Lift GO! - A-stroom - Leerwerkboek

Page 1

2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

Economie & organisatie A-stroom GO!


r

pl aa

em

jk ex

ki

In


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

De economische kringloop


Starten met Lift Welkom bij Lift. We leggen graag even uit hoe je met dit leerpakket aan de slag gaat.

1 OP WEG MET LIFT Het leerwerkboek bestaat uit zes thema’s en ICT-fiches. Elk thema is op dezelfde manier opgebouwd.

I L

De consument

LIFT_T2_L1A.indd 1

04/06/2020 07:23

pl aa

F

In totaal zul je zes thema’s doorlopen: de economische kringloop, de consument, ondernemingen en organisaties, de overheid, het buitenland en het ondernemerschap (ondernemend project). Elk thema start met een Themapagina.

em

T

r

2

STEP-IN Je hoort het de oudere generaties wel eens zeggen: ‘Vroeger was alles anders.’ Ga naar het onlinelesmateriaal. Bekijk het interview en beantwoord de vragen.

Forum Is alles beter dan 40 jaar geleden?

jk ex

Elk thema begint met een Step-in. Daar maak je kennis met de rode draad doorheen het thema.

ki

In dit thema doorloop je vijf levels. Elk level biedt je een stukje kennis die je nodig

In

Je doorloopt per thema verschillende Levels, waarbij je telkens een centrale onderzoeksvraag beantwoordt. Je verkent de onderzoeksvraag aan de hand van verschillende opdrachten, onder de noemer Explore.

THEMA 1

STEP-IN

hebt om de opdracht van de Step-up uit te voeren. Daarin ontwerp je een video, een infographic of een presentatie waarin je de situatie van de huidige consument vergelijkt met die van de consumenten vroeger. Je presenteert daarna de opdracht voor de klas.

4

Explore 2— Hoe verloopt de vraag naar een product? Voor de volgende opdracht heb je de keuze. Kies optie 1 ‘Fortnite’ als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 ‘Adidas-sneakers’ als je liever wat ondersteuning wilt.

Bij verschillende opdrachten kun je kiezen uit twee of meerdere Opties. De opties geven je de keuze of je graag een uitdaging wilt aangaan of liever meer ondersteuning wenst. Het kan ook zijn dat je kunt kiezen volgens je interesse.

Optie 1

Fortnite

Optie2

Adidas-sneakers

© Jimmy Tudeschi / Shutterstock.com

© Vacharapong W / Shutterstock.com

Je bevindt je in het land Fortnite. Je betaalt

Sneakers van Adidas zijn bij jongeren erg

daar niet in euro of in US-dollar, maar in V-bucks. Je kunt er onder andere hippe

in trek. Adidas onderzocht hoeveel paar sneakers de klanten voor een bepaalde

dancemoves, een paraglide of een pickaxe (houweel) mee kopen. Aan de consumenten van Fortnite werd gevraagd, hoeveel

prijs zouden kopen. Je ziet het resultaat in de onderstaande tabel.

dancemoves ze voor een bepaalde prijs zouden kopen. Je ziet het resultaat in de

2

Tabel 1.1 Prijs per

Gevraagde

Prijs per paar

dancemove in

hoeveelheid

Adidas-sneakers in

V-bucks

Adidas-sneakers

euro

12

100,00

6

40,00

10

200,00

5

60,00

8

300,00

4

80,00

6

400,00

3

100,00

4

500,00

2

120,00

2

600,00

1

140,00 LEVEL 1

Tabel 1.2

Gevraagde hoeveelheid dancemoves

THEMA 1

STARTEN MET LIFT

onderstaande tabel.

7


De verworven leerstof is gebundeld in To the point. Daarin staat wat je moet onthouden uit het level. Bij het onlinelesmateriaal vind je de verworven leerstof in een overzichtelijke mindmap.

TO THE POINT Je kunt op twee manieren betalen: rechtstreeks en onrechtstreeks. Als je rechtstreeks betaalt, dan betaal je chartaal met munten en biljetten. Onrechtstreeks of giraal betalen is op meerdere manieren mogelijk. Er is directe tussenkomst van een financiële instelling

(= bank), zoals bij betaling met een debetkaart of met mobiele bankingapps. Er is indirecte tussenkomst van een financiële instelling

(= bank) of van een paymentserviceprovider, zoals bij betaling met Payconiq, PingPing, PayPal, iDEAL, VISA of Mastercard. Er is geen tussenkomst van een financiële instelling (=bank)

of paymentserviceprovider. Dat is het geval bij betaling met crypto, bitcoins, libra.

Nu is het tijd om je opgedane kennis in te oefenen aan de hand van verschillende Actions.

Action 1— Pas op! Wees voorzichtig met je persoonlijke gegevens!

Bekijk de twee filmpjes en beantwoord de onderstaande vragen. Wat vind je van de filmpjes?

b

Wist je dat die manier van frauderen bestond?

r

THEMA 2

LEVEL 4

a

76

25/05/2020 09:28

pl aa

LIFT_T2_L4.indd 76

BREAKING NEWS

Aan het einde van elk level sta je stil bij de actualiteit omtrent de inhoud van dat level in de rubriek Breaking news. Bij het onlinelesmateriaal vind je de bijhorende artikels of filmpjes om de opdracht uit te voeren.

1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Beantwoord de vragen. a

Wat wordt er in verband met de privacy vermeld?

b

Wat doen bedrijven met persoonlijke gegevens?

CHECKLIST

em

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

STEP-UP

Ik kan omschrijven wat big data zijn.

2

Ik kan voor- en nadelen van big data geven.

3

Ik kan toelichten welke gevaren er op het inter-

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

net schuilen met betrekking tot mijn privacy. 4

Ik kan toelichten hoe ik mijn privacy kan beschermen op het internet.

5

Ik kan toelichten op welke manieren je reclame via het internet krijgt. Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

7

Ik kan een affiche ontwerpen.

8

Ik kan een infographic ontwerpen.

9

Ik kan een presentatie maken.

LEVEL 5

6

THEMA 1

jk ex

Elk level eindigt met een Checklist. Het is een hulpmiddel om te beoordelen of je de doelen van dat level onder de knie hebt.

1

104

Je hebt de afgelopen weken de consument in de maatschappij bestudeerd. Schets afsluitend de evolutie in de mogelijkheden voor de consument door de consument van vroeger en nu te

Tip:

b

Binnenlandse vs buitenlandse producten

Technologische nieuwigheden

Digitalisering

Werk alleen of per twee.

Kies een van deze drie opties om de evolutie te presenteren. Leg uit waarom je die optie

ki

a

kiest. Gebruik daarvoor eventueel de ICT-fiches van Moovly, Canva of powerpoint. Video, omdat

2

T

In

Infographic, omdat

Elk thema sluit af met een Step-up die je uitdaagt om je kennis toe te passen in een grotere opdracht.

F

Presentatie, omdat

Bewaar je presentatie in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

I

LEVEL 5

Stel je werk aan de klas voor.

d

THEMA 1

c

105

L

ICT-fiches

De ICT-fiches helpen je om zelfstandig met een tekstverwerker, een rekenblad of een presentatiepakket aan de slag te gaan; infographics te creëren, foto’s en video’s te monteren en online samen te werken.

STARTEN MET LIFT

vergelijken.

3


als je liever een uitdaging wilt.

Explore 3— Actuele trends proberen de consument te overtuigen

1

2

Wat leid je af uit de krantenknipsels? Markeer de juiste tendens. a

Bekijk aandachtig de onderstaande tweet en afbeelding. Welke informatie kun je eruit afleiden?

Wanneer de vraag naar een product stijgt omdat het bijvoorbeeld populair is, willen meer / minder consumenten dat product. Dat betekent dat er minder producten beschikbaar zijn voor meer vragers. Daardoor zullen mensen tegen elkaar opbieden en dus zal de prijs stijgen /dalen.

b

Wanneer er een nieuwe iPhone op de markt komt, verliest de vorige versie aan populariteit. Daardoor zullen meer / minder mensen dat model kopen. De vraag daalt / stijgt dus. Omdat de verkopers het oude model niet verkocht krijgen, doen ze de prijs stijgen / dalen.

2 HANDIG VOOR ONDERWEG

3

Vul de verbanden aan.

In elk thema vind je dezelfde hulpmiddelen.

a

Als de vraag stijgt,

b

Als de vraag daalt,

.

c

Als het aanbod stijgt,

.

d

Als het aanbod daalt,

.

.

Prijszetting

Doorheen het thema vind je de belangrijkste zaken op een rijtje in de rode kenniskaders.

Zoals je merkt komt de prijs van een product tot stand door de vraag naar en het aanbod van dat product. Dat principe werkt zo op elke markt.

A

B

Bron: fingerspitz.nl

INFLUENCER

Moeilijke woorden worden uitgelegd in een begrippenkader. Die woorden vallen extra op door de stippellijn.

Bedrijven zetten influencers in om het koopgedrag te beïnvloeden.

LEVEL 1

THEMA 2

Instagram.

LIFT_T2_L3.indd 51

7

BEGRIP

VERKLARING

THEMA 1

LEVEL

IN JE EIGEN WOORDEN

kernactivitei-

De kernactiviteiten zijn de belangrijkste

ten

activiteiten van een onderneming die ervoor

51

zorgen dat die tegemoetkomen aan de onderneming de concurrentie voorblijft. klantenrelaties

een ondernemer zich wil bekendmaken bij de klanten (via het internet, met een eigen website, op beurzen, via mailings, flyers, advertenties, partners, sociale media ...). 7

klantenseg-

In het klantensegment beschrijft de onder-

ment

nemer welke klantengroep hij wil bedienen en wat de belangrijkste kenmerken van die doelgroep (behoeften, factoren die hun

kostenstruc-

De kostenstructuur geeft alle kosten weer

tuur

die nodig zijn voor de werking van de onderneming.

7

marketing

Marketing doet onderzoek naar de behoefte van mensen, vertaalt die behoeften in producten en diensten en ontwikkelt een geschikte strategie met als doel om de verkoop van die producten en diensten te stimuleren.

7

marketingmix

De marketingmix is een combinatie van instrumenten die een onderneming inzet om rekening te houden en in te spelen op het keuze- en aankoopgedrag van consumenten. Het helpt een onderneming om succesvol te zijn. Traditioneel worden vaak de 6 P’s gebruikt: product, prijs, plaats, promotie, presentatie en personeel.

7

mensen en

De mensen en middelen zijn het geheel van

middelen

(financiële) middelen en mensen die de

Door minder vraag naar iPhones ziet

een vat. En dat effect sijpelde door in

Apple zich genoodzaakt de prijs te

de prijzen voor brandstoffen.

verlagen.

Bron: hln.be, 2019-03-22

Bron: tijd.be, januari 2019

jk ex

onderneming nodig heeft om de kernactivi-

werd bijna 30 % meer betaald voor

em

aankoopgedrag beïnvloeden …) zijn. 7

© r.classen / Shutterstock.com

Je vindt die woorden ook achteraan in de Begrippenlijst. Bij het onlinelesmateriaal vind je dezelfde begrippen terug in een beeldwoordenboek.

14

De bouwsteen klantenrelaties geeft aan hoe

aardolie vanuit China, India en de VS

25/05/2020 09:29

behoeften van de doelgroep en waardoor de

7

Door de gestegen vraag naar ruwe

pl aa

veel volgers en ze zijn actief op sociale media, in het bijzonder op

r

LEVEL 3

Influencers zijn over het algemeen bekende personen met vrij

BEGRIPPENLIJST

teiten uit te voeren.

THEMA 2

Explore 1— Hoe verzamelt de overheid gegevens over mij?

141

3

Lees het artikel over Nafi Thiam als voorbereiding op het forum.

Good to know

ki

In de Good to know-kaders staan handige tips of weetjes bij de uitvoering van de opdrachten.

Nafi Thiamouder werd zondag de eerste Belgische ooitelektronische 25 000 euro. Als er een wereldrecord Iedereen dan twaalf jaar heeft een identiteitskaart. Die bevatverbroken die een gouden medaillemaar won op een WK wordt, levert dat het meeste 85 000 euro. Een meerdere gegevens, vaak is je atletiek. naam of je postcode al voldoende om op: je identiteit

Ze bewijzen. won op indrukwekkende wijze de zevenkamp, habbekrats je datde vergelijkt metkunnen wat voetballers te Het gemeentelijk zwembad bijvoorbeeld moet als alleen postcode maar echt veelom levert gouden uit medaille eigenlijk verdienen. De Braziliaan een controleren de zo’n bezoekers de eigen gemeente een voordelig tariefNeymar, aan te die bieden. niet op. Het IAAF, de internationale atletiekfederatie

monstercontract tekende bij PSG, verdient 50 000

medaille. Voor een zilveren medaille krijgen atleten

Bron: hln.be, 2018-02-10

betaalt ongeveer 51 000 euro voor een gouden 1

euro in tien uur.

Surf naar de website van Ik beslis. Klik op ‘Info voor jongeren’ en vervolgens op ‘eID’. Ontdek welke gegevens er op jouw identiteitskaart staan.

In

In een Forum voer je in groepjes of met de hele klas een gesprek over een bepaalde stelling. Het is de bedoeling dat je luistert naar elkaars mening en leert hoe anderen denken, maar ook dat je je eigen mening leert onderbouwen met argumenten.

a

Welke gegevens zijn met het blote oog zichtbaar?

Forum

Vind jij het terecht dat voetballers zo veel verdienen?

Vind jij het correct dat Nafi Thiam, die wereldkampioene zevenkamp is, slechts 51 000 euro krijgt?

Action 3— Vraag naar sieraden en games – Next level Kies, afhankelijk van je interesse, de oefening met de sieraden of met de games. b Welke gegevens zijn niet met het blote oog zichtbaar?

De volgende iconen helpen je ook nog een eind op weg: Optie 1

Sieraden

Je vindt online extra 1(ondersteunend) materiaal. Op een markt is er natuurlijk meer dan een vrager.

Optie 2 1

Om het eenvoudig te houden gaan we ervan uit

vrager. Om het eenvoudig te houden gaan we

Tabel 5.1

of vragers zijn. Ook Mauro en Mils, twee vrienden van Mila, zijn verzot op gamen.

Tabel 5.2

Je vindt online een ontdekplaat. Gevraagde hoeveelheid

Prijs per

Gevraagde hoeveelheid games

Prijs per game

Liesje

in euro

Mila

Mauro

Mils

in euro

0

11,00

0

0

1

125,00

LEVEL 3

juweel

3

1

9,00

1

1

2

100,00

3

2

7,00

2

2

3

75,00

THEMA 3

juweeltjes Je moet iets bewaren in je portfolio.

5

4

3

5,00

3

3

4

50,00

6

5

4

3,00

4

4

5

25,00

7

6

5

1,00

5

5

6

0,00

Nele

Sabrina

2

4

Je oefent je ICT-vaardigheden. 2 1

LEVEL 1

4

ervan uit dat er in totaal drie consumenten

Het luisterfragment dat hierbij hoort, vind je online.

EMA 1

STARTEN MET LIFT

Het beeldfragment dat dat hierbij vindof vragers je online. drie consumenten er in totaalhoort, zijn. Nele was niet alleen in ‘sieradenland’.

Games

Op een markt is er natuurlijk meer dan een

50


HET ONLINELEERPLATFORM BIJ LIFT

Leerstof kun je inoefenen op jouw niveau.

em

Hier kan de leraar toetsen en taken voor jou klaarzetten.

pl aa

Hier vind je de opdrachten die de leraar voor jou heeft klaargezet.

r

Je kunt vrij oefenen of de leraar kan opdrachten voor jou klaarzetten.

ki

jk ex

Benieuwd hoe ver je al staat met je oefeningen en opdrachten? Hier vind je een helder overzicht van je resultaten.

In

Hier vind je het lesmateriaal per hoofdstuk (onder andere videobestanden, instructieďŹ ches en instructieďŹ lmpjes).

STARTEN MET LIFT

Ga ook hier aan de slag met ontdekplaten en de bijhorende werkblaadjes.


1 pl aa

r

THEMA

In

ki

jk ex

em

De economische kringloop


r

pl aa

STEP-UP

em

Voorstelling van een economische kringloop

LEVEL

jk ex

1

Wat is de economische kringloop?

In

ki

STEP-IN

p. 17

p. 9

p. 8


STEP-IN 1

Bekijk de onderstaande infographic en formuleer met twee kernwoorden een geschikte titel.

pl aa

r

Infograpic 1:

PRODUCEREN

GEBRUIKEN

jk ex

GRONDSTOFFEN

em

KRINGLOOP

Vul de definitie van een kringloop aan. Kies uit:

In

2

ki

RECYCLEN

Een

schematisch – stadia (stappen) – kringloop of cyclus is een proces waarbij enkele

elkaar opvolgen, maar uiteindelijk de uitgangstoestand weer wordt bereikt. kan een kringloop daarom worden weergegeven door de stadia in een

THEMA 1

STEP-IN

cirkel te tekenen.

8

3

In dit thema doorloop je een level. Dat level biedt je een stukje kennis die je nodig hebt om de opdracht van de Step-up uit te voeren. Daarin stel je de economische kringloop voor.


LEVEL 1 Wat is de economische kringloop? INTRO 1

Werk in vier groepen. Duid per groep een verantwoordelijke aan. Bekijk samen met je groep deze collage van het gezin Van Vooren dat een tv-toestel wil kopen. Wat stelt de collage volgens jullie

r

voor? De verantwoordelijke noteert de informatie die de groep uit de collage haalt.

b

Die verantwoordelijke vertelt vervolgens aan de klas wat de groep aan informatie gevonden

pl aa

a

Š Rose Carson / Shutterstock.com

In

ki

jk ex

em

heeft.

Wat is de economische kringloop?

LEVEL 1

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

THEMA 1

2

9


Explore 1– Wat is een economische kringloop en

welke partijen maken er deel van uit?

Economische kringloop De economie gaat over de mensen die zaken produceren, aanschaffen of consumeren. We moeten produceren omdat we zaken nodig hebben om te overleven. De werking van de economie kun je voorstellen in een economische kringloop. In die kringloop zijn er vier partijen die onderling met elkaar verbonden zijn: de consument, de producent, de overheid

1

pl aa

r

en het buitenland.

Noteer de vier partijen in de onderstaande vereenvoudigde afbeelding van de economische kringloop. Kies uit:

Lees de tekst over Jules. Noteer de onderstreepte woorden onder de juiste partij van de economische

ki

2

jk ex

em

buitenland – overheid – gezinnen – bedrijven

In

kringloop.

Jules zit in het tweede jaar van het secundair onderwijs. Hij neemt dagelijks de bus van De Lijn naar het Koninklijk Atheneum. Peter Van Damme is zijn leraar van economie. De vader van Jules werkt bij een bank en zijn moeder werkt deeltijds in een grootwarenhuis. Jules en zijn ouders zijn vegetariërs. Ze eten vaak speciale fruitsoorten en groenten die gekweekt worden door landbouwers in verre landen.

THEMA 1

LEVEL 1

GEZINNEN

10

OVERHEID

BEDRIJVEN

BUITENLAND


Explore 2– Goederenstroom versus geldstroom GELDSTROMEN EN GOEDEREN- EN DIENSTENSTROMEN

In de economische kringloop zijn er twee stromen. 1

De goederen- en dienstenstroom bestaat uit de gezinnen die arbeid leveren, en uit de bedrijven, de overheid en het buitenland die goederen en diensten leveren.

2

De geldstroom houdt in dat de bedrijven en de overheid de gezinnen

r

betalen voor de geleverde arbeid. De gezinnen, de bedrijven, de overheid diensten.

Vul de goederen- en dienstenstroom aan door de letter bij de juiste pijl te noteren. De vader van Jules werkt bij een bank.

B

De moeder van Jules werkt bij een grootwarenhuis.

C

Peter Van Damme is de leraar economie van Jules.

em

A

D

Jules gebruikt dagelijks De Lijn om naar school te gaan.

E

De Belgische supermarkten kopen fruit en groente aan bij buitenlandse landbouwers.

F

De ouders van Jules kopen fruit en groente bij de supermarkt.

Overheid

In

ki

jk ex

1

pl aa

en het buitenland betalen op hun beurt voor de geleverde goederen en

Bedrijven

LEVEL 1

Buitenland

THEMA 1

Gezinnen

11


2

Vul de geldstroom aan door de letter bij de juiste pijl te noteren. A

De vader van Jules ontvangt zijn salaris van de bank.

B

De moeder van Jules ontvangt haar salaris van het grootwarenhuis.

C

Peter Van Damme ontvangt zijn salaris van het ministerie van Onderwijs.

D

De ouders van Jules betalen het abonnement van De Lijn.

E

De ouders van Jules betalen personenbelasting waarmee de overheid het onderwijs kan ďŹ nancieren.

F

De Belgische supermarkten betalen buitenlandse landbouwers voor de geleverde groenten en

G

De ouders van Jules betalen de supermarkt voor hun aankopen.

pl aa

r

fruitsoorten.

THEMA 1

LEVEL 1

In

ki

jk ex

Gezinnen

em

Overheid

12

Bedrijven

Buitenland


THEMA 1

LEVEL 1

Gezinnen

Belastingen

Betalen van lonen

Leveren van arbeid

Leveren van goederen en diensten

L I F T

Poster economische kringloop/business model A1 - v2.indd 2

ki

In Betalen voor aankoop goederen en diensten

Betalen van lonen

Leveren van goederen aan consumenten

Betalen voor import

Betalen voor export

r

Importeren van goederen en diensten

Exporteren van goederen en diensten

Buitenland

Bedrijven

Betalen van belastingen

pl aa

em

Leveren van arbeid aan bedrijven

Overheid

jk ex Betalen voor goederen en diensten

Leveren van goederen en diensten

Goederen- en dienstenstroom / Geldstroom

29/01/2020 14:17

TO THE POINT

13


De relaties tussen de gezinnen, de bedrijven, de overheid en het buitenland worden schematisch weergegeven in een economische kringloop. – De gezinnen werken bij de bedrijven en de overheid. – De bedrijven en de overheid geven in ruil voor hun arbeid een inkomen aan de gezinnen. – De gezinnen kopen met hun inkomen goederen en diensten bij de bedrijven. – De bedrijven leveren die goederen en diensten. – De overheid levert ook goederen en diensten aan de gezinnen en de bedrijven. – De bedrijven en de gezinnen betalen daarvoor, door onder andere belastingen te betalen aan de overheid. – De bedrijven kopen ook goederen en diensten in het buitenland. – De bedrijven betalen daarvoor geld aan het buitenland.

pl aa

– De bedrijven ontvangen daarvoor geld uit het buitenland.

r

– De bedrijven verkopen goederen en diensten aan het buitenland.

In de kringloop zie je de voorstelling van de geldstromen (gele pijlen) en goederen- en dienstenstromen (paarse pijlen) tussen de verschillende partijen.

Goederenstroom versus geldstroom

em

Action 1–

Bekijk de onderstaande infographic over het maken van een

jk ex

chocoladereep. Noteer de begrippen bij de juiste pijl. Kies uit:

© Jarretera / Shutterstock.com

VALUE CHAIN

In

ki

geldstroom – goederen- en dienstenstroom

THEMA 1

LEVEL 1

BOEREN

14

CONSUMENTEN


Action 2–

Economische kringloop

1

Vervolledig de economische kringloop door de onderstaande activiteiten met pijlen aan te duiden.

2

Noteer: a

de letter van de goederenstroom in het groen,

b

de letter van de geldstroom in het rood. Ferre Verplanken werkt als postbode.

B

Koffiebranderij Fascino koopt een partij koffiebonen bij een landbouwer in Peru.

C

Tijdens de middagpauze betaalt Amani Panos voor het broodje.

D

Cleandienst poetst dagelijks de gebouwen van het gemeentehuis van Ravels.

E

De Duitse hotelketen betaalt chocolaterie Boonen uit Genk voor de geleverde pralines.

F

Treinbestuurder Gomez ontvangt zijn maandelijkse salaris van de NMBS.

G

Het gezin Neirens betaalt 4 358 euro personenbelasting aan de fiscus.

H

De firma Gabriels vult de brandstoftank van het gezin Yilmaz.

em

pl aa

r

A

jk ex

Overheid

Bedrijven

LEVEL 1

Buitenland

THEMA 1

In

ki

Gezinnen

15


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Haal uit het artikel een voorbeeld van de economische kringloop. Stel dat voorbeeld schematisch voor zoals in de kringloop.

r

pl aa

CHECKLIST

em

1

jk ex

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

Ik kan de economische relaties tussen de

begrippen consument, producent, overheid

JA

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

en buitenland omschrijven.

Ik kan de goederenstroom in de eco-

ki

2

nomische kringloop illustreren met een

In

voorbeeld.

3

Ik kan de geldstroom in de economische kringloop illustreren met een voorbeeld.

4

Ik kan de economische kringloop voorstellen aan de hand van een aangereikt

schema.

THEMA 1

LEVEL 1

5

16

Ik kan een infographic maken.


STEP-UP Nu is het aan jou. Stel op een originele manier de economische kringloop voor. a

Werk voor die opdracht alleen of in een groepje van maximaal drie personen.

b

Bedenk zelf een verhaal of een situatie en houd rekening met:

c

de vier schakels en hun onderlinge relatie: gezinnen, bedrijven, overheid en buitenland,

de pijlen over de geldstroom en goederen- en dienstenstroom.

Verwerk het geheel tot een infographic in Canva en stel hem aan de klas voor.

pl aa

Bewaar de infographic in je portfolio. Je mag trots zijn op jouw werk.

THEMA 1

STEP-UP

In

ki

jk ex

em

d

r

Gebruik daarvoor ICT-fiche_C_01.

17


Begrippenlijst Thema 1 1

BEGRIP buitenland

VERKLARING Alle landen buiten de landsgrenzen van BelgiĂŤ.

1

consument

Een consument is de koper van een goed of een dienst.

1

consumeren

Consumeren betekent goederen en diensten kopen om je behoeften te bevredigen.

economische

De economische kringloop is de schema-

kringloop

tische weergave van de relaties tussen de

gezinnen, de bedrijven, de overheid en het buitenland. 1

geldstroom

De geldstroom houdt in dat de bedrijven en de overheid de gezinnen betalen voor de

em

dienstenstroom

uit de gezinnen die arbeid leveren, en uit de

jk ex

De goederen- en dienstenstroom bestaat

goederen en diensten leveren.

De overheid is de instantie die het meeste

ki

In BEGRIPPENLIJST THEMA 1 18

produceren

De producent is een persoon of een onderneming die een goed produceert en / of

1

bedrijven, de overheid en het buitenland die

BelgiĂŤ.

producent

gezag heeft over een grondgebied, hier

1

ven, de overheid en het buitenland betalen

goederen- en

overheid

diensten.

1

geleverde arbeid. De gezinnen, de bedrij-

op hun beurt voor de geleverde goederen en

1

pl aa

1

IN JE EIGEN WOORDEN

verkoopt of een dienst levert.

Produceren betekent goederen maken of

vervaardigen.

r

LEVEL


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

De consument


2

-

pl aa

r

THEMA

In

ki

jk ex

em

De consument


STEP-UP

5

LEVEL

Hoe bereken je het nettoloon van de consument?

p. 74

Wat zijn de meest courante betaalmiddelen en hoe betrouwbaar zijn ze?

p. 69

Hoe beĂŻnvloeden actuele trends in aankoopgedrag en aankoopkanalen de consument?

p. 41

Hoe wordt de marktprijs bepaald?

p. 12

Hoe bekijk je het economisch principe vanuit het standpunt van de consument?

p. 5

STEP-IN

p. 4

em

4

pl aa

LEVEL

r

Vergelijking van de situatie van de consument vroeger en nu

jk ex

LEVEL

3

LEVEL

In

ki

2

LEVEL

1

p. 83


STEP-IN Je hoort het de oudere generaties wel eens zeggen: ‘Vroeger was alles anders.’ Ga naar het onlinelesmateriaal. Bekijk het interview en beantwoord de vragen.

Forum

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Is alles beter dan 40 jaar geleden?

In dit thema doorloop je vijf levels. Elk level biedt je een stukje kennis die je nodig hebt om de opdracht van de Step-up uit te voeren. Daarin ontwerp je een video, een infographic of een presentatie waarin je de situatie van de huidige consument vergelijkt met die van de consumenten vroeger. Je presenteert daarna de opdracht voor

THEMA 2

STEP-IN

de klas.

4


LEVEL 1 Hoe bekijk je het economisch principe vanuit het standpunt van de consument?

r

INTRO 1

Bekijk de onderstaande collage en omcirkel: 

wat je absoluut moet kopen, in het groen;



wat minder belangrijk is, in het rood.

2

Wat heb jij groen en rood omcirkeld? Waarom? Bespreek klassikaal. In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Hoe bekijk je het economisch principe vanuit het standpunt van de consument?

THEMA 2

b

LEVEL 1

In

ki

jk ex

em

a

pl aa

Stel, je bent 25 jaar, je hebt je eerste baan en woont in een bescheiden appartementje.

5


Explore 1— Wat zijn goederen, diensten en behoeften? Goederen en diensten Je kunt verschillende producten aankopen. Bij die aankoop kun je een onderscheid maken tussen een goed en een dienst.

1

Vul het schema aan. Kies uit:

Alle

pl aa

r

tastbare zaken – niet-tastbare zaken – goederen – diensten

Alle

die je met geld kunt kopen.

2

jk ex

em

die je met geld kunt kopen.

Ga naar het onlinelesmateriaal. Bestudeer de ontdekplaat en vul de ontbrekende begrippen in de onder-

ki

staande tekst aan.

Je koopt goederen of diensten om een koopbehoefte te

In

bevredigen. Een

is het

aanvoelen van een tekort, en het verlangen eraan te willen voldoen. Je koopt bijvoorbeeld een appel omdat je honger

THEMA 2

LEVEL 1

hebt.

6


Je kunt behoeften op verschillende manieren indelen.

Indeling volgens de belangrijkheid voor de mens Eten, drinken, kleding en een woning zijn voor de mens van levensbelang. Iedereen probeert dus eerst die behoeften te vervullen. Dat zijn de behoeften.

Alle andere behoeften die niet levensnoodzakelijk zijn, zijn behoeften zoals een gsm,

pl aa

een tablet …

© 0bs / Shutterstock.com

Indeling volgens de doelgroep

em

r

de

Sommige behoeften zijn voor een enkel persoon of een beperkte groep. Dat zijn de

behoeften. Wanneer de behoeften voor meerdere personen

jk ex

of de hele gemeenschap bedoeld zijn, spreken we van behoeften.

Aan

behoeften kun je voldoen

door een product, iets wat je kunt vasthouden, te kopen.

ki

Aan

behoeften kun je niet

In

voldoen door iets tastbaars te kopen. Het gaat dan bijvoorbeeld om de behoefte aan vriendschap, liefde, stilte of gezondheid. Toch kun je wel vaak geld en tijd besteden aan immateriële behoeften. Je kunt een middag afspreken met je vrienden (tijd) om vriendschap (immateriële behoefte) te ervaren.

Niet altijd onmiddellijk kunnen kopen wat je wilt, noemt men . © MagicBones / Shutterstock.com

THEMA 2

bent aan het beschikbare budget, moet je keuzes maken.

LEVEL 1

Omdat je veel behoeften hebt, maar daarnaast gebonden

7


Explore 2— Hoe kun je goederen onderverdelen? Economische goederen kun je onderverdelen in consumptiegoederen en productiegoederen. Vul het onderstaande schema aan. Kies uit: maken – gebruikt – consumptiegoederen – bedrijven – verbruikt – productiegoederen

Dat zijn goederen die de consument

Dat zijn goederen die door de gebruikt

r

en

worden om andere goederen mee te

pl aa

.

jk ex

em

.

TO THE POINT

ki

Je kunt je behoeften bevredigen door goederen of diensten te kopen. Goederen zijn tastbare zaken die je

In

kunt kopen met geld. Diensten zijn niet-tastbare zaken. Behoeften kun je indelen volgens belangrijkheid voor de mens. Dat zijn de primaire behoeften, zoals een brood en de secundaire behoeften, zoals juwelen. Je kunt de behoeften ook indelen volgens doelgroep. Je hebt enerzijds de individuele behoeften voor een individu of een beperkte groep, zoals een trui, en anderzijds de behoeften van meerdere personen of een gemeenschap, de collectieve behoeften, zoals boeken uitlenen in de

THEMA 2

LEVEL 1

openbare bibliotheek.

8

Vervolgens heb je ook nog de materiële behoeften die je kunt bevredigen met de aankoop van een goed, en de immateriële behoeften die je niet kunt kopen, zoals vriendschap.


Omdat je veel behoeften hebt, maar daarnaast verbonden bent aan het beschikbare budget, moet je keuzes maken. Dat je niet altijd onmiddellijk kunt kopen wat je wilt, heet schaarste. De economische goederen kun je onderverdelen in consumptiegoederen en productiegoederen. De consumptiegoederen zijn goederen die je gebruikt, zoals een tablet, en verbruikt, zoals fruit. De productiegoederen zijn goederen die bedrijven gebruiken om andere goederen mee te maken, zoals

em

pl aa

r

een robot.

jk ex

Action 1— Welke behoeften worden bevredigd? Om welke behoefte gaat het? Zet een kruisje in de juiste kolom(men). PRIMAIRE

BEHOEFTE

Een

Een

BEHOEFTE

BEHOEFTE

BEHOEFTE

BEHOEFTE

MATERIËLE BEHOEFTE

ki

boterham

SECUNDAIRE INDIVIDUELE COLLECTIEVE IMMATERIËLE

In

zebrapad Een

warme

winterjas Een gouden ring

op het internet

THEMA 2

surfen

LEVEL 1

Een uurtje

9


Action 2— Welk begrip wordt bedoeld? Vul het kruiswoordraadsel in. HORIZONTAAL

4

2 Wanneer je niet onmiddellijk kunt kopen wat je wilt, ervaar je … 3 Goederen die door bedrijven gebruikt worden om andere goederen mee te maken, zijn … 5 Tastbare zaken die je kunt kopen met geld, zijn …

2

zijn … 4 Goederen die de consument gebruikt en

em

verbruikt, zijn …

pl aa

1 Niet-tastbare zaken die je kunt kopen met geld,

r

VERTICAAL

1

jk ex

3

In

ki

5

THEMA 2

LEVEL 1

BREAKING NEWS

10

1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Wat is het verband tussen het item en de geziene leerstof?


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA 1 Ik kan de begrippen goed, dienst, product,

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

behoefte en schaarste verklaren. 2 Ik kan de soorten behoeften: primaire, secun-

daire, collectieve, individuele, immateriĂŤle en materiĂŤle illustreren aan de hand van een

THEMA 2

LEVEL 1

In

ki

jk ex

em

productiegoederen.

pl aa

3 Ik kan voorbeelden geven van consumptie- en

r

voorbeeld.

11


LEVEL 2 Hoe wordt de marktprijs bepaald? INTRO 1

Lees het verhaal over Dilara.

pl aa

r

Dilara is schoenverslaafd. Ze heeft maar liefst 93 paar schoenen, van Adidas, Puma, Fila en Nike tot naaldhakjes van Michael Kors en Guess.

In

ki

jk ex

em

Volgend jaar verhuist het gezin van Dilara en haar moeder wil dat ze minstens twee derde van haar schoenen verkoopt. Het eerste weekend van september vindt de jaarlijkse avondmarkt plaats. Dilara verkoopt daar haar schoenen. Voor een paar sneakers vraagt ze 36 euro, voor een paar naaldhakken 32 euro. De eerste klant wil meteen twee paar sneakers kopen, maar wil er slechts 30 euro voor betalen. De tweede klant wil dan weer drie paar naaldhakken en is bereid om 28 euro per paar te betalen. De klanten vinden de gevraagde prijs te hoog. Dilara zal de prijs met de klanten moeten bespreken om tot een overeenkomst te komen.

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

THEMA 2

LEVEL 2

Hoe komt de prijs op de markt tot stand?

12


Explore 1— Wat is een markt? Waar doet het begrip markt je aan denken?

2

In welke twee categorieën kun je de mensen op de markt indelen?

3

Wat is een consument?

4

Wat is een producent?

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

1

© Dafinchi / Shutterstock.com

MARKT

THEMA 2

van een goed of een dienst samenkomen en een prijs afspreken.

LEVEL 2

In de economie is een markt een plaats waar kopers en verkopers

13


Explore 2— Hoe verloopt de vraag naar een product? Voor de volgende opdracht heb je de keuze. Kies optie 1 ‘Fortnite’ als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 ‘Adidas-sneakers’ als je liever wat ondersteuning wilt.

Fortnite

Optie2

Adidas-sneakers

pl aa

r

Optie 1

© Vacharapong W / Shutterstock.com

em

© Jimmy Tudeschi / Shutterstock.com

Sneakers van Adidas zijn bij jongeren erg in trek. Adidas onderzocht hoeveel paar sneakers de klanten voor een bepaalde prijs zouden kopen. Je ziet het resultaat in de onderstaande tabel.

Tabel 1.1

Tabel 1.2

ki

jk ex

Je bevindt je in het land Fortnite. Je betaalt daar niet in euro of in US-dollar, maar in V-bucks. Je kunt er onder andere hippe dancemoves, een paraglide of een pickaxe (houweel) mee kopen. Aan de consumenten van Fortnite werd gevraagd, hoeveel dancemoves ze voor een bepaalde prijs zouden kopen. Je ziet het resultaat in de onderstaande tabel.

Gevraagde

Prijs per

Prijs per paar

hoeveelheid

dancemove in

hoeveelheid

Adidas-sneakers in

dancemoves

V-bucks

Adidas-sneakers

euro

12

100,00

6

40,00

10

200,00

5

60,00

8

300,00

4

80,00

6

400,00

3

100,00

4

500,00

2

120,00

2

600,00

1

140,00

In LEVEL 2 THEMA 2 14

Gevraagde


1

1

Wat kun je afleiden uit de gele rij van de bovenstaande tabel?

2

Wat kun je afleiden uit de gele rij van de bovenstaande tabel?

2

Noteer de gegevens uit de tabel in de grafiek.

De gegevens uit de tabel zie je ook in de onderstaande grafiek.

a

horizontaal en welke gegevens verticaal?

a

Schrijf de juiste benaming bij de X-as en

pl aa

kunt uitzetten. Welke gegevens noteer je

r

Verdeel de assen zodat je de punten de Y-as.

b

Verbind de uitgezette punten met elkaar.

c

Controleer of je de punten in de tabel

b

em

terugvindt.

Schrijf de juiste benaming bij de X-as en de Y-as.

c

Zet de punten uit.

d

Verbind de uitgezette punten met elkaar.

Vraag naar Adidas-sneakers

jk ex

Vraag naar dancemoves

160 140 120

ki

100

In

80 60 40

3

0

1

2

3

4

5

6

X-as:

De lijn die de punten met elkaar verbindt, is de vraagcurve of de vraag. Waarom verloopt de vraagcurve dalend?

7

LEVEL 2

X-as:

0

THEMA 2

Y-as:

Y-as:

20

15


4

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een link naar een applicatie die je helpt om de vraagcurve te interpreteren. VRAAGCURVE

De vraagcurve geeft het verband weer tussen de gevraagde hoeveelheid bij verschillende prijzen. De vraagcurve geeft weer hoeveel stuks de consumenten willen kopen bij verschillende prijzen.

Optie 1 1

Fortnite

pl aa

Je gaat verder met de optie die je gekozen hebt.

r

Explore 3— Hoe verloopt het aanbod van een product?

Optie 2

Een verkoper wil natuurlijk zoveel mogelijk verdienen. Hoe hoger de verkoopprijs per stuk,

verdienen. Hoe hoger de verkoopprijs per stuk, hoe meer winst hij maakt. In deze tabel

hoeveel dancemoves de verkoper wil verkopen

zie je hoeveel Adidas-sneakers de verkoper

voor verschillende prijzen.

wil verkopen voor verschillende prijzen.

Tabel 2.2

jk ex

Tabel 2.1 Aangeboden hoeveelheid

dancemoves 3

Prijs per dancemove

hoeveelheid

Adidas-sneakers in euro

100,00

0

40,00

200,00

1

60,00

300,00

2

80,00

6

400,00

3

100,00

7

500,00

4

120,00

8

600,00

5

140,00

In LEVEL 2 THEMA 2

Prijs per paar

5

Wat kun je afleiden uit de gele rij van de bovenstaande tabel?

16

Aangeboden Adidas-sneakers

in V-bucks

ki

4

2

Een verkoper wil natuurlijk zoveel mogelijk

em

hoe meer winst hij maakt. In deze tabel zie je

1

Adidas-sneakers

2

Wat kun je afleiden uit de gele rij van de bovenstaande tabel?


3

3

Noteer de gegevens uit de tabel in de grafiek.

De gegevens uit de tabel zie je ook in de onderstaande grafiek.

a

Verdeel de assen zodat je de punten kunt a

uitzetten. b

Schrijf de juiste benaming bij de X-as en

Schrijf de juiste benaming bij de X-as en de

de Y-as.

Y-as.

b

Verbind de uitgezette punten met elkaar.

c

Zet de punten uit.

c

Controleer of je de punten in de tabel

d

Verbind de uitgezette punten met elkaar.

terugvindt.

Aanbod van dancemoves

Aanbod van Adidas-sneakers 160

r

140

pl aa

120 100 80 60

em

40

Y-as:

Y-as:

20

X-as:

0

1

2

3

4

5

6

X-as:

jk ex

4

0

De lijn die de punten met elkaar verbindt, is de aanbodcurve of het aanbod. Waarom verloopt de aanbod-

In

ki

curve stijgend?

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een link naar een applicatie die je helpt om de aanbodcurve te interpreteren.

AANBODCURVE

De aanbodcurve geeft het verband weer tussen de aangeboden hoeveelheid en de verschillende prijzen. De aanbodcurve geeft weer verschillende prijzen.

LEVEL 2

hoeveel stuks de producenten / verkopers willen verkopen voor

THEMA 2

5

17


Explore 4— Waar zijn de vraag en het aanbod gelijk? Je stelt vast dat kopers liever minder betalen en verkopers liever tegen een hogere prijs verkopen. Om toch tot een aankoop of verkoop te komen, komen kopers en verkopers, of vragers en aanbieders samen op de markt. Daar spreken ze af welke prijs ze bereid zijn te betalen voor een bepaalde hoeveelheid die de kopers voor een andere prijs aanbieden. Je gaat nog steeds verder met de optie die je gekozen hebt. Fortnite

Optie 2

Adidas-sneakers

em

pl aa

r

Optie 1

Š Sallehudin Ahmad / Shutterstock.com

1

Je vindt de gevraagde en aangeboden hoeveel-

Tabel 3.1 Gevraagde hoeveelheid dancemoves

Prijs per

Gevraagde

Aangeboden

Prijs per paar

hoeveelheid

dancemove

hoeveelheid

hoeveelheid

sneakers

dancemoves

in V-bucks

sneakers

sneakers

in euro

3

100,00

6

0

40,00

10

4

200,00

5

1

60,00

8

5

300,00

4

2

80,00

6

6

400,00

3

3

100,00

4

7

500,00

2

4

120,00

2

8

600,00

1

5

140,00

In LEVEL 2

2

Noteer de gegevens uit de tabel in de grafiek

THEMA 2

2

Noteer de gegevens uit de tabel in de grafiek

en teken de curven.

en teken de curven.

a

a

Verdeel de assen zodat je de punten kunt uitzetten.

b

Schrijf de juiste benaming bij de X-as en Zet de punten van de gevraagde en

b

Verbind de uitgezette punten.

Schrijf de juiste benaming bij de X-as en de Y-as.

c

aangeboden hoeveelheid uit. d

De assen zijn getekend en de verdeling van de assen is gemaakt.

de Y-as. c

18

Tabel 3.2

Aangeboden

ki

12

Je vindt de de gevraagde en aangeboden hoeveelheid samen in een tabel.

jk ex

heid samen in een tabel.

1

Zet de punten van de gevraagde en aangeboden hoeveelheid uit.

d

Verbind de uitgezette punten.


Vraag naar en aanbod van dancemoves

Vraag naar en aanbod van Adidas-sneakers

160 140 120 100 80

pl aa

r

60 40

Y-as:

Y-as:

20

X-as:

em

Waar de vraagcurve en de aanbodcurve

1

2

3

4

5

6

7

3

Waar de vraagcurve en de aanbodcurve

snijden, is de markt in evenwicht. Vraag en

snijden, is de markt in evenwicht. Vraag en

aanbod zijn daar gelijk.

aanbod zijn daar gelijk.

a

In dat snijpunt is er enerzijds een

a

In dat snijpunt is er enerzijds een

evenwichtshoeveelheid van zes stuks

evenwichtshoeveelheid van drie paar

voor dancemoves en anderzijds een

Adidas-sneakers en anderzijds een

evenwichtsprijs van 400,00 V-bucks

evenwichtsprijs van 100,00 euro voor

voor dancemoves.

een paar sneakers.

Trek een lijn vanuit het snijpunt naar de

b

Trek een lijn vanuit het snijpunt naar de

evenwichtshoeveelheid en de even-

evenwichtshoeveelheid en de even-

wichtsprijs in de grafiek.

wichtsprijs in de grafiek.

ki

b

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een link naar een applicatie die je helpt om de evenwichts­

In

4

0

X-as:

jk ex

3

0

hoeveelheid en de evenwichtsprijs te vinden.

Symbolen

Gevraagde hoeveelheid: Qv (Q komt van quantity)

Aangeboden hoeveelheid: Qa

Prijs: P

Evenwichtshoeveelheid: Qe

Evenwichtsprijs: Pe

THEMA 2

LEVEL 2

Net als in de wiskunde, gebruiken we in het vak economie symbolen.

19


Bestudeer de symbolen op deze grafieken. Grafiek 1: Vraagcurve Nintendo Wii P

350

V

300 250 200 150

r

100

pl aa

50

Qv

0 0

1 000

2 000

Grafiek 2: Aanbodcurve Nintendo Wii

em

P

350

3 000

300 250

jk ex

200

4 000

A

150 100 50

Qa

0

500

1 000

1 500

2 000

2 500

3 000

3 500

4 000

ki

0

THEMA 2

LEVEL 2

In

Grafiek 3: Vraagcurve en aanbodcurve

20

13 12 11 10 9 8 7 6 5 4 3 2 1 0

P V

Pe

A

Qe 0

5

10

15

20

25

Q 30

35

40

45


Explore 5— Waardoor kan de vraagcurve verschuiven? 1

Denk even terug aan het voorbeeld van de Adidas-sneakers. Wat zal er in de volgende situaties gebeuren? Markeer de juiste tendens. a

a

Als het inkomen van de consumenten

b

stijgt, dan kopen of vragen ze meer /

daalt, dan kopen of vragen ze meer /

minder Adidas-sneakers.

minder Adidas-sneakers. b

Als er meer sporters zijn, dan worden er

Als er minder sporters zijn, dan worden er meer / minder Adidas-sneakers gekocht.

meer / minder Adidas-sneakers gekocht. 2

Als je dat op een grafiek uittekent, dan zie je

Als je dat op een grafiek uittekent, dan zie je een evenwijdige verschuiving van de vraag-

curve naar rechts.

curve naar links.

Teken dat nu op de volgende grafiek.

b

Trek een pijl voor de richting van de

pl aa

a

r

een evenwijdige verschuiving van de vraag-

Trek een pijl voor de richting van de

Vraag naar Adidas-sneakers

em

Vraag naar Adidas-sneakers 160

160

V1

140

V1

140

120

120

100

jk ex

Prijs in euro

Teken dat nu op de volgende grafiek.

b

verschuiving.

verschuiving.

80 60 40 20

ki

0

a

0

1

2

3

4

5

6

7

9

100 80 60 40 20 0

0

1

2

3

4

5

6

7

8

9

Gevraagde hoeveelheid

THEMA 2

LEVEL 2

In

Gevraagde hoeveelheid

8

Prijs in euro

2

Als het inkomen van de consumenten

21


Explore 6— Waardoor kan de aanbodcurve verschuiven? 1

Werk nog even verder met het voorbeeld van de Adidas-sneakers. Wat zal er in de volgende situaties gebeuren? Markeer de juiste tendens.

sneakers komen, dan worden er meer /

failliet gaan, dan worden er meer / minder

minder Adidas-sneakers aangeboden.

Adidas-sneakers aangeboden. b

Als de prijzen van de grondstoffen voor

Adidas-sneakers stijgen, dan worden

er meer / minder Adidas-sneakers

er meer / minder Adidas-sneakers

aangeboden.

aangeboden. 2

Als je dat op een grafiek uittekent, dan zie je

curve naar links.

curve naar rechts. a

Teken dat nu op de volgende grafiek.

b

Trek een pijl voor de richting van de

160

Trek een pijl voor de richting van de

Aanbod van Adidas-sneakers 160

A1

120 100 80 60

ki

40 20

1

2

In

0

3

4

5

LEVEL 2

120 100 80 60 40 20

6

7

Aangeboden hoeveelheid

Š dimbar76 / Shutterstock.com

A1

140

jk ex

140

Prijs in euro

Teken dat nu op de volgende grafiek.

b

em

Aanbod van Adidas-sneakers

THEMA 2

a

verschuiving.

verschuiving.

0

Als je dat op een grafiek uittekent, dan zie je een evenwijdige verschuiving van de aanbod-

een evenwijdige verschuiving van de aanbod-

22

Als de prijzen van de grondstoffen voor

Adidas-sneakers dalen, dan worden

pl aa

2

Als veel aanbieders van Adidas-sneakers

r

b

a

Als er meer aanbieders van Adidas-

Prijs in euro

a

8

9

0

0

1

2

3

4

5

6

7

Aangeboden hoeveelheid

8

9


Explore 7— Welk effect heeft een verschuiving op de marktprijs?

Lees de volgende krantenknipsels. a

Teken de situatie op de bijhorende grafiek. Benoem alle curven.

b

Hoe veranderen de evenwichtsprijs en de evenwichtshoeveelheid?

1

pl aa

r

Door de hogere vraag naar ruwe aardolie vanuit China, India en de VS werd bijna 30 % meer betaald voor een vat. Dat effect sijpelde door in de brandstofprijzen.

SITUATIE

Pe

jk ex

em

P

Qe

Q

ki

2

In

Door de slechte oogst van aardappelen stijgt de prijs van frieten in de frituur SITUATIE

Pe

Qe

LEVEL 2

P

THEMA 2

Q

23


3 Door kleinere vraag naar iPhone moet Apple de prijs verlagen

SITUATIE

Pe

Qe

Q

4

pl aa

r

P

jk ex

em

Dankzij goede appeloogst in België en Polen en aanvoer van appels uit Chili, is het aanbod dit jaar groter

SITUATIE

THEMA 2

LEVEL 2

In

ki

P

24

Q

Pe

Qe


Explore 8— Waarom is kennis van vraag en aanbod zo belangrijk?

1

Lees de krantenknipsels. Je hebt daarna de keuze. Kies vraag 2 als je wat ondersteuning wilt. Kies vraag 3 als je liever een uitdaging wilt.

2

Wat leid je af uit de krantenknipsels? Markeer de juiste tendens. a

Wanneer de vraag naar een product stijgt omdat het bijvoorbeeld populair is, willen meer / minder consumenten dat product. Dat betekent dat er minder producten beschikbaar zijn voor meer vragers. Daardoor zullen mensen tegen elkaar opbieden en dus zal de prijs stijgen /dalen.

b

r

Wanneer er een nieuwe iPhone op de markt komt, verliest de vorige versie aan populariteit. Daardoor

pl aa

zullen meer / minder mensen dat model kopen. De vraag daalt / stijgt dus. Omdat de verkopers het oude model niet verkocht krijgen, doen ze de prijs stijgen / dalen. Vul de verbanden aan. a

Als de vraag stijgt,

b

Als de vraag daalt,

c

Als het aanbod stijgt,

d

Als het aanbod daalt,

.

jk ex

Prijszetting

.

em

3

.

.

Zoals je merkt komt de prijs van een product tot stand door de vraag naar en het aanbod van dat product. Dat principe werkt zo op elke markt.

B

In

ki

A

Door de gestegen vraag naar ruwe

Š r.classen / Shutterstock.com

Door minder vraag naar iPhones ziet

een vat. En dat effect sijpelde door in

Apple zich genoodzaakt de prijs te

de prijzen voor brandstoffen.

verlagen.

Bron: hln.be, 2019-03-22

Bron: tijd.be, januari 2019

THEMA 2

werd bijna 30 % meer betaald voor

LEVEL 2

aardolie vanuit China, India en de VS

25


C In 2018 is de prijs van een woonhuis in ons land met 4,7 procent gestegen. ‘Aan de ene kant lagen de rentevoeten voor woonkredieten erg laag. Dat zet vooral jongere mensen ertoe aan om de stap te zetten op een huis te kopen. Tegelijk merken we dat investeerders actiever geworden zijn omdat ze op zoek zijn naar wat extra rendement of naar een veilige haven.’

D

pl aa

r

Bron: vrt.be, 2019-01-21

De prijs van palladium is hard aan het stijgen de laatste

weken. Inmiddels is het edelmetaal zo hard in prijs gestegen dat het op weg is zijn beste maand te hebben sinds november 2016.

em

Oorzaak van de stijging is de toegenomen vraag vanuit

de autosector. In de katalysatoren van benzineauto’s zit

namelijk palladium verwerkt. En de vraag naar benzineauto’s stijgt op dit moment, aangezien overheden het gebruik van dieselauto’s ontmoedigen. De katalysatoren van diesel-

jk ex

auto’s bevatten meestal platina.

Het aanbod van palladium is nog niet in staat om aan de sterk toegenomen vraag te voldoen. Daarnaast dreigt er een staking van Zuid-Afrikaanse mijnwerkers. Dat doet de zorgen omtrent het aanbod alleen maar verder aanwakkeren.

THEMA 2

LEVEL 2

In

ki

Bron: tijd.be, 2019-02-26

26


Explore 9— Wat als ‌ de overheid een minimumprijs oplegt? 1

Hoeveel bedraagt de evenwichtsprijs op de volgende grafiek?

Minimumprijs Soms beslist de overheid om een minimumprijs op te leggen voor een product omdat ze vindt dat die prijs te laag is voor de producent om genoeg te kunnen verdienen.

3

r

Stel dat de overheid een minimumprijs oplegt van 120,00 euro. Hoeveel bedraagt dan: a

de aangeboden hoeveelheid?

b

de gevraagde hoeveelheid?

Markeer het juiste antwoord. Als de aangeboden hoeveelheid groter / kleiner is dan de gevraagde

Duid dat aan op de grafiek.

em

hoeveelheid, dan is er een aanbodoverschot. 4

pl aa

2

Vraag naar en aanbod van Adidas-sneakers

jk ex

160

V

140

100 80

ki

Prijs in euro

120

A

In

60 40 20

1

2

3

4

5

6

7

Hoeveelheid

LEVEL 2

0

THEMA 2

0

27


Explore 10— Wat als ‌ de overheid een maximumprijs oplegt?

1

Hoeveel bedraagt de evenwichtsprijs op de volgende grafiek?

Maximumprijs Soms beslist de overheid om een maximumprijs op te leggen voor een product omdat ze vindt dat die prijs te hoog is voor de consument. De overheid wil zo de consument

3

Stel dat de overheid een minimumprijs oplegt van 60,00 euro.. Hoeveel bedraagt dan: a

de aangeboden hoeveelheid?

b

de gevraagde hoeveelheid?

Markeer het juiste antwoord. Als de gevraagde hoeveelheid groter / kleiner is dan de aangeboden hoe-

em

2

pl aa

r

beschermen.

veelheid, dan is er een vraagoverschot. 4

Duid dat aan op de grafiek.

jk ex

Vraag naar en aanbod van Adidas-sneakers 160

V

140

100 80

In

Prijs in euro

ki

120

A

60 40 20 0

0

1

2

3

4

THEMA 2

LEVEL 2

Hoeveelheid

28

5

6

7


C H A L N G E L E Vraag- en aanbodcurve maken met een rekenblad

a

pl aa

sneakers met behulp van een rekenblad of spreadsheet.

r

Een grafiek op papier tekenen is eerder old school. Daarom maak je de grafiek van de Adidas-

Neem de tabel met de gevraagde en aangeboden hoeveelheid en de prijs over in een rekenblad.

b

Kies voor de vraag- en aanbodcurve een spreidingsdiagram als grafiektype.

c

Bepaal hoeveel ondersteuning je wilt. 

Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een stappenplan en een filmpje of gebruik ICT-fiche_R_28.

Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt en zelf op internet wilt uitzoeken hoe

em



je de grafiek kunt maken.

Bewaar de grafiek in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

THEMA 2

LEVEL 2

In

ki

jk ex

d

29


TO THE POINT Net zoals de gekende wekelijkse markt in je buurt wordt die term in de economie gebruikt voor de plaats waar vragers (kopers) en aanbieders (verkopers) elkaar ontmoeten. De vragers (of ook consumenten) laten zich be誰nvloeden door de prijs. Ze zijn bereid een bepaalde prijs te betalen wanneer die in overeenstemming is met de kwaliteit. Zo niet zullen ze snel overstappen naar de concurrent. Hoe hoger de prijs van het product, hoe lager de gevraagde hoeveelheid (Qv) van de consumenten. Omgekeerd geldt uiteraard: hoe lager de prijs, hoe groter de gevraagde hoeveelheid. De aanbieders (of producenten) produceren op basis van de bestellingen die ze gemiddeld binnen-

pl aa

r

krijgen. Ze zorgen ervoor dat de prijs die ze voor hun product vragen, hun kosten dekt.

Hoe hoger de prijs, hoe meer winst de producent kan maken. Bij een hogere prijs zullen ze dan ook meer willen aanbieden en zal de aangeboden hoeveelheid (Qa) stijgen. Hoe lager de prijs, hoe minder ze zullen aanbieden.

Op de markt komt dan de evenwichtsprijs of marktprijs (Pe) tot stand. Bij die evenwichtsprijs hoort

em

ook de evenwichtshoeveelheid (Qe). Het is bij de evenwichtsprijs dat Qa en Qv gelijk zijn.

Is de prijs hoger dan de evenwichtsprijs, dan is er een aanbodoverschot. In dat geval is de gevraagde hoeveelheid (Qv) kleiner dan de aangeboden hoeveelheid (Qa). Is de prijs lager dan de evenwichtsprijs, dan is er een vraagoverschot. In dat geval is de gevraagde

jk ex

hoeveelheid (Qv) groter dan de aangeboden hoeveelheid (Qa).

Er zijn bepaalde externe oorzaken die de vraag be誰nvloeden en een verschuiving van de vraagcurve veroorzaken, zoals een wijziging van het inkomen of het aantal consumenten, een wijziging in de bevolking of bevolkingsgroep.

Als er een toename is bij een van die factoren, zal de vraagcurve naar rechts verschuiven. Is er een

ki

afname, dan zal de curve naar links verschuiven.

Er zijn bepaalde externe oorzaken die het aanbod be誰nvloeden en een verschuiving van de aanbodcurve veroorzaken. Die oorzaken zijn bijvoorbeeld een verandering van de kostprijs voor de productie

In

(en verkoop) of een wijziging in het aantal producenten. Als de kostprijs toeneemt, wordt het duurder om te produceren en zal de producent minder aan足 bieden. De aanbodcurve verschuift naar links. Neemt de kostprijs af, dan verschuift de aanbodcurve naar rechts en neemt het aanbod toe. Wanneer het aantal producenten toeneemt, zal de aanbodcurve naar rechts verschuiven. Het aanbod zal dus toenemen. Omgekeerd geldt dat bij een afname van het aantal producenten de aanbodcurve naar links verschuift en het aanbod afneemt. Wanneer de overheid de evenwichtsprijs te laag vindt, kan ze een minimumprijs opleggen. Wanneer

THEMA 2

LEVEL 2

de overheid de evenwichtsprijs te hoog vindt, kan ze een maximumprijs opleggen.

30


Action 1— Vraag naar sieraden en games Kies, afhankelijk van je interesse, de oefening met de sieraden of met de games.

Sieraden

Optie 2

Games

Nele is gek op juweeltjes. Ze koopt er dan ook regelmatig bij Six, Claire’s, H&M enz. In deze

Mila is een fervente gamer. Na haar schoolwerk speelt ze een uurtje Fifa of Call of Duty. In deze tabel zie je hoeveel games Mila zou

em

tabel zie je hoeveel juweeltjes ze zou kopen

1

bij verschillende prijzen.

kopen bij verschillende prijzen.

Tabel 4.2

Gevraagde

Gevraagde

Prijs per game

hoeveelheid games

in euro

11,00

1

100,00

9,00

2

75,00

7,00

3

50,00

5

5,00

4

25,00

6

3,00

5

0,00

7

1,00

hoeveelheid juweeltjes 2 3

in euro

In

ki

4

Prijs per juweel

2

Teken de vraag naar juweeltjes van Nele.

2

Teken de vraag naar games van Mila.

Bepaal hoeveel ondersteuning je bij de

Bepaal hoeveel ondersteuning je bij de

opdracht wilt.

opdracht wilt.

Kies optie 1 als je een uitdaging wilt

en zoek op internet uit, hoe je de

en zoek op internet, hoe je de grafiek

grafiek moet tekenen. 

Kies optie 2 als je liever wat

Kies optie 1 als je een uitdaging wilt moet tekenen.

Kies optie 2 als je liever wat

ondersteuning wilt. Ga naar het

ondersteuning wilt. Ga naar het

onlinelesmateriaal. Je vindt er een

onlinelesmateriaal. Je vindt er een

filmpje.

filmpje.

LEVEL 2

jk ex

Tabel 4.1

THEMA 2

1

pl aa

r

Optie 1

31


Teken de grafiek. Bepaal zelf of je de grafiek met pen en papier of met een rekenblad maakt.

em

pl aa

r

3

Action 2— Vraag en schaarste

Bekijk de hotelaanbieding. Waarom kost een weekje in hotel Majestic Palace in Zakynthos (Griekenland)

jk ex

1

opvallend meer in juli dan in oktober?

THEMA 2

LEVEL 2

In

ki

Hotel Majestic Palace

32

AANBIEDING 1

AANBIEDING 2

2 283 euro

1 600 euro

2 personen all-in

2 personen all-in


2

Lees een van de onderstaande artikels en beantwoord de bijhorende vraag. a

Waarom is de transfer van Eden Hazard zo duur?

Transfer van Hazard naar Real Madrid Eden Hazard gaat de geschiedenisboeken in als de

duurste aankoop van Real Madrid aller tijden. Bij die status hoort natuurlijk ook een navenant loon. The

pl aa

r

Evening Standard speurde al de cijfertjes in het contract van onze landgenoot op.

Volgens het Britse medium zal de overgang van Hazard naar Bernabeu de Rode Duivel alvast geen windeieren leggen. Hazard zou zijn loon verdubbeld zien bij ‘De Koninklijke’.

em

Bij ‘The Blues’ incasseerde de Belgische kapitein

225 000 euro per week, terwijl hij in Madrid wekelijks 450 000 euro op zijn bankrekening mag bijschrijven.

© bestino / Shutterstock.com

Zo wordt Hazard meteen de grootverdiener bij ‘Los Blancos’. Dat was voorheen Gareth Bale,

jk ex

de Welshman strijkt wekelijks 390 000 euro op. Bron: voetbalkrant.com, 2019-06-14

Waarom is diamant zo duur?

In

ki

b

Dit is de Pink Star, de duurste diamant ooit De enorme diamant ‘Pink Star’ heeft op een veiling in Hongkong een nieuwe eigenaar gevonden. De Hongkongse juweliersketen Chow Tai Fook veilde de rooskleurige steen vandaag voor 71,2 miljoen dollar (rond de 67 miljoen euro). Dat deelde veilinghuis Sotheby’s mee. Indien de bieder met het bedrag over de brug komt, is het de hoogste prijs ooit die iemand voor een diamant betaalde.

THEMA 2

© Imageselect

LEVEL 2

Bron: demorgen.be, 2017-04-04

33


3

Lees het artikel over Nafi Thiam als voorbereiding op het forum.

Nafi Thiam werd zondag de eerste Belgische ooit

25 000 euro. Als er een wereldrecord verbroken

Ze won op indrukwekkende wijze de zevenkamp,

habbekrats als je dat vergelijkt met wat voetballers

die een gouden medaille won op een WK atletiek.

wordt, levert dat het meeste op: 85 000 euro. Een

maar echt veel levert zo’n gouden medaille eigenlijk

niet op. Het IAAF, de internationale atletiekfederatie betaalt ongeveer 51 000 euro voor een gouden

monstercontract tekende bij PSG, verdient 50 000 euro in tien uur.

Bron: hln.be, 2018-02-10

r

medaille. Voor een zilveren medaille krijgen atleten

verdienen. De Braziliaan Neymar, die een

pl aa

Forum —

Vind jij het terecht dat voetballers zo veel verdienen?

Vind jij het correct dat Nafi Thiam, die wereldkampioene zevenkamp is, slechts

em

51 000 euro krijgt?

Action 3— Vraag naar sieraden en games – Next level

Optie 1

Sieraden

Op een markt is er natuurlijk meer dan een vrager.

ervan uit dat er in totaal drie consumenten

Nele was niet alleen in ‘sieradenland’.

of vragers zijn. Ook Mauro en Mils, twee

In

juweeltjes

LEVEL 2

Op een markt is er natuurlijk meer dan een

dat er in totaal drie consumenten of vragers zijn.

Gevraagde hoeveelheid

THEMA 2

1

Games

vrager. Om het eenvoudig te houden gaan we

vrienden van Mila, zijn verzot op gamen.

Tabel 5.1

34

Optie 2

Om het eenvoudig te houden gaan we ervan uit

ki

1

jk ex

Kies, afhankelijk van je interesse, de oefening met de sieraden of met de games.

Tabel 5.2 Prijs per

Gevraagde hoeveelheid games

juweel

Prijs per game

Nele

Sabrina

Liesje

in euro

Mila

Mauro

Mils

in euro

2

1

0

11,00

0

0

1

125,00

3

2

1

9,00

1

1

2

100,00

4

3

2

7,00

2

2

3

75,00

5

4

3

5,00

3

3

4

50,00

6

5

4

3,00

4

4

5

25,00

7

6

5

1,00

5

5

6

0,00


2

2

Bepaal de totale vraag op de markt van siera-

Bepaal de totale vraag op de markt van

den. Je moet dus voor elke prijs de gevraagde

games. Je moet dus voor elke prijs de

hoeveelheid optellen.

gevraagde hoeveelheid optellen.

Totale gevraagde

Prijs per juweel

Totale gevraagde

Prijs per game

hoeveelheid

in euro

hoeveelheid games

in euro

juweeltjes 125,00

9,00

100,00

7,00

75,00

5,00

50,00

3,00

25,00

Teken de grafiek. Bepaal zelf of je de grafiek met pen en papier of met een rekenblad maakt.

THEMA 2

LEVEL 2

In

ki

jk ex

em

3

0,00

pl aa

1,00

r

11,00

35


Action 4— Vraag en aanbod met ICT 1

Het elektronicabedrijf Sony heeft in Japan onderzocht hoeveel consoles ze van de nieuwe Playstation 5 in Tokio zouden verkopen bij verschillende prijzen. a

Teken de volgende vraag- en aanbodcurven in een rekenblad.

b

Om de grafiek te tekenen heb je de keuze. 

Kies optie 1 als je een uitdaging wilt en zelf wilt uitzoeken hoe je dat moet tekenen met een rekenblad.

Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een filmpje of gebruik ICT-fiche_R_28.

Prijs per console

Gevraagde

in euro

hoeveelheid consoles 28 000

280,00

24 000

320,00

20 000

360,00 400,00 440,00

In THEMA 2

LEVEL 2

© charnsitr / Shutterstock.com

36

in euro

hoeveelheid consoles 7 000

280,00

10 000

320,00

13 000

16 000

360,00

16 000

12 000

400,00

19 000

8 000

440,00

22 000

4 000

480,00

25 000

Bewaar de grafiek in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

ki

c

Aangeboden

240,00

jk ex

480,00

Prijs per console

em

240,00

r

Tabel 7

pl aa

Tabel 6


2

Een festivalorganisator heeft na onderzoek de volgende gegevens beschikbaar over de gevraagde en aangeboden hoeveelheid bij verschillende prijzen. a

Teken de volgende vraag- en aanbodcurven in een rekenblad.

b

Om de grafiek te tekenen heb je de keuze. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt en zelf wilt uitzoeken hoe je dat moet tekenen met een

rekenblad. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er

een filmpje of gebruik ICT-fiche_R_29. Tabel 8 Aangeboden hoeveelheid

12 500

0

10 000

3 750

7 500

7 500

5 000

11 250

2 500

15 000

Prijs in euro

pl aa

5,00

10,00

15,00

20,00

em

25,00

c

Bewaar de grafiek in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

d

Verder oefenen? Ga naar

.

jk ex

EVALUATIEFICHE

r

Gevraagde hoeveelheid

VRAAG- EN AANBODCURVE MET EEN REKENBLAD Score

Juiste keuze grafiektype

Juiste selectie van gegevens

Benoeming van de assen

Grafiektitel

Benoeming van de reeksen

Opmerkingen

In

ki

Max

THEMA 2

LEVEL 2

TOTAAL

37


Action 5— Stellingen beoordelen Zijn de stellingen juist of fout? Verbeter de foutieve stellingen. JUIST a Wanneer je de vraagcurve wilt tekenen, plaats je de aangeboden hoeveelheid op de Y-as en de prijs op de X-as.

pl aa

b De evenwichtsprijs is de prijs waar de vraagcurve de Y-as snijdt.

r

c De aanbodcurve verloopt stijgend omdat de producent meer wil aanbieden voor een lagere prijs.

d

em

Wanneer de prijs hoger is dan de evenwichtsprijs, dan is er een vraagtekort.

e

Wanneer de prijs lager is dan de evenwichtsprijs, dan is er een aanbodoverschot.

Als de prijs stijgt, dan stijgt het aanbod en daalt de vraag.

ki

f

jk ex

In

g Als het inkomen van de consumenten stijgt, zal de aanbodcurve naar rechts verschuiven.

h Als de prijzen van de grondstoffen stijgen, zal de aanbodcurve naar rechts

THEMA 2

LEVEL 2

verschuiven.

38

FOUT


JUIST i

FOUT

Als de voorkeur van de consumenten voor een bepaald product afneemt, verschuift de vraagcurve naar links.

j

Wanneer een producent zijn oude machinepark door nieuwe en betere machines vervangt, stijgt op de markt van dat product de prijs omdat de aanbodcurve naar

Wanneer het aantal consumenten toeneemt, neemt de prijs op de markt af door de

ki

jk ex

em

verschuiving van de vraagcurve.

pl aa

k

r

rechts verschuift.

In

BREAKING NEWS

1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Wat is volgens het artikel de oorzaak van de prijsevolutie? Gebruik de term vraag of aanbod in je

THEMA 2

LEVEL 2

antwoord.

39


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA 1

Ik kan toelichten hoe de prijs op de markt tot

Ik kan verklaren waarom de vraagcurve dalend verloopt. Ik kan verklaren waarom de aanbodcurve

Ik kan het marktevenwicht aanduiden.

5

Ik kan de begrippen vraag- en aanbodcurve verklaren. Ik kan een vraag- en aanbodcurve tekenen op papier.

7

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

jk ex

C H A L N G E L E

8

em

6

pl aa

stijgend verloopt. 4

Ik kan een vraag- en aanbodcurve tekenen in een rekenblad.

9

Ik kan aangeven wanneer de vraagcurve

ki

verschuift.

10 Ik kan aangeven wanneer de aanbodcurve

In

verschuift.

12 Ik kan een minimumprijs tekenen op een

grafiek.

LEVEL 2

13 Ik kan een maximumprijs tekenen op een

THEMA 2

11 Ik kan een verschuiving tekenen op een grafiek.

grafiek.

40

r

3

EXTRA OEFENMATERIAAL

stand komt. 2

KAN BETER


LEVEL 3 Hoe beïnvloeden actuele trends in aankoopgedrag en aankoopkanalen de consument?

Hoe beïnvloeden actuele trends in aankoopgedrag en aankoopkanalen de consument?

© ThomasDeco / Shutterstock.com

LEVEL 3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

THEMA 2

2

NIEUW © urbanbuzz / Shutterstock.com

In

ki

jk ex

© urbanbuzz / Shutterstock.com

TRADITIONEEL

pl aa

Bespreek de onderstaande afbeeldingen. Wat stel je vast?

em

1

r

INTRO

41


Explore 1— Welke demografische trends zijn er in onze samenleving?

2

a

Demografie

b

Demografische trend

r

Gebruik het internet om de volgende begrippen te verklaren.

pl aa

1

Werk in vier groepen. Elke groep gaat op zoek naar trends in de bevolking van onze samenleving en geeft

a

em

daarvan een presentatie.

Werk in je groep aan het toegewezen thema. THEMA

Bevolkingsomvang, levens­

 Hoe ziet onze levensverwachting eruit?

verwachting en vergrijzing

 Sterven mensen nog altijd gemiddeld op

jk ex

Groep 1

60 jaar of worden ze ouder?  Daalt of stijgt de totale bevolking?  Uit hoeveel personen bestaat een gezin?

Huishoudens en singles

 Neemt het aantal eenpersoonshuis­ houdens toe of af?

ki

Groep 2

In

Groep 3

Groep 4

b

HULPVRAGEN

Migratie

 Is er veel migratie?  Hoe is die evolutie?

Urbanisatie of verstedelijking

 Zullen er in de toekomst meer of minder mensen in een stad wonen?

Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt.

Optie 1

THEMA 2

LEVEL 3

42

Internet

Zoek op internet cijfergegevens over jouw

Optie 2 

Onlinelesmateriaal

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er

onderwerp. Die kunnen in de vorm van een

over jouw onderwerp een pdf-document met

tabel of een grafiek zijn.

cijfergegevens in de vorm van tabellen en

Zorg ervoor dat de cijfers zo recent mogelijk

grafieken.

zijn.

Kopieer de tabellen en grafieken naar een presentatie of een tekstverwerker. Vermeld de bron. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van powerpoint.


Kopieer de tabellen en / of grafieken in een

presentatie of een tekstverwerker. Vermeld de

de fiche ‘Welke bronnen zijn betrouwbaar?’

bron. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van

om de betrouwbaarheid te controleren.

powerpoint. 

Zoek op internet naar recente artikels of

Raadpleeg een aantal van de artikels of nieuwsfragmenten over jouw onderwerp.

nieuwsfragmenten over jouw onderwerp.

Vermeld de bron. 

Ga naar het onlinelesmateriaal en raadpleeg

Los de vragen bij de grafiek, tabel of tekst op. Voeg die toe aan jouw presentatie.

Ga naar het onlinelesmateriaal en raadpleeg de fiche ‘Welke bronnen zijn betrouwbaar?’ om de betrouwbaarheid te controleren.

Formuleer per grafiek of tabel een besluit. Vermeld dat ook in de presentatie of de

r

tekstverwerker. Voeg aan je presentatie ook een korte samenvatting van het artikel toe.

pl aa

c

Bewaar de presentatie online zodat alle leerlingen er toegang toe hebben.

d

Presenteer de vaststellingen van jouw groep aan de klas en vat de demografische trends van

em

klasgenoten hieronder samen.

LEVEL 3

VERGRIJZING

THEMA 2

In

ki

jk ex

HUISHOUDENS EN SINGLES

43


pl aa

r

VERSTEDELIJKING

jk ex

© Janossy Gergely / Shutterstock.com

em

MIGRATIE

ki

Heterogeen

THEMA 2

LEVEL 3

In

Conclusie: Onze samenleving is heel heterogeen en divers.

44


Explore 2— Welke invloed heeft die heterogene samenleving op het aankoopgedrag?

1

Evolutie in de demografische samenstelling betekent een verandering in het aankoopgedrag binnen de samenleving. Werk in groepen rond de invloed van een bepaalde demografische trend op het aankoopgedrag. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt en zelfstandig wilt uitzoeken hoe die trends het aankoopgedrag beïnvloeden. Kies optie 2 als je daarbij wat ondersteuning wilt.

Groep 2

Huishoudens en singles

Groep 3

Migratie

Groep 4

Urbanisatie

Optie 1

Brainstormmethode

pl aa

Levensverwachting en vergrijzing

em

Groep 1

r

THEMA

Werk in groepjes van vier tot zes personen.

b

Neem de toegewezen trend grondig door.

c

Bespreek aan de hand van de brainstormmethode, hoe de trend het aankoopgedrag beïnvloedt. Gebruik

jk ex

a

indien nodig het internet. d

Vul de powerpoint aan met jullie bevindingen. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van powerpoint.

e

Presenteer de vaststellingen van je groep aan de klas.

Ondersteunende vragen

ki

Optie 2

Werk per twee.

b

Neem de toegewezen trend nog eens grondig door.

In

a c

Denk na over hoe de trend het aankoopgedrag beïnvloedt. Gebruik daartoe de vragen en het kader

e

Presenteer de vaststellingen van je groep aan de klas.

THEMA 2

Vul de powerpoint aan met jullie vaststellingen. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van powerpoint.

LEVEL 3

onder deze optie.

d

45


LEVENSVERWACHTING EN VERGRIJZING

Wat hebben oudere mensen meer nodig dan

jongeren? Naar welke goederen en diensten zal

dan groter of kleiner wonen? Tot welke behoefte

hun vraag dus stijgen?

leidt dat?

Worden ouderen meer afhankelijk of meer

zelfstandig naarmate ze ouder worden? 

Nu zijn 65– tot 70-jarigen fitter en gezonder

Hebben ze een eigen auto nodig? Hoe verplaatsen

dan vroeger. Welke invloed heeft dat op hun

ze zich? Kopen ze meteen een eigen auto of zijn er

consumptie?

andere oplossingen? SINGLES OF EENPERSOONSHUISHOUDEN

Is er een wijziging in de aankoop van voeding? Veronderstel dat er de afgelopen 70 jaar geen migratie geweest zou zijn in ons land, wat zou er dan nu anders zijn wat betreft voedingsgewoonten?

Kopen eenpersoonshuishoudens ook een family pack cornflakes?

Hoe ziet hun woning eruit in vergelijking met een

gezinswoning?

em

1

pl aa

Hoe kunnen stedelingen ontsnappen aan de drukte van de stad? Waar doen ze zuurstof op?

MIGRATIE 

Wanneer mensen naar de stad trekken, gaan ze

r

URBANISATIE

Ruim de helft van de Vlaamse alleenstaanden heeft moeite om rond te komen. Dat blijkt uit een onderzoek van VRT Nieuws. Ook nieuwsamengestelde gezinnen hebben het financieel niet gemakkelijk. In het totaal heeft vier op de tien Vlamingen in bepaalde

jk ex

mate moeite om op het einde van de maand de eindjes aan elkaar te knopen. Traditionele gezinnen lijken het volgens het onderzoek financieel beter te hebben dan de meeste andere samenlevingsvormen. Vooral alleenstaanden hebben het moeilijk: Zo heeft 55 procent – ruim de helft dus – van die groep het financieel niet gemakkelijk. In volgorde gaat het vooral nieuwsamengestelde gezinnen, alleenstaanden waarbij de kinderen het ouderlijke nest verlaten hebben en eenoudergezinnen het financieel niet

ki

voor de wind. Amper een derde van de eenoudergezinnen komt gemakkelijk rond. De meeste eenoudergezinnen komen eerder moeilijk rond, een derde haalt zelfs moeilijk tot zeer moeilijk het einde van de maand.

THEMA 2

LEVEL 3

In

Bron: vrt.be, 2016-06-09

46

2


Infographic 1: Inkomen

em

pl aa

r

3

Bron: vrt.be, 2016-06-09

Vat hier de invloed van demografische trends op het aankoopgedrag samen. Vergrijzing

Migratie

c

Eenpersoonshuishoudens

THEMA 2

b

LEVEL 3

In

ki

a

jk ex

2

47


d

Urbanisatie

Explore 3— Actuele trends proberen de consument te

pl aa

Bekijk aandachtig de onderstaande tweet en afbeelding. Welke informatie kun je eruit afleiden?

In

ki

jk ex

em

1

r

overtuigen

Bron: fingerspitz.nl

INFLUENCER

THEMA 2

LEVEL 3

Bedrijven zetten influencers in om het koopgedrag te beĂŻnvloeden.

48

Influencers zijn over het algemeen bekende personen met vrij veel volgers en ze zijn actief op sociale media, in het bijzonder op Instagram.


2

Volgers vinden influencers betrouwbaar. Ze hebben het gevoel dat ze eerlijk advies krijgen van een vriend of vriendin. Mensen kopen sneller een product waarvoor een influencer reclame maakt, dan een product uit een advertentie. Hoewel foto’s op Instagram vaak niet als reclame herkend worden, zijn ze dat wel degelijk.

Forum Heb jij je al laten beïnvloeden door een influencer?

Brainstorm klassikaal over de bestaande technologische snufjes. Noteer een vijftiental ideeën.

In

ki

jk ex

em

1

pl aa

beïnvloeden ons dagelijks leven?

r

Explore 4— Welke technologische ontwikkelingen

Ga op zoek naar de recentste technologische vernieuwingen. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je wat extra ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt.

a

Video

Ga naar het onlinelesmateriaal. Bekijk

Optie2 a

Internet

Zoek op internet technologische innovaties,

er het filmpje met enkele technologische

snufjes en ontwikkelingen. Welke zoekter-

innovaties.

men geef je in? LEVEL 3

Optie 1

THEMA 2

2

49


b

Welke technologische ontwikkelingen ben je voornamelijk tegengekomen?

Explore 5— Zorgen die technologische ontwikkelingen voor Verdeel de klas in twee groepen. Elke groep krijgt een rol en een bijhorende opdracht. ROL Groep 1

pl aa

1

r

kansen of voor bedreigingen?

OPDRACHT

Voorstander van die technologische

Zoek argumenten waarom die technolo-

vernieuwingen

gische ontwikkelingen goed zijn voor de

Groep 2

em

maatschappij en voor de consument.

Tegenstander van die technologische

Zoek nadelen van die technologische

vernieuwingen

ontwikkelingen. Geef problemen die ze

a

jk ex

kunnen veroorzaken.

Noteer per groep de argumenten. Gebruik daarvoor een onlinetoepassing waar jullie tegelijk in kunnen werken. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van online samenwerken. Om een document te delen gebruik je ICT-fiche_OSGD_06 of fiche_OSOD_05.

b

Houd een panelgesprek. Van elke groep nemen drie Ă vier personen vooraan plaats en zij presenteren beurtelings hun argumenten. De leraar modereert het gesprek.

c

De andere leerlingen noteren de vermelde kansen (of mogelijke voordelen) en bedreigingen (of

THEMA 2

LEVEL 3

In

ki

mogelijke nadelen) van technologische vernieuwingen.

50

KANSEN

BEDREIGINGEN


2

Lees de artikels. Vink jouw mening over de beschreven technologische vernieuwing aan en licht jouw keuze kort toe. ARTIKEL 1

ARTIKEL 2

een must

een must

wenselijk, maar niet nodig

wenselijk, maar niet nodig

te vergaand

te vergaand Toelichting:

te vergaand Toelichting:

te vergaand

jk ex

ARTIKEL 5

wenselijk, maar niet nodig

Toelichting:

ARTIKEL 6

een must

een must

wenselijk, maar niet nodig

wenselijk, maar niet nodig

te vergaand

te vergaand

In

ki

Toelichting:

ARTIKEL 7

Toelichting:

ARTIKEL 8

een must

een must

wenselijk, maar niet nodig

wenselijk, maar niet nodig

te vergaand

te vergaand

Toelichting:

Toelichting: LEVEL 3

wenselijk, maar niet nodig

een must

THEMA 2

een must

ARTIKEL 4

em

ARTIKEL 3

pl aa

r

Toelichting:

51


ARTIKEL 9

ARTIKEL 10

een must

een must

wenselijk, maar niet nodig

wenselijk, maar niet nodig

te vergaand

te vergaand Toelichting:

2

em

pl aa

1

r

Toelichting:

© James W Copeland / Shutterstock.com

‘Alexa, zet eens vier pakken halfvolle melk op

opnames die gemaakt zijn met de slimme

de boodschappenlijst!’ ‘Siri, hoe warm wordt

Google Home-luidsprekers en via de Google

het morgen?’ Miljoenen mensen hebben een

Assistent-app op smartphones. Wereldwijd,

‘slimme’ luidspreker in huis en gebruiken

ook in België en Nederland, luisteren mensen

die om snel een antwoord te krijgen op heel

naar die opnames om de zoekmachine

triviale vragen of om er allerlei opdrachten

slimmer te maken. VRT NWS kon ruim 1 000

aan te geven. De bekendste slimme speakers

fragmenten beluisteren. Het gaat om stukjes

die verbonden zijn aan het internet, zijn de

die meestal bewust werden ingesproken. Maar vaak krijgen de medewerkers ook

One en de Echo van Amazon.

ki

jk ex

Medewerkers van Google luisteren naar

Google Home, Apple HomePod, de Sonos

opgenomen, soms met gevoelige informatie.

Amazon blijkt nu wereldwijd duizenden

Bron: vrt.be, 2019-07-10

werknemers in dienst te hebben die de

In

dingen te horen die onbewust werden

hele dag luisteren naar opnames die de Echo-luidsprekers voortdurend maken bij zowat 100 miljoen klanten die zo’n slimme speaker hebben gekocht. Dat personeel zou tewerkgesteld zijn in grote kantoren in de VS, Costa Rica, India en Roemenië.

THEMA 2

LEVEL 3

Bron: vrt.be, 2019-04-11

52


4

3

In een open brief waarschuwen 116 technologie-experten uit 26 landen dat dodelijke autonome wapens, zogenaamde ‘killer robots’, na buskruit en kernwapens, een derde revolutie in oorlogsvoering dreigen te veroorzaken. ‘Als ze eenmaal zijn ontwikkeld, zullen ze leiden tot gewapende conflicten op een ongeziene schaal en met een snelheid die voor mensen moeilijk te bevatten is’, aldus de specialisten.

© JCDH / Shutterstock.com

‘Dat kunnen wapens van terreur zijn, wapens

stofzuigers, wil de gegevens die het

die dictators en terroristen gebruiken tegen

toestel opslaat tijdens zijn ritjes door uw

onschuldige burgers, en wapens die gehackt

als Amazon of Google.

pl aa

huis, verkopen aan technologiegiganten

r

iRobot, fabrikant van zelfrijdende

kunnen worden om zich op ongewenste wijze te gedragen’, waarschuwen ze verder. ‘Als die doos van Pandora eenmaal geopend is, wordt

Dankzij verschillende sensoren en een lageresolutiecamera maken de Roombastofzuigers van iRobot een uiterst

roepen de Verenigde Naties daarom op snel in actie te komen en ‘een manier te vinden om ons allemaal te beschermen tegen die gevaren’.

em

gedetailleerde kaart van de verschillende

het moeilijk ze te sluiten.’ De ondernemers

ruimtes in uw woning. In de eerste plaats diende dat om het apparaat slimmer

te maken, maar die informatie kan ook geld opbrengen. Na honderden rondjes

jk ex

door uw huis, weet de robotstofzuiger

bijvoorbeeld perfect waar je meestal je

pantoffels laat rondslingeren. Maar hij zou ook aan Google of Amazon kunnen

laten weten dat een zetel van drie meter breed niet in je zithoek past. Kwestie

ki

van advertenties op maat te kunnen aanbieden.

© Usa-Pyon / Shutterstock.com Bron: vrt.be, 2017-08-21

In

Bron: hln.be, 2017-07-26

Bron: want.nl, 2019-07-17

THEMA 2

Elon Musk is bezig met de productie van een implantaat dat onze hersenen moeten preserveren en verbeteren. Zo moet het door de implementatie van een kleine chip mogelijk worden om technologie te besturen, zonder ook maar een hand uit te steken.

LEVEL 3

5

53


6 We kunnen wel zeggen dat er op dit moment

samenleving gaan nadenken over het bewerken

een DNA-revolutie aan de gang is, gezien de

van DNA, want willen wij knutselen met DNA

ontwikkelingen op dat gebied. Het feit dat we

van jezelf - en misschien zelfs je kinderen -

inmiddels DNA kunnen manipuleren brengt

mogelijk maken?’

ons bij veel ethische vraagstukken waar nog te Scheire: ‘DNA-manipulatie wordt in de toe-

Scheire: ‘De grote revolutie zit hem in het feit

komst technisch steeds makkelijker en ik denk

dat we inmiddels zijn begonnen aan het knutse-

dat we over tien jaar voor bepaalde zware

len met menselijk DNA. De komende jaren gaat

ziektes genetische manipulatie gaan inzetten.

iedereen van ons de vraag krijgen van de dokter

De wetgeving loopt hopeloos achter en daarom

of we een DNA-test willen ondergaan en wat we

zijn wij voor sommige vragen al te laat en

van ons DNA willen weten.’

daarom moeten we gaan kijken naar de vragen

r

weinig discussie over wordt gevoerd volgens

de paar weken de inhoud van zijn voorstelling over DNA veranderen en hij schrok van de mogelijkheden die er nú al zijn: ‘In Cyprus en California zijn er al ziekenhuizen die je aanbieden om het geslacht en de oogkleur van je

Bron: nporadio1.nl, 2019-01-11

em

kind te kiezen. Je kunt er dus naartoe gaan en

pl aa

die nu nog voor ons liggen.’

Door de snelle ontwikkelingen moet Scheire om

zeggen: ‘Doe mij een dochter met blauwe ogen’. Willen wij als samenleving toestaan dat ouders het geslacht, de haar- en oogkleur van hun

jk ex

kind gaan kiezen? Dat is een vraag waar wij nu al antwoord op moeten gaan vinden volgens

Scheire: ‘Of je zelf je DNA wilt leren kennen is

© JCDH / Shutterstock.com

ki

een individuele keuze, maar we moeten ook als

7

In

Belgische klanten van bol.com kunnen hun bestelling sinds juni 2019 nog sneller in handen krijgen. De Nederlandse webshop levert sommige producten sindsdien ook in ons land op dezelfde dag als waarop ze besteld werden, en het bedrijf begint met leveringen op zondag.

THEMA 2

LEVEL 3

In Nederland konden bepaalde bestellingen bij bol.com een tijdje geleden al op dezelfde dag geleverd worden. Het gaat dan om producten die de webwinkel zelf aanbiedt. Vanaf juni 2019 gold die supersnelle levering ook in België. Bol.com werkt daarvoor samen met bpost.

54

Wist je dat Amazon in de VS ook binnen de twee uur levert met een drone? Die service heet Amazon Prime Now. Naar: Het nieuwsblad, 2019-06-19

© Jarretera / Shutterstock.com


8

pl aa

r

Het is perfect denkbaar dat tv-zenders zoals we die nu kennen, in de toekomst niet meer zullen bestaan. Dankzij video on demand, Netflix, Amazon Prime, Disney+ en Apple TV Plus zullen we minder naar tv kijken, maar meer naar pakketten (series, films, kids …) waarin we geïnteresseerd zijn.

9

10

Overal in China hangen camera’s. Wie een overtreding begaat, wordt opgemerkt.

In

ki

Ken je Dilara nog uit het eerste level? Zij wilde haar schoenen verkopen op de markt. Wil ze meer mensen bereiken, dan kan ze dat ook online doen. Ze neemt een foto van haar schoenen en biedt die dankzij de Vinted-app online aan.

Op het bierfestival van Qingdao werden vorig jaar 25 voortvluchtige criminelen in de kraag gevat, onder wie de leider van een prostitutienetwerk die al tien jaar door de politie werd gezocht. En op het treinstation van Zhengzhou, waar agenten begin dit jaar brillen met gezichtsherkenning kregen toegemeten, werden volgens de lokale autoriteiten in een week zeven criminelen ingerekend. En in Shenzhen betrapten de kruispuntcamera’s in de eerste maand al 3 600 overtreders. Bron: trouw.nl, 2018-09-15

LEVEL 3

© Dedy Pramu / Shutterstock.com

THEMA 2

jk ex

em

Toen in april vorig jaar op een druk kruispunt camera’s werden geïnstalleerd om illegale overstekers in enkele minuten te identificeren, daalde volgens de politie het aantal doorrood-lopers van honderd per uur naar tachtig per dag. Zij werden immers met hun foto, naam en een deel van hun ID-nummer op een groot scherm afgebeeld en ze kregen een boete. Ineens bleken de voetgangers zich toch te kunnen beheersen.

55


Explore 6— Hoe beïnvloedt digitalisering ons dagelijks leven?

Wat leid je af uit deze twee grafieken?

Infographic 2: Score voor de indicator internetgebruik

pl aa

r

1

2

em

Bron: Digital Scoreboard, Europese Commissie

Bestudeer deze afbeeldingen. Op welke manieren beïnvloedt

Infographic 3: Individuen die de laatste twaalf maanden online bestelden

In

ki

jk ex

digitalisering ons dagelijks leven?

THEMA 2

LEVEL 3

Bron: ICT-enquête huishoudens en individuen (2013), FOD economie – AD Statistiek – Statistics Belgium

56


In

ki

jk ex

em

pl aa

r

© Serov Aleksei / Shutterstock.com

k.com

THEMA 2

LEVEL 3

hutterstoc

ielaitis / S

© JuliusK

57


Explore 7— Wat is welvaart en welzijn? 1

Wellicht weet je nog wat behoeften zijn. Waaraan hebben mensen volgens jouw behoefte?

2

Om je behoefte te bevredigen, moet je middelen, geld, hebben om die aankopen te doen. Maar de voorraad geld is voor de meesten onder ons niet onuitputtelijk. We kunnen met andere woorden niet alles kopen wat we zouden willen. Lees de verhalen over Mils en Abeba. Wie is er volgens jou het meest

Welvaart

pl aa

r

welvarend, Mils of Abeba? Waarom?

Hoe meer behoeften je kunt vervullen, hoe meer welvaart je ervaart. Hoe hoger je welvaart, hoe meer middelen (geld) je ter beschikking hebt. Welvaart heeft dus vooral te maken met

em

het financieel-economische aspect.

2

THEMA 2

LEVEL 3

In

ki

jk ex

1

58

Mils uit Boutersem krijgt wekelijks zakgeld van zijn ouders. Het grootste deel daarvan spaart hij. Om de twee maanden geeft hij vijftien euro uit aan een nieuwe skin of dancemove van Fortnite. Zijn ouders betalen natuurlijk voor het eten, zijn onderdak, water, elektriciteit enzovoort. Hoewel, zijn ouders moeten niet veel voor elektriciteit betalen. Er liggen immers zonnepanelen op het dak.

© Nick Fox / Shutterstock.com

Abeba, een meisje van 14 jaar uit Ethiopië, wandelt iedere ochtend naar school. Ze is een uur onderweg. Op de terugweg naar huis maakt ze een omweg om water te halen in de rivier enkele kilometers verderop.


Welzijn Bij welzijn gaat het over:  Levensverwachting: Hoe staat het met de gezondheidszorg, de hygiëne en de voedselbeschikbaarheid in het land?  Scholings- of alfabetiseringsgraad: Hoeveel procent van de mensen kan lezen en schrijven?  Hoe goed en gelukkig voelen mensen zich?

pl aa

r

Explore 8— Welke gevolgen hebben al die trends voor de welvaart en het welzijn?

Good to know

De effecten van innovatie zijn moeilijk in te schatten. Nieuwe technologie is niet per

em

definitie een doorbraaktechnologie. Vaak kan pas later worden bepaald welk effect een technologie heeft gehad voor de welvaart en de samenleving, zelfs als het populaire

1

jk ex

technologie is.

Veronderstel dat pakketbezorgers die de pakjes van onder andere Coolblue en Zalando afleveren in hun busjes van DHL, UPS, bpost, vervangen worden door drones en dat vrachtwagenchauffeurs door zelfrijdende vrachtwagens vervangen worden. a

In

ki

Welke voordelen zou dat hebben? Breng ze in verband met welvaart en welzijn.

LEVEL 3

Welke nadelen zou dat hebben? Breng ze in verband met welvaart en welzijn.

THEMA 2

b

59


2

Uit het bovenstaande voorbeeld blijkt dus dat er een ongelijke verdeling zal zijn tussen zij die winnen bij de vernieuwing en zij die hun job verliezen, al komen er misschien net jobs bij in de technologiesector. Innovaties, zoals drones kunnen tegelijkertijd handig en gevaarlijk zijn. Geef een aantal voorbeelden.

3

r

em

pl aa

Olieprijs kent grootste prijsstijging ooit na drone-aanval op Saudi-ArabiĂŤ

Schade veroorzaakt door een droneaanval op het olieveld van Buqyaq.

Biotechnologie maakt gebruik van dieren, planten, bacteriĂŤn en andere levende wezens voor de zijn?

ki

Is DNA-technologie altijd goed?

In

4

jk ex

ontwikkeling van medicijnen, voedsel of nieuwe stoffen. Is dat alleen maar positief of kan dat ook negatief

5

Veronderstel dat robots het werk van de werknemers in fabrieken overnemen? Is dat goed voor de

THEMA 2

LEVEL 3

welvaart?

60


6

De vraag is natuurlijk of iedereen evenveel in de voortgebrachte rijkdom zal delen? Veronderstel dat een winkelbediende die de rekken aanvult of aan de kassa staat, vervangen wordt door een robot. Welke nadelen brengt dat voor de winkelbediende?

b

Heeft dat ook een impact op de maatschappij?

c

Wie heeft daar dan wel baat bij?

em

Good to know

pl aa

r

a

Dat elke technologische sprong welvaart creĂŤert, is een geruststellende gedachte.

jk ex

Er is geen reden om aan te nemen dat we morgen armer worden ten gevolge van de digitalisering, robotisering of de doorbraak van artificiĂŤle intelligentie. Ook met de werkgelegenheid lijkt het wel goed te komen. Jobs verdwijnen, maar er komen andere

THEMA 2

LEVEL 3

In

ki

komen voor in de plaats.

61


TO THE POINT De maatschappij wordt gekenmerkt door verschillende trends. Levensverwachting en vergrijzing De komende jaren zal het bevolkingsaantal blijven toenemen en de leeftijdsstructuur zal op lange termijn wijzigen. Verwacht wordt dat het aantal 67-plussers sterker groeit. Het aantal mensen jonger dan 67 neemt daarentegen minder snel toe. Vanaf 2030 ligt het aandeel

versneld door het grote aantal babyboomers. Daarna stabiliseert de vergrijzing zich. Toch zou het aandeel van de 67-plussers in 2070

pl aa

min-18-jarigen en tot 2040 wordt de vergrijzing

r

van de 67-plussers hoger dan dat van de

23 % bedragen. In 2018 was dat maar 16 %. Dat betekent dat er bijvoorbeeld in 2070 veel meer

Urbanisatie

em

afhankelijke mensen zullen zijn.

Wereldwijd verhuizen er wekelijks 1,3 miljoen mensen naar de stad. Dat is al bijna vijftig jaar zo. Daardoor woont bijna meer dan de helft van de wereldbevolking in een stedelijke omgeving. In 2025 zal dat naar verwachting 58 % zijn en in 2050 meer dan twee derde van de wereldbevolking.

jk ex

Er zijn op het vlak van verstedelijking opvallende verschillen tussen landen en continenten. In 2015 waren Noord- en Latijns-Amerika het meest verstedelijkt. Ongeveer 80 % van de bevolking woonde er in steden. Europa en Oceanië volgen met ongeveer 70 %, terwijl Azië en Afrika voor respectievelijk 48 % en 40 % verstedelijkt zijn.

Die laatste twee zijn echter bezig met een inhaalbeweging. In de komende jaren zullen er vooral

ki

in de opkomende economieën steeds meer en steeds grotere steden ontstaan. In 2025 zullen 46 van de 200 grootste steden ter wereld zich in China bevinden.

In

De snelle toename van de verstedelijking brengt nieuwe uitdagingen met zich mee voor het klimaat, de infrastructuur en de veiligheid. Gemiddeld genomen stijgt de welvaart waardoor er nieuwe consumptiepatronen ontstaan. Maar als meer mensen het zich kunnen veroorloven vlees te eten of in een eigen auto te rijden, dan beïnvloedt dat het klimaat negatief. Op korte termijn gaat het om smog en om de leefbaarheid in de steden. Op lange termijn – met steeds

LEVEL 3

en de toekomst van de aarde. Steden beslaan op dit moment 2,8 % van de aardoppervlakte,

THEMA 2

meer en grotere steden – om de leefbaarheid

bestaande infrastructuur in steden is vaak onvoldoende bestand tegen de snelle groei.

62

maar er wordt 75 % van de hulpbronnen geconsumeerd en respectievelijk 50 % en 80 % van het afval en de emissies geproduceerd. Tevens staat de voedsel- en watervoorziening onder druk. De


In opkomende landen bestaan de steden voor een groot deel uit sloppenwijken. De economie vindt daar informeel, buiten het bereik van wetten en bestuur plaats. Die steden zullen actie moeten ondernemen om meer grip te krijgen op de handel en de inkomensstromen. Singlehuishouden Het aandeel van eenpersoonshuishoudens stijgt aanzienlijk van 34 % in 2017 tot 42 % in 2070. Dat is enerzijds het gevolg van de vergrijzing. Door de hogere levensverwachting is er een toename van het aantal vrouwen ouder dan tachtig. Anderzijds is het stijgende aantal eenpersoonshuishoudens het gevolg van veranderende samenlevingsvormen. Onder de beroepsbevolking zijn er meer eenpersoonshuishoudens doordat de leeftijd om - al dan niet gehuwd - samen te wonen hoger is dan vroeger. Bovendien neemt het aantal scheidingen almaar toe. Kinderen zijn vaak gedomicilieerd op de woonplaats van de moeder, het hoofd van het eenoudergezin, waardoor administratief gezien het

pl aa

Migratie

r

aandeel alleenwonende vaders stijgt.

De afgelopen decennia zijn de migratiestromen in de wereld fors toegenomen. De richting daarbij is duidelijk: van lagere-inkomenslanden naar rijkere en veiligere landen in Europa, Noord-Amerika en Oceanië. Volgens de Verenigde Naties zal de bevolkingsgroei in die hoge-inkomenslanden de komende jaren voor meer dan 80 % door migratie komen. Dat blijkt ook duidelijk uit de migratie-

em

ontwikkeling in Europa.

De laatste jaren volgen de technologische vernieuwingen die je het leven makkelijker zouden moeten maken mekaar in een razendsnel tempo op. Zo is er bijvoorbeeld het internet of things. Sensoren en apparaten worden met het internet verbonden. Het bekende voorbeeld is de

jk ex

koelkast die met de supermarkt communiceert en melk voor je bestelt als die op is.

In

ki

Wat zijn de voor- en nadelen van technologische ontwikkelingen?

Wanneer het gaat over technologische ontwikkelingen, lees je vaak dat technologiebedrijven zeer veel kennis van jou verzamelen op allerlei manieren. Wanneer je online winkels bezoekt, krijg je al snel reclame via Google of Facebook. Ze doen dan voorstellen wat jij kunt kopen. Op

matische verwerking van een bestelling bij een online winkel), digitalisering (de elektronische identiteitskaart) en artificiële intelligentie (zelfrijdende auto’s) leiden tot een toename van de welvaart.

THEMA 2

Robotisering (het gebruik van robots in de productie of in winkels), automatisering (de auto-

LEVEL 3

die manier wordt jouw eigen keuze en koopgedrag beïnvloed.

63


Men zegt dat wanneer je meer behoeften kunt vervullen, je meer welvaart ervaart. Hoe hoger je welvaart, hoe meer middelen (geld) je ter beschikking hebt. Welvaart kijkt dus vooral naar het financieel-economische aspect. Al die technologische vernieuwingen zorgen er onder andere voor dat –

er langer kan geproduceerd worden, want robots worden niet moe;

er sneller en op elk moment via een online winkel kan besteld worden;

computers snellere berekeningen kunnen maken.

Die vernieuwingen zorgen ervoor dat productie van goederen en leveren van diensten sneller, goedkoper en makkelijker gaan. Dat doet de welvaart stijgen. Een stijging van de welvaart betekent

r

ook dat er meer verdiend kan worden.

pl aa

Die welvaart en dus het extra geld dat verdiend kan worden, is niet helemaal gelijk verdeeld onder de mensen. Een steeds groter deel van de nieuwe rijkdommen verdwijnt in de zakken van wie het kapitaal in handen heeft, zoals de oprichters en eigenaars van de grote tech-bedrijven en de aandeelhouders. De meerderheid van de maatschappij grijpt naast deze rijkdom. Als samenleving moeten we zelf uitzoeken of we daarmee akkoord gaan of niet. Welzijn

em

Welzijn gaat over zich goed voelen en heeft te maken met levensverwachting, gezondheidszorg, hygiëne, voedselbeschikbaarheid en met de scholing in een land. Sociale onrust

Mensen kijken toch met een bang hartje naar de evolutie van de robotisering. Volgens velen zullen

jk ex

robots mensen vervangen en zullen vele banen sneuvelen. Online shoppen

Tegenwoordig is er niets zo makkelijk als onlineshoppen. De bestelde producten worden de dag nadien of soms de dag zelf nog geleverd. Een aankoop online is gemakkelijker en vaak goedkoper dan naar de winkel te gaan. Je hoeft geen verplaatsingskosten te maken. Het nadeel is dat kleinere lokale

ki

winkels het moeilijk krijgen omdat ze niet met die lagere prijs kunnen concurreren. Influencers

In

Via sociale media proberen bekende, invloedrijke personen reclame te maken voor bepaalde

THEMA 2

LEVEL 3

producten.

64


Action 1— Interpretatie van grafieken Interpreteer de onderstaande grafieken. Wat leid je uit de grafieken af?

Bron: VN

THEMA 2

Bron: New Scientist

LEVEL 3

In

ki

jk ex

em

Infographic 5: Hoelang gaan de grondstoffen nog mee?

pl aa

r

Infographic 4: Afnemend groeitempo van de wereldbevolking

65


pl aa

r

Infographic 6: Urbanisatie in de voorbije 500 jaar

em

Bron: ourworldindata.org

jk ex

Action 2— Zijn kranten en tijdschriften interessant? Ga naar de bibliotheek en zoek in kranten en tijdschriften artikels over technologische ontwikkelingen en digitalisering.

Scan die tekst in met een scanner of een app. Zorg ervoor dat je hem als leesbare tekst inscant.

b

Markeer de kernwoorden en sla het document als pdf op.

c

Zoek via Gopress minstens twee onlineartikels over technologische nieuwtjes en digitalisering.

d

Van het eerste artikel selecteer je de tekst en kopieer je die naar een document. Dat kan in Office of in de

In

ki

a

cloud zijn.

e

Het tweede artikel sla je op als pdf.

f

Maak van twee artikels een schematische

THEMA 2

LEVEL 3

samenvatting. Bewaar die in je portfolio.

66


Action 3— Spiegeltje, spiegeltje aan de wand … Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Lees ook de onderstaande tekst en beantwoord de vragen. Welke voordelen zie je voor de mens en de samenleving?

b

Welke nadelen kunnen er volgens jou opduiken?

pl aa

In de nabije toekomst…

r

a

jk ex

em

Parisa ontwaakt in London met de geur van wafels, vers van de 3D-printer in de keuken. Haar virtuele assistent, Diana, zegt goedemorgen en vertelt haar dat het buiten koud is. Diana zegt Parisa dat ze een trui heeft gekocht die Parisa de dag voordien aan het bewonderen was en dat de trui net geleverd werd door een drone. Nadat Parisa aangekleed is, komt haar chauffeurloze taxi aan. Onderweg naar haar werk geniet Parisa van een virtual reality-gesprek met haar man die op dat moment in het buitenland verblijft.

In

ki

Wanneer Parisa op haar gedeelde werkplek aankomt, wordt ze op de hoogte gebracht van drie ondernemingen die met haar willen samenwerken. Een van de aanvragen kwam uit China en werd automatisch vertaald dankzij artificiële intelligentie. Op weg naar huis verwittigt haar geïmplanteerde chip haar virtuele assistent Diana dat haar cholesterol te hoog is. Diana laat haar weten dat ze meteen een afspraak met een virtuele dokter heeft gemaakt en dat ze haar menu preventief heeft aangepast. Wanneer Parisa later die avond naar bed gaat, speelt Diana een rustgevend achtergrondmuziekje. Terwijl Parisa slaapt, plant Diana haar volgende vakantie.

THEMA 2

LEVEL 3

Technologie zal toekomstige consumenten bijstaan in alle aspecten van hun leven.

67


BREAKING NEWS Zoek op internet voorbeelden van de recentste technologische snufjes die het leven van de consument gemakkelijker maken.

pl aa

r

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

em

1 Ik kan actuele trends met betrekking tot een

verhoogde aandacht voor welzijn illustreren met een voorbeeld.

2 Ik kan actuele trends met betrekking tot

demografische evoluties illustreren met een

jk ex

voorbeeld.

3 Ik kan actuele trends met betrekking tot

technologische ontwikkeling illustreren met een

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

voorbeeld.

4 Ik kan beoordelen op welke manier technologie

ki

en digitalisering een impact hebben op het koopgedrag.

6 Ik kan in een onlinedocument samenwerken.

7 Ik kan een infographic ontwerpen.

THEMA 2

LEVEL 3

In

5 Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

68


LEVEL 4 Wat zijn de meest courante betaalmiddelen en hoe betrouwbaar zijn die?

Bekijk aandachtig de onderstaande infographic. Welke informatie kom je te weten? Bespreek

pl aa

1

r

INTRO klassikaal.

em

Infographic 1: Welke oplossingen bestaan er om jouw betalingen te doen?

jk ex

DE VERKOPER BETALEN

MET BANKGEGEVENS Mobile Banking

In

OVERSCHRIJVING

ZONDER BANKGEGEVENS

CASH

PC BANKING

BANCONTACT + QR Code

VERKOOPPUNT

2

OVERSCHRIJVING

ONLINE

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat zijn de meest courante betaalmiddelen in functie van de veiligheid, kost, toegankelijkheid en gebruiksgemak?

LEVEL 4

CREDIT

ki

DEBET

APPS

THEMA 2

KAARTEN

69


Explore 1— Rechtstreekse versus onrechtstreekse betaling

a

Noteer de verschillende betaalmiddelen en markeer de meest veilige manier(en) in het groen.

b

Waarom zijn dat de veiligste betaalmiddelen voor je aankoop?

r

2

Je wilt met je zakgeld een nieuwe trui kopen. Hoe kun je die trui betalen?

Je kunt de betalingswijzen in twee soorten opsplitsen. Vervolledig het kader. Kies uit:

pl aa

1

indirecte – chartaal – zonder – directe – giraal

Die betaling is

ONRECHTSTREEKSE BETALING

Die betaling is

.

em

RECHTSTREEKSE BETALING

tussenkomst van een

met munten en biljetten.

financiële instelling (= bank) bv. met debetkaart, mobiele bankingapps

jk ex

tussenkomst van een

financiële instelling (= bank) en via tussenkomst van een paymentserviceprovider bv. Payconiq, PingPing, PayPal, iDEAL, VISA, MasterCard

THEMA 2

LEVEL 4

In

ki

70

tussenkomst van een

financiële instelling (= bank) of paymentserviceprovider bv. crypto, bitcoins, libra


Explore 2— Hoe betrouwbaar en gebruiksvriendelijk zijn de verschillende betaalmiddelen?

Ga naar het onlinelesmateriaal en bestudeer de ontdekplaat. Ontdek de veiligheid, de extra kosten, de toegankelijkheid en het gebruiksgemak van de volgende betaalmiddelen.

kaart

Mobiele banking­ app

PayPal

ki

jk ex

iDEAL

In

VISA

Master­ card

Bitcoins

r

pl aa

Debet­

GEBRUIKSGEMAK

em

Cashgeld

TOEGANKELIJKHEID

KOST

LEVEL 4

VEILIGHEID

MIDDEL

THEMA 2

BETAAL­

71


TO THE POINT Je kunt op twee manieren betalen: rechtstreeks en onrechtstreeks. Als je rechtstreeks betaalt, dan betaal je chartaal met munten en biljetten. Onrechtstreeks of giraal betalen is op meerdere manieren mogelijk. —

Er is directe tussenkomst van een financiële instelling (= bank), zoals bij betaling met een debetkaart of met mobiele bankingapps.

Er is indirecte tussenkomst van een financiële instel-

VISA of Mastercard. —

pl aa

zoals bij betaling met Payconiq, PingPing, PayPal, iDEAL,

r

ling (= bank) of van een paymentserviceprovider,

Er is geen tussenkomst van een financiële instelling

(=bank) of paymentserviceprovider. Dat is het geval bij

em

betaling met crypto, bitcoins, libra.

Action 1— Pas op! Wees voorzichtig met je persoonlijke

jk ex

gegevens!

Bekijk de twee filmpjes en beantwoord de onderstaande vragen. Wist je dat die manier van frauderen bestond?

b

Wat heb je geleerd uit de filmpjes?

THEMA 2

LEVEL 4

In

ki

a

72


Action 2—

Tips om veilig online te betalen

BREAKING NEWS

pl aa

r

Surf via het onlinelesmateriaal naar de website van Wikifin. Zoek vijf tips om veilig online te betalen.

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Over welk betaalmiddel of welke betaalmiddelen gaat het?

jk ex

em

1

CHECKLIST

In

ki

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

1

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan het verschil tussen een rechtstreekse en onrechtstreekse betaling illustreren aan de hand van een voorbeeld.

2

Ik kan een aantal betaalmiddelen beoordelen op basis van veiligheid, kost, toegankelijkheid en gebruiksgemak.

LEVEL 4

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

THEMA 2

3

73


LEVEL 5 Hoe bereken je het nettoloon van de consument? INTRO

a

r

Bekijk de onderstaande infographic en beantwoord de vragen. Wat leer je uit deze infographic?

pl aa

1

b

In welk provincie verdien je bruto het meest?

€ 3 642 Brussel

em

Infographic 1: Belg verdient gemiddeld 3 329 euro bruto per maand

€ 3 346 Antwerpen

€ 3 210 Oost-Vlaanderen

jk ex

€ 3 067 West-Vlaanderen

€ 3 054 Limburg

€ 3 481 Vlaams-Brabant

€ 3 406 Waals-Brabant

€ 3 025 Luik

In

ki

€ 3 049 Henegouwen

€ 2 952 Namen

€ 3 048 Luxemburg*

* kleinere steekproef Gemiddelde België: 3 329 euro Gemiddelde Vlaanderen: 3 257 euro Gemiddelde Brussel: 3 642 euro Gemiddelde Wallonië: 3 102 euro

Bron: hln.be, 2018-10-05

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

THEMA 2

LEVEL 5

Hoe bereken je het inkomen van de consument?

74

3

In welke deelvragen kun je die onderzoeksvraag opsplitsen?


Explore 1— Voor wat hoort wat. Als je gaat werken, word je graag betaald.

Forum Wat vind je van de uitspraak ‘Geld maakt gelukkig’?

Werken is het leveren van inspanningen bijvoorbeeld ten dienste

pl aa

van een persoon. De persoon die de inspanningen levert, is de

r

WERKEN VOOR EEN INKOMEN

werknemer. De persoon die zich ertoe verbindt de geleverde inspanningen te betalen, is de werkgever. Alle mensen die

inspanningen leveren krijgen daarvoor een inkomen of loon.

em

Bekijk de onderstaande afbeelding. Noteer naast elke persoon het juiste antwoord. Is dit de werknemer of de werkgever?

b

Wat is de verplichting van die partij ten aanzien van de andere partij?

a

In

ki

b

jk ex

a

a

THEMA 2

LEVEL 5

b

75


Explore 2— Hoe wordt je nettoloon berekend? BRUTOLOON EN NETTOLOON

Het inkomen laat de gezinnen toe hun persoonlijke behoeften te bevredigen. Tussen de werknemer en de werkgever wordt een bedrag afgesproken als vergoeding voor de geleverde diensten. Dat bedrag, het bruto-inkomen, staat in de arbeidsovereenkomst. Van dat bruto-inkomen wordt een bepaalde som afgehouden. Wat de werknemer uiteindelijk op zijn rekening gestort krijgt, is het

Bekijk aandachtig de loonfiche van Miranda. Markeer de informatie op de loonfiche. de gegevens van de werknemer

Geel

de gegevens van de werkgever

Rood

het brutoloon

Groen

het nettoloon

em

Blauw

jk ex

a

pl aa

r

nettoloon.

LOONFICHE

HAWO-Trans

Werknemer

In LEVEL 5 THEMA 2 76

Miranda Schepens

Oude Gentweg 45b

Groenstraat 20

9960 ASSENEDE

9000 GENT

ki

Werkgever

BEREKENING Brutomaandloon

2 800,00

-€

365,96

Belastbaar inkomen

2 434,04

Bedrijfsvoorheffing

-€

648,47

Totaal netto-inkomen

1 749,57

RSZ: -13,07 %


Berekening nettoloon De werkgever van Miranda betaalt bovenop het brutoloon nog een bijdrage aan de RSZ. Dat is de werkgeversbijdrage of patronale bijdrage. Van het brutoloon gaat er 13,07 % als werk­ nemersbijdrage naar de RSZ, de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid. Het brutoloon min de werknemersbijdrage aan de RSZ geeft het belastbaar loon. Van dat bedrag wordt er nog een deeltje ingehouden voor de bedrijfsvoorheffing. Dat is een voorafbetaling van je personenbelasting. Zo verkrijg je het nettoloon. Je werkgever kan je ook nog voordelen in natura geven bovenop je inkomen, zoals een gsm, laptop, wagen …

b

Als je de loonfiche van Miranda grondig bekijkt, zie je dat er een grote kloof is tussen wat de werkgever

pl aa

onderstaande schema aan. Kies uit:

r

moet betalen en het bedrag dat uiteindelijk netto op de rekening van Miranda gestort wordt. Vul het

bedrijfsvoorheffing – RSZ – patronale – belastbaar

bijdrage

Bruto-inkomen

(= 13,07 %) inkomen

jk ex

em

+ voordelen in natura, bv. maaltijdcheques, auto, gsm, computer

LOONFICHE

TOTALE LOONKOST

+

Netto-inkomen

ki

Explore 3— Werken als bediende of arbeider?

In

Als je in dienst van een werkgever werkt, dan kan dat als arbeider of bediende. Ga naar het onlinelesmateriaal en bestudeer de ontdekplaat. Noteer de begrippen onder de juiste afbeelding. Kies uit: maandprestaties – handenarbeid – loon – geestesarbeid – wedde of salaris – uurprestaties

BEDIENDE

THEMA 2

LEVEL 5

ARBEIDER

77


C H A L N G E L E Wat zijn de grootste verschillen tussen een arbeider en een bediende? Bekijk het filmpje. Beantwoord de vragen. Welke twee statuten bestaan er in BelgiĂŤ?

r

a

b

pl aa

Hoe is de verhouding qua tewerkstelling arbeider of bediende bij Torfs?

c

Wat is een carensdag?

d

em

Bij wie is die carensdag wel betaald?

Wat is volgens Eddy uit de drukkerij het grote voordeel als arbeider?

f

jk ex

e

Hoe is bij de drukkerij de verhouding arbeider - bediende qua tewerkstelling?

In

ki

Good to know Ondertussen is de carensdag voor arbeiders afgeschaft. Zowel de arbeider als de bediende hebben voortaan vanaf de eerste dag van ziekte recht op een gewaarborgd

THEMA 2

LEVEL 5

inkomen.

78


TO THE POINT Alle mensen die gaan werken vormen de actieve bevolking. Je kunt werken in loonverband als werknemer ten dienste van een werkgever. Die laatste partij verbindt zich ertoe de werknemer te betalen voor zijn geleverde arbeid. Dat is het inkomen of loon. Een werknemer kost veel geld voor een werkgever. De totale loonkost die de werkgever moet betalen, ligt aanzienlijk hoog. Hij dient niet alleen het brutoloon te betalen, maar ook de werkgeversbijdrage of patronale of auto. Het bedrag dat de werkgever uiteindelijk op de

pl aa

bankrekening van de werknemer stort, is het nettoloon.

r

bijdrage en de voordelen in natura, bijvoorbeeld een gsm

Op het brutoloon worden een aantal afhoudingen gedaan. Eerst wordt de RSZ-bijdrage van 13,07Â % afgehouden. Na aftrek van de RSZ-bijdrage blijft het belastbaar inkomen. Van het belastbaar inkomen gaat de bedrijfsvoorheffing af. Dat is een voorafbetaling van de personenbelasting. Hoeveel belastingen je moet betalen, hangt van een aantal factoren af, bijvoorbeeld hoeveel je verdient of hoeveel personen je ten laste hebt. Op het formulier van de jaarlijkse belastingaangifte vermeld je

em

hoeveel bedrijfsvoorheffing al van je loon afging, hoeveel je dus al aan de belastingen betaalde. Als er te veel bedrijfsvoorheffing werd afgehouden, dan betaalt de fiscus dat terug, maar als er te weinig werd afgehouden, dan moet je bijbetalen.

Als je in dienstverband werkt, kun je werken als arbeider en hoofdzakelijk handenarbeid verrichten

THEMA 2

LEVEL 5

In

ki

jk ex

of als bediende en hoofdzakelijk geestesarbeid verrichten.

79


Action 1— Het nettoloon van een bediende berekenen Ecenür (gehuwd) verdient 1 850,00 euro bruto per maand. Er wordt 29,21 euro bedrijfsvoorheffing ingehouden. Als je weet dat de RSZ-bijdrage 241,79 euro bedraagt,

pl aa

r

hoeveel ontvangt Ecenür dan netto?

Je kunt kiezen uit drie opties om het loon van bediende Ecenür te berekenen. Bepaal hoeveel ondersteuning je wilt. Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 of 3 als je een uitdaging wilt.

Schema

em

Optie 1

Bereken het loon aan de hand van het onderstaande schema.

BEREKENING

1 850,00

-€

241,79

jk ex

Brutomaandloon RSZ: -13,07 %

Bedrijfsvoorheffing

-€

ki

Belastbaar inkomen

In

Totaal netto-inkomen

29,21

Optie 2

Rekenblad

Bereken het loon met een rekenblad. Gebruik daarvoor de ICT-fiche_R_24 tot en met ICT-fiche_R_27.

Optie 3

Website

THEMA 2

LEVEL 5

Surf via het onlinelesmateriaal naar de website van Jobat. Bereken het loon met de bruto-netto-calculator.

80


Action 2— Een uitdaging … het nettoloon snel berekenen Lien van de personeelsafdeling is druk bezig met het berekenen van de lonen van alle werknemers. Ze moet enkel nog de RSZ-bijdragen en het nettoloon berekenen. Kun jij haar helpen?

NAAM

BRUTOLOON

BEDRIJFS-

RSZ

VOORHEFFING

€ 3 825,00

€ 456,23

Melissa Van Vooren

€ 2 785,25

€ 385,98

Ahmed Adul

€ 956,25

€ 147,89

Ali Abdinasir

€ 2 586,12

€ 302,99

pl aa

r

Jan De Coster

NETTOLOON

em

Action 3— De economische kringloop en de consument Zet bij de afbeelding van de economische kringloop de onderstaande bewegingen op de juiste pijl. De gezinnen kopen goederen en diensten bij de bedrijven.

B

De bedrijven leveren de goederen en diensten aan de gezinnen.

C

De gezinnen leveren arbeid aan de bedrijven.

D

De bedrijven betalen lonen aan de gezinnen voor de geleverde arbeid.

Bedrijven

Buitenland

LEVEL 5

Gezinnen

Overheid

THEMA 2

In

ki

jk ex

A

81


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Hoe kun je de geziene leerstof linken aan het artikel?

pl aa

r

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1 Ik kan het begrip werkgeversbijdrage voorbeeld.

em

omschrijven en illustreren aan de hand van een

2 Ik kan het begrip bedrijfsvoorheffing om-

schrijven en illustreren aan de hand van een

jk ex

voorbeeld.

3 Ik kan het nettoloon berekenen aan de hand van een schema.

THEMA 2

LEVEL 5

In

ki

4 Ik kan een eenvoudig loonschema opstellen.

82

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER


STEP-UP Je hebt de afgelopen weken de consument in de maatschappij bestudeerd. Schets afsluitend de evolutie in de mogelijkheden voor de consument door de consument van vroeger en nu te vergelijken.

Tip:

Binnenlandse vs buitenlandse producten

Technologische nieuwigheden

Digitalisering

Werk alleen of per twee.

b

Kies een van deze drie opties om de evolutie te presenteren. Leg uit waarom je die optie kiest. Gebruik

pl aa

r

a

Video, omdat

jk ex

Infographic, omdat

em

daarvoor eventueel de ICT-fiches van Moovly, Canva of powerpoint.

Stel je werk aan de klas voor.

d

Bewaar je presentatie in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

THEMA 2

c

STEP-UP

In

ki

Presentatie, omdat

83


Begrippenlijst Thema 2 1

BEGRIP behoefte

VERKLARING Een behoefte is het aanvoelen van een tekort en het verlangen eraan te willen

1

1

voldoen.

collectieve

Dat is een behoefte van meerdere personen

behoefte

of een hele gemeenschap.

consumptie-

Dat zijn goederen die de consument

goederen

gebruikt en verbruikt.

dienst

Dat is een niet-tastbare zaak die je kunt kopen met geld.

1

goed

Dat is een tastbare zaak die je kunt kopen met geld.

immateriële

Dat is een behoefte waaraan je onmogelijk

behoefte

kunt voldoen door de aankoop van een goed.

1

individuele

THEMA 2

BEGRIPPENLIJST

1

84

2

Dat is een behoefte waaraan je kunt

behoefte

voldoen door de aankoop van een goed.

primaire

Dat is een levensnoodzakelijke behoefte.

productie­

Dat zijn goederen die door de bedrijven

goederen

gebruikt worden om andere goederen mee

ki schaarste

te maken.

Dat is het gevoel van een tekort waaraan

je niet onmiddellijk kunt voldoen, door bijvoorbeeld te weinig budget.

secundaire

Dat is een niet-levensnoodzakelijke

behoefte

behoefte.

aanbieder

De aanbieder is de producent of de verkoper.

2

materiële

In 1

Dat is de behoefte van een persoon.

behoefte 1

jk ex

1

bv. de behoefte aan liefde

behoefte 1

em

1

pl aa

1

IN JE EIGEN WOORDEN

r

LEVEL

aanbod

Dat is het aanbod van een bepaald product bij verschillende prijzen door de producent.


De aanbodcurve geeft het verband weer tussen de aangeboden hoeveelheid en de verschillende prijzen. Ze geeft weer hoeveel

stuks de producenten of verkopers bij

verschillende prijzen willen verkopen.

2

aanbod­

Er is een aanbodoverschot wanneer de

overschot

prijs hoger is dan de evenwichtsprijs en de aangeboden hoeveelheid groter is dan

gevraagde hoeveelheid.

aangeboden

De aangeboden hoeveelheid geeft weer

hoeveelheid

hoeveel een producent bij een bepaalde

prijs wil verkopen. consument

De consument is de koper van een goed of een dienst.

2

2

De evenwichtshoeveelheid is het aantal dat

hoeveelheid

de vragers en de aanbieders overeenkomen verkopen.

De evenwichtsprijs is het bedrag dat

prijs

vragers en aanbieders overeenkomen en

heid goederen te kopen of verkopen.

gevraagde

De gevraagde hoeveelheid geeft weer

hoeveelheid

hoeveel een consument bij een bepaalde

2

minimumprijs

De markt is de plaats waar kopers en

samenkomen en een prijs afspreken.

De overheid kan een prijs opleggen lager

dan de minimumprijs, omdat de overheid de evenwichtsprijs op de markt te hoog vindt.

De overheid kan een prijs opleggen hoger

dan de minimumprijs, omdat de overheid de

2

producent

evenwichtsprijs op de markt te laag vindt.

De producent is een persoon of een onder-

neming die een goed produceert en / of

2

vraag

prijs wil kopen.

ki

In

maximumprijs

waarvoor ze bereid zijn eenzelfde hoeveel-

verkopers van een goed of een dienst

2

evenwichts­

markt

om tegen eenzelfde prijs te kopen en te

em

2

evenwichts-

jk ex

2

pl aa

2

verkoopt of een dienst levert.

Dat is de vraag naar een bepaald product bij

verschillende prijzen door de consument.

BEGRIPPENLIJST

2

THEMA 2

aanbodcurve

r

2

85


vraagcurve

De vraagcurve geeft het verband weer tussen de gevraagde hoeveelheid en de verschillende prijzen. Ze geeft weer hoeveel

stuks de consumenten bij verschillende

prijzen willen kopen. 2

vraagoverschot

Er is vraagoverschot wanneer de prijs lager is dan de evenwichtsprijs en de aangeboden hoeveelheid kleiner is dan gevraagde

hoeveelheid.

vrager

De vrager is de consument of de koper.

3

artificiële

Artificiële intelligentie is de verzamelnaam

intelligentie

voor de technologieën die machines een

verschaffen.

pl aa

automatisering

zekere vorm van menselijke intelligentie

Automatisering is het vervangen van men-

selijke arbeid door machines of computers en computerprogramma’s. behoefte

Een behoefte is het aanvoelen van een

em

3

tekort en het verlangen eraan te willen voldoen. 3

demografie

Demografie is een wetenschap die kijkt

naar de samenstelling van de bevolking,

jk ex

De demografische trend verwijst naar de

trend

evolutie van de totale bevolking of een

In BEGRIPPENLIJST

3

3

demografische

digitalisering

van bevolkingsgroepen, zoals jongeren,

bevolkingsgroep, zoals de stijging van het

aantal mensen in een land of een daling van

het geboortecijfer.

3

ki

3

de aantallen van de totale bevolking of ouderen.

THEMA 2

2

3

86

r

2

De digitalisering is het proces dat analoge gegevens en data, zoals boeken, foto’s en

processen omzet naar gegevens die op een

computer verwerkt worden.

eenpersoons-

Het eenpersoonshuishouden bestaat uit

huishouden

één persoon.

heterogene

De heterogene samenleving bestaat uit veel

samenleving

verschillende groepen, zoals ouderen en

jongeren, verschillende rassen, traditionele

gezinnen, nieuw samengestelde gezinnen,

eenpersoonshuishoudens …


Dat is een persoon die ingezet wordt om het koopgedrag te beïnvloeden.

3

innovatie

Innovatie is vernieuwing.

3

levensver-

De levensverwachting geeft aan hoelang

wachting

een persoon uit een bepaalde categorie

migratie

Migratie betekent dat mensen hun

vaderland verlaten en naar een ander land

3

robotisering

trekken.

Robotisering is het proces waarbij robots

3

3

pl aa

taken van mensen overnemen. technologische

Technologische vernieuwing bestaat uit

vernieuwing

nieuwigheden op het vlak van technologie.

urbanisatie /

Urbanisatie is verstedelijking. Ze geeft de

verstedelijking

groei van stedelijke gebieden aan door de

3

vergrijzing

em

trek van het platteland naar de stad.

De vergrijzing is een term die aangeeft dat de bevolking steeds ouder wordt en dat

welvaart

welzijn

De welvaart verwijst naar de middelen die

meren. Hoe meer middelen beschikbaar

zijn, hoe hoger de welvaart.

Het welzijn is een gevoel van welbevinden,

geluk. Met welzijn wordt bedoeld dat het

zowel lichamelijk, geestelijk als sociaal

ki In 4

goed met een persoon gaat.

chartale

Dat is een rechtstreekse betaling met

betaling

munten en biljetten.

girale betaling

Dat is een onrechtstreekse betaling met tussenkomst van een financiële instelling.

4

financiële

arbeider

Een financiële instelling is een bank.

Dat is een werknemer die voornamelijk

instelling 5

bevolking groter wordt.

door sommigen ook wel beschreven als

4

mensen beschikbaar hebben om te consu-

3

de groep oudere mensen binnen de totale

jk ex

3

handenarbeid verricht.

BEGRIPPENLIJST

3

gemiddeld leeft.

THEMA 2

influencer

r

3

87


5

arbeidsover-

Dat is een schriftelijke overeenkomst

eenkomst

tussen werknemer en werkgever. In die

bediende

overeenkomst staan de afgesproken

arbeidsvoorwaarden.

Dat is een werknemer die voornamelijk

geestesarbeid verricht. 5

bedrijfsvoor-

Dat is een voorafbetaling op de belastingen.

belastbaar

Het belastbaar loon vormt de basis waarop

loon

de belasting wordt berekend. Het is het

heffing

5

5

brutoloon verminderd met de RSZ-bijdrage.

brutoloon /

Dat is het inkomen voor aftrek van de RSZ

bruto-inkomen

en de bedrijfsvoorheffing.

nettoloon /

Dat is inkomen dat de werkgever op de

netto-inkomen

rekening van de werknemer stort, na aftrek

pl aa

5

van de RSZ en bedrijfsvoorheffing.

Dat is de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.

5

voordelen in

Dat zijn extralegale voordelen die de

natura

werkgever bovenop het inkomen geeft aan

em

RSZ

Bv. een gsm, een pc, een auto

jk ex

de werknemer.

werkgever

Een werkgever is de persoon die zich ertoe verbindt de werknemer te betalen voor de

werkgevers-

Dat is de bijdrage die de werkgever voor de

bijdrage of

werknemer moet betalen aan de RSZ.

patronale

bijdrage

In BEGRIPPENLIJST

5

geleverde diensten.

ki

5

THEMA 2

5

5

88

werknemer

r

5

Dat is de persoon die inspanningen levert ten dienste van een werkgever.


NOTITIE

r

pl aa

em

ki

In

jk ex

89


NOTITIE

r

pl aa

em

In

ki

jk ex

90


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

Ondernemingen en organisaties


3 pl aa

r

THEMA

In

ki

jk ex

em

Ondernemingen en organisaties


STEP-UP

Hoe stel je het organogram op van jouw school of een bedrijf naar keuze?

LEVEL

5

LEVEL

p. 79

Wat zijn de logistieke afdelingen van een onderneming?

p. 53

Wat zijn de administratieve activiteiten binnen een onderneming?

p. 30

em

4

r

6

Welke activiteiten vinden er plaats in de marketingafdeling?

pl aa

LEVEL

p. 108

jk ex

LEVEL

3

LEVEL

In

ki

2

LEVEL

1

Welke bedrijfssectoren zijn er?

p. 25

Welke weg leggen goederen en diensten af voor ze bij de consument komen?

p. 11

Hoe bekijk je het economisch principe vanuit het standpunt van de onderneming?

p. 6

STEP-IN

p. 4


STEP-IN 1

De onderstaande infographic stelt ondernemingen voor. Op deze bladzijde zie je de ondernemingen van vroeger en vandaag. Op de rechterbladzijde staan de ondernemingen van de toekomst. Noteer

r

vijf belangrijke verschillen.

THEMA 3

STEP­IN

In

ki

jk ex

em

pl aa

ONDERNEMINGEN VROEGER EN VANDAAG

4


In dit thema doorloop je zes levels. Elk level biedt je een stukje kennis aan die je nodig hebt om de opdracht van de Step-up uit te voeren. Daarin maak je een organogram van jouw school of een bedrijf naar keuze.

THEMA 3

2

STEP­IN

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

ONDERNEMING VAN DE TOEKOMST

5


LEVEL 1 Hoe bekijk je het economisch principe vanuit het standpunt van de onderneming?

Je wilt je eigen bedrijfje dat diepvriesfrieten produceert, oprichten. a

pl aa

1

r

INTRO

Bekijk aandachtig de infographic. Wat heb je nodig om je eigen bedrijf op te richten?

em

Infographic 1: Productiefactoren diepvriesfrieten

jk ex

€€€

ARBEID

LOON

RENTE

BANKEN

GEBOUW

HUUR

EIGENAAR VAN DE GEBOUWEN

GROND

PACHT

ONDERNEMERSCHAP

GRONDBEZITTER

ki

GEZINNEN

LENING

Vul de onderstaande tabel aan. Kies uit:

In

b

PRODUCTIEFACTOREN

WINST

EIGENAAR

kapitaal – arbeid – natuur INKOMEN VAN DE EIGENAAR

RENTE / HUUR productiemiddelen (machines, gebouw …) LOON

PRODUCTIE

mensen die het werk uitvoeren PACHT grond en grondstoffen

THEMA 3

LEVEL 1

ONDERNEMERSCHAP

6

WINST

kansen zien en benutten, ideeën omzetten

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Hoe bekijk je het economisch principe vanuit het standpunt van de onderneming?


Explore 1— Welke productiefactoren zijn er? 1

Productiemiddelen zijn alle middelen die een onderneming nodig heeft om te kunnen produceren. Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje.

b

Welke productiemiddelen heeft de onderneming nodig om te produceren?

Productiemiddelen kun je onderverdelen in drie productiefactoren. a

Ze het juiste begrijp bij de uitleg. Kies uit:

r

Wat produceert de firma?

pl aa

2

a

arbeid – kapitaal – natuur b

Noteer de productiemiddelen uit het filmpje bij de juiste productiefactor.

em

PRODUCTIEFACTOREN

Productiefactoren zijn de middelen die altijd in een bepaalde

Alle mensen die een gees-

Alle natuur die nodig is om

ringen die nodig zijn om het

telijke of een lichamelijk

een goed te produceren,

goed te produceren.

bijdrage leveren aan het

zoals grond- en delfstoffen,

goed.

planten, land of wind.

LEVEL 1

Al het geld en alle investe-

THEMA 3

In

ki

jk ex

combinatie noodzakelijk zijn om te kunnen produceren.

7


Explore 2— Welke productie is het voordeligst? Bekijk de onderstaande gevalstudie. Bereken de totale kosten.

b

Bereken de opbrengsten.

c

Voor welke productie zou jouw onderneming kiezen? Leg uit waarom.

r

a

PRO­

GROND­

DUCTIE

STOFFEN

KOSTEN

KOSTEN

10

20

200

60

20

40

300

65

30

60

400

40

80

500

60

KOSTEN

VERKOOP­ OPBRENG­ PRIJS

STEN

WINST / VERLIES ­130

15

­105

70

15

­80

75

15

­55

em

15

600

80

15

­30

120

700

85

15

­5

140

800

90

15

20

In LEVEL 1 THEMA 3 8

TOTALE

100

ki

70

ARBEIDS­ MACHINE­

jk ex

50

pl aa

Je hebt een bedrijfje dat speelgoedauto’s produceert.


TO THE POINT Een onderneming heeft middelen nodig om te kunnen produceren, namelijk productiemiddelen. Daarvoor zijn er productiefactoren nodig. Die kun je in drie categorieën indelen: natuur, arbeid en kapitaal. De productiefactor natuur omvat alles wat afkomstig is van de natuur, zoals grondstoffen (ijzererts), maar ook energie die opgewekt wordt en water behoren tot die categorie. Arbeid slaat dan weer op alle mogelijke vormen van fysieke en mentale arbeid.

r

Voorbeelden daarvan zijn arbeiders in een staalbedrijf, poetsvrouwen, bedienden, managers …

em

Action 1— Productiefactoren

pl aa

Kapitaal verwijst naar de gebouwen, de bedrijfswagens, een kassa of toonbank, werkmateriaal …

Zijn de volgende stellingen juist of fout?

JUIST

FOUT

KAPITAAL

NATUUR

jk ex

De productiefactor natuur bestaat ondermeer uit gebouwen.

De productiefactor arbeid bestaat uit menselijke inspanningen.

ki

De aankoop van de fabrieksgebouwen valt onder de productiefactor kapitaal.

In

Action 2— Indelen in productiefactoren Om welke productiefactor gaat het? Zet een kruisje in de juiste kolom. ARBEID De grond waarop je loods staat. Marie neemt voor haar winkel een verkoopster aan.

THEMA 3

LEVEL 1

De bijen van imker Joris maken honing aan.

9


Action 3— De juiste productie kiezen Bekijk de onderstaande gevalstudie. Voor welke productie zou je onderneming kiezen? Bereken de totale kosten.

b

Markeer de productie die het bedrijf best zou kiezen.

STOFFEN

ARBEIDS- MACHINEKOSTEN

KOSTEN

200

300

2 600

1 640

400

600

3 200

1 720

600

900

3 800

1 800

800

1 200

4 400

1 880

1 000

1 500

5 000

1 960

TOTALE KOSTEN

VERKOOP- OPBRENGPRIJS

STEN

11

2 200

11

WINST -2 340

4 400

-1 120

11

6 600

100

11

8 800

1 320

11

11 000

2 540

pl aa

GROND-

TIE

em

PRO­DUC­

r

a

BREAKING NEWS

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Verbind de inhoud van het artikel met de leerstof.

In

ki

jk ex

1

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

THEMA 3

LEVEL 1

1 Ik kan de begrippen productiefactor, natuur,

10

arbeid en kapitaal omschrijven. 2 Ik kan vanuit het standpunt van de onderneming het economisch principe illustreren.

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER


LEVEL 2 Welke weg leggen goederen of diensten af voor ze bij de consument komen?

Saar gaat minstens twee keer per maand met haar beste vriendin Noor naar de bioscoop. Daar hoort

pl aa

1

r

INTRO een grote zak chips en een beker Coca-Cola bij, al vraagt ze zich wel af hoe de zakken chips in de

In

ki

jk ex

em

winkel van de bioscoop terechtkomen. Heb jij enig idee?

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

LEVEL 2

Welke weg leggen goederen of diensten af voor ze bij de consument komen?

THEMA 3

2

11


Explore 1— Wat is de bedrijfskolom en de toegevoegde waarde?

1

Bekijk aandachtig de onderstaande afbeelding. landbouwer opkoper van aardappelen

transportfirma

chipsfabrikant

consument

2

pl aa

kleinhandel

r

groothandel

Zoek op internet het verschil tussen een groothandel en een kleinhandel. Noteer het verschil hieronder in

a

een groothandel:

b

een kleinhandel:

Noteer twee voorbeelden van groothandelaars en twee kleinhandelaars van chips. a

groothandelaars:

b

kleinhandelaars:

THEMA 3

LEVEL 2

In

4

Noteer een synoniem voor:

ki

3

jk ex

em

eigen woorden.

12


5

Lees de definitie van een bedrijfskolom. Omkader daarna in vraag 1 de onderdelen die deel uitmaken van de bedrijfskolom van chips. BEDRIJFSKOLOM EN CONSUMENT

Een bedrijfskolom is een schematisch overzicht van alle stappen die een goed of dienst doorloopt. Het schema start bij de producent van grondstoffen en eindigt zodra het eindproduct of de dienst aan de consument wordt aangeboden. Bij iedere stap wordt er waarde aan het goed of aan de dienst toegevoegd. De consument wordt ook weergegeven in de

pl aa

consument zelf geen waarde meer toevoegt aan het product.

r

bedrijfskolom, maar maakt er geen onderdeel van uit omdat de

Enkel de bedrijven die eigenaar worden van het product, maken deel uit van de bedrijfskolom. Logistieke bedrijven worden meestal geen eigenaar van het product maar verlenen enkel een dienst aan een

andere onderneming. Daardoor maken ook zij vaak geen deel uit van

6

em

de bedrijfskolom.

Zoals je weet bestaat een bedrijfskolom uit verschillende schakels. De groothandel en de consument ken je al. Noteer de naam van de schakel bij de omschrijving. Kies uit:

jk ex

grossier of groothandel – consument of klant – fabrikant – detailhandel of kleinhandel – oerproducent

SCHAKEL

OMSCHRIJVING

meerdere producenten om die in kleinere hoeveelheden aan andere ondernemingen door te verkopen. Dat de grondstoffenproducent.

Dat is iedereen die goederen koopt en daarmee zijn behoeften bevredigt. Dat is een onderneming die goederen aan consumenten (particulieren) verkoopt.

LEVEL 2

Dat is iemand die producten in groten getale produceert.

THEMA 3

In

ki

Dat is een onderneming die grote partijen inkoopt bij een of

13


7

Bekijk aandachtig het onderstaande schema. Wat is de toegevoegde waarde? Noteer in je eigen woorden.

VERKOOPWAARDE

TOEGEVOEGDE WAARDE

€ 4 000

€ 4 000 – € 0 = € 4 000

pl aa

graan

r

GRAANBOER

meel

€ 6 500

em

MEELFABRIEK

€ 6 500 – € 4 000 = € 2 500

jk ex

BROODFABRIEK

brood € 10 000

€ 10 000 – € 6 500 = € 3 500

In

ki

SUPERMARKT

€ 13 000 – € 10 000 = € 3 000

dienst € 13 000 CONSUMENT

THEMA 3

LEVEL 2

Som toegevoegde waardes

14

= € 13 000


Explore 2— Hoe ziet de toekomst van de fysieke winkel eruit?

Je kunt steeds meer goederen en diensten online kopen en er is online ook almaar meer informatie beschikbaar. Dat alles heeft invloed op de toekomst van de fysieke winkel. Bekijk aandachtig de resultaten van een onderzoek naar de bezoekfrequentie per branche. Tabel 1: Impact bezoekfrequentie in procent

% SPORT

2015

2018

2015

2018

2015

2018

2015

8

11

9

16

9

15

8

minder fysieke winkels.

12

21

17

23

12

21

17

evenveel fysieke winkels.

64

57

60

53

59

53

65

meer fysieke winkels.

8

7

9

5

veel meer fysieke winkels.

7

4

6

3

veel minder fysieke winkels.

BOUWMARKTEN

WONEN

DROGISTERIJ

SUPERMARKTEN

2018

2015

2018

2015

2018

2015

2018

2015

2018

2015

2018

16

21

18

5

4

5

9

6

7

4

5

30

25

35

8

11

11

25

8

14

2

8

46

48

41

78

71

65

59

71

64

69

72

10

8

4

7

4

4

5

9

11

6

9

8

9

7

10

4

6

1

3

2

4

4

8

2

7

7

15

8

jk ex

Bron: Insights ABN-AMRO

ELEKTRONICA

r

SCHOENEN

em

Ik bezoek ...

MODE

pl aa

GEMIDDELD

Zoek het begrip drogisterij op internet op en noteer een omschrijving in eigen woorden.

b

Zijn de stellingen juist of fout? Verbeter de foutieve stellingen. JUIST

FOUT

In

ki

a

32 % van de consumenten heeft in 2018 (veel) minder fysieke winkels bezocht.

De fysieke winkels in de elektronicabranche hebben weinig online concurrentie.

THEMA 3

het meest te maken gehad met teruglopende bezoekersaantallen.

LEVEL 2

Ten opzichte van 2015 hebben fysieke winkels in de branches sport en wonen

15


c

Brainstorm in twee groepen. Elke groep voert de opdracht van zijn thema uit. Ga naar het onlinelesmateriaal en gebruik de ICT-fiche_C_01 en fiche_S_01 indien nodig.

THEMA Groep 1

Groep 2

OPDRACHT

De fysieke winkels

Onlineplatformen

RESULTAAT VOORSTELLEN MET:

Verzamel de voordelen

een infographic

van fysieke winkels

een storyboard

Verzamel de voordelen

een infographic

van online platformen

een storyboard

Is een fysieke winkel volgens jou nog nodig?

pl aa

r

Forum

Explore 3— Welke macrotrends op het vlak van

1

em

technologische evolutie zijn er in de onlineverkoop?

Personalisatie draait om het creëren van een unieke klantbeleving voor iedereen. Een onderneming

THEMA 3

LEVEL 2

In

ki

jk ex

creëert op die manier ervaringen waardoor klanten terugkomen. Kun jij daar een voorbeeld van geven?

16

Personalisatie is

geen optie. Het is essentieel .


2

Bij onder andere Adidas en Nike is het mogelijk om sportschoenen of sportkleding helemaal volgens je eigen voorkeur samen te stellen. Bij Oakley kan dat voor zonnebrillen. a

Kies een van die drie bedrijven en test het uit. Duid aan wie je kiest.

© ricochet64 / Shutterstock.com

© Rose Carson / Shutterstock.com

© Rose Carson / Shutterstock. com

Surf naar de website, stel een product volgens jouw eigen wensen samen.

c

Bewaar een schermafdruk van het eindresultaat in je portfolio.

pl aa

r

b

Explore 4— Wat houdt de macrotrend in de circulaire economie in?

Bestudeer aandachtig de onderstaande afbeelding en vul de definitie van het begrip circulaire economie aan. Kies uit:

em

1

gerecycleerd – verkocht – lang – levenscyclus – consumptie – afval – kort

In

ki

jk ex

Infographic 1: De circulaire economie

Bron: europarl.europa.eu

hergebruikt, hersteld, opgeknapt en Op die manier wordt de betekent dat dat het

mogelijk worden gedeeld, verhuurd, om meer waarde te creëren. van producten uitgebreid. In de praktijk tot een minimum wordt beperkt.

LEVEL 2

materialen en producten zo

, waarbij bestaande

THEMA 3

Circulaire economie is een model van productie en

17


2

Ga via het onlinelesmateriaal naar de website van Vlaanderen circulair en zoek twee voorbeelden van circulaire economie. VOORBEELD 1

VOORBEELD 2

1

em

pl aa

r

Explore 5— Kies je voor de korte of de lange keten?

Werk per twee. Zoek de voordelen van de korte keten voor de consument, de producent en de planeet.

jk ex

Gebruik indien nodig de ICT-fiches voor online samenwerken. Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je een uitdaging wenst. Kies optie 3 als de uitdaging nog iets pittiger mag. Optie 1

Video

Bekijk het filmpje van de korte keten.

b

Verwerk de voordelen van de korte keten in een onlinedocument.

ki

a

Video

In

Optie 2 a

Bekijk het filmpje over de buurderij.

b

Verwerk de voordelen van de korte keten in een onlinedocument.

THEMA 3

LEVEL 2

Optie 3

18

Internet

a

Ga via het onlinelesmateriaal naar de websites. Verzamel er de informatie.

b

Verwerk de voordelen van de korte keten in een onlinedocument.

2

Surf naar rechtvanbijdeboer.be. Noteer twee verkooppunten in jouw buurt.


TO THE POINT De bedrijfskolom is een schematische voorstelling van alle stappen die een product of dienst doorloopt. Het schema start bij de producent van grondstoffen en eindigt zodra het eindproduct of de dienst aan de consument wordt aangeboden. Elke schakel voegt waarde aan het goed of de dienst toe. Zo wordt dat goed of die dienst almaar beter geschikt voor gebruik door de consument. Die consument voegt geen waarde meer toe en maakt dus geen deel uit van de bedrijfskolom. Bepaalde ondernemingen, zoals transportfirma’s, werken ook met de goederen, maar toch behoren zij vaak

jk ex

em

pl aa

r

niet tot de bedrijfskolom omdat ze geen eigenaar zijn van de goederen of diensten.

De consument koopt zijn goederen en diensten niet enkel meer in de fysieke winkel, maar hij koopt steeds vaker op onlineplatformen zoals bol.com of Zalando. De toegevoegde waarde is de waardevermeerdering van een product na bewerking. Circulaire economie is een model van productie en consumptie, waarbij bestaande materialen en

ki

producten zo lang mogelijk worden gedeeld, verhuurd, hergebruikt, hersteld, opgeknapt en gerecycleerd om meer waarde te creëren. Op die manier wordt de levenscyclus van producten uitgebreid.

In

In de praktijk betekent dat dat het afval tot een minimum wordt beperkt. Wanneer een product het einde van zijn levensduur bereikt, worden de materialen zoveel mogelijk binnen de economie gehou-

THEMA 3

LEVEL 2

den. Ze kunnen keer op keer productief worden gebruikt, waardoor meer waarde wordt gecreëerd.

19


Action 1— Keuze tussen een bedrijfskolom van een tijdschrift en van sportschoenen

Kies, afhankelijk van je interesse, de oefening met het tijdschrift of met de sportschoenen. Optie 1 a

Tijdschrift

Optie2 a

Zet de schakels in de productieweg van een

Zet de schakels in de productieweg van

tijdschrift in de juiste volgorde. De grondstof

sportschoenen in de juiste volgorde. De

is hout.

grondstof is rubber.

dagbladhandel – klant – papierfabriek –

klant – schoenzolenfabrikant – Decathlon – rubberfabrikant – schoenenfabrikant – Nike

pl aa

Omkader de bedrijfskolom.

r

drukkerij – boomkweker – boekengroothandel – houtzagerij

b

Omkader de bedrijfskolom.

THEMA 3

LEVEL 2

In

ki

jk ex

em

b

20

Sportschoenen


Action 2— Bedrijfskolom van 1

In deze action ga je aan de slag om een bedrijfskolom te ontwerpen van een zelf gekozen product. Vul de titel van de Action aan met de naam van het product.

Tip: 2

Kies een eenvoudig product waarvan de verschillende stappen van de bedrijfskolom niet te complex zijn, bijvoorbeeld: een jeansbroek, kaas, brood, chocolade of appelsap.

Duid aan of je de bedrijfskolom wilt samenstellen op basis van: berichten of korte zinnen. Gebruik indien nodig ICT-fiche_P_10.

3

Bewaar het resultaat in je portfolio.

pl aa

beeldfragmenten. Gebruik indien nodig ICT-fiche_P_15.

r

afbeeldingen. Gebruik indien nodig ICT-fiche_P_08.

Action 3— De toegevoegde waarde van een tijdschrift Bereken de toegevoegde waarde van jouw favoriete tijdschrift.

2

Bereken de som van de toegevoegde waardes. AANKOOPPRIJS

jk ex

BEDRIJFSKOLOM

em

1

TOEGEVOEGDE WAARDE

VERKOOPPRIJS

€ 0,00

€ 0,20

Houtverwerking

€ 0,20

€ 0,45

Papierfabriek

€ 0,45

€ 0,75

Drukkerij

€ 0,75

€ 1,10

Uitgeverij

€ 1,10

€ 1,50

€ 1,50

€ 2,10

In

ki

Bosontginning

Dagbladhandel

THEMA 3

LEVEL 2

SOM VAN DE TOEGEVOEGDE WAARDES

21


Action 4— Wat doe je met ongebruikte spullen die je niet meer nodig hebt?

Lees het artikel over de geefkast in het Sociaal Huis. Markeer de antwoorden in het artikel. Blauw

Wat zijn geefkasten?

Geel

Hoe kun je met de geefkast deelnemen aan circulaire economie?

pl aa

r

Wil je af van spullen die je niet meer gebruikt? Breng ze naar de geefkast in het Sociaal Huis Geefkasten zijn in opmars. Op steeds meer plaatsen duikt een kast op waarin je ongebruikte spullen kunt weggeven. Ook in het Sociaal Huis van Tienen is er een geefkast geplaatst.

em

‘Dat past binnen de visie van Tienen transformeert’, zegt schepen van Mensen, Ine Tombeur (N-VA). ‘Dagelijks worden we bestookt met advertenties om nieuwe producten te kopen. En dat doen we ook massaal: de consumptiemaatschappij draait op volle toeren. Maar er zijn sociale grenzen en milieugrenzen aan die overmaatse consumptie. Door producten op grote schaal te produceren, belanden er steeds vaker op de afvalhoop.’

In

ki

jk ex

Met een geefkast kun je deelnemen aan de circulaire economie. Door producten te delen, blijven ze steeds benut en duurt het langer alvorens ze op de afvalhoop belanden. Bovendien hoef je zo niet steeds nieuwe producten te kopen. Er ligt vaak heel wat thuis in je kast dat je niet meer gebruikt. Met die producten kun je iemand anders gelukkig maken. Goed voor het milieu én voor je portemonnee.

Alle inwoners van Tienen mogen vanaf maandag herbruikbare spullen aanleveren en meenemen. Je kunt ze gewoon aan het onthaal afgeven. Op het gepaste moment zullen de spullen in de kast geplaatst worden. Wat niet in de kast hoort, wordt terug meegegeven. Kom je iets uit de kast halen? Neem gerust mee wat je kunt gebruiken.

THEMA 3

LEVEL 2

Bron: hln.be, 20-03-09

22


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Beantwoord de vragen. Over welk goed of welke dienst gaat het in deze rubriek?

b

Schets de bedrijfskolom zo volledig mogelijk.

pl aa

r

a

CHECKLIST

em

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

Ik kan de weg van een goed of een dienst tot bij

2

jk ex

de klant illustreren.

Ik kan een bedrijfskolom voor een goed of dienst samenstellen.

3

Ik kan het verschil tussen een groot- en kleinhandel toelichten.

Ik kan de macrotrend met betrekking tot

EXTRA OEFENMATERIAAL

ki

4

KAN

BETER

Ik kan resultaten van een opdracht in een

technologische evoluties, zoals onlineverkoop,

infographic weergeven.

6

Ik kan resultaten van een opdracht met een tekstverwerker verwerken.

7

Ik kan resultaten van een opdracht in afbeeldingen verwerken.

8

Ik kan resultaten van een opdracht in beeld­ fragmenten verwerken.

9

Ik kan online samenwerken aan een document.

LEVEL 2

5

THEMA 3

In

omschrijven aan de hand van een voorbeeld.

23


10 Ik kan de voordelen van een korte keten ten

opzichte van een lange keten toelichten. 11 Ik kan de berekening van de toegevoegde

waarde toepassen aan de hand van een aangereikt schema. 12 Ik kan de macrotrend met betrekking tot de

circulaire economie omschrijven aan de hand

THEMA 3

LEVEL 2

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

van een voorbeeld.

24


LEVEL 3 Welke bedrijfssectoren zijn er? INTRO Welke ondernemingen uit deze collage horen volgens jou bij elkaar? Bespreek klassikaal.

A

B

D

E

C

em jk ex H

F

I

2

K

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Welke bedrijfssectoren zijn er in BelgiĂŤ?

LEVEL 3

J

THEMA 3

In

ki

G

pl aa

r

1

25


Explore 1— Hoe worden ondernemingen ingedeeld in sectoren?

2

De primaire sector:

b

De secundaire sector:

c

De tertiaire sector:

d

De quartaire sector:

pl aa

a

r

Zoek op internet een omschrijving van de sectoren en noteer ze in eigen woorden.

em

1

Plaats de ondernemingen uit de Intro in de juiste sector. PRIMAIRE

TERTIAIRE

QUARTAIRE

SECTOR

SECTOR

SECTOR

jk ex

SECTOR

SECUNDAIRE

Explore 2— Tot welke bedrijfssectoren behoren de

In

ki

ondernemingen?

BEDRIJFSSECTOR

Naast de indeling van ondernemingen in de primaire, secundaire, tertiaire en quartaire sector kun je ondernemingen ook onderbrengen in bedrijfssectoren. Een bedrijfssector omvat een aantal verwante ondernemingen die hetzelfde soort goederen en / of diensten voortbrengen.

THEMA 3

LEVEL 3

Om de verschillende bedrijfssectoren te leren kennen, speel je een dominospel.

26

a

Werk in groepjes van drie of vier.

b

Ga naar het onlinelesmateriaal en lees de spelregels.

c

Zoek indien nodig de activiteit van een onderneming op internet op.


Explore 3— Hoe worden ondernemingen ingedeeld in bedrijfssectoren?

Het is belangrijk dat je zelf voorbeelden van ondernemingen uit een bepaalde sector kunt geven. a

Werk per twee. Ga op zoek naar drie voorbeelden van ondernemingen die tot de sector behoren die jou toegewezen werd.

b

Vul voor elke onderneming een fiche in met de contactgegevens, de kernactiviteit en de sector. Het sjabloon van die fiche vind je bij het onlinelesmateriaal.

pl aa

r

TO THE POINT

Bedrijven worden enerzijds in de primaire, secundaire, tertiaire en quartaire sector en anderzijds in bedrijfssectoren ingedeeld.

De primaire sector is de economische sector die grondstoffen en voedsel levert die dan in de secundaire sector verwerkt worden. Tot de primaire sector behoren de landbouw, de jacht, de visserij en de

em

delfstoffenwinning.

De secundaire sector is de economische sector met alle

bedrijven die de grondstoffen van de primaire sector ver-

werken. De producten worden doorgaans door de tertiaire

jk ex

sector aan de consument doorverkocht.

De tertiaire sector is de economische sector waarin bedrijven met de verkoop van hun goederen of diensten winst willen maken.

De quartaire sector omvat de niet-commerciĂŤle dienstverlening zoals defensie, onderwijs, zorg,

ki

openbare orde en sociale zekerheid. Die diensten zijn voornamelijk gericht op het welzijn van de burger.

In

­ oortbrengen. Een bedrijfssector bestaat uit bedrijven die hetzelfde soort goederen en / of diensten v Belangrijke bedrijfssectoren zijn bouw, horeca en toerisme, chemie, metaal, textiel, groot- en

THEMA 3

LEVEL 3

kleinhandel, logistiek, transport, technologie en de gezondheidszorg.

27


Action 1— Tot welke sector behoren deze ondernemingen? Plaats de ondernemingen bij de juiste sector. Gebruik het internet als je de activiteit van de onderneming niet weet. verzekeringsmaatschappij Baloise – kinderdagverblijf De Pagadder – bosbouwbedrijf Van der Velden – kapsalon Carré – bouwonderneming Maes – transportbedrijf Essers – landbouwbedrijf Vandriessche – brandweer Londerzeel – fietsenfabriek Cycletech – rusthuis Avondrood – schoenenproducent Ambiorix – visserij Desmit

SECUNDAIRE SECTOR

TERTIAIRE SECTOR

QUARTAIRE SECTOR

em

pl aa

r

PRIMAIRE SECTOR

jk ex

Action 2— Kwartetspel

Om dit thema verder te verkennen, speel je in groepjes een kwartetspel. Lees vooraf aandachtig de spelregels. SPELREGELS

1 De kaarten worden geschud en onder de spelers verdeeld.

ki

2 De jongste speler begint door aan een willekeurige andere speler een andere kaart te vragen van hetzelfde kwartet. Als de gevraagde speler die kaart heeft, moet hij die geven en mag de vra-

In

gende speler opnieuw vragen. Als de gevraagde speler de kaart niet heeft, mag hij op zijn beurt een kaart vragen.

3 Wie een kaart vraagt, moet zelf al minstens een kaart uit dat kwartet bezitten. 4 Als een speler de vier kaarten van een kwartet heeft, maakt hij dat bekend en legt het kwartet op tafel. Hij moet ook aangeven wat de ondernemingen van het kwartet gemeenschappelijk hebben. Wanneer dat fout is, moet hij het kwartet omgekeerd in het midden van de tafel leggen. 5 De speler die op het eind van het spel (als niemand nog losse kaarten heeft) de meeste kwartet-

THEMA 3

LEVEL 3

ten heeft, is de winnaar.

28


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Beantwoord de volgende vragen. a

Over welke onderneming gaat het in deze rubriek?

b

Behoort deze onderneming tot de primaire, de secundaire, de tertiaire of de quartaire sector?

c

Tot welke bedrijfssector behoort deze onderneming?

Welke evolutie wordt er omschreven?

em

CHECKLIST

pl aa

d

r

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

secundaire, tertiaire en quartaire sector. 2

Ik kan ondernemingen indelen in bedrijfssectoren.

Ik kan voorbeelden geven van ondernemingen

ki

3

die tot een bepaalde bedrijfssector horen. Ik kan online samenwerken aan een document.

In

4

EXTRA OEFENMATERIAAL

LEVEL 3

Ik kan ondernemingen indelen in de primaire,

KAN

BETER

THEMA 3

1

jk ex

JA

29


LEVEL 4 Wat zijn de administratieve activiteiten in een onderneming? INTRO 1

Bekijk aandachtig de onderstaande afbeelding. Noteer de naam van de afdeling op de afbeelding.

pl aa

r

Noteer hieronder wat de werknemers van die afdeling aan het doen zijn.

em

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

30

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat zijn de administratieve activiteiten in een onderneming?


Explore 1— Welke afdelingen zijn er in een bedrijf? 1

Bekijk de schematische voorstelling van het fictieve bedrijf, M&C. Hoeveel afdelingen zijn er? Noteer ze.

M&C

VERKOOP EN MARKETING

LOGISTIEK

ADMINISTRA­ TIE

PERSONEEL

pl aa

r

AANKOOP

Administratie

In al die afdelingen, behalve de logistiekafdeling, doen de werknemers vooral aan admini­ stratie. De administratie hangt samen met alle onderdelen van het bedrijf.

em

Administratie wil in veel gevallen zeggen kantoorwerk. Daaronder vallen verschillende

activiteiten, zoals bestellingen plaatsen, lonen berekenen, facturen betalen, klanten opvolgen of de telefoon beantwoorden.

De administratie heeft drie belangrijke functies binnen het volledige bedrijf: –

Registratie: Wie heeft er nog schulden aan het bedrijf? Van wie heeft het bedrijf al geld

Verantwoording en controle: Zijn de betalingen correct uitgevoerd? Heeft het personeel

Informatie verstrekken: Hoe is het met het bedrijf gesteld?

jk ex

ontvangen?

gedaan wat er gevraagd werd?

De schematische voorstelling van een bedrijf wordt ook wel organogram genoemd. Het organogram geeft het volgende duidelijk weer: –

Welke afdelingen zijn er? Wie heeft er de leiding?

THEMA 3

LEVEL 4

In

Wie heeft welke taak en verantwoordelijkheden?

ki

31


2

In het organogram bij vraag 1 vind je enkel de verschillende afdelingen van het bedrijf M&C. In het volgende organogram van een kleine multimediawinkel vind je ook wie de leiding heeft van een bepaalde afdeling. Bestudeer dat organogram. Wie staat aan het hoofd van de aankoopafdeling?

b

Wie staat aan het hoofd van de verkoopafdeling?

c

Wie is assistent van Anouar Serter?

d

Aan wie moet Brecht Thoelen verantwoording afleggen?

e

Wie staat aan het hoofd van deze onderneming?

f

Wie staat aan het hoofd van de transportafdeling?

g

Hoe heten de chauffeurs van het bedrijf?

h

Wie is de assistent van Sergio Koopman?

i

Hoeveel werknemers telt het bedrijf (inclusief de directeur)?

MANAGEMENT TEAM Hoofd aankoop

MANAGEMENT TEAM Hoofd administratie

MANAGEMENT TEAM Hoofd ICT

Gita Gheisari

Anouar Serter

Anke Munten

Jolien Jaeken

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

Leen Galopin

Assistent administratie

Assistent ICT

jk ex

Assistent aankoop

32

em

IsmaĂŤl Zorba

pl aa

MANAGEMENT TEAM Directeur

r

a

Brecht Thoelen

MANAGEMENT TEAM Hoofd verkoop

MANAGEMENT TEAM Hoofd logistiek

Sergio Koopman

Assistent verkoop

Walter Verachtert

Peter Deridder

Hoofd magazijn Henri Dupont

Magazijnmedewerkers Silvia Batistini Wendy Knevels

Hoofd transport Roger Essers

Chauffeurs Claudio Arduini Kjentha Knooren


Explore 2— Welke administratieve taken zijn er in een bedrijf?

1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Bestudeer de ontdekplaat en bekijk de beroepenfilmpjes over diverse administratieve taken in een bedrijf. Noteer het cijfer van de afbeelding bij het juiste administratieve takenpakket.

A

B

D

E

C

jk ex

em

pl aa

r

2

LOON­

JURIDISCHE

VOORRAAD­

ADMINISTRATIE

OPDRACHTEN

REGISTRATIE

DATAREGISTRATIE

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

BOEKHOUDING

33


Explore 3— Wat houden de taken in? 1

Combineer de omschrijving met het juiste administratieve takenpakket.

BOEK­HOUDING

LOON-

JURIDISCHE

VOORRAAD­

­ADMINI­STRATIE

OPDRACHTEN

REGISTRATIE

DATA­REGISTRATIE

Ik registreer en boek alle inkomende en uitgaande facturen van het bedrijf. eindbalans van het bedrijf op.

A

r

B

pl aa

Op het einde van het jaar maak ik de

Ik ben verantwoordelijk voor het

opstellen van contracten en moet juridische problemen met het

em

personeel of de klanten oplossen.

C

Mijn job bestaat uit de registratie van online-

productinformatie. Mijn afdeling moet inspelen

op markttrends, die we dankzij de registratie van cookies kunnen vaststellen. Dankzij die registratie kunnen we kort op de bal te spelen. Dat noemt men business intelligence .

ki

D

jk ex

gegevens betreffende personeel, klanten en

Het is mijn verantwoordelijkheid om

In

de aankoop van grondstoffen goed te registeren en de stock van de afgewerkte producten bij te houden.

Ik zorg ervoor dat de lonen van de werknemers juist berekend en stipt

THEMA 3

LEVEL 4

uitbetaald worden.

34

E


2

Bestudeer het volgende organogram. a

Welke afdelingen zijn hoofdzakelijk administratieve diensten?

b

Welke afdelingen zijn het grootst? Hoe zie je dat?

Directeur

Ludo Druyts

Assistent aankoop

Cindy Verdyck

Assistent administratie Raymonda Geuens

Hoofd ICT Arman Besiktas

Assistent ICT Ayse Ayas

Hoofd Hoofd verkoop

Hoofd Boekhouding

Hoofd Personeelsdienst

Charlotte Balardin

Assistent verkoop

Yeter Yildiz Konรงa Ayas Maria Armani Hans Janssen Sam Heylen

Yassin Ozdemir

Assistent boekhouder

Tuari Ozdemir

Luc Romaen

Assistent personeelsdienst

Els Claessen

Hoofd juridische dienst Regine Vernaillen

Assistent juridische dienst Lucia Russano

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

Tom Cillen Tess Pichal

Hoofd administratie

pl aa

Hoofd aankoop

r

Peter Jacobs

35


Explore 4— Welke taken, vaardigheden en attitudes moet je bezitten?

Hieronder vind je enkele jobadvertenties van administratieve jobs. Markeer: a

drie attitudes die belangrijk zijn voor die job, in het groen,

b

vier taken die je moet uitvoeren in die job, in het blauw,

c

drie vaardigheden die je moet bezitten voor die job, in het rood.

1

pl aa

r

Medewerker personeelsadministratie RVT – Gouden Avond – Ukkel Functieomschrijving

Jobgerelateerde competenties

De medewerker personeelsadministratie

– personen onthalen en hun vraag identificeren

verzekert de personeelsadministratie, de

– arbeidscontracten opstellen

opvolging van de personeelsdossiers en de

– lonen opvolgen

loonverwerking.

– documenten coderen, klasseren en archiveren

Profiel een personeelsdienst.

em

– Je hebt ervaring in personeelsadministratie op

– personeel inlichten over bv. vakanties – brieven, tabellen ... invoeren volgens instructies

– Je hebt een zeer goede kennis van de sociale wetgeving.

– Je bent vertrouwd met sociaal-administratieve

Jij bent klantgericht, contactvaardig, stressbestendig, flexibel, resultaatgericht en nauwkeurig.

jk ex

aangiften.

Persoonsgebonden competenties

– Je bent zeer discreet.

– Je gelooft in een klantgerichte dienstverlening.

– Je werkt ordelijk en punctueel.

– Je bezit administratieve vaardigheden en hebt een rekenkundig inzicht.

ki

– Je werkt vlot met Microsoft Office. – Je werkt graag in teamverband.

THEMA 3

LEVEL 4

In

– Je bent goed tweetalig (Nl-Fr).

36

Je kunt goed plannen en vlot samenwerken.


2 Komt u ons team versterken? Boekhouding & administratie

Retailer – Flack – Groot-Bijgaarden

Flack

Functieomschrijving

Jobgerelateerde competenties

r

A L L EEN MA A R V ERS

pl aa

Wat doet u? – invoeren van aankoopfacturen – bankverrichtingen verwerken – btw-aangifte indienen – administratie voor klanten en leveranciers – klassement en post verwerken

Profiel

jk ex

em

Wat doet u nog? – briefwisseling sorteren, verdelen, frankeren en registreren – e-mails behandelen – gegevens van de algemene boekhouding invoeren – boekingen registreren – aangifte doen bij de belastingen (jaarlijkse aangifte van de sociale gegevens ...) – documenten invoeren en de lay-out verzorgen – documenten doorsturen en klasseren – telefonische oproepen beantwoorden – klanten ontvangen – klanten informeren of oriënteren

ki

Wie bent u? U heeft een basiskennis boekhouden. U bent administratief sterk, polyvalent en tweetalig (NL en FR).

Persoonsgebonden competenties

THEMA 3

LEVEL 4

In

Hoe bent u? U bent stressbestendig, flexibel, nauwkeurig en werkt zelfstandig. U komt regels en afspraken na.

37


Explore 5— Wat zijn de nieuwste trends in de administratie? Lees de omschrijving en noteer het juiste begrip onder de afbeelding. Kies uit: samenwerken aan bestanden – opslag in de cloud – digitale agenda

BEGRIP

OMSCHRIJVING Dat is de online opslag van gegevens, software en bestanden

zodat je er altijd op aanvraag toegang toe hebt. Die opslagruimte bevindt zich in de cloud. Dat is een onbekende server

pl aa

toegang hebt.

r

(ergens in de wereld) waar jij een kleine ruimte met vrije

Dat is samen met bijvoorbeeld collega’s of klanten aan

jk ex

em

dezelfde documenten werken in een veilige online omgeving.

© BigTunaOnline / Shutterstock.com

Dankzij de tool ziet iedereen in het bedrijf onmiddellijk de

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

38

organisatie van de hele dag, week, maand. Wanneer zijn er vergadermomenten of belangrijke afspraken?


Explore 6— Hoe ziet een verkoopfactuur eruit? 1

In dit level leer je enkel de factuur kennen. FACTUUR

Een factuur is een document dat de verkoper opstelt en naar de koper stuurt. Het is een heel belangrijk document want het bewijst de levering van de goederen. Een factuur geeft ook garantie op de

A

titel factuur

B

naam verkoper

C

adres verkoper / leverancier

D

naam en adres klant

E

btw-nummer of ondernemingsnummer verkoper

3

nummer van de factuur

jk ex

F

pl aa

Bestudeer de volgende factuur van M&C. Duid deze onderdelen aan op de factuur: G

datum van de factuur

H

omschrijving van de bestelling

I

vervaldag van de factuur

em

2

r

aangekochte goederen.

J

btw-percentage en btw-bedrag

K

totaalbedrag van de factuur

L

verkoopsvoorwaarden

Beantwoord de vragen over de factuur.

Waarvoor dient een factuurnummer?

Staat er op elke factuur een btw-nummer?

c

Waarom is er een vervaldag?

THEMA 3

b

LEVEL 4

In

ki

a

39


40

THEMA 3

LEVEL 4

r

pl aa

em

jk ex

ki

In


Explore 7— Hoe bereken je een eenvoudige verkoopfactuur? Factuurbedrag Je berekent een factuur met enkel handelskorting volgens een vast schema:

=

Maatstaf van heffing

+

btw

=

factuurbedrag

Vervolledig de factuur voor Deckers nv.

pl aa

handelskorting

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

1

–

r

subtotaal

41


Vervolledig de factuur voor Solar nv.

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

2

42


Explore 8— Hoe bereken je een verkoopfactuur met handelskorting?

Bekijk nu deze facturen. Dit keer heeft M&C aan de klanten 10 % handelskorting beloofd. Bereken de 10 % handelskorting voor basisschool de Klimtoren en vul daarna de factuur verder aan.

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

a

43


Bereken de 10 % handelskorting voor Terra Bella nv en vul daarna de factuur verder aan.

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

b

44


Explore 9— Welke btw-tarieven zijn er van toepassing in België?

1

Surf via het onlinelesmateriaal naar de opgegeven websites en zoek de btw-tarieven die België hanteert. BTW­TARIEF

PRODUCTEN

alle andere goederen en diensten

2

pl aa

restaurant, catering, margarine, sociale woningen ...

r

w

levensnoodzakelijke voedingsproducten …

21% bt w

verschijnen

12 % btw

6 % b t

dag- en weekbladen die minstens 48 keer per jaar

Welk btw-tarief wordt er aangerekend? Zet een kruisje bij het juiste btw-tarief. 0%

6%

12 %

21 %

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

GOED / DIENST

45


TO THE POINT De administratie is het kantoorwerk in een bedrijf. De administratie heeft drie belangrijke functies binnen het volledige bedrijf: —

registratie,

verantwoording en controle,

informatie verstrekken.

Er zijn verschillende administratieve taken zoals boekhouding (facturen), loonadministratie, juridische opdrachten, voorraadregistratie en dataregistratie (business intelligence).

pl aa

heden tot samenwerken aan bestanden of digitale agenda’s.

r

De administratieve taken kennen ook nieuwe evoluties en trends, zoals opslag in de cloud, mogelijk-

Het organogram is de schematische voorstelling van een bedrijf. Het organogram geeft de volgende zaken duidelijk weer:

Wie heeft welke taak en verantwoordelijkheid?

Welke afdelingen zijn er?

Wie heeft er de leiding?

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

46


Action 1— Facturen uitrekenen Vul de factuur voor Deckers nv (zonder handelskorting) aan door de bedragen uit te rekenen.

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

1

47


Vul de factuur voor Solar nv (zonder handelskorting) aan door de bedragen uit te rekenen.

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

2

48


Action 2— Facturen vervolledigen Vervolledig de onderstaande facturen van M&C voor drie klanten. Factuur 1 KLANTGEGEVENS

GEGEVENS FACTUUR

BESTELDE ARTIKELEN

VF-20xx-0313

2261.10 MiniSweets

AXA-verzekeringen

Datum: 20xx-03-10

Aantal: 3 000

Congresstraat 20

Vervaldatum: 20xx-04-10

Eenheidsprijs: 0,54 euro

1000 Brussel

Orderbevestiging:

Btw-percentage: 6 %

BE 413 619 875

OBV20xx-0207

pl aa

r

K001

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

1

49


Factuur 2 KLANTGEGEVENS

GEGEVENS FACTUUR

BESTELDE ARTIKELEN

K003

VF-20xx-0314

5425.01 Handsfree zaklamp

Hotel Belfort

Datum: 20xx-03-12

Aantal: 50

Hoogpoort 63

Vervaldatum: 20xx-04-12

Eenheidsprijs: 3,09 euro

9000 GENT

Orderbevestiging:

Btw-percentage: 21 %

BE 869 763 069

OBV20xx-0208

Handelskorting: 10%

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

2

50


Factuur 3 KLANTGEGEVENS

GEGEVENS FACTUUR

BESTELDE ARTIKELEN

K010

VF-20xx-0315

7779.98 Detroit laptoptas

Garage Fransen

Datum: 20xx-03-14

Aantal: 30

Lintbaan 26

Vervaldatum: 20xx-04-14

Eenheidsprijs: 10,75 euro

9000 GENT

Orderbevestiging:

Btw-percentage: 21 %

BE 429 466 906

OBV20xx-0209

Handelskorting: 10%

THEMA 3

LEVEL 4

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

3

51


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Beantwoord de volgende vragen. a

Over welke onderneming gaat het?

b

Maakt die onderneming winst of verlies?

Wat is de reden daarvoor?

r

c

pl aa

CHECKLIST

em

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1 Ik kan het begrip organogram omschrijven aan

jk ex

de hand van een voorbeeld.

2 Ik kan de administratie in een bedrijf toelichten aan de hand van enkele voorbeelden.

3 Ik kan enkele voorbeelden geven van actuele

trends van de administratieve activiteiten in een

ki

bedrijf.

4 Ik kan een eenvoudige factuur berekenen aan de

In

hand van een aangereikt schema.

5 Ik kan een factuur met handelskorting bereke-

THEMA 3

LEVEL 4

nen aan de hand van een aangereikt schema.

52

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER


LEVEL 5 Wat zijn de logistieke afdelingen van een onderneming? INTRO 1

Jullie of jullie ouders hebben wellicht al eens iets besteld op bol.com, Coolblue of een andere vragen.

pl aa

r

webshop. Bestudeer de onderstaande afbeelding van een bestelling bij bol.com en beantwoord de

Wat bestelt de klant?

b

Is het artikel op voorraad?

c

Wanneer wordt het artikel geleverd? Hoe weet je dat?

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Welke activiteiten zijn er binnen de logistieke afdeling van een magazijn?

THEMA 3

2

LEVEL 5

In

ki

jk ex

em

a

53


Explore 1— Wat is logistiek? Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Noteer in kernwoorden wat je ziet.

LOGISTIEK

Logistiek betekent op het juiste moment, op de juiste plaats, de exacte hoeveelheid van de gevraagde goederen hebben en dat tegen

jk ex

em

pl aa

r

zo laag mogelijke kosten.

Explore 2— Waar situeert de logistieke afdeling zich in het organogram?

1

Bekijk het organogram van het fictieve bedrijf M&C. In een organogram zie je onder andere de verschil-

ki

lende afdelingen die in een bedrijf aan bod komen. Wat heb je in de Intro en in Explore 1 geleerd over de

In

taken van de afdeling logistiek?

M&C

THEMA 3

LEVEL 5

AANKOOP

54

VERKOOP EN MARKETING

LOGISTIEK

ADMINI­ STRATIE

PERSONEEL


2

Bestudeer het volgende organogram. a

Uit welke twee afdelingen bestaat de afdeling logistiek?

b

Wie is verantwoordelijk voor de afdeling logistiek?

c

Wie is verantwoordelijk voor het magazijn?

d

r

Wie is verantwoordelijk voor het transport?

e

pl aa

Aan wie moet de magazijnmedewerker Silvia rapporteren?

MANAGEMENT TEAM Directeur

em

Ismaël Zorba

MANAGEMENT TEAM Hoofd administratie

MANAGEMENT TEAM Hoofd ICT

Gita Gheisari

Anouar Serter

Anke Munten

Assistent aankoop

Assistent administratie Jolien Jaeken

Assistent ICT

Brecht Thoelen

MANAGEMENT TEAM Hoofd verkoop

MANAGEMENT TEAM Hoofd Logistiek

Sergio Koopman

Assistent verkoop Walter Verachtert

Peter Deridder

Hoofd magazijn Henri Dupont

Magazijnmedewerkers Silvia Batistini Wendy Knevels

Hoofd transport Roger Essers

Chauffeurs Claudio Arduini Kjentha Knooren

ki

Leen Galopin

jk ex

MANAGEMENT TEAM Hoofd aankoop

In

Explore 3— Wat zijn de taken van een logistiek medewerker? 1

Wat betekent het begrip attitude? Zoek het woord in een woordenboek op en omschrijf het in eigen woorden.

Wat betekent het begrip vaardigheid? Zoek het woord in een woordenboek op en omschrijf het begrip in

LEVEL 5

eigen woorden.

THEMA 3

2

55


3

Bestudeer de volgende jobadvertenties (jobaanbiedingen). a

Welke onderneming is op zoek naar een logistiek medewerker?

b

Noem drie belangrijke taken die moeten uitgevoerd worden?

c

Welke attitudes moet je bezitten?

pl aa

r

Magazijnmedewerker / logistiek medewerker

FUNCTIE

em

SIT & RELAX in Wommelgem Online sinds 11 maart – gewijzigd sinds 15 maart – Vaste job

∙ de vracht uitladen en op een gestruc­

aan klanten die hun bestelling komen ophalen

∙ voorraden opvolgen ∙ ontvangst van de producten controleren ∙ goederen en producten ontvangen ∙ levering controleren ∙ werkzone reinigen en opruimen (materiaal,

het te allen tijde operationeel bruikbaar is

∙ goederen naar de verzend-, opslag- of

aanvullen

∙ goederen in opslagzones plaatsen ∙ picken volgens de instructies van de

tureerde manier in het magazijn of de toonzaal plaatsen

jk ex

∙ de producten klaarzetten en overhandigen ∙ het magazijn georganiseerd houden zodat ∙ goederen uitpakken en de toonzaal

ki

∙ voorraden controleren PROFIEL

In

∙ Je bent een gemotiveerde, stress­ bestendige teamspeler.

∙ Relevante werkervaring is een plus, een

THEMA 3

LEVEL 5

verzorgd voorkomen een must.

56

VAARDIGHEDEN

hulpstukken ...)

productiezone brengen

ordervoorbereiding

∙ pakketten, partijen ... samenstellen ATTITUDE

∙ zelfstandig ∙ planner (= ordenen) ∙ klantgericht ∙ contactvaardig ∙ resultaatgericht ∙ nauwkeurig ∙ teamspeler


Explore 4— Welke verschillende soorten opslagruimtes bestaan er?

1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een powerpointpresentatie waarin de verschillende logistieke ondernemingen schematisch worden uitgelegd. Bekijk de presentatie en beschrijf in eigen woorden de verschillende soorten logistieke ondernemingen.

A

© Imladris / Shutterstock.com

pl aa

r

GROOTHANDEL

DISTRIBUTIECENTRUM

PUBLIC WAREHOUSE

LEVEL 5

C

THEMA 3

In

ki

jk ex

em

B

57


D

GROEPAGECENTRUM

pl aa

r

© Nagel-Group - Foto: Andre Zelck

E

THEMA 3

LEVEL 5 58

RLENER

LOGISTIEK DIENSTVE

ki

In

F

jk ex

em

TRANSPORTBEDRIJF


Explore 5— Welke interne transportmiddelen bestaan er om de goederen te verplaatsen binnen het bedrijf?

Welke hulpmiddelen gebruik je om een vrachtwagen te lossen? Bekijk de onderstaande hulpmiddelen. a

Markeer het kenmerk dat van toepassing is.

b

Noteer twee producten die je met het hulpmiddel kunt transporteren.

STEEKWAGEN OF

handbediend /

STEEKKAR

motorisch laagheffend / hoogheffend

WORDT GEBRUIKT VOOR:

handbediend /

TRANSPALLET

motorisch

em

HANDPALLETTRUCK OF

r

KENMERK

pl aa

HULPMIDDEL

laagheffend / hoogheffend

jk ex

MOTORPALLETTRUCK OF

handbediend /

ELEKTROTRANS­PALLET

motorisch

laagheffend /

handbediend /

VORKLIFT

motorisch laagheffend / hoogheffend

LEVEL 5

(VORK-)HEFTRUCK OF

THEMA 3

In

ki

hoogheffend

59


Explore 6— Hoe verloopt de goederenstroom? 1

In de vorige explore heb je al geleerd dat goederen in een magazijn worden opgeslagen. Misschien ben je nog nooit in een echt magazijn geweest, maar wellicht heb je thuis ook een soort magazijn. Welk magazijn heb je thuis?

b

Waarom is een extra voorraad handig? Geef enkele voorbeelden.

c

Wat doe je wanneer je voorraad toiletpapier of drank op is?

d

Wat doe je wanneer je cornflakes wilt eten, en de melk in de koelkast is op?

em

In een bedrijfsmagazijn worden goederen opgeslagen totdat een ander bedrijf of een klant die nodig heeft.

jk ex

2

pl aa

r

a

In

ki

Bekijk de onderstaande voorbeelden. Bedenk nog andere voorbeelden.

© Bloomberg / Contributor

In het magazijn staan goederen klaar om

Volkswagens staan klaar voor transport naar de

vervoerd te worden naar de winkels.

Volkswagen-dealers.

THEMA 3

LEVEL 5

Good to know

60

In een magazijn worden goederen bewaard of opgeslagen. Maar ze moeten daar ook aan­ komen en vertrekken. Net zoals bij jou thuis in de keuken en de voorraadkast of berging.


3

Er zijn vier processen in een magazijn: het ontvangst­ proces, opslagproces, orderpickproces en het opstuurproces. Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk de filmpjes van het distributiecentrum van Scania in Opglabbeek. Vul na elk filmpje de tekst aan. Bij Scania in Opglabbeek vind je alle onderdelen van de vrachtwagens en bussen van Scania. Er liggen meer dan 100 000 verschillende onderdelen van een vrachtwagen opgeslagen. Vanuit Opglabbeek

© Joerg Hueteenhoelscher / Shutterstock.com

vertrekken de onderdelen naar Scania-garages over

Proces 1 ­ Ontvangstproces: Ontvangen van goederen.

pl aa

a

r

heel de wereld.

De

komt aan op de receiving. De logistiek bediende begroet en vraagt

de

.

De bediende controleert de

in het computersysteem.

De chauffeur wordt

als de documenten klaar zijn. Het gaat over de

De chauffeur rijdt in de

em

voor op de palletten.

.

De losploeg krijgt de labels en

ze op een tafel in het magazijn.

Op elk label staan de artikelcode, de

jk ex

van het artikel, de picklocatie en

het leveranciersnummer.

De goederen worden gelost met de

en binnen gereden.

De logistiek medewerker gaat de labels

.

De logistiek medewerker vergelijkt de laatste

cijfers met het label op

ki

de pallet en op het label dat opgeklopt moet worden.

In

De artikelen worden dan voorgesorteerd op een wachtlocatie.

Proces 2 ­ Opslagproces: Opslaan van goederen. De goederen worden opgeslagen. De

chauffeur neemt de goederen van de wachtlocatie.

De reachtruckchauffeur scant de De

. geeft aan waar de pallet in het magazijn moet opgeslagen worden.

De reachtruckchauffeur rijdt naar de locatie in het magazijn. Hij plaatst de pallet in het magazijn en

Hij kan ook een

locatie kiezen en de pallet daar plaatsen.

Hij moet de zelfgekozen locatie dan wel registreren in het De goederen voor de 10-zone moeten eerst worden gen kunnen worden.

voor ze opgesla-

LEVEL 5

.

THEMA 3

b

61


c

Proces 3 - Orderpickproces: Orderpicken van goederen. De goederen worden gepickt / verzameld in de 10-zone. Daar liggen artikelen tot 15 kg. De verantwoordelijke print voor elke picker een

af.

De picker krijgt de picklabels en neemt een hoge orderpicker. Hij gaat een lege

halen.

De orderpicker legt een interne routing af (Dat is de weg die in het magazijn afgelegd wordt). De picker controleert de locatie en vergelijkt de

met de

op de pallet. Hij neemt het artikel en bevestigt het

aan het artikel.

r

Dan gaat hij naar het volgende artikel en verzamelt het juiste aantal.

Er worden een

pl aa

De picker gaat terug naar de zone met de pc om de job af te rapporteren. en

Het

geprint.

wordt aan de buitenkant opgeklopt.

De pallet wordt eventueel nog opgevuld met voorkomen.

om schade te

d

em

Daarna wordt de pallet op de wachtlocatie gezet, klaar om naar de klant te verzenden. Proces 4 - Opstuurproces: Opsturen van goederen.

De goederen worden klaargezet voor verzending en de goederen worden geladen.

jk ex

We zijn in de shipping. Dat is de zone waar de goederen verstuurd worden. De afvoerder heeft de palletten klaargezet. De route of het land kun je aflezen van de

aan het plafond.

In de shippingzone worden het

op de pallet en ook het label van de

ki

gescand.

De palletten worden dus voorgesorteerd per land of per route.

In

De chauffeur komt aan en laat weten dat hij goederen komt laden. De chauffeur parkeert de vrachtwagen en er wordt een

geplaatst.

De vloer van de vrachtwagen wordt gecontroleerd. De lader scant het

en de

aan de poort.

De lading wordt eventueel nog extra vastgezet met

THEMA 3

LEVEL 5

De chauffeur ontvangt uiteindelijk de

62

of spanriemen. .


Explore 7— Hoe doe je aan voorraadbeheer? VOORRAADBEHEER

In een magazijn of warehouse is voorraadbeheer heel belangrijk: je moet niet alleen bijhouden welke goederen er binnenkomen, maar ook welke er buitengaan.

1

Er zijn drie manieren om de goederen correct te beheren. Lees de drie verschillende methodes van

r

voorraadbeheer. Wat de klant of ketenpartner nodig heeft, lever je ‘precies op tijd’.

Just in time (JIT)

pl aa

Levering en productie zijn zodanig op elkaar afgestemd, dat er nauwelijks voorraden in een bedrijf nodig zijn. Er hoeft niets te worden opgeslagen en dat spaart voorraadkosten uit. Je zorgt ervoor dat de laatst binnengekomen producten als eerste

Last in, first out (LIFO)

verkocht worden. Die methode is gebruikelijk bij producten die heel

em

snel verkocht worden.

De producten die eerst binnenkomen, verkoop je eerst. Je houdt

First in, first out (FIFO)

daarbij rekening met de vervaldatum van producten om te voorkomen dat producten in je voorraad bederven. De methode is

2

jk ex

gebruikelijk voor levensmiddelen.

Noteer bij elk voorbeeld de juiste manier van voorraadbeheer. SITUATIE

METHODE

Fatima vult het koelvak aan met yoghurt. Ze plaats de nieuwe potjes achteraan.

Een ondernemer heeft een partij rijpe bananen met een grote korting gekocht. Hij moet die zo snel mogelijk aan de

LEVEL 5

klant verkopen.

THEMA 3

In

ki

Een klant bestelt een hamburger bij Burger King.

63


Explore 8— Welke pictogrammen staan er op de verpakkingen in het magazijn?

1

Bekijk aandachtig de afbeelding en beantwoord de vragen. a

Wat betekenen de gevarenpictogrammen op een fles

Bekijk aandachtig de gevarenetiketten. Wat betekenen ze? Leg uit in je eigen woorden. GEVARENETIKET

NIEUW

THEMA 3

LEVEL 5

In

ki

jk ex

OUD

em

2

Wat moet je doen voor je de fles opent?

pl aa

b

r

ammoniak?

64

BETEKENIS


3

Bekijk de volgende behandelingsetiketten. Combineer het symbool en de betekenis. SYMBOOL

A

FRAGILE C

D

E

breekbaar, fragiel, broos

breekbaar

deze kant boven

voorzichtig behandelen

droog houden

pl aa

r

B

BETEKENIS

Explore 9— Hoe gaan de goederen van bedrijf naar bedrijf in de bedrijfskolom?

In Level 2 van dit thema heb je de bedrijfskolom bestudeerd. Wanneer je de onderstaande bedrijfskolom

em

1

van chips bekijkt, dan vraag je je wellicht af hoe de aardappelen van de opkoper naar de chipsfabrikant gaan of hoe de chips in de winkelrekken terechtkomen. Hoe gebeurt dat volgens jou?

jk ex

landbouwer

opkoper van aardappelen

transportfirma

ki

chipsfabrikant

In

groothandel kleinhandel

THEMA 3

LEVEL 5

consument

65


2

In de volgende tabel staan de stappen die een product doorloopt wanneer het over zee vervoerd wordt. De stappen staan echter niet in de juiste volgorde. a

Lees de verschillende stappen.

b

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje.

c

Plaats de stappen in de juiste volgorde zodat het product bij de consument terechtkomt. STAP

VOLGORDE

De documenten worden gecontroleerd in de haven en er is een controle door de

douane.

Een transportplanner kiest de meeste efficiënte route.

pl aa

r

Deze laatste klant kan een bedrijf zijn of een consument, zoals jij en je leraar.

In het tussenmagazijn of crossdock-magazijn worden de goederen gesplitst en vertrekken ze naar de klant.

Goederen worden tijdelijk in een magazijn opgeslagen en gaan van de haven­ terminal over de weg naar het magazijn.

em

In het magazijn worden de goederen opgeslagen en soms ook bewerkt.

De vrachtwagen vertrekt met de goederen naar een tussenmagazijn of een crossdock-magazijn.

Goederen worden vervoerd via scheepvaart of spoorweg.

In

ki

LANDBOUWER

OPKOPER AARDAPPELEN PLANNING EN TRANSPORT

PLANNING EN TRANSPORT MAGAZIJN OPKOPER

CHIPSFABRIKANT

LEVEL 5

MAGAZIJN FABRIKANT

THEMA 3

De logistieke keten is nauw verbonden met de bedrijfskolom. De bedrijfskolom staat in de blauwe vakjes, de logistieke keten in de groene vakjes. Uit welke elementen bestaat de logistieke keten?

66

Welke andere transportmiddelen dan de vrachtwagen, ken je nog voor goederentransport?

3

jk ex

d

GROOTHANDEL KLEINHANDEL

PLANNING EN TRANSPORT

PLANNING EN TRANSPORT MAGAZIJN GROOTHANDEL


Explore 10— Welke externe transportmiddelen kun je kiezen om de vracht optimaal te vervoeren?

Ga naar het onlinelesmateriaal, bekijk het filmpje en ontdek hoeveel verschillende vormen van transport er bestaan. Noteer vervolgens het juiste transportmiddel bij de afbeelding. Kies uit: wegtransport – drone – railtransport – binnenvaart – zeetransport – luchttransport – pijpleidingen – bestelwagen

B

C

em

pl aa

r

A

E

jk ex

D

ki

F

H

In

G

LEVEL 5

THEMA 3

67


Good to know Onder andere Elon Musk en de Nederlandse onder­ neming Hardt zijn bezig met een nieuwe manier van transport voor mensen. Dat is de Hyperloop. Daarin wordt een ‘wagen’ in een luchtledige buis getrans­

pl aa

r

porteerd tegen 1 000 kilometer per uur.

Transport

De exporteur is de persoon die goederen van zijn land naar een ander land uitvoert. Hij moet steeds een weloverwogen keuze maken hoe hij de goederen van punt A naar punt B zal verplaatsen.

em

De keuze van het transportmiddel moet vooral klantgericht zijn. Vaak komt het wegtransport het dichtst bij de wensen van de klant, aangezien ook bij de andere transportwijzen eerst de weg gebruikt wordt om de goederen naar bijvoorbeeld het station of de (lucht)haven te brengen.

jk ex

De keuze voor een transportmethode is afhankelijk van:

de goederensoort en hun geschiktheid voor een bepaald transportsysteem,

de soort verpakking van de goederen,

de bereikbaarheid van de plaats van aflevering,

de snelheid van het transportmiddel,

de kosten die verbonden zijn aan het transportmiddel.

In

ki

Good to know

Wist je dat Amazon in de Verenigde Staten al pakketjes levert met een drone? De drone kan maximaal 2,2 kilogram (5 pond) transporte­ ren. ‘Dat klinkt misschien niet veel, maar 75 procent tot 90 procent van de pakketjes die we leveren, zit onder die limiet’, zegt

THEMA 3

LEVEL 5

Amazon.

68


Explore 11— Welke ecologische en technologische trends zijn er in de logistiek?

1

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Zoek twee voorbeelden van ecologische innovaties en twee voorbeelden van technologische innovatie in het bedrijf. VOORBEELDEN VAN TECHNOLOGISCHE INNOVATIE

pl aa

r

VOORBEELDEN VAN ECOLOGISCHE INNOVATIE

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Beschrijf in eigen woorden hoe voicepicking werkt.

3

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Wat

jk ex

em

2

is het verschil tussen voicepicking en orderpicking met een

THEMA 3

LEVEL 5

In

ki

‘bril’?

69


Explore 12— Wat is track and trace? 1

Wat betekenen de Engelse woorden track and trace?

2

Wanneer je iets online bestelt, wil je graag weten

A

wanneer je pakket aankomt. Tegenwoordig kun je een levering goed volgen. Bekijk de volgende afbeeldingen. Wat leer je eruit?

pl aa

r

A

B

jk ex

C

THEMA 3

LEVEL 5

In

ki

B

em

C

70

3

Wat is het voordeel van track and trace voor de klant?

4

Wat is het voordeel van track and trace voor de onderneming of de pakjesbezorger?


TO THE POINT Logistiek Logistiek betekent dat je: —

op het juiste moment,

op de juiste plaats,

de exacte hoeveelheid van de gevraagde goederen hebt,

tegen zo laag mogelijke kosten.

Logistiek houdt zich bezig met de weg die goederen afleggen, zowel tussen bedrijven als in een

r

magazijn. Het is dus niet alleen maar het transport van het ene bedrijf naar het andere. Logistiek is

Soorten logistieke bedrijven Er zijn verschillende soorten logistieke bedrijven.

pl aa

ontstaan in het leger waar de logistieke eenheden voor wapens, eten en drinken moesten zorgen.

Een groothandel koopt allerhande producten bij meerdere leveranciers. Hij slaat die producten op in een magazijn. Kleinhandelaars, zoals cafés of winkels, plaatsen hun bestelling dan bij de groothandel.

em

Een distributiecentrum koopt de producten aan bij de leveranciers en slaat die op in een centraal magazijn. Wanneer de voorraad van winkels uit dezelfde winkelketen als het distributiecentrum moet aangevuld worden, zal dat distributiecentrum de goederen aan de winkel leveren. Een public warehouse is een magazijn waar opslagruimte verhuurd wordt. Bedrijven die zelf weinig opslagplaats hebben, kunnen tegen betaling hun goederen in dat magazijn opslaan. Vanuit het

jk ex

magazijn wordt dan aan de klanten van de bedrijven geleverd. Het is perfect mogelijk dat in een magazijn producten van meerdere leveranciers worden opgeslagen. Een groepagecentrum groepeert de producten van meerdere leveranciers in een centraal

magazijn. De goederen die naar dezelfde klant

verstuurd moeten worden, worden op dezelfde

ki

vrachtwagen geladen. Op die manier voorkom je dat, als er bijvoorbeeld drie leveranciers zijn voor een klant, er ook drie verschillende

In

vrachtwagens naar dezelfde bestemming rijden. Dat spaart kosten, zoals brandstofverbruik en personeel, en is beter voor het milieu. Hulpmiddelen om goederen te lossen Er bestaan verschillende hulpmiddelen of interne transportmiddelen om goederen uit een vracht­ wagen te lossen. Een steekwagen (steekkar) is een eenvoudige handkar om dozen over een kleine afstand te verplaatsen. Je gebruikt ze in magazijnen en voor het lossen van beperkte hoeveelheden uit een vrachtwagen.

zijn. Je moet de handpompwagen zelf duwen en trekken en met de hand omhoogkrikken. Dat kost tijd en spierkracht.

THEMA 3

hand bedient om palletten over kleine afstanden te verplaatsen. Je gebruikt het vooral in het maga-

LEVEL 5

Een handpallettruck (handpompwagen of transpallet) is een klein transportmiddel dat je met de

71


Een motorpallettruck heeft dezelfde eigenschappen als een handpallettruck. Alleen moet je hem dankzij de motor niet met de hand aandrijven. Een vorkheftruck (vorklift of heftruck) heeft een elektromotor of verbrandingsmotor. Je vervoert er goederen mee die op een pallet staan en dat over lange afstand of in de hoogte. Je ziet ze bijvoorbeeld op bedrijfsterreinen of in magazijnen. Logistieke keten De bedrijfskolom is het overzicht van alle stappen die een product doorloopt van grondstof tot het transport zodat alles tijdig op zijn bestemming geraakt.

r

afgewerkt product. In de logistieke keten staan ook de opslag van de goederen en de planning van

pl aa

Magazijnen dienen om voorraden op te slaan. Dankzij die extra voorraad kunnen klanten de goederen krijgen wanneer ze die nodig hebben. In een magazijn komen er vier processen aan bod. —

Bij het ontvangstproces worden de goederen in het magazijn ontvangen en gecontroleerd.

Bij het opslagproces worden de goederen in het magazijn opgeslagen in rekken of op de grond. Bij het orderpickproces worden de goederen

em

verzameld omdat klanten een bestelling geplaatst hebben. —

Bij het opstuurproces worden de goederen verzon-

jk ex

den naar de klant.

Om goederen te verzamelen worden allerhande nieuwe technologieën gebruikt. Zo is er voicepicking:

In

ki

de orderpicker krijgt via een hoofdtelefoon de opdracht om artikelen in het magazijn te verzamelen.

Goederen die onderweg zijn naar de klant, kunnen door middel van track and trace gevolgd worden. Zo weet de klant waar het pakje zich bevindt. Voorraadbeheer Voorraadbeheer is het correct bijhouden van de inkomende en uitgaande goederenstroom in het

THEMA 3

LEVEL 5

magazijn. Er zijn drie manieren om aan voorraadbeheer te doen. De methode just in time (JIT) bete-

72

kent ‘precies op tijd’ leveren wat de klant of ketenpartner nodig heeft. Bij last in, first out (LIFO) zorg je er als ondernemer voor dat de laatst binnengekomen producten als eerst verkocht worden. Als laatste is er de first in, first out (FIFO) methode. Die wordt veel binnen de levensmiddelenindustrie toegepast. De producten die als eerste binnenkomen, worden als eerste verkocht.


Verpakking Elk soort artikel moet je op een andere manier verpakken. Sommige artikelen zijn breekbaar en andere zijn dan weer giftig. Op de verpakking worden er etiketten gekleefd of gedrukt, zodat je altijd weet waarop je moet letten. Er zijn twee soorten etiketten: gevaren- en behandelingsetiketten. Een artikel krijgt het label gevaarlijk, als het giftig, bijtend of brandbaar is. Het is wettelijk verplicht om de gevaren aan de hand van een gevarenetiket op de verpakking te vermelden. Sommige artikelen zijn breekbaar, andere kunnen dan weer niet tegen vocht. Elk artikel vraagt een andere manier van behandelen. Hoe je dat het best doet, staat op het behandelingsetiket. Externe transportmiddelen Externe middelen om je transport te vervoeren zijn wegluchttransport, pijpleidingen en de bestelwagen.

pl aa

De drone, pijpleidingen en railtransport zijn de meest milieu-

r

transport, drones, railtransport, binnenvaart, zeetransport,

vriendelijke wijzen van transport.

em

Action 1— Logistieke ondernemingen

BEDRIJF

Ewals Cargo

DISTRIBUTIE­

PUBLIC

TRANSPORT­

CENTRUM

WAREHOUSE

BEDRIJF

LOGISTIEK DIENST­

GROOT­HANDEL

VERLENER

ki

Care

jk ex

Ga naar het onlinelesmateriaal. Welke soorten logistieke ondernemingen herken je in het filmpje?

Wim Bosman

In

H. Essers C1000

DHL Express IKEA DHL Global Forwarding

Remoortel

THEMA 3

Van

LEVEL 5

VOS Logistics

73


Action 2— De logistiek van de friet en van Nike 1

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. a

b 2

Beschrijf de verschillende stappen die aan bod komen. 

Doe dat in de vorm van een organogram of een schema.

Gebruik een tekstverwerker of een ander programma.

Bewaar het schema in je portfolio.

Bij Nike in Laakdal worden schoenen, kledij en accessoires opgeslagen. Van daaruit vertrekken de

b

Beschrijf de verschillende stappen die in het magazijn aan bod komen.

pl aa

a

r

producten naar de winkels. Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje.

Doe dat in de vorm van een organogram of een schema.

Gebruik een tekstverwerker of een ander programma .

Bewaar het schema in je portfolio.

em

Action 3— Hoe verloopt de goederenstroom?

Wanneer een vrachtwagen de afgewerkte goederen naar een magazijn of warehouse brengt, is het belangrijk

jk ex

dat de goederen juist behandeld worden. Vervolledig het schema. Kies uit: uitslag – opslag – inslag

THEMA 3

LEVEL 5 74

= ontvangst van goederen

UITSLAG RETOURS

van goederen

= verzamelen en opzenden van goederen

INSLAG RETOURS

KL ANTEN

In

ki

LEVERANCIERS

bv. volle vrachtwagens van een artikelsoort van een fabrikant bv. volle vrachtwagens van veel artikelsoorten naar veel klanten


Action 4— Goederen lossen Welk hulpmiddel is geschikt om deze goederen te lossen? Zet een kruisje in de juiste kolom(men).

HANDELING

STEEK­WAGEN

HAND­PALLET­

MOTOR­PALLET­

TRUCK

TRUCK

VORKHEF­TRUCK

Een doos handdoeken uit een kleine bestelwagen Vaatwasmachine uit een

r

vrachtwagen Pallet frisdrank uit een

pl aa

vrachtwagen Zak cement van 20 kg uit een auto Pallet met vier zakken

Los zand uit een vrachtwagen

Vijf dozen bedlinnen uit een

jk ex

vrachtwagen

em

cement uit een bestelwagen

Keuken zelfbouwpakket uit een vrachtwagen

ki

Action 5— Externe transportmiddelen

In

Via welke weg kun je deze goederen vervoeren? Zet een kruisje in de juiste kolom(men).

GOED

WEG-

RAIL-

TRANSPORT TRANSPORT

BINNEN-

ZEE-

PIJP-

VAART

TRANSPORT

LEIDING

DRONE

Olie van Rotterdam naar Antwerpen

vaatwerk

THEMA 3

C ontainer met

LEVEL 5

B loedstalen

75


Action 6— Gevarenetiketten Herken je de gevarenetiketten? Kleur de bolletjes: —

groen als het te maken heeft met het gevarenetiket ‘giftig’,

rood als het te maken heeft met het gevarenetiket ‘brandbaar’,

blauw als het te maken heeft met het gevarenetiket ‘bijtend’.

A

B

C

E

G

jk ex

Dit gevarenetiket vind je bijvoorbeeld op petroleum, aceton, verf in spuitbussen, luchtverfrisser of white spirit.

bijvoorbeeld op gootsteen-

vind je bijvoorbeeld op

ontstopper, zwavelzuur in

pesticiden, ontvlekkers

batterijen of ontkalker.

of asbest.

In

ki

Dit gevarenetiket

Kenmerken: — tast weefsels aan — veroorzaakt brandwonden — schadelijk voor kleding,

LEVEL 5

huid, ogen en longen

THEMA 3

H

Dit gevarenetiket vind je

J

76

em

D

pl aa

r

CORROSIEF

K Kenmerken: — verstoort de werking van het menselijke lichaam — schadelijk in kleine hoeveelheden — via inademen, inslikken en contact met de huid

F

Kenmerken:

— gevaarlijk bij warmte, vlam, vonk — ontbrandt heel snel

I

TOXISCH

L ONTVLAMBAAR


Action 7— Technologische en ecologische innovaties Ga naar het onlinelesmateriaal en bestudeer de ontdekplaat van logistiek. Maak een infographic met de ecologische en technologische trends in de logistiek. Gebruik daarvoor ICT-fiche_C_01. Werk in groepjes van maximaal drie personen.

b

Stel je werk voor aan je klasgenoten.

c

Bewaar het resultaat in je portfolio.

em

pl aa

r

a

jk ex

Action 8— Taken en competenties van logistiek medewerkers

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk er de beroepenfilms. a

ki

Maak een mindmap voor ieder beroep en vermeld de taken, attitudes en vaardigheden die belangrijk zijn. Gebruik indien nodig ICT-Fiche_MM_01. Bewaar het resultaat in je portfolio.

In

b

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Over welk item uit dit level gaat het?

THEMA 3

1

LEVEL 5

BREAKING NEWS

77


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

1 Ik kan het begrip logistiek omschrijven.

2 Ik kan de situering van de logistiek in een

organogram beschrijven. 3 Ik kan de goederenstroom, inslag, opslag,

r

orderpicking en opsturen, illustreren aan de

pl aa

hand van een voorbeeld. 4 Ik kan de methodes voor voorraadbeheer, FIFO, LIFO en JIT, illustreren aan de hand van een voorbeeld.

5 Ik kan een aantal pictogrammen in het magazijn

em

uitleggen. 6 Ik kan een aantal interne transportmiddelen

binnen de logistieke afdeling illustreren aan de hand van een voorbeeld.

7 Ik kan een aantal externe transportmiddelen

jk ex

binnen de logistieke afdeling illustreren aan de

hand van een voorbeeld.

8 Ik kan een aantal ecologische en technologische trends in de logistiek illustreren aan de hand van

THEMA 3

LEVEL 5

In

ki

een voorbeeld.

78


LEVEL 6 Welke activiteiten vinden er plaats in de marketingafdeling? INTRO 1

In het vorige level heb je kennisgemaakt met een organogram van een onderneming en met de

pl aa

r

activiteiten en functies binnen de logistieke afdeling. In dit level verken je de marketingafdeling.

M&C

2

VERKOOP EN

em

AANKOOP

MARKETING

LOGISTIEK

ADMINI­ STRATIE

PERSONEEL

Ga naar het onlinelesmateriaal en beluister het interview met de marketingdirecteur van M&C waarin

a

jk ex

hij zijn afdeling voorstelt.

Vul het organogram verder aan zodat je snel kunt zien, welke diensten er onder de marketingafdeling vallen. Je vindt het basisbestand bij het onlinelesmateriaal. Gebruik indien nodig ICT-fiche_P_10.

b

ki

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Welke activiteiten vinden er plaats in de marketingafdeling?

THEMA 3

LEVEL 6

In

3

Bewaar het de organogram in je portfolio.

79


Explore 1— Welke taken voert een medewerker van de marketingafdeling uit?

1

Om de taken van een medewerker van de marketingafdeling te leren kennen, heb je twee mogelijkheden. Kies optie 1 als je de marketingafdeling aan de hand van een filmpje wilt verkennen. Kies optie 2 als je een aantal jobadvertenties wilt doornemen. Kies op basis van jouw interesse.

Optie 1

Filmpje

Bekijk het filmpje over de loopbaan van een onlinemarketeer.

r

Jobadvertenties

Lees de twee volgende jobadvertenties.

Marketingassistent jouw verantwoordelijkheid:

— Je bent de rechterhand van de marketingmanager.

— Je beheert de websites en volledige

jk ex

sociale media van verschillende automerken.

— Je coördineert de communicatie in het Nederlands en Frans.

— Je bedenkt onlinemarketing-

campagnes in samenspraak met de

LEVEL 6 THEMA 3 80

Je verzorgt diverse taken ter ondersteuning van de verkoopactiviteiten. Je functioneert als interne contactpersoon voor klanten (i.v.m. offertes en productinformatie). Je coördineert alle taken die te maken hebben met de introductie van nieuwe producten of wijziging van bestaande producten. Je hebt zowel contact met klanten als leveranciers (reclamebureaus, drukkers en verpakkingsleveranciers). Je ondersteunt het ontwerp van de labels, verpakkingen en dergelijke. Je ondersteunt het onderhoud van de verschillende websites.

Noteer vijf mogelijke taken van een medewerker van de marketingafdeling.

In

2

ki

marketingmanager.

Medewerker marketing

em

Als marketingassistent behoort dit tot

pl aa

Optie 2


Explore 2— Welke attitudes en vaardigheden verwacht

een werkgever van een medewerker van de marketingafdeling?

In Level 4 heb je de begrippen attitudes en vaardigheden leren kennen. Surf naar de website van enkele interimkantoren en zoek vijf jobadvertenties voor een medewerker van de marketingafdeling. a

Welke vaardigheden moet een medewerker van de marketingafdeling onder de knie hebben? Noteer

b

em

pl aa

r

hieronder vijf voorbeelden.

Verwerk tien attitudes die een dergelijke medewerker moet hebben in een woordenwolk. Ga via het onlinelesmateriaal naar enkele tools die je daarbij kunnen helpen. Bewaar het resultaat in je portfolio

jk ex

c

Explore 3— Marketingmix — what?? Lees de definitie en markeer de kernwoorden.

ki

1

MARKETING

In

Marketing is onderzoek doen naar de behoeften van mensen, het vertalen van die behoeften in goederen en diensten en het ontwikkelen van een geschikte strategie om de verkoop van die

THEMA 3

LEVEL 6

goederen en diensten te stimuleren.

81


2

Niet alleen ondernemingen maken gebruik van marketing om hun doelen te bereiken. Combineer de onderneming, de organisatie of de persoon met zijn of haar doel. ONDERNEMING, ORGANISATIE, PERSOON

DOEL

1

Rode Neuzen Dag

A

de verkiezingen winnen

2

een politieke partij

B

kijkers trekken

3

een deelnemer aan Belgium’s Got Talent

C

studenten aantrekken

4

een tv-zender

D

geld inzamelen voor een goed doel

5

een tennisclub

E

mensen bewust maken van het gevaar

6

de overheid

7

een hogeschool

8

een bioscoop

4

ki In LEVEL 6 THEMA 3 82

r

in de finale geraken

G

winst maken

H

leden werven

pl aa

3

F

5

em

2

jk ex

1

van vuurwerk

6

7

8


3

Een van je beste vrienden is volgende week jarig. Je bent uitgenodigd op zijn verjaardagsfeest. Daarom ben je dringend op zoek naar een geschikt cadeautje. Waarmee houd je rekening bij de keuze en de

pl aa

r

aankoop van het geschenk?

MARKETINGMIX

Om van de onderneming een succes te maken moet ze rekening

em

houden met de factoren die het keuze­ / aankoopgedrag van

consumenten beïnvloeden. Daarom zet ze een combinatie van verschillende instrumenten in, de marketingmix. Die bestaat traditioneel uit de 6 P’s: product, prijs, plaats, promotie, presentatie

jk ex

en personeel.

PRODUCT

PRIJS

6 P’s

PRESENTATIE

PLAATS

LEVEL 6

PROMOTIE

THEMA 3

In

ki

PERSONEEL

83


Explore 4— Wat is het ideale product voor je doelgroep? 1

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Product. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

2

Bekijk de vakantieaanbiedingen (1-4) en de doelgroepen (A-D) a

Combineer de vakantie met de doelgroep. VAKANTIE 4

Waarom biedt een reisbureau verschillende vakantietypes aan, denk je?

em

A

2

B

C

In

ki

jk ex

© Alliance Images / Shutterstock.com

1

3

VAKANTIE 3

pl aa

b

VAKANTIE 2

r

VAKANTIE 1

THEMA 3

LEVEL 6

4

84

PRODUCT

D


c

Noteer in kernwoorden enkele kenmerken van de doelgroep.

A

B

C

D

Explore 5— Hoe breed en diep moet het assortiment zijn? bestudeer dan de ontdekplaat opnieuw.

Surf naar de website van TUI. a

Vul de begrippen breedte en diepte in op de juiste plaats in de onderstaande tabel.

b

Vul de tabel aan met extra bestemmingen

em

2

r

Bestudeer de ontdekplaat en omschrijf het begrip assortiment in eigen woorden. Lukt dat niet meteen,

pl aa

1

AUTO-

VAKANTIES

VAKANTIES

Spanje

Egypte

WEG

VAKANTIES

CITY­TRIPS

CRUISES Verenigde

Emiraten

Canarische

Arabische

eilanden

Egypte

Grieken­land

THEMA 3

LEVEL 6

Portugal

SKI-

ki

Turkije

WEEKENDJES

jk ex

VLIEG-

In

VAN HET ASSORTIMENT

VAN HET ASSORTIMENT

85


Explore 6— Wat is de ideale verkoopprijs? 1

PRIJS

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Prijs. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

PRIJSSTRATEGIE Elke onderneming hanteert een eigen prijsstrategie. Sommige profileren zich als de goed-

Vergelijk de prijzen van deze producten.

pl aa

2

r

koopste, andere hanteren hoge prijzen omdat ze dat willen linken aan een hoge kwaliteit.

a

Voeg in de laatste kolom een supermarkt naar keuze toe.

b

Surf naar de websites van Aldi, Colruyt, Delhaize, Albert Heyn en van de gekozen supermarkt.

c

Noteer de prijzen per kilo / liter van de producten uit de eerste kolom. Wanneer er meerdere merken zijn opgenomen in het assortiment, noteer je de prijs van het goedkoopste merk.

1 liter halfvolle melk

DELHAIZE

jk ex

(brik)

COLRUYT

em

ALDI

200 g melkchocolade

1 kg zelfrijzende

ki

bloem

In

1 liter bruiswater

1 liter vloeibaar wasmiddel (gekleurde was)

Forum

THEMA 3

LEVEL 6

Een hoge prijs betekent ook een hoge kwaliteit. Hoe denk jij daarover?

86

ALBERT HEYN


Explore 7— Wat is de ideale vestigingsplaats voor je onderneming?

1

PLAATS

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Plaats. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt. VESTIGINGSPLAATS

De plaats van een vestiging is een heel belangrijk instrument in de marketingmix. De centrale vraag is, waar en hoe koopt mijn

2

pl aa

r

doelgroep in?

Waar zou je de volgende ondernemingen vestigen en waarom?

jk ex

In

3

ki

2

em

1

Š Lester Balajadia / Shutterstock.com

THEMA 3

LEVEL 6

4

87


5

pl aa

r

6

1

em

Explore 8— Welke distributie kies je voor je onderneming? Bestudeer de ontdekplaat en omschrijf de begrippen directe en indirecte distributie in eigen woorden.

2

jk ex

Lukt dat niet meteen, bestudeer dan de ontdekplaat opnieuw.

Zet de volgende distributiekanalen in de juiste kolom. webwinkel – groothandelaar – postorderbedrijf – (auto)dealer – kleinhandel – invoerder van bananen –

ki

vertegenwoordiger in koffie – de automaat bij de fruitkweker

THEMA 3

LEVEL 6

In

DIRECTE DISTRIBUTIE

88

INDIRECTE DISTRIBUTIE


3

Vervolledig de tabel. a

Noteer in de tweede kolom waar je de producten kunt kopen.

b

Omschrijf de betekenis van deze woorden. Gebruik indien nodig een woordenboek.

c

intensief:

selectief:

exclusief:

Noteer in de derde kolom het juiste soort distributie. PRODUCT

VERKOOPPUNT

© Keith Homan

em

pl aa

r

SOORT DISTRIBUTIE

jk ex

In

ki

© andersphoto / Shutterstock.com

© Sorbis / Shutterstock.com

© Grzegorz Czapski / Shutterstock.com

THEMA 3

LEVEL 6

89


Explore 9— Welke promotie voer je om van je

PROMOTIE

onderneming een succes te maken?

1

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Promotie. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

PROMOTIEVORMEN Promotie maken voor je onderneming is één ding. De juiste promotievormen kiezen is een

Bestudeer deze tabel en beantwoord de vragen.

Zoek op internet naar de betekenis van het begrip direct mail. Omschrijf het in eigen woorden.

b

Waarom is die promotievorm de laatste jaren zo populair geworden?

c

Geef twee voorbeelden van promotievormen die je onder de categorie andere zou kunnen plaatsen.

em

a

jk ex

2

pl aa

r

andere zaak. Hieronder zie je een overzicht van de verschillende promotievormen.

ki

RECLAMEMIDDELEN GEBRUIKT DOOR SCHOENENWINKELS

Adverteren in huis-aan-huisbladen, huis-aan-huisfolders, verenigingsbladen

66

Adverteren in dagbladen

27

Promotiemateriaal in de winkel

25

Direct mail

23

Adverteren in telefoongids en handels- en beroepengids (meer dan naamsvermelding)

20

Adverteren op lokale radio, lokale televisie …

13

Opendeurdagen, demonstraties, deelnemen aan beurzen …

12

Sponsoring

11

Geen

10

Adverteren op internet

8

Andere

8

In LEVEL 6 THEMA 3 90

%

Bron: vizo


3

Niet alleen de juiste promotievorm, maar ook het medium voor de verspreiding van de reclameboodschap is belangrijk. a

Via welke media zou je in de volgende gevallen reclame maken? Zet een kruisje in de juiste kolom en / of vul de laatste kolom in.

r

ANDERE

INTERNET

AFFICHE

BIOSCOOP

RADIO

TV

TIJDSCHRIFT

Bedenk een goed argument voor jouw keuze.

KRANT

b

Adidas

jk ex

Snowboardvakantie

em

pl aa

Het nieuwste model van BMW

Boek over drones

ki

Forum

© Allen.G /Shutterstock.com

THEMA 3

LEVEL 6

In

Vind jij reclame weggesmeten geld? Laat jij je erdoor beïnvloeden?

91


Explore 10— Hoe kan de inrichting van de winkel de

PRESENTATIE

verkoop stimuleren?

1

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Presentatie. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt. Bekijk het filmpje en noteer vijf trucjes van IKEA die mensen aanzetten om iets te kopen.

© Michael Go

rdon / Shutte

rstock.com

ki

jk ex

em

pl aa

r

2

In

© thebigland / Shutterstock.com

Explore 11— Hoe zet je de juiste persoon op de juiste job? 1

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en verken de marketingtool Personeel.

THEMA 3

LEVEL 6

Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

92

Good to know Goed personeel is het visitekaartje van je winkel.

PERSONEEL


2

Je vindt hier drie jobadvertenties waarin de competenties staan die noodzakelijk zijn om de job goed te kunnen uitvoeren. a

Bestudeer de jobadvertenties

b

Noteer de jobtitel bij de juiste jobadvertentie. kassamedewerker – magazijnmedewerker Euro Shoe Group – verkoper Proximus

“Ben jij de persoon die we zoeken?”

Wie zoeken we?

ontdekt snel hun behoeften en kunt hen de gepaste oplossing voorstellen. Je loopt over van energie en maakt met plezier deel uit van een team waarin de collega’s elkaar helpen en bijdragen aan een toffe sfeer.

em

Samen met je collega’s zet je ideeën

de bestellingen van de klanten op een correcte manier klaarzet in het magazijn;

pl aa

vlotjes het vertrouwen van klanten. Je

r

Iemand die:

Dankzij je inlevingsvermogen win je

om in concrete acties die de shop en

∙ ∙ ∙

het team beter doen draaien. Je hebt passie voor al wat nieuw is en werkt

dan ook graag met onze digitale tools die je ondersteunen met informatie

jk ex

over de klant, zijn bestellingen, nieu­ wigheden en promoties ...

Je bent bereid om ook in het weekend

∙ ∙ ∙

ervoor zorgt dat de chauffeurs tijdig kunnen vertrekken met de bestellingen; bereid is om in een wisselend ploegensysteem (6.00 – 14.00 u.; 14.00 – 22.00 u.) te werken; houdt van afwisselende taken en zin heeft voor initiatief; niet terugdeinst voor fysieke arbeid; goed zelfstandig en in team kan werken.

ki

te werken.

nauwkeurig werkt met aandacht voor veiligheid, orde en netheid;

In

We zijn op zoek naar iemand op wie onze klant kan rekenen letterlijk en figuurlijk

Je bent uiterst betrouwbaar.

Je komt steeds met een glimlach voor de dag bij elke klant

Je hebt een sterk logisch redeneervermogen.

Je bent van het principe ‘klant is koning’.

Je bent een vlot, spontaan persoon.

Je houdt de inkom en kassazone netjes en opgeruimd.

Je zorgt ervoor dat de uitstallingen in de omgeving van de kassa

THEMA 3

aantrekkelijk ogen doorheen de dag.

LEVEL 6

ook als het even wat minder meezit.

93


Explore 12— 1

Wat is het verschil tussen de 6 P’s en de 4 C’s?

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en ontdek wat de verschuiving van de 6 P’s naar de 4 C’s inhoudt. Download het werkblaadje als je ondersteuning wilt.

SOLUTION

PROMOTIE

CONVENIENCE

COMMUNICATION

Welke C zet een ondernemer in de kijker wanneer hij de volgende acties onderneemt? WELKE C?

em

2

COSTS

PLAATS

r

CUSTOMER

PRIJS

pl aa

PRODUCT

ACTIE

De klant kan het parkeerticket aan de kassa valideren zodat hij de parking gratis kan verlaten.

jk ex

De webshop is door verschillende personen getest op gebruiksvriendelijkheid zodat een bestelling heel snel geplaatst kan worden. Een hotelgast kan op de Facebookpagina van het hotel een review posten.

In

ki

De doe-het-zelfzaak heeft een YouTubefilmpje gemaakt zodat de klant snel ziet hoe hij de aangekochte machine moet gebruiken. De klant die een bepaald product via de webshop heeft besteld, kan een leveringsadres dicht bij huis kiezen. Een producent van tablets heeft een enquête gedaan om precies te achterhalen wat de consument van een dergelijk toestel verwacht. De klantendienst is in het weekend bereikbaar zodat de consumenten er ook dan met hun vragen terechtkunnen. Een producent heeft voor een bepaalde klant een rolstoel ontworpen op maat van de behoeften van die klant.

THEMA 3

LEVEL 6

De kapperszaak heeft haar openingsuren verlengd tot 20.00 uur.

94


Explore 13— Wat houdt het Business Model Canvas in? Meer en meer ondernemingen maken gebruik van het Business Model Canvas om van hun onderneming een succesverhaal te maken. a

Ga naar het onlinelesmateriaal, bestudeer de ontdekplaat en ontdek wat dat model inhoudt. Download

b

Bekijk de vragenlijst die je helpt om de negen bouwstenen voor een onderneming in te vullen. Vul de

het blanco BMC en het werkblaadje als je ondersteuning wilt. passende bouwsteen in de linkerkolom in. BOUWSTEEN

ONDERZOEKSVRAAG Wat zijn de belangrijkste kenmerken van het doelpubliek?

Welke elementen maken de onderneming en / of producten voor de

Via welke kanalen verkoopt de onderneming haar goederen of

Welke goederen of diensten behoren tot het kernassortiment?

klant uniek?

em

diensten?

Hoe garandeert de onderneming de kwaliteit van haar producten?

Waarom zou de klant de producten / diensten van de onderneming

neming goed te laten draaien? Waar komen de klanten van de onderneming vandaan? Welke problemen van de klant lossen de goederen of diensten van de onderneming op? Welke dienst na verkoop biedt de onderneming aan? Wat zijn de belangrijkste inkomstenstromen?

Wie zijn de belangrijkste leveranciers?

Hoe worden de klanten op de hoogte gehouden van het aanbod van

Wat zijn de belangrijkste kosten?

Wie neemt binnen de onderneming welke taken op?

Welke productgroepen leveren welke omzet?

Hoe meet de onderneming de tevredenheid van de klant?

Aan welke criteria moet de vestigingsplaats voldoen?

In

de onderneming?

LEVEL 6

ki

Wat zijn de belangrijkste investeringen die nodig zijn om de onder-

THEMA 3

aankopen en niet die van de concurrenten?

jk ex

pl aa

r

95


TO THE POINT Marketing is onderzoek doen naar de behoefte van mensen, het vertalen van die behoeften in producten PRODUCT

en diensten en het ontwikkelen van een geschikte strategie om de verkoop van die producten en diensten te stimuleren.

PERSONEEL

De marketingmix is een combinatie van verschillende

6 P’s

instrumenten die een onderneming, een organisatie of een individu inzet om zijn doelen te bereiken.

PROMOTIE

pl aa

plaats, promotie, presentatie en personeel. Elk van de 6 P’s

PLAATS

r

PRESENTATIE

Traditioneel bestaat die mix uit de 6 P’s: product, prijs, is belangrijk maar soms focust een onderneming zich meer op de ene of de andere P. —

PRIJS

Product: Het goed of de dienst moet voldoen aan de wensen en de behoeften van de consument. Daarbij speelt niet alleen het product op zich een rol maar ook de verpakking, de kwaliteit, de service, de garantie, de merknaam en het ontwerp.

Prijs: Dat gaat over hoeveel er voor het goed of de dienst gevraagd wordt. De verkoopprijs speelt

em

een rol maar ook bijvoorbeeld de kortingen die aangeboden worden. —

Plaats: Dat instrument beschrijft de keuze van de vestigingsplaats maar ook hoe het goed of de dienst bij de klant terechtkomt. Het gaat om welke kanalen en hoeveel kanalen er gebruikt worden.

Promotie: Daarbij gaat het over hoe en via welke media het goed of de dienst onder de aandacht

jk ex

van consumenten gebracht wordt om de verkoop te stimuleren. —

Presentatie: Dat instrument beschrijft hoe het goed of de dienst aan de consument gepresenteerd wordt, waar de producten zich in de winkel bevinden …

Personeel is een heel belangrijke factor. Niet iedereen is geschikt voor een bepaalde job. Het

ki

komt erop aan om de juiste persoon voor een bepaalde taak te vinden. In de loop der tijd is de marketing veranderd. Zo staan de ondernemingen en de producten niet meer centraal maar de individuele consument en zijn welzijn. Bij die verandering hoort dus ook een andere

In

invulling van de marketingmix. De marketinginstrumenten heten nu de 4 C’s. —

Customer (consument): Er wordt gedacht vanuit de consument. Waarom is dit product of deze dienst een oplossing voor de consument?

Costs (kosten): Daarbij gaat het niet alleen meer om de prijs van het product of de

CUSTOMER SOLUTION

COSTS

dienst, maar ook om alles wat het de consument verder kost. Is de grondstof

THEMA 3

LEVEL 6

duurzaam verbouwd? Wat kost het de consument om bij de winkel te komen? Heeft het product

96

of de dienst vervelende gevolgen voor het dagelijkse leven?


Convenience (gemak): De moderne consument wil vooral gemak. Het aanbod is groot en de tijd van de consument is kostbaar. Als een klant veel moeite moet

CONVENIENCE

doen om aan een goed of dienst te

COMMUNICATION

komen, haakt hij snel af. —

Communication (communicatie): In de nieuwe marketingmix gaat het niet alleen om het promoten van het product of de dienst. De klant wil inspraak. Klanten moeten genoeg informatie kunnen vinden (bij voorkeur online), gemakkelijk klachten kunnen indienen en op een laagdrempelige wijze contact kunnen zoeken.

Product wordt consumentenoplossing.

Prijs wordt kosten voor de consument.

Plaats wordt gemak van de klant.

Promotie wordt communicatie.

pl aa

r

Samengevat is de marketingmix als volgt veranderd:

Veel ondernemingen maken gebruik van het Business Model Canvas (BMC) om snel te kunnen inspelen op de behoeften van de consument en zo hun concurrent voor te blijven. consument.

em

Het BMC geeft in negen bouwstenen weer welke meerwaarde de onderneming biedt voor de

Business Model Canvas Kernactiviteiten

• Wie zijn je strategische partners? • Wie zijn je strategische leveranciers?

• Welke middelen haal je bij deze partners?

• Welke activiteiten moet je gaan uitvoeren om de concurrentie voor te blijven?

Mensen en middelen

ki

• Welke activiteiten voeren deze partners voor je uit?

• Welke activiteiten moet je gaan uitvoeren om tegemoet te komen aan de behoeften van je doelgroep?

In

Over welke mensen en middelen moet je beschikken om je product of diensten op de markt te brengen?

Versie:

Klantenrelaties

Klantensegmenten

• Welke waarde lever je aan je klanten?

• Hoe wil je klanten begeleiden en bedienen?

• Voor wie creëer je waarde?

• Welk probleem van je klanten los je op?

• Hoeveel kosten deze klantenrelaties je?

Waardeproposities

jk ex

Strategische partners

Naam:

• Wie zijn je belangrijkste klanten?

• Welke producten of diensten bied je aan? • Welke noden van je klanten vervul je?

Kanalen • Via welke kanalen (website, sociale media, formulieren ...) willen je klanten je boodschap ontvangen? • Hoe bereik je die klanten nu?

Kostenstructuur

Inkomstenstromen

• Wat zijn je belangrijkste kosten?

• Voor welke waarde die je creëert willen je klanten echt betalen?

• Welke van je middelen zijn het duurst?

• Hoeveel afzet/omzet heb je nodig om succesvol te zijn?

• Welke van je activiteiten zijn het duurst?

• Hoeveel afzet/omzet haal je uit elke productgroep?

L I F T Poster economische kringloop+business model A1 - v2.indd 1

In het klantensegment beschrijft de ondernemer welke klantengroep hij wil bedienen en wat de belangrijkste kenmerken zijn van die doelgroep (behoeften, factoren die hun aankoopgedrag beïnvloeden …).

LEVEL 6

de reden waarom klanten de ene onderneming boven de andere verkiezen. —

14/02/2020 13:07

De waardeproposities beschrijven welke waarde het goed of de dienst levert aan de klant. Dat is

THEMA 3

97


In de bouwsteen kanalen wordt aangegeven via welke kanalen de ondernemer het goed of de dienst wil aanbieden, aan welke criteria de vestigingsplaats moet voldoen, hoe hij zijn goederen of diensten wil presenteren …

De bouwsteen klantenrelaties geeft aan hoe een ondernemer zich wil bekendmaken bij de klanten (via het internet, met een eigen website, op beurzen, via mailings, flyers, advertenties, via partners, via sociale media ...)

De kernactiviteiten beschrijven de belangrijkste activiteiten van een onderneming zodat zij tegemoetkomt aan de behoeften van de doelgroep en de concurrentie voor blijft.

De mensen en middelen zijn het geheel van (financiële) middelen en mensen die de onderneming nodig heeft om de kernactiviteiten te kunnen uitvoeren.

De bouwsteen strategische partners beschrijft het netwerk van leveranciers en partners die impact hebben op het succes van de onderneming. De inkomstenstromen beschrijven welke afzet / omzet de onderneming heeft.

De kostenstructuur geeft alle kosten weer die nodig zijn om de onderneming te laten werken.

pl aa

r

aan?

em

Action 1— Welk assortiment biedt

Je leraar geeft je een kaartje met de naam van een onderneming. Vul de naam aan in de titel van deze action.

2

Surf naar de website van die onderneming.

3

Stel het assortiment van die onderneming in de breedte en diepte voor in een overzichtelijke tabel. Je kunt

jk ex

1

kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt en vertrek van een leeg document. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt. Ga naar het onlinelesmateriaal en gebruik het sjabloon dat je daar vindt. Noem twee concurrenten van jouw onderneming.

ki

a

Loopt het assortiment van jouw firma gelijk met dat van beide concurrenten? Indien ja, geef een

In

b

aantal voorbeelden.

c

Wijkt het assortiment van jouw onderneming af van dat van beide concurrenten? Indien ja, geef een aantal voorbeelden.

Noem twee voordelen en twee nadelen van een breed en diep assortiment.

e

Sla je bestand op in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

THEMA 3

LEVEL 6

d

98


Action 2— Gaan de supermarkten elkaar te lijf met scherpe prijzen?

Lees het artikel over de komst van supermarktketen Jumbo en beantwoord de vragen. a

Welke supermarkt in Pelt heeft de meeste last van de komst van Jumbo in Pelt?

b

Mag Jumbo zich de supermarkt met gegarandeerd de laagste prijzen noemen?

pl aa

r

1

Colruyt moet slechts ‘paar tientallen’ prijzen aanpassen na opening Jumbo in Pelt ‘Gegarandeerd de laagste prijzen’,

stelt de Nederlandse supermarktketen Jumbo. Wie een product elders

em

goedkoper vindt – en het is geen

tijdelijke promotie – krijgt het product als dank gratis mee naar huis. Maar Belgische koopjesjagers hoeven nog

jk ex

niet te juichen.

Colruyt stuurde een dag na de opening tien prijzenopnemers naar Jumbo,

© emka74 / Shutterstock.com

en nog eens tien naar de omliggende supermarkten. Uit de eerste vaststellingen blijkt dat Jumbo maar voor een ‘paar tientallen artikelen’ goedkoper was. Colruyt paste prompt zijn prijzen aan in de vestigingen in Pelt en Lommel. Het gaat onder

ki

meer om speculoospasta, Coca-Cola light en Côte d’Or. Maar net zo goed zijn er producten waar Jumbo duurder is, stipt Colruyt aan. Dreft-vaatwastabletten zijn twintig procent duurder bij Jumbo, net als een halfliterflesje Lipton Ice Tea.

In

Het Nieuwsblad deed diezelfde dag ook een test en kocht 35 producten bij Jumbo en vier omliggende supermarkten. Jumbo bleek op het moment van de aankoop respectievelijk 3,5 en 5 procent goedkoper dan Colruyt en Albert Heijn. Delhaize en Carrefour waren voor de aangekochte producten ruim 20 procent duurder dan Jumbo. Naar: standaard.be, november 2019

Behalve Colruyt, Albert Heijn, Delhaize en Carrefour, welke supermarkten hebben nog een vestiging in LEVEL 6

Pelt? Gebruik het internet.

THEMA 3

2

99


Action 3— Hoe promoot je een nieuwe frisdrank? Bestudeer deze cartoon. Wat zou de cartoonist ermee willen zeggen?

2

Werk in groepjes. Elke groep moet een nieuw product promoten.

em

pl aa

r

1

Beschrijf om welk nieuw product het gaat.

b

Beschrijf bondig jullie doelpubliek.

ki

jk ex

a

Maak per groep een reclamefilmpje van maximum een minuut om het nieuwe product in de kijker

In

c

te plaatsen. Wees creatief, maar zorg er ook voor dat het aanslaat bij je doelpubliek! Gebruik ICT-fiche_M_01 als ondersteuning bij het maken van het filmpje.

d

Maak ook een bijhorende affiche om het product te promoten. Gebruik ICT-fiche_C_01 als je hulp nodig hebt om de reclameaffiche te ontwerpen.

THEMA 3

LEVEL 6

e

100

Sla je bestanden op in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.


Action 4— Welke elementen van de marketingmix werden niet (correct) gebruikt?

Lees de situaties. Noteer telkens welke elementen van de marketingmix niet of niet correct worden gebruikt.

A

pl aa

r

Een onderneming lanceert een nieu we frisdrank met een groots opgezette publiciteitscampagne. Elk gezin ontvang kortingsbonnen . De frisdrank is slechts te koop in een enkele warenhuisketen.

B

Een nieuw type gsm wordt gelanceerd. De gsm heeft een heel mooie lijn en de prijs is concurrentieel. Technisch staat het mobieltje nog niet op punt. Het regent klachten in de eerste

jk ex

em

maanden na de lancering.

Een onderneming brengt een nieuw jacht op de markt. De verkoop r prijs bedraagt 163 000,00 euro. De onderneming maakt daarvoo reclame in Klasse, een tijdschrift voor leraars.

-

In

ki

C

LEVEL 6

vestiging in de industrieEen fitnesszaak opent een nieuwe n. zone in de buurt van een zeehave

THEMA 3

D

101


Action 5— Welke marketingmix hoort bij welke onderneming?

Een onderneming moet aandacht besteden aan elk van de 6 P’s, maar sommige ondernemingen hebben meer aandacht voor een of meerdere P’s. a

Lees de marketingmix van een aantal ondernemingen.

b

Welke marketingmix hoort bij welke onderneming? Gucci – Colruyt – Porsche-garage – Center Parcs – IKEA – Apple – Coca-Cola.

MARKETINGMIXINSTRUMENT

PRODUCT

PRIJS

PERSONEEL 6 P’s

PLAATS

em

PRESENTATIE

ONDERNEMING

jk ex

PROMOTIE

PRODUCT

PERSONEEL

PRIJS

6 P’s

PLAATS

PRESENTATIE

In

ki

PROMOTIE

PRODUCT

PERSONEEL

PRIJS

6 P’s PRESENTATIE

THEMA 3

LEVEL 6

PROMOTIE

102

PLAATS

r

Noteer telkens waarom je die onderneming aan de marketingmix toewijst. ARGUMENT

pl aa

c


MARKETINGMIXINSTRUMENT

ONDERNEMING

ARGUMENT

PRODUCT PERSONEEL

PRIJS 6 P’s

PRESENTATIE

PLAATS

PRIJS 6 P’s

PRESENTATIE

PLAATS

PROMOTIE

PRODUCT PERSONEEL

PRIJS

jk ex

6 P’s

pl aa

PERSONEEL

em

PRODUCT

r

PROMOTIE

PRESENTATIE

PLAATS

ki

PROMOTIE

In

PRODUCT

PERSONEEL

PRIJS

6 P’s

PLAATS

LEVEL 6

PROMOTIE

THEMA 3

PRESENTATIE

103


Action 6— Hoe verleidt een supermarkt haar klanten? Onderzoek in groepjes van drie of vier personen hoe een supermarkt haar klanten probeert te verleiden en maak daarvan een presentatie. a

Noteer de naam van de supermarkt die jullie gaan bezoeken.

b

Bekijk deze tabel aandachtig. Zo weten jullie meteen waarop jullie moeten letten bij het bezoek. Zorg dat jullie alle vragen kunnen beantwoorden. Schrijf in de eerste kolom op welke P van de marketingmix de vraag betrekking heeft. VRAGEN

pl aa

P

r

c

Hoe probeert men de klanten tot impulsaankopen aan te zetten?

Hoe vlot is de supermarkt te bereiken?

Waar vind je wat op de plattegrond (vlees, groente en fruit, diepvriesproducten, dranken, suiker, bloem, magazines, speelgoed, verzorgingsproducten,

em

kassa)? Waarom?

Welke voor- of nadelen heeft de ligging van de supermarkt?

Waar bevinden zich de producten die in promotie staan? Waarom?

Hoe breed is het assortiment van de supermarkt?

Hoe ziet de plattegrond van de supermarkt eruit? Hoe schat je de prijzen van de supermarkt in (hoger dan gemiddeld, gemiddeld of lager dan gemiddeld)? Hoe diep is het assortiment?

ki

jk ex

THEMA 3

LEVEL 6

In

104

d

Hoe is de prijs van de producten op ooghoogte in vergelijking met de producten op het onderste rek? Waarom?

Welke huismerken heeft de winkel?

Hoe probeert men het winkelen eenvoudiger / efficiënter te maken voor de

Waar is de supermarkt gelegen?

Biedt de supermarkt veel merkproducten aan?

klanten?

Vraag aan de zaakvoerder of je enkele foto’s voor je onderzoeksverslag mag maken.


e

Maak een onderzoeksverslag waarin je het antwoord op de vragen uit de tabel verwerkt. Noteer welke presentatievorm jouw groepje kiest (tekst, presentatie, fotocollage ... ).

f

Maak in een onlinetoepassing een taakverdeling en een tijdschema zodat jullie er tegelijk aan kunnen werken.

Hou daarbij rekening met de talenten van de leden van jullie groepje.

In de eerste kolom noteer je wie wat opneemt.

In de tweede kolom noteer je de deadlines.

In de derde kolom neem je een afvinklijst op.

Gebruik indien nodig ICT-fiche_T_15.

pl aa

r

Action 7— De economische kringloop en de bedrijven

Zet bij de afbeeldingen van de economische kringloop de onderstaande bewegingen op de juiste pijl. De bedrijven betalen belastingen aan de overheid.

B

De bedrijven betalen lonen aan de gezinnen voor de geleverde arbeid.

C

De bedrijven exporteren goederen naar het buitenland.

D

De bedrijven leveren goederen en diensten aan de overheid.

jk ex

em

A

Bedrijven

Buitenland

LEVEL 6

In

Gezinnen

THEMA 3

ki

Overheid

105


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Beantwoord de volgende vragen. a

Over welke onderneming gaat het?

b

Waarop heeft deze onderneming ingezet om succesvol te zijn?

pl aa

r

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

em

1 Ik kan de belangrijkste taken van een mede­ werker van de marketingafdeling omschrijven. 2 Ik kan de vaardigheden en eigenschappen die

een medewerker van de marketingafdeling moet

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

jk ex

hebben, illustreren met voorbeelden.

3 Ik kan het begrip marketing en marketingmix toelichten.

4 Ik kan het begrip doelgroep met een voorbeeld illustreren.

ki

5 Ik kan het begrip assortiment in eigen woorden omschrijven.

In

6 Ik kan de begrippen diepte en breedte van het assortiment met een voorbeeld illustreren.

LEVEL 6

8 Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

9 Ik kan de marketingtool prijs toelichten aan de

10 Ik kan toelichten welke criteria een onder-

THEMA 3

7 Ik kan gericht zoeken in onlinedatabanken.

hand van een voorbeeld.

106

neming het best gebruikt bij de keuze van de vestigingsplaats.


11 Ik kan de begrippen directe en indirecte distri-

butie toelichten aan de hand van voorbeelden. 12 Ik kan toelichten welke distributiekanalen een

onderneming gebruikt. 13 Ik kan toelichten of een onderneming voor een

intensieve, een selectieve of een exclusieve distributie gaat. 14 Ik kan het belang van de presentatie van producten duiden aan de hand van voorbeelden. 15 Ik kan het belang van de juiste persoon op voorbeelden. 16 Ik kan de 4 C’s toelichten aan de hand van voorbeelden. 17 Ik kan de negen bouwstenen van het BMC

r

em

toelichten.

pl aa

de juiste job toelichten aan de hand van

18 Ik kan een reclamefilmpje maken.

19 Ik kan een affiche maken om een product te

jk ex

promoten.

20 Ik kan online samenwerken aan een document.

21 Ik kan een tabel aanmaken met een

THEMA 3

LEVEL 6

In

ki

tekstverwerker.

107


STEP-UP Je hebt de afgelopen weken de ondernemingen en organisaties bestudeerd. Maak een organogram van jouw school of van een bedrijf naar keuze. Zorg dat elk groepje een ander bedrijf onder de loep neemt. a

Werk in groepjes van twee tot vier leerlingen.

b

Maak een afspraak met een verantwoordelijke binnen jouw school of het bedrijf.

c

Vraag naar de structuur. Ga dieper in op de afdelingen waar administratieve taken worden uitgevoerd. Je gaat bij elke verantwoordelijke van die afdelingen langs. Je vraagt naar de voornaamste taken van die

pl aa

d

r

afdeling.

Verwerk al je informatie in een powerpointpresentatie. Gebruik daarvoor ICT-fiche_P_01 tot en met fiche_P_21. Stel je werk voor aan de klas.

f

Bewaar je presentatie in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

THEMA 3

STEP­UP

In

ki

jk ex

em

e

108


Begrippenlijst Thema 3 Dat zijn alle mensen die zowel een geestelijke, als een lichamelijke bijdrage hebben geleverd aan het goed.

productie­

Dat zijn het geld en de investeringen die

factor kapitaal

nodig zijn voor de productie van het goed.

productie­

Dat is alle natuur die nodig is voor de

factor natuur

productie van een goed. Bv. zand, leer, delfstoffen ...

1

productie­

Dat zijn de middelen die altijd in een

factoren

bepaalde combinatie noodzakelijk zijn produceren.

productie­

Dat zijn alle middelen die een onderneming

middelen

nodig heeft om te kunnen produceren.

bedrijfskolom

De bedrijfskolom is een schematisch

em

2

overzicht van alle stappen die een product

jk ex

of dienst doorloopt. Het schema start bij

de producent van grondstoffen en eindigt zodra het eindproduct of de dienst aan de consument wordt aangeboden.

2

branche

Een branche bestaat uit bedrijven die in een bepaalde groep goederen of diensten

circulaire

In de circulaire economie staat het

economie

maximale hergebruik van producten en

ki

Bv. de branche horeca

van de waardevolle grondstoffen die

erin verwerkt zijn, centraal om waarde-

milieueffecten te minimaliseren. consument

Een consument koopt goederen of diensten maar heeft niet de bedoeling die te verko-

2

vernietiging te voorkomen en negatieve

2

aanbieden.

In

2

om goederen en diensten te kunnen

1

pen of te verwerken voor de verkoop.

detailhandel /

Een kleinhandel is een onderneming die

kleinhandel /

goederen aan consumenten (particulieren)

retailers

verkoopt.

BEGRIPPENLIJST

1

productie­ factor arbeid

IN JE EIGEN WOORDEN

THEMA 3

1

VERKLARING

r

1

BEGRIP

pl aa

LEVEL

109


fysieke winkel

Een fysieke winkel is, in tegenstelling tot een onlineplatform, een gebouw waar de

2

verkoper tweedehandse of nieuwe artikelen

aanbiedt aan klanten.

groothandel /

Een groothandel is een onderneming die

grossier

grote partijen inkoopt bij een of meerdere

producenten om die in kleinere hoeveel-

heden aan andere ondernemingen door te

verkopen. 2

korte keten

De korte keten is de kortste weg tussen producent en consument.

lange keten

Bv. Een fruitkweker die appels aanbiedt in

zijn eigen winkel of automaat.

Bij een lange keten worden de producten

niet rechtstreeks aan de consument

3

een groothandel of een kleinhandel.

onlineplat­

Een onlineplatform of webwinkel is een

formen

website waarop producten of diensten

em

2

verkocht, maar zijn er tussenschakels, zoals

verkocht worden.

toegevoegde

De toegevoegde waarde is de waardever-

waarde

meerdering van een product na bewerking.

jk ex

2

bedrijfssector

Een bedrijfssector omvat een aantal verwante ondernemingen die hetzelfde soort

primaire

De primaire sector bevat de ondernemingen

sector

die grondstoffen en voedsel leveren.

Bv. een landbouwer, een visser, een

zandgroeve

quartaire

De quartaire sector bevat de niet-commer-

sector

ciĂŤle dienstverlening.

In

3

THEMA 3

BEGRIPPENLIJST

3

110

3

producten en / of diensten voortbrengen.

ki

3

pl aa

2

Bv. defensie, onderwijs, zorgsector, open-

bare orde (politie)

secundaire

De secundaire sector bevat de bedrijven

sector

die de grondstoffen van de primaire sector

tertiaire sector

r

2

verwerken.

Bv. een autofabriek, een kaasfabriek

De tertiaire sector bevat bedrijven die met

de verkoop van hun goederen of diensten winst willen maken.

Bv. een schoenenwinkel, een kapsalon


4

administratie

Dat is kantoorwerk in een bedrijf.

4

factuur

Dat is een document dat de verkoper

Dat is een organisatieschema waarbij de verdeling van personeelstaken en

5

attitude

verantwoordelijkheden wordt weergegeven.

Een attitude is een eigenschap die je bezit.

Het geeft aan hoe je bent en beschrijft je

5

houding in bepaalde gevallen of situaties.

distributie-

Dat is een logistiek centrum dat producten

centrum

bij leveranciers aankoopt, de goederen in

exporteur

het centrale magazijn bewaart en ze ver-

voert naar de winkels van de eigen keten.

De persoon die goederen van zijn land naar

een ander land uitvoert.

5

Bij deze methode worden de als eerst

out (FIFO)

binnengekomen producten ook als eerste

em

5

first in, first

groepage-

Dat is een logistieke onderneming die

centrum

producten van meerdere leveranciers voor

eenzelfde klant of land in een centraal

magazijn groepeert en samen verstuurt.

groothandel

Een groothandel is een onderneming die

grote partijen inkoopt bij een of meerdere producenten om die in kleinere hoeveel-

heden aan andere ondernemingen door te

ki

verkopen.

handpallet­

Dat is een klein transportmiddel dat je met

truck /

de hand bedient om paletten over kleine

transpallet

afstanden te verplaatsen.

just in time

Dat betekent dat je precies op tijd levert

(JIT)

wat de klant nodig heeft.

last in, first out

Bij deze methode worden de laatst binnen-

(LIFO)

gekomen producten als eerst verkocht.

logistiek

Het beschikbaar hebben van de juiste

In

5

5

5

5

weer verkocht.

jk ex

5

pl aa

5

goederen op de juiste plaats in de juiste hoeveelheden voor zo weinig mogelijk geld.

BEGRIPPENLIJST

organogram

THEMA 3

4

r

opstelt en naar de koper opstuurt.

111


5

5

logistiek

Dat is een logistieke onderneming die zorgt

dienstverlener

voor opslag, goederenbehandeling en transport van goederen naar de klant.

logistieke

In de logistieke keten gaat het ook over de

keten

opslag van de goederen en de planning van

het transport zodat alles tijdig van leveran-

cier naar klant geraakt.

motorpallet足

Dat is een klein transportmiddel dat door

truck /

een motor aangedreven wordt om palletten

elektrotrans-

over kleine afstanden te verplaatsen.

pallet

5

ontvangst足

Dat is het proces in het magazijn waar goe-

proces of

deren aankomen en door een werknemer

inslag

ontvangen en gecontroleerd worden.

opslagproces

Dat is het proces in het magazijn waar

goederen opgeslagen worden op de grond of rekken. opsturen

Dat is het proces in het magazijn waar goe-

em

5

deren in een vrachtwagen geladen worden

5

Dat is het proces in het magazijn waar

proces of

goederen verzameld of gehaald worden

uitslag

in de rekken wanneer er een klantenorder

binnenkomt.

Dat is een magazijn waar bedrijven hun goe-

public

deren kunnen opslaan als ze zelf te weinig

ki steekwagen /

Dat is een eenvoudige steekkar om dozen

steekkar

over kleine afstand te verplaatsen.

In 5

THEMA 3

BEGRIPPENLIJST

5

112

orderpick足

plaats hebben.

5

warehouse

5

en naar de klant verstuurd worden.

jk ex

5

pl aa

5

track and trace

r

5

Die technologie zorgt ervoor dat je als klant of eigenaar kunt volgen waar je bestelling

zich bevindt.

transport足

Dat is een bedrijf dat goederen transpor-

bedrijf

teert of vervoert.

vaardigheid

Een vaardigheid is iets wat je kunt. Het geeft aan of je bekwaam bent om een bepaalde handeling uit te voeren.


5

voicepicking

Dat is een manier waarbij de orderverzamelaars in het magazijn via een koptelefoon de opdracht krijgen om goederen in het

magazijn te verzamelen. Voorraadbeheer betekent dat je correct

beheer

bijhoudt welke goederen in het magazijn binnenkomen en welke het magazijn

verlaten.

vorkheftruck /

Dat is een transportmiddel dat aangedreven

heftruck /

wordt door een elektromotor of een ver-

vorklift

brandingsmotor. Het wordt vooral gebruikt

om goederen die op een pallet staan, te

assortiment

Het assortiment is de verzameling van

producten of diensten die een onderneming aanbiedt voor de verkoop. breedte

De breedte van het assortiment geeft het

van het

aantal verschillende productgroepen aan.

em

6

assortiment Business

Het Business Model Canvas is een methode

Model Canvas

om de negen belangrijkste aspecten van

communica­

In de nieuwe marketingmix gaat het niet

tion

alleen om het promoten van het product of

de dienst. De klant wil inspraak. Klanten

moeten genoeg informatie (het liefst online)

ki

In

kunnen vinden, gemakkelijk klachten

6

bekeken kan worden waar de kracht van geïnnoveerd kan worden.

(communicatie)

een bedrijf ligt, wat anders kan en waar

6

een bedrijf in kaart te brengen, zodat

jk ex

6

kunnen indienen en op een laagdrempelige

wijze contact kunnen zoeken.

convenience

De moderne consument wil vooral gemak.

(gemak)

Het aanbod is groot en de tijd van de consu-

ment is kostbaar. Als een klant veel moeite

moet doen om aan een goed of dienst te

komen, haakt hij snel af.

BEGRIPPENLIJST

de hoogte.

pl aa

verplaatsen over hogere afstand en / of in

6

THEMA 3

5

voorraad­

r

5

113


6

cost (kosten)

Bij cost gaat het niet alleen om de prijs van het product of de dienst, maar ook om

alles wat het de consument verder kost:

Is de grondstof duurzaam verbouwd? Wat

kost het de consument om bij de winkel te komen? Heeft het product of de dienst vervelende gevolgen voor het dagelijks

leven.

6

Daarbij wordt er gedacht vanuit de consu-

(consument)

ment: waarom is dit product of deze dienst een oplossing voor de consument?

diepte van het

De diepte van het assortiment is het gemid-

assortiment

deld aantal producten en productvarianten

binnen een bepaalde productgroep.

directe

Directe distributie betekent dat de pro-

distributie

ducent het product rechtstreeks aan de

consument verkoopt. 6

doelgroep

De doelgroep is een specifieke groep

exclusieve

Exclusieve distributie betekent dat de

distributie

ondernemer zijn producten of diensten

slechts op een beperkt aantal plaatsen wil

aanbieden.

indirecte

Indirecte distributie betekent dat de

distributie

producent het product niet rechtstreeks

aan de consument verkoopt.

inkomsten-

De inkomstenstromen beschrijven welke

stromen

afzet / omzet de onderneming heeft.

intensieve

Intensieve distributie betekent dat de

distributie

ondernemer zijn producten of diensten op

In

6

6

kanalen

BEGRIPPENLIJST THEMA 3

zoveel mogelijk plaatsen aanbiedt.

In de bouwsteen kanalen wordt aange-

geven via welke kanalen de ondernemer

114

jk ex

6

bereiken met een bepaald aanbod.

ki

6

em

mensen die een organisatie of instelling wil

6

het goed of de dienst wil aanbieden, aan

welke criteria de vestigingsplaats moet

voldoen, hoe hij zijn goederen of diensten wil presenteren ‌

r

6

customer

pl aa

6


kernactivitei-

De kernactiviteiten zijn de belangrijkste

ten

activiteiten van een onderneming die ervoor zorgen dat die tegemoetkomen aan de

behoeften van de doelgroep en waardoor de

onderneming de concurrentie voorblijft. De kernmiddelen zijn het geheel van (financiële) middelen en mensen die de

6

klantrelaties

onderneming nodig heeft om de kern­

activiteiten uit te voeren.

De bouwsteen klantrelaties geeft aan hoe

een ondernemer zich wil bekendmaken bij

website, op beurzen, via mailings, flyers,

pl aa

de klanten (via het internet, met een eigen advertenties, partners, sociale media ...) 6

klantsegment

In het klantsegment beschrijft de onder-

nemer welke klantengroep hij wil bedienen

die doelgroep (behoeften, factoren die hun

em

kostenstruc-

De kostenstructuur geeft alle kosten weer

tuur

die nodig zijn voor de werking van de

marketing

Marketing doet onderzoek naar de behoefte

van mensen, vertaalt die behoeften in producten en diensten en ontwikkelt een

geschikte strategie met als doel om de

verkoop van die producten en diensten te stimuleren.

marketingmix

De marketingmix is een combinatie van

ki

6

In

instrumenten die een onderneming inzet

het keuze- en aankoopgedrag van consu-

menten. Het helpt een onderneming om succesvol te zijn. product, prijs, plaats, promotie, presentatie en personeel.

plaats

om rekening te houden en in te spelen op

Traditioneel worden vaak de 6 P’s gebruikt:

6

onderneming.

jk ex

6

en wat de belangrijkste kenmerken van aankoopgedrag beïnvloeden …) zijn. 6

Dat instrument beschrijft niet alleen de criteria om een vestigingsplaats te kiezen

maar ook hoe het goed of de dienst bij de

klant terechtkomt. Het gaat daarbij om

het type kanaal en het aantal gebruikte kanalen.

BEGRIPPENLIJST

kernmiddelen

THEMA 3

6

r

6

115


presentatie

Dat instrument beschrijft hoe het goed of de dienst aan de consument gepresenteerd

6

prijs

wordt, waar de producten zich in de winkel

bevinden …

Dat gaat over het bedrag dat voor het goed

of de dienst gevraagd wordt. Daarbij speelt niet alleen de verkoopprijs een rol maar

bijvoorbeeld ook de kortingen die aangebo-

den worden. 6

prijsstrategie

Elke onderneming hanteert een eigen prijsstrategie. Sommige willen zich profile-

hoge prijzen omdat ze dat willen linken aan

pl aa

product

Dat zijn de goederen of diensten die een onderneming aanbiedt. Het goed of de

behoeften van de consument. Niet alleen

em

bijvoorbeeld de verpakking, de kwaliteit,

de service, de garantie, merknaam en het ontwerp. promotie

Promotie gaat over hoe het goed of de

jk ex

dienst onder de aandacht van consumenten

116

6

ren en over de media die daartoe gebruikt

Dat zijn de tools om het goed of de dienst

vormen

onder de aandacht van consumenten te

brengen om zo de verkoop te stimuleren.

Bv.: tv-reclame, radiospot, tijdschriften,

ki THEMA 3

BEGRIPPENLIJST

6

promotie­

In 6

gebracht wordt om de verkoop te stimuleworden.

6

dienst moet voldoen aan de wensen en de

het product op zich speelt een rol maar ook

6

ren als de goedkoopste, anderen hanteren een hoge kwaliteit. 6

r

6

affiches ….

selectieve

Selectieve distributie betekent dat de

distributie

ondernemer kiest waar hij zijn producten of

diensten aanbiedt. bv. enkel in boetieks

strategische

De bouwsteen strategische partners

partners

beschrijft het netwerk van leveranciers en

partners die impact hebben op het succes

van de onderneming.

waarde­

De waardepropositie beschrijft de waarde

propositie

die goed of de dienst levert aan de klant.

Het is de reden waarom klanten een

onderneming boven een andere verkiezen.


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

De overheid


4 pl aa

r

THEMA

In

ki

jk ex

em

De overheid


STEP-UP

LEVEL

Wat is de impact van de EU op de leefwereld van jongeren?

p. 30

jk ex

em

2

pl aa

r

Studie over de aankoop van twee producten naar keuze

p. 39

LEVEL

p. 6

STEP-IN

p. 4

In

ki

1

Wat is de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van goederen en diensten?


STEP-IN 1

Je koopt een nieuwe laptop voor je schoolwerk, maar na twee maanden is die reeds stuk. Wat kun je doen? Wat zijn je rechten als consument? Bespreek klassikaal.

r

Bekijk aandachtig het filmpje en beantwoord de onderstaande vragen. Op hoeveel jaar garantie heb je recht bij een nieuw product?

b

Hoeveel jaar garantie is er op tweedehandsproducten?

c

Wat kun je in BelgiĂŤ doen als je product stuk gaat na twee jaar?

pl aa

a

em

2

jk ex

Overheidstussenkomst

In een samenleving is er nood aan organisatie. In een land gebeurt die organisatie door de overheid. Zo stelt de overheid regels op ter bescherming van de burgers. De overheid neemt vaak beslissingen op economisch vlak om de consument te beschermen. Dergelijke beslis-

Lees het volgende artikel.

In

3

ki

singen kunnen ook genomen worden op Europees niveau.

a

THEMA 4

STEP-IN

b

4

Markeer de antwoorden in het artikel. Groen

Welk bedrijf is er failliet?

Rood

Bij wie kunnen de gedupeerden (slachtoffers) terecht voor een vergoeding?

Geel

Zoek een ander woord voor schadebeding.

Wat vind je van de oprichting van een garantiefonds door de overheid?


Garantiefonds schat schade door faillissement Thomas Cook op ruim 30 miljoen euro

em

© chrisdorney / Shutterstock.com

pl aa

r

die reizigers kunnen via de website van het garantiefonds een claim indienen. Tot nu toe kwamen er meer dan 24 000 dergelijke claims binnen. Er zouden er nog circa 2 000 kunnen bijkomen.

In

ki

jk ex

Het Garantiefonds Reizen verwacht dat de hele afwikkeling van het faillissement van Thomas Cook meer dan 30 miljoen euro zal kosten. ‘Dat bedrag omvat de vergoedingen aan de getroffen reizigers, de betaling van hotels in het buitenland en de repatriëringskosten’, zegt Mark De Vriendt van het Garantiefonds. Eind deze maand zouden de eerste reizen terugbetaald moeten zijn.

‘Zowat 82 000 reizigers werden getroffen door het faillissement van touroperator Thomas Cook in België’, zegt het Garantiefonds Reizen. Er moesten 13 000 reizigers, gerepatrieerd worden. De anderen zagen hun reisplannen in het water vallen. Al

© Markus Mainka / Shutterstock.com

Eerste terugbetalingen De claims worden verwerkt in een nieuw opgericht claimcentrum. Daar werken nu zestien mensen die eerder bij Thomas Cook / Neckermann aan de slag waren. De Vriendt hoopt dat tegen eind november de eerste terugbetalingen een feit zijn. De dossiers zullen in chronologische volgorde verwerkt worden, op basis van de vertrekdatum.

In dit thema doorloop je twee levels. Elk level biedt je een stukje kennis die je nodig hebt om de opdracht van de Step-up uit te voeren. Daarin maak je zelf een studie over twee producten die jij graag zou kopen.

THEMA 4

4

STEP-IN

Naar: hln.be, 2019-11-08

5


LEVEL 1 Wat is de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van goederen en diensten?

Vraag eens aan je ouders of grootouders waaraan het begrip belastingen hen doet denken.

2

em

Noteer hun antwoorden in kernwoorden.

pl aa

1

r

INTRO

Bekijk de onderstaande infographic. Welke informatie kun je eruit afleiden? Bespreek klassikaal en breng jouw mening onder woorden.

In

ki

jk ex

Infographic 1: De totale belastingdruk op arbeid

THEMA 4

LEVEL 1

Bron: standaard.be, 218-04-27 en Oeso

6

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat is de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van goederen en diensten?


Explore 1— Hoe komt de overheid aan haar inkomsten? OVERHEIDSBEGROTING Een overheidsbegroting is een schatting van de inkomsten en de uitgaven die de overheid verwacht in het volgende jaar. Een belangrijke inkomstenbron van de overheid zijn belastingen.

Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. De overheid int verschillende soorten belastingen. Combineer de belasting met de omschrijving.

btw

A

pl aa

1

OMSCHRIJVING

r

BELASTING

Een belasting om het gebruik van bepaalde goederen (bv. sigaretten, benzine en alcohol) af te remmen, omdat ze schadelijk zijn voor de gezondheid of voor het milieu.

2

personenbelasting

B

Belasting die de overheid heft op de verkoop van goederen en diensten.

3

accijnzen

C

Een belasting die een bestuurder van een gemotoriseerd

em

voertuig (auto, moto ‌) betaalt, wanneer hij de openbare weg gebruikt.

verkeersbelasting

2

3

Een belasting die geheven wordt op de inkomens van gezinnen.

4

THEMA 4

21 % b tw

12 % btw

6%b tw

LEVEL 1

In

ki

1

D

jk ex

4

7


Explore 2— Welke belastingen betalen gezinnen? Werk in vijf groepen. Elke groep werkt met het toegewezen gezin. a

Bestudeer de uitgaven van jouw gezin.

b

Noteer de belastingen die jouw gezin moet betalen.

jk ex

em

pl aa

r

Soorten belastingen:

Explore 3— Wat doet de overheid met de inkomsten van de belastingen?

Markeer de antwoorden in het artikel. Wees volledig!

THEMA 4

LEVEL 1

In

a

ki

Lees het artikel en beantwoord de vragen.

8

Blauw

Waar gaat de helft van het belastinggeld naartoe?

Geel

Hoeveel belastinggeld geeft de overheid uit aan onderwijs?

Rood

Hoe komt dat?

Groen

Voor welke uitgave(n) scoren we minder dan de buurlanden?

b

Naar welke post gaat het meeste geld? En hoeveel?

c

Hoe komt dat volgens jou?


Wat gebeurt er met uw 100 euro belastinggeld? Andere slokop is de staat zelf: 10 euro gaat naar

regering, onderzocht De Tijd wat er nu eigenlijk

de talrijke parlementen, het koningshuis, de

gebeurt met ons belastinggeld. De krant kwam

kabinetten, de consultants die voor de kabinetten

tot de conclusie dat zowat de helft naar sociale

werken, de ambassades in het buitenland, de

bescherming gaat.

overheidsdiensten, de regio’s en de gemeenten.

Van elke 100 euro die de overheden aan

Ook de administratie is duur. Zo kost de inning

belastingen innen, vloeit meer dan de helft naar

van de belasting maar liefst 1,15 procent van de

pensioenen, gezondheidszorg, kinderbijslag,

opbrengsten. Ook de lonen van de ambtenaren

vormen van sociale bescherming. België besteedt jaarlijks 19 540 euro per inwoner. Waar gaat al dat geld dan precies naartoe?

kosten flink wat centen, evenals de subsidies aan ondernemingen, de lastenverlagingen en dienstencheques.

De rentelasten wegen ook op de belastingfactuur. Ondanks de historisch lage rente, vloeit nu al

em

Een vijfde gaat naar pensioenen, in 2015 waren

pl aa

werkloosheids- en ziekte-uitkeringen en andere

r

Naar aanleiding van de begrotingscontrole van de

die goed voor bijna 47 miljard euro. Andere

meer naar de afbetaling van de staatsschuld dan

belangrijke uitgavenposten zijn gezondheidszorg,

naar mobiliteit. De Lijn, de NMBS, de MIVB

uitkeringen bij ziekte en arbeidsongeschikt-

en de TEC kosten elke Belg 5 procent van zijn

heid, werkloosheid, kinderbijslag en allerlei

belastinggeld. Dat is meer dan de 3,3 procent die

rampenfondsen.

naar veiligheid vloeit.

jk ex

De oorzaak van het hoge overheidsbeslag moet

echter elders gezocht worden. Zo trekken we als

Wat defensie betreft, besteden we minder dan

gemeenschap veel uit voor onderwijs, 12 van de

onze buurlanden (1,60 euro) en cultuur, sport en

100 euro om precies te zijn. Verklaring is het hoge

religie stellen het samen met minder dan 2 euro.

LEVEL 1

Naar: hln.be, 2017-03-19

pensioenen: € 20,10 gezondheidszorg: € 14,20 onderwijs: € 11,90 administratie: € 9,30 ziekte en arbeidsongeschiktheid, vervangingsinkomen: € 6,50 subsidies aan bedrijven: € 6,20 rentelasten: € 5,60 mobiliteit: € 4,80 kinderbijslag: € 4,40 werkloosheid: € 3,70 veiligheid: € 3,30 andere sociale bescherming: € 1,90 milieubescherming: € 1,60 defensie: € 1,60 cultuur: € 0,90 sport: € 0,60 sociale woningbouw en gemeenschapsvoorzieningen: € 0,60 religie: € 0,20 andere: € 2,60

THEMA 4

In

ki

aantal leerkrachten per scholier.

9


Explore 4— Hoe beïnvloeden subsidies, btw en accijnzen de prijs?

1

De prijs van goederen of diensten kan sterk beïnvloed worden, positief en negatief. Bekijk de onderstaande voorbeelden.

pl aa

r

POSITIEF

Voorbeeld van een subsidie op de prijs:

em

Misschien hebben je ouders een poetshulp. Ze kunnen die poetshulp betalen met dienstencheques. Een dienstencheque kost 9 euro. Door de aftrekbaarheid bij de belastingaangifte kost de poetshulp 7,20 euro per uur aan je ouders.

jk ex

NEGATIEF

Voorbeeld van btw op de prijs:

Infographic 2: Indeling van de belastingen

In

ki

CONSUMENT

WINKELIER

Artikelprijs (incl. belasting)

THEMA 4

LEVEL 1

Inkomstenbelasting

10

Accijns, btw

OVERHEID


2

Bereken hoeveel btw je moet betalen, als je weet dat de btw 21 % bedraagt.

PRODUCT

VERKOOPPRIJS EXCLUSIEF BTW

BTW

VERKOOPPRIJS INCLUSIEF BTW

€ 315,21 © julie deshaies / Shutterstock.com

Verkoopprijs

pl aa

© gcafotografia / Shutterstock.com

r

€ 77,42

Als consument betaal je altijd de volledige verkoopprijs, dus inclusief btw, aan de winkelier.

3

em

De winkelier stort op zijn beurt de btw door naar de overheid.

Bekijk aandachtig de onderstaande infographic over accijnzen en btw bij een tankbeurt. Bespreek

jk ex

klassikaal.

THEMA 4

© MEDIAFIN, Bron: Brafco

LEVEL 1

In

ki

Infographic 3: Hoeveel belastingen betaal je aan de pomp?

11


Explore 5— Kan mijn jeugdvereniging (of jeugdwerk) ook rekenen op steun van de overheid?

1

Lees de onderstaande krantenkoppen en bespreek met je klasgenoten jouw persoonlijke mening hierover.

pl aa

r

Europese subsidie voor een jongerenplek in Landen

In

ki

jk ex

em

Chiro Itegem krijgt subsidie voor nieuwe verlichting in lokaal

Meer subsidies voor Zultse jeugdlokalen

Jeugdbewegingen krijgen 62 500 euro extra subsidie voor nieuwe lokalen

SUBSIDIES

LEVEL 1

Dat is een betaling van de overheid aan ondernemingen of organisaties

THEMA 4

Jeugdverenigingen krijgen steun van de overheid in de vorm van subsidies.

worden.

12

zonder dat die een tegenprestatie moeten leveren. Het is uiteraard logisch dat die beperkt zijn en dat er aan bepaalde voorwaarden voldaan moet


2

Werk in drie groepen. Elke groep surft via het onlinelesmateriaal naar de website van de stad Gent. a

Beantwoord de vragen over het toegewezen thema.

b

Duid een verantwoordelijke aan om de gevonden informatie aan

r

de klas voor te stellen.

Groep 1

VRAGEN

Vorming

pl aa

THEMA

Wat is een jeugdwerker?

Tot welke leeftijd krijg je een terugbetaling (subsidie) voor

jeugdwerkers

de vorming van jeugdwerkers?

Subsidies voor

Tot welk bedrag wordt er terugbetaald?

Hoeveel subsidies krijg je om het lokaal of het terrein van

em

Groep 2

je jeugdvereniging duurzamer of veiliger te maken?

jk ex

jeugdverenigingen

Hoeveel subsidies krijg je voor een nieuw lokaal?

Wat kun je doen als er kleine herstellingen moeten

In

ki

gebeuren?

Op kamp met je

Wat weet je over de uitleendienst voor tenten?

Wat weet je over het vervoer van kampmateriaal?

Moet je betalen als je in Gent bij een van de jeugdverenigingen wilt overnachten?

LEVEL 1

jeugdvereniging

THEMA 4

Groep 3

13


Explore 6— Waarom steunt de nationale overheid de economie?

1

De nationale overheid moet de Belgische economie steunen, anders zouden er veel bedrijven naar het buitenland verhuizen. Die steun kan in de vorm van subsidies of regelgeving. Bekijk het filmpje en

Welk model wil de fabriek in Vorst in de toekomst produceren?

b

Welk bedrag wilde de regering ter ondersteuning geven?

c

Wat houdt die steun concreet in?

d

Welke grote investering heeft de fabriek van Vorst al gedaan?

In

ki

jk ex

em

pl aa

a

THEMA 4

LEVEL 1

Š Bilanol / Shutterstock.com

14

r

beantwoord deze vragen.


2

Voor de volgende opdracht over de subsidies voor bpost kun je kiezen uit twee opties. Kies, afhankelijk van je interesse, optie 1, een krantenartikel, of optie 2, een luisterfragment.

Optie 1

Artikel

a

Lees het artikel over bpost.

b

Markeer de antwoorden in het artikel. Welke vier alternatieven voor de huidige subsidies van bpost stelt de CRB voor?

Geel

Waarvoor staat de afkorting CRB?

Rood

Hoeveel subsidies ontvangt bpost elk jaar van de federale overheid?

Groen

Wat is de grootste bekommernis van bpost zelf?

pl aa

r

Blauw

KRIJGT BPOST BINNENKORT NOG SUBSIDIES OM KRANTEN TE BEDELEN?

De subsidies krijgen onder andere kritiek van

De CRB adviseert om de subsidie minstens

dagbladhandelaars. Het contract heeft een

twee jaar verder te zetten. Peeters lijkt vooral

negatieve impact op de verkoop van dagbladen

voorzichtig over de optie om de subsidie af

in hun krantenwinkels. Ook digitale nieuwssites

te schaffen. ‘Ik kan me goed voorstellen dat

klagen de subsidies al jaren aan.

de krantensector er niet van wil weten om de

ki

Centrale Raad van het Bedrijfsleven (CRB). Zij stellen vier alternatieven voor:

De subsidie kan worden afgeschaft. ‘Maar

In

dat heeft gevolgen voor de krantensector, en voor bpost’, waarschuwt Peeters.

De subsidie kan worden verdergezet.

De dagbladhandelaars kunnen worden betrokken bij de bedeling van de kranten. Zij zouden dan een deel van de subsidie krijgen.

Iedereen die een krant bestelt, kan een cheque krijgen, waardoor ze meegenieten van de subsidie.

subsidie te schrappen’, zegt hij. ‘Ook bpost, die hierdoor veel mensen tewerkstelt, zal even de wenkbrauwen fronsen. Het is niet eenvoudig om onverkort tot een afschaffing te komen. Als dat gebeurt moet dat minstens over een periode uitgesmeerd worden’, waarschuwt Peeters. Bpost laat in een reactie weten dat het wil verdergaan met de opdracht, als de staat de subsidies na 2020 verlengt. Het postbedrijf reageert ook op de kritiek van digitale media en benadrukt dat de krantenbedeling belangrijk is: ‘Het zorgt voor een verscheidenheid aan kwalitatieve informatie, essentieel in de huidige context waarin sociale netwerken steeds meer worden gebruikt om ‘fake news’ over te brengen.’ Bron: vrt.be, 2019-01-30

LEVEL 1

Peeters vroeg daarom een advies aan de

THEMA 4

jk ex

em

170 miljoen per jaar. Zo veel krijgt bpost van de federale overheid om kranten en tijdschriften op tijd aan huis te leveren. Een omstreden subsidie, vinden bijvoorbeeld digitale media, en daarom liet minister van Werk Kris Peeters (CD&V) alternatieven bekijken. Dat schrijft De Tijd. De uiteindelijke beslissing is voor de volgende regering.

15


Optie 2 a

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een interview Kris Peeters op Radio 1.

b

Beantwoord deze vragen.

Wat zeggen ze over het contract tussen bpost en de overheid?

Hoeveel subsidie ontvangt bpost elk jaar?

Waarvoor krijgen ze die subsidie?

Noteer de vier alternatieven.

em

Vind de minister het goed om de subsidies af te schaffen?

jk ex

pl aa

r

Explore 7— Welke beslissingen kan de overheid nemen om 1

ki

de internationale economie te stimuleren?

Niet elke beslissing die de nationale overheid neemt, is voordelig voor de economie. Sommige bedrijven

In

vestigen zich in het buitenland omwille van het economische klimaat. a

Leg in eigen woorden uit wat een gunstig economisch klimaat betekent.

b

Markeer waarom Zalando dan toch niet voor België kiest en waarom bpost een deel van de taken

THEMA 4

LEVEL 1

naar India uitbesteed.

16


Staatsbedrijf bpost verhuist 200 IT-jobs naar India

BELGIË VERLIEST VESTIGING ZALANDO AAN DE NOORDERBUREN

© Robson90 / Shutterstock.com

© Imladris / Shutterstock.com

centrum van de Duitse e-commercegigant Zalando naar België te lokken. Het Waalse Dour-Elouges grijpt naast de vestiging, zo melden L’Echo en De Tijd. België ziet zo een logistiek project goed voor 1 500 jobs aan zijn neus voorbijgaan. Het magazijn komt wellicht

Staatsbedrijf bpost zet zo’n 200 informatici van externe Belgische bedrijven aan de

pl aa

er niet in geslaagd het nieuwe distributie-

r

Ondanks verwoede pogingen is ons land

deur en verhuist hun taken vanaf komende maandag naar India. Dat blijkt uit een personeelsmededeling.

De geruchten rond de uitbesteding naar India deden al langer de ronde binnen bpost, maar

em

tot nu toe ontkende de directie altijd dat er al

in Nederland.

Zalando had op het terrein nochtans al sinds de zomer van 2016 stappen ondernomen om

het project mogelijk te maken. Maar de Duitse gigant ziet nu af van de mogelijkheid om een

jk ex

distributiecentrum in Dour te vestigen.

Drie factoren doen Zalando voor de noor-

derburen kiezen. Het bedrijf oordeelt dat de

loonkosten gunstiger zijn in Nederland. Voorts knapt het af op de beperkte mogelijkheden

rond nachtarbeid in ons land en het woelige

ki

sociaal klimaat in Wallonië.

iets beslist was. Uit een brief blijkt echter dat bpost contracten heeft ondertekend met de Indiase informaticabedrijven Infosys en Tata Consultancy. De bedoeling is naar verluidt dat in India allerlei nieuwe applicaties uitgeschreven worden. De vakbonden bij bpost zijn verbolgen. ‘Een overheidsbedrijf dat zich een bod van 2,55 miljard euro op PostNL kan veroorloven, maar het grootste deel van zijn ICT-departement uitbesteedt naar een lageloonland, dat is voor ons de schaamte voorbij’, klinkt het in een mededeling.

week officieel maken. In een reactie weigert

Bpost verdedigt zich tegen de kritiek dat het

In

De Duitsers zouden de beslissing volgende de e-commercereus commentaar te geven over een magazijn in België of Nederland. Het is niet de eerste keer dat België naast een magazijn van een prominent e-commer-

200 IT-jobs verhuist naar India. ‘Het wordt steeds moeilijker om in België de nodige bekwame mensen te vinden om ons te helpen’, geeft het postbedrijf in een schriftelijke

cebedrijf grijpt. In januari kondigde Amazon

mededeling als een van de redenen.

aan een distributiecentrum te openen in

Naar: hln.be, 2017-01-13

Mönchengladbach, op 50 kilometer van de Belgische grens.

THEMA 4

LEVEL 1

Naar: nieuwsblad.be, 2018-03-06

17


c

Hebben mensen uit jouw omgeving hun job verloren doordat het bedrijf naar het buitenland verhuisde?

Good to know De overheid neemt ook beslissingen in functie van het milieu en probeert de bedrijven aan te moedigen om duurzaam te ondernemen door bijvoorbeeld aanmoedigingspremies bij de aankoop van een elektrische wagen. Die premie werd eind 2019 afgeschaft.

Lees de tekst over de overheidssteun voor elektrische wagens en markeer op welke manier de overheid elektrisch rijden in bedrijven aanmoedigt.

pl aa

2

r

Waarom zou dat zijn?

Elektrische aanmoediging

em

De Vlaamse overheid wil met het oog op de klimaatdoelstellingen van 2020 elektrisch rijden aanmoedigen. Daarom kan een particulier sinds begin dit jaar een premie van maximaal 5 000 euro krijgen bij de aankoop van een elektrische wagen. Vennootschappen kunnen de aankoop van een elektrische wagen voor 120 procent

jk ex

aftrekken van hun belastingen. Hetzelfde geldt voor de kosten, behalve dan voor het stroomverbruik, dat maar voor 75 procent kan worden afgetrokken. Voor een elektrische wagen betaalt een particulier sinds het begin van dit jaar in Vlaanderen ook geen verkeersbelasting meer. Het is nog vroeg dag, maar die steun lijkt alvast een eerste aanzet te geven tot elektrisch rijden. In januari en februari steeg het aantal inschrijvingen van nieuwe elektrische wagens in Vlaanderen met respectievelijk 35 en 39 procent. In absolute cijfers is dat

In

ki

wel nog steeds erg weinig, met 44 inschrijvingen in januari en 35 in februari.

Good to know

Sinds 2020 is een elektrische wagen slechts voor 100 % aftrekbaar.

3

Op Europees niveau worden ook beslissingen genomen in functie van de internationale economie.

THEMA 4

LEVEL 1

Zo heeft het Europees Parlement in 2015 de roamingkosten voor mobiel bellen, sms’en en mobiel

18

internetten binnen de lidstaten van de EU afgeschaft. a

Wat zijn volgens jou roamingkosten?


b

Bekijk de infographic en verifieer je antwoord.

ki

jk ex

em

pl aa

r

Infographic 4: Roaming binnen de EU

In

Bron: Test Aankoop, www.test-aankoop.be

Ga naar het onlinelesmateriaal. Bestudeer de ontdekplaat en lees het krantenartikel. Noteer de

VOORDELEN ROAMING VOOR DE

NADELEN ROAMING VOOR DE

TELECOMBEDRIJVEN

TELECOMBEDRIJVEN

LEVEL 1

voordelen en de nadelen van roamingkosten voor de telecombedrijven.

THEMA 4

c

19


C H A L N G E L E Welke drastische beslissingen kan de overheid nemen in functie van de internationale economie? 1

De overheid kan indien nodig de handel met bepaalde landen verbieden. Dat is meestal omwille van humanitaire (in functie van de mens) redenen. Kun jij een voorbeeld geven van

r

een handelsverbod?

a

pl aa

Surf via het onlinelesmateriaal naar de website van de FOD economie. Voor welke landen en groeperingen geldt er een in-, uit- of doorvoerverbod van wapens?

b

Test even je kennis van aardrijkskunde en probeer de landen op een blinde kaart aan

jk ex

te duiden. 2

em

Werk in groepjes van minimum twee personen. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt. Optie 1 Krantenartikel

ki

Lees het krantenartikel en beantwoord de vragen. a

Wat was de functie van Alexander De Croo toen het artikel verscheen? Wat is zijn huidige

In

functie? Gebruik indien nodig het internet.

b

Waarom is het volgens De Croo verkeerd om wapens uit te voeren naar Saoedi-Arabië?

c

Wat bedoelt hij met ‘dweilen met de kraan open’?

THEMA 4

LEVEL 1

20


d

Wat is een wapenembargo?

e

Vind je het goed dat er een wapenembargo zou komen tegen Saoedi-Arabië?

De Croo roept op tot wapenembargo tegen Saudi-Arabië

Vrijdag maakte De Croo bekend dat de federale regering elke euro verdubbelt die wordt ingezameld voor

Hongersnood 12-12. Een van de getroffen landen waar

em

fondsen voor worden ingezameld is Jemen, waar een

pl aa

r

Minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo (Open Vld) wil niet dat er nog Belgische wapens uitgevoerd worden naar Saudi-Arabië. Dat land voert volgens hem een ‘gruwelijke oorlog’ in Jemen, een van de landen die getroffen zijn door hongersnood. Je kunt niet tegelijk mensenlevens proberen te redden en wapens leveren’, zegt hij in De Zevende Dag.

burgeroorlog aan de gang is. Dat een van de hoofdrol-

spelers in het conflict, Saoedi-Arabië, oorlog voert met Belgische wapens stoot De Croo tegen de borst.

jk ex

Langs de ene kant er alles aan doen om in Jemen mensenlevens te redden en langs de andere kant wapens leveren, is volgens De Croo ‘dweilen met de kraan open’. ‘We proberen mensenlevens te redden, maar die worden voor een deel in gevaar gebracht door de wapens die we zelf uitvoeren’, aldus De Croo. 60 procent van de wapenexport uit Wallonië

Volgens hem gaat meer dan 60 procent van de wapenexport uit Wallonië naar Saoedi-Arabië. ‘Van twee dingen één. Je kunt niet langs de ene kant wapens blijven verkopen die daar mensen aan flarden schieten en langs de

ki

andere kant als federale regering er alles aan doen om mensenlevens te redden.’

Wallonië is zelf bevoegd voor haar wapenhandel. De Croo kan dus de export niet zelf stoppen. ‘Ik kan alleen

In

maar bij hen pleiten om die waanzin stil te leggen. Een oplossing zou zijn een wapenembargo in te stellen om

humanitaire redenen’, aldus De Croo, die zegt dat hij voor zijn pleidooi ook de steun heeft van premier Charles Michel.

In Vlaanderen is er ook al langer discussie over een eventueel embargo tegen Saoedi-Arabië. Het officiële

standpunt nu is dat aanvragen geval per geval worden bekeken, maar dat het antwoord voor de Saoedi’s in

principe neen is. ‘Geval per geval bekijken is een goede zaak, maar als je situaties als deze ziet, kun je toch niet blijven dweilen met de kraan open’, aldus De Croo.

THEMA 4

LEVEL 1

Bron: nieuwsblad.be, 2017-03-26

21


Optie 2 Filmpje Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een filmpje over Belgische wapens gebruikt voor oorlog in Jemen. Beantwoord deze vragen. a

Waar wordt er gevochten met Belgische wapens in het videofragment?

b

Hoe komt het dat er Belgische wapens gebruikt worden in Jemen?

Wat gaat er nu gebeuren?

pl aa

c

r

Bespreek de onderstaande oproep van Amnesty International klassikaal. Wat vind je ervan?

ki

jk ex

em

3

THEMA 4

LEVEL 1

In

© Phil Pasquini / Shutterstock.com

22

Naar aanleiding van de onthullingen in de krant Le Soir over de gevolgen van het gebruik van Waalse wapens en Belgische uitrusting in het conflict in Yemen vraagt Amnesty International een parlementair onderzoek. Het is hoog tijd dat Wallonië het programma van Amnesty International ernstig neemt. © 360b / Shutterstock.com


Forum —

Ik trek het mij niet aan dat vele bedrijven verhuizen naar lageloonlanden. Het is vooral belangrijk dat ik goedkoop kan shoppen.

Naar waar de wapens uitgevoerd worden is niet belangrijk! Het voornaamste is dat er veel geproduceerd kan worden. Dat betekent werkgelegenheid voor België.

Buitenlandse investeerders aantrekken voor ons land is van zeer groot economisch belang voor onze samenleving.

De afschaffing van de roamingkosten heeft een positieve invloed op onze

TO THE POINT Net zoals jongeren, gezinnen en ondernemingen, moet ook de overheid inkomsten hebben om haar uitgaven te kunnen betalen. Jaarlijks

em

maakt de overheid daarom een begroting

pl aa

r

economie.

op. Een overheidsbegroting is een schatting van de inkomsten en de uitgaven die de

overheid in het volgende jaar verwacht. Een belangrijke inkomstenbron van de overheid

jk ex

zijn belastingen.

Een aantal voorbeelden van belastingen zijn: – btw –

verkeersbelasting

personenbelasting

– accijnzen –

ki

– afvalbelasting

belasting op de zuivering van het oppervlaktewater

In

Btw, accijnzen en subsidies kunnen de prijzen zowel negatief als positief beïnvloeden. Op subsidies kunnen jongeren onrechtstreeks ook al aanspraak maken. Hun jeugdverenigingen kunnen subsidies aanvragen voor de positieve ontwikkeling en verdere uitbouw van hun vereniging en infrastructuur. De overheid kan ook maatregelen nemen in functie van de consument, zoals de afschaffing van de roamingkosten. Dat zijn de kosten die je moet betalen voor draadloze communicatie naar het buitenland. Vervolgens

SUBSIDIES

kan de overheid ook maatregelen nemen in functie van onze samenleving

THEMA 4

LEVEL 1

zoals bijvoorbeeld rookverbod onder de 18 jaar.

23


Action 1— Hoe beheert de overheid haar budget? Net zoals jongeren en gezinnen moet ook de overheid haar budget beheren. Leg de volgende begrippen op de juiste plaats in de weegschaal. btw – groeipakket – personenbelasting – accijnzen – terugbetaling medicijnen –

UITGAVEN

ki

jk ex

INKOMSTEN

em

pl aa

r

lonen politieagenten – verkeersbelasting – wegenwerken

In

Action 2— Niet iedereen is blij met belastingen Ontleed de onderstaande cartoon met behulp van de KIAM-methode: kijken, interpreteren, actualiseren en mening.

THEMA 4

LEVEL 1

Stap 1:

24

Kijken

Welke personen zie je op de cartoon?

Hoe kijken de personages?


– Welke tekst zie je?

Stap 2: Interpreteren

pl aa

Stap 3: Actualiseren

r

Waarover gaat die cartoon volgens jou? Wat wil de cartoonist zeggen?

Kwam het onderwerp onlangs nog in het nieuws? Leg kort uit.

Neem eerst de rubriek Breaking news door.

Stap 4: Mening

em

Tip:

THEMA 4

LEVEL 1

In

ki

jk ex

Wat is jouw mening? Ga je akkoord met de boodschap van de cartoonist?

25


Action 3— De economische kringloop en de overheid Zet bij de afbeelding van de economische kringloop onderstaande bewegingen op de juiste pijl. De gezinnen betalen belastingen aan de overheid. De overheid levert goederen en diensten aan de gezinnen. De bedrijven betalen belastingen aan de overheid. De overheid levert goederen en diensten aan de bedrijven.

pl aa

r

A B C D

Bedrijven

Buitenland

ki

jk ex

Gezinnen

em

Overheid

In

Action 4— Accijnzen en btw bij ons en in de buurlanden Bekijk de onderstaande infographic en beantwoord de vragen. a

Hoeveel accijnzen en btw betaal je voor diesel en benzine bij ons? DIESEL Accijnzen

THEMA 4

LEVEL 1

Btw

26

b

In welk land betaal je het minst voor de brandstofprijzen?

BENZINE


jk ex

em

pl aa

r

Infographic 5: Samenstelling brandstofprijzen

ki

Bron: Petrolfed

In

Action 5— Overheid redt jobs door steunmaatregelen 1

Lees het artikel over de overheidssteun aan Kempense bedrijven.

2

Markeer in het artikel de antwoorden op deze vier vragen. Blauw

Waarop hebben de Kempen recht dankzij het wetsontwerp van de ontwrichte zones?

Hoeveel banen zijn er bijgekomen dankzij de maatregel?

Rood

Wat wil parlementslid Yoleen Van Camp zeker behouden in de regio?

Groen

Hoe willen ze bedrijven aantrekken tot de regio?

THEMA 4

Geel

LEVEL 1

Wees volledig!

27


Na de zwarte sneeuw in Kempense bedrijven: 1 600 nieuwe jobs dankzij federale steun arbeidsplaats die ze creëren: ze ontvangen gedurende

twee jaar een vrijstelling van 25 % op de doorstorting

van de bedrijfsvoorheffing voor elk nieuw personeelslid dat ze aanwerven. Kortom: werknemers en arbeid

worden zo goedkoper voor de werkgever. Zowel grote

Fileleed

r

ondernemingen als KMO’s komen in aanmerking.’

In totaal kwamen er in de Kempen 1 602 arbeidsplaatsen parlementslid Yoleen Van Camp moet de volgende rege-

© oleschwander / Shutterstock.com

TURNHOUT In de Antwerpse Kempen zijn de voorbije vier jaar meer dan 1 600 arbeidsplaatsen bijgekomen via het systeem van de ‘ontwrichte zones’. Dat systeem werd door de federale overheid

In het voorjaar van 2015 stemde het federaal parlement over het wetsontwerp ontwrichte zones. Dankzij het

jk ex

wetsontwerp werden zowel de Kempen als Limburg

als ontwrichte zones erkend. Dat gaf de Kempen recht

op extra financiële steun vanuit de overheid. Uit cijfers die federaal parlementslid Yoleen Van Camp (N-VA) uit Herentals heeft opgevraagd bij de minister van

Financiën blijkt dat er van midden 2015 tot begin 2019 meer dan 1 600 arbeidsplaatsen in de Kempen zijn

ki

bijgekomen via het systeem van de ontwrichte zone.

In

Voordelig fiscaal tarief

‘Met de ontslagen in 2014 en 2015 bij onder andere Heinz, Henrad, Philips en McCain had de Vlaamse

regering het hele gebied in een straal van 40 kilometer rond Turnhout aangeduid als ontwrichte zone’, schetst Yoleen Van Camp. ‘Zowel nieuwe als bestaande

bedrijven binnen de erkende zone genieten sinds midden

THEMA 4

LEVEL 1

2015 een voordelig fiscaal tarief voor elke nieuwe

28

ring een speerpunt maken van het verder ondersteunen en stimuleren van de werkgelegenheid in de Kempen. ‘Die wet heeft, zoals het toen ook voorzien was, voor

extra zuurstof gezorgd voor onze Kempense bedrijven. Het zal aan de volgende federale regering zijn om die lijn door te trekken’, aldus Van Camp. ‘De Kempen

em

in het leven geroepen na de collectieve ontslagen bij onder meer Heinz en Philips.

pl aa

bij via dit systeem van de ontwrichte zone. Voor federaal

is een regio met ongeveer 500 000 inwoners, die wat

mobiliteit en verplaatsingen betreft gegijzeld worden door het enorme fileleed op de E34 en E313, en een

openbaar vervoersnet dat nog verre van optimaal is.

Mensen werk in hun eigen streek kunnen geven of toch op zijn minst aanbieden, is dus een enorme surplus.

Daarnaast beschikken we al over een hele hoop grote bedrijven en multinationals die we absoluut in onze

regio willen behouden en hopelijk zelfs zien uitbreiden.’

Bedrijven aantrekken

Ook zijn er heel wat nieuwe technologieën en startende bedrijven die volop hun plaats in de markt aan het

zoeken zijn. ‘Die mensen en bedrijven moeten we naar onze regio blijven trekken. Het aanbieden vanuit de

overheid van stimulerende maatregelen om hun bedrijf

op te zetten of te laten groeien, maakt daar een essentieel onderdeel van uit’, besluit Van Camp. ‘Het zal een van de zaken zijn waar ik deze nieuwe legislatuur op zal blijven focussen.’

Bron: hln.be, 2019-07-29


Action 6— Mening of feit? Zijn deze uitspraken een mening of een feit?

MENING

FEIT

De overheid stimuleert bedrijven om elektrische wagens te kopen. De overheid stimuleert buitenlandse bedrijven onvoldoende om te investeren in Vlaanderen. De overheid heeft een wapenembargo ingeroepen tegen Saoedi-Arabië. Sommige bedrijven verhuizen naar het buitenland omwille van de hoge

BREAKING NEWS

pl aa

r

loonkost in België.

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Beantwoord de volgende vragen.

em

1

Over welke soort belasting gaat het?

b

Wie is de betaler van deze belasting?

jk ex

a

ki

CHECKLIST

In

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

1

Ik kan aan de hand van voorbeelden de impact van overheidsbeslissingen op de prijs van

JA

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

goederen en diensten illustreren.

omschrijven.

3

Ik kan voorbeelden geven van belastingen.

4

Ik kan aan de hand van een voorbeeld illus-

treren dat de prijs beïnvloed wordt door btw, accijnzen en subsidies. 5

Ik kan informatie uit teksten, grafieken … halen.

LEVEL 1

Ik kan de begrippen btw, accijnzen en subsidies

THEMA 4

2

29


Level 2 Wat is de impact van de EU op de leefwereld van jongeren? INTRO

Wat gebeurt er als er geen afspraken zijn?

b

Waarin hebben vele Europese landen zich verenigd?

c

Wie bepaalt de regels in de Europese Unie?

em

pl aa

a

ki In LEVEL 2 THEMA 4 30

2

r

Bekijk het filmpje over de EU-jongeren en beantwoord onderstaande vragen.

jk ex

1

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat is de impact van de EU op de leefwereld van jongeren?


Explore 1— Studeren in het buitenland? Good to know Erasmus is het EU-programma voor onderwijs, opleiding, jeugd en sport in Europa. De EU heeft een budget van 14,7 miljard euro om meer dan 4 miljoen Europeanen de mogelijkheid te geven om in het buitenland te studeren, een opleiding te volgen of ervaring op te

pl aa

Bekijk aandachtig de volgende infographics en beantwoord de vragen.

r

doen.

Naar welk land gaan de meeste Erasmusstudenten?

b

Op welke plaats staat BelgiĂŤ bij de buitenlandse Erasmusstudenten?

c

Gaan er meer jongens of meisjes studeren in het buitenland?

d

Hoelang verblijven de studenten gemiddeld in het buitenland?

jk ex

em

a

THEMA 4

Bron: Europese Commissie

LEVEL 2

In

ki

Infographic 1: De populairste Erasumusbestemmingen

31


Infographic 2: De doorsnee Erasmusstudent

pl aa

r

Bron: Europese Commissie

Explore 2— Werken over de grenzen heen? Bekijk aandachtig de onderstaande infographic en beantwoord de vragen.

em

Infographic 3: Aantal grensarbeiders

VAN NEDERLAND

TOTAAL

8 100

84 900

jk ex

NAAR NEDERLAND

UIT

34 550

46 600 IN

NAAR DUITSLAND 5 950

ki

NAAR FRANKRIJK

In

6 700

NAAR LUXEMBURG 1 300

37 700

VAN DUITSLAND

36 750

VAN FRANKRIJK

THEMA 4

LEVEL 2

Naar: standaard.be, 2014-12-11

32

a

Hoeveel Belgen gaan er in Nederland werken?

b

Hoeveel Belgen gaan er in Duitsland werken?

c

Hoeveel mensen komen er vanuit Frankrijk naar België werken?

450 VAN LUXEMBURG


Good to know Binnen de EU wordt er gewerkt aan een arbeidsmarkt over de grenzen heen. Dankzij de hoge kwaliteit van onderwijs van de Europese landen zorgt men voor een wederzijdse erkenning van de diploma’s. Dat maakt het mogelijk voor jongeren om bedrijfsstages over de grenzen heen te doen.

Explore 3— Wat doet de EU om jongeren te beschermen Bekijk aandachtig de afbeelding. Welke boodschap geeft ze mee?

2

Ga naar het onlinelesmateriaal en zoek op de

3

em

ontdekplaat waarvoor de afkorting GDPR staat.

pl aa

1

r

tegen ongewenst datagebruik?

Er zijn nieuwe wettelijke privacyregels van

toepassing. Ga naar het onlinelesmateriaal en

zoek de vijf voornaamste veranderingen inzake

jk ex

privacywetgeving.

Welke gegevens worden beschermd?

b

Hoe worden die gegevens beschermd?

Wie moet die strenge regels respecteren?

d

Welke rechten heb je?

e

Wat als de regels niet gerespecteerd worden?

THEMA 4

c

LEVEL 2

In

ki

a

33


Good to know Deze poster illustreert dat jij beslist, welke gegevens je wilt delen.

jk ex

em

pl aa

r

Infographic 4: De nieuwe privacywet van A tot Z

TO THE POINT

ki

De EU kan op de leefwereld van jongeren een positieve impact hebben.

In

Er worden beslissingen genomen ten voordele van de jongeren. Beslissingen zoals:

studiebeurzen voor leerlingen die in het buitenland willen gaan studeren;

de bescherming van jongeren tegen ongewenst datagebruik dankzij de GDPR;

subsidies voor jongeren die op kamp willen gaan.

GDPR (= General Data Protection Regulation) is een wetgeving betreffende het beheer en de beveiliging van

THEMA 4

LEVEL 2

persoonlijke gegevens van alle Europese burgers.

34


Action 1— Hoeveel jongeren gingen er al studeren in het buitenland?

Lees het artikel over Erasmus. Markeer de antwoorden in het artikel. Hoeveel mensen hebben de voorbije dertig jaar in het buitenland gestudeerd?

Geel

Hoeveel studenten vertrokken er uit België?

Rood

Hoeveel studenten kwamen er in België studeren?

Groen

Op welke doelgroepen wil het nieuwe uitwisselingsprogramma zich richten?

pl aa

r

Blauw

em

Al meer dan tien miljoen mensen gingen op Erasmus

jk ex

De voorbije dertig jaar hebben meer dan tien miljoen mensen deelgenomen aan Erasmus. In het academiejaar 2017-2018 hebben ruim 470 000 studenten, stagiairs en docenten uit het hoger onderwijs een beurs ontvangen om een tijdje in een ander Europees land te studeren of te werken.

Maar vandaag is Erasmus veel meer dan het uitwisselingsprogramma voor studenten dat in 1987 werd opgericht. Het huidige Erasmus+ heeft een grotere geografische reikwijdte, biedt een bredere waaier aan projecten en richt zich op meer doelgroepen. Er zijn subsidies beschikbaar voor onderwijzers, leerlingen uit het beroepsonderwijs, vrijwilligerswerk,

In totaal bereikte het programma zo 850 000 mensen in 2018. Ook het budget steeg opnieuw, met 10 procent tot 2,8 miljard euro. De Europese Commissie wil de totale begroting voor de periode van 2021 tot en met 2027 nog eens verdubbelen in vergelijking met de lopende meerjarenbegroting: van 14,7 tot 30 miljard euro.

Naar: hln.be, 2020-01-28

LEVEL 2

Erasmus+

uitwisselingsprogramma’s voor jongeren en jeugdwerkers, sportprojecten ...

THEMA 4

In

ki

Vanuit België vertrokken 9 578 studenten en stagiairs en 2080 docenten naar het buitenland. Spanje, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk bleken de favoriete bestemmingen, al zal die laatste na dit jaar als gevolg van de brexit waarschijnlijk niet meer in het Erasmusprogramma beschikbaar zijn. Onze onderwijsinstellingen ontvingen dan weer 12 008 studenten en stagiairs en 2 100 docenten.

35


Action 2— Hoe gaat de overheid om met onze privacy?

pl aa

r

Bron: dewereldmorgen.be

Ga naar de website van de wereld van morgen en beantwoord de vragen. Wat vind je ervan dat De lijn die gegevens uitwisselt?

b

Waarom kan die uitwisseling van big data voor jou gevaarlijk zijn?

c

Wat is de kerntaak van de overheid volgens Gerry Van de Moortel?

jk ex

em

a

In

ki

C H A L N G E L E

Wat als … er geen EU was? 1

Surf via het onlinelesmateriaal naar de officiële website van de EU en voer de volgende

THEMA 4

LEVEL 2

onderstaande opdrachten uit.

36

a

Markeer alle landen van de EU op de blinde kaart.

b

Zet een kruisje in de landen waar men betaalt met de euro.

c

Welke voordelen biedt dat dat men betaalt met dezelfde munt in deze landen?

d

Bekijk de infographic met de prijzen van appels en bananen in verschillende landen. De prijs is uitgedrukt in euro. Bereken voor alle landen de prijs in US-dollar. Tip:

Gebruik een onlinetool voor je berekening.


Infographic 5: Prijzen in euro voor 1 kilogram appels en 1 kilogram bananen

PRIJS 1 KG BANANEN

IN EURO

IN EURO

België

2,24

1,79

Duitsland

2,18

1,57

Griekenland

1,37

1,44

Italië

1,83

Polen

0,70

Spanje

1,65

Turkije

0,59

Verenigd Koninkrijk

2,05

Zweden

LAND

pl aa 0,97

1,45 1,21

1,18

1,94

3,40

2,63

PRIJS 1 KG APPELS

PRIJS 1 KG BANANEN

US-DOLLAR

US-DOLLAR

ki

Duitsland

1,71

2,28

jk ex

Zwitserland

België

r

PRIJS 1 KG APPELS

em

LAND

In

Griekenland Italië

Polen

Spanje Turkije Verenigd Koninkrijk

THEMA 4

Zwitserland

LEVEL 2

Zweden

37


BREAKING NEWS 1

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over dit onderwerp.

2

Welke maatregel van de EU heeft invloed gehad op jongeren en hun leefwereld?

pl aa

r

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

Ik kan uitleggen aan de hand van een voorbeeld

em

dat de EU beslissingen neemt die invloed

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

hebben op de leefwereld van jongeren. 2

Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.

3

jk ex

C H A L N G E L E

Ik kan wisselkoersen berekenen aan de hand van een aangereikte website.

Ik kan aan de hand van een voorbeeld illustre-

In

4

ki

C H A L N G E L E

THEMA 4

LEVEL 2

ren dat een eenheidsmunt voordelen biedt.

38


STEP-UP Je hebt de afgelopen weken geleerd over de overheid en haar beslissingen. Je hebt gemerkt dat de overheid invloed kan hebben op de aankoop en de prijs van goederen. Maak een studie over twee producten die jij graag zou willen kopen. a

Werk in groepjes van maximum drie personen.

b

Bespreek welke twee producten jullie graag online willen kopen.

c

Surf en plaats beide producten in je winkelmandje: een keer op een Europese website en een keer op een website buiten de EU. Vergelijk de prijs van beide aankopen. Hou rekening met de extra kosten buiten de EU.

e

Vergelijk de garantievoorwaarden van de aankoop binnen de EU met die van buiten de EU.

f

Kies een van deze drie opties om je opzoekwerk voor te stellen. Leg uit waarom je die optie kiest. Gebruik

pl aa

r

d

daarvoor eventueel de ICT-fiches van Moovly, Canva of powerpoint.

em

Video, omdat

jk ex

Infographic, omdat

In

ki

Presentatie, omdat

Je mag trots zijn op je werk. Bewaar het in je portfolio.

€ €

€ € STEP-IN

THEMA

g

39


Begrippenlijst Thema 4 1

BEGRIP accijnzen

VERKLARING Dat zijn belastingen om het gebruik van bepaalde consumptiegoederen af te

1

btw

gezondheid of voor het milieu.

Btw is de afkorting voor belasting over de

de verkoop van goederen en diensten.

overheids-

Dat is een schatting van de inkomsten en

begroting

de uitgaven die de overheid verwacht in het

1

overheids-

Dat zijn alle tegoeden die de overheid heeft

inkomsten

zoals belastingen, accijnzen, boetes.

personen-

Dat is een belasting die geheven wordt op

belasting

de inkomens van gezinnen.

roamingkosten

Dat zijn kosten voor draadloze

em

1

pl aa

Het is een belasting die de overheid heft op

volgende jaar. 1

jk ex

communicatie. 1

subsidie

Een subsidie is een betaling van de overheid aan ondernemingen zonder dat die een

2

ki

je als bestuurder van een gemotoriseerd

BEGRIPPENLIJST THEMA 4

voertuig (auto, moto ‌) gebruikmaakt van

de openbare weg.

Een wapenembargo verbiedt de levering

van wapens aan een bepaald land. GDPR is de afkorting voor General Data Protection Regulation.

40

belasting

GDPR

wel aan een aantal vooropgestelde criteria

Een belasting die je moet betalen, wanneer

wapenembargo

verkeers-

In 1

tegenprestatie moeten leveren. Ze moeten voldoen.

1

remmen, omdat ze schadelijk zijn voor de

toegevoegde waarde.

1

IN JE EIGEN WOORDEN

Dat is een wetgeving over het beheer en de

beveiliging van persoonlijke gegevens van

alle Europese burgers

r

LEVEL


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

Het buitenland


5 pl aa

r

THEMA

In

ki

jk ex

em

Het buitenland


r

STEP-UP

em

pl aa

Creatie van een poster met de belangrijkste handelspartners van BelgiĂŤ

LEVEL

jk ex

1

Waarom voor binnenlandse of buitenlandse producten kiezen?

In

ki

STEP-IN

p. 23

p. 5

p. 4


STEP-IN 1

Bekijk aandachtig de onderstaande infographic en het filmpje.

2

Vind je het belangrijk dat je van de producten die je koopt, de herkomst kent? Bespreek klassikaal. Infographic 1: Keten houdbare sappen Albert Heijn 1

Van sinaasappels tot sap

2

Het sap wordt naar de haven van Santos vervoerd

3

pl aa

r

De fruitverwerkingsfabriek perst de sinaasappels tot sap

4

jk ex

ki In

Sappen liggen in de winkel voor onze klanten

8

Van het distributiecentrum naar de winkel

THEMA 5

STEP-IN

9

Afvullen in fles of pak en kwaliteitscheck eindproduct

Naar het distributiecentrum van AH

6

7

Aankomst bij Refresco, kwaliteitscheck van concentraat

5

em

Op de boot naar Gent (België) en door naar Nederland

4

3

In dit thema doorloop je een level. Dat level biedt je een stukje kennis die je nodig hebt om de opdracht van de Step-up uit te voeren. Daarin ontwerp je een poster waarop je de belangrijkste handelspartners van België voorstelt.


LEVEL 1 Waarom voor binnenlandse of buitenlandse producten kiezen? INTRO Je bent in de winkel om fruit voor je gezin te kopen. Bekijk het uitgestalde fruit.

Welk fruit komt meestal uit ons land?

b

Welk fruit komt uit andere landen?

jk ex

a

Ga ervan uit dat jouw gezin alle fruitsoorten lust. Wat beĂŻnvloedt er dan jouw keuze? Zou je eer-

ki

2

em

pl aa

r

1

der Belgische of toch liever exotische vruchten, zoals mango en passievrucht, kopen? Bespreek

In

klassikaal.

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Welke impact heeft onze keuze voor binnenlandse of buitenlandse producten op de economie en de maatschappij?

LEVEL 1

In welke deelvragen kun je die onderzoeksvraag opsplitsen?

THEMA 5

4

5


Explore 1— Welke producten komen uit België? 1

Niet alle producten die we consumeren, worden in België gekweekt, geteeld of geproduceerd. Daarom halen we soms producten in het buitenland. Dat proces heet import of invoer. Of voeren we producten uit naar het buitenland. Dat proces heet dan export of uitvoer. Ga op zoek naar de producten die in België geproduceerd worden. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt.

Optie 1

b

Optie 2 a

Ga naar het onlinelesmateriaal. Ontdek in de

Internet

Zoek op internet welke producten in België geproduceerd worden. Je kunt ook de hyper-

duceerd worden.

links in het onlinelesmateriaal gebruiken.

Maak van die producten een schematische voorstelling met een tekstverwerker. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van tekstverwerker.

r

powerpoint welke producten in België gepro-

pl aa

a

Powerpoint

b

Maak van die producten een schematische voorstelling met een tekstverwerker. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van tekstverwerker.

Bewaar het schema in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

3

Noteer nogmaals de productcategorieën die in België geproduceerd worden.

4

Daarnaast worden er ook heel wat voedingswaren in België geproduceerd. Welke?

THEMA 5

LEVEL 1

In

ki

jk ex

em

2

6


Good to know Ook dit is van Belgische makelij:

© Charles01 - Eigen werk, CC BY-SA 3.0, commons.wikimedia.org

jk ex

em

door Besix, een Belgische onderneming.

Speculoospasta van Lotus Bakeries

pl aa

De Burj Khalifa is ontworpen en gebouwd

r

© Lynch Shannon / Shutterstock.com

Belgische blauwe hardsteen

Bioscoopprojectoren van Barco

ki

Explore 2— Welke nadelen zijn er wanneer we producten uit

In

het buitenland aankopen?

Om na te gaan wat de nadelen zijn bij het aankopen van producten uit het buitenland, wordt de klas verdeeld in twee groepen.

Groep 1: Ga naar het onlinelesmateriaal en bekijk het filmpje. Wat wordt er in het filmpje aangehaald over de

THEMA 5

LEVEL 1

scheepvaart?

7


Groep 2: Ga naar het onlinelesmateriaal. Bestudeer de afbeeldingen en beantwoord de vragen. Wat wordt er op de grafieken en kaarten voorgesteld? Geef een concreet voorbeeld.

b

Welke nadelen heeft die export volgens jou?

pl aa

r

a

milieu?

em

Explore 3— Welke voordelen biedt lokaal aankopen voor het Wat betekent lokaal aankopen?

2

Noteer enkele voordelen van lokaal aankopen.

In

ki

jk ex

1

THEMA 5

LEVEL 1

3

8

Geef enkele concrete voorbeelden van lokaal aankopen.


Explore 4— Zijn identieke producten overal even duur? Welke munteenheid of valuta gebruiken ze in de volgende landen? LAND

LAND

Duitsland

Spanje

Verenigde Staten

Denemarken

Zwitserland

Japan

China

Brazilië

Bekijk de onderstaande prijsetiketten.

MUNTEENHEID

pl aa

a

Op het etiket van H&M staan er twee prijzen. In welke munteenheid staat de bovenste prijs?

b

Voor welke landen staan er prijzen op het tweede etiket?

Vergelijk de prijzen van de volgende producten. Wat valt je op?

THEMA 5

LEVEL 1

In

3

ki

jk ex

em

2

MUNTEENHEID

r

1

9


ZWITSERLAND

VERENIGDE STATEN

BELGIË

VERENIGDE STATEN

em

pl aa

r

NEDERLAND

In

ki

jk ex

BELGIË

WISSELKOERS

Het prijsverschil heeft onder andere te maken met de wisselkoers van de munteenheden.

THEMA 5

LEVEL 1

De wisselkoers drukt uit hoeveel een munt in een andere munt waard is.

10

4

Stel dat de wisselkoers van de euro ten opzichte van de US-dollar de volgende is: 1 euro = 1,20 US-dollar. Wat betekent dat?


Reken de prijzen van de bovenstaande make-uptafel om van Zwitserse frank en US-dollar naar euro. a

Wat is de wisselkoers van de euro ten opzichte van de Zwitserse frank en de US-dollar? 1,00 euro =

Zwitserse frank (CHF)

1,00 Zwitserse frank (CHF) =

1,00 euro =

US-dollar

1,00 US-dollar =

Pas de regel van drie toe om de prijs van USD in euro om te zetten.

c

Voeg die formule in het rekenblad in. Gebruik ICT-fiche_R_24 voor de correcte werkwijze. euro

België = 6

Nederland =

euro

euro

Zwitserland =

euro

Zelfs in dezelfde munteenheid verschillen de prijzen van een bepaald product tussen de landen. Wat is

pl aa

daarvan de oorzaak?

7

euro

b

USA =

euro

r

5

Er bestaan onlinetools en apps om de wisselkoers te berekenen. Welk zoekbegrip tik je in om zo een online-

em

tool te vinden? Controleer daarna met behulp van zo een tool of jouw berekeningen bij benadering kloppen.

Explore 5— Wat is de rol van de nationale en internationale Bekijk de infographic over de internationale handel van België in 2019 en beantwoord de vragen. a

Naar waar voert België het meest uit?

Van waar importeert België het meest?

d

Voor hoeveel euro exporteerde België in 2019?

THEMA 5

c

LEVEL 1

In

b

Naar waar voert België het minst uit?

ki

1

jk ex

overheid voor onze economie?

11


jk ex

em

pl aa

r

Infographic 2: Internationale handel België 2019

Bron: eurostat-community concept

2

Buitenlandse bedrijven aantrekken heeft een groot voordeel voor de economische vooruitgang van ons land. Die buitenlandse bedrijven creëren jobs en brengen dus meer welvaart en ze bevestigen hun geloof in de knowhow van de Belgen. Ga naar het onlinelesmateriaal en bestudeer de ontdekplaat grondig.

ki

Beantwoord deze vragen.

Noteer de top 3 van buitenlandse investeerders in Vlaanderen.

b

Hoeveel nieuwe jobs werden er dankzij buitenlandse investeringen gecreëerd in 2017?

c

Welk type van activiteit kende de grootste groei in 2018? Hoeveel bedraagt die groei?

THEMA 5

LEVEL 1

In

a

12

3

Werk in groepjes van minimum twee personen. Je kunt kiezen uit twee opties. Kies optie 1 als je een uitdaging wilt. Kies optie 2 als je liever wat ondersteuning wilt.


Optie 1

Filmpje

r

Bekijk het filmpje over buitenlandse investeerders en beantwoord de vragen.

pl aa

© zhu difeng / Shutterstock.com

Met hoeveel procent stegen de buitenlandse investeringen in België?

b

Welke landen kenden een forse daling van de buitenlandse investeringen?

c

Op welke plaats staat België in de Europese ranking?

d

Waar in België wordt er het meest geïnvesteerd? Om hoeveel procent gaat het?

e

Waar heeft het bedrijf Alibaba zich gevestigd?

ki

jk ex

em

a

Krantenartikel

In

Optie 2

Hoeveel euro pompten buitenlandse investeerders in Vlaamse bedrijven in 2018?

b

Wat is de brexit? Zoek je informatie op Wikipedia.

c

Is Geert Bourgeois op dit moment Vlaams minister-president?

THEMA 5

a

LEVEL 1

Lees dit artikel over Vlaanderen dat meer investeringen aantrekt. Beantwoord de vragen.

13


d

Wat is het Wereld Economisch Forum? Zoek je informatie op Wikipedia.

e

Noteer een aantal bekende investeerders.

Vlaanderen trekt meer investeringen dan ooit aan OPSTEKER

r

Buitenlanders pompten in 2018 4,2 miljard in bedrijven in Vlaanderen. De goede cijfers zijn ook een opsteker omdat er

pl aa

veel nieuwe investeerders achter schuilen. In de helft van de 234 investeringsprojecten zijn nieuwe activiteiten opgezet. Het ging minder dan vorige jaren om uitbreidingen of fusies en overnames. Bekende voorbeelden van investeerders in 2018 zijn het Oostenrijkse chemiebedrijf Borealis, dat

em

1 miljard euro uittrok voor een fabriek in Kallo, en het Chinese verpakkingsbedrijf CPMC, dat in Genk

gen bleek Vlaanderen vorig jaar een aantrekkelijke

150 jobs wil scheppen.

bestemming voor buitenlandse investeringen. Er

Het aantal nieuwe jobs die de buitenlandse investe-

vloeide 4,2 miljard euro kapitaal naar Vlaamse

ringen opleveren, stokte wel in 2018. De teller bleef

bedrijven. Dat is meer dan dubbel zoveel als in

staan op 5 377, net onder de recordcijfers van 2017.

jk ex

Ondanks de zorgen over de brexit en handelsoorlo-

2017, wat ook al geen slecht jaar was.

Volgens Bourgeois heeft dat te maken met de aard

Vlaams minister-president Geert Bourgeois (N-VA)

van de investeringen. Die gingen minder dan in de

trekt met de goede cijfers onder de arm vandaag

vorige jaren naar de industrie en de logistiek, en

naar het Wereld Economisch Forum in Davos,

meer naar onderzoek en ontwikkeling.

waar hij in enkele dagen een dertigtal buiten-

Naar: tijd.be, 2019-01-22

landse CEO’s zal ontmoeten. Sommigen onder hen

In

ki

zijn al actief in Vlaanderen, anderen nog niet.

Explore 6— Pas op bij het online bestellen buiten de EU!

THEMA 5

LEVEL 1

Bekijk het filmpje in verband met online aankopen buiten de EU en beantwoord de onderstaande vragen.

14

a

Wat bestelt het meisje online?

b

Bij wie bestelt ze?


c

Hoeveel kost het?

d

Bij de thuislevering ontvangt het meisje nog een extra factuur. Vul de factuur aan.



Wat weet je over e-commerce buiten de EU? Kleur het bolletje volgens de legende.

Tot welk bedrag heb je vrijstelling van rechten bij invoer en btw buiten de EU?

THEMA 5

e

LEVEL 1

In

ki

jk ex

em

pl aa

r



15


f

Welke producten mag je niet invoeren?

INVOERRECHTEN

Als je een pakketje bestelt buiten de EU, moet je rekening houden

pl aa

belasting die je moet betalen op de aangekochte producten.

r

met extra kosten. Die kosten zijn de invoerrechten, het is een extra

TO THE POINT

België doet aan import, dat wil zeggen haalt goederen uit het buitenland. Maar België doet ook aan

em

export en voert dus goederen uit naar het buitenland. België importeert omdat het goedkoper is om bepaalde goederen in het buitenland aan te kopen of omdat België die goederen zelf niet heeft. België drijft dus internationale handel.

Wanneer je producten koopt, kun je je dan ook afvragen of ze Belgisch, lokaal of internationaal zijn.

jk ex

Koop je producten uit het buitenland, dan hebben de inwoners van het oorsprongsland werk dankzij de productie van hun exportgoederen, anderzijds draag je bij tot extra werkgelegenheid in België, wanneer je producten koopt die hier geproduceerd of geteeld worden (lokaal aankopen). Bovendien zorg je ervoor dat er geen transportmiddelen moeten ingezet worden om die producten naar België te vervoeren. Dat beïnvloedt de mobiliteit positief en het is beter voor het milieu want minder vracht-

ki

wagens, produceren ook minder CO2-uitstoot.

Het kan voordelig zijn om producten in het buitenland te kopen, enerzijds doordat er daar lagere btw-percentages of minder accijnzen aangerekend worden, anderzijds door een zwakkere

In

munteenheid of valuta in dat bepaalde land. De munteenheid wordt bepaald door de wisselkoers. De overheid heeft een grote invloed op onze samenleving. Zij neemt beslissingen die zowel op nationaal als internationaal niveau gevolgen hebben. De overheid werkt op internationaal niveau samen met onder andere de Verenigde Naties, de Europese Raad, de Europese Unie, de Raad van Europa en Unesco. Invoerrechten zijn indirecte belastingen die geheven worden op goederen die worden ingevoerd vanuit het

LEVEL 1

buitenland. Invoerrechten zijn er om de eigen markt te beschermen tegen buitenlandse soms oneerlijke concurrentie.

THEMA 5

© Botond Horvath / Shutterstock.com

16


Action 1— Samengevat: Is het ethisch wat bedrijven in het buitenland doen?

1

Vat het artikel samen (in tien tot twintig regels) in een tekstverwerker. Lees je graag, kies dan het artikel ‘Je weet zelf ook wel dat er iets niet pluis is met een T-shirt van 3 euro’. Lees je minder graag, kies dan het artikel ‘Chinese fabrieksarbeider vangt leed van zware werk in poëzie’. Wat kun je uit deze grafiek afleiden over de kosten van een T-shirt dat in Afrika geproduceerd wordt?

jk ex

em

pl aa

Infographic 3: Uitsplitsing van de kosten van een T-shirt van drie euro

r

2

Bron: Mo* & Fair Wear Foundation, 2015-04-21

Forum

Hoe kun jij rekening houden met de slechte werkomstandigheden van de

In

ki

arbeiders uit de teksten?

Action 2— Grafieken van import en export van België Je weet intussen wie de top tien klanten en leveranciers zijn van België en welke producten het meest geëxporteerd en geïmporteerd worden. Die informatie zet je in een grafiek met behulp van een rekenblad. Bepaal

Maak een staafdiagram met de top tien van de klanten van België en hun exportwaarde.

b

Maak een staafdiagram met de top tien van de leveranciers van België en hun importwaarde.

c

Maak een kolomgrafiek met de top vijf van Belgische exportproducten en de waarde van de uitvoer.

d

Maak een kolomgrafiek met de top vijf van meest geïmporteerde producten en de waarde van de invoer ervan.

THEMA 5

a

LEVEL 1

zelf hoeveel ondersteuning je voor de opdracht wilt door een van de vier opties te kiezen.

17


Optie 1a Kies optie 1a als je een uitdaging wilt voor zowel het zoeken naar de gegevens, als voor het maken van de grafieken in een rekenblad. 

Zoek de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België. Gebruik het internet.

Zoek de waarde van de top vijf meest ingevoerde en de top vijf meest uitgevoerde producten van België. Gebruik het internet.

Maak zelfstandig de grafieken. Als je niet weet hoe, gebruik dan het internet.

r

Optie 1b

pl aa

Kies optie 1b als je een uitdaging wilt voor het zoeken naar de gegevens maar graag ondersteuning wilt voor het maken van grafieken in een rekenblad met behulp van een ICT-fiche en een filmpje. 

Zoek de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België op internet.

Zoek de waarde van de top vijf meest ingevoerde en de top vijf meest uitgevoerde producten van België op internet.

Maak de grafieken. Gebruik indien nodig ICT-fiche_R_30 en het onlinefilmpje.

em

Optie 2a

jk ex

Kies voor optie 2a als je extra ondersteuning wilt voor het zoeken naar die bovenstaande gegevens maar als je een uitdaging wilt voor het maken van grafieken in een rekenblad. 

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België.

Je vindt er ook waarde van de top vijf meest ingevoerde en top vijf meest uitgevoerde producten van België.

Maak zelfstandig de grafieken. Als je niet weet hoe, dan kun je dat zelf uitzoeken op internet.

ki

In

Optie 2b

Kies voor optie 2b als je extra ondersteuning wilt voor het zoeken naar die bovenstaande gegevens alsook meer ondersteuning wilt voor het maken van grafieken in een rekenblad met behulp van een ICT-fiche en een filmpje. 

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er de waarde van de invoer van de top tien leveranciers en de waarde van de uitvoer van de top tien klanten van België.

Je vindt er ook waarde van de top vijf meest ingevoerde en top vijf meest uitgevoerde producten van België.

THEMA 5

LEVEL 1

18

Maak de grafieken. Gebruik ICT-fiche_R_30 en het onlinefilmpje.


Action 3— De Big Mac-index 1

De Big Mac-index vergelijkt de prijs van de

Infographic 4: Prijzen in US-dollar voor een Big Mac in januari 2019

Big Mac in verschillende landen. Op die manier kan men zien hoeveel de Big Mac kost in verschillende landen in US-dollar.

Zwitserland

6,62 5,58

VS

Beantwoord de vragen over de grafiek.

4,64

eurozone

a

In welk land was de Big Mac in 2019 het

4,07

VK

duurst?

3,46

Koeweit

3,14

Peru

3,05

In welk land was de Big Mac in 2019 het

2,24

Zuid-Afrika

pl aa

goedkoopst?

r

China

b

2,00

Turkije

Rusland

1,65

0

1

2

3

4

5

6

7

Naar: IMF, McDonald's, Thomson Reuters, The Economist Š Statista 2019

2

De prijzen vermeld in de grafiek zijn in US-dollar. Noteer een aantal landen uit de grafiek in een rekenblad

em

maar zet de prijs eerst om in euro.

Noteer hier de actuele wisselkoers.

b

Pas de regel van drie toe om de prijzen van US-dollar om te zetten in euro.

c

Gebruik die formule in het rekenblad. Gebruik indien nodig ICT-fiche_R_24 en fiche_R_27.

In

ki

jk ex

a

Bereken de wisselkoersen met een onlinetool of een smartphone app en vergelijk met jouw

LEVEL 1

berekening.

THEMA 5

d

19


Action 4— Project: Exportgoederen van verschillende landen

1

Je weet intussen welke landen naar België exporteren. Zoek de top vijf exportproducten van een land naar keuze.

2

Werk per twee. Kies een land uit deze lijst en zoek zijn typische en bekende exportproducten. Nederland – Groot-Brittannië – Frankrijk – Marokko – Turkije – Griekenland – Italië – de Verenigde Staten – Duitsland – Polen – Zweden – Spanje – Irak – Iran – Denemarken – Rusland –

r

China – India – Vietnam – Brazilië Maak met die gegevens een infographic met Canva. Gebruik indien nodig ICT-fiche_C_01.

b

Je mag trots zijn op je werk. Bewaar je werk in je portfolio.

pl aa

a

EVALUATIEFICHE

em

INFOGRAPHIC EXPORTPRODUCTEN Score

Vermelding exportproducten

Vermelding bron

Vermelding land

Gebruik van afbeeldingen en toe-

Opmerkingen

jk ex

Max

passelijke kleur in de infographic Schikking van gegevens

ki

infographic

In

TOTAAL

Action 5— Waar economie en aardrijkskunde elkaar kruisen 1

Zoek op welke landen de euro als munteenheid gebruiken. Die landen vormen de eurozone of in het Engels Euro area.

THEMA 5

LEVEL 1

2

20

Duid de landen die in dit level aan bod gekomen zijn aan op een wereldkaart. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een filmpje om je op weg te helpen. a

Zoek een afbeelding van een lege wereldkaart.

b

Importeer die afbeelding in een tekstverwerker. Kies A3-formaat.

c

Duid de landen aan.


Action 6— Grafieken interpreteren Werk per twee. Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er grafieken over de wereldwijde transportroutes van fruit, groente en vis. Werk met de kaarten of grafieken die je toegewezen worden. a

Open een lege presentatie.

b

Knip of kopieer jouw grafiek uit het document en voeg die in de presentatie.

c

Bestudeer die grafiek(en) en licht die daarna toe aan de klas.

d

Voeg eventueel een extra pagina aan je presentatie toe met uitleg over de grafiek.

pl aa

r

Action 7— Infographic over de invoerrechten

Bestudeer de onderstaande infographic over het versturen van een pakket vanuit de Verenigde Staten naar België.

Werk per twee. Maak een gelijkaardige infographic over de aankoop van de sportschoenen uit Explore 6. Tip:

b

Houd zeker rekening met de invoerrechten en extra transportkosten.

em

a

Verwerk het geheel in een infographic en stel die voor aan de klas met Canva. Gebruik daarvoor ICT-fiche_C_01.

Bewaar het resultaat in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

jk ex

c

POSTKANTOOR

USA

DOUANE (USA)

VLIEGTUIG

DOUANE (BELGIË)

POSTKANTOOR

POSTBODE

KOPER

BELGIË

LEVEL 1

VERKOPER

In

KOPER

THEMA 5

ki

Infographic 5: Proces: pakket versturen vanuit de VS naar België

21


Goederen en dienstenstroom / Geldstroom

Action 8— Goederen De economische kringloop en het buitenland Goederen en dienstenstroom en dienstenstroom / Geldstroom / Geldstroom Overheid Noteer de letter van de onderstaande bewegingen op de juiste plaats op de economische kringloop. A De bedrijven kopen goederen en diensten in het buitenland. B De bedrijven betalen hiervoor geld aan het buitenland. C De bedrijven verkopen goederen en diensten in het buitenland.

Goederen en dienstenstroom / Geldstroom Gezinnen Bedrijven

Overheid Overheid D De bedrijven ontvangen hiervoor geld uit het buitenland.

Overheid

L I F T

BREAKING NEWS Poster economische kringloop+business model A1 - v2.indd 2

1

Buitenland

Bedrijven Bedrijven

11/05/2020 16:05

Buitenland Buitenland

GaGezinnen naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp. Bedrijven

2

Beantwoord deze vragen.

Poster economische kringloop+business model A1 - v2.indd 2

a

em

L I F LT I F T Poster economische kringloop+business model A1 - v2.indd 2

r

Gezinnen Gezinnen

pl aa

Over welke producten gaat het?

11/05/2020 16:05

11/05/2020 16:05

Buitenland

Poster economische kringloop+business model A1 - v2.indd 2

jk ex

L I b F T Gaat het over import naar België of export vanuit België?

11/05/2020 16:05

ki

CHECKLIST

In

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

1 Ik kan de begrippen invoer en uitvoer illustreren aan de hand van een voorbeeld.

2 Ik kan het belang van de buitenlandse handel voor België illustreren aan de hand van een

JA

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

THEMA 5

LEVEL 1

voorbeeld.

22

3 Ik kan tabellen en grafieken interpreteren.

4 Ik kan mijn eigen mening onderbouwen.


STEP-UP Je hebt de afgelopen weken het buitenland bestudeerd. Maak afsluitend een poster met de belangrijkste

a

Werk alleen of per twee

b

Verwerk in je poster de volgende zaken: 

De top 15 van de leveranciers van België.

De top 15 van de klanten van België.

Stel je werk aan de klas voor.

d

Bewaar je presentatie in je portfolio. Je mag trots zijn op je werk.

THEMA 5

STEP-UP LEVEL 1

In

ki

jk ex

em

pl aa

c

r

handelspartners van België. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van Canva of Storyboard.

23


Begrippenlijst Thema 5 1

BEGRIP Big Mac-index

VERKLARING De Big Mac-index vergelijkt de prijs in US-dollar van de Big Mac in verschillende

1

eurozone

De eurozone bestaat uit de landen die de

De export of uitvoer verwijst naar de goede-

uitvoer

ren die vanuit een land worden uitgevoerd

exporteren

Exporteren betekent goederen vanuit een land uitvoeren naar andere landen.

1

import / invoer

De import of invoer verwijst naar de

goederen die in een land worden ingevoerd

1

importeren

em

vanuit andere landen.

Importeren betekent goederen in je eigen land invoeren vanuit een ander land.

internationale

België drijft internationale handel.

handel

Het importeert, dat wil zeggen koopt goe-

deren in het buitenland, omdat het als klein

land bepaalde goederen en grondstoffen

jk ex

1

pl aa

export /

naar andere landen. 1

landen.

euro als officiële munteenheid hebben. 1

IN JE EIGEN WOORDEN

niet zelf heeft, en / of omdat het goedkoper is om bepaalde goederen te importeren. België exporteert bovendien goederen naar

ki

het buitenland (voert uit).

1

invoerrechten

Dat is een extra belasting die je moet

In

betalen op aangekochte producten.

1

THEMA 5

BEGRIPPENLIJST

1

24

1

lokaal

Lokaal aankopen doe je, wanneer je

aankopen

producten aankoopt die in het eigen land

geproduceerd of geteeld worden.

munteenheid /

De munteenheid is de geldeenheid of de

valuta

munt waarmee in een land kan betaald

wisselkoers

worden.

De wisselkoers is de waarde van een munt

van een land uitgedrukt in de waarde van de munt van een ander land.

r

LEVEL


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

Ondernemerschap


6 pl aa

r

THEMA

In

ki

jk ex

em

Ondernemerschap


r

pl aa

STEP-UP

em

Evaluatie ondernemend project

LEVEL

jk ex

1

Hoe breng je een ondernemend project tot een goed eind?

In

ki

STEP-IN

p. 33

p. 5

p. 4


STEP-IN Een onderneming of project op poten zetten is niet enkel voor volwassenen. Het filmpje van deze twee jonge ondernemers is daar een mooi bewijs van. Lees eerst deze achtergrondinformatie.

em

pl aa

r

1

jk ex

Michiel startte zijn onderneming op in 2014. Hij was toen 25 jaar oud. Zoals elke jonge ondernemer moest hij klein starten en begon hij websites te maken vanuit de zetel van zijn ouders.

Bekijk de filmpjes.

THEMA 6

STEP-IN

In

2

ki

Dorina voelde het al kriebelen om te ondernemen toen ze nog aan het studeren was. In haar laatste jaar aan de universiteit startte ze in Genk haar eigen kledingzaak op. Aangezien ze van Grieks-Italiaanse afkomst is, haalde ze ook haar kleren daar.

4

a

Wat vind je interessant aan het verhaal van Michiel?

b

Wat vind je interessant aan het verhaal van Dorina?


LEVEL 1 Hoe breng je een ondernemend project tot een goed eind? INTRO 1

Ondernemen is belangrijk voor de maatschappij. Indien niemand ondernemend zou zijn, waren er

r

geen bedrijven, werden er geen organisaties voor het goede doel opgericht, waren er geen uitvin-

pl aa

dingen, zoals medicijnen, het wiel, elektriciteit … Ondernemen betekent de handen uit de mouwen steken en initiatief nemen om een project op poten te zetten.

Bekijk deze collage. Zo krijg je een idee van hoe gevarieerd ondernemen kan zijn.

Artistiek: de organisatie van een tentoonstelling

3

speelenen op de nte p o p u p o : een p n je gemee Economisch kelstraat va in w e d in plaats of

In dit level zet je deze onderzoeksvraag in de praktijk om: Welke stappen zet je om een ondernemend project tot een goed einde te brengen?

LEVEL 1

Sportief: e en fietsmarat sportevenement, zo hon op sch als een ool

THEMA 6

In

ki

e week, Sociaal: warmst g Da Rode Neuzen

Maatschappelijk of humanitair: een geldinzameling naar aanleiding van een ramp © Gimas / Shutterstock.com

jk ex

© BELGA

em

2

5


Explore 1— Welke ondernemer ga jij achterna? De kern van ondernemerschap is de persoon die met zijn talenten, troeven, sterke en zwakke punten het project tot een goed einde brengt. a

Deze personen zijn daar een mooi voorbeeld van. Lees aandachtig het parcours dat zij hebben afgelegd om hun doel te bereiken. Steve Jobs richtte op 3 januari 1977 samen met Steve Wozniak en Ronald Wayne, Apple Computer op. In 1985 verliet Jobs Apple nadat de raad van bestuur hem verbood nog een leidinggevende functie te bekleden binnen

r

Apple. Hij startte toen het computerbedrijf NeXT op.

pl aa

Na een overname van NeXT door Apple werd Jobs in de zomer van 1997 interim CEO van Apple. Steve Jobs werd raadgever bij Apple. In 1998 werd de iMac gelanceerd. Met die nieuwe personal computer slaagde Steve Jobs erin Apple weer financieel sterk te maken. De echte doorbraak voor Apple kwam in 2001 met de lancering van de iPod en iTunes. Die mp3-spelers luidden een nieuw tijdperk voor Apple in. In 2007 veranderde Steve Jobs de wereld door zijn legendarische introductie van de Iphone. Bron: wikipedia.org

em

© Anton_Ivanov / Shutterstock.com

In 1995 richtten Elon Musk en zijn broer het internetbedrijf Zip2 op. Het bedrijf ontwikkelde een onlinestadsgids voor onder andere kranten. Zip2 werd overgenomen voor 307 miljoen Amerikaanse dollar waarvan Musk 22 miljoen

jk ex

US-dollar ontving. In maart 1999 richtte Elon Musk X.com op, een onlinebetaalplatform. Hij investeerde er tien miljoen US-dollar in. Een jaar later werd dat betaalplatform samengevoegd met PayPal. PayPal werd in oktober 2002 door Ebay overgenomen, voor anderhalf miljard dollar, waarvan Musk 165 miljoen US-dollar ontving.

In

ki

Met 100 miljoen Amerikaanse dollar van zijn eerdere verkopen richtte Musk in

© Kathy Hutchings / Shutterstock.com

juni 2002 SpaceX op. Tesla Motors werd in juli 2003 opgericht door Martin Eberhard en Marc Tarpenning. Beide mannen bekleedden een actieve rol in de vroege ontwikkeling van het bedrijf, voordat Elon Musk betrokken werd bij het bedrijf. Musk was tot in detail betrokken bij het ontwerp van de Tesla Roadster, maar was minder betrokken bij de dagelijkse gang van zaken. Tijdens de financiële crisis van 2008 voelde Musk zich genoodzaakt het leiderschap van Tesla over te nemen als algemeen directeur. Bron: wikipedia.org

THEMA 6

LEVEL 1

b

6

Omschrijf ondernemerschap in je eigen woorden.


Forum Wil jij graag je eigen zaak oprichten? Waarom (niet)?

Action 1— Aan de slag 1

Nu is het aan jou! De volgende actions begeleiden je om klassikaal een project

Marc Coucke, Bill Gates, Jeff Bezos, Marc Zuckerberg of Sergio Herman te worden. 2

Verken een aantal vormen die je ondernemend project kan aannemen: het opzetten van een pop-uponderneming,

em

pl aa

je om de volgende Steve Jobs, Elon Musk,

r

tot een goed einde te brengen. Ze helpen

de organisatie van een solidariteitsactie,

een project rond gezonde voeding (zoals een gezond ontbijt voor alle leerlingen van de school),

een cultureel evenement,

een technische realisatie,

een actie rond duurzaamheid.

jk ex

Good to know

Kies een project waarvoor je enthousiast bent, waarvoor je de handen uit de mouwen wilt

In

ki

steken, waarin je de nodige energie wilt steken.

Action 2— Nodig een (jonge) zelfstandig ondernemer uit Nodig een zelfstandig ondernemer uit om te horen hoe het is om ondernemer te zijn. a

Zoek een zelfstandig ondernemer in je eigen omgeving. Misschien is een van je leraars of een oudleerling van je school een zelfstandig ondernemer, al dan niet in bijberoep. Als je geen zelfstandig ondernemer vindt, dan kun je de filmpjes van de twee zelfstandig ondernemers uit de Step-in herbekijken.

LEVEL 1

b

THEMA 6

1

7


2

Bereid het interview met de ondernemer voor. a

b

Bekijk de vragen die je kunt stellen.

Welke zaak heeft u opgericht? Wat biedt u aan?

Welke (karakter)eigenschappen zijn er volgens u nodig om als zelfstandige te beginnen?

Welke kennis heeft een beginnend ondernemer nodig?

Wie of wat kan u helpen, wanneer u een probleem heeft?

Welke valkuilen of nadelen kunnen iemand afschrikken om een onderneming op te starten?

Wat zijn de voordelen of leuke aspecten van het ondernemerschap?

Hoe gaat u op zoek naar klanten?

Hoe weet u wat uw klanten willen?

Bedenk nog een drietal nieuwe vragen.

pl aa

r

Verwerk de antwoorden van het interview achteraf met een tekstverwerker.

em

3

Action 3— Ben jij de volgende Elon Musk of Marc 1

jk ex

Zuckerberg?

Welke eigenschappen moet een ondernemer hebben?

2

ki

Doe de onlinetest en ontdek jouw ondernemersvaardigheden. Welke score heb je behaald?

In

a

b

Wat zijn je sterke punten volgens de test?

THEMA 6

LEVEL 1

c

8

Wat zijn je zwakke punten volgens de test?


Action 4— Vind jij het gat in de markt? 1

Bij het opzetten van een onderneming, moet je aan heel veel zaken denken. Het Business Model Canvas uit Level 7 van Thema 2 biedt je daarbij een houvast. Op dit BMC zie je welk onderdeel er in welke Action behandeld wordt.

Business Model Canvas Kernactiviteiten

Action 9

Action 19

Action 21

Action 12

Action 15 Action 17

Action 18

L I F T 2

Action 8

Kanalen

Action 13

Inkomstenstromen

jk ex

Kostenstructuur

Action 5

em

Action 7

Action 14

pl aa

Action 4

Action 6

Klantensegmenten

Klantenrelaties

Action 11

Mensen en middelen

Poster economische kringloop+business model A1 - v3.indd 1

Waardeproposities

Versie:

r

Strategische partners

Naam:

Action 18

Een ondernemer heeft meestal een droom, een idee, die hij graag wil realiseren. Hij is op zoek naar het gat

18/02/2020 14:57

Noteer in eigen woorden wat een gat in de markt is.

In

a

ki

in de markt.

b

Hoe kan een onderneming een gat in de markt ontdekken?

Welke vragen kan een onderneming stellen om dat gat in de markt te ontdekken?

THEMA 6

c

LEVEL 1

9


3

Voor jullie klasproject is het niet noodzakelijk om een product te verkopen. Je mag bijvoorbeeld ook met je klas een evenement of een actie voor een goed doel op poten zetten. a

Bespreek klassikaal wat je van deze ideeën vindt.

Een popup-onderneming in de winkelstraat van de gemeente van de school omdat er verschillende panden leegstaan

Een verkoopstand op de wekelijkse markt

Een verkoopstand gedurende een of meerdere dagen op school

Een gezond ontbijt voor je klas, jouw jaar of zelfs voor de hele school

Een nocturne (een avondevenement) waarop leerlingen hun kunstwerken presenteren aan de ouders en leraren Een modeshow in samenwerking met een kledingzaak uit de buurt

De productie en verkoop van een nieuw innovatief product dat jullie zelf kunnen produceren

De organisatie van een sportevenement op school

De organisatie van een lesmarathon op school

jk ex

em

pl aa

r

Good to know

Wees je ervan bewust dat ook je prestaties in de loop van het project geëvalueerd en

ki

beoordeeld worden. Ga alvast naar het onlinelesmateriaal van de Step-up. Je vindt er de

In

evaluatiecriteria. Zo weet je waar je aandacht aan kunt besteden.

b

4

Noteer wat je gekozen hebt: een product, een dienst of de organisatie van een evenement of actie.

Om het onderdeel kernactiviteiten in te vullen in het BMC, moet je, wanneer je een product of dienst

THEMA 6

LEVEL 1

verkoopt, eerst mogelijke oplossingen bedenken voor een probleemsituatie. Wil je een evenement of actie

10

organiseren, dan moet je nadenken over de aanpak daarvan. a

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een aantal probleemsituaties om over te brainstormen. Wil je iets organiseren, brainstorm dan over de evenementen of acties die hierboven staan.

b

Voer het denkproces uit. Spreek met de klas af welke optie je kiest. Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt in de vorm van design thinking.


Optie 1

Brainstormmethode

STAPPENPLAN Stap 1:

Werk in groepen.

Elke groep krijgt een probleemsituatie op een

Bedenk gedurende tien minuten zoveel mogelijk

A4-blad of digitaal via bijvoorbeeld Google Docs. oplossingen voor dat probleem. Noteer alle suggesties op post-its op het A4-blad, ook de ideeën die niet meteen haalbaar lijken. Stap 2:

Geef het blad door en brainstorm over een nieuwe Elke groep overloopt zijn nieuwe situatie en de

Zoek gedurende tien minuten naar nieuwe oplossingen en noteer ze.

Stap 3:

pl aa

oplossingen van het vorige groepje en doet zo nieuwe ideeën op.

r

situatie. –

Geef het blad weer door en brainstorm over een nieuwe situatie.

Overloop de mogelijke oplossingen voor dat probleem.

Dit keer zoek en noteer je gedurende vijf minuten nieuwe oplossingen.

Stap 4: Stap 5:

Blijf die werkvolgorde herhalen tot elke groep elke situatie bestudeerd heeft. Overloop de ideeën op elk blad.

Kleef de ideeën op het bord of projecteer ze via de computer.

Selecteer de ideeën die haalbaar zijn tot je er maximum zeven overhoudt.

Haal de onbruikbare ideeën weg.

Stap 6:

em

Kom tot een unaniem besluit.

Kies iets waar de hele klas achter staat.

Noteer je definitieve project hier. Dat is ook de kernactiviteit van je onderneming of project.

Design thinking

ki

Optie 2

jk ex

In

Good to know

Design thinking is een probleemoplossende methode. Met behulp van design thinking probeert men te vernieuwen op basis van technologieën, klantbehoeften en wensen van klanten door problemen op een creatieve manier te benaderen. De gekste ideeën zijn welkom want die leiden net tot de meest creatieve oplossingen. Bij design thinking wil men steeds de toekomst verbeteren en ideeën opbouwen zonder

THEMA 6

LEVEL 1

een oordeel te vellen.

11


STAPPENPLAN Stap 1: Leef je in. –

Hier gaat het om het volledig begrijpen van de klant.

Door gesprekken, enquêtes en interviews verzamel je de wensen en de behoeftes van de klanten. Het is belangrijk dat je alle betrokkenen (stakeholders) betrekt en in hun leefwereld stapt. Wat houdt hen bezig? Wat vinden ze van het product, hoe gebruiken ze het en wat motiveert hen?

De data (antwoorden, gegevens) die je verkrijgt tijdens die gesprekken moet je goed bijhouden.

Ga daar nu naar op zoek voor jullie project.

Stap 2: Definieer het probleem. –

Hier omschrijf je het probleem duidelijk. Begin met een samenvatting van je observaties uit de eerste stap.

Een goede probleemomschrijving heeft de volgende kenmerken: Ze draait rond de stakeholders en omschrijft hun probleem.

Ze is breed genoeg zodat het creatieve denkproces ver genoeg kan gaan.

Ze is niet te breed zodat de richting toch duidelijk is.

Noteer je probleemomschrijving.

Stap 3: Creëer ideeën

em

r

pl aa

In deze stap is het van groot belang om zoveel mogelijk ideeën in overweging te nemen. Zo kun je het

‘Think outside the box’ en genereer voldoende oplossingen of ideeën.

Maak een selectie van wat haalbaar en wenselijk is.

Noteer de ideeën hieronder.

ki

jk ex

probleem vanuit verschillende invalshoeken bekijken en kom je tot de beste resultaten.

In

THEMA 6

LEVEL 1

12

Stap 4: Maak een prototype –

In deze fase maak je een prototype van de oplossing.

Integreer meerdere ideeën uit de vorige fase en combineer ze tot een goede oplossing.

Maak indien nodig meerdere prototypes.

Doe dat nu voor jullie project.


Stap 5:

Test

In deze fase probeer je door te testen de best mogelijke oplossing te identificeren.

Test zelf de prototypes maar laat ook de eindgebruiker het prototype testen.

Evalueer telkens weer, noteer eventuele problemen en pas indien nodig aan.

Doe dat nu voor jullie project.

CREËER

TEST

BMC

Vervolledig het Business Model Canvas. a

Ga naar het onlinelesmateriaal en druk het BMC af op A3.

b

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Kernactiviteiten’ in.

jk ex

5

MAAK

em

DEFINIEER

pl aa

r

LEEF IN

1

ki

Action 5— Wie is je doelwit?

Om je klantensegment in je Business Model Canvas in te vullen, moet je eerst de doelgroep(en) van je

In

onderneming of evenement bepalen. Dit zijn een aantal vragen die je jezelf kunt stellen over je doelgroep:

Ligt de focus op mannen, op vrouwen, op gepensioneerden, gezinnen, jongeren … ? Bevindt je doelgroep zich in het hele land, een bepaalde provincie of de eigen school?

LEVEL 1

THEMA 6

a

13


b

Ook opleiding, woonplaats, geloof en sociaal-economische achtergrond van je doelgroep zijn aspecten waarover je moet nadenken.

Bepaal zo specifiek mogelijk de wensen van de doelgroep.

Als je meerdere doelgroepen in gedachten hebt, orden ze dan van meest belangrijk (1) naar minst belangrijk (5).

Bijvoorbeeld: Doelgroep: 60-plussers Omschrijving: Mensen tussen 60 en 80 jaar. Omgeving: Regio Gent Belangrijkheid: 2 2

Noteer jouw doelgroep(en) en geef ook aan hoe belangrijk elke doelgroep voor jouw project is.

pl aa

r

em

3

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Klantensegment’ in.

jk ex

BMC

Action 6— Verdeel en heers 1

Nu je je doelgroep bepaald hebt, kun je je project uitwerken. Maar niemand kan alles alleen doen, dus

ki

moet je de taken verdelen. Een goede samenwerking zorgt voor het beste resultaat, dus ‘verdeel de taken en heers over jouw doelgroep’.

Je kunt kiezen uit twee opties om de taken te verdelen. Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt.

In

2

Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt. Daarna kun je het onderdeel ‘Mensen en middelen’ van je BMC invullen.

THEMA 6

LEVEL 1

Optie 1

14

Vijf vaste functies

Optie 2

CLIM-rollen

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er vijf

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er de

functies met hun taakomschrijving. Er staat wat je

CLIM-rollen uit Mens en samenleving.

voor die functie moet kennen en kunnen en welke

Bestudeer de CLIM-rollen.

attitude belangrijk is.

Noteer de rol die jij opneemt.

Bestudeer de functies goed.


Denk na over je sterke punten en je zwakke punten en noteer ze hier. Sterke punten:

r

Zwakke punten:

Noteer waarom je een bepaalde functie kiest.

Bespreek die keuze met de leraar.

3

Noteer wat jouw taken zijn en tegen wanneer je die voorbereid moet hebben. Zo verlies je niets uit het

em

pl aa

jk ex

oog. Naarmate het project vordert, kun je jouw taken aanvullen.

TAAKOMSCHRIJVING

DEADLINE

In

ki

NAAM LEERLING(EN)

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ aan met jouw taak of functie.

LEVEL 1

4

THEMA 6

BMC

15


Action 7— Money, money, money … it’s so funny … in a rich man’s world

1

Om het tweede luik van ‘Mensen en middelen’ in te vullen, moet je weten hoeveel je startkapitaal bedraagt. Dat heb je nodig om producten of grondstoffen aan te kopen. Je kunt op twee manieren een startkapitaal bekomen. a

Je leent een bepaald bedrag van de school of van de leraar.

r

Good to know

pl aa

Een lening is nooit kosteloos. Je geeft het geld altijd met intrest terug. Zo kun je bij-

voorbeeld afspreken dat, wanneer je 100 euro leent, je op het einde van het project 5 % intrest betaalt en dus 105 euro terugbetaalt.

jk ex

em

PAS OP! GELD LENEN KOST OOK GELD!

ki

b

Je geeft aandelen met een bepaalde waarde – vijf of tien euro – uit. Een aandeel is een bewijs dat je voor een stuk eigenaar bent van de onderneming. Elke leerling kan zelf een aandeel kopen. Zo ben je voor een stuk eigenaar van de onderneming.

In

Daarnaast kun je ook aandelen aan ouders, familie of vrienden verkopen.

Geef hen in ruil een aandeelhoudersbewijs. Gebruik het onderstaande voorbeeld als inspiratie

Stel een tabel op met een overzicht op van de aandeelhouders.

Keer aan het einde van het project een deel van de winst aan de aandeelhouders uit.

THEMA 6

LEVEL 1

en maak zelf een aandeel met een tekstverwerker.

16


2

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ aan.

r

BMC

klantonderzoek

1

pl aa

Action 8— Even detective spelen aan de hand van een

Om het onderdeel ‘Klantensegment’ in te vullen in je Business Model Canvas, moet je eerst weten wie je

em

klanten zijn. Denk na wie je klant is, bekijk de volgende voorbeelden en vul aan wie de klanten zijn. a

Wanneer je een tentoonstelling wilt organiseren, zijn je

b

Wanneer je een gezond ontbijt voor alle tweedejaars op je school organiseert, dan zijn de

je klanten.

c 2

jk ex

je klanten.

Wanneer je een fietsmarathon organiseert, dan zijn de

je klanten.

Een product, dienst of project slaat pas aan als je aanbod of je idee beantwoordt aan de behoeften en wensen van de doelgroep. Om een goed beeld van die doelgroep te krijgen, doe je een marktonderzoek.

In

ki

Hoe zou jij dat aanpakken?

LEVEL 1

Volg het stappenplan om een klantonderzoek te doen in de vorm van een enquête.

THEMA 6

3

17


STAPPENPLAN Klantonderzoek Stap 1: –

Bepaal de doelgroep van de enquête. Bepaal wie je wilt bevragen. Noteer hier de doelgroep die je in Action 5 beschreven hebt.

Hoeveel mensen wil je bevragen? Hoe meer mensen je bevraagt, hoe duidelijker en beter de resultaten

pl aa

r

voor de doelgroep zijn.

In de onderstaande tabel zie je hoeveel vragenlijsten je zou moeten afnemen volgens de grootte van de populatie, in dit geval jouw doelgroep. Dat aantal enquêtes is voor jullie uiteraard niet haalbaar.

em

Probeer tussen de 25 en 50 enquêtes te verzamelen.

AANTAL ENQUÊTES

1000

278

500

218

jk ex

GROOTTE VAN JOUW DOELGROEP

2000

Noteer hoeveel enquêtes je ongeveer gaat afnemen.

Bespreek en noteer hoe, waar en wanneer je de enquêtes zult afnemen.

In

ki

Good to know

THEMA 6

LEVEL 1

Je kunt de vragenlijst ook digitaal afnemen via Google Formulieren.

18

323


Stap 2: Stel de enquête op. –

Bepaal wat je te weten wilt komen met de vragenlijst. Omschrijf het kort.

Good to know Probeer ook te achterhalen: of je klanten afhankelijk zijn van een bepaald seizoen of een bepaalde trend;

of ze dienstverlening belangrijk vinden;

of ze trouw zijn aan een bepaald merk;

hoeveel ze denken uit te geven aan jouw product, dienst of project.

Bedenk in groepjes de mogelijke vragen voor de enquête.

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er voorbeeldvragen. Houd steeds rekening met de verwer-

em

pl aa

r

king. Soms is het beter om gesloten vragen te stellen, zoals meerkeuzevragen, aanduiding op een schaal of ja-neevragen. –

Noteer minstens tien vragen.

ki

jk ex

In

Stap 3: Neem de enquête af. van de school, Google Formulieren … –

Noteer hoe je de enquêtes afneemt.

LEVEL 1

Je kunt de enquête op verschillende manieren afnemen: schriftelijk, mondeling, via het leerplatform

THEMA 6

19


Stap 4: –

Verwerk de resultaten. Maak eerst een tabeloverzicht van de resultaten en daarna een grafiek. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van rekenblad.

Stap 5:

Formuleer besluiten. Noteer het besluit van je onderzoek.

BMC

4

pl aa

r

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Klantensegment’ aan met jouw partners.

em

Action 9— Even detective spelen aan de hand van een concurrentieonderzoek

1

Om in het BMC het onderdeel ‘Waardeproposities’ te vervolledigen, moet je ook onderzoek doen naar de

jk ex

concurrentie, want de kans is zeer groot dat die er is. Je doet dat onderzoek om eruit te leren, maar ook om hun zwakke punten te ontdekken. Op die punten kun jij anticiperen en dan meteen beter doen. Geef daarvan een voorbeeld.

Bekijk deze voorbeelden van concurrentie.

ki

2

Als je op de speelplaats een pop-up organiseert en ontbijtkoeken verkoopt, dan zijn de bakkerijen en

In

a

supermarkten in de buurt je concurrenten.

b

Als je een marathon voor het goede doel organiseert, dan zijn andere initiatieven voor het goede doel je concurrent. Een andere klas of een jeugdbeweging kan bijvoorbeeld geld inzamelen door een carwash te organiseren voor datzelfde doel.

c

Als je een nocturne met kunstwerken van leerlingen organiseert, dan is de kunstacademie of het museum uit de buurt je concurrent.

THEMA 6

LEVEL 1

3

20

Noteer al je concurrenten.


4

Volg het stappenplan om je concurrenten te analyseren.

STAPPENPLAN Stap 1:

Schrijf de belangrijkste concurrenten op en noteer ook waarom je die kiest.

Stap 2:

Vervolledig voor elke concurrent deze fiche. Werk in een onlinetoepassing zodat je er samen aan kunt

Wie is de doelgroep van mijn concurrent?

Wat zijn de prijzen van mijn concurrent?

Welke service biedt mijn concurrent?

Wat zijn de sterke en zwakke punten van mijn concurrent?

pl aa

Wat is het assortiment van de concurrent?

r

werken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_OSGD_06 of fiche_OSOD_05. –

Assortiment concurrent Doelgroep concurrent Prijzen Service

jk ex

Sterke punten

em

FICHE CONCURRENT

THEMA 6

LEVEL 1

In

ki

Zwakke punten

21


Stap 3:

Kom tot een conclusie

Maak een overzicht van je concurrentieonderzoek.

Ga na waarin elke concurrent beter of veel beter is dan jou (+ of ++) of net slechter of veel slechter (- of - -) is dan jou. CONCURRENT

CONCURRENT

CONCURRENT

CONCURRENT

Prijs Assortiment

r

Service

pl aa

Marketing

UNIQUE SELLING PROPOSITION

Dat is de verwijzing naar het unieke element of voordeel dat concurrenten.

Stap 4:

Onderscheid je van de concurrent

Wat is je Unique Selling Proposition? Waarom is jouw project beter dan dat van jouw concurrent?

ki

jk ex

em

een product, dienst of onderneming heeft ten opzichte van haar

Wat maakt jouw project uniek?

In

BMC

5

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Waardeproposities’ aan op basis van jouw

THEMA 6

LEVEL 1

concurrentieonderzoek.

22


Action 10— Be unique, be the one Welke logo’s herken je op deze afbeelding? Bespreek klassikaal.

pl aa

r

1

© Bashigo / Shutterstock.com

2

Voor je project heb je een naam, een logo en een slogan nodig. De naam ligt in het verlengde van je

a

em

product, dienst, evenement of actie, dus die zoek je eerst. Dan pas zoek je een slogan en een logo. Om de naam te bedenken, gebruik je weer de brainstormmethode. Dat kan in groepjes of klassikaal.

jk ex

De ideeën kunnen op het bord, op een blad papier of digitaal en online genoteerd worden.

Good to know

Kies een korte, krachtige naam.

Houd het simpel en enthousiast.

Grappig mag, maar moet niet.

Vermijd dat de naam na een jaar al verouderd is. Kies iets tijdsloos. Vraag feedback aan vrienden of familie.

In

ki

b

Voor de slogan en het logo werk je in twee groepen. Een groepje ontwerpt het logo, het andere groepje bedenkt de slogan. Surf even op het internet. Je vindt er een aantal interessante programma’s om logo’s te ontwerpen.

Kies een eenvoudig logo. Mensen moeten het makkelijk kunnen schetsen.

Vermijd dat het logo na een jaar al verouderd is. Kies iets tijdloos.

Zorg dat het logo uniek is.

Kies een logo dat past bij de stijl, het imago en de uitstraling van het project.

THEMA 6

LEVEL 1

Good to know

23


Action 11— Leveranciers 1

De strategische partners in het BMC zijn jouw leveranciers van producten of grondstoffen. Surf op internet en zoek via Google of goudengids.be drie mogelijke leveranciers.

2

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een brief die je kunt versturen naar de leveranciers om een prijsaanvraag te doen. Je kunt de brief ook gebruiken als ondersteuning bij een telefonische

pl aa

r

prijsaanvraag. Vergelijk op basis van die info de sterke en zwakke punten van verschillende leveranciers.

Good to know

Waar houd je rekening mee bij een prijsaanvraag? –

Kijk niet alleen naar de leverancier met de laagste prijs, maar ook naar de leveran-

Vraag aan de leverancier ook of je ‘in consignatie’ kunt kopen. Dat betekent dat hij de

em

cier die snel kan leveren, of die bereid is overschot terug te nemen.

niet-verkochte artikels terugneemt. Die artikels moeten meestal pas betaald worden

3

jk ex

na de verkoop ervan.

Maak met een tekstverwerker een tabeloverzicht op om de leveranciers te vergelijken. LEVERANCIER

LEVERANCIER

ki

Prijs

LEVERANCIER

In

Leversnelheid Service

Betaalvoorwaarden

THEMA 6

LEVEL 1

BMC

24

4

Neem het BMC erbij en vul je belangrijkste leverancier in bij het onderdeel ‘Strategische partners’.


Action 12— It’s all in the mix: Product 1

PRODUCT

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een leidraad om je marketingmix uit te werken, want die is in de ‘Waardeproposities’ even belangrijk als het klanten – en concurrentieonderzoek.

PRODUCT PERSONEEL

PRIJS

PLAATS

pl aa

PRESENTATIE

r

6 P’s

PROMOTIE

2

Beantwoord deze vragen over jouw product in het document dat je vindt bij het onlinelesmateriaal. Houd

em

daarbij rekening met wat je geleerd hebt in het klant- en concurrentieonderzoek. Welke producten of welke dienst bied je aan?

b

Welke specifieke eigenschappen of kenmerken heeft het product, de dienst of het project?

c

Voldoet jouw product, dienst of project aan de behoeften van de consument?

d

Welke verpakking voorzie je?

e

Denk je ook aan duurzaamheid?

f

Voorzie je ook service en / of garantie?

jk ex

a

ki

Good to know

Denk ook aan de voorraad waarmee je wilt starten, dat wil zeggen bedenk hoeveel stuks

In

van je product je op voorhand aankoopt.

3

Noteer hier (of in een rekenblad of een tekstverwerker) een overzicht van je assortiment in de breedte en diepte of omschrijf je project. Bij het onlinelesmateriaal vind je een voorbeeld van het assortiment in

4

Neem het BMC erbij en vervolledig het onderdeel ‘Waardeproposities’.

THEMA 6

BMC

LEVEL 1

breedte en diepte.

25


Action 13— It’s all in the mix: Plaats – kanalen 1

PLAATS

Om in het BMC het onderdeel ‘Kanalen’ te vervolledigen, moet je bepalen op welke plaats (via welke kanalen) je jouw dienst, product of evenement wilt aanbieden. Beantwoord daartoe deze vragen. a

Waar wil je je producten verkopen? Waar heeft jouw evenement plaats?

b

Wil je ook online verkopen? En indien ja, hoe wil je dat doen?

Zijn er aan die locatie kosten verbonden, zoals standgeld op de markt, huur …

r

c

BMC

2

pl aa

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Kanalen’ in.

1

em

Action 14— It’s all in the mix: Promotie

PROMOTIE

De manier waarop je promotie maakt, hangt van de doelgroep af. Vormen 60-plussers je doelgroep, dan gebruik je een krantje of een flyer. Vormen jongeren je doelgroep, dan is Instagram een goede optie.

jk ex

Denk eerst over deze vragen na.

Verloopt je reclamecampagne digitaal of op papier?

Ontwerp je een website en / of Facebookpagina?

Licht je je product of dienst ook op andere social media, zoals Instagram of YouTube, toe?

Gebruik je een influencer?

Kost die promotie geld?

Hoe lok je de mensen naar je stand, project of winkeltje?

ki

a

b

Kom tot een besluit en noteer hoe je promotie zult voeren.

In

BMC

2

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Klantenrelaties’ in.

THEMA 6

LEVEL 1

Good to know

26

Veronderstel dat je melkproducten wilt verkopen, dan kun je reclame maken door iemand te laten rondlopen verkleed als koe.


Action 15— It’s all in the mix: Presentatie en personeel

1

PRESENTATIE

PERSONEEL

Om goed te verkopen of om mensen naar jouw evenement te lokken, moet je de aandacht van je klanten trekken. De presentatie van je verkoopstand of van de activiteit is dus heel belangrijk. Geef een voorbeeld van

a

Denk eerst over deze vragen na.

Hoe wil je het product of evenement presenteren?

Hoe zal je verkoopstand, winkel of evenementenlocatie eruitzien?

Noteer op basis van jouw antwoorden de

em

b

pl aa

r

een aantrekkelijke presentatie.

2

ki

jk ex

benodigdheden voor jouw presentatie.

Niet iedereen kan goed verkopen. Een goede verkoper moet mensen durven aanspreken, het product goed

In

kennen en noem maar op. a

Wie zal het product verkopen? Zijn er specifieke verkopers? Of verkoopt iedereen?

Heb je nood aan verkooptips?

Noteer jouw antwoorden.

BMC

3

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ in.

THEMA 6

LEVEL 1

b

Denk eerst over deze vragen na.

27


Action 16— It’s all in the mix: Prijs

PRIJS

Je moet ook de prijs berekenen en bepalen voor het product, de dienst of de deelname aan het evenement. Daarvoor moet je eerst alle kosten weten. Dat zul je in Action 18 doen. a

Stel je de volgende vragen:

Ga je, na de prijsberekening, kiezen voor een lage prijs om veel klanten te overtuigen om je product te kopen of aan je evenement deel te nemen of ga je een hoge prijs vragen om aan te geven dat je kwaliteit biedt?

Ga je kortingen geven? Indien ja, in welk geval? Op bepaalde momenten, zoals een happy hour, of bij de aankoop van een grote hoeveelheid?

Kom tot een besluit en noteer hoe jij de prijs wilt zetten.

pl aa

b

Is jouw prijs hoger of lager dan de prijs van de concurrent(en)? Of is hij hetzelfde?

r

Good to know

em

Wanneer je een project of een evenement plant, dan kun je over deze vragen nadenken. Wat is het doel van het project?

Wie kan eraan deelnemen?

Wanneer vindt het project plaats?

Moet er voor het project betaald worden?

Welke prijs vraag je aan de deelnemers?

Verstuur je uitnodigingen?

Hoe maak je reclame?

Welke kosten brengt het project met zich mee?

Heb je leveranciers nodig?

THEMA 6

LEVEL 1

In

ki

jk ex

28


Action 17— Mensen en middelen 1

In Actions 6, 7 en 15 heb je al een deel van ‘Mensen en middelen’ ingevuld. In deze Action vervolledig je het onderdeel verder. Welke bedrijfsmiddelen, zoals een

BMC

2

pl aa

r

computer of een camera, heb je nodig voor je project?

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ verder aan.

Good to know

em

Als het project op school of in je gemeente plaatsheeft, moet je aan de directie of het gemeentebestuur toelating vragen. Doe dat tijdig, niet wanneer je al weken aan het

jk ex

voorbereiden bent.

Action 18— Schatting kosten en opbrengsten, winst 1

Om het onderdeel ‘Kostenstructuur’ in het BMC in te vullen, moet je de kostenstructuur van je bedrijf of project onderzoeken. Nu je de voorgaande actions zorgvuldig voorbereid hebt, is het eenvoudig om de

Vervolledig de tabel met de kosten.

TOTAALBEDRAG KOSTEN

TOTAALBEDRAG

LEVEL 1

BENAMING KOST

THEMA 6

In

a

ki

belangrijkste kosten van je bedrijf of je project te bepalen.

29


2

b

Breng de tabel over in een rekenblad.

c

Bereken de totale kost per eenheid. Gebruik ICT-fiche_R_25.

Kosten bepaalde bedrijfsmiddelen misschien iets te veel? Noteer hoe je op bepaalde middelen kunt

BMC

pl aa

r

besparen.

3

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Kostenstructuur’ aan.

4

Als laatste onderdeel in het BMC komen de inkomstenstromen aan bod. Daarvoor moet je eerst de de kost per eenheid.

em

verkoopprijs kennen. Bereken aan de hand van het onderstaande schema de verkoopprijs. Vertrek vanuit

(kost per eenheid) * winstpercentage + (kost per eenheid)

jk ex

Bijvoorbeeld:

Kost per eenheid: 3,00 euro

Kost per eenheid:

Winstpercentage: 20 %

Winstpercentage:

BMC

5

ki

3,00 * 20 % + 3,00 euro = 3,60 euro

Neem het BMC erbij en vul de prijs per product, dienst of deelnameticket in in het onderdeel

THEMA 6

LEVEL 1

In

‘Inkomstenstromen’.

30


6

Om de inkomstenstromen in kaart te brengen heb je niet alleen de verkoopprijs nodig, maar ook een schatting van de opbrengst van je project. a

Je moet dus voor elk product schatten hoeveel stuks je zult verkopen (afzet). Dat aantal vermenigvuldig je met de verkoopprijs. GESCHATTE AFZET

GESCHATTE OMZET

(= AANTAL STUKS)

(= AFZET * VERKOOPPRIJS)

Product, dienst, deelnameprijs 1 Product, dienst,

b BMC

7

pl aa

r

deelnameprijs 2

Breng die tabellen over naar een rekenblad en bereken voor al je producten de geschatte opbrengst.

Neem het BMC erbij en vul de opbrengsten in bij het onderdeel ‘Inkomstenstromen’.

1

em

Action 19— Strategische partners

In Action 11 heb je al bepaald welke leveranciers je strategische partners zijn. Maar ook een samenwerking kan interessante partners opleveren en je helpen om beter te zijn dan je concurrenten. Geef een

In

ki

jk ex

voorbeeld van dergelijke partners?

Good to know Wanneer een bedrijf je strategische partner wordt, dan moet ook dat bedrijf baat hebben bij de samenwerking.

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Strategische partners’ aan met jouw partners. LEVEL 1

2

THEMA 6

BMC

31


Action 20— Pitch PITCH

Een pitch is een video waarin je kort je project voorstelt.

1

Je project is afgerond. Maak een pitch met je smartphone of laptop, een camera of een tablet. De pitch moet zeker deze gegevens bevatten: de naam van het project, de pop-up, de onderneming of het evenement,

het doel,

een beschrijving van het product, de dienst of het evenement,

argumenten waarom de mensen voor jou zouden moeten kiezen,

een krachtige slagzin die blijft hangen als afsluiter.

Zorg voor een leuke achtergrond wanneer je filmt.

Vermijd storende geluiden.

Oefen de tekst minstens vijf keer in alvorens je start.

Ga vooraf na hoe er gefilmd moet worden.

em

jk ex

2

pl aa

Good to know

r

Bekijk de pitch klassikaal.

Action 21— The moment of truth Je bent nu goed voorbereid om je project uit te voeren. Nog enkele tips.

ki

1

Zorg voor voldoende voorraad.

Denk aan je verkoopstand of etalage.

Denk na hoe je mensen naar je stand wilt lokken.

Denk aan wisselgeld.

Denk aan een taakverdeling.

In

Tip:

THEMA 6

LEVEL 1

BMC

32

2

Voer je project nu uit.

3

Neem het Business Model Canvas erbij en vul het onderdeel ‘Kernactivteiten’ aan.


STEP-UP 1

Het is belangrijk na te gaan wat goed en wat minder goed verliep. Je bekijkt het project op zich, maar je evalueert ook je eigen bijdrage. De volgende vragen kunnen je helpen.

Hoe is het project volgens jou gelopen?

Wat was jouw inbreng tijdens dit project?

Waar ben je trots op?

Wat zou je anders doen?

Welke fouten heb jij gemaakt?

Wat heb je over jezelf geleerd?

jk ex

em

pl aa

r

Beantwoord deze open vragen.

ki

a

Wie ben jij tijdens dit project? Denk aan je taak, je rol …

Wat zou je veranderen aan het concept van dit project?

Hoeveel tijd spendeerde je ongeveer na je schooluren aan dit project? (dagen, uren, minuten)

THEMA 6

STEP-UP

In

33


b

Geef jezelf als volgt een score: 1 is de laagste score, 10 is de hoogste score.

Ben jij flexibel? (0 ik ben helemaal niet flexibel – 10 ik ben zeer flexibel) 1

3

4

5

6

7

8

9

10

3

4

5

6

7

8

9

10

5

6

7

8

9

10

Ben jij gedreven? 1

2

2

Communiceer jij goed en met iedereen? 2

3

4

Ben jij hulpvaardig en attent voor andere leerlingen? 1

2

3

4

jk ex

2

2

ki In STEP-UP THEMA 6

8

9

10

5

6

7

8

9

10

5

6

7

8

9

10

3

4

5

6

7

8

9

10

2

3

4

5

6

7

8

9

10

2

3

4

6

7

8

9

10

7

8

9

10

5

Geef jezelf een score voor inzet (niet tijdens de schooluren). 1

34

7

Onderneem je actie om problemen op te lossen? 1

4

6

Reageer je gepast en klantvriendelijk? 1

3

5

Hanteer je een goed werktempo? 1

4

Lever je kwalitatief werk af? 1

3

Werk je precies en zorgvuldig? 1

2

em

pl aa

r

1

2

3

4

5

6


c

Evalueer je klasgenoten! Noteer steeds een naam. Wie is het meest flexibel? Wie is het meest gedreven? Wie communiceert het meest en het duidelijkst over de opdrachten? Op wie kun je altijd rekenen? Wie werkt het meest nauwkeurig? Wie werkt het meest kwalitatief?

Wie lost de problemen steeds op?

pl aa

Wie is het meest klantvriendelijk?

r

Wie kan er het best beslissen?

Wie heeft het hardst gewerkt voor dit project?

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er evaluatiecriteria waarmee je rekening kunt houden.

THEMA 6

STEP-UP

In

ki

jk ex

2

em

Wie heeft een leidersrol op zich genomen?

35


Begrippenlijst Thema 6 1

BEGRIP aandeel

VERKLARING Een aandeel is een bewijs dat je voor een stuk eigenaar bent van de onderneming.

1

1

bedrijfs-

Dat zijn middelen die een onderneming

middelen

nodig heeft om te kunnen werken, zoals

doelgroep

Dat is een specifieke groep mensen die een

zijn product- of dienstenaanbod.

Dat is een product dat of een dienst die nog

niet aangeboden wordt en wellicht goed

1

in consignatie

zal verkopen omdat veel consumenten er

behoefte aan hebben.

Goederen die je in consignatie koopt,

pitch

em

moeten pas betaald worden wanneer je ze

1

Dat is een korte presentatie van een idee

jk ex

verkopen.

populatie

De populatie is een volledige groep mensen die dezelfde kenmerken hebben en naar

1

prijsaanvraag

Dat is een brief of e-mail naar een leveran-

ki

unique selling

Dat verwijst naar het unieke element

proposition

of voordeel dat een product, dienst of

voorraad

onderneming heeft ten opzichte van de

concurrenten.

Dat is de hoeveelheid goederen die je in je

THEMA 6

BEGRIPPENLIJST

winkel hebt om aan de klanten te verkopen.

36

kosten van een product opvraagt.

In 1

wie je een onderzoek voert.

cier waarin je de prijzen en de bijkomende

1

effectief verkocht hebt.

of een product, om dat idee of product te

1

pl aa

gat in de markt

machines, computers ‌

onderneming wil bereiken, of bedienen met

1

IN JE EIGEN WOORDEN

r

LEVEL


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

Ondernemerschap


6 pl aa

r

THEMA

In

ki

jk ex

em

Ondernemerschap


r

pl aa

STEP-UP

em

Evaluatie ondernemend project

LEVEL

jk ex

1

Hoe breng je een ondernemend project tot een goed eind?

In

ki

STEP-IN

p. 33

p. 5

p. 4


STEP-IN Een onderneming of project op poten zetten is niet enkel voor volwassenen. Het filmpje van deze twee jonge ondernemers is daar een mooi bewijs van. Lees eerst deze achtergrondinformatie.

em

pl aa

r

1

jk ex

Michiel startte zijn onderneming op in 2014. Hij was toen 25 jaar oud. Zoals elke jonge ondernemer moest hij klein starten en begon hij websites te maken vanuit de zetel van zijn ouders.

Bekijk de filmpjes.

THEMA 6

STEP-IN

In

2

ki

Dorina voelde het al kriebelen om te ondernemen toen ze nog aan het studeren was. In haar laatste jaar aan de universiteit startte ze in Genk haar eigen kledingzaak op. Aangezien ze van Grieks-Italiaanse afkomst is, haalde ze ook haar kleren daar.

4

a

Wat vind je interessant aan het verhaal van Michiel?

b

Wat vind je interessant aan het verhaal van Dorina?


LEVEL 1 Hoe breng je een ondernemend project tot een goed eind? INTRO 1

Ondernemen is belangrijk voor de maatschappij. Indien niemand ondernemend zou zijn, waren er

r

geen bedrijven, werden er geen organisaties voor het goede doel opgericht, waren er geen uitvin-

pl aa

dingen, zoals medicijnen, het wiel, elektriciteit … Ondernemen betekent de handen uit de mouwen steken en initiatief nemen om een project op poten te zetten.

Bekijk deze collage. Zo krijg je een idee van hoe gevarieerd ondernemen kan zijn.

Artistiek: de organisatie van een tentoonstelling

3

speelenen op de nte p o p u p o : een p n je gemee Economisch kelstraat va in w e d in plaats of

In dit level zet je deze onderzoeksvraag in de praktijk om: Welke stappen zet je om een ondernemend project tot een goed einde te brengen?

LEVEL 1

Sportief: e en fietsmarat sportevenement, zo hon op sch als een ool

THEMA 6

In

ki

e week, Sociaal: warmst g Da Rode Neuzen

Maatschappelijk of humanitair: een geldinzameling naar aanleiding van een ramp © Gimas / Shutterstock.com

jk ex

© BELGA

em

2

5


Explore 1— Welke ondernemer ga jij achterna? De kern van ondernemerschap is de persoon die met zijn talenten, troeven, sterke en zwakke punten het project tot een goed einde brengt. a

Deze personen zijn daar een mooi voorbeeld van. Lees aandachtig het parcours dat zij hebben afgelegd om hun doel te bereiken. Steve Jobs richtte op 3 januari 1977 samen met Steve Wozniak en Ronald Wayne, Apple Computer op. In 1985 verliet Jobs Apple nadat de raad van bestuur hem verbood nog een leidinggevende functie te bekleden binnen

r

Apple. Hij startte toen het computerbedrijf NeXT op.

pl aa

Na een overname van NeXT door Apple werd Jobs in de zomer van 1997 interim CEO van Apple. Steve Jobs werd raadgever bij Apple. In 1998 werd de iMac gelanceerd. Met die nieuwe personal computer slaagde Steve Jobs erin Apple weer financieel sterk te maken. De echte doorbraak voor Apple kwam in 2001 met de lancering van de iPod en iTunes. Die mp3-spelers luidden een nieuw tijdperk voor Apple in. In 2007 veranderde Steve Jobs de wereld door zijn legendarische introductie van de Iphone. Bron: wikipedia.org

em

© Anton_Ivanov / Shutterstock.com

In 1995 richtten Elon Musk en zijn broer het internetbedrijf Zip2 op. Het bedrijf ontwikkelde een onlinestadsgids voor onder andere kranten. Zip2 werd overgenomen voor 307 miljoen Amerikaanse dollar waarvan Musk 22 miljoen

jk ex

US-dollar ontving. In maart 1999 richtte Elon Musk X.com op, een onlinebetaalplatform. Hij investeerde er tien miljoen US-dollar in. Een jaar later werd dat betaalplatform samengevoegd met PayPal. PayPal werd in oktober 2002 door Ebay overgenomen, voor anderhalf miljard dollar, waarvan Musk 165 miljoen US-dollar ontving.

In

ki

Met 100 miljoen Amerikaanse dollar van zijn eerdere verkopen richtte Musk in

© Kathy Hutchings / Shutterstock.com

juni 2002 SpaceX op. Tesla Motors werd in juli 2003 opgericht door Martin Eberhard en Marc Tarpenning. Beide mannen bekleedden een actieve rol in de vroege ontwikkeling van het bedrijf, voordat Elon Musk betrokken werd bij het bedrijf. Musk was tot in detail betrokken bij het ontwerp van de Tesla Roadster, maar was minder betrokken bij de dagelijkse gang van zaken. Tijdens de financiële crisis van 2008 voelde Musk zich genoodzaakt het leiderschap van Tesla over te nemen als algemeen directeur. Bron: wikipedia.org

THEMA 6

LEVEL 1

b

6

Omschrijf ondernemerschap in je eigen woorden.


Forum Wil jij graag je eigen zaak oprichten? Waarom (niet)?

Action 1— Aan de slag 1

Nu is het aan jou! De volgende actions begeleiden je om klassikaal een project

Marc Coucke, Bill Gates, Jeff Bezos, Marc Zuckerberg of Sergio Herman te worden. 2

Verken een aantal vormen die je ondernemend project kan aannemen: het opzetten van een pop-uponderneming,

em

pl aa

je om de volgende Steve Jobs, Elon Musk,

r

tot een goed einde te brengen. Ze helpen

de organisatie van een solidariteitsactie,

een project rond gezonde voeding (zoals een gezond ontbijt voor alle leerlingen van de school),

een cultureel evenement,

een technische realisatie,

een actie rond duurzaamheid.

jk ex

Good to know

Kies een project waarvoor je enthousiast bent, waarvoor je de handen uit de mouwen wilt

In

ki

steken, waarin je de nodige energie wilt steken.

Action 2— Nodig een (jonge) zelfstandig ondernemer uit Nodig een zelfstandig ondernemer uit om te horen hoe het is om ondernemer te zijn. a

Zoek een zelfstandig ondernemer in je eigen omgeving. Misschien is een van je leraars of een oudleerling van je school een zelfstandig ondernemer, al dan niet in bijberoep. Als je geen zelfstandig ondernemer vindt, dan kun je de filmpjes van de twee zelfstandig ondernemers uit de Step-in herbekijken.

LEVEL 1

b

THEMA 6

1

7


2

Bereid het interview met de ondernemer voor. a

b

Bekijk de vragen die je kunt stellen.

Welke zaak heeft u opgericht? Wat biedt u aan?

Welke (karakter)eigenschappen zijn er volgens u nodig om als zelfstandige te beginnen?

Welke kennis heeft een beginnend ondernemer nodig?

Wie of wat kan u helpen, wanneer u een probleem heeft?

Welke valkuilen of nadelen kunnen iemand afschrikken om een onderneming op te starten?

Wat zijn de voordelen of leuke aspecten van het ondernemerschap?

Hoe gaat u op zoek naar klanten?

Hoe weet u wat uw klanten willen?

Bedenk nog een drietal nieuwe vragen.

pl aa

r

Verwerk de antwoorden van het interview achteraf met een tekstverwerker.

em

3

Action 3— Ben jij de volgende Elon Musk of Marc 1

jk ex

Zuckerberg?

Welke eigenschappen moet een ondernemer hebben?

2

ki

Doe de onlinetest en ontdek jouw ondernemersvaardigheden. Welke score heb je behaald?

In

a

b

Wat zijn je sterke punten volgens de test?

THEMA 6

LEVEL 1

c

8

Wat zijn je zwakke punten volgens de test?


Action 4— Vind jij het gat in de markt? 1

Bij het opzetten van een onderneming, moet je aan heel veel zaken denken. Het Business Model Canvas uit Level 7 van Thema 2 biedt je daarbij een houvast. Op dit BMC zie je welk onderdeel er in welke Action behandeld wordt.

Business Model Canvas Kernactiviteiten

Action 9

Action 19

Action 21

Action 12

Action 15 Action 17

Action 18

L I F T 2

Action 8

Kanalen

Action 13

Inkomstenstromen

jk ex

Kostenstructuur

Action 5

em

Action 7

Action 14

pl aa

Action 4

Action 6

Klantensegmenten

Klantenrelaties

Action 11

Mensen en middelen

Poster economische kringloop+business model A1 - v3.indd 1

Waardeproposities

Versie:

r

Strategische partners

Naam:

Action 18

Een ondernemer heeft meestal een droom, een idee, die hij graag wil realiseren. Hij is op zoek naar het gat

18/02/2020 14:57

Noteer in eigen woorden wat een gat in de markt is.

In

a

ki

in de markt.

b

Hoe kan een onderneming een gat in de markt ontdekken?

Welke vragen kan een onderneming stellen om dat gat in de markt te ontdekken?

THEMA 6

c

LEVEL 1

9


3

Voor jullie klasproject is het niet noodzakelijk om een product te verkopen. Je mag bijvoorbeeld ook met je klas een evenement of een actie voor een goed doel op poten zetten. a

Bespreek klassikaal wat je van deze ideeën vindt.

Een popup-onderneming in de winkelstraat van de gemeente van de school omdat er verschillende panden leegstaan

Een verkoopstand op de wekelijkse markt

Een verkoopstand gedurende een of meerdere dagen op school

Een gezond ontbijt voor je klas, jouw jaar of zelfs voor de hele school

Een nocturne (een avondevenement) waarop leerlingen hun kunstwerken presenteren aan de ouders en leraren Een modeshow in samenwerking met een kledingzaak uit de buurt

De productie en verkoop van een nieuw innovatief product dat jullie zelf kunnen produceren

De organisatie van een sportevenement op school

De organisatie van een lesmarathon op school

jk ex

em

pl aa

r

Good to know

Wees je ervan bewust dat ook je prestaties in de loop van het project geëvalueerd en

ki

beoordeeld worden. Ga alvast naar het onlinelesmateriaal van de Step-up. Je vindt er de

In

evaluatiecriteria. Zo weet je waar je aandacht aan kunt besteden.

b

4

Noteer wat je gekozen hebt: een product, een dienst of de organisatie van een evenement of actie.

Om het onderdeel kernactiviteiten in te vullen in het BMC, moet je, wanneer je een product of dienst

THEMA 6

LEVEL 1

verkoopt, eerst mogelijke oplossingen bedenken voor een probleemsituatie. Wil je een evenement of actie

10

organiseren, dan moet je nadenken over de aanpak daarvan. a

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een aantal probleemsituaties om over te brainstormen. Wil je iets organiseren, brainstorm dan over de evenementen of acties die hierboven staan.

b

Voer het denkproces uit. Spreek met de klas af welke optie je kiest. Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt. Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt in de vorm van design thinking.


Optie 1

Brainstormmethode

STAPPENPLAN Stap 1:

Werk in groepen.

Elke groep krijgt een probleemsituatie op een

Bedenk gedurende tien minuten zoveel mogelijk

A4-blad of digitaal via bijvoorbeeld Google Docs. oplossingen voor dat probleem. Noteer alle suggesties op post-its op het A4-blad, ook de ideeën die niet meteen haalbaar lijken. Stap 2:

Geef het blad door en brainstorm over een nieuwe Elke groep overloopt zijn nieuwe situatie en de

Zoek gedurende tien minuten naar nieuwe oplossingen en noteer ze.

Stap 3:

pl aa

oplossingen van het vorige groepje en doet zo nieuwe ideeën op.

r

situatie. –

Geef het blad weer door en brainstorm over een nieuwe situatie.

Overloop de mogelijke oplossingen voor dat probleem.

Dit keer zoek en noteer je gedurende vijf minuten nieuwe oplossingen.

Stap 4: Stap 5:

Blijf die werkvolgorde herhalen tot elke groep elke situatie bestudeerd heeft. Overloop de ideeën op elk blad.

Kleef de ideeën op het bord of projecteer ze via de computer.

Selecteer de ideeën die haalbaar zijn tot je er maximum zeven overhoudt.

Haal de onbruikbare ideeën weg.

Stap 6:

em

Kom tot een unaniem besluit.

Kies iets waar de hele klas achter staat.

Noteer je definitieve project hier. Dat is ook de kernactiviteit van je onderneming of project.

Design thinking

ki

Optie 2

jk ex

In

Good to know

Design thinking is een probleemoplossende methode. Met behulp van design thinking probeert men te vernieuwen op basis van technologieën, klantbehoeften en wensen van klanten door problemen op een creatieve manier te benaderen. De gekste ideeën zijn welkom want die leiden net tot de meest creatieve oplossingen. Bij design thinking wil men steeds de toekomst verbeteren en ideeën opbouwen zonder

THEMA 6

LEVEL 1

een oordeel te vellen.

11


STAPPENPLAN Stap 1: Leef je in. –

Hier gaat het om het volledig begrijpen van de klant.

Door gesprekken, enquêtes en interviews verzamel je de wensen en de behoeftes van de klanten. Het is belangrijk dat je alle betrokkenen (stakeholders) betrekt en in hun leefwereld stapt. Wat houdt hen bezig? Wat vinden ze van het product, hoe gebruiken ze het en wat motiveert hen?

De data (antwoorden, gegevens) die je verkrijgt tijdens die gesprekken moet je goed bijhouden.

Ga daar nu naar op zoek voor jullie project.

Stap 2: Definieer het probleem. –

Hier omschrijf je het probleem duidelijk. Begin met een samenvatting van je observaties uit de eerste stap.

Een goede probleemomschrijving heeft de volgende kenmerken: Ze draait rond de stakeholders en omschrijft hun probleem.

Ze is breed genoeg zodat het creatieve denkproces ver genoeg kan gaan.

Ze is niet te breed zodat de richting toch duidelijk is.

Noteer je probleemomschrijving.

Stap 3: Creëer ideeën

em

r

pl aa

In deze stap is het van groot belang om zoveel mogelijk ideeën in overweging te nemen. Zo kun je het

‘Think outside the box’ en genereer voldoende oplossingen of ideeën.

Maak een selectie van wat haalbaar en wenselijk is.

Noteer de ideeën hieronder.

ki

jk ex

probleem vanuit verschillende invalshoeken bekijken en kom je tot de beste resultaten.

In

THEMA 6

LEVEL 1

12

Stap 4: Maak een prototype –

In deze fase maak je een prototype van de oplossing.

Integreer meerdere ideeën uit de vorige fase en combineer ze tot een goede oplossing.

Maak indien nodig meerdere prototypes.

Doe dat nu voor jullie project.


Stap 5:

Test

In deze fase probeer je door te testen de best mogelijke oplossing te identificeren.

Test zelf de prototypes maar laat ook de eindgebruiker het prototype testen.

Evalueer telkens weer, noteer eventuele problemen en pas indien nodig aan.

Doe dat nu voor jullie project.

CREËER

TEST

BMC

Vervolledig het Business Model Canvas. a

Ga naar het onlinelesmateriaal en druk het BMC af op A3.

b

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Kernactiviteiten’ in.

jk ex

5

MAAK

em

DEFINIEER

pl aa

r

LEEF IN

1

ki

Action 5— Wie is je doelwit?

Om je klantensegment in je Business Model Canvas in te vullen, moet je eerst de doelgroep(en) van je

In

onderneming of evenement bepalen. Dit zijn een aantal vragen die je jezelf kunt stellen over je doelgroep:

Ligt de focus op mannen, op vrouwen, op gepensioneerden, gezinnen, jongeren … ? Bevindt je doelgroep zich in het hele land, een bepaalde provincie of de eigen school?

LEVEL 1

THEMA 6

a

13


b

Ook opleiding, woonplaats, geloof en sociaal-economische achtergrond van je doelgroep zijn aspecten waarover je moet nadenken.

Bepaal zo specifiek mogelijk de wensen van de doelgroep.

Als je meerdere doelgroepen in gedachten hebt, orden ze dan van meest belangrijk (1) naar minst belangrijk (5).

Bijvoorbeeld: Doelgroep: 60-plussers Omschrijving: Mensen tussen 60 en 80 jaar. Omgeving: Regio Gent Belangrijkheid: 2 2

Noteer jouw doelgroep(en) en geef ook aan hoe belangrijk elke doelgroep voor jouw project is.

pl aa

r

em

3

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Klantensegment’ in.

jk ex

BMC

Action 6— Verdeel en heers 1

Nu je je doelgroep bepaald hebt, kun je je project uitwerken. Maar niemand kan alles alleen doen, dus

ki

moet je de taken verdelen. Een goede samenwerking zorgt voor het beste resultaat, dus ‘verdeel de taken en heers over jouw doelgroep’.

Je kunt kiezen uit twee opties om de taken te verdelen. Kies optie 1 als je graag wat ondersteuning wilt.

In

2

Kies optie 2 als je liever een uitdaging wilt. Daarna kun je het onderdeel ‘Mensen en middelen’ van je BMC invullen.

THEMA 6

LEVEL 1

Optie 1

14

Vijf vaste functies

Optie 2

CLIM-rollen

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er vijf

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er de

functies met hun taakomschrijving. Er staat wat je

CLIM-rollen uit Mens en samenleving.

voor die functie moet kennen en kunnen en welke

Bestudeer de CLIM-rollen.

attitude belangrijk is.

Noteer de rol die jij opneemt.

Bestudeer de functies goed.


Denk na over je sterke punten en je zwakke punten en noteer ze hier. Sterke punten:

r

Zwakke punten:

Noteer waarom je een bepaalde functie kiest.

Bespreek die keuze met de leraar.

3

Noteer wat jouw taken zijn en tegen wanneer je die voorbereid moet hebben. Zo verlies je niets uit het

em

pl aa

jk ex

oog. Naarmate het project vordert, kun je jouw taken aanvullen.

TAAKOMSCHRIJVING

DEADLINE

In

ki

NAAM LEERLING(EN)

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ aan met jouw taak of functie.

LEVEL 1

4

THEMA 6

BMC

15


Action 7— Money, money, money … it’s so funny … in a rich man’s world

1

Om het tweede luik van ‘Mensen en middelen’ in te vullen, moet je weten hoeveel je startkapitaal bedraagt. Dat heb je nodig om producten of grondstoffen aan te kopen. Je kunt op twee manieren een startkapitaal bekomen. a

Je leent een bepaald bedrag van de school of van de leraar.

r

Good to know

pl aa

Een lening is nooit kosteloos. Je geeft het geld altijd met intrest terug. Zo kun je bij-

voorbeeld afspreken dat, wanneer je 100 euro leent, je op het einde van het project 5 % intrest betaalt en dus 105 euro terugbetaalt.

jk ex

em

PAS OP! GELD LENEN KOST OOK GELD!

ki

b

Je geeft aandelen met een bepaalde waarde – vijf of tien euro – uit. Een aandeel is een bewijs dat je voor een stuk eigenaar bent van de onderneming. Elke leerling kan zelf een aandeel kopen. Zo ben je voor een stuk eigenaar van de onderneming.

In

Daarnaast kun je ook aandelen aan ouders, familie of vrienden verkopen.

Geef hen in ruil een aandeelhoudersbewijs. Gebruik het onderstaande voorbeeld als inspiratie

Stel een tabel op met een overzicht op van de aandeelhouders.

Keer aan het einde van het project een deel van de winst aan de aandeelhouders uit.

THEMA 6

LEVEL 1

en maak zelf een aandeel met een tekstverwerker.

16


2

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ aan.

r

BMC

klantonderzoek

1

pl aa

Action 8— Even detective spelen aan de hand van een

Om het onderdeel ‘Klantensegment’ in te vullen in je Business Model Canvas, moet je eerst weten wie je

em

klanten zijn. Denk na wie je klant is, bekijk de volgende voorbeelden en vul aan wie de klanten zijn. a

Wanneer je een tentoonstelling wilt organiseren, zijn je

b

Wanneer je een gezond ontbijt voor alle tweedejaars op je school organiseert, dan zijn de

je klanten.

c 2

jk ex

je klanten.

Wanneer je een fietsmarathon organiseert, dan zijn de

je klanten.

Een product, dienst of project slaat pas aan als je aanbod of je idee beantwoordt aan de behoeften en wensen van de doelgroep. Om een goed beeld van die doelgroep te krijgen, doe je een marktonderzoek.

In

ki

Hoe zou jij dat aanpakken?

LEVEL 1

Volg het stappenplan om een klantonderzoek te doen in de vorm van een enquête.

THEMA 6

3

17


STAPPENPLAN Klantonderzoek Stap 1: –

Bepaal de doelgroep van de enquête. Bepaal wie je wilt bevragen. Noteer hier de doelgroep die je in Action 5 beschreven hebt.

Hoeveel mensen wil je bevragen? Hoe meer mensen je bevraagt, hoe duidelijker en beter de resultaten

pl aa

r

voor de doelgroep zijn.

In de onderstaande tabel zie je hoeveel vragenlijsten je zou moeten afnemen volgens de grootte van de populatie, in dit geval jouw doelgroep. Dat aantal enquêtes is voor jullie uiteraard niet haalbaar.

em

Probeer tussen de 25 en 50 enquêtes te verzamelen.

AANTAL ENQUÊTES

1000

278

500

218

jk ex

GROOTTE VAN JOUW DOELGROEP

2000

Noteer hoeveel enquêtes je ongeveer gaat afnemen.

Bespreek en noteer hoe, waar en wanneer je de enquêtes zult afnemen.

In

ki

Good to know

THEMA 6

LEVEL 1

Je kunt de vragenlijst ook digitaal afnemen via Google Formulieren.

18

323


Stap 2: Stel de enquête op. –

Bepaal wat je te weten wilt komen met de vragenlijst. Omschrijf het kort.

Good to know Probeer ook te achterhalen: of je klanten afhankelijk zijn van een bepaald seizoen of een bepaalde trend;

of ze dienstverlening belangrijk vinden;

of ze trouw zijn aan een bepaald merk;

hoeveel ze denken uit te geven aan jouw product, dienst of project.

Bedenk in groepjes de mogelijke vragen voor de enquête.

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er voorbeeldvragen. Houd steeds rekening met de verwer-

em

pl aa

r

king. Soms is het beter om gesloten vragen te stellen, zoals meerkeuzevragen, aanduiding op een schaal of ja-neevragen. –

Noteer minstens tien vragen.

ki

jk ex

In

Stap 3: Neem de enquête af. van de school, Google Formulieren … –

Noteer hoe je de enquêtes afneemt.

LEVEL 1

Je kunt de enquête op verschillende manieren afnemen: schriftelijk, mondeling, via het leerplatform

THEMA 6

19


Stap 4: –

Verwerk de resultaten. Maak eerst een tabeloverzicht van de resultaten en daarna een grafiek. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van rekenblad.

Stap 5:

Formuleer besluiten. Noteer het besluit van je onderzoek.

BMC

4

pl aa

r

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Klantensegment’ aan met jouw partners.

em

Action 9— Even detective spelen aan de hand van een concurrentieonderzoek

1

Om in het BMC het onderdeel ‘Waardeproposities’ te vervolledigen, moet je ook onderzoek doen naar de

jk ex

concurrentie, want de kans is zeer groot dat die er is. Je doet dat onderzoek om eruit te leren, maar ook om hun zwakke punten te ontdekken. Op die punten kun jij anticiperen en dan meteen beter doen. Geef daarvan een voorbeeld.

Bekijk deze voorbeelden van concurrentie.

ki

2

Als je op de speelplaats een pop-up organiseert en ontbijtkoeken verkoopt, dan zijn de bakkerijen en

In

a

supermarkten in de buurt je concurrenten.

b

Als je een marathon voor het goede doel organiseert, dan zijn andere initiatieven voor het goede doel je concurrent. Een andere klas of een jeugdbeweging kan bijvoorbeeld geld inzamelen door een carwash te organiseren voor datzelfde doel.

c

Als je een nocturne met kunstwerken van leerlingen organiseert, dan is de kunstacademie of het museum uit de buurt je concurrent.

THEMA 6

LEVEL 1

3

20

Noteer al je concurrenten.


4

Volg het stappenplan om je concurrenten te analyseren.

STAPPENPLAN Stap 1:

Schrijf de belangrijkste concurrenten op en noteer ook waarom je die kiest.

Stap 2:

Vervolledig voor elke concurrent deze fiche. Werk in een onlinetoepassing zodat je er samen aan kunt

Wie is de doelgroep van mijn concurrent?

Wat zijn de prijzen van mijn concurrent?

Welke service biedt mijn concurrent?

Wat zijn de sterke en zwakke punten van mijn concurrent?

pl aa

Wat is het assortiment van de concurrent?

r

werken. Gebruik daarvoor ICT-fiche_OSGD_06 of fiche_OSOD_05. –

Assortiment concurrent Doelgroep concurrent Prijzen Service

jk ex

Sterke punten

em

FICHE CONCURRENT

THEMA 6

LEVEL 1

In

ki

Zwakke punten

21


Stap 3:

Kom tot een conclusie

Maak een overzicht van je concurrentieonderzoek.

Ga na waarin elke concurrent beter of veel beter is dan jou (+ of ++) of net slechter of veel slechter (- of - -) is dan jou. CONCURRENT

CONCURRENT

CONCURRENT

CONCURRENT

Prijs Assortiment

r

Service

pl aa

Marketing

UNIQUE SELLING PROPOSITION

Dat is de verwijzing naar het unieke element of voordeel dat concurrenten.

Stap 4:

Onderscheid je van de concurrent

Wat is je Unique Selling Proposition? Waarom is jouw project beter dan dat van jouw concurrent?

ki

jk ex

em

een product, dienst of onderneming heeft ten opzichte van haar

Wat maakt jouw project uniek?

In

BMC

5

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Waardeproposities’ aan op basis van jouw

THEMA 6

LEVEL 1

concurrentieonderzoek.

22


Action 10— Be unique, be the one Welke logo’s herken je op deze afbeelding? Bespreek klassikaal.

pl aa

r

1

© Bashigo / Shutterstock.com

2

Voor je project heb je een naam, een logo en een slogan nodig. De naam ligt in het verlengde van je

a

em

product, dienst, evenement of actie, dus die zoek je eerst. Dan pas zoek je een slogan en een logo. Om de naam te bedenken, gebruik je weer de brainstormmethode. Dat kan in groepjes of klassikaal.

jk ex

De ideeën kunnen op het bord, op een blad papier of digitaal en online genoteerd worden.

Good to know

Kies een korte, krachtige naam.

Houd het simpel en enthousiast.

Grappig mag, maar moet niet.

Vermijd dat de naam na een jaar al verouderd is. Kies iets tijdsloos. Vraag feedback aan vrienden of familie.

In

ki

b

Voor de slogan en het logo werk je in twee groepen. Een groepje ontwerpt het logo, het andere groepje bedenkt de slogan. Surf even op het internet. Je vindt er een aantal interessante programma’s om logo’s te ontwerpen.

Kies een eenvoudig logo. Mensen moeten het makkelijk kunnen schetsen.

Vermijd dat het logo na een jaar al verouderd is. Kies iets tijdloos.

Zorg dat het logo uniek is.

Kies een logo dat past bij de stijl, het imago en de uitstraling van het project.

THEMA 6

LEVEL 1

Good to know

23


Action 11— Leveranciers 1

De strategische partners in het BMC zijn jouw leveranciers van producten of grondstoffen. Surf op internet en zoek via Google of goudengids.be drie mogelijke leveranciers.

2

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een brief die je kunt versturen naar de leveranciers om een prijsaanvraag te doen. Je kunt de brief ook gebruiken als ondersteuning bij een telefonische

pl aa

r

prijsaanvraag. Vergelijk op basis van die info de sterke en zwakke punten van verschillende leveranciers.

Good to know

Waar houd je rekening mee bij een prijsaanvraag? –

Kijk niet alleen naar de leverancier met de laagste prijs, maar ook naar de leveran-

Vraag aan de leverancier ook of je ‘in consignatie’ kunt kopen. Dat betekent dat hij de

em

cier die snel kan leveren, of die bereid is overschot terug te nemen.

niet-verkochte artikels terugneemt. Die artikels moeten meestal pas betaald worden

3

jk ex

na de verkoop ervan.

Maak met een tekstverwerker een tabeloverzicht op om de leveranciers te vergelijken. LEVERANCIER

LEVERANCIER

ki

Prijs

LEVERANCIER

In

Leversnelheid Service

Betaalvoorwaarden

THEMA 6

LEVEL 1

BMC

24

4

Neem het BMC erbij en vul je belangrijkste leverancier in bij het onderdeel ‘Strategische partners’.


Action 12— It’s all in the mix: Product 1

PRODUCT

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er een leidraad om je marketingmix uit te werken, want die is in de ‘Waardeproposities’ even belangrijk als het klanten – en concurrentieonderzoek.

PRODUCT PERSONEEL

PRIJS

PLAATS

pl aa

PRESENTATIE

r

6 P’s

PROMOTIE

2

Beantwoord deze vragen over jouw product in het document dat je vindt bij het onlinelesmateriaal. Houd

em

daarbij rekening met wat je geleerd hebt in het klant- en concurrentieonderzoek. Welke producten of welke dienst bied je aan?

b

Welke specifieke eigenschappen of kenmerken heeft het product, de dienst of het project?

c

Voldoet jouw product, dienst of project aan de behoeften van de consument?

d

Welke verpakking voorzie je?

e

Denk je ook aan duurzaamheid?

f

Voorzie je ook service en / of garantie?

jk ex

a

ki

Good to know

Denk ook aan de voorraad waarmee je wilt starten, dat wil zeggen bedenk hoeveel stuks

In

van je product je op voorhand aankoopt.

3

Noteer hier (of in een rekenblad of een tekstverwerker) een overzicht van je assortiment in de breedte en diepte of omschrijf je project. Bij het onlinelesmateriaal vind je een voorbeeld van het assortiment in

4

Neem het BMC erbij en vervolledig het onderdeel ‘Waardeproposities’.

THEMA 6

BMC

LEVEL 1

breedte en diepte.

25


Action 13— It’s all in the mix: Plaats – kanalen 1

PLAATS

Om in het BMC het onderdeel ‘Kanalen’ te vervolledigen, moet je bepalen op welke plaats (via welke kanalen) je jouw dienst, product of evenement wilt aanbieden. Beantwoord daartoe deze vragen. a

Waar wil je je producten verkopen? Waar heeft jouw evenement plaats?

b

Wil je ook online verkopen? En indien ja, hoe wil je dat doen?

Zijn er aan die locatie kosten verbonden, zoals standgeld op de markt, huur …

r

c

BMC

2

pl aa

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Kanalen’ in.

1

em

Action 14— It’s all in the mix: Promotie

PROMOTIE

De manier waarop je promotie maakt, hangt van de doelgroep af. Vormen 60-plussers je doelgroep, dan gebruik je een krantje of een flyer. Vormen jongeren je doelgroep, dan is Instagram een goede optie.

jk ex

Denk eerst over deze vragen na.

Verloopt je reclamecampagne digitaal of op papier?

Ontwerp je een website en / of Facebookpagina?

Licht je je product of dienst ook op andere social media, zoals Instagram of YouTube, toe?

Gebruik je een influencer?

Kost die promotie geld?

Hoe lok je de mensen naar je stand, project of winkeltje?

ki

a

b

Kom tot een besluit en noteer hoe je promotie zult voeren.

In

BMC

2

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Klantenrelaties’ in.

THEMA 6

LEVEL 1

Good to know

26

Veronderstel dat je melkproducten wilt verkopen, dan kun je reclame maken door iemand te laten rondlopen verkleed als koe.


Action 15— It’s all in the mix: Presentatie en personeel

1

PRESENTATIE

PERSONEEL

Om goed te verkopen of om mensen naar jouw evenement te lokken, moet je de aandacht van je klanten trekken. De presentatie van je verkoopstand of van de activiteit is dus heel belangrijk. Geef een voorbeeld van

a

Denk eerst over deze vragen na.

Hoe wil je het product of evenement presenteren?

Hoe zal je verkoopstand, winkel of evenementenlocatie eruitzien?

Noteer op basis van jouw antwoorden de

em

b

pl aa

r

een aantrekkelijke presentatie.

2

ki

jk ex

benodigdheden voor jouw presentatie.

Niet iedereen kan goed verkopen. Een goede verkoper moet mensen durven aanspreken, het product goed

In

kennen en noem maar op. a

Wie zal het product verkopen? Zijn er specifieke verkopers? Of verkoopt iedereen?

Heb je nood aan verkooptips?

Noteer jouw antwoorden.

BMC

3

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ in.

THEMA 6

LEVEL 1

b

Denk eerst over deze vragen na.

27


Action 16— It’s all in the mix: Prijs

PRIJS

Je moet ook de prijs berekenen en bepalen voor het product, de dienst of de deelname aan het evenement. Daarvoor moet je eerst alle kosten weten. Dat zul je in Action 18 doen. a

Stel je de volgende vragen:

Ga je, na de prijsberekening, kiezen voor een lage prijs om veel klanten te overtuigen om je product te kopen of aan je evenement deel te nemen of ga je een hoge prijs vragen om aan te geven dat je kwaliteit biedt?

Ga je kortingen geven? Indien ja, in welk geval? Op bepaalde momenten, zoals een happy hour, of bij de aankoop van een grote hoeveelheid?

Kom tot een besluit en noteer hoe jij de prijs wilt zetten.

pl aa

b

Is jouw prijs hoger of lager dan de prijs van de concurrent(en)? Of is hij hetzelfde?

r

Good to know

em

Wanneer je een project of een evenement plant, dan kun je over deze vragen nadenken. Wat is het doel van het project?

Wie kan eraan deelnemen?

Wanneer vindt het project plaats?

Moet er voor het project betaald worden?

Welke prijs vraag je aan de deelnemers?

Verstuur je uitnodigingen?

Hoe maak je reclame?

Welke kosten brengt het project met zich mee?

Heb je leveranciers nodig?

THEMA 6

LEVEL 1

In

ki

jk ex

28


Action 17— Mensen en middelen 1

In Actions 6, 7 en 15 heb je al een deel van ‘Mensen en middelen’ ingevuld. In deze Action vervolledig je het onderdeel verder. Welke bedrijfsmiddelen, zoals een

BMC

2

pl aa

r

computer of een camera, heb je nodig voor je project?

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Mensen en middelen’ verder aan.

Good to know

em

Als het project op school of in je gemeente plaatsheeft, moet je aan de directie of het gemeentebestuur toelating vragen. Doe dat tijdig, niet wanneer je al weken aan het

jk ex

voorbereiden bent.

Action 18— Schatting kosten en opbrengsten, winst 1

Om het onderdeel ‘Kostenstructuur’ in het BMC in te vullen, moet je de kostenstructuur van je bedrijf of project onderzoeken. Nu je de voorgaande actions zorgvuldig voorbereid hebt, is het eenvoudig om de

Vervolledig de tabel met de kosten.

TOTAALBEDRAG KOSTEN

TOTAALBEDRAG

LEVEL 1

BENAMING KOST

THEMA 6

In

a

ki

belangrijkste kosten van je bedrijf of je project te bepalen.

29


2

b

Breng de tabel over in een rekenblad.

c

Bereken de totale kost per eenheid. Gebruik ICT-fiche_R_25.

Kosten bepaalde bedrijfsmiddelen misschien iets te veel? Noteer hoe je op bepaalde middelen kunt

BMC

pl aa

r

besparen.

3

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Kostenstructuur’ aan.

4

Als laatste onderdeel in het BMC komen de inkomstenstromen aan bod. Daarvoor moet je eerst de de kost per eenheid.

em

verkoopprijs kennen. Bereken aan de hand van het onderstaande schema de verkoopprijs. Vertrek vanuit

(kost per eenheid) * winstpercentage + (kost per eenheid)

jk ex

Bijvoorbeeld:

Kost per eenheid: 3,00 euro

Kost per eenheid:

Winstpercentage: 20 %

Winstpercentage:

BMC

5

ki

3,00 * 20 % + 3,00 euro = 3,60 euro

Neem het BMC erbij en vul de prijs per product, dienst of deelnameticket in in het onderdeel

THEMA 6

LEVEL 1

In

‘Inkomstenstromen’.

30


6

Om de inkomstenstromen in kaart te brengen heb je niet alleen de verkoopprijs nodig, maar ook een schatting van de opbrengst van je project. a

Je moet dus voor elk product schatten hoeveel stuks je zult verkopen (afzet). Dat aantal vermenigvuldig je met de verkoopprijs. GESCHATTE AFZET

GESCHATTE OMZET

(= AANTAL STUKS)

(= AFZET * VERKOOPPRIJS)

Product, dienst, deelnameprijs 1 Product, dienst,

b BMC

7

pl aa

r

deelnameprijs 2

Breng die tabellen over naar een rekenblad en bereken voor al je producten de geschatte opbrengst.

Neem het BMC erbij en vul de opbrengsten in bij het onderdeel ‘Inkomstenstromen’.

1

em

Action 19— Strategische partners

In Action 11 heb je al bepaald welke leveranciers je strategische partners zijn. Maar ook een samenwerking kan interessante partners opleveren en je helpen om beter te zijn dan je concurrenten. Geef een

In

ki

jk ex

voorbeeld van dergelijke partners?

Good to know Wanneer een bedrijf je strategische partner wordt, dan moet ook dat bedrijf baat hebben bij de samenwerking.

Neem het BMC erbij en vul het onderdeel ‘Strategische partners’ aan met jouw partners. LEVEL 1

2

THEMA 6

BMC

31


Action 20— Pitch PITCH

Een pitch is een video waarin je kort je project voorstelt.

1

Je project is afgerond. Maak een pitch met je smartphone of laptop, een camera of een tablet. De pitch moet zeker deze gegevens bevatten: de naam van het project, de pop-up, de onderneming of het evenement,

het doel,

een beschrijving van het product, de dienst of het evenement,

argumenten waarom de mensen voor jou zouden moeten kiezen,

een krachtige slagzin die blijft hangen als afsluiter.

Zorg voor een leuke achtergrond wanneer je filmt.

Vermijd storende geluiden.

Oefen de tekst minstens vijf keer in alvorens je start.

Ga vooraf na hoe er gefilmd moet worden.

em

jk ex

2

pl aa

Good to know

r

Bekijk de pitch klassikaal.

Action 21— The moment of truth Je bent nu goed voorbereid om je project uit te voeren. Nog enkele tips.

ki

1

Zorg voor voldoende voorraad.

Denk aan je verkoopstand of etalage.

Denk na hoe je mensen naar je stand wilt lokken.

Denk aan wisselgeld.

Denk aan een taakverdeling.

In

Tip:

THEMA 6

LEVEL 1

BMC

32

2

Voer je project nu uit.

3

Neem het Business Model Canvas erbij en vul het onderdeel ‘Kernactivteiten’ aan.


STEP-UP 1

Het is belangrijk na te gaan wat goed en wat minder goed verliep. Je bekijkt het project op zich, maar je evalueert ook je eigen bijdrage. De volgende vragen kunnen je helpen.

Hoe is het project volgens jou gelopen?

Wat was jouw inbreng tijdens dit project?

Waar ben je trots op?

Wat zou je anders doen?

Welke fouten heb jij gemaakt?

Wat heb je over jezelf geleerd?

jk ex

em

pl aa

r

Beantwoord deze open vragen.

ki

a

Wie ben jij tijdens dit project? Denk aan je taak, je rol …

Wat zou je veranderen aan het concept van dit project?

Hoeveel tijd spendeerde je ongeveer na je schooluren aan dit project? (dagen, uren, minuten)

THEMA 6

STEP-UP

In

33


b

Geef jezelf als volgt een score: 1 is de laagste score, 10 is de hoogste score.

Ben jij flexibel? (0 ik ben helemaal niet flexibel – 10 ik ben zeer flexibel) 1

3

4

5

6

7

8

9

10

3

4

5

6

7

8

9

10

5

6

7

8

9

10

Ben jij gedreven? 1

2

2

Communiceer jij goed en met iedereen? 2

3

4

Ben jij hulpvaardig en attent voor andere leerlingen? 1

2

3

4

jk ex

2

2

ki In STEP-UP THEMA 6

8

9

10

5

6

7

8

9

10

5

6

7

8

9

10

3

4

5

6

7

8

9

10

2

3

4

5

6

7

8

9

10

2

3

4

6

7

8

9

10

7

8

9

10

5

Geef jezelf een score voor inzet (niet tijdens de schooluren). 1

34

7

Onderneem je actie om problemen op te lossen? 1

4

6

Reageer je gepast en klantvriendelijk? 1

3

5

Hanteer je een goed werktempo? 1

4

Lever je kwalitatief werk af? 1

3

Werk je precies en zorgvuldig? 1

2

em

pl aa

r

1

2

3

4

5

6


c

Evalueer je klasgenoten! Noteer steeds een naam. Wie is het meest flexibel? Wie is het meest gedreven? Wie communiceert het meest en het duidelijkst over de opdrachten? Op wie kun je altijd rekenen? Wie werkt het meest nauwkeurig? Wie werkt het meest kwalitatief?

Wie lost de problemen steeds op?

pl aa

Wie is het meest klantvriendelijk?

r

Wie kan er het best beslissen?

Wie heeft het hardst gewerkt voor dit project?

Ga naar het onlinelesmateriaal. Je vindt er evaluatiecriteria waarmee je rekening kunt houden.

THEMA 6

STEP-UP

In

ki

jk ex

2

em

Wie heeft een leidersrol op zich genomen?

35


Begrippenlijst Thema 6 1

BEGRIP aandeel

VERKLARING Een aandeel is een bewijs dat je voor een stuk eigenaar bent van de onderneming.

1

1

bedrijfs-

Dat zijn middelen die een onderneming

middelen

nodig heeft om te kunnen werken, zoals

doelgroep

Dat is een specifieke groep mensen die een

zijn product- of dienstenaanbod.

Dat is een product dat of een dienst die nog

niet aangeboden wordt en wellicht goed

1

in consignatie

zal verkopen omdat veel consumenten er

behoefte aan hebben.

Goederen die je in consignatie koopt,

pitch

em

moeten pas betaald worden wanneer je ze

1

Dat is een korte presentatie van een idee

jk ex

verkopen.

populatie

De populatie is een volledige groep mensen die dezelfde kenmerken hebben en naar

1

prijsaanvraag

Dat is een brief of e-mail naar een leveran-

ki

unique selling

Dat verwijst naar het unieke element

proposition

of voordeel dat een product, dienst of

voorraad

onderneming heeft ten opzichte van de

concurrenten.

Dat is de hoeveelheid goederen die je in je

THEMA 6

BEGRIPPENLIJST

winkel hebt om aan de klanten te verkopen.

36

kosten van een product opvraagt.

In 1

wie je een onderzoek voert.

cier waarin je de prijzen en de bijkomende

1

effectief verkocht hebt.

of een product, om dat idee of product te

1

pl aa

gat in de markt

machines, computers ‌

onderneming wil bereiken, of bedienen met

1

IN JE EIGEN WOORDEN

r

LEVEL


2 pl aa

r

T

jk ex

em

F

In

ki

I

L

ICT-fiches


r

pl aa

em

jk ex

ki

In

7

ICT-fiches


INHOUDSTAFEL Rekenblad Fiche_R_01 Wat zie je wanneer je een rekenblad opent?

4

Fiche_R_02 Wat is het verschil tussen een werkblad en een werkmap?

5

Fiche_R_03 Wat is het verschil tussen een rij, een kolom en een cel?

6

Fiche_R_04 Wat is een bereik?

9 12

Fiche_R_06 Hoe zorg je ervoor dat getallen volgens de NBN-normen worden weergegeven?

14

Fiche_R_07 Hoe voorzie je een getal volgens de NBN-normen van een valutateken?

17

Fiche_R_08 Hoe zorg je ervoor dat een datum volgens de NBN-normen wordt weergegeven?

18

Fiche_R_09 Hoe voorzie je een getal van een procentteken volgens de NBN-normen?

19

Fiche_R_10 Hoe kun je de gegevens op een doelgerichte manier doorvoeren?

20

Fiche_R_11 Hoe wijzig je de tekstopmaak in een cel?

21

Fiche_R_12 Hoe wijzig je de uitlijning van de inhoud van een cel?

22

Fiche_R_13 Hoe voorzie je een cel van de gevraagde opmaak?

24

Fiche_R_14 Hoe voeg je cellen samen?

27

pl aa

r

Fiche_R_05 Hoe geef je gegevens op een efficiënte manier in?

28

Fiche_R_16 Hoe geef je een kolom de juiste breedte?

30

Fiche_R_17 Hoe kopieer je een opmaak?

32

em

Fiche_R_15 Hoe geef je een rij de juiste hoogte?

33

Fiche_R_19 Hoe kun je gegevens sorteren?

35

Fiche_R_20 Hoe stel je de juiste marges in?

37

Fiche_R_21 Hoe stel je een kop- en voettekst in?

38

Fiche_R_22 Hoe voeg je een paginanummering toe?

40

Fiche_R_23 Hoe pas je afdrukinstellingen aan?

41

Fiche_R_24 Hoe stel je een formule op?

44

Fiche_R_25 Hoe bereken je de som van verschillende getallen op een efficiënte manier?

46

Fiche_R_26 Hoe gebruik je de functies maximum, minimum en gemiddelde?

48

Fiche_R_27 Hoe voer je formules door via ‘Functie invoegen’?

49

Fiche_R_28 Hoe maak je een spreidingsdiagram van een enkele curve op?

51

Fiche_R_29 Hoe maak je een spreidingsgrafiek van twee curves op?

54

Fiche_R_30 Hoe maak je een kolomgrafiek of staafdiagram?

57

Fiche_R_31 Hoe maak je een cirkeldiagram?

61

In

ki

jk ex

Fiche_R_18 Hoe stel je een voorwaardelijke opmaak in?

Canva

Mindmap Moovly Online samenwerken Powerpoint Storyboard Word


Rekenblad Fiche_R_01

Wat zie je wanneer je een rekenblad opent?

Een rekenblad was oorspronkelijk een document om tabellen met berekeningen op te stellen. De huidige rekenbladprogramma’s zoals Ms Excel kunnen echter veel meer. Zo kun je gegevens ordenen, sorteren, groeperen en bewerken, grafieken maken …

4

ZOOMREGELAAR

PAGINAWEERGAVES

jk ex WERKBLADEN

STATUSBALK WERKBLADNAVIGATIE

RIJEN

FORMULEBALK NAAMVAK

WERKBALK ‘SNELLE TOEGANG’

THEMA 7

REKENBLAD

LINT

In

ki

TITELBALK

em

SCROLLBALKEN

KOLOMMEN

pl aa

r

Wanneer je Ms Excel opent, zie je deze gebruikersinterface of werkomgeving:


Fiche_R_02

Wat is het verschil tussen een werkblad en een werkmap?

De werkmap is het bestand waarin je werkt en waarin je je gegevens opslaat. Een werkmap kan uit meerdere werkbladen bestaan. In een werkblad kun je gegevens weergeven en analyseren. Je kunt met de gegevens

pl aa

r

berekeningen uitvoeren en noem maar op.

Een nieuwe werkmap bevat slechts een werkblad. Wanneer je met de rechtermuisknop op een tabblad klikt,

In

ki

jk ex

em

zie je het volgende snel- of contextmenu:

Een werkmap sla je op onder een bepaalde naam, maar je kunt ook elk werkblad een eigen naam geven.

werkbladen invoegen door op het tabblad met het sterretje of Shift+F11 te klikken,

werkbladen verwijderen,

de naam van een werkblad wijzigen,

werkbladen verplaatsen,

werkbladen kopiëren,

een werkblad beveiligen zodat niemand de gegevens kan wijzigen, verplaatsen, verwijderen … ,

een tabkleur wijzigen,

een werkblad verbergen,

een verborgen werkblad zichtbaar maken.

THEMA 7

REKENBLAD

In een werkmap kun je:

5


CEL

RIJ

pl aa

r

Wat is het verschil tussen een rij, een kolom en een cel?

em

Fiche_R_03

jk ex

KOLOM

Een kolom is de verticale onderverdeling van het werkblad, aangeduid met een letter.

Een rij is de horizontale onderverdeling van het werkblad, aangeduid met een cijfer.

Een cel is een vakje op de kruising van een kolom en een rij. Een cel wordt aangeduid door een celadres

ki

In

opgebouwd uit de kolomletter en het rijnummer van de kolom en rij van die cel, bijvoorbeeld: A1.

THEMA 7

REKENBLAD

6

De actieve cel is de cel waarop de cursor staat en is meestal in het vet omringd.


1 Hoe selecteer je een cel? Je selecteert een cel door er met je muisaanwijzer op te staan en te klikken of door er met de pijltjestoetsen naartoe te gaan. Het actieve

pl aa

r

celadres verschijnt in het naamvak.

2 Hoe selecteer je een rij?

jk ex

em

Je selecteert een rij door op het cijfer van de rij te klikken.

ki

3 Hoe selecteer je een kolom?

THEMA 7

REKENBLAD

In

Je selecteert een kolom door op de letter van de kolom te klikken.

7


4 Hoe selecteer je het volledige werkblad?

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

ALLES SELECTEREN

pl aa

r

Je selecteert het volledige werkblad door op de knop ‘Alles selecteren’ te klikken.

8


Fiche_R_04

Wat is een bereik?

Een bereik is een verzameling van cellen, kolommen of rijen die al dan niet aaneengesloten zijn. Op deze

em

pl aa

r

afbeelding is het bereik ‘B3:C6’. Dat betekent van cel B3 tot en met C6.

Soms is het handig om het bereik een naam te geven. Dat doe je als volgt: Selecteer het bereik.

Klik op de rechtermuisknop.

Kies ‘Naam definiëren’.

jk ex

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

Je ziet dan dit scherm waar je het bereik een duidelijke naam kunt geven.

9


1 Hoe selecteer je een bereik van aaneengesloten cellen? Klik op de eerste cel van het bereik en sleep de muisaanwijzer naar de laatste cel van het bereik. In het bovenstaande geval klik je op cel B3 en sleep je de muisaanwijzer naar C6. Om een groot celbereik aan te duiden, klik je op de eerste cel in het bereik, houd je de shifttoets ingedrukt en klik je op de laatste cel in het bereik. Als je de laatste cel niet ziet, schuif dan het werkblad door totdat de cel zichtbaar is.

pl aa

r

2 Hoe selecteer je een bereik van nietaaneengesloten cellen? STAPPENPLAN

Selecteer de eerste cel of het eerste cellenbereik.

Stap 2:

Houd de ctrl-toets ingedrukt en selecteer de volgende cellen of bereiken.

ki

jk ex

em

Stap 1:

In het bovenstaande geval klik je op C3 en sleep je de muisaanwijzer naar C4. Nadien houd je de ctrl-toets

In

ingedrukt terwijl je het bereik ‘E3:E4’ en het bereik ‘G3:G4’ selecteert.

3 Hoe selecteer je een bereik van rijen?

Aangrenzende rijen selecteer je door:

de muisaanwijzer over de rijkoppen te slepen of

de eerste rij te selecteren, de shifttoets ingedrukt te houden en de laatste rij te selecteren.

THEMA 7

REKENBLAD

Niet-aangrenzende rijen selecteer je door:

10

op de eerste rij te klikken,

de ctrl-toets ingedrukt te houden,

de volgende rijen te selecteren.


4 Hoe selecteer je een bereik van kolommen? Aangrenzende kolommen selecteer je door:

de muisaanwijzer over de kolomkoppen te slepen of

de eerste kolom te selecteren, de shifttoets ingedrukt te houden en de laatste kolom te selecteren.

Niet-aangrenzende kolommen selecteer je door: op de eerste kolom te klikken,

de ctrl-toets ingedrukt te houden,

de volgende kolommen te selecteren.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

11


Fiche_R_05

Hoe geef je gegevens op een efďŹ ciĂŤnte manier in?

STAPPENPLAN Stap 1:

Klik op de juiste cel en typ de gegevens in de cel. De ingetypte gegevens verschijnen in de

Stap 2:

em

pl aa

r

formulebalk.

Klik op de entertoets om te bevestigen. De cursor verplaatst zich een cel naar beneden in dezelfde kolom.

Ms Excel beschouwt elke invoer van letters, eventueel gecombineerd met cijfers, spaties en / of speciale

jk ex

tekens als tekst. Cijfers, eventueel gecombineerd met een plusteken, een minteken, ronde haakjes, een komma, een punt of een procentteken beschouwt Ms Excel als numerieke waarde. Hoe kun je snel doorheen een werkblad navigeren?

ki

DOEL

WERKWIJZE Druk op de ctrl-toets + de pijltjestoets.

Uiterst linkse en bovenste cel waarin zich gegevens

Druk op de ctrl-toets + hometoets.

In

Begin of einde van een bereik

bevinden

Uiterst rechtse en onderste cel waarin zich

Druk op de ctrl-toets + endtoets.

THEMA 7

REKENBLAD

gegevens bevinden

12

Een rij omhoog of omlaag

Druk op het pijltje omhoog of omlaag.

Een kolom naar links of rechts

Druk op het pijltje links of rechts.


Je kunt ook vlug naar een bepaalde cel navigeren door: het celadres in het naamvak in te typen en op de enter te klikken of

op de F5-toets de klikken, het celadres in het dialoogvenster in te typen en op ‘OK’ te klikken.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

13


Fiche_R_06

Hoe zorg je ervoor dat getallen volgens de NBN-normen worden weergegeven?

NBN-norm – Getallen Voor getallen gelden de volgende NBN-normen:

Het decimaalteken is een komma, bijvoorbeeld 15,89.

Het scheidingsteken tussen duizendtallen is een spatie, bijvoorbeeld 15 987.

Getallen die uit meer dan vier cijfers bestaan, worden (om het lezen ervan te vergemakkelijken) gegroepeerd per drie cijfers, bijvoorbeeld 2 356 879. Dat geldt ook voor de

r

getallen na de komma, bijvoorbeeld 3,569 987 25.

em

pl aa

Standaard respecteert Ms Excel die NBN-normen niet, zoals je hieronder ziet.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

Aan de hand van dit stappenplan kun je de notatie van de getallen aanpassen.

14


STAPPENPLAN Selecteer de getallen waarvan je de notatie wilt aanpassen.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Start’, open in de rubriek ‘Getal’ de keuzelijst. Je ziet het volgende scherm:

Stap 3:

Klik op ‘Meer getalnotaties’.

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

Een snellere werkwijze is: Selecteer de cellen waarvan je de notatie wilt aanpassen, klik op de

ki

rechtermuisknop en kies ‘Celeigenschappen’.

THEMA 7

REKENBLAD

In

In beide gevallen zie je dit scherm:

15


Klik op ‘Aangepast’.

em

pl aa

r

Stap 4:

jk ex

In sommige oudere versies van Office staat er het volgende: #.##0. Dat is geen correcte getalnotatie want het scheidingsteken tussen de duizendtallen moet een spatie zijn. Bovendien staan er in de geselecteerde cellen getallen met meer dan vier cijfers. In het invulvak typ je: # ### ##0.

Bevestig met ‘OK’. De getallen worden nu wel volgens de NBN-normen weergegeven, nl.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

Stap 5:

16


Fiche_R_07

Hoe voorzie je een getal volgens de NBNnormen van een valutateken?

NBN-norm – Valuta Volgens de NBN-normen kun je valuta op deze drie manieren noteren: Je plaatst het valutateken voor het getal, bijvoorbeeld € 15,89.

Je schrijft de afkorting EUR in hoofdletters achter het getal, bijvoorbeeld 15,89 EUR.

Je schrijft het woord euro zonder hoofdletters achter het getal, bijvoorbeeld 15,89 euro.

r

pl aa

Om het valutateken volgens de NBN-normen bij een bedrag te noteren, ga je als volgt te werk: STAPPENPLAN

Selecteer de cel(len) die je van een valutateken wilt voorzien.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Start’, open in de rubriek ‘Getal’ de keuzelijst. Je krijgt dan het volgende scherm:

THEMA 7

Klik hier op ‘Valuta’. Je ziet dat het valutateken volgens de NBN-normen is toegevoegd.

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

Stap 1:

17


Fiche_R_08

Hoe zorg je ervoor dat een datum volgens de NBN-normen wordt weergegeven?

NBN-norm – Datum Volgens de NBN-normen kun je de datum op deze twee manieren noteren:

Je schrijft de datum voluit, bijvoorbeeld: 23 september 2013.

Je noteert de datum als volgt jjjj-mm-dd, bijvoorbeeld 2013-09-23.

Standaard respecteert Ms Excel die NBN-normen niet. –

Wanneer je 23 september 2013 intypt, geeft Ms Excel het volgende weer: 23/sep/13 Wanneer je 2013-09-23 intypt, dan is de weergave in Ms Excel: 23/09/2013.

pl aa

r

weer.

Om de datum wel correct weer te geven, ga je als volgt te werk: STAPPENPLAN

Selecteer de cel(len) waarvan je de datumnotatie wilt aanpassen.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Start’, open in de rubriek ‘Getal’ de keuzelijst en klik dan op ‘Datum’. De datum

em

Stap 1:

wordt als volgt weergegeven: maandag 23 september 2013. Een snellere werkwijze is: Selecteer de cellen waarvan je de notatie wilt aanpassen, klik op de

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

rechtermuisknop en kies ‘Celeigenschappen’.

18

Stap 3:

Hier heb je de keuze:

‘14 maart 2012’ wanneer je de datum als volgt wilt weergeven: 23 september 2013.

‘2012-03-14’ wanneer je de datum als volgt wenst te zien: 2013-09-23.


Fiche_R_09

Hoe voorzie je een getal van een procentteken volgens de NBN-normen?

NBN-norm – Procent Volgens de NBN-normen moet er een spatie staan voor het %-teken. Standaard respecteert Ms Excel die NBN-norm niet. Tot nu toe heb je steeds de ingevulde cellen geselecteerd, maar dat geeft in dit geval een fout resultaat. Stel dat je het getal 15 intikt, op de rechtermuisknop klikt en in de rubriek ‘Getal’

pl aa

foutief maar ook de NBN-norm is niet gerespecteerd.

r

op ‘Percentage’ klikt, dan zie je in de cel 1500 % verschijnen. Niet alleen het resultaat is

Dit keer zul je dus de notatie moeten aanpassen voor de gegevensinvoer. STAPPENPLAN

Selecteer voor je gegevens invoert de cel(len) die je wenst aan te passen. Klik op de

Kies niet de rubriek ‘Percentage’. Je kunt er wel het procentteken toevoegen, maar de spatie voor het teken ontbreekt. Kies de rubriek ‘Aangepast’.

Als je geen decimalen wilt, typ je # ##0 %.

Als je twee decimalen wilt, typ je # ##0,00 %.

THEMA 7

Stap 2:

REKENBLAD

In

ki

jk ex

rechtermuisknop.

em

Stap 1:

19


Fiche_R_10

Hoe kun je de gegevens op een doelgerichte manier doorvoeren?

Met Ms Excel kun je met de vulgreep snel en makkelijk een lijst maken. Stel dat je een beurtrol moet opstellen voor de dagelijkse opruimbeurt van de klas, dan moet je de dagen van de week een voor een invullen.

em

pl aa

r

De lijst zou er als volgt kunnen uitzien:

Je verkrijgt het bovenstaande resultaat sneller als je als volgt te werk gaat: STAPPENPLAN Stap 2:

Typ in cel A2 de tekst maandag.

In de rechterbenedenhoek van cel A2 verschijnt er een klein zwart vierkantje, de vulgreep. Wanneer

jk ex

Stap 1:

je je muis op de vulgreep zet, verandert het witte kruisje in een zwart kruisje. Stap 3:

Sleep de vulgreep naar beneden. De dagen van de week worden automatisch aangevuld. De vulgreep is niet alleen handig voor het doorvoeren van weekdagen, maanden, tijdstippen maar

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

ook voor het doorvoeren van getallenreeksen.

20

Om op een snelle manier kolom A met het cijfer 5 te vullen, typ je enkel in cel A1 het cijfer 5 in. Nadien sleep je de vulgreep van cel A1 naar beneden. Om in kolom B snel het veelvoud van vijf weer te geven, typ je in cel B1 het getal 5 en in cel B2 het getal 10. Selecteer cel B1 en cel B2, sleep nadien de vulgreep van cel B2 naar beneden.


Fiche_R_11

Hoe wijzig je de tekstopmaak in een cel?

STAPPENPLAN

pl aa

r

1 Hoe kun je het lettertype en de lettergrootte wijzigen?

Stap 1:

Selecteer de cel of de cellen.

Stap 2:

Maak gebruik van de keuzelijsten. Wanneer je met de muisaanwijzer over de verschillende lettertypes en tekengroottes schuift, verschijnt er automatisch een voorbeeld in het werkblad. Klik op het lettertype en / of de tekengrootte wanneer het resultaat je bevalt.

jk ex

em

2 Hoe geef je de inhoud de juiste tekstkleur?

Naast het lettertype en de tekengrootte kun je ook de kleur van de tekst kiezen. Ga naar het tabblad ‘Start’,

ki

kies de rubriek ‘Lettertype’ en klik de keuzelijst open. Als je daar je gading niet vindt, klik dan op ‘Meer kleuren’

THEMA 7

REKENBLAD

In

om een andere nuance te kiezen. Je ziet achtereenvolgens deze vensters:

21


Fiche_R_12

Hoe wijzig je de uitlijning van de inhoud van een cel?

r

In het tabblad ‘Start’ staat naast de rubriek ‘Lettertype’, de rubriek ‘Uitlijning’.

pl aa

De eerste drie symbolen zijn ‘Boven uitlijnen, Midden uitlijnen en Onder uitlijnen’. Je gebruikt ze om de tekst verticaal uit te lijnen. Afhankelijk van de hoogte van de rij, lijn je de tekst boven, midden of onderaan de cel uit.

Daaronder staan de symbolen voor ‘Links uitlijnen, Centreren en Rechts uitlijnen’ die je

em

gebruikt om de tekst horizontaal in de cel uit te lijnen.

jk ex

Ernaast staan de symbolen om de inspringing van de tekst te vergroten of te verkleinen.

Daarnaast heb je een knop met een keuzelijst waar je heel wat extra mogelijkheden vindt. Zo kun je de tekst linksom en rechtsom draaien, verticaal plaatsen, omhoog of omlaag draaien en wanneer dat nog niet

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

volstaat, klik dan op ‘Celuitlijning opmaken’ en je krijgt dit scherm:

22


r pl aa em

Door met de pijl te werken, kun je de tekst de gewenste helling geven. Wanneer je tekst intypt in een cel die langer is dan de breedte van de cel, loopt de tekst over naar de aan-

jk ex

grenzende cel zolang die geen gegevens bevat. Wanneer die aangrenzende cel wel gegevens bevat, worden de gegevens van de eerste cel niet volledig weergegeven in je werkblad. Om dat op te lossen kun je de kolom-

In

ki

breedte aanpassen of de knop ‘Terugloop’ gebruiken.

THEMA 7

REKENBLAD

‘Terugloop’ plaatst de tekst over meerdere regels waardoor alle tekst weer zichtbaar is.

23


Fiche_R_13

Hoe voorzie je een cel van de gevraagde opmaak?

STAPPENPLAN Stap 1: Stap 2:

Selecteer de cel(len) die je wilt omranden.

pl aa

r

1 Hoe geef je een cel een celrand?

Ga naar het tabblad ‘Start’, klik in de rubriek ‘Lettertype’ op de knop ‘Randen’. Je krijgt dan dit

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

scherm.

24


Stap 3:

Selecteer de gewenste rand. Je kunt ook zelf een rand maken wanneer de gedefinieerde randstijlen

Stap 4:

jk ex

em

pl aa

r

niet aan je wensen voldoen. Klik daarvoor op ‘Meer randen …’.

In het dialoogvenster kun je de stijl, de kleur en de plaatsing van de rand bepalen. Wanneer alles is ingesteld, bevestig je met ‘OK’.

Als je geen celranden gebruikt, maar de rasterlijnen van het werkblad toch wilt weergeven op afgedrukte pagina’s, vink je op het tabblad ‘Pagina-indeling’ onder de rubriek ‘Werkbladopties’ het

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

selectievakje ‘Afdrukken’ aan.

25


2 Hoe kan ik de cel een opvulkleur geven?

STAPPENPLAN Selecteer de cel(len) die je wilt opvullen.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Start’, klik in de rubriek ‘Lettertype’ op het pijltje naast de knop ‘Opvulkleur’.

Stap 3:

Kies een achtergrondkleur voor de cel. Als je met de cursor boven een kleur beweegt dan zie je

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

onmiddellijk het effect ervan op de geselecteerde cel. Vind je de kleur die je zoekt, niet, klik dan op

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

meer kleuren.

26


Hoe voeg je cellen samen?

pl aa

r

Fiche_R_14

em

Wanneer je kolom C – D – E en F een andere titel wilt geven, bijvoorbeeld Adresgegevens, zul je de cellen C1, D1, E1 en F1 moeten samenvoegen. Dat doe je als volgt: STAPPENPLAN

Selecteer de cellen die je wilt samenvoegen.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Start’, klik in de rubriek ‘Uitlijning’ op de knop ‘Samenvoegen en centreren’.

In

ki

jk ex

Stap 1:

Omdat de cellen die je wilt samenvoegen al een inhoud hebben, krijg je de bovenstaande melding. Ms Excel behoudt de inhoud van de cel linksboven. In dat geval Straat.

REKENBLAD

Je kunt de inhoud en de uitlijning achteraf makkelijk aanpassen.

THEMA 7

Stap 3:

27


Fiche_R_15

Hoe geef je een rij de juiste hoogte?

Soms is het nuttig om de standaardrijhoogte te wijzigen om zo de inhoud van de cellen volledig te tonen of om het werkblad overzichtelijker te maken. Je kunt dat op verschillende manieren doen.

1 Hoe gebruik je de muisaanwijzer om de hoogte van een rij aan passen? STAPPENPLAN Stap 1:

Selecteer – uiterst links op je beeldscherm – een rijkop of meerdere rijkoppen gelijktijdig door er met ingedrukte linkermuisknop over te slepen. Je ziet dat de muiswijzer verandert in een zwarte naar

Stap 2:

em

pl aa

r

rechts wijzende pijl.

Plaats de muisaanwijzer op de onderste lijn van de onderste rijkop. De muisaanwijzer verandert in

ki

jk ex

een zwarte dubbele pijl.

Stap 3:

Sleep met ingedrukte linkermuisknop de onderste lijn van de onderste rijkop naar beneden, tot je de

THEMA 7

REKENBLAD

In

gewenste rijhoogte bereikt. Tijdens het slepen verschijnt een infolabel met de actuele rijhoogte.

28


2 Hoe pas je de rijhoogte aan met het dialoogvenster rijhoogte? STAPPENPLAN Ga naar het tabblad ‘Start’.

Stap 2:

Klik in de rubriek ‘Cellen’ op de knop ‘Opmaak’ en op de menuoptie ‘Rijhoogte’.

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

Het dialoogvenster ‘Rijhoogte’ wordt geopend. Je kunt er de gewenste hoogte in punten ingeven.

In

Stap 3:

THEMA 7

REKENBLAD

Standaard staat die op 15 ptn.

29


Fiche_R_16

Hoe geef je een kolom de juiste breedte?

Het aanpassen van de kolombreedte aan de inhoud van de cellen bevordert de leesbaarheid van een werkblad. Je past de kolombreedte op dezelfde manier aan als de rijhoogte.

1 Hoe pas je de kolombreedte aan met de muisaanwijzer? STAPPENPLAN Stap 1:

Plaats de muisaanwijzer in de kolomkop helemaal bovenaan het werkblad en dat precies op de

ki

jk ex

em

pl aa

r

scheidingslijn tussen twee kolommen. Je ziet dat de muisaanwijzer in een dubbele pijl verandert.

Stap 2:

Druk de linkermuisknop in en sleep de scheidingslijn naar de gewenste kolombreedte. Tijdens het

THEMA 7

REKENBLAD

In

slepen verschijnt een infolabel met de actuele kolombreedte.

30


2 Hoe pas je de kolombreedte aan via het dialoogvenster kolombreedte? STAPPENPLAN Klik op het tabblad ‘Start’.

Stap 2:

Klik in de rubriek ‘Cellen’ op de knop ‘Opmaak’ en op de menuoptie ‘Kolombreedte’.

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

Het dialoogvenster ‘Kolombreedte’ wordt geopend. Je kunt er de gewenste breedte in punten

In

Stap 3:

THEMA 7

REKENBLAD

ingeven. Standaard staat die op 8,43 ptn.

31


Fiche_R_17

pl aa

r

Hoe kopieer je een opmaak?

Je kunt eenvoudig de opmaak van een cel kopiëren en plakken naar andere cellen. STAPPENPLAN

Selecteer de cel waarvan je de opmaak wilt kopiëren.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Start’, klik in de rubriek ‘Klembord’ op de knop ‘Opmaak kopiëren / plakken’.

Stap 3:

Selecteer de cellen die je dezelfde opmaak wenst te geven.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

Stap 1:

32


Fiche_R_18

Hoe stel je een voorwaardelijke opmaak in?

Wanneer een onderneming een inventaris van al haar artikelen opgemaakt heeft, is het handig wanneer ze in een oogopslag kan zien voor welke producten de huidige voorraad kleiner is dan de minimumvoorraad, namelijk 1 000 stuks. Dat kan door voorwaardelijke opmaak op de gegevens toe te passen. Zo vallen verschillen in

pl aa

r

een bereik met waarden snel op.

Je gaat als volgt te werk om een voorwaardelijke opmaak aan cellen te geven. STAPPENPLAN Stap 1: Stap 2:

Selecteer de cellen waarop je een voorwaardelijke opmaak wilt toepassen.

Ga naar het tabblad ‘Start’. Klik in de rubriek ‘Stijlen’ op de knop ‘Voorwaardelijk opmaak’. Er opent

afgehandeld.

Wanneer je met de muisaanwijzer over een opmaak in het dropdownmenu beweegt, zie je onmiddellijk het resultaat in het werkblad.

Ms Excel vergelijkt de cijfers in het bereik met elkaar, en kleurt de cel lichter of donkerder op basis van de waarde.

THEMA 7

In de categorieën ‘Gegevensbalken’, ‘Kleurschalen’ en ‘Pictogrammen’ wordt alles automatisch

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

zich een dropdownmenu met verschillende opmaakmogelijkheden, verdeeld in categorieën.

33


In de bovenstaande situatie moet de cel rood opvullen wanneer de huidige voorraad kleiner is dan de minimumvoorraad 1 000 stuks. Klik op ‘Markeringsregels voor cellen’ en kies ‘Kleiner dan’. Je krijgt dan het volgende scherm.

Geef in het invoervak het cijfer 1 000 in.

Kies bij de opmaak voor ‘Aangepaste indeling’ aangezien de gevraagde opmaak niet in het

In

ki

jk ex

em

pl aa

standaardlijstje voorkomt. Je ziet dan dit scherm:

r

Stap 3:

Stap 4:

Klik op het tabblad ‘Opvulling’. Kies daar de kleur rood en bevestig tweemaal met ‘OK’. Je krijgt dan

THEMA 7

REKENBLAD

het volgende resultaat.

34


Fiche_R_19

Hoe kun je gegevens sorteren?

Wanneer je de informatie in een werkblad sorteert, vind je gegevens snel terug. In het onderstaande voorbeeld zijn de leveranciersgegevens gesorteerd volgens leveranciersnummer maar het

em

pl aa

r

is handiger wanneer die gegevens gesorteerd zijn op naam.

STAPPENPLAN Stap 1: Stap 2:

jk ex

Voor het sorteren gebruik je best het onderstaande stappenplan.

Selecteer de gegevens die je wenst te sorteren. In dat geval is dat het bereik ‘A1:F16’. Ga naar het tabblad ‘Start’ en klik op de knop ‘Sorteren en filteren’ om snel te sorteren. Er verschijnt

Klik op ‘Sorteren van A naar Z’ om in oplopende volgorde te sorteren (van A naar Z of van het kleinste naar het grootste getal). Klik op ‘Sorteren van Z naar A’ om in aflopende volgorde te sorteren (van Z naar A of van het grootste naar het kleinste getal).

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

een keuzemenu.

35


Het snel sorteren zal in dit geval niet het gewenste effect opleveren omdat Ms Excel dan de gegevens gaat sorteren op leveranciersnummer. Klik op ‘Aangepast sorteren …’. Je ziet dan dit scherm:

pl aa

r

Stap 3:

Op dit moment worden de gegevens gesorteerd op leveranciersnummer. Om dat te wijzigen klik je op het driehoekje achter Leveranciersnummer.

Een lijstje met kolomkoppen opent. Kies ‘Naam’ en bevestig met ‘OK’.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

36


Fiche_R_20

Hoe stel je de juiste marges in?

Paginamarges zijn de lege ruimtes tussen de werkbladgegevens en de randen van de afgedrukte pagina. Bepaalde items zoals kopteksten, voetteksten en paginanummers kunnen in de marges van het werkblad toegevoegd worden. STAPPENPLAN Selecteer het werkblad of de werkbladen die je wilt afdrukken.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Pagina-indeling’ en klik op de knop ‘Marges’.

Stap 3:

Kies een van de vooraf gedefinieerde marges ‘Normaal’, ‘Breed’ of ‘Smal’.

Als je eerder een aangepaste marge-instelling hebt gebruikt, is die instelling beschikbaar

em

Tip:

pl aa

r

Stap 1:

als de vooraf gedefinieerde margeoptie ‘Laatste aangepaste instelling’.

Als je aangepaste paginamarges wilt opgeven, klik je op ‘Aangepaste marges’ en typ je

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

vervolgens in de vakken ‘Boven’, ‘Onder’, ‘Links’ en ‘Rechts’ de gewenste marges.

37


Fiche_R_21

Hoe stel je een kop- en voettekst in?

1 Hoe voeg je kop- en voettekst toe? STAPPENPLAN Stap 1:

Ga naar het tabblad ‘Invoegen’. Klik in de rubriek ‘Tekst’ op de knop ‘Kop- of voettekst’. Het werkblad

Stap 2:

pl aa

r

wordt weergegeven in de weergave Pagina-indeling.

Klik je op het linkertekstvak, middelste tekstvak of rechtertekstvak boven of onder aan de werkblad-

In

ki

jk ex

em

pagina om een kop- of voettekst toe te voegen.

Stap 3: Stap 4:

Typ de kop- of voettekst in. Ga naar het tabblad ‘Beeld’. Klik in de rubriek ‘Werkmapweergaven’ op de knop ‘Normaal’ om naar de

THEMA 7

REKENBLAD

gewone weergave terug te keren.

38


2 Hoe kun je een kop- en voettekst opmaken?

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Om de kop- en voettekst op te maken kun je gebruik maken van de rubriek ‘Lettertype’ van het tabblad ‘Start’.

39


Fiche_R_22

Hoe voeg je een paginanummering toe?

Als je pagina’s wilt nummeren, kun je paginanummers in de kop- of voetteksten van de werkbladpagina’s invoegen. De paginanummers die je invoegt, worden alleen weergegeven in de paginaweergave en op de afgedrukte pagina’s. STAPPENPLAN Klik op het werkblad waaraan je paginanummers wilt toevoegen.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Invoegen’. Klik in de rubriek ‘Tekst’ op de knop ‘Kop- en voettekst.

Stap 3:

Klik in de rubriek ‘Elementen voor kop- en voettekst’ op de knop ‘Paginanummer’.

In het gekozen vak wordt de tijdelijke aanduiding &[Pagina] weergegeven. Als je het totale

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

aantal pagina’s wilt toevoegen, typ je achter &[Pagina] een spatie, gevolgd door het woord van en opnieuw een spatie. Nadien klik je in de rubriek ‘Elementen voor kop- en voettekst’ op ‘Aantal pagina’s’.

De tijdelijke aanduiding &[Pagina] van &[Pagina’s] wordt dan in het gekozen vak weergegeven.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

40

Stap 4:

Ga naar het tabblad ‘Beeld’. Klik in de rubriek ‘Werkmapweergaven’ op de knop ‘Normaal’ om naar de gewone weergave terug te keren.


Fiche_R_23

Hoe pas je afdrukinstellingen aan?

Het is verstandig om eerst een afdrukvoorbeeld te bekijken en te controleren of alles er naar wens uitziet.

1 Hoe kun je de schaal van het werkblad aanpassen? Je kunt de schaal van je werkblad op twee manieren vergroten of verkleinen. Methode 1 Ga naar het tabblad ‘Pagina-indeling’. Klik in de rubriek ‘Aanpassen aan pagina’ op de knop ‘Schaal’.

Je kunt er de afdruk procentueel vergroten of verkleinen.

Als je bijvoorbeeld 50 % kiest, wordt het werkblad op de helft van de normale oppervlakte afgedrukt.

pl aa

em

Methode 2

Ga naar het tabblad ‘Pagina-indeling’. Druk op de uitvouwknop om het dialoogvenster van de rubriek

jk ex

r

‘Pagina-instelling’ te openen.

Je kunt hier met het pijltje naar boven of beneden de schaal aanpassen of je kunt een cijfer intypen.

Als je de optie ‘Aanpassen aan: 1 bij 1 pagina’ aanvinkt, worden de gegevens precies op een bladzijde afgedrukt, ongeacht de oorspronkelijke grootte.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

41


2 Hoe kun je de titels van je werkblad afdrukken? Als een werkblad uit meerdere pagina’s bestaat, kun je op elke pagina de rij- en kolomkoppen afdrukken om ervoor te zorgen dat de gegevens correct kunnen afgelezen worden. Ga daarvoor als volgt te werk: STAPPENPLAN Selecteer het werkblad dat je wilt afdrukken.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Pagina-indeling’. Klik in de rubriek ‘Pagina-instelling’ op ‘Afdruktitels’.

Stap 3:

Ga naar het tabblad ‘Blad’ en voer onder ‘Titels afdrukken’ een van de volgende handelingen uit:

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

42

Typ in het vak ‘Rijen bovenaan op elke pagina’ de verwijzing naar de rijen die de kolomlabels bevatten.

Typ in het vak ‘Kolommen links op elke pagina’ de verwijzing naar de kolommen die de rijlabels bevatten.


Vind je het intypen van de verwijzing moeilijk? Klik dan op ‘Dialoogvenster samenvouwen’, dat is het pijltje dat zich rechts van de vakken ‘Rijen bovenaan op elke pagina’ en ‘Kolommen links op elke pagina’ bevindt. Selecteer dan in het werkblad de titelrijen of -kolommen die je op elke pagina wilt afdrukken. Klik opnieuw op de knop ‘Dialoogvenster samenvouwen’ om terug te keren naar het dialoogvenster.

3 Hoe kun je de afdruk centreren? STAPPENPLAN Selecteer het werkblad of de werkbladen die je wilt afdrukken.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Pagina-indeling’ en klik in de rubriek ‘Pagina-instelling’ op de knop ‘Marges’.

Stap 3:

Om de pagina horizontaal of verticaal te centreren, klik je op ‘Aangepaste marges’ en vink je vervol-

pl aa

r

Stap 1:

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

gens onder ‘Centreren op pagina’ het selectievakje ‘Horizontaal of Verticaal’ aan.

43


Fiche_R_24

Hoe stel je een formule op?

1 Hoe stel je een formule op? Om berekeningen te maken, kun je in Ms Excel gebruikmaken van formules. Om formules op te bouwen, gebruik je de volgende operatoren:

Optellen (+)

25+5

Aftrekken (-)

25-5

Vermenigvuldigen (*)

25*5

Delen (/)

25/5

r

VOORBEELD

pl aa

OPERATOR

Net zoals in wiskunde is er voor de bewerkingen in Ms Excel ook een bepaalde volgorde afgesproken: vermenigvuldigen en delen

optellen en aftrekken

em

Daarbij geldt nog steeds: altijd eerst de bewerking tussen de haakjes berekenen. Een formule in Ms Excel

ki

jk ex

begint steeds met het isgelijkteken (=).

Voor het berekenen van de resultaten in kolom D ga je als volgt te werk:

In

STAPPENPLAN Stap 1:

Klik in de cel waar het resultaat moet komen, bijvoorbeeld D2.

Stap 2:

Typ het isgelijkteken (=).

Stap 3:

Typ de rest van de formule. Voor cel D2 is dat =B2+C2.

Tip:

Je maakt best zoveel mogelijk gebruik van celverwijzingen. Dat heeft als voordeel dat je de formule niet telkens moet aanpassen wanneer de inhoud van de cellen wijzigen.

In plaats van de celverwijzing in te typen, kun je ook op de betrokken cellen klikken. Typ in

THEMA 7

REKENBLAD

D2 het isgelijkteken, klik op cel B2, typ het plusteken in, klik op cel C2.

44

Stap 4:

Om de bewerking te beëindigen, klik je op de entertoets.


2 Hoe kopieer je formules?

Zet de muis op de vulgreep.

Houd de linkermuisknop ingedrukt.

Sleep naar beneden.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Om formules te kopiëren, kun je gebruikmaken van de vulgreep.

45


Fiche_R_25

pl aa

r

Hoe bereken je de som van verschillende getallen op een efficiënte manier?

em

Om in cel A11 de som van de tien getallen te maken, zou je in cel A11 de volgende formule moeten intypen: =A1+A2+A3+A4+A5+A6+A7+A8+A9+A10. Dat is misschien nog haalbaar maar wat als het om honderd getallen gaat? Je kunt het best de somfunctie gebruiken. STAPPENPLAN

Klik op de cel waar je de som wilt weergeven, in dat geval A11.

Stap 2:

Ga naar het tabblad ‘Start’. Klik in de rubriek ‘Bewerken’ op de somfunctie. Selecteer de cijfers of getallen die je wilt optellen.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

Stap 1:

46


Klik in de rubriek ‘Bewerken’ op de somfunctie en kies het somteken.

Het totaal (de som) komt onder de selectie te staan.

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

REKENBLAD

Druk op de entertoets.

THEMA 7

Stap 3:

47


Fiche_R_26

Hoe gebruik je de functies maximum, minimum en gemiddelde?

STAPPENPLAN

pl aa

r

Selecteer opnieuw de getallen waarvan je het gemiddelde wilt berekenen.

Selecteer de cel waar je het gemiddelde wilt weergeven.

Stap 2:

Klik op het driehoekje naast de somfunctie. Selecteer de functie ‘Gemiddelde’.

Stap 3:

Selecteer de cellen waarvan je het gemiddelde wilt berekenen.

In

ki

jk ex

em

Stap 1:

Stap 4:

Bevestig de bewerking door op de entertoets te klikken.

De werkwijze om het minimum en het gemiddelde te berekenen, verloopt gelijkaardig. Op dezelfde

THEMA 7

REKENBLAD

manier kun je werken met ‘Minimum’ en ‘Maximum’.

48


Fiche_R_27

Hoe voer je formules door via ‘Functie invoegen’?

Ga als volgt te werk om zelf de formule in te geven: STAPPENPLAN Selecteer de cel waar je de uitkomst wilt weergeven.

Stap 2:

Klik op fx in de formulebalk. Het venster ‘Functie invoegen’ verschijnt.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

49


Stap 3:

Klik op ‘Som’. Er verschijnt een nieuw menu waarin je kunt aangeven welke getallen je wilt optellen. Je kunt hier ook andere formules aanduiden zoals van welke getallen je het gemiddelde wilt bereke-

Wanneer je de getallen tegelijk selecteert, krijg je het bovenstaande resultaat.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

Stap 4:

jk ex

em

pl aa

r

nen enz.

50


Fiche_R_28

Hoe maak je een spreidingsdiagram van een enkele curve op?

1 Hoe teken je een curve aan de hand van een spreidingsdiagram? STAPPENPLAN Om een grafiek te maken, selecteer je eerst de gegevens.

Stap 2:

Ga in het lint naar het tabblad ‘Invoegen’.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

51


Stap 3:

Kies in de rubriek ‘Grafieken’ het gewenste type. Om een vraag- en aanbodcurve te maken, gebruik je

pl aa

r

een spreidingsgrafiek.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

opmaken en aanpassen.

em

Je ziet meteen het resultaat. Je kunt de opmaak van de grafiek zoals de kleuren, de legende en de assen nog

52


2 Hoe benoem je de assen en geef je de grafiek een titel? STAPPENPLAN Klik in het tabblad ‘Grafiekontwerp’ op ‘Grafiekelement toevoegen’ en vervolgens op ‘Astitels’.

Stap 2:

Geef de benaming van de titel in.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

53


Fiche_R_29

Hoe maak je een spreidingsgrafiek van twee curves op?

Wanneer je een vraag- en aanbodcurve moet tekenen, moet je nog extra handelingen uitvoeren. STAPPENPLAN Selecteer eerst de gegevens.

Stap 2:

Ga in het lint naar het tabblad ‘Invoegen’. Kies in de rubriek ‘Grafieken’ ‘Spreidingsdiagram’.

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 1:

THEMA 7

REKENBLAD

Je merkt meteen dat dat niet de juiste grafieken zijn.

54


Klik in het witte vlak van de grafiek met je rechtermuisknop. Je krijgt het volgende menu.

Stap 4:

Kies ‘Gegevens selecteren’.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Stap 3:

55


Selecteer ‘Reeks 1’ met je muis en klik op ‘Bewerken’.

Bij ‘Reeksnaam’ kun je de naam van de curve – vraag of aanbod – ingeven.

Selecteer voor de juiste curve de juiste X- en Y-waarden. —

X-waarden: Vraagcurve: Gevraagde hoeveelheid

Y-waarden: Vraagcurve: Prijs

r

pl aa

Stap 5:

Je stelt vast dat Ms Excel de aangeboden hoeveelheid gekozen heeft voor de Y-waarden van de vraagcurve. Stap 6:

Bevestig met ‘OK’. Doe hetzelfde voor de aanbodcurve, want ook hier heeft Ms Excel niet de juiste

In

ki

jk ex

em

waarden geselecteerd.

THEMA 7

REKENBLAD

Stap 7:

56

Benoem de assen.


Fiche_R_30

Hoe maak je een kolomgrafiek of staafdiagram?

1 Een kolomgrafiek of staafdiagram opstellen STAPPENPLAN Selecteer de gegevens voor je grafiek.

Ga naar het tabblad ‘Invoegen’ en klik in de rubriek ‘Grafieken’ op ‘Aanbevolen grafieken’ of op het

em

Stap 2:

pl aa

r

Stap 1:

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

juiste grafiektype als je weet welke type je wilt ontwerpen.

57


THEMA 7

REKENBLAD

58

r

pl aa

em

jk ex

ki

In Je krijgt dan dit resultaat.


2 Een kolomgrafiek of staafdiagram aanpassen Je moet de assen nog benoemen en de grafiek een titel geven. Ga daarvoor als volgt te werk: STAPPENPLAN Stap 1:

Klik op de grafiek.

Stap 2:

Er is nu een nieuw, contextueel tabblad, ‘Grafiekontwerp’. Kies daarin voor ‘Grafiekelement toevoegen’.

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Je kunt nu de assen benoemen en de grafiek een titel geven.

59


THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

Een staafdiagram zal er zo uitzien.

60


Fiche_R_31

Hoe maak je een cirkeldiagram?

1 Een cirkeldiagram opstellen STAPPENPLAN Selecteer de gegevens waarvan je de grafiek wilt maken.

Stap 2:

pl aa

r

Stap 1:

Ga naar het tabblad ‘Invoegen’. Kies in de rubriek ‘Grafieken’ ‘Het cirkeldiagram’. Dat kan 2D of 3D

THEMA 7

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

zijn.

61


THEMA 7

REKENBLAD

3D

62

r

pl aa

em

jk ex

ki

In 2D


2 Gegevenslabels voor een cirkeldiagram toevoegen Je kunt nu ook de waarden toevoegen aan het cirkeldiagram. Stap 1:

Klik op de grafiek.

Stap 2:

Er is nu een nieuw, contextueel tabblad, ‘Grafiekontwerp’. Kies achtereenvolgens ‘Grafiekelement

Als je de procentuele verdeling wilt zien, klik dan op ‘Meer opties voor gegevenslabels’.

Vink vervolgens ‘Percentage’ aan en ‘Waarde’ af.

THEMA 7

De waarden worden er nu bij vermeld.

REKENBLAD

In

ki

jk ex

em

pl aa

r

toevoegen’ en ‘Gegevenslabels’.

63


64

THEMA 7

REKENBLAD

r

pl aa

em

jk ex

ki

In