Page 1

D I T D OSS I E R WO R DT G E P U B L I C E E R D D O O R S M A RT M E D I A E N VA LT N I E T O N D E R D E V E R A N T WO O R D E L I J K H E I D VA N D E R E DACT I E VA N E W

FEB ‘21

HEALTHCARE

Gabriëlle Speijer Digital (pandemic) preparedness

Value-Based zorg Een doordachte route, op maat gemaakt

Mariëlle Bartholomeus

Peter Joosten

Toekomstbestendige zorg, op naar 2030

“Middelen die nu ingezet worden om een mens te genezen, kunnen ook ingezet worden om een mens te verbeteren.”


2 VOORWOORD

FOKUS-ONLINE.NL

04

06

08

15

LEES MEER. 04 Corona als katalysator voor digitale zorg 06 Een doordachte zorgroute, op maat gemaakt 08 Interview: Peter Joosten 12 Expertpanel: Helden van de zorg 15

Mariëlle Bartholomeus: Op naar 2030

Gabriëlle Speijer

Fundamenten voor een digital (pandemic) preparedness

COLOFON. PRODUCTIELEIDER

CHRISTIAN NIKUNA PEMBA HOOFDREDACTIE

In 2020 was naast de COVID-19-pandemie ook sprake van een infodemic: een snelle en vergaande verspreiding van informatie en misinformatie. Voorbereid zijn betekent snel een onderscheid kunnen maken hierin. Dat vraagt om de beschikbaarheid van waardevolle data.

T

echnologie bewijst haar dienst in de bestrijding van het nieuwe virus. Zo werd artificiële intelligentie (AI) voor verschillende doelen ingezet. We zagen AI in epidemiologische modellen, al dan niet gecombineerd met andere factoren zoals gedragsvoorspellingen, en als hulpmiddel voor beleidsmakers om de sociale afhankelijkheid en impact van interventies te duiden. Er zijn ook nuttige bijdragen geleverd bij specifieke onderdelen in het klinische proces, zoals radiologische detectie van mogelijke cases, en als ondersteunend predictiemodel voor het beloop van aandoeningen. Om tot een klinisch zinvolle bijdrage van AI te komen, zijn onder andere kwaliteitsvolle data van essentieel belang. Om mijn toevoeging te kunnen leveren als radiotherapeut-oncoloog is een blik op de gehele mens noodzakelijk. Omdat corona een nieuwe ziekte was, wisten we niet welke organen aangetast zouden worden, welke symptomen ermee gepaard gingen en wat de impact van de ziekte zou zijn. Zo zagen we allemaal hoe belangrijk het inzicht in de volledige gezondheidssituatie was en is. Technologie zoals AI kan daarbij geweldig ondersteunen. De FAIR-principes (Findable vindbaar, Accessible - toegankelijk, Interoperable - uitwisselbaar en Reusable – herbruikbaar) zijn daarbij randvoorwaardelijk. Om betrouwbaar gebruik te maken van AI is echter meer nodig. Wat ontbreekt is duiding in context bij de data, want een AI-algoritme of -model voeden betekent kennis en inzichten halen uit diverse dokterspraktijken. Dát cyber-fysieke moment is bepalend, daarin zit de integriteit besloten die technische inregeling behoeft. Onze

ELLEN VAN HOEGAERDEN CREATIVE DIRECTOR

BAÏDY LY

Digitaal voorbereid zijn is de stap naar een globaal lerend zorgsysteem.

EINDREDACTIE

DON VAN DER PUTTEN TEKST

JEROM ROZENDAAL DAAN VANSLEMBROUCK LAY-OUT

BAÏDY LY COVERBEELD

HENRY DULLINK DRUKKERIJ

ROULARTA

SMART MEDIA AGENCY. LEYSSTRAAT 27 2000 ANTWERPEN

kennis gaat in het algoritme waarvan we multidisciplinair hebben besloten dat het een nuttige vraagstelling kan beantwoorden. Toetsbaarheid van onze individuele bijdrage op data is essentieel bij de inzet van AI. Zoals we verantwoordelijk zijn voor de zorg en gezondheid van onze patiënt, geldt hetzelfde bij het gebruik van technologie. Wat aan informatie beschikbaar gesteld wordt moet bovendien transparant en continu verifieerbaar en traceerbaar zijn. Vertrouwen is de basis van ons vak, nu moet dit nog terugkomen in het fundament van de technologische ondersteuning. Dan spreken we niet meer over data uit een bepaald samenwerkingsverband of land, maar data

waarvan transparant inzichtelijk is hoe die tot stand zijn gekomen, wat ermee mag, bij wie je om toestemming moet vragen... Digitaal voorbereid zijn is de stap naar een globaal lerend zorgsysteem. Pas dán kan ik als dokter zorg verlenen in een vertrouwelijke een-op-eenrelatie en exponentieel bijdragen aan de publieke gezondheid. Aan ons de vraag of we reactief doorgaan op het digitaliserende pad of dat we samen die noodzakelijke stap zetten. Door Gabriëlle Speijer, radiotherapeutoncoloog HagaZiekenhuis, founder CatalyzIT, HIMSS Future50 International Health ITleader en lid ICT&health-platform

+32 (0)3 289 19 40 REDACTIE@SMARTMEDIAAGENCY.BE FOKUS-ONLINE.NL

Veel leesplezier!

Maud Versteeg Projectmanager


#FOKUSHEALTHCARE

PIVOT PARK • BRAND REPORT 03

Nederland drukt stempel op de kaart van innovatieve farmacie Innovatie binnen de geneesmiddelensector. Dit onderwerp werd in 2020-2021 meer dan ooit besproken. Reikhalzend keek de wereld uit naar een firma die ons één of meerdere coronavaccins of –medicijnen kon schenken om de wereldbevolking opnieuw vrijheid en zuurstof te geven.

H

et feit dat farmaceutische innovatie steeds meer vleugels krijgt, is te danken aan samenwerkingen in binnen- en buitenland en gedeelde expertise. Om dat te stimuleren is het handig dat bedrijven clusteren en in elkaars buurt gevestigd zijn, omdat hun behoeften vaak dezelfde zijn. Brigitte Drees is CEO van Pivot Park, een biofarmaceutische campus in Oss waar meer dan zestig farmaceutische bedrijven dag in, dag uit werken aan innovatieve medicijnontwikkeling: “Wij bieden kantoorruimte, laboratoria, infrastructuur en ruimte voor research & development aan. Het feit dat we een campus met verschillende bedrijven zijn, geeft de mogelijkheid om te versnellen, te groeien en te ontwikkelen.”

Het nut van medicijnontwikkeling is essentieel. Pivot Park profileert zich op de Nederlandse markt als toonaangevend sciencepark voor innovatieve geneesmiddelen. “Oss is een ecosysteem op het gebied van farmacie en specifieke medicijnontwikkeling”, vertelt Drees. “Wij willen onopgeloste ziektes de wereld uit helpen en de mensheid helpen in de bestrijding en behandeling van die ziektes.” De focus van Pivot Park ligt op ontdekking en ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen. “Maar hier in Oss is ook het maken van geneesmiddelen prominent aanwezig. En ook daarin faciliteren we”, aldus Drees. Een van de paradepaardjes is de toonaangevende rol binnen kankerbehandelingen. Drees: “We hebben verschillende bedrijven

die fors inzetten op immuunoncologie. We mogen best trots zijn dat die expertise hier bij ons in Nederland zo groot is. Voor innovatieve farmacie moeten we echt niet altijd naar Noord-Amerika kijken. Zo is het bestverkopende middel ter wereld, Keytruda® van MSD, hier in Oss bedacht en is recent ook Calquence® van Acerta – voor een specifieke vorm van leukemie – toegelaten op de markt.” Met de komst van COVID-19 zijn we met zijn allen gaan beseffen hoe waardevol deze sector is, en dat die medicijnen liefst in Europa geproduceerd worden. Ook is duidelijk dat je een geneesmiddel niet van vandaag op morgen ontwikkelt. “Binnen een typische pijplijn kan het tot vijftien jaar duren”, zegt

Drees. “Gelukkig ging het in dit geval sneller vanwege voorkennis van het MERS-virus. Daardoor werden enkele coronavaccins sneller ontwikkeld. Toch is het telkens een lang proces omdat ook de veiligheid moet worden aangetoond. Ook voor dat onderdeel van het ontwikkeltraject hebben we hier bedrijven die daarvoor de strategie kunnen uitzetten. Elk medicijn vergt een andere aanpak. Gelukkig hebben we in Nederland ook nog eens goed opgeleide mensen beschikbaar.”

Brigitte Drees CEO Pivot Park

Pivot Park is in 2012 opgericht om innovatieve farmaceutische bedrijven van over de hele wereld de optimale Europese locatie te bieden; van start-ups en snelgroeiende scale-ups tot volwassen marktleiders. Als thuisbasis van meer dan 60 bedrijven zorgt Pivot Park ervoor dat 600 hooggekwalificeerde medewerkers over alles beschikken wat zij nodig hebben om succesvol te zijn. Faciliteiten op maat, gedeelde bronnen van kennis, korte lijnen naar specialistische financiers en flexibele toegang tot uitmuntende wetenschappelijke en ondernemersexpertise. Dit maakt Pivot Park dé hotspot voor farmaceutische innovatie in Europa. Lees meer op www.pivotpark.com

VILANS • BRAND REPORT

Nieuwe aanbieders wegwijs maken in het zorglandschap Je hebt een idee en wilt een zorgbedrijf starten. Maar hoe pak je dat aan? Welke stappen moet je daarvoor zetten en met welke partijen krijg je te maken?

V

olgens Vilans, het kenniscentrum voor langdurende zorg, wagen jaarlijks honderden Nederlanders de sprong en starten een eigen zorgonderneming. Maar velen raken al snel verstrikt in het woud van wetten, regels, instanties en websites. Deze constatering was voor de landelijke kennisinstelling aanleiding om een routekaart te ontwikkelen die beginnende zorgaanbieders wegwijs moet maken in het ingewikkelde zorglandschap. In de landkaart wordt informatie meegegeven over de organisaties en instellingen die ondernemers tegenkomen bij de opstart en uitoefening van hun zorgactiviteit. Bij wie meld je je aan, hoe registreer je het nieuwe bedrijf ? Er zijn ook heel wat belangenvertegenwoordigers die, behalve belangenbehartiging, eveneens instaan voor

kennisuitwisseling. Zo breed als de zorg is, zo veel belangenvertegenwoordigers zijn er in feite. Een overzicht van de bestaande financieringsstromen is ook niet onbelangrijk als je een inkomen uit je dienst wilt genereren. Ook die vind je terug op de landkaart. Een succesvolle start kenmerkt zich veelal door voorafgaand voldoende kennis op te doen. Dat getuigt Martin van de Graaf, founder van Kloek, een organisatie voor kleinschalig wonen voor mensen met dementie, die bij het opstarten zelf de nodige begeleiding miste. “Je probeert het beste te doen, maar je weet niet alles.” Inmiddels heeft van de Graaf begeleiding gekregen van Waardigheid en trots Op Locatie, een van de kennisinstellingen voor zorgaanbieders die ook in de landkaart opgenomen zijn.

Ook Paul van Bouwhorst van Linnhorst, een kleinschalige organisatie voor gespecialiseerde ambulante begeleiding aan jongeren en volwassenen in Utrecht, ervoer een moeilijke start. “Het is een hoop geregel om te starten. Je moet zelf uitzoeken hoe alles werkt. Daarbij komt ook nog dat er veel versnippering is tussen bijvoorbeeld gemeentes. Het wordt je niet makkelijk gemaakt.” De laatste jaren heeft Van Bouwhort veel tijd geïnvesteerd in het opbouwen van een netwerk met andere zzp’ers en sociale wijkteams. Hij geeft aan dat regionale netwerken voor hem het belangrijkste zijn en geeft dat aan starters dan ook graag mee: “Kijk als nieuwe zorgaanbieder op welke manieren je je netwerk kunt vergroten. Bel, ga langs en sluit je aan bij samenwerkingsverbanden die er al zijn. Voorkom dat je gaat ronddobberen.”

Vilans is de landelijke kennisorganisatie voor de langdurende zorg. Samen met cliënten, naasten, zorgprofessionals en andere betrokken partijen werken we dagelijks aan het aanbieden van de juiste kennis over langdurende zorg, op de juiste plek, persoonlijk en op maat. Als landelijke kennisorganisatie krijgen wij opdrachten van de overheid. Ook werken wij voor zorgaanbieders, -verzekeraars, gemeenten en andere organisaties. De kennis delen we met iedereen die hier behoefte aan heeft en werkt met mensen met langdurende zorgvragen.

Vilans wil ten slotte, naast praktische informatie op de landkaart, ook nog enkele tips meegeven om goed uit de startblokken te komen. Zo wijst het kenniscentrum op het belang van netwerken en somt het een aantal databases op waar lokale zorgverstrekkers getraceerd kunnen worden. Voor de ondernemers die ondanks een degelijke voorbereiding alsnog dreigen vast te lopen, hebben de cartografen een belangrijke tip: “Laat je niet beknotten door het systeem. Probeer binnen de aangegeven kaders de grenzen op te zoeken om op die manier de zorg te leveren die je wenst te geven.” De landkaart voor nieuw zorgaanbieder kun je online raadplegen voor meer info.


4 TOEKOMST VAN DE ZORG

FOKUS-ONLINE.NL

Corona als katalysator voor digitale zorg Niets staat stil. Alles evolueert. Zo ook ons zorgtraject en de manier waarop we ziektes genezen, behandelen en vooral voorkomen. Twee zaken springen in het oog: big data zullen binnen de zorg een boost krijgen en we gaan meer inzetten op preventie. Waarom een ziekte genezen met dure medicijnen als we die in de toekomst kunnen voorkomen?

H

oe minder mensen ziek worden, hoe minder het kost aan zorg en hoe makkelijker het is om te anticiperen. Preventie is essentieel en daar kan nieuwe technologie een absolute boost aan geven. Carole Absil is actief binnen Agoria Healthcare Traject en weet dat de medische toekomst in handen ligt van vergaande data-analyse en preventie: “Als mensen over innovatie binnen de farmaceutische sector praten, denken ze vaak enkel aan geneesmiddelen, maar het gaat een stuk verder.”

80 procent van de zorguitgaven wordt aan 20 procent van de bevolking toegeschreven. — Carole Absil, Agoria Healthcare Traject

Een intensieve samenwerking tussen de farmaceutische sector, de biotechnologie, de digitale wereld en de industrie heeft veel invloed op ziektepreventie. “80 procent van de zorguitgaven wordt aan 20 procent van de bevolking toegeschreven. Die kosten worden gemaakt tijdens de laatste twaalf maanden van een leven. Dat kost de sociale zekerheid heel wat. Vandaag wordt maar 3 procent van de uitgaven besteed aan het voorkomen van ziekte en aan gezond blijven, daar liggen dus mogelijkheden. Zeker als die vier spelers actief gaan samenwerken. Preventie wordt in de toekomst veel belangrijker dan de genezing of behandeling.” Christine Rompa is woordvoerster bij Zilveren Kruis Nederland en stelt dat zorginnovaties ondersteunen bij een betere gezondheid. “Er bestaan digitale coaches die patiënten ondersteunen om in kleine stapjes te werken aan een gezondere leefstijl. Maar de innovaties die ingezet worden bij mensen die ziek zijn, kunnen ook ingezet worden om zorg te voorkomen. Een goed voorbeeld is HartWacht, een telemonitoringssysteem voor patiënten met

hartfalen. De inzet van deze e-health-tool geeft aantoonbaar effect op de gezondheid: minder ziekenhuisopnamen en polikliniekbezoeken.” Door nauwkeurige en hightech dataanalyse komen patiënten sneller terecht in een preventietraject. Absil: “Door analyse van DNA kunnen we in de toekomst anticiperen vóórdat iemand diabetes krijgt. Ingrijpen dus voor de ziekte zich

ontwikkelt. Chronische aandoeningen worden momenteel vaak te laat opgespoord waardoor veel kwaad geschiedt. Voorkomen is altijd belangrijker dan genezen. Met nieuwe technologieën kunnen we sneller schakelen en patiënten behoeden voor het te laat is.” De behandeling van een patiënt zal ook een andere mindset teweegbrengen: “Momenteel

kijken we naar wat een patiënt nodig heeft en hoe we een ziekte kunnen beheersen. Digitalisering helpt bij de ondersteuning, maar in de toekomst gaan we veel meer naar gestructureerde data-analyse.” Absil is duidelijk over de innovatieve tendensen: “Het digitale perspectief wordt allesomvattend. We zullen letterlijk in de glazen bol kunnen kijken en informatie geven die 100 procent correct is voor het individu. Daaraan kan de perfecte behandeling gekoppeld worden.” Rompa beaamt: “Digitalisering is al jaren niet weg te denken uit het leven van velen. Boodschappen kun je bestellen via een app, bankieren doen we online, foto’s maken we digitaal. Ook de zorg blijft niet achter wat betreft digitalisering, maar veel mogelijkheden blijven nog onbenut. Zelf hebben we de laatste jaren flink geïnvesteerd in het beter benutten van de mogelijkheden van telemonitoring en online contact in de zorg. Het betekent meer eigen regie, flexibiliteit en comfort voor de patiënten. De coronacrisis heeft het gebruik van digitale zorg een boost gegeven. Het is verstandig om ook na deze periode heel goed te kijken naar de positieve én negatieve effecten. Als we dat niet doen, missen we een unieke kans om te leren van de versnelde ervaringen die we hebben opgedaan. Die ervaring is goud waard. Veel patiënten hebben er baat bij en voor veel artsen en verpleegkundigen kan het een ontlasting zijn. Gezien de stijgende vraag naar zorg en het arbeidsmarktprobleem is het nu belangrijk om de goede dingen te behouden.” Door Daan Vanslembrouck


Modernisering van onze gezondheidszorg in stroomversnelling door inzet van technologische innovatie tijdens coronapandemie Voor het corona tijdperk waren sommige zorginstellingen nog aarzelend bij het opstarten van e-health initiatieven. Nu is zorg op afstand niet meer weg te denken uit het Nederlandse zorgsysteem. Medtronic draagt met zijn medische technologieën en diensten graag bij aan deze versnelling. De naam van het bedrijf is bij het grote publiek niet echt bekend, maar Medtronic heeft producten en technologieën voor meer dan zeventig aandoeningen. Van pacemakers tot pijnpompen, insulinepompen, chirurgische robots, ventilatoren en monitoringtoestellen: wie in Nederland gehospitaliseerd wordt, komt zo goed als zeker in aanraking met één of meerdere producten van Medtronic. Het verbeteren van patiëntuitkomsten staat al zeventig jaar centraal in de missie van het bedrijf, en juist door de samenwerking met professionals uit de zorg heeft Medtronic kunnen uitgroeien tot een mondiale speler. Patent op technologie openbaar maken “Al voor de coronacrisis stonden ziekenhuizen en overheden voor enorme uitdagingen”, begint Henk Westendorp, Senior Country Director Medtronic Benelux. “Vooral de vergrijzing, stijgende kosten en het tekort aan zorgpersoneel zetten de zorgsystemen onder immense druk. De COVID-19-crisis zorgde voor een volledige ontwrichting van de ziekenhuisactiviteiten. In eerste instantie was er een acuut tekort aan materiaal, voornamelijk ventilatoren voor de beademing van coronapatiënten. Medtronic heeft toen de productiecapaciteit van ventilatoren vervijfvoudigd. Toen we zagen dat dat niet genoeg was, deden we iets wat ongekend was in onze industrie. We besloten om de productspecificaties en -plannen van onze gepatenteerde draagbare ventilator openbaar beschikbaar te maken. Met succes, want in de eerste week na de publicatie van de plannen waren er al meer dan 90.000 registraties. Kleine en grote spelers sprongen in de bres. Zelfs Tesla heeft met onze plannen ventilatoren gemaakt.” Daar hield het niet op: Medtronic wilde met duurzame oplossingen komen, die ook na de pandemie voor verbetering kunnen zorgen. Zo paste het bedrijf zijn platform voor tele-monitoring aan voor patiënten met chronische aandoeningen, zoals diabetes en hartproblemen, maar ook met COVID-19-symptomen zodat ze op afstand gevolgd kunnen worden en voor een snellere overgang op digitale consultaties.

medtronic.com

Expertise delen met ziekenhuizen

Virtuele ondersteuning bij operaties

“Ziekenhuizen doen er alles aan om tijdens de pandemie de reguliere zorg zo goed mogelijk te blijven verlenen”, gaat Henk Westendorp verder. “Het bestrijden van COVID-19 blijft prioriteit, maar anderzijds willen zorgprofessionals ook zorg kunnen blijven leveren aan andere patiënten, en willen ze optimaal gebruikmaken van schaarse capaciteit. Medtronic wil daarin een partner zijn door ervaringen te delen over onze samenwerking met ziekenhuizen in Europa. Wij hebben hiervoor, al lang voor de coronacrisis trouwens, een speciale afdeling die met ziekenhuizen expertise deelt om patiëntenstromen, planning en processen te verbeteren. Onze Integrated Healthcare SolutionsSM dragen zo bij aan een moderne gezondheidszorg, waarbij we patiënten nog meer op maat kunnen helpen en hen sneller op de been krijgen. Hierdoor creëren we in eerste instantie waarde voor de patiënt, maar ook voor de maatschappij.”

Ook op andere terreinen gaan de ontwikkelingen van zorg op afstand nu snel. Voor de cardiologie-afdeling geldt eenzelfde soort voorbeeld. “Onze technische consultants hartchirurgie kunnen op afstand advies verlenen aan chirurgen. Door de chirurg uit te rusten met een slimme bril kunnen experts van overal ter wereld de operatie volgen en ondersteuning leveren. Door de speciale bril krijgen zij hetzelfde beeld als de arts te zien en zo kunnen zij het nodige advies geven, ten voordele van de patiënt en voor een gunstige afloop van de operatie. Medtronic stelde de bril onlangs ter beschikking aan diverse ziekenhuizen, waardoor ook studenten geneeskunde een operatie kunnen volgen.”

Advies op afstand voor patiënten Innovatieve oplossingen die tijdens de pandemie werden uitgedacht, brengen de modernisering van de gezondheidszorg in een stroomversnelling en zullen de zorg blijvend veranderen. Om te vermijden dat patiënten onnodig lang in het ziekenhuis moeten zijn, komt tele-monitoring en tele-health steeds meer aan bod. Henk Westendorp: “Voor het opstarten en begeleiden van bijvoorbeeld diabetespatiënten met een nieuwe insulinepomp, bieden onze gespecialiseerde diabetesverpleegkundigen 100% advies op afstand. Het is snel en efficiënt. De ziekenhuizen zijn tevreden omdat ze daarmee vermijden dat er onnodig veel mensen in hun gebouw rondlopen. Voor de patiënt is het heel comfortabel. Vanuit de eigen thuisomgeving leert men met de insulinepomp werken. Bij jonge diabetespatiënten is dit een veel betere oplossing, maar ook voor volwassenen zorgt een minder klinische omgeving voor stressreductie en dus een beter resultaat op de lange termijn.”

Kortom, Medtronic kiest resoluut voor de weg vooruit. “Er waren al heel wat ontwikkelingen aan de gang, en door COVID-19 kwam dit in een stroomversnelling”, besluit Henk Westendorp. “Dankzij de sterke samenwerkingscultuur in Nederland gaan ziekenhuizen niet alleen snel vooruit, ze doen dat ook samen met de industrie, de overheid en zorgverzekeraars. Alleen door samen te werken, kunnen we sneller een moderne, waarde-gedreven gezondheidszorg realiseren en patiëntuitkomsten blijven verbeteren.

Henk Westendorp Senior Country Director Medtronic Benelux


6 VALUE-BASED HEALTHCARE

FOKUS-ONLINE.NL

Een doordachte zorgroute, op maat gemaakt Vijftien jaar geleden lanceerden Michael Porter en Elizabeth Olmsted Teisberg het boek Redefining Health Care. Een indirect startschot voor de transitie naar Value-Based Healthcare, kortweg VBHC.

O 9,9 miljoen chronisch zieken 57 procent van de Nederlandse bevolking kampt met één of meerdere chronische aandoeningen. Dat komt neer op 9,9 miljoen mensen, volgens de laatste cijfers (2019) van volksgezondheidenzorg. info. Het grootste deel bevindt zich in de leeftijdscategorie 75 jaar of ouder: daar heeft 95 procent te maken met minstens één chronische aandoening. In de totale bevolking kampen ook meer vrouwen met een chronische aandoening (5,3 miljoen) dan mannen (4,7 miljoen).

ndertussen is Value-Based Healthcare een hot item binnen de zorg, waarbij organisaties worstelen met de vraag hoe ze deze zorg moeten aanpakken en hoe de waarde van het zorgtraject geoptimaliseerd kan worden. Er zijn al tientallen definities neergepend, maar samengevat komt VBHC neer op het maximaliseren van de waarde van zorg voor de patiënt en het reduceren van de zorgkosten. “Bij VBHC vormt een op maat gesneden zorgtraject het uitgangspunt voor de behandeling van een patiënt”, weet Pim Valentijn, adjunct-

Nationaal en internationaal wordt VBHC in de geestelijke gezondheidszorg nog te weinig opgepakt. — Marike Bongers, Volante

Mentaal Gezonde Generatie Slaapproblemen, depressie, paniekaanvallen… Een op zeven Nederlandse jongeren ervaart dergelijke klachten. Om jongeren weerbaarder te maken, de juiste zorg te bieden en stigma’s te doorbreken rond psychische klachten, zijn MIND en de Hersenstichting een alliantie aangegaan om een mentaal gezonde generatie te realiseren. Ze worden hierin bijgestaan door het Trimbosinstituut en UNICEF Nederland. Het doel is tevens om mentale gezondheid hoog op de politieke agenda te zetten.

directeur bij Essenburgh Training & Advies en als onderzoeker verbonden aan de Universiteit van Maastricht. “Het gehele traject met alle betrokken disciplines wordt in kaart gebracht, van preventie tot en met revalidatie en nazorg. Data worden verzameld en geanalyseerd, waarna optimalisatie van het zorgproces plaatsvindt.” Valentijn ziet in VBHC een ideale methode om laagcomplexe zorgprocessen te verbeteren, maar het kan niet op

elk zorgtraject toegepast worden. “Voor complexere vraagstukken is een bredere blik nodig. Denk aan mensen met diabetes, hartfalen of depressies en mentale gezondheidsproblemen. Hier komen verschillende zorg- en hulpverleners aan bod. Dergelijke patiënten hebben geen baat bij ‘ketenzorg’, maar wel bij een onderlinge afstemming van alle zorg die ze ontvangen, zeg maar netwerkzorg. Bij netwerkzorg hebben alle betrokken hulpverleners hun eigen rol en verantwoordelijkheden, maar ze werken gecoördineerd en gestructureerd samen. De verantwoordelijkheid wordt gedeeld.”

Volante. “Hoofdreden is dat er nog te weinig bekend is over VBHC. Wij hebben in eerste instantie goed gekeken naar Santeon, dat met zeven ziekenhuizen aan VBHC werkt, maar er is ook nog veel wat we zelf moeten uitzoeken over geestelijke gezondheidszorg. Hoe meten we bijvoorbeeld of iets waarde toevoegt voor de cliënt? En hoe verhoudt dit zich tot de kwaliteit van zorg? We willen dit graag door klanten en professionals laten ontdekken.”

Valentijn stelt dat het de grootste uitdaging is om de juiste zorg op de juiste plek te krijgen. “Niet het zorgaanbod moet centraal staan, maar de patiënt. Kennisontwikkeling en gebruikmaken van de juiste algoritmes kunnen daarbij zeker helpen.” Hij besluit dat het nuttig is om als organisatie intern met dit model aan de slag te gaan, maar het biedt geen kant-en-klare oplossingen voor grote gezondheidsvraagstukken. “Het enige juiste antwoord op de huidige problemen ligt in samenwerkingen tussen de zorgnetwerken.”

moet centraal staan,

VBHC moet dus doordacht ingezet worden. Niet elke ziekte of aandoening krijgt eenzelfde zorgroute. Neem bijvoorbeeld het mentale welzijn. Om het belang ervan onder de aandacht te brengen werd enkele jaren geleden het platform Volante opgezet door de vier grote Nederlandse aanbieders van geestelijke gezondheidszorg. De doelstelling is om continu te werken aan het toevoegen van waarde aan de zorg en dat tegen zo laag mogelijke kosten. “Nationaal en internationaal wordt VBHC in de geestelijke gezondheidszorg nog te weinig opgepakt”, vertelt Marike Bongers namens

Niet het zorgaanbod maar de patiënt. — Pim Valentijn, Essenburgh Training & Advies

Professionals van de vier organisaties gaan de komende jaren informatie uitwisselen over hoe zij de zorg voor hun cliënten hebben georganiseerd en hoe zij denken waarde toe te voegen. “Daarbij willen de besturen van de organisaties ook ruimte maken voor innovatie”, besluit Bongers. “Dat kan gaan om digitale innovaties die de veiligheid van cliënten en de kwaliteit van leven verbeteren, maar ook om sociale innovaties die de cliënt de regierol geven. In eerste instantie gaat het vooral om tijd en ruimte die onze professionals nodig hebben om kennis te delen en om van elkaar te leren. Naarmate we verder in het proces komen, zijn er ook financiële investeringen nodig.” Door Daan Vanslembrouck


Medilead

Werkgeluk op de werkvloer van de zorg Flemming Vooijs & Bart Duijveman | Managing directors Medilead

Geld maakt niet gelukkig. Het is altijd handig als je er genoeg van hebt, maar het echte geluk maak je zelf. In het leven, in je gezin en ook op je werk. Wie zich gelukkig voelt op de werkplek zet zich beter in en twijfelt ook niet om andere oorden op te zoeken. Het is belangrijk voor organisaties om de vinger aan de pols te houden en een klimaat te creëren waarin je werknemers niet alleen presteren, maar ook gelukkig naar en van het werk komen. “Niet altijd evident”, vertellen Flemming Vooijs en Bart Duijveman, beiden managing director bij MediLead Healthcare en respectievelijk verantwoordelijk voor het luik verpleegkundigen binnen de zorg en voor het luik van de artsen. Verantwoordelijk in die zin dat ze inzetten op het creëren van een goed gevoel en werkvreugde bij hun medewerkers. Vooijs: “Kort samengevat werken wij aan een toekomst waarin de zorgprofessional de gelukkigste professional is. Kijk, wij werken met een psychologisch contract wat eigenlijk in zes dimensies omschrijft waaraan een werkgever moet voldoen om de werknemer gelukkig te houden. Een werknemer die gelukkig is biedt in de zorg ook de beste zorg. Dus dat is ook essentieel voor de patiënt. Daar draait het uiteindelijk om. Het concept van ‘happy nurse’ en ‘happy patient’ willen we vertaald krijgen op de werkvloer.” Bij het traject van de artsen ligt het enigszins anders, maar ook daar blijft geluk op de werkvloer voor MediLead essentieel. Bart Duijveman: “Artsen begeleiden we vooral in hun keuze en ontwikkeling. We bekijken wat het beste bij hen past, in welke omgeving en vooral waarom. Dat doen we door persoonlijk en direct contact, tweemaandelijks onderwijs, loopbaanbegeleiding, intervisie, externe coaching, een individueel ontwikkelingstraject… Als artsen bij ons komen werken, zitten ze in een andere levensfase dan verpleegkundigen. Eens ze klaar zijn met hun studies

Bij ons ontpoppen artsen veel eerder en sneller tot een betere dokter

medilead.nl

Een werknemer die gelukkig is, biedt in de zorg ook de beste zorg willen ze zichzelf eerst ontwikkelen als dokter en mens, daarna volgt er nog een specialisatieopleiding. Daarin schuilt een groot verschil in aanpak. Bij ons ontpoppen artsen zich veel eerder en sneller tot een betere dokter en komen zij erachter wat echt bij hun past.” Flemming: “MediLead kijkt niet naar wat wij leuk vinden. Wat wij doen, is volgens de behoefte van de werknemer. Het grote voordeel is dat je een gemotiveerde medewerker krijgt die wil leren en dat vertalen ze dan op hun beurt aan externe mensen die bij de organisatie komen werken. Dat bevordert de sfeer en de kwaliteit van de zorg gaat omhoog.” MediLead werd twee jaar op rij verkozen tot ‘Beste werknemer in de zorg’. Duijveman: “Het bewijs dat we de boodschap goed vertalen op de werkvloer. Kijk, wij doen niet mee met salariscompetities, maar wij vergoeden volledig conform het CAO. Onze meerwaarde zit in het feit dat we heel erg luisteren naar de behoeftes en daardoor precies de juiste werkplek kunnen creëren. Hierdoor kunnen we snel schakelen. Ze vragen bijvoorbeeld een bepaald leerklimaat waar ze eerst goed omkaderd en begeleid worden en daarna zelfstandig aan de slag kunnen. Omdat ik mijn opdrachtgevers goed ken, weet ik precies waar ik iemand met een bepaalde behoefte het beste kan plaatsen.” “Werkgeluk en ontwikkeling zijn voor ons de twee belangrijkste pijlers”, besluit Flemming. “Wat ontwikkeling betreft, werken we ook met geaccrediteerde (bij)scholingen waarbij mensen kunnen aantonen dat ze een ontwikkeling hebben gevolgd en hun kennis konden uitbreiden. Het draagt bij tot hun verdere ontplooiing als individu en als werknemer, zodat iedereen er de vruchten van kan plukken.”


8 INTERVIEW

FOKUS-ONLINE.NL

Peter Joosten

Revolutionaire innovatie in de zorg en ethiek

Peter Joosten noemt zichzelf biohacker. Voor overheden, ziekenhuizen en andere zorginstellingen houdt hij lezingen over de impact van technologische innovaties op de zorgsector en de ethische implicaties die daarbij komen kijken. Door technologische ontwikkelingen zal de gezondheidszorg er radicaal anders uitzien.

Door Jerom Rozendaal Foto Susan Dullink


#FOKUSHEALTHCARE

E

INTERVIEW 9

en biohacker: wat is dat eigenlijk?

“Biohacker is een verwijzing naar de computerhackers in de jaren zeventig die inbraken in hard- of software, met het doel verbeteringen aan te brengen. Een biohacker breekt in op de menselijke biologie. De impact van technologie op de mens en zijn biologie: dat is mijn vak- en interessegebied. Technologische ontwikkelingen gaan razendsnel en de implicaties voor de gezondheidszorg zijn enorm.” Wat speelt er momenteel in de Nederlandse zorg?

“70 procent van mijn lezingen en seminars houd ik voor overheden en zorginstellingen. Dat komt waarschijnlijk omdat zij allemaal bezig zijn met de toekomst van de zorg, de implicaties van technologische ontwikkelingen, innovaties en de ethische vragen die dit oproept. Want er zijn belangrijke uitdagingen die op ons afkomen. Denk maar aan de sterke vergrijzing van de samenleving. Aan de andere kant zie je dat het steeds moeilijker wordt om zorgpersoneel te vinden. Zorgprofessionals beseffen dat het systeem in de huidige vorm op termijn onhoudbaar is en zoeken daarom naar oplossingen.”

Over vijftig jaar gaan we periodiek naar een kliniek voor een check-up.

Sensoren in huis gaan een steeds belangrijkere rol spelen in de gezondheidszorg.

ziekenhuizen voor me waarbij veel zorg doorgeschoven is naar huisartsenposten. Door technologische ontwikkelingen wordt apparatuur steeds toegankelijker waardoor een patiënt niet langer naar het ziekenhuis hoeft voor controle, maar ook bij de huisarts terechtkan. Een deel van de zorg zal volgens mij ook naar huis verschuiven. Met sensortechniek kun je steeds meer. Zo worden er nu al bepaalde longmetingen thuis uitgevoerd en digitaal naar de specialist doorgestuurd.”

Welke oplossingen zie jij dan bijvoorbeeld voor de toekomst?

En wat zal er met de Nederlandse zorg gebeuren binnen pakweg vijftig jaar?

“Enerzijds kunnen technologische ontwikkelingen soelaas bieden door het zorgaanbod te verbeteren en efficiënter in te richten. Anderzijds kunnen we met preventie veel bereiken. Preventie krijgt steeds meer aandacht van overheden, zorginstellingen en zorgverzekeraars. Honderd euro besteed aan preventie heeft meer impact dan hetzelfde bedrag besteed aan genezing. Technologische ontwikkelingen kunnen overigens ook preventie verbeteren. Neem bijvoorbeeld een activity tracker, oftewel een stappenteller. Die vertelt een mens of hij genoeg heeft gelopen of dat hij voor een betere gezondheid meer beweging nodig heeft.”

“Op de langere termijn gaan wij periodiek naar een kliniek voor een check-up van onze gezondheid. In de voorliggende periode hebben verschillende sensoren in huis al data doorgestuurd naar deze kliniek. Zoals de activity trackers die jouw beweging en slaappatroon meten, of een sensor in het toilet die je gewicht en tevens ontlasting en urine meet en onderzoekt. Al deze gegevens worden door kunstmatige intelligentie geanalyseerd en bewerkt, waarna een robotadvies volgt. Dit advies kun je indien nodig nog met een fysieke arts bespreken. In de kliniek kunnen genetische modificaties doorgevoerd worden waardoor bijvoorbeeld organen herstellen en je als een beter mens naar buiten komt.”

Het aantal technologische trends zal in de gezondheidszorg ongetwijfeld stijgen. Welke volgen er nog, denk je?

“Een belangrijke trend is digitalisering, dat zien we in de gehele maatschappij. Denk bijvoorbeeld aan elektronische patiëntendossiers waarbij steeds makkelijker gegevens opgeslagen en geraadpleegd kunnen worden. Omdat er meer en meer digitale data beschikbaar zijn, kan kunstmatige intelligentie getraind worden. Daardoor kan de computer bijvoorbeeld een tumor in de CT-scan zelf herkennen. Kunstmatige intelligentie maakt automatisering mogelijk. Neem bloedanalyse: deze onderzoeken worden voor een groot gedeelte al door de computer uitgevoerd, er komt geen laborant aan te pas. Ik zie daarnaast in de toekomst ook kleinere

In je boek Supermens kaart je ook de ethische vragen aan die verbonden zijn aan de verzorgingsstaat van de toekomst. Kun je een voorbeeld geven?

“Mijn boek gaat over het potentieel van innovatie en technologie om de mens te verbeteren. Middelen die nu ingezet worden om een mens te genezen, kunnen ook ingezet worden om een mens te verbeteren. Denk bijvoorbeeld aan pillen die je slimmer maken, een ring die je slaap meet, implantaten waarmee je kunt betalen of genetische modificatie waarmee je gespierder wordt. Hier zijn talloze ethische discussies aan verbonden. In hoeverre is het ingrijpen in de natuur ethisch verantwoord? Aan de andere kant komt ook de privacy in het gedrang door technologische innovaties en digitalisering.”

Hoe bedoel je dat?

“Technologiebedrijven als Google of Apple kunnen op termijn mogelijk gezondheidsdiensten aanbieden op basis van sensormetingen van je smartphone of je internetgedrag. Aan de hand van deze gegevens kunnen steeds meer conclusies over je gezondheidstoestand gemaakt worden. Het is vervolgens de vraag wat deze technologiereuzen met je medische gegevens doen. Melden ze het als je risico’s hebt op bepaalde aandoeningen of moet je bij wijze van spreken voor deze service betalen? Het is ook mogelijk dat zorgverzekeraars de hoogte van je zorgpremie koppelen aan bijvoorbeeld de data van je stappenteller. Bij meer beweging liggen de verzekeringskosten lager. In Amerika en zelfs in Nederland worden auto’s vanbinnen uitgerust met een sensor die meet hoe snel je optrekt en afremt. Als je er een agressieve rijstijl op nahoudt, betaal je een hogere verzekeringsbijdrage. Dit zijn voortekenen dat ook de zorgverzekeraars weleens die kant op kunnen gaan. Ook dit is een behoorlijke inbreuk op de privacy. Het is uiteindelijk aan ons als samenleving en aan de politiek om hier een mening over te hebben en regels voor op te stellen.”

Bekende longarts zet in op preventie Longarts Wanda de Kanter, die bekendstaat als een van de felste antitabakslobbyisten van ons land, hangt haar witte jas aan de wilgen. De reden? Met de antitabakslobby denkt de longarts meer te kunnen bereiken in de strijd tegen longkanker. In het NPO Radio 1 Journaal zegt zij ervoor te willen zorgen dat kinderen niet gaan roken en volwassenen stoppen met roken. Door preventie zou 30 procent van alle kankersterfte in Nederland te voorkomen zijn.

Smart Fact. Hoe oud kan de mens in de toekomst worden, volgens jou? ”Mensen gaan steeds ouder worden en gezond ouder worden. In Silicon Valley wordt gezegd dat mensen over twintig jaar twee keer zo oud kunnen worden. Ik heb ooit een gesprek gehad met Aubrey de Grey, een Britse bio-informaticus aan de Universiteit van Cambridge, die stelt dat de eerste mens die duizend jaar wordt al geboren is. Zelf ben ik hier toch wat sceptischer over. Alhoewel we op bepaalde deelgebieden ver zijn, toont corona en de mate waarmee het ons overvalt ook de nietigheid van de wetenschap aan.”

Met nieuwe technologie kunnen blinden weer zien Onderzoekers van het Nederlands Herseninstituut werken aan een digitale oplossing om blindheid te ‘genezen’, door het inbrengen van een hersenimplantaat. Digitale signalen worden met elektroden doorgegeven aan de hersenschors waardoor het oog in feite omzeild wordt. De kunstmatig aangemaakte pixels zijn nog beperkt waardoor vooralsnog alleen contouren waargenomen kunnen worden. De verwachting is dat er in de toekomst veel meer mogelijk wordt.


Gezondheidszorg blijft interessant voor cybercriminelen Gerichte cyberaanvallen komen de laatste jaren steeds vaker voor binnen verschillende bedrijfstakken. De zorgsector is hierop geen uitzondering. Wat zorgt ervoor dat de gezondheidszorg een aantrekkelijk doelwit is voor cybercrimelen?

Data uit uw sector Wat opvalt, is het hoge aantal netwerk- en applicatieanomalieën. De zorgsector heeft hoge aantallen bevestigde incidenten met betrekking tot ongeautoriseerde openbaarmaking van gegevens (scanactiviteiten, mislukte pogingen tot SQL-injectie etc.), verdachte externe verbindingen en indringingspogingen. Status van beveiliging Een ander belangrijk punt dat ervoor zorgt dat de zorgsector een aantrekkelijk doelwit is, is de status van de cybersecurity. Banken hebben veelal door de jaren heen een aantal voorzorgsmaatregelen genomen, waardoor ze sneller reageren bij diefstal. De gezondheidszorg daarentegen zit midden in een digitale transformatie en zal waarschijnlijk meer tijd nodig hebben met het opzetten van detectie- en reactiemogelijkheden.

Datalekken in de zorg Op basis van twee hypotheses hebben wij onderzocht waarom gezondheidsgegevens zo aantrekkelijk zijn voor aanvallers; en wat een aanvaller kan doen met deze gestolen medische gegevens. Hypothese I: Gezondheidsgegevens zijn aantrekkelijker voor een aanvaller, omdat ze meer waarde opleveren vanwege de veelheid aan informatie, bijv. financiële gegevens, PII, medische geschiedenis. Hypothese II: Gestolen gezondheidsgegevens wordt op online marktplaatsen voor een hogere prijs per gegeven verkocht in vergelijking met andere gestolen gegevens, zoals financiële gegevens.

Lees het volledige onderzoek online. Scan de QR code voor het gratis whitepaper.

Informatiebeveiliging op orde door middel van de NEN 7510 Hoe krijgt u de informatiebeveiliging op orde bij een organisatie waar medewerkers minder affiniteit hebben met informatieveiligheid? Tijdens Orange Cyberdefense Live op woensdag 10 maart geven we antwoord op de vraag hoe u NEN 7510 kan gebruiken voor een continue verbetering op het gebied van informatiebeveiliging in de zorg. Onderwerpen die aan bod komen zijn o.a.: ▪ Is NEN7510 wel of niet wettelijk verplicht voor zorginstellingen? ▪ Heeft NEN7510 praktische meerwaarde voor zorgorganisaties? ▪ Waar te beginnen? ▪ Wanneer bent u klaar met NEN7510? ▪ Praktijkervaringen Meldt u aan voor deze en meer interessante cybersecurity sessies via www.orangecyberdefenselive.nl!

Meer lezen? Wilt u meer lezen over de toekomstgerichte security oplossingen bij verschillende zorginstellingen? Kijk dan voor meer relevante publicaties op www.orangecyberdefense.com/nl/


Samenwerking moet tot doorbraak kunstmatige intelligentie leiden Door de vergrijzing van onze samenleving dienen de grenzen van de verzorgingsstaat zich aan. Experts erkennen het potentieel van kunstmatige intelligentie (KI) als onderdeel van de oplossing voor dit probleem. Maar alleen samenwerking tussen alle partijen die betrokken zijn bij de toepassing van KI in de gezondheidszorg, kan dit potentieel ontketenen.

Kunstmatige intelligentie staat voor een grote doorbraak in de medische wereld en kan de kwaliteit van zorgverlening revolutionair verbeteren. Dit is de stellige overtuiging van Menno Kok, directeur bij EIT Health België en Nederland. De slimme rekenmodellen van KI zijn niet alleen in staat diagnoses beter en sneller vast te stellen, ze kunnen ook helpen om ziektes te voorkomen. “Op basis van gegevens over hun levensstijl, erfelijke aanleg en medische historie kun je met KI bijvoorbeeld veel beter voorspellen of iemand met obesitas kans loopt op hart- en vaatziektes”, zegt hij. De voorspellende werking die in dit geval van KI uitgaat, kan mensen stimuleren om hun levensstijl aan te passen. Alhoewel de mogelijkheden voor KI legio zijn, bestaan er ook tal van barrières die het uitrollen ervan in de weg staan. Deze hindernissen waren de belangrijkste onderwerpen waar de EIT Health Think Tank zich recent over boog. Deze denktank bestaat uit een dozijn vooraanstaande experts die uit verschillende zorg-gerelateerde sectoren komen. Een soort van ‘captains of healthcare’ met andere woorden. Vergroten acceptatiegraad Een van de leden van de Think Tank was Peter van Ooijen van het UMCG uit Groningen. Als coördinator van het machine learning lab van het Data Science Center in Health is hij dagelijks bezig met toepassingen van KI. Van Ooijen werkt momenteel aan een onderwijsprogramma waarmee zorgpersoneel zich vertrouwd kan maken met KI. “Hierdoor zal de acceptatiegraad stijgen”, legt hij uit. De conclusies en aanbevelingen van de denktank zijn gepubliceerd op thinktank.eithealth.eu Behalve medische academici waren ook zorgverzekeraars, mensen van zorginstellingen en vertegenwoordigers van patiëntenorganisaties en de industrie vertegenwoordigd in de denktank die zich over KI boog. “Juist door deze gevarieerde samenstelling, waarbij alle partijen die met de gezondheidszorg te maken hebben aan één tafel zitten, kun je dingen bereiken”, vertelt Kok. Hiermee vat hij tevens de filosofie achter EIT Health samen. Doel van de organisatie is het wetenschappelijk, technologisch potentieel vertalen naar praktische toepassingen die de kwaliteit van zorg verbeteren.

eithealth.eu

Europees samenwerkingsverband EIT Health heeft zeven vestigingen in Europa en partnerschappen met 150 partijen, waaronder universiteiten, ziekenhuizen, zorgverzekeraars en bedrijven die medische technologie produceren zoals Philips en Siemens. Samenwerking met de verschillende partijen in de keten kan de uitrol van bepaalde KI bespoedigen. Kok geeft het voorbeeld van financiering van nieuwe behandelingsmethodes. “Er kan dan wel een goede technologie op de markt zijn, als er geen financiering voor vrijkomt, zal het niet geïntroduceerd worden. Het is daarom zaak om zorginstellingen mee te krijgen en duidelijk te maken dat deze nieuwe methodologie kostenpositief of op zijn minst kostenneutraal is.” EIT Health is overtuigd van de enorme potentie van KI in de zorg. “Het is van kapitaal belang dat we in Europa in staat zijn op een goede manier om te gaan met de steeds omvangrijkere databestanden die we gebruiken om KI-oplossingen te bouwen. Daarbij gaat het zowel om het goed structureren van de databestanden als om het beschermen van de belangen van de individuele burger. Een ander probleem is de terughoudendheid van instellingen om patiëntdata te delen. “Ziekenhuizen en andere instellingen geven niet makkelijk data vrij uit angst de controle erover te verliezen”, zegt Pieter Van Gorp, programma manager Health van het AI-instituut EAISI aan de TU Eindhoven. “Maar er zijn nieuwe technieken die het mogelijk maken om ter plaatste KI te ontwikkelen zonder dat data verplaatst wordt.” Ook wordt er gewerkt aan manieren om gevoelige brondata zodanig te transformeren dat heridentificatie van patiënten niet meer mogelijk is, zelfs na combinatie met andere bronnen. Terwijl datadeling binnen Nederland al lastig ligt, is dat in de Europese context nog complexer. Hier ligt een belangrijke taak weggelegd voor EIT Health dat Europese homogeniteit van data en datadeling nastreeft. “Hoe meer Europese data er gebundeld kunnen worden, hoe sneller kunstmatige intelligentie kan uitgroeien tot een krachtig wapen in de gezondheidszorg”, besluit Kok.


12 EXPERTPANEL • ZORGPERSONEEL

FOKUS-ONLINE.NL

Helden van de zorg De pandemie heeft ieders leven op een zekere manier duidelijk geraakt. Niet in het minst bij de zorgverleners. Drie profielen uit verschillende vakgebieden binnen de zorg vertellen over hun ervaringen, hoe corona hun werk heeft veranderd en wat zij verwachten vanuit politieke hoek.

Liesbeth Hoogendijk

Frank Bluiminck

Femke van der Palen

Directeur/Bestuurder MantelzorgNL

Directeur Vereniging Gehandicaptenzorg NL (VGN)

Verpleegster/woordvoerder NU’91 Verpleegkundigen en Verzorgenden NL

Wat is de impact van het coronavirus op jullie sector en organisatie? “De impact van het coronavirus op mantelzorgers en onze organisatie is groot. Vanaf de eerste week steeg het aantal telefoontjes aan de Mantelzorglijn spectaculair. Door het afschalen van de professionele zorg, zoals thuiszorg, kwam veel op de schouders van mantelzorgers terecht. Daarbij ging ook de dagbesteding op slot waardoor bijvoorbeeld dementerende ouderen 24 uur per dag thuis kwamen te zitten. Omdat mantelzorgers hun kwetsbare naaste willen beschermen kwamen ook zij nagenoeg de deur niet meer uit, waardoor er geen moment afleiding of rust mogelijk was. MantelzorgNL heeft in deze tijd alles ingezet om de effecten voor mantelzorgers in beeld te brengen en mee te werken aan het verlichten van de druk.”

“De impact was natuurlijk enorm. In elke fase van de pandemie waren er specifieke tegenslagen. Tijdens de eerste golf kampten de cliënten, hun verwanten en de zorgprofessionals met grote beperkingen in de dagbesteding, het bezoek en met name de beschikbaarheid van persoonlijke beschermingsmiddelen. De gehandicaptenzorg stond bepaald niet vooraan in die tijd en de zichtbaarheid van de sector was ver te zoeken. In de praktijk bleek fysiek contact een specifiek pijnpunt. Tijdens de tweede golf kwam ook de beschikbaarheid van zorgmedewerkers – op wie maandenlang een extra beroep was gedaan – onder grote druk te staan. Dit vergde bijvoorbeeld veel creativiteit in het rond krijgen van roosters.”

“Binnen beide organisaties waar ik werk was de impact groot. Het ging 24/7 over COVID-19 en de gevolgen ervan voor de zorg. Voor NU’91 betekende het dat we voortdurend moesten anticiperen op wat er gebeurde. We maakten ons hard voor de veiligheid van zorgmedewerkers, maar ook voor randzaken om het werk te kunnen doen en vol te houden. Als verpleegkundige heb ik het coronavirus ook van dichtbij meegemaakt. Voor iedereen waren de maatregelen moeilijk te bevatten, laat staan voor ouderen met dementie. Toen we tijdens de eerste golf volledig in beschermende kleding moesten werken, merkte ik hoe dat bij deze doelgroep zorgde voor extra afstand. Je ogen en stem zijn ineens de belangrijkste contactmiddelen.”

Heeft de pandemie het leven van de zorgverleners en hun werk blijvend beïnvloed? “Je zou kunnen zeggen dat we met de komst van corona een kijkje konden nemen in de toekomst. Met de toenemende vergrijzing gaan we een periode tegemoet waarin meer mensen zorg nodig hebben en de tekorten wat financiën en personeel betreft oplopen. Meer zorg zal terechtkomen bij de mantelzorgers. Dat dit niet zonder gevolgen is, zie je terug in onderzoekscijfers waarin mantelzorgers nog steeds aangeven dat de zorgzwaarte is toegenomen. En dat terwijl voor de pandemie al bijna 10 procent aangaf zich overbelast te voelen. Onlangs waarschuwde het Sociaal en Cultureel Planbureau al dat mantelzorgers momenteel op het randje van hun kunnen presteren.”

“Zeker is dat de zorgpraktijk nooit meer zal zijn als voor de uitbraak. De toegenomen werkdruk kwam boven op een al bestaand capaciteitsprobleem. Met dank aan de enorme toewijding en professionaliteit van de zorgmedewerkers en de daadkrachtige reflex van de zorgaanbieders is de kwaliteit van de zorg gedurende de crisis gehandhaafd. We zagen een noodgedwongen versnelling in de toepassing van nieuwe vormen van digitaal contact en dagbesteding. Die ontwikkelingen bleken een aanwinst en zullen blijven bestaan. Het bood en biedt kansen om de kern van onze nieuwe visie te realiseren: een betekenisvol leven voor mensen met een beperking en alle kansen om volledig mee te doen in de maatschappij.”

“Hoewel dit een veerkrachtige sector is, wordt er al maanden ontzettend veel van de zorgverleners gevraagd. Er heerst voortdurend angst om kwetsbare patiënten of naasten te besmetten. Als ik vanuit mezelf als zorgprofessional spreek, zijn er veel momenten die me voor altijd bijblijven. De angst in de ogen van de zieke mensen en het gevoel er als verpleegkundige weinig tegen te kunnen doen. Ik zie mezelf nog zitten op de bedrand naast een bewoner. Ik volledig gekleed in mijn persoonlijk beschermende middelen. Zij huilend van wanhoop en zo ontzettend moe. Uitgeput legde ze haar hoofd op mijn schouder. Een paar dagen later overleed ze. Nog nooit heb ik me zo machteloos gevoeld als in deze periode.”

Wat verwachten jullie van de politiek? “Je bent of wordt mantelzorger of je hebt er straks zelf een nodig. Wij pleiten daarom voor een mantelzorgvriendelijke samenleving waarin je op je werk of school afspraken kunt maken over het combineren van werk met mantelzorgtaken. Een samenleving waarin mantelzorgers als volwaardige partner worden gezien in het totale zorgproces en de ondersteuning van mantelzorgers goed is geregeld vanuit de Wmo. Gemeenten krijgen elk jaar geld om de ondersteuning voor mantelzorgers goed uit te voeren, maar zijn er vrij in om dat uit te geven aan bijvoorbeeld de jeugdwet. En dat zien we in veel gemeenten gebeuren, paradoxaal genoeg in tijden van bezuinigingen. Daarom pleiten wij voor het oormerken van het geld dat van het rijk naar gemeenten gaat.”

“Goede bereikbaarheid, een gewillig oor en aanblijvende belangstelling voor specifieke zaken die in de gehandicaptensector spelen. We maken nog te vaak mee dat ‘Den Haag’ onvoldoende is ingelicht. Het is ook geen eenvoudig plaatje. De zorgaanbieders, de cliënten voor wie zij zich inzetten en de beperkingen lopen erg uiteen. De praktijk is complex. Het vergt dus veel om die complexiteit goed over te brengen. Als de gehandicaptenzorg aan de orde is merken we nog te vaak dat er in politiek Den Haag blinde vlekken bestaan. De VGN zal daarom geen moment onbenut laten om de gehandicaptensector zichtbaar te maken en te houden. Maar daar willen we dus wel een luisterend oor en verdiepende belangstelling voor terug.”

“Hopelijk is de politiek wakker geschud en ziet zij in dat bepaalde zaken in de zorg nu echt structureel anders geregeld moeten worden. Veiligheid mag nooit in het geding raken. Vooral tijdens de eerste golf heeft het gebrek aan beschermende middelen op sommige plekken onnodig voor gevaarlijke situaties gezorgd. Door de pandemie is duidelijk geworden hoe kwetsbaar ons zorgsysteem is en hoe waardevol de zorgprofessionals zijn voor de maatschappij. We hopen dat de politiek de zorgprofessionals nu eindelijk eens de erkenning geeft die zij verdienen. Zorg voor betere arbeidsvoorwaarden, meer zeggenschap en een salaris dat past bij de risico’s en zwaarte van het vak.”

Door Jerom Rozendaal


#FOKUSHEALTHCARE

RIVAS • BRAND REPORT 13

Samenwerken in de zorgketen loont Door de toenemende vergrijzing zal de vraag naar zorg de komende jaren significant stijgen. Overheid en zorginstellingen kijken naar manieren om de zorg efficiënter in te richten.

N

ederland vergrijst in rap tempo en ons zorgstelsel kraakt in zijn voegen. Om dezelfde kwaliteit van zorg te kunnen bieden, zou, volgens het huidige vergrijzingstempo, in 2040 een op de vier Nederlanders werkzaam moeten zijn in de zorg, terwijl nu een op de zeven Nederlanders in de zorg werkt. “Dat is natuurlijk een onbegonnen zaak”, becommentarieert Anja Blonk, directeur van het in Gorinchem gevestigde Beatrixziekenhuis, dat onderdeel is van de zorggroep Rivas.

Een gedeelte van de zorgtaken kunnen worden overgeheveld door specialistische kennis uit het ziekenhuis met andere zorginstellingen te delen. Het ultieme doel is de zorg zo dicht mogelijk bij huis te houden, waarbij iedere specialist zich zo veel mogelijk met zijn eigen specialisme bezighoudt. Zo kunnen bijvoorbeeld wijkverpleegkundigen of het sociaal wijkteam op hun beurt weer taken van de huisarts uit handen nemen.

Blonk pleit voor een herziening van het zorgstelsel, waarbij een radicale mentaliteitswijziging vereist is. “We moeten afstappen van het denken in ziekte. Mensen gaan naar de dokter met klachten en worden als zieken beschouwd, terwijl ze misschien helemaal niet ziek zijn.” Door de klachten beter in beeld te brengen, kunnen patiënten gerichtere zorg krijgen. En een doorverwijzing naar een specialist is volgens haar lang niet altijd nodig. Een informerend telefoontje van de huisarts naar de specialist kan soms ook volstaan om de patiënt verder te helpen. Het Beatrixziekenhuis bracht zes jaar geleden deze nieuwe manier van werken voor het eerst in de praktijk, onder de titel ‘kwaliteit als medicijn’. Onderdeel van het programma is dat specialisten meer tijd krijgen voor een patiënt, zodat een beter beeld van de klachten en problemen gevormd kan worden. “Daardoor neemt de kwaliteit van zorg toe, stijgt de efficiëntie en dalen uiteindelijk de kosten”, stelt Robert Chabot, voorzitter van de medische staf en neuroloog in het Beatrixziekenhuis. Behalve een kwalitatieve zorganalyse is samenwerking met de verschillende zorgverstrekkers in de keten essentieel. Zo staat het Beatrixziekenhuis in nauw contact met zorginstellingen over de beschikbaarheid van eerstelijnsverblijfbedden. “Als een kwetsbare oudere bij onze spoedeisende hulp komt met een zorgprobleem, maar feitelijk niet ziek is en geholpen zou zijn met tijdelijke zorg in een verpleeghuis, dan nemen we contact op met onze partners over de beschikbaarheid van een ELVbed. Een traditionele reflex zou zijn om deze oudere in het ziekenhuis op te nemen”, zegt Chabot.

Sommige mensen hebben moeite met het hectische, moderne leven. Door hen te begeleiden kun je problemen voorkomen. Ook het voorkomen van gezondheidsproblemen moet hoog op de agenda geplaatst worden in het nieuwe denken. Men moet daarbij niet alleen denken aan zaken als gezond eten en bewegen, benadrukt Blonk. “Ook de

mentale toestand van mensen moet aandacht krijgen. Zo hebben sommige mensen moeite met het hectische, moderne leven en lopen zij kans op stressverschijnselen of een burn-out. Door die mensen te begeleiden kun je problemen voorkomen.” In het zorgsysteem van de toekomst moet er mogelijk ook worden afgestapt van het bestaande financieringssysteem. Ziekenhuizen en huisartsen worden vergoed op basis van het aantal patiënten dat zij behandelen. “Hierdoor is er een prikkel om zo veel mogelijk patiënten te ontvangen, maar wordt er ook snel doorverwezen naar een specialist”, aldus Chabot. Het Beatrixziekenhuis is met een zorgverzekeraar een vaste aanneemsom overeengekomen voor vijf jaar. De leiding van het ziekenhuis noemt het een beschikbaarheidsvergoeding. Blonk: “Deze vergoeding geeft ons financiële zekerheid. Hierdoor zijn we in staat om onze specialisten meer ruimte te geven, is er meer tijd voor een patiënt en kan de specialist bijvoorbeeld vaker overleg hebben met een huisarts over de behandeling van een patiënt.” Zes jaar na de start van het programma kan het ziekenhuis tevreden terugkijken. Uit een evaluatie door het Centraal Planbureau, IQ healthcare en de Nederlandse Zorgautoriteit kwam naar voren dat de zorgkwaliteit verbeterd is. En hoewel een causaal verband misschien niet direct bewezen kan worden, liggen de zorgkosten per inwoner in de regio Gorinchem 7 procent lager dan het landelijke gemiddelde. Rivas zet de ingezette koers voort onder de titel ‘Kracht van het Netwerk’ en staat te springen om zijn kennis landelijk te delen. Vanuit de nadruk op samenwerken gaf de zorggroep invulling aan de ‘houtskoolschets acute zorg’ van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Door beter samen te werken ziet Rivas samen met huisartsen en andere zorgverleners kansen om de acute zorg in de regio efficiënter te regelen. Rivas Zorggroep is ervan overtuigd dat het met netwerkzorg de juiste weg naar de toekomst heeft ingeslagen.

Met ketenzorg inspelen op de ontwikkelingen in het zorglandschap is al twee decennia de kracht en unieke kernkwaliteit van Rivas Zorggroep. Dagelijks beweegt de zorggroep zich op de dynamische zorgmarkt met wijkverpleging, ziekenhuiszorg, revalidatiezorg en verpleeghuiszorg. Met duizenden gedreven (zorg)professionals en vrijwilligers creëert Rivas een toegevoegde waarde voor elke bewoner, cliënt en patiënt, door alle zorg goed op elkaar af te stemmen. De zorggroep bundelt daarbij succesvol de krachten met huisartsen, collegazorgaanbieders, gemeenten en zorgverzekeraars. De drijfveer is de zorg persoonlijk, betrokken en dichtbij te verlenen.


14 BRAND REPORT • AAG

FOKUS-ONLINE.NL

Bedrijfsvoering als fundament voor de zorgorganisatie Een goede zorgverlening is essentieel. Gisteren, vandaag en morgen. Als we naar de toekomst kijken, zien we een snel veranderende maatschappij, wat betekent dat ook het essentieel is dat het zorgtraject evolueert. Meebewegen in een aangepast klimaat blijft de boodschap.

Z

org is onmisbaar. Maar: “Om een goede zorg te kunnen bieden en een goede werkgever te zijn, is een optimale samenhang in de bedrijfsvoering van groot belang”, zegt Johan van Houwelingen, Raad van Bestuur AAG. “Patiënt en zorg staan centraal. Medewerkers moeten in alle rust gefocust zijn op hun werk en niet op wat er in een organisatie allemaal komt kijken.” Bedrijfsvoering als fundament voor de zorg, met andere woorden. Van Houwelingen maakt de vergelijking met een gebouw: “Boven de grond ligt de focus op goede zorg, begeleiding en behandeling. Onder de grond zit het fundament, namelijk de bedrijfsvoering. Salarissen, financiën, onderhoud, facilitaire zaken... Zaken die van levensbelang zijn om het gedeelte boven de grond draaiende te houden, maar die niet tot last mogen zijn in het veldwerk.” “Zorg is in beweging”, stelt van Houwelingen verder nog. “En die beweging versnelt. Voor zorgorganisaties is het noodzakelijk om mee te bewegen en gelijktijdig goede zorg te blijven bieden. Een essentiële en ook ingewikkelde opgave. Een optimale en samenhangende bedrijfsvoering zorgt voor continuïteit, eenvoud, betere processen en meer financiële ruimte. Het maakt het ook makkelijker om vooruit te kijken, tijdig bij te sturen en vat te krijgen op veranderingen. Bovendien verlicht het de werkdruk van de zorgmedewerkers. Vandaag, maar vooral ook morgen en overmorgen.” Bedrijfsvoering bepaalt dus voor een stuk een beter zorgtraject. Ieder proces is uniek. De invalshoek van

Wanneer de juiste mensen en techniek aan boord zijn, dan is de weg vrij om te versnellen. deze visie vertaalt zich in het kijken naar een individueel proces en evalueren waar het daadwerkelijk bijdraagt aan de gebruiker. “Concreet kan dit door hr-processen en workflows te optimaliseren of door zorgregistratieve processen te versimpelen of automatiseren. Door processen te verbinden met mensen maken we bedrijfsvoering menselijker.” Van Houwelingen stipt ook de digitalisering aan als motor binnen de bedrijfsvoering in innovatieve zorg: “Het is handig om iedere ochtend in een overzicht te zien hoe de organisatie ervoor staat. AAG Analytics bijvoorbeeld, is een innovatieve business intelligence-oplossing waarmee alle relevante informatie die is opgeslagen in systemen een betekenis krijgt. De combinatie van mens en data vormt de basis voor goed advies en ondersteuning. Door data en techniek te verbinden ontstaan efficiënte en effectieve processen. Dit zorgt voor nieuwe informatie waarbij de techniek kan zorgen voor automatische processen en workflows die het werk van professionals veraangenamen.”

Van Houwelingen concludeert dat een verbeterde bedrijfsvoering een resultaat is van de samenhang van mens en techniek. Als die twee elementen goed staan, is vanuit data en inzicht versnelling mogelijk: “Bedrijfsvoering in de zorg is lang een ondergeschoven kindje geweest. We zien nog regelmatig dat bij de administratie, ICT, vastgoed of facilitair mensen aan het werk zijn die hun job vooral heel leuk vinden, maar niet altijd de inhoudelijke professional zijn of daarvoor zijn opgeleid. Bedrijfsvoering is een vak en dus zijn vaklieden nodig om de bedrijfsvoering goed in te richten en zo te laten renderen. Experts dus, die weten wat ze doen, het goed kunnen uitleggen, maar vooral ook voor groei zorgen.” Wanneer de juiste mensen en techniek aan boord zijn, is de weg vrij om te versnellen. “Wij zien een versnelling langs drie cirkels die onze consultants in hun werk gebruiken om mens en techniek, en data en inzicht te verbinden. Goede data leggen we steeds beter vast, digitaliseren we en automatiseren we in workflows. Dat levert een continue stroom aan informatie op. Informatie die door de juiste mensen wordt vertaald naar inzicht. En met dat inzicht ontstaat de mogelijkheid om de organisatie goed te besturen en om in control te zijn”, sluit Van Houwelingen af.

Johan van Houwelingen Raad van bestuuur AAG

Zorg is onmisbaar voor onze samenleving. Veranderingen in de maatschappij volgen elkaar snel op. Dit heeft gevolgen voor de vraagstukken die zorgorganisaties het hoofd bieden. Hoe kunnen zij meebewegen? AAG gelooft in een goede bedrijfsvoering als stevig fundament voor de zorg en biedt ondersteuning bij het verbeteren van (bedrijfskundige) processen, zodat zorgorganisaties zich kunnen richten op hun belangrijkste taak: zorg dragen voor mensen.


#FOKUSHEALTHCARE

NAWOORD 15

Mariëlle Bartholomeus

Toekomstbestendige zorg, op naar 2030 Wat hebben we geleerd van de vreselijke coronacrisis voor de toekomst van de zorg? 2020 begon zo mooi met de beste wensen, omhelzingen en zoenen op het nieuwe jaar. Tegelijkertijd vochten mensen voor hun leven in Wuhan. Het leek zo ver weg en het was toch maar een vreemd virus…

N

iets bleek minder waar. Na Italië moesten wij er in Nederland ook aan geloven. Velen werden ernstig ziek en velen overleden. Er werd naarstig naar een (ic-)bed gezocht en wat hadden we elkaar hard nodig in de zorg. Niet alleen in het ziekenhuis, maar de zorg in de breedste zin van het woord: van huisartsen, wijkverpleegkundigen en ondersteuners tot ziekenhuizen en verpleeghuizen. Tijdens de crisis zagen we saamhorigheid, flexibiliteit en veerkracht. Mensen keken over de grenzen van hun eigen vakgebied. Besluitvaardigheid en medemenselijkheid waren aan de orde van de dag. Het belang van preventie werd duidelijk. In mijn visie voor de toekomst wil ik al dit moois vasthouden. Ik wil ook over de grenzen van onze eigen instellingen kijken en de gemeenten, GGD’s betrekken. Op die manier kunnen we preventief sturen zonder dat we op een later moment hoeven te genezen. We hebben onze huisartsen (of een zorgplein) waar triage wordt uitgevoerd en waar direct of na digitaal overleg met een specialist tot een advies of behandelplan wordt overgegaan.

De mens met een (tijdelijke) zorgvraag beheert zijn eigen dossier, dat door iedere zorgverlener ingezien en gebruikt kan worden, als daarvoor toestemming is gegeven. Ook afspraken zijn digitaal te maken en in te zien en voor eenieder via spraakherkenning op te vragen of te projecteren op een apparaat of televisiescherm naar keuze.

Eén ding mogen we nooit verliezen: menselijkheid. Zorg is dichtbij en toegankelijk. Bij een acute zorgvraag staan generalisten klaar om te helpen. Daarbij wordt de bekostiging voor acute zorg door middel van beschikbaarheid geregeld, de brandweer wordt immers ook niet per brand betaald.

Ontdek meer op

Fokus-online.nl #fokushealthcare

We zullen werken in regionale netwerken en met elkaar afspreken wat we waar doen met een nieuwe regiobekostiging. Hulpverleners kunnen op meerdere plekken werkzaam zijn. Waar nodig, wordt er vanuit huis gewerkt – ook goed voor het CO2-probleem. We maken gebruik van innovaties en digitalisering maakt zorg op afstand bereikbaar en gewenst. Eén ding mogen we echter nooit verliezen: menselijkheid. Door compassievol met onszelf en elkaar om te gaan, gaan we het bovenstaande zeker mogelijk maken. Dat vraagt om leiders die verbinden. Nu eerst de crisis onder controle krijgen. Met vaccineren is een begin gemaakt. En door een goede samenwerking met de zakelijke, publieke en techsector kan de zorg alleen maar nog beter worden. Door Mariëlle Bartholomeus, neuroloog en Topvrouw van het Jaar 2020, raad van bestuur Rivas Zorggroep Gorinchem


Overal veilig samenwerken In de zorg ben je er altijd voor je cliënt. Onderweg, aan bed, thuis bij de cliënt. Je hebt je eigen werkwijze en verantwoordelijkheden. Dat vraagt om een werkplek die zich aanpast, zoals de zorgwerkplek van kpn Health. Ontdek het op kpn.com/zorgwerkplek