__MAIN_TEXT__

Page 22

De Boom.klever

1102

Voorjaarszweefvliegen in Oud-Heverlee 1.

Inleiding en situering

Eind april 1999 heb ik een viertal relatief korte (gemiddeld minder dan 1 uur) excursietjes gedaan vanuit mijn kot te Heverlee naar de vijvers van Oud-Heverlee (net ten zuiden van Leuven). Ik heb daarbij op twee verschillende plaatsen gekeken naar zweefvliegen, namelijk op de wegberm van de E40 (thv van de kruising met de Dijle) en op een drassige kapvlakte, grenzend aan de bewuste vijvers. Het eerste gebied bestaat uit een zuidgerichte helling die echter volledig met struikgewas begroeid is. Bloeiende planten zijn hier een aantal schaduw­ planten zoals look-zonder-look, maar ook wat fluitekruid en enkele bloeiende bomen (één esdoorn en één lijsterbes). De meeste hier waargenomen zweefvliegen waren echter niet aan het foerageren maar zaten gewoon op de bladeren of op het parallelle zandweggetje te genie­ ten van het micro-klimaat (vooral 's ochtends en's avonds als het koeler was) en/of waren paarlustige mannetjes (in baltszwerm of vanop bladeren jagend). Het tweede gebied, dat slechts enkele 100-en meters verder gelegen is, bestaat uit een enkele jaren oude (populieren)kapvlakte die doorsneden wordt door enkele ondiepe grachtjes en die nu gedomineerd wordt door een rijk assortiment aan zegges met verspreid een aantal grote dotterbloem"pollen". Alle zweefvliegen werden hier uitsluitend op dotterbloem gevangen. Op slechts vier korte waamemingsdagen (23, 27, 28 en 30 april) nam ik in deze twee gebie­ den een totaal van 62 soorten zweefvliegen waar, een hoog aantal aangezien het in feite maar een momentopname betreft. Op nog enkele willekeurige dagen doorheen het jaar ( 1 dag in september en 3 dagen in het voorjaar) vond ik in nabijgelegen gebieden (Heverleebos en Heverlee park) zonder speciaal achter zweefjes te zoeken nog eens 12 extra soorten zoadat het totale aantal al op 74 komt. Het effectieve soortenaantal in deze traditioneel rijke streek voor zweefvliegen ligt waarschijnlijk nog veel hoger, maar dat vraagt natuurlijk veel inten­ siever speurwerk en een waarnemingsperiode die het gehele vliegseizoen dekt. Om de zweefvliegenliefhebbers al wat warm te maken voor dit nieuwe vliegseizoen of om anderen ertoe aan te zetten ook eens wat aandacht te schenken aan deze bijzonder interessante dipterengroep volgt hieronder een kort overzicht van enkele leuke vangsten. 2.

Enkele Syrphi spectaculari (=leuke zweefjes) in alfabetische volgorde -

Genus Cheilosia Met 14 gevangen soorten is dit veruit het best vertegenwoordigde genus. Een eerste leuke soort is C. antiqua. Het is een kenmerkende soort voor voedselrijke bossen in het midden en zuiden van het land. Ze wordt vrijwel steeds - ook nu - gevangen op dotterbloem. C. canicularis is voor België de grootste vertegenwoordiger van de Cheilosia'sen is met name in augustus en september redelijk algemeen in het zuiden van het land. Naar het noorden toe wordt de soort al snel zeldzamer en bereikt iets boven Leuven haar noordgrens, met uitzonde­ ring van een populatie in het gebied aan de Schelde thv Antwerpen. In Nederland blijft ze beper� (zoals zovele soorten daar) tot Zuid-Limburg. De voorjaarsgeneratie is een stuk min­ . der talrijk en enkele jaren geleden bleek dat ze in feite bestaat uit 2 erg gelijkende soorten nl. C. canicularis en C. orthotricha (met o.a. rechte ipv gekroesde trichen op de pleura). Het gevangen exemplaar bleek echter een raszuivere canicularis. Eén van de talrijkst waargenomen Cheilosia's was C. chlorus. De verspreiding in België van deze soort komt ongeveer overeen met die van C. canicu/aris (de grens ook weer boven 20

Profile for Natuurstudiegroep Dijleland

De Boomklever Maart 2002  

De Boomklever Maart 2002  

Profile for nsgd
Advertisement