HOGENT - Textieltechnologie - Projecthandleiding Smart Design

Page 1

Project Smart Design. Begeleidende handleiding

Auteur Alexandra De Raeve

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3


1. Inleiding Zoals jullie reeds konden ervaren draait projectonderwijs hoofdzakelijk om samenwerkend leren. Uitgaande van een concrete opdracht, gericht op de toepassing en verdere ontwikkeling van kennis, competenties en vaardigheden, laten we jullie via projectonderwijs een actieve rol spelen in dit leerproces. Teamwork en bijvoorbeeld efficiĂŤnte communicatie, zijn immers vaardigheden die je moet oefenen. In dit project wordt eveneens de nadruk gelegd op het verwerven van competenties op het vlak van productinnovatie en bedrijfsmanagement. Opnieuw is het de projectgroep die verantwoordelijk is voor het bereiken van de einddoelen. Organiseren, initiatief nemen, plannen en intensief overleg plegen zijn de sleutel tot succes. Aansluitend op jullie voorkennis richten we ons met dit vakoverschrijdend project tot alle opleidingsonderdelen uit de opleiding Bachelor in de Textieltechnologie en specifiek tot de opleidingsonderdelen Innovatief Textiel, Product- en Materiaalanalyse en Business Management. De competenties waarop jullie gedurende het verloop van het project zullen beoordeeld worden, staan vermeld in de studiefiche. Hieronder volgt een opsomming: Begincompetenties De eindcompetenties van Ecodesign behaald hebben. De eindcompetenties van Innovatief textiel en Technisch textiel behaald hebben of samen te volgen met Smart Design. Eindcompetenties AC 3.1: De student reflecteert over zijn eigen functioneren. Indicator 3.1.1: De student reflecteert kritisch over zichzelf en geeft zijn sterktes en zwaktes helder aan. De student formuleert spontaan verbeterdoelen en stuurt uit zichzelf zijn eigen aanpak bij op basis van feedback en nieuwe inzichten. (niveau 3) AC 4.1: De student werkt projectmatig. Indicator 4.1.1: De student zorgt voor realistische en relevante doelstellingen door rekening te houden met de beschikbare tijd en middelen, en met onvoorziene omstandigheden. De student plant en structureert complexe werkzaamheden op een methodische, realistische en soepele manier. De student focust en beheerst het verloop van de werkzaamheden. (niveau 3) AC 4.2: De student stuurt aan en neemt medeverantwoordelijkheid op voor collectieve resultaten. Indicator 4.2.1: De student bevordert het doelgericht handelen bij anderen. Hij brengt samenwerkingsverbanden tot stand en handhaaft die. Hij neemt medeverantwoordelijkheid op voor het bepalen, opvolgen en bijsturen van collectieve resultaten. (niveau 2) AC 5.1: De student kent en past het (internationaal) vakjargon correct toe. Indicator 5.1.1: De student past systematisch (internationaal) vakjargon correct toe en actualiseert voortdurend zijn vakjargon, aangepast aan de gespecialiseerde (internationale) context waarin hij zich bevindt. (niveau 3) AC 5.2: De student communiceert mondeling en schriftelijk helder en overtuigend, aangepast aan het niveau van zijn doelgroep. Indicator 5.2.1: De student verduidelijkt zijn visie en beargumenteert overtuigend zijn standpunten. Hij verdedigt die ten aanzien van een brede of gespecialiseerde doelgroep. (mondeling). (niveau 2) AC 6.1: De student is creatief. Indicator 6.1.1: De student wendt autonoom en op basis van praktijkonderzoek nieuwe methoden en hulpmiddelen aan om niet-vertrouwde complexe problemen op te lossen. (niveau 3) ABC 1.1: De student staat open voor de inbreng van anderen en levert een constructieve bijdrage binnen een multidisciplinair team.

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3


Indicator 1.1.1: De student levert in het kader van een complexe opdracht een constructieve inbreng in een multidisciplinair team. Hij toont respect voor de inbreng van anderen. Hij is opbouwend, assertief en handelt integer ten opzichte van zijn teamleden. (niveau 3) ABC 1.2: De student organiseert zijn werkzaamheden met het oog op gestelde deadlines en komt afspraken binnen een team na. Indicator 1.2.1: De student organiseert zelfstandig complexe werkzaamheden zodat hij met het oog op verschillende deadlines de juiste prioriteiten stelt. De student anticipeert op toekomstige taken en komt afspraken na. (niveau 2) BC 1.1: De student innoveert, omschrijft en ontwikkelt nieuwe producten of procedés vertrekkend vanuit een markt-gedreven of technologie-gedreven benadering. Indicator 1.1.1: De student is creatief ingesteld om binnen de technische mogelijkheden van een bedrijf, innovatieve en vernieuwende ideeën uit te werken. (niveau 4) BC 2.3: De student bedenkt nieuwe producten of toepassingsmogelijkheden voor bestaande producten in functie van nieuwe afzetmarkten en nieuwe trends. Indicator 2.3.1: De student past bestaande producten aan of bedenkt nieuwe producten in functie van nieuwe afzetmarkten en nieuwe trends. (niveau 3) BC 5.1: De student ontwikkelt conceptueel een nieuw product en bepaalt de volledige productieflow. Indicator 5.1.1: De student ontwikkelt conceptueel een nieuw product en bepaalt de volledige productieflow hiervan. (niveau 3) BC 6.1: De student volgt een productieplanning, resp. capaciteit op en signaleert proactief afwijkingen. Indicator 6.1.1: De student kent de bedrijfsprocessen (o.a. besturingsmodel), stelt procesverbeteringen voor en beargumenteert deze. (niveau 4) Na de kick off van het project gaan jullie van start met de voorbereiding van het eerste werkcollege. Bereid volgende vragen voor : - Welk probleem wil je oplossen ? Welke functionaliteiten zijn hiervoor nodig ? - Wat wil je bereiken met je team ? - Wat is de meerwaarde voor de bredere maatschappij ? - Hoe wil je je doel bereiken ? - Wat is je expertise ? - Welke realistische prijs is haalbaar ? De wekelijkse werkcolleges starten met een Agile meeting. Tijdens deze colleges zal er een docent aanwezig zijn die jullie begeleidt. In dit project dragen alle teamleden gelijke verantwoordelijkheid. Er wordt wel een Agile master aangeduid die de meetings in goede banen moet leiden. In de loop van het project en ook op het einde zullen jullie een reflectieverslag schrijven. Stel verantwoordelijken aan voor de verschillende deeltaken zodat het werk efficiënt verdeeld wordt.

2. Opdracht In dit project krijgen jullie de opdracht om een intelligent/functioneel textielproduct te ontwikkelen met een toepassing in de sport en meer specifiek respectievelijk het wielrennen en het roeien. Functioneel textiel is een textielmateriaal waaraan een specifieke functie is toegevoegd door middel van het materiaal, de samenstelling, de constructie en/of de nabehandeling. Intelligent textiel of smart textiles zijn functionele textielmaterialen die actief interageren met hun omgeving. M.a.w. het textiel reageert op of past zich aan, aan de veranderingen in zijn omgeving. Dit product moeten jullie gaan commercialiseren binnen een fictief opstartend bedrijf. Verken hiervoor de markt, identificeer de wensen en noden van de consument, stel een businessplan, annex financieel plan op, selecteer de grondstoffen/materialen en werk het productieproces (definieer de noodzakelijke infrastructuur/machines) uit. Tijdens de ontwikkeling van je product dien je rekening te houden met

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3


de ethiek. Dit wil zeggen dat je innovatief product en bij uitbreiding je op te starten onderneming daadwerkelijk moet bijdragen tot het welzijn van de mens en zijn omgeving. Toets hiervoor je idee af aan de Sustainable Development Goals van de VN. Maak uiteindelijk een eerste prototype van het product met de beschikbare middelen. Zorg dat de functionaliteit van je product is getest volgens de gangbare standaarden. Inspiratietip: CEN/TR 16298 te consulteren via de NBN databank. Getting started with the Sustainable Development Goals, SDSN Secretariat, 2015 SDG Compass – The guide for business action on the SDGs (www.sdgcompass.org)

Business plan Het businessplan dient gerealiseerd te worden, rekening houdend met zes items, nl. de zes P’s: • • • • • •

Presentatie (missie, doel en identiteit van uw onderneming/merk.) Product (ontwikkeling, analyse en marktonderzoek) Plaats (distributie, logistiek) Prijs (kostprijsberekening en verkoopprijs) Personeel (organigram, functiebeschrijving) Promotie (reclame, PR, persoonlijke verkoop, …)

Financieel plan Aansluitend wordt een volledig financieel plan uitgewerkt. Hiervoor moet je rekening houdende met een o.a. een aantal vaste en variabele kosten, de kostprijs en verkoopprijs van je product berekenen, een beknopte financiële analyse maken (liquiditeit, solvabiliteit en rendabiliteit) en de financieringsbehoefte en de financiële middelen bepalen van de onderneming. Dit alles wordt zeker goed uitgelegd tijdens de oefeningensessies.

SDG-toets Bepaal voor welke SDG(s) je product/bedrijf de grootste impact genereert. Visualiseer dit op het spinnenweb-model (bijlage 1). Breng de SDGs ook in kaart doorheen de waardeketen van je product (grondstoffen, leveranciers, productie, distributie, gebruik, end-of-life).

Technische dossier en Prototype Maak een volledig technisch dossier op in het Engels. De inhoud moet minimaal onderstaande items bevatten: Productomschrijving Korte beschrijving van het product waardoor de einddoelstelling duidelijk is en de koper gemotiveerd wordt tot aankoop. Afbeeldingen Tekening/foto van het product Productiespecificaties Informatie over de grondstoffen Informatie over de binding/steekvorming, verving, veredeling (receptuur en processpecificaties), waar toepasselijk Technische specificaties Informatie over de eigenschappen en functionaliteiten, testmethodes Uiteindelijk dienen jullie met de beschikbare middelen een volledig uitgewerkt prototype voor te stellen.

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3


Poster Ter gelegenheid van het congres ‘Innovations in Sports Materials’ zullen jullie je product een eerste maal kort voorstellen aan de hand van een poster.

3. Huisstijl en communicatie Leg bij de start van het project een huisstijl vast voor alle verslagen en documenten die opgemaakt worden. Bedenk een naam en logo voor je ontwikkelde product en gebruik deze consequent in alle documenten. Verzorg de taal van alle uitgaande correspondentie. Fout taalgebruik komt niet professioneel over. Zorg ervoor dat de communicatie met externe bedrijven/opdrachtgevers gebeurt door iemand die vlot communiceert of laat deze taak over aan iemand die deze competentie verder wil ontwikkelen en trainen.

4. Organisatie Betrokken docenten Alexandra De Raeve (projectcoördinator en materiaalkeuze), alexandra.deraeve@hogent.be Sheilla Odhiambo (materiaalkeuze en technisch dossier), sheilla.odhiambo@hogent.be Sofie Vermeire (atelier fabricage en projectcoach), sofie.vermeire@hogent.be Greet Raes (atelier veredeling en projectcoach), greet.raes@hogent.be Frank De Ruyck (oefeningen productontwikkeling, SDG-toets), frank.deruyck@hogent.be Geert Van Iseghem (oefeningen business plan, financieel plan en projectcoach), geert.vaniseghem@hogent.be

AGILE Jullie zullen wekelijks het atelier starten met een Agile meeting. Tijdens deze meeting wordt er een stand van zaken besproken. Bij de Agile-methode ligt de nadruk op directe communicatie, bij voorkeur als persoonlijk contact, in plaats van geschreven verslaglegging. In Agile-projecten wordt erg weinig geschreven, documentatie geproduceerd, vergeleken met andere methoden. Bij Agile-methoden wordt de voortgang afgemeten aan de hand van producten of prototypes. Aan het eind van elke sprint wordt zowel het opgeleverde product beoordeeld als het ontwikkelproces. Doel is om te leren en steeds beter te worden. De Agile-methode is erop gericht om de resultaten en taken te plannen voor de gehele duur van de ontwikkeling en laat toe zich anderzijds snel aan te passen aan de veranderende werkelijkheid. Belangrijk is de wekelijkse stand-up meeting van het team. Bondig reageert elk teamlid op drie kernvragen: 1. Wat heb jij bereikt sinds de vorige stand-up? 2. Wat ga jij bereiken tot de volgende stand-up? 3. Wat is je probleem, wat blokkeert je? Dit dwingt om met elkaar te communiceren over de onderlinge afhankelijkheden of koppelvlakken. Je maakt het team als het ware belangrijk. De belangrijke succesfactor van Agile is de zelforganisatie • •

Het team is zelf verantwoordelijk voor het resultaat en daarmee voor de planning, de werkverdeling en de voortgangsbewaking; Het opdelen van het werk in kleine ‘work items’ van 2-4 uur geeft de teamleden zelf de

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3


• • • • •

mogelijkheid om de voortgang te bewaken (en geeft enkele keren per dag voldoening over de behaalde resultaten!); Het team heeft geen hiërarchische projectleider (want dan voelen de teamleden zichzelf minder verantwoordelijk voor de voortgang), maar heeft wel een katalysator in de persoon van de ‘Agile master’; Feedback krijgen is essentieel om een goed product te maken, hoe eerder hoe beter, daarom is er veel en intensief contact tussen opdrachtgever en het team; De rolverdeling tussen opdrachtgever, die het ‘wat’ bepaalt, en het team, die het ‘hoe’ bepaalt, is duidelijk en hierdoor blijft iedereen in zijn kracht; De wekelijkse werkverdeling wordt door de teamleden zelf bepaald op basis van prioriteiten en competenties; Tijdens een sprint staan alle taken duidelijk zichtbaar op het ‘task board’ en bepalen de teamleden zelf welke taken op een bepaald moment uitgevoerd worden en wie dit doet.

Iedere sprint wordt afgesloten met een evaluatie en vastlegging van leerpunten zodat het team de volgende sprint nog beter kan uitvoeren. Concreet: de wekelijkse ateliers starten met een Agile meeting. Tijdens deze meetings zal er een docent aanwezig zijn die jullie zal begeleiden. In dit project dragen alle teamleden gelijke verantwoordelijkheid. Duid een Agile master aan om de meetings in goede banen te leiden. Enkele nieuwe termen: stand-up meeting, task board, work items, sprint, Agile master Maak vóór het eerste atelier onderstaande task board aan op A2 formaat of groter. Er wordt wekelijks een foto gemaakt van het task board en deze wordt online geplaatst.

TASKBOARD WORK ITEMS

TO DO

IN PROCESS

READY FOR TEST

SPRINT

Oefeningen De uren oefeningen zijn voorbehouden voor het opstellen van het business plan, inclusief financieel plan en de begeleiding bij de productontwikkeling. Deze momenten zijn eveneens opgenomen in het organisatierooster.

Informele bijeenkomsten Buiten de voorziene projectbijeenkomsten dienen jullie uiteraard ook nog samen te komen. Tenzij anders beslist dienen alle projectleden aanwezig te zijn op deze informele bijeenkomsten.

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3


De genomen beslissingen dienen zeker vermeld te worden bij aanvang van het eerstvolgende atelier. Zo worden de beslissingen/planningen ook opgenomen in het AGILE task board.

Organisatierooster Het organisatierooster geeft de planning weer van de verplichte projectactiviteiten zoals ateliers, oefeningensessies en de presentatie. Ook de te halen deadlines worden hierop weergegeven. Eventuele wijzigingen in het rooster worden via de rubriek « Aankondigingen » bij het opleidingsonderdeel « Project Smart Design » gepubliceerd op Chamilo. De deadlines voor het afgeven van de voorlopige delen van de op te leveren projectproducten zijn : DL 1 : 7/10 Presentatie (missie, doel en identiteit) van het bedrijf + Product DL 2: 21/10 Marktonderzoek en state-of-the-art (wat is er vandaag al beschikbaar) DL 3: 28/10 Abstract poster DL 4 : 4/11 Poster DL 5: 21/11 Deel Financieel Plan (balans, resultatenrekening, financieringsbehoeften en financieringsmiddelen) DL 6 : 25/11 Voorlopig technisch dossier DL 7 : 2/12 Marketingstrategie (4 P’s: Product, Plaats, Promotie en Prijs), Financiële analyse en kostprijsberekening Dit zijn data waarop de voorlopige rapporten dienen te worden ingediend. Deze rapporten kunnen uiteraard, indien nodig, nog steeds worden aangepast. De nodige richtlijnen en eventuele aanwijzingen ter verbetering zullen worden meegegeven. Er wordt enkel beoordeeld op het eindresultaat en niet op de tussentijdse rapporten. DL 8: 9/12 Presentatie + indienen afgewerkt dossier

5. In te dienen projectproducten Het Portfolio Het portfolio wordt per projectgroep opgemaakt en is een verzamelmap van alle in te dienen producten. Dit bevat : -

het business plan, inclusief financieel plan, beperkt tot 25 bladzijden. het productdossier met volgende vormelijke vereisten : o inleiding : beschrijf het onderwerp, de probleemstelling, de onderzoeksvragen en de doelstelling van je onderzoek o methodologie : hoe heb je het onderzoek aangepakt (gegevens verzamelen) o resultaten (technisch dossier) : vermeld alle relevante resultaten (wat vond je in de literatuur, patentsearch, productieprocessen, analyseresultaten, …) o discussie : geef je eigen mening, voor- en nadelen, duurzaamheidsaspecten o conclusie o bibliografie (APA richtlijn)

Inspiratietip : Chamilo-cursus « Kritisch denken en onderzoekscompetenties voor de bachelorstudent »

Het prototype Elke projectgroep maakt één prototype, klaar voor commercialisatie.

De poster Elke projectgroep maakt een poster waarin het product en het onderzoek wordt voorgesteld.

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3


Het reflectieverslag Elke student maakt een reflectieverslag op. Jullie dienen dit op papier in, aan de hand van een sjabloon dat terug te vinden is op Chamilo. De reflectie start met een individuele invuloefening van de Belbintest. Deze bepaalt op welk manier je in groep werkt en welke rol je hierin vervult. Het resultaat van je Belbintest wordt achteraan vastgeniet aan het reflectieverslag. Het reflectieverslag omvat volgende reflecties: 1 over jezelf en 1 voor 1 teamlid. Concreet doe je dit als volgt: Vul de Belbintest in en reflecteer (a.d.h.v. het profiel dat volgt uit deze test) over je eigen handelen en dat van één teamleden. (http://www.thesis.nl/testen/belbin/de-teamrollen-van-belbin/) Noteer de voornaamste rollen die uit de test komen bij jouw gekozen groepslid: bedrijfsman, brononderzoeker, plant, monitor, vormer, voorzitter, zorgdrager, groepswerker en specialist, met de procentuele verdeling erbij. Situeer jezelf ten opzichte van je team: toon a.d.h.v. een concreet voorbeeld (dingen die je effectief meegemaakt hebt) of jouw profiel uit de Belbintest al dan niet correct is. Situeer je teamleden in de groep: toon a.d.h.v. een concreet voorbeeld voor jouw gekozen teamlid (dingen die je effectief meegemaakt hebt) of het profiel van het teamlid uit de Belbintest al dan niet correct is. Vermeld zowel wat goed als wat fout ging en staaf dit met concrete voorbeelden. Zorg ervoor dat het verslag een duidelijk beeld schetst van je ontwikkelingstraject.

De presentatie Ter afsluiting zal een presentatie de gebundelde resultaten van het projectonderzoek weergeven. Hiervoor krijgen jullie 20 min spreektijd. Na de presentatie krijgen de lectoren de gelegenheid om enkele vragen te stellen en wordt de groep voorzien van een mondelinge feedback. Niet enkel het resultaat van de projectuitwerking, maar tevens de vormgeving van de presentatie en je houding tijdens de vragenronde worden hier beoordeeld. De criteria die een rol spelen bij de beoordeling van de presentatie worden achteraan weergegeven in de beoordelingsfiches. Zowel de groep als de individuele student krijgen scores.

6. De evaluatie In de loop van het project en op het einde evalueren de betrokken docenten samen met jullie het proces en de inhoud. Hierbij wordt in grote mate rekening gehouden met het traject dat jullie bewandeld hebben om de vooropgestelde competentie te behalen. De verantwoordelijkheid van je leerproces heb je tijdens het project bijgevolg grotendeels in eigen handen. Het opleidingsonderdeel “Project Smart Design” telt mee voor 7 studiepunten. Het totaal te behalen punten voor de uitwerking van de projectopdracht is 140 punten. De verdeling is als volgt: Proces: 50 punten, beïnvloed door PA-factor Projectvaardigheden (Vergadertechnieken en samenwerking team)

zelfreflectieverslag

oefeningensessies

Presentatie (inhoud en vormgeving)

10

10

10

10

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3

Presentatie (individueel, attitude en beheersing van het project) 10


Product: 90 punten Business & financieel plan 25

Dossier 25

Prototype 40

Peerassessment is een evaluatievorm waarbij de groepsleden elkaar een eerlijke score geven voor de vooropgestelde criteria. Deze vorm van evalueren heeft tot doel de student te laten meedenken over de sociale en communicatieve vaardigheden van zijn teamgenoot, alsook over zijn inhoudelijke inbreng. De score wordt omgezet in een PA-factor, die een invloed zal uitoefenen op de processcore die behaald wordt. Concreet wordt de PA uitgevoerd via de daarvoor voorziene software applicatie op Chamilo. Belangrijk is daarbij de opgegeven deadlines te respecteren.

Veel succes!

AJ 2019-2020

PBa Textieltechnologie MT3