Lift 5 A Leerwerkboek

Page 1

5

T F I L

Onthaal, organisatie en sales Arbeidsmarktfinaliteit


Hoe ondersteunen lichtbronnen de presentatie?

6

LEVEL

Wat is de invloed van kleur op een artikelpresentatie?

N

5

LEVEL

©

VA

4

LEVEL

3

LEVEL

2

LEVEL

1

p. 121

IN

LEVEL

p. 80

Hoe bouw je een commercieel aantrekkelijke artikelpresentatie voor in de winkel?

p. 54

Wat is visual merchandising?

p. 44

Hoe kun je het winkelexterieur en het winkelinterieur op elkaar afstemmen?

p. 19

Hoe kun je het best artikelen presenteren met prijskaartjes en informatiemateriaal?

p. 4


Hoe voer je een goed verkoopgesprek?

LEVEL

LEVEL

Hoe maak je de artikelen verkoopklaar?

p. 229

N

11

IN

12

p. 258

LEVEL

©

VA

10

LEVEL

9

LEVEL

8

LEVEL

7

p. 213 Hoe verpak je verkochte goederen in op een professionele manier?

Kun je een instore of etalageontwerp visueel voorstellen?

p. 197

Hoe realiseer je een artikelpresentatie?

p. 174

Hoe kun je 2D en 3D in een presentatie verwerken?

p. 139


5

IN

T

VA

N

F

I

©

L

Thema 1: Verkoop en marketing in de retailsector


Starten met Lift Welkom bij Lift. We leggen graag even uit hoe je met dit leerpakket aan de slag gaat.

1 OP WEG MET LIFT Het leerwerkboek bestaat uit drie thema’s en onlinelesmateriaal. Elk thema is op dezelfde manier opgebouwd.

T F I L

Thema 3:

Je doorloopt per thema verschillende Levels, waarbij je telkens een een aantal onderzoeksvragen beantwoordt. Je verkent de onderzoeksvraag aan de hand van verschillende opdrachten, onder de noemer Explore.

VA Action 5—

LEVEL 4 Met welke regelgeving moet je rekening houden in verband met marktpraktijken en consumentenbescherming?

N

De werkomgeving en competenties van een retailmedewerker

In totaal zul je drie thema’s doorlopen: verkoop en marketing in de retailsector, werkomgeving en competenties van een onthaalmedewerker, en werkomgeving en competenties van een retailmedewerker. Elk thema start met een Themapagina.

IN

5

INTRO Gokreclame is bijna volledig verboden vanaf 1 juli 2023

De voornaamste vormen van gokreclame zijn verboden. Dat meldt de minister van Justitie in een persbericht. De beperkingen zijn in werking getreden vanaf 1 juli 2023. Vanaf dat moment is gokreclame op televisie, radio en in bioscoopzalen, advertenties en video-advertising op websites verboden. De sponsoring van sportclubs wordt vanaf 1 januari 2025 ingeperkt. Naar: Het Laatste Nieuws, 2022-12-16

1

2

Wat is jouw mening over gokreclame? Bespreek klassikaal.

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

98

THEMA 1

Met welke regels moet ik rekening houden bij de prijsaanduiding van producten en diensten? Wat zegt de wetgeving in verband met solden, uitverkoop en verkopen met verlies? Welke regels zijn van toepassing op reclame? Hoe werkt garantie?

LEVEL 4

Spreek jij heldere taal aan de onthaalbalie?

Bekijk het videofragment. Verbeter de foute taal van de onthaalmedewerker in heldere taal. HELDERE TAAL

©

FOUTE TAAL

een genoeglijke aanvang van de dag

de ontmoeting normaliter

finale bestemming

de stijgingsmiddelen

Action 6—

Kun jij een badge maken voor het personeel van OdetteLunettes.edu?

Je maakt voor elk personeelslid een toegangsbadge. Raadpleeg voor deze opdracht het organogram van OdetteLunettes.edu op diddit. Op elke badge moeten de volgende items staan: de naam van het personeelslid de functie het logo van OdetteLunettes.edu

  

Deze opdracht bestaat uit twee opties: Optie 1: In een tekstverwerker

Optie 2: In een rekenblad

Maak voor elk personeelslid een toegangsbadge in een tekstverwerker. Je kunt met het videofragment werken of je werkt met het sjabloon. Voor beide werkwijzen vind je op diddit een hyperlink.

Maak voor elk personeelslid een toegangsbadge in het rekenprogramma. Je kunt bij het openen van het programma of een nieuw bestand sjablonen raadplegen en ‘badge’ selecteren. Het stappenplan voor MS Excel vind je op diddit.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

28

THEMA 2

LEVEL 1

2 STARTEN MET LIFT

Bij verschillende opdrachten kun je kiezen uit twee of meerdere Opties. De opties geven je de keuze of je graag een uitdaging wilt aangaan of liever meer ondersteuning wenst. Het kan ook zijn dat je kunt kiezen volgens je interesse.


De verworven leerstof is gebundeld in To the point. Daarin staat wat je moet onthouden uit het level. Bij het onlinelesmateriaal vind je de verworven leerstof in een overzichtelijke mindmap.

TO THE POINT De inrichting van het onthaal De onthaalruimte laat bezoekers meteen kennismaken met de bedrijfscultuur en de huisstijl van de onderneming. Met een professionele inrichting van het onthaal pas je de bepalende elementen voor de uitstraling van de onderneming bij het inrichten juist toe: de huisstijl de kleurkeuze de verlichting het gebruikte materiaal van het meubilair de indeling van de ruimte De onthaalbalie is het belangrijkste meubel voor een onthaalruimte, omdat de bezoeker dat meteen ziet bij binnenkomst. Bij de keuze van de balie moet je rekening houden met: de beschikbare ruimte en het aantal personen dat achter de balie zal werken; de veiligheid van de onthaalmedewerkers, bezoekers en klanten: de balie mag geen obstakel zijn bij ontruiming; de uitstraling van de onderneming; de nodige bergruimte.

De onthaalbalie is de werkplek van de onthaalmedewerker. Bij het inrichten van de werkplek is ergonomie belangrijk voor iedere onderneming: het verhoogt productiviteit, beperkt ziekteverzuim, heeft een positieve impact op de omgang met collega’s en klanten ... De ergonomische eisen van de werkplek zijn: een ergonomische bureaustoel om nek- en rugklachten te vermijden; een perfect op maat afgesteld werkblad; een ideale hoek van 90° tussen de onderarm en de bovenarm; een voetensteun; een goed verlichte omgeving, zodat de ogen minder vermoeid raken.

IN

De wachtruimte Voor een klant die even moet wachten, voorzie je best een zithoek of zitmeubel op een discrete afstand van de balie. Je maakt het wachten veel aangenamer als je in de onthaalruimte het volgende kunt voorzien: een koffiecorner met koffie, thee, iets fris of water, bijvoorbeeld uit een waterdispenser tijdschriften, vakliteratuur, bedrijfsbrochures in een etagère ... een scherm met informatie over het bedrijf en haar producten of dienstverlening ingelijste poster(s) van het productaanbod, beeldhouwwerk of een andere eyecatcher planten voor een aangename sfeer en een gezonde, luchtzuiverende werkomgeving, zoals een green wall die geluiddempend werkt en ook functioneert als eyecatcher

THEMA 2

Action 6— 1

Kun jij zelf goede telefoongesprekken voeren?

In deze Action werk je per twee. Hieronder vind je veertien verschillende situaties van uitgaande telefoongesprekken. Bij deze situaties moet je goede telefoongesprekken voeren. Je oefent elke situatie. De eerste acht situaties doe je met dezelfde klasgenoot, de volgende acht doe je met een andere klasgenoot. STAPPENPLAN Stap 1: Zoek ter voorbereiding van je gesprekken informatie op het internet, zoals de naam van een product, een adres van een bedrijf … Stap 2: Noteer de voorbereiding voor elk gesprek schriftelijk. Stap 3: Maak het uiteindelijke gesprek in een tekstverwerker.

LEVEL 3

73

Nu is het tijd om je opgedane kennis in te oefenen aan de hand van verschillende Actions.

Stap 4: Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Situatie 1

N

Neem contact op met Mediamarkt Oostakker. Zoek een specifiek product op de website. Vraag hen of dat product kan worden geleverd. Je vermeldt de gemeente waar je woont. Je vraagt hoeveel het kost en vertelt dat je belt om informatie te vragen.

Situatie 2

Je belt naar een bloemenwinkel in Genk en vraagt naar de prijs van achttien rode rozen voor een vriendin die jarig is. Je vraagt of ze de rozen ook leveren aan huis. Je vraagt ook de prijs. Je belt alleen om inlichtingen. Je gaat niets bestellen.

Situatie 3

Je belt naar de NMBS om te vragen op welk uur woensdagnamiddag rond 14 uur een trein vertrekt naar Antwerpen. Je vraagt de goedkoopste oplossing. Als ze zeggen dat je dat online kunt vinden, zeg je dat je internet niet werkt.

Situatie 4

VA

Neem contact op met Vanden Borre. Zoek een specifiek product op de website. Vraag hen of dat product kan worden geleverd. Je vermeldt de gemeente waar je woont. Je vraagt hoeveel het kost. Je belt alleen om inlichtingen te vragen. Je gaat niets bestellen.

THEMA 2

LEVEL 2

Aan het einde van elk level sta je stil bij de actualiteit omtrent de inhoud van dat level in de rubriek Breaking news. Bij het onlinelesmateriaal vind je de bijbehorende artikels of filmpjes en de opdrachten.

©

56

BREAKING NEWS 1

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

Elk level eindigt met een Checklist. Het is een hulpmiddel om te beoordelen of je de doelen van dat level onder de knie hebt.

1

Ik kan een deelnemerslijst of presentielijst voor een vergadering opstellen in een tekstverwerker.

2

Ik kan de reacties in een registratiebestand voor de deelnemers van een vergadering opstellen in het rekenblad.

3

Ik kan een uitnodiging voor een vergadering opstellen.

4

Ik kan een Doodle opmaken voor een vergadering.

5

Ik kan een eenvoudig verslag opstellen van een vergadering.

6

Ik kan gegevens grafisch weergeven met een rekenblad.

7

Ik kan op basis van instructies een geschikt lokaal reserveren voor een vergadering.

8

Ik houd bij de tafelopstelling rekening met het aantal deelnemers en het doel van de vergadering.

9

Ik kan de nodige apparatuur reserveren en klaarzetten.

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

10 Ik kan de kostprijs van de catering berekenen.

THEMA 2

LEVEL 6 183

STARTEN MET LIFT

3


2 HANDIG VOOR ONDERWEG In elk thema vind je dezelfde hulpmiddelen.

Explore 2— Hoe verwijst de onthaalmedewerker de bezoeker correct door?

Doorheen het thema vind je de belangrijkste zaken op een rijtje naast rode kennislijnen.

Re-explore 4—

Doorverwijzen De onthaalmedewerker kan de bezoeker goed doorverwijzen als die een goede kennis heeft van het organogram. De medewerker moet perfect op de hoogte zijn over de verschillende afdelingen binnen de onderneming.

Hoe registreert de onthaalmedewerker de bezoekers van OdetteLunettes.edu?

Je staat aan de onthaalbalie bij OdetteLunettes.edu. Bekijk aandachtig het organogram en het grondplan via diddit. Verwijs de onderstaande klanten door naar de juiste afdeling en de verantwoordelijke. a b

DATABANK

Noteer bij elke situatie het nummer van de juiste afdeling en de verantwoordelijke. Geef een korte, schriftelijke beschrijving van de route.

Moeilijke woorden worden uitgelegd in een begrippenkader. Die woorden vallen Afdeling: extra op doorVerantwoordelijke: de stippellijn.

In een databank sla je elektronisch verschillende gegevens van een persoon of onderwerp op.

IN

Bij de onthaalbalie zijn dat de gegevens van de bezoekers.

Situatie 1

Registreren met een databank

Tom e Vlaming, Een bekend l zijn nieuw Boonen, wi turen aan brilmon assortiment rvoor . Hij heeft hie voorstellen t. gemaak k aa pr afs een

Routebeschrijving:

Bij het aanmelden aan de onthaalbalie moeten bezoekers zich registreren. In noodgevallen is het belangrijk om te weten wie er in het gebouw aanwezig is en waar die personen zich vermoedelijk bevinden. Het registreren kan gebeuren door de onthaalmedewerker zelf of via software. 1 OdetteLunettes.edu wil hetBeeldwoordenboek registreren van bezoekers inLevel de toekomst laten gebeuren door de onthaalmedewerker die de gegevens ingeeft in een databank, maar veiligheidshalve voorziet de BEGRIP VERKLARING AFBEELDING onderneming ook een registratie op papier als noodscenario. De onthaalmedewerker moet goed de voorraad van het papier bijhouden. Veel kantoren kunnen

Je vindtpapier alle begrippen aan het einde van elk Gerecycleerd

agressor

onmogelijk zonder papier. Bij de keuze van het papier houd je het best rekening met de kwaliteit, de Voor OdetteLunettes.edu maak je in een tekstverwerkingsprogramma een document aan om prijs en de duurzaamheid. De meest goedkope oplossing is gerecycleerd papier. Het afdrukken op de bezoekers te registreren. Houd daarbij rekening met de volgende elementen. Indien je extra gerecycleerd papier is duurzamer dan het gebruiken van nieuw papier. Voor het maken van zowel Afdeling: ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van tekstverwerker raadplegen. gerecycleerd als nieuw papier is water en energie nodig, maar het productieproces van gerecycleerd assertiviteitsDat zijn technieken om jezelf te leren technieken verdedigen. Verantwoordelijke: papier is minder milieubelastend dan dat van nieuw papier. a Stel de marges in volgens de NBN-normen. Situatie 2 b Zorg voor een passende pagina-indeling. a Ga via de hyperlink op diddit naar de kantoorspecialisten ‘Vikingdirect’ en ‘123INKT’. Zoek naar Dirk De uy Routebeschrijving: c Voorzie onderaan rechts van de pagina een paginanummer. cker van All items. de kostprijs van br de onderstaande badge of Dat is een bewijs van toegang tot een bepaalde Glass, een leveranc toegangsbewijs plaats. d Plaats in de koptekst de tekst “OdetteLunettes.edu”. Centreer de tekst. ier van glas, heeft ee n on be e Voorzie op elk blad rechts bovenaan ook het logo van OdetteLunettes.edu dat je terugvindt op taalde factuu r. Hij wil hier graag VIKING 123INKT diddit. meerPRODUCT uitleg over. f Plaats in de voettekst de contactgegevens van OdetteLunettes.edu: adres, telefoonnummer, baliebel Dat is het belletje dat je kunt laten rinkelen huismerk 1 pak wit A4-kopieerpapier 80 g – 500 vellen indien de onthaalmedewerker afwezig is. website. Centreer de tekst. g Voeg een tabel in zodat je een resultaat krijgt zoals figuur 1. huismerk 1 pak wit A4-papier gerecycleerd 80 g – 500 vellen h Houd bij de bepaling van het lettertype rekening met de huisstijl van OdetteLunettes.edu. i Houd bij de arcering van de cellen rekening met de kleuren van de huisstijl van baliegesprek Dat is het gesprek tussen de b Wat kun je besluiten in verband met de kostprijs tussen gerecycleerd papier en gewoon papier? OdettesLunettes.edu. onthaalmedewerker en een klant.

N

1

level in het beeldwoordenboek.

Dat is de persoon die een andere persoon aanvalt, iemand die geweld pleegt.

REGISTRATIE BEZOEKERS NAAM

FIRMA

VERVOERMIDDEL

CONTACTPERSOON

EU Ecolabel

LOKAAL

TIJD

VA

DATUM

BEZOEKER

MERK

32

Figuur 1

THEMA 2

LEVEL 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1

NAAM

INTERN

TEL.NR.

Naast de Good to know-lijn staan handige tips of weetjes bij de uitvoering van de opdrachten.

©

10

THEMA 2

KENTEKEN

IN

UITkiezen bedrijven vaak voor gerecycleerd papier en zijn ze bereid Toch om extra te betalen. Bedrijven willen graag een EU Ecolabel behalen dat garandeert dat zij zich inzetten voor het milieu en de duurzaamheid. Het gebruik van gerecycleerd papier kan al bijdragen tot het behalen van zo’n label. Je kunt ook altijd kiezen om recto verso af te printen, hierdoor gebruik je de helft minder papier.

Good to know

Gerecycleerd papier wordt gemaakt van papierafval. Er zijn dus minder nieuwe houtvezels nodig, zodat men hout kan besparen. Van een ton papierafval kun je 900 kg gerecycleerd papier produceren. Voor nieuw papier heb je 2 à 3 ton hout nodig! Ten opzichte van de productie van nieuw wit papier: – verbruikt de productie van gerecycleerd papier 2,5 keer minder water; – verbruikt de productie van gerecycleerd papier 2,5 keer minder energie; – stoot de productie van gerecycleerd papier 20 % minder broeikasgassen uit; – veroorzaakt de productie van gerecycleerd papier 6 tot 7 keer minder vervuiling.

De volgende iconen helpen je ook nog een eind op weg: Je vindt online extra (ondersteunend) materiaal. Je vindt online een videofragment. Je vindt online een luisterfragment. Je vindt online een ontdekplaat. Je moet iets bewaren in je portfolio. Je oefent je ICT-vaardigheden.

4 STARTEN MET LIFT

THEMA 2

THEMA 2

LEVEL 4

91

LEVEL 1

7


LIFT EN DIDDIT

IN

Het onlineleerplatform bij Lift

Materiaal Hier vind je het lesmateriaal en de online-oefeningen. Gebruik de filters bovenaan, de indeling aan de linkerkant of de zoekfunctie om snel je materiaal te vinden. Lesmateriaal Hier vind je het extra lesmateriaal bij Lift, zoals video’s, audio’s, pdf's, ontdekplaten …

N

ICT-fiches De ICT-fiches bij de leerstof vind je alleen hier op diddit.

VA

Oefeningen • De leerstof kun je inoefenen op jouw niveau. • Je kunt hier vrij oefenen.

Opdrachten Hier vind je de opdrachten terug die de leerkracht voor jou heeft klaargezet.

Evalueren Hier kan de leerkracht toetsen voor jou klaarzetten.

Meer info over diddit vind je op www.vanin.diddit.be/nl/leerling.

©

Resultaten Wil je weten hoever je al staat met oefenen, opdrachten en evaluaties? Hier vind je een helder overzicht van je resultaten.

E-book Het e-book is de digitale versie van het leerwerkboek. Je kunt erin noteren, aantekeningen maken, zelf materiaal toevoegen ...

STARTEN MET LIFT

5


N

THEMA

IN

1

©

VA

Verkoop en marketing in de retailsector


p. 96

IN

LEVEL

Met welke regelgeving moet je rekening houden in verband met marktpraktijken en consumentenbescherming?

N

4

LEVEL

©

VA

3

LEVEL

2

LEVEL

1

Hoe kun je de kostprijs van een product bepalen?

p. 68

Hoe ziet een customer journey eruit?

p. 47

Hoe pas je branche- en productkennis toe in functie van marketing?

p. 9


VA

© N IN


LEVEL 1 Hoe pas je branche- en productkennis toe in functie van marketing? INTRO Bekijk aandachtig de infographic en beantwoord de vragen.

IN

1

N

 

odette lunettes

VA

O

  a

Wat stellen de iconen van de bovenste rij voor, zoals het winkelwagentje en de bril?

b

Wat stellen de cijfers 1 tot en met 5 voor?

©

c

Kun jij een gepaste titel voor de infographic geven? Kijk goed naar de verschillende logo’s.

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

Hoe verzamel ik informatie over de branche- en productkennis van een winkel? Welke marketingbeslissingen neemt de winkel in functie van de verkoop? Hoe kan de retailer rekening houden met duurzaamheid? THEMA 1

LEVEL 1

9


Explore 1— Welke branches zijn er in de retail? BRANCHE Een branche is een tak van de retail. Het is een groep bedrijven of handelszaken die (ongeveer)

Food en non-food

IN

dezelfde goederen verkopen en/of diensten leveren.

Je kunt de retailsector op verschillende manieren onderverdelen in branches. Download via diddit de mindmap. Ga dan naar de website van Comeos en vul het overzicht van de branches aan.

VA

1

N

Bij de branches in de retail maakt men een indeling op basis van food en non-food: voedingsmiddelen en niet-voedingsmiddelen. Steeds meer winkels bieden of verkopen ook producten of bieden diensten uit andere branches aan. Zo kun je bijvoorbeeld in een keuken- en badkamerzaak ook informatie verkrijgen over de verbouwing van je woning. En bijvoorbeeld bij Carrefour kun je naast het voedingsassortiment ook multimedia, kleding of huishoudapparaten aankopen.

Books

©

Convenience

10

THEMA 1

LEVEL 1

Branches in de retailsector

Catering


2

Comeos geeft aan welke winkels er mogelijk kunnen zijn per branche. Maak een overzichtelijke digitale mindmap met het programma Mindmup. Indien je hiervoor extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches raadplegen.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Branchegegevens en branchestudie

Surf naar de website van Odette Lunettes en maak kennis met de branche en het assortiment. Beantwoord de onderstaande vragen.

VA

N

4

IN

Het is heel belangrijk dat je als ondernemer op de hoogte bent van de lokale markt rond je eigen zaak. Je moet weten wie je klanten en wie je concurrenten zijn. Die gegevens kun je in een branchestudie vastleggen. Een branchestudie is een document waarin je de gegevens over je branche hebt verzameld en voor jouw onderneming hebt uitgelegd. Branchegegevens kun je op verschillende plekken vinden. Je kunt heel wat informatie verzamelen bij brancheverenigingen, die zich inzetten voor de belangen van hun specifieke branche.

a

Tot welke branche behoort Odette Lunettes?

b

Welk(e) assortiment(en) verkoopt deze winkel?

c

Welke indeling maakt Odette Lunettes in het assortiment van de brillen?

Van welk soort materialen kun je brilmonturen kopen?

©

d

e

Welke vormen kunnen de glazen van de bril hebben?

CONCURRENTIE Concurrentie is de strijd die verschillende bedrijven met elkaar voeren om klanten te werven.

THEMA 1

LEVEL 1

11


5

Voor de oprichting van Odette Lunettes heeft de zaakvoerder Eline De Munck eerst een studie gedaan over de concurrentie. In de wereld van de opticiens is er al veel onderlinge concurrentie. Ze opende haar eerste winkel in Antwerpen, maar daar waren er al veel spelers op de markt. a

Lees het stukje uit het krantenartikel over de toenemende concurrentie bij opticiens. Wie zijn de concurrenten van Odette Lunettes?

Bron: De Tijd, 2022-12-02

b

IN

In België belandt Specsavers in een markt waarin de concurrentie de voorbije jaren fors toenam. Jarenlang waren zelfstandige opticiens heer en meester. Ze hebben nog altijd een sterke positie, maar kregen concurrentie van twee ketens die sterk op Specsavers lijken: Pearle en Hans Anders. Die openden vele tientallen winkels en konden klanten aan zich binden met lage prijzen. Recenter maken kleinere ketens als het Nederlandse Ace & Tate, het Belgische Komono en het Franse Polette opgang.

VA

N

Ga via Google op zoek naar de directe concurrenten van de Flagship Store van Odette Lunettes Antwerpen. Bekijk alleen de concurrentie die gevestigd is op Meir, Antwerpen. Noteer de gegevens hieronder in de tabel.

NAAM

Op welke manier proberen de winkels van Odette Lunettes zich te onderscheiden van de concurrenten? Maak hiervoor gebruik van de website van Odette Lunettes.

©

c

12

THEMA 1

ADRES

LEVEL 1


Explore 2— Hoe ziet het assortiment eruit?

Gevarieerd assortiment

artikelgroep artikelsoort artikelvariëteit assortimentsgroep

1

IN

Het assortiment kan verschillen van winkel tot winkel in dezelfde branche. Zo is het assortiment van Odette Lunettes minder uitgebreid dan dat van Pearle. De meeste winkels bieden niet één soort artikel aan, maar verkopen verschillende soorten artikelen. Je spreekt dan van een gevarieerd assortiment. Een assortiment kun je verdelen in subgroepen:

Lees aandachtig de omschrijving en noteer de juiste benaming onder elke subgroep. Kies uit: een artikelgroep – een artikelsoort – een artikelvariëteit – een assortimentsgroep

VA

Dit is een bepaald soort artikel binnen een artikelgroep. De artikelgroep broeken kan bijvoorbeeld worden onderverdeeld in korte broeken en lange broeken.

©

Dit is een groep artikelen waarvan de artikelen op een logische manier bij elkaar horen. De broeken in een kledingzaak zijn zo’n voorbeeld in de assortimentsgroep herenkleding.

N

Dit is een hoofdgroep binnen het assortiment. In een kledingzaak kun je bijvoorbeeld drie groepen hebben: kleding voor mannen, voor vrouwen en voor kinderen.

Dit is een variant van een artikelsoort. Je kunt binnen de artikelsoort korte broeken verschillende kleuren aanbieden of je kunt die korte broeken in verschillende stoffen verkopen.

DE BREEDTE EN DE DIEPTE VAN HET ASSORTIMENT

In het assortiment spreekt men van de breedte en de diepte. De breedte is het aantal verschillende assortimentsgroepen of artikelgroepen dat de winkel verkoopt. De diepte is het aantal artikelen binnen een artikelgroep waaruit een klant kan kiezen.

THEMA 1

LEVEL 1

13


2

Kruis in de tabel het juiste assortimentskenmerk aan voor de twee winkels.

3

Noteer nog drie voorbeelden en vul de tabel verder aan. WINKELVORM EN NAAM

BREED

SMAL

DIEP

ONDIEP

supermarkt: Colruyt speciaalzaak: Hunkemöller

IN

KERN-, RAND- EN SEIZOENSASSORTIMENT

Het kernassortiment is de groep artikelen die de kern van je winkel vormt en wat de klant

verwacht te kunnen kopen in je winkel. Artikelen die het kernassortiment aanvullen, vormen

N

het randassortiment. Verschillende winkels hebben ook een seizoensassortiment. Dat assortiment bestaat uit artikels die sterk gebonden zijn aan een thema of bepaalde periodes in het jaar zoals bijvoorbeeld kerst, valentijn en Pasen.

Vul de onderstaande tabel voor het assortiment van Odette Lunettes aan.

VA

4

O

14

THEMA 1

randassortiment

seizoensassortiment

odette lunettes Vul de onderstaande tabel voor het assortiment van My Jewellery aan. Zoek meer informatie op het internet als je de winkelketen niet kent.

©

5

kernassortiment

LEVEL 1

kernassortiment

randassortiment

seizoensassortiment


Explore 3— Wat moet je weten over je product als retailer?

Productkennis en -training

IN

Als verkoper moet je je producten kennen, dus je moet met andere woorden over een goede productkennis beschikken. Je kunt niet elk detail kennen, maar toch zul je je moeten inwerken in de branche en de producten. Dat geldt zeker voor een nieuw product. Daarom zetten sommige bedrijven in op producttraining voor de verkopers. Naast voldoende kennis is het belangrijk dat een verkoper de toegevoegde waarde van het product zelf ziet. De verkoper moet antwoord kunnen bieden op: Waarom heeft de klant dit product nodig? Wat is het verschil tussen het nieuwe product en een eventuele vorige versie van hetzelfde merk of van een concurrent? Welke doelgroep vindt dit product aantrekkelijk? ASSOCIATIETECHNIEK

Om een product te verkopen, kun je een associatietechniek toepassen. Dat betekent dat het vakantie.

Stel dat jij verkoper bent bij Krëfel. Kies online een product uit. Jij gaat dit product grondig bestuderen. In DEEL 1 verzamel je informatie en in DEEL 2 verwerk je de informatie in een presentatie.

©

VA

1

N

product je doet denken aan iets. Een lekker drankje kan je bijvoorbeeld doen denken aan

THEMA 1

LEVEL 1

15


DEEL 1

IN

e f g

Zoek informatie op over dat product op de website van Krëfel. Zoek daarna in folders, tijdschriften en op internet naar aanvullende informatie. Noteer zoveel mogelijk informatie over jouw product in een tekstverwerker. Als verkoper moet je verder denken dan het product zelf. Stel jezelf vragen over het product. Zoals: Van welk materiaal is het artikel gemaakt? Is het duurzaam materiaal? Hoe werkt het product? Welke ingrediënten zitten er in het product? Wat is het doel van het product? Hoe werkt de garantie? Hoe gebruik je het product? Pas een associatietechniek toe als dat kan. Ga op zoek naar de prijs van het product en vergelijk met de prijs van de concurrentie. Zoek reclamemateriaal over het product. Via welke kanalen verkoopt Krëfel de producten aan de consument?

DEEL 2 a

Verwerk al je informatie in een tekstverwerker. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICTfiches van tekstverwerker raadplegen. Volg het onderstaande stappenplan. STAPPENPLAN

N

a b c d

Stap 1: Open een nieuw document. Geef het document de titel ‘Productinformatie [naam van je product]’. Stap 2: Geef de titel Kop 2 als opmaak. Pas de opmaak van de Kop 2 zo aan dat deze titel lettergrootte 14 heeft en een blauwe kleur. Gebruik lettertype Calibri voor de tekst.

Stap 4:

Gebruik regelafstand 1,5 voor het volledige document.

Stap 5:

Schrijf in de koptekst ‘Branchestudie’ en in de voettekst je naam en paginanummering.

VA

Stap 3:

Stap 6: Zoek drie foto’s van je product en voeg ze toe aan een tabel met drie kolommen en een rij. De rand van de tabel maak je wit. Maak elke foto even groot.

©

Stap 7: Verwerk de gevonden informatie in meerdere alinea’s. Maak zelf een logische indeling. Een mogelijke indeling kan zijn: Productkenmerken en functies Werking Materialen Prijzen

Stap 8: Geef iedere alinea een titel. Gebruik Kop 3 als stijl. Gebruik ook een nummering voor de titels van de alinea’s. Stap 9:

Geef in een voetnoot aan waar je de informatie gevonden hebt.

Stap 10: Voeg een volgende subtitel ‘Associaties’ toe. Ook dit geef je Kop 3 als opmaak. Stap 11: Vermeld alle associaties die je via de associatietechniek gevonden hebt. Stap 12: Als laatste subtitel vermeld je ‘Prijzen en reclame’. Stap 13: Schrijf hier de prijzen die je vindt van het product. Vermeld aan de hand van een tabel in welke winkel of op welke website je welke prijzen terugvindt. De tabel pas je aan aan de grootte van de inhoud. Stap 14: Daaronder plak je afbeeldingen van reclameaffiches, -filmpjes enzovoort die je online kunt terugvinden.

16

THEMA 1

LEVEL 1


b

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Unboxing

IN

Een nieuwe trend om verkopers warm te maken voor een nieuw product is unboxing. Bij unboxing halen verkopers het product letterlijk uit de verpakking om het vervolgens helemaal te ontdekken. Een unboxing wordt meestal gefilmd en gedeeld met de consumenten zodat ook zij het product op een originele manier leren kennen. Een andere optie is dat verkopers tijdens een training het product zelf uitpakken, testen, installeren of uitproberen. Dat heeft een impact op de manier van verkopen. Een unboxing kan bijdragen tot een vlotte verkoop. De verkoper heeft de nodige kennis over het product. Bovendien maakt duurzaamheid een product nog aantrekkelijker. Steeds meer klanten hechten belang aan duurzaamheid, waardoor het een sterk verkoopargument geworden is. Bekijk aandachtig de video op diddit over de unboxing van een product. a

N

2

Van welk product wordt er een unboxing gedaan?

Wat zit er allemaal in de doos?

VA

b

c

Waarom is het product duurzaam?

Explore 4— Welke belangrijke marketingbeslissingen moet een bedrijf

©

nemen om succesvol te zijn of blijven?

MARKETING

Marketing is het vakgebied dat zich bezighoudt met het overbrengen van een merk, een product of een dienst aan de consument met het doel om zo veel mogelijk te verkopen.

THEMA 1

LEVEL 1

17


1

Ook bij Odette Lunettes zitten ze niet stil en denken ze voortdurend na over het marketingverhaal. a

Lees de tekst.

Hoe Odette Lunettes digitaliseert om de klantbeleving te verbeteren

IN

Service en beleving Eline De Munck en Bob Geraets begonnen met optiekmerk Odette Lunettes in 2015, vanuit een persoonlijke frustratie over het gebrek aan modieuze maar draagbare monturen. “De eerste drie jaar deden we het met ons tweeën, intussen zijn we met een kleine twintig mensen”, vertelt Eline. “We werken daarnaast ook samen met een twaalftal agenten en 350 actieve business-to-business-klanten in 16 landen.”

digitaliseren.” Het merk heeft op de website bijvoorbeeld een chatbot die je helpt om een bril te kiezen in functie van je gezichtsvorm en andere voorkeuren.

Community bouwen De retailer zet ook sterk in op marketing­ automatisering: klanten krijgen verjaardagswensen, een jaar na de aankoop volgt een uitnodiging om de bril nog eens te laten nakijken, na twee jaar volgt de suggestie dat het wellicht tijd wordt voor een nieuwe bril… En mensen die Odette Lunettes taggen wanneer ze fier poseren met hun nieuwe bril, worden opgenomen in de galerij op de website. “Wij reposten die beelden ook in onze stories, als onze Odette Vedettes. Mensen vinden het echt wel tof om die aandacht te krijgen. Zo bouwen we een community. We zijn aanwezig waar de klant is.”

VA

N

Het merk heeft ook drie eigen fysieke winkels, in Antwerpen, Gent en Knokke. “We proberen business-to-business en business-to-consumer als communicerende vaten met elkaar te laten samenwerken. Onze website stuurt bijvoorbeeld leads van potentiële klanten door naar onze opticiens.” Customer care is voor Odette Lunettes superbelangrijk: “We zijn geen prijsspeler, we willen mensen een service en experience bieden die ze bij een grote optiekketen misschien niet gaan krijgen”, zegt Bob.

©

Inzetten op digitalisering Eén belangrijk onderdeel van die service, is een grote luisterbereidheid tegenover de klanten: “We willen binnen de 24 uur reageren op elke vraag of elke klacht van een klant, zowel telefonisch als via mail of social media. Maar we krijgen élke dag berichten op Facebook, Instagram… Begin dat allemaal maar eens te volgen en te structureren als je marketingdienst bestaat uit één medewerker… Dan is het wel handig als al die vragen samenkomen op één platform.”

Dat platform is Hootsuite, het bekende social media managementplatform dat vorig jaar ook customer care platform Sparkcentral overnam. “Van het prille begin hebben we sterk ingezet op digitalisering. Efficiëntie is key voor ons. We willen mensen inzetten voor dingen die enkel door mensen kunnen gedaan worden, de rest willen we zoveel mogelijk

18

THEMA 1

LEVEL 1

Odette Lunettes is een voorloper en een voorbeeld op dat vlak, getuigt Sarah Zengers van Hootsuite. “Ze waren er al vroeg bij, in tegenstelling tot veel andere retailers hollen ze niet achter de feiten aan. 65 % van de conversaties verloopt al via de chatbox. Dat is een heel waardevolle tool waarmee je de frequent terugkerende vragen al kan beantwoorden, zodat je kan focussen op zaken die wat complexer zijn en waar wel menselijk contact nodig is.” Bron: Retail, 2022-04-20


b

Customer care, zorg dragen voor de klanten, is voor Odette Lunettes superbelangrijk. Hoe pakken ze dit aan?

c

Wat is het platform Hootsuite dat zij gebruiken?

d

Op welke service kan elke klant rekenen?

e

IN

Ook op het gebied van digitalisering zitten ze niet stil. Wat houdt de nieuwste service in?

VA

N

Unique selling proposition

©

Elk bedrijf probeert zo op een eigen manier de verkoop te stimuleren. Ze hebben elk hun eigen USP of unique selling proposition. Het is die ene eigenschap die het bedrijf beter maakt dan de concurrentie. Een uniek verkoopargument en een concreet en specifiek voordeel dat ervoor zorgt dat jouw bedrijf opvalt tussen alle andere bedrijven. Een unique selling proposition is pas echt exclusief als je het kunt omschrijven als het beste, snelste, lekkerste of meest betrouwbare product of dienst. Voorbeelden van een USP zijn:

© Shutterstock / Pieter Beens

Zalando: 100 dagen recht op retour

© Shutterstock / Emilio100

Colgate: wittere tanden in 14 dagen

THEMA 1

LEVEL 1

19


2

Werk per twee en zoek informatie op via internet over de bedrijven. Wat is kenmerkend voor deze bedrijven? Schrijf de USP’s van de bedrijven op. Overleg vervolgens klassikaal. BEDRIJF

VOORBEELDEN USP’S

IN

N

VA

Explore 5— Welke impact heeft duurzaamheid op de retailsector?

Duurzaam ondernemen met de 3 P’s

©

Consumenten willen graag hun steentje bijdragen aan het milieu en dat doen ze onder andere door te kiezen voor duurzame winkels. De retailer wil deze kans uiteraard niet missen om duurzaam te ondernemen en de tevredenheid bij de klant te behouden. Bij het duurzaam ondernemen wil het bedrijf een balans vinden tussen de 3 P’s: people, planet en profit. Dus het bedrijf houdt met andere woorden rekening met de impact op de werknemers, het milieu en de maatschappij.

1

20

THEMA 1

Bekijk het videofragment in verband met het montuur uit 3D-print van Odette Lunettes.

LEVEL 1


2

Lees het artikel over het montuur uit 3D-print.

IN

Eline De Munck en Tom Boonen presenteren nieuwe zonnebril in Odette Lunettes: “Sportief én modieus, we vullen een gat in de markt”

© Jan Van der Perre

Onder goedkeurend oog van heel wat bekende Vlamingen stelde brillenmerk Odette Lunettes donderdagavond een nieuwe bril voor. Oprichtster Eline De Munck werkte samen met oud-wielrenner Tom Boonen een sportief model uit. Het montuur is ge-3D-print en bestaat uit duurzaam ‘bonen’-materiaal.

N

Voormalig wereldkampioen Boonen moest niet lang nadenken en sprong mee op de boot: “Er bestaan heel veel goeie sportbrillen die eigenlijk te fel zijn om in het openbaar te dragen. Mensen nemen dan twee brillen mee en dat is verre van handig. Onze samenwerking vult dat gat in de markt perfect op. Het is een mooie bril waarmee je enerzijds intensief kan sporten, maar anderzijds ook eens lekker mee achterover kan hangen op een terras.” Duurzame materialen zorgen voor comfort

VA

Ook over de kwaliteit zijn Boonen en De Munck enthousiast: “Het is anders dan de hightech sportbrillen uit de koers. Onze bril voelt lekker aan, een groot verschil met de harde plastic van de brillen die we gewend zijn”, vertelt de Bom van Balen. De Munck bevestigt en benadrukt dat de gebruikte materialen daar een allesbepalende rol in spelen. “De bril bestaat uit een poeder, afkomstig van bonen die gekweekt worden op een grond in India waar niets anders meer kan groeien. Dat maakt deze grondstof erg duurzaam. Duurzaamheid is trouwens de rode draad doorheen onze collectie. De monturen worden namelijk ge-3D-print, wat impliceert dat we op maat produceren. De klant geeft zijn gewenste maat en kleur door en pas dan wordt de bril gemaakt. We hebben dus stock noch overschot.” Bron: Het Nieuwsblad, 2022-03-31

a

Met welke P(’s) wordt rekening gehouden in de video en het artikel? Leg uit.

©

b

Zoek op de website van Odette Lunettes op welke manier het bedrijf nog rekening houdt met de P’s.

THEMA 1

LEVEL 1

21


Good to know In de retailsector vind je duurzaamheid op verschillende vlakken, zoals het gebruiken van herbruikbare tassen in de voedingssector of papieren tassen gemaakt uit gerecycleerd materiaal in de kledingsector.

3

Hieronder vind je zes krantenkoppen uit het tijdschrift Retail. Met welke P‘s wordt er rekening gehouden? Kruis aan.

IN

A

Ikea bezorgt met bakfietsen op zonne-energie Planet Bron: Retail, 2022-12-04

B

People Profit

Delhaize verstu urt de helft minder papiere n folders Bron: Retail,

C

N

2023-01-12

De groei van Zeeman mag niet ten koste gaan van mens en milieu Bron: Retail, 2022-12-07

VA

Planet People Profit

D

A.S.Adven tur voor wand e opent herstelateli er elschoene Bron: Retai n l, 2022-1022 Planet People Profit

E

©

Vijf Belgische supermarkt ketens beloven leefbaar loon voor bananen

Bron: Retail, 2022-12-09

Planet People Profit

F

Delhaize gaat voor “grootste aantal laadpalen” Bron: Retail, 2022-12-08

22

THEMA 1

LEVEL 1

Planet People Profit

Planet People Profit


TO THE POINT Branche Een branche is een tak van de retail. Het is een groep bedrijven of handelszaken die dezelfde goederen verkopen en/of diensten leveren. De branches kun je indelen in food en non-food. In steeds meer winkels worden ook artikelen verkocht uit andere branches. Veel supermarkten bieden niet alleen voeding aan, maar ook non-food, zoals multimedia of kleding.

IN

Concurrentie Het is heel belangrijk dat je als ondernemer op de hoogte bent van de lokale markt: wie zijn je klanten en wie is de concurrentie. Die gegevens kun je in een branchestudie vastleggen. Branchegegevens kun je op verschillende plekken vinden, bijvoorbeeld bij brancheverenigingen die de belangen van een bepaalde branche behartigen.

VA

N

Assortiment Het assortiment van een winkel bestaat uit alle artikelen die in de winkel te koop worden aangeboden. De meeste winkels bieden niet alleen een soort artikel aan, maar verkopen verschillende soorten artikelen. Je spreekt dan van een gevarieerd assortiment. Een assortiment kun je verdelen in de volgende subgroepen: assortimentsgroepen: een assortimentsgroep is een hoofdgroep binnen het assortiment. In een kledingzaak kun je bijvoorbeeld drie assortimentsgroepen hebben: kleding voor mannen, voor vrouwen en voor kinderen. artikelgroepen: een artikelgroep is een groep van artikelen die op een logische manier bij elkaar horen. De broeken in een kledingzaak zijn bijvoorbeeld een artikelgroep in de assortimentsgroep herenkleding. artikelsoorten: een artikelsoort is een bepaald soort artikel binnen een artikelgroep. De artikelgroep broeken kan bijvoorbeeld de artikelsoorten korte broeken en lange broeken bevatten. artikelvariëteit: een artikelvariëteit is een variant van een artikelsoort. Je kunt binnen de artikelsoort korte broeken verschillende kleuren aanbieden of je kunt die korte broeken in verschillende stoffen verkopen. Dat zijn artikelvarianten van de artikelsoort korte broeken.

©

Kern- en randassortiment Het kernassortiment is de groep artikelen die de kern van je winkel vormen de klant verwacht te kunnen kopen in je winkel. Artikelen die het kernassortiment aanvullen, vormen het randassortiment. Verschillende winkels hebben ook een seizoensassortiment. Dat assortiment bestaat uit artikels die sterk gebonden zijn aan een thema of bepaalde periodes in het jaar. Breedte en diepte van het assortiment Het aantal artikelgroepen in het assortiment bepaalt de assortimentsbreedte. Een warenhuis heeft meer artikelgroepen dan een sportwinkel. Het assortiment van een warenhuis is dus breder dan het assortiment van een sportwinkel. De assortimentsdiepte wordt bepaald door het aantal artikelvariëteiten binnen een artikelgroep of artikelsoort. Een winkel met veel artikelvariëteiten per artikelgroep of artikelsoort heeft een diep assortiment, bijvoorbeeld Decathlon. Een winkel met weinig artikelvariëteiten per artikelgroep of artikelsoort is bijvoorbeeld Casa. Bij Casa tref je veel artikelsoorten aan, maar per artikelsoort is er maar weinig keuze. Casa heeft dan ook een ondiep assortiment. Winkels kunnen verschillende types assortimenten hebben, zoals een breed en diep, breed en ondiep, smal en diep en smal en ondiep assortiment.

THEMA 1

LEVEL 1

23


ASSORTIMENT DIEP

BREED

ONDIEP

Veel artikelengroepen of artikelsoorten Veel keuze per artikelgroep of artikelsoort

Veel artikelgroepen of artikelsoorten Weinig keuze per artikelgroep of artikelsoort

Weinig artikelgroepen of artikelsoorten Veel keuze per artikelgroep of artikelsoort Weinig artikelgroepen of artikelsoorten Weinig keuze per artikelgroep of artikelsoort

IN

SMAL

VA

N

Productkennis Als verkoper moet je je producten kennen, je beschikt dus over een goede productkennis. Je kunt niet elk detail kennen, maar toch zul je je moeten inwerken in de branche en de producten. Houd rekening met de volgende punten: Raadpleeg verschillende informatiebronnen zoals: internet, vaktijdschriften, handleiding, folders en brochures, technici, vertegenwoordigers … Durf verder te denken. Je moet niet alleen de werking van het product kunnen uitleggen, maar soms moet je ook iets weten over het materiaal of de stoffen die werden gebruikt. Leer ook over de andere aspecten van het product, zoals de prijs en de garantievoorwaarden. Zorg ervoor dat je niet alleen de prijs en garantievoorwaarden van je eigen winkel kent, maar ook die van de concurrent. De prijs is vaak een argument van de klant om het product ergens anders te kopen. Je moet ook weten of er promoties lopen voor het product. Leer al deze informatie bijvoorbeeld via een interne producttraining. Pas een associatietechniek toe. Dat betekent dat het product je doet denken aan iets. Leer het product kennen aan de hand van een unboxing, waarbij het product in een video uitgebreid wordt uitgelegd. Marketing De marketing houdt zich bezig met het overbrengen van een merk, een product of een dienst aan de consument met het doel om zo veel mogelijk te verkopen. Elk bedrijf probeert op een eigen manier de verkoop te stimuleren door een USP of unique selling proposition. Het is die ene eigenschap die jouw bedrijf beter maakt dan de concurrentie.

©

Duurzaam Duurzaam ondernemen in de retailsector is noodzakelijk. Hierbij houd je rekening met de 3P’s: people (de werknemers), planet (de aarde) en profit (het verantwoord ondernemen).

24

THEMA 1

LEVEL 1


Action 1—

Kun jij de verschillende branches en winkels uit je buurt benoemen?

In Explore 1 heb je een indeling van de branches in de retailsector gemaakt volgens Comeos. Hieronder vind je een indeling volgens Retail Insiders. Zoek voor elke onderverdeling een voorbeeld uit de buurt. Bespreek je gevonden resultaten klassikaal. WINKEL

ambulante handel

markt

consumenten­ electronica

computershop elektronicawinkel fotozaken telecomwinkel boekhandel

cd-winkel

N

educatie en vrije tijd

VOORBEELD

IN

BRANCHE

muziekhandel

speelgoedwinkel

tweewielerspeciaalzaak

agf-speciaalzaak

brood- en banketzaak

kaas- en delicatessenwinkel

poelier

slagerij

snoep en chocolaterie

viswinkel

bloemenwinkel

bouwmarkt en algemeen assortiment

dierenspeciaalzaak

hout, tuin- en bouwmaterialen

huishoudelijke artikelen

speciaalzaak in ijzerwaren en gereedschappen

VA

kantoor-, boek- en vakhandel

©

voedingspeciaalzaken

huis en tuin

THEMA 1

LEVEL 1

25


BRANCHE

kleding, schoen en sport

VOORBEELD

tuincentrum

verf- en behangzaak

algemene textielzaak

baby- en kindermode

bodyfashion

dames- en herenmode

damesmode herenmode lederwarenzaak

IN

huis en tuin

WINKEL

schoenenzaak

N

biologische levensmiddelen

buitenlandse levensmiddelen

VA

textielsupermarkt

supermarkt

tankstation

drogisterij

juwelier

optieken

parfumerie

warenhuizen

warenhuis

wooninrichting

gemengde woonzaak

keuken- en badkamer

kurk- en parket

meubels

slaapspeciaalzaak

verlichting

woningtextiel

©

persoonlijke verzorging

26

modeartikelen en bijouterie

sport- en kampeerzaak

levensmiddelen

THEMA 1

LEVEL 1


Action 2—

Kun jij de nieuwste trends in de retailsector ontdekken?

Kun jij op zoek gaan naar nieuwste trends in de retailsector? Dat kan gaan van een nieuwe soort winkel tot nieuwe betaalmethoden. Als retailer is het belangrijk dat je op de hoogte blijft van die nieuwigheden. Je moet je winkel namelijk aanpassen aan de nieuwe trends en ontwikkelingen. Als je achterblijft, verlies je klanten.

c

STAPPENPLAN

IN

b

Verzamel informatie over nieuwe trends van de volgende websites: https://www.retaildetail.be/nl/ https://www.gondola.be/nl Naast het internet ga je ook op zoek in een krant, tijdschrift of boek waar je nieuwe trends voor de retail kunt vinden. Verwerk je resultaat met een tekstverwerker. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICTfiches van tekstverwerker raadplegen. Maak gebruik van het stappenplan.

Stap 1:

Open een nieuw document. Geef dit de titel ‘Nieuwe trends’ in de retail.

Stap 2:

Geef de titel Kop 2 als opmaak.

Stap 3:

Geef deze titel lettergrootte 14 en een blauwe kleur.

Stap 4:

Gebruik lettertype Times New Roman voor de tekst.

Stap 5:

Gebruik regelafstand 1,5 voor het volledige document.

Stap 6:

Schrijf in de koptekst ‘Branchestudie’ en in de voettekst je naam en paginanummering.

Stap 7:

Werk met alinea’s. Iedere nieuwe trend beschrijf je in een nieuwe alinea.

Stap 8:

Pas de opmaak voor Kop 3 aan, zodat deze stijl een groene kleur heeft en lettergrootte 12.

Stap 9:

Geef elke alinea een titel. Deze titel geef je Kop 3 als opmaak.

N

a

VA

Stap 10: Pas de opmaak aan indien je tekst kopieert van het internet. Stap 11: Zorg ervoor dat je de titel samenhoudt met de alinea. Stap 12: Geef bij elke alinea aan waar je de informatie hebt gevonden met een voetnoot. Stap 13: Ga ook op zoek naar informatie over nieuwe retailtrends in een tijdschrift, krant, boek … Beschrijf de nieuwe trend die hierin beschreven staat kort.

Stap 14: Ook bij informatie uit een krant, tijdschrijft … vermeld je waar je de informatie hebt gevonden met een voetnoot. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

d

THEMA 1

LEVEL 1

27


Action 3— 1

Kun jij een grondige studie maken van de branche van jouw stagebedrijf of een bedrijf naar keuze?

Bepaal de branche van je stagebedrijf of een bedrijf naar keuze. Bestudeer die branche grondig. Beantwoord de onderstaande vragen en maak de opdrachten in een tekstverwerker. Indien je graag extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van tekstverwerker raadplegen. Je zorgt voor een titel en ondertitels. Volg het stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1: Open een nieuw document. Geef dit document als titel ‘Studie branche van het stagebedrijf’ (of bedrijf naar keuze).

IN

Stap 2: Geef deze titel Kop 2 als opmaak. Pas de opmaak van Kop 2 aan zodat de titel lettergrootte 14 en een blauwe kleur krijgt. Stap 3: Gebruik lettertype Calibri voor de tekst.

Stap 4: Gebruik regelafstand 1,5 voor het volledige document.

Stap 5: Schrijf in de koptekst ‘Branchestudie’ en in de voettekst je naam en paginanummering. Stap 6: Voeg een eerste subtitel ‘Verantwoording keuze’ toe.

Stap 7: Geef de subtitel Kop 3 als opmaak. Voor Kop 3 pas je de opmaak aan zodat deze stijl een groene kleur en lettergrootte 12 heeft.

N

Stap 8: Beschrijf onder deze eerste subtitel: waarom je gekozen hebt voor de branchestudie van dit bedrijf; welke ervaring je al hebt met de branche. Stap 9: Voeg een tweede subtitel ‘Winkels in deze branche’ toe en geef de subtitel Kop 3 als opmaak. Stap 10: Voeg een tabel toe bestaande uit vier kolommen en minstens zes rijen.

VA

Stap 11: Zoek alle winkels die tot jouw branche behoren die in een straal van 25 km van je school gelegen zijn. Verwerk hiervoor de volgende gegevens in je tabel: In de eerste kolom voeg je het logo in van de winkel. Dat download je van het internet. Zorg ervoor dat alle rijen dezelfde hoogte hebben. In de tweede kolom noteer je de naam van de winkel. In de derde kolom vermeld je het adres. In de vierde kolom omschrijf je het assortiment. Controleer zelf of je hiervoor je blad het best liggend of staand plaatst. Werk, indien nodig, met sectie-einde.

Stap 12: Voeg een derde subtitel ‘Ligging winkels’ toe en geef dat Kop 3 als opmaak. Stap 13: Duid de winkels aan op een kaart.

©

Stap 14: Voeg een vierde subtitel ‘Trends en ontwikkelingen’ toe. Omschrijf hier welke trends en nieuwigheden er zijn in jouw branche. Zoek minstens drie nieuwe trends. Elke trend beschrijf je in een aparte alinea. Elke alinea en elke nieuwe trend krijgen een aparte titel. Onthoud: De titels van deze alinea’s zet je vetgedrukt. Onder elke alinea vermeld je de bron waar je de informatie hebt gevonden. Je moet minstens een trend of nieuwigheid vinden in een papieren bron, zoals tijdschriften, kranten …

2

28

THEMA 1

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 1


Action 4— 1

Hoe ziet het assortiment van jouw stagebedrijf er in de breedte en de diepte uit?

In welke stagebedrijven zou jij graag stage lopen? Maak een top 3. Noteer ook telkens waarom je er graag stage zou lopen. STAGEBEDRIJF

IN

1

2

2

N

3

WAAROM HIER?

In welke stagebedrijven zou jij geen stage willen lopen? Maak een top 3. Noteer ook telkens waarom je er geen stage zou willen lopen. WAAROM HIER NIET?

VA

STAGEBEDRIJF 1

2

©

3

3

Beschrijf het assortiment in de breedte en diepte van jouw stagebedrijf. Doe dat in een rekenblad, aangezien je dan makkelijk met cellen (kolommen en rijen) kunt werken. Je leerkracht bepaalt hoeveel productcategorieën in de breedte je minstens moet opnemen in je tabel. Indien je graag extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van het rekenblad raadplegen.

4

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. THEMA 1

LEVEL 1

29


Action 5—

Hoe goed ken jij een product?

Verdeel de klas in groepjes van maximaal vier leerlingen. Je maakt per groepje vier unboxing-video’s over vier verschillende producten. Het is de bedoeling dat elke leerling een product demonstreert en voorziet van de juiste uitleg. Volg het onderstaande stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1: Brainstorm in je groepje over welke producten jullie een unboxing-video gaan maken. Stap 2: Noteer de vier producten en overleg hierover met je leerkracht.

IN

Stap 3: Noteer op een apart blad welke uitleg je zult geven over het product. Stap 4: Oefen met elkaar wat je gaat zeggen. Geef elkaar feedback. Stap 5: Maak van elk product een unboxing-video.

N

Stap 6: Geef elke video een goede bestandsnaam en sla die op in je portfolio Stap 7: Selecteer de beste unboxing-video en laat die zien aan de andere klasgenoten. Stap 8: Evalueer jezelf en je medeleerlingen op hun inzet voor deze opdracht.

VA

Vul in:     + + = zeer goed    + = goed    +/- = dit kan beter    - = niet goed

EVALUATIEFICHE

Doelen

Ik (initialen)

Ik maak afspraken met anderen en houd mij daaraan.

Ik neem initiatief.

Ik luister naar de ideeën

©

van klasgenoten.

Ik kan goed overleggen met klasgenoten.

Ik vraag hulp als dat nodig is.

Ik bied hulp als dit nodig is.

TOTAAL

30

THEMA 1

LEVEL 1

Leerling 1

Leerling 2

Leerling 3


Action 6—

Ken jij de producten uit een branche naar keuze?

Deze opdracht bestaat uit twee delen. Je maakt een productfiche en je werkt individueel. DEEL 1 Kies vijf verschillende producten uit een branche naar keuze. Kies bij voorkeur een product uit verschillende assortimentsgroepen of artikelgroepen. Zoek informatie over die producten en gebruik daarbij verschillende bronnen: internet, folders, tijdschriften … Je kunt het best op zoek gaan naar een gespecialiseerd tijdschrift over jouw branche of product. Daar vind je soms informatie die je niet altijd op het internet vindt.

Tip: b

IN

a

Zoek verder dan alleen naar de werking van het product. Als je schoenen of kledij verkoopt, moet je ook iets weten over het soort materiaal. Verkoop je laptops, dan moet je weten van welk merk de processor is enzovoort. Verwerk deze opdracht met een tekstverwerker. Volg het onderstaande stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1:

Open een nieuw document. Geef dit de titel ‘Productinformatie [naam product]’.

N

Stap 2: Geef de titel Kop 2 als opmaak. Pas de opmaak van Kop 2 aan zodat de titel lettergrootte 14 en een blauwe kleur krijgt. Stap 3:

Gebruik lettertype Calibri voor de tekst.

Stap 4:

Gebruik regelafstand 1,5 voor het volledige document.

Stap 5:

Stel de marges in op smal.

VA

Stap 6: Schrijf in de koptekst ‘Branchestudie – Productstudie’ en in de voettekst je naam en paginanummering. Stap 7:

Je vermeldt elk product als een subtitel met Kop 3.

Stap 8: Zoek (minstens) drie foto’s van je product en voeg ze in een tabel met drie kolommen en een rij in. De rand van de tabel is wit. Elke foto is even groot. Bewaar de foto’s ook afzonderlijk in je portfolio. Stap 9: Verwerk de gevonden informatie per product in meerdere alinea’s. Maak zelf een logische indeling, bijvoorbeeld: Productkenmerken en functies Werking Materialen

©

Stap 10: Geef iedere alinea een titel. Gebruik Kop 4 als stijl. Gebruik ook een nummering voor de titels van de alinea’s. Stap 11: Elke alinea waarin je de informatie schrijft, zet je in een tab op 3 cm.

Stap 12: Vul je alinea’s uit. Stap 13: Geef in een voetnoot aan waar je de informatie gevonden hebt. Stap 14: Voeg een volgende subtitel ‘Associaties’ toe. Ook dit geef je Kop 4 als opmaak. Stap 15: Vermeld hier alle associaties die je via de associatietechniek gevonden hebt. Stap 16: Print je productfiche vervolgens en lamineer het als je een lamineerapparaat ter beschikking hebt.

c

Geef je bestand een duidelijke naam en sla het op in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 1

31


DEEL 2 a

Zoek van de vijf producten de prijs op. Als verkoper moet je niet alleen je eigen prijs kennen, maar ook de prijs van je concurrent(en). Zoek daarom ook prijzen van drie verschillende aanbieders en zoek de prijs op in een webwinkel. Verwerk je gegevens met een tekstverwerker. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van tekstverwerker raadplegen. Volg het onderstaande stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1: Open een nieuw document. Geef dit de titel ‘Prijzen’.

IN

Stap 2: Geef de titel Kop 2 als opmaak. Pas de opmaak van Kop 2 aan zodat de titel lettergrootte 14 en een blauwe kleur krijgt. Stap 3: Gebruik lettertype Calibri voor de tekst.

Stap 4: Gebruik regelafstand 1,5 voor het volledige document. Stap 5: Stel de marges in op smal. Stap 6: Plaats je blad liggend.

Stap 7: Schrijf in de koptekst ‘Branchestudie – Productstudie’ en in de voettekst je naam en paginanummering. Stap 8: Gebruik een tabel met 4 kolommen en meerdere rijen. Stap 9: De kolommen maak je even groot.

N

Stap 10: In de eerste kolom voeg je de naam in van het product.

Stap 11: In de volgende drie kolommen vermeld je de prijs van drie verschillende aanbieders. Vermeld de prijs in het rood. Denk aan de NBN-normen. Vermeld ook de winkel waar je die prijs gevonden hebt. Je zoekt die best online. Geef het bestand een duidelijke naam en sla het op in je portfolio.

VA

b

Action 7—

Kun jij een product promoten met een mooie poster?

Maak twee affiches voor een product naar keuze.

Zorg in je affiches voor de nodige rust en zorg er tegelijkertijd voor dat je de aandacht van de consument trekt.

©

Tip:

32

a

De eerste affiche zal hangen aan een bushokje. Je maakt deze affiche met Canva. Geef beknopt uitleg over het product in kernzinnen. Vermeld zeker de prijs en eventueel randartikelen.

b

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

c

De tweede affiche is voor in een tijdschrift voor hetzelfde product. Zorg ervoor dat het lettertype en het kleurgebruik overeenstemt met de eerste affiche. Voorzie in deze affiche meer informatie voor de klant.

d

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 1


Good to know Veel merken maken gebruik van abri’s voor het plaatsen van reclameposters. Een abri is een wachtruimte die reizigers of passanten beschutting biedt tegen regen en wind. Abri’s staan meestal op locaties waar openbaarvervoersmiddel stoppen. Voorbeelden hiervan zijn bushaltes en treinstations.

Ken jij het marketingverhaal van winkelketen Action?

IN

Action 8—

Action bestaat al dertig jaar met maar liefst 2 200 winkels in tien Europese landen, waarvan 220 winkels in België. Wat is het marketingverhaal van winkelketen Action? a

Lees het artikel over het succesverhaal van Action.

©

VA

N

Waar klanten hun Porsche en roestbak naast elkaar parkeren: het succes van 30 jaar Action verklaard

Het cliché van de gierige noorderbuur wordt bevestigd: de goedkope spullen slaan aan en een jaar later telt Nederland al acht Actionvestigingen. Jaar na jaar dikt dat aantal verder aan, tot het de broers en hun compagnon in 2011 een beetje te groots wordt. “Het zijn ondernemende mannen zonder poespas, die eigenlijk toevallig een gat in de markt hebben ontdekt. Het zijn geen types om

een multinational te leiden”, klinkt het uit goede bron wanneer ze in 2011 hun keten verpatsen aan de Britse investeringsmaatschappij 3i. Zelf hebben de oprichters nog nooit een interview gegeven. Ook niet nu Action dertig kaarsjes uitblaast op het moment dat het maar liefst 2 200 winkels in tien Europese landen telt, waarvan 220 in België.

THEMA 1

LEVEL 1

33


wasmiddel van Dash aan bodemprijzen, volgende week is het Dreft, de week nadien Robijn. Niet alleen de merken, maar ook het soort producten verandert om de haverklap. En dat brengt ons bij nog een ander succesingrediënt. “Shoppers worden voortdurend verrast: sommige producten verdwijnen, andere komen erbij, waardoor klanten worden gestimuleerd om regelmatig terug te komen naar de winkel om te zien of er iets leuks is”, legt Van Rompaey uit. “Bij Action kan je ook terecht voor funshoppen. Je vindt er niet enkel schoonmaakproducten, maar ook leuke spulletjes, bijvoorbeeld voor je interieur. Je komt er vaak buiten met iets dat je eigenlijk niet nodig had. Als je dat als retailer kan bereiken, heb je een succesformule te pakken.” Gevolg is ook dat iedereen naar Action gaat. Niet enkel mensen die iets krapper bij kas zitten, maar ook gegoede landgenoten. Op de parking staat de spreekwoordelijke Porsche naast een roestbak. “Discount is niet iets om je voor te schamen”, zegt CEO Hajji zelfverzekerd. Retailexpert Van Rompaey beaamt dat. “Die tijd is al lang voorbij. Dat merk je ook bij Aldi.” Voor Action lijkt the sky voorlopig the limit. Momenteel tellen ze filialen in tien Europese landen. “Het bewijs is er dus dat hun concept niet cultuurgebonden is. Als het in tien landen kan, waarom niet in twintig? De grootste uitdaging zal zijn om een efficiënte bedrijfsstructuur aan te houden en genoeg voorraad te blijven hebben. Maar als dat lukt, terwijl klanten bij het afrekenen nog steeds denken: ‘Tiens, ik wist niet dat ik die dingen nodig had’, dan kan Action nog een tijdje voortgroeien.”

IN

De groei laat zich ook zien in de boekhouding: de jongste vier jaar verdubbelde de omzet van 3,4 miljard euro in 2017 naar 6,8 miljard in 2021. Voor 2022 zal daar weer een flinke lap bijkomen, want in de eerste negen maanden lag de omzet al een kwart hoger dan in dezelfde periode een jaar eerder. De energiecrisis en hoge inflatie hebben daar geen kwaad aan gedaan. “Veel meer mensen komen naar onze winkels: dat zagen we al aankomen toen de kosten eind 2021 hard stegen”, vertelt CEO Hajir Hajji – ooit zelf begonnen als rekkenvuller in Action – in ‘AD’. “Mensen komen naar ons toe voor basisproducten: wasmiddel, toiletpapier, sokken. Ze hebben minder te besteden en worden kritischer.”

VA

N

Dat brengt ons meteen bij een belangrijke – en evidente – reden voor het succes van Action: het is er goedkoop. Gemiddeld kost een product 2 euro, een kwart is goedkoper dan 1 euro. Hoe kan het dat een Milka-chocoladereep bij Action slechts 2,39 euro kost en bij Albert Heijn 3,45 euro? “Hoe kan het dat die reep bij Albert Heijn zo duur is?”, keert topvrouw Hajji de vraag om. Action koopt enorme volumes in om alle 2 200 winkels te bedienen: dat scheelt in aankoopprijs. Bovendien vestigt het zich niet in dure winkelstraten, besteedt het weinig aan marketing en werkt het bedrijf heel efficiënt – zonder al te veel tussenniveaus. “Een andere belangrijke reden waarom Action de prijzen zo laag kan houden is dat het niet gebonden is aan vaste leveranciers”, zegt Stefan Van Rompaey, hoofdredacteur van ‘RetailDetail’. “Wanneer de aankoopprijs te hoog ligt, speurt Action de markt verder af, op zoek naar opportuniteiten.”

©

Een gevolg is dat het aanbod in de winkels voortdurend wijzigt. Deze week vind je er

b

34

Bron: Het Laatste Nieuws, 2023-01-12

Markeer de onderstaande items in de tekst. Wees volledig.

geel

Welk succesvol marketingverhaal schuilt er achter Action?

groen

Waarom is hun concept niet cultuurgebonden?

THEMA 1

LEVEL 1


Action 9—

Ken jij alle nieuwe begrippen over de branchestudie en de productkennis?

Op diddit vind je een kwartetspel over alle nieuwe begrippen van dit level. Speel het spel in groepjes van maximaal vier leerlingen. Spelregels

IN

Doel Het is de bedoeling om zoveel mogelijk setjes van vier kaarten te verzamelen, de kwartetten, door slim te spelen en vragen te stellen. Door goed op te letten bij andere beurten kun je achterhalen wie welke kwartetkaarten heeft. Degene met de meeste kwartetten wint.

Het spel De oudste speler begint. Als je aan de beurt bent, vraag je aan een van de andere spelers een kaart. Dit moet een kaart zijn van een kwartet waarvan je zelf minimaal een kaart in je hand hebt. Noem de kleur van het kwartet en vraag naar de kaart die je wilt hebben. Als de speler die kaart heeft, dan moet hij die aan je afgeven en mag je doorgaan met kaarten vragen. Dit mag aan dezelfde speler of een andere speler zijn. Als je een setje van vier kaarten hebt, roep je kwartet en leg je de vier bij elkaar horende kaarten voor je neer op tafel. Heeft de speler de gevraagde kaart niet, dan is je beurt voorbij en is de speler aan wie je het laatst een kaart vroeg aan de beurt. Het spel is afgelopen als alle kwartetten compleet zijn.

Voorbereiding Alle kaarten worden onder de spelers verdeeld. Het kan zijn dat sommige spelers meer kaarten hebben dan andere spelers. De kaarten neem je in je hand en laat je niet aan de andere spelers zien.

N

Action 10— Werkplekleren: branchestudie van een speciaalzaak naar keuze

VA

Je bezoekt per twee een speciaalzaak naar keuze in de buurt van je school. Neem foto’s tijdens je bezoek, maar vraag altijd eerst toestemming aan de zaakvoerder. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche speciaalzaak

Naam van de speciaalzaak

Adres

©

Website

Openingsuren

THEMA 1

LEVEL 1

35


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Branchestudie van de speciaalzaak Bestudeer de buitenkant, de etalage en de binnenzijde van de winkel. Noteer wat je ziet.

buitenkant: etalage:

binnenzijde:

IN

N

Maak een foto van de buitenkant, de etalage en de binnenzijde.

Wat is de doelgroep van de winkel?

Beschrijf kort de breedte en diepte van het assortiment van de speciaalzaak.

breedte van het assortiment:

VA

diepte van het assortiment:

©

Heeft de winkel een goede ligging? Waarom wel of niet?

36

Hoe herken je het personeel van de winkel?

Waaruit bestaat het kernassortiment?

THEMA 1

LEVEL 1


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Branchestudie van de speciaalzaak Maak een foto van het kernassortiment. Waaruit bestaat het randassortiment?

Maak een foto van het randassortiment. Kies een artikel en bespreek hiervan de assortimentsgroepen, artikelgroepen, artikelsoort en artikel­variëteiten.

IN

assortimentsgroepen:

artikelengroepen:

N

artikelensoort:

artikelvariëteiten:

VA

DEEL 3: NA HET BEZOEK

©

Verwerk al je informatie en foto’s in een powerpointpresentatie en presenteer alles aan de klas. Houd bij het opstellen van je presentatie rekening met: dia 1: Bedenk een titel. dia 2: Wat zien we aan de buiten- en binnenzijde van de winkel (inclusief etalage)? dia 3: Bespreek de doelgroep. dia 4: Beschrijf het assortiment. dia 5: Bespreek de ligging van de winkel. dia 6: Bespreek het kernassortiment. dia 7: Bespreek het randassortiment. dia 8 – 9: Bespreek grondig een product. dia 10: Bedank je medeleerlingen voor hun aandacht. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 1

37


Action 11— Werkplekleren: branchestudie van een supermarkt naar keuze.

Je bezoekt per twee een supermarkt (geen discountzaak) naar keuze in de buurt van je school. Neem foto’s tijdens je bezoek, maar vraag altijd eerst toestemming aan de zaakvoerder. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van de supermarkt

Adres

IN

Steekfiche supermarkt

Website

Openingsuren

N

VA

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

Branchestudie van de supermarkt

Bestudeer de buitenkant, de etalage en de binnenzijde van de winkel. Noteer wat je ziet.

buitenkant:

©

etalage:

binnenzijde:

38

THEMA 1

LEVEL 1


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Branchestudie van de supermarkt Maak een foto van de buitenkant, de etalage en de binnenzijde. Wat is de doelgroep van de winkel?

Beschrijf kort de breedte en diepte van het assortiment van de supermarkt.

breedte van het assortiment:

IN

diepte van het assortiment:

N

Heeft de winkel een goede ligging? Waarom wel of niet?

Waaruit bestaat het kernassortiment?

VA

Hoe herken je het personeel van de winkel?

Maak een foto van het kernassortiment.

©

Waaruit bestaat het randassortiment?

Maak een foto van het randassortiment.

THEMA 1

LEVEL 1

39


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Branchestudie van de supermarkt Kies een artikel en bespreek hiervan de assortimentsgroepen, artikelengroepen, artikelensoort en artikelvariëteiten.

assortimentsgroepen: artikelengroepen:

artikelensoort:

IN

artikelvariëteiten:

N

DEEL 3: NA HET BEZOEK

VA

Verwerk al je informatie en foto’s in een powerpointpresentatie en presenteer alles aan de klas. Houd bij het opstellen van je presentatie rekening met: dia 1: Bedenk een titel. dia 2: Wat zien we aan de buiten- en binnenzijde van de winkel (inclusief etalage)? dia 3: Bespreek de doelgroep. dia 4: Beschrijf het assortiment. dia 5: Bespreek de ligging van de winkel. dia 6: Bespreek het kernassortiment. dia 7: Bespreek het randassortiment. dia 8 – 9: Bespreek grondig een product. dia 10: Bedank je medeleerlingen voor hun aandacht.

©

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

BREAKING NEWS

40

1

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 1


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan informatie verzamelen en een studie maken over een bepaalde branche.

2

Ik kan informatie verzamelen voor een branchestudie over de concurrentie.

3

Ik kan de productkennis over een bepaald product opzoeken en toelichten.

4

Ik kan het kernassortiment onderscheiden van het randassortiment.

5

Ik kan de breedte en diepte van een assortiment toelichten.

6

Ik kan de marketingbeslissingen in de retailsector toelichten.

7

Ik kan het begrip duurzaamheid toelichten in functie van de retail.

©

VA

N

IN

1

THEMA 1

LEVEL 1

41


Beeldwoordenboek Level 1 BEGRIP

VERKLARING Dat zijn drie aandachtspunten waar duurzame bedrijven rekening mee houden: Peolpe: de werknemers Planet: de aarde Profit: verantwoord ondernemen / verantwoorde winst

associatie­ techniek

Dat is het associëren van een product met een positieve gedachte zoals vakantie, vriendschap, mooi weer … Het doel is het product aantrekkelijker maken.

artikelgroep

Dat is een groep van artikelen die op een logische manier bij elkaar horen. De broeken in een kledingzaak zijn bijvoorbeeld een artikelgroep in de assortimentsgroep herenkleding.

VA

N

IN

3 P’s

artikelsoort

Dat is een bepaald soort artikel binnen een artikelgroep. De artikelgroep broeken kan bijvoorbeeld de artikelsoorten korte broeken en lange broeken bevatten.

artikelvariëteit

Dat is een variant van een artikelsoort. Je kunt de artikelsoort korte broeken in verschillende kleuren aanbieden of in verschillende stoffen aanbieden. Dat zijn artikelvarianten van de artikelsoort korte broeken.

© 42

THEMA 1

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1


BEGRIP

VERKLARING Dat is het aantal verschillende assortimentsgroepen of artikelgroepen dat de winkel verkoopt.

assortimentsdiepte

Dat verwijst naar het aantal artikelvariëteiten binnen een artikelgroep of artikelsoort.

assortimentsgroep

Dat is een hoofdgroep binnen het assortiment. In een kledingzaak kun je bijvoorbeeld drie assortimentsgroepen hebben: kleding voor mannen, voor vrouwen en voor kinderen.

branche

Dat is een bedrijfstak. Het is een groep bedrijven of handelszaken die (ongeveer) dezelfde goederen verkopen en/of diensten leveren.

VA

N

IN

assortimentsbreedte

AFBEELDING

©

branchegegevens

branchestudie

Dat zijn alle gegevens die je verzamelt over de bedrijfstak voor de branchestudie.

Dat is een studie over een bepaalde bedrijfstak.

THEMA 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1

43


BEGRIP

VERKLARING Dat is de strijd tussen verschillende bedrijven voor het werven van klanten.

duurzaam

Dat is op een ecologisch verantwoorde manier ondernemen.

food

Dat zijn alle artikelen die met voeding te maken hebben.

gevarieerd assortiment

Dat is een assortiment met verschillende soorten artikelen.

kernassortiment

Dat is het hoofdassortiment dat de klant verwacht in een winkel.

©

VA

N

IN

concurrentie

marketing

44

THEMA 1

AFBEELDING

Dat is het ontwerpen en plannen van technieken om een merk, product of dienst aan de consument over te brengen.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1


BEGRIP

VERKLARING Dat zijn alle artikelen die niets te maken hebben met voeding.

randassortiment

Dat is het assortiment dat het hoofdassortiment in een winkel aanvult, bijvoorbeeld schoencrème in een schoenenwinkel.

seizoensassortiment

Dat is het assortiment dat aangepast is aan een bepaalde periode van het jaar, bijvoorbeeld valentijn of Pasen.

productkennis

Dat is alle informatie die je kunt leren over een bepaald product.

VA

N

IN

non-food

AFBEELDING

©

producttraining

unboxing

Dat is het leren kennen van het product door bijvoorbeeld een presentatie of demonstratie.

Dat is het uitpakken en uitleggen van de werking van een product via een video.

THEMA 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1

45


BEGRIP

AFBEELDING

Dat is die ene eigenschap die jouw bedrijf beter maakt dan de concurrentie.

©

VA

N

IN

USP of unique selling proposition

VERKLARING

46

THEMA 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1


LEVEL 2 Hoe ziet een customer journey eruit?

IN

INTRO

Je gaat op zoek naar een nieuwe smartphone. Hoe ga je te werk? a

N

1

Wat is het eerste dat je doet?

VA

b

Waar ga je op zoek naar informatie?

c

Wat geeft de doorslag om te kiezen voor een bepaald merk of een bepaalde winkel?

In welk geval zou je afhaken?

©

d

e

Zou je de winkel of het merk aanbevelen? Waarom wel of niet?

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

Hoe verloopt een customer journey of klantenreis?

THEMA 1

LEVEL 2

47


Explore 1— Wat is een customer journey? 1

Lees de volgende tekst. Kiara is op zoek naar een nieuwe smartphone. Vooraleer ze naar de winkel gaat, zoekt ze informatie op over een specifieke smartphone. Op de website vindt ze allerhande informatie. Daar krijgt ze ook een pop-upscherm te zien waar ze aan een medewerker online vragen kan stellen.

IN

Kiara heeft haar keuze gemaakt. Via de website kan ze de smartphone alvast reserveren om op te halen in de winkel. Even later krijgt ze een bericht op haar smartphone dat haar nieuwe toestel gereserveerd is en voor haar klaarligt in de winkel. Ze gaat naar de winkel. In de winkel wordt ze begroet door een eerste verkoper die met een andere klant bezig is. Een minuut later is er een tweede verkoper die vraagt of hij haar kan helpen. Kiara geeft aan dat ze haar nieuwe smartphone heeft gereserveerd en dat die klaar zou liggen. De verkoper zegt: ‘Ah, dan ben jij Kiara?’ De verkoper begeleidt Kiara naar een toonbank en haalt de nieuwe smartphone tevoorschijn. Hij overloopt met haar enkele ‘basics’, steekt alvast haar simkaart in het toestel en stelt samen met haar de beveiliging met gezichtsherkenning in.

N

Wanneer Kiara geen vragen meer heeft, begeleidt de verkoper Kiara naar de kassa waar een derde verkoper de verkoop zal afrekenen. Die verkoper vraagt of Kiara ernaar uitkijkt om te werken met haar gloednieuwe smartphone. Kiara gaat weer naar huis en wordt nog begroet door de tweede verkoper die haar veel plezier wenst.

VA

Twee dagen later krijgt Kiara een e-mail waarin ze kan aangeven hoe tevreden ze was met de hulp in de winkel en over haar nieuwe product. In de e-mail vraagt de winkel ook of ze nog tips heeft om de ervaring in de winkel te verbeteren.

Customer journey

©

Tijdens het koopproces komt de klant op verschillende momenten en op verschillende manieren in aanraking met de winkel of de onderneming waar die iets aankoopt. Eigenlijk legt de klant een reis af wanneer die op zoek is naar een nieuw product. We spreken van een klantenreis of ook wel een customer journey genoemd. De klantenreis start wanneer de persoon voor het eerst van jouw bedrijf, product of merk hoort. De klant heeft verschillende contactpunten of touchpoints gedurende de hele klantenreis met de onderneming waar die het product aanschaft. In een klantenreis is er geen echt einde of stoppunt, want als onderneming zou je ook na de verkoop nog op de een of andere manier met je klant in contact moeten blijven. Een customer journey bestaat uit verschillende fasen. Het in kaart brengen van die reis of er een schema van maken, noemt men ook wel customer journey mapping. In die customer-journey-map kun je aangeven welke touchpoints er zijn voor elke fase. Door de klantenreis in kaart te brengen, kan een onderneming nagaan in welke fase(s) ze verbeteringen moet aanbrengen. Hieronder vind je een voorbeeld van een customer-journey-schema. Bewustwording

Overweging

Aankoop

Service

Ambassadeur

Consideration

Purchase

Service

Loyalty

In het Engels: Awareness

48

THEMA 1

LEVEL 2


TOUCHPOINT Een touchpoint noemen we elk moment wanneer een consument met jouw bedrijf of product in aanraking komt via je personeel, je website, een advertentie of een app. Een touchpoint is dus een kans voor een merk of een bedrijf om de klant te overtuigen met een goede klantbeleving.

Markeer nu in de tekst van Kiara de momenten waarop ze echt in contact kwam met de winkel of de verkopers.

IN

2

Explore 2— Wat is functionele en emotionele klantbeleving?

Klantbeleving

N

Wanneer een klant een product aankoopt, is dat steeds een beleving. De manier van beleving kunnen we opsplitsen in twee soorten: functionele beleving en emotionele beleving.

VA

Functionele beleving Enkele aspecten van dat soort beleving zijn: Het product werkt zoals het hoort. Het product is aanwezig in de winkel. Het product is op tijd geleverd bij een online bestelling. Het aanbod is voldoende in de winkel. De winkel is vlot bereikbaar. De inrichting van de winkel is leuk, stijlvol en aangepast aan het doelpubliek. De voorwaarden van garantie, betalingstermijn … zijn duidelijk. Wanneer aan de functionele aspecten van een product en/of winkel is voldaan, zal de klant een goede functionele beleving hebben. De klant beschouwt die functionaliteit als normaal. Dit moet in orde zijn. Zo niet, dan zal de klant niet tevreden zijn.

©

Emotionele beleving Emotionele beleving is wanneer de onderneming iets doet wat de klant niet meteen verwacht. Emotionele aspecten zijn het ervaren van: gemak behulpzaamheid klantgerichtheid aandacht invloed erbij horen

THEMA 1

LEVEL 2

49


1

Herneem het voorbeeld van Kiara in Explore 1. a

Wat zijn de functionele aspecten die zorgen voor functionele beleving?

b

Wat zijn emotionele aspecten die zorgen voor emotionele beleving?

IN

Heb jij zelf al eens een emotionele klantbeleving mogen ervaren? ja nee a

Waar was dat?

VA

N

2

b

Leg uit hoe dat verliep.

9+ klantbeleving

©

Hebben jij of je ouders al eens een hotel online gezocht en gereserveerd? Om te weten of een hotel een goed hotel is, kun je enerzijds kijken naar de reviews en anderzijds naar de score die het hotel krijgt op bepaalde websites, zoals websites van verenigingen, allianties, bonden of (branche) experts. Wanneer je het aantal reviews en de score combineert, kun je concluderen: een hotel met veel reviews en een zeer hoge score is beoordeeld met een prima klantbeleving. Bezoekers waardeerden het als uitstekend, geweldig … Met name een score van 4 of 5 sterren van in totaal 5 sterren, of het cijfer 9 of hoger (een 9+) op een schaal van 1 tot 10, betekent dat bezoekers het hotel als superieur beoordelen.

50

THEMA 1

LEVEL 2


Ga op zoek naar een beoordeling van een hotel. Gebruik hiervoor de websites booking.com of tui.be. a b c d e

Kies een week in de maanden juli of augustus. Filter op een beoordeling van meer dan 8. Kies een hotel met enkele tientallen beoordelingen of reviews en waar de score minstens 9 bedraagt. Lees nu enkele beoordelingen. Bekijk enkel een paar positieve commentaren. Welke emotionele klantbelevingsaspecten kom je tegen? Noteer er twee.

VA

N

3

IN

Wanneer een onderneming zowel op de functionele als de emotionele aspecten zorgt voor een goede klantbeleving, dan kunnen we spreken van een klantbeleving zoals in een goed hotel, een 9+ klantbeleving.

Explore 3— Wat is een buyer persona?

Doelgroepen en buyer persona

©

Een doelgroep is de groep van mensen met gelijkaardige kenmerken waarop jij je als onderneming richt. Zo richt A.S.Adventure zich bijvoorbeeld op avontuurlijke buitenmensen die voor kwaliteit gaan, Odette Lunettes op brildragers die originele brillen willen, en Nike op sporters. Bij de doelgroep speelt de prijs ook mee: met een hogere prijs richt je je op een andere doelgroep dan met een lagere prijs. Een buyer persona is een fictieve persoon gebaseerd op een klant uit je doelgroep. Je kunt als bedrijf meerdere doelgroepen hebben. Probeer dan ook voor elke doelgroep een buyer persona te maken. Wanneer je dan een buyer persona hebt gecreëerd, ga je ook een aparte customer journey moeten maken voor dat buyer persona en dus voor die doelgroep. Zo ga je voor een jongere doelgroep bijvoorbeeld reclame maken via Instagram, maar voor 65-plussers ga je dat eerder doen aan de hand van kortingsbonnen in de krant.

THEMA 1

LEVEL 2

51


Je bekijkt nu de doelgroep van twee grote bedrijven: Zalando en Coca-Cola. a

Wie is de doelgroep van Zalando?

b

Op welke manieren maakt Zalando reclame? Waarom maakt Zalando op die manier reclame?

d

Wie is de doelgroep van Coca-Cola?

e

IN

c

Op welke manier probeert Coca-Cola hen te bereiken via reclame?

N

Explore 4— Wat is stap 1 van de customer journey? Overweging

Aankoop

VA

Bewustwording

Service

Ambassadeur

Bewustwording

©

De eerste fase van de customer journey is bewustwording. Een persoon heeft een probleem en dat moet worden opgelost, of iemand heeft een specifieke behoefte en zoekt een product of dienst die aan die behoefte kan voldoen. De klant gaat op onderzoek uit. Wanneer die persoon op zoek gaat naar een oplossing, moet je ervoor zorgen dat je zichtbaar bent. Dat kan via verschillende manieren, bijvoorbeeld door: offline reclame en advertenties, zoals televisie en affiches een event hoog in de resultaten van de zoekmachine Google staan aan de hand van search engine optimization (SEO) eerst staan bij de advertenties op Google aan de hand van search engine advertising (SEA) reclame op sociale media zoals Pinterest, Instagram, TikTok … aanwezigheid in de media: journaal, kranten, tijdschriften… direct mail Deze vormen van reclame zijn touchpoints waardoor de klant met je onderneming of product in aanraking komt. Probeer te weten te komen wat de aankoopmotieven zijn van je buyer persona. Als je dat weet, kun je daar ook gerichte reclame rond voeren.

52

THEMA 1

LEVEL 2


1

Veronderstel dat een van de doelgroepen van McDonald’s een gezin is met jonge kinderen. Wat kan McDonald’s dan best specifiek communiceren naar die doelgroep toe? © Shutterstock / TungCheung

2

Je gaat naar een festival van 12 uur ’s middags tot 12 uur ‘s nachts. Je zult wellicht dansen en plezier maken. Maar waar je vast en zeker ook behoefte aan zult hebben is eten en drinken. Hoe kunnen bedrijven je bewust maken van de aanwezigheid van drank- en eetgelegenheden?

IN

3

© Shutterstock / Alexandr Vorobev

Je wilt op reis gaan met het vliegtuig naar Barcelona. Je gaat op zoek naar vliegtickets. Geef eens een of enkele zoektermen in Google in. Zijn er bedrijven die je laten weten dat ze jouw probleem, namelijk de zoektocht naar vliegtickets kunnen oplossen?

Op welke manier(en) kun je de klant zo persoonlijk mogelijk met je onderneming in contact laten komen, gericht op een individuele klant?

VA

N

4

© Shutterstock / BigTunaOnline

Explore 5— Wat is stap 2 van de customer journey? Bewustwording

Overweging

Aankoop

Service

Ambassadeur

©

Overweging

De tweede fase is overweging. De klant is geïnteresseerd en overweegt dus een aankoop. De klant gaat nu op zoek naar de beste oplossing voor het probleem. De klant zal producten, merken en bedrijven opzoeken via een zoekmachine zoals Google en die producten vergelijken. Als onderneming moet je ervoor zorgen dat je mogelijke klant ook alternatieven kan vergelijken op je website. Dankzij technologie en ICT-mogelijkheden kunnen klanten makkelijk reviews, video’s zoals een productdemonstratie, blogs ... opzoeken. Klanten gaan ook op fora kijken en vragen naar de mening van onbekenden en misschien zelfs van bekende influencers. Zorg er hier voor dat de klant vertrouwen krijgt in jouw bedrijf en in het product dat die zoekt. De klant gaat onder andere letten op merk, prijs, garantie, service, reviews en kwaliteit van het product. Je zorgt daarom voor goede informatie zoals foto’s, video’s, reviews, vergelijkingen, een acceptabele prijs ... De contactmomenten hier zijn de momenten waarop de klant op jouw website, webshop of jouw Instagram-pagina terechtkomt. THEMA 1

LEVEL 2

53


Surf eens naar Coolblue. Op welke manier zorgt Coolblue ervoor dat klanten zouden kiezen om een product bij hen te kopen?

Explore 6— Wat is stap 3 van de customer journey?

Aankoop

Overweging

Aankoop

Service

Ambassadeur

IN

Bewustwording

VA

N

De derde stap van de customer journey is de aankoop. De klant heeft beslist om op jouw website of in je winkel te kopen. Nu is het belangrijk om zo weinig mogelijk afhaakmomenten te creëren. Afhaakmomenten zijn momenten waarop een klant denkt: ‘Laat maar, ik ga het niet hier kopen.’ Om dat te voorkomen, zorg je voor een gemakkelijk, snel aankoopproces met zo weinig mogelijk obstakels of afleiding tijdens het aankoopproces. Om het voor de klant eenvoudiger te maken, kun je voor een webshop het volgende ondernemen: een snelle website een chatservice korte vragenlijst tijdens het bestelproces. een (be)veilig(d)e website Zorg voor goede reviews, mocht er nog twijfel rijzen Zorg voor weinig tot geen afleiding, zoals pop-ups

©

In een fysieke winkel zorg je voor snelle kassabediening of hulp aan de paskamers. Zowel in een fysieke winkel als op een website kan een actiefolder of een promotieaanbieding helpen om de aankoop te stimuleren. Soms plaatst een klant een bestelling in het winkelmandje van een webshop, maar omwille van twijfel of tijdgebrek bestelt hij niet definitief. Dan kan het handig zijn dat je de klant een herinneringsmail stuurt waarin wordt aangegeven dat er nog iets in het winkelmandje zit. De volgende zaken kunnen ervoor zorgen dat een klant afhaakt: Er duiken bijkomende kosten op. De betaling is enkel mogelijk via kredietkaart, zoals Mastercard en Visa. De levering duurt te lang. De chatservice, het online winkelmandje, de verkoper in de winkel of aan de kassa zijn ook weer allemaal touchpoints.

1

Wat doet Colruyt in zijn reclamefolder om de klant specifiek te helpen om over te gaan tot een aankoop?

54

THEMA 1

LEVEL 2


2

Bekijk de schermafbeelding van Zalando. Hoe maakt Zalando het makkelijk om over te gaan tot een aankoop?

IN

Bewustwording

Overweging

Aankoop

Service

Ambassadeur

VA

Service

N

Explore 7— Wat is stap 4 van de customer journey?

©

Bij veel bedrijven stopt de customer journey na de aankoop. De klant heeft de aankoop gedaan en het bedrijf laat niets meer van zich horen. Nochtans is dat je kans om je relatie met de nieuwe klant uit te bouwen. Is de klant erg tevreden? Dan is het mogelijk dat de klant jouw product gaat aanraden aan anderen of herhaalaankopen doet. Daarom moet je als onderneming ook na de aankoop contact houden. Je kunt als service: een e-mail sturen met een korte enquête waarin je naar de tevredenheid van het bestelproces polst; een handgeschreven bedankbrief sturen; vragen hoe de klant het product ervaart enkele dagen of weken na de aankoop; informatie bezorgen over het gebruik of het onderhoud van het product; een webinar voorzien waarin iemand het product toelicht; online e-learning aanbieden: dat betekent dat er online een cursus is die de klant op eigen snelheid kan volgen; de klant op de hoogte houden van vernieuwingen in je assortiment; bijhorende producten aanbevelen bij de volgende aankoop.

1

Wat doet Zalando in deze servicefase?

THEMA 1

LEVEL 2

55


2

Wat doet Cooblue in deze servicefase?

©

VA

N

IN

56

THEMA 1

LEVEL 2


Explore 8— Wat is stap 5 van de customer journey? Bewustwording

Overweging

Aankoop

Service

Ambassadeur

Loyaliteit of ambassadeur

IN

Wanneer klanten een goede klantbeleving ervaren, is de kans groot dat ze een loyale klant of ambassadeur worden van het merk of de onderneming. Dat betekent dat tevreden klanten de onderneming, het product of het merk aanbevelen aan anderen. Een van de meest effectieve reclamevormen is mond-tot-mondreclame. De onderneming kan vragen aan de klant om aan te geven of die een goede klantervaring heeft gehad en of de klant dat online kan delen. De klant kan de review met de onderneming delen. In ruil daarvoor kan de klant bijvoorbeeld punten verzamelen of een korting krijgen. Wanneer je klanten enthousiast zijn, zullen ze ook sneller geneigd zijn om jouw onderneming, product of merk aan te bevelen. Hoe kun je ervoor zorgen dat de klanten over jou vertellen? De volgende schermafbeeldingen kunnen je daarbij helpen.

©

VA

N

THEMA 1

LEVEL 2

57


TO THE POINT Een klantenreis of customer journey is een traject dat de klant aflegt vanaf het moment dat die zich bewust wordt van een probleem of een bepaalde behoefte tot en met de aankoop en zelfs daarna. Gedurende het hele traject komt de klant op meerdere vlakken in aanraking met de onderneming, het product of het merk. De contactmomenten zijn contactpunten of touchpoints. Het proces in kaart brengen heet customer journey mapping. Overweging

Aankoop

Service

Ambassadeur

IN

Bewustwording

De customer journey kan bestaan uit vijf fasen.

WAT GEBEURT ER?

MOGELIJKE TOUCHPOINTS

1

bewustwording

De klant is zich bewust van een probleem of behoefte en gaat op zoek naar een mogelijke oplossing.

offline reclame, online reclame, Facebookadvertentie, Google Ads

2

overweging

De klant overweegt verschillende alternatieven via verschillende mogelijke kanalen.

website, directe e-mail, e-mailmarketing, videogetuigenis, mond-tot-mondreclame, online reviews

3

aankoop

De klant beslist over de aankoop. Het aankopen moet makkelijk, snel en zonder veel problemen verlopen.

winkelmandje, hulp in de winkel, online chatten

4

service

De onderneming stuurt de klant een e-mail met tips, om de klant uit te nodigen voor e-learning of voor een webinar.

e-learning, webinar

5

loyaliteit of ambassadeur

De tevreden klant beveelt jouw product aan anderen aan.

getuigenis of reviews van de klanten

VA

N

FASEN

©

De onderneming moet enerzijds zorgen voor een functionele klantbeleving. Dat betekent dat het product of de onderneming moet doen wat de klant verwacht. Voorbeelden daarvan zijn: Het product is op voorraad. Het product werkt zoals het hoort. De winkel is vlot bereikbaar. De voorwaarden van de garantie en de betalingstermijn zijn duidelijk. Anderzijds zorgt de onderneming het best voor emotionele klantbeleving. Dat gebeurt wanneer het product of de onderneming iets doet wat de klant niet meteen verwacht. Emotionele aspecten zijn: het ervaren van gemak klantgerichtheid invloed het gevoel van erbij te horen

58

THEMA 1

LEVEL 2


Wanneer een onderneming voor zowel de functionele als de emotionele aspecten zorgt en heel goed scoort op een goede klantbeleving, dan kunnen we spreken van een 9+ klantbeleving.

Action 1—

IN

Een onderneming richt zich op een of meerdere doelgroepen. Voor elke doelgroep kan een fictief persoon bedacht worden, een buyer persona. Dat is dan een persoon met de kenmerken van die specifieke doelgroep. Wanneer een onderneming een customer journey bedenkt, dan kan de onderneming het best een aangepaste customer journey bedenken voor iedere buyer persona, dus voor iedere doelgroep.

Kun je de mogelijke touchpoints aanduiden?

1

Markeer de touchpoints in het volgende verhaal.

2

Noteer bij de tekst elke fase van de customer journey. Fase 1:

VA

Fase 2:

N

Een jonge ouder met een kindje van bijna drie jaar is op zoek naar duurzaam, ecologisch en veilig speelgoed. De ouder is ook lid van heel wat Facebookgroepen en fora. Op een van de fora las die over Blabloom, een winkel waar je ecologische en duurzame dagdagelijkse producten kunt vinden.

©

Via de website van Blabloom scrolt de ouder doorheen het ecologische speelgoed. Hier vindt die ook zeer goede en uitgebreide omschrijvingen van de verschillende producten.

THEMA 1

LEVEL 2

59


Fase 3:

IN

De kersverse ouder vergelijkt op de website de verschillende soorten speelgoed en maakt een keuze.

VA

N

Om te bestellen, voegt de ouder het product toe aan het winkelmandje en vult die de adresgegevens in. Het is niet nodig om een account aan te maken.

©

De ouder kiest een betaalmethode en betaalt. Na de betaling ontvangt de ouder een bevestigingse-mail.

60

THEMA 1

LEVEL 2


Fase 4:

IN

Ook wanneer de bestelling klaargemaakt wordt, ontvangt de ouder een e-mail waarin staat dat Blabloom met de bestelling bezig is.

VA

N

Blabloom stuurt ook nog een bevestigingse-mail wanneer de producten worden verzonden.

Fase 5:

©

Na een tijdje laat Blabloom van zich horen aan de hand van een e-mail met handige tips. Voor trouwe klanten sturen ze een e-mail met korting. Blabloom zoekt regelmatig ook testers voor nieuwe producten die dan hun eventuele bedenkingen kunnen geven.

THEMA 1

LEVEL 2

61


Action 2— 1

Hoe zorg je voor zichtbaarheid van jouw bedrijf, product of merk in elke fase?

Je opent een mini- of leeronderneming op school. Dat kan een winkel zijn die elke week open is of een pop-up die een bepaalde periode open is. Je bedenkt voor je winkel of onderneming op welke manieren je met de klant in contact kunt komen tijdens elke fase. a

Kies eerst een product of dienst die je aan zult bieden.

b

Op welke manier ga je reclame voeren?

c

IN

Wat zijn de mogelijke touchpoints binnen elke fase? Noteer.

bewustwording

N

overweging

VA

aankoop

service

loyaliteit

©

2

Kies een onderneming of winkel bij je in de buurt. Dat kan een stageplaats zijn of een partner van de school of gewoon een willekeurige onderneming. Je bedenkt voor deze winkel of onderneming op welke manieren ze met de klant in contact kunnen komen tijdens elke fase. a

Welk product of dienst bieden ze aan?

62

THEMA 1

LEVEL 2


b

Op welke manier voeren ze reclame?

c

Welke zijn mogelijke touchpoints binnen elke fase van de klantenreis van deze onderneming? Noteer.

bewustwording

overweging

aankoop

service

N

IN

loyaliteit

VA

BREAKING NEWS

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

1

THEMA 1

LEVEL 2

63


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

Ik kan het begrip customer journey toelichten.

2

Ik kan de verschillende fasen in een customer journey toelichten.

3

Ik kan enkele mogelijke touchpoints in een customer journey vermelden.

VA

N

IN

1

© 64

EXTRA OEFENMATERIAAL

THEMA 1

LEVEL 2


Beeldwoordenboek Level 2 BEGRIP

OMSCHRIJVING Wanneer een onderneming zowel voor de functionele als de emotionele aspecten zorgt en scoort met een goede klantbeleving, dan kunnen we spreken van een 9+ klantbeleving. Het cijfer verwijst naar een score van het cijfer 9 of hoger (een 9+) op een schaal van 1 tot 10 of 4 van de 5 sterren.

aankoop

De derde stap van de customer journey is de aankoop. De klant heeft besloten om op jouw website of in je winkel het product of de dienst te kopen. Nu is het belangrijk zo weinig mogelijk afhaakmomenten te creëren.

ambassadeur

Stap 5 van de customer journey is wanneer klanten een goede klantbeleving hebben ervaren en ze ambassadeur worden: een loyale klant. Zij vertellen anderen over hun goede ervaring en de kans is groot dat zij nogmaals kopen bij het bedrijf.

VA

N

IN

9+ klantenbeleving

AFBEELDING

Een buyer persona is een fictief persoon gebaseerd op een klant uit je doelgroep. Je kunt als bedrijf meerdere doelgroepen hebben.

bewustwording

Aankoopmotieven of bewustwording is de eerste fase van de customer journey. Een persoon heeft een probleem en dat moet worden opgelost, of iemand heeft een specifieke behoefte en zoekt een product of dienst.

©

buyer persona

THEMA 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 2

65


OMSCHRIJVING

customer journey

Eigenlijk legt de klant een reis af wanneer die op zoek is naar een nieuwe aankoop. Dat noemen we customer journey of klantenreis. De klantenreis start wanneer de persoon voor het eerst van jouw bedrijf, product of merk hoort, de reis heeft niet echt een einde, omdat het bedrijf graag in contact blijft met de klant.

customer journey mapping

Een customer journey bestaat uit verschillende fasen. Die klantenreis in kaart brengen of hiervan een schema maken, noemt men customer journey mapping.

doelgroep

Dat is de groep van mensen met gelijkaardige kenmerken waarop jij je als onderneming richt.

emotionele beleving

De emotionele beleving is wanneer de onderneming iets doet wat de klant niet meteen verwacht. Emotionele aspecten zijn het ervaren van gemak, behulpzaamheid, klantgerichtheid, aandacht, invloed …

N

VA

Functionele aspecten zijn de aspecten die een klant vanzelfsprekend vindt, zoals bijvoorbeeld: het product werkt zoals het hoort, het product is op voorraad en de voorwaarden van garantie en de betalingstermijn zijn duidelijk.

©

functionele beleving

service

66

THEMA 1

AFBEELDING

IN

BEGRIP

Na de aankoop komt de servicefase in de customer journey en dat is stap 4. De klant heeft de aankoop gedaan en het bedrijf heeft de kans om de relatie met deze nieuwe klant uit te bouwen. Dat kan het bedrijf doen door een bedankbriefje te schrijven , naar de ervaring van de klant te vragen, de klant op hoogte te houden over vernieuwingen …

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 2


BEGRIP

OMSCHRIJVING

AFBEELDING

Tijdens het koopproces, de customer journey, komt de klant op verschillende momenten en op verschillende manieren in aanraking met de winkel of de onderneming waar hij iets aankoopt. In een klantenreis is er geen echt einde of stoppunt, want als onderneming zou je ook daarna nog op een of andere manier met je klant in contact willen blijven.

overweging

De tweede fase van de customer journey is overweging. De klant is geïnteresseerd en overweegt dus een aankoop. De klant gaat nu op zoek naar de beste oplossing voor een probleem of behoefte.

©

VA

N

IN

touchpoints

THEMA 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 2

67


LEVEL 3 Hoe kun je de kostprijs van een product bepalen?

VA

N

IN

INTRO

1

Stel dat je met de klas wafels gaat bakken en verkopen op de markt. Hoeveel winst denk je dat je zou maken?

a

Waar hangt dat van af?

b

Wat heb je nodig om wafels te bakken?

©

c

Als je elke week wafels zou mogen verkopen op de markt in jouw buurt, moet je hier dan voor betalen?

d

Hoeveel euro ga je vragen voor jouw wafels?

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

68

THEMA 1

LEVEL 3

Op welke manier kun je een goede verkoopprijs bepalen?


Explore 1— Waaruit bestaat een verkoopprijs? 1

Bestudeer de onderstaande afbeelding. a

Wat is de prijs van het T-shirt?

b

Hoeveel kost het materiaal, zoals katoen, om het T-shirt te maken? Hoeveel loon krijgt de kledingarbeider per T-shirt dat die maakt?

IN

c

VA

N

Good to know

©

Wanneer je een T-shirt koopt voor slechts enkele euro’s, moet je zeker ook eens nagaan waar en door wie het geproduceerd wordt. Vaak wordt kleding in lageloonlanden geproduceerd waar de productiearbeiders slechts een peulschil krijgen van de totale verkoopprijs. Er zijn winkels en kledingmerken die wel een eerlijke prijs betalen voor de productiearbeiders in de lageloonlanden. Enkele merken die dat doen zijn Mayamiko en Honest Basics.

2

Honest Basics wil wel een eerlijke prijs aan de arbeiders betalen en rekening houden met het milieu. Hoe doen ze dat? a

Bekijk de video en lees op diddit de tekst over de eerlijke prijzen tot en met de infografic.

THEMA 1

LEVEL 3

69


b

Hoe komt Honest Basics tot een eerlijke prijs?

c

Hoe kun je bestellen?

d

Wat is het nadeel van voorbestellen?

e

IN

Waarom werkt het bedrijf met voorbestellen?

Kosten

N

Explore 2— Welke soorten kosten zijn er?

VA

Kosten verwijst naar de prijs die je moet betalen om een product aan te schaffen, te produceren of een dienst te kunnen of mogen gebruiken. In het voorbeeld van de wafels in de Intro zijn de aankoop van de ingrediënten ook kosten.

1

Bekijk de kosten van Odette Lunettes en daarna die van de wafelverkoop. a

Bekijk de afbeeldingen. Welke kosten heeft de winkel van Odette Lunettes?

©

70

THEMA 1

LEVEL 3


b

Herneem het voorbeeld van de Intro waar je wafels gaat verkopen op de markt. Welke kosten heb je daar?

IN

Variabele kosten en vaste kosten

c

N

Kosten kun je indelen in variabele kosten en vaste kosten. Variabele kosten zijn kosten die veranderen wanneer je meer produceert of meer verkoopt. Vaste kosten blijven hetzelfde, ook al verkoop je meer of minder. Welke kosten van Odette Lunettes zijn voorbeelden van variabele kosten?

VA

d

Leg uit.

Welke kosten die Odette Lunettes heeft, zijn voorbeelden van vaste kosten?

©

e

f

Leg uit.

THEMA 1

LEVEL 3

71


g

Geef een voorbeeld van een variabele kost die jullie als wafelverkoper op de markt hebben?

h

Leg uit.

i

Geef een voorbeeld van een vaste kost die jullie als wafelverkoper op de markt hebben?

j

Leg uit.

2

IN

Op de volgende grafieken zie je hoe de kost verandert bij de verkoop van verschillende hoeveelheden wafels. Stel dat de kostprijs van bloem, de variabele kost die we nodig hebben om 1 wafel te maken, 0,15 euro bedraagt. Stel dat de huurprijs, de vaste kost, op de markt per week 10,00 euro bedraagt. a

Hoeveel bedraagt de variabele kost bij de productie van 1 wafel?

b

Hoeveel bedraagt de variabele kost bij de productie van 100 wafels?

c

N

Hoeveel bedraagt de vaste kost bij de productie van 1 wafel?

VA

d

Hoeveel bedraagt de vaste kost bij de productie van 100 wafels?

e

Hoeveel wafels moet je minstens verkopen om die vaste kosten te kunnen dekken?

©

72

THEMA 1

LEVEL 3


Explore 3— Wat is een percentage en hoe kun je dat omzetten naar een decimaal getal?

Procent

2

3

4

5

6

7

8

9

10

leerlingen die wafels lusten

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

leerlingen die geen wafels lusten

21

22

23

24

25

26

27

28

29

30

31

32

33

34

35

36

37

38

39

40

41

42

43

44

45

46

47

48

49

50

51

52

53

54

55

56

57

58

59

60

61

62

63

64

65

66

67

68

69

70

71

72

73

74

75

76

77

78

79

80

81

82

83

84

85

86

87

88

89

90

91

92

93

94

95

96

97

98

99 100

VA

N

1

IN

Procent verwijst naar een verhouding. Het geeft aan hoeveel een kleiner deel uitmaakt van een groter geheel. Wanneer er op een school 100 leerlingen zijn waarvan 57 leerlingen wafels lusten, dan lusten 57 op 100 leerlingen van de school wafels of met andere woorden 57 %. Een percentage duidt dus aan hoe groot een kleiner deel is van een groter deel uitgedrukt in 100.

Denk eens aan een dorp waar in plaats van 100 leerlingen 500 mensen wonen. 50 mensen in het dorp zijn ouder dan 65 jaar, dan is dat 10 % van die bevolking. 10 % betekent dus dat 10 mensen van de 100 mensen ouder zijn dan 65. In dat geval zijn dat dan 50 mensen van de 500.

1 % betekent 1 op 100. 25 % betekent 25 op 100. 50 % betekent 50 op 100. 80 % betekent 80 op 100.

©

Wanneer we zeggen 25 op 100, verwijst dat naar een breuk, met name 25/100.

1

Je wilt de btw berekenen van een jeans die 50 euro kost. Je betaalt 21 % btw, dus je moet berekenen hoeveel 21 % van 50,00 euro is. Welke formule heb je al eens gebruikt om percentages te berekenen?

THEMA 1

LEVEL 3

73


Formule btw-bedrag Percentages kun je berekenen met een formule: btw-bedrag = bedrag zonder btw * btw-percentage / 100 2

Reken uit. Schrijf de berekening aan de hand van een breuk op in de eerste kolom. Laat de tweede kolom nog even leeg. BEREKENING AAN DE HAND VAN EEN DECIMAAL GETAL

IN

BEREKENING AAN DE HAND VAN EEN BREUK 10 % van 20 =

20 % van 20 =

40 % van 20 =

50 % van 20 =

80 % van 20 =

100 % van 20 =

Reken het volgende uit:

10/100 =

20/100 =

50/100 =

150/100 =

VA

3

N

90 % van 20 =

Decimaal getal

Een percentage kun je ook schrijven als een decimaal getal of kommagetal. Aangezien een percentage een getal is op 100, deel je dat getal gewoon door 100 en zo krijg je het kommagetal. 25 % is 25/100 dus 0,25. 72 % is 72/100 dus 0,72.

©

4

74

THEMA 1

Noteer nu de berekening aan de hand van een decimaal getal in de tweede kolom van vraag 2.

LEVEL 3


5

Reken uit op twee manieren. Noteer de berekening. Je kunt je rekenmachine gebruiken. BEREKENING AAN DE HAND VAN EEN BREUK

BEREKENING AAN DE HAND VAN EEN DECIMAAL GETAL

75 % van 50 =

150 % van 50 =

300 % van 50 =

400 % van 50 =

IN

25 % van 50 =

Explore 4— Welke methode kun je gebruiken om de verkoopprijs te bepalen?

WAFELS 16 eitjes

4,00 euro

10,00 euro

VA

1 kg boter

N

Hieronder zie je een recept voor 60 wafels. In de eerste kolom vind je de ingrediënten voor die 60 wafels. In de tweede kolom vind je de kostprijs voor die ingrediënten.

2,20 euro

800 gram suiker

0,80 euro

8 zakjes vanillesuiker

0,80 euro

4 dl bruiswater/spuitwater

0,20 euro

zout

0,05 euro

©

1 kg bloem

a

b

Neem de gegevens over in een rekenblad. Zet de bedragen in euro en met twee cijfers na de komma. Hoeveel bedraagt de totale kostprijs voor die 60 wafels?

c

Welke formule gebruik je hiervoor?

d

Hoeveel bedraagt de kostprijs per wafel? THEMA 1

LEVEL 3

75


Kostplus-prijsmethode Om de verkoopprijs te bepalen, gebruiken ondernemers vaak de kostplus-prijsmethode. Dat betekent dat bij de kostprijs een vast percentage of een vast bedrag gerekend wordt:

kostprijs met een procentuele winstmarge prijs = kost per stuk * (1 + winstmargepercentage)

kostprijs per eenheid met een vast bedrag prijs = kost per stuk + winst

e

IN

Het Engelse woord cost-plus pricing wordt ook weleens gebruikt.

Stel dat je de wafels op school verkoopt. Je hebt geen andere kosten. Je wilt per wafel 0,70 euro winst maken. Hoeveel bedraagt dan je verkoopprijs?

f

Laten we er nu ook van uitgaan dat je op school in de maanden november en december sjaals verkoopt. Je koopt de sjaals zelf aan voor 12,00 euro. Je telt hierbij een winstmarge van 25 %. Hoeveel bedraagt je verkoopprijs?

N

Hoeveel bedraagt je winstmarge per wafel wanneer je 1,00 euro vraagt? Hiervoor kun je de formule gebruiken (verkoopprijs – kostprijs) / kostprijs * 100.

VA

g

Explore 5— Waarmee houd je nog rekening om de verkoopprijs te bepalen?

Je maakt voor jouw verkoop van wafels op de markt een schatting om minstens 100 wafels te verkopen. Omdat je slechts eenmalig verkoopt op de markt, moet je voor die ene keer slechts 10,00 euro standgeld betalen. Reken verder met je uitkomsten van Explore 4.

©

1

a

Hoeveel bedraagt de kostprijs van de wafels nu?

b

Je verkoopprijs op school bedroeg 1,00 euro. Houd je deze prijs aan?

76

THEMA 1

LEVEL 3


2

Lees het volgende artikel.

Forse prijzenoorlog op komst: zoveel is de prijs al gestegen in jouw supermarkt De voedselprijzen schieten aan een sneltempo de hoogte in. Supermarkten en leveranciers bereiden zich voor op veelvuldige prijsoorlogen in de voedselsector. “De supermarkten hebben de keuze om in eigen vel te snijden, of de aankoopprijs door te rekenen aan de klant.” Voedselleveranciers en supermarkten bereiden zich voor op een heuse prijzenoorlog.

IN

De voedselprijzen blijven stijgen. Net die zorgen voor spanningen tussen de supermarkten zoals Colruyt en Delhaize en hun leveranciers van groenten, fruit en andere voedingsmiddelen.

prijsgemiddelde bij de supermarkten. Dat loopt nu op tot 10 procent boven het gemiddelde. De prijzen bij Delhaize zijn met 6 procent gestegen. En Delhaize is niet alleen. Elke supermarktketen heeft zijn prijzen verhoogd. Albert Heijn stijgt met 7,8 procent, Carrefour Hypermarkt met 11,9 procent. De prijzen in de Colruyt stijgen met 4,3 procent en bij Aldi, de goedkoopste winkel van het land, gaat het om een stijging van 11,1 procent. Marktaandeel Doordat de leveranciers de prijzen optrekken en klanten prijsgevoeliger zijn, voelen de supermarkten heel wat ‘promotiedruk’. Onderling voeren ze oorlog om de ‘kleinste prijsjes’. Supermarkten zoals Delhaize en Carrefour verliezen daardoor hun identiteit. Zij hebben zich altijd meer geprofileerd op kwaliteit, dan op de scherpte van de prijzen. Via kortingsbonnen wil men de klant bij zich houden. Dat doet men “om de consument te beschermen”. Maar eigenlijk gaat het vooral om het marktaandeel. Door de prijsgevoeligheid winnen de ‘discounters’ zoals Aldi en Albert Heijn terrein op de markt.

N

De energieprijzen stijgen, waardoor de productiekosten om voedsel te produceren volgen. De machines hebben elektriciteit nodig, de serres hebben verwarming nodig enz. Maar het belangrijkste element zijn de voortdurende loonstijgingen, waardoor de kosten voor de producent toenemen. De voedselproducenten zullen die stijgende loonkosten doorrekenen aan de supermarkten.

VA

Naast stijgende loonkosten zijn de algemene prijsstijgingen en de grondstofkosten ook een oorzaak van de prijsstijging van voedsel. Zo zou de hogere prijs van meststof een belangrijke invloed hebben op de voedselprijzen.

©

Verlies lijden of doorrekenen Jaarlijks worden prijzen, logistieke afspraken en promoties vastgelegd in onderhandelingen tussen leveranciers zoals Ferrero (bekend van Nutella en Kinder Bueno) of Nestlé en supermarkten als Albert Heijn of Delhaize. Opvallend is dat er nu meermaals per jaar wordt onderhandeld. Leveranciers en supermarkten zitten nu op regelmatige basis samen door de hoge inflatie. Daarbij is het duidelijk wie de broek draagt: de leveranciers van voedsel slagen er ook effectief in hun stijgende kosten door te rekenen aan de supermarkt. “De supermarkten hebben de keuze om in eigen vel te snijden, of de aankoopprijs door te rekenen aan de klant.” De duurdere supermarkten zijn door de stijgende prijzen nog veel duurder geworden. De prijs van Delhaize lag al 5 procent boven het

Een laatste ‘redmiddel’ voor de supermarkten of retailers? Het uit de rekken halen van producten, of de levering weigeren. “Dat is een zeer radicale beslissing. Enkel de ‘grootmachten’ uit de sector kunnen dat doen”, zegt Bruegelmans. “Kleinere spelers hebben de macht niet om eisen te stellen.” Coca-Cola kan bijvoorbeeld zulke eisen stellen. “Ze weten dat een klant dan gewoon naar een supermarkt trekt waar het product wél nog te verkrijgen is”, zegt Bruegelmans. Een manier om je hier als supermarkt tegen te wapenen, is inzetten op eigen producten. Carrefour gaat zelf zover om Simpl, het aanbod ‘witte producten’, te verdubbelen. Naar: Het Nieuwsblad, juli 2022

THEMA 1

LEVEL 3

77


a

Welke oorzaken worden aangehaald voor de prijsstijgingen?

b

Waarmee houd je rekening bij het bepalen van je verkoopprijs van de wafels als je het artikel in je achterhoofd houdt? Noteer twee zaken. Stel dat je de enige wafelverkoper bent op je school of op de markt, kun je dan ook 5,00 euro vragen voor jouw wafels? Leg uit.

d

Hoe kun je dat te weten komen?

IN

c

Explore 6— Hoeveel stuks moet je verkopen om winst te maken?

VA

N

Stel dat je met je klas een pop-upwinkel op school opent. Je krijgt van de directie een lokaal dat je mag inrichten. Om het makkelijk te maken voor deze opdracht, verkoop je alleen wafels. Daarvan hebben we de kostprijs per wafel al berekend. Om de realiteit te benaderen met je minionderneming, vraagt de directie wel 200,00 euro huurgeld voor het hele jaar. Je hebt intussen onderzoek uitgevoerd en de klanten, de leerlingen, willen slechts 0,80 euro betalen per wafel. Je pop-upwinkel is 40 dagen op een jaar geopend. a

Wat is je vaste kost?

b

Hoeveel bedraagt die vaste kost?

©

c

Wat is je variabele kost?

d

Hoeveel bedraagt die variabele kost? Maak eventueel de berekening van Explore 4 opnieuw.

In het boekjaar 2022 had Apple een omzet behaald van 394 miljard Amerikaanse dollar.

78

THEMA 1

LEVEL 3


e

Wat betekent omzet?

f

Pas dat eens toe op Apple.

g

Wat is het verschil tussen omzet en winst? Stel dat je met je klas 150 wafels verkoopt aan 0,80 euro. Hoeveel bedraagt dan je omzet?

IN

h

i

Schrijf nu een formule op om de omzet te berekenen.

j

Stel dat je in het schooljaar 1 000 wafels verkoopt. Hoeveel bedraagt dan de omzet?

Hoeveel heb je uitgegeven aan de ingrediënten om die 1 000 wafels te maken?

N

k

l

Welke andere kosten had je nog dit jaar?

Bereken nu eens je winst van de wafelverkoop.

VA

m

n

Welke formule heb je gebruikt voor je winst?

Omzet

©

Omzet is de waarde van alle verkopen van een onderneming. De hoeveelheid die een onderneming produceert en verkoopt, noemen we afzet. Zo lang we niet weten of we winst of verlies hebben, spreken we van resultaat. Je berekent het resultaat dus door de formule: omzet – kosten = resultaat

Als het resultaat < 0 => verlies Als het resultaat > 0 => winst

THEMA 1

LEVEL 3

79


€ 0,80 AANTAL WAFELS

VASTE KOSTEN

OMZET

VARIABELE KOSTEN

TOTALE KOSTEN

RESULTAAT

100

200

300

400

500

Vul nu de tabel verder aan.

Neem de kolommen over in een rekenblad. Zorg voor vetgedrukte titels. Neem de aantallen van de wafels over. Gebruik een formule om de omzet te berekenen. Verwijs hiervoor naar cel B1. Denk aan relatieve adressering. Voor meer ondersteuning kun je ICT-fiche 39 gebruiken. Welke formule gebruik je? Noteer.

Gebruik de vulgreep om formules of waarden te kopiëren naar andere cellen. Gebruik een formule om de variabele kosten te berekenen. Verwijs hiervoor naar cel D1. Denk aan relatieve adressering. Welke formule gebruik je? Noteer.

VA

IN

10

N

o

€ 0,30

Bereken de totale kosten. Welke formule gebruik je? Noteer.

Bereken het resultaat. Welke formule gebruik je?

Vanaf wanneer maak je winst met je wafelverkoop?

©

p

Break-evenafzet Het punt waarbij je geen winst en geen verlies maakt, dus wanneer je resultaat gelijk aan 0 is, noem je de break-evenafzet. Dit kun je als volgt berekenen: Break-evenafzet = vaste kosten / (verkoopprijs per eenheid – variabele kost per eenheid) De uitkomst die je dan krijgt, zijn het aantal stuks die je moet produceren of verkopen om als resultaat 0 te hebben en dus geen winst en geen verlies te maken.

80

THEMA 1

LEVEL 3


q

Hoeveel bedraagt de break-evenafzet bij je wafelverkoop?

r

Wat betekent dat?

Break-evenomzet

TO THE POINT

IN

Je kunt ook de break-evenomzet berekenen. De break-evenomzet is de break-evenafzet * de verkoopprijs.

N

Kosten verwijst naar de prijs die je moet betalen om een product aan te schaffen of een dienst te kunnen of mogen gebruiken. Wanneer je denkt aan waar je woont, dan zijn elektriciteit, water en een internetabonnement voorbeelden van kosten. Voor een onderneming geldt hetzelfde.

Kosten kunnen we indelen in variabele kosten en vaste kosten. Variabele kosten zijn kosten die veranderen wanneer je meer produceert of meer verkoopt. Vaste kosten blijven hetzelfde, ook al verkoop je meer of minder.

VA

Om de verkoopprijs te bepalen, gebruikt een ondernemer vaak de kostplus-prijsmethode. Dat betekent dat die bij de kostprijs een vast percentage of een vast bedrag rekent:

kostprijs met een procentuele winstmarge

prijs = kost per stuk * (1 + winstmargepercentage)

kostprijs per eenheid met een vast bedrag prijs = kost per stuk + winst

©

Om de verkoopprijs te bepalen, houd je niet alleen rekening met de kostprijs. Je dient ook rekening te houden met de prijzen van de concurrenten. Wanneer jij veel duurder bent, kan het zijn dat je klanten verliest. Daarnaast dien je ook rekening te houden met wat de klant wil betalen. De omzet is de waarde van alle verkopen van een onderneming. De afzet is de hoeveelheid die een onderneming verkoopt of produceert.

THEMA 1

LEVEL 3

81


Het punt waarbij je geen winst en geen verlies maakt, is wanneer je resultaat gelijk is aan 0. Dit noem je de break-evenafzet. Om na te gaan hoeveel stuks je moet verkopen om break-even te draaien, kun je de volgende formule gebruiken: vaste kosten _____________________________________________________        ​​     (verkoopprijs per eenheid – variabele kosten per eenheid)

Action 1—

IN

​​Om de break-evenomzet te berekenen, vermenigvuldig je de break-evenafzet met de verkoopprijs.

Kun jij de vaste en variabele kosten aanduiden?

Een schoenwinkel in hartje Gent heeft de volgende kosten. a

Welke van de volgende opgesomde kosten zijn vast en welke zijn variabel?

huur maandloon verkoper aankoop schoenen

VA

elektriciteit

commissieloon verkoper gas voor verwarming

b

Wat is een commissieloon? Geef een voorbeeld.

©

82

THEMA 1

LEVEL 3

VARIABELE KOST

N

VASTE KOST


Action 2—

Je pop-uponderneming gaat het assortiment uitbreiden. De producten die je verkoopt, koop je eerst aan. Je rekent voor elk product de verkoopprijs uit. In de tabel vind je de producten in kolom A. In kolom B vind je de kostprijs, in dit geval de aankoopprijs van de producten.

Bereken in kolom C de verkoopprijs door bij ieder product een vast bedrag van 0,40 euro bij de aankoopprijs op te tellen. Bereken in kolom D hoeveel procent deze winstmarge bedraagt wanneer je voor ieder product 0,40 euro bij de aankoopprijs telt. Bereken in kolom F voor ieder product de verkoopprijs met een winstmarge van 30 % bovenop de aankoopprijs.

AAN­ KOOP­ PRIJS

IN

1

Bereken de verkoopprijs aan de hand van de kostplusmethode

VER­KOOP­ PRIJS MET VAST BEDRAG

PRO­CEN­TUELE WINST­MARGE

VER­KOOP­PRIJS MET WINSTMARGE VAN 30%

€ 0,40

€ 0,40

PRODUCT

N

flesje water, 0,50 l

30 %

€ 1,50

sinaasappelsap, 50 cl

€ 1,25

yucachips paprika Oxfam, 50 gr

€ 1,00

Luikse wafel, 50 gr

€ 0,40

Jonagold-appel

€ 0,32

banaan

€ 0,45

chocoladereep, 45 gr

€ 0,70

VA

flesje aquarius orange, 0,50 l

Vergelijk de twee verkoopprijzen. Is het interessant om overal hetzelfde bedrag te rekenen om de verkoopprijs te bepalen?

©

2

THEMA 1

LEVEL 3

83


Action 3—

Kies een goede verkoopprijs

In de maand juni gaan jullie op zaterdag tijdens een braderie met een standje op het marktplein staan. Jullie verkopen smoothies van banaan en sinaasappel. Voor een beker van deze smoothie heb je het volgende nodig: 1 banaan 3 perssinaasappels 1 beker

IN

Hier zie je de aankoopprijzen van bananen, perssinaasappels en bekers. €

DATUM

NUMMER

PRODUCT

1

banaan

2

perssinaasappel

3

beker

AANKOOPPRIJS

1,50 euro voor 5 bananen

1

5,00 euro voor 10 stuks

2

15,00 euro voor 50 stuks

3 4

N

4 5

TOTAAL

VA

SALDO

Op de braderie, waar dichtbij ook Carrefour en Albert Heijn gelegen zijn, zijn er nog andere kraampjes die onder andere bananenmilkshakes, vers sinaasappelsap … verkopen. Omdat jullie leerlingen zijn van de school en voor het goede doel verkopen, vraagt de burgemeester geen standgeld. Jullie mogen dus gratis op het marktplein staan.

a

Bereken de kostprijs van één smoothie.

©

84

THEMA 1

BTW

LEVEL 3

5


b

Bereken de verkoopprijs voor elk van de volgende winstmarges. Gebruik hiervoor een rekenblad. 20 % – 40 % – 50 % – 80 % – 100 %

c

WINSTMARGE

VERKOOPPRIJS

€ 2,10

€ 2,10

€ 2,10

€ 2,10

€ 2,10

IN

KOSTPRIJS

Welke verkoopprijs zou je uiteindelijk kiezen?

Bereken de break-evenafzet wanneer je op de markt sjaals verkoopt

VA

Action 4—

N

In de maand november verkopen jullie sjaals op de wekelijkse markt op woensdagnamiddag. Je koopt de sjaals aan voor 12,00 euro. Je moet geen standgeld betalen op de markt, maar je huurt wel een kraampje voor 20,00 euro per dag. Jullie staan 4 keer in die maand op de markt. Je verkoopt de sjaals voor 20,00 euro per stuk. Bereken de volgende onderdelen:

vaste kosten per maand:

variabele kost per sjaal:

verkoopprijs per stuk:

©

a

b

Hoeveel sjaals moeten jullie verkopen per maand om de break-evenafzet te verkrijgen?

Noteer de formule:

THEMA 1

LEVEL 3

85


Vul nu de gegevens in de formule in.

c

Neem nu de volgende tabel over in een rekenblad. Hoeveel stuks moet je verkopen om 300,00 euro winst te maken?

AANTAL SJAALS

OMZET

VASTE KOST

0

10

20

30

40

50

€ 12,00 VARIABELE KOST

TOTALE KOST

RESULTAAT

N

d

€ 80,00

IN

€ 20,00

Hoeveel bedraagt de break-evenomzet? Noteer de formule.

VA

e

Hoeveel bedragen de totale kosten bij een break-evenafzet van 10 stuks?

Bereken de break-evenafzet voor een winkel die jurkjes verkoopt

©

Action 5—

Een oud-leerling bezoekt jouw school en vertelt over haar ervaring met het opstarten van een onderneming. Ze vertelt dat ze jurkjes verkoopt. De jurkjes koopt ze aan voor 20,00 euro per stuk. De kosten die ze nog heeft zijn: huur: 1 000,00 euro per maand elektriciteit: 120,00 euro per maand gas: 120,00 euro per maand loonkost van de verkoopster: 2 000,00 euro per maand Ze verkoopt de jurkjes voor 80,00 euro per stuk.

86

THEMA 1

LEVEL 3


a

Hoeveel bedraagt de vaste kost?

b

Hoeveel bedraagt de variabele kost?

c

Neem de onderstaande tabel over in een rekenblad. € 80,00 OMZET

VARIABELE KOST

VASTE KOST

0

20

40

60

80

100

TOTALE KOST

RESULTAAT

IN

AANTAL SJAALS

€ 20,00

N

Noteer hieronder de break-evenafzet.

VA

d

Bereken aan de hand van de formule de break-evenafzet. Doe dat in het rekenblad.

e

Wat betekent dit cijfer nu?

©

f

Hoeveel bedraagt de break-evenomzet? Noteer de formule.

g

Hoeveel bedragen de totale kosten bij een break-evenafzet van 54? THEMA 1

LEVEL 3

87


Action 6—

Bereken de break-evenafzet wanneer er ook een commissieloon is

IN

Lees de omschrijving van een commissieloon die je genoteerd hebt bij Action 1. Neem het voorbeeld van Action 5 erbij. Door verschillende omstandigheden zijn de energiekosten gestegen. De jurkjes worden aangekocht voor 20,00 euro per stuk. De kosten die de ondernemer nog heeft zijn: huur: 1 000,00 euro per maand elektriciteit: 320,00 euro per maand gas: 310,00 euro per maand loonkost van de verkoopster: 2 000,00 euro per maand Daarnaast krijgt de verkoopster een commissieloon. Per jurkje dat ze verkoopt krijgt ze 5,00 euro bovenop haar vast maandloon. Ze verkoopt de jurkjes voor 80,00 euro per stuk. a

Hoeveel bedragen de vaste kosten?

b

Hoeveel bedragen de variabele kosten?

c

N

Neem de tabel over in een rekenblad. Bereken de gegevens. € 80,00 AANTAL SJAALS

€ 25,00

VARIABELE KOST

VASTE KOST

VA

OPBRENGST

20

40

60

80

100

Bereken de break-evenafzet.

e

Wat betekent dit cijfer nu?

88

THEMA 1

RESULTAAT

0

© d

TOTALE KOST

LEVEL 3


Action 7—

Maak een grafiek van de break-evenafzet

Neem de tabel van Action 5 erbij. Maak een grafiek waarop je de opbrengst en de totale kost kunt zien. Gebruik hiervoor een spreidingsdiagram. Voor meer ondersteuning kun je ICT-fiche 28 en 29 gebruiken. a

Wat staat er op de X-as?

b

Wat staat er op de Y-as?

Als titel van de grafiek gebruik je: ‘Kosten en opbrengsten van de winkel die jurkjes verkoopt’ Zorg dat het duidelijk is welke grafiek de opbrengst is en welke de kost. Duid de break-evenafzet aan met een groene lijn. Duid de break-evenomzet aan met een rode lijn.

©

VA

N

c d e f

IN

THEMA 1

LEVEL 3

89


Action 8— 1

Herken jij de problemen in de kledingindustrie?

Lees tekst 1 en beantwoord de vraag.

TEKST 1

IN

Bangladesh is na China de grootste exporteur van kleding in de wereld. De kledingindustrie vormt de ruggengraat van dit ontwikkelingsland. Bangladesh heeft concurrerend lage arbeidskosten in vergelijking met andere Aziatische landen, dit is een voordeel voor kledingmerken om zaken te doen met het land.

Lonen Voor veel vrouwen is werken in een kledingfabriek geen vrijwillige keuze. Jonge vrouwen kunnen hun opleiding niet afronden door de financiële situatie van hun familie. Door lage lonen maken vrouwen lange dagen en werken zij in het weekend en vakantie door, zo verdienen zij extra geld om hun familie te onderhouden.

VA

N

Werktijden De Bengaalse vrouw kan geen vrij nemen, zelfs niet als ze ziek is. Het is dan ook niet ongebruikelijk dat arbeiders per maand 100 uur overwerken. Veel jonge meisjes trekken naar de steden voor een beter bestaan, meisjes van 15 jaar staan al dag in dag uit in de fabriek. Ze werken vaak van ‘s ochtends 8 tot ‘s avonds 8 uur, met honderden tegelijkertijd, zonder of met slechts korte pauze. Vakbondsvrijheid Het is in Bangladesh extreem moeilijk om een vakbond op te richten en te registreren. Fabriekseigenaren hebben een vijandige houding ten opzichte van vakbonden. Zij zien vakbonden niet als een nuttig mechanisme om te onderhandelen en hun werknemers zo tevreden en productief te houden, maar gebruiken vaak verschillende manieren om vakbonden tegen te werken. Denk aan intimidatie, geweld, discriminatie, ontslag en arrestatie. Al jarenlang worden vakbonden en vakbondsleden straffeloos onderdrukt door werkgevers en de Bengaalse overheid weigert om de vakbondswet en -praktijk in lijn te brengen met internationale standaarden.

©

Bron: www.schonekleren.nl

Welke problemen worden er in de tekst aangehaald? Vermeld ze kort.

90

THEMA 1

LEVEL 3


2

Lees tekst 2 en beantwoord de vragen.

TEKST 2

Fast fashion of ‘snelle mode’ is een overheersende trend in de mode-industrie waar er een razendsnelle evolutie is van nieuwe kleding en nieuwe stijlen, en dit vaak in de periode van slechts een week. Men versnelt het productieproces van dergelijke kledingstukken om snel aan te sluiten op de marktvraag van bepaalde kledingstijlen en mode.

IN

Trends vliegen tegenwoordig zo snel voorbij dat het voor merken bijna onmogelijk is om bij te blijven... tenzij ze tegemoet komen aan hun ecologische voetafdruk. Om relevant te blijven, maken de meeste merken tegenwoordig gebruik van oneerlijke en onethische technieken om hun kleding in grote massa te kunnen produceren.

Deze technieken zijn veel goedkoper en maken het voor bedrijven dus makkelijker om met kortere rustpauzes nieuwe stock te produceren. Deze kortere wegen hebben gevaarlijke gevolgen op zowel sociaal als milieugebied.

N

De kleding wordt in zo’n snel tempo geproduceerd en op de markt gebracht dat de consumenten zich vaak gedwongen voelen om mee te gaan. Ze kopen een hele hoop goedkope kleren, dragen ze amper en gooien ze weg van zodra er nieuwe collecties zijn. Dit leidt tot enorme stortplaatsen van kleding die in feite nog perfect draagbaar is. Wereldwijd consumeren we nu ongeveer 80 miljard nieuwe kledingstukken per jaar, en dat is maar liefst 400% meer dan we slechts twee decennia geleden consumeerden.

VA

En als gevolg hiervan worden er jaarlijks miljoenen tonnen textiel weggegooid. Zodra ze op de vuilnisbelt belanden, is het zeer onwaarschijnlijk dat deze afgedankte kleding, gerecycleerd of hergebruikt zal worden. De humanitaire crisis van de ‘snelle mode’ start in derdewereldlanden die goedkope, onderbetaalde arbeid op grote schaal aanbieden. Er zijn verschillende rapporten die bewijzen dat er sprake is van barre arbeidsomstandigheden en kinderarbeid in verschillende fabrieken van grote marktleiders in de kledingindustrie. Wanneer wij als consumenten loyaal zijn aan deze merken, staan we in feite toe dat ze geld verdienen door sociale en milieuschade toe te brengen.

©

Als je je bewust wordt van de schade die fast fashion aanricht, zou je de beslissing kunnen nemen om over te stappen naar duurzamere merken! Slow fashion maakt gebruik van ethische arbeid en sourcing (alle inkoopactiviteiten gericht op de zekerstelling van de aanvoer van de in te kopen producten, met de nadruk op de langere termijn) om hun consumenten te verzekeren van een eindproduct van blijvende waarde. Deze producten zijn op lange termijn beter omdat ze: — —

gemaakt zijn van ethisch verantwoorde materialen die minder snel verslijten betere arbeidspraktijken hebben, wat zich vertaalt in meer zorg voor de kwaliteit van elk afzonderlijk product

Bron: https://blog.nutrifoodz.nl/

THEMA 1

LEVEL 3

91


a b

Markeer in de tekst de omschrijving van fast fashion. Wat is het nadeel van fast fashion op vlak van het milieu?

c

Wat is het nadeel van fast fashion voor de mensen die deze kleding maken?

3

IN

In Explore 1 heb je gelezen over Mayamiko en Honest Basics. Beantwoord de vragen over Mayamiko. a

Wat betekent duurzame ontwikkeling? Waar haalt Mayamiko zijn materialen?

VA

N

b

c

Aan welke ethische beloften wil Mayamiko zich houden? Geef er 10.

©

92

THEMA 1

LEVEL 3


BREAKING NEWS 1

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan vaste kosten van variabele kosten onderscheiden.

2

Ik kan een winstmarge bij de kostprijs rekenen.

3

Ik kan de break-evenafzet en break-evenomzet berekenen.

4

Ik kan de kostplus-prijsmethode toepassen.

©

VA

N

1

THEMA 1

LEVEL 3

93


Beeldwoordenboek Level 3 BEGRIP

VERKLARING Dat is de hoeveelheid die een onderneming verkoopt of produceert.

break-evenafzet

Dat is het aantal stuks dat je moet verkopen om geen winst en geen verlies te hebben.

break-evenomzet

Dat is het resultaat wanneer je de breakevenafzet vermenigvuldigt met de verkoopprijs.

kosten

Dat verwijst naar de prijs die je moet betalen om een product aan te schaffen of een dienst te kunnen of mogen gebruiken.

kostplusprijsmethode of cost-plus pricing

Dat is een methode waarbij je bij de kostprijs van een product een bepaalde winstmarge telt.

omzet

Dat is de waarde van alle verkopen in geld uitgedrukt.

©

VA

N

IN

afzet

94

THEMA 1

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 3


BEGRIP

VERKLARING Wanneer je nog niet weet of je winst of verlies hebt gemaakt, spreek je van resultaat. Je berekent het resultaat door de formule: omzet – kosten = resultaat

variabele kosten

Dat zijn kosten die wel veranderen wanneer je meer of minder verkoopt.

vaste kosten

Dat zijn kosten die niet veranderen wanneer je meer of minder verkoopt.

verlies

Je hebt verlies wanneer je kosten groter zijn dan je omzet.

VA

N

IN

resultaat

AFBEELDING

Je maakt winst wanneer je omzet groter is dan je gemaakte kosten.

©

winst

THEMA 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 3

95


LEVEL 4 Met welke regelgeving moet je rekening houden in verband met marktpraktijken en consumentenbescherming?

IN

INTRO

VA

N

Gokreclame is bijna volledig verboden vanaf 1 juli 2023

De voornaamste vormen van gokreclame zijn verboden. Dat meldt de minister van Justitie in een persbericht. De beperkingen zijn in werking getreden vanaf 1 juli 2023. Vanaf dat moment is gokreclame op televisie, radio en in bioscoopzalen, advertenties en video-advertising op websites verboden. De sponsoring van sportclubs wordt vanaf 1 januari 2025 ingeperkt.

©

Naar: Het Laatste Nieuws, 2022-12-16

1

Wat is jouw mening over gokreclame? Bespreek klassikaal.

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

96

THEMA 1

LEVEL 4

Met welke regels moet ik rekening houden bij de prijsaanduiding van producten en diensten? Wat zegt de wetgeving in verband met solden, uitverkoop en verkopen met verlies? Welke regels zijn van toepassing op reclame? Hoe werkt garantie?


Explore 1— Voldoet de prijsaanduiding aan de wetgeving?

Richtlijnen prijsaanduiding Als handelaar ben je verplicht om een ondubbelzinnige prijsaanduiding te hanteren. Hiervoor schrijft de wet enkele regels voor. Het is belangrijk dat je goed weet wat je verplichtingen zijn. Overtredingen worden immers bestraft!

VA

N

IN

Enkele algemene richtlijnen: De totale prijs van de te koop gestelde goederen moet altijd schriftelijk en ondubbelzinnig worden aangeduid. Indien de goederen in een etalage of in de winkelruimte te koop worden uitgestald, moet de prijs goed leesbaar worden aangebracht. De prijs moet in euro worden vermeld en niet in een andere munteenheid. De aangeduide prijs naar consumenten toe, moet ‘alles inclusief’ zijn: inclusief btw en alle overige taksen en lasten die de consument verplicht moet bijbetalen om een product te kopen. De prijsaanduiding voor homogene diensten (diensten waarvan de eigenschappen identiek zijn zoals in cafés, frituren of bakkerijen), moet worden aangeduid op bijvoorbeeld een lijst die wordt uitgehangen. Voor niet-homogene diensten op vraag van de klant bijvoorbeeld herstelling van een wagen … moet je een bestek opmaken indien de klant daarom vraagt. Hierop moet alle informatie vermeld worden, zodat de klant kan inschatten wat de dienst kan kosten. Handelaars die aan consumenten verkopen zijn verplicht om voor een hele reeks producten naast de prijs per stuk, ook de prijs per meeteenheid te vermelden, zoals per liter, kilogram, m³ … Deze verplichting geldt voor vrijwel alle voedingsproducten, maar ook voor een aantal niet-voedingsproducten zoals waspoeder. Bij los verkochte producten hoeft alleen de prijs per meeteenheid te worden aangeduid.

Good to know

Wanneer je de prijzen aanpast in de winkelrekken, zorg er dan voor dat die aanpassing gelijktijdig gebeurt in de kassa’s en omgekeerd. Verschilt de prijs in de winkel met die aan de kassa, dan ben je verplicht het product aan de laagste van beide prijzen te verkopen, in het voordeel van de consument. Bovendien riskeer je boetes. Die regel geldt ook voor prijzen die aangeduid zijn in folders of advertentiebladen en op je website.

©

Bekijk de onderstaande afbeeldingen. Wordt de wetgeving in verband met de prijsaanduiding nageleefd? Waarom wel of niet? a

Etalage juwelier Wetgeving nageleefd? Ja Nee

THEMA 1

LEVEL 4

97


b

Supermarkt Wetgeving nageleefd? Laagste prijs

7,50 €/kg

c

Belgische interieurzaak Prijs per stuk: 3 210 USD 2 890 CHF

Zwart = de laagste prijzen in je streek

IN

2,50

Ja Nee

Wetgeving nageleefd? Ja Nee

3 SITS COUCH

Website hotel

VA

d

N

13 440 PLN

©

98

THEMA 1

LEVEL 4

Wetgeving nageleefd? Ja Nee


Explore 2— Welke wettelijke regels moet een ondernemer volgen bij een prijsvermindering?

Richtlijnen prijsvermindering Wanneer een ondernemer een prijsvermindering aankondigt aan de consument, dan moet die bij de verkoopprijs de vorige prijs aanduiden die werd toegepast gedurende 30 dagen voorafgaand aan de toepassing van de prijsvermindering. Dat geldt ook bij reclame.

IN

Het geldt daarentegen niet voor: algemene communicaties die niet verwijzen naar een prijsvermindering, bijvoorbeeld ‘beste prijs’ of ‘laagste prijs’; het gezamenlijk aanbod, bijvoorbeeld ‘1+1 gratis’ of ‘2 voor de prijs van 1’; voorwaardelijke aanbiedingen, bijvoorbeeld ‘2de aan de helft van de prijs.’

VA

N

Het aanduiden van prijs- of tariefverminderingen moet op een van de volgende manieren gebeuren: de nieuwe prijs naast de oude, doorgehaalde prijs de woorden ‘nieuwe prijs’ en ‘oude prijs’ naast de overeenstemmende bedragen het kortingspercentage en de nieuwe prijs naast de oude, doorgehaalde prijs het aanduiden van een kortingspercentage voor een groep van producten of diensten met de vermelding of deze prijsvermindering al werd verrekend in de aangeduide prijs of niet

Bestudeer de onderstaande afbeeldingen. Werd de wetgeving in verband met prijsvermindering hier nageleefd? Waarom wel of niet? Promotie MediaMarkt

Wetgeving nageleefd? Ja Nee

©

a

THEMA 1

LEVEL 4

99


b

Aanbieding myShopi Wetgeving nageleefd? Ja Nee Aanbieding Aldi

IN

c

Wetgeving nageleefd? Ja Nee

N

VA

Explore 3— Welke wettelijke regels moet een ondernemer volgen bij solden?

©

Richtlijnen solden

Tweemaal per jaar mogen ondernemingen verkopen tegen sterk verlaagde prijzen onder de benaming ‘solden’ of onder een andere gelijkwaardige benaming. Een onderneming mag alleen de goederen in solden verkopen die ze voor de start van de solden al te koop aanbood gedurende minstens dertig dagen en die nog in haar bezit zijn aan het begin van de soldenperiode.

100 THEMA 1

LEVEL 4


De twee soldenperiodes liggen vast: van 3 januari tot en met 31 januari. Wanneer 3 januari op een zondag valt, begint de soldenperiode op 2 januari; en van 1 juli tot en met 31 juli. Wanneer 1 juli op een zondag valt, dan begint de soldenperiode op 30 juni.

IN

De onderneming die haar goederen in solden wil verkopen, moet dat doen tegen verlaagde prijzen. De goederen moeten dus tegen een lagere prijs dan hun referentie- of oorspronkelijke prijs worden aangeboden. In geval van een aankondiging van prijsvermindering is een onderneming verplicht om de naast de verkoopprijs ook de vorige prijs te vermelden. Onder de vorige prijs wordt verstaan de laagste prijs die door de onderneming is toegepast tijdens een periode van dertig dagen voor de toepassing van de prijsvermindering. Indien de onderneming meerdere verkooppunten uitbaat of verkooptechnieken gebruikt, is de referentieprijs de laagste prijs die zij in de afgelopen 30 dagen heeft toegepast in het verkooppunt of via de verkooptechniek waarvoor de aankondiging wordt gedaan. De sperperiode is de periode van een maand die voorafgaat aan het begin van de soldenperiode.

N

De sperperiodes zijn: van 3 december tot en met 2 januari. Wanneer 3 januari op een zondag valt, dan begint de sperperiode voor de wintersolden op 2 december en loopt tot en met 1 januari; en van 1 juni tot en met 30 juni. Wanneer 1 juli op een zondag valt, loopt de sperperiode voor de zomersolden van 31 mei tot en met 29 juni.

VA

Voor de sectoren kleding, lederwaren en schoenen verbiedt de wet prijsverminderingen aan te kondigen die hun uitwerking hebben tijdens de periode die aan de solden voorafgaat (de sperperiode) of waardebonnen te verspreiden die recht geven op een prijsvermindering tijdens die periode. Tijdens de sperperiode mogen prijsverminderingen worden toegepast op braderijen die: georganiseerd worden door de plaatselijke verenigingen van ondernemingen of met hun medewerking; hoogstens 4 dagen duren per sperperiode.

1

Wanneer begint de sperperiode voor het huidige kalenderjaar:

de wintersolden:

de zomersolden:

©

2

Wat is de betekenis van fluistersolden? Gebruik eventueel het internet.

THEMA 1

LEVEL 4 101


3

Kun je een verklaring geven voor de benaming van deze soort solden?

Nu al solden voor beste klanten van winkelketen ZEB

IN

Ongeveer 80 000 klanten van de kledingketen ZEB mogen zich komende week al op de koopjes storten, hoewel de wintersolden pas op 3 januari van start gaan. Unizo dient een klacht in.

De klanten krijgen een van deze dagen een uitnodiging in de bus, waarmee ze van woensdag tot vrijdag toegang krijgen tot stevige kortingen in de winkels.

Klacht

N

Bij ZEB zelf luidt het dat men niets verkeerd doet. ‘Wij houden nog geen koopjes voor het grote publiek’, zegt Vé Bobelyn. ‘Alleen onze 80 000 beste klanten – slechts een deeltje van ons totale klantenbestand – worden toegelaten, eventueel met enkele vrienden of familieleden erbij. Noem dit dus geen omzeiling van de sperperiode, wel een beloning voor onze trouwste klanten.’

Volgens de ondernemersorganisaties Unizo en NSZ overtreedt ZEB wel degelijk de koopjeswet door tijdens de sperperiode prijsverminderingen te geven, ook al is het aan een beperkt aantal klanten. Unizo dient opnieuw een klacht in tegen ZEB.

VA

Bron: De Standaard, 2010 december 13

4

Zal Unizo de klacht halen volgens jou? Waarom wel of niet?

©

102 THEMA 1

LEVEL 4


Explore 4— Welke wettelijke regels gelden er bij een uitverkoop?

Richtlijnen uitverkoop Een verkoop onder de benaming ‘uitverkoop’ of onder een gelijkwaardige benaming is toegelaten wanneer een bepaalde situatie de versnelde verkoop van een productenvoorraad of -assortiment vereist.

IN

Dat kan bijvoorbeeld bij: gerechtelijke beslissing, een faillissement; overlijden van de verkoper; overname van een zaak; stopzetting van de activiteiten; sluiting of verhuizing van een verkooppunt; restauratiewerkzaamheden van meer dan 20 werkdagen; ernstige schade aan de voorraad veroorzaakt door een ramp; belangrijke belemmering van de activiteit (bijvoorbeeld werken in de straat); pensioengerechtigheid van de verkoper.

N

Iedere aankondiging of andere bekendmaking over een uitverkoop moet de datum vermelden waarop de verkoop aanvangt en is beperkt tot vijf maanden. In het geval van uitverkoop omwille van pensioen is de verkoop beperkt tot een jaar. Tijdens de uitverkoop is de onderneming verplicht haar verkoopprijzen te verlagen en mag ze verkopen met verlies. Een verkoop met verlies is een verkoop tegen een prijs die niet minstens gelijk is aan de prijs waartegen een onderneming het product heeft gekocht of geproduceerd.

©

VA

Uitzonderingen hierop zijn: solden of een uitverkoop; goederen die niet langer bewaard kunnen worden; goederen die door externe omstandigheden niet meer verkocht kunnen worden tegen een prijs gelijk aan of hoger dan de aankoopprijs ervan, bijvoorbeeld goederen die technisch voorbijgestreefd zijn of beschadigd zijn; goederen waarvan de verkoopprijs wordt afgestemd op de prijs die door de concurrentie voor hetzelfde of een identiek concurrerend product wordt gevraagd.

THEMA 1

LEVEL 4 103


Vanaf vandaag starten alle Belgische Makro-winkels met een totale uitverkoop in afwachting van een mogelijke overname. In heel wat winkels is het daarom al flink druk. Maar om welke koopjes gaat het precies? En kun je ook genieten van de kortingen als je geen Makro-lid bent? Wij vroegen het aan CEO Vincent Nolf.

IN

Totale uitverkoop bij Makro: welke kortingen kun je scoren? En over welke producten gaat het precies?

“Eerst en vooral is het belangrijk om te kaderen waarom we deze uitverkoop doen. Dat is namelijk niet zonder reden”, zegt Nolf. “Zoals al eerder bekend, zijn we van plan om Makro te laten overnemen. Maar onze mogelijke overnemer is niet geïnteresseerd in ons non-foodaanbod. We besloten daarom om dat deel van ons assortiment alvast te verkopen. Zo kunnen we er zo veel mogelijk winst uit halen, en hebben we zeker voldoende cash om ons personeel te blijven uitbetalen.”

1

N

Bron: Het Laatste Nieuws, 2022 november 22

Waarom was er bij Makro sprake van uitverkoop?

Markeer in de onderstaande krantenkoppen de reden waarom deze situatie onder de benaming uitverkoop mag vallen.

VA

2

Totale uitverkoop Sferato wegens verhuis

Stockverkoop bij tuincentrum we

gens stopzetting activiteit

©

Verkoop gebouwen leidt tot totale uitverkoop

3

Herenmodeketen Vertigo sluit de deuren door coronacrisis en organiseert totale uitverkoop

Is de verkoop van paaseieren met verlies na de paasdagen toegelaten? Waarom wel of niet?

104 THEMA 1

Uitverkoop door brandschade

LEVEL 4


Explore 5— Welke wettelijke regels moet een ondernemer volgen bij reclame?

Richtlijnen vergelijkende reclame Vergelijkende reclame is elke vorm van reclame waarbij een ondernemer de producten of diensten van zijn concurrent uitdrukkelijk noemt. Vergelijkende reclame is slechts veroorloofd als de ondernemer daarbij de volgende voorwaarden nageleefd: Een vergelijkende reclame

mag niet misleidend zijn; mag alleen betrekking hebben op gelijkaardige goederen of diensten; gaat alleen over de relevante en controleerbare kenmerken van de goederen en diensten, zoals een vergelijking in verband met de prijs; mag niet leiden tot verwarring met goederen of diensten van een concurrent; mag zich niet kleinerend uitlaten over concurrenten of hun goederen of diensten; mag geen oneerlijk voordeel halen uit de bekendheid van een concurrent of de oorsprongsbenaming van concurrerende goederen.

IN

©

VA

N

Lidl maakt vaak gebruik van vergelijkende reclame. Hieronder vind je een voorbeeld in verband met afwasmiddel en frisdrank. Wat is jouw mening? Wordt de wetgeving hier gerespecteerd?

THEMA 1

LEVEL 4 105


Explore 6— Wat houdt de wettelijke garantie in?

Wettelijke garantie

IN

Wanneer je als consument iets koopt bij een Europese handelaar voor privégebruik, dan heb je recht op een wettelijke garantie van 2 jaar. Sinds 1 juni 2022 hoef je als consument niet meer aan te tonen dat je zelf het gebrek hebt veroorzaakt als het optreedt meer dan 6 maanden na aankoop. De termijn van 2 jaar kan verminderd worden tot 1 jaar voor tweedehandsgoederen. Het is alleen de verkoper die voor deze garantie verantwoordelijk is. Hij mag je dus niet zomaar doorverwijzen naar de fabrikant. Je kunt de verkoper vragen, tenzij dit onmogelijk of buiten proportie is, om het product te herstellen of te vervangen. Brengt de herstelling of vervanging voor jou grote hinder met zich mee of is het niet mogelijk binnen een redelijke termijn, dan kun je de verkoper vragen om je aankoop terug te betalen of een prijsvermindering toe te kennen. Na 2 jaar wettelijke garantie moet je aantonen dat de verborgen gebreken dat het gebrek bestond op het moment van de aankoop.

Good to know

Surf naar de website van bol.com en ga na of deze website de wettelijke regels in verband met de garantie naleeft. Verwerk je antwoord in een presentatie en voorzie de nodige schermafbeeldingen om je antwoord te onderbouwen.

VA

1

N

Bewaar goed de kwitantie of de factuur waarop je de datum kunt zien. De verpakking hoef je niet te bewaren.

Markeer in de bovenstaande tekst welke regels bol.com op zijn garantiepagina heeft opgenomen. Kijk bij ‘klantenservice’ of ga onderin de pagina naar de footer en klik op ‘Garantie & Reparatie’.

©

Tip:

2

106 THEMA 1

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 4


TO THE POINT

IN

Prijsaanduiding Ondernemingen die goederen of diensten aanbieden, moeten de prijs schriftelijk aanduiden op een leesbare, zichtbare en ondubbelzinnige manier. De prijs moet in euro worden vermeld. Indien de goederen in een etalage of in de winkelruimte te koop worden uitgestald, moet de prijs goed leesbaar worden aangebracht. De prijs is de totaalprijs te betalen door de consument, inclusief btw en alle andere taksen of diensten die de consument verplicht extra moet betalen. Handelaars die aan consumenten verkopen, zijn verplicht om voor een hele reeks producten naast de prijs per stuk, ook de prijs per meeteenheid te vermelden zodat de consument makkelijk prijzen kan vergelijken.

De prijsaanduiding voor homogene diensten zoals broodjes bij de bakker, gerechten in een frituur … moet bijvoorbeeld worden vermeld op een lijst die wordt uitgehangen. Voor niethomogene diensten op vraag van de klant, zoals bijvoorbeeld herstelling van een wagen, moet je een bestek opmaken indien de klant daarnaar vraagt.

VA

N

Prijsvermindering Wanneer een ondernemer een prijsvermindering aankondigt aan de consument, dan moet hij bij de verkoopprijs de vorige prijs aanduiden die werd toegepast gedurende 30 dagen voorafgaand aan de toepassing van de prijsvermindering. Dat geldt ook bij reclame. Uitzonderingen zijn: algemene communicaties die niet verwijzen naar een prijsvermindering, bijvoorbeeld ‘beste prijs’ of ‘laagste prijs’ het gezamenlijk aanbod, bijvoorbeeld ‘1+1 gratis’ of ‘2 voor de prijs van 1’ voorwaardelijke aanbiedingen, bijvoorbeeld ‘2de aan de helft van de prijs’

Het aanduiden van prijs- of tariefverminderingen moet op een van de volgende manieren gebeuren: de nieuwe prijs naast de oude doorgehaalde prijs de woorden ‘nieuwe prijs’ en ‘oude prijs’ naast de overeenstemmende bedragen het kortingspercentage en de nieuwe prijs naast de oude doorgehaalde prijs het aanduiden van een kortingspercentage voor een groep van producten of diensten met de vermelding of deze prijsvermindering al werd verrekend in de aangeduide prijs of niet

©

Solden Tweemaal per jaar mogen ondernemingen verkopen tegen sterk verlaagde prijzen onder de benaming ‘solden’ of onder een andere gelijkwaardige benaming. Een onderneming mag alleen de goederen in solden verkopen die ze voor de start van de soldenperiode al te koop heeft aangeboden gedurende minstens dertig dagen en die nog in haar bezit zijn aan het begin van de soldenperiode. De twee soldenperiodes liggen vast in januari en juli. In geval van een aankondiging van prijsvermindering is een onderneming verplicht om de naast de verkoopprijs ook de vorige prijs te vermelden. Onder de vorige prijs wordt verstaan de laagste prijs die door de onderneming is toegepast tijdens een periode van dertig dagen voor de toepassing van de prijsvermindering. Indien de onderneming meerdere verkooppunten uitbaat

THEMA 1

LEVEL 4 107


of verkooptechnieken gebruikt, is de referentieprijs de laagste prijs die zij in de in de afgelopen 30 dagen heeft toegepast in het verkooppunt of via de verkooptechniek waarvoor de aankondiging wordt gedaan. De sperperiode is de periode van een maand die voorafgaat aan het begin van de soldenperiode. Voor de sectoren kleding, lederwaren en schoenen verbiedt de wet prijsverminderingen aan te kondigen die hun uitwerking hebben tijdens de periode die aan de solden voorafgaat, de sperperiode, of waardebonnen te verspreiden die recht geven op een prijsvermindering tijdens de soldenperiode.

IN

Tijdens de sperperiode mogen prijsverminderingen worden toegepast op braderijen die: georganiseerd worden door de plaatselijke verenigingen van ondernemingen of met hun medewerking; hoogstens vier dagen duren per sperperiode.

Uitverkoop Een verkoop onder de benaming ‘uitverkoop’ of onder een gelijkwaardige benaming is toegelaten wanneer een bepaalde situatie de versnelde verkoop van een productenvoorraad of -assortiment vereist.

VA

N

Dat kan bijvoorbeeld bij: gerechtelijke beslissing, een faillissement overlijden van de verkoper overname van een zaak stopzetting van de activiteiten sluiting of verhuizing van een verkooppunt restauratiewerkzaamheden van meer dan 20 werkdagen ernstige schade aan de voorraad veroorzaakt door een ramp belangrijke belemmering van de activiteit, bijvoorbeeld werken in de straat pensioengerechtigheid van de verkoper Iedere aankondiging of andere bekendmaking over een uitverkoop moet de datum vermelden waarop de verkoop aanvangt en is beperkt tot vijf maanden. In het geval van uitverkoop door pensioen is de verkoop beperkt tot een jaar. Tijdens de uitverkoop is de onderneming verplicht haar verkoopprijzen te verlagen en mag ze verkopen met verlies.

©

Verkoop met verlies Een verkoop met verlies is een verkoop tegen een prijs die niet minstens gelijk is aan de prijs waartegen een onderneming het product heeft gekocht na aftrek van toegekende kortingen. Uitzonderingen hierop zijn: solden of uitverkoop; goederen die niet langer bewaard kunnen worden; goederen die door externe omstandigheden niet meer verkocht kunnen worden tegen een prijs gelijk aan of hoger dan de aankoopprijs ervan, bijvoorbeeld goederen die technisch voorbijgestreefd zijn of beschadigd zijn; goederen waarvan de verkoopprijs wordt afgestemd op de prijs die door de concurrentie voor hetzelfde of een identiek concurrerend goed vraagt.

108 THEMA 1

LEVEL 4


Vergelijkende reclame Vergelijkende reclame is elke vorm van reclame waarbij een concurrent, aangeboden goederen of diensten uitdrukkelijk worden genoemd. Vergelijkende reclame is alleen toegestaan als de volgende voorwaarden worden nageleefd: de reclame

is niet misleidend; heeft betrekking hebben op gelijkaardige goederen of diensten; vermeldt relevante en controleerbare kenmerken van de goederen en diensten, zoals bijvoorbeeld een vergelijking i.v.m. de prijs; mag niet leiden tot verwarring met goederen of diensten van een concurrent; mag zich niet kleinerend uitlaten over concurrenten of hun goederen of diensten; mag geen oneerlijk voordeel halen uit de bekendheid van een concurrent of de oorsprongsbenaming van concurrerende goederen.

IN

©

VA

N

Garantie Wanneer je als consument iets koopt bij een Europese handelaar voor privégebruik, dan heb je recht op een wettelijke garantie van 2 jaar. Sinds 1 juni 2022 hoef je als consument niet meer aan te tonen dat je zelf het gebrek hebt veroorzaakt als het optreedt meer dan 6 maanden na aankoop. De termijn van 2 jaar kan worden verminderd tot 1 jaar voor tweedehandsgoederen. Het is alleen de verkoper die voor deze garantie verantwoordelijk is. Hij mag je dus niet zomaar doorverwijzen naar de fabrikant. Je kunt de verkoper vragen om het goed te herstellen of te vervangen of om je aankoop terug te betalen of een prijsvermindering toe te kennen. Na 2 jaar wettelijke garantie moet je aantonen dat het gebrek bestond op het moment van de aankoop.

THEMA 1

LEVEL 4 109


Action 1—

Kun jij de fouten in verband met prijsaanduiding benoemen?

1 op 3 gecontroleerde handelaars neemt loopje met prijsaanduiding

IN

De Economische Inspectie stelde bij een eerder onderzoek bij 14 % van de gecontroleerde winkels inbreuken vast op de regels rond prijsaanduiding. Daarom focuste de Inspectie bij een nieuw onderzoek specifiek op die ‘hardleerse’ winkeliers. En wat bleek: bijna één op drie ging in de fout.

per kilogram (bij bulkproducten bijvoorbeeld) of is de prijs inclusief btw nergens vermeld, wat tot misverstanden of discussies leidt bij het afrekenen.

N

Het grootste percentage inbreuken kwam op naam van bakkers (48,62 %) en horecazaken (42,39 %). De handelaars in semiprofessioneel gereedschap gingen van alle risicovolle sectoren het minst in de fout, al liep toch nog altijd een op vier (25,53 %) tegen de lamp. De andere gecontroleerde sectoren zitten daar tussenin: schoonheidssalons (36,51 %), begrafenisondernemers (34,48 %), kruideniers en biowinkels (32,94 %) en slagers (29,36 %). Over alle sectoren heen is de meest voorkomende inbreuk dat prijzen gewoonweg niet worden aangeduid. Bij horecazaken is de meest voorkomende inbreuk dat prijzen niet worden weergegeven aan de ingang. Soms ontbreekt ook de prijs per eenheid of

VA

Naar: Retail Detail, 2018 oktober 25

1

Markeer de meest voorkomende inbreuken in verband met de prijsaanduiding.

2

Welke fout zouden horecazaken en schoonheidssalons vooral maken?

Waartegen zondigen veel bakkers op dit vlak? Heb je voor het beantwoorden van de vraag extra ondersteuning nodig? Ga dan via diddit naar een website of de tekst waar de prijsaanduiding in een bakkerij wordt toegelicht.

©

3

110 THEMA 1

LEVEL 4


Action 2—

Kun jij de prijsaanduidingen onderzoeken?

Je werkt in duo’s. Vraag telkens of je foto’s mag nemen. Je gaat in de volgende ondernemingen observeren hoe zij de prijzen vermelden: optiek (etalage) supermarkt bakkerij schoonheidssalon restaurant boekhandel schoenenwinkel wekelijkse markt

b

Verwerk de observaties in een presentatie. Geef ook telkens aan of de wetgeving in verband met de prijsaanduiding wel/niet werd nageleefd. Zorg ervoor dat je samen aan de presentatie kunt werken. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Kun je aangeven of de wetgeving op prijsvermindering werd nageleefd?

VA

Action 3—

N

c

IN

a

Je maakt een collage van correcte prijsverminderingen. Verzamel twee reclamefolders. Indien je ouders thuis een sticker op de brievenbus hebben geplakt waardoor ze geen reclamefolders meer ontvangen, kun je ook terecht op het internet voor een digitale versie.

2

Maak een collage met een tiental promoties waar de prijsvermindering correct wordt vermeld.

3

Zoek ook twee voorbeelden van een gezamenlijk aanbod.

©

1

4

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 4 111


Action 4— 1

Hoe ervaren winkeliers de soldenperiode?

Lees aandachtig de tekst.

Modewinkels gaan meer dan ooit voor koppelverkoop Perfect legaal, net als fluistersolden Koppelverkoop is wettelijk toegelaten, aangezien de wet Marktpraktijken en Consumentenbescherming gezamenlijke aanbiedingen zowel buiten als tijdens de sperperiode toelaat. “De prijsvoordelen bij een gezamenlijk aanbod worden immers gekoppeld aan een minimale afname en daardoor wordt koppelverkoop niet beschouwd als een aankondiging van prijsvermindering. Alleen koppelverkoop die een oneerlijke handelspraktijk uitmaakt, zoals promoacties die misleidend zijn of al te agressief, zijn verboden”, aldus nog Christine Mattheeuws.

IN

Volgens het Neutraal Syndicaat voor Zelfstandigen doet een op de vijf ondervraagde handelaars in de aanloop naar de zomerkoopjes – en dan vooral vanaf de tweede helft van juni – aan koppelverkoop.

“Dat nu ook de modedetailhandel mee op de kar springt van koppelverkoop heeft te maken met het feit dat nagenoeg alle grote ketens met gezamenlijke aanbiedingen uitpakken. Heel wat handelaars vinden dat ze om concurrentieredenen noodgedwongen moeten meedoen”, zegt NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws.

2 stuks

N

Koppelverkoop Vanaf 3 stuks

VA

% % 0 0 -2 -3

Hetzelfde geldt voor fluistersolden, een praktijk waarbij de verkoper aan een klant zegt dat hij een korting krijgt op een bepaald kledingstuk – zolang hij dat maar niet afficheert. Modedetailhandelaars past die fluistersolden doorgaans toe bij trouwe klanten”, aldus het NSZ.

*Niet op nieuwe collectie *Niet op ronde prijzen

2

Wat is het verschil tussen fluistersolden en koppelverkoop? Maak indien nodig gebruik van het internet.

©

112 THEMA 1

Naar: RetailDetail, 2014 juni 17

LEVEL 4


Action 5—

Kun jij aangeven of de wettelijke regels rond solden worden gerespecteerd?

Zijn de onderstaande situaties toegestaan volgens de wettelijke regels rond solden? Noteer ook telkens waarom wel of niet. SITUATIE

toegestaan:

Ja /

Nee

IN

Speciaal voor de zomersolden koopt een handelaar op 2 juli nog snel een grote hoeveelheid badkleding aan.

WAAROM WEL OF NIET

Een bepaalde laptop kost normaal bij een elektrozaak 369,99 euro. Tijdens de koopjesperiode plaatst de winkelier bij dit artikel een bordje met de tekst: ‘NU voor 369,99 euro’.

toegestaan:

Een interieurzaak vermeldt op haar etalageraam: ‘Op 2 en 3 mei uitzonderlijke lenteverkoop met kortingen tot -40 %’.

toegestaan:

Ja /

Nee

N

Ja /

Nee

Ja /

Nee

Ja /

Nee

VA

toegestaan:

Op 2 juli organiseert een buurtvereniging een jaarlijkse braderij. Tijdens deze braderij bieden de winkeliers met wie ze samenwerken kortingen van 20 % tot 30 % aan.

toegestaan:

©

Een kledingzaak verkoopt normaal geen schoenen en andere accessoires. De eigenaar heeft eind december een klein assortiment schoenen en andere accessoires, zoals riemen, op de kop kunnen tikken voor een prikje. Die wil hij nu tegen een spotprijs verkopen tijdens de komende soldenperiode om klanten aan te trekken.

THEMA 1

LEVEL 4 113


SITUATIE Op 26 december kondigt een winkelier in de etalage van een schoenenwinkel aan: ‘Koopjes! Nu alles aan -15 %’

WAAROM WEL OF NIET

toegestaan:

Ja /

Nee

Verzamel twee krantenartikelen waarin er sprake is van uitverkoop. a b c

2

Markeer de reden van de uitverkoop. Maak foto’s van de artikels en plak ze in een presentatie. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Omschrijf hieronder twee concrete situaties waarbij verkoop met verlies is toegelaten.

N

1

Wanneer is er sprake van uitverkoop en verkoop met verlies?

IN

Action 6—

VA

Action 7—

Is dit reclamefilmpje toegelaten?

Bekijk het reclamefilmpje op diddit. Mag dit? Leg uit waarom wel of niet.

©

114 THEMA 1

LEVEL 4


Action 8—

Ken jij de wetgeving in verband met de wettelijke garantie?

Surf naar diddit. Daar vind je een garantielied dat een tijd geleden opgenomen werd in het radioprogramma ‘De inspecteur’. Zijn de elementen van dat lied nog actueel? Wat wel, wat eventueel niet? Noteer hieronder je antwoord. WAT IS CORRECT?

WAT IS ACHTERHAALD?

IN

Werkplekleren: Hoe gebeurt de prijsaanduiding en het melden van promoties op je stageplaats of een bedrijf naar keuze?

VA

Action 9—

N

Je breng een bezoek aan een stageplaats of bedrijf naar keuze. Je observeert daar hoe de prijsaanduiding en promoties worden vermeld. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche van het bedrijf

Adres

©

Naam van het bedrijf

Website

Aantal werknemers

THEMA 1

LEVEL 4 115


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Observatie prijsaanduidingen en promoties Bekijk de prijsaanduiding. Hoe gebeurt de prijsaanduiding?

Illustreer met foto’s.

IN

Hoe worden promoties vermeld? Maak het heel concreet.

Illustreer met foto’s.

DEEL 3: NA HET BEZOEK

N

Maak een verslag van deze opdracht met een tool naar keuze. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

BREAKING NEWS

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

VA

1

116 THEMA 1

LEVEL 4


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan de regels bij de prijsaanduiding in verband met producten of diensten toepassen.

2

Ik kan de wetgeving in verband met uitverkoop toelichten en correct toepassen.

3

Ik kan de wetgeving in verband met solden toelichten en correct toepassen.

4

Ik kan de wetgeving in verband met verkopen met verlies toelichten en correct toepassen.

5

Ik kan de wetgeving in verband met reclame correct toepassen.

6

Ik kan toelichten wat de wetgeving in verband met garantie inhoudt.

©

VA

N

IN

1

THEMA 1

LEVEL 4 117


Beeldwoordenboek Level 4 BEGRIP

VERKLARING Dat is de nauwkeurige beschrijving van de uit te voeren werken bijvoorbeeld bij een herstelling bij een auto ongeluk, met alle relevante inlichtingen zoals onder ander de te gebruiken materialen, de werkuren ...

faillissement

Dat betekent dat de rechtbank vaststelt dat een onderneming haar schulden niet meer kan betalen.

wettelijke garantie

Bij de aankoop van een consumptiegoed heb je recht op de wettelijke garantie: de verkoper moet een garantie geven voor elk gebrek van het goed dat zich binnen de twee jaar na aankoop voordoet.

VA

N

IN

bestek

Dat is een aanbod waarbij de klant goederen of diensten gratis of tegen een verlaagde prijs kan aankopen, bijvoorbeeld 1+1 gratis, 2 voor de prijs van 1.

meeteenheid

Dat is een eenheid om de meting van een grootheid (lengte, gewicht, tijd …) in uit te drukken.

©

gezamenlijk aanbod

118 THEMA 1

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4


BEGRIP solden

VERKLARING

AFBEELDING

Tweemaal per jaar mogen ondernemingen verkopen tegen verlaagde prijzen onder de benaming ‘solden’. De twee soldenperiodes liggen vast van 3 januari tot 31 januari en van 1 juli tot 31 juli.

© Shutterstock / Alexandros Michailidis

Dat is de periode in de maand voor de jaarlijkse koopjesperiodes, die solden genoemd worden.

uitverkoop

Een verkoop onder de benaming ‘uitverkoop’ is toegelaten wanneer een bepaalde situatie de versnelde verkoop van een productenvoorraad of -assortiment vereist.

N

IN

sperperiode

Dat is iedere vorm van reclame waarbij een concurrent of de door een concurrent aangeboden goederen of diensten uitdrukkelijk worden genoemd.

verkoop met verlies

Dat is een verkoop tegen een prijs die niet ten minste gelijk is aan de prijs waartegen een onderneming het goed heeft gekocht.

©

VA

vergelijkende reclame

© Shutterstock / hydebrink

THEMA 1

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4 119


NOTITIE

VA

N

IN

©


5

IN

T

VA

N

F

I

©

L

Thema 2: De werkomgeving en competenties van een onthaalmedewerker


N

THEMA

IN

2

©

VA

De werkomgeving en competenties van een onthaalmedewerker


LEVEL

IN

7

Hoe kun je documenten manueel p. 188 en digitaal klasseren?

LEVEL

6

LEVEL

p. 151

Wat zijn de administratieve handelingen aan het onthaal?

p. 107

Hoe kun je op een efficiënte en duurzame manier omgaan met kantoormateriaal?

p. 82

Hoe organiseer en richt je de onthaalruimte in op een professionele manier?

p. 64

Hoe kun je doelgericht telefonisch communiceren met klanten?

p. 36

Hoe kun je doelgericht communiceren met bezoekers en klanten?

p. 4

N

5

Hoe ondersteun je een vergadering?

LEVEL

©

VA

4

LEVEL

3

LEVEL

2

LEVEL

1


LEVEL 1 Hoe kun je doelgericht communiceren met bezoekers en klanten? INTRO

IN

Bekijk aandachtig de onderstaande cartoons en beantwoord de bijbehorende vragen.

VA

N

1

Situatie 1

2

Zowel in situatie 1 als 2 verloopt het onthaal van de bezoekers niet goed. Wat loopt er fout? Noteer.

©

3

Formuleer voor dit level twee onderzoeksvragen:

4

THEMA 2

Situatie 2

LEVEL 1


Explore 1— Uit welke verschillende fasen bestaat een goed gesprek aan de onthaalbalie?

Baliegesprek Een goed baliegesprek bestaat uit drie fasen:

IN

baliegesprek

de begroeting

het eigenlijke baliegesprek

het afscheid

Tijdens het eigenlijke baliegesprek achterhaalt de onthaalmedewerker wat het doel van de bezoeker is. Nadien bezorgt de medewerker de gevraagde informatie aan de bezoeker of verwijst die door naar de juiste persoon. Ga naar diddit. Bekijk aandachtig de video. Lees hieronder aandachtig de uitgeschreven versie van het gesprek. Noteer achter elke zin over welke fase van het baliegesprek het gaat.

N

1

GESPREK

FASE

Goedemorgen. Ik ben Alex Pollet. Ik had om 11.00 uur een afspraak met Rashid Zia in verband met de voorstelling van de nieuwe collectie zonnebrillen voor de zomer.

Dank u wel. Ik zie uw afspraak staan. Zou u uw naam hier willen invullen op de lijst? Ik verwittig Rashid dat u er bent. Neemt u daar gerust even plaats.

VA

Goedemorgen meneer. Waarmee kan ik u helpen?

(De bezoeker zoekt een plek en gaat zitten. De onthaalmedewerker toetst een nummer in en belt met Rashid Zia.)

©

Rashid kan u binnen tien minuten ontvangen. Kan ik u alvast een kopje koffie, thee of iets fris aanbieden?

Een glaasje water zou fijn zijn.

Alstublieft: een glaasje water.

Dank u wel.

Meneer Pollet, Rashid kan u ontvangen. U vindt zijn kantoor aan het einde van de gang aan de rechterkant. Veel succes.

Dank u wel.

(Na het gesprek, wanneer Alex Pollet het gebouw verlaat) Tot ziens meneer Pollet.

THEMA 2

LEVEL 1

5


2

Lees via diddit het artikel over hoe je gasten vriendelijk kunt onthalen. Noteer de tips.

IN

Onthaalbalie en baliebel

VA

N

Bij de onthaalbalie is het best altijd iemand die bezoekers verwelkomt. Niemand houdt van wachten, zeker niet bij een zakelijke afspraak. Daarom maakt de bedrijfsleider duidelijke afspraken met onthaalmedewerkers over wat de werkwijze is als zij de onthaalbalie moeten verlaten. Een onthaalmedewerker verlaat nooit de onthaalbalie, tenzij om dringende redenen, zoals een toiletbezoek. In kleinere bedrijven is het niet altijd mogelijk om iemand aan de onthaalbalie aanwezig te hebben. Als de onthaalmedewerker de balie toch moet verlaten, kunnen bezoekers het best met een bordje worden geïnformeerd. Bij sommige bedrijven heb je ook een baliebel. Aangekomen bezoekers bellen even en vervolgens komt de onthaalmedewerker.

3

Bedenk welke twee teksten je eventueel kunt vermelden op het bordje.

©

6

THEMA 2

LEVEL 1


Explore 2— Hoe verwijst de onthaalmedewerker de bezoeker correct door?

Doorverwijzen De onthaalmedewerker kan de bezoeker goed doorverwijzen als die een goede kennis heeft van het organogram. De medewerker moet perfect op de hoogte zijn over de verschillende afdelingen binnen de onderneming.

a b

IN

Je staat aan de onthaalbalie bij OdetteLunettes.edu. Bekijk aandachtig het organogram en het grondplan via diddit. Verwijs de onderstaande klanten door naar de juiste afdeling en de verantwoordelijke. Noteer bij elke situatie het nummer van de juiste afdeling en de verantwoordelijke. Geef een korte, schriftelijke beschrijving van de route. Afdeling:

Verantwoordelijke:

N

Situatie 1

Routebeschrijving:

VA

Tom e Vlaming, Een bekend il zijn nieuw Boonen, w onturen t aan brilm assortimen rvoor ij heeft hie H . n e ll te rs voo t. ak gemaak een afspra

Afdeling: Verantwoordelijke:

Situatie 2

©

Dirk Debru ycker van A ll Glass, een leveran cier van gla s, heeft een onbeta alde factuu r. Hij wil hier graag meer uitleg over.

Routebeschrijving:

THEMA 2

LEVEL 1

7


Afdeling: Verantwoordelijke:

sa’s nieuwe kas Er werden inkels. t voor de w aangekoch ed us Mohamm De technic e balie. t zich aan d Madou meld

Routebeschrijving:

IN

Situatie 3

Afdeling:

Verantwoordelijke:

Situatie 4

Routebeschrijving:

N

Er is een op enstaande vacature vo or de perso on die verantwoo rdelijk is vo or de online web shop. Iema n d komt zich sponta an aanbied en.

VA

Afdeling:

Verantwoordelijke:

Situatie 5

©

adid is Allanour H penen erd in het o geïnteresse an uw filiaal v van een nie Zij wil ettes.edu. OdetteLun eft een uitleg en he r e e m g a gra rruimte. de vergade afspraak in

8

THEMA 2

LEVEL 1

Routebeschrijving:


Explore 3— Wat zijn de voordelen van de nieuwste trend: de virtuele onthaalbalie?

Virtuele onthaalbalie

IN

De virtuele onthaalbalie wint aan populariteit. Vandaag komen er steeds minder bezoekers over de bedrijfsvloer alsook minder eigen personeel. Dat komt doordat het online gebeuren een grote opmars kent. De onthaalbalie evolueert naar een virtuele variant. Als bezoeker krijg je dan een uitnodiging voor een vergadering met een QR-code die je kunt scannen aan de balie. Daarna rolt je badge uit de printer en wordt de persoon op kantoor op de hoogte gebracht via een automatische e-mail, telefoon of chatbericht van je komst. Die trend vraagt om een flinke investering en net daar wringt het schoentje bij heel wat bedrijven. Daarnaast verkiezen familiebedrijven liever voor de meer persoonlijke aanpak. Ga naar diddit en bekijk het videofragment. Lees ook het artikel. Beantwoord daarna de onderstaande vragen. VIDEO: DE VIRTUELE RECEPTIE

ARTIKEL: DE VIRTUELE RECEPTIE

Waarom is een virtuele onthaalbalie voordelig voor kmo’s?

VA

N

Wat is het voordeel van de virtuele onthaalbalie?

Welke tip wordt gegeven aan de onthaalmedewerker?

Op welke manier kun je kosten besparen als kmo?

©

Wat kan de onthaalmedewerker doen vanop afstand?

Wat is het grote voordeel van een virtuele balie voor bezoekers?

THEMA 2

LEVEL 1

9


Re-explore 4—

Hoe registreert de onthaalmedewerker de bezoekers van OdetteLunettes.edu? DATABANK

In een databank sla je elektronisch verschillende gegevens van een persoon of onderwerp op. Bij de onthaalbalie zijn dat de gegevens van de bezoekers.

IN

Registreren met een databank

Bij het aanmelden aan de onthaalbalie moeten bezoekers zich registreren. In noodgevallen is het belangrijk om te weten wie er in het gebouw aanwezig is en waar die personen zich vermoedelijk bevinden. Het registreren kan gebeuren door de onthaalmedewerker zelf of via software. OdetteLunettes.edu wil het registreren van bezoekers in de toekomst laten gebeuren door de onthaalmedewerker die de gegevens ingeeft in een databank, maar veiligheidshalve voorziet de onderneming ook een registratie op papier als noodscenario. Voor OdetteLunettes.edu maak je in een tekstverwerkingsprogramma een document aan om de bezoekers te registreren. Houd daarbij rekening met de volgende elementen. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van tekstverwerker raadplegen.

Stel de marges in volgens de NBN-normen. Zorg voor een passende pagina-indeling. Voorzie onderaan rechts van de pagina een paginanummer. Plaats in de koptekst de tekst “OdetteLunettes.edu”. Centreer de tekst. Voorzie op elk blad rechts bovenaan ook het logo van OdetteLunettes.edu dat je terugvindt op diddit. Plaats in de voettekst de contactgegevens van OdetteLunettes.edu: adres, telefoonnummer, website. Centreer de tekst. Voeg een tabel in zodat je een resultaat krijgt zoals figuur 1. Houd bij de bepaling van het lettertype rekening met de huisstijl van OdetteLunettes.edu. Houd bij de arcering van de cellen rekening met de kleuren van de huisstijl van OdettesLunettes.edu.

VA

a b c d e

N

1

f

g h i

©

REGISTRATIE BEZOEKERS

DATUM

NAAM

BEZOEKER

Figuur 1 10

THEMA 2

LEVEL 1

FIRMA

VERVOERMIDDEL

CONTACTPERSOON

MERK

NAAM

KENTEKEN

INTERN TEL.NR.

LOKAAL

TIJD IN

UIT


Registreer de bezoekers van Explore 2 op datum van 8 december 20XX. Bekijk in Explore 2 goed wie de contactpersoon is van de verschillende bezoekers. a

b

c

d

e

©

VA

N

f

Een bekende Vlaming, Tom Boonen, wil zijn nieuw assortiment aan brilmonturen voorstellen. Hij heeft hiervoor een afspraak gemaakt bij Rashid Zia om 10 uur. Hij rijdt met een Porsche met kenteken 2-SJV-895. De vergadering duurt een uur. Een leverancier van glas, ‘All Glass’, heeft een onbetaalde factuur. Dirk Debruycker wil hier graag meer uitleg over. Hij komt aan om 11.55 uur en verlaat het gebouw om 12.25 uur. Hij rijdt met een bestelwagen van Renault met kenteken 1-TPC-458. Er werden nieuwe kassa’s aangekocht voor de winkels. De technicus Mohammed Madou meldt zich aan bij de balie om 14 uur. Hij rijdt met een bestelwagen van Peugeot met kenteken 1-TKV879. Hij blijft 2 uur en 45 minuten. Er is een openstaande vacature voor de persoon die verantwoordelijk is voor de online webshop. Tanja De Grootte komt spontaan solliciteren om 15 uur. De sollicitatie duurt een uur. Ze is gekomen met het openbaar vervoer. Allanour Hadid is geïnteresseerd in het openen van een nieuw filiaal van OdetteLunettes.edu. Zij komt toe om 9.40 uur en wil graag meer uitleg. Ze verlaat het gebouw om 12 uur. Ze is met de fiets naar het bedrijf gekomen. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

2

Tom Boonen

THEMA 2

LEVEL 1

11


Explore 5— Hoe worden de bezoekers van OdetteLunettes.edu geregistreerd via een databank?

OdetteLunettes.edu wil graag een databank gebruiken om haar bezoekers te registreren. Maak in MS Acces de databank aan. Als je meer ondersteuning wilt, dan kun je de ICT-fiches van gegevensbeheer raadplegen. Maak een nieuwe databank aan met de naam ‘Bezoekersregistratie’. Noem de tabel ‘TblBezoekers’. Elke bezoeker krijgt een unieke code die bestaat uit een automatische nummering. Voor elke bezoeker moeten de volgende velden worden voorzien:

Registratienummer Aanspreking Voornaam Naam Adres Postcode Gemeente Bedrijf Vervoermiddel

IN

a

Merk vervoermiddel Nummerplaat Contactpersoon Intern telefoonnummer Lokaal Datum Aankomstuur Vertrekuur

Het veld ‘Registratienummer’ krijgt een automatische nummering. De velden ‘Aanspreking’, ‘Voornaam’, ‘Naam’, ‘Contactpersoon’, ‘Datum’ en ‘Aankomstuur’ zijn vereist. Bij ‘Aanspreking’ kunnen bezoekers kiezen tussen ‘De heer’ of ‘Mevrouw’. De ‘Gemeente’ toont altijd automatisch in hoofdletters.

VA

N

Bijkomende vereisten:

b

Bepaal voor elk veld een geschikt gegevenstype en de veldeigenschappen. Indexeer de velden ‘Naam’ en ‘Datum’. Bepaal de primaire sleutel. Maak eerst een volledig ontwerp op papier met behulp van het schema.

©

Maak een formulier aan in kolomvorm op basis van de tabel ‘TblBezoekers’, zodat het registreren van bezoekers gebruiksvriendelijk wordt. Wijzig de naam van de titel in ‘Registratie bezoekers’. Importeer het logo van OdetteLunettes.edu dat je terugvindt op diddit. Registreer de eerste bezoeker, Tom Boonen, op de datum van vandaag. Bekijk het afdrukvoorbeeld met pagina-indeling: liggend.

c

12

THEMA 2

Neem een screenshot, geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 1


NAAM TABEL GEGEVENSTYPE

VELDLENGTE

VEREIST

NOTATIE

STANDAARDWAARDE

INVOERMASKER

©

VA

N

IN

VELDNAAM

Figuur 2

THEMA 2

LEVEL 1

13


Explore 6— Hoe verloopt een klantvriendelijk onthaal?

Eerste indruk Een belangrijke regel als het gaat over een klantvriendelijke service: onderschat nooit het belang van de eerste indruk. Voor een klant begint die eerste indruk bij het onthaal in je bedrijf.

OMSCHRIJVING

IN

Lees hieronder aandachtig de tips over een goed, klantvriendelijk onthaal. Plaats de juiste tip bij de juiste omschrijving. TIP

Veronderstel niet dat de klanten of de bezoekers de weg naar het onthaal zelf wel vinden. Duid heel goed aan met eventueel bordjes waar bezoekers moeten zijn, bijvoorbeeld voor de toiletten. Soms bevinden die zich niet in de onmiddellijke omgeving van de onthaalruimte. Je kunt een klein stukje meelopen om de weg te tonen.

A

Bekijk het eens van de andere kant.

2

Vraag je je met regelmaat af hoe klanten het onthaal van het bedrijf ervaren? De beste manier om dat te ontdekken is jezelf eens in de plaats van een klant te verplaatsen. Wat zie je als je voor het eerst door de hoofdingang van het bedrijf naar binnen wandelt? Ziet alles er netjes uit? Vind je makkelijk je weg? Voel je je welkom?

B

Vermijd storende geuren of geluiden.

De vieze, doordringende geur van een luchtverfrisser, een schoonmaakmiddel of, erger nog, van een verstopte overloop geven een slechte eerste indruk. Ook het constante gezoem van elektronische apparatuur is storend. Probeer storende geuren en geluiden daarom te vermijden. Met een leuk koffietoestel aan het onthaal creëer je bijvoorbeeld een warme, huiselijke sfeer. Op die manier worden de klanten onthaald met de heerlijke geur van koffie. Je kunt de onthaalruimte ook opfleuren met planten of een boeket verse bloemen. Gebruik geen geurverstuiver, maar zoek eventueel naar een professionele manier van geurmarketing die past bij de huisstijl van het bedrijf.

C

Het onthaal is het gezicht van het bedrijf.

Een goede onthaalmedewerker bezit minimaal de volgende competenties: vriendelijk behulpzaam bij voorkeur meertalig een verzorgd uiterlijk

D

Chaos oogt nooit professioneel.

N

1

VA

Probeer het te ervaren zoals een klant dat zou doen. Bespreek dat met enkele collega’s en evalueer jullie indrukken.

©

3

4

De onthaalmedewerker is het eerste gezicht van het bedrijf. Het gebeurt weleens in kleinere bedrijven dat er geen vaste onthaalmedewerker is. Spreek dan duidelijk met alle medewerkers een uniforme manier van onthalen af. 14

THEMA 2

LEVEL 1


OMSCHRIJVING 5

TIP

Zorg voor comfortabele stoelen in de onthaalruimte. Leg wat lectuur klaar voor de klanten of de bezoekers, zeker enkele brochures over het bedrijf en eventueel enkele magazines uit de sector van het bedrijf. Als je de krant legt, zorg er dan voor dat die actueel is. Sommige onthaalruimtes hebben ook een televisiescherm. Gebruik het scherm dan voor de bedrijfsfilm. Je kunt eventueel ook een kanaal opzetten met financieel of zakelijk nieuws.

E

Houd er rekening mee dat jij de weg kent, de bezoekers meestal niet.

IN

Voorzie voor je wachtende klanten de mogelijkheid om te kunnen werken. Een kleine tafel, draadloos netwerk en stopcontact om de laptop of telefoon op te laden helpen daarbij. Grotere bedrijven hebben soms balpennen of notablokjes met het logo van het bedrijf op. Bied je klanten of bezoekers iets aan om te drinken tijdens het wachten. Je voorziet het best koffie, thee en iets fris. Soms staan er ook nog extra automaten met suikerhoudende dranken of een kleine versnapering. Een schaal met vers fruit geeft de indruk dat het bedrijf veel zorg besteed aan de gezondheid. Grotere bedrijven hebben soms koekjes met het logo van het bedrijf op.

F

Voorzie een comfortabele wachtruimte.

7

Een inkomhal die vol staat met kartonnen dozen of een onthaalbalie waar je de onthaalmedewerker moet zoeken achter de stapels papieren en dossiers, of een onthaalcorner die vuil en slordig is … laat geen professionele indruk na. Een ordelijke onthaalomgeving geeft een prima indruk. Als onthaalmedewerker berg je daarom het best je documenten op in mappen en kasten. Indien een bezoeker de onthaalcorner verlaat, laat de vuile kopjes en glazen meteen wegbrengen, zodat de volgende bezoeker netjes kan worden onthaald.

G

Maak het wachten zo aangenaam mogelijk.

6

7

VA

N

6

1

3

4

5

Good to know

Enkele tips: Gebruik niet ‘jij’ en ‘jou’ om een bezoeker aan te spreken, maar wel de u-vorm, tenzij de huisstijl van het bedrijf anders is. Bij IKEA bijvoorbeeld zijn de personeelsleden verplicht om klanten en bezoekers aan te spreken met ‘jij’. Als de telefoon gaat tijdens je gesprek met een bezoeker, vraag dan vriendelijk of je de beller even te woord mag staan.

©

2

THEMA 2

LEVEL 1

15


Explore 7— Hoe gaat de onthaalmedewerker om met een agressieve klant?

1

Ga naar diddit en bekijk aandachtig het videofragment. WAT LOOPT ER FOUT VOLGENS JOU?

WAT LOOPT ER GOED VOLGENS JOU?

IN

N

Conflictvoorkoming

VA

De meeste bezoekers bezorgen de onthaalmedewerker totaal geen last. Maar de ene klant is de andere niet. Ze zijn niet allemaal even vriendelijk of aardig tegen de onthaalmedewerker. Bij sommige klanten is het begrip en geduld soms ver te zoeken! Sommigen kunnen heel bot en agressief uit de hoek komen. Je kunt je als onthaalmedewerker dan heel machteloos voelen. Hoe ga je hier als onthaalmedewerker dan het best mee om? Gebruik de volgende technieken voor conflictvoorkoming met de klant: Let op jezelf als onthaalmedewerker. Geef agressie geen kans. Probeer een discussie te vermijden. Voorkom dat klanten zich aan jou ergeren. Probeer een oplossing voor het probleem van de klant aan te reiken. Blijf oogcontact maken met de klant. Blijf neutraal en kies geen partij. Leer je fouten eerlijk toe te geven. Stel vragen als iets onduidelijk is. Durf hulp te vragen als je er zelf niet uitkomt.

©

Onderlinge steun bij collega’s bij agressieve klanten is van groot belang. Loop niet weg als je merkt dat je collega te maken heeft met een agressieve klant. Door elkaar te helpen, verklein je de machteloosheid van je collega. Vaak heeft het een positief effect als er een derde onpartijdige persoon bij komt. Bij fysiek geweld dien je wel de politie te contacteren.

16

THEMA 2

LEVEL 1


2

Kun jij de onderstaande quote, die vaak op een werkplaats zoals de onthaalbalie staat, toelichten?

IN

bij gebrek aan personeel werken hier mensen. behandel ze voorzichtig. ze zijn zeldzaam!

Assertiviteitstechnieken en DESC-methode

VA

N

Het is belangrijk dat je als onthaalmedewerker ook een aantal assertiviteitstechnieken bezit. Dat wil zeggen dat jij duidelijk aan je klant kunt zeggen wat je bedoelt zonder die op de tenen te trappen. Het is de bedoeling dat je leert voor jezelf op te komen en je gevoel leert te uiten, zonder je daarbij schuldig of onzeker te voelen. Dat kun je doen aan de hand van de DESC-methode.

Ga naar diddit en bekijk het videofragment over de DESC-methode. Vul per woord de omschrijving aan.

Solutions

Describe

©

3

Emotions

Contract THEMA 2

LEVEL 1

17


Externe agressie Wanneer je met de klant spreekt, zorg er dan voor dat je altijd heldere taal spreekt. Een klant die je verkeerd begrijpt, kan weleens agressief worden. Externe agressie is agressie door personen van buiten de organisatie zoals bijvoorbeeld klanten of bezoekers. Iemand die geweld pleegt of agressief gedrag vertoont, wordt ook wel een agressor genoemd. 4

Ga naar diddit en bekijk het videofragment. Je zult merken dat de onthaalmedewerker geen heldere taal gebruikt tegen de bezoekers.

5

Bekijk aandachtig de infographic over externe agressie op het werk.

b

In welke sector komt externe agressie het minst voor?

c

IN

In welke sector komt externe agressie het meest voor?

Met hoeveel procent externe agressie heeft de zakelijke dienstverlening te maken?

©

VA

N

a

18

THEMA 2

LEVEL 1


Explore 8— Hoe wijst de onthaalmedewerker een klant goed de weg?

De weg wijzen

1

IN

Wanneer je bedrijf moeilijk bereikbaar is of wanneer je als onthaalmedewerker nieuwe klanten aan de lijn hebt, dan moet je soms de weg wijzen. Je kunt dat in de eerste plaats telefonisch doen, maar ook via een folder, of gewoon online via de website of socialemediakanaal. Via de website communiceer je rechtstreeks met je klanten. Als bedrijf mag je niet zomaar publiciteit of wegwijzers langs de openbare weg plaatsen. Hiervoor moet je in principe altijd toestemming vragen aan de gemeente waar het bedrijf gevestigd is. Stel dat je de weg moet wijzen aan een leverancier van brilmonturen. Hij heeft net geleverd bij de Seasonal Store van Odette Lunettes te Knokke-Heist en wil nu doorrijden naar de DNA Store van Odette Lunettes te Gent. Hij weet de weg niet en heeft geen gps-toestel in zijn bestelwagen. a

Zoek het adres van de Seasonal Store in Knokke-Heist en de DNA Store in Gent op. WINKEL

ADRES

N

`

VA

Routeplan

De hele weg telefonisch uitleggen zou veel tijd in beslag nemen en er zouden misverstanden kunnen ontstaan. Je kunt de chauffeur eventueel helpen door een routeplan door te mailen waarop hij zich kan baseren. Ga naar diddit en bereken via de routeplanner hoeveel kilometer de chauffeur moet rijden en wat de normale reistijd zou zijn zonder files.

©

b

Totaal aantal te rijden kilometers

Gemiddelde reistijd zonder files

THEMA 2

LEVEL 1

19


c

Voordat je de route kunt sturen, noteer je hieronder alvast eerst in het klad kort het berichtje dat je zou schrijven voor de chauffeur. De routebeschrijving stuur je als bijlage mee.

IN

d

N

Stuur vervolgens het routeplan door naar je leerkracht, net alsof je dit als onthaalmedewerker voor OOdetteLunettes.edu zou doen voor de chauffeur.

VA

Route doorgeven

De onthaalmedewerker zal moeten kiezen om de route naar de winkel telefonisch door te geven of een routeplan te sturen. Bij kortere afstanden kun je telefonisch de route doorgeven. Bij langere afstanden stuur je het best een routeplan. e

Geef telefonisch de weg door aan een klant die graag naar de Flagship Store in Antwerpen zou gaan. Het adres van de Flagship Store in Antwerpen kun je vinden op diddit. Leg de weg uit vanaf het begin van de Meir te Antwerpen. Gebruik hiervoor de kruising van de Jezusstraat en de Leysstraat. Geef in je routebeschrijving verschillende herkenningspunten door.

©

20

THEMA 2

LEVEL 1


Grondplan

Ga naar diddit en raadpleeg het grondplan van het Sint-Lucas ziekenhuis. Jij bent de onthaalmedewerker van het ziekenhuis die aan de hoofdingang van de kruising van de Magrietstraat en het Sint-Vincentiusplein zit. De patiënt komt via de hoofdingang van blok H binnen.

VA

2

N

IN

Eenmaal de klant is aangekomen in het bedrijf, kan het ook zijn dat je de klant wegwijs moet maken binnen het bedrijf. Bij OdetteLunettes.edu is dit eerder eenvoudig aangezien het een relatief klein bedrijf is. Hier volstaat het dat de onthaalmedewerker de weg mondeling toelicht. Bij het onthaal van zeer grote bedrijven is er vaak een grondplan aanwezig. Op die manier kan de onthaalmedewerker de weg aanduiden die de klant dient te volgen.

a b

Wijs de patiënt de route naar straat 14 in blok B. Teken de weg in het rood. Noteer je uitleg bij de te volgen weg.

©

c d

Wijs de patiënt de weg naar straat 86 in blok W. Teken de weg in het rood. Noteer je uitleg bij de te volgen weg. THEMA 2

LEVEL 1

21


Explore 9— Hoe maakt de onthaalmedewerker voor elke bezoeker een goed toegangsbewijs?

Badges en toegangsbewijs Bezoekersregistratie is het proces dat bedrijven helpt bijhouden welke mensen het bedrijf bezoeken. Sommige organisaties schrijven gewoon de naam van de bezoeker op. Andere bedrijven stellen strengere veiligheidseisen en vragen de bezoekers bijvoorbeeld om badges of een toegangsbewijs te dragen, soms zelfs juridische documenten te ondertekenen of om zich digitaal te registreren.

N

IN

Als je de bezoekers digitaal registreert, dan houd je op een professionele manier bij wie je bedrijf bezoekt. Op die manier kun je cijfers verzamelen over de bezoekers van het bedrijf. Bijvoorbeeld: Hoeveel mensen bezochten je kantoor de afgelopen maand? En vorige week? Zonder digitale registratie zal een bedrijf waarschijnlijk moeite hebben om die vragen te beantwoorden. Een bedrijf kan ervoor kiezen om zelf een badge te maken en vervolgens iedereen te registreren in een Excelbestand. Er bestaan tegenwoordig ook bedrijven die hierin gespecialiseerd zijn. Een badge kan de onthaalmedewerker eenvoudig maken met het tekstverwerkingsprogramma of in het rekenblad. Vervolgens kan die de badge aan een sleutelkoord bevestigen. Bekijk op diddit aandachtig het videofragment en beantwoord de vraag.

2

Hoe werkt het bezoekersregistratiesysteem bij de ‘Lagarde Groep’?

VA

1

©

22

THEMA 2

LEVEL 1


TO THE POINT Aan de onthaalbalie Als onthaalmedewerker vervul je een belangrijke taak in een onderneming aan de onthaalbalie. De indruk die jij wekt, straalt af op heel het bedrijf. Je wordt dan ook vaak het visitekaartje of gezicht van de onderneming genoemd. Een onthaalmedewerker heeft verschillende taken, zoals de weg wijzen, telefoneren en baliegesprekken voeren met bezoekers. Die gesprekken verlopen voornamelijk in het Nederlands, maar kunnen ook in het Frans en Engels verlopen.

IN

Klantvriendelijke baliegesprekken Om klantvriendelijke baliegesprekken te kunnen voeren, moet je: je onderneming door en door kennen; de juiste informatie kunnen geven; goed mondeling kunnen communiceren; de juiste lichaamstaal gebruiken; de bezoeker naar de juiste persoon kunnen doorverwijzen.

VA

N

Inlichtingen geven Om de juiste inlichtingen te kunnen geven aan een bezoeker, volg je de volgende stappen: Probeer met de juiste vragen erachter te komen waarover de klant informatie wenst. Stel daarbij ook controlevragen, zoals ‘U bedoelt dus … ?’ Als de bezoeker een vraag stelt die niet heel duidelijk is, stel dan ook de nodige vragen waardoor je precies te weten komt wat de bezoeker wil weten. Als je niet precies weet wat de gewenste informatie is, geef je mogelijk verkeerde informatie. Dat zal de bezoeker niet waarderen. Zorg ervoor dat je de gevraagde informatie zo helder en duidelijk mogelijk doorgeeft. Blijf klantvriendelijk en zorg voor een persoonlijke aanpak.

Achter de onthaalbalie Als je achter een balie staat, moet je er altijd rekening mee houden dat er een klant kan komen. Let dus op je houding, ook al is er even niemand in de onthaalruimte aanwezig is. Indien er niemand aanwezig is aan de balie, kan de bezoeker gebruikmaken van de baliebel.

©

Probeer als onthaalmedewerker oogcontact te maken met een zoekende klant, zodat hij naar je balie geleid wordt. Laat aan je houding zien dat je beschikbaar bent voor de klant. Als je met een bezoeker bezig bent, zorg er dan voor dat je de bezoeker aankijkt. Als je de naam weet, gebruik die dan in het gesprek. Dat is persoonlijker. De registratie van bezoekers kan manueel of digitaal verlopen, of door gebruik te maken van een databank. Indien de registratie manueel verloopt, maakt de onthaalmedewerker zelf een badge of toegangsbewijs voor de bezoekers. Tegenwoordig hebben sommige bedrijven geen onthaalmedewerker meer, maar is er een virtuele onthaalbalie waar de bezoeker digitaal geholpen wordt. Zorg voor een aangenaam ingerichte onthaalcorner die voorzien is van een werktafel, een oplaadpunt, een drankautomaat en een informatief televisiescherm.

THEMA 2

LEVEL 1

23


Conflictvoorkoming Bij het ontvangen van de bezoekers zorg je het best voor een conflictvoorkoming door goed te luisteren naar de bezoeker. Je kunt dit doen aan de hand van de DESC-methode, die bestaat uit: de beschrijving van de situatie (describe) de uiting van de emoties (emotions) de oplossing (solutions) het akkoord (contract)

IN

Wanneer het fout loopt in een gesprek met een bezoeker, spreek je van externe agressie. De persoon die aanvalt, noemt men de agressor. Om die situaties goed aan te pakken, leer je het best assertiviteitstechnieken die je helpen een situatie rustig aan te pakken. De weg wijzen Soms moet je als onthaalmedewerker de weg tonen. Wanneer je de weg tussen bepaalde steden moet opzoeken, kun je het best online een routeplan raadplegen. Soms moet je als onthaalmedewerker ook de weg uitleggen binnen het bedrijf. Daarvoor gebruik je een grondplan.

Kun jij verschillende baliegesprekken goed analyseren?

N

Action 1—

Op diddit vind je drie baliegesprekken. Je werkt in groep en iedere groep analyseert een gesprek. Luister grondig naar elke fase: begroeting – baliegesprek – afscheid. Maak op en groot blad twee kolommen. Zet boven de eerste kolom ‘do’s’ en boven de tweede kolom ‘don’ts’. Noteer wat positief verloopt bij de ‘do’s’ en noteer wat minder vlot verloopt bij de ‘don’ts’. Neem nu de schriftelijke versie van het gesprek en pas aan wat niet goed verliep. Duid met je groep twee tot drie leerlingen aan die het nieuwe baliegesprek uitvoeren. Een andere leerling filmt het gesprek. Duid bij de laatste stap in je groep weer een verantwoordelijke aan. Die laat aan de hele klas het eerste gesprek zien. Vervolgens legt de verantwoordelijke uit wat de dont’s waren van het gesprek. Hierna laat die de opname van zijn groep zien.

VA

a b

c d

©

e

24

THEMA 2

LEVEL 1


f

Je doet een peer-to-peerevaluatie binnen je eigen groep aan de hand van het onderstaande schema. Beoordeel aan de hand van een score. EVALUATIEFICHE Max

Score

Opmerkingen

De leerling kent de verschillende

fasen van het baliegesprek. De leerling heeft actief deel­

De leerling kan samenwerken met de andere groepsleden. TOTAAL

1

Kun jij het foute baliegesprek in een reisbureau analyseren?

N

Action 2—

IN

genomen aan de opdracht.

VA

Deze opdracht bestaat uit twee delen. Bekijk aandachtig het videofragment en vul de onderstaande tabel aan. WAT LOOPT ER GOED?

WAT LOOPT ER FOUT?

©

2

Maak nu zelf een filmpje over een goed en een fout baliegesprek bij een hotel naar keuze. Laat vervolgens het goede filmpje zien aan je klasgenoten.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 1

25


Action 3—

Word jij de nieuwe verantwoordelijke voor onthaal en bevolking?

Ga naar diddit en bekijk aandachtig het videofragment. Beantwoord de onderstaande vragen. a

Welke taken heeft de onthaalmedewerker?

b

IN

Hoe is het team waarin je zou terechtkomen? c

Hoeveel dagen verlof heeft een onthaalmedewerker gemiddeld?

d

Hoe zijn de werkuren?

N

e

Zou dit een vacature voor jou kunnen zijn? Waarom wel of niet? Formuleer je motivatie in vijf volledige volzinnen.

VA

Kun jij de virtuele onthaalruimtes analyseren?

©

Action 4—

Ga naar diddit en bekijk kritisch de virtuele tour. Lees nogmaals aandachtig de tips over een klantvriendelijk onthaal van Explore 6. a

b

26

THEMA 2

Wat vind je goed en wat is voor verbetering vatbaar voor de onthaalruimtes van de verschillende bedrijven? Noteer in het schema. Ken ook een persoonlijke score van 0 tot 10 toe aan de onthaalruimte. Leg uit.

LEVEL 1


©

Becton Dickinson

VA

SCORE

IN

Roularta Media Group

WAT IS VOOR VERBETERING VATBAAR?

WAT IS GOED?

N

Politie Oostende

BEDRIJF

THEMA 2

LEVEL 1

27


Action 5—

Spreek jij heldere taal aan de onthaalbalie?

Bekijk het videofragment. Verbeter de foute taal van de onthaalmedewerker in heldere taal. FOUTE TAAL

HELDERE TAAL

de ontmoeting

normaliter

IN

een genoeglijke aanvang van de dag

finale bestemming

de stijgingsmiddelen

Action 6—

Kun jij een badge maken voor het personeel van OdetteLunettes.edu?

N

Je maakt voor elk personeelslid een toegangsbadge. Raadpleeg voor deze opdracht het organogram van OdetteLunettes.edu op diddit. Op elke badge moeten de volgende items staan: de naam van het personeelslid de functie het logo van OdetteLunettes.edu

a

Deze opdracht bestaat uit twee opties:

VA

Optie 2: In een rekenblad

Maak voor elk personeelslid een toegangs­ badge in een tekstverwerker. Je kunt met het videofragment werken of je werkt met het sjabloon. Voor beide werkwijzen vind je op diddit een hyperlink.

Maak voor elk personeelslid een toegangsbadge in het rekenprogramma. Je kunt bij het openen van het programma of een nieuw bestand sjablonen raadplegen en ‘badge’ selecteren. Het stappenplan voor MS Excel vind je op diddit.

©

Optie 1: In een tekstverwerker

b

28

THEMA 2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 1


Action 7— 1

Kun jij een grondplan maken van je school?

Stel, jij bent de onthaalmedewerker van jouw school. Er komt een bezoeker en jij moet de weg wijzen naar de docentenkamer, het toilet, de eetzaal en de directeur van je school. Volg het onderstaande stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1: Teken het grondplan op een kladpapier. Stap 2: Maak het grondplan in Excel. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches raadplegen.

2

IN

Stap 3: Maak je routebeschrijving in een tekstverwerker.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Hoe assertief ben jij?

©

VA

N

Action 8—

Ga naar diddit en doe de assertiviteitstest. Noteer het resultaat van de test.

THEMA 2

LEVEL 1

29


Action 9—

Werkplekleren: Hoe gebeurt het onthalen van bezoekers op je stageplaats of een bedrijf naar keuze?

Je brengt een bezoek aan je stageplaats of een bedrijf naar keuze. Je vraagt aan de onthaalmedewerker hoe die de bezoekers onthaalt. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van het bedrijf

Adres

IN

Steekfiche onthaal

Website

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

N

Interview de onthaalmedewerker Welke taken voert de onthaalmedewerker uit?

VA

Welke vaardigheden en attitudes verwacht de werkgever van een onthaalmedewerker?

Zijn er afspraken rond het voorkomen?

©

Op welke manier registreert het bedrijf haar bezoekers?

30

THEMA 2

LEVEL 1


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Vraag het organogram op. Indien het bedrijf niet over een organogram beschikt, is het aan jou om op basis van informatie een organogram aan te maken na het bezoek. Vraag een plattegrond van het bedrijfsgebouw.

IN

DEEL 3: NA HET BEZOEK Maak een verslag van deze opdracht met een tekstverwerker. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

BREAKING NEWS

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

N

1

VA

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan verwelkomen, controleren en informeren over diensten en personen.

2

Ik kan de regels over het onthaal en de principes van klantvriendelijkheid toepassen.

3

Ik kan assertiviteitstechnieken en de technieken voor conflictvoorkoming en -beheersing in functie van het onthaal toepassen.

4

Ik kan een klant begeleiden aan de hand van een grondplan of een routebeschrijving.

5

Ik kan bezoekers registreren en een toegangsbadge maken met behulp van software.

©

1

THEMA 2

LEVEL 1

31


Beeldwoordenboek Level 1 BEGRIP

VERKLARING Dat is de persoon die een andere persoon aanvalt, iemand die geweld pleegt.

assertiviteitstechnieken

Dat zijn technieken om jezelf te leren verdedigen.

badge of toegangsbewijs

Dat is een bewijs van toegang tot een bepaalde plaats.

VA

N

IN

agressor

baliebel

Dat is het belletje dat je kunt laten rinkelen indien de onthaalmedewerker afwezig is.

baliegesprek

Dat is het gesprek tussen de onthaalmedewerker en een klant.

© 32

THEMA 2

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1


BEGRIP

VERKLARING Dat zijn technieken die gebruikt worden om conflicten te voorkomen.

databank

Dat is een elektronische gegevensbank.

DESC-methode

De methode bestaat uit: de beschrijving van de situatie de uiting van de emoties de oplossing het akkoord

externe agressie

Dat is agressie die door personen van buiten de organisatie zoals bijvoorbeeld klanten of bezoekers wordt gebruikt.

VA

N

IN

conflictvoor­ koming

AFBEELDING

Dat is een plattegrond van een bedrijf.

©

grondplan

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1

33


BEGRIP

VERKLARING Dat is de desk waaraan je klanten ontvangt bij de inkom van een bedrijf.

onthaalcorner

Dat is de hoek in de ontvangstruimte van een onthaalbalie waar de klanten kunnen wachten.

routeplan

Dat is een beschrijving van de af te leggen weg.

virtuele onthaalbalie

Dat is een digitale onthaalbalie.

©

VA

N

IN

onthaalbalie

34

THEMA 2

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1


Said Kilic

Facilitaire medewerker Richard Goedhart

Facilitair management en ICT Julie Vermeire

Verantwoorde­lijke facturatie Ewald van Geel

Assistent facturatie

Facilitaire dienst

Financiën

Management­ assistent Lambert Goossens

Verkoopmedewerker Asaf Speijer

Verkoopmedewerker Martijn Witsel

Verkoopmedewerker Esmeralda Jain

Customer service

Jasper Lampeart

Verantwoordelijke webshop Amir Tahiri

E-mailmarketeer

THEMA 2 Olga Nowak

ORGANOGRAM

Storemanager Maasmechelen Colin Van Camp

Storemanager Knokke Olga Olsen

Mark Pauwels

Tigo Dilles

Magazijn­mede­werker

Michiel Drost

Magazijn­mede­werker

Iwao Kudo

Chauffeur 2

Isar Muller

Chauffeur 1

Transport­verant­ woorde­lijke Osman Kalvalsa

Logistiek verantwoordelijke Regi Pinas

Logistieke afdeling

Magazijnverant­ woorde­lijke Yoan Jones

Chantal Adams

Aankoper kleding

Aankoop kleding

IN Delano Janssen

Aankoopassistent

Rashid Zia

Aankoper brillen

Aankoop brillen

Storemanager Gent

Storemanager Antwerpen Myrthe Servais

Sef Madan

Coördinatie franchising

Personeelsverantwoordelijke Yaro Botha

Personeelszaken

N

Fee Evenepoel

Michèlle Vandamme

Assistent

Maya Martin

Dana Stroe

Assistent

Salesmanager

Verkoop

Onthaal- en admini­ stratief medewerker Yvette Wouters

Eline De Munck

Marketingmanager

Marketing en customer service

VA

© Directeur

Organogram

LEVEL 1

35


LEVEL 2 Hoe kun je doelgericht telefonisch communiceren met klanten? INTRO

IN

Bekijk aandachtig de onderstaande afbeelding van de onthaalmedewerker en beantwoord de vragen.

VA

N

1

a

Wat loopt er fout aan de onthaalbalie?

Hoe zou dit overkomen bij de klant?

©

b

c

Waarom zou de onthaalmedewerker boos zijn?

2

Formuleer voor dit level een onderzoeksvraag:

36

THEMA 2

LEVEL 2


Explore 1— Hoe vult de onthaalmedewerker op een correcte manier een telefoonmemo in?

Telefoonmemo

IN

Je maakt voor elk telefoongesprek een telefoonmemo. Een inkomend telefoongesprek verloopt efficiënter en effectiever als je van tevoren goed voorbereid bent. Een goede voorbereiding betekent dat je alle benodigdheden bij de hand hebt, zoals pen en papier om de naam en de functie van de beller en de essentie van een telefoongesprek te noteren. Lees aandachtig het telefoongesprek en vul vervolgens de telefoonmemo op de volgende pagina in. Op 7 november om 9.10 uur rinkelt de telefoon bij OdetteLunettes.edu. Yvette: Jens:

VA

N

Goedemorgen, met Yvette van OdetteLunettes.edu. Goedemorgen, u spreekt met Jens Naesen. Ik ben vertegenwoordiger bij Euro Optics bvba en ik heb een prijsaanvraag ontvangen voor de mogelijke aankoop van brilmonturen. Ik heb bijkomende informatie nodig om een offerte op te kunnen stellen. Kunt u mij doorverbinden met de verantwoordelijke van de aankoopafdeling binnen uw onderneming? Een ogenblikje, meneer Naesen. Ik kijk even of Rashid Zia beschikbaar is. … Meneer Naesen, Yvette: Rashid, Joris is even in gesprek. Wilt u even wachten? Jens: Ik zal even wachten. Yvette: Meneer Naesen, de lijn is nog altijd bezet. Zal ik Rashid vragen of hij u terugbelt? Jens: Ik ben zo dadelijk buitenshuis, dus ik zal deze namiddag terugbellen. Yvette: Ik zal dit noteren voor Rashid, zodat hij op de hoogte is van uw vraag. Jens: Dat zou fijn zijn. Tot ziens. Yvette: Graag gedaan. Nog een fijne werkdag. TELEFOONMEMO

Datum:

Bericht van:

Uur:

Opgenomen door:

Bericht voor:

Naam:

Naam:

Bedrijf:

Afdeling:

Functie:

Functie:

Tel.:

Tel.:

©

Korte inhoud van het gesprek: THEMA 2

LEVEL 2

37


Acties

Terugbellen

Wil afspraak maken

Datum:

Tijd:

Onbekend:

Datum:

Tijd:

Zo snel mogelijk:

Datum:

Tijd:

IN

Belt terug

Opmerkingen

Explore 2— Hoe verbindt de onthaalmedewerker correct door met een

N

telefooncentrale?

Correct doorverbinden

Om een gesprekspartner op een correcte manier door te verbinden, is het heel belangrijk dat je weet wie waarvoor verantwoordelijk is binnen een onderneming. 1

VA

Bestudeer op diddit het organogram van OdetteLunettes.edu grondig. Probeer te achterhalen welke afdeling of welke persoon je moet aanspreken in de volgende situaties. VERANTWOORDELIJKE AFDELING / PERSOON

SITUATIE

Een klant wil weten wanneer de levering van de bestelling is gepland.

©

Een leverancier heeft bijkomende informatie nodig om een offerte op te maken.

38

Een klant heeft een aanmaning ontvangen, omdat hij een factuur niet tijdig zou hebben betaald. De klant betwijfelt dat.

Een sollicitant neemt contact op met OdetteLunettes.edu om een afspraak te maken voor een sollicitatiegesprek.

Het uitzendbureau neemt contact op met OdetteLunettes.edu om meer informatie te verkrijgen over de jobomschrijving voor de tijdelijke vervanging van een van de winkelbedienden.

THEMA 2

LEVEL 2


Telefooncentrale

OdetteLunettes.edu heeft gekozen voor een telefooncentrale van Yealink. Op diddit vind je de handleiding en het instructiefilmpje. a

Noteer van elk onderdeel van de telefoon de functie. 1

VA

2

N

2

IN

Om een inkomend telefoongesprek goed te laten verlopen, moet de onthaalmedewerker de telefooncentrale goed kunnen bedienen.

3

4

5

©

6

7

8

9

10

THEMA 2

LEVEL 2

39


b

De onthaalmedewerker wil een eerder gebeld nummer nogmaals bellen. Welke stappen moet die nemen? Noteer. De onthaalmedewerker wil een inkomend gesprek doorverbinden. Welke stappen moet die nemen? Noteer.

IN

c

VA

N

Stappenplan doorverbinden De onthaalmedewerker volgt bij het doorverbinden van een telefoongesprek steeds een aantal stappen. Je volgt dan ook het best een vast stappenplan bij het doorverbinden. Hoe verbind je een beller door? STAPPENPLAN

Stap 1: Noteer de naam en de functie van de beller en de reden waarvoor die belt.

©

Stap 2: Vertel de beller met wie je die zult doorverbinden en vraag de beller even te wachten. Stap 3: Zet de beller op een wachtlijn. Stap 4: Vorm het nummer van de collega met wie je de beller wilt doorverbinden. Stap 5: Vertel je collega de naam en de functie van de beller, alsook de reden waarvoor die belt. Zo hoeft de beller niet nog eens het hele verhaal te doen.

Stap 6: Leg de hoorn neer zodat je collega kan overnemen.

40

THEMA 2

LEVEL 2


NAVO-alfabet

IN

Als onthaalmedewerker moet je vaak moeilijke namen van personen en ondernemingen noteren. Namen correct doorgeven is van het grootste belang. Bovendien zijn veel mensen heel gevoelig voor het juist vermelden van hun naam. Om namen te spellen, gebruik je de internationale versie van het alfabet, namelijk het internationaal telefoonalfabet of NAVO-alfabet. Dat alfabet is zo gemaakt dat het in iedere moedertaal gemakkelijk uit te spreken is. Op die manier versta je elkaar meteen, om het even uit welk land je komt.

one

6

six

2

two

7

seven

3

three

8

eight

4

four

9

nine

5

five

10

one zero

VA

1

N

Bij het NAVO-alfabet horen ook cijfers. Ook daar is een standaard voor gemaakt. Om verwarring te vermijden, spreek je altijd maar een cijfer tegelijkertijd uit. Als je bijvoorbeeld het getal 21 moet doorgeven, zeg je dus niet twenty-one, maar two one.

Spel het volgende adres volgens het NAVO-alfabet: Odette Lunettes Meir 85, 2000 Antwerpen.

Odette :

Lunettes:

Meir:

85:

2000:

Antwerpen:

©

3

THEMA 2

LEVEL 2

41


Good to know Om een inkomend telefoongesprek op een professionele manier volgens de telefoonetiquette af te handelen, houd je het best rekening met de volgende tips: Houd pen en papier bij de hand, zodat je een telefoonmemo kunt invullen en het gesprek kunt doorschakelen naar de juiste contactpersoon. Zorg ervoor dat je alle noodzakelijke gegevens bij de hand hebt. Bijvoorbeeld: toegang tot de facturen, een bestellijst … Begroet de klant op de correcte manier (goedemorgen, goedemiddag …). Vermeld duidelijk je naam en de winkel waar je werkt. Het is belangrijk dat je steeds met een glimlach belt met een klant. Ook al kan de persoon je niet zien, de beller kan de intonatie in je stem herkennen en horen. Je stem straalt zo meer enthousiasme uit. Noteer de naam van de persoon die belt. Controleer de schrijfwijze aan de hand van het internationaal telefoonalfabet. Gebruik het telefoonalfabet bij je telefoongesprekken zo vaak als je maar kunt. Door het te gebruiken, leer je de letters vanbuiten. Als je een telefoonmemo moet invullen, vergeet dan vooral niet de essentie van het gesprek samen te vatten: Wie heb je aan de lijn? Is het een klant of een leverancier? Wie wil de klant / de leverancier spreken? Waar gaat het gesprek over? Is het een klacht / een afspraak / een aankoop / een verkoop … ? Welke informatie wenst de beller? Is het dringend? Zorg dat je de organisatiestructuur van het bedrijf waarvoor je werkt kent, zodat je weet aan wie je welke boodschap moet doorgeven. Verbind indien nodig door naar de juiste persoon. Laat de beller weten wat je doet. Bedank de beller ook voor het wachten. Herhaal de kernwoorden van het gesprek op het einde van het gesprek. Houd het gesprek altijd kort en zakelijk.

VA

N

IN

Tip:

©

Om een uitgaand telefoongesprek professioneel volgens de telefoonetiquette te kunnen afhandelen, houd je best rekening met volgende tips: Beheers het telefoontoestel in het bedrijf waar je werkt. Elk toestel heeft een verkorte handleidingversie. Lees de handleiding voordat je belt. Zo kom je niet voor verrassingen te staan. Zorg dat je een duidelijk idee hebt van de structuur van het bedrijf waar je werkt. Je moet weten wie je moet bellen om informatie in te winnen als je bijvoorbeeld voor je verantwoordelijke een afspraak moet plannen. Een lijst met telefoonnummers van leveranciers kan je daarbij helpen. Informeer en luister naar wat de klant precies nodig heeft. Herhaal de oplossing of de gemaakte afspraak. Sluit het gesprek altijd correct en beleefd af. Je kunt dit met Action 5 inoefenen.

42

THEMA 2

LEVEL 2


Antwoordapparaat en meldingsboodschap

IN

Je kunt niet altijd de telefoon (op tijd) opnemen. Een antwoordapparaat is in een bedrijfscontext daarom van groot belang. Het lijkt misschien achterhaald, maar dat is het helemaal niet. Het gebeurt vaak dat er meerdere telefoongesprekken tegelijkertijd binnenkomen en dat alle lijnen bezet zijn, of dat een klant belt buiten de kantooruren. In zulke gevallen kan een antwoordapparaat uitkomst bieden. Zo’n apparaat beantwoordt de telefoongesprekken als er na een vooraf ingestelde tijd niemand de telefoon opneemt. De beller krijgt dan een vooraf ingesproken tekst te horen, een meldingsboodschap. Bijvoorbeeld dat alle lijnen bezet zijn of dat de kantoren gesloten zijn … Meestal kan de beller dan na het bericht en na een pieptoon een boodschap inspreken. De ontvanger kan de boodschap op een later tijdstip beluisteren en terugbellen of actie ondernemen, zoals een bestelling doorgeven. Het is heel belangrijk om goed na te denken over de meldingsboodschap die je op je antwoordapparaat plaatst. De beller had hoe dan ook het liefst iemand persoonlijk gesproken. Helaas kan dat nu eenmaal niet altijd. In zo’n geval wordt het toestel opeens het visitekaartje van je bedrijf. Je boodschap moet zo opgesteld zijn dat de beller blijft hangen en indien mogelijk snel de juiste informatie krijgt.

Tips voor een meldingsboodschap

N

Tips voor een meldingsboodschap op het antwoordapparaat

VA

1 Houd het kort, simpel en duidelijk. Hoe duidelijker je boodschap is, hoe beter ze gehoord, begrepen en onthouden wordt.

©

Slecht: Welkom bij de klantendienst van OdetteLunettes.edu, specialist in brillen. Wij doen er alles aan om u zo snel mogelijk door een van onze medewerkers te laten helpen. Toets nu uw klantcode in die te vinden is op uw factuur.

2 Meld je afwezigheid of de reden

waarom je nu geen oproepen kunt beantwoorden.

Bijvoorbeeld: Onze kantoren zijn geopend van maandag tot vrijdag, van 9 tot 12 uur en van 13.30 tot 19 uur. Mogen wij u vragen gedurende die uren terug te bellen? Bedankt voor uw begrip en tot binnenkort! Of: Al onze medewerkers zijn bezet. We helpen u zo dadelijk verder.

Beter: Welkom bij OdetteLunettes.edu. Om u snel van dienst te zijn, kunt u via een keuzemenu aangeven waar uw vraag over gaat.

THEMA 2

LEVEL 2

43


3 Bied je excuses aan. Iedere klant

4

wil graag persoonlijke aandacht.

Wachten is niet leuk maar het gevoel hebben dat je niet persoonlijk wordt geholpen, is nog veel minder leuk. Bijvoorbeeld: Het spijt ons dat er nog niemand beschikbaar is om u te helpen. We nemen zo meteen graag de tijd voor u. Blijft u aan de lijn?

Of: Om u onmiddellijk met de juiste medewerker te kunnen doorverbinden, hoort u nu een keuzemenu.

Nodig de beller uit om een boodschap in te spreken. Geef duidelijke aanwijzingen aan de beller over de gegevens die je zeker via de boodschap wilt vernemen, zodat je de beller achteraf kunt verder helpen.

IN

Of: Op dit moment zijn al onze medewerkers in gesprek. U wordt zo spoedig mogelijk geholpen.

Vraag de juiste informatie.

Beter: Helaas is er niemand aanwezig om u te woord te staan. Misschien staat het antwoord op uw vraag op onze website www.odettelunettes.edu. Of mail ons op info@odettelunettes.edu. Laat uw naam, telefoonnummer en eventueel uw e-mailadres achter. We bellen dan de eerstvolgende werkdag terug. U kunt uw boodschap inspreken na de pieptoon.

VA

N

Of: Uw gesprek is belangrijk voor ons. U wordt doorverbonden met de eerstvolgende beschikbare medewerker. Blijft u aan de lijn?

Slecht: We zijn momenteel gesloten. Laat een boodschap achter na de pieptoon.

5

Kies de juiste toon om je meldingsboodschap in te spreken.

Spreek op een natuurlijke manier. Articuleer goed, maar spreek niet onnatuurlijk traag. Een muziekje kan als het functioneel en kort is.

Je kunt dit met Action 2 inoefenen.

©

4

44

THEMA 2

LEVEL 2


Explore 3— Hoe voert de onthaalmedewerker een professioneel gesprek in het Frans en Engels?

Standaarduitdrukkingen

1

IN

Ook bij Odette Lunettes worden geregeld telefoongesprekken gevoerd in het Frans en het Engels. In zulke gevallen is het belangrijk dat je een aantal standaarduitdrukkingen vlot kunt gebruiken. Standaarduitdrukkingen zijn korte zinnetjes waarmee je de meest voorkomende acties kunt uitvoeren, zoals begroeten, korte informatie vragen en geven, doorverbinden en afsluiten. Je kunt de zinnen vaak gebruiken. Achteraan het leerwerkboek vind je stickers met Franse en Engelse zinnen. Kleef de vertalingen op de juiste plaats. Tip:

Probeer eerst alle oplossingen te vinden. Kleef de stickers pas bij het nakijken.

NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

N

BEGROETING Goedemorgen, u spreekt met X.

VA

INFORMATIE VRAGEN / GEVEN

Kan ik X even spreken?

©

Daar spreekt u mee.

Met wie spreek ik?

Wat kan ik voor u doen?

THEMA 2

LEVEL 2

45


NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

INFORMATIE VRAGEN OF GEVEN Verwacht u dat mevrouw X vandaag nog terugkomt?

Ik zou graag willen spreken met iemand die verantwoordelijk is voor ...

VA

Op dit moment is hij in vergadering.

N

Wanneer is hij bereikbaar?

IN

Kan iemand anders mij misschien van dienst zijn?

Sorry, ze is op dit moment niet op kantoor.

Hij is niet bereikbaar op dit moment.

©

Wat is precies uw postadres?

Wat is uw faxnummer?

46

THEMA 2

LEVEL 2


NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

INFORMATIE VRAGEN OF GEVEN Wat is uw e-mailadres?

Kunt u dat nummer cijfer voor cijfer herhalen?

VA

Ik versta u niet goed.

N

Kunt u dat even voor mij spellen?

IN

Blijft u aan de lijn, ik neem even mijn agenda.

Kan u iets luider spreken, a.u.b.?

Wilt u dat even herhalen, a.u.b.?

©

Ik heb het niet goed begrepen.

Kunt u iets langzamer spreken, a.u.b.?

THEMA 2

LEVEL 2

47


NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

DOORVERBINDEN Kunt u mij doorverbinden met X?

Blijft u aan de lijn.

N

Blijft u aan de lijn, ik verbind u door met de heer ...

IN

Een ogenblik a.u.b., Ik verbind u door.

VA

Wilt u even wachten, a.u.b.?

Met wie wilt u doorverbonden worden?

Ik kijk even of ik u kan doorverbinden met de verkoopafdeling.

©

De lijn is momenteel in gesprek.

Kunt u morgen terugbellen?

48

THEMA 2

LEVEL 2


NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

DOORVERBINDEN Wilt u een boodschap achterlaten? / Kan ik een boodschap aannemen?

Wilt u hem vragen om mij terug te bellen?

IN

Wilt u een boodschap aannemen?

AFSLUITEN

VA

Bedankt en tot ziens.

N

Ik wens u nog een prettige dag toe.

Tot uw dienst.

©

Nog een prettige dag.

THEMA 2

LEVEL 2

49


2

Om correct te kunnen doorverbinden moet je de Engelse en Franse benamingen van de verschillende afdelingen en functies kennen. Vul de onderstaande tabel aan. Maak gebruik van het internet of een woordenboek. NEDERLANDS

FRANÇAIS

directeur

administratieve afdeling

directiesecretaresse

receptionist

secretariaatsmedewerker

personeelsafdeling

personeelsverantwoordelijke

boekhoudafdeling

hoofdboekhouder

assistent-boekhouder

aankoopafdeling

IN

algemeen beheer

N

VA

aankoopdirecteur aankoopassistent

verkoopafdeling

verkoopdirecteur

verkoopassistent

winkelbediende

informatica-afdeling

ICT-specialist

ICT-coördinator

logistieke afdeling

logistiek verantwoordelijke

logistiek medewerker

© 50

ENGLISH

THEMA 2

LEVEL 2


TO THE POINT Voor het telefoongesprek Een inkomend telefoongesprek verloopt efficiënter en effectiever als je goed voorbereid bent. Zorg dat je het volgende vanbuiten weet of binnen bereik hebt: benodigdheden om de telefoonmemo in te vullen, zoals een pen en papier of een computer noodzakelijke gegevens bij een gesprek, bijvoorbeeld: een factuur of een bestellijst hoe de telefooncentrale werkt inzicht in de structuur van de organisatie en het organogram

VA

N

IN

Tijdens het telefoongesprek Houd tijdens het gesprek rekening met het volgende: Neem de telefoon op met een glimlach. Uit onderzoek is gebleken dat je een glimlach kunt horen. Je stem gaat iets hoger klinken, wat aangenamer is voor je gesprekspartner. Jouw enthousiasme is hoorbaar. Bellers horen het eerste woord niet. Begin daarom altijd met goedemorgen of goedemiddag. Vermeld dan je (voor)naam en de organisatie of onderneming waarvoor je werkt. Als je de naam van de beller niet goed hebt gehoord, vraag dan of de beller de naam wil spellen. Je gebruikt daarvoor het best het internationaal telefoonalfabet of het NAVO-alfabet. Onthoud de naam van de persoon aan de andere kant van de lijn. Gebruik de naam een paar keer in het gesprek. Daardoor geef je aan dat je geïnteresseerd bent in je gesprekspartner. Spreek niet te snel aan de telefoon. Je gesprekspartner kan je niet zien en moet dus alleen op het geluid van je stem afgaan. Zorg voor voldoende intonatie. Luister goed naar de beller: niet alleen naar wat hij zegt, maar vooral hoe hij het zegt. Leef je in de situatie van de beller in. Gebruik heldere taal. Vertel wat je gaat doen wanneer je iets moet opzoeken, wanneer je de beller gaat doorverbinden of wanneer je iemand een tijdje in de wacht moet zetten. Het doorverbinden Je volgt het best een vast stappenplan bij het doorverbinden. Hoe verbind je een beller door? STAPPENPLAN

Stap 1: Noteer de naam en de functie van de beller en de reden waarvoor die belt. Stap 2: Deel de beller mee met wie je die zult doorverbinden en vraag de beller om even te wachten.

Stap 3: Zet de beller op een wachtlijn.

Stap 4: Vorm het nummer van de collega met wie je de beller wilt doorverbinden.

©

Stap 5: Deel je collega de naam en de functie van de beller mee, net als de reden waarvoor die belt.

Stap 6: Leg de hoorn neer, zodat je collega kan overnemen. Het is niet altijd mogelijk om onmiddellijk de telefoon op te nemen. Als je niet kunt opnemen Het gebeurt ook vaak dat klanten buiten de kantooruren telefonisch contact opnemen. Het is dan heel belangrijk dat de meldingsboodschap die je op je antwoordapparaat plaatst, klantgericht en servicegericht is. Het antwoordapparaat moet zowel de beller als de opgebelde voldoening geven. De beller moet zijn informatie of vraag kwijt kunnen en de opgebelde moet over de nodige informatie beschikken om de beller verder te kunnen helpen.

THEMA 2

LEVEL 2

51


Action 1—

Ken jij het NAVO-alfabet al goed?

Deze opdracht bestaat uit twee delen. DEEL 1: Om het telefoonalfabet vlot te kunnen gebruiken, moet je veel oefenen. De klas wordt verdeeld in duo’s. Elk duo krijgt van de leerkracht een stapeltje met kaartjes. Elke leerling trekt om de beurt een kaartje. De ene leerling spelt de naam door het NAVO-alfabet te gebruiken. De andere leerling moet de naam noteren.

IN

DEEL 2:

Op diddit vind je een geluidsfragment waarin tien namen worden gespeld. Noteer de namen hieronder.

Kun jij goede meldingsboodschappen voor het antwoordapparaat maken?

VA

Action 2—

N

OdetteLunettes.edu is op zoek naar een geschikte boodschap voor het antwoordapparaat. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de tips voor een meldingsboodschap nog eens nalezen in Explore 2. a

Noteer een boodschap waarbij je de klanten vraagt om even te wachten.

©

b

Noteer een boodschap waarin vermeld wordt dat het bedrijf momenteel gesloten is. Vermeld eventueel de openingsuren.

52

THEMA 2

LEVEL 2


Kun jij een organogram in het Engels en Frans opstellen?

N

IN

Action 3—

Maak zelf het Engelstalig en Franstalig organogram van OdetteLunettes.edu aan met behulp van een tekstverwerker. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je hiervoor de ICT-fiches van de tekstverwerker raadplegen.

2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

VA

1

Action 4—

Ga naar het onthaal van je school en vraag of je twee gesprekken mag observeren van de onthaalmedewerker. Vul voor die gesprekken de onderstaande telefoonmemo’s aan. TELEFOONMEMO

Datum:

©

1

Werkplekleren: Kun jij goed telefoonmemo’s noteren?

Uur:

Bericht van:

Opgenomen door: Bericht voor:

Naam:

Naam:

Bedrijf:

Afdeling:

Functie:

Functie:

Tel.:

Tel.:

THEMA 2

LEVEL 2

53


Korte inhoud van het gesprek: Opmerkingen

Belt terug

Wil afspraak maken

Tijd:

Onbekend:

Datum:

Tijd:

Zo snel mogelijk:

N

Terugbellen

Datum:

IN

Acties

Datum:

Tijd:

VA

TELEFOONMEMO

Datum:

Uur:

Bericht van:

Bericht voor:

Naam:

Bedrijf:

Afdeling:

Functie:

Functie:

Tel.:

Tel.:

©

Naam:

Korte inhoud van het gesprek:

54

Opgenomen door:

THEMA 2

LEVEL 2


Acties

Opmerkingen

Terugbellen

Wil afspraak maken

Datum:

Tijd:

Onbekend:

Datum:

Tijd:

Zo snel mogelijk:

Datum: Tijd:

IN

Belt terug

Maak nu zelf een sjabloon voor een telefoonmemo in een tekstverwerker en verwerk de twee memo’s.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Action 5—

N

2

Hoe voer je een professioneel telefoongesprek?

Bekijk aandachtig het videofragment op diddit.

2

Maak van die tips een overzichtelijke poster met Canva voor de nieuwe onthaalmedewerker. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je hiervoor de ICT-fiches raadplegen.

3

Je drukt de poster af en lamineert het. In samenspraak met de hele klas worden de beste resultaten opgehangen.

4

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

VA

1

THEMA 2

LEVEL 2

55


Action 6— 1

Kun jij zelf goede telefoongesprekken voeren?

In deze Action werk je per twee. Hieronder vind je veertien verschillende situaties van uitgaande telefoongesprekken. Bij deze situaties moet je goede telefoongesprekken voeren. Je oefent elke situatie. De eerste acht situaties doe je met dezelfde klasgenoot, de volgende acht doe je met een andere klasgenoot. STAPPENPLAN Stap 1: Zoek ter voorbereiding van je gesprekken informatie op het internet, zoals de naam van een product, een adres van een bedrijf …

IN

Stap 2: Noteer de voorbereiding voor elk gesprek schriftelijk. Stap 3: Maak het uiteindelijke gesprek in een tekstverwerker.

Stap 4: Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Situatie 1

Neem contact op met Mediamarkt Oostakker. Zoek een specifiek product op de website.

Situatie 2

N

Vraag hen of dat product kan worden geleverd. Je vermeldt de gemeente waar je woont. Je vraagt hoeveel het kost en vertelt dat je belt om informatie te vragen.

VA

Je belt naar een bloemenwinkel in Genk en vraagt naar de prijs van achttien rode rozen voor een vriendin die jarig is. Je vraagt of ze de rozen ook leveren aan huis. Je vraagt ook de prijs. Je belt alleen om inlichtingen. Je gaat niets bestellen.

Situatie 3

©

Je belt naar de NMBS om te vragen op welk uur woensdagnamiddag rond 14 uur een trein vertrekt naar Antwerpen. Je vraagt de goedkoopste oplossing. Als ze zeggen dat je dat online kunt vinden, zeg je dat je internet niet werkt.

Situatie 4

Neem contact op met Vanden Borre. Zoek een specifiek product op de website. Vraag hen of dat product kan worden geleverd. Je vermeldt de gemeente waar je woont. Je vraagt hoeveel het kost. Je belt alleen om inlichtingen te vragen. Je gaat niets bestellen.

56

THEMA 2

LEVEL 2


Situatie 5 Je belt naar de bibliotheek in jouw gemeente om de openingsuren te vragen. Je vraagt ook of je lidgeld moet betalen. Je vraagt of je kunt betalen om op het internet te kunnen en hoeveel het kost om een dvd te lenen.

Situatie 6

Situatie 7

IN

Je belt naar het gemeentehuis van jouw gemeente. Je vraagt waar je moet zijn om je rijbewijs te komen halen. Je vraagt wat je daarvoor nodig hebt: pasfoto, hoeveel het kost …

VA

Situatie 8

N

Je belt naar de dienst info & toerisme van de gemeente van jouw school. Je vraagt wanneer de sinterklaas- of kerstmarkt doorgaat. Je vertelt dat je een leerling bent van [de naam van jouw school] en dat je met de klas iets wilt verkopen op de markt. Je vraagt wat de vereisten zijn, hoeveel het kost ...

Je belt naar een reseller van Apple. Je vraagt hoeveel korting je als leerling krijgt als je een MacBook Air koopt. Je vraagt ook of ze je in de winkel helpen met het opstarten en configureren van een MacBook.

Situatie 9

©

Je belt naar een doe-het-zelfzaak in je gemeente. Je zegt dat je een leerling bent van [de naam van jouw school]. Je vraagt of ze overschotten van hout hebben dat bij hen gezaagd wordt en dat je gratis kunt gebruiken omdat je op school een etalage moet bouwen. Dit is niet voor nu, maar voor na januari. Je zegt dat je hiervoor nog langskomt.

Situatie 10

Je belt naar Proximus in jouw gemeente. Je vraagt wanneer de nieuwe Iphone binnenkomt. Je vraagt de prijs. Vraag of je je simkaart kunt houden: je hebt nu een Iphone 13. Vraag ook naar de garantie.

THEMA 2

LEVEL 2

57


Situatie 11 Je belt naar een drankencentrale. Je vraagt of ze je een kleine koelkast met een glazen deur gratis kunnen bezorgen wanneer je bij hen frisdrank aankoopt.

Situatie 12

Situatie 13

N

IN

Je belt naar een broodjesbar in jouw gemeente. Je vraagt of ze interesse hebben om op vrijdag broodjes te leveren op school voor de leerkrachten. Je vertelt hen dat jij dit met je klas wilt regelen voor de leerkracht en dat jullie de bestelling verzamelen. Je vertelt aan de broodjesbar dat jullie dat willen organiseren omdat jullie geld willen inzamelen voor de schoolreis. Je vraagt of hiervoor per week 5 euro gesponsord kan worden als jullie dit regelen. Het aantal broodjes zal rond de 30 per week zijn.

VA

Je belt naar een computerzaak. Je zegt dat je op zoek bent naar een laptop, 15 inch, met een batterijduur van minstens 7 uur. Vraag welke computers ze je aanraden. De laptop moet ook zeer licht zijn. Vraag de nodige informatie: prijs en beschikbaarheid.

Situatie 14

©

Je belt naar een pizzazaak. Je zegt dat je eigenlijk een actie wilt organiseren om geld in te zamelen. Je vraagt of een pizzawagen naar school kan komen zodat er pizza’s kunnen gekocht worden. Je geeft aan dat je op voorhand een bestelling kunt opnemen bij de leerlingen. Je vraagt of ze in ruil daarvoor per pizza een bedrag zouden willen sponsoren voor een actie die jullie op school organiseren.

58

THEMA 2

LEVEL 2


2

Na het oefenen kies je samen de twee gesprekken die jullie voor de hele klas willen brengen. Die zullen geëvalueerd worden met de evaluatiefiches. Je vindt de fiches voor het uitgaande telefoongesprek en voor het opnemen van de telefoon ook op diddit. Wissel de rollen van klant en winkelbediende af. EVALUATIEFICHE UITGAAND TELEFOONGESPREK Score

vermeldt eigen naam

geeft uitleg over de reden om te bellen

klinkt enthousiast

Eigenlijke telefoongesprek —

stelt correcte vragen

neemt correcte notities

Te behalen 2

IN

Begroeting

2 2

1 2

N

Afronden —

bedankt de gesprekspartner voor het contact

2

is vriendelijk

1

Stemgebruik

heeft een goed spreektempo

2

gebruikt intonatie bij het spreken

2

articuleert zeer duidelijk

2

kan actief luisteren

2

VA

20

©

TOTAAL

THEMA 2

LEVEL 2

59


EVALUATIEFICHE INKOMEND TELEFOONGESPREK Begroeting

Score

Te behalen

vermeldt de naam van de organisatie

1

vermeldt de afdeling van de organisatie

1

vermeldt de eigen naam

1

stelt de vraag ‘wat kan ik voor u doen ...’ of een alternatief

1

klinkt enthousiast

Eigenlijke telefoongesprek

IN

1

spreekt de gesprekspartner aan met de aangegeven naam

1

noteert af en toe belangrijke gegevens

1

laat de gesprekspartner rustig uitspreken

geeft blijk van een professionele aanpak door te helpen

1

doseert de info correct (niet te gedetailleerd of te veel)

1

bevraagt kort en efficiënt onderwerp / reden

Afronden

N

1

1

herhaalt kort de gemaakte afspraken

1

verwijst naar de aangeboden hulp

1

bedankt de gesprekspartner voor het contact

1

kan kordaat afsluiten indien nodig bij een echte babbelaar

1

VA

Stemgebruik

heeft een goed spreektempo

1

gebruikt intonatie bij het spreken

1

articuleert zeer duidelijk

1

kan actief luisteren

2

©

TOTAAL

60

THEMA 2

LEVEL 2

20


Action 7—

Ben jij stressbestendig aan de telefoon?

Je werkt per twee. Je neemt contact op met verschillende bedrijven en vraagt naar informatie. Samen bereid je alle gesprekken grondig voor. Zorg ervoor dat je elk evenveel gesprekken voert. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je het stappenplan nog eens nalezen in Action 6. In plaats van op papier te werken, kun je elkaar filmen.

Vermeld duidelijk je naam. Geef uitleg over waarvoor je belt. Klink enthousiast. Spreek met een goed tempo. Articuleer duidelijk. Luister actief. Tip:

IN

Hou rekening met de volgende zaken:

Je kunt elkaar filmen en achteraf eens bekijken hoe goed je het hebt aangepakt.

Situatie 1

N

Dan ga je zelf echt aan de slag. Voor deze opdracht mag je gebruikmaken van je gsm indien je zelf gratis kunt bellen. Je kunt ook gebruikmaken van de schooltelefoon.

VA

Je belt naar Decathlon of A.S.Adventure om de prijs te vragen van een driekwartbroek van Adidas en vraagt naar de garantie van een hartslagmeter.

Situatie 2

Je belt naar de NMBS en vraagt of je je fiets mag meenemen op de trein, en of je hiervoor extra moet betalen.

©

Situatie 3

Je belt naar de lokale radiozender en vraagt hoeveel het kost om een reclamespotje van je school te laten horen gedurende de zomermaanden juli en augustus?

Situatie 4

Je belt naar een reisbureau en vraagt of de nieuwe catalogus voor de zomer (of winter) reeds uit is? Vraag of die kan worden opgestuurd naar jouw thuisadres?

THEMA 2

LEVEL 2

61


Situatie 5 Je kijkt op de website van Torfs naar een paar schoenen dat je leuk vindt. Bel naar de dichtstbijzijnde Torfs en vraag of ze jouw maat nog hebben.

Situatie 6

IN

Bel naar de dichtstbijzijnde ZEB en informeer naar de mogelijkheden voor een studentenjob.

BREAKING NEWS

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

N

1

CHECKLIST

VA

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

1

Ik kan inkomende en uitgaande telefoongesprekken voeren.

2

Ik kan inkomende telefoongesprekken doorverbinden.

3

Ik kan digitale telefoonnotities van inkomende telefoongesprekken nemen.

4

Ik kan de telefoonetiquette toepassen.

5

Ik kan stem-, luister- en vraagtechnieken toepassen bij inkomende telefoongesprekken.

6

Ik kan het internationaal telefoonalfabet toepassen.

© 62

JA

THEMA 2

LEVEL 2


Beeldwoordenboek Level 2 BEGRIP

VERKLARING Dat is het apparaat dat een boodschap afspeelt wanneer er niemand is om de telefoon op te nemen.

heldere taal

Dat is duidelijke taal spreken met de klant aan de telefoon.

internationaal telefoonalfabet of NAVO-alfabet

Dat is het meest gebruikte spellingsalfabet voor de telefoon.

meldingsboodschap

Dat is de automatische boodschap die de oproeper hoort wanneer er niemand kan opnemen, bijvoorbeeld buiten de kantooruren.

telefooncentrale

Dat is een centraal telefoontoestel dat personen kan doorverbinden.

©

VA

N

IN

antwoord­ apparaat

AFBEELDING

telefoonmemo

Dat is een detailbeschrijving van een inkomend telefoongesprek.

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 2

63


LEVEL 3 Hoe organiseer en richt je de onthaalruimte in op een professionele manier?

IN

INTRO Zoals de etalage het visitekaartje is van een winkel, zo is de onthaalruimte dat voor een bedrijf. Het begrip onthaalruimte wordt omschreven als receptie, ontvangstruimte of wachtplaats. Als je klant of bezoeker voor het eerst in de onthaalruimte komt, vormt die in acht seconden een eerste indruk van het bedrijf. Uiteraard wil een bedrijf een positief beeld uitstralen. Dat doe je met een professionele inrichting en sfeer. Door klanten vriendelijk te onthalen, draag je als onthaalmedewerker je steentje bij aan een goede eerste indruk.

N

1

B

VA

C

F

D

G

©

E

A

Welke onthaalruimte spreekt jou het meest aan? Waarom?

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

64

THEMA 2

LEVEL 3

Hoe richt je een onthaalruimte in op een professionele manier? Hoe houd je bij de inrichting van de onthaalruimte rekening met veiligheidsvoorschriften? Hoe houd je de voorraad aan promotie- en documentatiemateriaal op peil?


Explore 1— Hoe zorgt de onthaalmedewerker ervoor dat de

onthaalruimte de identiteit van het bedrijf weergeeft?

Professionele inrichting van het onthaal Laat je bezoekers meteen kennismaken met de bedrijfscultuur door de onthaalruimte in te richten volgens de huisstijl van het bedrijf met de logo, naam, kleur en stijl.

IN

Bij een professionele inrichting van het onthaal zijn de volgende zaken bepalend voor de uitstraling: de (huis)stijl de kleurkeuze de verlichting met een warme of koele tint het gebruik van de materialen voor het meubilair, zoals natuurlijke of kunststof materialen, en glanzend of mat de indeling van de ruimte: huiselijk of zakelijk

Bekijk via diddit de Flagship Store Antwerpen van Odette Lunettes en beschrijf kort de onderstaande elementen van de huisstijl. –

logo:

kleur:

VA

1

N

Het zal je niet te verbazen dat een onthaalruimte met een hoogglanzende witte vloer en designbalie een andere indruk geven dan een wachtruimte met een houten vloer, kleurige kussentjes in de zetels en landelijke afbeeldingen aan de muren.

stijl:

verlichting:

materialen:

ruimtelijke indeling:

©

2

Beluister op diddit het interview over de huisstijl van Odette Lunettes. a

Wat straalt de huisstijl van Odette Lunettes uit?

THEMA 2

LEVEL 3

65


b

Hoe wordt de huisstijl toegepast aan het onthaal?

c d

Maak een fotocollage waarmee je de huisstijl van Odette Lunettes illustreert. Gebruik minstens vijf afbeeldingen. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Explore 2— Hoe kiest de onthaalmedewerker een functionele

De onthaalbalie

IN

onthaalbalie?

Net zoals een toonbank in de winkel is de onthaalbalie het belangrijkste meubel van een onthaalruimte. Hier ontvangt de onthaalmedewerker klanten en bezoekers, helpt hen verder, geeft hen advies … De onthaalbalie is het eerste wat een bezoeker ziet bij het binnenkomen van de onthaalruimte. De onthaalbalie is het centrale element van de onthaalruimte.

VA

N

Er zijn veel soorten onthaalbalies: hoge of lage, modern of klassiek, compact of imposant ... Om de juiste balie te kunnen kiezen, moet je eerst weten dat: de grootte en de vorm afhankelijk zijn van de beschikbare ruimte en het aantal personen dat achter de balie zal werken; de hoogte van de balie zelf meestal varieert rond 115 cm en de hoogte van het werkblad rond 70 cm; de kleur, de stijl en het materiaal conform de huisstijl zullen worden toegepast; het ontwerp voldoende bergruimte moet voorzien voor laden, planken en kasten voor het opbergen van kantoormateriaal, badges, printer en een persoonlijke opberglade met slot. Daarnaast moet de balie ruimte voorzien voor een werkblad met telefoon, computer of laptop. Op het einde van de werkdag moet de onthaalmedewerker alles netjes kunnen afsluiten en opruimen.

©

Houd bij de plaatsing van de onthaalbalie en de inrichting van de onthaalruimte ook rekening met de veiligheid. De onthaalmedewerkers en de bezoekers moeten de onthaalruimte snel en veilig kunnen verlaten wanneer er een ontruiming plaatsvindt, bijvoorbeeld bij brand. Zorg in de onthaalruimte ook voor een aantal pictogrammen die in dergelijke omstandigheden kunnen bijdragen aan de veiligheid van de werknemers, bezoekers en klanten.

66

THEMA 2

LEVEL 3


1

Ga naar diddit en download het grondplan. Aan de hand van dat grondplan richt je de onthaalruimte voor OdetteLunettes.edu in. a

Op diddit vind je enkele nuttige sites van ondernemingen die onthaalbalies aanbieden. Kies een onthaalbalie die volgens jou geschikt is voor de onthaalruimte van OdetteLunettes.edu. Houd bij je keuze rekening met de beschikbare ruimte en licht je keuze toe.

c

In veel onthaalruimtes vind je de twee onderstaande pictogrammen terug. a

Noteer onder de afbeeldingen de betekenis.

Duid de mogelijke locatie van de borden aan met een kruisje op je grondplan. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

VA

b c

N

2

Teken op het grondplan de balie in bovenaanzicht. Op diddit vind je uitleg over tekenen op schaal. Sla de afbeelding samen met de kenmerken van de onthaalbalie op in een document. Sla ook het bewerkte grondplan op. Geef de bestanden een duidelijke naam en bewaar ze in je portfolio.

IN

b

Explore 3— Hoe belangrijk is ergonomie?

Ergonomie

©

Ergonomie is belangrijk voor iedere onderneming: het verhoogt de productiviteit, beperkt ziekteverzuim door bijvoorbeeld arm-, nek- en rugklachten en heeft een positieve impact op de omgang met collega’s en klanten. Ergonomie is wel meer dan een dure bureaustoel. Het is een totaalpakket waarbij verschillende factoren een belangrijke rol spelen.

THEMA 2

LEVEL 3

67


1

Bij het inrichten van de onthaalbalie houd je rekening met ergonomie. Op diddit vind je een ontdekplaat en werkblaadje waarmee je de verschillende factoren kunt ontdekken die bij ergonomie een rol spelen.

2

Vat de verschillende factoren samen in een presentatie. Je kunt zelf de tool kiezen. Vermeld hieronder de tool die je hebt gekozen.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

voelen?

Een vriendelijke begroeting van de onthaalmedewerker doet de klant zich op zijn gemak voelen. En als een klant even moet wachten, voelt hij zich comfortabeler als er een zithoek of zitmeubel is voorzien. a b c

©

VA

d

Via diddit vind je enkele nuttig sites van ondernemingen die onthaalinrichtingen aanbieden. Vul je grondplan van Explore 2 verder aan. Kies op een van de sites passend zitmeubilair en een bijzettafel bij de balie bij OdetteLunettes.edu. Teken het zitmeubilair en de bijzettafel(s) met bovenaanzicht op het grondplan en illustreer met afbeeldingen. Voorzie in de ruimte ook een plaats voor praktisch meubilair zoals een paraplubak en kapstok. Teken de paraplubak als cirkel met een x in en de kapstok als cirkel met een + in op het grondplan en illustreer met afbeeldingen.

N

1

IN

Explore 4— Hoe laat de onthaalmedewerker de bezoeker zich welkom

Good to know Zorg voor een discrete afstand tussen de balie en de zitmeubels om de bezoeker de nodige privacy te gunnen. De meeste mensen wachten niet graag. Het is dus belangrijk dat de klant zich comfortabel voelt en dat je voor wat afleiding zorgt door bijvoorbeeld tijdschriften en de wificode te voorzien.

68

THEMA 2

LEVEL 3


Voorzie de zitruimte in je grondplan van een thee- en koffiecorner en een waterdispenser. Dat maakt wachten een stuk aangenamer. Teken op je grondplan voor de koffiecorner een rechthoek en voor de waterdispenser een cirkel.

f

Zoek enkele afbeeldingen van een koffiecorner en een waterdispenser op. Illustreer je grondplan met een afbeelding van beide. Sla de afbeeldingen en je bewerkte grondplan op. Geef de bestanden een duidelijke naam en bewaar ze in je portfolio.

g

2

IN

e

Wat heb je nodig om een koffiecorner in te richten? Som hieronder de elementen op.

N

VA

Je voorziet een paar tijdschriften, vakliteratuur en/of bedrijfsbrochures die de klant kan lezen tijdens het wachten. Zorg ervoor dat alles ordelijk geschikt is op een salontafel of op een tijdschriftenhouder of een etagère.

©

3

ETAGÈRE

Een etagère is een staande of hangende open kast met verschillende planken boven elkaar voor het uitstallen van brochures, producten …

a

b

Zoek op het internet een houder, die past bij de stijl van de onthaalruimte, om tijdschriften of brochures in te plaatsen. Plaats de houders door middel van een vierkantje op je grondplan en illustreer met afbeeldingen. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 3

69


4

Een bedrijf kan een scherm in de onthaalruimte hangen om informatie mee te delen over de producten of dienstverlening, maar ook als een eyecatcher met sfeerbeelden en details van het bedrijf. a

b

N

IN

c

Maak een presentatie voor op een scherm bij OdetteLunettes.edu. Hierin heet je de bezoeker welkom, vertel je over wat het merk beoogt en voor welke doelgroep. Vertel ook over de andere vestigingen en de nieuwe brilontwerpen. Je kunt je laten inspireren door de website. Verzamel een aantal sfeerbeelden en afbeeldingen met details van producten die passen bij OdetteLunettes.edu. De beelden die je selecteert, kun je presenteren op het scherm of kies voor een ingelijste poster, een schilderij of een kunstsculptuur. Ze zullen jouw inrichting eruit laten springen. Voorzie je gevonden afbeeldingen van lijsten en maak een mooie compositie tegen de wand. Je kunt verschillende groottes en vormen gebruiken of je maakt een rechtlijnige ordening van dezelfde kaders. De kleurkeuze van de kaders moet uiteraard passen binnen de huisstijl.

Explore 5— Hoe brengt de onthaalmedewerker sfeer in de

VA

onthaalruimte?

Planten

©

Planten zijn de sfeerbrengers bij uitstek. Ze geven rust met hun groene kleur en zorgen voor een gezonde, luchtzuiverende werkomgeving. Naargelang de beschikbare ruimte kan het bedrijf kleine en grote planten gebruiken. Een enkel vetplantje op een bijzettafel zal de sfeer en gezelligheid niet verhogen. Groepeer daarom de planten. Drie dezelfde plantjes op een rij in dezelfde sierpotten geeft een mooier beeld dan dat je ze verspreidt over de volledige ruimte. Stem de kleur en de vorm van de sierpotten op elkaar af. Let op dat de grote planten de looprichting en het zicht niet hinderen.

70

THEMA 2

LEVEL 3


a b c d

Zoek op het internet een afbeelding van deze kamerplanten. Zet ze samen in een document. Noteer in steekwoorden de verzorging per plant. Zoek nog twee grotere en twee kleinere plantsoorten op. Noteer in steekwoorden de verzorging per plant.

e

Verwerk alles in een presentatie. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

2

Bij het onthaal kies je voor sterke kamerplanten met weinig onderhoud zoals een krulvaren, aloë vera, calathea of, als de plant iets groter mag zijn, een drakenbloedboom of goudpalm.

Green walls zijn momenteel een echte trend en heel erg mooi. Dat is een muur die bedekt is met verschillende soorten planten die, vaak in speciale houders, tegen de muur in leven blijven. De muur met planten noemt men ook wel een groene wand of verticale tuin. Ze hebben niet alleen een esthetische functie maar zijn ook een akoestisch (geluiddempend) hulpmiddel. a

Duid op je grondplan door middel van kleine en grotere cirkels aan waar je planten zou plaatsen. Indien je een green wall integreert, duid je deze aan met een zigzaglijn. Tip:

Houd bij het plaatsen van de plant(en) rekening met hun verzorging.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

VA

b

N

1

THEMA 2

LEVEL 3

71


Explore 6— Hoe houdt de onthaalmedewerker de voorraad aan promotie- en documentatiemateriaal op peil?

Voorraadbeheer De onthaalmedewerker zorgt er mee voor dat er voldoende voorraad is van al het kantoormateriaal: papier, schrijfgerei, promotie- en documentatiemateriaal ...

b c d

Bekijk het voorbeeld van de voorraad van de brochures. Voer de volgende acties uit: Laat op het moment dat de onthaalmedewerker het aantal brochures in voorraad ingeeft een groen pictogram verschijnen wanneer het aantal groter is dan 800. Wanneer het aantal kleiner is dan 800 maar groter dan 400, dan moet er een oranje pictogram verschijnen. Wanneer het aantal kleiner dan 400 is, laat je een rood pictogram verschijnen.

©

VA

e

Via diddit vind je een rekenblad waarmee de onthaalmedewerker de voorraad kan opvolgen. Download het bestand. Je gaat nu het rekenblad automatiseren. Gebruik indien nodig de ICT-fiches van rekenblad. Zorg ervoor dat de datum en de getallen volgens de NBN-normen worden weergegeven. Zet in de kolom ‘Aantal brochures in voorraad’ alleen hele getallen. Het minimumaantal is 1 en het maximumaantal is 10 000. Zorg voor de volgende foutmelding wanneer het minimum en maximum niet worden gerespecteerd.

N

a

IN

In de onthaalruimte van OdetteLunettes.edu vinden de bezoekers, als ze even moeten wachten, een brochure met informatie over de onderneming. De onthaalmedewerker houdt wekelijks de voorraad brochures bij zodat die tijdig tekorten kan signaleren.

72

THEMA 2

LEVEL 3


TO THE POINT

IN

De inrichting van het onthaal De onthaalruimte laat bezoekers meteen kennismaken met de bedrijfscultuur en de huisstijl van de onderneming. Met een professionele inrichting van het onthaal pas je de bepalende elementen voor de uitstraling van de onderneming bij het inrichten juist toe: de huisstijl de kleurkeuze de verlichting het gebruikte materiaal van het meubilair de indeling van de ruimte

VA

N

De onthaalbalie is het belangrijkste meubel voor een onthaalruimte, omdat de bezoeker dat meteen ziet bij binnenkomst. Bij de keuze van de balie moet je rekening houden met: de beschikbare ruimte en het aantal personen dat achter de balie zal werken; de veiligheid van de onthaalmedewerkers, bezoekers en klanten: de balie mag geen obstakel zijn bij ontruiming; de uitstraling van de onderneming; de nodige bergruimte.

©

De onthaalbalie is de werkplek van de onthaalmedewerker. Bij het inrichten van de werkplek is ergonomie belangrijk voor iedere onderneming: het verhoogt productiviteit, beperkt ziekteverzuim, heeft een positieve impact op de omgang met collega’s en klanten ... De ergonomische eisen van de werkplek zijn: een ergonomische bureaustoel om nek- en rugklachten te vermijden; een perfect op maat afgesteld werkblad; een ideale hoek van 90° tussen de onderarm en de bovenarm; een voetensteun; een goed verlichte omgeving, zodat de ogen minder vermoeid raken. De wachtruimte Voor een klant die even moet wachten, voorzie je best een zithoek of zitmeubel op een discrete afstand van de balie. Je maakt het wachten veel aangenamer als je in de onthaalruimte het volgende kunt voorzien: een koffiecorner met koffie, thee, iets fris of water, bijvoorbeeld uit een waterdispenser tijdschriften, vakliteratuur, bedrijfsbrochures in een etagère ... een scherm met informatie over het bedrijf en haar producten of dienstverlening ingelijste poster(s) van het productaanbod, beeldhouwwerk of een andere eyecatcher planten voor een aangename sfeer en een gezonde, luchtzuiverende werkomgeving, zoals een green wall die geluiddempend werkt en ook functioneert als eyecatcher

THEMA 2

LEVEL 3

73


Action 1—

Hoe richt je een professionele onthaalruimte in?

Je beoordeelt drie onthaalruimtes in een tekstverwerker. a b

Zoek drie afbeeldingen van verschillende onthaalruimtes. Zet die in een tekstverwerker. Noteer per afbeelding op welke onderdelen de ruimte professioneel is ingericht. Gebruik de kennis uit dit level. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Action 2—

Wat bepaalt een ergonomische werkplek?

IN

c

Noteer bij elk cijfer uit de afbeelding een tip voor een ergonomische werkplek. Noteer bij 10 nog een algemene tip. Gebruik indien nodig het internet.

6 7

4

N

8

5

9

2

1

VA

3

CIJFER

2

3

4

5

6

7

8

9

10

Algemene tip:

©

1

74

THEMA 2

LEVEL 3

TIP


Action 3—

Wat is een gezonde houding achter je computer?

VA

N

IN

We zouden thuis en op kantoor meer aandacht kunnen schenken aan ergonomie, zoals de hoogte van het bureaublad en de bureaustoel, en de plaatsing van het beeldscherm. Dat zou veel lichamelijke klachten kunnen voorkomen.

a

b

Op diddit vind je een ontdekplaat waarmee je tips kunt achterhalen om met een gezondere houding achter je computer te zitten. Gebruik het bijbehorende werkblaadje. Vat de verschillende tips samen in een presentatie. Je kunt de tool zelf kiezen. Vermeld hieronder de tool die je hebt gekozen.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

c

THEMA 2

LEVEL 3

75


Action 4—

Werkplekleren: Hoe ziet de onthaalruimte in jouw school eruit?

Je brengt een bezoek aan de onthaalruimte van jouw school en observeert die. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van je school

Adres

Website

IN

Steekfiche van je school

N

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Observatie van de onthaalruimte

Bekijk het onthaal van je school. Maak een grondplan van de indeling van de onthaalruimte. Illustreer het grondplan met foto’s van de inrichting. Beoordeel de inrichting van de onthaalruimte. Noteer in een tekstverwerker: – de pluspunten – tips om de ruimte nog functioneler te maken

VA

DEEL 3: NA HET BEZOEK

©

Verwerk al je informatie met een tool naar keuze. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

76

THEMA 2

LEVEL 3


Action 5—

Werkplekleren: Hoe is de onthaalruimte in een bedrijf naar keuze ingericht?

Je bezoekt een bedrijf naar keuze of het bedrijf waar je stage loopt. Observeer de inrichting van de onthaalruimte. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van het bedrijf

Adres

Website

IN

Steekfiche van het bedrijf

N

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

Observatie van de onthaalruimte

Maak een schets van het grondplan van de onthaalruimte. Noteer welke elementen van de huisstijl je terugvindt bij de inrichting. Maak foto’s van de elementen waarin je de huisstijl terugvindt of noteer de elementen, zodat je er in DEEL 3 passende afbeeldingen bij kunt zoeken. In welke mate is er rekening gehouden met ergonomie bij de inrichting van de onthaalruimte? Geef eventueel tips om dat aspect te verbeteren. Omschrijf op welke manier men de eventuele wachttijd aangenamer wil maken. Maak foto’s van die elementen of noteer de elementen zo, zodat je er in Deel 3 passende afbeeldingen bij kunt zoeken.

VA

DEEL 3: NA HET BEZOEK

©

Verwerk al je informatie met een tool naar keuze. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 3

77


Action 6— 1

Kun jij je eigen onthaalruimte ontwerpen?

Maak een moodboard over de ideale onthaalruimte voor een bedrijf naar keuze. Houd rekening met de huisstijl van het bedrijf. Stel je onthaalruimte voor aan de klas. Je kunt ook eventueel je moodboard met Canva maken.

VA

N

IN

Tip:

2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

BREAKING NEWS

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

©

1

78

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 3


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan het belang van de inrichting van de onthaalruimte omschrijven.

2

Ik kan aangeven met welke factoren er rekening moet worden gehouden bij de keuze van de onthaalbalie.

3

Ik kan het belang van ergonomie toelichten.

4

Ik kan een aantal tips geven voor een ergonomische inrichting van de werkruimte voor een onthaalmedewerker.

5

Ik kan voorbeelden geven van hoe je het wachten in de onthaalruimte aangenamer kunt maken voor bezoekers.

6

Ik kan omschrijven met welke factoren je rekening moet houden bij de keuze van planten en een eyecatcher.

7

Ik kan de voorraad aan promotie- en documentatiemateriaal opvolgen met een rekenblad.

©

VA

N

IN

1

THEMA 2

LEVEL 3

79


Beeldwoordenboek Level 3 BEGRIP

VERKLARING Dat is een staande of hangende open kast met verschillende planken (etages) boven elkaar voor het uitstallen van brochures, producten ...

ergonomie

Dat is het aanpassen van werkplekken zodat werknemers in comfortabelere omstandigheden kunnen werken en medische klachten worden vermeden.

eyecatcher

Dat is een object dat veel aandacht trekt.

VA

N

IN

etagère

green wall

Dat is een muur die bedekt is met verschillende soorten planten die, vaak in speciale houders, tegen de muur in leven blijven. Het vlak heeft een esthetische en geluiddempende functie.

koffiecorner

In deze hoek of op deze tafel staat een koffieen theevoorziening inclusief theezakjes, melkcapsules, suikerzakjes, bekers of kopjes, lepeltjes, verpakte koekjes, servetten, theedoek en een vuilbakje.

© 80

THEMA 2

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 3


BEGRIP

VERKLARING Dat is het belangrijkste meubel in de onthaalruimte. De hoogte aan de voorzijde is meestal 115 cm, het werkblad is meestal 70 cm hoog en er is ruimte voor kantoormateriaal, apparatuur en een computer of laptop. De vorm en grootte worden mede bepaald door het aantal medewerkers en de huisstijl.

professionele inrichting van het onthaal

Bij een professionele inrichting houd je rekening met de huisstijl, kleurkeuze, verlichting, de materialen en de inrichting van de ruimte. Logo, naam en je huisstijl voeg je er ook aan toe.

waterdispenser

Dat is een apparaat dat gekoeld drinkwater kan verstrekken. Sommige modellen geven ook water op kamertemperatuur, heet water of spuitwater.

©

VA

N

IN

onthaalbalie

AFBEELDING

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 3

81


LEVEL 4 Hoe kun je op een efficiënte en duurzame manier omgaan met kantoormateriaal?

Aan het onthaal krijg je regelmatig te maken met papierwerk, post, leveringen en verpakkingen. Bekijk aandachtig de afbeeldingen en beantwoord de vragen.

Wat zou het bedrijf Kyocera ECOSYS willen bedoelen met deze reclame?

VA

a

N

1

IN

INTRO

b

Waarvoor zouden de hoge bomen symbool staan, denk je?

c

©

Vind je het zelf belangrijk dat een bedrijf rekening houdt met het milieu?

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

82

THEMA 2

LEVEL 4

Hoe kun je op een efficiënte en duurzame manier werken met kantoormateriaal?


Explore 1— Hoe werkt de onthaalmedewerker op een efficiënte en duurzame manier met kantoormateriaal?

Kantoorapparatuur

1

IN

Aan het onthaal werk je met verschillende kantoorapparatuur. Hieronder vind je afbeeldingen van de meest courante kantoorapparatuur. De onthaalmedewerker of collega’s hebben deze materialen vaak nodig om het werk goed en efficiënt uit te voeren. Men noemt ze randapparatuur. Je kunt een onderscheid maken tussen invoerapparaten en uitvoerapparaten. Benoem elke afbeelding correct.

B

C

D

VA

N

A

F

G

H

I

J

K

L

N

O

©

E

M

THEMA 2

LEVEL 4

83


H

B

I

C

J

D

K

E

L

F

M

G

N

IN

A

O

2

Als onthaalmedewerker moet je goed weten waarvoor alle kantoormaterialen dienen. De meeste kantoorapparatuur zul je al kennen door eigen gebruik. Ken jij het verschil tussen een router, een modem, een dockingstation en een externe harde schijf? Verbind hieronder de juiste omschrijving aan het juiste begrip. OMSCHRIJVING

BEGRIP

  een router

Dit toestel verdeelt het internetsignaal over meerdere apparaten. Ook zorgt het toestel voor de communicatie tussen al die apparaten. Zo ontstaat er een netwerk. Dit netwerk kan opgebouwd worden met hulp van kabels of kan draadloos zijn.

  een modem

  een dockingstation

VA

N

Zonder dit toestel kun je niet internetten. Het zorgt namelijk voor een werkende internetverbinding. Eigenlijk zou je het kunnen zien als een soort vertaler: hij zorgt ervoor dat het internetsignaal van je provider wordt vertaald, zodat je computer het kan gebruiken.

©

Dit is een apparaat waarmee een elektronische verbinding kan worden gemaakt tussen apparaten. Het is een centraal punt om al je randapparaten mee te verbinden. Dit is een harde schijf die niet in de computer zit. De schijf wordt via een kabel of draadloos verbonden. Meestal gebeurt dat met een USB-kabel. Je gebruikt deze harde schijf om meer opslagruimte toe te voegen aan je computer.

84

THEMA 2

LEVEL 4

  een externe harde schijf


Internetproviders Tegenwoordig leveren veel internetproviders, of het bedrijf dat je internet aanbiedt, een modemrouter. Dat zijn modems met een ingebouwde router. Dat is handig, omdat je maar een apparaat hoeft te installeren. Nog een voordeel is dat je minder aansluitingspunten hebt en het bespaart weer wat kantoorruimte. 3

Som enkele gekende internetproviders op:

4

IN

Bekijk via diddit het videofragment. Vul de begrippen in bij het juiste type apparaat: invoerapparaat, uitvoerapparaat of apparaat voor opslag en dataoverdracht. Kies uit: beamer – dockingstation – externe harde schijf – headset – kopieermachine – laptop – luidsprekers – muis – monitor – router – system unit – tablet – telefooncentrale – toetsenbord – webcam

INVOERAPPARATEN

OPSLAG EN DATAOVERDRACHT

UITVOERAPPARATEN

©

VA

N

THEMA 2

LEVEL 4

85


5

Aan het onthaal vind je ook nog enkele kantoormaterialen die zeer functioneel zijn, maar niet aan elk onthaal voorkomen. Die materialen zijn dan meestal wel aanwezig op een andere afdeling binnen het bedrijf. Bekijk de afbeelding en lees aandachtig de omschrijving. Noteer vervolgens het juiste begrip. AFBEELING

OMSCHRIJVING

IN

Met deze machine voorzie je je documenten van een beschermend plastic laagje. Dat laagje beschermt het document tegen vuil, vocht, licht en slijtage. Dat is ideaal voor belangrijke documenten die je lang wilt bewaren.

BEGRIP

Dit soort pen gebruik je vaak bij presentaties. Je kunt hiermee met een lichtstraal belangrijke zaken aanduiden op een bord. Let wel op: de straling is zeer schadelijk voor de ogen.

Dit apparaat versnippert papier door het in de lengterichting in repen te snijden, waardoor je de woorden niet meer kunt lezen. Sommige apparaten snijden ook in de breedte. De handeling is onomkeerbaar!

Met deze machine kun je eenvoudig, snel en zeer efficiënt geld tellen. De machine kan meestal ook valse biljetten detecteren. Door de grootte van het bankbiljet kan de machine weten om welk biljet het gaat.

Dit apparaat houdt de exacte rij- en werktijden van het personeel bij. Door dit geautomatiseerd en digitaal te doen, kun je heel wat uren administratief werk besparen en kun je bovendien menselijke fouten voorkomen. Het versnelt het administratieve proces voor het berekenen van de uit te betalen lonen.

Met dit apparaat kun je eenvoudig wiskundige berekeningen maken. Je kunt de berekening op een bon printen.

©

VA

N

Dit is een extern opslagmedium voor computerbestanden. Met deze stick kun je via de ingang of poort van een computer documenten kopiëren en raadplegen op andere computers.

86

THEMA 2

LEVEL 4


Explore 2— Hoe kan een bedrijf milieuvriendelijk printen?

Duurzaamheid

VA

N

IN

In een kantooromgeving is het belangrijk dat je ook denkt aan duurzaamheid bij de aanschaf van materialen. Dat betekent dat je bij de aankoop rekening moet houden met de levensduur van een product en de samenstelling van het product in functie van het milieu. Bij de keuze van je printer is het belangrijk dat je goed nadenkt over hoeveel kopieën je gemiddeld per dag moet maken. Een laserprinter is uiterst geschikt voor een groot afdrukvolume, omdat die printer lang meegaat en snel kan printen. De kosten van die toestellen liggen wel aanzienlijk hoger. De inkjetprinter is geschikt wanneer je slechts af en toe een print maakt; je gebruikt dan minder energie om te verwarmen.

Hieronder vind je een aantal voordelen van elke printer. Gelden de voordelen voor de laserprinter of voor de inktjetprinter? Raadpleeg eventueel het internet. Kruis aan. VOORDEEL

LASERPRINTER

INKJETPRINTER

Het afdrukken vereist geen droogtijd.

De afdrukkwaliteit van een foto is vaak van hoge kwaliteit. Dit toestel heeft geen opwarmtijd.

©

1

Je kunt met dit toestel nauwkeuriger afdrukken omdat de resolutie beter is. De afdruksnelheid is zeer hoog. De prijs van dit toestel is vaak lager. De prijs per pagina is lager. Het is uiterst geschikt voor het printen van veel pagina’s. Van dit toestel heb je vaak compacte vormen en ze nemen minder plaats in beslag.

THEMA 2

LEVEL 4

87


2

Ga naar diddit en zoek via de hyperlink van ‘Vikingdirect’ en ‘123inkt’, specialisten in kantoormaterialen, de gevraagde items op.

PRODUCT

PRIJS EXCLUSIEF BTW VIKINGDIRECT

PRIJS EXCLUSIEF BTW 123INKT

PRINTSNELHEID / CAPACITEIT

Canon Multifunctionele printer i-SENSYS MF752Cdw Laser Kleuren A

IN

N

HP DeskJet 2320 all-in-one A4 inkjetprinter (3 in 1)

zwarte inktcassette HP DeskJet 2320 all-in-one A4 inkjetprinter (3 in 1)

VA

zwarte toner voor de Canon Multifunctionele printer i-SENSYS MF752Cdw Laser Kleuren A

a

Wat kun je besluiten als je de prijzen vergelijkt tussen beide bedrijven?

©

b

Wat kun je besluiten in verband met het aantal pagina’s per minuut?

c

Wat kun je besluiten in verband met de capaciteit van de toners van beide toestellen?

88

THEMA 2

LEVEL 4


d

Wat kun je algemeen besluiten over de duurzaamheid voor de aanschaf van een printer voor een kantooromgeving?

Papierlade aanvullen

3

IN

Het papier van een printer moet vaak worden aangevuld. Een printer geeft aan wanneer dat moet gebeuren. Meestal volstaat het om de papierlade te openen en de voorraad papier aan te vullen. Er zijn ook toestellen waarbij je via een schermaanduiding de papiervoorraad kunt opvolgen, zodat je de papierlade(s) op tijd kunt bijvullen. Hieronder vind je een stappenplan om de papierlade aan te vullen van een eenvoudig kopieerapparaat. Je kunt ook het videofragment op diddit bekijken. STAPPENPLAN

Stap 3: Druk de papiergeleiders (1) voorzichtig in en stel ze af op het papierformaat. Het driehoekje (2) op de papiergeleider (1) moet samenvallen met de markering voor het papierformaat dat je gebruikt.

VA

N

Stap 1: Haal de papierlade volledig uit het apparaat.

©

Stap 2: Open het deksel van de uitvoerlade (1).

THEMA 2

LEVEL 4

89


Stap 8: Sluit het deksel van de uitvoerlade.

VA

N

Stap 5: Plaats het papier voorzichtig in de papierlade met de afdrukzijde omlaag. Het papier moet goed plat in de lade liggen.

Stap 7: Het papier moet plat in de lade liggen en onder de markering blijven die het maximum aangeeft (1). Wanneer je te veel papier in de papierlade plaatst, kan dat papierstoringen veroorzaken.

IN

Stap 4: Waaier de stapel papier los om papierstoringen te voorkomen.

©

Stap 6: Duw de papiergeleiders (1) voorzichtig tegen het papier aan. De papiergeleiders moeten tegen de zijkant van het papier komen.

90

THEMA 2

LEVEL 4

Stap 9: Houd de papierlade op zijn plaats en trek de papiersteun (1) naar buiten tot je een klik hoort. Vouw het klepje (2) van de papiersteun vervolgens uit.


Gerecycleerd papier De onthaalmedewerker moet goed de voorraad van het papier bijhouden. Veel kantoren kunnen onmogelijk zonder papier. Bij de keuze van het papier houd je het best rekening met de kwaliteit, de prijs en de duurzaamheid. De meest goedkope oplossing is gerecycleerd papier. Het afdrukken op gerecycleerd papier is duurzamer dan het gebruiken van nieuw papier. Voor het maken van zowel gerecycleerd als nieuw papier is water en energie nodig, maar het productieproces van gerecycleerd papier is minder milieubelastend dan dat van nieuw papier. Ga via de hyperlink op diddit naar de kantoorspecialisten ‘Vikingdirect’ en ‘123INKT’. Zoek naar de kostprijs van de onderstaande items. PRODUCT

b

IN

a

VIKING

123INKT

huismerk 1 pak wit A4-kopieerpapier 80 g – 500 vellen

huismerk 1 pak wit A4-papier gerecycleerd 80 g – 500 vellen

Wat kun je besluiten in verband met de kostprijs tussen gerecycleerd papier en gewoon papier?

N

EU Ecolabel

VA

Toch kiezen bedrijven vaak voor gerecycleerd papier en zijn ze bereid om extra te betalen. Bedrijven willen graag een EU Ecolabel behalen dat garandeert dat zij zich inzetten voor het milieu en de duurzaamheid. Het gebruik van gerecycleerd papier kan al bijdragen tot het behalen van zo’n label. Je kunt ook altijd kiezen om recto verso af te printen, hierdoor gebruik je de helft minder papier.

Good to know

©

Gerecycleerd papier wordt gemaakt van papierafval. Er zijn dus minder nieuwe houtvezels nodig, zodat men hout kan besparen. Van een ton papierafval kun je 900 kg gerecycleerd papier produceren. Voor nieuw papier heb je 2 à 3 ton hout nodig! Ten opzichte van de productie van nieuw wit papier: – verbruikt de productie van gerecycleerd papier 2,5 keer minder water; – verbruikt de productie van gerecycleerd papier 2,5 keer minder energie; – stoot de productie van gerecycleerd papier 20 % minder broeikasgassen uit; – veroorzaakt de productie van gerecycleerd papier 6 tot 7 keer minder vervuiling.

THEMA 2

LEVEL 4

91


4

In tegenstelling tot de papierlade heeft de toner of de inktcassette minder vaak aandacht nodig. Het is belangrijk om bij het vervangen van de toner de juiste stappen te volgen. Bekijk het stappenplan voor het vervangen van de toner van een laserprinter. Noteer bij elke afbeelding de juiste handeling. STAPPENPLAN Stap 1:

IN

Stap 2:

Stap 3:

VA

N

Plug-and-play

©

Een bedrijf zonder computergestuurde apparatuur is niet meer denkbaar. In een kleine onderneming kun je niet altijd op gespecialiseerde collega’s terugvallen. Eenvoudige klussen, zoals randapparaten aan de computer koppelen, moet je zelf kunnen doen. Daarvoor moet je in ieder geval de meest gebruikte aansluitmogelijkheden, de poorten en connectoren, van kantoorapparatuur kennen. Bij veel apparaten volstaat het om de kabel van het randapparaat in de juiste aansluiting te steken. Dat principe noemen we plug-and-play. En als het toch te ingewikkeld is, moet je weten wanneer en hoe je anderen kunt inschakelen.

92

THEMA 2

LEVEL 4


5

Bekijk aandachtig de onderstaande afbeeldingen. Noteer de correcte naam van elke poort bij de afbeeldingen. Kies uit: 3,5mm-poort – DVI-poort – HDMI-poort – internetpoort – VGA-poort – USB-poort

AFBEELDING POORT

AFBEELDING AANSLUITING

POORT

Dat is een aansluiting voor bijvoorbeeld een smartphone, een harde schijf of een USB-stick.

IN

GEBRUIK

N

©

VA

Dat was jarenlang dé standaard voor het (analoog) aansluiten van een monitor of scherm, waarbij geen HD-kwaliteit mogelijk is.

Dat is de aansluiting met een volledig digitaal signaal zonder enig gegevensverlies en het wordt gebruikt als aansluiting voor een beamer. Dat is een aansluiting voor gameconsoles of een tweede beeldscherm met zowel video- als audiosignalen.

Dat is een aansluiting voor luidsprekers, een microfoon of hoofdtelefoon.

Dat is een aansluiting voor de router of internetverbinding.

THEMA 2

LEVEL 4

93


Stuurprogramma of driver Naast apparaten die klaar zijn voor plug-and-play, is er ook een andere groep van randapparaten. Voor die apparaten moet je eerst de software installeren die bij het randapparaat geleverd is. Die software wordt ook wel stuurprogramma of driver genoemd.

Good to know

IN

Vanaf 28 december 2024 moet elke nieuwe smartphone, tablet en digitale camera van een USB-C-poort voorzien zijn. Ook hoofdtelefoons, headsets, e-readers, toetsenborden, muizen, hoofdtelefoons en draagbare consoles, luidsprekers en navigatiesystemen moeten de USB-C-poort hebben. Voor laptops geldt de verplichting vanaf 28 april 2026. Met een pictogram in de vorm van een USB-C-lader moet de consument voor aankoop kunnen zien of een oplader meegeleverd wordt. Het pictogram met de streep erdoor betekent logischerwijs dat zo’n lader niet inbegrepen is.

VA

N

Bron: EU, 2022-12-09

TO THE POINT

Een onthaalmedewerker komt in aanraking met veel kantoorapparatuur waaronder een computer. Een computer installeren en de nodige randapparaten aansluiten: het klinkt soms eenvoudiger dan het is. Zeker wanneer je al die verschillende kabels, stekkers en aansluitingen bekijkt.

©

Enkele voorbeelden van randapparatuur: inktjetprinter of bij grote afdrukvolumes een laserprinter modem verdeelt het internetsignaal over meerdere toestellen router zorgt voor een werkende internetverbinding webcam zorgt voor beeld dockingstation maakt elektronische verbinding tussen apparaten externe harde schijf is los verbonden aan de computer en zorgt voor meer opslagruimte USB-stick om bestanden (tijdelijk) op te slaan en/of mee te nemen

94

THEMA 2

LEVEL 4


Voor het aansluiten van de randapparaten kunnen we twee groepen onderscheiden: randapparaten die vanzelf worden herkend door je computer: plug-and-play randapparaten die pas werken nadat je de bijgeleverde software driver of stuurprogramma hebt geïnstalleerd

IN

De plug-and-play is het meest gebruiksvriendelijk. Je moet het randapparaat gewoon aansluiten (inpluggen) op je computer. Het apparaat installeert zichzelf. Even wachten en het is klaar voor gebruik. De tweede groep, met een driver of stuurprogramma, vraagt wat meer tijd bij het aansluiten. Je moet eerst de software installeren. Van de apparaten kun je ook invoerapparaten en uitvoerapparaten onderscheiden. Invoerapparaten zenden informatie naar een computersysteem voor verwerking. Uitvoerapparaten geven de resultaten van die verwerking weer. Veel apparaten maken verbinding met het internet. Elk bedrijf kan zelf kiezen welke internetprovider of internetaanbieder er wordt gekozen.

Action 1—

N

Bedrijven zetten tegenwoordig ook sterk in op duurzaamheid. Dit doen ze bijvoorbeeld door de keuze te maken voor gerecycleerd papier. Door recto verso te printen spaar je ook veel papier uit. Bedrijven kunnen voor hun vele inspanningen rond duurzaamheid het EU Ecolabel behalen.

Kun jij een stappenplan maken voor het aanvullen van het papier in de printer?

VA

Werk in groepjes van maximaal twee leerlingen. Je maakt een stappenplan voor het aanvullen van het papier in de printer. a b c d e

Ga naar het lokaal in je school waar er kopieën worden gemaakt. Vul het papier aan en neem van elke handeling een foto. Formuleer bij elke stap in een zin de handeling die erbij hoort. Verwerk het geheel in een powerpointpresentatie. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

Je presentatie moet er als volgt uitzien: Eerste dia: Vermeld het stappenplan voor het aanvullen van de printer alsook het merk van de printer en voeg een foto toe. De namen van de groepsleden moeten ook vermeld staan. Volgende dia’s: Per handeling een dia. De uitleg staat bovenaan, de foto onderaan. Laat op de foto zo duidelijk mogelijk je handeling zien. Laatste dia: Zoek de kostprijs op voor een zwarte inktcassette voor dit model en een doos gerecycleerd A4-papier. Vermeld het op de dia.

THEMA 2

LEVEL 4

95


Action 2—

Kun jij goed werken met de kopieermachine?

Werk in groepjes van twee of drie leerlingen. Je gaat een bestand printen. Eventueel geeft je leerkracht vooraf instructies. a

Voordat je print zul je van je powerpresentatie uit Action 1 een pdf moeten maken. Sla vervolgens de pdf op op een USB-stick. Indien je extra ondersteuning wilt voor het maken van een pdf, volg het stappenplan. STAPPENPLAN

IN

Stap 1: Selecteer ‘Bestand’ en kies ‘Exporteren’.

Stap 2: Klik op ‘PDF- of XPS-document maken’ en klik daarna op ‘PDF of XPS maken’.

Stap 3: Kies in het dialoogvenster ‘Publiceren als PDF of XPS’ een locatie waar je het bestand wilt opslaan.

Good to know

Ga naar het kopieerlokaal en voer de volgende opdrachten uit. Controleer of er genoeg papier in de printer zit. Druk de pdf van de powerpointpresentatie uit Action 1 in twee versies af:

VA

b c d

N

PDF-bestanden zijn vooral bedoeld voor weergave, niet voor bewerken. Een van de redenen waarom ze zo populair zijn, is dat pdf’s de opmaak van documenten kunnen behouden, waardoor ze beter deelbaar zijn. Het voordeel is ook dat ze er op elk apparaat hetzelfde uitzien.

VERSIE 1:

©

Respecteer de volgende voorwaarden: 9 Print recto verso A4. 9 Voorzie sponsgaten. 9 Print liggend. 9 Voorzie een nietje in de linkerbovenhoek. 9 Indien mogelijk print je in kleur.

96

THEMA 2

LEVEL 4


EVALUATIEFICHE EVALUATIE PRINTEN VERSIE 1 Score recto verso A4

/1

sponsgaten

/1

liggend printen

/1

nietje in de linker bovenhoek

/1

printen in kleur

TOTAAL

IN

/1

/5

VERSIE 2:

N

Respecteer de volgende voorwaarden: 9 Print enkelzijdig A3. 9 Voorzie eenzijdig twee pagina’s. 9 Print staand. 9 Voorzie een nietje in de rechterbovenhoek. 9 Print monochroom (zwart – wit).

VA

EVALUATIEFICHE

EVALUATIE PRINTEN VERSIE 2

Score

enkelzijdig A3

/1

eenzijdig 2 pagina’s

/1

staand printen

/1

nietje in de rechter bovenhoek

/1

printen monochroom

/1

©

TOTAAL

/5

THEMA 2

LEVEL 4

97


Action 3—

Hoeveel keer kan papier gerecycleerd worden?

Deze opdracht bestaat uit twee delen. DEEL 1 maak je individueel, DEEL 2 klassikaal. DEEL 1 a b

IN

c

Lees aandachtig het artikel. Maak een digitale mindmap van de tekst. Gebruik hiervoor het programma Mindmup. De hyperlink naar Mindmup vind je op diddit. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

VA

N

“Papier is wel degelijk duurzaam: het kan tot zeven keer gerecycleerd worden”

Papier is een duurzaam product”, zegt product manager papier en duurzaamheidscoördinator Karin Humbeeck van grafisch bedrijf Igepa. “Het kan tot zeven keer gerecycleerd worden. Daarnaast doet de sector heel wat inspanningen om haar ecologische voetafdruk te verkleinen.”

©

Als bedrijf maken jullie al jaren ecologische keuzes. Op welke vlakken? “We werken met producenten die liefst zo dicht mogelijk bij ons gevestigd zijn en die een breed gamma aan milieuvriendelijke producten verkopen. Meer dan 90 % van ons papier assortiment is FSC of PEFC gecertificeerd of heeft het Europese ecolabel. Maar we hebben eveneens gerecycleerd papier, vegetale inkten en sandwichpanelen in gerecycleerd karton in ons assortiment.

98

THEMA 2

LEVEL 4


IN VA

N

“Als leverancier kiezen we voor een one-stop shop: alle materialen voor klanten worden in één rit geleverd. We houden de logistiek zelf in handen: de routes zijn zo kort mogelijk en de vrachtwagens zijn optimaal gevuld, zowel tijdens heen- als terugritten. Daarnaast willen we nog meer transporten via waterwegen doen, in samenwerking met andere bedrijven in onze industriezone. Een globaal plan moet ervoor zorgen dat we CO₂-neutraal worden en dankzij 2 540 zonnepanelen op ons dak kunnen we voor 100 % in onze stroom voorzien.”

©

Papier heeft een negatief imago, toch kan het een duurzame keuze zijn. “Papier is een natuurproduct dat makkelijk hergebruikt kan worden. Oud papier kan tot zeven keer toe gerecycleerd worden. Van papier dat niet meer gerecycleerd kan worden, wordt verpakkingsmateriaal gemaakt. De residuen die bij de productie overblijven, worden gebruikt voor de bemesting van akkers. Recycleren zorgt ervoor dat de CO₂ langer in de vezels blijft zitten.. Tot slot is aangetoond dat de bosoppervlakte in Europa, mede door de inspanningen van papierfabrikanten en -leveranciers, door een actief bosbeheer de laatste jaren zelfs verhoogd is.” Ook wij dragen ons steentje bij. Het circulaire denken passen jullie zelfs toe naar jullie klanten? “In ons streven naar een betere papierrecuperatie bij onze klanten hebben we de Ecobuddy in het leven geroepen. Daarmee willen we een trendsetter zijn. Om het bedrijven makkelijker te maken, leveren wij kartonnen dozen, de Ecobuddy, waarin onze klanten hun oud papier deponeren. Die worden in een grotere versie van de ecobuddy verzameld, die wij bij een volgende levering ophalen. Het opgehaalde papier wordt bij één van onze papierproducenten tot 100 % kantoorpapier gerecycleerd. Ook afvalstromen van andere materialen zijn in kaart gebracht en worden binnenkort uitgerold.”

THEMA 2

LEVEL 4

99


Bron: Planet Future, 25-06-2021

DEEL 2

IN

Worden jullie leveranciers en klanten ook milieuvriendelijker? “Absoluut. Enerzijds zijn wij continu op zoek naar ecologisch verantwoorde producten bij onze leveranciers. Anderzijds zijn onze leveranciers al decennia bezig om duurzame producten aan te bieden. Ook de maatschappelijke interesse groeit.” “Overheidsinstellingen, de zorgsector en non-profitorganisaties zijn voortrekkers in de vraag naar CO₂ -neutraal of gerecycleerd kantoorpapier, grafische papiersoorten, verpakkingsmaterialen en visuele communicatiedragers. En hoe groter de vraag, hoe breder het aanbod. Igepa wil zijn klanten graag bij die ecologische keuzes adviseren.”

VA

N

Vul het juiste begrip in door de infographic en het videofragment op diddit aandachtig te bekijken.

Kantoorpapier wordt vaak verwerkt tot een ander product doordat het in een grote massa met papier

©

en karton wordt afgevoerd, bijvoorbeeld toiletpapier. In de praktijk betekent dat veelal de laatste fase in het recyclageproces. Door vanaf nu het wit kantoorpapier in alle grote kantoorgebouwen apart te sorteren, zorgt Het Facilitair Bedrijf ervoor dat dat opnieuw tot wit kantoorpapier kan worden verwerkt. Zo is het dus mogelijk om dat papierafval verschillende keren tot een evenwaardig product te recycleren. Hierboven zie je in een overzicht hoe het

100 THEMA 2

LEVEL 4

proces werkt.


Action 4—

Werkplekleren: Hoe verloopt printen in een bedrijf naar keuze?

Bezoek een bedrijf naar keuze of het bedrijf waar je stage loopt. Observeer de manier van printen. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van het bedrijf

Adres

IN

Steekfiche van het bedrijf

Website

N

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

Beoordeling printen in het bedrijf Ja Nee

VA

Houdt het bedrijf rekening met het milieu tijdens het printen?

Zo ja, omschrijf op welke manier

Hoe wordt het printen georganiseerd?

Binnen het bedrijf is … verantwoordelijk voor het printen. Kruis aan. een persoon elke medewerker zelf per afdeling een persoon anders, namelijk

©

Werkt het bedrijf met een code om te printen?

Ja Nee Zo ja, omschrijf hoe dat werkt

Heeft elke afdeling een groot printtoestel of zijn er kleinere toestellen?

Ja Nee anders, namelijk

THEMA 2

LEVEL 4 101


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Wat moet de onthaalmedewerker voornamelijk printen? Vraag en noteer minstens drie verschillende voorbeelden.

Welke functies gebruikt de onthaalmedewerker vaak bij het toestel? Vraag en noteer minstens drie verschillende voorbeelden.

Kun je in kleur printen?

Ja Nee

IN

N

DEEL 3: NA HET BEZOEK Verwerk je informatie in een powerpointpresentatie. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van PowerPoint raadplegen.

©

VA

Hieronder vind je alvast 6 tips voor een goede presentatie: 1 Vermijd te veel informatie op een dia. 2 Beperk het gebruik van animaties. 3 Maak gebruik van sterk visueel materiaal. 4 Denk na over de boodschap die je wilt overbrengen. 5 Zorg voor eenvoud in je presentatie. 6 Zorg voor een duidelijk leesbaar lettertype.

102 THEMA 2

LEVEL 4


BREAKING NEWS 1

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan verschillende kantoorapparatuur en randapparatuur benoemen.

2

Ik kan de werking van een kopieermachine toelichten.

3

Ik kan een kopieermachine aanvullen met papier.

4

Ik kan duurzaam materiaal in functie van het kantoor opzoeken.

©

VA

N

1

THEMA 2

LEVEL 4 103


Beeldwoordenboek Level 4 BEGRIP

VERKLARING Dat is het aantal pagina’s dat je afdrukt, de hoeveelheid.

driver of stuurprogramma

Dat is de bijgeleverde software die geïnstalleerd moet worden, zodat randapparaten kunnen worden aangestuurd en de medewerkers ermee kunnen werken.

dockingstation

Dat is een apparaat waarmee een elektronische verbinding kan worden gemaakt tussen apparaten.

VA

N

IN

afdrukvolume

Dat is het zorgen voor evenwicht tussen mens, milieu en economie om de aarde niet uit te putten.

externe harde schijf

Dat is een apparaat dat los verbonden wordt aan de computer en zorgt voor meer opslagruimte.

EU Ecolabel

Dat is een label dat een bedrijf krijgt voor inspanningen rond duurzaamheid.

©

duurzaamheid

104 THEMA 2

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4


BEGRIP

VERKLARING Dat is papier dat wordt vervaardigd uit herbruikbare materialen.

inktjetprinter

Dat is een printer die inkt gebruikt om af te drukken.

internetprovider

Dat is een bedrijf dat je voorziet van internet.

invoerapparaten

Dat is een invoerapparaat dat informatie naar een computersysteem zendt voor verwerking.

VA

N

IN

gerecycleerd papier

AFBEELDING

©

kantoorapparaten

laserprinter

Dat is de verzamelnaam voor alle toestellen op kantoor zoals een kopieermachine.

Dat is een laserprinter die geen inkt maar een toner gebruikt om af te drukken.

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4 105


BEGRIP

VERKLARING Dat is een apparaat dat het internetsignaal over meerdere toestellen verdeelt.

plug-and-play

Dat zijn alle randapparaten die vanzelf herkend worden door de computer.

randapparaten

Dat is alle apparatuur die je kunt aansluiten op een computer.

recto verso

Dat is het papier aan beide zijden laten bedrukken.

VA

N

IN

modem

Dat apparaat zorgt voor een werkende internetverbinding.

©

router

uitvoerapparaten

106 THEMA 2

AFBEELDING

Dat apparaat geeft de resultaten van een verwerking weer.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4


LEVEL 5 Wat zijn de administratieve handelingen aan het onthaal? INTRO Lees aandachtig de onderstaande vacature en voer de bijbehorende opdrachten uit.

IN

1

Onthaalmedewerker (m/v/x)

N

Functieomschrijving Je bent verantwoordelijk voor het klantenonthaal, het beheer van de telefooncentrale en de agenda, het reserveren en voorbereiden van vergaderingen en lunches, administratieve taken en de verwerking van de post.

VA

Profiel Je hebt enige ervaring als onthaalmedewerker. Je kunt discreet te werk gaan. Je bent flexibel. Je bent positief ingesteld, loyaal, hulpvaardig en oplossingsgericht. Je bent zeer nauwkeurig in de uitvoering van taken en procedures. Je bent een administratieve duizendpoot. Je bent voldoende kritisch en klaar om initiatieven te nemen. Je beheerst het Nederlands perfect en je hebt kennis van het Frans en het Engels, zowel gesproken als geschreven. Je bent stressbestendig en communicatief en je kunt goed met deadlines omgaan.

©

Jobgerelateerde competenties Je kunt: personen onthalen en hun vraag identificeren; gegevens op een computer raadplegen, invoeren of bijwerken, zoals het aanmaken van badges, personen inschrijven in registers ...; telefonische oproepen aannemen, correct afhandelen en rapport maken van die oproepen; de toegang en verplaatsingen van personen binnen de organisatie, sites en lokalen controleren; briefwisseling registreren, sorteren en frankeren, zowel nationaal als internationaal ; personen informeren en doorverwijzen of begeleiden naar de gevraagde gesprekspartner, dienst of plaats; kopiëren, klasseren, typen, lay-out verzorgen van documenten …

THEMA 2

LEVEL 5 107


IN

Persoonsgebonden competenties Je kunt: plannen en organiseren; creatief en kritisch denken; goed communiceren; verantwoordelijkheid nemen; resultaatgerichtheid werken; digitaal denken; zelfstandig werken; samenwerken; je flexibel opstellen; klantgerichtheid voorop stellen.

N

Aanbod Je komt in een team terecht waar je de mogelijkheid hebt om te groeien. Leuk meegenomen is dat je naast je loon ook elektronische maaltijdcheques ontvangt en na zes maanden wordt opgenomen in de groepsverzekering. Je krijgt een opleiding die je klaarstoomt voor de job. Tijdens je loopbaan worden er periodiek functionerings- en evaluatiegesprekken gevoerd. Je werkt 5 dagen per week in een variabel uurrooster waar je in de voor- of namiddag werkt. Je kent je planning telkens ruim op voorhand. Ons bedrijf is het best bereikbaar met de auto.

VA

Plaats van tewerkstelling

Hoofdkantoor Odette Lunettes Odette Lunettes HQ, Meir 85, 2000 Antwerpen, België

a

Markeer de volgende items in de vacature:

Welke omschrijving heeft bij de functieomschrijving betrekking op de post?

geel

Welke items bij de profielomschrijving kunnen betrekking hebben op de verwerking van de post?

©

oranje

groen

b

2

108 THEMA 2

Welke jobgerelateerde competenties hebben betrekking op de postbehandeling aan het onthaal?

Noteer bij 4 aan de hand van de bovenstaande opdracht drie onderzoeksvragen die je in dit level zal beantwoorden.

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

LEVEL 5


Explore 1— Hoe wordt de inkomende post bij OdetteLunettes.edu gesorteerd?

Inkomende post Elke dag levert de postbode de post af bij de onthaalmedewerker. Die verdeelt de inkomende post aandachtig over de verschillende afdelingen binnen het bedrijf. Wat de postbode komt leveren, kan heel divers zijn. Noteer enkele mogelijke vormen van inkomende post bij OdetteLunettes.edu.

IN

1

N

Registratie

De onthaalmedewerker maakt alle inkomende post open, stempelt die af en registreert alles centraal. De registratie van de post verloopt manueel of digitaal. 2

Waarom is het belangrijk om inkomende post te registreren?

VA

Digitale postregistratie

©

Postregistratie is het proces of het systeem waarbij binnenkomende en uitgaande post kenmerken en bepaalde classificaties krijgt voor een correcte verdere afhandeling binnen het bedrijf. Dat kan manueel of digitaal. Bij digitale postregistratie noteer je de postgegevens met een tekstverwerker, in een rekenblad of in een databaseprogramma. Een digitale postregistratie heeft veel voordelen. Het biedt bescherming tegen brand, verlies, overstromingen of bijvoorbeeld een omgevallen kopje koffie. Je kunt het document inzien vanaf je computer, waar ter wereld je ook bent. Er zijn ook geen overvolle archiefkasten meer in bedrijven.

3

Bekijk op diddit aandachtig het videofragment over de registratie van de inkomende post. a b c

Bestudeer vervolgens op diddit de inkomende post van vandaag. Neem het organogram van OdetteLunettes.edu erbij. Verdeel de post over de verschillende afdelingen bij OdetteLunettes.edu. Verwerk de post manueel in de tabel.

THEMA 2

LEVEL 5 109


110 THEMA 2

LEVEL 5

10

09

08

07

06

05

04

03

02

01

DATUM BRIEF

DATUM ONTVANGST

N

AFZENDER

VA

©

VOLGNUMMER

INKOMENDE POST

ONDERWERP

IN

KENMERK

TE BEHANDELEN DOOR


Explore 2— Hoe werkt het centrale, digitale postregistratiesysteem bij OdetteLunettes.edu?

De voordelen van elektronische communicatie

VA

N

IN

Postregistratie kan gaan over gedigitaliseerde papieren correspondentie of om elektronische communicatie zoals bijvoorbeeld e-mails. Door digitalisering kan de onthaalmedewerker poststukken meteen doorsturen naar de juiste afdeling. Bijvoorbeeld een binnenkomende factuur voor OdetteLunettes.edu kan meteen naar de afdeling financiën. De te verzenden documenten kunnen aan de hand van de registratie van hun kenmerk en van de verzenddatum ook goed en overzichtelijk worden opgevolgd, ook al zijn die niet meer fysiek in het bedrijf.

Good to know

©

Tegenwoordig krijgen bedrijven steeds meer digitale post binnen zoals e-mails, elektronische facturen, webformulieren, berichten via WhatsApp en sociale media. Een nieuwe tendens is dat veel bedrijven ernaar streven om zoveel mogelijk, of zelfs volledig, papierloos te werken. Het is een droom van veel werkgevers en werknemers om in een papierloos kantoor te werken. Om een volledig digitaal archief te realiseren, moet er goed gekeken worden naar de rechtsgeldigheid van gedigitaliseerde documenten. Handtekeningen hebben niet altijd dezelfde rechtsgeldigheid als ze gedigitaliseerd zijn. Van bepaalde documenten moet er tot op de dag van vandaag ook altijd een papieren kopie bijgehouden worden, bijvoorbeeld op een diploma.

1

Je maakt een digitaal postregistratiesysteem in een rekenblad. a b

Open een werkmap in een rekenblad. Maak vier werkbladen in de werkmap. Geef de werkbladen de volgende namen: Uitgaande post Inkomende post Namen werknemers Onderwerpen

THEMA 2

LEVEL 5 111


c

Geef de rijen 1 tot en met 4 van het werkblad ‘Uitgaande post’ de volgende inhoud. Volg het stappenplan.

STAPPENPLAN

IN

2

Vul het tabblad met de titel ‘Uitgaande post’ in. Breng de volgende opmaak aan: Alle rijen krijgen een hoogte van 18 punten. Geef de kolommen de volgende breedtes: — kolommen A, B en C: 15 tekens — kolommen I, D en F: 25 tekens — kolommen H en E: 20 tekens — kolommen G: 8 tekens De verzenddatum van ontvangst moet weergegeven worden volgens de NBN-normen. Zorg ervoor dat de titels altijd zichtbaar blijven.

Voeg rijen 1 en 2 samen.

Stap 2:

Noteer bij rij 2: Registratie uitgaande post.

Stap 3:

Noteer bij rij 3, kolom D: Bestemming.

Stap 4:

Voeg de cellen van rij 3, kolom D t/m H samen.

Stap 5:

Noteer bij rij 4, kolom A: Kenmerk.

Stap 6:

Noteer bij rij 4, kolom B: Verzenddatum.

Stap 7:

Noteer bij rij 4, kolom C: Naam afzender.

VA

N

Stap 1:

Stap 8:

Noteer bij rij 4, kolom D: Firmanaam.

Stap 9:

Noteer bij rij 4, kolom E: Naam.

Stap 10: Noteer bij rij 4, kolom F: Straat en huisnummer. Stap 11: Noteer bij rij 4, kolom G: Postcode.

Stap 12: Noteer bij rij 4, kolom H: Woonplaats.

Stap 13: Noteer bij rij 4, kolom I: Onderwerp.

Stap 14: Voeg de cellen van rij 3 en 4 samen voor kolommen A, B, C en I.

Vul het tabblad met de titel ‘Inkomende post’ in. Breng de volgende opmaak aan:

©

3

a b

112 THEMA 2

Alle rijen krijgen een hoogte van 18 punten. Geef de kolommen de volgende breedtes: kolommen A, B en H: 15 tekens kolommen C, E en I: 25 tekens kolommen D en G: 20 tekens kolommen F: 8 tekens

LEVEL 5


c

Geef de rijen 1 tot en met 4 van het werkblad ‘Inkomende post’ de volgende inhoud:

De verzenddatum van ontvangst moet worden weergegeven volgens de NBN-normen. Zorg ervoor dat de titels altijd zichtbaar blijven. Vul het tabblad met de titel ‘Namen werknemers’ in. Breng de volgende opmaak aan: a b c

IN

4

Alle rijen krijgen een hoogte van 18 punten. Geef de kolommen A en B een breedte van 26 tekens. Geef rij 1 van het werkblad ‘Namen werknemers’ de volgende inhoud:

d

Vul nadien de tabel aan met de namen en de functies van de werknemers van OdetteLunettes.edu. Gebruik hiervoor het organogram.

Vul het tabblad met de titel ‘Onderwerpen’. Breng de volgende opmaak aan: a b

Alle rijen krijgen de hoogte 18 punten. Geef de kolommen A en B een breedte van 31 tekens.

c

Vul nadien de tabel aan met de volgende onderwerpen. Je plaatst de onderwerpen verticaal onder de titels: Inkomende post: aankoopfactuur, algemene informatie, andere, arbeidscontracten, arbeidsreglement, betalingsherinnering, catalogus, goedgekeurde orderbevestiging, huurovereenkomst, inkomende bestelbon, inkomende creditnota, inkomende offerte, inkomende orderbevestiging, inkomende prijsaanvraag, inkomende vrachtbrief, klachtenbrief, koopovereenkomst, krant, loonbrieven, monsters, reclame, rekeninguittreksels, tijdschrift, verslag vergadering, wenskaart Uitgaande post: algemene informatie, andere, betalingsherinnering, btw-documenten, catalogus, klachtenbrief, monsters, nieuwsbrief, reclame, uitgaande bestelbon, uitgaande creditnota, uitgaande offerte, uitgaande orderbevestiging, uitgaande prijsaanvraag, uitgaande vrachtbrief, uitnodiging, verkoopfactuur, verkoopovereenkomst, verslag vergadering, wenskaart Zorg ervoor dat de onthaalmedewerker bij het ingeven van de naam van de afzender (werkblad ‘Uitgaande post’) en de naam van de bestemmeling (werkblad ‘Inkomende post’) kan kiezen uit de lijst van de werknemers van OdetteLunettes.edu.

©

VA

5

N

Zorg ervoor dat de titels altijd zichtbaar blijven.

THEMA 2

LEVEL 5 113


Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Re-explore 3— 1

Op welke manieren kan de onthaalmedewerker brieven versturen voor OdetteLunettes.edu?

Ga via diddit naar de website van bpost. Let op: je zoekt niet als particulier iets op, maar je zoekt bij de zakelijke informatie voor je projectbedrijf OdetteLunettes.edu. a

IN

6

Zorg ervoor dat de onthaalmedewerker bij het ingeven van het onderwerp (werkblad ‘Uitgaande post’ en werkblad ‘Inkomende post’) kan kiezen uit de lijst van de onderwerpen van het werkblad ‘Onderwerpen’.

Als onthaalmedewerker kun je ervoor kiezen om brieven prior of non-prior te verzenden. Wat betekent dat?

De onthaalmedewerker kan kiezen tussen drie verschillende methodes om de post te verzenden. De onthaalmedewerker frankeert zelf de te verzenden post met een postzegel. Dat is ideaal wanneer er slechts af en toe een verzending moet gebeuren. Voordat je de postzegel kleeft, moet je de brief wegen. Als onthaalmedewerker van OdetteLunettes.edu maak je de volgende verzendingen klaar. Hoeveel betaal je voor de onderstaande professionele zendingen?

VA

een boekje of doosje van 50 tot 100 zegels

N

b

Nationaal Prior D+1

0 g – 50 g genormaliseerd

0 g – 100 g niet genormaliseerd

©

Internationaal Prior

114 THEMA 2

LEVEL 5

0 g – 50 g genormaliseerd

0 g – 100 g niet genormaliseerd


de frankeermachine

Bekijk aandachtig het videofragment over de frankeermachine en beantwoord de vragen:

Kun je bij bpost een frankeermachine huren?

Hoe werkt het systeem van de frankeermachine?

Vanaf wanneer is een frankeermachine interessant voor een bedrijf?

De onthaalmedewerker kan ervoor kiezen om zelf te frankeren of dat te laten uitvoeren door bpost. De verschillende mogelijkheden van ophaalservice hangen af van de hoeveelheid te verzenden post.

N

de ophaalservice van bpost

IN

Adressen valideren

VA

Als de onthaalmedewerker het adres noteert of een etiket wil kleven op de te versturen envelop, dan kan die dat steeds controleren of valideren via de website van bpost. Hier kun je tot 20 adressen per dag valideren! 2

Valideer het adres van je school op de website van bpost en noteer het hieronder.

Explore 4— Op welke manier kan de onthaalmedewerker pakjes versturen voor OdetteLunettes.edu?

©

Leveringsmethodes

Een bedrijf verstuurt uiteraard niet alleen brieven, maar ook pakjes. OdetteLunettes.edu heeft ook een webshop waar de klanten online producten kunnen bestellen. Bpost biedt voor het verzenden van pakjes naar de klanten verschillende mogelijkheden aan. Bij die leveringsmethodes staat de klant uiteraard steeds centraal. OdetteLunettes.edu kan bepalen op welke manier bpost het pakje moet bezorgen aan de klant.

Als het bedrijf er zelf voor kiest om de pakjes te verpakken, dan moet het een aantal stappen volgen om het pakje goed aan te leveren bij de bezorgdienst. Die zorgt ervoor dat het pakje in perfecte staat tot bij de klant komt.

THEMA 2

LEVEL 5 115


a

Ga via diddit naar de website van bpost. Bekijk de zakelijke oplossingen in functie van het projectbedrijf OdetteLunettes.edu. Benoem de stappen voordat je een pakje kunt verzenden. Stap 1:

VA

Stap 3:

N

IN

Stap 2:

Stap 4: Stap 5: Stap 6:

Wanneer OdetteLunettes.edu een pakje verzendt naar de klant, kan de klant kiezen op welke manier die het pakje wil ontvangen. Noteer.

©

b

116 THEMA 2

LEVEL 5


c

Pakjes kunnen zeer waardevolle spullen bevatten. Om er zeker van te zijn dat de klant het pakje ontvangt, kun je kiezen voor drie verschillende opties. Noteer.

d

Hoeveel kost het om een pakje tot 30 kg te verzenden binnen België zonder en met garantie? Hoeveel kost het om een pakje tot 30 kg internationaal te verzenden zonder en met garantie?

IN

e

FRANKEERMACHINE

In heel wat ondernemingen gebruikt de onthaalmedewerker een frankeermachine in plaats

van postzegels. Een frankeermachine weegt het poststuk en combineert dat met de gegevens van het aangegeven formaat en de bestemming van het poststuk om zo (online) de juiste

N

prijs te bepalen. Dat bespaart niet alleen tijd maar ook geld, omdat het frankeren met een frankeermachine meestal goedkoper is. De onthaalmedewerker beschikt zo altijd over de meest actuele informatie om juist te frankeren.

VA

Explore 5— Hoe moet de onthaalmedewerker een aangetekende verzending versturen voor OdetteLunettes.edu?

Bestemmeling

©

De bestemmeling is de persoon of organisatie waarnaar je de post stuurt: de ontvanger. Belangrijke poststukken verstuurt de onthaalmedewerker beter aangetekend. Je hebt dan een bewijs dat het poststuk verstuurd is. Op die manier kan er ook geen discussie meer ontstaan over de datum waarop de post werd verstuurd. Bij een gewone brief kan de bestemmeling altijd beweren dat die de brief niet heeft ontvangen.

1

Noteer twee mogelijke zaken die de onthaalmedewerker bij OdetteLunettes.edu aangetekend zou kunnen versturen?

2

Ga via diddit naar de website van bpost. Raadpleeg de informatie over de aangetekende zending. Vul de onderstaande tekst aan.

THEMA 2

LEVEL 5 117


Aangetekende zending en afzender Een binnenlandse aangetekende zending is een binnenlandse prior-zending waarvoor de afzender een

krijgt dat een wettelijke waarde heeft. Je kunt de

aangetekende zending versturen met een afgiftelijst of zelf naar het postkantoor gaan. De bezorger overhandigt dit aan de

(of zijn volmachthebber) nadat zijn

identiteit gecontroleerd is.

IN

Good to know

Om lange wachtrijen te vermijden aan het postkantoor, kan de onthaalmedewerker ook online een aangetekende-zendingenkit voor 10 zendingen bestellen van bpost. Dat kan bijvoorbeeld bij bol.com.

N

Aangetekende zending met ontvangstbewijs

VA

Je kunt de aangetekende zending op twee manieren volgen. Ten eerste via het Track & Tracesysteem. Dat doe je door de letters en cijfers van de barcode van je zending in de zoekbalk van het verzendbedrijf in te tikken. Je vindt de barcode terug op je afgiftebewijs of op je kassaticket. Ten tweede kan de onthaalmedewerker ook kiezen voor de aangetekende zending met ontvangstbewijs. Bij een ontvangstbewijs voor je aangetekende zending moet de geadresseerde een document bij ontvangst aftekenen met zijn naam, handtekening en datum. Zo ben je zeker dat wel degelijk de geadresseerde, en niet iemand anders, je zending heeft ontvangen. Het bewijsdocument wordt vervolgens naar de afzender verzonden. Dat geldt als een rechtsgeldig bewijs bij betwisting. Uiteraard betaal je meer voor het ontvangstbewijs.

3

Hoeveel moet je als bedrijf betalen voor de volgende aangetekende zendingen zonder ontvangstbewijs? Nationaal

0 g – 100 g niet genormaliseerd

©

0 g – 50 g genormaliseerd

Internationaal Europa

118 THEMA 2

0 g – 50 g genormaliseerd

0 g – 100 g niet genormaliseerd

LEVEL 5


Elektronisch aangetekende zending Sinds kort is het mogelijk om een brief elektronisch aangetekend te versturen. Het volstaat bijvoorbeeld niet om een brief in te scannen en als pdf bij een e-mail te verzenden. Een elektronisch aangetekende brief heeft dezelfde juridische waarde als een klassieke, papieren aangetekende brief. Enkel bedrijven die daarvoor erkend zijn door de overheid, kunnen die methode gebruiken.

Good to know

N

IN

Op dit moment zijn er slechts enkele bedrijven die erkenning hebben om een elektronische aangetekende brief te verzenden: Connect Solutions, UNIFIED Post, Ipex en Easypost. Bovendien kun je alleen een elektronisch aangetekende brief via hun platform verzenden als ook de tegenpartij op hun platform geregistreerd is. De ontvanger krijgt dan een inlogcode om de brief te kunnen bekijken.

Explore 6— Hoe verwerkt de onthaalmedewerker inkomende e-mails?

VA

Beantwoorden van e-mails

©

Dagelijks komen er tientallen mails aan op het algemene e-mailadres van OdetteLunettes.edu (info@odettelunettes.edu). Onthaalmedewerker Yvette Wouters is verantwoordelijk voor het verwerken van die mails. Binnen de onderneming geldt de afspraak dat hij alleen de mails beantwoordt waarin naar algemene informatie wordt gevraagd, zoals de openingsuren of een bedrijfsbrochure. De andere mails moeten worden doorgestuurd naar de afdeling of persoon die daarvoor verantwoordelijk is. Het is belangrijk dat de onthaalmedewerker een goed overzicht heeft over de organisatie en de verantwoordelijkheid van elke afdeling.

THEMA 2

LEVEL 5 119


Op 3 november 2023 ontving Yvette de onderstaande e-mail.

Bericht

Opties

Van: info@semaburo.com Verzonden: 3 november 2023 Aan: info@odettelunettes.edu Cc: Bijlage: prijsofferte.doc Onderwerp: prijsofferte laptops

IN

Geachte meneer Zia

Zoals we telefonisch hebben afgesproken, stuur ik u onze prijsofferte voor de levering van twee laptops. In de bijlage vindt u een gedetailleerd overzicht met onze prijzen. De offerte blijft geldig tot 30 november 2023. Als u nog verdere vragen hebt, kunt u met mij contact opnemen via het onderstaande e-mailadres of telefoonnummer.

N

Met vriendelijke groeten Sander Verboven

VA

Semaburo bv Frans Van Dijckstraat 99-101 2100 DEURNE Tel. 03 324 90 75 Fax 03 326 21 55 www.semaburo.be info@semaburo.com

1

Bekijk de e-mail. Voor welke afdeling is de e-mail bestemd?

Met de functie ‘Doorsturen’ in een mailprogramma kun je een bericht eenvoudig doorsturen naar andere personen. Hoe dat precies werkt, is afhankelijk van het mailprogramma dat je gebruikt. Zoek op het internet vier mailprogramma’s die zowel bedrijven als particulieren kunnen gebruiken.

©

2

Informele taal Om een e-mail door te sturen naar een collega, mag Yvette iets informelere taal gebruiken. Informele taal is vergelijkbaar met spreektaal: minder deftig en minder officieel of zakelijk. Zo spreek je je collega waarschijnlijk niet aan met ‘geachte mevrouw’, maar eerder met ‘beste/hallo/ hey’ en dan de voornaam van je collega.

120 THEMA 2

LEVEL 5


3

Noteer hieronder een korte mogelijke tekst die Yvette kan gebruiken om de offerte door te sturen naar de juiste collega.

IN

Elektronische post en mailetiquette

Voor elektronische post of e-mail zijn er enkele regels. Al die regels noem je de mailetiquette. Zeker wanneer je e-mails verstuurt voor je werk, moet je daar aandacht en tijd aan besteden. Hieronder vind je de voornaamste regels voor e-mails. Markeer in elke zin een (groepje) kernwoord(en).

Stuur niet onbedacht een mail voor alles wat je te binnen schiet. Denk eerst na en probeer de informatie die je nodig hebt eerst zelf op te zoeken. Wanneer je e-mail is verstuurd, wees dan geduldig en wacht een antwoord af. Stuur geen herinnerings-e-mails. Gaat het om een dringende zaak, probeer dan telefonisch contact op te nemen of persoonlijk langs te gaan. Kies een betekenisvol onderwerp voor elke e-mail. Bedenk dat jouw e-mail heel veel concurrenten heeft. Een goed gekozen onderwerp is essentieel als je wilt dat je e-mail relatief snel gelezen wordt. Respecteer de NBN-normen. E-mail is een informeel medium, maar dat betekent niet dat een begroeting overbodig is. Kijk de schrijfwijze van de naam goed na! De meeste mensen zijn daar heel gevoelig voor. Gebruik alleen de voornaam van je ontvanger als die dat zelf heeft aangegeven. Voorkom spellingsfouten: lees je e-mail grondig na voordat je het verzendt en gebruik de spellingscontrole. Verzin zelf geen afkortingen. Gebruik alleen officiële afkortingen. Sms-taal is taboe! Gebruik kleine letters: ALS JE HOOFDLETTERS GEBRUIKT, LIJKT HET ALSOF JE ROEPT. Hoofdletters kunnen alleen aan het begin van een zin en bij eigennamen. Ook leestekens behoren standaard bij een professionele e-mail. Besteed aandacht aan de toon van de e-mail. Als je persoonlijk met iemand communiceert, dan bestaat 93 % van de boodschap uit non-verbale communicatie. Maar bij e-mail is er geen sprake van lichaamstaal. De ontvanger ziet je gezicht niet en hoort je stem niet waardoor je je woorden voorzichtig en doordacht moet kiezen. Plaats jezelf in de positie van de ander en bedenk hoe jouw woorden kunnen overkomen. Smileys of emoticons horen niet thuis in het bedrijfsleven. Bij het afsluiten van je e-mail laat je een laatste indruk na, zorg dat dat een goede indruk is. Sluit een e-mail altijd af met je naam. Voeg er bovendien de nodige contactgegevens aan toe, zoals je telefoonnummer, fax en adres. Het is mogelijk dat een ontvanger je wilt bellen om de inhoud van je mail verder te bespreken of dat de ontvanger je documenten wil sturen die niet gemaild kunnen worden. Controleer of de bijlage is toegevoegd, wanneer nodig.

VA

N

4

©

THEMA 2

LEVEL 5 121


Explore 7— Hoe schrijft de onthaalmedewerker een zakelijke e-mail in het Nederlands, Engels en Frans?

Zakelijke e-mail

afzender en geadresseerde onderwerp aanspreking eigenlijke inhoud afsluiting slotgroet afzendergegevens

IN

Je kunt e-mail voor verschillende doelen gebruiken, dus ook voor zakelijke e-mails. In een zakelijke e-mail wissel je officiële informatie uit, zoals voor sollicitaties, afspraken en opdrachten. Je houdt rekening met een aantal praktische regels. Meestal komen dezelfde basiselementen aan bod als in een zakelijke brief:

N

Er zijn ook een aantal verschillen tussen een brief en een e-mail. Omdat e-mails op een scherm worden gelezen, is de inhoud beknopter. Bedrijven hebben vaak ook hun eigen huisstijl voor de opmaak van brieven en e-mails. Je houdt je dan het best aan de interne richtlijnen.

VA

Bij OdetteLunettes.edu komen regelmatig e-mails binnen in het Frans of het Engels. Het is dan belangrijk dat je een aantal standaarduitdrukkingen vlot kunt gebruiken om die mails te lezen en te beantwoorden. Achteraan het boek vind je een stickervel met Franse en Engels zinnen. Kleef de vertaling op de juiste plaats. NEDERLANDS

FRANÇAIS

BEGROETING

Geachte heer

©

Geachte mevrouw

Wij schrijven u naar aanleiding van

122 THEMA 2

LEVEL 5

ENGLISH


NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

Wij schrijven u in verband met …

Uw bedrijf werd mij door … zeer aanbevolen

IN

Ik schrijf u om na te vragen over …

HOOFDTEKST

N

Zou u zo vriendelijk willen zijn om …

VA

Ik zou het zeer op prijs stellen als …

Wij zouden het zeer op prijs stellen als u ons meer gedetailleerde informatie zou kunnen sturen over …

Zou u mij alstublieft … kunnen sturen

©

Wij zijn geïnteresseerd in het verwerven / ontvangen van …

U wordt dringend verzocht …

THEMA 2

LEVEL 5 123


NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

Wat is uw huidige catalogusprijs voor …

Wij hebben uw voorstel zorgvuldig overwogen en …

Verdere informatie vindt u op onze website op …

IN

Wij hebben uit uw advertentie vernomen dat u … produceert

N

Mocht u verdere informatie willen, kunt u mij altijd bereiken.

VA

Laat ons alstublieft weten wanneer wij u verder van dienst kunnen zijn.

AFSLUITING

Mocht u meer informatie willen ontvangen, aarzel niet om contact met mij op te nemen.

©

Ik zou u zeer erkentelijk zijn als u deze zaak zo snel mogelijk zou kunnen bekijken.

Ik verheug mij op de samenwerking.

124 THEMA 2

LEVEL 5


NEDERLANDS

FRANÇAIS

ENGLISH

Neemt u alstublieft contact met mij op. Mijn telefoonnummer is …

Hoogachtend

VA

Met de beste groeten

N

Met vriendelijke groet

IN

Met vriendelijke groeten

Explore 8— Hoe beheert de onthaalmedewerker de mailbox op een professionele manier?

Mailbox beheren met labels

©

Wanneer je je mailbox niet op de een of andere manier beheert, zul je heel snel door de bomen het bos niet meer zien. Een van de mogelijkheden om je mailbox te beheren, is het sorteren van je e-mails met behulp van labels. Labels werken op dezelfde manier als mappen en hebben zelfs nog een extra voordeel: je kunt meerdere labels toevoegen aan een bericht. Je kunt belangrijke e-mails van felgekleurde labels voorzien, zodat je je Postvak IN snel kunt scannen en snel interessante berichten kunt terugvinden.

THEMA 2

LEVEL 5 125


MAPPENSTRUCTUUR Om je e-mails overzichtelijk te beheren, kun je het best een mappenstructuur aanmaken in je mailbox. Daarmee kun je e-mails klasseren per onderwerp, afzender, prioriteit … Dat is ook heel handig om achteraf een e-mail snel terug te vinden. Je kunt met de knop ‘Verplaatsen naar’ of ‘Verplaatsen’ eenvoudig een bericht uit je Postvak IN verplaatsen naar een bepaalde map. Je zult daarvoor eerst een mappenstructuur moeten aanmaken.

Maak in jouw mailprogramma de volgende mappenstructuur aan:

School — Spilbedrijf OdetteLunettes.edu — Stage — Werkplekleren

Digitale handtekening

IN

1

VA

N

Bij de Explore over mailetiquette heb je geleerd dat je bij een formele e-mail na de afsluitende groet ook jouw contactgegevens, zoals je telefoonnummer en je adres, moet toevoegen. Het is namelijk mogelijk dat een ontvanger je wil bellen om de inhoud van je e-mail verder te bespreken of dat de ontvanger je documenten wil sturen die niet gemaild kunnen worden. Je contactgegevens kun je automatisch onder elke e-mail toevoegen door een digitale handtekening in je mailprogramma in te stellen. Zo vergeet je nooit om die te vermelden. Om er zeker van te zijn dat de e-mail is gelezen, kun je bij het versturen van een e-mail ook om een leesbevestiging vragen.

2

Voeg aan jouw mailprogramma je digitale handtekening toe. Die moet de volgende gegevens bevatten:

je voornaam en naam de tekst ‘Leerling aan [de naam van jouw school]’ adres van de school telefoonnummer van de school

©

Adresboek

Wanneer je een mail moet versturen, is het handig om het e-mailadres snel terug te kunnen vinden. Je kunt daarvoor in je mailprogramma een adresboek aanmaken. Wanneer je dan de eerste letters van een naam tikt, zal je mailprogramma de naam automatisch aanvullen.

3

Voeg de volgende personen toe aan jouw adresboek:

126 THEMA 2

de leerlingen van jouw klas de leerkrachten van jouw klas de contactpersonen in verband met jouw stage

LEVEL 5


4

Maak van die contacten ook drie verschillende groepen aan:

leerlingen klas … leerkrachten contactpersonen stage

Afwezigheidsmelding

VA

N

IN

Ben je een tijdje afwezig en kun je de e-mails niet beantwoorden? Zet dan een afwezigheidsmelding aan. Een afwezigheidsmelding is een bericht dat automatisch als antwoord op een binnenkomende e-mail wordt gestuurd. In de melding staat bijvoorbeeld tot wanneer je weg bent en hoe de lezer van het bericht iemand anders kan bereiken.

Explore 9— Hoe beheert de onthaalmedewerker de elektronische agenda?

Elektronische agenda

©

In de elektronische agenda maakt de onthaalmedewerker afspraken voorzien van een datum, beginuur en einduur, onderwerp en locatie, eventueel met meerdere personen voorzien van contactgevens. Het is een online toepassing met als voordeel dat iedereen het altijd kan raadplegen. Bevestig gemaakte afspraken per e-mail om misverstanden te voorkomen. Aan de hand van gemaakte afspraken kun je een dagindeling maken voor je zaakvoerder of collega’s. Stel prioriteiten en voorzie voldoende tijd tussen twee afspraken. Zo kan de zaakvoerder zich voorbereiden op een volgende vergadering. Als onthaalmedewerker werk je dagelijks met je eigen agenda en de agenda van de zaakvoeder of andere collega’s. Discipline is daarbij essentieel. Een gemiste afspraak kan namelijk belangrijke negatieve gevolgen hebben.

THEMA 2

LEVEL 5 127


1

Voeg nu zelf een agenda toe aan Microsoft Outlook. Volg de onderstaande stappen:

2

Klik op het agenda-icoon in de linkerzijbalk. Kies in de linkerzijbalk de instelling ‘Agenda toevoegen’. Selecteer nu ‘Toevoegen vanuit adres’. Vul een naam of een e-mailadres in om de agenda toe te voegen. Selecteer een agenda om die aan jouw agenda toe te voegen (bijvoorbeeld Mijn agenda’s). Klik op ‘Toevoegen’ om de agenda definitief toe te voegen.

Rashid Zia van OdetteLunettes.edu vraagt om een afspraak te plannen met Jan Bruggeman, Firma Euro Optics. Wat moet je weten voor je de afspraak kunt maken in de elektronische agenda?

IN

Tip:

Noteer een afspraak met Jan Bruggeman van het bedrijf Euro Optics op de eerstvolgende woensdag. De afspraak begint om 10.00 uur en eindigt om 11.50 uur. Rashid wil de nieuwe monturen voor de herencollectie bespreken in de Flagship Store in Antwerpen.

VA

N

3

Open een agenda, bijvoorbeeld in je mail of op je telefoon, en bekijk eens welke velden/delen je allemaal kunt invullen.

TO THE POINT

©

De taken van de onthaalmedewerker De onthaalmedewerker van een onderneming heeft verschillende taken: — inkomende post verdelen en registreren — uitgaande post verzenden en registreren — inkomende e-mails lezen, beantwoorde en doorsturen, ook in het Engels of Frans — op basis van instructies e-mails opmaken en verzenden — allerlei administratieve documenten aanmaken en bewerken — vergaderingen voorbereiden — elektronische agenda beheren — …

128 THEMA 2

LEVEL 5


Postverwerking Grotere organisaties verwerken de post soms in een aparte postkamer. Bij kleinere organisaties is het vaak de onthaalmedewerker die de post verwerkt. Post komt op veel verschillende manieren binnen: via de brievenbus op kantoor of op het postkantoor, aan de onthaalbalie, via de medewerkers en vooral via de elektronische post. Net zoals bij alle activiteiten in een onderneming is het van belang om bij de postverwerking duidelijke richtlijnen op te stellen. Bij de verwerking maak je onderscheid tussen de inkomende post en de uitgaande post.

IN

Inkomende post en postregistratie Bedrijven krijgen steeds meer digitale post binnen, zoals e-mails of andere elektronische communicatie, elektronische facturen, webformulieren, berichten via Snapchat, WhatsApp en andere sociale media. De reden is dat het snel en gratis is. Elk bedrijf streeft ernaar om in de toekomst papierloos te werken. De onthaalmedewerker verwerkt de inkomende post manueel of digitaal. Postregistratie is een systeem waarbij inkomende en uitgaande post bepaalde kenmerken en/of classificatie meekrijgt voor een correcte, verdere afhandeling binnen het bedrijf.

N

Uitgaande post De onthaalmedewerker verzendt de post prior of non-prior. Daarbij kan die kiezen uit verschillende leveringsmethodes om de post te verzenden. met gewone plakpostzegels met de frankeermachine met de ophaalservice van bpost

VA

Belangrijke poststukken verstuur je beter met een aangetekende zending. De afzender heeft dan een gevalideerd afgiftebewijs dat het poststuk werd verstuurd naar de bestemmeling of geadresseerde. Er kan ook geen discussie meer ontstaan over de datum waarop je dat deed. Je kunt de aangetekende zending versturen met een afgiftelijst of zelf naar het postkantoor gaan. De onthaalmedewerker kan ook kiezen voor de aangetekende zending met ontvangstbewijs. Bij een aangetekende zending met ontvangstbewijs moet de geadresseerde een document bij ontvangst aftekenen met naam, handtekening en datum. Zo ben je zeker dat niemand anders je zending heeft ontvangen. Tegenwoordig kun je ook een elektronische aangetekende brief verzenden via bedrijven die daarvoor erkend zijn door de overheid. Voordat je een brief opstuurt, kun je eerst de adressen valideren of controleren op de website van bpost.

©

Mailetiquette Elektronische post heeft net zoals voor de gewone postverwerking een aantal regels die we ook wel mailetiquette noemen. Zeker wanneer je zakelijke e-mails verstuurt voor je werk, moet je daar aandacht en tijd aan besteden en kun je geen informele taal gebruiken. Toch wordt e-mail regelmatig gebruikt in situaties waarin een persoonlijk gesprek beter op zijn plaats was geweest. Vraag je dus eerst af of een e-mail wel het geschikte middel is om je boodschap over te brengen. Mailbox en agenda Om je e-mails overzichtelijk te beheren in je mailbox, kun je gebruikmaken van labels. Zo kun je snel zien welke e-mails belangrijk zijn en dringend moeten worden opgevolgd. Daarnaast is het ook van essentieel belang dat je, net zoals bij het beheer van bestanden, een overzichtelijke en logische mappenstructuur aanmaakt. Zo is het mogelijk om e-mails per onderwerp of per afzender te klasseren. Op die manier is het makkelijker om e-mails snel terug te vinden. THEMA 2

LEVEL 5 129


Een adresboek is een belangrijke tool om op een efficiënte manier de bestemmelingen van je e-mails in te geven. Bij het afsluiten van je mail zorg je voor een goede laatste indruk. Met een digitale handtekening beschikt de bestemmeling over de nodige contactgegevens. Een leesbevestiging zorgt ervoor dat je zeker bent dat de bestemmeling de e-mail heeft gelezen. Een automatisch bericht bij afwezigheid of een afwezigheidsmelding komt professioneel over. Zo weet de bestemmeling wanneer die een reactie mag verwachten of bij wie die anders terechtkan.

Action 1—

IN

De elektronische agenda Het bijhouden van een agenda is een van de belangrijkste taken van een onthaalmedewerker. Velen maken gebruik van een elektronische agenda. Een van de grote voordelen is dat verschillende personen die agenda op verschillende locaties en tijdstippen kunnen raadplegen en eventueel bijwerken.

Hoe kun je bij bpost je post digitaal laten registeren?

a

N

Ga via diddit naar de website van bpost en beantwoord de onderstaande vragen.

Hoe werkt het systeem van de digitale postregistratie?

VA

b

Is het systeem geschikt voor de volledige postregistratie?

Hoe wordt dat bekostigd?

©

c

130 THEMA 2

LEVEL 5


Action 2—

Welke opties biedt bpost wanneer je de te versturen post laat ophalen?

Ga via diddit naar de website van bpost. Let op: kies voor zakelijke oplossingen voor OdetteLunettes.edu. Vul aan. OPHAALSERVICE

Collect & Stamp

VA

Transport

Action 3—

N

Collect on Demand

WANNEER?

IN

Collect & Send

WIE FRANKEERT?

Hoe kan de klant de leveringsvoorkeuren instellen voor de levering van een pakje?

Ga via diddit naar de website van bpost. Let op: kies voor zakelijke oplossingen voor OdetteLunettes.edu. Vul aan. Je klant kan snel via de website bij

of in de

de leveringsvoorkeuren instellen of aanpassen. Zo kiest die makkelijk zelf waar bpost de pakjes mag

©

leveren:

Optie 1: Rechtstreeks in een Afhaalpunt in de buurt. Daarbij wordt het pakje

Optie 2: E erst bij de klant thuis. Indien niemand thuis is, kan de klant ervoor kiezen om je pakje te laten leveren:

THEMA 2

LEVEL 5 131


Action 4—

Hoeveel betaalt OdetteLunettes.edu. voor de onderstaande verzendingen?

Ga via diddit naar de website van bpost. Let op: kies voor zakelijke oplossingen voor OdetteLunettes.edu. De onthaalmedewerker wil de onderstaande post versturen. Hoeveel zal dat kosten? Vul aan. TE VERZENDEN STUK

IN

brief internationaal prior + 100 g – 350 g, niet genormaliseerd

KOSTPRIJS PER STUK?

brief nationaal Prior (D + 1) + 1 kg – 2 kg, niet genormaliseerd

een pakje nationaal 2 – 5 kg

een pakje internationaal economy 2 – 5 kg naar Duitsland

een aangetekende zending nationaal + 100 g – 350 g, niet genormaliseerd

een aangetekende zending internationaal + 100 g – 350 g, niet genormaliseerd binnen Europa

Kun jij de inkomende digitale post van OdetteLunettes.edu digitaal registeren?

VA

Action 5—

N

een pakje internationaal economy 2 – 5 kg naar Frankrijk

©

Lees aandachtig het artikel over de digitale post van OdetteLunettes.edu op diddit. Registreer de post vervolgens digitaal. Maak daarvoor een nieuw registratieblad zoals in Explore 2. Overloop opnieuw de verschillende stapjes.

Action 6—

Hoe werkt het systeem van Shipping Manager voor de webshop van OdetteLunettes.edu?

OdetteLunettes.edu heeft voor de klanten ook een webshop. Met Shipping Manager kan het bedrijf heel makkelijk al de pakketzendingen en -retours beheren. De tool kun je ook gebruiken om de leveringsmethodes van bpost in de webshop te integreren.

132 THEMA 2

LEVEL 5


Bekijk aandachtig het videofragment via diddit.

b

Uit welke leveringsmethodes kan de klant kiezen?

c

N

IN

a

Hoe kan de klant een pakje uit de pakjesautomaat halen?

VA

Waarom is die tool zo handig voor OdetteLunettes.edu?

©

d

THEMA 2

LEVEL 5 133


Action 7—

Kun jij de e-mails verbeteren volgens de mailetiquette?

Opties

Van: Sofieke@gmail.com

Bericht

Verzonden:

Aan: info@odettelunettes.edu

Onderwerp:

Geachte mevrouw, Geachte heer,

IN

Hartelijk dank voor het bezorgen van uw catalogus. Daaruit blijkt dat u een assortiment faceshields verkoopt. Daarom overwegen wij om bij u een bestelling te plaatsen voor de leerlingen om te gebruiken tijdens de lessen chemie.

N

Graag zouden wij een gedetailleerde prijsopgave ontvangen voor de aankoop van: – 100 faceshields

Indien uw voorwaarden gunstig zijn, kunt u rekenen op onze bestelling.

Met vriendelijke groeten, Sofie Verbeke

VA

©

Secundaire school “Lyceum De Poort” Amandus Geenenlaan 36 2100 DEURNE

134 THEMA 2

LEVEL 5


Action 8—

Kun jij inkomende e-mails van OdetteLunettes.edu goed verwerken?

Op 30 november 2023 ontving de onthaalmedewerker de volgende e-mail. Neem eventjes de taak over van de onthaalmedewerker en verwerk deze e-mail volgens de afspraken binnen OdetteLunettes.edu.

Bericht

Opties

Van: info@synergie.com

Aan: info@odettelunettes.edu Cc: Bijlage: prijsaanvraag.doc Onderwerp: Prijsaanvraag

Geachte mevrouw Geachte heer

N

Graag willen wij een offerte ontvangen voor: – 100 zonnebrillen voor mannen type Grant – 100 zonnebrillen voor vrouwen type Jones

IN

Verzonden:

Kunt u in het bijzonder de leveringstermijn vermelden?

VA

Met vriendelijke groeten Aagje Verbiest Synergie Wellness Point Brieleke 16 2160 WOMMELGEM tel. 03 354 99 11 fax 03 354 41 14

a

Aan welke afdeling/persoon moet de bovenstaande e-mail worden doorgestuurd?

Noteer een mogelijke tekst voor de e-mail.

©

b

THEMA 2

LEVEL 5 135


Action 9— 1

Kun jij een elektronische agenda maken?

Deze opdracht bestaat uit twee delen: DEEL 1

Maak voor jezelf een elektronische agenda aan. Noteer daarin jouw deadlines voor alle taken, opdrachten en testen. Maak je agenda in Word en gebruik hiervoor een sjabloon. Indien je meer ondersteuning wenst, kun je gebruikmaken van een link op diddit.

Maak een elektronische agenda aan voor Eline De Munck. Noteer daarin de volgende activiteiten: Wekelijks heeft Eline een overleg met de directies van de verschillende afdelingen op maandagmorgen van 8.30 tot 10.30 uur. Volgende week vrijdag komt de belastingcontroleur langs voor een controle van de belastingaangifte van het voorbije aanslagjaar. Eline verwacht die om 9.00 uur. Om die controle vlot te laten verlopen, wil Eline volgende week maandag om 9.00 uur samenzitten met de hoofdboekhouder Ewald van Geel. Ewald verwacht dat dat zeker de volledige voormiddag zal duren. Het wekelijkse overleg met de directies van de verschillende afdelingen vervalt dan.

Geef de bestanden een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

VA

2

N

IN

DEEL 2

136 THEMA 2

LEVEL 5


Action 10— Wanneer communiceer je beter niet via e-mail? Via diddit vind je een videofragment. a b c

Bekijk het fragment. Duid in de onderstaande tabel aan of je in de situaties wel of niet een e-mail zou gebruiken. Licht je antwoord toe: waarom wel of niet? Indien e-mail niet de beste keuze is, geef aan wat een alternatief zou kunnen zijn.

Duid JA aan wanneer je e-mail kunt gebruiken. Duid anders NEE aan. Je wilt alle klanten op de hoogte brengen van de nieuwe openingsuren. JA

NEE

Licht toe: Eventueel alternatief:

Je baas heeft je om 11.30 uur gevraagd om een klant te verwittigen dat hij de afspraak om 14.00 uur niet kan naleven. JA

N

Situatie 2

IN

Situatie 1

NEE

Licht toe:

VA

Eventueel alternatief:

Situatie 3

Je hebt een dringende vraag aan een klant om het klaarzetten van een bestelling te kunnen afronden. JA

NEE

Licht toe:

Eventueel alternatief:

Om een offerte te kunnen opmaken, heb je nog verschillende gegevens nodig van een potentiële klant.

©

Situatie 4

JA

NEE

Licht toe:

Eventueel alternatief:

THEMA 2

LEVEL 5 137


Action 11— Kun jij een functiebeschrijving analyseren? Ga naar diddit en lees aandachtig de functieomschrijving van de administratief medewerker. a

Op welke dienst moet de administratief medewerker haar taken uitvoeren?

b

Wat is de bedoeling van het onthaal bij het OCMW in functie van de bezoekers?

IN

c

Som de kerntaken van de administratief bediende aan het onthaal op.

N

d

Welke taak omvat de verwerking van de inkomende post?

VA

e

Welke computervaardigheden zijn vereist voor de verwerking van de elektronische post?

Action 12— Maak je eigen flashcards voor de Franse zakelijke communicatie

©

Flashcards zijn kaartjes met twee zijdes die allebei helemaal leeg zijn. Maar waarom worden ze dan gebruikt? Deze kaarten zijn een enorm handig hulpmiddel bij het leren. Ze zijn bedoeld om jezelf of een medeleerling te (laten) overhoren. a

138 THEMA 2

Gebruik de standaarduitdrukkingen van Explore 7. Aan de ene kant van de kaart schrijf je de Nederlandse uitdrukking of het begrip. Op de andere kant van de kaart zet je het antwoord in het Frans.

LEVEL 5


Er zijn trouwens meerdere benamingen voor flashcards. Soms heten ze flitskaarten, systeemkaarten, geheugenkaarten of steekkaarten. Het zijn allemaal synoniemen van elkaar.

Tip:

b

Oefen met een klasgenoot de verschillende uitdrukkingen in het Frans.

communicatie

IN

Action 13— Maak je eigen flashcards voor de Engelse zakelijke Gebruik de standaarduitdrukkingen van Explore 7. Aan de ene kant van de kaart schrijf je de Nederlandse uitdrukking of het begrip. Op de andere kant van de kaart zet je het antwoord in het Engels.

2

Oefen met een klasgenoot de verschillende uitdrukkingen in het Engels.

N

1

VA

Action 14— Kun jij een zakelijke brief opstellen volgens de eisen? Je stelt voor de volgende situatie een gepast, zakelijk e-mailbericht op. Houd rekening met alle basiselementen die je kunt raadplegen bij Explore 7.

Op diddit vind je een sjabloon om deze opdracht uit te werken.

©

Situatie: Bij OdetteLunettes.edu gaan er regelmatig grote hoeveelheden poststukken de deur uit. Tot nu toe werden die poststukken, meestal facturen, manueel gefrankeerd. Omdat het plooien van de facturen en het vullen van de briefomslagen veel tijd in beslag neemt, wil Eline De Munck een frankeermachine aanschaffen die ook die administratieve taken automatiseert en makkelijker maakt voor de onthaalmedewerker. Op een beurs vorige maand heeft ze een geschikt toestel gezien, namelijk een intimus MS 20 van het bedrijf DiscountOffice. Eline De Munck heeft aan de onthaalmedewerker gevraagd om een e-mail te sturen naar DiscountOffice (info@ DiscountOffice.com) om uitgebreide technische informatie over het toestel, de prijs en de leveringsvoorwaarden te vragen. Stel het e-mailbericht op.

THEMA 2

LEVEL 5 139


Action 15— Werkplekleren: Hoe gebeurt de verwerking van de post bij jou op school?

Ga na hoe de postverwerking op school gebeurt. Probeer een antwoord te krijgen op de onderstaande vragen. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche school

IN

Naam van je school

Adres

Website

Aantal werknemers

N

Openingsuren

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

VA

Postverwerking school

De inkomende post a

b

c

Waar komt de post binnen?

Wie haalt de post op?

Wie mag welke poststukken openmaken?

©

d Hoe wordt de inkomende post

a

b

c

d

geregistreerd?

e Hoe wordt er met binnenkomende post omgegaan (stempels, archiveren)?

e

140 THEMA 2

LEVEL 5


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK f Hoe wordt de post verder in de organisatie

f

verspreid?

De uitgaande post a Wat is de deadline of behandeltermijn

a

b

Wie brengt de post waarheen?

IN

voor uitgaande stukken?

b

c Hoe moeten de stukken aangeleverd worden (met of zonder envelop,

c

gevouwen, gesorteerd)?

e

d

N

d Wie is verantwoordelijk voor het frankeren van de post?

Wie zorgt voor een voorraad postzegels?

e

Hoe wordt uitgaande post geregistreerd?

f

VA

f

DEEL 3: NA HET BEZOEK

©

Verwerk al je informatie in een verslag. Werk het uit met een tekstverwerkingsprogramma. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van MS Word raadplegen. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 5 141


Action 16— Werkplekleren: Hoe gebeurt de verwerking van de post bij jouw stagebedrijf (of bezoek een bedrijf met de klas)?

Ga na hoe de postverwerking in het bedrijf gebeurt. Probeer een antwoord te krijgen op de onderstaande vragen. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche bedrijf

IN

Naam van het bedrijf

Adres

Website

Aantal werknemers

N

Openingsuren

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

VA

Postverwerking bedrijf

De inkomende post

a

b

c

Waar komt de post binnen?

Wie haalt de post op?

Wie mag welke poststukken openmaken?

©

d Hoe wordt de inkomende post

a

b

c

d

geregistreerd?

e Hoe wordt er met binnenkomende post omgegaan (stempels, archiveren)?

e

142 THEMA 2

LEVEL 5


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK f Hoe wordt de post verder in de organisatie

f

verspreid?

De uitgaande post g Wat is de deadline of behandeltermijn

g

h

Wie brengt de post waarheen?

IN

voor uitgaande stukken?

h

i Hoe moeten de stukken aangeleverd worden (met of zonder envelop,

i

gevouwen, gesorteerd)?

k

j

N

j Wie is verantwoordelijk voor het frankeren van de post?

Wie zorgt voor een voorraad postzegels?

k

Hoe wordt uitgaande post geregistreerd?

l

VA

l

DEEL 3: NA HET BEZOEK

©

Verwerk al je informatie in een powerpointpresentatie. Werk het uit met een tekstverwerkingsprogramma. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van MS PowerPoint raadplegen.

Hieronder vind je alvast 6 tips voor een goede presentatie: 1 Vermijd te veel informatie op een dia. 2 Beperk het gebruik van animaties. 3 Maak gebruik van sterk visueel materiaal. 4 Denk na over de boodschap die je wilt overbrengen. 5 Zorg voor eenvoud in je presentatie. 6 Zorg voor een duidelijk leesbaar lettertype. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 5 143


BREAKING NEWS 1

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST

IN

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan de inkomende en uitgaande post verwerken volgens de opgelegde procedures van een onthaalmedewerker.

2

Ik kan de inkomende post verwerken en registreren, zowel manueel als digitaal.

3

Ik kan de verschillende verzendingsmethodes zowel nationaal als internationaal toelichten.

4

Ik kan de aangetekende verzending toelichten.

5

Ik kan de elektronische post verwerken en gebruikmaken van de elektronische agenda.

6

Ik kan een duidelijke mappenstructuur maken in de documentenstroom.

7

Ik kan inkomende e-mails zakelijk beantwoorden volgens de mailetiquette.

8

Ik kan efficiënt een elektronische agenda en mailbox beheren.

9

Ik kan inkomende mails verdelen op een gestructureerde manier.

©

VA

N

1

144 THEMA 2

LEVEL 5


Beeldwoordenboek Level 5 BEGRIP

VERKLARING Dit is een verzending waarbij de geadresseerde een document bij ontvangst moet aftekenen met naam, handtekening en datum. De verzender is daardoor zeker dat wel degelijk de geadresseerde, en niet iemand anders, de zending heeft ontvangen.

aangetekende zending met ontvangstbewijs

Dit is een verzending waarbij de geadresseerde een document bij ontvangst moet aftekenen met naam, handtekening en datum. De verzender is daardoor zeker dat de geadresseerde, en niet iemand anders, de zending heeft ontvangen. Het ontvangstbewijs wordt vervolgens naar de verzender verzonden als een rechtsgeldig bewijs.

N Dit is een tool waar al de adressen van je contactpersonen en/of de contactpersonen van het bedrijf in zitten.

VA

adresboek

IN

aangetekende zending

AFBEELDING

©

adressen valideren

afgiftelijst

Je controleert adressen op echtheid, bijvoorbeeld via de website van bpost.

Op deze lijst van je aangetekende zendingen moeten de volgende zaken staan: het nummer van de barcode, de naam en het adres van de geadresseerde (zoals vermeld op de zending), de naam en het retouradres. De afgiftelijst wordt door bpost nagekeken en gevalideerd voor ze de dag na de afgifte per post wordt terugbezorgd aan de afzender.

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5 145


BEGRIP

VERKLARING Dat is de persoon die de post verzendt.

afwezigheidsmelding

Dat is een automatische melding die bij je afwezigheid wordt verstuurd.

bestemmeling of geadresseerde

Dat is de persoon die de post ontvangt, aan wie de post geadresseerd is.

N Dat is het registreren en verwerken van informatie met de computer.

VA

digitaal

IN

afzender

©

digitale handtekening

elektronisch aangetekende zending

146 THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

AFBEELDING

Een elektronische handtekening kun je gebruiken bij het digitaal ondertekenen van documenten.

Deze zending heeft dezelfde juridische waarde als de gewone aangetekende zending. Alleen bedrijven die daarvoor erkend zijn door de overheid kunnen zo’n zendingen sturen.

LEVEL 5


BEGRIP

VERKLARING Dat is een digitale agenda.

elektronische communicatie

Dat is alle communicatie die digitaal verloopt, zoals e-mails.

elektronische post

Dat is de post die je digitaal ontvangt.

N Deze machine zorgt ervoor dat de post steeds voldoende gefrankeerd is. Een frankeermachine bepaalt aan de hand van het formaat, het gewicht en de bestemming van het poststuk hoeveel er moet worden gefrankeerd.

VA

frankeermachine

IN

elektronisch agenda

AFBEELDING

©

gevalideerd afgiftebewijs

informele taal

Dit document dient als bewijs dat je aangetekende zending verstuurd is.

Dat is de niet-zakelijke taal die je kunt gebruiken bij het schrijven van een e-mail naar een vriend.

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5 147


BEGRIP

VERKLARING Dat is alle post die binnenkomt in het bedrijf en moet worden verwerkt.

labels

Dat is een kenmerk, bijvoorbeeld een codering of afkorting, waarin de datum, het onderwerp … verwerkt kunnen zijn.

leveringsmethodes

Dat is de manier waarop de post wordt bezorgd.

N Dat is je elektronische brievenbus.

VA

mailbox

IN

inkomende post

©

mappenstructuur

mailetiquette

148 THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

AFBEELDING

Dat is een overzichtelijke en logische structuur van verschillende mappen.

Dat zijn de taalregels die gelden bij het versturen van een e-mail.

LEVEL 5


BEGRIP

VERKLARING Dat is iets verwerken met de hand, schriftelijk verwerken.

non-priorzending

De post wordt binnen de drie werkdagen geleverd.

IN

manueel

AFBEELDING

code XXX XXXXXXXXX

Dat is het verwerken van de inkomende en uitgaande post in een bedrijf.

VA

postverwerking

Dat is Dit is een systeem waarbij de inkomende post een classificatie meekrijgt.

N

postregistratie

©

post met priorzegel

uitgaande post

De post wordt de volgende dag geleverd.

Dat is alle post die vertrekt vanuit een bedrijf.

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5 149


BEGRIP

AFBEELDING

Dat zijn alle e-mails die verzonden worden in functie van een bedrijf.

©

VA

N

IN

zakelijke e-mails

VERKLARING

150 THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5


LEVEL 6 Hoe ondersteun je een vergadering? INTRO Bekijk aandachtig het videofragment op diddit en de afbeelding hieronder.

a

N

IN

1

Waarom ervaren veel mensen vergaderen als belastend?

VA

b

Welke rol zou de onthaalmedewerker kunnen spelen in een goed verloop van een vergadering?

©

2

Kun je nu zelf een aantal onderzoeksvragen formuleren voor dit level?

THEMA 2

LEVEL 6 151


Re-explore 1—

Wat is een vergadering?

Vergadering

De vergadering bestaat uit een aantal leden: voorzitter: leidt de vergadering notulist: maakt een verslag van de vergadering leden: personen die deelnemen aan de vergadering

IN

Een vergadering of een meeting is een bijeenkomst van personen met een bepaald doel, bijvoorbeeld om de stand van zaken met elkaar door te nemen en eventueel besluiten te nemen.

1

N

Het doel en daarmee de tafelopstelling van de vergadering kunnen zeer verschillend zijn: informatie geven informatie uitwisselen een mening vormen ideeën ontwikkelen een besluit nemen activiteiten plannen

Je maakt een digitale mindmap over efficiënt vergaderen.

Ga naar diddit. Je vindt daar een video over efficiënt vergaderen en een gratis digitale tool om de mindmap te maken. Maak aantekeningen terwijl je het filmpje bekijkt. Maak na het bekijken van het filmpje de mindmap. Bespreek de video en de mindmaps klassikaal. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

VA

a

©

b c d e

152 THEMA 2

LEVEL 6


2

Ga naar diddit en bekijk het videofragment. a

Noteer wat er goed en fout liep tijdens de vergadering. POSITIEVE ELEMENTEN

NEGATIEVE ELEMENTEN

IN

Wat kan de onthaalmedewerker doen om ervoor te zorgen dat een vergadering goed verloopt?

N

b

VA

Re-explore 2—

Bij een vergadering horen veel verschillende taken. Bekijk aandachtig hieronder alle taken die voor, tijdens en na een vergadering moeten worden vervuld. a

Vul in welke taken voor, tijdens en na de vergadering plaatsvinden. Kies uit:

©

1

Wie is voor welke taak verantwoordelijk?

punten van de agenda bepalen – acties opvolgen – apparatuur klaarzetten – catering reserveren – doel van de vergadering bepalen – lokaal opruimen – lokaal reserveren – lokaal schikken – notuleren – presentielijst maken – uitnodiging maken – uitnodiging versturen – vergadering leiden – vergadering openen – vergadertijdstip bepalen – verslag maken – verslag versturen

THEMA 2

LEVEL 6 153


b

Noteer nu wie voor welke taak verantwoordelijk is. Kruis aan. TAKEN

VOORZITTER

ONTHAALMEDEWERKER

VOOR DE VERGADERING

IN

N

TIJDENS DE VERGADERING

VA

©

NA DE VERGADERING

154 THEMA 2

LEVEL 6


2

Welke boodschap wil de cartoonist met deze cartoon meegeven? Wie weet of we de vorige notulen al besproken hebben?

...en dan heb ik nu nog een puntje - wat verder nog ter tafel komt....

.....KUCH....

IN

O, nee - nog 2 puntjes...

Explore 3— Hoe stelt de onthaalmedewerker een uitnodiging met

N

agenda voor de vergadering op?

Uitnodiging voor een vergadering

VA

Een uitnodiging voor een vergadering moet een aantal elementen bevatten om de deelnemers zo goed als mogelijk te informeren. Bekijk de uitnodiging voor een vergadering bij OdetteLunettes.edu. a b

Omcirkel in de brief eerst de acht belangrijkste elementen. Vul daarna de tabel aan.

Tip:

Denk aan de 5 w’s als je een uitnodiging voor een vergadering verstuurt. Je kunt ook Explore 1 er nog even bijnemen.

©

1

THEMA 2

LEVEL 6 155


BELANGRIJKE ELEMENTEN 1

AANDACHTSPUNTEN/OMSCHRIJVING Let op dat je de

Wie nodigt uit? Van wie komt de uitnodiging?

vermeldt met alle gegevens zoals:

3

Wat is het

Dit zijn de

4

van de vergadering?

informatie geven informatie uitwisselen activiteiten plannen

naam van de voorzitter deelnemers en hun functie

Als het gaat om een interne vergadering, dan noteer je het lokaalnummer met eventueel de verdieping. Als het gaat om een externe vergadering, dan noteer je het gebouw, adres, lokaal en vul je eventueel aan met de route voor de auto, openbaar vervoer en parkeermogelijkheden.

IN

2

of

van een vergadering.

5

VA

N

6

8

156 THEMA 2

Je noteert in de uitnodiging en

De opsomming in de uitnodiging is

de

©

7

Om hoe laat begint en eindigt de vergadering vermoedelijk?

Je vermeldt het tijdstip en de volledige datum met weekdag, dag, maand en jaar om misverstanden te voorkomen.

.

. Deze

in de uitnodiging. Je kunt de tijdsduur bij elk agendapunt vermelden.

In

die de deelnemers moeten doornemen voor de vergadering.

LEVEL 6

verstuur je


O

OdetteLunettes.edu Meir 85 2000 ANTWERPEN Icoon telefoon +32 3 746 0x xx Icoon e-mail info@odettelunettes.edu

odette lunettes

Aan: Verantwoordelijke afdelingen

Onderwerp: Wekelijks overleg Beste collega’s

IN

Uw kenmerk van uw kenmerk ons kenmerk Antwerpen WO/ week08 20XX-02-14

Hierbij nodig ik jullie graag uit voor ons wekelijks overleg op maandag 17 februari in het vergaderlokaal. We starten zoals gewoonlijk stipt 08.30 uur en eindigen om 10.30 uur.

N

De agenda ziet er als volgt uit: 1 Verslag van 10 februari 20xx: goedkeuring en opvolging 2 Bespreking gratis oogmetingen in de winkels 3 Bespreking omzetcijfers voorbije maand 4 Brainstorm in verband met de nieuwe reclamecampagne voor de zomer. 5 Varia

VA

Als bijlage vinden jullie het verslag van het werkoverleg van vorige week en de omzetcijfers van de voorbije maand. Mag ik op jullie aanwezigheid rekenen? Met vriendelijke groeten, Eline De Munck Directeur

BTW BE

BIC

Maak nu zelf een uitnodiging voor het komende oudercontact op jouw school in verband met de schoolreis naar Italië. In de agenda neem je de volgende zaken op: de onkosten voor de schoolreis de vereiste reisdocumenten de reisafspraken voor de leerlingen het reisprogramma

©

2

IBAN BE

Je maakt deze uitnodiging in een tekstverwerker. Noteer naast elk agendapunt de tijdsduur. Gebruik de gegevens en het logo van je school.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 6 157


Good to know

VA

N

IN

Een goede, effectieve vergadering duurt niet langer dan 1,5 uur. Het is zelfs beter om minder dan een uur te vergaderen. Maximaal een uur vergaderen is een fijne vuistregel, omdat een periode van een uur makkelijk te reserveren is in agenda’s. Daarnaast blijven deelnemers scherp, waardoor een vergadering efficiënt blijft. We vergaderen soms veel te lang en hakken niet snel genoeg knopen door. Om dat te voorkomen, heeft het tijdschrift Klasse (een tijdschrift voor het onderwijs) de vergaderdobbelsteen ontwikkeld.

4

Aan de slag met de dobbelsteen! Plan met de klas een klein overleg van maximaal een uur. a

©

b

Bedenk samen welke regel je graag zou willen aanpassen in het schoolreglement en waarom? Spreek samen de duur van de vergadering af. Stel een voorzitter en een notulist aan. De voorzitter zorgt ervoor dat iedereen aan bod kan komen en respecteert de tijd. Formuleer op een goed doordachte manier je mening. De leerkracht gooit voor de vergadering met de dobbelsteen en zegt met welk verbeterpuntje iedereen rekening moet houden tijdens de vergadering. Op het einde van de vergadering gaat iedereen aan de slag met het verslag van de notulist. Je maakt in een tekstverwerker een brief aan de directie en verwerkt de informatie van de notulen. Overleg met je leerkracht welke leerlingen hun brief mogen overhandigen aan de directie.

c d e

158 THEMA 2

LEVEL 6


Re-explore 4—

oe kan de onthaalmedewerker een geschikte datum H vinden voor een vergadering?

Doodle

©

VA

N

IN

Een geschikt vergadermoment plannen is volgens de onthaalmedewerker de laatste jaren wel een hele klus geworden. Zeker wanneer er externen bij betrokken zijn. De drukke agenda’s moeten dan naast elkaar gelegd worden. Om een geschikt tijdstip te bepalen voor een vergadering, kan de onthaalmedewerker het best een Doodle opstellen. Je kunt daarmee aan een groep mensen enkele data van een kalender voorstellen voor een meeting. Iedere persoon kan dan aanduiden op die agenda welke datums passen. Er is een centrale kalender waarop iedereen de beschikbaarheid kan aanduiden. Op die manier hoef je niet iedereen apart te contacteren.

1

Je gaat een activiteit plannen. Eerst probeer je het uit, daarna plan je echt een vergadering. Hieronder vind je een stappenplan voor het opstellen van Doodle. Bekijk ook de instructievideo op diddit. STAPPENPLAN Stap 1: Ga naar www.doodle.com en klik op ‘Een activiteit plannen’. Stap 2: Geef bij het onderdeel ‘Algemeen’ de juiste gegevens in. Klik daarna op ‘Volgende’. Stap 3: Bij het onderdeel ‘Tijdsvoorstellen’ kun je eerst beslissen welke weergave je nodig hebt: ‘Normale agenda’, ‘Agendaweergave’ of ‘Vrije tekst’. Kies voor ‘Normale agenda’ en klik vervolgens op de mogelijke data waarop je de vergadering wilt vastleggen. Klik op ‘Volgende’ om de mogelijke tijdstippen (begin- en einduur) voor de vergadering op te geven. Klik daarna op ‘Volgende’. THEMA 2

LEVEL 6 159


Stap 4: Klik in het onderdeel ‘Instellingen’ op ‘Volgende’ voor een normale peiling. Kies bij het onderdeel ‘Uitnodigen’ om de Doodle handmatig te versturen. Klik daarvoor op ‘Voltooien’ in het vak ‘U verstuurt de uitnodiging’. Je krijgt dan een scherm met daarin de ‘Koppeling voor deelname’. Kopieer die koppeling en stuur ze via e-mail door naar iedereen die je wilt uitnodigen voor de vergadering. Eline De Munck vergadert wekelijks met de verantwoordelijken van de verschillende afdelingen op dinsdagmorgen van 8.30 tot 10.30 uur. Daardoor is het vinden van een vergaderdatum geen probleem, want de onthaalmedewerker heeft de verantwoordelijken van de verschillende afdelingen gevraagd om dat vergadermoment in de mate van het mogelijke vrij te houden in hun agenda.

VA

N

IN

2

© Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-WaaslandFollow Kick-off Plato Fashion

Je maakt een Doodle aan, net zoals Eline, voor een kort overleg met je klasgenoten en enkele leerkrachten. Je wilt samen met je klas de leerlingen van de eerste graad warm maken voor de richting organisatie en logistiek in de tweede graad door een infomoment te organiseren op school. Hierbij hebben jullie de steun van verschillende leerkrachten nodig. Leg een datum voor het overleg vast met een Doodle. Volg hiervoor het stappenplan van Re-explore 4, opdracht 1.

©

a

b

160 THEMA 2

Gaat het vastleggen van de datum makkelijk, dan geef je in de uitnodiging als keuze twee tijdstippen meer op dan het aantal deelnemers. Laat elke uitgenodigde deelnemer twee momenten aanduiden. In je groepje kun je experimenteren met het afwijzen van tijdstippen en ontdekken wat er gebeurt. Lukt het om een tijdstip vast te leggen? Zo niet: wijzig dan de tijdstippen van de uitnodiging.

LEVEL 6


Explore 5— Hoe kan de onthaalmedewerker reacties goed registreren en een presentielijst opstellen?

Taken van de onthaalmedewerker

1

IN

Zodra het doel van de vergadering is vastgelegd, moet de voorzitter bepalen welke personen moeten worden uitgenodigd. Het is belangrijk dat alleen die personen worden uitgenodigd die een meerwaarde betekenen voor de vergadering. De onthaalmedewerker moet: de contactgegevens van de deelnemers opzoeken en verzamelen; een tijdstip vaststellen; de deelnemers voor de vergadering uitnodigen; de reacties op de vergaderuitnodiging verzamelen; de personen die niet antwoorden of de niet-respondenten opvolgen; een aanwezigheidslijst of presentielijst opstellen. Een registratiebestand kun je opmaken via een rekenblad. Volg de onderstaande stappen om een registratiebestand op te maken voor een vergadering binnen OdetteLunettes.edu.

STAPPENPLAN Stap 5: Geef alle rijen de standaardhoogte.

N

Stap 1: Open de werkmap met de gegevens van de werknemers van OdettesLunettes.edu. Je vindt die werkmap op diddit.

Stap 3: Geef het werkblad de naam ‘Intern werkoverleg’.

Stap 7: Geef rijen 1 en 2 de volgende inhoud, zodat de tabel er als volgt uitziet:

VA

Stap 2: Voeg vooraan een werkblad toe.

Stap 6: Geef de kolommen de volgende breedte: Kolom A: 9 tekens Kolom F: 12 tekens Alle andere kolommen: 25 tekens

©

Stap 4: Breng de volgende opmaak aan in het werkblad ‘Intern werkoverleg’.

2

In kolom A wordt de week genoteerd waarin het werkoverleg gepland is. Zorg ervoor dat de onthaalmedewerker bij het ingeven van de namen van de deelnemers in kolom B kan kiezen uit een lijst van het personeel van OdetteLunettes.edu. Zorg ervoor dat de naam van de afdeling, het e-mailadres en het rechtstreekse nummer vanzelf verschijnen zodra de naam van de deelnemer is ingevuld. Standaard wordt er in kolom F een vraagteken ingevuld. Wanneer de deelnemer zijn aanwezigheid bevestigt, moet je ‘ja’ noteren. Verontschuldigt de deelnemer zich, dan noteer je ‘nee’ en vermeld je indien mogelijk de reden van afwezigheid in kolom G. Zoals je in de afbeelding kunt zien, moet de cel groen gearceerd worden wanneer de deelnemer aanwezig zal zijn en rood wanneer hij zich verontschuldigt. De kleur is oranje zolang de deelnemer niet gereageerd heeft.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. THEMA 2

LEVEL 6 161


Presentielijst Op basis van de reacties van de deelnemers wordt een presentielijst gemaakt. Die presentielijst moet zo opgesteld zijn dat de notulist na de vergadering de lijst van aan- en afwezigen (in de notulen) correct kan samenstellen. Wanneer de presentielijst bedoeld is voor een interne vergadering, kun je de kolom ‘organisatie’ weglaten.

NAAM

FUNCTIE

a b

PARAF

Gebruik het lettertype Calibri. De vermeldingen ‘presentielijst, naam, functie, organisatie en paraaf’ krijgen een hoofdletter en zijn in het vet gedrukt. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

c

162 THEMA 2

ORGANISATIE

Maak nu zelf twee presentielijsten op in een tekstverwerker voor OdetteLunettes.edu. Je maakt gebruik van het logo dat je vindt op diddit. Maak een eenvoudige presentielijst voor een intern overleg en een presentielijst voor een extern overleg. Houd rekening met de volgende criteria:

VA

3

Vergadering: Datum: Tijd: Locatie:

N

o o o o

IN

PRESENTIELIJST

LEVEL 6


Explore 6— Hoe verloopt de fysieke vergadering?

Tijdens de vergadering De voorzitter leidt de vergadering en zorgt ervoor dat alle leden aan het woord kunnen komen. De voorzitter houdt ook de agendapunten en de tijd in het oog. De notulist noteert aandachtig tijdens de vergadering en maakt een verslag. Een goed verslag is overzichtelijk en zorgt ervoor dat je in een oogopslag weet waarover het gaat. Bekijk aandachtig het onderstaande schema.

DATUM

LOCATIE

deelnemers verontschuldigd verslaggever

agendapunt 3 agendapunt 4

N

agendapunt 1 agendapunt 2

IN

VERSLAG VERGADERING

VA

ACTIES IN OPVOLGING VAN DE VERGADERING

EIGENAAR

DEADLINE

STATUS

actie 1 actie 2 actie 3 actie 4

DATUM

©

VOLGENDE VERGADERING

bijlagen aan het verslag

1

Maak nu zelf een sjabloon aan voor een verslag van een vergadering in een tekstverwerker.

2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 6 163


Het verslag van de vergadering

Non-verbaal gedrag

IN

Houd rekening met de volgende vuistregels bij het maken van het verslag: Gebruik korte zinnen. Schrijf geen taalfouten. Let op hoofdlettergebruik. Noteer duidelijk of er bijlagen zijn aan het verslag. Wees zeer bondig en noteer geen overbodige zaken die niet relevant zijn.

Tijdens de vergadering is je non-verbaal gedrag ook een manier van communiceren met de andere leden.

N

Aankijken en knikken Wie het met jou eens is, zal je aankijken en knikken. Er zijn ook personen die geen stelling willen nemen, zij zullen oogcontact vermijden. Die mensen kijken vaak naar beneden of beginnen snel iets op te schrijven. De mensen die het niet zo heel interessant vinden, zitten achteruit in hun stoel. De echte ongeïnteresseerden staren doelloos voor zich uit of kijken wat in het rond.

VA

Open houding Gespreksdeelnemers die het onderwerp belangrijk vinden, volgen de sprekers op een non-verbale manier. Dat wil zeggen dat ze veel knikken met hun hoofd als ze het eens zijn met de spreker. Ze nemen vaak dezelfde houding aan als de spreker. Gesloten houding De mensen die het niet eens zijn met de spreker, bewegen hun hoofd nauwelijks. Ze zitten achteruit en nemen een starre, gesloten houding aan. Vaak hebben ze hun armen over elkaar.

3

Bekijk aandachtig de persoon. Welke indruk geeft de houding van de persoon jou tijdens een vergadering? Vul de tabel in.

©

1

164 THEMA 2

LEVEL 6

2

3

4


SITUATIE 2

SITUATIE 3

SITUATIE 4

IN

SITUATIE 1

Explore 7— Hoe verloopt een online vergadering?

Online vergadering

VA

N

Zoom, Teams, Meet en Skype zijn de meest gedownloade apps om een online vergadering te organiseren. Online of virtueel vergaderen is sinds de coronacrisis het nieuwe normaal. Die manier van vergaderen vergde heel wat aanpassing ten opzichte van fysiek vergaderen. Het grote verschil met het fysiek vergaderen is dat je niet meer samen in een ruimte zit. Voor je online vergadering zoek je best een rustige plek en zorg je voor een goede internetverbinding. Bij een virtuele vergadering is een duidelijke taakverdeling nog belangrijker dan tijdens offline vergaderingen. Verdeel daarom de taken op voorhand. Maak aan het begin van elke meeting enkele heldere afspraken. Stem bijvoorbeeld af op welke manier je het woord kunt vragen, of je al dan niet gebruik wilt maken van de chatfunctie en hoe er documenten gedeeld worden. Tijdens het online vergaderen houd je het best rekening met een aantal zaken. Bekijk aandachtig het videofragment over de de do’s en don’ts tijdens een vergadering. Noteer hieronder de tips voor een online vergadering.

©

1

THEMA 2

LEVEL 6 165


2

IN

Met de tool Skype kun je gratis vergaderen. Kijk aandachtig naar het videofragment. Werk vervolgens per twee en stel voor elkaar een uitnodiging voor een vergadering via Skype op. Test je link bij elkaar.

N

Explore 8— Hoe verzamelt de onthaalmedewerker bijlagen voor de agenda?

VA

Vaak verstuurt de onthaalmedewerker samen met de uitnodiging documenten naar de deelnemers van de vergadering. Op die manier kunnen ze zich voorbereiden en verloopt de vergadering efficiënter. Eline De Munck en haar zakenpartner willen de verkoopcijfers van de brillen van de maanden juli en augustus bespreken. Ze willen een overzicht van de omzetcijfers van die twee maanden in bijlage meesturen met de uitnodiging. Hieronder vind je die omzetcijfers per productcategorie. PRODUCTCATEGORIE

OMZET EXCL. BTW 18 284,00 euro

zonnebrillen

5 714,43 euro

Odette-kleding

2 841,36 euro

©

brilmonturen

Odette-accessoires TOTAAL

586,21 euro 27 426,00 EURO

a

Verwerk de omzetcijfers in een overzichtelijke tabel met een rekenblad. Zorg ervoor dat het totaal automatisch wordt berekend. Bij de getalnotatie houd je rekening met de NBN-normen. Gebruik de ICT-fiches van rekenblad indien nodig.

b

Geef de omzetcijfers grafisch weer. Kies een geschikt grafiektype.

c

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

166 THEMA 2

LEVEL 6


Explore 9— Hoe reserveert de onthaalmedewerker een geschikte vergaderruimte?

Vergaderruimte reserveren

©

VA

N

IN

De vergaderruimte moet geschikt zijn voor het aantal deelnemers en het type vergadering. Als er maar enkele personen aan de vergadering deelnemen, kun je in het kantoor van de voorzitter vergaderen. Als er meer deelnemers zijn, moet je in het bedrijf (intern) of buiten het bedrijf (extern) een vergaderlokaal reserveren. Houd dan rekening met deze punten: Ligging: zorg ervoor dat de locatie makkelijk bereikbaar is met de auto maar ook via het openbaar vervoer. Vaak vind je op de website van de locatie een beschrijving terug van hoe bezoekers het gebouw kunnen bereiken. Gebouw: zorg ervoor dat het gebouw het imago van de onderneming uitstraalt. Parkeergelegenheid: voorzie voldoende parkeergelegenheid, zeker wanneer het gebouw toch moeilijk te bereiken is met het openbaar vervoer. Het kan ook handig zijn om een aantal parkeerplaatsen te reserveren zodat de genodigden zeker zijn van een parkeerplaats. Wanneer er geen parkeergelegenheid is aan het gebouw zelf, is het handig dat de bezoekers een aantal parkeergarages in de buurt kunnen vinden. Je vindt die informatie meestal ook op de website van de vergaderlocatie. Vergaderruimte: voorzie voldoende ruimte voor het aantal deelnemers. Zorg dat iedereen genoeg zitcomfort en schrijfruimte heeft. In coronatijden moeten de deelnemers voldoende afstand kunnen houden van elkaar. Een ruimte zonder ramen kan heel beklemmend overkomen, zeker in de zomer. Een airconditioning kan hier wel uitkomst bieden. Inrichting: zorg voor comfortabele stoelen en goede verlichting. Wanneer de deelnemers moeten noteren, is het belangrijk dat er ook tafels worden voorzien. Tafelopstelling: pas de opstelling aan aan het aantal deelnemers en het doel. In sommige gevallen is het belangrijk dat de deelnemers elkaar goed kunnen zien, want lichaamstaal en oogcontact kunnen heel belangrijk zijn tijdens een vergadering. Catering: wanneer er maar een beperkt aantal deelnemers is, kan de catering in het lokaal zelf worden aangeboden. Bij een groot aantal deelnemers is het belangrijk dat de catering in de buurt van het vergaderlokaal wordt aangeboden zodat er niet onnodig tijd verloren gaat. Sommige personen willen misschien ook online aansluiten. Een stabiele internetverbinding is dan ook essentieel.

THEMA 2

LEVEL 6 167


IN

Ieder jaar willen Eline De Munck en Bob Geraets hun nieuwe collecties voor het volgende jaar voorstellen tijdens een event met aansluitend een receptie.

Surf naar de website van de eventlocatie. Maak een verslag waarin de volgende elementen aan bod komen: foto’s van de locatie oppervlakte van de evenementsruimte mogelijke tafelopstellingen de faciliteiten binnen de vergaderruimtes parkeergelegenheid binnen de omgeving bereikbaarheid met het openbaar vervoer mogelijkheid voor een receptie mogelijke cateringbedrijven (naam, adres en website)

VA

a b

N

Ze verwachten ongeveer 40 deelnemers. Ze willen het event laten doorgaan in Lightroom 35, Patijntjesstraat 35 in Gent. Vooraleer ze die locatie definitief willen vastleggen, hebben ze nog een aantal vragen. Als onthaalmedewerker van OdetteLunettes.edu ga je Eline en Bob voorzien van een verslag.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

c

168 THEMA 2

LEVEL 6


Explore 10— Hoe beheert de onthaalmedewerker de mailbox op een professionele manier?

Presentatiemateriaal

VA

N

IN

Afhankelijk van de insteek van je vergadering, heb je de volgende materialen nodig: een beamer en projectiescherm of groot tv-scherm een laptop geschikte kabels een afstandsbediening een flip-over of whiteboard stiften of whiteboardmarkers post-its notitieboekjes schrijfwaren, zoals pennen en markeerstiften

©

Presentatiemateriaal Wil je gebruikmaken van een digitale presentatie, vergeet dan niet te controleren of de vergaderruimte over een beamer en projectiescherm of een tv beschikt. Check ook even of je de juiste kabels hebt om je laptop op die apparatuur aan te sluiten. Een beamer kun je met een VGA- of HDMI-kabel aansluiten op een computer of laptop. Start je presentatie altijd even op voordat de vergadering begint. Zo weet je zeker dat alles werkt en zo niet, dan heb je nog tijd om iets anders te regelen. Vergeet ook niet om een afstandsbediening te regelen om door de slides van je presentatie heen te gaan. Zo hoef je niet de hele tijd naast je laptop te blijven staan.

THEMA 2

LEVEL 6 169


Schrijfborden en toebehoren Zijn er zaken die verder moeten worden toegelicht of uitgetekend om ze te verduidelijken, zorg dan dat er een flip-over of whiteboard in de ruimte aanwezig is. Vergeet ook de stiften of whiteboardmarkers om hierop te schrijven niet! Is het lastig om een flip-over of whiteboard te regelen? Geen probleem! Met de statische folies van Magic-Chart kun je bijna iedere ondergrond omtoveren tot vergaderbord.

VA

N

IN

Schrijfmateriaal voor deelnemers Voor deelnemers aan de vergadering is het prettig om de mogelijkheid te hebben om notities te maken. Leg daarom notitieboekjes en pennen voor ze klaar. Daarnaast wil je wellicht de interactie van je vergadering vergroten door input van de deelnemers te vragen. Post-its werken hiervoor perfect. Hier kan iedereen ideeën op kwijt en die kunnen ze vervolgens op een flip-over, whiteboard of Magic-Chartfolie plakken.

Good to know

©

Video graphics array, afgekort VGA, is jarenlang dé standaard geweest voor het analoog weergeven van beelden op een computermonitor. Omdat VGA niet digitaal is, geeft het de beelden niet in HD weer. De aansluiting wordt niet veel meer gebruikt. HighDefinition Multimedia Interface, afgekort HDMI, draagt zowel video- als audiosignalen digitaal over. Het signaal is niet gecomprimeerd en beter dan bij een analoge aansluiting. Je zult vaker een draadloze verbinding gebruiken met behulp van bijvoorbeeld een ClickShare of Airtame.

170 THEMA 2

LEVEL 6


Ook jouw school zal gebruikmaken van een beamer of een groot tv-scherm om digitaal te presenteren tijdens de lessen of op vergaderingen. Je gaat de ICT-verantwoordelijke uitnodigen en een aantal vragen stellen.

b c d e f

Brainstorm met de hele klas over een aantal vragen die je aan die verantwoordelijke wilt stellen over de aansluiting van een laptop/computer op de beamer of een groot tv-scherm. Maak een Doodle aan om de ICT-verantwoordelijke uit te nodigen en het geschikte tijdstip te bepalen. In de uitnodiging vermeld je waarom je de persoon uitnodigt, de datum en het tijdstip. Bezorg ook al de vragen die je zult stellen. Maak tijdens het bezoek de nodige aantekeningen. Verwerk de aantekeningen met een tekstverwerker in een overzichtelijk schema, zodat je hier ook achteraf zelf mee aan de slag kunt gaan. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

TO THE POINT

IN

a

N

Een vergadering of een meeting is een overleg met een bepaald doel. Een vergadering bestaat uit leden: een voorzitter, een notulist of verslaggever en de andere deelnemers. Het doel van een vergadering kan variëren van het geven van informatie, informatie uitwisselen, een mening vormen, ideeën ontwikkelen, een besluit nemen of activiteiten plannen.

VA

Vergadering plannen Een onthaalmedewerker speelt een heel cruciale rol bij de ondersteuning van vergaderingen en dat zowel voor, tijdens als na de vergadering. Of de taken uitgebreid zijn of eerder beperkt, hangt onder andere af van het doel van de vergadering en het aantal deelnemers. In de voorbereiding van een vergadering kruipt heel wat tijd en energie. Toch is een goede voorbereiding noodzakelijk voor een vlotte en efficiënte vergadering. De voorzitter zal het doel, de datum en het tijdstip van de vergadering moeten bepalen. De onthaalmedewerker kan daar een bijdrage aan leveren door een Doodle aan te maken.

©

Uitnodiging en aanwezigheden Vervolgens kun je als onthaalmedewerker een uitnodiging voor de vergadering opstellen. Het is belangrijk om in de uitnodiging een agenda te vermelden. Dat zijn de punten die de voorzitter tijdens de vergadering aan bod wil laten komen. Om de leden van de vergadering een idee te geven over de duur van een vergadering, kun je per agendapunt een bepaalde tijdsduur bijvoegen. Naast agendapunten kun je ook een lijst opstellen van wie de vergadering zal bijwonen. Vaak bezorgt de onthaalmedewerker samen met de uitnodiging al documenten aan de deelnemers van de vergadering. Op die manier kunnen ze zich voorbereiden en verloopt de vergadering efficiënter. Verstuur de uitnodigingen voor de vergadering op tijd en vraag de leden om hun aanwezigheid te bevestigen. Dat kun je doen met een registratiebestand. Zo heb je een zicht op het aantal personen dat de vergadering zal bijwonen. Je zult ook een aantal administratieve taken moeten vervullen, zoals het opstellen van een presentielijst. De onthaalmedewerker moet ook de personen die niet antwoorden of de niet-respondenten goed opvolgen. Tijdens de vergadering moet je steeds rekening houden met de non-verbale communicatie. Uit die communicatie kun je de betrokkenheid van de verschillende leden zien.

THEMA 2

LEVEL 6 171


Online vergaderen Een online vergadering of virtuele vergadering verloopt bijvoorbeeld via Teams, Skype ... Bij die manier van vergaderen is het zeer belangrijk dat de voorzitter op voorhand een aantal zaken afspreekt met de leden, zoals op welke manier je bijvoorbeeld het woord kunt vragen.

IN

Voorzieningen tijdens de vergadering De volgende onderdelen moet of kun je voorzien bij een vergadering: Zorg voor een goede en rustige vergaderruimte. Ga na of er voldoende plaats en aansluitingen zijn voor presentatiemiddelen zoals een beamer en de mogelijkheden om die aan te sluiten met een HDMI-kabel of draadloos met ClickShare of Airtame. Zorg eventueel ook voor een flip-over, papier, een whiteboard of Magic Chart, stiften … als je die tijdens het overleg nodig hebt. De vergaderruimte kan op verschillende manieren ingericht worden. De tafelopstelling zal afhangen van het doel van de vergadering. De onthaalmedewerker staat ook meestal in voor de organisatie van de catering zodat de leden van de vergadering kunnen genieten van een drankje eventueel aangevuld met een hapje.

Kun jij een vergadering goed organiseren en uitvoeren?

N

Action 1—

De klas wil als afsluitmoment op het einde van het schooljaar een uitstap organiseren. Jullie gaan dit bespreken in een vergadering. De opdracht bestaat uit verschillende delen. Wil je de vergadering extra leuk maken, gebruik dan de tip aan het einde van deze Action.

VA

Tip:

DEEL 1

Stel een Doodle op waarbij jullie een aantal data voorstellen wanneer de uitstap kan doorgaan. Houd er rekening mee dat je ook enkele leerkrachten en eventueel de directie opneemt in jullie bestand. In samenspraak met de leerkracht wordt uiteindelijk bepaald wie het definitieve voorstel mag doorsturen. Neem een screenshot van je werk en plak dat in een document.

b

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

a

DEEL 2

Stel samen de agenda voor de vergadering op. Wat willen jullie bespreken? Noteer.

172 THEMA 2

LEVEL 6


DEEL 3 Verdeel de taken over de klasgroep.

Wie is de notulist?

Wie zijn de leden?

IN

Wie is de voorzitter?

DEEL 4

N

VA

Stel een schriftelijke uitnodiging op voor de vergadering. In samenspraak met de leerkracht wordt er beslist welke uitnodiging definitief wordt doorgestuurd naar alle partijen. De vergadering mag maximaal een uur duren. a

b

©

c

Maak een registratiebestand in een rekenblad waarin je de reacties van de deelnemers noteert. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je Explore 5 opnieuw raadplegen. Stel een presentielijst met een tekstverwerker op. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je Explore 5 opnieuw raadplegen. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 6 173


DEEL 5 a

Tijdens de eigenlijke vergadering zal de leerkracht je beoordelen volgens de onderstaande criteria. De leerkracht zal aanduiden of iets voldoende (V) of niet voldoende (NV) wordt gedaan en eventueel feedback geven in de kolom ‘opmerkingen’. EVALUATIEFICHE

NAAM LEERLING: V

IN

BEOORDELINGSCRITERIA

NV

Opmerkingen

DE VOORZITTER —

leidt de vergadering goed

geeft alle leden de gelegenheid om iets te zeggen

houdt de timing in het oog

grijpt in als er door elkaar wordt

gepraat

geeft aan welk lid het woord

heeft

zorgt ervoor dat alle punten van

de agenda aan bod komen

VA

N

DE NOTULIST

noteert de gemaakte afspraken

geeft juist weer wat er werd

gezegd

noteert de acties en volgt die op

©

hebben een inbreng

luisteren actief

vragen het woord aan de

voorzitter

richten zich tot de hele groep

— b

174 THEMA 2

DE DEELNEMERS

Maak gebruik van de vergaderdobbelsteen. Je kunt die downloaden via diddit.

LEVEL 6


DEEL 6 a

Iedere leerling maakt aan de hand van de notulen van de notulist een verslag op. Je vindt een sjabloon voor je verslag op diddit.

b

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

DEEL 7

WAT GING GOED?

IN

Maak een video over de vergadering. Bekijk die video opnieuw in duo’s. Noteer wat er goed en minder goed verliep tijdens jullie vergadering. Bespreek dat achteraf klassikaal. WAT KAN BETER?

Tip:

N

Maak je vergadering extra leuk en gebruik eens ‘bullshit-bingo’ tijdens de vergadering zoals in de Verenigde Staten. Zo werkt het: Zet eerst enkele nietszeggende woorden of uitdrukkingen die in je bedrijf gebruikt worden, op een rij. Na enkele minuten heb je er al heel wat!

©

VA

1

2

Werk ze vervolgens uit op een bingoformuliertje van bijvoorbeeld zes bij zes vakjes. Deel voor een vergadering de formuliertjes uit en leg de spelregels kort uit.

3

De spelregels: Elke keer als er een woord valt dat op het lijstje voorkomt, kruis je dat aan. Heb je vijf kruisjes op een rij (horizontaal, verticaal of diagonaal) aangekruist op de kaart, dan mag je heel luid ‘bullshit’ roepen. Het voorkomt indutten tijdens de vergadering en roept alle deelnemers op om hun argumenten goed te formuleren!

THEMA 2

LEVEL 6 175


Action 2—

Wat is de vergadercultuur in België volgens comedian Arnout Van den Bossche?

Deze opdracht bestaat uit drie delen. Werk hiervoor in duo’s. a

Luister naar de podcast van comedian Arnout Van den Bossche over de Belgische vergadercultuur. Wat zijn volgens hem de grootste ergernissen over de manier van vergaderen? Som er tien op.

IN

b

N

VA

Interview drie verschillende mensen over hun ergernissen tijdens vergaderingen. Noteer hieronder hun bevindingen. Naam persoon 1

Naam en adres van het bedrijf

Voornaamste ergernissen tijdens het vergaderen.

©

Naam persoon 2

Naam van het bedrijf

Voornaamste ergernissen tijdens het vergaderen.

176 THEMA 2

LEVEL 6


Naam persoon 3

Naam van het bedrijf

Voornaamste ergernissen tijdens het vergaderen.

Maak zelf een podcast van 5 minuten. Bespreek de meest voorkomende ergernissen tijdens het vergaderen en geef vijf tips voor een efficiënte vergadering om ergernissen en frustraties te voorkomen.

IN

c

Neem de podcast op met je gsm. Laat je klasgenoten het resultaat beluisteren. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Wat is de start van een goede vergadering?

N

Action 3—

VA

Een leuke start van een vergadering kan zeer productief zijn. Zet je collega’s aan het denken met een positieve quote. Je zult hen meteen wakker schudden en motiveren voor de rest van de vergadering. Je kunt de deelnemers ook zelf een quote laten delen met de groep. Wie de quote ook aanbrengt, het maakt je vergadering meteen heel wat minder stijf. Hieronder vind je alvast wat inspiratie.

©

Bill Gates

a

b

You have a meeting to make a decision, not to decide on the question.

Albert Einstein

If you can’t explain it simply, you don’t understand it well enough.

Brainstorm nu in groepjes van vier en maak een leuke quote voor een vergadering. Verwerk je quote in een leuke poster die je maakt met Canva. De meest originele quotes worden in de klas opgehangen. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 6 177


Action 4—

Welke tafelopstellingen bestaan er?

Op de eventlocatie Lightroom 35, die Eline en Bob willen reserveren voor de voorstelling van hun nieuwe collectie, zijn verschillende tafelopstellingen mogelijk.

Theateropstelling

Cabaretopstelling

Schoolopstelling

Carréopstelling

Staande receptie

N

IN

U-vormopstelling

Bekijk aandachtig de tafelopstelling en de omschrijving. Je vindt de tafelopstellingen ook op diddit. Noteer de juiste tafelopstelling bij iedere omschrijving. lling 1: Tafelopste l twee iedere tafe Er staan bij teld. elen opges of meer sto et an in rijen m De tafels sta ende tafel voldo tussen elke mers . De deelne loopruimte de richting van zitten in de ft dus dereen hee spreker. Ie aar icht. Er is m hetzelfde z m te te ruimte o een beperk schrijven.

VA

Tafelopste lling 2: De opstellin g zorgt voo r een gezamenlijk gevoel. Ied ereen kan contac t met de an dere deelnemers maken. Er is ruimte voo r je docum enten of je laptop.

©

Tafelopstelling 4: Bij deze opstelling staan alle deelnemers en worden er doorgaans alleen statafels in de zaal geplaatst. Dat zorgt voor een informele sfeer en biedt de gasten de gelegenheid om veel rond te lopen.

178 THEMA 2

Tafelopste lling 6: De tafels sta an in een U-vorm. De opstelling b iedt de voorzitte r de mogeli jk heid binnen de ru imte van de U-vorm te bewegen. D at zorgt ervoor dat alle deelne m ers betrokken zijn.

Tafelopstelling 5: Dit is de beste opstelling voor grote groepen of bijeenkomsten met een podium. De aandacht van de deelnemers is op een plek gevestigd.

LEVEL 6

Tafelopste lling 3: Als deelne mers individ ueel moeten we rken, bijvoo rbeeld bij een curs us, is deze opstelling ze er geschikt. Meerdere ta fels waaraa n meestal m aar een of tw ee deelnemers zitten, word en (los of aan elkaar) gep la a tst richting he t scherm e n d e spreker. Hie rdoor hebb en ze alle ruimte om te werk e n en is het goed vo or de conce ntratie.


Action 5—

Hoe ziet een geschikte tafelopstelling eruit?

Eline en Bob willen een vergadering houden samen met de verkoop- en marketingverantwoordelijken om de acties voor volgend jaar te bespreken. De vergadering met tien personen vindt plaats in een vergaderzaal in de Flagship Store in Antwerpen. a

Welke tafelopstelling is volgens jou het meest geschikt voor zo’n vergadering? Leg uit waarom.

b

IN

Teken de opstelling van de vergaderzaal. Je vindt het grondplan via diddit.

Action 6—

Kun jij de kostprijs berekenen voor de catering van een vergadering?

VA

N

Niet alleen bij ondernemingen maar ook bij de overheid wordt er regelmatig vergaderd. Voor de catering in de kantoorgebouwen in Brussel en Vlaanderen wordt er beroep gedaan op het Facilitair Bedrijf.

©

Op diddit vind je een folder die een selectie bevat van de formules en arrangementen, die Het Facilitair Bedrijf aanbiedt. a

Op welke manier willen ze ervoor zorgen dat er aandacht is voor duurzaamheid?

THEMA 2

LEVEL 6 179


Je berekent de kostprijs voor de volledige catering van de vergadering. Houd rekening met de volgende elementen:

c d e

Uit een fles water kun je acht glazen schenken.

IN

Tip:

Er staat een vergadering met 25 personen gepland. Tijdens de vergadering kunnen de leden plat water en spuitwater drinken. Om 10.00 uur is een korte pauze van 30 minuten met koffie, thee, water, fruitsap en enkele versnaperingen zoals een koekje of cakeje voorzien. Om 12.00 uur is er een lunch met voor elk lid twee verschillende belegde broodjes.

Bereid de berekeningen voor op een kladblad. Maak de berekeningen daarna met een rekenblad. Gebruik formules. Gebruik de ICT-fiches van rekenblad indien nodig. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Welke mogelijkheden bieden hotels aan voor meetings en events?

VA

Action 7—

N

b

Eline heeft van een vriend de tip gekregen dat hotels vaak ook ruimtes voor bedrijfsvergaderingen aanbieden. Daar kun je dan terecht voor het organiseren van een vergadering of evenement. Een van die hotels is Van der Valk in Antwerpen. Surf via diddit naar de website van het hotel. Maak een verslag waarin de volgende elementen aan bod komen: bereikbaarheid met de wagen en openbaar vervoer parkeergelegenheid binnen de omgeving plattegronden van de vergaderruimtes op de begane grond en eerste verdieping een foto, maximaal aantal deelnemers, de opstelling, de eigenschappen en standaardfaciliteiten van elke zaal toegankelijkheid voor rolstoelgebruikers cateringformules extraformules © Van der Valk Hotel Antwerpen

©

a b

c 180 THEMA 2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. LEVEL 6


Action 8—

Werkplekleren: een vergaderruimte van een extern bedrijf observeren

Bezoek een bedrijf naar keuze of het bedrijf waar je stage loopt. Observeer de inrichting van de vergaderruimte. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van het bedrijf

Adres

Website

IN

Steekfiche bedrijf

N

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Observatie vergaderruimte

Ja Nee Zo ja, welke opstelling zie je:

VA

Observeer de vergaderruimte. Staat de vergaderruimte al in een specifieke opstelling?

Indien er een opstelling is, maak dan een kleine schets.

Welke presentatiemiddelen zijn er aanwezig?

©

Op welke manier kun je een lokaal reserveren?

THEMA 2

LEVEL 6 181


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Is er iets voorzien voor de catering?

Ja Nee Zo ja, welke voorzieningen zie je:

Werkplekleren: een vergaderruimte professioneel klaarzetten

VA

Action 9—

N

IN

Neem contact op met je stagementor. Vraag of je bij een volgende gelegenheid mag helpen bij de voorbereiding en het klaarzetten van de vergaderruimte.

2

Maak samen met die verantwoordelijke een lijst op van taken waarbij je kunt helpen. Overleg samen de volgorde van de taken en het tijdstip waarop ze uitgevoerd moeten worden.

3

Verwerk de taken in een duidelijk overzicht. Zorg ervoor dat je nadien de taken kunt aanvinken wanneer ze uitgevoerd zijn.

4

Op de dag zelf voer je de taken uit. Duid ook aan op de takenlijst wanneer een taak is uitgevoerd.

©

1

5

182 THEMA 2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 6


BREAKING NEWS 1

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan een deelnemerslijst of presentielijst voor een vergadering opstellen in een tekstverwerker.

2

Ik kan de reacties in een registratiebestand voor de deelnemers van een vergadering opstellen in het rekenblad.

3

Ik kan een uitnodiging voor een vergadering opstellen.

4

Ik kan een Doodle opmaken voor een vergadering.

5

Ik kan een eenvoudig verslag opstellen van een vergadering.

6

Ik kan gegevens grafisch weergeven met een rekenblad.

7

Ik kan op basis van instructies een geschikt lokaal reserveren voor een vergadering.

8

Ik houd bij de tafelopstelling rekening met het aantal deelnemers en het doel van de vergadering.

9

Ik kan de nodige apparatuur reserveren en klaarzetten.

10 Ik kan de kostprijs van de catering berekenen.

©

VA

N

1

THEMA 2

LEVEL 6 183


Beeldwoordenboek Level 6 BEGRIP

VERKLARING Dat zijn de verschillende punten die aan bod zullen komen tijdens de vergadering.

airtame

Dat is een klein apparaat dat draadloos content streamen mogelijk maakt, alleen inpluggen op de HDMI-poort.

beamer

Dat is een digitale projector waarmee je vanaf een computer computerbeelden en videobeelden kunt projecteren op een scherm.

VA

N

IN

agenda

Dat is de drank- en maaltijdverzorging tijdens een vergadering.

ClickShare

Dat is een toestel waarmee je met een klik je scherm draadloos kunt delen.

©

catering

184 THEMA 2

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 6


BEGRIP

VERKLARING Dat is een online tool voor het bepalen van een gemeenschappelijke beschikbare datum.

flip-over

Dat is een presentatiebord waarop een groot kladblok wordt bevestigd.

HDMI

Dat is de afkorting voor High-Definition Multimedia Interface en draagt zowel video- als audiosignalen digitaal over.

leden

Dat zijn de deelnemers van een vergadering.

VA

N

IN

Doodle

AFBEELDING

©

Magic-Chart

nietrespondenten

Dat zijn statische vellen die je op een vlak oppervlak kunt plakken en waarop je kunt schrijven en post-its op kunt aanbrengen.

Dat zijn de personen die niet antwoorden op een uitnodiging van een vergadering.

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 6 185


BEGRIP

VERKLARING Dat is de communicatie die verloopt via lichaamstaal.

notulist

Dat is de verslaggever van de vergadering.

online vergadering

Dat is de virtuele vergadering die verloopt via de computer.

presentielijst

Dat is een aanwezigheidslijst.

VA

N

IN

non-verbaal gedrag

Dat is de manier waarop de tafels opgesteld staan voor een vergadering.

©

tafelopstelling

uitnodiging voor een vergadering

186 THEMA 2

AFBEELDING

Dat is een uitnodiging voor alle leden en het bevat belangrijke elementen zoals het tijdsstip, de duur, het doel, de locatie … van de vergadering.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 6


BEGRIP

VERKLARING Dat is een bijeenkomst van personen om belangrijke zaken te bespreken, ook wel meeting genoemd.

VGA

Dat is de afkorting van Video Graphics Array, bestaat sinds 1987 en is jarenlang dé standaard geweest voor het analoog weergeven van beelden op een computermonitor.

voorzitter

Dat is de persoon die de vergadering leidt.

whiteboard

Dat bord heeft meestal een kunststof deklaag of is van gelakt metaal waardoor er met uitwisbare viltstiften op kan worden geschreven.

©

VA

N

IN

vergadering

AFBEELDING

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 6 187


LEVEL 7 Hoe kun je documenten manueel en digitaal klasseren? INTRO

IN

Als onthaalmedewerker moet je kunnen klasseren. Vergelijk de afbeeldingen en noteer wat je ziet.

N

1

VA

2

Kijk goed naar de cartoon. Je vindt de cartoon ook terug op diddit. Wat wil de maker met de cartoon zeggen?

©

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

188 THEMA 2

LEVEL 7

Hoe verloopt het manueel klassement? Hoe verloopt het digitaal klassement? Hoe kun je archiveren?


Re-explore 1—

Hoe kan de onthaalmedewerker de documenten manueel klasseren?

Klasseren

IN

Er worden bij OdetteLunettes.edu dagelijks veel documenten verwerkt. De meeste documenten moeten worden bijgehouden. De onthaalmedewerker zal ze manueel klasseren. Klasseren betekent het opbergen van dossiers en documenten. Een klassement bevindt zich meestal decentraal: op elke afdeling. Soms bevindt het klassement zich centraal: op een bepaalde plaats binnen de onderneming. De dossiers uit het klassement worden dagelijks geraadpleegd. Soms is een klassement te uitgebreid waardoor het minder overzichtelijk wordt. Een goed klassement voldoet aan de volgende voorwaarden: Nauwkeuring: Je klasseert de documenten volgens de juiste klasseermethode. Eenvoudig: Je klasseert op een duidelijke manier. Flexibel: Je moet het klassement makkelijk kunnen uitbreiden.

N

Er zijn verschillende klasseermethodes die je zowel digitaal als manueel kunt gebruiken. Klasseren kan: alfabetisch numeriek alfanumeriek chronologisch geografisch decimaal

VA

Je kunt ook methodes met elkaar combineren. Wanneer je met het centraal klassement werkt, komen er collega’s dossiers lenen. De onthaalmedewerker zoekt dan de dossiers bij elkaar en legt die klaar voor de collega. Enkele voorbeelden van bedrijven die een centraal klassement kunnen hebben, zijn: een ziekenhuis voor de patiëntendossiers of een advocatenkantoor voor de cliëntendossiers. Op een overhandigingskaart noteert de onthaalmedewerker aan wie het document wordt uitgeleend.

©

Je werkt op een advocatenkantoor waar iedere dag cliënten langskomen. Het kantoor bewaart de dossiers van de cliënten centraal en jij werkt in dat centrale archief. Je krijgt een lijst om verschillende dossiers klaar te leggen. Wat vermeld je op de overhandigingskaart? Cliënt Ali Hadid van advocaat Van Acker komt langs op 22 november 20XX. De advocaat bezorgt het dossier 5 dagen later terug. Cliënt Isabelle Mechelinck van advocaat De Poorter komt langs op 24 november 20XX. De advocaat bezorgt het dossier 4 dagen later terug. Cliënt Joost De Grootte van advocaat Van Acker komt langs op 22 november 20XX. Dat dossier is nog niet terug.

Vul de overhandigingskaart aan: CLIËNT

ADVOCAAT

UIT

TERUG

Hadid Ali

Van Acker

De Grootte Joost

Van Acker

Mechelinck Isabelle

De Poorter

THEMA 2

LEVEL 7 189


Re-explore 2—

Hoe kan de onthaalmedewerker manueel alfabetisch klasseren?

Alfabetisch klassement De onthaalmedewerker kan het alfabetisch klassement toepassen bij het klasseren van de klantenfiches op naam. Het alfabetisch klassement is de meest voorkomende manier om te klasseren. Je klasseert dan op de eerste letter van het grondwoord: de basis van een woord. Zo kun je klasseren op naam, trefwoord of onderwerp.

N

IN

De regels voor het alfabetisch klassement zijn: Klasseer op basis van de familienaam. Als er twee dezelfde familienamen zijn, dan klasseer je op de voornaam. Dat heet klasseren op klasseernaam. Beschouw persoonsnamen als een woord: T’Sas = Tsas of Van der Heyden = Vanderheyden. Zet lidwoorden achteraan: Het Momentje = Momentje, Het. Weglatingstekens: – voor de letter zet je achteraan: ‘t Goed gevoel = Goed gevoel, ‘t – na de letter laat je staan : T’Seynaeve = T’Seynaeve. Klasseer de ij onder i. Klasseer de letter y onder y. Klasseer in het klassement van bedrijven rechtspersonen en aanverwanten achteraan: NV Hessers = Hessers, nv. Zet soortnamen van bedrijven achteraan: Garage De Grootte = De Grootte, garage.

©

VA

Ga naar diddit en raadpleeg het organogram van OdetteLunettes.edu. Klasseer alle personeelsleden alfabetisch eerst op familienaam vervolgens op voornaam.

190 THEMA 2

LEVEL 7


Re-explore 3—

Hoe kan de onthaalmedewerker manueel numeriek klasseren?

Numeriek klassement Bij het numeriek klassement heeft of krijgt elk document een nummer. Sommige documenten in een onderneming zoals facturen en klantendossiers hebben sowieso al een nummer. Numeriek klasseren is een methode die je gemakkelijk kunt uitbreiden. Een voorbeeld van nummeriek klasseren is klasseren op postcode.

IN

De regels voor het numeriek klassement zijn: Geef elk document een uniek nummer. Noteer in een apart document welk nummer bij welk document hoort.

Klasseer de onderstaande klanten van vertegenwoordiger Joris De Lange van het bouwbedrijf Bostoen per postcode. Joris is verantwoordelijk voor de provincie Antwerpen. Je zult eerst de postcode van elke gemeente moeten opzoeken. Dat kun je online doen. POSTCODE

GEMEENTEN / KLANTEN

NUMERIEK KLASSEMENT

Niel – De Grootte

Rumst – Lopez

Edegem – El Raout

Bonheiden – Elseviers

Aartselaar – Hinssens

Duffel – Wouters

Willebroek – Van de Velde

Putte – De Haas

Schelle – Cheng

Hove- Celis

Mechelen – Arnouts

Retie – Kamara

Berlaar – Peeters

©

VA

N

THEMA 2

LEVEL 7 191


Re-explore 4—

Hoe kan de onthaalmedewerker manueel alfanumeriek klasseren?

Alfanumeriek klassement Het alfanumeriek klassement is een combinatie van het alfabetisch en het numeriek klassement. Je klasseert in de eerste plaats alfabetisch en vervolgens numeriek.

2 4 6 8 10

Wouters, Isabelle Hadadi, Yousef Nachtegael, Véronique Bleys, Isabelle Haddadi, Mohammed

12 1 3 5 7

IN

Bij verzekeringskantoor Assur vind je dossiers van verschillende klanten. Rangschik de onderstaande dossiers eerst alfabetisch, dan numeriek en vervolgens alfanumeriek. De Munck, Evy Hogelandt, Fernand Herrebout, Basil Peeters, Annie Van Damme, Joris

ALFABETISCH

NUMERIEK

VA

©

192 THEMA 2

LEVEL 7

De Scheemaecker, Tania De Vos, Lesley Van der Heyden, Hans Abdanour, Abdel Verschorre, Monique ALFANUMERIEK

N

9 11 14 13 15


Re-explore 5—

Hoe kan de onthaalmedewerker manueel chronologisch klasseren?

Chronologisch klassement Bij het chronologisch klassement klasseer je de documenten op datum. Die methode gebruik je voornamelijk om facturen, brieven, verslagen van vergaderingen, inschrijvingen … te klasseren.

LEERLINGEN 5A

IN

De leerlingen van het vijfde jaar onthaal, organisatie en sales gaan op driedaagse uitstap naar Parijs. Klasseer de leerlingenfiches van klas 5A chronologisch op geboortedatum. CHRONOLOGISCH KLASSEMENT

2006-05-07 De Grootte Jan

2006-08-12 Gamal Yanara

2006-07-25 Hadad Mathieu

2005-08-09 Peeters Caroline

N

2006-12-02 Kizilmese Abdil

2006-01-02 Van Hoorn Geert

2006-09-12 Vervoort Karel

2006-04-08 Álvarez Romeo

2006-05-08 Nowak Roza

2006-06-03 Fierens Vanessa

2005-12-24 Van Halle Gerda

2006-08-17 Ricci Matteo

VA

2007-04-03 Smits Hilde

Explore 6— Hoe kan de onthaalmedewerker manueel geografisch

©

klasseren?

Geografisch klassement Het geografisch klassement verloopt volgens land, provincie, stad, gemeente of straat. Deze methode wordt vaak in combinatie met een andere klasseermethode gebruikt.

Restaurant ‘De Goesting’ wil de menukaart grondig veranderen. Het restaurant wil graag specialiteiten van verschillende landen aanbieden. Zoek het land van herkomst van elk internationaal gerecht op via internet. Klasseer vervolgens de gerechten geografisch.

THEMA 2

LEVEL 7 193


ME NU

DE GOESTING

RIBOLITTA

VOORGERECHT

CHUSHKA BIUREK

IN

TOMATE CREVETTE

BACALHAU COM NATAS

BOXTY

N

HOOFDGERECHT

RISOTTO AI FUNGHI PORCINI

VA

D E S S E RT

MEDOVNIK

PESTINOS

DOBOS TORTA

©

GEOGRAFISCH KLASSEMENT

194 THEMA 2

LEVEL 7


Explore 7— Hoe kan de onthaalmedewerker manueel decimaal klasseren?

Decimaal klassement

IN

Bij het decimaal klassement deel je de informatie in maximaal 10 groepen in. Die groepen nummer je van 0 tot en met 9. Elk onderwerp krijgt een cijfer van 0 tot en met 9. Dat onderwerp kan dan weer onderverdeeld worden in 10 onderwerpen van 0 tot en met 9. Tussen elk niveau zet je een punt. Het decimaal klassement kun je toepassen in een bib, een inhoudstafel … Je moet een opdracht maken over het klassement. Bekijk de verschillende vormen van een klassement en maak de inhoudstafel. Voor extra ondersteuning kun je terugkijken bij Re-explore 1. a b

Duid bij elke titel het juiste niveau aan. Begin met niveau 1. Stel vervolgens de inhoudstafel op volgorde samen. TITEL

GEEF EEN NIVEAU

INHOUDSTAFEL

Het numeriek klassement

De klasseermethodes

Het alfanumeriek klassement

Het chronologisch klassement

Het klassement

Het geografisch klassement

Het decimaal klassement

Oefeningen

©

VA

N

Het alfabetisch klassement

THEMA 2

LEVEL 7 195


Explore 8— Waarvoor dient het archief?

Archief Naarmate de documenten ouder worden, zullen ze overgebracht worden naar het archief. Een archief is een bewaarplaats van dossiers in een apart lokaal of een opslagruimte, kelder, zolder … in de onderneming. Medewerkers raadplegen de dossiers in het archief zelden. Soms is er permanent een archivaris aanwezig. Die zorgt ervoor dat de documenten veilig en correct worden opgeborgen.

IN

In een archief is het de bedoeling om zo veel mogelijk documenten te bewaren op een zo klein mogelijke oppervlakte. Een- tot tweemaal per jaar wordt het archief bijgewerkt. Vaak wordt een archief gezien als een soort geheugen van interessante zaken en documenten.

1

N

Het archiveren van informatie doet een onderneming om verschillende redenen: Soms hebben collega’s oudere informatie nodig om hun werk goed te kunnen uitvoeren. Ze moeten bijvoorbeeld weten wat besproken werd in bepaalde vergaderingen en welke besluiten er werden genomen. Soms moet je verantwoording afleggen: organisaties moeten zich kunnen verantwoorden over hun werk bijvoorbeeld door middel van rapporten die gemaakt zijn. Ze zijn wettelijk verplicht om bepaalde documenten te bewaren. Bepaalde informatie kan van grote waarde zijn: archiveren wordt gedaan om informatie voor langere tijd veilig te stellen. Leg nu zelf het verschil tussen klasseren en archiveren uit.

VA

2

Ga naar diddit en zoek via de link van FOD financiën op hoe lang een bedrijf alle boekhoudkundige documenten moet bewaren.

3

©

Ga naar diddit en zoek via de link van de Vlaamse Overheid op hoe lang je als particulier alle documenten moet bewaren.

loonfiches

belastingaangifte

facturen van het bouwen en verbouwen

erelonen van advocaat of notaris

aankoopfacturen elektrische toestellen

restaurantrekening

196 THEMA 2

LEVEL 7


Explore 9— Hoe kan de onthaalmedewerker documenten digitaal klasseren?

Digitaal klassement Volledig digitaal gaan als bedrijf is mogelijk. Het overschakelen van een manueel klassement naar een digitaal klassement gebeurt niet op een dag. Het vraagt een behoorlijke investering van tijd en werk om de omschakeling te maken. Om het helemaal goed te doen, moet je je bestaande papieren documenten van je archief en klassement digitaal overzetten.

IN

De voordelen van een gemeenschappelijk, digitaal klassement: Alle informatie bevindt zich op een centrale locatie. Door een digitaal klassement vermijd je dubbele opslag van informatie. Alle collega’s kunnen het klassement overal snel raadplegen, ook buiten het bedrijf. Het risico op verlies door bijvoorbeeld brand is onbestaande.

Nog een voordeel geldt voor documenten die je in Word of Excel maakt. In die programma’s kun je gebruikmaken van de sorteerfunctie. Dat is een handige functie als je iets in je document wilt sorteren of klasseren op bijvoorbeeld alfabetische of chronologische volgorde.

©

VA

N

Alle digitale documenten worden in mappen of folders bewaard. Zorg voor een unieke en duidelijke bestandsnaam, zodat iedereen de documenten gemakkelijk terugvindt.

THEMA 2

LEVEL 7 197


IN

CLOUD

Je kunt digitaal werken in de cloud. Je hebt dan altijd toegang tot alle programma’s, bestanden en documenten, wanneer je maar wilt en waar je ook bent. Dat kan bijvoorbeeld met Microsoft

N

365. Het maakt werknemers flexibel, vrij en vooral mobiel. Je werkt optimaal samen in teams vanop afstand. Daardoor kun je tegelijkertijd werken in hetzelfde document en op afstand met elkaar vergaderen. Tegenwoordig werken meer en meer werknemers 1 tot 3 dagen van thuis uit. Dankzij de cloud is dat mogelijk.

In Microsoft 365 kun je gebruikmaken van enkele

VA

interessante tools die werken door de cloud: —

Sharepoint

Exchange Online

Azure

Microsoft Teams

©

Good to know

Hieronder lees je enkele belangrijke tips voor het vormen van een goede bestandsnaam: Wees consequent. Vermijd afkortingen of initialen. Kies een duidelijke naam die voor iedereen begrijpelijk is. Gebruik alleen: letters (zowel hoofdletters als kleine letters), cijfers en een underscore (_) Gebruik geen: spatie, leestekens (! : . ( , ? ) ; … .) en speciale tekens (/ * – % @ & § µ £ $ [ ] ~ = + ^ ¨) Noteer een datum als volgt: JJJJMMDD

198 THEMA 2

LEVEL 7


N

IN

Google Drive is een gratis tool om documenten digitaal en in de cloud te bewaren. Maak de volgende mappenstructuur aan in Google Drive voor het digitaal klassement van het spilbedrijf OdetteLunettes.edu.

Good to know

VA

Het volledig digitaal gaan van een bedrijf brengt ook gevaren met zich mee. Maar liefst 42 procent van de Belgische bedrijven had in 2020 te maken met een cyberaanval. Een cyberaanval kostte een gemiddeld Belgisch bedrijf dat werd getroffen in 2020, iets minder dan 10 000,00 euro. Het hoogste bedrag dat een onderneming in ons land betaalde in 2020 was 496 323,00 euro. Daar blijft het echter niet bij na een cyberaanval. Meer dan een kwart van de bedrijven (27 %) liet weten dat ze ook reputatieschade opliepen door een cyberaanval en een op vijf (19 %) zegt daardoor klanten verloren te hebben.

©

Bron: ITdaily, 2021-05-04

TO THE POINT Elke onderneming moet documenten goed klasseren zodat de belangrijkste informatiebronnen bewaard blijven. Klasseren is het opbergen van dossiers en documenten op een bepaalde manier volgens een van de klasseermethodes: alfabetisch klassement numeriek klassement alfanumeriek klassement chronologisch klassement geografisch klassement decimaal klassement

THEMA 2

LEVEL 7 199


Een goed klassement is doordacht en precies. Het klassement kan zowel manueel als digitaal verlopen. En je kunt het klassement van de onderneming op twee manieren aanleggen: centraal, dat wil zeggen dat de onderneming alles op een centrale plaats klasseert, of decentraal, dat wil zeggen dat iedere afdeling haar eigen klassement heeft. Medewerkers in een bedrijf gebruiken vaak dossiers uit het klassement. Op een overhandigingskaart noteert de verantwoordelijke aan wie het dossier is uitgeleend.

N

IN

Klasseermethodes De regels van het alfabetisch klassement zijn: Klasseer op basis van de familienaam. Als er twee dezelfde familienamen zijn, dan klasseer je op de voornaam. Dat heet klasseren op klasseernaam. Beschouw persoonsnamen als een woord: T’Sas = Tsas of Van der Heyden = Vanderheyden. Zet lidwoorden achteraan: Het Momentje = Momentje, Het. Let op weglatingstekens: – een weglatingsteken voor de letter zet je achteraan: ‘t Goed gevoel = Goed gevoel, ‘t; – een weglatingsteken na de letter laat je staan : T’Seynaeve = T’Seynaeve. Klasseer de lettercombinatie ij onder i. Klasseer de letter y onder y. Klasseer in het klassement van bedrijven rechtspersonen en aanverwanten steeds achteraan: NV Hessers = Hessers, nv. Zet soortnamen van bedrijven achteraan: Garage De Grootte = De Grootte, garage. De regels van het numeriek klassement zijn: Geef elk document een uniek nummer. Noteer in een apart document welk nummer bij welk document hoort.

VA

Het alfanumeriek klassement is een combinatie van het alfabetische en het numerieke klassement. De regels van het chronologisch klassement zijn: Bepaal de datum van het document. Klasseer het meest recente document bovenaan. De regels voor het geografisch klassement zijn: Klasseer volgens land, provincie, stad, gemeente of straat.

©

De regels voor het decimaal klassement zijn: Klasseer de informatie in maximaal 10 groepen. Die groepen worden genummerd van 0 tot en met 9. Het archief is de bewaarplaats van documenten of dossiers die niet vaak meer worden geraadpleegd. Tegenwoordig gebruiken bedrijven meer en meer het digitaal klassement. Er zijn verschillende softwarepakketten die een ingebouwde zoekfunctie bevatten om een document snel terug te vinden. Je kunt ook werken met gratis software en zo kun je documenten in de cloud zetten. In Word en Excel kun je met de sorteerfunctie bijvoorbeeld alfabetisch of numeriek sorteren.

200 THEMA 2

LEVEL 7


Action 1—

Kun jij de personeelsleden van OdetteLunettes.edu klasseren in de sorteerkast?

Klasseer de personeelsleden van OdetteLunettes.edu alfabetisch in de sorteerkast. Je ontvangt van je leerkracht de personeelsnamen om te sorteren. Sorteer elke naam in het juiste vakje van de dossierkast. BAN- CAD

CAE – CZZ

DOZ-EYG

EYH-GUX

GUY-HAA

JEB-LOP

LOQ-NUV

NUW-RUU

SUW-URA

URB-VOO

VOP-WOO

D-DOY

IN

A -BAM

HAB-JEA

RUV-SUV

WOP-Z

©

VA

N

a b

THEMA 2

LEVEL 7 201


Action 2— 1

Kun jij digitaal klasseren?

Op diddit vind je het klantenbestand van A.S.Adventure.edu. Voer de volgende opdrachten uit: a b c d

2

Orden de bedrijfsnamen alfabetisch. Orden de klantencodes van laag naar hoog. Orden de bedrijven alfabetisch volgens woonplaats. Vergeet niet om elke opdracht op te slaan. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Orden de namen van de leveranciers alfabetisch. Orden de leverancierscodes van hoog naar laag. Orden de bedrijven volgens postcode. Vergeet niet om elke opdracht op te slaan. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Action 3—

Kun jij data noteren volgens de NBN-normen en klasseren?

N

a b c d

IN

Op diddit vind je het leveranciersbestand van A.S.Adventure.edu. Voer de volgende opdrachten uit:

Noteer de volgende data volgens de NBN-normen en klasseer vervolgens numeriek. DATUM 16 april 2022

NBN-NORMEN

8 juni 2022

19 september 2023

14 oktober 2022

9 oktober 2023

25 mei 2023

7 september 2022

VA

KLASSEMENT NUMERIEK

©

Good to know

Om documenten te klasseren op datum, moet je de datum noteren volgens de NBN-normen. Bijvoorbeeld: 29 mei 2021 wordt volgens de NBN-normen: 2021-05-29. Numeriek klasseer je dat dan als 20210529.

202 THEMA 2

LEVEL 7


Action 4—

Kun jij de overhandigingskaart correct invullen?

VA

N

IN

Je werkt in een groepspraktijk van twee tandartsen: Dr. De Zutter en Dr. Den Dekker. Er komen elke dag veel patiënten langs voor de verzorging van hun gebit. De praktijk bewaart de dossiers van de patiënten centraal. Je krijgt een lijst om dossiers klaar te leggen. Vul de overhandigingfiche in aan de hand van de onderstaande gegevens. Sorteer op de datum dat de tandarts het dossier nodig heeft en daarna op alfabetische volgorde. Patiënt De Vos Lesley van Dr. De Zutter heeft een afspraak op 14 maart 20XX. De tandarts bezorgt het dossier drie dagen later terug. Patiënt Peeters Annie van Dr. Den Dekker heeft een afspraak op 16 april 20XX. De tandarts bezorgt het dossier vier dagen later terug. Patiënt Van der Heyden Marie van Dr. De Zutter heeft een afspraak op 14 april 20XX. Dat dossier werd nog niet teruggebracht. Patiënt Hernandez Amalia van Dr. De Zutter heeft een afspraak op 14 maart 20XX. De tandarts bezorgt het dossier twee dagen later terug. Patiënt Zhao Lei van Dr. De Zutter heeft een afspraak op 14 april 20XX. De tandarts bezorgt het dossier een dag later terug. Patiënt Kadir Abdelnour van Dr. Den Dekker heeft een afspraak op 16 april 20XX. De tandarts bezorgt het dossier zes dagen later terug. Patiënt Wolters Geert van Dr. De Zutter heeft een afspraak op 14 april 20XX. De tandarts bezorgt het dossier een dag later terug. Patiënt Bleys Nadia van Dr. Den Dekker heeft een afspraak op 14 maart 20XX. De tandarts bezorgt het dossier drie dagen later terug. PATIENT

TANDARTS

UIT

TERUG

©

THEMA 2

LEVEL 7 203


Action 5—

Kun jij goed decimaal klasseren?

Hieronder vind je de inhoudstafel van een leerwerkboek over zakelijke communicatie. In de rechterkolom staan de titels van de hoofdstukken. Die staan al in de juiste volgorde. In de linkerkolom staan de verschillende onderwerpen die aan bod komen in de hoofdstukken. Stel in een tekstverwerker de nieuwe inhoudstafel samen. Gebruik een duidelijk decimaal klassement. De hoofdstukken lopen van 1 tot en met 4.

huisstijl afspraken, normen en nettiquette handleidingen telefoneren

afspraken voor het noteren van afkortingen afspraken voor het noteren van nummers bouwstenen van een tekst de vier fasen van een telefoongesprek doorverbinden een gevatte slogan een klantvriendelijke dienstverlening een sterk logo het antwoordapparaat het juiste lettertype NBN-normen voor brieven nettiquette passende kleuren symbolen telefoneren woordenschat zoekend lezen in PDF

©

VA

N

ONDERWERPEN

IN

HOOFDSTUKKEN

204 THEMA 2

LEVEL 7


Action 6—

Kun jij het geografisch klassement goed toepassen?

Ken jij de onderstaande BV’s (bekende Vlamingen)? Weet jij waar ze zijn geboren? Zoek alle informatie op via Wikipedia. Rangschik vervolgens de BV’s geografisch volgens geboorteplaats.

GEBOORTEPLAATS

BV

NAAM

GEBOORTEPLAATS

VA

BV

N

NAAM

IN

BV

GEBOORTEPLAATS

©

NAAM

GEOGRAFISCH KLASSEMENT

THEMA 2

LEVEL 7 205


Action 7—

Geen enkel bedrijf blijft gespaard van hacking … zelfs de politie niet!

Lees het artikel en voer de onderstaande opdrachten uit.

IN

Een van de grootste datalekken bij politie ooit: hacker gooit flitsboetes, nummerplaten en zelfs foto’s van mishandelde kinderen op straat documenten uit, onderzoeken de hack en komen tot de vaststelling dat het hier om één van de grootste overheidslekken ooit gaat in ons land, niet op gemeentelijk niveau, maar bij de hele politie. Wat meteen opvalt, zijn de duizenden PV’s. Die gaan niet enkel over ongevallen. We vinden namelijk ook gevoelige documenten, zoals een aangifte van een minderjarige jongen. Hij werd door een ouder gewurgd en deed daarvan aangifte. Bij het verslag zitten foto’s van zijn verwondingen.

N

Duizenden nummerplaten, flitsboetes en zelfs PV’s mét foto’s van minderjarigen zijn uitgelekt door een slecht beveiligde server bij de politie. Dat heeft ‘VTM NIEUWS’ ontdekt. Hackers hebben de gegevens op het internet geplaatst. En ze moesten niet veel moeite doen: het paswoord werd gewoon geraden, zo slecht was het politienetwerk beveiligd. Het hallucinante verhaal van een overheid die onze gegevens opslaat, maar niet goed beschermt. Politiezones krijgen de hele tijd gegevens van burgers binnen. Het gaan dan bijvoorbeeld om boetes, maar ook om aangiftes van burgers. Je doet zo’n aangifte – zeker als ze gevoelig is – in een afgesloten ruimte, met enkel de inspecteur erbij, zodat die in alle vertrouwen een verslag kan schrijven. Je gaat er als slachtoffer op dat moment van uit dat het PV veilig wordt bijgehouden. Maar dat liep bij de politiezone Zwijndrecht helemaal fout. Zo kon een hacker – vermoedelijk in september – inloggen bij de lokale politiezone. Die blijkt een slecht beveiligd systeem te gebruiken om op afstand te werken (Citrix), verneemt onze redactie. Tweestapsverificatie (inloggen met zowel iets wat een gebruiker weet (wachtwoord) als iets wat de gebruiker heeft (eenmalige code)) staat uit, de hacker kan – volgens onze informatie – het paswoord gewoon raden en logt in. Hij kan op dat moment alle gegevens van 2006 tot september 2022 inkijken. Eerst probeert hij de politie af te persen door geld te vragen. Daarna downloadt hij een kopie. En die plaatst hij via een Tor-link (een webbrowser die ontworpen is om anoniem te surfen) op het internet. De bestanden worden opgemerkt door RTL-journalist Daniël Verlaan, die de link doorspeelt aan onze redactie in de veronderstelling dat het om een aanval met ransomware (schadelijke software die computers en bestanden gijzelt, met als doel om deze later te ontsleutelen in ruil voor losgeld) gaat bij de gemeente Zwijndrecht. Maar we pluizen alle

©

VA

Een ander document gaat over pooierschap en prostitutie: “In de slaapkamer van de woning treffen wij slechts een stoel, een bed, kaarsjes, een plastiek zakje met gebruikte zakdoekjes en gebruikte condooms.” Het dossier wordt gelinkt aan een ander onderzoek en de smartphone van de betrokkene werd uitgelezen.

206 THEMA 2

LEVEL 7

Duiken we dieper in de bestanden, dan blijkt dat zowat elk document waarover de politie beschikt terug te vinden is. De inspecteurs vragen in sommige dossiers bijvoorbeeld gegevens aan telecombedrijven zoals Telenet, om na te trekken wie een verdachte heeft gebeld of naar wie die berichten stuurde. Ook die – hónderden – gegevens vinden we terug. De privacy van de betrokken personen is dus aangetast: het is mogelijk te zien wie met een verdachte gebeld heeft, bijvoorbeeld.

Ooit geflitst in Zwijndrecht? Iedereen weet het Zwijndrecht heeft daarnaast – zoals heel wat andere gemeentes – ANPR-camera’s geplaatst. Die houden bij welke auto’s ergens passeren, op eender welk tijdstip. Ze registreren daarbij het kenteken van de wagen. De database waarin die kentekens bewaard worden zou goed beveiligd moeten zijn, het gaat immers om gegevens die


de politie enkel bij overtredingen of tijdens een onderzoek gebruikt. Toch vinden wij duizenden nummerplaten terug van wagens die door bepaalde zones in Zwijndrecht reden. Mooi gerangschikt in Excel-bestanden. Er staan camera’s in onder andere de Kruibeeksesteenweg, de Schaarbeekstraat, de Lindenstraat, de Melselestraat en de Beversebaan. Ben je daar ooit gepasseerd? Dan is de kans groot dat iedereen nu kan opzoeken wanneer en waar dat juist was.

Het lek heeft ook nog een portie ironie in petto. In één van de mappen vinden we gegevens om in te loggen bij een camerasysteem. Het blijkt dat van de lokale politie zélf te zijn. Ook gegevens om video’s opgenomen in bussen van De Lijn te bekijken vinden we terug. Net als inloggegevens voor het systeem om pakweg rampen te coördineren.

IN

Ook foto’s van flitspalen zijn terug te vinden, net als overzichten van flitsboetes. Een gouden kans voor werkgevers en verzekeringsmaatschappijen zou je denken: ze kunnen onvoorzichtige bestuurders er nu zo uitpikken, want de database van de politie ligt gewoon ‘op straat’. Om de privacy van de betrokkenen te waarborgen, publiceren we enkel een geflitste mugauto.

van die bestanden. Inclusief PV’s en ander gevoelig materiaal. Dit gaat trouwens helemaal niet over slechts één politiezone, dit geldt voor de meeste zones in dit land.”

VA

N

Het datalek tast de privacy stevig aan van iedereen die in contact kwam met de lokale politiezone. En de oorzaak is simpel: een slecht beveiligd politienetwerk. Matthias DobbelaereWelvaert, directeur van the Ministry of Privacy, is geschokt: “We waarschuwen al jaren voor de wildgroei aan ANPR-camera’s en hun vele risico’s. Onze overheid en politiediensten zijn onvoldoende voorbereid op dergelijke aanvallen, en dit ten koste van de privacy van elke burger.”

Met de hacker zelf hebben we geen contact. De Computer Crime Unit van de Antwerpse politie assisteert het Openbaar Ministerie met het onderzoek naar de dader(s). Maar dat is uiteraard na de feiten. De vraag is welke conclusies onze overheid trekt uit dit incident: er worden honderden ANPR-camera’s geplaatst en we kunnen geen straat meer inwandelen of er hangen veiligheidscamera’s. Maar de gegevens die ze verzamelen worden onvoldoende beveiligd. De vraagt dringt zich op of het budget voor dergelijke systemen niet beter zou ingezet worden om het informaticasysteem van de politiezones te controleren en verbeteren. Enkele dagen nadat de politie en het parket weet kregen van het lek, waren heel wat paswoorden en logingegevens nog altijd actief.

“Nu weet niet enkel de politie waar je heenging, maar ook elke hacker of koper

Markeer de volgende items in de tekst. blauw

Waar spelen de feiten zich af?

geel

Wat is er gebeurd?

rood

Waarom werden de gegevens gehackt?

groen

Wat is ransomware?

paars

Wat is de oorzaak van de hacking?

©

a

b

Bron: Het Laatste Nieuws, 2022-11-24

Wat zou jij doen als je slachtoffer zou zijn van deze hacking? Formuleer je eigen mening in drie volzinnen.

THEMA 2

LEVEL 7 207


Action 8—

Herken jij de meest voorkomende hulpmiddelen voor het manueel klassement?

Deze opdracht bestaat uit vier delen. Herken jij de afbeeldingen van de onderstaande hulpmiddelen voor het manueel klassement? Als je niet de juiste benaming kent, mag je die opzoeken bij een van de kantoorspecialisten online zoals Bruneau, Viking of Otto.

A

B

F

G

VA

I

J

L

O

P

© Shutterstock / Tea Talk

LEVEL 7

H

K

N

©

M

208 THEMA 2

N

E

D

C

IN

a


b

Zoek verschillende klasseerhulpmiddelen op bij een kantoorspecialist naar keuze. Maak in een Word-document de volgende tabel op: BENAMING KLASSEERHULPMIDDEL Voorbeeld: Brievenhouder MESHLETTER 3 vakken – metaal

ARTIKELNUMMER 709297

PRIJS EXCL. BTW 6,80 euro

IN

Let op: Zorg ervoor dat alle klasseerhulpmiddelen alfabetisch gerangschikt staan. Bereken op het einde het totaal dat je moet betalen. Noteer altijd de prijs per stuk. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

d

Maak nu hetzelfde op in Excel maar kies een andere kantoorspecialist.

VA

N

c

Let op: Zorg ervoor dat alle klasseerhulpmiddelen alfabetisch gerangschikt staan. Bereken op het einde het totaal dat je moet betalen. Noteer altijd de prijs per stuk.

e

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

f

Welke kantoorspecialist is het goedkoopst? Hoeveel is het verschil?

©

THEMA 2

LEVEL 7 209


Action 9—

Werkplekleren: Hoe verloopt het klassement bij jou op school?

Ga naar het administratief hart van je school en vraag aan de medewerker hoe het klassement verloopt op school. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van je school

Adres

IN

Steekfiche van jouw school

Website

N

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

Observeer het klassement en het archief

VA

Het klassement Op welke manier worden de leerlingendossiers geklasseerd?

Op welke manier worden de inkomende facturen geklasseerd?

Hoe wordt de elektronische post geklasseerd?

©

Op welke manier worden de personeelsdossiers geklasseerd?

Is er een centraal digitaal klasseersysteem?

Het archief Waar is het archief?

Ja Nee

Wat wordt er bewaard in het archief?

Hoe lang worden leerlingendossiers bewaard?

210 THEMA 2

LEVEL 7


DEEL 3: NA HET BEZOEK Verwerk al je informatie in een powerpointpresentatie. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van PowerPoint raadplegen. Hieronder vind je alvast zes tips voor een goede presentatie: 1 Vermijd te veel informatie op een dia. 2 Beperk het gebruik van animaties. 3 Maak gebruik van sterk visueel materiaal. 4 Denk na over de boodschap die je wilt overbrengen. 5 Zorg voor eenvoud in je presentatie. 6 Zorg voor een duidelijk leesbaar lettertype.

IN

Tip:

Action 10— Werkplekleren: Hoe verloopt het klassement in de bibliotheek?

Ga naar de bibliotheek en informeer je over de klasseermethode en het archiveren.

N

DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche van de bibliotheek

Naam van de bibliotheek

Adres

VA

Website

Aantal werknemers

©

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

Met welke hulpmiddelen worden de boeken terug in het rek geplaatst?

Observeer het klasseren

Welke soort boeken staan vooraan in de bib?

THEMA 2

LEVEL 7 211


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Hoe wordt elk soort boek geklasseerd? Omschrijf het per soort boek, bijvoorbeeld jeugdboeken, tijdschriften, romans …

Soort boeken 1: Klasseermethode:

IN

Soort boeken 2:

Klasseermethode:

Soort boeken 3:

N

Klasseermethode:

VA

Soort boeken 4:

Klasseermethode:

©

Soort boeken 5:

212 THEMA 2

LEVEL 7

Klasseermethode:


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Soort boeken 6: Klasseermethode:

IN

Soort boeken 7:

Klasseermethode:

N

DEEL 3: NA HET BEZOEK Verwerk al je informatie in een Word-document. Maak een verslag van wat je hebt gezien over de verschillende manieren van klasseren in de bibliotheek.

©

VA

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

© Shutterstock / Hunter Bliss Images

THEMA 2

LEVEL 7 213


Action 11— Werkplekleren: Hoe verloopt het klassement bij een bedrijf?

Ga naar een bedrijf naar keuze (geen bibliotheek) en informeer je over de klasseermethodes en het archiveren binnen het bedrijf. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van het bedrijf

Adres

IN

Steekfiche van het bedrijf

Aantal werknemers

N

Website

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

Observeer het klassement en het archief

VA

Het klassement Op welke manier worden de klantendossiers geklasseerd?

214 THEMA 2

Op welke manier worden de personeelsdossiers geklasseerd?

Op welke manier worden de inkomende facturen geklasseerd?

Hoe wordt de elektronische post geklasseerd?

©

Is er een centraal digitaal klasseersysteem?

LEVEL 7

Ja Nee


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Ja Nee

Is er een archivaris?

Wat wordt er bewaard in het archief?

Hoe lang worden klantendossiers bewaard?

IN

Het archief Waar is het archief?

DEEL 3: NA HET BEZOEK

Hieronder vind je alvast zes tips voor een goede presentatie: 1 Vermijd te veel informatie op een dia. 2 Beperk het gebruik van animaties. 3 Maak gebruik van sterk visueel materiaal. 4 Denk na over de boodschap die je wilt overbrengen. 5 Zorg voor eenvoud in je presentatie. 6 Zorg voor een duidelijk leesbaar lettertype.

VA

Tip:

N

Verwerk al je informatie in een powerpointpresentatie. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van PowerPoint raadplegen.

BREAKING NEWS

Ga naar diddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

©

1

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 2

LEVEL 7 215


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan het alfabetisch klassement toepassen in een oefening.

2

Ik kan het numeriek klassement toepassen in een oefening.

3

Ik kan het alfanumeriek klassement toepassen in een oefening.

4

Ik kan het chronologisch klassement toepassen in een oefening.

5

Ik kan het geografisch klassement toepassen in een oefening.

6

Ik kan het decimaal klassement toepassen in een oefening.

7

Ik kan het verschil tussen een manueel en een digitaal klassement toelichten.

8

Ik kan de klasseer- en archiveringsmethodes toelichten.

VA

N

IN

1

© 216 THEMA 2

KAN BETER

LEVEL 7


Beeldwoordenboek Level 7 BEGRIP

VERKLARING Dat is het klasseren volgens het alfabet.

alfanumeriek klassement

Dat is een combinatie van het alfabetisch en het numeriek klassement.

archief

Dat is de bewaarplaats van documenten of dossiers die niet vaak meer worden geraadpleegd.

VA

N

IN

alfabetisch klassement

AFBEELDING

Dat is het klasseren op een bepaalde plaats in het bedrijf.

chronologisch klassement

Dat is het klasseren volgens datum.

©

centraal klassement

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 7 217


BEGRIP

VERKLARING Dat is een verzamelnaam voor het online opslaan van informatie of data.

decentraal klassement

Dat is het klasseren op meerdere plaatsen in het bedrijf.

decimaal klassement

Dat is het klasseren van informatie in maximaal 10 groepen van 0 tot en met 9.

digitaal klassement

Dat is het klasseren op de computer volgens een bepaalde klasseermethode.

geografisch klassement

Dat is het klasseren volgens land, stad, provincie, gemeente of straat.

©

VA

N

IN

cloud

klasseermethode

218 THEMA 2

AFBEELDING

Dat is de manier waarop je klasseert, bijvoorbeeld alfabetisch.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 7


BEGRIP

VERKLARING Dat is het klasseren met de hand volgens een bepaalde klasseermethode.

numeriek klassement

Bij dit klassement ken je elk dossier een uniek nummer toe.

overhandigingskaart

Op deze kaart noteer je aan wie een bepaald dossier is uitgeleend.

sorteerfunctie

Dat is een functie in MS Word of MS Excel waarbij je woorden of data kunt rangschikken of sorteren.

©

VA

N

IN

manueel klassement

AFBEELDING

THEMA 2

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 7 219


NOTITIE

VA

N

IN

©


5

IN

T

VA

N

F

I

©

L

Thema 3: De werkomgeving en competenties van een retailmedewerker


N

THEMA

IN

3

©

VA

De werkomgeving en competenties van een retailmedewerker


DEEL

IN

2

De volgende levels vind je in DEEL 2.

LEVEL

p. 46

©

VA

N

3

Wat is visual merchandising?

LEVEL

2

LEVEL

1

Hoe kun je het winkelexterieur en het winkelinterieur op elkaar afstemmen?

p. 21

Hoe kun je het best artikelen presenteren met prijskaartjes en informatiemateriaal?

p. 4


LEVEL 1 Hoe kun je het best artikelen presenteren met prijskaartjes en informatiemateriaal?

1

IN

INTRO Er zijn diverse prijssystemen in de handel verkrijgbaar om artikelen in de etalage te prijzen, maar niets is origineler dan een zelfgemaakt prijskaartje. a b

Lees hieronder de tekst van de website van FOD Economie. Markeer de voorwaarden waaraan jouw prijskaartje moet voldoen.

https://economie.fgov.be/

N

De ondernemingen die goederen of diensten aanbieden, moeten de prijs hiervan schriftelijk aanduiden op een leesbare, zichtbare en ondubbelzinnige manier.

VA

De prijs is de totaalprijs te betalen door de consument, inclusief btw en alle andere taksen of diensten die de consument verplicht extra moet betalen. Deze prijzen zijn minstens in euro aangegeven. Bron: economie.fgov.be

2

Wat zou naast het aanduiden van de prijs een service zijn naar de klant toe?

3

Door een verzorgde en goed leesbare prijskaart wek je interesse en koopdrang op bij je potentiële klant. a

Bekijk de afbeelding. Kun je het prijskaartje vlot lezen?

©

b

Hoe zou dat komen, denk je?

4

THEMA 3

va n

merk

H aarfijn Prijs.2,65 euro Prijs p/l 10,60 euro

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

4

Shampoo

LEVEL 1

Hoe herken en gebruik je lettertypes op de computer? Hoe kun je prijskaartjes, slogans en infomateriaal ontwikkelen aangepast aan een huisstijl? Hoe kun je creatief te werk gaan bij het ontwerpen hiervan?


Explore 1— Welk lettertype kiest een retailmedewerker het best?

Lettertypes

Zoek drie voorbeelden van advertenties in tijdschriften.

VA

1

N

IN

De tijd van prijskaartjes en winkelinformatie schrijven met viltstift of pen ligt gelukkig al een tijd achter ons. Als je voor het maken van prijskaartjes bijvoorbeeld een tekstverwerker zoals MS Word opent, dan kun je meteen kiezen uit een hele reeks lettertypes. Er bestaan ook sites waar je gratis of tegen betaling originele lettertypes kunt vinden. Het aanbod is enorm en dat maakt het juist moeilijk om te kiezen. Het lezen van een tekst is moeilijk als je te veel lettertypes door elkaar gebruikt. Toch wordt die fout enorm vaak gemaakt.

a

Noteer het aantal lettertypes per advertentie.

Scan je advertenties en aantekeningen of neem een foto. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

b

THEMA 3

LEVEL 1

5


2

Bekijk de afbeelding. Leg het verschil tussen schreef en schreefloze letters uit. Gebruik eventueel het internet.

Abcdef ghijklm nopqrst uvwxyz

IN

Abcdef ghijklm nopqrst uvwxyz a

Zoek drie voorbeelden van lettertypes met schreef.

b

Zoek drie voorbeelden van lettertypes die schreefloos zijn.

c

Plaats je schreefloze letters beter in een moderne of klassieke winkel? Leg uit.

3

N

Waarmee houd je rekening bij de keuze van een lettertype?

VA

Een lettertype kiezen

©

Met een enkel lettertype heb je al verschillende mogelijkheden: vet, cursief, hoofdletters, kleine letters, lettergrootte, kleur … Do’s bij het kiezen van een lettertype: Houd bij de keuze van een lettertype rekening met de huisstijl. Gebruik ronde lettervormen voor romantische en zachte artikelen. Hoekige lettertypes daarentegen passen beter bij sterke en stoere artikelen. Gebruik hooguit drie verschillende lettertypes als het om een grotere tekstinhoud gaat bv. in een reclamefolder of catalogus. Gebruik positieve tekst: zwarte tekst op witte achtergrond. Gebruik zwaardere lettertypes om goedkopere of grotere artikelen (elektro, witgoed …) te promoten. Gebruik fijnere lettertypes bij exclusievere artikelen.

6

THEMA 3

LEVEL 1


Kleuren hebben ook een invloed: Let op met kleurgebruik op prijskaartjes en informatieve teksten: zwart op geel en wit op rood gebruikt men vaak voor promoties en in de koopjesperiode. Gebruik felle kleuren voor promotie- of discountartikelen. Kies discrete kleuren voor luxeartikelen.

IN

Don’ts bij het kiezen van een lettertype: Gebruik geen diapositieve teksten: witte tekst op een zwarte achtergrond. Vermijd felle kleuren, zowel voor tekst als achtergrond. Vermijd ook het gebruik van zwart op rood en omgekeerd.

felle kleuren

diapositieve tekst

Zoek in tijdschriften of op websites acht logo’s waarvan twee per categorie. Neem de tabel over en beschrijf hun lettertype, vorm en kleur. Maak daarna een presentatie op papier of met een computerprogramma naar keuze.

logo

STOERE ARTIKELEN

ZACHTE ARTIKELEN

1

1

2

lettertype

1

1

1

2

©

1

1

2

a b

1

2

2

1

1

2

1

2

1

2

1

2

2

2

1

kleur

1

2

2

vorm

GROTE ARTIKELEN

2

1

VA

2

DISCOUNT­ ARTI­KELEN OF -WINKELS

N

4

zwart op rood

2

Toon je keuze aan je medeleerlingen en je leerkracht. Maak een foto van je presentatie op papier. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. THEMA 3

LEVEL 1

7


5

Het lettertype van het logo bepaalt in grote mate de huisstijl en de herkenbaarheid van de winkel. a b

Herken je deze logo’s aan hun eerste letter(s)? Vul de tabel aan. Bespreek klassikaal of je het een goed logo vindt. AFBEELDING

WINKELNAAM

PRODUCTEN

© Shutterstock / Alexandros Michailidis

IN

© Shutterstock / Shawn Konopaski

VA

© Shutterstock / ricochet64

N

©

© Shutterstock / Imladris

© Shutterstock / Georges Hanna

© Shutterstock / monticello

© Shutterstock / Thierry Hebbelinck

8

THEMA 3

LEVEL 1


Explore 2— Hoe maakt de retailmedewerker een prijskaartje in functie van de huisstijl?

Een prijskaartje ontwerpen

©

VA

N

IN

Bij het ontwerpen van een prijskaartje houd je onder andere rekening met de wettelijke eisen uit de Intro. Het prijskaartje: moet vooral duidelijk leesbaar zijn. Houd daarom bij het kiezen van het lettertype rekening met je doelgroep. Ouderen zijn bijvoorbeeld vaak slechtziend waardoor een groter lettertype nodig is; mag niet opdringerig werken. Gebruik niet te grote letters, te felle kleuren of een schreeuwerig lettertype. Het prijskaartje moet betreft grootte passen bij de grootte van de etalage en het artikel. Vergelijk maar eens een prijsaanduiding van een auto met die van een schoen. Uitzonderingen zijn reclames of massaproducten; moet er verzorgd en kreukloos uitzien; bij een etalagepop vermeld je verschillende kledingitems in een bepaalde volgorde, precies zoals de presentatie op de pop. Je somt de items op van boven naar onderen, bijvoorbeeld de muts eerst, de schoenen als laatste.

Muts

19,99€

Sjaal

12,99€

Pull

39,99€

Joggingbroek

25,99€

Muts

12,99€

© Shutterstock / Sorbis

Prijskaartjes zwart op wit zijn universeel en kun je meermaals gebruiken. Vermeld je het logo van de winkel, een merk of een themawoord zoals ‘New’, ‘Easter’ of ‘Summer Special’… op je prijskaartjes, dan geef je een persoonlijke touch en werk je de etalage tot in de puntjes af. Print je een prijskaartje, dan kun je de kleur van het kaartje of de kleur van de prijs aanpassen aan de kleur van de huisstijl of het thema.

THEMA 3

LEVEL 1

9


De sfeer of het thema van de etalage heeft ook een invloed op je kleurkeuze en de vorm van je (fantasie)prijskaartje. a

Vul de opsomming aan. THEMA

ONTWERP PRIJSKAARTJE

Kerst

een dennenboompje van groen papier met witte letters

Valentijn

Halloween

Black Friday

IN

Ontwerp zelf telkens twee prijskaartjes per thema. Het artikel en de prijzen mag je vrij kiezen. Houd rekening met deze punten: Pas de kleuren en vormen aan in functie van de thema’s. Bepaal waar het prijskaartje moet staan. Als het bijvoorbeeld in de etalage staat, kan het groter zijn dan wanneer het op het artikel zelf is bevestigd. Bedenk een originele vorm of presenteer je prijskaartje op een originele manier. Bijvoorbeeld in oude (fel) geschilderde fotokaders, geplakt op een stoeptegel of frisdrankfles, op een ballon … Eén van je prijskaartjes hoort bij een etalagepop.

c

Leg bij elk kaartje kort je keuze voor het lettertype uit.

©

VA

N

b

10

THEMA 3

LEVEL 1


Print je prijskaartjes op stevig papier. Plaats nu je 8 prijskaartjes op een van de volgende manieren bij enkele artikelen. Gebruik elke methode minimaal een keer: met een speld bovenaan in het midden door het kaartje geprikt om op een artikel te bevestigen (figuur 1) met een speld onderaan in het midden door het kaartje geprikt om het bij een artikel te zetten (figuur 2) dubbelgevouwen als een tentje door het kaartje in het midden te ritsen met breekmes en een lat (figuur 3) naar achteren gevouwen op 1/3 van de onderrand door het kaartje op 2/3 te ritsen met breekmes en een lat (figuur 4)

IN

d e

Figuur 2

VA

N

Figuur 1

Figuur 3

Figuur 4

Explore 3— Hoe maakt de retailmedewerker winkelondersteunend informatiemateriaal?

Reclame- en informatiemateriaal

©

Naast je prijskaartjes moet ook het reclamemateriaal aansluiten bij de huisstijl. Met een ontwerpprogramma als MS PowerPoint, Canva of een dtp-pakket kun je in korte tijd aantrekkelijk beeldmateriaal ontwikkelen. Zo kun je snel een actie of een slogan uitwerken om het koopgedrag van je klanten te beïnvloeden. Alle reclame-items stem je steeds op elkaar af qua kleur, lettertype, vorm en stijl. De sfeer, het thema en de boodschap moeten ook hier heel duidelijk tot uiting komen. Samen met de etalage of instore presentatie moet dit een geheel vormen. Bij het maken van reclame- en informatiemateriaal kun je bij de keuze van het lettertype en de kleur uitbundig zijn en werken rond een thema of seizoen. Maak zeker gebruik van afbeeldingen: beelden zeggen meer dan woorden. Zo maak je je promotiemateriaal interessanter en aantrekkelijker.

THEMA 3

LEVEL 1

11


1

Bekijk de slogans. Kun je een branche koppelen aan de slogans? Leg uit. Laat je leiden door het lettertype en de kleur van de afbeelding.

uitleg:

IN

branche: branche: uitleg:

branche:

VA

uitleg:

N

branche: uitleg:

©

branche: uitleg:

branche:

uitleg:

12

THEMA 3

LEVEL 1


Bekijk de affiche. Kun je de affiche beoordelen aan de hand van de huisstijl en de functie?

N

IN

2

a

Hoeveel lettertypes werden er op de rode achtergrond van de affiche gebruikt?

b

Is het een schreef of schreefloos lettertype? schreefloos

VA

schreef    c

Waarom is de affiche rood, oranje en wit?

d

Wat is de inhoud van deze affiche?

Wat is het doel van deze affiche?

©

e

f

Kun je het lettertype achterhalen? Gebruik eventueel het internet.

THEMA 3

LEVEL 1

13


3

Bekijk de affiche. Een promotieaffiche ontwerpen voor een winkel vraagt creativiteit. Beeld en kleur spelen een belangrijke rol om de aandacht te trekken. De tekst is ondergeschikt aan het beeld. a

Hoeveel lettertypes werden er in deze affiche gebruikt?

b

Welk woord heeft een schreef? Waarom heeft de affiche deze kleuren?

d

Wat is de inhoud van deze affiche?

IN

c

e

Wat is het doel van deze affiche?

f

N

Weten we of er hier rekening werd gehouden met de huisstijl of het logo?

VA

g

Aan welke winkel of branche zou jij deze affiche linken?

h

Waarop baseer jij die keuze?

©

i

Kun je het lettertype van de woorden ‘Shop now’ achterhalen? Gebruik eventueel het internet.

14

THEMA 3

LEVEL 1


TO THE POINT Ondersteunend informatiemateriaal Ondersteunend informatiemateriaal ontwikkelen, zoals prijskaartjes, reclame- en informatieaffiches is niet zo moeilijk. Je kunt bij het maken vertrekken van het lettertype en de kleuren die gebruikt zijn voor het logo of de huisstijl. Voor sfeer- en themagebonden opdrachten kun je hiervan afwijken. Houd altijd het totaalconcept voor ogen.

IN

Lettertypes Met een lettertype heb je al veel mogelijkheden: vet, cursief, hoofdletters, kleur … Je kunt een lettertype ook als positieve tekst (zwarte tekst op witte achtergrond) of diapositieve tekst (witte letters op zwarte achtergrond) tonen. Binnen de verschillende lettertypes zijn er twee hoofdgroepen: met schreef en schreefloos. Letters met een schreef hebben een (extra) dwarsstreepje op de letters. De schreefloze letter is zonder de extra streepjes.

N

Prijskaartjes (Figuur 1) Voor prijskaartjes is de leesbaarheid essentieel. Daarnaast let je erop dat de totaalprijs, inclusief btw, taksen en diensten is, zichtbaar is, in euro’s wordt vermeld, en past bij de huisstijl en het type product. Een prijskaartje mag niet te opdringerig zijn. Wanneer je universele prijskaartjes maakt, zijn die algemeen van opzet en kun je die meermaals gebruiken.

Reclamemateriaal Voor reclamemateriaal benut je de kracht van beelden. Alles wat visueel duidelijk is voor de doelgroep, moet je niet meer uitleggen. Heldere en eenvoudige boodschappen zoals een slogan komen het beste over en geven je de kans om meer te verkopen.

VA

Verzorgde afwerking Voor zowel het prijskaartje als het reclame- en informatiemateriaal geldt dat een verzorgde en kreukloze afwerking erg belangrijk zijn.

Action 1—

Kun je prijskaartjes, een slogan en aanverwante affiches maken voor OdetteLunettes.edu?

©

Ontwerp met een programma naar keuze de volgende items voor OdetteLunettes.edu. a b c d e f g h i

Ontwerp een universeel prijskaartje met logo voor meermaals gebruik. Ontwerp een prijskaartje voor een valentijnetalage. Ontwerp een prijskaartje voor de lancering van een nieuw model bril. Kies bij elk van de prijskaartjes een andere plaatsingsmethode, zie Explore 2d. Maak een slogan voor de valentijnetalage die correspondeert met je prijskaartje. Ontwerp een universele affiche op A4-formaat voor de openingstijden. Ontwerp een promotieaffiche op A3-formaat voor een zomeractie. Print je ontwerpen en beoordeel met de evaluatiefiches op diddit. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 3

LEVEL 1

15


Action 2— 1

Kun je prijskaartjes en een 2D-affiche verwerken in een etalage?

Ontwerp een affiche met als thema ‘zomer’ voor een parfumerie. Volg het stappenplan. STAPPENPLAN Kies stevig, gekleurd tekenpapier van formaat A2 als basis.

Stap 2:

Kies papier met een contrasterende kleur, motief of bedrukking, bijvoorbeeld inpak- of krantenpapier.

Stap 3:

Snijd repen papier van 2 à 3 cm breed. Let op dat het papier aan twee zijden dezelfde bedrukking heeft, zodat je het kunt omvouwen.

Stap 4:

Vouw daarmee de letters van het woord zomer. Voor inspiratie zie de afbeelding met summer.

Stap 5:

Pas de lettergrootte aan aan je achtergrond. Je kunt eerst een paar groottes uitproberen voordat je definitief beslist.

Stap 6:

Kies en print een tekst, een woord of een zin die betrekking heeft op je thema.

Stap 7:

Snijd het hele tekstvak recht en haaks uit. Gebruik hiervoor een lat, een potlood en een scherpe schaar of breekmes en snijmat.

Stap 8:

Zoek nog naar enkele artikelen of afbeeldingen verbonden aan het thema. Knip of snijd ze glad uit.

Stap 9:

Schik nu al je onderdelen (het woord ‘zomer’ en je tekstvlak(ken), afbeeldingen …) op je achterwand. Zorg voor een evenwichtige compositie.

N

IN

Stap 1:

Stap 10: Bespreek je affiche met je medeleerlingen en je leerkracht. Stap 11: Kleef na overleg en goedkeuring het geheel op.

Maak drie bijpassende prijskaartjes met de materialen van de affiche die je hebt gemaakt.

3

Verwerk de affiche tegen de achterwand van een etalage of paneel in je klas. Gebruik de prijskaartjes in een kleine compositie met parfumdoosjes en -flesjes.

4

Maak een foto van het geheel. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

VA

2

16

THEMA 3

LEVEL 1


Action 3—

Kun je een prijskaart maken voor een etalagepop?

Je gaat een prijskaart ontwerpen om bij de etalagepop van A.S.Adventure te zetten. a

Bekijk aandachtig de afbeelding van de etalagepop van A.S.Adventure. Som alle artikelen van de etalagepop op.

b

IN

c

d

Tip: e f

N

Rangschik de verschillende artikelbenamingen en geef ze een prijs. Kijk eventueel op de website van A.S.Adventure naar prijzen van soortgelijke artikelen en gebruik die. Ontwerp je prijskaart met een programma naar keuze. Vermeld hierbij: het logo van A.S.Adventure; een themagebonden afbeelding die je integreert in het geheel, bijvoorbeeld als watermerk of een deelaspect in de hoek of als rand.

Maak je prijskaart niet te druk: een leesbare prijs is hier het belangrijkste.

VA

Print en zet de kaart in, op of tegen een originele, themagebonden houder. Maak een foto. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan een lettertype koppelen aan een doelgroep, een artikel, een huisstijl.

2

Ik kan prijskaartjes ontwerpen voor verschillende winkels.

3

Ik kan een passende slogan vinden en uitwerken in functie van het thema, het artikel en de huisstijl.

4

Ik kan info- reclamemateriaal ontwerpen.

5

Ik kan een eenheid van kleur, lettertype, stijl en vorm ontwerpen voor een totaalconcept.

©

1

THEMA 3

LEVEL 1

17


Beeldwoordenboek Level 1 VERKLARING

AFBEELDING

diapositieve tekst

Hierbij zijn de kleuren van de letters en de achtergrond omgekeerd, zoals bij een dia. De letters zijn wit of heel licht en de achtergrond is zwart of heel donker.

Diapositief

lettertype

Dat is een letterstijl, voorbeelden zijn: Arial, Calibri, Times New roman, Gotiek, Bierstadt… Met een enkel lettertype heb je al verschillende mogelijkheden: vet, cursief, hoofdletters, kleine letters, lettergrootte, kleur …

positieve tekst

Hierbij zijn de kleuren van de letters en de achtergrond zoals we het het best kennen: met een zwarte of donkere letter op een witte achtergrond.

schreef

Dat is een streepje aan de letters. Een letter met schreef heeft een versiering. Een bekend voorbeeld is het lettertype Times New Roman.

VA

N

IN

BEGRIP

Een schreef is een streepje. Een letter zonder schreef is een schreefloze letter. De letter heeft dan geen versiering of extra streepjes. Een bekend voorbeeld is het lettertype Arial.

©

schreefloos

universeel prijskaartje

Dat is een algemeen prijskaartje dat voor veel artikelen kan worden gebruikt.

slogan

Dat is een korte, veelzeggende tekst passend bij je merk.

Abcdef ghijklm nopqrst uvwxyz Abcdef ghijklm nopqrst uvwxyz € 49,9

9

© Shutterstock / Fecundap stock

18

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 1


LEVEL 2 Hoe kun je het winkelexterieur en het winkelinterieur op elkaar afstemmen? INTRO 1

A

C

N

B

IN

Kun je het winkelinterieur koppelen aan het winkelexterieur? Noteer het juiste cijfer bij de letter. Bespreek klassikaal.

D

VA

1

©

3

2

4

© Shutterstock / O de R

A

2

B

C

D

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

Hoe kun je het winkelexterieur en het winkelinterieur op elkaar afstemmen? THEMA 3

LEVEL 2

19


Explore 1— Wat bepaalt het winkelbeeld?

Het winkelexterieur

1

IN

Het doel van het winkelexterieur, de buitenkant van de winkel, is de winkel vanop afstand duidelijk herkenbaar maken aan de voorbijgangers. Het winkelexterieur is erop gericht om de voorbijganger te doen stoppen en te verleiden om binnen te komen. De voorbijganger moet de winkel als uitnodigend ervaren. Niet alle voorbijgangers hechten hetzelfde belang aan smaak, koopvoorwaarden en koopbehoeften, daarom verschilt het winkelexterieur van winkel tot winkel. Loop even door een winkelstraat en je ziet een verscheidenheid aan winkelgevels; klassieke, moderne, verzorgde, donkere, grote, kleine, aantrekkelijke, lelijke (naar jouw smaak) en toch trekken al die gevels een bepaalde doelgroep aan. Dat is een groep van mogelijke kopers van een product of dienst waarop de winkelier zich richt. Kijk goed naar het volgende voorbeeld van een winkelexterieur. Uit welke delen is het winkelexterieur opgebouwd?

B

VA

N

A

D

E

©

F

2

d

e

b

f

c

g

20

THEMA 3

G

a

Wat kun je zeggen over het geheel van de gevel?

LEVEL 2

C


Het winkelinterieur Het winkelinterieur bestaat uit alle elementen die de inrichting van een winkel opbouwen. De stijl van het winkelexterieur waarmee de winkelier de voorbijgangers (potentiële klanten) binnenlokt, moet in het winkelinterieur worden doorgetrokken. Dat noemen we de huisstijl. De huisstijl omvat alle facetten die van een onderneming merkbaar zijn zoals de vormgeving, inrichting, kleur, logo, lettertype ... waaraan je een onderneming kunt herkennen. Kijk goed naar het volgende voorbeeld van een winkelinterieur. Uit welke delen is dit opgebouwd en welke delen staan in relatie met het exterieur?

A

B

IN

3

C

G

VA

N

D

F

a

e

b

f

c

d

© 4

E

g

Wat kun je zeggen over het geheel van het winkelinterieur?

THEMA 3

LEVEL 2

21


Explore 2— Wat is de relatie tussen winkelexterieur en winkelinterieur?

De relatie tussen winkelexterieur en -interieur

VA

N

IN

Het is belangrijk dat het interieur van de winkel voldoet aan de verwachting die het exterieur bij voorbijgangers wekt. Daarom zie je vaak dat de winkelier de uitstraling van het winkelexterieur verderzet in het winkelinterieur. Elementen die je zowel buiten als binnen terug zult zien, zijn dezelfde vormen, stijl en sfeer, en hetzelfde kleurgebruik. Als het interieur voldoet aan de verwachtingen, dan zal de klant langer in de winkel blijven. Dat helpt de winkelier in zijn missie om de koopdrang te verhogen: eerst de aandacht trekken en de klant verleiden om binnen te komen, daarna de verkoop bevorderen om tenslotte de omzet te verhogen. Een aantrekkelijke winkelgevel en een verzorgde etalage lokt de voorbijgangers naar binnen, maar als zij daar een rommelig winkelbeeld treffen, dan zullen ze snel rechtsomkeer maken. De missie is: aandacht verkoopbevordering omzet verhogen. Bij een slechte relatie tussen interieur en exterieur mislukt die missie.

© Shutterstock / Kyryk Ivan

Om de relatie tussen winkelexterieur en winkelinterieur te versterken, doen winkels beroep op de vijf zintuigen van de voorbijganger. Noteer de zintuigen bij de iconen.

©

1

22

THEMA 3

LEVEL 2


De vijf zintuigen Zicht is met 90 % de belangrijkste factor in hoe we een winkel waarnemen. Met hoe de winkel eruitziet – een goede verzorgde eerste indruk – trekt de winkelier de klant al verder de winkel in.

© Shutterstock / Sorbis

IN

Gehoor: Door muziek die buiten de winkel speelt en de klant binnen op de achtergrond verder kan horen, maakt de winkelier de drempel om van buiten naar binnen te komen lager.

N

Reuk: In grote steden tref je winkels aan die in de winkelstraat een geur verspreiden om de klant naar binnen te lokken. Door bijvoorbeeld in de zomer een frisse, aromatische geur en in de winter een warme geur te verspreiden die je op straat en in de winkel kunt ruiken. Denk bijvoorbeeld ook aan de testers bij de ingang van de parfumerie, maar ook de geur van versgebakken brood in een supermarkt.

© Shutterstock / Dutchmen Photography

VA

Tast: Bij parfumerieën zie je vaak testers met crème buiten staan of een rek met kleding aan de ingang van een kledingzaak.

© Shutterstock / ingehogenbijl

©

Smaak: Bij de groenten-, fruit- en kaashandel vind je buiten tussen de mooie opstapeling van hun producten verschillende proevertjes.

2

Bekijk of bezoek eens een Rituals-filiaal en beantwoord de volgende vraag: Hoe gebruikt deze winkel de vijf zintuigen om klanten te verleiden om binnen te komen?

THEMA 3 © Shutterstock / Erik Laan

LEVEL 2

23


Explore 3— Hoe kan de routing koopdrang bevorderen?

Koopdrang De koopdrang bevorderen doe je in de winkel. Een goed geplande lay-out waar de routing en looprichting is aangepast aan het soort winkel en de beschikbare oppervlakte, is al een eerste stap in de goede richting. De routing naar de kassa is steeds in de lay-out verwerkt. De klant zal hierdoor automatisch de kassa passeren.

IN

Een supermarkt heeft een andere lay-out dan een interieurzaak. In een supermarkt, bijvoorbeeld Carrefour, zijn alle gangpaden, zowel de hoofdgang als de zijgangen, recht en praktisch. Klanten kunnen er zo snel winkelen en zelf hun route uitstippelen. Het is een vrije looproute: de klanten bepalen zelf hoe ze de winkel doorgaan. In brede gangpaden op een eilanddisplay en op de kopof einddisplay ziet men vaak stapels van één product gepresenteerd staan. Dat zijn stoppers of aandachtrekkers: ze verhogen de attentiewaarde voor het product of de aanbieding.

Good to know

N

In een interieurwinkel volg je meestal echt een pad: een gedwongen looproute. De klanten zijn verplicht de aangegeven richting te volgen. Een voordeel van de vaste looproute is dat klanten het hele assortiment zien. De bedoeling is dat mensen af en toe vertragen, stoppen, kijken en weer verder op ontdekking gaan.

©

VA

Zowel voor winkels met een vaste route als winkels met een vrije route geldt de regel dat de meeste klanten hun traject (looproute) starten aan de rechterkant. Hoe dat komt? In ons land beginnen we altijd rechts. We rijden ook aan de rechterkant van de weg. In England, Cyprus, Japan en enkele andere landen is dat anders! Daar begint en rijdt men links.

24

THEMA 3

LEVEL 2


1

Bekijk de afbeelding. Welk grondplan is van een supermarkt en welke van een interieurzaak? Kruis aan. Is het grondplan een voorbeeld van een gedwongen looproute of een vrije looploute? Kruis aan.

N

IN

a b

interieurzaak vrije looproute

©

VA

supermarkt gedwongen looproute

supermarkt gedwongen looproute

interieurzaak vrije looproute

THEMA 3

LEVEL 2

25


c

Noem nog twee voorbeelden van een gedwongen looproute en een vrije looproute.

gedwongen looproute:

vrije looproute:

IN

Stoppers en eyecatchers

Stoppers en hun functie In de routing neemt de winkelier plaatsen op waar de klanten recht op af lopen. Dit noemen we stoppers: productpresentaties die de klant doen stoppen. De stoppers hebben tot doel de attentiewaarde op de producten te verhogen.

VA

instore of podiumpresentatie: een groepering van producten en grotere artikelen, zoals fietsen of een presentatie met etalagepoppen, trekt op bepaalde plaatsen in de winkel de aandacht. displaytafel: een tafel met artikelen in eenzelfde thema of voor eenzelfde doel valt meer op. reclamedisplay: opvallend opbouwmateriaal van een bepaald merk met daarop/daarin hun artikelpresentatie springt eruit. touchscreen: een grote tablet waarop klanten informatie over artikelen, diensten, de voorraad en actuele berichten van de winkel kunnen ophalen, valt op en wekt interesse.

N

Eyecatchers en hun functie Om de klant weg van het uitgestippelde pad te lokken, brengt de winkelier hier en daar aan de zijwanden van de winkel en boven op de schappen aandachttrekkers of eyecatchers aan:

©

instore decoratie of sfeerscheppers: middelen die de winkel verfraaien reclame of promotiepanelen: ook wel POS of Point of Sale-materiaal genoemd, zijn grote of kleine panelen waarop een boodschap of een promotie van een artikel staat reclame of promopresentaties: aanbiedingen die zijn uitgestald op een stapel of tafel grote foto’s tegen de wand en tussen de schappen video wall: een groot LED-scherm met beelden van een thema of artikel instore wandpresentatie: presentaties van artikelen boven de schappen tegen de wand

26

THEMA 3

LEVEL 2


2

Bekijk aandachtig de foto’s. Noteer bij iedere foto: welke stoppers zijn en welke eyecatchers; hun naam en de functie in het winkelbeeld; op welke afdeling van de winkel de stoppers of eyecatchers thuishoren. Kijk hiervoor op het grondplan van A.S.Adventure.

A

B

C

STOPPER OF EYECATCHER NAAM

stopper eyecatcher

FUNCTIE

stopper eyecatcher

VA

AFDELING

stopper eyecatcher

N

IN

FOTO

D

E

F

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

FOTO

©

STOPPER OF EYECATCHER

NAAM

FUNCTIE

AFDELING

THEMA 3

LEVEL 2

27


G

H

I

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

FOTO

FUNCTIE

AFDELING

K

VA

J

N

NAAM

IN

STOPPER OF EYECATCHER

L

FOTO

STOPPER OF EYECATCHER

FUNCTIE

AFDELING

28

THEMA 3

LEVEL 2

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

©

NAAM

stopper eyecatcher


M

N

O

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

FOTO

STOPPER OF EYECATCHER

IN

NAAM

AFDELING

N

FUNCTIE

Q

VA

P

R

FOTO

STOPPER OF EYECATCHER

stopper eyecatcher

stopper eyecatcher

©

stopper eyecatcher

NAAM

FUNCTIE

AFDELING

THEMA 3

LEVEL 2

29


S

U

T Ontde k onze

KE RS TPR OM OT IES

FOTO

www.asadventure.com

STOPPER OF EYECATCHER

AFDELING

Bekijk aandachtig het grondplan van A.S.Adventure.

VA

3

stopper eyecatcher

IN

FUNCTIE

stopper eyecatcher

N

NAAM

stopper eyecatcher

a

Duid de looproute aan met pijtjes. In welke richting zal de klant normaal de route starten?

Markeer: dit is een vrije / gedwongen looproute.

c

Plaats de letters van de foto’s op de juiste plaats op het grondplan op de volgende pagina. Let op: stoppers staan dichter bij het gangpad dan eyecatchers.

©

b

30

THEMA 3

LEVEL 2


IN jeans

VA

N

jeans

paskamers

kassa

rugzakken

©

onthaal

THEMA 3

LEVEL 2

31


Explore 4— Wat is de relatie tussen het winkelinterieur enerzijds en de winkelformule en de marketing anderzijds?

Winkelformule Een winkelformule is de manier waarop een winkel of winkelketen artikelen aanbiedt aan de klant, de uiteindelijke koper. De winkelformule bestaat uit drie onderdelen:

N

A

IN

1 De doelgroep: een groep mensen met specifieke kenmerken en behoeften waar de winkel zich op richt.

VA

2 De marktpositie: een winkel die zich hoog in de markt wil plaatsen voor een hogere omzet, voegt extra diensten zoals advies, service en presentatie toe aan de artikelen. Men wil de marktwaarde van het artikel ten opzichte van de concurrentie verhogen. Er zal dus meer aandacht worden besteed aan winkelsfeer door een aantrekkelijk winkelinterieur (meubilair, kleur, aankleding) en een meer stijlvolle huisstijl te ontwikkelen. Klanten zijn bereid om daarvoor meer te betalen. Als een onderneming een artikel goedkoper op de markt wil brengen, dan zal die minder aandacht, tijd en geld aan de bovenstaande elementen besteden.

C

©

B

3 De marketingmix: het marketingplan is een onderdeel van het ondernemingsplan. In dit plan omschrijf je jouw doelgroep, de markt en de behoeften van je potentiële klant. Daarnaast beschrijf je hoe je die doelgroep gaat bereiken en hoe je product of dienst inspeelt op hun vraag of behoeften. Zo omvat het marketingplan ook de marketingmix met de 6 P’s.

32

THEMA 3

LEVEL 2


1

Bekijk de foto’s naast de kennislijn.

2

Wat is de doelgroep van de winkel bij foto A?

3

Welke van de twee winkels op foto’s B en C wil zijn marktpositie verstevigen? Leg uit.

4

Plaats de 6 P’s van de marketingmix bij hun omschrijving. Kies uit:

IN

personeelsbeleid – plaatsbeleid – presentatiebeleid – productiebeleid – promotiebeleid – prijsbeleid

: het assortiment aan artikelen dat de winkelier aanbied. De winkelier denkt na over het kern- en randassortiment van de winkel, de bijbehorende merken en tot welke branche de winkel behoort.

b

: een vaststelling van het aantal en type medewerkers en de eisen, zoals opleiding, kennis en competenties. Ook kledingvoorschriften en het organogram van het bedrijf vallen hieronder. : de omgeving waar een winkel wordt gevestigd en welke vestigingseisen hieraan verbonden zijn, zoals de grootte, de locatie (centrum of juist daarbuiten), huur of koop … (bijna) Iedere keuze heeft gevolgen voor de uitstraling.

VA

c

N

a

: de prijscategorie die de winkelier handhaaft om zich te plaatsen binnen zijn beoogde marktpositie. Hij kan kiezen voor een prijzenslag of juist meer service en hogere prijzen toepassen.

e

: het kader waarin de winkelier de artikelen presenteert. Hij kan gebruikmaken van etalages, of enkel reclameborden en -posters gebruiken. Hier zijn de huisstijl, het winkelexterieur en -interieur doorslaggevend.

©

d

f

: de manier waarop de winkelier bekendheid wil verwerven en de beoogde doelgroep wil bereiken. De reclamemiddelen die hij hiervoor kan aanwenden zijn lichtreclame, gedrukte reclame, sponsoring, audiovisuele reclame …

THEMA 3

LEVEL 2

33


TO THE POINT De relatie tussen winkelexterieur met de etalage, de buitenreclame, het logo, de buitenverlichting, de kleur, de architectuur … en winkelinterieur met de winkelinrichting, de kleur, de lay-out, huisstijl, winkelsfeer … wordt waargenomen door vijf zintuigen: zicht, gehoor, reuk, smaak en tast.

IN

De lay-out, routing en looprichting in een winkel worden bepaald door het soort winkel en de oppervlakte. In een supermarkt en aanverwante grote winkels zal de winkelier een vrije looproute gebruiken. Hier kunnen de klanten zelf bepalen hoe ze doorheen de winkel gaan. In winkels waar de winkelier meer aandacht op alle artikelen wil vestigen, zal hij opteren voor een gedwongen looproute. In deze winkels zijn de klanten verplicht de aangegeven richting te volgen.

VA

N

De winkelformule bestaat uit drie onderdelen: doelgroep: groep mensen met specifieke kenmerken en behoeften marktpositie: keuze die de winkelier maakt over hoe zich te profileren ten opzichte van de concurrentie (hoge of lage marktpositie) marketingmix: omvat de 6 P’s – Productbeleid: branche, assortiment, merken, leveranciers – Personeelsbeleid: opleiding, kennis, organigram – Plaatsbeleid: waar vestigen, huren of kopen, in de stad of winkelgalerij – Prijsbeleid: welke prijscategorie kiezen, discountprijzen of hogere prijzen met meer service – Presentatiebeleid: gebruik van etalages of eerder reclameaffiche en -posters, aandacht voor huisstijl, interieur – Promotiebeleid: reclamestrategie

Het doel van de winkelformule is aandacht trekken en verkoopbevordering om zo de omzet te verhogen. De koopdrang bevorderen doet de winkelier in de winkel. Hiervoor maakt die gebruik van stoppers en eyecatchers. Dat zijn presentaties die de attentiewaarde van artikelen verhogen en waarvoor de klant zijn route in de winkel even stopt.

©

Stoppers zijn er in de vorm van: instore podiumpresentatie displaytafel reclamedisplay touchscreen

Eyecatchers zijn er in de vorm van: instore decoratie reclame en promotiepanelen promotiepresentaties grote foto’s video walls instore wandpresentaties Met eyecatchers lokt de winkelier de klant even weg van de uitgestippelde route om zo langer in de winkel te blijven en de verkoop te bevorderen.

34

THEMA 3

LEVEL 2


Action 1—

Wat vertellen deze winkelexterieurs jou?

Bekijk aandachtig de foto’s en vul de tabel aan.

B

IN

A

© Shutterstock / haireena

Waar zijn deze winkels gevestigd denk je?

Wat vertelt het winkelexterieur jou over de huisstijl?

© Shutterstock / 1000 Words

Welke artikelen verwacht je achter dit winkelexterieur?

Welke doelgroep voelt zich tot dit exterieur aangetrokken?

Welke elementen bouwen de gevel op?

Welke verschillen zie je in stijl/sfeer?

Welk interieur verwacht je bij deze winkelgevel?

©

VA

N

Welke uitstraling hebben de winkelgevels volgens jou?

THEMA 3

LEVEL 2

35


Wat is de relatie tussen het exterieur en het interieur van A.S.Adventure?

VA

N

IN

Action 2—

Stel je voor dat je kookgerei nodig hebt voor je kampeertrip. Je staat voor de winkel van A.S.Adventure en gaat naar binnen. a

Welke overeenkomst valt je op bij het bekijken van het exterieur en het interieur van de winkel?

©

b

Waarom zou A.S.Adventure voor die elementen kiezen?

36

THEMA 3

LEVEL 2


Action 3—

Kun je het winkelexterieur ontleden?

1

Zoek online vijf afbeeldingen van totaal verschillende winkelgevels en plak de afbeeldingen in een tekstverwerker.

2

Noteer onder elke afbeelding uit welke onderdelen iedere gevel is opgebouwd en bepaal de doelgroep van de winkel.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. Tip:

IN

Action 4—

Gebruik bij het zoeken op internet ook Engelse zoektermen.

Kun je de relatie tussen het exterieur en interieur herkennen?

Bekijk de foto’s van Odette Lunettes aandachtig.

Welke van de vijf zintuigen kunnen aan bod komen bij het bezoek aan de winkel?

b

Welke kleuren worden van het exterieur doorgetrokken in het interieur?

Wat geeft een originele toets aan het interieur en zou je totaal niet verwachten aan de buitenkant?

VA

c

N

a

Hoe zou jij de winkel omschrijven?

©

d

THEMA 3

LEVEL 2

37


Action 5—

Kun je de relatie tussen het exterieur en het interieur omschrijven voor de CM-kantoren?

Ga naar diddit en download de PDF van CM kantoorinrichting Guidelines. a

Welke kleuren zijn bepalend voor de huisstijl van CM?

b

Waarom koos CM voor deze kleuren denk je?

IN

c

Welke andere kleuren bouwen mee aan de uniformiteit?

d

Hoe of onder welke vorm komen deze kleuren terug in het interieur?

Met welke materialen brengt CM neutrale kleuren aan?

f

Op welke verschillende manieren maakt CM het logo buiten kenbaar? Wat zijn banners?

VA

g

N

e

h

Wat is een vloerprojectie?

i

Wat is een totem? Waar zou je die eventueel kunnen plaatsen bij een winkel?

©

j

Waar bevindt zich de sticker met de openingsuren?

Wat vermeldt die sticker?

k

De bestickering neemt hier grotere proporties aan dan bijvoorbeeld bij Standaard Boekhandel. Waarom?

38

THEMA 3

LEVEL 2


l

Ook al is de architectuur van alle CM-kantoren verschillend, toch geeft men de gevels eenzelfde uitstraling! Hoe doet CM dat?

m

Net zoals we een totem kunnen gebruiken bij winkels in een kmo-winkelzone, is hier ook enkel een auto- en fietsenparking van toepassing. Hoe duidt CM dit aan?

1

Kun je de winkelformule mondeling voorstellen?

IN

Action 6—

Stel de winkelformule van een artikel naar keuze voor aan je medeleerlingen en leerkracht in de vorm van een powerpointpresentatie. Volg het onderstaande stappenplan. Op diddit vind je tips voor je presentatie. STAPPENPLAN

Stap 1: Kies een artikel dat jouw voorkeur heeft.

1

doelgroep:

marketingpositie:

VA

2

N

Stap 2: Noteer hieronder de drie onderdelen die de winkelformule vorm geven en omschrijf ze uitvoerig in functie van jouw gekozen artikel.

3

marketingmix 6P’s:

©

Stap 3: Ondersteun Stap 2 met het nodige fotomateriaal. Wees niet te snel tevreden: zoek foto’s waar duidelijk eenzelfde huisstijl aan bod komt. Zoek voldoende foto’s zodat je de beste kunt selecteren voor je uiteindelijke presentatie.

Stap 4: Verwerk al je informatie in een powerpointpresentatie. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van PowerPoint raadplegen. Hieronder vind je alvast zes tips voor een goede presentatie: 1 Vermijd te veel informatie op een dia. 2 Beperk het gebruik van animaties. THEMA 3

LEVEL 2

39


3 4 5 6

Maak gebruik van sterk visueel materiaal. Denk na over de boodschap die je wilt overbrengen. Zorg voor eenvoud in je presentatie. Zorg voor een duidelijk leesbaar lettertype.

Stap 5: Stel je presentatie voor aan je leerkracht en medeleerlingen. Bespreek klassikaal en noteer de feedback. 2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Werkplekleren: kun je de relatie tussen het exterieur en het interieur, de routing, stoppers en eyecatchers visueel voorstellen?

IN

Action 7—

N

Je gaat in een winkelstraat, een shoppingcenter of in een kmo-zone het winkelexterieur en -interieur van een winkel onderzoeken. Omdat je foto’s zult nemen van het winkelexterieur en het winkelinterieur van eenzelfde winkel, ga je eerst naar de verantwoordelijke van de winkel: Stel jezelf voor. Vertel van welke school je bent. Vertel wat je opdracht is. Vraag je of je deze opdracht ter plaatse mag uitvoeren en foto’s mag nemen. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche van de winkel

VA

Naam van de winkel Adres

Website

©

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

40

Observatie van het exterieur en interieur van de winkel

Fotografeer de deelaspecten die de relatie tussen winkelexterieur en winkelinterieur tot stand brengen. Maak aantekeningen en omschrijf welke onderdelen overeenkomen. Schets de routing van de winkel en benoem. Maak foto’s van alle stoppers en eyecatchers die je in de winkel tegenkomt. Vergeet de verantwoordelijke niet te bedanken wanneer je klaar bent met je opdracht!

THEMA 3

LEVEL 2


DEEL 3: NA HET BEZOEK Verwerk je verzamelde informatie in een powerpointpresentatie: – de deelaspecten van de relatie tussen winkelexterieur en winkelinterieur – scan je schets – je gemaakte foto’s – waarom je deze winkel hebt gekozen

Presenteer je opdracht aan je klasgenoten. Bespreek klassikaal. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST

IN

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan de onderdelen van een winkelexterieur benoemen.

2

Ik kan het exterieur in relatie brengen met het winkelinterieur.

3

Ik kan de zintuigen die een rol spelen om de overstap van winkelexterieur naar winkelinterieur te bevorderen.

VA

N

1

Ik kan de doelgroep linken aan de marktpositie van een artikel.

5

Ik kan de 6 P’s van de marketingmix benoemen en een voorbeeld geven.

©

4

THEMA 3

LEVEL 2

41


Beeldwoordenboek Level 2 BEGRIP

VERKLARING In de marketing kunnen doelgroepen onder meer gedefinieerd worden in termen van leeftijd, geslacht, uitgavenpatroon, opleidingsniveau of rijkdom.

eyecatchers

Dat is instore decoratie om de klant weg te lokken van de uitgestippelde route, bijvoorbeeld: — reclame en promotiepanelen — promotiepresentaties — grote foto’s — video wall — instore wandpresentaties

huisstijl

Dat is de identiteit van een bedrijf die zich vertaalt in gevel, inrichting, logo, kleur, reclame, bediening en uitstraling.

VA

N

IN

doelgroep

Dat is de zin om te kopen en die komt tot stand door de aandacht te trekken via het exterieur naar het interieur. Met presentatie wordt de verkoop bevorderd om zo de omzet te verhogen.

©

koopdrang

lay-out

42

THEMA 3

AFBEELDING

Dat is de looprichting in een winkel: — vrije looproute: hier kunnen de klanten zelf bepalen hoe ze zich doorheen de winkel bewegen. — gedwongen looproute: in deze winkels zijn de klanten verplicht de aangegeven richting te volgen.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 2

© Shutterstock / salarko


BEGRIP

VERKLARING

AFBEELDING

Dat is een onderdeel van het marketingplan, namelijk de 6 P’s: — Plaatsbeleid — Promotiebeleid — Productiebeleid — Presentatiebeleid — Prijsbeleid — Personeelsbeleid

marktpositie

Om een hoge marktpositie te bereiken, besteed men meer aandacht aan winkelsfeer, het winkelinterieur en bediening om zo verkoopbevordering te ontwikkelen. Klanten zijn bereid daarvoor meer te betalen.

stopper

Dat zijn presentaties die de attentiewaarde van artikelen verhogen en waarvoor de klant zijn route in de winkel even stopt. Hier maakt men gebruik van: — instore podiumpresentatie — displaytafel — reclamedisplay — touchscreen

N

IN

marketingmix

Het winkelexterieur wordt gebruikt om de voorbijganger te doen stoppen en te verleiden om binnen te komen.

winkelinterieur

Het winkelinterieur bestaat uit alle elementen van de inrichting van een winkel.

©

VA

winkelexterieur

© Shutterstock / 8th.creator

zintuigen

De vijf zintuigen bestaan uit: zicht, gehoor, tast, smaak en reuk. De winkelier kan deze inzetten om de voorbijganger te overtuigen om binnen in de winkel te komen.

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 2

43


LEVEL 3 Wat is visual merchandising? INTRO Shoppen moet een aangename beleving zijn en visual merchandising zorgt daarvoor.

visual:

merchandising:

Een trui! Dezelfde trui is hier vier keer via verschillende visual-merchandising-methodes gepresenteerd. Noteer welke methodes je ziet.

©

VA

N

2

Vertaal van het Engels naar het Nederlands. Gebruik eventueel Google Translate.

IN

1

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

44

THEMA 3

LEVEL 3

Hoe kun je visual merchandising inzetten als een pr(m)achtig wapen voor iedere winkel?


Explore 1— Waarom wordt visual merchandising gebruikt?

Visual merchandising

1

IN

Visual merchandising is meer dan alleen het presenteren van artikelen. Het moet de voorbijganger overtuigen de belangrijke stap te zetten om in een winkel binnen te gaan. Het is een samenspel tussen de uitstraling en de inhoud van de etalage, en de gevoerde reclamecampagne (affiche, foto, slogan …) in de winkel en de daaraan verbonden artikelen. Dat wordt samen verwerkt tot een geheel in zowel de etalage en de campagne, als de presentatie in de winkel. Met de link naar de eerder geziene mediacampagne op tv, dag- of weekbladen, radio, sociale media, etalage en instore presentaties zal de shopper sneller geraakt zijn door de presentatie en die aandachtiger bekijken. Dat versterkt de interesse naar het artikel en wekt koopdrang op. Als je de artikelpresentaties van verschillende winkels bekijkt, kun je tot het besluit komen dat er twee uitersten te vinden zijn: presentaties die je onopgemerkt voorbij loopt, omdat ze niet aantrekkelijk zijn; presentaties waarvoor je stopt, omdat ze je aandacht trekken. a

Vul in waarom de onderstaande presentatie wel of niet jouw aandacht trekt.

b

N

Vul onder de foto in welke verschillen je ziet in de etalages.

VA

A

B

©

Aantrekkelijke presentatie Bij een aantrekkelijke presentatie geniet de koper van een verrassende schikking, een harmonische kleurschakering, sfeerscheppende verlichting, originaliteit in samenspel tussen artikel, decoratie en/of reclameboodschap en subtiele aanbreng van prijsindicaties. Het belangrijkste is dat de presentatie aansluit bij de doelgroep. De potentiële koper kijkt, geniet en denkt: ‘Hier moet het aangenaam kopen zijn. Deze winkel heeft zeker wat ik zoek.’

THEMA 3

LEVEL 3

45


2

Bekijk de afbeelding van de etalage. Welke elementen verrassen de kijker?

IN

Good to know

N

©Shutterstock / Artesia Wells

VA

Het is een pluspunt als je als toekomstige retailmedewerker weet wat visual merchandising inhoudt en dat je de praktische en technische vaardigheden van visual merchandising beheerst. Zeker bij toekomstige sollicitaties is dat erg handig.

Explore 2— Wat is het belang van visual merchandising? a b

Lees de tekst. Markeer de drie belangrijkste doelen van visual merchandising in de tekst.

©

Visual merchandising is een verkoopinstrument om de aandacht te trekken naar zowel de ‘funshoppers’ – dat zijn mensen die winkelen als vrijetijdsbesteding of hobby ervaren –, als de ‘runshoppers’ – dat zijn mensen die gehaast zijn en functioneel boodschappen doen. Met die aandacht wil de winkelier stopkracht creëren. Het is een methode om de klanten de winkel in te lokken en hen ook langer in de winkel te houden. Daardoor wek je interesse voor het artikel op. Het bevordert zo de herkenbaarheid van de winkel. Kortom, laten zien wie je bent, wat je verkoopt en op welke manier. Maak van de winkel een totaalconcept. Een goede presentatie wekt het verlangen, de drang op en zet aan tot kopen, en verhoogt de omzet. Dit alles moet de klant verleiden tot een uiteindelijke aankoop, dus tot actie.

46

THEMA 3

LEVEL 3


Explore 3— Welke aspecten (bouwstenen) helpen mee tot de opbouw van visual merchandising?

1

Ga naar diddit en bekijk aandachtig het filmpje over Standaard Boekhandel. a b

Welke bouwstenen van visual merchandising komen hier aan bod? Noem bij elke bouwsteen enkele voorbeelden. VOORBEELDEN

N

IN

BOUWSTEEN

VA

©

c

Welke winkelformule hanteert de boekhandel? Kruis aan. zelfbediening, zoals in een grootwarenhuis bediening zoals in een speciaalzaak of een kleine kruidenier semibediening zoals in een witgoedwinkel THEMA 3

LEVEL 3

47


2

Ga naar diddit en bekijk aandachtig de afbeeldingen. a

Noteer de letter van de foto’s bij de juiste bouwsteen. Sommige foto’s kunnen een dubbele functie hebben.

b

kernassortiment

randassortiment

doelgroep

winkelbeeld / huisstijl / winkelsfeer

reclame

winkelformule

Bespreek klassikaal.

Re-explore 4—

N

at is bij visual merchandising de AIDA(S)-formule en W het 5K-systeem?

Denk terug aan wat je eerder geleerd hebt over de AIDA(S)-formule en hoe je die toepast in een verkoopgesprek. Je kunt dit ook vertalen naar visual merchandising. Bekijk Explore 2 opnieuw. Om de doelen van visual merchandising te bereiken, moet je beroep doen op de AIDA(S)-formule.

VA

1

LETTER

IN

BOUWSTEEN

a b

Waar staan de letters AIDA(S)-formule voor? Noteer de fasen in de tabel. Hoe draagt visual merchandising bij aan de fasen van de AIDA(S)-formule? Noteer dit in de tabel.

AIDA(S)

ENG:

NL:

©

A

BETEKENIS ENG / NL

I

ENG:

NL:

48

THEMA 3

LEVEL 3

VISUAL MERCHANDISING


AIDA(S) D

BETEKENIS ENG / NL

VISUAL MERCHANDISING

ENG:

NL:

ENG:

NL:

IN

A

(S)

ENG: NL:

N

2

Een variant op de AIDA(S)-formule is het 5K-systeem. a

VA

Rangschik deze 5K-woorden in de juiste volgorde.

keuren – kiezen – komen – kopen – kijken

b

1

4

2

5

3

©

Noteer het juiste 5K-woord bij iedere omschrijving.

De klant gaat over tot actie en koopt het gekozen artikel.

De klant wordt aangetrokken door de artikelen in de etalage, de decoratie of het winkelinterieur.

De klant maakt een keuze, eventueel al uit het assortiment in de etalage.

De klant vertraagt voor de winkel dankzij het winkelexterieur, het logo, de etalage ...

De klant keurt het artikel in de etalage en/of gaat de winkel binnen om het daadwerkelijk te betasten, voelen, ruiken, passen ...

THEMA 3

LEVEL 3

49


TO THE POINT Visual merchandising houdt in dat je artikelen op een doordachte en creatieve manier presenteert die aan de huisstijl voldoet, daardoor de aandacht van de klanten trekt, stopkracht en herkenning tot stand brengt en zo de verkoop bevordert. Daarbij houd je rekening met de 5 bouwstenen:

IN

1 artikel: de branche, het karakter en de prijsklasse van het artikel bepalen je aanpak 2 doelgroep: geslacht, leeftijd, levensstijl, hobby’s, budget, smaak 3 huisstijl (winkelbeeld), logo, kleur, imago, winkelinterieur en winkelexterieur, sfeer, het personeel 4 reclame: buitenreclame, reclameborden, verpakking, service … 5 winkelformule: bediening, semibediening, zelfbediening

Ook voor visual merchandising doen we beroep op de AIDA(S)- formule of het 5K-systeem.

Ken je het verschil tussen een instore presentatie en een etalagepresentatie?

N

Action 1—

Je maakt een presentatie met een fotoschikking waarin je zowel etalages als instore presentaties van verschillende winkels samenbrengt. Houd rekening met de volgende zaken: Gebruik minstens zeven foto’s. Gebruik niet enkel kledingpresentaties. Beantwoord de onderstaande vragen in je presentatie.

VA

a b c

Heeft je etalage/instore presentatie een harmonische kleurschakering? Welke kleuren zijn er in de presentaties gebruikt? Is er een warme verlichting gebruikt? Of eerder koele verlichting? Zijn de artikelen gegroepeerd of eerder los doorheen de ruimte gepresenteerd? Door middel van welk opbouwmateriaal zijn de artikelen voorgesteld? Is er een decoratie gebruikt? Zo ja, welke? Is er een reclameslogan of affiche gebruikt? Zo ja, welke? Hoe zijn de artikelen geprijsd? Bij welke presentatie (etalage of instore) zijn er bijna nooit prijzen gebruikt?

©

d

50

THEMA 3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 3


Action 2—

Vind je de vaktaal van visual merchandising terug in een woord?

Ga naar diddit en download de woordzoeker. Daarin zijn de belangrijkste begrippen uit visual merchandising verstopt. Duid alle woorden aan. Ze kunnen horizontaal, verticaal of diagonaal staan.

2

Maak met de woorden uit de woordzoeker zelf flashcards. Zet op de ene kant het begrip en op de andere kant de omschrijving. De links hiervoor vind je op diddit. Je kunt dit bijvoorbeeld doen met Canva.

Action 3—

IN

1

Kun je de bouwstenen van visual merchandising visueel voorstellen?

Je maakt een collage, presentatie of voorstelling over de bouwstenen van een etalage. Hiervoor neem je foto’s van elke bouwsteen. Volg het stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1: Kies een artikel.

N

Stap 2: Kies een doelgroep. Stap 3: Kies een winkel.

Stap 4: Vraag aan de winkelier of je foto’s mag nemen en licht je opdracht toe. Stap 5: Neem minstens tien foto’s. Je mag ook meer foto’s nemen als ondersteuning. Denk eraan om na afloop de winkelier vriendelijk te bedanken voor de medewerking.

VA

Stap 6: Selecteer de tien beste foto’s. Elke bouwsteen komt er minstens een keer op voor. Stap 7: Kies een van deze drie mogelijkheden om je foto’s creatief voor te stellen: een collage: houd rekening met de volgende zaken:

©

b c

Gebruik als basis Bristol- of Steinbachpapier, een vel bruin papier, oud behang of inpakpapier ... Wees creatief! Verwerk je foto’s en trefwoorden (collage) tot een mooi evenwichtig geheel. Let op orde. Werk nauwkeurig bij het snijden, knippen, plakken en schikken van je elementen.

TEKST

a

TEKST

een powerpointpresentatie een 3D-voorstelling: dat kan gaan van een kubus waarop je foto’s kleeft tot een fotoboom, bijvoorbeeld zelf gemaakt uit karton of gewoon een tak van een heester, waarin je foto’s ophangt. Laat je verbeelding de vrije loop. Maak een foto en/of geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 3

LEVEL 3

51


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

Ik kan het begrip visual merchandising verklaren.

2

Ik kan de bouwstenen van visual merchandising opsommen en kan enkele voorbeelden toevoegen.

3

Ik kan de drie doelen van visual merchandising verklaren aan de hand van voorbeelden.

4

Ik kan een duidelijke visualisatie maken van de visual-merchandising-bouwstenen.

VA

N

IN

1

© 52

EXTRA OEFENMATERIAAL

THEMA 3

LEVEL 3


Beeldwoordenboek Level 3 BEGRIP

VERKLARING Dat is een variatie op de AIDA(S)-formule met 5 keer een ‘K’. 1 Komen: de klant vertraagt zijn pas door het winkelexterieur, de etalage en de artikelen. 2 Kijken: de klant wordt aangetrokken door de artikelen in de etalage. 3 Kiezen: de klant kiest een artikel uit het assortiment in de etalage of binnen in de winkel. 4 Keuren: de klant keurt artikelen in de etalage en/of in de winkel. 5 Kopen: de klant koopt het gekozen artikel.

AIDA(S)-formule

Dat is het verkoopproces aan de hand van 5 letters: — Attention / aandacht: het trekken van aandacht met het winkelexterieur, de etalage en de artikelen — Interest / interesse: het opwekken van interesse met een aantrekkelijke artikelpresentatie — Desire / drang: de doelgroep verleiden met interne presentatie,- reclame, bediening … — Action / actie: overgaan tot kopen — Satisfaction / tevredenheid: door serviceverlening en dienst na verkoop

VA

N

IN

5K-systeem

AFBEELDING

©

visual merchandising

visualmerchandisingdoelen

Dat is het visueel of zichtbaar kenbaar maken van artikelen. De bouwstenen zijn: artikel, doelgroep, winkelbeeld, reclame, winkelformule.

Dat is het presenteren van artikelen in functie van de huisstijl met stopkracht, herkenbaarheid en omzet verhogen als eindresultaat.

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 3

53


NOTITIE

VA

N

IN

©


NOTITIE

VA

N

IN

©


NOTITIE

VA

N

IN

©


5

IN

T

VA

N

F

I

©

L

Thema 3: De werkomgeving en competenties van een retailmedewerker


N

THEMA

IN

3

©

VA

De werkomgeving en competenties van een retailmedewerker


LEVEL

Hoe voer je een goed verkoopgesprek?

p. 258

LEVEL

Hoe maak je de artikelen verkoopklaar?

p. 229

12

p. 213 Hoe verpak je verkochte goederen in op een professionele manier?

IN

11 LEVEL

10 LEVEL

9

LEVEL

p. 197

Hoe realiseer je een artikelpresentatie?

p. 174

Hoe kun je 2D en 3D in een presentatie verwerken?

p. 139

Hoe ondersteunen lichtbronnen de presentatie?

p. 121

Wat is de invloed van kleur op een artikelpresentatie?

p. 80

Hoe bouw je een commercieel aantrekkelijke artikelpresentatie voor in de winkel?

p. 54

N

8

Kun je een instore of etalageontwerp visueel voorstellen?

LEVEL

©

VA

7

LEVEL

6

LEVEL

5

LEVEL

4

DEEL

1

De vorige levels vind je in DEEL 1.


LEVEL 4 Hoe bouw je een commercieel aantrekkelijke artikelpresentatie voor in de winkel?

IN

INTRO De locaties of ruimtes waar je artikelpresentaties kunt opbouwen zijn heel divers. Je kunt je presentaties in de winkel opbouwen: in de etalage of op verschillende plekken in de winkelruimte (instore). Maar je kunt ook buiten de winkel je artikelpresentaties opbouwen: op beurzen of in vitrines in openbare gebouwen zoals het toerismebureau of zelfs in hotellounges. Bekijk de presentaties. Zijn de presentaties instore of in de etalage? Kruis aan.

VA

N

1

© Shutterstock / August_0802

©

instore etalage buiten de winkel

© Shutterstock / August_0802

instore etalage buiten de winkel

54

THEMA 3

LEVEL 4

© Shutterstock / Sorbis

instore etalage buiten de winkel

© Shutterstock / Adriano Castelli

instore etalage buiten de winkel


© Shutterstock / August_0802

IN

instore etalage buiten de winkel

N

instore etalage buiten de winkel

© Shutterstock / Radu Bercan

©

VA

instore etalage buiten de winkel

instore etalage buiten de winkel

2

© Shutterstock / Erika Cristina Manno

instore etalage buiten de winkel

© Shutterstock / Adriano Castelli

instore etalage buiten de winkel

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

Uit welke onderdelen bestaat een artikelpresentatie? Wat is het verschil tussen een etalage en instore presentatie? Onder welke vorm komen instore presentaties voor? Welke etalagebouwvormen kennen we? Welke etalageachtergronden zijn er? THEMA 3

LEVEL 4

55


Explore 1— Waar vind je instore presentaties?

Instore presentaties Instore presentaties zijn presentaties op bepaalde plekken in de winkelruimte. Ze hebben tot doel: het winkelinterieur te verfraaien; de winkel aantrekkelijker te maken; klanten te helpen bij hun keuze; artikelen speciaal in de belangstelling te plaatsen.

IN

Toch geven de instore presentaties soms een onordelijke indruk, omdat klanten makkelijk tot bij de artikelen kunnen komen, ze aanraken, betasten en zelfs verplaatsen. Ze raken ook sneller bestoft dan in een etalage. Daarom moet de retailmedewerker doorheen de dag alert zijn om, indien nodig, deze presentaties terug in de oorspronkelijke opbouw te plaatsen. Waar vind je deze artikelpresentaties? Lees de omschrijvingen en combineer de omschrijving met de juiste foto.

B

C

VA

N

A

stock / © Shutter

et

ndfoto.n www.holla

E

F

©

D

G

J

H

I

© Shutterstock

56

THEMA 3

LEVEL 4

/ Sorbis


AFBEELDING

OMSCHRIJVING

Ook aan een kledingstang tegen een wand kun je een mooie presentatie maken met enkele bij elkaar passende kledingstukken. Uiteraard hangt deze presentatie in de buurt van de te koop aangeboden artikelen.

Een podium is een verhoogd deel, meestal op de vloer. Je vindt podia vrijstaand, tegen een wand of in een hoek van de winkel. De omvang van een podium is aangepast aan de grootte van de winkel en van het artikel. Op podia presenteer je meestal grotere artikelen zoals een groep etalagepoppen, elektrisch witgoed, reistassen, trolleys, fietsen …

Naargelang het artikel kun je in het winkelinterieur gebruikmaken van verkooptafels. De tafels dienen om artikelen op te tonen tijdens het verkoopgesprek. Indien deze tafels voldoende groot zijn, kun je hierop een kleine presentatie van artikelen uit het randassortiment etaleren om bijverkoop te stimuleren. Zoals in een herenkledingzaak: een groepje broekriemen, doosjes met sokken, zakdoeken of herenslips, een hemd ... Zorg er wel voor dat alles stabiel staat zodat de presentatie niet kan omvallen.

Het kassameubel is de plaats waarop je de gekochte artikelen van je klant verpakt en afrekent. Iedere klant zal op deze plaats komen en even moeten wachten tot de verkoop afgerond wordt. Dit is ook de ideale plaats om een presentatie op te maken en zo voor bijverkoop te zorgen.

VA

N

IN

Artikelpresentaties vind je verspreid over de ganse winkelruimte op winkelschappen, voorraadkasten en rekken. De winkelier etaleert de artikelen boven of in de buurt van de betreffende winkelvoorraad. De grootte van het artikel is variabel: van een aangeklede buste tot een presentatie van accessoires.

Een koeltoonbank vinden we alleen terug in de voedingssector: slager, patissier, traiteur, kaaswinkel, ijswinkel …

In de winkel vind je weleens een glazen kast tegen de muur, de wandvitrine. Die komen we vaak tegen bij juweliers, betere horlogemerken, dure antiquiteiten, porselein en zilverwerk.

Maak je een presentatie ín een verkooptafel, dan wordt dat ook wel een toonbankvitrine genoemd. Dat is een toonbank of verkooptafel die van een glasvlak voorzien is, zodat de artikelen eronder zichtbaar zijn. De toonbankvitrine is geschikt voor kleinere artikelen.

©

De instore eilandvitrine is een glazenkast vrijstaand in de winkel. Die wordt vrijwel steeds gebruikt voor kleinere, duurdere artikelen zoals juwelen en horloges.

Outstore eilandvitrines vinden we meestal in een autoloze winkelstraat, galerij, in een station of op luchthaven. Deze vitrines zijn rondomrond gemaakt van glas. Ze worden meestal aangewend als reclame-item als ze niet aan de winkel zelf staan. De grootte van de vitrine bepaalt uiteraard de grootte van het artikel.

THEMA 3

LEVEL 4

57


Tip:

Tips bij losstaande presentaties: Werk niet met te veel artikelen. Plaats ze als het kan op of tegen een passende onder- en/of achtergrond. Verfraai de presentatie met een showcard of flyer. Versnel de verkoop met een passende prijs. Zet de presentatie stabiel, niet te hoog en niet te breed. Werk het geheel mooi af.

Explore 2— Kun je etalagebouwvormen onderscheiden in het

Etalage

IN

straatbeeld?

©

VA

N

Een etalage is een voor artikelpresentaties gereserveerde ruimte achter de winkelruit die altijd vanaf de straat zichtbaar is. Als je in een etalage een presentatie maakt, is het belangrijk dat die voor de voorbijganger meteen goed zichtbaar is en opvalt. Houd bij elke bouwvorm rekening met de hoek van waaruit de compositie te zien is. De looprichting van het publiek bepaalt welke plaatsen in de etalage de meeste aandacht trekken. Etalages in een winkelstraat met verkeer benaderen voetgangers meest van rechts. Terwijl voorbijgangers in een autoloze winkelstraat of op een plein etalages van alle kanten bekijken doordat er geen remming is van het verkeer. Artikelen, reclameslogans en foto’s gepresenteerd op ooghoogte (rond 1,60 m) vallen het eerste op. Daarna de artikelen op grijphoogte en daarna die op rekhoogte. De artikelen op bukhoogte komen laatst aan bod. Van de overkant van de straat of vanop verre afstand trekken de plaatsen boven ooghoogte weer wel eerst de aandacht.

58

THEMA 3

LEVEL 4


Starter 3 | Waarop let je bij elke etalagebouwvorm? Bekijk dejuiste afbeeldingen en lees de onderstaande Vul de etalagebouwvorm in. Kies uit: tekst. Vul de juiste etalagebouwvorm in. Kies uit: eilandetalage – bovenof etage-etalage (2X) – hoeketalage – horizontale of eilandetalage – frontetalage – bovenetalage – hoeketalage verticale frontetalage

Als je een etalagecompositie maakt, is het belangrijk dat die zo zichtbaar mogelijk is. Houd bij elke bouwvorm rekening met de hoek van waaruit de compositie te zien is. De looprichting bepaalt welke plaatsen in de etalage de meeste aandacht trekken.

etalage Figuur 1: Bovenaanzicht etalage met

IN

Een verticale of horizontale kun je slechts van één kant bekijken. Je kunt hier dan ook makkelijker speldjes achteraan de kleding verbergen.

m?

© Shutterstock / Sorbis

VA

N

dat die zo zichtbaar mogelijk kijkrichtingis. Houd bij elke Een trekt de aandacht langs twee kanten. positie te zien is. De looprichting bepaalt welke © Shutterstock / Route66 Dat maakt het al een pak lastiger om iets te verstoppen, maar is heel geschikt om leuke details van kleding te tonen (bv. een jas met een tekening op de rug). Een kun je slechts aan de voorkant Een hoeketalage kun je ook in een portiek of een winkelpand bekijken en kan een raam hebben in de hoogte of breedte. Als je de achterkant van het artikel of de tegenkomen. decoratie wat ntale kunonesthetisch je slechts verwerkt, kan dit niet zoveel kwaad. De klant kan er vanop straat toch niet kijken. Je zult straks zien dat dit niet bij elke etalage het geval is. Je kunt hier danachter ook makkelijker speldjes erbergen. Een etalage op de eerste verdieping wordt een genoemd. Je ziet ze vanuit een andere hoek. Deze etalage is ideaal om de aandacht te trekken van op een zekere afstand, bv. vanaf de overkant van de straat. Daarom vind je de het vaakst terug in brede ee kanten. winkelstraten of recht tegenover een dwarsstraat. en, maar is Plaats in zo’n etalage mannequins of voorwerpen op een verhoog. bv. een jas Anders zie je ze maar voor een stuk. Fellere kleuren en opvallende vormen maken je presentatie extra interessant. kelpand Figuur Een2: Bovenaanzicht etalage met kijkrichting kun je langs alle kanten zien. Dat is erg

©

leuk om items met veel detail te presenteren. Houd er wel rekening eerste verdieping wordt een mee dat het camoufleren van speldjes moeilijker is. Werk je trekt de aandacht langs twee kanten. genoemd. JeEen ziet ze vanuit een andere hoek. presentatie extra nauwkeurig af! Dat maakt datdus soort etalage eaal om de aandacht te trekken van op een heel geschikt om leuke details van artikelen en ook de achterkant te tonen. Dit van typede etalage v. vanaf de overkant straat.kun je op de hoek van twee straten vinden maar ook in een portiek van een winkelpand. het vaakst terug in brede echt tegenover een dwarsstraat. TIPS age mannequins of voorwerpen op een verhoog. maar voor een stuk. Fellere en opvallende Eenkleuren draaiplateau werkt schitterend in een eilandetalage. presentatie extra interessant. Een zonnetent is essentieel om een etalage ook overdag te kunnen bekijken. Het kan ook een belangrijk onderdeel zijn voor de visuele reclame.

n. Dat is erg r wel rekening Werk je

16

ME & Co mp a ny

THEMA 3

LEVEL 4

59


is het belangrijk dat die zo zichtbaar mogelijk is. Houd bijalelke Dat maakt het een pak lastiger om iets te verstoppen, maar is n waaruit de compositie te zien is. De looprichting bepaalt welke heel geschikt om leuke details van kleding te tonen (bv. een jas ndacht trekken. met een tekening op de rug). Een hoeketalage kun je ook in een portiek of een winkelpand tegenkomen.

erticale of horizontale kun je slechts én kant bekijken. Je kunt hier dan ook makkelijker speldjes raan de kleding verbergen.

Een etalage op de eerste verdieping wordt een genoemd. Je ziet ze vanuit Deze etalage is ideaal om de aandacht te trekken zekere afstand, bv. vanaf de overkant van de straa Daarom vind je de het vaaks winkelstraten of recht tegenover een dwarsstraa Plaats in zo’n etalage mannequins of voorwerpen Anders zie je ze maar voor een stuk. Fellere kleu vormen maken je presentatie extra interessant.

Figuur 3: Zijaanzicht etalage met kijkrichting

ortiek of een winkelpand

IN

ndacht langs twee kanten. m iets te verstoppen, maar is leding te tonen (bv. een jas

© Shutterstock / Just dance

N

Een kun je langs alle kanten zien. Dat is erg leuk om items met Een etalage op de hogere verdieping(en) wordt eenveel detail te presenteren. Houd er wel rekening mee dat het camoufleren van speldjes is. te Werk je genoemd. Je ziet ze vanuit een andere hoek. Deze etalage is ideaal ommoeilijker de aandacht trekken en etalage op de eerste verdieping wordt een presentatievanaf dus extra nauwkeurig vanop een verdere afstand, bijvoorbeeld de overkant van deaf! straat. Daarom vind je de genoemd. Je ziet ze vanuit een andere hoek. het vaakst terug in brede winkelstraten Deze etalage is ideaal om de aandacht te trekken van op een recht tegenover een dwarsstraat. Plaats in zo’n etalage mannequins of grote artikelen. Fellere kleuren ekere afstand,ofbv. vanaf de overkant van de straat. presentatie extra interessant. Daarom vind jeen deopvallende vormen maken het je vaakst in brede T I P terug S winkelstraten of recht tegenover een dwarsstraat. laats in zo’n etalage mannequins of voorwerpen op draaiplateau een verhoog.werkt schitterend in een eilandetalage. Een nders zie je ze maar voor een stuk. Fellere kleuren en opvallende Een zonnetent is essentieel om een etalage ook overdag te kunnen bekijken. He ormen maken je presentatie extra interessant. belangrijk onderdeel zijn voor de visuele reclame.

VA

gs alle kanten zien. Dat is erg senteren. Houd er wel rekening es moeilijker is. Werk je !

16

M E & Co m pa n y

552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 16 etalage met Figuur 4: Bovenaanzicht

kijkrichting

end in een eilandetalage. een etalage ook Eenoverdag te kunnen bekijken. Het kan ook een zie je in het portiek van de winkel. e visuele reclame. Je kunt zo’n etalage rondomrond bekijken, omdat ze volledig uit glas zijn opgebouwd. Dat is erg leuk om

©

items met veel detail te presenteren. Houd er wel rekening mee dat het camoufleren van slordig werk hier moeilijker is. Werk je presentatie dus extra nauwkeurig af!

Good to know Door de stand van de zon kan het etalageraam veel licht reflecteren waardoor de inhoud van de etalage moeilijk zichtbaar is voor de voorbijganger. Een zonnetent is dan essentieel om de etalage ook overdag te kunnen bekijken. Die tent kan ook een belangrijk onderdeel zijn van de visuele 20/01/17 12:27 reclame door kleur, logo, winkelnaam … Ook aangepaste verlichting kan overdag helpen om dit probleem te vermijden.

60

THEMA 3

LEVEL 4


Explore 3— Wat zijn de verschillende etalage-achtergronden?

Open front

N

IN

Vele winkels, zeker in shoppingcenters, kiezen voor een open front. Dat is een open gevel, zonder etalages of deur. Dat doen winkels om een spontane inloop van buiten naar binnen gemakkelijk te maken. In dit soort winkels gaat de klant vaak binnen in de winkel zonder het te beseffen. Om extra klanten aan te trekken en uit te nodigen om de winkel binnen te gaan, kun je vooraan een mooie instore presentatie of een reclameaanbieding plaatsen. Een minpunt is dat © Shutterstock / Sorbis dit soort winkels niet energiezuinig zijn: er gaat veel warmte verloren door het open front. De kleinere winkels in de winkelstraten houden het nog steeds bij een etalage met een open of gesloten inkom of deur. Als je een pand huurt, kun je weinig of niets veranderen aan de bouwvorm van een etalage. Wel kun je de inrichting van de etalage zelf bepalen. Denk maar aan de vloerbekleding, de kleuren en materialen op de muur en het plafond, de verlichting … Ook kun je bepalen of je een etalage met een open, gesloten of halfopen achterwand wilt.

VA

Kruis aan bij de onderstaande foto’s of de etalages open, halfopen of gesloten zijn. Leg uit hoe de winkelier dat heeft gedaan.

open achterwand halfopen achterwand gesloten achterwand

©

THEMA 3

LEVEL 4

61


open achterwand halfopen achterwand gesloten achterwand

IN

N

open achterwand halfopen achterwand gesloten achterwand

VA

Soorten etalages

Een open etalage heeft geen achterwand. De open etalage geeft aan de winkel een ruimere dimensie en meer daglicht in de winkel. Klanten kunnen door de etalage in de winkel kijken. Dat vermindert de drempelvrees. Let er dus op dat de presentatie in de etalage opvallender is dan de instore presentaties en dat beide presentaties in harmonie zijn met elkaar. Eventueel verkochte artikelen uit de etalage kunnen ook gemakkelijk teruggeplaatst of vervangen worden, bijvoorbeeld met hetzelfde item, maar dan in een andere maat. In deze etalage kunnen klanten de artikelen ook van de achterkant bekijken: dus let op je afwerking!

©

Een halfopen etalage heeft een gedeeltelijke (horizontale of verticale) achterwand. Dat kan door de rug van een voorraadkast, een schot, een reclamefoto of rolgordijn. De klant kan door de etalage een deel van de winkel zien. Als de kleuren en/of artikelen van de etalage terugkomen in de instore presentatie, vervaagt de grens van de inkom. Daardoor stapt de klant sneller je winkel binnen. Een gesloten etalage heeft een achterwand. De klant kan dus niet door de etalage in de winkel kijken. Het grote voordeel is dat je artikelen de volle aandacht krijgen. Er is minder stof in de etalage en de klant heeft meer privacy. Dat laatste kan belangrijk zijn bij bijvoorbeeld een juwelier of een lingeriezaak. Een gesloten etalage heeft geen storende elementen, zoals beweging op de achtergrond of vloekende kleuren met de etalage die de aandacht van de etalage wegtrekken.

62

THEMA 3

LEVEL 4


Re-explore 4—

1

elke onderdelen komen aan bod bij het voorbereiden W van een artikelpresentie?

Ga naar diddit en bekijk de video. a

Welke taken verricht je voor je de etalage kunt maken? Noteer.

Wat is het uitgangspunt bij de keuze van het thema?

c

Wat is het hoofdartikel in deze presentatie?

d

Welke artikelen geven ondersteuning aan het hoofdartikel om de etalage op te bouwen?

e

N

b

IN

In welke ruimte wordt de presentatie opgebouwd?

VA

Branche en genre bepalen sterk de stijl en de uitstraling die je aan je etalage en artikelpresentaties gaat geven. Een schoenenetalage zal er zeker anders uitzien dan een etalage met kinderkleding. Dit komt door de verschillende factoren die eigen zijn aan ieder artikel van iedere branche. Noteer voor de woorden branche en genre een synoniem. Gebruik eventueel een woordenboek.

branche:

genre:

©

2

THEMA 3

LEVEL 4

63


Bekijk de foto.

© Vincent Callot

a

Wat is de branche van deze winkel?

b

Wat is hier het genre?

IN

3

c

Noem nog enkele andere branches.

d

N

Noem nog enkele andere genres.

VA

4

Stel je voor dat je in deze herenkledingzaak een artikelpresentatie in een etalage mag maken. Volg het stappenplan. STAPPENPLAN

©

Stap 1: Bekijk de foto. Je start met een lege ruimte. a

Is deze ruimte instore of een etalage? instore etalage

b

Welke bouwvorm heeft deze ruimte?

© Vincent Callot

64

THEMA 3

LEVEL 4


c

Hoe wordt deze ruimte afgesloten van de rest van de winkelruimte?

d

Uit welke materialen bestaat de bouw van deze ruimte?

Stap 2: Bekijk de foto. Wat hebben we nodig om een presentatie te kunnen maken?

IN

a

b

Hoe of waarmee beïnvloeden die de presentatie?

c

Welke kleurencombinatie wordt hier gebruikt?

Zijn dit klassieke of eerder opvallende kleuren?

N

d

© Vincent Callot

VA

Stap 3: Bekijk de foto. a

Vul aan. Om de artikelen optimaal visueel voor te stellen kun je gebruikmaken van

Bij het aankleden van een etalagepop of buste zijn de juiste volgorde en de handelingen belangrijk. In de praktijk zul je dit nog uitgebreid oefenen. Bekijk de foto’s van het aankleden van een etalagepop. Zet de foto’s in de juiste volgorde.

©

b

STAP FOTO

1

2

3

© Vincent Callot

4

5

6

THEMA 3

LEVEL 4

65


D

E

C

IN

B

F

VA

N

A

© Vincent Callot

c

Bekijk de foto’s van het aankleden van een buste. Zet de foto’s in de juiste volgorde. STAPPEN FOTO

©

A

66

THEMA 3

LEVEL 4

1

2

B

3

4

C

D


De etalagepoppen en de busten kun je nu aangekleed op hun plaats in de etalage zetten. Omdat dit de grotere elementen van de presentatie zijn, zul je ze steeds als eerste een plaats in de etalage moeten geven om zo een evenwicht in opbouw te maken.

IN

d

© Vincent Callot

Stap 4: Bekijk de foto.

a

Wat voeg je in dit stadium toe om de etalage nog aantrekkelijker te maken?

N

b

Is de kleurkeuze op de foto in overeenstemming met de kleding bij Stap 3?

VA

© Vincent Callot

©

Stap 5: Bekijk de foto.

a

Zijn de elementen hier door elkaar geëtaleerd of eerder gegroepeerd? Kruis aan. geëtaleerd gegroepeerd

b

Licht je antwoord toe.

© Vincent Callot

THEMA 3

LEVEL 4

67


Stap 6: Bekijk de foto. Je vult de groepen verder aan met accessoires en andere textielartikelen om evenwicht in de presentatie te creëren. Zo toon je een ruimer aanbod artikelen aan je klant. Noteer naast de foto de artikelen die je hiervoor kunt gebruiken.

IN

© Vincent Callot

Stap 7: Bekijk de foto. Vul aan:

toe.

VA

N

Als laatste voeg je de

Stap 8: Bekijk het eindresultaat en vul aan: Ziezo, de presentatie is klaar om de voorbijganger te

©

!

© Vincent Callot

68

THEMA 3

LEVEL 4

om de winkel binnen te gaan en te


TO THE POINT De branche is de bedrijfstak of de sector waartoe een winkel behoort, zoals textiel, voeding, elektro, lederwaren … Het genre is het soort of de categorie waartoe het assortiment van de winkel behoort. Bijvoorbeeld: binnen de textielbranche is kinderkleding of herenkleding een genre. Binnen de lederwarenbranche zijn schoenen en handtassen een genre. Branche en genre bepalen sterk de stijl en de uitstraling die je aan een artikelpresentatie gaat geven. Dit komt door de verschillende factoren die eigen zijn aan ieder artikel van iedere branche.

a b c d e

op het winkelschap op een metalen kledingstang op een podium op een verkooptafel op het kassameubel

IN

Artikelpresentaties vind je verspreid over de volledige winkelruimte: in de etalage of op verschillende plekken in de winkelruimte (instore). Daarnaast kun je ook buiten de winkel je artikelpresentaties opbouwen. Artikelpresentaties vind je: f g h i j

in de koeltoonbank in een wandvitrine in een toonbankvitrine in een eilandvitrine in een outstore eilandvitrine

artikelen: zonder artikelen, geen presentatie kleur: deze combineer je over alle onderdelen van de presentatie artikelondersteunend hulpmateriaal: etalagepop, buste … reclamedisplay en/of displaymateriaal decoratie accessoires, kleine artikelen en randassortiment prijsindicaties

VA

N

Een etalage is een voor artikelpresentaties gereserveerde ruimte achter het winkelraam. Het is belangrijk dat die voor de voorbijgangers meteen goed zichtbaar is en opvalt. De ruimte heeft steeds een vloer, een plafond en een zijwand met al dan niet een achterwand en een verlichting. De presentatie in de etalageruimte bouw je op met:

Er zijn vijf soorten etalagebouwvormen die je in het straatbeeld kunt onderscheiden: verticale frontetalage in rijbebouwing horizontale frontetalage in rijbebouwing hoeketalage op de hoek van twee straten of in een portiek eilandetalage met glas rondomrond in een portiek van een winkel bovenetalage of etage-etalage op een hogere verdieping van een winkelpand

©

1 2 3 4 5

Er zijn drie soorten etalages. De etalage met een:

1 2 3

open achterwand halfopen achterwand gesloten achterwand

Winkels zonder etalage en zonder duidelijke deur, maar met een open gevel noemen we winkels met een open front.

THEMA 3

LEVEL 4

69


Naast presentaties in de etalage zijn er ook instore presentaties. Dit zijn presentaties op bepaalde plekken in de winkelruimte. Ze hebben als doel: het winkelinterieur te verfraaien; de winkel aantrekkelijker te maken; klanten te helpen bij hun keuze; artikelen speciaal in de belangstelling te plaatsen.

Action 1—

Kun je de etalage ontleden?

VA

N

Bekijk aandachtig de foto van de etalage.

IN

a

Wat komt er aan bod bij de voorbereiding van de etalage? Noteer.

©

b

Welk type etalage zie je hier?

c

Welke bouwvorm zie je hier?

d

Benoem de branche en het genre.

70

THEMA 3

LEVEL 4


e

Uit welke onderdelen is de artikelpresentatie opgebouwd? Vul de tabel aan. ONDERDEEL VAN DE PRESENTATIE IN DE ETALAGE

2

3

4

5

6

7

IN

1

Action 2—

Kun je een buste aankleden?

Je gaat een buste aankleden. Gebruik bijvoorbeeld een T-shirt, hemd, vest, pull, topje, blouse of gilet. Kleed de buste met een aantal lagen over elkaar aan. Voeg ook accessoires toe zoals een sjaal, pet, schoenen, tas … Let bij het maken van je presentatie op de kleuren- en stijlcombinatie. Ook een goede pasvorm is belangrijk. Let op dat de schoudernaden op de schouders van de buste zitten, de onderkleding (T-shirt) strak is aangespannen, de hemdsluiting in het midden van de hals van de buste zit en de mouwen strak door elkaar getrokken zijn. Geef je buste een spontane houding door bijvoorbeeld de mouwen in de zakken te steken. Je kunt specifieke thema’s zoals het weer of de feestdagen gebruiken om je presentatie interessanter te maken. Je kunt een flyer, parfums, sokken, schoenen, handtas ... toevoegen aan de presentatie van je buste.

©

VA

Tip:

N

1

VOORBEELD

2

Maak een foto, geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 3

LEVEL 4

71


Action 3—

Weet je welk artikel geschikt is voor een instore presentatie?

Een presentatieruimte kan er heel verschillend uitzien. Iedere ruimte is meer of minder geschikt voor grote of kleinere artikelen. Soms kun je de presentatieruimte voor verschillende artikelen gebruiken. Vul de tabel aan: Schrijf een A als de instore presentatieruimte geschikt is voor grote artikelen. Schrijf een B als je er alleen kleinere artikelen kwijt kunt. Schrijf A/B als je er zowel grote als kleinere artikelen kunt plaatsen.

b

Geef een telkens een voorbeeld van enkele artikelen. PRESENTATIERUIMTE

A, B OF A/B

wandvitrine

winkelschap

verkooptafel

kassameubel

VA

podium

VOORBEELD

N

metalen stang

IN

a

eilandvitrine

koeltoonbank

toonbankvitrine

Kun je de etalagebouwvormen en hun achterwand herkennen?

©

Action 4—

Je maakt een presentatie van verschillende etalagebouwvormen. a

b c d e f 72

THEMA 3

Ga op zoek naar voorbeelden van de vijf etalagebouwvormen. Neem foto’s van ieder voorbeeld. Zorg dat de achterwand van de etalage ook zichtbaar is. Verwerk de foto’s met een programma naar keuze. Zorg voor een passende titel. Benoem in je presentatie bij iedere foto de soort bouwvorm en omschrijf de etalage-achtergrond. Vermeld in de koptekst je naam, klas en datum. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. LEVEL 4


Action 5—

Kun je de uitspraken bij juist of fout plaatsen?

Zijn de uitspraken juist of fout? Kruis aan. UITSPRAAK

JUIST

FOUT

Een frontetalage is altijd horizontaal. Bij een gesloten etalage let je extra op de instore presentatie.

IN

Bij een etage-etalage gebruik je het best felle kleuren. Een winkel met een open front is energiezuinig.

Een hoeketalage kun je ook in een portiek van een winkel tegenkomen. Een halfopen etalage is steeds verticaal afgesloten. Een hoeketalage bekijk je vanuit één kant.

In een eilandetalage gebruik je steeds kleine artikelen.

N

In een open etalage kunnen klanten de artikelen aan de achterkant bekijken. Bij een hoeketalage kun je de achterkant van het artikel zien. Etalages kunnen twee soorten achterwanden hebben.

VA

Een etalage-etalage vind je alleen op de eerste verdieping.

Een instore presentatie help de klant bij het maken van een aankoopkeuze. Handtassen, schoenen en accessoires zijn ideaal om in een bovenetalage te plaatsen. Een etalage-etalage is ideaal om de aandacht te trekken vanop een grotere afstand.

©

Eilandvitrines vind je ook in shoppingcentra.

Met een halfopen etalage kun je niet vanaf de straat in de winkel kijken. Een winkel met een open front heeft geen etalage.

THEMA 3

LEVEL 4

73


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan het doel van de instore presentatie benoemen.

2

Ik kan de verschillende mogelijkheden van de instore presentatie opnoemen.

3

Ik kan de verschillende etalagebouwvormen benoemen en de plek waar de meeste aandacht ligt aan de hand van de looprichting bepalen.

4

Ik ken de soorten etalages en hun voor- en nadelen.

5

Ik kan het begrip open front omschrijven.

6

Ik kan de verschillende elementen van een etalagepresentatie toelichten.

7

Ik weet in welke volgorde ieder element aan bod komt bij de realisatie van een etalagepresentatie.

VA

N

IN

1

© 74

KAN BETER

THEMA 3

LEVEL 4


Beeldwoordenboek Level 4 BEGRIP

VERKLARING Dat is een bedrijfstak of sector, bijvoorbeeld textiel.

bovenetalage of etage-etalage

Dat is een etalage op een hogere verdieping.

etalage

Dat is een ruimte vooraan in de winkel die vanaf de straatkant zichtbaar is.

VA

N

IN

branche

AFBEELDING

Dat is een soort of categorie, bijvoorbeeld herenkleding.

gesloten etalage

Dat is een etalage met een volledige achterwand.

©

genre

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4

75


VERKLARING

halfopen etalage

Dat is een etalage met een halve achterwand.

hoeketalage

Dat is een etalage op de hoek van een straat of portiek.

horizontaal front

Dat is een etalage waarvan de ramen breed zijn.

instore eilandvitrine

Dat is een etalage in de winkel met glas rondomrond.

instore presentatie

Dat is een artikelpresentatie in de winkel, bijvoorbeeld op een podium, schap of vitrine.

N

VA

© kassameubel

76

THEMA 3

AFBEELDING

IN

BEGRIP

Dat is de plaats waarop de verkoper de gekochte artikelen van de klant afrekent en verpakt.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4


BEGRIP

VERKLARING

AFBEELDING

Dat zijn stangen die horizontaal hangen waaraan men kleding kan presenteren.

koeltoonbank

Dat is een toonbank met koeling die in de voedingssector wordt gebruikt.

open etalage

Dat is een etalage zonder achterwand.

open front

Dat is een etalage met een open gevel.

VA

N

IN

kledingstang

Dat is het materiaal dat artikelen helpt te etaleren zoals poppen, busten, staanders ...

©

ondersteunend hulpmateriaal

© Shutterstock / Lion Day

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4

77


BEGRIP

VERKLARING Dat is een etalage buiten de winkel met glas rondomrond. Vaak gebruikt in autoloze straten, luchthavens of openbare plaatsen als reclame-item.

podium

Dat is een verhoging in de winkel of etalage.

prijsindicaties

Dat zijn prijssystemen door middel van kaartjes, blokjes of labels waarop de prijs staat dichtbij of aan het artikel.

VA

N

IN

outstore eilandvitrine

AFBEELDING

Dat is een tafel om artikelen op te tonen tijdens het verkoopgesprek.

©

verkooptafel

verticaal front

78

THEMA 3

© Shutterstock / Sorbis

Dat is een etalage waarvan de ramen hoog en smal zijn.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4


BEGRIP

VERKLARING Dat is een etalagekast tegen de wand.

winkelschap

Dat is een schap waarop artikelen in een winkel kunnen worden geëtaleerd.

©

VA

N

IN

wandvitrine

AFBEELDING

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 4

79


LEVEL 5 Wat is de invloed van kleur op een artikelpresentatie? INTRO

1

IN

Kleur is niet weg te denken uit ons dagelijks leven. Zonder kleur zou het leven maar een saaie boel zijn. De juiste kleurkeuzes maak je ook bij een project van visual merchandising. Een goed kleurgebruik werkt artikelondersteunend en maakt het artikel (nog) aantrekkelijker. Aan de hand van kleur versterk je de boodschap die je wilt overbrengen. Je presentatie valt op, brengt sfeer en de potentiële klant wordt geprikkeld. Kleur helpt je de doelen van visual merchandising te halen: verkoopbevordering en responsverhoging. Responsverhoging is het sneller prikkelen van de drang van de klant om tot kopen over te gaan. Alle elementen die we samenbrengen om een presentatie op te bouwen, bevatten kleur. Bekijk de afbeelding. Wat is de hoofdtoon van deze kleurcombinatie? Is er een vreemde eend in de bijt?

3

Vind je dit storend of juist aantrekkelijk? Leg uit.

N

2

©

VA

4

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

80

THEMA 3

LEVEL 5

Wat zijn lichtkleuren en wat zijn stofkleuren? Wat zijn de eigenschappen van kleur? Wat is de functie van kleur? Welke gevoelens roepen kleuren op? Hoe kies je kleuren voor een artikelpresentatie? Hoe staan kleuren in relatie tot de artikelpresentatie?


Explore 1— Hoe worden kleuren gemaakt? 1

Kleur kom je overal tegen: waar je ook gaat of staat kleur is altijd om je heen. Bekijk de afbeeldingen. Wat vertellen de afbeeldingen je over kleur?

2

Bekijk de afbeeldingen.

B

VA

N

A

IN

a

Wat hebben beide afbeeldingen gemeen?

Waar vind je deze kleuren?

afbeelding A:

afbeelding B:

©

b

c

Welke kleuren zie je?

d

Hoe komen de kleuren van de regenboog op de afbeeldingen tot stand?

afbeelding A:

afbeelding B:

THEMA 3

LEVEL 5

81


Subtractieve kleurvermenging en additieve kleurvermenging Subtractieve kleurvermenging is het mengen van pigmentkleuren, zoals inkt en verf. Additieve kleurvermenging is het mengen van lichtkleuren. 3

Bekijk de afbeeldingen en kruis het juiste antwoord aan.

B

N

IN

A

additieve kleurvermenging subtractieve kleurvermenging

Wat is het resultaat van de additieve en van de subtractieve kleurmenging van de drie kleuren? Vul in.

VA

4

De additieve menging geeft als resultaat

.

De subtractieve menging geeft als resultaat

.

Lichtkleuren

©

De kleuren van de regenboog kun je zien wanneer een lichtstraal wordt gebroken. Dat kan gebeuren met een prisma, een geslepen, glazen rand, een diamant, een regendruppel … De lichtstraal die breekt, splitst wit licht op in zes lichtkleuren: rood, oranje, geel, groen, blauw en paars. Blauw en rood zijn de sterkste lichtkleuren in dit spectrum, daarom splits je paars nog extra in indigo en violet. Een geheugensteuntje om de juiste volgorde van lichtkleuren makkelijk te onthouden, is het woord ROGGBIV. Hoe kom je aan dit geheugensteuntje?

82

THEMA 3

additieve kleurvermenging subtractieve kleurvermenging

LEVEL 5


PRIMAIRE EN SECUNDAIRE KLEUREN De kleuren van de regenboog splits je op in twee groepen:

Primaire kleuren: dat zijn de drie hoofdkleuren rood, blauw en geel.

Secundaire kleuren: dat zijn de tussenkleuren van de geleidelijke overgang tussen de primaire kleuren. De secundaire kleuren zijn: oranje, groen en paars, opgesplitst in indigo en violet.

VA

N

IN

Stofkleuren

©

Stofkleuren zijn kleuren die ontstaan uit natuurlijke of synthetische grondstoffen of uit een chemische reactie. In de oudheid kon men alleen gebruikmaken van natuurlijke kleurstoffen en chemische reacties om een kleur te maken. Voorbeelden daarvan zijn: plantaardige kleurstof: saffraan, verfkamille, fluitenkruid, wortel, ajuinschil minerale kleurstof, ertsen: aluin, kopersulfaat, kobalt … dierlijke kleurstof: schildluis, kreeft, purperslak … chemische kleurstof: verkleuring door zonlicht, zuur, oxidatie, bleekwater …

THEMA 3

LEVEL 5

83


verfkammille

fluitenkruid

kopersulfaat

VA

aluin

N

IN

saffraan

kreeft

purperslak

zonlicht

bleekwater

©

schildluis

kobalt

roest

84

THEMA 3

LEVEL 5


Good to know De paarse kleurstof mauveïne was de eerste synthetische organische kleurstof, per toeval ontdekt door Perkin in 1856 en dat betekende een doorbraak in de ontwikkeling van de synthetische kleurstoffen. De kleurstofchemie die toen werd ontwikkeld, vormde de basis van de moderne verfindustrie. Met als resultaat tal van verfsoorten en toepassingen zoals: latex, plakkaatverf, acryl, lakverf, spuitbussen, ecoline, beits, vernis …

VA

N

IN

Explore 2— Wat is kleurharmonie?

Kijk rond in je klas. Kies drie leerlingen op basis van hun kleding die naar jouw idee samen een harmonisch kleurpallet vormen. a

Beschrijf de kleurharmonie.

©

1

b

basiskleuren:

aanvullende kleuren:

Beschrijf waarom je juist deze leerlingen hebt gekozen.

c

Je leerkracht kiest een of twee personen die samen een levende verstilde presentatie (tableau vivant) maken van de door hen gekozen klasgenoten. De presentatie van deze tijdelijke mannequins maak je voorin de klas.

THEMA 3

LEVEL 5

85


d

Bespreek daarna de opdracht klassikaal. Noteer de opmerkingen van je klasgenoten. Tip:

Met een beperkte kleurkeuze maak je het jezelf gemakkelijker. KLEURHARMONIE

IN

Kleurharmonie is het efficiënt samenbrengen van kleuren in de etalage of instore presentatie. Kleurharmonie is een van de belangrijkste elementen

die leiden tot een aantrekkelijke etalage en het ondersteunt de presentatie van je artikelen en de sfeer. Kleurharmonie helpt je de doelen van visual merchandising te halen: verkoopbevordering en responsverhoging.

Bekijk op diddit aandachtig de etalage.

VA

N

2

a

Welke kleurharmonie is hier in de etalage gebruikt?

Zijn het primaire of secundaire kleuren? Kruis aan.

©

b

primaire kleuren secundaire kleuren

c

Welke neutrale kleur werd hier toegevoegd?

d

Leg uit waarom die kleur is toegevoegd.

86

THEMA 3

LEVEL 5


Explore 3— Wat zijn de eigenschappen van kleuren? 1

Bekijk de opbouw van de kleurcirkels. Vul in het juiste begrip in. Kies uit:

2

IN

primaire kleuren – kleurencirkel – tertiaire kleuren – secundaire kleuren

Vul in.

Net zoals bij de lichtkleuren zie je ook hier de drie primaire kleuren, namelijk

. Als je de primaire kleuren mengt, krijg je de

N

en

,

secundaire kleuren:

. Als je vervolgens de primaire met

de secundaire kleuren mengt, krijg je de tertiaire kleuren. Op volgorde van de regenboog zijn dat: roodoranje, geeloranje, geelgroen, blauwgroen, paarsblauw en roodpaars. Op de afbeelding zie je

VA

de kleurencirkel van Itten. Deze is gebaseerd op de subtractieve kleurmenging. .

©

Dat wil zeggen:

THEMA 3

LEVEL 5

87


Good to know

© Shutterstock / lev radin

N

IN

Het gebruik van primaire kleuren in de etalage komt hard over. Gebruik ze daarom steeds met toevoeging van een neutrale kleur zoals wit, grijs, zwart, beige, ecru … In de koopjesperiode – wanneer je slogan of reclameboodschap sterk moet opvallen – zijn primaire kleuren een echte aanrader. Alle secundaire kleuren bij elkaar is ook te veel van het goede. Selecteer er maximaal twee aangevuld met neutrale kleuren.

© Shutterstock / FashionStock.com

© Shutterstock / Nata Sha

©

VA

Meer genuanceerde kleuren vinden we bij de tertiaire kleuren zoals aardetinten, grijstinten ... Die kleuren geven een zachter, rustiger gevoel weer.

88

THEMA 3

LEVEL 5


Complementaire kleuren

Geef de complementaire kleur van:

oranje:

oranje/rood:

paars/rood:

N

3

IN

Kleuren die tegenover elkaar in de kleurencirkel staan, zijn complementaire kleuren of contrastkleuren. Ze versterken elkaar en doen elkaar beter uitkomen. Het resultaat is soms erg fel, daarom vul je ze best aan met neutrale kleuren. Complementaire kleuren werken uitstekend in reclameboodschappen en in etalages.

Good to know

VA

Rood en groen zijn een goed voorbeeld van complementaire kleuren. Ze worden vaak gebruikt tijdens de kerstperiode. Ook slagers gebruiken deze combinatie. Zo legt een slager vaak ook wat peterselie bij het rode vlees om het vlees er mooier rood te laten uitzien.

Welke complementaire kleuren herken je in de reclames en de etalages? a

Vul in.

A

B

©

4

© Shutterstock / Billy F Blume Jr

© Shutterstock / Rashdan Razlan

THEMA 3

LEVEL 5

89


D

C

b

Welke neutrale kleuren werden er in de etalages toegevoegd?

afbeelding C:

afbeelding D:

Een primaire kleur kan je oog bedriegen! Neem een blad in een primaire kleur en een wit blad. Houd het blad met de primaire kleur twintig seconden voor je ogen op een afstand van ongeveer twintig centimeter. Zorg ervoor dat je niets anders ziet. Kijk nu naar het witte blad.

N

5

IN

a

Welke kleur zie je?

b

Doe hetzelfde met een geel blad. Welke kleur zie je dan?

Welke kleur zul je zien als je dit met een blauw

VA

c

blad doet?

d

Welke kleur zul je zien als je dit met een rood blad doet?

Warme en koude kleuren

©

Kleuren hebben invloed op mensen. Zo heb jij zeker ook al ondervonden dat sommige kleuren je een warm gevoel geven en andere kleuren eerder koud overkomen. Sommige kleuren maken je vrolijk en andere triest. Dat is belangrijk om te weten als je een bepaalde sfeer in de etalage wilt creëren.

Good to know Wist je dat je energie kunt besparen door je kleurkeuze? Uit tests is gebleken dat een rode ruimte 2 °C warmer aanvoelt dan een blauwe ruimte.

90

THEMA 3

LEVEL 5


a b c

IN

Bekijk aandachtig de kleurencirkel.

Welke kleuren geven jou een warm gevoel en welke een koud? Bedenk dit eerst voor jezelf. Daarna bespreek je dit klassikaal. Trek met potlood en een lat een lijn door de kleurcirkel waar de scheiding van warme en koude kleuren zich bevindt. Benoem de warme en koude kleuren van de kleurencirkel.

warme kleuren:

koude kleuren:

N

6

VA

Complementaire kleuren verwerken Van twee complementaire kleuren is er altijd één warme en één koude kleur. Warme kleuren trekken de aandacht en zijn sfeervoller. Koude kleuren zijn afstandelijker maar zorgen voor meer rust. Bekijk de drie etalages. Kruis aan welke kleuren warm, koud of zowel warm als koud zijn.

©

7

warme kleuren koude kleuren beiden

© Shutterstock / Alexander Image

warme kleuren koude kleuren beiden

warme kleuren koude kleuren beiden

THEMA 3

LEVEL 5

91


Explore 4— Hoe worden kleuren voor de etalage gekozen? KLEURTINT Een kleurtint is een van de kleurschakeringen van een kleur. Zo kennen we in de serie blauw

IN

verschillende tinten, bijvoorbeeld kobaltblauw, marineblauw, azuurblauw, indigoblauw …

KLEURTOON

Een kleurtoon is een kleurtint vermengd met wit of zwart zodanig dat de tint lichter of

donkerder wordt. Denk bij kleurtonen aan tonen van de piano. De toetsen van een piano zijn wit en zwart.

VA

N

Verhelderen door wit toe te voegen

Verdonkeren door zwart toe te voegen

1

Je kunt op verschillende manieren kleuren kiezen voor een presentatie. a

Vul aan. Gebruik eventueel een woordenboek.

Presenteren met monochroom kleurgebruik wil zeggen

©

Presenteren met polychroom kleurgebruik wil zeggen

92

THEMA 3

LEVEL 5


b

Bekijk de afbeeldingen. Op welke wijze zijn hier kleuren gebruikt? Kruis aan.

B

monochroom kleurgebruik polychroom kleurgebruik c

IN

A

monochroom kleurgebruik polychroom kleurgebruik

Afbeelding A heeft een toon-op-toonkleurcombinatie. Wat is een toon-op-toonkleurcombinatie? Gebruik eventueel het internet.

N

Welke kleur werd in afbeelding A als basis gebruikt?

e f

Markeer: deze kleur is een primaire kleur / secundaire kleur. Markeer: deze kleur is een warme / koude kleur.

VA

d

Kleuren combineren

©

Kleuren combineren is geen makkelijke opgave. Bekijk het kleurbeeld van de grote couturiers maar even. De gekste kleurencombinaties zijn hip en trendy. Dat lijkt een voordeel, maar is het niet. Door die combinaties ook toe te passen in de etalage, kun je je doel voorbijschieten. Kleurgebruik in de etalage heeft als doelstelling de artikelen te ondersteunen, te laten opvallen, aantrekkelijk(er) te maken en sfeer te scheppen. Gelukkig kun je op safe spelen en kijken welke kleurencombinaties in jouw branche al worden gebruikt. Of val terug op de onderstaande kleurklanken. Die kunnen je een eind op weg helpen

© Shutterstock / catwalker

THEMA 3

LEVEL 5

93


Kleurklanken Er zijn monochrome en polychrome kleurcombinaties. Die kleurcombinaties bestaan uit kleurklanken:

één kleur: monochroom een tweeklank: dat zijn tegenover elkaar liggende kleuren op de kleurencirkel, de complementaire kleuren een drieklank: dat is een combinatie van drie kleuren: — analoge kleurcombinatie — split complementaire kleurcombinatie — driehoekkleurcombinatie

IN

een vierklank: dat is een combinatie van vier kleuren door een figuur op de kleurencirkel te trekken. Zo kun je vier kleurpunten aanwijzen die je met elkaar kunt combineren: — vierkante kleurcombinatie — rechthoekige kleurcombinatie

complementair

analoog

splitcomplementair

KLEUR

roodblauw

geel

blauwgroen

vierkant

rechthoek

OVERSTAANDE KLEUR

Maak een drieklank.

©

3

driehoek

Maak een tweeklank. Vul de overstaande kleur in.

VA

2

N

De samenstelleningen of kleurklanken op de kleurcirkel zijn:

ANALOGE KLEURCOMBINATIE

Een analoge kleurcombinatie is een combinatie van sterk overeenkomstige varianten van een primaire kleur. Bij geel kun je de naastliggende, warme kleuren van de kleurencirkel toevoegen: geeloranje en geelgroen. Die behoren tot dezelfde kleurfamilie, namelijk geel. Analoge kleurschema’s zijn doorgaans harmonieus en rustig qua uiterlijk.

94

THEMA 3

LEVEL 5

complementair

analoog

splitcomplem


a

Vul je analoge drieklank in. EERSTE KLEUR

TWEEDE KLEUR

DERDE KLEUR

SPLITCOMPLEMENTAIRE KLEURCOMBINATIE

IN

Een split complementaire kleurcombinatie is een combinatie van een kleur met twee van de naast elkaar liggende kleuren van die complementaire kleur.

complementair

b

analoog

splitcomplementair

driehoe

N

Vul je splitcomplementaire drieklank in. EERSTE KLEUR

DERDE KLEUR

VA

TWEEDE KLEUR

DRIEHOEKKLEURCOMBINATIE

Een driehoekkleurcombinatie is een combinatie gemaakt door een gelijkzijdige driehoek in de kleurencirkel te roteren (draaien). Zo creëer je steeds een andere drieklank.

©

complementair

c

analoog

splitcomplementair

driehoek

vier

Vul je driehoekdrieklank in. EERSTE KLEUR

TWEEDE KLEUR

DERDE KLEUR

THEMA 3

LEVEL 5

95


4

Maak telkens een vierklank. VIERKANTE KLEURCOMBINATIE Een vierkante kleurcombinatie is een combinatie van vier kleuren gemaakt door een vierkant in de kleurencirkel te roteren. Zo creëer je steeds een andere vierklank. Met vier kleuren kan het kleurrijk en druk worden in een etalage. Je maakt dan een selectie van twee van de kleuren samen met een neutrale kleur die je gebruikt voor je artikelen.

complementair

analoog

splitcomplementair

driehoek

vierkant

De overgebleven twee kleuren gebruik je als ondersteuning voor

a

Vul je vierkant vierklank in. EERSTE KLEUR

IN

decoratie, een poster, bekleding …

TWEEDE KLEUR

VIERDE KLEUR

N

DERDE KLEUR

RECHTHOEKIGE KLEURCOMBINATIE

Een rechthoekige kleurcombinatie is een combinatie van vier kleuren gemaakt door een rechthoek in de kleurencirkel te roteren. Zo creëer

VA

je steeds een andere vierklank. De samenstelling bestaat uit twee overstaande split complementaire kleuren.

lementair

analoog b

splitcomplementair

rechthoek

TWEEDE KLEUR

DERDE KLEUR

VIERDE KLEUR

©

THEMA 3

vierkant

Vul je rechthoekige vierklank in. EERSTE KLEUR

96

driehoek

LEVEL 5

rechtho


Explore 5— Welke functie hebben kleuren? 1

Net zoals muziek onze stemming kan beïnvloeden, doen kleuren dat ook. a

Bekijk de afbeeldingen. Waarmee associeer je de kleuren? Vul in. Kies uit: harmonie – herkenning – onderscheid – waarschuwing

B

N

Verklaar deze woorden. Zoek ze eventueel op in het woordenboek.

esthetiek:

signaleren:

identificeren:

selecteren:

VA

b

D

C

IN

A

Vul in de onderstaande tekst de begrippen in. Kies uit: harmonie – herkenning – onderscheid – waarschuwing

Kleurfuncties

Een esthetische functie van kleuren is het ervaren van schoonheid door de juiste samenstelling van twee of meerdere kleuren. In zo’n geval spreken we van

.

Het aanvoelen van een geslaagde kleurcombinatie is voor veel mensen erg persoonlijk gezien

©

c

hun voorkeur en smaak. Wat is jouw persoonlijke kleurschakering en waarom?

Een signalerende functie hebben kleuren die op krachtige wijze de aandacht trekken en de oplettendheid bij je oproepen. Door hun kracht zijn ze uiterst geschikt als . Voorbeelden daarvan zijn rood en oranje. Dat zijn actieve,

onrustige kleuren. Daarom worden ze gebruikt als signaalkleuren bij bijvoorbeeld verkeerslichten, alarmknoppen, rode kaarten bij de voetbal …

THEMA 3

LEVEL 5

97


Een selecterende functie hebben kleuren waarmee je een vlot

kunt

maken, bijvoorbeeld tussen dezelfde items, zoals armbandjes op festivals, inkomkaarten … Een identificerende functie helpt je sneller een beeld van een product, dienst of boodschap voor de geest te halen. In de reclame werkt men vooral aan de

van

kleur voor een logo en de verpakking. Vaak sluit de kleur aan op de inhoud van het product. Levensmiddelen die we regelmatig kopen, nemen we meestal uit het schap op basis van kleur. Reclame werkt vaak met herkenning. Dreft- en Heinzproducten zijn heel herkenbaar door hun complementaire kleurgebruik. De kleur van de inhoud van het product staat hier in relatie tot het logo. Noem nog enkele voorbeelden.

N

IN

d

© Shutterstock / Menno van der Haven

VA

© Shutterstock / abimages

Explore 6— Welke gevoelens wekken kleuren op?

Gevoel voor kleur

©

Kleuren wekken bij iedereen bepaalde gevoelens op. Mensen leggen verbanden tussen een bepaalde kleur en een emotie, herinnering, plaats die daaraan verbonden is. Daarom voelt iedereen ook iets anders bij het zien van een bepaalde kleur: een ander kleurgevoel. Een brandweerman denkt misschien meteen aan vuur bij het zien van rood, terwijl een tiener eerder aan liefde zal denken.

Warme kleuren zijn activerend, opwekkend, prikkelend en opwindend. Koude kleuren zijn afstandelijker, kalmerend en rustgevend. Donkere kleuren kunnen je bedriegen.

Sommige mensen hebben weinig gevoel voor kleur. Daarom moet je in de etalage of instore presentaties passende combinaties samenstellen en ideeën aanreiken waar de klant zelf niet op zou komen.

98

THEMA 3

LEVEL 5


1

Welke van de twee achtergronden is de kleinste?

Bekijk de afbeelding en schrijf in iedere tekstballon welk kleurgevoel dit bij jou oproept.

©

VA

N

2

B

IN

A

THEMA 3

LEVEL 5

99


Explore 7— Waarop wordt een kleurkeuze gebaseerd?

Kleurkeuze Een goed doordachte kleurkeuze ondersteunt je presentatie. Ze versterkt de boodschap die je wilt overbrengen op de kijker. Je houdt bij de kleurcombinatie rekening met enkele criteria:

1

de huisstijl het merk de mode de seizoenen de concurrentie

IN

Voor een visual merchandising-opdracht maak je de kleurcombinatie op basis van enkele criteria. Lees de omschrijving van de criteria. Vul in. Kies uit:

N

de concurrentie – de huisstijl – de mode – de seizoenen – het merk

VA

: Je kunt kleurenpaletten zowel gebruiken bij fashiongebonden als bij niet-fashiongebonden artikelen. Let er wel op dat niet alle voorgestelde trendkleuren van een seizoen met elkaar harmoniëren.

©

© Shutterstock / Alexa_Space

© Shutterstock / David Prince Images

100 THEMA 3

LEVEL 5

: Je versterkt de herkenningsfunctie van het artikel of product door de typerende kleur te ondersteunen.


IN

: Je kunt bij je presentatie gebruikmaken van kleuren die je op een bepaald moment van het jaar in de natuur tegenkomt of die typisch zijn voor die periode.

: Je kunt je kleurgebruik afstemmen op de kleuren van het logo, het winkelexterieur ... of het juist laten contrasteren met die kleuren.

VA

N

© Shutterstock / at.rma

In welke periode van het jaar gebruik je deze kleuren? Kies uit:

©

2

: Om het anders (beter) te doen dan de winkels met een gelijkaardig artikel in je buurt, maak je gebruik van een andere kleurcombinatie.

lente – zomer – herfst – winter

KLEUREN

SEIZOEN

bruin, mosgroen, bordeaux, oker

pasteltinten, fris groen

koel blauw, wit, grijs

Geel, goudgeel, oranje, rood

THEMA 3

LEVEL 5 101


Good to know Houd het steeds eenvoudig: combineer niet meer dan twee of drie kleuren. Je kunt altijd een neutrale kleur zoals wit, ecru, beige, zwart of grijs toevoegen.

3

Houd bij het kiezen en sorteren van artikelen bewust rekening met de kleurcombinatie en de kleurbeperking. Gebruik niet te veel harde, onvermengde kleuren. Dat geeft een opdringerige indruk. Gebruik niet te veel pasteltinten. Die maken de etalage te flauw. Bij babyartikelen kun je die uitzondering wel maken. Gebruik de gekozen kleurcombinatie voor de opbouw van de gehele presentatie: het artikel, de eyecatcher (decoratie, foto, reclameslogan), de bekleding van het podium, vloer of wand, het opbouwmateriaal en hulpmiddelen, en maak hiervan een harmonisch geheel.

IN

Bedenk nu drie etalagepresentatie. Je werkt bij een winkel voor buitensport en -leven. a

Voor het zomerseizoen maak je een etalage voor surfbenodigdheden. Het belangrijkste artikel zijn de surfplanken die de winkel verkoopt. Welke kleuren gebruik je? Licht je keuze toe.

b

N

In de lente verkoopt de winkel ook tuingereedschap. De belangrijkste artikelen zijn tuinschepjes en handschoenen. Welke kleuren gebruik je? Licht je keuze toe.

VA

c

In de herfst maak de winkel zich klaar voor Halloween. Het belangrijkste artikel in de etalage is een dikke trui. Welke kleuren gebruik je? Licht je keuze toe.

©

102 THEMA 3

LEVEL 5


TO THE POINT Er zijn lichtkleuren, zoals een regenboog, en stofkleuren, zoals verf. Additieve menging is het mengen van lichtkleuren. Subtractieve menging is het mengen van stofkleuren. Een kleurencirkel, zoals die van Itten bestaat uit:

primaire kleuren: rood, geel en blauw; secundaire kleuren: oranje, groen en paars (indigo en violet). Die verkrijg je door het mengen van twee primaire kleuren; tertiaire kleuren: roodoranje, geeloranje, geelgroen, blauwgroen, paarsblauw en roodpaars. Die verkrijg je door het mengen van een primaire met een secundaire kleur.

IN

Het gebruik van warme en koude kleuren heeft een sterke invloed bij de sfeervoorstelling in de etalage. WARME KLEUREN

KOUDE KLEUREN

Welke?

rood, geel, oranje en hun mengvormen

blauw, paars, groen en hun mengvormen

Effect?

verkleinen de ruimte, zorgen voor meer dynamiek

vergroten de ruimte

sfeervol

afstandelijk, maar ook rustgevend

vallen sneller op

koude kleuren zijn meer vanzelfsprekend

Gevoel?

N

KLEURTOON

VA

Trivia: in de natuur zijn er meer koele kleuren dan warme kleuren

De functies van kleuren: esthetische functie: streven naar schoonheid door kleurharmonie signalerende functie: de kleur heeft een waarschuwend effect selecterende functie: door kleur onderscheid kunnen maken identificerende functie: het vlot herkennen van een artikel door de kleur

©

Het gevoel dat kleuren bij een persoon oproepen, het kleurgevoel, is persoonlijk en verschillend afhankelijk van herinneringen, emoties, plaats, tijdstip …. in relatie tot die bepaalde kleur. In het algemeen kun je kleuren verbinden aan deze gevoelswaarden: gevaar, vurig, agressief, warm, onrustig … opwekkend, helder, actief, warm, Nederland …

zonnig, dynamisch, energie, jong … kalmerend, fris, veilig, rust, natuur … koel, rustig, ruimte, hemels

ingetogen, waardig, koud, mystiek …

zuiverheid, rein, koud, vreugde, maagdelijk stoer, ernstig, somber, triest, luxe … opvallend, feestelijk, chic …

technisch, koel, deftig, grijs, neutraal, rustig, klasse

THEMA 3

LEVEL 5 103


Efficiënt samenbrengen en combineren van kleuren heet kleurharmonie. Dit lijkt in het begin misschien wat moeilijk, maar je zult zien dat je na enkele toepassingen steeds makkelijker kleuren kunt combineren en ook meer zult durven.

IN

Je houdt daarom steeds je kleurencirkel bij de hand voor kleurcombinaties. Dit zijn kleurklanken zoals: één kleur: monochroom een tweeklank: dit zijn tegenover elkaar liggende kleuren op de kleurencirkel, de complementaire kleuren een drieklank: dit is een combinatie van drie kleuren: — analoge kleurcombinatie — split complementaire kleurcombinatie — driehoekkleurcombinatie een vierklank: dit is een combinatie van vier kleuren. Door een figuur op de kleurencirkel te trekken, kun je vier kleurpunten aanwijzen die je met elkaar kunt combineren: — vierkante kleurcombinatie — rechthoekhoekige kleurcombinatie

complementair

N

De samenstellingen of kleurklanken op de kleurencirkel:

analoog

splitcomplementair

driehoek

vierkant

rechthoek

©

VA

Door een effectieve kleurkeuze kun je je artikel-, instore presentatie of etalage doen slagen. Door juist gebruik van kleur worden de visual merchandising-opdrachten aantrekkelijker, sfeervoller en artikelondersteunend. Het helpt de verkoopbevordering. Je moet bij kleurgebruik wel rekening houden met enkele zaken: de keuze voor mono- of polychroom kleurgebruik de kleurbeperking binnen de kleurencirkel het harde effect van onvermengde kleuren het fletse effect van te veel pasteltinten het toepassen van de kleurcombinatie geldt voor de totale opbouw van de opdracht de huisstijl het merk de mode de seizoenen de concurrentie Complementaire kleuren liggen in de kleurencirkel tegenover elkaar, zoals: rood en groen, geel en paars, blauw en oranje, en hun tussenkleuren. Complementaire kleuren versterken en ondersteunen elkaar en kun je gebruiken in een dynamische presentatie. Als je een of meerdere kleuren hebt gekozen kun je ook de kleurtint en de kleurtoon bepalen. De kleurtint is een van de kleurschakeringen van een kleur en de kleurtoon is een kleurtint vermengd met wit of zwart zodanig dat het lichter of donkerder wordt. Als je binnen een kleurtoon blijft, spreek je van een toon-op-toonkleurencombinatie.

104 THEMA 3

LEVEL 5


Action 1—

Kun je de lichtkleuren invullen?

Je gaat de kleuren van de gebroken lichtstraal invullen.

prisma a

IN

lichtstraal

Bekijk de afbeelding. Vul het geheugensteuntje in om de kleuren in de juiste volgorde te kennen:

Vul met kleurpotlood de zeven kleuren van de regenboog in op de tekening.

c

Heb je hier de additieve of de subtractieve menging toegepast? Kruis aan.

N

b

additieve menging subtractieve menging Leg je antwoord uit.

VA

d

©

THEMA 3

LEVEL 5 105


Action 2— 1

Kun je de juiste kleuren in de kleurencirkel plaatsen?

Op diddit vind je een blanco kleurencirkel van Itten. Print die af op stevig wit papier. Je gaat met acrylverf de juiste kleuren op de kleurencirkel verven. Je vertrekt vanuit de drie primaire kleuren. a

Vul in. De primaire kleuren zijn: Aan de hand van de primaire kleuren meng je de secundaire kleuren. Gebruik telkens een ander mengpotje. Gebruik bij menging evenveel verf van de ene als van de andere kleur.

c

Vul in. De secundaire kleuren zijn:

d

IN

b

Houd je gemengde secundaire kleuren apart, zodat je die terug kunt gebruiken voor de menging van de tertiaire kleuren. Vul in. De tertiaire kleuren zijn:

e

Vul nu de kleurencirkel van Itten aan. Bij menging benader je zoveel mogelijk de kleuren van de kleurencirkel uit het boek.

Laat drogen en maak een foto. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

VA

2

N

Good to know

©

Bij menging van de tertiaire kleuren gebruik je een andere verhouding dan voor de secundaire. Als we in de kleurencirkel vertrekken vanaf geel, dan is de tweede kleur in de cirkel geeloranje. Voor het mengen van geeloranje gebruik je twee delen geel en een deel oranje. Daarna volgt in de cirkel oranje gemaakt met secundaire menging van een deel geel en een deel rood. Daarna volgt in de cirkel roodoranje. Voor roodoranje gebruik je een deel oranje en twee delen rood en zo ga je verder voor de andere mengingen.

106 THEMA 3

LEVEL 5


Action 3—

Kun je de juiste kleurcombinatie toepassen?

Kleur de onderstaande tekeningen in de kleurcombinaties: monochroom, analoog, tweeklank, vierklank. Gebruik kleurpotlood of stift. Je vindt de afbeeldingen ook op diddit. Analoog

Vierklank

©

VA

Tweeklank

N

IN

Monochroom

THEMA 3

LEVEL 5 107


Action 4—

Maak een collage van een complementaire kleurcombinatie.

©

VA

N

IN

Je maakt een collage van foto’s, tekst, stukjes uit tijdschriften ... eventueel aangevuld met linten, pluimen of verf. Volg het stappenplan.

Benodigd: Papier, karton of board van A3-formaat Mode- en interieurtijdschriften Losse elementen die reliëf brengen Een lat, potlood, schaar of mes, papierlijm (bv. Pritt) en/of alleslijm (bv. UHU) Tip:

108 THEMA 3

LEVEL 5

Knip voldoende foto’s, kleurvakken en teksten uit zodat je bij het schikken van je collage veel keuze hebt!


STAPPENPLAN Stap 1: Neem een stevig, gekleurd tekenblad, karton of hard- of zachtboard als uitgangspunt. Dit is je achtergrond. Stap 2: Zoek en knip foto’s, teksten of stukjes uit tijdschriften. Verzamel touw, pluimpjes, verf, pailletten, stofflarden, knopen, lint, dopjes … in complementaire kleurtinten ten opzichte van je achtergrond. Probeer en combineer totdat je tevreden bent over de kleurcombinatie. Vergelijk ook eens met je medeleerlingen en vraag om advies indien nodig. Stap 3: Laat je nu van je creatiefste kant zien en maak met je attributen een geslaagde collage. Plak het niet vol maar laat hier en daar ook een stukje van het kleurblad zien. Je mag vlakken over elkaar plakken. Leef je uit, overlap waar mogelijk, gebruik verf … Let wel op dat het ordelijk en verzorgd blijft en binnen het complementair kleurpalet.

IN

Stap 4: Probeer er een evenwichtige presentatie van te maken. Schik eerst je compositie en plak alles vast als je zeker bent van je samenstelling. Stap 5: Werk netjes af. Knip alles uit, plak het haaks op en gebruik niet te veel lijm. Laat losse elementen, zoals pluimen of een koord, het beeld of de tekst niet verstoren. Stap 6: Presenteer je opdracht voor de klas.

Stap 7: Laat drogen en bewaar in je potfolio. Voor je digitale portfolio maak je een foto. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. EVALUATIEFICHE

N

Onvoldoende Voldoende

Goed

Ik neem de tijd om te brainstormen over de opdracht.

Ik kan een beslissing nemen in functie van de opdracht.

VA

Ik kan voldoende materiaal verzamelen om een ruime keuze te hebben bij de realisatie.

Ik kan een evenwichtige collage neerleggen.

Ik durf raad te vragen aan medeleerlingen en/of de leerkracht.

©

Ik kan creatief zijn.

Ik kan ordelijk werken (knippen, scheuren, plakken ...). Ik kan advies en feedback positief verwerken. Ik kan mijn opdracht voorstellen aan de klas.

TOTAAL

THEMA 3

LEVEL 5 109


Action 5—

Kun je de juiste complementaire kleur benoemen?

Stel dat je voor je bijbaantje in een drogisterij verschillende artikelpresentaties maakt. Benoem als voorbereiding voor een artikelpresentatie voor elk product de complementaire achtergrondkleur.

B

© Shutterstock / GCS71

© Shutterstock / Woodpond

N

Kun je een artikel in een passende kleuromgeving plaatsen?

Deze zomer maak je een merketalage voor OdetteLunettes.edu. Houd rekening met de volgende punten: Het product op de afbeelding is het enige artikel voor verkoop en staat centraal in je presentatie. Aanvullend materiaal is het logo, fotomateriaal, opbouwmateriaal, zoals een klein podium brilstaander of display, vloer- en/of wandbekleding. Het thema is zomer.

VA

1

© Shutterstock / Kolomiec

Action 6—

C

IN

A

a

Welke kleuren zou jij kiezen voor je compositie?

b

Verklaar je kleurkeuze. Gebruik daarbij de geleerde begrippen.

©

c d 2

110 THEMA 3

Maak nu een collage digitaal of op papier om je idee uit te werken. Bespreek je ontwerp klassikaal.

Maak een foto van je presentatie, geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 5


Action 7—

Kun je een artikel in een passende kleuromgeving plaatsen?

Je kunt Action 6 nog eens uitvoeren, maar nu met een ander merk en andere kleuren. Je maakt een merketalage voor Gillette Fusion 5.

©S

/

yn

v Lyt

IN

ck sto ter hut

an

l Rus

© Shutterstock / pixinoo

Kun je een artikel in een themaverwante kleuromgeving plaatsen?

VA

N

Action 8—

© Shutterstock / Monticello

Vlak voor de kerstperiode krijg je een opdracht om een merketalage voor Coca-Cola Zero te maken. a

Welke kleuren zou jij kiezen voor je compositie?

©

1

© Shutterstock / skimax

b

Verklaar je kleurkeuze. Gebruik daarbij de geleerde begrippen.

THEMA 3

LEVEL 5 111


c

Als je extra decoratie zou kunnen kiezen, wat zou je dan gebruiken? Licht je keuze toe. Maak nu een presentatie volgens jouw kleurcombinatie. Je kunt gebruikmaken van: een flesje of blikje cola zero; een paneel (dik karton of board) als ondergrond; stof, watten, papier of verf als bekleding voor je paneel; een podium of display. Maak eventueel zelf een verhoging met een sterk doosje om het artikel op te zetten. Let op de verhouding met het artikel; bekledingsmateriaal voor het podium of de display; ondersteunende decoratie, zoals kerstballen, plastic ijsblokken … Overdrijf niet en let op je kleurkeuze.

IN

d

Probeer als decoratiemateriaal eens een dorre tak in de hoogte te verwerken met enkele wattenpropjes erop als sneeuweffect: eenvoudig en leuk als je ook watten gebruikt als ondergrond. Het geeft het geheel een winterse sfeer.

Tip:

Maak een foto van je presentatie en bewaar in je portfolio.

N

2

Action 9—

Je maakt een presentatie met een programma naar keuze. Zoek op het internet acht afbeeldingen van merkproducten uit de voeding, onderhoud, cosmetica … waar de verpakking bestaat uit koude en/of warme kleuren. Benoem bij elke afbeelding de kleuren. Groepeer de afbeeldingen onder warme of koude kleuren.

VA

1

Kun je warme en koude kleuren herkennen?

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

2

© Shutterstock / AZFAR ARTS

112 THEMA 3

LEVEL 5


Action 10— Kun je van een etalage de kleurtemperatuur geven? Bekijk aandachtig de etalages.

B

IN

A

© Shutterstock / v74

D

VA

N

C

© Shutterstock / Creative Lab

a

Op welke foto’s zie je warme kleuren?

b

Waar zie je koude kleuren?

c

Welke etalage oogt groter dan ze in werkelijkheid is?

©

d

Welke etalage geeft een rustige indruk?

e

Welke etalage trekt eerst jouw aandacht? Waarom?

THEMA 3

LEVEL 5 113


Action 11— Kun je de kleur linken aan haar functie? Bekijk de vier afbeeldingen. Vul onder elke afbeelding aan welke functie de kleuren hebben. Kies uit: signalerende – identificerende – selecterende – esthetische

A

IN

B

© Shutterstock / tanuha2001

D

VA

C

N

©

Action 12— Kun je een passend kleurgevoel weergeven? Via diddit kun je twee tekeningen downloaden. Print de afbeelding op stevig papier. Gebruik voor iedere afbeelding de passende kleurencombinatie. Noteer welke kleuren je kunt gebruiken voor de tekeningen en bespreek klassikaal.

tekening 1:

tekening 2:

114 THEMA 3

LEVEL 5


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik ken de kleuren van de kleurencirkel van Itten.

2

Ik kan de warme en koude kleuren benoemen.

3

Ik ken de functies van kleuren.

4

Ik kan de lichtkleuren en stofkleuren omschrijven met hun additieve en subtractieve menging.

5

Ik kan de begrippen monochroom en polychroom omschrijven.

6

Ik kan kleuranalogie toepassen.

7

Ik kan de kleurcirkel gebruiken om een twee-, drie- en vierklanken te zoeken.

8

Ik kan door het gebruik van een neutrale kleur een drieklank verzachten.

9

Ik kan kleuren combineren en gebruiken in een presentatie.

N

IN

1

11 Ik kan kleurkeuzes maken voor een merketalage.

12 Ik ken de seizoenkleuren en weet ze te plaatsen in een etalage.

©

VA

10 Ik kan mijn kleurkeuze toepassen in een 3D-compositie.

THEMA 3

LEVEL 5 115


Beeldwoordenboek Level 5 BEGRIP

VERKLARING Dat is het mengen van lichtkleuren.

analoog kleurgebruik

Dat is een combinatie van sterk overeenkomstige varianten van een primaire kleur.

complementaire kleuren

Dat zijn kleuren die tegenover elkaar in de kleurencirkel staan, ook wel contrastkleuren genoemd. Ze versterken elkaar en doen elkaar beter uitkomen.

N

IN

additieve kleurvermenging

AFBEELDING

analoog

VA

complementair

Dat is een combinatie gemaakt door een gelijkzijdige driehoek in de kleurencirkel te roteren (draaien). Zo creëer je steeds een andere drieklank.

©

driehoekkleurcombinatie

air

kleurfunctie

116 THEMA 3

Kleuren kunnen verschillende functies hebben:

analoog esthetisch,splitcomplementair herkenning, onderscheid en waarschuwing.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5

driehoek

splitco


BEGRIP

VERKLARING Kleuren wekken bij iedereen bepaalde gevoelens op. Mensen leggen verbanden tussen een bepaalde kleur en een emotie, herinnering, plaats die daaraan verbonden is. Daarom voelt iedereen ook iets anders bij het zien van een bepaalde kleur: ze hebben een ander kleurgevoel.

kleurharmonie

Dat is het efficiënt gebruik van kleuren om een artikel aantrekkelijk te maken, beter uit te laten komen, sfeer toe te voegen en de verkoop te verhogen

kleurkeuze

Dat is de keuze voor een of meer kleuren gebaseerd op: concurrentie, het merk, de mode, de huisstijl en de seizoenen.

kleurklanken

Een tweeklank is een combinatie van twee overstaande kleuren. Een drieklank is een combinatie van drie kleuren in de kleurencirkel.

VA

N

IN

kleurgevoel

AFBEELDING

©

kleurstof

kleurtint

Dat zijn pigmenten om mee te kleuren of verven, zoals: minerale kleurstof: ertsen, aluin, kopersulfaat, kobalt … plantaardige kleurstof: saffraan, verfkamille, wortel, ajuinschil … dierlijke kleurstof: schildluis, kreeft, purperslak … Dat zijn verschillende kleurschakeringen of tinten van een kleur: marineblauw, babyblauw, hemelsblauw …

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5 117


BEGRIP

VERKLARING Dat is een kleur vermengd met wit of zwart.

koude kleuren

Dat zijn kleuren die een koude of koele associatie geven: groen, blauw en paars, namelijk de rustige kleuren.

lichtkleuren

De kleuren van de regenboog kun je zien wanneer een lichtstraal gebroken wordt, bijvoorbeeld met een prisma. De lichtstraal die breekt, splitst wit licht op in zes lichtkleuren: rood, oranje, geel, groen, blauw en paars.

VA

N

IN

kleurtoon

AFBEELDING

Dat is het gebruik van tinten en tonen van een kleur.

©

monochroom kleurgebruik

polychroom kleurgebruik

118 THEMA 3

Dat is het gebruik van meerdere kleuren die een harmonieus geheel vormen.

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5


BEGRIP

Dat zijn de drie hoofdkleuren rood, blauw en geel.

rechthoekige kleurcombinatie

Dat is een combinatie van vier kleuren gemaakt door een rechthoek in de kleurencirkel te roteren (draaien). Zo creëer je steeds een andere vierklank. De samenstelling bestaat uit twee overstaande split complementaire kleuren.

secundaire kleuren

Dat zijn de tussenkleuren van de geleidelijke

IN

primaire kleuren

AFBEELDING

N

driehoek overgang tussen de primaire vierkant kleuren. De

secundaire kleuren zijn: oranje, groen en paars, opgesplitst in indigo en violet.

rechthoek

VA

ntair

VERKLARING

©

splitcomplementaire kleurcombinatie

stofkleuren

Dat is een combinatie van een kleur met twee van de naast elkaar liggende kleuren van die complementaire kleur.

Dat zijn kleuren gemaakt uit pigmenten.

complementair

analoog

splitcomplementair

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5 119


BEGRIP

VERKLARING Dat is het mengen van pigmentkleuren, zoals inkt en verf.

tertiaire kleuren

Dat zijn de kleuren die je krijgt als je de primaire met de secundaire kleuren mengt.

vierkante kleurcombinatie

Dat is een combinatie van vier kleuren gemaakt door een vierkant in de kleurencirkel te roteren (draaien). Zo creëer je steeds een andere vierklank.

VA

N

IN

subtractieve kleurvermenging

warme kleuren

Dat zijn kleuren die een warme associatie

splitcomplementair geven: rood, oranje, driehoek geel, dus de actieve

©

kleuren.

120 THEMA 3

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 5

vierkant

r


LEVEL 6 Hoe ondersteunen lichtbronnen de presentatie? INTRO

1

IN

Verlichting bepaalt voor een groot deel de sfeer in de etalage en in de winkel. Ze draagt bij aan de stopkracht. Verlichting en de verdeling van het licht zorgt voor een optimale presentatie van je artikelen. Je kunt licht ook gebruiken om de aandacht te trekken. Denk maar aan lichtreclame. In dit level leer je enkele van de basisprincipes van de verlichting van je etalage en winkel. Verlichting is een uitgebreide en technische professie. Het is goed om naast de basisprincipes van verlichting op de hoogte te blijven van de nieuwste ontwikkelingen op dit vlak. Bekijk op diddit het filmpje. Welke factoren zijn belangrijk om een evenwichtig lichtplan op te stellen? Noteer.

2

N

Als je verlichting voor een supermarkt moet kiezen, kies je waarschijnlijk niet dezelfde verlichting als voor een damesboetiek. Bekijk aandachtig de afbeeldingen. Wat is het verschil in lichtgebruik tussen de twee foto’s?

B

VA

A

©

© Shutterstock / Sorbis

3

© Shutterstock / Sorbis

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

Hoe herken je direct en indirect licht, basis- en accentverlichting, en up- en downlighters? Welke lampsoorten zijn momenteel het meest gangbaar? Wat is kleurtemperatuur? Wat stellen de graden voor bij accentverlichting? Hoe kun je passende armatuur voor een lamp zoeken?

THEMA 3

LEVEL 6 121


Explore 1— Wat is het verschil tussen direct en indirecte verlichting? 1

Bekijk de afbeeldingen. Een lichtbron verwijst naar het element vanwaar het licht komt.

B

IN

A

a

Zie je de verschillende soorten lichtbronnen op afbeelding A? Omcirkel de verschillende soorten lichtbronnen.

b

Hoeveel verschillende soorten lichtbronnen heb je aangeduid?

Benoem de verschillende soorten lichtbronnen samen met hun functie.

d

N

c

Kun je de lichtbron op afbeelding B aanduiden?

VA

e

Omschrijf de lichtbron op afbeelding B.

f

Waarom noem je de verlichting op afbeelding A directe verlichting?

g

Wat is dan indirecte verlichting, zoals op afbeelding B?

©

DIRECTE VERLICHTING

Directe verlichting is een lichtbron die je kunt waarnemen. In de winkel en etalage gebruik je hiervoor direct licht zoals spotlampen en tl-lampen.

INDIRECTE VERLICHTING Indirecte verlichting is een lichtbron die verscholen zit achter een paneel tegen een wand of plafond. In de winkel en etalage gebruik je hiervoor tl-lampen en strips of slangverlichting.

122 THEMA 3

LEVEL 6


Verschillende verlichtingstypen Een geslaagde verlichting bestaat uit verschillende verlichtingstypes: Een algemene basisverlichting meestal door tl- of tubelampen geeft een diffuus licht. Dat is verspreid licht in de ruimte zonder sterke schaduwen. Diffuus licht geeft een egale, eentonige verlichting.

Accentverlichting heeft als doel die eentonigheid te doorbreken en artikelen extra te accentueren. Hiervoor maken we gebruik van spotlampen.

Uplighters zijn lampen die het plafond verlichten. Uplighters zorgen voor een diffuus licht doordat het plafond het licht weerkaatst.

Downlighters zijn lampen die naar beneden schijnen. Downlighters en uplighters geven een direct licht met een brede of smalle lichtbundel. Die druk je uit in graden.

VA

N

IN

©

Er is een grote keuze aan lampen die verschillen van: merk kleurtemperatuur (kelvin) wattage lichtopbrengst (lumen) netspanning (volt) vorm gradenbundel

THEMA 3

LEVEL 6 123


Bekijk een aantal presentaties van IKEA. Welke verschillende verlichtingstypen kun je hier herkennen? Kruis aan.

© Shutterstock / Paolo Bona

basisverlichting accentverlichting uplighter downlighter

VA

N

basisverlichting accentverlichting uplighter downlighter

IN

2

© Shutterstock / mokjc

©

basisverlichting accentverlichting uplighter downlighter

© Shutterstock / Vadiar

basisverlichting accentverlichting uplighter downlighter

124 THEMA 3

LEVEL 6

© Shutterstock / Dutch_Photos

basisverlichting accentverlichting uplighter downlighter

© Shutterstock / Pablo Ducros

basisverlichting accentverlichting uplighter downlighters


Explore 2— Welke soort lampen kun je gebruiken? Binnen het onderwerp verlichting zijn er slechts twee zaken van uitermate belang: kleurtemperatuur en de gradenhoek. Bekijk op diddit het filmpje. Wat is kleurtemperatuur? Vul in. a

Een ander woord voor kleurtemperatuur is

b

Hoe wordt kleurtemperatuur gemeten?

c

Hoe hoger de kelvin-waarde hoe

de kleurtemperatuur.

d

Hoe lager de kelvin-waarde, hoe

de kleurtemperatuur.

e

Welke kelvin-waarde zou jij gebruiken voor een winkel?

f

Welke waarde zou je voor een supermarkt gebruiken?

Warm en koel licht

.

IN

1

©

VA

N

Met warm licht creëer je een sfeer waarbij de consument zich op zijn gemak voelt. Maar enkel warm licht gebruiken voelt saai en minder vrolijk aan. De kleuren van de artikelen verdonkeren en worden matter. De blauwwitte kleur van daglicht wordt als koel, scherp aan het oog en afstandelijk ervaren. Dat is minder gezellig en nogal agressief. Er ontstaat een zwaarder contrast in schaduwen. Het is belangrijk om in de etalage en de winkel een goede balans tussen warme en koude verlichting te zoeken. Uiteraard pas je dat aan het artikel, de ruimte, de gebruikte materialen en de sfeer die je wilt creëren aan.

THEMA 3

LEVEL 6 125


Bekijk de afbeeldingen. Waar ga je warme en waar koele verlichting toepassen? Licht je antwoord toe.

A

D

F

N

E

WARME VERLICHTING

VA

AFBEELDING

C

B

IN

2

afbeelding A

Waarom?

©

afbeelding B

Waarom?

afbeelding C

Waarom?

126 THEMA 3

LEVEL 6

KOELE VERLICHTING


AFBEELDING

WARME VERLICHTING

KOELE VERLICHTING

afbeelding D Waarom? afbeelding E

afbeelding F

IN

Waarom?

Waarom?

Bekijk op diddit het filmpje. Beantwoord de vragen.

VA

N

3

a

Wat is een gradenbundel?

.

Hoe wordt die stralingshoek uitgedrukt?

c

Hoe kleiner de gradenhoek is, hoe

de lichtbundel is.

d

Hoe groter de gradenhoek, hoe

de lichtbundel is.

e

Een smalle lichtbundel is tussen

.

f

Een gespreide bundel is tussen

.

g

Een brede lichtbundel is

.

h

Hoe verder een object van de lamp af staat, hoe

©

b

.

THEMA 3

LEVEL 6 127


Good to know Recent op de markt gebrachte lichtbronnen verbruiken ook veel minder stroom dan de oudere, traditionele gloeilampen, halogeenlampen ... Door de sterke vooruitgang, ontwikkeling en voordelen heeft ledverlichting de laatste jaren de markt van de traditionele verlichting overgenomen.

LEDVERLICHTING Led in ledverlichting staat voor light emitting diode. Deze lampen bieden veel voordelen om spaarlampen, strips … De voordelen van led zijn:

IN

etalages en winkels mee te verlichten. Ze bestaan onder de vorm van tl-lampen, spotlampen,

energiezuinig: tot 90 % besparing

minder warmteafgifte, dus minder kans op brandgevaar

een lange levensduur van ruim 50 000 branduren, dus een besparing op vervangingskosten

het ontbreken van uv-straling: verlichte producten kunnen niet verkleuren

optimale verlichting van je producten

recyclebaar: een ledlamp kan ook altijd gerecycleerd worden. Gooi ze daarom niet bij het

N

huishoudelijk afval, maar lever ze in bij een recyclepunt bij jou in de buurt. goed voor het milieu: wanneer je een ledlamp koopt, draag je een mooi steentje bij aan een schonere wereld. Ledlampen bevatten namelijk geen giftige stoffen, zoals onder meer bij tl-buizen, gloeilampen of spaarlampen wel het geval is. Omdat ledverlichting duurzaam is en langer meegaat dan conventionele verlichting, help je ook mee aan het verminderen van

©

VA

de C02-uitstoot.

128 THEMA 3

LEVEL 6


LED-GASONTLANDINGSLAMP Led-gasontladingslampen of HID-lampen (High-Intensity Discharge) zijn een energiezuinig alternatief voor de oudere gasontladingslampen. Ze geven helder licht in grote ruimtes. Veel gebruikte toepassingen zijn de industrie, detailhandel, bij grote ketenwinkels in kmo-zones waar hoge plafonds zijn, of als stadsen straatverlichting … Led-gasontladingslampen zijn heel geschikt als diffuse

lichtbron in winkels. Ze zijn minder geschikt voor een etalage omdat ze enkele minuten nodig hebben om hun volledige

IN

capaciteit af te geven.

Led-gasontladingslampen zijn kwikvrij en besparen veel

energie.

Ook ben je verzekerd van lage vervangingskosten, omdat deze

lampen tot wel 20 jaar lang meegaan.

Bekijk de afbeeldingen. De fitting is de metalen houder voor een lamp. Die is niet bij iedere ledlamp dezelfde. Noteer de kenmerken van de fitting. Raadpleeg het internet om de benamingen te vinden.

N

4

B

C

©

VA

A

THEMA 3

LEVEL 6 129


RGB-LEDVERLICHTING RGB staat voor rood, groen en blauw, de drie hoofdkleuren van het additieve kleursysteem. In verlichting vind je RGB vooral terug voor de gekleurde verlichting, je kunt hiermee namelijk miljoenen verschillende kleuren licht vormen, maar ook wittinten. RGBledverlichting is perfect als diffuus lichtaccent dat je steeds van kleur kunt veranderen. RGB bestaat als lamp maar ook in strips- (tube-)

5

N

IN

verlichting rond ramen, podia … als directe en indirecte verlichting.

Bedenk drie toepassingen voor gekleurd licht in een winkelpresentatie.

VA

Armatuur

©

Een armatuur is een houder, de behuizing van een lamp, waarvan het doel is het licht juist te richten. De lichtbron zelf is een lamp. Om die te laten branden, aan te sluiten op het spanningsnet en te bevestigen tegen of in het plafond, de muur, achter een paneel … heb je een armatuur nodig.

1

130 THEMA 3

LEVEL 6

2

3


De lichtbron en armatuur zijn op elkaar aangepast qua vorm (langwerpig, rond …), functie (opbouw, inbouw, vast, beweegbaar …), en grootte. Een armatuur voor een spotlamp ziet er totaal anders uit dan een voor een tl-lamp. De opbouwarmaturen voor een spotlamp kun je richten op verschillende plaatsen in de etalage en daardoor die plaats extra accentueren. Armaturen zijn er in diverse materialen en kleuren. Op de sites van enkele Belgische fabrikanten zoals Modular, Deltalight en Kreon vind je meer informatie. Bekijk de afbeeldingen in de kennislijn. Neem nu de lampen van vraag 4 erbij. Kun je de lampen van vraag 4 verbinden aan de juiste armatuur? LAMP

IN

6

ARMATUUR

A

B

C

Regel spots enkel als de lampen koud zijn. Knoop nooit draden rond armaturen en/of lampen: ze kunnen warm worden en zo kortsluiting veroorzaken. Reinig lampen enkel met een droge doek en als ze afgekoeld zijn. Controleer altijd of de netsterkte wel juist is (220 V) voordat je elektrische elementen gebruikt (draaischijf, bewegende decoratie …)

©

VA

N

Good to know

THEMA 3

LEVEL 6 131


TO THE POINT Het lichtplan Verschillende factoren bepalen het lichtplan: de vorm van de ruimte de gebruikte materialen (hout, glas, stof of vloerbedekking … ) de architectuur het artikel het type licht (grote of kleine bundel licht)

IN

De kleurtemperatuur of lichtkleur en intensiteit stemmen we af op het soort etalage of winkel. Warme kleuren gebruiken we om sfeer en rust te brengen. We gebruiken ze vooral in kleding-, schoen- en babykledingzaken. De meer heldere verlichting passen we toe in voedingswinkels en bij technische artikelen, zoals huishoudelijk witgoed, auto-onderdelen, zuivel- of kaaswinkels …

N

Verlichtingstypen Er zijn verschillende verlichtingstypen: basisverlichting: egaal verspreid licht, bijvoorbeeld door tl-verlichting diffuus licht: door weerkaatsing verspreidt licht accentverlichting: spots met brede of smalle bundel uplighters: lichtbron vanuit de vloer downlighters: lichtbron vanaf het plafond

VA

Daarnaast kun je gebruikmaken van directe verlichting: een zichtbare lichtbron indirecte verlichting: een verscholen lichtbron

©

Lichtbronnen en armatuur De lichtbronnen hebben een armatuur. Dat is de behuizing of houder van een lamp met als doel het licht juist te richten. Er bestaat armatuur van verschillende materialen, groottes, kleuren en functies. Met de gradenbundel kun je de hoek (breedte) van de lichtbundel benoemen en je lichtbron zoals een spot richten op je object. De meest voorkomende verlichting in etalages en winkels is de energiezuinige en milieuvriendelijke ledverlichting in de vorm van spots, tl-lampen en gasontladingslampen (HID). De RGB-ledlamp geeft kleur aan de etalage.

132 THEMA 3

LEVEL 6


Action 1—

Kun je de juiste verlichting aanduiden?

Je gaat voor twee verschillende winkels de verlichting bepalen. Vul het schema in.

B

IN

A

A BOETIEK

B SUPERMARKT

Waar gebruik je sfeerverlichting?

b

Waar gebruik je functionele verlichting?

c

Welke kleurtemperatuur gebruik je?

d

Hoeveel kelvin heb je nodig?

e

Waar gebruik je directe verlichting?

VA

N

a

Waar gebruik je indirecte verlichting?

g

Waar gebruik je basisverlichting ?

h Wanneer van toepassing, onder welke vorm gebruik je de basisverlichting?

i

Waar gebruik je accentverlichting?

j

Onder welke vorm?

k

Waar kun je down- en uplighters gebruiken?

©

f

THEMA 3

LEVEL 6 133


Action 2—

Kun je een lichtbron bij passend armatuur plaatsen?

Je zoekt tien verschillende afbeeldingen van armaturen: vijf voor een supermarkt en vijf voor een boetiek. Plaats telkens de juiste lamp erbij. Op diddit vind je enkele sites die je kunt gebruiken voor je opdracht.

2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

1

Je maakt een fotomontage van verschillente verlichtingstypen. Hiervoor ga je met je fototoestel op stap in een winkelstraat. Neem foto’s van de verschillende soorten verlichting in de etalage. Vraag iedere keer eerst toestemming aan de winkelier. In je fotomontage: maak je foto’s van: — een gasontladingslamp — ledverlichting — diffuus licht — minimaal twee keer accentverlichting (spots) — basisverlichting — indirecte verlichting — uplighters — downlighters — verschillende armaturen beschrijf je iedere keer het type verlichting dat op je foto gebruikt wordt; noteer je of de juiste verlichting in overeenstemming is met het artikel; schrijf je bij spots de plaats op waar ze in de etalage gebruikt zijn en of ze goed gericht staan.

©

VA

1

Kun je een fotomontage maken van de verlichting van een etalage en het winkelinterieur?

N

Action 3—

2

134 THEMA 3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 6


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik ken de verschillende lichtbronnen.

2

Ik kan het verschil tussen direct en indirect licht toelichten.

3

Ik kan het verschil tussen up- en downlighters herkennen.

4

Ik kan de kelvin-waarde toepassen.

5

Ik heb aandacht voor het milieu door het gebruik van energiezuinige lichtbronnen.

IN

1

©

VA

N

THEMA 3

LEVEL 6 135


Beeldwoordenboek Level 6 VERKLARING

accentverlichting

Deze verlichting heeft als doel de eentonigheid van basisverlichting te doorbreken. Hiervoor maken we gebruik van spotlampen.

armatuur

Dat is de behuizing van een lamp.

basisverlichting

Dat is gelijkmatig en diffuus licht, bijvoorbeeld door een tl-verlichting. Als er geen ander licht wordt gebruikt, dan kan dit saai overkomen.

N

VA

Dat is een lichtbron die zichtbaar is. In de winkel en etalage gebruik je daarvoor direct licht zoals spotlampen en tl-lampen.

diffuus licht

Dat is verspreid licht in de ruimte zonder sterke schaduwen.

©

directe verlichting

136 THEMA 3

AFBEELDING

IN

BEGRIP

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 6


BEGRIP

VERKLARING Dat zijn lampen die naar beneden schijnen.

gradenbundel

Dat is de bundelbreedte van een spotlamp.

indirecte verlichting

Dat is een lichtbron die verscholen zit, meestal achter een paneel tegen een wand of in het plafond. In de winkel en etalage gebruik je voor indirect licht tl-lampen en strips of slangverlichting.

kleurtemperatuur

Dat is de lichtkleur van een lamp uitgedrukt in kelvin.

VA

N

IN

downlighters

AFBEELDING

©

led-gasontlandingslamp

ledverlichting

Deze lampen geven helder licht in grote ruimtes. Veel gebruikte toepassingen zijn de industrie of bij grote ketenwinkels in kmo-zones waar hoge plafonds zijn, en als stads- en straatverlichting. Dat is een energiezuinig alternatief voor de oudere gasontladingslampen.

Dat is energiezuinige verlichting in de vorm van spots, tl-lampen, gasontladingslampen, RBGlampen …

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 6 137


BEGRIP

VERKLARING Dit type verlichting zorgt voor de sfeerverlichting. Met de lichtkleuren rood, groen en blauw kun je talloze kleuren vormen en ook tinten witlicht.

uplighters

Dat zijn lampen die het plafond verlichten.

verlichtingstypes

Geslaagde verlichting bestaat uit een combinatie van basisverlichting met accentverlichting.

©

VA

N

IN

RGBledverlichting

138 THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

AFBEELDING

LEVEL 6


LEVEL 7 Hoe kun je 2D en 3D in een presentatie verwerken? INTRO

1

IN

Als je weet waar je de artikelpresentatie gaat maken, met welke artikelen, met welke kleurharmonie en met welke verlichting je het geheel zult accentueren, dan rest er alleen nog de vraag onder welke vorm je de presentatie gaat maken. De presentatie die je maakt, hangt af van de ruimte die je tot je beschikking hebt. Want het presenteren van enkele artikelen in een toonbank is heel verschillend van het presenteren van een serie etalagepoppen in een etalage.

Bekijk via diddit een kort filmpje over 3D. Wat in het filmpje lengte heet, noemen wij de hoogte. a

Waarvoor staat de ‘D’ in 3D? Welke lijnen komen in 3D aan bod?

N

b

c

VA

Wat heb je nodig om 3D te kunnen zien?

d

Waar ervaar je 3D?

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen:

Wat is een 2D-compositie en welke varianten zijn er? Wat is een 3D-compositie en de varianten? Wat is een beeldlijn? Wat is symmetrie en asymmetrie? Waar plaats ik zwaardere en lichtere artikelen in een compositie?

©

2

THEMA 3

LEVEL 7 139


Explore 1— Wat zijn dimensies? 1D, 2D EN 3D Je hebt vast al gehoord van 3D. Denk maar aan een 3D-printer, de virtualrealitybril of de Avatar-film in 3D kijken. De ‘D’ van 1D, 2D en 3D staat voor dimensie: dat zijn de richtingen

IN

waarin je kunt werken: hoogte, breedte en diepte. Dit duid je aan met h x b x d.

Een presentatie tegen

In een etalage of op een

dimensie meten. Je hebt dan

het platte vlak noemen

podium werk je los in de

een lijn.

we tweedimensionaal of

ruimte en dat noemen we

afgekort 2D. Hierbij kun je

driedimensionaal of afgekort

de hoogte en breedte van je

3D. Hierbij kun je hoogte,

presentatie meten.

breedte en diepte meten.

VA

N

Bij 1D kun je maar 1

In ons dagelijks leven kennen we vier dimensies. Je kent er nu al drie die over ruimte gaan. De vierde dimensie is tijd, maar deze heeft niets met presentatie te maken. a

Noteer de drie dimensies van ruimte:

b

Ken je het verschil tussen 1D, 2D en 3D? Vul in. Kies uit:

©

1D – 2D – 3D – lijn – plat vlak – volume of ruimte – hoogte (h) – breedte (b) – diepte (d)

140 THEMA 3

NAAM

AANTAL DIMENSIES

SOORT DIMENSIES

LEVEL 7


c

Vul nu ook deze tekst aan. Een 2D-presentatie is een presentatie tegen een De twee dimensies daarbij zijn:

. en

2D-compositie

N

IN

2D-composities gebruik je vaak instore om je artikelen te A presenteren. Je kunt ze tegen de wand gebruiken in ondiepe etalages, nissen en vitrinekasten. Ze nemen weinig plaats in en maken het winkelinterieur aangenamer. In een compositie noem je het punt van waaruit de dimensielijnen hoogte en breedte vertrekken de kern (K). 2D-composities hebben twee breedtelijnen die samen een rechte basis vormen zoals bij een driehoek. Dit is een compositie op rechte basis. De basis bestaat uit de breedtelijnen K-B links en K-C rechts. De lijnen vertrekken vanuit de kern K. De lijn K-A geeft de hoogte van je B C compositie weer. Voorbeelden van 2D-composities zijn een K presentatie op een paneel tegen de wand, plat op de vloer van een etalage, op een podium of in een toonbankvitrine, zolang de composities maar plat of vlak zijn opgebouwd.

3D-compositie

©

VA

Een 3D-compositie maak je in de ruimte. In een 3D-compositie zijn de hoogte, breedte en diepte duidelijk afgelijnd. Ook bij een 3D-compositie vertrekken de dimensielijnen vanuit een punt: de kern.

A

C B

K

THEMA 3

LEVEL 7 141


De realisatie van een 2D-compositie op een vloer, presenteertafel of podium geeft je meer mogelijkheden dan op een paneel tegen de wand. Omdat je de artikelen niet moet opspelden, is deze opdracht ook sneller klaar. Zorg wel voor een mooie, gladde afwerking van de plooi- en vouwtechnieken. Leg de artikelen strak gespannen in je compositie. Strijk daarvoor met je handen het artikel rimpelloos. Vouw polo’s, T-shirts en dunne pullovers rond een stevig A4-blad. Dubbelgevouwen geeft dat een mooie, ronde gevouwen rug.

IN

Tip:

Starter 3 | Hoe maak je een combinatie van een 2

Let erop dat je ook in een open etalage of in-storepresentatie de beschikbare ruimte optimaal benut. Een hoge compositie geeft een slank effect en laat je toe om meer artikelen op een kleinere oppervlakte te presenteren.

N

Tip:

©

VA

Een 2D-compositie wordt 3D als je vanuit de kern een hoogtelijn opbouwt. Op de foto is de hoogtelijn gerealiseerd door middel van een buste en een racket. Op een buste kun je meerdere kledingstukken en accessoires over elkaar presenteren. Zorg bij een open etalage of een instore presentatie voor een nette afwerking aan alle kanten. De klant kan je presentatie namelijkT I P vanuit alle hoeken bekijken.

Op een buste kun je ook meerdere kledingstukken Bij een in-storepresentatie kun je de presentatie v kanten goed af.

Hoe maak je een combinatie van een 2D-composit

Stap 1: Bekleed een paneel (van etalage of podiu de kleuren van je artikelen.

Stap 2: Maak een artikelselectie uit het sportgam

Stap 3: Kleed de buste aan. Let op de pasvorm (v afwerking.

Stap 4: Plaats eerst de buste in je etalage of op je compositie aan. 142 THEMA 3

LEVEL 7

Stap 5: Verwerk daarbij de andere artikelen, reke -afspraken. Let op de strakke, gladde ver


Explore 2— Hoe ga je 2D en 3D in een artikelpresentatie verwerken?

IN

Bekijk aandachtig de afbeeldingen en beantwoord de vragen.

a

Dit is een

b

Waartegen is deze presentatie opgebouwd?

artikelpresentatie.

b

Waar is deze presentatie opgebouwd?

artikelpresentatie.

Welke artikelen zijn er gebruikt?

c

Welke artikelen zijn er gebruikt?

N

d

Dit is een

c

a

Welke dimensies herken je in de presentatie?

d

Welke dimensies herken je in de presentatie?

Markeer de kern en teken de hoogte-, breedte- en dieptelijnen.

e

Markeer de kern en teken de hoogte-, breedte- en dieptelijn.

f

Is er decoratie gebruikt?

f

Is er decoratie gebruikt?

VA

e

g

Zijn hier warme of koude kleuren gebruikt?

g

h

Hoeveel kleuren zijn er gebruikt?

h

©

Is dit monochroom of polychroom, met of zonder neutrale kleuren? monochroom

j

k

De gebruikte overige kleuren zijn:

i

polychroom

De gebruikte neutrale kleuren zijn:

Is het een bonte of eerder een eenvoudige kleurcombinatie?

i

Zijn hier warme of koude kleuren gebruikt?

Is dit monochroom of polychroom, met of zonder neutrale kleuren? monochroom

j

polychroom

De gebruikte neutrale kleuren zijn:

k

De gebruikte overige kleuren zijn: THEMA 3

LEVEL 7 143


Explore 3— Wat is een 2D-compositie? COMPOSITIE

Action 6 | Kun je een monochrome 2D-beeldlijncompositie maken? Een compositie is het evenwichtig ordenen van de verschillende elementen tot een geheel, een groep. Tot de elementen van je presentatie behoren: artikelen, producten, decoratie, opbouwmaterialen, hulpmiddelen … Een compositie is evenwichtig als de linker- en Hoe maak je een monochrome 2D-beeldlijncompositie? rechterkant van de denkbeeldige middellijn even zwaar zijn qua zicht.

Stap 1: Neem een vlakke ondergrond (stevig karton of een zachtboardpaneel).

IN

Stap 2: Schilder of bespan in de door jou gekozen kleur. Stap 3: Neem doosjes, al dan niet van dezelfde grootte. 2D-compositie

Stap 4: Verpak ze in een monochrome kleur die bij je achtergrond past en versier eventueel met

1

N

Een 2D-compositie een strik. zie je instore op wandplaten, op een stang, in de etalage tegen zij- en/of achterwand, plat op een podium of de etalagevloer, in een toonbankvitrine … Stap 5: Kleef of speld ze in een geordende beeldlijncompositie naar keuze. Een 2D-compositie bestaat uit lijnen. Stap 6: Werk het geheel mooi af. Een compositie heeft altijd: hoogtelijn (K-A): datcompositie is meestal en de bewaar langste;in je portfolio. Sla je werk op als VM5_Focus3_ Stap—7:een Neem een foto van je — twee of meer breedtelijnen (K-B, K-C …). Action6_2Dbeeldlijncompositie_met_doosjes Die lijnen zijn aanwijsbaar en vertrekken vanuit een kern. De lijnen krijg je door het plaatsen, Stapopstapelen 8: Evalueer opdracht. Het evaluatieformulier vind je bij onlinelesmateriaal. enjehet rangschikken van elementen (artikelen). Dehet eenvoudigste compositie heeft de vorm van een driehoek. Een driehoekcompositie is een compositie op rechte basis.

TBekijk O T HdeEafbeelding. P O I N T Benoem de compositielijnen.

VA

a jeK: compositie maakt, is het belangrijk dat de boodschap goed overkomt. Als een Om evenwichtige 2D-compositie te maken, let je op de hoogte- en breedtelijnen die je kunt b een K-A: verwerken in elk van deze vier basiscomposities: c

K-B:

©

1d opK-C: rechte basis

2

2 met doorlopende hoogtelijn

B

K

Ontleed de compositie.

3 met schuine breedtelijn

144 THEMA 3

A

a

Is deze compositie een groep?

b

Waar is deze compositie gemaakt?

c

Welke lijn is de langste?

d

Uit welk punt vertrekken de lijnen?

e

Waar zijn de grootste elementen geplaatst?

LEVEL 7

4 met meerdere breedtelijnen

C


me 2D-beeldlijncompositie?

Stap 2: Schilder of bespan in de door jou gekozen

Stap 3: Neem doosjes, al dan niet van dezelfde g

e ondergrond (stevig karton of een zachtboardpaneel).

Stap 4: Verpak ze in een monochrome kleur die b een strik.

an in de door jou gekozen kleur. hrome 2D-beeldlijncompositie maken? f Waar staan de kleinere elementen? l dan niet van dezelfde grootte.

Stap 5: Kleef of speld ze in een geordende beeldl g bijHoe zijn de doosjes geschikt: schuin, scheef met of haaks? monochrome kleur die je achtergrond past en versier eventueel Stap 6: Werk het geheel mooi af. e 2D-beeldlijncompositie? h Welke vorm heeft de compositie? Stap 7: Neem een foto van je compositie en bewa in een geordende beeldlijncompositie naar keuze. i Is de groep evenwichtig? ndergrond (stevig karton of een zachtboardpaneel). Action6_2Dbeeldlijncompositie_met_doo mooi af. in de door jou gekozen Stap 8: Evalueer je opdracht. Het evaluatieformu 3 Opkleur. een 2D-basiscompositie kun je variaties maken. De eenvoudigste compositie is de compositie an je compositie en bewaar in je portfolio. Sla je werk op als VM5_Focus3_ met de vorm van een driehoek op een rechte basis, zoals de afbeelding bij vraag 1. Op basis van an niet van dezelfde grootte. lijncompositie_met_doosjes die compositie kun je drie varianten maken waarmee je nog tal van andere mogelijkheden kunt onochrome kleur die bij je achtergrond past en versier eventueel met TO THE POINT acht. Het evaluatieformulier vind je bij het onlinelesmateriaal. bedenken.

Hetbasiscomposities: evaluatieformulier vind je bij het onlinelesmateriaal. eht.vier b

IN

een geordende beeldlijncompositie naar keuze.aan om welke compositie het gaat. Als je eenuit: compositie maakt, is het belangrijk dat a Vul bij elke afbeelding Kies Om een evenwichtige 2D-compositie te maken, let ooi af. compositie met schuine breedtelijn – compositie met meer – basiscomposities: verwerken in elkbreedtelijnen van deze vier je compositie en bewaar in je portfolio. Sla je werk op als VM5_Focus3_ compositie met doorlopende hoogtelijn akt, is het belangrijk dat de boodschap goed overkomt. ncompositie_met_doosjes 1 op rechte basis 2 compositie te maken, let je op de hoogte- en breedtelijnen die je kunt Plaats op elke afbeelding de onderdelen: K, K-A, K-B, K-C en waar nodig K-D.

2 met doorlopende hoogtelijn

VA

2 met doorlopende hoogtelijn

3 met schuine breedtelijn

4

4 met meerdere breedtelijnen

Hierbij vertrekt vanuit de compositie op rechte basis een van de breedtelijnen schuin naar onderen:

©

n

N

, is het belangrijk dat de boodschap goed overkomt. mpositie te maken, let je op de hoogte- en breedtelijnen die je kuntHierbij loopt de hoogtelijn door tot onder de basis. er basiscomposities: Zo creëer je twee driehoeken op eenzelfde basis:

4 met meerdere breedtelijnen

30 M E & C o m pa n y Hierbij combineer je de twee bovenstaande composities: een doorlopende hoogtelijn met meerdere schuine breedtelijnen:

552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 30

20/01/17 12:27

THEMA 3

LEVEL 7 145


Je hebt misschien automatisch een voorkeur om symmetrisch of asymmetrisch te werken. Houd

2 compositie metmet doorlopende hoogtelijn echter rekening je artikel en je doelgroep om je keuze te maken en wissel ook eens af. 3 compositie met schuine breedtelijn 4Vink compositie breedtelijnenje symmetrisch kunt maken: aan welkemet van meerdere de vier basiscomposities

S S

1 compositie op rechte basis Explore 4— je een 2D-compositie maken Starter 4 | Kun Kun je ook een compositie maken met een beeldlijn?met een beeldlijn? 2 compositie met doorlopende hoogtelijn 3 compositie met schuine breedtelijn

4 compositie met meerdere Bekijk de afbeeldingen. Dezebreedtelijnen compositie is opgebouwd rond een beeldlijn in de vorm van een S. Een beeldlijn leidt je ogen vanzelf doorheen de compositie en laat je zo alles bekijken zonder zaken over Starter 4 | Kun je ook een compositie maken met een beeldlijn? te slaan. Het touw versterkt hier de lijn en brengt een speels effect binnen deze compositie.

IN

1

De composities zijn opgebouwd rond een S-beeldlijn. Een beeldlijn leidt je ogen vanzelf doorheen de compositie en laat je zo alles bekijken zonder zaken over te slaan.

N

In deze compositie valtopgebouwd de diagonale meteen op. beeldlijn zijn rondbeeldlijn eenbeeldlijn S-beeldlijn. Een aDe composities Bekijk de afbeeldingen. Welke ontdek je hier?leidt je ogen vanzelf doorheen de compositie en laat je zo alles bekijken zonder zaken over te slaan.

VA

In deze compositie valt de diagonale beeldlijn meteen op.

Welke andere beeldlijnen kun je nog gebruiken in je compositie? Teken in deze kaders. V is ual merch andze is ing | Focus 3 25 Noteer de uitleg eronder. Visu al merch an d isin g | Fo cu s 3 25

©

b

552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 25

20/01/17 12:27

552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 25

146 THEMA 3

20/01/17 12:27

LEVEL 7


Explore 5— Kun je 3D in een artikelpresentatie verwerken?

3D-compositie Een 3D-compositie is een groep artikelen die je kunt plaatsen in de ruimte, zoals in de etalage, instore, op beurzen of tentoonstellingen ... Een 3D-compositie bestaat uit lijnen. Behalve de hoogte en breedte komt er in een 3D-compositie nog een derde dimensie aan bod: de diepte.

IN

Een 3D-compositie heeft steeds: een hoogtelijn (K-A); een of twee breedtelijnen (K-B, K-C) in een variabele breedte; een breedtelijn (K-B) kan vanuit de kern schuin achterwaarts lopen; een of meer dieptelijnen (K-D).

De lijnen zijn altijd aanwijsbaar en vertrekken vanuit een kern. Je kunt de lijnen in je compositie verwerken door het plaatsen, opstapelen en het rangschikken van je artikelen. Je kunt de artikelen overlappen door deels voor of achter elkaar plaatsen, tegen elkaar te zetten of met spanning een beetje tussenruimte te creëren. Ook de decoratie, opbouwmaterialen en andere hulpmiddelen kunnen de 3D-compositie versterken. Het eindresultaat van de opstelling is een piramide. Deze basiscompositie noemen we compositie met rechte dieptelijn. a b

N

1

Teken de compositielijnen op de compositie. Maak gebruik van een lat en potlood. Benoem de compositielijnen. K:

VA

K-A:

K-B:

K-C:

K-D:

Ontleed de compositie. a

Is deze compositie een groep?

b

Waar is deze compositie gemaakt?

©

2

c

Welke lijn is de langste?

d

Uit welk punt vertrekken de lijnen?

e

Waar zijn de grootste elementen geplaatst?

f

Waar staan de kleinere?

g

Zijn de artikelen schuin, scheef of haaks geschikt?

h

Welke vorm heeft de compositie?

i

Is de groep evenwichtig?

THEMA 3

LEVEL 7 147


3

Welke varianten van 3D-composities kun je maken? Naast de 3D-basiscompositie met rechte dieptelijn kun je nog twee andere varianten uitwerken. a

Bekijk de twee afbeeldingen. Vul in om welke compositie het gaat. Kies uit: compositie met schuine dieptelijn – compositie met meerdere dieptelijnen

b

Plaats op elke afbeelding de compositielijnen en benoem ze: K, K-A, K-B, K-C en waar nodig K-D.

IN

Bij deze compositie laat je de dieptelijn van de vorige compositie weg en verwerk je een breedtelijn, door de elementen naar voren te schikken als een dieptelijn:

N

VA

Hierbij gebruik je meerdere dieptelijnen. Combineer de compositie met rechte dieptelijn en de schuine dieptelijn. Voeg er eventueel vanuit de kern nog dieptelijnen aan toe:

©

Explore 6— Kun je een 3D-compositie maken met een beeldlijn?

De vorm van de compositie Sommige composities bouw je op rond de piramidevorm. In de andere composities werk je volgens een beeldlijn en/of met herhaling. Om verschil in hoogte te creëren, maak je gebruik van opbouwmaterialen zoals podia, zuilen, displays ... Opbouwmateriaal zorgt voor ondersteuning en maakt het je gemakkelijker om de compositie te verwerken. Zorg ervoor dat je alle elementen evenwichtig in de ruimte hebt staan. Ga eens naar buiten om naar je etalage te kijken. Verschuif de elementen tot je een mooi geheel bereikt. Je kunt de elementen ook laten overlappen.

148 THEMA 3

LEVEL 7


1

Bekijk aandachtig de presentaties van 3D-composities.

2

Noteer onder elk ontwerp om welke compositievorm het gaat. Bij sommige afbeeldingen kun je meer dan een vorm noteren. Kies uit: horizontale beeldlijn – diagonaal (2X) – golfbeweging – herhaling (3X) – piramide (2X) – rond of ovaal – zigzag

B

IN

A

N

© Shutterstock / Deman

D

©

VA

C

© Shutterstock / Sergey Bezgodov

© Shutterstock / Sorbis

THEMA 3

LEVEL 7 149


© Shutterstock / v74

© Shutterstock / v74

H

VA

G

N

F

IN

E

©

I

150 THEMA 3

LEVEL 7

J


Explore 7— Kun je symmetrisch of asymmetrisch werken? SYMMETRISCHE EN ASYMMETRISCHE COMPOSITIES Bij een symmetrische compositie zijn beide kanten gelijk: ze zijn elkaars spiegelbeeld.

Symmetrie zorgt altijd voor een rustiger geheel. Het geeft een statige, klassieke, massale indruk. Bij een asymmetrische compositie zijn beide kanten ongelijk. Dit zorgt dan weer voor

1

IN

beweging en energie. Het is dynamisch, afwisselend en sportiever.

Je kunt een 2D- en 3D-compositie symmetrisch of asymmetrisch samenstellen. Vergelijk de breedtelijnen van de composities. a

Duid op afbeelding A het kernpunt aan met een stip.

b

Gebruik lat en potlood om de hoogte- en breedtelijnen aan te duiden.

Noteer de juiste letters (K, A, B, C) op afbeelding A.

d

Kun je de compositie spiegelen rond de hoogtelijn?

e

Kruis aan:

N

c

A

Deze compositie is

symmetrisch asymmetrisch

Welk gevoel geeft het jou?

g

Duid op afbeelding B het kernpunt aan met een stip.

h

Gebruik lat en potlood om de hoogte- en

VA

f

B

breedtelijnen aan te duiden.

i

Noteer de juiste letters (K, A, B, C, D, E ...) op afbeelding B.

Kun je de compositie spiegelen rond de

©

j

hoogtelijn?

k

Kruis aan: Deze compositie is

l

symmetrisch asymmetrisch

Welk gevoel geeft het jou?

THEMA 3

LEVEL 7 151


Gelukkig geeft asymmetrie volgens de compositielijnen een meer geordend beeld. Welke van de basiscomposities kun je symmetrisch maken? Kruis aan. a

2D-compositie op rechte basis

b

2D-compositie met doorlopende hoogtelijn

c

2D-compositie met schuine breedtelijn

d

2D-compositie met meerdere breedtelijnen

e

3D-compositie met rechte dieptelijn

f

3D-compositie met schuine dieptelijn

g

3D-compositie met meer dieptelijnen

IN

2

Explore 8— Kun je zware en lichte voorwerpen plaatsen in een compositie?

N

Rangschikking zware en lichte elementen

VA

Plaats in je compositie rond de kern altijd de zwaarste elementen. Dit zijn de grote, gesloten volumes in felle of juist in donkere kleuren. De lichtere elementen plaats je in de compositie het verste van de kern. Dit zijn kleinere of open elementen met een lichte kleur. Bij de rangschikking, opstapeling, ordening van je compositie zorgt je voor een geleidelijke overgang van groot naar klein.

Bekijk de afbeelding. Welk doosje lijkt het lichtst?

©

1

152 THEMA 3

a

Welk doosje lijkt het lichtst?

b

Welk doosje lijkt het zwaarst?

LEVEL 7


2

Bekijk via diddit het filmpje over de opbouw van een compositie. a

Welke elementen worden als eerste neergezet bij de opbouw van deze compositie? Kruis aan. de lichte elementen

b

de zware elementen

Is dit een symmetrische of een asymmetrische compositie? Kruis aan. symmetrisch

asymmetrisch

Uit Uitwelk welkpunt puntvertrekken vertrekkendedelijnen? lijnen? Waar Waarzijn zijndedegrootste grootsteelementen elementengeplaatst? geplaatst?

TO THE POINT Waar Waarstaan staandedekleinere? kleinere?

IN

Hoe Hoezijn zijndedeparfumdoosjes parfumdoosjesenen-flesjes -flesjesgeschikt? geschikt? Welke Welkevorm vormheeft heeftdedecompositie? compositie?

Let Letopopdedeparfumflesjes. parfumflesjes.Wat Watvalt valtjejeop? Afhankelijk van de op? ruimte die je ter beschikking hebt, maak je een 2D- of 3D-compositie. Een 2D-compositie plaats je tegen een vlak, wand of vloer en heeft een hoogte (h) en een breedte IsIsdedegroep groepevenwichtig? evenwichtig? Naast de 3D-basiscompositie met rechte dieptelijn kun je nog twee andere varianten uitwerken. (b): h x b. De hoogte- en breedtelijnen vertrekken vanuit de kern (k). Die kun je verwerken in Vul bij elke afbeelding aanStarter om welke compositie het gaat: Starter2 2| |Welke Welkevier vier2D-basiscomposities 2D-basiscompositieskun kunjejeonderscheiden? onderscheiden? elk van deze vier basiscomposities of driehoekcomposities: InInStarter 1 1leerde jejededeeenvoudigste compositie kennen: dededriehoekscompositie Starter leerde eenvoudigste compositie kennen: driehoekscompositieopopeen eenrechte rechte schuine dieptelijn – met basis. meerdere dieptelijnen – rechte dieptelijn basis. vancompositie op rechte basis tal van andere composities Op Opbasis basis vandie diecompositie compositiekun kunjejedrie drievarianten variantenmaken, maken,waarmee waarmeejejenog nog tal van andere composities kunt kunt bedenken. bedenken. compositie met doorlopende hoogtelijn Vul het Vulbijbijelke elkeafbeelding afbeeldingaan aanom omwelke welkecompositie compositie hetgaat: gaat: Compositie met Compositie met met breedtelijn – –opoprechte – –met schuine compositie met schuine breedtelijn met schuine breedtelijn– –met metmeer meerbreedtelijnen breedtelijnen rechtebasis basis metdoorlopende doorlopendehoogtelijn hoogtelijn compositie met meerdere breedtelijnen Compositie Compositie

Starter 2 | Wat zijn de mogelijke 3D-basiscomposities?

Compositie

Compositie Compositie

Compositie

VA

N

Compositie Compositie

De Dehoogtelijn hoogtelijnloopt looptdoor doortot totonder onderdedebasis. basis. Trek één van beide breedtelijnen schuin naar Combineer een doorlopende hoogtelijn met ZoZocreëer Trek één van beide breedtelijnen schuin naar Combineer een doorlopende hoogtelijn met creëerjejetwee tweedriehoeken driehoekenopopéén éénbasis. basis.

meerdere schuine breedtelijnen. Een 3D-compositie plaats je in een ruimteonder. en onder. heeft een hoogte (h) x breedte x diepte (d): meerdere(b) schuine breedtelijnen. h x b x d. Ook deze lijnen vertrekken uit de kern. Om een evenwichtige 3D-compositie te Starter 3 | Werk je het best symmetrisch of asymmetrisch? maken, moet je letten op de hoogte-, breedtedieptelijnen die jeofkunt verwerken. Starter 3en | Werk je het best symmetrisch asymmetrisch? 2323 Vergelijk de twee breedtelijnen van elke compositie. Vergelijk de twee breedtelijnen van elke compositie.

Visua l merchandis ing Visua l merchandis ing| |Focus Focus3 3

Verplaats de dieptelijn naar links of rechts, Er zijn drie basiscomposities: Starter 2 | Wat 2 | Wat zijn de de mogelijke 3D-basiscomposities? 3D-basiscomposities? zodat de lijn aansluit bij eenStarter breedtelijn en zijnmogelijke vanuit de kern. compositie metvertrekt rechte dieptelijn Naast Naast de 3D-basiscompositie de 3D-basiscompositie met met rechte rechte dieptelijn dieptelijn kun je kun nog je twee nog twee andere andere varianten varianten uitwerken. uitwerken.

552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 23 552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 23

20/01/17 12:27 20/01/17 12:27

Vul bij Vulelke bij elke afbeelding afbeelding aan om aanwelke om welke compositie compositie het gaat: het gaat:

compositie met schuine dieptelijn schuine schuine dieptelijn dieptelijn – met – met meerdere meerdere dieptelijnen dieptelijnen – rechte – rechte dieptelijn dieptelijn Compositie compositie met meerdere dieptelijnen met

©

Compositie Compositie met met

Compositie Compositie met met

Duid het kernpunt aan. Duid het kernpunt aan. Kun je de compositie spiegelen rond de Kun je de compositie spiegelen rond de middellijn? middellijn? Hoe noem je deze compositie? Hoe noem je deze compositie?

Duid het kernpunt aan. Duid het kernpunt aan. Kun je de compositie spiegelen rond de Kun je de compositie spiegelen rond de middellijn? middellijn? Hoe noem je deze compositie? Hoe noem je deze compositie?

Symmetrische en asymmetrische compositie Symmetrische en asymmetrische compositie

Gebruik meerdere dieptelijnen. Combineer de rechte dieptelijn en de schuine dieptelijn. Voeg er eventueel vanuit de kern nog dieptelijnen aan toe. 24

Je compositie kun je symmetrisch of asymmetrisch samenstellen: Je compositie kun je symmetrisch of asymmetrisch samenstellen: Bij een symmetrische compositie zijn beide kanten gelijk: ze zijn elkaars spiegelbeeld. Bij een symmetrische compositie zijn beide kanten gelijk: ze zijn elkaars spiegelbeeld. Symmetrie zorgt altijd voor een rustiger geheel. Het geeft een statige, klassieke, massale indruk. Symmetrie zorgt altijd voor een rustiger geheel. Het geeft een statige, klassieke, massale indruk. Een asymmetrische compositie zorgt dande weer voor beweging enrechts, energie. Het is dynamisch, Verplaats de dieptelijn naar links ofHet rechts, Verplaats dieptelijn naar links of Een asymmetrische compositie zorgt dan weer voor beweging en energie. is dynamisch, afwisselend en sportiever. deaansluit lijn aansluit bij breedtelijn een breedtelijn zodatzodat de lijn bij een en en afwisselend en sportiever. vertrekt vanuit de kern. vertrekt vanuit de kern.

met met 24 M E & Co m p aCompositie n y Compositie M E & Co m p a n y

ME & Com pany

WS_M&C_VM5.indb 36

THEMA 3

552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 24 552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 24

20/01/17 12:27

20/01/17 LEVEL 7 20/01/17 15312:27


IN

Je maakt je composities extra interessant door een beeldlijn te gebruiken en zo je producten te laten opvallen. Sommige etalages zijn opgebouwd rond een piramidevorm. Andere composities gebruiken het principe van herhaling. Er wordt vaak gebruikgemaakt van blokken en zuilen om de artikelen in de gewenste compositie te verwerken. Zo’n composities vind je: in de winkel, bijvoorbeeld op toonbanken, verkooptafels, podia, schappen … in de etalages in standen op beurzen en tentoonstellingen

VA

N

Zorg dat je een samenhangend geheel van je compositie maakt. Dat vraagt heel wat oefening. Symmetrische en asymmetrische composities helpen je daarbij. Een symmetrische compositie kun je toepassen voor een rustige en klassiekere presentatie. Een asymmetrische compositie zorgt voor extra spanning en is ook geschikt voor sportievere presentaties. In je compositie zorg je ook voor samenhang door ‘zwaardere’ elementen best onderaan en rond de kern te plaatsen en ‘lichtere’ bovenaan of aan de uiteinden. Fellere of donkerdere kleuren en grote volumes maken een element zwaar. Zachte kleuren en kleinere volumes maken een object licht. Om een evenwichtige 2D- en 3D-compositie te maken, let je op dat die links en rechts van de denkbeeldige middenlijn even zwaar zijn qua zicht.

Action 1—

Kun je 2D- en 3D-composities herkennen?

Bekijk de afbeeldingen. Is de presentatie 2D of 3D? Kruis aan.

B

C

©

A

2D 3D

154 THEMA 3

LEVEL 7

2D 3D

2D 3D


D

2D 3D

Action 2—

F

IN

E

2D 3D

2D 3D

Kun je de dimensielijnen herkennen?

Bekijk de afbeeldingen.

N

B

VA

A

©

a

Welke is een 2D- of een 3D-compositie? Kruis aan. 2D

3D

afbeelding A afbeelding B

THEMA 3

LEVEL 7 155


b

Teken de dimensielijnen op de afbeeldingen. Gebruik een lat en potlood. Waaruit vertrekken de dimensielijnen?

c

Welke lijnen gebruikte je bij 2D?

d

Welke lijnen gebruikte je bij 3D? Waar kun je de 2D-compositie plaatsen?

f

Waar kun je de 3D-compositie plaatsen?

Ken je de vier 2D-basiscomposities?

N

Action 3—

IN

e

Bekijk via diddit de vier 2D-basiscomposities met de hoogte- en breedtelijnen. Maak in een tekstverwerker een van de vier basiscomposities. Verwerk blokjes van verschillende grootte in vooraanzicht. Houd rekening met de volgende punten: Gebruik de elementen altijd haaks en recht. Anders krijg je een rommelige presentatie. Gebruik geen ronde elementen. Blijf grotendeels binnen de basislijnen. Laat alles mooi aansluiten (tegen elkaar of met weinig tussenruimte). Vermijd gaten in je compositie. Gebruike een harmonische, monochrome of polychrome kleurcombinatie.

VA

a

b

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Hoe ziet jouw 2D-collage eruit?

©

Action 4—

Je maakt een 2D-collage volgens het stappenplan. Bekijk de onderstaande evaluatiefiche. Je leerkracht beoordeelt aan de hand van deze fiche. STAPPENPLAN

Stap 1: Kies een van de vier basiscomposities, maar een andere dan in Action 3. Stap 2: Bepaal of je symmetrisch of asymmetrisch gaat werken. Stap 3: Bepaal of je monochroom of polychroom gaat werken. Stap 4: Teken de compositielijnen haaks met lat en potlood op een A3-blad. Stap 5: Zoek in tijdschriften afbeeldingen en knip ze uit in vierkanten en rechthoeken van verschillende afmetingen.

156 THEMA 3

LEVEL 7


Stap 6: Plaats je knipsels evenwichtig op het blad, zodat de rechtse en linkse kant even zwaar lijken. Kleef ze nog niet vast. Verschuif ze totdat je het juiste evenwicht gevonden hebt. Houd rekening met de volgende punten: Plaats de zwaardere elementen onderaan rond de kern. Plaats de lichtere elementen bovenaan of aan de uiteinden. Sommige elementen kun je herhalen om lijnen verder uit te bouwen of om kleine, onopvallende elementen extra aandacht te geven. Stap 7: Neem even afstand. Bespreek je compositie met enkele medeleerlingen. Ben je tevreden met wat je ziet? Kleef dan alles vast. Stap 8: Bespreek je collage met je leerkracht. Je leerkracht zal je collage beoordelen met de evaluatiefiche.

IN

Stap 9: Neem een foto van je collage. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. EVALUATIEFICHE

onvoldoende

N

De leerling kan besluiten welke compositie hij gaat maken.

goed

De leerling kan brainstormen in functie van de opdracht.

voldoende

De leerling kan voldoende materiaal verzamelen.

De leerling houdt rekening met kleurharmonie.

De leerling kan de vormen verzorgd uitknippen.

De leerling gebruikt lat en potlood en meet het

VA

figuur uit.

De leerling kan een evenwichtige compositie maken.

De leerling plaatst de zware en lichtere elementen evenwichtig binnen de compositie.

De leerling vraagt advies en verwerkt deze.

©

— —

De leerling kan de compositie ordelijk en verzorgd opplakken en afwerken.

De leerling kan zijn opdracht voorstellen en kan kritiek positief aanvaarden.

De leerling bewaart zijn werk op de afgesproken manier.

TOTAAL

THEMA 3

LEVEL 7 157


Action 5—

Kun je een mooie 2D-compositie maken met doosjes?

Je maakt een 2D-collage volgens het stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1: Zorg voor een vlakke achtergrond: een mdf-plaat, zachtboard of een stuk stevig karton. Stap 2: Zorg voor een neutrale achtergrond door je plaat te beplakken met bijvoorbeeld effen bruin papier.

IN

Stap 3: Verzamel ongeveer 15 doosjes van verschillende groottes in balk- of kubusvorm, bijvoorbeeld van medicatie, tandpasta, cosmetica, etenswaar … en twee soorten inpakpapier. Liefst een effen en een bedrukt in een mooie kleurcombinatie en in contrast met de achterwand. Stap 4: Rangschik je doosjes volgens grootte en pak nu de doosjes zeer strak in: Laat de naden tegen elkaar komen zonder papieroverlapping aan de kanten. Gebruik de juiste afmeting dubbelzijdig kleefband. Zorg dat je de grotere doosjes in het donker of felle papier verpakt. Je kunt enkele doosjes extra versieren met een strak lint.

N

Stap 5: Maak een van de vier 2D-composities met de doosjes. Houd rekening met de volgende punten: Presenteer je artikel binnen de belijning van de gekozen basiscompositie. Denk aan je eindvorm. Schik je elementen tegen elkaar of met een kleine tussenruimte. Gebruik geen te grote, volumineuze artikelen. Houd rekening met de grootte van je achtergrond. Plaats de zwaardere elementen onderaan rond de kern. Plaats de lichtere elementen bovenaan of aan de uiteinden. Let op je kleurkeuze.

VA

Stap 6: Neem even afstand. Bekijk de mogelijkheden en plaats de ingepakte doosjes op je plaat volgens jouw keuze. Verschuif totdat je een evenwichtige compositie hebt. Stap 7: Bespreek je compositie met je leerkracht en/of enkele medeleerlingen. Kleef ze pas vast op je achtergrond met dubbelzijdig kleefband of een lijmstift wanneer ze volgens jou een logische en evenwichtige compositie vormen.

Stap 8: Neem een foto van je collage. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

Stap 9: Je leerkracht evalueert je compositie met de onderstaande evaluatiefiche.

158 THEMA 3

LEVEL 7


EVALUATIEFICHE Onvoldoende —

Voldoende

Goed

De leerling kan brainstormen in functie van de opdracht.

De leerling kan besluiten welke compositie die gaat maken.

De leerling kan voldoende en het juiste materi-

IN

aal verzamelen. —

De leerling houdt rekening met kleurharmonie.

De leerling kan ordelijk en strak de doosjes inpakken.

De leerling kan een evenwichtige compositie maken.

De leerling plaatst de zware en lichtere elementen evenwichtig binnen de compositie. De leerling vraagt advies en verwerkt deze.

De leerling kan de compositie ordelijk en

N

verzorgd opplakken en afwerken. —

De leerling kan zijn opdracht voorstellen en kan

VA

kritiek positief aanvaarden.

De leerling bewaart zijn werk op de afgesproken manier.

©

TOTAAL

THEMA 3

LEVEL 7 159


Action 6—

Kun je de beeldlijn benoemen in deze composities?

Noteer onder elke afbeelding welke beeldlijn er gebruikt is.

Action 7—

N

IN

Kies uit: cirkelsegment – golfbeweging of segment van een S-lijn – diagonaal

Kun je een monochrome 2D-beeldlijncompositie maken?

©

VA

Je maakt een monochrome 2D-beeldlijncompositie volgens het stappenplan.

STAPPENPLAN

Stap 1: Zorg voor een vlakke achtergrond: een mdf-plaat, zachtboard of een stuk stevig karton. Stap 2: Schilder of beplak de plaat in een door jou gekozen kleur. Let op dat je de achterwand en de doosjes in tonen van een kleur verwerkt. Kijk eerst welk inpakpapier je hebt en bepaal daarna de kleur van de achterwand.

Stap 3: Verzamel ongeveer 12 doosjes van verschillende groottes en een ondersteunend element, zoals bijvoorbeeld het touw uit Explore 4. Het ondersteunende element gebruik je om het geheel meer ‘swung’ te geven.

160 THEMA 3

LEVEL 7


Stap 4: Verpak de doosjes en versier eventueel enkele met een strak lint. Stap 5: Schik de doosjes in een geordende of soepele beeldlijncompositie naar keuze. Stap 6: Bespreek je compositie met je leerkracht en/of enkele medeleerlingen. Kleef ze pas vast wanneer je compositie volgens jou klaar is. Stap 7: Werk het geheel netjes af. Stap 8: Neem een foto van je presentatie. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. Stap 9: Je beoordeelt jezelf aan de hand van onderstaande fiche. EVALUATIEFICHE

Ik kan brainstormen in functie van de opdracht.

Ik kan besluiten welke compositie hij gaat maken.

Voldoende

Goed

IN

Onvoldoende

Ik kan voldoende en het juiste materiaal verzamelen. Ik houd rekening met kleurharmonie.

Ik kan ordelijk en strak de doosjes inpakken.

Ik gebruik een evenwichtige beeldlijn.

Ik kan een ondersteunend element toevoegen

N

dat het geheel niet overheerst en een meer-

VA

waarde geeft aan de presentatie.

Ik vraag advies en verwerk deze.

Ik kan de compositie ordelijk en verzorgd plakken en afwerken.

Ik kan mijn opdracht voorstellen en ik kan kritiek positief aanvaarden.

Ik bewaar mijn werk op de afgesproken manier.

©

TOTAAL

Action 8— 1

Kun je de 3D-basiscomposities maken in SketchUp?

Je maakt een 3D-basiscompositie. Bekijk via diddit de basislijnen van de drie 3D-basiscomposities uit Explore 5. Kies een van de basiscomposities om te maken in SketchUp. De handleiding van SketchUp vind je op diddit. Houd bij het maken van je compositie rekening met de volgende punten: Gebruik kubussen en balken van verschillende grootte. Let op de plaatsing van het kernpunt en de lengte van de compositielijnen.

THEMA 3

LEVEL 7 161


Plaats de zwaardere elementen onderaan rond de kern. Plaats de lichtere elementen bovenaan of aan de uiteinden. Verwerk de elementen overlappend en in vooraanzicht. Geef je ontwerp maximaal drie kleuren. Zet de elementen altijd haaks/recht. Blijf binnen de basislijnen. Zorg ervoor dat er geen gaten ontstaan in je compositie.

Bespreek je compositie met je leerkracht, benoem daarbij welke 3D-basiscompositie je hebt uitgevoerd.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

4

Je leerkracht beoordeelt je presentatie met de onderstaande evaluatiefiche.

IN

2

EVALUATIEFICHE

Onvoldoende

De leerling weet bij de keuze van de compositie over welke het gaat en kan deze benoemen.

De leerling kan in SketchUp de gekozen compositie uitvoeren.

De leerling zoekt een verantwoorde, evenwichtige compositie.

N

De leerling kan zijn ontwerp in twee of drie

VA

harmonische kleuren uitvoeren.

De leerling kan overlappend werken.

De leerling kan de opdracht voorstellen en kan feedback aanvaarden.

De leerling bewaart het werk op de afgesproken manier.

©

TOTAAL

162 THEMA 3

LEVEL 7

Voldoende

Goed


Action 9—

Kun je een 3D-voorontwerp maken met artikelen?

N

IN

Bekijk het voorontwerp op de afbeelding.

Duid op de afbeelding de compositielijnen en de kern aan. Gebruik daarvoor een lat en een potlood.

b

Je maakt nu zelf een voorontwerp in SketchUp. Vertrek van enkele opbouwmaterialen en voeg een aantal artikelen naar keuze toe. Gebruik het bovenstaande ontwerp als inspiratie. Let bij de uitvoering van je ontwerp op de kleurkeuze en de beschikbare ruimte in de etalage. In een kleinere ruimte kun je de elementen laten overlappen. In een grotere ruimte kun je juist in een lossere context schikken. Baseer je op de basiscompositie of de beeldlijnen. Kleinere artikelen kun je herhalen in een lijn.

VA

a

Bespreek je ontwerp met je medeleerlingen en je leerkracht. Je leerkracht zal je werk beoordelen aan de hand van de onderstaande evaluatiefiche.

d

Voer je ontwerp uit.

e

Maak een foto van je uitvoering en zet dit samen met je voorontwerp in een bestand. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

c

THEMA 3

LEVEL 7 163


EVALUATIEFICHE Onvoldoende —

Voldoende

goed

De leerling kan een keuze van de te verwerken compositie maken en er in gedachten een voorstelling bij maken en verduidelijken aan de leerkracht.

De leerling kan een keuze voor een artikel of

IN

artikelen maken. De leerling kan overleggen met de leerkracht en de leerlingen over de keuze. —

De leerling kan advies ontvangen.

De leerling kan in SketchUp de gekozen compositie uitvoeren.

De leerling zoekt naar een verantwoorde, evenwichtige compositie.

De leerling kan het ontwerp in een harmonische

N

kleurschakering maken. —

De leerling kan overlappend werken.

De leerling vraagt advies en houdt er rekening

VA

mee.

De leerling kan de opdracht voorstellen en kan feedback aanvaarden.

De leerling bewaart het werk op de afgesproken manier.

©

TOTAAL

164 THEMA 3

LEVEL 7


Action 10— Kun je een 3D-basiscompositie met verpakte artikelen en toebehoren maken?

Je gaat een 3D-basiscompositie van artikelen maken. Bekijk de afbeeldingen. Let op: je maakt je presentatie in een kleine etalageruimte. Action 3 | En Volg kun jehet dat stappenplan. ook in het echt? Zet nu je virtuele schets om in realiteit.

STAPPENPLAN

Kies een merk of baseer je op een thema, Hoe zet je je virtuele schets om in een bijvoorbeeld een land, een picknick, een feest …, echte etalage? of op een artikelsoort, bijvoorbeeld parfum Stap 1: Gebruik eeneen etalageruimte. voor mannen of voor Stap dames, pasta, koekjes, 2: Maak gebruik van enkele opbouwmaterialen. (zie Focus 12.2, Starter 4) zuivel ...

Stap 2:

Plaats bij de gekozenStap artikelen ookjuiste elementen die(zie Focus 12.1, Starter 1) 4: Kies het gereedschap. bij het thema en het artikel horen. Ze kunnen extra Stap 5: Pas indien nodig de juiste speldtechnieken toe. (zie Focus 12.1, Starter 2 en 3) ondersteuning geven aan de presentatie en Stap 6: Werk het geheel mooi af. artikelen uit het randassortiment kunnen de Stap 7: Evalueer je werk en maak er een foto van. bijverkoop stimuleren.

Stap 3:

Gebruik kleuren die passen bij je Stap 9: Bespreek het resultaat met je medeleerlingen en leraar. artikelen.

Stap 4:

Zorg voor een stabiele presentatie. Action 4 | Kun je een 3D-basiscompositie met verpakte artikelen maken? Vermijd onstabiele en te hoge opstapelingen.

Stap 5:

Bouw de presentatie uit rond de denkbeeldige hoogtelijn. Zorg dat er kan een grote verscheidenheid aan artikelen omvatten. Stap 1: De compositie een duidelijke kern isStap waaruit breedte2: Kies een merk of baseer je op een thema (bv. een land, een picknick, een feest …) of een en dieptelijnen vertrekken. artikelsoort (parfum voor mannen of voor dames, pasta, koekjes, zuivel ...).

Stap 6:

Stap etalagekast 3: Plaats bij de of gekozen artikelen ook elementen die bij het thema en het artikel horen. Maak de oefening in een Ze kunnen een extra ondersteuning geven (randassortiment). als instore presentatie op je bank of op Stap 4: Gebruik kleuren die passen bij je verpakte artikelen. een podium in de klas.

Stap 7:

Baken de grondoppervlakteVermijd van jetecompositie af door een hoge opstapelingen. kleurvlak aan de hand van bijvoorbeeld een doek, stuk papier, Stap 6: Bouw de groep uit rond de denkbeeldige karton, hout … hoogtelijn. Zorg dat er een duidelijke

Stap 8:

kern is, waaruit breedte- en dieptelijnen Ontwerp drie prijskaartjes en geef ze een plaats in je etalage.

Stap 9:

Bespreek het resultaat met je medeleerlingen enetalagekast met je of Stap 7: Maak de oefeningen in een leerkracht. Je leerkracht beoordeelt je werk aan hand als in-storepresentatie op jede bank of opvan een podium in de klas. de onderstaande evaluatiefiche.

IN

Stap 1:

Stap 3: Bespan de vloer en/of de achterwand met een passende kleur. (zie Focus 12.1, Action 4)

N

Stap 8: Vul je evaluatieformulier in.

VA

Hoe maak je een 3D-compositie van verpakte goederen?

Stap 5: Zorg voor een stabiele groepsvorming.

vertrekken.

©

Stap 10: Fotografeer je werk. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Stap 8: Bespan een paneel als kleurondersteuning van je compositie. (Focus 12.1, Action 4) Stap 9: Fotografeer en evalueer je werk. Stap 10: Gebruik je checklist en vul je evaluatieformulier in. Stap 11: Bespreek het resultaat met je medeleerlingen en met de leraar.

Vi su a l me rch a n d ising | Foc us 4

552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 39

39

20/01/1

THEMA 3

LEVEL 7 165


Tip:

Voor het etaleren van voedingswaren is een frisse en smakelijke kleurencombinatie erg belangrijk. Vermijd daarom vale, donkere kleurschakeringen. Neem flesjes en tubes uit de verpakking. Verwerk ze in de compositie. Niet-bederfelijke en droge voedingswaren kunnen samen met de verpakking een compositielijn in de groep weergeven. Plastic staanders of zelfgemaakte staanders van kartonnen rollen zijn hulpmiddelen voor de opbouw van je groep

EVALUATIEFICHE

De leerling kan brainstormen in functie van de opdracht.

De leerling kan besluiten welke compositie die gaat maken.

De leerling kan voldoende en het juiste materiaal verzamelen.

De leerling houdt rekening met kleurharmonie

N

in relatie met bekleding, thema en artikel. —

De leerling durft advies te vragen.

De leerling zoekt naar een evenwichtige compositie.

De leerling kan een ondersteunend element

VA

toevoegen dat het geheel niet overheerst en een meerwaarde geeft aan de presentatie.

De leerling kan de presentatie netjes afwerken.

De leerling vraagt advies en houdt er rekening mee.

De leerling kan zijn opdracht voorstellen en kan

©

feedback aanvaarden.

De leerling bewaart het werk op de afgesproken manier.

TOTAAL

166 THEMA 3

LEVEL 7

Voldoende

Goed

IN

Onvoldoende


Action 11— Kun je een 3D-beeldlijnpresentatie maken?

VA

N

IN

Op de afbeelding zie je twee diagonale beeldlijnen in een etalage. Je gaat een beeldlijnpresentatie maken met verpakte doosjes. Je gebruikt voor je presentatie een kleine etalageruimte met plafond. Volg het stappenplan.

© Shutterstock / Sorbis

STAPPENPLAN

Stap 1: Neem twee of meer houten panlatten voor een evenwichtige presentatie, naargelang de grote van je etalage en de beeldlijnen die je wilt uitvoeren. Schilder ze in de achtergrondkleur of de hoofdtoon van je verpakking.

Stap 2: Klem de latten stevig tussen vloer, plafond of wanden in een gekozen beeldlijn (diagonaal, horizontaal, verticaal of een combinatie van) in je etalage.

©

Stap 3: Kies de kleur(en) voor je etalage. Je kunt toon op toon of polychroom werken, maar ook een complementaire kleurkeuze of koude/warme kleuren zijn mogelijk. Gebruik voor je presentatie niet al te grote doosjes. Je kunt doosjes van verschillend of eenzelfde formaat gebruiken zoals de doosjes van voorverpakte kaasjes, gezichtscrème, thee, tandpasta, medicijnen ..., maar dan moet je wel tijdig beginnen te verzamelen. Verpak de doosjes strak en netjes. Stap 4: Kleef de doosjes op de latten met dubbelzijdige kleefband. Je kunt ze met spanning kleven, dat wil zeggen met een paar millimeter tussenruimte, of je kleeft de doosjes met een raaklijn zodat ze elkaar raken. Stap 5: Maak op de vloer een kleine presentatie met enkele doosjes indien er veel open ruimte vrij komt. Stap 6: Bespreek je presentatie met je leerkracht. De leerkracht zal je beoordelen aan de hand van de onderstaande evaluatiefiche. Stap 7: Fotografeer je werk. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. THEMA 3

LEVEL 7 167


EVALUATIEFICHE Onvoldoende —

Voldoende

Goed

De leerling kan brainstormen in functie van de opdracht.

De leerling kan de doosjes strak verpakken.

De leerling kan voldoende en het juiste materiaal verzamelen. De leerling houdt rekening met kleurharmonie in de relatie bekleding en verpakking.

IN

De leerling durft advies te vragen.

De leerling zoekt naar het gebruik van evenwichtige beeldlijnen in de ruimte.

De leerling heeft inzicht in het benutten van de

totale ruimte met betrekking tot open ruimte en diepte). De leerling vraagt advies en houdt er rekening mee.

N

De leerling kan de compositie ordelijk werken.

De leerling kan zijn opdracht voorstellen en kan

VA

kritiek positief aanvaarden.

De lln. bewaart zijn werk op de afgesproken manier.

©

TOTAAL

168 THEMA 3

LEVEL 7


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan 2D en 3D onderscheiden.

2

Ik weet wat een dimensie is.

3

Ik weet waar je een 2D- en 3D-presentatie kunt plaatsen.

4

Ik kan de dimensies in een 2D- en een 3D-presentatie aanduiden en benoemen.

5

Ik kan een 2D-collage verwerken.

6

Ik kan volgens de afgesproken normen een verantwoorde 2D-compositie maken met doosjes.

7

Ik kan een 3D-basiscompositie maken in SketchUp.

8

Ik kan een 3D-compositie maken met verpakte artikelen.

9

Ik kan een beeldlijn toepassen in een 2D- en 3D- compositie om deze interessanter te maken.

VA

N

IN

1

11 Ik kan ‘zware’ en ‘lichte’ voorwerpen onderscheiden en juist plaatsen in composities.

12 Ik kan samenwerken met andere leerlingen.

13 Ik kan ordelijk werken.

©

10 Ik kan een compositie symmetrisch en asymmetrisch maken.

THEMA 3

LEVEL 7 169


Beeldwoordenboek Level 7 BEGRIP

VERKLARING Dat is een dimensie waarbij je de hoogte (h) en de breedte (b) kunt meten.

3D

Dat is een dimensie waarbij je de hoogte (h), de breedte (b) en de diepte (d) kunt meten.

2D-compositie

Dat is een groep artikelen gepresenteerd tegen het platte vlak.

VA

N

IN

2D

Dat is een groep artikelen gepresenteerd in de ruimte, met hoogte, breedte en diepte.

asymmetrische compositie

Dat is een presentatie die levendiger overkomt en geen spiegelbeeld is.

©

3D-compositie

170 THEMA 3

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 7


3 compositie met schuine breedtelijn 4 compositie met meerdere breedtelijnen

S

Starter 4 | Kun je ook een compositie maken met een beeldlijn?

BEGRIP

VERKLARING

AFBEELDING

Dat is het presenteren van artikelen in 2D of 3D in een vorm zoals een ‘S’, een rondje, een diagonaal …

breedtelijnen

Dat zijn de lijnen in een compositie die de De composities opgebouwd rond een S-beeldlijn. Een beeldlijn leidt je ogen vanzelf doorheen de dimensie breedtezijn kunnen aangeven. Ze bestaan compositie en laat je zo alles bekijken zonder zaken over te slaan. in zowel 2D- als 3D-composities.

IN

beeldlijn

VA

N

In deze compositie valt de diagonale beeldlijn meteen op.

Dat is een presentatie van artikelen of producten in 2D of 3D. Ze hebben een aantal basisvarianten: 2D in de driehoekcompositie: compositie op rechte basis compositie met doorlopende hoogtelijn compositie op schuine breedtelijn compositie met meer breedtelijnen 3D in de piramidecomposities: 552542_02_LWS_M&C_VM5.indb 25 compositie met rechte dieptelijn compositie met schuine dieptelijn compositie met meer dieptelijnen

Vi sua l me rch a n d i s i n g | Fo c u s 3

©

compositie

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 7 171


BEGRIP

VERKLARING Dat zijn de lijnen in een compositie die de dimensie diepte kunnen aangeven. Ze bestaan daarom alleen in de 3D-compositie.

dimensie

Dat is iedere richting waarin je kunt meten.

hoogtelijnen

Dat zijn de lijnen in een compositie die de dimensie hoogte kunnen aangeven. Deze bestaan in zowel 2D- als 3D-composities.

VA

N

IN

dieptelijnen

Dat is het punt in je presentatie of compositie waaruit de dimensielijnen vertrekken.

©

kern

172 THEMA 3

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 7


VERKLARING

lichte elementen

Dat zijn elementen in je presentatie met lichte kleuren. Kleine en open elementen lijken minder zwaar.

symmetrie

Dat is een presentatie waarvan links het spiegelbeeld is van rechts en omgekeerd.

zware elementen

Dat zijn elementen in je presentatie met donkere en felle kleuren. Gesloten volumes en grote elementen geven een zwaardere indruk.

AFBEELDING

©

VA

N

IN

BEGRIP

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 7 173


LEVEL 8 Hoe realiseer je een artikelpresentatie? INTRO

1

IN

Het artikel is het uitgangspunt om alle aspecten van visual merchandising tot een samenhangend geheel te verwerken. De branche, het karakter en de prijsklasse van het artikel bepalen mee je aanpak voor welke doelgroep je gaat werken, welk thema je gaat uitbeelden, welke hulpmiddelen en opbouwmaterialen je artikel vorm en ondersteuning gaan geven ... Je presentatie draait rond het artikel (of de artikelen). Kun je de branche en het genre herkennen? Noteer.

A

C

F

VA

N

B

D

E

©

G

174 THEMA 3

LEVEL 8

I H


BRANCHE

B

C

D

E

F

G

H

I

Kies een presentatie uit de afbeeldingen in de Intro. Let vooral op de compositie, de kleuren en het idee van de voorstelling. Noteer wat je er goed aan vindt en wat je minder geslaagd vindt. Bespreek daarna klassikaal.

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoekingsvragen:

Welke informatie omtrent het artikel zijn bepalend voor een etalagerealisatie? Welke soorten artikelen en verwantschappen zijn er? Hoe gebruik je artikelverwantschappen in de etalage? Welke opbouwmaterialen en hulpmiddelen ondersteunen de presentatie?

©

VA

3

IN

A

N

2

GENRE

THEMA 3

LEVEL 8 175


VA

N

IN

Explore 1— Welke informatie verzamelt de retailer rond een artikel?

1

Voor je aan een presentatie begint, moet je heel wat informatie verzamelen. Stel dat je een etalageontwerp moet maken over skimateriaal bij A.S.Adventure. Over die items moet je eerst informatie verzamelen. Je leeft je in in het concept door vragen te stellen. Om te brainstormen over je voorstel, kun je de website van A.S.Adventure raadplegen. Die vind terug je op diddit. Je kunt online enkele skioorden bekijken om al in de sfeer te komen. a

Welke artikelen kun je toevoegen aan deze etalage om het thema skimateriaal compleet te maken?

©

b

Welke kledingcollectie wordt hier voorgesteld? Gebruik eventueel het grondplan met de afdelingen ter ondersteuning.

c

Zou je dezelfde kledingcollectie presenteren voor een etalage over skiën? Indien nee, wat zou je dan veranderen?

176 THEMA 3

LEVEL 8


d

Stel nu zelf een skikledingensemble samen voor een etalagepop met een stoere en een zachte uitstraling. Geef ze zoveel artikelen als je kunt. Vermeld artikelbenaming en de kleur. Laat ze combineren. STOER ARTIKEL

ZACHT KLEUR

ARTIKEL

KLEUR

IN

N

©

VA

Good to know Als je het artikel kent, kun je je gaan richten op de doelgroep. Ieder artikel heeft zijn eigen doelgroep. Wat niet wil zeggen dat een winkel als A.S.Adventure zich enkel toespitst op de door jou genoemde doelgroep. Zij hebben ook artikelen voor oudere en jongere klanten, maar de gemeenschappelijke insteek bij de doelgroep blijft wel het thema sportief.

THEMA 3

LEVEL 8 177


e

Je hebt nu artikelen voor twee etalagepoppen uitgezocht. Omschrijf de doelgroep voor wie jij de artikelen hebt uitgezocht.

Opbouwmaterialen

Welk opbouwmiddel zou je aan de etalage van A.S.Adventure toevoegen?

g

Welk hulpmiddel is er in de etalage gebruikt?

h

Je gekozen artikelen hebben uiteraard een winters karakter en dit geeft meteen het thema ‘winter’ aan dat je in de etalage wilt voorstellen. Door het artikel geven we de kijker een boodschap ‘skiën’ mee. De boodschap kun je eventueel versterken met een slogan. Bedenk zelf eens een slogan rond skiën!

In de etalage zal een kerstboom en een touw niet volstaan om het thema winter goed tot uiting te laten komen. Je zult nog decoratie moeten toevoegen om het thema sterker te benadrukken. Op diddit vind je een website om ideeën op te doen. Noteer wat je zou gebruiken om het thema te versterken. Onthoud: het artikel moet verkopen, niet de decoratie!

VA

i

N

f

IN

Naargelang het artikel maak je gebruik van opbouwmaterialen en hulpmiddelen. Opbouwmaterialen gebruik je om artikelen en artikelgroepen te ondersteunen en op de gewenste hoogte in je presentatie te brengen. Hulpmiddelen gebruik je om artikelen te etaleren of vorm te geven. In Explore 4 komt dit uitgebreider aan bod.

j

Welke kleurtemperatuur van verlichting zou je hier kunnen aanwenden? Druk de waarde uit in Kelvin.

©

178 THEMA 3

LEVEL 8


Explore 2— Welke soorten artikelen zijn er?

Artikelsoorten In een presentatie gebruik je verschillende soorten artikelen bij elkaar: textiel, schoenen, helm, zonnebril, zonneproducten, energierepen, sportdrank … Je kunt drie belangrijke artikelsoorten onderscheiden:

IN

1 Vormvaste artikelen zijn artikelen die je niet of nauwelijks kunt vervormen. Je onderscheidt hierin gebruiksartikelen en verbruiksartikelen. Gebruiksartikelen gebruik je voor een bepaald doel zoals een set breipriemen, een ladder, een kookpot, een aktetas … Verbruiksartikelen zijn artikelen die opgeraken door verbruik zoals voeding- en drankverpakkingen, lijm, schriften, pennen …

N

2 Textielartikelen zijn artikelen die je meestal kunt vervormen. Je onderscheidt hierin gebruiksartikelen en verbruiksartikelen. Gebruiksartikelen zijn alle soorten kleding zoals boven- en onderkleding, dames-, heren-, kinder-, baby-, werk-, nacht- en feestkledij, maar ook bed-, bad- en keukenlinnen, zakdoeken, mutsen, dweilen … Verbruiksartikelen zijn alle stofsoorten voor het maken van o.a. kleding, zetelstoffering, binnenhuisdecoratie, breiwol, garendraad, ritssluitingen … 3 Organische artikelen zijn verbruiksartikelen zoals alle niet-verpakte voedingswaren bijvoorbeeld brood, fruit, groenten, zaden, noten … Kruis bij elke afbeelding de artikelsoort aan.

VA

1

©

A

vormvast artikel – gebruik   artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

B

C

vormvast artikel – gebruik   artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

vormvast artikel – gebruik   artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

THEMA 3

LEVEL 8 179


E

F

vormvast artikel – gebruik artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

vormvast artikel – gebruik artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

ormvast artikel – gebruik v artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

G

H

I

N

© Shutterstock / photodaria

IN

D

vormvast artikel – gebruik artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

VA

vormvast artikel – gebruik artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

ormvast artikel – gebruik v artikel met vaste vorm – verbruik textielartikel – gebruik textielartikel – verbruik organisch artikel

Welk soort artikelen heb je gekozen bij je presentatie in Explore 1? Noteer in je presentatie.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar je presentatie in je portfolio.

©

2

180 THEMA 3

LEVEL 8


Re-explore 3—

oe gebruikt de retailer artikelverwantschap in de H etalage?

Artikelverwantschap

1

IN

Presentaties bestaan vaak uit meer dan een artikelsoort. Als je artikelen uitzoekt en samenstelt, kijk je naar welke betrekking ze ten opzichte van elkaar hebben. Je zoekt een verwantschap tussen de artikelsoorten: een artikelverwantschap. Verwante artikelen maken samen een meer evenwichtige presentatie en zorgen voor meer verkoop. Vul de juiste verwantschappen in bij de juiste omschrijving. Zoek telkens twee voorbeelden bij elke verwantschap. Kies uit: consumptieverwantschap – doelgroepverwantschap – kleurverwantschap – merkverwantschap – prijsverwantschap – stijlverwantschap – themaverwantschap

OMSCHRIJVING

VOORBEELD 1

presenteer je artikelen voor bijverkoop bij je hoofdartikel.

Bij

stel je de artikelen samen rond een bepaald onderwerp of festiviteit uit de jaarkalender.

Bij

kies je voor een budgettaire selectie van artikelen.

VA

©

VOORBEELD 2

Bij

N

AFBEELDING

THEMA 3

LEVEL 8 181


OMSCHRIJVING

VOORBEELD 1

Bij

stel je artikelen samen voor een bepaalde groep mensen met eenzelfde interesse of behoefte.

Bij

kies je voor een selectie van artikelen op basis van eenzelfde handelsmerk voor een mooie combinatie van bijvoorbeeld kleuren en materialen.

Bij

N

VA maak je je keuze op basis van de kleur.

©

VOORBEELD 2

IN

AFBEELDING

Bij

kies je een artikelcombinatie in eenzelfde idee.

2

Welk soort artikelverwantschap heb je gekozen bij je presentatie in Explore 1.b? Noteer in je presentatie.

3

Geef je bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

182 THEMA 3

LEVEL 8


Explore 4— Welke hulpmiddelen kan de retailmedewerker kiezen?

Hulpmiddelen voor textiel

N

IN

Als je de etalage echt gaat inrichten, wil je je artikelen zo goed en aantrekkelijk mogelijk presenteren. In de fashionetalages gebruik je vaak etalagepoppen. Die noem je ook wel paspoppen of mannequins. Met behulp van een etalagepop kun je veel artikelen etaleren. Hierdoor krijgt de potentiële koper meteen een beeld van hoe die er in de gepresenteerde kleding uit zal zien. Je kunt meerdere kledingstukken en accessoires in eenzelfde stijl, kleurencombinatie en verwantschap over elkaar heen presenteren. Rond de etalagepop kun je je bijverkoop laten zien. Vaak gebruik je ook maar een deel van de etalagepop, zoals een buste voor bovenkleding en accessoires, torso’s voor boven- en onderkleding, de benen voor beenmode zoals panty’s en sokken, handen voor handschoenen en sieraden … Zo laat je het artikel er opperbest uitzien.

Good to know

©

VA

Ook al komt vaak de maat tussen de pop en de klant niet overeen, toch zorgt de mannequin voor een grote aantrekkingsen verleidingskracht. Het aanbod aan mannequins is erg groot: man, vrouw, tiener, kind … in verschillende maten en posities. Ze bestaan met of zonder hoofd en armen, in wit, zwart, grijs, verschillende tinten huidskleur, mat, blinkend, gestileerd, realistisch … en ze zijn meestal gemaakt van glasvezel. Voor je de keuze maakt welke mannequin voor je etalage de beste is, moet je weten welke stijl en genre kleding je verkoopt en wie je doelgroep is. Iedere stijl vraagt een ander type mannequin. In een etalage gebruik je steeds een type etalagepop in dezelfde kleur en uitstraling.

THEMA 3

LEVEL 8 183


1

Bepaal voor de volgende drie afbeeldingen de stijl en de doelgroep.

Stijl:

Stijl:

Doelgroep:

Doelgroep:

Doelgroep:

Etalagepoppen zorgen ervoor dat je klant een beter beeld krijgt van de kleding. a b

Bezoek eens een etalagespeciaalzaak of kijk op diddit voor enkele websites van fabrikanten van etalagepoppen. Zo krijg je een idee van de eindeloze mogelijkheden. Kies nu voor de bovenstaande afbeeldingen een passende etalagepop en bewaar de foto’s samen met je keuze in je portfolio.

Good to know

N

2

IN

Stijl:

VA

Busten en torso’s zijn er in alle vormen, maten en uitvoeringen. In glasvezel, plastiek of piepschuim, staand op houten voet of hangend aan een metalensteun. Voor mannen, vrouwen, kinderen, gestileerd, realistisch, met of zonder hoofd en armen ... De laatste twee vragen iets meer vaardigheid en aandacht bij het verwerken en vormgeven van kleding dan bij een etalagepop.

Multifunctionele staanders

©

Multifunctionele staanders zijn verhoogjes van 5 tot 30 cm in plastiek of metaal. Deze gebruiken we om een groep of een product op hoogte te brengen of te ondersteunen net zoals je dat kunt doen met podia gemaakt van een kubus, balk, cilinder, zeshoek … Je trekt hierdoor meer aandacht op het product. Multifunctionele staanders kun je voor praktisch alle artikelen met een vaste vorm gebruiken. Er bestaan ook specifieke opbouwmaterialen zoals schoen-, handtas-, hemd-, horloge- , folderstaanders ... De staanders zijn doorgaans gemaakt van stevig plastiek of metaal. Kijk bijvoorbeeld eens op de site van Beekwilder naar voorbeelden van artikelstaanders.

184 THEMA 3

LEVEL 8


Je kunt ze zelf maken door kartonnen buizen van gordijn- of kledingstoffen of houten kepers op maat te zagen en ze een neutrale kleur of een kleur aangepast aan je etalageconcept te geven. Ook stevige dozen van bijvoorbeeld vaatwastabletten beplakt met bruin of gekleurd papier zijn een handig hulpmiddel. Bekijk nog eens de afbeelding van de etalage van A.S.Adventure bij Explore 1. Vaak is er nog ruimte vrij op de vloer van de etalage. Dit geeft je de mogelijkheid om een of meerdere groepje(s) bijverkoopartikelen te presenteren. Ook daarvoor kun je passend opbouwmateriaal gebruiken. a

Met welke artikelen zou je dit thema verrijken? Gebruik eventueel de website van A.S.Adventure als inspiratie.

b

IN

3

Welke opbouwmaterialen zou je daarbij gebruiken?

TO THE POINT

VA

N

Het artikel is het uitgangspunt om alle aspecten van visual merchandising tot een samenhangend geheel te verwerken. Om een presentatie te kunnen maken, moet je zoveel mogelijk informatie verzamelen. De branche, het karakter en de prijsklasse van het artikel bepalen mee voor welke doelgroep je gaat werken en welk thema je gaat uitbeelden. Maak daar een analyse van. Denk na over hoe je de presentatie het best tot uiting laat komen in de etalage. Als je goed voorbereid aan je taak begint, gaat het veel gemakkelijker en is het resultaat beter.

©

Artikelen Alles draait rond de artikelen. Ga na welke artikelen van het kern- en randassortiment je in je presentatie wilt opnemen en op welke manier of met welk artikelverwantschap, met welk thema en hoe je ze wilt tonen aan het publiek. Vergeet ook niet de boodschap en het thema duidelijk weer te geven. Bedenk dat je artikelen in drie soorten kunt onderverdelen: artikelen met een vaste vorm, textielartikelen en organische artikelen. Doelgroep Het is belangrijk dat je ook trends en ontwikkelingen in het algemeen bijhoudt. Op die manier kun je makkelijker inspelen op je doelgroep. De doelgroep bepaalt de manier van presenteren. Een etalage in een sportzaak zal er anders uitzien dan een etalage in een stijlvolle herenkledingzaak. Presentatie De presentatie moet natuurlijk in het verlengde liggen van de inrichting en de huisstijl van de winkel. De marketing sluit hierbij aan. Wanneer je een presentatie wilt maken, moet je ook nadenken over de manier waarop je opbouwmaterialen en hulpmiddelen wilt gebruiken. Ze zorgen er namelijk voor dat je bepaalde elementen extra kunt accentueren. Hiervoor kun je bijvoorbeeld mannequins, paspoppen, bustes of delen van multifunctionele staanders gebruiken.

THEMA 3

LEVEL 8 185


Kun je een etalage realiseren voor een doelgroep?

VA

N

IN

Action 1—

Shop till you drop! De shoppingdag van dit gezin zit erop. Het is zomer en ze hebben inkopen gedaan net voordat ze op citytrip vertrekken naar Barcelona. Je maakt een presentatie naar keuze waarbij je voor ieder van hen een outfit samenstelt. Houd rekening met de volgende punten: Je maakt driemaal een complete outfit met kleding, schoenen, accessoires en bijverkoopartikelen voor deze reis. De outfits matchen onderling qua kleur en stijl. Je zoekt decoratie om je thema en de boodschap te verduidelijken. Je zoekt voor elke outfit een passende etalagepop, opbouwmateriaal en hulpmiddelen die de accessoires en de thema-ondersteunende artikelen etaleren.

©

1

2

186 THEMA 3

Maak een foto en/of geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

LEVEL 8


choentje Jeanskledingnkmet g …je kleedje in schooltas, schoolgerief, drank, schoenen … , voed evestig vervolgens Als geen of brooddoos, korte ra armen. elkaart, dde nen, wandZomerkleding met strandartikelen, zonneproducten,strandmat … mouwens,heeft, kan dat…gemakkelijk via het armsgat. Anders moet ines magaz weeltje Kinderkleding met speelgoed, boekjes, nachtlampje, schoentjes, voeding, poster … via de halsopening gaan. Weet je niet goed hoe dat moet? Kijk lagepop … te kleden. Stap 3: Bevestig vervolgens de armen. Als je kleedje geen of korte plantjesaan Wandelkleding an bij Focus 3, Starter 6. met rugzak, wandelstok, wandelschoenen, wandelkaart, drank, voeding … … t ou h , mouwenschoenen, heeft, kan dat gemakkelijk via het armsgat. Anders moet al Dameskleding met accessoires, magazines …van Action 2— Ken je deparfum, volgorde vanjuweeltjes, het aankleden een etalagepop? je via de halsopening gaan. Weet je niet goed hoe dat moet? Kijk Werkkleding met tuingereedschap, laarzen, potgrond, plantjes … org ervoor dat je jurk mooi aanpast. Centreer het kleedhout dan(versmal) bij Focus 3, Starter 6. … Werkkleding met doe-het-zelf gereedschap, materiaal, aarom in Eigen de taille. voorstel 1

Plaats de foto’s van de mannequin in de juiste volgorde bij het stappenplan. Bij Stap 4 vul je twee

N

IN

Moet je de aa jurk maar en. klein beetje kledeen in.4: Zorg ervoor dat je jurk mooi aanpast. Centreer (versmal) het kleed Stap agepop n te letters van foto’s al et 2 Kleed een vrouwelijke etalagepop aan. versmallen? Neem dan de middenrugnaad daarom in de taille. samen en speld ze vast door gebruik te C je de jurk maar eenBklein Volg hetdeonderstaande stappenplan om Moet een vrouwelijke etalagepop aanbeetje te kleden. maken van insteek-doorsteekmethode. versmallen? Neem dan de middenrugnaad A Hulp nodig? Lees dan VM5, Focus 12.3, samen en speld ze vast door gebruik te Action 1 nog eens na. maken van de insteek-doorsteekmethode. Hoe kleed je een mannequin aan? jeAls eerst de moet je meer aanpassen, versmal je Hulp nodig? Lees dan VM5, Focus 12.3, door middel zowel links als rechts. Gebruik de rugneep Action 1 nog eens na. Met het een kleed A over stuk daarvoor ook de bovenstaande techniek. Als je meer moet aanpassen, versmal je Stap 1: De mannequins – zo heten de vrouwelijke de rugneep zowel links als rechts. Gebruik any etalagepoppen – kun je net als daarvoor de andereook de bovenstaande techniek. e d etalagepoppen helemaal demonteren. t , moet je eers iddel rk dan door m 21/03/14 G H 09:23 9 4 D M E & C o m pa n y F er het ov k u st g in d klekorteverder af met passende nequin of Stap 2: Als je een etalagepop een jurk wilt aandoen, moet je eerst de LetAnders op de stijl en de kleur. at. moet armen van de romp verwijderen. Open de jurk dan door middel 94 at moet? Kijk van de552562_01_MC_VM6.indb ritssluiting of de knopen en trek het kledingstuk over het trui of vest hoofd van de pop.

©

VA

rsmal) het kleed rte eerdere kledingstukken wilt presenteren, dje geen of ko t oe m s er d men eerst demonteren. Open de ritssluiting n et armsgat. A ijk K trek at moet? over het hoofd van de oe dkledingstuk d hhet oe Stap e taille. Rits3:deBevestig rok toe. vervolgens de armen. Als je kleedje geen of korte STAP OMSCHRIJVING mouwen heeft, kan dat gemakkelijk via het armsgat. Anders moet je via de halsopening gaan. Weet je niet goed hoe dat moet? Kijk kle1ed al) het Stap Alle etalagepoppen kun je helemaal demonteren. r (ver treeaan n arm desm romp en trek de mouwen van de blouse, dan bij Focus 3, Starter 6. vest dat je wilt aantrekken een voor een over de Stap 2 Als je een etalagepop een jurk wilt aandoen, moet je eerst de armen voor dat dit ordelijk gebeurt. De mouwen mogen niet e de romp Open de jurk dan het doorkleed middel van de Stap 4: Zorg ervoor dat van je jurk mooi verwijderen. aanpast. Centreer (versmal) en de schoudernaden moeten op hun plaats liggen. ugnaad ritssluiting of de knopen en trek het kledingstuk over het hoofd van de daarom in de taille. k te pop. Moet je de jurk maar een klein beetje thode. versmallen? Neem dan de middenrugnaad Stap 3 Bevestig vervolgens de armen. Als je jurk geen of korte mouwen heeft, 2.3, at de andere mouwen ook zitten. Steek nu samen enordelijk speld ze vast door gebruik tearmsgat. Anders moet je de halsopening kan dat gemakkelijk via het m via het armsgatmaken door de mouwen. Bevestig de van de insteek-doorsteekmethode. gebruiken. al je mopnieuw n aan de armen. Hulp nodig? Lees dan VM5, Focus 12.3, Gebruik 21/03/14 09:23 mooi aanpast. Centreer (versmal) de jurk Action eenservoor na. dat Stap 41 nog Zorg je jurk hniek. daarom in de taille. Moet je de jurk maar een klein beetje versmallen? Als je meer moet aanpassen, versmal je Neem dan de middenrugnaad samen en speld die vast door gebruik te de rugneep zowel links als rechts. Gebruik maken van de insteek-doorsteekmethode. daarvoor ook de bovenstaande techniek. Stap 5

FOTO

:23 21/03/14 09

Als je meer moet aanpassen, versmal je de rugneep zowel links als de Zorg er dan voor dat 4stukken ME in & C o mrok p a nsteken? y rechts.

ond de pop trekt. Als je de rok in de taille wilt doe je dat door de lendenband strak de te vouwen en verder af met passende accessoires. Let op de Stap 6 Werk mannequin en. MC_VM6.indb 94 stijl en de kleur.

21/03/14 09:23

ok ook rond het bekken en de billen. Zo krijg je d een mooie pasvorm. THEMA 3

LEVEL 8 187


de tweede arm via het armsgat door de mouwen. Bevestig de en versmallen, doe je dat door de lendenband strak te vouwen en beide handen opnieuw aan de armen. vast te spelden. uiken.

ervoor dat de andere mouwen ook ordelijk zitten. Steek nu 2 Plaats de foto’s van de5:mannequin met deook rokrond en blouse in de juiste bijkrijg het stappenplan. Versmal de rok het bekken en devolgorde billen. Zo je eede arm via het armsgat door deStap mouwen. Bevestig de gegarandeerd een mooie pasvorm. ghanden opnieuw aan de armen.

A

B

D

C

: Wil je kledingstukken in de rok steken? er passende dan voor dat Stap 5: Werk de mannequin verderZorg af met je ze stevig rond de pop trekt. Als je de rok in de taille wilt accessoires. Let op de stijl en de kleur. versmallen, doe je dat door de lendenband strakjeteeen vouwen en Die kun je versmallen en Stap 6: Gebruik ceintuur? accessoires vast te spelden.en e blouse, B Met een rok, blouse, trui of vest vastmaken door één of twee paperclips te gebruiken. dat rkledingstukken de alle details in de rok steken? Zorg er dan voor dat g ogen niet stevig rond de pop trekt. je de rok inen dede taille wiltwilt : Versmal het bekken billen. Zo krijg je Stapde 1: rok Ookook alsrond jeAls meerdere kledingstukken presenteren, s liggen. mallen, doe je dat door de lendenband strak te vouwen en gegarandeerd een mooie pasvorm. moet je de armen eerst demonteren. Open de ritssluiting e spelden. van de rok en trek het kledingstuk over het hoofd van de

N

IN

Stap de presentatie nu af. Zorg voor passende accessoires en pop tot aan de taille. Rits7:deWerk rok toe. G E F e blouse, geef het geheel een speelse look. Let er wel op dat alle details 3, 6 voor de eekStarter nurok ook rond mal de het bekken en de billen. Zo krijg je r de van de kledij :g Gebruik je een ceintuur? Die kun je versmallen en zichtbaar blijven. de andeerd een mooie pasvorm. Stap 2: Bevestig één arm aan de romp en trek de mouwen van de blouse, ogen niet vastmaken door één of twee paperclips te gebruiken. de trui of het vest dat je wilt aantrekken een voor een over de s liggen. Wil je dit de ordelijk mannequin een broek aantrekken? arm. Zorg ervoor dat gebeurt. De mouwen mogenKijk nietbij Focus 3, Starter 6 voor de werkwijze. moeten op hun plaats liggen. gedraaid zijn enjuiste de schoudernaden uik je een ceintuur? Die kun je versmallen en akennu door één of twee paperclips te gebruiken. eek V isu a nu l merchandis ing | Fo cus 9 en 9 5 :g Werk af. Zorg voor passende accessoires de de presentatie dat 3: Zorg ervoor dat de andere ookalle ordelijk zitten. Steek nu geefStap het geheel een speelse look. Let ermouwen wel op dat details Vi s u a l m e rch an disin g | Focu t van de kledij de tweede blijven. arm via het armsgat door de mouwen. Bevestig de zichtbaar STAP FOTO en en beide handen opnieuw aan de armen. OMSCHRIJVING 552562_01_MC_VM6.indb 95

21/03/14 09:24

VA

Stap Ookpassende als je meerdere kledingstukken wilt presenteren, moet je de de presentatie af.1Zorg voor en 6 voor mannequin eennu broek aantrekken? Kijk bijaccessoires Focus 3, Starter de armen eerst demonteren. Open de ritssluiting van de rok en trek het het geheel een speelse look. Let er wel op dat alle details rkwijze. kledij zichtbaar blijven. kledingstuk over het hoofd van de pop tot aan de taille. Rits de rok toe. ge je dat Stap 2 Bevestig één arm aan de romp en trek de mouwen van de blouse, de t trui dat je wilt6aantrekken eenvoor voordat een over de arm. Zorg Stap 4: aantrekken? Wil je kledingstukken invest de3, rok steken? Zorgde er dan en uinen een broek Kijkof bijhet Focus Starter voor Vi s u a l m e rc h a n d i sniet i n g gedraaid | Fo c u s 9 zijn 9 5 ervoor ordelijk gebeurt. mouwen mogen je ze stevig rond de dat popdit trekt. Als je de rok De in de taille wilt en de moeten op hun te plaats liggen. versmallen, doe je schoudernaden dat door de lendenband strak vouwen en vast te spelden. Stap 3 Zorg ervoor dat de andere mouwen ook ordelijk zitten. Steek nu de 21/03/14 09:24 g je tweede arm via het armsgat door de mouwen. Bevestig de beide V i s u a l m e rc h a n d i s i n g | Fo c u s 9 95 handen aan de Stap 5: Versmal de rok ook rond hetarmen. bekken en de billen. Zo krijg je

gegarandeerd een mooie pasvorm. Stap 4

©

es en etails

Wil je kledingstukken in de rok steken? Zorg er dan voor dat je ze 21/03/14 09:24 stevig rond de pop trekt. Als je de rok in de taille wilt versmallen, doe je dat door de lendenband strak te vouwen en vast te spelden.

Stap 6: Gebruik ceintuur? Dieook kunrond je versmallen Stap 5 je een Versmal de rok het bekkenen en de billen. Zo krijg je vastmaken door één of twee paperclips te gebruiken. gegarandeerd een mooie pasvorm.

6 voor de

Stap 6

es en etails

Stap 7

Gebruik je een ceintuur? Die kun je versmallen en vastmaken door één of twee paperclips te gebruiken.

Werk de presentatie nu af. Zorg voor passende accessoires en geef Stap 7: Werk de presentatie nu een af. Zorg voorlook. passende accessoires endetails van de kledij het geheel speelse Let er wel op dat alle geef het geheel een speelse zichtbaar blijven.look. Let er wel op dat alle details

V i s u a l merchandising | Fo cu s 9

6 voor de

95

van de kledij zichtbaar blijven.

21/03/14 09:24

Wil je de mannequin een broek aantrekken? Kijk bij Focus 3, Starter 6 voor de juiste werkwijze. 188 THEMA 3

LEVEL 8

V i s u al merchandising | Fo cu s 9

95


Action 3—

Kun je een etalagepop aankleden?

Je gaat een etalagepop aankleden met een kleed, rok of broek, blouse, trui en vest. Volg het onderstaande stappenplan. STAPPENPLAN Stap 1: Stel je opdracht voor aan je stagementor of je leerkracht.

IN

Stap 2: Kijk welke etalagepop jou wordt toegewezen. Let op de vorm, de maat en de uitstraling van de mannequin.

Stap 3: Zoek naar passende kleding in overeenstemming met het type mannequin, het seizoen, het thema en de kleur. Stap 4: Zoek enkele accessoires.

Stap 5: Kleed nu de etalagepop aan volgens de richtlijnen van Action 6 en de huisstijl van jouw werkplek.

Stap 6: Bespreek je presentatie met je stagementor of je leerkracht.

N

Stap 7: Noteer ook de eventuele feedback. Stap 8: Pas je presentatie aan indien nodig.

Stap 9: Maak een foto en/of geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Hoe verzamel en verwerk je informatie van een artikelpresentatie?

VA

Action 4—

Bezoek een winkel naar keuze. Observeer de manier van inrichting en presentatie. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche van de winkel

Adres

©

Naam van de winkel

Website

THEMA 3

LEVEL 8 189


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Observering van de winkel Tot welke branche behoort de winkel? Omschrijf de kenmerken van die branche.

Omschrijf binnen het winkelbeeld: de huisstijl van de winkel

de kleur(en) in de huisstijl

het logo

het winkelexterieur

de etalage

N

IN

Maak een foto van het winkelexterieur.

het winkelinterieur

VA

een instore presentatie

de winkelsfeer en de vijf zintuigen

de verlichting

een reclame

©

een verpakking

Maak van elk onderdeel een foto.

190 THEMA 3

LEVEL 8


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Waaruit bestaat het:

het kernassortiment

het randassortiment

Omschrijf van de doelgroep:

de persona’s

de leeftijd

de levensstijl en interesses

N

IN

Wat is de prijsklasse?

Met welke winkelformule werkt de winkelier?

VA

Wat is het thema van de etalage en/of instore presentaties?

Bediening Semi-bediening Zelfbediening

Maak een foto van het thema.

Wat is de boodschap en hoe uit die zich in de etalage of de instore presentaties? Bijvoorbeeld met een slogan, foto of tekst.

©

Welke materialen zie je in de etalage en in de winkel?

Opbouwmaterialen

Hulpmiddelen

Prijsstysteem

Maak van elk materiaal een foto. THEMA 3

LEVEL 8 191


DEEL 3: NA HET BEZOEK Verwerk je informatie in een powerpointpresentatie. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van PowerPoint raadplegen. Verwerk in je presentatie de volgende punten: Plaats de foto’s in groepjes of een collage bij elkaar. Geef een korte omschrijving per groepje. Stel je overzicht voor aan je medeleerlingen en je leerkracht. Geef uitleg over alle kenmerken. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Werkplekleren: een artikelpresentatie maken

IN

Action 5—

Op je stageplaats ga je nu fictief een artikelpresentatie realiseren in de vorm van een stappenplan. De informatie die je verzamelt, verwerk je tot een presentatie. Let op: je illustreert je stappen met foto’s, dus maak die bij elke stap. STAPPENPLAN

Hoe bereid je een artikelpresentatie voor? Noteer welke onderdelen en stappen aan bod komen bij het voorbereiden van een artikelpresentie.

Stap 2:

In welke ruimten ga jij de artikelpresentaties toepassen? Noteer of het instore presentaties zijn en waar je deze uitvoert. Omschrijf in de geleerde begrippen: de plek in de winkel indien in de etalage, het type etalage en de etalage-achtergrond indien instore, het type instore presentatie: stopper of eyecatcher. Licht je antwoord toe. je situatie(s) je bouwvorm(en) opbouwartikelen

VA

N

Stap 1:

Noteer de invloed van kleur op je artikelpresentatie. Noteer welke kleurcombinatie je gaat gebruiken en waarom. Noteer ook of dit primaire, secundaire, tertiaire, complementaire, warm of koude kleuren zijn. Noteer hoe je tot de kleur(en bent gekomen. Waar heb je de kleurkeuze op gebaseerd? Noteer welke gevoelens de kleurcombinatie op moet roepen. Noteer wat de concurrentie, het merk, de huisstijl, de seizoenen en evt de mode met de kleuren doet.

Stap 4:

Noteer de functie van jouw kleurcombinatie. Noteer of het een monochroom, polychroom, analoog, één-, twee-, drie- of vierklankkeuze is.

Stap 5:

De verlichting van je presentatie: Wordt je presentatie direct of indirect verlicht? Gebruik je basisverlichting, enkel accentverlichting of beide? Welke soort lampen en armaturen gebruik je?

Stap 6:

Hoe is je presentatie opgesteld? Gebruik je een 2D- of 3D-presentatie? Licht je keuze toe. Hoe ga je 2D en 3D in een artikelpresentatie verwerken? Welke dimensielijnen ga je dan gebruiken? Maak je gebruik van een beeldlijn, herhaling of compositie?

©

Stap 3:

192 THEMA 3

LEVEL 8


Werk je symmetrisch of asymmetrisch? Welke zware en lichte elementen gebruik je? Waar plaats je die elementen?

Hoe start je de realisatie van een artikelpresentatie? Voor welke branche en voor welk genre artikel verwerk je deze presentatie? Zijn het artikelen met vaste vorm, organische of textielartikelen of een combinatie? Onder welk artikelverwantschap ga je de artikelen samenstellen? Welk thema wil je voorstellen en hoe realiseer je dat binnen deze opdracht? Welke hulpmiddelen en opbouwmaterialen ga je gebruiken?

Stap 8:

Kun je een artikelpresentatie visueel voorstellen? Maak een moodboard van je artikelpresentatie. Laat kleur, thema en artikel sterk aan bod komen.

Stap 9:

Hoe kun je artikelpresentaties prijzen? Maak drie prijskaartjes in functie van de huisstijl. Maak ook ondersteunend infomateriaal.

IN

Stap 7:

Stap 10: Verwerk je informatie in een presentatie. Denk aan de volgende punten: Illustreer met foto’s. Maak je presentatie op in de huisstijl van je stageplaats.

Stap 11: Stel je opdracht voor aan de klas. Maak gebruik van de tips die je op diddit vindt.

©

VA

N

Stap 12: Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 3

LEVEL 8 193


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan branches benoemen en het genre eraan koppelen.

2

Ik kan een artikelcombinatie samenstellen voor een bepaald thema.

3

Ik ken het verschil tussen opbouwmateriaal en hulpmiddelen.

4

Ik kan een etalagepop aankleden.

5

Ik ken de drie artikelsoorten en kan voorbeelden toevoegen.

6

Ik ken de artikelverwantschappen en ik kan ze toepassen op diverse artikelen.

©

VA

N

IN

1

194 THEMA 3

LEVEL 8


Beeldwoordenboek Level 8 OMSCHRIJVING

artikelverwantschap

Dat zijn artikelen die bij elkaar horen, verwant zijn. Samen maken ze een meer evenwichtige presentatie en zorgen ze voor meer verkoop / bijverkoop.

etalagebuste

Dat is het bovenlichaam van een etalagepop met of zonder armen of hoofd in piepschuim of hardboard bekleed met stof. Het kan geplaatst worden op een staander.

mannequin

Dat is een etalagepop of paspop. Ze bestaan in diverse uitvoeringen, maten, kleuren, materialen …

AFBEELDING

VA

N

IN

BEGRIP

Dat zijn verhogingen om artikelen op te zetten. De grootte wordt aangepast aan het artikel. Ze zijn meestal in plastiek. Opbouwmaterialen ondersteunen je artikel(groep) om je presentatie op de juiste hoogte te brengen. Hulpmiddelen gebruik je om artikelen te etaleren of vorm te geven.

organische artikelen

Dat zijn verbruiksartikelen zoals alle nietverpakte voedingswaren: brood, fruit, groenten, zaden, noten …

©

multifunctioneel opbouwmateriaal

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 8 195


OMSCHRIJVING

textielartikelen

Dat zijn artikelen die je meestal kunt vervormen. Je maakt een onderscheid tussen gebruiksartikelen en verbruiksartikelen. Gebruiksartikelen zijn bijvoorbeeld alle soorten kleding. Verbruiksartikelen zijn alle stofsoorten voor het maken van o.a. kleding.

torso

Dat is een romp uit plastiek of piepschuim.

artikelen met vaste vorm

Dat zijn artikelen die je niet of nauwelijks kunt vervormen. Je onderscheidt hierin gebruiksartikelen en verbruiksartikelen. Gebruiksartikelen zijn bijvoorbeeld een ladder, een kookpot, een aktetas … Verbruiksartikelen zijn artikelen die opgeraken door het verbruik ervan zoals voeding- en drankverpakkingen, lijm, schriften, pennen.

AFBEELDING

N

IN

BEGRIP

©

VA

© Shutterstock / photodaria

196 THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 8


LEVEL 9 Kun je een instore of etalageontwerp visueel voorstellen?

VA

N

IN

INTRO

Je hebt al zoveel geleerd dat je zelf een artikel- en etalagepresentatie kunt realiseren. Je weet waar je presentaties het best kunt maken, hoe je een kleurenpalet samenstelt, welke stijl en thema je kunt toepassen en uitbeelden bij een artikel en welke hulpmiddelen en opbouwmaterialen je kunt gebruiken. In gedachten zie je jouw presentatie al voor je.

1

Hoe maak je je etalageontwerp het best duidelijk aan anderen? Leg uit waarom.

©

2

Bespreek je antwoord klassikaal.

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoekingsvragen:

Hoe breng je ideeën over met een moodboard? Hoe maak je een compositie die bij de sfeer van je ontwerp past? Hoe maak je de juiste keuzes voor een moodboard, achtergronden, foto’s, kleuren en materialen in functie van thema, artikel, kleur en doelgroep?

THEMA 3

LEVEL 9 197


Explore 1— Uit welke onderdelen bestaat een moodboard?

Moodboard

VA

N

IN

Als je in gedachten een etalage voor je ziet, kun je vertellen hoe het er allemaal gaat uitzien, maar is dit wel de meest efficiënte manier? Je luisteraar zal in gedachten een beeld proberen te vormen, maar jij kunt niet zien of dat overeenkomt met jouw idee voor de etalage. Voor een etalageontwerp zijn er hulpmiddelen om je idee over te brengen. Een etalageschets geeft een klein beetje een idee, maar zegt nog niet veel over het uiteindelijke resultaat van de etalage. Je kunt dus het best je idee overbrengen door visuele hulpmiddelen te gebruiken. Bijvoorbeeld een moodboard van het Engelse ‘mood’ dat sfeer of stemming betekent en ‘board’ dat plank of bord betekent. Het is de perfecte manier om iemand snel te overtuigen van jouw etalageontwerp en van de sfeer die je wilt creëren. Een beeld zegt meer dan duizend woorden.

Bekijk het moodboard voor een etalage. Wat zie je erin terug?

thema:

kernassortiment:

randassortiment:

©

kleurpalet kleding:

decoratie:

bekleding etalage en opbouwmateriaal:

doelgroep:

198 THEMA 3

LEVEL 9


Explore 2— Hoe vertaalt de retailmedewerker een concept in een moodboard?

a

Wat is de huisstijl van A.S.Adventure?

b

IN

Als je een idee voor een etalage hebt, dan kun je met een moodboard het idee en gevoel dat je wilt overbrengen direct zichtbaar maken voor anderen. Om een moodboard uit te werken, ga je stap voor stap te werk. In deze opdracht werk je in een moodboard een etalagevoorstel uit voor een etalage van A.S.Adventure met als thema fietssport. Door te brainstormen en vragen te beantwoorden, verzamel je informatie voor je opdracht. Raadpleeg week- of maandbladen van fietssport, catalogussen van fietsenwinkels en/of de website van A.S.Adventure.

Welk artikelen ga je gebruiken in je presentatie?

kernassortiment:

randassortiment:

Kruis aan. Er zijn meerdere antwoorden mogelijk. De artikelen zijn ... sportief casual technisch

zacht oncomfortabel regenbestendig

veilig herstelbaar / duurzaam

Wat is de doelgroep?

VA

d

N

c

e

Welk thema kies je? Bijvoorbeeld een seizoen, evenement, mountainbike, baanwielrennen, toerisme …

f

Wat zijn de specifieke kenmerken van dit thema?

©

g

Welke decoratie kun je hiervoor gebruiken?

h

Welke kleur(en) gebruik je op je moodboard voor de fietssportetalage van A.S.Adventure? Houd rekening met je artikelen en het thema. Licht je antwoord toe.

THEMA 3

LEVEL 9 199


i

Benoem de kleurcombinatie die je gebruikt hebt.

j k

Maak een presentatie van je gegevens die je hebt verzameld voor het moodboard voor je etalage van A.S.Adventure met als thema fietssport. In dit level vul je je presentatie steeds verder aan. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Explore 3— Hoe verzamelt de retailmedewerker passende

IN

afbeeldingen en materialen?

Het samenstellen van je materiaal

1

N

Als je artikelpresentatie in gedachten vorm begint te krijgen, zoek dan in tijdschriften en catalogussen naar afbeeldingen die bij je opdracht passen. Kijk nog eens naar de sleutelwoorden die je hebt genoteerd bij je idee en zoek er dan passende afbeeldingen bij. Knip de afbeeldingen uit en leg ze op een tafel, zodat je een overzicht krijgt. Zo kun je zien of alles bij elkaar past. Afbeeldingen dienen om een sfeer weer te geven. Het is niet noodzakelijk om later, bij de uitvoering van je moodboard, al die objecten echt te gebruiken. Daarnaast kun je ook echte materialen toevoegen, zoals stoffen, hout, papiersoorten, ijzer … Knip en snijd alles haaks uit. Gebruik een lat, potlood, snijmes of een scherpe schaar. Kijk terug naar je verzamelde informatie bij Explore 2 van het moodboard voor een etalage van A.S.Adventure met als thema fietssport. Kijk nu op de site van A.S.Adventure en kies zeven verschillende artikelen over fietssport. Kies het kernassortiment van je presentatie maar ook artikelen voor het randassortiment, die voor jou moodboard belangrijk zijn. Vul je presentatie verder aan met je gekozen artikelen. Vermeld het artikelverwantschap. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar je presentatie in je portfolio.

VA

a

b c d

Good to know

©

Je moodboard geeft een bepaald gevoel weer. Je kunt dat letterlijk nemen en materialen gebruiken die hard of zacht zijn, een warm of koud gevoel geven. Zijde is bijvoorbeeld zacht, jeans is stoer, hout doet denken aan warmte, metaal is koud. Stoffen en staaltjes kunnen de sfeer versterken en geven een extra dimensie. Je gebruikt bij een moodboard geen woorden om gevoelens uit te drukken, maar materialen, kleuren en vormen. Tekst kan enkel onder de vorm van een slogan of thema-omschrijving zoals: kerst, Valentijn, zomer, back to school ... Controleer altijd of je items op het moodboard een geheel vormen.

e 2

200 THEMA 3

Noteer in je presentatie welke materialen je zou gebruiken op het moodboard van de fietssport.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar je presentatie in je portfolio.

LEVEL 9


Explore 4— Hoe kiest de retailmedewerker de juiste achtergrond?

De achtergrond van je moodboard De achtergrond van je moodboard is de basis waarop je je presentatie uitwerkt. Het is erg belangrijk om de juiste keuze te maken en de achtergrond te integreren in de stijl en kleurcombinatie die je voor je artikel kiest. Als achtergrond kun je een stuk maquettekarton, gewoon dik karton, hout … gebruiken maar ook een schilderdoek. Je kunt schilderdoeken vinden voor de prijs van stevig papier. Je kunt ze in elke gewenste kleur schilderen en/of beplakken. Je kunt zelfs reliëf aanbrengen. Bekijk de afbeeldingen. Je maakt een moodboard voor deze twee kledingetalages.

IN

1

Ga via diddit naar de website van Shutterstock. Hier kun je achtergronden vinden. Kies voor beide etalages twee mogelijke achtergronden. Licht je antwoord toe.

VA

a

B

N

A

Etalage A:

— achtergrond 1:

— achtergrond 2:

Etalage B:

©

— achtergrond 1:

— achtergrond 2:

b

c

Welk thema zou je voor deze etalages kiezen?

Etalage A:

Etalage B:

Zoek enkele afbeeldingen als aanvulling op je thema bij Beekwilder. De link vind je op diddit.

THEMA 3

LEVEL 9 201


d

e 2

Maak voor beide etalages een collage met de beste combinatie van je gekozen kleuren, achtergronden, thema en decoratie. Bespreek klassikaal waarom je voor deze combinaties hebt gekozen. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Kijk terug naar je presentatie bij Explore 2 van het moodboard voor een etalage van A.S.Adventure met als thema fietssport. a

Welke achtergrond kies je voor het moodboard fietssport? Licht je keuze toe. Vul je presentatie verder aan met je gekozen achtergrond. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

b c

Explore 5— Hoe maakt een retailmedewerker een compositie op een moodboard?

Neem al je verzamelde materialen voor het moodboard voor de etalage van A.S.Adventure met als thema fietssport voor je. Zorg dat je je tekstjes en afbeeldingen hebt geprint en uitgeknipt en dat je stoffen, kleurvlakken, sfeermaterialen, staaltjes en andere echte materialen al enigszins op maat zijn. Zet je benodigdheden klaar, zoals een lat, schaar, verschillende soortenlijm, eventueel draad, touw …

2

Je materiaal ligt momenteel los op tafel. Nu kun je alles in een mooie compositie schuiven en overlappen op je achtergrond.

VA

N

1

a

b

c

©

d e

Leg alles haaks naast elkaar met een beetje spatie of overlappend neer. Verwerk de grotere elementen en/of donkere kleuren eerst rondom de kern en de kleinere elementen en/of de lichtere kleuren rondom. Eén is geen: probeer items die ten opzichte van de rest nogal klein zijn te herhalen. Maak bijvoorbeeld een rijtje van die kleinere elementen. Verwerk in je moodboard een beeldlijn of een compositie. Zo wordt het geheel overzichtelijker. Denk je dat je moodboard wat te druk is? Haal even enkele items weg. Misschien maakt dat je moodboard juist sterker. Als je bijna klaar bent, bekijk je je ontwerp van op een afstand. Vraag eventueel de mening van iemand anders. Vergelijk je ontwerp met je sleutelwoorden. Heb je alle belangrijke onderdelen verwerkt? Zorg voor een keurige afwerking.

f

g h

3

Komt je ontwerp overeen met wat je voor ogen had, dan kun je alles vastkleven. Kleef alles haaks naast elkaar met een beetje ruimte tussen of overlappend. Gebruik Pritt, hout- en/of behanglijn al naargelang zijn functie, enz.

4

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

202 THEMA 3

LEVEL 9


Explore 6— Hoe evalueert de retailmedewerker het ontwerp?

Checklist Een moodboard voor een artikelpresentatie maken, is een creatief proces. Een checklist helpt je systematisch te werken en niets te vergeten. Je kunt er verschillende moodboards over een onderwerp of etalageontwerpen mee evalueren, beoordelen en vergelijken.

CHECKLIST ONDERDEEL

Wat is de branche en huisstijl van de winkel?

IN

Bekijk de checklist en houd deze naast je opdracht van Explore 5. Omschrijf je gemaakte keuzes en vink de onderdelen af.

TOELICHTING

Wat zijn de hoofdartikelen van de presentatie? En wat zijn de randartikelen?

Wat is het verwantschap van de artikelen?

Wie is de doelgroep?

N

VA

Welk thema heb ik gekozen?

Wat is de kleurkeuze van het artikel en het thema?

©

Wat zijn de kenmerken van het thema?

Welk achtergrondmateriaal heb ik gekozen?

Welke achtergrondkleur heb ik gekozen?

Wat zijn de slogan, kernwoorden en/of technische begrippen in mijn etalagepresentatie?

THEMA 3

LEVEL 9 203


ONDERDEEL

TOELICHTING

Wat zijn de decoratiematerialen bij het thema?

Welke collagematerialen zijn er? gekozen kleur(en) kernassortiment in de presentatie randassortiment in de presentatie decoratiematerialen sfeermaterialen

Vormt de moodboardpresentatie een evenwichtig geheel?

Is de moodboardpresentatie ordelijk en netjes verwerkt?

Evaluatie

IN

N

TO THE POINT

VA

Om je voorstel voor een etalage te presenteren, kun je een moodboard gebruiken. Moodboards helpen je bij het presenteren en overbrengen van ideeën. Ze zijn een niet te onderschatten hulpmiddel voor een visual merchandiser.

©

Om een moodboard uit te werken volg je deze stappen: STAPPENPLAN

Stap 1: Noteer enkele sleutelwoorden over de doelgroep, de huisstijl, het thema, de artikelen en de sfeer die je wilt oproepen.

Stap 2: Kies een geschikte achtergrond. Stap 3: Kies de afbeeldingen en materialen. Stap 4: Kies de juiste kleuren. Stap 5: Maak de compositie. Stap 6: Bespreek en evalueer je ontwerp. Gebruik eventueel de checklist uit Explore 6.

204 THEMA 3

LEVEL 9


Action 1— 1

Kun je vanuit een achtergrond passende afbeeldingen vinden?

Je gaat aan de hand van alleen een achtergrond een moodboard ontwerpen. Bekijk de achtergrond van dit lege moodboard. Er zijn er nog negen afbeeldingen die moeten ingevuld worden om een etalageontwerp te maken. a

Bedenk een aantal sleutelwoorden bij deze achtergrond.

b

Welke huisstijl past hierbij?

c

Welke doelgroep past hierbij?

d

Welk thema past hierbij? Welke kleuren passen hierbij?

N

e

IN

Zoek online naar afbeeldingen van passende materialen, artikelen, decoratie en kleurvlakken voor deze achtergrond. Zoek er meer dan negen zodat je de beste afbeeldingen kunt kiezen.

g

Zet de afbeeldingen op het moodboard.

h

Bespreek je moodboard met je leerkracht.

VA

f

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

2

THEMA 3

LEVEL 9 205


Action 2—

Kun je sleutelwoorden bij de moodboards plaatsen?

Bekijk de moodboards. Noteer bij elk moodboard vijf sleutelwoorden aan de hand van de vragen. a

Waaraan doen ze je denken?

b

Welk gevoel past hierbij?

c

Welke doelgroep past hierbij?

d

IN

Welk artikel past hierbij? Welk thema past hierbij?

N

e

a

Waaraan doen ze je denken?

VA

b

Welk gevoel past hierbij?

c

Welke doelgroep past hierbij?

©

d

Welk artikel past hierbij?

© Shutterstock / Olga Steckel

e

Welk thema past hierbij?

206 THEMA 3

LEVEL 9


a

Waaraan doen ze je denken?

b

Welk gevoel past hierbij?

c

Welke doelgroep past hierbij?

d

IN

Welk artikel past hierbij?

e

Welk thema past hierbij?

©

VA

N

THEMA 3

LEVEL 9 207


Action 3— 1

Kun je de moodboards en interieurs combineren?

Bekijk de moodboards en de interieurs. Noteer welk moodboard bij welk interieur hoort.

A

C

IN

B

D

1

N

3

4

VA

2

A

B

2

C

D

Waar let je op bij het maken van een keuze?

©

3

208 THEMA 3

Welke doelgroep zou je koppelen aan de moodboards en bijbehorende interieurs?

bij 1:

bij 2:

bij 3:

bij 4:

LEVEL 9


Action 4—

Kun je een moodboard maken voor een etalage van Odette Lunettes in Antwerpen?

IN

O

odette lunettes

Kijk op de site van Odette Lunettes en laat je inspireren door het gebouw, het interieur, het logo, de doelgroep, de materialen, de kleuren en uiteraard het product. a b c d

2

Kies een achterwand, bijvoorbeeld in het formaat 30 x 50 cm. Verzamel foto’s, materialen, verven, knipsels in een kleurpalet eigen aan Odette Lunettes. Let op een nette en stijlvolle afwerking. Stel je presentatie voor aan de klas.

N

1

Maak een foto en/of geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. Denk bij het maken van je moodboard aan je sleutelwoorden. Laat ook de doelgroep in je moodboard meespelen. Wil je in overleg met je leerkracht meer uitdaging of een uitgebreidere opdracht maken? Neem dan je checklist erbij.

VA

Tip:

Action 5—

Kun je een moodboard maken over sport?

STAPPENPLAN

Stap 1: Brainstorm over de sport die je wilt presenteren. Gebruik de checklist uit Explore 6.

Stap 2: Kies een geschikte achtergrond van 30 x 50 cm.

©

Stap 3: Verzamel afbeeldingen en materialen, zoals foto’s, verf, knipsels, materialen die reliëf op het moodboard brengen ... in een kleurenpalet eigen aan het thema en met betrekking op die sport. Stap 4: Bewerk de achtergrond door het te beplakken, schilderen, bekleden ... Stap 5: Knip alle afbeeldingen haaks en scherp uit. Stap 6: Schik de foto’s en materialen in een compositie of beeldlijn. Je kunt eventueel de materialen laten overlappen. Stap 7: Bespreek je presentatie met je medeleerlingen en leerkracht. Stap 8: Herschik je presentatie waar nodig. Stap 9: Kleef nu alles vast. Stap 10: Ga naar diddit en download de evaluatie. Vul die in. Stap 11: Maak een foto, geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het samen met de evaluatie in je portfolio. THEMA 3

LEVEL 9 209


Action 6—

Wat vertellen de moodboards van A.S.Adventure je?

Moodboard fashion/urban outdoor : Lapland • achtergrond: abribus rendier met sneeuw • silhouetten: bordeaux, rood, roest • acc winkel: sjaals, mutsen,hoeden, folklore plaids • props: rieten manden met kerstbomen • fond : abribus renne avec de la neige

• silhouettes : bordeaux, rouge

IN

• acc shop : écharpes, chapeaux, plaids folkloriques

N

• accessoires : paniers en osier avec sapins de Noël

Moodboard ski

• achtergrond: abribus goggle • silhouetten: roos, beige, zwart, wit • acc winkel: winterwarme mutsen, sjaals, après ski boots, bags

VA

• props: kerstbomen

• fond : lunette Abribus • silhouettes : rose, beige, noir, blanc • acc store : bonnets chauds d'hiver, écharpes, bottes après ski, sacs

©

• accessoires : sapins de Noël

Bekijk de twee moodboards van A.S.Adventure. Deze zijn na een brainstorming met de afdeling aankoop, marketing en visual merchandising in functie van de etalagekalender uitgewerkt. Ze dienen ook als handvat voor de etaleurs en winkelverantwoordelijken om de etalage aan te kleden. De medewerkers gebruiken hier tekst als communicatiemiddel om zo uniformiteit in alle vestigingen te bekomen.

210 THEMA 3

LEVEL 9


Neem de checklist van Explore 6 en vul deze in voor de moodboards van A.S.Adventure. Bekijk online de etalageplanning en een etalagekalender. De etalageplanning is voor A.S.Adventure een kalender waarop gepland wordt wie, waar, wanneer de etalage volgens de etalagekalender zal maken. A.S.Adventure beschikt over vier freelance etaleurs. Houd het volgende in je achterhoofd: Een etalagekalender is een halfjaarlijkse kalender waarop je de periode terugvindt waarin de etalage wordt gemaakt en in welk thema. Elk filiaal van A.S.Adventure beschikt over twee etalages die op hetzelfde tijdstip moeten worden gemaakt. Vandaar de vermelding ‘ETALAGE 1’ en ‘ETALAGE 2’. Abribus is het formaat van poster dat men in de etalage gebruikt. Silhouetten zijn de etalagepoppen. Acc winkel zijn de accessoires (randassortiment) die voorradig zijn in de winkel. Props is de decoratie.

c

Vind jij op de etalagekalender de datum terug vanaf wanneer de etalages zullen worden gerealiseerd in de winkels? Noteer:

d

IN

a b

Turnhout:

Gent:

Waterloo:

Kortrijk:

N

Kijk op de etalageplanning en noteer wie deze etalage moet uitvoeren en wanneer in:

CHECKLIST

VA

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan een moodboard ontwerpen voor een etalage.

2

Ik kan passend materiaal zoeken om de voorstelling zo compleet mogelijk te maken.

3

Ik sta open voor feedback bij de voorstelling/ evaluatie van mijn opdracht.

Ik kan het geheel ordelijk verwerken.

©

1

4

THEMA 3

LEVEL 9 211


Beeldwoordenboek Level 9 BEGRIP

AFBEELDING

Dat is een visuele voorstelling van een etalage door gebruik van foto’s, materialen, verf …

©

VA

N

IN

moodboard

OMSCHRIJVING

212 THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 9


LEVEL 10 Hoe verpak je verkochte goederen in op een professionele manier? INTRO

N

IN

Hey jij daar! Kan ik jou misschien inpakken om samen deze verpakking in te pakken?

©

VA

Inpakken en verpakken. Dat is toch allemaal hetzelfde? Of toch niet? Inpakken kan betekenen emballeren, inpalmen, inwikkelen, pakken. Verpakken is een manier om een bepaalde inhoud te beschermen en bij elkaar te houden. Dat kan handmatig of mechanisch gebeuren.

1

Markeer het juiste woord. — Dag juffrouw, mag ik 250 gram pralines a.u.b.? Ik wil het als geschenk geven! — Zeker meneer, ik zal ze inpakken / verpakken in een pralinedoos en inpakken / verpakken als geschenk.

THEMA 3

LEVEL 10 213


2

Kun je een verpakking inpakken? Bekijk de afbeeldingen. Welke artikelen zijn verpakt en welke zijn ingepakt? Kruis aan.

A

B

verpakt ingepakt

verpakt ingepakt

C

verpakt ingepakt

IN

© Shutterstock / Carlos Yudica

D

© Shutterstock / urbanbuzz

F

verpakt ingepakt

N

verpakt ingepakt

G

verpakt ingepakt

H

verpakt ingepakt

©

VA

E

verpakt ingepakt

3

© Shutterstock / DenisMArt

Wat is juist: verpakpapier of inpakpapier? Licht je antwoord toe en bespreek klassikaal.

4

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

214 THEMA 3

LEVEL 10

Hoe kun je een verpakking leuk inpakken?


Re-explore 1—

oe kun je een basisvorm op een snelle manier H inpakken?

Inpakken en verpakken Als je een artikel, een product of levensmiddelen ergens in doet, zoals een zakje, een drankkarton, een fles, een blik … dan noem je het verpakken. Doe je er papier of doek rond en maak je er een geschenk van, dan ga je inpakken.

IN

Laten we de basisstappen voor het inpakken van een cadeau even opfrissen. Er zijn een paar snelle en vooral makkelijke manieren om van jouw pakje een mooi cadeautje te maken. Bekijk de stappenplannen voor het inpakken van eenvoudige vormen en het gebruik van inpakpapier. STAPPENPLAN: Eenvoudige vormen inpakken

N

Stap 1: Kies een eenvoudige vorm, zoals een kubus of balk voor het inpakken van een onregelmatige vorm. Je kunt hiervoor een doos gebruiken. Uiteraard is het inpakken van een standaard rechthoekige doos een stuk simpeler dan bijvoorbeeld het inpakken van een speelgoedpop of een paar wijnglazen. Toch kun je dit probleem uit de wereld helpen door een moeilijk in te pakken vorm in een doos(je) te steken. Dat bespaart jou heel wat geknoei en geeft een beter resultaat!

©

VA

Stap 2: Kies een andere eenvoudige vorm, zoals een cilinder. Heel kleine cadeautjes, zoals juweeltjes, kun je ook inpakken met behulp van een rolletje, zoals een leeg rolletje wc-papier of een klein blikje. Steek je juweeltje met onregelmatige vorm in het rolletje en steek er wat watten omheen. Pak het in als een snoepje of een knalbonbon.

Stap 3: Kies een voorbeeld. Een fles inpakken hoeft niet moeilijk te zijn. Je kunt uit veel voorbeelden kiezen. De eenvoudigste manier is om de fles in een draagtasje te steken. Maar is dat wel zo persoonlijk? Op diddit vind je een document met een filmpje over de basismethodes van het inpakken van een fles en online vind je nog veel meer filmpjes. Met een eenvoudig ingepakte fles met een plat of gefronst bovenstuk als basis kun jij verder om er een feestelijke originele toets aan te geven.

THEMA 3

LEVEL 10 215


STAPPENPLAN: Het gebruik van inpakpapier

IN

Stap 4: Kies voor makkelijk inpakpapier. Heb je toch onregelmatige vormen en geen doos of rolletje voorhanden? Gebruik dan soepel inpakmateriaal, zoals zijdepapier of folie. Ook een stukje organza, tule of een doek kun je hiervoor gebruiken. De inpaktechniek met een doek of sjaal noemen we furoshiki. Je kunt het materiaal keer op keer gebruiken, waardoor je geen afval creëert. Dit materiaal laat zich makkelijk met wat fronsjes rond de vorm spannen. Neem het inpakmateriaal bovenaan samen, plaats er een strik rond en klaar is Kees.

VA

N

Stap 1: Het is zeer vervelend als je tijdens het inpakken ontdekt dat je inpakpapier te klein is voor jouw geschenk. Voordat je het papier gaat knippen of scheuren, bekijk je eerst goed of het inpakpapier wel volledig rond je voorwerp past. Let er ook op dat je nog wat marge nodig hebt. Leg daarom je geschenk op het uitgerolde inpakpapier. Je stuk papier moet zeker twee keer zo groot zijn als het cadeau zelf. Aan de zijkant voorzie je tweemaal de hoogte van de zijkant van je cadeau. Foto 1 Stap 2: Leg je afgemeten stuk inpakpapier op een plat oppervlak. Zo maak je geen kreuken en werk je een stuk makkelijker. Leg daarna je geschenk ondersteboven. Niks is vervelender dan dat de ontvanger je cadeau openmaakt en … het geschenkje zit er ondersteboven in. Om dat te vermijden, leg je de verpakking met de onderkant naar boven op het inpakpapier.

Stap 3: Pak nu je geschenk in. Leg je geschenk in het midden van het inpakpapier en vouw een van de langste zijden tot in Foto 2 de helft van het voorwerp (zie foto 2). Neem nu de andere lange zijde en haal die strak over het voorwerp heen, zodat alles bedekt is. Plak het papier vast met plakband (zie foto 3).

©

Stap 4: Vouw nu van de korte zijde de punten van het papier naar binnen tot aan de rand van de verpakking. Herhaal dit met de andere korte zijde (zie foto 4). Er steekt nu langs elke korte kant nog een stuk papier uit, meestal in de vorm van een driehoek. Die twee korte kanten vouw je om het pakje heen en plak je vast (zie foto 4 en 5). Je bent nu klaar!

Foto 3

216 THEMA 3

LEVEL 10

Foto 4

Foto 5


Tip:

Tip:

Voor geschenken met hogere zijkanten neem je van het papier iets meer dan tweemaal de helft van de hoogte van het pakje. Ga naar het document op diddit en bekijk het filmpje. Let op: wees zuinig met plakband. Een te groot stuk plakband oogt slordig. Kleef de plakband ook steeds evenwijdig met de overslagrichting.

VA

N

IN

Stap 5: Versier je geschenk met lintjes, strikjes, labels, etiketten en ornamenten: hiermee maak je het verschil (zie foto’s 6 en 7)! Het aanbod hiervoor is enorm. Kijk even op enkele sites om een idee te krijgen van het aanbod en het verschil in materialen en prijzen. Let wel op dat je het lint en de strik aanpast aan de grootte van het geschenk en de kleur van je papier. Geef de strik volume zodat het precies uit het pakje springt. Zo krijgt het de uitstraling van een cadeau. Werk af tot in de puntjes.

Foto 6

Foto 7

©

Stap 6: Mag het toch een tikkeltje origineler? Ga naar het document op diddit en ontdek in een leuke video hoe je jouw geschenk een persoonlijke touch kunt geven.

THEMA 3

LEVEL 10 217


TO THE POINT Je kunt een artikel, product of levensmiddelen verpakken, bijvoorbeeld in een zakje, drankkarton, fles, blik … Zodra je er een geschenk van maakt, dan ben je aan het inpakken.

IN

Moeilijk in te pakken vormen verpak je het best als kubus, balk of cilinder door het geschenk in een doos of rolletje te steken. Cilindervormen pak je strak in met de onder- en bovenkant van het papier in te knippen of te plooien en daarna strak om te vouwen en stevig vast te plakken. Je kunt er een snoepverpakking van maken. Je kunt ook soepel inpakmateriaal gebruiken bij onregelmatige vormen, zoals zijdepapier, stof, folie … De inpaktechniek met een doek of sjaal noemen we furoshiki. De stof die je gebruikt, kun je keer op keer opnieuw gebruiken.

Action 1— 1

N

Neem de juiste grootte inpakpapier. Gebruik tweemaal de omtrek plus omslag en tweemaal de hoogte van de zijkant. Leg je geschenk ondersteboven in het midden op het inpakpapier. Vouw eerst de langste zijden om het voorwerp, zodat alles bedekt is en plak vast met een niet te groot stuk tape evenwijdig met de papierrichting. Vouw daarna de korte zijkanten van het papier strak tegen de doos en plooi de ontstane twee driehoeken of vierhoeken naar binnen en plak ze vast. Zorg voor een passende versiering, zoals een lint of een strik.

Hoe kun je zelf inpakpapier maken?

Je gaat je eigen ontwerp of design (motief) maken voor je inpakpapier. Kies voor iets steviger, effen inpakpapier, bijvoorbeeld bruin kraftpapier of effen tafelpapier. Dat ziet er misschien wat saai of simpel uit, maar je kunt er erg veel mee doen zoals: je eigen design in belijning en kleurpalet erop ontwerpen met dikke en dunne kleurstiften en met of zonder lat, zoals een design van Paul Smith in verticale strepen; leuke tekeningen of een persoonlijke boodschap erop maken;

©

VA

a

218 THEMA 3

LEVEL 10

beplakken met leuke knipsels uit maand- en weekbladen, stickers of gekleurde knopen; versieren met aardappelstempels.


b

c

Maak zelf bruin papier! Zo maak je een pakje met een antieke uitstraling. a

b

VA

N

c

Neem een blad krantenpapier, een muziekpartituur of een pagina uit een oud tijdschrift dat je inwrijft met oploskoffie. Maak een heel straffe kop oploskoffie. Leg het blad papier op en plastieken ondergrond, neem een vod of zacht sponsje, dompel het in de koffie en dop zachtjes op het papier. Laat je papier drogen en zet er een tweede laag op. Zo krijg je lichte en donkere vlekken. Laat terwijl het papier nog vochtig is enkele korrels oploskoffie vallen op verschillende plaatsen op het papier. De korrels zullen door het vocht oplossen en een donkere vlek achterlaten op die plaats. Laat het papier drogen en je krijgt een vel inpakpapier uit de oude doos.

IN

2

Werk je idee uit. Er zijn duizenden manieren om met bruin papier mooie pakjes te maken. Kies een manier uit of zoek online naar iets origineels en werk het uit. Pak je geschenk eerst in, zo zie je beter waar de afbeeldingen het mooiste uitkomen. Wedden dat de persoon die je cadeautje krijgt rustig de tijd neemt om het pakje open te maken? Neem een foto van je resultaat. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Action 2—

Het moet niet altijd papier zijn, maar het mag ook eens iets Oosters zijn. Tal van voorwerpen kun je makkelijk inpakken met stof. In Japan noemt men deze manier van inpakken furoshiki. Kies een pakje in de vorm van een kubus of balk, bijvoorbeeld een pak pasta of een boek. Neem een servet of een restje stof dat groot genoeg is om een cadeautje origineel in te pakken. Pak je pakje in en maak een furoshiki-verpakking met een versiering aan de knoop. Je vindt tal van filmpjes hierover online! Bekijk op diddit de filmpjes en ga nu zelf aan de slag.

©

1

Hoe kun je ander inpakmateriaal gebruiken?

THEMA 3

LEVEL 10 219


Ook erg Japans is washi-tape. Je kent het beslist: plakband met leuke motieven! Gebruik stroken van deze plakband op effen inpakpapier in plaats van een traditioneel lint en strikje. Wees creatief met de washi-tape door er ruitvormen, diagonalen, patronen … mee te plakken. Je kunt zeer modern werken met flashy kleurcombinaties of motieven. Tof voor een verjaardagscadeautje! Verpak een fles in wit papier en versier je pak met washi-tape. Denk goed na over wat je resultaat moet zijn voordat je begint met plakken. Wil je horizontale en/of verticale lijnen? Meet dat eerst even uit met potlood en lat op de ingepakte fles.

b

Maak je eigen washi-tape. Plak een strookje dubbelzijdige tape over je cadeau en bestrooi het rijkelijk met confetti, rijst, sterretjes, suikerpareltjes … Het soort strooisel dat je gebruikt bepaalt voor welke feestelijke gebeurtenis het is. Gebruik bijvoorbeeld rijst voor een huwelijk, confetti bij een kinderfeest, suikerpareltjes bij een geboorte … Als je effen washi-tape koopt, dan kun je die met behulp van een stift zelf versieren met motiefjes, punten en teksten.

Hoe kun je recyclageverpakking gebruiken?

VA

Action 3—

IN

a

N

2

©

Misschien heb jij ook wel enkele glazen bokalen en conservenblikken of oude blikkendozen waar je niets mee doet? Die kun je makkelijk omtoveren tot originele cadeauverpakking. Ofwel laat je ze zoals ze zijn en stop je er het cadeautje in of je beschildert of beplakt de buitenkant met leuke restjes papier, een foto, initialen … Doe of maak er een deksel op en klaar! Maak je blikverpakking uiteraard eerst goed proper. Voorbeelden zijn een paar sokken in een soepblik of een iets groter cadeautje in een schoendoos. Versier nu je gerecycleerde verpakking met zelfgemaakte washi-tape zoals je in Action 2 hebt geleerd.

Zwemmen in het geld

© Shutterstock / Lais Monteiro

220 THEMA 3

LEVEL 10


Action 4—

Hoe kun je een tasje van jute maken?

Je gaat een tasje van jute maken. Als je een cadeau kunt inpakken, kun je ook een tasje maken om het cadeautje in te steken. Zo ga je te werk. Volg het stappenplan. Tip:

Indien je andere stof neemt voor het maken van het tasje, gebruik dan een kartelschaar om de stukken stof te knippen. Je kunt deze techniek ook perfect toepassen met een combinatie van effen en bedrukt inpakpapier.

STAPPENPLAN

N

Stap 2: Vouw de lange kant naar binnen.

IN

Stap 1: Leg een pakje tot aan de rand van de stof. De afmetingen van de verschillende stukken zijn afhankelijk van de grootte van het pakje.

VA

Stap 3: Wikkel het pakje in de stof.

Stap 4: Knip een smalle reep en naai dit met enkele steken tegen elkaar. Afhankelijk van de lengte doet dit dienst als handvat of schouderband. Als je papier gebruikt, lijm dan de reep aan elkaar.

©

Stap 5: Sla de flap om maar leg eerst je handvat ertussen.

Stap 6: Knip een andere smalle reep uit die je om het tasje bindt en naai of plak vast. Knip het uiteinde niet af, want die doet dienst om de strik mee vast te knopen.

THEMA 3

LEVEL 10 221


Stap 7: Vouw een andere, bredere reep tot een strik.

IN

Stap 8: Rimpel het midden bij elkaar en knoop samen met de overschot van het garen.

Hoe kun je met iets meer werk heel feestelijk verpakken?

VA

Action 5—

N

Stap 9: Bevestig de strik aan de tas en je tas is klaar.

©

Je maakt een zilveren bloem. Ga als volgt te werk: STAPPENPLAN

Stap 1: Teken op een tekenblad het bloemsjabloon over in twee formaten: een vierkant van 10 x 10 cm een vierkant van 9 x 9 cm Verdeel het vierkant in vieren door met lat en potlood twee middellijnen te tekenen. Teken nu het eenvoudig bloemmotief over en knip uit.

Stap 2: Knip nu met een scherpe schaar twee vierkanten uit in stevig aluminiumfolie: een vierkant van 10 x 10 cm en een vierkant van 9 x 9 cm.

222 THEMA 3

LEVEL 10


IN

Stap 3: Trek met potlood de papieren bloemsjabloon over op ieder stuk folie. De punt van het potlood mag niet te scherp zijn, anders gaat het folie vlug scheuren. Knip daarna het motief uit.

VA

N

Stap 4: Leg acht halve vellen krantenpapier op elkaar als doordrukbasis. Leg de uitgeknipte foliebloem hier op en grif met het potlood lijnen op de bloemblaadjes.

©

Stap 5: Kleef met een drupje lijm in het midden van het grootste bloemmotief de tweede vorm hier op en moduleer voorzichtig de bloemblaadjes zodanig dat er volume in komt. Van de overschotten van de folie maak je enkele bolletjes (propjes) of gebruik houten kralen. Kleef de bolletjes in het hart van de bloem.

Stap 6: Naargelang de grootte van je geschenk kun je verschillende bloemgroottes maken en als boeket op je pakje plakken. Je kunt er zelfs een stengel en blaadjes aan toevoegen. Probeer het uit en wees creatief. Succes verzekerd!

THEMA 3

LEVEL 10 223


1

Hoe kun je een huisstijlverpakking ontwerpen?

IN

Action 6—

Bij verkoop verpakt de medewerker van Odette Lunettes een zonnebril in een brillendoos. Kun je dit inpakken volgens de huisstijl? a

Welke materialen en welke kleuren zou je hiervoor kunnen gebruiken? Noteer.

b

N

Pak een brillendoosje in volgens jouw omschreven idee. Tip:

Toon je creatie aan je medeleerlingen en leerkracht.

VA

c

Heb je geen brillendoos bij de hand? Geen nood, neem dan een ander doosje ter grootte van een brillendoos en pak die in.

2

Neem een foto van je resultaat. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Action 7—

Werkplekleren: Hoe worden artikelen verpakt en ingepakt in de praktijk?

©

Je bezoekt je stageplaats of een andere plek in overleg met je leerkracht. Observeer de wijze van verpakken en inpakken. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche van het bedrijf

Naam van het bedrijf

Adres

Website

224 THEMA 3

LEVEL 10


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Observering van het bedrijf Zijn er algemene afspraken in verband met het verpakken van artikelen op je stageplaats?

Ja Nee Indien ja, welke afspraken zijn er gemaakt rond verpakken:

Zijn er algemene afspraken in verband met het inpakken van artikelen op je stageplaats?

Ja Nee

IN

Indien ja, welke afspraken zijn er gemaakt rond inpakken:

N

Welke inpakmaterialen en benodigdheden zijn er aanwezig? Noteer en leg uit waarvoor ze gebruikt worden.

VA

Maak een foto van de inpakmaterialen.

©

Beschrijf de dagelijkse inpakmethodes volgens de huisstijl. Als er meerdere mogelijkheden zijn, beschrijf je er maximaal drie.

Voorbeeld 1:

THEMA 3

LEVEL 10 225


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Voorbeeld 2:

Voorbeeld 3:

IN

N

Maak een foto van de voorbeelden. Hoe pakt de medewerker een geschenkbon in? Beschrijf.

VA

Maak een foto van een voorbeeld.

Is het inpakken of het inpakmateriaal gratis op je stageplaats?

Ja Nee

Indien nee, welke afspraken zijn er gemaakt?

©

Moet de klant zelf zijn geschenkje inpakken?

226 THEMA 3

LEVEL 10

Ja Nee


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Bespreek de inpakcorner.

Waar bevindt zich de inpakcorner in de winkel? Wat is (ongeveer) de hoogte van het werkblad? Noteer welke hulpmiddelen voor inpakken kan de klant gebruiken?

IN

Maak een foto van de inpakcorner als die er is.

DEEL 3: NA HET BEZOEK

N

Maak een geschenkverpakking volgens de huisstijl van het (stage)bedrijf. Leg je inpakmethode (deelfases) uit. Verwerk deze opdracht digitaal met een programma naar keuze. Evalueer met je klasgenoten. Download via diddit het evaluatieformulier. Neem een foto van je resultaat. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

VA

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan de basisvormen vlot inpakken.

2

Ik kan verschillende inpakmaterialen gebruiken.

©

1

3

Ik kan zelf inpakpapier ontwerpen.

4

Ik kan creatief zijn en verschillende inpakmethodes gebruiken.

5

Ik kan ordelijk werken.

THEMA 3

LEVEL 10 227


Beeldwoordenboek Level 10 BEGRIP

OMSCHRIJVING Dat is het omwikkelen met papier van een geschenk of verpakking en eventueel voorzien van een extra versiering zoals een lint of strik.

verpakken

Dat is een product in een verpakking doen, zoals een blik, zak, bokaal …

furoshiki

Dat is een Japanse inpakkunst met stof. Je kunt het materiaal telkens opnieuw gebruiken, wat deze techniek heel milieuvriendelijk maakt.

©

VA

N

IN

inpakken

228 THEMA 3

AFBEELDING

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 10


LEVEL 11 Hoe maak je de artikelen verkoopklaar? INTRO 1

Bekijk aandachtig de afbeeldingen.

B

IN

A

N

C

VA

D

F

E

©

G

2

Bespreek klassikaal wat je ziet.

3

Kun je nu drie onderzoeksvragen formuleren die je in dit level zult behandelen?

THEMA 3

LEVEL 11 229


Re-explore 1—

Hoe pak je artikelen om en wat is de functie ervan?

De drie niveaus van ompakken

1

IN

Het ompakken van artikelen kan gebeuren op drie niveaus.

Ga naar de ontdekplaat en bekijk aandachtig de videofragmenten over het ompakken van artikelen. Vul de tabel aan. Kies in de eerste kolom uit:

primaire verpakking – secundaire verpakking – tertiaire verpakking

Kies in de tweede kolom uit:

N

collo – consumentenverpakking – krimpfolie – ompakken – omverpakking – tray packing

OMSCHRIJVING

VA

SOORT VERPAKKING

De is de verpakking waarin het artikel in de winkel wordt aangeboden aan de klant. Het is de verpakking die direct om het product zit zoals bijvoorbeeld een pak of fles met wasmiddel.

Bij

©

230 THEMA 3

LEVEL 11

wordt soms de

niet helemaal verwijderd maar slechts een deel ervan of wordt er een extra folie aangeboden omwille van een multiverpakking. Het houdt een aantal producten bij elkaar zoals bijvoorbeeld een set van 12 flessen water.


SOORT VERPAKKING

OMSCHRIJVING Artikelen worden opgeslagen in een , ook wel grootverpakking genoemd. Dit is een verpakking om een groot aantal consumentenverpakkingen. Vaak is de omverpakking hetzelfde als een Meestal moet je de artikelen uit de omverpakking halen voordat je ze in de winkel kunt presenteren. Dat noemen we

.

. De omverpakking kan

2

IN

bijvoorbeeld zijn; dit is een plastic folie die gesmolten wordt bij hoge temperaturen. Deze verpakking is de verpakking die het transporteren en opslaan van een groot aantal producten gemakkelijker en veiliger maakt. Discountwinkels plaatsen deze verpakking meteen in de winkel.

Wat is volgens jou het nadeel voor de retailmedewerker wanneer de ondernemer de producten in een tray pack in de winkel wil plaatsen?

N

3

De verpakking heeft verschillende functies. a

VA

Ga naar de ontdekplaat en noteer de functie van de verpakking bij de omschrijving. Kies uit: bescherming – bij elkaar houden – productherkenbaarheid – productinformatie bieden – transporteren – traceerbaarheid

FUNCTIE VAN DE VERPAKKING

©

OMSCHRIJVING

De verpakking houdt licht, stof, vocht, bacteriën, temperatuurverschillen ... weg bij het product. Ook helpt de verpakking om schokken op te vangen. De verpakking maakt het gemakkelijker voor de klant om zwaardere producten mee te nemen naar huis, bijvoorbeeld een zak aardappelen van 5 kg of een set van 6 dankkartons melk van 1 liter. De verpakking maakt het gemakkelijker voor de klant om producten die een eenheid vormen in een keer mee te nemen, bijvoorbeeld snoepjes, koekjes, een paar sokken, worstjes … De verpakking toont de klant gegevens waaronder de houdbaarheidsdatum, de gebruiksaanwijzing, de ingrediënten, de merknaam, de prijs ...

THEMA 3

LEVEL 11 231


FUNCTIE VAN DE VERPAKKING

OMSCHRIJVING De verpakking helpt de klant om een product gemakkelijk terug te vinden in de rekken van de winkel.

De verpakking zorgt ervoor, dankzij een unieke code op het etiket van de verpakking, dat het mogelijk is om van een product de verschillende stappen te herleiden voordat het bij de consument komt.

Bekijk via diddit het videofragment over de verpakking die bescherming biedt aan de producten bij het transport.

c

Wat is bufferruimte?

d

IN

b

Welke materialen kun je daarvoor gebruiken?

VA

N

©

Explore 2— Welke informatie geeft de productidentificatie?

Productindentificatie De traceerbaarheid van een artikel is belangrijk. Denk maar aan de terugroepacties of product recall van bepaalde producten. Je kunt het artikel traceren via de unieke code op de verpakking. Naast die code hebben de artikelen ook een productidentificatie op de verpakking staan. Dit is de etikettering. De wetgeving bepaalt welke informatie er op het artikel moet staan. Zo moet het etiket van voedingsmiddelen voldoen aan een aantal belangrijke verplichtingen.

232 THEMA 3

LEVEL 11


1

Ga naar de ontdekplaat en ga naar de link van het FAVV voor consumenten. Beantwoord de onderstaande vragen. a

Waarvoor staat de afkorting FAVV?

b

Welke belangrijke verplichte aanduidingen moeten er zijn op voedingsmiddelen? Vul aan.

1 De

die aangeeft om welk product het gaat

2 De lijst met

3 Het vermelden van opwekken)

4 De

IN

: het ingrediënt waarvan het meest gebruikt is in het product moet als eerste vermeld staan, vervolgens het ingrediënt waarvan minder gebruikt is … Ook de additieven (E-nummers) moeten op de ingrediëntenlijst staan. (eiwitten die allergische reacties kunnen

: hoeveel milliliter, liter, gram of kilogram er in de verpakking zit. De inhoud is altijd de netto-productinhoud. Het gewicht van de verpakking telt niet mee.

5 De datum van minimale 6 Het

) of de

)

: dit mag een datum zijn die minimaal bestaat uit dag en

N

uiterste verbruiksdatum (

(

maand

7 De

en

, zoals bijvoorbeeld koel

bewaren

8 De

en het

van de

VA

voor het product

9 Het

voor dranken met een alcoholgehalte hoger dan 1,2

volumeprocent

10 Voor diepvriesproducten moet bij de verkoopsbenaming staan en er moet worden vermeld dat het product eenmaal ontdooid

Duid op het onderstaande etiket de verplichte aanduidingen aan met de cijfers uit vraag b.

©

c

.

d

Welke verplichte aanduidingen zijn niet van toepassing op dit etiket en waarom? THEMA 3

LEVEL 11 233


2

Bekijk aandachtig het voorbeeld van een terugroepactie. Markeer de volgende items in de tekst: Geel

Welk product wordt er teruggeroepen?

Groen

Dankzij welke code(s) kan je het product traceren?

Blauw

Waar werd het product verkocht?

IN

Colruyt en Okay hebben, na melding van de leverancier en in overleg met het FAVV, besloten om de cake quatre-quarts (500 g) van het merk Boni Selection met houdbaarheidsdata 27 augustus 2022 of 28 augustus 2022 uit de verkoop genomen wegens de mogelijke aanwezigheid van stukjes metaal in een aantal verpakkingen van dit product. De stukjes metaal kunnen mogelijk schadelijk zijn voor de gezondheid van de consument. Aan klanten die dit product gekocht hebben, wordt gevraagd om het niet te consumeren en het terug te brengen naar de winkel. Daar krijgen ze het aankoopbedrag terugbetaald. Intussen werden de betrokken producten in alle winkels uit de rekken gehaald.

VA

N

Beschrijving van het product: Quatre-quarts van het merk Boni Selection (500 g) Houdbaarheidsdatum (THT): 27 augustus 2022 – 28 augustus 2022 Verkoopperiode: van 1 juli 2022 t.e.m. 5 augustus 2022 Artikelnummer: 19306 Lotnummers: B179 – B180 Barcodenummer: 05400141588880 Producent: Biscuiterie La Trinitaine

©

Dit product werd verdeeld via de volgende winkels: Colruyt België en OKay. Bron: FAVV 2022-08-09

3

Ga naar de website van het FAVV. Welk product werd er recent teruggeroepen?

234 THEMA 3

LEVEL 11


QR-codes

4

IN

Tegenwoordig vind je naast alle andere informatie ook vaak QR-codes op de verpakking. Dit zijn codes die gemakkelijk toegankelijk zijn en je kunt scannen met behulp van een smartphone. De producent kan zo gemakkelijk informatie over het product delen. Producenten gebruiken de QR-codes op verpakkingen over het algemeen om klanten aan zich te binden. Elke QR-code is uniek. De code kan informatie bevatten zoals een ingrediëntenlijst van het product of een vervaldatum, maar het kan ook doorverwijzen naar een video over het product. De QR-code is een toevoeging aan de verpakking. De code vervangt niet de verplichte vermeldingen op de verpakking.

Knip zelf drie verschillende QR-codes uit verpakkingen en kleef ze hieronder. Noteer telkens op welk product de QR-code vermeld staat en welke informatie de QR-code bevat. NAAM PRODUCT

INFORMATIE VAN DE QR-CODE

N

QR-CODE

©

VA

THEMA 3

LEVEL 11 235


Oververpakking Bedrijven moeten er alles aan doen om oververpakking tegen te gaan. Ze moeten proberen om de verpakking circulair te maken. Dit begint bijvoorbeeld bij het recycleren van verpakkingen. Veel bedrijven leveren ook andere inspanningen voor het milieu.

Bring your own water shampoo: hét duurzame alternatief op ‘normale’ shampoo

IN

Zoals je misschien wel weet, is water een van de meest gebruikte ingrediënten in veel beautyproducten, ook in shampoo flessen. Zo bevat een gemiddelde shampoo fles ongeveer 95 procent (!) aan water – bizar hé. Om de grote hoeveelheid afval in de wereld – en in het bijzonder plastic – tegen te gaan, is het weglaten van water in deze flessen een goede optie. De verpakkingen van de flessen worden hierdoor in formaat namelijk aanzienlijk kleiner. Sterker nog, de fles of zak met poeder bij een ‘just add water shampoo’ wordt een stuk minder zwaar, waardoor zelfs het transport duurzamer wordt.

N

Bron: Women’sHealth, 2022-09-22

Reageren op oververpakking

VA

Als consument kun je tegenwoordig ook reageren op oververpakking. Bij de website van Fostplus kun je een meldingsformulier invullen. Daar kun je melden indien je een verpakking hebt gezien die niet verantwoord is vanuit het milieuoogpunt. Zij sturen op hun beurt de melding door naar de producent, die zal op zijn beurt een reactie formuleren.

5

Zoek zelf drie producten die volgens jou oververpakt zijn. PRODUCT

©

Voorbeeld: avocado’s

WAAROM IS DIT OVERVERPAKKING?

Het is overbodig om iedere avocado nog eens apart in een plastic zakje te verpakken. Je kunt die makkelijk los verkopen. De buitenste schil wordt niet opgegeten.

236 THEMA 3

LEVEL 11


PRODUCT

WAAROM IS DIT OVERVERPAKKING?

IN

Ga naar de ontdekplaat en luister aandachtig naar de podcast over duurzame verpakkingen. Maak een mindmap van de podcast met het programma Mindmup. Geef het document een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

VA

N

6

THEMA 3

LEVEL 11 237


Re-explore 3— 1

Hoe kun je artikelen prijzen?

Ga naar diddit en bekijk aandachtig de video met powerpointpresentatie over het prijzen van artikelen. Ga individueel aan de slag om de informatie te verwerken aan de hand van de onderstaande vragen. a

Wat is het nut van artikelen te prijzen?

Wat kan de oorzaak zijn van een foute prijsaanduiding?

c

Wat is het gevolg van een foute prijsaanduiding?

d

N

b

IN

Wat kan de oorzaak zijn van een prijsverschil tussen artikelen in het rek en aan de kassa?

VA

e

Wat gebeurt er als een klant aan de kassa komt en de prijs komt niet overeen?

f

Waar kan de winkelier de juiste prijs opzoeken van een artikel?

©

238 THEMA 3

LEVEL 11


g

Op welke manieren kun je artikelen prijzen? Vul aan. BEGRIP

OMSCHRIJVING De winkelier voorziet een artikel van een hogere prijs.

De winkelier voorziet een artikel van een lagere prijs.

De winkelier voorziet een artikel van een prijs.

De fabrikant voorziet een artikel al van een prijs.

De winkelier voorziet een artikel van een andere prijs.

h

IN

Welk algemene regels gelden er bij het prijzen van artikelen?

2

N

Bekijk via de ontdekplaat de videofragmenten over de hulpmiddelen om te prijzen. a

Noteer bij elke afbeelding de letter van het hulpmiddel. Het ridderspoor en kimball-kaartje

D

De PLU-code

B

De streepjescode

E

Het prijsetiket en de prijstang

C

Het elektronische schaplabel

F

De RFID-tag

©

VA

A

© Shutterstock / Vladimir Arndt

THEMA 3

LEVEL 11 239


b

Vul het juiste hulpmiddel in bij de omschrijving. HULPMIDDEL

OMSCHRIJVING Dit plak je op het artikel geplakt met een prijstang.

Zo noem je de opeenvolging van lijnen die een code voorstellen die je met de scanner kunt lezen.

Dit gebruik je voor het prijzen van groenten en fruit.

Hierbij maak je gebruik van een ridderspoor.

Dit is moeilijk verwijderbaar voor klanten.

Hierop ziet de klant duidelijk de prijs staan. Dit systeem gebruik je vooral in de supermarkt. De prijs kun je makkelijk aanpassen.

Dit gebruik je ook als beveiligingsmaatregel bij diefstal.

De code kan bestaan uit enkel cijfers of uit een combinatie van cijfers, letters en leestekens.

Hierbij schiet je een nylonkoordje door de stof.

Hierbij moet de kassamedewerker de codes van buiten leren Via radiogolven maakt dit hulpmiddel verbinding met een leesapparaat. Bij het maken van een cadeautje haal je dit eraf.

VA

N

IN

Deze gebruik je in supermarkten om de prijzen van de artikelen in te scannen.

Bij elk artikel hoort een code. Bij het afrekenen drukt de kassamedewerker de code in op de kassa en dan op de functietoets. Daarna verschijnt de prijs en het juiste artikel op de kassa.

Dit hulpmiddel bestaat uit een chip, een antenne en een omhulsel.

©

240 THEMA 3

Dit hulpmiddel gebruik je om kleding te prijzen.

Dit systeem is een stuk goedkoper dan werken met streepjescodes.

LEVEL 11


3

Dankzij het elektronische schaplabel bestaat nu bij Albert Heijn het dynamisch afprijzen. Bekijk via de ontdekplaat het videofragment en beantwoord de vragen. a

Waar gebruikt Albert Heijn AI voor?

b

Waarom gebruikt Albert Heijn dynamisch prijzen bij voedsel dat over datum geraakt?

c

Waarom kan het dynamisch prijzen niet handmatig gebeuren?

d

IN

Wat staat er op het elektronisch schaplabel bij dynamisch prijzen?

e

Wat is uiteindelijk de bedoeling van het afprijzen?

Lees via de ontdekplaat ook het artikel over het elektronische prijskaartje bij Delhaize. In de tekst staat: “Beide bedrijven zetten bovendien een innovatielab op om nieuwe digitale oplossingen te ontwikkelen.” Waarom doen zij dat?

VA

f

N

©

THEMA 3

LEVEL 11 241


Re-explore 4—

Hoe prijs je correct?

De prijs correct vermelden Als winkelier ben je verplicht om de correcte prijs te vermelden. Je moet de prijs ondubbelzinnig vermelden. Indien je dat niet correct doet, kun je fikse boetes krijgen. Elk product moet duidelijk voorzien zijn van een prijs. 1

Vul de onderstaande algemene richtlijnen aan. Kies uit:

a

IN

bestek – btw – op een lijst – inclusief – leesbaar – ondubbelzinnig – schriftelijk – stuk – taksen – meeteenheid De totale prijs van de te koop gestelde goederen moet altijd

en

worden aangeduid. Indien de goederen in een etalage of in de winkelruimte te koop worden uitgestald, moet de prijs goed worden aangebracht.

De aangeduide prijs naar consumenten toe moet bovendien alles

N

b

zijn: en alle overige consument verplicht moet bijbetalen om een product te kopen. c

en lasten die de

De prijsaanduiding voor homogene diensten (diensten waarvan de eigenschappen identiek zijn zoals cafés, kappers of verzekeringen) moet forfaitair worden aangeduid

VA

bijvoorbeeld die wordt uitgehangen. Voor niet-homogene diensten op vraag van de klant zoals de herstelling van een dak, schoorsteenvegen … moet je een

d

opmaken indien de klant daarnaar vraagt.

Handelaars die aan consumenten verkopen zijn verplicht om voor een hele reeks producten

©

naast de prijs per ook de prijs per te vermelden, bijvoorbeeld per liter, per kilogram, per m³ … Die verplichting geldt voor vrijwel alle voedingsproducten, maar ook voor een aantal niet-voedingsproducten. Bij los verkochte producten hoeft alleen de prijs per meeteenheid te worden aangeduid.

242 THEMA 3

LEVEL 11


IN N

Good to know

VA

Wanneer de winkelier de prijzen aanpast in de winkelrekken, moet die ervoor zorgen dat die aanpassing gelijktijdig gebeurt in de kassa’s en omgekeerd. Verschilt de prijs in de winkel met de prijs aan de kassa, dan is de winkelier verplicht om het product aan de laagste prijs te verkopen, in het voordeel van de consument. Bovendien riskeer je boetes! Deze regel geldt ook voor prijzen die aangeduid zijn in folders of advertentiebladen en op de website.

Ga naar de ontdekplaat en bekijk aandachtig de twee videofragmenten over de slimme winkelwagen.

©

2

© Shutterstock / Tada Images

© Shutterstock / The Image Party

THEMA 3

LEVEL 11 243


a

Hoe werkt het systeem van de slimme winkelwagen?

b

Wat heb je niet meer nodig?

c

Welk voordeel biedt dit systeem voor de klant?

d

IN

Welk voordeel biedt dit systeem voor de winkelier?

Explore 5— Hoe bereken je de prijzen snel in een rekenblad?

VA

N

Ga naar diddit en download het artikelenbestand van het assortiment van een winkel die vrijetijdskledij verkoopt.

© Shutterstock / Sorbis

Bereken de prijs inclusief btw in het rekenblad. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICTfiches van het rekenblad raadplegen. Volg hiervoor het stappenplan.

©

a

STAPPENPLAN

Stap 1: Blokkeer de eerste rij, zodat je die steeds als titel ziet van je werkblad. Stap 2: Pas de notatie in kolommen D, F en H aan zodat hier een bedrag staat met twee cijfers na de komma. Houd hierbij rekening met de NBN-normen.

Stap 3: Bereken in kolom E de verkoopprijs inclusief btw. Gebruik een gemengde adressering. Kopieer daarna de formule. Opgelet: wanneer er geen btw-percentage in de kolom staat, bedraagt de btw 21 %. Stap 4: Bereken in kolom I de winstmarge tussen de aankoopprijs en de verkoopprijs excl. btw in %. Gebruik ‘Winstmarge’ als titel voor de kolom. Stap 5: Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. 244 THEMA 3

LEVEL 11


b

Wat is het duurste artikel inclusief btw?

c

Wat is het goedkoopste artikel inclusief btw?

d

Hoeveel kost artikel 8200925 T-shirt met korte mouwen voor meisjes inclusief btw? Druk je werkblad af. Volg hiervoor de onderstaande stappen. STAPPENPLAN Stap 1: Open opnieuw je bestand.

IN

e

Stap 2: Rangschik de artikelen van het goedkoopste artikel naar het duurste. Stap 3: Ga naar ‘bestand afdrukken’. Stap 4: Zet je blad liggend.

Stap 5: Klik op ‘Blad passend maken voor één pagina.’

N

Stap 6: Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

TO THE POINT

©

VA

Ompakken van artikelen Artikelen worden meestal geleverd in omverpakkingen. Dat zijn dozen, kisten, kratten of zakken. De omverpakkingen zitten rond de verpakking van de losse artikelen. Een omverpakking of collo bevat afzonderlijke artikelen. Die artikelen zijn eigenlijk al ingepakt. In een collo rijstwafels zitten bijvoorbeeld 24 pakken met daarin per pak 15 wafels. Je kunt de collo niet zo in het rek plaatsen, want de klant ziet dan niet wat erin zit. In de meeste supermarkten moet de retailmedewerker de artikelen uit de omverpakking halen. Dat noem je ompakken. Je haalt de pakken rijstwafels uit de collo en zet ze in het rek. In sommige supermarkten hoef je de artikelen niet uit de omverpakking te halen. Je snijdt dan een deel van de omverpakking af. De geopende omverpakking met de artikelen erin zet je in het rek. Die manier van ompakken heet tray packing. Je kunt de omverpakkingen indelen in: de primaire of consumentenverpakking de secundaire of tray-verpakking de tertiaire of grootverpakking De verpakking heeft verschillende functies zoals: productherkenbaarheid, transporteren, bij elkaar houden, productinformatie, bescherming, traceerbaarheid …

THEMA 3

LEVEL 11 245


IN

Productidentificatie De verpakking van een artikel zorgt onder andere voor de traceerbaarheid van een artikel. Dat is belangrijk bij bijvoorbeeld een terugroepacties of product recall van bepaalde producten. Dankzij de unieke code op de verpakking kun je het product traceren. Op de verpakking staat ook de productidentificatie; dit is de etikettering. Het is bij wet bepaald welke informatie er moet staan op het artikel. Zo moet het etiket van voedingsproducten voldoen aan een aantal belangrijke verplichtingen. Op de verpakkingen staan ook vaak QR-codes. Deze codes kunnen gemakkelijk gescand worden met behulp van een smartphone waardoor de klant extra informatie over het product krijgt. De QR-code is een extra toevoeging op de verpakking; deze vervangt niet de verplichte vermeldingen op de verpakking. Oververpakking Bedrijven moeten er alles aan doen om oververpakking tegen te gaan. Ze moeten proberen om de verpakking circulair te maken of te hergebruiken. Dat begint bijvoorbeeld bij het recycleren van verpakkingen.

N

Artikelen prijzen Voordat de artikelen in het winkelschap kunnen liggen, moet je ze eerst prijzen. Dat doe je met: een prijsetiket een kimball-kaartje een streepjescode een RFID-code een PLU-code elektronisch schaplabel

©

VA

Prijzen vermelden Als winkelier ben je verplicht om de correcte prijs volgens wettelijke regels te vermelden. Je moet de prijs ondubbelzinnig vermelden.

© Shutterstock / Kristi Blokhin

246 THEMA 3

LEVEL 11


Action 1—

Kun je een overzichtelijke powerpointpresentatie maken over ompakken?

Maak per twee een overzichtelijke powerpointpresentatie of een presentatie op Canva over het ompakken. Er zijn een aantal voorwaarden aan verbonden: Het is de bedoeling dat je in duo’s zelf op pad gaat om beeldmateriaal te verzamelen. Je zoekt geen afbeeldingen op het internet. Je maakt in je presentatie gebruik van de volgende begrippen: de primaire, secundaire en tertiaire verpakking, collo, tray packing, krimpfolie, consumentenverpakking, omverpakking, ompakken en oververpakken. Zorg bij deze begrippen voor beeldmateriaal. Je hebt minimaal 15 en maximaal 25 dia’s. Er is een duidelijke titelpagina voorzien van jullie namen, de klas en de titel ‘Ompakken’. Kies een leuke lay-out. Kies passende kleuren en een duidelijk lettertype. Wees beknopt in je uitleg. Voorzie een laatste dia met mogelijkheid tot het stellen van vragen. Verdeel het werk. Presenteer de powerpointpresentie voor de klas. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

2

Beoordeel je medeleerling via een peer-to-peerevaluatie. EVALUATIEFICHE Ik ben en ik beoordeel

N

IN

1

Zeer goed

Goed

Minder goed

VA

De leerling heeft initiatief genomen.

De leerling komt gemaakte afspraken na.

De leerling neemt actief deel aan de opdracht. De leerling neemt zelf taken op zich.

De leerling kan werken volgens de afgesproken

©

deadline.

TOTAAL

THEMA 3

LEVEL 11 247


Action 2—

Kun je bedrijven vinden die oververpakking tegengaan?

1

Zoek vijf bedrijven die een initiatief nemen om oververpakking tegen te gaan. Verwerk je informatie in een leuke presentatie of bord op Canva. Stel die voor aan de klas. Ter inspiratie kun je kijken naar het videofragment op diddit.

2

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

3

Noteer hieronder kort welke info je gevonden hebt.

1

INITIATIEF TEGEN OVERVERPAKKING

2

IN

BEDRIJF

3

N

VA

4

5

©

248 THEMA 3

LEVEL 11


Action 3—

Op welke manier kun je artikelen prijzen?

Geef bij elk artikel aan op welke manier je dat het best prijst. Soms zijn er meerdere mogelijkheden. Kies uit:

IN

elektronisch schaplabel – kimball-kaartje – PLU-code – prijsetiket – RFID-tag – streepjescode

© Shutterstock / Audio und werbung

VA

N

© Shutterstock / WR7

©

THEMA 3

LEVEL 11 249


Kun jij snel PLU-codes uit het hoofd leren?

IN

Action 4—

FRUIT

GROENTEN

38

Druiven

196 Donkere druif met pit

101 Zoete aardappel

285

Prei

668

Jonagold-appel

86

Witte druif met pit

455 Granaatappel

248 Bolcourgette

344

Tomaat

45

Bladmandarijn

122 Kers

144 Kiwi

74

Bloemkool

10

Courgette

35

Druiven Rood

97

Mango

53

92

Spitskool

464

Komkommer

30

Kaki

29

Meloen Galia Cayoran

355 Honingmeloen

94

Lente-uitjes

33

Savooikool

110

Kokosnoot

245 Pomelo

201 Watermeloen

120 Pompoen Butternut

470

Koolrabi

297

Galia-meloen

90

57

Conférie-peer

75

Kropsla

1

Rode paprika 7

Piel de sapo-meloen

474 Perzik

327 Doyenné-peer

76

Aubergine

36

Rapen

310

Nectarine

356 Sinaasappel

65

67

Gember

183

Venkel

103

N

Abrikozen

VA

Cantaloupemeloen

Platte perzik

Bedenk samen met een klasgenoot een manier om de codes snel uit je hoofd te leren. Omschrijf je aanpak.

©

a

Papaja

b

Overhoor elkaar door 10 willekeurige codes aan elkaar te vragen. Hoeveel had je er goed?

c

Bespreek klassikaal wat een goede manier kan zijn om de codes te leren. Noteer de drie beste tips.

250 THEMA 3

LEVEL 11


Action 5—

Kun jij zelf etiketten controleren op productidentificatie?

Action 6—

IN

Werk per twee voor deze opdracht. Je brengt elk vijf verschillende voedingsproducten met een duidelijke etikettering mee naar school. Neem van elk product een foto van de productidentificatie. Plak elke foto in een document in een tekstverwerker en overloopt de checklist met de verplichte vermeldingen uit Explore 2. Voldoen alle producten aan de minimale vereisten? Houd rekening met de volgende aspecten: Werk met lettertype Calibri 12pt. Maak twee kolommen: de eerste kolom is voor de afbeelding, de tweede kolom is voor de checklist van de productidentificatie. Je kunt het best zelf een kleine checklist maken waar je kunt aanvinken. Voorzie je document van een koptekst ‘Controle etikettering’. Voorzie je document van een voettekst: paginanummer rechts uitlijnen. Voorzie je document van een titelpagina met de volgende vermeldingen: namen, titel ‘Productidentificatie – etikettering’, schooljaar, klas.

Werkplekleren: Observatie ompakken in een discountsupermarkt

N

Werk per twee. Je brengt een bezoek aan een discountsupermarkt. Observeer nauwkeurig zodat je de onderstaande fiche volledig en correct kunt invullen. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

VA

Steekfiche van de discountsupermarkt

Naam van de winkel

Adres

Openingsuren

©

Website

THEMA 3

LEVEL 11 251


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Observatie van het ompakken Wandel door de winkel en vink aan als je de volgende manieren van ompakken hebt gezien.

Wat zie je?

IN

Bespreek uitvoerig een manier van ompakken die je hierboven hebt aangevinkt.

primaire verpakking secundaire verpakking tertiaire verpakking

Wordt deze manier voor de meeste producten in de supermarkt gebruikt? Ja Nee

Bescherming Transporteren Bij elkaar houden Productinformatie Productherkenbaarheid Traceerbaarheid

VA

N

De verpakking heeft zes functies. Trek van elke functie een foto.

DEEL 3: NA HET BEZOEK

Verwerk al je informatie in een powerpointpresentatie. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICT-fiches van PowerPoint raadplegen. Houd rekening met de volgende voorwaarden: Voorzie een titeldia. Voorzie een einddia waarbij je iedereen bedankt voor de aandacht. Gebruik maximaal 10 dia’s. Integreer alle foto’s die je genomen hebt tijdens je bezoek. Je gebruikt geen foto’s van het internet.

©

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

252 THEMA 3

LEVEL 11


Action 7—

Werkplekleren: Observatie prijzen van artikelen in de supermarkt

Werk per twee. Je brengt een bezoek aan een supermarkt (geen discount). Observeer nauwkeurig zodat je de onderstaande fiche volledig en correct kunt invullen. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK

Naam van de winkel

Adres

IN

Steekfiche van de supermarkt

Website

Openingsuren

N

DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK

Observatie van het prijzen in de supermarkt

Wandel door de winkel en vink aan als je de volgende manieren van prijzen hebt gezien.

VA

een prijsetiket een kimball-kaartje een streepjescode een RFID-code een PLU-code een elektronisch schaplabel

©

Bespreek uitvoerig een manier van prijzen die je hierboven hebt aangevinkt.

Wat zie je?

Wordt deze manier voor de meeste producten in de supermarkt gebruikt? Ja Nee

THEMA 3

LEVEL 11 253


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Wat wordt er gedaan in de winkel wanneer een artikel foutief is geprijsd?

IN

Wie prijst de artikelen in de supermarkt?

DEEL 3: NA HET BEZOEK

N

Verwerk al je informatie met een tekstverwerker. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICTfiches van tekstverwerker raadplegen. Houd rekening met volgende voorwaarden: Voorzie een koptekst met de volgende vermelding ‘Prijzen van artikelen in een supermarkt’ Maak een overzichtelijk document met een duidelijke structuur. Gebruik het lettertype Calibri 11pt. Voorzie in de voettekst een paginanummering. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Werkplekleren: Observatie prijzen van artikelen in een winkel naar keuze

VA

Action 8—

Werk per twee. Je brengt een bezoek aan een winkel naar keuze (geen supermarkt en geen discountwinkel). Observeer nauwkeurig zodat je de onderstaande fiche volledig en correct kunt invullen. DEEL 1: VOOR HET BEZOEK Steekfiche van de winkel

Adres

©

Naam van de winkel

Website

Openingsuren

254 THEMA 3

LEVEL 11


DEEL 2: TIJDENS HET BEZOEK Observatie van het prijzen in de winkel Wandel door de winkel en vink aan als je de volgende manieren van prijzen hebt gezien.

Wat zie je?

IN

Bespreek uitvoerig een manier van prijzen die je hierboven hebt aangevinkt.

een prijsetiket een kimball-kaartje een streepjescode een RFID-code een PLU-code een elektronisch schaplabel

Wordt deze manier voor de meeste producten in de winkel gebruikt? Ja Nee

N

Wat wordt er gedaan in de winkel wanneer een artikel foutief is geprijsd?

VA

Wie prijst de artikelen in de winkel?

DEEL 3: NA HET BEZOEK

©

Verwerk al je informatie met een tekstverwerker. Indien je extra ondersteuning wilt, kun je de ICTfiches van tekstverwerker raadplegen. Houd rekening met de volgende voorwaarden: Voorzie een koptekst met de volgende vermelding ‘Prijzen van artikelen in [naam van de winkel]’ Maak een overzichtelijk document met een duidelijke structuur. Gebruik het lettertype Calibri 11pt. Voorzie in de voettekst een paginanummering. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 3

LEVEL 11 255


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan de soorten verpakkingen van een artikel onderscheiden.

2

Ik kan toelichten wat de verplichtingen zijn rond prijsaanduiding.

3

Ik kan toelichten wat de wettelijke verplichtingen zijn rond productidentificatie op etiketten.

4

Ik kan het begrip oververpakking toelichten aan de hand van een voorbeeld.

5

Ik kan het nut van een QR-code op de verpakking toelichten aan de hand van een voorbeeld.

©

VA

N

IN

1

256 THEMA 3

LEVEL 11


Beeldwoordenboek Level 11 BEGRIP

OMSCHRIJVING

AFBEELDING

Producten die tegen de houdbaarheid aanlopen worden via dit elektronische systeem met korting aangeboden.

etikettering

Dat is het aanbrengen van etiketten op een product. Een etiket kan bijvoorbeeld voorzien zijn van een barcode, actiecode of houdbaarheidsdatum en bevat informatie over het product.

oververpakking

Dat is het te veel verpakken van producten. Hierbij wordt te weinig rekening gehouden met het milieu.

productidentificatie

Dat dient om essentiële informatie op efficiënte wijze op het product of de verpakking zichtbaar te maken, zoals productkenmerken, prijzen en nog veel meer.

QR-code

Dat is een code om heel snel en gemakkelijk informatie over te brengen, bijvoorbeeld een verwijzing naar iets op een product.

©

VA

N

IN

dynamisch afprijzen

terugroepactie

Dat is het terugroepen van producten door een leverancier, ook wel een ‘product recall’ genoemd. Meestal wordt zo’n actie uitgevoerd omdat het product onveilig is.

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 11 257


LEVEL 12 Hoe voer je een goed verkoopgesprek? INTRO

N

IN

Safeglass is een bedrijf dat veiligheidsglas verkoopt. Door het succes gaan ze hun bedrijf verder uitbreiden. Ze bieden daarom vanaf nu ook glazen aan voor brillen. De directeur van het bedrijf stuurt de komende maanden elke dag verkopers en vertegenwoordigers op pad om hun veiligheidsglas – dat bijna onbreekbaar is – aan brillenverkopers, opticiens … te verkopen. Na een maand roept de directeur de verkopers samen. Hij wil nagaan wie de beste verkoper is. De eerste maand blijkt er al meteen een topverkoper te zijn: Alexandra. Zij steekt er met kop en schouders bovenuit. De baas vraagt haar wat haar geheim is. Alexandra antwoordt: “Wel, ik ga een brillenwinkel of een opticien binnen. Ik zeg geen woord. Ik heb enkel een grote tas bij me. Vervolgens neem ik uit mijn tas een stuk veiligheidsglas, gesneden in de vorm van glazen van een bril en leg dit op de toonbank. Ik zeg nog steeds geen woord. Ik neem uit de tas een zware hamer van 5 kg. Zonder iets te zeggen, sla ik met deze hamer op het veiligheidsglas. Ik heb natuurlijk meteen de aandacht.” Wordt vervolgd.

©

VA

Een lokale krantenwinkel in Antwerpen verkoopt naast kranten ook verschillende schrijfwaren, gaande van verschillende soorten pennen, stiften, markeerstiften tot papierwaren. Een klant komt binnen en kijkt rond bij de pennen en stiften. Het lijkt alsof ze niet vindt wat ze zoekt. Ze vraagt aan Valerio, de verkoper achter de kassa, of ze dikke zwarte stiften hebben zodat je de tekst op een A4-blad van ver kunt zien. Valerio antwoordt dat ze zulke dikke stiften niet hebben. Wordt vervolgd.

1

© Shutterstock / Stas Malyarevsky

Ben jij al eens goede of minder goede verkopers tegengekomen? Leg uit.

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag:

258 THEMA 3

LEVEL 12

Hoe voer je een verkoopgesprek met klanten?


Re-explore 1—

Welke stappen zijn belangrijk in het verkoopgesprek?

Het AIDA(S)-model Het AIDA(S)-model is een model of een stappenplan dat je in de marketing of verkoop gebruikt. Het zijn de stappen die een koper mogelijk ondervindt bij de aankoop van een product.

1

IN

Aandacht trekken van de klant Wanneer je iets aan een klant wilt verkopen, moet je allereerst zorgen dat je klant de winkel binnenkomt. Op een of andere manier moet je de klant lokken of toch de aandacht van de klant trekken. De klant moet dus bewust worden van je product, dienst of winkel. Vaak gebeurt dit door een vorm van reclame. Op welke manier gebeurt het trekken van de aandacht hier?

B

VA

N

A

© Shutterstock / Flying object

©

THEMA 3

LEVEL 12 259


D

VA

N

© Shutterstock / bepsy

IN

C

Interesse opwekken Na het aandacht trekken moet je interesse opwekken in de voordelen van jouw product of dienst. Zorg voor voldoende interesse, zodat de koper aangemoedigd wordt om verder onderzoek te doen. In deze fase tracht de koper meer te weten te komen over het product of de dienst. Je kunt de koper helpen door gedetailleerde informatie over het product te geven of de productomschrijving op een website, een flyer of in een videoclip onder de aandacht te brengen.

©

Drang of verlangen opwekken De koper heeft interesse. Nu ga je als verkoper zorgen dat de gedachte van de klant wordt omgetoverd van ‘Hmm, dat is leuk’ tot ‘Hmm, dat wil ik hebben.’ In deze fase overtuig je de klant om het product te kopen. De verkoper geeft duidelijke voorbeelden van de voordelen van het product of de dienst, rekening houdend met het leven van de klant en dus wat hij nodig heeft. Hier moet je als verkoper argumenten aanhalen om de klant te overtuigen.

260 THEMA 3

LEVEL 12


Actie Tijdens deze stap wordt de deal gesloten. Let op koopsignalen. Je moet als verkoper de koper soms helpen om de laatste stap te zetten. Dit kan door tegen de klant te zeggen: Zal ik het aan de kassa leggen? Of: Wilt u hier graag nog een bijpassend riem bij? De laatste vraag is een voorbeeld van kruisverkoop of crossselling, waarbij je er zogezegd van uitgaat dat de klant het artikel gaat kopen en jij nog bijbehorende items aanbiedt. De klant gaat over tot aankoop.

Apple heeft het AIDA(S)-model ingezet bij de introductie van de iPhone. Ga naar diddit en bekijk het filmpje. Plaats bij elk voorbeeld de juiste stap van het AIDA(S)-model. Steve Jobs vertelt hoe deze nieuwe smartphone de problemen oplost.

Apple kondigt aan dat het een nieuw product lanceert, een product dat nog niemand gezien heeft.

Steve Jobs toont het product waarmee hij aangeeft dat het werkelijk waar is.

Steve Jobs betreedt het podium. Hij legt uit wat het product is en wat de belangrijkste kenmerken zijn.

VA

N

2

IN

Satisfaction Een vijfde stap is ‘satisfaction’ of tevredenheid. Dit verwijst enerzijds naar de klant die tevreden moet terugkeren. Hiervoor kun je zorgen als de bovenstaande vier stappen goed uitgevoerd zijn. Anderzijds verwijst satisfaction ernaar dat je ook een goede dienstverlening na verkoop hebt. Dat betekent dat je je klant goed helpt bij problemen, zoals een defect toestel dat die wil terugbrengen onder garantie.

3

Herneem in de intro het verhaal van Alexandra. Welke stap van het AIDA(S)-model verwezenlijkt zij met haar handeling?

Wat zou Alexandra nog kunnen doen om de klant te overtuigen?

©

4

THEMA 3

LEVEL 12 261


Explore 2— Hoe moet het onthaal van klanten, je lichaamstaal en je houding zijn?

1

Lees de tekst en beantwoord de vragen.

a

Welk kernidee haal je uit het verhaal?

Het aanspreken van de klant bij het binnenkomen van de winkel heeft een dubbele functie. Noteer.

VA

b

N

IN

De CEO van een schoenwinkel schreef een brief naar alle winkels. Hij vroeg aan de verkopers om alle klanten te begroeten en aan te spreken wanneer ze de winkel binnenstappen. De CEO stuurde een mysteryshopper naar verschillende winkels om te testen of die begroet zou worden. Het bleek dat de verkopers dat niet of te weinig deden. De CEO vroeg aan meerdere verkopers wat de reden was. Het antwoord luidde dat ze vaak niet wisten op welke manier ze dat moesten doen. Dus besloot de CEO opnieuw een brief te sturen naar alle winkels. In deze brief schreef hij wat de verkopers exact moesten zeggen wanneer klanten de winkel binnenkomen. Enkele weken later stuurde de CEO opnieuw een mysteryshopper naar de winkels. De mysteryshopper koppelde terug en zei de CEO dat alle werknemers inderdaad de voorgestelde begroeting gebruikten. Het had dus gewerkt. Iedereen in deze winkelketen gebruikte hetzelfde zinnetje. Enkele maanden later stuurde de CEO opnieuw een mysteryshopper naar de winkels. De mysteryshopper merkte op dat nog steeds elke werknemer de klant begroette. Het enige verschil was dat nu elke werknemer de begroeting naar zijn persoonlijke stijl had omgezet. Het begroeten van de klant is een eerste belangrijke stap in het verkoopproces.

2

Bekijk via diddit het filmpje. Welk voorkomen en welke lichaamshouding van de verkoper is vereist voor een positieve eerste indruk?

©

3

Wat is verzorgde of aangepaste kledij?

262 THEMA 3

LEVEL 12


Good to know Je staat er misschien niet bij stil, maar ook een frisse adem en een frisse lichaamsgeur zijn heel belangrijk. Het is niet verboden om deodorant of parfum te gebruiken. Binnenkort gaan jullie op stage of werkplekleren. Het is zelfs aangeraden dat je voor je start steeds deodorant gebruikt. Neem ook steeds deodorant mee. Die kun je dan gebruiken tijdens de pauze of een toiletbezoek. Voor een frisse adem kun je zorgen door je tanden te poetsen voor je stage, mondwater te gebruiken of een (suikervrije) kauwgom te kauwen voordat je start.

IN

Lichaamstaal, houding en attitude

Bij communicatie wordt slecht 7 % van de boodschap overgebracht door de woorden. 38 % van de boodschap wordt bepaald door het gebruik van je stem zoals hoog of laag, snel of traag spreken, je intonatie … 55 % van de boodschap wordt bepaald door je gebaren, lichaamstaal, gezichtsuitdrukking… Als verkoper betekent dit dat je lichaamstaal of je houding enorm belangrijk zijn. Wanneer je je lichaamstaal en je houding goed gebruikt, kan dat je verkoopgesprek goed ondersteunen om zo vertrouwen van de klant te winnen.

Wat vind je van de houding, lichaamstaal en kledij van de verkopers op de volgende afbeeldingen?

VA

A

N

4

B

©

THEMA 3

LEVEL 12 263


D

IN

C

N

Tips: houding en voorkomen

©

VA

Hieronder volgen enkele tips voor jou als verkoper met betrekking tot je houding en voorkomen: Lach en glimlach. Straal zelfvertrouwen uit door je rug recht te houden en je schouders lichtjes naar achteren te doen. Let op je spreektempo; praat je te traag, dan kom je lui over, praat je te snel, dan lijkt het alsof je er snel vanaf wilt zijn. Probeer niet aan je gezicht te friemelen, want dat geeft aan dat je niet volledig de waarheid spreekt. Oogcontact is belangrijk, maar staar de klant niet aan. Laat je armen langs je hangen of gebruik ze om je uitleg te ondersteunen. Kruis ze niet over elkaar want dan toon je een gesloten houding.

264 THEMA 3

LEVEL 12


5

Lees de volgende situaties. a b

Kruis onder elke situatie aan of jij vindt dat de verkoper of de zaak goed gehandeld heeft en licht je antwoord toe. Wanneer het eventueel beter zou kunnen, vermeld dan hoe. Noteer onder elke situatie met welk gevoel de koper naar huis terugkeert.

A

Toelichting:

Hoe gaat Laurien naar huis?

IN

Laurien gaat naar de supermarkt. Ze is op zoek naar appelmoes zonder stukjes. In het rek vindt ze geen bokalen meer. Ze vraagt aan de verkoper of elders in de winkel nog appelmoes te vinden is. De verkoper geeft aan dat als het hier niet in het rek staat, het artikel er niet zal zijn. Laurien winkelt dan maar verder. Twee minuten later komt de verkoper Laurien achterna en zegt dat er in het magazijn toch nog bokalen stonden. Handelen van de verkoper: goed   niet goed

N

B

VA

Zita gaat naar een fastfoodrestaurant met haar vriendin. Ze bestelt een menu met frieten, een hamburger en een cola. Onderweg naar haar tafel laat ze haar cola vallen. De verkoopster ziet dit en zegt dat ze het wel zal opkuisen. Ze zegt tegen Zita dat ze naar haar tafel mag gaan en dat ze een nieuwe cola zal krijgen. Handelen van de verkoper: goed

niet goed

Toelichting:

©

Hoe gaat Zita naar huis?

THEMA 3

LEVEL 12 265


C Chaima gaat bloemen kopen in een sjieke bloemenzaak. Ze betaalt 44,00 euro voor een boeket bloemen. Thuis aangekomen zet ze de bloemen in een mooie vaas. Twee dagen later echter ziet ze dat de bloemen al verwelkt zijn. Ze gaat terug naar de bloemenzaak. Daar antwoordt de verkoper dat dit nu eenmaal zo gaat met bloemen. Handelen van de verkoper: goed   niet goed

Toelichting:

Hoe gaat Chaima naar huis?

D

IN

Toelichting:

VA

N

Giel gaat samen met zijn partner naar een privéwellness. Hier kunnen ze samen genieten van een sauna, een jacuzzi, een zwembad en een stoombad. Na drie uur is hun tijd om en rekenen ze af bij de onthaalmedewerker. Die vraagt of alles in orde was. Giel geeft aan dat hij het jammer vond dat het water van de jacuzzi koud was. Enkele dagen later krijgt Giel een tegoedbon van de privéwellness van 50,00 euro. Handelen van de verkoper: goed   niet goed

Hoe gaan Giel en zijn partner naar huis?

E

©

Robbe en Alicia gaan trouwen. Ze gaan op gesprek bij de eigenaar van een trouwzaal. Het koppel vraagt of het mogelijk is om ook zitplaatsen te voorzien voor de genodigden die ’s avonds aankomen. De eigenaar van de zaal zegt dat ze dit nooit doen en dat deze laatavondgasten statafels krijgen. Het koppel zegt dat ze het zelf vervelend vinden als ze op een trouw de hele avond moeten staan en dus graag willen dat ook de genodigden die er niet van 12 uur ’s middags bij zijn mogen zitten. De eigenaar van de zaal zegt dat dit niet mogelijk is. Handelen van de verkoper: goed   niet goed

Toelichting:

Hoe gaan Robbe en Alicia naar huis?

266 THEMA 3

LEVEL 12


6

Herneem in de intro het verhaal van Valerio. Wat had de klant gehoopt?

Open houding en behulpzaamheid

7

IN

Zoals je merkt is het belangrijk dat je samen met de klant op zoek gaat naar een oplossing voor het probleem. Je moet dus een open houding aannemen, luisteren naar de verwachtingen en samen zoeken naar een oplossing. Wanneer ga je de klant aanspreken? Dat is natuurlijk niet altijd even makkelijk. Veel klanten vinden het niet leuk als de verkoper de vraag stelt: “Kan ik u helpen?” Om te beginnen is dit al een slechte vraag, want de klant kan meteen ‘nee’ antwoorden. Een betere vraag is “Waarmee kan ik u helpen?” Want dan moet de klant aangeven wat die zoekt. Maar ook dat vinden klanten niet altijd leuk. Daarom moet je als verkoper proberen creatief te zijn om een klant aan te spreken. Hoe kun je op een subtiele manier toch een verkoopgesprek starten zonder dat de klant het vervelend vindt? Geef een oplossing in de volgende situaties. a

Een klant is schoenen aan het passen. Wat kun jij doen als verkoper zonder de vervelende vraag “Kan ik je helpen?” te stellen?

b

N

Een mama en haar kindje zijn in de winkel. De mama is op zoek naar een blouse voor zichzelf.

VA

Enthousiasme over je product werkt Het is heel belangrijk als verkoper om enthousiast te zijn over het product of de dienst dat je verkoopt. Als jij niet enthousiast bent, zal de mogelijke koper dat ook niet zijn. Als jij enthousiast bent, moet je trachten de klant ook enthousiast te krijgen over jouw product. Door jouw enthousiasme als verkoper kun je bij de klant de volgende elementen zien: emotie, energie, passie, interesse, vreugde … Als je dit merkt bij de mogelijke klant, dan ben je goed op weg.

8

Hoe creëer je enthousiasme bij de klant?

Bekijk via diddit het filmpje. Hoewel het gaat over een presentatie, zijn hier toch enkele tips die voor elke verkoper interessant zijn. Welke tips zijn er om je product goed te verkopen?

©

a

b

9

Je loopt stage in een kledingwinkel. Je moet nog tientallen kledingstukken opvouwen en netjes in het rek leggen. Een klant in de winkel loopt rond en is duidelijk op zoek naar iets. Wat doe je? THEMA 3

LEVEL 12 267


Re-explore 3—

Welke verschillende klanttypes zijn er?

Verschillende klanttypes Als verkoper krijg je verschillende klanten over de vloer. Elke klant is uniek. Als verkoper moet je de klant goed observeren en inspelen op het gedrag van de klant. Je moet de behoeften proberen te achterhalen. Het is onmogelijk om alle verschillende klantentypes te omschrijven. Sommige bronnen spreken over vier klantentypes, andere over vijf, nog andere over negen. Je kunt klantentypes indelen op basis van hun koopgedrag. Noteer de letter van de tekst bij het juiste klanttype.

IN

1

A

B

C

De klant heeft echt de intentie om een specifiek artikel te kopen.

N

De klant bezoekt de winkel vaak, maar laat de beslissing afhangen van de kortingen die de winkel op dat moment aanbiedt.

D

VA

De klant maakt minder dan 20 % van het klantenbestand uit, maar zorgt wel voor meer dan 50 % van de omzet. Deze klant komt altijd terug.

De klant heeft niet meteen gepland om iets te kopen, maar komt de winkel binnen in een vlaag. Hij koopt wat op dat moment goed lijkt.

E

©

De klant heeft niet meteen een bepaalde behoefte of een bepaald verlangen wanneer die naar de winkel komt. Deze klant wil eerder een bepaalde ervaring of een gevoel van eenheid of gemeenschap beleven.

TROUWE KLANT

268 THEMA 3

LEVEL 12

DISCOUNT­ KLANT

ZWERVENDE KLANT

BEHOEFTE­GE­BASEERDE KLANT

IMPULSKLANT


2

We kunnen klanten ook indelen op basis van leeftijd. Wat is specifiek voor deze leeftijdsgroep? 16 – 25 jaar

1

A

Deze groep denkt aan de toekomst, pensioen, duurzaamheid en ze willen graag comfort.

2

36 – 49 jaar

B

Deze groep mensen wil rust, genieten van het leven, denken aan gezondheid en ze zijn meestal koppiger.

C

Deze groep wil plezier maken, trendy en modieus zijn, erbij horen.

D

Deze groep gaat zich settelen en start vaak met een gezin.

E

Deze groep kijkt meer naar kwaliteit en heeft vaak (jong)volwassen kinderen.

N

3

IN

26 – 35 jaar

VA

50 – 65 jaar

4

65 +

©

5

1

2

3

4

5

THEMA 3

LEVEL 12 269


3

Tot slot kunnen klanten ook ingedeeld worden op basis van behoeften. Zo onderscheiden we relatieklanten, informatieklanten en overtuigingsklanten.

Verschillende klanttypen

IN

Relatieklanten willen boven alles dat een verkoper hen sympathiek behandelt. Zij hebben behoefte aan een vriendelijke omgang met de verkoper. Terwijl je als verkoper met hen praat, ‘scannen’ ze je op je sympathie. Als ze je vriendelijk vinden, zullen ze van jou kopen. Als ze je als onaangenaam ervaren, kopen ze niet.

VA

N

Informatieklanten willen boven alles dat je je product door en door kent. Ze hebben behoefte aan een productexpert die hen correcte informatie geeft. Terwijl je als verkoper met hen praat, ‘scannen’ ze je op je productkennis. Weet je alles van je product, dan zullen ze bij je kopen. Weet je te weinig van wat je verkoopt of geef je foute informatie, dan kopen ze niet.

©

Overtuigingsklanten willen boven alles dat je overtuigd bent van je eigen product. Ze hebben behoefte aan een heel direct en overtuigend gesprek met jou. Terwijl je als verkoper met hen praat, ‘scannen’ ze je op je zelfzekerheid. Sta je voor honderd procent achter je product en verdedig je het met hand en tand, dan kopen ze van je. Twijfel je aan jezelf en je product, dan kopen ze niet van jou.

270 THEMA 3

LEVEL 12


4

Over welk type klant gaat het in de volgende tabel. Omcirkel het juiste type. KLANT 1 Dit type klant verwacht dat je: een expert bent in het product; de voor- en nadelen goed kent; objectieve informatie geeft; zakelijk bent; niet van de hak op de tak springt.

Relatieklant / Informatieklant / Overtuigingsklant

IN

Dit type klant vindt het vervelend dat je: te dicht bij hen komt; persoonlijke vragen stelt; niet nauwkeurig bent in je informatie.

KLANT 2

N

Dit type klant verwacht dat je: een eigen mening hebt; haar op je tanden hebt; snel handelt; een doorzetter bent.

Relatieklant / Informatieklant / Overtuigingsklant

VA

Dit type klant vindt het vervelend dat je: slijmt; je mening niet durft uitspreken; snel opgeeft; traag handelt.

KLANT 3

Dit type klant verwacht dat je: oprecht luistert; complimentjes geeft; veel glimlacht; positief bent.

Relatieklant / Informatieklant / Overtuigingsklant

©

Dit type klant vindt het vervelend dat je: gehaast bent; nors bent; hen dwingt om te kopen; te direct bent.

5

Welk type klant ben jij, denk je? Waarom?

THEMA 3

LEVEL 12 271


Good to know

N

IN

Er zijn vele boeken geschreven over soorten klanten en klanttypes. Het is onmogelijk om ze allemaal te kennen en bij binnenkomst op enkele seconden tijd te weten te komen welk type klant je voor je hebt. De voorbeelden hieronder geven aan dat je niet altijd je verkoopgesprek kunt afstemmen op een bepaald type klant. Wanneer je je klant wilt helpen, stel dan de juiste vragen. De belangrijkste tip is dat je als verkoper vriendelijk en behulpzaam bent. Zo kan een dame van 60+ wekelijks je winkel binnenkomen en steeds dezelfde producten kopen. Veel uitleg zal ze niet nodig hebben. Hoewel ze misschien ook eens binnenkomt om een cadeau te kopen voor haar dochter. Dan heeft ze misschien wel advies nodig. Een man die een doe-het-zelf zaak binnenkomt, weet misschien meer dan jij over schroeven en werktuigen. Kun je dan niet helpen? Toch wel, want deze klant is misschien niet op de hoogte van de promotie op boormachines. Een 55-jarige denkt misschien wel aan duurzaamheid, maar wil graag 3 AA-batterijen kopen voor het speeltje van de kleindochter. Van een klant die voor de eerste keer jouw winkel binnenstapt, weet je niet meteen of het een trouwe klant zal zijn. Een discountklant zal voor producten zoals wasmiddel, drank, voeding kijken naar de kortingen, maar koopt misschien wel iedere keer de laatste nieuwe smartphone wanneer die uitkomt. Wanneer een gezin met twee kinderen een multimediazaak binnenstapt, weet je wellicht niet meteen waarvoor ze komen. Zoeken ze een tv, smartphone of computer?

VA

Explore 4— Hoe kom je de behoeften van de klant te weten?

©

De eigenaar en directeur van een schoenfabrikant stuurt twee verkopers naar een eiland. Op dat eiland wonen duizenden mensen, maar niemand draagt er schoenen. De twee verkopers moeten het eiland bezoeken en verslag uitbrengen aan hun directeur. De eerste verkoper komt terug en zegt: “Pff, hier kunnen we niets verkopen directeur. Niemand draagt er schoenen.” De tweede verkoper komt terug en zegt enthousiast en opgewonden: “Directeur, we moeten meteen naar dit eiland. Niemand draagt er schoenen!”

1

Wat geeft het verhaaltje over het eiland aan?

2

Bekijk via diddit het filmpje. Welke tips worden er gegeven om de behoefte van de klant te achterhalen?

272 THEMA 3

LEVEL 12


Koopmotief en koopwens Wanneer een klant een bepaalde behoefte heeft, maar nog niet meteen weet welk product die specifiek wil kopen, spreken we van een koopmotief. Zo kan een klant nieuwe kleding willen voor een fuif, maar die weet nog niet wat specifiek. Wanneer een klant een specifiek product wil of zoekt, is dat een koopwens. Zo kan een klant op zoek zijn naar een zwarte jurk met V-hals, maat 36. Wanneer een klant met een koopmotief je winkel binnenkomt, maar nog geen specifiek idee heeft, moet je als verkoper samen op zoek gaan naar de wens. Dat kom je te weten door vragen te stellen. Hieronder vind je enkele vragen die je kunt stellen in een bepaalde situatie. a

Welke soorten vragen vind je hier? Kruis aan.

Wat zoekt u precies? bevestigende vraag gesloten vraag meerkeuzevraag open vraag

N

Bent u op zoek naar een jeansbroek? bevestigende vraag gesloten vraag meerkeuzevraag open vraag

IN

3

VA

Die sneakers hebben we in vier kleuren. Gaat uw voorkeur uit naar witte sneakers, zwarte sneakers, bruine sneakers of beige sneakers? bevestigende vraag gesloten vraag meerkeuzevraag open vraag

b

Dus als ik het goed begrijp, hebt u graag een zwarte jurk tot boven de knieën, maatje 36 van het merk Guess? bevestigende vraag gesloten vraag meerkeuzevraag open vraag

Met welke vraagsoort zul je de meeste informatie verkrijgen?

©

Trechtertechniek

Gesloten vragen zijn vragen die met een werkwoord starten. Ze worden ook wel ja-neen vragen genoemd. Open vragen zijn vragen die starten met een van de volgende woorden: “Wie, wat, waarom, welke, wanneer, waarvoor, hoe, hoeveel.” Bij het stellen van vragen, gebruik je de trechtertechniek. Dit betekent dat je start met open vragen om zoveel mogelijk informatie te verkrijgen. Daarna stel je enkele gesloten vragen en je eindigt met bevestigende vragen.

THEMA 3

LEVEL 12 273


4

Herneem nogmaals het verhaal van Valerio in de Intro. Lees daarna het vervolg hieronder. Welke begrippen en techniek(en) herken je in het verhaal? Bespreek klassikaal.

N

IN

Valerio gaf aan dat ze die dikke zwarte stiften niet hebben. Odette, de collega van Valerio, onderbreekt Valerio. Het volgende gesprek zet zich verder: Odette: “Wacht eens even mevrouw. Wat zoekt u precies?” Klant: “Wel, ik ben leerkracht. Ik moet een dikke zwarte stift hebben waarmee ik op een A4-blad een woord kan schrijven. De leerlingen moeten dat woord dan ook achteraan in de klas kunnen zien en lezen.” Odette: “En is het een groot lokaal?” Klant: “Ja, toch wel 5 meter.” Odette: “Oké, laten we eens even testen. Ik neem hier een blad papier. Ik heb hier een zwarte stift. Het is geen dikke zwarte stift, maar we zullen het proberen.” Klant: “Prima. Dat mag.” Odette: “Ik schrijf hier mijn naam op. Kunt u achter in de winkel gaan staan? Dat is 6,5 meter.” Klant: “Doe ik.” Odette: “Hoe goed kunt u het lezen?” Klant: “Ik zie het prima. Die stift blijkt ook goed genoeg te zijn.” Odette: “Uitstekend. Ik leg het aan de kassa. Heeft u misschien ook papier nodig?”

Explore 5— Hoe kun je de klant overtuigen aan de hand van emotionele

VA

argumenten?

Rationele argumenten en emotionele argumenten

©

Wanneer je de klant wilt overtuigen, moet je zorgen voor argumenten om de klant te overtuigen. In een verkoopgesprek kun je gebruikmaken van rationele argumenten. Het zijn argumenten die duidelijk zichtbaar zijn, die zwart op wit op papier staan of die de technische kant van het artikel bepalen, zoals: het materiaal waarmee een schoen gemaakt is: leder, stof de kostprijs van een abonnement bij aankoop van een gsm de afmetingen van een tv de energieklasse van een wasmachine of koelkast Maar je kunt ook gebruikmaken van emotionele argumenten. Hierbij speel je in op het gevoel of de ervaring die het product of de dienst bezorgt. Je speelt in op de persoonlijke situatie van de klant. De verkoopargumenten moeten een antwoord bieden op de behoefte van de klant. De verkoopargumenten maken de klant duidelijk waarom die er beter van wordt wanneer die het product koopt. Voorbeeld 1: een elektrische fiets Focus je als verkoper niet op de prijs (rationeel), maar benadruk hoeveel kosten je bespaart wanneer je met de fiets naar het werk gaat. Daarnaast is met de fiets gaan beter voor het milieu en voor je gezondheid (emotioneel).

274 THEMA 3

LEVEL 12


Voorbeeld 2: een droogkast met een warmtepomp Wanneer je als verkoper verwijst naar het lage energieverbruik dat je op de technische fiche (rationeel) terugvindt, vertel dan ook meteen dat de elektriciteitsfactuur op het einde van het jaar een pak lager zal zijn, waardoor je je uitgespaarde geld in iets anders kunt investeren (emotioneel), zoals een lekker etentje of een weekendje weg. Voorbeeld 3: een laptop Je kunt als verkoper aanhalen dat de laptop slechts 1 kg (rationeel) weegt. Vertel er dan ook bij dat het voor de klant makkelijk is wanneer de klant zich vaak moet verplaatsen en de laptop moet meenemen (emotioneel).

IN

Bedenk nu zelf voor de volgende producten een rationeel en emotioneel verkoopargument. Rationeel verkoopargument:

Emotioneel verkoopargument:

N

VA

Rationeel verkoopargument:

Emotioneel verkoopargument:

©

© Shutterstock / IIIARKED

THEMA 3

LEVEL 12 275


Good to know

IN

Vind je het moeilijk om emotionele argumenten te bedenken, pas dan de associatietechniek toe. Dat betekent dat je associaties gaat zoeken met het product dat je verkoopt. Met andere woorden, “Waar denk je aan wanneer je aan dat product denkt?” En je kunt zo zelfs verder associëren op de vorige associaties. Je legt dus verbanden tussen het product en alles waar dat product je aan doet denken. Een voorbeeld: Je moet een fleece-dekentje verkopen en je wilt een emotioneel verkoopargument bedenken om de klant te overtuigen. Dus we passen eerst de associatietechniek toe: fleecedeken  warm  gezellig  knus  open haard  knabbeltjes  tv  met zijn tweetjes Zet dit dan om in een emotioneel verkoopargument: Dit fleecedekentje zorgt ervoor dat je lekker warm hebt en je kunt zo met je partner gezellig en knus bij elkaar zitten aan de open haard en met een knabbeltje een leuke film kijken.

Explore 6— Hoe kun je de klant overtuigen door de kenmerken van het product om te zetten in voordelen?

N

Concrete voordelen en bewijs

VA

Wanneer je klanten probeert te overtuigen op basis van een kenmerk, krijg je meestal geen enthousiaste reactie. Klanten krabben zich hoogstens een keer achter hun oor, maar ze zullen niet meteen je product kopen. ‘So what ...?’ denken ze bij zichzelf. Dat is niet de reactie waar je als verkoper naar streeft. Wanneer je een specifiek kenmerk van je product vertaalt naar een duidelijk voordeel voor je klant, dan krijg je de enthousiaste reactie waar je als verkoper naar op zoek bent. De laatste stap die het enthousiasme van de klant nog meer vergroot, is bewijs aanleveren voor de voordelen die je vermeldt. De kenmerken van je producten vertalen naar concrete klantvoordelen lokt bij je klant enthousiasme én koopbereidheid uit. Kenmerk

Voordeel

Bewijs

©

Hier vind je een voorbeeld van een smartphone met drie camera’s:

kenmerk

voordeel

“Deze smartphone heeft drie camera’s waarmee je op elk moment van de dag of nacht en overal ter wereld de mooiste foto’s kunt maken.”

kenmerk

voordeel

bewijs

“Kom we zullen eens enkele foto’s maken hier in de winkel en in het magazijn waar het donkerder is.”

276 THEMA 3

LEVEL 12


Geef nu voor de volgende producten telkens een voordeel en een bewijs waarmee je, als verkoper in de winkel, de klant zou kunnen overtuigen. Je kunt een voordeel en bewijs bedenken (een fictief voordeel en bewijs) of het internet gebruiken. a

Nike Air Jordan 1 Mid KENMERK

IN

N

McCain ovenfrieten

VA

b

BEWIJS

© Shutterstock / aimadbro

VOORDEEL

KENMERK

BEWIJS

©

© Shutterstock / Richard van der Spuy

VOORDEEL

Explore 7— Wat zijn koopsignalen van de klant?

Koopsignaal Een koopsignaal is elk gedrag van de klant waaruit blijkt dat de klant interesse heeft in je product of dienst. De klant hecht een bepaalde waarde aan je product of dienst. Een koopsignaal van de klant is een teken voor jou als verkoper om iets te ondernemen. Je kunt positieve en negatieve koopsignalen hebben. Een positief koopsignaal geeft aan dat de klant interesse heeft. Een negatief koopsignaal kan zijn dat de klant een bezwaar, een excuus zoekt of aangeeft te twijfelen. THEMA 3

LEVEL 12 277


Bekijk de filmpjes via diddit. Welke verkoopsignalen merk je op bij de klant? Geef aan of het een positief of negatief verkoopsignaal is. 1

Positief Negatief

2

Positief Negatief

4

Positief Negatief

5

Positief Negatief

6

Positief Negatief

7

VA

Positief Negatief

N

3

IN

Positief Negatief

8

Positief Negatief

9

Positief Negatief

©

10

Positief Negatief

11

Positief Negatief

12

Positief Negatief

278 THEMA 3

LEVEL 12


13

Positief Negatief

14

Positief Negatief

15

IN

Positief Negatief

Voorbeelden van positieve en negatieve koopsignalen

N

Enkele voorbeelden van positieve koopsignalen zijn: De klant vraagt advies. De klant noemt specifieke wensen op. De klant neemt een staal of brochure in de hand. De klant zet de bril af of begint op een andere manier met de bril te prullen. De klant leunt voorover of schuift naar het puntje van de stoel. De klant glimlacht. De klant wil het product testen. De klant staat bij een product, kijkt rond, op zoek naar een verkoper. Meestal zie je dit aan de ogen en een glimlach.

VA

Enkele voorbeelden van negatieve koopsignalen zijn: Tegenstrijdige lichaamstaal; wanneer de lichaamstaal niet overeenkomt met dat wat de klant zegt, zoals een gesloten houding, maar wel positief antwoorden Het ‘nerveuze lachje’ ofwel; ‘Ik lach wel, maar ben niet blij’ Hand over de mond houden of zien dat de hand die eerst op de kin lag zich over de mond verplaatst Gekruiste armen

©

Opgelet, bij negatieve koopsignalen wil het niet zeggen dat het afgelopen is. De verkoper moet trachten te achterhalen wat de wensen of behoeften zijn van de klant.

THEMA 3

LEVEL 12 279


Explore 8— Hoe ga je als verkoper om met weerstand of bezwaren?

Driestappentechniek Wanneer je als verkoper beslist om de verkoop af te sluiten, kan het zijn dat de klant met een bezwaar op de proppen komt. Dat betekent niet dat de verkoop verloren is. De manier waarop je als verkoper met een bezwaar omgaat, is allesbepalend voor de afloop van het gesprek. Je gaat het best met een bezwaar om in drie stappen, ook wel de driestappentechniek genoemd.

a

b

c

het bezwaar emotioneel uitdiepen door te vragen: Wat geeft u dat gevoel? Waarover bent u bezorgd? Hoe ervaart u dat? vragen naar het belang van het bezwaar door te vragen: Hoe belangrijk is dat voor u? empathie tonen door te zeggen: Ik begrijp uw standpunt. Ik respecteer dat u dat zegt.

a

informatief uitdiepen van het bezwaar, bijvoorbeeld door te vragen: Waar baseert u die cijfers op? Waar haalt u die informatie? een andere mening introduceren, bijvoorbeeld door te zeggen: Mijn ervaring daarmee is ... Daarnaast is het ook zo dat ... U moet het zo zien dat ... Ik heb daar andere informatie over ... in detail bekijken door te zeggen: Laat ons dat punt eens in detail bekijken. Laat mij u precies uitleggen hoe het werkt. het groter plaatje bekijken door het volgende te zeggen: In het licht van de totale aankoop is dit ... Hoezeer weegt dit door in de totaalbeslissing?

©

b

c

d

280 THEMA 3

Een actief tegenvoorstel doen. Je kunt: a

b

c

De mening of visie van de klant verruimen zodat de klant jouw standpunt kan begrijpen. Je kunt:

VA

2

3

IN

De bron van het bezwaar begrijpen. Je kunt:

LEVEL 12

een oplossing aanbieden op de volgende manier: Wat ik voorstel, is ... Laat ons het zo oplossen ... Ik heb daar de perfecte oplossing voor. een alternatief aanbieden op deze manier: Wat eveneens mogelijk is, ... Ik kan u het volgende alternatief aanbieden … de voordelen ten opzichte van de nadelen stellen als volgt De voordelen zijn dan weer wel dat ... De andere kant van de medaille is dat ... het eigen enthousiasme overbrengen Ik heb mensen hier al mee geholpen ... Ik ken mensen die het zo opgelost hebben ... afsluiten Wat stelt u zelf voor dat ik doe? Hoe ziet u de oplossing?

N

1

d

e


Een klant wil een bureaustoel kopen. Maar hij heeft een bezwaar. Pas nu als verkoper de driestappentechniek toe. Vul aan wat de verkoper zou kunnen ondernemen. — Verkoper: U bent op zoek naar een bureaustoel? Dan raad ik u deze lederen bureaustoel aan. — Klant: Goh, dat is wel wat duurder dan een stoffen bureaustoel. —

Verkoper (stap 1 empathie):

Verkoper (stap 2 visie verruimen):

Verkoper (stap 3 actie):

IN

N

Explore 9— Hoe kun je proberen om meer te verkopen? CROSSSELLING

Crossselling staat voor de verkoop van aanvullende producten

bij de hoofdaankoop of de verkoop van randartikelen. Denk aan

©

VA

oortjes bij een gsm of aan koelelementen bij een koelbox.

UPSELLING

Upselling staat voor de verkoop van een gelijksoortig product als de hoofdaankoop, maar dan van een betere kwaliteit, of met andere of meer voordelen voor de klant en dus vaak ook duurder.

© Shutterstock / ProFashion

THEMA 3

LEVEL 12 281


Geef voor de volgende producten enkele voorbeelden van randartikelen die je hierbij zou kunnen verkopen alsook een voorbeeld dat je kunt gebruiken als upselling. CROSSSELLING Gsm-hoesje Apple Care Airpods UPSELLING

© Shutterstock / IIIARKED

IN

CROSSSELLING

N

UPSELLING

VA

CROSSSELLING

©

282 THEMA 3

LEVEL 12

UPSELLING


Explore 10— Hoe kun je de verkoop afsluiten?

Aankoopstress Potentiële kopers ondervinden in de laatste fase van het koopproces een emotie die aankoopstress heet. Mensen beginnen in deze fase vaak te twijfelen of ze er wel goed aan doen om het product te kopen, of er geen betere alternatieven zijn, of het product ergens anders niet goedkoper is, of ze het wel écht nodig hebben. Bekijk via diddit het filmpje.

2

Welke koopsignalen worden er opgesomd?

3

Hoe kun je de verkoop afsluiten?

IN

1

N

Afsluittechnieken

©

VA

Wanneer de klant koopsignalen uitzendt, kun je als verkoper overgaan tot de actie door de volgende afsluittechnieken. Hulpvaardige afsluittechnieken: je biedt hulp. — Zal ik dat alvast naar de kassa brengen voor u? — Hebt u nog informatie van mij nodig om uw beslissing te nemen? — Als ik u was, ik zou de zwarte nemen. Dat past overal op. — Als u die broek neemt, kunnen wij de lengte aanpassen. Assertieve afsluittechnieken: je helpt de klant beslissen door een klein duwtje. — Wat denkt u? Neemt u hem? — Wanneer wilt u graag de levering? — Neemt u de beige of de bruine? — Waar twijfelt u nog aan? Rationele afsluittechnieken: de klant overtuigen door logische argumenten aan te halen. — Zullen we de voordelen en de nadelen even op een rijtje zetten? — Bent u overtuigd van de kwaliteit? Neemt u hem dan? — Er loopt nu een actie waardoor ik u op dit moment een extra korting kan aanbieden. Wat denkt u? Het is momenteel de laatste in stock.

Good to know Nog een laatste handige tip. Men zegt weleens: “De klant is koning.” Maar zou een klant niet liever behandeld worden door de verkoper als een goede vriend? Denk eens even na… Jij bent verkoper. Een goede vriend van jou komt de winkel binnen. Ga je hem niet vanzelfsprekend iets beter helpen dan een andere onbekende klant? Wellicht wel. Daarom, een gouden tip, behandel elke klant alsof het jouw goede vriend is. THEMA 3

LEVEL 12 283


TO THE POINT

IN

AIDA(S)-model In het verkoopproces doorloop je vaak verschillende stappen. Om dit te verduidelijken, bestaan er verschillende modellen. Een van deze modellen is het AIDA(S)-model. Het AIDA(S)-model geeft aan dat je eerst de aandacht van je klant moet trekken. Daarna moet de verkoper de klant informatie geven over het product of de dienst zodat de klant interesse krijgt. Wanneer er interesse is, moet de verkoper ervoor zorgen dat de klant het verlangen of de drang krijgt om het product echt te willen. Tot slot moet de verkoper met de klant komen tot een moment waarop het product of de dienst gekocht wordt. Dat is het actiemoment. Zorg dat je klant de winkel tevreden, met ‘satisfaction’, verlaat. Onthaal klanten, lichaamstaal en- houding Een eerste belangrijk aspect wanneer de klant de winkel binnenkomt, is het begroeten van de klant. Dit kan verbaal, maar ook non-verbaal zijn of een combinatie van beide. Het is een must dat de verbale en non-verbale communicatie op elkaar afgestemd zijn. Naast een glimlach op het gezicht van de verkoper, is het vanzelfsprekend dat de verkoper steeds netjes gekleed en verzorgd is. Als verkoper moet je vooral behulpzaam zijn en de klant proberen zo goed mogelijk te helpen.

VA

N

Vijf klantentypes Je kunt klanten opdelen volgens koopgedrag. Zo heb je klanten die vooral naar de laagste prijs kijken, de discountklanten. Andere klanten zijn dan weer op zoek naar een specifiek product, omdat ze dit echt nodig hebben, de behoeftegebaseerde klant. Een impulsklant daarentegen koopt wat die toevallig tegenkomt, wat goed lijkt. Klanten die altijd naar dezelfde winkel gaan zijn de trouwe klanten. Je hebt tot slot ook klanten die graag wat rondkuieren in de winkel voor de ervaring of de beleving, de zwervende klant.

©

Koopwens en koopmotief Sommige klanten hebben een koopwens: ze weten precies wat ze zoeken, omdat ze het product nodig hebben. Andere klanten hebben een koopmotief: ze hebben een bepaalde behoefte, maar weten nog niet meteen weet welk product zij of hij specifiek wil kopen. Klanten kun je ook indelen op leeftijdsgroep: 16-25 jaar 26-35 jaar 36-49 jaar 50-65 jaar 65 + Daarnaast kun je klanten ook indelen op basis van behoeften. Hiermee wordt bedoeld wat de klant verwacht van de verkoper in de winkel. Relatieklanten willen boven alles dat een verkoper hen sympathiek behandelt. Zij hebben behoefte aan een vriendelijke omgang met de verkoper. Informatieklanten willen boven alles dat je je product door en door kent. Ze hebben behoefte aan een productexpert die hen correcte informatie geeft. Overtuigingsklanten willen boven alles dat je overtuigd bent van je eigen product. Ze hebben behoefte aan een heel direct en overtuigend gesprek met jou.

284 THEMA 3

LEVEL 12


Behoeften analyseren door vragen te stellen Wil je de behoefte en dus de wensen van de klant te weten komen, dan moet je enerzijds luisteren naar de klant en anderzijds de juiste vragen stellen. Je kunt de trechtertechniek gebruiken. Hierbij start je in een verkoopgesprek met open vragen om zoveel mogelijk informatie te verkrijgen. Daarna stel je enkele gesloten vragen en je eindigt met bevestigende vragen.

IN

Argumenten Je moet de klant ook wel overtuigen om je product te kopen. Daarvoor kun je rationele argumenten gebruiken. Dat zijn de echte feiten, de echte kenmerken van het product. Of je kunt ook emotionele argumenten aanhalen waar je de klant een ervaring of een gevoel probeert duidelijk te maken. Wat ook kan helpen, is om een of meerdere kenmerken te vertalen naar een voordeel voor de klant. Wanneer je dat voordeel ook nog eens aantoont of bewijst, dan zal de klant zeker enthousiast zijn. Bezwaren Klanten kunnen weleens bezwaren hebben: dat is te duur, ik vind het geen goede kleur …. Indien een klant met een bezwaar komt, kun je de driestappentechniek toepassen: begrijpen – verruimen – tegenvoorstel doen. Stap 1: De bron van het bezwaar begrijpen. Je kunt:

N

a het bezwaar emotioneel uitdiepen;

b vragen naar het belang van het bezwaar; c empathie tonen.

VA

Stap 2: De mening of visie van de klant verruimen, zodat de klant jouw standpunt kan begrijpen. Je kunt: a het bezwaar informatief uitdiepen;

b een andere mening introduceren; c alles in detail bekijken;

d het groter plaatje bekijken.

Stap 3: Een actief tegenvoorstel doen. Je kunt: a een oplossing aanbieden;

b een alternatief aanbieden;

c de voordelen ten opzichte van de nadelen stellen;

©

d het eigen enthousiasme overbrengen; e afsluiten.

THEMA 3

LEVEL 12 285


Koopsignalen Als verkoper moet je aandacht hebben voor de koopsignalen van een klant. Wanneer een klant een of enkele van de volgende handelingen uitvoert, geeft de klant positieve koopsignalen en heeft de klant interesse. Open houding aannemen Het product testen Vragen naar garantie of levertermijn Een grap maken …

IN

Daarnaast kunnen er ook negatieve kopsignalen zijn zoals Naar iets anders kijken De wenkbrauwen fronsen De armen kruisen …

N

Crossselling en upselling Een goede verkoper probeert altijd meer te verkopen dan waarvoor de klant de winkel binnenkomt. Wanneer je bij een product bijbehorende artikelen verkoopt, dan spreken we van crossselling. Verkoop je een duurdere of betere versie van het product dan het product waarvoor de klant de winkel binnenkwam, dan spreken we van upselling.

VA

Afsluiten Klanten ervaren op het einde vaak aankoopstress. Ze beginnen te twijfelen of ze wel het goede product kopen. Daarom moet je hen als verkoper soms dat laatste duwtje geven. Er zijn daarbij technieken die kunnen helpen: Hulpvaardige afsluittechnieken: je biedt hulp. Assertieve afsluittechnieken: je helpt de klant beslissen door een klein duwtje. Rationele afsluittechnieken: je overtuigt de klant door logische argumenten aan te halen.

Action 1—

Tot welke fase van het AIDA(S)-model behoren de voorbeelden? Vul in.

©

1

Kun je het AIDA(S)-model toepassen?

a

286 THEMA 3

Een verkoper komt te overlijden en mag kiezen of die naar de hemel gaat of naar de hel. Na de informatie verkregen te hebben, kiest die voor de hel. Eenmaal in de hel beland, wordt de verkoper gefolterd, gemarteld en schreeuwt die het uit van de pijn. De verkoper smeekt om te stoppen. De beul die foltert, vraagt: “Wat is er?” De verkoper antwoordt: “Ik begrijp het niet. Waarom doen jullie me dit aan? Ze hadden me verteld dat ik hier in de hel de hele tijd mocht feesten, champagne drinken, zwemmen en met lamborghini’s rijden.” De beul antwoordt: “Oh dat… dat was slechts de promotievideo.”

LEVEL 12


b

Je schotelt je klant een lekker kopje koffie voor, gemaakt door het koffiezetapparaat waarin die interesse heeft.

c

Enkele tieners delen op de markt in Brussel gratis Coca-Cola uit met een nieuwe smaak.

Een autoverkoper vertelt de klant over het aantal pk dat de auto heeft en de mogelijke kleuren.

IN

d

2

Je gaat met je klas een pop-upwinkel op school opstarten. Jullie bieden een dienst aan aan de leerlingen en leerkrachten op school. De leerlingen en de leerkrachten kunnen bij jullie hun smartphones opladen. Bedenk op welke manier je het AIDA(S)-model zou kunnen toepassen. Vul in.

Attention – aandacht trekken:

N

Interesse opwekken:

VA

Drang of verlangen kweken:

©

Actie:

THEMA 3

LEVEL 12 287


Action 2—

Kun je verbale en non-verbale communicatie op elkaar afstemmen?

Je gaat een spel spelen. Volg het stappenplan. STAPPENPLAN

IN

Stap 1: Elke leerling krijgt twee papiertjes of post-its. Op de eerste post-it noteer je een willekeurige zin. Het maakt niet uit wat erop staat. Bijvoorbeeld: ‘Het is lekker weer vandaag’ of ‘Ik houd van tomatensoep’. Op de tweede post-it noteer je een bepaalde emotie. Hieronder vind je enkele voorbeelden van emoties.

Negatieve emoties Woedend, boos, bang, bezorgd, geërgerd, geïrriteerd, nerveus, verdrietig, moe, teleurgesteld, wanhopig, … Positieve emoties Enthousiast, gelukkig, speels, verrast, kalm, trots, ontroerd, optimistisch, blij, gefocust, …

N

Stap 2: Nu worden de post-its opgehaald en opnieuw verdeeld onder de leerlingen. Elke leerling krijgt een post-it met een zin en een post-it met een emotie. Stap 3: Je gaat nu de zin luidop zeggen of lezen, maar je maakt daarbij verbaal en non-verbaal gebruik van de emotie die op de andere post-it staat. Die emotie moet dus te merken zijn bij het hardop lezen van de zin. Wat merk je?

VA

a

b

Wat heeft dit te maken met verkopen?

©

c In Action 1 stelde je je voor dat je op school een mini-onderneming zou opstarten en runnen. Je hebt een lokaal gedurende enkele weken ingericht als winkel. In dat lokaal kunnen je klanten – de leerlingen en leerkrachten – een bezoekje brengen en producten aanschaffen. Jij bent verkoper. Hoe onthaal je je klanten?

Verbaal:

288 THEMA 3

LEVEL 12


Non-verbaal:

Action 3—

Bestudeer via diddit de filmpjes. Welk type klant denk je in het filmpje te zien? Kruis telkens twee opties aan en vul in. FILMPJE In de winkel

IN

1

Kun je het type klant achterhalen?

KLANTTYPE

Behoeftegebaseerde klant Discountklant Zwervende klant Leeftijdscategorie:

N

Relatieklant Informatieklant Overtuigingsklant

In de supermarkt

Behoeftegebaseerde klant Discountklant Zwervende klant

VA

Leeftijdscategorie:

Relatieklant Informatieklant Overtuigingsklant

De volgende opdracht is een huistaak. Bezoek de komende weken een winkel. Winkels uit meerdere branches zijn goed, maar het mogen geen supermarkten zijn. Je kunt de opdracht ook uitvoeren tijdens je stage op het werkplekleren. Mogelijke opties van winkels: Kledingwinkel zoals JBC, H&M, ZEB, Hunkemöller, Only… Schoenwinkel zoals Torfs, New Paris Londres… Elektrozaak zoals MediaMarkt, Krëfel, Vanden Borre… Tuincentra zoals Aveve Parfumzaak zoals Ici Paris XL, Planet Parfum, Douglas… Sportwinkel zoals A.S.Adventure, Decathlon … Boekhandel zoals Standaard Boekhandel

©

2

Observeer enkele klanten die geholpen worden. Noteer op een apart blad je bevindingen. Welke type klant denk je te observeren? Waaraan merk je dat? Geef uitleg waarom je een klant als een bepaald type ziet. Je kunt deze opdracht eventueel samen maken met Action 7.

THEMA 3

LEVEL 12 289


Maak een verslag van je observatie met een tekstverwerker. Houd rekening met de volgende zaken: Open een nieuw document en gebruik ‘Klantentypes’ als titel. Geef dit Kop 2 als opmaak. Schrijf in de koptekst ‘Verkoopgesprekken’ en in de voettekst je naam. Je observeert meerdere klanten. Maak daarom gebruik van de subtitels ‘Klant 1’ en ‘Klant 2’ en gebruik Kop 3 als opmaak. Gebruik opsommingstekens om het klanttype te vermelden en om je uitleg te noteren. Duid de belangrijke koopsignalen (kernwoorden) aan in het vet. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Action 4—

Kun je het koopmotief en de koopwens achterhalen?

IN

3

Klanten kunnen de winkel binnenkomen met een koopmotief. Dat betekent dat ze een bepaalde behoefte of een bepaalde reden hebben om je winkel binnen te stappen en een artikel zoeken. Ze weten enkel nog niet meteen welk artikel. Klanten kunnen ook je winkel binnenstappen met een specifieke koopwens. Dan weten ze exact welk product, welk type enz. ze nodig hebben. Geef voor elke situatie een mogelijk koopmotief en een mogelijke koopwens. Situatie 1: Een klant komt een schoenwinkel binnen.

Koopmotief:

Koopwens:

Situatie 2: Een klant gaat naar een Aveve-tuinwinkel.

VA

b

N

a

Koopmotief:

Koopwens:

c

Situatie 3: Een klant bezoekt MediaMarkt

Koopmotief:

©

Koopwens:

290 THEMA 3

LEVEL 12


Action 5—

Kun je de juiste vragen stellen?

Om de koopwens van een klant te weten te komen, moet je eerst leren de juiste vragen te stellen. Je voert met je klas drie opdrachten uit: een met gesloten vragen, een met open vragen en een met de trechtertechniek. Opdracht 1:

Stel gesloten vragen

IN

Een leerling komt vooraan in de klas zitten met de rug naar het bord. De leerkracht schrijft een voor de leerling bekende persoon op het bord. Bijvoorbeeld: Elon Musk, Marc Zuckerberg, Koen Wauters, Gert Verhulst, Ariana Grande, Vin Diesel, Jenny Ortega … De leerling vooraan stelt in de eerste plaats enkel gesloten vragen. De leerlingen in de klas mogen enkel antwoorden met ja of nee. Wat merk je nadat reeds enkele leerlingen vooraan in de klas gezeten hebben? Opdracht 2:

Stel open vragen

N

Een leerling komt vooraan in de klas zitten met de rug naar het bord. Opnieuw schrijft de leerkracht een voor de leerling bekende persoon op het bord. Bijvoorbeeld: Elon Musk, Marc Zuckerberg, Koen Wouters, Gert Verhulst, Ariana Grande … De leerling vooraan mag nu enkel open vragen stellen. De leerlingen in de klas mogen correct antwoorden op de vraag. Wat merk je nu nadat reeds enkele leerlingen vooraan in de klas gezeten hebben?

VA

Opdracht 3:

De trechtertechniek

©

Een leerling komt opnieuw vooraan in de klas zitten met de rug naar het bord. De leerkracht schrijft nu een artikel of product op het bord. De leerkracht vertelt klassikaal wel over welke winkel het gaat zoals schoenwinkel, kledingwinkel, electrozaak … De leerling gebruikt de trechtertechniek en stelt eerst enkele open vragen. Vervolgens enkele gesloten vragen. Tot slot een of meerdere bevestigende vragen.

THEMA 3

LEVEL 12 291


Action 6—

Kun je klanten overtuigen door middel van verkoopargumenten?

Je gaat twee opdrachten maken. In de eerste opdracht verzamel je rationele en emotionele argumenten. In de tweede opdracht ga je de kenmerken van producten verbinden met een voordeel en lever je er een bewijs voor. Opdracht 1:

Rationele en emotionele argumenten

IN

Geef van de volgende producten van A.S.Adventure een of meerdere rationele en emotionele argumenten. Indien nodig, kun je de associatietechniek toepassen.

VA

N

Lezyne Fietsverlichting Lite Drive 1000Xl Een krachtig, multifunctioneel voorlicht met maximaal 1 000 lumen. De machinaal bewerkte aluminium behuizing met cooling fins is lichtgewicht en super robuust. Cooling fins zorgen voor een snelle en gemakkelijke afvoer van warmte. De LED beschikt over acht uitvoermodi, met een toonaangevende daglichtflitsmodus van 1 000 lumen. Met zijn MOR-lens (Maximum Optical Reflection) is de lichtopbrengst geoptimaliseerd en gelijkmatig verspreid. De autonomietijd van de batterij is met 11 uur toegenomen tot 87 uur batterijduur. De veelzijdige strap kan veilig worden gemonteerd op verschillende soorten sturen. Multi-lens Oplaadtijd: 4 uur Brandduur max. lichtsterkte (u): 87 uur Lichtsterkte max. (Lumen): 1 000 Energiebron: USB Emotioneel verkoopargument

©

Rationeel verkoopargument

292 THEMA 3

LEVEL 12


Rationeel verkoopargument

IN

Jack Wolfskin Jas Stormy Point De Stormy Point van Jack Wolfskin heeft zijn naam niet gestolen. Een wind- en waterdichte jas met gelaste naden, handige zijzakken, opstaande kraag met capuchon en een perfecte pasvorm. Gewicht: 460 g Model: Dames Type jas: Regenjassen Stofsamenstelling voering: 100 % PA / 100 % PES Waterkolom (mm): 10 000 Samenstelling materiaal: 100 % PES Winddicht: Ja Afsluiting mouwen: Elastiek Verstelbare zoom: Ja Ademend vermogen: 6 000 g/m²/24h Waterafstotende behandeling: Ja Verstelbare kap: Ja Afneembare kap: Nee Waterdicht: Ja Emotioneel verkoopargument

N

©

VA

Sinner Bril Speed Box De Speed is een lichtgewicht unisex kunststof Sinner sportbril met verwisselbare lenzen. De lenzen zijn een donkergrijze lens voor (zeer) zonnig weer, een oranje lens voor licht bewolkt tot half zonnig weer, en een transparante lens voor bewolkt weer. Daarnaast bevat dit model flexibele pootjes en verstelbare neusvleugels voor extra comfort. Op de neus pads en veren zit een anti-slip laag waardoor de bril tijdens het sporten niet verschuift. Daarnaast bieden de lenzen 100 % UV-bescherming. De bril en verwisselbare lenzen worden geleverd in een handig opberg box. Multi-lens Anti-slip neuspads en brilpootjes Gedecentreerde polycarbonaat lenzen Verstelbare neuspads Lenzen gemaakt van duurzaam en Nikkelvrij montuur krasbestendig polycarbonaat Inclusief mooie opbergbox 100 % UVA / B / C bescherming Rationeel verkoopargument

Emotioneel verkoopargument

THEMA 3

LEVEL 12 293


Opdracht 2:

Kenmerk, voordeel, bewijs

Van de drie bovenstaande artikelen kies je nu een of meerdere kenmerken. Dat zet je om in een voordeel en bewijs voor de klant. Noteer. Lezyne Fietsverlichting Lite Drive 1000Xl Kenmerk:

IN

Voordeel: Bewijs:

Kenmerk:

VA

Voordeel:

N

Jack Wolfskin Jas Stormy Point

Bewijs:

©

Sinner Bril Speed Box Kenmerk:

Voordeel: Bewijs:

294 THEMA 3

LEVEL 12


Action 7—

Kun je koopsignalen herkennen?

a

Observeer een of enkele klanten die geholpen worden. Noteer op een apart blad je bevindingen. Welke koopsignalen herken je bij de klant? Door meerdere klanten te observeren, zul je bepaalde koopsignalen vaker tegenkomen. Maak een verslag van je observatie met een tekstverwerker. Houd rekening met de volgende zaken: Open een nieuw document en gebruik ‘Verbale en non-verbale koopsignalen’ als titel. Geef dit Kop 2 als opmaak. Schrijf in de koptekst ‘Verkoopgesprekken’ en in de voettekst je naam. Maak gebruik van de subtitels ‘Verbale koopsignalen’ en ‘Non-verbale koopsignalen’ en gebruik Kop 3 als opmaak. Gebruik opsommingstekens om de verschillende koopsignalen op te noemen. Duid de belangrijke koopsignalen (kernwoorden) aan in het vet. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

VA

N

b

IN

De volgende opdracht is een huistaak. Je kunt de opdracht ook uitvoeren ook tijdens je stage op het werkplekleren. Bezoek de komende weken een winkel. Winkels uit meerdere branches zijn goed, maar het mogen geen supermarkten zijn. Mogelijke opties: Kledingwinkel zoals JBC, H&M, ZEB, Hunkemöller, Only … Schoenwinkel zoals Torfs, New Paris Londres … Elektrozaak zoals MediaMarkt, Krëfel, Vanden Borre … Tuincentra zoals Aveve Parfumzaak zoals Ici Paris XL, Planet Parfum, Douglas… Sportwinkel zoals A.S.Adventure, Decathlon … Boekhandel zoals Standaard Boekhandel

THEMA 3

LEVEL 12 295


Action 8—

Bekijk de producten van Action 6 nog eens. Geef een of meerdere mogelijke bezwaren die bij die producten kunnen worden gegeven door de klant. Pas de driestappentechniek toe. PRODUCT

BEZWAAR

Lezyne Fietsverlichting Lite Drive 1000Xl

VA

N

Jack Wolfskin Jas Stormy Point

DRIESTAPPENTECHNIEK

IN

1

Kun je omgaan met bezwaren?

©

Sinner Bril Speed Box

296 THEMA 3

LEVEL 12


2

Geef van de volgende producten telkens drie mogelijke bezwaren die een klant zou kunnen geven. Gebruik daarna de driestappentechniek om de bezwaren te weerleggen. Doe dit met een tekstverwerker. Op diddit vind je een sjabloon. Een auto

Bezwaar 1 Bezwaar 2

IN

Bezwaar 3 Een paar laarsjes

Bezwaar 1

N

Bezwaar 2

Bezwaar 3

VA

©

Een koffieapparaat (met bonen)

Bezwaar 1

Bezwaar 2

Bezwaar 3

THEMA 3

LEVEL 12 297


Action 9— 1

Hoe kun je aan crossselling en upselling doen?

Bedenk voor de volgende producten enkele voorbeelden voor crossselling. ARTIKEL

VOORBEELD CROSS-SELLING

© Shutterstock / aimadbro

IN

N

VA

© Shutterstock / Richard van der Spuy

©

© Shutterstock / tn92

298 THEMA 3

LEVEL 12


2

Kies nu enkele producten op je stageplaats. Bedenk hierbij enkele producten die hierbij kunt verkopen. Verwerk ze in een document. a b c d e f

Open een nieuw document. Gebruik als titel ‘Crossselling’ en geef dit kop1. Voeg een tabel toe bestaande uit twee kolommen en 6 regels. In de bovenste twee cellen vermeld je ‘artikel’ en ‘crossselling’. In de volgende 5 rijen geef je in de linker kolom 5 producten. In de rechterkolom geef je voorbeelden van crossselling.

IN

Action 10— Kun je een productfiche maken?

Je gaat nu van acht producten een productfiche maken. Wanneer je een product gaat verkopen, is het belangrijk dat je veel over dat product weet. Dat betekent dat je informatie over dat product verzamelt en op een A4-blad verwerkt (eventueel voor en achterkant). Achteraan dit level vind je een voorbeeld van een productfiche.

VA

b c

Ontwerp nu je eigen productfiche met een tekstverwerker. Deze productfiche ga je gebruiken in Action 12. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. Kies twee producten uit een van de volgende branches: kleding, schoenen, electro, multimedia en sport. De zes andere producten zijn producten die je terugvindt in de winkel waar je stage zou kunnen lopen.

N

a

©

© Shutterstock / benjamin poturak

THEMA 3

LEVEL 12 299


d

Zoek informatie over je producten. Tip:

Informatie vinden over een product kan op meerdere manieren. Zo kun je reclamefolders gebruiken of op zoek gaan via het internet. Ook interessant is om een winkel te bezoeken waar je informatie over dat product verzamelt.

Vul je fiche in. Wat je zeker over je product moet zoeken, zijn de volgende punten: Producteigenschappen (zoals het materiaal …) Werking Duurzaamheid Ecologisch afbreekbaarheid Prijs Kleur Alternatieven Vervaldatum Onderhoud Speciale verpakking Updates

f

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

e

Je werkt per twee. Samen bereiden jullie een verkoopgesprek voor. Dat kan thuis of tijdens een les. Een leerling speelt de verkoper, de andere leerling de klant. Kies een product. Bedenk en oefen de nodige vragen om te weten te komen wat de juiste behoefte en dus koopwens is. Neem het product mee naar school. Breng je verkoopgesprek voor de klas. De klas kijkt in twee groepen naar het verkoopgesprek en let op de volgende zaken:

VA

1

N

Action 11— Hoe voer je een eenvoudig verkoopgesprek?

GROEP 2

Groep 1 controleert de non-verbale communicatie op basis van het document op het einde van dit level.

Groep 2 beoordeelt het verkoopgesprek gebruik makend van het evaluatiedocument op het einde van dit level.

©

GROEP 1

2

300 THEMA 3

Nu bereiden nogmaals twee leerlingen een verkoopgesprek voor. De twee leerlingen voeren een verkoopgesprek als een verkoper en een klant over de volgende situatie. Situatie: Een 16-jarig meisje komt in een bloemenwinkel iets kopen voor moederdag. Ze kan 25 euro besteden en vraagt zich af of ze het best een boeket snijbloemen, een bloemstuk of een plantje koopt. De klas kijkt in twee groepen naar het verkoopgesprek en evalueert zoals in opdracht 1.

LEVEL 12


Action 12— Hoe voer je een verkoopgesprek voor gevorderden?

2

Je werkt per twee. Samen bereiden jullie een verkoopgesprek voor. De eerste leerling speelt de verkoper en geeft enkele van zijn productfiches aan de andere leerling, die de klant speelt. De leerling die de klant speelt, bestudeert een van deze productfiches. Kiest een fiche uit en stap daarna de winkel binnen. Nu begint je rollenspel. De klas kijkt in twee groepen naar het verkoopgesprek en let op de volgende zaken: GROEP 1

GROEP 2

Groep 1 controleert de non-verbale communicatie op basis van het document op het einde van dit level.

Groep 2 beoordeelt het verkoopgesprek gebruik makend van het evaluatiedocument op het einde van dit level.

IN

1

Jij of je klasgenoot werkt nu samen met de leerkracht. Samen bereiden jullie een verkoopgesprek voor. De leerling speelt de verkoper en geeft enkele van zijn productfiches aan de leerkracht, die de klant speelt. De klant kiest een fiche uit en stap daarna de winkel binnen. Nu begint je rollenspel. De klas kijkt in twee groepen naar het verkoopgesprek en evalueert zoals in vraag 1.

N

Naam product:

Omschrijving product:

Plaats hier een afbeelding van het product

VA

a

Kenmerken of eigenschappen van het product:

©

b

Waarvoor wordt het product gebruikt?

THEMA 3

LEVEL 12 301


c

Van welk materiaal is het product gemaakt?

d

Wat zijn de voordelen van dit product?

e

IN

Wat zijn eventuele nadelen van dit product?

f

N

Hoe moet het product onderhouden worden?

VA

g

Geef enkele emotionele verkoopargumenten voor dit product.

Zijn er randartikelen voor dit product? (zie Action 9)

©

h

302 THEMA 3

LEVEL 12


THEMA 3

LEVEL 12 303

Oprechtheid / Deskundigheid

Gelaats­ uitdrukking

Gebaren / beweging

Stemgebruik / intonatie

Lichaams­ houding

Glimlacht niet Gebruikt een te luide, scherpe, harde stem Articuleert slecht Gebruikt geen variatie in de stem Spreekt te snel

Toont geen interesse Is niet te vertrouwen Is niet deskundig Biedt geen oplossingen

Heeft altijd dezelfde gelaatsuitdrukking Geeft een gespannen indruk Geeft de klant weinig vertrouwen

Gebruikt geen gebaren

Heeft gekruiste armen Maakt geen oogcontact Toont geen interesse Heeft een gespannen houding Houdt het hoofd gebogen Leunt op de toonbank Lacht niet

Onvoldoende

N

Toont zich af en toe geïnteresseerd Is niet altijd te vertrouwen Gaat niet altijd deskundig te werk Vindt af en toe een oplossing

Heeft af en toe een andere gelaatsuitdrukking

Gebruikt af en toe een gebaar

Let op twee tip voor een goed stemgebruik en een goede intonatie

Past drie kenmerken van een juiste lichaamshouding toe

Voldoende

VA

© Goed

IN

Toont vaak interesse Geeft meestal vertrouwen Gaat vaak deskundig te werk Vindt vaak een oplossing

Verandert geregeld van gelaatsuitdrukking

Ondersteunt woorden vaak door gebaren

Werkt aan drie van de vijf tips voor een goed stemgebruik en intonatie

Past vijf kenmerken van een juiste lichaamshouding toe

NON-VERBALE SIGNALEN

Glimlacht Gebruikt een zachte, niet te luide stem Articuleert goed Gebruikt variatie in de stem Spreekt niet te snel

Heeft open armen Maakt oogcontact Toont interesse Is ontspannen Houdt het hoofd recht Heeft een rechte houding Is vriendelijk, lacht

Is altijd geïnteresseerd Geeft vertrouwen Gaat deskundig te werk Zoekt voor alle problemen een oplossing

Verandert dikwijls van mimiek Geeft een ontspannen indruk en wekt vertrouwen op

Ondersteunt het verkoopgesprek met gebaren

Zeer goed


BEOORDELING VERKOOPGESPREKKEN In welke mate gebeurt dit?

Behaalde score

Maximum score

Berekening score

Ontvangen van klanten Nee / Ja

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

Wordt de klant actief benaderd of aangesproken?

Nee / Ja

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

Is er een goede houding en goed taalgebruik?

Nee / soms / vaak / altijd

3

Nee = 0/3; soms = 1/3; vaak = 2/3; altijd = 3/3

Is er oogcontact?

Nee / soms / vaak

2

Nee = 0/2; soms = 1/2; vaak = 2/2

IN

Wordt de klant goed begroet?

Informeren naar de wens / behoeften Nee / soms / altijd

2

Nee = 0/2; soms = 1/2; altijd = 2/2

Wordt er doorgevraagd bij onduidelijkheden?

Nee / soms / altijd

2

Nee = 0/2; soms = 1/2; altijd = 2/2

N

Worden de juiste vragen gesteld?

Informeren van klanten over kwaliteit, eigenschappen en prijs Nee / gedeeltelijk / ja

4

Nee = 0/4; gedeeltelijk = 2/4; ja = 4/4

Nee / gedeeltelijk / ja

4

Nee = 0/4; gedeeltelijk = 2/4; ja = 4/4

Nee / ja

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

VA

Kent de verkoper het product?

Worden de producteigenschappen aangehaald? Wordt de prijs besproken?

Adviseren van klanten bij de aankoop van producten Nee / gedeeltelijk / ja

2

Nee = 0/2; gedeeltelijk = 1/2; ja = 2/2

Worden de toepassingsmogelijkheden van het product besproken?

Nee / gedeeltelijk / ja

2

Nee = 0/2; gedeeltelijk = 1/2; ja = 2/2

Gebruikt de verkoper emotionele argumenten?

Nee / ja

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

Zet de verkoper kenmerken om in een voordeel en bewijs?

Nee / gedeeltelijk / ja

4

Nee = 0/4; gedeeltelijk = 2/4; ja = 4/4

©

Laat de verkoper zich in in de situatie waarvoor het product bestemd is?

304 THEMA 3

LEVEL 12


BEOORDELING VERKOOPGESPREKKEN In welke mate gebeurt dit?

Behaalde score

Maximum score

Berekening score

Worden er alternatieven aangeboden indien nodig?

Nee / ja

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

Worden er randartikelen verkocht of aangeboden?

Nee / ja

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

2

Nee = 0/2; ja = 2/2

Wordt er gecontroleerd of dit product voldoet?

Nee / ja

Wordt het product ingepakt?

Nee / ja

Wordt er afscheid genomen?

Nee / ja

Loopt de verkoper mee met de klant?

Nee / ja

IN

Afsluiten van het verkoopgesprek

©

VA

N

Algemene opmerkingen

THEMA 3

LEVEL 12 305


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan klanten vriendelijk onthalen.

2

Ik kan de stappen in het verkoopproces omschrijven.

3

Ik kan gepaste non-verbale communicatie hanteren.

4

Ik kan klantentypes herkennen.

5

Ik kan koopsignalen herkennen.

6

Ik kan verkoopargumenten bedenken.

7

Ik kan voorbeelden geven van crossselling en upselling.

8

Ik kan een verkoopgesprek voeren en afsluiten.

©

VA

N

IN

1

306 THEMA 3

LEVEL 12


Beeldwoordenboek Level 12 BEGRIP

OMSCHRIJVING

AFBEELDING

Dat is de verkoop van aanvullende producten bij de hoofdaankoop of de verkoop van randartikelen, denk aan oortjes bij een gsm of aan koelelementen bij een koelbox.

emotionele argumenten

Hier speel je in op het gevoel of de ervaring die het product of de dienst bezorgt. Je speelt in op de persoonlijke situatie van de klant.

IN

crossselling

Wanneer een klant een bepaalde behoefte heeft, maar nog niet meteen weet welk product die specifiek wil kopen.

VA

koopmotief

N

© Shutterstock / Nikita Burdenkov

Dat is elk gedrag van de klant waaruit blijkt dat de klant interesse heeft in je product of dienst.

koopwens

Dat is wanneer een klant een specifiek product wil of zoekt.

©

koopsignaal

THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

LEVEL 12 307


BEGRIP

OMSCHRIJVING Met deze techniek start je in een verkoopgesprek met open vragen om zoveel mogelijk informatie te verkrijgen. Daarna stel je enkele gesloten vragen en je eindigt met bevestigende vragen.

rationele argumenten

Dat zijn argumenten die duidelijk zichtbaar zijn, die zwart op wit op papier staan, of die de technische kant van het artikel bepalen, zoals het materiaal, de prijs …

upselling

Dat is als je een gelijksoortig product maar van een betere kwaliteit aan de klant kunt verkopen. Bijvoorbeeld met andere of meer voordelen voor de klant en dus vaak ook duurder.

©

VA

N

IN

trechtertechniek

308 THEMA 3

BEELDWOORDENBOEK

AFBEELDING

LEVEL 12


NOTITIE

IN

VA

N

©


NOTITIE

IN

VA

N

©


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.