitvergroot worden. Hij erkent dat de nieuwe technologieën wel nieuwe jobs zullen creëren, alleen betwijfelt hij of er genoeg zullen bijkomen om de verdwenen jobs te compenseren en of mensen met slechts gemiddelde vaardigheden deze kunnen invullen. Hij maakt ook duidelijk dat kunstmatige intelligentie, robotisering en lerende machines alle sectoren en industrieën zullen raken, iets wat bij eerdere omwentelingen niet het geval was. Ter illustratie wijdt hij uit over wat de gevolgen zullen zijn voor de onderwijs- en gezondheidssector. Een ander niet te verwaarlozen punt dat hij behandelt, is dat werkenden ook consumenten zijn. Machines consumeren nu eenmaal niet en kunnen niet de drijfkracht zijn achter de eindvraag. Een robot in een fabriek zal niet blijven draaien als er niemand

oek

meer is om het eindproduct te kopen. Bij snel stijgende ongelijkheid zal een economische inkrimping dan ook de meest waarschijnlijke uitkomst zijn. Moest Martin Ford een onheilsprofeet zijn, dan zou hij zich beperken tot het schetsen van een apocalyptisch beeld van een geatrofieerde arbeids- en consumentenmarkt. Gelukkig doet hij meer dan dat en zoekt hij naar een nieuw economisch paradigma om de ergste gevolgen van de technologische revolutie tegen te gaan. Hij is realistisch genoeg om te beseffen dat inzetten op educatie alleen niet voldoende zal zijn. We zien nu al dat flink wat hoger opgeleiden geen geschikte plaats vinden op de arbeidsmarkt. Het adagium van levenslang leren klinkt mooi, maar zal ontoereikend zijn zonder andere maatregelen. Het is immers onrealistisch om te denken dat werkkrachten opgeleid kunnen worden om rollen op te nemen die voorbij het technologisch bereik liggen. Een halt toeroepen aan de toenemende automatisering lijkt hem ook niet haalbaar. Zelf ziet hij meer heil in de invoering van een gegarandeerd basisinkomen. Volgens hem mag dat niet te hoog liggen, opdat mensen nog genoeg gestimuleerd blijven om aan andere eigen inkomsten te geraken. Zijn invulling van een basisinkomen mag dan ver van perfect zijn, het feit dat hij het concept naar voor schuift als oplossing voor de nakende kaalslag op de arbeidsmarkt, maakt wel dat er nu ook in de Angelsaksische wereld, met zijn dominante protestantse ethiek, stilaan over het basisinkomen nagedacht wordt. Dat is al een verdienste op zich. Martin Fords boek opent alleszins de ogen voor een probleem dat door zowel politiek als de vakbewegingen nog te weinig wordt belicht. Een ver doorgedreven automatisering van arbeidstaken komt er aan, en ze komt er aan met rasse schreden. Willen we naar een duurzaam economisch model gaan waarin sociale welvaart gegarandeerd is, dan kunnen we ons hier maar beter snel op voorbereiden. (Tom Cools)

VAN NU & STRAKS ALGEMENE VERGADERING GENT 11 MAART 2017 ADRES PARNASSUS OUDE HOUTLEI 22 9000 GENT SPREKER DIRK BARREZ THEMA ECONOLAB 2017-2018 DUURZAAMHEID IN DE ECONOMIE

De Opmars van Robots. Hoe technologie veel banen zal doen verdwijnen / Martin Ford / Uitgeverij Q / 2016 / ISBN 978 90 214 0295 6

BINNENKORT MEER INFO! 15

dng4_v1.indd 15

6/12/16 10:20


16

dng4_v1.indd 16

6/12/16 10:21


AFDELING FOTOGRAFIE ROODE OOGJES NAAR HET RABOT & DE SITE GIDS ANNEMIE DE VOS Annemie De Vos, secretaris Vermeylenfonds Gent, is ambassadeur van haar wijk Rabot. Als bezieler van ‘De Plezante Doeners’ gidst zij u doorheen alle schakels die deze woonwijk tot een transitie-utopia maakt, de ruileconomie anno 2017. Een wijk die uitmunt met haar eigen munt (het Toreke), die haar bewoners waardeert op hun talenten en niet op hun bezittingen en die ruimte biedt in de dichtst bevolkte wijk van de stad via De Site. Een braakliggend terrein in 2006 en vandaag dè werk- en ontmoetingsplek voor alle bewoners met 160 minimoestuinen, een serre, twee stadsakkers (goed voor 3000 m² vruchtbaarheid), kippen, speelterrein, voetbalplein, BMX-parcours, materiaalcontainer, bijenkorven,… De groenten en kruiden die op De Site worden geteeld, gaan naar de Sociale Kruidenier, Eetcafé Toreke en bewoners uit de wijk. Op die manier zet De Site in op het ‘korte keten’-principe: groenten telen én eten in de wijk. En alles wordt betaald met Torekes, verkregen uit diensten aan de wijk Rabot-Blaisantvest. Annemie zet zich met ‘De Plezante Doeners’ in om de wijk schoon te houden en elke zondagnamiddag, van 14u tot 17u, van de lente tot de herfst, houdt Annemie De Vos een speeltuin open. Haar inzet wordt beloond met Torekes die Annemie dan weer investeert in anderen. Zo houden de Rabotters de kringloop rond. Annemie mocht bovendien in 2016 de Jong& Wijs prijs ontvangen van stad Gent voor haar inzet op de speeltuin. Fotografen zijn Marc De Coninck & Annemie De Vos

17

dng4_v1.indd 17

6/12/16 10:21


EXCLUSIEF VOOR AVF-LEDEN 20 % KORTING OP 5 BOEKEN GA NAAR / EN BESTEL ONLINE!

24,90 € " 19,90 € VRIJHEID & ZEKERHEID. NAAR EEN SOCIAALECOLOGISCHE SAMENLEVING

24,90 € " 19,90 € TERRA REVERSA Toen Terra Reversa in 2009 verscheen, bejubelde vriend en vijand het als een doorbraak voor het denken over milieu- en klimaatbeleid. Peter Tom Jones en Vicky De Meyere gooiden het roer om door transitiemanagement en het 4E-model te integreren in een nieuwe visie op de omschakeling naar een sociaal rechtvaardig, ecologisch duurzaam en economisch stabiel samenlevingsmodel. In deze herziene heruitgave van hun boek geven ze een antwoord op de volgende vragen. Wat is er sindsdien veranderd? Waarom mogen we optimistisch zijn? Met hun gloednieuwe, uitgebreide inleiding ‘10 redenen voor (ecologisch) optimisme’ brengen ze een verrassend positief geluid in het debat over de transitie naar een klimaatvriendelijke, circulaire én veerkrachtige economie. EPO / 2016 / ISBN 9789462670822 / coeditie met Jan van Arkel

Samenlevingen veranderen doorheen de tijd. Zo zorgde de welvaartsstaat vanaf de jaren 1950 dat burgers van toenemende vrijheid genoten terwijl de overheid voor zekerheid zorgde. Vanaf de jaren 1980 maakte de neoliberale markt van vrijheid en zekerheid dan weer individuele projecten. Volgens Dirk Holemans ontwikkelt zich nog eens ruim dertig jaar later een derde tijdperk: de sociaal-ecologische samenleving. Die samenleving pakt de paradox van onze tijd aan. Want vrijheid en zekerheid hebben nog weinig te maken met het behoud van onze huidige wereld. Hoe we ons morgen verplaatsen, voedsel produceren of energie opwekken: alles zal anders zijn. In dit uitdagende boek toont Holemans aan hoe zo’n samenleving van de 21ste eeuw eruit kan zien en hoe we daar geraken. EPO / 2016 / ISBN 9789462670662

14,90 € " 11,90 € COÖPERATIES. HOE HEROVEREN WE DE ECONOMIE? Niet Aldi of Lidl maar Coop en Migros zijn

veruit de sterkste supermarkten in Zwitserland. Deze coöperatieve bedrijven maken het land verbazend anders. Hier scoren bio, streekproducten, fair trade en ecolabels het hoogst. De 400 lokale kredietcoöperaties van Desjardins verzamelen 5,6 miljoen leden. Hun bank is veilig, rendabel, zet het spaargeld in voor de echte economie en maakt dat coöperaties zich thuis voelen in Québec en Canada. Coöperatieve bedrijven leven opvallend langer dan klassieke bedrijven, zorgen voor zekerder werk, verdelen beter de welvaart en stimuleren meer de lokale economie. Nu al tellen coöperaties 1 miljard leden en bouwen ze aan een democratische en sociaalecologische economie. Auteur Dirk Barrez concludeert positief: ze kunnen ons zelfs voorbij het desastreuze financieel kapitalisme voeren. Uitgeverij pala.be / 2014 / ISBN 9789081803410

15.00 € " 12,00 € MALCOLM X Hij was tegelijkertijd een van de meest gehate en geliefde mannen van zijn tijd. Droeg de geuzentitel angriest man in America. Voerde een kruistocht tegen de onderdrukking van de zwarten in de VS. Vervelde van militant van het schimmige Nation of Islam tot revolutionair. Was net geen veertig toen drie mannen hem tijdens een toespraak in New York doodschoten. Meer dan een halve eeuw na datum blijft Malcolm X, formerly known as Malcolm Little, een icoon en cultheld in hetzelfde rijtje als Che en Lumumba. Dit boek wekt hem weer tot leven. In het eerste deel schrijft Fikry El Azzouzi zijn fascinatie voor Malcolm X van zich af. Het tweede deel is de neerslag van een legendarische toespraak van meneer X zelve over de Afro-Amerikaanse geschiedenis, slavernij, kolonialisme en kapitalisme.

18 BOEK

dng4_v1.indd 18

6/12/16 10:21


Dit boek verschijnt gelijktijdig met het theaterstuk Malcolm X dat in de KVS in première gaat. EPO / 2016 / ISBN 9789462670938

AGENDA Uitgebreide info over alle activiteiten vindt u op onze website www.vermeylenfonds.be

ZATERDAG 17 DECEMBER 2016 VANAF 14U JOELFEEST

19,95 € " 15,95 € WIE DE WERELD NU ECHT VOEDT Wie de wereld nu echt voedt is een haarscherpe analyse van de krachten die het voedselvraagstuk in hun macht houden, alsook het heldere antwoord hoe we tot een duurzame en veerkrachtige oplossing komen. Duurzame landbouw vraagt om ecosystemen en biodiversiteit, waarmee we de bodem en bestuivers weer een kans geven. Het vraagt om een gezonde voedselbereiding van eerlijke ingrediënten en lokale initiatieven. Het vraagt om soevereiniteit waarbij de rijkdom van zaad en gewassen in handen van de bevolking blijft. En het vraagt om een nieuwe mindset, waarbij we principes van dominantie en exploitatie verruilen voor een principe van wederkerigheid – de Aarde voedt ons als wij haar voeden, de boer voedt de maatschappij als de maatschappij de boer voedt, en het zaad zal zich steeds weer vernieuwen als wij het zaad in haar eigen kracht laten. Wie de wereld nu echt voedt is het eerste in het Nederlands vertaalde boek van Vandana Shiva en is een neerslag van 30 jaar onderzoek en ervaring. JAN VAN ARKEL / 2016 / ISBN 9789062240180

Pannenkoeken, lichtgevende joelstokken, fakkeltocht, klaaskoeken met chocomelk, kindergoochelaar ‘Di Stefano’, ballonplooien,… Inkom: 6 euro overschrijven op rek.nr. BE45 9731 1215 6989 met vermelding joelfeest INFO: 0486/12 28 63 of info@vcpoincare.be Organisatie: Vermeylenfonds Waregem, HVV, Hujo en Jump

WOENSDAG 21 DECEMBER 2016 19U00 - 00U00 DE WARMSTE FAKKELTOCHT Met “De Warmste Fakkeltocht” organiseren de vrijzinnige verenigingen uit Mechelen tijdens de “Warmste Week” van Studio Brussel een fakkeltocht annex benefietactie. De opbrengst van de actie gaat naar een goed doel dat kadert in het thema ‘jongeren en zorg’. Locatie: Busleyden Atheneum - Campus Pitzemburg, Bruul 129 - 2800 Mechelen INFO: Schrijf online in op http://vermeylenfonds.be/index.php/en/alle-activiteiten Organisator: Een initiatief van HVV Mechelen i.s.m. huisvandeMens Mechelen, MeLeMo, Vermeylenfonds Mechelen, Vrijzinnig Mechelen, Willemsfonds Mechelen, VC De Schakel en onder de auspiciën van IMD Antwerpen

ZONDAG 14 JANUARI 2017 12U00 - 14U00 RVB & NIEUWJAARSETEN Om 10u30 start de RVB. Vanaf 12u zijn ook de partners welkom voor een glas op het nieuwe jaar en een conviviale maaltijd ter plaatse. INFO: Schrijf je online in Organisator: Raad van Bestuur

VRIJDAG 27 JANUARI 2017 OM 19.30U NIEUWJAARSRECEPTIE Locatie: Lokaal Noorderlicht, Marktstraat 2, 9060 Zelzate gratis toegang INFO: www.avf-zelzate.be of 477 93 56 13 Organisator: Vermeylenfonds Zelzate

ZATERDAG 4 FEBRUARI 2017 VANAF 14U HET GOED LEVEN Wat is het goede leven? Over deze vraag buigen filosofen zich sinds mensenheugenis. Ze is ook in 2017 nog brandend actueel, want nog nooit hadden we het zo goed en voelden we ons zo slecht. We leven langer, hebben meer vrije tijd, wetenschap en technologie bieden soms onvoorstelbare mogelijkheden. Maar er waren ook nooit zo veel burn-outs en depressies. Wat maakt mensen gelukkig? Hoe kan de maatschappij bijdragen tot een goed leven? Of hoe werkt ze dat net tegen? Hoe zin geven aan ons leven? En kan een leven ‘voltooid’ zijn? Deze vragen komen aan bod tijdens de studienamiddag met gerenommeerde sprekers over het goede leven. Johan Braeckman leidt in. INFO: Locatie: Het Liberaal Archief, Kramersplein 23, 9000 Gent Info: fabjen@vermeylenfonds.be of 09/223 02 88 Inkom: 5 euro leden 7 euro niet-leden (o.v.) Organisator: Vermeylenfonds@UGent, De Maakbare Mens, Masereelfonds, Willemsfonds, HVV en HVVGent

VRIJDAG 10 FEBRUARI 2017 OM 20.00U LEZING ‘OVER GOD’ DOOR PROF. DR. ETIENNE VERMEERSCH Locatie: BOC Klein Rusland, Schoolstraat 18, 9060 Zelzate Toegang: euro 3,00 leden - euro 7,00 nietleden INFO: www.avf-zelzate.be of 477 93 56 13 Organisator: Vermeylenfonds Zelzate

ZATERDAG 11 FEBRUARI 2017 OM 20U SPAANS KRIJT 2.0 Daan Hugaert en Stijn Tuypens schreven samen een stuk over oorlog, vluchteling zijn, soldiariteit en menselijke warmte. Daan Hugaert speelt Angel, in 1937 naar Gent gekomen, op de vlucht voor de Spaanse Burgeroorlog, en nooit meer weggegaan. Locatie: Zaal De Kring, Patronagiestraat 5, 9950 Waarschoot INFO: fabjen@vermeylenfonds.be of 09/223 02 88 Kostprijs: euro 10 vvk en leden add, euro 12 niet-leden add Organisator: Vermeylenfonds Evergem, Waarschoot en De Brug. Curieus Evergem, Waarschoot en Zomergem met de steun van de Instelling Morele Dienstverlening OostVlaanderen

1 9 AGENDA

dng4_v1.indd 19

6/12/16 10:21


DINSDAG 21 FEBRUARI 2017 OM 20.00U TRANSITIE. ONZE WELVAART VAN MORGEN

DONDERDAG 16 MAART 2017 OM 14.30U LEZING DIRK HOLEMANS

Voordracht door Dirk Barrez Locatie: VOC Vilvoorde, Frans Geldersstraat 21, Vilvoorde INFO: daniela.martin@skynet.be Organisatie: Vermeylenfonds Vilvoorde i.s.m. het Masereelfonds

Coördinator van Oikos (Denktank sociaalecologische verandering) en publicist (recent werk “Vrijheid en zekerheid”) over “De stad en de mens” Locatie: Vrijzinnig Huis Koksijde - Galloperstraat 48 – Koksijde Kostprijs: 5 euro, leden 3 euro. INFO : Marc Mortier : 0475/97 21 98 – marcmortier@telenet.be Organisatie: Vermeylenfonds Koksijde in samenwerking met UPV

DONDERDAG 23 FEBRUARI 2017 19U00 – 00U00 PIETER BRUEGHEL DE OUDE & BUFFET Kleurrijke PowerPoint door Armand Sermon Gargantuesk buffet, een Horrifiek apero, Suite van Grandgousier, Plats van Gargamelle, Dessert Rabelais Inkom: Voordracht + buffect = euro20 (niet-leden euro25), enkel voordracht = euro5 (niet-leden euro10) op bankrekeningnr. BE02 0351 7431 8640 (voor vrijdag 17 februari) INFO: Schrijf online in. Voor bijkomende info en vragen: mjkerckhove@telenet.be, Tel: +3256495768

ZATERDAG 4 MAART 2017 VANAF 9.50U DAGUITSTAP NAAR BRUGGE lunch, bezoek aan de tentoonstelling “A caring eye” (portretten door Daniëlle van Zadelhoff ) in het St.-Janshospitaal en stadsbezoek “Brugge alternatief ” met gids Rik Broucke. Afspraak voor vertrek 9.50u aan station Koksijde Prijs: 8 euro voor de tentoonstelling. Andere prijzen nog niet bekend. INFO: Mia Reynaert : 0471/24 75 00 – mia. reynaert11@skynet.be Organisator: Vermeylenfonds Koksijde

VRIJDAG 10 MAART 2017 OM 20.00U LEZING DOOR AUTEUR GEERTRUI DAEM Bibliotheek Waarschoot, Nieuwstraat 6, 9950 Waarschoot. Toegangsprijs 5,00 euro drankje inbegrepen INFO: kristineheyde@gmail.com Organisator: Vermeylenfonds Waarschoot

ZONDAG 12 MAART 2017 VAN 14.00U TOT 17.00U REPAIR CAFÉ Een team van vrijwilligers staat klaar om samen kapotte huishoudtoestellen, pc’s en fietsen te herstellen. Locatie: VC Poincaré, Stormestraat 131 bus 8, 8790 Waregem INFO: 0486/12 28 63 of info@vcpoincare.be Organisator: Vermeylenfonds Waregem i.s.m. Curieus

DONDERDAG 16 MAART 2017 OM 19.30U HET BELANG VAN DE OPENBARE DIENSTEN IN ONS LAND Debat met John Crombez (voorzitter sp.a) en Peter Mertens (voorzitter PVDA) Locatie: VOC Vilvoorde, Frans Geldersstraat 21 Vilvoorde INFO: daniela.martin@skynet.be Organisatie: Vermeylenfonds Vilvoorde i.s.m. het Masereelfonds

NIEUWE LEDEN

Welkomstgeschenk voor nieuwe leden!

ZATERDAG 18 MAART 2017 RONDVAART KANAAL GENT-TERNEUZEN MET ETENTJE 09:30 uur: vertrek aan lokaal Noorderlicht 13:00 uur: terug aan lokaal Noorderlicht 13:15 uur: middagmaal (optioneel) keuze uit frieten met vol-au-vent of frieten met stoverij Enkel rondvaart (incl. drank en tapas): euro 22,00 (leden) - euro 25,00 niet-leden Rondvaart + middagmaal: euro 35,00 (leden) - euro 40,00 niet-leden busvervoer van/naar haven Gent inbegrepen INFO: www.avf-zelzate.be of 477 93 56 13 Organisator: Vermeylenfonds Zelzate

ZONDAG 19 MAART 2017 CREA MET CORRY Werken met klei of vrije crea Locatie: VC Poincaré, Stormestraat 131, 8790 Waregem Inschrijven: vc.poincare@telenet.be INFO: 056/44 74 97 Inschrijving is 5 euro, drankje inbegrepen Organisator: Vermeylenfonds Waregem

Beste lid, Vanaf 2017 krijgen nieuwe leden een welkomstgeschenkje dat aansluit bij ons jaarthema. In het boek Climate Express. Sporen van verandering vertelt spoedarts, moraalfilosofe en klimaatactiviste Natalie Eggermont waarom de sociale en ecologische crisis hand in hand gaan, waarom we het systeem en niet het klimaat moeten veranderen, wat het belang van massamobilisatie en de opbouw van een sterke burgerbeweging is , en welke sporen van verandering de klimaatbeweging kan bewandelen om ons uit het slop te halen. Hèt handboek voor elke klimaatactivist! Ken je iemand die graag lid wil worden? Wil je iemand lid maken?** Wijs hem/ haar door naar onze website www.vermeylenfonds.be of naar ons algemeen nummer (09/223.02.88) en e-mailadres (info@vermeylenfonds.be)

20 INFO

dng4_v1.indd 20

6/12/16 10:21


VERSLAGEN

© Marc De Coninck

ontaard in een dystopische realiteit. De nefaste effecten van het wereldwijd dominante neoliberalisme - de huidige utopische blauwdruk - op mens, maatschappij en milieu worden steeds nadrukkelijker zichtbaar. In deze tentoonstelling plaatsen de fotografen van de Roode Oogjes beelden van een ideale samenleving in contrast met die van de rauwe werkelijkheid. De fototentoonstelling Utopia/Dystopia is een samenwerking van onze Fotografie-kern 'Roode Oogjes' met AVF Vilvoorde, AVF Mechelen en AVF Hasselt.

NIEUWE AFDELING SOLIDARITEIT - POEZIE VERBINDT

Jacques Ducazu © Marc De Coninck

19 SEPTEMBER VOC HASSELT Socialisme vandaag: droom of werkelijkheid? Debat, gemodereerd door Viona Westra met John Crombez (voorzitter sp.a), Chris Reniers (voorzitster ACOD) en Paul Callewaert (algemeen secretaris Socialistische Mutualiteiten). Aansluitend op het debat vond de vernissage van de tentoonstelling ‘Utopia Dystopia’ plaats. De grote utopieën van de 20ste eeuw zijn

Johan Braeckman © Marc De Coninck

VIERING 40 JAAR VERMEYLENFONDS BRUGGE.

© Robert Huygens

Sinds augustus 2016 heeft Vermeylenfonds er een nieuwe afdeling bij in Gent, genaamd “Solidariteit”. Ali Capa geeft elke woensdagnamiddag huiswerkklassen in Sint-Amandsberg. Van 1 oktober 2016 t.e.m. 8 april 2017 engageert hij zich in een poëzietraject. Deze foto’s van Marc De Coninck zijn gemaakt tijdens de tweede workshop in het Miat op zaterdag 5 november 2016. Voor het toonmoment van zaterdag 8 april 2017 vinden er nog 3 workshops plaats in MSK, Huis van Alijn en Sint-Pietersabdij. De workshops worden georganiseerd voor getalenteerde jongeren tussen 18 en 30 jaar met passie voor poëzie. Zij worden hierin gecoacht door drie Master dichters: Nerkiz Sahin, Johan De Vos en de Gentse stadsdichter David Troch. Terwijl de cursisten werken aan de gedichten zullen fotograaf Eduardo Tardaguila & Abdul Vahit

Duman en plastische kunstenaar Lioubov Melantchouk & [Roman Klotchkov (onder voorbehoud)] aan de slag gaan (dus fotograferen en kunstwerken vervaardigen op basis van de woorden waar de cursisten mee aan de gang zijn). Het toonmoment in het Poëziecentrum op 8 april wordt gepresenteerd door David Troch die voor de gelegenheid gecreëerd werk breng.

Reeds 40 jaar is AVF Brugge promotor van een meer rechtvaardige samenleving. In hun engagement voor een betere wereld confronteert AVF Brugge haar leden met zowel al het mooie en lekkere, als met het lelijke, bedreigende en bedreigde van deze wereld. Dit jaar is het Vermeylenfonds Brugge 40 jaar. En dat werd gevierd. Verwelkoming door voorzitter Jacques Ducazu Inleiding door Prof. Dr. Koen Goethals (UGent), nationaal voorzitter Vermeylenfonds Lezing door Prof. Dr. Johan Braeckman (UGent): ‘‘Kritisch denken: valkuilen en mogelijkheden’ Optreden door Marnix Vernieuwe en Chris De Braekeleer.

21 INFO

dng4_v1.indd 21

6/12/16 10:21


Het raadsel van Jean Paul Beste lezers, Filosoof, wiskundig brein, logicus en vrolijke atheïst Jean Paul Van Bendegem brengt ons enigma’s, logische doordenkertjes en wiskundige hoofdbrekers om onze hersentjes dagenlang te martelen. Kwestie van onze tijd nuttig te gebruiken. Elk raadsel heeft een antwoord. Hebt u het gevonden, dan mag u dat doorsturen naar caroline@vermeylenfonds.be. In het volgende nummer verschijnt het juiste antwoord en de naam van de winnaar. Doe mee en verwerf eeuwige roem in de annalen van het AVF, alsook een geschenkje (gratis ticket, boek, …). Doe mee en verwerf eeuwige roem in de annalen van het AVF, alsook een geschenkje (gratis ticket, boek, …).

DAT KAN TOCH GEEN TOEVAL ZIJN! Een van de wonderbaarlijkste domeinen in de wiskunde is zonder enige twijfel de kansof waarschijnlijkheidsrekening, zonder daarbij haar zustergebied te vergeten, namelijk de statistiek. Waarom is het zo’n wonder? Omdat aan de ene kant de wiskundige basis vrij eenvoudig kan uitgelegd worden – zo meteen volgt een moedige poging – maar aan de andere kant weten de meeste mensen moeilijk met kansen om te gaan. We maken continu inschattingsfouten en trekken daardoor verkeerde conclusies. Zal ik maar meteen een grote klassieker meegeven? A zegt dat roken ongezond is en B antwoordt meteen dat zijn bompa 90 geworden is en twee pakskes per dag rookte. Wat moet je daarop antwoorden? De beste repliek is deze: “En kent ge veel van dat soort bompa’s?”. Want we praten over statistiek dus over kansen. Zie je die typische curve voor ogen, die klokvorm? De grootste hoop zit in het midden, dat zijn al de sukkelaars met harten longproblemen, maar de curve loopt

weg naar links en naar rechts. Dat zijn de zogenaamde “outliers” (“buitenliggers”), die zeldzame gevallen die niet onder het gemiddelde vallen. De kwestie is dus niet dat er zo’n bompa bestaat, maar wel dat ze zeldzaam zijn, vandaar de repliek die daarop wijst. Maar goed, nu eerst de kansrekening zelf. Voor het gemak (en voor niets anders!) zal ik een paar afkortingen gebruiken. Met X, Y, Z, … bedoel ik uitspraken over gebeurtenissen dus X kan staan voor “De uitkomst van een worp met een dobbelsteen is 4” of “Voor jouw 60 krijg je een hartaanval”. Met P(X) bedoel ik de kans of waarschijnlijkheid dat X zich voordoet. Dus P(“De uitkomst van een worp met een dobbelsteen is 4”) = 1/6 als het een ‘eerlijke’ dobbelsteen is (wat wil zeggen dat geen kant van de dobbelsteen bevoordeligd is). Met dit materiaal is het eenvoudig om al enkele basisprincipes neer te schrijven: (1) De waarde van P(X) ligt tussen 0 en 1. Hierbij staat 0 voor onmogelijk en 1 voor absoluut zeker. (Er is geen specifieke reden om 0 en 1 te kiezen als onder- en bovengrens maar het is simpelweg het meest gebruikte systeem.) De twee principes die volgen hebben als enig doel om complexe uitspraken terug te brengen tot simpele uitspraken. In (2) gaat het om uitspraken van de vorm “X of Y” en in (3) om uitspraken van de vorm “X en Y”. (2) P(“X of Y”) = P(X) + P(Y) op voorwaarde dat X en Y elkaar uitsluiten, wat betekent dat beide niet samen kunnen voorkomen. In woorden zegt het principe dat als gebeurtenissen elkaar uitsluiten de kans van meerdere alternatieven simpelweg de som is van de kansen van de alternatieven. Het mag geen verbazing wekken dat tegen dit principe vaak wordt gezondigd, omdat men gebeurtenissen veronderstelt als elkaar uitsluitend terwijl ze dat niet zijn.

(3) P(“X en Y”) = P(X) . P(Y) op voorwaarde dat X en Y van elkaar onafhankelijk zijn. Ze sluiten elkaar dus niet uit, ze kunnen wel degelijk samen voorkomen, maar ze hebben geen impact op elkaar. Dus het zich voordoen van X is onafhankelijk van het zich voordoen van Y. Vertaald in woorden betekent dit dat in zo’n geval de kans dat gezamenlijke gebeurtenissen zich voordoen niets anders is dan het product van de kansen van de afzonderlijke gebeurtenissen. Ook hier mag het geen verbazing wekken dat er veel verwarring bestaat,want het vaststellen van onafhankelijkheid is absoluut geen eenvoudige zaak. Ik zal hier niet ingaan op wat je moet doen als de gebeurtenissen elkaar niet uitsluiten of als ze van elkaar niet onafhankelijk zijn. Het is perfect mogelijk om de principes (2) en (3) uit te breiden maar het is verrassend wat je allemaal al kan doen met wat hierboven staat. Met dit beperkte materiaal kan je bijvoorbeeld al zonder probleem de kans berekenen op zes goede getallen in de Lotto of Euromillions. Voor wie het mocht interesseren: voor de Lotto is de kans op de hoofdprijs afgerond 1 op 8,2 miljoen en voor Euromillions 1 op 140 miljoen! Ter vergelijking: Vlaanderen telt 6 miljoen inwoners. Dus, als ik jou een briefje geef met een naam erop en de mededeling dat deze persoon in Vlaanderen woont, dan heb je meer kans dat je bij toeval die persoon ontmoet. Ik geef hier een meer bescheiden voorbeeld. Je hebt drie eerlijke muntstukken. Je gooit ze gelijktijdig op. Wat is de kans om drie keer munt te hebben? Dit betekent dat elk muntstuk munt moet opleveren. Dus hebben we in totaal drie gebeurtenissen: M1: “Het eerste muntstuk geeft munt”, M2: “Het tweede muntstuk geeft munt”, M3: “Het derde muntstuk geeft munt”. De vraag wordt dan: wat is P(“M1 en M2 en M3”)? Nu komt de cruciale stap: de gebeurtenissen M1, M2 en M3 zijn van elkaar onafhankelijk, omdat het ene muntstuk niet een ander muntstuk kan beïnvloeden. Dus is P(“M1 en M2 en M3”) = P(M1) . P(M2) . P(M3)

2 2 HET RAADSEL

dng4_v1.indd 22

6/12/16 10:21


(Mocht een slimme lezer opmerken dat principe (3) maar twee gebeurtenissen vermeldt en niet drie dan pas je de volgende denkwijze toe: P(“M1 en M2 en M3”) = P(“(“M1 en M2”) en M3”) = P(“M1 en M2”) . P(M3) = P(M1) . P(M2) . P(M3), met andere woorden drie is twee en één en twee is één en één dus drie is één en één en één. Mooi toch?) Maar we weten dat P(M1) = P(M2) = P(M3) = 1/2 dus is P(M1) . P(M2) . P(M3) = 1/2 . 1/2 . 1/2 = 1/8.

vermeylenfonds_nov16.pdf

1

10/11/16

UITDAGING: Is het niet vreemd dat er geen principe is dat bepaalt wat de kans is dat X zich niet voordoet? Anders gezegd: wat is P(“Het is niet zo dat X”)? Het mooie is dat de hierboven opgelijste drie principes volstaan om te bepalen wat die kans moet zijn. De vraag is dus: hoe bepaal je P(“Het is niet zo dat X”) op basis van de gegeven principes? Hint: X en “Het is niet zo dat X” sluiten elkaar uit.

OPLOSSING: Noël Tourlouse uit Mechelen gaf het juiste antwoord en wint het voortreffelijke boek The Climate Express van Natalie Eggermont. Dit was zijn oplossing:

We nemen aan dat n minstens twee is. Aangezien niemand zichzelf als vriend beschouwt kan elke persoon hoogstens n-1 vrienden hebben. We construeren postvakjes met als adres: het mogelijk aantal vrienden van iemand. Zo ontstaan de n-1 postvakjes met als adres: 1, …, n-1. (Adres 0 is niet mogelijk omdat er minstens twee personen zijn) Elke persoon (brief ) wordt gedeponeerd in het postvakje met als adres zijn aantal vrienden. Er zijn n personen voor n-1 postvakjes: minstens twee personen (brieven) komen terecht in eenzelfde postvakje. Deze personen hebben eenzelfde aantal vrienden (het adres van dat postvakje).

11:19

KLASSIEK HEDENDAAGS JAZZ M

15 DEC 16

Y

CM

WO 11 JAN 17

MY

CY

DO 19 JAN 17

CMY

K

ZA 18 FEB 17 DO 23 FEB 17

Le Concert Spirituel Striggio’s polyfonie voor 60 stemmen Anima Eterna Jos van Immerseel met Saint-Saëns Tom Harrell ‘Trip’ The adventures of a quixotic character Symfonieorkest Vlaanderen Bolero Amir ElSaffar & Two Rivers jazz op de grens tussen 2 werelden

volledig programma: debijloke.be

Volg ons op

foto: Andrei Churakov | Symfonieorkest Vlaanderen

C

2 3 HET RAADSEL

dng4_v1.indd 23

6/12/16 10:21


THOMAS STEARNS ELIOT

Mr. Apollinax Ω της καινοτητος 'Ηρακλεις, της παραδοξολογιας ευμηχανος ανθρωπος.* – Lucian When Mr. Apollinax visited the United States His laughter tinkled among the teacups. I thought of Fragilion, that shy figure among the birch-trees, And of Priapus in the shrubbery Gaping at the lady in the swing. In the palace of Mrs. Phlaccus, at Professor Channing-Cheetah's He laughed like an irresponsible foetus. His laughter was submarine and profound Like the old man of the sea's Hidden under coral islands Where worried bodies of drowned men drift down in the green silence, Dropping from fingers of surf. I looked for the head of Mr. Apollinax rolling under a chair Or grinning over a screen With seaweed in its hair. I heard the beat of centaur's hoofs over the hard turf As his dry and passionate talk devoured the afternoon. "He is a charming man"– "But after all what did he mean?"– "His pointed ears ... He must be unbalanced,"– "There was something he said that I might have challenged." Of dowager Mrs. Phlaccus, and Professor and Mrs. Cheetah I remember a slice of lemon and a bitten macaroon. T.S. ELIOT

Thomas Stearns Eliot (1888-1965) is voor de vernieuwing van de poëzie van de 20ste eeuw van even grote betekenis geweest als bv. Apollinaire, Rilke of Majakovski. Onlangs verscheen zijn debuut Prufrock and Other Observations uit 1917 als tweetalige uitgave in een uitstekende vertaling en van een nawoord voorzien door Paul Claes (Uitgeverij Koppernik, 2016, 64 p.); overigens de eerste integrale vertaling van deze bundel in het Nederlands. Eén gedicht dat in Eliots oorspronkelijke manuscript stond, Prufrock's Pervigilium werd weggelaten uit de opeenvolgende edities; het verscheen pas in 1996 in Inventions of the March Hare. Wellicht heeft Claes hier de keuze van Eliot, waarop hij tijdens zijn leven nooit is teruggekomen, willen respecteren. Dat doet hij overigens ook in het vormelijke aspect van de uitgave; op de cover van de oorspronkelijke editie stond alleen Prufrock en onderaan 'T.S.Eliot'. De volledige titel stond op het titelblad. T.S.Eliot werd geboren in St.-Louis (Missouri) in een middenklassegezin als jongste van zeven kinderen. Hij behaalde aan de universiteit van Harvard een 'Bachelor of Arts', studeerde nadien filosofie aan de Sorbonne en later, terug in Harvard, Sanskriet en Indische filosofie. In 1914 ontmoette hij in Londen de dichter Ezra Pound, die in dichterskringen al een zekere naam had, o.m. omdat hij het imaginisme in het leven had geroepen (The image is itself the speech). Beide Amerikanen ontdekten verwantschappen in mekaars werk en werden vrienden. Door tussenkomst van Pound werd in 1914 het lange, indrukwekkende gedicht The Love Song of J. Alfred Prufrock gepubliceerd in het Amerikaanse tijdschrift 'Poetry'; Pound was de eerste die het belang van dit gedicht aanvoelde nadat het eerder door Britse tijdschriften werd geweigerd. Deze Love Song zal bij de de uitgave van 'Prufrock' in 1917 het inleidend gedicht worden. Het modernisme van Eliot breekt met de conventies van de gangbare romantische en idealistische tendenzen in de Engelstalige poëzie. De ik-figuur in het gedicht is een wat ontgoochelde oudere man die zich verstopt achter zijn doordeweeks maatpak. Net zoals

dng4_v1.indd 24

6/12/16 10:21


Apollinaire, Verhaeren en Marinetti brengt Eliot het moderne stadsleven in beeld: 'Of restless nights in one-night cheap hotels/ and sawdust restaurants with oyster-shells:/ Streets that follow like a tedious argument/ Of insidious intent/ To lead you to an overwhelming question...'. Ook het onbehagen ervan: 'The eyes that fix you in a formulated phrase,/ And when I am formulated, sprawling on a pin,/ When I am pinned and wriggling on the wall,/ Then how should I begin/ To spit out all the butt-ends of my days and ways?' In 1915 huwde hij met Vivian Haigh-Wood, maar al in de eerste huwelijksweken had ze een affaire met de gekende filosoof, libertijn en pacifist Bertrand Russell. In het gekozen gedicht schrijft hij zijn frustratie hierover met spitsvondige ironie weg,want met de 'priapus' Mr. Apollinax voert hij niemand anders dan Russell ten tonele. Paul Claes: 'Eliot pleitte voor onpersoonlijkheid in de poëzie: een gedicht was geen direct uitvloeisel van gevoelens, maar een poging om daarvan los te komen. Zijn ideeën hadden veel invloed op het New Criticism, dat een strikte scheidslijn trok tussen leven en werk.' Dat neemt niet weg dat hij soms, zoals in Mr.Apollinax, zondigt tegen zijn eigen principes. Gelukkig maar. De dichter Eliot zal later vooral bekend worden met The Waste Land (1922) en Four Quartets (1944), met toneel als Murder in the Cathedral (1935) en met een omvangrijk literair-kritisch oeuvre. In 1948 wordt hem de Nobelprijs voor literatuur toegekend.

Mr. Apollinax O hoe modern! Bij Hercules, wat een paradoxen! Wat een geraffineerde man! – Lucianus, Zeuxis of Antiochus, I

Toen Mr. Apollinax de Verenigde Staten bezocht Tinkelde zijn lach tussen de theekopjes. Ik dacht aan Fragilion, die schuwe gestalte tussen de berken, En aan Priapus die in het struikgewas Staarde naar de dame op de schommel. In het paleis van Mrs. Phlaccus en professor Channing-Cheetah Lachte hij als een ontoerekeningsvatbare foetus. Zijn lach klonk oceanisch diep Als die van de oude man van de zee Verscholen onder koraaleilanden Waar in de groene stilte bezorgde drenkelingen neerzinken Die ontglippen aan de vingers van de branding. Ik zag het hoofd van Mr. Apollinax al onder een stoel rollen Of boven een kamerscherm grijnzen Met zeewier in zijn haar. Ik hoorde de hoefslag van centauren op de harde renbaan Toen zijn droge, geestdriftige gepraat de middag verslond. ‘Het is een charmante man’ – ‘Maar wat bedoelde hij in feite?’ – ‘Die spitse oren… Hij is vast gestoord.’ – ‘Er was iets wat hij zei wat ik had moeten betwisten.’

Keuze gedicht en tekst: Peter Benoy

Van de douairière Mrs. Phlaccus en van professor en Mrs. Cheetah Herinner ik me een schijfje citroen en een bitterkoekje. vertaling Paul Claes

dng4_v1.indd 25

6/12/16 10:21


© Kathleen Van Brempt

DIRK

VAN DE POEL ¬ VOORZITTER VAN HET TRANSITIENETWERK MIDDENVELD

Op het ogenblik van dit interview was het Transitiefestival 2016 volop aan de gang. Op diverse locaties in Vlaanderen werden activiteiten georganiseerd. Het was dus een drukke periode voor de voorzitter van het Transitienetwerk Middenveld, Dirk Van de Poel. Voor de modale burger – en dus ook voor mij – klinkt de naam van de organisatie wat vreemd in de oren. Maar de ondertitel ‘Onze circulaire economie’ verraadt evenwel dat de organisatie op zoek is naar alternatieven voor het huidige functioneren van de wereldeconomie. Mijn – en hopelijk ook jouw – nieuwsgierigheid is gewekt. Ik ontmoet Dirk in café Zurenborger in de gelijknamige Antwerpse wijk, waar hij vele jaren van zijn jeugd heeft doorgebracht. Zijn vader was in Antwerpen als architect vooral actief op het vlak van stadsontwikkeling. Hiermee kreeg Dirk ook te maken toen hij in 2010 kabinetschef werd van de toenmalige burgemeester van Antwerpen, Patrick Janssens.

Dirk Van de Poel: “Patrick Janssens is gestart met een langetermijnvisie op de ontwikkeling van een stad. Veel projecten die nu heel zichtbaar worden zoals op het Eilandje maar ook in de verschillende districten, zijn eigenlijk al jaren geleden door het vorige bestuur met Patrick Janssens in gang gezet. We hebben dus een mooie erfenis nagelaten aan het nieuwe bestuur. Als men investeert in een stad dan investeert men ook in mensen. Een stad is een smeltkroes van een groot aantal mensen uit veel verschillende culturen. Daardoor zijn de samenlevingsproblemen in de stad meer zichtbaar en moet men er gerichter zoeken naar adequate oplossingen. Die hoge bevolkingsdichtheid brengt dan weer als voordeel met zich mee dat verplaatsingen in de stad veel duurzamer en ecologischer zijn. Je kan er immers collectieve vervoersmiddelen inzetten, die uiteraard minder vervuilend zijn dan individuele vervoersmiddelen zoals de auto. Dus ik geloof nogal in de stad als gangmaker om de uitdagingen waar we voor staan aan te pakken.”

bv

Na de bestuurswissel in Antwerpen waardoor je opdracht als kabinetschef eindigde, ben je terecht gekomen in het Vlaamse ABVV. Dirk Van de Poel: “Ik moest inderdaad mijn loopbaan heroriënteren. Ik werd directeur van de interprofessionele werkingen bij het Vlaamse ABVV. Mijn opdracht bestaat erin dat ik de verschillende werkingen zoals cultuur, jongeren, senioren maar ook werklozen coördineer. Ook sociale actie valt daaronder. Zo is het Vlaams ABVV actief binnen het Transitienetwerk Middenveld. Ondertussen ben ik voorzitter geworden van dat netwerk. Het is een brede coalitie van middenveldorganisaties: Bond Beter Leefmilieu, 11.11.11., Triodos Bank, het

2 6 BV

dng4_v1.indd 26

6/12/16 10:21


ACV en ABVV, Vredeseilanden, Beweging.net en nog een aantal organisaties, zijn daarin vertegenwoordigd. Het netwerk omvat dus organisaties met heel wat maatschappelijke expertise die willen wegen op het debat rond de economische transitie, die er hoe dan ook komt. We zitten momenteel op de limieten van wat onze aarde aankan. De grondstoffen raken uitgeput, er wordt te veel afval geproduceerd, de aarde warmt op, wat op termijn desastreuze gevolgen zal hebben. Er is dus zowel een economische als een ecologische omslag nodig maar die moet wel sociaal en rechtvaardig zijn.” Hoe moet het economisch model dan evolueren? Dirk Van de Poel: “Ik zal dat illustreren aan de hand van een voorbeeld. Als we een zachte winter hebben dan gebruiken we met zijn allen minder energie. We stellen echter vast dat daardoor onze huidige economie in een crisis geraakt omdat er dan een terugval van de groei is. Dat is de wereld op zijn kop want voor elk van ons en voor het milieu is minder energiegebruik gewoon goed. Eigenlijk zou het economisch systeem moeten belonen voor het feit dat we spaarzaam omgaan met energie. Maar het huidige economisch model functioneert niet op die manier omdat het een lineair groeimodel is: met grondstoffen worden producten gemaakt die na consumptie worden weggegooid. De groei is de norm. Er moeten dus steeds meer goederen geproduceerd worden die alsmaar minder lang meegaan zodat de grondstoffen nog meer uitgeput raken en de afvalberg steeds groter wordt. Dit model is niet houdbaar. We moeten overgaan naar een circulair systeem, waarbij we de grondstoffen hergebruiken, recycleren of delen met elkaar. Dat noemen we de circulaire economie of de kringloopeconomie. Nu reeds worden van onderuit op kleine schaal tal van initiatieven genomen zoals de stadslandbouw, de pluktuinen en de herstelateliers. Er is natuurlijk meer nodig op grotere schaal om die zo noodzakelijke omslag waar te maken. We zullen dus moeten groeien naar andere winstmodellen, nieuwe producten moeten ontwikkelen met een langere levensduur. We zullen ook opnieuw korte ketens moeten installeren en dus opnieuw nabij produceren in de maakindustrie, de landbouw, enz.. Om dat te bereiken hebben we uiteraard brede coalities nodig tussen overheden, burgers, bedrijven en middenveldorganisaties.” Vijfenveertig jaar geleden, in 1972 wees het rapport van de club van Rome er al op dat de economische groei toen al niet meer houdbaar was. De titel van die publicatie was trouwens ‘Grenzen aan de Groei’. Behalve het ontstaan van enkele groene politieke partijen is er niet veel veranderd. De aarde is er sindsdien zeker niet op vooruitgegaan. Blijkbaar klonk de noodkreet van de Club van Rome niet luid genoeg. Heb je aanwijzingen dat de wereldleiders zich er nu van bewust zijn dat het echt menens is met de leefbaarheid van onze aarde? Dirk Van de Poel: “Eind 2015 had in Parijs de jaarlijkse klimaatconferentie van de Verenigde Naties plaats die uitmondde in een nieuw internationaal klimaatverdrag. De bijna 200 deelnemers gingen akkoord om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen en zodoende de opwarming van de aarde te beperken. Het klimaatverdrag werd door bijna alle landen waaronder ook de grootste vervuilers – China en de Verenigde Staten – geratificeerd. Er is dus wel een wereldwijde bewustwording. Paradoxaal is wel dat uitgerekend dat jaar nog nooit zoveel CO2 uitgestoten werd en dat de aarde er nog nooit zo slecht voorgestaan heeft. Men moet dus wel beseffen dat het zo niet verder kan.

Denk je dat de overheden over voldoende middelen beschikken om de toch machtige multinationals te dwingen op een milieuvriendelijker wijze te produceren? Dirk Van de Poel: “Er zijn toch een aantal interessante voorstellen die stilaan vorm krijgen, zoals dat van Benjamin Barber. Hij pleit voor de oprichting van een Global Parliament of Mayors, een internationaal platform voor de burgemeesters van grote steden om onderling ervaringen en inzichten uit te wisselen met betrekking tot hun specifieke problemen. Ik had het daarnet al over de belangrijkheid van steden om mogelijk oplossingen te bieden. Straks woont 75% van de wereldbevolking in steden. Stel nu dat die burgemeesters gezamenlijk zouden beslissen om vanaf 2025 geen auto’s met fossiele brandstof meer toe te laten op hun grondgebied, hoe denk je dat de auto-industrie daar op zal reageren? Ze zullen massaal investeren in de ontwikkeling van elektrische auto’s in plaats van – zoals recent is gebleken – in sjoemelsoftware. Waarom vanuit de overheid geen activeringsbeleid naar de werkgevers en ondernemingen opstarten? Men heeft het wel gedaan om werklozen te activeren. Zo zou men subsidies, lastenverlagingen of premies kunnen geven aan die ondernemingen die inzetten op die noodzakelijk omslag van een lineaire naar een circulaire productie. Volgens de vicevoorzitter van de Europese commissie, Frans Timmermans, kan de omslag van een lineaire naar een circulaire economie gebeuren in één generatie tijd. We hebben de technologie, de expertise, de middelen en het kapitaal. Wat houdt ons eigenlijk tegen?” In het kader van je functie bij de Vlaamse ABVV ben je voorzitter van transitienetwerk Middenveld. Is het niet moeilijk om het thema van de economische transitie aan bod te laten komen? Vreest men niet dat een economische transitie kan leiden tot verlies van jobs? Dirk Van de Poel: “De vakbond moet zowel bekommerd zijn om jobs, - ook in de toekomst – als om de zorg voor de planeet. De slogan ‘There are no jobs on a dead planet’ van het internationaal vakverbond maakt dat duidelijk. Zoals ik al eerder zei: de transitie is noodzakelijk maar die moet dan wel sociaal en rechtvaardig zijn. Daar prominent over waken is ook een taak voor de vakbond." Het interview had plaats op woensdag 26 oktober. Op dinsdag 8 november werd Donald Trump verkozen tot president van de Verenigde Staten. Trump is een absolute tegenstander van de klimaatakkoorden. Hoewel hij de ratificatie van het klimaatverdrag niet kan terugschroeven – toch niet op korte termijn – kan hij de noodzakelijke acties wel negeren. Lichtpunt is wel dat Daniël Termont, burgemeester van Gent, onlangs voorzitter geworden is van Eurocities, een netwerk van 139 grote Europese steden. Dit netwerk kan een grote invloed hebben op het Europese beleid. Van Daniël Termont is geweten dat hij een langetermijnvisie heeft op de ontwikkeling van een leefbare stad…. Wie weet, weegt de stem van een Gentse burgemeester voor één keer wat zwaarder dan die van een Amerikaanse president. Johan Notte

2 7 BV

dng4_v1.indd 27

6/12/16 10:21


Jackie McLean in The Connection

DE GOEDGELOVIGHEID VAN SISTER SALVATION OVER AL JONES, 'THE CONNECTION' EN EEN VROEGRIJPE NIETSNUT DE ONVOLTOOID VERLEDEN TIJD – EEN COLUMN VAN PETER BENOY In de vliegtuigenhal van het Brusselse Jubelpark vindt elke eerste zaterdag van de maand een antiquarenbeurs plaats. Tussen en onder de vliegtuigen, van tweedekker tot starfighter, staan dan enkele tientallen stands met oude boeken. Er rommelend tussen oude aankondigingen van de 'Hot Club de Belgique' vind ik één die mijn aandacht trekt: een optreden van Dizzy Gillespie 'le roi du be-bop' in het 'Théâtre Royal des Galeries' op 1 maart 1953. De drummer van de begeleidende formatie is de op dat ogenblik 23-jarige Al Jones. Vooral die laatste naam trekt een te lang gesloten gebleven poortje van mijn geheugen weer open. Nu moeten we een kleine omweg maken, andere poortjes openend tot we belanden op een kruispunt van theater en jazz.

Ik was zeventien en mijn karig zakgeld verdeelde ik tussen bezoek aan de Antwerpse kroegen waar live-jazz werd gespeeld, zoals 'Gard Sivik', 'Blue-Note' en 'De Mok' en de aankoop van gedichten en romans van de tenoren van de Beat Generation en van hun voorgangers, de 'poètes maudits'. Eén van de boekhandels waar je die literatuur kon vinden werd voor rekening van Uitgeverij Ontwikkeling uitgebaat door de dichter Hugues C. Pernath. Op een dag kocht ik er een nummer van het spraakmakende 'Evergreen Review' met teksten van Burroughs, Ginsberg en Kerouac. Er stond ook een essay in van Nat Hentoff over 'The Connection', een toneelstuk van de toen 27-jarige Jack Gelber. Volgens Hentoff, een naam die ik kende van citaten op jazz-platenhoezen, een

stuk over drugs met een bijzondere onconventionele structuur, waarin een jazz-kwartet deel uitmaakt van de cast. 'The Connection' werd gecreëerd in NewYork op 15 juli 1959 door 'The Living Theatre' in een regie van Judith Malina, die samen met Julian Beck het spraakmakende gezelschap leidde. Een Europese tournee van die productie eindigde op 21 en 22 mei 1962 in de KVO in het kader van het 4de theaterfestival te Antwerpen. Ik overhaalde enkele vrienden om me te vergezellen. De samenwerking met een jazz-kwartet was het doorslaggevend argument. We lazen wel toneel, maar we vonden voorstellingen over het algemeen 'boring'. Een armoedige kamer met zelfgemaakte of gevonden spullen. Solly kijkt uit het raam

2 8 COLUMN

dng4_v1.indd 28

6/12/16 10:21


Voor mij en mijn companen was het zien van de voorstelling een adembenemende ervaring. Velen waren er in die tijd van overtuigd

column

met een verrekijker, Sam ligt op een bed, Ernie en Leach zitten op stoelen, enkele musici slapen bij hun instrumenten. De zaallichten doven wanneer twee mannen uit de zaal komen en op de scène springen. De ene, Jim, stelt zichzelf voor als de regisseur en de andere, Jaybird, als de schrijver. Hij richt zich tot het publiek en zegt dat de personages en musici, in feite heroïneverslaafden, bereid gevonden zijn om vanavond op vastgelegde thema's te improviseren voor een documentaire, die nu zal worden opgenomen, in ruil voor een dosis heroïne. Cowboy, 'the connection', zal die straks brengen. De musici zullen een paar nummers spelen om de tijd te doden in afwachting van het verlossend moment. Dat is wat in grote lijnen gebeurt voor de pauze. Er zijn drie stoorzenders aan het werk. Het zaallicht gaat een paar keren aan en uit (zijn de technici al high?); Jaybird intervenieert meermaals omdat hij vindt dat de afspraken niet worden gerespecteerd ('jullie vermoorden het stuk') en dan zijn er nog wat vragen en opmerkingen van de cameraploeg. Net voor de pauze waarschuwt Jim het publiek: 'Laat u tijdens de pauze niet door één van de jongens intimideren. Wat ze ook zeggen, in het volgende bedrijf krijgen ze een wetenschappelijk afgepaste hoeveelheid heroine toegediend; dat is hun honorarium voor de uitvoering.' Na de pauze is Cowboy aangekomen in het gezelschap van een zuster van het Leger des Heils, die hij heeft uitgenodigd om de politie te misleiden. Discreet geeft hij ieder zijn portie. Sister Salvation blijft overtuigd dat de charmante jongens bij wie ze op bezoek is alleen maar wat te veel gedronken hebben, tot blijkt dat Leach door een overdosis in coma is geraakt... Een stuk dat geen boodschap verkondigt, geen oplossing aanreikt. De smalle verhaallijn komt vooral tot leven in de tijddodende gesprekken tussen de verslaafden onderling en een authenticiteitsgehalte.dat in het Nederlandstalig theaterleven nog ongekend was. Er worden geen oplossingen en geen boodschap aangereikt. Het jazz-kwartet was geenszins ondermaats, met enkele vandaag nog ronkende namen als alt-sax Jackie Mc Lean, bassist Michael Mattas, pianist Duke Jordan en aan de drums de in mijn intro reeds vernoemde Al Jones. Een integraal zwarte formatie.

dat film en TV theater overbodig hadden gemaakt en nu bleek dat onjuist te zijn; dit was springlevend theater. De Vlaamse kranten reageerden vrij positief. De Nieuwe Gazet had het over 'blanke en zwarte toneelspelers met talent, met uitbeeldingskracht, met huiveringwekkende suggestiekracht'. 'Men krijgt de indruk met ware gedrogeerden te doen te hebben. Zelfs tijdens de pauze loopt een neger-acteur te bedelen om geld om een spuitje te kunnen bekostigen', schreef De Standaard. De verwarring die dit Pirandelliaanse spel met realiteit en illusie teweeg bracht, ging bij sommige toeschouwers zo ver dat ze toch stiekem geld gaven aan de bedelaar. Enkele dagen later belde een vriend mij en vertelde dat hij de avond ervoor in De Mok de drummer van 'The Connection', Al Jones, had gezien, hoewel de anderen naar de VS waren teruggekeerd. Al had besloten om hier te blijven. Nog vele nachten kon ik mij daarvan vergewissen wanneer ik zijn rijzige en elegante gestalte in de jazzkroegen zag staan, aanspreekbaar en trakteerbaar. Een geuzedrinker. Wat had een muzikant van zijn klasse ertoe bewogen hier te blijven? Iemand vroeg het hem. Ik herinner me niet precies zijn woorden, maar het klonk zoals Charlie Mingus het ooit scherper had geformuleerd: 'Om minder te betekenen dan een hond moet je zwart en jazz-muzikant zijn in een blank Amerika'. Antwerpen was toevallig de laatste etappe van de Europese tournee en hier verbleven een aantal goede jazzmusici die bereid waren hem te helpen. Voor ons was hij de incarnatie van de mythische wereld van de bebop, de Beat Generation en 'The Living Theatre', een ander soort contact dan het gedrukte of het vinyl, een aanspreekbare man, vriendelijk en wat introvert. We zagen hem urenlang drummen met diverse muzikanten tot hij niemand meer vond die fris genoeg was om door te gaan. We zagen hem urenlang drinken en stilaan wegdrijven in een andere wereld die we nooit zouden bevatten.

vermoeibaar en hij kon aan jongere collega's heel wat inzicht meegeven en hen leren waar het allemaal om ging. Hij speelde hier met een eigen trio en in uiteenlopende gelegenheidsformaties, o.m. met Jack Sels, Mike Zinzen, Cel Overberghe, Fred Van Hove, Roger Vanhaverbeke en Sadi. De toevallige aanwezigheid in de club gaf dikwijls vorm aan de formatie. De vernieuwing in de jazz rond Coltrane, Dolphy, e.a., die hier spoedig ingang vond, trok hem aan, maar hij slaagde er niet in zich los te maken van de sterke beboptraditie die hem had gevormd. Later ging hij met organist Lou Bennett werken in een club in het Spaanse Cambrils. Op een dag in 1976 vond Bennett het reeds in staat van ontbinding verkerende lichaam van Al Jones in zijn appartement. Hij was 46. Als hommage aan Jones nam pianist Fred Van Hove op de LP 'Verloren Maandag' (1977) de solo 'Over here, Albert!' op. Ooit had hij aan Fred verteld dat hij s'nachts stomdronken door de stad dolend, de stem van zijn moeder hoorde die hem toeriep: 'Over here, Albert!' Dan ging hij naar haar op zoek achter de verduisterde etalages…

Al had in de VS gewerkt met groten als Milt Jackson, Dizzy Gillespie, Lionel Hampton, Billie Holiday, Dinah Washington en Sarah Vaughan. Zijn nieuwe vrienden hielpen hem zijn weg te vinden in de toen rijke Belgische jazzwereld en zijn leven terug op het spoor te krijgen , maar hij had een levensgroot drankprobleem en pogingen om dat te verhelpen haalden niet veel uit. Achter zijn eenvoudig drumstel bleef hij desondanks groot en on2 9 COLUMN

dng4_v1.indd 29

6/12/16 10:21


ECONOMIE - GELOVEN EN VERTROUWEN De Amerikaanse verkiezingen deden me denken aan dat liedje van ‘Het zesde metaal’: “’t Is nog al niet naar de wuppe, d’er wordt nog altijd meer gelogen dan geloofd, ’t is nog al nie naar de wuppe, doe maar voort …Het schip maakt water maar de kapitein gift show…” Hoe pijnlijk toepasselijk kan een liedjestekst zijn. De verkiezing van Trump kan niet te wijten zijn aan goedgelovigheid alleen. De hele campagne getuigde van een lelijkheid die ons misselijk maakte. Maar, na de hamerslag komt het ontwaken en de hoop… “We leven in boeiende tijden” zeggen we dan, gevaarlijk dicht bij het cynisme. Trump wil grote uitgaven doen en tegelijkertijd de belastingen verlagen. We willen het nog zien te gebeuren. Hij is een zakenman. Als geen ander zou hij moeten weten hoe de economie functioneert.

brengen begrotingen. Allemaal in naam van de ‘economie’. Men slaat er ons mee om de oren. Alles wordt economie, ook de Kunst, afgaande op de exuberante prijzen van sommige werken.. Het komt ons de oren uit. Economie lijkt wel een versterkt kasteel. Een burcht die hoog en dreigend boven ons uit torent met dezelfde nefaste impact als de Kerk vroeger: we zijn er bang voor. Het kasteel telt vele kamers waarvan sommige deuren geheimzinnig gesloten blijven. Nooit begrijpen we het helemaal. We willen er wel in geloven, maar vertrouwen het niet. Er moet daar een koningin wonen, of meerdere. Het moet daar nogal een gaan en komen zijn van louche types want ze moet voortdurend gered worden! Men doet daar van bovenuit voortdurend een beroep op de onderdanen, terwijl de hofhouding gretig bonussen opstrijkt.

De letterlijke vertaling van ‘economie’ is huishoudkunde. Het is dus ‘koken kost geld’. In Europa is de regel zoals in de moderne kookboeken: afslanken. Mijn vader sprak graag over economie als “onze handel en wandel”. Daar hoort, bij een bepaalde reclamecampagne voor een bank, inderdaad het beeld bij van bejaarde heren, samen kuierend met de handen in de zakken…Ach kom, hoewel lach en plezier goed in de markt liggen, is economie geen plaisanterie. Men duwt ons nogal wat door de strot de laatste decennia. Na de globalisering en het verdwijnen van heel wat industrie en banen, kwam de bankencrisis. Gered met geld van de belastingbetaler liet het onze landen achter met besparingen en moeilijk in evenwicht te

De staat en haar begroting woont ook in die geheimzinnige kamers. Als een begrotingstekort van 4 miljard euro het ene jaar het land in rep en roer zet en een nog groter tekort het volgend jaar in een wip en een slag wordt weggewerkt, hebben we daar serieuze vragen bij. Niemand helpt ons dat te begrijpen, ook de media niet, want voor hen wordt het gauw “te technisch”; zo klinkt het alsof een inkijk in de geheime kamers ons, domkoppen, wordt bespaard.

maakt om haar economie al of niet ten dienste van welvaart of van welzijn voor haar bevolking te stellen. Of een combinatie van de twee. Amerika maakt met haar keuze voor zo weinig mogelijk beleidsregels en belastingen een keuze voor de welvaart van haar aandeelhouders. Europa maakt met de keuze voor strenge besparingen in overheidsuitgaven een keuze om in de gunst komen: van wie? Van ratingbureaus? In Vlaanderen zit de ‘kracht van verandering’ in bangmakerij voor het deficit. We gaan harder en langer werken en verliezen toch onze banen. Onze pensioenen worden in vraag gesteld. De vereisten naar prestaties van onze kinderen worden aangescherpt. Geen diploma, geen inkomen, geen toekomst, geen leven… Maar, het moet gezegd, in vergelijking met andere landen in Europa, behouden we in België, dankzij de loonindexering, enigszins onze koopkracht. Neem daar een voorbeeld aan, kompanen (?). Er zijn in de luwte, schoorvoetend, alternatieven: sociale economie moedigt inspraak en participatie aan en verdeelt winsten. Duurzame economie houdt rekening met het milieu en ons welzijn. Het loont de moeite ons daarin te verdiepen en ons ernstig af te vragen of we wel zo vrij zijn in onze keuzes. Zoals ze nu is lijkt economie niet zozeer een kasteel te zijn, maar eerder een bordeel. Anita

Wat is economie nu eigenlijk? Ik heb het even opgezocht, ik vind vele definities en verschillende soorten economie. Het is verwarrend. Maar wat me opvalt: het leidt tot keuzes! Het is o.a. de keuze die een beleid 3 0 COLUMN

dng4_v1.indd 30

6/12/16 10:21


De Grote Foulée vzw stelt voor:

spaans krijt 2.0 1

daan hugaert tekst: daan hugaert & dirk tuypens—regie: dirk tuypens scenografie: scherper vzw—soundscape: sakuran techniek: thomas david Foto © Koen Bauters

11 februari 2017 - CC De Kring, Waarschoot

dng4_v1.indd 31

6/12/16 10:21


AdhuisvandeMens_Opmaak 1 7/02/12 12:48 Pagina 1

Wij zijn er voor jou! Een huisvandeMens is er voor iedereen, dus ook voor jou. Verdraagzaamheid, vrijheid, gelijkwaardigheid, verbondenheid en verantwoordelijkheid zijn onze kernwaarden. Voor ons is elke mens uniek! We helpen je graag.

Je kan bij ons terecht voor: Informatie (over ethische en maatschappelijke thema’s) Vrijzinnig humanistische plechtigheden (geboorte, huwelijk, samenwonen, jubilea, afscheid…) Vrijzinnig humanistische begeleiding (een luisterend oor, een goed gesprek) Waardig levenseinde (wilsverklaring, patiëntenrechten, palliatieve zorg…) Vrijzinnige draaischijf (lokale vrijzinnig humanistische initiatieven en activiteiten) Vrijwilligerswerk

Praktisch

Unie Vrijzinnige Verenigingen vzw

Je kan gewoon binnenspringen in een huisvandeMens, maar je maakt het best even telefonisch een afspraak, dan ben je zeker dat één van onze medewerkers je onmiddellijk verder zal helpen.

deMens.nu Magazine Het deMens.nu Magazine is hét vrijzinnig humanistisch tijdschrift voor de maatschappelijk geëngageerde mens. Om de drie maanden werpt het Magazine een vrijzinnig humanistische blik op de samenleving. Het gaat hierbij over mensen. Over u, dus.

Onze dienstverlening is kosteloos.

Voor meer informatie:

U kan een gratis proefnummer aanvragen of u gratis abonneren.

www.deMens.nu

Hoe? Stuur een mailtje naar: info@deMens.nu OF schrijf naar: deMens.nu-UVV vzw Brand Whitlocklaan 87 – 1200 Sint-Lambrechts-Woluwe OF telefoneer naar: 02 735 81 92 Met vermelding van uw naam en adres.

De huizenvandeMens zijn een initiatief van deMens.nu

32

dng4_v1.indd 32

6/12/16 10:21


dng 4/2016 Vermeylenfonds