Page 16

Paddenstoelen

Graslandpaddenstoelen: indicatoren voor schrale graslanden Resultaten van inventarisaties in het Dijleland In het kader van het paddenstoelenproject in Vlaams-Brabant wordt sinds het najaar 2004 gericht gezocht naar paddenstoelen in waardevolle en/of door Natuurpunt beheerde gras­ landen. In verschillende graslanden werden bedreigde paddenstoelen gevonden, die indi­ catief zijn voor stabiele, schrale graslanden met aanzienlijke natuurwaarden. Dit artikel geeft een overzicht van de vondsten van wasplaten in het Dijleland. Daarnaast wil het een aanzet geven om aktief op zoek te gaan naar wasplaten en andere graslandpaddestoelen in bota­ nisch interessante, matig vochtige tot droge graslanden met kenmerken en beheer zoals in dit artikel beschreven.

Graslandpaddenstoelen als indicatorsoorten Graslandpaddestoelen zijn van groot belang als indicatoren voor de ouderdom en mate van verstoring van graslanden. Er zijn vier groepen paddestoelen die kenmerkend zijn voor oude, voedselarme en soortenrijke graslanden: wasplaten (Hygrocybe), satijnzwammen (Entoloma), knotszwammen ( Clavu/inopsis) en aardtongen ( Geoglossum). Kuyper ( 1994) kende aan enkele specifieke graslandsoorten indicatorwaarden toe, verdeeld over acht groepen (tabel 1). Groepen 1-3 zijn indicatief voor schrale, stabiele graslanden en hun aanwezigheid kan zonder meer als positief beschouwd worden. Groep 4 bestaat uit pioniersoorten, die wijzen op potentiële natuurwaarden in ontwikkeling. Een vijfde groep wijst op een schraal, zuur en humusrijk milieu, zoals in heischrale graslanden. Groep 6 zijn soorten die in sterk bemeste graslanden weinig of niet voorkomen, maar in de beginfase van een verschralingsproces optreden. Groep 7 omvat soorten van sterk bemeste graslan­ den en groep 8 zijn storingsindicatoren in zeer voedselrijke situaties. Wasplaten worden beschouwd als de orchideeën onder de paddestoelen. Niet alleen door hun opvallende rode, oranje of gele kleuren, maar ook vanwege hun voorkeur voor bijzon­ dere soortenrijke milieus, hun geconcentreerde optreden in bepaalde gebieden, hun ach­ teruitgang en zeldzaamheid. Volgens Kuyper ( 1994) spreekt men van een 'wasplatenweide', als een grasland minstens vijf soorten wasplaten herbergt. Het aantal wasplatenweiden en hun oppervlakte in Vlaanderen is vrij beperkt. Bovendien krimpt het areaal aan historisch permanent grasland nog steeds.

Herkennen van graslandpaddestoelen De meest voorkomende wasplaten zoals Sneeuwzwammetje, Gewoon vuurzwammetje, Papegaaizwammetje en Zwartwordende wasplaat zijn in het veld eenvoudig te herkennen aan de hand van enkele zeer karakteristieke eigenschappen. In de brochure 'Paddenstoelen zoeken in Vlaanderen, een aanmoediging voor beginners' (Steeman, 2006) werden ze op­ genomen als vier van de 60 gemakkelijk herkenbare soorten. Beginnende paddenstoel­ zoekers zullen deze soorten uiteraard niet dagelijks aantreffen, maar wel probleemloos her­ kennen en op die manier eventueel nieuwe vindplaatsen kunnen ontdekken, wie weet zelfs in hun eigen tuin.

78

De Boomklever September 2006  
De Boomklever September 2006  
Advertisement