Issuu on Google+

RSG

MAGAZINE 7 Fotografie

RSG MAGAZINE OVER DE DAM ten einde KIEZEN BETA FESTIVAL OPEN HUIS MEER BETA KICKY VAN LEEUWEN WINTERKAMP 2009 FLEVOACADEMIE SCOORT!

Ton Krabman

VAL I T S E F A T E B DECANEN

KICK

MEER BE TA LAND L O H M O R Y F

MP WINTERKA NEW

THUIS

CRE W...

MIE E D A C A O FLEV 1

Febr. 2009 - NR 7 - Uitgave van RSG Slingerbos | Levant - E(mail) RSGmagazine@rsgsl.nl


RSG Magazine KI EZ EN OVER DE DAM Kiezen is moeilijk Rond deze tijd moeten er allerlei keuzes gemaakt worden die met school samenhangen. Of met de opleiding erna. Zo zijn we al een tijd bezig om de leerlingen van de basisscholen en hun ouders duidelijk te maken dat een keuze voor de RSG toch gewoon de beste optie is. Nieuwe initiatieven zoals de IDeeklas, de sportklas en de speciale mavobrugklas op RSG Levant moeten daarbij goed in beeld komen. Verheugend is de grote belangstelling tijdens al onze voorlichtingsbijeenkomsten. Ook binnen school is er veel te kiezen. De leerlingen uit 3vwo en 3havo leveren rond deze tijd hun voorlopige profielkeuze in. Daarmee kiezen ze tegelijkertijd hun mogelijkheden om later bepaalde vervolgopleidingen te gaan volgen. Lastig dus. Hopelijk zijn de speciale informatiemarkten en proeflessen daarbij tot steun geweest. De decanen spelen bij dit proces een belangrijke rol. In dit magazine komen ze zelf nog wat meer in beeld. Ook het Bètafestival op RSG Slingerbos kan geholpen hebben bij de beeldvorming. Op verschillende manieren is de wereld in beeld gebracht waarbij de exacte vakken een belangrijke rol spelen. Dat hebben we voor het eerst gedaan in samenwerking met allerlei bedrijven en instellingen. Het werd voorpaginanieuws bij De Stentor. In dit RSGmagazine staat een verslag van het festival, dat beslist volgend jaar een vervolg zal krijgen. Olaf Budde

Peter Schaap, directeur van RSG Slingerbos, heeft ervoor gekozen een nieuwe stap in zijn carrière te gaan zetten. Anne-Marie Leeuwenburgh is nu waarnemend directeur. Peter Schaap is gestart met de rubriek ‘Over de dam’ in het RSG Magazine. Dit is dan ook dé plek om zijn afscheidsbrief te publiceren.

Dag beste leerlingen en ouders!

OVER DAM OVER DE

DE

Sinds 2004 heb ik met genoegen als directielid voor de RSG, locatie Slingerbos, mogen werken. Inmiddels ben ik toe aan een nieuwe uitdaging en is aan deze boeiende periode dus een einde gekomen. Een periode waarin de school heel wat ontwikkelingen in gang gezet heeft waarvan u en jullie vast de vruchten zullen plukken. Aan de vele informele en ook de nodige serieuze ontmoetingen met ouders en leerlingen houd ik waardevolle herinneringen over. Bijvoorbeeld als persoonlijke zorgen centraal stonden, of als leerlingen weer eens met een goed idee aanklopten om hun school nog beter te maken. Ik wens iedereen nog een prettig, interessant en geslaagd vervolg toe!

Peter Schaap RSG MAGAZINE - 7 | 2009

2


OPEN HUIS RSG ONDERWIJ

S

Open Huis RSG Op dinsdagavond 27 januari j.l. bezochten 428 leerlingen van groep 8 samen met hun ouders locatie Slingerbos. De vele blauwgeel-gerugzakte kinderen holden enthousiast van de ene vakpresentatie naar de andere. Soms bleven ze opeens geboeid staan. Hun aandacht werd dan getrokken door een computergestuurde robot, door een buttonmachine; een quiz bij het TTO-lokaal; lekkere muziek; een hypotheekshop; versgebakken appelflappen of een partijtje ping pong. Wat was het weer gezellig in de school. De rugzakkids werden vakkundig geïnformeerd door onze eigen leerlingen die herkenbaar waren aan schooleigen shirts. Er bleek veel belangstelling voor de nieuwe RSG pijlers: de sportklas, de IDee klas en de wereldklas. 21.00 uur was de eindtijd maar daar dachten veel ouders en kinderen heel anders over. Ook op locatie Levant was het zeer druk. Zaterdag 31 januari kwamen ruim 250 basisschoolleerlingen daar op bezoek. Ook opa’s en oma’s kwamen mee. Ouders die overwegen naar Zeewolde te verhuizen namen eveneens alvast een kijkje. Er waren zelfs T-shirts te kort voor al de Levant-leerlingen die rondleidingen in hun school wilden verzorgen.

RSG MAGAZINE - 7 | 2009

3


Onze

Zoals bekend zal zijn geven decanen voorlichting en ondersteuning bij het kiezen van vakkenpakketten en vervolgopleidingen. Dat is een hele klus, omdat het aanbod van verschillende studierichtingen enorm groot is. En er komen steeds nieuwe bij. Bovendien moet je precies weten wat de toelatingseisen zijn om juist te kunnen adviseren. Onze decanen werken RSG-breed en komen daarom regelmatig op de beide locaties. Als je een heleboel posters van opleidingen ziet, en stapels informatiekranten dan zijn ze in de buurt. Een zekere specialisatie is nodig omdat je het als decaan anders niet meer kunt overzien. Het RSG team bestaat uit: Anke Hofdijk voor het vwo; Bert Rijpkema voor de havo, Walter Serrée voor de mavo. Aarzel niet om vragen aan ze te stellen. Mailen werkt prima. Goed naar de leerlingen luisteren Bert Rijpkema is dit jaar begonnen als decaan voor de havo. Zoals alle drie de decanen werkt hij voor beide locaties. Voor het contact met de leerlingen en voor de bereikbaarheid geeft hij les in Zeewolde en in Harderwijk. Bert, je doet dit decanaat dit schooljaar voor het eerst. Had je dat altijd al willen doen? Ja, ik heb het al eerder overwogen maar toen

decanen

kwam het nog niet goed uit. Ik vind het ook echt leuk werk. Ik heb er nog geen moment spijt van. Je moest je natuurlijk helemaal inwerken, is dat nu min of meer klaar? Ik weet nu wel goed hoe het hele havoprogramma in elkaar zit, maar als het gaat over alle verschillende vragen van leerlingen over opleidingen, dat duurt wel een paar jaar. Ik geef nu vaak als antwoord ‘dat zoek ik even voor je op’ en daar kom ik vervolgens wel uit. Maar ik hoop een heleboel vragen volgend jaar meteen te kunnen beantwoorden. Ik moet nu ongeveer tachtig procent opzoeken. En volgend jaar hoop ik dat ik nog maar circa 30% hoef op te zoeken. Het veld is ook echt heel breed? Ja beslist, en het verandert ook steeds. Er komen richtingen bij, en toelatingseisen veranderen. Net nieuw is bijvoorbeeld dat er een tweede teldatum bij het MBO is. En daar kom je dan toevallig achter. Wat is je nu opgevallen tijdens deze inwerktijd? Dat het inderdaad een heel breed terrein is en dat het lastig is een goed overzicht daarvan te krijgen. Er is weliswaar een heleboel informatie beschikbaar, o.a. op het internet, maar je zoekt je af en toe wezenloos. De ene site is duidelijk beter dan de andere. Maar hele wezenlijke informatie zoals een toelatingseis bij een wat minder gangbare opleiding, dat vind je haast niet via het net. Dat zal de leerlingen zelf dan ook niet

lukken? Als je heel vasthoudend bent dan lukt het wel. Maar nu doe ik het vaak voor hen. Ook al omdat dat meteen mijn eigen kennis vergroot. Misschien doe ik nu te veel voor de leerlingen, maar voor mij is het ook een leerproces. Een aantal dingen doe ik nu nog steeds voor het eerst, maar bij andere dingen heb ik inmiddels al ervaring opgebouwd: bijvoorbeeld het wijzigen van vakkenpakketten voor leerlingen die vastlopen in een gemaakte keuze, daar zit ik nu helemaal in. Je doet dit werk voor de havo en voor beide locaties. Is er nog een verschil tussen Harderwijk en Zeewolde? Ja, op de Levant heb je natuurlijk alleen maar 3havo waar gekozen gaat worden, en hier doe ik ook heel veel voor 4 en 5havo. In de derde klas gaat het vooral over profielen en vakken. Aan het begin van het schooljaar zijn de derdeklassers daar nog niet mee bezig. Dat begint pas na de herfstvakantie als ze met Schooltraject gaan werken. Het praatje dat ik dan in de klassen houd (en dat ik ook bij de ouders heb gehouden) leidt vaak tot reacties als ‘dat hoor ik nu echt voor het eerst’. En ‘o ja, dat kiezen gaat dus nu al gebeuren’. Dit speelt in meerdere mate op de Levant, omdat daar geen 4 en 5 havo leerlingen rondlopen. Voor die leerlingen ‘leeft’ de bovenbouw dus minder. De mentoren kaarten het natuurlijk wel al aan, maar het blijft een beetje van ‘daar aan de overkant’, en ‘daar houd ik me nog niet mee bezig’. RSG MAGAZINE - 7 | 2009

4


INTERVIEW B. Rijpkema decaan havo Op RSG Slingerbos is er een bovenbouw echt aanwezig en zijn de derde klassers zich daar wat meer van bewust. Had je voor jezelf speerpunten geformuleerd? Ik had me vooral voorgenomen goed naar de leerlingen te luisteren. Ik zou absoluut niet willen dat een leerling een bepaalde kant op geduwd wordt omdat hij/zij iets toevallig goed kan. Ik ben daar zelf eigenlijk een voorbeeld van. Ik was vroeger goed in de bètavakken en dus moest ik maar de bèta-kant kiezen; ik heb niet eens over de alfa-kant nagedacht. Ik heb daar overigens absoluut geen spijt van. Maar ik heb ook wel meegemaakt dat een vwo-er die goed was in exacte vakken toch ook erg geïnteresseerd was in economie en uiteindelijk liever een E&M profiel wilde. En dat kwam erg moeizaam tot stand. Dus ik vind het belangrijk dat een leerling niet een kant op gaat die hij zelf eigenlijk niet wil. Een brede oriëntatie is dus belangrijk? Ja, ik zou iedere leerling het gunnen dat hij of zij iets kiest dat bij hem of haar past. Het lijkt er op dat bèta weer in de lift zit wat betreft belangstelling. Ervaar jij dat ook zo? Ik heb nog geen statistiek ervan hoe of dat nu is. Ik richt me nu vooral op dit jaar. Als straks de profielkeuzes van de derde klassen zijn ingevoerd dan ga ik natuurlijk eens tellen en turven. Op de vakkenmarkt die net is gehouden viel wel op dat de belangstelling voor natuurkunde niet zo groot was; zo’n 20 leerlingen. En bij M&O zaten er 78. Dat verschil kan ook verklaard worden doordat ze M&O in de onderbouw niet hebben, en het dus een nieuw vak voor ze is. Bij wiskunde A zat een behoorlijk aantal, zo’n 50. En bij wiskunde B ca. 30. Het is natuurlijk een markt waar de

leerlingen informatie kunnen krijgen, en het hoeft nog niet aan te geven hoe ze uiteindelijk gaan kiezen. Landelijk én bij ons kiezen weinig meisjes op de havo een N-profiel. Heb je ideeën wat we daaraan kunnen doen? Ik vind dat vrij complex. Er zitten nu in 5havo-meisjes met NG of NT profielen die daar vervolgens niet echt iets mee gaan

doen. De opleiding waar ze voor kiezen hadden ze met een ander profiel net zo goed gekund. Eigenlijk wil ik dat eens uitzoeken waarom ze dan toch zo kiezen. Maar in gesprekken die ik onlangs had met 3havoleerlingen bleek dat toch ook meisjes momenteel voor N-profielen kiezen. Waarom ze dat doen moet ik echt nog eens nagaan. Aan de ene kant vraagt de maatschappij nu dat er meer jongens en meisjes de exacte kant op gaan, maar het moet natuurlijk ook in hun eigen belang zijn. Heb je nog tips voor leerlingen in de trant van ‘als je je goed wil oriënteren dan moet je beslist……’

Ik heb nog niet dé gouden tip, maar natuurlijk wel de gebruikelijke. Kijk eens om je heen naar beroepen die je wel wat lijken, ga vooral met mensen praten. Dan bedoel ik ook écht praten. En de opleidingen bieden allerlei mogelijkheden aan, waaronder nu ook chatsessies. Dan kun je via MSN met mensen praten van de opleidingen. Die zitten er dan echt voor en je kunt alles aan ze vragen. Ook zo van ‘wat heb je nou vandaag zo ongeveer gedaan’ of ‘kun je gemakkelijk aan een kamer komen’. Zo kun je op een laagdrempelige manier achter dingen komen die je niet zo gauw zou vragen aan iemand die achter een kraampje staat. Probeer er vooral achter te komen wat je zelf leuk vindt. Hetzelfde gaan doen als je vader kan goed zijn, maar hoeft dat niet te zijn. Het is dan misschien een wat al te gemakkelijke weg, Wil je nog iets anders kwijt? Het is een hele leuke baan. En het is een hele leuke school. Ik wil dit goed uitbouwen, en ik merk dat het links en rechts goed wordt ontvangen. Ik krijg ook feedback op dingen die beter of anders kunnen. Mentoren reiken ideeën aan. We hebben een aantal hele goede, en ook ervaren mentoren die zinvolle en bruikbare ideeën aandragen die ik graag wil invoeren. Maar dat heeft soms wat tijd nodig. Doordat er zoveel te doen is en ik nog zoveel erbij wil doen, moet ik wel een beetje oppassen dat ik me niet gek laat maken. Ik heb daarvoor een motto, dat ik eigenlijk al heb, sinds ik als zij-instromer het onderwijs binnen kwam. Daarmee probeer ik me in drukke tijden (en die zijn er nogal eens) overeind te houden. Om me te steunen heb ik dat op een ‘oudhollands’ tegeltje laten zetten, dat nu in de decanenkamer aan de muur hangt.

KIEZEN

RSG MAGAZINE - 7 | 2009

5


aparte meisjesgroepen hoeft voor mij niet zo nodig! Waarom zou je als meisje voor een exact pakket kiezen? Kicki van Leeuwen (5Vb) heeft dat gedaan, en vertelt over haar motieven. Wat voor profiel heb je gekozen? Ik heb in principe het profiel N&G ingevuld met natuurkunde, biologie, wiskunde B en als keuzevakken NLT en economie. Dat kan ook als N&T gelden. Het is eigenlijk van alles wat. Heb je dat expres wat breed gehouden? Ik heb vooral voor de bètavakken gekozen en economie ‘voor mezelf’ als een soort algemene ontwikkeling; dat je weet hoe alles in elkaar zit. Ik vind het niet het leukste vak. Maar ik haal overal goede cijfers voor. In de techniek heb je goede toekomstmogelijkheden. Bij technische studies heb je altijd vakken nodig als natuurkunde of wiskunde B. Maar bij een studie economie is het vak economie niet eens vereist. Dus met

een N-profiel kun je nog alle kanten op. Je zou ook bijvoorbeeld bedrijfskunde kunnen studeren als je dat zou willen. Had je ook al als klein meisje iets met bèta of toen nog niet? Mijn vader had wel werk in die sector, en mijn moeder werkte in de gezondheidszorg, maar vooral administratief. We hadden natuurlijk wel Lego thuis. Maar het is eigenlijk later gekomen toen ik scheikunde en biologie wel interessant vond. En op welke beroepen en opleidingen ga je je richten? In de tweede klas dacht ik vooral aan geneeskunde. Nu is dat verschoven naar een meer technische richting zoals technische geneeskunde of biomedische technologie. Dat wordt gegeven in Eindhoven. Met technische geneeskunde ben je wereldwijd vrij uniek. En als je afgestudeerd bent, ben je gelijk verzekerd van een baan. Wat heb je nu concreet gedaan om je daarop te oriënteren? Ik ben er al vrij vroeg mee begonnen. Mijn zus is wat ouder en ik ben alvast met haar mee gegaan naar open dagen. Ik ben vorig jaar naar een studiefestival in Leiden geweest. Daar staan een heleboel studies bij elkaar. Ik ben ook naar de Universiteit Twente geweest. Ik heb me wel goed georiënteerd. Ik vind het ook leuk om op het internet te zoeken naar het aanbod. Om te kijken wat er bij mij past. Zit je ook wel eens in een klas met bijna alleen maar jongens, en hoe gaat dat dan? Ik kan op school met jongens eigenlijk nog wat makkelijker uit de voeten dan met meisjes. Ik kan prima met ze werken. Laatst bij natuurkunde practicum hadden ze

groepen gemaakt met alleen meisjes. En toen dacht ik dat hoeft van mij niet zo nodig. Het maakt me echt niet uit. Word jij nu als een nerd beschouwd? Soms wel. Ik haal hoge cijfers en ik doe mijn best voor school. Ik weet dat ik het kan, en dan doe ik het ook. En de studies die ik voor ogen heb zijn lotingsstudies en dan is het belangrijk dat je eindexamencijfers er behoorlijk uitzien. Ik heb ook nog plannen om eerst naar het buitenland te gaan, en dan zijn hoge cijfers helemaal belangrijk bij een lotingstudie. Want dan moet je er echt zeker van zijn dat je wordt ingeloot, en dat er niet twee jaar tussen zit. Dus dan kun je er net zo goed voor gaan. Heb je niks met talen? Toch wel. Ik doe de tweetalige opleiding en in de vernieuwde tweede fase is een extra taal verplicht, en dus doe ik ook Duits. En dat gaat ook goed. Vakken als geschiedenis en aardrijkskunde spreken me minder aan. Die zijn vrij droog. Dat is vooral informatie en er zit weinig logica in. Dat moet iedereen kunnen; als je een verhaal een paar keer doorleest weet je het wel. Maar sommige mensen kunnen wiskunde en natuurkunde echt niet. Daarom heb ik het idee dat je toch iets speciaals hebt als je die wél in je pakket hebt. Je bent ook in Canada geweest; wat heb je daar gedaan? Ik ben drie maanden op uitwisseling geweest. En over drie weken komt een Canadese hier naartoe. Ook voor drie maanden, dat is wel gezellig. In Canada heb je maar vier vakken per semester. Ik heb toen gekozen voor technisch ontwerpen, biologie, fotografie, en Engels. Dat heb je dan elke dag 75 minuten lang. Maar Engels heb ik op een gegeven moment laten vallen. Het was heel veel herhaling, en wij hebben naar verhouding al veel meer grammatica gehad. Ik heb het toen ingeruild voor houtbewerking, en dat sloot aan op technisch ontwerpen. Het was een apart project. Wat heeft dat project uiteindelijk opgeleverd? Ik moest een soort memory box maken die gegraveerd ging worden. De software moest geprogrammeerd worden om het uit te gaan snijden. Maar zoiets gaat nooit in één keer goed. Het kostte dus extra tijd en zij gaan het afmaken. Ik weet nog niet of het uiteindelijk is gelukt. RSG MAGAZINE - 7 | 2009

6


Winterkamp 2009 Wat laat je die Canadese zien als ze hierheen komt? Nederlands kan ze in principe niet, dus ze zal in 3tvwo mee gaan doen. En behalve dingen in Nederland laten we haar ook dingen van Europa zien, want ze is nog nooit in Europa geweest. Eigenlijk nooit buiten Canada. Daar heb ik het trouwens heel erg naar mijn zin gehad. Ik voelde me er heel erg thuis, zowel in het dorp als op school. Op die school waren we met 11 uitwisselingsstudenten. Ik was de enige uit Nederland; anderen kwamen o.a. uit Spanje en Italië. Het is dan grappig dat je meer overeenkomsten hebt met iemand uit Spanje dan met iemand uit Canada; het cultuurverschil is toch groter. Ik kan zo’n soort uitwisseling iedereen aanraden.

Winterkamp extreem zwaar Regen, heel veel regen en nog koud ook…. De derdeklassers van de RSG die dit jaar met Winterkamp I mee gingen hadden het zwaard e r d a n o o i t . Wa n t ko u k u n j e wel verdragen, maar vrijwel constant in de regen lopen gaat echt vervelen. Ondanks alle voorzorgsmaatregelen kwam niemand met een droge draad op school terug. Het kampvuur was natuurlijk goed om op te warmen, maar echt droog, dat werd je niet. To c h wa s e r m a a r 1 u i t va l l e r, d i e o o k n i e t e c h t f i t a a n de tocht was begonnen. Deze bikkels die de 39e aflevering van ‘het kamp dat altijd door gaat’ hadden voltooid werden dan ook terecht als helden ingehaald. Winterkamp II was zeker ook pittig, maar zij hadden wat meer geluk. Zij kregen echter te maken met pittige kou en gure wind. Ondanks de vele blaren waren er in deze groep geen uitvallers En altijd zegt iedereen na afloop “ik had het niet willen m i s s e n ”.

DOEN

RSG MAGAZINE - 7 | 2009

7


B E T A F E S T I V A L

BE TAPRO J

ECT

rlijks! a a j l a v i Bè ta fest RSG MAGAZINE - 7 | 2009

8


RSG MAGAZINE - 7 | 2009

9


GALAFEEST RSG

CREW

RSG MAGAZINE - 7 | 2009

10


VAK KEN VO ORL I C HT I N G

Op 12 januari hebben al onze 3havo leerlingen (142) en een redelijk aantal (35) 4mavo leerlingen zich laten informeren over de vakken in de bovenbouw van de havo. De leerlingen van 3havo en de 4mavo leerlingen die willen doorstromen naar de havo, leveren eind januari

een voorlopige keuze voor hun vakkenpakket in. Om meer te weten te komen over de inhoud van die vakken konden ze op die maandagmiddag in een aantal workshops van dichtbij kennis maken met de nieuwe vakken. Daarnaast was er in de kantine een vakkenmarkt waar

elk vak met een kraampje vertegenwoordigd was, en waar 4havo leerlingen vragen konden beantwoorden over de verschillende vakken. De 4H leerlingen hadden daarvoor het benodigde informatiemateriaal, zoals folders, posters, flyers en een powerpoint-presentatie gemaakt. Ook de workshops zijn door de 4H leerlingen voorbereid. De leerlingen van de Levant waren daarvoor met de bus naar het Slingerbos gekomen. Zij kregen ook een rondleiding in dit voor hen nog vreemde gebouw. Er was met name belangstelling voor de workshops van de vakken Management & Organisatie en Bewegen - Sport & Maatschappij. Maar ook wiskunde A scoorde hoog. In vier rondes zijn er in totaal 37 workshops gehouden. In de week daarvóór was er op eenzelfde manier voorlichting gegeven aan de leerlingen uit 3vwo. “Wordt het moeilijk” was de belangrijkste vraag die toen werd gesteld. De aanwezige 4vwo’ers konden ze meestal wel gerust stellen. ‘Alles wordt natuurlijk steeds moeilijker, maar jij ontwikkelt je ook steeds meer’.

RSG MAGAZINE - 7 | 2009

11


B ETAF EST I VA L Ik had nog zo veel willen vertellen….. Op ons Bètafestival kwamen diverse gastsprekers om over hun beroep te vertellen. Wat doen ze, waarom is dat zo boeiend, en hoe is de weg er naartoe geweest? Voor de meesten was het een nieuwe ervaring om op een middelbare school een presentatie te geven. Maar iedereen was na afloop tevreden over de belangstelling en de vragen die waren gesteld. 45 minuten waren eigenlijk te kort. Natuurlijk heeft niet iedereen alles kunnen meemaken; daarom de volgende impressie. Joris Leer en Andrea van Dijk zijn gezagvoerders bij de KLM. Als zij samen ergens binnen komen wordt er altijd gedacht zij een piloot en een stewardess zijn. Mooi niet dus. Aan de klassen T3a en T2b vertelden ze hoe het nu is om als captain een Boeing 737 te vliegen. Olav Pouw werkt bij het Centrum Hout. Hout is een veelzijdig materiaal, met oneindig veel toepassingsmogelijkheden. Hierover is bij het Centrum Hout een schat aan kennis beschikbaar. Tegenwoordig is er veel aandacht voor duurzaam bouwen. Het gaat dan om: het verantwoord omgaan met grondstoffen verminderen van het gebruik van energie en water kwaliteitsbevordering van woonen leefomgeving Hout is een bouwmateriaal dat zeer weinig milieubelastend is, zowel tijdens de productie als de gebruiks- en afvalfase. Het is een vernieuwbare grondstof, heeft een gunstig effect op de CO2 balans, geeft geen schadelijke emissies en verbruikt weinig energie bij productie en bewerking. Andere eigenschappen waardoor hout als bouwmateriaal bijzonder geschikt is in relatie met duurzaam bouwen zijn: een groot dragend vermogen bij een relatief laag eigen gewicht; het beschikt over een aanzienlijk isolerend vermogen; het is gemakkelijk te verwerken en goed te repareren; het laat zich gemakkelijk recyclen; d.w.z. er zijn geen grote hoeveelheden energie voor nodig zoals bij het recyclen van de meeste ander bouwmaterialen; het is zeer geschikt voor hergebruik (demontabele bouwwijze)

Via de site www.centrum-hout.nl is enorm veel informatie over allerlei aspecten van hout te vinden. Ruud Mantingh is directeur/grootaandeelhouder van adviesbureau Aequator Groen & Ruimte bv. Dit adviesbureau houdt zich bezig met de inrichting van Nederland. Aequator Groen & Ruimte werkt hoofdzakelijk in opdracht van ministeries, provincies, gemeenten en waterschappen. Bij Aequator werken bodemkundigen, planologen, hydrologen, ecologen en sociaal geografen. Ruud Mantingh vertelde over zijn bedrijf en hoe het is om een dergelijk bedrijf te leiden. Hij is daar erg enthousiast over, want de titel van zijn presentatie was “wat heb ik toch een fantastische baan!”. Wiebe Feenstra kwam, -compleet in militair uniform en met twee grote geweren-, vertellen over zijn werk bij defensie. Hij houdt zich bezig met het testen van munitie en wapensystemen. In zijn masterclass ging hij in op de volgende aspecten: waarom moet je wapens/ munitie beproeven; wat beproeven we; hoe ging dat vroeger; welke technieken gebruiken we; welke opleiding is nodig om dit werk te kunnen doen. De Afdeling Beproevingen Wapensystemen & Munitie (ABWM) waar hij werkt is een onderdeel van Defensie. Binnen de ABWM worden voor alle krijgsmachtdelen van Defensie (incidenteel ook voor Justitie) combinaties van wapens(ystemen) en munitie beproefd op de aspecten veiligheid en bruikbaarheid. De afdeling bestaat uit circa 100 personen, zowel burger als militair. De afdeling is gevestigd in ’t Harde. Paul Oudraad demonstreerde in de ‘nieuwe kantine’ een opstelling waarmee klimaatcontrole in plantenkassen wordt geregeld. Een motor die via een computer de juiste signalen doorkrijgt regelt of de ramen van de kassen verder open of dicht moeten gaan, en of er een soort gordijn tegen de zon dicht getrokken moet worden of juist niet. Het bedrijf waar hij werkt, Ridder Drive Systems, is gevestigd in Harderwijk en is een wereldmarktleider op dit terrein. Zij maken erg veel zelf en doen uitgebreide testen. Meer informatie op www.ridder.com.

Marijke Visser (waterschap Zuiderzeeland) vertelde over de keuzes die zij in haar leven had gemaakt (wiskundestudie, promotie fysische oceanografie, werk in de waterwereld). En over haar huidige werk bij het waterschap Zuiderzeeland als beleidsadviseur en als modelleur hydrologie. Zij rekent daar met computermodellen aan het watersysteem. Het Waterschap Zuiderzeeland heeft als beheergebied de hele provincie Flevoland en kleine stukjes van Overijssel en Friesland. Het waterschap zorgt voor schoon water, droge voeten, en voldoende water. Het waterschap beheert niet alleen de watergangen en gemalen in het gebied maar zorgt bijvoorbeeld ook voor de zuivering van afvalwater in rioolwaterzuiveringsinstallaties. Marjan Boos is ‘productontwikkelaar food’. In zo’n functie werk je vaak als een ‘spin in het web’ binnen een bedrijf. Je werkt samen met inkopers, verpakkingsdeskundigen, marketeers,productiemedewerkers, kwaliteitsdienst, (internationale) leveranciers, consumentenpanels, etc. Ook bezoek je bijvoorbeeld allerlei beurzen om nieuwe ideeën op te doen en ingrediënten te zoeken. Marjan Boos legde de inhoud van het beroep uit met behulp van voorbeelden uit de praktijk. Ze vertelde ook kort iets over de opleidingen waarmee je productontwikkelaar food kunt worden (MBO/ HBO Voedingsmiddelentechnologie, WUR Levensmiddelentechnologie). Marjan Boos heeft zelf na haar studie Levensmiddelentechnologie aan Wageningen Universiteit ca. 16 jaar gewerkt in productontwikkeling en marketing van functionele en biologische voedingsmiddelen bij Zonnatura, Nutricia, Novartis Nutrition Benelux en Natudis. Sinds 2008 heeft ze haar eigen projectbureau Boos Balans (www.boosbalans. nl). Boos Balans ondersteunt scholen en andere organisaties bij het bevorderen van een gezonde leefstijl en voeding voor leerlingen en/of werknemers. De aanpak werkt het meest effectief bij een combinatie van een gezond (catering)aanbod en voldoende kennis over de relatie tussen leefstijl en gezondheid. Hiervoor heeft Boos Balans de volgende producten: Onafhankelijk advies voor een afgewogen aanbod in kantines, (bedrijfs)restaurants en automaten; (ondersteuning bij) implementatie RSG MAGAZINE - 7 | 2009

12


B ETAF EST I VA L hiervan. Workshops, lessen, cursussen en projecten voor het vergroten van kennis over de relatie tussen leefstijl en gezondheid, en om te laten ervaren dat gezond leven en eten leuk en lekker kan zijn (Ondersteuning bij) het organiseren en/ of uitvoeren van allerlei activiteiten om een gezonde leefstijl te stimuleren. Het ziekenhuis St. Jansdal had een zeer grote inbreng tijdens het festival. St. Jansdal is het (middelgrote) ziekenhuis in Harderwijk waar 1400 medewerkers en 95 medisch specialisten zich inzetten om optimale en professionele zorg te bieden aan de inwoners van de Noordwest Veluwe en een deel van Flevoland. Doordat nagenoeg alle specialismen vertegenwoordigd zijn in St. Jansdal, kan het ziekenhuis een breed pakket aan zorg bieden. Antoinette Walenberg/Albert van Olst gaven een lezing over het gebruik van Röntgenstraling in het ziekenhuis. Jan Bouw van het Klinisch Chemisch Laboratorium (KCL) vertelde over het streamlab van het St. Jansdal. Het streamlab is een soort lopende band systeem voor de routine analyse van chemische bepalingen (bijv. natrium, cholesterol, schildklierhormonen, vitamine B12, etc). Het bestaat uit een in- en uitvoer station van de buizen met monsters, een centrifuge, een ontdopper, en vijf chemieautomaten (van drie verschillende analysemethodes). Er komt heel wat bij kijken om al die apparaten goed te laten werken. De analyses moeten ook bij spoed uitgevoerd kunnen worden. Als een specialist bijvoorbeeld opbelt dat er nog ‘een calcium gedaan moet worden van een patiënt’, dan moet snel de juiste buis naar het juiste apparaat worden gebracht. Het is een afdeling waar al met al 105 medewerkers actief zijn. Ze doen bloedafnames (klinisch en poliklinisch), routine analyses (bijvoorbeeld natrium, kalium, rode bloedcellen, witte bloedcellen, bezinking, schildklierhormonen, en bloedtransfusies). Maar ook analyses met speciale technieken zoals voor geneesmiddelen, DNA, en eiwitten met hoge druk vloeistof chromatografie (HPLC) en elektroforese. Er werken researchanalisten, en mensen voor de technische en automatiseringsondersteuning. Het gaat dag en nacht door, dus 7 dagen per week en 24 uur per etmaal.

Harriët Loovers doet wetenschappelijk onderzoek bij St. Jansdal. Zij kijkt naar de werkzaamheid van bepaalde medicijnen tegen depressiviteit. Bij het omzetten van dergelijke antidepressiva zijn enzymen betrokken, waarvan de werking o.a. bepaald wordt door de opbouw van iemands DNA. Een afwijkend DNA zal in meer of mindere mate aanleiding geven tot een snellere of tragere omzetting. Ook de receptoren in het brein zijn afhankelijk de DNA configuratie. Ook andere zaken als roken, antibiotica, ander medicijn gebruik, of grapefruitsap kunnen de werking van antidepressiva, en antipsychotica beïnvloeden. Chris Welker gaf een lezing met de titel ‘help de baby wordt geel’. Het komt immers voor dat een baby een paar dagen na zijn geboorte geel wordt. Waarom gebeurt dat? Wat kan er aan gedaan worden? En wat is de functie van het lab hierbij?. Belangrijke vragen zijn dan hoe krijgt een baby zuurstof in de baarmoeder, werkt de lever dan al, klopt het hartje dan al, en hoe zit dat na de geboorte. Hij verzorgde ook de uitgebreide stand van St. Jansdal waar veel leerlingen met allerlei vragen bij hem langs kwamen. Gerwin Vos zou het hebben over het hart. Wat moeten we doen als het stopt met werken. Kunnen we technische middelen gebruiken om het hart weer op gang te helpen en te bewaken zodat het er niet weer mee stopt? Hiervoor was in principe veel belangstelling. Maar Gerwin Vos moest helaas afzeggen. Terecht bleek later want tijdens het bètafestival werd hij vader van een tweeling. We houden zijn verhaal nog tegoed.

in 2005) biotechnologisch bedrijf dat zich specialiseert op massaproductie en toepassing van microwieren (algen). Algen zijn eencellige organismen met een grote varieteit aan vormen (er zijn 80000 soorten beschreven). De belangrijkste voedsel- en energiebronnen zijn koolstofdioxide (= broeikasgas) en zonlicht. Tijdens de groei ontstaan zuurstof en celmassa. Onder gunstige omstandigheden kunnen algen snel groeien en elke dag hun aantal verdubbelen. Door deze kenmerken is de massakweek van algen klimatologisch zeer gunstig (vorming van zuurstof en afname van broeikasgas) en maakt het een 100% groen productieproces mogelijk. Door de snelle groei en de samenstelling van algen is de productie per oppervlakte vele malen hoger dan die van hogere planten (bijv. maïs en koolzaad). Naast enkele nadelige effecten van algen, zoals giftige stoffen en huiduitslag, kunnen algen gebruikt worden voor veel nuttige producten en toepassingen. AquaPhyto maakt gebruik van de natuurlijke eigenschappen van algen om op grote schaal algen te kweken voor maatschappelijke toepassingen zoals voeding voor mens en dier (o.a. schelpdieren/ aquacultuur), medicijnen, waterzuivering en biobrandstof. AquaPhyto ontwikkelt concepten voor maatschappelijke en commerciële toepassingen van microwieren. Enkele leerlingen van de RSG doen momenteel onderzoek bij AquaPhyto voor hun profielwerkstuk.

- partners -

Edgard Weening is apotheker. Hij belichtte het ontstaan van het geneesmiddel, en de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen. En hoe de werking van het geneesmiddel in het lichaam plaats vindt. Ook werd kort stil gestaan bij de inhoud van het beroep apotheker. Hij heeft zelf een fraaie site www. apotheekoostermoer.nl. Daarop is ook een uitgebreide encyclopedie van geneesmiddelen te raadplegen. Nico Goosen en Nicole Dijkman kwamen namens Aquaphyto. Dit is een jong (opgericht RSG MAGAZINE - 7 | 2009

13


MEER BETA?! Anne Topma van Eurofysica gaf de hele dag demonstraties van de nieuwe dataloggers van Vernier. Zo’n datalogger is een soort minicomputer waarmee je allerlei metingen ‘in het veld’ kan doen. Afhankelijk van de sensoren die je er aan koppelt is er van alles te onderzoeken. Bijvoorbeeld temperatuur, hartslag, afstand, zuurgraad (pH), gehalte aan zuurstof of koolstofdioxide. De leerlingen bleken er snel mee te kunnen werken. De RSG heeft al een aardige hoeveelheid sensoren, maar die worden vooral gebruikt in combinatie met een vaste computer. Deze dataloggers zouden wel een hele fraaie aanvulling vormen…. De luchtmacht zou met een grote stand komen, maar dat werd uiteindelijk een kleine met veel folders. Opmerkelijk was dat veel meisjes vragen gingen stellen aan de voorlichtster. Alma Tostmann vertelde over een project om tbc in Tanzania te bestrijden.

Riechard Weening had een aantal uitzendingen van Mythbusters op een dvd gezet die in de kleine kantine werd afgespeeld. Dat blijft altijd boeiend. Maar het moet vooral niet thuis worden nagedaan!

mediatheek in Zeewolde) liggen nog nummers om in te kijken of mee te nemen.

De Universiteit Wageningen (WUR) kwam met een uitgebreide voorlichtingsstand. Door een misverstand waren twee ingeplande sprekers afwezig. Zij zouden het hebben over biotechnologie en agrotechnologie. Boeiende onderwerpen waarop stevig was ingetekend. Het werd opgelost doordat één van de standhouders dan maar over beide onderwerpen een lezing gaf.

Er waren ook afzeggingen voor het bètafestival, met gelijktijdig de toezegging om een volgend keer, of er tussendoor wél te komen. Dus wat houden we tegoed? De Hogeschool voor de Kunsten Utrecht met de afdeling voor multimedia en het ontwerpen van games. Of Dialock, dat gespecialiseerd is in allerlei vormen van bewaking. Een specialist in robots van de Hogeschool Windesheim. En Belpa, een bedrijf in Harderwijk dat transformatoren en installaties ontwerpt voor (nood) stroomvoorziening.

Op het verzoek om proefexemplaren van populair wetenschappelijke tijdschriften hadden enkele uitgevers gereageerd. Er was een forse hoeveelheid beschikbaar van Explore, NWT (Natuur Wetenschap & Techniek) en EOS. Aantrekkelijke kortingsaanbiedingen zijn nog steeds van kracht. Op diverse plaatsen in de RSG (zoals het OLC in Harderwijk en in de

Met dit bètafestival zijn we in contact gekomen met allerlei bedrijven en instellingen die ook op een andere manier nog voor onze leerlingen iets kunnen betekenen. Bijvoorbeeld om een bedrijf te bezoeken, of er onderzoek te doen. Een heel interessant bedrijf is AWL, waar robots worden ontworpen en gemaakt voor industriële toepassingen zoals in de auto-industrie.

een wat andere les.... Tijdens het Bètafestival werd door RSG docenten een aantal ‘wat andere’ lessen gegeven. Bij natuurkunde konden leerlingen kennis maken met videometen. Als je een klein filmpje maakt van iets wat beweegt, dan kun je die beweging later op de computer analyseren met het programma Coach. Chris Wiffen en Amanda Hagenbeek lieten dat zien aan de hand van o.a. een pingpong bal en een biljart. Brugklassers leerden bij scheikunde dat je een soort kettingreactie kunt organiseren door een hele serie proeven achter elkaar uit te voeren. Bij techniek waren de laatste tijd door verschillende klassen allerlei onderdelen gemaakt die met elkaar een soort kettingreactie van dominostenen kunnen geven. Nu werden ze eens achter elkaar gezet tot een lange baan, en het werkte waarachtig ook nog. Ook bij scheikunde werd een experiment gedaan om aan te tonen dat light chips ook echt heel licht zijn. Verder werd er met

micro-opstellingen (met piepklein glaswerk) wijn gedestilleerd. Met een waxinelichtje als warmtebron lukte het om het alcoholgehalte op te voeren tot ca. 40% want het bleek echt te branden. In dit Darwin jubileumjaar werd bij biologie met kralen nagedaan hoe Darwin op het idee van natuurlijke selectie was gekomen. Het leek een wat kinderachtig experiment, maar het klopte heel aardig.

In het verzorgingslokaal ging Lucia Meerman Hüttenkäse maken. Vrij simpel te doen, en ook nog smakelijk. De leerlingen bleken erg goed te zijn in het blind herkennen van kruiden. Frank Klinkenberg bleek heel veel af te weten van het heelal. Met name hoe je daarbij afstanden moet meten en berekenen. De bovenbouwleerlingen die zijn lezing bezochten kunnen het nu ook (?).

RSG MAGAZINE - 7 | 2009

14


een wat andere les.... Klaas Ottten had voor de gelegenheid zijn indrukwekkende telescoop mee naar school genomen. Stefan van Ekeren is gefascineerd van het weer. Hij legde o.a. uit hoe regen gevormd kan worden als fijn woestijnzand in de lucht gaat werken als zogenaamde condensatiekernen. Maar dan moet er ook een zout aan vast zitten, wat niet zo heel vaak voorkomt. Zit er echter fijn verdeeld zout (natriumchloride) in de lucht (bij zeewind) dan is de kans wel aanzienlijk dat het tot regen gaat leiden. Ton Krabman had het over industrieel ontwerpen. Materiaaltechnische aspecten en vormgeving van industriële productontwikkeling kwamen aan bod. Hij gaf voorbeelden van beroemde designproducten, in het bijzonder als (ver)nieuwende materiaalontwikkelingen geleid hebben tot dat (ver)nieuwde product. Ontwikkelingen in de staal- en chemische industrie hebben zeer zeker bijgedragen tot allerlei nieuwe toepassingen. En natuurlik ook technologische innovaties.

Twee klassen hebben zich bezig gehouden met het bouwen van 30 cm hoge torens van spaghetti. Dat viel niet mee, want er waren ook eisen aan de bouwsels. Zo moesten het grondvlak en de top een regelmatige vijfhoek (pentagon) zijn. Wereldwijd worden er overigens zeer serieuze wedstrijden gehouden met het bouwen van spaghetti bruggen en torens. Je moet goed nadenken hoe krachten werkzaam zijn en waar je verstevigingen moet aanbrengen. Er was dit keer te weinig tijd voor om het af te maken; het zal zeker nog eens in projecttijd worden herhaald. Want het is wel erg leuk om te doen. Niels Hak bewees dat ook leerlingen kunnen lesgeven. Hij liet twee klassen kennis maken met het programma Sketch Up van Google. Dat is een (gratis) tekenprogramma waarmee je ruimtelijke tekeningen kunt maken. Het was bijvoorbeeld ook al gebruikt bij het vak techniek om inrichtingsplannen voor een kinderspeelplaats mee uit te werken. Het is eenvoudig van de Google site te downloaden; een aanrader.

Als je deze ochtend het OLC instapte dan liep je kans dat er Lego-robots op je af kwamen. In twee lesuren waren leerlingen van 2Tb bezig geweest ze te programmeren. Dat lukte prima, want de robots bleken in staat de afstand te meten waardoor ze niet tegen je aan botsten maar keurig stopten of omkeerden. Ze kunnen natuurlijk veel meer, maar dan moet je er ook langer tijd in gaan investeren. Dat gaat zeker gebeuren in de module robotica die Heinny Jansen bij het vak NLT gaat geven, of tijdens projecttijd. En niet te vergeten Cor de Koning Gans. Hij was de hele dag bezig om in de theaterzaal zijn grootschalige experiment met botsende bowlingballen te laten zien. En om welke wetmatigheden ging het nu hierbij? Ons bètafestival trok ook de aandacht van de pers: de volgende dag opende de Stentor met een artikel op de voorpagina. Volgend jaar opnieuw een Bètafestival: mooier, groter, (nog) beter en ook in Zeewolde.

WEET JIJ DIT OOK? Tijdens het Bètafestival werden in de

Bij de bovenbouwers was de strijd niet

middagpauzes twee wetenschapsquiz-

minder fel.

zen gehouden. De flitsende presen-

Ze werden luid aangemoedigd door hun

tatie was in handen van Jan van den

verschillende fanclubs die spontaan

Berg (artiestennaam Johnny Moun-

waren ontstaan.

tain). Frans van Tilburg leende zijn

Hun vragen waren nog een slag pitti-

quiz-installatie uit en bediende hem

ger, zoals:

bovendien. De stemming zat er meteen goed in en de kandidaten waren

Onder welke omstandigheden kunnen

behoorlijk fanatiek. De drie kandida-

Nederlandse bosbranden het makke-

ten uit de eerste en tweede klassen die

lijkst ontstaan?

zich spontaan aanmelden kregen o.a.

a. Direct na een droge, koude winter

de volgende vraag voorgeschoteld:

op een warme, zonnige dag b. Tijdens een week hittegolf in het

Hoe lang doet een kip erover om een

late voorjaar

ei te maken?

c. In een reguliere zomer met gemid-

a. ongeveer een dag

delde temperatuur

b. ongeveer een week c. ongeveer twee weken

Hier werd de score:

(Weet jij het juiste antwoord? Het

1. Nathan Jansen - 71 punten

staat verderop in dit magazine).

2. Martijn den Besten - 63 punten

De uitslag werd:

3. Sven Buis - 48 punten.

1. Kahin Ahmed (1B) - 71 punten 2. Frederique Jannink (2Ma) 49 punten 3. Jessamy Mol (1K) - 46 punten. RSG MAGAZINE - 7 | 2009

15


RSG MAGAZINE RSG MAGAZINE ‘YOUNG ONES’ ‘LIFE AT RSG’ DOEN!

volgend NUMMER

ONDERWIJS IECEETEE OP STAP

CRE W...

PERS

O

Ziekte, een andere baan, een verhuizing, het komt allemaal voor in de loop van het cursusjaar. Daarom een aanvulling op onze informatiegids. Zo is het weeer duidelijk om wie het gaat, wat de afkorting in het rooster betekent en welk vak er door deze docenten wordt gegeven.

NEEL

LOCATIE SLINGERBOS Nep Akt Oom Enb Brm

mw. H. Neppelenbroek dhr. A. Aktepe dhr. B.C.J. Oomen mw. E.M. Engberts-Weide mw. M.J. de Bruin-Berkhof

Frans h.neppelenbroek@rsgsl.nl economie a.aktepe@rsgsl.nl aardrijkskunde b.oomen@rsgsl.nl Nederlands e.engberts@rsgsl.nl bestuurssecretariaat cvb@rsgsl.nl

LOCATIE LEVANT Volgend RSG Magazine - extra aandacht voor internationalisering en reizen.

Bom

dhr. M. Bol

economie

quiz:

m.bol@rsgsl.nl

FLEVO ACADEMIE

Antwoorden op de quizvragen: Hoe lang doet een kip over het maken van een ei? Antwoord a: ongeveer een dag

CURSUSAANBOD: CHECK DE WEBSITE

Toelichting: Een ei ontstaat zo: in de kip wordt een dooier gemaakt. Als die klaar is wordt die een speciale gang ingestuurd. Die heet de eileider. In de eileider wordt

www.rsgflevoacademie.nl

het eiwit erom heen gemaakt. Dat is straks het eten voor het kuiken, dat uit de dooier gaat groeien. Helemaal aan het eind van de gang wordt de schaal erom heen gemaakt, in een speciaal schaalvormings-

RSG Flevo Academie draait prima

Op locatie Levant zijn er 30 cursisten.

De activiteiten van de RSG Flevo Academie voorzien duidelijk in een behoefte. Zowel bij leerlingen als bij volwassenen. Zo hebben de leerlingen van locatie Levant die na hun mavodiploma verder gingen op de havo erg veel gehad aan de ‘Columbus week’. In de laatste week van de zomervakantie werden ze extra voorbereid op deze overstap door nog eens aandacht te besteden aan enkele lastige vakken. Het ligt in de bedoeling om deze week uit te breiden met andere vakken.

De tweede periode van de cursussen voor volwassenen is weer op 20 januari gestart. In de eerste helft van het schooljaar 2008-2009 kwamen er al 102 cursisten. Maar de tweede periode doet er niet voor onder. In het totaal zullen in dit schooljaar meer dan 200 cursisten de Levant bezocht hebben.

gedeelte. Dat duurt ongeveer 20 uur. Deze hele weg duurt ongeveer 25 uur. Een kip kan dus elke dag een ei leggen. Onder welke omstandigheden kunnen Nederlandse bosbranden het makkelijkst ontstaan? Antwoord a: direct na een droge, koude winter op een warme, zonnige dag. Toelichting: Tijdens een droge, koude winter kunnen bomen, struiken, gras en strooisel flink uitdrogen door de beperkte sapstroom. Een flink zonnetje op een vroege lentedag kan dan de temperatuur van het brandbare materiaal flink doen stijgen, waardoor brandjes makkelijker ontstaan en verspreiden. Wanneer de sapstroom in bomen en struiken eenmaal op gang is, in het voorjaar en de zomer, heeft de zon minstens een aantal weken nodig zonder regenval om de vegetatie zodanig uit te drogen dat er mak-

De Huiswerkbegeleiding op locatie Slingerbos draait zo goed dat er een wachtlijst gevormd moet worden. Er zijn nu al 40 cursisten.

Voor het volgend schooljaar worden al weer nieuwe plannen gemaakt. Waarschijnlijk wordt het aanbod uitgebreid met Photoshoppen (begint al in februari), filosofie, computerkunde (Word), en EHBO voor in huis. Voor inlichtingen mail naar t.vanaalderen@rsgsl.nl, of bel naar: 036 521 81 70 of 0341 414 484

kelijk een bosbrand kan ontstaan.

VORMGEVING & FOTOGRAFIE - Ton Krabman/ Olaf Budde/ Klaas Otten - DRUK - DEKKER DRUKWERKEN LEEUWARDEN

RSG MAGAZINE - 7 | 2009

16


RSG Magazine 07