2020-03-VL-Voka Topics

Page 1

VOKA

TOPICS MAART 2020

BOOMING EDTECH DE MARKT VAN EDUCATIEVE TECHNOLOGIE IN VLAANDEREN Hoe nog meer stimuleren?

DIGITALE OVERHEID WE MOETEN TANDJE BIJSTEKEN Vijf hefbomen

Nieuwe internationale taxatie:

Een maandelijkse uitgave van Voka vzw | Verschijnt niet in juli en augustus | Jaargang 4 - maart 2020 Koningsstraat 154-158, 1000 Brussel P912687

DIGITAL PROOF


In de spotlights via de MICE-special van Voka Rechterpagina

redactioneel artikel

Linkerpagina

advertentie

Aan ruim 35.000 beslissingsnemers in Vlaanderen uw eventlocatie, meetingcentrum, conferentie- of incentivemogelijkheden voorstellen? Dat kan in de MICE-special! Na de succesvolle eerste editie wordt de bijlage in het voorjaar van 2020 opnieuw verdeeld met alle regionale Voka-magazines. Via een interessante formule zetten we uw locatie of diensten uitgebreid in de kijker op een dubbele pagina. U levert zelf een paginagrote advertentie aan; het artikel wordt verzorgd door ons professioneel team van copywriters en fotografen. Dankzij die evenwichtige mix van publiciteit en redactie is visibiliteit gegarandeerd!

Meer weten? Contacteer dan vrijblijvend Chris Lens, senior accountmanager bij Voka. Koningsstraat 154-158 – 1000 Brussel | chris.lens@voka.be | 0475 856 232


VOKA.BE

COLUMN

Allemaal digitaal!

A

llemaal digitaal! Dat was de positieve vibe die enkele weken geleden te voelen was op het eerste Flanders AI Forum over artificiële intelligentie dat Voka samen met Agoria, Imec en VLAIO organiseerde. Met meer dan vierhonderd ondernemers, academici en andere belangstellenden was de opkomst veel hoger dan verwacht. Het enthousiasme en de leergierigheid waarmee ondernemers en onderzoekers ideeën uitwisselden en ervaringen deelden was indrukwekkend. Onder de aanwezigen waren niet alleen de ‘born digitals’, jonge start-ups en scale-ups die hun businessmodellen volledig op de digitale mogelijkheden enten. Er waren ook meer mature bedrijven die kwamen exploreren hoe zij gebruik kunnen maken van de kansen die artificiële intelligentie en big data hun te bieden hebben. Artificiële intelligentie is geen sciencefiction meer, zoveel is duidelijk. Ze begint door te breken in zowat elke sector. We mogen deze boot niet missen, willen we de sterke kenniseconomie die Vlaanderen is, veilig stellen voor de komende decennia. Het belang van het Impulsprogramma dat de Vlaamse regering vorig jaar heeft goedgekeurd, is dan ook niet te onderschatten. Het programma bestaat uit drie belangrijke pijlers. Ten eerste, fundamenteel onderzoek stimuleren bij universiteiten, hogescholen en andere kennisinstellingen. Ten tweede, onze bedrijven informeren en aanmoedigen om AI toe te passen en tot slot ook het brede publiek sensibiliseren over de mogelijkheden van de technologie.

Het is hoopvol om te zien dat artificiële intelligentie al hoog op de agenda staat van het beleid, nu moet het ook hoog op de agenda staan van bedrijven, kennisinstellingen en het onderwijs. In het hoger onderwijs wordt er wel al aandacht aan besteed, maar voor een echte voortrekkersrol is er ook meer kennis nodig op de schoolbanken én in het volwassenenonderwijs. De bedrijven die inzetten op AI kampen nu al met een tekort aan digitaal talent. Verder in dit nummer zullen we zien dat we op het vlak van digibeten nog ver onder de referentie binnen Europa scoren.

Voka_HMaertens @vokavzw

Volg de bedrijfspagina van Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen

“In welke sector ook, en hoe groot of klein ook het bedrijf: iedereen kan en moet op de trein van de digitalisering springen.” In welke sector ook, en hoe groot of klein ook het bedrijf: iedereen kan en moet op trein van de digitalisering springen; net zoals in de jaren met de opkomst van het internet en het world wide web. Vlaanderen heeft alvast een paar belangrijke troeven in handen, want onze bedrijven blinken uit in durf en wendbaarheid. En het zijn die eigenschappen die zullen bepalen in welke mate we aan de slag gaan met de digitale transformatie en hoe we met Vlaanderen een internationale, innovatieve topregio kunnen worden. Hans Maertens Gedelegeerd bestuurder Voka - Vlaams netwerk van ondernemingen

Voka Topics is een magazine van Voka, Vlaams netwerk van ondernemingen Koningsstraat 154 – 158, 1000 Brussel Tel. 02 229 81 11, Fax 02 229 81 00, info@voka.be, www.voka.be | Redactie Sandy Panis, Katrien Stragier, Zoë Vandekerckhove | Verantwoordelijke uitgever Hans Maertens, i.o.v. Voka vzw Burgemeester Callewaertlaan 6, 8810 Lichtervelde Advertenties Chris Lens Tel. 0475 856 232, chris.lens@voka.be | Vormgeving Kim Panis | Druk INNI group, Heule

MAART 2020 VOKA TOPICS 3


DIGITALISERING

7 vragen over nieuwe ‘digital proof’ internationale taxatie Dit jaar zullen 137 landen beslissen over de contouren van een voorstel van het OESOsecretariaat om de internationale fiscaliteit meer ‘digital proof’ te maken. Wat houdt dat precies in, wat mogen we verwachten en waarom is dat nodig? De nieuwe fiscaliteit, uitgelegd in 7 vragen en antwoorden…

1

Waarom denkt men vandaag wereldwijd na over een nieuwe vorm van internationale fiscaliteit?

Vandaag ontwikkelen zich in sneltempo nieuwe businessmodellen die sterk gedigitaliseerd zijn en meteen wereldwijd actief, denk aan de booking.coms en Amazons van deze wereld. Het bestaande internationale belastingstelsel, dat nog dateert uit de jaren twintig van de vorige eeuw, speelt onvoldoende in op deze nieuwe businessmodellen. Vandaag worden de winsten van multinationale ondernemingen gespreid tussen de verschillende landen waar zij met een vestiging aanwezig zijn of waar zij hun intellectueel eigendom hebben ondergebracht. Heel wat internetbedrijven zijn ech-

“Winst toeschrijven aan de aanwezigheid van gebruikers is een paradigmaverschuiving in het internationale belastingsysteem.” 4 VOKA TOPICS MAART 2020

ter fysiek niet aanwezig in een bepaald land, maar verdienen er wel geld met hun digitale diensten

2

Welke initiatieven worden genomen om de internationale fiscaliteit te herbekijken?

Er wordt vandaag in opdracht van de G-20 door de OESO – de mondiale belastingregisseur – gewerkt aan een multilaterale oplossing tussen 137 landen. Daarnaast zijn er ook nogal wat landen die extra druk op het proces zetten door onafhankelijk van elkaar alvast een eigen digitaks in te voeren. Om een wildgroei aan dergelijke taksen te vermijden – met een groot risico op dubbele taxatie voor bedrijven – is het OESO-

secretariaat een versnelling hoger geschakeld om een oplossing te vinden.

3

Wat zijn de krachtlijnen van het OESO-voorstel?

Het voorstel bestaat uit twee pijlers. De eerst pijler herbekijkt de manier waarop belastingaanspraken tussen landen verdeeld worden. Daarbij zal een grotere rol toegewezen worden aan de landen waar verkopen gerealiseerd worden – dus ook wanneer daar geen fysieke aanwezigheid is van het bedrijf zelf. Deze landen zouden dan het recht krijgen belasting te heffen over dat deel van de bedrijfswinsten. Winst toeschrijven aan de aanwezigheid van gebruikers en afnemers is een paradigmaverschuiving in


VOKA.BE

het internationale belastingsysteem. De tweede pijler beoogt een minimale effectieve belasting die elke onderneming die onder de regeling valt, minstens zou moeten betalen.

4

Waar staat de OESO vandaag?

5

Wat als de landen niet tot een akkoord komen?

De OESO heeft bovenstaand voorstel in hoofdlijnen uitgewerkt in twee position papers. Er moeten echter nog heel wat fundamentele problemen opgelost worden. Zoals bijvoorbeeld welk deel van de bedrijfswinsten moet worden toegeschreven aan gebruikers en afnemers van diensten en producten. Of welke ondernemingen precies onder de nieuwe regeling zullen vallen. Volgens de vooropgezette timing zouden deze knopen tegen eind dit jaar doorgehakt moeten zijn.

Dan bestaat het gevaar dat we een proliferatie krijgen van digitaksen per land met het risico op dubbele taxatie en op een grote complexiteit. Tegelijkertijd dreigen dan handelsoorlogen, omdat de Verenigde Staten niet aanvaarden dat vooral Amerikaanse bedrijven opdraaien voor de digitaks die landen heffen.

VOKA

S I FCA AL

PAPER

Een maandelijkse uitgave van Voka vzw | Verschijnt niet in juli en augustus | Jaargang 4- januari 2020 Koningsstraat 154-158, 1000 Brussel P912687

JANUARI 2020

FISCAAL DIGITAAL Naar een internationale taxatie voor de 21e eeuw

6

Wat betekent dit nu voor de Belgische bedrijven?

We kunnen hier pas een exact antwoord op bieden als alle parameters gekend zijn. Zoals het er nu naar uitziet richt men zich in pijler 1 op grote consumptie gedreven ondernemingen. Dus niet alleen internetbedrijven strictu sensu, maar ook bijvoorbeeld autofabrikanten, kledingconcerns en producenten van merkartikelen in de voedingsindustrie. Naar analogie met andere regelingen denkt men daarbij al eens aan een minimale geconsolideerde omzet van 750 miljoen euro. Dat impliceert toch dat meer van onze bedrijven in scope kunnen komen dan op het eerste gezicht gedacht. Geleidelijk aan zal dit ook belangrijk worden voor onze ‘unicorns’ die snel internationaal groeien.

Download de Voka Paper ‘Fiscaal digitaal'

➜ www.voka. be/publicaties

en de OESO zelf werken nog aan impactanalyses. De eerste pijler zal ons land wellicht wat bijkomende belastingopbrengsten opleveren via de taxatie van digitale operatoren. Dit effect zal wellicht echter niet zo groot zijn, omdat we een kleine consumentenmarkt zijn. We zijn daarentegen wel de vestigingsplaats van enkele belangrijke multinationale ondernemingen die zeer exportgericht zijn. Een deel van die winst zal naar het buitenland verschuiven, met een belastingderving tot gevolg.

Op termijn is dit belangrijk voor iedereen. Want hiermee zou wel eens de basis gelegd kunnen worden voor een nieuwe manier van denken over internationale fiscaliteit.

7

Wat betekent dit voor de Belgische schatkist?

De netto-impact van het OESOvoorstel voor de Belgische schatkist blijft vooralsnog onduidelijk. De FOD Financiën

WIE?

KARL COLLAERTS

Senior adviseur fiscaliteit en begroting karl.collaerts@voka.be Karl Collaerts volgt op het Voka Kenniscentrum dossiers op rond ficaliteit en begroting.

In de nieuwste Voka Paper ‘Fiscaal digitaal’ geeft Voka duiding bij de nieuwe regelgeving en formuleert het enkele aanbevelingen voor het beleid. Lees hier de voornaamste: 1.

Een multilateraal akkoord valt veruit te verkiezen boven de invoering van nationale ad hocoplossingen. Anders dreigt een wildgroei aan digitaksen met een groot risico op dubbele taxatie en handelsspanningen.

2.

De nieuwe regels moeten voorspelbaar, toepasbaar en afdwingbaar zijn.

3.

Zowel de OESO als de federale overheid moeten een transparante impactanalyse maken over de gevolgen van de nieuwe regelgeving voor bedrijven en de schatkist: zowel financieel als op het vlak van bijkomende administratieve lasten/kosten.

4.

De scope van pijler 1 leunt best zo goed mogelijk aan bij grote, sterk gedigitaliseerde activiteiten die een beperkte aanwezigheid kennen in landen waar ze verkopen realiseren.

5.

Het pijler 2 voorstel moet er in eerste instantie op gericht zijn om artificiële fiscale constructies die de belastbare grondslag uithollen of winst verschuiven, te corrigeren.

MAART 2020 VOKA TOPICS 5


ONDERWIJS

Educatieve technologie is booming business De impact van de digitalisering op de samenleving is enorm en ook in het onderwijs is technologie in opmars. Het resultaat is dat educatieve technologie, afgekort tot EdTech, wereldwijd een booming sector is. Met 1,8 miljoen lerenden en 190.000 onderwijzers is het potentieel ook in Vlaanderen enorm.

V

olgens cijfers van Deloitte was de globale EdTech in 2017 goed voor maar liefst 180 miljard euro. Educatieve technologie kan omschreven worden als het gebruik van technologie om lesgeven en leren te ondersteunen. Dit kan gaan van apps om huiswerk te begeleiden, over robots om te leren coderen tot software om de administratie te vereenvoudigen. De Vlaamse EdTech-markt Het gebruik van digitalisering in het onderwijs staat in Vlaanderen nog in de kinderschoenen. Uit de jaarlijkse ICTmonitor blijkt bijvoorbeeld dat ICT wel gebruikt wordt om te communiceren of bij de lesvoorbereiding, maar veel minder om leerstof te differentiëren naargelang het niveau van de leerling of om leerstof te verwerven. Toch is er een stijgende interesse merkbaar. Volgens een overzicht van De Tijd en Sirris zijn er momenteel een 90-tal start- en scale-ups actief op de EdTech-markt. Dat gaat over ondernemingen zoals Smartschool, Televic Education en uitgeverij Van In die met haar leerplatform Bingel 8 op 10 basisscholen ondersteunen. Daarnaast zijn er ook heel wat internationale spelers zoals Microsoft en Apple actief in Vlaanderen. 6 VOKA TOPICS MAART 2020

“Volgens cijfers van Deloitte was de globale EdTech in 2017 goed voor maar liefst 180 miljard euro.” Al dat EdTech-geweld was vorig jaar voor het eerst samen te zien tijdens de technologiebeurs SETT in Gent. Indrukwekkend om mee te maken, maar klein bier vergeleken met internationale beurzen zoals de BETTshow in Londen waar jaarlijks meer dan 800 EdTech-bedrijven samenkomen.

Zeker in landen als de Verenigde Staten en China zijn er veel meer en ook veel grotere spelers actief. Duolingo bijvoorbeeld, een Amerikaanse app om talen te leren, wordt vandaag gewaardeerd op 1,4 miljard euro. Opportuniteiten en valkuilen Ondanks de recente bedrijvigheid op het vlak van EdTech zijn er nog heel wat uitdagingen om technologie op grootschalige wijze te introduceren in het onderwijs. Belangrijk daarbij is dat technologie nooit het doel


VOKA.BE

17 maart: Kom leren op ‘Digital School Today’

op zich mag zijn, maar wel een waardevol instrument om leraren en directies te ontlasten en kennis en vaardigheden aan te leren. Technologie laat immers toe om meer op maat te werken van de individuele leerling, om te differentiëren, om leerlingen verantwoordelijkheid te geven, om hen te laten samenwerken, om de leerstof te koppelen aan concrete toepassingen in de realiteit, enzovoort. Technologie maakt het bovendien mogelijk om het traditionele onderwijs te overstijgen en sterker in te zetten op levenslang leren. Oplossing lerarentekort? Een recent McKinsey-rapport becijferde dat leraren 20 tot 40 procent van hun tijd besteden aan activiteiten die door technologie geautomatiseerd kunnen worden. Hierdoor zouden ze veel meer tijd over hebben om les te geven. Het zou meteen ook een oplossing kunnen zijn voor het lerarentekort want ook in Vlaanderen blijkt uit onderzoek dat leraren slechts 60 à 70 procent van de werktijd besteden aan lesgeven. De essentiële voorwaarde voor een ruimere implementatie is dat technologie kwalitatief gebruikt wordt, vanuit een

sterke visie en door bekwame leraren. Hiervoor is het belangrijk dat scholen een gedragen ICT-visie uitwerken en doordachte keuzes maken. Sterke ICT-coördinatoren zijn nodig om vanuit een geïntegreerde benadering scholen en leraren te ondersteunen om aan de slag te gaan met digitalisering, hen wegwijs te maken in het aanbod en ervoor te zorgen dat de verschillende tools naadloos op elkaar zijn afgestemd.

Op 17 maart organiseert Switch, in samenwerking met Voka, een ganse dag met keynotes en tal van workshops rond digitalisering in het onderwijs. Deelnemers kunnen er zelf ervaren hoe technologie een haalbaar hulpmiddel kan zijn in het onderwijs. Er worden praktische tools gedemonstreerd die meteen inzetbaar zijn, en er zijn tal van experten en ervaringsdeskundigen aanwezig die advies geven. Keynotes zijn er onder meer van minister Hilde Crevits en techwatcher Peter Hinssen. Er zijn ook een aantal innovatieve scholen aanwezig die zullen getuigen over hun ervaring. 17 maart, 8u30-17u15, Congres- en Erfgoedcentrum Lamot, Mechelen

Extra investeringen in infrastructuur nodig Daarnaast is het belangrijk dat directeurs en leraren voldoende gewapend zijn om technologie op een kwalitatieve manier te gebruiken. Er zijn ook bijkomende investeringen in IT-infrastructuur nodig. De staat van de Vlaamse scholen is vaak belabberd. Volgens de laatste ICT-monitor is het computerpark toegenomen, maar ook sterk verouderd. De meeste schoolgebouwen zijn onvoldoende uitgerust om digitalisering effectief te implementeren. Ten slotte moet ook het onderzoek naar onderwijstechnologie versterkt worden. Leren is een complex proces. Wetenschappelijk onderzoek moet onderbouwen of digitale tools het gewenste effect behalen. Dit zal de toekomstige educatieve software alleen maar versterken.

WIE?

JONAS DE RAEVE

Adviseur onderwijs jonas.deraeve@voka.be Jonas De Raeve volgt op het Voka Kenniscentrum dossiers op rond onderwijs en levenslang leren.

MAART 2020 VOKA TOPICS 7


ONDERWIJS

De basisschool waar niet alleen de leerlingen ‘smart’ zijn Coderen, programmeren, werken met robots … In basisschool Het Laerhof uit Merksem is leren via technologie dagelijkse kost, zelfs voor de allerkleinsten van 2,5 jaar. “Als school wil je kinderen voorbereiden op de toekomst, en dat betekent op technologische jobs”, vindt directeur Rudi Mennens.

I

n zowat elke Vlaamse basisschool tref je Lego aan, maar die in Het Laerhof is nog van een ander kaliber. Een robot in elkaar draaien? Of een turbine op zonne-energie? De leerlingen op deze innovatieve basisschool doen het in hun eigen Lego Studio. “We hebben materiaal van Lego dat je niet zomaar in de winkel vindt, waar je vanaf 2,5 jaar mee aan de slag kunt. Dat gaat van eenvoudig programmeren en coderen tot robots maken die dingen dragen”, vertelt Mennens. Voor de directeur van 700 leerlingen is het de logica zelf om op zulke technologie in te zetten in de klas. “Dat wordt vaak gezien als iets dat bovenop de andere taken komt, terwijl bijvoorbeeld een robot bouwen maar een derde van het project inhoudt. Leerlingen leren via deze manier onder meer ook samenwerken en nadenken over hoe ze iets efficiënt kunnen doen werken”, stelt hij vast. Het stopt trouwens niet bij de Lego Studio. “Zo hebben wij ook tweehonderd iPads op school, met programma’s waardoor leerkrachten kunnen zien wat leerlingen op hun iPad aan het doen zijn in de klas. Daarnaast hebben we een active floor, 8 VOKA TOPICS MAART 2020

“Als school wil je kinderen voorbereiden op de toekomst, en dat betekent op technologische jobs.” RUDI MENNENS, BASISSCHOOL HET LAERHOF

een soort touchscreen die met een beamer op de grond wordt geprojecteerd waar leerlingen oefeningen op kunnen doen. Zo kunnen de oudsten daarop figuren en kleuren programmeren, waarbij jongere leerlingen bij wijze van oefening op het juiste kleurtje moeten gaan staan”, legt de directeur van de Apple Distinguished School uit. Maar of dit in elke school wel haalbaar is? “Met weinig middelen kan je al veel doen, dus dat kan geen excuus zijn. Wij zijn trouwens ook klein begonnen. Wij hebben onder meer middelen gezocht via Europese projecten. We werken ook samen met Apple, en staan dus open voor samenwerking met privé-

firma’s”, vertelt Mennens. “Het is wel heel belangrijk dat je leerkrachten – ik heb zelf een team van zestig – in het verhaal meegaan, anders lukt het niet.” Of zijn verhaal andere scholen kan inspireren? “Er valt in ons onderwijs in elk geval nog een hele weg af te leggen. Het onderwijs hinkt achter, de eindtermen ook. Zo moeten wij eigenlijk nog een computer met diskettes en een muis op school hebben. Heel wat scholen hebben niet eens smartboards en dat terwijl de kern van onderwijs is om kinderen voor te bereiden op de toekomst.”


VOKA.BE

ARBEIDSMARKT

Welke Messias lost met een 30-uren werkweek de krapte op de arbeidsmarkt op? Met de regelmaat van de klok duikt het debat over arbeidsduurvermindering met loonbehoud op. Dat klinkt velen dan ook als muziek in de oren. Het lijkt een antwoord op de toegenomen werkdruk, de nood aan meer mensen aan het werk en tot slot een rechtvaardige verdeling van zorgtaken tussen mannen en vrouwen. Maar is dat wel zo? Sonja Teughels, senior adviseur arbeidsmarkt, zet het een en ander op een rijtje.

F

eit is dat BelgiĂŤ bij de top behoort wat levenskwaliteit betreft en dat de combinatie arbeid-gezin voor de meeste mensen goed geregeld is. Wel is het zo dat de werkdruk is toegenomen. De oorzaak daarvan is de toegenomen krapte op de arbeidsmarkt. Er is een recordaantal vacatures, meer dan in andere landen, maar bedrijven krijgen die niet ingevuld. Daardoor blijven orders open staan, blijft vervanging of uitbreiding uit en moeten de werknemers een tandje bijsteken. Met zijn allen minder gaan werken lost dus zeker niets op. Wel integendeel: we moeten ervoor zorgen dat meer mensen aan de slag gaan met de juiste scholing en ervaring.

27%

Een vermindering naar 30 uren met loonbehoud zou betekenen dat de loonkost stijgt met 27%.

“10% minder werken betekent niet 10% meer mensen aan het werk maar wel 10% minder output.� Werk is niet statisch Dat minder werken zou leiden tot herverdeling en dus meer mensen aan het werk, werd al meermaals weerlegd. Enkel

Jezus kon met vijf broden en twee vissen een grote groep mensen eten geven. 10% minder werken betekent niet 10% meer mensen aan het werk maar wel 10% minder output, minder welvaart en dus minder inkomsten om alle sociale noden in de sociale zekerheid te financieren. Een vermindering naar 30 uren met loonbehoud zou bovendien betekenen dat de loonkost stijgt met 27%, waardoor het aantal jobs afneemt. Als mirakeloplossing wordt dan een productiviteitsstijging voorgesteld. Die is de laatste jaren zeer laag. De beperkte groei die er is, wordt bovendien al aangewend voor loonstijgingen en de toegenomen financiering van de sociale zekerheid. Je kan een euro geen twee keer uitgeven. Drie oplossingen Wat kunnen we dan wel doen om onze productiviteit te doen stijgen? Ten eerste, zorg voor permante vorming. We dreigen een deel van de beroepsbevolking te verliezen in deze digitale en technologische tijden als er niet tegelijk bijgespijkerd wordt op vlak van competenties en ervaring. Ten tweede, zet in op activering van alle inactieven, ongeacht in

welk uitkeringsstelsel ze verblijven. Het mechanisme van communicerende vaten tussen werkloosheid, bijstand en ziekte moet doorbroken worden. De vele vacatures en de heersende krapte vragen dat we iedereen met arbeidspotentieel maximaal ondersteunen en opvolgen richting werk. Tot slot moet de arbeidsmarkt zelf ook versoepeld worden zodat ondernemingen en hun werknemers onderling sneller kunnen inspelen op de gevraagde flexibiliteit.

WIE?

SONJA TEUGHELS

Senior adviseur Arbeidsmarkt sonja.teughels@voka.be Sonja Teughels volgt op het Voka Kenniscentrum de dossiers op rond arbeidsmarkt.

MAART 2020 VOKA TOPICS 9


DIGITALISERING

Vlaanderen nog geen top in digitalisering

Hoe kunnen we een digitaal tandje bijsteken? De digitale revolutie blijft aan snelheid winnen. Willen ondernemingen in een open economie zoals die van Vlaanderen competitief blijven, dan is het noodzakelijk om mee te zijn in die trend. De overheid kan hierbij een cruciale rol spelen, in de eerste plaats door de eigen overheidsdiensten verder te digitaliseren, maar ook door Vlaamse ondernemingen en burgers te ondersteunen. Hoe doen we het op het vlak van digitalisering, en in het bijzonder inzake digitale overheid in Vlaanderen? Dieter Somers, adviseur Digitale transformatie bij het Voka Kenniscentrum maakt een balans op en vertelt waar we nog een tandje kunnen bijsteken.

A

ls we kijken naar de internationale digitaliseringsranking, dan draait die balans niet echt positief uit. We staan niet aan de top en meer zelfs, we verliezen steeds meer terrein. Zo bekleden we slechts

de 25ste plaats in de IMD World Digital Competitiveness Ranking 2019. In de Europese DESI-index 2019 staan we op een bescheiden 9de plaats, en zelfs slechts op de 15de plaats als we enkel kijken naar digitale overheidsdiensten.

Als we vervolgens kijken naar de onderstaande subindicatoren voor Vlaanderen zien we dat we een stuk onder de referentielat liggen. We scoren vooral slecht op e-government en digitale vaardigheden. Meer gezinnen met breedband

Digitale overheid

59%

84%

92%

Legende: Interactie van burgers (16-74) met de overheid via het internet in de voorbije 12 maanden (in %) Recentste cijfer: 2018 Bron: Eurostat

Meer computergebruik

91%

85%

92%

97%

Legende: Gezinnen met breedband in % van het totale aantal gezinnen Recentste cijfer: 2018 Bron: Eurostat

Minder digibeten 97%

99%

25%

20%

12%

Legende: Individuen die al een computer gebruikt hebben in % van het totale aantal individuen

Legende: Individuen met lage digitale vaardigheden in % van het totale aantal 16- tot 74-jarigen

Recentste cijfer: 2017 Bron: Eurostat

Recentste cijfer: 2017 Bron: Statistiek Vlaanderen

10 VOKA TOPICS MAART 2020


VOKA.BE

Op het vlak van e-government zijn we bijzonder ver verwijderd van referentie. In 2018 had slechts 59% van de Vlaamse burgers (16-74 jaar) interactie met de overheid via het internet. De referentie ligt op 84%, terwijl de absolute top 92% bedraagt, met andere woorden: hier is duidelijk werk aan de winkel. We scoren ook opmerkelijk slecht op het vlak van digibeten. Het percentage van digibeten ligt meer dan twee keer zo hoog in vergelijking met de top. Maar liefst 14 EU-landen scoren hier beter. Ook qua computergebruik en beschikbaarheid van breedband scoren we onder de referentielat en zijn we nog een stuk verwijderd van de top. Qua adoptiegraad en gebruik van bepaalde digitale technologie bij bedrijven scoren we dan wel beter: zowel qua investeringen in software en het gebruik van big data-analyse scoren we boven de referentie (weliswaar nog steeds onder de top). Een kanttekening hierbij is dat deze resultaten vooral gedreven worden door grotere bedrijven; zo ligt het big data-gebruik bij ondernemingen groter dan 250 werknemers op maar liefst 57%. Rol een gebiedsdekkend 5G-netwerk uit Het economisch potentieel van 5G is gigantisch. Naast de mogelijkheid om snel enorme hoeveelheden data te versturen is het veel betrouwbaarder en treedt er minder snel congestie op. Deze zaken zijn noodzakelijk voor de optimale ontplooiing van innovatieve toepassingsdomeinen zoals smart grids en autonome voertuigen. Vlaanderen kent echter nog steeds geen commerciële uitrol van 5G door het uitblijven van de federale veiling. We blijven zitten met een economische handicap. Het voorstel van het BIPT om te werken met tijdelijke gebruikersrechten is een stap in de goede richting, maar het blijft een tussenoplossing.

Voer standaarden in voor data pooling en sharing Steeds meer ondernemingen verzamelen en analyseren data. De mogelijkheden zijn echter gigantisch wanneer ondernemingen hun beschikbare data zouden uitwisselen (dit geldt ook voor de overheid). Dit kan tal van nieuwe inzichten creëren en horizontale én verticale integratie binnen en tussen ondernemingen stimuleren. Data zitten vaak echter in afzonderlijke silo’s overheen bedrijven, sectoren en overheidsdiensten. Daarnaast worden ze vaak opgeslagen in verschillende formats en structuren wat de uitwisseling bemoeilijkt. Vandaar het belang om dit via standaarden te stimuleren en faciliteren. Dit kan ook via proefprojecten. Maak van het Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO) een datadriven agentschap VLAIO is een belangrijke spil binnen het ecosysteem van ondernemers en innovators. Het agentschap werkt hierbij samen met andere partners om bedrijven te connecteren en te ondersteunen. Veel is echter mogelijk als het agentschap gebruik maakt van de hoeveelheid data die binnen het netwerk, maar ook binnen de eigen projectenportfolio wordt verzameld. Via big data-analyse kan men onder meer ondernemingen beter connecteren en synergieën blootleggen. VLAIO heeft inmiddels al de eerste stappen naar een meer datadriven agentschap gezet, nu is het zaak om de ingeslagen weg verder te bewandelen. Ga digital first met de overheid Een verregaande vereenvoudiging en digitalisering van de overheidsdiensten creëert niet enkel grote efficiëntiewinsten, maar kan ook sterk de kwaliteit van de dienstverlening verbeteren. Deze verregaande digitali-

Lees meer cijfers over onze 'digitale overheid' op fastforwardflanders.be.

sering en het oprichten van virtuele loketten was één van de doelstellingen van het actieplan Vlaanderen Radicaal Digitaal dat in 2015 werd gelanceerd. Vijf jaar na datum zien we echter dat de meeste doelstellingen van dit actieplan niet of slechts gedeeltelijk werden behaald. Hopelijk slaagt Vlaanderen Radicaal Digitaal 2.0 wel volledig in zijn doelstellingen. Stimuleer smart cities Via het ondersteunen van smart cities wordt innovatie tussen lokale besturen en ondernemingen sterk ondersteund. Daarbovenop hebben deze ontwikkelingen vaak een sterke maatschappelijke meerwaarde en is er een win-win voor alle betrokken partijen. Inmiddels ondersteunde de Vlaamse overheid al verschillende projecten, nu kan het zaak zijn om te leren uit de best practices.

WIE?

DIETER SOMERS

Senior adviseur Digitale transformatie dieter.somers@voka.be Dieter Somers volgt op het Voka Kenniscentrum dossiers op rond digitalisering, artificiële intelligent, cybersecurity en big data.

MAART 2020 VOKA TOPICS 11


Je wilt investeren in je strategisch hr-beleid, maar je payrollproces slorpt veel van je kostbare tijd op? De pieken en dalen in workload op payrollvlak krijg je moeilijk opgevangen? Door je loon- en/of personeelsadministratie integraal of deels uit te besteden, krijg je opnieuw de ademruimte die je nodig hebt. Van ondersteuning bij je hr-administratie en payrollprocessen on site tot integrale business process outsourcing: SD Worx reikt je een oplossing aan op maat van je behoeftes.

Check www.sdworx.be/outsourcing


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.