Buckle Up! 1 Unit 1

Page 1

1

1

N VA Š

Engels voor het 1ste jaar B

IN

BUCKLE UP ! !

Tania De Decker Evelyne Stappaerts

BUCKLE UP !

Leer zoals je bent De makers van bingel hebben speciaal voor jou een onlineleerplatform ontwikkeld: diddit. Vooraan in dit boek vind je de toegangscode, zodat je volop kunt oefenen op je tablet of computer. Activeer snel je account op www.diddit.be en maak er een geweldig schooljaar van! ISBN 978-90-306-9631-5 594686

vanin.be

Engels voor het 1ste jaar B


Š

VA N

IN

1

Tania De Decker Evelyne Stappaerts


UNIT 1: NICE TO MEET YOU once upon awtime p. 10

Meeting someone p. 11

story time p. 11

Introducing yourself

IN

p. 14

VA N

time to practise p. 21

Time to catch up p. 23

Š

Time to get ahead p. 25

your time p. 28

summary p. 33

time's up! p. 36 markeer de instructietaal in het hoofdstuk. wat betekenen de woorden? bespreek.

listen watch

read write

talk about

ask (a question) answer (a question)

highlight play look

match circle complete


1

VA N

IN

ONCE UPON A TIME

What do you see in the picture?

©

Wat zie je op de tekening?

2

Which words that are related to the picture do you already know? Welke woorden uit de tekening ken je al?

3

What are Sam and Dario going to do in this unit? Wat gaan Sam en Dario doen in dit hoofdstuk?

ten

10

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


STORY TIME

Listen to the conversation between Sam and Dario. Luister naar het gesprek tussen Sam en Dario.

a What is the conversation about? Highlight the sentence that matches the conversation. Waarover gaat het gesprek? Markeer de passende zin.

1 Sam en Dario praten over hun nieuwe school. 2 Sam ontmoet een nieuwe klasgenoot. 3 Dario vraagt Sam de weg naar de eetzaal. b Read the dialogue.

IN

Lees de dialoog.

Teacher Good morning, class 1B. My name is Mr Jones. I am your English teacher. Let’s find out who you are. Sam Hi. I’m Sam. What’s your name? Dario Hello. My name is Dario. Sam Nice to meet you, Dario. Are you new here? Dario Yes, I am. I’m from Brazil. Where are you from? Sam I’m from the UK. I live in Peacehaven. Where do you live? Dario I live in Brighton. How old are you? Sam I’m twelve years old. And you? Dario I’m thirteen. Teacher What are you doing? Sam We are filling in the student identity cards, sir. Name … Sam. Surname … Hill. That is H-I-L-L. Age … twelve.

VA N

c What expressions did you hear in the dialogue? Answer the questions. Welke uitdrukkingen hoorde je in de dialoog? Beantwoord de vragen.

1 How can you greet someone? Hoe kun je iemand begroeten?

Good afternoon. 2 How do you say who you are? Hoe zeg je wie je bent?

What’s your name?

eleven

1

Meeting someone

©

1

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

11


2

Have a look at the interactive picture and discover the words and expressions related to getting to know someone. Listen to the pronunciation and check the spelling. Klik op de ontdekplaat en ontdek woorden en uitdrukkingen die je kunt gebruiken om iemand te leren kennen. Luister naar de uitspraak en kijk naar de schrijfwijze.

3

Play a game to practise the new expressions. Your teacher will explain what to do. Speel een spel om de nieuwe uitdrukkingen in te oefenen. Je leerkracht geeft de nodige uitleg.

4

Look at the comic strip. Find the stickers and put them in the correct place. Bekijk het stripverhaal. Zoek de stickers en kleef ze op de juiste plaats.

I’m Dario. Who are you?

Hi!

Ali. And she is Grace. How old are you?

IN

1

VA N

thirteen. And you?

We are twelve . Where are you from?

2

Brazil, but

3

Š

Brighton now.

I have to go to Mr Jones now. later.

4

twelve

12

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


5

Have a look at the interactive picture and discover the alphabet. Klik op de ontdekplaat en ontdek het Engelse alfabet.

a Watch the video and listen to the pronunciation. Bekijk het filmpje en luister naar de uitspraak.

b Match the letters to the corresponding pictures. Verbind de letters met de passende afbeeldingen.

c Write the words you see in the clip below the pictures. Schrijf de woorden die je in het filmpje ziet onder de afbeeldingen.

D

G

B

E

H

C

F

I

J

M

P

K

N

L

O

T

R

V

Y

W

Z

X

Play a game to practise the alphabet. Your teacher will explain what to do. Speel een spel om het alfabet in te oefenen. Je leerkracht geeft de nodige uitleg.

Checklist: meeting someone Ik kan het onderwerp van een gesprek aanduiden. Ik herken in een gesprek de vaste uitdrukkingen om iemand te begroeten. Ik ken de letters van het alfabet in het Engels. Wat kan ik al?

Wat moet ik nog doen om dat onderdeel beter te kunnen?

thirteen

6

Q

Š

U

VA N

S

IN

A

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

13


Introducing yourself

2 1

Listen to the conversation between Sam and Dario for a second time. Luister een tweede keer naar het gesprek tussen Sam en Dario.

What expressions did you hear in the dialogue? Answer the questions. Welke uitdrukkingen hoorde je in de dialoog? Beantwoord de vragen.

1 How do you say where you are from? Hoe zeg je waar je vandaan komt?

Where are you from?

2 How do you say where you live?

3 How do you say your age? Hoe zeg je hoe oud je bent?

2

Š

VA

How old are you?

N

Where do you live?

IN

Hoe zeg je waar je woont?

Have a look at the interactive picture and discover the numbers from 0-20. Listen to the pronunciation and check the spelling. Klik op de ontdekplaat en ontdek de nummers van 0 tot 20. Luister naar de uitspraak en kijk naar de schrijfwijze.

3

Put the numbers (0-10) and the corresponding words in the same colour. Kleur de nummers en de passende woorden met dezelfde kleur in.

four 1 eight seven 3 2 7 5 10 4 6 9 8 six ten one three nine two five

fourteen

14

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


4

Listen to your teacher reading the numbers (11-20). Write down the matching letters. What words can you read? Luister naar de leerkracht die de nummers van 11 tot 20 zal voorlezen. Schrijf de bijbehorende letters in de juiste volgorde. Welke woorden lees je?

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

I

Y

E

Y

T

D

N

M

I

T

This is 5

.

Play a game to practise the new words. Your teacher will explain what to do. Speel een spel om de nieuwe woorden in te oefenen. Je leerkracht geeft de nodige uitleg.

6

Have a look at the interactive picture and discover the personal pronouns and the verb to be. Listen to the pronunciation and check the spelling.

Look at the picture. Read the dialogue. Circle the correct personal pronouns.

VA N

Bekijk de tekening. Lees het gesprek en omcirkel het juiste persoonlijke voornaamwoord.

© 1 Sam

Dario, are you / they OK?

2 Dario Yes, he / I am. 3 Sam

Look at Layla. He / She is laughing.

4 Dario And look at Lee Ching. He / She is playing with the ball. 5 Sam

A ball? Where is it / he?

6 Dario And what about Ali and Morgan? What are we / they doing? 7 Sam

Let's ask them. Hi, Ali! What are you / we doing?

8 Ali

We / It are talking about the funny teacher. fifteen

7

IN

Klik op de ontdekplaat en ontdek de persoonlijke voornaamwoorden en het werkwoord ‘to be’. Luister naar de uitspraak en kijk naar de schrijfwijze.

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

15


8

Read the dialogue again. Lees het gesprek opnieuw.

a Circle the correct form of the verb to be. Omcirkel de juiste vorm van het werkwoord ‘to be’.

1 Sam

Dario, am / is / are you OK?

2 Dario Yes, I am / is / are. 3 Sam

Look at Layla. She am / is / are laughing.

4 Dario And look at Lee Ching. She am / is / are playing with the ball. 5 Sam

A ball? Where am / is / are it?

6 Dario And what about Ali and Morgan? What am / is / are they doing? 7 Sam

Let's ask them. Hi, Ali! What am / is / are you doing?

8 Ali

We am / is / are talking about the funny teacher.

b Use exercise 7 to check your answers.

How to use to be? a girl. from the UK. born in Brazil. my best friend. September.

We are You are They are

students. twelve years old. my classmates.

I’m You’re He’s She’s It’s

VA N

9

I am You are He is She is It is

IN

Gebruik oefening 7 om je antwoorden te controleren.

GRAMMAR

a boy. British. Brazilian. friendly. the first day of school.

We’re in class. You’re thirteen. They’re cool.

Listen to Sam and Dario presenting themselves on the school radio.

©

Luister naar Sam en Dario die zichzelf voorstellen op de schoolradio.

a Complete the student identity cards. Choose words from the box. Vul de studentenkaarten aan. Kies uit de volgende woorden.

12 – 13 – Brazilian – Brighton – British – Dario – Peacehaven – Sam S T U D E N T I D E N T I T Y CA R D Name

Age

S T U D E N T I D E N T I T Y CA R D Name

Surname

Surname

City

City

Nationality

Age

Nationality

b The surnames are not written in the box. Listen carefully to the spelling of the surnames. sixteen

De familienamen ontbreken in het kader. Luister goed naar het spellen van de familienamen.

16

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


c Listen again. Are these sentences true or false? Luister opnieuw. Zijn de volgende zinnen juist of fout?

True False

1 Sam woont alleen met haar moeder.

2 Dario is Brits.

3 Sam is ouder dan Dario.

4 Dario woont in een stad.

d Vul in het communicatieschema de zender, de boodschap en de ontvanger in. e Markeer het doel van de zender en het kanaal dat hij/zij gebruikte.

zender

ontvanger

VA N

IN

boodschap

doel

- krant - computer - stem - tijdschrift - radio - smartphone

©

- informeren - iemand iets laten uitvoeren - een mening geven - entertainen

kanaal

Ben jij de zender of de ontvanger van de boodschap? Markeer: zender - ontvanger

10 One of Sam’s classmates introduces herself in the school magazine. Een klasgenote van Sam stelt zichzelf voor in de schoolkrant.

a Read the text. Complete the student identity card with the missing words. Lees de tekst en vul de studentenkaart aan met de ontbrekende woorden.

S T U D E N T I D E N T I T Y CA R D Name Surname City Age

Nationality British

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

seventeen

Hello! My name is Morgan White. I’m in class 1B. I’m eleven years old. I live in Saltdean. I love horse riding. My favourite subjects are French and English.

17


b Vul in het communicatieschema de zender, de boodschap en de ontvanger in. c Markeer het doel van de zender en het kanaal dat hij/zij gebruikte.

zender

ontvanger

boodschap

doel

kanaal

IN

- kaart - radio - computer - stem - tijdschrift - smartphone

VA N

- informeren - iemand iets laten uitvoeren - een mening geven - entertainen

Ben jij de zender of de ontvanger van de boodschap? Markeer: zender - ontvanger

11 Dario is still learning English. After school he watches some YouTube videos to practise. Watch the clip.

Š

Dario is nog Engels aan het leren. Na school bekijkt hij enkele filmpjes op YouTube om te oefenen. Bekijk de clip.

a Answer the questions. Beantwoord de vragen.

1 What is the number of their classroom? 2 Who is their teacher? b Highlight the correct answers. Markeer de juiste antwoorden.

Name

Lee

Peter

George

Nickname

Pete

Pepe

No nickname

Surname

Dumb

Crook

Crumb

Name

Holly

Polly

Molly

Nickname

Hope

Doll

No nickname

Surname

Taylor

Lin

Smith

eighteen

18

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


12 Sam had to write a text about Lee Ching for the school magazine. Sam kreeg de opdracht om een tekst over Lee Ching te schrijven voor de schoolkrant.

a Read the text. Lees de tekst.

Meet Lee Ching Jo This is our new classmate Lee Ching Jo. She is from China. She is Chinese, but she lives in Liverpool, England. Her mother is Belgian, so she speaks English, Chinese and Dutch. She was born on 5 October, 2008. Her birthday party is next week. She hopes to get a microphone because she likes singing and dancing. She also likes football. b Complete the friendship book with information from the article.

This is me! My name is:

IN

Vul het vriendenboek in met informatie uit het artikel.

Flag of my home country:

VA N

I live in this town/city: I live in this country:

My birthday:

years old.

©

Today I am

day

month

Best birthday present ever:

year

Complete in your native language. 1 Hello and welcome! Ni hão, huãnying guãnglin!

2 How are you? Ni hao ma?

3 This is so cool! Zhè hen kù!

4 Let’s be friends!

My hobbies are:

Chéngwéi péngyou!

5 Goodbye! Zàijiàn!

Languages I speak: Chinese

nineteen

Learn my language!

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

19


Checklist: introducing yourself Ik begrijp uitdrukkingen in een gesprek waarin iemand zich voorstelt. Ik ken de nummers van 0 tot 20 in het Engels. Ik kan de juiste persoonlijke voornaamwoorden aanduiden in zinnen. Ik kan het werkwoord ‘to be’ gebruiken. Ik kan een communicatieschema invullen. Ik kan informatie uit een filmpje halen. Wat kan ik al?

©

VA N

IN

Wat moet ik nog doen om dat onderdeel beter te kunnen?

twenty

20

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


TIME TO PRACTISE 1

Look at this student identity card. Complete the SI card with the missing words. Bekijk de studentenkaart. Vul de kaart aan met de ontbrekende woorden.

S T U D E N T I D E N T I T Y CA R D

Morgan White

11 Score ex. 1

IN

Saltdean Nationality British <3

>/= 3

Look at these pupils. Complete the sentences. Write their age in full. Bekijk de leerlingen. Vul de zinnen aan. Schrijf de leeftijd voluit.

13

Julia

Ahmed

8

20

15

Jenn

Nathan

Lucy

1 Julia is

years old.

2 Ahmed is

years old.

3 Jenn is

years old.

4 Nathan is

years old.

5 Lucy is

years old.

Score ex. 2

<4

>/= 4

Time to catch up: ex. 6 (p. 23)

Time to get ahead: ex. 10 (p. 25) twenty-one

2

Š

2

Time to get ahead: ex. 9 (p. 25)

VA N

Time to catch up: ex. 5 (p. 23)

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

21


3

Read the sentences. Complete the sentences with a personal pronoun. Lees de zinnen. Vul de zinnen aan met een persoonlijk voornaamwoord.

1 How old are

am twelve years old.

?

2 Who is that boy?

is my classmate.

3 And who is that girl?

is his girlfriend.

4 Where is my smartphone?

is under your book.

5 Ali and Grace, why are

are talking Loud? about the lesson!

so loud?

6 Look at that dog!

The black dog?

7 Can you switch the computers on?

Sorry,

is mine. are not working.

<7

>/= 7

Time to catch up: ex. 7 (p. 24)

Time to get ahead: ex. 11 (p. 26)

IN

Score ex. 3

4

Luke?

Read the dialogue. Complete the sentences with a form of the verb to be. Lees de zinnen. Vul de zinnen aan met een vorm van het werkwoord ‘to be’.

Grace

Hello! I

Nathan

Hi! My name

Grace

I

Nathan

Sam? She

Grace

Yes, she

Nathan

So, you

Grace

He

VA N

Grace. What

Nathan. Where

in our class, right?

. We

good friends too.

a friend of Dario’s as well?

a new pupil. I don’t know him that well.

<7

>/= 7

Time to catch up: ex. 8 (p. 24)

Time to get ahead: ex. 12 (p. 27)

Klaar? Kruis aan op p. 23-27 welke oefeningen jij moet maken.

twenty-two

22

you from?

from the UK, just like Sam.

©

Score ex. 4

your name?

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


time to 5

catch up

Look at this student identity card. Complete the SI card with the missing words. Choose from the box. Bekijk de studentenkaart. Vul de kaart aan met de ontbrekende woorden. Gebruik de woorden uit het kader.

Age – City – Name – Surname S T U D E N T I D E N T I T Y CA R D Wilson

12

>/= 3

Well done!

Write the numbers you can see out in full. Schrijf de nummers die je ziet voluit.

zero – one – two – three – four – five – six – seven – eight – nine – ten – eleven – twelve – thirteen – fourteen – fifteen – sixteen – seventeen – eighteen – nineteen – twenty

©

7 13 18 10 20 9 14 12 3 16 0 11

Score ex. 6

<9

>/= 9 Well done! twenty-three

6

<3

VA N

Score ex. 5

Hove Nationality British

IN

Agu

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

23


7

Write the personal pronouns from the box in the correct gaps.

See p. 16

Schrijf de persoonlijke voornaamwoorden uit het kader op de juiste plaats.

I – you – he – she – it – we – they

nathan_brown@class1B.org

Hello!

Hi!

am Grace. My best friend is Morgan.

together.

are always

has been a friend since kindergarten. Today there

was a new boy in our class. Dario comes from Brazil. from England.

gets along with Sam.

class. What can

often work together in

tell me about yourself?

IN

Score ex. 7

is a country far

<5

>/= 5

8

VA N

Well done!

Complete the text with the correct form of to be. Choose from the box.

See p. 16

Vul de tekst aan met de juiste vorm van het werkwoord ‘to be’. Gebruik de woorden uit het kader.

am – is – are

©

grace_edwards@class1B.org

RE: Hello!

Hi! My name I

Nathan. So, you

? I

Wilson. He

We

twelve years old. My best friend

eleven and he

stand-up comedy. Wilson’s hobbies

interested in who

from Africa. My hobby swimming and playing chess.

both into comic strips. Hope to see you soon!

Score ex. 8

<7

>/= 7 Well done!

twenty-four

Klaar? Speel een spel. Vraag het materiaal aan je leerkracht.

24

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


time to 9

get ahead

Take a look at the interactive picture. Click on the globe and discover the different nationalities. Bekijk de ontdekplaat. Klik op de wereldbol en ontdek de verschillende nationaliteiten.

a Choose a nationality. Find a celebrity with that nationality on the Internet. Kies een nationaliteit. Zoek online een beroemdheid met die nationaliteit.

b Make an ID card for your celebrity. Maak een ID-kaart voor jouw beroemdheid.

c Choose a different nationality and complete the second ID card. Kies een andere nationaliteit en vervolledig de tweede ID-kaart.

NATI ONAL I DENTI TY CARD Name

NAT IO NA L IDE NTIT Y CARD Name Surname

IN

Surname City Nationality

Score ex. 9

Age

VA N

Age

City Nationality

<8

>/= 8

Nice try!

Well done!

10 Choose a partner.

Š

Kies een partner.

a Write down 5 different numbers (0-20) and read them out loud to him/her. Your partner has to write down the numbers you read out. Schrijf 5 verschillende getallen tussen 0 en 20 op. Lees ze voor aan je partner. Hij/zij moet de getallen die je voorleest, opschrijven.

b Correct the numbers together. Verbeter samen de getallen.

c Switch roles.

Score ex. 10

<4

>/= 4

Nice try!

Well done!

UNIT 1

twenty-five

Draai de rollen om.

NICE TO MEET YOU

25


11 Sam is singing her favourite song during the break. Dario doesn’t understand some of the words. Can you help him? Sam zingt haar lievelingslied tijdens de pauze. Dario begrijpt enkele woorden niet. Kun je hem helpen?

a Read the lyrics and complete with the missing personal pronouns. Lees de songtekst en vul de tekst aan met de ontbrekende persoonlijke voornaamwoorden.

Angels . Robbie Williams sit and wait

1

Does an angel contemplate my fate And do

know

The places where 5

When

go

're grey and old

'Cause

have been told

IN

That salvation lets their wings unfold So when

'm lying in my bed

Thoughts running through my head And

feel the love is dead

VA N

10

'm loving angels instead

And through it all

offers

protection

A lot of love and affection Whether 15

'm right or wrong

And down the waterfall

Š

Wherever

may take me

know that life won't break me

When

come to call,

won't forsake me 20

'm loving angels instead

b Find the song 'Angels' of Robbie Williams on the Internet. Listen to the song and check your answers. Zoek het lied 'Angels' van Robbie Williams op het internet. Luister naar het lied en controleer je antwoorden.

Score ex. 11

< 13

>/= 13

Nice try!

Well done!

twenty-six

26

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


12 Layla and Sam are playing 20 questions on the playground. Layla en Sam spelen het spel ’20 questions’ op de speelplaats.

a Read the dialogue. Lees de dialoog.

Hey Layla. Let’s play 20 questions. Great idea! Do you have a person or an object in mind? Yes, I do! Bring on the questions! Is it a person? No, it isn’t. So, it is an object then? Yes, it is! Is it a school object? No, it isn't! Is it your skateboard? Oh, you’ve already got it! You’ve guessed it.

How to ask questions with to be? a girl? from the UK? born in Brazil? my best friend? September?

Are we Are you Are they

students? twelve years old? my classmates?

How to answer questions with to be? Yes, you are. Yes, I am. Yes, he is. Yes, she is. Yes, it is.

No, you aren’t. No, I’m not. No, he isn’t. No, she isn’t. No, it isn’t.

Yes, you are. Yes, we are. Yes, they are.

No, you aren’t. No, we aren’t. No, they aren’t.

VA N

Am I Are you Is he Is she Is it

GRAMMAR

IN

Sam Layla Sam Layla Sam Layla Sam Layla Sam Layla Sam

©

b Now it’s your turn to ask questions. Work with a partner. Prepare at least 5 questions with the verb to be. Use the how to box.

Score ex. 12

<7

>/= 7

Nice try!

Well done!

Klaar? Speel een spel. Vraag het materiaal aan je leerkracht. UNIT 1

NICE TO MEET YOU

twenty-seven

Nu is het jouw beurt om vragen te stellen. Werk met een partner. Bereid minstens 5 vragen voor met het werkwoord ‘to be’. Gebruik het ‘how to’-kader.

27


YOUR TIME 1

Introduce yourself to your neighbour. You can use the SI card on page 21. Stel jezelf voor aan je buur. Gebruik de studentenkaart op pagina 21.

- Hi! - Hello! - Good morning! - Good afternoon!

How to start the conversation?

How to say who you are?

- My name is ... - I’m ... - My first name is ... - My surname is ...

How to spell your name?

IN

- I’m ... years old. - I’m ...

VA N

How to say how old you are?

- That is … - … - …

How to say where you live?

- My hobby is ... - My hobbies are ...

©

How to say what your hobbies are?

How to end the conversation?

2

Speeddate. Your teacher will give you an SI card. Speeddate. Je leerkracht zal je een studentenkaart geven.

a Find a partner to talk to. Start the conversation. Vind een partner. Start het gesprek.

b Ask your partner 5 different questions. Vraag je partner 5 verschillende dingen.

c Answer his/her questions. Beantwoord zijn/haar vragen. twenty-eight

28

d End the conversation. Find a new partner. Beëindig het gesprek. Vind een nieuwe partner.

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

- I live in ... - I’m from ...

- Bye! - Goodbye! - See you (later)!


- Who are you? - What is your name? - What is your first name? - What is your surname?

How to ask someone’s name?

How to ask someone to spell their name?

- How do you spell that? - How do you spell your name?

How to ask someone’s age?

IN - Where do you live? - Where are you from?

VA N

How to ask where someone lives?

- How old are you?

How to ask what someone’s hobbies are?

- What are your hobbies?

e Choose one of the people you have talked about and introduce this person to your class.

©

Kies een van de mensen met wie je sprak en stel die persoon voor aan de klas.

twenty-nine

This is Joshua. He is 12 years old and lives in London. His hobby is tennis.

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

29


f Vul in het communicatieschema de zender, de boodschap en de ontvanger in. g Markeer het doel van de zender en het kanaal dat hij/zij gebruikte.

zender

ontvanger

boodschap

doel

IN

- krant - televisie - radio - stem - tijdschrift - brief - smartphone

VA N

- informeren - iemand iets laten uitvoeren - een mening geven - entertainen

kanaal

Ben jij de zender of de ontvanger van de boodschap? Markeer: zender - ontvanger

3

Look at this SI card. Complete the SI card with information about yourself.

Š

Bekijk de studentenkaart. Vul de kaart aan met je eigen gegevens.

STUDENT I DENTI TY CA RD Name Surname City

Age

Nationality

Check yourself Ik heb mijn voornaam geschreven. Ik heb mijn familienaam geschreven. Ik heb mijn leeftijd geschreven. Ik heb geschreven waar ik woon. Ik heb mijn nationaliteit vermeld.

thirty

30

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


4

Sam’s mother is curious about her first day at school. She sends her a text message at noon. Complete the text message. Sams moeder is nieuwsgierig naar de eerste schooldag. Ze stuurt ’s middags een sms. Vul de sms aan.

Mum Hi Sam! How is your day going? What are your new classmates like? I’m curious to hear your stories tonight! Love, Mum xx

Sam Everything’s fine! I have some cool classmates. I made a new friend. His

Dario. (13) and

Brazil.

I’ll tell you more about the other ones as soon as I get home! xx

Complete Sam's friendship book with your information.

IN

Vul het vriendenboek van Sam aan met jouw informatie.

This is me!

My name is:

VA N

Flag of my home country:

I live in this town/city: I live in this country:

My birthday:

© Today I am

day

month

Best birthday present ever:

Learn my language! years old. year

Complete in your native language. 1 Hello and welcome! 2 How are you? 3 This is so cool!

My hobbies are:

4 Let’s be friends! 5 Goodbye!

Languages I speak:

thirty-one

5

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

31


Checklist Ik kan mezelf in het Engels voorstellen met behulp van een voorbeeld. Ik kan vaste uitdrukkingen gebruiken om iemand te begroeten. Ik kan een gesprek voeren met een klasgenoot over zijn/haar identiteit. Ik kan een communicatieschema invullen. Ik kan een ID-kaart aanvullen met informatie over mezelf. Ik kan met behulp van een checklist controleren of ik alle informatie gegeven heb. Ik kan een sms-bericht aanvullen waarin ik iemand voorstel. Ik kan mezelf voorstellen in een vriendenboek.

IN

Wat kan ik al?

Š

VA N

Wat moet ik nog doen om dat onderdeel beter te kunnen?

thirty-two

32

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


SUMMARY

1

2

3

4

5

zero

one

two

three

four

five

6

7

8

9

10

11

six

seven

eight

nine

ten

eleven

12

13

14

15

16

17

twelve

thirteen

fourteen

fifteen

sixteen

seventeen

18

19

20

eighteen

nineteen

twenty

2 MEETING AND GREETING Translation

an age

een leeftijd

the alphabet

het alfabet

a birthday a boy

een stad

a country a (first) name

een (voor)naam een vlag

een vriend een meisje begroeten

a hobby

een hobby

an identity card

een identiteitskaart

introduce

voorstellen

a language

een taal

meet

ontmoeten

a nationality

een nationaliteit

a nickname

een bijnaam

a student

een leerling, student

a surname

een familienaam

a teacher

een leerkracht

to be

zijn thirty-three

greet

een land

Š

a flag a girl

een verjaardag een jongen

a city

a friend

My notes

VA N

Word

IN

0

VOCABULARY

1 NUMBERS

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

33


Hi, I am Tamara. Are you Taryll?

No, I’m not. I’m Jon and this is Taryll.

1 The verb to be Long form

Hi Tamara! I’m Taryll, but Jon already introduced me. He’s very nice.

IN

GRAMMAR

HOW TO use to be?

Short form

I am

a girl.

You are

from the UK.

You’re

British.

He is

born in Brazil.

He’s

Brazilian.

She is

my best friend.

She’s

friendly.

It is

September.

It’s

the first day of school.

We are

students.

We’re

in class.

You are

twelve years old.

You’re

thirteen.

my classmates.

They're

cool.

©

VA N

I’m

They are

a boy.

2 The personal pronouns Long form

Short form

I am

a girl.

I’m

a boy.

You are

from the UK.

You’re

British.

He is

born in Brazil.

He’s

Brazilian.

She is

my best friend.

She’s

friendly.

It is

September.

It’s

the first day of school.

We are

students.

We’re

in class.

You are

twelve years old.

You’re

thirteen.

They are

my classmates.

They're

cool.

thirty-four

34

UNIT 1

NICE TO MEET YOU


- Hi! - Hello! - Good morning! - Good afternoon!

1 How to start the conversation?

2 Saying who you are

USEFUL EXPRESSIONS

HOW TO meet and greet someone?

- Who are you? - What is your name? - What is your first name? - What is your surname?

3 Spelling your name

IN

- My name is ... - I’m ... - My first name is ... - My surname is ... - How do you spell that? - How do you spell your name?

VA N

- That is … - … - …

©

4 Saying how old you are

- How old are you? - I’m ... years old. - I’m ...

- Where do you live? - Where are you from?

5 Saying where you live

- I live in ... - I’m from ... - What are your hobbies? 6 Saying what your hobbies are

- My hobby is ... - My hobbies are ...

- Bye! - Goodbye! - See you later! thirty-five

7 How to end the conversation?

UNIT 1

NICE TO MEET YOU

35


TIME S UP! Checklist: nice to meet you 1 Grammatica Ik kan het werkwoord ‘to be’ in bevestigende zinnen gebruiken. Ik kan de persoonlijke voornaamwoorden gebruiken. 2 Woordenschat Ik begrijp in een gesprek de woordenschat rond begroeten en ontmoeten. Ik begrijp in een tekst de woordenschat rond begroeten en ontmoeten. Ik kan de woordenschat rond begroeten en ontmoeten correct gebruiken. Ik ken de letters van het alfabet in het Engels.

©

VA N

Bij het studeren ga ik extra letten op:

IN

Ik ken in het Engels de getallen van 0 tot 20.

thirty-six

36

UNIT 1

NICE TO MEET YOU



1

1 BUCKLE UP ! !

Š

VA N

IN

Engels voor het 1ste jaar B

Tania De Decker Evelyne Stappaerts

BUCKLE UP !

Leer zoals je bent De makers van bingel hebben speciaal voor jou een onlineleerplatform ontwikkeld: diddit. Vooraan in dit boek vind je de toegangscode, zodat je volop kunt oefenen op je tablet of computer. Activeer snel je account op www.diddit.be en maak er een geweldig schooljaar van! ISBN 978-90-306-9631-5 594686

vanin.be

Engels voor het 1ste jaar B


Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.