Issuu on Google+

Veluwezoom Ongewoon Nederland

Nationaal Park Veluwezoom

1


2


Veluwezoom Ongewoon Nederland


Veluwezoom Ongewoon Nederland

Een wandeling door Veluwezoom, bijzondere natuur in Nederland Monica Wesseling pagina 10 & Natuurbeelden met persoonlijke notities Lars Soerink pagina 27

Uitgegeven door Natuurmonumenten 2011


Veluwezoom, het oudste Nationaal Park van Nederland: een fantastisch en tot ver over de landsgrenzen bekend natuurgebied. Bij velen bekend als ‘Onze eigen Serengetti achter de dijken’. Groots en uitgestrekt, met in de bossen, heidevelden en zandverstuivingen nog ruimte voor spontane natuur. Het vormt een ware schatkamer van vele bijzondere soorten planten en dieren. Voeg daarbij de plekken die rijk zijn aan cultuurhistorie en u weet waarom het voor miljoenen bezoekers een bron is van verwondering en inspiratie. Voor de één vormt het een decor om naar te kijken en stil van de te worden, voor de ander een prachtige spannende plek om er op uit te trekken. Honderd jaar geleden zag Natuurmonumenten, mede op initiatief van omwonenden, de grote waarde van het gebied. Dat was de tijd waarin de alom bekende leraar en natuurvorser Jac. P. Thijsse - de man van de Verkade albums en een van de oprichters van Natuurmonumenten – de dringende behoefte zag om via burgerinitiatieven natuurbescherming te agenderen en tot concrete actie over te 6


gaan. Natuur werd destijds bedreigd door een gebrek aan visie. Het Naardermeer stond op de nominatie om vuilstortplaats van Amsterdam te worden en bossen werden bedreigd met acute kaalkap. Na het redden van het Naardermeer volgde op Veluwezoom al snel daarna de eerste aankopen in het gebied Hagenau. En op tal van andere plaatsen in Nederland deed Natuurmonumenten hetzelfde. Op verzoek van de vele Nederlanders, die inzagen dat natuurbescherming bij onze cultuur en onze beschaving hoort. Al beschermend en beherend creĂŤerde Natuurmonumenten een groot aaneengesloten natuurgebied, van thans meer dan 5000 hectares. In 1930 kreeg Veluwezoom de status van Nationaal Park. Vele generaties genoten ervan, raakten ervan in verwondering. Dat willen we graag zo houden, nu en in de toekomst. In dit boekje nemen we u mee door het gebied, op een wandeling in woord en beeld. Laat u verrassen, trek er op uit ! En vertel het verhaal van Veluwezoom door aan volgende generaties. 7


Een wandeling door Veluwezoom, bijzondere natuur in Nederland door Monica Wesseling

9


V

oorzichtig likt het ree haar pasgeboren jong. Het kalf probeert op te staan, maar zijn poten zijn nog onwennig en voelen veel te lang. Hoog in de beuken roffelt een grote, bonte specht en vreten rupsen aan een lichtgroen beukenblad. Het is lente op Veluwezoom: het bos viert het leven.

Het is stil, maar toch ook weer niet. Tientallen vogels proberen met luide zang elkaar te verleiden. Het is het seizoen om voor nageslacht te zorgen en dat begint toch echt altijd met ‘de liefde’. Mezen en boomkruipers etaleren zich zo gunstig mogelijk, spechten hakken het fraaiste gat en geven met een roffel aan welk deel van het bos zij tot hun eigendom rekenen. Ze doen maar, vandaag is het bos ook een beetje van ons. Het is wel een merkwaardig bos, zo onNederlands, zo anders dan je van de Veluwe verwacht. Nederland heet toch vlak en plat te zijn, maar hier is het een en al heuvels. (fig. 1) ijstijden Heuvels zijn er om te bedwingen en met een rugzak met versnaperingen gaan we op pad voor een dag op Veluwezoom. Origineel zijn we natuurlijk niet, want al eeuwen geleden roemde

10


men dit ‘wond’re landschap, deze Bosch-heerlijkheid’. Het is de tijd van alle kleuren groen: het lichtgroen van beukenblad, het grasgroen van jonge eiken, het mosgroen van de lijsterbes en het appelgroen van de berk. Op de bosbodem speelt de zon met de bladeren en samen maken ze een steeds wisselend dambord van lichte en donkere vlekken.

Bulten Het is meteen fl ink kuitenwerk, want de bodem is geen meter vlak. Steeds klimmen we heuvels op om dan weer diep in het dal te zakken. Wat een oergeweld moet dat zijn geweest toen deze heuvels ontstonden, ruim 130.000 jaar geleden. Zouden die mammoeten dat hebben kunnen doorstaan? Waren die slim genoeg om tijdig veiliger oorden te zoeken? Het spookt hier af en toe nog steeds fl ink, want er liggen twee dikke, dode beuken naast het pad. Eén ervan is gespleten en duidelijk het slachtoffer van een blikseminslag jaren geleden. De andere heeft geen ‘aantoonbare kwetsuren’. Haaks op de stammen, maar ook evenwijdig eraan, groeien dikke (fig. 2) tonderzwammen en dat maakt de speurder in ons wakker. De paddenstoelen die haaks op de stam staan, moeten zijn gegroeid toen de boom nog stond. De beuk was toen zwak, want alleen zwakke bomen schimmelen. De paddenstoelen evenwijdig aan de stam zijn ontstaan nadat de boom is omgevallen.

Zwijnen

1. IJStIJden

Het ontstaan van Veluwezoom was een ijzige aangelegenheid. Tijdens de voorlaatste ijstijd, 180.000 tot 130.000 jaar geleden, drong een enorme ijstong vanuit Scandinavië ons land binnen. De ijsmassa stuwde de grond op waardoor langgerekte stuwwallen ontstonden. Veluwezoom en de Utrechtse Heuvelrug zijn deel van zulke stuwwallen. In de laatste ijs­ tijd, 110.000 tot 10.000 jaar geleden, bleef Nederland ‘ijsvrij’, maar raakte de ondergrond permanent bevro­ ren. Smeltende sneeuw in het voor­ jaar en ontdooiende grond sleten diepe erosiedalen uit. De aanhou­ dende stormen zetten vervolgens in de luwe dalen vruchtbare löss af. De bomen in de dalen zijn daardoor langer en dikker dan op de ‘bergen’. Er staan vaak enorme adelaarsvarens en hogerop groeien bosbes en voch­ tige smele (een grassoort).

2. tonderzwammen

Zo, dat raadsel is ook weer opgelost en opgetogen trekken we verder, diep het donkere woud in. We bedwingen een Gelderse Alpe d’Huez en hoog op de top ontdekken we in de diepte een zwembad. Een modderbad, dat wel. Op de rand van de poel en in het slik staan diepe pootafdrukken die op die van varkens lijken. Dat moet een bad zijn van (fig. 3) wilde zwijnen, die leven immers op de Veluwe! We hebben waarschijnlijk te hard gekletst en ze daardoor verdreven. Wat zou het spannend zijn ze vandaag nog tegen te komen. Het is een kwestie van geluk hebben. De eerste sporen hebben we in elk geval al gezien.

11


Van alle diersoorten waarvan de reukzin wetenschappelijk onderzocht is, bezit het wilde zwijn de grootste oppervlakte reukslijmvlies, en daarmee ook de meeste reukreceptoren. Gemiddelde oppervlakte reukslijm­ vlies bij wild zwijn: 290 cm2, bij de mens is dat 5 cm

2

4. den VrIJen VacantIemenSch Het moet rond 1900 een angstige tijd zijn geweest voor de omwonenden en liefhebbers van het bosgebied Hagenau want ‘zakenmannen die met meetbanden de heerlijkste boomen omzetten in kubieke meters doorkruisten het bos. De bijl lag al aan den stam van zoo menigen boom…’ De buurtbewoners organiseerden zich en riepen de hulp in van de nog jonge Vereeniging tot be­ houd van Natuurmonumenten om het 548 hectare grote bos te redden. Het aankoopbedrag van 450.000 gulden was eigenlijk ver boven het bud­ get van de jonge Vereeniging, die toen ook net het bedreigde Leuvenumse bos wilde kopen. Maar het lukte: ‘de beul van Holtland’ werd verdreven. ‘Het woud is nu van den vrijen vacantiemensch en voor de wilde vogels en bloemen. De herten en marters welke er huizen, ver van de bewoonde wereld.’ 

3. wIld zwIJn Geen dier laat duidelijker sporen achter als het wilde zwijn. Heel opvallend zijn de modderbaden (‘zoelplekken’) omgeven met pootafdrukken. Bij de zoelplek staan altijd veeg­ bomen: na het baden schuren de zwijnen de modder af aan een boom. Hun donkere keu­ tels liggen overal. Er zit zand in, opgegeten tijdens het voedsel zoeken in de bodem. Een her­ tenkeutel bevat nooit zand. De wroetplekken laten zien naar welk voedsel is gezocht: opper­ vlakkig gewroet levert eikels en beukennootjes op. Wat dieper in de bodem vinden zwijnen insecten en tot een meter diep (varen­)wortelstokken. 

12

5. SteKel- en adelaarSVaren


Het bos voelt oud. De enorme beuken moeten meer dan honderd jaar oud zijn, want we kunnen niet eens met zijn tweeën de stam omvatten. Van een omgevallen exemplaar zijn de jaarringen te tellen: de boom is negentig jaar geworden. Dan herinneren we ons het verhaal over het ontstaan van Veluwezoom als beschermd natuurgebied. Het begon hier in dit beukenbos, door de eerste eigenaar Hagenau genoemd naar het Franse dorp waar hij zijn bosbouwopleiding had genoten. Honderd jaar geleden dreigde het te worden gekapt. De toenmalige eigenaar Reekers wilde het verkopen en de kopers loerden vooral op het hout. Kaalslag dreigde. Gelukkig gebeurde het niet, je moet er toch niet aan denken dat dit kale vlakte zou zijn met fabrieken. (fig. 4) ‘den vrijen vacantiemensch’

Bosmuis Als we na dit gepeins weer doorlopen, valt ons de gigantische variatie in bomen op. Met een bomenboekje in de hand weten we lijsterbes, eik, beuk, berk, esdoorn en linde te benoemen. Alles staat hier kris-kras door elkaar. Alsof degene die het bos heeft geplant, maar niet kon beslissen. Opeens: geritsel in de bladlaag op de bodem! De bladeren bewegen terwijl er zo laag over de grond toch onmogelijk wind kan waaien. Er verschijnt een bosmuis die heel kalm een beukennoot openmaakt. Dan kraakt een tak en schrikt het diertje op. De bruine, ronde oortjes proberen het geluid te lokaliseren, de zwarte kraaloogjes schieten in het rond en roets, weg is de muis.

Zoet De zoete geur van pannenkoeken zweeft door het bos. Even denk­en we verstandsverbijsterd te zijn, maar al heel snel is daar de Carolinahoeve, destijds ook onderdeel van Hagenau. De baksels moeten er exquis zijn, want al in 1900 werden hier pannenkoeken geserveerd. Huiszwaluwen vliegen af en aan: verscholen onder de dakpannen van de oude boerderij wordt hard aan nestbouw gewerkt. We lopen de Koningslaan op, een kaarsrechte laan, met aan weerszijden imposante beuken. Het is zo’n laan die je direct aan

13


6. atalantaVlInder

vorstelijke dames en voorname heren doet denken. Aan jachtpartijen vol gebraad en gebral, tafels overladen met wild en bosvruchten. In de zeventiende eeuw was dit het jachtgebied van Willem II. Een fl ink gebied, want geschriften spreken van een wildbaan met een omtrek van ‘3,5 uur gaans’. Toen de laan werd aangeplant was de omgeving nog veel kaler en moet de laan een echte blikvanger zijn geweest. De beuken rondom zijn allemaal uit de laanbomen voortgekomen. Een oudere vrouw en een man met een stok lopen ons tegemoet. We groeten elkaar en raken in gesprek over de rust en ruimte die dit natuurgebied biedt. Het echtpaar blijkt hier al 62 jaar vlakbij te wonen. ‘Onze kinderen zijn in dit bos opgegroeid. We herkennen nog steeds de klimbomen.’

Onzalig Rood Wit Zwart

7. meStKeVer

14

We schrijden een tijdje voort over de Koningslaan en verbazen ons over het verschil in dikte en lengte van de bomen op de top en die in het lössrijke dal. De woeste wouden, ‘de Onzalige bosschen’ rondom het pad, lokken ons echter. Dit bos ziet er weer zo anders uit dan dat van een uurtje geleden. Hier bepalen grillige eiken met (fig. 5) stekel- en adelaarsvarens het beeld. De bomen hebben vrijwel allemaal meerdere stammen en zijn dunner dan je op zulke grond verwacht. Die grond moet immers voedselrijk zijn; varens en her en der zelfs bramen hebben voedsel nodig. De eiken blijken een geschiedenisles te verbergen, een nuttige historie. In de middeleeuwen was naast hout voor dagelijks gebruik extra brandstof nodig voor de ijzerindustrie. De basis voor die ijzerwinning waren de klapperstenen, ovale stenen bestaande uit een leemkern met ijzerhoudend omhulsel, die hier op de Veluwezoom werden en worden gevonden. Door de stenen op een houtskoolvuur te verhitten, kwam het ijzer vrij. Voor die houtskoolproductie werden duizend jaar geleden eiken als hakhout gebruikt. De lange, sprietige eikentakken waren in latere eeuwen ook weer handig. Ze werden samen met ingezaaide bonen gebruikt als windscherm rond de tabaksplantages op Veluwezoom. Geschiedenis te over hier, maar het is vooral ook heel veel natuurlijk genieten.


Adelaars Op ons pad door het bos worden de grillige eiken langzaam maar zeker weer gewone bomen en neemt ook de variatie toe. De adelaarsvarens rekken zich uit alsof ze hebben uitgeslapen. De meeste zijn nog deels opgekruld en niet hoger dan een halve meter. Als we over een maand of twee terugkomen zullen ze majestueus zijn met een hoogte van wel twee meter. We gaan bergop, we gaan bergaf en banjeren ontspannen door. Dan verschijnt plots een wild zwijn onder de varens vandaan. Hij schrikt net zo van ons als wij van hem en is in een oogwenk verdwenen. Hij moet met behoorlijk wat soortgenoten zijn, want overal is de grond omgewoeld door hun zoektocht naar wortelstokken, wormen en insectenlarven. Een pluk bruine vilten haren op het pad verraadt de aanwezigheid van Schotse Hooglanders. De Hooglanders lijken hier van oudsher thuis te horen, maar zijn hier toch wel degelijk door Natuurmonumenten met een bedoeling uitgezet. Samen met de edelherten, reeën en wilde zwijnen houden ze het bos natuurlijk en wild. De dieren trappen, grazen, graven, duwen, schuren, schuiven, knabbelen en ontwortelen bomen, struiken en kruiden en houden zo de natuur steeds in beweging. Ze zorgen voor structuur en variatie in het gebied. Dat is belangrijk, want natuur die zich spontaan mag ontwikkelen zonder al te veel menselijk ingrijpen is in ons land zeldzaam aan het worden.

Mestkever Ze zijn nuttig, die dieren, maar voor ons vooral ook leuk. Op het pad loopt een (fig. 7) mestkever die uit alle macht een bolletje mest voor zich uit duwt. Nieuwsgierig volgen we het dier dat ruim tien meter verder (een enorme afstand voor een kever van een centimeter) de mest in een holletje duwt en er vervolgens zelf ook in verdwijnt. We wachten enkele minuten, maar ons geduld raakt op. Eenmaal thuis zullen we via internet ontdekken dat de kever in de mest een ei legt. De larve die daaruit komt, voedt zich met de mest. Het lijkt een onbeduidend dier, zo’n mestkever, maar hij telt voor de biodiversiteit, de natuurlijke rijkdom, net zo hard mee als een buizerd of edelhert. Het bos breekt open: de einder komt weer in zicht. We

Een pluk bruine vilten haren op het pad verraadt de aanwezigheid van Schotse Hooglanders

8. IJSSELUiterwaarden Natuurlijke uiterwaarden herbergen niet alleen bijzondere planten en dieren zoals de gele morgenster, rivierkruiskruid en de kwartel­ koning, maar ze zijn ook voor veel dieren van heuvelachtig Veluwe­ zoom van groot belang. Zo bouwt de das zijn burchten in de hoge, droge heuvels en in de uiterwaarden zoekt hij naar regenwormen en emelten. Ook voor onder meer reeën, vlin­ ders, zeearenden en oehoes zouden de uiterwaarden als rijk gebied kun­ nen dienen in plaats van het voed­ selarme zand van de Veluwe. De ho­ gergelegen Veluwe is juist weer een broedgebied en veilig toevluchts­ oord tijdens hoog water. Dat zou kunnen als er meer uiterwaarden tot natuurgebied worden omgevormd én deze veilig en goed met Veluwe­ zoom worden verbonden. Natuur­ monumenten werkt hieraan. 

15


belanden aan de rand van een heideveld, links open veld, rechts het bos. Een vogelaar met een enorme telescoop wijst op een roodborsttapuit die opvallend mooi zit te wezen. In de blauwe hemel jubelt een veldleeuw­erik en een (fig. 6) atalanta ‘snelt’ voorbij. Ongemerkt verstrijkt de tijd en als we bij het Natuurmonumenten bezoekerscentrum aankomen, blijkt het al veel later dan we dachten en wordt het hoog tijd om in de trein te springen.

Weer terug Nog geen twee maanden later zijn we terug: er is nog zo veel van Veluwezoom ongezien. We gaan op de fiets want wie Veluwezoom wil leren kennen, moet ook naar de (fig. 8) IJsseluiterwaarden en die kun je alleen vanaf het fietspad zien. De Vaalwaard en de Velperwaard zijn getooid met ouderwetse bloemen. Onbekommerd genieten is het niet: op de autoweg ligt een doodgereden das. Het dier pendelt graag heen en weer tussen uiterwaarden en zandige zoom en één van die tochtjes is hem fataal geworden. Weer een bewijs van het belang van veilige groene verbindingen. We stallen de fiets bij het bezoekerscentrum en gaan te voet verder. De wandeling van vandaag begint veel minder woest, het landschap oogt geciviliseerd. Nabij het bezoekerscentrum ontdekken we een koetshuis, een boomgaard, een fruitmuur en ook het restaurant is ‘landgoedelijk’ behuisd. Er staan mooie, ouderwets ogende brandrode runderen in de glooiende weide en een stukje verderop wuift zelfs goudgeel graan. Met een geluid alsof hij verontwaardigd is, schiet een fazant voor ons weg. Natuurmonumenten houdt hier, op landgoed Heuven, het agrarisch gebruik van vroeger in ere. (fig. 9) landgoederen Zo blijft de mooie cultuurhistorie bewaard. Het is de geschiedenis van ons eigen land, de tijd en plek waar we vandaan komen, de bron die het verleden heet.

Vrijwilliger Een man die net de drinkwaterbak van de koeien bijvult, blijkt vrijwilliger van Natuurmonumenten te zijn en vertelt: ‘Een landgoed onderhouden is veel werk. Er moet onder meer worden gesnoeid, gemaaid, gehooid en geoogst en dan zijn er ook nog de excursies.’

16


leuKe PleKKen oP Veluwezoom

IMBOSCH

ONZALIGE BOSSEN

RHEDEROORD

BEEKHUIZEN EN HEUVEN

Een vroegere nederzetting voor arbeiders die in op­ dracht van de landheer de omliggende ‘woeste gron­ den’ ontgonnen.

Eén van de oudste bosge­ deeltes van Veluwezoom. Uit de eikenbast werd eek ge­ wonnen voor de leerlooierij.

Bijzonder zijn hier de vele bijzondere boomsoorten: restanten van de vroegere parktuin. Natuurmonumen­ ten werkt aan het herstel.

Dit zijn twee landgoederen zonder landhuis, maar met een rijke historie. Ook hier werkt Natuurmonumenten aan herstel.

OBSERVATIEPOSTEN

VELUWE TRANSFERIUM

POSBANK PAVILJOEN

CAROLINAHOEVE

Mis de observatieposten Herikhuizen en de Elsberg niet. Neem een verrekijker mee om wild te kunnen spotten.

Dit is hét vertrekpunt van een bezoek aan Veluwezoom. Hier zijn het bezoekerscen­ trum, de fietsverhuur en een brasserie gehuisvest.

Op deze hooggelegen plek met een adembenemend uitzicht is het heerlijk uitrus­ ten tijdens of na een flinke wandeling.

Al eeuwenlang is dit een rust­ plek voor natuurliefhebbers. Er worden hier heerlijke pan­ nenkoeken geserveerd. 17


9. Landgoederen In het vruchtbare gebied op de grens van de stuwwal en de IJssel werden in de 17e en 18e eeuw landgoederen aangelegd. Drie daarvan liggen bin­ nen Nationaal Park Veluwezoom. Beekhuizen en Rhederoord zijn beide gesticht door bestuurders die een fraai buiten wilden voor vermaak en genoegen. Ze lieten parktuinen aanleggen met lange lanen, water­partijen en glooiende, golvende paden. Op Heuven wer­ den vooral landbouwgewassen ge­ teeld. Heuven werd onder invloed van een latere eigenaar, afkomstig uit de bankierswereld, omgevormd tot landgoed.Toch behield het zijn agrarische functie. De drie landgoe­ deren hebben elk hun eigen karak­ ter en Natuurmonumenten koestert de verschillen. 

Het landschap toch weer anders bekijkend, slenteren we door langs weiden en akkers en lopen een enorm park binnen. Niet dat er een hek omheen staat, maar zo even was het land nog nuttig en de beuken, glooiende paden en rododendrons lijken hier toch vooral voor het mooie. Dit is landgoed Beekhuizen, net als Rhederoord een van de vele landgoederen die in de 17e en 18e eeuw aan de rand van Veluwezoom werden gebouwd.

Flaneren Wandelen wordt flaneren en we belanden op een pad dat een bergje opslingert. Dan opeens vinden we op die gortdroge Veluwe een heuse beek met haaks daarop tal van zijbeken waarboven libellen dansen. Beek, zijbeken en een put (officieel sprengen en sprengkop geheten) zijn in de 17e eeuw gegraven omdat er veel (stromend) water nodig was om onder meer papiermolens aan te drijven. Het zijn waardevolle cultuurhistorische systemen, vandaar dat Natuurmonumenten ze onlangs vakkundig heeft gerestaureerd. Het water is kraakhelder en vol insectenlarven, een zeldzaamheid in ons verdrogende en niet al te schone land. Een vrouw met een schildersezel ‘bewijst de mooiigheid’ en wij wandelen door. We hebben op de weg hierheen een schaapskooi gezien en waar een kooi is, zijn schapen en waar schapen zijn, is heide en waar heide is, zijn wellicht zandhagedissen, wilde bijtjes en vlinders. Zo lopen we bijna ongemerkt vanuit landgoed Heuven via de schaapskooi de voor Veluwezoom zo karakteristieke heide tegemoet.

Herderin De pas gaat erin en dan is daar opeens dat oogverblindende paarsroze veld. Die diepe dalen en hoge bergen vol zoet geurende honingbeloften. Decibellen vol zoemende geluiden zingen in het rond: honingbijen en wilde bijen doen hun werk. Nectar en stuifmeel worden nijver verzameld om er het bijenbroed mee te voeden. Een Icarusblauwtje fladdert voorbij en op een stukje kaal zand scharrelt een bruine zandloopkever. In de verte zien we iets wits razendsnel door de heide heen schieten. We peinzen, gissen, raden en

18


Winterdijk

Uiterwaard

Zomerdijk Rivier

veronderstellen tot we uiteindelijk ‘de rest van het wit’ zien. Het is een bordercollie die samen met twee andere honden een kudde schapen stuurt. Het commando ‘lay down’ klinkt en een herderin verschijnt. Ze is net toe aan een kop thee en terwijl ze zich op een helling installeert, vertelt ze dat de kudde nodig is om de heide open te houden. ‘’Zonder de schapen, de IJslandse pony’s en niet te vergeten de enthousiaste vrijwilligers van Natuurmonumenten zouden eiken, berken en dennen opschieten en was de heide binnen een paar jaar bos. Doordat dit gebied, de Posbank, zo veel mensen trekt, komen de edelherten niet zo vaak en schieten juist hier veel bomen op.’ De schapen en paarden vreten ook het overtollige gras weg. Door de stikstofrijke neerslag - het gevolg van verkeer en de landbouw - groeit dat zelfs hier op de van nature voedselarme Veluwe tegen de klippen op.

Zonder de schapen en de IJslandse pony’s zouden eiken, berken en dennen opschieten en de heide sneller vergrassen

Helgeel Bos is mooi, maar Natuurmonumenten doet bewust zo veel moeite ook de heide te behouden. Dit heidelandschap dat zo algemeen was rond 1900 is immers een deel van onze geschiedenis. Bovendien herbergt de hei een enorm aantal specifieke planten en dieren. Zoals het heideblauwtje, een vlinder die haar eitjes onder meer op dop-

19


en struikheide afzet en de roodborsttapuit, een vogel die in open landschappen op insecten jaagt. Of de brem en gaspeldoorn met hun helgele bloemen en de tientallen soorten wilde bijtjes. Heide is dus belangrijk voor het behoud van de biodiversiteit, maar vooral ook zo mooi. We genieten stilletjes tegen de klippen op. Tegen een zandhelling ligt een groenbruine hagedis te zonnen.

Mensennatuur De dalen zijn erg diep: wonderlijk genoeg het gevolg van permafrost. In de laatste ijstijd was de ondergrond permanent diep bevroren. ’s Winters sneeuwde het en in het voorjaar ontdooide de witte laag weer. De hellingen op het westen droogden in de middagzon het best op, de kant op het oosten bleef kleddernat en blubberig. Zó modderig dat de bovengrond ging schuiven waardoor de hellingen afvlakten. Op een top van dit Herikhuizerveld staat een stenen monument uit 1918, een bank ter ere van G.A. Pos. Pos was voorzitter van de ANWB en groot pleitbezorger van recreatie op Veluwezoom. Zijn naam werd onsterfelijk, want het Herikhuizerveld werd in de volksmond De Posbank. Naast de bank staan vier mannen in wielren­tenue met hun vederlichte fietsen. Nog nahijgend praten ze over versnellingen en bedwongen percentages. Grappig, hoe iedereen dit enorme natuurgebied weer anders ervaart. Dat realiseren we ons nog meer als we een bank passeren waarop een oudere vrouw zachtjes zit te huilen. Ze spreekt ons aan en vertelt dat ze hier altijd met haar man kwam. Hij is onlangs overleden en de bank en de heide brengen een beetje troost. Hoe herkenbaar, die verbondenheid met een landschap. Hebben we niet allemaal zo’n plek nodig?

Schemer Na een paar bruine boterhammen met een glas karnemelk in het paviljoen drentelen we nog wat op de heide, dat archaïsche landschap waar de tijd stil lijkt te hebben gestaan. Dat lijkt, want diezelfde tijd snelt onverbiddelijk. De schemer valt in. We kennen de weg, zijn niet bang en besluiten nog een poosje te blijven. De nachtelijke natuur is zo fascinerend. Langzaam zakt de zon weg en de

20


Veel bruin­ en grijstinten

10. nachtzwaluw De nachtzwaluw is er wel, maar je ziet ‘m niet. Vertrouwend op zijn camouflagekleuren zit deze vogel overdag doodstil op een tak of op de bodem die bedekt is met boomschors of bladeren. Soms zit hij pal naast een pad! Pas in de schemer gaat hij op zoek naar kevers en andere grote insecten. Echt zingen kan de nachtzwaluw niet: het blijft bij een simpel, maar intrigerend geratel. Op Veluwezoom broe­ den er naar schatting meer dan honderd van de duizend broed­ paren die ons land telt! 

Lange haren rond nek en kop

11. grote grazerS Op een groot deel van Veluwezoom (3500 van de 5100 hectares, waaronder de Rheder­ en Worth­ Rhederheide, Imbosch en de Onzalige Bossen) laat Natuurmonumenten grote grazers in belang­ rijke mate bepalen hoe de natuur zich ontwikkelt. De invloed van de dieren op het landschap is goed zichtbaar. Elk dier vervult een eigen rol. Neem de stieren die bomen omver duwen uit ‘kwaadheid’ of door er tegenaan te schuren, de edelherten en Schotse Hooglanders die door hun vraat eiken en dennen een bonsai­uiterlijk geven of wilde zwijnen die door het wroeten een kiembed maken voor jonge planten. Gezamenlijk verstouwen de grazers een enorme hoeveelheid grassen. Ook de sociale structuur bepaalt het effect op het land­ schap. Hooglander stieren leven solitair en veelal op de heide. Daar zorgen ze voor grazige stukken en omgeknakte bomen. Zwijnen leven in rotten (groepen) en kunnen in één keer een heel veld adelaarsvarens ‘op de kop zetten’. Zo houden ze gezamenlijk de natuur in beweging. 

Rood­bruine vacht

Hooglander stier

21


Op Veluwezoom leven tien paar raven, een flink aantal als je je realiseert dat er in heel Nederland maar honderd broedparen zijn.

12. Proeftuin Imbosch De Imbosch – vernoemd naar de bijenkorven, ‘imme-korven’ die hier vroeger stonden - is bepalend geweest voor de huidige opvat­ tingen over bosnatuur. In de jaren zeventig sneuvelden door woeste stormen duizenden bomen. Oprui­ men kostte tijd waardoor er ‘nieuwe natuur’ ontstond. Paddenstoelen, insecten en spechten floreerden en op de open plekken schoten nieuwe planten op. Het bos werd natuurlijker. Bij zo’n bos horen grote gra­ zers en Natuurmonumenten besloot hier - voor het eerst in Nederland – Schotse Hooglanders in te zetten. De dieren bleken de biodiversiteit nóg verder te vergroten. Natuurlijk bosbeheer en de inzet van Hooglan­ ders en andere grazers zijn inmid­ dels gemeengoed in natuurbehe­ rend Nederland. 

22

maan verschijnt. De horizon is bijna zwart en menselijke sporen zijn nauwelijks te zien. Waar vind je dat nog? Het wordt kouder, er trekt wat vocht op. De natuur verstilt, maar niet voor lang. Aan de bosrand verschijnen twee reeën. De neusharen trillen, de oren draaien en als ze de omgeving veilig genoeg vinden, lopen ze voorzichtig de heide op. Een bosuil roept donker en klaaglijk en ergens voor ons klinkt een snorrend geluid. Dat moet een (fig. 10) nachtzwaluw zijn! Dan verschijnen er dansende minuscule lichtjes in de lucht. Het zijn vuurvliegjes, ook wel gloeiwormpjes genoemd: kevers die door een biochemische reactie in hun achterlijf licht kunnen produceren om zo een potentiële partner te verleiden. Het wordt tijd om naar huis te gaan. Van zonsondergang tot zonsopgang is het park immers het domein van alleen planten en dieren. Zij hebben ook recht op rust.

Herfst Het is herfst als we wederkeren. Herfst zoals herfst hoort te zijn, met felle regenbuien en heel veel wind. De bomen in het bos ten noorden van de Posbank kreunen, takken kletteren tegen elkaar en het sneeuwt bladeren in alle kleuren. Rode bladeren, bruinoranje, gele, geelgroene, gevlekte en zelfs paarse bladeren. Voorovergebogen tornen we tegen de wind in. We klimmen, klauteren en bereiken de top op 110 meter hoogte, het hoogste punt van Veluwezoom en 100 meter hoger dan de IJssel. Een gedenkteken meldt ‘Lager kan een mens niet zakken’. Het herinnert aan de Tweede Wereldoorlog toen hier Duitse radarinstallaties met houten barakken stonden. We willen vandaag de Rheder- en Worth-Rhederheide oversteken en een stuk van het Imbosch zien.

Stierenkuil De Rheder- en Worth-Rhederheide verbaast eerst vooral, want bij heide denk je toch aan zo’n min of meer geciviliseerd en open landschap, maar dat is hier niet echt het geval. Er zijn wel stukjes heide, maar er staan ook heel veel bomen en dikke pollen pijpenstrootje. Er groeien zelfs rode bosbes, vossenbes, kruipbrem en miniatuureikjes. Er lopen Schotse Hooglanders en die zie je meestal toch ook niet op


de ‘echte’ heide met schapen en niets dan heidestruiken. Eén van de Hooglanders, een stier, staat verwoed met de voorpoten een grote kuil uit te krabben om daar vervolgens midden in te gaan staan en - zo lijkt het- woest loeiend om zich heen te kijken. Wellicht heeft hij nog geen eigen territorium en probeert hij zo indruk te maken en te confisqueren. Er is blijkbaar onrust onder de mannen want iets verderop staat een stier zo lang tegen een dennenboompje te duwen dat dit als een luciferhoutje omknapt. Het humeur van de stieren zorgt zo voor een mooie variatie in het landschap.

Natuur bepaalt Ook op de Rheder- en Worth-Rhederheide hebben de Hooglanders een belangrijke taak. Op het overgrote deel van Veluwezoom (3500 van de 5100 hectares) streeft Natuurmonumenten een nagenoeg natuurlijk landschap na. De natuur mag zelf bepalen wat er groeit, bloeit, leeft, sterft en zich vermenigvuldigt. Ooit liepen ook op deze Rheder- en Worth-Rhederheide herders met schapen en werden de bossen rondom gebruikt door de marken, buurtschappen die je als voorlopers van de huidige gemeenten kunt zien. Het was een gebruikt en aan de mens onderworpen landschap. Nu bepaalt de natuur weer wat er komt en wat er verdwijnt. Wat zien onze kinderen en de kinderen van onze kinderen? Samen met betrokken burgers, wetenschappers en maatschappelijke groeperingen wil Natuurmonumenten kijken hoe dat leidt tot nieuwe wildernis in dit deel van de Veluwe. (fig. 11) grote grazers

13. edelhert Gewei van 70 tot 90 cm lang en 4 tot 10 kilo zwaar

Bronst! Door nog steeds bergachtig land met de bonte variatie aan bos, boom, heide, gras, ruigte, struik, kruid en open zand belanden we bij een kijkhut ‘op grote hoogte’. We kruipen erin, aanvankelijk slechts om even rustig op een droge bank te kunnen zitten, maar een kwartier later ontrolt zich een meesterlijk tafereel. Het begint met een merkwaardig, diep en brullend geluid ergens uit een bosrand dat al snel wordt gevolgd door eenzelfde geluid uit een groep struiken iets verderop. Het is bronsttijd! Uit het bos komt nog meer Lichte buik

23


14. naaKtSlaK Ademopening

gebrul en dan verschijnen de makers ervan: edelherten met enorme geweien. Eén van de dieren schuurt wat tegen een boom en duwt deze achteloos omver.

Parfum

Ogen

16. de dood alS bron Van leVen Natuurmonumenten laat kadavers van edelherten en wilde zwijnen expres liggen. Dode dieren zijn voor veel beesten (en schimmels) belang­ rijk. Neem alleen al de ongewervel­ den, waarvan er op een flink kadaver tienduizenden exemplaren kunnen voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan de aaskever, waarvan sommige soorten als ei, larve én volwassen insect van rottend vlees afhankelijk zijn. Ook raaf, zeearend, zwijn, vos en das eten van het kadaver. Voor muizen zijn de botten een welkome bron van kalk. Kadavers in de natuur dragen bij aan de kringloop. 

24

Al snel staan er vijf kanjers op een open veld en beginnen ze met elkaar te knokken. Geweien kletteren en haken ineen, poten vliegen omhoog, trappen worden uitgedeeld en de een na de ander druipt af. Tot er nog één, de kampioen, is overgebleven. Deze begint een plek uit te krabben, plast erin en rolt er zich dan eens lekker in om. Het is maar wat je parfum noemt. Voor de hindes, de dames dus, is deze geur blijkbaar aantrekkelijk, want ze komen steeds dichterbij. Dan zet het hert de spurt erin en verdwijnt in het bos. Samen met drie hindes. Wat een spektakel! Wat een geluk dat er nog zulke wilde gebieden zijn. En dat vinden wij niet alleen. Want hoewel het landschap er toen anders uitzag, was dat behoud van de vrije natuur voor Natuurmonumenten in de vorige eeuw de reden voor het verwerven van steeds meer stukken grond op Veluwezoom. In 1930 werd vervolgens het eerste Nationaal Park gesticht, een gebeurtenis die de vermaarde Jac. P. Thijsse deed verzuchten dat een ‘aaneengesloten bosch- en heidecomplex zal blijven voortbestaan als een bron van genot voor duizenden stadsmenschen, die hier urenlang kunnen dolen in de vrije blije natuur van ons bosch- en heidedorado’.

Imbosch We trekken weer verder. De hemel is leeg, de regen gestopt en de capuchons kunnen af. Het bos wordt weer echt bos met beuken, eiken, dennen en populieren. Boomstammen en takken liggen overal en een (fig. 14) naaktslak kruipt over een donker bemost exemplaar. Raar idee, maar dit Imbosch was 250 jaar geleden nog één groot heideterrein. De eigenaren van de heide, de Heren van Rozendaal, lieten bijenhouders er tegen betaling hun bijenkorven plaatsen. Imme is honingbij: zo komt het bos aan zijn naam. Rond 1750 lieten ‘de Heren’ arbeiders de heide beplanten met bomen, want bos leverde meer op dan hei.


Raven De grond is hier zo hoog op de stuwwal duidelijk veel armer en adelaarsvarens zien we dan ook niet. Bochtige smele – een grassoort – en bosbessen (jammer, allemaal geplukt!) bepalen het beeld. Twee (fig. 15) raven buitelen door de turbulente lucht, terwijl ze elkaar met hun roep ‘korrp, korrp, korrp’ op de hoogte houden. Op Veluwezoom leven tien paar raven, een fl ink aantal als je je realiseert dat er in heel Nederland maar zo’n honderd broedparen zijn. De diepzwarte vogels met hun kenmerkende wigvormige staart hebben hier een goed leven. Vooral dankzij de doden, want om de natuurlijke kringloop gesloten te houden, laat Natuurmonumenten hier dode reeën, edelherten en wilde zwijnen liggen. Raven eten graag van het aas, net als honderden andere diersoorten. (fig. 16) De dood als bron van leven Een kadaver komen we niet tegen, wel een pluk dassenhaar aan een tak en een buizerd hoog in de lucht. We wandelen en wandelen. Het hoofd raakt leeg, het gemoed verkwikt en de geest, gerustgesteld door zo veel moois in eigen land, zo dicht bij huis. Wat een heerlijk gebied, Veluwezoom. Wat een land om van te houden.

15. raaf

Spanwijdte tot 120 cm

Langere snavel dan die van de kraai 25


Natuurbeelden met persoonlijke notities door Lars Soerink

27


28


pagina 62 - 63 Edelhert s’ochtends vroeg in links: Edelhert s’ochtends vroeg in gesprek met de fotograaf deze pagina: zonsopkomst bij de oude eik

29


vorige pagina’s

Sprookjesachtig

Op een koele ochtend, vroeg in de herfst, vormen zich in de laaggelegen delen van het landschap dekens van koude grondmist. Het zorgt voor een sprookjesachtig uitzicht over de heidevelden, dat alleen heel vroege vogels te zien krijgen.

30


Stille morgen (links)

Een boomsilhouet markeert het reliĂŤf van het Herikhuizerveld - vroeg in de ochtend is het hier nog stil, later komen natuurliefhebbers uit alle delen van het land om van het indrukwekkende landschap te genieten.

Schuwe vlinder

Een eikenpage poseert op een eikenblad. Deze schuwe vlinder is niet heel zeldzaam, maar wel lastig om goed te zien te krijgen. Op Veluwezoom komen ze vooral voor aan bosranden waar oude eiken groeien.

31


32


Wit licht

Ragfijne waterdamp filtert het licht dat in het voorjaar een majestueus beukenbos binnendringt. Het bladerdak is nog open en er ontstaat een frisgroene tint doordat het licht door de jonge bladeren valt.

33


34


Vertakkingen (links) De opbouw van elke boom is anders. Beuken in dichte bossen maken zijtakken als een naburige boom instort door bliksem of ouderdom, om zo te profiteren van het licht dat plotseling tot op de bodem doordringt. Lichtvanger

Bomen op de open heide zijn heel anders van vorm. Hun takken omgeven de stam volledig zodat zij van onder tot boven licht kunnen opvangen. De geschiedenis van het landschap is zo af te lezen aan de vorm van de bomen.

35


Nieuw leven

Het kostte een week in een bungelend schuilhutje hoog in een beukenboom om het opgroeien van deze zwarte spechten in beeld te brengen. Het bos kreeg opeens een heel ander perspectief door het bijna letterlijk door de ogen van deze vogels te bekijken.

36


37


38


Kalverliefde (links)

De zachtaardige Schotse Hooglanders zijn in het wild levende grote grazers. Tijdens een dagwan­ deling op Veluwezoom kom je ze zeker tegen.

Oerkreet

Een bronstig edelhert, onder de bedwelmende invloed van zijn hormonen, gaat tot het uiterste om hinden aan zich te binden. Zijn oerkreet galmt over de heidevlakten. volgende pagina’s

Vogelperspectief

Vanuit een klein vliegtuigje zien we het landschap van Veluwezoom als een vogel. Zo is de structuur van het landschap pas écht goed zichtbaar. Ook de maakbaarheid ervan, waarvan twee werkketen getuige zijn.

39


40


41


Kijk op heide

Oude heidestruiken in afwisseling met grassen, mossen en zelfs zand zijn veel rij­ ker aan dieren en planten dan egale, paarse velden. volgende pagina’s

Stuifzand

Verboste heide heeft hier plaatsgemaakt voor levend stuifzand. Het blootgelegde zand geeft prijs wie de bezoekers van dit gebied zoal zijn: de sporen van wandelaars kruisen die van edelherten, zwijnen en zelfs zandloopkevers. Voor het spoor van laatstgenoemde moet je wat dichterbij kijken…

42


43


44


45


46


Canopy shyness (links) Een blik omhoog langs deze honingzwammen laat zien dat de toppen van bomen nooit dicht vergroeid zijn. Tussen de boomtoppen is altijd ruimte. ‘Canopy shyness’ wordt dit wel genoemd. Drinken

Tijdens de bronst grijpt een gespierd hert de zeldzame kans even een paar slokken water te drinken in een ven vlakbij het strijdtoneel. In de omgeving patrouilleren andere mannen om, als zij daar kans toe zien, zijn hinden te kapen.

47


48


Dood doet leven (links) Het is op het eerste gezicht geen fijn plaatje, maar toch is de rol van dode dieren in de natuur cruciaal. Het kostte meer dan een week om de schuwe raven voor de lens te krijgen: liggend in een piepklein schuilhutje, gewikkeld in een dikke slaapzak van een uur voor zonsopkomst tot een uur na zonsondergang. Op de vlucht

Geschrokken van een krakende tak in het bos (een mens?) spurten drie nog jonge zwijnen naar de beschutting van de bosrand.

49


50


51


vorige pagina’s

Herten (links)

Een groepje volwassen edelherten beweegt zich in het warme licht van de namiddagzon over de Worth-Reder heide.

Schapen

Schapen begrazen een groot deel van de heidevelden van het Herikhuizerveld. Door de dieren heel gericht te laten grazen wordt boomopslag gericht opgevreten. De kudde zorgt ervoor dat de heide niet vergrast.

Lichtstralen

‘God’s beams’, zo noemen Amerikanen de lichtstralen van de zon in een dampend bos. De bomen op de voorgrond lijken wel een danspasje in een spotlight te maken.

52


Boszwammen

Dood en verderf neemt de mooiste vormen aan. Zwammen zijn een belangrijk deel van het ecosysteem. Deze paddenstoelen zijn eigenlijk de ‘bloemen’ van soms wel kilometerslange schimmeldraden die zich in dood hout of onder de grond uitstrekken.

53


54


55


56


vorige pagina’s

Wurgslang

Deze gladde slang doet niemand kwaad. Althans, geen mensen: ze eten hagedissen, kleine zoog­ dieren en soms zelfs andere gladde slangen. Zij verstikken hun prooi, ze hebben geen giftanden zoals adders.

Herfstbladeren

Eind oktober kleuren de beukenbossen geel. Op een kille, nevelige ochtend druipt het bos van het vocht. Het diffuse licht in combinatie met de vochtige bladeren laat de kleuren nog intenser uitkomen.

57


58


Spanning en sensatie

Op Herikhuizen maakte landbouw plaats voor natuur van de bovenste plank: Liefhebbers turen in de avondschemering urenlang naar waar vroeger een fiere boerderij stond. Tegenwoordig is dit één van de mooiste locaties om wilde dieren te zien.

Haverkist

De pittoreske boerderij ‘De Haverkist’ is één van de vele getuigen van de bloeiende landgoederen die Veluwezoom kende. Omgeven door kleine akkers en weiden waren het tamelijk afgelegen plekken waar de bewoners grotendeels zelfvoor­ zienend waren.

59


60


61


vorige pagina’s

Harige snuit (links) Schotse Hooglanders nemen een belangrijke plek in het beheer van Veluwezoom in. De kudde in dit gebied kan prima voor zichzelf zorgen. Hoewel ze er aaibaar uitzien, zijn het geharde dieren en is het verstandig afstand te houden. Wachten op het voorjaar

Aan het gewelfde plafond van een oude ijskelder hangt een watervleermuis, afgekoeld tot net boven de omgevingstemperatuur. Zijn stofwisseling staat op een zeer laag pitje. Op deze manier blijft hij hangen tot het voorjaar wordt.

Nachtelijke jager

Nachtzwaluwen zijn moeilijke vogels om te spotten én om te fotograferen. De vogels zijn alleen in de schemering actief. Ze stellen heel specifieke eisen aan hun leefgebied, dat op de achtergrond te zien is. Een groothoeklens, lange sluitertijd en drie invulflitsers, bevestigd hoog in een boom, leverden uiteindelijk dit resultaat. volgende pagina’s

Winterochtend

Een edelhert passeert op een mistige ochtend enkele vliegdennen op de heide. Het is ijskoud en elk geluid draagt verder dan normaal. Na uren op ‘wacht’ te zitten, bleken zich in de mist tientallen herten op te houden.

62


63


64


65


66


Rijp (links) Zware rijp komt slechts ééns in de paar jaar voor. Het transformeert elk landschap tot een sprookjesachtige omgeving. Op zulke momenten is het slechts zaak om op de juiste plek te zijn. Verwondering over zo veel natuurschoon is dan gegarandeerd. Berijpte gaspeldoorn

Wie over Veluwezoom wandelt zou niet vermoeden dat deze geel bloeiende, stekelige struik behoorlijk zeldzaam is. De doornstruiken zijn favoriete schuilplaatsen voor reeën, wilde zwijnen en andere dieren. volgende pagina’s

Overwinteren

Een Schotse Hooglander (stier) loopt over de berijpte velden. Voedsel is nu schaars, maar het enorme dier heeft nog veel reserves en laat het winterweer gelaten over zich heen komen.

67


68


69


handige informatie over veluwezoom en natuurmonumenten Bent u geïnspireerd door dit boek en wilt u Veluwezoom wel eens ‘live’ ervaren? U bent van harte welkom! Op het kaartje ziet u een aantal gemarkeerde wandelroutes en de belangrijkste toegangswe­ gen en parkeerplaatsen. Er ligt een uitgebreid netwerk van wandel-, fiets-, ATB- en ruiterpaden op Veluwezoom die voeren langs de mooiste plekjes van dit uitgestrekte natuurgebied.

Elsbe rg

Pannenkoekenhuis deCarolinahoe ve

Bos Akker/weiland Paviljoen dePosbank

Water Lappendeken

Koepel Kaap de

Heide

Rhederoord

De Steeg

Kraaijenbe rg Heuven Beekhui zen

Bebouwing Parkeerplaats Bezoekerscentrum Horeca Observatiepost

Velu wetransferium Posbank

Schaapskooi

N785

Rheden

Landgoed Uitzichtpunt

l

e ss

Velp

IJ 0

0,5

Wandelroute rood 4,5 km 1

1,5

2

2,5 km

Wandelroute geel 9 km Wandelroute zwart 5,5 km

71


Een goed startpunt is het Veluwetransferium Posbank. Het biedt on­ derdak aan Bezoekerscentrum Veluwezoom van Natuurmonumen­ ten, een VVV-kantoor met fietsverhuur en Brasserie Veluwezoom. Rondom liggen een speeltuin, IVN-tuin en bijenstal. Voor individuele bezoekers, gezinnen en grote en kleine groepen is er van alles te doen! Veluwetransferium Posbank Heuvenseweg 5a 6991 JE Rheden Geopend: di t/m zo 10.00 - 17.00 uur In de schoolvakanties dagelijks van 10.00 - 17.00 uur Bezoekerscentrum Veluwezoom Een stop in het bezoekerscentrum Veluwezoom maakt uw bezoek aan Veluwezoom compleet. Hier vindt u een expositie met informa­ tie over het gebied en een winkel met onder andere goede wandelen fietskaarten, en de ATB- en ruitervergunning. Heeft u zin in een spannende speurtocht, een prachtige tocht met een gids, wilt u een kinderfeestje vieren of één van de multifunctionele zalen huren? In­ formeer aan de balie naar de mogelijkheden, bel het Bezoekerscen­ trum (026) 49 79 100 of kijk op www.natuurmonumenten.nl. VVV/ fietsverhuur Sportieve Evenementen Peter Oversteegen Hier kunt u terecht voor het huren van onder meer fietsen en elektrische scooters en steps. Kijk voor meer informatie op www.peteroversteegen.nl of bel (026) 49 55 511. Brasserie Veluwezoom In Brasserie Veluwezoom kunt u terecht voor het stillen van uw grote en kleine trek. Binnen of buiten op het grote terras. Kinderen kunnen zich uitleven in de speeltuin. Wilt u meer informatie of een reserve­ ring plaatsen voor een groep? Bel dan (026) 49 52 710.

72


andere horeca gelegenheden oP Veluwezoom

Paviljoen de Posbank Beekhuizenseweg 1 6991 JM Rheden T (026) 49 50 930 www.deposbank.nl Pannenkoekenhuis De Carolinahoeve Carolinahoeve 1 6994 JB De Steeg T (0313) 414 214 www.decarolinahoeve.nl doe mee met natuurmonumenten

Natuurmonumenten is een vereniging van leden, met een gezamen­ lijk doel: zorgen voor natuur in Nederland. Daarom verwerven en beheren we natuurgebieden – het zijn er inmiddels 355 met een geza­ menlijke oppervlakte van ruim 100.000 hectare. Zo houden we Ne­ derland open en groen, en kunnen we blijven genieten van de natuur. Uw steun is daarbij hard nodig. Doe mee, geef op giro 9933. Of word lid, het kan al vanaf twee euro per maand. Natuurmonumenten. Als je van Nederland houdt. Natuurmonumenten Postbus 9955 1243 ZS ’s­Graveland T (035) 65 59 911 www.natuurmonumenten.nl

73


Veluwezoom Ongewoon Nederland Concept en realisatie: Van Lennep, Amsterdam Een wandeling door Veluwezoom, bijzondere natuur in Nederland: Monica Wesseling Natuurbeelden: Lars Soerink Uitgegeven door Natuurmonumenten Š 2011 Druk: Kempers, Aalten ISBN/EAN: 978-90-70099-00-8

74


75


Met bossen, heidevelden en zandverstuivingen vormt Nationaal Park Veluwezoom een ware schatkamer van bijzondere soorten planten en dieren. In dit boek neemt schrijfster Monica Wesseling de lezer mee op een boeiende tocht door Nationaal Park Veluwezoom. Met overweldigend mooie beelden leert fotograaf Lars Soerink de lezers het gebied op een bijzondere wijze kennen. Veluwezoom - Ongewoon Nederland laat de schoonheid zien van het oudste Nationaal Park van Nederland. Een boek dat inspireert en verwondert.

76


Veluwezoom