Page 1

magazine voor de perfecte leer-, werk- en leefomgeving

sportdomein zorgdomein wijkdomein

www.marko.nl

Thema: Het nieuwe leren Trends in bouw, inrichting en ICT Vijf dagen debatteren op de NOT Al 220 aanmeldingen voor Scholenbouwprijs 2013!

Een leven lang Marko jaargang 25 april 2013

4

Like de Facebookpagina van Schooldomein


Sportcentrum De Sprong te Middelburg

De stoel die met uw kind mee groeit

1

Hoogte-instelling door middel van Inbus. Altijd de juiste zithoogte voor het kind.

2

Standaard heeft de Sophie een zithoek instelling van - 5º tot + 15º.

3

De in breedte instelbare en gesloten bekkensteun, biedt de romp stabiliteit en stimuleert een actieve zithouding.

Samen met Pellikaan creëert u een perfecte omgeving voor recreëren, werken en leren Ruimtes voor prestaties of ontspanning creëert Pellikaan Bouwbedrijf met unieke ervaring in Design, Build, Finance, Maintain en Operate. Zo realiseerden we in de afgelopen 65 jaar honderden sportaccommodaties, utiliteitsgebouwen en scholen in binnen- en buitenland.

Voor meer inspiratie bezoek www.pellikaan.com of bel ons op 013 465 76 00

4

Elke rug heeft een rug-hoekverstelling. Optimale ondersteuning voor de rug.

Vast onderframe

M

aatwerk is al ruim 30 jaar ontwikkelaar, innovator en marktleider op het gebied van speciaal meubilair voor schoolgaande kinderen met een lichamelijke beperking. De producten van Maatwerk zijn in de loop van die jaren gegroeid vanuit de toegepaste techniek en de opgedane kennis. Elk kind is uniek. Maatwerk is precisie. Kinderen groeien en onze meubels groeien met uw kind mee. Maatwerk

Achterwielgeremd onderframe

is op het lijf van uw kind geschreven en ondersteunt uw kind in het zitten tijdens de gehele basisschoolperiode. Uw kind is onze zorg. Maatwerk past zich aan uw kind aan. Uw kind heeft gedurende de gehele schoolperiode slechts 1 passende stoel nodig: Sophie. Sophie wordt op maat geleverd. De optionele accessoires en modules maken vele toepassingen mogelijk. Sophie staat gelijk aan actief zitten op maat en is in vele opzichten uniek.

5

Door middel van een inbus kan de rug in de juiste hoogte worden ingesteld.

Hoe goed heeft u het beheer en onderhoud van uw gebouwen geregeld? Loopt u tegen duurzaamheid vraagstukken aan? Heeft u ooit gedacht aan ondersteuning door experts om zodoende kwaliteit te waarborgen en kosten te besparen? Raderadvies B.V. kan u wellicht ondersteuning bieden! Raderadvies B.V. is een onafhankelijk adviesbureau, gespecialiseerd in onderhoud en beheer van gebouwen. Onze diensten: • meerjaren onderhoudsbegrotingen (MJOB) • conditiemetingen NEN 2767 en Rgd BOEI • duurzaamheid, energie en binnenmilieu advies • online gebouwbeheer • oppervlaktemetingen NEN 2580 • ondersteuning technisch beheer

6

Inbussleutel voor instellingen wordt standaard meegeleverd.

• begeleiding renovatie- en onderhoudsactiviteiten

Raderadvies B.V. werkt door heel het land voor schoolbesturen, gemeenten, corporaties en overheid. Onze medewerkers zijn NVDO, RgdBOEI of COMOG gecertificeerd. Bent u benieuwd wat Raderadvies B.V. voor u kan betekenen? Neem dan geheel vrijblijvend contact op, of bekijk onze website: www.raderadvies.nl

Raderadvies B.V. Stationsstraat 28 5261 VB Vught 073 - 544 2000 info@raderadvies.nl www.raderadvies.nl


No limits

Vloeren voor het onderwijs Door onze vrije manier van denken zijn wij freerunners in hart en nieren; als het nuttig of nodig is, kijken wij over de grenzen van ons vakgebied heen. Want uiteindelijk telt alleen het resultaat: Bolidt vloeren voor scholen. Ze voldoen aan de hoogste eisen op het gebied van functionaliteit en duurzaamheid. Om over de vrolijke designmogelijkheden nog maar te zwijgen. Bolidt, no limits. http://og.bolidt.nl


VAN DE REDACTIE

Het Nieuwe Leren Het thema van dit nummer is Het nieuwe leren en dan gekoppeld aan nieuwe innovatieve leeromgevingen. En daar hoort ICT ook bij. Maurice de Hond was heel uitgesproken tijdens de debatten op de NOT in januari: elke school die nu is ontworpen, is per definitie al verouderd. Omdat het concept van denken nog steeds uitgaat van een centrale organisatie van ruimten en kennisoverdracht en het idee nog steeds is dat docenten leerlingen moeten leren wat ze moeten leren. Leren is een proces dat per definitie tijd- en ruimte-onafhankelijk plaatsvindt en dat betekent dat een schoolgebouw een verouderd concept is. Natuurlijk, ontmoeten en samenwerken zijn belangrijke waarden in het leerproces, maar dat kan in elke ruimte. Als je al een school zou moeten ontwerpen, dan moet dat een grote, niet al te gedetailleerde ruimte zijn, waarin leerlingen kunnen samenwerken en elkaar coachen. Docenten zijn in het leerproces eigenlijk niet meer nodig, tenzij een leerling een specifieke vraag heeft. De huidige generatie kinderen is al zo sterk opgegroeid met social media, notebooks en iPads, dat informatieverstrekking en kennisoverdracht in ieder geval al achterhaalde begrippen zijn. En toen reageerde een studente uit het publiek, die aangaf de rol van de docent zeer te waarderen en er niet aan te moeten denken dat jonge kinderen de hele dag met social media en hun iPads bezig zijn. Wat voor burgers worden dat dan? In het Digitaal Innovatielab reageren deskundigen op de rol die ICT in het onderwijs speelt. In deze Schooldomein een terugblik op vijf dagen debatteren op de NOT, waarbij een keur aan deskundigen

langstrok, waaronder de Minister Jet Bussemaker en de staatssecretaris Sander Dekker. De laatste nam het eerste exemplaar van 25 jaar Schooldomein in ontvangst en dat was het startschot van een terugblik op 25 jaar Scholenbouw en een mooi feest daarna. Schooldomein is ook nauw betrokken bij de tiende Scholenbouwprijs, die als thema Onderwijskwaliteit en Verbindingen mee heeft gekregen. In dit nummer een verdere uitdieping van het thema, gekoppeld aan de nieuwe jury. Voorzitter is Gerdi Verbeet. Verder bestaat de jury uit presentatrice, zangeres en jurylid van The Voice Kids Angela Groothuizen, architect Marlies Rohmer, André Mol namens de Rijksbouwmeester, hoogleraar Marinka Kuijpers en de vorige prijswinnaars Sjef Drummen van Niekée en Kees Bakker van de Matrix. Tot nog toe hebben zich ruim 220 scholen aangemeld voor de Scholenbouwprijs 2013 en dat is een absoluut record. Wanneer de jury de genomineerde projecten in september dit jaar bezoekt, moeten die scholen een jaar in gebruik zijn, mede op advies van de vorige rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol. En daarnaast in deze Schooldomein een keur aan boeiende artikelen. Over nieuwe, bestaande en gerenoveerde panden. Over innovaties en slimme toepassingen. Omdat Schooldomein ook in deze jaren het blad is dat goede kwaliteit aan de inbreng van vele marktpartners koppelt. Laten we samen de schouders eronder zetten! Sibo Arbeek Hoofdredacteur

Onze visie

Het netwerk

Uw mening

Schooldomein is een verrassend magazine voor managers en beleidsmakers die relevante beleidsinformatie, praktijkvoorbeelden en productinformatie vertalen in een optimale leer-, werk- en leefomgeving. Schooldomein biedt informatie rond de infrastructuur, organisatie en huisvesting van instellingen. Schooldomein is bedoeld voor iedereen die op het niveau van overheid, instellingen, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties betrokken is bij het vinden van oplossingen voor samenhangende vraagstukken in de non profit en profit sector.

Schooldomein wordt zes keer per jaar en in een oplage van 17.000 exemplaren gratis verstrekt aan alle onderwijsinstellingen en gemeenten in Nederland en een groot aantal onderwijsinstellingen in Vlaanderen. Het blad wordt gefinancierd uit de exploitatie van advertenties, advertorials, artikelen en de bijdragen van partners. Schooldomein fungeert als een netwerk, waarbij partijen een meerwaarde genereren door een samenhangend product te bieden. Schooldomein fungeert als een platform voor alle partijen die een bijdrage willen leveren aan de kwaliteit van de onderwijsinfrastructuur.

Wij stellen uw mening zeer op prijs. Voor reacties kunt u mailen naar info@schooldomein.nl. U kunt ook reageren via de site www.schooldomein.nl. Praktische informatie vindt u in het colofon.

Internet Voor meer informatie over School­domein en dit nummer kunt u kijken op www.schooldomein.nl. Via deze site kunt u onder meer alle artikelen van de afgelopen jaargangen opvragen, winkelen in onze rubrieken en relevante marktinformatie zoeken.

schooldomein

april 2013

5


inhoud

BESTUUR EN BELEID

08 Passie voor onderwijs

Marloes de Vries werkt op het Da Vinci College aan een sterke onderwijsorganisatie.

2013: Onderwijs14 Scholenbouwprijs kwaliteit en Verbindingen Nieuwe Scholenbouwprijs scoort met 220 aanmeldingen een record!

ONTWERP EN INRICHTING

wonen, samen werken, 16 Samen samen bouwen Floriante in Den Bosch: inspirerende nieuwbouw in recordtijd.

van activiteiten, 20 Verbinden organisaties en geld Schooldomein viert 25-jarig jubileum op de NOT met een week vol debatten.

26 Technasiumtour een succes!

Een dag lang inspiratie opdoen voor het ontwerp van een ideale werkplaats.

28 Alles gaat om het leren

Rector Alle van Steenis over de nieuwbouw van ‘zijn’ Kaj Munk College.

voor AKA: transparante 30 School geborgenheid De metamorfose van een verouderd jaren 60-pand tot een bijzondere leeromgeving.

48

THEMA

Het nieuwe leren ICT manipuleert de ontwikkeling van de mens. ICT is aardige aanvulling maar de rol van de docent neemt daardoor toe. ICT maakt gebouwen overbodig. Het nadeel van een digitale leeromgeving is dat leerlingen elkaar niet meer ontmoeten. De toename van ICT heeft geen directe invloed op het ontwerpen van een schoolgebouw. Eens of oneens? Vier deskundigen laten hun licht erover schijnen in Schooldomeins Innovatielab. 6

schooldomein

april 2013

32 Focus op beroepsonderwijs

Praktijkschool Focus en Huygenscollege werken samen in duurzaam gebouw.

34 Let’s Learn in de Bieb

Leerplein vol digitale snufjes voor het basisonderwijs.

RSG Simon Vestdijk 36 Technasium haalt de praktijk in de school Inspirerende leeromgeving stimuleert out of the box-denken.

BOUW EN ORGANISATIE

nieuwe sportaccommodatie 38 Een in Middelburg De Sprong: een sprong voorwaarts voor de binnensport.


symbiose van 40 Natuurlijke oud en nieuw CSG Liudger: een nieuwe tweeling in Drachten.

42

Renovatie loont Hogelant laat zien dat renovatie tot verbluffende resultaten kan leiden.

44 Kindcentrum Oda in Maastricht

Scholenbouwatlas toont leerzame voorbeelden van slimme verbouwprojecten.

STEDENBOUW EN ARCHITECTUUR

leeromgeving voor 46 Digitale Franse school Den Haag

‘Lycee van Gogh’ biedt stimulerende studieomgeving.

FINANCIERING EN EXPLOITATIE

frisse scholen geven 54 Duurzame, goede voorbeeld

Platform Binnenmilieu Scholen reikt prijzen uit voor de drie meest Frisse Scholen.

56 Toekomst van het schoolgebouw

ICT laat de wereld van de school er straks heel anders uitzien.

Rubrieken 11 53 58 60 61 62

Reacties uit ‘t veld Kort nieuws De etalage Het atelier: Reeshof College Column: Jeanne Dekkers Vooruitblik naar Schooldomein 4

11 17 44 47 49


Passie voor onderwijs Marloes de Vries en Peter Vrancken

8

schooldomein

april 2013


BESTUUR EN BELEID

Marloes de Vries is nog niet zo lang geleden begonnen als lid van het College van Bestuur van het Da Vinci College in Dordrecht. Samen met voorzitter Peter Vrancken werkt ze aan een sterke onderwijsorganisatie, waarin kwaliteit en betrokkenheid voorop staan. Waar stuurt ze vooral op? Schooldomein vroeg het haar en Peter schoof in de loop van het gesprek aan. Tekst Sibo Arbeek Foto’s Kees Rutten

Hoe ben je bij het Da Vinci terecht gekomen? “Peter Vrancken zocht als voorzitter van het College van Bestuur een maatje om samen het gezicht van het ROC Da Vinci College te vormen. En ik was toe aan een nieuwe uitdaging. Dat kwam dus goed uit, want ik ben een teamspeler en wil graag met anderen iets tot stand brengen. Ik mocht mezelf op de jaaropening, waar de vorige voorzitter Max Hoefeijzers afscheid nam, gelijk voorstellen. Ik heb Engels en geschiedenis gestudeerd en daarna verandermanagement. Ooit begonnen in Rotterdam Zuid op een handelsschool, kwam ik vervolgens bij het Albeda College als divisiedirecteur economie terecht. Daarna ben ik met een duidelijke opdracht naar Zadkine en het voortgezet onderwijs gegaan. En nu dan het Da Vinci. Ik heb het hier erg naar mijn zin.” Waar ligt je passie? “Bij het onderwijs. Ik wil graag iets overbrengen en daarvoor heb je een goede band met leerlingen en collega’s nodig. Als vijftienjarige werkte ik bij C&A en kreeg ik de mogelijkheid om binnen die organisatie door te groeien. Ik voelde hoe betrokken de medewerkers bij de organisatie waren. Ik ging van de paktafel naar klantenservice. Daar leer je welke smoezen mensen verzinnen om toch hun gelijk te krijgen. Uiteindelijk mocht ik als parttimer de directie assisteren. Het leren leidinggeven had mijn interesse gewekt. Toen ik twintig was en inmiddels als docent in het onderwijs werkte, vroeg ik de directeur van de opleiding of ik een managementopleiding mocht volgen. Het antwoord was nee en dat was het beste antwoord dat hij kon geven. Ik ben zelf een opleiding gaan volgen en van lieverlee kwam ik toch wel in leidinggevende rollen terecht.” “Ik vind het leuk om te zien hoe mensen zich kunnen ontwikkelen. Door leiding te geven aan medewer-

“Continu werken aan de verhoging van onze kwaliteit is dus een speerpunt.” kers help ik ze te groeien. Ik wil altijd graag weten wie de talenten zijn en hoe je ze op kunt sporen. Die zoektocht naar talent boeit me mateloos. Daarom wil ik ook veel dichter betrokken zijn bij het spel tussen docenten en leidinggevenden. In ieder geval twee keer per jaar zitten we als CvB bij een teamvergadering. Gewoon om te luisteren en vragen te beantwoorden en de sfeer te proeven. Daarmee probeer je de cultuur te begrijpen en te zien waar kansen tot verbeteren liggen. Continu werken aan de verhoging van onze kwaliteit is dus een speerpunt. Da Vinci is van oudsher sterk in de onderwijsvisie en de manier waarop we de visie naar de praktijk in het onderwijs vertalen. En dan specifiek het beroepsonderwijs, waar een goede interactie met (leer)bedrijven van belang is. We zetten sterk in op het concept van hybride leren, waar bedrijven zich op het Leerpark vestigen en op innovatie inzetten. Het onderwijs wordt steeds meer vraaggestuurd door het bedrijfsleven bepaald. Onze leerlingen voeren in opdracht van de bedrijven klussen uit en die moeten weer passen binnen ons curriculum zodat ze bijdragen aan het leerproces. Ons credo is dat je leert op het moment dat je ergens aan werkt.” Ligt je focus intern of extern? “Je moet intern zaken op orde hebben om buiten ook beter te presteren en daarvoor is continu aandacht nodig. Dordrecht maakt deel uit van de Drechtsteden en dat is van oudsher een econo-

schooldomein

april 2013

9


“Het concept is zo boeiend dat er veel partijen uit binnen- en buitenland komen kijken.”

misch sterke regio met veel maakindustrie. En we zitten vlak bij Rotterdam, waar ook een grote markt ligt. Dit zijn kansen voor onze leerlingen als toekomstig werknemers. Daarom is de samenwerking met het bedrijfsleven voor ons als ROC enorm belangrijk. De driehoek overheid, bedrijfsleven en onderwijs is onze levensader. In ons strategisch beleid geven we aan dat onze focus op twee sectoren ligt; de zorgsector, die een groot deel van onze afzetmarkt bepaalt. We investeren fors in onze relatie met bijvoorbeeld het Albert Schweitzer ziekenhuis en de zorginstellingen in de regio. Daarnaast investeren we in de technieksector, waar een hele grote afzetmarkt ligt.” Onze Duurzaamheidfabriek is het voorbeeld van onze beoogde werkwijze met het bedrijfsleven, technische innovaties en het onderwijsleerproces gaan samen op. Veel ROC’s hebben te groot gebouwd en hebben een overschot aan m². Hoe zit dat op het Leerpark? Peter Vrancken is aangeschoven: “Het Da Vinci College telt met ons HBO-aanbod erbij ongeveer 12.000 studenten, die voornamelijk uit onze regio komen. En we hebben geen m² teveel. De bezettingsgraad in de reguliere uren van 8 tot 6 uur ligt op ongeveer 75% tot 80%. En daar hebben we hard op gestuurd. Zo hebben we de aanwezigheidsregistratie gekoppeld aan roosters, want alleen roosters zeggen niets over de bezetting van de ruimten. Dat is een groeipad dat je loopt. Je moet planmatig met elkaar aan een goede bezetting werken. Het gebouw wordt ook ’s avonds steeds meer gebruikt en dat gebeurt alleen wanneer mensen er activiteiten in organiseren. En daar heb je de passie van iedereen voor nodig.” Heeft een ROC over tien jaar nog wel bestaansrecht? “Dat is koffiedik kijken. Moet je eens kijken welke bewegingen de markt nu maakt. Er zullen nieuwe vragen komen en de interactie tussen werk en

10

schooldomein

april 2013

opleiding wordt steeds belangrijker. Je ziet dat met de contractactiviteiten en onze leerwerkbedrijven het onderscheid tussen het bedrijfsleven en ROC’s steeds meer gaat vervagen. Dat zie je ook bij docenten; een hoogleraar die parttime in het bedrijfsleven zit en parttime bij ons werkt. Werk en activiteiten voor verschillende organisaties op verschillende momenten gaan ook steeds meer in elkaar overlopen. En er komen steeds meer alternerende perioden tussen werken en leren, waarbij opleiden en werken helemaal gaan vervloeien. Dat betekent dat je als organisatie toch een heldere structuur wil bieden, omdat onze studenten die hard nodig hebben en aan de andere kant een organisatie wil worden die vooral uit flexibele netwerken bestaat. Een mooi voorbeeld is onze samenwerking met het ziekenhuis; we hebben een groep gevormd met docenten die even geen zin meer hebben in doceren en weer de zorg in willen gaan. En andersom zien we zorgverleners die hun didactische kwaliteiten willen ontwikkelen. Zo kijk je in elkaars keuken en bepaal je samen het aanbod en de organisatie van onderwijs- en werkprocessen.” Het Leerpark had voordat het gerealiseerd werd niet altijd een positieve pers. Hoe is de stand van zaken nu? “Je moet het ook zien als een onderdeel van een stadswijk, waarin jongeren in aanraking komen met een beroep. Het is primair een stedenbouwkundige visie geweest, waarin leren, werken, recreatie en sport hand in hand moeten gaan. Op de lange termijn zal de behoefte aan het traditionele schoolgebouw verminderen, maar de gebouwen zijn zo ontworpen dat er ook andere functies aan toegekend kunnen worden. En er zal altijd behoefte zijn aan plekken om samen te komen, te netwerken of cursussen te volgen. Bedenk ook dat het Leerpark nog niet af is. Het is begonnen met leren en werken bij elkaar te brengen en vervolgens is de woonfunctie uitgebreid. Nu gaan we de culturele en recreatieve functie toevoegen, zodat het Leisure aspect gaat toenemen, waardoor de traffic in de avonduren zal toenemen. En het concept is zo boeiend dat er veel partijen uit binnen- en buitenland komen kijken. Een belangrijke succesfactor zijn goede en stabiele relaties: wij werken nog steeds nauw samen met de corporatie en gemeenten. Het boeiende van het Leerpark is dat we blijven door ontwikkelen. En de passie voor onderwijs is onze belangrijkste drijfveer.“ Kijk voor meer informatie over het Da Vinci College op www.davinci.nl.


reacties uit ‘t veld In de rubriek ‘Reacties uit ’t veld’ luchten lezers hun hart. In dit nummer de casus van de Hogeschool van Amsterdam die een verlaten kantoorpand betrok. In de volgende Schooldomein reageert een deskundige op de inhoud van deze casus.

Reactie op case uit de vorige Schooldomein: Evangelische basisschool De Rots in Ede De situatie van Evangelische basisschool De Rots is helaas niet uniek in Nederland. Vanuit het oogpunt van de gemeente valt het te begrijpen dat zij geen forse investeringen wil doen in een school die zijn bestaansrecht nog moet bewijzen. Hier tegenover staat natuurlijk wel dat een gemeente moet voorzien in adequate huisvesting. In de praktijk wordt adequaat voornamelijk, conform de huisvestingsverordening, vertaald in de technische staat en capaciteit van een schoolgebouw. Helaas is het resultaat dat nieuw gestichte scholen vaak in verouderde of tijdelijke schoollocaties gehuisvest worden. De kwaliteit van het schoolgebouw is echter een belangrijk motief voor ouders bij hun schoolkeuze. De vraag is of deze keuze niet negatief wordt beïnvloed door matige huisvesting en de nieuwe school hierdoor zelfs moeilijker aan de stichtingsnorm kan voldoen. Dit zijn echter lastige discussies, waarbij het genoemde argument moeilijk objectief te staven valt. Met de genoemde onderhoudsachterstanden van De Rots lijkt het schoolbestuur in ieder geval een goed argument te hebben om de discussie over

adequate huisvesting (en de verantwoordelijkheid van de gemeente) aan te gaan. Aanbevolen wordt om door middel van een onafhankelijke technische en functionele schouw de slechte staat van onderhoud aan te tonen in combinatie met het argument dat de kwaliteit van het onderwijs in het geding is. Verder lijkt het ons dat een gemeenteraad gevoelig moet zijn voor de genoemde argumenten, zeker als De Rots tevens een duidelijke visie op onderwijs en de huisvesting ervan presenteert, in combinatie met een groeiverwachting. Advies Schooldomein expertteam: • Gemeente staat formeel in haar recht. • Stel functionele en technische schouw op. • Visiedocument en groeiprognose tijdens commissie- of raads­ vergadering presenteren. Maarten Groenen & Dennis Coenraad: info@schooldomein.nl.

Nieuwe case: Hoe tevreden zijn de gebruikers?

Van functie-transformatie naar constante-transformatie In 1970 betrok de Rijkspostspaarbank het speciaal voor haar gebouwde gloednieuwe complex “De Leeuwenburg” pal naast het intercity en metro station Amstel in Amsterdam. Het 14 bouw­ lagen, inclusief kelder en parkeergarage, en 64.000 m2 bvo tel­ lende gebouw werd de werkomgeving voor 1.904 medewerkers. We spreken van een tailor made kantoor dat echter werd verlaten en in 1990 na een grondige verbouwing nieuwe bewoners kreeg. De Hogeschool van Amsterdam (HvA) betrok het pand. Tekst: Joyce Lauret, Derryl Carbin, Germaine Zielstra en Ruud van Wezel Foto’s: W4Y Architecten

Tegenwoordig zou men spreken van een transformatie van de functie: Kantoor wordt – in dit geval – Hogeschool. Wij gaan in deze bijdrage in op de consequenties van die transformatie: zijn en blijven de eindgebruikers, de studenten en de medewerkers tevreden met het nieuwe huis? Aan de verbouwing van een

kantoor naar een Hogeschoolfunctie zitten kwantitatieve en kwalitatieve aspecten. Voor wat de eerste betreft kun je aan de bezettingen benuttinggraad van de vierkante meters denken. Wat betekent het dat een gebouw ‘belast’ wordt met een veelvoud van bewoners van 1.500 naar 6.000?

Verbouwing 2012-2013: hoe het studie-landschap is veranderd

schooldomein

april 2013

11


De Ron de Groot Groep is al jaren gespecialiseerd in de inrichting van theater gerelateerde ruimtes. We hebben inmiddels ook vele scholen ingericht. Specifieke theater scholen, maar ook reguliere scholen hebben we mogen voorzien van ons uitgebreide assortiment. Ook zo’n mooi toneel voor uw school? Bel ons!

• Toneelgordijnen • Grid en Rails • Verduisteringsgordijnen (SCHOOL)TONEELINRICHTING

• Balletvloeren • Podium-elementen • Hoogwerkers

Voor ons assortiment en meer informatie kunt u kijken op:

www.theatertextiel.com Voor een vrijblijvende afspraak kunt u ons bellen op:

0182-61 63 10

• Horizondoeken • Filmschermen • Vlamvrij preparaat • En nog veel meer!


reacties uit ‘t veld In de rubriek ‘Reacties uit ’t veld’ luchten lezers hun hart. In dit nummer de casus van Hielke Doetjes, directeur van Ebs De Rots in Ede. In de volgende Schooldomein reageert een deskundige op de inhoud van deze casus.

eerste resultaten van pilots met het gereedschap beloven een vruchtbare bijdrage aan de reeks van tools die er al zijn. Als men de waarde van een pand wil weten gebruikt men een taxatie methode (het Red Book van RICS bijvoorbeeld), voor een uitgebreide scan met betrekking tot duurzaamheid ligt de Breeam methode voor de hand en/of een EPN. Voor de technische prestatie van een object gebruikt met de NEN 2767, enzovoort. De 8021 levert argumenten om een pand te verlaten, een pand te zoeken of een pand te verbouwen.

Collegezaal 2011: de orginele kantoorsituatie van de Leeuwenburg

Kan de luchtbehandeling dat wel aan, om maar iets te noemen. Hoe zit het met de logistieke (on)mogelijkheden van bijvoorbeeld de liften? Bij de kwalitatieve aspekten zijn de uitstraling, de representativiteit van het gebouw, en de locatie belangrijke aandachtspunten. In het geval van De Leeuwenburg is ook de afweging of het imago van de HvA matcht met de stenen en de infra een punt geworden. Maar uiteraard wordt er een uitgebreide business case van gemaakt om wel of niet te verhuizen naar het nog te verbouwen kantoor te verantwoorden. En soms is dat te laat. NEN 8021 Er is een tool in ontwikkeling die een scan maakt van tal van (kritische) prestatieindicatoren (KPI’s) van een gebouw: De NEN 8021, Waardering van Gebruiksprestatie van Utiliteitsgebouwen. Op de Provada in 2013 wordt deze tool aangeboden aan de markt. Met behulp van acht KPI’s met subsequente PI’s wordt het mogelijk een match te maken tussen wat een gebruiker vraagt en belangrijk vindt en wat een gebouw kan presteren. De

De verbouw van de Leeuwenburg Zelfs in de wetenschap dat de HvA uit het pand bij het Amstelstation op niet al te lange termijn zal vertrekken heeft men besloten het interieur op de schop te nemen. Waarom eigenlijk? Uit de jaarlijks terugkerende studentenenquetes blijkt de onderwijsomgeving steeds belangrijker voor de mate waarin studenten kiezen voor hun opleiding. Ook uit een recent studententevredenheidsonderzoek van twee deeltijdstudenten van de opleiding Bouwtechnische Bedrijfskunde, die gehuisvest is in de Leeuwenburg, blijkt het volgende: Uitstraling gebouw Het gebouw wordt niet als uitnodigend ervaren, waarbij de entreezone waar rokers zich verzamelen vaak genoemd wordt als één van de oorzaken. Uit de enquete blijkt ook dat men functionaliteit (nog) belangrijker vindt dan uitstraling. Bovenaan de wensenlijstjes van de studenten staan goede studentenwerkplekken, gevolgd door functionaliteit en luchtkwaliteit. Wat heel sterk uit de enquête naar voren kwam is de behoefte aan werkplekken met goede laptop en multimediavoorzieningen. Dat betekent dus een goed en draadloos bereik van telefoon, Ipad, laptop en goede stroomvoorziening. Juist die combinatie is belangrijk: dat werkplekken aansluiten op de behoefte van de moderne student, die gebruik maakt van moderne multimedia. De aanleiding voor de interne transformatie is duidelijk ook weer op te delen in kwantitatieve en kwalitatieve incentives. Het willen voldoen aan de eisen van de tijd en dwingt or-

“Zijn en blijven de eindgebruikers, de studenten en de medewerkers tevreden met het nieuwe huis?” ganisaties zoals de Hogeschool van Amsterdam constant de uitstraling, inrichting en uitrusting van het gebouw te actualiseren. Staf en studenten verwachten dat ook van de werkgever en de opleiding in een concurrerende markt als het hogeronderwijs. Deze bijdrage is geschreven door Joyce Lauret, en Derryl Carbin, studenten BTB, Ir. Germaine Zielstra Hogeschoolkerndocent Bouwtechnische Bedrijfskunde HvA en Dr. Ruud van Wezel Hogeschoolhoofddocent Facility Management De Haagse Hogeschool.

Mediatheek 2011: een beeld van de aangepaste leeromgeving

schooldomein

april 2013

13


Thema Scholenbouwprijs: Onderwijskwaliteit

220 aanmeldingen: Het ministerie van OCW organiseert dit jaar opnieuw de prestigieuze Scholenbouwprijs. Tussen 1992 en 2008 is de Scholenbouwprijs negen keer uitgereikt. Dit jaar is het tijd voor de tiende editie met als thema: Onderwijskwaliteit en Verbindingen. Hiermee geeft het ministerie aan dat scholen een vitaal onderdeel van de samenleving zijn. Tekst Janet van Oort

De Scholenbouwprijs is een opdrachtgeverprijs. Dat betekent dat de jury beoordeelt hoe de opdrachtgever op een professionele en betrokken wijze het hele proces naar het nieuwe of vernieuwde schoolgebouw heeft ingericht en gemanaged. In aanmerking komen alle schoolgebouwen in het primair en voortgezet onderwijs die voor minimaal 500.000 euro (exclusief btw) zijn gebouwd, vernieuwd of gerenoveerd en tussen 1 september 2008 en 1 september 2012 zijn opgeleverd. Eind dit jaar reikt staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Sander Dekker de Scholenbouwprijs uit in drie categorieën: • Scholenbouwprijs Primair Onderwijs • Scholenbouwprijs Voortgezet Onderwijs • Scholenbouw Innovatieprijs.

Deskundige jury De projecten worden beoordeeld door een deskundige jury onder leiding van voormalig Tweede Kamervoorzitter Gerdi Verbeet. De jury bestaat verder uit Kees Bakker (directeur De MarsWeijde in brede school De Matrix, winnaar primair onderwijs 2008), Sjef Drummen (adjunct-directeur Niekée, winnaar

Gerdi Verbeet (voorzitter)

Marlies Rohmer (foto: Barbra Verbij)

voortgezet onderwijs 2008), Marinka Kuipers (lector ‘Pedagogiek van de Beroepsvorming’ Haagse Hogeschool en bijzonder hoogleraar ‘Leeromgeving en loopbanen in het VMBO en MBO’ Open Universiteit), Marlies Rohmer, architect scholenbouwprijswinnaars primair onderwijs De Vijver in Den Haag (2002) en brede school De Matrix in Hardenberg (2008), André Mol (Atelier Rijksbouwmeester) en Angela Groothuizen (presentatrice, zangeres, jurylid The Voice Kids).

Aanmeldingen Ruim 220 scholen hebben zich aangemeld voor deelname aan de Scholenbouwprijs 2013! Zij leveren voor 1 april de benodigde gegevens aan waarna de jury aan de slag kan. Meer dan 50% van de projecten komt uit de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland en NoordBrabant waarbij de laatste koploper is met bijna 50 projecten. Het aantal aanmeldingen uit de provincies Limburg, Zeeland, Flevoland, Drenthe en Friesland is met 20% beperkt. Ongeveer 10% van de projecten komt uit de vier grote steden waarbij Amsterdam koploper is met 10 projecten, daarna volgen Rotterdam (8), Den Haag (6) en Utrecht (5). Circa 60% van de projecten betreft scholen voor primair onderwijs voor een belangrijk deel gehuisvest in brede scholen of multifunctionele accommodaties. Bijna 70% van de projecten die zich hebben aangemeld voor de Scholenbouwprijs 2013 is in 2011 en 2012 in gebruik genomen. In meerderheid gaat het om nieuwbouwprojecten.

Opdrachtgeverschap De jury beoordeelt alle projecten en beoordeelt de

14

schooldomein

april 2013


BESTUUR EN BELEID

en Verbindingen

een record! Marika Kuijpers (foto Kees Rutten)

AndrĂŠ Mol

Kees Bakker

Angela Groothuizen (foto: Nick Ormondt) Sjef Drummen

wijze waarop de visie op onderwijs is vertaald in het gebouw. In de beoordeling speelt ook de mate waarin het gebouw toekomstbestendig is een rol. Kan het gebouw flexibel inspelen op maatschappelijke veranderingen? De stedenbouwkundige en architectonische kwaliteit worden meegewogen. Daarnaast worden de projecten beoordeeld op de mate waarin vanuit de school fysieke of maatschappelijke verbindingen worden gelegd met de samenleving. Ook de prestaties op het gebied van duurzame kwaliteit en binnenklimaat en natuurlijk de ervaringen van de gebruikers zijn van belang voor het uiteindelijke juryoordeel. De jury selecteert die projecten waaruit inspirerend en gedreven opdrachtgeverschap blijkt en die een voorbeeld vormen voor nieuwe opdrachtgevers in de scholenbouw.

Selectieprocedure In mei selecteert de jury 20 tot 30 projecten. In verband met het grote aantal aanmeldingen wordt ze daarbij ondersteund door een onafhankelijke adviesgroep. Deze kanshebbers worden uitgenodigd om aanvullende beeldende informatie aan te leveren voor de tweede juryronde in juni. Op basis hiervan kiest de jury een aantal projecten uit die ze in september gaat bezoeken. Op maandag 25 november 2013 wordt tijdens een feestelijke bijeenkomst de Scholenbouwprijs 2013 uitgereikt door staatsecretaris Sander Dekker. Alle informatie over De Scholenbouwprijs 2013 is te vinden op

met Janet van Oort van ICSadviseurs, telefoon 06-12875631,

www.scholenbouwprijs.nl. Hier kunt u zich ook aanmelden voor

e-mail janet.van.oort@icsadviseurs.nl. ICSadviseurs organiseert

de nieuwsbrief. Voor meer informatie kunt u contact opnemen

de Scholenbouwprijs in opdracht van het ministerie van OCW.

schooldomein

april 2013

15


Inspirerende nieuwbouw in recordtijd

Samen wonen, samen werken, samen bouwen Veel aannemers, adviseurs en architecten slaan zich graag op de borst wanneer een bouwproject binnen de planning wordt gerealiseerd of, beter nog, voor de geplande datum al wordt opgeleverd. Bij Sprankel, speciaal basisonderwijs en SWV Passage in Den Bosch zijn ze aanzienlijk bescheidener. Afgelopen jaar is daar in recordtijd een fantastisch nieuw gebouw én intensieve samenwerking tussen de twee bewoners tot stand gebracht. “Is dat snel dan, binnen een jaar?” Ja, dat is het. Bijzonder snel! Tekst Paul Voogsgerd Foto’s Communicabel

A

an tafel zitten José Dankers, Marion Verhagen, Gerdine van Wilgenburg en Leon Hanssen. José is directeur van Passage en Marion werkt daar als neuropsycholoog en als contactpersoon voor een van de wijken. Gerdine is intern begeleider bij Sprankel en Leon werkt als hoofd Facilitaire Zaken voor schoolbestuur Signum. In het samenwerkingsverband Passage werken alle schoolbesturen van

16

schooldomein

april 2013

het Primair Onderwijs in ’s‑Hertogenbosch samen. Signum is één van die besturen en Sprankel, speciaal basisonderwijs is een onderwijscentrum voor kinderen dat werkt onder de vleugels van Signum. Alle drie de partijen waren intensief betrokken bij de ontwikkeling van het nieuwe gebouw, dat de naam Floriant heeft gekregen. Passage en Sprankel als bewoners en Signum als opdrachtgever en bouwheer. “Een


ONTWERP EN INRICHTING

redelijk fanatieke bouwheer”, zegt Leon. “We hebben een uitgesproken visie op scholenbouw en met onze ervaring zijn we vaak in staat binnen het budget méér voor elkaar te krijgen dan begroot.” Het nieuwe gebouw is een mooi voorbeeld daarvan.

Samenwerking en synergie “Met de wijk waar de oude locatie van Sprankel stond - de school heette op die locatie nog SBO Het Overpad - had de gemeente al lange tijd andere plannen”, vertelt Leon. “Het is een wijk in verval die nieuwe impulsen nodig heeft om leegloop tegen te gaan. We wisten dus dat Sprankel op den duur zou moeten verhuizen maar daar kwam steeds weer iets tussen. En toen was er ineens de nieuwe locatie waar gebouwd kon gaan worden, maar dan moesten we snel beslissen, en direct aan de slag. In oktober 2011 ging de eerste schop de grond in. De bedoeling was al na de zomervakantie over te gaan maar in de winter kwam de bouw een tijd stil te liggen waardoor dat niet haalbaar bleek. Uiteindelijk hebben we het nieuwe gebouw in de herfstvakantie vorig jaar in gebruik genomen.” En dat is snel, absoluut. Wat het echter extra bijzonder maakt zijn de ambities die Passage en Sprankel zich voorafgaand aan hun avontuur hadden gesteld. “We zijn twee organisaties met verschillende kerntaken”, legt José uit. “En die organisaties wilden we niet zomaar onder één dak brengen maar vooral ook kijken naar waar we samenwerking en synergie konden vinden. Bovendien wilde Sprankel gaan werken met een nieuw onderwijsconcept én wilden we flexwerken en activiteit gerelateerd werken introduceren.”

Goed en gefundeerd beginnen De lat lag hoog, zoveel is duidelijk. En daarom besloten de betrokken partijen externe deskundigheid in te schakelen. Adviesbureau Nul25 werd gevraagd het Programma van Eisen voor de nieuwbouw te schrijven. “Zij zijn met steeds andere clubjes aan de slag gegaan om helder te krijgen hoe het gebouw eruit moest gaan zien”, vertelt Marion. “Wat is onze visie op onderwijs? Hoe kijken we naar kinderen? Dat soort vragen moesten we met z’n allen beantwoorden. Alle geledingen waren daarbij betrokken: medewerkers van de beide organisaties, bestuurders, de ouderraad, noem maar op. In verschillende sessies hebben we onder andere moodboards gemaakt om samen een goed beeld te kunnen vormen van wat we precies verwachtten van de nieuwbouw.” Om van het flex- en activiteit gerelateerd werken een succes te maken, werden niemand minder dan de grondleggers van Het Nieuwe Werken, Veldhoen + Company, ingeschakeld. “Zij zijn echt autoriteiten op dit gebied”, vertelt José. “Die deskundigheid haalde de stress eraf en gaf je de ruimte om je echt over te geven. Ze hebben ons helemaal leeg getrokken en

hebben op basis van al die informatie prachtige plannen ontwikkeld.” Het kostenaspect van die ingehuurde deskundigheid leidde nog wel tot enige discussie. “Maar”, stelt José, “we besloten goed en gefundeerd te

schooldomein

april 2013

17


hulp van de gemeente en verschillende buren, snel een mouw aan gepast. Gerdine: “De gemeente zorgde voor een brug over het water zodat het gebouw van twee kanten bereikbaar was en we makkelijk gebruik konden maken van de achter gelegen sportvelden. Daarnaast mochten we gebruik maken van het Cruyff Court van onze buren. Parkeren blijft nog wel lastig, vooral ook omdat veel van onze leerlingen gebruik maken van het busvervoer. Aan het begin en het eind van de schooldag zijn er eigenlijk meer busjes dan goed en veilig zou zijn.” Maar over het grote geheel beschouwd, is wat er is misgegaan niet meer dan klein bier. “Ik denk wel eens: ‘We mogen niet mopperen’”, zegt José. “We hebben zó’n mooi gebouw met zulke geweldige faciliteiten! We mogen echt trots zijn op wat we met z’n allen in zo’n korte tijd tot stand hebben gebracht.”

projectinformatie Project Nieuwbouw SWV Passage en SBO Sprankel, ‘s Hertogenbosch

Opdrachtgever Signum, Rosmalen

Adviseurs

beginnen om niet achteraf te moeten vaststellen dat we een valse start hadden gemaakt. Toen de plannen van Veldhoen klaar waren zijn we gezamenlijk op zoek gegaan naar één partner die ons kon helpen om het gebouw als een geheel in te richten, een partner die zowel voor Sprankel als voor Passage de gehele inrichting kon verzorgen. Na een selectieprocedure, in razend tempo, kozen we unaniem voor Ahrend Inrichten. Ahrend begreep exact wat we bedoelden en wat er nodig was om deze veranderingen door te voeren en tot een succes te maken. Ahrend heeft ons geholpen om de concepten van Veldhoen te vertalen naar een totale inrichtingsoplossing. Het uiteindelijke resultaat, met prachtig op elkaar afgestemd meubilair, creatieve doordachten muurafwerking en natuurlijk het verlichtingsadvies mag er zijn.”

Nul25, Utrecht Veldhoen + Company, Waalre

Geweldige faciliteiten

Architect

Maar was het dan werkelijk louter rozengeur en maneschijn in Den Bosch? Natuurlijk niet. Waar gehakt wordt, vallen spaanders. De tijd voor het ontwikkelen van een nieuw onderwijsconcept was te kort voor Sprankel om volledig voorbereid in het nieuwe gebouw van start te gaan. José: “Als Sprankel iets meer tijd had gehad, dan had Veldhoen ook bij de inrichting van het onderwijsdeel betrokken kunnen worden. Dan was het geheel nog meer een eenheid geweest.” En Gerdine herinnert zich de start na de herfstvakantie. “Het buitenterrein was nog niet klaar, er was veel te weinig parkeergelegenheid en het gebouw was maar aan een kant bereikbaar vanwege een brede sloot aan de achterkant. Dat gaf nogal wat logistieke problemen en de kinderen konden niet buitenspelen.” Maar ook daar werd, mede dankzij

AREC - Robben Architecten BNA, Goirle/Tilburg

Inrichting Ahrend inrichten bv, Amsterdam

Aannemer Bouwbedrijf Timmers, Rosmalen

Bouwsysteem CD20 Bouwsystemen, Arnhem

Akoestiek Adviesbureau Peutz, Mook

BVO 3.200 m²

Ingebruikname Oktober 2012

18

schooldomein

april 2013

Ontmoeting stimuleren De rondleiding die Leon na afloop van het gesprek geeft, onderstreept dat nog eens. We zien een licht en transparant gebouw met een heldere structuur en een vriendelijke uitstraling. Ahrend heeft hier goed op in gespeeld en het versterkt door het juiste meubilair. “Hoezeer we van te voren ook hebben nagedacht over de invulling, in het onderwijs verandert er voortdurend van alles”, stelt Leon. “Het gebouw is daarom volkomen flexibel van opzet. Behalve de vaste kolom met onder andere de sanitaire voorzieningen zijn bijna alle ruimten vrij indeelbaar.” Op de tweede etage zien we tot onze grote verrassing ineens een prachtige grote gymzaal. “Een bijzondere constructie”, vertelt Leon, “anders had het hier niet gekund natuurlijk. We hebben ons laten adviseren door de akoestiekspecialisten van Peutz. Het is een soort doos geworden die tussen rubberen blokken in het gebouw hangt.” We lopen langs lichte lokalen, kleurrijke open werkeilanden voor leerlingen, (stilte-)werkplekken voor de medewerkers en ook een prachtig werk café. Dit is het uiteindelijke resultaat van de plannen van Ahrend Inrichten, die ons hebben geadviseerd over kleuren en materiaal. “De medewerkers van Passage en Sprankel maken samen gebruik van dezelfde ruimten”, ligt Leon toe. “We hebben op iedere etage ook centrale koffiecorners en facilityplekken met onder meer kopieerfaciliteiten. Daarmee stimuleer je de ontmoeting in het gebouw nadrukkelijk.” Het is een unieke prestatie die Signum, Sprankel en Passage hebben geleverd met de ontwikkeling in recordtijd van hun fraaie gebouw Floriant. De komende maanden wordt duidelijk hoe de jury van de Scholenbouwprijs die prestatie gaat beoordelen.


Ahrend. Humanising_Spaces

_AHREND ONDERWIJSMEUBILAIR TIJDLOOS, VEILIG EN INSPIREREND Het onderwijs verandert voortdurend. Van de klassikale opstellingen van vroeger naar teamwork, loungen en ruimte voor informatieen communicatietechnologie. Deze permanente veranderingen vragen om flexibel inrichten. Door de jaren heen heeft Ahrend vele honderden onderwijsinstellingen geadviseerd bij het realiseren van inspirerende werk- en leeromgevingen.

www.ahrend.com

Met de introductie van nieuwe meubellijnen en het vernieuwen en uitbreiden van het bestaande assortiment, helpt Ahrend scholen hun interieur vorm te geven en hun organisatiedoelstellingen te verwezenlijken. Dat leidt tot veilige en inspirerende leeromgevingen waar leerlingen en docenten graag werken en elkaar ontmoeten. Kijk voor meer informatie op www.ahrend.nl/onderwijs


Rode draad debatten 25 jaar Schooldomein:

Verbinden van activiteiten, organisaties en geld 20

schooldomein

april 2013


ONTWERP EN INRICHTING

Schooldomein vierde haar 25-jarig jubileum met een debattenreeks op de NOT van 22 tot en met 26 januari. Op het ‘Bouwen aan de Toekomst’podium gingen deskundigen met elkaar en het publiek in debat over actuele ontwikkelingen in de onderwijshuisvesting onder leiding van Sibo Arbeek, hoofdredacteur Schooldomein en Edward van der Zwaag, debater namens de redactieadviesraad Schooldomein. Tekst Janet van Oort Foto’s Kees Rutten en Janet van Oort

Ontwerpoplossing voor frisse scholen Het binnenklimaat in scholen is een hot item. Micha de Haas van Abbink De Haas Architectures presenteert de resultaten van BNA-onderzoek. Hij stelt dat een vertaling van het oude concept van de Openluchtschool naar de moderne scholenbouw kan zorgen voor gezondere leerlingen en beter onderwijs. Vooral het realiseren van klimaatzones die aansluiten bij activiteitenzones spreekt Yvette Vervoort van het Landelijk Steunpunt Brede Scholen erg aan: “juist in brede scholen vinden verschillende soorten activiteiten plaats. Leerlingen bewegen veel door het gebouw en van binnen naar buiten. Dat vraagt om lokale regelbaarheid van het klimaat”. Dick de Groot van de Purmerendse Scholengroep refereert aan zijn onderwijservaringen in Zambia waar kinderen onder een grote baobab-boom les krijgen. Les in de open lucht kan in Nederland ook nu onderwijs dankzij digitale mogelijkheden steeds minder plaats- en tijdgebonden is. “Het ziet er aantrekkelijk uit maar je moet wel vraagtekens zetten bij de frisheid van de Nederlandse buitenlucht.” Marloes de Vries, college van bestuur Da Vinci College: “het Leerpark Dordrecht heeft problemen met het binnenklimaat in de onderwijsgebouwen. Wij zoeken naar concrete oplossingen voor verbetering van de luchtkwaliteit”. Wik Jansen van CBE is benieuwd of het openen van gevels en het aanpassen van de interne zonering betaalbaar

is in bestaande bouw. Uiteindelijk is de openluchtschool ook vooral een manier van denken en doen. Zet ramen open, ga naar buiten en doe af en toe wat warms aan!

Bestaat de duurzame school nog? Jan Willem van Kasteel van ICSadviseurs opent het debat over de Duurzame School stevig: “de architect heeft de rol van integrale ontwerper op het gebied van duurzaamheid verloren aan de bouwfysicus en de installatieadviseur.” “Onzin”, stelt Erik van Wel van BRTA architecten, “de rol van de architect is wel veranderd. Hij is onderdeel van een integraal proces, waarin duurzaamheid een van de opgaven is. De architect is weer l’uomo universale, net als vroeger.” Goed bouwprojectmanagement, samenwerking en slim financieren. Dat zijn de gereedschappen die overheden in moeten zetten om ervoor te zorgen dat ze in 2018 energieneutraal kunnen bouwen. “De praktijk bewijst dat het kan”, zegt Irma Thijssen van Agentschap NL. “Voorbeeldprojecten laten zien dat bij nieuwbouw, maar ook bij renovatie of bestaande bouw een frisse school prima kan worden gerealiseerd: technisch en financieel!” Ronald Schilt, Merosch stelt dat uitkomsten uit onderzoek naar de kwaliteit van nieuwbouwscholen blijkt dat scholen qua ambities op het gebied van energie en binnenmilieukwaliteit, aanzienlijk hoger scoren dan wat op basis van het bouwbesluit

schooldomein

april 2013

21


wordt geëist. Diana Seijs van Ahrend voegt toe dat we niet moeten vergeten dat inrichting en interieur een belangrijke rol spelen bij het creëren van een gezonde leeromgeving. “En een duurzame school heeft niet alleen een duurzaam gebouw maar zeker ook een duurzame organisatie!”, brengt Hetty van de Pennen van Draaijer en Partners in. Peter Loggere van Arcadis stelt dat door de bouwcultuur in Nederland veel duurzame oplossingen in het bouwproces verloren gaan door ongewenste wijzigingen van de aannemer(s). “Duurzaamheid is een containerbegrip geworden”, stelt Thomas Bögl van LIAG. “Als we een inhoudelijk relevante discussie willen voeren in het belang van het onderwijs moeten we het begrip duurzaamheid vervangen door gezondheid.”

Succesvolle leeromgeving is óók virtueel Maurice de Hond deed namens ‘Onderwijs voor een Nieuwe Tijd’ (O4NT) de aftrap in het debat rond de inrichting en uitstraling van een succesvolle leerom-

geving. De Hond betoogt: “de start van de Steve Jobs scholen is noodzakelijk omdat kinderen op bestaande scholen niet worden opgeleid voor de toekomst waarin de virtuele belevingswereld een belangrijke rol speelt.” Erik Schotte van LIAG onderkent dat de rol van de virtuele wereld in het onderwijs groot is en groeit. “Maar de fysieke school blijft heel belangrijk als plek voor ontmoeten, reflectie en coaching.” De uitdaging is wel om scholen te ontwerpen die flexibel zijn, heringedeeld en aangepast kunnen worden en mee kunnen bewegen met het onderwijs. Johan van Helden van Eromes waarschuwt: “flexibiliteit is geen vrijbrief voor een ontwerp zonder eigen identiteit of karakter”. “De inrichting van een gebouw is een essentiële factor als het gaat om het creëren van een succesvolle leeromgeving”, aldus Guus Klamerek van akoestisch adviesbureau Ecophon. Merel de Boer van ICSadviseurs geeft aan dat het creativiteit van adviseurs en architecten vraagt om voor voortdurend veranderende onderwijsactiviteiten een stimulerende, functionele en aantrekkelijke leeromgeving te ontwikkelen en ontwerpen. Dat kan niet zonder de gebruikers. Dorte Kristensen van Atelier PRO: “zij inspireren: hun visie en ambities bepalen de keuzes in het ontwerp van een succesvolle leeromgeving. Gaby Prechtl van Kunst & Bedrijf en Lisa van Noorden kunstenares Concept en Ontwerp benadrukken het belang van een kwalitatief goede inrichting. Lisa: “een mooie leeromgeving die veel lijkt op de echte wereld lokt positief gedrag uit.” Een Pabo studente zet stevig in met haar reactie op het debat: “een basisschoolleerling die continu op een iPad bezig is in een steeds veranderende omgeving is het tegendeel van een succesvol beeld. Een leerling heeft structuur, rust, herkenbaarheid en veel menselijk contact nodig om zich goed te kunnen ontwikkelen.” Het vinden van de juiste balans is de kunst en iedereen volgt met interesse de voorlopers die mede door de virtuele component in het onderwijs een nieuw beeld van een succesvolle leeromgeving laten zien.

Hergebruik goed alternatief nieuwbouw Hergebruik en renovatie van bestaande panden is momenteel een zichtbare trend. Nieuw is niet uit maar renovatie is wel in. Veelal zijn er economische motieven maar de aanleiding kan ook een mooi of goed beschikbaar pand zijn. In dat verband pleit Frido van Nieuwamerongen van Arconiko Architecten voor de derde weg tussen doelmatig onderhouden en volledige nieuwbouw. Cruciaal bij inzet van bestaande panden voor onderwijs is de locatie. ”Bij sloop van vrijvallende locaties moet ook gedacht worden aan ‘strategische sloop’”, betoogt Chris de Jonge van JHK Architecten. “Zo geef je ruimte terug aan de wijk.” Bij hergebruik is het van groot belang dat een pand goed wordt onderzocht, aldus Jan Remijnse van ICSadviseurs. “Technisch dient het pand aanpasbaar te zijn aan het onderwijsconcept, denk aan de constructie, verdiepingshoogte, isolatiewaarde, gevelopbouw

22

schooldomein

april 2013


ONTWERP EN INRICHTING

et cetera. Toegewerkt moet worden naar een flexibel pand waarin een veranderend programma gehuisvest moet kunnen worden.” Jeanne Dekkers vult aan: “scholenbouw moet niet geprogrammeerd worden op de huidige visie. We moeten bouwen voor de toekomst van de school of het nu gaat om nieuwbouw, verbouw of hergebruik”. Alexander Zeillemaker van Arcadis onderschrijft dit en pleit voor een integrale analyse van de bouwopgave van locatie, omgeving én gebouw. Ruud van Wezel, Haagse Hogeschool: “op dit moment is de NEN 8021 in ontwikkeling. Dit is een nieuwe norm die gebruiksprestaties in beeld brengt waardoor goed inzichtelijk kan worden gemaakt of hergebruik van een pand een goede keuze is.” Samen met Atelier Rijksbouwmeester en Ruimte OK werkt Dolf Broekhuizen aan een andere tool, de Scholenbouwatlas. De publicatie geeft inzicht in typerende praktijkvoorbeelden van gerealiseerde renovatieprojecten en biedt tips en adviezen voor nieuwe projecten. “We moeten met elkaar zuiniger zijn op onze bestaande gebouwenvoorraad. Een goed ontwerp voor hergebruik heeft niet alleen een financieel doel, maar zeker ook een maatschappelijk doel”, aldus Alex Letteboer van Atelier PRO. Iedereen onderschrijft dat het bij hergebruik van panden van groot belang is dat de gebruikers vanaf het begin van het ontwikkelproces betrokken worden bij de ontwikkeling. Zorg ervoor dat ze trots zijn op het pand en ervoor zorgen als voor hun eigen huis!

Coöperatie opdrachtgever en markt voorwaarde innovatieve aanbesteding “Als je de juiste partij wilt selecteren, besteedt dan aan op basis van een vaste prijs en beoordeel uit-

“Voorbeeldprojecten laten zien dat bij nieuwbouw, maar ook bij renovatie of bestaande bouw een frisse school prima kan worden gerealiseerd: technisch en financieel!” sluitend op kwaliteit”, bepleit Ernstjan Cornelis van Atelier PRO. De aanbieder van de laagste prijs levert zelden de beste kwaliteit. Tom Haagmans van Vaessen roept opdrachtgevers op om visie en lef te tonen, hun vraag te stellen en de markt de ruimte te bieden en uit te dagen tot creativiteit om hier invulling aan te geven. “Uiteindelijk is de verbouw of nieuwbouw van onderwijshuisvesting een coöperatie tussen bouwen en onderwijs en is goed contact met de klant een voorwaarde voor passende huisvesting”, aldus Alfred Bakker van ICSadviseurs. Erick Wuestman van Vaxa pleit voor aanbesteden volgens de circulaire economie: denk vanuit het gebruik van materialen en niet vanuit eigenaarschap. Maak in de aanbesteding afspraken over gebruikstermijnen en hergebruik van (bouw)materiaal en benut de mogelijkheden van huur en leaseconstructies. “De organisatie en financiering van scholenbouw moet eerst ingrijpend worden gewijzigd”, aldus Frits Verhees van Heijmans. “De nadruk ligt nu teveel op geld en niet op lange termijnkwaliteit.” Michiel Otto van Arcadis onderschrijft dit en benadrukt dat het succes van een geïntegreerde contractvorm staat of valt met het

schooldomein

april 2013

23


“Een mooie leeromgeving die veel lijkt op de echte wereld lokt positief gedrag uit.”

24

schooldomein

vermogen van de opdrachtgever te denken in prestaties en outputspecificaties. Als opdrachtgever moet je durven je ‘win’ op de lange termijn te behalen. Michiel Wijnen van Zenzo Maatschappelijk Vastgoed: “nu worden innovatieve aanbestedingsvormen nog te vaak op een traditionele wijze toegepast, waarmee de toegevoegde waarde niet tot haar recht komt.”

Financiering en exploitatie in één hand brengen “De overheveling van buitenonderhoud in het primair onderwijs is een goede ontwikkeling. Volledige doordecentralisatie moet echter het perspectief zijn”, aldus Toine Janssen van Stichting Conexus. De huidige systeemscheiding leidt tot onduidelijkheid en discussies tussen gemeenten en schoolbesturen terwijl zij hetzelfde doel nastreven: goede huisvesting voor onderwijs. “Door de verantwoordelijkheid bij het schoolbestuur te leggen wordt ondernemerschap gestimuleerd. Het is van belang dat er voldoende kennis is bij schoolbesturen om deze verantwoordelijkheid te dragen”, aldus Wim Lengkeek van de PO-raad. Deze doordecentralisatie zal leiden tot een nieuwe tombola rond geldstromen binnen de besturenorganisatie. Martijn Ahlers van ICSadviseurs: “de voordelen wegen op tegen de nadelen. Scholen financieren goedkoper dan gemeenten. Laat ze het dan ook doen.” Gertjan Kleinpaste van Andere Blik benadrukt dat het slim organiseren van het onderwijsproces en multifunctioneel ruimtegebruik in het onderwijs onderbenut blijft. “Intensiever ruimtegebruik biedt kansen voor kostenbesparingen. Binnen het beschikbare budget is dus geld te verdienen voor schoolbesturen. De uitdaging is om kansen te creëren binnen bestaande gebouwen.” Hester Wessels van SP Architecten onderschrijft dit. “Veel mogelijkheden voor multifunctioneel ruimtegebruik die ontwerptechnisch heel goed mogelijk zijn, blijven nog onbenut omdat partijen elkaar niet vinden.” Harry Vedder betoogt: “een totale integrale visie op de ruimtebehoefte van maatschappelijke functies moet de basis zijn. En vervolgens moet er in de uitvraag aandacht worden besteed aan

april 2013

betaalbare, tijdelijke en flexibele vormen van onderwijshuisvesting. Zo bundel je middelen, belangen en doelen en handel je vanuit best practices.”

Multifunctionaliteit voor een continu leerproces “We moeten vastberaden de onzekerheid omhelzen”, aldus Sjef Drummen van Niekée, “want hoe de school van de toekomst eruit ziet weten we niet.” Wat we wel weten is dat we in inhoud, organisatie, huisvesting van onderwijs aan moeten sluiten bij de belevingswereld van kinderen. “Alle kinderen zijn verschillend en ontwikkelen zich razendsnel”, aldus Marco van Zandwijk van Ruimte OK. “Een gebouw moet leren en groeien stimuleren.” Anki Duin van Duin Projectmanagement en een van de trekkers van het project Andere Tijden in Onderwijs en Opvang benadrukt het belang van een eenduidige organisatie. “Met de ontwikkeling van de integrale kindcentra schuiven financieringsstromen in elkaar en kun je daadwerkelijk werken aan een doorlopende leerlijn van leerlingen. Wanneer school, opvang, zorg en sport worden aangeboden vanuit een organisatie komt er een einde aan versnippering en staat het belang van het kind weer voorop.” Helga Snel van Jeanne Dekkers Architectuur bepleit dat het gebouw en het ontwerpproces van het gebouw belangrijke verbindende factoren zijn in het ontwikkelproces van nieuwe samenwerkingsverbanden. Een school is een ontmoetingsplek voor onderwijs, maar niet de enige plek waar kinderen leren. Een leerproces is een continu proces. “Wij betrekken ouders nadrukkelijk bij het onderwijs en vormen een leefgemeenschap. Leren wordt dan weer menselijk”, aldus Ton van Rijn van Wittering.nl. We leiden kinderen op voor de toekomst en niet voor diploma’s. We leven in een nieuwe, dynamische economie. De uitdaging is om deze te vertalen in het nieuwe leren. En zo eindigden vijf dagen debatteren met een groot compliment aan Schooldomein: iedereen vond het interessant om een bijdrage te leveren aan het platform Bouwen voor de Toekomst. Voor meer informatie en reacties mailt u naar info@schooldomein.nl.


ONTWERP EN INRICHTING

25 jaar Schooldomein

Zien en gezien worden! Donderdagmiddag 24 januari stond helemaal in het teken van 25 jaar Schooldomein. Dus was er een debat in de Jaarbeurs in Utrecht met als afsluiting een feest met een DJ en een goede catering. Het bleef nog lang onrustig op de NOT.

Moderator Robbert Coops bevroeg het panel op de verschillende kwaliteiten van 25 jaar scholenbouw in Nederland en relevante ontwikkelingen en trends. Zo ging hoogleraar Marinka Kuijpers in debat met Robbert en benadrukte het belang van goed en competentiegericht beroepsonderwijs.

En natuurlijk kreeg staatsecretaris Sander Dekker persoonlijk het jubileumnummer van de hoofdredacteur overhandigd. Sander Dekker zal in november ook de Scholenbouwprijs 2013 aan twee prijswinnaars overhandigen, die door ICSadviseurs in opdracht van het ministerie wordt georganiseerd. Jan Wouter Damen en Job Zinkstok waren namens het ministerie van OCW vertegenwoordigd. Zij zijn blij dat Schooldomein de komende nummers uitgebreid aandacht aan de Scholenbouwprijs gaat besteden, die al meer dan 220 aanmeldingen heeft opgeleverd. Een absoluut record en nooit eerder vertoond.

Natuurlijk poseert de jubilaris ook met zijn collega’s van ICSadviseurs die waren gekomen om het feest mee te vieren. Daarbij was ook Gerard Fränzel aanwezig, de kersverse pensionado die een 40-jarig dienstverband bij ICSadviseurs achter de rug heeft.

Aan de basis van 25 jaar Schooldomein staat een perfecte samenwerking tussen uitgever Henrico Ten Brink, Guido Lap van Recent, die de relaties met de partners/ adverteerders onderhoudt en Sibo Arbeek, die hoofdredacteur van Schooldomein is. Tot nog toe ligt aan de samenwerking geen contract ten grondslag, maar wordt eens in de twee jaar een goed glas wijn in een mooi restaurant gedronken.

Mede-eigenaar van de Ruimte Regie holding, Annet de Rooij, waaronder ICSadviseurs valt overhandigt Sibo Arbeek, al 23 jaar hoofdredacteur, een speciaal Sibodomein, met veel lovende en vooral warme woorden van mensen die al die jaren veel voor Schooldomein betekend hebben.

Het Nederlands Forum voor Onderwijsmanagement was ruim vertegenwoordigd op het Schooldomeinfeest. Hier poseert Sibo Arbeek met Wouter Tuyn, Ruud Reijnders en Marijke van der Putten, die vanuit haar bedrijf Inspirae een prachtige serie over het beroepsonderwijs heeft gemaakt. Voorzitter Bob van de Ven staat niet op de foto maar stond met een goed glas wijn actief te netwerken.

schooldomein

april 2013

25


Technasiumtour een succes! Op één dag vier verschillende werkplaatsen bezoeken en daarmee inspiratie opdoen voor het ontwerp voor de ideale werkplaats of om ideeën te verzamelen hoe de huidige werkplaats nog beter wordt. Dat kon 17 januari jl. tijdens de Technasiumtour, georganiseerd door ICSadviseurs. Vanuit het hele land, waaronder Sneek, Apeldoorn, Den Haag en Rotterdam, waren scholen vertegenwoordigd. Tekst Hidde Benedictus en Marieke Kraaij

A

lle vier de bezochte scholen gaan ieder op hun eigen manier om met de verschillende thema’s van de technasiumwerkplaats, zoals flexibiliteit, sfeer en uitstraling, creativiteit, de wow-factor en het aantrekkelijk zijn voor zowel jongens als meisjes. Het Cals College is opgezet als groeiwerkplaats. De verwachting was dat het leerlingaantal van de school zou dalen en het aantal technasiumleerlingen zou stijgen. De werkplaats zou van een kleine ruimte uitgroeien tot een grote volwaardige werkplaats. De daling van het aantal leerlingen is nog niet ingezet; het aantal leerlingen dat voor technasium kiest, groeit wel. Hierdoor is het Cals College genoodzaakt om zeer flexibel en creatief om te gaan met haar ruimte. De denktank, een plek waar leerlingen in groepjes brainstormen, bestaat bijvoorbeeld uit poefjes welke eenvoudig verplaatst en opgestapeld kunnen worden. De school adviseert andere technasia niet te snel te

Inhoud en ruimte gaan altijd hand in hand voor een succesvol technasium!

26

schooldomein

april 2013

starten met het inrichten van een werkplaats: het is goed om enige tijd frustratie te hebben over de ruimte, dat scherpt de gedachten over de invulling. Het Goois Lyceum heeft al haar bètavakken bij elkaar gebracht op de derde verdieping, waarbij het middengebied een uitloop biedt voor de technasiumwerkplaats en alle andere vakken. De clustering van de technasiumwerkplaats en de bèta vakken heeft een heel positief effect gehad op de teamvorming rond de bèta vakken. De werkplaats is ruim van opzet en overzichtelijk. Docenten kunnen overal in de ruimte toelichting geven met behulp van een verrijdbare touchscreen. Opvallend is het grote oranje whiteboard aan een van de wanden. Het Johannes Fontanus College heeft een kleine tijdelijke werkplaats (ong. 150 m2) met een uitloopmogelijkheid naar het naastgelegen atrium. Alle


ONTWERP EN INRICHTING

inrichting en inbouw zijn demonteerbaar, zodat het eenvoudig meegenomen kan worden naar de toekomstige permanente locatie. Het meubilair wordt waar mogelijk hergebruikt. Door onder meer bewust om te gaan met kleur en design is een huislijke sfeer gecreëerd. Het Jeroen Bosch College heeft de leerlingen betrokken tijdens de ontwerpfase. De leerlingen gaven te kennen dat ze een professionele werkomgeving willen: ‘we zijn toch geen kleuters!’ Iedereen is gebruiker van de werkplaats: Docenten en leerlingen maken beide gebruik van dezelfde werkplekken, zodat er een open sfeer ontstaat waar docenten zich samen met leerlingen in de rol van coach over vraagstukken buigen. De denktank is volledig paperless. Leerlingen schrijven op de whiteboardwanden en de whiteboard tafelbladen en maken met hun telefoon foto’s van hun ideeën.

De technasiumwerkplaats Een technasiumwerkplaats is een nieuwe soort ruimte: het heeft als doel om leerlingen, in het bijzonder meis­ jes, meer te interesseren in bèta- en techniekonderwijs onder meer door opdrachten vanuit het bedrijfsleven uit te voeren en een leeromgeving te realiseren die uitdaagt tot creativiteit, onderzoek, innovatie en ontwerpen. Het is bewezen dat de inrichting van deze werkplaats een wezenlijke invloed heeft op het leer- en onder­ zoeksgedrag van de leerlingen. Alle scholen met een ingerichte werkplaats ervaren een toename van het leerlingaantal sinds ze gestart zijn met het technasium.

In de bus toonde ICSadviseurs een film met achtergronden over technasiumwerkplaatsen en vertelde Judith Lechner, directeur van Stichting Technasium, over de onderwijsinhoudelijke kant van het technasium, waaronder het belang van het opleiden en samenwerken van docenten. Inhoud en ruimte gaan altijd hand in hand voor een succesvol technasium! Kortom, veel beleefd, ideeën en inspiratie opgedaan met een enthousiaste groep mensen.

Bezochte scholen: Cals College in Nieuwegein Goois Lyceum in Bussum Johannes Fontanus College in Barneveld Jeroen Bosch College in Den Bosch

Enkele tips voor een succesvolle technasiumwerkplaats: • O  ntwikkel met elkaar een heldere en gedragen visie op het technasium en toets alle ontwerpplannen nauwkeurig of ruimtelijke inrichting de visie ondersteunt en versterkt. • Zorg voor variatie in plekken en elementen, zodat de ruimte leerlingen stimuleert en het karakter van de ruimte minder ‘schools’ is. • Vergroot de brainstormmogelijkheden ten behoeve van creativiteit door o.a. een groot whiteboard, whiteboardwanden, en -tafels. • Geef leerlingen op gestructureerde wijze zo veel mogelijk de beschikking over denkbare informatie en materialen. • Realiseer een aantrekkelijke ruimte voor jongens én meisjes door een focus op het interieur, de kleur en het design waarin elkaar ontmoeten en creativiteit de hoofdrol spelen. • Creëer uitwaaiermogelijkheden voor extra flexibiliteit in capaciteit. Voor meer informatie kunt u mailen met Hidde Benedictus en Marieke Kraaij van ICSadviseurs: hidde.benedictus@icsadviseurs en marieke.kraaij@icsadviseurs.nl

schooldomein

april 2013

27


Nieuwbouw Kaj Munk ingekleurd

Alles gaat om het leren Alle van Steenis is nu twee jaar rector van het Kaj Munk College. Aanleiding voor het gesprek met Schooldomein vormt de nieuwbouw voor een deel van de school. Maar het gesprek gaat vooral over beleving en wijze inzichten: “Ik ben een verbinder.” Tekst Sibo Arbeek Foto’s Angela le Feber

“V

oordat ik hier rector werd heb ik jaren in het Centrum voor Nascholing in Amsterdam gewerkt, dat professionaliseringsactiviteiten in alle sectoren van het onderwijs verzorgt. In opdracht van de VO-raad heb ik masteropleidingen voor excellente docenten opgezet. Alle docenten die tien jaar voor de klas staan en goed zijn kunnen zo’n excellentietraject volgen. Ik heb die masters ontwikkeld met de Universiteit van Amsterdam, de Hogeschool van Amsterdam en de Vrije Universiteit, in de vorm van een consortium, onder de naam educatief meesterschap. Die masteropleidingen zijn inmiddels geaccrediteerd. In de laatste fase bij het Centrum voor Nascholing voelde ik dat ik feitelijk weer een bijdrage wilde leveren aan het onderwijs. Van huis uit ben ik bioloog, ik begon ooit als docent levensbeschouwing en nu ben ik rector op deze mooie school.”

Expertise “Ik kwam hier midden in een bouwtraject terecht voor 700 leerlingen in een school voor totaal 1.750 leerlingen. Specifieke expertise op het gebied van scholenbouw had ik niet en de nieuwe uitbreiding was al gepland voordat ik kwam en moest snel gerealiseerd worden. Toch was de koers nog niet gelopen. Het project moest nog definitief door de gemeenteraad en ik heb daarin goed samengewerkt met wethouder Jeugd en Onderwijs John Nederstigt en Truus Vaes, als bestuurder van Iris. Mijn bijdrage lag er vooral in dat ik wilde dat de profilering van de school goed zichtbaar moest worden in de nieuwbouw, die oorspronkelijk was bedoeld voor de bovenbouw en het technasium voor havo en vwo. In het nieuwe gebouw hebben we ook kunst, media en ons cultuurprofiel ondergebracht. Ik wilde dus niet alle paradepaardjes naar de nieuwbouw brengen. De begrippen oud- en nieuwbouw hanteren we niet meer. Nieuwbouw heet Paviljoen en het bestaande

28

schooldomein

april 2013


ONTWERP EN INRICHTING

Alle van Steenis: “Het woord primair proces is een vies woord, want het is een productieterm.”

gebouw het Capitool. Door de nieuwbouw zijn we het hele gebouw anders gaan gebruiken. In het Capitool hebben we prachtige hoeken, waar je op een heel andere manier met onderwijs om kunt gaan. In het Palviljoen vind je de bèta profilering van onze science stroom, die al zes jaar met succes draait. Daar zitten geniale leerlingen bij die hele mooie resultaten halen. In het verlengde van die bèta profilering hebben we voor de havo een technasium opgezet. Dat is in de nieuwbouw een prachtige ruimte geworden. We zijn nu ook bezig om voor de mavo een bèta profiel op te zetten. De naamgeving VMBO-T heeft hier nooit op de gevel gestaan.”

Vliegwiel in gang zetten “Deze school is een gemeenschap met heel veel energie en projecten. Ik zag al die bewegingen, maar ook dat er te weinig verbindingen over en weer werden gelegd. De kunst is om vliegwielen in gang te zetten, die op elkaar in draaien. En daar ligt mijn bijdrage. Ik ben een verbinder en wil dat er in elke klas en in elke les aspecten van verbindingen herkenbaar en voelbaar worden. Het is leuk dat leraren als hoogopgeleide professionals slimme dingen bedenken, maar dat moet werkbaar zijn in de les. Het woord primair proces is een vies woord, want het is een productieterm. Het geeft niet het denken in termen van ontwikkelin-

gen aan, maar van resultaten en ontwikkelingen. Het gaat om het leren in de les en morgen mag het net even iets anders zijn dan vandaag. Je moet oppassen voor woorden die remmen. Taal is zo belangrijk in communicatie. Dat ik als een soort hoofdconciërge dat proces mag faciliteren is fantastisch. Het gaat erom dat de docenten geïnspireerd blijven. Wie aan die slinger draait is niet zo belangrijk.

Prima begeleiding

projectinformatie

ICSadviseurs heeft ons goed begeleid in dit traject. Op een deskundige en zorgvuldige manier, proactief en verantwoordelijk, waardoor we op de juiste momenten aan tafel zaten en het project binnen het budget bleef. Ons nieuwe hoofd bedrijfsvoering Rob Janson heeft goed met Thomas Nobel van ICSadviseurs samengewerkt. De start was augustus 2011 en in mei afgelopen jaar werd het al opgeleverd. Ons nieuwe gebouw is prachtig, maar het gaat om wat erin gebeurt. Ik teken onze organisatie als allemaal cirkels die in elkaar grijpen. Het centrum is ook een cirkel die voor het leerproces staat. Want daar gaat het uiteindelijk allemaal om.”

Project Nieuwbouw uitbreiding Kaj Munk College, Hoofddorp

Opdrachtgever Stichting IRIS

Omvang 4225 m² BVO

Investeringsbudget € 4.800.000,-

Adviseurs ICSadviseurs

Aannemer (Engineering & Build) De Groot Vroomshoop

Het Kaj Munk College vormt onderdeel van de Stichting voor

Oplevering

CVO-IRIS groep. Voor meer informatie mailt u naar

Mei 2012

a.vansteenis@kajmunk.nl of surft u naar www.kajmunk.nl.

schooldomein

april 2013

29


School voor AKA: transparante geborgenheid De Tilburgse School voor AKA is een bijzondere opleiding. Daar hoort een bijzondere leeromgeving bij. Atelier Mariëtte Adriaanssen tekende voor de metamorfose van een verouderd jaren 60-pand. Zo ontstond een eigentijdse, uitnodigende en veilige leeromgeving voor een kwetsbare doelgroep. Tekst Mayke Peters, Woordkracht Foto’s Rolf Bastiaans

“H

et schoolgebouw aan de Apennijnenweg 6 in Tilburg was dringend aan verbetering toe, zowel bouwtechnisch als functioneel. Vooral het gebruik vormde een extra uitdaging”, vertelt Mariëtte Adriaanssen. “De School voor AKA (ArbeidsgeKwalificeerd Assistent) is geen doorsneeschool. Met een nieuwe, praktijkgerichte opleiding richt het ROC zich op ‘drop outs’. Veel AKA-leerlingen zijn elders van school gestuurd of hebben problemen thuis. De School voor AKA doet er alles aan om hen

terug te krijgen in het onderwijs. Het vernieuwde pand moest naadloos aansluiten op deze doelstellingen.”

Onderling samenspel “Ik ben geselecteerd als architect vanwege mijn open, (be)vragende benadering. Die sprak de opdrachtgever erg aan. Nauw onderling samenspel heeft geleid tot een zeer bevredigend proces en dito eindresultaat. Mijn ontwerp stimuleert en faciliteert een nieuwe manier van werken – precies wat de school wilde. Hierbij heb ik me gebaseerd op vier cruciale pijlers: veiligheid, geborgenheid, concentratie en praktijk. De School voor AKA kiest namelijk voor leren door doen in een veilige omgeving. De leerlingen zijn voornamelijk praktisch bezig in een kleinschalige setting onder strakke, persoonlijke begeleiding. Al deze elementen heb ik vertaald naar de indeling, ruimten, materialen en sfeer.”

Duurzaam vernieuwen Atelier Mariëtte Adriaanssen werkt zo duurzaam mogelijk. Dat begint met zorgvuldig hergebruik. Deze insteek biedt voordelen op milieugebied én op financieel vlak. Adriaanssen licht toe: “De architectuur van het pand was gedateerd, maar wel vriendelijk. Ook bood zij voldoende indelingsvrijheid dankzij

30

schooldomein

april 2013


ONTWERP EN INRICHTING

de kolommenconstructie. Daarom heb ik de bestaande architectuur, inclusief de vele merantihouten schuifpuien, maximaal geïntegreerd in mijn ontwerp. Duurzaamheid vertaal ik overigens niet alleen in hergebruik, maar ook in hoogwaardige materialen die tegelijkertijd onderhoudsvriendelijk zijn. En tegen een stootje kunnen, want dat is nodig bij uitbundige leerlingen en intensief gebruikte werkplaatsen. De school moet er ook op langere termijn goed uit blijven zien! Verder is duurzaamheid voor mij synoniem aan toekomstgerichtheid. Onderwijsvormen veranderen nu eenmaal sneller dan onderwijsgebouwen. Mijn ontwerp biedt dus ook de nodige flexibiliteit qua infrastructuur, scheidingswanden, installaties, sanitaire ruimten en ingangen.”

‘Kloosterhof’ De nieuwe opzet doet enigszins denken aan een klooster: een verstild, licht centrum met daaromheen een vierkante verbindingsgang. “Inderdaad. Het schoolhart is een hele lichte ruimte, zowel qua kleurstelling als lichtinval. Hier vind je het Open LeerCentrum en het computerlokaal. Er valt volop daglicht binnen via daklichten en de naastgelegen patio. Dat geeft een aangename en rustige sfeer. Om het hart is een rondgang met veel helder blauw en donkermeranti accenten. Daaromheen liggen twee ringen. De binnenste ring bestaat uit theorielokalen, de werkplaatsen Administratie, Detailhandel en Taal, en kantoren. Aan de buitenste ring liggen de overige werkplaatsen. Aan de ene kant vind je de werkplaatsen Groen, Creatieve vaardigheden en Algemene technieken. Daar is de overheersende kleur bruin, met een robuuste houten wand: stoer en stevig. Aan de andere kant zijn de werkplaatsen Zorg en Koken,

plus de overblijfruimten voor leerlingen en docenten. Deze zijde is uitgevoerd in roomwit: helder en schoon. De gekozen kleuren geven de school een frisse uitstraling. Ze maken elke ruimte herkenbaar en onderstrepen de functie ervan. Tegelijkertijd stralen ze rust uit. Ik heb nergens felle tinten gebruikt, alleen gedempte kleuren. Die creëren een gevoel van geborgenheid en bevorderen de concentratie. En dat was ook precies de bedoeling”, legt Adriaanssen uit.

Licht en zicht Wat direct opvalt als je door het pand loopt, is de grote transparantie. Overal is zicht en licht: je kijkt in andere ruimten en er stroomt overal daglicht naar binnen. “Transparantie was een uitdrukkelijke voorwaarde. De School voor AKA wilde een veilige, ordelijke, stimulerende leeromgeving. Sociale controle is noodzakelijk: het personeel moet toezicht kunnen houden op de leerlingen en hangplekken zijn ongewenst. Goede zichtlijnen zijn dus onmisbaar. Die zorgen er tegelijkertijd voor dat de onderwijsruimten ruimtelijk worden ervaren; ook een expliciete wens. Dit alles bevordert een fijner sociaal klimaat, dus een beter leerklimaat. Ik heb de visuele verbindingen gerealiseerd door veel binnenwanden van glas te maken, van het hart tot en met de werkplaatsen. Hierbij kwamen de bestaande glazen schuifpuien uitstekend van pas. Waar nodig is gedeeltelijk glasfolie gebruikt, ter bevordering van de concentratie. Het eindresultaat is zeer goed ontvangen: zowel docenten als leerlingen voelen zich er prettig. En het pand past nu qua uitstraling en sfeer weer prima bij de andere panden van ROC Tilburg!”

“Duurzaamheid vertaal ik niet alleen in her­ gebruik, maar ook in hoogwaardige materialen die tegelijkertijd onderhouds­ vriendelijk zijn.”

projectinformatie Project Aanpassing en renovatie van School voor AKA, Tilburg

Opdrachtgever Hevo Den Bosch i.o.v. OnderwijsGroep Tilburg

Ontwerp Atelier Mariëtte Adriaanssen, Amsterdam

Bruto vloeroppervlakte 1.790 m2

Oplevering Juli 2011

Kijk voor meer informatie op www.aterlierma.nl.

schooldomein

april 2013

31


Samenwerken in een duurzaam gebouw

Focus op beroepsonderwijs Op een steenworp afstand van het station van Heerhugowaard ligt een bijzonder schoolgebouw voor voortgezet onderwijs met praktijkonderwijs en VMBO. In het compacte gebouw huizen de praktijkschool Focus met de opleidingen Handel, Techniek, Zorg & Welzijn en Groenverzorging en het Huygenscollege uit Heerhugowaard, een VMBO-school met de sector Economie. Beide scholen vallen onder het overkoepelende bestuur SOVON. Michiel Koekkoek, locatiedirecteur van het Huygens, Martin Nuchelmans, directeur van de praktijkschool en gemeentelijk opdrachtgever Klaas Jan van Leeuwen kijken terug op het bouwproces en de wijze waarop de scholen nu samenwerken. Tekst en foto’s Sibo Arbeek

H

et is een compact gebouw geworden voor 400 leerlingen, met een centraal atrium en op de twee verdiepingen studielandschappen en lokalen. Opvallend is de enorme inpandige kas, waarin het groenonderwijs een plek heeft gekregen. Klaas Jan van Leeuwen van de gemeente Heerhugo-

32

schooldomein

april 2013

waard vertelt waarom het een succes is geworden: “Gemeente en de beide scholen hebben vanaf de initiatieffase constructief samengewerkt. Samen werken aan de voorkant betekent dat je elkaar beter begrijpt in de gebruiksfase.” Michiel Koekkoek vult aan: “Een leerling praktijkonderwijs is toch iets anders dan


ONTWERP EN INRICHTING

een leerling VMBO en daar moet je rekening mee houden. Onze twee scholen werken daarom samen met behoud van de eigen identiteit. Dat betekent dat de beide scholen herkenbaar zijn gehuisvest, maar dat de gemeenschappelijke ruimten samen gebruikt worden. Zo kopen de leerlingen van het VMBO ook zaken uit de winkel, die het praktijkonderwijs runt en maken de leerlingen gebruik van dezelfde keuken, waarin ook leerlingen van het praktijkonderwijs werken.”

Aardig pedagogisch klimaat Martin Nuchelmans: “Een gebouw gaat pas leven als de leerlingen erin komen. Daarvoor zijn het plannen op papier.” En de culturen van beide scholen blijken goed samen te gaan”, vult Michiel aan, “daarbij hebben we al in een vroeg stadium goede afspraken tussen de leerlingen en de teams gemaakt. Ken je Post Behavior Support (PBS)? Daarbij beloon je consequent gewenst gedrag. En dat werkt. We hebben leerlingen op drie kernwaarden bevraagd; iedereen vindt respect, veiligheid en plezier bepalend. Op basis van deze kernwaarden worden alle afspraken tussen docenten en leerlingen gemaakt. Dat heeft binnen no time tot een aardig pedagogisch klimaat geleid.“

Professioneel opdrachtgeverschap Michiel: “De kern van professioneel opdrachtgeverschap is volgens mij dat je er als gebruiker vanaf het begin bij wordt betrokken. Zo hebben we telkens meegedacht wat een bepaalde aanpassing met het onderwijs zou doen. Michiel Koekkoek: “Met gezond verstand kom je een eind in een bouwproces. Ik vond mezelf een zeur als het om goed zichtbare trappen ging, maar ik zie nu hoe goed dat werkt.“ Klaas Jan van Leeuwen stemt als bouwheer in: “Voorgestelde bezuinigingen zijn soms niet door gegaan omdat de gebruikers vonden dat dat bijvoorbeeld niet goed voor de veiligheid was.”

Vanuit het budget werken Klaas Jan over de opgave: “Het is niet makkelijk om binnen het budget een duurzame school te bouwen. We hadden een genormeerd bedrag, maar wilden een hoge kwaliteit. Dat betekent slim zijn in het hele proces op alle aspecten, want kwaliteit kost altijd extra geld. Als je het goed doet levert dat inhoudelijk voordeel op. Onze adviseurs hebben dat goed begrepen; de keuzen die we in het Programma van Eisen hebben gemaakt zijn ook gerealiseerd. We hebben geredeneerd vanuit de levensduurbenadering van het gebouw. Dan ga je normaal richting een DBFMO, waarbij je alles bij externe partijen onderbrengt, ook de exploitatie. Dus moet je in je Programma van Eisen alles al dichtgeregeld hebben, omdat je verder weinig invloed op de uitkomst hebt. Dat vonden wij toch te link; je werkt met twee teams, die wel goed mee kunnen denken, maar in het ontwerpproces toch nog zaken tegen komen die anders moeten. Daarom zijn we eerst met een integraal ontwerpteam aan de slag gegaan, waarbij we vroegtijdig de bouwer betrokken hebben, om slimme oplossingen aan te dragen. Klaas Jan: “De ambitie rond duurzaamheid hebben we samen vormgegeven. Het moet gewoon een school zijn met een goed binnenklimaat, waarin een docent ook een raam open moet kunnen zetten.“ Michiel vult aan: “Je kunt een theoretisch goed klimaat hebben, met een CO² gestuurde ventilatie, maar waar de gebruikers zich niet prettig voelen.“ Zijn er dan nog wat nabranders, vraagt Schooldomein. Michiel lacht: “een compact gebouw heeft veel voordelen, maar een leerling kan er niet zo snel ontsnappen. Ik denk wel eens, je ziet hier teveel. Het is echt een dorpsplein, waar iedereen op elkaar betrokken is. Dat is vaak prettig, maar soms ook een nadeel. Voor meer informatie kunt u bellen of mailen met Klaas Jan van Leeuwen van de gemeente Heerhugowaard: k.j.vanleeuwen@heerhugowaard.nl of 06 52470807.

schooldomein

“Een gebouw begint pas te leven als de leerlingen erin komen.”

projectinformatie Project Nieuwbouw Praktijkschool en school voor VMBO

Opdrachtgever Gemeente Heerhugowaard

Architect Ector Hoogstad

Adviseurs EHA, DWA, DGMR, Aronsohn, ZRI

Bouwer Ballast Nedam Bouw en Ontwikkeling Noord-West

Onderaannemer Schouten Techniek

Bruto vloeroppervlakte 5003 m2, inclusief 2 sportzalen op 1e verdieping

Bouwsom (incl. installaties en pv-systeem) € 6.300.000 (excl. btw)

Ingebruikname 1 november 2012

april 2013

33


Let’s Learn in de Bieb

Leerplein vol digitale snufjes voor het basisonderwijs De Hoofdbibliotheek in Zoetermeer had op donderdag 17 februari een primeur in Nederland. Die ochtend werd namelijk het digitale leerplein Let’s Learn in de Bieb geopend door de wethouder van Onderwijs en Sport Mariëtte van Leeuwen. Op Let’s Learn in de Bieb kunnen scholen proeven van de nieuwste ICT-toepassingen voor het onderwijs. Tekst Marjolein Bakker Foto’s Foto Meisel

H

et komende halfjaar zullen basisscholen uit Zoetermeer en omgeving een bezoek brengen aan de Hoofdbibliotheek om er een dagdeel plaats te nemen op het leerplein. Het doel is om leraren en leerlingen uit de groepen 7 en 8 te laten ervaren hoe zij innovatieve apparatuur, educatieve software en een elektronische leeromgeving kunnen inzetten om leerlingen modern onderwijs op maat te geven. Gerard Hendriks, projectleider Let’s Learn in de Bieb en manager publieksdiensten bij Bibliotheek Zoetermeer zegt hierover ook: “Met dit concept laten wij scholen beleven hoe leerprocessen efficiënter, effectiever en aantrekkelijker kunnen worden met ICT-toepassingen. Scholen werken overigens meestal al wel met ICT – denk maar aan digiborden – maar benutten de mogelijkheden niet altijd ten volle.”

het rapport De rol van de bibliotheek bij het stimuleren van mediawijsheid. Aan de bijeenkomst namen vertegenwoordigers deel van Stichting Bibliotheek. nl, SLO, het Ontwikkelcentrum, de Onderwijs Werk Groep (OWG, een organisatie die educatief computergebruik bevordert) en diverse bibliotheekdirecteuren, waaronder Joke Mos van Bibliotheek Zoetermeer. Door Wim van Megen van OWG werd daar het idee geopperd om in bibliotheken digitale klaslokalen in te richten. Gerard Hendriks: “Door zo’n leeromgeving in de bibliotheek neer te zetten – en niet in een school – breng je veel meer mensen in contact met mogelijkheden om digitaal te leren en kun je scholen inspireren om ICT beter te integreren in het onderwijs.”

Rondetafelsessie

De directeur van Bibliotheek Zoetermeer, Joke Mos, realiseerde zich na de totstandkoming van het nieuwe beleidsplan Zoetermeer leest en leert (2012 – 2015)

Het idee voor Let’s Learn in de Bieb ontstond in 2010 tijdens een rondetafelbijeenkomst van het SIOB over

34

schooldomein

april 2013

Sponsors


ONTWERP EN INRICHTING dat het voorstel van Van Megen erg goed aansloot op de nieuwe koers die de bibliotheek vaart. Gerard Hendriks hierover: “Zoetermeer wil flink inzetten op digitalisering, samenwerken met scholen en ondernemen. Zo’n digitaal leerplein past daar prima bij. Om zo’n plein te realiseren is geld nodig. En dat was er niet. De bibliotheek moet bezuinigen. Van daaruit kwam het idee om leveranciers van ICT-apparatuur en leersoftware te benaderen en hen te vragen om het project te sponsoren. Dus door enerzijds hard- en software of anderzijds financiële bijdragen te leveren. De bibliotheek zou de personele uren voor deskundigheidsbevordering, logistiek en communicatie voor haar rekening nemen.” Diverse sponsors wilden graag meewerken en verschillende leveranciers vonden het een interessante manier om hun producten onder de aandacht van een breed publiek te brengen.

Vier eilanden De sponsors droegen samen € 35.000,- bij aan het leerplein. Met dat bedrag werden vier flexibele ‘eilanden’ gerealiseerd in de Hoofdbibliotheek. Ze zijn herkenbaar aan eigen kleuren, maar kunnen dankzij de verrijdbare kasten ook worden samengevoegd. Op het eiland Tablet Cocon (met groene zitzakken) ontdekken leerlingen de digitale wereld op een tablet. Op het eiland Amfi (oranje) communiceren zij met het digibord, via stemkastjes of mobiele telefoons, en kunnen ze interactief bezig zijn met Onderwijs TV of via een webconference communiceren met andere scholen in Nederland en het buitenland. Op Laptop Bench (rood) werken leerlingen op laptops, gezeten aan computertafels. Het vierde eiland is M2Desk en heeft een multimediacomputer, geïntegreerd in het tafelblad. “Het leerplein is heel vernieuwend”, vindt

Hendriks. “We hadden zoiets nog niet in de Nederlandse bibliotheken. Misschien gaat dat veranderen: meerdere bibliotheken, onder meer in Assen en Maastricht, hebben belangstelling getoond of zijn al in gesprek.”

Presentaties en webinars “Als bibliotheek zijn we geen onderwijsinstelling. We geven wel workshops mediawijsheid en internetgebruik, maar werken voor Let’s Learn samen met onze educatieve partners”, zegt Hendriks. Op het leerplein houden professionals van OWG en van SIZO (Snelle Implementatie van ICT in Zoetermeers Onderwijs, een samenwerkingsverband van zestig scholen) een dagdeel per week presentaties voor leerlingen en leerkrachten van groep 7 en 8. Daarna kunnen de leerlingen zelf aan de slag met de apparatuur. Iedere woensdag verzorgen OWG en SIZO daarnaast live ‘webinars’ voor leerkrachten over ‘leerkrachtig ICT-gebruik’. Leerkrachten kunnen de sessies in levenden lijve bijwonen of op afstand bekijken via hun pc, laptop of tablet.

“Leerkrachten kunnen de sessies in levenden lijve bijwonen of op afstand bekijken via hun pc, laptop of tablet.”

Nieuwe doelgroepen “Als deze pilot met het basisonderwijs slaagt, wordt het project doorontwikkeld voor bijvoorbeeld het voortgezet onderwijs, senioren en laaggeletterden”, vertelt Hendriks. “Ook willen we de leeromgeving gaan gebruiken voor Klik&Tik en onze workshops mediawijsheid.” Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Marjolein Bakker van de afdeling Marketing en Communicatie van de Bibliotheek Zoetermeer, telefoon (079) 343 81 87 of e-mail bakker@bibliotheek-zoetermeer.nl. Voor een impressie van een groepsbezoek op het leerplein zie: dehofvijver.unicoz.nl/content/lets-learn-de-bieb.

schooldomein

april 2013

35


Inspirerende leeromgeving stimuleert out of the box-denken

Technasium RSG Simon Vestdijk haalt de praktijk in de school Dat het Nederlandse bedrijfsleven schreeuwt om meer instroom vanuit het onderwijs is al jarenlang een gegeven. En die roep om talent wordt eigenlijk alleen maar luider. Maar de bedrijven willen meer. Ze willen creatieve geesten die de weg weten in de techniek. Ze willen out of the box-denkers die de innovatiekracht van Nederland kunnen versterken. De ultieme leerschool daarvoor is het Technasium. En in Harlingen staat daarvan een heel mooi voorbeeld. Tekst Paul Voogsgerd Foto’s Kees Rutten

H

et Technasium is een fenomeen in opkomst in Nederland. RSG Simon Vestdijk in Harlingen startte er vier jaar geleden mee. En zoals het een Technasium betaamt, hebben ze er ook een technator, Corina Blok, die het reilen en zeilen van het Technasium coördineert. Met gepaste

trots toont ze de mooie nieuwe ruimte die de school dit schooljaar in gebruik heeft genomen. “Nu we een paar maanden werken in deze ruimte beseffen we pas hoezeer het de afgelopen jaren, verspreid over verschillende lokalen in de school, behelpen is geweest”, vertelt ze. “We zaten overal en nergens en reden voortdurend met laptop- en maquettekarren door het gebouw. In het nieuwe lokaal is veel meer rust. Het bespaart de docenten veel stress en geeft de leerlingen meer ruimte om creatief te zijn.”

Geen fysieke begrenzingen RSG Simon Vestdijk heeft voor het Technasium een grote ruimte vrijgemaakt. “Voorheen een elektrolokaal met ruimten voor theorie en praktijk”, vertelt Corina. Bij binnenkomst oogt de ruimte groot, open en transparant maar wie beter kijkt, ziet een keur aan ruimten bínnen die ruimte. Vrijwel zonder fysieke begrenzingen op een creatieve manier van elkaar gescheiden. Leerlingen werken er in dertien teams aan hun eigen projecten. Er wordt gezaagd en gesoldeerd, overlegd en gemonteerd en toch hangt in de ruimte een prettig rustige sfeer. Docent Harke Hilboezen is aan een hoge tafel met stijlvolle krukken in overleg met een aantal leerlingen. “Met ieder team evalueren we voortdurend de voortgang van hun project”, legt Corina uit. “Ze krijgen de ruimte om heel vrij en zelfstandig te werken maar zo houden we wel steeds

36

schooldomein

april 2013


ONTWERP EN INRICHTING

een vinger aan de pols. We werken met teams van drie personen omdat we hebben gemerkt dat dat de samenwerking het meest stimuleert. In groepen van vier krijg je al snel twee groepjes van twee. En als die het samen niet eens zijn, is er geen meerderheid die beslist.”

Scrap heap De grote ruimte is licht en kleurrijk, vrolijk en inspirerend. Met licht en strak meubilair en grote decoratieve hanglampen. “Het is een ontwerp van inrichter Marko”, vertelt Corina. “Zij hebben ook het meubilair geleverd. Ze hebben heel goed met ons meegedacht over hoe we de ruimte het best konden inrichten en daar een prachtig ontwerp van gemaakt. De ontwerpers van Marko waren trouwens blij verrast dat vrijwel alles wat zij hadden bedacht ook daadwerkelijk kon worden uitgevoerd. Ondanks de noodzakelijke bezuinigingen heeft de school flink geïnvesteerd in de technasiumruimte.” En dat is te zien. Centraal gelegen, direct rechts naast de entree, is de docentenwerkplek annex uitgiftebalie. Rechts daarvan is de werkplaats volop apparatuur en een heuse ‘scrap heap’, een magazijn vol met afgedankte apparatuur waarvan leerlingen onderdelen kunnen gebruiken voor de dingen die ze maken. Links van de entree is het grootste deel van de ruimte met verschillende werkeilanden en overlegplekken. Helemaal achterin, achter rood-transparante lamellen, is een semiafgesloten ruimte voor Onderzoeken en Ontwerpen. Daarnaast op een verhoging is de denktank, een fantastische, half afgesloten zithoek waar leerlingen in alle ontspannenheid out of the box kunnen brainstormen. “Ook hier heeft Marko echt iets moois van gemaakt”, vindt Corina. “We zitten hier aan de Waddenzee en hebben veel leerlingen van de eilanden en daarom is zee en strand het thema.” De denktank is afgetimmerd met een hout dat aan juthout doet denken, het fotobehang toont een strand met daarachter de zee en een prachtige lucht en boven het gezellige zitje hangen zeemeeuwen aan het plafond. Het is helemaal af.

Technasium Top Award Na afloop van de les vertelt docent Harke Hilboezen over de samenwerking met het bedrijfsleven. “Leerlingen krijgen professionele opdrachten en dat is natuurlijk heel uitdagend. Vorig jaar was een opdracht van de stichting Smart Homes - het Kenniscentrum voor Domotica & Slim Wonen in Nederland – bijvoorbeeld: bedenk iets wat eraan bijdraagt dat ouderen en minder validen langer zelfstandig thuis kunnen wonen. Onze leerlingen hebben een draaiplateau voor in de koelkast bedacht waardoor je nooit meer achter in de koelkast hoeft te reiken. Daarmee hebben ze de regiofinale van de Technasium Top Award

gewonnen. De tweede klas werkt op dit moment aan een project waarbij de leerlingen de rol hebben van een interieurarchitect van Marko. Met als opdracht een nieuwe kantine voor onze school te ontwerpen. Een heel uitdagend project dus, dat we samen met Marko uitvoeren. Half april presenteren de leerlingen hun resultaten.”

projectinformatie Project Ontwikkeling nieuwe Technasiumruimte

En zo komt de praktijk de school in én sluit de school veel beter aan op het vervolgonderwijs en de praktijk. Het Technasium geeft techniek in Nederland weer toekomst. In Harlingen maken ze er volop werk van.

schooldomein

Opdrachtgever RSG Simon Vestdijk, Harlingen

Ontwerp en inrichting Marko BV (www.marko.nl)

april 2013

37


Een sprong voorwaarts voor de binnensport

Een nieuwe sportaccommodatie in Middelburg

De gemeente Middelburg heeft recent de nieuwe multifunctionele sport­ accom­modatie ‘De Sprong’ in gebruik genomen, die de sporthal aan de Breeweg en de oude ‘Pellikaan’ sporthal uit 1963 aan de Nassaulaan vervangt. Saillant detail is dat de oude sporthal aan de Nassaulaan de allereerste sporthal was die bouwbedrijf Pellikaan in Nederland bouwde. Tekst Odin Wenting en Peter Jan Bakker

Een multifunctionele sportaccommodatie De nieuwe sportaccommodatie biedt ruimte aan het gymnastiekonderwijs van de middelbare scholen Nehalennia en CSW en aan diverse sportverenigingen. Het sportgebouw vormt tevens een nieuwe toegangspoort tot sportpark De Voorborch en is daarmee een belangrijke verbindende schakel tussen buitensport en binnensport. Veel aandacht is besteed aan de multifunctionaliteit van de accommodatie, onder andere

door ook de functionaliteit voor ‘rolstoelers’ te optimaliseren. Het trainingsveld van eredivisieclub Rolstoel Basketbal Vereniging Middelburg (RBVM) in de nieuwe accommodatie heeft bovendien twee meter vrije uitloop gekregen, zodat ook inworpen perfect getraind kunnen worden. Ook technisch gezien zijn hoge eisen gesteld aan het gebouw om een duurzame exploitatie te waarborgen. Zo zijn energiebesparende maatregelen in het bouwplan verwezenlijkt. Met zoveel gebruikers-

Ad van de Pas, projectleider namens de Gemeente Middelburg: “Het realiseren van een multifunctionele sportaccommodatie is een creatief proces. De feitelijke opgave is dat de functionele vraag vertaald wordt in een accommodatie die deze functie, gedurende een groot aantal jaren, mogelijk maakt. Dit vraagt inlevings- en voorstellingsvermogen en gevoel voor maatschappelijke verhoudingen en ontwikkelingen. Op het moment dat er nog niet meer bekend is dan een locatie, moet er een beeld in hoofden ontstaan over hoe deze functionele vraag vorm gaat krijgen. In het proces om te komen tot de multifunctionele sportaccommoda­ tie De Sprong heeft ICSadviseurs een cruciale rol gepeeld. Zij heeft in belangrijke mate de vertaling gemaakt van de functionele vraag in een concreet Programma van Eisen. Zij heeft een geschikte partij aangezocht die dit programma realiseerde (niet openbare Europese aanbestedings­ procedure). Vervolgens heeft zij een belangrijke bijdrage geleverd in het bewaken van het programma in de realisatiefase.”

38

schooldomein

april 2013


BOUW EN ORGANISATIE

“De aanbesteding werd zo ingericht dat de gemeente de mogelijkheid had om één van de separate gymlokalen uit het plan weg te laten.” Na voorselectie en uitnodiging tot inschrijving werd de economisch meest gunstige aanbieder gekozen en gecontracteerd in februari 2010. Binnen drie jaar is de verdere uitwerking van het ontwerp en de gefaseerde oplevering van het complex gerealiseerd. De oude sporthal diende immers in gebruik te blijven totdat één van de twee nieuwe hallen in gebruik genomen kon worden.

Duurzaam karakter

groepen werden hoge eisen gesteld aan de accommodatie, eisen die niet altijd eenvoudig verenigbaar met elkaar zijn. En bovendien in een tijd dat elke gemeente geconfronteerd wordt met financiële taakstellingen. Uiteindelijk zijn in de nieuwe accommodatie twee volwaardige wedstrijdhallen gerealiseerd met vaste en uitschuifbare tribunes, twee separate gymlokalen, de noodzakelijke faciliterende ruimten (kleed/was en bergingen), horecavoorzieningen en verenigingsruimten. Een complex van ruim 6.500 m2 BVO.

Een Design & Build proces Naar aanleiding van eerdere haalbaarheidsstudies door de gemeente heeft ICSadviseurs samen met de gemeente Middelburg een proces ingericht op basis van Design & Build. Een proces waar veel van de marktpartijen die zich inschreven werd gevraagd. De aanbesteding werd zo ingericht dat de gemeente de mogelijkheid had om één van de separate gymlokalen uit het plan weg te laten, afhankelijk van haar financiële kader. Naast minimale kwaliteitseisen werd aanbieders gevraagd om een visie te geven op optimalisaties in het kader van duurzaamheid.

De visie op duurzaamheid is tijdens de verdere ontwikkeling van het ontwerp nader uitgewerkt en heeft er toe geleid dat onder andere gebruik gemaakt is van warmteopwekking door middel van een lucht/waterpomp, een gebalanceerd ventilatiesysteem met een hoog rendement warmteterugwinning (90%), een verbeterde EPCwaarde van 22% en zonnecollectoren op witte EPDM dakbedekking. Hoewel de duurzame maatregelen tot aanzienlijk meerwerk leidde, heeft de gemeente deze extra investeringen toch gerealiseerd met het oog op reële en rendabele terugverdientijden. De nieuwe accommodatie is feestelijk geopend op vrijdag 25 januari 2013.

Feiten project:

projectinformatie Opdrachtgever Gemeente Middelburg

Omvang 6500 m2 BVO

Bouwkosten 6,25 mio euro

Stichtingskosten 7,25 mio euro

Management en adviseurs ICSadviseurs, Amsterdam en Zwolle (contract-

Project: twee sporthallen 28x48x7 meter en twee gymnastiekzalen van 14x22x5,5 meter. Dit voor zes werkplekken voor de sportdocenten. Tribune voor 350 personen, 12 kleed- wasruimten, 6 docenten verkleedruimten, docentenverblijfsruimte, uitgebreide horecaruimte icm verenigingsruimte voor EMM (de handbalvereniging). Tevens waren inclusief: de inventaris voor: horeca, keuken, magazijn, kleedruimten, docenten- en beheerdersruimte, maar ook al de sportinventaris, een buitensportveld (verhard handbalveld), speeltuin (150 m2), parkeerterrein én beplanting.

en bouwmanagement en begeleiding van het uitvoeringsproces)

Sporttechnisch adviseur Odin Wenting Bouwadvies uit Wageningen.

Design, Build / Turnkeybouwer Bouwbedrijf Pellikaan uit Tilburg, hoofdaan­ nemer voor o.a.: Architect Bureau Bos, Baarn Installateur Elektrotechnisch Van Aalst Elektro, Breda en Oss Installateur Werktuigbouwkundig Van Bon Installaties en Technisch Beheer, Heesch Leverancier sporttoestellen

Voor meer informatie kunt u mailen met Odin Wenting info@odinwenting.nl of Peter Jan Bakker

Schelde Sports uit Goes; Leverancier grond- en straatwerk De Voogd uit Grijpskerke

peterjan.bakker@icsadviseurs.nl.

schooldomein

april 2013

39


Een nieuwe tweeling in Drachten

Natuurlijke symbiose van oud en nieuw Locatiedirecteur Piet van der Ploeg kijkt bijna verliefd om zich heen. “Dit bedoel ik nu, deze ruimtelijke werking die het oude deel met het nieuwe deel verbindt. Het atrium werkt als een open lichtstraat en verbindt de school met de stad en de campus. En die campus hebben we niet gepland. Het is ons gewoon in de schoot geworpen.” Tekst Sibo Arbeek

P

iet van der Ploeg en de architecten Hans Goverde en Wouter Deen van Kraaijvanger vertellen over de nieuwbouw van het VMBOgebouw Splitting en het havo/vwo-gebouw Raai, de twee gebouwen van CSG Liudger in Drachten. Samen vormen ze met ROC de Friese Poort een onderwijscampus in Drachten, vlakbij de afrit van de A7. Piet van der Ploeg: “De dingen zijn ontstaan zoals ze zijn ontstaan. Hier heb je allemaal scholen van christelijk onderwijs bij elkaar, waarbij iedereen zijn eigen cultuur en zijn eigen gebouw heeft, maar de buitenruimte gedeeld wordt. Ik zeg wel eens: “Als je het graag zo wil hebben moet je er veel moeite voor doen.”

Tweelingproject Wat feitelijke gegevens: de nieuwbouw van de Splitting is in 2012 afgerond en Raai moet op 9 december

40

schooldomein

april 2013

2013 klaar zijn. Het bijzondere is dat het een tweelingproject is. Piet verder: “Acht jaar geleden spraken we vanuit CSG Liudger met de gemeente over nieuwbouw voor de locatie Splitting, een functioneel verouderd gebouw van eind jaren 50, met een deel nieuwbouw uit 2001. Er was overeenstemming met de gemeente om nieuwbouw in 2008 te plegen en toen kwam de crisis. Het bijzondere is dat CSG Liudger en ICSadviseurs samen met de gemeente de mogelijkheden hebben onderzocht om het project Raai naar voren te halen, dat pas vier jaar later op het programma stond. Niet alleen worden dan met beperkte middelen in één keer twee nieuwe gebouwen gerealiseerd maar ook de lokale economie en de werkgelegenheid gestimuleerd. Ik vind dat nog steeds een hele sterke zet. Doordat het één project is ga je bovendien voordelen halen, omdat je maar één aannemer, één architect en één adviseur nodig hebt en er


BOUW EN ORGANISATIE

Raai

worden nu twee gebouwen gerealiseerd voor de prijs van anderhalf.”

Parels in het groen Hans Goverde vertelt verder: “We mochten van de gemeente meedenken over de invulling van het stedenbouwkundig plan. De uitdaging was om de beide scholen te verbinden met de samenleving. Daarnaast maken we in beide scholen een centraal plein dat de verschillende leerdomeinen verbindt en als een opening naar de samenleving werkt. Wij zien Splitting en Raai als parels in een groene setting, waarbij we door het gebruik van de functioneel goede delen van de bestaande gebouwen tot een prachtige symbiose van oud en nieuw zijn gekomen.” Zijn collega Wouter Deen neemt over: “Karakteristiek aan het ontwerpproces van de Splitting was een intensief starttraject met veel workshops met de docentteams en vakgroepen. Daar ligt de kern van het eindresultaat. De verwachtingen en mogelijkheden waren helder door die dialoogfase. Dat hadden we nog niet eerder zo intensief meegemaakt. Op deze manier werden vakdocenten betrokken bij de ontwerpoverwegingen, waardoor ook redelijkheid ontstond.”

Regionaal afzetgebied Piet legt uit waarom de locatie zo bijzonder is: “Dit gebied was vroeger de rand van Drachten. Het heette vroeger ook de Werf, waar de Drachtster vaarten samen kwamen. Toen de vaarten werden dichtgegooid ontstond een mooie plek. Vervolgens ging Drachten enorm groeien, mede dankzij Philips. En nu hebben we hier een AA+ locatie, aan de invalsroute vanuit Groningen, Leeuwarden, Emmen

De Splitting

en Assen. Wij hebben een regionaal afzetgebied met als sterke pijlers techniek, vervoer en economie. Samen met de Friese Poort hebben we een VM2 project opgezet, waarbij we jongens van het vmbo hebben opgeleid naar niveau 2 via het meestergezelproject.” “De samenwerking met onze adviseurs is op alle onderdelen heel goed gegaan. ICSadviseurs begeleidt de beide scholen op alle onderdelen, inclusief de directievoering. En Splitting is een duurzaam gebouw geworden binnen het gegeven budget. Wij wonen inmiddels bijna een jaar in het gebouw en ik heb nog geen problemen met de verwarming gehad. Bovendien is onze energievraag behoorlijk afgenomen.” Wouter Deen vult aan: “Het ontwerp van de Splitting is bijzonder. De school heeft het aangedurfd om een atrium te ontwerpen dat niet volledig geklimatiseerd wordt. Daarmee is deze ruimte heel transparant geworden en geeft de potentie om de stad eromheen binnen te laten. Het atrium verbindt oud en nieuw en fungeert als open plein. Voor Raai geldt eigenlijk hetzelfde. Ook daar is een integratie tussen bestaande en nieuwe bouwdelen gezocht, zodat we oud en nieuw hebben geconfronteerd met een verantwoord hergebruik van bestaande bouwdelen.”

“Als je een gebouw bedenkt ken je de ziel van het gebouw nog niet.”

projectinformatie Project Vernieuwbouw CSG Liudger havo/vwo en vmbo

Opdrachtgever CSG Liudger/gemeente Drachten

Aantal leerlingen 2.200

Adviseurs ICSadviseurs en ICSWorksitemanagement, Zwolle

Architect

De ziel Piet vat alles nog eens goed samen: ”Als je een gebouw bedenkt ken je de ziel van het gebouw nog niet. Wij hebben een stil gebouw, dat je heel snel op de plek brengt waar je wilt zijn en waar niet iedereen hoeft te duwen en te trekken. Daarnaast is het een mooi ontwerp, waar ik direct voor ben gevallen.”

schooldomein

Kraaijvanger, Rotterdam

BVO 10.500 m2 (Splitting) en 9.200 m2 (Raai)

Realisatie De Splitting (opgeleverd), Raai (december 2013)

april 2013

41


Renovatie loont Renoveren of (ver)nieuwbouw plegen? Steeds meer gemeenten en onderwijsorganisaties zoeken naar slimme manieren om het gebouw te verbeteren. De renovatie van Hogelant laat zien dat renovatie tot verbluffende resultaten kan leiden, zowel functioneel, technisch als pedagogisch. Tekst Arjen Huiden

“Vanwege de afgenomen kwaliteit leek de kans van slagen voor een succesvolle renovatie gering.”

H

ogelant, een vmbo school voor leerlingen met leerachterstand en gedragsproblemen, is sinds enkele jaren gehuisvest aan de Duinluststraat 20 in Amsterdam-Noord. Het gebouw, de voormalige ‘Christelijke Nijverheidsschool voor meisjes’ is gebouwd in 1972 naar ontwerp van de Amsterdamse architect J.B. Ingwersen. Het is een licht en luchtig vormgegeven schoolgebouw, typerend voor die tijd, met zwaar metselwerk en betonnen elementen. Het gebouw heeft een heldere structuur met fraaie bouwkundige onderdelen zoals de zitkuil met verhoogd dak, een patio en een systeemmatig uitgedokterde kozijndetaillering en verdeling.

Verschillende bewoners Jarenlang heeft het gebouw dienst gedaan als onderwijslocatie, daarna is het een tijd gebruikt als filmset

van de populaire tv-serie Spangas. En nu heeft het gebouw weer een onderwijsorganisatie als bewoner gekregen en wel Hogelant. Maar de staat van het gebouw liet te wensen over. Met het oog op vervangende nieuwbouw werd onderhoud bijna 10 jaar uiten afgesteld met achterstallig onderhoud als gevolg. Ook liet de gehele technische installatie uit de jaren ‘70, het afweten. Het dak lekte, er was sprake van beton- en houtrot, de lokalen toonden ‘shabby’, het gebouw was binnen normale proporties niet warm te stoken, temperatuur werd geregeld door ramen open of dicht te doen en het klimaat voelde bedompt. Ondanks deze gebreken hielden de toenmalig gekozen hoog kwalitatieve afwerkingsmaterialen het gebouw staande, bleef de goede structuur zichtbaar en was de ooit beoogde sfeer nog duidelijk voelbaar.

Keuze voor renovatie Vanwege de afgenomen kwaliteit leek de kans van

42

schooldomein

april 2013


BOUW EN ORGANISATIE

slagen voor een succesvolle renovatie gering. De bijna vicieuze cirkel tussen nieuwbouwplannen met een hoge investering of een gedegen renovatie voor een beperkter budget kon alleen maar met een duidelijke keuze worden doorbroken. Deze keuze werd eind 2011 gemaakt mede omdat het gebouw inmiddels was bestempeld als ‘jong monument’. Besloten werd, gelet op de beschikbare budgetten, het gebouw te renoveren. In overleg met de onderwijsorganisatie, het schoolbestuur, de architect, de installatieadviseur en ICSadviseurs is een technische omschrijving opge-

Arjen Huiden – bouwmanager ICSadviseurs: “Door in een bouwteam te werken is zowel technisch als financieel maximaal gepresteerd.” Marcel Rijnhart – projectleider aannemer: “Tijdens onze eerste bezoeken troffen wij een troosteloos gebouw aan. Nu kijken wij met trots terug op dit werk. Het gebouw heeft een metamorfose ondergaan met beperkte kosten ten opzichte van nieuwbouw.” Karin Couwenbergh - architect: “Vertrouwen en flexibiliteit van alle partijen om te kunnen schuiven binnen het budget is bij een dergelijk project een vereiste.” Gert Braaksma – locatiedirecteur Hogelant: “Als een schooldirecteur beslissingen neemt over een verbouw kan dat enkel met steun van mensen die er echt verstand van hebben. Dankzij onze architect, ICSadviseurs en Van Wijnen/Van Vliet staat er nu weer een gebouw dat de naam ‘school’ waardig is.”

steld waarin - met het oog op het door de gemeente beschikbaar gestelde budget - allereerst de essentiële ingrepen zijn uitgewerkt. Deze zagen vooral toe op het verbeteren van de bouwfysische kwaliteit van het gebouw. Verwarming, dubbelglas, vervangen van de dakbedekking met dakisolatie en het inpassen van een luchtbehandelingssysteem zijn hier de exponenten van. Dit alles samen met het opfrissen van het interieur en een enkele sfeertoevoeging moesten de school weer ‘klaar’ maken voor gebruik.

projectinformatie Project Renovatie Hogelant

Opdrachtgever

Slimme keuzen

ZAAM Interconfessioneel Voortgezet Onderwijs

Op basis van de technische omschrijving is een aannemer gecontracteerd die met zijn onderaannemers in bouwteam en in overleg met de school en haar adviseurs het plan verder hebben uitgewerkt. Door deze contractvorm heeft de aannemer mee kunnen denken in de technische uitwerking van de plannen en zijn er optimalisaties in de plannen doorgevoerd. Ook zijn diverse onvoorziene maar noodzakelijke extra ingrepen in kaart gebracht die, door voldoende budgettaire ruimte te reserveren en het maken van slimme keuzen, ook aan het plan zijn toegevoegd. Het resultaat is verbluffend: een geheel opgeknapte school met aansprekende terreininrichting waarin naast Hogelant ook de andere gehuisveste partijen weer jaren op een goede wijze worden gefaciliteerd in hun leer- en werkproces.

Architect Karin Couwenbergh Architect Engwierum

Adviseurs Van Vugt Consult B.V. Hazerswoude-Rijndijk, Samya Bouchareb Consultancy, Amsterdam

Hoofdaannemer C.T.J. van Vliet Aannemingsbedrijf B.V.

Onderaannemers Oudshoorn Elektrotechniek B.V., Madern Techniek b.v. Veenendaal

Bruto vloeroppervlakte ca. 3250 m2

Bouwsom (inclusief installaties en terrein) ca.1,6 miljoen exclusief btw

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Arjen Huiden

Ingebruikname

van ICSadviseurs: telefoon 06-22569357 of email

Augustus 2012

arjen.huiden@icsadviseurs.nl

schooldomein

april 2013

43


Een slimme BSO

Kindcentrum Oda in Maastricht De meeste Basisscholen en kinderopvangorganisaties kennen de behoefte: het aanpassen van het gebouw aan nieuwe opvattingen. Niet alleen onderwijs en opvang veranderen - ook andere omstandigheden drukken een stempel op de omgang met de bestaande gebouwen. Als eerste in een reeks voorbeelden uit de Scholenbouwatlas: de slimme Buitenschoolse Opvang in Kindcentrum Oda. Tekst Dolf Broekhuizen Foto’s Frencken Scholl Architecten

Scholenbouwatlas in wording De komende periode besteedt Schooldomein aandacht aan ver­ bouwprojecten in het kader van De Scholenbouwatlas. De gebouwen zijn leerzame voorbeelden die uitgebreider in de Scholenbouwat­ las gepresenteerd zullen worden. De atlas gaat uit van het idee: we kunnen leren van elkaar. Gebrui­ kers doen met de atlas ideeën op. De Scholenbouwatlas is nog niet gereed. Naar verwachting is eind 2013 een website (www.scholen­ bouwatlas.nl) operationeel die gekoppeld is aan de scholenbouw­ waaier. Met nai010 uitgevers wordt gewerkt aan een publicatie. Het project wordt breed gedragen en financieel mede mogelijk gemaakt door het Atelier Rijksbouwmeester en het Stimuleringsfonds Creatieve industrie.

44

schooldomein

De tijd is voorbij dat nieuwbouw in het weiland vanzelfsprekend is. In steden is de ruimte uiterst schaars en worden de voorzieningen herschikt. Verbouwen van voorzieningen voor basisonderwijs en kinderopvang zijn een opgave waar we niet om heen kunnen. De huidige tijd dwingt ons om netjes voor onze spullen te zorgen: goed onderhoud en slim aanpassen past ook bij het steeds breder gedragen duurzaamheidstreven. Maar hoe doe je dat? Wat zijn leerzame voorbeelden van verbouwen? De gemeente Maastricht ziet zich al enkele jaren geconfronteerd met een krimp van het leerlingenaantal. Naar verwachting zal een deel van de bestaande kindvoorzieningen de komende jaren de functie verliezen. Vanuit dat perspectief lag het in 2010 niet voor de hand dat de Buitenschoolse Opvang bij de voormalige Odaschool in een nieuwe vleugel zou worden gehuisvest. Bovendien bood het plein niet al te veel ruimte voor nog weer een nieuwe uitbreiding. De buitenruimte zou krapper worden en kunnen verrommelen. En het oorspronkelijke sterke karakter van het robuuste bakstenen gebouw uit de jaren twintig dreigde te verzwakken, waardoor ook het samenhangende

april 2013

straatbeeld aan kracht zou inboeten. De verbouwing bood de kans om in het kader van verbeteren van het proces van kennisoverdracht en doorgaande leerlijnen een integraal kindcentrum te realiseren.

Interne verbouwing De directeur van het kindcentrum Ed Lemmens en architectenbureau Frencken Scholl stelden voor de oplossing voor de BSO voorziening te zoeken in een interne verbouwing en herschikking van de functies in het bestaande gebouw. Ze kregen daarvoor de instemming van het bestuur MosaLira. Het bestuur kreeg kantoorruimte in het gebouw en de kinderopvang verhuisde naar een ander deel van het gebouw. Het bijzondere van de verbouwingsingreep is de koppeling van Buitenschoolse Opvang ruimte aan de onderwijsruimte. Op de begane grond en op de eerste verdieping zijn de bestaande gangzone en groepsruimtes grondig herschikt. De oorspronkelijk vrij brede gang is vergroot door het groepslokaal te verkleinen. De ruime zone die is ontstaan wordt dubbel gebruikt. Het is een leer- en speelplein waar kinderen kunnen werken. Tijdens de lesuren staan de brede


BOUW EN ORGANISATIE

“De integraliteit wordt als uitgangspunt genomen.”

schuifdeuren open en zijn zowel stamgroepruimte als leerplein tegelijk in gebruik. Na schooltijd kunnen de leerpleinen gebruikt worden door de BSO. Het is zelfs mogelijk om de schuifdeur dicht te doen zodat de centrale zone uitsluitend BSO ruimte is.

Nieuw begin In de leerpleinen zijn diverse zones gecreëerd waar door de grote schuifdeuren goed zicht op is. Met halfhoge kasten zijn speel- en werkplekken gemaakt. Kleuters spelen bijvoorbeeld in een leeshoek en een atelier. Langs de ramen is een strook met computerplekken die iets meer besloten ligt en waar de concentratie groter kan zijn. Op de begane grond

is bovendien nog een andere ruimte gemaakt: een ontmoetingsruimte, die eveneens meervoudig gebruik kent. Aan het begin van de dag is het koffieruimte voor de leerkrachten, en na schooltijd is het eetruimte en televisieruimte voor de BSO. Voor de leerkrachten was een dergelijke omschakeling van een gangenschool naar een opzet met leerlandschappen en meervoudig gebruik een nieuw begin, stelt directeur Ed Lemmens. De leerkrachten schakelden over naar het systeem van ‘leiden en loslaten’. ‘Tijdens instructie leiden we de kinderen, daarna worden ze losgelaten voor zelfstandige verwerking. De metamorfose die het gebouw heeft ondergaan, biedt daar ruimte voor.” Terugkijkend op het verbouwresultaat stelt hij: “De leerkrachten vinden de overgang prettig. Ze zitten nu niet meer in afgesloten lokalen. Het is veel opener en ze hebben nu veel contact met elkaar. Er is nu sterk het gevoel samen school te zijn.” Kindcentrum Oda is ruimtelijk en organisatorisch samenhangend opgezet. De integraliteit wordt als uitgangspunt genomen. De integratie tussen onderwijs en de BSO biedt nieuwe mogelijkheden die voor de beleving van de school en dagritmes van kinderen relevant zijn. De nieuwe plattegrond laat het toe dat het kindcentrum zou kunnen toegroeien naar een systeem met flexibele lestijden zoals een Sterrenschool. Een kind dat van acht tot zeven in dit kindcentrum verblijft heeft de beschikking over verschillende ruimtes, terwijl het gebouw vrij compact is gebleven. Tegemoetkomen aan huidige behoeften blijkt heel goed mogelijk in dit gebouw, ook al is het ruim tachtig jaar oud.

schooldomein

april 2013

45


Digitale leeromgeving voor Franse school Den Haag Onlangs is in Scheveningen de nieuwe mediatheek van het ‘Lycee van Gogh’ opgeleverd. Het ging daarbij om een interne verbouwing en het doel was een stimulerende studieomgeving te ontwerpen. De ontwerpers werden uitgedaagd mee te denken over de wijze waarop digitalisering van het onderwijs kan worden geïntegreerd in het schoolgebouw. Tekst Olivier van den Hoven

E

en Franse school verschilt op veel punten van een Nederlandse school. Maar een belangrijke overeenkomst is dat nieuwe media in veel landen steeds belangrijker worden in de leeromgeving. Ook op de Franse school zijn leerlingen én leraren in de loop der tijd dankbaar gebruik gaan maken van deze middelen als waardevolle aanvulling op het reguliere lesaanbod. Het Lycee was al jarenlang stapsgewijs in deze ontwikkeling meegegaan. Zo was de traditionele bibliotheek langzaam veranderd in een mediatheek met desktopcomputers. Maar ook het leergedrag veranderde. Leerlingen kwamen steeds vaker met eigen laptops naar school. De school zag dat ze er bijvoorbeeld in de pauzes en tijdens tussenuren hun huiswerk op maakten. Alleen deden ze dat op de gangen en in het cafetaria, en niet in de ‘médiathèque’. Om deze ontwikkeling te faciliteren ging de school op zoek naar een nieuw ruimtelijk concept.

Aan de slag Architectenbureau ScheurwatervandenHoven won in december 2011 de eerste prijs bij een besloten ontwerpprijsvraag en kon aan de slag. Een belangrijk uitgangspunt van het winnende ontwerp is dat de nieuwe mediatheek een overzichtelijke en uitnodigende verblijfsruimte moest worden. Daarom is besloten de ruim 20.000 boeken grotendeels onder te brengen in een 45 meter lange boekenwand. Zo ontstaat ruimte voor een helder verblijfsgebied die nieuwe indelingen in de toekomst mogelijk maakt zonder dat hiervoor het wezen van de ruimte wordt aangetast. In de ruimte bevinden zich naast een informatiebalie verschillende soorten studie- en werkplekken. De leerlingen kunnen er individueel en in groepsverband werken. Naast een goede Wifi-voorziening zijn er op veel plekken data- en elektra-aansluitingen. Er zijn meer dan 80 werkplek-

46

schooldomein

april 2013


STEDENBOUW EN ARCHITECTUUR

De felgekleurde meubels in het midden van de ruimte zijn zachte, comfortabele zit-objecten die speciaal voor deze mediatheek door ScheurwatervandenHoven werden ontworpen. Tijdschriftenschappen zijn in de rugleuningen en de zittingen geïntegreerd. De mediatheek van de Franse school is dit schooljaar in gebruik genomen. De eerste signalen over het gebruik zijn ronduit positief.

Voorbeeld Franse school

“Tijdschriftenschappen zijn in de rugleuningen en de zittingen geïntegreerd.” ken gerealiseerd, maar het aantal desktopcomputers is beperkt gehouden. Daardoor oogt de ruimte heel open en is hij flexibeler in het gebruik. De opzet biedt ook de mogelijkheid aan docenten om af en toe met een groep tot 30 leerlingen het klaslokaal te verruilen voor een speciaal lesuur in de mediatheek.

Digitale leestafel Een opvallend onderdeel van de nieuwe ruimte is een speciaal ontworpen ‘digitale leestafel’ waarin 16 iPads in schoolbank-achtige vakjes zijn geïntegreerd. Het is een fraai meubel waar leerlingen bij het studeren gemakkelijk internetbronnen kunnen raadplegen. Buiten schooltijd kan de leestafel ook nadrukkelijk dienst doen als bijzondere bijeenkomstlocatie op bijvoorbeeld ouderavonden.

De ontwerpers van ScheurwatervandenHoven zijn naar aanleiding van dit project geïnteresseerd geraakt in hoe andere scholen in Nederland met de inpassing van nieuwe media omgaan. De ontwerpers benaderen scholen momenteel om hen bekend te maken met het voorbeeld van de Franse school. Ook hebben ze met bouwbedrijf Bijkerk en HOL Installatietechniek een teamverband opgezet dat aan scholen complete gebouwaanpassingen kan voorstellen die bovendien voldoen aan de richtlijn ‘Frisse Scholen’. Architect Olivier van den Hoven vertelt: ”We hebben in de afgelopen weken al tientallen scholen gesproken over nieuwe media. Wat opvalt, zijn de verschillen in aanpak. Er is dan ook niet één en dezelfde manier om nieuwe media te integreren in het onderwijs. Scholen weten zelf vaak goed hoe ze dat willen organiseren. Er zijn tal van partijen die hen adviseren over digitale lesprogramma’s en de aanschaf van hardware. Onze boodschap is dat digitalisering van het onderwijs niet alleen een kwestie van laptops en lesprogramma’s is. De inpassing daarvan in een schoolgebouw is bij uitstek ook een ruimtelijke opgave. Dat brengt keuzes met zich mee die het succes van die verandering in hoge mate beïnvloeden. Moet bijvoorbeeld de iPad het klaslokaal in of moet de leerling juist de mediatheek in, om met iPads te werken? Dat zijn keuzen. Of vraagt het onderwijs juist om een meer hybride leeromgeving, die zowel ruimte biedt aan klassikaal onderwijs als aan groepswerk, zelfstudie en het gebruik van nieuwe media?” Een geslaagde inpassing van digitale middelen binnen de bestaande structuur van een school betekent uiteindelijk een enorme meerwaarde voor het leergedrag en de ontwikkeling van scholieren. Het is de taak van een architect om onbenutte kansen hiervoor te onderzoeken en inzichtelijk te maken. De mediatheek van de Franse School biedt alvast een treffende referentie. ScheurwatervandenHoven werd in 2009 opgericht door de architecten Maarten Scheurwater en Olivier van den Hoven. Eerder won ScheurwatervandenHoven de ‘Reypoort’ prijsvraag in Den Haag Transvaal met een ontwerp voor een educatieve Stadskas. De ‘Médiathèque Lycee van Gogh’ werd uitgevoerd in samenwerking met atelier Koller. Voor meer informatie belt u naar 06-47806183 of surft u naar www.svdharchitecten.nl.

schooldomein

april 2013

47


Innovatielab:

ICT maakt gebouwen overbodig Tekst Sibo Arbeek

De stellingen: 1. ICT manipuleert de ontwikkeling van de mens.

het verkeer maar ook in de sociale omgang sprake is van verslaving. En verslaving leidt tot manipulatie.

2. ICT is aardige aanvulling maar de rol van de docent neemt daardoor toe. 3. ICT maakt gebouwen overbodig. 4. Het nadeel van een digitale leeromgeving is dat leerlingen elkaar niet meer ontmoeten. 5. De toename van ICT heeft geen directe invloed op het ontwerpen van een schoolgebouw.

Edward van der Zwaag:

1. ICT manipuleert de ontwikkeling van de mens Bij de ontwikkeling van de mens gaan IQ, EQ, SQ en SI hand in hand. ICT zorgt ervoor dat op elk moment van een etmaal alle gewenste informatie beschikbaar is. Nieuwsgierigheid prikkelt de mens dusda-

48

schooldomein

april 2013

nig dat ICT de ontwikkeling van de mens sterk manipuleert. De mobiele brigade heeft in het straat- en schoolleven zijn entree gedaan. Overal zie je de mens met de mobiel in de hand informatie zoeken en doorgeven. Het is een ontembare informatiestroom geworden waardoor de emotionele en spirituele ontwikkeling achter blijft. De communicatiedrift en informatiewens zijn zo dwangmatig geworden waardoor in

• • • •

IQ - intelligentie quotiënt EQ - emotionele quotiënt SI - sociale intelligentie SQ - spirituele quotiënt

4. Het nadeel van een digitale leeromgeving is dat leerlingen elkaar niet meer ontmoeten Leerlingen staan op en gaan naar bed met hun nieuwe digitale informatiebronnen. De digitale leeromgeving is als hulp- en ondersteuningsmiddel opgezet naast de andere didactische en pedagogische middelen in het onderwijs. Deze opzet is echter volledig mislukt omdat de verslaving aan ICT niet voorzien was. De digitale leeromgeving verarmt sociaal menselijk contact omdat het middel niet meer als ondersteuning wordt gebruikt maar als hoofdmiddel. De opkomst van de Steve Jobsscholen bevorderen


THEMA FINANCIERING EN EXPLOITATIE

Deelnemers Edward van der Zwaag: voormalig hoofd Onderwijsbeleid & Communicatie ROC Horizon College, communicatie- en debattrainer

Els van der Zande: ICT coördinator Kaj Munk College

dit nog eens extra. Grote ruimten, elke leerling krijgt uitsluitend informatie via Ipad, toetsen worden afgelopen via de digitale leerweg en de docent wordt senior docent die 50 leerlingen begeleidt voor vragen over de werkwijze van de digitale leerweg.

5. De toename van ICT heeft geen directe invloed op het ontwerpen van een schoolgebouw Natuurlijk heeft ICT grote invloed op het ontwerpen van schoolgebouwen. Leerlingen hebben geen behoefte meer aan grote instructieruimten. Er wordt veel meer individueel gewerkt en de instructie vindt ook plaats via de digitale leerweg. De traditionele school met klaslokalen, gangen en een hal maakt plaats voor een grote ruimte waar elke leerling via het systeem van het nieuwe werken - het nieuw leren een werkplek zoekt die op dat moment nog beschikbaar is. De school wordt een werkplek waar je in je eentje kennis vergaart waar jij op dat moment als individu behoefte aan hebt.

Frans Schouwenburg: strategisch adviseur Kennisnet Maurice de Hond: opiniepeiler, trendwatcher, ondernemer Marco van Zandwijk: bedenker en auteur Scholenbouwwaaier, mede-ontwikkelaar St. Ruimte voor Onderwijs en Kinderopvang (Ruimte-OK)

Els van der Zande – Kaj Munk College:

1. ICT manipuleert de ontwikkeling van de mens Soms lijkt het hier wel op. Sociale media beïnvloeden gedrag en kennis van mensen. We verkokeren, worden dommer, denken minder na, worden asocialer (zie ook NRC Handelsblad van 24 december 2012). Vele mensen zijn gekluisterd aan hun smartphone of tablet, bang om iets te missen van wat er om hen heen gebeurt. Dag en nacht wordt er met elkaar gecommuniceerd. Steeds meer bedrijven gebruiken sociale media om te achterhalen wat iemand doet, zodat gerichte reclame gestuurd kan worden, of om de zoekacties naar een bepaald onderwerp te

beperken. We hoeven niet meer na te denken; er wordt voor ons gedacht.

3. ICT is aardige aanvulling maar de rol van de docent neemt daardoor toe Een docent is een persoon die kennis en technische bekwaamheid overdraagt aan leerlingen (bron: webdefinitie van Wikipedia). De huidige docent doet meer dan dit: hij is klassenmanager, mentor en probeert zoveel mogelijk nieuw materiaal aan te bieden die bij de belevingswereld van de leerlingen past. De docent arrangeert en ontwikkelt dus ook. ICT blijft een tool om kennis en technische bekwaamheden over te dragen en mag nooit leidend worden in

schooldomein

april 2013

49


Els van der Zande

“Nieuwsgierigheid prikkelt de mens dusdanig dat ICT de ontwikkeling van de mens sterk manipuleert.”

Frans Schouwenburg

deze overdracht. De rol van de docent gaat wel veranderen door meer ICT gebruik. Materiaal kan via ICT tools aangeboden worden en de leerling heeft zelf de verantwoordelijkheid deze leerstof tot zich te nemen. De docent coacht hierin.

3. ICT maakt gebouwen overbodig Dat schoolgebouwen helemaal overbodig worden zie ik in de verdere toekomst wel gebeuren. Een leerling kan immers via elearning alles ophalen wat nodig is. Via online presentaties kan een leerling een college volgen en ondersteuning krijgen. In plaats van standaard lesroosters kunnen colleges worden aangeboden, waarin leerlingen kunnen plaatsnemen die over een bepaald onderwerp iets willen leren/weten. Dit betekent ook dat een leerling op diverse niveaus examen kan doen. Bijvoorbeeld: wiskunde op mavo niveau, biologie op havo niveau en Engels op vwo niveau. Om colleges te kunnen geven heb je natuurlijk collegezalen nodig. De rest van het gebouw kan gebruikt worden voor individuele ondersteuning. Via het eigen device en via e-learning kan elke leerling de eigen weg naar een diploma uitstippelen. Docenten worden coaches en er zijn minder docenten nodig per school.

Frans Schouwenburg, Strategisch Adviseur Kennisnet:

2. ICT is aardige aanvulling maar de rol van de docent neemt daardoor toe De rol neemt niet toe, maar wordt anders, en zelfs zuiverder. We verzamelen en doen

50

schooldomein

april 2013

onderzoek naar de effecten van ict en weten dat ICT niet beter werkt bij elke toepassing zonder meer, maar wel significant betere leerprestaties levert bij gericht, gedoseerd en goed gebruik. Drie gemeten effecten: 1. L  eerlingen leren langer omdat leren aantrekkelijker wordt (langere concentratie via games, kinect, etc.) 2. L  eerlingen presteren beter wanneer instructie effectiever is (gerichte feedback door de computer, instructie altijd op filmpjes aanwezig en dus te raadplegen wanneer nodig) 3. D  e leerlingen gaan sneller vooruit omdat ze meer leren in minder tijd (mentaal automatiseren met rekenprogramma’s). De docent is in al deze situaties wel de sleutelfiguur. Gebruik van oefenprogramma’s of van gefilmde instructies, levert tijd in de les op die anders kan worden besteed. Bijvoorbeeld voor het intensiever met leerlingen uitvoeren van opdrachten en onderzoekjes. Mijn stelling: De productiviteit van de leraar wordt verhoogd door instructiegerichte werkzaamheden te automatiseren.

4. Het nadeel van een digitale leeromgeving is dat leerlingen elkaar niet meer ontmoeten Er was ooit een school voor voortgezet onderwijs in Nederland die helemaal digitaal ging. Alles werkte via de leeromgeving. Er werden na een jaar leerlingen geïnterviewd. Ze vertelden dat ze soms het gevoel hadden dat ze een kantoorbaan hadden. Ze kwamen op school, zetten hun tas naast hun tafel, logden in op hun computer en begonnen te


THEMA FINANCIERING EN EXPLOITATIE

Maurice de Hond

werken. Dit is een afschrikwekkend voorbeeld van hoe digitaal onderwijs zou kunnen ontaarden. Net zo afschrikwekkend als het beeld van een leraar die les in les uit voor het bord vertelt, zijn dictaat op het bord schrijft, de leerlingen laat overschrijven van het bord en op grond van deze stof toetsen afneemt waarin leerlingen reproduceren wat ze op het bord zagen staan. Iedereen die op de lerarenopleiding of pabo heeft gezeten weet dat goed onderwijs het doorlopend zoeken naar de mix van werkvormen is. Het gebruik van een digitale leeromgeving is nuttig als het een dashboard oplevert voor de leerling en als hij/zij daar de opdrachten en bronnen kan vinden. Daar ben je niet de hele dag mee bezig. De leeromgeving is een tool, te gebruiken bij de variatie aan activiteiten die je op een schooldag tegenkomt. Op school of thuis. Is het nadeel van een ijskast dat gezinsleden elkaar niet meer ontmoeten?

Maurice de Hond: trendwatcher.

2. ICT is aardige aanvulling maar de rol van de docent neemt daardoor toe De rol van de docent kan duidelijk anders worden als ICT echt goed wordt gebruikt. Als alle leerlingen over een device beschikken dan zal er veel minder sprake hoeven te zijn van lesuren die voor het overgrote deel bestaan uit een frontale overdracht van kennis door de docent.

3. ICT maakt gebouwen overbodig Voor sommige bedrijven en organisaties is dat zo. Zeker als deze stelling geïnterpre-

Marco van Zandwijk

teerd wordt als ‘… maakt grote gebouwen overbodig’. Voor mijzelf heeft de computer plus internet mij tijd- en plaatsonafhankelijk gemaakt. Ik kan mijn werk overal doen, als ik maar een goede internetverbinding heb. Er komen steeds meer situaties voor, waarbij ik als klant nooit een winkel, showroom of kantoor bezoek. Dat is ook al lang het geval bij instanties als het LOI. Gaat het om het onderwijs voor jongeren tussen 4 en 18 jaar dan zal ook zeker de fysieke component van het onderwijs belangrijk blijven. Maar wel kan en zal het gebouw er beduidend anders uit kunnen, nee moeten zien.

4. H  et nadeel van een digitale leeromgeving is dat leerlingen elkaar niet meer ontmoeten

“Personen die hun talenten (vanuit een natuurlijk aangelegde nieuwsgierigheid) ontwikkelen hebben behoefte aan het ontmoeten van gelijkgestemden.”

“Het nadeel van de telefoon is dat mensen elkaar niet meer echt spreken (anno 1890)”. Dat was net zo onzin geweest als deze stelling. Allereerst heeft een goede digitale leeromgeving een belangrijke sociale component waarbij leerlingen elkaar virtueel ontmoeten. Daarnaast kan het bij elkaar zijn in de fysieke omgeving (het schoolgebouw) veel meer benut worden voor de sociale interactie in plaats van frontale overdracht van kennis.

5. D  e toename van ICT heeft geen directe invloed op het ontwerpen van een schoolgebouw Vergelijk de opzet en inrichting van kantoren in de afgelopen 100 jaar. 100 jaar geleden zaten bijvoorbeeld de werknemers van een bank in grote rijen achter elkaar. En zat de manager op een verhoging ervoor te

schooldomein

april 2013

51


met netbooks, laptobs en tablets in hybride netwerken.

2. ICT is aardige aanvulling maar de rol van de docent neemt daardoor toe

“Is het nadeel van een ijskast dat gezinsleden elkaar niet meer ontmoeten?”

controleren of iedereen wel werkte. Nu zijn er kantoren, zoals Microsoft op Schiphol, waar de werknemers geen eigen plek hebben en vele verschillende ruimtes zijn, waar men kan werken, inclusief thuis. Welke plek je kiest en met wie samen, hangt af van de specifieke taak van dat moment. De grote verschillen in die 100 jaar zijn vooral veroorzaakt door de technologische ontwikkelingen. Als alle leerlingen een device hebben, dan zal het ruimtegebruik ingrijpend anders kunnen en dus het ontwerp van het schoolgebouw ook.

Marco van Zandwijk (Ruimte-OK/ Scholenbouwwaaier):

1. ICT manipuleert de ontwikkeling van de mens Doel en middel worden gemakkelijk met elkaar verward. ICT ontwikkelingen hebben de mate van zelfbeschikking vergroot. De filosoof Arnold Cornelis noemt dit communicatieve zelfsturing, een gedachte die in de basis teruggrijpt op de aangeboren nieuwsgierigheid van mensen om te willen leren. Een grotere diversiteit aan ruimten zou dit verlangen naar communicatieve zelfsturing enorm kunnen ondersteunen. Daar past niet langer een repeterende opeenstapeling van gelijkvormige groepsruimten bij, waarin alleen het krijtjesbord is vervangen door een digibord. Dit gebrek aan diversiteit zie je terug in veel gangenscholen uit de jaren zestig en zeventig. Scholen welke met moeite aan te passen zijn aan de wens om de leeromgeving geschikt te maken voor werkmethodes waarin naast groepsgewijze instructie ook ruimte is voor het werken

52

schooldomein

april 2013

Er kan veel geleerd worden van de wijze waarop leerkrachten hier zelf naar kijken. Op de NOT-beurs sprak ik ‘Meester Groenendijk’, een leerkracht van mijn oude basisschool hierover. Zijn visie hierop was dat de rol van de docent geleidelijk verandert van leraar naar begeleider. Steeds meer leerlingen werken op eigen niveau en met een eigen handelingsplan. ICT gaat daarbij een steeds grotere rol spelen in het overbrengen van de lesstof. Vanuit deze redenering neemt de rol van de docent niet toe maar neemt deze andere vormen aan. De gebouwde omgeving dient hier in zijn ruimtelijke opzet op te anticiperen. Of je dit als school wilt of niet, de mogelijkheden van ICT zullen uiteindelijk ook een verschuiving teweeg brengen die voortkomt uit de gebruikers zelf. Nu zijn er al scholieren die op 15-jarige leeftijd een eigen bedrijfje runnen onder de reguliere verplichte onderwijstijd. Dit voorbeeld is m.i. illustratief voor een leerproces dat niet langer formeel gedicteerd wordt van bovenaf, maar bepaald wordt door de informeel lerende die zelf in staat is zijn leervraag te definiëren en hierbij de partners en platforms zoekt die hem hierbij helpen.

4. Het nadeel van een digitale leeromgeving is dat leerlingen elkaar niet meer ontmoeten Het tegendeel is waar. Personen die hun talenten (vanuit een natuurlijk aangelegde nieuwsgierigheid) ontwikkelen hebben behoefte aan het ontmoeten van gelijkgestemden. Ontmoetingen in de gebouwde omgeving leggen dus een belangrijke basis voor betekenisvolle ervaringen, waardoor kan worden geleerd. Wie op zoek gaat naar betekenisvolle leerervaringen komt uit bij ruimtelijke concepten waarin sociale interactie en uitwisseling in verschillende verbanden maximaal wordt gefaciliteerd. Een vergelijking naar de sociale impact en aantrekkingskracht van ‘Seats to Meet’ uit het bedrijfsleven is hier gemakkelijk te maken. De sociale infrastructuur en kracht van dit concept (in oorsprong bedoeld voor de netwerkende ZZP-er) schuilt ook daar in het (fysiek) ontmoeten van elkaar.


kort nieuws Escher-pilaren gespaard In maart vorig jaar berichtte Schooldomein over de dreigende sloop van het Maris College (voorheen Johanna Westermanschool) in de Haagse wijk Zorgvliet vanwege de nieuwbouw van Eurojust. Daar was fors verzet tegen, ook al omdat daardoor de unieke Escher-pilaren in het gebouw dreigden te verdwijnen. De aangekondigde sloop gaat door maar de pilaren met Eschers motieven van salamanders en vliegende vogels worden gespaard. Na inspan-

ningen van het wijkoverleg, monumentenzorg en de gemeenteraad worden ze binnenkort verplaatst naar de nieuwbouw van het Maris College. Daar krijgen ze een nieuwe functie en toekomst. Volgens Schooldirecteur Armand Krooning vormt kunst een belangrijk thema op het Maris College.

Meer meerjarige onderhoudscontracten in de bouw Meerjarige onderhoudscontracten komen steeds vaker voor in de bouwsector. Met name in de installatiesector wordt veel gewerkt met dit type contracten. Voor de komende jaren wordt door de uitvoerende partijen in de bouw een verdere groei van deze vorm van onderhoud verwacht. Dit blijkt uit onderzoek

van USP Marketing Consultancy. De afgelopen jaren wordt er in de bouwsector steeds meer met meerjarige onderhoudscontracten gewerkt. Bij een meerjarig onderhoudscontract is vooraf overeengekomen dat één partij gedurende een aantal jaar verantwoordelijk is voor het onderhoud van een bouwwerk. Twee op

de vijf uitvoerende partijen in de bouwsector verwachten dat er in de komende jaren vaker met meerjarige onderhoudscontracten gewerkt gaat worden. De installateurs zijn het meest positief over deze ontwikkeling; 56% verwacht vaker met dit soort contracten te gaan werken. Bron: Stedebouw & Architectuur.

roken, zelf ook eerder gaan roken. Het Longfonds (voorheen Astma Fonds) gaat scholen inspireren hun schoolterrein rookvrij te maken. Feiten en cijfers, een concreet stappenplan en inspirerende filmpjes vindt u op longfonds.nl/

schoolterrein. Ouders zien graag dat kinderen opgroeien in een veilige en gezonde omgeving. School moet niet de plek zijn waar zij leren roken. Scholen willen aan leerlingen het goede voorbeeld geven: ‘Op school steek je niks op.’ Veel scholen hebben daarom al een rookvrij schoolterrein, op dit moment een kwart van alle scholen in het voortgezet onderwijs in Nederland. Roken en meeroken zijn de belangrijkste bronnen van gezondheidsverlies in Nederland. De helft van alle rokers, steekt hun eerste sigaret op het schoolplein op. Zien roken doet roken. Hoe eerder kinderen beginnen met roken, hoe groter de kans dat zij hun leven lang verslaafd blijven. Het Longfonds wil gezonde longen, gezond houden en zet zich, samen met KWF, Hartstichting en Trimbos-instituut in om het aantal scholen met een rookvrij schoolterrein te doen stijgen, met als einddoel: een daling van het aantal rokende jongeren.

Op school steek je niks op

Vanaf 1 januari 2014 wil het kabinet de leeftijdsgrens voor de verkoop van tabak van 16 naar 18 jaar verhogen. Dit doen ze om het roken door jongeren te ontmoedigen. Uit onderzoek blijkt dat jongeren die anderen zien

Veel buurthuizen sluiten deuren Het voortbestaan van veel buurthuizen staat op de tocht. Al zeker 100 van deze centra zijn gesloten, nog eens tientallen dreigen hun deuren te moeten sluiten. Dat blijkt uit een rondgang van de Volkskrant. Omdat er bezuinigd moet worden doen gemeenten juist een beroep op burgers om de wijkcentra draaiende te hou-

den. Maar volgens de krant vinden vrijwilligers het beheer, het onderhoud en de exploitatie van de buurthuizen te zwaar. Volgens de MOgroep, de brancheorganisatie voor welzijn en maatschappelijke dienstverlening, hebben de sluitingen al zo’n 6000 arbeidsplaatsen gekost. Volgens Bas Denters, hoogleraar Bestuurskunde

aan de Universiteit Twente, moeten gemeenten niet denken dat bijvoorbeeld ouderen een stuk verder zullen reizen als het centrum in de buurt gesloten wordt. Volgens hem kunnen vrijwilligers best enkele taken overnemen van gemeenten, maar dreigen ze in sommige gevallen ‘overvraagd’ te worden. Bron: ANP.

schooldomein

april 2013

53


Duurzame, frisse scholen geven goede voorbeeld Veel basisscholen in Nederland kampen met een slecht binnenmilieu. Dit benadeelt het leer- en werkklimaat en kost een school onnodig veel geld: zowel de hogere energierekening als eventueel ziekteverzuim moeten worden betaald. Het kan ook anders. Annemarie Jorritsma, voorzitter van de VNG, overhandigde eind 2012 prijzen voor de drie meest Frisse Scholen namens het Platform Binnenmilieu Scholen. Tekst Steven van Dort i.o.v. Agentschap NL Foto’s Henno Westeneng, Jorissen Simonetti Architecten

“O

nderzoek van enkele jaren geleden toont aan dat de CO2-concentratie in 80% van de klaslokalen veel te hoog is, met name door onvoldoende ventilatie en een slechte luchtkwaliteit. Dit leidt mogelijk tot slechtere leerprestaties en

Instrumenten voor Frisse School Een basisschool is fris te noemen als het voldoet aan de juiste eisen qua energiepresta­ tie, isolatie, ventilatie, luchtverversing, reinigbaarheid, geluid, daglicht en afwezigheid van asbest. Voor nieuwbouw en bestaande bouw heeft Agentschap NL een Programma van Eisen opgesteld voor al deze thema’s en met drie verschillende ambitieniveaus per thema: klasse A, B en C. In 2012 zijn de eisen voor het binnenmilieu in het bouwbesluit aangescherpt. Scholen kunnen tijdens de ontwerpfase of bouw van een schoolgebouw een Frisse Scholen Toets gebruiken om te zien of ze aan de energie- en binnenmilieupres­ taties voldoen. De toets geeft punten ter verbeteringen aan. Op www.frisse-scholen.nl zijn ook een handleiding, toetsingsrapport en scorekaart beschikbaar.

54

schooldomein

april 2013

meer ziekteverzuim onder leerkrachten en leerlingen. Inmiddels heeft ongeveer de helft van de 8.000 basisscholen in 2009 en 2010 een Energie & Binnenmilieu Advies laten uitvoeren in het kader van de crisis- en herstelwet, via het ministerie van OCW. Een groot deel hiervan heeft het binnenklimaat verbeterd en de energierekening flink verlaagd. Dat zijn zogenaamde ‘Frisse’ Scholen geworden.”

Bestaande bouw gewonnen door De Schakel Openbare basisschool De Schakel uit Nieuwegein sleepte de prijs in de wacht voor de bestaande bouw. Ingrid Bleijenberg is directeur van de school met 96 leerlingen. “Onze school kent 17 nationaliteiten en ons motto is: ieder kind telt”, zegt Bleijenberg. “We hebben alles aangepakt binnen de school, ook het binnenmilieu en gezondheid. We hebben voor verschillende verbeteringen gekozen, zoals een nieuwe HR-ketel, thermostatische radiatorknoppen, dubbelglas, een CO2-gestuurde ventilatie met warmteterugwinning en temperatuurregeling per vertrek. Ook zijn we het gebouw meer op maat gaan gebruiken. De kwaliteit van onze school gaan we monitoren via interne audits.”

Veldhuizerschool winnaar nieuwbouw De christelijke Veldhuizerschool in Ede won de prijs voor haar nieuwbouw. De school verhuisde in 2011 naar een nieuw pand. Directeur Geertje van de Put zag haar leerlingenaantal de afgelopen jaren verdubbelen naar 275 leerlingen. “Het pand was te klein en renovatie was daarom geen optie. Onze


THEMA FINANCIERING EN EXPLOITATIE

Frisse tips van schooldirecteuren • • • •

 oud in de begroting rekening met het onderhoud van de nieuwe installatie(s). H Vraag onderhoudscontracten op die aangeven hoe de situatie er uit ziet na de oplevering. Vergelijk diverse onderhoudscontracten: hier kan veel verschil tussen zitten. Overweeg leasecontracten zodat je als school niet zelf alle kennis over installaties, onder­ houd en wetgeving hoeft bij te houden. • Weet hoeveel tijd nodig is voor de offertebegeleiding, dit kan flink in de uren lopen. • Denk goed na over de eisen aan het totale gebouw en de inzet van de verschillende ruimtes. • Weet waar de roosters komen voor de inzuig en afblaas van een warmteterugwininstallatie. Het lawaai kan storend zijn maar ook letterlijk de stem van een juf of meester ‘wegzuigen’. OBS De Schakel, Nieuwegein

nieuwbouweisen: alle ruimtes moesten multifunctioneel zijn en we wilden geen gangen meer.” Het geld dat voor renovatie en uitbreiding was bedoeld, heeft de gemeente vervolgens ingezet voor een nieuw gebouw. Ook kreeg de school een duurzaam

bouwen subsidie van de provincie Gelderland. De winst zit met name in het passief bouwen. De muren zijn 30 tot 40 centimeter dik en zeer goed geïsoleerd. Bovendien is er driedubbel glas aangebracht en zijn de toegangsdeuren relatief klein. “Ik noem het ‘de thermosfles’: alles wat er in zit qua warmte of koude blijft in het gebouw”. Ook wat betreft licht en water zijn maatregelen genomen. De energiekosten zijn hierdoor flink verminderd.”

Renovatie: basisschool Edith Stein Ook basisschool Edith Stein in Veghel viel in de prijzen. Sinds 2011 zit de school in een verbouwd klooster uit 1902. Het gebouw is met respect voor het karakter en met hulp van de gemeente getransformeerd tot een multifunctionele accommodatie (MFA). Het Programma van Eisen Frisse Scholen is gehanteerd met klasse B als streefniveau. De werking van de toegepaste technieken wordt gedetailleerd gemonitord. Daar waar afgesproken prestaties niet worden gehaald, helpen de meetgegevens om leverende partijen aan hun beloftes te houden.

“Ik noem het ‘de thermosfles’: alles wat er in zit qua warmte of koude blijft in het gebouw.”

Agentschap NL stimuleert duurzame gebouwen Agentschap NL ondersteunt beleggers, projectontwikkelaars, gemeenten, gebouweigenaren en eindgebruikers bij het duurzaam bouwen, renoveren en beheren van gebouwen. Meer weten over rendement, techniek, maatregelen, instrumenten, regelgeving en financieringsmogelijkheden? Kijk op: www.agentschapnl.nl/ duurzamegebouwen. Op www.frisse-scholen.nl vindt u bovendien alle relevante informatie betreffende de bouw en het beheer en onderhoud van schoolgebouwen. Meer weten over Gezonde scholen? Zie www.ruimte-ok.nl en GGD-Vignet Gezonde School: Interieur Christelijke Veldhuizerschool, Ede

http://vignet.gezondeschool.info/primair_onderwijs/vignet_gs/.nl

schooldomein

april 2013

55


Toekomst van

het schoolgebouw De toekomst brengt verandering. Ook bestaande schoolgebouwen zullen in de toekomst op een andere manier gebruikt gaan worden. Als ICT net zo’n grote invloed op het onderwijs zal hebben als bij kantoren, winkels en zorg, staat de sector een grote verandering te wachten. Tekst Marianne Biemans Foto’s Ger Junte

Schoolgebouwen in de toekomst Bouwstenen organiseert tal van activiteiten rond ontwikkelingen in de onderwijshuisvesting (toekomstige behoefte, wegwerken overmaat, slimme en gezonde gebouwen, vindbaar en gastvrij in een nieuwe rolverdeling. Binnen Bouwstenen zijn diverse werkgroepen met het onderwerp actief: 1. Voorzieningenplanning (over de toekomstige vraag en gebiedsgerichte plannen); 2. Onderwijs en opvang (over multifunctioneel gebruik van onderwijshuisvesting, werkt o.a. aan nieuwe huursystematiek die meervoudig gebruik ondersteunt) 3. Referentiemodel exploitatie bij meervoudig ruimtegebruik 4. Verduurzamen vastgoed (hoe doe je dat?) 5. Lokale makelpunten (zodat vraag en aanbod van maatschappelijke ruimten elkaar kunnen vinden). 6. Het volledige artikel van Klaas Mulder, ‘de toekomst van de school is geen school’ is na te lezen op de website van bouwstenen.

56

schooldomein

april 2013

K

laas Mulder, docent Hogeschool Utrecht, schreef op verzoek van Bouwstenen een artikel over het toekomstig onderwijs. In dit artikel ‘De toekomst van de school is geen school’ maakt hij duidelijk dat ICT nu nog onvoldoende ontwikkeld is om het schoolgebouw overbodig te maken, maar over 10 jaar de wereld van de school er heel anders uit kan zien. “Het brede leren komt eraan” zo voorspelt hij. “Een slimme mix van e-learning, coaching door vakkrachten en ontmoetings- en ervaringsleren buiten de school”. Leren in de wijk en in de wereld. Op plekken waar er veel te leren valt en op een gemakkelijke manier, eventueel vanuit huis.

Geen nieuwe scholen meer nodig Kantoren lijken een geschikte plek voor het toekomstig onderwijs. Klaas Mulder: “Veel kleine kamertjes voor groepsopdrachten, een paar kantoortuinen voor de plenaire instructie en een parkeergarage waar een winterhard speelparadijs kan komen. Kinderen en


THEMA FINANCIERING EN EXPLOITATIE

jongeren zullen het heerlijk vinden om een paar dagen per week les te krijgen in een spannend gebouw.“ Dat is geen gek idee, blijkt. In ’s-Hertogenbosch is in 6 maanden tijd een bestaand kantoorgebouw geschikt gemaakt voor de huisvesting van de Avans Hogeschool. Mark Peters, projectmanager bij HEVO: Niet het bouwen maar herbestemmen levert een belangrijke bijdrage aan een duurzame oplossing van problemen in de onderwijshuisvesting. Een ander praktijkvoorbeeld zien we bij Basisschool Edith Stein in Veghel. Deze school is gehuisvest in een verbouwd klooster. Deze school ontving in november 2012 een prijs als “Friste school van Nederland” tijdens de najaarsconferentie van Bouwstenen. Deze prijs was ingesteld door het Platform Binnenmilieu Scholen en het project Frisse Scholen van Agentschap NL vanuit de gedachte: ‘goed voorbeeld doet goed volgen’.

Plekken in de buurt Als het onderwijs ook meer buiten het schoolgebouw plaats gaat vinden wordt de bestaande leegstand alleen maar groter. In Nederland beschikken we over circa 83,5 miljoen vierkante meter maatschappelijk

vastgoed, meer dan winkels en kantoren bij elkaar. Ongeveer 36% heeft een onderwijsfunctie. Naar schatting betreft zo’n 10% van het maatschappelijk vastgoed gebouwen voor het primair onderwijs. Volgens de PO raad staat daarvan zo’n 20% leeg. Deze scholen staan vaak op een prima locatie, middenin de wijk. Van al het onderwijsvastgoed hebben deze gebouwen wellicht nog de beste herbestemmingsmogelijkheden. Deze ruimte kan goed op ander manieren worden gebruikt. Wat nu een school is zou in de toekomst een wijkhuis kunnen worden met ruimten voor onderwijs, opvang, ontspanning en ontmoeting, maar ook als werkplek in de buurt.

Bouwstenen is een platform van en voor bestuurders, managers en professionals in het maatschappelijk vastgoed. Doel is vinden, verbinden en vooruit komen. Bouwstenen faciliteert het platform met een gratis nieuwsbrief, professionele netwerken en ontwikkelgroepen. Ook wordt jaarlijks een Agenda Maatschappelijk Vastgoed opgesteld.

schooldomein

“Het brede leren komt eraan. Een slimme mix van e-learning, coaching door vakkrachten en ontmoetings- en ervaringsleren buiten de school.”

april 2013

57


RKF en Vaessen langer samen Voormalig Wimbledon winnaar Richard Krajicek en Tom Haagmans ondertekenden op 14 februari op het ABNAMRO WTT in Ahoy Rotterdam op feestelijke wijze een nieuwe driejarige sponsorovereenkomst. In aanwezigheid van de pers en relaties werd de eerdere driejarige verbintenis tussen de Richard Krajicek Foundation (RKF) en Vaessen Algemeen Bouwbedrijf met drie jaar verlengd tot en met 2016. In de afgelopen jaren hebben RKF en Vaessen nauw samengewerkt en elkaar goed leren kennen. Beiden met als hoofddoel om te investeren in jonge mensen met juist iets min•

der kansen. Tijdens deze samenwerking is een groot vertrouwen en hechte band ontstaan. Reden voor beide partners om hernieuwd drie jaar met elkaar op pad te gaan. De samenwerking zal de komende jaren verder worden geïntensiveerd. Voor Vaessen is de samenwerking met RKF de uitgelezen manier om haar vooruitstrevende visie op gebied van MVO vorm te geven; “investeren in jeugd en het liefst dichtbij”. Achterliggend doel is de wens van Vaessen om een deel van de winst die de onderneming met de bouw van gemeentelijke sport- en onderwijsaccommodaties genereert •

terug te laten vloeien naar haar opdracht­ gevers: gemeenten en haar inwoners. •

Vriendenloterij steunt Jeugdcultuurfonds De VriendenLoterij heeft in februari tijdens het Goed Geld Gala de jaarlijkse donaties bekend gemaakt aan Nederlandse goede doelen. Het Jeugdcultuurfonds ontving een eenmalige schenking van 100.000 euro. Hiermee kan het fonds meer kinderen en jongeren van financieel minder draagkrachtige ouders deel laten nemen aan kunstactiviteiten. In Nederland leven ongeveer 320.000 kinderen op bijstands•

jaar heeft het Jeugdcultuurfonds ook een bijdrage van de VriendenLoterij ontvangen. Hierdoor kregen in 2012 ruim 300 kinderen uit gezinnen die onder het bestaansminimum leven de kans om een kunstzinnige hobby te beoefenen. “Dankzij deze bijdrage kunnen we onze positie versterken en kunnen veel meer kinderen meedoen,” vertelt Bertien Minco van het Jeugdcultuurfonds.

niveau. Het Jeugdcultuurfonds wil deze kinderen de gelegenheid geven om mee te doen aan actieve kunstbeoefening, zoals muziek- of balletles, naar de tekenclub of theaterschool. Steeds vaker wijst onderzoek uit dat investeren in de creatieve ontwikkeling van een kind bijdraagt aan zijn of haar vermogen om te leren. Dit vergroot de kansen op een succesvolle schoolloopbaan en arbeidsparticipatie. Vorig •

Gratis zonnepanelen voor scholen De biologische supermarktketen EkoPlaza gaat met behulp van klanten zonnepanelen plaatsen op scholen. Klanten kunnen voor 250 euro per zonnepaneel investeren en krijgen voor 300 euro aan waardebonnen voor EkoPlaza retour. Het initiatief is ontstaan vanuit ouder Ika ter Haar, klant van EkoPlaza. De actie ging op 12 december 2012 van start, als onderdeel van het lokale duurzame energieproject ‘Wij krijgen Kippen in Amsterdam •

Zuid’. Het zonneproject van EkoPlaza is gebaseerd op het principe Bedrijf zoekt Buur. Als bedrijf kan EkoPlaza zonnepanelen voordelig inkopen: het bedrijf maakt gebruik van verschillende investeringsaftrekmogelijkheden zoals de EIA. De school betaalt de eerste zes jaar de energierekening aan EkoPlaza en neemt daarna voor een zacht prijsje de zonnepanelen over. De school heeft dan nog minstens 19 jaar gratis stroom. •

VV Kollum zet zich in voor verkoop Kollumer huis Voetbalvereniging Kollum kan een interessant sponsorbedrag van 5000 euro binnenhalen als het de vereniging lukt om de gouden tip te leveren die leidt tot de verkoop van het huis van Anne de Vries en Netty Posthumus aan de Regnerus Meinardystraat 2 te Kollum. Dit mooie huis staat al anderhalf jaar te koop en via de traditionele methodes lukt het niet om 58

schooldomein

april 2013

het huis te verkopen. Daarom nu een creatief idee waarbij de grootste vereniging van Kollum zich in gaat zetten voor de verkoop in ruil voor een sponsorbedrag voor de club. In totaal maar liefst 5000 euro, waarvan 1000 euro voor de gouden tipgever. VV Kollum doet graag mee aan deze creatieve verkoopactie. Voorzitter Bauke Schat: “We hebben grote

plannen voor nieuwbouw van onze accommodatie. We willen een duurzaam en energieneutraal sportcomplex neerzetten dat ook nog eens multifunctioneel gebruikt kan worden. Daar kunnen we dit sponsorbedrag goed bij gebruiken.” Meer informatie: www. url4u.nl/ kollum.


de etalage Meld u aan!

Sneak Previews net opgeleverde schoolgebouwen ICSadviseurs organiseert zogenaamde Sneak Previews in recent opgeleverde scholen, die door hen zijn begeleid. De formule is simpel maar doeltreffend: u hebt bouwplannen en wilt leren van actuele projecten. School­leiding en het bouwteam geven een presentatie, waarna u een rondleiding op maat krijgt. Daarbij wordt telkens een actueel thema uitgelicht. Bovendien ontmoet u collega’s en experts uit het veld. De Sneak previews vinden op locatie plaats en duren van 14.00 uur tot 17.00 uur.

Meld u nu aan voor: 27 juni 2013 - rsg Wiringherlant: bijzondere aanbesteding, prachtig resultaat! Rsg Wiringherlant in Wieringerwerf is een school voor vmbo (tl, bb/kb/lwoo), havo en vwo. De twee bestaande locaties zijn samengevoegd in een nieuw gebouw. Bijzonder is de compacte structuur van het schoolgebouw met eigen thuisbases voor de afdelingen en een innovatieve ruimte voor het ELOS (Europa als leeromgeving op School)-onderwijs. Dank-

zij de innovatieve aanbesteding op basis van Design&Build zijn binnen het budget speciale ‘Nice to Haves’ gerealiseerd waaronder een bijzonder scherpe Energieprestatiecoëfficiënt (EPC) en dat binnen een recordtijd. Aanmelden voor deze bijeenkomst kan via de website van ICSadviseurs: www.icsadviseurs.nl. Of stuur een mail naar lvankolfschoten@icsadviseurs.nl. ICSadviseurs neemt dan contact met u op.

Vitale Sportvereniging verbindt de wijk! De Stichting Vitale Sportvereniging biedt in samenwerking met het ROC van Twente (100 studenten per week) op 5 locaties in Enschede een doorlopend beweeg- en activiteitenaanbod voor wijkbewoners aan. Er worden voor de doelgroepen kinderen, ouderen en langdurig werklozen verschillende sport- en beweegactiviteiten opgezet bij 13 sportverenigingen, die fungeren als maatschappelijk betrokken ‘ondernemingen’ in de buurt. In samenwerking met de drie basisscholen Consent, SKOE en VCO (12.500 kinderen) kunnen kinderen op maandag en vrijdag na schooltijd gratis sporten onder toezicht van de Verenigingsmanager en ROC-studenten. Op een tweetal sportclusters is ook een samenwerking met een BSO, waardoor ook een pedagoog aanwezig is. Op dinsdag worden in samenwerking met de zorginstellingen Livio, De

Posten, Bruggerbosch en AriensZorgpalet ouderen bezocht en vermaakt met sport- en beweegactiviteiten. Op donderdag is het de beurt aan de langdurig werklozen om te werken aan hun fysieke gesteldheid op de Vitale Sportvereniging. De missie van de Stichting Vitale Sportvereniging is mensen stimuleren te bewegen en te sporten waardoor ze zich fitter en vrolijker voelen, minder snel ziek zijn en beter presteren. Dit gebeurt bij de vijf aangesloten Vitale sportclusters: , v.v./K.V.Rigtersbleek, v.v. Victoria ’28/s.v./De Enschedese Boys, Omnivereniging Avanti Wilskracht, s.v. Vosta/Budovereniging Schuttersveld en Sportclub Enschede/SJO. De in 2011 in opdracht van de gemeente Enschede opgerichte Stichting Vitale Sportvereniging is content met versterking van het ROC van Twente:

“We zijn verzekerd van een kwaliteitsimpuls op het sportieve vlak, waardoor de VSV weer een stap dichter bij haar doel is om de maatschappelijke rol van sportverenigingen te stimuleren, te versterken en verder te ontwikkelen. Het is een win-win situatie. Sportverenigingen bloeien op door er een multifunctionele accommodatie van te maken, waar partners als de gemeente en sociale instellingen en bedrijven op het gebied van welzijn, zorg, arbeidsparticipatie en onderwijs elkaar ontmoeten om maatschappelijke doelstellingen, zoals reintegratie van langdurig werklozen, dagbesteding voor gehandicapten en talentontwikkeling van kinderen te realiseren”, aldus Koert Hetterscheidt van de VSV. Voor meer informatie belt u Koert Hetterscheidt: 0622787530 of surft u naar www.vitalesportvereniging.info

schooldomein

april 2013

59


het atelier

Reeshof College | Tilburg Het Reeshof College is een nieuwe intersectorale vmboschool naast NS-station Tilburg Reeshof. Het nieuwe gebouw is dit schooljaar in gebruik genomen en zal uiteindelijk ruimte bieden aan 600 leerlingen.

Project Nieuwbouw Reeshof College

Opdrachtgever Onderwijs Groep Tilburg & Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Tilburg

Architect Bo.2 architectuur en stedenbouw, Tilburg

BVO 6.620 m2

Bouwsom incl. installaties € 7.78 miljoen (excl. btw)

Ingebruikname augustus 2012

Foto’s Stijn Poelstra

60

schooldomein

straat, in het verlengde van de zorgplint onder naastgelegen appartementen. Zo bevat de plint van de school onder meer een kinderdagopvang en een fietsenmaker.

Het Reeshof College wil een kleinschalige school zijn. Daartoe bevat de school naast de centrale aula en personeelskamer ook vier groepsgebieden, gekoppeld aan flexwerkplekken voor de staf. De groepsgebieden zijn een soort huiskamers waar de leerlingen kunnen relaxen, waar ze hun kluisje hebben en waar ze hun mentor vinden. Ze zijn verdeeld over de vier leergebieden: mens en natuur, mens en creativiteit, mens en maatschappij en algemene vakken. Met werkgroepen van directie, vakdocenten en facilitair is gestudeerd naar specifieke kenmerken, wensen en mogelijke ruimtelijke kwaliteiten van de school en ieder leergebied. Bo.2 stelde het PVE op en verbeeldde dit in een SO en werkmaquette. Zo werd het schoolontwerp afgestemd op gebruikerswensen en werd gelijktijdig zichtbaar gemaakt hoe het gebouw zou werken.

De entree en aula zijn op de verdieping in het hart van de school geplaatst, om loopafstanden te minimaliseren. Het schoolplein en de aula zijn verbonden door middel van twee tribunetrappen. De aula is aan verschillende ruimten te koppelen. Zo werd het mogelijk het oppervlak van deze veelal extensief gebruikte ruimte te beperken. Een voorbeeld is het dramalokaal, dat is voorzien van een podium met licht- en geluidsinstallatie. Het dramalokaal heeft een schuifwand naar de aula, zodat deze eenvoudig kan worden omgevormd tot theater. Voor grote evenementen wordt de sporthal gebruikt. Deze ligt aan de overzijde van het dramalokaal en ook deze ruimten zijn te koppelen via een schuifwand. Door de receptie, conciërge, kleedruimten en ateliers ook op de volledig afsluitbare eerste etage te situeren, is het mogelijk dit compartiment in te zetten voor avond- en weekendgebruik door derden.

De school is als een eenvoudig volume ontworpen volgens het stedenbouwkundig concept van Witbrant. Vanwege het kleine kaveloppervlak is de school gestapeld in vier lagen en tegen geluidsoverlast van het spoor is ze opgedeeld rond een royale vide. Aan de spoorzijde liggen de stijgpunten en ondersteunende ruimten, aan de zuidzijde het onderwijs. Via galerijen en loopbruggen worden de relatief rustige leergebieden bereikt. De simulatieruimten van het sectoraal onderwijs bevinden zich hoofdzakelijk aan de

De instructieruimten voor onder andere algemene vakken bevinden zich op de bovenste etage. Ze zijn bereikbaar via een rondgang om de vide en twee grote patio’s. Aan de rondgang liggen ook open zelfstudieruimten met kleine afsluitbare overlegplekken en bijschakelruimten tussen de lokalen. Deze opzet houdt de rondgang luchtig en overzichtelijk. De gebouwconstructie van betonvloeren op een staalskelet maakt de gevarieerde indeling en toekomstige flexibiliteit mogelijk.

april 2013


column

De architectuurbiënnale 2010 te Venetië toonde in het Nederlands paviljoen de maquette waarin het gros van lege gebouwen in Nederland zichtbaar werd. De behoefte aan gebouwde ruimte in relatie tot de demografische groei in Nederland is compleet uit balans met als gevolg een huidige leegstand van 7,8 miljoen vierkante meter. Hierdoor kantelt het beleid ten aanzien van de nieuwbouw, het vullen van de leegstand wordt echter juist noodzaak.

www.vrkisolatie.nl 013 - 570 23 14 info@vrkisolatie.nl (afbeelding: brede school de Markiezaten)

In het onderzoek ‘Nieuw Licht op Leegstand’ door mijn bureau in opdracht van het Stimuleringsfonds voor Architectuur hebben we een onderzoeksmethode opgezet om leegstaande gebouwen te waarderen. Allereerst hebben we de leegstand geïnventariseerd om deze daarmee te analyseren en te waarderen om vervolgens de kansen tot realisatie in te schatten. Dit gebeurt op een drietal niveaus, te weten: stedenbouwkundig, gebouw- en afwerkingniveau. Scholen zullen steeds vaker in bestaande gebouwen worden ondergebracht. Dit betekent dat de leegstand onderzocht wordt op de bruikbaarheid als schoolgebouw. Stedenbouwkundig wordt gekeken of de locatie de potentie heeft voor een schoolgebouw. Aspecten zoals routing, entree en locatie dienen gewaardeerd te worden. Een bestaande plek kan als cadeau gezien worden, zeker als deze allure heeft. Het gebouw zelf zal onder andere in haar afmetingen, constructie en flexibiliteit gewaardeerd worden. Hoe kan het concept voor de school passen in de structuur van het bestaande gebouw? Hoe kan een aula in- of aangebouwd worden? Moeten er delen gesloopt worden om het geheel compacter of functioneler te maken? De materialisatie en afwerking van een school is afgestemd op scholieren of studenten. Dit wordt getoetst aan de materialisatie van het bestaande en zal - indien nodig worden aangepast.

Prof. Ir. Jeanne Dekkers | Architect-Directeur van Jeanne Dekkers Architectuur

Scholen en Hergebruik

Conclusie Scholen en hergebruik is de opgave voor scholen in de nabije toekomst. Een bestaande plek heeft al een infrastructuur – zoals bestaand groen, wegen, omgeving en openbaar vervoer – dat als cadeau beschouwd kan worden. Een bestaand gebouw geeft vaak onverwachte mogelijkheden en leidt tot een karaktervolle omgeving. De materialisatie van de bestaande panden geeft een eigen sfeer. Een goed vooronderzoek op financieel, juridisch, functioneel en technisch niveau is noodzakelijk, zodat bewust gekozen kan worden voor hergebruik.

mooier duurzamer slimmer kraaijvanger schooldomein

april 2013

61


volgende nummer

colofon Schooldomein Magazine voor de perfecte leef-, leer- en werkomgeving sinds 1988. Schooldomein verschijnt zes keer per jaar. Op internet: www.schooldomein.nl. Uitgever Schooldomein is een uitgave van Uitgeverij School BV Redactie Sibo Arbeek, Paul Voogsgerd, Brenda Breems Vaste medewerkers Kees Rutten (fotografie), Anje Romein, René de Werker, Team BNA Onderzoek, Jan Schraven, Elly Zee, Marc van Leent Redactieraad Henrico ten Brink, Peter Reijers, Ronald Schilt, Jan Schra­ ven, Harry Vedder, Tom Haagmans, Edward van der Zwaag, Wik Jansen, Judith Chin Kwie Joe, Theo Fledderus, Peter Overgaauw, Marc van Leent Redactieadres Postbus 59112, 1040 KC Amsterdam, tel 06 22 26 77 95 E-mail: info@schooldomein.nl Abonnementen Betaling, opgave, abonnement, opzegging en adreswijzi­ ging kunt u doorgeven aan drukkerij Ten Brink, Administratie Schooldomein, Postbus 41, 7940 AA Meppel, tel (0522) 85 51 75. Schooldomein verschijnt zes keer per jaar, in een oplage

5/6

van 17.000 exemplaren en in controlled circulation voor alle instellingen in het primair-, voortgezet-, middelbaar(ROC’s) en hoger onderwijs (hbo en wo). Elke instelling krijgt op instellingsnaam een exemplaar toegestuurd. Daarnaast krijgen alle gemeenten Schooldomein toege­

Groeien in een nieuwe jas: Optimalisatie hergebruik maatschappelijk vastgoed Het laatste gecombineerde nummer rolt medio juni in uw bus. Weer een mooie Schooldomein vol prachtige praktijkvoorbeelden. Een korte vooruitblik:

stuurd, alsmede de architecten aangesloten bij de BNA en alle woning­corporaties. Voor meerdere exemplaren alsmede voor abonnementen voor particulieren, instellingen en bedrijven geldt een abonnementsprijs van e 59,50. Abonnementen kunnen schriftelijk tot uiterlijk 1 juli van het lopende abonnementsjaar worden opgezegd bij de administratie van drukkerij Ten Brink. Bij niet tijdige opzegging wordt het abonnement

• Nieuwbouw Metameer in Boxmeer: verslag van een prachtig junior college voor 610 leerlingen vmbo Intersectoraal en havo/vwo 1 t/m 3. • Werken in de praktijk: De Vakcollege Groep in Amersfoort biedt een vakroute aan, waarbij de nadruk ligt op praktijkleren en samenwerking met het bedrijfsleven. • Kansen Openluchtschool voor actuele vragen. Een prikkelend BNA-Onderzoek presenteert de uitkomsten van het openluchtscholen-onderzoek en vertaalt deze naar bestaande huisvesting. • Objectiviteit leidt tot scherpe waarnemingen: De Rekenkamer West Brabant heeft de onderzoeken Onderwijshuisvesting voor vijf gemeenten afgerond. De conclusies uitgelicht. • Nieuwe 6-klassige school in Kampong Cham. De ATOS foundation gaat naar Cambodja en doet verslag van een bijzonder project. • MFA De Statie in Sas van Gent bedient jong en oud. Mooi voorbeeld van de MFA voor de toekomst waarin jong en oud elkaar ontmoeten. • De Kernhem school in Ede innovatief en duurzaam. Het pand is voorzien van geavanceerde duurzame installatie zonder gasaansluiting. • Scenario’s doordecentralisatie buitenonderhoud. ICSadviseurs heeft een aantal slimme scenario’s ontwikkeld waarmee gemeenten en schoolbesturen nu al aan de slag kunnen.

62

schooldomein

april 2013

automatisch met een jaar verlengd. Advertenties Voor het plaatsen van advertenties of advertorials in het magazine Schooldomein, kunt u contact opnemen met André van Beveren van Recent BV, Postbus 17229, 1001 JE Amsterdam. tel. 020-3308998, fax 020-4204005. Email: andre@recent.nl of info@recent.nl; website: www.recent. nl. Ook voor plaatsing van banners, buttons en overige informatie kunt u bellen met Recent BV. Of stuur een email naar één van de genoemde adressen. De advertentietarieven van Schooldomein zowel als voor de website vindt u op www.recent.nl en www.schooldomein.nl. Productie Grafische productie: Drukkerij Ten Brink, Meppel Projectbegeleiding: Communicabel, Veenendaal Vormgeving en website: FIZZ reclame + communicatie, Meppel Schooldomein wordt mede mogelijk gemaakt door Marko BV, BNA en de adverteerders in Schooldomein


Sportcentrum De Sprong te Middelburg

De stoel die met uw kind mee groeit

1

Hoogte-instelling door middel van Inbus. Altijd de juiste zithoogte voor het kind.

2

Standaard heeft de Sophie een zithoek instelling van - 5º tot + 15º.

3

De in breedte instelbare en gesloten bekkensteun, biedt de romp stabiliteit en stimuleert een actieve zithouding.

Samen met Pellikaan creëert u een perfecte omgeving voor recreëren, werken en leren Ruimtes voor prestaties of ontspanning creëert Pellikaan Bouwbedrijf met unieke ervaring in Design, Build, Finance, Maintain en Operate. Zo realiseerden we in de afgelopen 65 jaar honderden sportaccommodaties, utiliteitsgebouwen en scholen in binnen- en buitenland.

Voor meer inspiratie bezoek www.pellikaan.com of bel ons op 013 465 76 00

4

Elke rug heeft een rug-hoekverstelling. Optimale ondersteuning voor de rug.

Vast onderframe

M

aatwerk is al ruim 30 jaar ontwikkelaar, innovator en marktleider op het gebied van speciaal meubilair voor schoolgaande kinderen met een lichamelijke beperking. De producten van Maatwerk zijn in de loop van die jaren gegroeid vanuit de toegepaste techniek en de opgedane kennis. Elk kind is uniek. Maatwerk is precisie. Kinderen groeien en onze meubels groeien met uw kind mee. Maatwerk

Achterwielgeremd onderframe

is op het lijf van uw kind geschreven en ondersteunt uw kind in het zitten tijdens de gehele basisschoolperiode. Uw kind is onze zorg. Maatwerk past zich aan uw kind aan. Uw kind heeft gedurende de gehele schoolperiode slechts 1 passende stoel nodig: Sophie. Sophie wordt op maat geleverd. De optionele accessoires en modules maken vele toepassingen mogelijk. Sophie staat gelijk aan actief zitten op maat en is in vele opzichten uniek.

5

Door middel van een inbus kan de rug in de juiste hoogte worden ingesteld.

Hoe goed heeft u het beheer en onderhoud van uw gebouwen geregeld? Loopt u tegen duurzaamheid vraagstukken aan? Heeft u ooit gedacht aan ondersteuning door experts om zodoende kwaliteit te waarborgen en kosten te besparen? Raderadvies B.V. kan u wellicht ondersteuning bieden! Raderadvies B.V. is een onafhankelijk adviesbureau, gespecialiseerd in onderhoud en beheer van gebouwen. Onze diensten: • meerjaren onderhoudsbegrotingen (MJOB) • conditiemetingen NEN 2767 en Rgd BOEI • duurzaamheid, energie en binnenmilieu advies • online gebouwbeheer • oppervlaktemetingen NEN 2580 • ondersteuning technisch beheer

6

Inbussleutel voor instellingen wordt standaard meegeleverd.

• begeleiding renovatie- en onderhoudsactiviteiten

Raderadvies B.V. werkt door heel het land voor schoolbesturen, gemeenten, corporaties en overheid. Onze medewerkers zijn NVDO, RgdBOEI of COMOG gecertificeerd. Bent u benieuwd wat Raderadvies B.V. voor u kan betekenen? Neem dan geheel vrijblijvend contact op, of bekijk onze website: www.raderadvies.nl

Raderadvies B.V. Stationsstraat 28 5261 VB Vught 073 - 544 2000 info@raderadvies.nl www.raderadvies.nl


magazine voor de perfecte leer-, werk- en leefomgeving

sportdomein zorgdomein wijkdomein

www.marko.nl

Thema: Het nieuwe leren Trends in bouw, inrichting en ICT Vijf dagen debatteren op de NOT Al 220 aanmeldingen voor Scholenbouwprijs 2013!

Een leven lang Marko jaargang 25 april 2013

4

Like de Facebookpagina van Schooldomein

Profile for Schooldomein

Schooldomein nr. 4 (Mei)  

Schooldomein

Schooldomein nr. 4 (Mei)  

Schooldomein

Advertisement