Lift 5/6 D (DG) Bedrijfswetenschappen (Extra)

Page 1

LIFT5 - Doorstroomfinaliteit-hoofdcovers-v-02-hires.pdf

3

26/04/2023

14:34

5/6

T F I L

Bedrijfswetenschappen Doorstroomfinaliteit Extra voor DG


VA

© N IN


IN

LIFT LIFT Bedrijfswetenschappen Doorstroomfinaliteit

©

VA

N

Extra voor studierichtingen bedrijfswetenschappen


Via www.ididdit.be heb je toegang tot het onlineleerplatform bij Lift. Activeer je account aan de hand van de onderstaande code en accepteer de gebruiksvoorwaarden. Kies je ervoor om je aan te melden met je Smartschool-account, zorg er dan zeker voor dat je e-mailadres aan dat account gekoppeld is. Zo kunnen we je optimaal ondersteunen.

!

VA

N

IN

LIFT

LET OP: DEZE LICENTIE IS UNIEK, EENMALIG TE ACTIVEREN EN GELDIG VOOR EEN PERIODE VAN 2 SCHOOLJAREN. INDIEN JE DE LICENTIE NIET KUNT ACTIVEREN, NEEM DAN CONTACT OP MET ONZE KLANTENDIENST.

Fotokopieerapparaten zijn algemeen verspreid en vele mensen maken er haast onnadenkend gebruik van voor allerlei doeleinden. Jammer genoeg ontstaan boeken niet met hetzelfde gemak als kopieën. Boeken samenstellen kost veel inzet, tijd en geld. De vergoeding van de auteurs en van iedereen die bij het maken en verhandelen van boeken betrokken is, komt voort uit de verkoop van die boeken. In België beschermt de auteurswet de rechten van deze mensen. Wanneer u van boeken of van gedeelten eruit zonder toestemming kopieën maakt, buiten de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen, ontneemt u hen dus een stuk van die vergoeding. Daarom vragen auteurs en uitgevers u beschermde teksten niet zonder schriftelijke toestemming te kopiëren buiten de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen. Verdere informatie over kopieerrechten en de wetgeving met betrekking tot reproductie vindt u op www.reprobel.be. Ook voor het digitale lesmateriaal gelden deze voorwaarden. De licentie die toegang verleent tot dat materiaal is persoonlijk. Bij vermoeden van misbruik kan die gedeactiveerd worden. Meer informatie over de gebruiksvoorwaarden leest u op www.ididdit.be.

©

© Uitgeverij VAN IN, Wommelgem, 2024

De uitgever heeft ernaar gestreefd de relevante auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Wie desondanks meent zekere rechten te kunnen doen gelden, wordt verzocht zich tot de uitgever te wenden. Credits: Thema 3 – Level 3 – p. 151: Tijdlijn voor onboarding © Temp-Team Nederland Thema 3 – Level 4 – p. 174: Tabel 1, Grafiek 1 en 2 © FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg Eerste druk 2024 ISBN 978-94-647-0075-6 D/2023/0078/99 Art. 603744/01 NUR 160

Vormgeving en ontwerp cover: Shtick Zetwerk: Crius Group


Starten met Lift Welkom bij Lift. We leggen graag even uit hoe je met dit leerpakket aan de slag gaat.

1 OP WEG MET LIFT Het leerwerkboek bestaat uit zes thema’s en online ICT-fiches. Elk thema is op dezelfde manier opgebouwd.

2

IN

In totaal zul je zes thema’s doorlopen: Aspecten van sociaal recht, Logistiek en supply chain management, Personeelsmanagement als onderdeel van bedrijfsbeleid, Kostprijsberekening, Boekhouden en financieel beheer en Eigen onderneming op basis van strategische keuzes.

THEMA

N

Logistiek en supply chain management

VA

Je doorloopt per thema verschillende Levels, waarbij je telkens een centrale onderzoeksvraag beantwoordt. Je verkent de onderzoeksvraag aan de hand van verschillende opdrachten, onder de noemer Explore.

TO THE POINT

Een personeelslid doorloopt drie fasen tijdens zijn loopbaan in een onderneming: de instroom, de doorstroom en de uitstroom.

Vanuit het standpunt van de onderneming betekent instroom dat iemand van buitenaf er op een bepaald moment bij komt en werknemer wordt. Vanuit het standpunt van een werknemer betekent het dat hij de zoektocht naar een job beëindigt en toetreedt tot een onderneming.

©

Aan de hand van personeelsplanning legt de onderneming vast hoeveel personeelsleden ze zal

nodig hebben op de korte en op de lange termijn en over welke competenties die personeelsleden moeten beschikken. Er zijn drie soorten personeelsplanning: operationele, tactische en strategische personeelsplanning.

Tijdens het wervingsproces wordt er gezocht naar potentiële kandidaten. Om op de arbeidsmarkt het

De essentie van de leerstof is gebundeld in To the point. Die studeer je goed voor je toets of examen samen met de kennislijnen van elke Explore.

Explore 3— Wat zijn de wederzijdse rechten en plichten van de werknemer en de werkgever?

Rechten en plichten van werknemer en werkgever De werknemer is verplicht: —

zijn werk zorgvuldig, eerlijk en nauwkeurig te verrichten op de overeengekomen tijd, plaats en wijze;

te handelen volgens de bevelen en de instructies die hem door de werkgever worden gegeven voor de uitvoering van de overeenkomst;

zich te onthouden van al wat schade kan berokkenen aan zijn eigen veiligheid, aan die van zijn collega’s, van de werkgever en van derden;

het hem toevertrouwde arbeidsgereedschap en de ongebruikte grondstoffen in goede staat aan de werkgever terug te geven.

Terwijl een werknemer in dienst is, mag hij in een tweede job of als zelfstandige in bijberoep geen concurrentie voeren met zijn huidige werkgever. Als de arbeidsovereenkomst afgelopen is, is eerlijke concurrentie in principe toegelaten. Toch kan er in de arbeidsovereenkomst een clausule staan waarin de werknemer zich ertoe verbindt na zijn vertrek geen ‘soortgelijke activiteiten’ uit te oefenen. Dat wordt een concurrentiebeding genoemd. De werkgever is verplicht: —

de werknemer de afgesproken arbeid te laten uitvoeren op de overeengekomen tijd, plaats en wijze. Hij moet ook voor de uitvoering van het werk de nodige hulpmiddelen en materialen ter beschikking stellen;

ervoor te zorgen dat de arbeid in behoorlijke omstandigheden wordt verricht met betrekking tot de veiligheid en de gezondheid van de werknemer en dat hem bij een ongeval de eerste hulp verstrekt kan worden;

het loon te betalen op de overeengekomen tijd, plaats en wijze;

om op kosteloze wijze aan de werknemer de opleiding aan te bieden wanneer die noodzakelijk is om het werk uit te voeren waarvoor hij in dienst werd genomen of wanneer die door de werkgever moet worden aangeboden omwille van een wettelijke regeling of als toepassing van een collectieve arbeidsovereenkomst;

de werknemer de nodige tijd te geven om zijn geloofsplichten, evenals zijn burgerlijke verplichtingen die uit de wet voortvloeien, te vervullen;

de nodige zorg en aandacht te geven aan het onthaal van de werknemers en van de jeugdige werknemers in het bijzonder.

Naar: werk.belgie.be

14

THEMA 1

LEVEL 1

signaal te geven dat ze een vacature heeft, zal de onderneming een personeelsadvertentie opstellen. Een goede personeelsadvertentie bestaat uit minstens een functieprofiel, een functieomschrijving en een aanbod naar de potentiële kandidaten toe. De inhoud van de personeelsadvertentie zal later nog gebruikt worden in functie van diverse hr-taken binnen de onderneming: —

rekrutering en selectie,

prestatiebeoordeling,

training en ontwikkeling,

functiewaardering en beloning.

De personeelsadvertentie moet het imago van de onderneming uitstralen. Een onderneming toont haar imago via de employer brand (werkgeversmerk) en via het gebruik van een eigentijdse en flitsende huisstijl. Daarnaast hangt een sterk en aantrekkelijk werkgeversmerk nauw samen met een eerlijke employee value proposition (EVP). Er zijn wettelijke bepalingen over wat wel en niet in een personeelsadvertentie mag staan.

Eens de personeelsadvertentie correct opgesteld is, wil je als onderneming dat zoveel mogelijk potentiële kandidaten ze te zien krijgen. Je kunt daartoe verschillende kanalen gebruiken. Hoe meer kanalen, hoe beter want sollicitanten hebben zo hun eigen gewoonten om een personeelsadvertentie te zoeken. Selectie is het hr-proces waarbij de onderneming uit de verschillende kandidaten, één of meerdere kandidaten kiest en effectief de job aanbiedt. Bij dat proces gebruiken ondernemingen verschillende technieken om de kandidaten door te lichten en om in te schatten of ze geschikt zijn voor de job. Om de selectie zo objectief mogelijk te laten verlopen stelt de onderneming een selectiejury samen. De eerste stap in een goede selectieprocedure is de screening van de binnenkomende cv’s. Screenen is het achterhalen van informatie over een sollicitant. Als een onderneming actief een kandidaat screent (PES of pre-employment screening), moet de sollicitant daarvan op de hoogte gebracht worden. Na de screening mogen een aantal kandidaten naar de volgende fase gaan. Die bestaat uit: —

het sollicitatiegesprek: dat is een interview waarbij de hr-verantwoordelijke standaardvragen heeft opgesteld die hij aan elke kandidaat stelt. Door kandidaten gelijk te behandelen kan er ook gescoord worden. Dat komt de objectiviteit ten goede. Vaak gebruiken de hr-verantwoordelijken technieken zoals LSD;

40

THEMA 3

proeven, testen en assessments.

LEVEL 2

STARTEN MET LIFT

3


Action 2—

Op hoeveel dagen klein verlet heb je recht?

Nu is het tijd om je opgedane kennis in te oefenen aan de hand van verschillende Actions.

Lees aandachtig de onderstaande situaties. Gebruik het internet. a

Op hoeveel dagen klein verlet heb je recht?

b

Wanneer moet je dat opnemen?

A Huwelijk van de werknemer a

b

B Overlijden van een kind

van de werknemer

a

b

C Uitoefening van het ambt van bijzitter bij een verkiezing a

b

D

b

THEMA 1

LEVEL 2

47

IN

Bijwonen van een bijeenkomst van de familieraad, bijeengeroepen door de vrederechter a

Aan het einde van elk level sta je stil bij de actualiteit omtrent de inhoud van dat level in de rubriek Breaking News. Op iDiddit vind je de bijbehorende artikels of filmpjes en de verwante vragen.

BREAKING NEWS

1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

VA

N

Elk level eindigt met een Checklist. Het is een hulpmiddel om te beoordelen of je de doelen van dat level onder de knie hebt.

JA 1

arbeidsovereenkomst toelichten.

© L 4

STARTEN MET LIFT

ICT-fiches

Ik kan de vormvereisten voor een

3

Ik kan de wederzijdse rechten en plichten van de

4

Ik kan bepalen welke soort arbeidsovereenkomst van

5

Ik kan toelichten wie aansprakelijk is bij schade en

6

Ik kan het verschil tussen een arbeidsovereenkomst

werkgever en werknemer toelichten.

toepassing is.

wie de schadevergoeding moet betalen.

en een arbeidsreglement toelichten.

34

THEMA 1

T

I

2

arbeidsovereenkomst toelichten.

5

F

Ik kan de geldigheidsvereisten voor een

De ICT-fiches vind je op iDiddit. Ze helpen je om zelfstandig met een tekstverwerker, een rekenblad of een presentatiepakket aan de slag te gaan; infographics te creëren, foto’s en video’s te monteren en online samen te werken.

LEVEL 1

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL


voltijds

Vanaf welke datum geldt de arbeidsovereenkomst?

f

Hoeveel bedraagt het brutoloon?

g

Hoe is de uurregeling vastgelegd?

2 HANDIG VOOR ONDERWEG In elk thema vind je dezelfde hulpmiddelen.

Duur van de prestatie:

e

Vaste uurregeling

deeltijds

Variabel rooster op weekbasis dat een week vooraf wordt vastgelegd.

Explore 5— Wat is het verschil tussen een arbeidsovereenkomst en een arbeidsreglement?

Doorheen het thema vind je de belangrijkste zaken op een rijtje naast de rode kennislijn. De begrippen die je moet kennen vallen extra op door de stippellijn.

Verschil arbeidsovereenkomst en -reglement Wanneer een werknemer in dienst treedt bij een werkgever, moet een arbeidsovereenkomst worden afgesloten. Gebeurt dat niet, dan is er sprake van zwartwerk. In de arbeidsovereenkomst worden afspraken vastgelegd met betrekking tot het loon, de uit te voeren arbeid, de duur van het contract … Ook de wederzijdse rechten en plichten worden er beschreven. Samen met de arbeidsovereenkomst wordt ook het arbeidsreglement meegegeven. Het is een praktische vertaling van de afspraken die in de arbeidsovereenkomst staan. Een aantal zaken moeten in het arbeidsreglement staan: —

gegevens van de onderneming,

arbeidsduur, uurroosters, jaarlijkse vakantie en informatie over vakantieaanvraag en de toekenning van vakantiedagen, criteria die het loon bepalen, wijze en tijdstip van uitbetaling,

opzegtermijnen en redenen voor een onmiddellijk ontslag,

rechten en plichten van het toezichthoudende personeel,

contactgegevens van de bedrijfsraad, de eerstehulpverlener, de artsen in geval van een arbeidsongeval,

IN

het comité voor preventie en bescherming op het werk, de vakbondsafvaardiging, en de inspectiediensten bevoegd voor de bescherming van de werknemers,

vermelding van eventuele collectieve arbeidsovereenkomsten en akkoorden rond de arbeidsvoorwaarden.

Elke werknemer moet een kopie van het arbeidsreglement krijgen. Dat moet met een getekend ontvangstbewijs bewezen worden.

THEMA 1

1

BEGRIP bevoor­ radings­ of productie­

VERKLARING

23

Je vindt die woorden ook achteraan in de Begrippenlijst.

Begrippenlijst Thema 2 LEVEL

LEVEL 1

IN JE EIGEN WOORDEN

Daar worden diverse goederen opgeslagen die nodig zijn voor de productie van een artikel.

magazijn 1

distributie­

Vanuit dat magazijn worden winkels van

centrum of

eenzelfde keten bevoorraad.

1

groupage­

Daar worden zendingen gegroepeerd om

centrum

dan naar één klant te vertrekken.

logistieke

De logistieke keten verwijst naar inkoop,

keten

productie, distributie en transport, retourlogistiek en voorraadbeheer.

1

logistiek

Dat is een onderdeel van supply chain

management

management en houdt zich bezig met het zo efficiënt mogelijk maken van de processen om goederen bij klanten te krijgen, zoals bijvoorbeeld van de fabriek naar de winkel.

1

material

Dat is de leverancier van materialen.

supplier 1

1

original

Dat zijn de producenten van de

equipment

eindproducten of de afgewerkte producten

manufacturers

die uiteindelijk bestemd zijn voor de

(OEM)

consument.

public

Daar kunnen ondernemingen die zelf geen

warehouse

logistieke activiteiten uitvoeren of zelf geen magazijn hebben, hun goederen stockeren.

1

supply chain

Dat is de beheersing van de hele logistieke

management

keten van grondstof tot het afgewerkte

VA

product bij de eindconsument geraakt.

N

­magazijn 1

1

tier 1 supplier

Dat is de directe leverancier van de

of first tier

producent van het eindproduct.

supplier

1

tier 2 supplier

Dat is de leverancier van de tier 1 suppliers.

of second tier supplier

THEMA 2

BEGRIPPENLIJST

Action 3—

In de Good to know-kaders staan handige tips of weetjes bij de uitvoering van de opdrachten.

©

36

De Logistics Performance Index

Good to know De Logistics Performance Index (LPI) is een benchmarkingtool ontwikkeld door de Wereldbank om de efficiëntie en effectiviteit van logistieke systemen in landen over de hele wereld te beoordelen. Het biedt een maatstaf voor logistieke prestaties op basis van een reeks indicatoren die verschillende aspecten van supply chain management, handelsfacilitering, infrastructuurkwaliteit en logistieke competentie weerspiegelen. Er wordt gekeken naar de volgende dimensies: —

efficiëntie van de douane: het gemak en de snelheid van inklaringsprocedures, inclusief documentverwerking, inspecties en administratieve efficiëntie,

kwaliteit van handels- en transportroutes,

beschikbaarheid van logistieke diensten tegen redelijke kosten,

aanwezigheid van bekwame en kwalitatieve logistieke diensten,

tracking en tracing,

snelheid en betrouwbaarheid van leveringen.

Lees de volgende tekst en beantwoord de vragen. a

Wat is het nut van de index?

De volgende iconen helpen je ook nog een eind op weg: Je vindt op iDiddit extra (ondersteunend) materiaal. Het beeldfragment dat hierbij hoort, vind je op iDiddit. Je moet iets bewaren in je portfolio. b

Op hoeveel vlakken of dimensies scoort België beter dan in 2018?

c

Wat is het grootste werkpunt van ons land?

d

Ga op zoek naar meer recente cijfers voor België. Gebruik het internet.

STARTEN MET LIFT

5


VA

© N IN


Het onlineleerplatform bij Lift Mijn lesmateriaal Hier vind je alle inhouden uit het boek, maar ook meer, zoals filmpjes, extra oefeningen ...

IN

Extra materiaal Bij bepaalde stukken theorie of oefeningen kun je extra materiaal openen. Dat kan een bijkomend videofragment zijn, een woordenof begrippenlijst, een extra bron of een leestekst. Kortom, dit is materiaal dat je helpt om de leerstof onder de knie te krijgen. Adaptieve oefeningen In dit gedeelte kun je de leerstof inoefenen op jouw niveau. Hier kun je vrij oefenen of de oefeningen maken die de leerkracht voor je heeft klaargezet.

N

Opdrachten Hier vind je de opdrachten die de leerkracht voor jou heeft klaargezet. Evalueren Hier kan de leerkracht toetsen voor jou klaarzetten.

VA

Resultaten Wil je weten hoever je al staat met oefenen, opdrachten en toetsen? Hier vind je een helder overzicht van al je resultaten.

©

Notities Heb je aantekeningen gemaakt bij een bepaalde inhoud? Via je notities kun je ze makkelijk terug oproepen.

Meer weten? Ga naar www.ididdit.be

IDIDDIT

7


LEVEL

1

LEVEL

2

VA

LEVEL

1

©

ASPECTEN VAN SOCIAAL RECHT

LEVEL

THEMA 1:

p. 126

Wat is het belang van humanresourcesmanagement binnen het bedrijsbeleid?

p. 108

IN

PERSONEELSMANAGEMENT ALS ONDERDEEL VAN BEDRIJFSBELEID LOGISTIEK EN SUPPLY CHAIN MANAGEMENT

2

Hoe verloopt de instroom van medewerkers in een onderneming?

N

THEMA 3: THEMA 2:

LEVEL

3

LEVEL

2

LEVEL

1

Wat is het belang van voorraden?

p. 95

Wat is het belang van supply chain management?

p. 72

Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst?

p. 54

Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de schorsing van een arbeidsovereenkomst?

p. 39

Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de start van een arbeidsovereenkomst?

p. 12


IN

EIGEN ONDERNEMING OP BASIS VAN STRATEGISCHE KEUZES BOEKHOUDEN EN FINANCIEEL BEHEER

1

LEVEL

6+

VA KOSTPRIJSBEREKENING

THEMA 4:

PERSONEELSMANAGEMENT ALS ONDERDEEL VAN BEDRIJFSBELEID

© THEMA 3:

p. 266 Met welke elementen houd je rekening als je een onderneming start?

Hoe registreer je de inventarisverrichtingen in de boekhouding?

p. 240

Hoe voer je een kostprijsberekening om de verkoopprijs te bepalen?

p. 194

Hoe verloopt de uitstroom van medewerkers uit een onderneming?

p. 172

Hoe verloopt de doorstroom van medewerkers in een onderneming?

p. 148

N

THEMA 6: THEMA 5:

LEVEL

LEVEL

1

LEVEL

4

LEVEL

3


N

THEMA

IN

1

©

VA

Aspecten van sociaal recht


IN

LEVEL

N

3

Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst?

LEVEL

©

VA

2

LEVEL

1

p. 54

Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de schorsing van een arbeidsovereenkomst?

p. 39

Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de start van een arbeidsovereenkomst?

p. 12


LEVEL 1 Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de start van een arbeidsovereenkomst?

Bekijk de cartoon.

Wat zou de cartoonist willen zeggen? Noteer je antwoord.

b

Bespreek klassikaal.

N

a

©

VA

1

IN

INTRO

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Met welke wettelijke regels moet je rekening houden bij de start van een arbeidsovereenkomst?

12

THEMA 1

LEVEL 1


Explore 1— Wat zijn de geldigheidsvereisten voor een arbeids­ overeenkomst?

Geldigheidsvereisten arbeidsovereenkomst Een arbeidsovereenkomst is een overeenkomst tussen werknemer en werkgever waarbij de werknemer zich tegenover de werkgever verbindt om tegen loon en onder gezag van de werkgever arbeid te verrichten. De wetgeving rond arbeidsovereenkomsten heeft betrekking op werknemers uit de privésector en bepaalde

IN

werknemers in contractueel dienstverband uit de openbare sector. Zoals elke andere overeenkomst moet een arbeidsovereenkomst beantwoorden aan de geldigheids-

voorwaarden die in het burgerlijk recht zijn bepaald. Voor de geldige totstandkoming van een arbeids­overeenkomst is dan ook vereist dat: —

de partijen bekwaam zijn om een arbeidsovereenkomst aan te gaan;

de partijen geldig hun toestemming geven;

de verbintenis een bepaald voorwerp als inhoud heeft;

de oorzaak van de verbintenis geoorloofd is.

Wordt er niet voldaan aan een van die geldigheidsvereisten, dan kan de nietigheid van de arbeidsovereenkomst worden ingeroepen. In een aantal gevallen zal een arbeidsovereenkomst ook nog moeten voldoen aan

N

welbepaalde vormvereisten. Zo moet een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd of deeltijdse arbeid schriftelijk worden afgesloten. Bekwaamheid

Om een geldige arbeidsovereenkomst te sluiten moeten de werkgever en de werknemer over de nodige bekwaamheid beschikken. Voor minderjarige werknemers bestaan er bijzondere regels wat betreft de

VA

bekwaamheid voor het afsluiten en beëindigen van een arbeidsovereenkomst. In principe kunnen personen die de leeftijd van achttien nog niet bereikt hebben, geen rechtsgeldige verbintenissen aangaan zonder de tussenkomst van hun ouder(s) maar de wetgeving heeft voorzien dat een minderjarige werknemer een arbeidsovereenkomst kan sluiten en beëindigen, met de uitdrukkelijke of stilzwijgende toestemming van zijn vader, moeder of voogd. De wetgeving voorziet wel dat bij de afsluiting van een arbeidsovereenkomst met een minderjarige onder meer ook de bepalingen omtrent de tewerkstelling van jeugdige werknemers en de arbeidsovereenkomst voor tewerkstelling van studenten moet nageleefd worden. Toestemming

Voor de totstandkoming van een overeenkomst is de geldige toestemming van de werkgever en de werknemer vereist. Er is met andere woorden wilsovereenstemming vereist tussen de partijen om de arbeidsovereenkomst

©

te sluiten. Er zijn geen vormvoorwaarden gekoppeld aan het geven van de toestemming. De toestemming kan dus ook mondeling zijn. Om van een geldige toestemming te kunnen spreken mag er geen wilsgebrek zijn met name door geweld, dwaling of bedrog. Geldig voorwerp Het verschaffen van werk, het betalen van loon en het verrichten van arbeid maken het voorwerp uit van de arbeidsovereenkomst. De arbeid en het loon moeten niet tot in de kleinste details vastliggen, maar dienen wel bepaalbaar te zijn.

THEMA 1

LEVEL 1

13


Geoorloofde oorzaak Het voorwerp van de arbeidsovereenkomst moet geoorloofd zijn. De wederzijdse verplichtingen van de partijen mogen met andere woorden niet strijdig zijn met de openbare orde, de goede zeden en bepalingen van dwingend recht. Een bepaling is van dwingend recht indien er niet van afgeweken mag worden ook al is daar toestemming voor. Naar: werk.belgie.be

1

Een werkgever moet met een aantal bijzondere bepalingen rekening houden als hij minderjarige personen tewerkstelt. a

Geef drie voorbeelden van dergelijke bepalingen. Gebruik het internet. Verwerk je antwoord met een tekstverwerker.

c

Bewaar het bestand in je portfolio. Maak een map voor elk

IN

b

thema en een submap voor elk level. Geef die submap de naam

‘Thema_1_Level_1’. Geef het bestand een duidelijke naam zoals ‘Explore_1_bijzondere bepalingen’. 2

Zijn de stellingen juist of fout. Kruis aan en leg uit.

JUIST

N

Een 16-jarige kan geen geldige arbeidsovereenkomst afsluiten zonder de

VA

schriftelijke toestemming van een van zijn ouders of van een voogd.

Een arbeidsovereenkomst kan in de meeste gevallen ook mondeling worden afgesloten.

©

In een arbeidsovereenkomst mag er afgeweken worden van de wetgeving als beide partijen daarmee instemmen.

14

THEMA 1

LEVEL 1

FOUT


JUIST

FOUT

De wetgeving rond arbeidsovereenkomsten heeft ook betrekking op vastbenoemde leerkrachten.

Jade is sinds gisteren tewerkgesteld in een taverne. In haar arbeids­ volgens haar werkgever.

IN

overeenkomst staat dat ze tewerkgesteld is in de horeca en dat volstaat

N

Explore 2— Wat zijn de vormvereisten voor een arbeidsovereenkomst?

Vormvereisten arbeidsovereenkomst Voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst moet er aan vier vormvereisten voldaan zijn. Er is een

VA

arbeidsovereenkomst van zodra deze vier elementen in de feiten aanwezig zijn, er is geen arbeidsovereenkomst als een of meer van de elementen ontbreken: —

overeenkomst,

arbeid,

loon,

gezag (band van ondergeschiktheid).

Overeenkomst

Een arbeidsovereenkomst is een wederkerige overeenkomst. Dat houdt in dat er twee partijen zijn die tegenover elkaar verplichtingen opnemen. Bij een arbeidsovereenkomst is dat het onder gezag verrichten van arbeid door de werknemer en het betalen van loon door de werkgever. Een arbeidsovereenkomst komt pas tot stand

©

wanneer beide partijen daartoe hun toestemming geven. Die toestemming kan ook mondeling zijn. In bepaalde gevallen is een schriftelijke overeenkomst verplicht. Essentiële bestanddelen van de arbeidsovereenkomst mogen noch door de werkgever, noch door de werknemer eenzijdig zonder akkoord van de andere partij gewijzigd worden. Mocht dat toch het geval zijn, dan staat dat gelijk met een contractbreuk. Arbeid

Het voorwerp van de arbeidsovereenkomst is het verrichten van arbeid. De werkgever verbindt er zich toe arbeid te verschaffen in een veilige werkomgeving en de werknemer verbindt er zich toe het hem toevertrouwde werk zorgvuldig en nauwkeurig te verrichten. De arbeidsprestaties moeten onder gezag van een ander verricht worden en de werknemer moet daarvoor een compensatie ontvangen.

THEMA 1

LEVEL 1

15


Loon Zonder loon kan er geen sprake zijn van een arbeidsovereenkomst. Het overeengekomen loon kan een vast maandloon zijn. Als de werknemer geen vast maandloon krijgt, ontvangt hij een bepaalbaar loon zoals een stukloon, uurloon of commissieloon. De partijen kunnen dus vrij onderhandelen over de omvang van het loon maar ze moeten rekening houden met de bindende minimumlonen die in een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) zijn vastgelegd, de zogenaamde loonbarema’s. Een cao is een akkoord dat gesloten wordt tussen een of meer werknemersorganisaties en een of meer werkgeversorganisaties of een of meer werkgevers. In sectoren waarin loonbarema’s zijn vastgelegd, mogen de partijen in hun arbeidsovereenkomst geen loon bedingen dat lager ligt dan de minimumloonschaal die in de sector is bepaald voor de functie van de werknemer. Als het loon niet uitdrukkelijk in de arbeidsovereenkomst wordt vermeld, is de geldende minimumloonschaal in de sector van toepassing. Als er binnen een sector of in de onderneming geen enkel loonbarema is bepaald, dan heeft de werknemer recht op het gewaarborgd gemiddeld minimummaandinkomen eventueel aangepast in functie van

IN

de leeftijd. Gezag

Om te kunnen spreken van een arbeidsovereenkomst is het vereist dat de werknemer zijn arbeid verricht in een verhouding van ondergeschiktheid aan de werkgever. Zonder gezagsverhouding kan er dus geen

arbeidsovereenkomst zijn. Werken onder gezag is wat de werknemer onderscheidt van de zelfstandige. Naar: werk.belgie.be

Ricco is sinds gisteren als keukenhulp tewerkgesteld in de taverne waar hij stage liep. a

Surf via iDiddit naar de website van het kenniscentrum toerisme en horeca waar je het loonbarema voor

N

1

zijn functie kunt vinden. b

Tot welke functiecategorie behoort zijn job?

c

VA

Hoeveel bedraagt het loonbarema dat zijn werkgever moet respecteren?

2

Zijn de stellingen juist of fout? Kruis aan en verbeter de foute stellingen.

Vrijwilligers van het Rode Kruis, die onbezoldigd arbeidsprestaties leveren, zijn toch gebonden aan een arbeidsovereenkomst.

©

De omvang van het loon kan vrij onderhandeld worden tussen de werkgever en de werknemer maar er moet wel rekening gehouden worden met de loonbarema’s bepaald in de cao.

16

THEMA 1

LEVEL 1

JUIST

FOUT


JUIST

FOUT

De werkgever mag eenzijdig de overeengekomen arbeidsovereenkomst wijzigen.

3

Wat is het verschil tussen een individuele arbeidsovereenkomst en een collectieve arbeidsovereenkomst?

IN

4

N

Dit zijn een aantal organisaties:

ABVV – ACLVB – ACV – Boerenbond – UCM – UNIZO – VBO – Voka

Gaat het om een werkgevers- of een werknemersorganisatie? Noteer in de juiste kolom.

b

Schrijf de afkorting voluit. Gebruik het internet.

VA

a

WERKGEVERSORGANISATIES

WERKNEMERSORGANISATIES

©

THEMA 1

LEVEL 1

17


Explore 3— Wat zijn de wederzijdse rechten en plichten van de werknemer en de werkgever?

Rechten en plichten van werknemer en werkgever De werknemer is verplicht: zijn werk zorgvuldig, eerlijk en nauwkeurig te verrichten op de overeengekomen tijd, plaats en wijze;

te handelen volgens de bevelen en de instructies die hem door de werkgever worden gegeven voor de uitvoering van de overeenkomst;

zich te onthouden van al wat schade kan berokkenen aan zijn eigen veiligheid, aan die van zijn collega’s, van de werkgever en van derden;

IN

het hem toevertrouwde arbeidsgereedschap en de ongebruikte grondstoffen in goede staat aan de werkgever terug te geven.

Terwijl een werknemer in dienst is, mag hij in een tweede job of als zelfstandige in bijberoep geen concurrentie

voeren met zijn huidige werkgever. Als de arbeidsovereenkomst afgelopen is, is eerlijke concurrentie in principe

toegelaten. Toch kan er in de arbeidsovereenkomst een clausule staan waarin de werknemer zich ertoe verbindt

N

na zijn vertrek geen ‘soortgelijke activiteiten’ uit te oefenen. Dat wordt een concurrentiebeding genoemd. De werkgever is verplicht: —

de werknemer de afgesproken arbeid te laten uitvoeren op de overeengekomen tijd, plaats en wijze. Hij moet ook voor de uitvoering van het werk de nodige hulpmiddelen en materialen ter beschikking stellen;

ervoor te zorgen dat de arbeid in behoorlijke omstandigheden wordt verricht met betrekking tot de veiligheid en de gezondheid van de werknemer en dat hem bij een ongeval de eerste hulp verstrekt kan

VA

worden;

het loon te betalen op de overeengekomen tijd, plaats en wijze;

om op kosteloze wijze aan de werknemer de opleiding aan te bieden wanneer die noodzakelijk is om het werk uit te voeren waarvoor hij in dienst werd genomen of wanneer die door de werkgever moet worden aangeboden omwille van een wettelijke regeling of als toepassing van een collectieve arbeidsovereenkomst;

de werknemer de nodige tijd te geven om zijn geloofsplichten, evenals zijn burgerlijke verplichtingen die uit de wet voortvloeien, te vervullen;

de nodige zorg en aandacht te geven aan het onthaal van de werknemers en van de jeugdige werknemers in het bijzonder.

©

Naar: werk.belgie.be

18

THEMA 1

LEVEL 1


1

Zoek op het internet wat het concurrentiebeding concreet inhoudt. a

Verwerk het resultaat met een tekstverwerker.

b

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Leg het verband uit tussen het concurrentiebeding en de afbeelding.

3

Wat zegt de wetgeving in verband met de uitbetaling van het loon? Gebruik het internet.

4

Noteer een geloofsplicht en een burgerlijke verplichting waarvoor de werkgever de werknemer de nodige tijd

N

IN

2

VA

moet geven om die te vervullen. geloofsplicht

b

burgerlijke verplichting

Lees het artikel. Beantwoord de vragen.

©

5

a

a

Markeer de voordelen van een goed onthaal van nieuwe werknemers.

b

Wat houdt de wetgeving in verband met het onthaal van nieuwe werknemers concreet in?

c

Verwerk de tien stappen voor een goed onthaal in een infographic. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 1

19


Hoe onthaal je een nieuwe werknemer op de eerste werkdag? Na de aanwerving en de selectie van een nieuwe werknemer is het van groot belang om voldoende aandacht te besteden aan het onthaal van die nieuwe werkkracht. Een goed onthaal zorgt voor een hogere motivatie, bevordert de integratie van jouw nieuwe collega en verhoogt de kans dat hij of zij lang bij jouw bedrijf aan boord blijft. Bovendien zijn er ook enkele wettelijke verplichtingen omtrent een goed onthaalbeleid. We overlopen even wat je best voorziet voor een nieuw lid van het team.

Doorloop deze tien stappen voor een goed onthaal

Bereid het onthaal van de nieuwe werknemer voor Bereid de komst van jouw nieuwe werknemer goed voor. Heldere communicatie over de eerste werkdag – met praktische zaken zoals wanneer iemand aanwezig moet zijn, maar bijvoorbeeld ook waar hij of zij kan parkeren – kan alvast wonderen doen. Zorg dat je de aankomst van jouw nieuwe medewerker ook aankondigt aan jouw huidige personeel en aan zijn of haar rechtstreekse overste. Laat hun weten wat je van hen verwacht tijdens het onthaal van de nieuwkomer.

6 Geef informatie over de dienst voor preventie Informeer jouw werknemer over de taken van de interne of externe dienst voor preventie en bescherming op het werk en zorg dat de werknemer weet bij welke preventieadviseurs hij of zij terechtkan.

VA

1

5 Stel het bedrijf voor Stel kort het bedrijf en de cultuur voor en vertel iets meer over de typische gewoontes binnen de onderneming. Licht de functie van jouw nieuwe kracht nog eens toe en schets zijn of haar rol binnen het bedrijf. Geef meteen ook alle informatie door die de persoon in kwestie nodig heeft om de functie goed uit te voeren.

N

Concreet ben je als werkgever verantwoordelijk voor het onthaal, de begeleiding, het informeren en opleiden van elke werknemer. Je mag de organisatie van dat onthaal wel uitbesteden aan een andere leidinggevende in jouw bedrijf. De begeleiding van de nieuwe werknemer kun je dan weer overlaten aan een andere, ervaren werknemer (peter- of meterschap).

IN

Het contract is getekend, dus het aanwervingsproces lijkt afgerond maar niet helemaal. Op zijn of haar eerste werkdag moet je er als werkgever voor zorgen dat jouw nieuwe kracht zich meteen thuis voelt. Niet alleen zorg je zo voor een vlotte start, je bent zelfs wettelijk verplicht om de nieuweling voldoende in te lichten. De wetgeving inzake welzijn op het werk legt werkgevers een aantal onthaalverplichtingen op. En die gelden voor alle werknemers, dus ook voor mensen die je aanwerft voor bepaalde duur, uitzendkrachten, stagiairs, vrijwilligers …

2

Zorg voor een warm welkom van de medewerker Zorg bij de aankomst meteen voor een warme verwelkoming. Die ontvangst gebeurt het best door de baas van het bedrijf of door de rechtstreekse overste van de nieuwe collega.

©

3 Organiseer een rondleiding in het bedrijf Geef een rondleiding in het bedrijf zodat de nieuwkomer zich sneller op zijn plaats voelt en de integratie eenvoudiger kan verlopen.

4 Stel de nieuwe werknemer voor aan de collega’s Stel de nieuwe werknemer voor aan alle leden van het team. Wijs eventueel een peter of meter aan die verantwoordelijk is voor de begeleiding van de nieuwe werkkracht. Zo geef je hem of haar een rechtstreeks aanspreekpunt bij vragen of onduidelijkheden.

7 Bespreek het psychosociaal welzijn Bespreek hoe jouw bedrijf omgaat met psychosociale zorg. Is er een beleid rond stress? Waar kan de werknemer terecht bij klachten over pesten, geweld …? 8 Overloop de veiligheidsregels Overloop samen alle gedragsregels en afspraken omtrent veiligheid: persoonlijke beschermingsmiddelen, procedures bij brand, de vaste plaats van de EHBO-doos ... 9 Leg alles vast in een infobrochure Maak een duidelijke infobrochure over jouw bedrijf. Verzamel in een notendop contactgegevens van sleutelfiguren, afspraken bijvoorbeeld rond ziekte en verlof, veiligheidsinstructies en procedures in noodgevallen. 10 Vergeet het registratiedocument niet Zorg voor een schriftelijk bewijs – ondertekend door een leidinggevende én door de nieuwe werknemer – dat jouw nieuwe collega alle nodige informatie heeft ontvangen. Dat document dien je te bewaren in het personeelsdossier van jouw medewerker. Bron: blog.liantis.be

20

THEMA 1

LEVEL 1


Explore 4— Welke soorten arbeidsovereenkomsten bestaan er?

Soorten arbeidsovereenkomsten Er zijn verschillende soorten arbeidsovereenkomsten. Om te bepalen om welke arbeidsovereenkomst het gaat, moet je je de volgende vragen stellen: Wat is de aard van het werk dat wordt uitgeoefend? Een werkman of arbeider verricht hoofdzakelijk handenarbeid.

Een bediende verricht hoofdzakelijk hoofdarbeid.

Een handelsvertegenwoordiger is een werknemer die onder het gezag van een werkgever en tegen loon,

IN

klanten zoekt en bezoekt om zakelijke overeenkomsten te onderhandelen en af te sluiten. —

Een dienstbode verricht hoofdzakelijk handenarbeid van huishoudelijke aard (afwassen, strijken, poetsen ...) voor de privébehoeften van de werkgever of zijn gezin.

Wat is de duur van de overeenkomst? —

Algemeen wordt vooropgesteld dat de overeenkomst van onbepaalde duur is. Wanneer de partijen omtrent de duur niets hebben voorzien, wordt de arbeidsovereenkomst automatisch geacht voor onbepaalde tijd te zijn gesloten. Een mondelinge overeenstemming volstaat in dat geval.

Een overeenkomst van bepaalde duur bevat de aanduiding van een bepaalde dag of tijdsduur. Dat soort

N

arbeidsovereenkomsten moet schriftelijk worden afgesloten. Is dat niet het geval dan wordt ze als een overeenkomst van onbepaalde duur beschouwd. —

In een overeenkomst voor een bepaald werk staat niet de duur maar wel het exact uit te voeren werk nauwkeurig omschreven. Ook dat soort arbeidsovereenkomst moet schriftelijk afgesloten worden.

Wat is de omvang van de prestaties?

Bij een voltijdse arbeidsovereenkomst geldt de normale (wekelijkse) arbeidsduur in die onderneming

VA

(bv. 38u/week).

Bij een deeltijdse arbeidsovereenkomst verricht de werknemer vrijwillig en regelmatig arbeid gedurende een kortere duur dan de normale arbeidsduur die in de onderneming geldt. De overeenkomst moet schriftelijk worden afgesloten.

Voor een aantal arbeidsovereenkomsten gelden bijzondere regels zoals: —

flexi-jobarbeidsovereenkomst: dat is een overeenkomst waarbij een werknemer zich verbindt een bijkomende job uit te oefenen voor een werkgever terwijl hij al tewerkgesteld is bij een of meerdere andere werkgevers voor 4/5e van een voltijdse job. Die voorwaarde is niet van toepassing wanneer de werknemer met een flexi-job gepensioneerd is. De overeenkomst moet ook schriftelijk worden afgesloten; overeenkomst voor tewerkstelling van studenten: dat is een arbeidsovereenkomst gesloten tussen een

©

student en een werkgever waardoor de student zich verbindt tegen loon arbeid te verrichten onder het gezag van een werkgever. De studentenovereenkomst is in feite een gewone arbeidsovereenkomst van arbeider, bediende, handelsvertegenwoordiger of dienstbode waarbij bijkomende voorwaarden moeten worden nageleefd. Zo moet de studentenovereenkomst steeds voor een bepaalde duur en schriftelijk worden opgesteld in twee exemplaren: een voor de werkgever en een voor de student.

THEMA 1

LEVEL 1

21


1

Lees de arbeidsovereenkomst grondig door.

Arbeidsovereenkomst Tussen de ondergetekende partijen: –

enerzijds Vervaeke Logistics nv, met zetel te Antwerpen, Noorderlaan 110, vertegenwoordigd door de heer Thomas Degroot, hierna genoemd de werkgever,

en anderzijds Peter Severeyns, wonende te Wommelgem, Torenstraat 129, hierna genoemd de werknemer,

wordt overeengekomen wat volgt:

IN

Artikel 1 De werkgever werft de werknemer aan in de hoedanigheid van magazijnmedewerker. Zijn taak zal voornamelijk bestaan in orders verzamelen, orderpicking, aantallen en productcodes controleren, ordergegevens registreren, vrachtwagens laden en lossen en heftruck of reachtruck besturen. Artikel 2 Deze overeenkomst is gesloten voor onbepaalde duur en neemt een aanvang op 1 oktober 2020.

Artikel 3 Het brutoloon van de werknemer is vastgesteld op 10,23 euro per uur. De werknemer verklaart zich akkoord met de betaling van zijn loon op het einde van de maand op het rekeningnummer van de werknemer, zoals vermeld bij de persoonsgegevens.

N

Artikel 4 De wekelijkse arbeidsduur van de werknemer zal 38 uren per week bedragen met een variabel uurrooster dat een week vooraf wordt vastgelegd.

VA

Artikel 5 In geval van ziekte of ongeval is de werknemer verplicht de werkgever of zijn aangestelde onmiddellijk, en zo mogelijk telefonisch uiterlijk op het normale aanvangsuur van de prestaties, te verwittigen, en hem de duur van de ongeschiktheid mee te delen. Indien de werknemer meer dan één dag afwezig blijft, moet de werknemer het medisch attest versturen of afgeven binnen de twee arbeidsdagen na aanvang van de ongeschiktheid. Dezelfde verplichtingen rusten op de werknemer in geval van verlenging van de ongeschiktheid. Artikel 6 De werknemer verbindt er zich toe noch de bedrijfsgeheimen van de werkgever aan derden bekend te maken, noch enige daad van oneerlijke concurrentie te stellen of daaraan deel te nemen, noch de naam en de faam van de werkgever in het gedrang te brengen. Artikel 7 De werknemer is verplicht om de persoonlijke beschermingsmiddelen te dragen die de werkgever hem ter beschikking stelt. Artikel 8 De werknemer erkent hierbij een afschrift van het arbeidsreglement ontvangen te hebben. Artikel 9 Deze individuele arbeidsovereenkomst geldt onverminderd de bepalingen voorzien in de wet en in de algemeen verbindend verklaarde collectieve arbeidsovereenkomsten.

©

Artikel 10 Alleen de rechtbanken in het arrondissement van de plaats van tewerkstelling zijn bevoegd om uitspraak te doen over de geschillen in verband met onderhavige overeenkomst. In dubbel opgemaakt te Antwerpen op 30 september 2020 waarvan ieder van de partijen erkent een exemplaar ontvangen te hebben. De werknemer Voor akkoord

22

THEMA 1

LEVEL 1

De werkgever Voor akkoord


2

Beantwoord de vragen. a

Wie is de werkgever? (naam van de firma + vertegenwoordiger)

b

Wat is de naam van de werknemer?

c

Markeer het takenpakket van de werknemer.

d

Onder welke arbeidsovereenkomst wordt de werknemer aangenomen? Kruis aan. Aard van het werk:

arbeider

bediende

Duur van het contract:

onbepaalde duur

bepaalde duur

Duur van de prestatie:

voltijds

deeltijds

e

Vanaf welke datum geldt de arbeidsovereenkomst?

f

Hoeveel bedraagt het brutoloon?

g

Hoe is de uurregeling vastgelegd?

Variabel rooster op weekbasis dat een week vooraf wordt vastgelegd.

N

Vaste uurregeling

bepaald werk

IN

Explore 5— Wat is het verschil tussen een arbeidsovereenkomst en een arbeidsreglement?

VA

Verschil arbeidsovereenkomst en -­reglement Wanneer een werknemer in dienst treedt bij een werkgever, moet een arbeidsovereenkomst worden afgesloten. Gebeurt dat niet, dan is er sprake van zwartwerk. In de arbeidsovereenkomst worden afspraken vastgelegd met betrekking tot het loon, de uit te voeren arbeid, de duur van het contract … Ook de wederzijdse rechten en plichten worden er beschreven.

Samen met de arbeidsovereenkomst wordt ook het arbeidsreglement meegegeven. Het is een praktische vertaling van de afspraken die in de arbeidsovereenkomst staan. Een aantal zaken moeten in het arbeidsreglement staan:

gegevens van de onderneming,

arbeidsduur, uurroosters, jaarlijkse vakantie en informatie over vakantieaanvraag en de toekenning van

©

vakantiedagen,

criteria die het loon bepalen, wijze en tijdstip van uitbetaling,

opzegtermijnen en redenen voor een onmiddellijk ontslag,

rechten en plichten van het toezichthoudende personeel,

contactgegevens van de bedrijfsraad, de eerstehulpverlener, de artsen in geval van een arbeidsongeval, het comité voor preventie en bescherming op het werk, de vakbondsafvaardiging, en de inspectiediensten bevoegd voor de bescherming van de werknemers,

vermelding van eventuele collectieve arbeidsovereenkomsten en akkoorden rond de arbeidsvoorwaarden.

Elke werknemer moet een kopie van het arbeidsreglement krijgen. Dat moet met een getekend ontvangstbewijs bewezen worden.

THEMA 1

LEVEL 1

23


1

Wat zijn de gevolgen van zwartwerk voor de overheid, de werkgever en de werknemer? Gebruik indien nodig het internet. a

overheid:

b

werkgever:

c

werknemer:

Lees het uittreksel uit het arbeidsreglement van Vervaeke Logistics nv. Beantwoord nadien de onderstaande vragen. a

Welke thema’s komen aan bod in het uittreksel van het arbeidsreglement?

Welke thema’s moeten volgens de wetgeving zeker ook nog aan bod komen in het arbeidsreglement?

VA

b

N

2

IN

©

c

Wat is een (gerechts)deurwaardersexploot? Gebruik het internet indien nodig.

24

THEMA 1

LEVEL 1


Uittreksel uit het arbeidsreglement van Vervaeke Logistics nv

Art. 2 – Rustdagen: de gewone dagen van inactiviteit zijn: • de zondagen; • de wettelijke feestdagen of de dagen die de wettelijke feestdagen vervangen; • de dagen van de jaarlijkse vakantie. Art. 8 – De werknemer moet zich, gedurende en na de uitvoering van de overeenkomst, onthouden van het verspreiden of van het persoonlijk gebruik (direct of indirect) van uitvindingen, methoden, klantenlijsten, bijzonderheden, fabrieks- of zakengeheimen van de onderneming. Art. 10 – De werkgever en de werknemers moeten zich onthouden van iedere daad van geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk.

IN

Art. 14 – De opzegging gebeurt op de hiernavolgende manier. Wanneer de opzegging uitgaat van de werkgever: • aangetekende brief, • deurwaardersexploot, • met uitdrukkelijke vermelding van begin en duur van de opzegging.

Wanneer de opzegging uitgaat van de werknemer: • aangetekende brief, • deurwaardersexploot, • door overhandiging van een geschrift dat voor ontvangst getekend wordt, • met uitdrukkelijke vermelding van begin en duur van de opzegging.

Art. 15 – De wettelijke opzegtermijnen die moeten gerespecteerd worden door de ontslagnemende of -gevende partij worden uitgedrukt in weken. De termijnen stijgen in functie van de anciënniteit. Ze zijn als bijlage toegevoegd bij dit arbeidsreglement.

N

Art. 17 – In geval van een ongeval op het werk staat er een verbandkist ter beschikking van de werknemers in het EHBOlokaal in het magazijn. Art. 21 – De volgende feiten kunnen beschouwd worden als een zware fout en kunnen een onmiddellijke contractbreuk rechtvaardigen en dat zonder vooropzeg of vergoeding: • zichzelf en collega’s in gevaar brengen, • diefstal plegen, • werk dat tot het takenpakket behoort, weigeren, • fabricageheimen en andere vertrouwelijke informatie bekendmaken.

VA

Art. 24 – Iedere werknemer is gehoorzaamheid en respect verschuldigd aan de persoon die, op een of andere manier, gezag uitoefent op de werkplaats. De personen die belast zijn met leidinggevende of controlefuncties moeten t.o.v. de werknemers de regels van gerechtigheid, moraliteit en wellevendheid in acht nemen.

Wat is het grote verschil tussen de arbeidsovereenkomst en het arbeidsreglement?

©

3

THEMA 1

LEVEL 1

25


Explore 6— Wie is waarvoor aansprakelijk ?

Aansprakelijkheid Het is mogelijk dat een werknemer tijdens de uitvoering van de arbeidsovereenkomst een fout begaat die schade berokkent aan de werkgever of aan een derde bijvoorbeeld een andere werknemer of een klant. In dat geval wordt de aansprakelijkheid van de werknemer door de arbeidsovereenkomstenwet geregeld. Die wet voerde namelijk een stelsel van beperkte aansprakelijkheid in waardoor de werknemer enkel instaat voor schade berokkend aan de werkgever of derden in geval van: bedrog: dat houdt een opzettelijke fout in om schade toe te brengen zoals diefstal, oplichting of opzettelijke vernieling; —

IN

een zware fout: dat is een fout die zo groot en buitensporig van aard is dat ze onvergeeflijk is voor diegene die de fout begaat;

bv. roken in een lokaal met ontvlambare materialen ondanks een verbodsteken of met een te hoge vrachtwagen onder een brug rijden ondanks een signalisatiebord —

een ‘gewoonlijk voorkomende’ lichte fout: dat is een fout die een normaal aandachtige persoon niet zou begaan en die veelvuldig voorkomt.

vb. Wanneer een werknemer ten gevolge van onoplettendheid een vergissing begaat in de kassa van een

winkel kan die werknemer niet aansprakelijk worden gesteld als die fout zich niet herhaaldelijk voordoet.

N

Wanneer de werknemer aansprakelijk wordt gesteld, moet hij de schade veroorzaakt aan de werkgever vergoeden. Het bedrag van de schadevergoeding moet vastgesteld worden in onderling akkoord tussen de partijen of bij gebrek aan akkoord door de rechter. De vastgestelde schadevergoeding kan ingehouden worden op het loon van de werknemer met een maximum van een vijfde van dat loon. De beperking is niet van toepassing wanneer de werknemer bedrog heeft gepleegd.

VA

De werknemer is niet aansprakelijk voor de beschadigingen en de sleet wanneer die toe te schrijven zijn aan het regelmatig gebruik van het voorwerp noch voor het toevallig verlies ervan. Volgens artikel 1382 van het Burgerlijk Wetboek is iedereen aansprakelijk voor zijn eigen fouten maar de werkgever is ook aansprakelijk voor de fouten van zijn werknemers waarbij er schade wordt veroorzaakt aan derden bij om het even welke fout van de werknemer. De werkgever zal dus een schadevergoeding moeten betalen maar de werkgever zal uiteraard trachten zijn geld te recupereren via de werknemer. Ook de werkgever kan een fout begaan waardoor een werknemer schade lijdt. Denk bijvoorbeeld aan een arbeidsongeval dat te wijten is aan een onvoldoende onderhoud van de machines. In dat geval zal de werkgever

©

de schade van de werknemer moeten vergoeden.

26

THEMA 1

LEVEL 1


Lees aandachtig de onderstaande cases. a

Wie is aansprakelijk?

b

Wie moet de schadevergoeding betalen?

A Soraya is werkneemster bij BASF in Antwerpen. Ze gooit haar sigarettenpeuk weg in een loods met chemische producten. De loods brandt af.

IN

a

b

B

N

Jonas is tewerkgesteld bij parketbedrijf Dilissen nv. Hij heeft geen goede dag en legt het parket in de woonkamer van het gezin Loenders niet zoals het hoort. Daardoor moet het werk overgedaan worden.

VA

a

©

b

C

Jan werkt op de boekhouding van een onderneming. Al voor de derde keer op rij blokkeert hij het computersysteem. In een bui van woede gooit hij het toetsenbord door het kantoor. a

b

THEMA 1

LEVEL 1

27


TO THE POINT Een arbeidsovereenkomst is een overeenkomst tussen werknemer en werkgever waarbij de werknemer zich tegenover de werkgever verbindt om tegen loon en onder gezag van de werkgever arbeid te verrichten. De wetgeving rond arbeidsovereenkomsten heeft betrekking op de werknemers uit de privésector en bepaalde werknemers uit de openbare sector in contractueel dienstverband. Voor de geldige totstandkoming van een arbeidsovereenkomst is het vereist dat: de partijen bekwaam zijn om een arbeidsovereenkomst aan te gaan;

de partijen geldig hun toestemming geven;

de verbintenis een bepaald voorwerp als inhoud heeft;

de oorzaak van de verbintenis geoorloofd is.

IN

Voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst moeten vormvereisten vervuld zijn. —

Er moet een overeenkomst zijn.

Er moet onder het gezag van een werkgever arbeid verricht worden.

Voor die arbeid moet loon betaald worden.

Tabel 1: Wederzijdse rechten en plichten

DE WERKNEMER werkt op de overeengekomen tijd, plaats en wijze en volgens de instructies van de werkgever;

brengt geen schade toe aan de veiligheid van zichzelf, die van de collega’s, de werkgever of derden;

geeft het toevertrouwde gereedschap en de ongebruikte grondstoffen in goede staat terug.

N

VA

DE WERKGEVER

laat het werk op de overeengekomen tijd, plaats en wijze verrichten;

zorgt dat de arbeid in behoorlijke omstandigheden verricht kan worden;

verstrekt bij een ongeval de eerste hulp;

betaalt het loon op de overeengekomen wijze, tijd en plaats;

biedt opleiding aan indien nodig voor de uitvoering van de arbeid;

geeft de werknemers de nodige tijd om hun geloofs- en burgerlijke plichten te vervullen;

besteedt aandacht aan het onthaal van de werknemers en in het bijzonder aan de jeugdige

werknemers.

©

De arbeidsovereenkomsten kunnen opgesplitst worden: —

28

THEMA 1

volgens de aard van het werk:

arbeidsovereenkomst voor werklieden of arbeiders,

arbeidsovereenkomst voor bedienden,

arbeidsovereenkomst voor ­dienstbodes,

arbeidsovereenkomst voor handelsvertegenwoordigers,

volgens de duur:

arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur,

arbeidsovereenkomst van bepaalde duur,

arbeidsovereenkomst voor duidelijk omschreven werk,

volgens de omvang van de prestaties:

arbeidsovereenkomst voor voltijdse arbeid,

arbeidsovereenkomst voor deeltijdse arbeid.

LEVEL 1


Het arbeidsreglement verzamelt de rechten en plichten van werkgever en werknemer. Het is een praktische vertaling van de afspraken die in de arbeidsovereenkomst staan. Elke werkgever moet een arbeidsreglement opstellen zodra hij één werknemer in dienst heeft. Elke werknemer moet een kopie van het arbeidsreglement krijgen. Dat moet met een getekend ontvangstbewijs bewezen worden. Wanneer een werknemer tijdens de uitvoering van de arbeidsovereenkomst een fout begaat die schade berokkent aan de werkgever of aan een derde wordt de aansprakelijkheid van de werknemer door de arbeidsovereenkomstenwet geregeld. Daardoor moet de werknemer enkel instaan voor schade berokkend aan de werkgever of derden in geval van bedrog, een zware fout en een ‘gewoonlijk voorkomende’ lichte fout. Wanneer de werknemer aansprakelijk wordt gesteld, moet hij de schade veroorzaakt aan de werkgever

IN

vergoeden. Voor schade berokkend aan derden door de werknemer is de werkgever aansprakelijk volgens het Burgerlijk Wetboek en zal ook de werkgever de schadevergoeding moeten betalen.

Wanneer de werkgever schade berokkent aan de werknemer, moet de werkgever de werknemer vergoeden.

Met welke reglementering moet je rekening houden bij een arbeidsovereenkomst?

N

Action 1—

Bekijk de onderstaande afbeelding.

Noteer de begrippen op de juiste plaats.

arbeidsovereenkomst – arbeidsreglement – arbeidswet – collectieve arbeidsovereenkomst

©

VA

a

THEMA 1

LEVEL 1

29


b

Leg het verschil in toepassingsgebied van een arbeidsovereenkomst, een arbeidsreglement, de arbeidswet en

Action 2—

Aan welke geldigheids­ en vormvereisten moet een arbeidsovereenkomst voldoen?

Aan welke geldigheidsvereisten moet een arbeidsovereenkomst voldoen?

VA

N

1

IN

een collectieve arbeidsovereenkomst uit aan de hand van de afbeelding.

Welke vormvereisten moeten vervuld zijn vooraleer een arbeidsovereenkomst kan bestaan?

©

2

30

THEMA 1

LEVEL 1


Action 3—

Ken jij de kernbegrippen?

Vervolledig de onderstaande tekst.

Karel Franken, de

, begint op 1 december te werken

voor De Spiegelaere nv. De Spiegelaere nv, de

, wordt

vertegenwoordigd door Mark Paepen. Ze sluiten een

af. Aangezien er geen specifieke .

Samen met dit document ontvangt Karel ook het

.

Tijdens het

IN

einddatum wordt opgegeven, is het een contract van

zullen de vertegenwoordigers van de

werknemers, de

, en de vertegenwoordigers van de

werkgevers, de

, onderhandelen over

loonvoorwaarden, arbeidsduur …

Na het sociaal overleg worden de voorwaarden vastgelegd in een

de

of

of het hele

, .

Welke soorten arbeidsovereenkomsten zijn er?

VA

Action 4—

N

die dan geldt voor de

De firma 2Be Delicious is een handelszaak die cosmetica en parfums verkoopt. Selina Verheiden is de eigenares.

©

Om haar zaak te kunnen runnen heeft zij verschillende personeelsleden aangeworven.

2Be Delic

ious

a Cosmetic en parfum voor jou

THEMA 1

LEVEL 1

31


a

Bekijk de tabel met de verschillende arbeidsovereenkomsten aandachtig. CRITERIUM

duur

omvang van de prestaties

b

werklieden of arbeiders

A

bedienden

B

onbepaalde duur

C

bepaalde duur

D

duidelijk omschreven werk

E

IN

aard

ARBEIDSOVEREENKOMST VOOR ...

voltijdse arbeid

F

deeltijdse arbeid

G

Welke arbeidsovereenkomst is van toepassing? Plaats de juiste letter(s) bij de personeelsleden.

1

N

ing sinds de opricht Olivia werkt er esteert etaresse. Zij pr als directiesecr m van k. De einddatu 38 uur per wee niet bepaald. het contract is

2

Peter werkt als logistiek medewerker. Zijn taken zijn de binnengekomen goederen uitladen en ze verpakken en

VA

versturen als er besteld wordt. Hij presteert 40 uur per week.

3

Kaat werkt als

secretariaatsm

edewerker presteert 20 ur en per week. Zi vervangt een co j llega met zwan gerschapsverlo f. onder Olivia en

©

4

Alexander is enkel aangeworven om herstellingen te doen aan het dak. Daarna wordt het contract beëindigd.

5 In de drukke periode voor Kerstmis worden Yasmine en Ricardo voor een periode van 1 maand aangeworven om Peter bij te staan. Ze werken 5 uur per dag.

32

THEMA 1

LEVEL 1


Action 5— 1

Wat is de impact van flexi­jobbers op de arbeidsmarkt?

Lees het onderstaande opiniestuk van Matthieu Marin.

Hoe meer flexi-jobbers in de winkels, hoe minder vast werk voor korteropgeleide vrouwen

IN

De deregulering van de arbeidsmarkt heeft niet alleen gevolgen voor flexi-jobbers, schrijft Matthieu Marin (Secretaris BBTK-ABVV Mechelen).

Uber en co. vallen niet meer weg te denken uit het hedendaagse straatbeeld. Ze vormen het topje van de ijsberg van een veel bredere beweging van deregulering aan de rand van onze arbeidsmarkt. Die deregulering heeft niet alleen een impact op de flexi-jobbers of fietskoeriers zelf, maar ook op de vaste werknemers in sommige sectoren. Dat blijft vaak onderbelicht.

© Imageselect / Le Pictorium

Het gaat in onze winkels ondertussen over bijna 22 000 mensen, meer dan 4 000 voltijdse banen.

Versgebakken koekjes Beide fenomenen, de flexi-jobs en de studentenarbeid, komen vooral voor in winkelketens waar vakbonden niet of nauwelijks aanwezig zijn. Dat is geen toeval, want we proberen die fenomenen inderdaad te beperken.

N

Op basis van cijfers van Statbel stond deze krant in een genuanceerd stuk stil bij het profiel van de platformmedewerker. Het bleek over een relatief divers profiel te gaan. Ik las het als een oproep, ook aan de vakbonden, om open te staan voor de vaststelling dat die nieuwe vorm van tewerkstelling niet voor één gat te vangen is.

VA

Als we bij de vakbonden spreken over ‘uberisering’, dan blijft dat voor ons niet beperkt tot het fenomeen van het aanbieden van diensten via een mobiele app. Het is een deel van een breder fenomeen waarbij wettelijk omkaderde werkgelegenheid wordt aangevuld, dan wel vervangen, door andere, onbeschermde vormen van werk. In dat opzicht blijf ik vaak op mijn honger zitten bij analyses over die nieuwe arbeidsvormen.

©

Als ik kijk naar de sector die ik lokaal vertegenwoordig, de handel, dan gaat dat in de eerste plaats over studentenarbeid en flexi-jobs. Wat studentenarbeid betreft, is sinds een eerste versoepeling in 2011, onder toenmalig minister van Werk Joëlle Milquet, de deur almaar verder opengezet om studenten als ‘normale’ werknemers in het arbeidsproces in te schakelen. Werkgevers vinden dat aantrekkelijk, vanwege hun fiscaal statuut en de lage loonbarema’s.

Uit RSZ-gegevens blijkt dat het aantal studentenjobs sinds die hervorming met gemiddeld 3 procent per jaar is gestegen. Het aantal gewerkte uren steeg nog meer. De totale studentenarbeid in de sector zou vandaag overeenkomen met ongeveer 12 000 voltijdse banen. Boven op de studenten verschijnt er nu een nieuwe cohorte collega’s op de werkvloer in de sector, namelijk de flexi-jobbers. Sinds 2018 acht de wetgever het normaal dat mensen die al over een inkomen beschikken bij een andere werkgever aan een fiscaal uitgekleed statuut kunnen bijklussen.

Ik heb geen verwijzing naar priester Daens nodig om te weten waarom we dat doen. Het volstaat om te luisteren naar Irina, die me aan het piket bij Delhaize versgebakken koekjes komt brengen. Irina, die dus bij de Nederlandse supermarktketen werkt, vertelt me dat ze mee staakt, omdat ze heel goed weet welke toekomst haar te wachten staat. Ze werkt namelijk, in aanvulling van haar deeltijdse job bij Delhaize, met plezier als flexijobber bij de concurrentie wat verderop. Daar ziet ze met eigen ogen welk model de werknemers van Delhaize wacht, als het plan van de directie wordt doorgevoerd: een supermarkt met een kleine kern van vaste medewerkers, aangevuld met een schil van uitzendkrachten, jobstudenten en flexi-jobbers. Irina weet dat het Delhaizemodel, zoals het vandaag op een winstgevende manier bestaat in de 128 geïntegreerde winkels, op termijn zal afkalven. De wet zet de deur wagenwijd open, de beperkte marges zullen er de overnemers toe dwingen en er zal geen vakbond meer zijn om die evolutie een halt toe te roepen. Veertienjarige rekkenvullers Daarmee dreigen op kleine schaal de rechtstreekse collega’s van Irina in de toekomst hun job te verliezen, maar het gaat veel breder. Het is het verdwijnen van een sector, die historisch gezien in ons land een relatief stabiele vorm van werkgelegenheid bood voor korteropgeleide werknemers, vooral vrouwen.

THEMA 1

LEVEL 1

33


Niet toevallig in Nederland kijkt men ervan op dat je in ons land een heuse loopbaan kunt opbouwen in de sector handel. Ginds is het in die sector al jarenlang de norm dat je als veertienjarige aan 5,25 euro per uur rekken vult. Maar door de focus op die veertienjarige dreigen we te vergeten dat een 55-jarige Ingrid die rekken er wellicht niét vult.

Daarover moet het gaan als je het hebt over platformkoeriers, flexi-jobs en jobstudenten. Uiteraard is er de impact op de betrokken werknemers zelf, maar het spiegelbeeld daarvan is de impact op de andere werknemers in de sectoren waar die fenomenen zich voordoen. Onze strijd tegen die stelsels is dan ook niet zozeer een strijd tégen, maar een strijd vóór. Bron:Standaard.be, Matthieu Marin, 2023-05-11

IN

Beantwoord de vragen. a

Wat betekent het begrip ‘uberisering’?

b

Waarom willen werkgevers studentenjobs inschakelen?

c

In Nederland vormen studentenjobs een nog grotere bedreiging voor korteropgeleide werknemers dan in

VA

België. Leg uit.

N

2

Action 6—

Wat zegt de wetgeving over het onthaal van nieuwe personeelsleden?

©

Het onthaal van nieuwe personeelsleden is belangrijk. a

Lees de onderstaande tekst in verband met het onthaal van nieuwe personeelsleden.

b

Verwerk de wetgeving in verband met het onthaal van nieuwe personeelsleden in een infographic. Zoek eventueel bijkomende informatie op het internet.

c

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

34

THEMA 1

LEVEL 1


Je verwelkomt nieuwe medewerkers het beste met een goed onboardingproces. Dat proces bestaat uit een preboarding en onboarding. Preboarding De fase start zodra nieuwe medewerkers een tewerkstellingsaanbod krijgen. Ze zijn dan nog niet in dienst maar hebben wel contact met de onderneming. De onderneming informeert de nieuwe medewerkers over hun tewerkstelling en brengt de personeelsadministratie in orde voor een vlotte start. Onboarding De fase start vanaf de eerste werkdag. De onderneming zorgt voor een onthaalmoment waarin de indiensttreding administratief in orde wordt gebracht. De onderneming verzorgt de kennismaking met de leidinggevende, collega’s en de werkomgeving en organiseert het verdere onboardingproces dat deel uitmaakt van de inwerkperiode. Tijdens die periode krijgen nieuwe medewerkers de ruimte om zichzelf in te werken in de functie en wordt een peter of meter toegewezen.

Bron: vlaanderen.be

Waarop moet je letten bij de zoektocht naar een studentenjob?

VA

Action 7—

N

IN

Richtlijnen • Verwittig zo snel mogelijk de personeelsadministratie en bezorg de nodige indiensttredingsgegevens. • Contacteer nieuwe medewerkers al voor de eerste werkdag (preboarding) zodat ze weten wat van hen verwacht wordt. • Zorg ervoor dat de leidinggevende altijd een meter of peter aanduidt. Dat is een ervaren collega die het aanspreekpunt is bij alle praktische vragen en die de nieuwe medewerker wegwijs maakt op de werkplek. • Zorg voor een kennismakingsmoment met de leidinggevende, collega’s en de werkomgeving en nodig nieuwe medewerkers uit op informele momenten zoals teamlunches. • Zorg ervoor dat het (ICT-)materiaal klaarstaat voor de start. • Bespreek samen met de nieuwe medewerker het onthaaltraject en de verwachte doelstellingen van de inwerkperiode. • Geef de nodige informatie, instructies en richtlijnen en bied aangepaste opleidingen en leeractiviteiten aan. • Spreek regelmatig over het verloop van het onthaaltraject en de doelstellingen.

Ontwerp een brochure die toelicht waarop je moet letten wanneer je een studentenjob of vakantiewerk doet. a

Voer een literatuurstudie uit en zoek een antwoord op de onderstaande vragen. Surf via iDiddit naar enkele interessante sites.

Wat is een studentenjob?

Wat is het verschil tussen een jobstudent en een werkstudent?

Wanneer ben je oud genoeg om een studentenjob te doen?

Welk type van arbeidsovereenkomst moet je sluiten met de werkgever?

Hoeveel mag je werken en verdienen als jobstudent?

Hoeveel bedraagt de normale RSZ-bijdrage die een werknemer op zijn loon betaalt? Hoeveel betaalt een

©

jobstudent?

Hoeveel dagen mag je maximaal werken om van de verminderde sociale bijdrage te kunnen genieten?

Wat gebeurt er als je meer werkt dan het aantal dagen van de vorige vraag?

Heb je nog recht op kinderbijslag?

Hoe kun je voorkomen dat je ouders de kinderbijslag verliezen die ze voor jou krijgen?

Wanneer moet je op je inkomen als jobstudent belastingen betalen?

Welk bedrag mag je maximaal verdienen om nog ten laste van je ouders te zijn? Wat betekent ‘ten laste zijn’?

b

Verwerk het resultaat met een tool naar keuze.

c

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 1

35


Action 8— 1

Ga naar iDiddit en open het arbeidsreglement. Tip:

2

Welke informatie vind je in een arbeidsreglement?

Bekijk de inhoudstafel goed.

Zoek een antwoord op deze vragen. a

Van welke organisatie is dit het arbeidsreglement?

b

IN

Op wie is het arbeidsreglement van toepassing?

c

Wat is de arbeidsduur per week voor een voltijds personeelslid?

Waarvoor dient het tijdsregistratiesysteem?

VA

N

d

e

Waar staan de taken van het toezichthoudend personeel?

f

Welke straffen kan een statutair personeelslid krijgen?

©

g

Tot hoe laat werken de werknemers van de gemeente dagelijks?

h

Wanneer wordt het loon ten laatste betaald voor statutaire personeelsleden?

i

Waar staat de lijst met zorgverstrekkers bij een ongeval in dit arbeidsreglement?

36

THEMA 1

LEVEL 1


Welke vakcentrales zitten in het overlegcomité voor dit arbeidsreglement?

k

Hoe heet de dienst voor preventie en bescherming?

l

Hoe kan het personeelslid al deze regels kennen?

Action 9—

IN

j

Welke documenten horen bij een studentenjob?

Werk in groep. In elke groep zit minstens één leerling die een studentenjob doet (of een vakantiejob gedaan heeft). Die leerling brengt de volgende documenten mee naar de les: het arbeidscontract en het arbeidsreglement. Lees beide documenten. Wat is het grote verschil?

VA

N

a

Welk document bevat het meeste pagina’s?

c

Bespreek welke regels jullie het meest opvallend vinden binnen het arbeidsreglement.

©

b

THEMA 1

LEVEL 1

37


BREAKING NEWS 1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST

IN

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

Ik kan de geldigheidsvereisten voor een arbeidsovereenkomst toelichten.

2

Ik kan de vormvereisten voor een arbeidsovereenkomst toelichten.

Ik kan de wederzijdse rechten en plichten van de

N

3

werkgever en werknemer toelichten. 4

Ik kan bepalen welk soort arbeidsovereenkomst van toepassing is.

5

Ik kan toelichten wie aansprakelijk is bij schade en

VA

wie de schadevergoeding moet betalen.

6

Ik kan het verschil tussen een arbeidsovereenkomst

©

en een arbeidsreglement toelichten.

38

THEMA 1

LEVEL 1

KAN

BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL


LEVEL 2 Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de schorsing van een arbeidsovereenkomst?

1

IN

INTRO Soms kan een werknemer of een werkgever om bepaalde redenen zijn verplichtingen van de arbeidsovereenkomst tijdelijk niet nakomen.

Om welke redenen kan dat zijn? Overleg per twee.

b

Noteer de redenen in de mindmap.

©

VA

N

a

c

2

Bespreek klassikaal.

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Met welke wettelijke regels moet je rekening houden bij de schorsing van een arbeidsovereenkomst?

THEMA 1

LEVEL 2

39


Explore 1— Wat zijn de oorzaken van schorsing in hoofde van de werknemer?

Schorsing in hoofde van de werknemer De arbeidsovereenkomst is een wederkerige overeenkomst. Een van de belangrijkste verplichtingen van de werknemer is dat hij zich aanbiedt op de werkplaats en er de overeengekomen arbeid levert. De werkgever van zijn kant dient onder andere de overeengekomen arbeid te laten uitvoeren en het loon daarvoor te betalen.

IN

Arbeidsovereenkomsten worden meestal voor een langere periode afgesloten. Het is dan ook normaal dat de uitvoering van de arbeidsovereenkomst door een heel aantal gebeurtenissen zoals ziekte, gebrek aan

werk, vakantie ... tijdelijk niet kan verdergezet worden. De arbeidsovereenkomst wordt daardoor echter niet beëindigd, maar de uitvoering ervan wordt tijdelijk onderbroken of geschorst.

De oorzaak kan bij de werknemer of de werkgever liggen. In de onderstaande woordenwolk staan redenen die

40

THEMA 1

LEVEL 2

staking

geboorteverlof

politiek mandaat

pleegouderverlof

bevallingsverlof

verlof voor mantelzorg

palliatief verlof

jaarlijkse vakantie

zorgverlof

klein verlet

zittingen in rechtbanken

voorlopige hechtenis

verlof om dwingende redenen

adoptieverlof

pleegzorgverlof

betaald educatief verlof

ziekte

©

tijdskrediet

loopbaanonderbreking

VA

klein verlet

N

ongeval

ouderschapsverlof

de werknemer kan hebben.


Een aantal daarvan worden hieronder toegelicht op het vlak van voorwaarden, vergoeding en duur. Ziekte en ongeval De uitvoering van de arbeidsovereenkomst wordt geschorst gedurende de periode van arbeidsongeschiktheid die het gevolg is van ziekte of ongeval. De werknemer heeft dan wel een aantal verplichtingen ten opzichte van de werkgever. Zo moet de werknemer wanneer hij wegens ziekte of ongeval niet kan komen werken, de werkgever zo snel mogelijk verwittigen. Normaal gezien is dat aan het begin van de werkdag maar er zijn uitzonderlijke situaties, zoals een spoedopname in het ziekenhuis. De werkgever formuleert in het arbeidsreglement het best regels over verwittiging bij ziekte of ongeval. Is de werknemer slechts één dag afwezig dan moet hij geen ziekteattest indienen bij zijn werkgever. Is hij langer ziek dan moet hij een door de dokter ingevuld ziekteattest bezorgen.

IN

Wanneer de werknemer voldaan heeft aan de verwittigingsplicht en indien nodig een ziekteattest heeft

ingediend, dan heeft hij recht op een gewaarborgd loon. Afhankelijk van de situatie is dat loon verschuldigd door de werkgever of de ziekte- en invaliditeitsverzekering (mutualiteit).

Bedienden (contract onbepaalde duur of bepaalde duur van minstens drie maanden): —

1e tot 30e dag: 100 % ten laste van werkgever

Bedienden (contract bepaalde duur van minder dan drie maanden): 1e tot 7e dag: 100 % ten laste van werkgever

8e tot 14e dag: 86,93 % ten laste van werkgever

15e tot 30e dag: 26,93 % van het loongedeelte dat de grens van de ziekte- en invaliditeitsverzekering

N

niet overschrijdt, plus 86,96 % van het loon dat de grens wel overschrijdt ten laste van werkgever en een uitkering van de mutualiteit (60 % van het loon geplafonneerd tot de loongrens die geldt voor de ziekteverzekering). Arbeiders:

1e tot 7e dag: 100 % ten laste van werkgever

8e tot 14e dag: 85,88 % ten laste van werkgever

15e tot 30e dag: 25,88 % van het loongedeelte dat de grens van de ZIV (ziekte- en invaliditeitsverzekering)

VA

niet overschrijdt, plus 85,88 % van het loon dat de grens wel overschrijdt ten laste van werkgever en een uitkering van de mutualiteit (60 % van het loon geplafonneerd tot de loongrens die geldt voor de ziekteverzekering).

Na de periode van het gewaarborgd loon krijgt de medewerker tijdens het eerste jaar primaire arbeids­ ongeschiktheid een uitkering van de mutualiteit. Die uitkering bedraagt 60 % van het begrensde brutoloon. Het brutoloon waarop de vergoeding wordt berekend mag een bepaald bedrag, grensbedrag genoemd, niet

©

overschrijden.

Vanaf het tweede jaar arbeidsongeschiktheid begint de periode van invaliditeit. De medewerker blijft uitkeringen ontvangen van de mutualiteit. Het bedrag verschilt naargelang van de status van de medewerker: alleenstaand, samenwonend of met iemand ten laste. In het geval van een beroepsziekte of een arbeidsongeval gelden er specifieke regels. Het gewaarborgd loon wordt dan terugbetaald door de verzekeraar. Ook in de volgende situaties moet je als werkgever geen gewaarborgd loon betalen: —

wanneer de ziekte of het ongeval te wijten is aan een zware fout van de medewerker;

wanneer de medewerker tijdelijk arbeidsongeschikt is door een ongeval tijdens een sportevent of -competitie waarvoor de medewerker een vergoeding ontving en waarvoor het publiek toegangsgeld moest betalen.

THEMA 1

LEVEL 2

41


Zwangerschap en bevallingsverlof Verschillende omstandigheden die gelinkt zijn aan zwangerschap en moederschap kunnen een schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst met zich meebrengen: —

het recht op afwezigheid wegens prenataal geneeskundig onderzoek,

het prenataal en postnataal verlof,

werkverwijdering van de werkneemster die zwanger is of die borstvoeding geeft,

borstvoedingspauzes.

Zwangere werkneemsters hebben in België recht op 15 weken verlof. Dat verlof is samengesteld uit twee periodes: het verlof dat wordt genomen voor de bevalling (prenataal verlof of zwangerschapsverlof genoemd) en de rust die in principe begint op de dag van de bevalling (postnataal verlof of bevallingsrust genoemd). —

Het prenataal verlof begint ten vroegste 6 weken voor de vermoedelijke datum van bevalling. Die datum

IN

blijkt uit het medisch attest dat de werkneemster dient te bezorgen aan de werkgever. De zwangere

werkneemster is verplicht om 1 week rust te nemen voor de bevalling. Het is trouwens voor de werkgever

verboden om een zwangere werkneemster tewerk te stellen vanaf de 7e kalenderdag voorafgaand aan de vermoedelijke bevallingsdatum. —

Het postnataal verlof is een verplicht verlof van 9 weken onmiddellijk na de bevalling. De werkgever mag

tijdens die periode de werkneemster in geen geval tewerkstellen, zelfs niet indien zij erom vraagt of ermee akkoord gaat. Dat verlof kan verlengd worden met maximaal 5 weken die de werkneemster niet heeft opgenomen voor de bevalling.

Tijdens het verlof ontvangt de werkneemster deze vergoedingen: tijdens de eerste 30 dagen van de moederschapsrust 82 % van het brutoloon (het brutoloon van de laatste

N

dag van het 2e kalenderkwartaal dat voorafgaat aan dat waarin de moederschapsrust zich voordoet of het laatste brutodagloon), —

na de eerste 30 dagen van de moederschapsrust 75 % van het tot de loongrens begrensde brutoloon (het brutoloon van de laatste dag van het 2e kalenderkwartaal dat voorafgaat aan dat waarin de moederschaps­

VA

rust zich voordoet of het laatste brutodagloon).

Als de werkpost van een zwangere vrouw als een risicopost wordt beschouwd, dan moet de werkgever de werkpost aanpassen of moet hij haar een andere werkpost toewijzen. Wanneer de werkneemster na het postnataal verlof opnieuw aan het werk gaat, heeft ze het recht een pauze te nemen om haar kind borstvoeding te geven of de melk af te kolven. De borstvoedingspauze duurt een half uur. Als ze minder dan 7.30 uur per dag werkt, heeft ze recht op één pauze. Als ze minstens 7.30 uur werkt, mag ze er twee nemen. Ze heeft recht op borstvoedingspauzes tot 9 maanden na de geboorte van haar kind. De pauzes worden niet betaald door de werkgever maar geven recht op een vergoeding door het ziekenfonds. Klein verlet of kort verzuim

©

De werknemer heeft het recht afwezig te zijn van het werk met behoud van zijn normaal loon ter gelegenheid van familiegebeurtenissen (bv. het eigen huwelijk, het overlijden van familieleden, de vervulling van staatsburgerlijke verplichtingen of van burgerlijke opdrachten (bv. ambt als bijzitter bij verkiezingen) en in geval van verschijning voor het gerecht (bv. als getuige of jurylid). Om het recht op loon te behouden moet de werknemer zijn werkgever vooraf verwittigen van zijn afwezigheid. Indien dat niet mogelijk is, moet hij de werkgever zo spoedig mogelijk op de hoogte brengen. Hij moet het verlof gebruiken voor het doel waarvoor het is toegekend. Bij individuele overeenkomst of bij cao kan het aantal betaalde afwezigheidsdagen per gebeurtenis worden verhoogd of kunnen bijkomende gevallen van toegelaten afwezigheden worden voorzien.

42

THEMA 1

LEVEL 2


Jaarlijkse vakantie Jaarlijkse vakantie is het recht van iedere werknemer, tewerkgesteld in de privésector, om van het werk afwezig te blijven, en dat gedurende een aantal dagen, in verhouding tot de activiteitsdagen en / of gelijkgestelde dagen in het voorgaande kalenderjaar, ook wel vakantiedienstjaar genoemd. Het aantal wettelijke vakantiedagen waarop een werknemer recht heeft is beperkt tot 4 vakantieweken in het arbeidsstelsel waarin de werknemer werkt op het ogenblik dat hij vakantie neemt. Het aantal vakantiedagen hangt dus af van het stelsel waarin de werknemer is tewerkgesteld: —

6 dagenstelsel: 24 dagen voor 12 maanden arbeid,

5 dagenstelsel: 20 dagen voor 12 maanden arbeid,

4 dagenstelsel: 16 dagen voor 12 maanden arbeid.

IN

Per maand tewerkstelling heeft een bediende recht op twee wettelijke vakantiedagen in een 6 dagenstelsel. Om dat om te zetten naar het 5 dagenstelsel, breng je per schijf van 6 wettelijke vakantiedagen één dag in mindering.

Voor arbeiders wordt het aantal vakantiedagen bepaald aan de hand van de onderstaande tabel. Tabel 1: Vakantiedagen arbeiders

AANTAL WETTELIJKE VAKANTIEDAGEN

ARBEIDSDAGEN EN GELIJKGESTELDE DAGEN

UITGEDRUKT IN VOLTIJDSE 5 DAGENWEEKSTELSEL

N

TOTALE AANTAL NORMALE WERKELIJKE

20

221 – 230

19

212 – 220

18

202 – 211

17

192 – 201

16

182 – 191

15

163 – 181

14

154 – 162

13

144 – 153

12

135 – 143

11

125 – 134

10

106 – 124

9

97 – 105

8

87 – 96

7

77 – 86

6

64 -76

5

48 – 63

4

39 – 47

3

20 – 38

2

10 – 19

1

< 10

0

©

VA

> 230

THEMA 1

LEVEL 2

43


De werkgever kan bijkomende vakantiedagen toekennen via de individuele arbeidsovereenkomst, de cao of het arbeidsreglement. Die extra vakantie dient dan als extralegaal verlof en maakt zo deel uit van de alternatieve verloning. Elke medewerker heeft niet alleen recht op loon voor zijn wettelijke vakantiedagen, het enkel vakantiegeld. De medewerker ontvangt ook dubbel vakantiegeld. Dat is een toeslag in verhouding tot het opgebouwde recht. Hoeveel het vakantiegeld bedraagt en hoe het vakantiegeld voor wettelijk verlof wordt uitbetaald, verschilt tussen bedienden en arbeiders. Bij bedienden is het zo dat het enkel vakantiegeld automatisch vervat zit in het brutoloon van de maand waarin de medewerker de vakantie opneemt. Het dubbel vakantiegeld bedraagt 92 % van het brutoloon van die

IN

maand. Arbeiders krijgen hun vakantiegeld tussen 2 mei en 30 juni van het vakantiejaar uitbetaald door de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie (RJV) of het bevoegde vakantiefonds. De werkgever financiert dat vakantiegeld via de RSZ-bijdragen, berekend op 108 % van het loon. Zijn de stellingen juist of fout. Kruis aan en leg uit.

JUIST

tijdelijk op te bestaan.

N

Bij een schorsing van een arbeidsovereenkomst houdt de arbeidsovereenkomst

VA

Andreas speelt in zijn vrije tijd voetbal en hij verdient daarmee een aardige cent. Om de voetbalwedstrijden bij te wonen moeten de toeschouwers inkom betalen. Tijdens de match raakt Andreas gekwetst en hij kan daardoor op maandag niet werken. Zijn werkgever is niet verplicht om hem voor die ziektedagen gewaarborgd loon uit te betalen.

Een bediende met een contract van onbepaalde duur heeft tijdens de eerste

©

30 dagen afwezigheid wegens ziekte recht op 100 % van het loon van het ziekenfonds.

Thobe heeft een auto-ongeval op weg naar het werk waardoor hij tijdelijk niet kan gaan werken. Het gewaarborgd loon wordt betaald door een verzekeraar.

44

THEMA 1

LEVEL 2

FOUT


JUIST

FOUT

Lore is onlangs bevallen van een zoontje. Ze heeft volgens haar het recht om het postnataal verlof te verlengen met de zes weken die ze niet heeft opgenomen voor de bevalling.

Sterre heeft haar werkgever verwittigd dat ze is opgeroepen door de rechtbank om

IN

te getuigen. Ze mag daarvoor afwezig zijn op het werk met behoud van haar loon.

Rob is arbeider en heeft tijdens het vakantiedienstjaar 210 dagen gewerkt. Hij heeft recht op 17 dagen vakantie.

N

Explore 2— Wat zijn de oorzaken van schorsing in hoofde van de

VA

werkgever?

Schorsing in hoofde van de werkgever Bij de oorzaken van schorsing in hoofde van de werkgever is er een onderscheid tussen een schorsing van arbeiders enerzijds en van bedienden anderzijds. Arbeiders

Economische werkloosheid

©

Wanneer er tijdelijk minder werk is, is economische werkloosheid een oplossing die toelaat om – voornamelijk – arbeiders in dienst te houden. Bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken kan de werkgever de uitvoering van de arbeidsovereenkomst van de werklieden die hij tewerkstelt schorsen of hun arbeidsprestaties verminderen. De economische oorzaken moeten conjunctureel zijn en niet structureel. De werkgever kan uiteraard geen beroep doen op het stelsel van economische werkloosheid omwille van redenen die afhankelijk zijn van zijn wil. Praktisch brengt de werkgever door middel van aanplakking of individuele schriftelijke kennisgeving de betrokken werknemers op de hoogte. De werkgever kan de arbeidsprestaties volledig schorsen. De arbeiders zullen dan geen loon ontvangen maar een uitkering krijgen. Het is de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA) die in dat geval de vergoeding van de werknemer op zich neemt. De werkgever kan de prestaties volledig schorsen gedurende een periode van maximaal 4 weken. De werkgever kan eveneens een regeling van gedeeltelijke arbeid invoeren. De arbeiders ontvangen dan een gedeelte van het loon en deeltijds een uitkering.

THEMA 1

LEVEL 2

45


Werkloosheid wegens slecht weer Wanneer slecht weer verhindert dat er arbeid wordt geleverd, wordt de uitvoering van de arbeidsovereenkomst geschorst en ontvangt de werkman een werkloosheidsuitkering ten laste van de RVA voor zover hij voldoet aan de voorwaarden voorzien door de werkloosheidsreglementering. De arbeiders ontvangen dan een gedeelte van het loon en deeltijds een uitkering. Werkloosheid wegens technische stoornis De uitvoering van de arbeidsovereenkomst kan geschorst worden in geval van technische stoornis in de onderneming bijvoorbeeld een machinepanne. Tijdens een periode van 7 dagen te rekenen vanaf de datum van de technische stoornis behoudt de arbeider zijn recht op zijn normale loon. Indien de arbeidsovereenkomst geschorst blijft na die 7 dagen, ontvangt de arbeider een werkloosheidsuitkering ten laste van de RVA voor

IN

zover hij voldoet aan de voorwaarden voorzien door de werkloosheidsreglementering. Bedienden

Tijdelijke werkloosheid wegens economische redenen voor bedienden is mogelijk als de werkgever kan

bewijzen dat zijn onderneming in moeilijkheden is. Daartoe moet een van de volgende voorwaarden vervuld zijn: —

er is een daling van minimaal 10 % van de omzet of van de productie in een van de vier kwartalen

voorafgaand aan de aanvraag tot invoering van de regeling, vergeleken met hetzelfde kwartaal in één van de twee kalenderjaren voorafgaand aan de aanvraag; —

er is tijdelijke werkloosheid wegens economische redenen voor arbeiders van ten minste 10 % van het aanvraag;

N

globale aantal aan de RSZ aangegeven dagen tijdens het kwartaal voorafgaand aan het kwartaal van er is een daling van minimaal 10 % van de bestellingen in een van de vier kwartalen voorafgaand aan de aanvraag tot invoering van de regeling, vergeleken met hetzelfde kwartaal in één van de twee kalenderjaren die aan de aanvraag voorafgaan.

VA

De werkgever kan de bediende tijdelijk werkloos stellen wegens economische redenen gedurende:

maximaal 16 weken per kalenderjaar in geval van een volledige schorsing, of

maximaal 26 weken per kalenderjaar in geval van een gedeeltelijke schorsing.

Zijn de stellingen juist of fout. Kruis aan en verbeter de foute stellingen.

Een arbeider die door een defect aan een van de machines geen arbeidsprestaties kan leveren gedurende een periode van 14 dagen behoudt zijn loon.

©

Door een reorganisatie van de onderneming worden er 50 werknemers ontslagen. Dat is een vorm van economische werkloosheid.

46

THEMA 1

LEVEL 2

JUIST

FOUT


JUIST

FOUT

Een aannemer laat tijdens het weekend aan zijn bouwvakkers weten dat hun arbeidsovereenkomst vanaf maandag geschorst is door de aanhoudende vrieskou. De bouwvakkers hebben recht op een uitkering.

De werkgever kan de arbeidsovereenkomst van zijn bedienden gedeeltelijk

IN

schorsen gedurende 25 weken wegens economische redenen.

Explore 3— Wat zijn de gemeenschappelijke oorzaken van schorsing?

N

Gemeenschappelijke oorzaken van schorsing Gebeurtenissen die door overmacht ontstaan en slechts tijdelijk zijn, schorsen de uitvoering van de arbeidsovereenkomst. Bij definitieve uitwerking daarentegen zal overmacht een einde maken aan de overeenkomst.

VA

Om van overmacht te kunnen spreken, moeten de volgende drie voorwaarden vervuld zijn: —

de gebeurtenis mag niet te wijten zijn aan de werkgever, noch aan de werknemer. Er is bijvoorbeeld geen

sprake van overmacht indien een gebeurtenis te wijten is aan de slordigheid van een van de partijen;

— —

de gebeurtenis moet aan elke normale verwachting ontsnappen; de gebeurtenis moet een onoverkomelijke hindernis vormen voor de werkgever en de werknemer om de

arbeidsovereenkomst verder uit te voeren.

De wet bepaalt uitdrukkelijk dat het faillissement geen geval van overmacht is. De tijdelijke of definitieve sluiting van de onderneming die voortvloeit uit de maatregelen getroffen door de toepassing van de reglementering in verband met het leefmilieu of met toepassing van het Sociaal Strafwetboek is op zich

©

evenmin een geval van overmacht.

Gedurende de periodes van schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst door overmacht, ontvangt de werknemer niet zijn normale loon. In bepaalde gevallen kan de werknemer genieten van een uitkering die onder meer ten laste is van de RVA voor zover de werknemer voldoet aan bepaalde voorwaarden.

Noteer drie voorbeelden van situaties waarbij er sprake is van overmacht.

THEMA 1

LEVEL 2

47


TO THE POINT Arbeidsovereenkomsten worden meestal voor een langere periode afgesloten. Het is dan ook normaal dat de uitvoering van de arbeidsovereenkomst door een heel aantal gebeurtenissen zoals ziekte, gebrek aan werk, vakantie … tijdelijk niet kan verdergezet worden. De arbeidsovereenkomst wordt daardoor echter niet beëindigd, maar de uitvoering ervan wordt tijdelijk onderbroken of geschorst. Gebeurtenissen in hoofde van de werknemer —

Schorsing door ziekte of ongeval

IN

De werknemer moet zo snel mogelijk de werkgever verwittigen en bij een afwezigheid van meer

dan een dag een ziekteattest bezorgen aan de werkgever. Wanneer de werknemer voldaan heeft aan die verplichtingen heeft hij recht op een gewaarborgd loon. Afhankelijk van de situatie

zoals het statuut van de werknemer is dat loon verschuldigd door de werkgever of de ziekte- en invaliditeitsverzekering.

Bedienden (contract onbepaalde duur of bepaalde duur van minstens drie maanden):

1e tot 30e dag: 100 % ten laste van werkgever

Bedienden (contract bepaalde duur van minder dan drie maanden): 1e tot 7e dag: 100 % ten laste van werkgever,

8e tot 14e dag: 86,93 % ten laste van werkgever,

15e tot 30e dag: 26,93 % van het loongedeelte dat de grens van de ziekte- en

N

invaliditeitsverzekering niet overschrijdt, plus 86,96 % van het loon dat de grens wel overschrijdt ten laste van werkgever en een uitkering van de mutualiteit (60 % van het loon

VA

geplafonneerd tot de loongrens die geldt voor de ziekteverzekering). Arbeiders:

1e tot 7e dag: 100 % ten laste van werkgever,

8e tot 14e dag: 85,88 % ten laste van werkgever,

15e tot 30e dag: 25,88 % van het loongedeelte dat de grens van de ZIV (ziekte- en invaliditeitsverzekering) niet overschrijdt, plus 85,88 % van het loon dat de grens wel overschrijdt ten laste van werkgever en een uitkering van de mutualiteit (60 % van het loon geplafonneerd tot de loongrens die geldt voor de ziekteverzekering).

Zwangerschap en bevallingsverlof

Verschillende omstandigheden die gelinkt zijn aan zwangerschap en moederschap kunnen een

©

schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst met zich meebrengen:

het recht op afwezigheid wegens prenataal geneeskundig onderzoek,

het prenataal en postnataal verlof,

werkverwijdering van de werkneemster die zwanger is of die borstvoeding geeft,

borstvoedingspauzes.

Zwangere werkneemsters hebben in België recht op 15 weken verlof. Dat verlof is samengesteld uit twee periodes: het verlof dat wordt genomen voor de bevalling (prenataal verlof of zwangerschapsverlof genoemd) en de rust die in principe begint op de dag van de bevalling (postnataal verlof of bevallingsrust genoemd).

48

THEMA 1

LEVEL 2


Klein verlet of kort verzuim De werknemer heeft het recht afwezig te zijn van het werk met behoud van zijn normaal loon ter gelegenheid van:

familiegebeurtenissen (bv. het eigen huwelijk, het overlijden van een familielid),

de vervulling van staatsburgerlijke verplichtingen of van burgerlijke opdrachten (bv. ambt als bijzitter bij verkiezingen),

in geval van verschijning voor het gerecht (bv. als getuige of jurylid).

Om het recht op loon te behouden moet de werknemer zijn werkgever vooraf verwittigen van zijn afwezigheid. Als dat niet mogelijk is, moet hij de werkgever zo spoedig mogelijk op de hoogte

Jaarlijkse vakantie

IN

brengen. Hij moet het verlof gebruiken voor het doel waarvoor het is toegekend.

Jaarlijkse vakantie is het recht van iedere werknemer, tewerkgesteld in de privésector, om van het werk afwezig te blijven, en dat gedurende een aantal dagen, in verhouding tot de activiteitsdagen en / of gelijkgestelde dagen in het voorgaande kalenderjaar (vakantiedienstjaar).

Voltijdse werknemers hebben in België doorgaans recht op 4 weken jaarlijkse vakantie. De berekening van het aantal vakantiedagen en van het vakantiegeld verschilt wel tussen arbeiders en bedienden. Elke medewerker heeft niet alleen recht op loon voor hun wettelijke vakantiedagen (enkel

N

vakantiegeld). De medewerker ontvangt ook dubbel vakantiegeld. Dat is een toeslag in verhouding tot het opgebouwde recht. Hoeveel het vakantiegeld bedraagt en hoe het vakantiegeld voor wettelijk verlof wordt uitbetaald, verschilt tussen bedienden en arbeiders. Gebeurtenissen in hoofde van de werkgever

VA

Bij de oorzaken van schorsing in hoofde van de werkgever is er een onderscheid tussen een schorsing van arbeiders enerzijds en van bedienden anderzijds. —

Voor zowel arbeiders als bedienden is er economische werkloosheid.

Voor arbeiders is er werkloosheid wegens slecht weer en technische werkloosheid.

Gemeenschappelijke oorzaken van schorsing

Gebeurtenissen die door overmacht ontstaan en slechts tijdelijk zijn, schorsen de uitvoering van de arbeidsovereenkomst. Bij definitieve uitwerking daarentegen zal overmacht een einde maken aan de arbeidsovereenkomst.

©

Om van overmacht te kunnen spreken moeten de volgende drie voorwaarden vervuld zijn: —

de gebeurtenis mag niet te wijten zijn aan de werkgever, noch aan de werknemer. Er is bijvoorbeeld

geen sprake van overmacht als een gebeurtenis te wijten is aan de slordigheid van een van de partijen;

— —

de gebeurtenis moet aan elke normale verwachting ontsnappen; de gebeurtenis moet een onoverkomelijke hindernis vormen voor de werkgever en de werknemer om

de arbeidsovereenkomst verder uit te voeren.

Gedurende de periodes van schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst door overmacht, ontvangt de werknemer niet zijn normale loon. In bepaalde gevallen kan de werknemer genieten van een uitkering die onder meer ten laste is van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening voor zover de werknemer voldoet aan bepaalde voorwaarden.

THEMA 1

LEVEL 2

49


Action 1—

Is een ziektebriefje nog nodig bij afwezigheid op de werkvloer wegens ziekte?

Lees het artikel. Beantwoord de vragen. a

Wie is de huidige minister van Volksgezondheid?

b

Stel dat het verplichte doktersbriefje afgeschaft wordt voor een afwezigheid van drie dagen. Welk nadeel zou

voor de ondernemer:

de collega’s:

de zieke werknemer:

IN

dat volgens het artikel hebben:

N

Zieken we binnenkort drie dagen uit zonder doktersbriefje? ‘Dat is een risico’, zeggen artsen Vooruit en Groen willen de termijn om zonder ziektebriefje afwezig te zijn, optrekken.

VA

Sinds november 2022 is het niet meer nodig om je werkgever een ziektebriefje te bezorgen als je één dag ziek bent. Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) wil verdergaan en pleit er nu voor om de termijn naar drie dagen op te trekken. Coalitiepartner Groen vroeg dat vorig jaar al, maar die ene dag was het bekomen compromis. ‘Het huidige systeem is vooral een last voor huisartsen en werkt averechts’, zegt Vandenbroucke. ‘Overbodige paperasserij moeten we vermijden.’ Vicepremier Petra De Sutter (Groen) zegt dat minder attesten uitschrijven meer ruimte in de agenda voor patiënten betekent.

Fraude voorkomen

©

Werkgevers verzetten zich tegen het voorstel. Zelfstandigenorganisatie NSZ zegt dat het de deur zal openzetten voor misbruik. Danny Van Assche (UNIZO) meent dat onterechte afwezigheden bestreden moeten kunnen worden. ‘We willen voorkomen dat kort verzuim leidt tot een verstoring van de arbeidsorganisatie en dat de werklast belandt bij de collega’s en de werkgever’, zegt Van Assche. ‘Vandaag is het ziektebriefje het enige instrument om mogelijke fraude te voorkomen.’ Artsenvereniging BVAS, zelf aangesloten bij

50

THEMA 1

LEVEL 2

UNIZO, sluit zich aan bij de kritiek en vreest dat een uitgesteld doktersbezoek kan leiden tot een verergering van een eventuele aandoening. Huisartsenvereniging Domus Medica is wel voorstander van het voorstel. ‘Iedereen met gezondheidsklachten blijft welkom bij de huisarts’, zegt voorzitter Jeroen van den Brandt. ‘Maar burgers weten meestal wel dat zelfzorg kan volstaan bij een milde luchtweginfectie of diarree. Het heeft geen zin dan in de wachtzaal te zitten om vervolgens te horen dat ze moeten uitzieken.’ Groen en Vooruit vonden nog geen meerderheid binnen de coalitie voor de regeling. Bron: standaard.be, 2023-06-16


Action 2—

Op hoeveel dagen klein verlet heb je recht?

Lees aandachtig de onderstaande situaties. Gebruik het internet. a

Op hoeveel dagen klein verlet heb je recht?

b

Wanneer moet je dat opnemen?

A a

b

d Overlijden van een kin

van de werknemer

a

N

B

IN

Huwelijk van de werknemer

VA

b

C

Uitoefening van het ambt van bijzitter bij een verkiezing a

©

b

D

Bijwonen van een bijeenkomst van de familieraad, bijeengeroepen door de vrederec hter

a

b

THEMA 1

LEVEL 2

51


Action 3—

Welke andere redenen voor een schorsing van de arbeidsovereenkomst bestaan er?

1

Ga naar iDiddit. Lees het artikel over loopbaanonderbreking, thematisch verlof en tijdskrediet.

2

Beantwoord de vragen. Wat is het verschil tussen tijdskrediet en loopbaanonderbreking?

b

Waarom maakt het eindeloopbaanstelsel het grootste gedeelte van het tijdskrediet of de loopbaan-

N

onderbreking uit?

IN

a

Welk thematisch verlof is het populairst?

d

Hoe is de verdeling volgens geslacht en gewest?

VA

c

BREAKING NEWS

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

©

1

52

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 1

LEVEL 2


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA 1

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

Ik kan redenen tot schorsing in hoofde van de werknemer toelichten op het vlak van voorwaarden,

vergoeding en duur. 2

Ik kan redenen tot schorsing in hoofde van de

©

VA

N

vergoeding en duur.

IN

werkgever toelichten op het vlak van voorwaarden,

THEMA 1

LEVEL 2

53


LEVEL 3 Met welke regelgeving moet je rekening houden bij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst?

1

IN

INTRO Soms kan of wil de werknemer of de werkgever de verplichtingen van de arbeidsovereenkomst definitief niet nakomen.

Om welke redenen kan dat zijn? Overleg per twee.

b

Noteer de redenen in de mindmap.

©

VA

N

a

c 2

Bespreek klassikaal.

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Met welke wettelijke regels moet je rekening houden bij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst?

54

THEMA 1

LEVEL 3


Explore 1— Hoe kan een arbeidsovereenkomst rechtsgeldig beëindigd worden?

Arbeidsovereenkomst rechtsgeldig beëindigen Zowel de werkgever als de werknemer kan op elk moment beslissen de arbeidsovereenkomst te beëindigen. De partijen kunnen kiezen om een opzegging te geven waarbij de arbeidsovereenkomst verder uitgevoerd wordt (ontslag door opzegging) of om de arbeidsovereenkomst te verbreken met betaling van een opzeggingsvergoeding (ook verbrekingsvergoeding). Die opzeggingsvergoeding is verplicht wanneer de partij een ontoereikende opzeggingstermijn.

IN

de arbeidsovereenkomst beëindigt zonder dringende reden, zonder een opzeggingstermijn na te leven of met

De stopzetting van een arbeidsovereenkomst is niet altijd het gevolg van een eenzijdige beslissing. Ook de onderstaande manieren komen geregeld voor. Onderling akkoord

De werkgever en de werknemer kunnen op elk moment samen beslissen om de overeenkomst stop te zetten. In dat geval worden de voorwaarden voor de beëindiging in onderling overleg vastgelegd. Dat hoeft niet schriftelijk te zijn, maar het is wel aangeraden.

N

Na afloop van de termijn

Bij arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur ontbindt het contract zodra de einddatum is bereikt. Daarvoor zijn geen verdere formaliteiten nodig. Na voltooiing van het werk

Bij een arbeidsovereenkomst waarin niet de duur maar wel het uit te voeren werk duidelijk is vastgelegd in een

VA

schriftelijk akkoord, loopt de overeenkomst af na voltooiing van dat werk. Er zijn geen verdere formaliteiten nodig.

Na het overlijden van een van de partijen

Wanneer een werknemer overlijdt, stopt de arbeidsovereenkomst automatisch. Wanneer de werkgever overlijdt, wordt de arbeidsovereenkomst enkel beëindigd als er sprake is van een persoonlijke samenwerking of wanneer de werknemer zijn activiteit niet meer kan verderzetten. Een rechter beslist dan over een eventuele vergoeding en het bedrag ervan. Overmacht

Als een onvoorziene gebeurtenis het werk onmogelijk maakt, is er sprake van overmacht. Enkel bij definitieve

©

overmacht kan de werkgever de arbeidsovereenkomst beëindigen. Is de overmacht tijdelijk, dan wordt de overeenkomst geschorst. Gerechtelijke ontbinding Zowel de werkgever als de werknemer kan de tekortkoming van de andere partij in de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor de rechtbank inroepen en vragen aan de rechter om vast te stellen dat die tekortkoming het einde van de arbeidsovereenkomst tot gevolg heeft. Die wijze van beëindiging van de arbeidsovereenkomst wordt zeer weinig gebruikt omwille van de gecompliceerde gerechtelijke procedure.

THEMA 1

LEVEL 3

55


Ontbindende voorwaarde Bij de opstelling van een arbeidsovereenkomst kunnen de partijen een ontbindende voorwaarde opnemen: dat is een bepaling van een evenement of voorwaarde. Wanneer dat evenement plaatsheeft, of wanneer de voorwaarde is ingetreden, eindigt de arbeidsovereenkomst van rechtswege. De overeenkomst eindigt zonder dat daarvoor opzegging of ontbinding nodig is. De volgende gebeurtenissen gelden nooit als ontbindende voorwaarde: een zwangerschap, een huwelijk of het bereiken van de wettelijke pensioensleeftijd. De vervulling van de ontbindende voorwaarde mag ook niet afhangen van een van beide partijen, zoals het slagen voor een proef die de werkgever organiseert. In alle gevallen van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst is de werkgever verplicht een aantal sociale documenten aan de werknemer te overhandigen: —

getuigschrift van tewerkstelling (op verzoek van de werknemer) waarop enkel de begin- en de einddatum

IN

van de arbeidsovereenkomst en de aard van de verrichte arbeid worden vermeld; —

de afrekening van de laatste betalingen;

de individuele rekening van het lopende jaar (binnen 2 maanden na het einde van het trimester gedurende dewelke de arbeidsovereenkomst beëindigd werd);

het werkloosheidsattest (C4);

de belastingfiche 281.10;

het vakantieattest (enkel voor bedienden).

Naar: werk.belgië.be en 1819.brussels

1

Wat houdt een ontslag om dringende reden in? Leg uit en noteer drie voorbeelden. Gebruik het internet.

N

VA

2

Waarom is het aan te raden om bij de beëindiging van een arbeidsovereenkomst met onderling akkoord de

overeengekomen voorwaarden schriftelijk vast te leggen?

3

Noteer bij de volgende situaties op welke manier er een einde komt aan de arbeidsovereenkomst.

©

a

Een appelkweker uit Sint-Truiden neemt arbeiders in dienst om te helpen bij de oogst van fruit.

b

De advocaat van wie Evy de persoonlijke secretaresse was, is overleden.

c

Een aannemer stelt gedurende 10 maanden een elektricien tewerk om een bouwproject op tijd klaar te krijgen. De periode van 10 maanden is voorbij.

56

THEMA 1

LEVEL 3


d

Een reclamebureau neemt een acteur aan voor de opnames van een reclamespot.

e

Floris wil als verpleger aan de slag gaan maar kan het gevraagde bewijs voor goed gedrag en zeden niet voorleggen.

f

Het rijbewijs van een taxichauffeur wordt afgenomen.

g

Rudi is tewerkgesteld als magazijnmedewerker bij een groot logistiek bedrijf. Na een zwaar verkeers­

h

Tijdens de zomervakantie heeft een restauranthouder een studente 2 maanden in dienst genomen om de afwas in het restaurant te doen.

i

IN

ongeval is hij definitief arbeidsongeschikt.

Youssef heeft na 4 jaar dienst een mooi aanbod van een andere werkgever gekregen. De werkgever respecteert zijn keuze en wil hem niets in de weg leggen. Ze spreken samen af wat de eventuele

N

opzeggingstermijn en vergoeding is.

Explore 2— Hoe bepaal je de opzeggingstermijn en wanneer gaat die

VA

van start?

Opzeggingstermijn

Bij ontslag door opzegging komt er aan de arbeidsovereenkomst slechts een einde nadat de opzeggingstermijn verstreken is. Tijdens de opzeggingstermijn blijft de arbeidsovereenkomst bestaan. De werknemer moet zijn prestaties blijven verrichten tijdens die periode en de werkgever moet de overeengekomen arbeid blijven verschaffen en het loon uitbetalen. Om geldig te zijn moet de bekendmaking van de opzegging schriftelijk gebeuren met de vermelding van de begindatum en de duur van de opzeggingstermijn. Indien de bekendmaking

©

van de opzegging die vermeldingen niet bevat, is ze nietig, maar het ontslag zelf blijft bestaan, dat wil zeggen dat de arbeidsovereenkomst onmiddellijk beëindigd is. Diegene die de overeenkomst beëindigt, is dan wel een opzeggingsvergoeding verschuldigd. Indien de opzegging door de werknemer gegeven wordt, kan de bekendmaking gebeuren: —

door overhandiging van een brief aan de werkgever die dan een ontvangstbewijs daarvan ondertekent. De bekendmaking heeft onmiddellijk haar uitwerking;

met een aangetekende brief. In dat geval heeft de bekendmaking pas uitwerking de derde werkdag na de datum van verzending;

door middel van een gerechtsdeurwaardersexploot. De bekendmaking heeft onmiddellijk uitwerking bij overhandiging van het exploot door de deurwaarder.

THEMA 1

LEVEL 3

57


Indien de opzegging door de werkgever gegeven wordt, kan de bekendmaking slechts gebeuren: —

met een aangetekende brief. Die manier van bekendmaking heeft uitwerking de derde werkdag na de verzending;

met een gerechtsdeurwaardersexploot. Die manier van bekendmaking heeft onmiddellijk uitwerking bij overhandiging van het exploot door de deurwaarder.

Wanneer de opzegging op een andere manier zou gebeuren, is de opzegging nietig. De opzeggingstermijn begint te lopen de maandag volgend op de week waarin de opzegging haar uitwerking heeft. De opzeggingstermijn na een ontslag is de termijn die zowel door de werkgever als werknemer gerespecteerd moet worden om de arbeidsovereenkomst te beëindigen. De duur van de opzeggingstermijn is afhankelijk van: wie het ontslag geeft: de werkgever of werknemer,

de anciënniteit van de werknemer binnen de onderneming,

de aanvang van de arbeidsovereenkomst: voor of na 1 januari 2014.

IN

De wijze waarop de duur van de opzeggingstermijn wordt berekend, hangt in eerste instantie af van de

aanvangsdatum van de arbeidsovereenkomst. Voor werknemers die al voor 1 januari 2014 in dienst waren,

werd er voor de berekening van de duur van de opzeggingstermijn een onderscheid gemaakt tussen arbeiders

en bedienden. Werknemers die sinds 1 januari 2014 in dienst zijn, vallen dankzij het eenheidsstatuut allemaal onder dezelfde opzeggingsregeling. Het maakt dus niet meer uit of het om een bediende of arbeider gaat.

De duur van de opzeggingstermijn is verder afhankelijk van de anciënniteit van de werknemer en van de partij

N

die aan de oorsprong van het ontslag ligt (de werkgever of de werknemer). De volgende opzeggingstermijnen gelden voor werknemers die in dienst zijn sinds 1 januari 2014. Tabel 1: Opzeggingstermijn bij ontslag door werkgever

VA

ANCIËNNITEIT Minder dan 3 maanden

1 week

Tussen 3 maanden en minder dan 4 maanden

3 weken

Tussen 4 maanden en minder dan 5 maanden

4 weken

Tussen 5 maanden en minder dan 6 maanden

5 weken

Tussen 6 maanden en minder dan 9 maanden

6 weken

Tussen 9 maanden en minder dan 12 maanden

7 weken

Tussen 12 maanden en minder dan 15 maanden

8 weken

Tussen 15 maanden en minder dan 18 maanden

9 weken

Tussen 18 maanden en minder dan 21 maanden

10 weken

Tussen 21 maanden en minder dan 24 maanden

11 weken

Tussen 2 jaar en minder dan 3 jaar

12 weken

Tussen 3 jaar en minder dan 4 jaar

13 weken

Tussen 4 jaar en minder dan 5 jaar

15 weken

Tussen 5 jaar en minder dan 6 jaar

18 weken

Tussen 6 jaar en minder dan 20 jaar

3 weken extra per begonnen jaar anciënniteit

Tussen 20 jaar en minder dan 21 jaar

62 weken

Vanaf 21 jaar anciënniteit

1 week extra per begonnen jaar anciënniteit

© 58

THEMA 1

OPZEGGINGSTERMIJN

LEVEL 3


Tabel 2: Opzeggingstermijn bij ontslag door werknemer ANCIËNNITEIT

OPZEGGINGSTERMIJN 1 week

Tussen 3 maanden en minder dan 6 maanden

2 weken

Tussen 6 maanden en minder dan 12 maanden

3 weken

Tussen 12 maanden en minder dan 18 maanden

4 weken

Tussen 18 maanden en minder dan 24 maanden

5 weken

Tussen 2 jaar en minder dan 4 jaar

6 weken

Tussen 4 jaar en minder dan 5 jaar

7 weken

Tussen 5 jaar en minder dan 6 jaar Tussen 6 jaar en minder dan 7 jaar Tussen 7 jaar en minder dan 8 jaar Meer dan 8 jaar anciënniteit

IN

Minder dan 3 maanden

9 weken

10 weken 12 weken 13 weken

Voor arbeiders en bedienden die de werkgever voor 1 januari 2014 in dienst nam, bestaat de opzeggingstermijn uit twee delen als de werkgever de arbeidsovereenkomst beëindigt:

deel 1: opzegging op basis van anciënniteit vóór 1 januari 2014, met oude opzeggingstermijn,

deel 2: opzegging op basis van anciënniteit vanaf 1 januari 2014, met nieuwe opzeggingstermijn.

N

Er geldt dus een overgangsregeling: de werknemer behoudt de opzeggingstermijn die hij opbouwde voor 1 januari 2014. Vanaf 2014 geldt de nieuwe opzeggingstermijn. —

Voor bedienden is de duur van de opzeggingstermijn vóór 2014 afhankelijk van het brutojaarloon. Voor deel 1 geldt een termijn van 3 maanden per begonnen periode van 5 jaar anciënniteit (bij een jaarloon tot

VA

en met 32 254,00 euro) of een termijn van 1 maand per begonnen jaar anciënniteit, met een minimum van 3 maanden (bij een jaarloon > 32 254,00 euro).

Ook voor arbeiders is de duur van de opzeggingstermijn een optelsom van twee delen. Voor het eerste deel

vallen de meeste arbeiders terug op het systeem van cao nr. 75 of een sectorale regeling, uitgedrukt in kalenderdagen. Voor dat deel moet je kijken naar de wettelijke, reglementaire of conventionele bepalingen zoals die van toepassing waren op 31 december 2013. De opzeggingstermijn berekend volgens de nieuwe regels van het tweede deel worden daarbij opgeteld.

De overgangsregeling was in eerste instantie ook van toepassing bij opzegging door de werknemer, maar vanaf 28 oktober 2023 is er in dat geval geen onderscheid meer tussen arbeidsovereenkomsten die vóór of vanaf 2014 zijn aangevangen. Als de werknemer de samenwerking stopzet, gelden alleen nog de ‘nieuwe’

©

opzeggingstermijnen en zal de opzeggingstermijn nooit langer dan 13 weken duren. De werkgever kan de werknemer meteen laten vertrekken. Dan moet de werkgever wel een ontslagvergoeding betalen. Hoewel een vergoeding vaak het duurste lijkt, is dat niet altijd zo. De motivatie en de productiviteit van de ontslagen werknemer staat wellicht op een laag pitje. Daarnaast wordt de opzeggingstermijn verlengd als de werknemer ziek wordt of vakantie neemt. Tot slot mag de werknemer wekelijks 1 volledige dag of 2 halve dagen afwezig zijn om een nieuwe job te zoeken. De partij die de arbeidsovereenkomst zonder dringende reden beëindigt, zonder een opzeggingstermijn na te leven of met een ontoereikende opzeggingstermijn, moet de andere partij een opzeggingsvergoeding betalen (ook verbrekingsvergoeding genoemd). De opzeggingsvergoeding is gelijk aan het lopende loon dat overeenstemt met hetzij de duur van de opzeggingstermijn die normaal zou moeten in acht genomen worden of het resterende gedeelte ervan. Naar: werk.belgië.be en acerta.be

THEMA 1

LEVEL 3

59


1

Wanneer heeft de opzeggingstermijn zijn uitwerking als: a

de werknemer op maandag 13 januari de bekendmaking naar de werkgever verzendt met een aangetekende brief?

b

de werkgever op dinsdag 14 januari de bekendmaking aan de werknemer laat bezorgen met een

2

Wanneer start de opzeggingstermijn als: a

IN

deurwaarderexploot?

de werknemer op woensdag 21 januari zijn opzegging aan de werkgever overhandigt?

b

de werkgever de opzegging op dinsdag 14 januari verstuurt met een aangetekende brief?

Zijn de stellingen juist of fout? Kruis aan en verbeter indien nodig.

VA

3

N

Ruben werkt als kassier in een supermarkt en heeft een anciënniteit van 5 jaar en 6 maanden. De werkgever heeft de arbeidsovereenkomst beëindigd. De opzeggingstermijn bedraagt 18 weken.

©

Alessia is sinds 3 jaar en 2 maanden als bediende tewerkgesteld bij een interimkantoor. Ze heeft een mooi aanbod gekregen bij een andere werkgever. Ze heeft de arbeidsovereenkomst beëindigd. De opzeggingstermijn bedraagt 7 weken.

60

THEMA 1

LEVEL 3

JUIST

FOUT


TO THE POINT Manieren om een arbeidsovereenkomst te beëindigen Zowel de werkgever als de werknemer kan op elk moment beslissen de arbeidsovereenkomst te beëindigen. De partijen kunnen kiezen om een opzegging te geven waarbij de arbeidsovereenkomst verder uitgevoerd wordt (ontslag door opzegging) of om die te verbreken met betaling van een opzeggingsvergoeding (ook verbrekingsvergoeding). De stopzetting van een arbeidsovereenkomst is niet altijd het gevolg van een eenzijdige beslissing. Ook de –

onderling akkoord,

na afloop van de termijn,

na voltooiing van het werk,

na het overlijden van een van de partijen,

overmacht,

gerechtelijke ontbinding,

ontbindende voorwaarde.

IN

onderstaande manieren komen geregeld voor:

Bij beëindiging van de arbeidsovereenkomst is de werkgever verplicht een aantal sociale documenten aan de werknemer te overhandigen: getuigschrift van tewerkstelling,

de afrekening van de laatste betalingen,

de individuele rekening van het lopende jaar,

het werkloosheidsattest (C4),

de belastingfiche 281.10,

het vakantieattest (enkel voor bedienden).

N

VA

Bekendmaking opzegging

Bij ontslag door opzegging komt er aan de arbeidsovereenkomst slechts een einde nadat de opzeggings­ termijn verstreken is. Tijdens de opzeggingstermijn blijft de arbeidsovereenkomst bestaan. De werknemer moet zijn prestaties blijven verrichten tijdens die periode en de werkgever moet de overeengekomen arbeid blijven verschaffen en het loon uitbetalen.

De bekendmaking van de opzegging moet, om geldig te zijn, schriftelijk gebeuren met de vermelding van de begindatum en de duur van de opzeggingstermijn.

Indien de opzegging door de werknemer gegeven wordt, kan de bekendmaking gebeuren: —

door overhandiging van een brief aan de werkgever die dan een ontvangstbewijs daarvan ondertekent. De bekendmaking heeft onmiddellijk haar uitwerking; met een aangetekende brief. In dat geval heeft de bekendmaking pas uitwerking de derde werkdag

©

na de datum van verzending;

door middel van een gerechtsdeurwaardersexploot. De bekendmaking heeft onmiddellijk uitwerking bij overhandiging van het exploot door de deurwaarder.

Indien de opzegging door de werkgever gegeven wordt, kan de bekendmaking op straffe van nietigheid slechts gebeuren:

met een aangetekende brief. Die manier van bekendmaking heeft uitwerking de derde werkdag na de verzending;

met een gerechtsdeurwaardersexploot. Die manier van bekendmaking heeft onmiddellijk uitwerking bij overhandiging van het exploot door de deurwaarder.

De opzeggingstermijn begint te lopen de maandag volgend op de week waarin de opzegging haar uitwerking heeft.

THEMA 1

LEVEL 3

61


De opzeggingstermijn na een ontslag is de termijn die zowel door de werkgever als werknemer gerespecteerd moet worden om de arbeidsovereenkomst te beëindigen. De duur van de opzeggingstermijn is afhankelijk van: –

wie het ontslag geeft: de werkgever of werknemer,

de anciënniteit van de werknemer binnen de onderneming,

de aanvang van de arbeidsovereenkomst: voor of na 1 januari 2014. Ook voor arbeiders is de duur van de opzeggingstermijn een optelsom van twee delen.

De partij die de arbeidsovereenkomst beëindigt zonder dringende reden, zonder een opzeggingstermijn na te leven of met een ontoereikende opzeggingstermijn, moet de andere partij een opzeggingsvergoeding betalen (ook verbrekingsvergoeding genoemd). De opzeggingsvergoeding is gelijk aan het lopend loon worden of het resterende gedeelte ervan.

Action 1—

IN

dat overeenstemt met hetzij de duur van de opzeggingstermijn die normaal zou moeten in acht genomen

Wat doe je best (niet) na je ontslag?

Waarom beëindig je je arbeidsovereenkomst best niet met een onderling akkoord?

VA

a

N

Lees aandachtig het artikel.

b

Wat hoort er na een ontslag? Markeer: 

de do’s in het groen,

de don’ts in het rood.

5 dingen die je nooit mag doen na ontslag

©

‘Mensen vragen soms om hun contract in zogenaamd onderling akkoord te beëindigen. Dat ziet er mooier uit op papier, maar let op, het ontneemt je het recht op een werkloosheidsuitkering.’ Dat je je – voormalige – baas de huid best niet begint vol te schelden als je jouw ontslag hebt gekregen, spreekt voor zich. Maar er zijn ook enkele minder evidente zaken die je absoluut niet mag doen wanneer je je job verliest. Wij zochten voor jou de do’s en vooral de don’ts uit. Stribbel niet tegen ‘Je werkgever kan je contract op elk moment eenzijdig verbreken of opzeggen. Je kunt dus niet weigeren om ontslagen te worden en het heeft ook geen zin om het proces te proberen vertragen door je ontslagregeling niet te ondertekenen. Je handtekening is niet nodig om het contract te beëindigen’, weet Geert Vermeir, senior legal advisor bij SD Worx. ‘Uiteraard lees je elk document

62

THEMA 1

LEVEL 3

altijd best na vooraleer je tekent. Wil je graag controleren of de vermelde opzeggingstermijn of -vergoeding klopt, of wil je even nadenken vooraleer je ermee akkoord gaat, dan kun je daar wel wat tijd voor nemen. Maar dat vertraagt je ontslag niet. Weet ook dat je geen recht hebt op een vergoeding of opzegging als je een zware fout hebt begaan en ontslagen wordt om dringende reden.’


en voor volgend jaar. Ben je niet meer in dienst, dan kun je dat verlof niet meer opnemen. Je verworven vakantiedagen worden dus in centen omgezet. In de praktijk wil dat zeggen dat je een flinke som geld extra gestort krijgt, soms meer dan een volledig maandloon. Leuk, maar let daarmee op, want het is een voorschot op je vakantiegeld van volgend jaar! Dat wordt verrekend bij je nieuwe werkgever. Volgend jaar komt er dus een maand of misschien zelfs twee maanden waarin je bijna geen geld gestort zult krijgen, omdat je het vakantiegeld al ontvangen hebt. Zet die centen dus beter opzij.’

IN

Laat je niet afschrikken door het woord ‘ontslag’ ‘Veel mensen zien ertegen op om uit te leggen aan een potentieel nieuwe werkgever dat ze zijn ontslagen’, weet de juridisch adviseur. ‘Ze zijn bang dat het hun kansen om aangeworven te worden verkleint. Daarom vragen ze soms om het contract in zogenaamd onderling akkoord te beëindigen. Dat ziet er misschien mooier uit op papier, maar let op, het ontneemt je het recht op een werkloosheidsuitkering. Een uitkering is alleen bedoeld voor mensen die onvrijwillig werkloos zijn. Op die manier krijg je ook geen ontslagvergoeding, je stemt namelijk in met het einde van je arbeidsovereenkomst.’

Verbrand geen bruggen ‘Ontslagen worden is niet leuk, soms kan een ontslag zelfs traumatisch zijn. Maar probeer het toch te rationaliseren’, voegt de juridisch adviseur er nog aan toe. ‘Maak er geen drama van en verbrand geen bruggen. Want de kans is groot dat je je leidinggevende of je collega’s nog eens tegen het lijf loopt in de toekomst. De bedrijfswereld is klein. Als het ontslag correct is verlopen, dan is er geen reden waarom je niets meer voor elkaar zou kunnen betekenen.’

N

Vergeet je hospitalisatie- en groepsverzekering niet te regelen ‘Had je een hospitalisatieverzekering of groepsverzekering via je werkgever, vergeet dan niet dat die eindigt op de laatste dag van je arbeidsovereenkomst. Presteer je een opzegging, dan ben je verzekerd tot de laatste dag ervan. Heb je een verbrekingsvergoeding ontvangen, dan stoppen beide verzekeringen meteen. De verzekeraar neemt zelf contact met je op om je opties te verduidelijken. Je groepsverzekering kun je bijvoorbeeld overzetten naar een nieuwe werkgever of je kunt de gespaarde som laten staan bij je verzekeraar. Voor een hospitalisatieverzekering zijn er ook allerlei mogelijkheden, dus het is belangrijk om je goed te informeren en de beste keuze te maken voor jouw situatie.’

VA

Beschouw je vakantiegeld niet als leuk extraatje ‘Werk je als bediende? Dan krijg je bij je vertrek je zogenaamde vertrekvakantiegeld uitbetaald’, vervolgt Geert Vermeir. ‘Als bediende bouw je namelijk vakantierechten op voor het huidige jaar

Action 2—

Bron: demorgen.be, 2018-09-13

Kun jij de opzeggingstermijn bepalen?

Wanneer gaat de opzeggingstermijn in bij de onderstaande situaties? Een werknemer geeft op woensdag 7 april zijn ontslagbrief persoonlijk af aan de werkgever.

©

a

b

Een werkgever geeft op donderdag 21 oktober de ontslagbrief persoonlijk af aan de werknemer.

THEMA 1

LEVEL 3

63


c

De werknemer verstuurt op vrijdag 18 februari het ontslag via een aangetekende brief.

d

Een werkgever stuurt op dinsdag 3 maart een deurwaarder de baan op met de ontslagbrief. De deurwaarder overhandigt de ontslagbrief nog diezelfde dag.

IN

Action 3—

Hoelang duurt de opzeggingstermijn?

Surf via iDiddit naar een site met een handige tool.

2

Bereken aan de hand van de tool de opzeggingstermijn voor de onderstaande situaties.

3

Geef aan wanneer die ingaat. a

N

1

Lode is in dienst sinds 1 oktober 2016. De werkgever heeft hem ontslagen. De opzeggingstermijn start volgende maandag.

VA

b

Gunar is in dienst sinds 1 december 2018. Gunar heeft zelf zijn ontslag gegeven. De opzeggingstermijn

start volgende maandag.

c

Seval is in dienst sinds 1 september 2012. De werkgever heeft Seval ontslagen. De opzeggingstermijn start volgende maandag. Op 31 december 2013 was zij aan de slag als bediende en bedroeg haar bruto jaarloon 33 458,90 euro.

©

d

Jonas is in dienst sinds 1 april 2013. Jonas heeft zelf zijn ontslag gegeven. De opzeggingstermijn start volgende maandag. Op 31 december 2013 was hij aan de slag als arbeider en bedroeg zijn brutojaarloon 31 589,50 euro.

64

THEMA 1

LEVEL 3


BREAKING NEWS 1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

IN

CHECKLIST JA

1

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan de manieren waarop een arbeidsovereenkomst kan beëindigd worden toelichten.

3

BETER

Ik kan de geldigheidsvereisten voor de beëindiging van een arbeidsovereenkomst toelichten.

2

KAN

Ik kan het verstrijken van de opzeggingstermijn door

4

N

de opzegging van de werknemer toelichten.

Ik kan het verstrijken van de opzeggingstermijn door de opzegging van de werkgever toelichten.

5

Ik kan de duur van de opzeggingstermijn door de

VA

opzegging van de werknemer toelichten. 6

Ik kan de duur van de opzeggingstermijn door de opzegging van de werkgever toelichten.

Ik kan toelichten wat de hoogte van de opzeggingsvergoeding bepaalt.

©

7

THEMA 1

LEVEL 3

65


Begrippenlijst Thema 1 1

1

1

1

BEGRIP

VERKLARING

arbeider of

Een werknemer die hoofdzakelijk

werkman

handenarbeid verricht.

arbeids­

Een overeenkomst waarbij een werknemer

overeenkomst

zich verbindt tegen loon arbeid te verrichten

arbeids­

Dat reglement verzamelt de rechten en

reglement

plichten van werkgever en werknemers. Het

bediende

is een praktische vertaling van de afspraken

die in de arbeidsovereenkomst staan.

Een werknemer die hoofdzakelijk

bedrog

Een opzettelijke fout om schade toe

Een akkoord dat gesloten wordt tussen een

arbeids­

of meer werknemersorganisaties en een

overeenkomst

of meer werkgeversorganisaties of een of

(cao)

meer werkgevers en waarbij individuele en

VA

en werknemers in ondernemingen of in een bedrijfstak worden vastgesteld en

dat de rechten en verplichtingen van de contracterende partijen worden geregeld.

concurrentie-

Bij een concurrentiebeding verbindt een

beding

werknemer zich ertoe na zijn vertrek geen

66

THEMA 1

soortgelijke activiteiten uit te oefenen.

deeltijdse

Bij die overeenkomst verricht de

arbeids­

werknemer vrijwillig en regelmatig arbeid

overeenkomst

gedurende een kortere duur dan de normale

arbeidsduur die in de onderneming geldt.

Die werknemer verricht hoofdzakelijk

© 1

collectieve

collectieve betrekkingen tussen werkgevers

1

N

opzettelijke vernieling.

1

te brengen zoals diefstal, oplichting of

1

onder het gezag van een werkgever.

hoofdarbeid verricht. 1

IN JE EIGEN WOORDEN

IN

LEVEL

dienstbode

BEGRIPPENLIJST

handenarbeid van huishoudelijke aard (afwassen, strijken, poetsen ...) voor de

privébehoeften van de werkgever of zijn

gezin.


LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

flexi-job­

Dat is een overeenkomst waarbij een

arbeids­

werknemer zich verbindt een bijkomende

overeenkomst

job uit te oefenen voor een werkgever

terwijl hij al tewerkgesteld is bij een of

meerdere andere werkgevers ten belope van 4/5 van een voltijdse job. 1

gerechts­-

Dat is een schriftelijk document dat door

deur­waarders­

een gerechtsdeurwaarder wordt opgesteld.

zijn en voltijds werken onder een

minimum-

arbeidsovereenkomst hebben recht

maandinkomen

op een gewaarborgd gemiddeld

persoon niet zou begaan en die veelvuldig

lichte fout

begaan wordt.

Een werknemer die onder het gezag van

een werkgever en tegen loon, klanten zoekt

en bezoekt om zakelijke overeenkomsten te

onderhandelen en af te sluiten.

Dat is de minimale loonvoorwaarde die

VA

loonbarema

N

handels­

worden vastgelegd in collectieve

arbeidsovereenkomsten.

overeenkomst

Dat is een arbeidsovereenkomst die de

van bepaalde

aanduiding bevat van een bepaalde dag of

duur

tijdsduur.

overeenkomst

Een overeenkomst waarbij er qua duur niets

van on­-

is vermeld.

©

bepaalde duur

1

Dat is een fout die een normaal aandachtige

geldt in een bepaalde sector. Barema’s

1

voorkomende

woordiger

1

gewoonlijk

vertegen­

1

gemiddeld

waaronder ze vallen.

1

Werknemers die minstens 21 jaar

bedrijfstak waarin en het paritaire comité

1

gewaarborgd

minimummaandinkomen, ongeacht de

1

IN

exploot 1

IN JE EIGEN WOORDEN

overeenkomst

In die arbeidsovereenkomst wordt niet de

voor een

duur maar wel het exact uit te voeren werk

bepaald werk

nauwkeurig omschreven.

overeenkomst

Dat is een arbeidsovereenkomst gesloten

voor

tussen een student en een werkgever

tewerkstelling

waardoor de student zich verbindt tegen

van studenten

loon arbeid te verrichten onder het gezag

van een werkgever.

THEMA 1

BEGRIPPENLIJST

67


LEVEL 1

1

BEGRIP

VERKLARING

voltijdse

Bij die overeenkomst geldt de normale

arbeids­

(wekelijkse) arbeidsduur van die

overeenkomst

onderneming.

zware fout

Een fout die zo groot en buitensporig van

aard is dat ze onvergeeflijk is voor diegene

1

zwartwerk

Dat is de situatie wanneer iemand arbeid

2

2

dubbel

Dat is een opslag boven op het enkel

vakantiegeld

vakantiegeld.

economische

Dat is een oplossing die toelaat om

werkloosheid

– voornamelijk – arbeiders in dienst te

IN

2

arbeidsovereenkomst bestaat.

houden als er tijdelijk minder werk is.

enkel

Dat is het loon voor de wettelijke

vakantiegeld

vakantiedagen.

gewaarborgd

Dat is het loon waarop een medewerker

loon

gedurende een bepaalde periode recht

mutualiteit

kan werken.

Dat is een synoniem voor ziekenfonds of

VA primaire

Dat is het eerste jaar van de

arbeids-

arbeidsongeschiktheid.

ongeschiktheid

2

schorsing

Dat is een tijdelijke onderbreking.

2

vakantie-

Dat is het jaar waarin arbeid wordt

dienstjaar

gepresteerd en dat recht geeft op dagen

anciënniteit

©

3

68

heeft als hij door ziekte of een ongeval niet

ziekenkas.

2

N

2

die de fout begaat.

verricht tegen betaling zonder dat er een

2

IN JE EIGEN WOORDEN

THEMA 1

BEGRIPPENLIJST

vakantie en vakantiegeld het jaar nadien.

Dat is de periode waarin een medewerker

bij dezelfde werkgever in dienst is – zónder beëindiging van de arbeidsovereenkomst.


LEVEL 3

BEGRIP

VERKLARING

IN JE EIGEN WOORDEN

(ontslag

Dat is een ernstige fout die elke verdere

omwille van)

professionele samenwerking tussen de

dringende

werkgever en de werknemer onmiddellijk

reden

en definitief onmogelijk maakt.

bv. diefstal, verduistering, mishandeling of een grove belediging, schending van bedrijfsgeheimen, werkweigering zonder

goede reden

3

eenheids­

Het eenheidsstatuut is een Belgische wet

statuut

die de ongelijkheid tussen arbeiders en bedienden moet wegwerken.

ontbindende

Dat is een bepaling van een evenement

voorwaarde

of voorwaarde die is opgenomen in de

overeenkomst. Wanneer dat evenement

plaatsvindt, of wanneer aan de voorwaarde

voldaan is, eindigt de arbeidsovereenkomst van rechtswege. ontslag door

De werkgever of de werknemer kan kiezen

opzegging

om een opzegging te geven waarbij de

N

3

IN

3

arbeidsovereenkomst verder uitgevoerd

wordt.

3

opzeggings-

De partij die de arbeidsovereenkomst

beëindigt zonder dringende reden, zonder

een ontoereikende opzeggingstermijn, moet

de andere partij een opzeggingsvergoeding betalen.

werkdag

Alle dagen van de week behalve zon- en feestdagen

©

3

een opzeggingstermijn na te leven of met

VA

vergoeding

THEMA 1

BEGRIPPENLIJST

69


N

THEMA

IN

2

©

VA

Logistiek en supply chain management


IN

LEVEL

p. 95

©

VA

N

2

Wat is het belang van voorraden?

LEVEL

1

Wat is het belang van supply chain management?

p. 72


LEVEL 1 Wat is het belang van supply chain management?

Ga naar iDiddit en bekijk de filmpjes. Wat is er in het Suezkanaal gebeurd?

b

Wat wordt er zoal vervoerd via het Suezkanaal?

c

Welk gevolg heeft een dergelijke blokkage voor de wereldhandel? Leg uit.

N

a

©

VA

1

IN

INTRO

2

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat is het belang van supply chain management?

72

THEMA 2

LEVEL 1


Explore 1— Wat is het verschil tussen logistiek management en supply chain management?

Verschil tussen logistiek en supply chain management Logistiek zorgt ervoor dat de juiste goederen en diensten op de juiste plaats, op het juiste tijdstip en in de gewenste staat worden verzonden en afgeleverd en dat tegen zo laag mogelijke kosten. Een succesvolle bedrijfsresultaat.

IN

integratie van de goederen-, de informatie- en de geldstroom leidt tot optimale kansen op verbetering van het

Logistiek management beperkt zich tot de optimalisatie van de eigen logistieke keten binnen een onderneming. Supply chain management overstijgt dat niveau en betreft de gehele keten van grondstof tot eindconsument. Bij supply chain management is er een integratie van drie belangrijke stromen, tussen de verschillende stadia van de hele keten, over de grenzen van de ondernemingen heen: —

de goederenstroom,

de geldstroom,

de informatiestroom.

N

Leden van de supply chain zijn partners die met elkaar zijn verbonden via zowel fysieke goederenstromen als geldstromen als informatiestromen. De samenwerking tussen de leden van de supply chain is gericht op waardecreatie voor de eindconsument alsook op kostenreductie.

Logistiek gaat vooral om de actuele situatie: hoe groot is de voorraad, welke bestellingen staan er open bij klanten en leveranciers? Supply chain management houdt daarbovenop ook rekening met de planning

VA

(geplande voorraden) en voorspellingen op korte en middellange termijn zodat de onderneming bijvoorbeeld tijdig de productieorders of de aankoop van grondstoffen kan bijsturen. Lees de volgende tekst.

The supply chain is the interconnected journey that raw materials, components, and goods take before their assembly and sale to customers. A supply chain is made up of interconnected parts of a whole, all of which add up to finished products bought by customers. Take automobiles, for example. Before a consumer buys a car, iron ore is extracted from the earth. The ore is transported to a plant, where it’s turned into steel, which is made into the chassis of the automobile. To make the car, various components—from engines to batteries, electrical components, rubber tires, a metal body, and paint—are assembled. Once the car is made, it’s sold in a retail setting to the end consumer. Here’s a good illustration of several types of supply chain stakeholders: – producers, who make or grow the raw materials for goods – vendors, who buy and sell materials – manufacturers, who turn materials into goods – transporters, or logistics providers, who move those goods around the world – supply chain managers, who ensure that operations run smoothly in everything from planning, to sourcing raw materials, manufacturing, delivery, and returns – retailers, who sell goods either online or in physical stores – consumers, who buy and use those goods and services

©

1

Bron: www.mckinsey.com

THEMA 2

LEVEL 1

73


2

Omschrijf in je eigen woorden het begrip ‘‘supply chain’.

Explore 2— Wat is het verband tussen de waardeketen van Porter en

IN

de logistieke keten?

Waardeketen van Porter

Michael Porter ontwikkelde een model dat de verschillende activiteiten binnen een organisatie analyseert. Dat model, de waardeketen van Porter, helpt nagaan hoe de onderneming waarde creëert voor en levert aan haar klanten. De waardeketen bestaat uit vijf primaire en vier ondersteunende activiteiten.

N

Schema 1: Waardeketen van Porter

Infrastructuur bedrijf

Personeelsmanagement

st

Win

Secundaire (of ondersteunende) activiteiten

Research & Development

Productie

Uitgaande logistiek

Marketing & Aftersales sales

st

Inkomende logistiek

Win

VA

Inkoop (procurement)

Primaire activiteiten

Primaire activiteiten

Inkomende logistiek: dat zijn de activiteiten die nodig zijn om grondstoffen en materialen te ontvangen, op

©

te slaan en te verdelen naar de verschillende afdelingen van de onderneming.

Productie: dat zijn de activiteiten die nodig zijn om grondstoffen en materialen om te zetten naar afgewerkte producten en diensten.

Uitgaande logistiek: dat zijn activiteiten die de afgewerkte producten opslaan en verdelen naar de klanten.

Marketing en verkoop: dat zijn de activiteiten die de producten of diensten promoten bij en verkopen aan de klanten.

Aftersales of services: dat zijn de activiteiten die ervoor zorgen dat de onderneming een goede klantenservice kan bieden.

74

THEMA 2

LEVEL 1


Ondersteunende activiteiten —

Infrastructuur van het bedrijf: dat is de bovenste bestuurslaag van de onderneming. Het betreft hier de beslissingen die onder andere de CEO en de financieel directeur nemen. Ook de strategische planning valt daaronder.

Personeelsmanagement of humanresourcesmanagement: dat zijn de activiteiten zoals aanwerving van mensen, opleiding en opvolging van personeel.

Research and development of technologische ontwikkeling: dat zijn de activiteiten die bijdragen tot nieuwe producten of productontwikkeling, procesontwikkeling en procesverbetering, marktonderzoek.

Inkoop (procurement): dat is het proces van aankoop van grondstoffen, halfafgewerkte en afgewerkte producten. Dit proces hangt nauw samen met de inkomende logistiek.

IN

De logistieke keten verwijst naar inkoop, productie, distributie en transport, retourlogistiek en voorraadbeheer. Distributie en transport kun je zien als uitgaande logistiek. Retourlogistiek betekent dat goederen die stuk of afgeschreven zijn, opgehaald worden en terug naar de onderneming komen waar ze verwerkt worden. Ze kunnen als afval gesorteerd en gerecycleerd worden of gewoon hersteld en / of hergebruikt worden. Voorraadbeheer is het beheren van de voorraad. Er moet gepland worden wanneer welke grondstoffen

ingekocht moeten worden om te produceren of wanneer er geproduceerd moet worden om de voorraad

afgewerkte producten op peil te houden om aan de klantvraag te voldoen. Je merkt al dat de logistieke keten doorheen de activiteiten van de waardeketen van Porter loopt.

Een onderdeel van de logistieke keten en dus ook van supply chain management is de inkoop. De inkoop

moet niet alleen grondstoffen, halfafgewerkte of afgewerkte producten, maar ook materialen tijdig aankopen.

N

Enerzijds moeten grondstoffen, materialen en halffabricaten tijdig aangekocht worden zodat de productie kan blijven draaien – de productie mag niet stilvallen –, anderzijds moeten ook afgewerkte producten tijdig aangekocht worden. Zo moet bijvoorbeeld een handelsonderneming ervoor zorgen dat haar producten in de winkel voorradig zijn.

Wanneer de inkoopafdeling goed plant en met de productieafdeling overlegt, kan ze voorkomen dat er te veel

VA

voorraad is en kan ze de voorraadkosten minimaliseren. Wanneer de inkoopafdeling goede relaties met de leveranciers opbouwt, zullen die leveranciers ook flexibeler zijn en sneller willen inspelen op vragen. Op welke manier zijn marketing, verkoop en de logistieke keten met elkaar verbonden?

2

Hoe zijn productie, verkoop en de logistieke keten met elkaar verbonden?

©

1

THEMA 2

LEVEL 1

75


3

Lees de onderstaande case. Markeer: a

de primaire activiteiten en afdelingen in het groen,

b

de secundaire activiteiten en afdelingen in het rood.

Hoe alles met elkaar verbonden is

N

IN

Met je klas richt je een minionderneming op. In die minionderneming zijn er verschillende afdelingen en dus ook verschillende functies en taken. Elke leerling krijgt een functie in een bepaalde afdeling. Na overleg besluiten jullie om op de speelplaats wafels te verkopen. Aangezien je wilt vermijden dat er te veel onverkochte voorraad is, zal de verkoopafdeling een marktonderzoek uitvoeren. Ze stuurt een enquête uit naar de leerlingen. Na analyse van de onderzoeksresultaten blijkt dat er wellicht 350 leerlingen een wafel zullen kopen. De verkoopafdeling overlegt met de inkoop- en productieafdeling hoeveel ingrediënten de inkopers in dat geval moeten aankopen. De inkoopafdeling plaatst de bestelling bij de leverancier en gaat die later ook bij de leverancier ophalen. Vervolgens worden de ingrediënten aan de productieafdeling bezorgd en kan de productie van de wafels van start gaan. Wanneer de wafels gebakken zijn, worden ze door de verkoopafdeling verpakt.

VA

Explore 3— Welke fasen zijn er in het inkoopproces?

Fasen inkoopproces

De inkoop heeft de laatste jaren meer aandacht gekregen in de supply chain. Inkoop of procurement omvat een resem handelingen die noodzakelijk zijn om goederen en diensten te verkrijgen. Het inkoopteam moet zorgen dat het inputs (bv. grondstoffen of halfafgewerkte producten) kan aanschaffen tegen zeer scherpe prijzen. Wanneer de inkoop efficiënt kan werken, stijgt de winstgevendheid. Fasen inkoopproces

Fase 1: Identificeren of specifiëren van de benodigde goederen en diensten

©

De inkoopafdeling gaat na of ze nieuwe producten of onderdelen moet bestellen en controleert of de voorraad van bestelde producten moet aangevuld worden. Ze gaat dus voor de hele onderneming na wat er nodig is. Fase 2: Indienen van een aanvraag Wanneer de inkoopafdeling een grote hoeveelheid moet bestellen, moet ze een formele aanvraag indienen waarin ze onder andere duidt wat en hoeveel er moet besteld worden, hoeveel de kosten bedragen en wat de levertermijn is. De verantwoordelijke inkoopmanager of de boekhoudafdeling zal die aanvraag vervolgens goedkeuren of afkeuren. Fase 3: Evalueren en selecteren van leveranciers De inkoper gaat op zoek naar mogelijke leveranciers en vraagt een prijsofferte. Vervolgens vergelijkt de inkoper die offertes. Hij houdt daarbij niet alleen rekening met de prijs, maar ook met de levertermijn en de betrouwbaarheid van de leverancier.

76

THEMA 2

LEVEL 1


Fase 4: Onderhandelen De inkopers onderhandelen met de leveranciers, niet alleen over een goede prijs, maar ook over bijvoorbeeld de levertermijn en de betalingstermijn. Fase 5: Plaatsen van een aankooporder Wanneer de inkoopafdeling goede voorwaarden verkrijgt, plaatst ze een bestelling. Fase 6: Controleren van goederen Bij de levering wordt het aantal goederen en de staat van de goederen gecontroleerd. Dat gebeurt vaak al in het magazijn of door de logistieke afdeling die daarvoor contact opneemt met de inkoop. Er wordt ook een controle uitgevoerd aan de hand van documenten. De bestelling moet overeenkomen met de offerte en met de

Fase 7: Controleren van de factuur en betaling

IN

leveringsbon. Wanneer de factuur bijgevoegd is, kan dat ook aan de hand van de factuur gecontroleerd worden.

Wanneer de gegevens van de factuur overeenkomen met de leveringsbon en de bestelbon, zal de onderneming de factuur betalen. Niveaus inkoop

De inkoop kan op verschillende niveaus gebeuren. Het niveau van de strategische inkoop houdt rechtstreeks verband met de bedrijfsstrategie en richt zich op langetermijninkopen. Strategische inkoop verzekert de

tijdige levering van goederen en diensten die de onderneming nodig heeft om haar kerndoelen te bereiken.

Strategische inkoop kijkt verder dan louter kostenbesparende maatregelen maar focust op het laagste risico

N

voor de supply chain en kijkt naar toekomstige behoeften en de goede relaties met leveranciers. Er wordt effectief een beleid uitgeschreven met haalbare inkoopdoelstellingen.

Tactische inkoop heeft te maken de kortetermijnbehoeften. Op het niveau van de tactische inkoop is er onder andere onderzoek naar en evaluatie van de leveranciers. De tactische inkoop richt zich op de behoefte van de

VA

afdeling of de productie en voorziet de processen in de onderneming van de juiste goederen en diensten. De effectieve uitvoering, controle en betaling van de bestelling bevinden zich op het niveau van de operationele inkoop. Ook planning en voorraadbeheer zitten op dat inkoopniveau. Ondersteunende activiteiten scheppen de juiste voorwaarden om de inkoop te optimaliseren. Daartoe behoren: —

informatie opzoeken en verspreiden over leveranciers,

online leveranciers zoeken,

online bestellingen plaatsen.

©

Schema 2: Inkoopniveaus

Identificeren

Strategische inkoop

Tactische inkoop

Indienen aanvraag

Evalueren en selecteren leverancier

Operationele inkoop

Onderhandelen

Plaatsen aankooporder

Controleren goederen

Controleren factuur en betaling

THEMA 2

LEVEL 1

77


Inkooporganisatie Centrale inkooporganisatie betekent dat de inkoop centraal gebeurt op het niveau van het hoofdkantoor. Dat heeft een aantal voordelen zoals: —

schaalvoordelen,

meer gestandaardiseerde processen,

een specifiek team dat alle inkopen doet,

centrale beschikbaarheid van data en informatie.

Centrale inkooporganisatie heeft ook een aantal nadelen. Het is inefficiënt wanneer de onderneming te groot wordt.

De informatie over lokale vereisten in bijvoorbeeld andere businessunits kan verkeerd zijn.

De levering van goederen aan eindgebruikers kan vertraging oplopen.

IN

Decentrale inkooporganisatie betekent dat de inkoop in de verschillende businessunits gebeurt, of per

geografische unit. De inkoop kan dus over meerdere landen en / of locaties verspreid worden. Voor grote, multinationale ondernemingen is decentrale inkoop beter.

Een hybride inkooporganisatie vertoont kenmerken van zowel centraal als decentraal. 1

N

Gebeurt de inkoop in de onderstaande voorbeelden centraal of decentraal? Kruis aan.

Colruyt Halle krijgt de verkoop in alle Colruytwinkels doorgeseind

via het scannen aan de kassa. Zo weet Colruyt welke producten er nodig zijn. Als de voorraad in het distributiecentrum in Halle bijna

op is, zal Colruyt Halle bijbestellen zodat alle winkels tijdig beleverd

VA

kunnen worden.

Carrefour in Maaseik doet wekelijks zelf de bijbestelling voor het fruit.

Wanneer de winkels in het outletcentrum Maasmechelen Village met Kerstmis versierd worden, zal de inkoopafdeling van Maasmechelen Village de aankoop plaatsen voor het materiaal nodig voor alle winkels.

2

Lees de onderstaande voorbeelden.

Tot welke fase van het inkoopproces behoort de activiteit?

b

Tot welk niveau van inkoop behoort de activiteit?

©

a

A

A.S.Adventure.edu onderzoekt hoeveel tenten ze voor het zomerseizoen moet aankopen. Fase: Niveau:

78

THEMA 2

LEVEL 1

CENTRAAL

DECENTRAAL


B Eline De Munck zoekt nieuwe partners voor de aanlevering van de brilmonturen. Ze hoopt de brilmonturen in Europa aan te kopen. Zo kan ze bottlenecks vermijden en zal de toelevering geen hinder ondervinden van een eventuele pandemie of een handelsoorlog. Fase:

IN

Niveau:

C

De monturen worden geleverd bij Odette Lunettes. Een medewerker controleert de aantallen en de kwaliteit. Fase:

N

Niveau:

VA

Explore 4— Wat houdt productielogistiek in?

Productielogistiek

Productielogistiek situeert zich tussen inkooplogistiek en distributielogistiek en beheert en controleert alle voorraden en bewegingen op de productiesite. Ze zorgt voor een efficiënte flow van materialen doorheen de hele waardeketen. Dat betekent zowel de opslag en flow van grondstoffen, materialen en hulpstoffen als de productie en de opslag van afgewerkte producten. Grondvormen van productie

Divergente productie is de productie waarbij van een product meerdere producten gemaakt worden. Zo kunnen van een grondstof meerdere eindproducten gemaakt worden.

©

Convergente productie is productie waarbij meerdere producten tot één product worden samengesteld, of met andere woorden, van meerdere halffabricaten wordt één product gemaakt. Parallelle productie is het productieproces waarbij verschillende producten tegelijkertijd worden vervaardigd, maar waarbij elk product een aparte productiestroom volgt. Het is een benadering waarbij meerdere productielijnen of productie-eenheden parallel worden gebruikt om de totale productiecapaciteit te vergroten of om verschillende producten gelijktijdig te produceren. De productieactiviteiten zijn verdeeld over meerdere gelijktijdige stromen, elk gericht op de vervaardiging van een specifiek product of productvariant. Elke productiestroom kan een eigen set van machines, gereedschappen en arbeidskrachten hebben, en elk product volgt zijn eigen unieke productieproces.

THEMA 2

LEVEL 1

79


Serieproductie, ook wel gekend als seriële productie of seriefabricage, is het productieproces waarbij identieke producten in opeenvolgende reeksen of series worden vervaardigd. Het proces is gericht op de productie van grote hoeveelheden van producten met dezelfde specificaties en kenmerken. Bij serieproductie worden de productieactiviteiten gestandaardiseerd en geoptimaliseerd om efficiëntie en kostenbesparingen te realiseren. Dat wordt vaak bereikt door geautomatiseerde machines en assemblagelijnen te gebruiken. De productie kan worden opgesplitst in verschillende stappen of bewerkingen, waarbij elk product door dezelfde reeks stappen gaat. Mass customisation is eigenlijk een vorm van maatwerk maar dan op grote schaal. Bij massaproductie wordt een product op grote schaal geproduceerd en klanten kunnen dat ene product kopen. Dankzij mass customisation kan elke klant zijn eigen unieke behoefte bevredigen. Hoewel de producten op grote schaal geproduceerd worden, kan de klant toch nog een aanpassing aan het product doen. Het komt vaak neer op het

IN

werken met modules waarbij de klant dan een samenstelling kan doen aan de hand van die modules. Om alles in goede banen te leiden gebruikt een onderneming vaak een ERP-pakket. ERP staat voor enterprise resource planning. Dat is een geïntegreerd softwaresysteem om verschillende bedrijfsprocessen binnen een

organisatie te beheren en te stroomlijnen. Het is een uitgebreid systeem dat verschillende functionele gebieden

van een organisatie integreert zoals financiën, boekhouding, voorraadbeheer, productie, inkoop, verkoop, human resources en meer. Het doel van een ERP-systeem is om de efficiëntie en effectiviteit van bedrijfsprocessen

te verbeteren door gegevens en informatie centraal te beheren en te delen tussen verschillende afdelingen en functies. Het biedt een gestandaardiseerde en geïntegreerde aanpak, waarbij de gegevens slechts één keer hoeven te worden ingevoerd en vervolgens beschikbaar zijn voor alle relevante afdelingen.

A

N

Over welke grondvorm van productie gaat het?

VA

een krantenpers

B

©

auto-industrie

C

Danone gebruikt melk en maakt daarvan yoghurt, melkpoeder en boter.

80

THEMA 2

LEVEL 1


Explore 5— Welke zijn de mogelijke distributiekanalen?

Distributiekanalen Er zijn heel wat actoren in een supply chain. Vaak begint een supply chain met de oerpoducenten. Dat zijn de producenten van ruwe materialen of grondstoffen. Denk maar aan de landbouw, ijzerertsontginning en de visserij. In de meeste gevallen leveren de oerproducenten aan industriële ondernemingen, minder vaak leveren ze rechtstreeks aan een consument. Denk maar aan de aardbeien- of aspergeplantage die langs de weg met een kraampje rechtstreeks aan de consument verkoopt. In de meeste gevallen is het echter niet mogelijk om

IN

het product direct aan de klant te leveren. Zo moet ijzererts eerst gesmolten worden tot ruw ijzer vooraleer de volgende producenten er andere bewerkingen mee kunnen doen. De oerproducent levert dus aan industriële ondernemingen en is daarmee een toeleverancier.

Er zijn meerdere soorten toeleveranciers. De producenten van de eindproducten of de afgewerkte producten die uiteindelijk bestemd zijn voor de consument, worden ook wel original equipment manufacturers (OEM) genoemd.

Daarvoor, in de supply chain, kun je de volgende soorten toeleveranciers onderscheiden.

Tier 1 supplier of first tier supplier: dat is de directe leverancier van de producent van het eindproduct.

Tier 2 supplier of second tier supplier: dat is de leverancier van de tier 1 suppliers.

Material supplier: dat is de leverancier van materialen.

N

Schema 3: Actoren in de supply chain

VA

Oerproducenten en toeleveranciers

Material supplier

Tier 2 supplier

Material supplier

Fabrikanten

Tier 1 supplier

Material supplier

Tier 2 supplier

Material supplier

Original equipment manufacturer

Groothandelaars

©

Material supplier

Tier 2 supplier

Material supplier

Detaillisten

Tier 1 supplier Material supplier Tier 2 supplier Material supplier

Consumenten

THEMA 2

LEVEL 1

81


In de distributie kun je collecterende handelaars en distribuerende handelaars onderscheiden. Collecterende handelaars bevinden zich aan het begin van de keten en verzamelen de grondstoffen en

halfafgewerkte producten en sturen die naar de OEM. In schema 3 zijn dat dus de material suppliers en de tier 1 en tier 2 suppliers. Distribuerende handelaars verdelen de afgewerkte producten tot bij de eindconsument. In schema 3 zijn

dat de groothandelaars en kleinhandelaars. Er is ook nog een onderscheid tussen directe distributie en indirecte distributie. Bij directe distributie gaat het product rechtstreeks van de producent naar de consument. Denk aan

het voorbeeld van de aardbeien- of aspergeboer. Dankzij de mogelijkheden van het internet en van e-commerce kunnen producenten rechtstreeks met consumenten in contact komen waardoor directe

IN

distributie de laatste jaren een sterke opmars kende. Bij indirecte distributie is er in het distributiekanaal minstens één distributeur die als tussenschakel tussen

producent en eindconsument dient. Door die distributeur wordt het aantal contacten sterk gereduceerd waardoor het ruilproces tussen producent en eindconsument zowel commercieel, administratief als logistiek efficiënter en goedkoper verloopt.

Schema 5: Indirecte distributie

Schema 4: Directe distributie

P

P

P

P

C

C

P

P

C

C

P

P

C

C

P

P

D

N

P

VA

P

1

D

C

C

C

C

C

C

Lees het onderstaande voorbeeld. Markeer: a

de tier 1 supplier in het rood,

b

de tier 2 supplier in het groen,

c

de material supplier in het blauw.

Een onderneming verkoopt sportkleding. Laten we voor de eenvoud even een T-shirt als voorbeeld nemen. Onderneming A produceert het T-shirt. Onderneming A krijgt de geweven stoffen van

©

onderneming B, de weverij. Onderneming B koopt zijn katoen van onderneming C, de katoenplantage.

2

82

THEMA 2

Een meubelzaak verkoopt Italiaanse leren salons van het merk Divani Divini. a

Wat is een mogelijke tier 1 supplier?

b

Wat is een mogelijke tier 2 supplier?

c

Wat is een mogelijke material supplier?

LEVEL 1


Explore 6— Welke soorten magazijnen kun je onderscheiden?

Soorten magazijnen Er bestaan veel soorten magazijnen en bijgevolg ook verschillende definities van die soorten magazijnen. Dit zijn de bekendste soorten: een distributiecentrum of distributiemagazijn

Vaak hebben de schakels in de supply chain een eigen distributiecentrum dat dient om de afnemers Colruytwinkels bevoorraad worden. een bevoorradings- of productiemagazijn

IN

te bevoorraden. Een bekend voorbeeld is het distributiecentrum van Colruyt in Halle van waaruit de

Hier worden diverse goederen opgeslagen die nodig zijn voor de productie van een artikel. Denk daarbij aan grondstoffen, onderdelen, componenten of halfafgewerkte producten. een transit- of crossdockmagazijn

In dat type magazijnen worden de goederen slechts tijdelijk – enkel uren tot maximaal twee dagen –

opgeslagen, tot ze aan de klant of een ander magazijn geleverd worden. In dit magazijn worden er geen nieuwe handelingen met het product uitgevoerd. Ondernemingen met veel e-commerce maken vaak

N

gebruik van transitmagazijnen. een groupagecentrum

Hier worden zendingen gegroepeerd om dan naar één klant te versturen. een public warehouse

VA

In een public warehouse kunnen ondernemingen die zelf geen logistieke activiteiten uitvoeren of zelf geen magazijn hebben, hun goederen stockeren. Zo een public warehouse wordt dan uitgebaat door een logistieke speler die de magazijnactiviteiten op zich neemt en vaak ook de transporten regelt.

Hieronder vind je enkele schematische weergaven van magazijnen. Over welk soort magazijn zou het hier kunnen gaan? Gebruik eventueel het internet.

A

©

Coca-Cola

Colruyt Oostende

PepsiCo

B

Procter & Gamble

Dupont

Procter & Gamble

Essers

Colruyt Halle

Colruyt Hasselt

BASF

klanten Dupont

Colruyt Wetteren

klanten BASF

klanten Procter & Gamble

THEMA 2

LEVEL 1

83


C Goederen van België voor Italië, Spanje en Frankrijk

Goederen van Nederland voor Italië, Spanje en Frankrijk

Goederen van Nederland, België en Denemarken voor Italië

Goederen van Nederland, België en Denemarken voor Spanje Goederen van Denemarken voor Italië, Spanje en Frankrijk

IN

HUB in Duitsland

Goederen van Nederland, België en Denemarken voor Frankrijk

N

D

VA

Explore 7— Wat zijn de vraagvoorspelling en het bestelpunt?

Vraagvoorspelling en bestelpunt Om de voorraden goed te kunnen plannen en om tijdig aan te kopen, moet de onderneming proberen de vraag naar het product te voorspellen. De onderneming moet dus nadenken wat de klant in de toekomst nodig zal hebben.

Op korte termijn is een voorspelling nodig om het aantal personeelsleden of de personeelsbezetting in te schatten en om de productie en het transport op korte termijn te plannen. Op middellange termijn dient een

©

inschatting van de vraag om te bepalen of de onderneming personeel moet aanwerven of ontslaan. Een inschatting van de vraag helpt de onderneming ook om een voorspelling te doen van de aankoop van grondstoffen. Op lange termijn is het natuurlijk moeilijker om een voorspelling te doen. De beslissingen die zullen genomen worden op lange termijn, zijn ook strategische beslissingen die het topmanagement zal nemen. Voorbeelden zijn budgettering en financiële planning, planning van capaciteit met de vraag of er moet bijgebouwd worden enz. Om de vraag te voorspellen moeten verkooptrends en consumententrends geanalyseerd worden. Daarvoor gebruiken ondernemingen statistische modellen. Wanneer de onderneming erin slaagt de vraag goed te voorspellen, vermijdt ze dat ze te grote voorraden heeft, en dus hogere kosten en bijgevolg minder winst. Wanneer de vraag van de consument goed voorspeld en dus gepland kan worden, zullen er geen ‘neen-verkopen’ zijn en dat verhoogt de klanttevredenheid. De klant krijgt immers tijdige en volledige leveringen. Wanneer de vraag en dus de voorraad goed gepland is, zal de voorraad ook minder snel verouderen.

84

THEMA 2

LEVEL 1


Om de vraag te voorspellen zal de onderneming verschillende factoren moeten onderzoeken. —

Wat zijn de verkoopgegevens per verkoopkanaal?

Waar in de productlevenscyclus bevindt het product zich? Groeit de verkoop van het product nog sterk, of is de vraag aan het afkalven?

Hoe vaak wordt de voorraad verkocht?

Hoelang duurt het om een product te produceren?

Is er veel of vaak verouderde voorraad?

Hoe vaak valt de onderneming zonder voorraad en kunnen de klanten hun product niet tijdig ontvangen?

Zijn er verschuivingen in de markt?

Er zijn verschillende methoden en technieken die worden gebruikt voor vraagvoorspelling: Historische gegevensanalyse gebruikt historische verkoopgegevens om trends, seizoensgebonden

IN

patronen en andere patronen in de vraag te identificeren. —

Statistische modellen gebruiken wiskundige formules en historische gegevens.

Marktonderzoek helpt om inzicht te krijgen in de behoeften, voorkeuren en het koopgedrag van consumenten.

1

Een onderneming wil een vraagvoorspelling voor een bepaald product doen om de voorraad efficiënt te

beheren. De historische verkoopgegevens van het product over de afgelopen 12 maanden laten de volgende maandelijkse verkoopaantallen zien: 120, 130, 110, 140, 150, 120, 130, 110, 140, 150, 125, 135. Bereken de gemiddelde vraag en de standaardafwijking van de vraag.

N

Doorheen het jaar moet een onderneming grotere voorraden inkopen. Geef een voorbeeld.

VA

2

TO THE POINT

Logistiek en supply chain management

Logistiek zorgt ervoor dat de juiste goederen en diensten op de juiste plaats, op het juiste tijdstip en in

©

de gewenste staat worden verzonden en afgeleverd en dat tegen zo laag mogelijke kosten. Supply chain management overstijgt dat niveau en betreft de gehele keten van grondstof tot eindconsument. Bij supply chain management is er een integratie van drie belangrijke stromen, tussen de verschillende stadia van de hele keten, over de grenzen van de ondernemingen heen:

de goederenstroom,

de geldstroom,

de informatiestroom.

De waardeketen van Porter De waardeketen van Porter laat toe de verschillende activiteiten binnen een organisatie te analyseren om zo na te gaan hoe waarde wordt gecreëerd en geleverd aan klanten.

THEMA 2

LEVEL 1

85


De waardeketen van Porter bestaat uit vijf primaire en vier ondersteunende activiteiten. Infrastructuur bedrijf Personeelsmanagement

Win

Research & Development

st

Secundaire (of ondersteunende) activiteiten

Marketing & Aftersales sales

Win

Uitgaande logistiek

Productie

IN

Inkomende logistiek

st

Inkoop (procurement)

Primaire activiteiten

De logistieke keten verwijst naar inkoop, productie, distributie en transport, retourlogistiek en

voorraadbeheer. Distributie en transport kun je zien als uitgaande logistiek. Voorraadbeheer is het beheren van de voorraad. Distributiekanalen

N

Vaak begint een supply chain met de oerpoducenten. Dat zijn de producenten van ruwe materialen of grondstoffen. In de meeste gevallen leveren de oerproducenten aan industriële ondernemingen en zijn ze dus een toeleverancier.

Er zijn meerdere soorten toeleveranciers. De producenten van de eindproducten of de afgewerkte producten die uiteindelijk bestemd zijn voor de consument, worden ook wel original equipment

VA

manufacturers (OEM) genoemd.

Daarvoor, in de supply chain, kun je de volgende soorten toeleveranciers onderscheiden:

Tier 1 supplier of first tier supplier: dat is de directe leverancier van de producent van het

eindproduct.

Tier 2 supplier of second tier supplier: dat is de leverancier van de tier 1 suppliers.

Material supplier: dat is de leverancier van materialen. —

Collecterende handelaars bevinden zich aan het begin van de keten en verzamelen de grondstoffen en halfafgewerkte producten en sturen die naar de OEM.

Distribuerende handelaars verdelen de afgewerkte producten tot bij de eindconsument.

Soorten magazijnen

Een distributiecentrum of distributiemagazijn

Een bevoorradings- of productiemagazijn

Een transit- of crossdockmagazijn

Een groupagecentrum

Een public warehouse

©

Inkooplogistiek

Inkoop of procurement omvat een resem handelingen die noodzakelijk zijn om goederen en diensten te verkrijgen.

86

THEMA 2

LEVEL 1


Fasen inkoopproces Het inkoopproces bestaat uit verschillende fasen. Fase 1: Identificeren of specifiëren van de benodigde goederen en diensten Fase 2: Indienen van een aanvraag Fase 3: Evalueren en selecteren van leveranciers Fase 4: Onderhandelen Fase 5: Plaatsen van een aankooporder Fase 6: Controleren van goederen Fase 7: Controleren van factuur en betaling Niveaus inkoop Strategische inkoop is de link met de bedrijfsstrategie.

Tactische inkoop heeft te maken met de kortetermijnbehoeften.

Operationele inkoop is de effectieve uitvoering van de bestelling tot de controle en de betaling.

Ondersteunende activiteiten zorgen voor ondersteuning en scheppen de juiste voorwaarden om de inkoop te optimaliseren.

Inkooporganisatie —

Centrale inkooporganisatie betekent dat de inkoop gebeurt op het niveau van het hoofdkantoor. De inkoop gebeurt centraal.

IN

Decentrale inkooporganisatie betekent dat de inkoop in de verschillende businessunits of per

N

geografische unit gebeurt.

Hybride inkooporganisatie vertoont kenmerken van zowel centrale als decentrale inkooporganisatie.

Productielogistiek

Productielogistiek situeert zich tussen inkooplogistiek en distributielogistiek en beheert en controleert alle voorraden en bewegingen op de productiesite. Ze zorgt voor een efficiënte flow van materialen

VA

doorheen de hele waardeketen. Grondvormen van productie —

divergente productie

convergente productie

parallelle productie

serieproductie

mass customisation

Om alles in goede banen te leiden gebruikt een onderneming vaak een ERP-pakket. ERP staat voor enterprise resource planning. Dat is een geïntegreerd softwaresysteem om verschillende bedrijfsprocessen

©

binnen een organisatie te beheren en te stroomlijnen. Vraagvoorspelling en bestelpunt

Wanneer de onderneming erin slaagt de vraag goed te voorspellen, vermijdt ze het risico op te grote voorraden en dus hogere kosten en bijgevolg minder winst. Wanneer de vraag van de consument goed voorspeld en dus gepland kan worden, zullen er geen ‘neen-verkopen’ zijn en dat verhoogt de klanttevredenheid. De klant krijgt immers tijdige en volledige leveringen. Wanneer de vraag en dus de voorraad goed gepland is, zal de voorraad ook minder snel verouderen.

THEMA 2

LEVEL 1

87


Action 1—

De supply chain van Zara

1

Ga naar iDiddit en lees de artikels over Zara.

2

Beantwoord de vragen in een apart document. Wat is fast fashion?

b

Wat is JIT? Wat is het voordeel ervan?

c

Welk concurrentieel voordeel heeft Zara?

d

Zara is agile. Leg uit.

e

Op welke manier gebruikt Zara het ‘pull-systeem’?

f

De Kaizen-methode komt uit Japan en betekent ‘continue verbetering’. Hoe past Zara die toe?

3

IN

a

g

Op welke manier gebruikt Zara klantenfeedback?

h

Hoe werkt de supply chain van Zara?

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

Het belang van supply chain management

N

Action 2—

© Shutterstock / photocritical

1

Ga naar iDiddit en lees de tekst.

2

Beantwoord de onderstaande vragen.

Geef op basis van het artikel een omschrijving van ‘supply chain management’.

b

Supply chain management heeft verschillende veranderingen ondergaan de laatste jaren. Wat heeft

VA

a

©

ervoor gezorgd dat supply chain management anders moest georganiseerd worden?

88

THEMA 2

LEVEL 1


Welke actoren spelen een belangrijke rol in supply chain management?

d

Waarom is een goed supply chain management belangrijk?

e

Omschrijf in je eigen woorden het belang van informatie en informatiesystemen in supply chain

N

IN

c

©

VA

management.

THEMA 2

LEVEL 1

89


Action 3—

De Logistics Performance Index

Good to know De Logistics Performance Index (LPI) is een benchmarkingtool ontwikkeld door de Wereldbank om de efficiëntie en effectiviteit van logistieke systemen in landen over de hele wereld te beoordelen. Het biedt een maatstaf voor logistieke prestaties op basis van een reeks indicatoren die verschillende aspecten van supply

Er wordt gekeken naar de volgende dimensies: —

IN

chain management, handelsfacilitering, infrastructuurkwaliteit en logistieke competentie weerspiegelen.

efficiëntie van de douane: het gemak en de snelheid van inklaringsprocedures, inclusief documentverwerking, inspecties en administratieve efficiëntie, kwaliteit van handels- en transportroutes,

beschikbaarheid van logistieke diensten tegen redelijke kosten,

aanwezigheid van bekwame en kwalitatieve logistieke diensten,

tracking en tracing,

snelheid en betrouwbaarheid van leveringen.

N

Lees de volgende tekst en beantwoord de vragen. Wat is het nut van de index?

VA

a

Op hoeveel vlakken of dimensies scoort België beter dan in 2018?

c

Wat is het grootste werkpunt van ons land?

d

Ga op zoek naar meer recente cijfers voor België. Gebruik het internet.

©

b

90

THEMA 2

LEVEL 1


Op twee van de zes criteria gaat België erop vooruit: de efficiëntie van de douane en douaneprocedures (van 3,66 naar 3,9) en de infrastructuur (3,98 naar 4,1). Hiermee schuiven we resp. van de 14e naar de 7e plaats en van de 14e naar de 9e plaats. Niettemin is er hier nog werk aan de winkel zeker als we op die twee punten tot de top 5 willen behoren. België verliest voor twee indicatoren de eerste plaats: de kost van de internationale zendingen en de ‘timeliness’ (snel bereiken van de eindbestemming). In allebei de gevallen staan we nu op de vierde plaats, al doen we het scorematig zelfs beter op gebied van timeliness (van 4,05 naar 4,2). Op gebied van internationale zendingen is er een lichte terugval, van 3,99 naar 3,8. België scoort nog beter op vlak van kwaliteit van de logistieke dienstverlening (van 4,13 naar 4,2) en toch verliezen we een plaats (van 2 naar 3). Het grootste werkpunt voor België is de verbetering van de mogelijkheden tot tracking en tracing. Ons land blijft ter plekke trappelen (van 4,05 naar 4,0) maar verliest wel zeven plaatsen: we glijden af van de 9e naar de 16e plaats.

IN

Voor het eerst sinds 2018 publiceerde de Wereldbank in april haar Logistics Performance Index (LPI). Dit is een benchmarkingrapport van de logistieke efficiëntie van alle landen ter wereld, vooral op gebied van internationale handel en verkeer. België scoort wederom zeer goed, maar toch daalt ons land van de derde naar de zevende plaats. De reden: verschillende landen zoals Singapore, Finland en Denemarken maakten meer vooruitgang.

Ook bedrijven zijn aan zet Volgens de Wereldbank kunnen de indicatoren in twee groepen worden onderverdeeld: drie waarop vooral de overheid grip heeft (douane, infrastructuur en competentie) en drie met betrekking tot de resultaten van de dienstverlening, waarin de bedrijven dus een rol te spelen hebben: tijdigheid, kost van de internationale zendingen en tracking en tracing. Voor de federale en gewestelijke overheden in België is het dus alle hens aan dek om ons land op gebied van douane en infrastructuur in de top 5 te loodsen. Voor de bedrijven zal het vooral zaak zijn om de score op gebied van track and trace op te krikken, want een 16e plaats is voor een land als het onze eigenlijk zeer teleurstellend. Het LPI-rapport gaat hier niet dieper op in, maar dit zou er kunnen op wijzen dat Belgische bedrijven een relatieve achterstand (tegenover de koplopers) hebben op gebied van digitalisering van hun werking. Hetzelfde geldt overigens voor een meer doorgedreven digitalisering van de douaneprocedures.

©

VA

N

De LPI is aan zijn zevende editie toe. Dit instrument is in het leven geroepen om nationale beleidsmakers en privébedrijven in staat te stellen om prioriteiten te identificeren voor het verbeteren van hun internationale handel en hun logistieke infrastructuur (vooral havens, luchthavens en multimodale knooppunten). De benchmark wordt opgesteld aan de hand van een bevraging van internationale logistieke operatoren, zoals expediteurs en expresvervoerders. De rangschikking wordt om de twee jaar gepubliceerd, maar het duurde deze keer wat langer, vanwege de COVID-crisis en de dramatische verstoring van de wereldwijde supply chains in de eerste helft van 2022. De Wereldbank nam dit uitstel te baat om enkele methodologische aanpassingen door te voeren. Daarom zijn de resultaten van 2023 niet één op één vergelijkbaar met die van 2018. Toch blijven de scores bijzonder relevant. In 2018 eindigde België met een algemene score van 4,04 op de derde plaats in de LPI, na Duitsland (4,20) en Zweden (4,05). Daarna volgden Oostenrijk (4,03), Japan (4,03), Nederland (4,03), Singapore (4,00) en Denemarken (3,99). Dit jaar wippen twee landen over Duitsland, de toenmalige nummer 1. De nieuwe koploper is Singapore (4,3), gevolgd door Finland (4,2). Denemarken, Duitsland, Nederland en Zwitserland delen de derde plaats (met 4,1). België deelt de vierde plaats met Canada, Hong Kong, Oostenrijk, de Verenigde Arabische Emiraten en Zweden. Goed en minder goed nieuws Voor alle zes de criteria behoort België tot de wereldtop. Tegenover 2018 verbetert ons land zijn scores in vijf van de zes gevallen, al wordt dat niet altijd beloond met plaatswinst. Enkele landen – en dan vooral Singapore en Finland – deden het nog beter.

Conclusie Ondanks een lichte terugval in de rangschikking (die mogelijk aan de licht gewijzigde methodologie te wijten is) blijft België stevig verankerd in de topgroep van beste logistieke landen ter wereld. Toch staan enkele signalen op oranje. Willen we de toekomst veilig stellen, dan moeten zowel de overheid als de bedrijven nog meer inzetten op digitalisering.

© Shutterstock / MN Studios

THEMA 2

LEVEL 1

91


N

IN

Tabel 1: LPI-scores 2023

VA

Bron: logiville.be; Wereldbank.org

Action 4—

De blauwe banaan en andere bananen

Good to know

De term blue banana is een geografisch concept dat verwijst naar een sterk verstedelijkt en economisch

©

productief gebied in Europa. Het strekt zich uit in de vorm van een banaan, beginnend bij het Verenigd Koninkrijk, zich uitstrekkend door België, Nederland, West-Duitsland, Noord-Frankrijk, Zwitserland en eindigend in Noord-Italië. In de context van logistiek is de ‘blauwe banaan’ belangrijk omdat ze een dichtbevolkte en economisch levendige regio vertegenwoordigt met uitgebreide transportnetwerken en logistieke infrastructuur. Verschillende grote havens, luchthavens en transportcorridors bevinden zich in de blue banana, waardoor het een cruciaal knooppunt is voor handels- en logistieke activiteiten in Europa. De aanwezigheid van een goed ontwikkelde transportinfrastructuur, waaronder wegennetwerken, spoorwegen en waterwegen, maakt een efficiënt goederenverkeer binnen en buiten de blue banana mogelijk. De regio herbergt grote zeehavens zoals Rotterdam, Antwerpen en Hamburg die aanzienlijke hoeveelheden internationale handel verwerken. Die havens fungeren als toegangspoorten voor goederen die het Europese continent binnenkomen en verlaten, waardoor handelsstromen worden vergemakkelijkt en ze dienen als logistieke knooppunten.

92

THEMA 2

LEVEL 1


De centrale ligging van de blue banana in Europa draagt ook bij aan het logistieke belang ervan. Ze biedt gunstige geografische nabijheid van belangrijke markten in West- en Centraal-Europa, waardoor het een aantrekkelijke locatie is voor bedrijven om distributiecentra en magazijnen te vestigen. De strategische positionering zorgt voor een snellere en kosteneffectievere levering van goederen aan klanten in de hele regio. Bovendien zorgt de concentratie van economische activiteit en bevolkingsdichtheid van de blue banana voor een sterke vraag naar logistieke diensten. Logistieke dienstverleners en vrachtbedrijven hebben een belangrijke aanwezigheid in de regio opgebouwd om tegemoet te komen aan de behoeften van industrieën zoals productie, detailhandel en e-commerce. Dit competitieve logistieke landschap verbetert de efficiëntie en effectiviteit van supplychainoperaties binnen de Blue Banana verder.

VA

N

IN

Grafiek 1: blue banana

Ga naar iDiddit. Lees de tekst over andere belangrijke routes.

2

Welke nieuwe routes zullen de komende jaren alsmaar belangrijker worden? Leg uit.

©

1

THEMA 2

LEVEL 1

93


IN

BREAKING NEWS 1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

N

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

VA

JA

1

Ik kan het begrip ‘supply chain management’ toelichten.

2

Ik kan de soorten suppliers in een supply chain omschrijven.

3

Ik kan de verschillende soorten magazijnen omschrijven.

Ik kan de verschillende fasen van inkoop toelichten.

5

Ik kan de verschillende niveaus van inkoop

©

4

omschrijven.

6

Ik kan de verschillende grondvormen van productie toelichten.

94

THEMA 2

LEVEL 1

KAN

BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL


LEVEL 2 Wat is het belang van voorraden? INTRO Lees het verhaal.

IN

1

Voer een klasgesprek waarbij je de onderstaande vragen beantwoord. a

Wat is het probleem?

b

Wat kan een oorzaak zijn van dat probleem?

c

Hoe zou je dat kunnen voorkomen?

d

Hoeveel extra voorraad zou je bijhouden?

e

Waarom niet tien keer zoveel als het aantal dat je op de vorige geantwoord hebt?

©

VA

2

N

Je zit in het vijfde jaar en omdat je gezondheid belangrijk is, let je op je voeding en hou je van een actieve levensstijl. Je begint je dag met een kom ontbijtgranen met magere melk. Je haalt de doos ontbijtgranen uit de kast en gaat naar de koelkast voor de melk. Tot je verbazing is er geen melk in de koelkast. Je gaat dan even naar de berging waar de voorraad aan etenswaren staat. Ook daar blijkt er geen melk te zijn.

© Shutterstock / The Image Party

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvragen: – Wat is het belang van voorraad? – Welke kosten brengen voorraden met zich mee?

THEMA 2

LEVEL 2

95


Explore 1— Welke soorten voorraden zijn er?

Soorten voorraden In supply chain management worden er hoofdzakelijk drie soorten producten opgeslagen. Zo is er een voorraad aan grondstoffen, aan goederen in bewerking en aan afgewerkte producten. Er zijn verschillende manieren om de hoeveelheid voorraad te bepalen: —

Cyclische voorraad is de gemiddelde voorraad die nodig is om aan de vraag van de klant te voldoen totdat

IN

er een nieuwe levering komt van de leverancier. Veiligheidsvoorraad is de voorraad die een onderneming aanhoudt boven op de cyclische voorraad.

Het is immers mogelijk dat een leverancier niet tijdig kan leveren door een of ander conflict, door een

oorlog, of doordat een schip klem zit in een kanaal. Daarnaast kan er ook ineens een piek zijn in de vraag

waardoor de vraag verkeerd voorspeld werd. De veiligheidsvoorraad vangt dergelijke problemen dus op. De onderneming kan zo voorkomen dat de voorraad op is en dat ze klanten aan de concurrentie verliest. —

Seizoensvoorraad dient om aan de hogere vraag in een bepaald seizoen te voldoen. Denk maar aan

kerstbomen in een tuincentrum in november en december en boekentassen in augustus en september. —

Een speculatieve voorraad wordt aangelegd wanneer de onderneming een sterke prijsstijging van het product of een probleem met de toelevering verwachten.

N

Vanuit bedrijfseconomisch standpunt kun je de volgende soorten voorraden onderscheiden: —

De technische voorraad bevindt zich fysiek in het magazijn.

De bestelde voorraad is besteld bij de leverancier, maar nog niet aangekomen in het magazijn.

De gereserveerde voorraad ligt in het magazijn en is gereserveerd voor de klant.

De beschikbare voorraad is beschikbaar voor de verkoop. Het is de technische voorraad verminderd met de gereserveerde voorraad.

De effectieve voorraad is de volledige voorraad in de boekhouding.

De minimumvoorraad is de minimale hoeveelheid die een onderneming van een product wil aanhouden.

De maximumvoorraad is de hoeveelheid van een product die een onderneming maximaal wil aanhouden.

VA

Een onderneming zal steeds de voorraad aanhouden tot aan de maximumvoorraad.

1

Voorraad aanhouden biedt natuurlijk een aantal voordelen zoals je al hebt kunnen afleiden. Noteer enkele

©

voordelen van het hebben van voorraad.

96

THEMA 2

LEVEL 2


2

Noteer een aantal nadelen van het aanhouden van voorraden?

3

In het magazijn van A.S.Adventure.edu liggen 30 tenten van het merk Vaude. A.S.Adventure.edu heeft bij geleverd aan de klanten. Hoeveel bedraagt: a

de technische voorraad?

b

de bestelde voorraad?

c

de beschikbare voorraad?

d

de gereserveerde voorraad?

e

de maximumvoorraad?

IN

leverancier Vaude 20 stuks besteld. Twee klanten hebben samen 15 tenten besteld, maar die zijn nog niet

N

Explore 2— Wat is just in time?

VA

Just in time

Elke onderneming heeft een voorraad afgewerkte producten om tijdig aan haar klanten te kunnen leveren. Een productieonderneming heeft daarbovenop ook voorraden grondstoffen, onderdelen of halfafgewerkte producten om de productie draaiende te houden. Dat betekent dat een productieonderneming moet investeren in een magazijn en in de voorraden en dat het nog bijkomende kosten heeft zoals verzekeringen. Een mogelijkheid om die kosten te verminderen of te elimineren is door het just-in-timeprincipe toe te passen. Just in time (JIT) betekent dat de onderdelen die nodig zijn voor de productie aan het productiebedrijf geleverd worden op het moment dat de productie die nodig heeft. De productieonderneming moet dus een duidelijke planning opstellen en die met haar leveranciers bespreken. Een laattijdige toelevering door de leveranciers kan de productie stilleggen.

©

Neem het vereenvoudigde voorbeeld van een autoproducent enerzijds en een producent van autozetels anderzijds. In schema 1 zie je bovenaan de productielijn van een bepaald type auto. De auto’s worden gemaakt op vraag van de klant. De eerste auto is een grijze SUV, de tweede een blauwe en de derde opnieuw een grijze. Elke klant vraagt een ander soort zetel. Die autozetels worden in een andere fabriek geproduceerd. Wanneer de autoproducent geen voorraad autozetels aanlegt, dient hij aan de zetelproducent door te geven welk type zetel de klant vraagt en wanneer hij een bepaalde zetel nodig heeft. De producent van zetels en de autoproducent moeten nauwgezet samenwerken, als ze het JIT-principe willen toepassen. De leverancier van autozetels zal de specifieke zetels leveren op het moment dat de respectievelijke auto geproduceerd wordt.

THEMA 2

LEVEL 2

97


Schema 1: JIT-autoproducent Productielijn auto’s:

IN

Zeteltype:

N

Explore 3— Wat is het klantorderontkoppelpunt?

Klantorderontkoppelpunt

VA

Voorraden kosten geld. Het is dus interessant om de voorraden zo klein mogelijk houden. Het klantorderontkoppelpunt of KOOP geeft aan hoever stroomopwaarts in een bedrijfskolom een klantorder doordringt in het productie- of het distributieproces van een aanbieder van een product of dienst. Met het klantorderontkoppelpunt kan de onderneming vaststellen op welke plaatsen in de goederenstroom voorraden nodig zijn zonder dat er moet ingeboet worden op de service zoals het tijdig leveren of aanbieden van producten. Het klantorderontkoppelpunt is het punt waar klant en order aan elkaar gekoppeld worden. In de bedrijfskolom zijn er vijf klantorderontkoppelpunten: —

KOOP 1: de onderneming produceert op eigen risico producten voor een lokale voorraad en stuurt die naar de winkels. Het gaat vaak om de productie van goederen voor dagelijks gebruik zoals levensmiddelen.

KOOP 2: de onderneming produceert de producten voor een centrale voorraad. Dat zijn vaak duurzame

©

goederen zoals koelkasten.

KOOP 3: de onderneming assembleert goederen op order. Daartoe heeft ze een voorraad van de componenten die ze dan assembleert volgens de specificaties van de klant. Het product bestaat uit modules die de klant kan samenstellen. Denk maar aan een auto waar je de kleur, de zetels enz. kunt kiezen of een laptop die je zelf online samenstelt wat betreft RAM-geheugen, processor …

KOOP 4: de onderneming maakt volgens order. De grondstoffen heeft ze wel op voorraad, maar het product wordt gemaakt volgens de wensen van de klant. Een keuken kan daarvan een voorbeeld zijn.

KOOP 5: de onderneming koopt aan en produceert op order. Je kunt dat opvatten als een (groot) project. Er is geen voorraad grondstoffen aanwezig. Het product wordt volledig gemaakt op maat van de klant. Een bedrijfsgebouw is daarvan een voorbeeld.

98

THEMA 2

LEVEL 2


Schema 2: Klantorderontkoppelpunt

Opslag

Leveranciers

Productiecomponenten

Opslag

Assemblage

Componenten

Materialen

Opslag

Distributiecentrum

Afnemers

Afgewerkt product

Maken en zenden op voorraad

Koop 1

Maken voor voorraad

IN

Koop 2

Koop 3

Koop 4

Maken op order

Inkopen en maken op order

Assembleren op order

N

Koop 5

Detailhandel

Welk KOOP is in de onderstaande voorbeelden van toepassing? wasmachine:

b

sinaasappelsap:

c

scheepsbouw:

VA

a

Explore 4— Welke voorraadkosten zijn er?

Voorraadkosten

Voorraden brengen verschillende kosten met zich mee. —

Aanschafkosten: dat zijn de kosten die een onderneming betaalt om de voorraad aan te schaffen. Daarbij

©

gaat het niet alleen om de waarde van de voorraad zelf maar ook om de kosten van transport en douane.

Opslagkosten: dat zijn de kosten die een onderneming maakt om de voorraad op te slaan zoals de huur van het magazijn, de kosten van verzekeringen en onderhoud.

Verouderingskosten: voorraden die niet verkocht geraken, verouderen – bijvoorbeeld elektronische apparaten – of bederven – bijvoorbeeld fruit.

Financieringskosten: wanneer een onderneming haar voorraden door middel van leningen of kredietlijnen financiert, zijn er financieringskosten verbonden aan de rente op die leningen.

Administratieve kosten: het kost een onderneming best wel veel geld om de voorraadniveaus bij te houden, de bestellingen te plaatsen, de inkomende en uitgaande goederen te verwerken en om andere administratieve taken in verband met voorraadbeheer bij te houden.

Breuk- en dervingskosten: die kosten ontstaan doordat er tijdens het hanteren van de voorraad producten kapot- of verloren gaan, bijvoorbeeld door beschadiging van goederen of fouten bij het orderpicken.

THEMA 2

LEVEL 2

99


Hoewel een voorraad best wel wat kosten met zich meebrengt, loont het voor een onderneming doorgaans toch om voldoende voorraad te hebben. —

Als er onvoldoende voorraad is, dan kan de onderneming neen-verkopen hebben en dat kost de onderneming ook geld.

Als de onderneming door gebrek aan voorraad te laat aan de klant levert, krijgt ze ook later haar geld. Dat zorgt niet alleen voor extra administratie maar kan ook tot cashflowproblemen leiden.

Als de onderneming niet kan leveren, zal de klant misschien naar de concurrentie overstappen en dan is het moeilijk om hem nog terug te winnen.

a

Wat valt onder opslagkosten?

b

Wat is dode stock?

c

Wat zijn stockout-kosten?

IN

Ga naar iDiddit. Je vindt er een tekst over vergissingen bij voorraadkosten.

N

Derving is de Nederlandse vertaling van shrinkage. Waarop hebben dergelijke kosten betrekking?

VA

d

TO THE POINT Soorten voorraden —

Cyclische voorraad is de gemiddelde voorraad die nodig is om aan de vraag van de klant te voldoen totdat er een nieuwe levering komt van de leverancier. Veiligheidsvoorraad is de voorraad die wordt aangehouden boven op de cyclische voorraad.

Seizoensvoorraad wordt aangehouden om aan de hogere vraag in een bepaald seizoen te voldoen.

Daarnaast is er ook speculatieve voorraad. Bij het bepalen van die voorraad gaat een onderneming

©

vaak uit van of een sterke prijsstijging van het product of een probleem van de toelevering.

Wanneer je kijkt vanuit bedrijfseconomisch standpunt, kun je de volgende soorten voorraden onderscheiden: —

De technische voorraad is de voorraad die fysiek in het magazijn ligt.

De bestelde voorraad is de voorraad die besteld is bij de leverancier, maar nog niet aangekomen is in in het magazijn.

100 THEMA 2

Gereserveerde voorraad is de voorraad die in het magazijn ligt, maar gereserveerd is voor de klant.

LEVEL 2


Beschikbare voorraad is de voorraad die beschikbaar is voor verkoop.

Effectieve voorraad is de volledige voorraad in de boekhouding.

Minimumvoorraad is de minimale hoeveelheid die een onderneming van een product wil aanhouden.

Maximumvoorraad is de voorraad van een product die een onderneming maximaal wil aanhouden. Ze zal steeds de voorraad aanhouden tot aan de maximumvoorraad.

Just in time Een mogelijkheid om de kosten die voorraden met zich meebrengen te verminderen of te elimineren is werken met het just-in-timeprincipe. Dat betekent dat de onderdelen die nodig zijn om te produceren,

Klantorderontkoppelpunt of KOOP

IN

geleverd worden in de productieonderneming op het moment dat de productie die nodig heeft.

Het klantorderontkoppelpunt is het punt waar de klant en het order aan elkaar gekoppeld worden. —

Bij KOOP 1 worden producten gemaakt voor een lokale voorraad.

Bij KOOP 2 worden producten gemaakt voor een centrale voorraad.

Bij KOOP 3 worden de goederen geassembleerd op order. De onderneming houdt een voorraad aan

Bij KOOP 4 wordt er gemaakt op order. De grondstoffen zijn wel op voorraad. Daarna wordt het

Bij KOOP 5 gaat het over aankopen en maken op order. Er wordt hier dus ook geen voorraad

van de componenten en assembleert die volgens de specificaties van de klant. product gemaakt volgens de wensen van de klant.

Just in time

VA

Action 1—

N

grondstoffen bijgehouden. Het product wordt volledig gemaakt op maat van de klant.

Bekijk het filmpje op iDiddit en beantwoord de volgende vragen. a

Hoe wordt ‘just in time’ omschreven?

Welke voorwaarden zijn nodig om JIT goed te kunnen implementeren?

©

b

c

Welke voordelen heeft JIT?

THEMA 2

LEVEL 2 101


Action 2—

Gevolgen van het klantorderontkoppelpunt

Werk per twee. Wat zijn de mogelijke gevolgen van KOOP? Welke gevolgen heeft KOOP voor de voorraad?

b

Welke gevolgen heeft KOOP voor de levertijden en doorlooptijden?

c

Welke gevolgen heeft KOOP voor de werknemers?

©

VA

N

IN

a

102 THEMA 2

LEVEL 2


Action 3— 1

Stellingen over voorraadbeheer

Zijn de volgende stellingen juist of fout? a

Hoe dichter de klant bij het klantorderontkoppelingspunt staat, hoe langer het duurt voordat de klant het product ontvangt.

2

De klant moet centraal staan in het marketingproces.

IN

b

Lees de stellingen in verband met veiligheidsvoorraad. Kruis de juiste stelling aan.

Hoe hoger de winstmarge per eenheid is, hoe groter de benodigde veiligheidsvoorraad. Hoe groter het risico is dat de voorraad opraakt, hoe kleiner de veiligheidsvoorraad.

Hoe groter de onzekerheid die samenhangt met de voorspelde vraag is, hoe kleiner de veiligheidsvoorraad.

BREAKING NEWS

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

VA

N

1

CHECKLIST

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

1

JA

KAN BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

Ik kan de verschillende soorten voorraden

©

omschrijven.

2

Ik kan omschrijven waar de mogelijke klantorderontkoppelingspunten liggen.

3

Ik kan voorraadkosten omschrijven.

4

Ik kan het JIT-principe omschrijven.

THEMA 2

LEVEL 2 103


Begrippenlijst Thema 2 LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

bevoor­

Daar worden diverse goederen opgeslagen

radings- of

die nodig zijn voor de productie van een

productie­

artikel.

magazijn 1

distributie­

Vanuit dat magazijn worden winkels van

centrum of

eenzelfde keten bevoorraad.

IN

1

-magazijn 1

IN JE EIGEN WOORDEN

groupage­

Daar worden zendingen gegroepeerd om

centrum

dan naar één klant te vertrekken.

logistieke

De logistieke keten verwijst naar inkoop,

keten

productie, distributie en transport,

retourlogistiek en voorraadbeheer. logistiek

Dat is een onderdeel van supply chain

management

management en houdt zich bezig met het zo efficiënt mogelijk maken van de processen

om goederen bij klanten te krijgen, zoals

bijvoorbeeld van de fabriek naar de winkel. 1

material

Dat is de leverancier van materialen.

original

Dat zijn de producenten van de

equipment

eindproducten of de afgewerkte producten

manufacturers

die uiteindelijk bestemd zijn voor de

(OEM)

consument.

public

Daar kunnen ondernemingen die zelf geen

warehouse

logistieke activiteiten uitvoeren of zelf geen

supplier

VA

1

1

magazijn hebben, hun goederen stockeren.

supply chain

Dat is de beheersing van de hele logistieke

management

keten van grondstof tot het afgewerkte

product bij de eindconsument geraakt.

tier 1 supplier

Dat is de directe leverancier van de

of first tier

producent van het eindproduct.

©

1

1

supplier

1

tier 2 supplier of second tier supplier

104 THEMA 2

N

1

BEGRIPPENLIJST

Dat is de leverancier van de tier 1 suppliers.


LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

transit­magazijn

De goederen worden daar tijdelijk

of crossdock­

opgeslagen, tot ze aan de klant of een ander

magazijn

magazijn geleverd worden. In dit magazijn

worden er geen nieuwe handelingen met

het product uitgevoerd.

2

cyclische

Dat is de gemiddelde voorraad die nodig

voorraad

is om aan de vraag van de klant te voldoen

just in time

leverancier komt.

De onderdelen die nodig zijn

moment dat de productie die nodig heeft.

klantorder­

Dat punt geeft aan hoe ver stroom­opwaarts

ontkoppelpunt

in een bedrijfskolom de klantorder

doordringt in het productie- of het

distributieproces van een aanbieder van

speculatieve

Die voorraad wordt aangehouden om aan

de hogere vraag in een bepaald seizoen te

Die voorraad wordt aangehouden rekening

houdend met een sterke prijsstijging van het product of met een probleem van de

toelevering.

veiligheids-

Die voorraad wordt aangehouden boven op

voorraad

de cyclische voorraad.

©

2

voldoen.

VA

voorraad

N

seizoens­ voorraad

2

productieonderneming geleverd op het

een product of dienst. 2

totdat er een nieuwe levering van de

om te produceren, worden in de

2

IN

2

IN JE EIGEN WOORDEN

THEMA 2

BEGRIPPENLIJST 105


N

THEMA

IN

3

©

VA

Personeels­ management als onderdeel van bedrijfsbeleid


IN

LEVEL

4

p. 172

Hoe verloopt de doorstroom van medewerkers in een onderneming?

p. 148

Hoe verloopt de instroom van medewerkers in een onderneming?

p. 126

Wat is het belang van humanresourcesmanagement binnen het bedrijfsbeleid?

p. 108

N

LEVEL

Hoe verloopt de uitstroom van medewerkers uit een onderneming?

©

VA

3

LEVEL

2

LEVEL

1


LEVEL 1 Wat is het belang van humanresourcesmanagement binnen het bedrijfsbeleid?

IN

INTRO Good to know

Geef me werk dat bij me past en ik hoef nooit meer te werken.

Confucius

Welke onderdelen van het bedrijfsbeleid hebben te maken met humanresourcesmanagement? a

Markeer.

N

1

De creditnota’s binnen de boekhouding worden correct opgesteld.

VA

en sollicitatieprocedure Er is een goed uitgeschrev aan te werven. om de juiste werknemers De werknemers krijgen hun loon correct uitbetaald. De onderneming schat in welke strategisch

belangrijke werknemers op korte termijn en op middellange termijn moet en vervangen worden.

De btw-aangifte gebeurt correct.

De service na verkoop houdt de klanten tevreden.

Werknemers kunnen genieten van de nodige opleidingen om zich te vervolmaken.

Onze leveringen gebeuren op tijd.

rhouding.

t de beste prijs-kwaliteitve

de producten uit me De aankoopdienst kiest

©

We maken 80 % winst bij de verkoop van de door ons geproduceerde goederen.

b

Wat valt op aan de gemarkeerde thema’s?

Schema 1: Hr en hrm

human resources

2

+

management

=

humanresourcesmanagement

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Wat is het belang van humanresourcesmanagement binnen het bedrijfsbeleid?

108 THEMA 3

LEVEL 1


Explore 1— Wat zijn de doelstellingen van hrm binnen een onderneming of organisatie?

Doelstellingen hrm Humanresourcesmanagement houdt zich bezig met alle zaken betreffende de werknemers binnen een onderneming of organisatie. De hr-afdeling zet de lijnen uit voor een geïntegreerd personeelsbeleid over alle afdelingen van de onderneming: aankoopafdeling, marketingafdeling, boekhouding, logistiek,

IN

verkoopafdeling … Hrm is een zaak van strategische personeelsplanning. Daarbij ga je als onderneming vastleggen welke

strategische acties je gaat ondernemen om op middellange en op lange termijn over het juiste personeel te beschikken op strategische plaatsen binnen het organogram van de onderneming. Voor elke onderneming

en voor elke organisatie is de strategische personeelsplanning anders. Het is dus zaak een goed hr-beleid te hebben op maat van de eigen onderneming.

Ga naar iDiddit en ontdek de definitie van hrm.

Waar houdt humanresourcesmanagement zich mee bezig?

b

Welk misverstand heerst er dikwijls over de inhoud van hrm?

N

a

VA

1

c

Traditioneel personeelsmanagement richt zich op de aanwerving en het behoud van de juiste werknemers

©

op de juiste plaats. Hrm doet echter nog meer. Wat?

d

Op welk niveau binnen een organisatie bevindt zich het humanresourcesmanagement?

THEMA 3

LEVEL 1 109


2

Ga naar iDiddit en bekijk het filmpje. a

Wat is strategische personeelsplanning?

b

IN

Wat is het ‘kwantitatieve’ gedeelte van het personeelsbestand? Gebruik het internet.

c

Wat is het ‘kwalitatieve’ gedeelte van het personeelsbestand? Gebruik het internet.

d

N

Bij strategische personeelsplanning gaat het niet om een strategische planning. Waar gaat het dan wel over?

VA

e

Vervolledig de grafiek. Kies uit:

strategische personeelsplanning – operationele personeelsplanning – tactische personeelsplanning

©

Groep

Individu Korte termijn

110 THEMA 3

LEVEL 1

Lange termijn (> 4 jaar)


f

Wat zijn de vijf belangrijke aspecten van strategische personeelsplanning?

onderneming?

Takenpakket hr

IN

Explore 2— Wat zijn de taken van de hr­verantwoordelijke binnen de

De hr-afdeling heeft verschillende taken die ze uitoefent over alle afdelingen heen en voor de verschillende

afdelingen van de onderneming. Die taken hebben meestal te maken met de instroom, doorstroom en uitstroom van werknemers.

De hr-afdeling staat dus allerminst geïsoleerd binnen de onderneming: alle afdelingen moeten meewerken

N

aan de realisatie van de hr-doelstellingen. Daarom zal er veel overleg nodig zijn tussen de leiding van de hr-afdeling enerzijds en de leidinggevenden van de andere afdelingen anderzijds. De hr-verantwoordelijke zal de organisatorische veranderingen op gebied van personeel in de afdelingen mee begeleiden en opvolgen. Het doel van de hr-afdeling is om een hr-strategie te creëren die de groei, de productiviteit en het succes van de

VA

organisatie ondersteunt, maar tegelijkertijd zorgt voor het welzijn van de medewerkers. Ga naar iDiddit. a

Bekijk het filmpje.

b

Omschrijf de zeven beleidstaken van de hr-afdeling.

1

2

Taak: Werving- en selectiebeleid

Taak: Werkplekbeleid

Omschrijving:

Omschrijving:

©

1

THEMA 3

LEVEL 1 111


3 Taak: Verloningsbeleid Omschrijving:

4

IN

5

Taak: Retentiebeleid

Taak: Opleidingsbeleid

6

Omschrijving:

N

Omschrijving:

7

Taak: Veiligheidsbeleid

Omschrijving:

Omschrijving:

VA

Taak: Intern beleid arbeidswetgeving

2

Lees de vacature van Stadsbader op blz. 114 aandachtig.

Ga naar de website van Stadsbader. In welke sector is Stadsbader actief?

©

a

112 THEMA 3

b

Voor hoeveel medewerkers is de hr-manager verantwoordelijk?

c

Welk diploma wordt minstens vereist voor de job van hr-directeur?

LEVEL 1


d

Formuleer in één woord de bevoegdheid van de hr-directeur.

e

Welke taken behoren tot de taken van de hr-directeur? Kruis aan. TAAK Deel uitmaken van het directiecomité

Sollicitatiegesprekken afnemen Leiding geven aan de afdeling Recruitment Opleidingen geven

IN

Rapporteren aan de CEO aan de hand van KPI’s

Leiding geven aan de dienst Learning & talent development De lonen berekenen en uitbetalen

N

Leiding geven aan de dienst Payroll Rapporten doorlezen van de regionale hr-businesspartners

Een hr-strategie ontwikkelen zodat de medewerkers een hoog welzijn ervaren in de onderneming en er willen blijven

VA

Het hr-beleid bewaken door te overleggen met andere afdelingsverantwoordelijken Een positieve bedrijfscultuur en medewerkersbetrokkenheid realiseren Functioneringsgesprekken afnemen bij medewerkers Vacatures opstellen

Opgestelde vacatures goedkeuren / beoordelen

Contractonderhandelingen voeren met rekruteringbureaus

©

Procedures in gang zetten om medewerkers te laten gaan uit de onderneming (offboarding) Met nieuwe medewerkers contractbesprekingen houden Een correct loonbeleid opstellen Vakantiedagen aan individuele werknemers toekennen of weigeren Eindverantwoordelijkheid dragen voor alles wat te maken heeft met de hr voor de hele onderneming

THEMA 3

LEVEL 1 113


f

De hr-directeur moet niet alleen zijn hr-afdeling leiden. Waar staat dat in de vacature? Markeer.

HR-DIRECTEUR FUNCTIEOMSCHRIJVING ORGANISATIE

IN

Je bent eindverantwoordelijke voor het hr-beleid binnen Stadsbader NV en de gelieerde ondernemingen. Je overlegt op regelmatige basis met je ambtsgenoot bij Stadsbader Contractors. Je staat in nauw contact met de directeur Hr-projects, die paraoperationele projecten op groepsniveau begeleidt. Je maakt deel uit van het directiecomité waar de overkoepelende strategie en doelstellingen worden vastgelegd. Je rapporteert rechtstreeks aan de CEO met wie je op recurrente basis de te escaleren dossiers bespreekt. Je geeft leiding aan de centraal georganiseerde takken Recruitment, Learning & talent development en Payroll. Daarnaast bestaat je afdeling uit een aantal hr-businesspartners die in nauw contact staan met de andere afdelingen en die per regio opereren. Zij werken gedetacheerd maar rapporteren rechtstreeks aan jou. Je wordt ook bijgestaan door een Hr Compliance Officer op vlak van processen, beleidsnota’s, informatiebeheer etc. ALGEMEEN

Je creëert een effectieve hr-strategie die de groei, productiviteit en het succes van de organisatie ondersteunt, terwijl tegelijkertijd wordt gezorgd voor het welzijn van de medewerkers. Je stelt het nodige in het werk om retentie te maximaliseren. Je biedt ondersteuning aan een dynamisch team, waarbij open communicatie, samenwerking en performantie centraal staan. Je rapporteert efficiënt en aan de hand van KPI’s.

N

Via de hr-businesspartners en het directiecomité houd je de vinger aan de pols van de andere afdelingen. Je begrijpt de noden en gevoeligheden van de ‘business’ en overlegt regelmatig met de afdelingsverantwoordelijken over de stand van zaken. Daarbij bewaak je het centrale hr-beleid. Je coacht een team en faciliteert een vlotte samenwerking tussen de specialisten binnen de centrale hr-diensten en de hr-businesspartners. Je begeleidt organisatorische veranderingen en ondersteunt afdelingsverantwoordelijken bij het effectief omgaan met die veranderingen en eventuele weerstand bij hun personeel. Je bevordert een positieve bedrijfscultuur en medewerkersbetrokkenheid door middel van communicatie, betrokkenheidsprogramma’s en andere initiatieven.

VA

SELECTIE & REKRUTERING

Uit de samenwerking tussen de business, de hr-businesspartners en de centrale rekrutering wordt een functiebeschrijving en een vacature opgesteld. Als hr-directeur keur je die vacature goed en bepaal je de passende rekruteringskanalen uit jouw brede netwerk. Je bent verantwoordelijk voor de contractnegotiaties met de rekruteringsbureaus. Je stimuleert actieve selectie van profielen die passen bij de behoeften van de organisatie. Na de eerste interviews van kandidaat-bedienden door je medewerkers en de gesprekspartners uit de business, voer jij de uiteindelijke contractbespreking. Je geeft het startschot voor het uitvoeren van de onboarding-checklist. Je geeft ondersteuning aan de recruitment officers met betrekking tot de hogere profielen. Je beheert eventuele waarschuwingsbrieven aan werknemers. In geval van een nakend ontslag, voer jij het gesprek met de betreffende werknemer en zet je de offboarding in gang. PAYROLL

©

Je werkt een aantrekkelijk Compensation & benefits-beleid uit, aangepast aan de arbeidsmarkt. Je begeleidt de specialisten van de loondienst tijdens het beheer van hun dossiers. Je hakt knopen door in moeilijkere dossiers. Je organiseert de jaarlijkse loonevaluaties. LEARNING & TALENT DEVELOPMENT Je beheert het budget van de Stadsbader Academy. In samenwerking met de verantwoordelijke Learning & talent development ontwikkel en implementeer je programma’s voor talentontwikkeling, en opleiding om de vaardigheden en prestaties van medewerkers te verbeteren en te behouden. Je volgt de performantie van de functioneringsgesprekken op en verzekert feedback aan de werknemers. COMPLIANCE Je begeleidt de Hr Compliance Officer tot het tijdig uitwerken van processen en beleidsnota’s, die voldoen aan de meest recente wettelijke eisen. Je faciliteert een adequaat informatiebeheer en relevante KPI’s (bv. retentie, loon, medewerkerstevredenheid en diversiteit).

114 THEMA 3

LEVEL 1


JOUW PROFIEL

IN

— Je bent minimaal in het bezit van een masterdiploma in een relevante richting of je bent gelijkwaardig door ervaring. — Je hebt ervaring in een leidinggevende functie binnen de hr-afdeling idealiter in de bouwsector. — Je hebt ervaring met de verschillende hr-takken, zoals rekrutering, opleidingen, talentmanagement en payroll en weet medewerkers hierin te coachen. — Je bent communicatief en weet hoe je met diverse partijen binnen een organisatie kunt samenwerken (arbeiders, bedienden, afdelingsverantwoordelijken). — Je bent een echte peoplemanager met een toegankelijke persoonlijkheid. — Je beschikt over goede onderhandelingsvaardigheden. — Je bent flexibel en weet de waarden van onze organisatie uit te dragen. — Je werkt voornamelijk vanuit het hoofdkantoor in Harelbeke, maar je bent bereid om regelmatig te werken vanuit een van onze vestigingen in België. — Je hebt affiniteit met digitale tools voor hr-management, rekrutering, payroll e.a. — Je werkt op een gestructureerde wijze met oog voor de strategische en operationele doelstellingen. ONS AANBOD

— Je komt terecht in een dynamisch team binnen een professionele en sterke omgeving met veel ervaring. — Je krijgt de kans om mee te werken aan de verdere groei van ons bedrijf en het verder uitwerken van ons hr-beleid. — Je kunt je verder ontplooien dankzij diverse interne en externe opleidingen. — Je kunt rekenen op een competitieve verloning met extra legale voordelen.

VA

N

Bron: https://jobs.stadsbader.com/vacatures/directeur-hr

Explore 3— Welke hulpmiddelen gebruikt de hr­afdeling om haar doelen te realiseren?

©

Personeelstechnieken

Humanresourcesmanagement betekent letterlijk ‘beheer van menselijke middelen’. Hrm is een specifieke benadering van personeelsbeleid waarbij het de bedoeling is van de onderneming om tegenover concurrerende ondernemingen een voordeel te behalen en te behouden. Dat gebeurt door op een strategische wijze sterk gemotiveerde en bekwame medewerkers in te zetten en die in de onderneming aan boord te houden. Hrm gebruikt daarvoor een breed gamma aan personeelstechnieken.

Het directiecomité van een onderneming stelt bij zijn langetermijnplanning altijd een aantal bedrijfsdoelstellingen voorop. Zij doet dat dus ook specifiek voor de hrm-afdeling. Om te kunnen meten of de hrm-afdeling de doelstelling behaalt, worden er specifieke hr-KPI’s opgesteld. Die hr-KPI’s moeten uiteindelijk meten in welke mate de hrm-afdeling erin slaagt haar deel van de totale bedrijfsdoelstellingen te behalen.

THEMA 3

LEVEL 1 115


Ga naar iDiddit en lees de informatie over KPI’s in hrm. a

Waarvoor staat de afkorting KPI?

b

Wat is een KPI?

c

Waarom worden hr-KPI’s opgesteld?

d

IN

Op de website staan de 10 hr-KPI’s die het meest voorkomen in ondernemingen in willekeurige volgorde. Stel minst belangrijk.

N

je voor dat jij de hr-verantwoordelijke bent, in welke mate zijn de KPI’s dan van belang. Noteer van meest naar

KPI

2

3

4

5

6

7

8

9

10

©

VA

1

e

Werk per twee. Vergelijk jullie top 10. Motiveer je keuze.

116 THEMA 3

LEVEL 1


Explore 4— Wat is duurzaam hr­beleid en hoe verliep de evolutie daarnaartoe?

Duurzaam hr­beleid Humanresourcesmanagement is geëvolueerd doorheen de tijd. Eerst ging hrm uit van administratief hrm en de klemtoon lag op de juridische juistheid van de personeelsdocumenten en de personeelscontrole. Later evolueerde hrm naar strategisch humanresourcesmanagement (shrm). Daarbij richtte het shrm zich op toekomstgerichte doelstellingen. De laatste jaren komt daar ook het duurzaamheidsaspect bij. Duurzaam

IN

hrm richt zich meer en meer op het PPP-model dat profit, people en planet met elkaar combineert. De focus verschuift naar maatregelen die goed zijn voor de onderneming, voor de medewerkers en voor het milieu

tegelijk. Zo zou een bedrijf bijvoorbeeld de verloning via bedrijfswagens kunnen vervangen door een aanbod aan elektrische fietsen.

Ga naar iDiddit en download de brochure van de Vlaamse overheid over duurzaam hrm. a

In wetenschappelijke publicaties zoals deze staat er vaak een colofon. Wat is een colofon? Gebruik indien

Wie werkten mee aan dit wetenschappelijke werk? Beschrijf in één zin.

VA

b

N

nodig het internet.

Op blz. 7 van de brochure beschrijven hr-specialisten een evolutie van administratief personeelsmanagement

©

c

over strategisch hr-management naar duurzaam hr-management. Wat houden die drie begrippen in? Beantwoord de vragen. ADMINISTRATIEF PERSONEELSMANAGEMENT

Wat is administratief personeelsmanagement?

THEMA 3

LEVEL 1 117


STRATEGISCH HR-MANAGEMENT Waartoe draagt shrm bij?

Wat is de positie van de shrm-manager binnen de onderneming?

IN

DUURZAAM HR-MANAGEMENT Wat is duurzaam hrm?

N

VA

TO THE POINT

Humanresourcesmanagement betekent letterlijk ‘beheer van menselijke middelen’. Hrm is een specifieke benadering van personeelsbeleid waarbij het de bedoeling van de onderneming is om tegenover concurrerende ondernemingen een voordeel te behalen en te behouden. Dat gebeurt door op een strategische wijze sterk gemotiveerde en bekwame medewerkers in te zetten en te behouden binnen de onderneming. Hrm maakt daarvoor gebruik van een breed gamma aan personeelstechnieken. Die technieken worden geïntegreerd over alle afdelingen van de onderneming en hebben meestal te maken

©

met de instroom, doorstroom en uitstroom van werknemers. Hrm is een zaak van strategische personeelsplanning. De onderneming legt vast welke strategische acties ze onderneemt om op middellange en op lange termijn over het juiste personeel te beschikken op strategische plaatsen binnen het organogram van de onderneming. Voor elke onderneming en voor elke organisatie is de strategische personeelsplanning anders.

118 THEMA 3

LEVEL 1


Hrm richt zich op verschillende beleidstakken binnen de onderneming: werving- en selectiebeleid, werkplekbeleid, verloningsbeleid, retentiebeleid, opleidingsbeleid, arbeidswetgevingsbeleid, veiligheidsbeleid. Alle afdelingen binnen de onderneming moeten meewerken aan de realisatie van de hrm-doelstellingen. Daarom zal er veel overleg nodig zijn tussen de leiding van de hr-afdeling enerzijds en de leidinggevenden van de andere afdelingen anderzijds. De hr-verantwoordelijke zal de organisatorische veranderingen op gebied van personeel in de afdelingen mee begeleiden en opvolgen. Om te kunnen meten of de hr-afdeling haar doelstelling behaalt, worden er specifieke hr-KPI’s opgesteld. bedrijfsdoelstellingen te realiseren.

IN

Die hr-KPI’s moeten uiteindelijk meten in welke mate de hr-afdeling erin slaagt haar deel van de totale

Eerst ging hrm uit van administratief hrm en de klemtoon lag op de juridische juistheid van de personeelsdocumenten en de personeelscontrole. Later evolueerde hrm naar strategisch humanresources­

management (shrm). Daarbij richtte het shrm zich op toekomstgerichte doelstellingen. De laatste jaren

komt daar ook het duurzaamheidsaspect bij. Duurzaam hrm richt zich meer en meer op het PPP-model dat profit, people en planet met elkaar combineert.

Wat is het verschil tussen personeelsbeleid en hrm?

N

Action 1—

Ga naar iDiddit en bekijk het filmpje.

2

Beantwoord de vragen.

VA

1

a

Waar richt personeelsmanagement zich voornamelijk op?

Waar richt humanresourcesmanagement zich voornamelijk op?

©

b

THEMA 3

LEVEL 1 119


Hrm bekijkt het personeel op een andere manier dan louter personeelsbeleid dat doet. Leg uit.

d

Humanresourcesmanagement en personeelsbeleid hebben elk een andere kijk op de verloning. Leg uit.

e

Is er een verschil in communicatie tussen enerzijds personeelsbeleid en anderzijds humanresourcesmanagement?

1

Hoe omschrijf je de belangrijkste KPI’s?

N

Action 2—

IN

c

Ga naar iDiddit en surf opnieuw naar de site over de KPI’s. Welke vraag stelt een onderneming zich bij een KPI?

B

VA

A

KPI: Wervingskosten

KPI: Ziekteverzui

Vraag:

Vraag:

C

D

m

KPI: Hoe lang werken werknemers in dezelfde functie?

Vraag:

Vraag:

©

centage KPI: Ontslagper

120 THEMA 3

LEVEL 1


F

E KPI: Personeelsretentie

KPI: Werknemer

Vraag:

Vraag:

H

G

KPI: Directe pers

Vraag:

Vraag:

oneelskosten

IN

KPI: Werknemersproductiviteit

J

I e wervingstijd

KPI: Gemiddeld

KPI: Personeelsverloop

N

Vraag:

Vraag:

KPI’s moeten SMART zijn. Pas dat toe op de KPI ‘Ontslagpercentage’. Specifiek:

VA

2

stevredenheid

Meetbaar:

©

Acceptabel:

Realistisch:

Tijdsgebonden:

THEMA 3

LEVEL 1 121


Action 3—

Hoe creëert een onderneming een goed hr-werkplekbeleid?

Surf via iDiddit naar meer informatie over werkplekbeleid en beantwoord de vragen. a

Wat is werkplekbeleid?

b

IN

Worden alle regels in het werkplekbeleid door de bedrijfsleiding opgelegd?

c

Koppel de werkplekbeleidsthema’s aan de omschrijvingen van situaties. THEMA’S VAN WERKPLEKBELEID 1

OMSCHRIJVING

Aanwezigheid

A

Gelijke behandeling ongeacht huidskleur, geslacht, seksuele voorkeur

B

Enkel in pauzes op jouw socials, of zelfs niet

3

Gelijke kansen

C

Richtlijnen voor het bewaren en kopiëren van bestanden

4

Gezondheid en veiligheid

D

Sancties voor het kleineren en bedreigen van collega’s

5

Beveiliging

E

Neem je eigen apparaat mee.

N

Gedragscode

VA

2

6

Cyberbeveiliging

F

Afspraken over in welke mate de onderneming in het oog houdt waar werknemers mee bezig zijn

Acceptabel gebruik

G

Te laat komen of van het werk wegblijven zonder verwittigen

8

BYOD

H

Vakantiedagen en dagen persoonlijk verlof

9

Sociale media

I

Langere periode weg van het werk

10

Privacy

J

Regels en voorwaarden omtrent thuiswerken

11

Betaald verlof

K

Controle over wie tot welke ruimtes toegang heeft

©

7

12

Ziekteverlof

L

Documenten omtrent de lonen

13

Verlof

M

Interpersoonlijke relaties, gebruik van sociale media

14

Flexibel werk

N

Richtlijnen voor uploaden en downloaden van bestanden

15

Intimidatie

O

Ziekten en verwondingen voorkomen

16

Loonadministratie

P

Afspraken in verband met een doktersverklaring bij ziekte

1

122 THEMA 3

2

LEVEL 1

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16


Action 4—

Wat is humanbeingmanagement?

Ga naar iDiddit en lees de tekst. Met welke evoluties moet de hr-manager rekening houden?

b

De volgende jaren zal hrm steeds meer evident-based worden. Wat betekent dat?

c

Waar zit daarbij de uitdaging voor de hr-medewerker?

d

Waarom is er nood aan humanbeingmanagement en wat betekent het?

VA

N

IN

a

e

Over welke domeinen zit het welzijn van de medewerkers verspreid?

f

Hoe probeert een onderneming te weten te komen of een

©

medewerker zich goed in zijn vel voelt?

THEMA 3

LEVEL 1 123


g

Wat wordt er bedoeld met ‘analyse – plan – acties – heranalyse’?

Zou jij een goede hr­directeur zijn?

IN

Action 5—

Surf via iDiddit naar Jobat en zoek een functieomschrijving voor de job van hr-directeur.

Vergelijk met andere jobs. Zijn er veel of weinig jobaanbiedingen voor hr-directeur?

b

Gaat het hier om een deeltijds of een voltijdse job?

c

Zou jij over enkele jaren in aanmerking komen voor deze job?

VA

N

a

BREAKING NEWS

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Bewaar het bestand in je portfolio. Maak een map voor elk thema en een submap voor elk level. Geef die

©

1

submap de naam ‘Thema_3_Level_1’. Geef het bestand een duidelijke naam zoals ‘Breaking_News’.

124 THEMA 3

LEVEL 1


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

1

Ik kan met woorden uitleggen wat hrm is.

2

Ik kan de term ‘strategische personeelsplanning’

verklaren. Ik kan verklaren waarom de hr-directeur een plaats heeft binnen het directiecomité. 4

Ik kan uitleggen waarom de integratie van

de hr-doelstellingen in alle afdelingen van de onderneming belangrijk is. 5

Ik kan uitleggen welk competitief voordeel

ondernemingen willen bereiken door een goed hr-beleid.

IN

3

Ik kan uitleggen wat een KPI is.

7

Ik kan verklaren waarom de hr-KPI’s belangrijk zijn

N

6

voor een onderneming. 8

Ik kan de belangrijkste taken van de hr-afdeling

VA

opsommen en omschrijven. 9

Ik kan uitleggen hoe hrm geëvolueerd is naar duurzaam hrm-beleid.

10

Ik kan de aspecten van duurzaam hr-beleid opsommen.

Ik kan uitleggen wat het belang is van

humanresourcesmanagement binnen het totale

bedrijfsbeleid.

©

11

THEMA 3

LEVEL 1 125


LEVEL 2 Hoe verloopt de instroom van medewerkers in een onderneming? INTRO Voor welke uitdagingen staan de bedrijven in deze krantenartikels?

IN

1

N

Audi Brussel gaat nieuw model e-wagens produceren. Directie verwacht 200 nieuwe jobs te kunnen invullen. Technische kennis en vaardigheden vereist.

VA

Haven van Antwerpen bouwt grootste dok ter wereld en organiseert een jobbeurs.

92 kandidaten voor 3 jobs bij Utopia-bibliotheek in Aalst

©

Dringend 50 personeelsleden gezocht voor nieuwe supermarkt in de stad

2

Personeelstekort bij koekjesfabriek: wie een geschikte collega aanbrengt krijgt bonus van 400,00 euro. 1 op 3 sollicitanten schrijft fouten in zijn cv.

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Hoe verloopt de instroom van medewerkers in een onderneming?

126 THEMA 3

LEVEL 2


Explore 1— Wat is instroom?

Instroom Tijdens zijn loopbaan bij een onderneming doorloopt een personeelslid drie fasen: de instroom, de doorstroom en de uitstroom. In elk van die drie fasen gebruikt de onderneming een korf aan hr-instrumenten om het personeelsbeleid soepel te laten verlopen. Hr-instrumenten zijn technieken en middelen om de humanresourcestaken goed te vervullen. Welke hr-instrumenten er nodig zijn, hangt af van de fase waarin de

2 DOORSTROOM

3 UITSTROOM

N

1 INSTROOM

IN

werknemer zich bevindt.

VA

HR-ANALYTICS

De meeste ondernemingen kunnen pas bestaan als ze medewerkers hebben. Daarom gaan ze op de arbeidsmarkt op zoek naar werknemers. Wie wil werken, biedt zich op die markt aan. Niet iedereen is geschikt om in gelijk welke onderneming aan de slag te gaan: soms zijn een bepaald opleidingsniveau, bepaalde interesses of vaardigheden nodig. Anderzijds willen werknemers ook niet zomaar ergens gaan werken. Ze willen een job die ze graag doen en liefst ook tegen goede voorwaarden. Instroom betekent vanuit het standpunt van de onderneming dat er iemand van buitenaf personeelslid wordt van de onderneming. Vanuit het standpunt van een werknemer betekent het dat hij de zoektocht naar een job beëindigt en in dienst treedt bij een

©

onderneming.

THEMA 3

LEVEL 2 127


Iemand kan op verschillende manieren instromen in een onderneming. a

Lees aandachtig de omschrijvingen.

b

Noteer bij elke omschrijving het juiste begrip. Kies uit: vervangingscontract – flexi-job – contract van onbepaalde duur – contract van bepaalde duur – uitzendcontract – studentenjob

OMSCHRIJVING

BEGRIP

de boekenwinkel te werken. Het is een warme zomer en de ijsfabriek heeft extra werkkrachten nodig. Mo ziet zo een tijdelijke job wel zitten. Jouw leerkracht bedrijfseconomie stroomde 20 jaar geleden in en blijft nog wel enkele jaren. Haila werkt deeltijds als leerkracht. Om wat bij te

IN

Warre is 16 jaar en krijgt een contract om elke zaterdag in

verdienen werkt ze als kelner in een restaurant. Ze werkt

N

enkel als haar baas haar opbelt. Zolang jouw leerkracht Frans in zwangerschapsverlof is, springt Eva tijdelijk in.

Van 15 oktober tot 30 april werkt Brent in een

informaticabedrijf. Hij zal er een softwareprogramma

VA

schrijven.

Explore 2— Wat zijn personeelsplanning, werving en selectie?

Personeelsplanning, werving en selectie Via personeelsplanning probeer je als hr-verantwoordelijke de toekomstige personeelsbehoeften vast te

©

leggen. Daarbij bepaal je niet alleen hoeveel personeelsleden je op de korte en op de lange termijn nodig hebt maar ook welke kennis en vaardigheden die personeelsleden moeten hebben om de onderneming concurrentieel te houden. Eens de personeelsbehoeften bepaald zijn, begint de zoektocht naar nieuwe medewerkers. De onderneming schrijft een personeelsadvertentie uit waarin vermeld staat voor welke job er een vacature is. Een vacature is een job die (nu of binnenkort) niet ingevuld is. Via allerlei wervings- en selectiemethodes probeer je de geschiktste kandidaat te vinden. De term ‘recruitment’ omvat de werving en selectie van geïnteresseerden. Werving en selectie zijn twee verschillende aspecten van recruitment. Tijdens het wervingsproces moedig je potentiële kandidaten aan om te solliciteren voor een actuele of toekomstige vacature. Er zijn veel wervingstechnieken van uiteenlopende aard. De keuze voor een bepaalde techniek is afhankelijk van het profiel van de gezochte medewerker. Tijdens die fase ga je nog niet in detail in op de individuele competenties van de

128 THEMA 3

LEVEL 2


kandidaten. Dat volgt later bij de selectie. Bij werving schrijf je als onderneming een personeelsadvertentie uit en communiceer je die via verschillende kanalen, zoals internet, kranten, tijdschriften, websites. Je verspreidt ook (digitale) formulieren zodat kandidaten gemakkelijk kunnen solliciteren. Tijdens de selectie kies je een of meerdere kandidaten uit en bied je hun effectief de job aan. Dat houdt ook in dat je de kandidaten die je niet geschikt acht, afwijst. Ook voor de selectie zijn er verschillende technieken om de kandidaten door te lichten zodat je goed kunt inschatten of ze geschikt zijn voor de job. Dat is een tijdrovend en intensief proces en daardoor is selectie duurder dan werving. Tijdens het selectieproces beoordeel je de kandidaten in meerdere evaluatiefasen. Dat kunnen (mondelinge en / of schriftelijke) proeven, testen, interviews, examens … zijn. De manier waarop een onderneming te werk gaat bij het wervings- en selectieproces ligt in lijn met de strategie

IN

en de doelstellingen van de onderneming. In vele gevallen doet de onderneming zelf de werving en selectie maar soms worden die taken ook uitbesteed aan gespecialiseerde bedrijven. Wat is het verschil tussen werving en selectie? Vul de tabel aan. WERVING

WERKWIJZE

VA

KOSTPRIJS

N

DOEL

SELECTIE

Explore 3— Uit welke delen bestaat een goede personeelsadvertentie?

©

Onderdelen van een personeelsadvertentie Om op de arbeidsmarkt het signaal te geven dat ze een vacature heeft, stelt de onderneming een personeelsadvertentie op. Een goede personeelsadvertentie bevat minstens de volgende delen: —

het functieprofiel met de eisen of criteria waaraan de geïnteresseerde moet voldoen om de functie goed te kunnen uitoefenen zoals vereiste diploma’s, attesten, gevolgde opleidingen, talenkennis, ervaring;

de functieomschrijving met de belangrijkste taken van de job, met welke functies de kandidaat moet samenwerken en de plaats van de functie in het organogram van de onderneming;

het aanbod met wat de onderneming aan de werknemer te bieden heeft in ruil voor de verrichte arbeid.

THEMA 3

LEVEL 2 129


Het is heel belangrijk dat de drie onderdelen van de personeelsadvertentie duidelijk geformuleerd zijn. Die inhouden worden later nog gebruikt in functie van diverse hr-taken binnen de onderneming voor: —

rekrutering en selectie: uiteraard moet een sollicitant heel goed weten aan welk functieprofiel hij moet voldoen om een kans te maken op de job. Voldoet hij daar niet aan, dan heeft het ook weinig nut om te solliciteren;

prestatiebeoordeling: op een bepaald moment zul je de prestaties van de aangeworven kandidaat beoordelen op basis van de taken uit de functieomschrijving;

training en ontwikkeling: niet elke kandidaat zal voor elke taak binnen de onderneming even goed opgeleid zijn. Als onderneming zul je ook een aantal opleidingen, cursussen en bijscholingen moeten aanbieden;

functiewaardering en beloning: de personeelsadvertentie geeft een eerlijk beeld van het belang van de job binnen de onderneming. De plaats in het organogram zorgt voor een realistische inschatting van de

IN

verloning. Tot welke drie delen van een personeelsadvertentie behoren de volgende aspecten? Kies uit: functieprofiel – functieomschrijving – aanbod

ONDERDEEL

Je bent de assistent van de marketingmanager.

N

Je hebt een bachelordiploma marketing.

Je krijgt één maaltijdcheque per dag.

Je hebt minstens drie jaar ervaring.

VA

Je spreekt vloeiend Duits.

Je krijgt een voor de sector competitief loon.

Je stelt reclamecampagnes op met multimediatools.

Explore 4— Via welke kanalen verspreid je best een personeels­ advertentie?

©

Verspreidingskanalen vacature Eens de personeelsadvertentie geschreven is, moet je ze als onderneming onder de aandacht van werk­ zoekenden brengen. Er zijn verschillende kanalen om dat te doen. —

VDAB: elke onderneming met minstens 20 werknemers die een vacature heeft, moet dat in principe aan VDAB melden. Het voordeel is dat adverteren via VDAB gratis is en dat je aan VDAB kunt vragen om potentiële kandidaten uit de database voor jou te contacteren.

Jobportals: dat zijn gespecialiseerde websites die gericht zijn op werknemers met hetzelfde beroep. In tegenstelling tot de personeelsadvertenties bij VDAB zijn de jobaanbiedingen gericht op specifieke doelgroepen. Een onderneming kan dus gerichter adverteren en werkzoekenden kunnen gerichter zoeken. Adverterende bedrijven betalen daarvoor enkele duizenden euro’s per jaar. Deelnemende sollicitanten betalen enkele tientallen euro’s per jaar.

130 THEMA 3

LEVEL 2


Referral recruitment: ondernemingen vragen aan hun eigen werknemers om mee te zoeken naar personeel om de vacatures in te vullen en meer zelfs, wie een geschikte kandidaat aanbrengt, krijgt daarvoor heel vaak een bonus. Ongeveer een kwart van alle sollicitanten biedt zich aan omdat hij iemand binnen de onderneming kent.

De bedrijfswebsite: de meeste ondernemingen hebben een eigen website. Geïnteresseerden in een job surfen wel eens naar de rubriek ‘vacatures’ of ‘werken bij ons’, of bekijken de bedrijfsvideo om een goed beeld te krijgen van wat de onderneming doet en welke waarden ze hanteert. Sommige ondernemingen hebben ook hun eigen ‘werken-bij-site’ waar ze de vacatures updaten.

Zoekmachines: mensen zoeken alles, dus ook jobs, via zoekmachines. Google heeft voorlopig het grootste marktaandeel. Als onderneming komt het erop aan om via handige technieken en door de juiste termen te gebruiken bovenaan de ranking van de zoekmachines te komen. Die techniek heet SEO of ‘search engine optimisation’.

IN

Google for Jobs is de geïntegreerde vacaturebank van Google maar er is al wat informaticakennis nodig

om ermee overweg te kunnen. Ondernemingen kunnen zich laten bijstaan door gespecialiseerde bedrijven. Als onderneming kun je natuurlijk ook adverteerruimte kopen bij Google. Je betaalt dan per klik. Dat heet SEA (search engine advertising). —

LinkedIn: dat is het sociale medium bij uitstek voor professionele netwerkvorming. Een onderneming

plaatst er haar vacatures en sollicitanten zetten er hun cv. LinkedIn verkoopt die informatie ook door aan professionele recruiters. In België zijn er drie miljoen gebruikers van LinkedIn. —

Andere sociale media: uiteraard kunnen ondernemingen en sollicitanten elkaar ook vinden via andere sociale media. Uit onderzoek blijkt dat Facebook voor de meeste ondernemingen en potentiële sollicitanten nog steeds op nummer één staat. Daarna volgen Instagram en Twitter.

Jobbeurs: dat is een digitaal of fysiek evenement waarop tientallen ondernemingen zichzelf voorstellen

N

aan potentiële sollicitanten. Op die manier willen de ondernemingen niet alleen vacatures invullen maar ook in beeld komen bij werkzoekenden die misschien later pas overwegen om te solliciteren. Wanneer een onderwijsinstelling een jobbeurs organiseert met de afstuderende studenten als doelgroep dan is er sprake van ‘campus recruitment’. —

Uitzendkantoren: vooral voor tijdelijk werk of voor studentenjobs doen veel ondernemingen een beroep op

VA

uitzendkantoren. Ondernemingen stellen zelf hun vacature op en de uitzendkantoren publiceren ze op hun website. Solliciteren gebeurt meestal bij het uitzendkantoor, tenzij de onderneming de kandidaat toch zelf even wil ontmoeten.

Vacaturebanken: dat zijn vaak gesponsorde websites die zelf op zoek gaan naar personeelsadvertenties op het net en die dan op hun eigen site plaatsen. In Vlaanderen zijn jobat.be en Stepstone.be veelgebruikte vacaturebanken. Met een beetje geluk plaatsen die vacaturebanken jouw vacaturetekst gratis of tegen een kleine vergoeding op hun site.

Headhunters: zij ‘plukken’ goede werknemers weg bij andere bedrijven. Headhunters gaan discreet te werk en contacteren de juiste profielen met de vraag of ze geïnteresseerd zijn in een overstap naar een andere onderneming. Meestal gaat het om jobs voor hogeropgeleiden. Papieren media: de meeste ondernemingen kondigen hun vacatures aan via het

©

internet. Toch spelen papieren media zoals kranten, magazines en tijdschriften nog steeds hun rol, vooral ter ondersteuning van een wervingscampagne. Gezien de hoge prijs van advertenties in papieren media, is dit wervingskanaal eerder geschikt voor grote bedrijven.

THEMA 3

LEVEL 2 131


VA

Bron: randstad.be

N

IN

Grafiek 1: Hoe vinden werknemers in België een nieuwe job?

Het is goed om zoveel mogelijk kanalen te gebruiken want elke sollicitant heeft zijn eigen gewoonten om een personeelsadvertentie te zoeken.

Good to know

Plaats de personeelsadvertentie aan het begin van de week online. Dat is het meest populaire moment waarop vacatures gezocht worden! Plaats de personeelsadvertentie in prime time: tussen 11.00 en 16.00 uur. In dat

©

tijdsbestek zijn de meeste werkzoekenden online op zoek naar een nieuwe baan.

132 THEMA 3

LEVEL 2


1

Ga naar iDiddit en bekijk het filmpje.

2

Bekijk aandachtig de onderstaande foto’s met kanalen om een personeelsadvertentie tot bij de potentiële sollicitant te brengen. a

Noteer de naam van het gebruikte kanaal.

b

Beantwoord de bijbehorende vragen.

N

IN

A

kanaal:

b

Er bestaan heel wat voorbeelden van dergelijke kantoren.

VA

a

Kun je er vijf opnoemen zonder het internet te gebruiken? Markeer: ja / nee.

Noteer vijf voorbeelden die je kent / gevonden hebt.

©

THEMA 3

LEVEL 2 133


IN

B

kanaal:

b

Hoeveel procent van je familieleden, leerkrachten en oudere vrienden heeft een LinkedIn-account?

N

a

Vraag na en bereken.

©

VA

C

134 THEMA 3

a

kanaal:

b

Surf via iDiddit naar een website van een ander voorbeeld van dit kanaal.

c

Op welke beroepsgroep richt die website zich?

d

Selecteer jouw provincie. Welke bedrijven uit jouw regio herken je die op zoek zijn naar personeel?

LEVEL 2


IN

D

a

kanaal:

b

Surf naar de website van het rekruteringskanaal op de afbeelding. Waarvoor staat de afkorting?

Wat is zijn missionstatement?

VA

N

Hoeveel jobs bieden bedrijven op dit ogenblik aan?

Hoeveel werkzoekenden zoeken op dit moment een job?

Ga naar de werkgeverspagina van het kanaal. 

Wat moet je als werkgever doen om te kunnen adverteren op de website?

Hoeveel procent van de vacatures die op de website staan, raken er uiteindelijk ingevuld?

©

c

THEMA 3

LEVEL 2 135


kanaal:

F

IN

E

Tot 1 500,00 euro voor wie een nieuwe collega aanbrengt

kanaal:

b

Wat zijn de voordelen van dat kanaal? Gebruik het internet.

VA

N

a

©

G

kanaal:

136 THEMA 3

LEVEL 2


IN

H

kanaal:

b

Stel dat jij een vakantiejob zoekt. Welke kanalen gebruik je dan? 

N

a

Rangschik de volgende kanalen volgens jouw voorkeur door ze te nummeren van 1 tot 9. RANGSCHIKKING

VA

MEDIUM

Google of andere zoekmachine Facebook

Instagram LinkedIn Twitter

©

Bedrijfswebsite

Uitzendkantoor Jobportal

Andere:

Motiveer jouw top 3.

THEMA 3

LEVEL 2 137


IN

I

kanaal:

b

Op welke drie manieren onderscheidt het kanaal zich van de andere kanalen?

VA

N

a

©

J

kanaal:

138 THEMA 3

LEVEL 2


Explore 5— Hoe screen je binnenkomende sollicitaties?

Sollicitatiescreening Als je als onderneming een goede personeelsadvertentie opgesteld hebt en die via de passende kanalen verspreid hebt, zit de rekruteringsfase erop en komen de sollicitaties binnen. Veelal zijn er meer sollicitanten dan beschikbare jobs. Dat betekent dat je moet kiezen of selecteren. Om de juiste persoon op de juiste plaats te zetten, moet de selectie zo objectief mogelijk verlopen. Daartoe stel je eerst een selectiejury samen. Die

Stap 1:

Het cv

IN

bestaat best uit de hr-verantwoordelijke en meerdere werknemers van de onderneming.

De eerste fase van de selectieprocedure is het screenen van de binnenkomende cv’s om zoveel mogelijk informatie over de sollicitant te verkrijgen. Je leest het cv van de kandidaat van onderen naar boven om te weten te komen wat die in het verleden al gedaan heeft en waar die goed in is. Bovendien wil je ook meer te weten komen over het gedrag van de kandidaat, zijn waarden en of die waarden passen bij de ondernemingscultuur.

De match tussen de kandidaat en het functieprofiel is het zwaarste selectiecriterium. Je neemt alleen de

kandidaten met het juiste functieprofiel mee naar de volgende stap. Waarop wordt er voornamelijk gelet bij cv-screening? Diploma’s en opleidingen

Ervaringen en competenties die waardevol zijn voor de functie

Eerdere functies en werkgevers

Huidige functie en werkgever

Start- en einddatum van de vorige baan

Stap 2:

N

De motivatie van de kandidaat

VA

Wat motiveert de kandidaat om in jouw onderneming te solliciteren? Heeft de kandidaat zomaar gesolliciteerd of wil hij echt in jouw onderneming werken? Om te weten te komen of kandidaten in de bedrijfscultuur van je onderneming passen, ga je als jury tijdens een screening naar de échte drijfveren van de kandidaat op zoek en die staan in de motivatiebrief. Is er een match tussen de waarden en visie van de onderneming en die van de kandidaat? Ook kandidaten zelf vinden bedrijfscultuur (employer brand) steeds belangrijker als ze een baan zoeken. Stap 3:

De pre-employment screening (PES)

Die screening controleert de integriteit van de kandidaat. Als je dieper wilt graven in de persoonlijke gegevens van de kandidaat, moet je dat in de personeelsadvertentie vermelden. —

Referenties: als er in het cv staat dat de kandidaat ervaring heeft met een gelijkaardige functie als die

©

in het functieprofiel, kun je contact opnemen met de voorgaande werkgevers. Zo kom je van een vorige werkgever te weten of hij tevreden was van de werknemer. Je ervaart meer over de sterke en zwakke punten van een kandidaat.

Bewijs van blancostrafblad: op een strafblad staan de misdrijven die iemand heeft gepleegd. Voor sommige functies zoals bij de politie, in de zorgsector en in het onderwijs, is een blancostrafblad noodzakelijk. Ondernemingen mogen dus vragen dat een kandidaat een ‘Uittreksel uit het strafregister’ voorlegt waaruit blijkt dat het strafblad blanco is.

Identiteitscontrole: je moet altijd de ID-kaart of het paspoort van de sollicitant checken om zeker te zijn dat die zich niet voor iemand anders voordoet. Als je de kandidaat effectief aanwerft, ben je als onderneming verplicht om het document te scannen en te bewaren.

THEMA 3

LEVEL 2 139


Diploma: soms verzinnen kandidaten diploma’s en opleidingen. Veel ondernemingen houden zich het recht voor om het diploma te checken bij de (hoge)school of de universiteit die het diploma uitreikte. Ook dat moet je aan de kandidaat melden.

Onlinescreening: je gaat online spitten naar de sollicitant. Zit de kandidaat wel met een professionele bedoeling op LinkedIn? Je kunt de naam googelen maar bij openbare profielen op sociale media wordt het al wat delicater want je vormt je een beeld van de sollicitant dat afwijkt van de initiële bedoelingen: bepalen of de sollicitant de juiste diploma’s heeft en aan het functieprofiel voldoet.

Telefonische screening: als alle bovenstaande controles gebeurd en in orde zijn, kan de hr-dienst een videocall of een telefonisch gesprek met de kandidaat voeren. Ondertussen test de hr-medewerker hoe een kandidaat daarmee omgaat. Let wel: een onderneming die dit gaat doen, vermeldt dit best reeds in de personeelsadvertentie. Als ook dit gesprek positief verloopt, staat de kandidaat dicht bij een echt

IN

sollicitatiegesprek. Welk soort screening je ook uitvoert als onderneming, de sollicitant moet er op voorhand van op de hoogte zijn. Sommige ondernemingen nemen een recruitmentbureau onder de arm om de screening uit te voeren.

Dan moeten ze niet zelf in de privacy van de sollicitanten gaan duiken. Bovendien moeten ze dan de afgewezen sollicitanten daar niet zelf van op de hoogte brengen.

Surf via iDiddit naar een zelftest. Hoe goed scoor jij op de onderdelen waarvan werkgevers vinden dat jonge werknemers er niet zo goed op scoren. Registreer je.

b

Doe de shuffletest.

c

Vul de specifieke onderdelen in.

d

Noteer jouw scores per onderdeel.

N

a

ONDERDEEL

VA

Inzicht in sterke en zwakke punten Flexibiliteit

Initiatief nemen

Mondelinge communicatie Op tijd komen

Professioneel voorkomen

©

Leerbereidheid

140 THEMA 3

LEVEL 2

SCORE


Explore 6— Welke selectietools gebruikt een onderneming?

Selectietools Nadat de jury de cv’s en motivatiebrieven gelezen heeft en er een aantal screenings doorgevoerd zijn, beslis je om een aantal kandidaten uit te nodigen voor een sollicitatiegesprek. Dat is een vorm van interview. Opdat de selectie objectief kan verlopen, moet de jury dezelfde vragenlijst voorleggen aan alle kandidaten. Alleen dan kan er gequoteerd (gescoord) worden. De volgende vragen komen vaak terug: Waarom solliciteer je bij ons en niet elders?

Welke kennis en competenties kun jij toevoegen aan onze onderneming?

Ben je professioneel mobiel d.w.z. moet je bij je huidige werkgever een opzegtermijn respecteren?

Heb je nog andere sollicitaties lopen?

Welke loonsverwachtingen heb je?

IN

In een interview kunnen open en gesloten vragen elkaar afwisselen. Bij open vragen kan de kandidaat vrij en

zo uitgebreid antwoorden als hij wil. Bij gesloten vragen is het antwoord beperkt. Vermijd suggestieve vragen

in een interview. De kandidaat voelt zich immers niet gemakkelijk als hij in een bepaalde hoek gedreven wordt tijdens een gesprek.

Een goede methode voor zo’n interview is de LSD-techniek: luisteren, samenvatten en doorvragen. Luisteren

N

lijkt makkelijker dan het is. Laat de kandidaat zijn verhaal vertellen en luister ernaar zonder vooroordelen. Als je je aan de vragenlijst houdt, behoud je de structuur van het gesprek en kun je op een bepaald ogenblik de voorlopige samenvatting van jullie gesprek formuleren. Daarna kun je op een volgend level doorvragen en het gesprek meer in detail verderzetten. De LSD-techniek ondersteunt bovendien de tweeledige structuur van het sollicitatiegesprek: —

In het eerste deel is er plaats voor de eerste indruk: hoe komt de kandidaat over? Past hij op het eerste

VA

gezicht binnen de bedrijfscultuur?

In het tweede deel komt de standaardvragenlijst aan bod en test je de harde criteria: voldoet de kandidaat aan jouw criteria? Heeft hij de juiste diploma’s, ervaring, competenties?

In een volgende fase worden de kandidaten onderworpen aan proeven en testen. Afhankelijk van de job waarvoor de kandidaat solliciteert, zullen die van cognitieve of van praktische aard zijn. Voor hogere jobs in de onderneming zijn er moeilijkere proeven, assessments. In elk assessment krijgen de kandidaten wetenschappelijk onderbouwde persoonlijkheidsvragenlijsten en capaciteitsproeven waarbij de focus vooral op observatie van het gedrag van de kandidaat ligt. Tijdens rollenspelen met getrainde acteurs komt hij terecht in een realistische context. Je komt te weten hoe de kandidaat een probleem aanpakt en of die kalm blijft en situaties correct inschat. Tevens kun je inschatten hoe een kandidaat omgaat met andere kandidaten.

©

Assessments zijn vaak moeilijk te organiseren. Veel ondernemingen doen dus een beroep op gespecialiseerde assessmentkantoren. De hele procedure eindigt met de keuze voor de geschikte kandidaat. De kandidaten die het niet gehaald hebben, moeten daarover respectvol geïnformeerd worden. Dat kan per brief, telefonisch of via e-mail. Kandidaten willen vaak weten waarom je ze niet geselecteerd hebt. Kandidaten die bij het eerste gesprek reeds afvielen, kun je meedelen dat ze niet beantwoorden aan het profiel. Een kandidaat die als laatste afviel, wil wellicht wat meer uitleg. Het is ook niet ondenkbaar dat je die toch nog opbelt om alsnog de job aan te bieden.

THEMA 3

LEVEL 2 141


1

Bekijk het filmpje op iDiddit over objectieve werving en selectie. a

Wat betekent ‘objectief’ selecteren?

b

Selectiecriteria kun je indelen in twee categorieën. Welke en geef van elk een voorbeeld.

IN

c

Waarom moet je op voorhand vastleggen op welke vragen of criteria er veel of weinig punten staan?

d

Tijdens het sollicitatiegesprek is er een informeel deel en een formeel deel. Verklaar.

N

Je kunt de kandidaten tijdens de selectieprocedure aan allerlei assessments onderwerpen. Wat houden die

VA

2

testen in? Gebruik het internet. a

IQ-test

Tip:

Leg het belang van het getal 100 bij een IQ-test uit.

©

b

persoonlijkheidstest

142 THEMA 3

LEVEL 2


c

interessetest

d

waardetest

e

in-basketoefening

IN

f

N

gesprekssimulatie

VA

g

groepsdiscussie

©

h

interview

THEMA 3

LEVEL 2 143


TO THE POINT Een personeelslid doorloopt drie fasen tijdens zijn loopbaan in een onderneming: de instroom, de doorstroom en de uitstroom. Vanuit het standpunt van de onderneming betekent instroom dat iemand van buitenaf er op een bepaald moment bij komt en werknemer wordt. Vanuit het standpunt van een werknemer betekent het dat hij de zoektocht naar een job beëindigt en toetreedt tot een onderneming. Aan de hand van personeelsplanning legt de onderneming vast hoeveel personeelsleden ze zal

IN

nodig hebben op de korte en op de lange termijn en over welke competenties die personeelsleden

moeten beschikken. Er zijn drie soorten personeelsplanning: operationele, tactische en strategische personeelsplanning.

Tijdens het wervingsproces wordt er gezocht naar potentiële kandidaten. Om op de arbeidsmarkt het

signaal te geven dat ze een vacature heeft, zal de onderneming een personeelsadvertentie opstellen. Een goede personeelsadvertentie bestaat uit minstens een functieprofiel, een functieomschrijving en een

aanbod naar de potentiële kandidaten toe. De inhoud van de personeelsadvertentie zal later nog gebruikt worden in functie van diverse hr-taken binnen de onderneming: rekrutering en selectie,

prestatiebeoordeling,

training en ontwikkeling,

functiewaardering en beloning.

N

Eens de personeelsadvertentie correct opgesteld is, wil je als onderneming dat zoveel mogelijk potentiële kandidaten ze te zien krijgen. Je kunt daartoe verschillende kanalen gebruiken. Hoe meer kanalen, hoe

VA

beter want sollicitanten hebben zo hun eigen gewoonten om een personeelsadvertentie te zoeken. Selectie is het hr-proces waarbij de onderneming uit de verschillende kandidaten, één of meerdere kandidaten kiest en effectief de job aanbiedt. Bij dat proces gebruiken ondernemingen verschillende technieken om de kandidaten door te lichten en om in te schatten of ze geschikt zijn voor de job. Om de selectie zo objectief mogelijk te laten verlopen stelt de onderneming een selectiejury samen. De eerste stap in een goede selectieprocedure is de screening van de binnenkomende cv’s. Screenen is het achterhalen van informatie over een sollicitant. Als een onderneming actief een kandidaat screent (PES of pre-employment screening), moet de sollicitant daarvan op de hoogte gebracht worden.

©

Na de screening mogen een aantal kandidaten naar de volgende fase gaan. Die bestaat uit: —

het sollicitatiegesprek: dat is een interview waarbij de hr-verantwoordelijke standaardvragen heeft opgesteld die hij aan elke kandidaat stelt. Door kandidaten gelijk te behandelen kan er ook gescoord worden. Dat komt de objectiviteit ten goede. Vaak gebruiken de hr-verantwoordelijken technieken zoals LSD;

proeven, testen en assessments.

Daarna volgt de beslissing en werft de onderneming de geschiktste kandidaat aan. De onderneming moet de kandidaten die ze niet aanwerft op de hoogte brengen en kort uitleggen waarom de kandidaat niet aangenomen wordt. Ze moet daarbij in het achterhoofd houden dat de kandidaat in de toekomst wel nog de beste keuze kan zijn.

144 THEMA 3

LEVEL 2


Action 1—

Wat is het verschil tussen een hr­manager en een hr­consultant?

Surf via iDiddit naar een website met de taken van de hr-consultant.

2

Vergelijk de taken van de hr-consultant met de taken van de hr-manager uit Level 1. Waar zitten de verschillen?

Wat is de rol van de hr­manager of de hr­consultant bij de instroom?

VA

Action 2—

N

IN

1

1

Nodig een hr-manager of een hr-consultant uit in de klas.

2

Maak met een tekstverwerker een verslag van zijn uiteenzetting. Zorg ervoor dat de volgende elementen zeker voorkomen in jouw verslag: a

Hoe heet de hr-manager of hr-consultant?

b

In welke onderneming is die persoon actief?

c

Hoeveel medewerkers telt de onderneming?

d

Welke taken vervult de hr-manager / hr-consultant concreet in de onderneming waarin hij tewerkgesteld

©

is?

e

Waaruit bestaat de dagtaak (vergaderen, berekeningen maken, gesprekken voeren, beoordelingen schrijven …)?

f

Hoe werkt de onderneming concreet aan haar instroom? Waar legt ze de nadruk op? Welke specifieke waarden vindt de onderneming daarbij belangrijk?

g

Hoe werkt de onderneming concreet aan haar doorstroom? Waar legt ze de nadruk op? Welke specifieke waarden vindt de onderneming daarbij belangrijk?

3

Maak met een tool naar keuze een presentatie op basis van je verslag.

4

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 3

LEVEL 2 145


Action 3—

Hoe vertel je een sollicitant dat je hem niet aanwerft?

Ga naar iDiddit. Lees de tekst over feedback geven aan een sollicitant. a

Waarom is het belangrijk voor een onderneming om een afgewezen kandidaat op een correcte wijze te behandelen?

b

IN

Leg uit waarom feedback geven aan een afgewezen kandidaat een win-winsituatie schept.

Waarom maakt een onderneming een werken-bij-site?

VA

Action 4—

N

1

Tik in een zoekmachine in ‘Werken bij Jan De Nul’. Waar kom je terecht?

2

Tik in een zoekmachine in ‘Werken bij Aldi’. Waar kom je terecht?

3

Zowel Jan De Nul Group als Aldi hebben een werken-bij-site. Wat is dat? Omschrijf in je eigen woorden.

©

4

Waarom zou jij als bedrijfsleider een werken-bij-site creëren?

146 THEMA 3

LEVEL 2


BREAKING NEWS 1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST

IN

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

Ik kan het begrip ‘instroom’ plaatsen in de loopbaanfasen van een werknemer.

2

Ik kan in eigen woorden uitleggen wat instroom is.

3

Ik kan het verschil uitleggen tussen

KAN

BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

4

N

personeelsplanning, werving en selectie.

Ik kan in eigen woorden uitleggen wat een personeelsadvertentie is.

5

Ik kan de drie grote onderdelen van een

personeelsadvertentie opsommen en uitleggen wat

VA

ze inhouden.

6

Ik kan uitleggen wat het nut is van de inhoud van een personeelsadvertentie voor het verdere verloop van de loopbaan van de werknemer.

7

Ik kan de kanalen waarlangs de onderneming haar personeelsadvertentie verspreidt, opsommen en toelichten.

Ik kan uitleggen wat screening is.

9

Ik kan vertellen hoe een bedrijf de kandidaat screent.

10

Ik kan de selectietools die een onderneming gebruikt,

©

8

toelichten.

THEMA 3

LEVEL 2 147


LEVEL 3 Hoe verloopt de doorstroom van medewerkers in een onderneming? INTRO

IN

Good to know

Eens de werknemer aangeworven en onboard is, maakt hij deel uit van het personeel. De werknemer integreert in de onderneming en groeit in zijn job. Sommige werknemers blijven zelfs hun hele carrière in dezelfde

onderneming. Het spreekt voor zich dat de hr-afdeling in de loop van de volgende jaren een beroep zal doen op verschillende hr-instrumenten om de werknemer te doen groeien, te motiveren, te belonen …

Welke hr-instrumenten zie je hier?

©

VA

N

1

148 THEMA 3

LEVEL 3


IN

© Shutterstock / Victoria Volnaye

LOONBRIEF

Odette Lunettes.edu Nijverheidsstraat 92/5 2160 WOMMELGEM

Uittreksel van de individuele rekening zorgvuldig bewaren

Persoonlijke gegevens NISS: 8171004 296-25 Burgerlijke staat: Personen ten laste:

Contactgegevens Werknemernummer: Statuut: Breuk tewerkstelling: Datum in dienst: Paritair comité:

N

VERTROUWELIJK Rashid Zia Paradeplein 25 2660 ANTWERPEN

Periode van 20xx-05-01 - 20xx-05-31

gehuwd 2

12485 bediende 38,00/38,00u. 2015-01-01 200

VA

Basismaandloon: € 4 800,00

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Hoe verloopt de doorstroom van medewerkers in een onderneming?

©

2

THEMA 3

LEVEL 3 149


Explore 1— Hoe worden nieuwe werknemers onthaald?

Onboarding Als de sollicitatiegesprekken afgerond zijn en de beste kandidaat gekozen is, komt die nieuwe werknemer enkele dagen later naar de onderneming voor een definitief arbeidsvoorwaardengesprek en voor de ondertekening van de arbeidsovereenkomst. De werknemer krijgt ook een arbeidsreglement dat hij voor ontvangst moet ondertekenen.

IN

De onderneming gaat er daarna voor zorgen dat de nieuwe medewerker zo goed mogelijk onthaald wordt en dat hij zich welkom voelt. Een correct onthaal door de werkgever is trouwens wettelijk verplicht. Bovendien doe je als onderneming enkel maar voordeel bij een goed onthaal. De medewerker zal zich onmiddellijk aanvaard voelen in de onderneming. Onthalen noem je ook ‘aan boord nemen’ of ‘onboarding’.

Een goed onthaal begint uiteraard al voor de eerste werkdag. De toegangsbadge, het werkmateriaal, een locker of kastje, een bureau met daarop een welkomstpakket ... alles wordt in gereedheid gebracht voor de nieuwe collega. De hr-verantwoordelijke brengt de nieuwe medewerker via een e-mail of een videoboodschap op

de hoogte van wanneer hij verwacht wordt in de onderneming, waar hij kan parkeren en bij wie hij zich mag aanmelden. Het is voor de medewerker belangrijk dat hij voor of ten laatste op de eerste werkdag ook alle

informatie krijgt die nodig is om de functie goed uit te voeren. Die voorbereidende fase heet de preboarding. Een goed onthaal bevat een formeel en een informeel gedeelte.

N

De formele, wettelijk verplichte informatie die de nieuwe werknemer moet ontvangen, gaat over: —

de taken van de Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk,

de interne regels van het arbeidsreglement,

de locatie van de eetzaal, de toiletten,

afspraken en eventuele veiligheidsinstructies, zoals de locatie van de EHBO-kit.

VA

De onderneming moet voor een gedetailleerde onthaalbrochure zorgen en voor een schriftelijk bewijs dat bevestigt dat de nieuwe werknemer alle relevante informatie en administratie heeft ontvangen. Dat document wordt bewaard in het personeelsdossier van de werknemer. Daarna volgt het informelere gedeelte: de nieuwe medewerker maakt kennis met zijn collega’s, zijn werkruimte, de koffiehoek … Als er meerdere nieuwe medewerkers starten op dezelfde dag kan de onderneming de starters bijvoorbeeld onthalen met een ontbijt waarop de CEO van de onderneming langskomt om al eens kennis te maken. Als de CEO niet aanwezig kan zijn, kan dat ook online of met een begroetingsfilmpje. Maar het beste is en blijft natuurlijk het menselijke contact want de nieuwe medewerker is nu ‘onboard’. Het is nuttig om een ervaren werknemer als peter of meter van de nieuwe medewerker aan te stellen. Die maakt de nieuwe collega wegwijs bij zijn eerste taken binnen de onderneming. De eerste werkdag kan dan echt

©

beginnen …

Maar het onthaal stopt niet op dag 2. Het is belangrijk de werknemer te blijven begeleiden en aan de werknemer de kans te geven om feedback te geven of vragen te stellen. De meeste ondernemingen plannen op regelmatige basis meetings in tussen de peter of meter enerzijds en de nieuwe werkkracht anderzijds om te praten over hoe het loopt, of er welbepaalde vragen zijn … Vooral voor nieuwe werknemers die niet snel uit zichzelf vragen durven te stellen, verlaagt dat de drempel.

150 THEMA 3

LEVEL 3


IN

Schema 1: Tijdlijn voor onboarding

Ga naar iDiddit en bekijk het filmpje over onboarding.

Binnen welke periode verlaten de meeste medewerkers een onderneming?

b

Wat zijn de voordelen van een goede onboarding?

c

Nog voor de onboarding komt de preboarding. Wanneer is er preboarding?

VA

N

a

Wat doet de onderneming in de preboardingfase?

e

Hoe kun je de kwaliteit van de onboarding controleren?

©

d

f

Wat is de bedoeling van een buddy (meter of peter)?

THEMA 3

LEVEL 3 151


g

Waarom mag onboarding niet te snel stoppen?

h

Hoe betrek je medewerkers die al jaren in de onderneming werken bij onboarding?

IN

Explore 2— Wat is het onderscheid tussen harde en zachte hr-instrumenten voor de doorstroomfase?

Hr-instrumenten

N

Er bestaan harde en zachte hr-instrumenten. Harde hr-instrumenten dienen om op de korte termijn kwantitatieve, meetbare doelstellingen te realiseren. Om objectief te kunnen beoordelen en beslissen wat de onderneming nodig heeft, zijn er objectieve, cijfermatige gegevens nodig. De onderneming moet dus eerst een grote hoeveelheid numerieke hr-data verzamelen en analyseren door enquêtes bij medewerkers af te nemen, afwezigheidscijfers en loonkostcijfers te verzamelen, een risicoanalyse uit te voeren, de arbeidsproductiviteit te meten. Op basis van de bevindingen

VA

werkt de onderneming dan verder om de kortetermijndoelstellingen te bereiken. Om die doelstellingen te bereiken zijn onder andere de volgende harde hr-instrumenten inzetbaar: strategische personeelsplanning, werving en selectie (die al gebruikt werden in de instroom), functionerings- en beoordelingsgesprekken en beloningssystemen.

Met zachte hr-instrumenten investeert een organisatie in een gezonde en blijvende relatie met haar werknemers. Zachte hr-instrumenten worden ingezet om een kwalitatief resultaat op langere termijn te bereiken. Voor elke fase (instroom, doorstroom en uitstroom) die een medewerker doorloopt in een onderneming zijn er zachte hr-instrumenten zoals opleidingen en trainingen, medezeggenschap, ergonomieprojecten, loopbaantrajecten ...

©

Welke hr-instrumenten er nodig zijn, hangt van onderneming tot onderneming af, maar een mix van harde en zachte instrumenten is belangrijk. De keuze voor bepaalde hr-instrumenten hangt af van de doelstellingen die een onderneming op de korte en op de lange termijn wil realiseren. In dat kader is het belangrijk dat een onderneming weet waar ze op termijn naartoe wil. Een onderneming kan vaak de interne ontwikkelingen, zoals een te verwachten groei, voorzien. Externe ontwikkelingen, zoals nieuwe technologieën waardoor er nieuwe opleidingen nodig zijn, of extra concurrenten die werknemers proberen voor zich te winnen, zijn moeilijker te voorspellen. Het hr-beleid moet daarop in de mate van het mogelijke inspelen en de juiste hr-instrumenten hanteren.

152 THEMA 3

LEVEL 3


1

Lees de onderstaande hr-instrumenten voor doorstroom. Markeer: a

de harde hr-instrumenten in het groen,

b

de zachte hr-instrumenten in het rood.

atie

emer binnen de organis

ies van de werkn Gesprek over de ambit

Overleg in de ondernemingsraad

Cijfergegeven

s over werkne

mers die te laa

t komen

mer

kne Berekeningen van de winst per wer n een gezellig

bedrijfsrestaura

nt

IN

De inrichting va

De berekening van de kosten van de overuren 2

Total Talent Management draait om talent vinden, werknemers aan je onderneming binden, werknemers

ontwikkelen en in je bedrijf houden door middel van een boeiende job. Bij welke fase horen die aspecten? Kies uit:

Tip:

N

instroom – doorstroom – uitstroom

Er hoort een aspect bij instroom en een bij uitstroom. ASPECT

VA

Talent vinden

FASE

Talent binden

Talent ontwikkelen

Mobiliteit (veranderen van werk)

©

Schema 2: Talentmanagement

Talent vinden

Mobiliteit Bedrijfs strategie

Talent ontwikkelen

Talent binden

THEMA 3

LEVEL 3 153


Explore 3— Hoe kan de werkgever zijn werknemers trainen en ontwikkelen?

Opleiding en training Elke onderneming heeft haar eigen doelen. Die kunnen commercieel of niet-commercieel zijn. Om die doelen te kunnen realiseren is er (kwantitatief) voldoende personeel nodig. In elke organisatie is er instroom, doorstroom en uitstroom van talent. Daarom is een oplijsting (in een strategisch opleidingsplan) nodig van de kennis en

Schema 3: Strategisch opleidingsplan

IN

vaardigheden die de medewerkers samen moeten hebben om alle bedrijfstaken te vervullen.

ORGANISATIEDOELSTELLINGEN PERSONEELSPLANNING (KWANTITATIEF) In-, uit- en doorstroom

COMPETENTIES (KWALITATIEF) Aanwezige + nodige competenties

N

STRATEGISCH OPLEIDINGSPLAN In welke richting moeten medewerkers ontwikkelen om de organisatiedoelstellingen te realiseren? PERSOONLIJKE ONTWIKKELINGSPLANNEN Bron: talentontwikkelaar.be

FUNCTIONERINGSGESPREKKEN / LOOPBAANGESPREKKEN

De hr-afdeling zal op regelmatige tijdstippen aan alle medewerkers vragen hoe ze zich persoonlijk willen

VA

ontwikkelen. Welke opleidingen zouden ze willen volgen? Daarop aansluitend worden er ook regelmatig functioneringsgesprekken en loopbaangesprekken gehouden. Dankzij de antwoorden van de medewerkers kent de onderneming hun ambities en weet ze naar welke opleidingen ze haar medewerkers kan sturen. In een ideale situatie zullen de medewerkers genoeg opleidingen kunnen en willen volgen om samen aan de bedrijfsdoelstellingen te voldoen. Er wordt dan een strategisch opleidingsplan opgesteld. Als elke medewerker slaagt in zijn opleiding, is er weer kwaliteit en kennis genoeg in het bedrijf om de strategische doelstellingen te realiseren. Uiteraard is dat slechts tijdelijk. Door instroom, doorstroom en uitstroom verandert het aanwezige talent weer en begint de hele cyclus opnieuw.

Ondernemingen en organisaties staan er niet alleen voor. De Vlaamse overheid voorziet subsidies voor opleidingen en via VDAB en centra voor volwassenenonderwijs organiseert ze opleidingen. Bedrijven kunnen

©

ook een beroep doen op private aanbieders van opleidingen. De federale overheid verplicht een minimum aan opleidingsdagen per werknemer en verplicht elke sector om opleidingen te organiseren voor de werknemers in die sector. Voor de werknemers zijn die opleidingen gratis.

154 THEMA 3

LEVEL 3


1

Bekijk de video op iDiddit over de training en opleiding van medewerkers.

2

Lees de tekst over het loopbaangesprek. Markeer de voordelen van een POP (persoonlijk ontwikkelingsplan).

Een loopbaangesprek is een vooruitblik die je jaarlijks of om de twee of drie jaar houdt om de talenten,

wensen en groeimogelijkheden van je medewerker te bespreken. Het resultaat van een loopbaangesprek is meestal een persoonlijk ontwikkelingsplan (POP). Zo’n plan bestaat uit een aantal vaste onderdelen: •

de ontwikkeldoelen van de medewerker, zowel op de korte als lange termijn;

de timing waarbinnen je de verschillende actiepunten wilt verwezenlijken;

• •

de middelen om die doelen te halen (bv. opleidingen, een persoonlijke begeleider); de manier waarop je evalueert of de ontwikkeldoelen gehaald zijn.

IN

In de praktijk vallen een loopbaan- en een functioneringsgesprek vaak samen. Zorg er in dat geval voor dat je genoeg aandacht besteedt aan het toekomstgerichte aspect van het gesprek.

Elk gesprek kan een aanleiding zijn om het POP bij te sturen: of het nu een loopbaangesprek, een

functioneringsgesprek of een combinatie is. Heeft een medewerker tussentijdse loopbaanvragen of merk je motivatieproblemen op, dan kun je altijd een extra gesprek inplannen.

De voordelen van een persoonlijk ontwikkelingsplan

N

De uitkomst van een loopbaangesprek – meestal in de vorm van een POP dus – uit zich in enkele concrete voordelen voor je organisatie. •

handen. Je geeft hun de kans om te doen wat ze graag doen en goed kunnen. Luister je naar hun wensen en noden, dan zullen medewerkers gemotiveerder op de werkvloer verschijnen.

Hogere productiviteit: loopbaangesprekken helpen je de juiste mensen in te zetten voor de juiste

taken. De kwaliteit van hun werk zal daardoor de hoogte ingaan. Gemotiveerde medewerkers doen

VA

Gemotiveerde medewerkers: met een POP geef je je medewerkers het stuur van hun loopbaan in

bovendien een extra inspanning om de bedrijfsdoelstellingen te halen.

Hogere retentiegraad: gelukkige medewerkers blijven langer aan boord. Daardoor hou je je expertise aan boord en hoef je ook minder te investeren in rekrutering.

Bron: cevora.be

Beantwoord de vragen. a

Waarom doen ondernemingen een onderzoek naar de personeelstevredenheid?

©

3

THEMA 3

LEVEL 3 155


b

Wat zijn de kenmerken van de gesprekken. Noteer en kruis aan.

A Functioneringsgesprek Doel:

eenrichtingsverkeer

tweerichtingsverkeer

B Beoordelingsgesprek Doel:

eenrichtingsverkeer

IN

Gericht op:

tweerichtingsverkeer

C

N

Gericht op:

Loopbaangesprek Doel:

VA

tweerichtingsverkeer

Gericht op:

Wat is een POP?

©

c

eenrichtingsverkeer

Good to know Sinds 2017 heeft de Wet Werkbaar en Wendbaar Werk een algemene doelstelling ingevoerd van gemiddeld vijf opleidingsdagen per voltijds equivalente werknemer (VTE) per kalenderjaar. Om de opleiding van werknemers te ondersteunen verplicht de wet van 3 oktober 2022 houdende diverse arbeidsbepalingen werkgevers die 20 of meer werknemers in dienst hebben om opleidingsplannen op te stellen. Voorlopig zijn werkgevers met minder dan 20 werknemers vrijgesteld van deze verplichting.

156 THEMA 3

LEVEL 3


4

Eens je als onderneming weet welke opleidingen er nodig zijn, moet je beslissen of de opleiding intern of extern zal plaatsvinden. a

Wat is volgens jou het verschil tussen intern en extern opleiden? Beschrijf in eigen woorden.

b

Onderzoek per twee de voor- en nadelen van interne en externe opleidingen. Ga naar iDiddit en lees het artikel dat je toegewezen werd.

Beantwoord en / of markeer.

Bespreek je bevindingen met je medeleerling.

Vul de gegevens over het andere artikel aan. BRON

IN

Leerling 1

Artikel over interne opleidingen

Leerling 2

Artikel over externe opleidingen

N

INTERNE OPLEIDING

VA

Wat zijn de drie grootste voordelen?

Wat zijn de twee grootste nadelen?

©

Wanneer is een interne opleiding interessant?

De kosten voor het bedrijf zijn hoog / laag.

THEMA 3

LEVEL 3 157


EXTERNE OPLEIDING Wat zijn volgens jou de drie grootste voordelen?

IN

Wat zijn volgens jou de twee grootste nadelen?

VA

N

Wat is het verschil tussen open aanbod en maatwerk?

©

De kosten voor het bedrijf zijn hoog / laag.

158 THEMA 3

LEVEL 3


5

Informeer je over bedrijfsopleidingen. a

Surf naar de website www.bedrijfsopleidingen.be en vul de tabel aan. OPLEIDING

OPLEIDER

LOCATIE

DUUR

PRIJS

Douane van A tot Z

IN

Duits op maat

Milieumanagement – wetgeving Debiteurenbeheer b

Zoek ook op de site van de VDAB een opleiding ‘initiatie boekhouden: balans en resultatenrekening’. Wanneer kun je de eerstkomende workshop volgen?

Elke sector biedt ook (verplicht) eigen opleidingen aan. Zoek op het internet welke opleidingen er

N

c

aangeboden worden in de bouwsector voor CAD en BIM-modeller. Noteer een voorbeeld.

d

Ook op de sites van centra voor volwassenenonderwijs worden er opleidingen aangeboden. Zoek een

VA

opleiding voor productmanager. Noteer een voorbeeld.

Ga naar iDiddit. Je vindt er een document over de mogelijke leervormen om werknemers op te leiden. Beantwoord de vragen.

©

6

THEMA 3

LEVEL 3 159


Explore 4— Op welke steun van de Vlaamse overheid kan de werkgever rekenen?

Ga naar de website van de kmo-portefeuille van de Vlaamse overheid. Beantwoord de vragen. Wat is VLAIO?

b

Wat is de Vlaamse kmo-portefeuille?

c

Stel dat een onderneming voor een werknemer een opleiding t.w.v. 500,00 euro aankoopt. Hoeveel betaalt de Vlaamse overheid daarvan terug … aan een kleine onderneming?

aan een middelgrote onderneming?

VA

N

IN

a

Een kmo moet een thema kiezen waarvoor ze steun wenst te bekomen. Welke thema’s zijn er mogelijk?

©

d

aan een grote onderneming?

e

160 THEMA 3

Wat is het maximumbedrag dat een kmo jaarlijks aan steun kan krijgen uit de kmo-portefeuille?

LEVEL 3


Explore 5— Welke motivatiesystemen en beloningstechnieken kan de onderneming toepassen?

Motivatiesystemen en beloningstechnieken Het inkomen is voor werknemers meestal de reden om te gaan werken. Volgens de arbeidswet is een loon zelfs een fundamenteel onderdeel van een arbeidsovereenkomst: zonder loon zou er sprake zijn van vrijwilligerswerk. Maar wat is ‘loon’ precies? Loon is niet enkel het nettoloon dat de werknemer maandelijks op zijn bankrekening ontvangt. Ook de vele extralegale voordelen die de werkgever aan de werknemer verschaft,

IN

behoren tot het loon. Sommige van die extralegale voordelen worden door de fiscus zwaarder belast dan andere. Daarom is het goed daarmee verstandig om te gaan.

Uit bevragingen blijkt dat werknemers ook niet-financiële beloningen van hun werkgever verwachten, meer zelfs, heel dikwijls zijn de niet-financiële beloningen zoals promotiekansen, een goede werksfeer, een schouderklopje van de werkgever, doorslaggevend om de onderneming niet te verlaten.

Als een onderneming erin slaagt om haar medewerkers aan boord te houden door een goed belonings- en motivatiebeleid, is er sprake van duurzaam personeelsbeleid. Bekijk de filmpjes op iDiddit. Beantwoord de vragen. a

N

1

Na hoeveel tijd denkt ongeveer de helft van de werknemers van een onderneming klaar te zijn voor een nieuwe uitdaging?

Betekent het dat die medewerkers de onderneming sowieso willen verlaten?

VA

b

c

Om medewerkers in de onderneming te houden stippelt ze een duurzaam loopbaanbeleid uit. Wat

betekent dat?

©

d

Wanneer is een loonbeleid sterk en duurzaam?

e

Waarom is het belangrijk om aan de medewerker keuzemogelijkheden aan te bieden?

THEMA 3

LEVEL 3 161


2

Surf via iDiddit naar het salariskompas van Jobat. a

Vergelijk de lonen die je verdient als je de parameters aanpast, vertrekkende van de situatie hieronder. Tip:

Kies steeds voor het beknopte rapport. Zoek op wat jou interesseert.

Gegevens Profiel Totaal aantal jaren werkervaring: 5 Functieniveau: professionele medewerker Statuut: bediende

PARAMETERS Functiecategorie: marketing

IN

Opleidingsniveau: professionele bachelor

N

Functiecategorie: marketing en 20 jaar ervaring Functiecategorie: ICT, 5 jaar ervaring

Functiecategorie: ICT, academische master, hoger management, 5 jaar ervaring

©

VA

Functiecategorie: ICT, academische master, hoger management, 35 jaar ervaring

b

162 THEMA 3

Wat kun je uit je onderzoek besluiten?

LEVEL 3

BRUTOLOON


3

Ga naar iDiddit en lees de artikels. Beantwoord de vragen. a

Hoeveel verdient de Belg gemiddeld bruto?

b

Hoeveel extralegale voordelen krijgt een gemiddelde werknemer?

c

Waarom heeft de coronapandemie een inhaalbeweging voor extralegale voordelen veroorzaakt?

IN

d

Hoe werkt een zogenaamd cafetariaplan?

Geef de top 5 van de keuzes van werknemers binnen het cafetariaplan als hun werknemer hen dat aanbiedt?

Slechts weinig werkgevers bieden een cafetariaplan aan hun werknemers aan. Waarom is dat zo?

VA

f

N

e

Surf via iDiddit naar twee websites over loonvoordelen en bonussen.

©

4

a

Geef voor elke loonvoordeelcategorie twee voorbeelden.

Mobiliteit

Gezondheid en sociale voordelen

VOORBEELD

THEMA 3

LEVEL 3 163


VOORBEELD Multimedia

Work-lifebalance

b

Wat houdt elke bonus in? Hoe wordt die bonus belast? Noteer.

B

IN

A

Winstpremie

N

Warrant / aandelenoptie

VA

C

©

Niet-recurrente resultaatgebonden bonus

D

Klassieke bonus / cashbonus

164 THEMA 3

LEVEL 3


c

Waarom zoeken bedrijven zo graag naar alternatieve beloningsvormen? Met andere woorden: waarom geven ze niet gewoon een verhoging van het brutoloon?

Bekijk via de links op iDiddit met welke jobs je het meeste kunt verdienen en welke extralegale voordelen echt het verschil maken!

Good to know

IN

Tip:

De term extralegaal voordeel mag je niet verwarren met ‘illegaal’ voordeel. Illegaal betekent dat het tegen de wet zou zijn. Extralegale voordelen zijn perfect wettelijk. Ze worden afgesproken tussen regering,

werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties. Het zijn beloningssystemen die minder hard belast worden. Doel is de werknemers die goed presteren blijvend te motiveren.

N

TO THE POINT

Nadat de onderneming de juiste werknemer geselecteerd heeft, begint de preboardingfase. In die fase houdt de onderneming alvast contact met haar toekomstige nieuwe werknemer.

VA

De nieuw aangeworven werkkracht krijgt nog voor zijn eerste werkdag een kopie van het arbeidscontract en alle andere verplichte documenten zoals de onthaalbrochure en het arbeidsreglement aangeboden. De preboardingfase mondt uit in de onboardingfase. De onderneming zorgt er in die fase voor dat de nieuwe medewerker zo goed mogelijk in de onderneming onthaald wordt en dat hij zich welkom voelt. Een correct onthaal door de werkgever is trouwens wettelijk verplicht. Onboarding stopt niet na de eerste werkdag. Het is een doe-proces dat weken of zelfs maanden duurt. De nieuwe werknemer zal, tot hij de onderneming verlaat, een eigen carrièreparcours volgen binnen de onderneming. De onderneming zal hierbij allerlei hr-instrumenten gebruiken om de werknemer te begeleiden in deze doorstroomfase. Harde hr-instrumenten worden gebruikt om op korte termijn

©

concrete doelstellingen te realiseren. Daarvoor verzamelt en analyseert de onderneming eerst een grote hoeveelheid numerieke hr-data. Met zachte hr-instrumenten daarentegen investeert een organisatie in een gezonde en blijvende relatie met haar werknemers. Zachte hr-instrumenten dienen om een kwalitatief resultaat op langere termijn te bereiken. Dankzij functioneringsgesprekken en loopbaangesprekken leert de hr-afdeling de ambities van haar personeel kennen en weet ze naar welke interne of externe opleidingen ze haar medewerkers kan sturen. In een ideale situatie zullen de medewerkers genoeg opleidingen kunnen en willen volgen om samen aan de bedrijfsdoelstellingen te kunnen voldoen. Maar door instroom, doorstroom en uitstroom verandert het aanwezige talent weer en begint de hele cyclus vroeg of laat opnieuw.

THEMA 3

LEVEL 3 165


De Vlaamse overheid voorziet subsidies voor opleidingen en via VDAB en centra voor volwassenenonderwijs organiseert ze opleidingen. Bedrijven kunnen ook een beroep doen op private aanbieders van opleidingen. De federale overheid verplicht een minimum aan opleidingsdagen per werknemer. Uiteraard gaan mensen werken met de bedoeling om geld te verdienen. Loon bestaat uit meerdere componenten. Enerzijds is er het nettoloon dat de werknemer maandelijks op de bankrekening ontvangt. Maar ook de extralegale voordelen die de werkgever geeft aan de werknemer worden tot het loon gerekend. Sommige van deze extralegale voordelen worden door de belastingdiensten zwaarder belast dan andere. Uit bevragingen blijkt ook dat werknemers bovendien niet-financiële beloningen verwachten van hun

IN

werkgever. Heel dikwijls zijn die niet-financiële beloningen doorslaggevend om de onderneming niet te

verlaten. Als een bedrijf erin slaagt om haar medewerkers aan boord te houden door een goed beloningsen motivatiebeleid, is er sprake van duurzaam personeelsbeleid.

1

Wie kan een onderneming bijstaan voor haar personeelsadministratie?

N

Action 1—

Surf via iDiddit naar de website van een dienstenbedrijf. Welke diensten biedt de onderneming aan op het vlak

©

VA

van personeelsadministratie?

166 THEMA 3

LEVEL 3


2

Ga naar iDiddit en bekijk het filmpje. Beantwoord de vragen. a

Wat staat er centraal in de toepassing Proxy-online?

b

Wat kan een bedrijfsleider doen met de Payroll-toepassing?

Wat is het voordeel van geïntegreerde software voor personeelsadministratie?

IN

c

Wat gebeurt er in de module ‘Mijn loon’?

e

N

d

Waarvoor gebruik je de module ‘Boekhouddocumenten’?

VA

f

Waarvoor dient de module hr-selfservice?

g

Wat doet een tijdregistratiesysteem binnen een bedrijf? Gebruik het internet.

©

h

Wat is handig aan het performance dashboard?

i

Wat is de uiteindelijke bedoeling van het gebruik van een online geïntegreerde software voor personeelsadministratie?

THEMA 3

LEVEL 3 167


j

Is een onderneming verplicht om alle modules aan te kopen en te gebruiken?

k

Het gecombineerd gebruik van verschillende modules waartussen de informatie kan uitgewisseld worden, heet ERP. Wat betekent ERP?

1

Hoe kan de onderneming voldoen aan de opleidingsvraag?

Werk per twee. Lees de onderstaande case.

IN

Action 2—

Je werkt op de personeelsafdeling van de firma Vanden Berghe. Twee werknemers hebben een opleiding nodig. Zoé moet een cursus Verantwoordelijke voor de boekhouding volgen en Kevin moet een cursus Onderhoudselektricien volgen.

De ene leerling zoekt een opleiding voor Zoé. De andere leerling zoekt een opleiding voor Kevin.

3

Wissel achteraf de gevonden informatie uit.

Naam:

N

2

VA

Opleidingsbehoefte:

Stappenplan Stap 1:

Start je zoektocht.

Surf via iDiddit naar de website van VDAB en zoek het juiste opleidingsplan.

Stap 2:

Vind de opleiding.

©

Lees de opleidingsplannen en zoek op het internet de opleiding die het geschiktst is. Houd rekening met de volgende zoekcriteria:

Zoé moet binnen de drie maanden met haar opleiding beginnen.

De opleiding moet plaatsvinden binnen een straal van 50 km rond de woonplaats van de werknemer. Zoé woont in dezelfde gemeente of stad als jij.

168 THEMA 3

Bij gelijkwaardige opleidingen kies je de minst dure.

LEVEL 3


Stap 3: —

Plan de opleiding. Wie geeft de opleiding?

In welke leervorm vindt de opleiding plaats?

Hoeveel weken duurt de opleiding?

Om hoeveel lestijden gaat het in totaal?

Zijn er toetredingsvoorwaarden tot de opleiding? Zo ja, Welke?

Stap 4: —

Financiering van de opleiding Hoeveel zal de opleiding kosten?

N

Biedt de overheid financiële steun voor de werkgever om de opleiding aan te bieden aan de werknemer?

IN

Biedt de overheid financiële steun voor de werknemer om de opleiding te volgen?

VA

Stap 5: —

Evalueer de opleiding.

Was de opleiding goed? Voldeed ze aan de verwachtingen die gesteld werden? (Te beantwoorden zodra de opleiding bezig is of nadat ze voltooid is)

Action 3—

Hoe gebeurt opleiding binnen strategische personeelsplanning in de praktijk?

©

Bekijk op iDiddit een case over opleidingen in het kader van strategische personeelsplanning in een busbedrijf. a

Waarom is hier geen sprake van operationele personeelsplanning?

b

Het is een nadeel dat busbedrijven lang op bussen moeten wachten maar wat is het voordeel?

THEMA 3

LEVEL 3 169


c

Het gebruik je dat voordeel?

d

Voor welke uitdaging staat het busbedrijf?

Action 4—

IN

Wat zijn de populairste extralegale voordelen?

Ga naar iDiddit en bekijk de checklist. Beantwoord de vragen. a

Voor welke extralegale voordelen zou jij kiezen? Geef jouw top 5.

VA

N

b

Vraag jouw ouders naar hun top 5. Noteer.

Zou een werknemer die op de rand van zijn pensionering staat, dezelfde keuze maken? Waarom (niet)?

©

c

170 THEMA 3

LEVEL 3


BREAKING NEWS 1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST

IN

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

Ik kan uitleggen wat doorstroom is.

2

Ik kan het verschil verklaren tussen harde en

KAN

BETER

EXTRA OEFENMATERIAAL

zachte hr-instrumenten die gebruikt worden bij doorstroommanagement. Ik kan enkele voorbeelden geven van harde

N

3

hr-instrumenten. 4

Ik kan enkele voorbeelden geven van zachte hr-instrumenten.

5

Ik kan het belang uitleggen van een arbeidsreglement

VA

in de verstandhouding tussen werkgever en werknemer.

6

Ik kan de belangrijkste verplichte onderdelen van een arbeidsreglement opsommen.

7

Ik kan uitleggen wat een strategisch opleidingsplan is en waarvoor het dient.

8

Ik kan het verschil uitleggen tussen een

functioneringsgesprek, een beoordelingsgesprek en

©

een loopbaangesprek.

9

Ik kan de subsidies opzoeken die ondernemingen kunnen krijgen via de kmo-portefeuille.

10

Ik kan de voordelen van een POP opsommen.

11

Ik kan de gepaste bedrijfsopleiding voor een medewerker opzoeken.

12

Ik kan voorbeelden geven van extralegale voordelen die werkgevers aan hun werknemers geven.

13

Ik kan het verschil uitleggen tussen horizontale, verticale en diagonale doorstroom. THEMA 3

LEVEL 3 171


LEVEL 4 Hoe verloopt de uitstroom van medewerkers uit de onderneming? INTRO Op een bepaald ogenblik kan de werkgever of de werknemer het beter vinden om de arbeids­

IN

1

overeenkomst te beëindigen. In dat geval zal de werknemer uitstromen uit de onderneming. a

Om welke redenen kan de werkgever de arbeidsovereenkomst met de werknemer beëindigen?

b

VA

N

Om welke redenen kan de werknemer de arbeidsovereenkomst met zijn werkgever beëindigen?

©

1 INSTROOM

2

2 DOORSTROOM

HR-ANALYTICS

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Hoe verloopt de uitstroom van medewerkers uit een onderneming?

172 THEMA 3

LEVEL 4

3 UITSTROOM


Explore 1— Wanneer is er sprake van uitstroom?

Uitstroom Werknemers kunnen veranderen van job. Dat heet arbeidsmobiliteit. Er is sprake van uitstroom als dat personeelslid de onderneming verlaat. Dat kan op eigen initiatief gebeuren of op initiatief van de werkgever. Het is uiteraard de bedoeling om de uitstroom op een positieve manier te laten verlopen, maar dat is niet altijd zo. De onderneming heeft er alle belang bij om een goede relatie te onderhouden met de vertrekkende medewerker

IN

en daarvoor heeft ze hr-instrumenten ter beschikking. 1

Bekijk de grafieken en tabellen.

2

Bekijk de gegevens voor de werknemers die op dit ogenblik een job hebben. a

Wat is hun top 3 van redenen om van werk te veranderen?

b

Wat is de verhouding ‘ontslag genomen’ tegenover ‘ontslag gekregen’ bij de personen die werk hebben?

3

N

Bekijk de gegevens voor de personen die gestopt zijn met werken. Wat is hun top 4 van redenen om te stoppen met werken?

VA

a

b

Wat is de verhouding ‘ontslag genomen’ tegenover ‘ontslag gekregen’ bij de personen die geen werk meer hebben?

©

4

Wat kun je zeggen over de bereidheid om van werk te veranderen in relatie met de leeftijd van de werknemers?

5

Stel dat iemand geen werk meer heeft, wat zijn zijn kansen dan om nieuw werk te vinden?

THEMA 3

LEVEL 4 173


Tabel 1: Personen die in de voorgaande 12 maanden van baan zijn veranderd (werkenden) of in de afgelopen 8 jaar hun laatste baan hebben opgegeven (niet-werkenden), naar voornaamste reden (2020) – in procenten 2020 WERKENDEN

NIETWERKENDEN

TOTAAL*

Terbeschikkingstelling voorafgaand aan het pensioen

3,10

2,50

Brugpensioen (d.w.z. werkloosheid met bedrijfstoeslag) om

4,50

3,60

4,50

3,50

<1

13,80

10,90

11,70

11,30

11,40

<1

21,00

16,70

17,10

18,00

17,80

De sluiting van de onderneming

5,50

5,40

5,40

Zelf ontslag genomen

46,50

4,20

13,00

1,60

1,30

<1

<1

Vervroegd pensioen om andere dan economische of gezondheidsredenen

IN

economische redenen

Pensioen om andere dan economische of gezondheidsredenen Ontslag of afschaffing van de betrekking

Ziekte of gehele of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid

N

Het aflopen van een contract van bepaalde duur

Zorg voor de eigen kinderen

Zorg voor andere afhankelijke personen

4,30

1,60

2,20

Het volgen van onderwijs of een opleiding

<1

3,50

2,80

13,50

7,40

8,70

VA

Andere persoonlijke of familiale redenen

Andere redenen

* Werkenden en niet-werkenden samen Bron: Datawarehouse Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming, KSZ. Berekeningen en verwerking: FOD WASO.

©

Grafiek 1: Ratio van het aantal aanwervingen ten opzichte van het aantal inactieven en werklozen per leeftijdsklasse

Bron: Datawarehouse Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming, KSZ. Berekeningen en verwerking: FOD WASO.

174 THEMA 3

LEVEL 4


Grafiek 2: Ratio van het aantal jobmobiele werknemers – werknemers die van werk veranderen – ten opzichte van

IN

het aantal werkenden per leeftijdsklasse

Bron: Datawarehouse Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming, KSZ. Berekeningen en verwerking: FOD WASO.

6

Waarom heeft een onderneming er volgens jou belang bij een goede relatie te onderhouden met een

Dit level focust vooral op werknemers met vast werk. Analyseer de onderstaande tabel. Als mensen met vast

VA

7

N

medewerker die uitstroomt?

werk veranderen van job, hoeveel procent van hen doet dit dan om: a

ander vast werk te zoeken?

b

tijdelijk te gaan werken?

c

zelfstandig te worden?

d

te stoppen met werken?

©

Tabel 2: Mobiliteit volgens type arbeidscontract – vast en tijdelijk (%)

2018

VAST WERK TIJDELIJK WERK TOTALE

BEVOLKING

VAST WERK

2019

TIJDELIJK

ZELF-

WERK-

WERK

STANDIGE

ZOEKENDE

INACTIEVE

TOTAAL

93,00

2,00

0,80 (1)

0,80 (1)

3,30

100,00

41,00

38,00

: (1)

9,30 (1)

10,00 (1)

100,00

41,30

4,10

6,00

3,90

44,60

100,00

(1) Onzeker Bron: Eurostat, Statbel, EU-SILC, Bewerkingen: FOD WASO

THEMA 3

LEVEL 4 175


Explore 2— Wat is outplacement en welke wettelijke regels gelden er?

Outplacement Als een onderneming een werknemer ontslaat, moet die onderneming een opzegtermijn respecteren of een opzegvergoeding uitbetalen en in sommige gevallen outplacement aanbieden. De wet schrijft in sommige gevallen namelijk voor dat de onderneming de ontslagen werknemer ook moet begeleiden bij zijn zoektocht naar een nieuwe job. Alle werknemers die bij hun ontslag recht hebben op een opzegtermijn van minstens 30 weken en werknemers die ouder zijn dan 45 jaar en minstens een jaar lang in de onderneming gewerkt

IN

hebben, hebben recht op outplacement. Ondernemingen roepen voor die begeleiding de hulp van outplacementbureaus in. Dat kunnen privéondernemingen zijn zoals gespecialiseerde uitzendkantoren, maar ook de overheid (VDAB) doet aan outplacement

Bekijk de ontslagbrief. Welk wettelijk verplicht extra aanbod doet de onderneming?

Afzender: NV Blokhut

N

1

Tulpenlaan 12, 8470 GISTEL

VA

Grote Baan 54, 8680 KOEKELARE

Aan: Inge Hintjens

Beste mevrouw Hintjens Beste Inge

Tot onze spijt moeten wij u kennisgeven van onze beslissing om vanaf vrijdag 23 november 202x om 17.00 uur een einde te stellen aan uw arbeidsovereenkomst. Dit om redenen van interne reorganisatie die ons opgedrongen wordt vanuit de hoofdzetel in Duitsland. Bijgevolg bent u vanaf dat moment tegenover ons vrijgesteld van alle prestaties. Als tegenprestatie kennen wij u een opzegvergoeding toe die overeenkomt met een opzegtermijn van 36 weken. Wij vestigen er uw aandacht op dat u voldoet aan de voorwaarden om recht te hebben op outplacement.

©

U zult dus binnen de wettelijke termijnen een outplacementaanbod van ons ontvangen. Gelieve ons schriftelijk mee te delen of u wenst in te gaan op dit aanbod. Wij willen u uw opzegvergoeding uitbetalen en u zowel uw eindafrekening als uw individuele documenten bezorgen tegen ten laatste vrijdag 23 november 202x.

Opgemaakt te Koekelare op 7 november 202x. Met de meeste hoogachting

Kris De Colman Kris De Colman, personeelsdirecteur

176 THEMA 3

LEVEL 4


2

Ga naar de link op iDiddit. Je vindt er een brochure over outplacement. a

Op hoeveel uren begeleiding heeft de werknemer recht?

b

Hoelang mag de werknemer gebruikmaken van de outplacementbegeleiding?

c

Uit welke fasen bestaat de outplacementbegeleiding? Vermeld ook het aantal uren en de termijn van de begeleiding.

d

Is het verplicht om outplacementbegeleiding te volgen?

Surf via iDiddit naar de outplacementpagina van een hr-bedrijf. a

Wat is het doel van dit hr-bedrijf in verband met outplacement?

Het hr-bedrijf besteedt veel aandacht aan de body-and-mindaanpak. Wat houdt die aanpak in?

VA

b

N

3

IN

Welke outplacementdiensten biedt dat hr-bedrijf nog aan boven op de psychologische begeleiding?

©

c

THEMA 3

LEVEL 4 177


d

Welke andere opportuniteit kan outplacement bieden naast het vinden van een nieuwe job.

Explore 3— Welke hr-instrumenten gebruikt een onderneming bij uitstroom?

IN

Hr-instrumenten uitstroom

Bij de aanwerving van een werknemer is er sprake van onboarding bij het ontslag van een werknemer is er sprake van offboarding. Elke onderneming hanteert een eigen exitbeleid om op de juiste manier afscheid

te nemen van een medewerker die zijn ontslag geeft of krijgt. Dat is heel belangrijk voor het imago van de werkgever, de employer brand.

Het proces van offboarding, in de periode tussen de opzegging en het daadwerkelijke vertrek uit de

onderneming, duurt gemiddeld een maand tot twee maanden. De hr-afdeling van de onderneming organiseert en coördineert de offboarding. Uiteraard zijn de afspraken tussen de hr-verantwoordelijke en de medewerker die het bedrijf gaat verlaten, het belangrijkst. Er moet niet alleen administratief veel geregeld worden, ook overnemen.

N

de directe collega’s moeten op tijd verwittigd worden. Zij zullen immers bepaalde taken (tijdelijk) moeten

Toch is offboarding niet het eindpunt: blijvend contact met en blijvende waardering voor een ex-werknemer kan nooit kwaad en kadert in een positieve employer branding. Bekijk het filmpje op iDiddit over het exitgesprek.

VA

1

a

Wat is een exitgesprek?

b

Waarom vinden exitgesprekken plaats?

©

178 THEMA 3

LEVEL 4


c

Wat is niet de bedoeling van een exitgesprek?

d

Waarom stel je een template op bij een exitgesprek?

Waarom wordt de medewerker net voordat hij vertrekt uitgenodigd voor het exitgesprek en niet net na de aankondiging van het ontslag?

f

Wat als de medewerker geen exitgesprek wil of op sommige vragen niet wil antwoorden?

Waarom noteer je ook de positieve feedback van de medewerker?

h

N

g

IN

e

Met welke medewerkers die het bedrijf verlaten ga je geen exitgesprek voeren?

VA

Bekijk nogmaals de tips over het exitgesprek. a

Het exitgesprek gaat niet enkel over de redenen waarom de medewerker ontslag nam. Wat is de bijkomende bedoeling?

©

2

b

Waarom hanteren ondernemingen volgens jou steeds dezelfde vragenlijst bij een exitgesprek?

THEMA 3

LEVEL 4 179


3

N

IN

Welke andere hr-instrumenten kun je gebruiken bij uitstroom?

VA

TO THE POINT

Als een personeelslid de onderneming verlaat, is er sprake van uitstroom. Ontslag kan op initiatief van de werknemer of van de werkgever gebeuren. Het is van het grootste belang om de juiste hr-instrumenten te gebruiken om de uitstroom te begeleiden. Als werknemers, om welke reden dan ook veranderen van job, heet dat arbeidsmobiliteit.

In sommige gevallen is het ontslaggevende bedrijf wettelijk verplicht om outplacement aan te bieden: begeleiding voor de werknemer in de zoektocht naar een nieuwe job. Alle werknemers die bij hun ontslag recht hebben op een opzegtermijn van minstens 30 weken en alle werknemers die ouder zijn dan 45 jaar en minstens één jaar lang in het bedrijf gewerkt hebben, hebben recht op outplacement. Bedrijven doen

©

daarvoor een beroep op outplacementbureaus.

Elke onderneming wil op de juiste manier afscheid nemen van medewerkers die hun ontslag geven of krijgen. Dat is belangrijk voor het imago van de werkgever. De inzet van de juiste hr-instrumenten om de werknemer die de onderneming verlaat, te begeleiden, heet offboarding en gebeurt in de periode tussen de opzegging en het daadwerkelijke vertrek van de werknemer. De hr-afdeling van de onderneming organiseert en coördineert de offboarding. Uiteraard zijn de afspraken tussen de hr-verantwoordelijke en de medewerker die het bedrijf gaat verlaten, het belangrijkst. Er moet niet alleen administratief veel geregeld worden, ook de directe collega’s moeten op tijd verwittigd worden. Zij zullen immers bepaalde taken (tijdelijk) moeten overnemen. Toch is offboarding niet het eindpunt: blijvend contact met en blijvende waardering voor een ex-werknemer kan nooit kwaad en kadert in een positieve employer branding.

180 THEMA 3

LEVEL 4


Action 1—

Waarom en wanneer veranderen mensen van werk?

Good to know Een deciel is een schijf van 10 %. Stel dat je bij een loopwedstrijd in het eerste deciel zit, dan ben je bij de 10 % traagste lopers, zit je in het zesde deciel, dan ben je net iets beter dan de helft. Behoor je tot het tiende deciel, dan ben je bij de 10 % snelste lopers.

a

IN

Beantwoord de vragen op basis van de informatie in tabellen 3, 4 en 5. Hoeveel procent van de mensen dat van werk verandert, gaat naar een deciel er net boven, wat het loon betreft?

b

Als je naar een deciel hoger dan +1 gaat, wat betekent dat dan?

c

Welke conclusies kun je in het algemeen trekken over het salaris van mensen die van werk veranderen?

N

VA

d

Hoelang werkt de Belg die van werk verandert, gemiddeld in een onderneming?

e

Als werknemers jonger dan 24 jaar hun ontslag geven of ontslagen worden, hoe lang hebben ze dan gemiddeld in de onderneming of organisatie gewerkt?

f

Is er een groot verschil tussen de jobanciënniteit bij mannen en vrouwen die van job veranderen?

©

Tabel 3: Arbeidstransities naar salarisniveau TRANSITIE

TRANSITIE

TRANSITIE

TRANSITIE

NAAR HET

NAAR EEN

NAAR HET

NAAR EEN

BOVENGELEGEN

DECIEL HOGER

LAGERGELEGEN

DECIEL LAGER

DECIEL

DAN +1

DECIEL

DAN -1

België

17,00

14,90

8,20

6,40

2,60

EU-27

12,00

10,00

8,90

5,40

3,50

TRANSITIE NAAR GEEN LOON

Bron: Eurostat, EU-SILC

THEMA 3

LEVEL 4 181


Tabel 4: Gemiddelde anciënniteit in jaren naar

Tabel 5: Gemiddelde jobanciënniteit in jaren in België

leeftijdscategorie (2020)

(2020)

BELGIË

EU-27

Mannen

11,10

15 tot 24

1,60

1,70

Vrouwen

11,20

25 tot 54

9,60

9,40

TOTAAL

11,20

55 tot 64

21,60

19,60

65+

23,10

20,60

TOTAAL

11,40

11,00

Action 2—

IN

Bron: OECD – average tenura dataset

Bron: Statbel, EAK, Bewerking Steunpunt Werk

Hoe verloopt een exitgesprek?

Ga naar iDiddit en open het bestand over het verloop van een exitgesprek.

Welke organisatie stelde de brochure samen om als handleiding te dienen bij exitgesprekken?

b

N

a

Waarom vindt die het nodig om een handleiding te hebben bij exitgesprekken?

VA

c

Wat is niet de bedoeling van een exitgesprek?

d

Wat is dan wel de bedoeling van het exitgesprek?

©

182 THEMA 3

LEVEL 4


e

Een exitgesprek is niet hetzelfde als een ontslaggesprek. Leg uit wat er besproken wordt bij een ontslaggesprek.

Is een exitgesprek verplicht?

g

Wanneer vindt er meestal geen exitgesprek plaats?

Action 3—

Hoe vul je de documenten in voor outplacement voor bedienden?

VA

MORE

N

IN

f

Speel een rollenspel waarbij de ene leerling de hr-verantwoordelijke is en het document moet invullen voor een andere leerling (werknemer, ontslagen na 12 jaar dienst) in verband met outplacement. a

Ga naar iDiddit en download het document.

b

Vul het document samen in op basis van de gegevens van de werknemer.

c

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

MORE

MORE

THEMA 3

LEVEL 4 183


Action 4— MORE MORE

1

Hoe voer je een goed exitgesprek?

E twee. Een leerling neemt de rol van hr-verantwoordelijke op, de andere de rol van werknemer de Werk MORper onderneming verlaat.

2

Surf via iDiddit naar de brochure.

3

Simuleer een exitgesprek voor een van de drie situaties.

Exitgesprek 1

bij vrijwillig vertrek

Exitgesprek 2

bij pensioen / einde contract

Exitgesprek 3

bij einde stage

Wat houdt de wet­Renault in en welke gevolgen heeft die voor de ontslagregeling?

N

Action 5—

Markeer in de tekst de oplossingen voor de volgende vragen. a

Geel: Waarom werd de wet in het leven geroepen?

b

Groen: Waar dient de wet-Renault eigenlijk voor?

c

Blauw: Wanneer is er volgens de wet-Renault sprake van collectief ontslag?

VA

1

IN

SITUATIE

2

d

Paars: Wat moet er gebeuren in de informatie- en consultatiefase?

e

Rood: Wat gebeurt er bij de opstelling van het sociaal plan?

Denk je zelf dat de wet de grote bedrijven zal tegenhouden om werknemers collectief te ontslaan? Waarom

©

(niet)?

184 THEMA 3

LEVEL 4


Wat is de wet-Renault?

Op 27 februari 1997 riep toenmalig Renault-topman Louis Schweitzer de pers bijeen in het Brusselse Hilton-hotel. Hij liet er koudweg weten dat hij de fabriek in Vilvoorde zou sluiten en dat de 3 098 werknemers op straat stonden. Onderhandelen daarover was niet meer mogelijk. Enkele ogenblikken later kregen de werknemers hetzelfde te horen. De collectieve verontwaardiging over het feit dat de werknemers, de lokale directie en de vakbonden zo voor een voldongen feit werden geplaatst, was enorm. Een jaar later, op 13 februari 1998, mondde dat uit in een nieuwe wet, die tot nu gekend is als de wet-Renault. De wet-Renault doet de procedure uit de doeken die

IN

een bedrijf moet volgen als het een collectief ontslag

wil doorvoeren. In essentie geeft de wet het personeel en de vakbonden vooral meer tijd, bijvoorbeeld

om de impact van de ontslagen en de eventuele alternatieven te onderzoeken.

We spreken over een ‘collectief ontslag’ wanneer

over een periode van 60 dagen een bepaald aantal werknemers getroffen is. Het gaat om: 

minstens 10 werknemers in ondernemingen met minder dan 100 werknemers;

minstens 10 procent van het personeel in

N

bedrijven met 100 tot 300 werknemers; 

minstens 30 werknemers in ondernemingen met meer dan 300 werknemers.

Allereerst moet het bedrijf een doorgedreven

informatie- en consultatiefase doorlopen. Zo moet

Parallel met de consultatiefase voeren bonden en

wat de plannen zijn met het personeelsbestand. Ook

over het sociaal plan. Dat regelt de uiteindelijke

plannen vergaderd is met de ondernemingsraad. De

en de blijvers: ontslagvergoedingen, outplacement,

inspraak krijgen: ze mogen vragen stellen en

niet wettelijk verplicht bij een collectief ontslag. Na de

die vragen beantwoorden en die tegenvoorstellen

een werkgever in theorie werknemers ontslaan zonder

bovendien de kans om de procedure te betwisten

Bron: vrt.be

werkgever in de praktijk doorgaans onderhandelingen

moet het nadien kunnen bewijzen dat er over die

gevolgen van de reorganisatie voor de vertrekkers

personeelsvertegenwoordigers moeten ook effectieve

opleidingen ... Maar opmerkelijk: zo’n sociaal plan is

tegenvoorstellen doen. En het bedrijf in kwestie moet

consultatieperiode en een wachttijd van 30 dagen kan

onderzoeken. Elke ontslagen werknemer krijgt

sociaal plan. In de praktijk gebeurt dat zelden of nooit.

VA het schriftelijk meedelen aan de ondernemingsraad

©

voor de rechtbank, mocht die slecht zijn nageleefd. Als dat ook het geval blijkt te zijn, moet een bedrijf

de werknemer weer in dienst nemen en hem het loon uitbetalen van de hele periode vanaf de dag van zijn ontslag.

THEMA 3

LEVEL 4 185


BREAKING NEWS 1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

CHECKLIST

IN

Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

1

Ik kan verklaren wat het begrip ‘uitstroom’ in hr-termen betekent.

2

Ik kan economische cijfers omtrent uitstroom correct interpreteren. Ik kan de hr-instrumenten opsommen die een

N

3

onderneming bij uitstroom hanteert. 4

Ik kan uitleggen waarom een onderneming goede relaties wil behouden met haar ex-werknemers.

5

Ik kan uitleggen wanneer een werknemer recht heeft

VA

op outplacement.

6

Ik kan verklaren wat er gebeurt in de drie fasen van outplacement.

7

Ik kan de verschillende juridische termen omtrent uitstroom verklaren.

8

Ik kan de juridische informatie omtrent uitstroom

©

vinden op de officiële sites van de overheid.

186 THEMA 3

KAN

BETER

LEVEL 4

EXTRA OEFENMATERIAAL


Begrippenlijst Thema 3 LEVEL 1

1

BEGRIP

VERKLARING

administratief

Benadering van hrm waarbij een

personeels­

onderneming zo goed mogelijk en op een

management

correcte juridische wijze de belangrijke

personeelsdocumenten opstelt en bijhoudt.

Dat is een hrm-strategie waarbij hrm zich

duurzaam hrm

meer en meer richt op het PPP-model

hr-KPI

dat profit, people en planet met elkaar

combineert.

KPI is de afkorting van key performance indicator of kernprestatie-indicator. De

weergeeft of een hr-doelstelling gehaald

human­

Dat is een managementtak binnen de

resources-

onderneming die zich bezighoudt met alle

management

zaken betreffende de werknemers binnen

een onderneming.

Dat is bewust en vooral toekomstgericht

strategisch humanresources-

inzetten op het management van de human resources van de onderneming.

VA

management (shrm)

2

assessment

Dat is de be­oor­de­ling van de ge­schikt­heid van een sol­li­ci­tant of een werk­ne­mer voor

Een cv of curriculum vitae is een

de diploma’s en werkervaring van de

sollicitant.

functie­

Daarin staan de belangrijkste taken van de

omschrijving

job, de verwachtingen aan de kandidaat

© 2

func­tie

samenvatting van de persoonsgegevens,

2

proeven

cv

de ver­vul­ling van een meestal hogere

bv. aan de hand van complexe testen en

2

N

1

hr-KPI is een statistisch kengetal dat wordt. 1

IN

1

IN JE EIGEN WOORDEN

functieprofiel

en met welke functies de toekomstige

werknemer zal samenwerken.

Daarin staan de eisen of criteria waaraan de

kandidaat moet voldoen om de functie goed te kunnen uitoefenen: vereiste diploma’s,

attesten, gevolgde opleidingen, talenkennis,

ervaring …

THEMA 3

BEGRIPPENLIJST 187


LEVEL 2

BEGRIP headhunter

VERKLARING Dienstenbedrijf gespecialiseerd in het ‘wegplukken’ van goede werknemers bij

2

2

hr-­

Dat zijn technieken waarmee de

instrumenten

onderneming haar hr-doelstellingen gaat

instroom

verwezenlijken.

Dat is de fase in de loopbaan van een

onthaalt.

IN

jobbeurs

nieuwe werknemer werft, selecteert en

Een evenement waarbij tientallen

ondernemingen samen een ruimte afhuren

2

jobportal

kanaal

sollicitanten.

Gespecialiseerde website die gericht is op

Dat is het medium dat de onderneming

LSD

Luisteren, samenvatten, doorvragen. Het is

Brief die de kandidaat bij het cv voegt en

VA

motivatiebrief

waarin hij beschrijft waarom hij graag in de

2

onboarding

Geheel van hr-instrumenten dat een

vanaf de eerste werkdag te integreren.

personeels­

Dat is de aankondiging van een

advertentie

vacature en omvat een functieprofiel,

functieomschrijving en aanbod voor de

geïnteresseerde.

personeels-

Dat is het vastleggen van de personeels­

planning

behoeften die de onderneming in de

© 2

2

toekomst zal hebben.

pre-employment

Dat is de screening van de sollicitant tijdens

screening (PES)

de selectieprocedure. De sollicitant moet

van die screening op de hoogte zijn.

188 THEMA 3

onderneming zou werken.

onderneming gebruikt om de werknemer

2

openbaar te maken.

een techniek bij interviews. 2

N

gebruikt om de personeelsadvertentie

2

en zichzelf voorstellen aan potentiële

werknemers met hetzelfde beroep. 2

andere bedrijven.

werknemer waarbij de onderneming de

2

IN JE EIGEN WOORDEN

BEGRIPPENLIJST


LEVEL 2

BEGRIP preboarding

VERKLARING Geheel van hr-instrumenten dat een onderneming gebruikt tussen de

2

referentie

werkdag.

Dat is een persoon, opgegeven door een

is (gunstige) inlichtingen te geven over het

arbeidsverleden van de kandidaat.

Dat is de werving via het eigen personeel.

IN

referral

ondertekening van het contract en de eerste

kandidaat tijdens een sollicitatie, die bereid

2

IN JE EIGEN WOORDEN

recruitment 2

scoren

Punten geven aan een kandidaat

2

screenen

Informatie over een sollicitant achterhalen

2

SEA

search engine advertising

2

selectie

Dat is het uitkiezen van de geschiktste

kandidaat. SEO

search engine optimisation of zoekmachineoptimalisatie

2

vacature

2

vacaturebank

Dat is een openstaande job.

Dat is een gesponsorde website die op het

net naar personeelsadvertenties op zoek gaat en die dan op de eigen site plaatst.

Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling

VA 2

VDAB

en Beroepsopleiding

2

werving

Dat is de zoektocht naar potentiële kandidaten die willen komen solliciteren.

beoordelings-

Op het verleden gericht gesprek met de

gesprek

bedoeling aan de werknemer te vertellen

3

3

wat de werkgever vindt van zijn prestaties

binnen het bedrijf.

blended

Leervorm die een mix is van klassikaal leren

learning

en online leren.

cafetariaplan

Dat is een vorm van verloning waarbij de

©

3

N

2

werknemer een budget krijgt om zelf een

aantal extralegale voordelen te kiezen

uit een lijst die de werkgever opstelt. Zo

ontstaat een gepersonaliseerd loonpakket.

THEMA 3

BEGRIPPENLIJST 189


LEVEL 3

BEGRIP doorstroom

VERKLARING Fase die de werknemer binnen het bedrijf doormaakt tussen de instroom

3

3

3

(aanwerving) en de uitstroom (ontslag).

extralegaal

Dat is een deel van het loon dat de

voordeel

werkgever aan de werknemer mag geven

en dat niet zoals het normale loon belast

wordt.

functionerings-

Dat is een toekomstgericht gesprek met

gesprek

als doel dat de werknemer zijn job beter

kan uitvoeren. Tijdens het gesprek is er

tweerichtingsverkeer.

harde hr-

Die hr-instrumenten worden ingezet om op

instrumenten

de korte termijn concrete doelstellingen

ilt

cijfermateriaal.

Instructor Led-Training of training gegeven

3

N

Beloningsysteem waarbij de werkgever

bonus /

extra loon aan zijn werknemer kan geven

cashbonus

zonder voorafgaande formaliteiten.

kmo-­

Het subsidieorgaan van de Vlaamse

portefeuille

overheid voor kmo’s die opleiding of advies

loopbaan­

Dat is een toekomstgericht gesprek met als

gesprek

doel te weten te komen wat de ambities van

de werknemer zijn en welke opleidingen hij

daarvoor wil volgen. Tijdens het gesprek is

niet-recurrente

Beloningsysteem waarbij de werknemer

resultaat­

een bonus kan krijgen op voorwaarde dat

gebonden

een bepaald vooropgesteld doel bereikt

bonus

wordt.

POP

Dat is een persoonlijk opleidingsplan voor

(persoonlijk

de individuele werknemer.

© 3

3

190 THEMA 3

willen aankopen.

er tweerichtingsverkeer.

3

klassieke

VA

3

te realiseren. Ze zijn gebaseerd op

door een instructeur (lesgever) 3

IN

3

IN JE EIGEN WOORDEN

ont­wikke­lings­

plan)

strategisch

Dat plan wordt voor de hele onderneming

opleidingsplan

opgesteld en dient om ervoor te zorgen

BEGRIPPENLIJST

dat alle opleidingsnoden op de korte en op

lange termijn ingevuld geraken.


LEVEL 3

BEGRIP

VERKLARING

Total Talent

Manier van bedrijfsvoering die draait

Management

om talent vinden, werknemers aan

warrant

ontwikkelen en door middel van een

Beloningsysteem waarbij de werknemer aandelen van de onderneming krijgt die hij

winstpremie

kan verkopen wanneer hij dat wil.

Beloningsysteem waarbij de werknemer

deelt in de bedrijfswinst als die er is. 3

4

zacht

Dat wordt ingezet om op langere termijn

hr‑instrument

een kwalitatief resultaat te bereiken.

arbeids­

Dat is het veranderen van job.

Gesprek met de werknemer die het bedrijf

mobiliteit 4

exitgesprek

offboarding

Dat is de correcte begeleiding van de

werknemer naar zijn nieuwe hoedanigheid

4

outplacement

Dat is de begeleiding die (ontslagen)

voorwaarden is de werkgever verplicht die

VA

naar een nieuwe job. Onder bepaalde

outplacement-

Dat is een dienstenbedrijf dat tegen

bureau

betaling outplacement uitvoert voor een

onderneming die een werknemer ontslaat.

Dat is de fase in de hr-cyclus waarbij de

werknemer de onderneming verlaat.

©

uitstroom

begeleiding aan te bieden.

4

als ‘ex-werknemer’

werknemers krijgen tijdens hun zoektocht

4

N

verlaat. 4

IN

3

de onderneming binden, werknemers boeiende job in je onderneming te houden. 3

IN JE EIGEN WOORDEN

THEMA 3

BEGRIPPENLIJST 191


N

THEMA

IN

4

©

VA

Kostprijs­ berekening


IN N LEVEL

©

VA

1

Hoe voer je een kostprijsberekening om de verkoopprijs te bepalen?

p. 194


LEVEL 1 Hoe voer je een kostprijsberekening om de verkoopprijs te bepalen? INTRO Met welke elementen moet een onderneming rekening houden wanneer ze een product op de markt brengt? Noteer.

IN

1

VA

N

Verkoopprijs

Veronderstel dat je met een goede vriend(in) een onderneming opricht die wafels en smoothies verkoopt

©

2

in de winkelstraat. Welke kosten heeft je onderneming dan zoal?

3

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Hoe kun je kosten toewijzen aan een product om een correcte verkoopprijs te bepalen?

194 THEMA 4

LEVEL 1


Explore 1— Wat houdt kostprijsbeleid in?

Kostprijsbeleid Kosten zijn de in geldwaarde uitgedrukte opgeofferde middelen bij de productie en de verkoop van goederen en diensten. Bijna alle beslissingen in een onderneming steunen op een kostencalculatie.

IN

Bij kostprijsbeleid tracht een onderneming de kosten van de inputs (bijvoorbeeld grondstoffen) in verband te brengen met de output (bijvoorbeeld afgewerkte producten).

Bij kostprijsbeleid meet en analyseert de onderneming de financiële informatie (zoals aankoopprijzen van

grondstoffen, uurlonen van arbeiders) en de niet-financiële informatie (zoals een klacht van een klant over kwaliteit). Die informatie is nodig om conclusies te trekken over onder andere de verkoopprijzen. Wanneer je de kosten meet en kent, kun je als onderneming: —

op basis van de exacte kostprijs de verkoopprijs berekenen,

geregeld nagaan of de gemaakte kosten verantwoord zijn en de werkelijke kosten overeenstemmen met de

N

gebudgetteerde kosten, —

op basis van historische kosten, voorspellingen doen,

de winst per product berekenen,

beslissen of je het product zelf zult produceren of de productie ervan zult uitbesteden.

Werkelijke kosten zijn kosten die al zijn gemaakt. Dat kunnen kosten uit het verleden zijn (historische kosten) of

VA

kosten waarvan de transactie net is afgelopen. Gebudgetteerde kosten zijn toekomstige kosten waarvoor een voorspelling gedaan wordt.

Cost accounting of kostprijsbeheersing dient om na te gaan of alle gemaakte kosten wel verantwoord zijn. De onderneming moet m.a.w. de kosten bewaken. De kostenberekening per eenheid product is op de eerste plaats vereist voor de waardering van de voorraad en de resultaatbepaling. Je hebt enerzijds de voorraad van de goederen in bewerking en anderzijds de afgewerkte producten. Kostencalculaties zijn daarnaast een hulpmiddel bij bijvoorbeeld het vaststellen van de verkoopprijzen, het samenstellen van het productassortiment en de beslissing om een bepaalde activiteit uit te besteden. Hoe nauwkeuriger je de kosten berekent, hoe beter je de winst van een bepaald productgamma kunt bepalen. Welke kosten heeft Odette Lunettes.edu zoal?

©

1

THEMA 4

LEVEL 1 195


2

Denk aan een pizzeria. a

Welke inputs heeft een pizzeria?

b

Wat is de output?

Kostenobject

IN

Explore 2— Wat is een kostenobject?

Een kostenobject kan: —

een product,

een project,

een programma,

een afdeling,

een merkgroep,

de klanten zijn.

N

Een kostenobject is het oogmerk / de reden waarom of de oorzaak waardoor kosten gemaakt worden.

Voor een kostenobject kies je als onderneming dus meestal de eenheid product of prestatie of de groep

©

VA

producten of diensten om de kosten aan toe te wijzen.

196 THEMA 4

LEVEL 1

© Shutterstock / izikMD


1

Het loon van de bandarbeiders, leer (voor zetels) en de brandverzekering zijn alvast enkele kosten van de Italiaanse zetelproducent Divani Divini. Noteer nog zes kosten die de fabriek gelegen in het zuiden van Italië zoal heeft.

Bekijk even de kosten die de onderneming maakt voor leer. a

Waarvoor heeft ze leer nodig?

b

Stel dat de onderneming gemiddeld 8 m² leer

IN

2

nodig heeft voor één zetel. Hoeveel leer heeft ze dan nodig voor: 500 zetels?

2 000 zetels?

N

3

Geef een concreet voorbeeld van het kostenobject vermeld in de eerste kolom. KOSTENOBJECT

VA

Product

VOORBEELD

Project

Programma

©

Klanten

Afdeling

Merkgroep

THEMA 4

LEVEL 1 197


Explore 3— Wat is het verschil tussen constante en variabele kosten?

Variabele kosten en constante kosten Het aantal geproduceerde zetels bepaalt mee de kosten. Het aantal geproduceerde eenheden, ook wel outputniveau genoemd, is dus de kostendrijver. Dat is een variabele die een verandering veroorzaakt in de totale kosten (binnen een bepaalde periode). Voorbeelden van kostendrijvers zijn: outputniveau = outputvolume = productiehoeveelheid = geproduceerde eenheden,

manuren of werkuren,

machine-uren.

IN

De totale kosten voor een onderneming bestaan uit vaste en variabele kosten. Variabele kosten zijn kosten die proportioneel veranderen met het gerelateerde outputvolume of productievolume, met andere woorden hoe hoger het productievolume, hoe hoger de variabele kosten. Variabele kosten veranderen dus proportioneel (recht evenredig) met de kostendrijver. Vandaar dat de curve vanuit de oorsprong vertrekt. Wanneer de kostendrijver het aantal producten is, dan zijn grondstofkosten onderdeel van de variabele kosten.

N

Constante of vaste kosten veranderen op korte termijn niet wanneer het output- of productievolume verandert. Op lange termijn kunnen die kosten wel toenemen wanneer er bijvoorbeeld een extra fabriekshal moet gebouwd worden. Het duurt immers een jaar of langer totdat de nieuwe hal er staat. Daardoor stijgen dan kosten zoals huur, verzekering of afschrijvingen … In dit thema zullen de vaste kosten niet veranderen. Constante kosten zijn maar vast binnen een bepaald relevant interval en binnen een gegeven tijdsperiode. Dat zie je op grafiek 1. Binnen een interval van 30 000 tot 100 000 stuks bedragen de vaste kosten

VA

10 000 000,00 euro. Wanneer er meer of minder eenheden geproduceerd worden, zullen ook de constante kosten verschillen.

12,00

10,00

8,00

©

Kosten (in miljoen euro)

Grafiek 1: Constante kosten verschillen per interval

6,00

4,00

2,00

0,00 20 000

40 000

60 000

80 000

100 000

120 000

Hoeveelheid stuks geproduceerd

198 THEMA 4

LEVEL 1


Ook de variabele kosten verlopen in werkelijkheid niet lineair. Buiten het relevant interval verlopen ze degressief en progressief stijgend.

18,00 16,00 14,00

IN

Kosten (in miljoen euro)

Grafiek 2: Realistische weergave van variabele kosten

12,00 10,00 8,00 6,00

2,00 0,00

N

4,00

40 000

60 000

80 000

100 000

120 000

Hoeveelheid stuks geproduceerd

VA

20 000

Er bestaan ook gemengde kosten, waar er een constant en een variabel element is. Zo kunnen telefoonkosten voor een stuk vast en voor een stuk variabel zijn.

1

Constante kosten zijn binnen een bepaald interval vast en buiten dat interval dan weer hoger. Leg uit aan de

©

hand van een voorbeeld.

2

Denk even terug aan de Italiaanse zetelfabriek Divani Divini. Stel dat de kosten voor 8 m2 leer voor één zetel

400,00 euro bedragen. Hoeveel kosten voor het leer zijn er dan verbonden aan 500 zetels?

THEMA 4

LEVEL 1 199


3

De kosten van Divani Divini kun je onderverdelen in variabele kosten en constante kosten. a

Noteer de kosten uit vraag 1 van Explore 2 in de juiste kolom.

b

Voeg nog een aantal andere kosten toe. CONSTANTE KOSTEN

VA

N

IN

VARIABELE KOSTEN

4

Je kunt de kosten ook uitzetten op een grafiek. Wat zet je op de X-as en wat op de Y-as?

©

a

200 THEMA 4

b

Waar begint de variabele kostencurve op de grafiek? Waarom?

c

Hoe verlopen de vaste kosten? Waarom?

LEVEL 1


d

Lees aandachtig de onderstaande case.

Teken met een rekenblad de vaste kostencurve, de variabele kostencurve en de totale kostencurve.

Benoem de grafieken.

Tip:

Gebruik voor de X-as een ijking van 50 stuks per cm.

5

Variabele kosten kunnen proportioneel zijn.

Leg uit aan de hand van een uitgewerkt cijfervoorbeeld.

VA

N

a

IN

Eline van Odette Lunettes.edu koopt de glazen aan voor de brillen. De monturen worden zelf geprint met een 3D-printer. Daarvoor gebruikt ze als grondstof bonen uit India. De glazen voor een gewone bril, geen zonnebril, koopt ze aan voor 60,00 euro per paar. Het materiaal om een gewone bril te printen kost 20,00 euro per bril. Voor de winkel in Gent heeft ze ook 10 000,00 euro aan kosten per maand voor het loon van de verkoopster, de elektriciteit, de verwarming en de huur van de winkel.

b

Vul de tabel aan met een cijfervoorbeeld.

AANTAL

EENHEDEN

KOSTPRIJS

©

(IN EURO)

6

Variabele kosten kunnen progressief stijgend zijn. a

Leg uit aan de hand van een uitgewerkt cijfervoorbeeld.

THEMA 4

LEVEL 1 201


b

Vul de tabel aan met een cijfervoorbeeld. AANTAL EENHEDEN KOSTPRIJS (IN EURO)

Variabele kosten kunnen degressief stijgend zijn. a

Leg uit aan de hand van een uitgewerkt cijfervoorbeeld.

b

Vul de tabel aan met een cijfervoorbeeld. AANTAL

VA

EENHEDEN

N

IN

7

KOSTPRIJS (IN EURO)

Good to know

In het verleden zijn vaak autoproducenten gefuseerd met als doel schaalvoordelen te creëren. Schaalvoordelen betekenen eigenlijk dat de kosten dalen per eenheid productie. Wanneer twee autoproducenten samenwerken, kunnen ze bijvoorbeeld hetzelfde chassis gebruiken. Daardoor kunnen ze sterker onderhandelen met de

©

leverancier en krijgen ze het chassis aan een lagere prijs. De prijs per eenheid zal dus dalen.

© Shutterstock / Sergio Di Pasquale Luci

202 THEMA 4

LEVEL 1


8

Geef voor volgende ondernemingen voorbeelden van vaste en variabele kosten.

A Constante kosten:

Variabele kosten:

ect / Imladris

IN

mey Boekhoudkantoor De

© Alamy / Imagesel

B

Constante kosten:

Variabele kosten:

Constante kosten:

VA

variabele kosten:

N

C

© Shutterstock / Bjo

ern Wylezich

Explore 4— Wat is het verschil tussen directe en indirecte kosten?

©

Directe en indirecte kosten Voor een onderneming is het belangrijk te weten welk kostenobject welke kosten veroorzaakt. Kostenallocatie of kostentoewijzing betekent dat de onderneming de indirecte kosten aan een kostenobject toewijst. Ook directe kosten worden (makkelijk) toegewezen aan een kostenobject. Als een onderneming twee productielijnen heeft met twee verschillende producten A en B, dan moet ze weten welke kosten aan product A en welke aan product B toegewezen worden. Zo kan het zijn dat de manager van productielijn A een hoger loon heeft dan de manager van productielijn B. De loonkosten van manager A moeten dan ook aan de kosten van product A toegewezen worden. Als je als onderneming de kosten heel gemakkelijk aan een bepaald kostenobject kunt toewijzen, dan is er sprake van directe kosten. Als de kosten op basis van aanvaardbare criteria of op basis van een verdeelsleutel aan een kostenobject toegewezen moeten worden, dan spreek je van indirecte kosten. THEMA 4

LEVEL 1 203


Voor een productieonderneming kun je de directe en indirecte kosten nog verder opdelen. Directe materiaalkosten bestaan uit de aanschaffingswaarde van de materialen die fysisch met een

kostenobject kunnen geïdentificeerd worden. Directe (productie)arbeidskosten zijn de kosten van de productiearbeid waarvan het mogelijk is om die

makkelijk en economisch haalbaar te linken aan een kostenobject. Indirecte productiekosten of overheadkosten zijn de kosten die niet rechtstreeks met het productieproces

te maken hebben en die niet op een makkelijke en economisch haalbare manier te relateren zijn aan het kostenobject. Er zijn drie soorten indirecte productiekosten:

indirecte materiaalkosten: dit zijn o.m. materialen die in het productieproces worden verbruikt, maar niet in het product zelf. Zo kan de smeerolie voor het onderhoud van verschillende machines worden beschouwd als indirecte materiaalkosten; indirecte arbeidskosten: kosten verbonden aan onderhoudspersoneel van machines van het

IN

productiegebouw of van het veiligheidspersoneel zijn voorbeelden van indirecte arbeidskosten;

overige indirecte productiekosten: alle andere productiekosten. Voorbeelden: afschrijvingskosten productiegebouw, elektriciteitskosten, milieubelasting enz.

1

Welke kosten van de Italiaanse zetelproducent houden direct verband met een geproduceerde zetel en welke

kosten kun je niet meteen linken aan de productie van die zetel en zijn dus indirect? Geef enkele voorbeelden. DIRECT

N

INDIRECT

VA

2

Bekijk de lijst met allerhande kosten voor de zetelproducent. Noteer het type kosten in de eerste rij. Kies uit: directe arbeidskosten – directe materiaalkosten – indirecte productiekosten

inox

machineoperatoren aan de band

onderhoud aan het gebouw

hout

bandarbeiders die onderdelen

huur en verzekering

©

leer

204 THEMA 4

LEVEL 1

monteren / assembleren afschrijvingen


3

Ga nu op zoek naar voorbeelden van de onderstaande combinaties.

VASTE KOSTEN

INDIRECTE KOSTEN

IN

VARIABELE KOSTEN

DIRECTE KOSTEN

Re-explore 5—

N

Hoe voer je een break-evenanalyse uit?

VA

Break-evenanalyse

Het punt waar de totale kosten en de totale opbrengsten gelijk zijn, is het break-evenpunt. De onderneming maakt dan winst noch verlies. Dat punt wordt ook wel het dode punt of de kritische afzet genoemd. De break-evenafzet is de afzet die een onderneming moet verkopen om uit de kosten te geraken. Verkoop je als onderneming één eenheid meer, dan begin je winst te maken. De formule om de break-evenafzet te berekenen is als volgt:

totale constante kosten  ​​        break-evenafzet = ______________________ ​​  VP/e-VK/e

waarbij: VP/e de verkoopprijs per eenheid is;

VK/e de variabele kosten per eenheid zijn.

©

De break-evenomzet is de break-evenafzet vermenigvuldigd met de verkoopprijs per eenheid. Je kunt de break-evenafzet ook berekenen aan de hand van de vergelijkingen van de lineaire kostencurven en de totale opbrengstencurven. Die hebben een vergelijking van de volgende vorm: TO:

y = a * x, waarbij a de verkoopprijs per eenheid is.

TCK: y = b, waarbij b een constante is, met name de totale constante kosten. TVK: y = a * x, waarbij de variabele kostprijs per eenheid is. TK:

TVK + TCK en bijgevolg: TCK: y = a * x + b.

THEMA 4

LEVEL 1 205


1

Odette Lunette.edu koopt het materiaal om een gewone bril te printen aan voor 20,00 euro en de glazen voor 60,00 euro. De vaste kosten per maand voor de winkel in Gent bedragen 10 000,00 euro. Ze verkoopt de bril voor 200,00 euro. Bereken de break-evenafzet.

b

Vanaf hoeveel brillen maakt Odette Lunettes.edu winst voor de winkel in Gent?

Neem de volgende tabel over in een werkblad. a

Gebruik formules om de tabel in te vullen.

Tabel 1: Totale opbrengsten en kosten (in euro)

Afzet

200,00

10 000,00

80,00

TO

TCK

TVK

0

150

TK

N

50 100

IN

2

a

Teken de curven met het rekenblad.

c

Duid de break-evenafzet en de break-evenomzet aan.

d

Hoeveel bedraagt de break-evenomzet?

e

Waarom zijn er bij een verkoop van 0 stuks toch 10 000,00 euro kosten?

f

Bewaar het bestand in je portfolio. Maak een map voor elk thema en een submap voor elk level.

VA

b

Geef die submap de naam ‘Thema_4_Level_1’. Geef het bestand een duidelijke naam zoals

©

‘Re-explore_5_Break-even’.

3

4

206 THEMA 4

Vul aan. a

Wanneer de vaste kosten dalen, zal de break-evenafzet

.

b

Wanneer de variabele kosten stijgen, zal de break-evenafzet

.

c

Wanneer je de verkoopprijs verhoogt, zal de break-evenafzet

.

Bepaal de vergelijking van de curven in vraag 2.

LEVEL 1


5

Bepaal nu rekenkundig de break-evenafzet.

Contribution margin

IN

Explore 6— Wat is de contributiemarge?

If a manager wants to assess the profitability of his company or a business line or business unit, it is important to understand what a contribution margin is. A contribution margin refers to the amount of profit remaining after deducting variable costs. It can also be perceived as the amount of money left to cover all fixed costs. Accountant managers or accountants often calculate the contribution margin per unit for each department

or business line. For example, Eline could calculate the contribution margin per unit for each type of glasses,

VA

N

regular glasses and sunglasses.

Imagine that Odette Lunettes in Gent has only one 3D-printer. They have to print both regular glasses, and sunglasses. It cannot be done at the same time.

If Eline calculates the contribution margin of both types of glasses, she can easily identify which type of glasses should be favored in production. For example, if the contribution margin per unit of regular glasses is higher than the contribution margin per unit of sunglasses, Eline will favor producing regular glasses. It is important to note that the contribution margin can be either positive or negative. A positive contribution margin indicates that a share of profit is still available to cover fixed costs. The higher the contribution margin for a product the better. However, if the contribution margin is negative, it indicates that variable costs are

©

higher than the selling price, thus the product or service is not profitable. In this case, managers might decide to stop the production of goods or services with negative contribution margins. Alternatively, some managers might try to eliminate negative contribution margins by: —

Increasing the selling price per unit.

Lowering the variable cost per unit.

A mixture of increasing the selling price per unit and lowering the variable cost per unit.

In de formule om het breakevenpunt te berekenen, heb je in de noemer: verkoopprijs – aankoopprijs of verkoopprijs – variabele kosten per eenheid. Dat is de contributiemarge per eenheid. De contributiemarge is dan gelijk aan de totale opbrengsten – de totale variabele kosten.

THEMA 4

LEVEL 1 207


1

Hoeveel bedraagt de contributiemarge voor een gewone bril van Odette Lunettes.edu?

2

De zetelproducent gebruikt niet alleen leer maar ook hout, nagels, schroeven. De materiaalkosten inclusief het leer bedragen 600,00 euro. De prijs voor een zetel bedraagt 3 400,00 euro. Hoeveel bedraagt dan de contributiemarge?

IN

Explore 7— Wat zijn de eenheidskosten?

Eenheidskosten

Totale kosten zijn alle kosten die een onderneming heeft om een product te produceren. Ze bestaan dus uit de totale variabele kosten (zoals grondstoffen) en de totale vaste of constante kosten (zoals brandverzekering en afschrijvingen).

In sommige gevallen, bijvoorbeeld voor de waardering van de voorraden, is het aangewezen om de gemiddelde kosten of de kosten per eenheid te berekenen. Die bereken je door de totale kosten te delen door het aantal

N

eenheden product. Eenheidskosten worden vaak gebruikt voor de prijszetting van een product. Maar aangezien de totale constante kosten niet veranderen en de variabele kosten wel wanneer er meer geproduceerd wordt, moet je dus als manager ook de totale kosten in het oog houden.

De fabriek waar de zetels geproduceerd worden bestaat uit twee productiehallen, één voor elk type zetel. De productiehal voor de Divani Divini Urbano heeft jaarlijkse 10 000,00 euro constante kosten. Daaronder vallen

VA

afschrijvingen van gebouwen en machines, interesten en lonen van managers. a

Vul de tabel aan.

Tabel 2: Totale kosten Divani Divini (in euro) TOTALE VARIABELE

TOTALE CONSTANTE

TOTALE

KOSTEN

KOSTEN

KOSTEN

2 000

1 200 000,00

10 000 000,00

11 200 000,00

4 000

2 400 000,00

10 000 000,00

12 400 000,00

5 000

3 000 000,00

10 000 000,00

13 000 000,00

7 000

4 200 000,00

10 000 000,00

14 200 000,00

8 000

4 800 000,00

10 000 000,00

14 800 000,00

10 000

6 000 000,00

10 000 000,00

16 000 000,00

©

AFZET

ZETELS

208 THEMA 4

LEVEL 1

EENHEIDSKOSTEN


Tabel 3: Gemiddelde variabele kosten en gemiddelde vaste kosten (in euro) AFZET ZETELS

GEMIDDELDE VASTE KOSTEN

2 000

4 000

5 000

7 000

8 000

10 000

IN

b

GEMIDDELDE VARIABELE KOSTEN

Veronderstel dat in jaar 1 de manager uitgaat van 1 600,00 euro eenheidskosten per zetel en daarop zijn verkoopprijs baseert. Kan hij het jaar nadien uitgaan van dezelfde eenheidsprijs? Waarom (niet)? Leg uit.

N

Explore 8— Hoe voer je een kostprijsberekening volgens de eenvoudige opslagmethode?

VA

Opslagmethode kostprijsberekening Zoals je al weet, kunnen directe kosten gemakkelijk aan een kostenobject toegewezen worden, maar om de verkoopprijs te bepalen moet je een volledig beeld van alle kosten, inclusief de indirecte kosten, hebben. Wanneer je immers de verkoopprijs bepaalt, moet je ervoor zorgen dat alle kosten gedekt zijn. Op die manier heb je een nauwkeuriger en vollediger beeld van de kosten met betrekking tot (bijvoorbeeld) dat product en kun je beter de verkoopprijs bepalen.

Indirecte productiekosten kun je over de producten verdelen aan de hand van een opslagpercentage. Met behulp van de eenvoudige opslagmethode kun je de indirecte productiekosten toewijzen aan de producten.

©

Hierdoor kun je de indirecte productiekosten verdelen:

a rato van de directe materiaalkosten, of

a rato van de directe arbeidskosten, of

op basis van de totale directe kosten.

Dankzij de berekening van de indirecte kosten begrijpt een onderneming beter de impact van die kosten op de onderneming en op de prijszetting van het product. Wanneer de overheadkosten te hoog zijn, moet de onderneming actie ondernemen om die te doen dalen. Wanneer de indirecte kosten laag zijn, is het mogelijk om het marktaandeel te vergroten, door bijvoorbeeld de prijs te verlagen. Ondernemingen kunnen best hun overheadkosten per maand of per kwartaal herbekijken om eventuele stijgingen snel op te merken. Ook die kosten, zoals huur, verzekeringen enz. moeten immers gedekt worden. En daarnaast moeten ze ook nog winst overhouden.

THEMA 4

LEVEL 1 209


1

Veronderstel dat een Italiaanse zetelfabrikant twee types zetel produceert, de Urbano en de Classico. a

Lees aandachtig de case.

De kosten zijn de volgende voor 7 200 zetels (4 000 Urbano en 3 200 Classico): Grondstof- en materiaalkosten (directe materiaalkosten = DM): 4 000 000,00 euro Directe arbeidskosten (DA): + 2 000 000,00 euro Totale directe kosten: 6 000 000,00 euro 3 000 000,00 euro

b

N

IN

Indirecte productiekosten (IPK):

Volg het stappenplan en verdeel de 3 000 000,00 euro IPK over de producten aan de hand van 1 opslagpercentage. Je kunt dat berekenen op drie manieren of aan de hand van drie verdeelsleutels: a rato van de directe materiaalkosten,

a rato van de directe arbeidskosten,

op basis van de totale directe kosten.

VA

STAPPENPLAN Stap 1:

Identificeer de producten die de gekozen kostenobjecten zijn.

In het voorbeeld hierboven gaat het over 4 000 Urbano-zetels en 3 200 Classico-zetels.

Stap 2:

Identificeer de directe kosten van de producten die aan een kostenobject toegewezen worden.

De directe kosten zijn de kosten van directe materialen (grondstoffen) en directe arbeid.

Stap 3:

Bepaal de indirecte kosten die ten laste van het kostenobject gelegd worden.

Je hebt in het voorbeeld 1 groep indirecte kosten, namelijk de IPK van 3 000 000,00 euro.

Stap 4:

Selecteer de verdeelsleutel om de indirecte kosten toe te wijzen aan de producten en bepaal het volume

©

van de verdeelsleutel. Er zijn hier drie mogelijkheden toegepast. Ofwel baseer je dit op de directe arbeidskosten, ofwel op de directe materiaalkosten ofwel op de totale directe kosten.

Stap 5:

Bereken het aanrekeningstarief indirecte kosten. Dit is het percentage waaraan je de IPK gaat

aanrekenen.

Stap 6:

210 THEMA 4

Reken de directe en indirecte kosten aan het kostenobject aan.

LEVEL 1


2

Werk in twee grote groepen. Groep 1 verdeelt de IPK over de Urbano-zetels, groep 2 over de Classico-zetels. Verdeel elke groep in drie subgroepen. Elke subgroep neemt 1 kolom voor zijn rekening. a

Bereken in rij 2 de verhouding van de IPK tot DM, DA of totale directe kosten.

b

Gebruik in rij 3 dat percentage om de indirecte kosten toe te wijzen aan 1 product zodat je de kostprijs krijgt voor 1 product.

Groep 1

IPK verdelen over de Urbano-zetels

IPK ALS PERCENTAGE VAN GRONDSTOFFEN OF DIRECTE

IPK ALS PERCENTAGE VAN

IPK ALS PERCENTAGE VAN DA

TOTALE DIRECTE KOSTEN

IN

MATERIALEN (DM)

Kosten per product

Kosten per product

Kosten per product

Grondstofkosten (DM): 400

Grondstofkosten (DM): 400

Grondstofkosten (DM): 400

DA: 200

DA: 200

DA: 200

N

VA

Groep 2

IPK verdelen over de Classico-zetels

IPK ALS PERCENTAGE VAN

GRONDSTOFFEN OF DIRECTE

IPK ALS PERCENTAGE VAN

IPK ALS PERCENTAGE VAN DA

TOTALE DIRECTE KOSTEN

MATERIALEN (DM)

Kosten per product

Kosten per product

Kosten per product

Grondstofkosten (DM): 525

Grondstofkosten (DM): 525

Grondstofkosten (DM): 525

DA: 325

DA: 325

DA: 325

©

THEMA 4

LEVEL 1 211


Explore 9— Wat zijn de kostencentramethode en de kostenverdeelstaat?

Kostenverdeelstaat en kostenverdeelcentra Kosten kunnen direct toegewezen worden aan een kostenobject of kostendrager en vormen dus de directe kosten van een kostenobject. Zo kunnen directe materiaalkosten zoals leer voor een zetel aan de zetel toegewezen worden. Andere kosten kunnen direct toegewezen worden aan een intermediair kostenobject (bijvoorbeeld een afdeling) maar zijn ten opzichte van het eindproduct indirecte kosten. Zo zijn de afschrijvingskosten van de product. Schema 1: Kostenverdeelcentra

TRACEREN DIRECTE KOSTEN

IN

productiehal waar een zetel geproduceerd wordt direct traceerbaar naar de productiehal, maar indirect naar het

KOSTENPLAATSEN INTERMEDIAIRE KOSTENOBJECTEN AFDELING(EN)

PERSONEELSKOSTEN HUUR AFSCHRIJVINGEN TELEFOON

TRACEREN DIRECTE KOSTEN

VA

KOSTENSOORTEN

N

INDIRECTE KOSTENAANREKENING OF KOSTENALLOCATIE

PRODUCTEN DIENSTEN KLANTEN

FINALE KOSTENOBJECTEN KOSTENDRAGERS

Om de kosten te kunnen aanrekenen worden kosten gegroepeerd in kostenplaatsen, ook wel kostenpools of kostencentra genoemd. De kostenplaatsen zijn best homogeen en worden via een verdeelsleutel of allocatiebasis aan kostenobjecten toegewezen.

Een kostenplaats is een groepering van individuele indirecte kostenitems. Bijvoorbeeld:

alle kosten van het productiegebouw

de kosten voor het behandelen en instellen van machines

©

Een kostenplaats kan ook functies zoals de boekhouding of een marketingcampagne voor meerdere producten groeperen. Het uitvoeren van die functies veroorzaakt kosten. Als onderneming kies je de verdeelsleutel om de indirecte kostenplaats te koppelen aan het kostenobject of de kostendrager bij voorkeur op basis van een oorzakelijk verband. De kostendrijver is namelijk de oorzaak van de veranderingen van de kosten. Als er twee producten gemaakt worden, dan kun je de ‘kosten voor het behandelen en instellen van machines’ toewijzen door middel van de kostenallocatiebasis. Die kostenallocatiebasis (bijvoorbeeld machine-uren) is een systematische manier om (een groep) indirecte kosten aan de kostenobjecten toe te wijzen (de twee producten).

212 THEMA 4

LEVEL 1


Wanneer de machine-instelkosten 400 000,00 euro bedragen en de machines 10 000 uren gedraaid hebben, dan is het tarief van de kostenallocatiebasis 400 000 / 10 000 = 40 euro per uur. Wanneer er voor product A 6 000 machine-uren nodig waren en voor product B 4 000 machine-uren, dan kun je 40,00 * 6 000 uren = 240 000,00 euro indirecte kosten aan product A toewijzen en 40,00 * 4 000 uren = 160 000,00 euro aan product B. Je kunt de volgende groepen kostenplaatsen onderscheiden:

Hulpkostenplaatsen / huisvesting: dat zijn afdelingen die een dienstverlenend karakter hebben tegenover tal van andere afdelingen. Daarbij is hun dienstverlening aan de andere op één of andere wijze kwantitatief vast te stellen. bv. dienst huisvesting (HVK), onderhoud, intern transport, centraal labo, computercentrum, elektriciteits-­ opwekking Algemene Beheerskostenplaats (BHK): dat zijn eveneens dienstverlenende afdelingen maar waarbij de

IN

dienstverlening aan anderen niet kwantitatief meetbaar is.

bv. algemene directie, algemeen secretariaat, boekhouding, personeelsafdeling, juridische dienst, cafetaria, geneeskundige dienst, administratie, budgettering, personeelsbeheer

Aankoopkostenplaats (AKK): dat zijn kosten die te maken hebben met inkoop van grondstoffen.

Fabricagekostenplaats – productie (FKP): dat zijn kostenplaatsen die een belangrijk deel van het

ondernemingsproces vertegenwoordigen. Zij staan zeer dicht bij het eindproduct dat zal worden geleverd. Ook wel vaak productie genoemd.

bv. hoogoven, staalfabricage, walserij, montage, deegbereiding, bakoven, inpakafdeling

Verkoopkostenplaatsen (VKP): dat zijn kosten voor verkoop van de producten zoals marketing en

N

verkoopadministratie.

De kostenverdeelstaat is een document of tabel waarin de kostensoorten worden opgenomen, met daarnaast de kostenplaatsen en de kostendragers. Het doel van de kostenverdeelstaat is om ook de kosten die niet direct kunnen toegewezen worden aan het eindproduct, eerst aan een bepaalde kostenplaats toe te wijzen en

VA

vervolgens via een omslagsleutel over het eindproduct te verdelen.

De onderneming Sunblock produceert twee producten: zonnecrème en zonnespray. a

Bekijk aandachtig de kosten die de onderneming het afgelopen jaar had. BEDRAG (IN EURO)

Grondstofkosten

48 000,00

Elektriciteit

27 000,00

Lonen

54 000,00

©

1

Tip:

b

Kosten die direct toegewezen kunnen worden aan een kostenobject of kostendrager leveren directe kosten van een kostenobject op.

Welke kosten zijn zeker directe kosten?

c

Wat zijn de kostenobjecten of kostendragers?

d

Welke kosten zijn indirect naar het kostenobject toe?

THEMA 4

LEVEL 1 213


Tabel 4: Kostenverdeelstaat Sunblock KOSTENSOORTEN

KOSTENPLAATSEN

BEDRAG

HUIS­

BHK

KOSTENDRAGERS

FKP

VKP

CRÈME

SPRAY

18 000,00

30 000,00

6 000,00

12 000,00

VESTING 48 000,00

Elektriciteit

27 000,00

9 000,00

18 000,00

Lonen

54 000,00

6 000,00

12 000,00

Totaal

18 000,00

IN

Grondstof­kosten

2

Ga naar iDiddit. Je vindt er een werkblad met een kostenverdeelstaat.

3

Volg het stappenplan om de werking van een kostenverdeelstaat te leren kennen.

STAPPENPLAN Stap 1:

Verzamel alle kosten en noteer die in de kolom kostensoorten. Waar vind je die kosten?

Stap 2:

N

Verdeel de indirecte kosten over de verschillende kostenplaatsen en de directe kosten over de verschillende kostendragers. Dat wordt ook wel omslaan genoemd. Markeer:

De grondstoffen in tabel 4 zijn directe kosten / indirecte kosten en kun je meteen aan de twee

VA

kostendragers toewijzen.

Elektriciteit is een voorbeeld van directe kosten / indirecte kosten en moet je eerst aan de hulpkostenplaatsen toewijzen.

De lonen zijn voor een deel direct en voor een deel indirect. In het voorbeeld van tabel 4 is het omslaan reeds voor een deel uitgewerkt. Bij indirecte kosten moet je natuurlijk nagaan hoe je ze gaat verdelen over de verschillende afdelingen of kostenplaatsen. Daarvoor heb je de omslagsleutel of de allocatiebasis nodig.

Enkele voorbeelden van het gebruik van een omslagsleutel of allocatiebasis. —

Voor kosten van afschrijving van machines en de herstelling van machines kun je het aantal machine-

©

uren gebruiken. Als een product dan bijvoorbeeld 60 % van de machine-uren gebruikt, kunnen die herstelkosten voor 60 % aan dat product toegewezen worden.

Elektriciteitskosten kunnen verdeeld worden op basis van de oppervlakte die een ruimte inneemt in het gebouw en op die manier toegewezen worden aan de kostenplaatsen.

Stap 3:

Alle kosten moeten bij de kostendragers terechtkomen. De totalen van de kostenplaatsen moeten dus

doorbelast worden aan de uiteindelijke kostendragers. Soms moeten de kosten van de ene kostenplaats eerst doorbelast worden naar een andere kostenplaats. In het voorbeeld zou het totaal van de huisvestingskosten kunnen doorgerekend worden aan de beheerskostenplaats (25 %), fabricage (60 %) en verkoop (15 %). De kosten van de beheerskostenplaats zouden vervolgens ook nog eens kunnen doorbelast worden aan fabricage (50 %) en verkoop (50 %).

Stap 4:

De fabricagekostenplaats moet nog toegerekend worden aan de verschillende kostendragers, zodat je per kostendrager de fabricagekostprijs kunt berekenen. Wil je de verkoopkostprijs berekenen, dan dien je de kosten van de verkoopkostenplaats ook nog door te rekenen aan de verschillende kostendragers.

214 THEMA 4

LEVEL 1


Explore 10— Wat is de fabricagekostprijs en de verkoopkostprijs?

Fabricagekostprijs en verkoopkostprijs Wanneer een bedrijf de kostprijs van een product wil berekenen, moet ze een onderscheid maken tussen de fabricagekostprijs en de verkoopkostprijs van dat product. Lift5D_BW_DG_GB_T4_Explore_10_Schema.pdf

1

14/12/2023

13:45

De fabricagekostprijs van een bepaald product is de kostprijs voor het louter produceren van dat product (dus niet de kosten om het op de markt te brengen). De verkoopkostprijs is de kostprijs voor de productie en de Schema 2: Samenstelling integrale kostprijs

GRONDSTOFFEN

= DIRECTE FABRICAGEKOSTEN

+ DIRECTE LONEN

+ HUISVESTING

= INDIRECTE FABRICAGEKOSTEN

= FABRICAGEKOSTPRIJS +

DEEL BEHEERSKOSTENPLAATS

= VERKOOPKOSTPRIJS

N

+ DEEL BEHEERSKOSTENPLAATS

IN

vervaardiging inclusief de kosten voor het op de markt brengen van het product.

+

VERKOOPKOSTEN

VA

Herneem het voorbeeld van ‘Sunblock’. a

Lees de case.

©

De fabricagekosten worden verdeeld op basis van machine-uren. Er zijn 750 machine-uren, waarvan 60 % voor zonnecrème en 40 % voor zonnespray. De kosten voor de verkoop (zoals marketing) worden verdeeld op basis van het aantal producten. Er werden 7 000 tubes zonnecrème en 3 000 tubes zonnespray verkocht.

b

Ga naar iDiddit en vul de kostenverdeelstaat aan in het werkblad.

c

Hoeveel bedraagt de totale prijs per eenheid zonnecrème?

d

Hoeveel bedraagt de totale prijs per eenheid zonnespray?

THEMA 4

LEVEL 1 215


Explore 11— Welke zijn de belangrijkste soorten prijszettings­ strategieën?

Soorten prijszettingsstrategieën De prijs is slechts één onderdeel van de marketingmix en de marketingstrategie van de onderneming. Voordat de onderneming haar prijs bepaalt, moet ze een marketingstrategie voor het product of de dienst vastleggen. De prijs moet in de lijn van de positionering en het imago liggen. De marketeer moet voor het prijsbeleid doelstellingen formuleren die in de lijn liggen van de marketingstrategie die op haar beurt dient om de

IN

marketingdoelstellingen te bereiken. Enkele voorbeelden: —

Een hoge prijs zorgt voor perceptie van hoge kwaliteit en dus een goed imago.

Een lage prijs kan zorgen dat de markt snel gepenetreerd wordt waardoor de doelstelling van een groot marktaandeel bereikt kan worden.

Een prijs kan zo gezet worden dat maximale winst nagestreefd wordt.

De prijsstrategie wordt dus voor een groot stuk bepaald door de beslissingen ten aanzien van de positionering. —

Wanneer je als onderneming een prijs voor het product bepaalt, moet die prijs er in de eerste plaats

voor zorgen dat de kosten gedekt zijn. Daarbovenop wil de onderneming natuurlijk nog winst maken. Die methode van prijsberekening heet cost-plus pricing. Die prijs mag niet te hoog zijn, want dan zullen de klanten een substituutproduct kiezen.

Je kunt als onderneming je prijs afstemmen op de waarde die de consument hecht aan het product en dus

N

op de prijs die de consument bereid is te betalen. Dat is consumer-based pricing of value-based pricing. Je moet dus eerst nagaan hoeveel waarde de consument aan je product hecht. De ondergrens van de prijs voor je product of dienst wordt bepaald door de kosten die gedekt moeten worden, want anders lijdt de onderneming verlies. De bovengrens van de prijs mag niet hoger zijn dan de waarde die de consument aan dat product of die dienst hecht. De prijs van de concurrentie kun je als referentieprijs gebruiken. Competitor-based pricing of concurrentiegerichte prijszetting betekent dat de onderneming haar prijzen

VA

aanpast aan de prijzen van de concurrent. Zet je je prijs hoger of net lager dan je concurrent? Wanneer je de prijs baseert op de prijs van de markt of op die van de concurrent, dan is er sprake van going-rate pricing (overname van de gangbare prijs van de markt).

Wanneer je als kleinere concurrent te maken hebt met grotere concurrenten die vooral lagere prijzen hanteren, kun jij je onderscheiden door extra service aan te bieden en daarvoor een hogere prijs te vragen.

©

Dat heet premium pricing.

216 THEMA 4

LEVEL 1


1

Bestudeer de afbeeldingen en lees de tekst.

2

Op welke manier wordt hier de prijs voor het goed of de dienst bepaald? Leg uit.

A Zoals gebruikelijk reserveert Tomorrowland de helft van de tickets, zowat 200 000 stuks gespreid over de twee weekends en zowel dag- als combitickets, voor Belgische bezoekers en mensen uit de omliggende gemeenten. Die tickets zijn dus al allemaal de deur uit.

Prijszetting: Verklaring:

IN

Bron: standaard.be, 2023-01-28

©

VA

N

B

Prijszetting: Verklaring:

THEMA 4

LEVEL 1 217


Explore 12— Hoe bereken je nu de verkoopprijs?

Verkoopprijs Naast de kostprijs moet je als onderneming met nog enkele zaken rekening houden om de verkoopprijs te bepalen. Doelstelling van de onderneming De onderneming kiest voor een bepaald imago en wil dat de consument haar op een bepaalde manier concurreren op de laagste prijs (Colruyt en Aldi).

IN

percipieert. De ene producent gaat voor kwaliteit en voor een hoge prijs (Apple). De andere producent wil

Als de producent met een nieuw product zoveel mogelijk marktaandeel wil veroveren, dan moet hij een lage

prijs hanteren. Dat heet marktpenetratie. Dat deed Telenet met zijn prijzen. Nadien werden de prijzen steeds hoger.

Wil de producent in het introductiestadium van het product zoveel mogelijk winst behalen, zal hij starten met

een hoge prijs en stap voor stap de prijs verlagen. Er zullen immers altijd vroege vogels zijn die maar al te graag de nieuwste PlayStation 5 willen en zij zullen dan maar al te graag 500,00 euro betalen. Om meer mensen over

Concurrentie

N

te halen om het nieuwe product te kopen, zal Sony de prijs stilaan laten dalen. Dat is de afroomstrategie.

Je kunt als producent je prijs hoog zetten, maar dan lopen de consumenten naar de concurrent. Dus je zult rekening moeten houden met je conculega’s. Een percentage op de inkoopprijs

VA

Deze manier van prijsberekening komt vaak voor in de groot- en kleinhandel. Wanneer je volgende keer door de winkelstraat wandelt in je hometown, neem dan eens een kijkje in de etalage van een schoenwinkel of een kledingwinkel. Bij schoenen en mode ligt de winsttoeslag vaak bij 250 à 350 procent. Met andere woorden, wanneer de kledingboetiek bij jou in de buurt in de etalage een broek aan een prijs van 140,00 euro uitstalt, dan kan die ze aan bijvoorbeeld 40,00 euro ingekocht hebben. Dat lijkt een hoog percentage maar natuurlijk is dat om alle kosten van de zaak (huur, loon, elektriciteit) te betalen en winst te maken. Een percentage op de verkoopkostprijs

Productiebedrijven hanteren dan vooral een percentage op de verkoopkostprijs. Een percentage op de verkoopprijs

©

Een andere manier is om de verkoopprijs te berekenen op basis van de bestaande verkoopprijs. Zo kun je bijvoorbeeld een verkoopmarge hanteren op de verkoopprijs van 30 %. Dit betekent dat

verkoopprijs – winst = verkoopkostprijs of

verkoopprijs = winst + verkoopkostprijs.

218 THEMA 4

LEVEL 1


1

Bekijk tabel 5. Bereken in de vierde kolom de verkoopprijs.

Tabel 5: Percentage op verkoopkostprijs SCHOENENBOETIEK SCARPE DIEM:

JURK PULLBEAR

SCHOENEN GUESS

IN

KLEDINGBOETIEK GIRLZ:

© Shutterstock / REPORT

INKOOPPRIJS

42,00 euro

39,00 euro

WINSTTOESLAG

250 %

300 %

VERKOOPPRIJS 2

Herneem het voorbeeld van de onderneming Sunblock. De totale verkoopkostprijs per eenheid zonnecrème bedroeg: 9,03 euro per stuk. De totale verkoopkostprijs per eenheid zonnespray bedroeg: 21,52 euro per stuk. producten?

Bereken voor de beide producten de verkoopprijs wanneer er een marge van 30 % wordt aangerekend.

VA

3

N

Wanneer Sunblock nu 20 % neemt op de verkoopkostprijs, hoeveel bedraagt dan de verkoopprijs voor beide

ZONNESPRAY

©

ZONNECRÈME

THEMA 4

LEVEL 1 219


Good to know Hoeveel bedragen de huurprijzen voor winkels in verschillende winkelstraten? De huurprijzen van winkels in de Belgische steden liggen een pak lager dan voor corona. Dat leidt mogelijk tot een afname van de leegstand in de centrumsteden. Exemplarisch is het verhaal van Inno, deze week. De warenhuisketen sleepte in Hasselt een nieuwe huurprijs voor zijn winkelpand uit de brand. Vanaf volgende zomer betaalt het jaarlijks 1,1 miljoen euro huur voor het vier

IN

verdiepingen tellende gebouw in de drukke Koning

Albertstraat. En dat vergeleken met 1,7 miljoen euro

eerder: een korting van liefst 600 000,00 euro per jaar. De betere huurvoorwaarden verzekeren dat Inno in de

© Shutterstock / Thierry Hebbelinck

Limburgse hoofdstad blijft, iets waar tot voor kort twijfels over bestonden. Bron: standaard.be, 2022-08-25

Fifth Avenue in New York heeft de eerste plaats in de ranking van duurste winkelstraat ter wereld weer heroverd.

N

Vastgoedbedrijf Cushman & Wakefield keek voor de pandemie jaarlijks naar de huurprijzen van topwinkelstraten ter wereld. Dit is de eerste keer sinds de pandemie dat het onderzoek weer gepubliceerd is. Met 21 076,00 euro per vierkante meter per jaar staat de New Yorkse straat weer bovenaan. Op de tweede plaats staat Tsim Sha Tui in Hongkong met een huurprijs van 15 134,00 euro per vierkante meter per jaar. De derde plaats wordt ingenomen door de Via Montenapoleone in Milaan, waar veel luxemerken zijn gevestigd. Hier telt een bedrijf 14 547,00 euro per vierkante meter per jaar neer. Op nummer vier staat New

VA

Bond Street in Londen en de top vijf wordt afgesloten door de Avenue des Champs Élysées in Parijs. Ook straten in de Benelux zijn te zien in de ranking. Zo staat de P.C. Hooftstraat in Amsterdam van alle Nederlandse winkelstraten het hoogst met een huurprijs van 2 650,00 euro per vierkante meter per jaar. Hiermee verslaat het de Kalverstraat in Amsterdam die al jaren op één stond. In België staat De Meir in Antwerpen op nummer één met een huurprijs van 1 552,00 euro per vierkante meter per jaar.

©

Bron: fashionunited.be, 2022-11-24

220 THEMA 4

LEVEL 1


Explore 13— Welke soorten prijsaanpassingsstrategieën zijn er?

Prijsaanpassingsstrategieën De prijs speelt een belangrijke rol in de perceptie van de klant. Wanneer de prijs van een product hoger is, schrijft de consument aan dat product vaak een hogere kwaliteit toe. Dus wanneer voor een klant de kwaliteit belangrijker is dan het gemak van de aankoop, dan zal hij sneller bereid zijn om een hogere prijs te betalen. Hoewel er maar 2,00 euro verschil is tussen 3 498,00 euro en 3 500,00 euro, is het pyschologische verschil voor laten eindigen op een 8, 9 of 5.

IN

de consument vaak veel groter. Het is dan ook een vorm van psychologische prijszetting om de bedragen te

Dankzij het internet is dynamische prijszetting tegenwoordig veel makkelijker voor ondernemingen om toe

te passen. Dat houdt in dat ondernemingen de prijzen aanpassen aan de wisselende verhouding van vraag en

aanbod. Een voorbeeld is het boeken van een vliegticket. Wanneer je een ticket naar Dubai boekt, kan het zijn dat je nu 300,00 euro betaalt, maar wanneer je nog 5 andere tickets boekt, kan het zijn dat je dan 500,00 euro per ticket betaalt. Dankzij het internet kan bijgehouden worden hoeveel er nog voorradig is. Omgekeerd kan het ook dat lege hotelkamers nog voor een appel en een ei weggaan.

Ondernemingen kunnen ook aan promotieprijszetting doen: ze verkopen de producten tegen een lagere prijs

N

dan de normale prijs, soms zelfs onder de kostprijs. Zo kunnen ondernemingen korting geven bij contante betaling of bij afname van grote hoeveelheden.

Ondernemingen kunnen ook aan prijsdiscriminatie doen: de verkoper of de producent verdeelt de markt in segmenten en elk segment betaalt dan een andere prijs ook al is er geen verschil in de kosten. Prijsdiscriminatie is alleen effectief als er meerdere segmenten zijn in die bepaalde markt en als de vraag door die segmenten

VA

verschilt. Bioscopen gebruiken vaak andere tarieven voor jongeren dan voor volwassenen. De Lijn gebruikt andere prijzen voor jongeren, voor volwassenen en voor ouderen. Elektriciteitsmaatschappijen hanteren een verschillend tarief voor een particulier en voor een onderneming. Een onderneming kan dus segmenteren: —

op basis van leeftijd,

tussen zelfstandigen, grote bedrijven en particulieren,

voor studenten,

tussen landen: zo kunnen boeken in verschillende landen soms wel 10,00 euro verschillen in prijs,

op basis van inkomen,

volgens volume van transacties,

volgens plaats.

©

Ondernemingen vragen niet steeds dezelfde prijs voor hetzelfde product. Wanneer het product in meerdere, geüpgradede versies bestaat, varieert de prijs om zo de variabele en dus bijkomende kosten te dekken. Dat heet prijsdifferentiatie.

2 598,00 euro

€ 10,

98

THEMA 4

LEVEL 1 221


1

Bekijk aandachtig de afbeeldingen. Om welke vorm van prijszetting gaat het?

B

VA

N

IN

A

©

C

222 THEMA 4

LEVEL 1


D Vrijdag 10 februari rond 10 uur zaten veel Beyoncéfans met klamme handen voor hun computer want dan ging de ticketverkoop voor het concert van Queen B, op zondag 14 mei in het Koning Boudewijnstadion van start. Liefhebbers konden naargelang de plaatsen in het stadion kiezen uit zes verschillende ‘standaard’ prijscategorieën tussen 63,70 en 182,50 euro. Organisator Live Nation zou ook een ‘beperkt aantal’ ‘platinumtickets’ aanbieden – en die hebben een mysterieuzer prijskaartje. ‘Platinumtickets’ zijn grotendeels gewone kaartjes: er hangt geen vippakket aan vast en ze zijn niet gelinkt aan een bepaalde zone met goede plaatsen. Wel hebben ze een variabele prijs. Die wordt bepaald op het moment dat je een ticket probeert te kopen. Als de vraag hoog is, zul je

2

IN

een hogere prijs zien. Het is dan aan de fan om te beslissen of die met de aankoop wil doorgaan.

Zoek de verschillende prijzen van Microsoft Office voor verschillende categorieën van consumenten. Gebruik het internet. Vul de tabel aan.

MAANDELIJKS BETAALD (IN EURO)

VA

N

PRODUCT

TO THE POINT Kostprijsbeleid

Kostprijsbeleid is het proces van het meten, analyseren en rapporteren van financiële en niet-financiële

©

informatie gerelateerd aan de kosten voor het verkrijgen of gebruiken van middelen in een organisatie. Indeling kosten Variabele kosten zijn kosten die binnen het relevant interval proportioneel veranderen met het gerelateerd outputvolume, m.a.w. hoe hoger het outputniveau, hoe hoger de variabele kosten. Voor het relevant interval stijgen de variabele kosten eerst degressief, na het relevant interval zullen ze progressief stijgen. Vaste kosten veranderen op korte termijn niet wanneer het outputvolume verandert. Directe kosten zijn gerelateerd aan een kostenobject en kunnen op een gemakkelijk en haalbare (economische) manier toegewezen worden. Indirecte kosten zijn gerelateerd aan het kostenobject, maar kunnen niet makkelijk toegewezen worden aan het kostenobject.

THEMA 4

LEVEL 1 223


In een productieonderneming kun je nog een onderscheid maken bij de directe en indirecte kosten tussen: —

directe arbeidskosten,

directe materiaalkosten,

indirecte productiekosten.

Break-evenanalyse Aan de hand van een break-evenanalyse kan een onderneming nagaan hoeveel stuks ze moet verkopen om winst, noch verlies te draaien. In het break-evenpunt zijn de totale kosten en opbrengsten gelijk. Daarvoor gebruik je de volgende formule:

IN

vaste kosten    break-evenafzet = ___________________________ ​​      ​​ verkoopprijs – aankoopprijs

De aankoopprijs kun je ook zien als de variabele kosten per eenheid. De verkoopprijs – variabele

kosten per eenheid wordt ook wel de contributiemarge per eenheid genoemd. De eenheidskosten of de

gemiddelde kosten per eenheid geven een goed beeld om de verkoopprijs te bepalen. Daarvoor tel je de variabele en vaste kosten op en deel je die door de totale afzet. Toewijzen indirecte kosten: eenvoudige opslagmethode

Met behulp van de eenvoudige opslagmethode kun je de indirecte productiekosten toewijzen aan de producten. Daardoor kun je de indirecte productiekosten verdelen: a rato van de directe materiaalkosten, of

a rato van de directe arbeidskosten, of

op basis van de totale directe kosten.

N

Toewijzen indirecte kosten: kostenverdeelstaat

Wanneer je de indirecte kosten op een nauwkeurigere manier aan kostendragers wilt toewijzen, kun

VA

je gebruikmaken van kostencentra en een verdeelstaat. Je hebt hulpkostenplaatsen, waar kosten toegewezen worden die een dienstverlenend karakter hebben. Daarnaast heb je algemene kostenplaatsen waaraan kosten toegewezen worden omdat ze daar ontstaan, zoals de fabricageafdeling. Kosten, die je uit de resultatenrekening haalt, worden via een verdeelsleutel verdeeld over de kostencentra of kostenplaatsen. Kosten van een kostenplaats worden vervolgens via een omslagsleutel over andere kostenplaatsen verdeeld om tot slot aan de kostendragers toegewezen te worden. Wanneer je alle kosten in rekening brengt, behalve de verkoopkosten, krijg je de fabricagekostprijs. Breng je ook de verkoopkosten in rekening, krijg je de verkoopkostprijs. Prijszettingsstrategieën

De prijs van een product moet er in de eerste plaats voor zorgen dat de kosten gedekt zijn.

©

Daarbovenop wil de onderneming natuurlijk nog winst maken. Die methode van prijsberekening heet cost-plus pricing. Bij die methode bereken je de kosten per eenheid door zowel de vaste als variabele kosten in rekening te brengen. Bij die eenheidskosten reken je dan een winstmarge.

Je prijs afstemmen op de waarde die de consument hecht aan de prijs en dus afstemmen op hetgeen

de consument wil betalen, heet consumer-based pricing of value-based pricing.

Bij competitor-based pricing worden de prijzen vastgesteld op basis van de prijsstrategie van de

concurrenten.

224 THEMA 4

LEVEL 1


Prijsaanpassingsstrategieën —

Hoewel er maar 2,00 euro verschil is tussen 3 498,00 euro en 3 500,00 euro, is het pyschologische verschil vaak veel groter voor de consument. Dat is alvast een reden om de prijzen te laten eindigen op een 8, 9 of 5. Dit is een vorm van psychologische prijszetting.

Dankzij het internet is dynamische prijszetting tegenwoordig veel gemakkelijker voor ondernemingen om toe te passen. Dit houdt in dat ze de prijzen kunnen aanpassen op basis van de wisselende verhouding tussen vraag en aanbod. Een voorbeeld is het boeken van een vliegticket.

Ondernemingen kunnen ook aan promotieprijszetting doen: ze verkopen de producten aan een

Daarnaast is er prijsdiscriminatie: de verkoper of de producent verdeelt de markt in segmenten. Elk

lagere prijs dan de normale prijs, soms zelfs onder de kostprijs. segment betaalt dan een andere prijs ook al is er geen verschil in de kosten. Wanneer het product in meerdere, geüpgradede versies bestaat, varieert de prijs om zo de variabele

IN

en dus bijkomende kosten te dekken. Dat heet prijsdifferentiatie.

Action 1—

Bekijk aandachtig de kosten van zetelproducent Divani Divini.

N

1

Zijn de kosten direct of indirect en vast of variabel?

a

Zijn die kosten direct of indirect?

b

Zijn ze vast of variabel? KOSTEN

DIRECT OF INDIRECT

Afschrijving kantoorgebouw

Elektriciteit

Huur winkelruimte

Commissieloon verkoper

Loon manager

VA 2

VAST OF VARIABEL

Stel dat het kostenobject het product is en de kostendrijver het aantal producten. Zijn de volgende kosten dan

©

direct of indirect? Zijn ze vast of variabel?

3

a

Grondstofkosten zijn direct / indirect en vast / variabel.

b

Afschrijvingskosten van machines zijn direct / indirect en vast / variabel.

c

Schroeven zijn direct / indirect en vast / variabel.

d

Het loon van de productiemanager is direct / indirect en vast / variabel.

Stel dat het kostenobject de productieafdeling is. De kosten voor de productiemanager zijn dan direct / indirect en vast / variabel.

THEMA 4

LEVEL 1 225


4

Gabriëls metaalwerken in Opglabbeek produceert voornamelijk halfafgewerkte metalen producten voor andere vrachtwagenproducenten. Omwille van de synergie en kennis die ze hebben, produceren ze ook aanhangwagens. Dit is een volledige afdeling in het bedrijf. a

Zijn de onderstaande kosten direct of indirect? Kruis aan.

b

Zijn de kosten variabel of vast? Kruis aan. TOEWIJSBAARHEID KOSTEN

DIRECT

INDIRECT

PRODUCTIEVOLUME VARIABEL

VAST

Moeren en bouten Afschrijving lasapparaat Verwarming werkplaats Loon van twee arbeiders Schoonmaakproducten werkplaats

IN

Aluminiumprofielen

Action 2—

Hoe breid je je kennis over kosten uit?

Werk in twee groepen.

VA

1

N

Elektriciteit

2

Ga naar iDiddit. Elke leerling leest het artikel van zijn groep. THEMA

3

Groep 1

Vaste kosten

Groep 2

Directe en indirecte kosten

Vat individueel het artikel samen in een tekst, een schema of een mindmap. Je leraar bepaalt of je dat in het

©

Engels of Nederlands doet.

4

Vorm een duo met een leerling uit de andere groep. Vertel de inhoud van het artikel aan elkaar.

5

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

226 THEMA 4

LEVEL 1


Action 3— 1

Hoe pas je de eenvoudige opslagmethode toe om indirecte kosten te verdelen?

Lees de case over scheerapparaten.

Producent Shavesafe produceert 2 soorten luxescheerapparaten: scheerapparaat Lux en scheerapparaat Lux-Pro. Er worden respectievelijk 250 000 en 300 000 stuks geproduceerd.

IN

Tabel 6: Directe kosten voor scheerapparaat Lux

DIRECTE KOSTEN

Directe materiaalkosten

20 250 000,00 euro

Directe arbeidskosten

9 200 000,00 euro

N

Tabel 7: Directe kosten voor scheerapparaat Lux-Pro DIRECTE KOSTEN

27 200 000,00 euro

Directe arbeidskosten

14 335 000,00 euro

VA

Directe materiaalkosten

De totale indirecte kosten die verdeeld moeten worden, bedragen 33 350 000,00 euro.

2

Werk in drie groepen. Elke groep gebruikt een andere verdeelsleutel voor de totale indirecte kosten. VERDEELSLEUTEL

Directe arbeid

Groep 2

Directe materialen

Groep 3

Totale directe kosten

©

Groep 1

3

Vorm nieuwe groepjes van drie personen met telkens een lid uit elke groep. Elke leerling legt zijn berekening aan de andere twee leerlingen uit.

Groep 1

Indirecte kosten verdeeld op basis van directe arbeid

STAPPENPLAN Stap 1:

Hoeveel bedragen de totale directe arbeidskosten?

THEMA 4

LEVEL 1 227


Stap 2:

Wat is de verdeelsleutel (= verhouding tussen de indirecte kosten en de totale directe arbeidskosten)?

Stap 3:

Wijs de indirecte kosten toe aan het kostenobject op basis van de verdeelsleutel.

Stap 4:

Bereken de kostprijs per kostenobject.

Indirecte kosten verdeeld op basis van directe materialen

STAPPENPLAN Stap 1:

N

Groep 2

SCHEERAPPARAAT LUX-PRO

IN

SCHEERAPPARAAT LUX

Hoeveel bedragen de totale directe materiaalkosten?

VA

Stap 2:

Wat is de verdeelsleutel (= verhouding tussen de indirecte kosten en de totale directe materiaalkosten )?

Stap 3:

Wijs de indirecte kosten toe aan het kostenobject op basis van de verdeelsleutel.

Bereken de kostprijs per kostenobject.

©

Stap 4:

SCHEERAPPARAAT LUX

SCHEERAPPARAAT LUX-PRO

228 THEMA 4

LEVEL 1


Groep 3

Indirecte kosten verdeeld op basis van totale directe kosten

STAPPENPLAN Stap 1:

Hoeveel bedragen de totale directe kosten?

Stap 2:

Wat is de verdeelsleutel (= verhouding tussen de indirecte kosten en de totale directe kosten)?

Stap 3:

Wijs de indirecte kosten toe aan het kostenobject op basis van de verdeelsleutel.

Stap 4:

Bereken de kostprijs per kostenobject.

IN

SCHEERAPPARAAT LUX

Hoe stel je de kostenverdeelstaat op van de zetelproducent?

VA

Action 4—

N

SCHEERAPPARAAT LUX-PRO

1

Keer terug naar zetelproducent Divani Divini die in een bepaalde fabriek in het zuiden van Italië twee types zetel produceert, de Urbano en de Classico. Het volgende boekjaar heeft de onderneming deze kosten voor 7 200 zetels (4 000 Urbano en 3 200 Classico):

©

Tabel 8: Kosten bij 7 200 zetels (in euro)

KOSTEN

Aankopen grondstoffen Urbano

1 782 000,00

Aankopen grondstoffen Classico

2 244 000,00

Administratie

346 500,00

Afschrijving gebouwen

275 000,00

Afschrijving kantoormachines

77 000,00

Afschrijving productiemachines

198 000,00

Elektriciteit

343 200,00 THEMA 4

LEVEL 1 229


KOSTEN Telefoon

132 000,00

Verzekering gebouwen

187 000,00

Kantoorbenodigdheden

77 000,00

Marketing

97 900,00 2 145 000,00

Salarissen en sociale bijdragen

935 000,00

Diverse kosten

IN

Lonen en sociale bijdragen

2

44 000,00

Neem de gegevens van tabel 8 over in een werkblad. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

3

Ga naar iDiddit en neem de directe en indirecte kosten over in jouw werkblad. Maak een kostenverdeelstaat om de kosten toe te wijzen aan de kostendragers. a

Wijs de directe kosten toe aan de kostendragers. Gebruik formules in het rekenblad om kosten toe te

N

wijzen. b

Verdeel de indirecte kosten over de verschillende kostenplaatsen op basis van de volgende omslagsleutels. Elektriciteit en verzekering worden alvast 100 % toegewezen aan huisvesting. Gebruik formules om kosten te verdelen met behulp van de verdeelsleutels.

4

Belast bepaalde kostenplaatsen door aan andere kostenplaatsen. Gebruik formules in het rekenblad om

VA

kosten door te rekenen met behulp van de verdeelsleutels.

5

Bereken de fabricagekostprijs per eenheid voor de Urbano-zetel en de Classico-zetel. Gebruik formules.

6

Bereken de verkoopkostprijs per eenheid voor de Urbano-zetel en de Classico-zetel. Gebruik formules.

Action 5—

Een producent van wafels heeft twee grote productielijnen: gewone

©

1

Hoe stel je de kostenverdeelstaat op van de wafelproducent?

vanillewafels enerzijds en chocoladewafels anderzijds. Bekijk de tabel met de verschillende kostensoorten.

2

Neem die over in een werkblad. Maak gebruik van formules om kosten toe te wijzen aan de kostendragers. Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

230 THEMA 4

LEVEL 1


Tabel 9: Totale kosten wafels (in euro) TOTALE KOSTEN 150 000,00

Aankopen materialen chocoladewafels

48 000,00

Aankopen hulpstoffen

30 000,00

Huur

16 000,00

Elektriciteit

18 000,00

Telefoon

8 000,00

Verzekering gebouwen Facebookadvertenties en SEA Kantoormateriaal

4 400,00

60 700,00 36 000,00

Lonen en sociale lasten

208 000,00

58 000,00

N

Salarissen en sociale lasten

3

IN

Aankopen materialen vanillewafels

Afschrijvingen productiemachines

19 200,00

Afschrijvingen kantoormachines

4 800,00

Ga naar iDiddit. Verdeel de indirecte kosten over de kostenplaatsen aan de hand van de omslagsleutels die je

VA

daar vindt.

4

Daarna worden de kosten van bepaalde kostenplaatsen doorbelast aan andere kostenplaatsen. Hiervoor worden de verdeelsleutels die je op iDiddit vindt, gebruikt.

5

a

Stel de kostenverdeelstaat op.

b

Bereken de fabricagekostprijs van beide producten.

c

Bereken de fabricagekostprijs per eenheid van beide producten.

d

Bereken de verkoopkostprijs per eenheid van beide producten.

Veronderstel dat de producent een winstpercentage van 45 % neemt op de verkoopkostprijs. Bereken dan de

©

verkoopprijs en de winst per eenheid van elk product. Maak gebruik van formules in het rekenblad.

BREAKING NEWS

1

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

THEMA 4

LEVEL 1 231


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

Ik kan vaste van variabele kosten onderscheiden.

2

Ik kan directe van indirecte kosten onderscheiden.

3

Ik kan de break-evenafzet berekenen.

4

Ik kan kosten berekenen aan de hand van de eenvoudige opslagmethode.

5

Ik kan kosten berekenen aan de hand van een kostenverdeelstaat.

6

Ik kan de verkoopprijs bepalen op basis van de verkoopkostprijs.

7

IN

1

Ik kan de verkoopprijs bepalen op basis van een

©

VA

N

marge op de verkoopprijs.

232 THEMA 4

LEVEL 1


Begrippenlijst Thema 4

1

1

1

1

1

IN JE EIGEN WOORDEN

aankoop­

Dit is een kostenplaats waaraan kosten

kosten­plaats

toegewezen worden die te maken hebben

(AKK)

met de inkoop van grondstoffen.

Algemene

Dat is een kostenplaats. Dat zijn

Beheers­

dienstverlenende afdelingen maar waarbij

kosten­plaats

de dienstverlening aan anderen niet

(BHK)

kwantitatief meetbaar is.

break-even­

De afzet waarbij de onderneming noch

afzet

winst, noch verlies maakt.

break-even­

Dit is de omzet die je krijgt wanneer je de

omzet

break-evenafzet vermenigvuldigt met de

verkoopprijs per eenheid.

competitor

Dat is een prijszettingsstrategie waarbij de

based pricing

onderneming voor haar prijsbepaling rekening

constante of vaste kosten

1

VERKLARING

IN

1

BEGRIP

consumer-

Deze kosten veranderen, op korte

termijn, niet wanneer het output- of productievolume verandert.

Dat is een prijszettingsstrategie waarbij de

onderneming haar prijs bepaalt op basis van

VA

based pricing

houdt met de prijs van de concurrent.

N

LEVEL

of value-based

het bedrag dat de klant ervoor wil betalen.

pricing

1

1

contributie­

De contributiemarge is de verkoopprijs

marge

verminderd met de variabele kosten.

cost

Dat is een kostprijsbeleid waarbij de

accounting

onderneming nagaat en bewaakt of alle

of kostprijs­

gemaakte kosten verantwoord zijn.

©

beheersing

1

1

cost-plus

Dat is een prijszettingsstrategie waarbij

pricing

de onderneming bij de kostprijs van haar

product een winstmarge telt.

directe

Dit zijn de kosten van de productiearbeid

(productie-)

waarvan het mogelijk is om die makkelijk

arbeidskosten

en economisch haalbaar te linken aan een

kostenobject.

THEMA 4

BEGRIPPENLIJST 233


LEVEL 1

BEGRIP directe kosten

VERKLARING Dit zijn kosten die gerelateerd zijn aan een kostenobject en op een makkelijk en

1

1

haalbare (economische) manier toegewezen

kunnen worden.

directe

Dit is de aanschaffingswaarde van de

materiaal­

materialen die fysisch met een kostenobject

kosten

kunnen geïdentificeerd worden.

dynamische

Dat is een prijsaanpassingsstrategie waarbij

prijszetting

een onderneming haar prijzen aanpast op

eenheids­

basis van de wisselende verhouding tussen

vraag en aanbod.

Dat zijn de gemiddelde kosten per eenheid.

fabricage­

De productie is een kostenplaats

kostenplaats-

die een belangrijk deel van het

productie

ondernemingsproces vertegenwoordigt. Zij

(FKP)

staat zeer dicht bij het eindproduct dat zal

kosten 1

fabricage­

Dit is de kostprijs voor het louter

kostprijs

produceren van dat product (dus niet de

1

kosten om het op de markt te brengen).

gebudget­

Dit zijn toekomstige kosten waarvoor een

teerde kosten

voorspelling gedaan wordt.

going-rate

Dat is een prijszettingsstrategie waarbij een

pricing

onderneming haar prijzen baseert op de

VA

1

N

worden geleverd. 1

IN

1

IN JE EIGEN WOORDEN

prijs van de markt.

1

hulpkosten­

Dat is een kostenplaats bestaande uit

plaatsen of

afdelingen binnen een onderneming die een

huisvesting

dienstverlenend karakter hebben tegenover

tal van andere afdelingen. Daarbij is hun

©

levering naar de andere op één of andere

1

1

wijze kwantitatief vast te stellen.

indirecte

Dat zijn bijvoorbeeld kosten verbonden

arbeids­kosten

aan onderhoudspersoneel van machines

van het productiegebouw of van het

veiligheidspersoneel.

indirecte

Deze kosten zijn gerelateerd aan het

kosten

kostenobject, maar kunnen niet makkelijk

toegewezen worden aan het kostenobject.

Ze moeten op basis van aanvaardbare

criteria of verdeelsleutels toegewezen worden aan de kostendrager of het kostenobject.

234 THEMA 4

BEGRIPPENLIJST


LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

indirecte

Dit zijn kosten voor onder meer materialen

materiaal­

die in het productieproces worden

kosten

verbruikt, maar niet in het product zelf.

bv. smeerolie voor het onderhoud van

machines indirecte

Dit zijn de kosten die niet rechtstreeks met

productie­

het productieproces te maken hebben en

kosten of

die niet op een makkelijk (en economisch)

overhead­kosten

haalbare manier te relateren zijn aan het

kostenobject. 1

input

Dit verwijst naar onder andere de grondstoffen.

1

intermediair

Dit is een kostenobject waar kosten eerst

kostenobject

aan moeten toegewezen worden vooraleer kunnen toegewezen worden.

kosten­allocatie

Dat is het toewijzen van directe of indirecte

of kosten­­

kosten aan een kostenobject.

kostendrijver

Dit is een variabele die een verandering

kostenobject

1

1

Dat is het oogmerk / de reden waarom of de

of kosten­-

oorzaak waardoor de onderneming kosten

drager

maakt.

kostenpool,

Dit is een afgebakende eenheid in

kostenplaats

een bedrijf waaraan kosten kunnen

of kostencentra

toegeschreven worden.

bv. de productieafdeling

kosten­

Dit is een document of tabel waarin de

verdeelstaat

kostensoorten worden opgenomen,

©

1

bepaalde periode).

VA 1

veroorzaakt in de totale kosten (binnen een

1

ze aan het eindproduct of het kostenobject

toewijzing 1

N

1

IN

1

IN JE EIGEN WOORDEN

kostprijsbeleid

output

met daarnaast de kostenplaatsen en de

kostendragers.

Dit beleid tracht de kosten van de inputs

(bijvoorbeeld grondstoffen) in verband te brengen met de output (de afgewerkte

producten bijvoorbeeld).

Dit zijn de half- of volledig afgewerkte

producten.

THEMA 4

BEGRIPPENLIJST 235


LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

overige

alle andere productiekosten. Voorbeelden:

indirecte

afschrijvingskosten productiegebouw,

productie­

elektriciteitskosten, milieubelasting enz.

kosten 1

IN JE EIGEN WOORDEN

premium

Dat is een prijszettingsstrategie waarbij een

pricing

onderneming een hogere prijs vraagt dan

haar concurrenten.

1

een onderneming de markt in segmenten

betalen ook al is er geen verschil in kosten.

prijs­

Dat is een prijsaanpassing die ontstaat

differentiatie

doordat een product in meerdere

geüpgradede versies bestaat, waardoor de

kosten en dus de prijs variëren.

promotie­­

Dat is een prijsaanpassingsstrategie waarbij

prijszetting

de onderneming de producten tegen een

lagere prijs dan de normale prijs verkoopt,

soms zelfs onder de kostprijs.

psycho­logische

Dat is een prijsaanpassingsstrategie die

prijs­zetting

gebruikmaakt van ronde, aantrekkelijke

cijfers om de perceptie van een lagere

prijs te creëren en zo de consumenten tot

aankoop aan te zetten.

bv. € 99,99 in plaats van € 100,00

1

variabele

Dit zijn kosten die proportioneel veranderen

kosten

met het gerelateerd outputvolume of productievolume, hoe hoger de variabele

Dit is is een systematische manier om een

sleutel of

indirecte kosten of een groep indirecte

allocatie­basis

kosten aan de kostenobjecten toe te wijzen.

of kosten­

bv. machine-uren

©

verdeel­

sleutel

verkoop­

Deze kostenplaats staat voor verkoop

kosten­plaatsen

van de producten zoals marketing en

(VKP)

verkoopadministratie.

BEGRIPPENLIJST

of omslag­-

236 THEMA 4

allocatie­basis

1

productievolume. M.a.w. hoe hoger het kosten.

1

verdeelt en elk segment een andere prijs laat

VA

1

Dat is een prijsaanpassingsstrategie waarbij

discriminatie

IN

1

prijs­

N

1


LEVEL 1

VERKLARING

verkoop­

Dit is de kostprijs voor het produceren en

kostprijs

het vervaardigen ervan.

werkelijke

Dat zijn kosten die een onderneming al

kosten

heeft gemaakt. Dat kunnen kosten uit het

IN JE EIGEN WOORDEN

verleden zijn (historische kosten) of kosten

waarvan de transactie net is afgelopen.

©

VA

N

IN

1

BEGRIP

THEMA 4

BEGRIPPENLIJST 237


N

THEMA

IN

5

©

VA

Boekhouden en financieel beheer


IN N LEVEL

©

VA

6+

Hoe registreer je de inventarisverrichtingen in de boekhouding?

p. 240


LEVEL 6+ Hoe registreer je de inventarisverrichtingen in de boekhouding? Explore 5— Hoe registreer je de regularisatieboekingen in verband

IN

met de resultatenrekening?

Overlopende rekeningen

In de vorige explores hadden alle regularisatieboekingen betrekking op de balans, maar ook de

resultatenrekening, de kosten en de opbrengsten moeten met de werkelijkheid in overeenstemming zijn. Daarom is het belangrijk om na te gaan of:

– alle geboekte kosten en opbrengsten op het huidige boekjaar betrekking hebben, en

N

– alle kosten en opbrengsten die betrekking hebben op het huidige boekjaar effectief geregistreerd werden. Als dat niet het geval is, maak je gebruik van de Overlopende rekeningen. Dat zijn balansrekeningen die je in het MAR onder de groep 49 vindt. Er zijn twee overlopende rekeningen op het actief: de rekening 490000 Over te dragen kosten en 491000 Verkregen opbrengsten. De overlopende rekeningen op het passief zijn: 492000 Toe te rekenen kosten en 493000 Over te dragen opbrengsten. Door die rekeningen te gebruiken zal de winst van

VA

het boekjaar toenemen of dalen. —

De rekening 490000 Over te dragen kosten gebruik je wanneer je kosten geregistreerd hebt in de boekhouding die volledig of gedeeltelijk betrekking hebben op het volgende boekjaar. Daardoor zullen de kosten in het huidige boekjaar dalen.

De rekening 491000 Verkregen opbrengsten gebruik je wanneer je opbrengsten in het volgende boekjaar int, terwijl die op het huidige boekjaar betrekking hebben. Daardoor zullen de opbrengsten in het huidige boekjaar stijgen.

De rekening 492000 Toe te rekenen kosten dient om kosten te registreren die op het huidige boekjaar betrekking hebben, maar waarvan je de factuur pas in het volgende boekjaar ontvangt. Daardoor zullen de kosten in het huidige boekjaar stijgen.

De rekening 493000 Over te dragen opbrengsten wordt gebruikt om opbrengsten die in het huidige

©

boekjaar geboekt zijn over te boeken naar het volgende boekjaar. Daardoor zal de opbrengst in het huidige boekjaar dalen.

De overlopende rekeningen zijn overgangsrekeningen die je de laatste dag van het boekjaar opent. Die rekeningen maken de overboeking van kosten en opbrengsten van het ene boekjaar naar het andere boekjaar mogelijk. Bij de opening van het boekjaar moet je de overlopende rekeningen tegenboeken.

240 THEMA 5

LEVEL 6+


1

Op 20xx-09-01 ontvangt Odette Lunettes.edu een factuur van Tunity (AF301), een bedrijf gespecialiseerd in socialemediamarketing. Tunity zal gedurende een halfjaar de sociale media van Odette Lunettes.edu verzorgen en rekent daarvoor 3 000,00 euro exclusief 21 % btw aan. a

Op welke rekening registreer je die kosten bij ontvangst van de factuur?

b

Registreer de kosten op de T-rekening.

c

Reken uit hoeveel de kosten voor boekjaar 20xx

d

IN

bedragen.

Vul aan en / of markeer het juiste antwoord. Gebruik het MAR. Er werd in boekjaar 20xx

euro

N

te veel / te weinig geregistreerd op de rekening .

Die rekening moet gedebiteerd / gecrediteerd worden voor dat bedrag. Als tegenrekening gebruik je de overlopende rekening

.

VA

Dat is een actiefrekening / passiefrekening die je debiteert / crediteert voor dat bedrag. e

Registreer die verrichting op de T-rekeningen en vul het journaal in. Dit is diversenverrichting 30.

Boekjaar 20xx

C

D

C

©

D

THEMA 5

LEVEL 6+ 241


f

Registreer de overboeking van de overlopende rekening op de T-rekening. Vul het journaal in. Dit is diversenverrichting 1.

Boekjaar 20xx+1 490000 Over te dragen kosten

(BS)

Wat stel je vast?

Op 20xx-08-01 plaatst Odette Lunettes.edu 50 000,00 euro op een termijnrekening van 3 jaar bij KBC. De

VA

2

C

N

g

D

1 000,00

C

IN

D

nettorente bedraagt 1,90 % en die wordt jaarlijks uitbetaald. a

Hoeveel interest zal Odette Lunettes.edu op 1 augustus 20xx+1 ontvangen?

b

Op welke rekening registreer je die interest? Bekijk het MAR.

Hoeveel behoort toe aan boekjaar 20xx?

©

c

d

Vul aan en / of markeer het juiste antwoord. Gebruik het MAR. Er werd in boekjaar 20xx

euro te veel / te weinig geregistreerd op de

rekening

. Die rekening moet

gedebiteerd / gecrediteerd worden voor dat bedrag. Als tegenrekening gebruik je de overlopende rekening

Dat is een actiefrekening / passiefrekening die je debiteert /crediteert voor dat bedrag.

242 THEMA 5

LEVEL 6+

.


e

Registreer die verrichting op de T-rekeningen en vul het journaal in. Dit is diversenverrichting 31.

Boekjaar 20xx D

C

D

C

f

IN

Registreer de overboeking van de overlopende rekening op de T-rekening. Vul het journaal in. Dit is

Boekjaar 20xx+1 D

N

diversenverrichting 2.

491000 Verkregen opbrengsten

C

D

VA

(BS) 395,83

D

C

©

C

THEMA 5

LEVEL 6+ 243


g

Op 20xx+1-08-01 ontvangt Odette Lunettes.edu bankafschrift 93 van KBC. Er werd 950,00 euro interest van de termijnrekening gestort op de rekening. Registreer de verrichting op de T-rekening.

h

Wat stel je vast?

3

Odette Lunettes.edu heeft als ondernemingsvorm een bv. Een bv is verplicht jaarlijks haar jaarrekening neer te leggen bij de Nationale Bank van België voor 31 juli van het jaar dat volgt op het boekjaar. De neerlegging kost 147,80 euro. a

IN

Wanneer zal Odette Lunettes.edu de factuur van de NBB ontvangen?

b

Op welk boekjaar hebben die kosten betrekking?

c

Vul aan en / of markeer het juiste antwoord. Gebruik het MAR.

euro te veel / te weinig geregistreerd op de

Er wordt in boekjaar 20xx rekening

N

.

Die rekening moet gedebiteerd / gecrediteerd worden voor dat bedrag. Als tegenrekening gebruik je de overlopende rekening

.

Dat is een actiefrekening / passiefrekening die je debiteert / crediteert voor dat bedrag. d

VA

Registreer die verrichting op de T-rekeningen en vul het journaal in. Dit is diversenverrichting 32.

Boekjaar 20xx D

C

D

C

©

244 THEMA 5

LEVEL 6+


e

Registreer de overboeking van de overlopende rekening op de T-rekening. Vul het journaal in. Dit is diversenverrichting 3.

Boekjaar 20xx+1 D

492000 Toe te rekenen kosten

C

D

147,80 (BS)

C

N

Op 200x+1-07-29 legt Odette Lunettes.edu de jaarrekening neer bij de NBB en betaalt de neerleggings­

VA

f

IN

D

C

kosten via de KBC-rekening (KBC92). Registreer die verrichting op de T-rekeningen.

g

Wat stel je vast?

Odette Lunettes.edu verhuurt een tijdelijk leegstaand pand tijdens de eindejaarsperiode aan een pop-up voor 3 maanden. De huurovereenkomst loopt van 20xx-11-01 tot 20xx+1-01-31. De maandelijkse huurprijs is 1 000,00 euro en wordt volledig betaald op 20xx-10-25.

©

4

a

Op 20xx-10-25 stort de huurder de huur (3 000,00 euro) op de KBC-rekening. Registreer dat afschrift (KBC127) op de T-rekening. Gebruik het MAR

b

Vul aan en / of markeer het juiste antwoord. Gebruik het MAR. Er werd in boekjaar 20xx

euro te veel / te weinig geregistreerd op de

rekening

. Die rekening moet

gedebiteerd / gecrediteerd worden voor dat bedrag. Als tegenrekening gebruik je de overlopende rekening

.

Dat is een actiefrekening / passiefrekening die je debiteert / crediteert voor dat bedrag.

THEMA 5

LEVEL 6+ 245


c

Registreer die verrichting op de T-rekeningen en vul het journaal in. Dit is diversenverrichting 33.

Boekjaar 20xx D

C

D

C

C

d

N

IN

D

Registreer de overboeking van de overlopende rekening op de T-rekening. Vul het journaal in. Dit is

VA

diversenverrichting 4.

Boekjaar 20xx+1 D

493000 Over te dragen opbrengsten 1 000,00

246 THEMA 5

D

(BS)

©

C

C

LEVEL 6+


e

Wat stel je vast?

Explore 6— Hoe registreer je voorzieningen en provisies in de

Voorzieningen

IN

boekhouding?

Het aanleggen van een voorziening is boekhoudkundig verplicht (artikel 33 Wetboek van Vennootschappen) wanneer de kosten waarschijnlijk zijn en duidelijk kunnen omschreven worden maar het bedrag van de

kosten niet vaststaat. De kosten zijn dus altijd een geraamd bedrag. Bijvoorbeeld grote onderhouds- en

herstellingswerken aan een gebouw of een fabrikant van warmtepompen die een voorziening aanlegt voor de tussenkomst bij de wettelijk verplichte twee jaar fabrieksgarantie. Hij kan dan jaarlijks de voorziening berekenen op het aantal verkochte warmtepompen.

Een voorziening is een ‘spaarpot’ die je aanlegt om te gebruiken wanneer het risico of de kosten zich voordoen.

N

Je boekt de kosten dus vroeger dan dat je ze maakt, daardoor vermindert de boekhoudkundige winst met kosten die nog niet geregistreerd werden.

De kostenrekening voor de voorziening vind je in het MAR onder de groep 63 Afschrijvingen, waardeverminderingen en voorzieningen voor risico’s en kosten. Voor de tegenboeking gebruik je een

VA

passiefrekening die je in het MAR vindt in groep 16 Voorzieningen en uitgestelde belastingen. Een onderneming kan een voorziening aanleggen voor: —

pensioenen: een onderneming in moeilijkheden besluit een deel van het personeel op werkloosheid met bedrijfstoeslag (brugpensioen) te sturen;

grote herstellings- en onderhoudswerken: je laat het volledige bedrijfsgebouw 5-jaarlijks schilderen of je laat 2-jaarlijks een groot onderhoud aan het machinepark in de fabriek doorvoeren;

milieuverplichtingen: sanering van vervuilde grond;

overige risico’ s en kosten.

In het jaar dat het risico of de kosten zich voordoen registreer je die in de boekhouding. Je boekt de voorziening tegen op het moment dat je zeker weet dat de kosten zich niet zullen voordoen. Wanneer bijvoorbeeld de

©

garantieperiode verstreken is, ben je verplicht de voorziening terug te nemen.

Good to know Sinds 2018 zijn voorzieningen enkel fiscaal aftrekbaar wanneer die aangelegd worden op basis van een contractuele of wettelijke verplichting. Denk daarbij aan de verplichte fabrieksgarantie, de 10-jarige aansprakelijkheid van een architect of aannemer voor de schade die het gevolg is van een gebrek die de stabiliteit in gevaar brengt.

THEMA 5

LEVEL 6+ 247


1

Odette Lunettes.edu moet driejaarlijks alle toestellen waarmee de oogmetingen gebeuren, laten onderhouden. In boekjaar 20xx raamt ze de kosten voor boekjaar 20xx+3 op 9 000,00 euro. De bedrijfsleiding wil die kosten niet in boekjaar 20xx+3 ten laste nemen, maar wil die spreiden over de komende boekjaren. a

Kan Odette Lunettes.edu een voorziening aanleggen voor die onderhoudskosten? Leg uit.

b

Hoeveel moet Odette Lunettes.edu jaarlijks voorzien voor de onderhoudswerken?

c

Registreer de voorziening in de boekhouding voor boekjaar 20xx. Vul het redeneringsschema en / of journaal in. Dit is diversenpost 34.

K/O

+/-

D/C

Documentdatum:

N

Documentnummer: A/P

IN

REK.NR.

REKENINGNAAM

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

VA

©

248 THEMA 5

Totaal

LEVEL 6+


In boekjaar 20xx+3 laat Odette Lunettes.edu het onderhoud uitvoeren.

a

IN

2

Ze ontvangt daarvoor de factuur op 25 februari: 9 750,00 euro exclusief btw. Registreer de factuur in het

VA

N

aankoopjournaal, AF95.

Voor welk bedrag zal de winst in boekjaar 20xx+3 dalen? Klopt dat met de realiteit?

c

Hoe los je dit boekhoudkundig op?

©

b

THEMA 5

LEVEL 6+ 249


d

Registreer de verrichting in het redeneringsschema en / of journaal. Gebruik het MAR. Diversenpost 5.

Documentnummer: A/P K/O

+/-

D/C

Documentdatum: REK.NR.

REKENINGNAAM

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

IN

VA

N

Totaal

©

250 THEMA 5

LEVEL 6+


TO THE POINT Via de overlopende rekeningen zorg je ervoor dat de kosten en opbrengsten toegekend zijn aan het correcte boekjaar. Je gebruikt die rekeningen wanneer kosten of opbrengsten betrekking hebben op twee boekjaren. De overlopende rekeningen vind je in het MAR in groep 49. Je maakt enkel gebruik van die rekeningen op de laatste dag van het boekjaar, op het moment van de regularisatieboekingen.

KOSTEN D

490000 Over te dragen kosten

Deel van de kosten

IN

Kosten op opbrengsten overboeken van boekjaar 20xx naar boekjaar 20xx+1 OPBRENGSTEN

C

D

493000 Over te dragen opbrengsten

C

Deel van de opbrengst

dat je in het huidige

dat je in het huidige

boekjaar hebt, maar

boekjaar int, maar

naar het volgende

dat tot het volgende

boekjaar moet

boekjaar behoort.

N

overdragen.

Kosten of opbrengsten die je registreert / int in boekjaar 20xx+1 maar betrekking hebben op boekjaar 20xx.

492000 Toe te rekenen kosten

C

D

491000 Verkregen opbrengsten

Deel van de kosten

Deel van de opbrengst

dat je in het volgende

dat je pas in het

boekjaar betaalt, maar

volgende boekjaar

dat ten laste van het

int, maar dat tot het

huidige boekjaar is.

huidige boekjaar

VA

D

C

behoort.

Bij de opening van het volgende boekjaar saldeer je de overlopende rekeningen. Het saldo op de overlopende rekeningen moet bij de start van het boekjaar op nul staan.

©

Via een voorziening legt een onderneming een ‘spaarpot’ aan voor een risico (bijvoorbeeld 10-jarige verplichte aansprakelijkheid aannemer) of voor een kosten die zich kunnen voordoen. Er zijn drie voorwaarden om een voorziening te mogen aanleggen, het risico of de kosten: —

zijn reëel (waarschijnlijk),

kunnen duidelijk omschreven worden,

hebben geen vaststaand bedrag.

THEMA 5

LEVEL 6+ 251


Je registreert de voorziening op een kostenrekening uit de groep 63 en een passiefrekening uit de groep 16. Op het moment dat het risico of de kosten zich voordoen, moet je de voorziening terugnemen, tegenboeken. Aanleggen voorziening: boeking op inventarisdatum D

636000 Voorzieningen voor grote

C

D

herstellingen en groot onderhoud: toevoeging

162000 Voorzieningen voor grote

C

herstellingen en groot onderhoud Jaarlijks bedrag aanleg

voorziening

voorziening

IN

Jaarlijks bedrag aanleg

Moment dat kosten geregistreerd worden in de boekhouding: terugname voorziening D

636100 Voorzieningen voor grote herstellen en groot onderhoud: terugname Totaalbedrag van de

C

162000 Voorzieningen voor grote

herstellingen en groot onderhoud

Totaalbedrag van de

aangelegde voorziening

©

VA

N

aangelegde voorziening

D

252 THEMA 5

LEVEL 6+

C


Action 3—

1

Kun je regularisatieboekingen in verband met opbrengsten en kosten registreren in de boekhouding van Decathlon.edu?

Registreer de onderstaande verrichtingen in de boekhouding van Decathlon.edu. Vul het redeneringsschema en / of journaal in. Het laatste nummer van de diversenverrichting is 21.

2

Neem er de factuur O van Verzekeringen Fredrix bij. Je vindt die in Lift 5-6 D Bedrijfswetenschappen, Thema 3,

a

Over welke periode loopt de polis?

b

Welk bedrag van de polis behoort tot boekjaar 20xx+1?

Documentnummer:

K/O

+/-

D/C

Documentdatum: REK.NR.

REKENINGNAAM

N

A/P

IN

level 1 of op iDiddit.

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

VA

©

Totaal

THEMA 5

LEVEL 6+ 253


3

Voor het opstellen van de jaarrekening en het indienen van de fiscale aangifte voor boekjaar 20xx vraagt de boekhouder 1 100,00 euro exclusief btw. De factuur bezorgt hij wanneer alles ingediend is, juni 20xx+1.

Documentnummer: A/P K/O

+/-

D/C

Documentdatum: REK.NR.

REKENINGNAAM

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

IN

Totaal

N

4

VA

Decathlon.edu ging een win-winlening aan voor een jaar van 10 000,00 euro op 20xx-09-01. De overeen­ gekomen interestvoet is 5,00 %. De interest wordt betaald bij afloop van de overeenkomst.

Documentnummer:

A/P

K/O

D/C

REK.NR.

©

+/-

Documentdatum:

REKENINGNAAM

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

Totaal

254 THEMA 5

LEVEL 6+


5

Decathlon.edu verhuurt een kleine loods. De huur bedraagt 4 500,00 per drie maanden en dient bij aanvang 20xx-11-01 tot 20xx+1-01-31.

Documentnummer: A/P

+/-

D/C

Documentdatum: REK.NR.

REKENINGNAAM

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

Totaal

©

VA

N

K/O

IN

van het trimester betaald te worden. Op 20xx-10-31 wordt op de ING-rekening de huur gestort voor de periode

THEMA 5

LEVEL 6+ 255


6

Op 20xx+1-01-05 ontvang je bankafschrift KBC1. Er werd een interest toegekend op de spaarrekening van 25,00 euro voor het vierde kwartaal van 20xx.

Documentnummer: A/P

D/C

REK.NR.

REKENINGNAAM

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

IN

K/O

+/-

Documentdatum:

©

VA

N

Totaal

256 THEMA 5

LEVEL 6+


7

Op 20xx-08-25 leverde drukkerij Verstraete een pallet papier, AF151, 5 000,00 euro exclusief btw. Bij het opstellen van de inventaris blijkt dat de helft van de pallet nog over is.

Documentnummer: A/P K/O

+/-

D/C

Documentdatum: REK.NR.

REKENINGNAAM

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

IN

Totaal

N

VA

Action 4—

Kun je regularisatieboekingen in verband met opbrengsten en kosten registreren in de boekhouding?

©

Ga naar iDiddit. Je vindt er oefeningen op het boeken van inventarisverrichtingen.

THEMA 5

LEVEL 6+ 257


Action 5— 1

Kun je een voorziening registreren in de boekhouding?

Lees de onderstaande case.

2

IN

De facilitymanager van Decathlon.edu stelt vast dat de kelderverdieping niet waterdicht is. Momenteel zijn er nog geen grote problemen, maar de architect raadt aan om de kelderverdieping binnen de vijf jaar te laten injecteren tegen opstijgend vocht. De kosten worden geraamd op 15 000,00 euro. De bedrijfsleiding wil die kosten niet ten laste nemen in boekjaar 20xx+5, maar wil die spreiden over de komende boekjaren.

Registreer de voorziening in de boekhouding voor boekjaar 20xx. Vul het redeneringsschema en / of journaal in. Dit is diversenpost 28.

Documentnummer: A/P

D/C

REK.NR.

REKENINGNAAM

©

VA

N

K/O

+/-

Documentdatum:

258 THEMA 5

LEVEL 6+

Totaal

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG


3

In boekjaar 20xx+5 laat Decathlon.edu de kelder injecteren. a

Decathlon.edu ontvangt daarvan op 30 juni de factuur: 17 300,00 euro. Registreer de factuur in het aankoopjournaal, AF178.

b

Registreer de terugname van de voorziening in het redeneringsschema en / of journaal. Gebruik het MAR. Dit is diversenpost 9.

Documentnummer:

+/-

D/C

Documentdatum: REK.NR.

REKENINGNAAM

N

A/P K/O

IN

DEBET-

CREDIT-

BEDRAG

BEDRAG

VA

©

Totaal

THEMA 5

LEVEL 6+ 259


Action 6—

Kun je een voorziening registreren in de boekhouding?

Ga naar iDiddit. Je vindt er oefeningen op het boeken van inventarisverrichtingen.

CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

1

Ik kan kosten die geregistreerd worden in het volgende boekjaar toekennen aan het huidige boekjaar.

3

Ik kan opbrengsten van het huidige boekjaar

N

overdragen naar het volgende boekjaar. 4

Ik kan opbrengsten die geïnd worden in het volgende boekjaar toekennen aan het huidige boekjaar.

5

Ik kan de aanleg van een voorziening registreren in de boekhouding.

Ik kan de terugname van een voorziening registreren

VA

6

©

in de boekhouding.

260 THEMA 5

LEVEL 6+

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

Ik kan kosten van het huidige boekjaar overdragen naar het volgende boekjaar.

2

KAN

IN

JA


MAR Minimum Algemeen Rekeningstelsel KLASSE 1 EIGEN VERMOGEN, VOORZIENINGEN VOOR RISICO’S EN KOSTEN EN SCHULDEN OP MEER DAN EEN JAAR 10 Kapitaal 100000 Geplaatst kapitaal 101000 Niet-opgevraagd kapitaal

KLASSE 3 VOORRADEN EN BESTELLINGEN IN UITVOERING 30 Grondstoffen 300000 Voorraad 34 Handelsgoederen 340000 Voorraad handelsgoederen

14 Overgedragen winst of overgedragen verlies 140000 Overgedragen winst 141000 Overgedragen verlies (-) 16 Voorzieningen en uitgestelde belastingen 160000 Voorzieningen voor pensioenen 162000 Voorzieningen voor grote herstellingen en onderhoud 164000 Voorzieningen voor overige risico’s en kosten 17 Schulden op meer dan één jaar 172000 Leasingschulden 173000 Schulden aan kredietinstellingen 174000 Overige leningen

KLASSE 4 VORDERINGEN EN SCHULDEN OP TEN HOOGSTE EEN JAAR 40 Handelsvorderingen 400000 Handelsdebiteuren 401000 Te innen wissels 404000 Te innen opbrengsten 406000 Vooruitbetalingen 407000 Dubieuze debiteuren 409000 Geboekte waardeverminderingen

IN

13 Reserves 130000 Wettelijke reserve 132000 Belastingvrije reserves 133000 Beschikbare reserves

41 Overige vorderingen 411000 Terug te vorderen btw-saldo 411100 Aftrekbare btw 411200 Aftrekbare btw op uitgaande creditnota’s 412000 Terug te vorderen belastingen en voorheffingen 414000 Te innen opbrengsten 416000 Vorderingen op de eigenaar 416100 Voorschotten op bezoldigingen 418000 Terug te vorderen verpakking 42 Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen 422000 Binnen een jaar vervallende leasingschulden 423000 Binnen het jaar vervallende schulden aan kredietinstellingen 424000 Binnen het jaar vervallende overige leningen

21 Immateriële vaste activa 211000 Concessies, octrooien, licenties, knowhow, merken 211009 Afschrijvingen op concessies, octrooien, licenties, knowhow, merken (-) 215000 Software 215009 Afschrijvingen op software (-)

43 Financiële schulden 433000 Kredietinstellingen – schulden in rekening courant 439000 Diverse financiële schulden

VA

N

KLASSE 2 OPRICHTINGSKOSTEN, VASTE ACTIVA EN VORDERINGEN OP MEER DAN ÉÉN JAAR 20 Oprichtingskosten 200000 Kosten oprichting en kapitaalverhoging 200009 Afschrijving op Kosten oprichting en kapitaalverhoging (-)

22 Terreinen en gebouwen 220000 Terreinen 221000 Gebouwen 221009 Afschrijvingen op gebouwen (-)

©

23 Installaties, machines en uitrusting 230000 Installaties 230009 Afschrijvingen op installaties (-) 231000 Machines 231009 Afschrijvingen op machines (-) 232000 Uitrusting 232009 Afschrijvingen op uitrusting (-)

24 Meubilair en rollend materieel 240000 Meubilair 240009 Afschrijvingen op meubilair (-) 240100 Kantoormachines 240109 Afschrijvingen op kantoormachines (-) 240200 Computers 240209 Afschrijvingen op computers (-) 241000 Rollend materieel 241009 Afschrijvingen op rollend materieel (-) 25 Leasing 251000 Installatie, machines, uitrusting in leasing 251009 Afschrijving installaties, machines en uitrusting in leasing 252000 Meubilair en rollend materieel in leasing 252009 Afschrijving meubilair en rollend materieel in leasing

44 Handelsschulden 440000 Leveranciers 441000 Te betalen wissels 444000 Te ontvangen facturen 45 Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten 450000 Geraamd bedrag der Belgische winstbelastingen 451000 Te betalen btw-saldo 451100 Verschuldigde btw 451200 Verschuldigde btw op inkomende creditnota’s 451300 Verschuldigde btw op IC-verwervingen 451400 Btw op invoer met verlegging van heffing 451500 Verschuldigde btw werken in onroerende staat 452000 Te betalen winstbelastingen 453000 Ingehouden bedrijfsvoorheffing 454000 Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) 455200 Verschuldigde lonen 455300 Verschuldigde salarissen 456000 Vakantiegeld 47 Schulden uit de bestemming van het resultaat 471000 Dividenden over het boekjaar 472000 Tantièmes over het boekjaar 48 Diverse schulden 488000 Terug te betalen verpakking 489000 Schulden aan de eigenaar

THEMA 5

MAR 261


KLASSE 5 GELDBELEGGINGEN EN LIQUIDE MIDDELEN 55 Kredietinstellingen 550000 KBC 551000 ING 552000 BNP Paribas Fortis 553000 Belfius 554000 Bank van de Post 555000 Bank X 57 Kassen 570000 Kas 58 Interne overboekingen 580000 Interne overboekingen 59 Elektronische inning 590000 Elektronische inning KLASSE 6 KOSTEN 60 Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen 604000 Aankopen handelsgoederen 604010 Retours op aankopen (-) 604020 Handelskorting op aankopen (-) 604030 Aankoopkosten 608000 Ontvangen kortingen, ristorno’s en rabatten (-) 609000 Voorraadwijziging grondstoffen 609400 Voorraadwijzigingen handelsgoederen

64 Andere bedrijfskosten 640000 Bedrijfsbelastingen 642000 Minderwaarden op de realisatie van handelsvorderingen 643000 Diverse bedrijfskosten 65 Financiële kosten 650000 Rente, commissies en kosten verbonden aan schulden 650010 Kosten van leasingschulden 652000 Minderwaarden op realisatie van vlottende activa 654000 Wisselresultaten: verlies 657000 Betalingskortingen aan klanten 659000 Diverse financiële kosten 66 Niet-recurrente bedrijfs- en financiële kosten Voorzieningen voor niet-recurrente risico’s en 662000 kosten: toevoeging Voorzieningen voor niet-recurrente risico’s en 662100 kosten: terugname (-) 663000 Minderwaarden op de realisatie van vaste activa 665000 Andere niet-recurrente financiële kosten 668000 Andere niet-recurrente bedrijfskosten 67 Belastingen op het resultaat Verschuldigde of gestorte belastingen en 670000 voorheffingen Geactiveerde overschotten van betaalde 670100 belastingen en voorheffingen (-) 670200 Geraamde belastingen Belgische belastingen op het resultaat van het 671000 vorige boekjaar

N

61 Diensten en diverse goederen 611000 Huur en huurlasten 611600 Onderhoud en herstellingen gebouwen 611700 Onderhoud informatica 611800 Onderhoud en herstellingen rollend materieel 612000 Kantoorbenodigdheden en drukwerk 612100 Boeken en documentatie 612200 Klein materiaal 612220 Beroepskledij 612500 Verbruik water 612600 Verbruik gas 612700 Verbruik elektriciteit 612800 Handelsverpakkingen 613200 Erelonen boekhouders 613300 Sociaal secretariaat 614000 Brandverzekering 614400 Verzekering rollend materieel 615000 Vervoerskosten op verkoop 616000 Postzegels, portkosten 616200 Telefoon, gsm 616300 Internetkosten 616500 Brandstof voertuigen 616520 Publiciteitskosten 617000 Uitzendkrachten

636000 Voorzieningen voor grote herstellingen en groot onderhoud: toevoeging 636100 Voorzieningen voor grote herstellingen en groot onderhoud: terugname (-)

IN

49 Overlopende rekeningen 490000 Over te dragen kosten 491000 Verkregen opbrengsten 492000 Toe te rekenen kosten 493000 Over te dragen opbrengsten

©

VA

69 Resultaatverwerking 690000 Overgedragen verlies van het vorige boekjaar 692000 Toevoeging aan de wettelijke reserves 692100 Toevoeging aan de overige reserves 693000 Over te dragen winst 694000 Vergoeding van het kapitaal 695000 Bestuurders of zaakvoerders 696000 Andere rechthebbenden

62 Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen 620200 Bezoldigingen bedienden 620300 Bezoldigingen arbeiders 621000 Werkgeversbijdrage RSZ 623000 Andere personeelskosten 625000 Voorziening vakantiegeld 63 Afschrijvingen, waardeverminderingen en voorzieningen voor risico’s en kosten 630000 Afschrijvingen oprichtingskosten 630100 Afschrijvingen op immateriële vaste activa 630200 Afschrijvingen op materiële vaste activa Waardeverminderingen op handelsvorderingen op 634000 ten hoogste 1 jaar: toevoeging Waardeverminderingen op handelsvorderingen op 634100 ten hoogste 1 jaar: terugname (-)

262 THEMA 5

MAR

KLASSE 7 OPBRENGSTEN 70 Omzet 700000 Verkopen en diensten 704000 Verkopen handelsgoederen 704001 Verkopen handelsgoederen aan 6 % btw 704002 Verkopen handelsgoederen aan 21 % btw 704010 Retours op verkopen (-) 704020 Handelskorting op verkopen (-) 74 Andere bedrijfsopbrengsten 744000 Huuropbrengsten 746000 Doorgerekende kosten 749000 Diverse bedrijfsopbrengsten

75 Financiële opbrengsten Meerwaarden op de realisatie van vlottende activa 752000 754000 Wisselresultaten: winst 757000 Betalingskortingen van leveranciers 759000 Diverse financiële opbrengsten 76 Niet-recurrente bedrijfs- of financiële opbrengsten 764000 Andere niet-recurrente bedrijfsopbrengsten 769000 Andere niet-recurrente financiële opbrengsten 79 Resultaatverwerking 790000 Overgedragen winst van het vorige boekjaar 793000 Over te dragen verlies


NOTITIE

IN

VA

N

©


N

THEMA

IN

6

©

VA

Eigen onderneming op basis van strategische keuzes


IN N LEVEL

©

VA

1

p. 266 Met welke elementen houd je rekening als je een onderneming start?


LEVEL 1 Met welke elementen houd je rekening als je een onderneming start?

1

IN

INTRO Ga naar iDiddit en bekijk het filmpje over (startende) ondernemers die financiering vragen voor een

N

investering in hun zaak.

© Shutterstock / ssi77

a

VA

In het filmpje worden een aantal redenen gegeven waarom de onderneming succesvol is en nog kan groeien. Noteer vier factoren.

b

©

Wie moeten de starters overtuigen van hun idee? Waarom?

c

2

Welke elementen gebruiken de starters om hun mogelijke financiers te overtuigen?

In dit level beantwoord je stap voor stap deze onderzoeksvraag: Met welke elementen houd je rekening als je een onderneming start?

266 THEMA 6

LEVEL 1


Explore 1— Wat is een bedrijfsstrategie?

Bedrijfsstrategie Een bedrijfsstrategie is de algemene aanpak die een onderneming hanteert om haar visie en missie te realiseren en om een plan op te stellen om haar doelen te bereiken. Het is een plan voor hoe de onderneming zich zal ontwikkelen, hoe ze zal groeien, en hoe ze haar doelen zal bereiken. Een startende ondernemer of starter kan daarvoor een ondernemingsplan opstellen. Daarin staat informatie over de starter en de onderneming. Het kan dienen als een document voor interne controle, maar ook als communicatiemiddel naar

IN

mogelijke investeerders. Het ondernemingsplan of businessplan zet het bedrijfsidee op papier en geeft de sterke en zwakke kanten van het idee weer. Zo kan de starter het idee verder concretiseren en ontdekt hij of het de moeite is om het idee in de praktijk om te zetten en de onderneming te starten.

Er is geen eenduidige indeling van structuur van een ondernemingsplan, maar meestal komen dezelfde elementen terug. —

Samenvatting: de startende ondernemer vat in een à twee pagina’s alle onderstaande onderdelen

kort samen. Op basis van die samenvatting of executive summary beslissen investeerders of ze willen verderlezen.

Introductie: in de introductie staat wie de starter is, wat zijn idee is en waarom dat idee gerealiseerd moet

N

worden. Het doel van de onderneming wordt beschreven aan de hand van de missie, visie en waarden. Dat is wat de onderneming uniek maakt en van andere onderscheidt. —

Marketingplan: hier staat de marketingmix. Dat is een combinatie van instrumenten die de onderneming kan gebruiken om de marketingstrategie in te vullen. Meestal is dat een beschrijving van de prijs, plaats, promotie, het product en soms ook personeel.

Marktanalyse: het doel van een marktanalyse is om te bepalen in hoeverre de markt van het product

VA

winstgevend is. Zo kun je als startende ondernemer de sterke en zwakke punten van de onderneming bepalen.

Beschrijving van de onderneming: hier schets je de organisatie van de onderneming en beschrijf je onder

Financieel plan: dat is een essentieel onderdeel van een goed ondernemingsplan. Uit het financieel plan

andere de rechtsvorm van de onderneming, de vereiste vergunningen en wettelijke eisen.

blijkt of je onderneming rendabel is op korte en middellange termijn. Dat is voor mogelijke investeerders belangrijk vooraleer ze een financiering geven.

Het is voor een onderneming niet

verplicht om een ondernemingsplan

©

op te stellen. Toch wordt het ook aangeraden omdat uit het

ondernemingsplan zal blijken of het project haalbaar is en welke strategie het meeste kans op succes biedt. Het financieel plan (dat een onderdeel is van het ondernemingsplan) is echter wel wettelijk verplicht wanneer je een nv, bv of cv opricht.

THEMA 6

LEVEL 1 267


1

Bekijk de inhoudsopgave van een ondernemingsplan. a

In deze inhoudsopgave staat de titel ‘curriculum vitae’. Bij welk onderdeel van het ondernemingsplan hoort dat?

b

Waarom is het belangrijk dat het cv van de starters in het

Is het opportuun om ook een ondernemingsplan te maken voor een bestaande onderneming? Leg uit.

VA

2

Wat houdt de concurrentieanalyse in?

N

c

IN

ondernemingsplan staat?

3

Een starter moet beschikken over de juiste ondernemerscompetenties. Hij moet bijvoorbeeld creatief zijn, innoverend ... Beschik jij over die competenties? a

Ga naar iDiddit. Doe de ondernemerstest en ontdek of jij in de wieg bent gelegd om ondernemer te worden.

Over welke competenties beschik je en welke moet je eventueel nog aanleren?

©

b

c

Bewaar het rapport in je portfolio. Maak een map voor elk thema en een submap voor elk level. Geef die submap de naam ‘Thema_6_Level_1’. Geef het bestand een duidelijke naam zoals ‘Explore_1_ondernemerstest’.

268 THEMA 6

LEVEL 1


Explore 2— Wat staat er in de missie en visie van het ondernemingsplan?

Missie, visie en strategie De missie De missie is het fundament van de onderneming en is meestal gekoppeld aan de droom van de oprichter(s) van

Uit de missie komt tot uiting:

IN

de onderneming. Een missie is blijvend en verandert niet elk jaar.

waarvoor de onderneming staat;

welke normen en waarden ze heeft. De kernwaarden bepalen vanuit welke overtuiging en welke waarden een onderneming haar taak wil waarmaken, zoals duurzaamheid, inclusie ...;

wat het bestaansrecht van de onderneming is.

De visie

Uit de missie wordt dan de visie afgeleid, namelijk wat wil de onderneming in de toekomst bereiken? Ze

omschrijft welke bijdrage de onderneming aan de maatschappij wil leveren. De visie geeft concreter vorm aan de missie. Terwijl de missie eerder vanuit het verleden wordt beschreven, geeft de visie een toekomstbeeld. Een visie wordt meestal geschreven voor een bepaalde periode en wordt bijgesteld indien nodig. De visie moet

De strategie

N

steeds in de lijn van de missie liggen. Vanuit de algemene visie kan per afdeling een visie worden opgesteld.

De meeste ondernemingen beschrijven vanuit de visie de concrete doelen die ze willen halen. Dat wordt ook wel de strategie genoemd. De strategie beschrijft wie wanneer welke acties onderneemt in functie van de visie

VA

en waarom die acties ondernomen worden. Wanneer dat ook bepaald is, ligt het visiedocument klaar. Surf via iDiddit naar de missie en visie van Argenta. a

Zijn de missie en de visie concreet of eerder ruim? Leg uit.

©

1

b

Vind je in die missie en visie ook waarden en normen terug? Zo ja, welke?

THEMA 6

LEVEL 1 269


2

Surf via iDiddit naar de strategie van Proximus. Lees die diagonaal door. a

Wat is het verschil met de missie en de visie van Argenta?

b

Waarom en voor wie deelt Proximus die strategie mee?

IN

c

Geeft dat de concurrentie zoals Telenet veel informatie?

N

Explore 3— Wat staat er in de marktanalyse?

VA

Marktanalyse

In de marktanalyse gaat een onderneming na of haar plannen haalbaar zijn. Heb je als ondernemer een gat in de markt gevonden? Wie is de doelgroep? Hoe ga je om met de concurrentie? Welke strategie hebben de concurrenten? Een marktanalyse bestaat uit de volgende onderdelen: —

een beschrijving van je doelgroep: aan de hand van bijvoorbeeld een marktonderzoek beschrijf je je

toekomstige klanten. Welke behoefte vul jij in voor hen? Hoeveel wil die doelgroep uitgeven voor het product?

een beschrijving van de concurrenten: welke concurrenten heb je? Waarom kiezen je mogelijke klanten voor de concurrentie? Wat is jouw USP of unique sellingpoint, m.a.w. welke eigenschap van je product of onderneming onderscheidt je van de concurrentie?

een beschrijving van de markt: zal jouw marktsegment de komende jaren groeien? Verandert de wetgeving

©

waarmee je rekening moet houden? …

Om de markt te analyseren kun je gebruikmaken van een SWOT-analyse, ook wel sterkte-zwakteanalyse genoemd. Daarin beschrijf je de strengths (sterktes), weaknesses (zwaktes), opportunities (kansen) en threats (bedreigingen). Je zet de interne sterktes en zwaktes van je onderneming af tegen externe kansen en bedreigingen. Daarin betrek je dus je eigen USP’s, maar ook je concurrenten, klanten, wetgeving enz. Nadat je een SWOT-analyse hebt gemaakt, beschrijf je hoe je met je sterke punten bedreigingen van de markt kunt aangaan, of hoe je met de kansen die de markt biedt je eigen zwaktes zult counteren. Zo weet je direct waar nog kansen liggen voor je onderneming of product. Ook als je onderneming al jaren op de markt is, heb je baat bij een SWOT-analyse. Op die manier kun je nieuwe bedreigingen of kansen in kaart brengen. Ondertussen krijg je ook een beter zicht op de eigen sterktes en zwaktes.

270 THEMA 6

LEVEL 1


Ga naar iDiddit en open de studie over The Coca-Cola Company en de blanco SWOT-analyse. a

Werk per twee of per drie. Vul de SWOT-analyse in voor The Coca-Cola Company.

b

Beschrijf met je groep in een tekstbestand hoe je uit die SWOT-analyse kunt ingaan op bedreigingen en kansen vanuit de sterktes en zwaktes.

c

Geef beide bestanden een duidelijke naam en bewaar ze in je portfolio.

Marketingplan

IN

Explore 4— Wat staat er in het marketingplan?

Wanneer het idee, de visie, missie en strategie beschreven zijn, wil je als starter natuurlijk dat mogelijke klanten de onderneming leren kennen en de producten kopen. Daartoe dient het marketingplan. In het marketingplan maak je duidelijk: —

welk product en / of welke dienst je precies aanbiedt;

voor wie het product en / of de dienst bedoeld is;

in welke behoefte het product en / of de dienst voorziet.

N

Je kunt een marketingplan vormgeven aan de hand van de marketingmix. In de marketingmix beschrijf je de praktische invulling van je marketingplan aan de hand van de vier (of vijf) P’s. Product

Je beschrijft het product en / of de dienst. Je vertelt ook wat je assortiment is, welke merken je verkoopt en wie

VA

je leveranciers zijn.

Vragen die je jezelf kunt stellen, zijn: —

Welk product wil ik op de markt brengen?

Aan welke kwaliteitseisen moet het voldoen?

Hoe zal het assortiment eruitzien?

Welke dienstverlening hoort daarbij?

Prijs

Je bepaalt welke prijzen je aanrekent voor het product en / of de dienst en je legt uit hoe je die prijzen hebt berekend. Daarbij houd je rekening met: —

de kostprijs: als de verkoopprijs lager is dan de kostprijs maak je geen winst; de doelgroep: de verkoopprijs moet aansluiten bij de koopkracht van de doelgroep;

de concurrentie: de verkoopprijs mag niet veel hoger zijn dan de verkoopprijs in een winkel van een concurrent.

©

Vragen die je jezelf kunt stellen, zijn: —

Welke prijs vraag ik aan de klant?

Wil ik via de prijs een bepaald marktaandeel veroveren of wil ik juist op korte termijn zo veel mogelijk winst maken?

Is de prijs een lokmiddel om de verkoop van een ander product te stimuleren?

Zal ik kortingen toekennen bij de lancering van mijn product?

Plaats (distributie) Je vertelt waar je onderneming gesitueerd is en hoe je ideale bedrijfsruimte eruitziet. Waar en hoe ga je de producten te koop aanbieden? Dat hangt af van het soort product dat je gaat kopen en het koopgedrag van de consument. THEMA 6

LEVEL 1 271


Vragen die je jezelf kunt stellen, zijn: —

Bied ik het product aan in mijn eigen winkel, online of beide?

Is het product en / of de dienst exclusief verkrijgbaar?

Promotie Je beschrijft op welke manier jij je product en / of dienst promoot en presenteert. Denk onder andere na over je huisstijl en logo. Welke uitstraling moet je onderneming hebben en hoe ga je reclame maken voor je onderneming en je product en / of dienst. Vragen die je jezelf kunt stellen zijn: —

Hoe zal ik mijn product bekendmaken (bv. sociale media, radio, folders)?

Hoe houd ik mijn verkoop in stand of hoe bevorder ik de verkoop (bv. gratis weggeven van proefproducten,

IN

kortingsacties)? Soms worden de vier P’s uitgebreid met een vijfde P van personeel. Daarbij wordt onder andere aandacht besteed aan de kwaliteit van het personeel en de klantvriendelijkheid.

De traditionele marketingmix werkt vooral vanuit het productaanbod en weinig vanuit het perspectief van de klant. Daarom is het 4C-model ontwikkeld als alternatief voor het 4P-marketingmix model. De 4C’s van klantgerichte marketing —

Customer solution (consumentenoplossing): welk probleem wordt opgelost voor de klant? De nadruk ligt op de voordelen voor de klant. Het komt in plaats van Product uit de 4 P’s.

Cost to the customer: behalve de verkoopprijs wordt hier ook rekening gehouden met de kosten die de klant

N

moet maken om het product te kopen zoals verplaatsingskosten naar de winkel, onderhoudskosten enz. Deze C komt in de plaats van de Prijs. —

Convenience (gemak van de klant): hoe kan de onderneming ervoor zorgen dat de klant de onderneming (snel) kan bereiken en snel wordt beleverd? De klant wil immers steeds sneller bediend worden. De C staat voor de Plaats in de theorie van de 4 P’s.

Communication: er wordt niet alleen ingezet op promotie maar ook op hoe de conversatie met de klant

VA

wordt aangegaan. De klant wordt betrokken bij de communicatie. De C komt in de plaats van Promotie uit de 4 P’s.

Een van de meest gekende merken ter wereld is Coca-Cola. a

Bestudeer het schema met de vier P’s.

Per onderdeel zijn ook enkele mogelijke

Product

aandachtspunten opgesomd, die je zelf

• vormgeving • varianten • kleur • functie • maten • ...

nog verder kunt aanvullen.

b

Maak per drie of per vier een presentatie op basis van het schema.

Visualiseer met afbeeldingen.

d

Stel de marketingmix kort voor.

e

Geef het bestand een duidelijke naam en

©

c

Prijs

• acties • prijszetting • concurrentie • ...

bewaar het in je portfolio.

Promotie

• reclame • kortingen • samenwerkingen • ...

272 THEMA 6

LEVEL 1

Plaats

• directe / indirecte verkoop • marktdekking • fysiek / online / automaten • ...


Explore 5— Wat komt er aan bod in de algemene beschrijving van de onderneming?

Algemene beschrijving van de onderneming De ondernemingsvorm Bij de oprichting van een onderneming moet je als starter kiezen tussen een eenmanszaak of een vennootschap zoals een bv (besloten vennootschap). Beide ondernemingsvormen hebben specifieke voor- en nadelen, zowel

Tabel 1: Ondernemingsvorm

EENMANSZAAK MINIMUMAANTAL

een

PERSONEN RECHTSVORM

natuurlijk persoon

MINIMAAL

geen

KAPITAAL

AANSPRAKE­LIJK­ HEID

NAAMLOZE

VENNOOTSCHAP (NV)

een

een

rechtspersoon

rechtspersoon

toereikend

61 500,00 euro

aanvangsvermogen*

onbeperkt

beperkt

beperkt

geen

beperkt overdraagbaar

overdraagbaar

VA

AANDELEN

BESLOTEN

VENNOOTSCHAP (BV)

N

OPSTART­

IN

op het vlak van oprichtingsformaliteiten als bijvoorbeeld op fiscaal vlak.

BOEKHOUDING

enkelvoudig

dubbel

dubbel

FISCALITEIT

personenbelasting

vennootschapsbelasting

vennootschapsbelasting

VOORDELEN

— eenvoudig op te

— meerdere partners

— meerdere partners

richten

— eenvoudige

administratie

mogelijk

— samen financiële middelen inbrengen

©

— onbeperkte

NADELEN

mogelijk — samen financiële middelen inbrengen — onbeperkte

bestaansduur

bestaansduur

— eenvoudig over te

— eenvoudig over te

dragen

dragen

— familiaal karakter — zelf alle risico’s dragen — belast op personenbelasting

— hogere

— hogere

oprichtingskosten

oprichtingskosten

— notaris nodig voor

— notaris nodig voor

oprichting

oprichting

— financieel plan

— financieel plan

opstellen

opstellen — veel ‘anonieme’ aandeelhouders

* De bv is ‘kapitaalloos’: je bent niet verplicht om een minimumkapitaal op tafel te leggen. Er moet wel een toereikend aanvangsvermogen zijn, m.a.w. de vennootschap moet bij de start genoeg eigen vermogen hebben om haar activiteiten uit te voeren. THEMA 6

LEVEL 1 273


Vergunningen en wetgeving In sommige sectoren heb je als ondernemer bijkomende vergunningen of erkenningen nodig. Het is belangrijk na te gaan welke vergunningen je nodig hebt om definitief met je zaak van start te kunnen gaan. Welke vergunningen je nodig hebt, hangt af van jouw soort activiteit. —

Voedselvergunning: bij productie, verkoop en bewaring van levensmiddelen. Dat gaat vrij ruim en geldt zodra je actief bent in de voedselketen. De vergunning betaal je jaarlijks opnieuw.

Handelsvergunning alcohol: als je alcoholische dranken in je zaak wilt aanbieden, moet je eerst een vergunning aanvragen bij je gemeente. Schenk je enkel bieren en wijnen, dan moet je een vergunning ‘gegiste dranken’ hebben. Als je sterkedranken wilt serveren, moet je ook een vergunning voor het schenken van sterkedrank aanvragen. Die aanvraag is eenmalig. Machtiging ambulante handel: bij verkoop op openbare en privémarkten, straten, evenementen of huis aan huis

Erkenning als aannemer: wanneer je als bouwaannemer wilt deelnemen aan openbare aanbestedingen (= overheidsopdrachten).

IN

UNISONO (SABAM): speel je muziek af in je zaak, wachtzaal of kantoorruimtes? Of gebruik je muziek voor je telefoonlijn? Dan moet je dat melden aan UNISONO. UNISONO verenigt de diensten van SABAM en de

billijke vergoeding. Zij zorgen ervoor dat het bedrag voor de auteursrechten dat jij als ondernemer betaald hebt, bij de juiste kunstenaars of muzikanten terechtkomt. Die bijdrage moet je jaarlijks betalen. —

Omgevingsvergunning: vereist voor stedenbouwkundige activiteiten zoals:

het bouwen, verbouwen, herbouwen of afbreken van gebouwen,

het aanbrengen van verhardingen,

het gebruiken, aanleggen of inrichten van een grond voor het parkeren van voertuigen, opslaan van materialen, afval, het plaatsen van lichtreclames en reclameborden,

het wijzigen van het gebruik van een gebouw.

N

1

In de Startersatlas van Graydon vind je het aantal starters per ondernemingsvorm. Wat is de meest voorkomende ondernemingsvorm voor starters? Waarom?

VA

a

b

Wat is de belangrijkste vennootschapsvorm bij starters. Waarom?

©

Tabel 2: Aantal starters per ondernemingsvorm in 2022 TOTAAL

ZAAK

UNIZO

3 618

63 032

115 645

3,13 %

54,50 %

100 %

BV

CV

MS

COM

VOF

VBR

765

39 936

81

0

6 122

2 091

0,66 %

34,53 %

0,07 %

0,00 %

5,29 %

1,81 %

Bron: unizo.be

274 THEMA 6

EENMANS-

NV

LEVEL 1


2

In de meeste winkels en bedrijven wordt muziek gespeeld op de achtergrond. Wanneer moet de onderneming daarvoor een vergunning hebben? Kost dat geld? Gebruik het internet.

IN

Explore 6— Wat beschrijf je in het financiële gedeelte van een

N

ondernemingsplan?

Financieel plan

Het financieel plan helpt je te bepalen of het ondernemingsplan financieel haalbaar is. Het wordt gebruikt

VA

om de financieringsaanvraag te presenteren aan geïnteresseerde financiers. Een goed financieel plan helpt financiers te overtuigen om geld in de onderneming te investeren. Maar ook voor jezelf als ondernemer is het financiële gedeelte enorm belangrijk. Zo weet je immers of je project financieel haalbaar is. In een volledig financieel plan komen de volgende onderdelen aan bod: —

de financieringsbronnen bij de oprichting: omschrijven zowel de eigen inbreng van de oprichters als de

een balans: omvat minstens een openingsbalans, een balans na 1 jaar en 2 jaar. De balans geeft weer

externe middelen, zoals een investeringskrediet, een lening of crowdfunding;

welke activa ingezet worden en welke financiering (passiva) daarvoor aangewend wordt;

een resultatenrekening: raamt de winst door rekening te houden met de opbrengsten en kosten van de activiteit voor de volgende twee jaar. Op basis daarvan kan de continuïteit en haalbaarheid van de

©

onderneming worden ingeschat. De opbrengsten kun je onder andere afleiden uit een marktonderzoek.

Bij de kosten wordt een onderscheid gemaakt tussen vaste en variabele kosten. —

Vaste kosten worden niet beïnvloed door de hoeveelheid productie of afzet. Of je nu niets of 1 000 eenheden produceert of verkoopt, die kosten zijn altijd hetzelfde. Voorbeelden daarvan zijn de kosten voor de huur van een magazijn, afschrijvingen, rentekosten voor leningen. Bovendien valt het grootste deel van lonen van personeel in vast dienstverband ook onder de vaste kosten.

Variabele kosten zijn afhankelijk van de productiehoeveelheid of afzet, zoals grondstoffen, energie en water, verpakkingskosten …

THEMA 6

LEVEL 1 275


De verwachte inkomsten en uitgaven Dat is de zogenaamde cashflow, kasstroom of liquiditeitentabel, zowel ingaand als uitgaand. De evolutie van de cashflow geeft aan in welke mate de onderneming liquiditeiten heeft om uitgaven te kunnen doen en in welke mate gereed geld beschikbaar is voor investeringen. Afschrijvingen zijn kosten en worden niet opgenomen in de kasstroomtabel. Financiële ratio’s Meestal wordt op basis van de balans en resultatenrekening ook een beeld gegeven van de belangrijkste ratio’s: liquiditeit, solvabiliteit en rendabiliteit. Je wilt een onderneming starten die luxetenten produceert op basis van gerecycleerde tenten van onder andere festivals. a

IN

1

Je bent via allerlei offertes en bevragingen het volgende te weten gekomen.

Verkoopprijs per tent Huur winkelpand per maand

800,00 euro 110,00 euro

Loonkosten arbeiders per tent

120,00 euro

N

Grondstoffen (o.a. gerecycleerde stof) per tent

Energiekosten per geproduceerde tent

8,00 euro 8 700,00 euro

Afschrijvingen van de machines per jaar

17 500,00 euro

Rente van de lening op 15 jaar (dit jaar)

160,00 euro

VA

Algemene energiekosten (kantoren en productieruimte) per jaar

Aflossing van de lening op 15 jaar (dit jaar)

Loonkosten van het administratief personeel per jaar Loonkosten van de verkoper per tent

©

Algemene administratiekosten per jaar (kantoorbenodigdheden, reclame …)

276 THEMA 6

499,00 euro

LEVEL 1

3 500,00 euro 110 000,00 euro 35,00 euro 7 500,00 euro


b

Bepaal de variabele en vaste kosten. VASTE KOSTEN (PER JAAR – IN EURO)

Totaal

Totaal

Welke kosten behoren niet tot de cashflow of kasstroom? Leg uit.

Welke uitgaven behoren niet tot de kosten? Verklaar.

VA

d

IN

N

c

VARIABELE KOSTEN (PER TENT – IN EURO)

e

Behoren de rente en de aflossing allebei tot de cashflow (uitgaven)? Leg uit.

©

f

Wat is het resultaat als de onderneming het eerste jaar 1 000 tenten produceert?

THEMA 6

LEVEL 1 277


g

Stel dat de onderneming in jaar 2 een promotie voert en de tenten verkoopt aan 450,00 euro waardoor de verkoop met 5 % stijgt. Wat is het gevolg op het resultaat?

2

KOST / UITGAVEN

BEDRAG

BIJKOMENDE INFORMATIE

(IN EURO)

Omzet

IN

Hieronder staan allerlei inkomsten, uitgaven en kosten van een schoenenwinkel.

maandelijkse omzet = 9 400,00 euro

dubbele omzet tijdens de solden van juli

geen omzet in augustus

Inbreng eigenaar

15 000,00

inbreng in januari

Lening

18 000,00

lening opgenomen in maart voor de aankoop van meubilair en

Energiekosten Kantoorbenodigdheden (papier …)

13 200,00

Dat is het jaarbedrag. De kosten zijn elke maand hetzelfde.

720,00

Dat is het jaarbedrag. De kosten zijn elke maand hetzelfde.

1 470,00

te betalen in april

VA

Verzekeringen

N

uitrusting

Reclame en pr

Lonen

actie op sociale media in januari en juni van telkens 750,00 euro

papieren folder in augustus (1 500,00 euro)

radioreclame in maart en november (telkens 1 000,00 euro)

2 personeelsleden van elk 2 900,00 euro per maand

vakantiegeld in mei (2 * 1 960,00 euro)

13e maand in december (2 * 2 900,00 euro)

Sociale bijdragen RSZ

kwartaalbijdrage in maart, juni, september en december: telkens

als zelfstandige

1 250,00 euro

©

Rentebetalingen

240,00

Dat zijn de maandelijkse kosten.

Aankopen

maandelijks 3 800,00 euro

handelsgoederen

extra aankoop van 1 500,00 euro in februari, juni en november

geen aankopen in juli

Aankoop meubilair en

18 000,00

aankoop in maart (afschrijfbaar op 10 jaar)

Aanleg beginvoorraad

5 000,00

aankoop in januari

Terugbetaling lening

3 120,00

Dat is het jaarbedrag. De kosten zijn elke maand hetzelfde.

uitrusting

(kapitaalaflossing)

278 THEMA 6

LEVEL 1


a

Ga naar iDiddit. Download het werkblad en vul de kasstroom- of cashflowtabel op maandbasis aan.

b

Wat is je conclusie in verband met de liquiditeiten van de winkel?

c

Hoe zou je dat eventueel kunnen oplossen?

IN

d

Heeft de aankoop van het meubilair een groot gevolg voor de kasstroom?

e

N

Wat is de betekenis van de cumulatieve cashflow?

VA

Explore 7— Hoe kun je een ondernemingsplan overzichtelijk voorstellen?

Business Model Canvas

Met het Business Model Canvas (BMC) van Osterwalder en Peigner maak je als starter een ondernemingsplan op slechts één A4’tje. Zo breng je het ondernemingsplan overzichtelijk in kaart met behulp van negen bouwstenen.

©

Je kunt alle belangrijke onderdelen van je onderneming in één oogopslag zien en begrijpen hoe ze met elkaar samenhangen.

Waardeproposities: dit is de beschrijving van het gat in de markt, wat maakt het product of de dienst uniek? Welk probleem los je als starter met dit product op voor de klant? Waarom zou de klant voor dit product kiezen?

Klantensegmenten: wie zijn je klanten en wat zijn hun kenmerken? De kenmerken kunnen zeer gevarieerd zijn: demografie, leeftijd, bestedingspatroon, gender … Je beschrijft je doelgroep.

Klantenrelaties: welke relatie heb of wil je met je klanten? Hoe wil je dat ze klant blijven? Heb je regelmatig rechtstreeks contact of zijn je klanten een nummer? Hoe trek je klanten aan? Elk klantsegment vergt een andere aanpak.

THEMA 6

LEVEL 1 279


Kanalen: hier bepaal je hoe je de goederen of diensten verkoopt. Gebeurt dat via fysieke of onlinewinkels? Of werk je met een verkoper op de baan? Hier kun je ook aandacht besteden aan je huisstijl.

Kernactiviteiten: de belangrijkste vraag bij deze stap is: wat doe je met de onderneming om te zorgen dat het bedrijfsmodel werkt? Sommige activiteiten kun je het beste zelf doen, andere kun je beter uitbesteden.

Strategische partners: als ondernemer kun je niet alles zelf doen. Welke activiteiten besteed je uit en welke partners zijn onmisbaar voor jou? Met de juiste partners bereik je je doelen sneller.

Mensen en middelen: dit zijn de belangrijkste middelen om je ondernemingsmodel te laten werken. Apparatuur kan een kernmiddel zijn, maar ook patenten, geld of de competenties van medewerkers. Zo heb je voor een webshop een goed werkende website nodig.

Inkomstenstromen: welke inkomstenbronnen heb je? Bij deze stap beschrijf je hoeveel omzet of klanten je nodig hebt om uit de kosten te komen. Welk verdienmodellen gebruik je: verkoop je losse producten betalen voor de waarde die je levert.

IN

of abonnementen, verdien je aan reclame? Via een marktonderzoek achterhaal je wat je klanten willen Kostenstructuur: wat zijn je variabele en vaste kosten om je model te laten werken: personeel, productie, logistiek, marketing ... Het is belangrijk te focussen op zaken die daadwerkelijk waarde toevoegen voor klanten.

Business Model Canvas Kernactiviteiten

Waardeproposities

Klantenrelaties

Versie:

Klantensegmenten

N

Strategische partners

Naam:

Mensen en middelen

VA

Kanalen

©

Kostenstructuur

Poster economische kringloop+business model A1 - v2.indd 1

280 THEMA 6

LEVEL 1

Inkomstenstromen

14/02/2020 13:07


1

Analyseer het onderstaande BMC.

Business Model Canvas

Naam:

Versie:

Strategische partners

Kernactiviteiten

Waardeproposities

Klantenrelaties

Klantensegmenten

– Fabrikanten van batterijen

– Auto's produceren

– Tesla

– Persoonlijk contact

– Innovators €€

– Auto's ontwikkelen

– Autonoom rijden

– Relationeel

– Elon Musk-fans

– Auto's verkopen

– Grootste bereik

– 24/7-support

– Zakelijke rijders

– Relaties beheren

– Premium: 100 % elektrische

– Geautomatiseerde

– > € 100 000 per jaar

– Leveranciers van onderdelen – Toyota en Panasonic

voertuigen

– Hotels

systemen

– Automatische updates

– Garages

– Proactief

– Duurzaam transport – Elon Musk – Lage bijtelling

– Voorraad auto-onderdelen – Fabrieken – Website – Elon Musk – Tesla-stores – Sterk merk: Tesla – Specialistische kennis

Kostenstructuur

– Omnichannel – Direct sales

– Website Tesla

– Tesla-showrooms in eigen beheer

– Tesla-ambassadeurs – Productpresentaties

– Leasemaatschappijen

Inkomstenstromen

– Fabricage en assemblage van auto's

– Verkoop auto's

– Onderhoud auto's

– Marketingactiviteiten

– Crossselling: oplader, smartenergie

– Werknemers

– Onderhoudsabonnementen

– Softwareontwikkeling

N

– R&D – Voorraadkosten

Van welk product is dit het businessmodel?

VA

2

Kanalen

– Gratis opladen

IN

Mensen en middelen

Hoe probeert Tesla klanten te binden? Binnen welke bouwsteen vind je dat terug?

4

Met welk onderdeel van een beschrijvend ondernemingsplan komen de waardeproposities overeen? Leg uit.

5

Kun je uit dit model afleiden of het verdienmodel winstgevend is?

6

Welk instrument geeft de meeste waarde aan een mogelijke investeerder, een ondernemingsplan of een BMC?

©

3

Waarom?

THEMA 6

LEVEL 1 281


TO THE POINT De bedrijfsstrategie beschrijft hoe een onderneming zich wil ontwikkelen en hoe ze wil groeien. Dat kan genoteerd worden in een ondernemingsplan of businessplan. Dat bevat doorgaans de volgende onderdelen. —

In de samenvatting vat de (startende) ondernemer alle volgende onderdelen kort samen.

De introductie beschrijft het idee, de expertise en competenties van de starter, zijn visie, missie en strategie.

De marktanalyse omvat een beschrijving van de doelgroep, van de concurrenten en van de markt. Het doel van een marktanalyse is om te bepalen in hoeverre de markt van het product winstgevend is.

IN

Zo kun je als onderneming de sterke en zwakke punten van de onderneming bepalen. Daartoe wordt meestal een SWOT-analyse gemaakt (sterktes, zwaktes, kansen, bedreigingen). —

Het marketingplan bevat de marketingmix. Die kan worden opgesteld aan de hand van:

de 4 P’s: prijs, plaats, product en promotie, of

de 4 C’s: customer solution (consumentenoplossing), cost to the customer, convenience (gemak van de klant) en communication.

Beschrijving van de onderneming: daarin beschrijft de starter de rechtsvorm van de onderneming, de vereiste vergunningen en wettelijke eisen enz.

Ook het financieel plan is een essentieel onderdeel van een goed ondernemingsplan. Het bestaat uit rendabiliteit).

N

een balans, resultatenrekening, kasstroomtabel en de belangrijkste ratio’s (liquiditeit, solvabiliteit,

Een starter kan aan de hand van negen bouwstenen het ondernemingsplan overzichtelijk maken in een BMC of Business Model Canvas. Je ziet er alle belangrijke onderdelen van je onderneming in één oogopslag en begrijpt hoe ze met elkaar samenhangen. De negen bouwstenen zijn waardepropositie, klantensegmenten, klantenrelaties, (distributie)kanalen, kernactiviteiten, strategische partners, mensen

VA

en middelen, inkomstenstromen en kostenstructuur.

Action 1—

Kun je een eigen minimaal ondernemingsplan en BMC (Business Model Canvas) opstellen?

Werk in groepen van drie of vier leerlingen.

2

Volg het stappenplan om het ondernemingsplan uit te werken.

©

1

Tip:

282 THEMA 6

LEVEL 1

Bevraag eventueel een ondernemer / winkelier.

– Gebruik ook zeker het internet om sites te zoeken met voorbeelden, om informatie over een bepaalde sector of over vergunningen in te winnen.


STAPPENPLAN Stap 1:

INHOUD

Het idee

Kies welke onderneming je met je groep wilt starten. Kies bij voorkeur een handelsactiviteit zodat er geen productie aan te pas komt. Dan zijn er immers bijkomende gegevens nodig over kostprijs van de productie, productietechnieken enz. Neem geen handelszaak waarvan er al tien in de winkelstraat aanwezig zijn. Wees creatief en zoek een gat in de markt. Zo kan je onderneming inspelen op huidige tendensen zoals duurzaamheid, milieubewustzijn, innovatieve producten … Je kunt je ook onderscheiden door iets op een andere manier te presenteren of je op een iets andere doelgroep te richten dan de concurrentie.

Probeer een probleem op te lossen voor mogelijke klanten. Denk bijvoorbeeld aan de paperclip. Een simpel product dat enkele papieren samenhoudt, maar wel een gigantisch succes is. Vraag in jullie groep over een mogelijke oplossing.

Business Model Canvas

IN

omgeving waar mensen een oplossing voor willen of waar ze last van hebben. Brainstorm dan in jouw

Vul het BMC in. Aan de hand van dat BMC kun je met je groep nu een ondernemingsplan in detail uitwerken. Surf eventueel naar iDiddit om er het sjabloon (pdf of presentatie) te downloaden. –

Jouw competenties

Welke competenties hebben de leden van je groep om een onderneming of winkel te kunnen runnen?

Maak een nieuwe online ondernemingstest en voeg die toe aan het plan. Waarin zijn jullie goed en waarin minder goed? Hoe ga je de hiaten invullen?

Missie en visie Wat zijn de kernwaarden van jullie onderneming waardoor de onderneming uniek is? Vooral een bijzonder

N

of inspirerend verhaal doet het goed. Formuleer duidelijk en overtuigend de missie van de onderneming. Beschrijf hoe jullie dat vorm willen geven in een visie. Maak dat nog concreter in een strategie. –

Marketingplan

Voer een beperkt marktonderzoek uit bij verschillende mensen. Wat willen ze betalen voor jullie product(en), hoeveel variëteiten willen ze, hoeveel klanten kan jullie onderneming bereiken, hoe willen ze

VA

het product kopen …? De resultaten daarvan verwerk je dan in je marketingplan aan de hand van de 4 P’s of 4 C’s. Stel de resultaten van het marktonderzoek ook grafisch voor.

Marktanalyse

Voer eveneens een onderzoek naar de concurrenten. Welke prijs vragen zij, waar zijn ze gevestigd, hoe verkopen ze hun producten …?

Formuleer de doelgroep. Onder welke leeftijdscategorie valt de doelgroep, waar wonen ze, welk opleidingsniveau hebben ze, welk inkomen hebben ze, welke interesses …? Hoe meer jullie weten over de ideale klant, hoe beter jullie het gat in de markt kunnen vinden door jullie product of dienst exact op hem af te stemmen.

Maak een SWOT-analyse. Wat zijn de USP’s? Wat maakt jullie onderneming uniek tegenover de concurrentie, maar ook wat zijn de zwaktes? Welke kansen en bedreigingen biedt de markt, de toekomst,

©

de overheid …? Ga vervolgens na hoe jullie met de sterktes kunnen ingaan op de bedreigingen waaraan de onderneming blootstaat, en hoe jullie met de geboden kansen zwakke punten kunnen wegwerken.

Onderneming Beschrijf de ondernemingsvorm. Denk goed na over de voor- en nadelen van een eenmanszaak t.o.v. een vennootschap. Beschrijf ook welke vergunningen jullie eventueel nodig hebben.

Financieel plan Maak een bondig overzicht.

Welke investeringen zijn er nodig en hoe willen jullie die financieren. Welke afschrijvingstermijn gebruiken jullie voor de investeringen in vaste activa?

Maak op basis van je investeringen en financiering een beknopte balans.

Hoeveel omzet denken jullie te realiseren? Schat dat in op basis van het marktonderzoek.

THEMA 6

LEVEL 1 283


Welke kosten staan daartegenover (aankopen handelsgoederen, diensten en diverse goederen, bezoldigingen, afschrijvingen, financiële kosten zoals rente …)? o

Maak een onderscheid tussen vaste en variabele kosten.

o

Neem de kosten en opbrengsten op in een overzichtelijke resultatenrekening over 2 jaar. Verklaar hoe je aan de diverse bedragen komt.

Maak een bondige kasstroomtabel zodat je weet hoeveel liquiditeiten je nodig hebt.

Maak een executive summary of een samenvatting op een A4 en voeg die vooraan je ondernemingsplan toe.

Stap 2:

PITCH Maak een pitch van maximaal vijf minuten over je onderneming. Overdrijf niet met het aantal dia’s in je presentatie. Wees creatief: toon je product, geef een proevertje … Kijk eventueel nog eens naar de pitch

Tip:

IN

uit de Intro. –

Maak je pitch in het Frans of het Engels.

Maak een website van jouw winkel / onderneming aan de hand van een eenvoudige app. Je

In plaats van een pitch maak je een video (eventueel met een app zoals Powtoon) waarbij je

kunt eventueel een webshop maken om je product kenbaar te maken en te verkopen.

je product promoot. Waarom moeten de mensen dit kopen? Wat is uniek aan jouw product? Stap 3: –

Voeg je BMC toe.

Voeg een bronnenlijst toe zodat duidelijk is waar je welke informatie gevonden hebt.

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio. EVALUATIE

N

Maak jouw ondernemingsplan op volgens de normen van een rapport (inhoudsopgave, gebruik van stijlen).

Stap 4: 3

RAPPORT

VA

Ga naar iDiddit. Daar vind je de rubric met criteria waaraan je plan moet voldoen. Je leerkracht gebruikt die rubric om je plan te beoordelen.

BREAKING NEWS

Ga naar iDiddit. Je vindt er een actualiteitsitem over het onderwerp.

2

Los de vragen op.

3

Geef het bestand een duidelijke naam en bewaar het in je portfolio.

©

1

284 THEMA 6

LEVEL 1


CHECKLIST Duid aan of je de onderstaande vaardigheden voldoende beheerst.

JA 1

Ik kan de voornaamste onderdelen van een ondernemingsplan toelichten.

KAN

EXTRA OEFENMATERIAAL

BETER

2

Ik kan een eenvoudig ondernemingsplan opstellen.

3

Ik kan een eenvoudig financieel plan opstellen.

4

Ik kan een ondernemingsplan op een creatieve

manier voorstellen. 5

Ik kan een eenvoudig marktonderzoek opstellen en uitvoeren.

6

Ik kan een ondernemingsplan schriftelijk presenteren volgens de juiste normen.

7

Ik kan een Business Model Canvas (BMC) opstellen.

THEMA 6

LEVEL 1 285


Begrippenlijst Thema 6 LEVEL 1

BEGRIP

VERKLARING

bedrijfs­

Dat is de algemene aanpak die een

strategie

onderneming hanteert om haar visie en

hoe de onderneming zich zal ontwikkelen,

bereiken. financieel plan

Dat deel van het ondernemingsplan brengt alle uitgaven en investeringen voor de

marketingmix

marketingplan

meer inzicht te vergaren over de financiële

Dat is een model waarin een ondernemer

missie

de 4 P’s en de 4 C’s.

Daarin formuleert een ondernemer hoe

of doelgroep wil benaderen om de

doelstellingen te bereiken.

Dat is de fundering van een onderneming.

Daarmee geeft de onderneming aan waarvoor de mensen uit de onderneming

staan, wat hun identiteit en waarden zijn.

Een missie verandert zelden. 1

ondernemings­

In dat document beschrijft een

plan of

ondernemer op gedetailleerde wijze

businessplan

hoe zijn toekomstige onderneming er

zal uitzien: wat en hoe hij het zal doen

en wie hij daarvoor nodig heeft. 1

strategie

De meeste ondernemingen beschrijven vanuit de visie de concrete doelen die ze wanneer welke acties onderneemt in

Dat is een techniek die wordt gebruikt om sterke en zwakke punten, kansen en

286 THEMA 6

BEGRIPPENLIJST

ondernomen worden. SWOT-analyse

willen halen. In de strategie staat wie functie van de visie en waarom die acties

1

marketingplan. Twee gekende modellen zijn

zijn onderneming een specifieke markt

1

keuzes en beslissingen maakt voor zijn

1

eerste jaren in kaart en helpt een starter om haalbaarheid van zijn project. 1

missie te realiseren. Het is een plan voor hoe ze zal groeien en hoe ze haar doelen zal

1

IN JE EIGEN WOORDEN

bedreigingen voor een onderneming of

product te beschrijven.


LEVEL 1

1

BEGRIP

VERKLARING

USP of unique

Dat is een uniek verkoopargument waarbij

sellingpoint

een onderneming zich onderscheidt van

visie

Dat is een algemene voorstelling van

geeft aan waarvoor de ondernemer en het

personeel gaat, wat hun toekomstdroom is.

Een visie kan soms worden aangepast. waarden

anderen.

de toekomst van een onderneming. Het

1

IN JE EIGEN WOORDEN

Het zijn de idealen van je onderneming. Ze beschrijven waar je onderneming in gelooft

en waaraan iedereen in de onderneming

zich vasthoudt in het dagelijks handelen.

THEMA 6

BEGRIPPENLIJST 287


NOTITIE


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.