Page 1

Blocqschrift

jaargang 12 nummer 2 - december 2011

in dit nummer o.a.: Jufferblocq: mannen met een missie Penningmeester met Blocqhart Naar Granville en Iles Chausey Rondzwerven met de Tooluka To Duplex or not to Duplex In ‘t zonnetje gezet Naar St. Petersburg Steigers klaar! Dutch invasion Veilig ankeren


COLOFON

WAT & WIE

BLOCQSCHRIFT is het verenigingsblad van W.S.V. DE BLOCQ VAN KUFFELER

DE COMMISSIES

REDACTIE Sonja van Meerlant Nel ten Camp Michel van Berkum Jos Werkhoven columns: Ted Jansen en Tom van Gool email: redactie@blocq.nl Blocqschrift verschijnt 3 maal per jaar WEBSITE: WWW.BLOCQ.NL websitebeheerder: Gert Kuik email: webmaster@blocq.nl

W.S.V. DE BLOCQ VAN KUFFELER Postbus 30061 1303 AB Almere HAVEN Oostvaardersdiep 20 1309 AA Almere Coördinaten I II 52°.25I.30,14II N, 5°.13 .39,49 O Havenmeester: 06 -27512497 BESTUUR Voorzitter: Peter Bergstein 0346 - 213886 email : voorzitter@blocq.nl Penningmeester: Ben Ackerman 035-5313470 email: penningmeester@blocq.nl Secretaris: Rolf Hartzuiker 035-6246379 email: secretaris@blocq.nl Leden: Frits Koehorst: commissies 1 t/m 6 0294 - 483233 Bert Jonker: commissies 7 t/m 13 035 - 5314381 LEDENADMINISTRATIE / WACHTLIJST Gerard Schoenmakers Krokusstraat 7 1338 TA Almere 036-5323910 email: wachtlijst@blocq.nl ledenadministratie@blocq.nl

1 EVENEMENTEN coördinator: Wim Holst 036 - 5214307 2 WEDSTRIJDZEILEN coördinator: Arie Harder 035 - 5411169 3 INTERNE COMMUNICATIE coördinator: Sonja van Meerlant email: r.v.meerlant@casema.nl 0297 - 283532 4 JEUGDZEILEN coördinator: N. de Wit Email: franic@tiscali.nl 5 BEHEER CLUBHUIS ‘DE BLOCQHUT’ coördinator: Rijk van Meerlant email: blocqhut@blocq.nl 0297 - 283532 6 ZELFWERKZAAMHEID coördinator: Rijk van Meerlant 06 - 30468858; 0297 - 283532 email: zelfwerkzaamheid@blocq.nl ONDERHOUD 7 EXPL. & BEHEER HAVEN coördinator: Frans ten Brink 06-50257592 email: havenmeester@blocq.nl 8 GEBOUWENBEHEER coördinator: Aad Bijzet 0294 - 412259 9 TERREINEN & GROEN coördinator: Karin Nelson 035 - 5313470 10 NATTE HAVEN (STEIGERS) coördinator: Lex van Bekkum 033 - 4790333 11 ELEKTRISCHE INSTALLATIE coördinator: Frans Scherpenisse 033 - 4948287 12 WATERINSTALLATIES coördinator: Roland van Loon 036 - 5223235 13 STORINGEN coördinator: Ton Nefkens

0172 - 408343 FINANCIELE ADMINISTRATIE: Ben Ackerman Noolseweg 21 1261 EA Blaricum ING bank Almere 067.85.98.177 t.n.v. BvK Email: administrateur@blocq.nl

2

SHANTYKOOR Zakelijk leider : Jan Kole 035 6947660


DIT NUMMER 4

In ‘t zonnetje gezet Vereniging

6

Naar St. Petersburg Zeilreis

10

Nieuwe redactie: wie neemt het stokje over? Vereniging

11

Veilig ankeren Ted Jansen, navigatiehoek

12

Naar Granville en Iles Chausey Reisverhaal

16

Ons water IJmeernieuws

18

Najaarstocht Vereniging

21

Jufferblocq: mannen met een missie Vereniging

22

Vuurwerk KNRM

23

Triple 8 Vereniging

24

Naar Noorwegen Zeilreis

27

Penningmeester met Blocqhart Vereniging

28

Dutch invasion Vereniging

31

To Duplex or not to Duplex Scheepstechniek

32

Rondzwerven met de Tooluka Vereniging

33

Steigers klaar! Vereniging

34

Rondje Atlantic Zeilreis

35

What’s in a name Vereniging

Crisis

REDACTIONEEL

De economische – financiële – Europese – euro – crisis heeft zijn nadelen. Als je baan op de tocht staat of je huis niet kunt verkopen terwijl je al een ander huis hebt gekocht, dan is dat heel vervelend. Als je je boot wilt verkopen en er is nauwelijks belangstelling, dan is dat een beetje vervelend, je kunt nog altijd varen. De crisis staat in het middelpunt van het nieuws. Economen spreken elkaar voortdurend tegen, maar over een ding zijn ze het roerend eens: onze materiële welvaart moet behouden blijven. Staat die materiële welvaart dan gelijk aan ons levensgeluk? Je kunt ook anders naar de crisis kijken. Iedereen weet ergens wel dat ons welvaartsniveau op gespannen voet staat met het duurzaam omgaan met de wereld. Wat minder afhankelijkheid van de materiële welvaart zou wel eens kunnen bijdragen aan meer duurzaamheid, misschien ook aan meer oog hebben voor zaken die dichter staan bij zoiets als levensgeluk. Vanuit deze optiek kun je de vraag stellen of het langer doorvaren met je oude vertrouwde boot niet veel gelukkiger maakt. Op de algemene ledenvergadering kwam een donker toekomstscenario van het Koninklijk Nederlands Watersport Verbond even aan de orde: 1/3 van de ligplaatsen van de jachthavens aan het IJsselmeer zou op termijn leeg blijven. Gevolg van de crisis. Als dat scenario al waarheid wordt (op de vergadering vroeg iemand al nuchter waar die boten dan blijven),dan is dat vervelend voor de vele commerciële havens, vervelend voor de investeerders van die havens, vervelend voor de banken. Vervelend perspectief voor de Blocq? Qua crisisbestendigheid scoort de Blocq heel hoog. Duurzaam zonder meer, kleinschalig, financieel onafhankelijk, voor en door leden, goedkoop. Bijzondere haven ook zo bezien! Bovendien, als het scenario al werkelijkheid zou worden, dan zou de belangstelling voor de Blocq misschien wel juist toenemen. Over lege plekken hoeven wíj ons dan niet druk te maken. In dit nummer geven wij de stand van zaken van een aantal bouwplannen in het IJmeer en het Markermeer. Deze plannen zijn onzeker geworden of gaan inmiddels niet door. De crisis heeft ook hier zo zijn voordelen: voor het behoud van de ruimtelijke en historische kwaliteit van het IJmeer en het Markermeer en voor natuurbehoud. Duurzaamheid. De wijze waarop we ons doorgaans over het water bewegen kun je toch zeker ook duurzaam noemen. In dit nummer veel verslagen van deze tochten en reizen: naar Engeland, Frankrijk, Noorwegen en St. Petersburg. Minder duurzaam is de opstelling van ons, de huidige redactie. Wij vinden het na 3 tot 4 jaar tijd worden het redactiestokje door te geven. Het lijkt ons goed voor de dynamiek van de vereniging als nieuwe redactieleden, met weer een andere stijl en andere ideeën, het stokje overnemen. Maar er is géén redactiecrisis! De redactie.

36

Evenementenkalender Vereniging Afbeelding voorkant: De Bintang (zie What’s in a name) tijdens de najaarstocht naar Muiden

Reageren? Mail ons: redactie@blocq.nl

3


ZELFWERKZAAMHEID

In ‘t zonnetje gezet Op de laatste ALV werd door het bestuur het voornemen ‘om vrijwilligers in het zonnetje te zetten’ gemeld. tekst: Sonja van Meerlant foto’s: Gert Reijmerink Dat gebeurde letterlijk en figuurlijk op 25 september jl. De zon scheen heerlijk, er was weinig wind en vanaf 16.00 uur vulde het terras zich met velen die door het bestuur uitgenodigd waren voor een gezellige bijeenkomst. Het ging om leden die volgens de voorzitter ‘de dragers van de vereniging zijn door als noeste werkers zich te onderscheiden van de gewone vrijwilligers en vele vrije uren offeren/offerden aan de Blocq van Kuffeler’. Het was een lange lijst geworden, zo zorgvuldig mogelijk door bestuur en coördinatoren samengesteld. Niet iedereen van de lijst kon aanwezig zijn, maar ongeveer 2/3 had de uitnodiging aangenomen, ruim 50 personen. Die zorgden voor een gezellige drukte op het terras. Vanaf het eerste moment was het een hartelijk weerzien met vele oudleden die zich in het verleden bijzonder hadden ingezet voor de Blocq van Kuffeler. Juist bij deze oudleden kwam het ‘Blocqgevoel’ weer helemaal terug. ‘Oud’ en ‘nieuw’ mengde zich zeer snel, het bestuur zorgde voor de drankjes en de cateraar van het lustrumfeest voorzag iedereen van een heerlijke Chinese maaltijd. In zijn toespraakje roemde Peter Bergstein de betrokkenheid van de aanwezigen die het begrip zelfwerkzaamheid zo’n bijzondere invulling gaven. Niet iedereen is in de gelegenheid om iets extra’s voor de vereniging te betekenen, maar er zijn altijd uitzonderlijke actievelingen. En voor hen was deze bijeenkomst georganiseerd als dank voor hun inzet en betrokkenheid. De ondergaande zon gaf het teken voor vertrek aan. De spullen werden opgeruimd, de leden uitgezwaaid en het bestuur keerde huiswaarts. Het initiatief van het bestuur resulteerde in een zeer geslaagd evenement. Werd dit in de enquête bedoeld met ‘nieuwe initiatieven?’ Dan is het bestuur van de Blocq zeker op de goede weg!

4


5


ZEILREIS

foto 1: Kaartje Fins Russische wateren

Dit jaar hadden wij een bijzondere vakantiebestemming: St. Petersburg in Rusland. Een uitdagende bestemming die wij gezamenlijk met 25 Nederlandse zeiljachten hebben bereikt. Ter gelegenheid van het 65 jarig bestaan organiseerde de Nederlandse Vereniging van Kustzeilers deze zeiltocht. Geheel op eigen houtje naar Sint Petersburg zouden wij niet snel doen, in verenigings-verband wel. Enkele leden zijn namelijk eerder met hun boot in Rusland geweest en hebben ervaring met de douane- en immigratieformaliteiten aldaar en met de verplichte vaarroutes in de Russische wateren. tekst: Henk van der Geest en Klaas Lusthof Spirit of Eden (box E-19)

De Kustzeilers formule Met z’n allen maar toch grotendeels apart van elkaar een prachtige zeiltocht naar St. Petersburg maken. Dat was de formule. De tocht met de Kustzeilers begon en eindigde bij de Fins Russische grens. (Foto 1) Iedereen voer op eigen gelegenheid daar naar toe en vertrok daar na afloop weer. Dat sprak ons erg aan, om niet gedurende de gehele tocht met andere deelnemers te moeten opvaren en telkens te overleggen over wel of niet uitvaren, over de volgende haven, etc.. Het programma van de Kustzeilers was als volgt: • woensdag 29 juni verzamelen in Hamina in Finland; • donderdag 30 juni vertrek vanuit Hamina en uitklaren in Santio; • vrijdag 1 juli aankomst in St. Petersburg; • zondag 3 juli – vrijdag 8 juli: cultureel/toeristisch programma, deels gezamenlijk, deels individueel; • Zaterdag 9 juli vertrek St. Petersburg, in Haapasaari in Finland inklaren, daarna op eigen gelegenheid verder. Om St. Petersburg per boot te kunnen bezoeken moet je een uitnodiging hebben. Dat werd door het voorbereidingscomité van deze Jubileumtocht geregeld. Het comité onderhield de contacten met Vladimir, de contactpersoon aldaar. Vladimir maakte ondermeer afspraken met de kustwacht en de douane- en immigratiedienst. Het comité zorgde voor een interessant cultureel programma in St. Petersburg.

foto 2: Met de ZW-wind schiet het lekker op

laatste week van juni besteden wij onze tijd in het scherengebied van de Finse Golf. ( Foto 3 ) Ook de moeite waard: mooie natuur en leuke historische havenplaatsjes. (Foto 4) Vanuit St. Petersburg en het Finse Haapasaari, waar wij inklaarden, gaat de terugreis via Estland en de Golf van Riga. Ventpils in Letland gebruiken we als vertrekhaven naar de zuidpunt van Gotland. Daarvandaan door naar de zuidpunt van Öland, de Zweedse zuidkust en door Denemarken naar Kiel. Een weergaatje met twee dagen

Heen- en terugreis We beginnen onze tocht op 21 mei en gaan binnendoor naar Lauwersoog en liggen een dag in Dokkum in afwachting van rustiger weer. Daarna zijn de weergoden goed gezind en verloopt de tocht voorspoedig met overwegend zuidwestelijke wind. (Foto 2) Via Denemarken en de Oost-Zweedse scherenkust bereiken wij de Finse Alands. In Helsinki hebben we een verwaaidag. Niet verkeerd, want Helsinki vinden wij een geweldige stad. De

6 foto 3: Spirit of Eden in de Finse scheren


foto 4± Het historische havenplaatsje Porvoo oostenwind gebruiken we om in één keer van Cuxhaven naar Makkum te varen. Op donderdag 4 augustus zijn wij terug in de haven van de Blocq van Kuffeler. Tijdens de terugreis hebben wij maar één keer een nacht doorgevaren. Dat was in de Duitse Bocht. In het noorden zijn de nachten kort en kan langer met licht worden gevaren. Zo hebben wij de oversteek van Letland naar Vändburg op de zuidpunt van Gotland, een afstand van 113 Mijl, met licht gevaren. Ontvangst door de stad Hamina De Nederlandse vloot zorgde voor een ware invasie in Hamina. De regionale krant besteedde ruim aandacht hieraan. Dat trok veel mensen naar de haven. Het leek wel Urk op zaterdagavond. En er ontstonden leuke contacten met enkele van oorsprong Nederlandse Finnen. De stad Hamina wilde deze Hollandse invasie niet ongemerkt voorbij laten gaan. We kregen een toeristisch programma, een rondrit door de haven (voor de grote schepen) en op het stadhuis een ontvangst door de burgemeester met borrel aangeboden. (Foto 5) De stemming zat er goed in. Op de eigen schepen werd er nog flink nageborreld. Een enkeling bezocht de sauna en daarna afkoeling in zee. De andere morgen, tijdens het palaver, werden de groepen, de vaarroute naar St. Petersburg en de tijdstippen

van vertrek voor de vijf groepen bekend gemaakt. Vladimir had namelijk met de autoriteiten afgesproken dat er vijf groepen van vijf of zes boten zouden worden gevormd. Deze groepen moesten met tussenpozen van twee uur bij de Sea Passengers Terminal in St Petersburg arriveren. Het inklaren van een grote groep zou zeker problemen opleveren. De indeling en vooral de route gaven aanleiding tot discussie. Het comité wilde de groepen in een vrij directe lijn naar Kronstadt laten varen. De weersvoorspelling was geen wind of een lichte wind vanuit het oosten. De verwachting was dus dat het gehele traject met de motor zou moeten worden gevaren. De meeste St. Petersburggangers wilden liever een kleine omweg langs Primorsk, achter een eiland langs, en minder over open zee varen. Ook bij een lichte tegenwind op open zee en golfslag kan de snelheid al behoorlijk teruglopen. Dit is zeker het geval met een gering motorvermogen. Het comité paste in overleg met Vladimir en de Russische autoriteiten de vaarroute naar wens aan. Gele Q-vlag We vertrekken in de middag vanuit Hamina naar het eilandje Santio voor het uitklaren. De Finse officials helpen ons snel aan het benodigde stempeltje en we kunnen door. Na het passeren van de Fins Russische grens hijsen veel leden de gastenvlag van Rusland. Wij en nog een deelnemer uit onze groep hijsen de gele Q-vlag om aan te geven dat de inklaringsprocedure nog niet is doorlopen. Pas als de Russische autoriteiten alle papieren in orde vinden, dan mag volgens ons pas de gastenvlag worden gehesen. Op kanaal 77 ontstaat hierover discussie en de handboeken worden erop nageslagen. De meningen blijven verdeeld en de groepsleiders beslissen dat iedereen de gastenvlag voert en niet de gele Q-vlag. Bij binnenkomst in de Russische wateren en dicht bij St Petersburg (Kronstadt) melden de groepsleiders ieder schip via de marifoon aan bij de Russische kustwacht. Dat verloopt soepel. De kustwacht had vooraf, via Vladimir een lijst met de scheepsnamen ontvangen. Er is geen scheepvaart op onze route. Pas op de rede van St. Petersburg zien wij de eerste grote schepen. De enige plaats waar we langs varen is Primorsk. Het is dan middernacht, er is voldoende licht, maar er valt weinig te zien. ‘s Avonds zijn we bezig met het fotograferen van onze boten met de prachtige spiegeling die in het vlakke water te zien is. (Foto 6) Het houden van twee uur afstand tussen de groepen kost enige moeite. Onze groepsleider had vooraf aangegeven dat hij 6,8 knopen een aardige snelheid vindt. De rest van de groep wilde een gemiddelde van 5,8 aanhouden. Uiteindelijk zitten we bij aankomst in St. Petersburg te

7 foto 5: Ontvangst op stadhuis van Hamina


ZEILREIS foto 6: Op weg naar St. Petersburg

foto 8: Afgemeerd bij de Sea Passengers Terminal dicht op de groep voor ons en moeten we de laatste uren de snelheid terugbrengen naar drie knopen. Bij het eiland Kronstadt gaan we door een nauwe passage. Enkele jaren geleden is er een kilometerslange dijk afgebouwd die St. Petersburg beschermt tegen hoogwater. Dit staaltje waterbouwkunde is met hulp van Nederlandse bedrijven tot stand gekomen. In de nauwe passage is een stormvloedkering aanwezig die lijkt op de kering in de Nieuwe Waterweg bij Hoek van Holland. (Foto 7) St Petersburg is in het verleden een aantal keren overstroomd.

Bij de douane en immigratie liep alles toch weer anders. De bootseigenaren werden in een klaslokaal gebracht. Op het schoolbord stond in volgorde de zes benodigde formulieren voor de douane en de zes benodigde formulieren voor de immigratiedienst. Sommige formulieren moesten in twee- of drievoud worden ingevuld. Twee Engels sprekende dames hielpen met het invullen en controleerden de verzameling formulieren. Daarna ging er de stapel formulieren naar de douaneofficial. Deze persoon was al snel het overzicht kwijt en splitste onze groep in twee groepen. Daarna moesten we ieder afzonderlijk naar de officials van de immigratiedienst. In een kantoortje zaten twee beambten voor de controle en het stempelen van het paspoort. Ik meldde me bij één van de twee, maar deze persoon stuurde mij weg. Hij had misschien andere werkzaamheden op dat moment. Toen mijn papieren door zijn collega werden behandeld heb ik natuurlijk goed gekeken en zag dat de beambte die mij wegstuurde een kwartierlang naar een zwart computerscherm zat te staren. De gehele inklaringsprocedure nam meer dan twee uur in beslag. De inklaringsprocedure is dus alleen maar een administratieve aangelegenheid. Bij de inspectie aan boord wordt gekeken of er nog andere (illegalen) personen zijn dan op de bemanningslijst. Controle op de drankvoorraad en drugs vindt niet plaats.

foto 7: Stormvloedkering bij Kronstadt

Russische bureaucratie Het in- en uitklaren in Finland was snel gebeurd. In Rusland was dat niet het geval. De vijf groepen arriveerden met tussenposen van twee uur bij de Sea Passengers Terminal. (Foto 8) Vooraf, via de email, hadden wij kopieën van onze paspoorten, visa en het eigendomsbewijs van de boot toegezonden. Dit om de inklaringsprocedure te versnellen.

8

Discohaven In de haven van de Central River Yachtclub was de week voor onze aankomst een nieuwe steiger neergelegd, waardoor er extra ligplaatsen waren bijgekomen. De ligging van de haven is gunstig: het centrum van St. Petersburg ligt op 15 minuten met de trolleybus. De haven grenst aan de noordelijke eilanden van de Nevadelta, een gebied met parken. Hier recreëren de Russen om het drukke stadsleven achter zich te laten. Ons bezoek valt in de periode van de zogenaamde “Witte Nachten”, het begin van de zomer. In de parken van de Nevadelta zijn in deze periode dagelijks een aantal openluchtconcerten en disco’s. Half zes in de ochtend sluit de laatste disco, maar


met oordoppen in slapen we hier doorheen. De Central River Yachtclub is een verzamelplaats voor de jetset. Zo’n vier of vijf keer per dag landt een helikopter naast de jachthaven om mensen naar hun boot te brengen. Andere schippers hebben niet de luxe van een eigen helikopter, maar moeten het doen met bijvoorbeeld een Lexus. De tegenstelling tussen rijk en arm is zeer groot. Wat opvalt is dat veel Russen goed gekleed zijn, ook degenen die minder verdienen. Gebouwen zien er dikwijls verwaarloosd uit. Zo straalt het restaurant van de jachtclub van binnen luxe uit. Maar de buitenkant van het gebouw laat het beeld zien van afgebrokkeld beton omgeven door weelderig onkruid. Russische logica Tijdens het verblijf zijn er drie gezamenlijke activiteiten georganiseerd. De eerste toer onder leiding van een goed Nederlands sprekende Russische gids voert ons door het Winter paleis en de andere gebouwen van de Hermitage, met de vele kunstverzamelingen. (Foto 9) Het tweede uitstapje is een bustoer langs de meest bijzondere plekken in de stad. Aansluitend is er een ontvangst geregeld bij het Nederlands Consulaat met een lezing onder genot van een borrel. Tot slot is er een boottocht door St. Petersburg met aansluitend een diner. Verder treffen wij de andere zeilers bij de dagelijkse “BYO” steigerborrel. De steigerborrels zijn erg gezellig en een prima gelegenheid om ervaringen uit te wisselen. De overige dagen gaan we zelf op stap. En dat is een hele ervaring: er zijn bij openbare gelegenheden nauwelijks of geen aanduidingen in het Engels. Zo nemen wij de elektritsjka trein naar Pavlovsk, de landgoederen die Catharina de Grote schonk aan haar zoon Paul. Op het station zijn alle borden met vertrektijden en bestemmingen in het Russisch. Bij het loket wordt ook geen Engels

gesproken. Met handen en voeten maken wij duidelijk dat wij naar Pavlovsk willen. Maar hoe laat gaat de trein naar Pavlovsk? Over anderhalf uur werd ons duidelijk gemaakt. Later komen we er achter dat er elk kwartier een trein gaat. De kaartverkoopster had alleen de vertrektijd van de trein opgeschreven die Pavlovsk als eindbestemming had en niet de treinen die wel in Pavlovsk stoppen maar een andere eindbestemming hebben. Dat is Russische logica. Op eigen gelegenheid reizen ging overigens heel goed. Zo heeft St. Petersburg een goed metronetwerk. Door de “restricted areas” Voor de terugreis heeft het comité nieuwe groepen gemaakt en rekening gehouden met de gewenste vaarsnelheid. Wij zijn ingedeeld in de laatste groep van zes schepen. Het uitklaren neemt ruim tweeënhalf uur in beslag. Nadat we Kronstadt achter ons hebben gelaten hebben we overleg met elkaar over de route naar Haapasaari. Jachten moeten een route volgen pal (binnen een mijl) langs de route voor grote schepen en mogen niet de “restricted areas” komen. We besluiten echter in een directe lijn te varen en de aanloopboei bij Haapasaari als waypoint te nemen. We hebben niet veel zin in die extra mijlen. We horen het wel als het niet goed is. Onderweg – midden in de nacht – hebben we één marifooncontact. Gelukkig niet met de kustwacht over de route die wij volgen, maar met een grote olietanker afkomstig van Primorsk. Wij kruisen zijn vaarweg vanuit Primorsk en worden opgeroepen. De gezagvoerder van de tanker zag zes stipjes op zijn radarscherm en vroeg zich af of we elkaar in de weg zaten. Het blijkt dat we nog vlak voor hem langs kunnen. Bij aankomst in Haapasaari worden alle schepen ingeklaard. Binnen een mum van tijd is dat gebeurd. Een goed voorbeeld voor de Russische douane en immigratie dat het ook sneller kan! Met eigen boot naar St Petersburg, een aanrader? De kennismaking met St Petersburg over het water was een unieke ervaring. Dat maak je niet mee als je met een vliegreis gaat. St Petersburg is als stad erg de moeite waard. Voor wat betreft het zeilen is het wel jammer dat je in de Russische wateren een vaste route op een vooraf geplande dag moet volgen en dat de boot alleen mag liggen in de jachthaven waarvan je een uitnodiging hebt. Als die dingen en ook het in- en uitklaren in de toekomst nog wat verbeteren, is een zeiltocht naar St Petersburg zeker een aanrader!

9 foto 9: Kustzeilers voor de Hermitage


VER WEG VERENIGING

Een nieuwe lente – een nieuwe redactie

Wie neemt het stokje over?

De huidige redactie van het Blocqschrift, Sonja van Meerlant, Jos Werkhoven, Michel van Ber-kum en Nel ten Camp, maakt nu zo'n drie tot vier jaar dit verenigingsblad. Het is altijd leuk om dit blad te maken, maar hetzelfde team moet het niet tot in lengte van jaren blijven doen, vinden wij. Bovendien spelen drukte en andere prioriteiten mee. Het lijkt ons goed voor de dynamiek van de vereniging als een nieuwe redatieploeg, met weer een andere stijl en andere ideeën over de inhoud, het stokje overneemt. Daarom onze vraag: wil jij je zelfwerkzaamheid de komende tijd invullen door deel uit te maken van een nieuwe redactie? Het kost je verspreid over het jaar een aantal avon-den en tussendoor wat telefoontjes, een keer een interview

10

enzovoort. Het blad verschijnt drie keer per jaar. Je kunt veel creativiteit kwijt, je hebt als redactie veel vrijheid. De redactie werkt onafhankelijk. Het is geen blad van het bestuur. Er is uiteraard wel altijd ruimte voor het bestuur in het Blocqschrift. Een handige drietraps formule voor de samenstelling van de redactie vinden wij: 1. Een of twee leden die veel contacten hebben binnen de vereniging en veel leden kennen. Zij hebben vooral de taak leden te benaderen, afspraken te maken over bijdragen en soms leden – en ook het bestuur - achter hun broek zitten om de bijdragen binnen te krijgen. 2. Leden die het leuk vinden met de binnengekomen kopij en zelf gekozen onderwerpen een gevarieerd blad in elkaar te zetten en artikelen

te redigeren. 3. Leden die het digitaal werken aan de opmaak en de fotoverwerking leuk vinden. Met de moderne software is dat niet moeilijk.

Lijkt het je wat? Meld je aan als belangstellende. Stuur een mailtje naar redactie@blocq.nl Wil je meer weten? Neem contact op met: Sonja van Meerlant 0297 283523 Jos Werkhoven 035 6564636 Michel van Berkum 030 2515676 Wij zijn uiteraard bereid de nieuwe redactie verder wegwijs te maken en in te werken.


TED JANSEN

UIT DE NAVIGATIEHOEK

Veilig ankeren met boeireep of neuring ankerboei

In een van de laatste nummer van de Waterkampioen (nr. 18/2011) heeft u een artikel over het ankeren kunnen lezen. Een goed verhaal over het al dan niet financieel genieten achter het anker. Dat het ankeren kennelijk een grote vlucht gaat nemen kon u ervaren in het fraaie laatste weekeinde van september. In de kom van de BvK lagen meer dan twintig schepen voor anker. De meeste schepen hadden zoals het hoort allemaal een ankerbal gehesen, maar bij niemand zag ik een ankerboeitje drijven. Na dit verhaal zullen de ankeraars er nog wel eens aan terug denken. Het was een heerlijke zomer toen we voor anker gingen in de baai van het eiland Sark (Kanaaleilanden). Het was lekker druk en de daar voor de toeristen neergelegde boeien waren allemaal bezet. In onze directe omgeving kwam een medelid (NVvT) liggen om samen met zijn vrouw met de bijboot Little Sark te gaan verkennen. Ondertussen zouden wij hun schip wel in de gaten houden. Tot hun terugkomst ging alles goed. Toen onze buurman weer ankerop wilde gaan om de nacht op Guernsey door te brengen ging het

fout. Al snel bleek dat anker onklaar was geraakt doordat hij zijn anker over de ketting van een andere passant was vast komen te zitten. Nu is dat probleem wel op te lossen door beide ankers gelijktijdig te lichten, maar ook toen bleek dat een hele hijs. En zodra beide ankerlijnen of kettingen boven water komen is het de bedoeling om één van de lijnen te borgen en de andere lijn/ketting weer te laten zakken. Wat er dan heel vaak gebeurt (en dat gebeurde ook toen) is dat de lijnen of kettingen plotseling 'langs elkaar' wegglijden. En de schipper die net twee ankers 10 meter omhoog heeft getild, wil ten koste van een herhaling voorkomen dat beide ankers weer zakken, en houdt 'zijn' ketting met de hand vast. Het gevolg is het klemlopen van een of meerdere vingers. Ik zal u de details besparen maar het werd voor ons nog een hele klus om de zaak te klaren en de schipper met zijn verwondingen naar Guernsey te varen. Had dit voorkomen kunnen worden? Ja, en wel door twee zaken die in elkaars verlengde liggen. Als iedereen ook een ankerboeitje gebruikt, is het gemakkelijk om te zien waar de ankerlijn van een buurman loopt. En als we zo'n

neuring

ankerboeitje gaan gebruiken doen we dat door middel van een NEURING of BOEIREEP. Dit extra lijntje – 6/8 mm is ruim voldoende – halen we door het tweede oog op het anker (ja, 'onderaan' uw anker zit ook een oog) en knopen een klein ankerboeitje aan het einde van de lijn. We voeren gewoon de bekende ankermanoeuvre uit (stilliggen t.o.v. de grond) en zien dat als we deze hulplijn aanhalen dat het boeitje precies boven het anker drijft. Op getijdewater kunnen de lijn nog periodiek aanhalen of vieren ook. Maar nu komt de belangrijkste functie van de neuringlijn: mocht het anker door wat voor reden onderwater 'onklaar' zijn geraakt, dan is de oplossing veilig en eenvoudig. Door vanaf onze boot de neuring binnen te halen, zal eerst de ankerboei onderwater worden getrokken tot deze bij het tweede oog aan het anker is aangekomen. Door nu de neuring door te halen zal het anker 'kiepen' en de bladen of vloeien zullen onder het obstakel uit worden getrokken. Vervolgens kan het anker met de gewone ankerlijn of ketting binnen worden gehaald.

11


REISVERHAAL

Naar Granville en Iles Chausey, “Een echt vaarplan hadden we dit jaar niet, maar één ding stond vast: een week aan de boei op Iles Chausey. Daar waren we 10 jaar geleden ook geweest en we wilden heel graag terug naar die geweldige verzameling van rotsen en eilandjes, waar we ons Robinson Crusoë waanden.” Een gedetailleerd verslag. Sonja en Rijk van Meerlant

tekst: Sonja van Meerlant foto’s: Sonja en Rijk van Meerlant

Overal rotsen

We besloten om naar Granville te varen en vandaar naar Iles Chausey. Enig rekenwerk is nodig vanwege het grote getijverschil. De sil van Granville is open 3 uur voor HW, dan staat er 1.40 m., voor Subito met een diepgang van

Le Loup voor granville

12

1.80 m. te weinig, maar 2 uur voor HW kunnen we zeker naar binnen. Vrijdag 1 juli vertrokken we op motor en zeil vanuit St. Petersport op Guernsey om 8.00 uur ’s morgens, geschatte

aankomt 19.00 uur Granville. Ten zuiden van Jersey tijdens een noodmanoeuvre voor een vispotje zagen we plotseling de vin van een grote vis, even later de hele rug van een tuimelaar. De zee was aanvankelijk ‘un peu agitée’, later ‘calme’, de wind viel geheel weg. Door de sil De route liep ten noorden van plateau des Minquiers naar de oostkardinaal Minquiers,dan via kardinaal Les Ardentes,ten noorden van Iles Chausey, naar de kardinale ton Anvers. We zagen een wirwar van grote bakens, maar geen kardinale ton Anvers. Plotseling dook het geel zwarte teken op en bleek de doorgang tussen Le Fournet en Anvers vele malen groter te zijn dan gedacht, tot grote opluchting van de schipper. Ook de ondiepte van 1.3 m. was nergens te bekennen, er stond al ruim 5 meter water en het was nog 3 uur voor HW. De wind wakkerde wat aan en in een


, de fascinatie van eb en vloed rak werd Granville aangevaren. Op de kaart is het een spannende aanloop, om ons heen voeren Franse boten kris kras en stoorden zich aan geen enkele kardinale ton. De grote rode ton Le Loup voor Granville is van verre te zien, er stond meer dan 14 m. dus we durfden met volle kracht richting kust te varen. Moeilijk te geloven dat de strook pal voor de kust geheel droogvalt. Koers pal Le Loup, dan koers houden, vervolgens 90 ° blijven doorvaren, Avant Port bakboord laten en richting gele paaltjes, die de sil markeren, bij de pieringang bakboord uit en naar binnen door het “poortje”van de sil. Op een groot elektronisch bord op de pier staat de waterhoogte aangegeven. Wij kwamen 2 uur voor HW binnen en de hoogte was 4.4. m. Op HW zou dit zijn 6,9 m. De havenmeester wees ons een box aan en om 18.45 uur lagen we na 55 mijl afgemeerd in Port de Plaisance De Herel. We hadden flinke tegenstroom gehad en pas het laatste deel stroom mee. Bij de captainerie Wifi laten registreren en met een glaasje wijn genoten we heerlijk in de zon van de binnenkomst van de vele Engelse (motor) boten. Het weekend was aangebroken. Zaterdag 2 juli Mooi zonnig weer, ideaal om de stad te verkennen. De haven ligt in de stad, alles is op loopafstand bereikbaar. Op zaterdag is er markt in het centrum en is de overdekte markt ook geopend. Er is een enorm aanbod van verse vis en allerlei soorten schelpdieren. We moesten fourageren voor ons verblijf op Iles Chausey. Supermarkt Super U is in de grote straat naar de jachthaven en beladen met levensmiddelen gingen we terug aan boord. Verhongeren doe je zeker niet in Granville. Op de kade bij de jachthaven zijn enige leuke restaurantjes die omstreeks het middaguur al zeer vol zijn. Na de lunch maakten we een heerlijke wandeling naar de pier, een enorm verstevigd bouwwerk, waar in het droogvallende

gebied vele Fransen bezig waren met de pêche à pieds: met een groot net werd alles wat over de grond scharrelt of op de grond ligt , opgevist en in heen tas op de rug gestopt. We liepen terug richting Bassin de Commerce, over de sluis waarvan we het bord “verboden voor voetgangers”, net zoals de Fransen, niet zagen. Langs de kade lagen enige houten driemast-

Notre Dame op achtergrond erster ter restauratie In de fraaie expositieruimte werd de geschiedenis van de visserij van Granville getoond. Inmiddels was de hele voorhaven drooggevallen en liepen we richting boot. We waren zeer benieuwd hoe snel het water steeg. Omstreeks half tij lagen er al vele kleine bootjes te wachten. De sil was nog geheel zichtbaar maar tussen 4 – 3 uur voor HW kwam de vloed ontzettend snel opzetten. De havenmeester voer als eerste over de sil heen, toen er op het elektronische bord 1.4 m. aangegeven stond, 3 uur voor HW. Het werd een drukte van belang met binnenvaren, allemaal keurig tussen de tonnen. Zou er soms een camera op de staken staan? Het bord gaf als hoogste stand 7.4 m. aan. Er voeren vooral vele Engelse motorboten uit Jersey naar binnen, duidelijk weekend! Zondag 3 juli Super U is zondagmorgen tot 13.00 uur geopend, evenals de slager. Ideaal voor de laatste inkopen. De bakker bleek zelfs de hele zondag open te zijn! Na de lunch met “moules frites” wilden we de bovenstad,Le Roc, bezichtigen. Een leuke wandeling met vooral vanaf de vuurtoren een prachtig uitzicht over zee en droogvallende kust. De “haute ville”

kon ons niet erg bekoren, saaie rechte straten, toch nog even de Notre Dame bezichtigd, maar daarna snel terug naar de benedenstad. Het museum van Christiaan Dior met zijn mooie tuin bewaren we voor een volgend bezoek. We waren erg nieuwsgierig hoe de binnenkomst op zondagavond zou verlopen. Er lagen al minstens 20 bootjes te wachten. Nauwkeurig bekeken we de waterstijging : in een uur bijna 3 m. Het werd een onafzienbare stroom van boten die binnenvoeren, volgens de schipper zeker 300 , weer allemaal keurig door de ingang bij de sil. Slechts één Nederlandse boot voer binnen, de rest allemaal locals. Kwamen de schepen allemaal van Iles Chausey? Maandag 4 juli Twee uur voor HW losgemaakt en eerst naar de dieselpomp. We verbaasden ons over de Franse mentaliteit: schipper Rijk voer achteruit naar de pomp, weinig manoeuvreerruimte. Aan de pomp lag een snelle motorboot, al volgetankt, want er werd afgerekend. Het duurde even, de bagage moest aan boord gebracht worden, daarna wilde

Le Sound de Fransman ook nog zijn navigatie apparatuur monteren. Dit vond de pompbediende te gortig, hij maakte een opmerking, waarna de Fransman “Sorry!” riep en vertrok. Alsof hij ons niet gezien had! We knikten maar eens vriendelijk. Er stond geen wind, op de motor NW de 8 mijl naar Iles Chausey. We maakten gebruik van de kaartjes in de Shellpilot en de Reeds, want de digitale kaart was niet duidelijk.

13


REISVERHAAL trailerhelling

Vanuit het zuiden komend is Pointe de la Tour, het vuurtorengebouw, goed te zien evenals de belangrijke groene boei en de 3 oostkardinalen bij de ingang van Le Sound. Daarna wijst de weg vanzelf, we voeren in het midden tussen de oost en west kardinaal . Aan bakboordzijde ligt de aanlegsteiger voor de veerpont vanuit Granville. Alleen 3 palen staken boven het oppervlak. Met een flinke stroom mee voeren we Le Sound in op weg naar de boeien, precies op HW met ruim 12m. water onder de kiel. Iets voor de hoogte van de semafoor op de wal maakten we vast aan een Engels schip. Dat deden we op de Franse manier: eerst de boot vast, dan met de bijboot de lange lijnen door de witte spitsvormige visitors-boeien. een lijn voor en een achter . Helaas konden we onze Zweedse haak niet gebruiken: het oog van de boei is te klein om de stalen haak er doorheen te halen. Het was vergeleken met 10 jaar geleden beduidend drukker. Ook waren er meer huisjes bijgebouwd, maar de rotsen Toch te weinig water

14

staken nog steeds schilderachtig boven water. “s Middags gingen we met de bijboot en afnemend water de noordelijke uitgang verkennen. Iles Chausey bestaat uit een groot eiland, Grand Ile Chausey en daarom heen een hele verzameling kleine eilandjes. Alleen Grand Ile Chausey en een paar kleine eilandjes zijn bij vloed te belopen. We wilden een oestermaaltje bijeen schrapen, maar helaas, er was geen oester en mossel te bekennen. Dat was 10 jaar geleden heel anders. We trokken het bijbootje op het strand en maakten een wandeling bij Le Chapeau Het eilandje staat bij vloed geheel onder water, bij eb is het een maanlandschap omgeven door zand en zeer helder water. Na een half uur moesten we het bootje een heel eind naar de waterlijn sjouwen, zo snel daalde het water. We motorden richting het enige hotel en winkel van het eiland. De bunker waaraan we 10 jaar geleden onze bijboot vastknoopten, lag er uiteraard nog. Het hotel was als vanouds, maar de winkel was bijna een complete supermarkt met bakkerij geworden. We liepen langs het reddingsstation en bekeken het weerbericht en uiteraard het bord met de waterstand. LW om 17.15 uur! We kregen het een beetje benauwd, stond er wel genoeg water voor de Subito? Eigenlijk niet. We kwamen 40 cm. te kort! Uiteindelijk bleek dat er bij LW 1.4 stond, de boot bleef rechtop.

Subito aan de boeien

Van 13.30 uur tot 17.15 uur was het niveau maar liefst 7 m. gedaald. De waterplanten stroomden om 17.20 uur nog in de ebstroom, maar 5 minuten daarna waren ze gedraaid en begon de vloed. Om 22.30 uur stond er 12.4 m. en hadden we nog steeds het idee in een snelstromende rivier te liggen en dat met nog een half uur voor HW. Het eblandschap is werkelijk fascinerend, enorme rotspartijen, zandstranden er tussen in en 6 uur later is alles verdwenen. Vol spanning gingen we de nacht in: LW is nog 20 cm lager. Om die reden vertrok om 20.00 uur, 3 uur voor HW , de Engelse buurman alvast richting Jersey via de noordelijke ingang. Met 6 m. water kan die bevaren worden. We genoten van de heerlijke rust en de schitterende zonsondergang, weerspiegeld in het water tussen de rotsen. De weervoorspellingen beloofden voor dinsdag regen en wind en voor woensdag windkracht 7 ! Dat betekent helaas vertrekken! Morgen is om 5.30uur LW, we zullen omstreeks 9.30


uur vertrekken dan staat er zeker voldoende water om over de ondiepte heen te komen. Daar valt het bijna 5 meter droog! Dinsdag 5 juli Prompt om 5.00 uur werd ik wakker, hoe houdt de boot zich? Die hield zich keurig, gewoon rechtop, toch wat weggezakt in de blubber? Het uitzicht Ingang van Le Sound

was prachtig bij zonsopgang, nog heerlijk stil slechts het geluid van enige sterntjes en meeuwen. Om 9.30 vertrokken we met spijt in ons hart. De dieptemeter wees 10.1 m. aan na 3 ½ uur LW. Op de ouderwetse manier met potlood in de hand om de kardinalen af te strepen voeren we door de noordelijke uitgang. Dat durfden we 10 jaar geleden niet! Varend tussen de oost- en westkardinalen, de twee witte bakens Le Chapeau en La Massue hielden we bakboord, evenals de eerstvolgende 2 oostkardinalen, dan naar de westkardinaal die duidelijk te zien was en aan bakboord de volgende

oostkardinaal die La Grande Entrée markeert Het grote zwart witte baken L’Énseigne bleef steeds stuurboord. We waren inmiddels al in dieper water gekomen, trouwens het ondiepste deel dat bijna 5 meter droogvalt ligt voor Le Chapeau, daar stond bij doorvaart nog altijd 6 meter water. Er moest goed uitgekeken worden voor de vele visstaakjes, vooral als er een ondiep deel aankwam. Visstaakjes, bolletjes half onder water,maar ook stukken zeewier met visdraad erin bezorgen ons rillingen. In Dieppe zat zeewier met visdraad in de schroef en moesten twee duikers dat eruit halen! Het zeil werd gezet, maar de windsnelheid was nihil, motor bij, de lucht ging betrekken en langs de twee grote oostkardinalen, de eerste Les Ardentes, de tweede NE Minquiers was de koers gezet. Op de heenreis stak het Plateau des Minquiers nog boven water uit, nu was er niets van te zien. St. Hellier naderde en ook een enorme regenbui. In een plensbui voeren we na 23 mijl om 13.30 uur rechtstreeks de Marina binnen, keurig op tijd, een uur later was de sil gesloten. Een groter contrast tussen St. Helier en Iles Chausey was niet denkbaar, ondanks de veranderingen in de afgelopen 10 jaar. Toen was het op Iles Chausey heel stil, nu beduidend drukker. We lazen dat 200.000 mensen per jaar het eiland bezoeken om te genieten van vogels en het spel van eb

en vloed. Iles Chausey, een eiland zeker de moeite waard Wel in het voorseizoen en niet in het weekend. Dan komen de boten uit St. Malo en Granville. Aan de gratis boeien mogen niet meer dan 3-5 boten liggen, ik vraag me af hoe dat in het hoogseizoen gaat! Nu telden we al 8 Franse boten aan een boei voor ons! Heel jammer dat we zo snel moesten

Peche a pieds vertrekken. Met windkracht 7-8 is Iles Chausey niet de goede plek, er is geen enkele beschutting. Met mooi weer in het voorseizoen zouden we er weken willen liggen om vooral te genieten van de prachtige omgeving en het enorme getij verschil, waarvan ik maar geen genoeg kan krijgen! Misschien volgend jaar nog eens?

Zonsondergang in Le sound

15


ONS WATER De economische crisis maakt tal van plannen onzeker, ook de plannen die gevolgen hebben voor ons water: het IJmeer en het Markermeer. De crisis heeft dus zo zijn voordelen voor de voorstanders van het behoud van de ruimtelijke en historische kwaliteit van het IJmeer en het Markermeer. Naar de verbetering van de waterkwaliteit wordt inmiddels wel onderzoek gedaan. De stand van zaken. Michel van Berkum nijpender. Amsterdam heeft officieel nog de ambitie het aantal kantoren met een miljoen vierkante meter uit te breiden. Maar erkend wordt dat er weinig van terecht zal komen.

De IJmeerverbinding

IJburg 2 onzeker

Van de plannen van Amsterdam voor het bouwen in het IJmeer is de eerste fase – IJburg 1 uitgevoerd. IJburg 1 is gebouwd in het water aan de rand van het IJmeer, IJburg 2 schiet veel verder het IJmeer in. Maar de uitvoering is onzeker. De gemeente Amsterdam heeft het besluit uitgesteld. In het voorjaar 2012 valt nu misschien het besluit over de uitbreiding met IJburg 2.

Als IJburg 2 niet door gaat heeft Amsterdam 8,4 miljoen verspild met de aanleg van een 'proefeilandje' voor de uitbreiding. Vorig jaar is de vijf hectare (een kleine vijf voetbalvelden) in zes maanden aangelegd, op de plek waar de brug naar het nog op te spuiten 'Middeneiland' zou moeten komen. IJburg lijkt het slachtoffer te worden van de misère op de woningmarkt. Op de kantorenmarkt is de situatie nog

De crisis krijgt ook vat op de schaalsprong die Almere wil maken en daarmee op de omstreden IJmeerverbinding tussen Almere en Amsterdam. De Noordelijke Randstad stond voor een aanzienlijke woningbouwopgave, die voor een belangrijk deel door Almere zou worden ingevuld. Daarmee zou het inwonertal tot 2030 bijna verdubbelen tot 350.000. Maar alles is nu onzeker. Zonder goede IJmeerverbinding geen schaalsprong, heeft Almere altijd gesteld. In 2012 wil het kabinet de knoop doorhakken over de miljardeninvestering voor de IJmeerverbinding. Inmiddels zijn er goedkopere alternatieven voor de IJmeerverbinding, zoals de veel oostelijker gelegen treinverbinding.

Laatst e om in h nieuws: de p lannen et IJme er villa’s v te bou wooneiland an Almere wen g en met door. O aa d v neemt er de nieuw n definitief ure e het ka niet IJmee binet e ind 201 rverbinding 2 een b esluit.

16


slibgehalte. Daarna wordt de luwtestructuur weer verwijderd en kunnen we weer ongehinderd van Hoorn naar Edam / Volendam zeilen.

Luwtestructuur Het IJmeer en Markermeer kampen al jaren met achteruitgaande ecologische kwaliteit. De Werkmaatschappij Markermeer-IJmeer, een samenwerkingsverband van rijk en provincies, werkt plannen uit om de ecologische waarden te verbeteren. Verbetering van de ecologische waarden is weer een argument om te gaan bouwen en wegen aan te leggen in het Markermeer. De club van provincies en rijk is namelijk gericht op een “drievoudige ambitie op het gebied van natuur, bereikbaarheid en verstedelijking”. Vanaf augustus konden we al wat merken van deze club. Rijkswaterstaat is augustus 2011 gestart met de aanleg van een tijdelijke luwtestructuur in het Markermeer. De luwtestructuur, die bestaat uit een damwand, is een proef waarmee wordt gekeken hoe de waterkwaliteit kan worden verbeterd.

relatief eenvoudig, snel en goedkoop is aan te brengen en verwijderen. Goed zichtbaar De damwand is ongeveer 1800 meter lang en ligt ca. 200 m uit de kust bij Warder, tussen Hoorn en Volendam. De luwtestructuur is goed zichtbaar voor de scheepvaart. Hij is verlicht en voorzien van een doorlopende reflecterende strip. Daarnaast is het gebied rond de damwand afgezet met boeien die het verboden gebied afbakenen. Op de oever staan borden om ook daar de waterrecreant op het scherm te attenderen. De damwand was half september van dit jaar klaar. Tot eind augustus 2012 wordt gemeten wat de effecten van de damwand zijn op het

Minder slib De proef is onderdeel van het onderzoeksprogramma Natuurlijker Markermeer – IJmeer. Hierin onderzoekt Rijkswaterstaat maatregelen die de ecologische kwaliteit van het Markermeer en IJmeer duurzaam verbeteren. Om de waterkwaliteit te verbeteren is het bijvoorbeeld nodig dat het slibgehalte in het water afneemt. Rond het tijdelijke scherm wordt een jaar lang gemeten wat de invloed is van de luwtestructuur op het slibgehalte. Een luwtestructuur kan bestaan uit verschillende vormen en materialen, zoals klei, zand of stenen. In deze proef wordt een stalen damwand gebruikt omdat deze

17


NAJAARSTOCHT Duizenden bliksemflitsen kronkelen langs een aardedonkere achtergrond en maken een mooie show. Het is een spectaculair en vurig slot van de eerste dag van onze najaarstocht naar Muiden. Vanaf het donkere water kijk ik recht door mijn bootluik op het imposante Muiderslot, wat groots en hel verlicht afsteekt tegen de omgeving....... tekst: Jan Moro foto’s: Gert Reijmerink

Terwijl ik met mijn ogen de zwarte jagende wolken vol met buien volg, blijf ik steken bij drie kromgetrokken masten met ra's die wanhopig priemend ten hemel wijzen. Aan de bovenste ra nog restanten en flarden van wat eens een hagelwit zeil was. Moe en uitgezeild ligt daar tegen de graskant met wat riet, scheef weggezakt, de eens zo fiere Driemast Barkentijn Elisabeth Smit. Zij neemt nu ook deel aan het decor en het schouwspel van wat de natuur ons biedt: de vele elkaar supersnel opvolgende bliksemschichten. Later zullen we horen en lezen dat er 800 ontladingen per vijf minuten plaatsvonden. Politiekorpsen in de regio's Zeeland, Rotterdam en Utrecht, waar de regen en hagel het ergste waren, meldden tientallen vooral kleinere gevallen van wateroverlast, stormschade, omgevallen bomen en beschadigde auto's. Het KNMI had voor een groot deel van het land code oranjevoor zeer extreem weer-afgegeven. Aan de kust werd lokaal hagel gemeld van fors formaat kiezelsteen. En in het Zuid-Hollandse dorp Ameide werd van een boerderij het dak afgerukt, door een kleine windhoos. Maar de 21 zeiljachten met schippers en bemanning waarmee wij van de BvK als gast hier afgemeerd liggen in de KNRZV blijft

18

bovenstaande narigheid bespaard en in alle rust gaan wij langzaam aan onze kooi opzoeken. Terug nu naar hedenmorgen tijdens onze start. We noteren de natste zomer sinds één eeuw. De laatste dagen striemende buien en bakken water die uit de hemel vallen. Varen was er niet bij, maar nu...de zon op zaterdag en palaver in de Blocqhut met een kopje verse koffie en allerhande koekjes waarvan de krakeling favoriet is voor mij. We luisteren onder veel geroezemoes naar de laatste tips en goede raad: denk aan je vlag in Muiden! Er volgt een vrolijke opmaat van landvasten die los gaan en klapperende zeilen van zeilers onder elkaar die weten hoe je samen een feestje gaat bouwen. Ruim twee uren zeilen we over een zonovergoten IJsselmeer met op verschillende plaatsen zeilwedstrijden waarvoor over de marifoon regelmatig aandacht wordt gevraagd, ook aan de beroepsvaart, om wat ruimte te geven. Aangekomen in Muiden worden we door een vriendelijke havenmeester ontvangen en naar wens gestapeld of naar een box toegewezen. Nadat ieder zijn plekje gevonden heeft is het tijd geworden om te lunchen omdat we om 14.00 uur verwacht worden voor onze wandeling richting Muizenfort. Er zit geen zetfout in dat laatste woord, het moet ontstaan zijn door de vele muizen die door het stro en de strozakken van de soldaten kropen. Of anders de honderden soldaten met hun grijze uniformen die leken op muizen..., we zullen dat nooit weten. Wat men wél weet uit die tijd wordt ons verteld en getoond door rond te lopen in de loopgravenstelsels van het Muider Muizenfortmuseum, een onderdeel van de waterlinie. Je kunt er proberen hoe het voelt om een geweer


ogen weer open en worden de gesprekken en samenscholingen op de boten opgeheven. Na veel gezelligheid wordt het nu zaak ook aan de inwendige mens te denken, het bevaren van ruime wateren met een zeiljacht stelt ook eisen aan voeding van het scheepsvolk. Daarom heeft onze evenementencommissie in haar grote wijsheid besloten de Piet Hein kamer te reserveren op de eerste verdieping van de KNZ&RV alwaar we kunnen genieten van een zeer voedzaam “captain's diner�. Eenmaal aangekomen bij onze eetkamer blijkt het balkon/terras er om heen meer aantrekkingskracht uit te oefenen vanwege uitzicht, zonnetje en heerlijke temperatuur. Dus schuiven we wat met stoelen van binnen naar buiten, en de tafels aan elkaar, en hebben we het naar ons zin. We sluiten aan in de rij voor het lopend buffet om ons bord te vullen met bruine bonen, gebakken aardappeltjes, spek, worst, kotelet, bacon, piccalilly, augurkjes, zilveruitjes, en gebakken ui. Het wordt allemaal te richten op de vijand, en via een verbindingsgang met het uit 1874 daterende bakstenen fort een kijkje nemen in een originele betonnen groepsschuilplaats uit 1939- 1940. Verder zien we een uitkijkkoepel, het restant van een mitrailleurkazemat en diverse schuilnissen. Er loopt even een rilling over mijn rug als je ons hier ziet lopen in vrolijke omstandigheden en ik denk er aan hoe het geweest moet zijn voor de jonge mannen die hier onder veel mindere omstandigheden moesten overleven. Alhoewel geen van de verdedigingswerken ooit is gebruikt waar het voor gebouwd werd. De komst van vliegtuigen en al eerder de brisantgranaat in 1885 haalde een streep door mooie plannen over veiligheid, om dikke muren nog dikker te maken. Ook niet het beton waarmee in de 20e eeuw 'verouderde' verdedigingswerken aangevuld werden. We breken daar echter niet langer ons hoofd over en lopen al snel richting haven voor een geheel prettiger deel van ons bestaan. Binnen korte tijd zitten we bij elkaar in de kuip achter de buiskap en knopen gesprekken aan met een drankje in de hand en een hapje binnen handbereik. Nog steeds een ijzersterke formule die bij de Blocqers van meet af aan veel plezier en mooie verhalen heeft opgeleverd. Je kunt er ook voor kiezen om stilletjes lekker languit de benen te strekken en even de oogjes te sluiten met een kussentje onder het hoofd. Als de klok tegen 19.00 uur loopt gaan de

lekker opgegeten tijdens een prettig samenzijn op een mooie locatie in een nautische sfeer en rijke geschiedenis. Vlak naast en onder ons het vaarwater naar de sluis richting Vecht en aan de overkant het Muiderslot, met naar de

19


NAJAARSTOCHT andere kant zicht op Pampus eiland en de vele vaartuigen. Het blijkt een hoogte punt in onze tocht te zijn, als we tot slot met een toetje voor ons zitten van een gebakken schaaltje gevuld met ijs, vers fruit en echte slagroom. Later op de avond als we met alles klaar zijn vallen de eerste druppels regen en zoeken we onze jachten weer op. Deze mooie dag sluit daarna af met het onweer waarmee dit verhaal begint. De volgende morgen dringen helle oranje rode stralen onze boten alweer binnen. Alleen voor hen die vroeg op zijn is het genieten van een totaal ander uitzicht en sfeer Een sfeer die voorbehouden is aan de vroege morgenuren, en later niet meer herhaald wordt. Dus even lekker uitrekken, gapen en op de barometer kijken, dan water op zetten voor de thee, terwijl veel anderen nog in rust zijn. Hiermee kunnen op zondagmorgen vele uren verstrijken en dat laten we ook nu dus uitgebreid over ons heen komen. We hebben zelfs nog even tijd om te gaan kijken naar de vele kleine bootjes die te water worden gelaten door de jeugd met hun ouders en alle drukte van dien, op de kop van de haven. En dan is het 10.30 uur, tijd voor ons gezamenlijke koffie drinken met appeltaart en slagroom met aardbeien als afsluiting. We begeven ons wederom naar de eerste

20

verdieping van het havengebouw waar we het terras bevolken en nog even de dag er v贸贸r doornemen. Terwijl we van een werkelijk schitterend uitzicht genieten, richting Pampus eiland en IJsselmeer met schepen van groot tot klein onder een stralende zon. We praten over de wind die later op de dag gaat aanwakkeren tot 6 BFT Zuidwest met kans op buien en onweer terwijl het nu op dit moment nog een heerlijk zeilweertje is, uit de goede richting nog wel. Na de laatste slok koffie, en het laatste stukje appeltaart zien we elkaar in korte tijd alweer zeilen met de wind-vol achter-richting BvK clubhuis. Volgens afspraak nog even gezellig napraten terwijl het ondertussen ver genoeg in de middag is om de kelken nog eens te vullen. Ook de lekkere hapjes komen weer rond. Hulde aan de mensen die dit alles weer tot stand wilden brengen, en plezierig voor alle leden van de BvK om in te schrijven en volop te genieten van de vereniging die we zelf maken en zijn.


VER WEG VERENIGING

Mannen met een missie Toen rond de eeuwwisseling onze haven aan de golven werd ontworsteld liep er een zeiler rond met een missie: Dirk Delsman vond een zeilvereniging zonder shantykoor maar armoedig. Hij stelde zich kordaat op bij de ingang van de haven en ronselde letterlijk iedere zeiler die nietsvermoedend langskuierde. Sindsdien is shantykoor Het Jufferblocq een niet meer weg te denken fenomeen in onze vereniging. Want ze zijn er gelukkig nog: Mannen die met weemoed zingend verhalen over het glorierijke verleden; Bikkels die zingen over de woedende elementen; Kerels met een brok in de keel over weemoedig afscheid nemen. Om het niveau te handhaven dient er duchtig te worden geoefend. Elke woensdagavond buiten het vaarseizoen wordt in ons clubhuis het repertoire doorgenomen en het aanwezige talent uitgediept. In een sfeervolle ambiance en gesterkt door koffie, koek en dranken zoekt het koor de uiterste grenzen van haar kunnen. Waar we ook naarstig naar zoeken zijn nieuwe leden voor ons gezelschap, want er is wel een ondergrens in aantal voor een shantykoor en die zijn we bedenkelijk genaderd. We zijn er van overtuigd dat

er binnen onze vereniging Bikkels rondlopen die graag mee willen zingen en we nodigen die hierbij graag uit: Mannen, stap over die drempel, negeer uw faalangst en kom een woensdagavond meezingen. Er zal een hele nieuwe wereld voor u open gaan. De complete muzikale ondersteuning ligt momenteel in de handen van één accordeonist dus ook daarvoor wordt ernstig gezocht naar nieuw talent: trekzakkers(sters) zijn zeer welkom.

Kortom: Wat: Wanneer:

zangers en trekzakkers(sters) gezocht elke woensdagavond van 20.00 uur tot 22.00 uur Waar: het clubgebouw Shantykoor Het Jufferblocq Aanmelden: Rijk van Meerlant 0297 - 283532 r.v.meerlant@casema.nl Jan Kole 035 - 6947660

Het Jufferblocq op de Algemene Leden Vergadering van 2011

Clublied Oost zuid-oost van het Markermeer daar ligt een kolkje diep, daar is de Blo-cq van Kuffeler, je weet niet wa-t je ziet. refrein: Oh Heerlijke Haven de mooiste van het land, aan alle ka-nten water, wat huisjes aa-n de rand. De vogeltjes fluiten er vrolijk het allerhoogste lied, zij bieden o-ns gastvrijheid, in’n schittere-nd gebied.

refrein Toen ‘k laatst van ’t Paa-rd van Marken kwam, zag ik van ver een Blocq ‘k dacht daar moe-t ik wezen, bij de Blocq neem i-k een slocq. refrein Solo: “EEN SLOCQ VOOR DE BLOCQ” ??? Allen: “VAN KUFFELER” !!! ©Dirk Delsman

21


VERENIGING - KNRM Het begon met mijn artikel “Een alarmerend uiteinde”, waarin het afsteken van ernstvuurwerk met de jaarwisseling aan de orde kwam. Ik stelde in dit artikel dat vuurwerk altijd kon worden ingeleverd op het politiebureau. Voor de zekerheid had ik dat nog even gecheckt bij het Korps Landelijke Politiediensten in Driebergen. Ik geef natuurlijk liever de juiste informatie. Vervolgens kreeg ik een berichtje van iemand die tevergeefs bij een politiebureau had aangeklopt voor het inleveren van vuurwerk… tekst: Michelle Blaauw - KNRM

Niet overal gelijk Een e-mail naar de betreffende regio bracht naar voren, dat er in dezelfde regio vier plaatsen waren, waar het vuurwerk mocht worden ingeleverd. Dat bracht me ertoe, ook bij andere regio's te informeren naar de daar gangbare procedure. Tot mijn verbazing leverde dat allerlei verschillende antwoorden op. Er zijn maar een paar regio's, die er geen probleem van maken en ernstvuurwerk aannemen. Maar in het overgrote deel van de politieregio's moet de politie er niets van hebben en verwijst naar de gemeentewerf waar u het vuurwerk zou kunnen inleveren bij het klein chemisch afval. Een andere regio ontkent dit weer met klem en wijst op het feit dat de gemeentewerven er helemaal niet op zijn berekend om explosieven in ontvangst te nemen. Brandweer Bij de Brandweer moet je ook niet zijn. De Brandweer neemt geen vuurwerk in. Wat blijft er over? Seinpistolen Voor seinpistolen ligt het iets anders. Daarvoor is een wapenvergunning nodig (de politie zegt “wapenverlof”), en daarmee valt het seinpistool onder de wapenwet. Dat betekent dat af te danken seinpistolen en patronen die over de datum zijn, ingenomen moeten worden door politiebureaus met een afdeling “bijzondere wetten”. Dat komt over het algemeen neer op de bureaus waar ook wapenvergunningen worden afgegeven.

22

Voor het overige vuurwerk zijn een paar politieregio's heel klantgericht: “kom maar brengen hoor, we zorgen er wel voor”, maar andere regio's wijzen op het feit dat duidelijk in de wet omschreven staat, dat de politie zich uitsluitend hoeft te ontfermen over consumentenvuurwerk, dat illegaal is ingevoerd vanuit het buitenland, of op een ontijdig moment is aangeschaft of afgestoken. Niet vergeten: ook ernstvuurwerk mag volgens de wet niet op een ander moment worden afgestoken dan op het moment dat er echte nood (op het water!) is. Watersportzaken Dan is er nog de watersportzaak. De politie blijft er de nadruk op leggen dat watersportzaken er (ook) economisch belang bij hebben om vuurwerk in te nemen, omdat ze ook vuurwerk verkopen. Desgevraagd zeggen sommige watersportzaken ook wel toe, vuurwerk in te zullen nemen, maar niet allemaal. En wat doen zij er dan mee? Ze kunnen het opsturen naar de producent, die het dan – overigens bepaald niet kosteloos! - vernietigt. KNRM Bij de KNRM proberen we het witte vuurwerk zoveel mogelijk binnen de houdbaarheidsdatum te verstoken (gewapend met veiligheidsbril en zware werkhandschoenen!). Het rode vuurwerk gaat terug naar de producent. De KNRM wenst u een veilige jaarwisseling!


VERENIGING

TRIPLE 8 Ati Floor

Het zit er weer op. Ik ben behoorlijk lang bezig geweest met de voorbereiding voor de Triple 8. In aanvang viel het aantal deelnemers tegen , slechts 6 deelnemers i.p.v. 12 – 14. Nogmaals een oproep gedaan op de Blocqsite en warempel…….. het aantal deelnemers groeide tot 16. Zaterdag de 17e gaf ik een palaver voor de deelnemers om 12.30. Helaas meldde één persoon zich af voor dit weekend daar zijn opstappers 'met dit weer' niet mee wilden varen. Mijn antwoord was : SOLO varen of andere opstappers zoeken (sic). Niets meer op gehoord. Het weer was 'bar en boos'. Windverwachting rond de 4 tot 5 uit het Zuidwesten met enige uitschieters naar boven onder de kust van Hoorn/Enkhuizen. De regen viel gelukkig mee. De Triple 8 laten doorgaan. Nogmaals een uitleg gegeven over de prestatietocht en gecheckt of alle deelnemers de nieuwe rakken en bijbehorende verlichtingslijst en afstanden hadden ontvangen. Dat bleek bij één persoon niet zo te zijn. Ik heb getracht mijn lijsten uit te draaien maar helaas… de printer weigerde dienst. Gelukkig had ik nog een kopie zodat ik hem die mee kon geven. Omstreeks 13.15 uur verlieten de deelnemers de Blocqhut op weg naar hun boot. Hans wilde de uitreis nog even zien vanaf één van de landtongen en nam me mee in zijn auto. Op de landtong kon ik mooi een paar foto's van de uitreis maken. Naast ons stond een van de deelnemers met zijn dochter van rond de 7 jaar naar de wind en de uitreis te kijken. Uiteindelijk besloot de schipper af te zien van dit weekend. Toch teveel wind. Weer terug naar de Blocqhut.

Op 17 en 18 September 2011 werd de Triple 8 gevaren, een prestatietocht voor solo- en duo zeilers. Ditmaal een verslag vanuit het commandocentrum op de haven. Na het opruimen van de Blocqhut ging ik naar mijn boot i.v.m. de vastgestelde marifoon-checks . De wind nam die dag zienderogen af. Af en toe wat regen. Op zaterdag hield ik om 16.30 en 19.30 uur mijn marifoonchecks. Krantje gelezen en het kacheltje erbij vanwege de toenemende kou. (Was gelukkig niet zo koud als in een der eerste 100 myls waar ik onder dekbed/deken en met warmte ondergoed en sokken aan nog maar net in slaap kon komen.) Beetje TV gekeken en op tijd gaan slapen. Zondag had ik marifoonchecks om 08.30 en 11.30 vastgelegd. Toch wat minder mensen kunnen bereiken dan gisteren. Men kon mij ook bellen resp. SMS-en naar mijn mobiele telefoon. Sommigen deden dat. Na de tweede check alle spullen meegenomen en via de steigers naar de Blocqhut gegaan. De computer weer opgesteld. Hans en Leny verschenen en de soep werd alvast verwarmd. Leny maakte ook roggebrood met katenspek klaar. Gelet op de temperatuur (frisjes) zou iedereen dat zeker smaken. De binnenkomst hebben wij niet bekeken. We gingen ervan uit dat iedereen zich aan de gemaakte afspraken zou houden direct vóór of om 14.00 uur binnen te lopen. Spoedig ontving ik de logboeken van de deelnemers zodat ik deze in het door Berry Ruisendaal ontworpen programma kon invoeren. Helaas had ik eerder getracht een regel te wissen wat mij niet lukte maar het gevolg was dat diverse uitslagen op andere regels stonden dan de bedoeling was. Ook waren er enige fouten in de registratie (trajecten vergeten in te voeren, volgend jaar beter). Berry heeft e.e.a. weer verbeterd. De erwtensoep en rogge-

brood gingen er goed in. 7 x (1 ½ 1.3ltr) blikken soep heeft Leny verwarmd met de nodige rookworsten. De soep en drankjes waren gratis. Uiteindelijk hadden we de juiste uitslag (dachten we). Opnieuw liet mijn printer het afweten, (komt omdat ik dat apparaat niet of nauwelijks gebruik), moest ik de uitslagen vanaf de computer voorlezen en werden de prijzen uitgereikt door Frits Koehorst. Een stommiteit mijnerzijds was datj ik aangaf dat een van de deelnemers was “gediskwalificeerd” omdat hij op de motor was binnen gelopen. Dat was uiteraard niet zo want men moest op de motor binnen lopen om vóór of op 14.00 uur binnen te zijn. Na afloop van de prijsuitreiking meldde ik dat de Triple8 volgend jaar één week naar voren werd geschoven en of de deelnemers daar bezwaren tegen hadden. Geen reactie, dus wordt de volgende Triple8 gehouden op zaterdag en zondag 8 en 9 september 2012. Diverse deelnemers meldden dat het ondanks de wind en de regen toch een erg leuke prestatietocht was geweest. Zij vertelden mij mondeling en via email dat zij zeker volgend jaar weer van de partij zouden zijn. Nog genoeglijk een drankje drinkend zijn we omstreeks 17.00 uur vertrokken uit de Blocqhut. De prijzen : EERSTE PRIJS SOLO: Paul van der Zijl met de JUANITA (Bavaria 49) Gecorrigeerd NM: 99.45 EERSTEPRIJS NIET SOLO: Erik Opmeer met de SVALA (9.00m Waarschip Gecorrigeerd NM: 100.99

23


ZEILREIS

Voor het eerst met eigen “Als een slak in een gele polyester schelp, kruip ik in het donker over de zee. Ruimte en tijd vervagen. De dichtstbijzijnde kust is 100 mijl. En toch ben ik ook in het middelpunt van de wereld.” Een verslag van een zeilreis van De Blocq naar Noorwegen.. De een zorgt voor de boot. De andere twee voor de proviand. Als we klaar zijn met inpakken is de boot echt vol. Stel dat we worden overvallen door een storm en 5 dagen op zee moeten blijven? Weken later vind ik nog blikjes smac en ananas.

Vanuit de Blocq van Kuffeler in Almere gaat het eerst naar Harlingen. Dat is meestal 'n dag flink doorvaren. Nu waait het Zuid West 5. De spinnaker omhoog, gezellig bijpraten en tussendoor lekker eten. Om 23 uur leggen we aan in de Oude Buitenhaven van Harlingen. We leggen langszij aan zeiljacht Swaen omdat de kademuur voor onze boot te grofstoffelijk is. Zodra we de boot aanraken springt er een hoofd met twee druk gebarende armen uit het kajuitluik. Door de harde muziek op het terras van hotel Zeezicht kan ik de man nauwelijks verstaan. Hij vindt het hééél vervelend dat we naast hem komen liggen. Ja, maar dat is toch een goede gewoonte, opper ik. Nee, hij vind het heel vervelend want wij maken te veel lawaai. Hù, wij? Lawaai? En hij wil de volgende morgen vroeg weg. Wij ook. Hoe laat dan? Om 6 uur. Wij om half zes. Hij herhaalt dat hij het zééér vervelend vindt. Zo'n burgerlijke botheid heb ik nog nooit meegemaakt. Ik buig mee en leg aan op een tjalk. De volgende ochtend vaart hij ons op het Pollendam-rak voorbij, op de motor. Wij kruisen heerlijk verder, over de Wadden. Het is helder blauw, de wind staat een beetje tegen, kracht 3-4. Het

24

getij hebben we natuurlijk mee, dus de slagen zijn comfortabel lang. 10° noord tot we er zijn Om 10 uur ronden we met 6 knopen de VL 7, we zijn op zee. Vanaf nu varen we ongeveer 10° noord, tot we er zijn. Om twee uur is de wind helemaal naar het Zuid Oosten gedraaid en wat afgenomen. We zetten de spi. Tijdens het avond eten varen we nog slechts 1½ knoop. Ik ken veel zeilers die de motor starten als de snelheid onder de 4 of 5 knopen zakt. Maar ik ben opgevoed op een 16m2 zonder motor en ik wacht volgens sommigen nog steeds te lang voordat ik de motor start. Niets zo frustrerend als zeilen zonder wind, maar dat hoort er voor mij ook bij. Voelen dat ik tot in mijn diepste chagrijn afhankelijk ben van de wind. Of gewoon vrolijk blijven en afleiding zoeken: opruimen, schoonmaken, schrijven, of echt niets doen. Nu past de rust van de windstilte heel mooi bij de schotel verse aardappelen, courgettes en ei. Een zeer maagvriendelijke maaltijd. Aan het einde van de avond trekt de wind weer aan. De marifoon geeft één waarschuwing: 'no warnings', de

spinnaker staat nog steeds, ik heb na het eten lekker kunnen slapen en ben helemaal klaar voor mijn wacht op zee. Het is eind juni, de kortste nacht, St. Jan. Het moment om 's nachts buiten te zijn. En nu ben ik helemaal alleen op

zee. De traffic line werd nog redelijk bevaren, maar hier, zo'n 50 mijl boven de kust, is alleen water en lucht, en beide in alle kleuren. Leven aan boord De hele maandag blijft de spinnaker staan. We hebben een flexibel wacht schema. Eten, koffie, thee, bier en chips doen we samen. Tussen door slaapt een van ons. Twee aan twee nemen we dan alle tijd om te praten. We zijn alle drie rond de vijftig, dus stof genoeg. Daarbij is het onze eerste oversteek naar Noorwegen. Vorig jaar voeren we via Ameland en Borkum naar Cuxhaven. Deze reis geeft meer 'voorspanning'. We hebben een week, het weerbericht is goed en de boot in orde. Een van ons wilde graag een reddingsvlot mee, dus heb ik er een gehuurd. Toen ik uitlegde dat het pas gebruikt mag worden als ons schip zinkende is, vond hij het ineens een stuk minder nodig. Ons doel is Zuid Noorwegen, ergens waar de boot 2 weken kan blijven liggen en wij via Denemarken naar huis terug kunnen. Het avond eten bestaat deze keer uit macaroni met hamburgers en tomatensaus. De smaak is goed, maar omdat macaroni me niet zo goed bekomt, eet ik te weinig. En dat merk ik pas later in de nacht. Dan krijg ik het koud, wordt ik bibberig en gaat mijn maag een beetje zitten zieken. Het mannetje wordt er kleiner van. Steeds weer vergeet ik hoe belangrijk het voor me is om te blijven eten op zee. En dat het zoveel uitmaakt wat ik eet. Van koffie en chocolade bijvoorbeeld, waar ik normaal een moord voor doe, ga ik nu zelf half dood. Gedroogde appeltjes, aan wal te zuur en te taai, houden me bij de les tijdens een koude nachtwacht.


schip naar Noorwegen Paul van Ham

De nacht door 's Nachts houd ik de wacht. Omdat ik het meeste ervaring heb, 'de schipper' ben en ook omdat ik het gewoon heel graag doe. Niet dat ik het makkelijk vind, ik moet vechten tegen de slaap. Er zijn stukken van de nacht dat ik elke tien minuten even moet opstaan en flink moet bewegen. Anders trekt de kou mijn bewustzijn uit mijn lijf. Of ik klim naar binnen om de kaart te bekijken. Totaal onzinnig, het is hier groot en overal diep genoeg, maar dan ben ik weer even bezig en blijf ik wakker. Buiten kijk ik om me heen. Om te kijken of ik lichten zie. En om te kijken hoe mooi het is. Nadat de zon links voor me onder ging, loopt er gedurende de nacht een lichtvlek naar rechts die tegen het einde van mijn wacht als zon weer opkomt. Omdat de spinnaker mooi hoog staat heb ik een groot uitzicht naar alle kanten. Ondertussen koers ik op een wolk die ik regelmatig even ijk met het kompas. Dat vaart zoveel rustiger dan steeds het kompas in de gaten houden. Als een slak in een gele polyester schelp, kruip ik in het donker over de zee. Ruimte en tijd vervagen. De dichtstbijzijnde kust is 100 mijl. En toch ben ik ook in het middelpunt van de wereld. Natuurlijk

ben ik bang voor storm op zee. Maar nu niet. Dinsdag ochtend aan het einde van mijn wacht zie ik de kust. Als eerste. Het weer is wat mistiger en natter. De wind draait een beetje naar het noorden. We moeten aan de wind. We ontbijten met wind tegen. Ik knap ervan op. Als mijn vrienden sturen ga ik lekker in de kuip tegen het schot aanliggen en doezel een beetje weg. Na vier uur zien we de kust. Nu echt. De stemming krijgt een voorzichtige triomf. We zijn er. Noorwegen op eigen kiel! Mandal, Noorwegen In Mandal drinken we koffie aan de steiger. Wat loopt dat toch heerlijk raar, vaste grond onder de voeten, alsof het op de wal lijkt te schommelen. We ruimen op, douchen, eten en slenteren door het stadje. We eten aan boord, omdat we nog heel veel hebben en omdat er in de haven een eerste klas viswinkel is. Verse Noorse zalm, geserveerd met Hollandse nieuwe aardappeltjes, bosui en een Chileense biologische witte wijn uit Zuid Amerika. Er zijn nog zoveel lekkere bestemmingen! Het uitzicht op de heuvels van Mandal

is mooi. Het vooruitzicht om hier nog 3 weken te gaan varen geeft voorpret. Het idee dat de Noren duizenden kilometers van deze mooie kust hebben, barstensvol met eilandjes en vaarwegen appelleert aan een latente hebberigheid. Noorse druilerigheid zet ons de volgende ochtend weer met twee benen stevig op de steiger. Het is te nat voor de pleziervaart en we hebben nog 3 dagen voordat we een ligplaats moeten hebben. Om wat te doen te hebben gaan we op zoek naar een oplaadpunt voor onze video en naar een Noorse gastenvlag. Omdat die nergens te koop zijn (blijkbaar moet je die thuis kopen) zijn we daar de hele dag mee zoet.

25


ZEILREIS Lucht 's Avonds na het eten gaan we varen, want om half 8 zou het droog worden en dan kunnen we nog mooi een leuk ankerplekkie zoeken. Om zeven uur start ik de motor. Een raar geluid leid me af. Hij loopt niet mooi. Het toerental zweeft en er zit geen power in. Pruttelend varen we terug de box in. Onze Farymann is bijna 40 jaar oud. Er is vaak wat te sleutelen. Dus ook nu pak ik mijn gereedschap en maak de motor kap open. Hardop benoem ik wat ik zie en hoor en analyseer ik wat ik ervan denk. Jan en Gerard stellen vragen en trekken conclusies. Die we vervolgens weer toetsen en verwerpen. Onderdeel na onderdeel schroef ik los, tot en met de dieselpomp. Maar we vinden niets. Als ik in de bakskist kruip om een poetslap te pakken valt mijn oog op de luchtinlaatslang. De opening rust op de afgeronde hoek van een Jerry-can, die met wat vettigheid zorgt voor een perfecte afdichting. Ik maak de slang vrij en start de motor. Farymannen lopen altijd, als ze diesel en lucht krijgen! Ontelbare eilandjes Donderdag varen we vroeg uit, richting Kristansand. Voor we daar zijn hebben we prachtige kusten gezien, leuke doorgangen tussen de eilanden, heel veel witte zomerhuisjes, snelle speedboten die af en aan varen en tussendoor steeds weer de uitkijk over de zee die het

26

gebied zijn spanning geeft. De waterkaart beloofde hoofdpijn met de ontelbare eilandjes en alle ondiepte markeringen. Maar bij voldoende zicht valt het eigenlijk allemaal wel mee. Soms piept de dieptemeter wel, maar dan is het juist té diep. Ligplaats vinden Een jaar lang heb ik me zorgen gemaakt over het weer tijdens de overtocht. Alard Coles' Zwaarweerzeilen heb ik helemaal gelezen. We hadden twee stormfokken aan boord. En watwordt dan het probleem? Een ligplaats te vinden. Overal kust, overal bootjes, maar nergens een ligplaats waar ik de boot betaalbaar twee weken kan achterlaten. Pas op het zevende adres, en na lang gedraal, schiet de eigenaar van Båtverksted Randesund ons te hulp. Als we zelf de kapotte steiger repareren en stevige punten weten te creëren om de landvasten op te beleggen mogen we er voor een schappelijke prijs twee weken onze Pion laten liggen. Vrijdagochtend pakken we in, maken we schoon en brengen we 2 dozen proviand naar een Hollands echtpaar dat de Noorse westkust gaat verkennen. Het overgebleven bier is voor de mannen van de werf. Met ons reddingsvlot (30 kg!) en bagage sjouwen we naar de bus-

halte, door Kristiansand, naar de boot naar Hirtshals en met de trein naar Nederland. Een uitstekende verbinding. We hadden alleen een boot eerder moeten nemen. Nu proberen we midden in de nacht 3 uur lang te slapen in een koude stationshal ergens in Zuid Jutland. Twee weken later zal ik met de auto terug komen naar Hirthals. Om met m i j n v r o u w d r i e w e ke n v a n Kristansand naar Larvik te varen. Als zij dan de veerboot naar Hithals pakt, vaar ik snel door naar Oslo, pik daar mijn beide zonen op en dan varen we met zijn drieën weer terug naar Nederland. Mensen met een zeegaand jacht hebben feitelijk meer vakantiedagen nodig!


VERENIGING VER WEG Terugblik van een penningmeester met een Blocqhart Bart van Roosmalen blikt terug op de vele jaren waarin hij het penningmeesterschap op zich heeft genomen. Onze eerste kennismaking met de vereniging dateert uit de zomer 1998. Karen had in de Waterkampioen een advertentie voor aanmelding bij de WSV “De Blocq van Kuffeler” gesignaleerd en wij gingen naar een kennismakings- en inschrijvingsmiddag in de Trekvogel. Wij werden lid en op een van de volgende bijeenkomsten moest ik me zo nodig bemoeien met een aantal financiële zaken en gaf commentaar op begrotingen etc. Na het plotselinge overlijden van Bert Harding, destijds penningmeester, werd ik o.a. door Cees Mols, Frits Esser en Dirk van Loo benaderd om in het bestuur plaats te nemen. Zo is het allemaal begonnen. De ledenadministratie werd bijgehouden in een door Cees Mols zelf gebouwde database. Omdat ik graag de ledenen financiële administratie in één hand had, kreeg ik alles zo maar op mijn bord. Toen de haven in het jaar 2000 echt begon te exploiteren beschikten we over 143 ligplaatsen, die zonder uitzondering elk jaar nadien werden bezet. Dat is na de uitbreiding in 2005 naar 183 ligplaatsen gelukkig niet anders geworden. De 10 meter box die wij in 1999 kregen toebedeeld kostte aan ligplaatsinvestering € 4.907 en aan liggeld per vierkante meter € 9,08. In het jaar 2011 staan voor deze bedragen resp. € 6.562 (= plus 33,73%) en € 12,50 (= 34,9%). Elk jaar werd de prijs van de ligplaatsinvestering aangepast aan een index en dat is er de oorzaak van dat er zoveel verschillen bestaan in de investeringen van de leden. Voeg daarbij dat er gretig gebruik werd gemaakt van de regeling dat de leden ook nog 60% van de ligplaatsinvestering konden laten financieren dan ontstaat vanzelf een aardige administratieve taak en houd je jezelf lekker aan het werk. Toen werd besloten om ook nog te gaan terugbetalen op de investeringsbedragen werd de puzzel voor de geautomatiseerde admini-

De voorzitter neemt tijdens de ALV van 2011 afscheid van Bart.

stratie nog wat lastiger. Uiteindelijk werden alle problemen opgelost in een deels op maat gemaakt softwarepakket. Het blijft echter echt handwerk: elke ledenfile dient elk jaar op elke factuurcomponent te worden geselecteerd en de bedragen van de leningen op de ledenfile dienen aan het einde van een verslagjaar overeen te komen met de bedragen in de afzonderlijke financiële administratie. Gedurende de afgelopen jaren heb ik één jaar niet als penningmeester gefungeerd. Toen nam Marjan Bijzet mijn vergadertaak als penningmeester over en deed ik de administratie. Als mij gevraagd zou worden: “Wat is je beste ervaring geweest in het bestuur?” dan heb ik daar geen antwoord op. De besturen waarvan ik deel mocht uitmaken werden zonder uitzondering “bemand” door leden die blijk gaven een waar “blocqhart” te hebben. Nagenoeg altijd waren de bestuursvergaderingen ook gezelligheidsbijeenkomsten. In mijn herinnering komen de vergaderingen in het kantoor van Dirk van Loo aan de Nieuwe Gracht in Utrecht duidelijk naar boven. In roerige verenigingstijden verorberden we daar met Olga Nefkens, Wim Holst en Frits Esser menig door Dirk aangebakken

pizza van onduidelijke herkomst. Tijdens de bestuursvergaderingen van de laatste vijf, zes jaar is er enorm veel tijd verloren gegaan aan het geneuzel over de lengte van schepen, die volgens de regels niet pasten. Het is bestuurlijk gezien jammer dat we in aanvang geen goed reglement hadden en de daardoor ontstane ellende niet hebben kunnen voorzien. Zeker niet onbelangrijk voor mijn functioneren in de haven was dat er ook zoiets bestaat als “het jufferBlocq”. Een verzameling goedwillende bootslieden die wekelijks behoefte hadden een gezellige zangavond onder leiding van een muzikaal begaafd persoon, die probeerde daar een echt muzikaal tintje aan te geven. Vanwege de vele royale versnaperingen op die avonden en de vele te verrijden kilometers hield ik het toch maar voor gezien, zij het dat ik bij gelegenheid nog graag een shanty meezing. Het zit er bestuurlijk gezien op. Gelukkig blijft Karen schipperen en havenmeesteren, dus jullie zijn nog niet van ons af! Ik vraag de commissie zelfwerkzaamheid om compassie voor de volgende jaren!

De ALV van 2011 nam met dankbare ovatie afscheid van Bart

27


VERENIGING Zeven schepen met aan boord 20 personen hadden zich aangemeld voor de jaarlijkse zeezeiltocht van 2 tot 13 juni 2011, naar Lowestoft. Een mager aantal en op het laatste ogenblik werden het zes schepen. Toch veroorzaakten deze armada een ‘Dutch invasion’.

The Dutch

Door een defecte stuurautomaat, plotter en log vinden wij, Jos en Tineke van de Cést Bon, het onverantwoordelijk om een nachttocht naar Engeland te maken. Wij waren dan ook

blij verrast door Cees en Leny Mols uitgenodigd te worden om bij hen aan boord van de Panta Rhei de tocht mee te maken. Het beviel zo goed dat we de vakantie nog wat langer hebben gemaakt. Donderdagmorgen vertrek vanuit de Blocq naar Seaport Marina IJmuiden. Daar gaan we 's avonds gezamenlijk uit eten bij de Zuidpier op het strand. Vrijdag 10.00 uur vertrek, maar het weerbericht vertelt ons NO 6, Theems zelfs NO 6-7. Toch maar even een volgend weerbericht afwachten. 13.30 uur palaver, de wind zal

28

afnemen. Na veel overleg wordt besloten te vertrekken. Er is veel wind maar uit een goede richting. We zetten een stormfok en een dubbel rif in het grootzeil. Op zee zijn flinke golven. Dit zorgt voor een zware tocht en dat velen onderweg katterig en zeeziek zijn. Het zorgt ook voor een snelle overtocht. De eerste is zaterdag 3.30 uur in Lowestoft. Volgens planning gaan om 7 uur Gera, IJdelheid, Dutchess, Yemanja en Panta Rhei door de brug. De Level Four komt wat later. Bij de LCC, de Lowestoft Cruising Club, staat Chris de Blocq van Kuffeler samen met vele Engelse clubleden ons op te wachten. Nadat we naast elkaar afgemeerd zijn worden allen overal aan boord uitgenodigd voor een kop thee of koffie. De rest van de dag hebben we vrij om lekker te slapen en bij te komen en de omgeving te verkennen. Zondag 11.00 uur is er een rondvaart van anderhalf uur voor ons geregeld op een boot uit 1970 op de Broads (ontstaan door afgraving van laagveen) met uitleg van Chris de Blocq van Kuffeler. Op het meer zagen we veel kleine open zeilbootjes. Door de harde wind sloegen ze soms om. Boven op het dek was het koud. Op de terugweg gingen we naar binnen en warmden ons op met warme chocola, koffie en muffins. Naar de haven lopen we door het steegje van Dirk van Loo langs een oude scheepswerf. Bij de haven staat de barbecue al aan. Vele clubleden zijn aanwezig in verband met de komst van de “Dutch invasion”. Onze drankvoorraad werd van boord gehaald en wij werden getrakteerd op punch. Het werd dus steeds gezelliger. Op tafel veel zelfgemaakte salades, voor allen een broodje worst met ui en een halve kip op een kartonnen bordje op schoot. Goed balanceren maar het smaakte goed. Nadat we uitgegeten waren volgden de speeches. Een MP, member of parlement was uitgenodigd, die in zijn speech memoreerde dat de dichtstbijzijnde goede snelwegen voor hem in Nederland waren. Chris de Block van Kuffeler, de commodore Stuart Mark, hij had voor alle schippers een stropdas (wat liepen ze er toen netjes bij) en een vaantje van


Invasion de LCC. Dan Wim en Willem met onze cadeaus zoals cognac, bols, kaas old Amsterdam. Toen kwamen vele taarten, zoals Christmas cake, die Chris al in november gebakken had. Na al deze heerlijkheden werd ons clublied wel 20-stemmig ten gehore gebracht. Even later ging de commodore en zijn vrouw Penny hun muziekinstrumenten ophalen, gitaar, fluit, trom,tamboerijn. Samen zongen zij, semi professional, Ierse en Engelse liederen. Ook ons eigen shantykoor bracht een aantal leuke liederen ten gehore. Bij de dronken sailor kon Jan Koole maar geen einde vinden. Het was een vrolijke boel, er werd gesprongen en gedanst wat ook nodig was om je warm te houden. Maandag worden we uitgezwaaid. We gaan naar Tischmarsch Marina. We beginnen zeilend maar daarna neemt de wind af en moet de motor bij om op tijd over de drempel te zijn. In het Walton kanaal vaar je tussen honderden moorings met Engelse jachten. Het is zoeken waar je er tussen door moet varen. 's Avonds lopen we naar Walton-on-the-Nase. Vergane glorie, een badplaats met amusements- pier en boulevard maar er is niemand. Erg veel huizen staan te koop. Een pittige wandeling en terug met de taxi.

tekst: Jos en Tineke xxx Donderdag Vandaag een klein tochtje naar Woolverstone. Gewandeld naar Pin Mill voor een pint in de pub Butt en Oyster. Daarna langs de woonboten gelopen, eerst mooie boten, maar al snel wordt het een zootje en uiteindelijk houten scheepswrakken die uit de modder steken. In Woolverstone hebben we het laatste gezamenlijke diner. Hier wordt onze commodore Wim Holst uitvoerig in het zonnetje gezet voor de zeer uitgebreide voorbereiding, zoals vertrekkers avond, vele e-mails over rivieren en aanloophavens, waypoints, vaarplan, deelnemerslijst, info Lowestioft, vele bijlagen die Wim via Chris ontvangen had. En onderweg zorgde hij dat brug en sluis vlot voor ons bediend werden. Tot in detail is alles verzorgd. Zelfs hoorden we per schip aan welke kant we de stootwillen klaar moesten hangen onderweg naar de Tischmarsch Marina. En na afloop thuis kregen we nog een prachtig fotoalbum met veel mooie herinneringen. Geweldig! Vrijdag 6.00 uur vertrekken de Dutchess en Panta Rhei voor een dagtocht naar Blankenberge. Weinig wind, regen, vaak de motor aan en om 21.30 uur lopen we na 81 mile varen gelijk met de Dutchess de haven binnen. We zijn koud en nat. De anderen vertrekken om 8.00 uur en gaan naar IJmuiden, waar na 22 uur varen het eerste schip aankomt. Zaterdag een strand/winkel/terras dag en 's avonds genoten van de Zeeuwse mosselen. Zondag afscheid genomen van de Dutchess, zij gaan naar Vlissingen, wij gaan motorzeilend naar de Roompotsluis. Maandag naar Scheveningen helaas weer weinig wind, laat komen we binnen. Dinsdag 7.00 uur vertrek en daardoor vroeg in IJmuiden. Het is prachtig weer, zelfs badkleding aangehad. Alweer een laatste gezamenlijk diner, nu bij de Chinees. Woensdag zijn we weer in de haven. Onder het genot van een laatste borrel de reis geĂŤvalueerd. Wij hebben ervan genoten.

Dinsdag naar Ipswich. Ati vertrekt wat eerder en zo worden we met alle 6 schepen tegelijk geschut. We doen onze boodschappen en wandelen door het historisch stadscentrum. Bij de haven staat nog steeds het karkas van een flat in aanbouw. Dit zagen we ook in 2009. Woensdag Met de hele groep naar Norwich, 45 minuten met de trein en ook hier rijden de treinen niet op tijd. Om 13.00 uur krijgen we een rondleiding van een gids. De stad heeft 52 kerken,velen doen geen dienst meer als kerk, en 365 kroegen. Volgens de gids is Norwich de tweede stad van Engeland. Op weg naar het station hebben we met 6 personen in de tuin van een goed restaurant heerlijk gegeten.

29


VERENIGING

30


SCHEEPSTECHNIEK

TOM VAN GOOL

To Duplex or not to Duplex? Met een tweede (derde of vierde) hands boot duurt het vaak jaren voor je alle “ins en outs” van het schip echt kent. Tenminste zo vergaat het ons altijd. Zo meen ik 3 jaar na aanschaf van onze derdehands Dartsailer 38, 75% van de constructie en onderdelen wel te kennen. Het is echter de resterende 25 % dat altijd weer voor verassingen zorgt….. Zo demonteerde ik afgelopen winter voor het eerst het wat vreemd-aandoende grof-filter in de brandstofleiding. Dat had eerder gemoeten maar was bij een eerdere onderhoudsbeurt door een werf blijkbaar “over het hoofd gezien”. Dat demonteren deed ik samen met een monteur die zo vriendelijk is mij alle details van een reparatie grondig uit te leggen. Zo bleek dit grof-filter van een soort prehistorisch type te zijn waar zelfs geen echt filter aan te pas kwam! Na mijn eerste verbazing mompelde ik dat er dan maar een nieuw filter in moest met een echt filter en een mooi kijkglas. Echter, de monteur keek peinzend naar de motor (groot) en de tank en meende dat hier een “duplex filter” toch wel op zijn plaats was. Nu heb ik een heilig vertrouwen in goede monteurs, dus dit moest het zeker worden! Overigens niet na mij te hebben laten uitleggen wat een “duplex filter” nu eigenlijk was: het bleek een houder voor twee grotere brandstoffilters die door een soort overloop met elkaar verbonden zijn met een kraan ertussen, die het mogelijk maakt snel van het ene op het andere filter over te schakelen. Hiermee kan in een mogelijk kritieke situatie, het aanlopen van een haven bijvoorbeeld, bij een verstopping van één filter toch gewoon doorgevaren worden om dan later het verstopte filter rustig te kunnen vervangen. Dat verstoppen van brandstoffilters, zo wist ik uit de jaarlijkse KNRM verslagen, komt in de watersport zeer veel voor. In het voorjaar met name, moeten deze heren en dames

telkens uitrukken voor stilvallende motoren wanneer troep uit de tank na de winter, bij de eerste golvende vaart, de filters doet verstoppen. Met één filter is het, als je niet zeer behendig bent in een dansende boot, vaak ook meteen over en uit: dobberen, kanaal 16 oproepen en wachten, tenminste wanneer je niet zeilend de haven binnen kan (of wil) varen. En dat laatste is lastig met onze 14 ton wegende boot, zo is ons inmiddels (om andere redenen) al (tweemaal) gebleken…. De discussie over aanschaf van de “duplex” met mijn echtgenote was ditmaal eenvoudig, de motor moest immers altijd betrouwbaar functioneren! Met deze aankoop was ze het geheel eens, hoewel enige achterdocht in haar fraaie blauwgrijze ogen bleef glinsteren… Dus, snel een duplex filter aangeschaft. Althans dat was de gedachte. Echter bij onze twee huisleveranciers van bootspullen “Kniest” en “Dekker” keken ze ietwat ontgoocheld, ja een (goed geprijsd) enkel filter hadden ze wel maar een dubbele? Die vraag leek voor hen van een andere planeet te komen. Tenslotte dan naar een bedrijf gespecialiseerd in (watersport) boot-motoren. En ja zij hadden er een! En niet zomaar een maar een prachtig “duplex” exemplaar van Vetus, met niet alleen twee filters en een kraan, maar ook een prachtig ogende drukmeter erop. Het idee was dat je wel kan horen als een brandstof filter dichtslibt, het motor toerental schijnt dan langzaam terug te lopen, maar dat dit meerdere oorzaken kan hebben. Een blik nu op de drukmeter geeft dan de oplossing: bij sterk oplopen van de druk is inderdaad een verstopt filter de boosdoener En dan kan je door simpel de kraan om te zetten, rustig doorvaren… Die prachtige duplex kraan gloeide aldus in mijn handen evenals, zo bleek, de financiële exodus die mij de komende minuten te wachten stond wanneer ik daadwerkelijk tot

aankoop over zou gaan. De prijs van dit moois bleek ca 600 euro… En dat terwijl een enkel “mono” filter met kijkglas ca 45 euro kost….! Licht verbijsterd kon ik nog slechts onsamenhangend mompelen of ze ook “iets” vergelijkbaars hadden dat “iets” goedkoper was. Na enige bedenkingen kwam er tenslotte een “duplex” houder (met kraan), van Hengst /Racor geleverd door de firma Exalto, tevoorschijn voor ca. 150 euro. Maar het metertje was wel verdwenen... Belangrijk bij dit alles is dat de filters (groot model, zonder kijkglas maar met water afscheider eronder) ook niet te duur zijn want die moeten regelmatig vervangen worden. Die waren bij dit duplex model ca 15 euro per stuk dus dat viel weer mee. Met de nieuwe buit naar de bevriende monteur die uiterst ontstemd reageerde bij het horen van de prijzen van al dit moois.'En ik zet die hele handel voor een paar tientjes in elkaar' was zijn droge commentaar. Ongeluk was dat ik die vaardigheden nu net niet had. Maar zo werd mij verzekerd: jij krijgt alsnog je drukmeter. En zo plaatste een nabij gelegen tractor - reparatie bedrijf op de “duplex” houder alsnog een fraai uitziende drukmeter, en dat alles voor een schappelijke prijs. Het geheel werd deskundig ingebouwd en voorlopig blijft de meter tijdens het varen keurig op een lage “0.1” staan waarbij ik hoop dat hij bij dichtslibben inderdaad ook naar een hoge(ere) stand schiet… In ieder geval straalt het geheel degelijkheid uit. En als beide filters nu verstoppen, nadat de tank voor de winter goed gevuld was en in het voorjaar, voor het varen, bezinksel ook nog goed afgetapt was? Dan behoorde een zeer vervuilde brandstof tank blijkbaar ook nog tot de X% eigenaardigheden die je (nog) niet van je boot kende en…..kan je de KNRM mensen tenminste met beperkt schaamrood op de kaken welkom heten!

31


VERENIGING

Rondzwerven met de Tooluka.

De evenementen commissie is er in geslaagd een lezing te laten verzorgen door Mw. Eef Willems, schipper van de TOOLUKA met als titel: ‘Rondzwerven met deTooluka’. Het schip is een Freya van ruim 14 meter dat 6 personen kan herbergen. De aanwezige bemanning van 2 personen, waaronder Eef, zal de ‘charteraars’ wegwijs maken op het schip waaronder het verzorgen van de maaltijden, wachtlopen, zeilvoering, sturen enz. tekst: Ati Floor Eef heeft diverse winterse bestemmingen bezocht. Ook in het afgelopen jaar toen zij naar Groenland ging om haar schip vaarklaar te maken. De winter viel opnieuw in en zij moest enige tijd wachten voordat haar boot weer ‘vaarklaar’ was. Zij gebruikt tijdens deze lezing een ‘beamer’ zodat wij een goed inzicht krijgen in haar zeilreizen. De lezing zal plaatsvinden op:

zondag 19 februari 2012 van 14.00 tot 15.30 uur met gelegenheid voor vragen tot uiterlijk 16.00 uur. Prijs voor de lezing :€ 2,50 pp incl. koffie , koekje (en drankjes vanaf 16.00 tot 17.00 uur). Maximaal aantal leden : 40 op volgorde van binnenkomst. Opgeven uiterlijk zondag 5 februari 2012. Gaarne aanmelden bij atifloor@gmail.com en ce.mols@planet.nl Betaling kan plaatsvinden bij de evenementencommissie in onze Blocqhut

32


Groot onderhoud van de steigers

(MEER DAN) ZELFWERKZAAMHEID Het is zover : de steigers hebben een nieuwe ”vloer”. Alle steigers behalve degene die bij de laatste uitbreiding gelegd zijn , hebben nu een kunststof-rooster loopvlak i.p.v. houten planken. tekst: Lex van Bekkum foto’s: Gert Reijmerink

De laatste jaren werden de steigerplanken op de B-C-D en verbindingssteigers steeds slechter. In de technische commissievergaderingen hebben wij naar een oplossing gezocht en onze voorkeur ging uit naar kunststof , niet de planken maar de roosters. In september 2010 bij 4 leveranciers prijzen opgevraagd en januari dit jaar voor de firma Infratrading gekozen. Half april zijn we met diverse ploegjes begonnen met het afvoeren van de houten planken en het monteren van de roosters. De snelheid zat er al snel in , alhoewel de boottrapjes en elektrapaaltjes voor wat vertraging zorgden. We zijn zeilers dus in de zomermaanden heeft het werk stilgelegen maar door het zachte en droge najaar konden we het werk voortvarend voortzetten. Maandag 28 november was een gedenkwaardige dag , rond 15.00 uur werd het laatste rooster op de loopbrug gelegd. Ati Floor was bereid de plaats van Maxima in te nemen (zij vond Anton Corbijn belangrijker) en dit moment een feestelijk tintje te geven. Al met al hebben we met een enthousiaste groep (14 man) een geweldige klus geklaard. De volgende vrijwilligers wil ik bij deze bedanken: Gert Reijmerink, Fer Bolweg, Sjoerd Voerman,Ron Stroker, Ben Ackerman, Dick Vennik, Cor Veerman, Henk van Dijk, Roland van Loon, Don van Baarda. Albert Minekus, Bart de Wolf, Hans van Leeuwen, Kees Kruger. (hopelijk is er niemand vergeten) Na deze klus vallen velen van ons in een zwart gat , maar met behulp van stichting Correlatie komen wij de winter wel door , en het prettige vooruitzicht van een poepvrije en lekker stroeve steiger.

33


ZEILREIS

Blocqlid Richard van Heijst, B21, doet met zijn 9 meter Hallberg Rassy solo een rondje Atlantic. Hij verliet de Blocq eind juni en is na een mooie oversteek op Barbados aangekomen. Het boeiende verslag kun je op zijn blog lezen, via de Blocqsite onder ‘links’ of op www.twobor.blogspot.com . Beide foto’s maakte hij bij Madeira.

34


Het is de Bintang geworden.

WHAT’S IN A NAME Met de Maxi 999 ( KAVAT) hebben we 17 jaar gezeild. Het schip was in 1993 vijf jaar oud en van een Zweedse eigenaar. Al die jaren hebben we enorm veel plezier van het schip gehad. In 2006 konden we echter onze zaak verkopen en dan heb je plotseling alle tijd van de wereld. Toen hebben we heel voorzichtig om ons heen gekeken en vonden, dat we toch maar op zoek moesten gaan naar een grotere boot. tekst: Marco & Amarens Nieuwhoff. Maar…….. eerst moest de Maxi worden verkocht. foto’s: Onbekend In het verleden was dat nooit een probleem geweest, want die schepen waren meestal vrij snel verkocht. Toen niet meer, de crisis had keihard toegeslagen. Botenbank, buitenlandse sites, van alles geprobeerd en niets hielp. Ondertussen waren we geïnteresseerd geraakt in een Jeanneau 37, liefst tweedehands. Toen hadden we twee problemen; tweedehands 37 ‘ers waren absoluut niet te krijgen en de Maxi was en bleef onverkoopbaar. In de zomer vorig jaar zagen we Jeanneau 39 bij de importeur in Drimmelen, veel te groot voor ons en de kajuit was niet om aan te zien. Ronde hoeken en wij willen echte hoeken, die van 90*. Er werd door de verkoopster voorgesteld om dan de banken uit te zagen en de zaak recht te maken. Dat was een reële optie. Twee weken daarna, na de introductie van de nieuwe botenlijn van Jeanneau kregen we een mailtje, waarin werd uitgelegd, dat de 39 voeter niet meer werd gebouwd en werd vervangen door de 409, een 40 voeter. Dus weer groter en vele malen breder. Op de natte Hiswa zagen we de boot voor de eerste maal en we waren binnen een kwartier helemaal verliefd. Dus wij togen later weer naar Drimmelen om te kijken of we een deal konden maken. Er waren zeer vele pretpakketten mogelijk en het aankleden van het schip was vrij snel gebeurd. Dan kom je op het heikele punt; Wat te doen met onze Maxi. Onze verkoopster, Felicia, ging even weg en kwam daarna terug met een print van onze advertentie van de Maxi. En wat gebeurt er………….. ze biedt onze vraagprijs als inruil. Je mag dan niet laten blijken, dat je erg blij bent met het voorstel en we zijn weer naar huis gereden. Eind september waren we er helemaal uit en hebben we de knoop doorgehakt. Op een mooie zondagmiddag zat ik te piekeren over een naam voor onze nieuwe aanwinst. Naast mij lag natuurlijk de mooie folder van de Jeanneau 409. mijn oog viel toen op het logo van Jeanneau, een ster. Wij zijn nogal weg van Bali en de Indonesische vertaling voor ster is ‘BINTANG’. Er zijn zielen, die Bintang associëren met een biermerk in Indonesië en ook deze mensen hebben gelijk. De rode ster zit ook in het logo van Heineken. Bintangbier is ons Heinekenbier, dat locaal wordt gebrouwen onder deze naam. Uiteindelijk zijn we deze zomer tot Warnemunde gekomen. Het doel was Ruegen, maar vanwege het weer hebben we er van afgezien. In totaal hebben we ruim 5 maanden op dit schip geleefd en we hebben er geen seconde spijt van gehad. Er is niets kapot gegaan en het schip gedraagt zich fantastisch. Eind september was het mooi en droog weer, dus we hebben toen de zeilen droog op kunnen vouwen .

35


Het Blocqschrift wordt gedrukt door:

EVENEMENTENKALENDER SEIZOEN 2012

15 januari 5 februari 19 februari 4 maart 19 en 20 maart 12 mei 17 – 20 mei 3 juni 8 en 9 september 22 en 23 september

Nieuwjaarsreceptie Snertborrel Tochtpresentatie door Eef Willems: Rondzwerven met de Tooluka Lenteborrel vanaf 13.00 uur Cursus Vaarbewijs door Ted Jansen Vrouwenzeildag Hemelvaarttocht Havendag Triple-8-tocht Sluitingstocht

Foto: Sonja van Meerlant, havendag 15 mei 2011

December 2011 web  
Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you