tilburgs hogeschoolblad - jaargang 8 - nr. 7 -17 november 1970
I
De juridische fakulteit speelt in op de nieuwe bestuursvorm
P
Op 8 oktober 1970 heeft de juridische fakulteit een kommissie ingesteld die tot opdracht had na te gaan op welke wijze, met behoud van de kompetentie van de fakulteit, het zwaartepunt van de besluitvorming zou kunnen verschuiven van de fakulteitsvergadering n a a r de studieraad. Dit is duidelijk iets anders dan wat tot nu toe bestaat: de huidige studieraad heeft momenteel slechts een adviserende stem en dan nog slechts over zaken, die verband houden met het onderwijs. In het voorstel dat nu ter tafel ligt is bepaald, dat de studieraad zich zal gaan bezighouden met „al hetgeen volgens wet of gewoonte tot de bevoegdheid van de fakulteit behoort" (artikel 4a). Hiermee gaat de studieraad nieuwe stijl lijken op de in de Wet universitaire bestuurshervorming 1970 voorziene fakulteitsraad.
k
De kommissie, bestaande uit de heren mr. F. H. van der Burg, hoogleraar, mr. A. K. Koekkoek, medewerker, en R. W. G. Lombarts, student, hebben over hun bevindingen gerapporteerd in de vorm van een ontwerp-besluit, dat aan de fakulteit zal worden voorgelegd. Ze heeft nagegaan welke werkwijze de fakulteit zou kunnen volgen om reeds vóór de volledige uitvoering van de wet-Veringa in de geest van de wet ,,stafleden en studenten de plaats te geven die hen toekomt". De kommissie stelt daarom voor, in afwijking van de tot nu toe gevoerde procedure, al het fakulteitsberaad en het proces van besluitvorming voortaan te doen plaatsvinden in de studieraad. Omdat evenwel de huidige fakulteit bevoegd blijft zolang als niet op grond van de wet-Veringa de nieuwe fakulteitsraad is ingesteld, heeft de kommissie een voorziening getroffen, zodanig dat de fakulteit kan ingrijpen. In het ontwerp-besluit waarover de fakulteit op 3 december a.s. zal beslissen heet het letterlijk: ,,de studieraad maakt ont-
werp-besluiten" (artikel 4e). Volgens artikel 4f dient de sekretaris van de studieraad de ontwerp-besluiten binnen drie werkdagen mee te delen aan de leden van de fakulteitsvergadering, waarna de meest in het oog springende bepaling in het ontwerp volgt- „een ontwerp-besluit geldt als besluit van de fakulteit indien niet binnen 8 dagen na mededeling (aan de fakulteitsvergadering) van het ontwerp-besluit tenminste 5 hoogleraren of lectoren aan de voorzitter van de fakulteit schriftelijk de wens te kennen hebben gegeven, dat het ontwerp-besluit aan het oordeel van de fakulteitsvergadering zal worden onderworpen" (artikel 4g). Dit houdt in dat een ontwerp-besluit van de studieraad een besluit wordt van de fakulteit, indien niet bewust door de fakulteit enige aktie wordt ondernomen. De kommissie heeft zich uiteraard de vraag gesteld of deze opzet niet strijdig is met de wet op het wetenschappelijk onderwijs, zoals die nu geldt, en ze meent deze vraag ontkennend te kunnen beantwoorden, omdat immers de
Achteraf zoeken n a a r goede grond voor samenwerking KH-THE . . .
huidige wet de bijzondere instellingen van wetenschappelijk onderwijs enige vrijheid laat in het kiezen van hun bestuursvorm. Ook achtte de kommissie het niet waarschijnlijk, dat kuratoren of de minister zelf bezwaar zullen maken tegen een bestuursvorm, die bij voorbaat al de grenzen van de nieuwe wet in acht neemt.
t h b 7 - 17 november 1970 verschijnt tweewekelijks
L^
Tengevolge van een „technische storing" is de verzending van de vorige aflevering van het THB niet geheel vlekkeloos verlopen. Wij bieden daarvoor de lezers onze excuses aan. Indien u geen exemplaar hebt ontvangen kunt u het alsnog verkrijgen bij de Databank. Redaktie
in dit nummer: Pa g m a 1 De juridische fakulteit speelt in op de nieuwe bestuursvorm G van den Heuvel 2 Inkomensnivellering n a V een tendens m de Wet Veringa M C Rijk 4 Maranatha vervreemd van de h o g e s c h o o l G van den Heuvel 8 ATG besluit geen vakbonden bij struktuuroverleg G van den Heuvel De toekomst van het Hogeschoolblad G van den Heuvel 10 W a t wil het ATSO T r e f c e n t r u m ' Student en universitaire organisatie C Brinkhuizen 12 Waardevrij held gewaardeerd 13 Algemene mededelingen 14 Theologische fakulteit 15 Juridische fakulteit 16 Sociale en ekonomische fakulteit 17 Bijdrage studentenparochie M a r a n a t h a Tentoonstelling Sabine Vess 19 Memo
tilburgs iiogeschoolblad OFFICIEEL ORGAAN VAN DE KATHOLIEKE HOGESCHOOL TILBURG
(verschijnt tweewekelijks) Redaktie Drs G A M van den Heuvel Redaktie sekretaris C F Brinkhuizen Adviseur Hoofd Bureau Public Relations Redaktie adres Hogeschoollaan 22S telefoon 70960 toestel 111 kamer N 71 Fotografie Persbureau Rien Siers Tilburg Druk Grafische Kunstinrichting J J A van der Wee n v Tilburg Advertenties Tarieven aan te vragen bij de redaktie Adreswijzigingen Gelieve alle adreswijzigingen onder ver melding van Hogeschoolblad uitslui tend op te geven aan de administratie van de Katholieke Hogeschool (Bureau S e n a a t ) , Hogeschoollaan 225 Tilburg Kopij De mzendtermqn van alle kopij voor THB n u m m e r 8 van 27 november a a n s t a a n d e sluit 20 november om 11 00 u u r Slechts getypte kopij wordt m behandeling ge
Aparte aandacht heeft de kommissie geschonken aan de kwestie van benoemingen van hoogleraren en lektoren Zij stelt voor, dat de studieraad terzake van de benoeming een kommissie van advies zal instellen, die bestaat uit drie hoogleraren of lektoren (artikel 5a) De raad kan andere deskundigen, bijvoorbeeld stafleden, m de kommissie benoemen (artikel 5b) Overigens kunnen stafleden en studenten m de studieraad nieuwe stijl volledig meespreken over benoemingen Ook hier is het overigens zo, dat de kommissie aansluiting heeft gezocht bij het ontwerp-Wet universitaire bestuurshervormmg 1970 (artikel 12) Samen met de sekundaire voorwaarden als bijvoorbeeld de openbaarheid van agenda en vergaderingen maakt dit ontwerp een positieve indruk Het kan verstrekkende gevolgen hebben voor het funktioneren van de fakulteit vanaf nu tot aan de invoering van de nieuwe struktuur Immers, het funktioneren van de studieraad (straks fakulteitsraad) betekent een vingeroefening voor
het werken met de nieuwe struktuur, waarbij bovendien de zittende fakulteit (de vergadering van hoogleraren en lektoren) nu bijzonder op zijn tellen zal moeten gaan passen, omdat immers in dat geval ontwerp-besluiten kracht van besluit krijgen wanneer niet een aantal hoogleraren of lektoren uitdrukkelijk aktie onderneemt Vanuit het oogpunt van de demokratie, zowel als vanuit het oogpunt van het inspelen op nieuwe verhoudingen en het leren funktioneren m grotere verbanden van belangheb benden, is dit ontwerp een bijzonder gelukkige zaak en het is dan ook te hopen dat de fakulteit met het voorstel akkoord zal gaan De tekst van het ontwerp besluit (rap port van de kommissie inzake de ver houding van fakulteit en studieraad) IS verkrijgbaar bij het bureau van de juridische fakulteit en de Databank Ieder lid van de fakulteitsgemeenschap die op dit ontwerp amendementen wil indienen kan dit doen tot en met don derdag 19 november aanstaande V. d
H
Inkomensnivellering n.a.v. een tendens in de „Wet-Veringa" door iVI. C. Rijk Men hoeft geen volbloed revolutionair te zijn om zich niet helemaal gelukkig te voelen met de feitelijke gang van zaken bij de verdeling van het inkomen in ons land. Men hoeft niet te pleiten voor een totale nivellering van alle inkomens om toch te vinden dat de verschillen tussen de inkomens nogal groot zijn. De salaris tabel van 1 januari 1970 laat ons met betrekking tot de hogeschool de volgende verschillen zien. Een typiste met acht dienstjaren, geteld vanaf de leeftijd van twintig jaar, verdient ƒ 779,— per maand; een wetenschappelijk medewerker met zeven dienstjaren ƒ 2023,— en een hoogleraar met acht dienstjaren ƒ 5051,—; bij de laatste spelen dienstjaren overigens geen rol, daar iemand in deze schaal meteen op het maximum wordt gesteld. Sommigen vinden deze absolute verschillen zeer onredelijk en onrechtvaardig Anderen vinden ze wel redelijk en rechtvaardig Zij wijzen er daarbij op dat een grotere geldelijke beloning heel terecht is als daar tegenover staat een moeizaame en dure voorbereiding op de te vervullen functie, meer en moeilijker werk verrichten, meer verantwoordelijkheid dragen, meer diensttijd, hogere leeftijd, meer capaciteiten e d m Een discussie over dit punt m de trant van moeten deze verschillen er wel of niet zijn, lijkt mij m de huidige situatie abstract en onrealistisch De traditie en de structuur, waarin de verschillen verankerd liggen, IS zo stevig, dat een op vattmg die de feitelijke situatie zou afwijzen toch geen enkele reële kans krijgt
Een discussie echter over de vraag moeten de verschillen toe- of afnemen,
2
en in welke versnelling, lijkt mij met in dezelfde mate abstract en onrealistisch In wezen gaat dit over hetzelfde pro bleem, m a a r men pakt het praktischer aan Ook hier ligt een bepaalde feitelijkheid
l-foe nemen salarissen toe? Wanneer iemand langer aan de hoge school werkzaam is, neemt zijn/haar salaris per jaar toe, op de eerste plaats op grond van anciënniteit Zo doorloopt men de verschillende dienstjaren van een bepaalde salarisschaal en als men op het eind van een schaal is, kan men overgaan n a a r een andere, hogere schaal In 1969 verdiende een wetenschappelijk medewerker met zes dienst jaren ƒ 1852,— per maand, een wetenschappelijk medewerker met zeven dienstjaren ƒ 1923,— Een lector met elf
ƒ 4100,—; over X aantal jaren ƒ 2000,— tot ƒ 7600,—. Over X aantal jaren is de verhouding 1 : 4,1 dus teruggelopen tot 1 : 3,8, m a a r het verschil in geld is opgelopen van ƒ 3100, tot ƒ 5600, . Velen zal deze nivellerende tendens, gezien deze cijfers, als zeer zwak voorkomen. Dit dus, omdat deze tendens, alhoewel ze op de lange duur de verhouding nivelleert, niet voorkomt dat bij een procentuele verhoging het beschikbaar inkomen van hoger gesalarieerden, zij het met minder procenten, dan toch m a a r met meer centen toeneemt. Bij een verhoging van 5 % op dit moment neemt het besteedbaar inkomen per maand immers ongeveer als volgt toe: hoogleraar ƒ 96,—, lector ƒ 87,—, hoofdmedewerker ƒ 79,—, medewerker-I ƒ 65,—, medewerker ƒ 60,— en typiste ƒ 30,—.
Impllkatle van demokratisering
M. C. Rijk dienstjaren ƒ4331,—; een lector met twaalf dienstjaren ƒ4449,—. Op déze grond, namelijk de anciënniteit, kon iemands salaris aan de hogeschool bij de ingang van 1970 volgens de tabel toenemen met ten hoogste ƒ 118,— per maand, namelijk in het geval van de lector. Voor de laagstbetaalde was deze anciënniteitsstijging minder, te weten ƒ 33,— per maand. Wanneer men eenmaal het feit heeft geaccepteerd dat er salarisverschillen zijn en/of moeten zijn, is dit alles niet onredelijk. Integendeel, de salaristabel waarin al deze cijfers te vinden zijn, is juist de concrete vormgeving van de verschillen. Een moeilijkheid zou men kunnen zien in het feit dat niet iedereen van de ene schaal in de andere, d.w.z. hogere, terecht komt. Maar naast deze anciënniteitsfactor speelt er een tweede factor mee waardoor de salarissen ook stijgen, namelijk de procentuele vacantie-uitkeringen en de procentuele verhogingen. Per 1 januari 1970 werden de hogeschoolsalarissen met 5 % verhoogd. Het is inmiddels voor iedereen in den lande wel duidelijk aan het worden dat 5 % (zoals in januari 1970) of 2,78 % (zoals de nacalculatie trend 1970 in augustus) of 6 % vacantietoeslag meer betekenen voor hogere dan voor lagere salarissen: 5 % van ƒ 5000,— is nu eenmaal meer dan 5 % van ƒ 1000,—!
zou willen concluderen dat de verschillen tussen de beschikbare inkomens toenemen. Men kan namelijk met evenveel recht het omgekeerde verdedigen. De moeilijkheid zit hierin dat de term ,,verschil" in een tweevoudige betekenis kan gehanteerd worden. Exacte berekening - ik verwijs hierbij en bij de verderop nog te vermelden getallen en percentages n a a r een niet uitgegeven nota van dr. N. Douben, die reeds meerdere studie deed verschijnen betreffende de inkomensverdeling - leert ons het volgende. Een hoogleraar en een typiste op het eind van de schaal, zien bij een salarisverhoging op dit moment van 5 % hun besteedbaar inkomen - dus na aftrek van inkomstenbelasting, premie ABP en ziektekosten - stijgen met respectievelijk ongeveer 3.2 % en 4.1 %. Voor een lector zou het een stijging zijn van 3.4 %; voor een hoofdmedewerker 3.5 %; voor een medewerker-I 3.6 % en voor een medewerker 3.8 %. Hieruit blijkt dus: hoe lager het inkomen, hoe meer het besteedbaar inkomen procentueel stijgt bij een procentuele verhoging. In de huidige loonpolitiek, met procentuele verhogingen en toenemende belastingdruk e.d. naarmate het bruto inkomen hoger wordt, zit dus een zekere nivellerende tendens. Deze tendens openbaart zich over een wat langere periode, bijvoorbeeld van tien jaar, als volgt.
Nemen de verschillen toe of af?
Op dit moment staat het beschikbaar inkomen van een typiste tot dat van een hoogleraar als 1 : 4,1; over tien jaar zal, bij jaarlijkse verhogingen van 5 %, de verhouding ongeveer zijn 1 : 3,8. In geld uitgedrukt: nü bijv. ƒ 1000,— tot
Men drukt zich ongenuanceerd ui* wanneer men vanuit het feitelijk bestaande procedee van procentuele verhogingen
In een tijdperk waarin men streeft naar eenwording van geledingen, n a a r overleg tussen geledingen, n a a r gezamenlijke verantwoordelijkheid en n a a r gelijkheid, kortom n a a r democratisering, kan men zich gelukkig prijzen met het bestaan van een zekere nivellerende tendens in de salariëring. Het is echter wel de vraag of deze tendens, die eerder een wiskundige dan een reëel te ervaren grootheid is, sterk genoeg is en gelijke tred houdt met het proces van democratisering waarin met name hogere onderwijsinstellingen via de ophanden zijnde wet-Veringa geraken. Bedoelde wet voert een democratischer structuur in vanaf 1971. Er is hier duidelijk sprake van een stroomversnelling. De huidige tendens in de salariëring nivelleert echter pas merkbaar na verloop van heel veel jaren, en dan nog alleen in de verhouding, zoals we zagen. Nu is het wel zo dat afstand tussen geledingen en personen, paternalisme enerzijds en onderdanigheid anderzijds, eventueel omgezet in agressie en wantrouwen, niet uitsluitend door salarisverschillen in stand worden gehouden. Maar vrijwel niemand is zo naïef deze factor te onderschatten. Hierbij komt nog dat niet ieder in gelijke mate bevoegd lijkt om over de invloed van deze factor te oordelen. Immers, hoe hoger men gesalarieerd wordt, des te slechter is men geplaatst om in deze te oordelen. Alhoewel het op dit moment, nu wij staan aan het begin van de invoering van de toekomstige wet-Veringa, niet ongepast lijkt de kwestie van de salariëring ter sprake te brengen, zou ik dit toch niet gedaan hebben als zich niet kort geleden een fenomeen had voorgedaan, dat - bij de overigens niet deskundige - het vermoeden doet rijzen dat die procentuele stijgingen niet onlosmakelijk verweven zijn met onze hui-
t h b 7 - 1 7 november 1970
Baat het niet, dan schaadt het wel. dige maatschppi) structuur Ik doel op de uitkering van ƒ 400,— Het ziet er n a a r uit dat deze ƒ 400,— een soort landehjke loonsverhoging aan het worden zi)n, over het hele land gezien neerkomend op een loonstijging van ongeveer 3 % Voor lagere inkomens is het meer dan 3 %, voor hogere minder Men kan zich afvragen of iemand die al behoorlijk wat meer verdient dan bijvoorbeeld havenarbeiders m Rotterdam, nu ook per se deze ƒ 400,— dient te ontvangen, voor de verkrijging waarvan hij mets gedaan heeft Het initiatief van Emdhovense professoren en medewerkers - inmiddels o a ook door enkele Tilburgse werknemers overgenomen - om hun, waarschijnlijk onder het landelijk gemiddelde blijvende, loonsverbetering met te accepteren, IS dan ook uit het oogpunt van liefdadigheid alleszins lofwaardig Maar toch spannen zij het paard achter de wagen waar het gaat om tot een meer gelijke verdeling van het inkomen te geraken Want wat hier geschiedt, nl een mkomensverhogmg middels een uitkering die voor iedereen gelijk is, moet toch wel precies datgene zijn wat zi] eigenlijk op het oog hebben Dit althans gezien tegen de achtergrond van wat feitelijk nog normaal is, te weten procentuele verhoging Men zou n a a r aanleiding van hun actie zelfs terug kunnen denken aan de negentiende eeuw, waar liefdadigheid vaak de w£g blokkeerde voor rechtvaardigheid (vgl de discussies tussen de scholen van Angers en Luik) In plaats van het nieuwe procedee - dus van verhoging van loon m centen m plaats van procenten - af te wijzen zou het mijns inziens meer in de lijn van het rechtvaardigheidsstreven moeten liggen om te trachten deze vorm te continueren Vandaar het volgende voorstel Per 1 januari 1971 zullen alle salarissen aan de hogeschool waarschijnlijk weer met een bepaald percentage verhoogd worden. Het totale bedrag dat met deze procentuele verhoging gemoeid is zou men gelijkelijk over alle werknemers kunnen verdelen, zodat iedere werknemer van de hogeschool op deze grond bruto evenveel meer gaat verdienen. Via de stijgende belastingdruk e.d. zouden de verschillen die nu bestaan sterk afnemen. Bij een verhoging van bijvoorbeeld bruto ƒ 125,— voor iedere werknemer aan de hogeschool zou het besteedbaar inkomen ongeveer als volgt stijgen: voor de hoogleraar 1,5 %; voor de lector 2 %; voor de hoofdmedewerker 2,4 %; voor de medewerker-I 3,6 %; voor de medewerker 4,5 % en voor de typiste 12,7 %. Wanneer men deze, hier voorgestelde stroomversnelling m de feitelijk wel reeds aanwezige, m a a r zeer zwakke nivelleringstendens te fors zou vinden, zou men misschien tot overeenstem-
ming kunnen komen betreffende een tussenvorm Men zou een afweging kunnen maken een bepaald bedrag voor ieder gelijk en een bepaald percentage
Een vraag aan deskundigen Deskundigen zijn mijns inziens m staat om m deze concreet uitgewerkte voorstellen te doen, verder ook om te laten zien hoe een en ander gerealiseerd zou kunnen worden en wat de eventuele repercussies ervan zouden kunnen zijn opdat daarna ook niet deskundigen mede zullen kunnen beslissen, met name over de vraag of deze repercussies meer of minder a a n v a a r d b a a r zijn dan die van het huidige uitsluitend procentuele procedee Het motief tot een dergelijk project zou m het algemeen kunnen worden omschreven als streven n a a r een grotere materiele, financiële gelijkheid tussen degenen die m een democratisch gestructureerde instelling werkzaam zijn en mede verantwoordelijkheid dragen
De stroomversnelling waarm de nivel leringstendens op deze wijze zou geraken, zou wellicht niet al te veel weer standen ondervinden Ieder blijft elk jaar immers meer verdienen, sommigen alleen minder meer. Men dient bij dit alles wel te bedenken dat een instelling, i c de hogeschool, dit moeilijk kan realiseren Maar een instelling, m dit geval een onderwijs instelling die leeft van sociale en maatschappelijke problemen, kan wel pro beren als een soort breekijzer te fun geren De stelling ,,het kan nergens omdat het niet overal gebeurt" is niet per se meer waar als de stelling „het kan niet overal omdat het nergens gebeurt" Tilburg was reeds eerder ,,Het Begin" Intussen ben ik mij er wel van bewust dat een mens vaak licht geraakt is wanneer men datgene wat hij ziet als zijn aards of hemels heil, ter discussie stelt Of, zoals Machiavelh reeds op merkt de mensen vergeten de dood van hun vader eerder dan het verlies van hun vermogen' M. C. Rijk
Maranatha vervreemd van de Hogeschool ? „Je verslijt aan dit werl(" De laatste twee jaren is er een ommekeer in de opstelling van de studenten parochie Maranatha kenbaar geworden. Twee momenten waaruit dit recentelijk is gebleken zijn wellicht 1) het feit dat op maandag 7 september de eucharistie viering n a a r aanleiding van de opening van het academisch jaar plaats vond niet in Maranatha, maar in een nabij gelegen parochiekerk (en waarachtig niet vanwege plaatsgebrek!); 2) de enquête die Maranatha heeft gehouden onder de bezoekers van de diensten „in het kader van de opbouw van een kritische gemeente" (zie THB 8, n u m m e r 5, pagina 13). Deze twee feiten waren voor het Tilburgs Hogeschoolblad reden om eens te gaan doorpraten met de studentenpastores Driessen, Ey en Kok. Op donderdag 15 oktober had dit gesprek plaats. Pater Jan Driessen kon daarbij niet aanwezig zijn, omdat hij tengevolge van overwerktheid op dat ogenblik met zieketeverlof was. Twee en een half uur lang reageerden de beide goed formulerende heren Ey en Kok (Kapucijnen) op de vragen. Tijdens het gesprek deed het er blijkbaar niet toe wie welk antwoord gaf. Het gebeurde inderdaad, dat een en dezelfde zin gelijktijdig door beide studentenpastores in dezelfde formulering werd uitgesproken, alhoewel het niet klonk als een van buiten geleerd lesje. In de loop van dit interview zullen wij daarom achterwege laten met name aan te duiden wie van de beide studentenpastores wat gezegd heeft, terwijl we voorts een keuze moeten maken uit de besproken punten. THB: De indruk bestaat dat u nogal afwijkt van uw oorspronkelijke taak. „De opdracht die wij officieel hebben gekregen is kategoriale zielzorg uitoefenen voor hogeschoolstudenten en mensen die daar zeer intens mee te maken hebben Maar het operationeel maken schept nogal wat problemen Wij beschouwen ons op het ogenblik als mensen die voor een hogeschool met
4
menswetenschappen een zekere kriti sche instantie zouden moeten zijn Deze zou zich uitdrukkelijk vanuit het evangelie met de fundamentele vragen van deze menswetenschappen bezig moeten houden Dat houdt evenwel niet m, dat we de facto kunnen of moeten funktioneren voor al diegenen, die met die menswetenschappen bezig zijn Wij zijn er echt niet van bezeten om een ziel
I
zorg uit te oefenen voor al de mensen die hier aan de zogenaamde Katholieke Hogeschool studeren. We zijn er wel voor beschikbaar. We voelen dan ook duidelijk het gemis aan kontakt met de stafleden en de top van de hogeschool, omdat we daardoor juist de kansen missen over de uitgangspunten voor het bezig zijn met deze wetenschappen en de konsekwenties daarvan voor het dagelijks leven te spreken. Wij zijn - dat mogen we zo geloof ik wel stellen kiener geworden op waar we eigenlijk voor staan. Als pastores vinden wij dat we vooral staan voor het laten duidelijk worden bij de studenten van hun religieuze identiteit. Maar in concreto zien wij ons dikwijls geplaatst voor integrale problemen, die we zowel met individuen als in groepen kunnen of moeten oplossen. Een van de gebieden waarop het individueel pastoraat bijzonder goed funktioneert is de voorbereiding van een kerkelijke beveiliging van het studentenhuwelijk. Wij doen dat individueel, omdat hier individuele vraagstellingen liggen, die zich niet of nauwelijks lenen tot behandeling in groepsverband. Dat we anderzijds erg veel met groepen werken, komt niet omdat we nu uitdrukkelijk er een filosofie op na houden van: het individu bestaat bij de gratie van de groep of iets dergelijks. Maar we zien wel duidelijker dat elk individu funktioneert tegen een achtergrond of in een struktuur en dat daarom dus ook het inspelen op groepen en strukturen een belangrijke benadering is, ook voor de individuen. Bovendien is het voor ons juist een mogelijkheid om met die individuen in kontakt te komen, want de drempel n a a r een pastorie is toch altijd nog hoog. In dit verband mogen we misschien zeggen dat we van plan zijn een soort signaalgroep in het leven te roepen, die voor ons individuele of groepsproblemen signaleert. We zijn eigenlijk van plan daar een soort trainingsgroep van te maken, een counceling-group, die vergelijkbaar is met wat vroeger wel katechisten werden genoemd. Maar ook deze groep benaderen we zeker niet direktief."
Scherpe opstelling THB: Dat zijn dan toch wel andere personen en groepen dan vroeger?
4
I
„Het publiek van onze weekenddiensten is het laatste jaar geweldig verjongd. We hebben het idee dat er ook weer meer studenten aan onze diensten deelnemen. Het wekelijks kerkbezoek is natuurlijk helemaal niet meer zo'n vast gegeven. Men kan het heel best plaatsen om maar één keer in de drie vier weken te komen. We hebben overigens aan de mensen die uit andere parochies kwamen duidelijk altijd de vraag voorgelegd; ,,Zijn we er eigenlijk wel voor jullie?" Anderzijds hebben we de reak-
KRUIS EN KLUIS, met op de voorgrond: Wilfried Kok (links) en Erwln Ey tie gezien van: „Jullie kiezen op dit ogenblik toch wel voor een heel erg scherpe opstelling". Het wordt duidelijk dat je hier in de parochie iets moet doen. Je kunt hier niet zomaar even gaan zitten op zondag en dan weer weggaan. Als je hier komt dan wordt je telkens weer met jezelf gekonfronteerd. Dit heeft n a a r ons gevoel ook wel inderdaad een aantal mensen van onze parochie vervreemd. Bijvoorbeeld uit de groep professoren, die hier vroeger regelmatig kwam, zijn meerderen duidelijk vervreemd van Maranatha. Dat vinden wij jammer, maar we begrijpen het wel. We zien het als een konsekwentie van onze opstelling. Voor ons is het overigens de vraag, in hoeverre óók bij professoren de betrokkenheid bij het kerkgebeuren niet duidelijker meer in vrijheid beleefd kan worden dan vroeger. Dat het dus niet alleen een stuk vervreemding is van Maranatha als Maranatha, maar een stuk afstand nemen van die uitdrukkelijke kerkparticipatie die men tot voor twee jaar heeft beleefd. Bovendien is het voor ons de vraag (nota bene: geen oordeel!), waarom men juist in die kring en in die funkties niet méér nadenkt over de fundamentele levensproblemen. Evenzeer ben ik er echter van overtuigd dat veel mensen, die vier of vijf jaar geleden hier hun geestelijk thuis konden zien, dat nu elders vinden. Je zou inderdaad kunnen spreken van een vervreemding van Maranatha als bedrijfsapostolaat voor de hogeschool in zijn geheel. We zijn voor het gevoel van de top van de Katholieke Hoge-
school geen verlengstuk meer van di-e hogeschool. Er is een zekere spanningsverhouding tussen Maranatha en wat er in bepaalde kringen van de hogeschool wordt gedaan en gedacht. Dat zijn beslist niet alleen de professoren. Er zijn ook nogal wat studenten die bezwaren hebben. Bij Olof bijvoorbeeld krijgen we ook nogal eens wat kritiek, juist ten aanzien van de wezenlijke opstelling van Maranatha. Ook zijn er bij die zeggen: ja, kijk eens, wat jullie d o e n . . . , wij gaan elke zondag met een taxi n a a r de Benediktijnen in Oosterhout."
Moraliserend geweld THB: Waarop berust dit volgens u? „Mogelijk op een aantal ideeën die gekoppeld kunnen worden aan een aantal aktieplannen en ook aan wat er op het gebied van de liturgie gebeurt: de vrijheid in ons liturgisch samenkomen is voor een aantal mensen irriterend. Maar de evangelieverkondiging die wij zelf in de diensten inbrengen, is duidelijk veel ruimer dan men denkt dat Maranatha doet. Trouwens, wij zijn daar zelf ook een klein beetje ingegroeid. Het vorig jaar zijn we ons wel bewust geworden dat „moraliserend geweld" in de liturgie vanuit de aktiegroepen en uit zeer geëngageerde mensen inderdaad een overbelasting kan zijn van de liturgie ten opzichte van de funktie die ze moet hebben. Ze moet een bevrijdende funktie hebben en zo gauw ze die niet meer heeft, schieter
t h b 7 - 17 november 1970
wij in onze taak tekort. Zelf zijn wij dus ook door allerlei kritiek, die wij gekregen hebben en door reflektie op ontwikkelingen, die zich onder onze ogen afspeelden en waar we zelf middenin zaten, tot een andere opstelling gekomen. Nu loopt er bijvoorbeeld een hele serie liturgische vieringen rond fantasie en feestelijkheden om dié dimensie van het leven ook eens uitdrukkelijk in het licht te zetten. Het is dus niet meer zo ,,jongens er mot iets gebeuren". Het komt er op neer dat we duidelijk een aantal geëngageerde thematieken aan de orde hebben gesteld, maar dat we daarnaast toch ook aandacht geven aan typische geloofszaken. We mogen de liturgie niet gaan identificeren met maatschappelijke aktie en zeker niet met de maatschappelijke aktie volgens een konkreet programma of in een konkrete vorm. Liturgie moet, wil ze christelijk zijn, een spel zijn rond het evangelie, als bevrijdende boodschap, rond de droom van Jesus Christus, om het zo maar eens te zeggen. W a n t daar vindt je een mogelijkheid om met de frustraties die je in het dagelijks leven opdoet, zinnig om te gaan. Men moet kunnen genezen van de frustraties, die men oploopt in zijn geëngageerd zijn aan de wereld. Je zou het ook anders kunnen zeggen- je wordt telkens weer opnieuw gekonfronteerd met het heil dat aangezegd is en zo kun je dus opnieuw je eigen handelen toetsen aan de droom van menselijkheid en God-alles-m-alles-zijn, die wij christenen
als een authentieke uitdrukking van menselijk leven beschouwen, om zo eindelijk eens iets anders te vinden dan het met minder authentieke aktiviteiten gevulde leven. Liturgie heeft dus een bevrijdende, zowel als een omkerende, een bekerende funktie Vroeger kon je, als je naar de kerk ging, het spanningsveld waarin je door de week leefde, verlaten en dat werkte ook zeker wel bevrijdend. Maar nu is het eerder zo, dat we dat spanningsveld proberen te relativeren doordat we het mee de kerk binnenhalen en zodanig in een kontekst plaatsen, dat het gerelativeerd wordt aan het evangelie en onder de kritiek van het evangelie wordt gesteld." THB; Kan men er wel tegen op deze manier met zichzelf gekonfronteerd te worden? Er zit natuurlijk een groot gevaar in het bewust maken van spanningen. Liturgie (en dat is de beperkheid van liturgie) heeft iets te maken met de mogelijkheden en onmogelijkheden van massakommunikatie. Wat een psychiater in eigen geweten moet beslissen ten aanzien van een patient, psychosen toedekken en zijn patiënt helpen aanpassen, óf integendeel zijn patiënt van de bodem af zijn leven laten blootleggen om het opnieuw te struktureren, zo'n vraag moet je je ook stellen ten aanzien van de „massa", wanneer je met liturgie bezig bent. Die vraag is natuurlijk
6
heel moeilijk te beantwoorden, maar je moet je wel bewust zijn, dat je eraan bezig bent. Nou denk ik dat wij ons in Maranatha niet al te gauw aan de sussende, de toedekkende, de aanpassende techniek moeten gaan wijden, omdat wij gesteld zijn voor een kategorie jonge mensen, intellektuele mensen, die in feite een groot stuk van de maatschappij zullen moeten dragen. Deze mensen moeten in staat geacht worden om zichzelf vrij degelijk te ondervragen omtrent de grondslag van hun eigen leven " THB: Heeft dat nog iets met geloof te maken? ,,Ja natuurlijk! Geloven is enerzijds een zaak van gezag, waarbij ik de vormgeving van gezag onmiddellijk onder kritiek wil stellen, want gezagsuitoefening inzake geloven is natuurlijk kuituur- en tijdgebonden geweest Daarom stel ik nu. geloven is een kwestie van gezag, maar van een gezag dat het aan kan om op demokratische wijze juist ook het geloof op te roepen. Geloven is op de allereerste plaats een kwestie van mensen, zoals ze nu konkreet leven Dat betekent dat de mensen vanuit een eigen instelling de vraag n a a r het geloof en de inhoud van het geloof mogen stellen. Maar ik geef toe, dat dan ook de band met de traditie vorm moet knjgen en levend moet worden. Het is daarom nodig, uitspraken die gedaan worden vanuit het heden te relativeren n a a r het verleden. Maar laat de mensen de kans om op de eerste plaats hun
Je hebt konstant een stuk of zeven, acht mensen om je heen, waar je eten en drinken voor moet zijn. Doodzonde is een woord dat vrijwel onbruikbaar geworden is door woordinflatie WIJ zijn voor het gevoel van de top van de Katholieke Hogeschool geen ver.engstuk meer van de hogeschool Bevrijding
mag
met
door
dwang
worden
opgelegd. Geloven is een zaak van gezag, maar dan van een gezag dat in staat is op demokratische wijze geloof op te roepen. God IS voor mij reeier en konkreter dan die tafel. Juist de kerk moet begrijpen dat konflikt = dialoog, anders begrijp ik van kerk n.ets meer.
door hun eigen tijd gevoede en beperkte vraagstelling uit te spreken Ik erger mij, en blijf mij er konstant aan ergeren, dat mensen met een akademische opleiding, denkend op een akademisch niveau, vaak in religiosis, wat betreft hun informatie en hun doordenken van deze zaken, zijn blijven staan op een kleuterschoolniveau. Ik vind het daarom belangrijker, dat wij de mensen de gelegenheid geven het geloof met hun eigen termen te verwoorden, dan dat WIJ van bovenaf informeren en indoktrmeren om de mensen toch vooral op de veilige banen te houden " THB: Is de „gehuwde priester" een der gelijk eigentijds probleem? , WIJ zien beiden m zeer grote mate zm m een met-gehuwd priesterleven, maar dan wel m een of andere vorm van menselijk samenleven Zoals u weet zijn wi) Kapucijnen en leven wij m kommu niteitsverband Wij hebben ook, althans ik (Ey), duidelijk gesteld, toen ik hier werd aangesteld, dat ik dit werk op zijn hoogst vijf jaar zou doen, misschien maar vier en dat ik het voor mijn eigen psychische hygiene nodig heb om m een kommuniteit te wonen Je verslijt gewoon aan dit werk Ik zou er niet tegen kunnen, dat ik datgene wat ik zelf erg belangrijk vind m het leven, steeds bedreigd voel op een aanvallerige manier Die aanvallen mogen wel, maar niet de hele dag Als ik 's avonds thuis kom, dan moeten er mensen zijn die met me mee kunnen denken Maar WIJ vinden voor ons zelf nog steeds dat het gehuwd zijn zich met verdraagt met ons beroepsleven, zoals wij dat zien Hoe anderen daarover denken m verband met hun psychische hygiene, dat
IS ter beantwoording van hen Als dus een priester wil huwen en hij meent, en de gemeente meent met hem, dat dit op geen enkele manier verandering brengt in zijn kunnen voorgaan in die konkrete gemeente waar hij zit, dan heb ik daar geen enkel bezwaar tegen
Niet relevant Dat betekent dat wij zelf ook de mogelijkheid zien voor Maranatha, dat een aanvulling van het team zou kunnen bestaan m het aantrekken van een gehuwd priester Niet omdat hij gehuwd IS, maar omdat het geen relevant verschijnsel IS of hij gehuwd is of niet Er komen hier priesters voor een kerkelijke bevestiging van hun huwelijk en we hebben er zelfs een die uitdrukkelijk meewerkt in de liturgische werkgroep Het kan voor ons een reële vraag worden kan zo'n man nou met uitgenodigd worden om bij ons een pastorele of een liturgische functie uit te oefenen"? De vraag is nog niet konkreet gesteld en we hebben er ook geen behoefte aan om hem te pousseren Maar we kunnen ons voorstellen dat hij ooit gesteld gaat worden Daarom wilden wij bij voorbaat het algemeen gevoelen van onze gemeente kennen In de enquête die WIJ omtrent dit punt hebben gehouden, hebben we daarom met opzet de woorden gebruikt „eventueel" en „indien nodig" We gaan er dus echt geen halszaak van maken om nou eens iets door te drukken en daarmee publiciteit op te roepen, maar we willen wel rekening houden met de mogelijkheid Als het ooit zover komt dan zullen we de gemeente weer opnieuw inlichten "
wordt Het is pijnlijk te moeten konstateren, dat een heleboel jeugdigen zich met herkennen m wat de plaatselijke parochies bieden " Veel uit het oude kerkelijk systeem is overleefd: inhoudelijke dingen die in het systeem waren ingebouwd zijn zelf tot systeem geworden. Een kritische en alternatieve aanpak is nodig en heeft de facto plaats in Maranatha. De ge meente wekt door hun pastores niet de indruk al „aan het eind van zijn latijn te zijn". Binnenkort zal een plan worden gelanceerd om de parochiële struktuur te veranderen. Het kerkbestuur zal waarschijnlijk verdwijnen. Een kerkeraad zal worden geïnstalleerd. Geloven is immers een kwestie van op demokratische wijze opgeroepen gezag. v. d. H.
Het zou misschien aardig zijn als de redakties van THB en TAS-blad voor één aflevering van stoel zouden verwisselen. De gewone lezer van het THB zou eens iets anders lezen dan eeuwig en altijd m a a r die hogeschoolkwesties, terwijl de trouwe lezers van het TASblad weer zouden ervaren wat de T van TAS betekent.
THB- Vindt de bisschop dat nou allemaal maar goed? „Onze verhouding met onze eigen bisschop IS erg goed We gaan hem met m moeilijke posities brengen doorhem van tevoren een ja of een nee uit te lokken over dingen die we zelf nog moeten gaan realiseren Maar we proberen wel zoveel mogelijk met hem te kommuniceren en lichten hem volledig m Het enige wat je zou kunnen zeggen is dat onze liturgie niet in overeenstemming IS met de officiële richtlijnen Gaat zij m tegen de visie van mensen van het bisdom'^ Och, er zijn misschien punten waar zij iets anders tegen aan kijken, maar wij hebben met de indruk dat zij er negatief over denken Integendeel, m een onlangs met de deken van Tilburg en vikaris Ooms gevoerd gesprek, kregen we de idee, dat zij het zouden waarderen, wanneer, geïnspireerd door onze initiatieven, op andere plaatsen in de stad ook eens iets zou gaan gebeuren op het gebied van de liturgie Dit geldt zeker wanneer wij aktiviteiten zouden entameren voor de jongeren, studerenden en werkenden, in de stad, want het is bitter weinig wat daar voor geboden
7
grafische kunstinrichting j . j . a. van der wee n.v. Icoestraat 83-85 tilburg
thb 7
17 november 1970
ATG besluit: De toekomst van het Hogeschoolblad Geen vakbonden bij struktuuroverleg
„De Hogeschool is een bijzondere instelling van Hoger Onderwijs. Dat houdt in dat de Hogeschool zelf inhoud kan geven aan de mate van overleg tussen de geledingen over de nieuwe vormen van bestuur. Konkreet betekent dat voor de Administratief-Technische Geleding, dat ze zich niet zal binden aan de eisen die de Vakbonden van Ambtenaren stellen ten aanzien van deelname aan het overleg: alleen overleg door rechtspersoonlijkheid bezittende organisaties. Wanneer de vakbonden zich tot Curatoren zouden richten met verzoeken die in deze richting gaan zal hun worden meegedeeld dat ze zich rechtstreeks dienen te richten tot de personeelsleden, in Tilburg georganiseerd in Senaat, Sta|convent en A.T.G.". Deze mededeling deed de voorzitter van de ATG, de heer J. Pijnenborg, tijdens de ATG-vergadering van 2 november jl. Hij voegde er zelfs aan toe dat de sekretaris van kuratoren in geval hij door de vakbonden benaderd zou worden, zelfs het koncept-antwoord zou voorleggen aan de besturen der geledingen. De vergadering, die overigens in het algemeen wel het beleid van het bestuur goedkeurde, begroette deze mededeling met instemming. Gediskussieerd werd verder over de vraag met welk mandaat het ATGbestuur aan het struktuuroverleg gaat deelnemen. Naar aanleiding van eerdere publikaties in het THB had de afdeling Rekencentrum een standpuntsbepaling het licht doen zien, die niet zonder meer voor het bestuur aanvaardbaar bleek. Op korte termijn zal het bestuur nu een aantal stellingen op papier zetten, die in afdelingsvergaderingen en later in pleno besproken zullen worden. Op basis daarvan zal de vergadering een overlegsmandaat formuleren. Intussen zal het bestuur zich laten leiden door de inmiddels bijna vergeten uitspraak: meebeslissen op alle niveau's. v. d. H.
Tijdens een vergadering van de Hogeschoolbladkommissie, waarin de vijf geledingen zijn vertegenwoordigd tesamen met de redaktie en de korrespondenten, is van gedachten gewisseld over een aantal punten die in de toekomst van belang kunnen zijn voor het funktioneren van het blad. Het gesprek had een beleidsoriĂŤnterend karakter en ingrijpende beslissingen zijn dan ook niet genomen. De struktuur die geldt vanaf september 1969 voor het THB en de kommissie (onafhankelijke redaktie, die achteraf verantwoording verschuldigd is aan de kommissie; uitgave van het Hogeschoolblad door Bureau Public Relations) zal blijven vigeren tot een nieuwe struktuur voor de gehele hogeschool zal zijn gerealiseerd. Alsdan zal de eventuele noodzaak van een nieuwe strukturele vorm worden bezien. W a t de samenstelling van de redaktie betreft: het experiment met de fakulteitskorrespondenten zal worden beĂŤindigd. Het is zeer de vraag of de lezer ooit van een dergelijk experiment iets gemerkt heeft, m a a r er blijkt geen behoefte meer te bestaan aan een vorm van vertegenwoordiging van de fakulteiten in de redaktie.
De redaktionele werkzaamheden blijken zich van nummer tot nummer uit te breiden en te verwachten is dat in de toekomst met de voorbereiding van de uitvoering van de wet-Veringa, een grotere aktiviteit van de redaktie zal worden gevraagd. Daarom zal de mogelijkheid worden bezien de redaktie met een eventuele part-time redakteur uit te breiden. Zowel op het niveau van de kommissie als op het niveau van de redaktie zal de toekomstige funktionaris van Public Relations wellicht een grotere rol kunnen gaan vervullen, aangezien van de zijde van kuratoren een nieuwe inhoud zal worden gegeven aan de funktie van hoofd Public Relations. Tot nu toe was Public Relations voornamelijk gericht op de externe voorlichting, terwijl in verband met de werkzaamheden ten behoeve van de herstrukturering meer aan interne voorlichting zal worden gedaan. Het nieuwe hoofd van Public Relations zal in de toekomst gaan optreden als adviseur van de kommissie en de redaktie, maar zal zeker geen redaktionele verantwoordelijkheid gaan dragen. V. d. H
ATG-vergadering 2 november jl.
In Beii&el-Enschot wordra^-twee onder e ^ kap en via* onder een kapunieke huizen gebouwd vanaf slechts £72500.Bijzondere architectuur. Vijf kamers plus zolder. Tuin voor en achter. Betegeld terras. Met garage, of schuur. Perfekt afgewerkt, o.a. keuken met roestvrijstalen aanrecht + twee spoelbakken. Aluminium ramen, Badkamer + ligbad. CV door hele huis.
De koopsom varieert .,^^^^, van 7Z.500.- tot 79.Z50.- mclusiet B.T.W. en vrij op naam. Oplevering, hypotheek, rentevoet? Voor een verhelderend gesprek met uitvoerige dokumentatie, kunt u zich altijd wenden tot ons Inhchtingenkantoor. Bel voor een afspraak:
Gelegen in mooi uitbreidingsplan "Eikenbosch". Aan de Erasmusweg. Vlakbij minigolf en zwembad. En, Berkel-Enschot zelf, tussen. Drunense Duinen en Disterwijkse Vennen, behoeft geen verdere krans. Na kantoortijd 042-50 - z.18.32 / 2.11.98
04250-3£430
i S k Nationaal GnmdbezitNy I—* %^ ^ p b
Ringbaan Oost io8,Tilburg.
Wat wil het ATSO-tref centrum?
Student en universitaire organisatie
Inleiding van Prof. De Moor in Rotterdam
Doelstellingen Kruitkelder Het ligt m de bedoeling, dat deze ruimte een aktief politiek en ekspenmenteel kafe gaat worden, dit sosjaal, kultureel gezien (bi)voorbeeld tejater, film etc ) Oppositionele groepen zullen hier tegenover elkaar geplaatst worden, politieke onderwerpen aan de kaak gesteld, aktualiteiten nader onder de loep genomen Kortom aktie in woord en gebaar IS hier primair Deze Kruitkelder (de naam spreekt voor zichzelf steek er de lont m a a r inO is geopend vanaf 1100 's morgens tot 02 00 uur 's nachts, je kunt er rustig een bakje koffie nemen, schaken, dammen e t c , m a a r vooral diskussieren m een rustige ruimte
Meester Paul van Bovenzaal Hierm zijn vooral de werkgroepen, zoals de werkgroep Popmuziek, werkgroep Film, werkgroep (bewegmgs) tejater aktief Zij zorgen voor de programmas in de Mr Paul van Bovenzaal en bepalen hier mede ook de sfeer, die dus duidelijk meer op het rekreatieve vlag ligt (dit ook weer aktief gezien) a de werkgroep Popmuziek zorgt en regelt de wekelijkse pop-, jazz- en sessieavonden op woensdag, alsmede het te voeren platenbeleid en disc-jockeys, b de werkgroep Film schafte zich een kamera aan met de bedoeling iedereen, die belangstelling heeft, vijf minuten film te laten maken, hetgeen dan gekombineerd kan gaan worden en vertoond zal worden op zaterdag, c de werkgroep (bewegmgs) tejater zal rekreatief bezig zijn met geest, lichaam en zintuigen Voorbeelden van deze uiteenzetting kan men terugvinden m het programma van november, zoals dit in de agenda achterin dit n u m m e r verwerkt is
Op 5 en 6 november jl. werd aan de Nederlandse Ekonomische Hogeschool te Rotterdam een kongres georganiseerd onder het motto- „Studentenvooruitgane makers (?)". Het kort vóór dit kongres door de „Werkgroep Studentenonderzoek" uitgebrachte interim rapport over het „landelijk onderzoek studenten-attituden 1970" werd de kongresgangers ter diskussie voorgelegd. Een van de inleidingen betrof „student en universitaire organisatie" en werd gehouden door prof. dr. R. A. de Moor. In dit artikel geven wij u een samenvatting van deze lezing.
Sociaal systeem De huidige universitaire problemen worden nog teveel geformuleerd m termen van individuen, te wemig wordt beseft dat m de strukturen en processen van het instituut de oorzaken van problemen kunnen liggen Hervormingspogingen moeten er vooral op gericht zijn de tekortkomingen van de universiteit als sociaal systeem te verminderen Met een systeembenadering zal onder andere de belangrijke invloed van de informele groepsvorming onder studenten onderkend kunnen worden Maar deze systeembenadenng heeft nog een tweede konsekwentie zij vestigt de aandacht op de onderhnge afhankelijkheid van de struktuurelementen en processen van de universiteit, m a a r ook op de invloed die omgevmgsfaktoren op de universiteit uitoefenen en vice versa Hierdoor wordt tevens duidelijk, dat partiele ingrepen binnen de universiteit onverwachte gevolgen kunnen hebben, als men zich geen rekenschap heeft gegeven van hun doorwerking op het hele universitaire gebeuren De systeembenadering vermindert daarom ook de invloed van ideologieën, omdat zij hervormingen onderzoekt op hun gevolgen voor het funktioneren van het instituut
Daarom zullen de aangeboden studie taken zoveel mogelijk moeten aanslui ten bij de kapaciteiten en interesse van de studenten Die studietaken zijn af hankelijk van de te verwerkelijken onderwij sdoelstellmgen Op basis van Amerikaans onderzoek dat een aantal typen studenten op universiteit en hogeschool onderscheidt wilde prof De Moor vier typen studenten onderkennen die vanuit onderwijs doelstellingen relevant zijn 1 de ,,vocationalist" wil een opleiding voor een bepaald praktisch gericht be roep, 2 de „professionalist" bij hem staan prestatie en deskundigheid voorop met als stelregel noblesse oblige, 3 de ,,academie" wil wetenschappelijke prestaties leveren op een bepaald vak gebied en streeft een wetenschappelijke karriere na, 4 de „intellectual" interesseert zich vooral voor ideeën, ook buiten zijn studierichting, en zoekt kennis door een wisselwerking van inzichten Daarnaast is de groep, die met een negatief motief komt studeren, namelijk „nog met gaan werken" of met een hoofdzakelijk extrinsiek motief, namelijk ,,betere karnerekansen wensen", ook niet te verwaarlozen
Onderwijsdoelstellingen en studie - oriëntaties
Doelopvattingen van docenten
Prof De Moor stelde als eerste vraag aan de orde, of de onderwijsdoelstellingen van de universiteit korresponderen met de studie-onentaties van de studenten Deze korrespondentie is van belang, omdat onderwijs vraagt, dat de student er zich voor open stelt Hij moet gemotiveerd zijn of kunnen worden
Belangrijk is het ook om een duidelijker inzicht te knjgen in de doelopvattingen van de docenten In Nederland heeft Van Kemenade hiermee en begin gemaakt door zulk een onderzoek m te stellen onder sociologie-docenten Als kognitieve doelstellingen kwamen naar voren
10
HOGESCHOOLDAG 1970 zaterdag 28 november Hogeschooldag 1970"? Heeft het zin op zaterdag 28 november m Tilburg te zijn en de traditie van de Hogeschooldag viering weer op te nemen"? Er is reden genoeg voor enige twijfel nu de geledingen hoogleraren en lectoren wetenschappe lijke staf, studenten, technische en administratieve mede werkers, 'curatoren ook een periode van wederzijds wan trouwen' hebben beleefd en nog met hebben overleefd Voor de commissie Hogeschooldag was het duidelijk, dat de Hogeschooldag niet een poging mocht zijn om, doorgaande m de oude stijl van broederschap en gemeenschap, wan trouwen en tegenstellingen toe te dekken De commissie heeft ook gedacht, dat het accent van een Hogeschooldag mmder dan ooit moet liggen in feestelijke etenj en erudiete tafeltoespraken In onderling overleg van mensen uit de verschillende gele dingen en faculteiten is gekozen voor een programma dat in staat zou zijn de velegenheidssituatie van dit ogenbhk te doorkruisen We zijn allemaal nogal ver weg geweest van elkaar Over de schutting en op de schutting zijn woorden gewisseld Ondertussen is toch het besef weer opgekomen, dat het uit eindelijk gaat om nieuwe samenwerking rond wetenschaps beoefening m onderwijs en onderzoek, terwiUe van maat schappij en menselijk bestaan Hoe vinden we elkaar en niet al te schroomvallig? De commissie meent dat er twee belangrijke aanleidingen aangereikt moeten worden voor de ontmoeting 1 zakelijk ingaan op wat de hogeschool doet op wetenschap pelijk gebied en zakelijk ingaan op de vragen rond de heden daagse universiteit 2 samen een cabaret beleven dat helpt zichzelf en elkaar wat relatiever te zien En de afronding mag dan best een plezierig dansfeest zijn Het duidelijke hoofdprogramma van de middag zal de pre sentatie zijn van onderwerpen welke binnen de vier facul teiten onderwerp van onderzoek en studie zijn ledere deel nemer kan m de loop van de middag drie maal de keuze maken uit twaalf tegelijkertijd lopende presentaties van een wetenschappelijk onderwerp. Het keuzebeeld vindt men aan de achterzijde van deze pagina Elke presentatie zal kort van duur zijn, met langer dan veertig minuten, waarvan ongeveer 20 minuten voor de eigenlijke presentatie en 20 minuten voor de diskussie Tussen de programma's zijn er vijf wisselminuten Men kan gaan belmsteren en zien wat de eigen faculteit doet, maar bijvoorbeeld de econoom kan ook eens oversteken naar de actuahteit van sociologisch onderzoek of juridische studie Iedereen heeft de kans te vernemen wat de jonge theologische faculteit doet Misschien komt er daarmee toch wat over van kritische zin en een werkelijke maatschappelijke verbondenheid Won deren mogen we met verwachten er wordt ook geen poging gedaan die aan te bieden m a a r wellicht wordt toch een kant van de hogeschool duidelijk, die m het knjgsrumoer over het hoofd werd gezien In de diskussies is er bovendien voor iedereen de gelegenheid er het zijne van te zeggen De middag wordt afgerond met een fundamentele beschou wing van het „beeld van de universiteit n u " door prof dr S L Kwee, filosoof aan de Techmsche Hogeschool Eindhoven Is de roengheid m en rond de universiteit een symptoom van een meuwe generatie? Niet meer dan dat? Zijn er vragen aan de wetenschap die nog nooit zo duidelijk werden? W a t IS er precies gaande?
W a t de lunch en het diner betreft heeft de commissie de consumptiesamenlevmg achter zich gelaten Liever dan te eten ontmoeten we elkaar Het wordt dan ook een versierde hap en een wat extra verzorgd studentenmenu Het feest is met afgezworen Sommigen zullen zeggen, omdat er een trekpleister moet zijn En we kunnen inderdaad niet onkennen, dat Paul van Vhet op zich al de moeite van een reis n a a r Tilburg waard zal zijn Maar er is meer dan dat Welke van de geledingen men ook bekijkt, er is behoefte aan een beetje relatief kijken n a a r zichzelf Vandaar het optreden van hofnar Paul van Vhet. Vandaar ook de voort zetting in muziek en dans Naast kritiek en engagement en omwille van kntiek en engagement ruimte voor het pathisch erotisch musische m ons bestaan Alles bijeen de Hogeschooldag van dit jaar k a n niet de uit drukking zijn van een bloeiende samenwerking, m a a r wel een uitstekend uitgangspunt Wie de eerste Hogeschooldag mee wil maken a a n het begin van een nieuw begin wordt daarom even hartelijk als over tmgd welkom geheten De commissie Hogeschooldag 1970 nodigt u uit voor een lange en veelzijdige en boeiende zater dagmiddag en avond op 28 november aanstaande Namens de commissie Hogeschooldag 1970, J. A. Stalpers, voorzitter J. H. W. B. Reijntjens, secretaris
O- Ui < ^ . "■ ^ o (D y.' O) ,>^ CO 3 .
_
O
cr
Q. CL
<I> CQ
CD CQ
"■ 2^ Q. g JU
■O
3 < ?^ CD co (Q O ° ^
CD 0.<° CD g
-\
CD
O CQ 1 Q)
tl CD <D CO
3 3
CD CD
- * D- -^ O)
= 2 z3 i» °a. ^ m <D o
O T3
3 CL-g"
^
3 i , o
•^ "> co 7i n "" § ^ "> 5 rt "
X Q>
a.
.^CQ
o
u , CD
'^ CD ï i •? 3
CCO D
=;
co gc3 o5 w 'S * CQ
m
3
< ■^TT 1 Ji.C
o 3D
co
3
CD
CD
t o CD
co 3 O
CD CD 3
<
O. CD
CD
o_
E"
^ - »
CQ CD
O 3-
«O 2
ro
2
-\ CD
Q.
~J Q . O CD O 3 Q. CD CD_
D n D a
N d
3 CD
3
<
< 5 3 CQ
O
a. c o
<
CD 3
CD-
Q. CD
■O CD -t •D CD —i CO
o o
CD 3
CD 3 Q. (D
CD
N CD 3
CQ . "
co
<
g" 3 (O
?;
>
a o.
CD
? ? 3 CD 5 ,5 C CQ
ï? = 3 S 5 'S 3 o <S ? ï? g.
CD
3 o-
3
3 CQ -;_ T 3 CO
c o CD ^ CD
X o CQ CD CO O
to
O
o_
a. m ■■■
CD CD
programma 12.30 14.00 UUR
lunch en bezichtiging van de tentoonstelling van batikwerken van Sabine Vess. 14.00 UUR
opening in de aula door de rectormagnificus. Aansluitend uitreiking van de TAEKF ondsprijs. 14.30 16.30 UUR
presentatie van de faculteiten Kies hieruit uw drie achtereenvolgende programma's: • DE ECONOMISCHE F ACULTEIT: prof. mr. dr. F . A. M. Alting von Geusau prof. dr. Th. A. Stevers; prof. dr. C. M. Storm. •
DE SOCIALE F ACULTEIT: prof. dr. Ph. Stouthard: „Waarom stemmen sommige mensen niet?"; prof. dr. H. F. J. M. van den Eerenbeemt: „Achtergronden van de groei van het antisemi tisme in Duitsland in de 18de en 19de eeuw"; dr. C. Bertholet „De concretisering van de ontwikkelingssociologie".
•
DE JURIDISCHE F ACULTEIT: mr. J. M. van Dunne „De partijautonomie bij het aangaan en beëindigen van contracten"; prof. mr. F . H. van der Burg: „Ministeriele verantwoordelijkheid voor ambtena ren"; prof. mr. F . J. W. Löwensteijn.
•
DE THEOLOGISCHE F ACULTEIT: drs. A. C. Rijen: „De politieke theologie volgens J. B. Metz"; prof. dr. J. A. Bomewasser: „De r.k. kerk 18701970 als geschiedenis van een ideologie"; dr. J. A. Wieland: „Ontwikkelingsmomenten in de ethiek".
16.30 17.00 UUR O
o o
theepauze
O)
tt) X "cö ü (O (A O co 1 o LU E oc o uo •ao O o> X ■o ■S < UI O 0) UJ o —I
o X <
V) 0) O)
*-
>
17.00 17.45 UUR
exposé „Beeld universiteit nu" door prof. dr. S. L. Kwee. Prof. Kwee is onlangs benoemd tot hoogleraar in de filosofie a a n de Technische Hogeschool te Eindhoven.
CM
c
18.3020.30 UUR
(O
= o o u
(O 0) O)
o X
aperitief en diner
o
in het Eigen Huiscomplex.
cc QQ
20.3023.00 UUR
cabaret „pepijn" Cmet onder andere Paul van Vliet) in de Stadsschouwburg te Tilburg. Aansluitend feest in de Stadsschouwburg te Tilburg
ook van belang, dat deze integratie voor de student herkenbaar wordt: waarom hij deze vakken en deze literatuur moet bestuderen, waarom nu een hoorkollege op zijn plaats is en geen projektonderwijs, wat dit tentamen wel beoogt te toetsen en wat niet. Daarbij moet men bedenken, dat een integratie van vakken vanuit het oogpunt van wetenschapssystematiek een andere kan zijn dan de integratie, die uitgaat van de vraagstellingen en probleemervaring van studenten.
Normatieve en sociale integratie van docenten en studenten
1 kennis en beheersing van onderzoeksmethoden; 2 kennis van sociologische theorieën;
Tertiair onderwijs differentiëren
3 sociologische analyse van sociale verschijnselen; 4 een oordeel hebben over belangrijke sociale problemen;
Het onderwijs moet meer tegemoet komen aan de verscheidenheid van oriëntaties bij de studenten. Daartoe zouden de programma's gedifferentieerd kunnen worden n a a r de volgende drie doelstellingen als centrale doelstelling:
5 theoretische begrippen kunnen hanteren; -6 systematisch kunnen werken en redeneren; 7 kennis van methodologische beginselen; 8 vaardigheid om in konkrete, voor het beleid hanteerbare termen te denken; 9 de kapaciteit om onderzoeksverslagen te kunnen begrijpen en gebruiken, en 10 inzicht in de betekenis van de statistiek. Het onderzoek wijst uit, dat geen van deze doelstellingen bij de docenten een bijzonder hoge of lage nadruk krijgt. Alle spelen zij een rol. Zoals misschien te verwachten was, leggen de docenten een andere klemtoon naargelang het vak, dat zij zelf doceren, en naargelang de fase van de opleiding waarin zij werkzaam zijn. Een open vraag is natuurlijk in hoeverre de onderwijsdoelstellingen van de docenten in feite ook in de onderwijsprogramma's zijn verwerkelijkt. Uit het genoemde onderzoek n a a r studenten-attituden blijkt in ieder geval dat er een kortsluiting bestaat tussen de studie-oriëntaties van studenten en de onderwijsprogramma's.
1 gericht op de beoefening van een of enkele disciplines (de academie); 2 gericht op de toepassing van wetenschappelijke kennis in een beroep, waarbij onderscheid te maken is tussen een meer theoretische opleiding (de professionalist) en een meer praktische opleiding (de vocationalist), en 3 gericht op een meer algemene intellektuele vorming met bijvoorbeeld een maatschappelijk-kultureel aksent (de intellectual) . Binnen ieder van de programma's, die op een van bovengenoemde doelstellingen zijn gericht, zullen de eisen weer zoveel mogelijk gedifferentieerd moeten worden door voor ieder onderdeel van het programma alleen het noodzakelijke minimum te eisen en de student vrij te laten in het leggen van aksenten in zijn studie. Ook door differentiatie in de onderwijsmethodiek zal een betere aanpassing moeten worden nagestreefd aan de verschillende soorten van leerprocessen, die bij studenten kunnen worden waargenomen. Onderdelen van de leerstof, studietaken, onderwijsmethoden en toetsen moeten een geïntegreerd geheel vormen, alle gericht op de doelsteUingen. Daarbij is
11
Een integratie van het onderwijsproces is niet mogelijk zonder een normatieve en sociale integratie van docenten en studenten. Onder de normatieve integratie van docenten verstaat prof. De Moor allereerst, dat de docenten en studenten het onderling fundamenteel eens moeten zijn over de onderwijsdoelstellingen, het programma en de methodieken. Ook zullen zij het eens moeten zijn over de mate van onderlinge samenwerking en inperking van eigen vrijheid. ,,Fundamenteel eens" veronderstelt geen volledige overeenstemming, welke gemakkelijk tot verstarring leidt. Ten aanzien van de sociale integratie tussen docenten en studenten blijkt onder andere uit het eerder genoemde onderzoek, dat over het algemeen de kontaktfrekwentie gering is.
Kontinue toetsing Tot de essentie van onderwijs behoort, volgens prof. De Moor, kontinue toetsing van de student. Deze toetsing moet een kritische beoordeling zijn, die de student duidelijk maakt in welke richting hij sukses heeft geboekt en waar hij heeft gefaald. Het is op deze wijze een ondersteuning van de studie-aktiviteit van de student. Bij de huidige praktijk heeft de toetsing zijn onderwijskundige funktie grotendeels verloren en beperkt zich steeds meer tot zijn maatschappelijke funktie van „garantiebewijs". Daardoor vervult de toetsing nauwelijks nog een funktie voor de bijsturing van het onderwijsproces. Het rechtstreekse en intensieve kontakt tussen docenten en student moet nu deze funktie van de toetsing vervullen.
Professionele fakulteitsbestuurders Het gebrek aan bestuurskracht van de universiteit zal ook in de toekomst
thb 7 - 17 november 1970
■5
iedere fundamentele onderwijsvernieu wing blijven blokkeren. Als men deze bestuurskracht op een voldoende niveau wil brengen, dan zullen ook op het niveau van de fakulteiten professionele bestuurders moeten worden aangesteld, die geschoold zijn in het besturen van komplexe onderwijsorganisaties. Zulke bestuurders zullen als belangrijkste taken moeten hebben: het ontwerpen van betere organisatorische kaders, van informatiesystemen en kommunikatie netwerken, het voorbereiden van onder wijskundige vernieuwingen en boven dien zullen zij als centrum voor de besturingsmechanismen moeten funk tioneren.
Grondgedachten voor universitaire liervorming Volgens prof. De Moor zouden we in Nederland het universitair onderwijs weer gezond kunnen maken op basis van de volgende grondgedachten: 1 De onderwijsprogramma's moeten in duidelijke fasen worden onderverdeeld. Rond zulk een fase moet een duidelijke sociale integratie plaatsvinden. Prof. De Moor wil dat door een speciaal woord gebruik beklemtonen: hij stelt, dat een opleiding uit verschillende modulen moet bestaan. In deze modulen moet een beperkte groep van docenten, samen met een overzienbare groep van stu denten, verantwoordelijk zijn voor het onderwijs. Door zijn beperkte omvang moet deze groep docenten sociaal vol doende geïntegreerd kunnen zijn en bovendien moet zij zo geselekteerd zijn, dat er ook voldoende overeenstemming onder hen bestaat over de hoofdlijnen van het onderwijs. Die beperkte omvang
kan worden bereikt door een moduul tot maximaal twee kursusjaren te be perken en door het maximale aantal in te schrijven studenten per kursus jaar tot ongeveer 150 te beperken, voor de doctorsopleiding minder. Aan iedere opleidingsmoduul wordt een eigen staf toegewezen, die verantwoor delijk is voor het bereiken van de doel stellingen. De individuele docent kan bij meer modulen betrokken zijn, m a a r in iedere moduul dient een bepaalde groep van docenten h u n hoofdtaak te hebben. De kern van de opzet is, dat de expan sie van de universiteit plaatsvindt door een groei van het aantal geïntegreerde eenheden, niet door een aanwas van individuele studenten en docenten en door de toevoeging van kollegeruimten. 2 Een tweede grondgedachte is, dat ook in de bouw van de universiteiten tot uitdrukking moet komen, dat zij niet uit individuen bestaan, m a a r uit geïn tegreerde sociale eenheden. Werkka mers, kollegezalen, koffiekamer en stu diezaal dienen, voorzover mogelijk, te korresponderen met de sociale struk tuur van de universiteit.
Positie H.B.O.-instellingen Om de sociale struktuur van de univer siteit te kunnen verbeteren, zullen wij de struktuur van het hele tertiaire onderwijs moeten herzien. Sommige van onze universiteiten zijn reeds te groot, andere zullen het spoedig zijn als we op de huidige wijze doorgaan. Aan de instellingen voor hoger beroepsonder wijs zou naast hun huidige funktie ook de taak moeten worden gegeven om voor bijvoorbeeld de sociale, ekonomi sche en technische wetenschappen de
universitaire basisopleiding te verzor gen. Hierdoor zouden zij instellingen met een beperkt universitair karakter kunnen worden en deels met een speci fieke taak. Het specifieke karakter zou dan niet alleen bestaan uit het praktijk gerichte onderwijs, maar ook uit het algemeen vormende onderwijs op weten schappelijk nievau. In zulk een opzet zouden zij gelijkenis gaan vertonen met het zelfstandige Amerikaanse kollege, voorzover dit een universitaire status heeft. Prof. De Moor heeft de indruk dat op deze wijze het studentenaanbod in de komende jaren met de minste proble men zal kunnen worden opgevangen Of zelfs deze minste problemen onze krachten niet te boven zullen gaan, is een andere vraag. C. Br.
Waardevrijheid gewaardeerd Samenvatting van de openbare les, die dr. J. H. G. Segers op donderdag 5 no vember 1970 om 16.00 u u r heeft gegeven bij de aanvaarding van het ambt van gewoon lector in de methoden en tech nieken van onderzoek aan de Katho lieke Hogeschool. In zijn openbare les ging de heer Segers in op de betekenis van de waarde vrijheid in het sociologisch onderzoek Achtereenvolgens werden voor alle fa sen van het onderzoek geanalyseerd of en in welke mate zij vrij kunnen zijn van apriorioordelen. Aangetoond werd, dat de probleemkeuze en de bepaling van de theoretische benaderingswijze berusten op waardeoordelen van de onderzoeker. Ook op het specifieke terrein van het empirische onderzoek zal het niet mo gelijk zijn een totale waardevrijheid te realiseren. Volgens de heer Segers is het nastreven van het ideaal der waar devrijheid in deze fasen van het onder zoek echter in alle opzichten te prefe reren boven het buiten werking stellen ervan. Waardevrij held wordt in dit verband omschreven als het optimaal voor kri tiek toegankelijk maken van de weten schappelijke denkbeelden van de onder zoeker. Dat toepassing van wetenschappelijke inzichten weer op waardeoordelen be rust val niet te ontkennen. Partijdigheid en waardeoordelen zijn niet weg te denken uit het wetenschappelijk werk. Wel is het zaak in het wetenschappelijk werk een duidelijk onderscheid te ma ken tussen de typischwetenschappe lijke en de buitenwetenschappelijke waarden.
12
1
TILBURGS STUDENTENKOORSTUDENTENORKEST „BAMSERAUS"
C. Br ■
BESLUITEN EN MEDEDELINGEN VERGADERING SENAATSBESTUUR VAN 29 OKTOBER 1970 1 Als voorzitter van de voorbereidings commissie voor de subfaculteit der psychologie zal prof dr F J P van Dooren worden uitgenodigd tot de senaatsbestuursvergaderingen 2 Voor de activiteiten van de archiva n s betreffende de samenstelling van het )aarboek is op verzoek van de archief commissie een toezichthoudend en sti mulerend gremium ingesteld, bestaande uit de secretaris van curatoren en de secretaris van de academische senaat 3 Op voorstel van het bestuur van het Instituut voor Arbeidsvraagstukken is dr F Grunfeld benoemd tot hd van dit bestuur 4 Aan curatoren zal worden geadvi seerd het definitieve concept van de samenwerkingsovereenkomst tussen de Katholieke Leergangen en de Katholieke Hogeschool betreffende de nieuwe lera renopleiding goed te keuren, onder voorbehoud dat met de arbeidsrechte lijke voorwaarden, die gelden voor de medewerkers van de Katholieke Hoge school, wordt rekening gehouden 5 De subsidie voor een bijzondere bui tenEuropese studiereis m 1971 wordt toegekend aan prof dr H F J M van den Eerenbeemt, die in ancienniteits volgorde van aanvragers hiervoor m aanmerking komt
1
KOMMISSIE INTERNATIONALE SAMENWERKING BURO BUITENLAND BEURZEN BUITENLAND Canada: De Canadese regering stelt tien beurzen beschikbaar voor het akade mies jaar 1971/1972 voor studenten of onderzoekers op het gebied van alle wetenschappen Aanvragen tot 15 januari 1971 Duitsland: De Deutscher Akademischer Austauschdienst stelt zes beurzen be schikbaar voor Nederlandse studenten, die m de zomer van 1971 wensen deel te nemen aan een der vakantiekursus sen over de Duitse taal, letterkunde, ge schiedenis en kuituur, die m de Bonds republiek zullen worden gehouden Aanvragen tot 15 januari 1971 Zwitserland: De Zwitserse regering stelt twee studiebeurzen van tien maanden beschikbaar voor Nederlanders, die hun studie gedurende het studiejaar 1971/ 1972 willen voortzetten aan een univer siteit of hogeschool m Zwitserland Aanvragen tot 31 december 1971
Albert Heijnstudiebeurs: Albert Heijn stelt elk jaar een Albert Heijnstudie beurs beschikbaar van ƒ 10 000,— Deze studiebeurs heeft ten doel de ontvanger daarvan m staat te stellen een studie te verrichten over goederen en/of diensten distribuerende bedrijven en speciaal over die bedrijven, die de detailhandel in levensmiddelen uitoefenen Aanvragen tot 31 december 1971 Engeland: De British Council stelt voor de periode van oktober 1971 tot en met juli 1972 enkele studiebeurzen van tien maanden beschikbaar voor Nederland se studenten, die tenminste kandidaatsexamen hebben Daarnaast stelt zij ook beurzen voor zogenaamde ,,Short-Term Bursaries" beschikbaar voor een studie verblijf van hoogstens drie maanden m Groot-Brittannie Aanvragen tot 20 november 1970 Duitsland: De Deutscher Akademischer Austauschdienst stelt tevens tien stu diebeurzen van tien maanden beschikbaar voor Nederlanders die hun studie gedurende het akademisch jaar 1971/ 1972 willen voortzetten aan een universiteit of hogeschool m de Bondsrepubliek Aanvragen tot 10 december 1970 VAKATURES ONTWIKKELINGSLANDEN University of Nairobi, Kenya: Senior Lectureship in the Faculty of Law University of Dar es Salaam, Tanzania: Two Professorships m the Factulty of Law School of Administration: Senior Lectureship m Business Methods and Quantitatieve Analysis Lectureship Grade I or II m Financial Administration a n d / o r Industrial Management Research Fellowship m Business Me thods Institute of African Studies, Zambia: Research Fellowship m Demography University of the South Pacific, Fiji: Senior Lecturer/Lecturer m History m School of Social en Economic Development Nigeria: Expert m Sociology/Demography for Conducting population Studies Liberia: Expert m Socio-economics KOMMISSIE AKADEMISCHE STUDIEVOORLICHTING De Kommissie Akademische Studievoorlichting zegt langs deze weg allen, die medewerking verleend hebben aan de orienteringsdagen, hartelijk dank
13
Inter-akademiaal muziekconcours Ieder jaar organiseert de Stichting PAN, het landelijk orgaan van studentenmuziekgezelschappen, telkens m een andere universiteits of hogeschoolstad, een mter-akademiaal muziekconcours, waar vele studenten met elkaar wedijveren m het leveren van zo hoog mogelijke muzikale prestaties Het tiende PAN-concours - het tweede lustrum - zal op 1, 2 en 3 a p n l 1971 te Leiden worden gehouden Het programma voor deze dagen is als volgt donderdag 1 april - piano en orgelconcours, vrijdag 2 april - kamermuziekconcours (vokaal en instrumentaal) , zaterdag 3 april - koren-, orkesten-, koren- en orkestenconcours Aangaande „Klein-PAN" Het pianoconcours zal gehouden worden m de Zuiderkerk (Lammenschansweg), het orgelconcours m de Pieterskerk (Pieterskerkhof) Er is een maximum speeltijd van twintig minuten vastgesteld Een verplichte stijlperiode voor organisten moet nog m overleg met de jury vastgesteld worden Voor de pianisten is er geen verplichte stijlperiode, het is het beste, werken uit verschillende periodes te spelen Inlichtingen bij de PAN-vertegenwoordiger of bij het ab-actiaat Het kamermuziekconcours zal gehouden worden m de Zuiderkerk Ook hier geldt een maximum speeltijd van twintig minuten Het slotconcert en prijsuitreiking van het „Klem-PAN" vmdt plaats op vrijdag 2 april m de Zuiderkerk De winnaars m de verschillende kategorieen zullen dan optreden en waarschijnlijk zal er een gast zijik Aangaande „Groot-PAN" Het concours voor koren, orkesten en koren en orkesten zal plaatsvinden m de Stadsgehoorzaal, Breestraat 60 Ook hier geldt een maximum speel- en/of zmgtijd van twintig minuten Het slotconcert van het „Groot-PAN zal eveneens plaatsvinden in de Stadsgehoorzaal Ook hier zullen de winnaars optreden en zal er prijsuitreiking zijn Bovendien hoopt het bestuur een nog m de pennen zijnd plannetje ter opluistering van dit tweede lustrum uit te voeren Helaas zijn degenen, die een beroepsmatige muziekopleiding volgen of gevolgd hebben, van deelname uitgesloten De inschrijftermijn sluit 31 januari 1971. Inschrijving en andere inlichtingen bij J A Capello, Leo XIII straat 53, telefoon 31665, Tilburg
thb 7
17 november 1970
vhBOl UIT HET VERSLAG VAN DE VEERTIENDE VERGADERING VAN DE FACULTEITSRAAD VAN 15 OKTOBER 1970
Verdere evaluatiepunten (bijvoorbeeld de taak van de raad met betrekking tot het onderwijs) zullen tijdens de volgen de vergadering besproken worden
Eerste evaluatie van een jaar Faculteitsraad Als eerste vraag komt aan de orde, hoe de Faculteitsraad m de totale struktuur blijkt te zijn, dat de vergaderingen van het wetenschappelijk corps en de studentenraad dikwijls achter de beslissm heeft gefunktioneerd De moeilijkheid gen van de Faculteitsraad aanliepen
Jaarvoorzitters Als voorzitters van de verschillende studiejaren fungeren de volgende stu denten
Het wetenschappelijk corps heeft het opvoeren van zijn vergaderfrekwentie als een aanmerkelijke verbetering ervaren De studentleden van de Faculteitsraad menen te weinig te kunnen spreken vanuit de ideeĂŤn van hun achterban. Het algemene probleem is dat van de communicatie en de apathie van de basis. Het bhjkt bijzonder moeilijk de studenten bij elkaar te krijgen De studentenraad meent, dat verbetering van de doorstroming pas goed mogelijk is als een struktuurwijziging wordt aan gebracht w a a n n de representatie van de jaargroepen beter tot h a a r recht komt De raad besluit om nog eens na te gaan of er m het rooster van het eerste semester voor de hand liggende mogelijkheden gegeven zijn voor samenkomsten van de jaargroepen met name op tijden die volgen op college-uren In het rooster van het tweede semester zal hier, inzover niet aanwezig, uitdrukkelijk gelegenheid voor worden ge schapen
eerstejaars studenten mejuffrouw J A M Sweep tweedejaars-studenten J P van Bekkum, derdej aars-studenten J W M van Genugten, vierdej aars-studenten W J G M Hamersma, vij f dej aars-studenten G C G J van Roermund, zesdejaars studenten A C M de Lange Sprekers tijdens de Hogeschooldag op 28 november 1970 Op de Hogeschooldag worden vanwege de theologische faculteit de volgende voordrachten verzorgd drs A C van Rijen De politieke theologie volgens J B Metz, prof dr J A Bornewasser R-k kerk 1870-1970 als geschiedenis van een ideologie dr J H Wieland Ontwikkelingsmomenten m de ethiek
De volgende vraag betreft de interne werking van de raad Men ziet voordelen m een scheiding tussen voorzitter en gespreksleider Bij wijze van expe riment wordt besloten de vergaderingen wisselend te laten leiden door een van de leden van het dagelijks bestuur
Besluiten De raad acht het wenselijk, dat de vijfdej aars-studenten met een inadekwate vooropleiding hun examen door Nijmegen laten poolen, zolang de faculteit nog geen kerkelijk erkende examens kan afnemen
Naar aanleiding van de opmerking over de onduidelijkheid rond vroegere beslui ten zal naast het verslag een genummerde besluitenlijst opgenomen worden Men vraagt zich af, hoe het dagelijks bestuur moet handelen, als de leden het oneens zijn over een bepaalde zaak De voorzitter stelt, dat het dagelijks bestuur over elke zaak door de raad ter verantwoording kan worden geroepen, al zal de bespreking soms moeilijk zijn waar het concrete bestuurszaken betreft De raad laat het aan het dagelijks bestuur over om te bespreken hoe het bij onderling meningsverschil zal han delen
De commissie voorlichting theologie studie zal m overleg met het bureau studentenbelangen het programma van de abiturientendag vaststellen De raad stelt de commissie voortentamen en colloquium m De aanwijzing van de leden wordt overgelaten aan het wetenschappelijk corps
scholen een avond georganiseerd woi den, waarbij informaties over de theo ^ logiestudie worden verstrekt De afspraken over de samenwerking tussen bureau public relations en com missie publiciteit worden goedgekeurd Besloten wordt dat de twee eerstvol gende vergaderingen van de Faculteits raad bij wijze van experiment door de twee andere leden van het dagelijks bestuur geleid zullen worden Tijdens de resterende zittingsperiode van deze Faculteitsraad zal worden na gegaan of een besluitenlijst als deze een effectief werken van de raad kan be vorderen De mogelijkheid moet onderzocht wor den of er roostertechmsch een tijd te plannen is, waarop de studenten ge makkelijk bij elkaar geroepen kunnen worden
I
I GESLAAGDEN DOCTORAALEXAMEN OKTOBER 1970 Economische wetenschappen
BEDRIJFECONOMEN F A Bardoel Grave J F M van de Borne Reusel Th C J van Dongen Tilburg A H M van der Donk Amersfoort J P G Janssen Ubach over Worms J M J Jetten Tilburg J G H M van der Ley Helmond J W Oude Elberink Tubbergen J W D Peters Tilburg J A G U Timmermans Reuver H M Wenting Tilburg H Th F M Wouters Arnhem INTERNATIONAAL BESTUURSWETENSCHAPPELIJKE ECONOMEN F Th de Charro (cum laude), Capelle a/d IJssel R H de Rooy Willemstad BEDRIJFSECONOMETRISTEN H M H Hegge Den Bosch A J F M Zeeuwen Venlo ECONOOM SOCIOLOGEN J H C Heynen Schaesberg H W J v d Linden (cum laude) Den BDOCII W H P Meesen Hoensbroek J J M Persoon Heer N H M Schaar Aalst A P F van Troost Eindhoven ALGEMEEN ECONOMETRISTEN H E L Waslander (cum laude) Den BDSch
Sociale wetenschappen
ALGEMEEN SOCIOLOGEN C G P M Backx (cum laude) Roosendaal P J Dekkers Stiphout J F M Thomassen Eindhoven H J M Wassenberg Roermond PLANOLOGEN P I A M van Campenhout Breda
De commissie propedeutische toets zal verzocht worden aan het emde van het studiejaar verslag uit te brengen van h a a r werkzaamheden en van de resultaten van de toets
Rechtswetenschappen
Emde november zal voor de decanen en godsdienstleraren van de middelbare
NEDERLANDS RECHT N H J Sieben Kerkrade J A M Smulders Eindhoven
14
iiseerd wor er de theo t nenwerking )ns en com jedgekeurd 36 eerstvol ' Faculteits 3nt door de 't dageli)ks n mgspenode worden na lis deze een ad kan be
I BESLUITENLIJST VERGADERING FACULTEIT DER RECHTSGELEERDHEID VAN DONDERDAG 8 OKTOBER 1970
"zocht wor een tijd te denten ge en kunnen
1 Het verslag van de vergadering van 18 juni 197 wordt gearresteerd Onder de aantekening dat aan de besluitenlijst nummer 34 wordt toegevoegd, dat degenen die bedrijfseconomie als keuzevak kiezen zich met prof Geppaart m verbinding zullen stellen, wordt ook deze goedgekeurd
I LEXAMEN
L ECONOMEN 11e a/d IJssel
33n
BDOCII
a BDSCII
>endail
I
I
2 De faculteit gaat ermee accoord dat - de heren Koekkoek en Willems de wetenschappelijke staf m de faculteitsvergadermg zullen vertegenwoordigen, terwijl de heer Daniels, vertrouwensman van de staf m het stafconventsbestuur, bij de faculteitsvergadermgen aanwezig zal zijn om de communicatie tussen stafconvent en faculteit te bevorderen, - het voorzitterschap van de studieraad voorlopig zal worden waargenomen door prof Bronkhorst, maar dat op dit besluit kan worden teruggekomen, mdien de behandeling van het voorstel van de staf over de verhouding studieraad-faculteit dit wenselijk zou doen zijn,
- naast de heren Koekkoek en Willems ook de heer Zuiderwijk voor de wetenschappelijke staf bij de studieraadsvergaderingen aanwezig zal zijn, - de agenda's en de besluitenlijsten van studieraad en faculteit eveneens zullen worden toegezonden aan leden van het wetenschappelijk corps en de student-assistenten, die geen lid van de studieraads- en faculteitsvergadering zijn, terwijl ook publicatie ad valvas van de agenda's van studieraad en faculteit zal plaatsvinden Bovenstaand besluit werd genomen onder het voorbehoud, dat niettemin behandeling van vertrouwelijke zaken m studieraad en faculteit mogelijk blijft 3 Het punt huisvesting heeft de volledige aandacht van het faculteitsbestuur Zodra terzake meer gegevens beschikbaar zijn, met name van de door de andere faculteiten gemaakte indelingen van de etage's van de hoogbouw, zal de zaak wederom m de faculteitsvergadermg ter sprake worden gebracht 4 De faculteit kreeg ter ondertekening toegezonden een verklaring van intentie van de participerende instanties m het instituut voor onderzoek en planning voor de gezondheidszorg Het se-
naatsbestuur gmg accoord met de oprichting van voornoemd instituut, maar achtte het met nodig de verklaring van intentie te ondertekenen De faculteit sloot zich hierbij aan 5 De minister verleende toestemming om een van de twee extra-lectoraten, welke de faculteit had voorgesteld, nl een voor kinderrecht en kinderbescherming en een voor rechtssociologie, te realiseren Onder het voorbehoud dat de factor tijd onderstaande procedure niet onmogelijk zou maken, besloot de faculteit dat, alvorens voor een van beide buitengewone lectoraten gekozen wordt, aan de juridische en sociale faculteiten m den lande brieven zullen uitgaan met het verzoek om namen te noemen van kandidaten, die voor de bezetting van eerdergenoemde buitengewone lectoraten m aanmerking zouden komen Voor wat de rechtssociologie betreft onder de aantekening, dat gezocht wordt n a a r iemand die zowel een juridische als een sociologische opleiding heeft genoten De binnengekomen sollicitaties zullen m de studieraad ter sprake gebracht worden 6 De faculteit wijdde, aan de hand van een door prof Lowensteyn opgestelde nota, een uitvoerige discussie aan artikel 8 algemeen gedeelte adviesnormen studietoelagen Na stemming werd besloten artikel 8 te amenderen als volgt „Persoonlijke of sociale omstandigheden die de studieresultaten ongunstig beïnvloeden of beïnvloed hebben, kunnen mdien deze aan de studentendekaan zijn voorgelegd, en deze daaromtrent overleg heeft gepleegd met de faculteit, m afwijking van de adviesnormen een positief advies rechtvaardigen " 7 De behandeling van het agendapunt studiecommissie inzake studieprogramma's wordt uitgesteld 8 Voor wat betreft het academisch jaar 1971/1972 zal een commissie gastcolleges aan de faculteit voorstellen doen met betrekking tot de uit te nodigen gastsprekers en door hen te behandelen onderwerpen Eerdergenoemde commissie zou dan moeten bestaan uit docenten die de hoofd- en keuzevakken representeren Voor wat betreft het academisch jaar 1970/1971 zullen gastdocenten worden uitgenodigd op de wijze, zoals dit de afgelopen jaren ook geschiedde De docenten zal m een rondschrijven nogmaals worden gevraagd terzake suggesties te doen
15
9 Voor wat betreft het keuzevak bedrijfseconomie IS - drs A J Schoorlemmer bereid gevonden juridische studenten te tenteren over een m overleg met hem vast te stellen literatuurlijst, terwijl ook bij hem scripties kunnen worden ingeleverd, - prof dr C F Scheffer bereid gevonden hiervoor de formele verantwoordelijkheid op zich te nemen, mdien dit noch voor hem, noch voor drs A J Schoorlemmer een extra collegelast met zich brengt Voor wat betreft het vak bedrijfseconomie voor fiscaal-juristen kunnen de eerstejaars-studenten de colleges volgen van drs Vissers, en ook bij hem tentamen afleggen, terwijl de ouderejaarsfiscaal-juristen die dit vak nog met bestudeerden, de keuzemogelijkheid hebben om college te lopen bij drs Vissers (twee uren gedurende een jaar), en ook bij hem tentamen af te leggen ofwel college te lopen bij drs Schoorlemmer (een u u r gedurende twee jaren), en bij deze te worden getenteerd 10 Voor wat betreft het burgerlijk- en handelsrecht voor ficaal-junsten zullen - met betrekking tot de prekandidaatsfase dezelfde eisen worden gesteld als m de studierichting Nederlands recht, - met betrekking tot de postkandidaatsfase minder zware eisen worden gesteld ter zake van a het verbintenissenrecht, met name op het punt van de onrechtmatige daad, b het handelsrecht, dit betekent dat met behoeven te worden bestudeerd het zeerecht en het wissel en chequerecht, doch wel het verzekeringsrecht, terwijl een uitgebreide kennis zal worden gevraagd van het nvrecht Voor wat betreft het failhssementsrecht zal alleen kennis van de materieel rechtelijke bepalingen worden verlangd, c voor het overige zullen dezelfde eisen worden gesteld als m de studierichting Nederlands recht 11 Met betrekking tot het voorstel van de studieraad dat goede scripties op kosten van de faculteit zullen kunnen worden vermemvuldigd, wordt besloten, dat m de eerste plaats ernaar gestreefd zal worden scripties m ,,Ars Aequi" te publiceren, m a a r dat daarnaast scripties, welke door de betrokken docent als zeer goed zijn beoordeeld, m aanmerking kunnen komen voor vermenigvuldiging op kosten van de faculteit, zulks evenwel onder het voorbehoud dat de drukkerij het hieraan verbonden werk technisch verwerken kan 12 Ter zake van het waarnemerschap bij de sectie rechtsgeleerdheid van de Academische Raad, zal de studentensectie zo spoedig mogelijk een student aanwijzen 13 Met betrekking tot de brief van de minister van onderwijs en wetenschappen dd 30 juni 1970 kenmerk DGW
thb 7
17 november 1970
190280/1 met bijlagen, kan de faculteit zich met de door de minister gedane voorstellen verenigen met uitzondering van het voorstel, dat het voortentamen lati]n voor toelating tot de daarvoor in aanmerking komende studierichtingen van de juridische faculteit niet zou worden gehandhaafd Na een over het laatstgenoemde punt gehouden stemming bleek, dat een meerderheid van de leden van de faculteit er voorstander van is, dat een bepaalde, m een voortentamen te toetsen, kennis van het latijn als voorwaarde wordt gesteld voor toelating tot de studierichting Nederlands recht 14 In verband met tijdgebrek wordt besloten, dat degenen, die opmerkingen wensen te maken met betrekking tot de concept-begroting, deze binnen veertien dagen zullen insturen bij het bureau van de faculteit 15 Naar aanleiding van het voorstel van de wetenschappelijke staf mzake de verhouding studieraad-faculteit, wordt besloten, dat een kleine commissie het van de staf afkomstige voorstel nader zal uitwerken met inachtneming van de daaromtrent ter vergadering gemaakte opmerkingen De commissie zal advies uitbrengen aan de faculteitsvergadenng m ruime zm ARS AEQUI In verband met het afstuderen van Theo van Berkum heeft de redactie van
het juridisch studentenblad ,,Ars Aequi" m zijn plaats benoemd M a n u s de Jong, Prof Verbernelaan 82, Tilburg, telefoon 04250 - 72964 Op korte termijn zoekt de plaatselijke redactie van „Ars Aequi" een vervanger voor Theo Raaij makers Naast zijn redactionele werkzaamheden zal zijn voornaamste arbeid bestaan m het onderhouden van contacten met hoogleraren en studenten Juridische belangstelling, kritische zm en representatieve kwaliteiten dienen derhalve tot zijn uitrusting te behoren Bovendien moet hij minstens m het bezit van het kandidaatsexamen en liefst derdejaars-student zijn Inlichtingen te verkrijgen bij en sollici taties te richten tot Th Raaijmakers, Palestrmastraat 89, Oosterhout, telefoon 01620-6525 en M de Jong, Prof Verbernelaan 82, Tilburg, telefoon 0425072964
SUBSIDIE STUDIEREIZEN 1970/1971 De commissie ,,subsidiebeheer studiereizen" van de juridische faculteit maakt bekend dat verzoeken om subsidie van studiereizen voor het academisch jaar 1970/1971 nog tot 1 december a.s. kunnen worden ingediend bi] de secretaris van de commissie (hoofd faculteitsbureau)
PROPEDEUTISCH-EXAMEN De commissie „propedeutisch examen deelt mede, dat het eindcijfer voor het vak ,,methoden en technieken van on derzoek" zal worden samengesteld uit de cijfers, die voor dit vak en het vak „wiskunde" worden behaald Hierbij zal de volgende verhouding tussen de cijfers voor beide vakken gelden - pretentamen , methoden" tentamen „wiskunde" = 2 1 (mdien het preten tarnen „methoden en technieken" wordt afgelegd), - examen ,,methoden" „wiskunde" = 4 1 (mdien voor het vak „methoden geen pretentamen wordt afgelegd)
i
BESLUITENLIJST VERGADERING FACULTEIT DER ECONOMISCHE WETENSCHAPPEN VAN 22 OKTOBER 1970 1 Bedrijfseconomie voor de vierdejaarsstudenten van de economisch-sociologische en de beide bestuurswetenschappelijke studierichtingen In afwachting van een benoeming ter opvolging van prof Geertman is door de hoogleraren Goldschmidt, Groeneveld en Scheffer een literatuurlijst opgesteld voor de bedrij f shuishoudkunde als onderdeel van de studieprogramma's der betrokken studierichtingen Voor de studenten van de economischsociologische en de beide bestuurswetenschappelijke studierichtingen gel-
den met betrekking tot dit onderdeel geen verplichtingen ten aanzien van het volgen van colleges Volstaan kan worden met de bestudering van de aangegeven literatuur Het tentamen, af te leggen n a het eerste jaar van de doctoraalstudie, zal worden afgenomen door de nog te benoemen opvolger van prof Geertman Mocht deze benoeming nog met hebben plaatsgevonden dan zullen de hoogleraren Goldschmidt, Groeneveld en Scheffer in onderling overleg nadere voorzieningen treffen Voor hen die hun keuze hebben bepaald op de economisch-bestuurswetenschappehjke studierichting, internationale specialisatie, bestaat de mogelijkheid om in plaats van de hierboven
16
aangegeven oplossing de cursus ont wikkelmgsplannmg van prof dr F P Jansen in de plaats te stellen van het vak „partiele evenwichtstheorie" zoals dat tot nu toe door prof Geertman werd gedoceerd Voor hen die het vak „leer van de economische en sociale aanpassing der ontwikkehngslanden" als afstudeervak hebben gekozen wordt deze cursus zeer dringend aanbevolen 2 Beoordeling examens De voorzitter van de faculteit heeft de bevoegdheid gekregen om m overleg met het hoofd van het faculteitsbureau m bijzondere gevallen ter zijner beoordeling af te wijken van de geldende examenreglementen TENTAMENDATA IN HET KADER VAN HET NIEUWE CANDIDAATSPROGRAMMA 14 december 1970 - bedrijfseconomie, 21 december 1970 - aanvullend wiskunde Opgave tot en met 20 november 1970 28 j a n u a n 1971 - herkansing aanvullend wiskunde
I
Bijdrage studentenparochie Maranatha
Tentoonstelling Sabine Vess
(Stortingskaart in dit nummer) De zeer laat bekend geworden verandering in de bijdrage van ƒ45,— voor allerlei studentenvoorzieningen - voor dit studiejaar verminderd tot ƒ 10, heeft grote verwarring veroorzaakt. Daarom in dit nummer van het THB zakelijke informatie, zonder pleidooi, en een girokaart.
De tentoonstelling van werk van Sabine Vess, onder auspiciën van het Studium Generale, wordt geopend op woensdag 18 november om 16.00 uur in de hal van het hoojdgehouw vóór de aula.
Wie - tijdig bekend met de nieuwe regeling - niet ƒ 45,— m a a r ƒ 10,— betaalde, heeft niets aan de parochie bijgedragen. Wie, na betahng van ƒ 45,—, ófwel (giro- en bankbetalers) ƒ 35,— terugontvangt, ófwel (de kontante betalers) ƒ 35,— terug komt halen, heeft ook niets aan de parochie bijgedragen. Bijgedragen aan de parochie hebben alleen zij:
De tentoonstelling zal te bezichtigen zijn tot en met woensdag 2 december.
Ie die na betaling van ƒ 45,— en terugontvangst van ƒ 35,— daarna een parochiebijdrage kontant betaalden of gireerden;
De opening bestaat uit een slagwerkimprovisatie door Mare Jansen, student aan het Brabants Conservatorium.
Sabine Vess f30) leerde in Heidelberg de techniek van batik, volgde gedurende vier 'ia) en een opleiding aan de Academie Sint Joost te Breda en is sinds 1968 aangesloten hij de Brabantse Kunststichting. Zij exposeerde onder meer in het cultureel centrum Cariathide in Brussel, in de Tilburgse Schouwburg Galerie, in Waalwijk, Zundert en Venray en in het Theatre Nouveau in Luxemburg.
2e die - tijdig bekend met de nieuwe regeling - bovenop de ƒ 10,— voor algemene studentenvoorzieningen, duidelijk omschreven, ƒ 10,— overschreven (of kontant betaalden) voor de studentenparochie; 3e die rechtstreeks op een of andere manier betaalden aan de studentenparochie. Velen vragen hoe het zit, willen wel, maar weten niet hoe! Vandaar deze girokaart. Wie al bijdroeg, legt ze naast zich neer. Wie er niets voor voelt, doet hetzelfde. Wie wil bijdragen, doet er wat mee. Er staat geen bedrag op. Al jaren was het ƒ 10,—. Beslis en kies zelf hoeveel. Gironummer 1945054 t.n.v. Maranatha (Studentenparochie), Prof. Cobbenhagenlaan 19, Tilburg.
Studium Generale
DOOR STUDENTEN De commissie Studium Generale zoekt
enkele studenten die bereid zijn zitting te nemen in deze commissie, teneinde mee te denken en mee te werken aan het studium generale. Binnen de hogeschool wil de commissie vorm geven aan ideeën en initiatieven op velerlei gebied.
Drs. Terheijde, bekend als de toekomstige voorzitter van het NVV, heeft in 1957 sociologie gedefinieerd als „verbaal geouwehoer". Naderhand heeft hij zijn mening herzien. Zelfs een toekomstig NVV-voorzitter kan zich vergissen. Inderdaad! Hij had het woord „verbaal" weg moeten laten, om een pleonasme te vermijden.
VOOR STUDENTEN
Degenen die belangstelling hebben kunnen zich wenden tot Hans Lieshout of Bruno Groen, kamer 111 (fietsenkelder) of telefonisch: 70960 toestel 458.
17
Onderlinge vervoersvereniging
„HET PAND" stelt zich ten doel verhuizingen en vervoer in het algemeen goed en goedkoop te verrichten. Ook vervoer van groepen personen (bijvoorbeeld disputen) over korte en lange afstand. Wij hebben de beschikking over een goede VW-bus met geroutineerde chauffeurs.
„HET PAND" Meelstraat 16 - Tilburg Telefoon 04250-22948
t h b 7 - 17 november 1970
De hele
wereld is het werkterrein
van Shell
databank fs'oTuw-
" ' ' ' ' " ' ^ ^ = ' ° ' ^ " ■"-' ^"Jdag van n co to'
KRUIT UITGAVEN Wat te doen met de sociologie' Radikale b enadering van de ekonomie Politieke ekonomie Seksualiteit en gezm m de samenleving Chmr"^'"*^
ƒ 2,2j „ 175 ,, 3 -
laatkapitahstiese ,, 3,50
^an het b uigeili,k onderwijs
in ,, 0,50
Rieter Docenten sterven m e t
,, 0 8u
Produktive und unproduktive Arb sit im Kanit a h s m u s (SoPo 8) Uittreksel van Monopoly Capital SUN-UITGAVEN Milieuvervuiling en macht F Engels Over het woningvraagstuk A n t i - a u t o n t a i r e en socialistiese opvoeding Mandel Inleiding m de marxistiese ekonomie
Uitgaven op economisch gebied van dr. s. huisman economische groei en internationale handel
f 25,—
prof. dr. f. de roos theorie der internationale economische betrekkingen, 3e druk
f 26,—
prof. dr. h. wytzes ondernemmgsgroei en ondernemingsstrategie enkele beschouwingen inzake het groei-aandeel, 2e druk
f 20,30 f
2,50
dr. r. p. zuidema produktie, kapitaal en produktiviteit
ƒ25,-
in voorraad bij:
boekhandel gianotten wetenschappelijk filiaal: prof. verbernelaan 100 (studentenflat) - telefoon 04250-73181 - tilburg enig filiaal van: heuvel 43, tilburg
18
,, 2,50 ., 0,90
gespecialiseerd op wetenschappelijk gebied
., 2,50 , 3 50 , 3 50 , 3 50
pottenbakken/boetseren, stof versieren/wandkleden, emailleren, grafische technieken, kaligrafie (kunst-reklame-schrift), schilderen/bloemmotie ven op gebruiksvoorwerpen, sieraden maken, ruimtelijke vormgeving, bloemschikken, eventueel ook metaalbewerken en poppenmaken Gelegenheid zich op te geven: iedere dag van 10.00 tot 18 00 u u r (behalve 's m a a n d a g s ) . De kursusduur- 4 of 8 weken; de kosten variëren van ƒ 25,— tot ƒ 32,—.
talistiese 'i-wij s
in ,, 0,50 ,, 0,8ü
m Kapi-
ng nomie
ïn gebied
november
,, 2,50
•|7
., 0,90
Stadsschouwburg, 20 15 u u r : The Tribal A m e n can Love Rocli Musical ,,Hair". Studio-Theater (Stadsschouwburg), 20.00 u u r : Waardermgsconcert voor koren Toegang gratis. ATSO-Trefcentrum, 20 00 uur- Experimenteel Theater Workshop met J a n Lambrechts. Ambassade, 22.30 u u r Filmliga, J e a n Luc Gedard ,,Les deux choses que je vais d'elle".
„ 2,50 ,, 3,50 ,, 3,50 , 3,50
"18
DINSDAG
WOENSDAG
Stadsschouwburg, 20 15 uur: The T r i t a l American Love-Rock Musical ,,Hair". ATSO-Trefcentrum, Mr Paul van Bovenzaal, 22 00 uur: Popconcert. Ligthouse. Entree, ƒ 0,99. Maranatha, 13 15—13 45 u u r : Pauzeconcert met Reger-tno. Lucius Voorhorst, fluit; Dusan Karpisek. viool en John Sekreia: altviool. Werken van onder andere Reger. Maranatha-gespreksgroep, 20.30 u.: Poststraat 12
H
9 DONDERDAG Stadsschouwburg, 20 15 uur: The Tribal American Love-Rock Musical ,,Hair". ATSO-Trefcentrum, Wijnkelder, 20 00 u u r Zjantiel, sociëteit voor homofiele jongeren.
20
tentoonstellingen 24
DINSDAG
Stadsschouwburg, 20 15 u u r . De Toneelgroep ,,Theater" met ,,Baas in eigen z a a k " van Harold Brighous. ATSO-Trefcentrum, 20 00 u u n Experimenteel Theater Workshop met J a n Lambrechts. ATSO-Trefcentrum, Kruitkelder, 20.00 u u r : Een reklame-avond Film van J a n Vrijman.
25
WOENSDAG
Stadsschouwburg, 20.15 u u r . Herman van Veen met zijn nieuw p r o g r a m m a ,,Herman v a n Veen". ATSO-Trefcentrum, Mr Paul v a n Bovenzaal, 22 00 uur: Sessie-avond. M a r a n a t h a , 13 15—13 45 u u r Pauzeconcert met Gsrard van Blerk: piano Werken van Poulenc en Ravel Maranatha-gespreksgroep, 20 30 u.. Poststraat 12.
26
DONDERDAG
Katholieke Hogeschool, C 2, 14 00 u u r : Studium Generale. ,,Onder Amerika: P e r u " , een film van Paul v a n de Bos. Abram de Swaan geeft impressie van een reis, die hij samen met Paul van de Bos maakte in Peru.
kursussen Boetiek ,,Le Hibou" / Galerie ,,Den U i l " Antoniusstraat 38, telefoon 25255 B-i voldoende deelname worden de komende maanden d3 volgende kursussen gegeven:
VRIJDAG
Volkenkundig Museum Kloosterstraat 24, telefoon 31586 Expositie ,,Bolivia, land en volk". Geopend: m a a n d a g tot en met vrijdag van 10 00 tot 12.00 en v a n 14.00 tot 17.00 u u r ; zaterdag en zondag van 14.00 tot 17.00 u u r ; rondleiding n a afspraak. Brabantse Kunststichting Spoorlaan 426, telefoon 24772 Vanaf 1 november: P e r m a n e n t e tentoonstelling. Van 7 tot 30 november: Corry van Aernsbergen exposeert wandkleden Geopend- dinsdag tot en met zaterdag van 9 00 tot 12 30 en van 14.00 tot 17 00 u u r ; zondag v a n 14 00 tot 17 00 u u r ; m a a n d a g gesloten. Galerie ,,Den U i l " St. Antoniusstraat 38 (zijstraat Tuinstraat) Tot 15 november Expositie van werk van W i m Verhagen (keramiek) en Ad Tuk (kunstschilder). D a a r n a tot 15 december. Expositie v a n Wiesje v a n Kalmthout-van de Linden (keramiste) en Monique J o n k e r (bloemiste). Geopend: dinsdag tot en met zaterdag van 10.00 tot 18.00 u u r ; zondag van 12 00 tot 17 00 u u r ; m a a n d a g gesloten
Sabine Vess: „Astronaut", 1969
Stadsschouwburg, 20 15 u u r Concert door de Mannierskapel. Kunstijsbaan Pellikaanhal, 20.30 u u r : IJshockeywedstnjd Tilburg-Trappers—Smoke Eaters ATSO-Trefcentrum, Mr Paul v a n Bovenzaal, 21 00 uur: Ruil- en verkoopavond.
21
Schouwburg-Galerie, Stadsschouwburg: Van 3 tot en met 29 november- Paul de Lussanet exposeert technicolor-portretten.
ZATERDAG
Stadsschouwburg. 20.15 uur: De Toneelgroep ,,Globe" met ,,Varkens" van J o h n Arden. ATSO-Trefcentrum, Mr Paul van Bovenzaal, 23 00 uur. Filmfestival. Weekend 21 en 22 november: Maranatliafeest Maranatha, 18 30 u u r Liturgieviering.
22
ZONDAG
Stadsschouwburg, 13 00 u u r : Middagvoorstelling van het Cabaret ,,Neerlands Hoop in Bange Dagen" Stadsschouwburg, 20 15 u u r Hoofdstad Operette met ,,In einer kleinen Konditorei". Gemeentelijk Stadion, Goirleseweg, 14 30 u u r : Voetbalwedstrijd Willem II—GVAV (Groningen). ATSO-Trefcentrum, Kruitkelder, 20.00 u u r : De VPRO-film: ,,ABC in de kinderschoenen". Dr Rupp spreekt n a a r aanleiding van deze film. Katholieke Hogeschool: Gastkollege, Openbare les Maranatha, 11 15 en 12 30 u u r . Liturgieviering.
23
MAANDAG stadsschouwburg, 20 15 uur- De Nederlandse Comedie. Kunstijsbaan Pellikaanhal, 20.30 u u r : IJshockeywedstrijd Tilburg-Trappers—Krefeld KEV.
19
t h b 7 - 17 november 1970
Extraatje op een ABN studeittenrekening
I p
Een bankrekening. Speciaal voor studenten. Voof t gemak. Om allerlei soorten betalingen te doen Met gratis iv^rnimtmaรณ^ overschrijvingsformulieren. Met gratis dagafschriften waarop elke saldowijziging staat. Een bankrekening met 'n extraatje. Drie volle procenten rente. Niet langer op studeren! Meteen zo'n bankrekening openen. Bij een van de ABN kantoren, 't Is een kwestie van 'n paar minuten en je hebt er jaren elke dag plezier van. U bent welkom bij de
Algemene Bank Nederland Tilburg: Spoorlaan 346, telefoon (04250) 21040 Westermarkt 12, telefoon (04250) 21040 Wilhelminapark 14, telefoon (04250) 21040
20
4