Bestuursverslag en Jaarrekening 2020

Page 1

Tekst

Minkema College Bestuursverslag en jaarrekening 2020


Stichting Minkema College voor openbaar voortgezet onderwijs in Woerden en omstreken Bestuursnummer 13360 BRIN-nummer 17AN Sector VO Statutair gevestigd in Woerden Adres Telefoon E-mail Website

Minkemalaan 1 3440 DC Woerden 0348 484100 post@minkema.nl www.minkema.nl

Contactpersoon Dhr. B. Elemans Directeur Bedrijfsvoering E-mail b.elemans@minkema.nl

Alle foto’s in dit bestuursverslag zijn voor de aanvang van de coronapandemie gemaakt.

2


3


Voorwoord

Voorwoord

Als we terugkijken op 2020 dan doen we dat in verwondering over wat de wereld in het algemeen en het Minkema College in het bijzonder is overkomen, maar we doen dit met trots en tevredenheid. Het is bewonderenswaardig hoe onze collega’s en leerlingen er in geslaagd zijn om zich telkens aan te passen aan de steeds wisselende omstandigheden, waarbij het perspectief vaak onduidelijk was.

4


Tekst

Het jaar 2020 is in alle opzichten een bijzonder jaar geweest. In de eerste maanden van het jaar kregen we signalen van een oprukkend griepvirus, dat uiteindelijk resulteerde in een pandemie. Vanaf 16 maart 2020 moesten we de deuren van de school sluiten en waren leerlingen en personeelsleden aangewezen op afstandsonderwijs. Eind maart 2020 besloot de minister van Onderwijs om het centraal schriftelijke eindexamen te schrappen: de resultaten op de schoolexamens werden voor examenleerlingen bepalend of ze het diploma hadden gehaald.

lichting aan leerlingen in het primair onderwijs.

Vanaf juni tot einde van het schooljaar 2019-2020 mochten we weer fysiek onderwijs geven, maar wel met inachtneming van anderhalve meter afstand. Het nieuwe schooljaar konden we min of meer normaal starten en bleef de anderhalve meter afstand beperkt tot alleen personeelsleden onderling en tussen personeel en leerling (maar niet voor scholieren onderling). Vanaf 16 december moesten we weer terugschakelen op afstandsonderwijs en was alleen fysiek onderwijs aan examenleerlingen mogelijk.

We weten dat een groot deel van 2021 nog steeds in het teken staat van de beperkingen als gevolg van corona, maar we weten ook dat het Minkema College er goed voor staat en dat we er met elkaar in zullen slagen om ons hier goed doorheen te slaan. We zullen alles op alles blijven zetten om onze leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op hun verdere reis door het leven.

Los van deze formele besluiten golden landelijk en op school strenge hygiënische maatregelen en moesten leerlingen en personeelsleden bij coronagerelateerde klachten thuisblijven. Daarnaast werd een meerdaagse quarantaine voorgeschreven indien hij/zij in nauw contact was geweest met een besmette persoon. Op het bestuursbureau hebben veel collega’s moeten kiezen om thuis te werken.

Een aantal andere processen heeft in 2020 toch doorgang kunnen vinden. We hebben een nieuw strategisch plan opgesteld voor de periode 20212025, we hebben het opgestelde sociaal plan afgewikkeld, er zijn belangrijke stappen gezet in het kader van de onderwijsvernieuwing, we hebben besluiten genomen met betrekking tot de verdeling van leerlingen over beide gebouwen, we hebben de verbouwingen aan ons vmbo-gebouw aan de Steinhagenseweg afgerond en we hebben enkele nieuwe systemen in gebruik genomen.

In dit jaarverslag treft u informatie aan over onze onderwijsresultaten, financiële ontwikkelingen en relevante informatie met betrekking tot ons personeelsbeleid. We zijn ervan overtuigd dat u, na lezing van het verslag en de context van corona in ogenschouw nemende, met ons tot de conclusie komt dat het Minkema College in 2020 veel bereikt heeft. We danken al onze medewerkers voor hun inspanningen en betrokkenheid. Woerden, 21 juni 2021

Het spreekt voor zich dat onder deze omstandigheden er geen sprake geweest is van een regulier schooljaar. We hebben door alle buitenschoolse activiteiten een streep moeten zetten en we hebben onze bevorderingsrichtlijnen aangepast. Diploma-uitreikingen zijn anders georganiseerd, net als de opening van het schooljaar en de voor-

Mark de Haas Voorzitter College van Bestuur

5


Inhoudsopgave

01 Bestuursverslag 1.1 Motto en ambities 9 1.2 Organisatie 9 1.3 Governance 11 1.4 Verslag van de Raad van Toezicht 14 1.5 Verslag van de Medezeggen­schapsraad 18 1.6 Activiteiten en samenwerkingsverbanden gedurende het verslagjaar 22 1.6.1 Samenwerkingsverbanden 22 1.6.2 Klachten 22 1.7 Verslag regeling kwaliteit en prestatiebox 22 1.7.1 Kwaliteit 22 1.7.1.2 Oordeel inspectie 23 1.7.1.3 Voortijdig schoolverlaters 24 1.7.1.4 Toetsing en examinering 25 1.7.2 Zorg 25 1.7.3 Prestatieboxgelden 28 1.7.3.1 Havo/vwo 29 1.7.3.2 Vmbo 30 1.7.4 Overige 33 1.8 Financiële positie en resultaten in 2020 36 1.8.1 Kengetallen 36 1.8.2 Risicomanagement 36 1.8.3 Publiek/Privaat vermogen 37 1.8.4 Analyse van het resultaat 2020 38 1.8.5 Analyse balans per 31 december 2020 39 1.8.6 Treasury en liquiditeitspositie 39

6

1.9 Continuïteitsparagraaf 40 1.9.1 Personeelsbezetting en aantal leerlingen 41 1.9.2 Staat van baten en lasten 41 1.9.3 Balans 44 1.9.4 Overige rapportages 44 1.10 Terugblik 2020 en toekomstige ontwikkelingen 46 1.10.1 Ontwikkeling leerlingaantallen (exclusief VAVO) 46 1.10.2 Externe en interne ontwikkelingen 46 1.10.3 Personeel 46 1.10.4 ICT 50 1.10.5 Facilitair 50

Pagina 52

Minkema in het nieuws Een fotocollage


Tekst

Bestuursverslag en jaarrekening 2020

02 Jaarrekening 2.1 Balans per 31 december 2020 57 2.2 Staat van baten en lasten 58 2.3 Kasstroomoverzicht 59 2.4 Grondslagen 60 2.5 Toelichting op de balans 63 2.5.1 Activa 63 2.5.2 Passiva 65 2.5.3 Financiële instrumenten 69 2.5.4 Niet uit balans blijkende verplichtingen 69 2.6 Toelichting op de staat van baten en lasten 70 2.6.1 Baten 70 2.6.2 Lasten 72 2.7 Gebeurtenissen na balansdatum 75

03 Overige gegevens 3.1 3.2

Controleverklaring Statutaire verdeling resultaat

81 81

7


Bestuursverslag

01 Bestuurs­ verslag

8


1.1 Motto en ambities Het jaar 2020 was het laatste jaar van de periode waarop het strategisch plan 2015 - 2020 betrekking had. De belangrijkste daarin beschreven ambities zijn vertaald in de trajecten herpositionering en herijking. Deze hebben in de achterliggende jaren hun beslag gekregen. In 2020 heeft het bestuur een nieuw strategisch beleidsplan 2021-2025 opgesteld met als titel “Bagage voor het leven”. In dit nieuwe strategisch plan worden nieuwe ambities geformuleerd en hebben we keuzes gemaakt voor het formuleren van nieuwe kernwaarden. Deze kernwaarden zijn: verbindend, inspirerend en verantwoordelijk. Het Minkema College is een school waar leerlingen zichzelf mogen zijn, we leggen de lat voor leerlingen hoog en helpen hen om hun doelen te verwezenlijken. We baseren ons onderwijs op democratische waarden en besteden aandacht aan levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden die leven in de Nederlandse samenleving. Ons motto is: Jouw toekomst vraagt erom. We hechten aan een goede sfeer op school. Een school met duidelijke regels en waarbij we open staan voor de mening van de ander. Als we een verschil van mening hebben, gaan we met elkaar in gesprek en zo bouwen we samen aan een goede, gezellige en veilige school.

Per 1 oktober 2020 heeft het Minkema College 2.508 ingeschreven leerlingen verdeeld over de locaties Steinhagenseweg (714 leerlingen) en Minkemalaan (1794 leerlingen). De school wordt geleid door een managementteam, bestaande uit de voorzitter van het College van Bestuur, de directeur onderwijs en de directeur bedrijfsvoering. Het bestuur wordt ondersteund door het directiesecretariaat, business control en de adviseur PR & Communicatie. De directeur bedrijfsvoering wordt ondersteund door de adviseurs Facilitair, Financiën en HRM. De directeur onderwijs wordt ondersteund door de schoolleiding op beide locaties. De schoolleiding is verantwoordelijk voor het onderwijs van de verschillende afdelingen: - Vmbo basis/kader leerjaar 1 tot en met leerjaar 4: - Vmbo kader/mavo en mavo/havo leerjaar 1 en leerjaar 2; - Vmbo mavo/havo leerjaar 3 en leerjaar 4; - Havo leerjaar 1 tot en met leerjaar 3; - Atheneum en Gymnasium leerjaar 1 tot en met leerjaar 3; - Havo leerjaar 4 en leerjaar 5; - Atheneum en Gymnasium leerjaar 4 tot en met leerjaar 6.

1.2 Organisatie

Het Minkema College is een openbare school voor voortgezet onderwijs met twee locaties in Woerden. We zijn een echte streekschool en dat betekent dat onze leerlingen uit de hele regio komen. Wij bieden hoogwaardig en veelzijdig onderwijs, vorming en ondersteuning in een veilige en goed geoutilleerde leeromgeving.

9


Bestuursverslag

Het organogram van het Minkema College

Raad van Toezicht

College van Bestuur Bestuurder Communicatie

Medezeggenschap

Directiesecretariaat

Onderwijs

Bedrijfsvoering

Directeur

Directeur

VMBO/HAVO/VWO

Basis/Kader 1-4

Havo 1-3

Financiën

Kader/M-H 1-2

Havo 4-5

ICT

Mavo-Havo 3-4

VWO 1-3

P&O

VWO 4-6

Facilitair

Administratie & Rooster

10


De leerlingaantallen In onderstaande tabel zijn de leerlingenaantallen opgenomen van de laatste zes jaren. Het aantal leerlingen in de periode t/m 2019 is gebaseerd op de indertijd afgegeven definitieve beschikkingen. De definitieve beschikking voor het aantal leerlingen per 1 oktober 2020 is nog niet afgegeven. VMBO

HAVO/VWO

Totaal

1 - 10 - 2020

714

1.794

2.508

1 - 10 - 2019

684

1.839

2.523

1 - 10 - 2018

734

1.823

2.557

1 - 10 - 2017

855 940 955

1.756

2.611

1.652

2.592

1.619

2.574

1 - 10 - 2016 1 - 10 - 2015

1.3 Governance Het Minkema College heeft een Raad van Toezicht (hierna: RvT) en een College van Bestuur (hierna: CvB). Het CvB bestaat uit één persoon. De RvT telt vijf leden. Er is een duidelijke scheiding tussen bestuur en toezicht. Uitgaande van de maatschappelijke onderwijsdoelstelling van het Minkema College ziet de RvT integraal toe op het beleid van het CvB, de uitvoering van dat beleid en de algemene gang van zaken. Hiertoe behoort mede dat de RvT nagaat of de wettelijke verplichtingen, de statuten, de daarmee verbonden reglementen en de Code Goed Onderwijsbestuur VO worden nageleefd. Het Minkema College is aangesloten bij de VO-raad (de vereniging van schoolbesturen en scholen in het voortgezet onderwijs) en onderschrijft en volgt de Code. De bestuurder heeft met instemming van de RvT een onbezoldigde benoeming tot toezichthouder in het primair onderwijs aanvaard. De RvT constateert voorts dat aan de in de Code gestelde lidmaatschapsvereisten is voldaan. Toezicht Visie op toezicht De kernwaarde van het intern toezicht binnen het Minkema College is ‘partnerschap’. Dat betekent dat de RvT niet alleen volgend is maar zich ook

proactief opstelt, met respect voor de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de bestuurder als bevoegd gezag. De RvT wordt vroegtijdig bij de strategieontwikkeling betrokken en formuleert de relevante prestatie- en beoordelingscriteria als toetsingskader voor de bestuurder, uiteraard afgeleid van de besturingsfilosofie en het strategisch beleidsplan van het Minkema College. De RvT functioneert vanuit een maatschappelijk perspectief en ziet erop toe dat de maatschappelijk gewenste doelen van het Minkema College worden vertaald naar een eigentijdse kwaliteit van onderwijs. Een gezonde bedrijfsvoering is daarbij een voorwaarde. De RvT heeft nadrukkelijk gekozen voor een proactieve rol in de organisatie, met nadruk op het regelmatig monitoren van de onderwijskwaliteit en de doelmatigheid van de bestedingen, zowel tijdens zijn vergaderingen als in de jaarlijkse zelfevaluatie. Dat is ook in het verslagjaar het geval geweest. Het is de ambitie van de RvT waarde toe te voegen aan het goed functioneren van het Minkema College in termen van uitkomsten, waaronder de betrokkenheid van externe stakeholders, en aan een goede samenwerking met de bestuurder. Duidelijk is daarbij dat goed samenspel met de bestuurder ook het bieden van goed tegenspel betekent.

11


Bestuursverslag

De RvT houdt bij de uitoefening van het toezicht rekening met de specifieke situatie van het Minkema College op enig moment en past zijn toezicht daarop zo nodig aan. In situaties met bijzondere risico’s kan het bijvoorbeeld nodig zijn het toezicht te intensiveren. Daarbij bevordert en ondersteunt de RvT vooral dat de bestuurder zelf zo goed mogelijk in control blijft. Toezichtkader Onder ‘toezichtkader’ worden de formele en maatschappelijke kaders voor goed toezicht verstaan die door de RvT zelf zijn gespecificeerd. De RvT volgt de governance-principes en governance-eisen zoals vastgelegd in wetgeving en codes, en ziet erop toe dat ook de bestuurder in overeenstemming met wet en codes handelt. De Raad van Toezicht handelt daarbij op basis van de verantwoordelijkheden en bevoegdheden zoals vastgelegd in de statuten van de Stichting Minkema College en de daarop gebaseerde documenten. Toezicht op doelmatigheid van de bestedingen De RvT heeft zich in het verslagjaar met extra inzet gericht op het beheer en de bedrijfsvoering van het Minkema College in brede zin, waaronder in het bijzonder de doelmatige besteding van middelen en de daarbij behorende risicofactoren. De RvT heeft kunnen constateren dat de bestuurder ook op dit punt met grote inzet en kennis van zaken heeft gehandeld, en daardoor met de organisatie een binnen de gegeven opgaven optimale situatie heeft kunnen bewerkstelligen. Hij kon hierbij mede steunen op de goede financiële positie die in eerdere jaren, mede door een waar mogelijk terughoudend financieel beleid, is opgebouwd. Voor de komende jaren moet ervan worden uitgegaan dat de financiële positie van het College kwetsbaarder wordt, en zal extra aandacht voor doelmatige besteding van de beschikbare middelen noodzakelijk zijn. Adviestaak Raad van Toezicht De RvT heeft zijn adviserings- en klankbordfunctie ten opzichte van de bestuurder ook in het verslag-

12

jaar zowel formeel als informeel met betrokkenheid vervuld. In dit kader blijkt vaak het nut van een raad van toezicht waarin zowel kennis en competenties als persoonlijkheden elkaar aanvullen. Werkgeverstaak Raad van Toezicht In het kader van zijn werkgeverstaak heeft de RvT, zoals hieronder aangegeven (zie ‘Remuneratiecommissie’), regelmatig aandacht besteed aan de agendapunten die verband houden met de werkgeverstaak, met name het functioneren van de bestuurder. In het verslagjaar heeft met de bestuurder een beoordelingsgesprek plaatsgehad. Op basis van de positieve beoordeling is het tijdelijke dienstverband van de bestuurder per 1 augustus omgezet in een vast dienstverband. Ook is de planning van de gesprekkencyclus met de bestuurder aangepast aan die van andere managementfuncties bij het Minkema College. De gesprekken zijn gebaseerd op vooraf geformuleerde feedback van de voltallige RvT en van de bestuurder zelf. De bestuurder reflecteert daarbij driejaarlijks mede op door hem verzamelde 360 graden-feedback van collega-werknemers. De raad baseert zijn uiteindelijk oordeel mede op de in de bestuurdersovereenkomst opgenomen performancecriteria en de uitkomsten op het gebied van onderwijskwaliteit, doelmatige besteding van middelen, financieel en risicomanagement en integrale bedrijfsvoering. In zijn beleid ten aanzien van de beloning van de bestuurder en de RvT zelf neemt de raad de ter zake doende wetgeving als uitgangspunt, met een waar mogelijk sobere en zo doelmatig mogelijke invulling. De bezoldiging van de bestuurder voldoet aan de gestelde eisen van de wettelijke regelgeving zoals vastgelegd binnen de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke organisaties (WNT). In de wet is vastgelegd dat toezichthouders respectievelijk 15% (voorzitter) en 10% (leden) van het salaris van de bestuurders als beloning kunnen ontvangen. Bij de uitvoering van dit onderdeel van de wet heeft de RvT voor het bepalen van de eigen vergoeding gekozen voor een


gemiddelde positie. De bezoldiging van het College van Bestuur en die van de Raad van Toezicht zijn terug te vinden in de jaarrekening.

In het verslagjaar zijn geen blijken gevonden van belangenverstrengeling in welke vorm dan ook.

13


Bestuursverslag

1.4 Verslag van de Raad van Toezicht Algemeen overzicht werkzaamheden in het verslagjaar De raad heeft zich opnieuw gericht op zijn kerntaken: controle, advies en werkgeverschap. Daarbij is altijd de kwaliteit van het onderwijs binnen het Minkema College een belangrijk speerpunt. De impact van de coronacrisis en de steeds veranderende actualiteit waren voor de Raad van Toezicht in 2020 aanleiding om zich nog intensiever dan in voorgaande jaren intern en extern te laten informeren over ontwikkelingen en risico’s. Vanaf het begin van de coronacrisis heeft de bestuurder de raad via uitgebreide updates op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen, besluiten en afwegingen in het kader van corona. Voorts heeft de raad veel aandacht besteed aan het nieuwe strategisch beleidsplan 2021-2025, de algemeen-strategische vraagstukken, aan onderwijs (met name nieuw ingezette ontwikkelingen) en arbeidsmarkt, hrm, financieel beheer, risicomanagement, marketing/pr en bestuurlijke zaken. De RvT heeft met voldoening mogen constateren dat de nieuwe bestuurder net als de vertrekkende bestuurder kan rekenen op vertrouwen en draagvlak binnen de organisatie. De raad vergaderde, behalve in afzonderlijk commissieverband, als geheel in 2020 in totaal zeven keer. Daarnaast vond frequent contact plaats per e-mail en had tussentijds met regelmaat (en als de coronasituatie daar aanleiding toe gaf zeer frequent) informeel overleg plaats tussen de voorzitter en de bestuurder. De bestuurder was aanwezig bij de reguliere vergaderingen van de RvT en bij alle commissievergaderingen. Tijdens de jaarlijkse evaluatie heeft de raad besloten structureel een half uur voor de start van de reguliere vergaderingen zonder de bestuurder bijeen te komen, met als doel die vergaderingen nog meer focus te geven. In overleg hebben raad en bestuurder de vergadercyclus en het informatieprotocol explicieter op elkaar afgestemd.

14

Stakeholders, horizontale dialoog met belang­ hebbenden De RvT heeft met de medezeggenschapsraad het reguliere halfjaarlijkse overleg gevoerd met betrekking tot de ervaringen met afstandsonderwijs, de school in tijden van corona en het proces van totstandkoming van het strategisch beleidsplan. Door de coronamaatregelen moesten deze gesprekken online plaatsvinden. De raad heeft de openheid en betrokkenheid van de leden van de Medezeggenschapsraad en van de diverse gesprekspartners tijdens andere ontmoetingen zeer gewaardeerd. De RvT heeft in het verslagjaar verder onder meer gesproken met de directeuren onderwijs en bedrijfsvoering, over de beleidsmatige en beheersmatige ontwikkelingen en de toekomstvisie. Tijdens overleg met de adviseurs P&O, Financiën en Communicatie zijn de werkzaamheden en de beleidsmatige ontwikkeling van de desbetreffende afdelingen toegelicht en besproken. De raad kon voorts met genoegen vaststellen dat in het overleg met de externe accountant over het onderzoek betreffende de jaarstukken 2019 geen bijzondere aandachtspunten naar voren zijn gekomen. Werkzaamheden Commissies Binnen de RvT functioneren drie specifieke commissies: de Kwaliteitscommissie, de Auditcommissie en de Remuneratiecommissie. Elk lid van de RvT maakt deel uit van een of meer van deze commissies. De commissies buigen zich in het bijzonder over de toegewezen specifieke beleidsonderdelen: de Kwaliteitscommissie over de inhoudelijke kwaliteit van het onderwijs, de Auditcommissie over beheer en bedrijfsvoering en over de doelmatige besteding van middelen van het Minkema College. De Remuneratiecommissie houdt zich in het bijzonder bezig met de werkgeverstaken ten aanzien van de bestuurder en met selectieprocedures. De commissies verdiepen zich extra in de materie en bereiden standpunten voor, maar nemen geen besluiten. Het nemen van besluiten is voorbehouden aan de Raad van Toezicht als geheel.


Auditcommissie De RvT, en in het verlengde daarvan de Auditcommissie, richt zich mede op het beheer en de bedrijfsvoering van het Minkema College in brede zin, met nadruk op de doelmatige besteding van middelen. In 2020 heeft de Auditcommissie zes keer vergaderd, steeds in aanwezigheid van de bestuurder en de directeur bedrijfsvoering. In de vergaderingen zijn de financiële rapportages besproken en kwam de actuele stand van zaken betreffende de personele formatie en de algemene financiën uitvoerig aan de orde. In het kader van de begrotingscyclus zijn de risicoanalyse en de kadernotitie toegelicht en besproken. Deze zijn richtinggevend voor de begroting van het Minkema College. Ook de planning van de werkzaamheden van de externe accountant was geagendeerd, een primaire verantwoordelijkheid van de RvT, evenals de planning van de totstandkoming van het jaarverslag en de jaarrekening. In 2020 heeft de auditcommissie (met de komst van een directeur bedrijfsvoering) in het bijzonder ook aandacht gehad voor de transformatie van de financiële organisatie en de effecten daarvan voor de totstandkoming van onder andere de begroting. Kwaliteitscommissie De Kwaliteitscommissie heeft in 2020 vijf keer vergaderd in aanwezigheid van de bestuurder, de directeur bedrijfsvoering en de directeur onderwijs in diens hoedanigheid van lid van de interne kwaliteitscommissie van het college. Belangrijke punten van aandacht in de vergaderingen waren de onderwijsontwikkeling, de onderwijsresultaten, uitkomsten enquêtes onder leerlingen en ouders, de jaarplannen, het kwaliteitsbeleid, personeel en organisatie en de gevolgen van corona voor het onderwijs. Remuneratiecommissie De Remuneratiecommissie vergadert in verschillende samenstellingen onder voorzitterschap van de voorzitter van de RvT. Het aantal bijeenkomsten is met name afhankelijk van ontstane vacatures op

bestuurs- en toezichtniveau. Per 1 februari 2020 is de heer M. de Haas benoemd tot voorzitter van het College van Bestuur; zaken rondom zijn beoordeling en vaste aanstelling zijn voorbereid door de remuneratiecommissie. Ook heeft de commissie de voorbereiding van de werving van een nieuw raadslid ter hand genomen in het kader van het aanstaande verstrijken van de tweede zittingstermijn van de heer M. Frijlink. De overige vaste agendapunten van de Remuneratiecommissie betreffen de honorering van de bestuurder en de RvT zelf, alsmede het rooster van aftreden binnen de raad. Deze agendapunten worden rechtstreeks in de RvT-vergaderingen besproken, zodat daarover meteen het beoogde brede overleg kan plaatshebben. Evaluatie functioneren College van Bestuur en Raad van Toezicht Voor de jaarlijkse evaluatie van het functioneren van het College van Bestuur: zie paragraaf Werkgeverstaak Raad van Toezicht. Voor de evaluatie van het eigen functioneren heeft de RvT in 2020 gekozen voor een uitgebreide vorm, gedeeltelijk onder externe begeleiding. In de eerste evaluatiebijeenkomst, deels in aanwezigheid van de bestuurder, heeft de raad zijn functioneren op de drie taakgebieden in het verslagjaar geëvalueerd, waarbij zowel het collectief functioneren is besproken als het individueel functioneren, dat laatste met feedback van de medeleden en de bestuurder. De eigen algemene Toezichtvisie alsmede het Toezichtkader maakten opnieuw deel uit van de evaluatie, evenals de kwaliteitsverantwoording binnen het Minkema College in brede zin. Aan de hand hiervan is waar mogelijk vooruitgekeken naar de eisen die aan het toezicht in 2021 e.v. zullen worden gesteld en is besproken op welke punten visie en kader in het licht van nieuwe ontwikkelingen bijstelling behoeven. Er zijn afspraken gemaakt voor themabijeenkomsten in de komende jaren, in aanvulling op de reguliere en commissievergaderingen. Er is in een tweede evaluatiebijeenkomst binnen de raad

15


Bestuursverslag

zelf gereflecteerd op de punten die in de eerste bijeenkomst aan de orde kwamen en de wijze waarop de leden elkaar verder kunnen ondersteunen om hun toezichtrol zo goed mogelijk te vervullen. Ook is, vanuit de ambitie de permanente ontwikkeling van de raad inzichtelijker te maken,

16

een ‘scholingsplan Raad van Toezicht’ opgesteld, in het kader waarvan de raad telkens aan het begin van een kalenderjaar de collectieve en individuele scholingsactiviteiten voor dat jaar in samenhang zal vastleggen.


De RvT bestond in 2020 uit de volgende personen: Naam

Hoofdfunctie

Nevenfuncties

Mevr. E. van der Molen Voorzitter RvT en Voorzitter Remuneratiecommissie

Partner, procesleider en adviseur onderwijs Molen & Molen

Lid Raad voor Kwaliteitsborging Lerarenopleidingen van de Vereniging van Hogescholen Taalcoach Steunpunt Vluchtelingen De Bilt (onbezoldigd) Penningmeester St. Tzadokah Home, Bilthoven (onbezoldigd)

Dhr. M.B. Frijlink Vicevoorzitter RvT en Voorzitter Auditcommissie

Directeur-bestuurder van de Vereniging Openbaar Onderwijs te Almere

Voorzitter Vluchtelingen Steunpunt Groene Hart (onbezoldigd) Lid Raad van Toezicht Onderwijs Primair

Dhr. F. Hordijk Lid Auditcommissie

Directeur van Hordijk & Hordijk, adviseurs voor organisatie en financiën

Partner bij Hordijk, Kok, Laan & Wabeke, registeraccountants Docent Bedrijfseconomie aan de O.R.S. Lek en Linge te Culemborg Directeur van de Rekenkamercommissie van de gemeenten Maasdriel, Nieuwkoop en Houten Lid van het bestuur van het Stagebureau van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants

Mevr. M. Wenderich Lid Kwaliteitscommissie en lid Remuneratiecommissie

Head of People & Organization Capgemini Invent

Dhr. J. Schueler Voorzitter Kwaliteitscommissie

Teamcoördinator raadsadvies / plv. griffier bij de Gemeente Utrecht

De leden van de RvT zijn voor een periode van vier jaar benoemd met de mogelijkheid om de zittingsperiode eenmaal voor de periode van vier jaar te verlengen. Het betreft geen automatische verlenging: leden geven hun bereidheid tot verlenging aan en de RvT neemt vervolgens de beslissing tot verlenging (of niet). De achtergrond van deze handelswijze is dat zowel de RvT als het individuele lid op deze manier bewust een commitment voor de tweede termijn aangaan. Na de maximale zittingsperiode van acht jaar is herbenoeming niet meer mogelijk.

17


Bestuursverslag

E. van der Molen

M.B. Frijlink

F. Hordijk

M. Wenderich

J. Schueler

voordracht oudergeleding

voordracht MR

voordracht RvT

voordracht oudergeleding

voordracht RvT

B: 1 jan. 2019

B: 1 sept. 2019

2013

B: 17 dec. 2013

2014 2015

B: 1 april 2015

2016 2017

V: 17 dec. 2017

2018 2019

V: 1 april 2019

2020

B: 1 jan. 2020

2021

A: 17 dec. 2021

2022 2023

A: 1 april 2023

V: 1 jan. 2023

V: 1 sept. 2023

2024

V: 1 jan. 2024

2025 2026 2027 2028

A: 1 jan. 2027

A: 1 sept. 2027 A: 1 jan. 2028

B = Benoeming voor eerste termijn van vier jaar V = Aftreden of herbenoeming voor tweede termijn van vier jaar A = Aftreden

1.5 Verslag van de medezeggenschapsraad De medezeggenschapsraad (MR) van het Minkema College bestaat uit zestien leden: • Acht leden zijn gekozen door de personeelsgeleding (PMR). Vier leden zijn gekozen door het onderwijsgevend personeel (OP) van het havo/ vwo en twee leden door het onderwijsgevend personeel (OP) van het vmbo. Door het onderwijsondersteunend personeel (OOP) van het havo/vwo respectievelijk vmbo wordt elk één lid gekozen. • Namens de ouders hebben vier leden zitting in de MR, twee gekozen door de oudergeleding van het havo/vwo en twee door die van het vmbo. • Namens de leerlingen hebben ook vier leden zitting in de MR. Ook hiervoor geldt dat twee leden gekozen zijn door de leerlingen van het havo/vwo en twee door die van het vmbo.

18

In 2020 hebben zich diverse mutaties binnen de MR voorgedaan. Binnen de leerlinggeleding is voor de zomervakantie afscheid genomen van twee leden vanwege een positief examenresultaat en van een lid door het einde van de zittingstermijn. Bij de personeelsgeleding zijn vier nieuwe leden tot de MR toegetreden. Twee leden hebben de plaats ingenomen van leden die het einde van de zittingstermijn hadden bereikt en twee leden zijn in de plaats gekomen van leden die de school hebben verlaten. Door langdurige afwezigheid sinds augustus is een lid vervangen. De vervanging eindigt zodra het afwezige lid weer terugkeert. Het gehele jaar was Wilfred van der Weijden de voorzitter. Tot augustus was Hugo Harmsen de secretaris. Daarna is deze taak overgenomen door Freek Verheijden.


Samenstelling van de medezeggenschapsraad in 2020 Namens de leerlingen: Namen

Lokatie

Ruben Cohen

Minkemalaan 1

(tot de zomervakantie)

Ismail Sarti

Minkemalaan 1

(tot de zomervakantie)

Olivier Donselaar

Minkemalaan 1

(na de zomervakantie)

Gabriele Mansi

Minkemalaan 1

(na de zomervakantie)

Noa Kets

Steinhagenseweg 3a

Yort de Vaal

Steinhagenseweg 3a

(tot de zomervakantie)

Badr Khadir

Steinhagenseweg 3a

(na de zomervakantie)

Namens de ouders: Namen

Lokatie

Eveline Rosendaal

Minkemalaan 1

Mark van Zaale

Minkemalaan 1

(tot de zomervakantie)

Ruud Bruggeman

Minkemalaan 1

(na de zomervakantie)

Patrick Verharen

Steinhagenseweg 3a

Christa van Maanen

Steinhagenseweg 3a

Namens het personeel: Namen

Lokatie

Hugo Harmsen

Minkemalaan 1

(OP)

(tot de zomervakantie)

Bert Scholten

Minkemalaan 1

(OP)

(tot de zomervakantie)

Ruth de Leeuw van Weenen

Minkemalaan 1

(OP)

(tot de zomervakantie)

Ivo van Heeswijk

Minkemalaan 1

(OP)

(na de zomervakantie)

Joke Snijder-van der Laan

Minkemalaan 1

(OP)

(na de zomervakantie)

Freek Verheijden

Minkemalaan 1

(OP)

(na de zomervakantie)

Geert Kuitenbrouwer

Minkemalaan 1

(OOP)

(tot de zomervakantie)

Miranda van Vulpen

Minkemalaan 1

(OOP)

(na de zomervakantie)

Chaniz Biervliet

Steinhagenseweg 3a

(OP)

Johan van der Leeden

Steinhagenseweg 3a

(OP)

(tot de zomervakantie)

Ben Peijnenburg

Steinhagenseweg 3a

(OP)

(na de zomervakantie)

Wilfred van der Weijden

Steinhagenseweg 3a

(OP)

John Boegheim

Steinhagenseweg 3a

(OOP)

Verslag werkzaamheden De MR is een belangrijke gesprekspartner van het CvB als het gaat om het beleid van het Minkema College. De MR geeft advies over of stemt (conform de bepalingen van de WMS) in met voorgenomen besluiten van het CvB.

Delen van de bevoegdheden van de MR, waar het besluiten op schoolniveau betreffen, zijn gedelegeerd aan de deelraden van het vmbo (vestiging Steinhagenseweg 3a) en havo/vwo (vestiging Minkemalaan 1). In de deelraden zijn de MR-leden van de desbetreffende school vertegenwoordigd en wordt

19


Bestuursverslag

het CvB vertegenwoordigd door de directie van de betreffende school. In samenspraak met de voorzitter van het CvB heeft de MR in 2019 besloten de deelraden op non-actief te stellen, vooruitlopend op een herziening van de medezeggenschapsstructuur voor het gehele college. Wat betreft zaken die alleen het personeel van het college aangaan, spreekt het CvB in separate vergaderingen met de personeelsgeleding van de MR, de PMR. Ook kent de MR een financiële commissie waarin het CvB de financiële stukken uitvoerig toelicht en bespreekt met een delegatie van de MR (vier leden, twee van iedere school). Zodoende kunnen deze stukken later in de MR op hoofdlijnen worden besproken en van commentaar worden voorzien. Het is feitelijk de MR die advies geeft over de financiële stukken. Werkzaamheden MR De MR had vijf reguliere vergaderingen in 2020. Tijdens de eerste is instemming gegeven met de verlengde lesduur. Naast deze vergaderingen zijn er vijf extra vergaderingen ingelast, allen in het teken van de coronacrisis. Veelal zijn deze vergaderingen op korte termijn georganiseerd omdat snel gereageerd moest worden op recente ontwikkelingen. De MR kent een ritmiek waarbij diverse zaken elk jaar terugkomen, zoals de begroting voor het daaropvolgende kalenderjaar, de jaaragenda en het vakantierooster. In 2020 stonden hiernaast nog enkele grote onderwerpen op de agenda. Bij de start van het jaar zijn inspanningen verricht om het draagvlak voor de verlengde lesduur te vergroten, waardoor in de eerste vergadering alsnog instemming voor dit plan is verleend. In het voorjaar is vervolgens ingestemd met de lessentabel waarin de verlengde lesduur voor leerjaar 1 en 2 van het havo/vwo is verwerkt. In de laatste vergadering van het jaar zijn de nieuwe reglementen van de MR vastgesteld. Deze zijn aangepast naar de nieuwe organisatiestructuur die met de herijking is vastgesteld. Verder is de lessentabel, waarin de verlengde lesduur voor het hele

20

college gaat gelden, na overleg met de MR, door het bestuur teruggetrokken voor stemming om het draagvlak onder het personeel en de leerlingen te vergroten. Het voorstel zal de eerste vergadering na de jaarwisseling alsnog voor instemming worden geagendeerd. Naast de hierboven toegelichte bijeenkomsten heeft de MR zoals gebruikelijk twee keer per jaar met de Raad van Toezicht vergaderd. De MR praat dan de RvT bij over de uitvoering van medezeggenschap in relatie tot het College van Bestuur. Door de coronacrisis hebben beide vergaderingen online plaatsgevonden met een afvaardiging van de MR. Werkzaamheden PMR De PMR vergaderde in 2020 vijf keer. Binnen de personeelsgeleding van de MR worden zaken besproken die specifiek het personeel aangaan. Zonder uitputtend te zijn, volgt onderstaand een opsomming welke onderwerpen aan de orde zijn geweest: • verzuimprotocol; • preventief medisch onderzoek; • verzuimanalyse; • benoemingsprocedure LC en LD; • meerjarenformatieplan; • formatieplan; • evaluatie herijking. Deelraad vmbo & deelraad havo/vwo Vooruitlopend op de herziening van de structuur van medezeggenschap op het Minkema College heeft de voltallige MR, in samenspraak met het CvB, besloten de deelraden na de zomervakantie 2019 op non-actief te zetten. Zodoende zijn er geen vergaderingen meer geweest. De onderwerpen die in het verleden door de deelraad werden afgehandeld, komen nu aan de orde tijdens de MR-vergaderingen. Inzet komend jaar De maatschappij wordt zwaar getroffen door de coronacrisis, zo ook het onderwijs. Omdat deze crisis onvoorspelbaar is, stelt de MR zich ten doel flexibel te zijn qua beschikbaarheid en doorloop­ tijden maar strikt op de juiste besluitvorming en de


21


Bestuursverslag

behartiging van de belangen van personeel, leerlingen en ouders in de voorstellen. Hiernaast zijn het mogelijk maken en volgen van de ingezette onderwijsontwikkelingen zoals formatief evalueren, talentstromen en de verlengde lesduur voor 2020 de belangrijkste aandachtspunten. In dit kader staan scholing, werkdruk en de communicatie binnen de school voor de MR hoog op de agenda. Binnen de MR gaat de aandacht uit naar een goede invulling van de nieuwe structuur, zeker in combinatie met de intrede van veel nieuwe leden. 1.6 Activiteiten en samenwerkingsverbanden gedurende het verslagjaar 1.6.1 Samenwerkingsverbanden Het Minkema College had in het verslagjaar de volgende externe bestuurlijke samenwerkingsverbanden: • De vereniging van scholen in het voortgezet onderwijs (VO-raad); • Samenwerkingsverband VO regio Utrecht (SWVVO-RUW); • Samenwerking openbaar onderwijs in de regio (5=1); • Academische Opleidingsschool met Hogeschool Utrecht (HU) en Universiteit Utrecht (UU); • Woerdens Techniek Talent (WTT); • POVO-werkgroep • Stichting Kunstzinnige Vorming (KUVO) Woerden 1.6.2 Klachten Deze paragraaf beschrijft het aantal klachten dat is ingediend over het Minkema College in 2020 en het totaal aantal klachten dat de afgelopen jaren is ingediend bij de Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (LKC) 2020. Het Minkema College kent een collegebrede klachtenregeling. In 2020 zijn er (net als in 2019) over het Minkema College geen klachten (nul) ontvangen via de Landelijke Klachtencommissie Onderwijs. In 2018 betrof het twee klachten en in 2017 was er één klacht ingediend bij de LKC over het Minkema College.

22

De LKC rapporteert in het jaarverslag 2020 een totaal aantal klachten van 238 dat bij hen in 2020 is ingediend. Dit aantal is de afgelopen jaren (met een uitzondering voor 2018, toen er 276 klachten werden ingediend) min of meer stabiel. 1.7 Verslag regeling kwaliteit en prestatiebox 1.7.1 Kwaliteit 1.7.1.1 Examens Het ministerie van OC en W heeft in het voorjaar van 2020 besloten om de centraal schriftelijke eindexamens in verband met Covid-19 te annuleren. De resultaten op de schoolexamens werden daarmee bepalend om vast te stellen of leerlingen zijn geslaagd. Leerlingen konden hun resultaat nog verbeteren middels een zgn. Resultaat Verbeter Toets. Deze gang van zaken zorgt ervoor dat vergelijkingen met resultaten van eerdere jaren niet (goed) mogelijk is. Verschillen tussen ce-cijfer en se-cijfer kunnen niet worden berekend. Geslaagden havo/vwo In 2020 is 98,1% van de examenkandidaten in de havo-afdeling geslaagd, landelijk was dat 97,5%. In de vwo-afdeling was dit 99,3%, tegenover landelijk 98,9%. Als we deze slagingspercentages moeten uitdrukken in percentielscores dan betekent dat voor de havo een percentiel van 50 en voor het vwo een percentiel van 41. Deze lage percentielscores behorende bij slagingspercentages van bijna 100% onderstrepen dat het een uitzonderlijk examenjaar was. Geslaagden vmbo In 2020 zijn alle examenkandidaten op het vmbo geslaagd. Deze 100% geldt voor zowel de basisberoepsgerichte leerweg als de kaderberoepsgerichte leerweg als de mavo. De landelijk gemiddelde slagingspercentages waren 99,4% (basis), 100% (kader) en 99,2% (mavo).


1.7.1.2 Oordeel inspectie De inspectie beoordeelt een school met een voldoende als het driejaarsgemiddelde van minstens drie van de volgende vier indicatoren boven de inspectienorm scoort. • Onderwijspositie in leerjaar 3 t.o.v. basisschooladvies • Onderbouwsnelheid • Bovenbouwsucces • Examencijfers

Onderbouwsnelheid 98.2% 0%

10%

20%

80%

90%

100%

havo

89.9%

wvo

90.1% 10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90% 100%

6.5

6.8

wvo

2.2% 0%

70%

Bovenbouwsucces

havo

Onderwijspositie in leerjaar 3 t.o.v. basisschooladvies

-10%

60%

Examencijfers

Figuur 1.7.1. Onderwijsresultaten havo/vwo

-20%

50%

---- inspectienorm

Onderwijsresultaten havo/vwo

-30%

40%

---- inspectienorm

0%

Deze vier indicatoren vormen tezamen de onderwijsresultaten.

30%

1 10%

20%

30%

2

3

4

5

6

7

8

9

10

---- inspectienorm

---- inspectienorm

23


Bestuursverslag

Op basis van deze resultaten beoordeelt de inspectie de kwaliteit van het onderwijs op het havo/vwo als voldoende.

Examencijfers 7

vmbo-b

6.6

vmbo-k

De onderbouwsnelheid en het bovenbouwsucces voor zowel de havo als het vwo zijn goed. Deze indicatoren voldoen, net als de examencijfers aan de inspectienorm. De doorstroom in de havo/vwo onderbouw voldoet niet aan de inspectienorm. Dat betekent dat er minder leerlingen dan de gestelde norm met een havo-advies van de basisschool opstromen naar het vwo en te veel leerlingen met een vwo-advies van de basisschool afstromen naar de havo-afdeling. Dit vraagstuk vraagt om een grondige analyse en zal leiden tot één of meer interventies. Onderwijsresultaten vmbo Figuur 1.7.2. Onderwijsresultaten vmbo Onderwijspositie in leerjaar 3 t.o.v. basisschooladvies 8.7% -30%

-20%

-10%

0%

10%

20%

30%

---- inspectienorm

Onderbouwsnelheid 98.1% 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

Bovenbouwsucces 93.6%

96.6%

vmbo-k

98%

vmbo-(g)t 0%

10%

---- inspectienorm

24

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

---- inspectienorm

Op basis van deze resultaten beoordeelt de inspectie de kwaliteit van het onderwijs op het vmbo als voldoende. Alle rendementen voldoen aan de inspectienorm voor de school. 1.7.1.3 Voortijdig schoolverlaters Voortijdige schoolverlaters worden gedefinieerd als schoolverlaters zonder startkwalificatie voor de arbeidsmarkt. Wij doen er alles aan om te voorkomen dat een leerling zonder (uitzicht op) een startkwalificatie de school verlaat. Als wij ons zorgen maken over een leerling, overleggen we met de ouders. Indien nodig roepen we de hulp van de leerplichtambtenaar in. Overigens komt dit zo weinig voor, dat het meestal om maatwerk gaat. Een leerling die vóór het behalen van zijn einddiploma de school verlaat, moet schriftelijk door zijn ouders of verzorgers worden afgemeld bij de directeur onderwijs.

100%

---- inspectienorm

vmbo-b

6.7

vmbo-(g)t

90% 100%

Het Minkema College heeft een actief beleid gericht op het voorkomen van vroegtijdig schoolverlaten (vsv). Het meest actuele schooljaar waarover vsv-gegevens zijn gepubliceerd is het schooljaar 2019-2020. In dat schooljaar lag het percentage vroegtijdige schoolverlaters voor het Minkema College als geheel op 0,21%. Het gemiddelde in de regio Utrecht lag voor dit schooljaar op 0,37% en het landelijk gemiddelde op 0,4%. Het Minkema College doet het dus gemiddeld beter dan de andere scholen in de regio en ook beter dan het landelijk gemiddelde. Dit stemt tot tevredenheid, maar we blijven alert.


1.7.1.4 Toetsing en examinering In 2019 is een zelfevaluatie uitgevoerd ten aanzien van toetsing en examinering. Hiervoor is het instrument kwaliteitsborging van de VO-Raad gehanteerd. Deze zelfevaluatie resulteerde in een collegebrede aanpassing van de PTA’s van de schoolexaminering. Wij voldoen hiermee aan de richtlijnen van de VORaad. In 2019 heeft de Onderwijsinspectie de afname van het Centraal Schriftelijk Praktijk Examen (CSPE) van het profiel Economie & Ondernemen (vmbo) bezocht en beoordeeld. In het eindgesprek van dit bezoek met het examensecretariaat is als verbeterpunt aangegeven de huidige interne scholing van de nieuwe examinatoren in de procedure te borgen. De Onderwijsinspectie heeft de afname en beoordeling van het CSPE als voldoende beoordeeld. Door de coronapandemie hebben wij in 2020 noodgedwongen ervaring opgedaan met het digitaal afnemen van (schoolexamen)toetsen. Hiervoor maakten wij gebruik van de mogelijkheden die Google hiervoor geeft. De surveillance bij de toetsen-op-afstand vond in dit geval ook (grotendeels) digitaal plaats. Opvallend is dat de resultaten van deze toetsen vergelijkbaar waren met de resultaten van voorgaande schooljaren. Het was daarom van nog groter belang om goede toetsvragen te formuleren om misstanden te ondervangen. Ook tijdens de reguliere toetsweken in de eerste helft van schooljaar 2020-21 konden leerlingen die thuis waren i.v.m. corona-gerelateerde klachten hun toetsen digitaal maken. Op dit moment hebben de beide locaties een eigen examencommissie, bestaande uit twee examensecretarissen en leden van de schoolleiding. 1.7.2 Zorg Voor onze leerlingenzorg gelden de volgende doelstellingen: 1. de school heeft een belangrijke signalerings­ functie

2. een leerling met problemen weet waar hij / zij kan aankloppen 3. in het zoeken naar de juiste ondersteuning worden ouders zo veel mogelijk in het proces betrokken 4. kennis van zaken bij docenten kan een preven­ tieve functie hebben bij problemen 5. school is geen zorginstelling. Wanneer problemen buiten ons bereik liggen, wordt actief meegedacht over geschikte begeleiding buiten school Onze medewerkers zijn geschoold in het vinden van een juiste aanpak om om te gaan met leerlingen die extra aandacht nodig hebben om het onderwijs succesvol te kunnen doorlopen. Wij meten of de ondersteuning van deze leerlingen tot resultaat leidt. De beide scholen van het Minkema College voeren regelmatig overleg over (de gevolgen van) passend onderwijs. Binnen het Minkema College zijn twee orthopedagogen actief en er is niet alleen oog voor de ondersteuning van individuele leerlingen, maar ook voor de ondersteuning van de docenten die binnen de groepen met meer diversiteit worden geconfronteerd. De samenwerking tussen de zorgteams van beide locaties is het afgelopen jaar verder verbeterd. Binnen het vmbo zijn pedagogisch medewerkers en pluscoaches ingezet, waarvan de inzet succesvol is gebleken. Binnen de havo-/vwo-afdeling is er extra aandacht voor leerlingen die hoogbegaafd zijn. In 2020 zijn er (wederom) twee medewerkers geschoold. Deze scholing wordt deels gefinancierd vanuit het samenwerkingsverband. Daarnaast wordt op beide locaties ingezet op extra lessen Nederlands (NT2) voor leerlingen met een taalachterstand. Het aantal leerlingen dat hiervoor in aanmerking komt is toegenomen. Vanuit het samenwerkingsverband is hiervoor ook geld ter beschikking gesteld.

25


Bestuursverslag

In 2020 heeft er regelmatiger overleg plaatsgevonden tussen de beide locaties m.b.t. leerlingzorg. De coronapandemie heeft echter wel een belemmerende factor op de samenwerking. Er is sprake van educatief partnerschap met ouders. Ouders worden vroegtijdig betrokken na signalering en bij interventies. Ouders hebben ook informatieplicht; zij weten wat van hen verwacht wordt op het gebied van informatieverstrekking naar de school. Het uitgangspunt hierbij is dat er sprake is van een gelijkwaardige relatie tussen ouders en school, met waardering voor elkaars deskundigheid. Vanuit de dynamische driehoek streven ouders en school gezamenlijk naar de juiste ondersteuning voor de leerling. De basisondersteuning die in 2020 geboden is, werd uitgevoerd door mentor, zorgcoördinator, leerlingbegeiders, pedagogisch medewerker en afdelingsleider. Onder de basisondersteuning vallen procedures zoals: het schrijven van plan van aanpak, het monitoren en volgen van de leerling en zijn/haar ontwikkeling, aandacht voor leer- en gedragsproblematiek zoals dyslexie, AD(H)D, verzuim, differentiatie in de les, signaleren van problemen in de thuissituatie, monitoren van het verzuim en het zo nodig inzetten van een sanctionele lijn. In de gevallen dat de basisondersteuning niet toereikend bleek omdat de problematiek de basisondersteuning oversteeg, is verder opgeschaald. Opschaling betekende in dit geval: het organiseren van een (mini-)ZAT, waar multidisciplinair de casus werd besproken en passende vervolgacties zijn bepaald. Ook Jeugdhulp Werk (Timon) heeft hierin een plaats gekregen. Ouders zijn in dit proces altijd meegenomen. De middelen die vanuit de lumpsum beschikbaar worden gesteld zetten wij in voor ondersteuning in de basis. Enkele voorbeelden hiervan zijn: begeleiding door een mentor, ondersteuningslessen voor

26

leerlingen die achterstand hebben op gebied van rekenen, wiskunde en Nederlands. De zorgstructuur van het Minkema College laat zich op de onderstaande manier schematisch weergeven:

Binnen deze figuur worden binnen de basisondersteuning 3 vormen onderscheiden: Niveau 1 Basisondersteuning die voor iedere leerling van de school geldt. Niveau 2 Basisondersteuning die meer individueel gericht is. Niveau 3 Basisondersteuning die sterk individueel gericht is. Samenwerkingsverband Het Minkema College maakt samen met vier andere schoolbesturen in de regio deel uit van het samenwerkingsverband voortgezet onderwijs regio Utrecht West (SWVVO RUW). Het samenwerkingsverband heeft voor wat betreft de verdeling van de middelen voor basisondersteuning gekozen voor het schoolmodel. De VO-scholen krijgen middelen van het samenwerkingsverband via een verdeel­ sleutel, scholen kunnen deze middelen naar eigen inzicht binnen hun eigen ondersteuningsstructuur inzetten voor de basisondersteuning. Achteraf leggen de scholen verantwoording af over de inzet van de middelen. Het samenwerkingsverband vergadert op drie niveaus: met de zorgcoördinatoren ,


met de (locatie)directeuren en de bestuurders van de verschillende scholen. In overleg met elkaar, worden jaarlijks de doelen vastgesteld en stellen wij het schoolondersteuningsprofiel op. Deze profielen zijn terug te vinden op de website van onze school. Vmbo De ontvangen gelden vanuit het samenwerkingsverband zijn ingezet om een deel van de volgende kosten te dekken vanuit het samenwerkingsverband.

Zorgcoördinatie Binnen het vmbo zijn drie zorgcoördinatoren werkzaam. Zij ondersteunen de eerstelijns begeleiding van de mentoren.

Pluscoaching De trajectvoorziening heet Pluscoaching. Deze wordt vormgegeven door de leerlingbegeleider (die tevens coördinator is) en de orthopedagoog. De school heeft er in 2018 voor gekozen om voor de beroepsgerichte opleiding een pedagogisch medewerker aan te stellen. Met ingang van het schooljaar 2019-2020 zijn er twee pedagogisch medewerkers binnen het vmbo werkzaam. Deze medewerkers bewaken het pedagogisch klimaat. De pedagogisch medewerkers geven geen lessen, maar zijn dagelijks op school bezig met het ondersteunen van docenten en OOP in het aansturen van de leerlingen. Zij doen aan mediation tussen leerlingen en docenten, maar ook tussen leerlingen onderling. Daarnaast surveilleren ze in de ochtend bij de deur en in alle pauzes.

27


Bestuursverslag

“Warme” overdracht Bij leerlingen met extra onderwijs- of ondersteuningsbehoefte en bij afstromende leerlingen heeft een “warme” (= uitgebreide mondelinge) overdracht plaatsgevonden. Het betrof zowel de overstap van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs als de overstap van de ene vo-school naar de andere vo-school en de doorstroom naar het mbo en de havo. Onderwijs- en ondersteuningsbehoeften zijn in kaart gebracht en vastgelegd op basis van schriftelijke informatie bij de aanmelding, aangevuld met mondelinge informatie bij de warme overdracht en informatie van ouders.

Versterking mentoraat Op de locatie vmbo is de rol van de mentor versterkt. Het in beeld brengen van de leerlingen alsmede het volgen van de ontwikkeling maakt een integraal onderdeel uit van de mentorwerkzaamheden. De werkzaamheden betreffen: het maken van een groepsoverzicht voor de lesgevenden, het met de leerling samen opstellen van een SteinSuccesPlan, het monitoren van de gestelde doelen, periodiek overleg met zorgcoördinator en afdelingsleider (TRIA) en per rapportperiode individuele voortgangsgesprekken met alle ouders en leerlingen. Taal- en rekenonderwijs Om de leerlingen die dit nodig hebben taalondersteuning te bieden is een extra lesuur Nederlandse taal toegevoegd aan de lessentabel. Rekenen wordt in de leerjaren 1 t/m 3 aangeboden, met extra faciliteiten voor de klassen basisberoepsgericht. Havo/vwo De middelen vanuit het samenwerkingsverband zetten wij op een vergelijkbare manier is als op het vmbo. Wel geldt er een aantal accentverschillen. Een deel van de subsidie gebruiken wij op deze locatie om de twee zorgcoördinatoren en een orthopedagoog te bekostigen.

28

Daarnaast hebben we de middelen die vanuit het samenwerkingsverband beschikbaar gesteld zijn ingezet op de volgende onderdelen voor begeleiding op maat. Het betreft hier begeleiding op maat voor de individuele leerling. • dyslexiebegeleiding; • afname van NIO-toetsen; • begeleiding binnen een huiswerkklas (speciaal voor leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte); • NT2 begeleiding voor leerlingen die pas kort in Nederland wonen.

1.7.3 Prestatieboxgelden In dit hoofdstuk beschrijven wij op welke wijze wij vormgeven aan onderwijsontwikkeling en professionalisering. Daarbij gelden de volgende thema’s uit het sectorakkoord: • Uitdagend onderwijs voor elke leerling; • Brede vorming van alle leerlingen; • Partnerschap in de regio; • Scholen als lerende organisaties; • Toekomstbestendig organiseren. Voor de schoolleiding van beide locaties is in 20182019 een professionaliseringstraject ingezet onder de naam “didactisch coachen”. In 2020 heeft dit traject, als gevolg van de coronabeperkingen, vertraging opgelopen. Langere lesduur De onderwijsvernieuwing groeide dit jaar verder de school in. De verlengde lesduur geldt inmiddels ook voor leerjaar 2. Vanaf augustus 2021 zullen alle afdelingen van het college in eenheden van 70 minuten lesgeven. Het voornaamste doel van de verlengde lesduur is om docenten in de gelegenheid te stellen de les goed ‘rond’ te maken volgens het concept van een starter, kop, romp en staart. De docent grijpt in de staart terug op de leerdoelen die in de kop benoemd zijn. In de romp van de les is er volop


ruimte voor begrijpen, toepassen en integreren van de lesstof. Voor formatief handelen en (dus ook) didactisch coachen is in deze opzet volop gelegenheid. Vanaf schooljaar 2021-2022 zullen alle leerlingen de rust ervaren van minder leswisselingen op een dag, minder verschillende porties huiswerk, een lichtere tas en een overzichtelijke week. Docenten zullen daarnaast ervaren dat zij minder leerlingen per dag lesgeven en minder opstartmomenten hebben. De lessentabellen zijn omgezet naar het 70 minutenrooster. Voor havo-/vwo-leerlingen met O&O geldt in de onderbouw vanaf het nieuwe schooljaar een aparte lessentabel. 1.7.3.1 Havo/vwo Formatief handelen De afgelopen jaren is het aantal summatieve toetsen (voor een cijfer) danig teruggedrongen, zeker in de onderbouw. Hiermee neemt de (toets) druk die leerlingen ervaren af. Zolang leerlingen van toets naar toets werken en onder hoge druk op korte termijn toetsen voorbereiden, gaat veel kennis verloren. Er is immers onvoldoende gelegenheid om kennis in het langetermijngeheugen op te slaan. Daarom werken de docenten meer en meer formatief: tijdens (kleinere) meetmomentjes (zonder cijfer) wordt in kaart gebracht hoe een leerling ervoor staat en hoe hij zichzelf verder kan ontwikkelen. Het stellen van open vragen, een quizje of een start met drie vragen over de vorige les zijn waardevolle formatieve middelen. Het geeft de docent tevens inzicht in het leerproces van de leerlingen. Zo kan hij zijn onderwijs beter afstemmen op de leerbehoeftes. Met gerichte feedback van de docent of van klasgenoten (‘peerfeedback’) kan de leerling verder werken aan de leerdoelen. Net als in 2019 zijn in 2020 diverse collega’s intern geschoold in didactisch coachen, formatief handelen en de langere lesduur. Op (lesvrije) studiedagen stonden deze thema’s ook centraal, waarbij er

ruimte was voor workshops en good practices van eigen collega’s. Deze scholing blijven we voorlopig aanbieden en de werkgroep Formatief Handelen houden we in stand, onder meer om intervisie rondom deze onderwijsontwikkeling op te zetten en te begeleiden. We zijn in afwachting van de toekenning van subsidie voor deze personeelsontwikkeling (Schoolkracht). De ontwikkeling doet recht aan de wens naar meer keuzevrijheid voor leerlingen in hun leerproces. Keuzevrijheid leidt tot motivatie. Leerlingen zullen zich meer eigenaar van hun leerproces voelen. Minkema Discovery Een ander middel om tegemoet te komen aan de behoefte tot meer keuzevrijheid is het programma van talentmodules: Minkema Discovery. In 20192020 is het gestart in leerjaar 1. Dit jaar kent het zijn primeur in leerjaar 2 en worden er modules geschreven voor leerjaar 3. Per periode kiezen leerlingen twee modules uit vier (voor gymnasiasten vijf) talentstromen. Het is dit schooljaar gelukt om alle leerlingen ook werkelijk hun modules van eerste keuze toe te wijzen. 1. Discover Arts: kunst & cultuur 2. Discover Nature: natuur & grote vraagstukken 3. Discover Society: maatschappij & wereldburgerschap 4. Discover Tech: science, onderzoek & ontwerpen (O&O) 5. Discover Classics: extra uitdagende modules voor gymnasium De talentstromen sluiten aan bij de verschillende profielen in de bovenbouw. In de modules komt kennis van verschillende vakken bij elkaar. Leerlingen gaan in gemengde groepen van havo en vwo aan de slag met een vraagstuk waarbij ze gebruik maken van de lesstof uit de verschillende vakken. Hierbij trainen zij onder meer vaardigheden als onderzoekend leren, analyseren, presenteren, debat-

29


Bestuursverslag

teren en creatief denken. Ze werken niet met een lesmethode en werken ook niet toe naar een toets voor een cijfer. Het eindproduct, dat in samenwerking tot stand is gekomen, kan van alles zijn: een presentatie, een ontwerp, een product. Het resultaat moet uiteraard voldoende zijn.

bij de opdrachten voor het vak O&O. Ook werkt zij samen met WTT en de TechnoHub. Omdat we in voorbereiding zijn om in 2021-2022 met O&O-klassen te gaan werken, zullen we voor de overige leerlingen nieuwe modules Tech ontwerpen. 1.7.3.2 Vmbo

Discover Tech bestaat op dit moment uit het vak O&O. Dit vak is gekoppeld aan onze ambitie om Technasium aan te bieden. Het is ons streven om in 2021-2022 een introductiejaar Technasium aan te bieden om vervolgens per 2022-2023 het predikaat Technasium te dragen. Onze technator onderhoudt contacten met het bedrijfsleven van Woerden e.o. en betrekt bedrijven

30

Pedagogisch klimaat Schooljaar 2019-2020 stond in het teken van het verbeteren van het pedagogisch klimaat. De onderwijsinspectie is zeer positief over ons onderwijs en de bijbehorende resultaten. Dit bleek echter nog onvoldoende uit tevredenheidsonderzoeken die zijn afgenomen onder de leerlingen. Het afgelopen schooljaar is er wel een verbetering ten


opzichte van schooljaar 2018-2019 zichtbaar. Door de lockdown in het voorjaar van 2020 kon er in het afgelopen schooljaar geen valide meting plaatsvinden. We investeren niet alleen in het onderwijsklimaat maar ook in de ondersteuning van het onderwijsleerproces. Dat doen wij onder meer door gerichter ondersteuning te bieden aan de medewerkers. Met de inzet van een pedagogisch medewerker in alle afdelingen is er een goede stap gezet t.b.v. het pedagogisch klimaat. Zij ondersteunen de afdelingsleiders en dragen zorg voor de sociale veiligheid van de leerling. Leerlingen weten hen te vinden. Een grote meerwaarde is dat er rust heerst in school, docenten weten dat leerlingen die de les verlaten adequaat worden opgevangen en dat hen een luisterend oor wordt geboden. Onze ambitie is om in schooljaar 2020-2021 op dit onderdeel (pedagogisch klimaat) wel ruim boven de benchmark te scoren. De zes rollen van de docent In de lessen werken wij volgens het didactisch principe van de zes rollen van een docent. Goed lesgeven krijgt handvatten in de vorm van zes verschillende rollen. Rollen die voor iedere docent heel herkenbaar zullen zijn. De ‘zes rollen’ is een update van de bekende ‘vijf rollen’. Het vak van docent ontwikkelt zich immers, en dus is er een zesde rol bijgekomen, die van leercoach. Elke docent, ervaren of startend, kan zich ontwikkelen binnen de zes rollen. Soms is er een rol die de docent nog niet laat zien, terwijl de leerlingen of de situatie daar juist wel om vragen. Het kan zijn dat een bepaalde rol een voorkeur heeft van de docent, maar niet meer voldoende bijdraagt aan de effectiviteit van de les. Ook kan het zo zijn dat de docent vooral docentgestuurd lesgeeft, terwijl de klas of de situatie erom vragen om de leerlingen meer los te laten (of anders vast te houden)

en er een aanpassing in de rol mag zijn. De zes rollen bieden de docent handvatten om zijn of haar repertoire verder uit te breiden. Iedere rol heeft een aantal kerntaken die beschrijven wat een docent kan doen om deze rol effectief in te vullen. Elke kerntaak heeft indicatoren die bedoeld zijn als richtlijnen voor gedrag die passen bij de gewenste vorm van sturing. De zes rollen zijn: 1. De docent als gastheer 2. De docent als presentator 3. De docent als didacticus 4. De docent als leercoach 5. De docent als pedagoog 6. De docent als afsluiter In schooljaar 2020-2021 is er een scholingstraject gestart in samenwerking met CPS. Een deel van het docentencorps wordt op basis van interesse en voorkennis geschoold in de zesde rol “die van leercoach”, een ander deel bekwaamt zich in “formatief toetsen”. Deze scholing is gekoppeld aan de voorbereiding t.b.v. de 70 minutenlessen die in schooljaar 2021-2022 op de rol staan. Hieraan ging een 0-meting vooraf. De vier mavo-stromen In september 2019 is er in klas 3 gestart met de opleiding Mavo Tech. Het programma van deze mavo-richting is gedurende het schooljaar ontwikkeld en bijgesteld. Het onderwijsprogramma voor klas 4 is in ontwikkeling en wordt in schooljaar 2020-2021 periodegewijs uitgerold. Datzelfde geldt voor Mavo Ondernemen, een GL-opleiding. Met de TechCampus van ROC Midden Nederland zijn, in het kader van het project Sterk Techniek Onderwijs (STO), afspraken gemaakt over het volgen van lessen door Mavo Tech-leerlingen op het ROC. Dit zal met ingang van schooljaar 2020-2021 worden geëffectueerd.

31


Bestuursverslag

Vanaf schooljaar 2019-2020 bieden wij vier mavo-stromen aan: 1. Mavo Tech: dit is een mavo-richting met een groot deel technische vakken en informatietechnologie, speciaal voor die leerlingen die mavo aankunnen én veel interesse hebben voor een technische opleiding. Je hebt een vast vakkenpakket, zes examenvakken, techniek en informatietechnologie en onderzoekend en probleemoplossend leren 2. Mavo Ondernemen: ondernemend leren. Vast vakkenpakket, vijf algemeen vormende examenvakken (zoals wiskunde en Engels), één beroepsgericht examenvak: commercieel en secretarieel. Mavo Ondernemen is een Gemengde Leerweg. 3. Mavo Klassiek: uitstroomprofiel met zes examenvakken, alle sectoren, brede vorming, gericht op vervolgstudie op het mbo. 4. Mavo/havo: uitstroomprofiel met zeven examenvakken, alle sectoren, brede vorming, gericht op doorstroom naar havo.

In het tweede leerjaar worden onze leerlingen voorbereid op de verschillende stromen, onder meer door de oriëntatielessen. Met het aanbod van de vier stromen doen wij recht aan interesses en talenten van onze leerlingen. Brede basis/kader beroepsgerichte leerweg Binnen de basis- en de kaderberoepsgerichte leerweg leiden we de leerlingen zo lang mogelijk kansrijk op. Dat betekent dat we tot en met leerjaar 3 gemengde basis/kaderklassen hebben. De leerlingen in die klassen kunnen aan het eind van leerjaar 3 nog doorstromen naar een kaderklas of één of twee vakken op een hoger niveau (het kaderniveau) afsluiten. Ook kaderleerlingen kunnen één of twee vakken op TL-niveau afsluiten. In september 2020 zijn twee leerlingen vanuit het examenjaar basis-4 doorgestroomd naar kader-4. Wij willen onderzoeken of het stapelen van diploma’s voor leerlingen die een mbo-opleiding op niveau 3 of 4 willen doen, werkt en kansrijk is. Onze b/k-afdeling biedt de leerlingen een breed palet aan keuzevakken. Hiermee doen wij recht aan de interesses van leerlingen en garanderen wij een aansluiting bij alle mbo-opleidingen in de regio. Het aanbod van keuzevakken evalueren wij jaarlijks. Hiervoor zoeken wij actief contact met mbo-opleidingen in de regio. Ook werken we sinds november 2020 samen met de TechnoHUB in Woerden. Drie groepen leerlingen krijgen daar fiets- en scootertechniek, twee van de keuzevakken. De samenwerking met de TechnoHUB moet onze contacten met het bedrijfsleven in Woerden versterken en het opleidingsaanbod voor onze leerlingen verbreden. De eerste contacten met de verschillende mbo-opleidingen (MBO Rijnland en ROC Midden Nederland) zijn gelegd. Doel van de gesprekken is om te komen tot concrete afspraken over samenwerking (techniek: Midden Nederland / zorg en welzijn, economie en ondernemen: MBO Rijnland). Het contact met MBO Rijnland vindt plaats als leerlingen

32


aangemeld worden voor de Entreeopleiding. Ook is dit schooljaar een pilot gestart met een stageplek voor studenten die de opleiding onderwijsassistent volgen. We hebben dit schooljaar een stagiair die twee dagen bij ons op school is. Burgerschap Het behalen van goede cijfers vinden wij erg belangrijk. Daarnaast willen we onze leerlingen voorbereiden op de maatschappij. Dat doen wij o.a. door middel van ons burgerschapsonderwijs. Daarin ontdekken onze leerlingen dat er meer is dan hun eigen waarheid. Ze leren zich verplaatsen in de ander. Op de havo/vwo-locatie neemt burgerschapsonderwijs een prominente plek in. Voor schooljaar 2020-2021 is afgesproken meer aandacht te besteden aan burgerschapsprojecten op de vmbo-locatie, zoals we deze al geruime tijd organiseren op de havo/vwo-locatie (zoals het relatie- en formatieproject in het vierde leerjaar). Er is een visie op burgerschap, van waaruit wij onze leerlingen opleiden tot maatschappelijk kritische burgers. In diverse projecten komen de verschillende componenten bij vakken (en eventueel vakoverstijgend) terug. Hierbij denken wij o.a. aan: • Het waterproject, • Paarse Vrijdag*, • De Week van Respect, • Meet & Greet met o.a. de rechterlijke macht, • Week tegen het Pesten, • Diverse gastlessen, vanuit de politiek, door oud-leerlingen en het bedrijfsleven. Op het vmbo is het initiëren van burgerschapsprojecten in 2020 verder opgepakt. Gestart is met een 0-meting: wat doen we al? Van daaruit bouwen wij verder. In schooljaar 2020-2021 is de gemeentepolitiek van buiten naar binnen gehaald. Wethouders en raadsleden hebben gastlessen verzorgd in school.

1.7.4 Overige Corona Door de coronapandemie verliep het onderwijsproces niet alleen op onze school, maar op alle scholen in Nederland anders. Tijdens de eerste lockdown (vanaf 16 maart 2020) hebben wij volledig online onderwijs weten vorm te geven voor alle leerlingen. Ook de derde schoolexamentoetsweek hebben wij online afgenomen. De omschakeling naar online onderwijs heeft veel gevraagd van de leerlingen en medewerkers van onze school. Wij hebben onze leerlingen, hun ouders/verzorgers en de medewerkers actief gevraagd om input, onder meer door het afnemen van enquêtes over ons afstandsonderwijs. Aan de hand van de feedback van de ouders, leerlingen en medewerkers hebben wij een aantal succesfactoren voor effectief afstandsonderwijs geformuleerd. Tijdens de periode van de anderhalvemeterschool (juni tot en met juli 2020) hebben wij noodgedwongen moeten kiezen voor een hybride vorm van onderwijs. Een deel van de leerlingen volgde op school de lessen, terwijl een ander deel thuis onderwijs genoot. Uiteraard heeft de coronapandemie ook consequenties gehad voor de leeropbrengsten van de lessen. Dit leidde ook tot een aangepast bevorderingsbeleid, een verlengde brugklas havo/vwo en een aantal wijzigingen in het PTA. De keuzes die we hierin hebben gemaakt hebben wij voorgelegd en besproken met de (P)MR en de onderwijsinspectie. In plaats van een bevorderingsbesluit formuleerden we in het schooljaar 2019-2020 voor elke leerling een bevorderingsadvies. Voor de meeste leerlingen is dit advies opgesteld door de mentor in overleg met de coördinator leerlingzaken, uitgaande van Magister-informatie van de docenten. Voor een aantal leerlingen is de docentenvergadering

*)Paarse Vrijdag is een dag waarop scholieren en studenten door het dragen van de kleur paars op school hun solidariteit kunnen tonen met homoseksuelen, biseksuelen, lesbiennes en transgenders.

33


Bestuursverslag

bijeengeroepen. Het opgestelde advies gaf aan wat volgens het docententeam de beste plek voor de leerling is om succesvol te zijn in het volgende schooljaar. Voor de meeste leerlingen bestond dit advies uit een reguliere bevordering naar het volgende leerjaar in dezelfde afdeling. Ook een afwijkend advies, zoals doubleren of overstappen naar een andere afdeling, was mogelijk. Bij een dergelijk advies hadden ouders en leerlingen wel het recht om dit advies naast zich neer te leggen en toch door te gaan naar het volgende leerjaar in dezelfde afdeling. De meeste leerlingen hebben de adviezen opgevolgd. Leerlingen die het advies niet wilden opvolgen, kregen via de mentor de opdracht om een plan van aanpak te schrijven. Op een formulier kon worden ingevuld op welke manier de leerling voornemens was om toch succesvol het volgende leerjaar te doorlopen. Op de vmbo-locatie maakt dit plan onderdeel uit van de het SteinSuccesPlan. Door op deze manier te werken, leggen we het eigenaarschap bij de leerlingen. Tijdens de eerste helft van het schooljaar 20202021 hebben wij het onderwijsproces weten te continueren door te werken met zogenaamde “lesopvangers”. Dit zijn medewerkers die bij afwezigheid van een docent toezicht houden bij een groep, zodat een docent zijn lessen kon streamen. Ook hebben wij een subsidie aangevraagd voor een ondersteuningsprogramma. Daarvoor is een plan van aanpak opgesteld dat in januari 2021 van start gaat. De pandemie heeft er voor gezorgd dat de focus van docenten meer is komen te liggen op het reeds eerder genoemde formatief handelen en het leveren van maatwerk. Daarnaast hebben de docenten veel ervaring opgedaan met het maken van instructiefilmpjes en het effectief inzetten van digitale hulpmiddelen. Dit is een positief bijeffect van de coronacrisis.

34

De gevolgen van de corona pandemie en de effecten op het financiële resultaat 2020 en de effecten op de meerjarenbegroting 2021 worden in hoofdstuk 2: Jaarrekening in de continuïteitsparagraaf toegelicht. Andere bijzondere activiteiten Naast alle coronagerelateerde zaken gebeurde er nog veel meer op het Minkema College. Hieronder een aantal voorbeelden van activiteiten die het afgelopen kalenderjaar hebben plaatsgehad. Ruim 7 12.000,- ingezameld voor Friends4Owen 18 december 2020 Tijdens de goededoelenactie hebben de leerlingen van het Minkema College zich ingezet om zoveel mogelijk geld in te zamelen voor het goede doel Friends4Owen. De organisatie zet zich in voor onderzoek naar hersenstamkanker bij kinderen en is opgericht door de ouders van de Woerdense Owen die in 2016 op 8-jarige leeftijd overleed aan deze ziekte. Door de coronamaatregelen verliep de goededoelenactie van het Minkema College dit jaar anders dan voorgaande jaren. Geen grootschalige acties zoals het Glazen Huis, maar kleinere activiteiten tijdens de LO-lessen op de beide locaties van de school. Leerlingen konden zich laten sponsoren voor Fitbrainmuscle Challenges, er was een loterij en leerlingen konden meedoen aan bijv. lasergamen, zaalvoetbal of een workshop handlettering. Deelname aan elke activiteit kostte een paar euro. De totale opbrengst van deze acties bedroeg 7 12.150,-. Warme kerstgroet voor ouderen in Woerden 16 december 2020 Onze vmbo-leerlingen hebben 500 kerstkaarten gemaakt voor ouderen in Woerden die door Liane den Haan, fractievoorzitter van 50Plus, zijn uitgedeeld bij Oude Landt en bij de stichting Onvergetelijk Leven. De leerlingen denken met deze actie aan ouderen die dit jaar alleen zijn met Kerst.


Minkema Meets Young Professionals 15 december 2020 Door de coronamaatregelen was het voor vmbo-­ leerlingen dit schooljaar niet mogelijk om stage te lopen. Om hen toch een goed beeld te geven van verschillende werkgebieden en ervaringen te horen van mensen in het beroepenveld organiseerden we op dinsdag 15 december ‘Minkema Meets Young Professionals’. Leerlingen vmbo basis/kader maakten online kennis met allerlei beroepen die door o.a. eigen oud-leerlingen worden uitgeoefend. Maar liefst 18 professionals deden mee aan Minkema Meets Young Professionals, variërend van verpleegkundige tot schilder, van elektromonteur tot restauranteigenaar en van politieagent tot artiestenmanager. Elke leerling schreef zich in voor minimaal drie online Meets met een professional. Tijdens de Meet vertelde de professional over zijn studie- en loopbaan tot nu toe en konden de leerlingen vragen stellen.

toegekend op het gebied van voeding. Dit wil zeggen dat de school op het gebied van educatie, signaleren, schoolomgeving en beleid aan de eisen voldoet van het kwaliteitskeurmerk. Dit keurmerk wordt voor tenminste een periode van drie jaar toegekend aan scholen die laten zien actief met de gezondheid van hun leerlingen bezig te zijn.

U-Talent biedt veel mooie programma’s

Het is geen toeval dat de minister-president het Minkema College bezocht. De school maakt al jaren op een bijzondere manier veel werk van burgerschapsvorming van jonge mensen. We streven ernaar dat leerlingen de waarheid en hun waarden blijven onderzoeken. Het grote belang van burgerschapsvorming wordt in politiek Den Haag breed onderschreven; als wij willen dat volwassen mensen vreedzaam met elkaar conflicten oplossen, dan zullen jongeren daarin getraind moeten worden.

11 november 2020 Het Minkema College biedt aan nieuwsgierige en gemotiveerde leerlingen van de havo/vwo-locatie extra mogelijkheden voor verdieping en verbreding op hogeschool en universiteit. Sinds vorig schooljaar hebben wij die mogelijkheden kunnen uitbreiden door partnerschool te worden bij U-Talent. Leerlingen die het leuk vinden zich te verdiepen in een bepaald onderwerp, kennis willen maken met onderwijs op hogeschool of universiteit en de extra belasting aankunnen, kunnen zich hiervoor aanmelden via de talentcoördinator. In schooljaar 2019-2020 hebben bijna 70 leerlingen deelgenomen aan activiteiten van U-Talent.

Premier Rutte met Minkema leerlingen in discussie over de rechtsstaat 12 februari 2020 Dit was een bijzondere dag voor de bovenbouwleerlingen havo/vwo van het Minkema College. De premier van Nederland, Mark Rutte, ging woensdag 12 februari als tafelheer bij “De Minkema Draait Door” in discussie met leerlingen uit 4 vwo. De democratische rechtsstaat stond centraal en aan tafel kropen leerlingen in verschillende rollen, van waaruit ze met grote bezieling in vier debatten met elkaar en de minister-president in gesprek gingen.

Gezonde School op gebied van voeding 15 oktober 2020 Onze locatie vmbo, mavo/havo is de eerste school in Woerden die zich officieel een Gezonde School mag noemen op het gebied van voeding. De GGD heeft het Minkema College het vignet Gezonde School

35


Bestuursverslag

1.8 Financiële positie en resultaten in 2020 1.8.1 Kengetallen De financiële prestaties van het Minkema College laten zich goed typeren door een aantal kengetallen. Deze getallen sluiten aan op de gehanteerde kengetallen van de Onderwijsinspectie.

Financiële kengetallen

Budgetbeheer

Vermogensbeheer: solvabiliteit en weerstands­ vermogen Het weerstandsvermogen ligt iets lager dan in 2019. Dit wordt verklaard wordt door een eenmalige uitkering in 2020 waarvoor eind 2019 extra baten waren ontvangen. Hierdoor is feitelijk de vermogenspositie 2019 incidenteel hoger. Dit zien

Berekening

2020

2021

2022

2023

Rentabiliteit

Resultaat delen door de totale baten

-3,2%

-3,0%

-2,4%

0,0%

Liquiditeit

Vlottende activa delen door kortlopende schulden

1,59

1,20

1,08

1,24

57,6%

194,3%

85,7%

29,9%

5,0%

6,5%

6,6%

6,6%

40,2%

37,0%

34,2%

34,2%

65,2%

63,5%

62,1%

62,3%

23,3%

21,0%

19,0%

19,0%

Investerings- Investeringen delen door afschrijRatio vingen Huisvestings- Huisvestingslasten delen door ratio totale lasten Solvabiliteit 1 Eigen vermogen delen door het totale vermogen

Vermogensbeheer

Solvabiliteit 2 Eigen vermogen plus voorzieningen delen door het totale vermogen Weerstandsvermogen

Totale eigen vermogen delen door de totale baten

Budgetbeheer: Rentabiliteit, Liquiditeit en Investeringsratio De rentabiliteit ligt de afgelopen jaren op een positief niveau. De negatieve uitkomst in 2020 wordt (eenmalig) verklaard door de dotatie aan personele voorzieningen. Zonder deze post was er ook in 2020 sprake van een positieve rentabiliteit. De liquiditeit kent eveneens een positief verloop en bevindt zich (ruim) binnen de signaleringswaarden van de inspectie. In de investeringsratio’s zien we duidelijk het effect in 2019 van de investeringen aan de Steinhagenseweg. Tegelijkertijd wordt duidelijk dat het investeringsniveau in de jaren 2017 en 2018 op een relatief laag niveau lagen.

36

we bevestigd door de ontwikkeling in de jaren daarvoor in relatie met het niveau van 2020. De solvabiliteit (beide varianten) kennen een solide omvang en liggen ruim boven de signaleringswaarden van de inspectie. Concluderend kan worden gesteld dat het Minkema College een gezonde financiële positie heeft. 1.8.2 Risicomanagement Er kunnen zich gebeurtenissen voordoen die ertoe leiden dat we er niet in slagen om de in het strategisch plan geformuleerde ambities te verwezenlijken. Het geheel aan maatregelen die we treffen


om ervoor te zorgen dat deze gebeurtenissen zich niet voordoen of dat de impact gering is noemen we risicomanagement. Het begrip “risicobereidheid” is hier onderdeel van. De risicobereidheid van het Minkema College is de mate waarin het Minkema College bereid is risico’s te nemen in de realisatie van haar doelstellingen.

Over het algemeen geldt dat de risicobereidheid van het Minkema College laag is. Voor zover risico’s te verzekeren zijn, wordt dit gedaan ((ERD) Eigen Risico Dragerschap). Er zijn bepaalde risico’s die wij als organisatie niet kunnen mitigeren. De belangrijkste hiervan is het risico dat er wijzigingen in de bekostigingssystematiek komen.

Categorie

Risicobereidheid

Toelichting

Strategisch

Gematigd

Het Minkema College is bereid gematigd risico’s te nemen bij het nastreven van haar ambities zoals verwoord in het strategisch beleidsplan. Het Minkema College is continue op zoek naar haar maatschappelijke functie met betrekking tot het onderwijs (lage risico acceptatie) en haar ambities en initiatieven voor innovatie van het onderwijs (hogere risico acceptatie).

Financieel

Laag

Het Minkema College stuurt op een gezonde financiële positie in meerjarig perspectief om primair de continuïteit van het onderwijs inclusief ondersteuning te waarborgen. We zijn beperkt bereid risico’s te lopen die de signaleringsgrenzen van de onderwijsinspectie in gevaar brengen/overschrijden.

Operationeel

Laag

Het Minkema College richt zich vooral op het behoud van de continuïteit van de primaire en ondersteunende processen. We streven ernaar de risico’s die deze continuïteit in gevaar kunnen brengen zoveel mogelijk te beperken/mitigeren. Onze risicoacceptatie is in dit verband laag. Voorbeelden zijn: personeel, huisvesting, IT-infrastructuur, facilitaire ondersteuning en (financiële) informatievoorziening.

Compliance

Laag

Het Minkema College voldoet aan alle van toepassing zijnde wet- en regelgeving. We hebben daarbij in het bijzonder aandacht voor wet- en regelgeving op het gebied van onderwijs- en onderzoekskwaliteit, veiligheid op scholen, aanbestedingen, financiële rapportage en AVG. Het Minkema College hanteert een zero tolerance beleid bij corruptie, fraude en alle andere vormen van ongewenst gedrag.

Voor het Minkema College zijn de volgende risico’s kritisch: Wat betreft de baten: • Daling van het leerlingaantal; • Aanpassing in de bekostiging LWOO en Leerplusarrangementen; Wat betreft de lasten: • Dreigend lerarentekort; • Ziekteverzuim.

1.8.3 Publiek/Privaat vermogen Het eigen vermogen van het Minkema College kent een solide omvang dat voldoende is om mogelijke risico’s op te vangen. Naast een bufferreserve die 5% van de totale baten bedraagt is er ook een mobiliteitsreserve van 7 500.000 voor het opvangen van boventalligheid bij daling van het leerlingenaantal of voorfinanciering als juist sprake is van een groei.

37


Bestuursverslag

1.8.4 Analyse van het resultaat 2020 2020

Staat van baten en lasten

Begroting 2020

Bedragen x 7 1.000 Baten

Rijksbijdragen

21.429

20.631

21.489

40

-

-

296

54

777

Totaal baten

21.765

20.685

22.266

Personeelslasten

18.448

17.176

17.142

589

593

515

1.117

1.071

1.278

Overige overheidsbijdragen Overige baten

Lasten

Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten Totaal lasten Saldo baten en lasten Financiële baten en lasten Resultaat

Toelichting

Exploitatieontwikkeling in vergelijking met de begroting Het grootste verschil tussen de realisatie en de begroting van 2020 komt door de vorming van voorzieningen voor het eigen risico WGA (werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten) en voor langdurig zieken. In totaal is in boekjaar 2020 ruim 7 1.000.000 gedoteerd aan deze voorzieningen. Ook andere personele voorzieningen zijn hoger opgenomen dan in de begroting was voorzien. De Rijksbijdragen zijn bijna 7 800.000 hoger dan begroot. Dit komt vooral door prijsbijstellingen in de bekostiging waar in de begroting geen rekening mee wordt gehouden. Hier staan cao-loonstijgingen tegenover. De overige OCW-subsidies en de inkomsten van het samenwerkingsverband vielen ook hoger uit dan begroot. Binnen de overige baten worden de ouderbijdragen niet in de begroting opgenomen. Dat verklaart het grote verschil bij de overige baten ten opzichte van de begroting. UItgangspunt is dat de ontvangen bedragen van ouders volledig worden besteed. Daarom is ook bij de bijbehorende kosten onder de

38

2019

2.297

1.934

2.771

22.444

20.773

21.707

-679

-89

559

-22

-21

-21

-701

-110

538

overige lasten een zelfde verschil zichtbaar tussen begroting en realisatie. Het resultaat van 2020 viel 7 591.000 slechter uit dan was begroot. Zonder de extra dotaties aan personele voorzieningen zou er een positief resultaat van meer dan 7 400.000 zijn geboekt. Door de vorming van deze voorzieningen zijn de risico’s op uitkeringskosten voor de komende jaren goed afgedekt.

Exploitatie 2020 in vergelijking met 2019 Het meest opvallende verschil tussen de realisatie van 2020 en 2019 zit ook bij de personele lasten vanwege de extra dotaties aan personele voorzieningen. Daarnaast zijn zowel de overige baten als de overige lasten lager dan in 2019 omdat veel (buitenschoolse) activiteiten zoals werkweken en excursies door de coronapandemie geen doorgang konden vinden. Binnen de Rijksbijdragen is de lumpsum-bekostiging hoger dan voorgaand jaar vanwege prijsbijstellingen, hetgeen ruimschoots opweegt tegen de lagere bekostiging vanwege daling van het aantal leerlingen. Het totaal van overige OCW-subsidies


was in 2020 echter lager vanwege de extra ontvangen werkdrukgelden in december 2019 van bijna 7 400.000. Van het samenwerkingsverband werd bijna 7 190.000 meer ontvangen dan in 2019. Mede vanwege de coronaomstandigheden was er minder inzet van uitzendkrachten voor vervangingen nodig. Bovendien is minder uitgegeven aan scholing en werving van personeel. Het resultaat van 2019 werd sterk positief beïnvloed door de incidentele middelen van OCW die in december 2019 werden uitgekeerd. Het resultaat van 2020 is negatief beïnvloed door cao-uitkeringen in 2020 en door de hoge dotaties aan perso­ nele voorzieningen.

1.8.5 Analyse balans per 31 december 2020

dotatie aan de voorzieningen. Dit zijn wel lasten, maar geen uitgaven en leggen dus geen beslag op liquide middelen. In 2020 is in vergelijking met voorgaand jaar veel minder geïnvesteerd in materiële vaste activa. In 2020 waren de afschrijvingslasten 7 250.000 hoger dan het bedrag aan investeringen, waardoor de stand van de boekwaarde materiële vaste activa met dit bedrag gedaald is. 1.8.6 Treasury en liquiditeitspositie Het Minkema College heeft in 2017 een treasurystatuut vastgesteld. In dit statuut wordt treasury omschreven als het sturen en het beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de geldstromen en de hieraan verbonden risico’s. Het treasury­

Balans Bedragen x 7 1.000

Activa

2019

Vaste activa Materiële vaste activa

6.980

7.230

Vlottende activa Voorraden Vorderingen Liquide middelen

12 304 5.143

9 128 4.231

12.439

11.598

Eigen vermogen

5.003

5.634

Voorzieningen

Totaal activa Passiva

2020

3.102

1.921

Langlopende schulden

903

941

Kortlopende schulden

3.430

3.102

12.439

11.598

Totaal passiva

Door het negatieve resultaat is het eigen vermogen met 7 631.000 afgenomen. Het resultaat was 7 701.000 negatief, maar een vrijval van de voorziening onderhoud gaf een positieve mutatie van het eigen vermogen van 7 70.000. De liquiditeitspositie is echter juist versterkt. Het saldo van liquide middelen is met 7 912.000 toegenomen. Deze schijnbare tegenstrijdigheid wordt verklaard doordat het negatieve resultaat voor een belangrijk deel wordt verklaard door een extra

statuut sluit aan bij de regeling “beleggen, belenen en derivaten OCW 2016”. De stichting Minkema College heeft geen beleggingen. In 2005 is bij de BNG Bank een langlopende lening aangegaan van 7 1.500.000 en deze heeft een looptijd van 40 jaar. In 2007 is het Minkema College overgegaan op schatkistbankieren bij het Ministerie van Financiën.

39


Bestuursverslag

1.9 Continuïteitsparagraaf Een belangrijke basis voor de continuïteitsparagraaf wordt gevormd door de meerjarenbegroting. Hierin hebben we onze ambities, speerpunten, doelstellingen en voorgenomen activiteiten voor 2021 in financiële zin vertaald. De begroting voor 2021 kan als volgt worden samengevat:

Financiële kengetallen

Budgetbeheer

Vermogensbeheer

Vermogenspositie

Leerlingen In de begroting houden we in de komende rekening met een beperkte teruggang van het aantal

Berekening (signaleringsgrens)

2020

2021

2022

2023

Rentabiliteit

Resultaat delen door de totale baten (tussen -1% en 1%)

-3,2%

-3,0%

-2,4%

0,0%

Liquiditeit

Vlottende activa delen door kortlopende schulden (> 1,0)

1,59

1,20

1,08

1,24

Investerings- Investeringen delen door Ratio afschrijvingen

57,6%

194,3%

85,7%

29,9%

Huisvestings- Huisvestingslasten delen door ratio totale lasten (< 10%)

5,0%

6,5%

6,6%

6,6%

Solvabiliteit 1 Eigen vermogen delen door het totale vermogen

40,2%

37,0%

34,2%

34,2%

Solvabiliteit 2 Eigen vermogen plus voorzieningen delen door het totale vermogen (> 30%)

65,2%

63,5%

62,1%

62,3%

Weerstandsvermogen

23,3%

21,0%

19,0%

19,0%

Normatief vermogen Inspectie

6.833

7.755

7.871

7.568

Publiek vermogen Minkema College

4.786

4.135

3.627

3.621

Werkkapitaal

2.029

694

280

813

Totale eigen vermogen delen door de totale baten

Het exploitatieresultaat Het exploitatieresultaat komt zowel in 2021 als in 2022 negatief uit. Dit wordt veroorzaakt door de geplande investeringen en het realiseren van een zachte landing bij het in balans brengen van onze formatie in relatie tot de verwachte leerling­ stromen. Vermogen Als gevolg van de voorziene exploitatietekorten in de komende twee jaar loopt onze vermogenspositie terug van circa m7 5,0 naar m7 4,3 vanaf 2023 en verder. In relatie tot de verschillende financiële risico’s en de bekende signaleringswaarden van de inspectie stellen we vast dat het Minkema College

40

een solide financiële positie kent. In 2021 stellen we een financieel beleidsplan (FBP) op waarin we nader ingaan op Minkema eigen signaleringswaarden.

leerlingen. Hierbij passen we ons formatie aan op een wijze dat er sprake is van een soepele overgang en een “zachte landing”. Dit verklaart voor een deel de exploitatietekorten in de komende twee jaar. Investeringen De afgelopen jaren hebben we fors geïnvesteerd in onze locatie aan de Steinhagenseweg. Tegelijkertijd hebben we vastgesteld dat er daarmee minder focus lag bij het in stand houden van de ondersteunende activa. Om te zorgen dat deze op voldoende kwaliteitsniveau blijven wordt hier de komende jaren het investeringsniveau op afgestemd.


Formatie Het aantal fte zal dalen in 2021 ten opzichte van 2020, zoals voorgenomen in de begroting 2021. 1.9.1 Personeelsbezetting en aantal leerlingen Personeel bezetting in fte’s

2020

2021

2022

2023

Management/Directie Onderwijzend Personeel Ondersteunend Personeel

12,68 145,95 42,84

10,75 140,08 41,17

10,75 133,41 39,21

10,75 125,81 37,00

Totaal

201,47

192,00

183,37

173,56

2.501

2.508

2.450

2.450

Aantallen leerlingen (teldatum 1-10 T-1)

1.9.2 Staat van baten en lasten bedragen in 1.000 euro

Realisatie

Begroting

2.020

2021

Meerjarenbegroting 2022

2023

2024

2025

Baten Rijksbijdrage Overige overheidsbijdragen en subsidies Overige opbrengsten Totaal baten

21.429

20.684

20.183

20.183

19.780

40

25

-

-

-

19.781 -

296

1.084

991

956

904

869

21.765

21.793

21.174

21.139

20.684

20.650

18.441

17.093

16.746

16.262

15.939

15.901

589

701

808

804

791

735

Lasten Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten

1.117

1.428

1.425

1.392

1.389

1.389

Overige lasten

2.297

2.803

2.678

2.663

2.583

2.556

22.444

22.025

21.657

21.121

20.702

20.581

-679

-232

-483

18

-18

69

-22

-25

-25

-25

-25

-25

-

-395

-

-

-

-

-701

-652

-508

-7

-43

44

Totaal lasten Saldo baten en lasten gewone bedrijfsvoering Saldo financiële baten en lasten Saldo buitengewone baten en lasten Resultaat

Toelichting Het resultaat over 2020 wordt sterk beïnvloed door de nieuw gevormde personele voorzieningen. Zie ook de toelichting op de balans bij 1.9.3. Zonder deze post was er een ruim positief resultaat gerealiseerd. Voor de komende jaren houden we rekening met een gefaseerde aanpassing van onze formatie op de verwachte leerlingontwikkeling. Dit leidt vanaf 2023 tot een positief exploitatiesaldo.

41


Bestuursverslag

Baten De baten liggen over 2020 lager dan 2019, mede door het niet volledig uitvoeren van activiteiten die gefinancierd worden door ouderbijdragen. Dit betekent dat zowel de baten als de overige lasten lager uitkomen dan we gewend zijn. Voor de komende jaren hebben we dit op een “normaal” niveau begroot. Lasten Zoals gezegd zijn de personeelslasten in 2020 eenmalig hoger door de vorming van een aantal personele voorzieningen. Bij de afschrijvingen zien we het stijgende effect terug als gevolg van de investeringen in de afgelopen jaren. Aangezien we in de begroting uitgaan van inhaalinvesteringen in de komende 2 a 3 jaar zien we dat dit niveau van afschrijvingen nog verder stijgt en stabiliseert rond 2024. Overige We sturen de komende jaren nadrukkelijk op het realiseren van een exploitatie conform de gestelde kaders. Dit betekent o.a. dat de overschrijding op de leermiddelen wordt teruggebracht en onze kostenstructuur “meebeweegt” met de omvang (aantal leerlingen) van onze school. Impact Covid-19 In het voorjaar van 2020 zijn we als samenleving geconfronteerd met het Covid-19 virus. Dit heeft de nodige impact op onze leerlingen, ouders en medewerkers. We hebben onze bedrijfsprocessen aangepast en afgestemd op de door het RIVM, Rijksoverheid, VO-raad en GGD afgegeven richtlijnen en maatregelen. Nieuwe richtlijnen en ontwikkelingen monitoren we continu en volgen we op. Onze maatregelen zijn erop gericht om de gezondheid van onze leerlingen, medewerkers en relaties te beschermen en zo goed mogelijk het onderwijs aan onze leerlingen te continueren. De impact van Covid-19 op het onderwijs is dat leerlingen vertragingen oplopen in het verwerken

42

van leerstof en dat leerlingen door het schrappen van alle buitenschoolse activiteiten en de vele online-lessen belemmerd worden in hun sociale ontwikkeling. Dit merken we door een toename van stressgevoelens, motivatieproblemen, gevoelens van eenzaamheid en neerslachtigheid. De impact op onze financiële continuïteit is marginaal alhoewel er forse uitgaven nodig zijn geweest om te voldoen aan alle richtlijnen van de betrokken instanties met betrekking tot schoonmaak, veiligheidsvoorzieningen in de schoolgebouwen en desinfectiemiddelen voor leerlingen en medewerkers. Gesignaleerde risico’s 1) Minder instroom van aantal leerlingen; 2) Incourante debiteuren c.q. een groter aandeel ouders dat geconfronteerd wordt met betalingsonmacht. Hierdoor kan de ouderbijdrage niet worden betaald; 3) Het risico dat een deel van het personeel uitvalt en de reguliere processen geen doorgang kunnen vinden; 4) Uitstel of vertraging in renovatie en onderhoud doordat de partners niet kunnen leveren. Ad 1) M inder instroom van het aantal leerlingen De verwachting is dat, door de beperkende maatregelen met betrekking tot reizen, en toegang tot de schoolgebouwen, het aantal aanmeldingen minder zal zijn dan verwacht. Dit zal dan effect hebben op de te verwachten baten voor de jaren 2021 en verder. We verwachten dat de inzet van onze digitale middelen/kanalen helpt bij het werven van de nieuwe leerlingen. Ad 2) Incourante debiteuren De huidige situatie rondom Covid-19 zorgt voor onzekere tijden in de maatschappij. Hierdoor kan het debiteurenrisico toenemen.


Ad 3) Organisatie Covid-19 zorgt voor extra ziekteverzuim met hoge kosten (vervangingen e.d.). Ad 4) Renovaties, verbouwingen Wij verwachten hier niet of nauwelijks vertragingen. Onze partners dienen dezelfde richtlijnen te hanteren zodra werkzaamheden op de locaties plaatsvinden. Conclusie Covid-19 en de daartegen genomen maat­­ regelen door de Rijksoverheid hebben impact

op leerlingen en medewerkers van het Minkema College. Hoe groot de impact daadwerkelijk zal zijn is onzeker en hangt af van de doorlooptijd van de beperkende dan wel beschermende maatregelen en van de daaruit voortvloeiende sociaal maatschappelijke en economische gevolgen. We denken dat we in de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023 nog volop te maken krijgen met de nasleep van de pandemie. De Rijksoverheid heeft in februari 2021 aangekondigd hiervoor middels een Nationaal Programma Onderwijs (NPO) veel geld ter beschikking te stellen.

43


Bestuursverslag

1.9.3 Balans bedragen in 1.000 euro

Realisatie

Begroting

31-12-2020 31-12-2021

Meerjarenbegroting 31-12-2022 31-12-2023 31-12-2024 31-12-2025

Activa Materiële vaste activa

6.980

7.640

7.525

6.962

6.382

5.817

12

12

12

12

12

12

Vlottende activa Voorraden

304

305

305

305

305

305

Liquide middelen

5.143

3.808

3.394

3.927

4.442

5.028

Totaal vlottende activa

5.459

4.125

3.711

4.244

4.759

5.345

12.439

11.765

11.236

11.206

11.141

11.162

Vorderingen

Totaal activa Passiva Eigen vermogen

5.003

4.351

3.844

3.837

3.794

3.838

Voorzieningen

3.102

3.117

3.132

3.147

3.162

3.177

904

866

829

791

754

716

Langlopende schulden Kortlopende schulden Totaal passiva

3.430

3.431

3.431

3.431

3.431

3.431

12.439

11.765

11.236

11.206

11.141

11.162

Toelichting De materiële vaste activa zijn sinds 2019 fors gestegen o.a. door de investeringen in de Steinhagenseweg. Voor de komende jaren houden we rekening met een inhaalslag op het ondersteunende domein, wat verklaart waarom de MVA de komende jaren nog door stijgt. Vanaf 2024 zien we dat de afschrijvingen hoger liggen dan de investeringen, waardoor de boekwaarde afneemt. Dit zien we terug in de investeringsratio die in in 2021 en 2022 boven de 100% ligt en daarna terug zakt naar 30-40%. De ontwikkeling van de liquide middelen is enerzijds terug te voeren op het verwachte exploitatieresultaat gecorrigeerd voor de afschrijvingen (non-cash) en de investeringen (cash). Door de recente en geplande investeringen zien we dat de liquiditeitsratio richting de 1,0 zakt en vanaf 2023 weer richting de 1,5 beweegt. De ontwikkeling van het Eigen Vermogen wordt beïnvloed door de (verwachte) exploitatiesaldi. Hierdoor is er in de komende 2 jaar sprake van een daling richting m7 4,0, waarna het EV groeit richting de m7 4,4. Als we ons EV afzetten tegen

44

de totale baten (= weerstandsvermogen) dan ligt de uitkomst de komende jaren rond de 20%. Zoals hierboven eerder aangegeven zijn onze voorzieningen in 2020 fors gestegen door het opnemen van een aantal personele voorzieningen. Voor de komende jaren verwachten we dat de voorzieningen stabiel blijven. Hierbij speelt uiteraard wel de vraag wat het effect zal zijn van een andere verwerking van het MJOP. 1.9.4 Overige rapportages Rapportage over de aanwezigheid en de werking van de interne risicobeheersings- en controle­ systemen Het interne risicobeheersingssysteem bestaat uit de volgende onderdelen: Rapportagecyclus De financiële organisatie van het Minkema College is gebaseerd op een strak aangestuurde planning- en controlcyclus met een beleidsrijke meerjarenbegroting, vier keer per jaar een (geïntegreerde) rapportage en tussentijdse analyses op diverse terreinen.


De bestuurder zet meerdere functionarissen in op financieel gebied, deels intern verbonden, deels door de inzet van een externe business controller. Deze rapporteert aan de bestuurder en geeft gevraagd en ongevraagd advies. We zetten voor de komende periode sterk in op een optimale inzet en gebruik van onze (administratieve) systemen. Dit moet enerzijds leiden tot soepele, beheersbare processen en anderzijds tot een hogere kwaliteit van onze stuurinformatie. Risicomanagement Risicomanagement heeft tot doel het vinden van een balans tussen risico’s nemen en risico’s beheersen. Het managen van risico’s vormt een belangrijk deel van goed onderwijsbestuur. Artikel 20 van de Code Goed Onderwijsbestuur VO refereert hieraan en beschrijft wat de taken van het interne toezicht zijn.

Risicoanalyse Risico’s zijn gebeurtenissen die het behalen van de strategische doelstellingen bedreigen. Ze zijn voorstelbaar, maar niet voorspelbaar. Het directe effect van risico’s is vaak financiële schade of imagoschade (met als gevolg minder leerlingen en dus minder baten). Om te voorko-

men dat risico’s zich voordoen of om de kans of impact van een risico te verminderen, worden beheersmaatregelen opgesteld. Het beheersen van de risico’s wordt ook wel risicomanagement genoemd, waarbij het gaat om het vinden van een balans tussen risico’s nemen en risico’s beheersen. Uiteindelijk kan de organisatie ook besluiten het financiële gevolg te aanvaarden en af te dekken via de bufferreserve. Het Minkema voert tweejaarlijks een interne risicoinventarisatie uit op basis van het format van de VO-raad. Beschrijving van de belangrijkste risico’s en onzekerheden

Zie paragraaf 1.8.1 Als belangrijkste risico’s die de realisatie van het financieel beleid kunnen belemmeren zien we: I. Andere uitkomst dan de door ons gehanteerde leerlingprognose 2021-2025 II. De (definitieve) effecten van de vereenvou­ diging bekostiging III. Het niet volledig vergoeden van (loon-)kostenstijging door OCW IV. Kosten van ziekteverzuim en vervanging worden hoger door een derde coronagolf V. De stelselwijziging m.b.t. groot onderhoud pakt nadelig uit.

45


Bestuursverslag

1.10 Terugblik 2020 en toekomstige ontwikkelingen 1.10.1 Ontwikkeling leerlingaantallen (exclusief VAVO) Aantal leerlingen per teldatum 1 oktober

2018-2019

2019-2020

2020-2021

VMBO

618

684

714

HAVO/VWO

1.801

1.814

1.794

Totaal

2.419

2.498

2.508

1.10.2 Externe en interne ontwikkelingen In het nationaal onderwijsakkoord zijn afspraken gemaakt over structurele investeringen in het onderwijs. Het gaat onder meer om investeringen in de professionalisering van docenten. Aan de andere kant zal het kabinet in de komende jaren een efficiencykorting toepassen op de bekostiging. Vereenvoudiging bekostiging VO Het kabinet gaat per 1 januari 2022 de verdeling van de basisbekostiging van het Rijk aan het voortgezet onderwijs (VO) vereenvoudigen. Voor het Minkema College zal dit een negatief effect hebben. Subsidieregelingen Mede als gevolg van Covid-19 komen er in 2021 veel subsidiegelden beschikbaar voor het onderwijs om scholen in staat te stellen om leerachterstanden bij leerlingen op te vangen. De belangrijkste hiervan is het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Voor zover nu bekend gaat het om incidentele gelden en dat betekent dat hier geen structurele aanwending voor gevonden kan worden. Naast de genoemde externe ontwikkelingen hebben ook ontwikkelingen binnen het Minkema College impact op de financiën. Het gaat onder andere om de volgende ontwikkelingen: ons

46

streven om een Technasium te worden en de daarbij behorende verbouwing van de Maker­ Space. 1.10.3 Personeel In 2020 bedroeg de gemiddelde personele formatie 201,47 fte. Dit is een daling ten opzichte van 2019 (204,32 fte). Op peildatum 31 december 2020 waren er 268 medewerkers in dienst bij het Minkema College, dit is een dalende lijn ten opzichte van 2019 (272 medewerkers).

Personele bezetting

2017

2018

2019

2020

Totaal gemiddeld aantal fte’s

207,94

204,25

204,32

201,47

Totaal ultimo het jaar in aantal

280

265

272

268

Strategisch HRM In 2020 zijn er mooie stappen gezet die bijdragen aan de ontwikkeling van Strategisch HRM binnen het Minkema College. Met het vaststellen van het strategisch beleidsplan ‘Bagage voor het leven’ is een fundament gelegd waar reeds bestaande bouwstenen op kunnen worden geplaatst zoals het generatiepact, het medewerkersonderzoek en beleid ten aanzien van het professionaliseringsbudget, maar het biedt ook ruimte voor nieuwe bouwstenen die we gaandeweg (door)ontwikkelen. Gaandeweg 2020 is een aantal zaken geëva-


lueerd en aangescherpt naar aanleiding van het nieuwe beleidsplan en de inzichten van het relatief jonge managementteam. De HRM-activiteiten volgen de strategische doelen en de visie van de organisatie op het onderwijs. Voor het ontwikkelen van P&O beleid is het bij het Minkema College een goede gewoonte/traditie om medewerkers te vragen mee te denken op diverse thema’s die betrekking hebben op het personeelsbeleid. Medewerkers worden hiervoor uitgenodigd via het BestuursBulletin of ontvangen een uitnodiging van een directeur of de bestuurder. Dit kunnen brainstormsessies betreffen of deelname aan een projectgroep. Naast medewerkers zijn de schoolleiding en de personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad betrokken. Medewerkers worden maandelijks met de twee Minkema Journaals die het Minkema College uitbrengt en het zeswekelijkse BestuursBulletin op de hoogte gehouden van de voortgang van beleid in ontwikkeling en geïnformeerd als beleid is vastgesteld. De wijze van implementatie van beleid is afhankelijk van het thema en is onderwerp van gesprek bij het ontwikkelen ervan. Naast publicaties in de Journaals besteedt de schoolleiding binnen de eigen secties de nodige aandacht aan vastgesteld beleid en draagt, met ondersteuning van de afdeling personeelszaken, zorg voor de uitwerking en implementatie. Ook medewerkers die onderdeel waren van de totstandkoming van nieuw beleid/instrumenten dragen dit uit naar collega’s. De evaluatie van personeelsbeleid krijgt plek in de rapportagekalender. Hierin komen jaarlijkse, maar ook incidentele onderwerpen terug ter evaluatie. Gezien het cyclisch karakter van veel regelingen worden deze regelingen vaak jaarlijks besproken en afspraken ten aanzien van deze evaluatie zijn geen standaard onderdeel van een beleidsdocument. Evalueren en bijsturen gericht op het behalen van de strategische doelen is opgenomen in de paragraaf professionalisering in

het strategisch beleidsplan 2021-2025 van het Minkema College.

Professionalisering Het Minkema College heeft in 2020 de benoemingsprocedure voor de LC en LD benoemingen geëvalueerd en verbeterd waardoor deze meer gericht is op persoonlijke professionalisering van medewerkers en meer duidelijkheid geeft naar medewerkers. Ook hebben we met een pilot voor leidinggevenden de eerste stappen gezet de gesprekkencyclus te laten starten vanuit ambities. Het actualiseren van de functiebeschrijvingen voor het OOP staat al langere tijd op de agenda en heeft ook al eens een opstart gehad. Dit project is eind 2020 opnieuw gestart waarbij vanuit de visie van het strategisch beleidsplan niet alleen een actualisering plaatsvindt, maar ook het functiegebouw gaat aansluiten bij de toekomstvisie zoals in het strategisch beleidsplan is geschetst. Dit plan zal voor de zomervakantie van 2021 worden afgerond. Vitaliteit Vitaliteit en gezondheid zijn onderwerpen die het Minkema College (mede vanwege Covid-19) bijna continu op de agenda had. Conform planning is het Periodiek Medisch Onderzoek begin 2020 uitgevoerd en later in het jaar geëvalueerd. Bij overwegingen ten aanzien van de coronamaatregelen is bij iedere stap de gezondheid en veiligheid van onze medewerkers, samen met de kwaliteit van het onderwijs als belangrijkste overweging meegenomen. Er zijn volgens de richtlijnen van de RIVM voorzorgsmaatregelen getroffen en in de thuiswerkperiode is een thuiswerkgids verstrekt met tips en trucs om gezond thuis te werken. Ook zijn online activiteiten georganiseerd om met elkaar de verbinding te houden, mede in het kader van de vitaliteit. Voor de leidinggevenden is een online training georganiseerd om te ondersteunen bij de gesprekken en begeleiding van medewerkers in

47


Bestuursverslag

een onzekere tijd. Ook is de besteding vastgesteld van de werkdrukgelden, ten behoeve van het verlagen van de werkdruk en het verhogen van de vitaliteit.

Strategische personeelsplanning/organisatie­ ontwikkeling In 2020 is veel aandacht uitgegaan naar de ontwikkeling van de organisatie en het meer vervlechten van de twee locaties. Zo is er bij de mobiliteitsprocedure aandacht geweest voor de strategische personeelsplanning en was de interne mobiliteit een terugkerend thema in de gesprekken. Ook bijdragend aan het verder vervlechten van de locaties is de komst van de adviseur Facilitair die in 2020 de eerste stappen heeft gezet om in ieder geval op het gebied van veiligheid en facilitaire ondersteuning nog meer vanuit één school met twee locaties te werken. In 2020 is het ook gelukt om de medewerkers die onder het sociaal plan vielen voor Zorg en Welzijn een mooie en betekenisvolle plek binnen (en voor een enkeling ook buiten) de organisatie te geven. Hierdoor is gedwongen ontslag of plaatsing niet nodig geweest en hebben we na overleg met vertegenwoordigers van de vakbonden het besluit kunnen nemen om het sociaal plan als afgewikkeld te beschouwen. Medewerkers die een WW-uitkering ontvangen worden door een externe partij begeleid. Hierbij wordt door deze partij en het Minkema College zicht gehouden op de sollicitatieplicht en helpen zij de kandidaat bij het vinden van een nieuwe baan. In het voorjaar van 2020 is door de werkgroep taakbeleid een voorstel gedaan aan het MT voor wijzigingen in het huidig taakbeleid. Mede gezien de situatie met Covid-19 is er voor gekozen 2020 verder te gebruiken om het voorstel nog meer uit te werken en voor te bereiden voor 2021. In 2021 wordt een nieuw taakbeleid voorgelegd aan PMR en de medewerkers.

48

Het Minkema College heeft voor 2020 maar ook voor 2021 op het gebied van HRM ‘de basis op orde’. Dit gaat zo praktisch zoals het optimaliseren van de systemen waarmee we werken om daarmee onder andere het eigenaarschap van medewerkers te vergroten, maar ook doorontwikkeling van de organisatiecultuur en -structuur en alles wat daartussen zit.

Aanpak lerarentekort In het najaar van 2019 heeft de overheid gelden beschikbaar gesteld aan schoolbesturen om in te zetten in de jaren 2020 en 2021 ter verlaging van de werkdruk van docenten. De minister heeft daarbij aangegeven dat de docenten nauw betrokken dienen te worden met betrekking tot het vinden van een goede bestemming van deze gelden. Voor het Minkema College geldt dat het gaat om een bedrag van 7 390.000. Een werkgroep, bestaande uit de bestuurder, de adviseur Financiën, de adviseur P&O, een lid van de schoolleiding en zeven docenten (waarvan drie van het vmbo) hebben met elkaar over deze materie van gedachten gewisseld en heeft een voorstel opgesteld. De werkgroep Chromebooks heeft tevens geadviseerd op de plannen. Hun advies is verwerkt. Om ons ervan te verzekeren dat er voldoende draagvlak is onder het onderwijzend personeel hebben we op 14 oktober op de studiedag twee workshopbijeenkomsten georganiseerd. Hierbij is gebleken dat docenten in grote lijnen positief waren over het voorstel. De bespreking heeft geleid tot enkele aanpassingen. Het voorstel is vervolgens na overleg in de schoolleiding en het MT omgezet in een voorgenomen besluit van de bestuurder wat op 27 oktober 2020 instemming heeft gekregen van de PMR.


In het voorstel onderscheiden we de volgende bestedingen:

stage op het Minkema College, 21 van de Hogeschool Utrecht, 10 van de Universiteit Utrecht.

1. Aanschaf en implementatie van digitale toetsomgeving die geschikt is voor summatieve en formatieve toetsen 2. Budget voor secties ter ondersteuning in het traject naar een 70 minutenrooster 3. Inzet van externe surveillanten in toetsweken 4. Enkele aanpassingen in de huisvesting/ inventaris

Medewerkersonderzoek Het medewerkersonderzoek heeft in 2020 niet plaatsgevonden. Wegens diverse omstandigheden zoals Covid-19 en het PMO dat in het begin van 2020 is uitgevoerd is er voor gekozen om het medewerkersonderzoek plaats te laten vinden in 2021. cao De cao-VO die in 2020 is afgesloten is met name gericht op financiële afspraken en het oplossen van wijzigingen bij openbaar onderwijs die zijn ontstaan naar aanleiding van de WNRA. Een aantal zaken die nieuw zijn in de cao, zoals het aanbieden van een Ipap verzekering en het kunnen sparen van het professionaliseringsbudget waren binnen het Minkema College al voorzien.

Deze uitgaven zullen in 2021 plaatsvinden. Opleidingsschool Het Minkema College is academische opleidingsschool en en penvoerder van de AOS HUM. Deze samenwerking verloopt naar tevredenheid. Het contact tussen de schoolopleiders van de verschillende scholen is uitstekend. Studenten en starters geven aan de begeleiding te waarderen. Er loopt in schooljaar 2021-2022 een pilot bij het Minkema College met één instituutsopleider voor Universiteit en Hogeschool. Dit is een positieve ontwikkeling: onderwijs en praktijk komen op deze manier meer samen.

Functiemix Het Minkema College heeft in 2020 een inhaalslag gemaakt om de doelstellingen van de maatwerkafspraken aangaande de functiemix te realiseren. Na een sollicitatieprocedure is een aantal docenten geplaatst van LB naar LC en van LC naar LD.

Vanuit de Universiteit Utrecht en de Hogeschool Utrecht is er vooralsnog niet veel te merken van een docententekort in het VO. De regio blijkt aantrekkelijk genoeg. Er is natuurlijk wel een aantal tekortvakken, maar de landelijk veel genoemde trend wordt (nog) niet herkend. In het schooljaar 2019-2020 liepen er 31 studenten Ontwikkelingen functiemix

LB

LC

In het voorjaar van 2021 wordt een nieuwe sollicitatieprocedure opgestart met als doel om per 1 oktober 2021 de streefwaarden (zoals geformuleerd in de maatwerkafspraken) te bereiken.

LD

28%

29%

30%

27%

31%

50%

53%

53%

51%

48%

22%

18%

17%

22%

21%

13%

01-10-2016

01-10-2017

01-10-2018

01-10-2019

01-10-2020

STREEF

33%

54%

49


Bestuursverslag

Verzuim Het verzuimpercentage in 2020 ligt met 4,85% lager dan het verzuimpercentage in 2019 (5,20%). verzuimpercentage

totaal

OOP en directie

OP

2019

5,20%

4,79%

5,35%

2020

4,85%

4,34%

5,03%

gemaakt van cloud-technologie. De ICT-infrastructuur moet er vooral voor zorgen dat toegang tot het internet is geborgd en dat systemen en applicaties goed met elkaar samenwerken en veilig zijn ingericht.

In 2020 is het verloop van het verzuim anders dan andere jaren. Zo is het verzuim in de maanden van de schoolsluiting fors gedaald ten aanzien van 2019. In oktober, november en december was het verzuim hoger dan normaliter in dezelfde periode.

Verzuimpercentage 9.00% 8,00% 7,00% 6,00% 5.00% 4.00% 3,00%

Om de ondersteuning naar de cloud verder te ondersteunen heeft het Minkema College zich in het najaar van 2020 aangesloten bij het inkoopcollectief SIVON (Samenwerking Inkoop Voortgezet Onderwijs Nederland). 1.10.5 Facilitair Huisvesting Gemeenten zijn (financieel) verantwoordelijk voor nieuwbouw, vervanging en uitbreiding van de huisvesting. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van de schoolgebouwen. In het geval van renovatie is er sprake van een gezamenlijke financiële verantwoordelijkheid. Het schoolbestuur betaalt dan een eigen bijdrage. In 2020 is de verbouwing van de Steinhagenseweg afgerond en heeft de Veiligheidsregio Utrecht akkoord gegeven op de uitgevoerde werkzaamheden.

2,00% 1,00% 0.00%

jan

2019

feb

mrt

apr

mei

juni

juli

aug

sept

okt

nov

2020

1.10.4 ICT We hebben de verantwoordelijkheid om het ICT-beleid aan te laten sluiten op de onderwijsvisie. Zo kunnen we ICT-middelen kiezen die nodig zijn om het onderwijsproces optimaal te ondersteunen. De invloed van “de cloud” is in de afgelopen jaren duidelijk zichtbaar geworden. Inmiddels worden vrijwel alle digitale leermiddelen via het internet afgenomen. Ook voor de meeste applicaties en de opslag van data wordt gebruik

50

dec

Meerjaren onderhoudsplan (MJOP) Om het niveau van de voorziening groot onderhoud te kunnen herijken, heeft in 2020 een conditiemeting van de gebouwen plaatsgevonden, die heeft geleid tot een nieuw meerjaren onderhoudsplan. Op basis van deze plannen (één per gebouw) volgt een herziening van de dotatie voorziening groot onderhoud per kalenderjaar 2021. MakerSpace De MakerSpace wordt voorbereid als nieuwe technasiumwerkplaats waar tevens de praktijkvakken van het vmbo een plek krijgen. Afgelopen jaar is hier een ontwerp voor gemaakt en in 2021 zal een aanzienlijk deel van dit ontwerp gerealiseerd gaan worden.


Zonwering en gevelbekleding Steinhagenseweg In 2020 heeft een aanbesteding plaatsgevonden van de renovatie van de zonwering en gevelbekleding. In het voorjaar van 2021 moet deze renovatie afgerond worden. Catering Er heeft een aanbesteding plaatsgevonden op de catering. Per 1 januari 2021 zal een nieuwe cateraar de kantinefaciliteiten van beide locaties overnemen.

Leermiddelen De aanbesteding van de leermiddelen (2019) heeft in 2020 geleid tot een overstap naar distributeur Osinga de Jong en de uitgeverijen Malmberg, Noordhoff en ThiemeMeulenhoff als leveranciers. De distributeur heeft de nodige logistieke problemen ervaren. De samenwerking met deze nieuwe partners wordt geëvalueerd met als doel om de dienstverlening in 2021 te verbeteren.

51


Minkema in het nieuws

Alicia wint landelijke vredesposterwedstrijd Lions

Creer je eigen stopmotion film

52


De HALL nieuwe cateraar Minkema College

Winnaars striptekening

53


Minkema in het nieuws

54


Opbrengst Friends4Owen Goededoelendag

Kennismaking nieuwe bruggers

Minkema College wint voorronde OWNHL

55


Jaarrekening 2020

02 Jaarrekening 2020

56


2.1 Balans per 31 december 2020 Activa 31-12-2020

31-12-2019

Materiële vaste activa

6.980.008

7.230.268

Totaal vaste activa

6.980.008

7.230.268

11.939

9.362

304.606

128.140

Liquide middelen

5.142.713

4.230.664

Totaal vlottende activa

5.459.258

4.368.166

12.439.266

11.598.434

Eigen vermogen

5.002.914

5.633.923

Voorzieningen

Vaste activa

Vlottende activa Voorraden Vorderingen

Totaal activa Passiva

3.102.236

1.921.530

Langlopende schulden

903.565

940.925

Kortlopende schulden

3.430.551

3.102.057

12.439.266

11.598.434

Totaal passiva

Opvallende verschillen in de balansen 2020 en 2019 worden toegelicht in paragraaf 2.5 van deze jaarrekening.

57


Jaarrekening 2020

2.2 Staat van baten en lasten

Baten 2020

Begroot 2020

2019

21.428.781

20.630.552

21.488.946

Overige overheidsbijdragen

40.000

-

-

Overige baten

296.270

54.063

777.206

21.765.050

20.684.614

22.266.152

18.440.607

17.175.538

17.142.455

588.913

593.290

515.498

Huisvestingslasten

1.117.593

1.071.000

1.277.735

Overige lasten

2.296.731

1.933.536

2.771.125

22.443.843

20.773.364

21.706.812

-678.793

-88.749

559.339

-22.216

-21.000

-21.054

-701.009

-109.749

538.285

Rijksbijdragen

Totaal baten Lasten Personeelslasten Afschrijvingen

Totaal lasten

Saldo baten en lasten Financiële baten en lasten Resultaat

De verschillen van de realisatie 2020 met 2019 en de begroting 2020 worden in paragraaf 2.6 toegelicht.

58


2.3 Kasstroomoverzicht

Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten Mutatie eigen vermogen

31-12-20 31-12-19 -678.793 559.339 70.000 -

Aanpassing voor: Afschrijvingen 588.913 515.786 Mutaties voorzieningen 1.180.707 38.002 Mutaties FVA Rentebaten nog te ontvangen Verandering in vlottende middelen: Voorraden (-/-) Vorderingen (-/-) Schulden Totaal kasstroom uit bedrijfsoperaties

-2.577 -925 -176.466 573.171 328.494 132.601 1.310.278 1.817.973

Ontvangen interest 0 0 Overige financiële lasten 0 0 Betaalde interest (-/-) -22.216 -21.054 -22.216 -21.054 Totaal kasstroom uit operationele activiteiten 1.288.062 1.796.919 Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiële vaste activa (-/-) Desinvestering materiële vaste activa Totaal kasstroom uit investeringensactiviteiten

338.653- -1.550.875 - 0

-338.653 -1.550.875

Kasstroom uit financieringsactiviteiten Nieuw opgenomen leningen Vrijval investeringssubsidies Aflossing langlopende schulden (-/-) -37.360 -37.745 Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten

-37.360 -37.745

Mutatie liquide middelen 912.049 208.300 Saldo liquide middelen per 31-12

5.142.713 4.230.664

De liquide middelen zijn in 2020 sterk toegenomen (+ 7 0,9 miljoen) ondanks dat het tekort 7 701.000 bedroeg. Dit komt door de forse toename van de personele voorzieningen die wel resultaat maar geen cash-effect hebben. Daarnaast waren de afschrijvingslasten 7 250.000 hoger dan de investeringen waardoor ook daaruit een positief effect optrad in de stand van de liquide middelen. Van de totale liquide middelen is 7 4,62 miljoen beschikbaar voor het Minkema College. In het totaalsaldo zijn namelijk gelden begrepen die zijn bestemd voor projecten waarvan het Minkema College penvoerder is en die dus ten goede komen aan verschillende partners. Op de balansdatum was dit 7 523.000.

59


Jaarrekening 2020

2.4 Grondslagen Algemeen Stichting Minkema College (bestuursnummer 13360) is gevestigd op de Minkemalaan 1 te Woerden en heeft als voornaamste activiteit het geven van voortgezet onderwijs. Het Minkema College staat vermeld bij de KvK Amsterdam onder nummer 30171389. De jaarrekening 2020 sluit aan bij de aanlevering via XBRL.

Algemene grondslagen voor de opstelling van de jaarrekening De jaarrekening is opgesteld overeenkomstig de bepalingen uit de Regeling jaarverslaggeving onderwijs, de bepalingen van Boek 2, Titel 9 van het Burgerlijk Wetboek en algemeen aanvaarde richtlijnen in Nederland (Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving), specifiek RJ 660 voor Onderwijsinstellingen. De waardering van activa en passiva en de bepaling van het exploitatieresultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende grondslag voor de specifieke balanspost anders wordt vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. In de toelichting op de balans zijn de balanswaarden van 31 december 2020 vergeleken met de balanswaarden van 31 december 2019. In de toelichting op de exploitatierekening is de realisatie van 2020 vergeleken met de realisatie van 2019 en de begroting voor 2020.

60

Verslaggevingsperiode Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van een verslaggevingsperiode van een kalenderjaar dat is geëindigd op balansdatum 31 december 2020. Continuïteit De jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling.

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva Algemeen Tenzij bij de desbetreffende grondslag voor de specifieke balanspost anders is vermeld, zijn activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. De afschrijvingen op materiële vaste activa geschieden lineair ten laste van de exploitatierekening op basis van de verwachte economische levensduur van de materiële vaste activa. Bij de verwerving gedurende het verslagjaar is naar tijdsgelang afgeschreven. In de regel worden investeringen vanaf 7 1.000,geactiveerd. Afschrijvingstermijnen in jaren: Gebouwen Verbouwing Meubilair Inventaris Audiovisuele apparatuur Computer- en randapparatuur Machines/installaties

40 20 7, 15 10, 15 5 3, 4 10, 15

Ter egalisatie van de kosten van groot onderhoud wordt een voorziening gevormd. Deze voorziening is


opgenomen onder de voorzieningen aan de passiefzijde van de balans. Voorraden De voorraden zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs, zo nodig onder aftrek van een voorziening voor incourantheid. Kortlopende vorderingen en overlopende activa De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde, zo nodig onder aftrek van een voorziening voor mogelijke oninbaarheid. Vordering transitie compensatieregeling In 2018 is de wetgeving met betrekking tot het vergoeden van de betaalde transitievergoedingen bij ontslag van langdurige zieken goedgekeurd door de Eerste Kamer. Naar aanleiding hiervan is de uitvoeringsregeling in februari 2018 vastgesteld. Voor medewerkers voor wie een voorziening langdurig zieken is verantwoord, neemt het Minkema College de inschatting voor de te betalen transitievergoeding bij uitdiensttreding mee in de waardering van de voorziening. Hiervan wordt echter geen vordering verantwoord. Immers er is onvoldoende zeker dat het UWV deze gevallen zal compenseren en bovendien is het daadwerkelijke recht op de vordering (compensatie) nog niet ontstaan. Het in de tijdsverloop wel verantwoorden van de voorziening transitievergoeding, maar het nog niet opnemen van de vordering komt voort vanuit het feit dat het voorzichtigheidsbeginsel prevaleert ten opzichte van het realisatiebeginsel. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve en de (publieke) bestemmingsreserve. De in de jaarrekening gepresenteerde balans is ná voorgestelde resultaatverdeling. Een nadere uiteenzetting van de reserves is opgenomen in de toelichting op de balans.

De onttrekkingen aan de reserves geschieden conform daartoe strekkende bestuursbesluiten of geschieden op basis van rijksregelgeving. Reserves Reserves worden gevormd conform de door het bestuur daartoe genomen besluiten dan wel op grond van ministeriële regelgeving. Voorzieningen Algemeen Voorzieningen zijn gevormd voor verplichtingen en verliezen die op de balansdatum bestaan en waarvan de omvang onzeker is, maar op betrouwbare wijze is in te schatten. De omvang van de voorzieningen is bepaald door middel van schattingen van bedragen die noodzakelijk zijn om desbetreffende verplichtingen en verliezen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen zijn gesplitst naar de aard der verplichting, verliezen en kosten, waartegen zij worden getroffen.

Voorziening verlofsparen Voor op balansdatum bestaande verplichtingen uit hoofde van spaarverlof is een voorziening gevormd. De voorziening is gewaardeerd tegen contante waarde van de toekomstige uitbetalingen. Betaalde bedragen inzake spaarverlof worden ten laste van deze voorziening gebracht. De in de caoVO opgenomen bindende genormeerde bedragen zijn hierop van toepassing. Voorziening Eigen risico WGA In 2020 is een voorziening getroffen voor het eigen risico WGA. Deze voorziening is vastgesteld voor toekomstige verplichtingen die voortvloeien uit toegekende WGA-, WGA flex- en ZW flex-uitkeringen. Verplichtingen ZW flex worden toegevoegd aan de voorziening op basis van de beschikking die toegekend wordt aan de ex-werknemer die na een tijdelijk contract ziek uit dienst gaat. Verplichtingen WGA, WGA flex worden aan de voorziening toegevoegd op basis van de beschikking en op basis van de de inschatting die wordt gemaakt van

61


Jaarrekening 2020

de zieke werknemers waarvan op 31-12-2020 de 42-weeks melding heeft plaatsgevonden en waarvan de inschatting op instroom in de WGA hoog is.

Jubileumvoorziening Op basis van Richtlijn 271 van de Raad van de jaarverslaglegging is een voorziening opgenomen voor verplichtingen uit hoofde van toekomstige uitkeringen bij ambtsjubilea van personeelsleden. De voorziening is opgenomen tegen contante waarde van de toekomstige uitbetalingen en is afhankelijk van de ingeschatte blijfkans, gemiddelde salarisstijging en disconteringsvoet. De werkelijke jubilea uitkeringen worden ten laste van deze voorziening gebracht. Voorziening langdurig zieken In 2020 is een voorziening gevormd voor langdurig zieken omdat het Minkema College hiervoor het eigen risico draagt. Deze voorziening betreft de verplichting tot doorbetaling van salaris van personeel bij langdurige ziekte. De voorziening is opgenomen voor medewerkers die per balansdatum ziek zijn en waarvoor naar verwachting geen sprake zal zijn van herstel. De hoogte van de voorziening is gebaseerd op de geschatte toekomstige salariskosten van deze medewerkers. In het eerste ziektejaar wordt 100% van de loonkosten voorzien en in het 2e ziektejaar 70%. cao-levensfasebewust personeelsbeleid (individueel keuzebudget) Conform de cao-VO is een voorziening levensfasebewust personeelsbeleid gevormd. De voorziening is gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige uitbetalingen. Voorziening groot onderhoud Deze voorziening dient ter gelijkmatige verdeling van de lasten voor groot onderhoud over de jaren. Per gebouw is een meerjarig onderhoudsplan beschikbaar met een inschatting

62

van de te verwachten kosten. De voorziening wordt lineair opgebouwd. Het uitgevoerde onderhoud wordt ten laste van deze voorziening gebracht.

Langlopende schulden De langlopende schulden worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag, rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Bij de schulden zijn, indien van toepassing, de zakelijke zekerheden vermeld. Kortlopende schulden Onder de overlopende passiva is het saldo van de nog te besteden subsidies van OCW en projectsubsidies vermeld. Van deze laatste is het Minkema College alleen penvoerder en het heeft als zodanig geen zeggenschap over de besteding.

Grondslagen voor de bepaling van de staat van baten en lasten Algemeen Alle in de staat van baten en lasten vermelde bedragen zijn opgenomen tegen historische kosten. Resultaatbepaling Baten en lasten zijn toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. De baten zijn verantwoord voor zover zij op de balans­ datum zijn gerealiseerd en worden opgenomen naar rato van de mate waarin de diensten zijn verricht. Verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar zijn verwerkt indien en voor zover deze voor het opmaken


Grondslagen voor de opstelling van het kasstroomoverzicht

van de jaarrekening bekend zijn geworden. De opbrengsten van bijzondere bijdragen zijn verantwoord in het jaar dat de besteding is gerealiseerd. Buitengewone baten en lasten zijn afzonderlijk in de staat van baten en lasten verantwoord. De vergelijkende begroting is door het bestuur vastgesteld.

Het kasstroomoverzicht wordt opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit liquide middelen. Betaalde en ontvangen interest worden opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten.

2.5 Toelichting op de balans 2.5.1 Activa Materiële vaste activa Gebouwen en terreinen

Inventaris en In uitvoering en apparatuur vooruitbetalingen

Totaal

Stand 1 januari 2020 Cum. aanschafwaarde Cum. afschrijvingen Boekwaarde

5.765.291

6.867.750

44.280

12.677.320

666.000

4.781.052

-

5.447.052

5.099.291

2.086.698

44.280

7.230.268

159.445

78.101

101.106

338.653

-

-

-

-

261.163

327.750

-

588.913

420.608

405.852

101.106

927.566

5.924.736

6.945.851

145.386

13.015.973

927.164

5.108.802

-

6.035.965

4.997.573

1.837.049

145.386

6.980.008

Mutaties 2020 Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Stand 31 december 2020 Cum. aanschafwaarde Cum. afschrijvingen Boekwaarde

Gebouwen en terreinen De post gebouwen betreft de eigen bijdrage aan het gebouw aan de Steinhagenseweg. Dit pand is begin 2003 in gebruik genomen en wordt in 40 jaar afgeschreven. In deze post zijn tevens de verbouwingen opgenomen die in de periode 2018-2020 hebben plaatsgevonden. Per 1 september 2020 is fase 5 geactiveerd en staat een deel als ‘in uitvoering’. De verbouwingen worden in 20 jaar afgeschreven.

63


Jaarrekening 2020

Inventaris en apparatuur Het grootste deel van de investeringen in inventaris en apparatuur betreffen ICT-middelen. Voorraden Gebruiksgoederen Voorraden

31-12-2020 11.939

31-12-2019 9.362

11.939

9.362

De voorraden (proefwerkblokken, shirts voor lichamelijke oefening, briefpapier, enveloppen) zijn gewaardeerd tegen inkoopprijs. Vorderingen 31-12-2020

31-12-2019

0

120

2.544

20.920

Vooruitbetaalde kosten

155.076

60.209

Overige overlopende activa

146.986

46.891

Vorderingen

304.606

128.140

Debiteuren Vorderingen op leerlingen

De vooruitbetaalde kosten zijn gestegen doordat facturen die deels betrekking hebben op boekjaar 2021 nu voor dat deel als vooruitbetaald zijn geboekt. Dit betreft vooral ICT-licenties die per schooljaar lopen. De toename van de overige overlopende passiva betreft het deel van de bijdrage van het samenwerkingsverband voor schooljaar 20202021. Het totale bedrag voor lichte en zware ondersteuning voor schooljaar 2020-2021 bedraagt 7 247.000. Hiervan is 5/12 deel (7 103.000) verwerkt als baten in 2020, maar is ontvangen in januari 2021 en dus een vordering op balansdatum. Liquide middelen 31-12-2020

31-12-2019

878

5.644

67.865

2.982.666

RC tegoed Schatkistbankieren

5.073.970

1.242.354

Liquide middelen

5.142.713

4.230.664

Kasmiddelen Tegoeden op bankrekeningen

In de liquide middelen zit een bedrag van 7 523.000 dat is bestemd voor projecten waarvan het Minkema College penvoerder is en die ten goede komen aan verschillende partners.

64


2.5.2 Passiva Eigen vermogen Stand 31-12-2019

Mutaties

Resultaat

Stand 31-12-2020

Algemene reserve

3.625.140

70.000

-623.595

3.071.545

Bestemmingsreserve (publiek)

1.748.508

-

-33.555

1.714.953

260.275

-

-43.858

216.416

5.633.923

70.000

-701.009

5.002.914

Privaat bestemmingsfonds Eigen vermogen Uitsplitsing publieke bestemmingsreserves Personeel

635.200

-

-8.500

626.700

Bedrijfsv./overig/bufferreserve

1.113.308

-

-25.055

1.088.253

Bestemmingsreserve (publiek)

1.748.508

-

-33.555

1.714.953

De mutatie op het eigen vermogen betreft een vrijval van de voorziening onderhoud.

Bestemmingsreserve personeel De bestemmingsreserve personeel (totaal 7 626.700) dient voor de opvang van: • Mobiliteitskosten: het Minkema College houdt binnen de reserve een buffer aan: óf ten bate van de opvang van leerlingengroei (voorfinanciering), óf ter dekking van kosten in het kader van boventalligheid. Bedrag: 7 500.000. •S paarbapo: omdat er wettelijk geen voorziening meer wordt opgenomen wordt het schooleigen deel van de bapo afgedekt in de reserve. Bedrag: 7 126.700. Deze reservering neemt jaarlijks af en wordt niet meer aangevuld omdat de regeling is komen te vervallen. Reserve bedrijfsvoering/ overig/ restrisico’s, de zgn. bufferreserve Deze bufferreserve is het genormeerde weerstandsvermogen van een school en bedraagt 5% van de totale baten. De hoogte op balansdatum is ruim 7 1.088.000. Privaat bestemmingsfonds Dit fonds is ontstaan uit het (voormalige) boekenfonds en dient om de risico’s in de private middelen op te vangen. De reserve vormt tevens een buffer voor ouders die niet in staat zijn de ouderbijdrage te voldoen. De middelen mogen uitsluitend besteed worden aan

65


Jaarrekening 2020

lesmateriaal en activiteiten waarvoor de school geen overheidssubsidies ontvangt. In overleg met de oudergeleding van de MR mag een deel van de overschrijding van de kosten van gratis lesmateriaal voor 4 jaar ten laste worden gebracht van deze reserve. Het private vermogen bedraagt op balansdatum ruim 7 216.000. Voorzieningen Stand per

Dotaties Onttrek-

31-12-2019

Stand per

Kortlopend Langlopend

kingen

Vrijval

676.616

1.256.245

27.391

33.887

1.871.582

284.570

1.587.012

Voorziening groot onderhoud

1.244.914

215.000

159.260

70.000

1.230.654

381.000

849.654

Voorzieningen

1.921.530

1.471.245

186.651 103.887

3.102.236

665.570

2.436.667

Personele voorzieningen

31-12-2020 deel <1 jaar deel >1 jaar

Personele voorzieningen Stand per

Dotaties Onttrek-

31-12-2019 Verlofsparen Eigen risico WGA Jubileum­voorziening Langdurig zieken Overige personele voorzieningen

Kortlopend

Langlopend

kingen

Vrijval

31-12-2020

deel <1 jaar

deel >1 jaar

93.730

13.620

-

33.887

73.463

5.651

67.812

-

771.413

-

-

771.413

118.199

653.214

134.208

148.763

27.391

-

255.579

19.836

235.743

-

164.364

-

-

164.364

140.884

23.481

448.678

158.085

-

-

606.763

-

606.763

27.391 33.887

1.871.582

284.570

1.587.012

676.616 1.256.245

Verlofsparen Een aantal, door het bevoegd gezag geaccordeerde, docenten spaart voor spaarverlof. Door middel van jaarlijkse dotaties wordt de voorziening op peil gebracht, zodat t.z.t. aan de verplichtingen kan worden voldaan. De onttrekking betreft het bedrag dat correspondeert met het aantal opgenomen uren spaarverlof in 2020. Eigen risico WGA en Langdurig zieken In de jaarrekening 2019 ontbraken voorzieningen voor het eigen risico WGA en voor langdurig zieken. Deze zijn per 31-12-2020 opgevoerd. Vooral de vorming van de voorziening voor het eigen risico WGA heeft een groot effect op het resultaat van 2020 door de dotatie van ruim 7 771.000. Jubileumvoorziening Opgenomen is de stand van de potentiële verplichting op 31-122020. Door een correctie op de data van het in dienst treden voor verschillende medewerkers en door aanpassing van de disconteringsvoet is in 2020 een extra dotatie gedaan.

66

Stand per


Overige personele voorzieningen (Persoonsgebonden budget) Deze voorziening Persoonlijk budget is ingesteld per 1 augustus 2014 en resulteert uit de huidige cao waarin de mogelijkheid tot sparen van het persoonsgebonden budget is geregeld. De stijging wordt veroorzaakt doordat meer medewerkers opteren voor sparen voor toekomstige besteding in tijd of als uitbetaling. Onderdeel van de stijging is het geïndexeerde gemiddeld uurloon welke hoger is dan in vorig verslagjaar. De personele voorzieningen worden tegen contante waarde gewaardeerd. De periodieke mutatie wordt jaarlijks verwerkt in de exploitatierekening. Voorziening groot onderhoud Voor beide locaties van het Minkema College is een MJOP opgesteld, zowel voor de installaties als bouwkundig. Jaarlijks wordt het onderhoudsplan geactualiseerd en indien nodig bijgesteld. Voor de Steinhagenseweg is de actualisatie na afronding van de verbouwing gerealiseerd. De kosten die zijn gemaakt voor de uitvoering van onderhoudswerkzaamheden uit het MJOP zijn ten laste gebracht van de voorziening. Langlopende schulden Stand per Aangegane Aflossingen Kredietinstellingen

Stand per

Looptijd

Looptijd

31-12-2019

leningen

31-12-2020

>1 jaar

>5 jaar

937.500

-

37.500

900.000

150.000

750.000

3.425

1.040

900

3.565

3.565

-

940.925

1.040

38.400

903.565

153.565

750.000

Rentevoet 1,8%

Overige langlopende schulden Langlopende schulden

Kredietinstellingen In 2005 is er een langlopende lening aangegaan met de Bank Nederlandse Gemeenten. In 2006 is daarop voor het eerst afgelost. Het aflossingsdeel voor 2021 is verantwoord onder de kortlopende schulden. Overige langlopende schulden Dit betreft de borg voor de kluisjes.

67


Jaarrekening 2020

Kortlopende schulden 31-12-2020

31-12-2019

37.500 583.077

37.500

Schulden aan kredietinstellingen Crediteuren

334.684

Belastingen en premies sociale verzekeringen

747.713

712.403

Pensioenen

218.991

219.101

1.043

4.427

765.099

776.396

Overige kortlopende schulden Vooruitontvangen subsidies OCW Vooruit ontvangen Investeringssubsidies

75.444

70.671

Vooruitontvangen bedragen

233.461

112.577

Vakantiegeld en vakantiedagen

587.913

609.573

Overige overlopende passiva

180.309

224.725

3.430.551

3.102.057

Kortlopende schulden

Kredietinstellingen Dit betreft het aflossingsdeel voor 2021 van de langlopende schuld bij de BNG. Crediteuren Het saldo 2020 is een momentopname per 31-12-2020 en kent verder geen bijzonderheden. Belastingen en premies sociale verzekeringen Deze post is gebaseerd op de te betalen belastingen en premies over de salarisverwerking van december 2020. Pensioenen Hier zijn de (in januari 2021) af te dragen pensioenpremies opgenomen. Overige kortlopende schulden Geen bijzonderheden. Vooruitontvangen subsidies OCW Achterstandsgelden Lerarenbeurs VSV Academische opleidingsschool

68

31-12-2020

31-12-2019

223.001

-

18.876

44.353

22.500

22.500

500.722

709.543

765.099

776.396


Het Minkema College is penvoerder en ontvangt als zodanig de subsidie voor de Academische Opleidingsschool voor verschillende scholen binnen het samenwerkingsverband.

Vooruitontvangen investeringssubsidies In 2020 is 7 40.000 ontvangen van de gemeente Woerden voor uitvoering van achterstallig onderhoud dat in 2021 zal plaatsvinden. Vooruitontvangen bedragen De post vooruitontvangen bedragen zijn inkomsten in 2020 voor schooljaar 20/21 die in boekjaar 2021 als baten zullen worden verwerkt. Het betreft voornamelijk vrijwillige ouderbijdragen. Op balansdatum was echter ook een bedrag van bijna 7 155.000 aan ouderbijdragen ontvangen voor activiteiten die geen doorgang meer gaan vinden. Deze bijdragen zullen worden terugbetaald. Vakantiegeld en -dagen 31-12-2020

31-12-2019

475.697

457.539

-

2.250

Reservering Vakantietoeslag Reservering Eindejaarsuitkering Reservering Bindingstoelage

50.999

47.627

Verlof- en taakuren OOP

61.217

102.156

587.913

609.573

Het bedrag voor vakantiegeld is aan het personeel verschuldigd over de maanden juni tot en met december 2020. Een deel van de verplichting heeft betrekking op nog op te nemen verlofuren uit het verleden en nog te betalen bindingstoelage over de maanden september - december.

Overige overlopende passiva De overlopende passiva bestaat vrijwel volledig uit te betalen posten. 2.5.3 Financiële instrumenten Het Minkema College maakt geen gebruik van financiële instrumenten, overeenkomstig ons beleid. 2.5.4 Niet uit balans blijkende verplichtingen Voorwaardelijke verplichtingen Er zijn geen voorwaardelijke verplichtingen.

69


Jaarrekening 2020

Meerjarige financiële verplichtingen Crediteurnaam

Bedrag per jaar

Toelichting

Gemeente Woerden

7 103.000

Huur sporthal en zwembad

Visschedijk Schoonmaak ZW BV

7 203.171

contract loopt tot juli 2022

ENGIE (vh GDF SUEZ Energie Neder-

7 109.837

2021-2022 op inkoopkalender

Green Choice (energie)

7 56.442

2021-2022 op inkoopkalender

Eteck (electra)

7 42.122

Contract van 30 jaar vanaf de bouw

Van Dorp Installaties bv (onderhoud)

7 75.326

preventief onderhoudscontract

OsingadeJong BV (leermiddelen)

7 74.113

aanbesteed in 2019

Loyalis Verzekeringen

7 64.606

AOV WGA verzekering/doorbelast aan mede-

land)

werkers AFAS Software

7 55.941

Administratie

Iddink Digital b.v. (licenties)

7 88.995

aanbesteed in 2019

Confina

7 60.548

inhuur t.b.v. PSA ondersteuning

Konica Minolta (reproductie)

7 48.962

Wordt nu aanbesteed, nieuwe overeenkomst per 1-9-2021

Ad Brak Catering B.V.

7 90.068

aanbesteed in 2020. De nieuwe cateraar is Van Hall catering geworden.

2.6 Toelichting op de staat van baten en lasten 2.6.1 Baten Rijksbijdragen Rijksbijdragen OCW Overige subsidies OCW Doorbetalingen samen­werkingsverband

2020 18.756.463

Begroting 2020 18.228.824

2019 18.538.816

2.216.904

2.082.273

2.684.184

455.413

319.454

265.946

21.428.781

20.630.552

21.488.946

De totale Rijksbijdragen kwamen bijna 7 800.000 hoger uit dan begroot. Dit komt vooral doordat in de begroting 2020 geen rekening was gehouden met de mogelijke prijsbijstelling in de bekostiging. De gemiddelde personeelslast (GPL), een belangrijke basis voor de personele bekostiging, is met 3,2% extra opgehoogd en de prijsbijstelling voor de materiële bekostiging bedroeg 1,7%. Deze prijsbijstellingen worden pas halverwege het boekjaar bekendgemaakt. De personele en materiële bekostiging (lumpsum) waren hierdoor ook hoger dan in 2019, ondanks dat het aantal leerlingen op de teldatum (1-10-2019) 39 lager was dan het jaar ervoor.

70


De overige OCW-subsidies Rijksbijdragen waren in 2020 lager dan in 2019. Dat komt vooral door de eenmalige uitkering in december 2019 van ongeveer 7 400.395. De overige subsidies betreffen de prestatiebox, bekostiging lesmateriaal, functiemix, studiebeurs, voortijdig schoolverlaters (VSV) en eerste opvang nieuwkomers. Daarnaast is het Minkema College penvoerder voor de subsidie Academische opleidingsschool. Alleen als het Minkema College zelf uitgaven doet voor deze subsidie wordt dit bedrag ook als baten onder de overige subsidies verantwoord. Overige overheidsbijdragen Gemeentelijke bijdragen

2020 40.000

Begroot 2020 -

2019 -

De gemeente Woerden heeft 7 40.000 betaald in verband met achterstallig onderhoud aan het gebouw. Overige baten 2020 115

Begroot 2020 -

7.912

81.012

15.313

42.709

Ouderbijdragen

152.530

36.250

612.112

Overige

62.613 296.270

2.500 54.063

2.500 777.206

Opbrengst verhuur Detacheringen personeel

2019

De overige baten zijn lager dan in 2019 omdat door corona veel (buitenschoolse) activiteiten niet konden doorgaan. De bijbehorende inkomsten (vooral ouderbijdragen) zijn daardoor ook niet ontvangen of terugbetaald. Een deel van de ontvangen ouderbijdragen voor schooljaar 2020-2021 zal ook worden terugbetaald vanwege geannuleerde activiteiten. De ouderbijdragen worden net als de bijbehorende uitgaven slechts voor een beperkt deel in de begroting opgenomen. Uitgangspunt is dat de ontvangen bijdragen voor activiteiten volledig worden besteed.

71


Jaarrekening 2020

2.6.2 Lasten Personeelslasten Lonen en salarissen Overige personele lasten Overige uitkeringen

2020 16.374.646

Begroot 2020 16.370.999

15.925.752

1.793.181

466.115

1.007.742

280.545

338.423

208.961

18.440.607

17.175.538

17.142.455

De totale personeelslasten zijn bijna 7 1,3 miljoen hoger dan begroot en ruim 7 1,3 miljoen hoger dan in 2019. Belangrijkste oorzaak is de vorming van voorzieningen voor eigen risico WGA en langdurig zieken. Daarnaast zijn de andere personele voorzieningen aangescherpt, hetgeen ook heeft geleid tot hogere dotaties. De loonkosten zijn met bijna 7 450.000 toegenomen, maar waren vrijwel gelijk aan de inschatting in de begroting. Uitsplitsing lonen en salarissen 2020

2019

12.765.152

12.405.675

Sociale lasten

1.649.401

1.596.091

Pensioenpremies

1.960.093

1.923.986

16.374.646

15.925.752

Brutolonen en -salarissen

Het totaal aan brutolonen is met 7 360.000 toegenomen ten opzichte van 2019. Belangrijkste oorzaak is de cao-loonstijging van 2,75%. Daarnaast werd conform cao eenmalig een bedrag van 7 750 per fte betaald en is de eindejaarsuitkering verhoogd. Verder is het aantal leraren in een LD-schaal gestegen van 26,3% naar 30,9%. Formatie in fte (stand op 31-12) 2020

2019

DIR

10,8

13,8

OP

146,6

147,8

43,7

44,9

201,1

206,4

OOP

72

2019


Formatie in aantal mw (stand op 31-12) 2020

2019

DIR

11

14

OP

194

196

63

62

268

272

OOP

Leden van de RvT zijn buiten deze tabellen gelaten. Tot 1 maart 2020 waren er nog twee bestuurders en twee directeuren bedrijfsvoering. Voor beide functies is dit teruggebracht tot één. Uitsplitsing overige personele lasten 2020

Begroot 2020

2020

1.226.819

75.397

13.135

Personeel niet in loondienst

303.935

-

457.170

Overige

262.428

390.718

537.437

1.793.181

466.115

1.007.742

Dotaties personele voorzieningen

De nieuw gevormde voorzieningen voor eigen risico WGA en langdurig zieken leidden tot 7 1,0 miljoen aan dotaties in 2020. De voorziening voor persoonlijk budget nam door dotaties met 7 158.100 toe. Mede vanwege de coronaomstandigheden was er minder inzet van uitzendkrachten (personeel niet in loondienst) voor vervangingen nodig dan in 2019. En er is ook duidelijk minder uitgegeven aan scholing en werving van personeel (overige personele lasten). Afschrijvingen Materiële vaste activa

2020

Begroot 2020

2019

588.913

593.290

515.498

588.913

593.290

515.498

De afschrijvingslasten zijn in 2020 hoger dan 2019 door activering van verbouwingen die gedurende 2019 in gebruik zijn genomen. In 2019 waren de afschrijvingslasten hiervoor slechts voor een deel van het jaar. De afschrijvingslasten 2020 liggen in lijn met de begroting.

73


Jaarrekening 2020

Huisvestingslasten Huurlasten

2020 99.655

Begroot 2020 102.000

2019 101.682

Onderhoudslasten

39.786

65.000

154.908

Energie en water

283.630

275.000

271.847

Schoonmaakkosten

324.652

280.000

306.421

25.838

26.500

30.244

215.000

215.000

138.461

Belastingen en heffingen Dotatie voorziening onderhoud Overige huisvestingslasten

129.031

107.500

274.172

1.117.593

1.071.000

1.277.735

De totale huisvestingslasten zijn hoger uitgekomen dan de begroting door hogere kosten voor schoonmaak vooral vanwege coronamaatregelen. Een hogere dotatie aan de onderhoudsvoorziening t.o.v. 2019 door aanscherping van het meerjarig onderhoudsplan (MJOP), maar lagere kosten voor (klein) onderhoud omdat meer kosten in het MJOP zijn opgenomen. Overige lasten Administratie en beheer

2020 564.473

Begroot 2020 599.072

703.128

ICT, inventaris en apparatuur

214.951

275.000

263.690

1.333.432

1.059.464

1.235.471

183.875

-

568.836

2.296.731

1.933.536

2.771.125

Leer- en hulpmiddelen Overige

De aanschaf voor schoolboeken en leermiddelen komt ook in 2020 hoger uit dan de bijdrage die hiervoor van OCW ontvangen wordt. Dit wordt deels veroorzaakt door eenmalige kosten voor de afhandeling van het contract met van Dijk. In 2020 waren de uitgaven ook hoger dan begroot en ten opzichte van 2019. De overige lasten zijn lager dan in 2019 omdat veel buitenschoolse activiteiten (werkweken, excursies e.d.) niet zijn doorgegaan als gevolg van Covid-19. Bestedingen vanuit ouderbijdragen worden niet begroot. Uitgangspunt is dat de ontvangen bijdragen voor activiteiten volledig worden besteed. Honorarium accountant De accountantskosten bedroegen in 2020 7 25.530. In 2019 was dit 7 15.352.

74

2019


Jaarrekening 2020

Financiële baten en lasten 2020 -

Begroot 2020 -

2019

22.216

21.000

21.054

-22.216

-21.000

-21.054

Rentebaten Rentelasten (-/-) Financiële baten en lasten

-

De rentelasten hebben betrekking op de langlopende lening bij de BNG. Het rentepercentage is 1,8%. Resultaatbestemming verdeling resultaat 2020 Onttrekking aan bestemmingsreserve personeel

-701.009 -8.500

Toevoeging aan bestemmingsreserve bedrijfsvoering en restrisico’s (bufferreserve)

-25.055

Onttrekking aan de private reserve ouderbijdragen

-43.858

Toevoeging aan de algemene reserve

-623.595 -701.009

2.7 Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum die impact hebben op de hier gepresenteerde jaarrekening 2020 van het Minkema College

75


Jaarrekening 2020

WNT-verantwoording 2020 Stichting Minkema College Op 1 januari 2013 is de wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. De WNT is van toepassing op stichting Minkema College. Het voor het Minkema College bezoldigingsmaximum is in 2020 7 157.000. Dit is het bezoldigingsmaximum dat behoort bij klasse D. Deze klasse is bepaald op basis van 10 complexiteitspunten. 1. Bezoldiging topfunctionarissen tabel 1a: Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf 13e maand van functievervulling. Gegevens 2020 bedragen x 7 1

Dhr. M. de Haas

Dhr. H. Heethuis

Functie(s)

bestuurder

bestuurder

Aanvang en einde functievervulling in 2020

1/1 - 31/12

1/1 - 29/2

1

1

nee

nee

ja

nee

Omvang dienstverband (in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Zo niet, langer dan 6 maanden binnen 18 maanden werkzaam? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

124.574

Beloningen betaalbaar op termijn

25.653

20.418

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag

-

-

Totaal bezoldiging

144.993

25.653

Toepasselijk WNT-maximum

157.000

25.738

nvt

nvt

Motivering overschrijding: Gegevens 2019 bedragen x 7 1 Duur dienstverband in 2019 Omvang dienstverband (in fte)

Dhr. M. de Haas

Dhr. H. Heethuis

1/9 - 31/12

1/1 - 31/12

1

1

(Fictieve) dienstbetrekking?

nee

nee

Zo niet, langer dan 6 maanden binnen 18 maanden werkzaam?

nee

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

36.418

149.500

Beloningen betaalbaar op termijn

11.516

-

-

-

Totaal bezoldiging

47.934

149.500

Toepasselijk WNT-maximum

50.805

152.000

nvt

nvt

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag

Motivering overschrijding:

76


1b: Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 tot en met 12 Niet van toepassing. tabel 1c: toezichthoudende topfunctionarissen Gegevens 2020 bedragen x 7 1

Mevr. E.

Dhr. F.

Dhr. M.

Mevr. M.M.

Dhr. J.

van der Molen

Hordijk

Frijlink

Wenderich

Schueler

Functie(s)

Voorzitter

lid

lid

lid

lid

Duur dienstverband in 2020

1/1 - 31/12

1/1 - 31/12

1/1 - 31/12

1/1 - 31/12

1/1 - 31/12

Bezoldiging Beloning

12.479

8.736

8.736

8.736

8.736

Belastbare onkostenvergoeding

-

-

-

-

-

Beloningen betaalbaar op termijn

-

-

-

-

-

Totaal bezoldiging

12.479

8.736

8.736

8.736

8.736

Toepasselijk WNT-maximum

23.550

15.700

15.700

15.700

15.700

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

Motivering overschrijding:

Gegevens 2019 bedragen x 7 1 Functie(s) Duur dienstverband in 2019

Mevr. E.

Dhr. F.

Dhr. M.

Mevr. M.M.

Mevr. G.M.M.

van der Molen

Hordijk

Frijlink

Wenderich

Blokdijk

lid

nvt

lid

lid

voorzitter

1/1 - 31/12

nvt

1/1 - 31/12

1/9 - 31/12

1/1 - 31/12

8.736

8.736

8.736

2.912

12.479

-

-

-

-

83

Bezoldiging Beloning Belastbare onkostenvergoeding

-

-

-

-

-

Totaal bezoldiging

Beloningen betaalbaar op termijn

8.736

8.736

8.736

2.912

12.562

Toepasselijk WNT-maximum

15.200

15.200

15.200

5.067

22.800

nvt

nvt

nvt

nvt

nvt

Motivering overschrijding:

2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctio­narissen met of zonder dienstbetrekking. Niet van toepassing. 3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individueel toepasselijk drempelbedrag hebben ontvangen.

77


Jaarrekening 2020

Overzicht verbonden partijen Het Minkema College heeft geen vorderingen, schulden en of andere financiële niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen. Model G: Verantwoording subsidies OCW G1a: Subsidies zonder verrekeningsclausule

Omschrijving

Toewijzing kenmerk

Toewijzing datum

Prestatie afgerond? Ja/nee

Subsidie voor studieverlof 2019

1007777-1

23-08-2019

ja

Subsidie voor studieverlof 2020

1091550-1

28-08-2020

nee

IOP2-13360-VO

16-10-2020

nee

Inhaal- ondersteuningsprogramma onderwijs 2020-2021

G2a Subsidies met verrekeningsclausule, aflopend ultimo verslagjaar Niet van toepassing. G2b Subsidies met verrekeningsclausule, doorlopend tot in een volgend kalenderjaar Niet van toepassing.

78


79


Overige gegevens

03 Overige gegevens

80


3.1 Controleverklaring De controleverklaring is verstrekt. 3.2 Statutaire verdeling resultaat In de statuten van de stichting Minkema College zijn geen specifieke bepalingen opgenomen omtrent de resultaatbestemming.

Woerden, 21 juni 2021 College van Bestuur

Raad van Toezicht

M.G.M. de Haas voorzitter College van Bestuur

E. van der Molen voorzitter Raad van Toezicht

81