Page 1

interview

Michèle Sioen over ondernemerschap

capital18

REPORTAGE

Vlaamse topchef in Italië

belgen met een plan

Ridley demarreert debat

Nieuwe belastingregels analyse

optima magazine

Tax shelter, iets voor u? stand van zaken

Speciaal dossier: Financial Planning in 2013

jaargang juli v 2012 februari 2013

Tomas van den spiegel Het plan van

– Profbasketballer –

“winnen is een ‘way of life’.”


Uw Plan : financiële zekerheid voor nu en voor later

Waar bent u nog zeker van ? U rekent op uw inkomen en uw vermogen om uw financiële toekomst veilig te stellen. Maar wat als men plots de spelregels verandert ? Extra belasting op dividend, inperking van privévoordelen, uitholling van uw pensioenkapitaal, … Tal van mogelijkheden die u vroeger had, worden u vandaag ontnomen. Welke zekerheden hebt u dan nog ? En wie zegt dat het hierbij zal blijven ? Optima heeft de kennis in huis om een compleet financieel en fiscaal plan voor u op te stellen. Op maat van uw persoonlijke situatie én aangepast aan de uitdagingen van morgen. Wilt u vandaag nog zekerheid vinden ? Vraag dan geen advies, maar eis een plan. Meer info ? 0800 97 536 of kijk op optima.be


woord voor af

capital18 werkingen met topverzekeraars, en tal van andere nieuwe of bestaande diensten en dito producten.

Voor wie dacht dat de fiscale druk in België zou verlagen, heeft 2013 tot op heden weinig goed nieuws gebracht. Ondernemen en investeren zijn er in het nieuwe belastingregime niet bepaald aantrekkelijker of eenvoudiger op geworden. Meer dan ooit moeten we met zijn allen op zoek naar een overzicht onder de vorm van een stabiel financieel totaalplan. Dat omvat manieren om ook in het huidige klimaat te zorgen voor een duurzaam pensioen, inkomen, vermogen én successie.

Ook internationaal werpen onze inspanningen hun eerste vruchten af. Zo mochten we met ons kantoor in Spanje ervaren dat anticyclisch investeren loont. Meer dan 350 vermogende Spaanse burgers schonken ons intussen hun vertrouwen. Ook voor hen werken we oplossingen op maat uit, op Spaanse leest geschoeid, maar met onze eigen Optima-aanpak: verstandig investeren op basis van een persoonlijk financieel totaalplan.

Want het goede nieuws is dat slim investeren nog mogelijk is. In dit magazine geven onze specialisten alvast enkele waardevolle tips in een speciaal dossier: ‘financial planning anno 2013’. Wellicht haalt u er inspiratie uit voor uzelf of voor uw naasten.

Last but not least staan we bij Optima bekend om onze filosofie dat de beste vermogensspreiding er één is tussen roerend en onroerend goed. En ook op het vastgoedfront mogen we goed Bij Optima hebben we het geluk om onze klanten sinds kort te nieuws vertellen: het juist gekozen vastgoed blijft meer dan ooit laten meegenieten van een ongekend ruim gamma aan oplos- overeind als stabiel vermogensbestanddeel. Vraag dat maar singen en diensten op maat van hun leven. Door de uitbreiding aan de talrijke klanten die in 2012 via Optima hun investeringsvastgoed verkochten, stuk voor stuk met van ons aanbod met bancaire en andere zeer mooie gemiddelde jaarrendementen. oplossingen, kunnen we immers meer dan Laat dat de boodschap zijn waarmee we ooit inspelen op de persoonlijke situatie “Het lev en is gelu k k ig deze achttiende editie van Capital aanen vragen van ons eigen publiek. Ik denk niet alleen m a ar snijden: het leven is gelukkig niet alleen onder meer aan gepersonaliseerde kredietkom m e r e n k w e l . maar kommer en kwel. Zelfs niet op oplossingen, fiscaalvriendelijke investe­ Zelfs niet op financieel en fiscaal vlak. ringen in tax shelter, nieuwe samen­ fina ncieel en

f i s c a a l v l a k .”

met achtingsvolle groet, Jeroen Piqueur Voorzitter van het Directiecomite Optima Group nv

de actualiteit in cijfers

150

De vennootschap die via tax shelter investeert mag 150% van het geïn­vesteerde bedrag fiscaal in mindering brengen van haar winsten van het lopende boekjaar. (lees er meer over op pagina 20)

25

Vanaf 2013 verhoogt de roerende voorheffing op intresten en dividenden naar een uniform tarief van 25% – op enkele uitzonderingen na. (lees er meer over op pagina 48)

[ CAPITAL 18 ]

1

18

Vanaf juli 2013 gelden volgende regels. Bent u 61 jaar en neemt u kapitalen en afkoopwaarden op die door werkgevers- of vennootschapsbijdragen opgebouwd zijn? Dan worden die belast tegen 18%, in plaats van de 16,5% die nu geldt. (lees er meer over op pagina 53)


cont ent

jaargang juli v 2012 februari 2013

07

13

07.

13–19.

mijn plan

VAN KAPITAAL BELANG

De aarde vanuit de hemel. Cameraman Wim Robberechts.

3 professionals over wat hen drijft. Diensthoofd cel vermiste personen Alain Remue, Outdoorspecialisten Saskia De Mits en Guy Vermeirsch en Topmodel en DJ Amélie Lens.

23

28

42

23–27.

28–32.

42–45.

reportage

het plan van

BELGEN MET EEN PLAN

De groten der aarde komen eten bij een Vlaamse topchef in het Italiaanse Positano.

Belgisch professioneel basketbalspeler Tomas Van den Spiegel.

Anthony Kumpen, commercieel directeur van fietsproducent Ridley over de snelste racefiets ter wereld.

Deze publicatie werd samengesteld door Optima Bank NV, met maatschappelijke zetel te Keizer Karelstraat 75, 9000 Gent. Hoewel Optima Bank NV alle redelijke maatregelen genomen heeft om ervoor te zorgen dat de informatie in deze publicatie juist, duidelijk en niet misleidend is, aanvaardt noch Optima Bank NV, noch de aan haar verbonden vennootschappen, bestuurders of werknemers, enige aansprakelijkheid voor enige directe of indirecte schade die op enigerlei wijze zou kunnen voortvloeien uit het gebruik of het zich beroepen op de in dit document vermelde informatie. Dit document bevat geen beleggingsadvies, noch een aanbod of een verzoek tot de aan- of verkoop van om het even welk financieel product, dienst of advies. Iedere mededeling betreffende de financieel-fiscale actualiteit in ruime zin, is tijdsgebonden en kan dus onderhevig zijn aan wijzigingen zonder verdere notificatie. Gegevens over in het verleden behaalde rendementen, simulaties en prognoses vormen geenszins een garantie noch een indicator voor toekomstige resultaten.

[ CAPITAL 18 ]

2


cont ent

capital18 nog i n dit nummer 

04–06. nice to know, nice to have Klasse in tijd en ruimte.

8

34

8–12.

34–41.

interview

spraakmaker

Fiscaal experts Michel Maus en Jo Viaene over de nieuwe fiscale maatregelen van de regering-Di Rupo.

20–22. STAND VAN ZAKEN

Fiscaalvriendelijk investeren in de Belgische film.

Michèle Sioen, CEO van Sioen Industries.

33. networking

Een pittig debat met Trends en Optima. Investeren in vastgoed, iets voor u?

48. optima nieuws

Investeren in een tweede woning. colofon

verantwoordelijke voor uitgave: Jeroen Piqueur, Keizer Karelstraat 75, 9000 Gent Hoofdredactie: Jeroen Lissens, jeroen.lissens@optima.be, 09/225.25.71. COoRDINATIE: Lara Van Ginderdeuren. EINDREDACTIE: Kiki Feremans. ontwerp en layout: Veerle Verbrugge, veerle@eastvillage.be. Redactie-adres: Capital p/a Optima Bank nv Keizer Karelstraat 75, 9000 Gent. Werkten verder mee aan dit nummer: Luk Coupé, Ingmar Criel, Iris De Feijter, David De Vleeschauwer, Nils De Vriendt, Ethel Desmasures, Lieven Dirckx, Valérie Du Pré, Jan Gillis, Tom Goossens, Peter Goossens, Brigitte Hendrickx, Marc Holthof, Guy Kokken, Jonas Lampens, Peter Magherman, Michel Maus, Debbie Pappyn, Xavier Piqueur, Alexander Popelier, Isabelle Riera Diaz, Chantal Samson, Lieven Van Assche, Thomas Vanhaute, Corinne Vanschoorisse, Jo Viaene, Bert Voet advertentieregie: Thierry Magerman en Custom Regie. Druk: Stevens Print NV. Dit magazine werd gedrukt op Arctic Paper met FSC-certificering.

57–63. VRIJE TIJD

De betere dingen des levens.

62-64. Opinie en visie

49

Europa en de Belgische fiscaliteit. Goede voornemens voor 2013.

49–56. dossier

Financial Planning anno 2013. Xavier Piqueur, Isabelle Riera Diaz & Corinne Vanschoorisse en Tom Goossens & Nils De Vriendt over financial planning in 2013.

Copyrights: Alle rechten voorbehouden. Niets uit dit magazine mag op welke wijze dan ook worden overgenomen, noch vermenigvuldigd, zonder uitdrukkelijke toestemming van hoofdredactie en uitgever. Cover: Tomas Van den Spiegel door Lieven Van Assche. Si à l’avenir vous désirez recevoir l’édition francophone/néerlandophone, veuillez en faire la demande sur info@optima.be

[ CAPITAL 18 ]

3


li f e s t y l e

n i c e t o k n o w, n i c e t o h av e

klasse

in tijd en ruimte Een nieuw jaar brengt nieuwe perspectieven. Capital overschreed de grenzen van tijd en ruimte om u als eerste de meest originele lifestyle-ideeĂŤn te presenteren. Sommige zijn net gelanceerd, andere volgen later dit jaar, maar allemaal zijn ze het ontdekken waard. tekst valerie du pre

Stilte in de ruimte Cocoon 1 www.cocoonlife.ch

Volgens onze glazen bol wordt Cocoon 1 de nieuwe designhit. Het veelkleurige meubel biedt u voldoende persoonlijke ruimte om te leven, te slapen, te koken of te lezen zonder geluids- of andere overlast. Transparant en toch privĂŠ. Stil en toch toegankelijk. De lancering van Cocoon 1 is gepland voor het najaar van 2013. Wij zien het zitten.

[ CAPITAL 18 ]

4

1


li f e s t y l e

3

Rotatiehuis

Geen zuidelijk georiënteerde tuin? Designers David Ben Grünberg en Daniel Woolfson bedachten een ingenieus rotatiehuis. Dankzij het dynamische railsysteem kan het bouwwerk acht vormen aannemen en vlotjes meebewegen met het weer, de seizoenen en het tijdstip van de dag. De wetten van de natuur volgen, heet dat.

3

D * D y n a m ic www.thedhaus.com

planeten om de pols M r . J o n e s Sat e llit e watc h www.watchismo.com

2

De Mr. Jones Satellite Watch is een van de eerste uurwerken die u 24 uur lang precies vertelt hoe laat het is. Tenminste, als u weet hoe een en ander werkt, want op de nummerplaat staan alleen planeten. Eén volledige rotatie op het uurwerk komt overeen met één rotatie van de aarde rond de zon. Handleiding lezen dus – als u een van de honderd exclusieve exemplaren op de kop kunt tikken.

Omgevingsmonitor

4

L ap k a www.mylapka.com

Radioactiviteit in de lucht. Nitraten in uw eten en drinken. Vocht en elektromagnetische vervuiling in uw woning. Lapka houdt uw persoonlijke omgeving goed in de gaten en brengt u op de hoogte via de app op uw smartphone. Zo creëert u voor uzelf en uw naasten de meest gezonde en comfortabele ruimte.

[ CAPITAL 18 ]

5


li f e s t y l e

5

7

Sta r Wa r s M o l e s k i n e 2 0 13 pla n n e r www.thinkgeek.com

Nimbus Minerva 2012 www.berndnaut.nl

Star Wars planner Limited edition Moleskine voor wie ook in 2013 geen maand, week of dag zonder zijn favoriete Star Wars-quotes kan. The force will be with you, always.

© Cassander Eeftinck Schattenkerk

7

6

De Nederlandse kunstenaar Berndnaut Smilde tovert de juiste temperatuur, vochtigheidsgraad en hoeveelheid licht om tot indrukwekkende wolken. Echte kanjers, binnenskamers. Deze surreële creatie op het snijvlak van kunst en wetenschap werd door TIME magazine uitgeroepen tot een van de ‘Best Inventions of the Year 2012’.

B e o play A 9 www.beoplay.com

9

Universeel geluid Excellente ontvangst gegarandeerd met de nieuwe Beoplay A9. Het design van dit stereosysteem doet denken aan een satelliet maar dan mooier, muzikaler en volledig draadloos. Terechte winnaar van de prestigieuze CES ‘Best of Innovations’-award.

Ma r l o n G o b e l S / S 2 0 13 www.marlongobel.com

Wolk je a a n de lucht

Breiende k lok

De klok van Siren Elise Wilhelmsen breit 24 uur per dag, 365 dagen lang. Terwijl de tijd verstrijkt, krijgt uw twee meter lange sjaal vorm. Is het jaar om? Dan breit u er gewoon een vervolg aan met een nieuwe bol wol. Averechtse langdradigheid.

9

3 6 5 K n itti n g C l o c k www.sirenelisewilhelmsen.com

8 Sterren op de catwalk Neil Armstrong, de eerste man op de maan, zet nu ook zijn eerste stappen op de catwalk. De nieuwste Spring/Summer-collectie van designer Marlon Gobel staat volledig in het teken van de legendarische ruimtereiziger. Stoer en spacy, retro en futuristisch: the best of both worlds.

[ CAPITAL 18 ]

6

© Miriam Lehnart


MIJN PL AN

W i m R o bb e r e c h t s

©David Speltdoorn

De aarde vanuit de hemel Aan helicopter view heeft hij geen gebrek: luchtfotograaf en cameraman Wim Robberechts draait al meer dan 25 jaar mee. Zijn bedrijf filmt sportwedstrijden en natuurdocumentaires, maar evengoed commercials en speelfilms. Onlangs publiceerde hij het fotoboek ‘Belgium, The Book’.

01.

Is de wereld echt mooier van bovenaf? “Ik zeg liever: interessanter. Vliegen fascineert me al van kindsbeen af. Eigenlijk ben ik een mislukte piloot. Nog altijd stap ik met plezier in de helikopter. Sterker nog: ik geniet steeds intenser van de vluchten.”

02.

Luchtopnames maken, hoe gaat dat precies in zijn werk? “De filmcamera hangt aan een speciaal stabilisatiesys-

tekst Iris De Feijter

teem onder de helikopter. De cameraman bedient hem vanuit de helikopter met een joystick. Goede luchtopnames vereisen perfect teamwork van de piloot, de cameraman en de regisseur.”

03.

Hoe belandde u in deze branche? “Mijn vader was ook cameraman. Ik begon als freelancer voor tv. Later nam ik personeel in dienst en begon ik ook

bedrijfsfilms te maken. In 1987 vroeg de BBC mij om luchtopnames te maken van de gezonken Herald of Free Enterprise. Ik huurde de nodige apparatuur en voor ik het wist, was ik een expert op dat gebied.”

de duurste en meest inge­ wikkelde camera van het moment, waarmee ze ook de laatste James Bond-film ‘Skyfall’ draaiden. Een investering van meer dan een half miljoen euro.”

05.

Weerhoudt de crisis u er niet van om te investeren? “Ik ben een geboren ondernemer. Ik wil meer dan mooie beelden maken. Ik wil daar ook een goede boterham mee verdienen. Investeringen – en dus risico’s – horen daarbij. Ik ben dan wel 62, maar ik kijk nog altijd vóóruit in plaats van achteruit.”

06.

Wat is uw mooiste herinnering? “Het shot van mijn leven maakte ik 15 jaar geleden, toen ik de lancering filmde van de allereerste Ariane 5-raket. Die ontplofte voor De foto- en filmtechniek onze ogen, maar ik bleef staat niet stil. Hoe blijft filmen. Ook de dagenlange u bij? vluchten over het Amazone “Ik heb altijd geïnvesteerd woud met de beroemde in het nieuwste en het beste luchtfotograaf Yann Arthusmateriaal. En dat doe ik Bertrand zijn onvergetelijk.” nog altijd. Onlangs kocht ik

04.

[ CAPITAL 18 ]

7


interview

economie en fina ncien

“Wie kan sparen, wordt geviseerd door de fiscus” Fiscaal experts Michel Maus en Jo Viaene geven tekst en uitleg bij de nieuwe fiscale maatregelen van de regering-Di Rupo I. Naast een aantal punten van kritiek, komen ze met concrete voorstellen op de proppen: “De afstand tussen de burgers en de fiscus moet absoluut kleiner worden. De fiscus, dat zijn wij met zijn allen samen.” tekst jeroen lissens | foto’s Jonas Lampens

Stilaan is het stof van de nieuwe begrotingsmaatregelen gaan liggen. Om klanten en relaties te informeren over de gevolgen, organiseerde Optima samen met het magazine Trends een reeks debatten over fiscaliteit. Honderden mensen kwamen luisteren naar het expertenpanel, met onder meer Michel Maus, fiscaal advocaat, en Jo Viaene, bestuurder bij Optima Group. In enkele vragen en antwoorden vatten we in Capital de teneur van de debatten samen. Worden we met zijn allen getroffen door de nieuwe fiscale regelgeving? MICHEL MAUS: “De nieuwe regels viseren heel duidelijk de mensen die kunnen sparen. Je kunt akkoord gaan met de stelling dat de sterkste schouders de zwaarste lasten moeten dragen. Maar je moet ook beseffen dat de meeste van die mensen heel hun leven keihard gewerkt hebben – én belastingen betaald hebben – om

überhaupt nog maar te kunnen sparen. Het gaat meestal zelfs om doorsnee mensen met wat opgebouwd vermogen in klassieke beleggingsproducten, eventueel aangevuld met een erfenis.” Vallen de maatregelen al bij al niet mee? MICHEL MAUS: “Je kunt niet stellen dat de impact beperkt is. Een stijging van de roerende voorheffing van 15 naar 25 procent is een stijging met 66 procent, punt uit. Een tweede voorbeeld is de loonmatiging, een maatregel die men ons verkoopt onder het mom van een lastenverlaging, maar die in de praktijk de lonen aantast. Het onderzoeksinstituut Itinera heeft becijferd dat mensen voortaan vijf maanden langer moeten werken vooraleer de lonen kunnen stijgen. Voor heel wat mensen gaat dit om een substantiële impact op hun inkomen. Want laat ons niet vergeten dat dit wellicht een blijvende maatregel is.”

[ CAPITAL 18 ]

8

“Ten derde is er de bijna-verdubbeling van de premietaks op levensverzekeringen van het type tak21 en tak23 (van 1,1 naar 2 procent, nvdr). Ook hier gaat het om klassieke spaarproducten voor mensen die na hard werken iets opzijzetten voor hun eigen pensioenopbouw, wetende dat de overheid op een gigantisch pensioenprobleem afstevent.” JO VIAENE: “Het komt wat bizar over dat je

enerzijds mensen aanspoort om te sparen voor het eigen pensioen, maar anderzijds juist die groep van spaarders extra gaat belasten. Voor de zelfstandigen komt daar nog eens de zeer scherpe belastingverho­ ging bij op de voordelen in natura: de auto, het huis in de vennootschap, enzovoort.” MICHEL MAUS: “En wat is het resultaat?

De autoverkoop is zowat ingestort, én de inkomsten van btw en accijnzen op de brandstof zakken. Wie is daar in godsnaam bij gebaat?”


Jo Viaene: “het komt wat bizar over dat je enerzijds mensen aanspoort om te sparen voor het eigen pensioen, maar anderzijds juist die groep van spaarders extra gaat belasten.�

[ CAPITAL 18 ]

9


interview

De overheidsfinanciën laten jammer genoeg niet veel speelruimte voor lagere belastingen. Dus moest er toch sowieso ingegrepen worden? MICHEL MAUS: “Iedereen weet dat er een grondige hertekening van de fiscaliteit nodig is. En iedereen weet ook welke richting het eigenlijk zou moeten uitgaan. De torenhoge lasten op arbeid in België moeten naar beneden. We staan hiermee zowat aan de wereldtop: het verschil tussen bruto- en nettoloon is bijna nergens zo groot als bij ons. Een verlaging van de lasten op arbeid compenseren met een of andere taks op vermogen: dát zou wellicht als billijk gepercipieerd worden. Maar in de praktijk gaat men bijna niet sleutelen aan die hoge arbeidskosten. Terwijl de belastingen op sparen en vermogen er sowieso toch bijkomen. Je vraagt je af waar ze met dat soort van beleid naartoe willen. Waar is the big picture?” JO VIAENE: “Fiscaliteit is een kwestie van

geven en nemen. Heel wat bedrijfsleiders willen op vermogen wel iets meer betalen, maar dan moet daar – aan de kant van de belasting op hun inkomen – ook iets tegenover staan. Aan de ene kant wil men werk maken van de activering van het gigantische bedrag aan spaargeld dat de Belgen op hun spaarboekjes hebben staan. Maar tegelijk gaat men dat investeren fiscaal afstraffen met een taks tot 25 procent. Dat kun je toch bezwaarlijk een activeringsbeleid noemen?” “Duidelijke keuzes blijven uit en dat zorgt er ook voor dat mensen – ondernemers en privépersonen – met vragen blijven zitten. Waar is de fiscale stabiliteit, toch voorwaarde nummer één voor een gezond ondernemersvertrouwen?” “Ook privé zitten mensen met vragen: welke planningstechniek mag ik nog wel gebruiken, en welke niet meer? Klanten bellen ons met concrete vragen over hun specifieke situatie.” Europa had nochtans lovende woorden voor de Belgische aanpak van de begroting. MICHEL MAUS: “De rekening klopt inder-

daad wel, maar het is zeer de vraag of een aantal aangekondigde maatregelen juridisch de Europese toets zullen doorstaan. Kijk naar de aangifteverplichting van buitenlandse levensverzekeringen. Aan de ene kant kiest de regering in 2013 bewust voor de afschaffing van aangifte van intresten en dividenden (ten voordele van een bevrijdende roerende voorheffing), en aan de andere kant doet ze voor de buiten-

[ CAPITAL 18 ]

10

landse levensverzekeringen compleet het tegenovergestelde. Voor de binnenlandse levensverzekeringen geldt deze aangekondigde aangifteplicht dan weer niet: begrijpe wie begrijpen kan. Zo wordt een maatregel die bedoeld zou zijn om fraude te bestrijden een competitieve bevoordeling van de Belgische levensverzekeringen. Overigens kan er via de levens­ verzekering niet eens roerende voorhef­-


interview

fing ontdoken worden, omdat er simpelweg (nog altijd) geen roerende voorheffing van toepassing is op kwalificerende levensverzekeringen.”

“Je kan niet stellen dat de impact van de nieuwe fiscaliteit beperkt is. Een stijging van de roerende voorheffing van 15 naar 25 procent is een stijging met 66 procent, punt uit.”

[ CAPITAL 18 ]

11

JO VIAENE: “Een ander voorbeeld is de sicav of bevek met of zonder Europees paspoort, sinds jaar en dag een populair beleggingsfonds voor grote en kleine vermogens. Heeft een (compartiment van de) bevek of sicav een defensief profiel (meer dan 25 procent belegd in vastrentende stukken)? Dan ondergaat de rente én de meerwaarde van die vastrentende stukken voortaan een roerende voorheffing van 25 procent, terwijl dat vroeger 21 procent was. Maar wat blijkt nu? Deze belasting is alleen van toepassing op fondsen met een Europees paspoort. Fondsen zonder Europees paspoort (in de praktijk alleen zuiver Belgische fondsen) ondergaan geen enkele belasting inzake roerende voorheffing. Opnieuw is het zoeken naar objectieve motieven, en kunnen we bijna niet anders dan spreken van pure discriminatie. Belgische fondsen die zo ‘dom’ waren een Europees paspoort aan te vragen, zijn er aan voor de moeite…” “En zo zijn er nog voorbeelden. De regering besliste om naast intresten en dividenden ook de meeste andere categorieën van roerende inkomsten (vroeger belast tegen 15 procent) te belasten tegen 25 procent: octrooien, lijfrentes, inkomsten uit roerende verhuur, … Opmerkelijk: alleen de zogenoemde Leterme-staatsbon – die in 2011 het licht zag om snel en goedkoop geld op te halen in tijden van crisis – ontspringt op miraculeuze wijze de dans. Juristen hadden al heel wat vragen bij het fiscale gunsttarief ten tijde van de lancering: waarom deze staatsbon tegen 15 procent belasten en bijvoorbeeld een Franse staatsbon tegen 21 procent? Maar nu staan ze helemaal versteld.”

Advocaten stropen alvast hun mouwen op. Maar wie is er uiteindelijk gebaat bij zo’n procedureslag tot op Europees niveau? Burgers zien nu al amper het bos nog door de bomen… MICHEL MAUS: “Men blaast helaas warm


interview

en koud, en men spreekt elkaar tegen. Kijk naar de saga van de hogere auteursrechtenbelasting. De ene keer komt ze er, de dag erna heeft men plots zijn kar gekeerd en komt ze er niet. Ook de fameuze ‘rijkentaks’ heeft het niet langer dan één jaar uitgezongen.” JO VIAENE: “En dat terwijl financiële

instellingen honderdduizenden euro’s hebben uitgegeven om hun klanten hierover te informeren.” Is dat niet negatief voor het imago van ons land als investeringsregio, zeker na het sociale drama bij Ford Genk en een reeks andere grote saneringen? MICHEL MAUS: “In het buitenland creëer je op die manier het imago van een onbetrouwbare partner. Denk maar aan de notionele intrest. Op zich een effectieve maatregel, maar plots werd die ingeperkt, omdat men vergat er een herinvesteringsverplichting aan te koppelen.” “En wat zie je nu gebeuren? De Zwitsers springen met hun brief in het gat dat wij hebben laten liggen. (nvdr: Het officiële marketingbureau van de regio Zürich schreef onlangs een brief aan 150 hoofdkwartieren van Amerikaanse multinationals in ons land, met de vraag om te verhuizen naar Zwitserland, omdat het fiscaal-economisch beleid er beter is.) In plaats van een boze brief terug te schrijven naar de Zwitsers, zou men beter werk maken van een constructief beleid.” Hoe moet dat beleid eruitzien? Hebben jullie zelf positieve voorstellen? MICHEL MAUS: “Maak keuzes, dat is mijn eerste aanbeveling. Zoals we industrieel keuzes moeten maken door te kiezen voor bepaalde sectoren en clusters, zo moeten we dat ook fiscaal doen. Op een billijke wijze bepaalde sectoren stimuleren. Ik ben niet gekant tegen een hogere belasting op vermogens. Maar ze moet gecompenseerd worden. En ze mag niet plotsklaps ingevoerd worden. Als je morgen het opgebouwde vermogen belast van een generatie die haar vermogen (als inkomsten) al zeer zwaar zag belast worden,

dan ga je die groep twee keer belasten. Dus moet je ook hier werken met overgangsmaatregelen. Anders ben je heel onrechtvaardig bezig.” JO VIAENE: “Er is nood aan een omvattend

fiscaal pact dat burgers en ondernemers zekerheid geeft op de lange termijn. Zorg voor meer stabiliteit en rechtlijnigheid in het systeem. Zo vergroten we de investeringsbereidheid in binnen- en buitenland. Van ondernemers, maar ook van privépersonen. Alles is beter dan ad-hocregelingen op korte termijn, die je dan later moet intrekken wegens niet haalbaar of niet toelaatbaar.”

“Er is nood aan een omvattend fiscaal pact dat burgers en ondernemers zekerheid geeft.”

De complexiteit van ons belastingsysteem neemt stilaan hallucinante vormen aan. Is er ook geen nood aan een drastische vereenvoudiging? De belastingaangifte invullen is nu al vaak boekhouderswerk. MICHEL MAUS: “Het ziet er niet naar uit dat fiscaliteit eenvoudiger wordt. Integendeel. De overheveling van bepaalde belastingen – zoals de woonfiscaliteit – naar de gewesten maakt de zaken er niet eenvoudiger op. Zeker niet omdat het hier een belasting betreft die gaat over de baksteen in de maag van zowat iedere Belg.” “De complexiteit van het systeem maakt het belang van een goede en correcte communicatie natuurlijk alleen maar groter. Het welles-nietesspelletje over de auteursrechtenbelasting zorgde op sociale media voor een ongeziene stroom aan verzuurde reacties. Je merkt dat mensen zich fiscaal niet ernstig genomen voelen. Ze krijgen het gevoel dat ze niet correct behandeld worden.”

[ CAPITAL 18 ]

12

Ervaren mensen de kloof met ‘de fiscus’ niet als veel te groot? Mensen, onbereikbaar achter een muur, die met een complexe set van regels beslissen over wat en hoeveel je moet betalen… MICHEL MAUS: “De fiscus veel dichter bij de burger brengen, dat kan een deel van de oplossing zijn. ‘De fiscus’ is de gemeenschap, waar we met zijn allen toe bijdragen, vergeet dat nooit. Met zijn allen zijn wij ‘de fiscus’. De belastingdiensten moeten dan ook veel meer aanspreekbaar zijn voor burgers met vragen. Zeker in het huidige, complexe klimaat. Als het makkelijker wordt om een concrete vraag voor te leggen aan de fiscus, en je krijgt een duidelijk antwoord, dan neem je een stuk frustratie en nodeloze afstand of angst weg bij heel wat burgers. Mag ik mijn factuur als aannemer over twee jaar spreiden? Wat moet ik hoe lang bijhouden in mijn boekhouding als zelfstandige? Twee heel eenvoudige vragen waar veel mensen mee zitten. Terwijl ze hiervoor bij de fiscus nauwelijks een aanspreekpunt hebben.” “We gaan nog een paar zeer moeilijke jaren tegemoet, denk ik. Ik heb grote vragen bij de fiscale kosten van de staatshervorming. Gaan ze alle belastingen federaal houden, of juist alles regionaliseren? Op termijn moeten ze toch duidelijke keuzes maken.” JO VIAENE: “Vandaag is de ene belasting

regionaal, de andere federaal. De complexiteit en de administratiekosten zijn enorm. Iemand die werkt in Brussel maar in Vlaanderen of Wallonië woont, betaalt binnenkort drie soorten belasting: in Brussel, federaal en in het eigen gewest. Terwijl de belastingaangifte voor heel wat mensen nu al een ontzettend complexe zaak is.” MICHEL MAUS: “Door de fiscaliteit te regio­

naliseren, hebben we ze in feite geïnternationaliseerd. Hoe kun je dan nog vragen dat iedereen met zijn volledig vermogen in België en in Belgische producten zit?” Discussieer mee op twitter via

@ViaeneJo @MausMichel


va n k apitaal b e la n g

3 professiona l s ov er h u n dr i v e

van

kapitaal

belang Sa s k ia D e Mit s & G u y V e r m e i r s c h

A lai n R e m u e

A m e li e L e n s

Alain Remue, Saskia De Mits & Guy Vermeirsch en AmÊlie Lens, over wat hen drijft. Wat voor hen van kapitaal belang is en waaraan ze hun succes toeschrijven. Tenslotte is geld niet alles. TEKST Iris De Feijter | foto’s guy kokken

[ CAPITAL 18 ]

13


va n k apitaal b e la n g

Diensthoofd Cel Vermiste Personen

alain remue “De zomer van 1995 zal ik niet snel vergeten. Toen raakten Julie en Mélissa vermist. En later ook An en Eefje. De publieke opinie stond op zijn kop. Ik was net officier geworden bij de Rijkswacht. Mijn chef vroeg me een actieplan op te stellen voor het probleem van vermiste kinderen. In september was ik al met een team van vier man aan de slag. De druk was heel groot. Om ons werk nog beter te kunnen doen, volgden we een opleiding aan de FBI Academy in de Verenigde Staten, specifiek gericht op ontvoerde kinderen. We kregen les van onderzoeksagenten die bezig waren met extreme seriemoordenaars zoals John Wayne Gacy alias de ‘Killer Clown’. Erg leerzaam, maar wij vonden het toen nogal Amerikaanse toestanden die wij in België niet zouden tegenkomen. Een cruciale fout. Een paar maanden later ontplofte de zaak Dutroux.” “De Cel Vermiste Personen houdt zich niet alleen bezig met criminele verdwijningen, maar met alle onrustwekkende vermissingen zoals verloren gelopen kinderen, suïcides of Alzheimerpatiënten. Zeker de laatste groep neemt flink toe. Bovendien hebben ze door hun zwakke gezondheid minder overlevingskansen. Eén op de vijf ontsnapte bejaarden haalt het niet. Elke vermissing wordt aangegeven bij de lokale politie. Als de situatie verontrustend is, schakelen zij de Cel Vermiste Personen in. Wij komen ter plekke en coördineren de zoekactie. We geven advies en zetten middelen in die de lokale politie niet heeft. Denk aan helikopers, speurhonden of duikers. Wij zóeken, zodat de agenten de zaak kunnen ónderzoeken.”

“ Sluit geen enkele hypothese uit.”

roeping. “Elke zoektocht begint bij het profiel van de vermiste persoon. We willen echt álles van hem of haar weten. De naasten geven ons veel informatie, maar die is niet altijd even betrouwbaar. Niemand hangt graag de vuile was buiten. Dus spreken we ook met andere bronnen en keren we het huis binnenstebuiten. Daarbij komen vaak onvermoede duistere kantjes aan het licht: een minnaar, drugsverslaving, zware schulden, noem maar op. Om een goed profiel te maken, moeten we dus de privacy van de vermiste én van zijn omgeving schenden. Al respecteren we scrupuleus alle voorgeschreven procedures. Voor elke zoekactie hanteren wij drie basisregels. Eén: werk nooit op routine. Elke zaak is anders. We moeten dus altijd heel creatief denken en oog hebben voor het kleinste detail. Twee: de eerste 24 uur zijn cruciaal. Er staan levens op het spel, dus er is geen tijd te verliezen. En drie: zeg nooit nooit. Sluit geen enkele hypothese uit. Alles kan: van stom misverstand tot gruwelijk crimineel feit.” “Tijdens zoekacties spreken ouders van vermiste kinderen mij vaak aan. Dat is begrijpelijk, maar ik heb het liever niet. Ik wil mijn werk zo technisch mogelijk houden. Door met hen te praten, verandert het dossier. Het wordt een persoonlijk drama. Ik heb mateloos respect voor die ouders. Wat zij doormaken, is onvoorstelbaar zwaar. Zeker als hun kind nooit wordt teruggevonden. Een ouder zei me ooit: ‘Slecht nieuws is beter dan geen nieuws.’ Zo’n opmerking laat je niet koud. Doordat ik in deze job soms heel nare zaken zie, ben ik enorm gaan relativeren. Ik geniet van kleine dingen: een rustig moment, gaan eten met mijn gezin of een plezante film zien. Maar mijn baan is niet louter narigheid. 12 procent van al onze dossiers loopt slecht af. Een kind levend terugvinden of familieleden goed nieuws brengen, geeft veel voldoening. Ik werk al 34 jaar bij de politie, maar mijn jaren bij de Cel Vermiste Personen waren de mooiste, omdat je écht het verschil kan maken.”

[ CAPITAL 18 ]

15

Alain Remue koos in 1978 voor de Rijkswacht. In 1995 richtte hij de Cel Vermiste Personen op: een ondersteunende dienst van de Federale Politie die zich bezig houdt met onrustwekkende verdwijningen.


va n k apitaal b e la n g

Outdoorspecialisten

Saskia De Mits en Guy Vermeirsch “Het begin was moeilijk, maar we bleven geloven in onze aanpak.”

“Noem ons gerust exterieurontwerpers: wij doen buiten wat interieurarchitecten binnen doen. Intussen is outdoor­ design goed ingeburgerd. Maar toen wij er in 1997 mee begonnen, verklaarde iedereen ons voor gek. Het terras hoorde toen bij de tuin. Daar stond een plastic tafel met wat stoelen, gekocht bij een tuincentrum. Nu is het terras een verlengde van het huis. Naast een eettafel is er ook plaats voor een zithoek en zelfs voor een keuken of douche. Belgische outdoorlabels zoals Tribù en Extremis speelden daarin een voortrekkersrol. Maar ook ’t Huis van Oordeghem hielp de emancipatie van buitenmeubilair. Dankzij ons groeide de vraag naar outdoordesign. Labels haakten daar op in en breidden hun assortiment uit. Maar niet zonder ons om advies te vragen.” “Iedereen die hier komt, krijgt advies op maat. Of het nu gaat om een tafel met vier stoelen. Of een super-de-luxe terras inclusief poolhouse. Om onze klanten een goed voorstel te kunnen doen, luisteren we eerst naar hun verhaal. Wie zijn ze? Hoe leven ze? En hoe ziet hun huis eruit? Bij ons staat de mens absoluut centraal. Inlevingsvermogen is de sleutel tot succes. Elk ontwerp is zowel praktisch als esthetisch. Want tuinmeubels zijn niet alleen om op te zitten, maar ook om naar te kijken. Vijf jaar geleden openden we hier een grote showroom van het Spaanse label Gandia Blasco. Maar we verkopen hier 30 merken, allemaal topkwaliteit: qua materiaal, techniek, concept en design. Dat heeft zijn prijs. Maar je krijgt ook waar voor je geld.”

schoonheid.

In 1997 startten Saskia De Mits en Guy Vermeirsch ‘t Huis van Oordeghem: hét adres voor hedendaags buitenmeubilair. Hun winkel tussen Gent en Aalst groeide uit tot de grootste en meest gerenommeerde van ons land en ver daarbuiten.

“We zijn per toeval in deze branche beland. Guy studeerde rechten en werkte voor France Telecom. Ik werkte jarenlang in de diamantsector en reisde daarvoor de wereld rond. Guys vader – die teakmeubels importeerde – bracht ons op het idee om tuinmeubels te gaan verkopen. Eerst was dat teak, maar al snel switchten we naar de modernere – en duurdere – meubels van Tribù en Extremis. Het begin was moeilijk, maar wij bleven rotsvast geloven in onze aanpak. En inderdaad, al snel werd onze winkel een groot succes. Als koppel zijn we heel complementair. Daarom scheiden we de taken. Guy doet de administratie en regelt alle technische zaken. Ik verzorg het contact met de klanten, net als de inkoop en de verkoop. Bovendien werken we hier met een fantastisch team, dat ons gelukkig erg trouw is. Naast onze Belgische klanten werken we ook veel in het buitenland. Zo hebben we realisaties in Saint-Tropez, Monaco en Lugano, maar ook in Marokko en Israël.” “Tijdens de wintermaanden is onze winkel dicht. Een moment om terug te blikken. Maar ook om vooruit te kijken: naar de komende projecten én naar de nieuwe collecties. Begin maart gaat het nieuwe seizoen weer van start. We zijn er al helemaal klaar voor. Onze winkel is uitgebreid met een nieuw paviljoen. En dit jaar hebben we meer kleur in de collectie dan ooit. Zo verkopen we erg mooie buitentapijten – voor de vloer én de wand – van Paola Lenti. Dé absolute top van het moment. Al blijft meer dan de helft van onze meubels toch wit. Die kleur is gewoon prachtig. Ze is tijdloos en contrast erg mooi met de omgeving. Wat ons opvalt is dat de collecties nóg luxueuzer worden. Ook onze projecten – en dus de budgetten – worden steeds groter.” “Zonder plat materialistisch of hebberig te zijn, hechten we veel waarde aan mooie spullen. Jezelf omringen met schoonheid heeft een positieve invloed op je denkwijze en je manier van leven. Het maakt ons gelukkig. En dan hebben we het natuurlijk niet over gulzig consumeren. De publieke opinie lijkt er tegenwoordig anders over te denken, maar wij vinden luxe geen onrecht. Wie het zich kan permitteren, moet kunnen genieten van iets duurs. Zónder zich daar schuldig over te voelen.”

[ CAPITAL 18 ]

16


Š Wouter Van Vaerenbergh


va n k apitaal b e la n g

Topmodel en DJ

amelie lens “Het kan raar klinken, maar de meeste modellen zijn helemaal geen mooie meisjes. Een model moet vooral fotogeniek zijn en de juiste lichaamsproporties hebben: lang en tenger. Omdat ik als 13-jarige al 1m80 was, werd ik op straat vaak aangesproken door modellenscouts. Maar dat interesseerde me niet. Pas toen ik een paar jaar later op het Dour Festival voor de zoveelste keer werd gevraagd, gaf ik het een kans. Eerst combineerde ik het modellenwerk met school, maar dat was niet te doen. En zo belandde ik op mijn 16de alleen in Parijs, Milaan en Londen. De opdrachten rolden binnen en ik deed het graag. Maar het was hard werken. Ik maakte lange dagen en pauzes waren er amper. Bovendien was ik te jong en te verlegen om te klagen. Stom, maar het heeft me ook ver gebracht. Opdrachtgevers wisten: Amélie kan hard werken.” “Jarenlang reisde ik kriskras door Europa. Ik woonde in hotels en ik leefde uit mijn koffer. De weinige dagen in België logeerde ik bij mijn oma in Vilvoorde, mijn ouders in Antwerpen of mijn vriend in Eeklo. Tot ik op een ochtend wakker werd in een hotel en niet wist in welke stad ik was. Paniekerig keek ik uit het raam op zoek naar een straatnaam of een andere aanwijzing. Toen besloot ik opnieuw in België te gaan wonen. Mijn plan: communicatiewetenschappen studeren en af en toe modellenwerk doen. Dat liep helemaal anders. Dankzij mijn internationale carrière kreeg ik plots veel Belgische aandacht. Bovendien werkte ik ook nog in het buitenland. Wereldwijd heb ik acht agentschappen. Nog altijd lopen de opdrachten vlot binnen. Zo lang het gaat, blijf ik dit werk doen. Het is een fantastische job. Ik zie veel van de wereld en het is goed betaald. Maar ik gooi mijn geld niet over de balk. Ik neem de metro in plaats van de taxi en ik boek eerder een jeugdherberg dan een viersterrenhotel. Ik heb mijn eigen bvba en ik wil zoveel mogelijk uit mijn opdrachten halen.”

“ Zolang het gaat, blijf ik dit werk doen.”

drive.

“Als model moet je altijd een andere rol spelen. De ontwerper, stylist of fotograaf bepaalt wie ik op dat moment ben. Dat ‘acteren’ gaat me goed af. Zodra ik andere kleren aan doe, voel ik me anders. Ook na de shoot zit ik nog helemaal in de leefwereld van de ontwerper. Na een dag in Ann Demeulemeester – samen met Martin Margiela een van mijn favoriete ontwerpers – zal ik nooit een fluoroze jurk aantrekken. Maar soms is dat acteren ook lastig. Zo kreeg ik tijdens een shoot ooit telefoon dat mijn oom was gestorven. Op zo’n moment moet ik professioneel blijven. Tijd voor emoties is er niet. Dat is hard, maar het helpt me ook om de gebeurtenis rustig te laten bezinken.” “Ik groeide op bij mijn oma. Toen ik puberde was zij al in de 70. Ik werkte als model en ging graag uit. Niet om te drinken, te flirten of te roken, maar om naar muziek te luisteren. Voor mijn oma – een boerendochter uit de Elzas – was dat moeilijk te begrijpen. En voor mij was het lastig om na een maand alleen in Milaan plots weer aan haar huisregels te voldoen. Die ruzies zijn nu verleden tijd. Mijn oma en ik zijn twee handen op één buik. Maar ik ben nog altijd veel met muziek bezig. Sinds een jaar vorm ik samen met een goede vriendin het dj-duo Søren. We draaiden voor het eerst op een feestje dat we zelf organiseerden. Het was een regelrechte hit. De bookings liepen meteen binnen. Dat hadden we helemaal niet verwacht. Nu werk ik op weekdagen als model en in het weekend als dj. Veel vrije tijd heb ik dus niet. Maar op een vrije dag vind je mij in de keuken. Taarten, cakes of koekjes: patisserie is mijn grote passie. Bakken is voor mij pure ontspanning.”

[ CAPITAL 18 ]

19

Internationaal topmodel Amélie Lens komt uit Vilvoorde, maar woont in Antwerpen. Ze werkte voor onder meer Jean-Paul Gaultier, Maison Martin Margiela, Ann Demeulemeester en Levi’s. Samen met een vriendin vormt ze dj-duo Søren.


s ta n d va n z a k e n

T a x s h e lt e r , o o k v o o r u e e n s u c c e s v e r h a a l?

Fiscaalvriendelijk investeren in de filmindustrie Nicole Kidman, Shia Labeouf en Sharon Stone die in een en dezelfde maand in België werken aan allerlei filmproducties? Enkele jaren geleden was zoiets ondenkbaar, vandaag is het de normaalste zaak van de wereld. De belastingaftrek voor filminvesteringen in België, beter bekend als tax shelter, heeft ons land duidelijk op de internationale filmkaart gezet. Ook Optima-klanten springen op de kar. Belastingen besparen door te investeren in de Belgische filmindustrie, is het iets voor u? Capital geeft tekst en uitleg in 10 vragen en antwoorden. tekst nils de vriendt, peter magherman, jeroen lissens

01.

Wat is de tax shelter precies? De tax shelter zag het licht in 2003. Het is een fiscale maatregel die investeringen aanmoedigt in de Belgische filmindustrie. Via een tax shelter kan een vennootschap beleggen in fictiefilms, documentaires en animatiefilms die bestemd zijn voor de bioscoop. Of in fictiefilms en animatiereeksen voor kinderen en jongeren, die vertoond zullen worden op de televisie.

02.

“Vandaag zetten, dankzij het grote financiele succes en de groeiende bekendheid van tax shelter, ook gezonde kmo’s en succesvolle managementvennootschappen de stap.”

Wanneer kom ik in aanmerking om te investeren via tax shelter? Een investering van 50 000 euro via tax

[ CAPITAL 18 ]

20

shelter is voorbehouden voor (management) vennootschappen met een winst voor belastingen van minstens 200 000 euro. Niet voor iedereen weggelegd, dus. Toch zien we de laatste jaren dat de deelnemende vennootschappen kleiner worden. Vroeger pasten alleen zeer grote, multi­ nationale bedrijven de aftrek toe. Vandaag zetten, dankzij het grote financiële succes en de groeiende bekendheid van tax shelter, ook gezonde kmo’s en succesvolle managementvennootschappen de stap. Daarbij zitten ook steeds meer Optima-klanten, die investeren in tax shelter in het kader van hun persoonlijk financieel-fiscaal plan.


s ta n d va n z a k e n

“De putoptie geeft de investeerder het recht om, na een bepaalde periode, zijn aandeel in de exploitatierechten van de film te verkopen voor een vooraf afgesproken bedrag.”

vennootschap. Het uitgeleende bedrag (40 procent) is dan wel onderworpen aan het algemene bedrijfsrisico dat de productiemaatschappij loopt, bijvoorbeeld een faillissement. Maar dit risico kan volledig gewaarborgd worden door een bankgarantie bij een Belgische grootbank. Het resterende bedrag, minstens 60 procent dus, moet risicodragend kapitaal of ‘equity’ zijn. Daarmee wordt de investeerder voor een stukje eigenaar van de rechten op de film.

05. 03.

Waar zit het belastingvoordeel precies? De vennootschap die via tax shelter investeert mag 150 procent van het geïnvesteerde bedrag fiscaal in mindering brengen van haar winsten van het lopende boekjaar. Een voorbeeld: normaal zou u op een belastbare winst van 300 000 euro, afgerond 102 000 euro vennootschapsbelasting (tegen 33,99 procent) moeten betalen. Maar als de onderneming 100 000 euro investeert in een tax shelter, betaalt ze nog maar 51 000 euro vennootschapsbelasting. Want ze wordt op 150 000 euro vrijgesteld. Op die manier heeft de investeerder al meteen 51 procent van de investering van 100 000 euro terugverdiend. (Vennootschappen die het verlaagd tarief betalen, realiseren een kleinere fiscale besparing. De boekhoudkundige verwerking is recentelijk toegelicht in een advies door de Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) van 17 april 2012.)

04.

Hoe werkt het in de praktijk? De investering in een tax shelter kan voor hoogstens 40 procent gebeuren onder de vorm van een lening aan de productie-

Dus kiezen we voor de bankgarantie? De meeste investeerders kiezen inderdaad voor de formule van maximaal 40 procent lening (met bankgarantie) tegenover 60 procent equity. Dat betekent dat nog eens 40 procent van hun geïnvesteerde bedrag zeker terugbetaald wordt. Samen met de 51 procent die van bij het begin is ‘terug­ verdiend’, betekent dit dat het risico van de investeerder in ons eerdere voorbeeld verder beperkt wordt tot 9 000 euro, of 9 procent van de totale investering. Dat is nog zonder de rente op de lening (van 40 000 euro) gerekend, een opbrengst die het risico nog verkleint.

06.

Is tax shelter ook een goede investering, naast het puur fiscale luik? Uiteindelijk wil u als investeerder natuurlijk een meerwaarde voor uw risico van 9 000 euro minus rente-inkomsten. Die kan er komen dankzij uw aandeel in de opbrengsten (rechten) van de film, wanneer die in de zalen komt en inkomsten genereert. Op die winst moet de investeerder dan wel belastingen betalen. De investeerder maakt winst zodra de winst na belastingen hoger is dan het risico van 9 000 euro (minus de rente-inkomsten).

[ CAPITAL 18 ]

21

07.

En wat als de film een flop wordt? Ook dat stukje risico kunt u afdekken. Dat gebeurt via een putoptie. Zo’n optie geeft de investeerder het recht om, na een bepaalde periode, zijn aandeel in de exploitatierechten van de film te verkopen voor een vooraf afgesproken bedrag. De fiscus aanvaardt dit, op voorwaarde dat er voor de investeerder nog altijd een risico overblijft. De uiteindelijke mogelijke meerwaarde hangt dan af van de waardebepaling van de putoptie. Is de waarde van de putoptie gelijk aan het risico van 9 procent min de rente-inkomsten? Dan is de investeerder break-even. Ligt de afgesproken waarde van de putoptie (veel) hoger? Dan doet hij een goede belegging.

“Toch is de tax shelter een veilige, fiscaal zeer aantrekkelijke belegging. Grote bedrijven met gespecialiseerde fiscalisten in eigen huis hadden dit al langer ontdekt.”

08.

Is het iets voor mij? Tax shelter is niet de meest eenvoudige manier van beleggen, dat blijkt uit dit voorbeeld. Het is een investering voor de middellange termijn, met nogal wat bewegingen (cash in/cash out) binnen een periode die meestal zo’n twee à drie jaar beslaat – de tijd van de productie tot de oplevering en de inkomsten van een film-


s ta n d va n z a k e n

productie. Bovendien is de boekhoudkundige verwerking niet altijd even eenvoudig. Toch is de tax shelter een veilige, fiscaal zeer aantrekkelijke belegging. Grote bedrijven met gespecialiseerde fiscalisten in eigen huis hadden dit al langer ontdekt. Afhankelijk van uw eigen financieel plan, situatie en verwachtingen, kan tax shelter ook voor kleinere vennootschappen interessant zijn. Mits natuurlijk aan alle voorwaarden voldaan is, en u koos voor adviseurs met een gedegen kennis van zaken in taxshelterdossiers. Zij begeleiden u en uw boekhouder deskundig van A tot Z, en dit bij elke stap.

“Voldoet de productievennootschap niet aan haar wettelijke verplichtingen? Dan verliest uw vennootschap na vier jaar alsnog de fiscale vrijstelling. Opnieuw een reden om u goed te laten adviseren!”

09.

Met welke filmproducent ga ik in zee? Alles staat of valt met de kwaliteit van de filmproductiemaatschappij. De fiscale vrijstelling voor de investeerder wordt pas definitief als die binnen vier jaar een attest krijgt van de belastingcontrole van de productiemaatschappij met de verklaring dat ze aan een aantal budgetvoorwaarden voldoet. Hieronder valt de budgettaire verplichting dat niet meer dan 50 procent van haar totaal budget bestaat uit sommen verkregen uit taxshelterovereenkomsten, en dat het totaal van haar gestorte bedra-

gen via leningen niet meer bedraagt dan 40 procent van de uit taxshelterovereenkomsten gekregen sommen. Een betrouwbare productievennootschap is dus essen­ tieel. Voldoet de productievennootschap niet aan haar wettelijke verplichtingen? Dan verliest uw vennootschap na vier jaar alsnog de fiscale vrijstelling. Opnieuw een reden om u goed te laten adviseren!

10.

Kan ik onbeperkt investeren in tax shelter? De maximale vrijstelling van 150 procent wordt per boekjaar beperkt tot een fiscaaltechnische grens van 50 procent van de belastbare gereserveerde winst voor aanleg van de taxsheltervrijstelling. De definitie van belastbare gereserveerde winst is vrij ingewikkeld en houdt bijvoorbeeld geen rekening met belastbare dividenden. Heeft uw vennootschap een winst voor belastingen van minstens 200  000 euro, maar wenst ze een maximaal dividend uit te keren? Dan is hierdoor toch geen ruimte voor tax shelter. Bovendien is er een absoluut maximum van 750 000 euro. Niet benutte vrijstellingen (bijvoorbeeld wegens te weinig belastbare gereserveerde winsten) zijn slechts beperkt overdraagbaar naar volgende boekjaren.

conclusie De tax shelter kan voor winstgevende vennootschappen een fiscaal aantrekkelijke en veilige investering zijn, die bovendien de film­industrie in eigen land steunt en er jobs helpt creëren. De uiteindelijke return is afhankelijk van de juiste begeleiding van A tot Z, de kwaliteit van de productiemaatschappij en het succes van de productie.

[ CAPITAL 18 ]

22

“Alles staat of valt met de kwaliteit van de filmproductie­ maatschappij.”


r e p o r ta g e

culinair

VLAAMSE BESCHEIDENHEID IN

VIP PARADISE Van Bill Gates over Robert de Niro tot koningin Paola. Allemaal vallen ze voor de keuken van een vrij onbekende, Limburgse topchef die jaren geleden België voor Italië inruilde. Alois Vanlangenaeker blijft er vooral Vlaams en bescheiden onder, het Italiaanse accent niet meegerekend. tekst Debbie Pappyn foto’s David De Vleeschauwer

[ CAPITAL 18 ]

23


RE P OR TA GE

S

tel je de mooiste plek van de Italiaanse Amalfikust voor. Rechts wereldberoemd Positano, links charmant Praiano en vlak voor je de schitterende en blauwe Tyrreense Zee. Alleen Hotel Il San Pietro, een van de meest luxueuze en gerenommeerde hotels in de wereld, mag zich deze locatie toe-eigenen. Oké, dat ene ronddobberend megajacht niet meegerekend, ontworpen door Norman Foster en momenteel gecharterd door Naomi Campbell en een hoop vipvriendjes van het Cannes filmfestival. Niet slecht als vakantiestekje en nog beter als je deze plek je kantoor mag noemen. De Vlaamse Michelinbekroonde chef Alois Vanlangenaeker is nog elke dag onder de indruk. “Ik kook hier niet alleen in een ultra-idyllische setting voor de groten der aarde, maar ik word ook elke dag wakker met ditzelfde fraai uitzicht. Een uitzicht waar anderen duizenden euro’s per nacht voor moeten neertellen. Waarom denk je dat ik hier al meer dan acht jaar met veel goesting en passie werk en waarom ik niet van plan ben om naar België terug te keren?”

De chef uit Diepenbeek zit op het zonovergoten terras van het chique Il San Pietro Hotel en ziet er erg relaxed uit. Verduiveld relaxed, als je bedenkt dat in zijn stomende keuken 35 man onder hem werkt en het hoogseizoen vlak voor de deur staat. “Straks moet ik een enorm paasei aan de receptie installeren. Een ouderwetse traditie in Italië waar de bazin van het hotel elk jaar op staat. Een heel gedoe waar ik zeker een halve dag mee zoet ben.” Vertelt de 45-jarige Alois, terwijl hij gesticuleert zoals een rasechte Italiaan en bijna non-stop glimlacht. Niet alleen Alois’ zongebruinde gezicht en pretoogjes zijn aanstekelijk, ook zijn accent is dat: gezapig Limburgs dat met de snelheid van een volbloed Italiaan wordt gesproken, doorspekt met Italiaanse woorden en intonaties. Heeft hij Italiaanse roots misschien? “Absoluut niet. Ik ben 100 procent Belgisch, maar vertrok er meer dan 22 jaar geleden. Via culinaire omzwervingen langs Japan, Frankrijk en Amerika kwam ik in Italië terecht. En ik ging nooit meer weg. Nu en dan keer ik eens terug naar België, maar ik blijf er niet te lang hangen. Mijn moeder van in de tachtig jaar houdt me elke week, telkens op donderdag, op de hoogte via fax.” Alois glimlacht: “Meer moet dat niet zijn. Mijn leven is nu hier en ik voel me thuis. Het is geen kwestie van hoe ik in Italië verzeild ben geraakt, maar hoe ik in godsnaam mijn hart verloren heb aan deze plek. Vooral de manier van leven hier in Positano gaf de doorslag, net als die typische, ongecompliceerde levensstijl van de Italianen. De mensen hier zijn enorm vriendelijk – plus: er is meer een gevoel van vrijheid. Niks zo ontspannend als een paar uur met mijn Vespa gaan cruisen langs de kust, ergens stoppen voor een goeie koffie en een babbeltje slaan. België is letterlijk en figuurlijk te koud en kil voor mij. De hartelijkheid van het Zuiden kan ik nu niet meer missen.”

[ CAPITAL 18 ]

24


RE P OR TA GE

1 500 euro per nacht Straks is het Paasweekend en voor Hotel Il San Pietro betekent dit het startschot voor opnieuw een seizoen van opulent en decadent vakantievieren. In de zomermaanden zit het hotel altijd 100 procent nokvol. Crisis of niet. Er zijn wachtlijsten voor de 60 kamers in het hotel en voor minder dan 1 500 euro per nacht krijg je hier tijdens de zomer geen bed te pakken. Zelfs Russen die perse hier willen slapen en met groot geld zwaaien, mogen het vergeten. Het geeft het gevoel dat de welstellende klanten van het Il San Pietro een exclusieve club vormen, eentje met een lidmaatschap dat niet zo makkelijk te verkrijgen is – Gouden American Express kaart of niet. Alois geeft een tour of the house. “Vips en sterren worden hier met rust gelaten, ze kunnen zichzelf zijn. Elke week logeert er wel een of andere grote naam bij ons, maar ze vallen totaal niet op tussen ons ander cliënteel. Niet alleen Hollywoodsterren à la Julia Roberts, maar vooral bekende zakenmensen zoals de ceo van Oracle, politici, staatshoofden en ook veel royalty’s komen hier graag. Ons koningshuis is hier kind aan huis. De koningin is zelfs een goeie vriendin van de eigenares van het hotel. Prinses Astrid en Lorenz vierden hun 25-jarig jubileum hier in het hotel. Er was een feest met 85 genodigden beneden aan de zee. Zo is er altijd wel iets speciaals te doen.” Alois verklapt dat 75 procent van de San Pietro gasten mensen zijn die graag terugkeren. “Er is een Nederlands koppel dat al 35 jaar elk jaar hier vakantie viert. Ze voelen zich hier thuis, op hun gemak, kennen het personeel dat vaak hier al erg lang werkt. Ook topchefs komen hier graag. Alain Ducasse, Michel Troisgros, Pierre Hermé, zelfs onze Belgische collega Roger Souvereyns …. Ze komen hier uitrusten en inspiratie opdoen. Soms gaan we wandelen in de grote groetentuin van het hotel of plukken we samen citroenen. Pas op, als zij hier aan tafel schuiven, kook ik niet anders of beter”, lacht Alois. “Er wordt altijd op een zeer hoog niveau gewerkt, sterrenchef of niet als tafelgast.”

andere ervaring op bij topchefs zoals Pierre Hermé in Parijs, waar hij alles leerde over patisserie op het hoogste niveau. Daarna volgde van 1992 tot 1999 het gerenommeerde restaurant Don Alfonso, gelegen op een boogscheut van Positano, dat tijdens die periode zijn derde ster haalde. Toen Alois hier toekwam, had het restaurant van het Il San Pietro geen ster en stond er maar zes man in de keuken. “Op veel te grote borden werd niet echt verfijnd eten geserveerd. Het was tijd voor vernieuwing en uitbreiding. Ik zorgde ervoor dat de keuken groter werd, idem voor het team. Tegenwoordig werken we met mensen van over heel de wereld, uit Denemarken tot Amerikanen. Er zijn altijd stagiairs uit de Hotelschool van Koksijde,

Boter uit Belgie Het Il San Pietro restaurant kreeg in 2002 een Michelinster, maar Alois ligt er niet wakker van. “Het geeft een gevoel van voldoening, maar zoveel belang hecht ik er niet aan. Het is belangrijker voor het hotel en de reputatie van het Il San Pietro dan voor mij zelf. Zolang ik mijn ding kan doen op mijn manier, ben ik gelukkig.” Alois deed onder

[ CAPITAL 18 ]

25


RE P OR TA GE

007 setting Op enkele buitenlandse accenten na, is Alois’ keuken op en top Italiaans. Het is de keuken van Campania, de regio van de Amalfi-kust. Streek- en seizoengebonden, clean en herkenbaar. “Ik vind dat je als chef elke dag zelf van je eigen creaties of gerechten moet kunnen of willen eten”, benadrukt chef Alois. “De hoofdingrediënten komen beter van hier. Zo zal je nooit foie gras met appeltjes op mijn menu zien staan. Daarvoor komen de gasten niet naar Zuid-Italië. Dit is de Costiera met een enorm aanbod van fantastische producten. We hebben vijf tuinmannen in dienst, die constant de beste groenten en fruit aan onze keuken leveren. Zoals nu, fava­ bonen, artisjok, asperges, aardbeien,… Elke dag komen er vissers langs met wat ze die dag gevangen hebben. Ansjovis voor het moment. Elke week trek ik naar de vismarkt in Sorrento of Napels, waar ik voor gemiddeld 4 000 euro aan vis koop. Per maand wordt er min of meer 120 000 euro uitgegeven aan hoogwaardige producten. Dat zegt genoeg, niet?” Alois toont de enorme citroenboomgaard van het hotel waar de gasten vrij kunnen door wandelen. “Ik heb veel geluk dat de eigenaars van het hotel me vertrouwen en vrij laten. Ik mag meedenken over de toekomst van het hotel. Het Il San Pietro is 41 jaar oud en wat ooit begon als een klein logeeradres evolueerde naar een van de beste luxehotels in Italië. Maar vernieuwing is nodig en de kleinkinderen van de eerste gasten komen nu ook al naar hier. In 2009 openden we Carlino, het restaurant vlak aan de zee. Ik dacht mee na over het concept en zo werd het geen traditionele restaurantkeuken, maar een open ruimte waar een kookeiland van Molteni, dat maar liefst 125 000 euro kostte, de blikvanger is. Gasten hebben eerder het gevoel dat ze in een privévilla binnenwandelen dan in een restaurant.”

momenteel zelfs vier, die hier in de keuken staan. Zelfs studenten worden hier in vergelijking met andere restaurants of hotels goed en fair behandeld. In de groetentuin met zicht op zee is er een charmant huisje, speciaal voor alle stagiairs die hier komen werken. Ze hebben een toffe refter en krijgen tijd om goed te eten overdag. Het klinkt misschien raar, maar dit is echt niet vanzelfsprekend in de horeca. En zeker niet in een luxehotel, dat bijna zes maanden per jaar 100 procent vol zit, waar meer dan 130 man personeel werkt en dat alleen maar veeleisende klanten heeft die veel gewend zijn.” “Chef zijn van een vijfsterrenhotel is trouwens iets compleet anders dan verantwoordelijk zijn voor een gewoon restaurant. Een voorbeeld? 80 procent van de gasten bestelt constant roomservice, op gelijk wel tijdsstip van de dag.” Alois vertelt en toont in de enorme keuken dat bijvoorbeeld alles voor het ontbijt zelfgemaakt is. Van alle confituren tot zelfs het brood en de croissants die met Belgische boter van het merk Corman gemaakt worden. “Italiaanse boter is niet goed om danoiserie mee te maken. Niets beter dan Belgische boter, die in grote tabletten speciaal wordt overgevlogen. Alleen het beste voor onze gerechten.”

We komen in het intieme restaurant waar een paar van Alois’ chefs met de mise en place voor de lunch

“We hebben vijf tuinmannen in dienst, die constant de beste groenten en fruit aan onze keuken leveren. Elke dag komen er vissers langs met wat ze die dag gevangen hebben.”

[ CAPITAL 18 ]

26


RE P OR TA GE

“ Gasten hebben eerder het gevoel dat ze in een privévilla binnenwandelen dan in een restaurant.”

De hot spots van Alois Vanlangenaeker Een cafeetje met de naam i Galli in Positano. Voor het schitterende uitzicht, ideaal om na de service iets te gaan drinken. Het winkeltje I love Positano, voor de prachtige hedendaagse en mediterrane ceramiek waar

bezig zijn. Overdag worden hier lichte gerechten geserveerd op een terras dat letterlijk over de blauwe Med hangt. Gerechten zoals paccheri pasta met courgette en garnalen, vitello tonnato, zuppa di cozze, sauté di vongole, alici arrostite in foglie di limone…. Licht en Italiaans. Soms dobberen er enkele megajachten voor het hotel, maar niet-hotelgasten kunnen alleen in het hoofdrestaurant boven eten en niet in Carlino, dat geserveerd is voor de hotelgasten zelf. Naar boven geraak je via een lift, die in 007-stijl en meer dan 80 meter hoog, door de rotsen naar boven zoeft. Het hotel zelf is zodanig ontworpen en gebouwd dat het bijna in de rotswand en de omgeving verdwijnt. Veel natuurkleuren, groen en grote glaspartijen buiten. Accenten worden gegeven door gele tegeltjes in keramiek, waar de Amalfikust zo bekend voor is.

Amalfi zo bekend voor is.   In het stadje Praiano, cafe en restaurant La Praia en il Pirato. Zalig en heerlijk wegdromen na een dag van hard labeur. In Amalfi, Café Panza voor ontbijt op een zondagmorgen en om te genieten van de chaotische en typische, zuiderse sfeer.  Ristorante la Tagliata in Montepertuso. Niet echt voor het eten, maar zeker voor de ambiance en het buitengewone uitzicht. Een perfect adres met ‘patron’ Pepe als gastheer.

Praktisch Brussels Airlines vliegt drie keer per week naar Napels vanaf 99 euro retour, taksen in. Vanaf Napels is het een uurtje rijden naar de Amalfi-

Binnen vind je een eerder klassiek en traditioneel interieur, dat sommige gasten een vertrouwd gevoel zal geven, maar anderen dan eerder als ouderwets zullen klasseren. Vergane glorie of niet? “Ja, ik weet het”, lacht Alois. “Het is tijd voor vernieuwing in de lobby en het restaurant. De kamers kregen net een update. Deze winter wordt alles gerestyled. Moderner, frisser en jonger. Niet vanzelfsprekend op een locatie zoals hier langs de Amalfi-kust met zijn enige, slingerende weg die bijna recht in de zee naar beneden duikt. Grote glaspartijen of meubelstukken moeten met een helikopter worden aangevlogen of met een boot gebracht worden, omdat ze hier anders niet geraken. Alles is duurder dan in een gewoon hotel dat niet tegen een rotswand boven de zee gebouwd is.”

kust. Handig is een auto huren bij Sunny Cars, dat met een interessant all-inclusive systeem werkt vanaf 221 euro voor een week autohuur. www.brusselsairlines.be en www.sunnycars.be Logeren in het Il San Pietro Hotel kan in het laagseizoen vanaf ongeveer 680 euro voor een dubbele kamer, ontbijt inbegrepen. Het hotel ligt net buiten Positano, maar biedt een gratis shuttle­ dienst aan en in de zomermaanden een boottransfer. www.ilsanpietro.it Als niet-hotelgast kun je in het Il San Pietro restaurant eten en een wandeling doorheen de keuken van Alois Vanlangenaeker kost ongeveer 180 a 200 euro met twee, wijnen inbegrepen. Geen budget voor een nachtje in het Il San Pietro

Of Alois ook overwintert aan zijn favoriete Amalfikust, wanneer het hotel zijn deuren sluit? “Neen, ik zit niet graag stil en zoek exotischer oorden op als chef aan boord van een Silversea cruiseschip. Deze winter wordt het waarschijnlijk enkele maanden varen rond Australië en Nieuw-Zeeland. Wanneer de zomer in aantocht is, keer ik dan met veel goesting terug. Naar mijn keuken, mijn fantastisch team en het mooiste en meest goddelijke plekje op de hele wereld.”

Hotel? Maar wel zin in een drankje of iets om te eten? Dan kunt u terecht bij Pepe, de ex-beach­ manager van het hotel, die na zijn pensioen met een kleine B&B begon. Casa Cuccaro kijkt vanuit een hogere positie uit over Positano en een dubbele kamer kan vanaf 75 euro in B&B. www.casacuccaro.it

[ CAPITAL 18 ]

27


h e t pla n va n

Topba sk etba lspeler en sl imste mens ter w erel d T o m a s Va n d e n S p i e g e l

profiel: WIE Tomas Van den Spiegel (34)

WAT Basketbalspeler bij de topploeg BC Oostende en eerste sportman die het VIER-programma ‘De Slimste Mens ter Wereld’ won.

over De zakelijke wereld van de topsport en de zoektocht naar zijn tweede carrière.

“Ik wil alles zo goed mogelijk doen” De beste willen zijn, het zit blijkbaar in de genen van Tomas Van den Spiegel. Al jaren behoort hij tot de toppers van het Europese basketbal. En sinds kort mag hij zich ook ‘Slimste Mens ter Wereld’ noemen. Tijd dus om te polsen naar het plan van een man voor wie winnen een ‘way of life’ is geworden. In een exclusief gesprek praat Tomas Van den Spiegel openhartig over de harde maar ongemeen boeiende wereld van de topsport, de nood van sporters aan goede begeleiding én de schrik voor het zwarte gat na de actieve topsportcarrière. TEkst jeroen lissens foto’s Lieven Van Assche

[ CAPITAL 18 ]

29


h e t pla n va n

V

oor het gesprek treffen we Van den Spiegel (34), onder contract bij de topploeg BC Oostende, terwijl hij herstelt van een blessure. Ook dat hoort er jammer genoeg bij voor een man die 17 jaar profbasketbal achter de rug heeft, waarvan 10 seizoenen in het buitenland.

stress aan de universiteit. Maar dan tien maanden lang, twee keer per week. En elke keer opnieuw is het van ‘moeten’ winnen.” “Niet dat je dat erg vindt. Het is eerder iets natuurlijks dan echt ‘moeten’. Je wilt ook zelf echt winnen, het wordt als het ware een way of life. En hoe hoger het niveau waarop je speelt, des te hoger is ook de prestatiedruk. It drives you and attracts you.”

TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “15 jaar topbasketbal is

fysiek niet te onderschatten. Niet elk lichaam kan zolang zo’n grote druk aan. Om je een idee te geven: van de ploeg uit Moskou waar ik in 2006 speelde, zijn vandaag nog maar twee spelers actief. Topsport is op zich zeer slopend, en eigenlijk niet gezond. Zo goed als alles aan je lichaam wordt overbelast. Medische begeleiding is dan ook essentieel.” “Ook mentaal is het geen lachertje. De stress voor een wedstrijd kun je vergelijken met de examen-

Wanneer weet iemand dat hij of zij een topsporter is? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Bij mij is dat moment gekomen toen ik voor het eerst in het buitenland speelde, bij het Italiaanse Bologna. Tijdens een match liep ik tegen mijn eigen sportidolen aan, die toen bij Barcelona speelden. Het idee dat ik met die mensen op één veld stond, gaf me een wowgevoel. Ik besefte toen voor het eerst: dit kan iets worden.”

“Toch heb ik niets voor niets gekregen. Al op jonge leeftijd kreeg ik te maken met zware blessures. Die periode heeft me meteen ook alles doen relativeren: het kan ook zo voorbij zijn. Als atleet kan je lichaam heel veel aan, maar dus niet alles.” Toch ging u voor de sport. U gaf er zelfs uw studies voor op. TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Dat klopt. Ik ben nooit goed geweest in multitasken. (lacht) Ik besef dat ik talenten gekregen heb, maar ik weet tegelijk ook dat ik geen extreem toptalent ben. Ik moet er dus aan blijven werken, dag in dag uit. Ik wil alles zo goed mogelijk doen, en dan heb je die focus op één doelstelling, één project, nodig.” Toch hebben we gezien dat kennis u naast de topsport niet loslaat. U wil alles weten? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Ik vond het destijds best wel jammer om mijn studies op te geven. Daarom maak ik nu gebruik van het aanbod van een Deense universiteit, waar ik – grotendeels online – sportmarketing studeer. Het is een nieuwe, veelbelovende opleiding die me in staat moet stellen om ook na mijn actieve topsportcarrière professioneel bezig te blijven in de sportwereld.” Een late studieroeping? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Absoluut, en dat heeft zo zijn voordelen. Ik voel me nu veel meer ‘klaar’ om te studeren dan toen ik pas 18 was. Vandaag ben ik ook beter in staat om studies te combineren met sport en met mijn gezin. Als 18-jarige word je opgehemeld als het ‘grote Belgische talent’. Er wordt bij wijze van spreken om je gevochten. Op die leeftijd is dat best overwel­ digend. Vandaag kan ik daar meer afstand van nemen, ben ik er ook nuchterder in.”

“Al blijft het een evenwichtsoefening. Mijn vrouw heeft ook een topsportcarrière achter de rug, maar ze is gestopt voor de mijne. Het is niet gemakkelijk om de juiste balans te vinden tussen het uitbouwen van een sociaal leven in België, topsport en studeren.” Betekent die nuchterheid ook het verlies van bepaalde illusies die een jonge sporter nog heeft? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Basketbal is dan wel een teamsport, maar als het gaat over de verlenging van jouw contract, of om aanbiedingen uit het buitenland, dan merk je plots dat het uiteindelijk

“Topsport is uiteindelijk een zeer zakelijke wereld.”

[ CAPITAL 18 ]

30


h e t pla n va n

‘a single man’s game’ is. Dan sta je op je eentje, en moet je vaak zeer vergaande keuzes maken voor jezelf. Ik ben dan ook blij dat ik me altijd goed heb laten omringen. Zowel wat de contracten – ik had bijvoorbeeld een goede advocaat die zorgde dat ik niets tekende wat me later zuur zou opbreken – als wat mijn managementbureau betreft. Topsport is uiteindelijk een zeer zakelijke wereld, en dan is het fijn om professionals om je heen te hebben, die je eigen taal spreken en tegelijk je belangen verdedigen op een correcte manier.” Wat voor soort speler bent u op het veld? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Op het veld ben ik een teamplayer. Ik heb mezelf altijd beschouwd als de lijm in een ploeg. Ik zoek uit wat ze van me verwachten, zowel op als naast het terrein, en daar ga ik dan voor. In Rusland bijvoorbeeld heb ik me erg beziggehouden met het dichten van de kloof tussen de Russische spelers en de rest van

de ploeg. Zeer tot mijn zin trouwens. Ik hield er een basiskennis van het Russisch aan over. En de onbetaalbare gastvrijheid van de vriendelijke Russen, die me echt opvingen alsof ik hun familie was.” Is dat de reden waarom u na een Pools intermezzo in 2008 naar Moskou terugkeerde? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Van alle landen waar ik gespeeld heb, was Rusland het meest gastvrije. En tegelijk ook het meest zakelijke. Maar de sfeer was anders. Als we minder goed gespeeld hadden, kwam de voorzitter ons ophalen en nam hij ons mee naar een restaurant, waar we dan bij het eten als groep spraken over hoe we de zaken zouden aanpakken. Een constructieve aanpak dus. En dat werkte. Veel andere clubbesturen kunnen daar iets uit leren, in plaats van meteen te zwaaien met boetes als de prestaties een keertje uitblijven.”

Optima

Hoe moeilijk is het om na 10 seizoenen in het buitenland opnieuw in België te aarden? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Kinderen zijn daar beter in (lacht). Het zijn meer wereldburgers dan wijzelf. Als ze ergens anders naar school gaan, hebben ze binnen de week nieuwe vriendjes. Wij zijn intussen al iets honkvaster. Al wil dat niet zeggen dat we heel ons leven in België blijven. Het buitenland blijft een optie.” Hoe zat het met de levenskwaliteit op al die bestemmingen? Scoren we daar als Belgen hoger dan gemiddeld? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “De levenskwaliteit is eigen­lijk overal heel goed. Al leid je als sporter natuurlijk een bevoorrecht bestaan. Dat op zijn beurt ook geld kost.” Wie of wat bepaalt de volgende bestemming in een internationale topsportcarrière?

Thomas Weyts Manager Estate Planning

expertise De audit, noodzakelijke basis voor een plan op maat van uw leven De essentie van financiële planning is dat ze vertrekt vanuit de situatie van de klant (client approach) en niet vanuit het te verkopen product. Bij Optima vinden we dat een persoonlijk financieel en fiscaal plan – opgemaakt door gediplomeerde en ervaren specialisten – de enige juiste basis is voor een goed begeleide en verantwoorde vermogensopbouw. Niet alleen wat het vermogen zelf betreft: het inkomen, het pensioen en de successie van iedere klant afzonderlijk hangen daar onlosmakelijk aan vast.

In de diepte De audit brengt niet alleen in kaart hoe de situatie van iedere klant er vandaag uitziet. De auditors van Optima, met ervaring in duizenden dossiers, leggen ook eventuele pijnpunten bloot. Denk aan de inschatting van de financiële draagwijdte van een overlijden, het behoud van de levensstandaard na pensionering, de vraag of de rechtsvorm van de vennootschap wel optimaal is, enzovoort. We kijken hoe de situatie geoptimaliseerd kan worden, en maken een zo gedetailleerd mogelijke simulatie van waar de klant op afstevent.

Het startpunt van onze dienstverlening is dan ook altijd hetzelfde: de Financial Planning Audit, een lijvig rapport waarin de situatie van iedere klant wordt uitgespit tot in de kleinste details. We stellen ook vragen die de klant misschien nog niet had gesteld, zoals “kom ik na mijn pensioen wel rond als ik mijn levensstandaard wil behouden?” Pas als we onze klant écht kennen, kunnen we beginnen aan een goede financiële planning.

Geen twee klantendossiers zijn precies hetzelfde, en bovendien evolueert het investeerdersprofiel mee met de levenssituatie van de klant. Ons financieel plan voor iemand van 60 is dan ook anders dan dat van iemand met precies hetzelfde profiel, die 10 jaar jonger is.

[ CAPITAL 18 ]

31


h e t pla n va n

Een interessant land, of eerder een lucratief contract? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Ik heb bewust niet altijd het meest lucratieve contract getekend. Bezig zijn met je carrière is ook langetermijndenken. Het uitstippelen van een parcours, en tegelijk beseffen dat een periode van drie jaar als topsporter eigenlijk heel erg lang is. Als je als basketballer alleen maar veel geld wilt verdienen, moet je een contract tekenen in het Oostblok, China of Iran. Puur uit interesse leek het me trouwens wel wat, zo’n tijdje in Iran of China wonen. Maar het paste nooit in het grotere verhaal van mijn carrière.” “Het is ook niet overal het beloofde land. In Oekraïne bijvoorbeeld, toen in 2008 de economische recessie de plaatselijke economie lamlegde, zat ik in de industriestad Mariupol, aan de zee van Azov. Letterlijk in the middle of nowhere. Soms hadden we wekenlang geen elektriciteit of stromend water. En dat in een stad waar continu een zwavel­ wolk werd uitgebraakt door de zware industrie. De wolken waren er geel en oranje. Het was dus zeker niet overal rozengeur en maneschijn.” Op je 34ste nog topbasketbal spelen is eerder uitzonderlijk. En er loopt nog een contract van 2,5 jaar met Oostende. Hoe vaak denkt u al aan wat er daarna komt? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Je kunt je niet inbeelden hoe ‘anders’ het leven van topsporters is vergeleken met het leven van iemand die ‘gewoon’ uit werken gaat. Beeld je in dat er al twintig jaar iemand is die je telkens je agenda voor de week toestopt. Ook dat is het leven van een topsporter. Je wordt geleefd, in de vrij letterlijke zin.” “Die strikte discipline klinkt autoritair, maar is ook een vorm van gemak. En ze is nodig om de focus op topsport te bewaren. Als topsporter leid je een ‘algemeen aanvaard egoïstisch bestaan’. Iedereen duldt dat van jou. Meer zelfs, ze verwachten het. Daar staat dan inderdaad tegenover dat je jarenlang geen idee hebt van wat er zich daarbuiten of daarna afspeelt.” Maar dat is nu aan het veranderen? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Ik ben al een paar jaar wat je zou kunnen omschrijven als ‘zoekende’ (lacht). Ik speur de markt af naar zaken die me

boeiend lijken om later mee bezig te zijn. Het spreekt voor zich dat ik graag in de sportwereld zou blijven. Een diploma is daarbij een middel, eerder dan een doel op zich. Momenteel tast ik een aantal projecten af. Op het gevaar af dat ik daarbij op mijn bek ga. Voorlopig kijk ik nog even de kat uit de boom. Ik wil ook niet de vergissing maken om te vroeg te stoppen. Vergeet niet dat ik nog 2,5 jaar met zeer veel enthousiasme actief ben bij Oostende.” Heel wat topsporters worden coach na hun actieve sportcarrière. TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Coaching wil ik niet doen. Je leidt in grote lijnen het zelfde leven als de sporters, en dat wil ik niet meer. Sport is zoveel meer dan dat. De zakelijke kant boeit me enorm. Het onder­nemerschap in de sport. Ook de sport is een wereld van vraag en aanbod. Een wereld ook waar de crisis haar sporen nalaat. Vooral in landen als Spanje en Italië, waar de spelersmarkt compleet in elkaar gestort is. In die zin zijn de budgetten van sportploegen een mooie economische waardemeter. In ‘nieuwe’ economieën zoals de Turkse zie je dan weer dat de totaalbudgetten de hoogte ingaan.” Spreken we dan over megabudgetten die je soms in de voetbalwereld hoort noemen? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Basketbal is geen voetbal. Dat betekent dat je niet ‘binnen’ bent voor de rest van je leven na je profperiode. Niks doen na mijn topsportcarrière interesseert me bovendien ook niet. Daarvoor heb ik te veel energie, ben ik ook te rusteloos en te ambitieus. Ik moet bezig zijn. Ik ben van plan om opnieuw iets op te bouwen. Mijn plan stopt hier niet.” “Basketbal is ook geen society. Toch zeker niet in België. In Griekenland is het de nationale sport, daar ben je een soort volksheld als basketballer. Ook met die aandacht moet je leren omgaan, en er een evenwicht in zoeken.” Hoe groot is de schrik voor het befaamde zwarte gat na de sport? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Die schrik zit er wel degelijk in. Je kent de arbeidsmarkt niet, en je moet in zekere zin opnieuw van nul beginnen. Al die tijd leef je in een beschermende cocon. Maar er zijn gelukkig ook andere elementen die meespelen.

[ CAPITAL 18 ]

32

Ik heb in zes landen bij grote ploegen gespeeld. Dat levert je natuurlijk een fantastisch netwerk op, en daar heb ik altijd veel aandacht aan besteed. En je moet het ook willen, natuurlijk. Mijn interessesfeer is veel ruimer dan alleen maar basketbal. Er zijn inderdaad mislukkingen, maar er zijn gelukkig ook heel wat sporters die later een mooie carrière uitbouwen.” Hoe belangrijk is het juiste advies in zo’n carrière? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Extern advies is essen­ tieel. En het moet komen van mensen zonder verborgen agenda. Die niet achter jouw rug een deal met deze of gene ploeg hebben. En die alleen in jouw belang werken. Je hebt ook neutraal advies nodig omdat je de emotie – die onlosmakelijk met sport verbonden is – moet uitschakelen.” “Het extern advies dat ik volgde, ook financieel, heeft er gelukkig voor gezorgd dat alles in evenwicht bleef. Het gevoel dat experts zich bezighouden met je situatie, geeft toch gemoedsrust. Ook voor de toekomst zie ik het zo. Ik wil al doende ervaren wat mogelijk is. Je goed laten omringen is daarbij een zorg minder. Ook later wil ik me blijven focussen op wat voor mij écht belangrijk is.” Zou u het allemaal opnieuw doen? TOMAS VAN DEN SPIEGEL: “Als basketballer moet je

voortdurend beslissende keuzes maken. Je moet telkens een paar stappen verder denken dan het contract dat je tekent, dat per definitie een tijdelijke overeenkomst met een club is. Maar voor het parcours dat ik heb mogen afleggen, teken ik meteen. Ik ben dankbaar dat ik van geen enkele keuze spijt heb.”


net working

optim a

Wat is een optimale financiële planning waard zonder dat men daarvan kan genieten en van gedachten wisselen met gelijkgestemden? Daarom organiseert Optima regelmatig evenementen voor haar relaties, om te netwerken, en vrijuit over financiële en andere kwesties te praten. foto’s Lieven Van Assche

Fiscale hel

BESCHERM UW VERMOGEN Stilaan wordt het duidelijk: de impact van de recente regeringsmaatregelen op uw vermogen is niet te onderschatten. Maar wat zijn nu precies de gevolgen? En hoe kunt u uw vermogen beschermen? Om zijn klanten en relaties daarover te informeren, organiseerde Optima samen met het magazine Trends een reeks debatten over fiscaliteit. Vijfhonderd geïnteresseerden kwamen in Hasselt, Luik, Gent, Antwerpen, Kortrijk en LouvainLa-Neuve luisteren naar het expertenpanel, dat bestond uit fiscaal advocaat Michel Maus, Optima-bestuurder Jo Viaene en Johan Steenackers, adjunct-hoofdredacteur van Money Talk (Trends). Na een introductie van Johan Steenackers en een uiteenzetting van Michel Maus, volgde het debat met de drie sprekers. Zij kwamen met tekst en uitleg, punten van kritiek, maar ook opbouwende voorstellen. Na afloop was er nog een netwerkmoment, met een hapje en een drankje. (Lees er meer over op pagina 8)

Vastgoed

een investering voor u? Optima en ’t Huis van Oordeghem organiseren op maandag 18 maart een infosessie met als thema ‘Kan beleggen in vast­goed mijn pensioen verzekeren?’. De avond begint om kwart voor acht met een drankje, daarna volgt een lezing van een expert in financiële planning. Een receptie, waar u uitgebreid kunt napraten over dat onderwerp, wordt de afsluiter voor een boeiende avond. Wilt u er graag bij zijn? Stuur dan een mail met uw naam en gegevens naar hilde.haenebalcke@optima.be en wij bezorgen u alle informatie. Waar: ’t Huis van Oordeghem, Grote Steenweg 210, 9340 Oordegem

[ CAPITAL 18 ]

33


s p r aa k m a k e r

m ichel e sioen c e o va n s i o e n i n d u s t r i e s

identikit Michèle Sioen (47) werkt sinds 1990 bij Sioen Industries, de beursgenoteerde groep die haar vader Jean-Jacques ‘Jacky’ Sioen en haar moeder Jacqueline Zoete in 1960 startten. In 2005 werd ze er CEO. Ze heeft bestuursmandaten bij Belgacom (sinds 2006), D’Ieteren (sinds 2011), het niet-beursgenoteerde ING België, de Commissie Deugdelijk Bestuur, het Instituut voor Bestuurders en de werkgeversorganisaties VBO en Voka. Ze staat elfde in de bestuurderstop van De Tijd en was bij het ter perse gaan van deze Capital kandidaat Manager van het Jaar.

“onze welvaart behouden, is onmogelijk” Interviews geven, daar houdt ze niet van. En als ze in de pers komt, dan alleen met het bedrijf. Maar als CEO van Sioen Industries, de beursgenoteerde groep die haar ouders in 1960 startten, praat Michèle Sioen met véél kennis van zaken over vrouwen in topfuncties, familie­ bedrijven en concurrentiekracht. “Onze welvaart behouden wordt onmogelijk, als je ziet wat er op ons af komt. Ik denk dat iedereen zal moeten wennen aan wat minder.” tekst Bert Voet FOTO’S lieven dirckx


s p r aa k m a k e r

[ CAPITAL 18 ]

35


s p r aa k m a k e r

O

ok haar vader Jean-Jacques Sioen was spaarzaam met interviews. Aan de ontvangstbalie van de hoofdzetel in Ardooie staat zijn portret. In 2009 stierf hij onverwacht. Hij was 74. “Nadat ik CEO geworden was, bleef hij een actieve voorzitter”, vertelt Michèle Sioen. “En ook al was hij van plan zich stilaan terug te trekken: het is een groot gemis. De goede raad, vooral.” Ze hadden een erg goede band. “Het klikte, ja. Dat is altijd zo geweest. Zowel professioneel als persoonlijk. We waren zeer close. Ook letterlijk. We werkten constant naast elkaar: mijn kantoor lag naast het zijne. Ik denk dat een vader-dochterrelatie eenvoudiger ligt dan vader-zoon: je hebt geen hanengevechten (lacht).” Haar moeder Jacqueline Zoete stond mee aan de wieg van het bedrijf. “Haar knowhow is enorm. Ze zit in het directiecomité van Sioen Industries en in de raad van bestuur. Ik vraag zeer regelmatig haar advies. Ze heeft een heldere kijk op de dingen en daarom praten we enorm veel.” Al van bij de start van het gesprek zegt Michèle Sioen dat ze weinig tijd heeft. Ze moet meteen de auto in. Ze praat snel. Loopt snel door haar bedrijf. Leeft snel, vermoed ik. Waarom? Waarom werkt ze eigenlijk? “Omdat ik dat graag doe, met passie. In een familiebedrijf zit een zekere traditie.” Is het bedrijf dan de zin van haar bestaan? “Neen. Hele dagen thuiszitten ligt niet in mijn karakter en een goed gevuld professioneel leven vind ik belangrijk, maar de familie is dat nog meer. Dat is het belangrijkste.” Toch staat het bedrijf centraal in die familie. En ‘dat je moet werken’ is de belangrijkste waarde waarmee ze is opgevoed. Ze lacht. “Dat het niet vanzelf komt. Dat als je iets wil, je ervoor moet vechten.”

[ CAPITAL 18 ]

36


s p r aa k m a k e r

Michèle Sioen en haar twee zussen Danielle en Pascale zijn groot geworden in en rond het bedrijf dat vader in 1960 als 25-jarige oprichtte. “Hij begon met coating – van die gele jekkertjes. Klanten vroegen vervolgens naar vesten, en moeder begon de confectieafdeling. Zo evolueerde dat. Ze runden elk hun eigen afdeling, maar werkten elke dag samen en zijn samen groot geworden. En ze hadden enorm veel aan elkaar. Sparringpartners. Een tandem.” “Van kleins af aan hadden we dus twee ouders die enorm veel werkten. Ook ’s avonds thuis praatten ze als vanzelf over de zaak. Toen woonden we ernaast, in Beveren-Leie. Ze waren ook op zaterdag in het bedrijf, en dan liepen wij er rond. Later reden we met de heftrucks. We maakten de evolutie mee van een klein naar een groot bedrijf. Dat is voor mij nog het meest indrukwekkende.”

Brand Vandaag telt Sioen Industries ongeveer 4 800 medewerkers, van wie een kleine duizend in België. Sioen is wereldmarktleider in gecoat textiel en industriële beschermkledij, een wereldspeler in de verwerking van technisch textiel en een nichespecialist in fijne chemicaliën. Er zijn drie kernactiviteiten: Coating (textiel kleuren en beschermen), Apparel (de confectieafdeling waar beschermende kledij wordt gemaakt) en Chemicals, waar onder meer verven en inkt gemaakt worden. Pascale Sioen leidt de chemicaliëndivisie en Danielle zit in de confectie­ afdeling, waar ook moeder Jacqueline Zoete nog altijd een ondersteunende rol heeft. Technisch textiel kent enorm veel toepassingen en wordt onder meer gebruikt als dekzeilen voor vrachtwagens, schuifgordijnen, interieurbekleding voor auto’s, zwembadafdekkingen, tenten, opblaasbare containers, publiciteitsbanieren, filters, geogrid voor auto- en spoorwegen, wegversteviging, verluchtingskanalen voor mijnschachten, ventilatiebuizen, matrasbeschermers en kussenslopen, schoenbeschermers, tassen, en nog veel, veel meer. De beschermkledij dient in zowat alle industriële sectoren tegen regen, extreme koude, vlammen, chemische producten, elektriciteit, enzovoort. Het is hightech tot en met. Sioen maakt bijvoorbeeld ook militaire kledij die onzichtbaar is voor infraroodcamera’s. Het bedrijf heeft een eigen ballistisch lab, inclusief schietstand. Was er een moment dat Michèle Sioen besefte: hiervoor ben ik ook verantwoordelijk? “Als we hier wilden werken, waren we welkom, maar we waren nooit verplicht. Na mijn studies heb ik eerst een paar jaar verkoop gedaan bij een extern bedrijf. Dat is wel goed, denk ik. Je leert wat het is om werknemer te zijn, leert de sfeer tussen collega’s kennen. In 1990 ben ik hier in Ardooie gestart in de verkoop, en nadien overgeschakeld naar aankoop.” Een jaar later legde een brand de gigantische site compleet in de as. “Alles was weg, we moesten laten produceren bij concurrenten”, herinnert Michèle Sioen zich. Het waren de drie zussen die vader deden besluiten om de boel van nul weer op te bouwen, in plaats van de verzekeringspremie te incasseren. “Onze ouders hebben de beslissing aan ons overgelaten. En emotie speelde er zeker in mee. Het was hun levenswerk. Wat doe je dan? Het lag ook niet in hun natuur om depressief in een fauteuil te gaan zitten. Ze zijn vechters. En een familiebedrijf, dat zit in je genen. Het maakt deel uit van jezelf. Je wil dat voortzetten. Je hebt een langetermijnvisie. Dat is ook het mooie eraan. Pas op: familiebedrijven kunnen ook slechte kantjes hebben, hè.” En wat bleek? In de miserie gingen ook opportuniteiten schuil. Na de heropbouw stond er een hypermoderne directcoatingfabriek met grote competitieve voordelen. “Ikzelf werd nauw betrokken bij de heropbouw van de site, de lay-out en optimalisatie van de nieuwe fabriek en de opstart – die wel wat tijd vergde”, vertelt Sioen. “Nieuwe machines zoeken, onderhandelen

[ CAPITAL 18 ]

37

“Een familiebedrijf dat zit in je genen. Het maakt deel uit van jezelf. Je wil dat voortzetten.”


s p r aa k m a k e r

met de constructeurs: ik werd in de technische aspecten gezogen en dat versnelde mijn leerproces.” Nog later stoomden de beursgang, de opstart van de weverij en de spinnerij en een rist overnames Michèle Sioen verder klaar als captain of industry.

Beursnotering

“Statistisch gezien zijn er meer vrouwen met een universitair diploma, maar in de posities die ze op hun vijfendertigste innemen wordt dat niet weerspiegeld.”

In 1996 was Sioen een pionier in de beursintroducties van Vlaamse familiebedrijven. Nu zijn beursexits schering en inslag. Aandelen zijn ondergewaardeerd, bedrijven hebben veel cash, elders is er zo goed als gratis geld beschikbaar en zo’n beursnotering brengt nogal wat transparantieplichten mee, onder meer over de salarissen van managers en bestuurders. Maar van een exit is bij de familie Sioen – die 65 procent van de aandelen in handen heeft – geen sprake. “In 1996 was de beursgang zonder twijfel een goeie zaak: zonder waren we een grote kmo gebleven. De beurs heeft ons naambekendheid gegeven en bracht de middelen binnen om een groot investeringsplan uit te voeren – onder meer op de site in Moeskroen. Nu is zo’n notering minder in de mode. Het hééft ook nadelen: er zijn zekere kosten aan verbonden en in je jaarverslag moet je heel veel informatie publiek maken die handig is voor concurrenten. We hebben er over gesproken, hoor. Maar we hebben beslist om op dit ogenblik te blijven. Het geeft toch een zekere sérieux en het verplicht je tot professionalisme. En als je weggaat moet je zelf al je geld in het bedrijf stoppen. Als we over een jaar of vijf een opportuniteit zien voor een grote overname zullen we blij zijn met de beursnotering.” Een van de verplichtingen van de beursnotering is het quotum voor vrouwen in de raad van bestuur. De 40 procent die Europa naar voren schoof wordt wellicht afgevoerd, maar in België is er wel al zo’n wet: publieke ondernemingen moeten een derde vrouwen opnemen in hun raad van bestuur. Vooral Groen-parlementslid Eva Brems overtuigde het parlement met haar stelling dat spontane en zachte maatregelen nu eenmaal niets hebben opgeleverd, terwijl juist meer vrouwen afstuderen. Michèle Sioen is helemaal pro meer vrouwelijke bestuurders, maar vierkant tegen quota. “Als bestuurder moet je minimaal een kaderfunctie gehad hebben”, stelt ze. “Je moet van alles meegemaakt hebben, gegroeid zijn. En als je nu kaderleden zoekt, komen er 95 procent mannen op af. Statistisch gezien zijn er meer vrouwen met een universitair diploma, maar in de posities die ze op hun vijfendertigste innemen wordt dat niet weerspiegeld.” Het argument dat quota vrouwen net makkelijker laten doorstromen, eerst naar het middelmanagement en vervolgens naar de top, veegt Sioen niet zomaar van tafel. “Ik denk vooral dat er een timingprobleem is. Twintig jaar geleden gold nog de klassieke opvatting dat de vrouw voor het gezin moest zorgen. En een fulltime job combineren met een gezin is zeer moeilijk. Daar is niets aan te doen. Om nu in zes jaar tijd 40 procent vrouwen in raden van bestuur te hebben … daarvoor zijn er gewoon niet genoeg ervaren vrouwelijke kaderleden. Dat werkt zelfs eerder negatief voor vrouwen, denk ik: ze belanden dan onervaren op die plek, omdat dat moet. Nu zie je bij jonge dertigers meer vrouwen voor een carrière kiezen, waardoor ze wél ervaring kunnen opdoen. Ik hoor dat geregeld van mannen: ‘Ik moet naar huis, want mijn vrouw werkt laat.’ Twintig jaar geleden zouden ze zich daarvoor misschien geschaamd hebben, maar nu vindt iedereen het normaal dat de man ook voor de kinderen instaat.” “Ik denk wel dat een vrouw die echt wil, beter is dan een man”, voegt ze er aan toe. “Een aantal van onze fabrieken wordt geleid door vrouwen van mijn generatie. Die hebben veel meer moeten knokken en hun mannetje moeten staan om daar te komen.” Sioen Industries komt wel degelijk aan 40 procent vrouwelijke bestuurders. Maar dat is puur toeval: allemaal meisjes in de familie. Jean-Jacques Sioen was zijn vader verloren en

[ CAPITAL 18 ]

38


s p r aa k m a k e r

groeide op met drie zussen; ook Jacqueline Zoete had vier zussen. En samen kregen ze dus drie dochters. “Ab-so-luut toeval”, lacht Michèle Sioen. “Maar stel dat het allemaal jongens waren geweest: dan zouden we als externe bestuurders alleen vrouwen moeten aantrekken. Daar klopt iets niet, vind ik.” Terloops pols ik even of het bedrijf nog altijd verboden terrein is voor de schoonzonen, zoals vroeger? “Verboden, dat is een groot woord”, lacht ze. “En het probleem doet zich niet voor: ze hebben ieder hun eigen bedrijf.” Michèle Sioen heeft twee zonen en een dochter. Of ze iets gemist heeft, door haar engagement in het bedrijf? “Als CEO moet je meer dan voltijds werken, soms ook in het weekend, en ook als de kinderen klein zijn. En tijd is beperkt. Dat betekent: keuzes maken. Als vrouw is het soms nog moeilijker. Het is niet vanzelfsprekend. Mijn drie kinderen zijn naar een internaat gegaan toen ze twaalf werden. Maar bon, ik probeer dat zo goed mogelijk te managen.”

Minder Sinds de oprichting in 1960 groeide het bedrijf elk jaar, tot 2008. “In 2007 was nog 40 procent van onze omzet vrachtwagengerelateerd”, legt Sioen uit. “Plots daalde de vrachtwagenmarkt met zowat 80 procent. In 2008 kelderde onze omzet met 30 procent.” Toch kwam Sioen er goed doorheen, mede door een afslanking. Met naar schatting 340 miljoen euro omzet in 2012 zit het bedrijf nog niet aan de omzet van 2007 (380,3 miljoen), maar het scheelt niet veel. “Een zekere schoonmaak was noodzakelijk: sommige ploegen hebben we afgebouwd, we hebben op het werkkapitaal gewerkt, onder meer door stocks af te bouwen. Kosten gedrukt ook – waarbij we het hele lijstje zijn afgegaan, tot de koekjes bij de koffie: is dat echt nodig? De afhankelijkheid van de zeer cyclische vrachtwagenmarkt hebben we afgebouwd (onder meer door de verkoop van Roland International, dat schuif- en dekzeilen maakt, nvdr).” Enkele uren voor ons gesprek kondigde Ford de sluiting van de fabriek in Genk aan en Dow Chemical de sluiting van zijn vestiging in Tessenderlo. De dag ervoor kwam de herstructurering bij DuPont in het nieuws. Is er toekomst voor de industrie in ons land, of zelfs nog in Europa? “De enorme energieprijzen en personeelskosten zijn de twee belangrijkste pijnpunten”, zegt Sioen. “En als ik personeelskosten zeg, bedoel ik niet het nettobedrag dat de mensen in hun zak hebben. Ik spreek over de kosten voor het bedrijf. Iemand die 100 euro bruto verdient, heeft misschien 48 euro netto en kost het bedrijf 180 euro.” Gelooft ze dat daar ooit iets aan verandert? “De vakbonden in Duitsland zijn op een bepaald moment toch gaan meewerken om de salarissen minder snel te laten stijgen. Ik vergelijk de kosten voor bedrijven niet eens met verre landen. In België kost een werknemer ons meer dan in Frankrijk, Duitsland of Nederland. Met het Verenigd Koninkrijk is het verschil nog groter.” Het zou al iets veranderen als politici aan die ongelijkheid werken. “Om te beginnen kunnen politici de overheidsuitgaven verminderen en een industrievriendelijk beleid voeren om de economie zuurstof te geven. Buitenlandse bedrijven naar hier halen is zeer belangrijk. Ze hebben dat een beetje geprobeerd met de notionele intrestaftrek, maar zoals ze nu bezig zijn duwen ze de grote bedrijven die hier nog zijn weg. En dan gaat het alleen maar verder bergaf.” Die analyse wordt al jaren gemaakt. Is onze concurrentiekracht geen illusie? “Als het zeer slecht wordt, zullen ze wel inzien dat het anders moet. Het is jammer dat het eerst zo ver zal moeten komen.” En wat als we nog verder dan de buurlanden kijken? “We moeten realistisch blijven: we hebben een welvaart te behouden”, zegt Michèle Sioen. Gelooft ze daar echt in? “Wel, ik

[ CAPITAL 18 ]

39

“ Als CEO moet je meer dan voltijds werken, soms ook in het weekend, en ook als de kinderen klein zijn. En tijd is beperkt. Dat betekent: keuzes maken.”


s p r aa k m a k e r

“In Belgie kost een werknemer ons meer dan in Frankrijk, Duitsland of Nederland. Met het Verenigd Koninkrijk is het verschil nog groter.”

denk eigenlijk dat dat onmogelijk is, als je ziet wat er op ons af komt. Ik denk dat iedereen eraan zal moeten wennen dat het met wat minder moet.” Hoe kan Sioen zelf concurrentieel blijven? “Nu realiseren we driekwart van onze omzet in Europa. We gaan meer de wereldmarkt proberen op te gaan. In Azië ligt er een enorm poten­ tieel. Het zou heel mooi zijn als we dekzeilen voor vrachtwagens of tenten in China konden verkopen of militaire kledij of hoogwaardige brandweerpakken – veiligheid is overal een belangrijk item. Maar dat is niet vanzelfsprekend: we zijn duur en op de prijs zullen we het niet halen. We moeten het hebben van onze techniciteit: zeer hoogwaardige producten, de beste op de markt. Kwaliteit dus, en ook wel marketing”, zegt ze.

Verstand Ook Sioen is in de loop der jaren flink uitgeweken, met vestigingen in 14 landen: België, China, Duitsland, Frankrijk, Ierland, Indonesië, Portugal, Tunesië, UK, Nederland, Roemenië, Polen, VS en Oekraïne. Maar onderzoek en ontwikkeling verhuizen heeft geen enkele zin, zegt Michèle Sioen al jaren. “Ik blijft daar bij. De directie moet dat van zeer nabij volgen. Het is niet vanzelfsprekend om de goeie zaken te ontwikkelen. En vanuit India: ik denk niet dat zoiets realistisch is.” Indiërs en Chinezen zijn toch ook erg verstandig? “Absoluut. De fase van kopiëren zal voorbijgaan. Ook daarmee moeten we leven, en ons daar aan aanpassen.” Of dat kan? “We blijven vechten. We proberen slimmer, sneller en alerter te zijn dan de anderen. Maar het is hard.” “Onderzoek en Ontwikkeling (of Research and Development, R&D) is de enige afdeling die

[ CAPITAL 18 ]

40


s p r aa k m a k e r

niet is afgeslankt. We hebben er enorm in geïnvesteerd, ook al om minder afhankelijk te zijn van transport en nieuwe poten te ontwikkelen. Zo hebben we een gamma stoffen gemaakt voor springkastelen en sportmatten. R&D is cruciaal in onze strategie, want alleen daarmee kunnen we groeien. We investeren er 5 à 6 miljoen euro in, 2 à 3 procent van de omzet. Voor een textielbedrijf is dat veel.” Over de hele groep is zowat vijftig man met Onderzoek en Ontwikkeling bezig. “Maar ik zeg wel altijd dat R&D van iedereen moet komen. Ook van een verkoper die goed luistert. Een klant die uitlegt wat hij uitgevonden wil zien, dat is goud waard. Als je het ontwikkelt heb je er al meteen een klant voor. En wellicht hebben veel andere klanten hetzelfde probleem. Ook onze aankopers moeten voortdurend vragen waarmee de leveranciers bezig zijn. En iemand die aan een machine staat moet zich constant afvragen hoe we die machine kunnen vernieuwen en verbeteren. R&D is dus niet: enkele onderzoekers die in een bureautje zitten. Dat moet een automatisme zijn in heel het bedrijf.” “Een van onze grote sterktes is dat we volledig verticaal geïntegreerd zijn. We spinnen, weven, coaten en maken chemicaliën en afgewerkte producten. We hebben knowhow van heel de ketting. Als we een specifiek garen moeten ontwikkelen, doen we dat zelf. Dat gaat om te beginnen al sneller, en als een ander het doet zal die het ook aan al je concurrenten verkopen.” Het is stilaan welletjes geweest. Michèle Sioen staat op en loopt hard naar de showroom, waar de fotograaf alles in gereedheid heeft gebracht voor de portretten. “We zullen daar voort praten.” “Er lopen veel projecten”, zegt ze onderweg. “Een voorbeeld? De ontwikkeling van de E-patch: een soort gps die in kledij is verwerkt en waarmee je altijd kan zien waar iemand zich bevindt – dat kan bijvoorbeeld zinvol zijn voor Alzheimerpatiënten. Dat is een afgeleide van wat we al hadden voor vrachtwagendekzeilen of covers voor palletten met hoogwaardige artikelen zoals computers. De transporteur kan die overal volgen en kreeg zelfs een alarmsignaal als erin gesneden wordt. We maken ook hoogtechnologische brandweerkledij en skivesten die je warm houden met slechts een dunne laag stof. En er is een toekomstig project rond biomassa: we gaan een speciaal weefsel maken waarop algen in zee groeien.”

Generaties Anders dan haar vader destijds houdt Michèle Sioen er nogal wat bestuursmandaten op na. “Destijds was dat minder in de mode”, zegt ze. “Ik doe dat omdat ik er veel door leer. Het opent je geest. Je ziet hoe andere bedrijven en sectoren werken. Je vermijdt een paardenbril.” © gettyimages Naar verluidt was vader Sioen bezorgd over het traditionele probleem met de derde generatie. Er zijn negen kleinkinderen. Kan ze voorkomen dat zij het verknoeien? “Je moet de juiste mensen op de juiste plaats zetten, familie of niet”, zegt ze. “Maar je kan altijd tegenslag hebben.”

Deelt ze die bezorgdheid van haar vader? “Neen. Een familiebedrijf is ook: continuïteit. Als ze willen komen, mogen ze. Maar ieder volgens zijn capaciteiten. We hebben een charter en ze kennen de regels van het spel. Ze moeten een universitair diploma hebben, moeten talen kennen, en eerst ergens anders werken. We zijn beursgenoteerd en hebben dus zekere verplichtingen inzake professionalisme. Het remuneratie- en nominatiecomité met vooral externe bestuurders zal hen dan interviewen en kijken of ze bekwaam zijn voor de job die ze ambiëren. Maar het is nog te vroeg voor inschattingen. De oudste is twintig, de jongste negen.”

[ CAPITAL 18 ]

41

“ R&D is cruciaal in onze strategie, want alleen daarmee kunnen we groeien.”


b e lg e n m e t e e n pla n

A n thon y Ku m pen

De beste en snelste racefiets ter wereld bouwen: de missie van de Belgische fietsproducent Ridley is ronduit ambitieus. Naast Philippe Gilbert, Cadel Evans en Filippo Pozzato zijn ook cafÊploegjes en zakenlui vragende partij. Commercieel directeur Anthony Kumpen is koptrekker. TEkst Iris De Feijter foto’s Thomas Vanhaute

[ CAPITAL 18 ]

42


b e lg e n m e t e e n pla n

Ridley schakelt versnelling hoger

Twintig jaar geleden was de fiets nog een ‘stalen ros’. Nu is het een hoogtechnologisch product,” steekt Anthony Kumpen, commercieel directeur van fietsenproducent Ridley, enthousiast van wal. Hij leidt ons rond door het Limburgse bedrijfspand. In de showroom staan tientallen fietsen te blinken, maar hij neemt ons meteen mee naar het pronkstuk van de collectie: de Ridley Noah Fast. “Dit is echt ons paradepaardje. De ontwikkeling van deze fiets duurde 5 jaar en kostte maar liefst 2,3 miljoen euro. Er zitten dan ook 3 unieke aerodynamische technologieën in verwerkt waarop wij een patent hebben. Dit is nu de snelste fiets ter wereld,“ glundert Kumpen. Lenen jullie hen gewoon fietsen uit? Anthony Kumpen: “Ridley is fietspartner van de Lotto-ploeg. Dat houdt in dat wij hen fietsen leveren. Maar we geven ook veel financiële steun. In ruil krijgen wij publiciteit én feedback van de renners op onze producten. Als onze ingenieurs een nieuwe fiets tekenen, maken ze eerst een digitaal 3D-model. Daarna komt er een prototype in plastic waarmee we windtunneltests doen. Als alles goedgekeurd is, maken we een sample in carbon. Daar laten we onze Lotto-renners een maand mee rondrijden. Hun opmerkingen verwerken we in een nieuw prototype tot we de definitieve versie hebben die in serieproductie zal gaan. Dat hele proces duurt gemiddeld een jaar. Voor de productontwikkeling is de feedback van de renners dus goud waard. Dankzij hen kunnen we de beste fietsen maken.“

De fietstechniek staat dus niet stil. Anthony Kumpen: “Integendeel. Wij werken met een groot team ingenieurs

die continu nieuwe technieken ontwikkelen. Toen Ridley begon in 1997 stond de fietswereld op een keerpunt. Honderden jaren was een fiets niet meer dan drie aan elkaar gelaste stalen buizen met daarin twee wielen, een zadel en een stuur. Maar in de jaren ’90 deed de – veel lichtere – aluminium fiets zijn intrede. Gevestigde merken brachten schoorvoetend enkele aluminium modellen op de markt, maar Ridley maakte vanaf dag één enkel aluminium fietsen. Ze waren ontworpen door ervaren ingenieurs uit de auto-industrie – daarin was aluminium immers al beter geïntegreerd. Daardoor was Ridley vanaf de start haute gamme.“ Hoe blijven jullie in pole position? Anthony Kumpen: “Door aanhoudend te investeren in research & develop-

Maar die topfietsen zijn natuurlijk voor de profs. Welke modellen hebben jullie voor de enthousiaste amateur en de zondagsrijder? Anthony Kumpen: “Er zijn merken die voor renners speciale modellen maken. Maar onze filosofie is anders. Wij garanderen dat alle fietsen waarmee onze renners wedstrijden rijden zes maanden later beschikbaar zijn voor de consument. Sterker nog: de fietsen waarmee de renners tijdens het jaar rijden, leveren we aan onze winkels. Zo zien de klanten dat het effectief precies dezelfde fietsen zijn. Bovendien kunnen onze klanten via onze website hun eigen fiets ontwerpen. Dankzij een eenvoudig programma bepaal je zelf de kleurcombinaties. Daarnaast kies je uit 30 000 verschillende montageopties. Wie wil, kan zelfs onze merknaam weg laten.“

ment. Toen kort na de aluminiumrevolutie de carbon-fietsen kwamen, waren wij opnieuw een van de eerste om die technologie op te pikken. Al in 2001 lanceerden we ons eerste model in carbon. Het nieuwe materiaal gaf veel nieuwe mogelijkheden: de fiets werd lichter en stijver. En daardoor sneller. Om ons te onderscheiden van de rest, beslisten we met Ridley om niet te werken op gewicht, op stijfheid. In principe kan iedereen een superlichte en extreem stijve fiets maken. Wij richtten ons op volledig aerodynamica. Daarvoor trokken we een ingenieur aan van het toenmalige Minardi Formule1-team. Aerodynamica ligt immers aan de basis van autosport. Sindsdien testen we onze fietsen – net als auto’s en vliegtuigen – ook in een windtunnel. Maar natuurlijk laten we ook professionele renners onze nieuwe modellen uitproberen.“

[ CAPITAL 18 ]

43


b e lg e n m e t e e n pla n

Hoe is Ridley eigenlijk ontstaan? Anthony Kumpen: “Eigenlijk heet dit bedrijf Race Productions NV. Het is opgericht in 1990 door Jochim Aerts. Een telg uit een wielerfamilie die nog altijd CEO is. In een garage produceerde hij kleine oplages op maat gemaakte frames voor lokale fietswinkels. Zij verkochten die fietsen onder hun eigen merknaam. Zo bracht fietshandel Bollen onze fietsen aan de man onder de naam Bollini. In die tijd waren Italiaanse merken dé top, dus moest het Italiaans klinken. Na een jaar of zeven startte Jochim zijn eigen merk. Dat werd Ridley: een naam ontleend aan de populaire Britse filmregisseur Ridley Scott. Scott was al een fietsmerk, dus werd het Ridley. Ridley ontwikkelt en produceert de frames. Alle andere componenten – denk aan: wielen, stuur, zadel, ketting, bidonhouder – maken we onder de naam 4ZA (zeg: Forza). Dankzij die andere merknaam kunnen we die onderdelen ook op andere fietsen zetten.“

“ Van ministers tot top-zakenlui: iedereen zit tegenwoordig op de fiets. En natuurlijk willen ze niet de eerste de beste tweewieler. De fiets is een statussymbool geworden.”

Ridley maakt naast de bekende racefietsen ook cyclocross modellen die we zien bij het veldrijden. Anthony Kumpen: “Ridley is wereldmarktleider in cyclocross fietsen. Maar dat gamma maakt slechts 16 percent uit van onze totale omzet. Toen Ridley net begon, sponsorden we enkele veldrijders. Op 11 seizoenen haalden we 7 wereldtitels binnen. Niet mis, maar helaas krijgt veldrijden buiten Vlaanderen amper media-aandacht. Om ons merk wat zichtbaarder te maken, werden we in 2005 sponsor van de Lotto-ploeg. Na vier jaar schakelden we over naar het Russische Team Katusha, omdat we via een internationale ploeg Ridley wilden promoten. Maar de communicatie met de renners over onze producten verliep erg moeizaam. Sinds vorig jaar zijn we weer terug bij Lotto voor een lange termijnsamenwerking.“

Worden alle fietsen nog hier in het Limburgse Paal-Beringen gemaakt? Anthony Kumpen: “Dit is ons hoofdkantoor. Vanuit hier distribueren we alle fietsen naar heel Europa. Maar een heel klein deel van de productie gebeurt

Ridley wordt verkocht in 38 landen. Hoe veroverden jullie de internationale markt? Anthony Kumpen: “Mede dankzij de sponsoring in het veldrijden, was Ridley eind 2002 in België markleider qua race- én cyclocrossfietsen. Ook in de Benelux ging het goed. Het was tijd voor de volgende stap. We stelden een plan op. En sinds 2004 timmeren we internationaal aan de weg. We doen dat via een dubbel distributienet. Intercontinentaal werken we met exclusieve distributeurs per land. Zij hebben steeds een eigen montagedienst. Wij leveren aan hen nagenoeg louter frames. Zij maken er fietsen van en leveren die aan de winkels. In Europa doen we de montage en distributie volledig zelf.“ De crisis slaat nog altijd om zich heen. Voelen jullie daar iets van? Anthony Kumpen: “Wij hebben een catalogus van een 50-tal fietsen. Die leveren we individueel aan al onze winkels in Europa binnen de 48 uur. Dat is grotendeels ons succes. Winkeliers willen, zeker in deze tijden, zo min mogelijk stock aanleggen om de risico’s te beperken. Daarin komen wij hen tegemoet. Bovendien is wielrennen de laatste jaren erg populair geworden. Vroeger was het een beetje een boerse sport, maar door charismatische types zoals Tom Boonen, Mario Cipollini en Filippo Pozzato is dat nu helemaal anders. Het is ook een heel gezonde sport: een duursport die je lichaam niet te zwaar belast. In Amerika zijn er steeds meer business clubs die golf inruilen voor wielrennen. Die trend zie je ook bij ons. Van ministers tot top-zakenlui: iedereen zit tegenwoordig op de fiets. En natuurlijk willen ze niet de eerste de beste tweewieler. De fiets is een statussymbool geworden.“

[ CAPITAL 18 ]

44


b e lg e n m e t e e n pla n

nog hier. De componenten van 4ZA worden gemaakt in het Verre Oosten. Net als de fietsframes. Het klinkt misschien vreemd, maar enkel China en Taiwan leveren topkwaliteit als het om carbon gaat. Het zit zo: voor de fietsindustrie is er maar een beperkte hoeveelheid carbon van topkwaliteit beschikbaar. De rest is gereserveerd voor onder meer lucht- en ruimtevaart. Al jaren kopen Chinese en Taiwanese fietsfabrikanten alle goede carbon op. Daarom produceren we daar. De kwaliteit is top, maar je moet goed opletten voor namaak. Daarom houden we alle research & development intern. We werken met patenten en alle mallen zijn ons eigendom. In Moldavië worden alle frames gelakt.“

Hoe belandde u eigenlijk bij Ridley? Anthony Kumpen: “In 2000 kwam ik in contact met Jochim. Ridley was toen nog heel klein. Ik heb altijd veel affiniteit met wielrennen en technologie gehad. En mijn commerciële vorming was een perfecte aanvulling op Jochims technische knowhow. Dankzij de financiële hulp van mijn vader (bouwondernemer Paul Kumpen, nvdr) kon ik 50 procent eigenaar worden van Race Productions NV. Mijn vader is naast business angel ook extern adviseur. Als snel groeiend jong bedrijf is het fijn om terug te kunnen vallen op iemand met veel ervaring. Maar hij bemoeit zich nooit met de dagelijkse zaken. Uiteindelijk leer je het meest van je eigen fouten.“

Wat zijn de toekomstplannen voor Ridley? Anthony Kumpen: “Momenteel staan we er erg goed voor. Het laatste kwartaal van 2012 hadden we een groei van 37 procent, best uniek in deze tijd. Maar internationaal zijn we nog steeds een tamelijk kleine speler. Daar hebben we nog veel meer groeipotentieel. In 2011 hadden we een omzet van 24,5 miljoen euro. Binnen de vijf jaar moet dat boven de 50 miljoen zitten. De productieen distributiecapaciteit is daar al op afgestemd. Qua infrastructuur zullen we daarvoor dus niet veel aanpassingen moeten doen. Ook ons personeels­ bestand – nu 65 man – moet niet drastisch uitgebreid worden. Een meer concrete ambitie voor de nabije toekomst is een eigen windtunnel. Nu doen we alle tests in het Von Karman Instituut in Brussel. Maar binnen twee jaar hopen we er zelf eentje te hebben.“

U bent een verdienstelijk autocoureur. Droomde u niet van een professionele carrière? Anthony Kumpen: “Ik ben 9 keer Belgisch kampioen en vicewereldkampioen. Én ik won 6 keer de 24uur van Zolder. Maar als Belg is het onmogelijk om een professionele carrière uit te bouwen. Autosport zit niet in onze cultuur. Daarom trok ik op mijn 16de naar Duitsland. Daar mocht ik al op circuit rijden. Daar won ik de belangrijkste wedstrijd van Formule Renault: zeg maar het opstapje van Formule 1. Maar helaas kreeg ik niet de financiële steun om verder te gaan. Een tegenvaller, maar ik was er ook vrij nuchter onder. En zo keerde ik op mijn 18de terug naar België en haalde een graduaat marketing. Een tijdje later belandde ik bij Ridley. Ik zeg vaak dat ik geen beroep heb. Enkel twee hobby’s: autosport en wielersport.“

[ CAPITAL 18 ]

45


N I E U WS

optim a

Fusie van Estia en Optima Global Invest tot

optima global estate ESTIA vastgoedbeheer en Optima Global Invest zijn sinds 1 januari 2013 gefuseerd tot Optima Global Estate. Dit is een logische stap in de consolidatie van de vastgoedactiviteiten binnen Optima Group. Door de vastgoedontwikkeling en het beheer onder één bestuur te plaatsen neemt de efficiëntie toe, en worden product en beheer nog beter op elkaar afgestemd.

Optima Global Estate. Het syndicusbeheer wordt onder de naam ESTIA nv een aparte juridische entiteit.

Het rentmeesterschap, namelijk verhuur en privatief beheer, blijft dus opereren onder de nieuwe naam

investeren in een

tweede woning Is een tweede huis in het buitenland méér dan een leuke vakantiestek? Is het ook een verstandige vastgoedinvestering? Op de Gentse beurs ‘Second Home’ draait alles rond tweede verblijven. Maar past die buitenlandse investering in uw financieel plan? Optima bekijkt tijdens Second Home de financiële kant van het plaatje.

U vindt Optima-specialisten op onze stand tijdens de beurs. Bovendien geeft een expert in financiële planning er ook een lezing ‘Is uw tweede stek in het buitenland een verstandige vastgoedinvestering’. Daarna volgt een receptie met een hapje en een drankje. Wanneer van 22 tot en met 24 februari Waar? Flanders Expo, Gent Info www.optima.be / www.secondhome-expo.be

[ CAPITAL 18 ]

46


dossier

ac t ua

financial planning

2013 – anno –

De combinatie van een torenhoge belastingdruk en een zwakke economie maken het meer dan ooit zinvol om te werken aan een persoonlijk financieel plan. In dit dossier laten onze experts alvast hun licht schijnen op 3 ‘hot topics’ van het moment.

: inhoud :

wat brengt 2013? over De recente begrotingsen relancemaatregelen van Di Rupo I xavier piqueur tax advisor

Het gepeperd prijskaartje aan uw gezinswoning in de vennootschap

Meer belasting op uw pensioenkapitaal… of toch niet?

isabelle riera diaz, tax advisor Corinne Vanschoorisse, auditor

tom goossens, tax advisor nils de vriendt, responsible audit center

[ CAPITAL 18 ]

47


dossier

f i n a n c i a l p l a n n i n g i n 2 0 13

Wat brengt 2013? De recente begrotings- en relancemaatregelen van Di Rupo I hebben opnieuw een serieuze impact op uw inkomen, vermogen, pensioen en nalatenschap… Een overzicht van wat u mag verwachten in 2013. tekst xavier piqueur, tax advisor FOTO Lieven Dirckx

Hogere fiscale druk voor particulieren

Deze roerende voorheffing stijgt ook tot 25 procent. Bovendien zouden deze beleggingsvennootschappen de roerende voorheffing al moeten inhouden zodra hun portefeuille voor 25 procent uit schuld­ vorderingen bestaat. Ook de tussentijdse verhandeling van uw kapitalisatieaandelen van deze BEVEKS of Luxemburgse SICAVS zou worden geviseerd.

Hogere belasting op roerende inkomsten Roerende voorheffing op intresten en dividenden stijgt naar 25 procent Vanaf 2013 verhoogt de roerende voorheffing op intresten en dividenden naar een uniform tarief van 25 procent – op enkele uitzonderingen na. Bovendien wordt de roerende voorheffing opnieuw bevrijdend. Ook valt de bijkomende heffing van 4 procent weg. Na inhouding van de roerende voorheffing hoeft u dus niets meer aan te geven. Het tarief van 21 procent verdwijnt, net zoals de VVPR-strips. Welke uitzonderingen bestaan er nog? • liquidatieboni (10 procent); • intresten van spaarrekeningen boven de eerste vrijgestelde schijf van 1 830 euro (2012) (15 procent); • intresten op de Leterme-staatsbon (15 procent); • dividenden van residentiële vastgoedbevaks (15 procent). Welke inkomsten blijven nog vrijgesteld van belasting? Inkomsten van aandelen bij gehele of gedeeltelijke verdeling van het maatschappelijk vermogen of bij inkoop van

xavier piqueur

Hervorming van de roerende voorheffing en de bijkomende heffing van 4 procent aangepast voor 2012

eigen aandelen door een beleggingsvennootschap die in het land van haar fiscale woonplaats een belastingregeling geniet die afwijkt van het gemeen recht.

De complexe – haast onmogelijke – fiscale hervorming van de roerende voorheffing en de bijkomende heffing van 4 procent (‘Rijkentaks’) zal dus alleen voor 2012 van toepassing zijn. Deze regeling kende slechts één uitzondering op de verplichting tot aangifte van in 2012 belastbare dividenden en intresten: bij inhouding aan de bron van de bijkomende heffing van 4 procent.

Deze laatste uitzondering gaat onder andere over de inkomsten die u krijgt als u uw aandelen in een Belgische BEVEK of een Luxemburgse SICAV laat inkopen. Er geldt hierop wel een uitzondering: bij de inkoop van uw aandelen van een BEVEK of Luxemburgse SICAV met Europees paspoort, met meer dan 40 procent schuldvorderingen in portefeuille (de ‘asset test’). Dan moet u wel een roerende voorheffing betalen op de meerwaarde die voortkomt van de opbrengsten uit de activa die werden belegd in schuldvorderingen. Hetzelfde geldt bij gedeeltelijke of gehele verdeling van (een compartiment) van deze beleggingsvennootschappen.

[ CAPITAL 18 ]

48

Praktisch bleek dit niet werkbaar. Daarom kwam het voorstel om de vrijstelling van aangifteplicht uit te breiden tot genoten liquidatieboni (10 procent), inkomsten uit de Leterme-staatsbon (15 procent) en intresten en dividenden die 21 of 25 procent roerende voorheffing ondergaan. Voorwaarde? Het totale roerende dividend- en intrestinkomen blijft onder de 20 020 euro. De Rijkentaks van 4 procent moet u dan toch


dossier

niet betalen en door de het aankruisen van een vakje op uw aangifte bevestigt u dit. Ook het centrale aanspreekpunt bij de FOD Financiën wordt een doodgeboren kind. De melding van de intresten en dividenden die u in 2012 kreeg, gebeurt uiteindelijk toch niet.

Andere roerende inkomsten zwaarder belast, behalve die uit auteursrechten Ook voor andere roerende inkomsten (verhuur meubilair, lijfrenten, onderverhuur …) stijgt de belastingdruk naar 25 procent. Alleen voor inkomsten uit auteursrechten blijft de taxatie op 15 procent, op een bedrag dat beperkt blijft tot 56 450 euro per jaar. Maar de roerende voorheffing op deze laatste inkomsten verliest wel haar bevrijdend karakter vanaf 2013. Hierdoor is ook altijd aanvullende gemeentebelasting verschuldigd.

Aangifte buitenlandse levensverzekeringscontracten Vanaf 2013 zou u in de aangifte in de personenbelasting naast buitenlandse bankrekeningen ook buitenlandse levensverzekeringscontracten moeten aangeven, ook al zouden de inkomsten daaruit vrijgesteld zijn van belasting.

Niet-recurrente resultaatsgebonden bonussen (loonbonus) Het maximumbedrag van de vrijstelling van personenbelasting van de niet-recurrente resultaatsgebonden bonussen zou verhogen van 2 430 tot 3 100 euro. De keerzijde van de medaille? Naast de werkgeversbijdrage van 33 procent, worden deze bonussen vanaf 2013 ook onderworpen aan 13,07 procent werknemersbijdragen.

Hogere fiscale druk voor bedrijven Notionele intrestaftrek

“De nieuwe fiscaliteit is complexer dan ooit.”

Levensverzekeringen: premietaks van 1,1 naar 2 procent De taks van 1,1 procent bij een storting van een premie in een levensverzekering stijgt naar 2 procent. De pensioenspaarverzekering blijft vrijgesteld van deze premietaks. Het is nog onduidelijk of premies voor een vrij aanvullend pensioen of een RIZIV-contract voor geconventioneerde medici ook vrijgesteld blijven. De verhoging heeft geen gevolgen voor stortingen in groepsverzekeringscontracten of pensioenspaarfondsen. De verhoging zou evenmin van toepassing zijn op premiebetalingen van schuldsaldoverzekeringen. Hier zou de taks 1,1 procent blijven. Deze verhoging geldt voor de premies en bijdragen die vanaf 1 januari 2013 vervallen.

De maximumtarieven voor de berekening notionele intrestaftrek van 3 procent (3,5 procent voor kmo’s) blijven behouden. Maar het toepasselijk tarief hangt voortaan af van de gemiddelde rente op tienjarige OLO’s van het derde kwartaal (van 2012). Uiteindelijk resulteert dit in een lager effectief basis­ tarief van 2,742 procent (3,242 procent voor kmo’s) voor aanslagjaar 2014.

Meerwaarden op aandelen De fiscale behandeling van meerwaarden op aandelen in de vennootschapsbelasting verandert niet, op één uitzondering na. Grote ondernemingen betalen een afzonderlijke belasting van 0,4 procent op de meerwaarde bij verkoop van aandelen, die ze niet kunnen compenseren met eventuele minderwaarden. Kmo’s zouden uitgesloten blijven van deze afzonderlijke belasting. En dus zou volgende indeling gelden: • vrijstelling voor meerwaarde verwezen­ lijkt door kmo’s die voldoen aan alle vrijstellingsvoorwaarden (houdperiode 1 jaar en taxatievoorwaarde voldaan bij vennootschap emittent); 

[ CAPITAL 18 ]

49

• belasting tegen 0,4 procent voor meerwaarde verwezenlijkt door grote vennootschappen die voldoen aan alle vrijstellingsvoorwaarden (houdperiode en taxatievoorwaarde);  • belasting tegen 25,75 procent voor meerwaarde die voldoen aan de taxatievoorwaarde, maar niet aan de vereiste houdperiode;  • belasting tegen 33,99 procent voor meerwaarde die niet voldoen aan de taxatievoorwaarde.

Aanslag geheime commissielonen op niet correct aangegeven voordelen Restaurantkosten vallen niet meer onder de monsterbelasting van 309 procent, dat had u al gehoord. Maar er is meer: deze aanslag zal alleen nog toegepast worden als het onbekend is wie een voordeel kreeg of wanneer het voordeel niet meer bij de verkrijger belast kan worden. Kleine misrekeningen en foutjes te goedertrouw die u binnen drie jaar rechtzet, ontsnappen aan de 309 procent. Uiteraard wordt de genieter wel belast op het voordeel. Ook mag de vennootschap als verstrekker de kosten aftrekken. Maakte de vennootschap geen of onvoldoende fiscale fiches van kosten die ze betaalde met (deels) privékarakter? Dan vervalt de aanslag van 309 procent. Voorwaarde? Ze speelt de gegevens van de genieter tijdig door aan de fiscus. Gevolg: de genieter wordt belast tegen het marginale tarief (tot 50 procent verhoogd met gemeentelijke opcentie­ men) en de vennootschap mag deze privékosten niet in aftrek nemen. De aangescherpte fiscale controles blijven, maar een circulaire zal de scherpe kantjes er af halen. Ten slotte zou ook het tarief van deze aanslag verlagen. In de wandelgangen is sprake van 170 à 180 procent. De aanslag zou dan wel niet meer aftrekbaar zijn.

Bedrijfsvoorheffing bij tijdelijke werkloosheid Bij tijdelijke werkloosheid zou meer bedrijfsvoorheffing worden afgehouden van de uitkering: 26,7 in plaats van 20 procent.


dossier

Voor de consument: goed en slecht nieuws De accijnzen stijgen voor alcohol (een fles wijn wordt 0,04 euro duurder) en sigaretten en roltabak (verhoging van 0,20 euro per pakje). Er is ook goed nieuws. De ‘milieutaks’ op wegwerptoestellen, batterijen, inktverpakkingen, lijm en oplosmiddelen valt weg vanaf 1 januari 2013. En voorlopig moeten advocaten geen btw aanrekenen op hun honoraria.

Fiscale amnestie Er is een akkoord over een nieuwe – en allerlaatste – fiscale amnestieprocedure. Die zou lopen tot eind 2013. De huidige regularisatie via de Dienst voor Voorafgaande Beslissingen valt weg.

“Er komt een laatste fiscale amnestieprocedure.”

De geregulariseerde inkomsten zouden worden onderworpen aan hun ‘gewone’ fiscaal regime, verhoogd met een boete van 15 procent (voorheen 10 procent). In tegenstelling tot de vorige amnestiemaatregelen, zou het nu ook mogelijk zijn om kapitaal van bepaalde witwaspraktijken te regulariseren: • zware en georganiseerde belastingfraude, waarbij complexe mechanismen of mechanismen van internationale dimensie betrokken worden; • misbruik van bedrijfsactiva en valsheid in geschrifte. De voorwaarden voor de regularisatie na zulke witwaspraktijken, zouden verschillen al naargelang het misdrijf verjaard is voor fiscale doeleinden, of niet. Een regularisatie

zou de belastingplichtige immuniteit geven voor verdere strafrechtelijke vervolging. Regularisatie zou niet mogelijk zijn voor kapitalen uit andere misdrijven, zoals illegale wapenhandel.

Strijd tegen fiscale en sociale fraude • Er komt een nieuw misdrijf in de belastingwet: ‘ernstige fiscale fraude’, waarbij de straf kan oplopen tot vijf jaar cel. Vandaag betekent ‘fiscale fraude’ twee jaar cel. • De drempel verlaagt voor financiële instellingen, notarissen, bedrijfsrevisoren, externe accountants… die verdachte transacties moeten melden bij de antiwitwascel (CFI). Nu moet dit alleen als zij feiten vaststellen waarvan zij weten of vermoeden dat ze verband houden met ernstige én georganiseerde fraude, zoals het witwassen van geld of de financiering van terrorisme. • Discussies over de verjaring van een fraudedossier bij de strafrechter worden in de kiem gesmoord. De verjaringstermijn zou nog niet beginnen lopen zolang de belastingaanslag wordt betwist en de belastingen niet betaald zijn. • Bedrijven die drie jaar geen jaarrekening indienen, zouden ambtshalve worden geschrapt uit de Kruispuntbank van Ondernemingen. Dat zou fraude via slapende vennootschappen bestrijden. • OCMW’s die investeren in betere controles, krijgen een bonus. Ook zouden politiediensten na een veroordeling een nieuw onderzoek kunnen openen om de rijkdom van criminelen op te sporen. Bovendien kunnen ze hierbij samenwerken met de antiwitwascel. Tegelijk kan het gerecht beslag leggen op eigendommen van een familielid of vriend van de crimineel, als die zijn criminele opbrengsten verbergt.

[ CAPITAL 18 ]

50

• Er zou een identificatie- en registratieverplichting komen voor goudhandelaars. Bovendien zullen zij niet meer dan 5 000 euro cash geld mogen uitbetalen aan hun klanten. • Er komen striktere regels om te beletten dat EU-migranten het zelfstandigenstatuut misbruiken.

Relancemaatregelen Loonstijgingen twee jaar beperkt Om de loonkloof te overbruggen met onze buurlanden, zouden loonsverhogingen verboden zijn in 2013 en 2014. Dat zijn alle verhogingen die niet het gevolg zijn van loonindexatie en baremaverhogingen. Een uitzondering zou gelden voor werk­ nemers met een minimumloon en bij promotie, alsook voor eenmalige resultaats­ gebonden bonussen (zie hierboven).

Lagere sociale bijdragen Voorts zouden de sociale bijdragen met 0,3 procent worden verlaagd. Het indexsysteem blijft dus overeind. Maar de ‘huishoudkorf’, de korf met producten die dient om de stijging van de levensduurte te berekenen, wordt aangepast.

Goede voornemens De Belgische Staat werd recentelijk veroordeeld door het Hof van Justitie, omdat een fiscale bepaling onduidelijk was en dus leidde tot rechtsonzekerheid. Hopelijk zet dit de regering Di Rupo I aan tot vereenvoudiging van andere fiscale bepalingen. Ze nam alvast een hoopvol initiatief. Het recente akkoord over de begroting bevat het plan om voorstellen te formuleren ter vereenvoudiging van de fiscale wetgeving en procedure. Ook de belastingadministratie lijkt de boodschap te snappen en zou ‘onverwijld’ een circulaire publiceren met praktische voorbeelden over de nieuwe antimisbruikbepaling inzake inkomstenbelasting. Tot hiertoe is haast niets concreets bekend over de toepassing van deze bepaling. En dat veroorzaakt heel wat onzekerheid.


dossier

f i n a n c i a l p l a n n i n g i n 2 0 13

Het gepeperd prijskaartje aan uw gezinswoning in de vennootschap In 2012 kwam er een nieuwe berekening van het voordeel alle aard van een onroerend goed dat dient als gezinswoning voor de zaakvoerder en zijn gezin. En die nieuwe berekening was heel nadelig. tekst isabelle riera diaz, tax advisor en CORINNE VANSCHOORISSE, auditor FOTO’s Lieven van assche

Is het sop de kool nog waard? Antoine en Marie kochten in 1999 via de bvba van Antoine hun gezinswoning (KI van 2 500 euro). De bvba dient voor het vrij beroep van Antoine. De aankoopprijs van de woning bedroeg 200 000 euro, en intussen steeg de waarde tot 325 000 euro. Het deel van de woning dat niet voor de praktijk gebruikt wordt (70 procent), stelt de vennootschap gratis ter beschikking aan Antoine en zijn gezin. Ook betaalt de vennootschap de water-, verwarming- en elektriciteits­ rekeningen. Voor 2011 gaf dit een belastbaar voordeel alle aard van 11 671 euro, met een (para)fiscale kostprijs van 7 896 euro. In 2012 wordt dit een pak minder interessant. Het belastbaar voordeel alle aard stijgt tot 20 850 euro met een totale (para)fiscale kostprijs van 14 107 euro. De extra (para)fiscale kosten bedragen 6 210,72 euro. Wat als Antoine in 2014 met pensioen gaat? Het voordeel alle aard stopt niet. Integendeel, het blijft een belastbaar inkomen uit een zelfstandige activiteit, ook al stopt Antoine zijn praktijk. Ook moet hij – verminderde – sociale bijdragen blijven

betalen, als gepensioneerde met een zelfstandig beroep.

Isabelle Riera Diaz | CORINNE VANSCHOORISSE

“Nieuwe regels vormen groot verschil met vroegere situatie.”

Inkomstenjaar

KI

Een lichtpuntje? De regering-Di Rupo kondigde aan dat de grens waarbinnen een gepensioneerde van 65 jaar of ouder mag bijverdienen, wordt bijgesteld en mogelijk zelfs afgeschaft. Nu is die bijverdienste nog beperkt tot 17 149,19  euro netto voor een zelfstandige zonder kinderlast. De oplossing voor Antoine? Zijn woning naar het privévermogen halen.

2011

2012

€ 2 500,00

€ 2 500,00

Geïndexeerd KI

€ 3 947,50

€ 4 087,25

70% geïndex. KI

€ 2 763,25

€ 2 861,08

x 100 / 60 x 2

x 100 / 60 x 3,8

€ 9 210,83

€ 18 120,14

Woning VAA Elektriciteit VAA

€ 820,00

€ 910,00

Verwarming VAA

€ 1 640,00

€ 1 820,00

Totaal

€ 11 670,83

€ 20 850,14

PB 50% + Gem. opcent. 7%

€ 6 243,90

€ 11 154,83

Sociale bijdrage 14,16%

€ 1 652,59

€ 2 952,38

Extra (para)fiscale kosten

€ 6 210,72

[ CAPITAL 18 ]

51


dossier

Antoine en Marie kopen de woning begin 2013

Antoine vereffent de vennootschap tegen eind 2013

Ze betalen een marktconforme prijs van 325 000 euro, plus 12,5 procent registratierecht (10 procent bij onroerend goed in het Vlaams Gewest). De financiering gebeurt met een hypothecair krediet op tien jaar aangevuld met spaargeld. Privé dragen ze voortaan ook de kosten voor brandverzekering, onderhoud en onroerende voorheffing. De kapitaalaflossingen en de intresten geven gelukkig recht op fiscale aftrek. Bovendien valt het voordeel alle aard weg. Het deel van de woning dat gebruikt wordt voor het vrij beroep kunnen ze gemeubeld verhuren voor 8 541,67 euro aan de vennoot­schap vanaf 2013. Door dit laatste krijgen ze na aftrek van belastingen 6 439,56 euro extra inkomsten.

Aangezien Antoine in 2014 met pensioen gaat, lijkt een ontbinding en vereffening van zijn vennootschap een beter idee. Bij afsluiting van de vereffening kan de vereffenaar de overgebleven activa na betaling van alle schulden aan de vennoten uitdelen. Dit kan ook onder de vorm van een woning. In principe moet Antoine hierbij 12,5 procent (10 procent bij onroerend goed in het Vlaams Gewest) registratierecht betalen op de verkoopwaarde. Gaat het om een personenvennootschap, zoals een bvba maar niet een nv, en deelt de vereffenaar het onroerend goed bij afsluiting van de vereffening zonder tegenprestatie, zuiver en eenvoudig aan alle vennoten toe? Dan heft de ontvanger slechts 25 euro vast recht. Wel moet het overblijvende saldo dat verdeeld wordt minstens gelijk zijn aan de verkoopwaarde van het goed. Hebben de vennoten ook nog een tegoed op rekening courant tegenover de vennootschap? En gebeurt de terugbetaling door de inbetalinggeving van (een deel) van een onroerend goed aan deze aandeelhouders-schuldeisers? Dan geldt alsnog het verkooprecht van 12,5 procent. Gelukkig is dit niet het geval voor de bvba van Antoine.

Balans bvba

Activa

Passiva Kapitaal

Inkomstenjaar

2013

Bruto ontvangen huur

8 541,67

1) Deel meubels (40%)

3 416,67

Forfaitaire kostenaftrek (50%)

-1 708,33

Netto belastbare huur

1 708,33

Personenbelasting (25%) Gemeentebelasting

-427,08 -29,9 2 959,69

2) Deel gebouw (60%) Forfaitaire kostenaftrek (40%)

Woning (incl. meerwaarde) Liquide middelen

€ 74 180

Vereffeningkosten

-€ 5 000

Voorafbetaling (33,99% resultaat)

-€ 66 281

€ 18 600 € 1 860

Beschikbare reserves

€ 250 000

Resultaat vereffening

€ 128 720

Meerwaarde woning

€ 200 000

Resultaat vereffening

€ 128 720

5 125,00 -2 050,00

Uitkering aan Antoine en Marie

3 075,00

Uitkering fiscaal kapitaal (in natura)

Personenbelasting (50%)

-1 537,50

Uitkering reserves (in natura)

Extra inkomsten

Wettelijke reserves

Vereenvoudigd resultaat vereffening

Netto belastbare huur Gemeentebelasting

€ 325 000

€ 18 600 € 251 860

Uitkering resultaat vereffening (in natura)

€ 54 540

3 479,88

Uitkering resultaat vereffening (in geld)

€ 74 180

6 439,56

RV 10% af te houden van uitkering in geld

-107,63

- € 38 058

Antoine en Marie krijgen de woning en € 36 122. Ze betalen € 25 vast recht. Maar de vennootschap van Antoine moet ook 33,99 procent vennootschapsbelasting betalen op de meerwaarde van 200 000 euro. Bovendien vallen de afschrijvingskosten weg. Die worden deels vervangen door het huurgeld betaald aan Antoine en Marie. Wel moet de bvba het openstaand saldo op het lopende krediet voor aankoop van de woning ineens terugbetalen, verhoogd met een wederbeleggingsvergoeding.

Ook geldt bij personenvennootschappen slechts het verdelingsrecht van 1 procent (2,5 procent in het Vlaams Gewest) bij een toebedeling aan de vennoot die het onroerend goed destijds inbracht of aan de vennoot die ook vennoot was toen de vennootschap het goed verkreeg, na betaling van het registratierecht ingevolge een verkoop, maar ook ingevolge een inbreng van een woning na 30 maart 1994. Ten slotte gelden deze twee uitzonderingen ook indien een personenvennootschap over genoeg kapitaal beschikt om over te gaan tot kapitaalvermindering in natura van een onroerend goed.

[ CAPITAL 18 ]

52


dossier

f i n a n c i a l p l a n n i n g i n 2 0 13

Meer belasting op uw pensioenkapitaal … of toch niet? Langer werken, dat is het credo van onze regering. Daarom besliste Di Rupo I om vroegtijdige uitkeringen van kapitalen van aanvullende pensioenvoorzieningen via een groepsverzekering of IPT te bestraffen met een minder gunstig belastingtarief. Maar dat geldt niet altijd… tekst tom goossens, tax advisor en nils de vriendt, responsible audit center FOTO’s Lieven van assche

Vanaf juli 2013 gelden volgende regels. Bent u 61 jaar en neemt u kapitalen en afkoopwaarden op die door werkgevers- of vennootschapsbijdragen opgebouwd zijn? Dan worden die belast tegen 18 procent, in plaats van de 16,5 procent die nu geldt. Als u maar 60 jaar bent, bedraagt het tarief zelfs 20 procent. Zodra u 62 jaar wordt, blijft alles bij het oude: een taxatie van 16,5 procent. Gelukkig verzacht de overgangsregeling rond het aangepaste vervroegd pensioen op 62 deze bittere pil. Bovendien kunt u uw groepsverzekering of IPT gebruiken voor het (ver)bouwen, verwerven, verbeteren of herstellen van uw enige woning en zo toch nog ontsnappen aan deze verhoogde tarieven.

Toch nog 16,5 procent dankzij vervroegd pensioen?

Tom Goossens | Nils de vriendt

“Ook na 2016 blijft het mogelijk om al op 60 of 61 jaar met pensioen te gaan na een carriere van respectievelijk 42 of 41 jaar.”

[ CAPITAL 18 ]

53

Het tarief van 16,5 procent blijft na 1 juli 2013 van toepassing wanneer de kapitalen worden uitgekeerd ‘naar aanleiding van de pensionering van de begunstigde’. Maar wat houdt dit juist in? Hoort ook de nieuwe overgangsregeling rond het vervroegd pensioen daarbij? De leeftijd waarop u vervroegd met pensioen kunt, verhoogde van 60 naar 62 jaar. Bovendien moet u een loopbaan van minimaal 40 jaar achter de rug hebben. Maar voor de periode tot 2016 werd een overgangsregeling ingebouwd, waarin onder bepaalde voorwaarden ook nog vervroegde pensionering op 60 of 61 jaar mogelijk


dossier

is. In 2014 kunt u op uw 61ste met pensioen gaan na 39 loopbaanjaren. En krijgt u op dat moment ook uw groepsverzekering of IPT uitgekeerd? Dan rijst de vraag hoe dit belast zal worden. U bent pas 61 op het moment van de uitkering. En dus zou u – door de aanpassing van de taxatieregels – logischerwijs denken dat er 18 procent belasting ingehouden wordt. Maar de uit­ kering gebeurt ‘naar aanleiding van de pensionering’, waardoor ook het percentage van 16,5 procent opnieuw mogelijk lijkt.

vastgoed. De reserve is wat u al bij elkaar spaarde in de IPT/groepsverzekering. Aan de opname van een voorschot zijn weinig kosten verbonden. Van notariskosten – zoals bij een hypothecair krediet – is bijvoorbeeld geen sprake.

Ook na 2016 blijft het mogelijk om al op 60 of 61 jaar met pensioen te gaan na een carrière van respectievelijk 42 of 41 jaar. Ontspringt u dan ook de dans van de verhoogde taxatie?

“Gaat u op uw 60ste of 61ste dus met vervroegd pensioen en ontvangt u gelijktijdig uw opgebouwde pensioen­ kapitalen? Dan blijft het belastingtarief 16,5 procent.”

In geval van twijfel moet de fiscale wetgeving in het nadeel van de fiscus geïnterpreteerd worden. Daarom leek het voordelige tarief van 16,5 procent de strijd te winnen. Maar zekerheid was er niet – tot voor kort. De vorige minister van Pensioenen, Vincent Van Quickenborne, nam in een antwoord op een parlementaire vraag deze twijfel weg. Hij benadrukte dat de nieuwe ‘hogere’ tarieven alleen van toepassing zijn als u uw aanvullend pensioenkapitaal ontvangt zonder tegelijkertijd uw – weliswaar vervroegd – wettelijk pensioen op te nemen. Gaat u op uw 60ste of 61ste dus met vervroegd pensioen en ontvangt u gelijktijdig uw opgebouwde pensioenkapitalen? Dan blijft het belastingtarief 16,5 procent.

Uw groepsverzekering of IPT voor het (ver)bouwen, verwerven, verbeteren of herstellen van uw enige woning Hoe kunt u uw groepsverzekering of IPT nog gebruiken? De meest voorkomende vorm is de opname van een voorschot. Via deze techniek vraagt u ongeveer 60 procent van de ‘reserve’ van uw polis als voorschot op voor aankoop, bouw of verbouwing van

Wel betaalt u eventueel intresten op het toegestane voorschot. Dit lijkt bizar, maar aan de andere kant zal de verzekeraar de reserve (inclusief het voorschot) van uw IPT/groepsverzekering voort oprenten. Vraagt de verzekeraar geen intresten? Dan zal hij ofwel nog alleen het niet voorgeschoten kapitaalgedeelte laten oprenten ofwel het voorschot periodiek laten aangroeien met een bepaald percentage. In dit laatste scenario vermindert bij afloop van de polis het opgebouwde pensioenkapitaal met het gekapitaliseerde voorschot. Of u geeft de opgebouwde reserves van uw IPT/groepsverzekering in pand bij de bank die uw krediet verstrekt. Uw polis dient dan alleen als waarborg voor de terugbetaling. Hieraan zijn meestal geen kosten verbonden. Want u neemt de aanwezige reserves niet daadwerkelijk op – in tegenstelling tot bij het voorschot.

[ CAPITAL 18 ]

54

Deze technieken leiden mogelijk deels tot een eindheffing in de personenbelasting volgens het stelsel van de ‘fictieve rente’, in plaats van een heffing tegen respectievelijk 20, 18 of 16,5 procent. Deels, want dit kan maximaal voor de eerste schijf van 73 190,00 euro van het kapitaal of de afkoopwaarde van uw polis die in pand werd gegeven of waarop het voorschot rust. Bovendien moet het voorschot of de gewaarborgde lening dienen voor het (ver)bouwen, verwerven, verbeteren of herstellen van uw enige woning, die in de EER ligt en die uitsluitend bestemd is voor uw persoonlijk gebruik of dat van uw gezinsleden. Wat houdt het stelsel van de fictieve rente in? Dit kapitaal of de afkoopwaarde wordt niet integraal in het jaar van de uitkering belast. In de plaats hiervan wordt 10 of 13 jaar slechts een klein percentage van dat kapitaal of die afkoopwaarde belast. Dat percentage hangt af van de leeftijd van de begunstigde en schommelt tussen 1 en 5 procent. De fictieve rente voegt u 10 of 13 jaar samen met uw andere inkomsten. Samen worden ze vervolgens progressief in de personenbelasting maar met belastingvermindering voor pensioenen. En aangezien uw inkomsten na pensionering eerder laag zijn, komt dit meestal voordeliger uit dan een eindtaxatie tegen 20, 18 en zelfs 16,5 procent.


VR I J E T I J D

e x perts selecteren

de betere des dingen levens reizen

ga s t r o n o m i e

c u lt u u r

De Belg lijkt op veel te besparen, maar allerminst op ontspanning. Vandaar vroeg Capital drie experts van het goede leven naar hun ultieme lentetips. Ontdek welke wonderen er klaar liggen om door u ontdekt te worden. Tenslotte is een goed gevoel – en laat het over reizen, gastronomie, of cultuur gaan – ook geld waard!

[ CAPITAL 18 ]

55


reizen

TIPS VAN d e b b i e pa pp y n , r e i s j o u r n a l i s t e

 www.boutiquesouk.com

m a rok ko

Portugese charme in Marokko Een 16de-eeuwse kerk werd in de UNESCO-beschermde oude stad van El Jadida (vroeger bekend als Mazagan) omgetoverd tot een boetiekhotel met 13 suites. L’Iglesia El Jadida is het jongste project van de Fransman Jean Dominique Leymarie, die ook de Beldi Country Club in Marrakesh bezit. In L’Iglesia vindt u een interessante collectie art-decomeubelen en arte­facten zoals oude radio’s, koffiemolens of sfeervolle curiosa uit de soeks. Fijn extraatje is het dakterras met zicht over de Portugese omwallingen van de stad en de oceaan. El Jadida is een compacte stad met een lange promenade langs de oceaan. Het ligt op een uur rijden van

Casablanca, op drie uur van Marrakesh en is ideaal voor wie hier in de buurt wil golfen of surfen. De Cité Portugese, de oude ommuurde stad, is compact en autovrij, en heeft enkele restaurantjes en shops. Net buiten de oude stadsmuren vindt u een grotere selectie van winkeltjes met goud, textiel en kant, typisch voor deze streek. De luxetouroperator en conciërgedienst Boutique Souk regelt het complete verblijf in hotel L’Iglesia, de golf, de transfers of een verblijf in andere, dromerige riads in de rest van Marokko.

[ CAPITAL 18 ]

56


v r ij e tij d

het Hoge Noorden

Midden-Oosten

 www.xplorethenorth.be

 www.qatarairways.com

Een vleugje Midden-Oosten Stijlvol naar het Midden-Oosten vliegen en zelfs wat verder, naar Azië en Australië? Dat doet u vanaf Brussel met Qatar Airways. Met als hub Doha biedt Qatar Airways meer comfort en waar voor uw geld, zeker in business en first. Wat dacht u van een terminal enkel en alleen voor business- en first-passagiers? Vertrekt u vanuit Doha? Dan wordt u naar de premium terminal gebracht waar onmiddellijk enkele porters de bagage vanuit uw wagen tot aan de check-in brengen. De zone na immigratie en security is een grote lounge met een kidscorner, een businesscenter, taxfreeshops, restaurants met bediening, een bar, …. Ook de boarding gebeurt in dit gebouw. Business- en first-passagiers worden hier via busjes of limo’s naar het vliegtuig gebracht. Aan boord zijn vooral de Arabische gerechtjes de moeite om te proberen. Qatar Airways werkt met een groepje van wereldberoemde chef-koks, zoals de Brit Tom Aikens en chef-kok Nobu Matsuhisa van het wereldberoemde Nobu. Andere fijne extraatjes in business zijn een mooie pyjama en het handige toilettasje met een Feragamo parfum. Ook goed nieuws is dat Qatar Airways vanaf nu lid is van de gerenommeerde onworld alliantie.

Op privé-expeditie Droomt u al langer van een privé-expeditie in het Hoge Noorden, misschien samen met een groepje vrienden, als teambuilding of met uw familie? Het Belgische Xplore the North organiseert grensverleggende expedities in het Hoge Noorden van Europa en dit volledig op maat en volgens de wensen of eisen van de reiziger. Wat dacht u van speciale crosscountry ski’s, waarvoor geen ski-ervaring vereist is? Of met sledes heel diep de wildernis intrekken? Meer dan een week lang komt u tijdens deze intense trip niemand anders tegen. Logeren in typische, houten winterhutten, foto’s maken van bevroren, magische landschappen en met wat geluk, elke avond het Noorderlicht na een hartig diner. Een trip zoals dit kan met minimaal vijf tot maximaal acht personen. Xplore the North zorgt voor een privé-expeditiegids die u zelfs nog voor het vertrek tips en advies geeft voor deze unieke High North ervaring.

 www.ritzcarlton.com/en/Properties/Toronto

Noord-a merik a

Hotspot Toronto In de hotlist van hippe en levendige steden in Noord-Amerika staat steevast Toronto, de coolste toegangspoort tot Canada. Van trendy buurten tot kleurrijke, etnische wijken zoals Greek Town, China Town en zelfs een Portugese buurt, biedt Toronto genoeg diversiteit voor enkele dagen city tripping. Het mooiste en meest luxueuze logeeradres is de nieuwe Ritz Carlton, met zicht op de beruchte CN Tower. Zijn locatie, net op het kruispunt tussen het financiële district en de theaterbuurt, maakt van dit elegante hotel met zijn 267 kamers en suites de ideale pied-à-terre in Toronto. Kamerhoge ramen geven zicht op de skyline van de stad en bieden de bekende Ritz Carlton-stijl en -luxe. Restaurant DEQ heeft een gezellige patio met open haard en serveert casual tapa’s met inventieve signature cocktails. Wie slim is, kiest voor een comfortabele Club-kamer zodat u ook toegang krijgt tot de Club Floor Lounge met vijf gratis culinaire presentaties per dag, free flow champagne en een persoonlijke conciërgedienst. Vanaf 280 euro voor een dubbele kamer met ontbijt.

[ CAPITAL 18 ]

57


gastronomie

TIPS VAN P ETER GOOSSENS , H OF VAN CLEVE

 www.brooklynfare.com/pages/chefs-table

The Chef’s Ta ble, New York

Aan de toog bij de chef 18 zitjes aan een toog die uitkijkt op de keuken. Dat is het concept van The Chef’s Table, het enige driesterrenrestaurant in Brooklyn, New York. Chef Cesar Ramirez ontdekte het concept in Japan en dacht dat ook New Yorkers graag zouden kijken naar de mensen die het eten klaarmaakten. Belangrijker nog dan het concept is uiteraard het eten. En dat is de sterren zeker waard. Het menu bestaat uit een twintigtal appetizers en een stuk of zeven iets grotere schotels. De nadruk ligt op vis en zeevruchten.

Mir a zur, Menton

 www.maurocolagreco.com

Vergeet het uitzicht! Een restaurant met een schitterend zicht op de Middellandse Zee en de stad Menton, op de achtergrond rijzen de Alpen op en rondom ziet u de prachtige tuinen en boomgaard. Toch blijft uw aandacht niet lang bij de omgeving van Mirazur hangen. Want zodra de schotels van chef Mauro Colagreco op tafel verschijnen, eisen die alle aandacht op. De chef met Argentijnse roots kreeg dit jaar zijn tweede Michelinster en wordt ook wel eens de toekomst van de culinaire wereld na het moleculaire tijdperk genoemd. Zijn technische behendigheid is verbluffend en toch is zijn keuken eenvoudig, heel natuurlijk en altijd perfect gedoseerd. 250 plaatselijke kruiden en bloemen geven een superbe toets aan eenvoudig bereide schotels van vis en zeevruchten. In de tuinen rond Mirazur staan bijvoorbeeld veertig soorten tomaten, waarvan een met een sterke truffelsmaak.

[ CAPITAL 18 ]

58


v r ij e tij d

Aga ppe Substa nce, Pa ris

 www.agapesubstance.com

Een table d’hôtes voor foodies Chef David Toutain wilde in Parijs een restaurant openen dat het resultaat moest zijn van al zijn eerdere culinaire expertise. Bovendien moest het perfect aansluiten bij zijn beeld van hoe een restaurant er in de 21ste eeuw zou uitzien. Resultaat? Een gourmet table d’hôtes, met maximaal 24 couverts: Agappé Substance. Substance staat voor wat op zichzelf bestaat, wat permanent is, wat essentieel is. De meest begeerde stoelen onder Parijse foodies dezer dagen staan rond een toog, die uitkijkt op de keuken. Zo krijgt de chef direct contact met de klant en ziet hij meteen wat zijn gerechten teweegbrengen. De cuisine van Agappé Substance draait rond het product, en niet het traditionele menu. Klanten krijgen geen klassieke kaart, maar een lijst met twaalf producten. Daaruit kunnen ze schrappen wat ze niet lusten of waarvoor ze allergisch zijn. En daarna kan de chef zijn creativiteit botvieren.

Louis XV, Monaco

Driehonderd sterren voor een zilveren jubileum

Aqua, Wolfsburg

 www.restaurant-aqua.com

Traditioneel met een knipoog Duitsland en gastronomie. Denkt u dan ook aan Bratwurst en Sauerkraut? Chef Sven Elverfeld wil komaf maken met die clichés. In zijn driesterrenrestaurant Aqua bewijst hij dat de Duitse cuisine top is. Zijn keuken is ongelooflijk eenvoudig en intelligent verfijnd. Hij focust op harmonieuze texturen, gecombineerd met uitsluitend topproducten. ‘Niet alleen het eten telt, het hele pakketje is belangrijk’, vindt de chef uit Wolfsburg. Renée Putman verzorgde de inrichting van Aqua, met opvallende details, zoals art-decostoelen en foto’s van Robert Mapplethorpe. Elverfeld is een gepassioneerde aanhanger van de deconstructieve keuken. Hij maakt nieuwe interpretaties van traditionele smaakbeelden – vaak met een knipoog. Denk aan zijn ‘Tafelspitz’ van Müritz-lam, een culinaire jeugdherinnering van lam, saus, aardappel en ei. Hij tilt het gerecht naar een hoger smaakniveau, dankzij de haast Mondriaanse manier van serveren, waarbij alle ingrediënten apart op een schotel liggen.

[ CAPITAL 18 ]

59

1987: Prins Reinier van Monaco vraagt aan chef Alain Ducasse om van het restaurant Louis XV het eerste driesterrenrestaurant van Monaco te maken. Ducasse, dan nog maar 33, slaagt met verve in die uitdaging. 2012: Louis XV viert zijn zilveren jubileum. En geeste­lijke vader Alain Ducasse besluit het feestje groot aan te pakken. Tweehonderd chefs, uit vijfentwintig landen in vijf continenten, verzamelen drie dagen lang in Monaco voor een unieke culinaire top. Samen vertegenwoordigen ze maar liefst driehonderd Michelinsterren. Een gala­diner vormt het afsluitende hoogtepunt van de driedaagse, die draaide rond authenticiteit, identiteit en schoonheid – thema’s die chef Alain Ducasse na aan het hart liggen. Zijn keuken is een hommage aan de mediterrane keuken, een zoektocht naar de smaak van de essentie.

 www.alain-ducasse.com


cultuur

TIPS VAN M a r c H o lt h o f, c u lt u u r j o u r n a l i s t

 www.middelheimmuseum.be

het Middelheim

Mens en architectuur Antony Gormley is de belangrijkste hedendaagse Britse beeldhouwer. Zijn Brusselse galerie schonk het Antwerpse Middelheimmuseum recentelijk het werk ‘Firmament III’ (2009), een grillig driedimensionaal net rond een leegte in de vorm van een mens waar de toeschouwer kan binnenstappen. Van 24 februari tot 5 mei loopt er daarom een tentoonstelling met ‘veelvlakkige’ beeldhouwwerken van de Britse kunstenaar. Ze verbeelden, aldus Gormley, de verbondenheid van het menselijk lichaam met de architectuur.

 www.rijksmuseum.nl

Rijksmuseum A msterda m

Het Rijksmuseum heropent na 10 jaar verbouwingen Amsterdam ontwaakt eindelijk uit zijn culturele winterslaap. Eerder al ging het Stedelijk Museum weer open, en op 13 april heropent – na tien jaar verbouwingswerken – het grootste museum van de stad: het Rijksmuseum. Het imposante gebouw van architect Cuypers uit 1885 kreeg een grondige opknapbeurt en de bezoeker kan opnieuw de schitterende collectie van Nederlandse meesters uit de Gouden Eeuw in haar geheel bewonderen.

[ CAPITAL 18 ]

60


v r ij e tij d

Fl agey/concertgebou w

Brussels Philharmonic begeleidt Metropolis De sciencefiction film ‘Metropolis’ uit 1927 was in zijn tijd een megaproductie. In 2008 doken onbekende scènes op die kort na de première uit de film verwijderd waren. De gerestaureerde ‘lange’ versie van Metropolis ging in première op de Berlinale 2010. Nu begeleidt het Brussels Philharmonic deze oorspronkelijke versie van ‘Metropolis’ met de originele laatromantische muziek van Gustav Huppertz. Uitvoeringen op 29 maart in het Concertgebouw Brugge en op 30 maart in Flagey in Brussel.

 www.kvs.be

KVS

Dansgeschiedenis op de planken ‘What the Body does not remember’ was het verbluffende debuut van choreograaf Wim Vandekeybus uit 1987. Het sloeg de toenmalige internationale danswereld met verstomming. Nu, 25 jaar later, gaat de voorstelling opnieuw op tournee over de hele wereld. Vandekeybus’ eerste choreografie balanceert op de grens van aantrekken en afstoten. Niet te missen. In de Brusselse KVS van 12 tot 17 februari.

Roya l Ac a dem y Londen

 www.royalacademy.org.uk

Portretten van Manet Tot 14 april toont de Royal Academy in Londen portretten geschilderd door Eduard Manet. ‘Manet: Portraying Life’ toont 50 schilderijen, maar ook pastels en foto’s uit die tijd. Ze tonen hoe Manet aan de wieg van de moderne schilder­ kunst stond. Manet was de eerste schil­der die geen historische of bijbelse taferelen toonde, maar het Parijse leven van zijn tijd. Daarbij bracht hij ook zijn vrienden en collega’s in beeld, zoals zijn model, muze en collega schilder Berthe Morrisot (foto).

[ CAPITAL 18 ]

61

 www.flagey.be / www.concertgebouw.be


o pi n i e

jo v i a ene

“Nieuwe fiscaliteit is vragen om problemen met Europa”

Het is vandaag niet de vraag of, maar wel wanneer België op de vingers getikt wordt door Europa wegens een aantal zonder meer discriminatoire belastingmaatregelen. Zet dit gezichtsverlies ons een bank achteruit, of gaan we recht door zee zonder hommeles met Europa? De opties van de regering bij het opstellen van de nieuwe begroting waren sowieso beperkt. Een verdere verhoging van de torenhoge belasting op arbeid was sowieso not done, dus kwamen automatisch de vermogens van de Belgen in het vizier. Of de gemaakte keuzes daarbij de Europese toets zullen doorstaan, is evenwel zeer de vraag. We spoelen even terug naar 2011. België in crisis, geen regering, oplopende rentes en paniek in de Wetstraat. Hoe kan België snel en goedkoop geld ophalen? Antwoord: bij de eigen bevolking op voorwaarde dat er een fiscaal lokaas aan verbonden wordt. De zogenaamde ‘Leterme-staatsbon’ was geboren. Een rente van 4 procent en een fiscaal gunsttarief van 15 procent op de intresten zorgden ervoor dat de Belgen, altijd tuk op

een belastingvoordeel links of rechts, massaal intekenden. Op korte tijd werd ruim 5,7 miljard euro opgehaald.

“Alleen de Letermestaatsbon ontspringt op miraculeuze wijze de dans.” jo viaene belastingspecialist en bestuurder bij Optima Group

We zijn intussen begin 2013, en de regering – één jaar in het zadel – beslist om naast intresten en dividenden ook zowat alle andere categorieën van roerende inkomsten (vroeger belast aan 15 procent) te gaan belasten aan 25 procent: octrooien, lijfrentes, inkomsten uit roerende verhuur, …) Opmerkelijk: alleen de Leterme-staatsbon ontspringt op miraculeuze wijze de dans. Juristen hadden al heel wat vragen bij het fiscale gunsttarief ten tijde van de lancering (waarom deze staatsbon aan 15 procent belasten en bijvoorbeeld een Franse staatsbon aan 21 procent?), maar staan nu helemaal versteld. Insiders stellen dat het een kwestie van tijd (en rechtspraak) is vooraleer het tot een Europese veroordeling komt. Een ander stuitend voorbeeld is de sicav of bevek met of zonder Europees paspoort, sinds jaar en dag een populair beleggingsfonds voor grote en kleine vermogens. Heeft een (compartiment van de) bevek of sicav

[ CAPITAL 18 ]

62


o pi n i e

een defensief profiel (meer dan 25 procent belegd in vastrentende stukken), dan onder­gaat de rente én de meerwaarde van die vastrentende stukken voortaan een roerende voorheffing van 25 procent, terwijl dat vroeger 21 procent was. Maar wat blijkt nu? Deze belasting is enkel van toepassing op fondsen met een Europees paspoort. Fondsen zonder Europees paspoort (in de praktijk enkel zuiver Belgische fondsen) ondergaan geen enkele belasting inzake roerende voorheffing. Opnieuw is het zoeken naar objectieve motieven, en kunnen we derhalve bijna niet anders dan spreken van pure discriminatie. Belgische fondsen die zo ‘dom’ waren een Europees paspoort aan te vragen, zijn er bij deze aan voor de moeite… Als maatregel ter bestrijding van de sociale en fiscale fraude wordt tenslotte plotsklaps een aangifteplicht aangekondigd van buitenlandse levensverzekeringen. Ook dat is op zijn minst opmerkelijk: aan de ene kant kiest de regering in 2013 bewust voor de afschaffing van aangifte van intresten en dividenden (ten voordele van een bevrijdende roerende voorheffing), en aan de andere kant doet men voor de buitenlandse levensverzekeringen compleet het tegenovergestelde. Voor de binnenlandse levensverzekeringen geldt deze aangekondigde aangifte­ plicht overigens niet. Of hoe een maat­regel om fraude te bestrijden in de feiten een competitieve bevoordeling van de Belgische levensverzekeringen is. Overigens kan er via de levensverzekering geen roerende voorheffing ontdoken worden, omdat er simpelweg (nog steeds) geen roerende voorheffing van toepassing is op kwalificerende levensverzekeringen.

“Belgische fondsen die zo ‘dom’ waren een Europees paspoort aan te vragen, zijn er aan voor de moeite….”

ringen krijgen de fiscale voorkeur boven het vrije verkeer van diensten binnen Europa. En wat nu? Ofwel – en dat is waar specialisten voor vrezen – is het wachten op een eindeloze stroom van juridische disputen over de nieuwe maatregelen. Nog meer onzekerheid, niet in het minst voor ondernemers en investeringen is dan het gevolg.

Gespecialiseerde advocaten stropen alvast de mouwen op. Ofwel maken we stap voor stap werk van een level playing field met de buurlanden. Iedereen gelijk voor de (Europese) wet, en recht door zee. Een intelligent en transparant belastingsysteem dat nodeloze discriminaties overbodig maakt, moeten we daar niet samen aan werken?

“Eigen staatsbons, eigen beleggingsfondsen en eigen levensverzekeringen krijgen de fiscale voorkeur boven het vrije verkeer van diensten binnen Europa.”

Deze drie voorbeelden tonen een opmerkelijke ‘eigen land eerst’-filosofie aan in de nieuwe begroting. Eigen staatsbons, eigen beleggingsfondsen en eigen levensverzeke-

[ CAPITAL 18 ]

63


o pi n i e

XXXXXXXXXX ja n gi l l is

Goede voornemens

In de nasleep van de rijkelijke en overvloedige eindejaarsfeesten, hebben velen onder u ongetwijfeld de tijd genomen om na te gaan of hun financiën standgehouden hebben in deze woelige economische tijden. Wie de balans opgemaakt heeft, zal moeten toegeven dat deze niet altijd eenduidig positief was. Financieel en fiscaal zindert de economische crisis onverbiddelijk na, met als triest orgelpunt het recordaantal faillissementen in 2012: het op twee na hoogste aantal van de afgelopen tien jaar… De financiële veerkracht van onze ondernemers en zelfstandigen wordt zwaar op de proef gesteld en de ademruimte die de overheid zou voorzien is klaarblijkelijk onvoldoende. De Financial Times becijferde dat onze inkomstenbelasting tot de hoogste in de wereld behoort: topverdieners dragen bijna 60 procent af. Onze vennootschapsbelasting behoort bovendien tot de hoogste in Europa. Bovendien steeg het aantal ambtenaren van 600 000 in 1960 naar 1,3 miljoen vandaag. En onder­t ussen maakte de industrie exact de omgekeerde beweging. De rekening is snel gemaakt.

“Het heft in eigen handen nemen en bewust kiezen voor persoonlijke financiele planning, dat is verstandig.” jan gillis Legal & Compliance Officer Optima Global Estate

overheid maakt andere keuzes. Denken we aan de fel betwiste fiscaliteit op de bedrijfswagens en de onduidelijkheid over de algemene antimisbruikbepaling. Sinds 1 januari 2013 worden de meeste roerende inkomsten bovendien aan het tarief van 25 procent roerende voorheffing onderworpen. De lijst met uitzonderingen op deze algemene regel wordt met elke begrotingsronde korter. Er wordt bijvoorbeeld geen onderscheid meer gemaakt voor inkomsten uit ‘risicovollere’ beleggingen zoals aandelen. Dat is niet meteen een stimulans om te investeren in Belgische ondernemingen. Het hoeft geen betoog dat ondernemen in een dergelijk economisch klimaat niet vanzelfsprekend is. Lijdzaam toezien, hopen op beterschap en wachten op initiatieven van de overheid. Dat is uiteraard een optie. Het heft in eigen handen nemen en bewust kiezen voor persoonlijke financiële planning – dat is verstandiger. Leren uit het verleden en je richten op de toekomst – om zo comfortabel te leven in het heden. Dat mag niet louter een nieuwjaarstraditie zijn. Het moet een maandelijkse en zelfs dagelijkse zorg zijn, het hele jaar door. Zeker wanneer het over uw financiën gaat.

Lastenverlagingen en een ontvetting van de overheid dringen zich op. Maar onze

[ CAPITAL 18 ]

64


Queen Towers : rethinking city life Aan het station Gent-Sint-Pieters, langs de Fabiolalaan wordt de komende jaren een totaal nieuw stadsdeel gebouwd voor wonen en werken. Hier verrijzen binnenkort de eerste twee skyscrapers, die een adembenemend zicht bieden op Gent. Uniek aan dit project zijn de ‘skygardens’ en ‘skyrooms’: gemeenschappelijke ruimtes voor de bewoners op het dak en midden in het gebouw. Voorts scoren deze woontorens bijzonder goed qua duurzaamheid. Voeg daar de uitstekende afwerking bij. En u krijgt een ideaal product om in te investeren.

Ontdek het project op www.queentowers.be


Het bulthaup b3 interior system geeft nieuwe impulsen aan uw creativiteit. Het doorbreekt de starre structuren van klassieke lade-indelingen en past zich aan bij uw wensen en ideeĂŤn, telkens opnieuw.

www.bulthaup.com/interiorsystem


Capital 18  

Capital 18 magazine

Advertisement
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you