__MAIN_TEXT__

Page 1

/ dl

....

'-=---

IJlr

Jaargang

Tijdschrift van de Natuurstudiegroep •

Dijleland

,.__.

-

40

-

Juni

2012


� NAT UUR STUD 1 EG ROEP ijleland � Regionale werkgroep van

atuurpunt Studie vzw

n atu u rp u nt

... Studie

Bestuur •

Bart Creemers (voorzitter), Aarschotsesteenweg 420, 3012 Wilsele, 0496-893106

Kris Van Scharen (penningmeester), Korbeekstraat 27, 3061 Leefdaal, 02-7672638

Bruno Bergmans, Mgr. Van Waeyenberglaan 54 DIS bus3, 3000 Leuven, 0498-760722

Joris Menten, W. De Croylaan 49/21, 3001 Heverlee, 0495-275393

De Boomklever Driemaandelijks tijdschrift van de Natuurstudiegroep Dijleland. De Boomklever brengt bijdragen over studie en beheer van de biodiver­ siteit in het Dijleland en verschijnt viermaal per jaar (maart, juni, sep­ tember, december).

Kelle Moreau, Korenbloemlaan 5, 3052 Blanden, 0486-125877

Hans Roosen, Abstraat 101, 3090 Overijse, 02-6879518

Hoofdredacteur: Bruno Bergmans

Robby Stoks, Ch. De Beriotstraat 32, 3000 Leuven

Roel Uyttenbroeck, Langeveld 76, 3220 Holsbeek, 0495-628863

Gert Vanautgaerden, Tulpenlaan 7, 3052 Blanden, 0477426868

leden: Bart Creemers, Frederik Fluyt, Kelle Moreau en Kris van Scharen

Koen Vandenberghe, Blijde Inkomststraat 85/5, 3000 Leuven, 0485162619

André Verboven, Groeneweg 60, 3001 Heverlee, 016-238184

Redactie

Redactie-adres Artikels, foto's en korte bijdragen worden verwacht op het redactiese­ cretariaat, p/a Bruno Bergmans e-mail: bruno.bergmans@scarlet.be

Werkgroep vogels •

Algemeen coördinator: Kelle Moreau (kelle.moreau@gmail.com)

Watervogeltellingen, Luc Hendrickx( luchendrickx2003@yahoo.

lustraties en foto's blijft bij de res­

com)

pectievelijke auteurs, tekenaars en

Trektellingen: Frederik Fluyt (frederik.fluyt@gmail.com)

Het copyright van de teksten, il­

fotografen. Overname is mogelijk mits hun uitdrukkelijke toelating en bronvermelding

Werkgroep zoogdieren •

Archivering waarnemingen: Kelle Moreau

Abonnement Geïnteresseerden kunnen

(kelle.moreau@gmail.com)

De Boomklever ontvangen door

V leermuizen: Hans Roosen (roosenhans@yahoo.com)

overschrijving van 10 €op reke­

Hamster: Kris Van Scharen (kris.van.scharen@telenet.be)

ningnummer 001-1552168-50 van de Natuurstudiegroep Dijleland, met opgave van naam en adres. Een

Werkgroep ongewervelden •

Archivering en rapportering waarnemingen: Bart Creemers (bart.creemers@gmail.com)

steunabonnement kost 15 €of meer. Natuurpunt vzw Natuurpunt is de grootste vereni­ ging voor natuur en landschap in Vlaanderen. Ze telt 87.000 leden en

Werkgroep planten •

Themaverantwoordelijke: Joris Menten (pjoris@advalvas.be)

beheert 17.000 hectare natuurge­ bied. Lid worden van Natuurpunt vzw kan door storting van 24 €op

Website: www.natuurstudiegroepdijleland.be Rondzendlijst Dijleland: Stuur een blanco e-mail naar:

dijleval lei-subscribe@yahoogroups.com

rekeningnummer 230-0044233-21. www.natuurpunt.be

Druk: www.Koloriet.info Oplage: 200 ex. v.u.:

B. Creemers, Aarschotse.steenweg 420

- 3012 Wilsele


Afstand is relatief Nu ik regelmatig pendel tussen Brugge en Leuven, lijkt en is dit telkens een hele afstand. Wat het mooie Dijleland telkens weer te bieden heeft, maakt dit meer dan goed. Sinds de lente weer in het land is, treft het mij dat heel wat trekvogels ook bijzonder gecharmeerd zijn door onze mooie streek. Het is een fantastisch idee dat de mooie Zomertaling die voor je neus zit te foerageren in de Abdij van 't Park enkele dagen voordien misschien nog van het zonnetje in Afrika aan het genieten was. Jammer genoeg hebben heel wat lange-af tandstrekkers die naar Afrika gaan het bijzonder moeilijk. De oorzaken zijn niet altijd even duidelijk. Habitatdegradatie hier zal zeker een rol spelen, maar ook veranderingen op de trekroutes en in de overwinteringe gebieden spelen waarschijnlijk een belangrijke rol. Van toen ik nog wat jonger wa herinner ik mij dat de achteruitgang van de Woudaap vooral geweten werd aan droogte in de Sahel. De laatste jaren lijkt de slinger gelukkig wat terug te slaan. In hoeverre dit ook met een betere be cherming van onze moera gebieden te maken heeft, i niet helemaal duidelijk. Andere oorten hollen echter nog teeds achteruit. De laatste jaren gebeurt er heel wat onderzoek dat een licht kan werpen op de oorzaken hiervan. De vooruitgang van de technologie maakt het mogelijk om ook kleine zangvogel uit te ru ten met miniatuur GPS-zendertje die vaak verra send nieuwe inzichten helpen verschaffen in het doen en laten van onze bedreigde trekkertjes. Zo blijken vaak heel specifieke gebieden voor bepaalde soorten van cruciaal belang te zijn voor hun overleving. Hopelijk kunnen beschermingsmaatregelen hier in de toekom t op in pelen. Zo doet de British Trust for Ornithology mooi onderzoek o p het trekgedrag van Koekoeken: http://ww w.bto.orgI cuckoos. Deze Koekoeken bleken onverwacht vroeg terug te vertrekken (al in juni), vaak dezelfde stopplaatsen te gebruiken (bvb. De Po-regio in Italië) en via verschillende routes over de Sahara uiteindelijk in Congo terecht te komen. Op een tweetal maanden vliegen ze dan terug naar de broedgebieden. De belangrijkste mortaliteit blijkt verrassend genoeg tijdens de lentetrek op te treden. Voor soorten als Gekraagde roodstaart en Zomertortel lijken veranderingen in de Sahel (kappen van bossen, intensivering van de landbouw) een belangrijke rol te spelen. Ook Grauwe kiekendieven worden de laatste jaren op een soortgelijke manier gevolgd: http://www.werkgroepgrauwekiekendief. nl/?id=146#satellietzenders. Het is vaak spannend om lezen hoe deze vogels hun ongelooflijke trek aanpassen aan zandstormen en andere calamiteiten. Interessant om zien is ook dat vogels via heel ver chillende trekroute toch vaak in dezelfde cruciale overwinteringsgebieden in Afrika belanden die prioritair bescherming verdienen. Uit onderzoek op Purperreigers (http://www.vogelbescherming.nlI vogels beschermen/zenderonderzoeken/ purperreigerI zenderonderzoek 2007-2010) bleek vooral de sterfte in de woestijn bijzonder groot te zijn. Ook blijkt het soms helemaal fout te kunnen gaan. Een vogel vloog immers pal zuidwest richting Brazilië en stierf uitgeput in het midden van de Atlantische Oceaan. Met al deze obstakels in gedachten, was het voor mij dan ook een bijzonder mooi moment en hét hoogtepunt van de dag toen ik samen met Bart C. op de Big Day op 28 april op hetzelfde moment kon genieten van de wonderlijke zang van de Nachtegaal, de tropische klanken van de Wielewaal en de roep van de Koekoek. Jammer genoeg is dit de laatste jaren -en niet alleen in onze streek- een bijzonder zeldzame combinatie geworden. De enige die nog ontbrak was de Zomertortel. En dit allemaal in het Wijgmaalbroek, op een boogscheut van Leuven. Dit toont niet enkel de fantastische potentie aan van dit gebied, het geeft ook een sprankeltje hoop dat we hopelijk ooit terug gaan mogen genieten van deze mooie lentezangers.

Bruno Bergmans

Hoofdredacteur De Boomklever

De Boomklever

-

juni 2012

25


;..� Insecten

·

.��

,,..

...�

.

Nemoura sciurus, een nieuwe beeksteenvlieg

Nemouridae)

(Plecoptera,

voor Vlaanderen

In 2008, werd de steenvliegenfauna van het Dijleland reeds uitgebreid besproken.Vijf soorten werden toen opgelijst, daar komt er nu één bij: Nemoura sciurus, dit is meteen de eerste melding van deze soort uit Vlaanderen.

Het Rodebo

i

voor vele in ectengroepen dé

hot pot van het

Dijleland. Dit is zeker ook

het

de

geval

voor

steenvliegen

Met deze vondst is het Dijleland 6 steenvliegen­ soorten rijk.

(Plecoptera).

Dit komt door de bronbeken die hier ontspringen. Steenvliegen zijn immers gebonden aan zeer zuiver en zuur tofrijk water en zijn de ultieme indicator van een hoge waterkwaliteit. Lang heen een bronbeek die uit het Rodebos, doorheen een hooiland en een moerassig gebiedje

Dit lijkt misschien niet veel, maar in Nederland komen momenteel slechts 10 soorten voor. Uit Vlaanderen waren tot nu toe 18 soorten bekend, waarvan twee wellicht uitgestorven (Loek, 2008 en Loek,

persoonlijke

mededeling);

sciurus is dus de 19de soort voor Vlaanderen.

in een vijvertje in het Onderbos stroomt, vond

Joris Menten

ik in 2008 reeds 4 soorten:

Nemoura cinerea, Nemoura dubitans, Nemoura marginata, en Leuctra dubia (Menten, 2008). Op 31 maart 2012, ving ik hier een vijfde

oort, en niet de eerste de beste:

Nemoura sciuru enkel

AUBERT 1949. De soort kan

micro copisch

gedetermineerd

worden

door bestudering van de mannelijke genitaliën (Foto

1,

zie

ook:

http://www.plecoptera.de/

Determination/ Nemoura_Epiprocte/ nemoura_ epiprocte.html). De wijfjes zijn niet te onder cheiden van andere emoura- oorten.

Deze

oort

was

joris_menten@yahoo.com

Bronnen Koese, B. (2008). "De Nederlandse steenvliegen (Plecoptera) Entomologische

Tabellen

in

België

slechts

bekend

twee vindplaatsen (Cerfontaine, nabij . . . Ph.ihppev11le m de provincie Namen en

Supplement

bij

Nederlandse Faunistische Mededelingen Loek, K., Vanden Bossche, J. -P. , Goethals, P.L.M. (2010). "Checklist of the Belgian stoneflies (Plecoptera)" Bulletin de la Société Royale Beige d'Entomologie,

Menten,

].

(2008). "Steenvliegen (Plecoptera) van het

Dijleland" De Boomklever, 36(2008): 60-65.

Gomzée-Andoumont, Sprimont in de provincie Luik), waarvan de laat te vond t uit 1950 dateert (Loek, 2010). Uit het nabije buitenland is de

oort bekend uit de Lorraine en de aan België grenzende deel taten van Duitsland. Ze i niet bekend uit Nederland en i in

heel Midden-Europa zeldzaam (Koese, 2008).

Ze i gebonden aan bronbeken en i karakteri tiek voor kalkrijk water. De vindplaats in het Rodebos komt overeen met deze omschrijving. De vliegperiode in Duit land i van april tot mei.

De Boomklever -

1.

"

146(2010): 115-122.

v�

26

Nemoura

juni

20 J 2

Foto: Joris Me11te11


�-------·---··---

·.:.� '

...

.

,.. �

Insecten

De dag- en nachtvlinders van het Dijleland. Deel IV:

Lycaenidae tot en met Depranidae (Eenstaartjes)

Zoals in de vorige delen wordt de zeldzaamheid

Araschnia levana (Linnaeus, 175 ) Landkaartje*

aangeduid al volgt:

Argynnis paphia (Linnaeu 1758) Keizersmantel **** ,

Coenonympha pa111phil11s (Linnaeus, 1758) H ooib ee tje*

*

Algemeen

**

Vrij algemeen

***

Zeldzaam

****

Zeer zeldzaam

lnachis io (Linnaeus, 1758) Dagpauwoog*

Kleine parelmoervlinder *** Limenitis camilla (Linnaeus, 1764) Kleine ijsvogelvlinder ***

lssoria lnthonia (Linnaeus, 1758)

Maniola jurtina (Linnaeus, 1758) Bruin zandoogje*

Lycaenidae (Blauwtjes, kleine pages en vuurvlinders) Celastrina argiolus (Linnaeus, 175 ) Boomblauwtje* Lycaena phlaeas (Linnaeu , 1761) Kleine vuurvlinder* Neozephyrus quercus (Linnaeus, 1758) Eikenpage * Plebeius agestis ([Deni & Schiffennüller], 1775) Bruin blauwtje **

Nymphalis antiopa (Linnaeus, 1758) Rouwmantel **** Nymphalis polychloros (Linnaeus, 1758) Grote vos**** Pararge aegeria (Linnaeus, 1758) Bont zandoogje * Polygonia c-alb11m (Linnaeus, 1758)

Gehakkelde Aurelia*

Pyronia tithonus (Linnaeus, 1771) Oranje zandoogje ** Vanessa atalanta (Linnaeus, 175 ) Atalanta* Vanessa card11i (Linnaeu

, 1758)

Di telvlinder *

Polyommatus icarus (Rottemburg, 1775) lcarusblauwtje * Satyrium ilicis (Esper, 1799) Iepenpage **** Thecla betulae (Linnaeus, 1758) Sleedoornpage ***

Zowel de Sleedoompage (Thecla betulae) als de

Iepenpage (Satyrium ilicis) worden op V laams niveau als ***

tot zéér ***

beschouwd. In onze regio

blijken deze twee soorten met een zeer verborgen levenswijze, vooral door gericht zoeken en nieuwe inventarisatiemethodes (o.a. zoeken van eitjes in de winterperiode) veel talrijker aanwezig dan eerder

gedacht.

Het

historische

en

huidige

voorkomen van de Iepenpage in onze regio werd uitvoerig beschreven en wordt hier niet hernomen (Bauduin, 2004; Jacobs, Creemers & Bergmans, 2010).

Nymphalidae (Aurelia' s) Aglais urticae (Linnaeus, 1758) Kleine vos * Apatura ilia ([Denis & Schiffermüller], 1775) Kleine weerschijnvlinder **** Apatura iris (Linnaeus, 1758) Grote weerschijnvlinder *** Aphantopus hyperantus (Linnaeus, 1758) Koevinkje *

Grote weerscl11j11vli11der, de paarse kei:er va11 liet Dijlela11d Foto: Bn1110 Berg111a11s

De Boomklever

-

juni 20 12

21


.

. -"

�·

'/·

lnseaen

.. ,.,_ ::-

Kleine

De

(Apatura

weerschijnvlinder

ilia)

ver cheen voor het eerst in onze regio in 2011 en wel o p twee ver ch.illende plaatsen: 05-6-2011

Arboretum, Tervuren (B. & A. Mi onne)

22-6-2011

Mollendaalbo 0. Lambrechts)

De waarnemingen kaderden in een kleine "invasie"

waar ch.ijnlijk te wijten aan het warme voorjaar. In het Zoniënwoud is nog een redelijke populatie van de

en

Grote weerschijnvlinder (Apatura iris)

ook

in de

Doode

Bemde

werden

nog

waarnemingen verricht tot ten minste 2006 (M. Walravens).

Doordat voor deze soort in waarnemingen.be alle waarnemingen verborgen worden kan een gedetailleerd overzicht niet gegeven worden. De Keizersmantel (Argynnis paphia) is in onze treken een dwaalga t tijden

warme zomers.

Herhaalde waarnemingen in een potentieel geschikt voortplantingsgebied (aanwezigheid van bosviooltjes)

Grote vos aa11 de m11d van liet Kastanjebos, maart 2012 Foto: Bruno Berg111a11s

in een deel van Meerdaalwoud doen vermoeden

dat er zich hier toch (opnieuw) een kleine populatie kan handhaven.

Drepanidae (Eenstaartjes) Achlya flavicornis (Linnaeus, 1758)

Lente-orvlinder *

Ook de Kleine parelmoervlinder (Isso ria lathonia)

Drepana falcataria (Linnaeus, 1758)

Berkeneenstaart*

een niet-jaarlijkse dwaalgast in onze streken. Het archief vermeldt waarnemingen in 2004 (Kes-

Falcaria lacertinaria (Linnaeus, 1758)

Bleke eenstaart **

Habrosyne pyritoides (Hufnagel, 1766)

Vuursteenvlinder **

Ochropacha d11plaris (Linnaeus, 1761)

Tweestip-orvlinder *

i

e lberg),

2009

2006

(Zandgroeve Neerijse/Tersaert),

(Tu en Pécrot en Bossut-Gottechain) en 2011

(Winksele).

Tethea ocularis (Linnaeus, 1767) Peppel-orvlinder **

Tethea or ([Denis & Schiffermüller], 1775) De Rouwmantel (Nymphalis antiopa) is in onze treken een niet-jaarlijkse dwaalgast. Alle mij bekende waarnemingen: 21-7-2002

Snippenweide, Oud-Heverlee (K. Moreau)

07-8-2006

Tabor, Heverlee Q.-P. Ferette)

26-7-2008

Or-vlinder **

Thyatira batis (Linnaeus, 1758) Braamvlinder**

Watsonallia binaria (Hufnagel, 1767)

Gele eenstaart *

Watsonallia cultraria (Fabricius, 1775) Beukeneenstaart*

Sint-Jori -Weert (W. Opdekamp) Literatuur:

Ook de Grote Vos (Nymphalis polychloros) is een zwerver, die na warme jaren oms tijdelijke popu­ latie kan doen ont taan. Waarschijnlijk is dat in onze treek onder andere het geval in het Zoniën­ woud en in Bertembo waar zowel in 2011 als vroege voorjaar 2012 ver cheidene exemplaren konden waargenomen worden. 28

De Boomklever -

juni

2012

Bauduin, M., 2004. Recente waarnemingen van de lepepage in de Dijlevallei. De Boomklever 32 september: blz. 96-97. Jacobs,

1.,

B. Creerners & B. Bergrnans, 2010. De

lepenpage, trots van het Dijleland. De Boomklever 38 maart: blz. 2-9.

André Verboven andre.karine.verboven@telenet.be


�.:.-

..

�---··----

- Biodiversiteit ,

·'·

Dijlelandse biodiversiteit opgelijst Nieuw ingevoerde soorten voor de periode januari-maart 2012 In de periode januari tot en met maart er 84 nieuwe

Vogels (A 0, VA

1, Z

0, ZZ I)

2012 werden

oorten toegevoegd aan de soorten­

lijsten op waarnemingen.be voor het Dijleland s.s., zijnde de gemeenten Kortenberg, Herent, Leuven, Bertem, Heverlee, Oud-Heverlee, Huldenberg en Overijse en het volledige Meerdaalwoud. Iets meer dan de helft (49) werd ook waargenomen in

2012.

Enkele gekende waarnemingen van nieuw ingevoerde soorten werden dit keer niet ter beschikking ge teld

Kleine b11rge111eester - Terv11re11

Foto's: Koenrand Asse/111n11

door een waarnemer voor publicatie in deze rubriek. Deze worden wel in andere vorm gepubliceerd, al dan niet in de Boomklever. Dit geldt ook voor alle vondsten van mogelijk andere waarnemers die te kennen hebben gegeven geen waarnemingen te delen met werkgroepen via hun instellingen op wn.be. Deze waarnemingen maken ook geen deel uit van de tati tiekje . In deze rubriek i nieuw ingevoerde

het al nog onmogelijk om alle oorten te vermelden. In veel

gevallen worden algemene soorten, exoten en niet aanvaarde waarnemingen van moeilijke groepen achterwegen gelaten. Het overzicht dat hier gegeven wordt kan niet aanzien worden als de lijst van nieuwe soorten in de regio. Waar deze tatus gekend i wordt dit wel meegegeven. Voor meer duiding en nuance zie (Creemers

2011).

De allereer te waarneming van Kleine Burgemeester (L.nrus gla11coide s, ZZ, Av) voor het Dijleland i de 263ste 'inheemse' soort op de regiopagina. Meer duiding

is te

vinden in het vogel-waarnemingenoverzicht. De Lady­

Amherstfazant (ChrysolopJ111s amherstiae, VA, Nb) i de nieuwste exoti che/ verwilderde vogelsoort die werd genoteerd.

Voor eenvoud en referentie worden dezelfde pragmatische soortengroepen onderscheiden en in dezelfde volgorde besproken als kan terugge­ vonden worden op waarnemingen.be (wn.be) en de regiopagina. Ondanks de bedenkingen die er zijn bij de aanwijzing van zeldzaamheidsklassen voor sommige soortgroepen, geven we deze info wel mee tussen haakjes: bij de titel van de soortgroep

Zoogdieren (A 0, VA

1, Z

0, ZZ 0)

Een exemplaar van de Gewone Grootoorvleermui (Plecotus auritus, VA) werd op 30/ 01 overwinterend waargenomen in een bunker te Herent (Koen Berwaerts, Av ). Deze soort is voornamelijk een bossoort met kleine kraamkolonie in boomholten, maar kan ook voorkomen in gebouwen. De oort i

als een verdeling van de zeldzaamheidsklassen van

met de batdetector moeilijk onder cheidbaar van

alle nieuwe ingevoerde soorten binnen die groep

(Plecot11s

én achter de vermelde soortnamen (A=Algemeen, VA= Vrij A lgemeen, Z=Zeldzaam, ZZ=Zeer zeldzaam, versie april

2012).

De stadia van validatie van de

de zeldzamere Grijze Grootoorvleermui

austriacus). Grootoorvleermuizen (Plecotus speci111e11)

2002

met

de batdetector waargenomen in het Rodebo

en

werden tijdens inventarisaties in

2001

en

besproken waarnemingen op het moment van schrijven

Meerdaalwoud. In dezelfde periode werd een kleine

worden aangeduid met volgende afkortingen: I= In behandeling, Nb= Niet beoordeeld door admini trator

kraamkolonie van Gewone Grootoorvleermuizen

(vaak door afwezigheid van documentatie, zoaJs een foto) en Av= aanvaard door adminstrator.

gevonden in de kerk van Sint-Jori -Weert. '

Winters trekken de mee te exemplaren naar

overwinteringsplekken zoal bunker en ij kelder .

De Boomklever

-

juni

2012

29


·î

Biodiversiteit " . ��-:-

Maar ook tijden

wintertellingen wordt er vaak

geen onderscheid gemaakt tu

Bijen, wespen en mieren (A

en de beide soorten.

Roodbuikje (Andrena

In onze regio waren de bunker en loodsen van het

ventralis, VA, Nb ),

(voormalige) militair domein in Meerdaalwoud

Katten staa rt di k poot

een gekende overwintering locatie voor Groot­

(Melitta nigricans,

oorvleermuizen, met o.a. 10 ex. bij de tart van de

Nb)

gecoördineerde tellingen in onze regio (2006-2007).

selbij

van Plecotus specimen met sporen van een kolonie de winter in een ij kelder in dezelfde gemeente (2009 en 2011). Tijden

de gecoördineerde wintertellingen

worden regelmatig Grootoorvleermuizen waargenomen, maar deze worden recht treeks naar de vleermuizen­ werkgroep ge tuurd (per . Han Roo en). De vond t in Herent is du

de eerste ingevoerde

waarneming van deze soort, enerzijds omdat vele waarnemingen buiten wn.be omgaan, anderzijds omdat er vaak niet op oort wordt gedetermineerd bij Grootoorvleermuizen. De aanwezigheid van deze en andere oorten vleermuizen lijkt verzekerd inds men enkele jaren geleden onder impuls van het Regionaal Landschap Dijleland, gestart is met een hvintigtal bunker

langs de KW-lijn, die onze

en

de

ata, gedetermineerd uit

Zwart­

(Osmia

Z,

VA,

Houtrnet­

bronzen

Op wn.be vinden we ook waarnemingen terug op een zolder in Huldenberg (2011) en vondsten tijdens

1, VA 2, z 1, zz O)

Nb)

nive­

werden

collectiemateriaal

van het

inventarisatiejaar 2011. Opmerkelijk i

dat het

overgrote

deel

van

de

15-ta]

waarnemingen

op wn.be van de Zwartbronzen Houtmet elbij gelocaliseerd zijn in het zuiden van Vlaanderen.

Geelschouderwespbij (Nomada ferruginata, VA) 1 ex. op 24/03 te Egenhovenbo

(Johan Robben,

Av). Dit is een soort die wellicht in lage dichtheden voorkomt en ook vaak onderbemonsterd i wegens een vroege vliegtijd (maart-april). Dezelfde redenen voor onderbemonstering geldt ook voor haar ga t­ heersoort, de Vroege Zandbij (Andrena Praecox), die nog niet werd bevestigd in de regio, maar zeer waarschijnlijk dus ook voorkomt in hetzelfde gebied.

regio doorkrui t, in te richten voor overwinterende vleermuizen.

Kevers (A4, VA 26, z 3, zz O)

Nachtvlinders en micro,s (A o,vA 2, z

1, zz O)

Van de 33 nieuw ingevoerde soorten werd er geen enkele beoordeeld en slechts 8 hadden een

De eer te drie maanden van het jaar leverde drie nieuw

eerste waarnemingsdatum in 2012. De andere

ingevoerde micro-nachtvlinders op voor. het Dijleland

25 nieuwe soorten, allen water gebonden, waren

. . (nog niet voorkomend op de lijsten van Vanboven), al

afkomstig van onderzoeken in 2010 en 2011 van

Lichte boogbladroller (Acleris fem1gana, VA, Nb)

Kevin Scheers en Nobby Thys: 1 soort Beekkever

wellicht niet altijd met zekerheid van op foto te on­

(Dryopidae), 13 soorten Waterroofkevers (Dytiscidae),

Oranje boogbladroller (Acleris

3 soorten Watertreders (Haliplidae), 1 soort Water­

i de

der cheiden van de

notana). De andere twee soorten konden wel worden beve tigd aan de hand van bijgeleverde foto: Variabele spitskopmot (Ypsolopha ustella, VA) telken 1 ex. op 26/02 en 11/03 te Overijse/Stad

kruiper (Hydraenidae), 1 soort-Slijkzwemrner (Hygro­

biidae) en 5 soorten Spinnende Waterkevers (Hydrop­ hilidae). Ook de Loopkever Acupalpus dubius (VA, Nb) werd voor het eerst ingevoerd en is gebonden aan vochtig mileu (oevers). Negentien van deze

(Paul & Krista Nuyts, Av). Een vrij algemene soort, al rup voorkomend op eik die op wn.be vooral

nieuw ingevoerde soorten werden gevonden in de

gezien wordt in het oo ten van Vlaanderen, maar niet zo vaak in Vlaam -Brabant.

Silsombos, 5 in Oud-Heverlee/Noord, 3 in de

Den nenboogbladroller (Acleris abietana, Z) 1 ex. op licht op 1 7/03 te Overijse/Stad (Paul & Krista uyt , Av). Een vrij zeldzame oort die nog maar

driemaal eerder op wn.be werd gemeld en volgens phegea.org nog niet eerder uit Vlaam -Brabant. In ederland zijn vond ten van deze oort zeer zeld­

zaam. Wellicht i de oort ondergeïnventariseerd. De

rup leeft op naaldbomen, zoal Gewone Zilver par . (Ab1es alba), Fijn par (Picea abies) en Den (Pinus) . De

enige generatie per jaar overwinterd als imago. 30

De Boomklever

-

juni

2012

Doode Bemde/Kliniekvijvers, 5 in Erps-Kwerps/ Laanvallei/Onderbos en telkens 1 soort in Oud­ Heverlee/Zuid en Sint-Agatha-Rode/Grootbroek. Verschillende Waterroofkevers die tijdens deze onderzoeken werden gevonden in de Doode Bemde

behoren

(voorkomen

na

tot

de

195 0 is

categorie

kwetsbaar

statistisch significant

verminderd t.o.v. ervoor). De Loopkever Acu­

palpus dubius werd eerder al eens waargenomen tijdens

inventari aties

van

de

Natuurstudie­

groep in het Grootbroek en de Laanvallei (2004).


Biodiversiteit ·���-.

Van de 8 oorten en.kei waargenomen in 2012, waren

Het groot te deel van de waarnemingen in 2012 van

er 6 afkom tig van wateronderzoek van Nobby T hy

nieuw ingevoerde oorten gebeurde in de Laanvallei

in de Ganzeman zandgroeve in Neerij e (12/03):

en het aanliggende Rodebo (11 oorten). Daarnaast

(Z,

werden er nog nieuwe toevoegingen gedaan vanuit

Hydrovatus cuspidatus

Nb,

Waterroofkever),

Bembidion articulatum (A, Nb, Loopkever), Peltodytes

Tervuren/Moor elbo

(2), Tervuren/Zoniënwoud (2),

caesus (VA, Nb, Watertreder), Helophorus minu­

Vo sem /Twaal fappostelenbo (1) en Heverlee-Oost (1).

tus (VA, Nb) en Laccobius bipunctatus (VA, Nb)

Voorjaarsbreeksteeltje (Conocybe aporos, VA, Nb),

(Spinnende Waterkevers) en Egelskophaantje

Gebundeld kelkpluisje (Metatrichia vesparium, VA),

(Donacia vulgaris, VA, Nb). Bembidion articu/atum

Groezelig Huidje (Phanerochaete sordida, VA, Av),

werd eerder ook gevonden tijden inventari atie

Elzenkatjesmummiekelkje (Ciboria ame11tacea, VA,

in het Grootbroek en de Laanvallei (2004).

Av), Lentetepelkogeltje (Rosellinia aqui/a, VA, Av) en

Naa t de vond ten in de zandgroeve werden in

Bruine grauwkop (Lyophyllum conf11s111n, Z, Nb) zijn

2012 ook nog de Loopkever Asaphidion curtum

vrij zeldzaam tot vrij algemeen in Vlaams-Brabant

(VA, Nb) en de op E

voorkomende Snuitkever

en werden reed in onze regio waargenomen. Voor

Stereonychus fraxini (VA, Nb) waargenomen en

de Bruine grauwkop i het dan ook opmerkelijk dat

voor het eerst ingevoerd, beide door J-F Van der

de vondst in het Zoniënwoud voorlopig de enig te

Donckt te Tervuren / Zoniënwoud (16 /03). Stere­

(zichtbare) waarneming is op wn.be.

onychus fraxini komt bijna over heel België voor, met inbegrip van V laam -Brabant.

Nieuw ingevoerde

oorten die onder de categorie

zeldzaam vallen in de atlas van V laams-Brabant,

Wantsen en cicaden (A o, VA 1, z o, zzO) Met uitzondering van een waarneming uit 2003

maar min ten eenmaal voordien werden gezien in onze regio zijn:

van Reduvius personatus (VA, Nb), werden er geen an­

lvoorinktzwam (Coprinus exti11ctorius, ZZ) op 07 /01

dere nieuwe oorten want en of cicaden toegevoegd.

te Tervuren/Zoniënwoud (Ralph, Av). Dit i

de

tweede waarneming op wn.be, maar werd in onze

Geleedpotigen (overig) (A 1, VA 0, Z 0, ZZO)

regio reeds gezien te Heverleebos (1998) en Ke

De Gele aardkruiper (Geophilus flavus,

niet nieuw (Hoeilaart, 2001). De

werd

voor

het

eer t

ingevoerd

A,

Nb)

(Heverlee/

Tivoli traat, 1 9/03, Dimitri Michiel ).

berg (2000). Ook voor het Zoniënwoud i

de

el­ oort

oort is aprotroof

op holle loofbomen. Elzenpropschoteltje (Pezizella al11iel/a, Z) op 02/03

Weekdieren en overige ongewervelden

te Laanvallei/Onderbo (Ralph, Nb). Saprotroof op

(A 10, VA 2, ZO, ZZO)

afgevallen vrouwelijke kegeltjes van Els (A/1111s).

Naast tien vermoedelijk algemene soorten Mol­

moedelijk algemener dan de waarnemingen aange­

lusken (Gastropoda en Bivalvia) met waarnemin­ gen in 2011 werden ook de Eendenbloedzuiger

Reed

waargenomen op de Kesselberg (2000). Ver­

ven. Op wn.be relatief veel waarnemingen.

(Theromyzon tessulatum, A, 13/03 te Neerijse/

De Kerntrilzwam (Tremella encephala, ZZ) wordt ook

Ganzeman, Nobby Thys) en de (banale) Regen­

aanzien als zeldzaam in de atlas van V laam -Bra­

wonn (Lumbricus terrestris, A, 1 3 /01, Overijse/ Stad, Paul & Krista Nuyts) voor het eerst inge­ voerd. Geen enkele van deze waarnemingen werd beoordeeld.

Paddenstoelen (A o, VA 7, z 7, zz 3) Er werden 17 nieuwe paddenstoelen en chimmel toegevoegd voor het Dijleland senso strico. De waarnemingen van de in Vlaams-Brabant vrij algemene Fijngeschubde Aard tong (Geoglosswn fal/nx, Z, Nb) en Bonte berkenrus sula (Russula versicolor, VA, Nb) gebeurde reeds in 2006, maar werden nu pa voor het eerst ingevoerd.

bant, maar volgens de commentaar Van Roo marijn Steeman bij de waarneming van 1 ex. op 1 /02 te Tervuren/Moor elbos (Ralph, Av), kunnen waarne­ mingen van voor 2011 enkel behouden blijven indien dit met herbariummateriaal kan beve tigd worden. De soort zou namelijk volgens een peciali t ter zake pa

vanaf 2011 in V laanderen voorkomen. Het i

on niet gekend of herbariummateriaa1 be taat van de enige ander gekende waarneming uit de regio, tevens uit Tervuren (1994). Andere waarnemingen op wn.be van deze para iet op vruchtlichamen van Dennenbloedzwam (Stereum snnguinole11t11m), op takken en tammen van naaldbomen, werden gedaan te Ukkel en Eupen.

De Boomklever

-

juni

2012

31


Biodiversiteit -�

oorten padden toelen werden niet alleen voor het eer t ingevoerd, maar ·werden weldegelijk voor het eer t waargenomen in het Dijleland . .: Ze

Paarse Wasporia (Ceriporia p11rp11rea, Z) op 02/03 te Laanvallei/Onderbo (Ralph, Nb) werd micro co­ pi ch onderzocht. aprotroof op loofhout, met voorkeur op E (Fraxi1111s) en El (Alnus) en zeer zeldzaam in !aam -Brabant. et buiten de regio ooit waarge­ De

oort i

nomen in Lindenbo (1995) en Hoeilaart/Zoniën­

Paul

& Kri ta Nuyts). Dit zijn de eer te gekende

waarnemingen voor onze regio volgen de weinige gegeven van Kor trnos en in de FLORA databank Het aantal vondsten op wn.be voor beiden is echter niet klein te noemen (elk

+ 100).

Ook in Nederland

zijn dit algemene oorten, groeiend op hout in bo en en lanen. Van de twee nieuwe mo

oorten zijn wel reeds gege­

woud (2009).

ven bekend uit de databank:

Blauwe Korstzwam (Terana coerulea, ZZ) op 26/02

Moerassikkelmos (Drepanocladus aduncus,

te Laanvallei/Onderbo (Ralph, Av). Saprotroof op

17 /02 te Leefdaal/Voervallei (Ka per Van Acker, Nb)

dode takken en tammen van loofhout. Andere

werd micro copisch onderzocht en beve tigd door

waarnemingen liggen ver van de regiogrenzen

Dirk De Beer. De oort werd in de jaren '90 reed te­

(o.a. buurt Hallerbos en Meldertbos).

ruggevonden in de omgeving van Tervuren, Doode

A) op

Bemde, Korbeek-Dijle en Egenhoven. In Nederland Muurmosschijfje (Octospora musci-muralis, Z) op

i dit een algemene soort van ba enrijke moera

22/01 te Heverlee/Geldenaakse Baan (Paul Van

en natte gra landen.

en

Sanden en Lut S., Nb). Een biotrofe para iet van mo

Spits Boogsterrenmos (Plagiomni111n rnspidat111n, VA)

en op muren (Gewoon muisjesmos - Grimm ia p11lvinatn). Uiter t zeldzaam in V laams-Brabant.

sporenvormend, op 25/03 te Tervuren/Zoniënwoud

Dit zou de eer te waarneming zijn van deze soort

(Cécile Herr, Av) en werd micro copi ch onderzocht.

in V laam -Brabant sind 1992 (te Pamel).

Dit is pas de tweede zekere waarneming van deze soort op wn.be. Maar reed

in 1998 werd het Spit

Hazelaarschijfzwam (Encoe/ia furfuracea, VA) op

Boogsterrenmos gevonden in de omgeving van

1 /02 te Tervuren/Moorselbos ( Av) en 18/03 te

Tervuren en Heverlee. Dit zijn 2 van de 18 vondsten

Laanvallei/Rodebo

sind 1990 die gekend zijn in de databank In Nederland

(Nb) (Ralph). Saprotroof op

takken van Hazelaar (Corylus) en Els (Alnus).

komt deze kalkminnende

Matig algemeen in V laam -Brabant, vooral verspreid

schaduwrijke plekken op chors, steen of bodem.

oort algemeen voor op

waargenomen in oostelijk deel van de provincie. Melkwitte Irpex (Irpex /acteus, Z) op 02/03 te Laan­ vallei/Onderbo (Ralph, Nb) werd micro copi ch on­ derzocht. Een vrij zeldzame saprotroof op loofhout. 1 et buiten de regio reed waargenomen te Lovenjoel/

Bruulbo (19 7 en 2007).

02/03 te Laanvallei/Onderbo (Ralph, Nb) werd mi­ cro copi ch onderzocht. Zeer zeldzame parasiet op en.

et buiten de regio eerder waargenomen

te Hoeilaart/Ganzepootvijver (1994). Met uitzonde­ ring van aan de ku t zijn er niet veel waarnemingen te vinden van deze oort op wn.be.

Mossen en Kor stmossen (A 3, VA 1, zo, zz O) Twee soorten mo

en en twee kor tmo sen werden

nieuw ingevoerd. Melig Takmos (Ramalina farinacea, A, Nb) en . Gestippeld Schildmos (Punctelia subrudecta, A, Nb) werden waargenomen te Overij e/Stad (02/03,

32

De Boomklever

-

juni

In totaal werden er 6 nieuwe plantensoorten ingevoerd in deze periode. Maar allen zijn (waarschijnlijk) aangeplante, verwilderd, tuin- of stinzenplanten en

Gesteeld Mosoortje (Arrhenia spathulata, Z) op

mo

Planten (A o, VA o, z 5, zz 1)

2012

komen

niet

in

aanmerking

voor

een

ruimere

bespreking: Oosterse sterhyacint (Scilla siberica, Z, A) Paarse morgenster (Tragopogon porrifolius, Z, Nb),

(Lithospermum officinale, Z, A), Bolrapunzel (Phyteuma orbiculare, ZZ, 1), Gele kornoelje (Cornus ma s, Z) en Rozemarijn (Rosmarinus offtcinalis, Z, Nb).

Glad parelzaad

Referenties Boeckx, K. & Verkem, S. (2003) in Verkem, S., De Mae­

seneer, J ., Vandendriessche, B., Verbeylen, G. & Yskout, . _ S. Zoogdieren m Vlaanderen. Ecologie en verspreiding v�n 1987 tot 2002. Natuurpunt Studie en JNM-Zoog­

d1erenwerkgroep, Mechelen en Gent, België

Calle, L., Jacobusse Ch. Eds. 2008. Bijen en wespen van Zeeland. Fauna Zeelandica deel 4


Biodiversiteit '·�..;.t,· : .

Padden toelen

Het Zeeuw e Land chap, Wilhelminadorp. Pp. 191

in

V laam -Brabant

en

het

Brussel

Hoofdstedelijk Gewe t, 1980-2009, Verspreiding en eco­ Creemer , B. 2011. Dijlelandse biodiveri titeit opgelij t januari-maart 2011. De Boomklever 39 (1): 40- 4 5

A. 2011a. De dag- en nachtvlinder (Lepidoptera) van het

Desender, K , Dekoninck, W., Mae , D. m.m.v. Cre­ vecoeur, L., Dufrêne, M., Jacob , M., Lambrecht , Pollet, M., Sta

].,

en, E., Thys, N. 2008. Een nieuwe ver­

spreidingsatlas van de loopkevers en zandloopkever (Carabidae) in België. Rapporten van het Instituut voor atuur- en Bo onderzoek 2008 (INBO.R 2008.13). In ti­ tuut voor Natuur en Bo onderzoek, Brussel. pp. 184 Menten, J. 2005. lnventari atie V laam e

atuurre ervaten

'Grootbroek' en 'Rodebos en Laanvallei'. De Boomklever 33 (2): 4 -52 Roo en H. 2005.

Dijleland Deel 1: Mycropterigidae (Oermotten) tot en met Lyonetiidae (Sneeuwmotten). De Boomklever 39 (1): 1215. Verboven A. 2011b. De dag- en n achtvlinders (Le­ pidoptera) van het Dijleland Deel II: Ethmiidae tot en met de Choreutidae (Glittermotten). De Boomklever 39 (3): 63-68. Willem

W. & Boer

K. (2005). V leermuizen en winter­

slaapplaat en in V laams-Brabant. Brakona jaarboek 2003. Atlas van de k.Jeine vlinder

in

e derland:

www.microlepidoptera.nl leermuizen. De Boomklever 33 (4): 146-152

Roo en H. 2007. Overwinterende vleermuizen in het Dijleland en ruime omgeving. De Boomklever 35 (1): 3 -41 Steeman, R., Langendrie , R., Monnen , R., Buelen , G., De Pauw, S., Walleyn, R. eds. 2006 Paddenstoelen in de regio Leuven 1981-2004. Natuurpunt Studie, Mechelen pp. 431. Steeman, R., A perge , M., Buelen , G., De Ceuster, R., Declercq, B., Ki zka, A., Ley en, R., Meuwis, T., Mon­ nens,

logie. Natuurpunt Studie, Mechelen. pp. 72 . Verboven

j., Robijn , j. Van den Wijngaert, M., Van Roy, j.,

Veraghtert, W., Verstraeten, P. Eds. 2011.

Coléoptère aquatique Hydradéphage http:// user . wing.be/ p.martin/

de Belgique:

Curculionidae de Belgique: http://www.curculionidae.be

FIORA databank: http://flora.inbo.be//Page / Com m on/ Defa ui t.aspx V laam e Entomologi che Vereniging: www.phegea.org http://www.ver preiding atla .nl www.waarnemingen.be Bart

Creemers

bart.creemer @gmail.com

De Boomklever

-

juni 2012

33


Akkergeelster na 75 jaar herontdekt in Bertem De laat te jaren moeten we tevreden zijn met en­ kele chrale krullende groene prietje , al enig teken van leven van een van de meest bijzondere planten in onze regio, de Akk.ergeel ter. Ooit is gewee t. We laten je meegenieten van deze fijne gele terretje met het artikel van Joris Menten van de Boomklever van juni 2003. Laat dit

het ander

een warme oproep zijn om einde maart ook een op zoek te gaan naar deze vroege bloeier van onze vvaardevolle akkerplateaus. In 2001 meldde Steven Bouillon op het e-mail netwerk Dijleland het voorkomen van een Geelster, mogelijke

Weidegeel ter,

op

het

akkerplateau

van Bertem. Er kwam weinig reactie ... Slechts het volgende jaar werd deze plant weer gezocht en uiteindelijk gedetermineerd als A kk.ergeelster. Gezien deze

oort uitge torven werd gewaand in

laanderen, i dit wellicht één van de belangrijkste recente botani che vond ten uit de regio. In 2003 werd er gezocht naar meer vindplaatsen in de buurt; 1 zekere en 2 mogelijke bijkomende

Akkergeelster

Foto: Frn11k Vn11 de Me11tter

vindplaatsen werden gevonden. In de Belgi che

plantenatla

van

1979

wordt

Beschrijving

de verspreiding van de Akkergeelster weerge­

De Geel terren (Gagea) zijn een plantenge lacht van

geven door "o" voor waarnemingen van voor

de Leliefamilie

(Liliaceae) met wereldwijd een hon­

derdtal oorten. Het zijn bolgewassen met malle lijnvormige bladeren en langgesteelde bloemen in een open cherm. De bloemdekbladeren zijn geel met aan de buitenkant een groene middenstreep en preiden zich tijden bloei min of meer stervor­ mig uit. Alle Belgische oorten zijn voorjaar bloei­ er en de bovengrondse organen van de plant zijn tegen eind mei al bijna verdwenen. In België komen 4 oorten Geel ter voor: Akkergeel-

(Gagea villosa), Schedegeelster (G. spathacea), Weidegeel ter (G. pratensis), en Bosgeelster (G. lu­ tea). Akkergeel ter i te onder cheiden van de an­ ter

1930 en "x" voor waarnemingen van na 1930. De kaart vertoont enkel wat o's en een enkel x'je in het uiterste zuiden van België. Voor Vlaanderen zijn er slechts 14 uurhokken (4x4 kilometer) met waarnemingen De

historische

van

voor

1930

verspreiding

weergegeven. concentreerde

zich in Midden-België (leemplateaus), enkele hok­ ken in de Lessevallei, en in het uiterste Zuiden van België (Gaume). In Midden-België was de soort blijkbaar niet echt zeer zeldzaam. De "Geûlustreerde Flora voor België" vermeldt in de 9de druk uit 1950 nog dat de soort "Vrij algemeen" wa . (Dit is wellicht een overblijfsel van de eerste druk uit 1892, want in 1950 was de soort ook al geruime tijd

dere Geel terren aan de behaarde bloem teeltje en de gewimperde tengelbladen.

niet meer gevonden in Vlaanderen en uiterst zeld­

Verspreiding

historisch niet zeldzaam in zand- en lössakkers in

De Akkergeel ter komt voor in Midden- en Zuid­ Europa, aangrenzend Zuidwe t-Azië en het Atlas­

gebied. Vlaanderen ligt aan de NW-gren het ver preiding gebied.

34

De Boomklever

-

juni

2012

van de

zaam in Wallonië.) Ook in Nederland was de soort Zuid-Limburg. De Belgi che Flora vermeldt voor de huidige Belgische

ver preiding

enkel

Lotharingen,

en

"Vroeger ook in Kempen, Brabant en Maasdi trict.


r•

-,] -'•

-Oude;doos ... � )·�

Voorkomen in regio Leuven De Akkergeel ter is al minstens 150 jaar uit de omgeving van Leuven bekend; in het Herbarium van

de

bevinden

RUG

zich

exemplaren

uit

"Beerthem", verzameld door de botanist Kickx in de periode 1820-1875. Deze exemplaren komen uit hetzelfde 4x4 kilometer karteringshok (e5-22) als de nu bekende vindplaatsen. De laatst bekende vond t uit de regio Leuven komt uit 1926 te Egenhoven. De recent ontdekte vindplaatsen bevinden zich in holle wegen in het akker- en weidecomplex tussen Korbeek-Dijle en Bertem. Hieronder beschrijven we de vindplaats met het grootste aantal exem­ Akkergeelster

Foto: Frm1k Va11 de Me11tter

plaren Akkergeelster; dit is ook de vindplaat die Steven Bouillon in 2001 ontdekte.

adien werden

van

in de omgeving nog 1 zekere en 2 mogelijke

de Flora". Uit Vlaanderen waren tot nu geen

verdere vindplaatsen ontdekt door Piet De Bec­

waarnemingen van

Ook in

ker en NSG Dijleland. Bij de mogelijke vindplaat-

oort gedurende tientallen

en gaat het om vegetatieve exemplaren, die met

Met verdwijnen bedreigd in het na

Nederland werd de jaren al

1930

gebied

bekend.

uitgestorven be chouwd. Sinds 1969

Gewone

vogelmelk

(Ornithogalum umbellatw11)

bleek echter dat de soort niet uitgestorven was,

verward kunnen worden.

maar

nog

verspreid

in

oude

kerkhoven

en

De grootste vindplaats ligt in een holle weg aan

kasteelparken voorkwam, naast enkele groeiplaatsen

de zuidrand van het plateau tus en Korbeek-Dijle

in de löss-akker

en Bertem.

in Nederland

Zuid-Limburg.

De Akkergeelster is een typische plant van de vrij

De planten bevinden zich aan de oo tkant van de

droge, losse, kalk- en humushoudende grond. De

weg, beschaduwd door een oude hakhoutstronk

Nederlandse Ecologische flora beschouwt als het

van Eik. De bodem is hier een vrij kalkrijke leem­

wezenlijke kenmerk van de standplaatsen een

bodem die al eeuwenlang door de men

"gedoseerde bodemverstoring" - dit betekent dat

tiveerd wordt. Naa t Akkergeel ter werden er

de grond wel een zekere mater van bodembewerking

nog enkele typische soorten van de droge, kalk­

heeft ondergaan, maar dan geruime tijd niet ver­

rijke bodems als Beemdkroon (Knautia arvensis),

stoord is. Historisch was het dan ook een soort

Hoenderbeet

gecul­

en in oude tuinen en kasteelparken. Die groei­

(Lamium amplexica11le), Marjolein (Origanum vu/gare), en Borstelkrans (Clinopodiwn vu/gare) gevonden. In holle wegen in de nabij­ heid werden ook nog Knolsteenbreek (Saxifragn granulata), Kleine bevernel (Pimpinella saxifragn), Koningskaars (Verbasrnm thaps11s), Rapunzelklokje (Campanula rapunculus), en Zandraket (Arabirlopsis thaliana) genoteerd.

plaatsen vertonen de beperkte bodembewerking

Opmerkelijk is dat de vindplaats van Akkergeel ter

die de soort nodig heeft. Misschien is het dan ook

zich

verwonderlijk dat in Vlaanderen de Akkergeel ter

bevindt. Dit i

niet werd herontdekt op een kerkhof of stadstuin,

akkerbouw niet meer de geschikte om tandigheden

maar in een akkercomplex in het zwaartepunt

creëert voor deze bedreigde planten oort. Verder

van

zand

echter

en

löss-akkers.

tegenwoordig

Akkers

wellicht

te

ondergaan ingrijpende

bodembewerkingen, waardoor de soort in akkers erg is achteruitgegaan. In Nederland en Groothertogdom Luxemburg houdt de Akkergeelster vooral stand op kerkhoven,

in

het

centrum

van

een

weidecomplex

een indicatie dat de huidige

van zijn historische verspreiding. Nu ja, als je de

biedt de hakhoutstronk waarschijnlijk een verdere

aseptische properheid van de Vlaamse kerkhoven

be cherming van de planten tegen grondbewerking,

ziet, is dit misschien niet zo vreemd ...

beme ting, en pesticiden.

De Boomklever

-

juni 2012

35


De toekomst Een enkele vindplaat

biedt

!echt

een zeer be足

perkt houva t voor zulk een zeldzame plant. Een uitgeweken tractor, "verbetering" van de holle weg,

een enkele be puiting met plantenbestrij足

ding middelen,

. . . kan deze groeiplaat

vernie足

tigen. Gelukkig zijn er nog verdere vindplaatsen ontdekt in de nabijheid, zodat deze soort toch wat meer kans heeft op overleving. De beheers足 plannen,

uitgewerkt door

Regionaal

Land chap

Dijleland, bieden wellicht ook verdere bescherming en uitbreiding mogelijkheden voor de botani che rijkdom van dit eeuwenoude cultuurland chap in onze treek. Hopelijk blijft de Akkergeelster ook de volgende eeuwen een onderdeel van onze flora.

Akkergee/ster

Joris

Men ten

De Boomklever j1111i 2003

36

De Boomklever

-

juni 2012

Foto: Frn11k Vn11 de Me11tter


de oude. doos ·•

-.l

• •

��· .

Nachtzwaluwen Een van de hoogtepunten van de Big Day op

28/04 voor Bart C. en mezelf wa on bezoek aan

Opeen roept hij een snijdend "koewik, koewik", pringt van zijn zitplaat

op en vliegt

chuin

de grote open vlakte in het voormalig militéllr

omlaag z'n wijfje achterna, dat op zijn gezang wa

domein

oortenJijst

genaderd Jaag over de heide truiken; hij achtervolgt

schoot meteen de hoogte in met mooie oorten als

haar onder 'n "ra ra ra ra" geroep. Beide gaan zich

Havik, Goudvink, Zwarte

zetten, vlak bij op de bo weg en hier begint het

in

Meerdaalwoud.

Onze

pecht, Fitis en Tuin­

fluiter. Het Agent chap voor Natuur en Bo werkt

mannetje te paraderen: hij trekt de kop plat lang

hier op grote chaal aan heideher tel. Dit belooft

de grond en zet al zijn nek- en

niet enkel voor in ecten een hele opsteker te

uit, de taart chuin omhoog, wordt nel open en

worden (afgelopen zome r zag ik hier ver chillende

dicht geklapt met een rui end geluid; de witte

Citroenvlinder

en werd er zelf

een Keizersmantel

choudervederen

vlekken erin flit en en chitteren.

ge pot), maar ook voor onze bedreigde vogel van

Enkele ogenblikken

!echt

en dan vindt paring

(half)open heide geeft dit nieuwe kansen.

plaat ; daarna vliegen beide weer op;

't wijfje

We waren bijzonder verheugd hier 3 zangposten

verdwijnt ergen

van Boompieper aan te treffen. En wie weet zullen

mannetje gaat er boven rondcirkelen in chokkende

we hier ooit terug op een zachte zomeravond

vlucht met af en toe die zonderlinge vleugel-

kunnen genieten van de zwoele ratel van de

tu sen de heide truiken;

lag, afgemeten en luidklinkend:

Nachtzwaluw, zoal ooit Flori Wortelaer en Hare

klap,

Maje teit Koningin Elisabeth het ons voordeden...

gemaakt oort

klap,

klap".

wordt

zweep lag

het

"klap, klap,

Ik bemerk dat dit geluid

met du .

geopende

vleugel ,

'n

Vroeger

meende

ik

niettemin goed te hebben gezien dat de vogel bij die klap de vleugels boven de rug

amen Joeg.

Na twee minuten rondcirkelen vliegt het mannetje opnieuw naar zijn sparrentak en gaat er weer aan 't ratelen: "errr, errrrrrr, errr, errrrrr, errrr"". Op 28 juni brengt onze Koningin-Moeder, ha re Kon inklijk e

Hoogheid

Eli abeth, die

een

grote

vog elliefh eb ter en voortreffelijke ken ter is, onder

mijn geleide, een bezoek aan dit Nachtzwaluwenhome. Hare Maje teit nadert de plek, waar moeder Nachtzwaluw nog haar twee jongen onder de vleugel

heeft, tot op één meter afstand,

telt

het fototoestel op en komt nog dichter bij, tot op slecht 70 centimeter. �·hrij\'t'r 1111111Jc1 et' .1 bloe1111ui1 'an Je llo r Har' )f.je.:"teit ?:O gdi1·rd1• ' l<lblo ·111 ·n. tijden" •n tl�t·n­ blilL "erpcninp; fljJ ·, opn1•rut>n vun 'oitdzunp:. Pro( �· -or Ko.-h kijkt b •l:t:tnJt lell •nd to •

De

achtzwaluw wordt ten laatste wel wat ang tig,

doch vliegt niet op, alhoewel het nemen van verscheidene foto's toch wel drie kwart uur in beslag neemt. De ogen ver openge perd, kijkt ze recht in 't objectief. Hare Maje teit

chuift het

fototoe tel nog wat vooruit, knip t af en ". moeder

22 Mei 1938. Een zachte, zwoele, echte meiavond in Meerdael. Aan de zoom van een heide in de onder te takken van een ijle, oude spar zit en nachtzwaluwmannetje uit alle macht te ratelen; ver klinkt het over de stille hei: "errr errrrrrrr errrrrr", soms wel twee minuten aan eèn tuk; een zonderlinge liefdeszang.

Nachtzwaluw vliegt op; we verlaten de plaat .

Floris Wortelaers Het Meerdnehuoud e11 zij11 broerfvogels, nlsook rfe vogels rfer Oijlevallei, 1946

De Boomklever

-

juni 2012

37


Vogels

.

{

. .

",_

Opmerkelijke vogelwaarnemingen in de Dijlevallei en omgeving •

Foto: f01In11 de Cock.

Geelgors

december 20 1 1

-

februari 20 1 2

Dit overzicht van opmerkelijke en interessante vogelwaarnemingen in het Dijleland beslaat voornamelijk de periode december 2011 - februari 2012. De bestreken regio omvat de gemeenten Kortenberg, Herent, Bertem, Leuven, Oud-Heverlee, Huldenberg, Overijse, Tervuren en de aangrenzende gebieden. De volgende rubriek zal de periode december 201 1 - februari 2012

omvatten. Waarnemingen

worden

voor 5 juni 2012 ingevoerd op www.waarnemingen.be, of bezorgd aan Kelle Moreau, Meibloempjeslaan 2, bus 3, 8400 Oostende, 0486112.58.77, kelle.moreau@gmail.com.

Waarnemingen van onder meer Patrijs, Knobbelzwaan, Krakeend,

Wintertaling,

Slobeend,

Tafeleend,

Kuifeend, Dodaar , Fuut, Aalscholver, Blauwe Reiger, WaterraJ,

Havik,

Kievit,

Stormmeeuw,

KJeine

Mantelmeeuw, Kerkuil, Steenuil, Bo uil, Ransuil, Ij vogel,

aJle

Veldleeuwerik,

pechten,

Grote

Gele Kwikstaart, Witte Kwikstaart, Kramsvogel,

Kleine Zwaan

Cygnus bewickii

07/12

1 ad te NGB (1. Nel)

17/12

2 ad te OHN (L. Hendrickx,

1.

31/01

3 ad te Pécrot/ Grand-Pré

Nel,

(1.

Nel)

R. Uyttenbroeck) 22/02

1 ex. met een Knobbelzwaan 0 te Leefdaal/ plateau (B. Willaert)

Koperwiek, Clan kop, Matkop, Kuifmees, Zwarte Mee , Roek, Ringmu , Keep, Putter, Sijs, Kneu, Goudvink, Appelvink, Geelgors, Rietgors en aJle exoten werden niet in dit verslag opgenomen maar wel verwerkt.

Een

mogelijke Bladkoning werd

niet weerhouden. Meerdere waarnemingen in dit overzicht dienen door het Belgisch Avifaunistisch Homologatiecomité beoordeeld te worden vooraleer ze

definitief

bijge chreven

op

de

Dijlelandse en

worden,

worden

lijst dus

kunnen onder

Grauwe Gans

Anser anser

We beperken ons-ietwat arbitrair-tot het vermelden van groepen vanaf 10 ex.: 19 ex. pleisterend te SAR/Vette Weide (L. Hendrickx) en 1 3 ex. W over Sint-Joris-Weert (R. Stoks) op 17/12, 15 ex. Z te Pécrot/ vijver op 18/12 (F. Van Hove),

15 ex.

pleisterend te Wilsele op 24/01 (P. De Meirsman),

voorbehoud gepubliceerd.

12 ex. NW te Sint-Joris-Weert op 16/02 ( S. De Backer,

Gebiedsafkortingen

pleisterend te OHZ (L. Hendrickx) op 19/02.

K. Reynders), 34 ex. N te SAR (I. Nel) en 48 ex.

WLS=Wilsele/Vijver Bellefroid, LP= Ke sel-Lo/Leopoldspark, AVP= Heverlee/ Abdij van Park, ZW =Oud-Heverlee/ Zoete Waters, OHN= Oud-Heverlee/ N, OHZ=Oud-Heverlee/Z, Oppem= weilanden tu GB=

en Bogaarde nstraat

(Oud-Heverlee - Korbeek-Dijle) en NGB, eerij e/ Grote Bron (deel Doode Bemde),

NKV= Neerij e/Kliniekvijver (deel Doode Bemde) en SAR= Sint-Agatha-Rode/ Grootbroe k.

38

De Boomklever

- juni

2012

Kolgans

Anser albifrons

31 /01 & 3/02

resp. 1 & 2 ex. te OHZ (R. Uyttenbroeck, P. Moysons, 1. Nel)

05/02

11 ex. N te Wilsele/ dorp (L. Smets)

08/02

1 ex. te Heverlee/Langestaart (E. Toorman)

23/02

1 ex. te Heverlee/ Arenberg (B. Notebaert)

Toendrarietgans 17/12

Anser serrirostris

75 ex. 'ZW te Overijse/ centrum

(1. Nel)


- �.

1i;.-. .

_

Vogels

�-

Brandgans Branta leucopsis

Krooneend Netta ruftna

Van Brandganzen in het Dijleland wordt doorgaans

02/01

aangenomen dat het verwilderde exemplaren uit

06-12/02 1 ad v te Tervuren/Park KMMA (A. Smets,

watervogelcollectie nakomelingen

en hun in het wild geboren

betreft.

Grotere

zuivere

S. Jan

groepen

Brandganzen tijdens de wintermaanden kunnen dit beeld enig zin ver toren, al valt een wilde herkomst meestal moeilijk met zekerheid te achterhalen wanneer

1 ad m te NK V (D. Chalon) ens, K. van Scharen e.a.)

Tafeleend Aythya ferina 03/02

x

Kuifeend Aythya f11lig11la

lm te Tervuren/Park KMMA (A. Smet )

er geen geringde of van een halsband voorziene exemplaren tu

en zitten. De 11 ex. op 20/12 te SAR

(K. van Scharen, J. Kempeneer , 1. Nel) en de 14 ex. op 24/12 te Tervuren/Park KMMA (A. Braem) waren in dit verband nog niet meteen verdacht (dergelijke immer

groep groottes

werden

in

de

Brilduiker Bucephala clangula 16/02

1 v-type te Wijgmaal/Vaart (F. Vandeputte)

25/02

2m achtereenvolgen te Pécrot /vijver (F. Van Hove) en SAR (I. Nel, J. Kempeneer

regio

,

P. Dauwe e.a.)

al vaker vastgesteld, ook buiten het 'goede

Brandganzen eizoen'), maar of de 22 en 28 ex. die op resp. 16 en 17/01 te SAR verbleven (onder meer ook gra­

Nonnetje Mergellus albellus

zend te SAR/Vette Weide; K. Van Scharen, S. De Backer, 1.

20-21, 30, 31/01, 28 & 29/02 re p. 3m, 2m1v, lm, lm

Nel e.a.) ook een dubieuze origine kenden . . . ?

Bergeend Tadorna tadorna De grootste winterconcentratie van Bergeenden in de Dijlevallei kon worden geteld op 1/02, wanneer de vorst 33 ex. bij elkaar dwong in een klein wak te NGB (1. Nel).

& lmlv te SAR

(1.

el, R. Uyttenbroeck e.a.)

21/01

2m te NGB (L. Hendrickx, B. & L.

ef, j.

09/02

2v te Wilsele/Dijledreef (E. Meert)

y ten)

Grote Zaagbek Mergus merganser Met een mannetje te Overij e/Meer van Genval op 18/12

Q. Taymans) deed december het nog ru -

tig aan, maar na de jaarwi seling zûkten

Smient Anas penelope Smienten vertoonden tijden

de winter 2011-2012

een uitgesproken voorkeur voor OHZ en NGB, met lechts enkele waarnemingen te SAR, te Heverlee/ Langestaart en in de weilanden van OH/ Ormen­ daal (totaal 68 waarnemingen; versch. waarn.). De maandmaxima bedroegen 22 ex. te OHZ op 25/12, 16 ex. te NGB op 8/01 en 26 ex. te OHZ op 19/02 (L. Hendrickx, J. Nysten).

eindelijk nog een meerdere Grote Zaagbekken af tot in het Dijleland. Een overzicht per waarneming plaats: SAR (resp. 1v, lml v & lml v op 7, 31/01 & 19-21/02; ver ch. waam.), LP (lm op 18-19/01; S. Goethals, R. Uyttenbroeck, B. Verstraete), OH/Ormendael-Dijle (resp. lm & 2m op 12 & 15/02; G. Vanautgaerden e.a.), Heverlee/ Langestaart (lml v op 12/02; R. Stoks, R. Polfliet), Heverlee/ Arenbergpark (2m op 13/02; E. Toor­ man) en ZW (2m op 17-22/02; versch. waarn.).

Pijlstaart Anas acuta Voor de winter 2011-2012 werden uit regio Leuven in totaal 62 waarnemingen van Pijlstaarten ont­ vangen (versch. waarn.). Deze waren als volgt ver­ spreid over de maanden: waarnemingen op 6 data in december (max. 3m te LP op 1/12; B. Ver traete), op 9 data in januari (max. 2 ex. te Pécrot/vijver op

Grote Zilverreiger Casmerodiu albu De maandmaxima : 6 ex. op 7/12 te NGB (P. Moy­ sons), 13 ex. op 22/01 in de Doode Bemde (R. Ghijen) en 17 ex. op 3/02 te NGB (P. Moyson , R. Uyt­ tenbroeck, 1. Nel).

22/01; Formation Ornitho) en op 16 data in februari (max. 19 ex. te Leefdaal/Kasteelvijver op 18/02; K. van Scharen).

1/12 & 6-7/01

lm te SAR (L. Hen-

drickx, R. Stoks, 1. Nel, G. Vanautgaerden e.a.) 15/01

lm (de vogel val SAR) te NGB

von Werne, J. Nysten e.a.)

1 ex. te OHZ (J. Rutten,

G. Vanautgaerden, L. Hendrickx, J.

Witoogeend Aythya nyroca 17-18/12, 10-11 & 14/01

Roerdomp Botaurus stellnris

(P. Selke, D.

1 /12, 16 /01, 11 & 22/02

y ten)

1 ex. te OH

(I.

el,

L. Hendrickx) 15, 20/01, 2, 10 & 19/02

1 ex. te SAR (I. Nel, R.

Uyttenbroeck, R. Polfliet, Sam De Backer e.a.)

De Boomklever

-

juni 2012

39


- ---- - - -. Vogels

. }.. �'� ·.'f.·

Ooievaar

Ciconia ciconia

..:t=':t· Fa/co peregrinus

Slechtvalk

19-20/02 7 ex. N te SAR (19/02) en later pleisterend

Slechtvalken waren er tijdens de winter 2011-2012

overnachtend te Oppem (L. Hendrickx, I. Nel,].

op de volgende plaatsen: SAR (incl. Vette Weide)

en

(1 ex. op 12 data van 3/12 tem 2/02; ver ch. waarn.),

y ten, P. Goubau e.a.)

Heverlee/Terbank (1 ex. met prooi op 4/12; H. Roosen), Haasrode/zandgroeve (lm op 17/12; D. von Werne), Korbeek-Dijle/ plateau (telkens 1 ex. op 29/12 & 7/ 01;

J.

Nysten), Leefdaal/ plateau (telkens 1 ex. op

29/12, 22/01, 18 & 20/02;

J.

De Rycke,

J.

Nysten,

K. van Scharen, R. Uyttenbroeck), Leuven/cen­ trum (resp. 2, 1, 2 & 1 ex. op 5/01, 9, 18 & 27/02;

J.

Lenaert, R. Stoks, S. Keteleer), Bierbeek-Builoog (1 ex.

op 8/01;

D.

Michiels), Erp /Dorenveld

(telkens 1 ex. op 13/01, 8 & 22/02; H. Roosen, A. Smets, P. Moysons), OHZ (1 ex. op 17/01; ). Rutten), Overijse/centrum (1 ex. op 26/01; 1. Nel), Loonbeek/ Ganspoel (1 ex. op 8/02; l. Nel) en Ke Ooievaars i11 de Doode Bemde.

Circus aeruginosus

Bruine Kiekendief

4/12

Foto: Ingrid Nel

1v Z over de Doode Bemde (F. Maes) en nadien tpl te SAR (I. Nel, R. Stoks, J. Nysten)

Blauwe Kiekendief

Tijden

Circus cyaneus

de wintermaanden van 2011-2012 werden

124 waarnemingen van 1-2 Blauwe Kiekendieven doorgegeven uit het Dijleland, met een sterk overwicht van de maand februari (21 waarnemingen in december, 26 in januari en 77 in februari; versch. waarn.). Maar lief t 68% van deze waarnemingen kwam van het plateaucomplex van Leefdaal en Korbeek-Dijle, waar met 5 ex. op 6/02 (1. Nel) en 3 ex. op 17/02 (S.

el-Lo/ cen­

trum (1 ex. op 28/02; R. Stoks). Scholekster

27/02

Haematopus ostralegus

1 ex. te Haa rode/indu trieterrein

Goudplevier

Q. Kempeneer

)

Pluvialis apricaria

12/12

10 ex. tpl te Erps/Dorenveld (A. Smet )

17/12

1 ex. over te Erps/Doren veld (P. Moyson )

29/12

1 ex. Z te Leefdaal/plateau

31/12

1 ex. tpl te OHZ, dan N (L. Hendrickx)

21/01

1 ex. over te SAR (1. Nel, L. Hendrickx)

25/02

2 ex. tpl te Korbeek-Dijle/plateau

0.

N ysten)

Q. Nysten), 1 ex. aud te SAR (L. Hendrickx) 27/02

25 ex.

te OHZ (M. Van Opstal, M. De Beenhouwer)

De Backer, K. Reynders) ook de enige concentraties van meer dan 2 ex. werden opgemerkt. Nochtans kon enkel op 22/12 worden vastgesteld dat 2 ex. hier effectief overnachtten (K. van Scharen). Op 28/12 werd gezien dat een ex. overnachtte te SAR (R. Stoks). De enige adulte mannetjes verbleven op 6/01 te Bierbeek/ Mollendaal (G. Vanautgaerden)en op 11,21 en 28/02 te Leefdaal/plateau (G. Vanautgaerden, E. Toorman). Ruigpootbuizerd

05/02

Buteo lagopus

1 ex. te Dui burg (A. De Greve)

16-17, 19 & 22/02 1 2e kj te Leefdaal/plateau (K. van Scharen, S. De Backer, M. Engelbeen e.a.) Smelleken

Fa/co columbarius

Er werden vier meldingen van Smellekens geregitreerd: 1 ex. te OHN op 22/12 (G. Dodeur), lm te Ke el-Lo/Ke s elberg (B. Van Gijsegern), 1 ex. te SAR/Vette Weide op 1/02 (F. Van Hove) en 1 ex. te SAR/Reebeernd op 4/02 (P. Goubau ). 40

De Boomklever

-

juni

2012

Spenver

Foto: Gert & Tom Va11deza11de


,

.

.

Vogels

".::,�� . t·

Bonte Strandloper Calidris alpina 25/02

1 ex. te Overijse/Terlanenveld (!.

el, L. Hendrickx)

Wulp Numenius arquata 29/02

1 ex. over Bertem/Koeheide (G. Bley )

Witgat Tringa ochropus Witgatjes werden tijden

de wintermaanden 2011-

2012 opgemerkt te OHN (1 ex. op 8/01; L. Hendrickx), OHZ (resp. 1, 3, 1& 5 ex. op 4, 18, 22/ 12& 26/02; L. Hendrickx, R. Stoks, G. Vanautgaerden), Oppem (resp. 2, 1&1 ex. op 18/12, 19&21/02; R. Stoks, J. Kempeneers, P. Standaert), NGB (re p. 3 & 1 ex. op 5/01 & 22/02; R. Polfliet, l. Nel), NKV (2 ex. op 18/02; P. Michel, P. Wyckaert e.a.), SAR (re p. 1, 2, 1, 1, 1&1 ex. op 18, 22, 30/12, 19, 21/01 & 25/02; R. Stoks, ). Vantrappen, 1. Nel, S. De Backer, L. Hendrickx e.a.), SAR/Vette Weide (1 ex. op 17 & 31/12; L. Hendrickx, R. Stoks), Pécrot/ Grand Pré (1 ex. op 1/01; M. Walravens), Leefdaal/Duivendelle (1 ex. op 18/02; K. van Scha­

Ho11ts11ip

ren) en Leefdaal/plateau (1 ex. op 25/02; ]. Ny ten).

Foto: Cliristia11e Mo11/11

Watersnip Gallinago gallinago

Zilvermeeuw Larus argentatus

Er werden 48 waarnemingen van Water nippen

Het werd in het Dijleland een intere

ontvangen uit de Dijlevallei ten Z van Leuven

voor wie zich op grote meeuwen met gel(ig)e poten

(ver ch. waarn.). Groepen vanaf 10 ex. waren er

wou toeleggen (zie verder). Om het allemaal nog

te Oppem (29 ex. op 18/12; R. Stoks), SAR (20 ex.

wat ingewikkelder te maken werd ook enkele

op 27/ 01; 1. Nel) en Heverlee/ Langestaart (resp.

keren een geelpotige Zilvermeeuw opgemerkt

50, 30, 20 & 15 ex. op 31/01, 1-2, 3 & 26/02; P.

(omis u -type van Scandinavi che Zilvermeeuw

Moy ons, E. Toorman, G. Vanautgaerden, F. Deckers).

L. a. argentatu ). Dat wa

Buiten de Dijlevallei werden op 3/02 2 ex. waarge­

Heverlee/ Langestaart en op 26/02 te SAR (R. Stoks).

ante winter

het geval op 12/02 te

nomen te LP (B. Verstraete).

Bokje Lymnocryptes minimus

Geelpootmeeuw Larus michahellis

4/12, l-3&8/02 resp. 1, 2 & 1 ex. te Heverlee/

01/02

1 ex. te NGB (K. van Scharen)

20/02

1 ex. te 'ZW (G. Vandezande)

26/02

1 ad win te SAR (K. van Scharen)

Langestaart (I. Nel, E. Toorman, G. Vanautgaerden, R. U yttenbroeck)

Houtsnip Scolopax rusticola Waarnemingen buiten de broedgebieden: 1 VSO te Haasrode/industrieterrein Q. Kempeneers)

22/12 05/02

1 ex. te Pécrot/vijver

10/02

1 ex. te LP (S. Goethals)

12/02

1 ex. te Kessel-Lo/Noord (A. De Block)

13/02

1 ex. te Heverlee/Arenberg (T. Bynens)

(F. Van Hove)

Dwergmeeuw Hydrocoloeus minutus 30/12

1 ex. over Oppem Q. Nysten)

Zwartkopmeeuw lchthyaetus melanocephalus 14 ! 01 1 ad win te SAR (K. van Scharen) ·

Pontische Meeuw Larus cachi11nans Met 31 waarnemingen werden er bijzonder veel Pon­ tische Meeuwen doorgegeven vanuit het Dijleland. 25 van deze meldingen ( 0%) kwamen uit SAR en hadden betrekking op solitaire individuen (ver ch. waarn.), met uitzondering van 3 ex. op 19/02 (A. Baccaert). Naast 1 3e win op 17/12 (K. van Scharen), 1 le win op 18/12 en 1 le win op 19/02 (A. Baccaert) betrof het telken adulte vogels. Buiten SAR werden Ponti che Meeuwen opgemerkt te Kwerp /vijver (1 ad op 14/01; R. Ghij en), Leefdaal/Ka teelvijver (1 ad op 18/02; K. van Scharen, L. Hendrickx, l.

el)

en 'ZW (1 ad op 29/02; R. Stoks). De Boomklever

-

juni 20 12

41


-

.

·-

Vogels

--�--"""'°· ·':t.

-�

/'�·

t

Velduil Asio Jlammeus Er kwam tijden

de winter 2011-2012 een vervolg

aan het goede Velduilnajaar van 2011, al begon het kalmpje met in december telkens 1 ex. te Korbeek­ Dijle/plateau op 7 en 11/12 (I. Nel, H. Roosen) en in januari 1 ex. te SAR op 8/01 (I. Nel, L. Hendrickx, J. y ten) en 1 ex. te Erps/Dorenveld op 22/01 (NP

Kortenberg). In februari was het dan terug aan het plateau van Leefdaal en Korbeek-Dijle, met resp. 4, 3, 5, 4, 5, 2 & 5 ex. op 4, 5, 17, 18, 19, 26 & 28/02 (versch. waarn.). Klapekster i11 de Doode Bemde

Foto: lllgrid Nel.

Klapekster Lanius excubitor de wintermaanden 2011-2012

Er werden tijden

maar liefst 67 waarnemingen van Klapekster

gere­

gistreerd in het Dijleland. Een overzicht per locatie: Oppem (1 ex. op 13 data van 7/12 tem 22/03; ver ch. waarn.), NGB (1 ex. op 8, 31/12, 15, 19/01 & 21/02; 1. Nel, J. Nysten, R. Ghijsen, L. Hendrickx, P. Stan­

daert), OHZ (1 ex. op 17-18/12; L. Hendrickx), SAR (1 ex. op 17-19/12, 19/01, 4-5, 8 & 12/02; ver ch. waarn.), Neerijse/Doode Bemde (1 ex. op 7-8/01 & 19/02; G. Vanautgaerden, 1. Nel, T. De Smedt), Sint­ Jori -Weert/Doode Bemde (1 ex. op 8, 14 & 29/01; R. Uyttenbroeck, ] . Kempeneers, J. N ysten, T. De Smedt e.a.), OHN (1 ex. op 26/02; L. Hendrickx), OH/Ormendaal (1 ex. op 29/01; E. Tinti), OH/dorp (1 ex. op 29/01; A. Heusschen) en Korbeek-Dijle/ plateau (1 ex. op 19/02;]. Kempeneers). Veld11il

Foto: folim1 Nysten

Middelste Bonte Specht Dendrocopos medius Buiten de bo complexen van Meerdaal- en Zoniën­ woud waren er waarnemingen van Middelste Bonte

Zwarte Roodstaart Phoenicurus ochruros 17/02

1 zingend

rn

te Heverlee/Langestaart (B. Willaert)

Spechten te Oud-Heverlee/dorp (telkens 1 ex. op 1

Roodborsttapuit Saxico/a rubicola

& 7/02;]. Rutten), Oud-Heverlee/ Ormendaal (1 ex.

15/01

1 ad rn te Haasrode/zandgroeve (K. Moreau)

op 15/02; B. Willaert), Gastuche/Bois de Laurensart (2 ex. op 21/02; H. P aques) en Sint-Agatha-Rode/

Cetti's Zanger Cettia cetti

Rodebo (1 ex. op 29/02; G. Bleys).

Tijdens de winter van 2011-2012 kon onafgebroken

Graspieper Anthus pratensis Er werden

activiteit van Cetti's Zangers worden opgemerkt in vier territoria in het vijvercomplex van Oud-He­

twee waarnemingen ontvangen,

verlee en één territorium te SAR (versch. waarn.),

beide afkomstig van Erp /Dorenveld : 1 ex. op 12/12

waarmee de soort de derde opeenvolgende winter

lecht

(0. Hendrick) en 10 ex. op 5/02 (R. De Boom).

met stevige vorst en sneeuwbedekking doorstond! Op 27/12 en 15/01 werden te SAR telkens 2 ex.

Waterpieper Anthus spinoletta

waargenomen (E. Toorman, S. De Backer). Ook te

De maandmaxima voor december (45 ex. op 31/12

P écrot/vijver, waar sinds november een Cetti's Zan­

te Oppem;]. Nysten) en januari (23 ex. op 15/01 te

ger zong, hield de activiteit aan (versch. waarn.),

NGB; L. Hendrickx) waren eerder normale aantallen

maar na 27/01 bleef het er opvallend stil . . . tot op

in vergelijking met de voorbije jaren, maar met 106

25/02 toch terug een ex. werd waargenomen

ex. op 26/02 te Oppem (R. Stoks) deed februari het

Hove). Uit de Doode Bemde kwamen er net zoals in

opmerkelijk beter.

het najaar van 2011 geen waarnemingen.

42

De Boomklever

-

juni

2012

(F. Van


:

'

Zwartkop

1v te

17/02

Grauwe Gors

Sylvia atricapilla

Haasrode/ industrieterrein O. Kempeneers)

13/01

Vogels

·

Emberiza calandra

6 ex. te Erps/Dorenveld (H. Roosen)

31/01, 17, 18&28/02

re p. 5, 6, 4 & 1 ex. te

Leefdaal/plateau (H.Roosen, S. De Backer, K. van

Phylloscopus collybita

Tjiftjaf

.

Scharen,

01/01

1 ex. te SAR (K. Moreau)

05/01

Q. Lenaert) 1 ex. te plateau Sterrebeek-Moor el (A. Smets)

G. Bleys,

E. Toorman)

1 ex. te Leuven/centrum

15/01

Vuurgoudhaan

Regulus ignicapillus

Winter e Vuurgoudhaantje

werden opgemerkt

op 5/ 12 in Meerdaalwoud (Pruikenmakers;

G.

Vanautgaerden), op 10/12 te OHZ (F. Hermans), op 23/12 te Néthen

Q.

Buy ), op 4/02 in Meer­

daalwoud (Militair Domein; J. Kempeneers) en op 9/02 in Bertembos (I. Nel, K. van Scharen).

Baardmannetje

Panurus biarmicus

22/12&14-18/01 resp.1 ex. en lm te SAR trappen, 1. Nel, L.Hendrickx,

Noordse Kauw

08/12

G.

Q. Van­

Veldleeuwerik

Foto: Sa111 & Katrien Debackere

Ryken e.a.)

Corvus monedula monedula

Samenstelling

2 ex. te Heverlee/Langestaart (E. Toorrnan)

Kelle Moreau, kelle.moreau@gmail.com Kleine Barmsijs

Carduelis cabaret

De meeste Kleine Barmsijzen werden traditiege­ trouw opgemerkt te Oud-Heverlee, met 4 waar­ nemingen te OHZ (resp.5, 16, 1&2 ex.op 1, 4/12, 22 & 26/02; J. Rutten, P. Jacob, C. Carels, B. Wil­ laert,

G.

Vanautgaerden) en 6 waarnemingen te

OH/dorp (resp.7, 1, 10, 1&2 ex.op 22, 27, 28/12, 3-4/01 & 26/02; J. Rutten). Buiten Oud-Heverlee waren er waarnemingen te Kessel-Lo/ Kesselberg (resp. 9, 9, 12, 27 & 3 ex. op 16, 28/12, 2, 3/01 & 18/02;

G.

Vandezande), SAR (1 ex. op 22/01; I.

Nel), Bertembos (resp.8&6 ex. op 8&9/02; S. De Backer, 1. Nel, K. van Scharen), Vaalbeek (40 ex. op 26/02; S. De Backer, i<. Reynders) en Heverleebos (50 ex.op 27/02; S. De Backer, K.Reynders).

barmsijs sp.

04/12

Carduelis cabaret/flammea

1 ex. te Sint-Joris-Weert/speelweide Meerdaalwoud

(G.

Bleys)

01/01

1 ex. over te Pécrot/vijver (M. Walravens)

12/02

2 ex. te Kessel-Lo/Kesselberg (K. Hansen)

21/02

1 ex. te OHZ

26/02

1 ex. te OH/dorp

Kruisbek

17/12

Q. Rutten) Q. Rutten)

Loxia curvirostra

2 ex.te SAR (K.van Scharen)

De Boomklever

-

juni 2012

43


.

.

.

-·--

-

- .. -- \:

Activiteiten

..i:

.

.--�·

. ."� ,,·

Foto: Bm110 Berg111a11s

Ik zie sterretjes: Das/ook i11 liet Rodebos, 30 april 2012.

Activiteiten Ane

activiteiten

wijzigingen

zullen

van ook

de

Natuurstudiegroep

aangekondigd

worden

Dijleland

via

de

en

Dijlevallei-maillijst

(http:/ Igroups.yahoo.com/group/Dijlevallei/).

Zondag 12 augustus Insectenexcursie Laanvallei Inventarisatie van insecten in de Laanvallei (oa zoektocht naar zeldzame sprinkhanen) Af praak: 14u kerk Sint-Agatha-Rode

Leiding: Bart Creemers (bart.creemers@gmail.com, 0496893106)

Zondag 26 augustus Insectenexcursie Moorselbos (Tervuren) Inventarisatie van insecten Af praak: 14u op het kruispunt van de Bosdelle en Moorselbosstraat

Leiding: Bart Creemers (bart.creemers@gmail.com, 0496893106)

Trektellingen Starten vanaf half augu tus terug op de gebruikelijke trektelposten aan de Bredeweg en aan het Pomp tation van Meerbeek: http://www.natuurstudiegroepdijleland.be/trek.htm

44

De Boomklever

-

juni 2012

eventuele


.,,. -"-•·.'. l

�{:'·

De "voederp/.ek• linies de kooi, rechts de bakjes met voer en achterin de granensilo

Dit zou een bijdrage worden over Ortolanen en andere gorzen, maar...de 'actualiteit' besliste hier anders over! Meimaanden zijn altijd al perioden geweest met waarnemingen van eerder zeldzame soorten. Maar dit jaar 'is het nogal wreed' om het even plastisch uit te drukken! De ornithologische waarde en belang van het Dijle/and kwam nog eens tot uiting in de prachtreeks reigerachtigen die konden waargenomen worden. Waar in Vlaanderen kan men ook deze reeks waarnemen: Blauwe Reiger{altijd), Grote Zilverreiger (2à3 altijd present), Kleine Zilverreiger(J 115 ), Ral­ reiger{13-J 7/5), Purperreiger {16-heden), Kwak( 6/5 ) en Roerdomp (1815). Woudaap en Koereiger (beiden al eerder gezien) ontbreken voorlopig nog, maar de maand is nog niet om!{24/5 red.) Maar hiermee zijn we niet tevreden: ook Kwartelkoning en Witwangstern waren van de partij en dan vermelden we enkel de zéér zeldzame soorten ... Of wat te denken van de bijna permanente aanwezigheid van 1of 2 Visdiefjes? Af en toe was er ook Zwarte Stern: indien er sternen-vlotjes waren zat hier misschien wel een broedgeval in!? En dan toch nog even de Ortolaan... verrassende waarneming op 6 en 715 in de eenzame, nog vrijwel kale boom op het plateau van Leefdaal/ Korbeek-Dijle. Het leek wel een gorzen boom met naast Ortolaan ook Geelgors en Grauwe Gors. Dat was niet alledaags en vroeg dus wat nader onderzoek. Bleek dat onder die boom een kleine {vang?}kooi stond, een kleine silo met granen en enkele bakjes met voer (zie foto inzetstukje). De gorzen kenden blijkbaar deze plek erg goed want ze kwamen van ver en van hoog invallen en waren ook snel weer weg. Nu de winterse gorzenak­ kers verdwenen zijn, een laatste plek voor 'extra-voedingssupplementen'? Of toch de geheime stek van een vogelvan­ ger? Als we dat nu eens samen in de gaten houden? Wie weet Levert dat nog een leuke Ortolanen waarneming op... ? Kris van Scharen

De Boomklever

-

1uni 2012


Inhoud ·�

J

-

"

EDITORIAAL Afstond is relatief

25

INSECTEN Nemouro sciurus, een nieuwe beeksteenvlieg (Plecoptero, Nemouridoe) voor Vlaanderen

26

Joris Menten De dog- en nachtvlinders van het Dij/eland. Deel IV: Lycaenidae tot en met Depranidae 27

(Eenstaortjes) André Verboven BIODIVERSITEIT Dijlelandse biodiversiteit opgelijst Nieuw ingevoerde soorten voor de

29

periode januari-maart 20 I 2 Bart Creemers UIT DE OUDE DOOS Akkergeelster no 75 jaar herontdekt in Bertem

34

Joris Menten 37

Nachtzwaluwen Floris Wortelaers VOGELS Opmerkelijke vogelwaarnemingen in de Dij/eva/lei en omgeving, december 2011

-

februari 2012

38

Ke//e Moreau ACTIVITEITEN

44

Coverfoto: Morgen tond heeft goud in de mond. Rond de vijver van Oud-Heverlee vond de topploeg van de Big Day maar liefst 65 soorten. Foto: Bruno Bergman

I

Profile for Natuurstudiegroep Dijleland

De Boomklever Juni 2012  

Deze publicatie kadert binnen het digitalisatieproject van de Natuurstudiegroep Dijleland, waarbij zoveel mogelijk nummers van De Boomklever...

De Boomklever Juni 2012  

Deze publicatie kadert binnen het digitalisatieproject van de Natuurstudiegroep Dijleland, waarbij zoveel mogelijk nummers van De Boomklever...

Profile for nsgd
Advertisement