__MAIN_TEXT__

Page 1

-

J

"

1

Jaargang 37

-

Tijdschrift van de Natuurstudiegroep •

Dijleland

J

11/

1

september 2009


NATUU RSTUD IEG ROE p

S dijleland

J

Regionale werkgroep van Natuurpunt Studie vzw

nat u u r p u nt S�c

Bestuur •

Maarten Hens (voorzitter), Dorpsstraat 48, 3078 Meerbeek, 0473-244752

Natuurstudiegroep Dijlland. De

Kris Van Scharen {penningmeester), Korbeekstraat 27,

3061 Leefdaal, 02-7672638 Monique Bekkers, Oostremstraat 4, 3020 Herent, 016-231338

Bruno Bergmans, Mgr. Van Waeyenberglaan 54 DI5 bus3,

3000 Leuven, 0498-760722 •

Hoofdredacteur: Bruno Bergmans

Bart Creemers, Aarschotsesteenweg 42, 3012 Wilsele

leden: Herwig Blockx, Bart Cree­

0496-893106

mers, Frederik Fluyt, Maarten Hens, Kelle Moreau en Kris van Scharen

Hans Roosen, Abstraat 101, 3090 Overijse, 02-6879518

André Verboven, Groeneweg 60, 3001 Heverlee, 016-238184

viermaal per jaar (maart, juni, sep­ tember, december). Redactie

Kelle Moreau, Korenbloemlaan 5, 3052 Blanden, 0486-125877

studie en beheer van de biodiver­ siteit in het Dijleland en verschijnt

Herwig Blockx, Rue du Culot 42, 1320 Tourinnes-la-Grosse,

Joris Menten, W. De Croylaan 49/21, 3001 Heverlee, 0495-275393

Boomklever brengt bijdragen over

010-862466

Frederik Fluyt, Spitsberg 4, 3040 Huldenberg, 0479-920172

De Boomklever

Driemaandelijks tijdschrift van de

Redactie-adres

Artikels, foto's en korte bijdragen worden verwacht op het redactiese­ cretariaat, p/a Bruno Bergmans e-mail: bruno.bergmans@scarlet.be

Werkgroep vogels Archivering en rapportering waarnemingen: Kelle Moreau (kelle.

moreau@gmail.com) Watervogeltellingen, Luc Hendrickx{ luchendrickx2003@yahoo.

com) Broedvogelprojecten, akkervogels: Maarten Hens (maartenhens@

yahoo.co.uk) Trektellingen: Frederik Fluyt (frederik.fluyt@gmail.com)

Het copyright van de teksten, il­ lustraties en foto's blijft bij de res­ pectievelijke auteurs, tekenaars en fotografen. Overname is mogelijk mits hun uitdrukkelijke toelating en bronvermelding Abonnement

Geïnteresseerden kunnen De Boomklever ontvangen door overschrijving van 8 € op rekening­

Werkgroep zoogdieren •

Archivering waarnemingen: Kelle Moreau (kelle.moreau@gmail.com)

Vleermuizen: Hans Roosen (roosenhans@yahoo.com) Hamster: Maarten Hens (maartenhens@yahoo.co.uk)

nummer 001-1552168-50 van de Natuurstudiegroep Dijleland, met opgave van naam en adres. Een steunabonnement kost 12 € of meer. Natuurpunt vzw

Natuurpunt is de grootste vereni­

Werkgroep ongewervelden •

ging voor natuur en landschap in Vlaanderen. Ze telt 80.000 leden en

Archivering en rapportering waarnemingen: Bart Creemers

beheert 15.000 hectare natuurge­

{bart.creemers@gmail.com)

bied. Lid worden van Natuurpunt vzw kan door storting van 20 € op rekeningnummer 230-0044233- 21.

Werkgroep planten •

Themaverantwoordelijke: Joris Menten {pjoris@advalvas.be)

Website: www.natuurstudiegroepdijleland.be

www.natuurpunt.be

Opmaak omslag: Danni Elskens (Koloriet) Opmaak binnenwerk: Kris van Scharen

Rondzendlijst Dijleland: Stuur een blanco e-mail naar:

Druk: DCL-Print & Sign

dijlevallei-subscribe@yahoogroups.com

Oplage: 200 ex. v.u.:

M. Hens, Dorpsstraat 48,

3078 Meerbeek


Afscheid Opnieuw moet de Natuurstudiegroep afscheid nemen van een goede vriendin... Na een erg moedige strijd tegen haar slepende ziekte is Monique Bekkers op 6 augustus overleden in het UZ Gasthuisberg.

Monique was vele jaren een vaste, trouwe medewerker in het bestuur van de Natuurstudiegroep. Hierbij een foto die getuigt van hoe wij haar zullen blijven herin­ neren: geconcentreerd, alles noterend en steeds er op uit om nog wat bij te leren... Herwig Blockx schreef als 'in memoriam' onderstaand stukje: het is Monique 'ten voeten uit' . ! . .

Wie een Patrijs niet eert... (Larues, 25-7-'83) "Hier moet het zijn" wijs ik naar een veel kleiner rietveld dan verwacht. "En je kan daar par­ keren" wijs ik haar aan,. "In de vlakke zon?" komt er aarzelend terug. Maar ze weet het zelf ook wel. Er is in geen velden of wegen een boom, die enigerlei schaduw te bieden heeft, te bekennen. Als ik uitstap valt de Spaanse middagzon als een blok op mijn hoofd. Pff, zelfs in de Pyrenneeën kan het bloedheet worden. De weg is een onooglijk asfaltbaantje dat tu

en ge­

erodeerde heuvels doorslingert. Tussen de heuvels liggen hier en daar kleine lapje bewerkte grond waarvan graanakker en luzernevelden de hoofdmoot uitmaken. In de allerlaag te de­ len zijn pijlriet en braamstruwelen indicatoren van -nu drooggevallen- beekje . In de verte draaien wat roofvogels rond: 3 buizerden kan ik nog net uit de hittetrillingen de tilleren. Monique staat op een hoger gelegen wegberm. Aan haar voeten staan die prachtige gele gestekelde Centaurea's waarvan ik al dikwijls gedacht heb;: "Die moet ik eens opzoeken in een flora". Monique haalt mij uit mijn overpeinzingen: "Ik zie daar precie een rode wouw, maar zijn staart ziet er zo raar uit. Kijk daar, als ge hier komt staan, kunt ge hem zien". Ik klim de berm op en kijk even mee. "Zie je wat ik bedoel ?" gaat ze verder. Het is inderdaad een rode wouw. Door de rui in haar staart is de staartvork en het elegante silhouet wat vertekend. "Kijk, daarboven staat een kotje" wijst ze nu. Jawel, op het topje van deze bult, een heuvel kan je dit niet echt noemen, prijkt een aftandse schapenstal. Haar argumentatie "dat we vanaf daar een beter zicht hebben op de omgeving" zet ik kracht bij met: "Inderdaad en belangrijker, er is ook schaduw" Boven gekomen kijken we de horizon af. Buiten de obligate tapijten van overkomende vale gieren blijft het niet veel soeps. Monique is al de stal binnen gegaan en komt met een veer naar buiten: "Van welke vogel zou die pluim zijn? "Een middelgrote vleugelpen, grijsbruin met "witte bollen". Samen met de setting laat dit geen twijfel over. "Dat is van een steenuil, met een beetje geluk hadden we hem hieruit opgejaagd" beantwoord ik haar vraag. Als ik het vraag­ teken op haar gezicht zie, verklaar ik even dat ik vorig jaar een dode steenuil h b gevonden en dus wel weet hoe de vleugels eruit zien. Ik ga ook even een blik werpen in het

chapen­

onderkomen. In de verste hoek liggen redelijk verse braakballen met een glanzende zwarte

De Boomklever - september 2009

1

SI

57


buitenlaag. Ik toon ze even aan Monique: "En die kerkuil vond het ook al te warm om hier de hele dag te zitten uithijgen". Mijn laatste opmerking stuit toch op wat wenkbrauwgefrons: "Hoe, ginder ligt een pluim van een steenuil en hier, dat is van een kerkuil Dat is toch wel raar" luidt haar antwoord. Vooraleer we onze discussie kunnen verder zetten horen we een fel "kjè-kjè-kjè" van buiten de stal. Boven de garrigue wordt een buizerd nu lastig gevallen door een veel slankere grijze roofvogel. Moni­ que heeft het direct door: "Is dat dieje kiekendief waarvoor we naar hier kwamen" vraagt ze terwijl het bakkeleiend duo achter een heuveltop verdwijnt. Het was inderdaad een mannetje grauwe kiekendief, tot nader order één van mijn favorieten, en een roofvogel die ik eigenlijk nog niet dikwijls gezien heb. Ik kijk verder het rietveld af dat beneden ons in een slenk ligt. Achteraan stijgen nu 2 donkere kiekendieven op. "Ginder zijn de jongen" wijs ik Monique aan. "Die twee daar " vraagt ze ? En waarom zijn dat geen blauwe kiekendieven ?"Enkele minuten later draait één van de jongen rondjes vlak voor ons. Je kan nu prima zijn steenrode buik zien en de "oranje gloed" op zijn verder kastanjebruine bovenvleugels. Toch i Monique nog niet overtuigd: "Ik ga de gids halen" zegt ze ferm en daalt af naar de auto. Als ze terug i , toon ik haar wat we allemaal konden zien van het jong. "En da manneke heeft zo'n zwarte streep op

zijn vleugel . Daar heb ik niks van gezien" sputtert ze tegen. "Ik heb het ook maar effe gezien", geef ik toe, "maar als ge op voorhand weet waar ge moet op letten, is het gemakkelijker." De jonge grauwe kieken blijven tot mijn voldoening in de buurt hangen en na een tijdje is ook Monique overtuigd van hun identiteit. Al we een uur later afdalen naar de auto, zien we een wit stipje op een bremstruik zitten. "Een roodkop­ klauwier , hij heeft een sprinkhaan gepakt. Kijk . .. " geeft ze kommentaar . Als we instappen komt er nog een klauwier aanvliegen. Ze volgt hem met de kijker en kijkt me dan ongelovig aan: "Da was toch dieje roodkop nie van daarnet. Deze was veel groter en zo veel zwart en wit." Ze ziet mijn glimlach en gaat door: "Toch geen klapekster zeker, hier zijn toch geen weides en geen paaltjes ?" "Het klopt wel, kijk even in het boek, dan onthou je weer beter hoe die eruit zien, voor de volgende keer", geef ik haar een zetje verder op het vogelpad. In de auto is het bloedheet. "Goed voor die kerkuilenvleugels,", grap ik terwijl we de ramen wagenwijd opendraaien. Onder de passagierszetel liggen namelijk al een week 2 uilenvleugels te drogen van een onfortuinlijk slachtoffer dat we vorige week in Frankrijk van de weg hebben geraapt. Als we de bocht ronden fladderen plots enkele vogels van het asfalt op. We stoppen . Even later komt één van de rode patrijzen tevoorschijn uit de wegberm en steekt op zijn dooie gemak de weg over, gevolgd door nog een volwassen exemplaar en een stoet halfwassen jongen. "Amai, die zijn mooi" zucht Monique naast mij. Ik kijk haar zijdelings aan. Zelfs bij de lammergieren van Monasteria de San Juan de la Pena heb ik ze niet zo enthousiast gezien. Straks rijden we naar Riglos, één van de landschappelijk mooiste plekken in deze streek. "Misschien zal dat haar de patrijzen wel doen vergeten, Herwig" denk ik terwijl we verder rijden.

Herwig Blockx, augustus 2009

58

De Booml<lever -september 2009


1 nventarisatie van een aantal

topgebieden voor wasplaten in het Dijleland

O

mdat

de

topgebieden

voor

wasplaten niet vrij toeganke­

19

oktober Smeiberg (Hoeilaart)

lijk zijn, organiseerde de Natuur­

In 2006 werden op de Smeiberg in totaal 10

studiewerkgroep

soorten wasplaten gevonden. Op 27/10 wer­

impuls

van

Dijleland onder

Bruno

Bergmans

in

den 9 soorten waargenomen en een maand later werd op de zuidgerichte helling nog een

2008 drie excursies. Op deze ma­

nieuwe soort (Gele wasplaat) gezien. Maar ook

nier kreeg iedereen de kans om

andere indicatoren voor chrale graslanden zo­

deze mooie paddenstoelen te le­

als Loodgrijze bovist

ren

kennen

en

konden

nieuwe

krachten gerecruteerd worden om in deze gebieden naar zwammen te speuren. Hoe meer volk om te zoeken, hoe groter de kans om weer iets nieuws te vinden. Deze stelling bleek te kloppen, de tochten leverden heel wat interessante

(Bovista plurnben), Worm­ vormige knotszwam (Clnvaria fragili ), Gele knotszwam (Clavulinop is helveola), Pelargoni­ umtrechtertje (Omphnlina velutipes) en Grauwe barsthoed (Dermoloma cune1folium) werden hier toen gevonden. Voor deze laatste was het de eer­ ste vondst voor de provincie. Het ging om een vertrappeld exemplaar (door de koeien), maar nog goed herkenbaar aan zijn sterke meelgeur, grauwe hoed en micro copische kenmerken. De Smeiberg heeft sindsdien de reputatie een

vondsten op. Deze manier van inventariseren blijkt voor herhaling vatbaar.

Snuffelen tussen het gras kan heel wat leuke wasplaten opleveren, foto Chantal Deschepper De Booml<lever - september 2009

59


topgra land te zijn voor wa platen op provinci­

knotszwam (Clavaria luteoalba).

aal niveau. Een jaar later werden eind oktober

De Zwartwordende bovist (Bovista nigrescens)

(24/10) !echts ze soorten wa platen gezien op

is heel wat zeldzamer dan de Loodgrijze bovist

de Smeiberg. Rafelige parasolzwam (Macrolepio­

(Bovista plu111bea) en blijft lang herkenbaar als

tn excorintn), Bruine weidechampignon (Agaricus

een zwart uitgedroogd rond bolletje.

Roze pronkridder (Calocybe

Ook leuk was een grote Rupsendoder (Cordyceps

cnrnen) konden we aan de lijst van indicator-

militaris). Dit is ook een markante graslandpad­

rnpreobn11111eu

·

)

en

denstoel die als een kleine oranje gepukkelde

oorten toevoegen.

knots tussen de grassprieten uitsteekt. Zijn my­ Op 19 oktober vorig jaar trokken we met een 8 geïntere

eerden uit de regio het zonbeschenen

gra land in. We hadden al snel door dat het nog iet te vroeg wa voor hetgeen we naar zochten. Dit gold zeker voor de stukken waar weinig chaduw i . Toch mochten we niet klagen want er werden een aantal mooie vondsten gedaan. Voor het Blauwplaatstaalsteeltje (Entoloma cha­ lybneum) was dit een eerste vondst in de pro­

vincie. Dit is een prachtige vertegenwoordiger uit de familie van de satijnzwammen (Entolo111ntacene), meer bepaald het ondergeslacht van

celium vormt hij in rup en van nachtvlinder die onder de grond aan het verpoppen zijn, vandaar de naam. Qua wasplaten zagen we uiteindelijk vijf

oor­

ten, allen nog heel vers. Omdat het potentieel qua wasplaten van deze prachtige hellinggras­ landen nog veel groter is, plannen we dit jaar een nieuwe excursie, maar iets later. We hopen dat ons bezoek daarmee wel samenvalt met de piek van de wasplaten. Maar de marge is be­ perkt omdat met de eerste vorst de wasplaten ook terug "in winterslaap" gaan.

de staalsteeltjes (Leptonia), waarin praktisch al­ lemaal indicatorsoorten zitten voor schrale, on­ bemeste graslanden. Het Bleekgrijs trechtertje (Omphalina griseopal­ lidn) en het Izabelkleurig breeksteeltje (Conocybe lnctea) kan je ook vinden in schrale gazons. Wie

zijn neus bijna in een koeienvlaai steekt (van koeien die geen antibiotica krijgen en in schrale graslanden grazen, waardoor ze voldoende ve­ zel binnenkrijgen), maakt kans om de Gewone kogelschieter (Pilobolus crystallinus) te zien. Dit minu cule zwammetje is helemaal niet zo zeld­ zaam, maar wordt steeds over het hoofd gezien. De sporen worden via een ingenieus systeem verspreid: op de top van een flesvormig orgaan zit een sporenpakketje, dat door een zwart vlies omgeven wordt en zich opricht naar het licht. Met een onder 7 atmosfeer druk staand straal­ tje vocht wordt het

porenpakketje met een

netheid van

150 tot 600 kilometer per uur tot meer dan twee meter ver weggeschoten. De aan tengels en bladeren klevende sporenpakketjes komen met het voedsel van een grazend dier via het maag-darmkanaal weer in zijn uitwerpelen terecht. Het meer opvallende Oranje mest­ zwammetje (Cheilymenia granulata) wordt vaker in natuurgebieden gezien. Op de teile kantjes onder de prikkeldraad, tus­

en het Muizenoortje vonden we Sikkelkoraal­ zwarn (Clavulinop is corniculata) en Verblekende 60

De Boomklever

- juni

2007

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand." wie is de mooiste van het land? Weidewasplaat in het Keihof foto Chantal Deschepper


26

oktober Keihof (Sint-Agatha-Rode)

blekende (Clavaria luteoalba) en Wormvormige knotszwammen (Clavaria fragilis) troffen we er

Bij een eerste bezoek eind oktober 2006 aan de

talrijk aan. Het was ook leuk om weer een Ru p­

glooiende graslanden langs het klooster Keihof

sendoder te vinden.

te Sint-Agatha-Rode werden zes soorten was­

Omdat we dit gebied in 2008 echt op de piek

platen gevonden, een maand later werden er

van wasplatenactiviteit bezocht hebben en om­

daar nog drie van teruggevonden. De hei chrale

dat er veel goede gebieden op te volgen zijn in

vegetatie op de hellingen, met Brem en op één

de streek, gaan we dit gebied dit jaar over laan.

plaats zelfs Tijm, geven al aan dat in dit gras­ land nog speciale dingen te vinden zijn. Hoewel

8

november Koeheide (Bertem)

in agrari ch beheer, geniet dit grasland bescher­ ming en wordt de landbouwer hier streng ge­

Het topgebied bij uitstek voor wasplaten in het

controleerd op de intensiteit van de begrazing

Dijleland blijft ongetwijfeld de Koeheide. In 2004

en het verbod op bijvoederen en bemesting.

kwamen we tot de vaststelling dat op de wei

De excursie in 2008 ging op het juiste tijdstip

van Laes maar liefst 9 soorten wasplaten voor­

door: de paddenstoelen zagen er ver

uit en

kwamen. Ook Sikkelkoraalzwam (Clav11li11op is

stonden er in grote aantallen. Maar liefst zes

corniculata), Gele knotszwam (Clavuli11op i hel­

oorten wasplaten werden gevonden, met Ge­

vola) en Fijngeschubde aardtong (Geoglo

L1111 fn l­

vlekt sneeuwzwammetje als nieuwkomer. Daar­

lax) werden toen in grote aantallen gevonden. In

mee komt het totaal voor dit gebied op 7 oorten

2006 konden we daar een lOde wasplaat aan toe­

wasplaten.

voegen: Elfenwasplaat. Ook Rookknotszwam

Maar nog veel

pectaculairder waren de drie

(Clavaria fumo a) en Wormvormige knot zwam

oorten bar thoeden (Oermoloma) die op de hel­

(Clavaria fragilis) werden toen voor het eer t hier

ling met Tijm werden gevonden. De Verkleu­

gezien. Een mooie raadselfoto van Eddy werd

rende barsthoed

toen ook doorgestuurd naar de maillijst van de

(Oermoloma magicum) is de

zeldzaamste van de drie. Deze kwam pas recent

mycologen omdat niemand direct een naam kon

aan zijn Nederlandse naam en dit is de vierde

kleven op deze forse, bruine zwam die midden

vondst

beschreef

in het weiland groeide. Al gauw kwam er een

deze soort pas in 2002 aan de hand van collec­

antwoord van een Waalse specialist, het ging

ties uit Schotland en

om een zeldzame indicatorsoort voor

voor

Vlaanderen.

Amolds

ederland. Luc Lenaerts

chrale

vond deze soort in 2002 voor het eerst in Voeren

graslanden:

(eerst vondst in Vlaanderen). Voor Vlaam -Bra­

porphyraphneum). In 2007 vertelde ik tijdens de

bant gebeurde de eerste vondst in 2006 in Sint­

maandelijkse wandeling op de Koeheide dat we

Genesius-Rode. Maar ook de Grauwe barsthoed

op de Heiberg (stuk waar in 2004 werd gekapt)

(Oermoloma cuneifolium) en de Kleine barsthoed

wellicht nog even moesten wachten op wa pla­

(Oermoloma pseudocuneifolium) zijn zeer zeld­

ten, want dat die weinig verstoring kunnen ver­

zaam op Vlaams niveau.

dragen. Op dat zelfde moment vonden we daar

De eerste werd nog

de

Porfiersatijnzwam

(E11tolo11rn

op drie plaatsen waargenomen in de provincie

Grauwe wasplaat. Blijkbaar werd deze plaats

(Vissenaken, Zoutleeuw en Bever), terwijl het

vrij snel gekoloniseerd, wellicht doordat de spo­

voor de Kleine barsthoed de eerste provinciale

ren dit zeer snel konden bereiken vanuit de na­

vondst was.

bijgelegen wasplatenweide.

In 2007 begon het

Tussen de barsthoeden werden na goed zoe­

duidelijk te worden dat de wei van Lae

ken ook aardtongen gevonden. Daar hadden

aan het vervilten was. De begrazingsdruk is er

de koeien ook interesse voor en ze gaven ons

te laag en de Brem kan een maaibeurt gebrui­

nauwelijks de kans om rustig foto's te maken. Bij

ken. Enkel op de steile talud

terk

was nog veel te

het bekijken van de microscopische kenmerken

vinden. Er werd zelfs nog een llde wa platen­

bleek het om de Slanke aardtong (Geoglossum

soort voor de Koeheide gevonden: de Kleverige

umbratile) te gaan.

wasplaat. De zeldzame Stinkende trechterzwam

Het was ook ongelooflijk om te zien hoeveel Sik­

(Clitocybe foefen ), een indicator voor kalkrijke

kelkoraalzwammen

bodem, kreeg hier toen zijn tweede vindplaat

(Clavulinopsis

corniculata)

hier groeiden. Op sommige plekken zag het gras

voor de provincie.

er precies geel van, zoveel stonden er. Ook VerDe Booml<lever - september 2009

61


bleken de wasplaten op de openge­ maakte tukken van de Heiberg verder in de lift te zitten. Er groeiden nu massaal Gewoon vuur­ In 200

sen tonen aan dat er in de streek nog wel meer schrale weilanden moeten te vinden zijn met wasplatenpotentieel.

zwammetjes en Sneeuwzwarnrnetje. Ook Pape­ gaaizwammetje en Gewone weidewasplaat sta­

Zulke potentieel interessante graslanden werden

ken hun kopje boven de grond. In tegenstelling tot vorige bezoeken, was de wei van Laes eerder

in de omgeving van de Torn.me in Ottenburg. Bij

teleur tellend. We vonden nog veel Sneeuw­ zwarnmetjes, Gele (Clavuli11opsis helveola) en

een grote populatie Sneeuwzwarnmetje, Kleve­

erblekende knotszwarn (Clavulinopsis laetico­

de knotszwarn. Het prachtige hellinggrasland

lor) en ook enkele mooie exemplaren van Elfen­

waarvan sprake (een reliëfrijke karngraswei) ligt

wa plaat, maar door de te lage begrazingsdruk

te paard op de gewestgrens tussen Vlaanderen

wa de diversiteit toch fel afgenomen. Intussen

en Wallonië, ten zuiden van de Torn.me, gren­

is met deze bevindingen rekening gehouden bij

zend aan de Vlaamse uitloper van het Bois de

het beheer, dus hopelijk kunnen we deze herfst

Laurensart.

weer heel wat meer wasplaten vinden op deze

Ook de prikkeldraadvegetaties in de Ruwaalval­

topwei.

lei in Korbeek-Dijle zien er zeer interessant uit,

door Robin Guelinckx en Gabriël Erens ontdekt hun bezoek vonden ze Gewone weidewasplaat, rige wasplaat, Gele en vermoedelijk Verbleken­

maar een eenmalig bezoek vorig jaar leverde geen bijzondere graslandpaddenstoelen op.

Andere leuke vondsten

Een rijzende ster aan het Dijlelandse wasplaten­ firrnarnent is het wasplatengrasland in eigen­

Ook buiten onze excursies zijn er wasplaten­

dom en beheer van Natuurpunt Kortenberg

speurders op pad geweest in het Dijleland en

op de Grubbe in Everberg. Na de ontdekking

ook zij deden een aantal bijzonder leuke vonds­

van de Wantsenwasplaat (Hygrocybe obrus­

ten.

sea) als nieuwe soort voor Vlaams-Brabant in

Zo vond Hans Roosen op een weide in de Laan­

2007, bleek deze soort hier weer talrijk voor te

vallei in Overijse zowaar een nieuwe wasplaat

komen in 2008. Ook Sneeuwzwarnrnetje, Gele

voor het Dijleland: de Kabouterwasplaat (Hy­

wasplaat, Weidewasplaat, Grauwe wasplaat

grocybe in ipida). Deze kleine wasplaat lijkt qua

en Papegaaizwarnrnetje werden er vaak tal­

kleur en grootte op een Gewoon vuurzwarn­

rijk aangetroffen, naast Verblekende en Gele

rnetje, maar heeft een kleverige hoed en steel.

knotszwarn en tot hiertoe ongedeterrnineerde

De determinatie werd microscopisch bevestigd

aardtongen. Een nieuwe topwasplatenwei is

door Roosmarijn Steernan. Afgelopen herfst

duidelijk geboren. Daarom hebben we deze

werd deze soort ook voor het eerst aangetroffen

bijzondere weide - met ook een uitzonderlijke

op de Hazen.berg in Bierbeek.

botanische rijkdom - voor het eerst in het ex­

Ook in het zuidelijke Dijleland vonden Bart

cursieprograrnrna opgenomen dit najaar.

Creerner en Bruno Bergrnans aan het Sanato­

Het is nog maar eens bewezen dat een gras­

rium van Torn.beek een Rupsendoder en enkele

land niet groot hoeft te zijn om verschillende

exemplaren van het Gewoon vuurzwarnrnetje

soorten wasplaten te herbergen. Op de oude

tussen de heide.

rnosrijke gazon rond het kerkje van Loonbeek

Van de zeldzame Grauwe wasplaat werd door iels Rijckeboer nog een nieuwe vindplaats ontdekt in het grasland aan de watertoren van

vonden we maar liefst twee soorten wasplaten

Duisburg,

Voor wie het al voelt kriebelen is het waspla­

samen

met

Papegaaizwarnrnetje,

(Zwartwordende wasplaat en Sneeuwzwarn­ rnetje), Gele knotszwarn en Ruige aardtong.

Gele en mogelijk ook Spitse knotszwarn (Cla­ varia falcata). Wie weet duiken er hier bij een

tenseizoen trouwens al begonnen, want de

volgend bezoek nog wel andere leuke soorten op. Ook in een schrale weide aan het Ganspoel­ instituut in Loonbeek doken Elfenwasplaat,

reeds

Papegaaizwarnrnetje, Gele knotszwarn en Sik­ kelkoraalzwam op. Deze nieuwe vindplaat-

62

De Boomklever - september 2009

twee vroeger verschijnende soorten werden waargenomen:

Zwartwordende

was­

plaat en Kleverige wasplaat op 2 september in een tuin in Winksele.


Inventarisaties 2009

In 2009 organiseren we weer drie excursies naar de volgende topgebieden: 01/11 9u30 kerk Hoeilaart - Smeiberg 08/11 13u30 kerk Everberg - De Grubbe 15/11 9u30 Café D'aa Baan, Oude Baan 80, Bertem - Koeheide - wordt afgelast als het gevroren heeft

Wasplaten Smeiberg

Onderstaande tabel geeft voor elk bezoek aan de Smeiberg het aantal waargenomen soorten weer (sub­ totaal), evenals het totaal aantal soorten dat ooit al op deze locatie werd aangetroffen (eindtotaal). 27/10/2006

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

27/10/2006

Hygrocybe ceracea

Elfenwasplaat

27/10/2006

Hygrocybe conica

Zwartwordende wasplaat

27/10/2006

Hygrocybe glutinipes

Kleverige wasplaat

27/10/2006

Hygrocybe Laeta

Slijmwasplaat

27/10/2006

Hygrocybe Jlavipes

Geelvoetwasplaat

27/10/2006

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwammetje

27/10/2006

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

27/10/2006

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

Subtotaal

9 soorten

24/11/2006

Hygrocybe ceracea

Elfenwasplaat

24/11/2006

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

24/11/2006

Hygrocybe chlorophana

Gele wasplaat

24/11/2006

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

Subtotaal

4 soorten

24/10/2007

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

24/10/2007

Hygrocybe ceracea

Elfenwasplaat

24/10/2007

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

24/10/2007

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

24/10/2007

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwarnmetje

24/10/2007

Hygrocybe glutinipes

Kleverige wasplaat

Subtotaal

6 soorten

19/10/2008

Hygrocybe glutinipes

Kleverige wasplaat

19/10/2008

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

19/10/2008

Hygrocybe irrigata

Grauwe wasplaat

19/10/2008

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

19/10/2008

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

Subtotaal

5 soorten

Eindtotaal

10 soorten

De Booml<lever - september 2009

63


Wasplaten Keihof Onder taande tabel geeft voor elk bezoek aan het Keihof het aantal waargenomen soorten weer (subto­ taal), evenal het totaal aantal soorten dat ooit al op deze locatie werd aangetroffen (eindtotaal).

27/10/2006

Hygrocybe praten i

Gewone weidewasplaat

27/10/2006

Hygrocybe irrigata

Grauwe wasplaat

27/10/2006

Hygrocybe gl11tinipes

Kleverige wasplaat

27/10/2006

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

27/10/2006

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwarnrnetje

27/10/2006

Hygrocybe conica

Zwartwordende wasplaat

Subtotaal

6 soorten

22/12/2006

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

22/12/2006

Hygrocybe irrigata

Grauwe wasplaat

22/12/2006

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

Subtotaal

3 soorten

26/10/2008

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

26/10/2008

Hygrocybefuscescens

Gevlekt sneeuwzwarnrnetje

26/10/2008

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwammetje

26/10/2008

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

26/10/2008

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

26/10/2008

Hygrocybe conica

Zwartwordende wasplaat

Subtotaal

6 soorten

Eindtotaal

7 soorten

Wasplaten Koeheide Onder taande tabel geeft voor elk bezoek aan de Koeheide het aantal waargenomen soorten weer (sub­ totaal), evenals het totaal aantal soorten dat ooit al op deze locatie werd aangetroffen (eindtotaal).

3/11/2004

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

3/11/2004

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwammetje

3/11/2004

Hygrocybe chlorophana

Gele wasplaat

3/11/2004

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

3/11/2004

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwarnrnetje

3/11/2004

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

Subtotaal

6 soorten

9/11/2004

Hygrocybe laeta

Slijmwasplaat

9/11/2004

Hygrocybe conica

Zwartwordende wasplaat

Subtotaal

2 soorten

11/11/2004

Hygrocybe chlorophana

Gele wasplaat

11/11/2004

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

64

De Boomklever - september 2009


11/11/2004

Hygrocybe irrigata

Grauwe wa plaat

11/11/2004

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

11/11/2004

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

Subtotaal

5 soorten

12/11/2006

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwammetje

12/11/2006

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

12/11/2006

Hygrocybe chlorophana

Gele wasplaat

12/11/2006

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

Subtotaal

4 soorten

17/11/2006

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwammetje

17/11/2006

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

17/11/2006

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

17/11/2006

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

17/11/2006

Hygrocybe chlorophana

Gele wasplaat

17/11/2006

Hygrocybe ceracea

Elfenwasplaat

Subtotaal

6 soorten

26/11/2006

Hygrocybe chlorophana

Gele wasplaat

26/11/2006

Hygrocybe ceracea

Elfenwasplaat

26/11/2006

Hygrocybe p i ttacina

Papegaaizwammetje

26/11/2006

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

Subtotaal

4 soorten

11/11/2007

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

11/11/2007

Hygrocybe chlorophana

Gele wasplaat

11/11/2007

Hygrocybe ceracea

Elfenwasplaat

11/11/2007

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

11/11/2007

Hygrocybe conica

Zwartwordende wasplaat

11/11/2007

Hygrocybe irrigata

Grauwe wasplaat

11/11/2007

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

11/11/2007

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwammetje

11/11/2007

Hygrocybe glutinipes

Kleverige wasplaat

Subtotaal

9 soorten

8/11/2008

Hygrocybe ceracea

Elfenwasplaat

8/11/2008

Hygrocybe miniata

Gewoon vuurzwammetje

8/11/2008

Hygrocybe virginea

Sneeuwzwammetje

8/11/2008

Hygrocybe pratensis

Gewone weidewasplaat

8/11/2008

Hygrocybe psittacina

Papegaaizwammetje

Subtotaal

5 soorten

Eindtotaal

11 soorten

De Boomklever - september 2009

65


Referenties @

Arnold , E. (2002). Dermoloma magicum spec. nov., a grassland fungus mimicking Porpolo ma metapodium. Persoonia 17-4. teeman, R. (2008). Van elfen en kabouters . . . Een praktische gids voor wasplaten, knotszwam men en aardtongen. De Boom.Klever 36: 86-101.

@)

Boertrnan,D. (1995)

@

Steeman R., Lambrechts J. & Vervoort L. (2005) - Onverwacht waardevolle rnycoflora in Oo t­

-

The genus Hygrocybe. Fungi of

orthern Europe. Vol 1. 184pp. ill

Brabantse graslanden: Ontdekking van enkele nieuwe 'wasplatenweiden' in 2004. Jaarboek na tuur tudie 2004: 70-83.

atuurpunt Oost-Brabant, Leuven.

Steeman R., Lambrechts J. & Guelinckx R. (2008)

-

Een netwerk van aardtong-houdende,

knotszwamrijke wa platenweiden in V laams-Brabant. Jaarboek natuurstudie 2006-2007: 100121. Natuurpunt Studie, Mechelen.

Roosmarijn Steeman roosmarijn.steernan@natuurpunt.be

Bruno Bergmans bruno.bergmans@scarlet.be

Kabouterwasplaat, nieuw voor het Dijleland, foto Bruno Bergmans

66

De Booml<lever - september 2009


Bijzondere dagvlinderwaarnemingen in 2009

N

a een vrij slecht vlinderjaar

2007 en ver volgens een er­

barmelijk

2008 konden we deze

zomer nog eens genieten van een vlinderseizoen op niveau. Een de­ gelijke winter, gevolgd door een mooie lente en zomer resulteer­ den in een groot aantal trekvlin­ ders, dwaalgasten en zeldzamere soorten. Dat veel waarnemers nu de website waarnemingen.be sys­ tematisch gebruiken tuurlijk

ook voor

zorgde na­

een verhoogd

nieuwe

locatie

Kaasjeskruid dikkopje

beves­

tigd, onder te verdelen in twee cluster

in het

Getebekken. Ook in de omgeving van onze re­ gio werd er gezocht door R. Guelinckx: buurt Vaartkom, volkstuinen Abdij Van Park en in voortuinen te Heverlee en Korbeek-Lo. Echter zonder re ultaat (pers. com. R. Guelinckx). Sind

de jaren vijftig ging het Kaasjeskruiddik­

kopje er op achteruit in België,

ederland (laat­

ste waarneming 1953) en Duitsland. Eind jaren '90 was de

oort vrij zeldzaam in de kalkrijke

treken ten zuiden van Samber en Maa . Het i

echter een zeer mobiele

oort die vooral tij­

dens warme zomers op onverwachte plaatsen kan worden aangetroffen. Door de vele warme zomers van de laatste decade kon de oort zich via de Maasvallei terug noordelijker uitbreiden, met dit jaar de eerste waarnemingen in het zui­ den van

ederlands Limburg. Vanuit de Maa -

aantal observaties die konden ver­

vallei heeft deze soort de beek en riviervalleien

zameld worden ten opzichte van

van Midden-België opgezocht om ook richting

andere jaren. Hoewel het nog even duurt voordat de laatste vlinders van het jaar worden gezien , willen we hier al de belangrijkste dagvlin­ derwaarnemingen vermelden van de zomer 2009.

het zuiden van V laanderen op te schuiven. Zo zijn er dit jaar volgende locatie

met waarne­

mingen gekend uit het Dijlebekken, van zuid naar noord: in de buurt van Genappe, Ottig­ nies, Grez-Doiceau en de Doode Bemde. Ook de waarnemingen in het Tiense wijzen op de rol van de riviervalleien al

verbinding tu

en de

Waalse kalkregio's en V laanderen. Mogelijk hebben

ook

beheerpakketten

voor

het buitengebied van de Waal e overheid, met

Kaasjeskruiddikkopje Carcharodus a/ceae

daarin veel kaasjeskruid hun nut. In die zin zou het akkerbloempakket van de provincie,

De verassing van 2009 was de waarneming van

met een cultivarvorm van Groot Kaasje kntid

een Kaasjeskruiddikkopje op 16 juli in de Doode

(Malva sylvestris), ook erg positief kunnen zijn

Bemde (Bernard Misonne). Ook in ander de­

voor deze vlinder. Het i

bijna ondenkbaar dat

len van Oost-Brabant werd deze soort waarge­

het Kaasjeskruiddikkopje, ook geen vaste voet

nomen, met zelfs eileg in de Velpevallei. Deze

heeft in de Dijlevallei. De

waarnemingen bracht Robin Guelinckx e.a. op

hier nog als een extra kataly ator werken, dank­

het idee om terreinen met kaasjeskruid (Malva

zij de lintbebouwing met tuintje langs de berm

poorwegberm zou

sp.) te doorzoeken op eitjes van deze soort. In

(pers. com. R. Guelinckx).

Zuid-Oost-Brabant werden zo al op erg veel

Locaties langs de spoorwegberm lijken du De Boomklever - september

de

2009

67


pi kken waar er in de toekom t de meeste kan is

mingen van Oranje luzernevlinders gedaan net

op het vinden van deze soort. And re aanraders

over de taalgrens (Pécrot en Hamme-Mille). Op

zijn de indu triezone ten noorden van Leuven,

het Vlaam e grondgebied wa

het wachten tot

eerijse{fer aert en het militair

13 juli, met bijna dagelijkse meldingen sinds­

domein te He erlee (per .com. Robin Guelinckx).

dien tot en met het moment van schrijven (half

De zoektocht naar eitje kan ook hier veel ucces

september). Dit is de grootste invasie

opleveren. Bij voorkeur jonge planten worden

bijhouden van de waarneming n. D

uitgekozen voor de eileg. Echter, vrij vlug hierna

luzernevlinder in België zijn sterk jaarafhanke­

kruipen de rupsen al uit de eitjes. De rupsen van

lijk. Mee tal worden bij een influx vooral Oranje

het Kaa je kruiddikkopje zijn bijna heel het jaar

luzernevlinders (Colias croceus) gezien, zoal dit

te vinden. Ze zijn bovendien zeer herkenbaar:

jaar het geval wa . In 2007 konden we daarente­

23mm, grij ig lichaam en een kraag achter de

gen bijna uitsluitend de zeldzamere Gele luzer­

grote zwarte kop met opvallende gele en zwarte

nevlinder (Colias hyale) waarnemen, maar in veel

de zandgroeve te

ind

het

aantallen

vlekken. Of het localiseren van rupsen even effec­

kleinere aantallen dan voor Oranje luzernevlin­

moet echter nog

der dit jaar het geval is. De voorlopig enige mel­

worden uitgete t. Volgroeide rupsen overwinte­

ding van een Gele luzernevlinder voor dit jaar

ren in de strooisellaag waarna ze in het voorjaar

kwam uit Hoeilaart (09/07).

verpoppen. De imago' vliegen van half april tot

Een vergissing met Oranje luzernevlinder valt

eind mei en van eind juni tot midden augustus.

echter niet uit te sluiten. Meerdere luzernevlin­

Een eventuele derde generaties kan volgen tot

ders werden op waarnemingen.be eerst door­

midden eptember.

gegeven als Gele luzernevlinder, maar bleken

tief i

al

het zoeken naar eitje

na aandachtig bestuderen van meegestuurde

Geelsprietdikkopje Thymelicus sylvestris

foto's steeds duidelijke Oranje luzernevlinder te

De enige waarneming van deze soort werd op­

zijn. In zeldzame gevallen werden wit-geelkleu­

getekend in de Doode Bemde (14/07, M. Walra­

rige luzernevlinders gevonden die vermoedelijk

a drie waarnemingen in 2007 is dit pas de

vrouwtjes Oranje luzernevlinders betroffen van

ven ).

de vorm 'helice'.

vierde voor het archief.

Boswitje Leptidea sinapis

Citroenvlinder Gonepteryx rh amni)

Van het Boswitje werden er in 2009 twee waar­

Citroenvlinder is een soort die het elk jaar slech-

nemingen

gedaan

in

onze

regio: op 16 juli l ex. net over de provinciegrens

te

Pécrot

(J an Debras) en op 31 juli in en braakliggende tuin in de Lemingbeekva l lei/Kessel-lo (Tim Caers). De enige andere waarneming in het archief be­ trof een exemplaar op 1 mei 2007 in een bo je vlak tegen de E314 op de gren

van Wilsele

en Hol beek.

Luzernevlinders Luzernevlinder waren dit jaar in grote aantallen aanwezig in gebieden m t veelal lage vegetatie , zowel in de Dijle­ vallei (Doode Bemde e.a), al in akk rgebi den (plateau's en Dorenveld). Op 31 mei, 1 en 22 juni w rden al waarne-

Het curieuze Boswitje, foto Marc Bergmans

De Boomklever - september 2009

68


Een koude winter Leverde plots weer heel wat meer Citroenvlinders op in het Dijle/and, foto Marc Bergmans

ter lijkt te doen. 2009 was voor deze soort wel goed, maar de status van zeer algemene vlinder ligt al enige tijd in het verleden. Met voorlopig

over de resultaten van de provinciale projecten rond Sleedoornpage en Iepenpage zal te lezen zijn in een van de volgende Boomklever .

39 waarnemingen is 2009 het beste seizoen sinds

Bruin blauwtje Plebeius agestis

2004 voor Citroenvlinder (24 waarnemingen).

Het Bruin blauwtje zet zijn gestage vooruitgang

De meeste van de waarnemingen werden dit

voort. Populaties van deze soort werden deze zo­

jaar opgetekend langs de randen van Meerdaal­

mer bevestigd op de site van Abdij van Park en in

woud en Heverleebos, de Dijlevallei en tussen

de zandgroeve te

Bertembos en Leuven-centrum.

vindplaats van meerdere exemplaren is een loca­

eerijse/Tersaert. Een nieuwe

tie op het plateau tussen Ijse en Dijle/Laan. Ook

Kleine Pages

in de Doode Bemde werd een exemplaar gezien.

Sleedoornpage (Thecla betulae) en Iepenpage (S a­

Mogelijk in beide gevallen afkomstig van de

tyrium w-album) genieten de aandacht als provin­

zandgroeve. Andere locaties met waarnemingen

ciale soorten. Voor beiden zijn er op dit moment

van één exemplaar waren Heidebergstraat/Kes­

ook projecten uitgeschreven die de ecologie en

sel-lo (tweemaal, M. Morren) en op de grenzen

verspreiding van deze vlinders in kaart moeten

van onze regio in de buurt van de luchthaven

brengen met behulp van vrijwilligers. Van Slee­

te Steenokkerzeel, Pare de la Foresterie (Water­

doornpage werden al in de winter veel nieuwe

maal-Bosvoorde) en in een Berm langs de E40 te

locaties aangetroffen via zoektochten naar eitjes.

Bierbeek.

Tijdens de zomer kon echter slechts één waar­ neming genoteerd worden van een imago van

Grote weerschijnvlinder Apatura iris

Sleedoornpage in onze regio en dan nog wel in

Het is duidelijk dat de Grote weerschijn.vlinder

het centrum van Leuven (24/08, E. Macquoy).

nog in redelijke aantallen voorkomt in het Zoni­

Gerichte zoektochten naar imago's van Iepen­

enwoud. Boswachter Dirk Raes zag deze soort op

page leidden tot veel nieuwe vindplaatsen,

zes verschillende locaties (soms meerdere waar­

voornamelijk net ten westen van Leuven (Wink­

nemingen) te Hoeilaart en Tervuren. De meeste

sele, Bertem). Iepenpage werd gezien van 12

waarnemingen werden gedaan van 26 juni tot en

juni tot en met 5 augustus. Voor de algemenere

met 1 juli. De laatste waarneming werd gedaan

Eikenpage (Neozephyrus quercus) was 2009 ook

op 17 juli. Ook dit jaar kon er deze soort niet

erg goed: op 14 locaties werden er exemplaren

bevestigd worden in de Doode Bemde. In 2006

gezien van 26 juni tot en met 8 augustus. Meer

werd hier nog een exemplaar gezien. De Boomklever - september 2009

69


Kle ine vos Aglais ur ticae

Distelvlinder Vanessa cardui Dé meest opvallende vlinder van 2009 was

et als Citroenvlinder is de Kleine vos een

de Distelvlinder. Vanaf 1 mei werd al het eer­

soort die extra aandacht verdient omwille van

ste exemplaar waargenomen op het plateau

zijn sterke achteruitgang van een zeer algemene

van Leefdaal (Marc en Peter Hofman). Daarna

vlinder naar een vrij zeldzame status.

kwamen er regelmatig waarnemingen van Dis­

rampjaar 2008 met minder dan 10 waarnemin­

telvlinder

doorgedruppeld. Tot en met 19 mei

gen gedurende heel het jaar, kon Kleine vos zich

waren er dat al meer dan veertig. Ter vergelij­

dit jaar net als Citroenvlinder ook enigszins her­

king, de enige gekende waarneming tot en met

stellen met 29 waarnemingen. In tegenstelling

2008 voor deze datum was een waarneming

tot Citroenvlinder waren 2004 en 2006 (voorlo­

op 11 mei en slechts vier waarnemingen in de

pig) wel betere jaren met respectievelijk 36 en 42

maand mei waren tot nu toe opgenomen in het

waarnemmgen.

a het

archief (vanaf 2003)! Op die manier hadden we het eigenlijk al kunnen weten dat er iets spec­

Keizersmante l Argynnis paphia

taculair op komst was. Een tweede hint werd

De Keizersmantel wordt klassiek aanzien als een

gegeven op 19 mei met 10 ex langstrekkend te

dwaalgast in onze regio tijdens warme zomers.

Heverlee (Koen Berwaerts). Op 20 mei was het

Maar een waarneming in de buurt van Meer­

hek van de dam en konden velen hun ogen niet

daalwoud te Blanden (01/08, Christine Deberdt)

geloven met de vloed aan Distelvlinders die

en een observatie in een deel van Meerdaalwoud

V laanderen overspoelde. In onze regio wer­

waar in de voorbije jaren al eens exemplaren van

den meestal dichtheden gemeten van ongeveer

deze soort werden opgemerkt mét bosviooltjes

1 tot 3 vlinders per minuut per locatie (<50 m

(05/07, Joris Menten) doen toch hopen op (op­

gezichtsveld) in

W richting, met uitschieters

nieuw) een, mogelijk kleine, populatie van deze

tot 10 per minuut. De dagen erna zakte de toe­

soort in dit gebied. Een derde waam.eming werd

stroom wat weg, maar op zondag 24 mei leek er

gedaan op de heuvelrug van de Kesselberg

nog een tweede piek door te komen.

(15/07, Jeroen Franssens).

De oorsprong van deze invasie lag in de uitzon­ derlijk natte winter in het Atlasgebergte en het

Kleine Parelmoervlinder lssoria /athonio

noorden van de Sahara (Marokko), ongekend in

Een late ontdekking was een Kleine Parelmoer­

de afgelopen 30 jaar. Met als gevolg een massaal

vlinder op het plateau tussen Pécrot en Bos­

ontluiken van Distelvlinders en vervolgens mi­

sut- Gottechain op 8 september. Dit is de derde

gratie naar het noorden op het einde van maart.

waarneming voor het archief. Eerder werd deze

Tijdens de doortrek werden heel wat versleten

dwaalsoort

exemplaren

(2004) en de zandgroeve van Neerijse/Tersaert

waargenomen,

komstig van

vermoedelijk

af­

Toord-Afrika en/of Zuid-Europa.

al opgemerkt

op

de

Kesselberg

(2006).

Maar ook verse exemplaren werden gezien. Dit zijn de nakomelingen van deze eerste generatie

Oranje zandoog Pyronia tithonus

die verder noordwaarts tot ontluiking moeten

Hoewel deze soort een zeer algemene vlinder is

zijn gekomen.

op Vlaamse schaal is het Oranje zandoogje zeld­

Ook in onze contreien begonnen Distelvlinders

zaam in onze regio. Slechts twee waarnemingen

bijna onmiddellijk met reproduceren. Zo wer­

werden tot nu toe opgenomen in het archief. 2009

den er op 22 mei honderden distelvlinders en

was relatief gezien een zeer goed jaar. Er wer­

massa'

eitjes gevonden in een weide met veel

den vier waarnemingen gedaan van deze soort

Akkerdi tel (Hans Roosen). In de zomer, vooral

te Pécrot, maar ook in het naburige Grootbroek

in juli, waren Distelvlinders de dominerende

(Sint-Agatha-Rode) én op het plateau van Hul­

soort op plekken met vlinderstruiken en andere

denberg (Ganspoel) werd deze soort waargeno­

nectarplanten. Ondertussen is het uitkijken bij

men. In 2007 werd er al eens een Oranje zandoog

trektelposten voor de migratie zuidwaarts. Af­

gespot niet ver van deze laatste locatie. Er lijken

hankelijk van het weer in het najaar zijn waar­

dus schijnbaar twee gebieden in onze regio te zijn

nemingen van Distelvlinders tot in november

waar deze soort een vaste voet heeft. Hopelijk

mogelijk.

kunnen we dit in de toekomst bevestigen.

70

De Boomklever - september 2009


Hooibeestje Coenonympha pamphilus Aan de we tgrens van o nze regio, in de buurt van de luchthaven van Zaventem, werden ook dit jaar Hooibeestjes waargenomen, o.a. 3 ex. op 12 augustus te Kortenberg.

Referenties @

SIB W, biod i ve r s ite.wal lo n ie. be/cgi/

ibw.e p.ecol.pl?TAXO @

De

=Carcharodus_alceae

Vlinderstichting www.vlindemet.

nl/vl indersoort.php?vlinderid= 1002 @

Portaal website voor Belgi che waarne-

mingen, www.waamemingen.be @

Di cus iegroep

Vlind r ,

http://

pet s . g r o u p .y a h o o . c o m /g r o u p/papi l io / ?yguid=210280897

Bart Creemers bart. creemer @gmail.com

Een prachtvlinder met parelmoerstrepen op de ondervleugel: de Keizer 111n11tel, foto Mnrc Berg111n11

¡

De Boomklever - september 2009

71


Boktorren van het Dijleland

B

oktorren

(Cerambycidae)

zijn

een van de bekendste kever­

groepen. Door hun fors formaat, vaak mooie kleuren, en lange an­ tennes behoren ze tot de opval­ lendste insecten. Over het alge­ meen zijn boktorren gemakkelijk herkenbaar aan hun lange sprieten

Foto

Vuurkevers worden soms met boktorren verward maar hebben gezaagde antennes.foto Joris Menten 1:

zonder knots of lange aanhangsels. Ze hebben nooit gezaagde anten­ nes als vuurkevers (Foto 1 ) Andere .

kenmerken je

in

de

van

boktorren

vind

determinatieliteratuur.

Adulte boktorren zijn vaak te vin­ den op omgehakte boomstammen of zijn bloembezoekers. De larven van de meeste boktorren leven in hout waar ze met hun sterke kaken gangen in het hout knagen

(Foto 2). Ze hebben geen poten, in tegenstelling tot ander houtbewo­

Foto 2: De larven van boktorren hebben geen poten, foto Joris Menten

nende keverlarven als vliegende herten en vuurkevers (Foto 3).

Foto 3: Larven van vuurkevers hebben in tegenstelling tot boktorren wel duidelijk poten., foto Joris Menten De Boomklever - september 2009

72


Literatuur

boomstronken leven. Ze worden minsten

jaar vooraleer ze verpoppen in adulte kevers.

Ondanks hun kleurrijk uiterlijk was tot voor kort de determinatie van boktorren niet zo ge­ makk lijk als je wel zou denken. In de serie van de Fauna van België (KBIN) was er een determi­ natiewerk geschreven door A. Muylaert (1984). Helaas gebruikte deze tabel vaak microscopiche kenmerken waardoor hij niet bruikbaar was als veldgid . Ook de buitenland e determinatie­ werken als Bense (1995) waren niet geschikt als veldgids.

het verschijnen van de veldgid

"De

eder­

landse Boktorren" in de serie Entomologische

(Z egers & Heijerman; 2008). Dit is wel

een handige veldgids, met een veldtabel, foto's van alle soorten en soortbeschrijvingen die toe­ gespit t zijn op determinatiekenmerken. Alle oorten die in

ederland en België voorkomen

- met uitzondering van hout -

oorten ingevoerd met

staan in de gids. Deze uistekende gids

is te koop voor 18 euro bij de kel

De soort is nachtactief en i tijdens de maanden juli en augu tus te vinden op stronken in bos­ gebieden. Ze komt in Zuid- en Midden-België verspreid voor; in de rest van V laand ren i

de

soort zeldzaam.

Subfamilie Spondylidinae De soorten van deze onderfamilie zijn herken­ baar door hun korte antenne . In het Dijleland werd de Wortelboktor (Spondylis bupre toides)

Aan deze situatie kwam dit jaar een einde door

tabellen

3

atuurpuntwin­

(http://winkel.natu urpunt. be/toon_artikel.

aspx?artikel=2906).

reeds waargenomen. Ze werd afgelopen zo­ mer in St-Joris-Weert aangetrokken door vers gezaagd dennenhout. De larven van de Wortel­ boktor leven dan ook in het wortelhout van den­ nen. De soort komt verspreid voor in België.

Subfamilie Lepturinae De Lepturinae zijn een grote groep van over het algemeen slanke boktorren. Op ver

gezaagde

houtstammen in de bossen van het Dijleland zijn in het voorjaar vaak ribbelboktorren aan te tref­ fen. De Grijze ribbelboktor (Rhagiu111 i11quisitor) (Foto 5) zit vaak op naaldhout, terwijl de Geel­

De boktorren van het

zwarte ribbelboktor (Rhagiwn mordax) mee tal op eiken of andere loofbomen te vinden is.

Dij leland In tabel 1 zijn de 26 soorten die ik reeds waarnam in het Dijle­ land

aangegeven,

aangevuld

met 1 soort (de Wortelboktor) vermeld op de Dijlelandlijst en 2 extra soorten vermeld in Vandekerkhove et al. (1999).

Subfamilie Prioninae Van deze subfamilie komt en­ kel de Lederboktor (Prionus co­

riarius) (Foto 4) in België voor. Deze soort is in de grotere bos­ sen van het Dijleland niet zeld­ zaam. De larven leven in allerlei boomsoorten waar ze vooral in de basis van zieke bomen of in

Foto 4: Gedurende de zomermaanden is, nazonsondergang, de Lederboktor (Prionus coriarius) in het Meerdaalwoud en Heverleebos vrij gemakkelijk te vinden., foto Joris

Men ten

De Boomklever - september 2009

73


De

Eiken-bloesemboktor

(Cortodera

/111111ernli ) is een zeldzame soort die echter op meerdere plaatsen in het Dijleland (Rodebos, Meerdaalwoud en Grootbroek) werd aangetroffen. Zoals de naam zegt, wordt ze vaak in het vootjaar op eikenbloesems gevonden. Ze komt enkel in de meimaand voor, in tegenstelling tot de enigszins gelij­ kende en eveneens vrij zeldzame Geel­ poot-smalboktor (Alosterna tabacicolor) die ook in de zomer kan gevonden worden. Een hele reeks andere smalboktorren worden vaak aangetroffen op mei­ doombloesems of schermbloemen. Bij de

oorten met rode dekschilden ho­

ren de Gewone

malboktor (Corymbia

rubra), de gelijkende Zwart-tip smal­ boktor (Cory111bin fulva) en de kleinere Tweekleurige smalboktor (Leptura me­ lanura). Pikzwart is de Grote zwarte malboktor (Leptura aethiops). De zeer

Foto 5: De Grijze ribbe/boktor (Rhagium inquisi­ tor) is vaak op omgezaagde naaldbomen aan te tref­ fen., foto Joris Menten

algemene kleine zwarte boktorretjes op schermbloemen zijn meestal de Gewone bloesemboktor (Grammoptera

ruficornis), occasioneel kan het ook de zeldzamere Grijze bloesemboktor (G. abdominali ) zijn. Er zijn ook een aantal smalboktor­ ren die met hun geelzwarte tekening wespen nabootsen. De algemeenste zijn de lanke Geringelde smalboktor

(Leptura maculata) en de opvallend ge­ drongen Korte smalboktor (Pachytodes cerambyciformis). Iets minder algemeen is de Gevlekte smalboktor (Leptura quadrifasciata) (Foto 6).

Subfamilie Cerambycinae Tot

deze

aantal

subfamilie

archetypische

behoren

een

boktorren

als

de heldenboktorren (Cerambyx cerdo en C. scopolii), de Huisboktor (Hylo­

lrupes bajulus) en de Muskusboktor (Aromia moschata). Van deze soorten zijn me geen waarnemingen uit het

De Boomklever - september 2009

74

Foto 6: De Gevlekte smalboktor (Leptura quadrifas­ ciata) is in moerasgebieden en vochtige bossen niet zeldzaam., foto Joris Menten


. w

-

. �. . ....···��Ol!f.

�"..

Foto 7: De Kleine wespenboktor (Clytus arietis) is zeer algemeen in beboste gebieden in het Dijle/and, foto Joris Men ten Dijleland bekend. In grote bosgebieden is de

tuurpuntforum en op waarnemingen.be waren

felrode Vuurboktor (Pyrrhidium sanguineum) in

toch enkele recente waarnemingen te vinden. Is

het vroege voorjaar wel een algemene verschij­

het een soort die profiteert van de toegenomen

ning op eikenstammen. Deze soort is vooral in

hoeveelheid dood hout in onze bossen of van de

de avondschemering actief, net als de Verander­

warme zomers die we de laatste jaren kennen?

lijke boktor (Phymatodes testaceus) die soms op licht afkomt.

Subfamilie Lamiinae

aald-kortschildboktor (Molorchus minor),

Bij de Lamiinae horen een aantal soorten die ook

met verkorte dekschilden, en de Getailleerde

van grassen of kruidachtige planten leven. Het

De

boktor (Stenopterus rufus), met versmalde dek­

bekendste voorbeeld is de zeer algemene Distel­

schilden,

boktor (Agapanthin villosoviridescens). De Groene

lijken

wat

op

sluipwespen.

Beide

soorten worden vaak op bloemen aangetroffen.

kruidenboktor (Phytoecia cyli11dricn) ontwikkelt

De Mierenboktor (Anaglyptus mysticus) en de

zich in de wortels en stengel

Elzenboktor (Phymatodes alni) lijken slechts erg

men en brandnetels. Andere soorten van deze

oppervlakkig op mieren. Ook de Kleine wes­

subfamilie ontwikkelen zich wel in houtige

penboktor (Clytus arietis) (Foto

7) en Gele wes­ penboktor (Plagionotus detritus) (Foto 8) zijn niet

van schermbloe­

gewassen, maar dan vaak eerder in dunnere takken dan in boomstammen of stronken. De

echt overtuigende wespenimitatoren. De Kleine

Ladderboktor (Saperdn scalari ) kan zich in aller­

wespenboktor is zeer algemeen. De Gele wes­

lei loofbomen ontwikkelen als els, eik, en wilg

penboktor is daarentegen een erg zeldzame xe­

vooral in een vochtige omgeving. Ze werd in

rofiele soort van eiken. Dit jaar waren er een

7-

het Dijland in het Grootbroek (St-Agatha-Rode)

tal exemplaren van deze soort te bewonderen op

waargenomen. De larven van de Oogvlekboktor

een dikke omgehakte eik in het Meerdaalwoud.

(Oberea oculata) ontwikkelen zich vooral in wil­

"De Nederlandse boktorren" vermeldt geen re­

gen. Deze soort werd in het Heverleebos gevan­

cente waarnemingen uit België, maar op het na-

gen. De 3 tot 6 mm kJ ine Gewone dwergboktor De Boomklever - september 2009

75


prneu t11 ) leeft vooral in roosachtigen

(Tetrop

meidoorn en

al

ogelkers. l aast deze soorten

Referenties

werden er nog twee soorten gevonden tijdens de x lobionten-inventaris van de bosreserva­ ten van het Meerdaalwoud. Het betreft de vrij

Bense

@)

)

en de zeldzamere Grijze schorsboktor

(Me o n 11ebulo n).

(1995)

"Longhom

beetles"

Margraf Verlag, Weikersheim, Duitsland.

algemene Gewone borstelboktor (Pogonocherus

hi pid11

U

Niehuis M

@

(2001)

"Die Bockkäfer in

Rheinland-Pfalz und im Saarland" Gesellschaft für Naturschutz und Ornithologie Rheinland­ Pfalz, Mainz, Duitsland

Besluit Deze 29 fel

oorten (zie tabel

1) zijn zonder twij­

!echts een beperkt deel van alle boktorren

die in het Dijleland voorkomen. In een bosrijke regio als de onze zouden minimaal

50

soorten

te vinden moeten zijn. Ondanks deze beperkte inventarisatie werden enkele zeldzamere soor­ ten aangetroffen. Het betreft, niet verwonder­ lijk,

(1999)

"Onge­

wervelden in de bosreservaten van Meerdaal­ woud" in "De bosreservaten van Heverleebos en Meerdaalwoud" VHM, Heverlee, Belgie. Zeegers _T & Heijerman T

@

(2008)

"De

ederlandse Boktorren" Entomologische Tabel­ len

2,

Naturalis, Leiden, Nederland.

oorten gebonden aan grote loofbossen. Dit

toont eens te meer het uitzonderlijk belang van het

Vandekerkhove K et al.

@

boscomplex

Heverleebos-Meerdaalwoud

Joris Menten

voor de biodiver iteit in V laanderen aan. Door het ver chijnen van een uitstekende veld­ gid

i

de determinatie van boktorren nu ook

voor de gewone natuurliefhebber toegankelijk, hoewel een oog voor detail natuurlijk nog steeds noodzakelijk is. Hopelijk zorgt dit werk voor een toename van boktorrenwaamemingen in de re­ gio. Alle waarnemingen worden be t op www.waarnemingen.be ingevoerd, bij voorkeur met een foto als bewijsmateriaal. Zeld­ zame vondsten of interessante observaties

kunnen

natuurlijk

ook steeds op de Dijleland-lijst vermeld worden.

Foto 8: De zeer zeldzame, xerofiele Gele wespenboktor (Plagionotus detri­ tus) is vooral te vinden op oude zonbeschenen eiken, foto Joris Menten De Booml<lever -september 2009

76


. . ."'

:fr: ..

lnsecttJn ¡�z":J

Tabel l: Boktorrren (Cerambycidae) waargenomen in het Dijland gedurende de periode 1999-2009

Wetenschappelijke naam

Nederlandse naam

Agapanthia villosoviridescens

Gewone distelboktor

A/osterna tabacico/or

Geelpoot-sma 1 boktor

Anaglyptus mysticus

Mierenboktor

Clytus arietus

Kleine wespenboktor

Cortodera humeralis

Eiken-bloesemboktor

Corymbia fulva

Zwart-tip smalboktor

Corymbia rubra

Gewone smalboktor

Grammoptera abdominalis

Grijze bloesemboktor

Grammoptera ruficornis

Gewone bloesemboktor

Leptura (Stenurella) me/anura

Tweekleurige smalboktor

Leptura aethiops

Grote zwarte smalboktor

Leptura maculata

Geringelde smalboktor

Leptura quadrifasciata

Gevlekte smalboktor

Mesosa nebulosa

Grijze schorsboktor

Molorchus minor

Naald-kortschildboktor

Oberea ocu/ata

Oogvlekboktor

Pachytodes cerambyciformis

Korte smalboktor

Phymatodes testaceus

Veranderlijke boktor

Phytoecia cylindrica

Groene kruidenboktor

Plagionotus detritus

Gele wespenboktor

Pogonocherus hispidus

Gewone borstelboktor

Prionus coriarius

Lederboktor

Pyrrhidium sanguineum

Vuurboktor

Rhagium inquisitor

Grijze ribbelboktor

Rhagium mordax

Geelzwarte ribbelboktor

Saperda scalaris

Ladderboktor

Spondylis buprestoides

Wortelboktor

Stenopterus rufus

Getailleerde boktor

Tetrops praeusta

Gewone dwergboktor

'i'

0

0

De Booml<lever - september 2009

77


Verrassend nachtelijk bezoek in een tuin in Heverlee Verslag van een jaar nachtvlinderinventarisatie

G

eprikkeld door onze deelna­

De methode

me aan de nachtvlinderinven­

Je las het al in de inleiding: we lokken en van­

tarisatie in Heverleebos (NSGD

gen de nachtvlinders met een nachtvlinderval.

activiteit in 2007), de prachtige

dat makkelijk op te zetten is en weinig plaats

tekeningen in de Tirion Veldgids

inneemt als het ingepakt is. De nachtvlinders

Nachtvlinders,

lamp en 'vallen' dan in de val, waar ze meestal

de

enthousiaste

verhalen van een collega en het bezoek van een Spaanse vlag in

We kochten een koffermodel (de skinnerval)

worden aangetrokken door een kwikdamp­ wegkruipen achter de eierdozen om rustig te wachten op hun vrijlating. Deze val staat meestal op het terras, op bleke

de tuin, kochten we een nachtvlin­

tegels en, gezien de grootte van de tuin, dichtbij

derval. De nieuwsgierigheid naar

de muur. Meestal installeren we de val tegen

de nachtelijke bezoekers in onze

zonsopgang. Het voordeel van deze werkwijze

tuin was te groot geworden. Zoals je hieronder kan lezen, werd onze nieuwsgierigheid zeker bevredigd.

zonsondergang en maken we ze leeg vlak na is dat we de tussentijd kunnen gebruiken om te slapen... Met de klassieke methode van nacht­ vlinderdeterminatie door licht en lakens moet je de ganse nacht doorkijken, wat het wel een vermoeiende hobby maakt. Het grootste aantal van de nachtvlinders zit in

De tuin

de val en ook op de muur vinden we altijd wel

Onze tuin ligt in de Mezenlaan te Heverlee. Een

exemplaren. De ervaring leerde dat de span­

tuin van ongeveer 50m2 omringd door de andere

ners het moeilijkst te vangen zijn. Voor span­

tuinen uit de wijk: de huizen staan in een vier­

ners blijf je best in de buurt van de val, om ze te

kant blok met alle tuinen aan de binnenkant. Op

pakken te krijgen als ze even rusten in de buurt

zich een kleine tuin, maar voor nachtvlinders

van de val.

die niet op de afscheidingen botsen, een ruime groene plek in het centrum van Heverlee. De

Soorten

tuin biedt zowel kamperfoelie, aalbessen, fram­

In totaal determineerden we 166 soorten (zie

bozen en verschillende kruiden naast een gel­

Tabel 1). Zoals je in onderstaande lijst kan zien,

derse roo , veldesdoorn en verschillende bloe­

beperken we ons -voorlopig- nog tot de macro­

men. De omliggende tuinen vertonen enorm

nachtvlinders. Voor eerstejaars, een voldoende

veel variatie: van grote kerselaars tot een steriel

grote uitdaging ... Ik herinner me de eerste och­

gazon.

tenden nog. Het woord 'stress' was zeker van

De Mezenlaan ligt op ongeveer twee kilometer

toepassing: we moesten elke vlinder opzoeken,

vlindervlucht van het arboretum van Heverlee­

hadden amper 3 potjes en hoe zie je in gods­

bos of de Abdij van 't Park en een kilometer vlin­

naam het verschil tussen een open en een kleine

dervlucht van het kasteelpark van Arenberg.

breedbandhuisrnoeder? Dat laatste is vaak nog

78

De Boomklever - september 2009


een vraag, maar intussen kennen we de meest voorkomende soorten én hebben we een hele verzameling potjes, waar we de 'te onderzoeken' exemplaren in kunnen parkeren. Als ik ons notitieboekje erbij neem en naar de eerste lijsten kijk, valt het op dat we merkelijk meer soorten kunnen determineren.

a een

jaar, laten we enkel nog de micro' aan ons voorbijgaan. Het preekt voor zich dat we om ook de mist ingingen met onze determinatie. Sta me toe om hier niet te veel over uit te weiden ... Tabel 1: Macronachtvlinders van de Mezenlaan, Heverlee

� �

Apoda limacodes

Slakrups

Zeuzera pyrina

Gestippelde Houtvlinder

Triodia sylvina

Oranje Wortelboorder

Orepana falcataria

Berkeneen taart

Thyatira batis

Braamvlinder

Habrosyne pyritoides

Vuursteenvlinder

Achlya flavicornis

Lente-orvlinder

Comibaena bajularia

Gevlekte Zomervlinder

Cyclophora li11earia

Gele Oogspanner

Timandra comae

Lieveling

Scopula i111itaria

Ligusterstipspanner

ldaea biselata

Schildstipspanner

ldaea fuscovenosa

Dwergstipspanner

ldaea seriata

Paardenbloemspanner

Jdaea dimidiata

Vlekstipspanner

ldaea aversata

Grijze Stipspanner

Xan thorhoe biriviata

Springzaadbandspanner

Xanthorhoe spadicearia

Bruine Vierbandspanner

Xanthorhoe ferrugata

Vierbandspanner

Xanthorhoe fluctuata

Zwartbandspanner

Epirrhoe alternata

Gewone Bandspanner

Camptogramma bilineata

Gestreepte Goudspanner

Eulitliis prunata

Wortelhoutspanner

Gandaritis pyraliata

Gele Agaatspanner

Ecliptopera silaceata

Marmerspanner

Chloroclysta siterata

Papegaaitje

Dysstroma truncata

Schimmelspanner

Thera britannica

Schijn-sparspanner

Colostygia pectinataria

Kleine Groenbandspanner

Hydria undulata

Gegolfde Spanner

Operophtera brnmata

Kleine Wintervlinder

Eu pithecia absinthiata

Egale Dwergspanner

Eupithecia assimilata

Hopdwergspanner

Eupithecia vulgata

Gewone Owergspanner

Chloroclystis v-ata

V-dwergspanner

Gymnoscelis rufifasciata

Zwartkamd wergspanner

Euclioeca nebulata

Leverkleurige Spanner

Lomaspilis marginata

Gerande Spanner

Ligdia adustata

Aangebrande Spanner

Stegania trimaculata

Drievlekspanner

Macaria notata

Klaverblaadje

Macaria altemata

Donker Klaverblaadje

Macaria wauaria

Zwarte-w-vlinder

Opisthog rapt is Iuteolata

Hagendoorn vlinder

Selenia dentaria

Herculesje

Selenia lunularia

Lindeherculesje

Crocallis elinguaria

Kortzuiger

Angerona prunaria

Oranje Iepentakvlinder

Lycia liirtaria

Dunvlerkspanner

Bisto11 betularia

Peper-en-zoutvlinder

Peribatodes rhonrboidaria

Taxusspikkelspanner

Alcis repa11data

Variabele Spikkelspanner

Hypomecis roboraria

Grote Spikkelspanner

Hypomecis punctinalis

Ringspikkelspanner

Ectropis crepuscularia

Gewone Spikkelspanner

Cabera pusaria

Witte Grijsbandspanner

Cabera exanthemata

Bruine Grijsbandspanner

Lornographa temerata

Witte Schaduwspanner

Campaea margaritata

Appeltak

Hylaea fasciaria

Rode Dennenspanner

Pungeleria Capreo/aria

Dennenbandspanner

Sphinx pinastri

Dennenpijlstaart

Snrerinthus ocellata

Pauwoogpijlstaart

Laothoe populi

Populieren pijlstaart

Deilephila elpenor

Groot Avondrood

Notodonta dromedarius

Dromedaris

Notodo11ta ziczac

Kameeltje

Pheosia gnoma

Berkenbrand vlerkv li nder

Ptilodon capucina

Kroonvogeltje

Ptilodon cucullina

Esdoorntand vlinder

Pterostoma palpi11a

Snuitvlinder

Phalera bucephala

Wapendrager

Clostera curtula

Bruine Wapendrager

Thaumetopoea nea

process10-

Eikenproce

ierup

De Booml<lever - september 2009

79


Cnllitearn p11dilm11da

Meriansborstel

M yth i11111a l-albu111

Witte-1-uil

Ly111n11fria 111011acha

l onvlinder

Brachylomia viminalis

Katwilguiltje

Ly111nntria di par

Plakker

Conistra vacci11ii

Bosbes uil

Miltoc/1ristn 111i11iata

Rozenblaadje

Agrochola circellaris

Bruine Herfstuil

Eile111a sororwla

Geel Beertje

Conistra rubigi110 a

Zwartvlekwinteruil

Eilc111a gri eola

Glad Beertje

0111phaloscelis lu11osa

Maansikkel uil

Spilosoma lubricipeda

Witte Tijger

Acronicta leporina

Schaapje

Spiloso111n lutea

Gele Tijger

Acro11icta tridens I psi

Drietand/ Psi-uil

Spilosoma urticae

Sneeuwbeer

Acronicta rumicis

Zuringuil

Oinphora 111e11dica

Mendicabeer

Craniophora ligustri

Schede Idrager

Phragmatobia fuligi11osa

Kleine Beer

Cryphia algae

Donkergroene Korstmosuil

Euplagia quadripunctaria

Spaanse Vlag

Trachea atript icis

Meldevlinder

Agrotis segetu111

Gewone Velduil

Euplexia lucipara

Levervlek

Agrotis clavis

Geoogde Worteluil

Phlogophora 111eticulosa

Agaatvlinder

Agrotis excla111ationis

Gewone Worteluil

Cosmia trapezina

Hyena

Agrotis ip ilon

Grote Worteluil

Apamea lithoxylaea

Bleke Grasworteluil

Agrotis puta

Puta-uil

Apamea monoglypha

Graswortel vlinder

Axylia pulris

Houtspaander

Apamea crenata

Variabele Grasuil

Ochropleura plecta

Haarbos

Apamea remissa

Grauwe Grasuil

Huismoeder

Apamea sordens

Kweekgrasuil

Volgeling

Apamea scolopacina

Bosgrasuil

Breedbandhuismoeder

Oligia latruncula

Donker Halmuiltje

Kleine Breedbandhuismoe-

Mesoligia furuncula

Zandhalrnuiltje

Mesapamea secalis

Halmrupsvlinder

Mesapamea didyma

Weidehalrnuiltje

octua pronuba

octua fimbriata

der octua janthe

Open-Breedbandhuismoe-

der

Noctua in terjecta

Kleine Huismoeder

Luperina testacea

Gewone Grasuil

Oiarsia mendica

Variabele Breedvleugeluil

Rhizedra lutosa

Herfstrietboorder

Oiarsia rubi

Gewone Breedvleugeluil

Charanyca trigra111111ica

Drielijnuil

Xestia c-nigrum

Zwarte-c-uil

Hoplodri na octogenaria

Gewone Stofuil

Xestia triangulum

Driehoekuil

Hoplodrina blanda

Egale Stofuil

Xe tia xanthographa

Vierkantvlekuil

Caradrina morpheus

M orpheussto fuil

Hada plebeja

Schaaruil

Paradrina clavipalpis

Huisuil

Marnestra brassicae

Kooluil

Protodeltote pygarga

Donkere Marmeruil

Mela11chra persicariae

Perzikkruiduil

Earias clorana

K1eine Groenuil

Lacanobia oleracea

Groente-uil

Bena bicolorana

Grote Groenuil

Hecatera bicolorata

Tweekleurige Uil

Colocasia coryli

Hazelaaruil

Hadena cornpta

Wi tband-silene-uil

Oiachrysia chrysitis

Koperuil

Panolis flammea

Dennenuil

Macdunnoughia confusa

Getekende Gamma-uil

Orthosia cruda

Kleine Vootjaarsuil

Plusia festucae

Goudvenstertje

Orthosia cerasi

Tweestreepvootjaarsui 1

Autographa gamma

Gamma-uil

Orthosia incerta

Variabele Vootjaarsuil

Abrostola triplasia

Donker Brandnetelkapje

Perigrapha munda

Dubbelstipvootjaarsuil

Abrostola tripartita

Brandnetelkapje

Scoliopteryx libatrix

Roesje

Ortho ia gothica

unvlinder

Mythin111a ferrago

Gekraagde Grasuil

Hypena proboscidalis

Bruine Snuituil

Mythim11a albipuncta

Witstipgrasuil

Hypena rostra/is

Hopsnuituil

Mythimna impura

Stompvleugelgrasuil

Zanclognatha tarsipe11nalis

Lijnsnuituil

Trisateles emortualis

Geellijnsnuituil

De Boomklever - september

80

2009


De speciallekes Brachylomia viminalis - Katwilguiltje De combinatie van een kort zwart streepje het wortelveld met een

chuin daarvoor liggend

donker streepje geeft aan dat we naar een Kat­ wilguiltje kijken. Op 20 juni 2009 vonden we deze soort in de lichtbak. Het Katwilguiltje is een soort van de uilenfamilie

(Noctuidae) die lokaal voorkomt in

amen, Luik

en Luxemburg. Sinds 1980 wordt ze ook waar­ genomen in Brabant en Limburg. Een blik op de verspreidingskaart op waarnemingen.be toont dat de meest recente waarnemingen van deze oort in Vlaanderen zich beperken tot de drie­ hoek tussen Mechelen, Leuven en Diest. Op 2 juli 2009 werd ook een exemplaar waargenomen te Holsbeek. Het feit dat deze soort de laatste 2 jaren jaarlijks waargenomen wordt in deze regio, en dit al aan het begin van de vliegperiode, doet sterk vermoeden dat deze zeldzame soort hier toch ook vaste voet aan de grond heeft gekre­ gen. De soort heeft een voorkeur voor vochtige bosen, moerassen, heiden en oevers van rivieren of meren. Occasioneel komt de soort ook in tuinen voor, de onze viel blijkbaar in de smaak. Waardplanten zijn Wilg (Salix spec.) en Ratelpo­ pulier (Populus tremula). De soort vliegt in één generatie van eind juni tot eind augustus. Ze ko­ men af op licht en op smeer, en ze bezoeken ook bloemen.

Pungeleria capreolaria - Dennenbandspanner Op 8 augustus 2009 vierden we ons eerste nacht­ vlinderjaar met de waarneming van een bijzon­ dere soort. Dat vieren moest wel even uitgesteld worden: tot onze verbazing vonden we deze vlinder met toch wel uitgesproken tekening niet

van boven naar onder: Katwilguiltje, Dennenbandspanner, Zwarte-w-vlinder, foto's door de auteurs

in de Waring en Townsend. We posten de vlinder als nachtvlinder onbekend op waarnemingen. be en Wim Veraghtert determineerde deze als

Pungeleria capreolaria

-

Dennenbandspanner. De

derde waarneming voor Vlaanderen voor deze soort en volgens waarnemingen.be, de eerste

voor Vlaams-Brabant. De twee overige meldin­ gen kwamen uit de provincie Antwerpen: Mort­ sel en Mol. Later deze zomer werd de soort voor het eerst ook in het Hageven in Limburg waar­ genomen.

De Boomklever - september 2009

81


De Dennenbandspanner is een spanner (Geo­ metridae) die lokaal voorkomt in het zuiden van het land. De larve leeft op Spar (Piceus sp ec.) of Den (Pinus spec.). De volwassen vlinders vlie­ gen in één tot twee generaties, vanaf juni tot eind

eptember. Hun habitat zijn naaldbossen

en gemengde bossen. Het toegenomen aantal waarnemingen recent in Vlaanderen betreffen vermoedelijk zwervers uit Wallonië, hoewel het niet uitgesloten is dat ook deze soort zich in de toekomst in onze contreien kan vestigen.

Euplagia quadripunctaria - Spaanse vlag Bruno Bergmans schreef in de Boomklever van december 2007 al een uitgebreid artikel over deze mooie soort. In dat artikel las ik dat de soort slechts sporadisch op licht afkomt. Wel, naast de gewone waarneming van deze soort in onze tuin op 22 en 23 juli 2009, vonden de deze soort ook in de lichtval: 5 juli 2009: 2 exemplaren 26 juli 2009: 2 exemplaren 30 juli 2009: 1 exemplaar 8 augustus 2009: 3! Exemplaren

Een blik op waarnemingen.be leert dat de Spaanse Vlag inderdaad het meest in de onmi­ dellijke omgeving van Leuven gezien wordt. Zou er een grotere populatie in onze omgeving wonen waardoor er meer pakkans is? De Abdij van 't Park zou dan een mogelijke populatie­ plaats kunnen zijn. De laatste jaren zijn er geen grotere concentraties van 10 en meer foerageren­ de vlinders in onze streek meer waargenomen. Desalniettemin blijkt het de Spaanse vlag voor de wind te gaan, met steeds meer waarnemin­ gen voor gevolg. Haar geringe kieskeurigheid in verband met waardplanten (gaande van Brand­ netel en Koninginnenkruid tot zelfs Braam) is hier waarschijnlijk niet vreemd aan. Zo kan ze waarschijnlijk toch op heel wat plekken in lage aantallen tot voortplanting komen. En er is nog goed nieuws: door het opnieuw vlindervriende­ lijkere beheer van de Stad Leuven aan de geo­ logische groeve op de Kesselberg komen daar hopelijk ook spoedig de indrukwekkende tafe­ relen van tientallen foeragerende Spaanse vlag­ gen terug.

De Boomklever - september 2009

82

van boven naar onder: Grijzestipspanner, Lindeherculesje, Goudvenstertje, foto's door de auteurs


Macaria wauaria - Zwarte-w-vlinder

weinig vlinder opleveren en dat zwoele avonden borg staan voor veel kijkplezier. De oortenrijkste

Een niet zo gewone soort die verspreid over het

periode met ook de grootste aantallen nachtvlin­

h le land voorkomt, maar vermeldenswaard is

der

omwille van de mooie tekening. De beide zwarte

tus, maar zolang het niet vriest kan je eigenlijk het

V' op de voorvleugel vormen een W al de vlin­

hele jaar door nachtvlinder vangen.

der in ru thouding zit. Dit in combinatie met de

De top 5 van de meest waargenomen

licht grondkleur van de vleugels maakt dat het

als volgt:

d

moeite waard is om naar deze nachtvlinder

te kijken. Een goede soort ook om aan 'leken' duidelijk le maken dat niet alle nachtvlinders aai en grij zijn. De waardplanten van deze nachtvlinder zijn be

enstruiken, waarvan er enkele in onze en de

loopt duidelijk van eind mei tot half augus­

oorten i

1. Axylia putri - Houtspaander

(57 ex.) 2. octua pronuba - Huismoeder (51 ex.) 3. Xestia c-nigrum - Zwarte c-uil (46 ex.) 4. Agrotis exdarnationis - G wone worteluil (41 ex.) 5. Peribatodes rhomboidara - Taxusspikkel pan­

ner

(37 ex.)

aangrenzende tuinen staan (zowel Aalbes, Kruis­ be als Zwarte bes). De piekperiode voor volwasen vlinders i eind juni - begin juli en ze vliegen

Overige soorten

in één generatie. De soort overwintert als ei op de waardplant. Hopen dus dat de buren niet te veel noeien en dan afwachten of we volgend jaar te­ rug een Zwarte-w-vlinder vangen.

Een lichtbak oefent niet alleen aantrekkings­ kracht uit op nachtvlinder . Ook andere insec­ ten voelen een onweerstaanbare drang om op het licht af te komen. Vermeldenswaard zijn de

Autographa gamma - Gamma-uil

16 Meikevers (Melolon tha melolo11tha) op 1 mei

- kwestie van duidelijk te maken dat de maand Een in 2009 ook heel vaak waargenomen soort

mei begon. In juni kregen we regelmatig bezoek

was de Gamma-uil! Een nachtvlinder die zowel

van de Roestbruine bladsprietkever (Serica brun­

overdag als' nachts actief is. Daardoor zal je hem

na) en ook het Meeldauwlieveheer bee tje (Haly­

misschien wel kennen, ook al kijk je niet specifiek naar nachtvlinders. De Gamma-uil houdt in rust

zia sedecimguttata) is een trouwe klant. Geü1teres­ seerden in vliegjes en muggen zouden ook aan

zijn vleugels in de vorm van een dak. Het is niet

hun trekken komen. Het enige nadeel i dat deze

moeilijk om te raden waar de naam van de vlin­

insecten de confrontatie met de kwikdamplamp

der vandaag komt: op elke vleugel bevindt zich

zelden overleven.

een wit gamma-teken: y. In de maanden juli en augustus maak je de meeste kans om deze soort te zien. Doordat ze vaak he­

Na een jaar...

vig met hun vleugels trillen als ze nectar zuigen uit bvb. de kamperfoeliebloemen, vallen ze goed op. Het meest fascinerende aan deze vlinder is

Durven we stellen dat nachtvlinder

kijken een

verslavende activiteit is. Het is enorm fascinerend

dat het een trekvlinder is: ze komen uit het Mid­

om de nachtvlinderbiodiversiteit in je eigen (klei­

dellandse Zeegebied. De aantallen fluctueren zo­

ne) tuin te ontdekken. Het is zonder meer verras­

als bij andere trekvlinders sterk van jaar tot jaar.

Voor de cijferfetisjisten

send welke diversiteit aan soorten je op één jaar in een tuin kan aantreffen. Het feit dat Heverlee interessant ligt, in de buurt van verschillende grote natuurgebieden, zal zeker een handje ge­ holpen hebben om ook enkele ( uper)zeldzame

De 166 soorten vingen we op 22 nachten. 54

soorten te strikken. Dat maakt het er alleen nog

soorten zagen we slechts éénmaal. In totaal vin­

maar intere santer op.

gen we 1003 exemplaren met een maximum van

We ging n trouwens ook al een op verplaatsing:

119 exemplaren op 5 juli 2009 en een bedroe­

naar Rotselaar en éénmaal in de Abdij van 't Park.

vende 10 exemplaren op 28 september 2008. We

Maar daarover in een volgend artikel mi

leerden dat nachten met een mooie volle maan

meer.

De Boomklever - september 2009

chien

83


Referenties •

Waring, P. en Townsend, M. (2006), voorkomende oorten.

achtvlinders. Veldgids met alle in

ederland en België

ederland e uitgave door Tirion Natuur, tweede druk, november 2006

Portaalwebsite voor Belgi che waarnemingen: www.waamemingen.be

Phegea website: www.12hegea.org

De Vlinderstichting: www.vlindernet.nl

Bergmans, B. (2007) De Spaanse Vlag - Kroniek van een spectaculaire uitbreiding, De Boom. Klever 35:111-118

Door Els Schollen (foto's en geduld voor het determineren van de moeilijke gevallen) en

Krien Han en (tekst) Krien_hansen@hotmail.com

Altijd een schitterende verschijning: Groot avondrood, foto Els Schollen

De Boomklever - september

84

2009


De Teunisbloempijlstaart duikt op in Egenhoven, een primeur voor het Dijleland

0

nlan gs, eind juli, bij werken in de tuin vielen mij twee

grotere rupsen op, zich te goed doend aan de bladeren van een teunisbloem.

Nieuwsgierig

naar

welke soort heb ik mij op het in­ ternet gestort, gezien mijn lec­ tuur over

vlinders zich beperkt

tot een boekje over dag vlinders van de Benelux - mij ooit nog ge­ schonken door dhr. Jos Monnens - en het was vrij snel duidelijk dat het hier waarschijnlijk een nacht­ vlinder betrof. Nu, zoeken op het internet zonder

te weten waar

precies te starten, blijkt een be­ hoorlijk

frustrerende

bezigheid.

Na enkele uren dan toch maar eens "rups+teunisbloem" (zucht) geprobeerd en welaan, daar ver­ schijnt toch wel Teunisbloempijl­ staart

(Proserpinus proserpina).

De bij­

horende foto's namen alle twijfel weg.

Van rups... Zoals gezegd zaten de rupsen dus op een teu­ nisbloem, de Middelste meerbepaald (Oenothera

bienni ). Dat blijkt dan ook een waardplant te zijn, net als Wilgenroo je, Basterd wederik en Kattenstaart. De habitat wordt omschreven al open plekken in vochtige bossen, bo randen en warme open plaatsen. Dat leek mij wat vreemd, gezien een tuintje in Egenhoven niet echt onder één van die categorieën valt, maar goed, blijk­ baar voelt de soort zich er toch thuis. Inder­ daad, ook in stedelijke gebieden lijkt de oort het naar haar zin te kunnen hebben, zolang er maar voldoende waardplanten staan. Wat de herkenning betreft, is de soort al rup behoorlijk onmi kenbaar. Volgroeide rup en zijn opvallend groot in verhouding tot de vlin­ der (60-70 mm). Jonge rupsen zijn groen, met een gele dorso-laterale lijn, rup en in hun laat­ ste "kleed" zijn bruinig met zwarte puntje op de rug, zijkanten en onderzijde zijn bruingeel, met schuine, donkere strepen op de zijkant. In elke streep zit een rood-blauw "oog". Sommige rupsen hebben een eerder creme witte ba i kleur, anderen zijn zoals gezegd eerder bruin. Waar andere pijlstaarten hun naam halen uit een stekelige appendix, betreft het hier een op­ vallende zwartomrande matgele vlek. De pop is roodbruin met een donkerder hoofd en abdomen. Het heeft wat weg van de pop van een Oleanderpijlstaart (Daphni nerii een superzeldzame trekvlinder uit subtropische ge­ bieden), maar i met zijn 25-30 mm veel kleiner (65-70 mm voor Oleanderpijlstaart). Tijden de overwinteringsfase is ze in de strooiselllaag tot soms 2-5 centimeter diep in natte, zachte bo­ dem terug te vinden. -

... tot vlinder De volwassen vlinder (imago) heeft donkere dwarsbanden op de voorvleugel, die ongeveer 18-22 mm meet, hetge n zorgt voor en spanDe Booml<lever - september 2009

85


spanwijdte van 46-80 mm). Hoewel de af­ metingen van de vleugel erg kunnen verchillen tussen verschillende specimens, komen kleurafwijkingen nagenoeg niet voor, zich beperkend tot ver chillende schakeringen van groen, in ommige ge­ vallen groen-grijs. Vandaar dat deze oort eigenlijk niet te verwarren is met andere oorten Sphi11gidae (de familie nachtvlin­ ders die pijlstaarten omvat). De onder­ vleugel varieert in kleur van geel tot oran­ je, heeft een donkere eindband en i net als de voorvleugel ietwat gekarteld, zij het in iets mindere mate. De vliegtijd is bij ons in één g neratie van oord-Afrika vliegt de mei tot juni. In soort wel in twee generaties, met name in maart en in juni-juli. Volwassen vlinders -in tegenstelling tot de opvallende rupsen- zijn eigenlijk moeilijk waar te nemen door hun perfecte groenige schutkleur en hun gewoonte om overdag laag tussen de planten te rusten. Ze vlie­ gen slechts een korte periode rond zons­ opgang en zonsondergang. Slechts heel uitzonderlijk kunnen ze ook midden op de dag vliegend waargenomen worden. Ze komen af op sterk geurende bloemen zoals Jasmijnen Uasminum spec.) en Slan­ genkruid (Echium vulgare). Ze worden ook aangetrokken door licht en kunnen zo ook bij inventarisaties met een skinnerval op­ gepikt worden.

Alweer een zuidelijke soort in opmars

wijdte van om en bij de 36-60 mm. Deze getal­ len zijn echter variabel en de mee te exemplaren zitt n rond een spanwijdte van 46 mm (ter ver­ gelijking, de enig zins gelijkende Lindepijl taart (Mima liliae) i meestal toch wal groter met een De Boomlclever - september 2009

86

De Teunisbloempijlstaart is een eerder zuidelijke soort die over het hele Middelandse zeebekken voorkomt en zo verder over Oost­ Europa tot in Centraal-Azië. Waar deze soort voor 1980 een uiterst zeldzame trekvlinder was in België, met enkel waarnemingen in de pro­ vincies Luxemburg en Luik, neemt het aantal waarnemingen de laatste jaren snel toe. Intus­ sen werd de soort al in elke provincie waargeno­ men, waarbij regelmatig ook lokale voortplan­ ting werd vastgesteld. De soort schijnt typisch wel steeds erg lokaal te zijn, waarbij ze soms een paar jaren op een bepaalde plek aanwezig kan


zijn, om dan weer te verdwijnen. Stijgende aan­ tallen waarnemingen in

ederland

Limburg

doen trouwens vermoeden dat de trend van het almaar noordelijker voorkomen van dez

oort

zich voortzet. Het meest noordelijk aangetrof­ fen exemplaar (tot nu toe), bevond zich in Rus­ land, dichtbij de gren met Finland.

Referenties •

De Prin W.O.: Catalogue of the Lepidop-

tera of Belgium, www.phegea.org •

Waring P. & Town end M., 2006:

vlind r . V ldgids met alle in

acht­

ed rland en

België voorkomende soorten. Tirion Uitgevers B.V., Baarn. •

www.ukmoths.org.uk

http://tpittaway.tripod.com/sphinx/

Jan Lena rt janlenaert@yahoo.com Bruno Bergmans bruno.bergmans@scarlet.be

Teunisbloempijlstaart, foto Maarten Jacob , www.phegen.co111 © De Booml<lever - september 2009

87


Opmerkelijke vogelwaarnemingen in de Dijlevallei en omgeving, april-mei 2009

D

it overzicht van opmerkelijke en

interessante

vogelwaar­

nemingen in de Dijlevallei beslaat voornamelijk de periode april-mei

2009. De bestreken regio omvat de gemeenten Bertem,

Kortenberg,

Leuven,

Herent,

Gebiedsafkortingen: WLS

de aangrenzende gebieden. De vol­ gende rubriek zal de periode juni - augustus 2009 omvatten. Waar­ nemingen worden voor 5 decem­

Wilsele/Vijvers Bellefroid, LP

Lo/Leopoldspark, AVP Park, ZW

=

Oppem =

=

=

Kessel­

Heverlee/Abdij van

Oud-Heverlee/Zoete Water , OH

= Oud-Heverlee/1 ,

OHZ

weilanden

Oud-Heverlee/Z,

=

en Bogaardenstraat

tu

(Oud-Heverlee - Korbeek-Dijle) en

Oud-Heverlee,

Huldenberg, Overijse, Tervuren en

=

GB,

GB=

eerijse/Grote Bron (deel Doode Bemde), =

KV

eerijse/Kliniekvijvers (deel Doode Bemde) en

SAR= Sint-Agatha-Rode/Grootbroek.

Grauwe Gans Anser anser 22/04

1 ad te SAR

(I.

el)

Bergeend Tadorna tadorna

ber 2009 verwacht bij Kelle More­

Bergeenden werden tijdens de maanden april

au, Korenbloemlaan 5, 3052 Blan­

en mei 2009 61 keer opgemerkt in regio Leu­

den, 0486112.58.77, kelle.moreau@

gmail.com

ven (versch. waarn.). Het ging hierbij steeds om groepjes van 1-5 ex., met 8 ex. op 5/04 te NGB

(I.

Nel, L. Hendrickx) als maximum.

Smient Anas penelope Nadat het laatste mannetje na 5/04 verdwenen Waarnemingen van onder meer Knobbelzwaan,

was uit de zuidelijke Dijlevallei (OHZ, L. Hen­

Krakeend, Slobeend, Wintertaling,

drickx), brachten twee mannetjes op 30/04 nog

Tafeleend,

Kuifeend, Patrijs, Dodaars, Fuut, Aalscholver,

een laat bezoek aan LP (S. Goethals).

Blauwe Reiger, Havik, Waterral, Kievit, Houtnip, Stormmeeuw, Zilvermeeuw, Kleine Man­ telmeeuw, Kerkuil,

Steenuil, Bosuil, Ransuil,

Ij vogel, alle spechten, Veldleeuwerik, Gras­

Pijlstaart Anas acuta Slechts één waarneming: lm op 3/04 te NGB (L. Hendrickx)

pieper, Grote Gele Kwikstaart, Vuurgoudhaan, Glan kop,

Matkop,

Kuifmees,

Zwarte

Mees,

Zomertaling Anas querquedula

Roek, Ringmus, Putter, Kneu, Goudvink, Geel­

Uit

gor , Rietgors en alle exoten werden niet in dit

periode april-mei maar liefst 115 waarnemin­

verslag opgenomen maar wel verwerkt. Ook

gen van Dijlelandse Zomertalingen worden ge­

en ongedetermineerde arend en een onzekere

haald (versch. waarn.), weliswaar met heel wat

waarneming van Grote Karekiet werden niet weerhouden.

dubbelwaarnemingen ertussen. Voor eventuele

De Booml<lever - september 2009

88

www.waarnemingen.be

konden voor

de

broedbewijzen is het tijdens deze periode nog


oge/$,. .. . .,

Y,�

.• ..-r

wat te vroeg. Buiten de Dijlevallei werden re p. lmlv en 2 ex. waargenomen te LP op 2 en 8/04

el,

J. Rutten, M. Hens e.a.) 10/05 2 ad zom te OHZ (B.

(M. Lehouck, L. Havet).

Hendrickx, P. Goubau)

ef,

J.

ysten, L.

Aangezien de pleisterende G oorde Futen in

Krooneend Netta rufina 30/05

Hendrickx) en 31/05 S

R

de Dijlevallei tijden

1 ad m achtereenvolgens te OHZ GB

(I.

(L.

el)

zekerheid te vernemen in hoeverre er meerdere

1 ad m (verm. zelfde als op 30/05) te

(K. Moreau, P.

het voorjaar van 2009 erg

mobiel bleken te zijn, was het moeilijk om met

uyts, F. F luyt e.a.)

koppel

in het

pel waren. Op meerdere data

konden echter uitsluitende waarnemingen wor­ den verricht van twee duo's op ver chillende

Kwartel Coturnix coturnix 14, 16 & 29/05 Erp /Dorenveld

plaatsen (ver ch. waarn.).

resp. min. 1 zp, 1 zp & 1 zp te

(A. Smet , H. Roosen, P. Moy-

on ) 30/05

Roodhalsfuut Podiceps grisege11a 19/05

1 zp te Leefdaal/plateau

zp te Bierbeek/plateau

(J.

y ten), 1

GB (S. Horemans, M.

Tomballe)

(K. Moreau) Grote Zilverreiger Cas111erodius albus

Geoorde Fuut Podiceps nigricolli 25/04, 3, 8 & 17/052 ad zom te

Grote Zilverreiger GB

(I.

el,

J.

y ten, S. Horeman , L. Hendrickx e.a.) 26/04 & 11/05

1 ad zom te

2 ad zom te OH

(R. Stok , G.

den

werden in de Dijlevallei tij­

april en mei 2009 waargenomen te SAR

(telkens 1 ex. op 2, 9 & 20/04; G. Vanautgaerden, I.

el, L. Hendrickx,

M. Bracquiné), OH

r

(resp.

Vanautga rden, R. Uyttenbroeck e.a.)

1, 2 & 1 ex. op 12, 25/04 & 12/05; W. De met, P.

09-19 & 25/05

Collaerts,

2 ad zom te SAR (F. Maes, 1.

J. Rutten e.a.), Oppem (resp. 1 ex. ZW

Geoorde Juut, Neerijse Grote Bron, 25 april 2009, foto Luc Hendrickx De Booml<lever - september 2009

89


10/04

1 ex. te Overijse/Maleizen (V. Bulteau)

Hendrick ), Terlanen/ Onderbo (1 e . op 12/04;

1 1/04

1 ex. te Meerbeek (A. Smet )

H. Roo en), OH/Ormendaal (1 ex. op 15/04. T.

12/04

1

de Thier),

Smets)

en 1 e . lpl op 12/04 & 15/05; I.

el, W. De met, L.

KV (1 ex. op 20/04; K. Hansen, E.

chollen), OHZ (2 ex. op 25/04; S. Horemans, J. Ny ten, L. Hendrickx) en 6 & 10/05; J.

y ten, B.

GB (telkens 1 ex. op

15/05

ex.

1 ex.

te

Leefdaal/Duivendelle

0 te

(A.

éthen/Marbai e (S. Peten,

A. Smet ) 16/05

1 ex. 0 te Leefdaal/Duivendelle, 2 ex. 0 te Korbeek-Dijle/plateau (A. Smet )

ef, H. Roo en).

Woudaap Ixobrychus minutu 20/05

1 ad m aud te AVP (J.

Zwarte Wouw Milvu migrnn

ysten)

11/04

1

ex.

te

Korbeek-Dijle/plateau

Ooievaar Cico11in cico11in

Smets)

04/04

19/04

1 ex. te SAR (S. Horemans)

08/05

1 ex. N1 W te SAR (H. Roo en)

09/05

1 ad te Leefdaal/plateau (J.

1 ex. laag over OHZ, mogelijk ingeval-

len om te overnachten (L. Hendrickx) 10/04

2 ex. te Oppem, dan naar

(L. Hen-

15-1 6/05

drickx, I. 1 el) 1 /04 (J.

1 e . te Wilsele (G. Ryken), 1 ex. te OHZ

19/04

te Heverlee/Langestaart (R.

2 ex.

2 ex. over Erps/Dorenveld (P. Moy-

(J. Kieboom )

Via de diverse doorgeefkanalen werden in april Bruine Kiekendieven verzameld, v rspreid over de regio en de periode (versch. waarn.).

1 ex. achtereenvolgens Z te Heverlee/

Terbank (T. Vandezande), pleisterend in de Doo­ de Bemde (H. Roosen) enZ te SAR

(I. 1 el)

Blauwe Kiekendief Circus cyaneus 02/04 se

Zwarte Ooievaar Ciconia nigra 19/04

KV

en mei 2009 maar liefst 53 waarnemingen van

on ) 1 6/05

ysten)

0 te

Bruine Kiekendief Circus aerugino u

Uyttenbroeck) 30/04

1 ex.

1 ex. over Korbeek-Dijle/plateau (A.

Smet ) 20/04

ysten)

1 ex. te Korbeek-Dijle - Leefdaal/pla­

teau (A. Smets, J. 23/05

ysten)

(A.

(H. Blockx)

05/04

1 ex. Z te Wilsele-Putkapel (J. De Rycke)

1 ad m te Bierbeek/Tourinnes-La-Gros2 ad v te Korbeek-Dijle/plateau (A.

Smets, T. de T hier), 1 ad v te Neerijse/plateau (J. Menten)

Lepelaar Platalea leucorodia 13/05

1 ad zom vanuit Z invallend te SAR

(1.

Grauwe Kiekendief Circus pygargus

Nel)

25/04

1 v-type over Loonbeek (S. Bouillon)

14-15/05 1 ad zom (zelfde ex. als op 1 3/05) te

26/04

1 v ZW te Bertem/Koeheide (G. Bleys)

Heverlee/Langestaart (maar niet continu aanwe­

05, 15 & 1 6/05 resp. 1 ad v tpl, 1 ad v tpl & 1

zig) (G. Vanautgaerden, P. Moysons, R. Uytten­

ad v NO te Leefdaal - Korbeek-Dijle/plateau (B.

broeck, S. Bouillon, E. Toorman)

Bergmans, J. Nysten) 1 5/05

Wespendief Pernis apivorus

1 ad v

0 te Beauvechain/plateau (H.

Blockx)

De eer te Wespendieven voor 2009 waren een vrouwtje over Bierbeek op 6/05 (D. von Werne),

Slangenarend Circaetus gallicus

een mannetje ter plaatse te SAR op 9/05 (A.

09/05

Smets) en een ex.

ren,

drickx, I.

el).

0 te SAR op 9/05 (L. Hen­

1 ex. pleisterend te SAR (K. Van Scha-

I. Nel)

adien volgden er nog 48 mei­

Het gaat hier om de vijfde melding van deze

waamemingen, met op meerdere plaatsen het

soort in de regio, met een sterk toenemende

mysterieuze vlindergedrag (versch. waam.).

frequentie tijdens de laatste jaren. De eerdere

Rode Wouw Milvus milvus

maar niet aanvaard door

02/04

18/04/05, 1 ex. NO te SAR op 1 7/05/08 en 1 ex.

gevallen: 1 ex. te Pécrot op 17/04/84 (ingediend 1 ex. ZZW te Leuven/Provinciehuis (B.

L'Homme) De Boomklever - september 2009

90

CH), 1 ex. N te SAR op

0 te Leefdaal op 26/06/08.


Roodpootvalk Falco vesperti1111 16/05

1 ad v over Kor-

beek-Dijle/plateau

(L. Smets)

Slechtvalk Falco peregri11us Twee adulte Slechtvalken konden nog gedurende de gan e periode worden

waargenomen

rondom

de Sint-Pieterskliniek, en bij uit­ breiding in het ganse Leuven e stad centrum

(versch.

waarn.).

Enkele wilde verhalen ten

pijt,

werden op 8/05 bij nestka tcon­ trole

twee lege kasten aange­

troffen

(P. Smet , K. Van Scharen,

P.Collaert ).

De

enige

waarne­

ming buiten het centrum betrof een ex. over Heverlee op 21/04

(R. Uyttenbroeck).

Een vrij zeldzaam beeld: een pleisterende Kraanvogel, Ooode Bemde, 3 mei 2009, foto Luc Hendrickx

Kraanvogel Grus grus

Visarend Pandion haliaetus 11/04

1 ex.

Roo en), 1 ex.

0 te Terlanen/Laanvallei

(H.

0 te Meerbeek/

1 ex. te SAR en OH

el, J. Le­

(I.

1 ex. te Pécrot en

GB (I.

el, M. Van

(J.

1 ex. te OH

(R . Uyttenbroeck, P.

1 ex. over Wijgmaal/Wijgmaalbroek

ysten)

31/05

beek, in de vallei van de Mollendaalbeek, een

1 ex. over Terlanen

troffen (D. von Werne). Deze vogel bleef hier tot op 20/04 aanwezig (L. Hendrickx, W. Desmet,

Moysons) 22/05

oéstraat te Bier­

e

den Eynde, M. Van Lishout) 28/04

langs de

1 zomer met een gebroken linkerpoot aange­

naert, L. Hendrickx) 16/04

wonde Kraanvogels in regio Leuven! Op 1 /04 werd in de akker

Dorp straat (M. Hens) 13-14/04

Voorjaar 2009 leek wel het voorjaar van de ge­

E. Malfait,

P. Moy ons) maar was dan toch ver­

dwenen alvoren

door een vogelopvangcen­

trum kon worden ingegrepen. Intu

en werd

op 19/04 een adulte Kraanvogel ontdekt in de Doode Bemde te l eerij e (D. Drukker). Deze

(H. Roo en)

bleef tot op 22/04

(J.

y ten, K. Han en, S. Ho­

remans, F. Fluyt). Op 27/04 zat er hier dan terug

Smelleken Falco columbarius 14/04

lm NO te Erps/Dorenveld (A. Smets)

een adult (dezelfde?), met een verdikking aan

19/04

1 ex.

de linkerpoot en een gezwel recht

(F. Fluyt), lm

0 te Huldenberg/Spitsberg 0 te Korbeek-Dijle/plateau

ysten), 1 ex.

0 te Erps/Dorenveld

(J.

(P. Moy­

sons) 26/04

1

ex.

0

te

Veltem-Beisem

(S.

(I.

op de kop

el). Er volgden nog waarnemingen van dit

ex. op 29/04 en 2-5/05 (ver ch. waam.). Twee late Kraanvogels vlogen op 10/05 de verkeerde richting uit (ZO) te SAR/Vette Weide (T. Van­

D'Hont)

dezande).

Boomvalk Falco subbuteo

Kleine Plevier Charadrius dubius

De eerste Boomvalken voor regio Leuven anno

Het koppel Kleine Plevieren dat eind maart

2009 vlogen op 11/04 over

reeds aanwezig wa

eerijse/Tersaert (H.

Roosen) en Bertem/Koeheide

(P. Op de Beeck).

te Heverlee/Lange taart

bleef hier ononderbroken aanwezig tot op 14/05,

Daarop volgden maar liefst 105 waarnemin­

en werd meermaals copulerend gezien (ver ch.

gen tijdens het vervolg van de periode (versch.

waarn.). Bewijs van een ge laagd broedgeva1

waarn.). De grootste concentratie vormde zich dit jaar te OHZ, met aldaar het maximum van 9 ex. op 26/04

(L. Petre).

bleef evenwel uit. Andere waarnemingsplaat­ sen waren de akk r ten Z van de

rij ebaan

te Sint-Jori -Weert ( 1 ex. op 1 & 5/04; I.

el, L.

De Boomklever - september 2009

91


R (28 waarnemingen op 16 data

Hendrick ),

Groenpootruiter

Tringa nebularia

1 & 24/04, ma . 6 ex. op 22/04; ver ch. waarn.)

De eerste Groenpootruiter voor 2009 werd op

(32 waarnemingen op 22 data tss 26/04

18/04 waargenomen te OHN (W. Desmet), de

& 31/05, max. 4 ex. op 30/05; versch. waarn.). Be­

tweede zat op 19/04 te SAR (T. Vandezande).

KV in de

April en mei brachten nadien nog Groenpoot­

lot waren ook de

ruiters naar SAR (resp. 3, 1, 2, 2, 1 & 2 ex. op 2 1,

n

K

merk de ver chuiving tu sen SAR en derde decade van april! Tot

waarnemingen van 2 ex. op 2 1 en 28/04 aan de

23, 25/04, 2, 3 & 4/05; versch. waarn.), Heverlee/

y ten) intrige­

Langestaart (1 ex. op 21/04; W. Desmet), NKV (27

Brabanthallen te Haasrode

(J.

waarnemingen van 1-2 ex. op 14 data tss 26/04 &

rend te noemen!

22/05; versch. waarn.), Florival/Z (1 ex. op 18/04; 03/04

P. Cornet-Poussart), OHZ (resp. 2, 2 & 4 ex. op

Pluvinlis apricarin

Goudplevier

28, 29/04 & 9/05; R. Uyttenbroeck, P. Moysons, A.

4 ex. te Erps/Dorenveld (A. Smets)

1 1 & 12/04 resp. 2 ad zom en 7 ex. te Korbeek­ Dijle/plateau (A. Smets,

J.

Smets), Oppem (resp. 1, 1, 2 & 1 ex. op 2, 4, 5 & 10/05; L. Hendrickx, P. Moysons, I. Nel, R. Uyt­

ysten)

tenbroeck) en Gastuche/Marais de Laurensart (4 Scholekster

ex. op 8/05; B. Nef).

Haemntopus ostrnlegu

06-29/04 2 ad te Haasrode/industrieterrein (op 21/04 op dak Brabanthal)

(J.

ysten, D. von

1 ex. te SAR

14/04

20/04 & 22-23/05

(I.

05/04

Tringa glareola

1 ex. te Heverlee/Langestaart

1 ex. te Korbeek-Dijle/plateau

(I.

08-09/05 resp. 4 & 3 ex. te

Witgat

KV

(L. Hendrickx, G.

Tringa ochropus

Zestig doorgegeven waarnemingen getuigen er­

(J.

ys-

ten)

van dat Witgatjes in april 2009 makkelijk waar­ neembaar waren in de Dijlevallei ten Z van Leu­

telkens 1 ex. te SAR (L. Hen-

21 & 28-29/05 el,

drickx, 1.

J. l ysten, G. Ryken)

ven (versch. waarn.). De maximale concentraties betroffen 8 ex. op 19/04 over Korbeek-Dijle/pla­ teau (A. Smets) en te SAR op 23/04

umenius phaeopus

Regenwulp 16/05

el, L. Hen-

Ryken, W. Desmet)

umenius arquata 1 ex. te OHZ (J. l ysten)

12/04

2 ex. te SAR

drickx, P. Goubau)

el)

(R. Uyttenbroeck, J. Menten, L. De met) Wulp

Bosruiter 01/05

Wem)

1

ex.

te

Korbeek-Dijle/plateau

(J. Rutten).

Begin mei doofde het voorkomen van deze soort (A.

Smet )

zoals gewoonlijk uit - met enkel nog waarnemin­ gen van 1 ex. te SAR op 4/05 (G. Vanautgaerden), te NKV op 5/05 (L. Hendrickx) en te Loonbeek/

Tringa erythropus

Zwarte Ruiter 1 /04

Ganspoel op 8/05 (N. Ryckeboer) - om dan eind

2 ex. over OHZ (W. Desmet)

mei plots weer op te flakkeren, met op 30/05 1 ex. te NKV (L. Hendrickx) en op 31/05 telkens 1 ex.

Tureluur Tureluur

Tringa totanus

te Tervuren/Park KMMA (B. Pasau), Oppem

werden in regio Leuven tijdens

april en mei 2009 waargenomen te

KV

(re p. 1, 4, 1, 1 & 1 ex. op 13, 26/04, 1, 4-5& 29/05; K. Weemaes, SAR (telken

I.

(I.

el) en SAR (K. Moreau).

el, L. Hendrickx e.a.),

1 ex. op 18/04 & 24/05; H. Roo­

Oeverloper

Actitis hypoleucos

Op 23/04 werd aan de vijver van Pécrot de eer­ ste

Oeverloper voor 2009

waargenomen

(C.

sen, l. l el, L. Hendrickx), SAR/Vette Weide

Dickburt). De volgende aankomsten volgden

(1 ex. op 19/04. J. Menten), Heverlee/Lange-

op 25/04, met 3 ex. te OHN (W. Desmet), 1 ex.

1 ex. op 28/04, 13 & 24/05; P.

te NKV (F. De Vos) en 1 ex. te SAR (P. Collaerts).

Moy ons, R. Uyttenbroeck , E. Toorman e.a.),

Een beknopt overzicht van de overige waarne­

Haasrode/zand groeve ( 1 ex. op 2/05) en Kor­

mingen : OHN (20 waarnemingen op 10 data

taart (telken

b ek-Dijle/ plateau (1 ex. over op 16/05; A. Smets).

tss 26/04 en 20/05, max. 5 ex. op 13/05; versch. waarn.),

KV (9 waarnemingen op 8 data tss

1 en 15/05, max. 2 ex.; versch. waarn.), SAR (17 waarnemingen op 8 data tss 26/04 en 24/05, max. De Boomklever - september 2009

92


Zomerse Witgatjes: al op de terugweg naar het zuiden.. ? Sint Agatha-Rode, 20 juni 2009, foto Luc Hendrickx 5 ex. op 26/04; versch. waam. ), AVP (re p. 1, 1,

een Drieteenmeeu w in het Dijleland. Op 9-10/04

1 & 3 ex. op 26/04, 6, 14 & 20/05; B. Creemers,

plei terde er immers een adult ex. van deze soort

M. De Beenhouwer,

te SAR

lee/Lange taart

J.

y ten, K. Thijs), Hever­

(13 waarnemingen op 9 data tss

27/04 en 24/05; P. Moy ons, R. Uyttenbroeck, L. De met e.a.),

el, L. Hendrickx). Het totaal staat nu

(I.

op zes waarnemingen, met de volgende maand­ verdeling : jan 1, rnaa 2, apr 1, okt 1, nov 1.

Haa rode/zandgroeve (1 ex. op

2/05; K. Moreau),

GB (resp. 1, 1, 1 & 2 ex. op

4, 9, 12-13 & 15/05; P. Moysons, L. Hendrickx,

Visdief Sterna hirundo 06/05

1 ex. kort pleisterend te SAR, dan

y ten)

M. De Beenhouwer e.a.), Oud-Heverlee/Orrnen­ dael (1 ex. op 4/05; P. Moysons), Tervuren/Park

20-28/05 2 ad zom te AVP

KlVIMA

broeck,

(1 ex. op 8/05; J. De Cock), ZW (3 ex. op

21/05

15 & 17/05; A. Smets, L. Hendrickx,

(L. Hendrickx)

Watersnip Gallinago gallinago 01/04

(J.

ysten, R. Uytten­

I. Nel e.a.)

9/05; B. Creerners) en OHZ (telkens 1 ex. op 13,

J. l ysten).

(J.

1 ex. kort plei terend te

GB, dan

28/05

2 ex. pleisterend te SAR (G. Ryken)

29/05

2 ex.

0 te AR

(I. Nel)

6 ex. te Heverlee/Langestaart (R. UytZwarte Stern Chlidonias niger

tenbroeck) 02-03 & 21/04

telkens 1 ex. te SAR

(I.

el, L.

10 & 13/05

telken 1 ad zom te OH

(L.

Hendrickx, R. Uyttenbroeck)

Hendrickx, L. Desmet) 04/04

3 ex. te NK V (L. Hendrickx)

14, 20, 22 & 23/05 resp. 1, 4, 1 & 5 ad zom te S

25/04

1 ex. te OHZ (S. Horemans)

(I.

Kemphaan Philomachus pugnax

Witwangstern Chlidonias hybridus 13/05

(I. Nel, J. Nysten, L. Hen­

drickx)

R

el, M. Hens, L. Hendrickx e.a.)

23-24/04 1v te SAR 05/05

W

2 ad zom enkele uren te OH

(R. Uyt-

tenbroeck, P. Moy ons, E. Toorman e.a.) 1v te Oppem (L. Hendrickx,

I. Nel, R.

Uyttenbroeck)

Zomertortel Streptopelia turtur a de eerste Zomertortel voor 2009 op 1/05 te

Dwergmeeuw Hydrocoloeus minutus

Korbeek-Dijle/plateau (A. Smet ) werden hier

05/05

op 9, 10 en 16/05 nog resp. 2, 1 en 4 e . gezien

1 1 zom te SAR, dan N (L. Hendrickx) e

(A. Smets, W. Desmet). Ook te Leefdaal/ pla­ Drieteenmeeuw Rissa tridactyla a de twee eerste maartwaamemingen uit 2008, volgde in 2009 de eerste aprilwaarneming van

teau werden de eerste twee ex. op 1/05 gezien (S. Horemans), met nadien nog waarneming n van 1 ex. op 2 en 9/05

(J. l ysten). Andere waar-

De Boomldever - september 2009

93


neming plaat en waren SAR (telken 9 & 13/0-; L. Hendrickx,

J.

y ten, I.

1 ex. op 2, el),

GB

(1 ex. op 20/05; L. Hendrickx) en OHZ (1 ex. op 23/05; P. Goubau).

1 ex. te OH

21/05

eerijse/Doode Bemde (S. el,

J.

ysten, L.

Nachtegaal Luscinia megarhynchos

Huldenberg/Spitsberg (op 13/05 ook 9 waar12/05

(J.

Hendrickx)

(P. Collaerts)

resp. 2m, lmlv & lv tpl te

chijnlijke ex. naar

1 ad m te

Horemans, M. Tomballe, I.

Noordse Kwikstaart Motacilla thunbergi 09, 10 & 13/05

2009 werd waargenomen te OHZ op 12/04

Grauwe Klauwier Lanius collurio

1 e . te Erps/Dorenveld (H. Roo en)

Draaihals ]y11x torquilln 25/04

De laatste Waterpieper voor het voorjaar van Nysten).

Velduil Asio Jln111me11 14/05

Waterpieper Anthus spinoleffa

) (F. Fluyt)

18-19/04 1 zp te Wilsele-P utkapel/Kwade Hoek (R. Uyttenbroeck) 23/04

1 zp te Wilsele:centrum (in tuin)

(J. De

Rycke)

4 ex. te SAR (A. Smets)

06/05

1

zp

te

Herent/Molenbeekvallei

1

zp

te Kwerps/Molenbeekvallei

(R.

Ghijsen)

Boompieper Anthus trivialis Twee Boompiepers op 5/04 over het plateau van

10/05

Korbeek-Dijle (A. Smets) waren de eerste twee

Moysons)

(P.

voor 2009. Trekkers werden op dit plateau (incl. Leefdaal) nadien nog genoteerd op 13, 18 en 19/04 (resp. 1, 1 en 11 ex.; K. Weemaes,

J.

ysten,

A. Smets), pleisteraars op 18 en 30/04 (telkens 1

Gekraagde Roodstaart Phoenicurus phoenicuru 1 ad v te SAR (P. Dubois) 01/05 03/05

1 ad v te Korbeek-Dijle/plateau (A.

ex.; L. Havet, A. Smets). De overige aprilwaar­

Smets)

nemingen betroffen 1 ex.

te Heverlee/Brem-

10/05

1 zp te Overijse/Mamixbos (A. Smets)

traat op 15/04 (G. Bleys), 7 pleisterende ex. te

11/05

1 zp te Moorsel (A. Smets)

Moorsel op 18/04 (A. Smets) en 1 ex. te OH! op 19/04

(L. Hendrickx). Op 1 mei werd in Mollen­

Roodborsttapuit Saxicola rubicola

daalwoud een territoriaal koppeltje ontdekt (K.

Roodborsttapuiten werden tijdens april en mei

Moreau).

2009 het vaakst doorgegeven vanuit de Zuur­ beekvallei te Kwerps, met waarnemingen van

��::=:ï:;:JJl!31Jil7.it

een resident koppeltje tot op 6/05 (R. Ghijsen, A. Smets). Andere waarne­ mingsplaatsen waren Heverlee/Lan­ gestaart (1 ad m op 4/04; R. Stoks), Leefdaal/plateau (2 ex. op 11/04; C. Carels), Winksele (1 ad m op 18/04; R. Ghijsen), Veltem-Beisem (lmlv op 25/04; R. Ghijsen), Haasrode/zand­ groeve (lmlv op 28/04; D. von Wer­ ne), OHN (lm op 9/05; A. Smets) en Kortenberg (lm op 27/05; A. Smets). Opmerkelijk was het mannetje dat op 24/05 reeds 2 uitgevlogen juvenielen bij zich had te Korbeek-Dijle/plateau

(J. Nysten).

Paapje Saxicola rubetra Het eerste Paapje voor 2009 werd

Grauwe klauwier, Doode Bemde,

21

mei 2009, foto Luc Hendrickx

De Boomklever - september 2009

94


op 11/04 opgemerkt te Korbeek-Dijle/plateau (A.

y ten, A. Smets, L. Hendrickx e.a.), Heverlee/

Smets). Het plateau van Korbeek-Dijle en Leefdaal

Langestaart (1 ex. op 1/05; W. Desmet), Haasro­

wa nadien (19/04-10/05) nog goed voor 12 waarne­

de/zandgroeve (2 ex. op 1- 2/05;

mingen van 1-2 ex. (versch. waam.). Andere waar­

den, R. Uyltenbroeck, K. Moreau), Terlanenveld

nemingsplaatsen waren Huldenberg/ plateau

(1 ex. op 1/05; F. Vandeputte) en Bierbeek-Beau­

(1 ex.

G. Vanautgaer­

op 21/04; F. F luyt), Moor el (2 ex. op 23/04; A. Smets),

vechain/plateau (18 ex. in één groep op 5/05;

OHN ( l m op 25/04; L. Hendrickx), Haa rode/zand­

Vanautgaerden, T. Verbeeck, E. Hoebrechts).

J.

groeve (lml v op 28/04; D. von Weme), SAR (1 ex. op 2/05;

G. Dejaiffe, J.

y ten), Meerbeek (1 ex. op

Beflijster Turdu

5/05; A. Smets), Erps-Kwerps/station (lm op 8/05;

01/04

M. H ns) en Oppem (1v op 13/05; A. Smets).

straat

torquatu

1 imm m te Oud-Heverlee/Bogaarden-

(J. Rutten)

05, 11, 18, 19 & 26/04 Het D orenveld te Erp

resp.

1 v,

2v,

l m,

lm2v & 1v te Korbeek-Dijle/plateau (A.

Tapuit Oenanthe oenantlie vormde op 12/04 het

Smets, W. Desmet,

J. Nysten)

decor voor de eer te Tapuit van 2009 in regio

06/04

Leuven (P. Moyson ). Tot op 27/05 werden hier

daalwoud (D. Claes)

vervolgens nog 10 waarnemingen opgetekend,

25/04

met max. 4 ex. op 8/05 (A. Smet , P. Moy on ).

02/05

1v te Leefdaal/Duivendelle (A. Smet )

And re waarnemingsplaatsen waren Korbeek­

06/05

1v te Heverlee/Bremstraat

Dij le/plateau (14 waarnemingen op 8 data tss

Moyons, R. Uyttenbroeck)

1 /04 en 16/05, max. 12 ex. op 9/05;

J. 1 ysten, A.

08/05

3m te Hamme-Mille/zuidrand Moll

n-

2 ex. te Bertem/Koeheide (G. Bley )

(G. Bley , P.

1v te Erp /Doren veld (A. Smet )

Smets, L. Havet e.a.), Meerbeek (telkens lm op 20/04 en 5/05; A. Smets), AVP (1 ex. op 24/04;

J.

y ten), Leefdaal/plateau (16 waarnemingen op 7 data ts

24/04 en 9/05, max. 9 ex. op 1-2/05;

J.

Kramsvogel Turdu pilnri April leverde nog Kram vogel

op te Korbeek­

Dijle/plateau (resp. 3 & 2 ex. 1 0 op 5 & 11/04) en te Silsombos (1 ex. op 7/04; A. Smets).

Kleine karekiet, Dijlevallei, 21 mei 2009, foto Luc Hendrickx De Booml<lever - september 2009

95


Cetti s Zang er Cettia cetti

Bonte Vliegenvanger Ficedula hypoleuca

Ho \ el er tijd n het voorjaar van 2009 geen ge­ richte aandacht ging naar de Cetti' Zangers van de zuidelijke Dijlevallei, kan uit de ontvangen waarnemingen toch min tens worden be loten dat de oort niet opmerkelijk achteruit i gegaan na de trenge winter 2008/2009. Een verdere uit­ breiding werd echter ook niet va tgesteld.

26/04 1 ad m te OHZ (A. Smets, F. Vandepulte) 1 zingend m te Oud-Heverlee/Haze30/04 veldstraat 33 (J. Rutten)

'

Riet z anger Acrocephalus schoenobaenus

13, 23/04 & 12/05 resp. 1, 2 & 1 zp te SAR (J. Rutten, F. Mae ) 1 /04 1 zp te OH (W. Desmet) 1 zp te AVP (J. 1 ysten) 20/04 26/04 1 zp te OHZ (A. Smets) 1 zp te Kortenberg/Merode (T. Ysebaert) 10/05 Spotvogel Hippo/ais icterina

30/04 1 ex. te Heverlee/Spoorwegstraat (E. Toorman) 03/05 1 zp te eerijse/Tersaert (F. Fluyt) re p. 1 zp en 3 zp te Meerbeek 16 & 20/05 (A. Smets, A. Boeckx) 29/05 1 zp te Erps/Dorenveld (P. Moysons)

Wielewaal Oriol11s oriolus

09/05 lm te Loonbeek/Margijsbos (R. Werbrouck) 14/05 1 zp te Wijgmaal/Wijgmaalbroek (R. Uyttenbroeck) 19/05 lm in de Doode Bemde (kant Neerijse) (S. Goethals) 20/05 lm in de Doode Bemde (kant Sint-Joris-Weert) (A. Boeckx) Europese Kanarie Serinus serinus

02/04 1 ex. over Maleizen (S. Peten) 1 ex. te Kessel-Lo/Langelostraat (K. 02/05 Moreau) Sijs Carduelis spinus

De laatste Sijzen uit het voorjaar van 2009 waren 15 ex. op 2/04 te Tervuren/centrum (A. Van De Laer) en 1 ex. te Sint-Agatha-Rode/Rodebos op 4/04 (K. Weemaes).

Braamsluiper Sylvia curruca

18/04 1 ex. te Wijgmaal (tegen Wijgmaalbroek aan) (M. Lehouck) 19/04 1 zp te SAR (B. Pasau), 1 zp te Haasrode/industrieterrein (W. Desmet) 1 zp te OHZ (J. Rutten) 15/05 25/05 1 ex. te Haasrode/industrieterrein (D. von Werne) 1 ex. te EverbergNrebos (A. Smets) 28/05 29/05 1 zp te Bertem/Koeheide (G. Bleys) 31/05 1 zp te Néthen/La Sablière (K. Moreau) Fluiter Phylloscopus sibilatrix

De eer te Fluiters voor 2009 zongen op 18/04 in het Zoniënwoud te Tervuren (L. Wielemans) en op 20/04 in het Mollendaalwoud te Haasrode (S. Horemans). In Mollendaal werd de soort na­ dien nog gehoord op 18, 21, 24, 29 en 31/05 (G. Bley , K. Van Scharen, J. Rutten e.a.), met zeker twee zangposten op 29/05 (J. Menten). Uit het Tervuurse Zoniënwoud kwamen nog waarne­ mingen op 19 en 30/05 (S. Boddington, B. Uit­ terhaegen). Op 18/05 zong in Tervuren ook een Fluiter in het Kapucijnenbos (S. Cooleman).

Grote Barmsijs Carduelis flammea

02/04 14/04

2 ex. te Tervuren/Kapucijnenbos (A. Smets) 1 ex. te Overijse/Marnixbos (A. Smets)

barmsijs sp. Carduelis cabaretlflammea

17 & 26/04 1 ex. 0 en 1 ex. aud te OudHeverlee/centrum (J. Rutten). Kruisbek Loxia curvirostra

21/05 1 ad te Sint-Joris-Weert/centrum (J. Menten) 24/05 1 ex. in Mollendaalwoud (G. Bleys) 30/05 10 ex. over Huldenberg/Spitsberg (F. F luyt) Appelvink Coccothraustes coccothraustes

Van de Appelvinken.invasie van de afgelopen maanden viel in april-mei niet veel meer te mer­ ken. Met 20 waarnemingen van groepjes van 1-5 ex., verspreid over de regio, werd de soort niettemin vaker opgemerkt dan in een doorsnee voorjaar (versch. waarn.). Grauwe Gors Emberiza calandra

11/04 De Boomklever - september 2009

96

3 ex.

te Korbeek-Dijle/plateau

(A.


te Bierbeek/zuidrand Mollendaalwoud

Smet ) 12-19/04 21/04

reau, G. Vanautgaerden, R. Uyttenbroeck)

2-4 ex. (max. 4 ex. op 19/04) te Erp /

Dorenveld

(K. Mo­

(P. Moy ons)

1 ex. te Huldenberg/plateau (F. F luyt)

01, 02 & 30/05

resp. 1 ex., 2 e x.

Ortolaan Emberiza hortula11a

30/04

(1 zp) & 1 zp

1 ex. te Leefdaal/plateau (A. Smets)

Voorjaarsfenologie 2009

Bijgaande tabel bevat de eer te aankom tdata voor trekvogelsoorten die niet in bo­ venstaand overzicht werden opgenomen. Het gaat hierbij doorgaans om de eerste data voor twee ver chili ende gebieden.

04/04

1 zp te Bertem/Koeheide (G. Bleys)

05/04

1 zp te Herent/Molenbeekvallei

10/04

1 ex. te Leuven/centrum (K. Van Scharen)

12/04

1 ex. te OHZ (L. Hendrickx)

15/03

1 ex. te OHZ (]. Menten)

21/03

3 ex. te

11/03

1 ex. te Leuven/station (H. Roosen)

15/03

3 ex. te SAR

28/03

3 ex. te NGB

04/04

2 ex. te SAR/Vette Weide (K. Weemae )

02/04

4 ex. over Overijse/Maleizen (S. Peten)

03/04

2 ex. te Erps/Dorenveld (A. Smets)

07/03

1 zp te Meerbeek/Dorpsstraat (M. Hens)

14/03

1 zp te Leuven/centrum

04/04

lm te Kwerps/Zuurbeekvallei (R. Ghijsen)

07/04

1 v te Kwerps/Molenbeekvallei (A. Smets)

11/04

1 zp te OHN (L. Hendrickx)

12/04

1 ex. te OHZ (L. Hendrickx)

26/04

1 zp in de Doode Bemde

Koekoek

(M.

Vandervelpen)

Gierzwaluw

Oeverzwaluw GB (A. Smets,

J.

ysten)

Boerenzwaluw

(J.

ysten), 1 ex. te OHZ

(L.

Hendrickx)

(L. Hendrickx, J. Nysten)

Huiszwaluw

Gele Kwikstaart

Zwarte Roodstaart

(J.

Rutten)

Blauwborst

Kleine Karekiet

Bosrietzanger 08/05

2 zp te Silsombos

(P.

(C. Terseleer)

Moysons, M. Hens, P.

ouvreur

e.a.)

De Boomklever - september 2009

97


12/04

1 zp te OHN (W. Desmet) 1 zp te Herent/Kastanjebos (R. Ghijsen), 1 zp te Hever-

Sprinkhaanzanger 13/04

lee/ Langestaart

(R. Stoks, M. De Black)

15/04

1 ex. te Leuven/centrum (L. Havet)

19/04

1 zp in de Doode Bemde (B. Pasau)

15/03

lm te Heverlee

22/03

2m te SAR (

10/04

lm te Moorsel (A. Smets)

Tuinfluiter

(Y. Vanden Bosch)

Zwartkop . Ryckeboer)

2m te Korbeek-Dijle/plateau (A. Smets, H. Roosen), 1 zp

Gra mu 11/04

te Oppem (W. Desmet), 1 zp te Terlanenveld (E. De Broyer)

01/04 Fiti 03/04

1 zp te OHN (J. Lambrechts) 1 zp te

éthen

(J. Menten), 1 zp te Heverlee/Langestaart

(R. Uyttenbroeck)

Samenstelling :

Kelle Moreau, kelle.moreau@gmail.com Medewerkers en correspondenten : Hugo Abt , Louis-Philippe Arnhem, Mathieu Bauduin, Monique Bekkers, Sébastien Berger, Bruno Bergmans, Koen Berwaerts, Geert Bleys, Herwig Blockx, Pierre-Yves Bodaert, Stephen Boddington, Alain Boeckx, Johan Bogaert, Kurt Boux, Marc Bracquiné, Bernard Brochier, Bill Brooks, Bart Broos, Vincent Bulteau, Esther Buysmans, Charles Carels, Dries Claes, Paul Claes, War Claes, Tinne Cockx, Peter Collaerts, Stijn Coolernan, Patricia Cornet-Poussart, Peter Cou­ vreur, Bart Creemers, Jos Cuppens, Jean Dandois, Matthias De Beenhouwer, Hans De Blauwe, Marjan De Black, Erik De Broyer, J. De Cock, Paul Decuypere, Krista De Greef, Arnout De Greve, Guy Dejaiffe, Daan Dekeukeleire, Peter De Meir man, Marc De Paemelaere, Tom Deroover, Wout De Rouck, Johan De Rycke, Chantal Deschepper, Louis Desmet, Wouter Desmet, Stefaan D'Espallier, Thomas de Tuier, Frederik De Vos, Steven D'Hont, Catherine Dickburt, Gerald Driessens, Daan Drukker, Philippe Dubois, Patrick Floré, Frederik Fluyt, Philippe Funcken, Raf Ghijsen, Karin Gielen, Sven Goethals, Patrick Goubau, Werner Goussey, Robin Guelinckx, Krien Hansen, Lies Havet, Olivier Hen­ drick, Luc Hendrickx, Dirk Hennebel, Maarten Hens, Marc Herremans, Erwin Hoebrechts, Peter Hofman, Stefaan Horemans, Tim Huysegems, Jacques Ide, Luc Janssens, Stefan Janssens, Marcel Jonckers, Jochen Kempeneers, Jean Kieboom , Matthias Koevoets, Jorg Lambrechts, Eddie Lavreys, Elfriede Le Docte, Walther Leers, Marc Lehouck, Jan Lenaert, Iwan Lewylle, Benny L'Homme, Jean-Marie Lommaert, Eddy Macquoy, Eddie Maes, F. Maes, Eric Malfait, Thierry Maniquet, Hans Marijns, Paul Mees, René Meeuwis, Joris Menten, Jeroen Mentens, Joachim Mergeay, Patrick Michel, Frieder Jan Moerman, Kelle Moreau, Pieter Moysons, Bart Mulkens, Alex & Laurence Naets, Bruno Nef, In­ grid 1 el, Griet

ijs, Paul

uyts, Johan Nysten, Pierre Op de Beeck, Bernard Pasau, Bert Pecceu, Stephan Peten, Lud­

ovic Petre, Fons Ramaekers, Fre Rampelbergh, Jules Robijns, Hans Roosen, Jos Rutten, Niels Ryckeboer, Geert Ryken, Aissa Samir, Els Schollen, Maarten Schurmans, Jacques Schwers, JB Sepulchre, Damien Sevrin, Adriaan Seynaeve, Axel Smets, Ludo Smets, Philippe Smets, Toon Spanhove, Jean Spitaels, Geert Sterckx, Robby Stoks, Joeri Sykora, Julien Taymans, Carlos Terseleer, Koen Thijs, Marita Tomballe, Erik Toorman, Jos Tuerlinckx, Bart Uitterhaegen, Roel Uyttenbroeck, Gert Vanautgaerden, Johan Vanautgaerden, Kristof Van Breedam, Lieven Vandegaer, André Van De Laer, Frank Van de Meutter, Yves Vanden Bosch, Ludwig Van den Eynde, Maarten Van den Eynde, Michaël Vande­ put, Filip Vandeputte, Maarten Vandervelpen, Wim Van de Vijver, Tom Vandezande, Robin Van Heghe, Lieven Van Hellernont, Hilaire Vanherwegen, Magalie Van Lishout, Wouter Vanreusel, Kris van Scharen, Johanna Van Tonder, Dirk Van Tulder, Thomas Verbeeck, Jan Verroken, Roger Verstraeten, Dirk von Weme, Paul Vranckx, Stijn Vranckx, Jan Waumans, Kris Weernaes, Roland Werbrouck, Lionel Wielemans, Koen Wyers en T. Ysebaert.

98

De Boomklever

·

september 2009


Activiteiten

zondag 25 oktober 2009

Alle activiteiten van de Natuurstu­

Sim ui taantrektelling

diegroep Dijleland en eventuele

wijzigingen zullen ook aangekon­ digd worden via de Dijlevallei­ maillijst. Indien het een zeer goed en lang wasplatenseizoen is, zullen extra wasplatenexcursies ook langs die weg aangekondigd worden.

Afspraak: vanaf zonsopgang, trektelpost Bre­

de Weg te Leefdaal. •

Leiding: Frederik Fluyt (frederik.fluyt@gmail.

com, 0479920172)

zondag 1 november 2009 Op zoek naar wasplaten • Af praak om 9u30 aan de kerk te Hoeilaart we •

zoeken dan op de Smeiberg

leiding: Roosmarijn Steeman (roosmarijn. tee­

man@natuurpunt.be) en Bruno Bergmans (bru­ no.bergmans@scarlet.be)

Trektellingen najaar 2009 Er zullen ook tijdens dit najaar zéker op­

BirdLife

ur

id

n

nieuw trektellingen gehouden worden op

ho9···

het plateau van Leefdaal-Korbeek-Dijle. De omstandigheden zijn blijkbaar gunstig om de vanouds bekende plaats langs de

zondag 4 oktober 2009

bredeweg (vlak na het stuk holleweg) dit

Internationale Vogelkijkdag We sluiten on bij dit initiatief aan en

jaar opnieuw intensief te gebruiken. Er zijn

tellen de

geen vaste datums maar bij 'gunstig trek­

vogeltrektelling aan de Bredeweg te Leefdaal

weer' mag u zeker éen of meerdere tellers

open voor iedere geïnteresseerde •

verwachten vanaf zonsopgang. De NSGD

Afspraak vanaf 7.30u op de telplaats

werkt zeker ook mee aan de simultaan-trek­ tellingen tijdens het eerste en derde week­

zaterdag/zondag 17/18 oktober 2009

end van oktober.

Watervogeltelling •

Afspraak telexcursie zaterdag 17/10 om 9u

aan station Oud-Heverlee •

Leiding: Luc Hendrickx (luchendrickx2003@

yahoo.com)

zondag 8 november 2009 Op zoek naar wasplaten • Afspraak om 13u30 aan de kerk te Everberg

we zoeken dan op de Grubbe •

Op zoek naar wasplaten Door de succesrijke excursies in 2008 naar geschikte locaties in het Dijleland is het wenselijk om deze zoektochten ook dit jaar verder te zetten. Er worden alvast 3 excursies voorzien. U vindt de datums in de kalender. (zie ook artikel elders in dit nummer)

leiding: Roosmarijn Steeman (roosmarijn.stee­

man@natuurpunt.be) en Bruno Bergmans (bru­ no.bergmans@scarlet.be)

zaterdag/zondag 14/15 november 2009 Watervogel telling •

Afspraak telexcursie zaterdag 14/11

om 9u

aan station Oud-Heverlee •

Leiding: Luc Hendrick

(luchendrickx2003@

yahoo.com)

De Booml<lever - september 2009

99


zondag

15

november 2009

Op zoek naar wasplaten • Af praak om 9u30 aan Café D'aa Baon,Oude baan 80 te Bertem. We zoeken dan op de Koe­ heide ( deze excursie wordt afgelast al het ge­ vroren heeft) • leiding:

Roosmarijn Steeman (roosmarijn.

teeman@natuurpunt.be) en Bruno Bergmans (bruno.bergmans@scarlet.be)

zondag 29 november 2009 Op zoek naar eitjes van sleedoompage • Af praak om 14u aan de parking van de

E.itjes zoeken... Neen, geen vroege paaseieren maar wel de eitjes van Sleedoornpage en Iepenpage, twee vlindersoorten waarvan de populatiedicht­ heid en de verspreiding kan gemeten wor­ den aan de hand van tellingen van op staand hout afgezette eitjes. Ook hier zijn reeds tal van nieuwe locaties gevonden maar er zijn nog een aantal niet onderzochte struwelen. Vier excursies worden hiervoor voorzien tij­ dens de winter 2009-2010, gespreid over het hele Dijleland.

jeugdgevangenis Hollestraat te Everberg. We zoeken dan op de "Grubbe" • leiding: Bart Creemers (bart.creemers@gmail. com)

zondag 20 december 2009 zaterdag 5 december 2009

Op zoek naar eitj es van sleedoornpage

Akkertocht op zoek naaar de slaapplaats van

• Afspraak om 14u aan de kerk van Korbeek­

Blauwe kiekendief (en eventuele Klapekster... )

Dijle. We zoeken die dag "de Ruwaal" af.

• Afspraak om 15u aan kruispunt Brede weg /

• leiding: Bart Creemers (bart.creemers@gmail.

Blokkenstraat te Leefdaal

com)

• leiding: MaartenHens (maartenhens@yahoo. co.uk)

zondag 24 januari 2010

zaterdag/zondag 12/13 december 2009 Watervogeltelling • Afspraak telexcursie zaterdag 12/12 om 9u aan station Oud-Heverlee • Leiding: Luc Hendrickx (luchendrickx2003@ yahoo.com)

Watervogeltellingen Eén inventarisatie-activiteit welke al tiental­ len jaren wordt volgehouden! Het is de bedoeling om 6 maal per winter, meestal tweede weekend van elke maand, zoveel mogelijk vijvers en andere plaatsen waar watervogels zich ophouden, te bezoe­ ken en er alle aanwezige vogels te tellen. Dit langetermijn monitorings-onderzoek gebeurd in Internationaal verband en heeft tot doel de populatieschommelingen van de doortrekkende en overwinterende watervo­ gels op te volgen en zo nodig tijdig de pas­ sende beleidsmaatregelen voor te stellen 100

De Boomklever - september 2009

Op zoek naar eitj es van sleedoornpage • Afspraak om 14u aan de parking Rodebos (Leuvensebaan) Eitjesspeuren in de omgeving van Ottenburg en Florival • leiding: Bart Creemers (bart.creemers@gmail. com)

zondag 21 februari 2010 Op zoek naar eit j es van sleedoornpage •Afspraak om 14u aan de kerk van Huldenberg. Even kijken of in en rond Stokkembos wat te vin­ den is? • leiding: Bart Creemers (bart.creemers@gmail. com)


.-.L;.oi.-.:.

--

Actueel In de aanbieding: een mid-weekje in steltloper/and Door de tijdelijke lage waterstand van de vijver te Sint Agatha-Rode, onstonden daar in de periode juli-augustus vrij snel slikplaten en ondiepe waadzones... Tien jaar ge­ leden stelden we al vast* dat het beeld dat we hebben over steltlopertrek in het najaar niet geheel met de realiteit overeenkomt, maar veeleer het gevolg is van het ontbreken van geschikte pleisterplaatsen in de Dijlevallei! Maar dit jaar waren die er dus wel en wie zich een midweekje in Rode op 26 en 27augustus kon permiteren, kreeg zowat al de steltlopers te zien die je je kon wensen: niet alleen de vierde Poelruiter ooit maar ook 2 Bontbekplevieren, een Kemphaan,tot 12 Watersnippen,2 Bosruiters, tot 14 Groenpootruiters, een viertal Oeverlopers, max.12 Witgatjes een 50-tal Kievit en

zelfs een Tureluur. Op 27 /8 kwam dan nog even een Temmincksstrandloper langs. Bovendien werden er ,op een (flinke) boogscheut daar vandaan tussen 21 en 26 au­ gustus van 3 tot maximaal 7 Morinelplevieren op het Dorenveld(Erps-Kwerps) door velen gezien!

Een slanke verschijning, een erg dunne priemsnavel, geel-groene poten en een maatje kleiner dan de Groenpootruiter: de Poe/ruiter te Sint Agatha-Rode, 27 augustus 2009,foto Luc Hendrickx

•zie: Kris van Scharen, 'Een eeuw op stelten. Steltlopers in de Dijlevallei 1901-2000' in: Vogels in het Dijle/and, 2001, De Vrienden van Heverleebos en Meerdaalwoud.


Inhoud .

-

.

EDITORIAAL IN MEM ORIAM 57

Monique Bekkers, 1940-2009 PADDENSTOELEN Inventarisatie van een aantal topgebieden voor wasplaten in het Dijleland Roosmarijn Steeman en Bruno Bergmans

59

INSECTEN Bijzondere dagvlinderwaarnemingen in 2009 67

Bart Creemers Boktorren in het Dijle/and

72

Joris Menten Verrassend nachtelijk bezoek in een tuin te Heverlee

78

Els Schollen en Krien Hansen De Teunisbloempijlstaart duikt op in Egenhoven, een primeur voor het Dij/eland

85

Jan Lenaert en Bruno Bergmans VOGELS Opmerkelijke vogelwaarnemingen in de Dijlevallei en omgeving, april - mei 2009 Kelle Moreau

88

AANKONDIGINGEN EN ACTIVITEITEN Activiteiten

99

Foto cover: Sikkelkoraalzwam, Smeiberg Overijse, foto Bart Creemers

â&#x20AC;¢

J

\ 11

1

Profile for Natuurstudiegroep Dijleland

De Boomklever Sepember 2009  

Deze publicatie kadert binnen het digitalisatieproject van de Natuurstudiegroep Dijleland, waarbij zoveel mogelijk nummers van De Boomklever...

De Boomklever Sepember 2009  

Deze publicatie kadert binnen het digitalisatieproject van de Natuurstudiegroep Dijleland, waarbij zoveel mogelijk nummers van De Boomklever...

Profile for nsgd
Advertisement