__MAIN_TEXT__

Page 16

Vogels

Opmerkelijke vogelwaarnemingen in de Dijlevallei en omgeving, maart - mei 2005 Dit overzicht van opmerkelijke en interessante vogelwaarnemingen in de Dijlevallei beslaat voornamelijk de periode maart - mei 2005. De bestreken regio omvat de gemeenten Kortenberg, Herent, Bertem, Leuven, Oud-Heverlee, Huldenberg, Overijse en Tervuren en de aangrenzende gebieden. De volgende rubriek zal de periode juni - augustus 2005 omvatten. Waarnemingen worden voor 10 september verwacht bij Kelle Moreau, Celestijnenlaan 27 A, bus 201, 3001 Heverlee, t: 0486/12.58.77, e: kelle.moreau@gmail.com.

Enkel tijdens de eerste decade van maart ondergingen we nog een stevige vorstprik. Vanuit klimatologisch standpunt was het voorjaar van 2005 verder een eerder normaal voorjaar, zeker wat de verschillende neerslagparameters betreft. Nochtans lag de gemiddelde lentetemperatuur beduidend hoger dan normaal (10,4°C t.o.v. het langjarig gemiddelde van

9, 1°C;

een afwijking van deze grootte vindt gemiddeld slechts om de 10 jaar plaats)

terwijl de totale zonneschijnduur over de hele lente net lager was dan gemiddeld

(393 uren

t.o.v. de normale 477 uren; een afwijking van deze grootte vindt gemiddeld slechts om de 6 jaar plaats). Wanneer we de verzamelde vogelwaarnemingen uit deze periode bekijken valt anderzijds op dat vele soorten die doorgaans schaarse doortrekkers zijn in onze regio het dit voorjaar beter deden, en dat er een relatief groot aantal lokale zeldzaamheden werd waargenomen. Het valt op dat vele van deze soorten steltlopers en sterns zijn, wat zeker in het geval van de steltlopers in verband kan worden gebracht met de meer dan 20 ha vrij slik van het drooggelegde Grootbroek te Sint-Agatha-Rode. De verwachtingen lagen erg hoog, en we kunnen met een blij hart zeggen dat ze werden ingelost. Verder lag er in de regio slechts één vijver droog tijdens het voorjaar van 2005, namelijk de Vossemvijver in het park van Tervuren. Een kort overzicht: Maart en april leverden zoals gewoonlijk de laatste waarnemingen van soorten die in het Dijleland vooral met de winter geassocieerd worden zoals Grauwe Gans, Smient, Pijlstaart (met een laat en lang pleisterend koppel), Nonnetje, Grote Zilverreiger, Witgat, Bokje, Pontische Meeuw en Waterpieper. Ook de eerste overwinterende Kleine Zilverreiger hield het na twee en een halve maand van continue aanwezigheid voor bekeken. In maart eindigden ook de spectaculaire invasies van Kruisbek en Noordse Goudvink, terwijl de hoogste aantallen Pestvogels die hier ooit werden vastgesteld het nog tot ver in april uithielden. Onder de trekvogels en zomergasten werden enkele opvallend vroege aankomsten opgetekend, zoals de eerste Zwarte Wouw op 12 maart, de eerste Tapuit op 18 maart en de eerste Wespendief op

3

april. Er werd een mooi aantal waarnemingen van doortrekkende

(en soms pleisterende) roofvogels en andere thermiektrekkers ontvangen, met onder meer 17 Ooievaars, 2 Zwarte Ooievaars, 21 waarnemingen van Zwarte Wouw, 6 Rode Wouwen, 4 Grauwe Kiekendieven, 17 waarnemingsdata met V isarend, 1 Roodpootvalk, 5 waarnemingen van Smelleken (waarvan 3 in mei) en 7 van Kraanvogels en 3 Velduilen. De meest verassende roofvogel was ongetwijfeld de eerste Slangenarend voor de V laamse Dijlevallei. Andere observaties van zichtbare trek omvatten onder meer 25 groepjes Goudplevier, Boomleeuweriken en 2 Duinpiepers. Leuke pleisteraars waren bijvoorbeeld

3

3

Krooneenden,

een late Grote Zaagbek, 4 Geoorde Futen, een Hop, wat Noordse Kwikstaarten,

3

Rouwkwikstaarten (waaronder 2 lang pleisterende ex.), een Grauwe Klauwier, enkele Beflijsters (4 gevallen), een Bonte Vliegenvanger, 2 Baardmannetjes en een Buidelmees. Paapjes lieten zich in negatieve zin opmerken. Niet-alledaagse ringvangsten omvatten onder meer een Engelse Kwikstaart, een Groenlandse Tapuit en 2 Europese Kanaries. Maar zoals hoger reeds 58

Profile for Natuurstudiegroep Dijleland

De Boomklever Juni 2005  

De Boomklever Juni 2005  

Profile for nsgd
Advertisement