__MAIN_TEXT__

Page 29

Vogels

Broedvogelinventarisaties in het voorjaar 2005 Voor iedere vogelaar wat wils De broedvogelatlas is er ... wat nu? In het kader van het otlosproject werd tijdens drie broedseizoenen

(2000-2002) de verspreiding

en de aantallen van in Vlaanderen broedende vogels gebiedsdekkend in kaart gebracht.

2004 gepubliceerde 'Atlas van de Vlaamse Broedvogels' (Vermeersch 2004) geeft per vastgestelde soort een gedetailleerde beschrijving van voorkomen en

De eind november et al.,

verspreiding in Vlaanderen. In Vlaams-Brabant kwamen tijdens de otlosperiode

126 'zuivere' soorten (waarvan 8 exoten)

met zekerheid tot broeden, naast zekere broedgevollen van vier gedomesticeerde soorten en één ondersoort (Engelse Gele Kwikstaart). Van vier soorten werden waarschijnlijke broedgevollen opgetekend. De soortenrijkste otloshokken bevinden zich in de Dijlevollei ten zuiden van Leuven, in de Demervollei, rond Zemst en in de Molenbeekvollei (Herent­ Kompenhout). Op Vlaams niveau bevat Vlaams-Brabant belangrijke populaties van volgende soortgroepen: soorten van loof- en naaldbossen, roofvogels, okkervogels en exoten. De hotspots wat betreft Rode Lijst-soorten situeren zich in de valleien van Dijle en Demer. Van de soorten opgenomen in de Rode Lijst-categorie 'met uitsterven bedreigd' kwamen enkel Woudaap en Watersnip tijdens de periode

2000-2002 met zekerheid tot broeden in de

provincie Vlaams-Brabant. Belangrijker is echter dot alle soorten uit de categorie 'bedreigd' nog in Vlaams-Brabant voorkomen, en vaak in op Vlaamse school belangrijke concentraties. De meest in het oog springende categorie hierbij zijn de agrarische zangvogels ( 'okkervogels'), zoals Graspieper, Geelgors en Grauwe Gors, naast soorten als Zomertortel, Goudvink en Wielewaal. Het lijkt logisch om toekomstige inspanningen voor studie en bescherming in het Dijlelond prioritair te richten op Rode Lijst-soorten waarvan in Vlaams-Brabant belangrijke kernpopuloties voorkomen. Hierbij kunnen drie soortcotegorieën onderscheiden worden: Akkervogels (hogervermelde soorten+ Veldleeuwerik, Patrijs), soorten van struwelen en 'open bossen' (Goudvink, Wielewaal, Nachtegaal, Boompieper, Zomertortel, Gekraagde Roodstaart) en een reeks moerasvogels (Woudaap, Zomertaling, Watersnip, Rietzanger, Rietgors, Porseleinhoen). Vooral van de eerste twee categorieën herbergt Vlaams-Brabant op Vlaams niveau relevante populaties. Op Vlaams niveau loopt in

2005 enkel het monitoringproject 'Bijzondere Broedvogels

Vlaanderen'. Om enerzijds de inventarisatie-expertise opgebouwd in het kader van de broedvogelotlos te 'onderhouden' en anderzijds tegemoet te komen aan concrete vragen vanuit het natuurbeheer, werd besloten om in

2005 op regionaal vlok twee bijkomende

broedvogelprojecten op te zetten. Om in te spelen op de kennisleemten omtrent de soorten van struwelen en 'open bossen' organiseren we een gebiedsdekkende inventarisatie van Nachtegaal en Wielewaal. Daarnaast trachten we via een gedetailleerde inventarisatie van

12 steekproefgebieden zich te krijgen op het voorkomen en de verspreiding van

broedvogels in het agrarisch gebied in relaties tot landschapskenmerken en landgebruik.

27

Profile for Natuurstudiegroep Dijleland

De Boomklever Maart 2005  

De Boomklever Maart 2005  

Profile for nsgd
Advertisement