Page 1

1.

Programmatoelichting Étoiles. april 2014


Musici

2.

Étoiles. Chef-dirigent. Jan Latham-Koenig Concertmeester. Jo Vercruysse Eerste violen. Erik Sluys Nathalie Hepp Bence Abraham Tim Breckpot Hilde Coppieters Peter Hellemond Veerle Houbraken Eva Stijnen Cristina Constantinescu

Tweede violen. Gudrun Verbanck Isabelle Buyck Geraldine De Baets Isabelle Decraene Liesbet Jansen Maya Shvartsman Annerien Stuker Anne Pas Altviolen. Kris Hellemans Annemie Vercauteren Bruno De Schaepdrijver Lieve Dreelinck Bieke Jacobus Kaatje Strauven Korneel Taeckens

Celli. Renaat Ackaert Isabelle Brys Caroline Steen Wouter Vercruysse Hélène Viratelle Contrabassen. Koenraad Hofman Jan Verheye Bram Decroix Sanne Deprettere

Houtblazers. Caroline Peeters. fluit Veerle Secember. piccolo. fluit Femke Van Leuven. fluit Korneel Alsteens. hobo Carola Dieraert. (alt)hobo Frank Coryn. klarinet Tom Daans. klarinet Koen Coppé. fagot Tamara Smits. (contra)fagot

Koperblazers. Kristiaan Slootmaekers. hoorn Bruno Melckebeke. hoorn Lies Molenaar. hoorn Frank Clarysse. hoorn Steven Bossuyt. trompet Bart Coppé. trompet

Slagwerk. Antoine Siguré. pauken Wim De Vlaminck. percussie Ruben Cooman. percussie Tae Yoshioka. piano


Programma

1.

Étoiles. Dirigent. Jan Latham-Koenig Soliste. Anneleen Lenaerts. harp Soliste. Adriana Bastidas Gamboa. mezzosopraan

Johannes Brahms (1833-1897)

Piet Swerts (°1960)

Hongaarse dansen nrs. 1, 3 en 10 I. Hongaarse dans nr. 1 – Allegro molto II. Hongaarse dans nr. 3 – Allegretto III. Hongaarse dans nr. 10 – Presto

Étoiles. creatie I. Chanson de la Terre II. Chanson de la Lune III. Valse d’Amour

Carl Reinecke (1824-1910)

Manuel de Falla (1876-1946)

Harpconcerto in mi klein, opus 182 I. Allegro moderato II. Adagio III. Scherzo-finale. Allegro vivace

El amor brujo, suite voor orkest, G.69 I. Introduccion y Escena (attacca) II. En la Cueva. La Noche (attacca subito) III. Canción del amor dolido (attacca subito) IV. El Aparecido V. Danza del Terror VI. El Círculo Mágico. Romance des Pescador VII. A media Noche. Los Sortilegios VIII. Danza ritual del Fuego IX. Escena (attacca) X. Canción del Fuego fatuo XI. Pantomima XII. Danza del Juego de Amor XIII. Las Campanas del Amanecer

pauze

zo. 27.04.2014    15:00 deSingel. Antwerpen ma. 28.04.2014    20:00 Paleis voor Schone Kunsten. Brussel di. 29.04.2014    20:00 Concertgebouw. Brugge


2.

Programmatoelichting

Étoiles. Hongaarse Dansen. Brahms Omwille van de Hongaarse Revolutie vluchtten in 1849 honderden Hongaren naar de toenmalige Duitse Bond om via de havenstad Hamburg naar Amerika te emigreren. Velen onder hen waren muzikanten die de Duitse stad tijdens hun reis lieten meegenieten van de csardassen, verbunkos – twee dansvormen – en volksliedjes uit hun vaderland. Typerend voor deze muziek zijn de extreme tempocontrasten en het improvisatorisch rubatospel, de flamboyante virtuositeit, de klagende toon, de gepunteerde ritmes en syncopes, het gebruik van zigeunertoonladders en karakteristieke figuraties. Onder de Hongaarse vluchtelingen bevond zich ook de excentrieke violist Eduard Reményi. Toen de jonge Johannes Brahms (1833-1897) in 1849 de kans had om één van Reményi’s concerten bij te wonen, was hij meteen gefascineerd door diens temperamentvolle spel en de exotische Hongaarse volksmelodieën die hij aan zijn concertprogramma toevoegde. Het toeval wil dat enkele jaren later, toen

Reményi’s vaste begeleider niet beschikbaar was voor een concertreis, Brahms als vervanger werd aangesteld. Zo toerden Brahms en Reményi in 1853 samen rond met een programma waarvan de Hongaarse toets steeds op veel bijval kon rekenen. Over de ontstaansgeschiedenis van de eerste tien Hongaarse dansen (‘Ungarische Tänze’) die Brahms in 1869 liet uitgeven bij Fritz Simrock, is amper iets bekend – Brahms had immers de gewoonte om alle sporen van zijn werkmethode en de volgens hem minder geslaagde composities te vernietigen. Veel van de Hongaarse wijsjes die Brahms in deze bundel heeft verwerkt, had hij verzameld in de tijd dat hij samen met Reményi op het podium stond. Het andere deel van zijn mosterd haalde hij uit gedrukte liedverzamelingen of hoorde hij van de talrijke zigeunerbands die naar de Duitse gebieden waren afgezakt. Daarvoor werd Brahms achteraf op flauwe wijze van plagiaat beschuldigd. Nochtans had hij er bij de publicatie van de bundel op aan-

gedrongen dat er niet ‘gecomponeerd door –’ maar ‘gearrangeerd door Johannes Brahms’ op de partituur zou staan. Brahms’ muzikale antwoord op de hetze was de publicatie van twee nieuwe volumes Hongaarse dansen. De Hongaarse dansen zijn in oorsprong geschreven voor vierhandig piano en waren bijzonder populair als ‘Hausmusik’: kunstzinnige en sociale ontspanning voor de gecultiveerde burgerij. Voor Brahms betekenden deze arrangementen zijn doorbraak bij het grotere publiek. Na herhaaldelijk aandringen van zijn uitgever en ter gelegenheid van een concert in het Gewandhaus in Leipzig, orkestreerde Brahms de eerste, derde en tiende dans in 1873. Brahms’ selectie was er op gericht om de drie dansen als één zelfstandig werk te laten functioneren. Hij assembleerde een quasi traditionele driedelige cyclus: een warmbloedig ‘Allegro molto’ wordt gevolgd door een meer bedaard en ravissant ‘Allegretto’, waarna een onbesuisd ‘Presto’ uitstekend dienst doet als finale. Om


3.

het geheel beter aaneen te smeden voegde Brahms vier maten toe aan het begin van de tweede orkestdans en transponeerde hij de derde naar een toonaard die verwant is met die van de andere twee dansen. Of de Hongaarse liedjes nog helemaal authentiek waren toen Brahms ze via de persoonlijke vertolkingen van Hongaarse musici hoorde, valt te betwijfelen, maar ook Brahms zelf heeft onmiskenbaar zijn stempel gedrukt op de melodieën die hij arrangeerde. Hij versterkte hun eenvoudige harmonische onderbouw – door bijvoorbeeld gebruik te maken van bourdonbegeleiding – of voorzag ze net van een nieuwe en veel complexere harmonische context. Hij plaatste de melodieën in het licht van nieuw gecomponeerde tegenmelodieën en begeleidingsfiguren, of fragmenteerde ze tot motieven om er vervolgens enkele contrapuntische technieken op los te laten. Waar Brahms in de pianoversie bovendien nog relatief dicht bleef bij de klank van de typisch Hongaarse cimbalom – een met stokjes bespeelde citer – , gooide hij met het

orkest een uitgebreid arsenaal aan timbres in de strijd. Zodoende was wat de concertganger in Leipzig te horen kreeg, minstens even ‘Brahmsiaans’ als ‘Hongaars’ te noemen. Harpconcerto. Reinecke In tegensteling tot het oeuvre van zijn land- en tijdgenoot Brahms, raakte de muzikale nalatenschap van Carl Reinecke (1824-1910) na zijn dood al snel vergeten. Enkel zijn kamermuziek verschijnt nog met enige regelmaat in concertprogramma’s. Nochtans was hij bij leven geen onsuccesvol componist. Zijn pianomuziek, die eveneens vaak bedoeld was als ‘Hausmusik’, viel erg in de smaak bij het burgerlijke publiek. Hij genoot ook hoog aanzien als concertpianist en was decennialang de chef-dirigent van het Gewandhausorchester in Leipzig, waarmee hij onder andere Brahms’ Requiem creëerde. Als pedagoog schreef hij talrijke leerboeken en bracht een indrukwekkende schare beloftevolle talenten voort, met namen als Albéniz, Bruch, Grieg, Sinding, Janácˇek, Svendsen, Richter en Weingartner.

Reinecke heeft nooit op de trein van de progressieve Neudeutsche Schule willen springen, maar slaagde er desalniettemin in om goed bevriend te blijven met Liszt, wiens dochter trouwens een leerlinge van hem was. Zijn stijl ligt in het verlengde van die van Mendelssohn en Schumann – componisten die hij ook persoonlijk goed kende – waardoor hij net als Brahms tot de conservatievere strekking van de 19de eeuw kan worden gerekend. Ook Reinecke besteedde liever aandacht aan een geraffineerd motivisch netwerk dan aan overspannen pathetiek. Zijn soepele melodische vinding en vakkundige beheersing van de orkestklank – hij was tenslotte een ervaren dirigent – kwamen hem goed van pas bij het componeren van zijn Harpconcerto op. 182 uit 1884. Het is immers geen sinecure om de eerder stille en kort resonerende harpklank in balans te brengen met het orkest. De harp bezit niet dezelfde bravouremogelijkheden als bijvoorbeeld de piano om als gelijkwaardige partner te wedijveren – ‘concertare’ in het Latijn – met het orkest. In grootschalige sym-


4.

fonische werken en opera’s worden dan ook vaak meerdere harpen per partij ingezet. Om ervoor te zorgen dat de harpklank toch voldoende kan projecteren in de concertzaal, vergezelde Reinecke haar steeds van een selectieve orkestbezetting – in het Adagio wordt de harp aanvankelijk slechts gesteund door een enkele hoorn –, een dunnere textuur en een zachtere dynamiek. Geïnspireerd door de drie cadenzas die Reinecke voor Mozarts bekende Concerto voor fluit en harp KV 299 had geschreven, componeerde ook hij een solocadens voor elk van de drie bewegingen in zijn Harpconcerto. Maar terwijl in Mozarts concerto talrijke passages moeilijk of zelfs niet speelbaar zijn, bleek Reinecke wel perfect op de hoogte te zijn van de technische en muzikale mogelijkheden van het instrument: de arpeggio’s en akkoorden liggen perfect in de hand. Reinecke maakt ook doeltreffend gebruik van flageolettonen (ijler klinkende geïsoleerde boventonen van een snaar) en glissandi, beide karakteristieke effecten die voortkomen uit de

specifieke bouw van het instrument. Reinecke schreef zijn Harpconcerto voor Edmund Schücker die harpist was in het Gewandhausorchester. Hoewel het vandaag lijkt alsof er bijna uitsluitend vrouwelijke harpistes bestaan – een indruk die in onze contreien alleen maar wordt versterkt door de veelbelovende carrière van Anneleen Lenaerts –, was de situatie tot de 19de eeuw net omgekeerd. Concertharpisten waren doorgaans mannen, terwijl vrouwen het instrument vooral in huiselijke kring bespeelden of harpleraressen waren. Reineckes Harpconcerto behoort vandaag tot het standaardrepertoire van elke zichzelf respecterende harpist(e). Étoiles. Swerts Reineckes romantische Harpconcerto treedt in dialoog met het spiksplinternieuwe harpconcerto Étoiles van Piet Swerts (°1960). Als Belgische componist heeft Swerts zijn bekendheid bij het grote publiek precies aan het concerto-genre te danken. In 1987 werd zijn

pianoconcerto Rotations immers gekozen als plichtwerk voor de finales van de Koningin Elisabethwedstrijd. Vijf jaar later won Swerts zelf de Koningin Elisabethwedstrijd voor compositie waardoor ook zijn vioolconcerto Zodiac als plichtwerk in de finales mocht fungeren. Swerts’ oeuvre telt al pakweg 200 composities in de meest uiteenlopende genres en hij werkt tegenwoordig nog enkel in opdracht. Hij staat bekend om zijn uitstekend vakmanschap en stilistische flexibiliteit. Swerts hecht verder veel belang aan een organische vormconstructie en een solide motivische integratie. El amor brujo. de Falla Na de trip van Hongarije over Duitsland naar België verkeren we nu met Manuel de Falla (1876-1946) in Spaans gezelschap. Aanvankelijk kwam de carrière van de Falla maar moeizaam van de grond en verhuisde hij in 1907 gefrustreerd naar Parijs. Daar ontmoette hij onder andere Ravel, Stravinsky, Debussy, Diaghilev, Albéniz en Dukas. Toen hij bij het


5.

uitbreken van WO I terugkeerde naar zijn vaderland, oogstte hij echter meteen succes met de eerste Spaanse opvoering van La vida breve (1905). Deze opera was de Falla’s eerste poging om de traditionele Spaanse zigeunermuziek te verheffen tot kunstmuziek. Na de première werd hij benaderd door de vooraanstaande flamencozangeres en danseres Pastoria Imperio met het verzoek om voor haar een dans- en zangstuk te schrijven. Op basis van een mondeling overgeleverd Iberisch volksverhaal schreef theateragent Gregorio Martínez Sierra daartoe de ‘gitanería’ (zigeunertafereel) El amor brujo. Het verhaal speelt zich af bij nacht in een Andalusische zigeunergemeenschap en gaat over de behekste liefde tussen Candelas en Carmelo. Net op het moment dat de twee verliefden toenadering zoeken tot elkaar, wordt Candelas achtervolgd door de driftige en jaloerse geestesverschijning van haar overleden minnaar. Om de schim te verjagen, voeren de

vrouwen van het dorp in een magische cirkel de rituele vuurdans uit. Wanneer het effect daarvan echter uitblijft, bedenkt de nuchtere Carmelo een list om zijn geliefde van haar waanvoorstellingen te bevrijden. Hij verkleedt zichzelf als de spookfiguur waarin Candelas haar oude vrijer herkent maar toont plotseling enkel nog aandacht voor de mooie Lucia. Zij speelt het spel mee en leidt Carmelo, alias de overleden minnaar, weg uit het dorp. Zo wordt de bezwering verbroken en kussen de geliefden elkaar in het licht van de opkomende zon. De titel El amor brujo verwijst zowel naar de toverkracht van de vuurdans als naar de betoverende kracht van de liefde.

de Rituele vuurdans de gitaarslagen en het castagnettengeratel uit de flamencostijl te horen. De eerste versie van het werk schreef de Falla voor een kamerorkest en vier zangpartijen. In 1916 volgde een grootsere orkestversie met een selectieve zangpartij die de Falla in 1925 nogmaals herwerkte tot een ballet in één akte. Ondanks de unanieme erkenning van de kwaliteit van de Falla’s compositie, oordeelden critici dat de compositie te veel door de Franse muziek beïnvloed was, wat voor de protectionistisch ingestelde Spanjaarden eigenlijk geen bijzonder originele opmerking was. Tekst. Pieter Herregodts

Voor de muziek van El amor brujo (1915) trachtte de Falla opnieuw om de ziel van de temperamentvolle zigeunermuziek te verenigen met de ernstige kunstmuziek. Er is weinig verbeelding nodig om in de contrastrijke dynamiek, kleurrijke instrumentatie, demonische klankeffecten en pittige ritmes van


6.

Étoiles.

Piet Swerts. In het programma Étoiles combineert het Symfonieorkest Vlaanderen klassiek werk van de Duitser Carl Reinecke (1824-1910) met de nieuwe compositie voor harp van de Vlaamse componist Piet Swerts (Tongeren, 1960). Het recente werk voor harp en orkest kwam tot stand door een toevallige samenloop van omstandigheden. Dankzij contacten met Wouter Lenaerts (getalenteerd componist en broer van Anneleen) had de succesvolle harpiste gepolst naar een eventuele compositie voor harp en klarinet. Uiteindelijk hebben enkele gesprekken met intendant Dirk Coutigny van het Symfonieorkest Vlaanderen gezorgd voor dit werk met harp en orkest. - Vanwaar de naam Étoiles ? Piet Swerts: “Étoiles kwam bij mij onmiddellijk op als werktitel omdat Anneleen een rijzende muzikale ster is. Haar vakmanschap en muzikaliteit zijn ongeëvenaard. Bovendien werkt PIET SWERTS

het beeld van het heelal en de sterren voor mij zeer inspirerend. Zo heb ik in 1993 Zodiac gecomponeerd, een werk dat bekroond werd met de Grote Prijs in de Internationale Koningin Elisabethwedstrijd voor compositie.” - Hoe is Étoiles opgebouwd? Swerts: “De muzikale invulling van Étoiles heeft een hele tijd op zich laten wachten. Aanvankelijk had ik een sfeervol stuk voor ogen en geen concerto. De klik kwam er toen de bevriende Franse violist Christophe Boulier me attent maakte op een merkwaardige geluidsopname. Het fragment is opgenomen in het heelal door de onbemande ruimtesonde Voyager en geeft de tonen van de aarde weer. Ik vond het geluidsfragment terug op YouTube en gebruikte het als basis om Étoiles te laten beginnen. Vandaar de subtitel van het eerste deel: Chanson de la terre, een muzikale blik op onze aarde vanuit het heelal. De orkestratie heb ik bewust beperkt tot meervoudig verdeelde strijkers en twee


7.

slagwerkers. Op die manier komt de kleur van de harpsolo meer naar voren. Het eerste deel is daardoor het meest atmosferische deel geworden.” - En hoe evolueert het werk daarna? Swerts: “Daarna gaat Étoiles naadloos over in Chanson de la lune, waar mijn muzikale aandacht vooral uitgaat naar de pracht van het arpeggio bij de harp. Geen enkel ander instrument kan zo mooi akkoorden breken. Ik ontwikkel daarvoor een soort van akkoordenreeks, een chaconne die ietwat middeleeuws aandoet maar in de repliek van het orkest bijgekleurd en meermaals omspeeld wordt door de harp.” - En tot slot? Swerts: “Na dit intermezzo gaat het ononderbroken over naar de Valse d’Amour. In dit slotdeel heb ik een track verwerkt die aanvankelijk bedoeld was als muzikaal hoofdthema in de Nederlands-Marokkaanse langspeelfilm

Atlantic. De oorspronkelijk orkestratie van dit thema was harp en strijkers en zo is het uiteindelijk als Valse d’Amour in Étoiles terechtgekomen omdat het in die vorm mooi kaderde als slotdeel van dit dromerige werk.”

(Zodiac). Een belangrijk moment in zijn carrière is de creatie in 1996 van zijn grootschalige opera Les liaisons dangereuses in de Vlaamse Opera.

De werken van Piet Swerts worden wereldwijd gespeeld en hij wordt zowel als gastdirigent en als pianist uitgenoNa zijn humaniora in Tongeren volgt digd in vele landen. Piet Swerts hogere muziekstudies aan het Lemmensinstituut in Leuven. Hij studeert er o.a. piano en wordt er eerste laureaat (met grote onderscheiding) van de prijs ‘Lemmens-Tinel’ voor compositie en piano. Over Piet Swerts.

Als componist krijgt Piet Swerts bekendheid wanneer hij in 1987 het verplichte werk schrijft voor de Koningin Elisabethwedstrijd (Rotations voor piano en orkest). Ook in 1993 componeert hij andermaal het verplichte werk van deze wedstrijd maar dan voor viool


8.

Biografie

Jan Latham-Koenig. dirigent Met zijn Franse, Deense en Poolse roots, is Jan Latham-Koenig een Europeaan in hart en nieren. Hij studeerde aan het Royal College of Music in Londen waarna hij de prestigieuze Gulbenkian Fellowship in de wacht sleepte. Zijn debuut als dirigent van de opera Macbeth in de Wiener Staatsoper in 1988 was een buitengewoon succes en bezorgde hem op korte tijd internationale naam en faam. Sindsdien stond hij aan het roer van ’s werelds grootste opera- en symfonische gezelschappen met werken zoals Aïda, Macbeth, La Bohème, Peter Grimes, Tristan und Isolde, Pelléas et Mélisande, Die tote Stadt, Carmen, Turandot en Elektra en het ballet The Prince of the Pagodas. Jan Latham-Koenig nam reeds diverse engagementen op als artistiek directeur van ensembles en organisaties zoals het Orquestra Nacional do Porto, de Cantiere Internazionale d’Arte di Montepulciano, het Teatro Massimo di Palermo, het Orchestre Philharmonique de Strasbourg en de Opéra National du Rhin. JAN LATHAM-KOENIG

Daarnaast was hij stichter en artistiek directeur van de Young Janácˇek Philharmonic. Sinds augustus 2011 is hij artistiek directeur van de Novaya Opera Moskou en sinds 2012 ook van het Orquesta Filarmónica de la UNAM in Mexico City. Vanaf het seizoen 2013-2014 is hij tevens chef-dirigent van het Symfonieorkest Vlaanderen in Brugge. Jan Latham-Koenig verzorgde diverse gastoptredens met onder meer de New Japan Philharmonic, het Tokyo Metropolitan Orchestra, het Orchestre Philharmonique de Radio France, het Los Angeles Philharmonic Orchestra, het Rundfunk-Sinfonieorchester Berlin en het Dresdner Philharmonie Orchester. Daarnaast werd hij uitgenodigd om diverse gezelschappen te dirigeren in de Wiener Staatsoper, het Royal Opera House Covent Garden, de National Opera Prague, de Göteborg Opera, de Tokyo National Opera en nog vele andere.


Biografie

9.

Adriana Bastidas Gamboa. mezzosopraan De Colombiaanse mezzosopraan Adriana Bastidas Gamboa begon haar muzikale studies en zanglessen in haar geboortestad aan het conservatorium Antonio María Valencia. In 2007 behaalde ze haar einddiploma cum laude bij Professor Henner Leyhe aan de Hochschule für Musik und Tanz Köln.

Ze werkte samen met dirigenten van wereldklasse zoals Marc Piollet, Alessandro de Marchi, Markus Stenz, Ralf Weikert Konrad Junghänel, Christoph Moulds, Alain Altinoglu en Jan Latham-Koenig.

In november 2013 verscheen haar eerste solocd ‘Un viaggio in Italia’, een bundeling van de Adriana Bastidas Gamboa was lid van de hoogtepunten uit haar carrière. International Opera Studio van de Opera in Keulen. Sinds het seizoen 2008-2009 maakt ze deel uit van de vaste cast van deze opera waar ze onder meer te zien was als Cherubino in Le nozze di Figaro, Dorabella in Così fan tutte, in de titelrol van Händels Rinaldo, Maddalena in Rigoletto, Olga in Eugen Onegin en Martina Laborde in Love and Other Demons van Peter Eötvös. In 2012 mocht ze de Jacques-Offenbach Prijs in ontvangst nemen voor haar uitzonderlijke parcours dat ze aflegde op vlak van zang en performance.

ADRIANA BASTIDAS GAMBOA


10.

ANNELEEN LENAERTS © MARCO BORGGREVE


Biografie

11.

Anneleen Lenaerts. harp Met amper 25 jaar is Anneleen Lenaerts reeds één van de meest gelauwerde harpisten van haar generatie. Haar uitzonderlijk muzikaal talent bracht haar in een groot deel van Europa waar ze optrad in de meest prestigieuze concertzalen. Anneleens harpspel is gekend om haar kleurrijke en warme klank, perfecte timing en diepe muzikale expressie. In december 2010 werd Anneleen benoemd tot Soloharpiste van de Wiener Philharmoniker. Ze speelde als soliste met orkesten zoals het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunk, het Mozarteum Orchester, de Qatar Philharmonic, het Philadelphia Chamber Orchestra, I Cameristi del Maggio Musicale Fiorentino, het Collegium Musicum Basel, de Brussels Philharmonic en het Nationaal Orkest van België. Ondanks haar jonge leeftijd heeft Anneleen al een indrukwekkend palmares. Ze behaalde tussen 1997 en 2009 zeventien prijzen op (inter)

nationale harpwedstrijden in België, Frankrijk, Oostenrijk, Hongarije, Spanje, USA en Duitsland waaronder de ‘Grand Prix International Lily Laskine’, één van de meest prestigieuze harpwedstrijden in de wereld en de ‘Internationaler Musikwettbewerb der ARD München’ waar ze prijswinnaar werd en winnaar van de Publieksprijs.

‘Fondation Groupe Banque Populaire’, in Parijs.

Anneleen Lenaerts kreeg haar harpopleiding van Lieve Robbroeckx. Ze studeerde verder aan de Conservatoria van Brussel en Parijs en behaalde in 2008 al een Master diploma voor harp met de grootste onderscheiding. Ze rondde haar harpstudies af met de ‘Cours de perfectionnement’ aan de École Normale de Voor haar verdienstelijke resultaten werd An- Musique de Paris. neleen meermaals bekroond. Zo ontving ze in 2004 de YoTaM-beurs (Young Talented Musi- Sinds 2010 vormt Anneleen een duo met klacians) van de Vlaamse regering. In 2006 werd rinettist Dionysis Grammenos. Haar duo met aan Anneleen de ‘le Prix Culturel International hoboïst Karel Schoofs resulteerde in een cd de la Jeunesse’ uitgereikt door de gouverneur met werk uit het Franse impressionisme.
In van Basse et Haute Normandie en de cultu- 2008 verscheen haar eerste solo-cd bij Egan rele commissie van Lions Club Deauville. In Records en in 2011 bracht Aliud Records haar 2007 werd aan haar de beurs van de Artistieke tweede solo-cd uit met werken van Chopin en Stichting Mathilde E. Horlait- Dapsens toege- Liszt, een primeur op harp. kend en in 2008 ontving ze de Prijs Lunssens en de Prijs van Straelen voor haar opmerke- In 2013 nam Anneleen harpconcerti van lijke resultaten aan het Conservatorium van Glière, Rodrigo en Jongen op met het Brussel. In 2010 werd ze laureaat van de Brussels Philharmonic.


12.

Extra concert.

Visioen van een verschrikkelijke oorlog. Dirigent. Jan Latham-Koenig Koor. Octopus Symfonisch Koor. voorbereid door Bart Van Reyn

Symfonieorkest Vlaanderen herdenkt WO I met de Negende Symfonie van Beethoven. Naar aanleiding van 100 jaar WO I brengt het Symfonieorkest Vlaanderen de Negende Symfonie van Beethoven. Dit concert past in een reeks cultuur-toeristische activiteiten die georganiseerd worden ter nagedachtenis van de Groote Oorlog die precies 100 jaar geleden begon. Met een extra Beethovenconcert benadrukt het Symfonieorkest Vlaanderen de vredesinitiatieven van pacifisten zoals de Fransman Jean Jaurès en de expressionistische schilder Ludwig Meidner.

BEETHOVEN 9. do. 19.06.2014 20:00 Concertgebouw. Brugge info & tickets. +32 50 84 05 87 vr. 20.06.2014 20:00 Paleis voor Schone Kunsten. Brussel info & tickets. +32 50 84 05 87 za. 21.06.2014 20:00 Muziekcentrum de Bijloke. Gent info & tickets. +32 9 269 92 92

De verwoestende kracht van de nakende oorlog zette de Franse pacifist Jean Jaurès er in 1912 toe aan een grootschalig congres te organiseren in het Zwitserse Basel. Hij was er zich, zoals vele pacifisten, van bewust dat de onophoudelijke twisten in de Balkanregio tussen de Slavische volkeren en Oostenrijk-Hongarije zouden leiden tot een vernietigende oorlog. Maar liefst 500 gedelegeerden uit 23 landen probeerden te zoeken hoe de nakende oorlog kon vermeden worden. Het resultaat bleef echter uit  ... Het congres werd afgesloten in de kathedraal van Basel met een vredesoproep van Jaurès en de uitvoering van de Negende Symfonie van Beethoven. Beleef de Negende van Beethoven! Het Symfonieorkest Vlaanderen brengt onder leiding van chef-dirigent Jan Latham-Koenig en in samenwerking met het gerenommeerde Octopus Symfonisch Koor deze aangrijpende symfonie in de vier kunststeden Antwerpen, Brugge, Brussel en Gent als uniek startpunt voor de culturele herdenking van Wereldoorlog I. Solisten zijn: Jessica Muirhead (sopraan), Eva Vogel (mezzosopraan), Peter Svensson (tenor) en Roland Wood (bas).

zo. 22.06.2014 15:00 deSingel. Antwerpen info & tickets. +32 50 84 05 87

Tickets. Voor alle ticketprijzen en up-to-date info over dit unieke concert, zie www.symfonieorkest.be.


Overzicht

13.

Concert.agenda Gymnopédie.

Extra concert.

Milhaud . Poulenc . Satie

Beethoven 9.

Start ticketverkoop. seizoen 2014 . 2015

dirigent. Jan Latham-Koenig soliste. Nathalie Gaudefroy. sopraan

dirigent. Jan Latham-Koenig koor. Octopus Symfonisch Koor

Voor abonnees met behoud van zitplaats: 28.04 t.e.m. 23.05.2014. Voor abonnees met andere zitplaats én nieuwe abonnees: vanaf 26.05.2014.

dinsdag 13 mei 2014. 20u Concertgebouw. Brugge

donderdag 19 juni 2014. 20u Concertgebouw. Brugge

donderdag 15 mei 2014. 20u CC Zwaneberg. Heist-op-den-Berg

vrijdag 20 juni 2014. 20u Paleis voor Schone Kunsten. Brussel

zondag 18 mei 2014. 15u deSingel. Antwerpen

zaterdag 21 juni 2014. 20u Muziekcentrum de Bijloke. Gent

maandag 19 mei 2014. 20u Paleis voor Schone Kunsten. Brussel

zondag 22 juni 2014. 15u deSingel. Antwerpen

Losse tickets: vanaf 09.06.2014. Het volledig programma van seizoen 2014.2015 is online consulteerbaar vanaf maandag 28 april 2014.

Tickets & info. www.symfonieorkest.be 050 84 05 87

Ontdek de volledige kalender op www.symfonieorkest.be!


Het Symfonieorkest Vlaanderen geniet de steun van

Westmeers 74 . B 8000 Brugge T +32 50 84 05 87 F +32 50 84 06 87

info@symfonieorkest.be www.symfonieorkest.be Volg ons op Facebook! verantwoordelijke.uitgever. Dirk Coutigny

Symfonieorkest Vlaanderen - Etoiles  

Programmaboekje bij het concert 'Etoiles' van het Symfonieorkest Vlaanderen.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you