Page 1

HĂŠt vakblad over zorginkoop Onderwerp categorie

Nr 2 April 2009

PatiĂŤnt verdient grotere rol in zorginkoop Interview met Marc Berg (arts en gezondheidswetenschapper) In dit nummer o.a.: de inkoopmacht van DVN | het reclamezuiltje van Agis | kansen om Wmo-beleid te versterken | kinderwijkteam levert betere ĂŠn goedkopere zorg | internetbehandelingen in de GGZ aantoonbaar effectief | zijn zorginkopers voorbereid op de werkpleinen? | en meer...

april 2009 | 1


Onderwerp categorie

Redactioneel

Where have all the agents gone? Tijdens de voorbereiding van dit redactioneel commentaar lazen wij een nieuwbrief van Seth Godin die met het volgende intro begon: Where have all the agents gone? Travel agents... gone. Stock brokers... gone. Real estate brokers... in trouble. Photographer’s agents, too. The problem with being a helpful, efficient but largely anonymous middleman is pretty obvious. Someone can come along who is cheaper, faster and more efficient. And that someone might be the customer aided by a computer. Zo’n bericht blijft op zo’n moment toch ineens haken. Want zorginkopers zijn in zekere zin ook ‘agents’. Hun waarde zit in het transparant maken van de zorgmarkt en dit op een onderscheidende manier inzetten bij het inkopen van zorg voor de klant. Naarmate de zorg meer transparant wordt voor klanten, zal de zorginkoper ook duidelijk moeten kunnen maken dat zijn inkoopinspanningen tot meer voordeel leiden voor die klant en zijn computer. Anders word je als inkoper gezien als (overbodige) kostenpost. In de toekomst zul je als zorginkoper niet de enige ‘agent’ meer hoeven zijn voor de klant. Ook de diabetesvereniging stelt zich op als ‘agent’ en werkt al nauw samen met zorginkopers van zorgverzekeraars. En Agis was onlangs in het nieuws omdat het probeert om fysiotherapeuten als ‘agent’ in te schakelen voor zorgverzekeringen. In de AWBZ, Wmo en re-integratie zie je dat externe adviseurs als ‘agent’ optreden voor mensen met een persoonsgebonden budget (PGB) of een individuele re-integratieovereenkomst (IRO). Seth Godin concludeert in zijn nieuwsbrief dat ‘agents’ alleen zullen blijven wanneer zij koersbepalend zijn in sterk veranderende markten. Het wordt dus belangrijk om gezien te worden als specialist en meer kennis te hebben van de laatste ontwikkelingen dan de gemiddeld googlende collega en burger. Daarom in dit nummer weer een mix van methodiek, inhoud, opleiding en opinie. Centraal staat een interview met Marc Berg over zijn toekomstvisie op de gezondheidszorg in Nederland. Jan Telgen en Bert Karssen reiken weer hun vakkennis aan op het gebied van inkoopstrategie en aanbesteding. Diabetes Vereniging Nederland vertelt over zijn strategie om met anderen te gaan optrekken als ‘agent’ voor de zorg. En op het gebied van innovatie in dit nummer aandacht voor e-mental health en kinderwijkteams. Als kijkje in de praktijk nu een interview over de inkoop van de re-integratie bij de gemeente Amsterdam. Ria Mastik geeft een toelichting op nieuwe cursus­programma’s voor zorginkopers Wmo.

Simone La Lau is freelancer en gespecialiseerd in uitgeefprojecten in de Nederlandse gezondheidszorg.

Rolf Swens is zelfstandig adviseur op het gebied van sociale innovatie.

Wij wensen u ook dit keer veel leesplezier!

2 | Z kopers

februari 2009 | 3


Colofon / Inhoud

Zkopers hét vakblad over zorginkoop Uitgever Media Zorg - Manon van Leeuwen Postbus 507 3235 ZG Rockanje T 0181 - 40 42 63 | E manon@mediazorg.nl Hoofdredactie Rolf Swens en Simone La Lau Contact redactie: simone@mediazorg.nl

Inhoud

Inhoud

21 Bert Karssen gaat deze editie in op de segmentatie

06 Reactie

van zorgaanbieders: op welke criteria kun je leveranciers

Hulp huishouden niet aanbesteden?

differentiëren?

De crisis grijpt ook de zorg! 07 Column Hans Hopmans – Anders Bekeken

Patiënt verdient grotere rol in zorginkoop

Gezocht: marktmakers

08 Als het aan Marc Berg ligt heeft de sturende rol van Eindredactie

zorgverzekeraars, zorgkantoren en gemeenten in zorginkoop

Bureau E | Ellen Driessen

zijn beste tijd gehad. Om een echte efficiencyslag te maken,

Redactieraad

13 Column Harry de Zorginkoper De creditcard van de baas

moet de patiënt een veel grotere rol gaan spelen in dit proces.

Drs. M.A.J.M. Bos, zelfstandig adviseur | J.R.C. Hopmans, manager Zorginnovatie bij Zilveren

‘Als de transparantie waarover iedereen het nu heeft volwassen

Kruis Achmea | Drs. B. Karssen, partner bij

wordt, wordt de rol van de zorginkoper in het primaire proces

Significant | Mr. drs. M.Th.Mastik-Sonneveldt, docent

kleiner.’

Hogeschool Rotterdam, belast met ontwikkeling

En verder...

Methoden en technieken

16 Werkplein

Een flatscreen aan de wand... 33 In elke editie van Zkopers een prikkelende column door

Interview directeur Dienst Werk en Inkomen Amsterdam Ruud IJzelendoorn

Geert Geertsema. Weet wat je wilt kopen! Een spreuk die zo op

van Wmo- en bijzondere projecten bij Transfergroep

19 Column Rolf Swens

een tegeltje kan...

Rotterdam (post-HBO onderwijs) | Drs. A. van de

De schuld van de marktwerking

Meerendonk, zelfstandig adviseur arbeid & sociale zekerheid | I.W.J.M. Sips-Weck, afdelingshoofd Sector Inwoners Maatschappelijke Ondersteuning

20 Literatuur

bij de gemeente Spijkenisse | Dr. M.T. Smits,

Met recensies van Bert Karssen

universitair hoofddocent aan de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen van de Universiteit van Tilburg | Drs. R. Stegehuis, directeur

25 Facts and figures

Zorgmanagement bij Menzis Zorg en Inkomen |

Door Zorgverzekeraars Nederland

Prof.dr. J. Telgen, hoogleraar inkoopmanagement voor de publieke sector aan Universiteit Twente

26 Reclamezuil als tegenprestatie

Aan dit nummer werkten mee

Innovatief zorgaanbod

Jan Breedveld | Michel van Dijk | Walter Engelhart | Geert Geertsema | Mark van

38 Marlies Paauwe van het Kinderwijkteam van STN Zorg

Seggelen | Els van Thiel | Frank van Wijck en Coverfoto door Isabel Nabuurs.

en doeltreffende concept. Professionele hulp aan huis voor

30 Aanbesteden

zieke kinderen: beter voor de kinderen, beter voor de ouders én

Aanbesteden kan anders door Jan Telgen

een stuk goedkoper.

Bladmanagement Koos de Bie - De Vormstrateeg

33 Column Geert Geertsema

Postbus 1366 5200 BK ’s-Hertogenbosch

Een flatscreen aan de wand

T 073 - 613 20 34 | E info@vormstrateeg.nl

34 Opleidingen

Oplage 5.000 exemplaren

De inkoopmacht van DVN De Vormstrateeg B.V. - ’s-Hertogenbosch

Agisreclame

vertelt o.a. over de financieringsproblematiek van haar unieke

Zorgverzekeraars Nederland.

Vormgeving en opmaak

Fysiotherapie: hoger tarief als beloning, maar dan wel met

14 Diabetes Vereniging Nederland is de grootste patiëntenorganisatie van ons land. Interview met directeur

Advertenties

Maarten Ploeg over de inkoopmacht van DVN, de

2Blonds, Jeroen Opstal

samenwerking met zorgverzekeraars en waarom de uiteindelijke

T 071 - 531 45 11 | E jeroen@2blonds.nl

regie bij de patiënt en diens vertegenwoordiger moet liggen.

Het versterken van het gemeentelijk Wmo-beleid 37 Onderzoek Verschenen onderzoeksrapporten 41 Column Walter Engelhart In de hoek gezet

Copyright Alle rechten voorbehouden. Zkopers is niet aan­ sprakelijk voor eventuele onjuistheden in print of

42 E-Health in opmars

online uitgaven. Zkopers is niet verantwoordelijk voor

Innovatiebereidheid en vertrouwen nemen toe,

handelingen van derden die mogelijkerwijs voort­

weerstand neemt af

vloeien uit het lezen van uitgaven. Zkopers behoudt zich het recht voor ingezonden materiaal zonder kennisgeving vooraf geheel of gedeeltelijk te

46 Agenda / Congressen

publiceren.

4 | Z kopers

februari 2009 | 5


Reactie Column Hans Hopmans | Anders Bekeken

Hulp huishouden niet aanbesteden? Als het verlenen van hulp bij het huishouden als 2B-dienst wordt aangemerkt, kan het volgens een verlicht regime worden aanbesteed. Onlangs betoogde mr. Tim Robbe in Zorgvisie dat Hulp bij het Huishouden (HH) in het kader van de Wmo niet hoeft te worden aanbesteed. Hij baseert zich daarbij op een uitspraak van het Europese Hof over het vooraf publiceren van zo­ genaamde 2B diensten. In de aanbestedingsregels wordt een onderscheid gemaakt tussen zogenaamde 2A-diensten en 2B-diensten. Voor het aanbesteden van 2A-diensten gelden de volledige aan­ bestedingsrichtlijnen; voor 2B-diensten kan met een verlicht regime (onderhandelen en resultaat publiceren) worden volstaan. De vraag is dus of het verlenen van hulp bij het huishouden (HH) een 2B-dienst zou kunnen zijn. Vast staat dat schoon­ maakwerk een 2A-dienst is, terwijl maatschappelijk werk een 2B-dienst is. Hulp bij het huishouden is met enige realiteitszin te beschrijven als een combinatie van de twee. In dat soort

gevallen moet vastgesteld worden welk soort dienst het grootste onderdeel is: als de 2A-dienst groter is in volume moet het geheel als een 2A-dienst worden aanbesteed. Als de 2B dienst groter is in volume kan de hele opdracht als een 2B-dienst (dus met verlicht regime) worden aanbesteed. Bij HH zal het volume aan schoonmaakwerkzaamheden naar alle waarschijnlijkheid het grootst zijn. Dus moet HH aanbesteed worden volgens de normale aanbestedings­ procedures. De uitspraak van het Hof over de beperkte publicatie­plicht vooraf bij het aanbesteden van 2B-diensten, verandert daar niets aan. Prof.dr. Jan Telgen is Hoogleraar Inkoopmanagement voor de Publieke Sector Universiteit Twente

Gezocht: marktmakers

Ingezonden

De crisis grijpt ook de zorg! Net als de rest van Nederland wordt ook de zorg geraakt door de kredietcrisis. Zo zullen huisartsen, specialisten en farmaceuten de effecten van de crisis gaan voelen in hun portemonnee, doordat zorgverzekeraars op dit moment met ernstige financiële problemen kampen. Voor veel zorgverzekeraars zorgt beleggen in aandelen en obligaties voor zeer belangrijke neveninkomsten, deze inkomstenbron maakt het verschil tussen winst en verlies. Feitelijk compenseert een zorgverzekeraar het verlies op de zorginkoop met de winsten op beleggingen. Zo heeft Agis bijvoorbeeld 320 miljoen (gelijk aan 30% van het totale vermogen) van haar vermogen belegd. Dit genereert 20 miljoen aan opbrengsten en en dit maakte voor Agis een winst in 2007 van 23 miljoen mogelijk, in plaats van slechts 3 miljoen. Door de kredietcrisis wordt er minder dividend uitgekeerd, waardoor de winstgevendheid ernstig onder druk komt te staan. Daar bovenop verslechtert de eigen vermogenspositie als gevolg van de verminderde waarde van de aandelen en obligatieportefeuille, waardoor de benodigde solvabiliteiteis in gevaar komt. Agis is niet de enige met problemen, zelfs niet degene met de grootste problemen. Alle grote en minder grote zorg­ verzekeraars als CZ, DSW en ONVZ kampen met dezelfde problematiek. In de basis kunnen zorgverzekeraars nu twee dingen doen: intern reorganiseren of doelmatiger zorg inkopen. Het laatste heeft de voorkeur, aangezien een gemiddelde zorgverzekeraar ongeveer 94 eurocent van iedere euro die 6 | Z kopers

ontvangen wordt aan premie, besteedt aan zorginkoop. De 6 eurocent die over is, wordt aan de interne organisatie besteed. Het is dus meer lonend om de aan zorginkoop bestede 94 eurocent met 10% te verminderen, dan om de interne organisatie aan te pakken. Dit betekent dat ziekenhuizen, specialisten, huisartsen en de farmaceutische industrie geconfronteerd zullen worden met forse onderhandelingsronden. Zo is het denkbeeldig dat huisartsenzorggroepen onder druk komen te staan bij de onderhandelingen over de DBC-tarieven. Ook is het mogelijk dat de M&I-handelingen versneld onder het basispakket komen te vallen. Zorgaanbieders zullen daardoor beter inzichtelijk moeten maken wat hun toegevoegde waarde is en welke prestaties ze leveren. Feitelijk betekent het dat de marktwerking hoogtij gaat vieren tijdens de kredietcrisis.

In één oogopslag kunnen vaststellen wat het kwaliteitsniveau is

inkopers, in samenwerking met de overheid, er in slagen om een

van de aangeboden zorg, wat een heerlijke gedachte. Zorg­

ruim en gevarieerd aanbod te mobiliseren, dan moet de consument

aanbieders krijgen regelmatig de dringende oproep om meer te

wel daadwerkelijk gaan selecteren op relevante criteria.

investeren in veilige zorg, effectiviteit en vooral de transparant­ heid daarvan. Is die oproep effectief? Ik betwijfel het. Complexe

Hoe krijgen we dat voor elkaar? Naarmate consumenten op

aanbodsystemen veranderen pas als ze daartoe gedwongen

praktische wijze vóór en tijdens de transactie meer onderscheid

worden (zie uw leerboek Algemene Economie 3e klas middelbare

ervaren in kosten-batenprikkels afkomstig van aanbieders

school). We doen er in de zorg daarom goed aan om het

of derden, gaan ze vanzelf kritischer keuzegedrag vertonen.

bewustzijn en vraaggedrag van de consument zodanig te

De zorgconsument krijgt nu naar verhouding weinig kosten-

upgraden, dat slecht presterende aanbieders vanzelf door die

batenprikkels. Om allerlei goede redenen hebben we in Nederland

consument, of diens adviseur, gepasseerd worden. Essentiële

een ruim assortiment van ‘100% verzekerde zorg, meestal

randvoorwaarde is wel dat het totale aanbod voldoende groot en

geleverd in natura’. Als je zorg consumeert, ervaar je echter

gevarieerd is. Er moet wel iets te kiezen zijn. Hier wringt echter

als klant meestal geen kostenprikkel. Tegelijkertijd zijn we er

de schoen. Op deelmarkten van zorg is nu te weinig aanbod,

nog niet in geslaagd om de batenprikkel voor de consument

kwalitatief en/of kwantitatief. Er zijn simpelweg te weinig artsen

voldoende transparant te maken. Hier slaat de Wet van de

in bepaalde vakgebieden en er is te weinig verpleeghuiszorg in

Afnemende Kwaliteitsmacht genadeloos toe. Hoe meer moeite

bepaalde steden.

een consument moet doen om de beschikking te hebben over relevante en voor hem begrijpelijke kwaliteitsinformatie over de

In dit soort marktsituaties, ook wel supplier markets genoemd,

zorg(verleners), de batenprikkels dus, hoe minder zijn keuzegedrag

gaan de aanbieders uiteindelijk de productie- en kwaliteits­normen

zich op kwaliteitscriteria zal baseren en hoe minder de aanbieders

bepalen. Soms duwt een overheid hier tegenaan met regelgeving,

vervolgens verleid worden dit op te lossen. Inkopers doen er dus

maar ook die zit bij een supplier market in een underdogpositie. Pas

goed aan bij te dragen aan dynamiseren van het zorgaanbod

wanneer de toetredingsdrempels voor nieuwe aanbieders laag zijn

én het toegankelijk maken van relevante kosten-batenprikkels

en het aanbod voldoende groot en gevarieerd, hebben aanbieders

voor consumenten. Zorginkopers worden daarmee steeds meer

Reageren op dit artikel? Mail naar: Sergio Torres (s.torres@milksf.nl)

echt wat te verliezen als de consument, of diens adviseur, steeds

marktmakers. Dat klinkt toch anders dan inkopers.

is partner van het economenhuis MILK Strategy & Finance

langere termijn dus geen dienst als ze het aanbod te klein of te

Hans Hopmans

Mark Visser (m.visser@milksf.nl)

schraal maken. Oeps! Hier wringt de tweede schoen. Stel dat

is manager Zorginnovatie bij Zilveren Kruis Achmea

voor een ander kiest. Inkopers bewijzen de consument op de

is universitair docent aan de Vrije Universiteit januari 2009 | 7


Interview

Interview

Interview met arts en gezondheidswetenschapper Marc Berg

PatiĂŤnt verdient grotere rol in zorginkoop Tekst: Frank van Wijck | Fotografie: Isabel Nabuurs

Als het aan de arts en gezondheidswetenschapper Marc Berg ligt, heeft de sturende rol van zorgverzekeraars, zorgkantoren en gemeenten in zorginkoop in zijn huidige vorm zijn beste tijd gehad. De structuur van de Nederlandse gezondheidszorg is op dit moment al lang niet slecht, vindt hij. Maar om een echte efficiencyslag te maken, moet de patiĂŤnt een veel grotere rol gaan spelen in dit proces. Marc Berg 8 | Z kopers

april 2009 | 9


Interview

N

ederland heeft een tamelijk uniek systeem ontwikkeld voor de financiering en organisatie van de gezondheids­ zorg, vindt Marc Berg. Berg, tot september 2006 hoogleraar aan het Instituut Beleid en Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit en tegen­woordig partner bij Plexus Medical Group in Amsterdam, vindt dat wij het nog helemaal niet zo slecht doen met het zorgstelsel dat we hier sinds 1 januari 2006 hebben. ‘Wij blijken wel iets neer te kunnen zetten’, zegt hij. ‘De manier waarop wij in het B-segment in de ziekenhuizen in staat zijn gebleken een prijsdaling te bewerkstelligen met behoud van kwaliteit, dat zie ik op dit moment geen enkel ander land binnen of buiten Europa doen. In Japan zie je dat de overheid de partij is die uit alle macht de prijzen drukt. Dat lukt dan wel, maar het doodt alle innovatie en leidt ertoe dat onafhankelijke partijen opstaan die buiten het bestaande systeem om de krenten uit de pap pikken. En in Duitsland gebeuren wel interessante dingen op het gebied van chronische zorg, maar die hebben niets te maken met de markt of met sturing door zorginkoop. We doen het dus internationaal gezien erg goed, noem ons maar gerust een lichtend voorbeeld.’ Recept voor goede zorg Dit gezegd hebbend, constateert Berg tegelijkertijd wel dat nog het nodige moet gebeuren willen we ons huidige zorgstelsel tot een echt succes kunnen bestempelen. ‘Aan de curatieve kant zie je op dit moment de grootste dynamiek, in de ziekenhuizen’, zegt hij. ‘In het B-segment vindt een grote verschuiving en productiviteitstoename plaats. Ziekenhuizen gaan ook keuzen maken door zorgvormen af te stoten of juist naar zich toe te trekken. En dat is precies de gewenste ontwikkeling, want het zorgt ervoor dat de zorg daar wordt aangeboden waar dit het best en meest doelmatig kan, en dat dus niet meer ieder ziekenhuis álle zorg aanbiedt. Een recept voor goede zorg.’ Maar tegelijkertijd stijgen wel de salarissen van de medisch specialisten en dalen de kosten maar mondjesmaat, constateert hij. De marktontwikkeling is dus nog maar nauwelijks van de grond gekomen en er valt nog een flinke efficiencyslag te maken. ‘De zorgverzekeraars beginnen nu pas te beseffen dat ze voor de ziekenhuiszorg risicodragend worden’, zegt hij. ‘Het gaat binnenkort heus allemaal wel veranderen. De beslissing van minister Ab Klink om in te grijpen in IJsselmeerziekenhuizen was de laatste keer dat zoiets gebeurde. En grote nieuwbouwmolochen als Orbis gaan het heel moeilijk krijgen. Dat zijn relieken van het verleden. Die organisaties hebben een dusdanige omvang dat de exploitatielast die ze moeten torsen nauwelijks meer te dragen is. De enige oplossing die ik voor deze instellingen zie, is dat ze dusdanig hard gaan snijden in de bedrijfsvoering dat hun DBC-prijs flink naar beneden kan. Dat kan best, maar

10 | Z kopers

Interview

het breekt wel door de bestaande orde heen. Wellicht zijn dit dus juist de ziekenhuizen die noodgedwongen deze stap het eerst gaan zetten.’ Omslag bij zorgverzekeraars De risicodragendheid van zorgverzekeraars op ziekenhuis­ zorg gaat volgens Berg voor een grote verandering zorgen. ‘Zeker in combinatie met de huidige crisis, waardoor ze veel van hun financiële reserves verloren hebben’, zegt hij. ‘Ze zullen nu echt iets moeten gaan doen, willen ze niet onderuit gaan. De premies verhogen willen ze niet. Dus is het logisch dat ze scherper gaan onderhandelen met de ziekenhuizen. De helft van al het geld dat ze uitgeven, gaat daarheen en er is nog veel winst te behalen.’ Toch betekent dit volgens Berg niet dat de zorgverzekeraars zich primair zullen blijven richten op selectieve zorginkoop binnen het primaire zorgproces. ‘Als de transparantie waar­ over iedereen het nu heeft volwassen wordt, wordt de rol van de zorginkoper in het primaire zorgproces kleiner’, voorspelt Berg. ‘De markt is die tussen patiënt en aanbieder, niet tussen zorgverzekeraar en patiënt of zorgverzekeraar en aanbieder. De prijs-kwaliteitverhoudingen komen steeds meer op straat te liggen. Willen de zorgverzekeraars geen verzekerden verliezen, dan moeten ze allemaal bij de beste zorgaanbieder zorg gaan inkopen. Hun onderscheidend vermogen op dit punt wordt dus steeds moeilijker vorm te geven.’

‘De prijs-kwaliteitverhoudingen komen steeds meer op straat te liggen.’ De onderhandelingen tussen zorgverzekeraars en zieken­ huizen zullen zich dan op een ander element gaan toespitsen, denkt Berg. ‘Binnen de ziekenhuizen is nog heel veel winst te behalen in de sturing van de ondersteunende diensten’, zegt hij. ‘Ik verwacht dat zorgverzekeraars heel hoge druk op ziekenhuizen zullen gaan uitoefenen om die diensten veel bedrijfseconomischer te gaan sturen. Nu wordt zoveel dure infrastructuur zo weinig benut, dat kunnen we met elkaar niet blijven betalen. En dat kan er bijvoorbeeld toe leiden dat ziekenhuizen hun laboratoria of delen van de radiologie gaan uitbesteden. Dat zal voor bestuurders en medisch specialisten in eerste instantie moeilijk te accepteren zijn, maar als ze merken dat andere ziekenhuizen wél rigoureuze keuzen gaan maken, zullen ze toch mee moeten. En dan ontstaat een efficiencyslag op alles behalve het primaire proces, precies waar die nodig is dus. Nu bestaan soms wachtlijsten tussen de verschillende diensten die een patiënt nodig heeft. Bedenk bijvoorbeeld maar eens wat het voor een patiënt betekent als die drie weken moet wachten op de diagnose wel of niet kanker. Als de radiologieafdeling scherper, meer

Marc Berg

bedrijfseconomisch wordt ingezet, betekent dit tijdwinst voor die patiënt die zo vreselijk in onzekerheid verkeert. Dan maakt een ziekenhuis een efficiencyslag waarover zowel de patiënt als de zorgverzekeraar erg te spreken zullen zijn. De molochen waarover ik eerder sprak, krijgen dan in die enorme ziekenhuisgebouwen lege plekken die ze kunnen verhuren aan derden. Dat is dan wel een oplossing, maar in feite onderstreept het alleen maar extra dat zulke grote nieuwbouwprojecten in het licht van de huidige ontwikkelingen nooit gerealiseerd hadden mogen worden. De bestuurders hadden moeten zien dat verandering op til was.’ Eerste lijn en AWBZ Buiten de ziekenhuizen ziet de zorgmarkt er heel anders uit. ‘In de eerste lijn komt de ontwikkeling van de markt in de zorg pas nu op gang’, aldus Berg. ‘In 2010 krijgen we de eerste keten-DBC’s. In de voorbereiding hierop zie je nu al een enorme dynamiek op gang komen.’ Weer heel anders is de situatie in de AWBZ, waar Berg spreekt van een ‘guur klimaat’ in de marktwerking. Hij legt uit: ‘Je hebt hier te maken met zorgkantoren en – voor de Wmo – met gemeenten. Beide zijn monopolisten en doen de aanbestedingen. Ik vind dat een raar model, want wie

is dan de klant? Volgens mij hoort dat de cliënt te zijn, maar toch ligt de prikkel voor efficiënte zorginkoop dus bij die zorgkantoren en gemeenten. Al wil ik tegelijkertijd met klem de berichtgeving tegenspreken als zouden de negatieve ontwikkelingen bij Philadelphia en dergelijke iets met ‘de marktwerking’ te maken hebben. Wat daar gebeurd is, is gewoon het gevolg van snel dalende inkomsten. De indicaties die in de AWBZ worden afgegeven, zijn de laatste tijd fors aangescherpt en dat heeft een grote impact op de financiële posities van de grotere instellingen op dit gebied. Ze zijn hun fusies aan het vormgeven en tegelijkertijd droogt hun financiële stroom op. Voor de partijen die bezig waren met hemelhoge uitbreidingsplannen, zijn de gevolgen dan desastreus. Het zijn juist de kleine, innovatieve partijen die het wel redden.’ Feitelijk zou in de AWBZ veel meer met zorgvolgende pakketten gewerkt kunnen gaan worden, stelt Berg. ‘Het ministerie van VWS wil ook graag werk maken van de inefficiënties op de schotten tussen de stelsels, waar patiënten vaak in verdwalen en tussen wal en schip raken’, zegt hij. ‘Zorgvolgende financiering zou een manier kunnen zijn om in ieder geval die schotten minder voelbaar te maken. Zelfs zonder zorg direct over te hevelen van AWBZ naar Zorgverzekeringswet, valt op deze manier al veel kwaliteitsen doelmatigheidswinst te boeken.’ april 2009 | 11


Interview Column Harry de Zorginkoper Patiënt centraal Op de vraag of de patiënt het wel aankan zelf verantwoorde keuzes te maken in de inkoop van zorg die hij nodig heeft, zegt Berg: ‘Je moet een onderscheid maken tussen medischinhoudelijke of verpleegkundige zorg enerzijds en anderzijds de meer ondersteunende zorg. Voor het laatste heb je een indicatiesteller nodig die bepaalt waarvoor de patiënt in aanmerking komt. Maar op basis daarvan kan de patiënt wel degelijk zelf bepalen waar hij die zorg dan inkoopt. Dan laat je het aan de burger over, in plaats van dat het zorgkantoor of de gemeenten nu grote pakketten inkoopt. Ook de rol van de zorgkantoren en gemeenten in zorginkoop zal dus teruglopen, net zoals die van de zorgverzekeraars. Hoe transparanter het aanbod en de kwaliteit daarvan worden, hoe meer de patiënt zelf in staat is om die inkoop zelf te doen. Dat je buslijnen moet aanbesteden snapt iedereen. Maar thuiszorg? Mensen willen keuzes kunnen maken en dan komt vanzelf een initiatief als Buurtzorg bovendrijven. Dergelijke initiatieven maak je kapot met aanbestedingen: voor kleine aanbieders zijn die een

De creditcard van de baas

‘Hoe transparanter het aanbod en de kwaliteit van de zorginkoop worden, hoe meer de patiënt in staat is om die inkoop zelf te doen.’ nachtmerrie en patiënten raken er hun keuzevrijheid mee kwijt. De patiënt moet leidend zijn. Zo lang dat niet het geval is, gebeurt er niets en blijven de prikkels in de AWBZ op de verkeerde plaatsen liggen.’ Omslag nodig Om de beschreven verandering te bewerkstelligen, moet nog wel het een en ander gebeuren. Niet alleen moet de trans­parantie toenemen op basis waarvan de patiënt gericht zijn eigen keuzes kan maken, maar ook moeten de zorg­ bestuurders en zorginkopers zich ontwikkelen. ‘Je ziet nu

nog steeds bestuurders die vrolijk doorschuiven van de ene zorginstelling naar de andere als ze ergens zijn ontslagen’, zegt Berg. ‘Ik zie dit echter als een tijdelijk probleem, want raden van toezicht zullen steeds scherper gaan kijken naar wie ze binnenhalen als bestuurder. In de zorginstellingen die het momenteel goed doen, zie je bedrijfsmatige bestuurders die ‘nee’ durven zeggen tegen het interne gekonkel binnen de organisatie. En bij de zorgverzekeraars moet de ouwejongens-krentenbrood-mentaliteit voorbij zijn, waarmee nu nog teveel zorginkopers de zorginstellingen benaderen, want anders gaan ze absoluut onderuit. En ik denk dat niemand zit te wachten op verdere consolidatie bij de zorgverzekeraars dan waarvan nu reeds sprake is. De kwaliteit van de zorginkopers verbetert nog maar mondjesmaat, en hun directeuren zijn de eersten om dat toe te geven. Maar ik denk dat ze nog voldoende tijd hebben om om te schakelen.’ ●

Als verantwoordelijke voor de arbeidsvoorwaarden in een groot

Elke cent met zorg

internationaal bedrijf kreeg ik vaak te maken met medewerkers

Wat heeft dit nu met zorg te maken? Wel, een verzekeraar

die door Europa reisden. Het bedrijf vergoedde keurig hun reis- en

vergoedt ook de gemaakte kosten van zijn verzekerden. Keurig

verblijfskosten. Benzine, vliegtickets, hotelletje hier, etentje daar,

zoals in de polisvoorwaarden staat. Voor de verzekerde is zo’n

wat zakgeld voor vertier... Daarover deden we hoegenaamd niet

polis één groot feest. Hij shopt bij wie hij wil. Keuzevrijheid is nu

lullig. En als je een avondje op je kamer tv bleef kijken, vond het geld

eenmaal heilig in ons stelsel. Voor hem maakt het niet uit welke

een dag later eens zo vlot de weg naar de lokale nachtclub. Alle

zorgaanbieder hem helpt. De goedkoopste, de duurste? Het

maximumbedragen stonden nauwgezet opgetekend in een geel

wordt toch vergoed. Daarmee vertoont de zorgpas heel grote

handboek dat bij iedere leidinggevende een prominente plek in de

overeenkomsten met de creditcard van de baas. Niet echt slim

kast kreeg. Aan het eind van de maand dwarrelden alle declaratie-

in een sector waarin tientallen miljarden omgaan en de uitgaven

enveloppen binnen. En was ik altijd weer trots op het minutieuze

blijven groeien.

rekenwerk van mijn collega’s. Als volleerde boekhouders kwam de som van alle bonnetjes exact overeen met het maximumbedrag.

Beloon de verzekerde

Geen cent te weinig dus.

Wil je dat de verzekerde zich net zo zuinig gedraagt als tijdens zijn eigen vakantie? Beloon hem dan voor de verstandige inkoop

Marc Berg Na een studie geneeskunde en gezondheidswetenschappen in Maastricht promoveerde Marc Berg op een onderzoek naar het gebruik van beslissingsondersteunende technieken in de zorg. Hierdoor werd zijn interesse in het optimaliseren van zorgprocessen gewekt. Hij werkte als onderzoeker aan de Universiteit Maastricht met als aandachtsgebied ICT in de zorg vanuit organisatorisch perspectief. In 1999 maakte hij de overstap naar het Instituut voor Beleid en Management in de Gezondheidszorg van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam, waar hij informatiemanagement als aandachtsgebied had. Twee jaar later volgde zijn benoeming tot hoogleraar. In september 2006 besloot hij de universitaire wereld vaarwel te zeggen en sloot hij zich als partner aan bij Plexus Medical Group. Dit organisatie- en adviesbureau is gespecialiseerd in de zorgsector en ziet optimalisering van de kwaliteit en efficiency in de zorg als haar belangrijkste taak.

12 | Z kopers

Geen cent te veel

van zorg. Maak het voordeel wel direct tastbaar, anders werkt het

Hoe anders waren hun persoonlijke vakanties. Want ook in de

niet. Brengt hij een bezoek aan een voordeligere zorgverlener?

zomer vlogen onze medewerkers gretig naar andere oorden. Vaak

Kiest hij voor een goedkoper hulpmiddel of medicijn? Betaal hem

met het gezin naar zonovergoten bestemmingen die ze naderhand

dan direct een deel van dat inkoopvoordeel terug. Met de huidige

kleurrijk beschreven in de bedrijfskantine. Ik genoot altijd van die

ICT-oplossingen is dat perfect mogelijk. En... de hele zorg wordt

reisverhalen. Zeker van hun ingenieuze besparingen. Hoe ze als

er beter van.

geslepen vossen hun tanden hadden gezet in die allerlaatste en goedkoopste lastminuteboeking. Hoe ze bespaarden op dat lowbudgethotelletje en hadden afgedongen op het plaatselijke

Harry de Zorginkoper

marktplein. Echte Hollanders: geen cent te veel.

april 2009 | 13


Preventie

Preventie

Diabetesvereniging Nederland bevordert transparantie inkoopmarkt

DVN neemt regie zorgkosten in eigen hand Tekst: Mark van Seggelen | Fotografie: Ed Regeer – DVN

Diabetesvereniging Nederland is met 60.000 leden de grootste patiëntenorganisatie van ons land. ‘We hebben een enorme inkoopmacht. Dat maakt dat zorgverzekeraars geïnteresseerd zijn in samenwerking met ons. De uiteindelijke regie ligt bij de patiënt en diens vertegenwoordiger’, zegt directeur Maarten Ploeg.

I

n ons land hebben naar schatting tussen de 850.000 en 1 miljoen mensen diabetes. De verwachting is dat in 2025 het aantal mensen met diabetes type 2 verdubbeld is. Door de vergrijzing en de bewegingsarmoede die optreedt door de huidige leefstijl met als consequentie toename van overgewicht, komt de erfelijke aanleg tot diabetes vaker naar voren. Diabetesvereniging Nederland (DVN) wil vertegen­woordiger zijn van alle diabetici in Nederland en strijden voor goede zorg en een beter leven voor deze mensen.

In de missie van DVN staat niets over preventie bij mensen die nog geen diabetes hebben. ‘In onze vereniging voeren we de discussie of we ons moeten bezighouden met preventie voor mensen die nog niet gediagnosticeerd zijn. Maar vooralsnog doen we dat niet omdat we primair de patiëntenvertegenwoordiger zijn’, zegt Maarten Ploeg. Hij is directeur van Diabetesvereniging Nederland. ‘De nadruk op preventieactiviteiten van DVN ligt bij de mensen die diabetes hebben. Onze inzet is de kwaliteit van leven te verbeteren. We geven in deze groep aandacht aan secundaire preventie.’ BeweegKuur Preventie richt zich onder meer op de wijziging in leefstijl bij mensen met overgewicht. DVN participeert in de BeweegKuur, een programma dat is ontwikkeld door het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB). Dit beweegprogramma startte in februari 2008 en helpt deelnemers onder professionele begeleiding op weg naar een actievere leefstijl. Na maximaal een jaar stromen mensen door naar reguliere beweegprogramma’s. ‘Mensen met diabetes 14 | Z kopers

type 2 en overgewicht hebben baat bij meer beweging. Ze krijgen minder complicaties en de kwaliteit van leven neemt toe. Naast de gediagnosticeerde mensen met diabetes is er een groep met een hoog risico op diabetes. Met een BeweegKuur wordt voor deze groep de kans op het krijgen van diabetes gehalveerd.’ Een belangrijk doel van dit project is na te gaan of de BeweegKuur in aanmerking komt voor opname in het basispakket van de zorgverzekering. Dat gebeurt door de effectiviteit aan te tonen van dit programma. ‘Uit recente studies blijkt dat een goede therapie in combinatie met een goede voeding en een gezonde levensstijl, de levensverwachting van een persoon met diabetes hetzelfde is als die van een persoon zonder diabetes.’ Zorgwijzer Een andere secundaire preventie­ maatregel die Ploeg noemt is de Zorgwijzer Diabetes. Aan de hand van dit DVN-boekje kunnen personen met diabetes type 2 checken of de zorgverlener zijn werk goed doet en wat de patiënt kan doen als hij niet tevreden is. ‘Het tekort aan inzicht van de patiënt en het te lage zorgniveau van de zorgverlener, leiden tot onnodige zorgkosten, meer complicaties en mindere kwaliteit van leven. Het boekje vormt voor de patiënt een middel om de zorg in eigen hand te nemen.’ De DVN-directeur laat weten dat de vereniging meer en meer in gesprek gaat over het gedrag van hun leden. ‘Verzekeraars hebben een verantwoordelijkheid tegenover de verzekerden en de maatschappij doordat zij preventieprogramma’s betalen. Zorgaanbieders en degenen die betrokken zijn bij

beweegprogramma’s hebben de verantwoordelijkheid een kwalitatief goed aanbod te leveren. Maar als DVN verwachten we van onze achterban de tegenprestatie in de vorm van therapietrouw en een gezonde leefstijl.’

samen met de patiënt bij de arts onderhandelt over het leveren van zorgdiensten, krijgen kwaliteitsafspraken een hele andere dimensie. Opmerkelijk was dat het initiatief bij ons lag. Het zegt wel iets over de kwaliteit bij diabeteszorginkoop.’

Regiefunctie Ploeg verwacht van zorginkopers dat ze goed kijken welke programma’s een goede gezondheidsuitkomst hebben. Hij constateert dat veel commerciële organisaties gezond­ heids- en preventieprogramma’s aanbieden. ‘Niet alle programma’s zijn goed medisch onderbouwd. De DVN gaat de zorgverzekeraar hierin helpen door het opstellen van prestatie-indicatoren. Aan de hand van criteria vanuit patiëntenperspectief opgesteld, gaan we in de toekomst aanbieders van beweegprogramma’s certificeren. Dat maakt het voor zorgverzekeraars gemakkelijk om gecertificeerde programma’s op te nemen in hun pakket.’

Hasekamp zou ons dankbaar moeten zijn.

Hij vindt dat de diabetespatiënt de regierol moet hebben. Een voorbeeld van de regiefunctie van de patiënt is het spel GRIP®. Dit zelfmanagement- en kennissysteem is ontwikkeld voor kinderen met diabetes type 1 en hun ouders en wil dat kinderen en hun ouders meer grip krijgen op diabetes. Het spel kan gespeeld worden via de site van Diabetesvereniging Nederland. ‘De dokter wordt minder belast, omdat kind en ouders de ziekte voor een belangrijk deel zelf leren managen. Zelf kunnen, betekent een kwaliteitsimpuls en kostenbesparing in de zorg.’ Inkoopmacht DVN geeft aan dat ze zicht heeft op de kwaliteit van zorg en weet waar haar leden behoefte aan hebben. ‘We hebben een enorme inkoopmacht. Jaarlijks betaalt de zorgverzekeraar voor mensen met type 2 diabetes aan de diabeteszorggroep. Daarbij komen dan nog de kosten voor hulpmiddelen en medicatie en ook de kosten van 150.000 mensen met type 1 diabetes, die bij de tweedelijnszorg patiënt zijn.’ In het inkooptraject kunnen we meerdere rollen verkennen, merkt Ploeg op. Een voorbeeld dat hij noemt, zijn de samenwerkingsrelaties die DVN is aangegaan met zorgverzekeraars CZ en Menzis over de implementatie van de Zorgstandaard voor diabetes type 2. Vijfentwintig hoogopgeleide patiënten worden door DVN geschoold in de Masterclass Zorgkwaliteit. Zij gaan samen met de zorgverzekeraars de beste zorg inkopen bij zorgverleners. De verzekeraars zorgen voor de financiering. ‘Als de verzekeraar

Hulpwinkel In de vorige editie van ZKopers ging Pieter Hasekamp, directeur Zorgverzekeraars Nederland, in op de internetwinkel van de DVN. Het verkopen van materialen voor leden, vindt hij ongewenst vanwege rolvermenging. ‘De kracht van de collectieven ligt in hun onafhankelijke opstelling ten opzichte van zorgverzekeraars en –aanbieders’, zo liet hij weten. Ploeg pareert de kritiek. ‘Via internet verkopen we diabeteshulpmiddelen van alle A-merken en we doen zaken met alle zorgverzekeraars. We zijn volledig onafhankelijk. Patiënten betalen minder voor hun producten en dat levert een kostenbesparing op voor de zorgverzekeraars. Hasekamp zou ons dankbaar moeten zijn. DVNwinkel.nl heeft de transparantie van kosten voor diabeteshulpmiddelen drastisch vergroot en zo de zorginkopers geholpen de kosten voor inkoop te drukken.’

DVNwinkel.nl heeft de transparantie van kosten drastisch vergroot en zo de zorginkopers enorm geholpen De patiënt heeft bovendien financieel voordeel, laat de directeur weten. ‘De kwaliteit van zorg gaat hiermee ook omhoog. De marges die DVN overhoudt aan DVN-winkel, gaan naar wetenschappelijk onderzoek en naar projecten waarmee we vanuit patiëntenperspectief de zorg willen verbeteren.’ Ploeg noemt als voorbeeld het potje met glucoseteststrips van 50 stuks. Kosten zijn normaliter zo’n 50 euro, maar bij DVNwinkel zijn ze 26,90 euro. ‘Diabetespatiënten gebruiken gemiddeld vier strips per week tot zelfs tien strips per dag. Door halvering van die kosten heeft de patiëntenorganisatie de regie in handen genomen wat betreft de kosten van de zorg.’ ● Contactpersoon voor inkopers bij DVN is Larissa Exalto, e-mail l.exalto@dvn.nl, telefoon (033) 463 05 66

Maarten Ploeg Sinds augustus 2007 is Maarten Ploeg algemeen directeur van de Diabetesvereniging Nederland. Tot dan werkte hij als manager personeel, organisatie en opleidingen in het Flevoziekenhuis in Almere. In december 2007 behaalde hij een Master in Health Care Management aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam.

april 2009 | 15


Werkplein

Werkplein

In gesprek met Ruud IJzelendoorn (DWI) en Fiona de Wilde (UWV Werkbedrijf)

Maatwerk op Amsterdamse werkpleinen Tekst: Michel van Dijk

De integratie van publieke diensten in de richting van werkpleinen schrijdt voort, maar kunnen zorginkopers dat tempo volgen? Zijn ze erop voorbereid, wat betekenen deze veranderingen voor hun werk en vooral: wat moeten ze doen om de inkoop succesvol te laten zijn?

K

lanten die een uitkering moesten aanvragen of op zoek waren naar werk hadden jarenlang het gevoel dat ze in een doolhof ronddwaalden. Want bij wie moesten ze zijn? Bij het CWI, het UWV of de gemeentelijke Sociale Diensten? Voor klanten was het een onoverzichtelijke situatie, erkent Ruud IJzelendoorn, directeur Dienst Werk en Inkomen (DWI) van de gemeente Amsterdam. ‘Het is alsof je een hybride auto koopt die zowel op benzine, elektriciteit of diesel kan rijden. Veel keuzes, maar welke keuze is de beste?’ Dat moest anders en dus wordt er hard gewerkt aan meer geïnte­greerde dienstverlening. Zo ging het CWI begin dit jaar op in het UWV Werkbedrijf en krijgen ook de werkpleinen steeds meer ge­zicht: grote imponerende zalen, vergelijkbaar met de ruimte­lijk­heid van een beurs­vloer, waar de klant naar binnen stapt en direct door een professional wordt geholpen. ‘Voor de klant is dat prettig. Hij hoeft zich niet meer af te vragen waar hij heen moet, want hij kan terecht bij één loket. En zo hoort het ook, want hij wil gewoon geholpen worden, net zoals hij bij de groenteboer geholpen wenst te worden.’ Dit jaar is het wat betreft de integratie van de werkpleinen het jaar van de waarheid, stelt IJzelendoorn. ‘Het Kabinet wil dat we daar forse stappen in zetten en dat doen we ook. In de front office van de vijf werkpleinen die Amsterdam rijk is, werken instroomteams bestaande uit medewerkers van het UWV Werkbedrijf en DWI samen voor onze klanten.’ 16 | Z kopers

Failliet Kan de back office dat tempo volgen? Want ook voor de zorginkopers zijn het dynamische tijden. De integratie van de publieke dienstverlening vraagt het uiterste van hun flexibiliteit en aanpassingsvermogen. Kansen genoeg, meent IJzelendoorn. ‘Door samen te werken valt veel winst te behalen, bijvoorbeeld door samen contracten af te sluiten of gezamenlijk re-integratieproducten in te kopen. Zover zijn we trouwens nog niet. UWV en gemeentelijke Sociale Diensten kopen hun diensten nog onafhankelijk van elkaar in, al doen ze veelal hetzelfde werk.’ Eén ding is zeker: door de komst van de werkpleinen is het werk van de zorginkoper heftig in beweging. ‘Het wordt een steeds professionelere functie. Je moet behalve van de nationale wetgeving ook steeds meer weten van de Europese wet- en regelgeving. Je moet precies weten wat de klantmanagers en hun klanten willen en dat moet je kunnen vertalen naar de markt. En dan moet je in de gunningsfase ook nog die aanbieder eruit weten te vissen die datgene biedt waaraan het meest behoefte is. Dat betekent dat je een goed programma van eisen moet kunnen formuleren. Dat programma van eisen is een vitaal moment, omdat je daarin heel exact beschrijft wat je van de markt vraagt. Een zorginkoper die dat allemaal in huis heeft, dat is een professional.’ En dan nog kan het soms fout gaan. ‘Garanties dat een gunning succesvol verloopt zijn niet te geven, al gaat er minder mis dan voorheen. Bijvoorbeeld omdat we de laatste jaren de bedrijfsvoering screenen van marktpartijen die de voorkeur hebben gekregen van de gunningscommissie. En als die niet op orde is gaat de deal niet door. Daarnaast keken april 2009 | 17


Werkplein

Onderwerp categorie Column Rolf Swens kan. Bovendien moet je bij een aanbesteding goed weten wat je nodig hebt en dat is lastig te voorspellen, zeker in onzekere tijden zoals nu. Dan is datgene wat je vandaag nodig hebt morgen alweer achterhaald.’

Om dat soort scenario’s te voorkomen heeft zich de afgelopen jaren een accentverschuiving van prijs naar kwaliteit voor­ gedaan, constateert IJzelendoorn. ‘Daar komt bij dat we tegenwoordig meer werken met een mix van grote en kleinere bedrijven. De tijd dat één aanbieder de meeste trajecten voor ons verzorgt, ligt definitief achter ons. Dat heeft niet zozeer met bewuste risicospreiding te maken, als wel dat we onze klanten beter hebben leren kennen. We kunnen daardoor een aanbod doen dat meer op maat gesneden is. Onze inkoop wordt daardoor minder uniform, zodat we als het ware als vanzelf met meerdere marktpartijen zaken doen.’

Leveranciersmanagement Om de toetsing achteraf goed te kunnen uitvoeren, werken de zorginkopers van het UWV Werkbedrijf volgens de principes van het leveranciersmanagement. ‘Dat betekent dat we kiezen voor een een-op-een contact tussen inkoper en gecontracteerde aanbieder. Daarin bespreken we de voortgang en de prestaties met de aanbieder. Worden deze gehaald, dan gaan we samen verder. Zo niet, dan moeten we helaas afscheid nemen van elkaar.’

Toetsing achteraf Fiona de Wilde, senior stafmedewerker bij het UWV Werkbedrijf in Amsterdam, constateert eveneens dat de rol van de zorg­ inkoper aan het veranderen is. ‘Dat komt ook doordat onze keuzes veranderen. We kopen bijvoor­­beeld naast volledige re-integratietrajecten ook onderdelen van deze trajecten in, zoals jobhunting, empowerment of een training psychische of fysieke weer­ baarheid. We kiezen daarvoor omdat we maatwerk willen leveren en omdat we mensen snel aan het werk willen helpen. Met losse onderdelen lukt dat beter dan met volledige reintegratietrajecten.’ Niet alleen de keuzes veranderen, de werkwijze van het UWV Werkbedrijf is eveneens veranderd. ‘We laten tegenwoordig alle aanbieders toe, zolang ze maar voldoen aan ons inkoopkader: is het bedrijf ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, werkt het met een privacyreglement, heeft het aantoonbare ervaring? We toetsen dat, maar vergeleken met een aanbestedingsprocedure is dat een lichte toets. Is deze in orde, dan sluiten we een toegangsovereenkomst met het bedrijf. Dat communiceren we vervolgens op het intranet zodat iedereen weet dat er een nieuwe aanbieder is voor bijvoorbeeld de training psychische weerbaarheid.’ Hoe en vooral met welk resultaat de aanbieder zijn werk aflevert, dat beoordeelt het UWV Werkbedrijf gedurende de looptijd van het contract. ‘Kozen we voorheen voor een aanbesteding vooraf, nu kiezen we voor toetsing achteraf. Aanbesteden is een star mechanisme. Je kunt minder maatwerk leveren en het duurt lang voordat je aan de slag 18 | Z kopers

Het leveranciersmanagement is een uitstekend instrument om het kaf van het koren te scheiden en het bevordert bovendien de onderlinge concurrentie tussen aanbieders, stelt De Wilde. ‘Voorheen was een aanbieder binnen nadat de deal gesloten was, nu begint de concurrentie dan pas. Bedrijven moeten zich dan immers gaan bewijzen. Elk bedrijf kan een mooie offerte opstellen, maar wat het bedrijf werkelijk kan, wordt pas duidelijk als het aan het werk gaat. En dat volgen we nauwgezet met een actief leveranciersmanagement.’

‘Voorheen was een aanbieder binnen nadat de deal gesloten was, nu begint de concurrentie dan pas.’ Is dat management ook te gebruiken bij individuele reintegratieovereenkomsten (IRO’s)? En kan de inkoper daarmee voorkomen dat zaken misgaan? Bijvoorbeeld dat er fraude wordt gepleegd met het IRO-budget? De kans op fraude met IRO’s is minimaal, benadrukt De Wilde. ‘Pas als de klant een realistisch werkplan aan ons kan voorleggen en de werkcoach gaat daarmee akkoord, betalen we uit. Die betaling doen we rechtstreeks aan het re-integratiebedrijf. En mocht een klant in zee willen met een bedrijf dat we niet kennen, dan screenen we dat bedrijf zoals we ook andere aanbieders screenen. Pakt dat goed uit, dan kan het contract gesloten worden. Zo niet, dan gaan de afspraken tussen klant en aanbieder niet door en betalen we ook niet. Die werkwijze reduceert de kans op fraude tot bijna nul.’ ●

Fotografie: Isabel Nabuurs

we vroeger primair naar de prijs, maar daarmee loop je het risico dat je aanbieders krijgt die weliswaar goedkoop zijn maar geen kwaliteit bieden of die zo goedkoop zijn dat ze hun exploitatie niet rond krijgen en in no time failliet gaan.’

De schuld van marktwerking Directielid Sandra Korthuis van de Vereniging van Nederlandse

van vrije beroepsbeoefenaren. Daardoor kunnen zorg­consumenten in

Gemeenten (VNG) schreef aan de Tweede Kamer een brief over de

grote gebieden van Nederland nog steeds weinig kiezen.

noodlijdende zorginstelling Meavita. In de brief roemt ze de inzet

Initiatieven als wijkzorg illustreren dat in de sector voldoende

en professionaliteit van het uitvoerend personeel, waardoor de

veerkracht zit om in een vrijere marktsituatie te werken. De juridische

cliënt niet de dupe is geworden van de teloorgang van het concern.

acties vanuit ActiZ om ZZP’ers van de markt te weren, kunnen

‘Door de situatie bij het Meavitaconcern en ‘andere doorgefuseerde

deze beweging op termijn niet tegenhouden. Immers, toekomstige

zorgconglomeraten’, zetten steeds meer gemeenten vraagtekens bij

zorgcliënten en zorgondernemers gaan elkaar vaker en gemakkelijker

de effectiviteit van de marktwerking’.

vinden, mede gefaciliteerd door persoonsgebonden budgetten en

Als dingen niet gaan zoals je wilt, leg je de schuld van een mislukking

slimme zoekmogelijkheden op internet. Gemeenten en zorgkantoren

bij een ander. Of nog veiliger, bij een abstract principe zoals de

zullen dit uiteindelijk op grotere schaal gaan inkopen of faciliteren.

marktwerking. Echter, twintig jaar geleden had de burger niets

Ik zie geweldige mogelijkheden om op het internet de ideale markt­

te kiezen. Je inkomen bepaalde of je ziekenfonds of particulier

plaats te creëren waarin de zorgvraag van de cliënt écht centraal wordt

verzekerd was. En als ziekenfondsverzekerde bepaalde je postcode

gezet en op termijn door hem of haar zelf kan worden ingekocht.

bij welk ziekenfonds je verzekerd werd en welke kruis- en kraamzorg­

Kortom, ik ben het volstrekt oneens met de conclusie van mevrouw

organisatie langskwam als je verpleegd of verzorgd moest worden. De

Korthuis dat de problemen bij Meavita het gevolg zijn van de

huisartsen en apothekers verdeelden de patiënten, soms tot op het

marktwerking. Het is vooral het gevolg van de (mislukte) reactie van

niveau van het huisnummer en de straat waar je woonde.

instellingen om de gevolgen van marktwerking tegen te gaan en te

Geen situatie die nog past bij een samenleving met individuele

zorgen dat zorginkopers van gemeenten en zorgkantoren niet veel te

zorgvragen en mondige goed geïnformeerde burgers. Het internet

kiezen hebben. Zorg dat je als inkoper (dus ook als gemeente) nooit in

heeft heel veel informatie ontsloten die voorheen exclusief beschikbaar

de situatie komt dat één partij je met de rug tegen de muur kan zetten,

was voor professionals. En via internet wisselen zorgconsumenten

omdat je onvoldoende alternatieven bij de hand hebt.

hun ervaringen uit. Zorgconsumenten kunnen zelf hun eventuele

Zorginkoop is een serieus vak dat nog aan het begin van zijn

zorgvraag formuleren en een passend aanbod kiezen. Terugverlangen

ontwikkeling staat. Wellicht kan de VNG hier ook een actieve rol in

naar de tijd van voor de marktwerking is een schromelijke ontkenning

spelen. Dit getuigt van meer toekomstvisie dan roepen dat dit allemaal

van deze maatschappelijke ontwikkelingen.

de schuld is van marktwerking.

Met de komst van de marktwerking kregen burgers en zorg­­ consumenten meer mogelijkheden om te kiezen. En daarmee ontstond een risico voor zorgverzekeraars en zorgaanbieders die zich altijd

Rolf Swens

veilig voelden in een geconsolideerde organisatie. Zij reageerden voor­

is zelfstandig adviseur op het gebied van sociale innovatie

al defensief met fusies van instellingen en onduidelijke gedrags­­codes

april 2009 | 19


Werkplein

Methoden en technieken Literatuur Bert Karssen (beoordeling) - Mark van Seggelen (tekst)

Welke criteria zijn er bij het differentiëren van leveranciers? Purchasing to improve health systems performance Centrale rol van zorginkoop bij tal van gezondheids­ hervormingen

Zo gaat het in de zorg Aandacht voor vereveningssysteem en effecten van marktwerking

Segmentatie van zorgaanbieders Tekst: Bert Karssen, partner Significant, in nauwe samenwerking met Gerco Rietveld, director Significant Fotografie: Isabel Nabuurs

Het boek ‘Purchasing to improve health systems performance’ geeft

De auteurs Hans Feenstra, voormalig internist en voorzitter van

een diepgaande uiteenzetting van het systeem van de inkoop voor de

de raad van bestuur van De Friesland Zorgverzekeraar en Willem

gezondheidszorg in Europa. De auteurs Josep Figueras, Ray Robinson

Wansink, publicist, en voormalig redacteur van het weekblad Elsevier,

en Elke Jakubowski hebben in 2005 een uitgebreide studie naar

schreven het boek ‘Zo gaat het in de zorg’. Het boek legt uit wat de

internationale ervaringen met zorginkoop uitgevoerd. Ze beschrijven

belangen zijn van de partijen die actief zijn in de gezondheidszorg. Die

de rol van de overheid, zorgaanbieders en zorgverzekeraars. Vanuit

belangen maken dat we in ons land het huidige gezondheidssysteem

het systeem leggen de schrijvers uit waarom zorginkoop een

kennen. Het maakt eveneens duidelijk wat de huidige positie is van

belangrijke rol kan en moet spelen bij tal van hervormingen en

zorgaanbieders, verkregen door goede lobby en belangenbehartiging.

veranderingen in de gezondheidszorg. Ook is volgens de schrijvers

De auteurs leggen uit dat de kosten stijgen, omdat in het systeem

zorginkoop een van de instrumenten om de kwaliteit, doelmatigheid

allerlei elementen zitten die dat logischerwijs veroorzaken. Het

en prestaties van zorgaanbieders te verbeteren. Theorie en praktijk

boek geeft een snelle en adequate beschrijving van de effecten van

van de zorginkoop worden beschreven om dit te illustreren. De

marktwerking in de zorg.

overheid dient hiervoor randvoorwaarden te scheppen. De auteurs stellen zich ook de vraag wat de overheid moet

Het boek besteedt aandacht aan de verschillen in kwaliteit in

betekenen bij de zorginkoop. Dat is volgens hen ‘stewardism’.

zorgverlening. De auteurs vinden dat zorginkopers kwaliteit moeten

Daaronder vallen het vaststellen van de visie en richting van het

belonen. Vanwege de grote verschillen in kwaliteit die zorgaanbieders

gezondheidsbeleid, de taak van toezichthouder en het verzamelen

leveren, pleiten de auteurs daarom voor gedifferentieerde inkoop. Ze

en gebruiken van informatie.

leggen ook op een goede manier het vereveningssysteem uit; waar is

I

n het vorige nummer van Zkopers ben ik ingegaan op leveranciersmanagement. Nu ga ik kijken naar de segmentatie van zorgaanbieders: met welke criteria kunnen we leveranciers differentiëren, zodat de (management) aandacht zich kan concentreren op relaties met zorg­ aanbieders die waardekritisch zijn voor het bereiken van de doelstellingen van de zorginkopende organisatie.

Het meest bekende instrument in de inkoop is de zogenoemde Kraljic-matrix, zie pagina 22 (Harvard Business Review, 1983). De Kraljic-matrix was oorspronkelijk bedoeld om in te kopen producten in te plotten, om te bepalen langs welke strategie deze dienden te worden ingekocht. Ook in de zorginkoop heeft dit instrument zijn intrede gedaan, bijvoorbeeld als onderdeel van de cursussen die de NEVI aan zorgverzekeraars geeft.

het voor bedoeld en wat zijn de voor- en nadelen. En hoe verzekeraars Het boek is in 2005 geschreven, maar is nog steeds actueel. In de

strategisch

afgelopen jaren is de overheid samen met de zorgautoriteit actief

verzekeraars collectieve contracten afsluiten met de diabetes­

omgaan

met

dit

systeem.

Bijvoorbeeld

waarom

bezig om invulling te geven aan deze taken.

vereniging. Ook wordt duidelijk waarom het systeem onvoldoende prikkels geeft tot doelmatig inkopen.

Bert Karssen over ‘Purchasing to improve health systems performance’: Een interessant boek voor de zorginkoper. Wie

Bert Karssen over ‘Zo gaat het in de zorg’: Voor ingewijden

nog twijfelt aan nut en noodzaak van zorginkoop, wordt aan de

en niet-ingewijden in de zorg een toegankelijk en prettig

hand van het systeem van zorg overtuigd van de toegevoegde

leesbaar boek over de ontstaansgeschiedenis van ons gezond­

waarde in ons stelsel. Het geeft bovendien een compleet beeld

heidssysteem, waarbij de schrijvers aandacht schenken aan

van de rollen van partijen in de gezondheidszorg en de verschillen

marktwerking en kostenbeheersing. Voor de ervaren zorginkoper

in Europa. Voor beleidsmakers helpt het boek om na te gaan op

een feest van herkenning; voor de minder ervaren zorginkoper

welke punten de overheid meer richting kan en moet geven aan

een fijne introductie in een dynamisch veld. Waardering: 8.

zorgaanbieders en zorginkopers. Waardering: 9. Zo gaat het in de zorg Purchasing to improve health systems performance

Hans Feenstra en Willem Wansink

Josep Figueras, Ray Robinson en Elke Jakubowski

176 pagina’s, uitgever Atlas

320 pagina’s, uitgever Open University Press

ISBN 9789045011011

ISBN 0335213677 20 | Z kopers

Strategie en interpretatie Net als in de ‘reguliere inkoop’ gebruikt de zorginkoop Kraljic vaak om zorgaanbieders in te plotten, in plaats van producten. Juist in de zorginkoop is dat verklaarbaar. Zorgprestaties waren, en zijn deels nog, gekoppeld aan de zorgaanbieder, zodat product en aanbieder feitelijk identiek zijn. Op die manier zijn hele zorgsegmenten langs Kraljic ‘gehaald’ om de meest geëigende inkoopstrategie per segment vast te stellen. Vervolgens is onderkend dat bij bijvoorbeeld ziekenhuizen, er een wezenlijk verschil is tussen een ziekenhuis in de eigen kernregio en daarbuiten. Dit heeft ertoe geleid dat binnen een zorgsegment eenzelfde type zorgaanbieder verschillende inplottingen kent in de Kraljic-matrix. Hoewel Kraljic uiterst behulpzaam kan zijn in het nadenken over de te hanteren inkoopstrategie, zijn er ook enkele belangrijke bezwaren, zeker in het gebruik voor de zorginkoop. Allereerst lijkt – en dat is niet uniek voor de zorginkoop – het middel (de matrix) verworden tot doel. De matrix wordt driftig

Bert Karssen april 2009 | 21


Methoden en technieken

Methoden en technieken

Hefboom product

Strategisch product

Routine product

Knelpunt product

naar deze aanbieder te gaan? De mate van stuurbaarheid van de klant moet daarom zeker een plek krijgen in Kraljic, evenals de niet-financiële toegevoegde waarde van de aanbieder. Belang inkoper voor aanbieder In de segmentatie moet verder worden bedacht dat deze ook in hoge mate afhangt van hoe de zorgaanbieder tegen de zorginkoper aankijkt. Hoe belangrijk is de zorginkoper voor de zorgaanbieder? Een bekend voorbeeld hiervan betreft de mondzorg. Tandartsen hielden (of houden) de schaarste van aanbieders kunstmatig in stand door een grote invloed op het aantal opleidingsplaatsen. Het gevolg is dat tandartsen eigenlijk geen contract nodig hebben met een zorgverzekeraar. De klant komt toch en de nota wordt betaald. Hoewel onbewust, passen de tandartsen de tegenhanger van Kraljic toe. Deze matrix (de accountportfoliomatrix) is voor het bepalen van de inkoopstrategie minstens even nuttig als Kraljic, zie hieronder.

Ontwikkel klant

Kern klant

Lastpak klant

Exploitatie klant

Toeleveringsrisico Deze interpretatie is relevant voor beide onderscheiden assen. Het inkoopvolume (invloed op resultaat) leidt er bijvoorbeeld toe dat ziekenhuizen vrijwel altijd in het strategisch segment worden ingeplot. Maar in hoeverre is dit waar voor alle behandelingen? Ook kan met recht worden gesteld dat nietfinanciële aspecten eveneens van groot belang kunnen zijn, zoals het effect op imago. Het ‘verkeerd’ inkopen van een hulpmiddel zal in het algemeen tot minder negatieve effecten leiden dan een verkeerde inkoop van kraamzorg (de ‘aaibaarheidsfactor’). Kortom, in het bepalen van het belang voor de zorginkopende organisatie, spelen meer zaken een rol dan alleen financiële. Het toeleveringsrisico (ofwel schaarste) zegt iets over de afhankelijkheid van de inkopende organisatie van dit product en/of zorgaanbieder. Maar ook al is er geen schaarste, als de zorginkoper de klant niet kan sturen (of verleiden) naar een bepaalde zorgaanbieder, hoe groot is dan de afhankelijkheid van die zorgaanbieder werkelijk? Dus waar in het hefboomsegment selectieve inkoop overwogen kan worden, heeft dat alleen maar zin als dit te combineren valt met klantsturing. Met dat laatste, is meteen de meest cruciale tekortkoming van Kraljic aangetoond: de klant heeft geen plek in het model. Dat is ook niet vreemd. Wanneer een inkoper immers kan afdwingen dat de afnemers van het product naar de gecontracteerde leverancier gaan (‘compliance’), dan hoeft met de vrije wil van die klant geen rekening te worden gehouden. Maar wat als de ‘besteller’ (de klant in dit geval) zich niet geroepen voelt om 22 | Z kopers

Aantrekkelijkheid verzekeraar voor de zorgaanbieder

Invloed op resultaat

ingevuld, maar wat dan? Te vaak wordt de inplotting bij het inkoopplan gestopt, als een soort verantwoording: we hebben ‘m gebruikt, maar verder doet men niet veel met de uitkomsten. Sterker, de gekozen strategie kan volledig los staan van de analyse, en dat is jammer. Belangrijker is dat gehanteerde assen, de criteria voor segmentatie, niet direct toepasbaar zijn in de zorginkoop en dat zeer goed worden nagedacht over de interpretatie ervan.

Concurrentie positie in de markt (of belang) De tandartsen hebben een sterke concurrentiepositie, terwijl de zorgverzekeraars een onaantrekkelijke partij vormen. Ook hier geldt dat de (on)mogelijkheden van klantsturing door de zorginkoper leiden tot een (mogelijk ongewenste) machtspositie van de zorgaanbieder. De tandarts deelt zijn klant, de zorginkoper, in in het exploitatiesegment, ook wel het ‘uitbuitsegment’ genoemd. Dit wetende bieden de aan Kraljic en het accountportfolio gekoppelde basisstrategieën aanknopingspunten voor de zorginkoper voor het realiseren van een ‘go’-strategie, om de bestaande situatie tegen te gaan. Het doorbreken van deze machtspositie kan op verschillende manieren: • De positieve drijfveer: de zorgverzekeraar streeft naar samenwerking met de zorgaanbieder, bijvoorbeeld door het formuleren of expliciteren van een gelijkgericht belang tussen aanbieder en verzekeraar (‘client driven’). • De ‘negatieve’ drijfveer: de zorgverzekeraar kan wat

makkelijker invloed uitoefenen bij zorgaanbieders die in de problemen zitten. • Het versterken van de relatie tussen patiënt en zorg­ verzekeraar. De patiënt moet ervan overtuigd worden dat hij/ zij via de zorgverzekeraar betere zorgkwaliteit geleverd krijgt dan via de zorgaanbieder. Bij het bepalen van de inkoopstrategie moet dus ook het perspectief van de aanbieder worden meegenomen. De analyse is anders niet compleet. Leveranciersmanagement Ten slotte nog twee overdenkingen voor de toekomst. Daar waar er veel zorgaanbieders zijn in een segment die vrijwel dezelfde zorg leveren, zullen deze vrijwel nooit als een strategische partner moeten worden gepositioneerd. Dit sluit aan bij de piramide voor leveranciersmanagement uit het vorige artikel. Denk daarbij aan huisartsen, fysiotherapeuten, tandartsen, verloskundigen, etc. In principe niet veel aandacht aan besteden dus, maar gegeven de grote invloed van huisartsen op de klantbeleving, verwijzing en voorschrijven, is dat voor deze groep mogelijk (nog) onverstandig. Door de aanstaande functionele bekostiging kan de positie van de zorgverzekeraar wel eens sterker worden dan nu het geval is. Gaat de huisarts voor de basishuisartsenzorg dan de kant op van de fysiotherapeut?

Wie weet. Voor ziekenhuiszorg is te verwachten dat het product steeds meer zal worden opgeknipt in de contractering. Denk aan het Topzorg-traject van Menzis waarbij enkele B-segment dbc’s zijn aanbesteed. Hierdoor wordt ook de weg vrijgemaakt om op de echt cruciale zorgdiensten van het ziekenhuis in het kernwerkgebied (grote schadelast, veel toegevoegde waarde of onderscheidend voor de verzekeraar) de strategische relatie tussen de zorgverzekeraar en het ziekenhuis nu eens daadwerkelijk vorm te geven. Met een focus op kwaliteit (waaronder klantwaarden als bereikbaarheid, wachttijden, ketenaanpak), maar ook meer bedrijfsmatige waarden die de balans tussen kosten en prestatie gunstig beïnvloeden (bijvoorbeeld reductie van complexiteit, tijd, inspanning, risico e.d.). Want inkopen op kwaliteit leidt uiteindelijk tot lagere kosten, terwijl inkopen op prijs leidt tot lagere kwaliteit. De verzekeraar staat de komende jaren voor twee grote uitdagingen. Zich onderscheiden ten aanzien van de­ concurrentie op het gebied van het toegang bieden tot gezondheid. En de schadelast beperken. Juist in deze tijden van kredietcrisis en recessie - denk aan afname van de beleggingsopbrengsten als belangrijkste bron van rendement en weerstandsvermogen - is dat laatste een uiterst actuele uitdaging. ●

Vooruit denken Vooruit handelen Vindt u het niet meer dan vanzelfsprekend dat uw advocaat of notaris oplossingsgericht werkt? Geldt volgens u hetzelfde voor

actieve houding (“vooruit denken vooruit handelen”). Pro actief betekent ook het aanbieden van permanente juridische nascho-

snelheid en bereikbaarheid? Verwacht u tevens dat een goede dienst-

ling, seminars en nieuwsbrieven.

verlening niet met toptarieven gepaard gaat? Dan bent u bij ons aan

Bij ons kantoor werken ongeveer 60 juridische professionals. Zo

het juiste adres. In onze visie zijn bovenstaande elementen ook niet

staat een team van specialisten op het gebied van aanbestedings- en

meer dan randvoorwaarden binnen de juridische dienstverlening. U

mededingingsrecht voor u klaar. Gedetailleerde informatie hierover

mag van onze juridische dienstverleners meer verwachten: een pro

treft u aan op onze website www.vbk.nl.

Euclideslaan 51• Postbus 85005 • 3508 AA Utrecht • Telefoon 030 - 259 59 59 • Fax 030 - 259 55 00 • www.vbk.nl

april 2009 | 23


_HAPgids 2009:P_HAPgids P_HAPgids 2009:P_HAPgids 2009 23-12-2008 2009 23-12-2008 10:47 Pagina 10:47 3

Pagina 3

Onderwerp categorie Facts and Figures Zorgverzekeraars Nederland

Van aanbodsturing naar vraagsturing

Media Media Zorg Zorg brengt brengt mensen mensen bijbij elkaar! elkaar!

Monitor AWBZ Bron: Vektis Bijna de helft van de zorgkosten wordt gedekt door de AWBZ. In

nemen bij het maken van de afspraken de door de overheid

2009 is dat naar verwachting bijna 22 miljard euro.

beschikbaar gestelde contracteerruimte als uitgangspunt. Daarbij wordt ingespeeld op de specifieke regionale vraag en context. Met

Ruim de helft van die 22 miljard euro gaat naar verpleging en

vertegenwoordigers

verzorging voor ouderen (12 miljard euro). Naar gehandicaptenzorg

speerpunten en prioriteiten benoemd die vertaald worden in

van

patiënten/cliëntenorganisaties

worden

gaat 5,6 miljard euro en aan langdurige GGZ wordt circa 1,3 miljard

inkoopbeleid.

euro uitgegeven. Al deze zorg wordt namens de zorgverzekeraars

Om dit te Om bereiken dit teontwikkelen bereiken ontwikkelen wij educatiewij educatieen communicatieen communicatieconcepten concepten voor de gezondheidszorg. voor de gezondheidszorg.

ingekocht door de zorgkantoren. Daarnaast kopen mensen ook zelf

Ieder kwartaal ontvangen tussen de 150.000 en 200.000 cliënten

zorg in via het persoonsgebonden budget. In 2009 gaat hier naar

een AWBZ-indicatie. Het percentage nieuwe cliënten schommelt

verwachting circa 1,9 miljard euro in om.

daarbij tussen de 60 en 70%. Vrouwen van 65 jaar en ouder vormen

Onze projecten Onze projecten richten zich richten hoofdzakelijk zich hoofdzakelijk op de professional op de professional en het en het

de grootste groep geïndiceerde AWBZ-cliënten. In 2007 was dit

management management in de eerstelijns in de eerstelijns gezondheidszorg. gezondheidszorg.

De uitgaven AWBZ zijn in de periode 2003-2007 gestegen met

ongeveer 40% van de totale populatie. In totaal bestaat tweederde

24% en dit is aanmerkelijk meer dan op basis van de groei van de

van de AWBZ-populatie uit vijfenzestigplussers.

gemiddelde lonen en demografie verwacht mocht worden. De groei

Geregeld Geregeld werken wijwerken samen wij met samen branche-organisaties. met branche-organisaties. Door ervaring, Door ervaring,

wordt verklaard door het toegenomen aantal indicaties, die door de

Kwaliteit

vakkennis vakkennis en een uitgebreid en een uitgebreid netwerk zorgen netwerk wij zorgen ervoor wij datervoor wij met dat onze wij met onze

ruime aanspraken niet begrensd worden. Het kabinet heeft inmiddels

In 2009 zijn speerpunten de invoering van de zorgzwaartepakketten en

maatregelen genomen om tot een ‘glasheldere polis’ te komen,

het organiseren van meer ketenzorg, bijvoorbeeld de ‘dementieketen’.

waardoor de AWBZ wordt teruggebracht tot de kern waarvoor hij

Met de staatssecretaris is afgesproken om kwaliteitsindicatoren in te

was bedoeld: het afdekken van onverzekerbare risico’s.

voeren, waardoor er beter op kwaliteit kan worden gestuurd. Daarmee

uitgaven, Internetsites uitgaven, Internetsites en congressen en congressen een grote een groep grote in deze groep markt in deze markt kunnen bereiken. kunnen bereiken.

wordt de overstap gemaakt van aanbodsturing naar vraagsturing.

www.mediazorg.nl www.mediazorg.nl 3

Inkoopbeleid

Niet langer staat het toekennen van een budget aan een zorginstelling

De zorg wordt ingekocht door de zorgkantoren. Zij voeren voor

centraal, maar de vraag van de klant. De zorgaanbieder krijgt alleen

de AWBZ een transparant, non-discriminatoir en toetsbaar

zorg vergoed die daadwerkelijk, naar tevredenheid van de klant,

contracteerbeleid waarin bestaande en nieuwe aanbieders op

geleverd is. Persoonsvolgende bekostiging en financiering geeft de

een gelijke manier worden behandeld. De uitgangspunten en

zorgaanbieders de mogelijkheid klantgericht te werken en zorg op

processtappen worden gedeeld door alle zorgkantoren en zijn

maat te leveren. De inkopers kunnen prestatieafspraken maken met

neergelegd in een gezamenlijke inkoopleidraad. De zorgkantoren

zorgaanbieders over toegang, kwaliteit en doelmatigheid. ●

Indicaties

Perc.

Grondslag

Perc.

Functies

Perc.

Man 0-19

6%

Somatisch

62%

Ondersteunde begeleiding algemeen

18%

Man 20-44

6%

Psychogeriatrisch

8%

Ondersteunde begeleiding dagprogramma

7%

Man 45-64

8%

Psychiatrisch

9%

Persoonlijke verzorging

26%

Man 65 plus

20%

Lichamelijke handicap

3%

Verpleging

18%

Vrouw 0-19

3%

Verstandelijke handicap

13%

Activerende begeleiding algemeen

10%

Vrouw 20-44

7%

Zintuiglijke handicap

3%

Activerende begeleiding dagprogramma

1%

Vrouw 45-64

9%

Psychosociale problemen

2%

Behandeling algemeen extramuraal

1%

Vrouw 65 plus

40%

Behandeling met verblijf

8%

Verblijf tijdelijk

1%

Verblijf langdurig

11%

3 april 2009 | 25


Trend

Trend

Fysiotherapie: hoger tarief als beloning, maar dan wel met Agisreclame

Reclamezuil als tegenprestatie Tekst: Mark van Seggelen

Het vernieuwde inkoopbeleid van Agis Zorgverzekeringen voor fysiotherapie bracht beroering teweeg. De algemene gedachte is dat het prima is als een zorgverzekeraar kwaliteit beloont. Een reclamezuil als tegenprestatie roept weerstand op.

I

n februari van dit jaar kwam Agis Zorgverzekeringen met het nieuws naar buiten dat ze fysiotherapeuten die een betere kwaliteit leveren gaan belonen met onder meer een verhoogd tarief. Als tegenprestatie voor het hoge honorarium moeten de fysiotherapeuten reclame maken voor Agis. Wie in zijn praktijk een reclamezuiltje met folders over Agis Zorgverzekeringen plaatst, krijgt dan per consult geen € 27,50 maar 30 euro. Ook zullen de fysiotherapeuten samen met Agis de doorontwikkeling van dit beleid vorm geven. Het nieuwe inkoopbeleid draagt de naam ‘Onderscheid door Kwaliteit’. Agis wil met dit inkoopbeleid de fysiotherapeutische zorg voor de klant verbeteren en inzichtelijk maken en het dient als kwaliteitsimpuls voor de zorgverlener.

Verwerpelijk Het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF) vindt het verwerpelijk om kwaliteitsbeleid te koppelen aan reclame voor de verzekeraar. KNGF zegt het logisch te vinden dat marktwerking in de zorg gepaard gaat met reclame, maar dit zou geen voorwaarde moeten zijn voor een zorgverlener om een contract te mogen afsluiten met een verzekeraar. De KNGF overweegt juridische stappen tegen de verzekeraar. Overigens vindt de beroepsvereniging dat de macht van de zorgverzekeraar sinds de invoering van het nieuwe zorgstelsel flink is toegenomen. Agis voerde op 1 maart jl. hetzelfde inkoopbeleid in bij de apothekers. De Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP) is van mening dat een verbetering van de kwaliteit van de zorg op zichzelf niet slecht is, maar in de praktijk blijkt dat verzekeraars vooral financiële en commerciële motieven hebben. ‘Ook bij Agis blijkt er nu weer een commerciële adder onder het gras te zitten’, aldus het KNMP. 26 | Z kopers

april 2009 | 27


Trend

Invloed Geert Geertsema begrijpt de stap van Agis wel. ‘Zorg­ verzekeraars willen zo weinig mogelijk geld uitgeven en ze willen invloed op de geleverde zorg.’ Geertsema is directeur van Conducto Inkoop­professionals. Dit in­koop­­adviesbureau heeft een net­werk van 160 free­lance inkoopprofessionals. Maar hij vraagt zich hardop af, hoe Agis de kwaliteit van zorg wil meten. ‘Het is heel moeilijk, zo niet onmogelijk om de geleverde kwaliteit van zorg goed te meten.’ Een leidraad zou volgens hem opname in het kwaliteitsregister van de Geert Geertsema, directeur KNGF zijn. ‘Maar ook dat Conducto Inkoopprofessionals: zegt niet alles over de kwaliteit ‘Zorgverzekeraars willen zich die de fysiotherapeut levert. meer macht toe-eigenen.’ Hoeveel behandelingen heeft de patiënt nodig? Daarbij is de fysiotherapeut mede afhankelijk van de betrokken­heid van de patiënt om zo snel mogelijk te herstellen.’ Hij illustreert dat met een voorbeeld. Hij vergelijkt een hoger opgeleide uit de wel­gestelde Concertgebouwbuurt in Amsterdam met een patiënt uit het stads­deel Zuidoost in Amsterdam. ‘Over het algemeen zijn hoger opgeleide patiënten gemotiveerder en proactiever om klachten te verhelpen. Een patiënt uit het stadsdeel Zuidoost in Amsterdam heeft dan bijvoorbeeld tien behandelingen nodig, en een patiënt uit de Concertgebouwbuurt zes. Als dit een kwaliteits­criterium zou zijn, levert de fysiotherapeut uit Zuidoost zorg van mindere kwaliteit.’ Daarmee zou kwaliteit dus mede afhankelijk zijn van de vestigingsplaats en het patiëntenbestand van de fysiotherapie­ praktijk, laat hij weten. ‘Het definiëren van kwaliteitscriteria lijkt me dan ook ondoenlijk, omdat de meetinstrumenten er niet zijn en omdat de fysiotherapeut hier geen invloed op kan uitoefenen. Daarmee ga je appels met peren vergelijken.’ Klantenkring bepaalt kwaliteit Die mening heeft ook Ellen IJspeert. Ze werkt al vijftien jaar als fysiotherapeute. Uit eigen ervaring weet ze dat patiënten in de welgestelde Koninginnebuurt in Amsterdam gemotiveerder zijn dan in Malburgen Oost in Arnhem. ‘Het meten van de kwaliteit die de fysiotherapeut levert, is dan Ellen IJspeert, fysiotherapeut: onmogelijk.’ De patiënten in ‘De klantenkring bepaalt mede de Koninginnebuurt hoef je de effectiviteit van de geleverde slechts zelden te motiveren of kwaliteit.’ enthousiasmeren. Je hebt als fysiotherapeut dan minder behandelingen nodig. De klanten­ kring bepaalt mede de effectiviteit van de geleverde kwaliteit.’ Geertsema laat zich sceptisch uit over de reclamefolders die Agis in de wachtkamer wil neerzetten. ‘Fysiotherapeuten willen mensen beter maken en niet reclame maken voor zorgverzekeraars. Die kant moeten we niet op. Dat bewijst dat zorgverzekeraars zich meer macht willen toe-eigenen. Nee, ik 28 | Z kopers

Trend

denk niet dat fysiotherapeuten de folders gaan neerleggen.’ Fysiotherapeut IJspeert verwacht dat ook andere zorg­ verzekeraars folders aan zullen bieden. ‘Moet je die dan weigeren? Is het verstrekken van folders het alleenrecht van Agis? Voor een fysiotherapeut maakt het niets uit bij wie de patiënt is verzekerd. Hij wil alleen de klant beter maken.’ Niet chique Tweede Kamerlid Eelke van der Veen vindt het een goede ontwikkeling dat de kwaliteit van de zorg door middel van prestatie-indicatoren en proto­­collen getoetst kunnen worden. ‘En dat je als je betere zorg levert ook beter betaald Eelke van der Veen, Tweede wordt, is ook begrijpelijk. Kamerlid: ‘Een reclamezuil, nee, Maar een reclamezuil. Nee, dat is niet chique.’ dat is niet chique. Het is geen goede ontwikkeling. Die kant moeten we niet op. Het is de taak van de zorgverzekeraar om goede zorg bekend te maken onder verzekerden.’ Laat Agis zelf maar een brief sturen naar de verzekerden dat ze zorgverleners contracteren die goede kwaliteit leveren. Het is niet de taak van een zorgaanbieder om reclame te maken voor een zorgverzekeraar.’ Hij vindt dat zorginkoop niet dezelfde weg moeten inslaan als de farmacie dat jaren geleden deed. ‘Bij nieuwe medicijnen werden zorgaanbieders gefêteerd met leuke presentjes. Dat moeten we niet willen en proberen te vermijden.’ De PvdA’er vraagt zich hardop af wat de toegevoegde waarde is van een reclamezuil in de wachtkamer. ‘Zou een niet-Agisklant die bij de fysiotherapeut komt bij het zien van de zuil overstappen naar Agis? Nee, ik denk het niet.’ Van der Veen hoopt niet dat dit een trend wordt. ‘Het aanbieden van kwaliteit en het bereid zijn reclame te maken, moet niet door elkaar gaan lopen. Dat is niet goed.’ Grijs gebied ‘Dat een zorgverzekeraar een zorgaanbieder die kwaliteit levert beloont, daar heeft onze organisatie niets op tegen. Maar dat de hulpverlener als tegenprestatie reclame maakt voor de zorgverzekeraar, vinden wij discutabel. Het is een grijs gebied’, zegt Ingrid Lether. Zij is manager Ingrid Lether, manager onderzoek en informatie onderzoek en informatie bij het Reumafonds. Lether Reumafonds: ‘Kwaliteit moet laat weten dat een patiënt doorslaggevend zijn.’ op grond van kwaliteit een zorgaanbieder moet kiezen. ‘De keuze die een patiënt moet maken, is de goede behandeling die hij krijgt aangeboden. Het hogere tarief dat de fysiotherapeut van de zorgverzekeraar krijgt, mag daarin geen rol spelen. Kwaliteit moet doorslaggevend zijn. Nee, wij vinden het geen goede ontwikkeling.’ ●

‘Onderscheid door kwaliteit’ Samenvatting zorginkoopbeleid van Agis – overgenomen uit diverse persberichten

Fysiotherapeuten Fysiotherapeuten zijn vrij om een overeenkomst met Agis aan te gaan. Ze kunnen daarbij kiezen uit twee soorten overeenkomsten: basis en intensief. Voor de basisovereenkomst moet de fysiotherapeut voldoen aan een aantal basiscriteria. Kiest de fysiotherapeut voor een intensieve overeenkomst dan zal hij aan een aantal objectieve kwaliteitscriteria moeten voldoen. Voorbeelden hiervan zijn het uitvoeren van klantervaringsonderzoek en het bijhouden van een elektronisch patiëntendossier. Daarnaast heeft de fysiotherapeut een aantal meet­ instrumenten in zijn werk geïntegreerd om de kwaliteit van zorg te toetsen. Ook wordt gevraagd een folderdisplay in de praktijk te plaatsen. Hierin staan folders van Agis met onder andere voorlichting over fysiotherapeutische zorg, de vergoeding door de verzekering, gezondheid en vitaliteit.

Apothekers Sinds 1 maart jl. geldt een vergelijkbare overeenkomst tussen Agis en apothekers. Vanaf deze datum han­teert Agis twee farmacie-overeenkomsten: de basisovereen­ komst en de intensieve overeenkomst. Voor de basis­ overeenkomst moet de apotheker voldoen aan een aantal (basis) kwaliteitscriteria die door de apotheeksector zelf zijn vastgesteld. De intensieve overeenkomst kent extra kwaliteitseisen waarbij de klant zelf meer wordt betrokken. Zo moet de apotheker bijvoorbeeld onderzoek doen naar klantervaringen en zet de apotheker zich in om klanten te informeren over het medicijngebruik, bijwerkingen en medicijncombinaties. Agis is ervan overtuigd dat investeren in kwaliteit leidt tot betere zorg voor haar klanten. Om tot deze verbetering te komen gaat Agis met de contracten differentiatie tussen apothekers aanbrengen. Apothekers die al jaren lang geïnvesteerd hebben in betere kwaliteit worden beloond met een hoger tarief.

april 2009 | 29


Aanbesteden

Aanbesteden

De kunst is om het juiste model te kiezen

Aanbesteden kan ook anders Tekst: Jan Telgen, Hoogleraar Inkoopmanagement voor de Publieke Sector aan de Universiteit Twente

Het inkopen van zorg betekent in veel gevallen aanbesteden volgens de Europese aanbestedingsregels. Betekent dat dan ook dat daarmee alles plat geslagen wordt en het verdere proces een puur administratieve en bureaucratische aan­ gelegenheid is? Nee, dat is beslist niet het geval: er zijn nog heel veel verschillende modellen (en invullingen daarvan) mogelijk. De kunst van goed aanbesteden is in hoge mate het kiezen van het juiste model. En dat geldt ook voor die inkopen, die niet onder de werking van de Europese aanbestedingsregels vallen.

H

et kiezen van het juiste aanbestedingsmodel heet ook wel het bepalen van de aanbestedingsstrategie. Globaal omvat dat de keuze van: • de afbakening van de opdracht: wat zit er wel en niet in de scope; • het al dan niet in onderdelen (percelen) op de markt zetten van de opdracht: en welke percelen dan; • het aantal te contracteren partijen: één winnaar of meer aanbieders waarmee een contract wordt gesloten; • de vorm van het contract: vast of bijvoorbeeld een open raamcontract; • de specificatie van de opdracht en de manier waarop die specificaties worden opgesteld: functioneel of technisch; • de criteria waaraan aanbieders moeten voldoen om in aanmerking te komen voor de opdracht: de selectie-eisen; • de criteria waarop de offertes beoordeeld gaan worden: de gunningscriteria; • de manier waarop de verschillende gunningscriteria met elkaar in verband worden gebracht: de gunningsmethode. Op al deze punten is een vrije keuze te maken: er zijn weinig tot geen voorschriften over hoe iets moet en wat niet mag. Duidelijk zal zijn dat bepaalde keuzes op het ene punt invloed zullen hebben op het andere punt. Als er wordt gekozen voor het contracteren van meer aanbieders is het bijvoorbeeld meer voor de hand liggend om te werken met raamcontracten dan bij het contracteren van één partij. 30 | Z kopers

Jan Telgen

De gunningsmethode Veelal wordt aan het laatste punt uit de bovenstaande opsomming – de gunningsmethode – nauwelijks aandacht besteed. De Europese aanbestedingsregels noemen twee mogelijkheden: gunnen op laagste prijs of gunnen op Economisch Meest Voordelige Inschrijving (EMVI). Gunnen op EMVI houdt in dat de inkopende organisatie zelf een aantal criteria mag benoemen die meetellen om de beste offerte te selecteren (denk aan prijs, kwaliteit, levertijd et cetera). Gunnen op EMVI houdt de mogelijkheid open om

verschillende aspecten tegen elkaar af te wegen (waaronder ook prijs). De afweging tussen de scores van de aanbieders op die verschillende aspecten wordt echter wel lastiger. Gunnen op laagste prijs Gunnen op laagste prijs heeft als voordeel dat eenvoudig duidelijk is welke aanbieder wint. Een nadeel is dat het alleen maar selecteren op prijs vaak onvoldoende de diversiteit aan eisen aan de aanbieder weergeeft. De praktijk is niet zo makkelijk in alleen maar een laagste prijs te vangen. april 2009 | 31


Aanbesteden Column Geert Geertsema Zelfs bij gunnen op laagste prijs zijn nog varianten aan te geven. Zo wordt in de markt van uitzendkrachten vaak gegund op marge. Bij gunnen op marge bepaalt niet de laagste totaalprijs, die voor een uitzendkracht moet worden betaald, de winnaar, maar de laagste marge. Dan kan het dus voorkomen dat bureau A die een uitzendkracht aanbiedt met salariskosten van € 20 per uur en € 5 marge (totaal dus € 25) de opdracht wint van bureau B met een kracht van € 15 per uur en € 6 marge (totaal dus € 21). Een dergelijk model zou ook kunnen passen in de sfeer van hulp bij het huishouden (Wmo) of AWBZ-zorg. Het voorkomt onnodige druk op de salariskosten. Gunnen op EMVI Na de keuze welke criteria een rol spelen bij gunnen op EMVI dient ook de manier waarop die verschillende criteria met elkaar in verband worden gebracht, te worden gekozen. In Nederland wordt daarvoor bijna altijd gekozen voor het toekennen van een gewicht per criterium en vervolgens vermenigvuldigen van de behaalde scores per criterium met deze gewichten. Opgeteld ontstaat dan een totaalscore per aanbieding. Deze methode heet formeel de Gewogen Factor Score methode (GFS). Weinigen beseffen dat het hanteren van GFS ook al een

In de inkoop- een aanbestedingswereld zien we deze modellen bijvoorbeeld terug in de twee enveloppenmethode (formeel: Lowest Acceptable Bid): in de ene envelop zit het technische proposal dat op kwaliteit wordt beoordeeld en alleen bij een voldoende doorgaat – dan wordt van degene die doorgaan de andere envelop geopend en wint de laagste prijs. In Canada is een variant hierop populair: alle binnengekomen aanbiedingen worden op volgorde van prijs gelegd en de duurste helft wordt terzijde geschoven – van de goedkoopste helft wordt vervolgens het inhoudelijk beste voorstel gekozen (zonder verder te letten op prijs). Allerlei methoden Maar zelfs binnen de klasse van compensatorische methoden (waaronder dus het bekende GFS) zijn er heel veel mogelijkheden. Wat dacht u van het zoeken van de beste prijs-kwaliteitverhouding (formeel: Value for Money), waarbij de behaalde kwaliteitspunten worden gedeeld door de prijs. Daarmee wordt letterlijk het meeste kwaliteit per Euro gezocht. Hierbij is dus sprake van ‘delen door’ in plaats van ‘optellen’ zoals in GFS. Zelfs kan vermenigvuldigen een interessante methode zijn: door de punten behaald met kwaliteit te vermenigvuldigen met de punten behaald voor prijs, worden aanbiedingen met slechte scores op één aspect minder snel gekozen (5x5 is immers veel meer dan 2x8). De

Een flatscreen aan de wand... Ik heb nog een oude tv. Zo’n bakbeest. Het is de hoogste tijd voor

overigens voor alle producten uit de Kraljic-matrix1. En mocht

een nieuwe en dan wil ik ook een strakke flatscreen-tv met een

je er toch te weinig van weten, dan loont het de moeite om een

beeldschermdiagonaal van een centimeter of 100. Scenario één:

specialist in te huren.

ik neem mijn vriendin mee en kom thuis met tv van 48 centimeter.

Gunnen op laagste prijs heeft als voordeel dat eenvoudig duidelijk is welke aanbieder wint. Een nadeel is dat het alleen maar selecteren op prijs vaak onvoldoende de diversiteit aan

Scenario twee: ik ga samen met een vriend en laat me verleiden

De volgende stap is weten wat er in de markt te krijgen is, ofwel

tot de aanschaf van het nieuwste: een lcd-tv van 165 centimeter.

purchasing intelligence. In mijn derde scenario heb ik urenlang op

Goede zet gedaan?

internet rondgedoold. De markt is tegenwoordig zo transparant, dat ik me goed zelf kan voorbereiden en erachter kom wat ik

eisen aan de aanbieder weergeeft. keuze op zich is. Er zijn heel veel andere mogelijkheden1. Een kenmerk van GFS is het feit dat het volledig compensatorisch is: een slechte score op één criterium (bijvoorbeeld kwaliteit) kan volledig gecompenseerd worden door een geweldig goede score op een ander criterium (bijvoorbeeld prijs). Lang niet altijd zal dit wenselijk zijn. Dan zijn er ook andere mogelijke modellen: non-compensatorisch of semi-compensatorisch. Buiten de inkoop zie je dergelijke modellen bijvoorbeeld op de middelbare school, waar je maximaal twee 5-en mag hebben om nog over te gaan, maar als er veel 8-en tegenover staan kan er ook nog wel eens wat gecompenseerd worden. Of op de universiteit, waar het halen van je diploma afhankelijk is van het stuk voor stuk halen van alle tentamens: een onvoldoende op één tentamen betekent geen diploma.

32 | Z kopers

eerste boodschap die hieruit naar voren komt is dat er veel meer is dan we doorgaans gebruiken. Maar veel belangrijker is de boodschap dat alle methoden hun voor- en nadelen hebben. Welke dan per keer gekozen moet worden is niet gemakkelijk aan te geven: dat is de kunst van het goed inkopen. Wat ik wel zeker weet, is dat altijd hetzelfde gebruiken (GFS) per definitie een aantal malen tot ongewenste uitkomsten zal leiden. ●

In het proefschrift van Luitzen de Boer worden er vele tientallen genoemd: zie http://www.mb.utwente.nl/ompl/chairs/utips/staff/ Boer/index.html 1

Welk scenario ik ook volg: ik heb altijd een tv in de huiskamer staan

wel en niet aan de nieuwste snufjes heb. Deze informatie geeft

die ik niet helemaal heb gewild. Die vriendin-flatscreen vind ik bij

me een stevige positie in het gesprek met de verkoper. Ik laat

elke sportwedstrijd te klein en die mega lcd-tv is dan wel gaaf,

me door hem geen wavelength blacklight systeem of multi pixel

maar eigenlijk te groot voor de woonkamer én te duur. Gelukkig

lcd-scherm aanpraten. Ik word zijn gesprekspartner en hij de

is er nog een derde scenario denkbaar, die mij minder afhankelijk

mijne. Dankzij mijn feitenkennis ben ik in staat de expertise van

maakt van mijn omstanders of de trucs van de verkoper. Het lijkt

de verkopende partij te gebruiken. Nu zie je vaak dat inkopers

een dooddoener, maar het is een gouden regel die door inkopers

en verkopers tegenover elkaar staan. Ik denk juist dat je als

vaak te weinig in acht wordt genomen: ‘Weet wat je wilt kopen’.

inkoper – mits goed voorbereid – samen met de leverancier jouw

Een spreuk die zo op een tegel zou kunnen.

probleem op kunt lossen.

Maar ik wist toch wat ik wilde kopen? Ja, maar niet goed genoeg.

Of het goed is gekomen met mijn huiskamer? Het is maar hoe je het

De kunst is om het beoogde product of de dienst zo goed mogelijk

bekijkt. Naast een net iets te klein beeldscherm hangt inmiddels

te specificeren. Dat begint bij inventariseren bij gebruikers wat

een fraai tegeltje te blinken. De tekst kunt u wel raden.

zij nodig hebben. Een mooi voorbeeld in dat verband is de aanschaf van nieuwe pc’s. Als je bij IT’ers te rade gaat, krijg je

Geert Geertsema

de meest fancy pc’s met allerhande technische hoogstandjes

is directeur van inkoopadviesbureau Conducto BV

én het bijpassende prijskaartje. De meeste gebruikers zullen echter genoeg hebben aan een pc met Word, Excel en Access.

1

Als inkoper moet je erachter komen wat écht nodig is. Dat geldt

technieken op pagina 22 van deze editie van Zkopers.

Zie voor een uitleg van de Kraljic-matrix het artikel Methoden en

april 2009 | 33


Opleidingen

Opleidingen

Het is nu mogelijk om organisatie en competenties verder te ontwikkelen

Het versterken van het gemeentelijk Wmo-beleid Tekst: Mr. drs. M.Th (Ria) Mastik-Sonneveldt, bij Transfergroep Rotterdam belast met de ontwikkeling van Wmo- en speciale projecten | Drs. E.M. (Esther) Sluis-Thiescheffer, senior consultant Zorg & Welzijn Significant | J.W.M. (Hans) Hellendoorn, senior consultant Zorg & Welzijn Significant | Fotografie: Isabel Nabuurs

Op 1 januari trad de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in werking. Aan de wet is een lange voorbereidings­ tijd voorafgegaan. Er zijn diverse proefprojecten geweest, waarna alle partijen goed geïnformeerd leken te zijn. De introductie zou dus zonder al te veel ophef kunnen geschieden, dacht men. Niets bleek echter minder waar te zijn.

De negen prestatievelden 1. Het bevorderen van de sociale samenhang in en leefbaarheid van dorpen, wijken en buurten. 2. Op preventie gerichte ondersteuning van jeugdigen met opgroeiproblemen en van ouders met opvoedingsproblemen. 3. Het geven van informatie, advies en zorgvrager­ ondersteuning. 4. Het ondersteunen van mantelzorgers. 5. Het bevorderen van de deelname aan het maat­ schappelijke verkeer en van het zelfstandig functioneren van mensen met een beperking of een chronisch psychisch probleem en van mensen met een psychosociaal probleem. 6. Het verlenen van voorzieningen aan mensen met een beperking of een chronisch psychisch probleem en aan mensen met een psychosociaal probleem ten behoeve van het behouden en het bevorderen van hun zelfstandig functioneren of hun deelname aan het maatschappelijke verkeer. 7. Het bieden van maatschappelijke opvang, waaronder vrouwenopvang en beleid ter bestrijding van geweld dat door iemand uit de huiselijke kring van het slachtoffer is gepleegd. 8. Het bevorderen van openbare geestelijke gezond­ heidszorg, met uitzondering van het bieden van psychosociale hulp bij rampen. 9. Het bevorderen van het verslavingsbeleid.

H

et accent viel vanaf het begin in hoge mate op het zesde prestatieveld: het verstrekken van specifieke - op de persoon toegesneden - voorzieningen voor mensen met een beperking, een chronisch psychisch probleem of psychosociaal probleem. En daarbinnen dan speciaal op het verstrekken van huishoudelijke hulp, een voorziening die eerder door de AWBZ werd bekostigd. De noodzaak van aanbesteden door gemeenten, waarbij de nadruk in het begin niet zelden alleen op de prijsstelling per uur kwam te liggen, en de gelijktijdige wijziging in de indicatiestelling, maakte deze wet in de ogen van velen slechts tot een wet die vooral van doen had met bezuinigen op de huishoudelijke hulp. Dat is jammer, want de wet behelst zoveel meer voor burgers, gemeenten en betrokken organisaties. Het is immers de bedoeling om met deze wet de Civil Society vorm te geven, waarin burgers en cliënten ongeacht hun eventuele gebreken kunnen participeren. Voor gemeenten betekent dit o.a. dat zij het volgende moeten ontwikkelen: • samenhangende beleidsplannen waarin visie en doelstellingen op het brede terrein van de maatschappelijke ondersteuning worden weergegeven. • een inhoudelijke relatie met instellingen waarbij het ook gaat om diversiteit in producten, innovatie en kwaliteit. • tegelijkertijd een zakelijke relatie met instellingen en het fenomeen aanbestedingen. 34 | Z kopers

Ria Mastik

Overeenkomsten en verschillen Zorgaanbieders zien zich geplaatst voor hun eigen uit­ dagingen, zoals het opbouwen van de eigen identiteit, het innoveren in nieuwe producten en diensten en tegelijkertijd zorgen dat er financieel vet op de botten komt. Geen geringe opgave. Dit stelt ook de “zorg”- inkoper bij gemeenten voor een uitdaging. Naast het feit dat hij veel meer moet inkopen dan de hierboven genoemde huishoudelijke hulp, zijn er zeker ook diverse beleidsopgaven waarbij hij inhoud en kwaliteit moet koppelen aan prijs. De inkoop van “maatschappelijke diensten” vertoont veel over­een­komsten met de zorginkoop bij zorgverzekeraars. Echter, de wijze waarop gemeenten tot nu toe organisatorisch invulling geven aan het proces is wezenlijk anders. Binnen de gemeente is sprake van een ‘gelaagdheid’ van verantwoordelijkheden en betrokkenheid, die op hoofdlijnen is te kenschetsen als de bestuurlijke verantwoordelijkheid (wet­houder), beleidsontwikkeling en financiële sturing, uit­ voering en control (beleidsafdeling) en uitvoering inkoop­ proces en control op het inkoopproces (inkoper). De ervaring leert dat er vaak sprake is van behoorlijk gescheiden werelden. Zowel inhoudelijk als in termen van competenties en inzicht in elkaars taken, doelstellingen en verantwoordelijkheden. Daarbij komt nog de betrekkelijke onervarenheid met de diverse inhoudelijke onderwerpen (bijv. ondersteunende begeleiding). Dit is een complicatie voor het realiseren van de door de gemeente gestelde Wmo-doelen. april 2009 | 35


Opleidingen

Onderzoek Verschenen onderzoeksrapporten | Rolf Swens

Strategic alignment & beleid

Strategie en doelstellingen van in te kopen (zorg)segment

(Inkoop) controle

Inkoopinstrumenten

Figuur: (Versimpelde) weergave van hoe in de (zorg)inkoop strategie/beleid, doelstellingen en uitvoering met elkaar zijn verbonden (‘uitgelijnd’ of ‘aligned’)

Verantwoording bij één zorginkoper De inkoopinstrumenten (of eigenlijk bij gemeenten de instrumenten voor opdrachtverstrekking, waaronder bij­ voor­beeld aanbesteden en subsidieverstrekking) worden gekozen op basis van een strategie voor het betreffende in te kopen segment (bijvoorbeeld hulp bij het huishouden). De strategie moet natuurlijk bijdragen aan de doelstellingen van de inkopende organisatie. Deze ‘cascade’ is eveneens van toepassing op de inkoop van diensten in het kader van de Wmo. Een belangrijk verschil is gelegen in het feit dat bij zorgverzekeraars één functionaris verantwoordelijk is voor het gehele proces van de zorginkoop voor een segment en die bovendien sturing geeft aan het gehele team dat de activiteiten van de zorginkoop (in de volle breedte) uitvoert. Ook de (financial) control is daarbij primair de verantwoordelijkheid van deze zorginkoper. Daarbij valt op te merken dat bij zorgverzekeraars de reguliere inkoopafdeling (concern inkoop) veelal niet betrokken is. Maar het is niet uitgesloten dat dit in de toekomst steeds vaker zal plaatsvinden op die onderdelen waar dit toegevoegde waarde biedt. Kennis en inzicht vergroten Hoewel de zorgverzekeraars zeker ook hun zorginkoop niet in alle gevallen perfect hebben georganiseerd, biedt een integrale sturing van het proces belangrijke voordelen in termen van een breed begrip en inzicht van de samenhang tussen de verschillende onderdelen (zie figuur). Voor gemeenten is een verregaande verantwoordelijkheid neerleggen bij één persoon wellicht niet goed mogelijk.

Wel moet er gewerkt worden aan een betere samenwerking tussen de betrokken personen, de ontwikkeling van kennis bij de wederzijdse verantwoordelijkheden en het overwinnen van (cultuur)barrières. Dit vraagt nadrukkelijk om een verbreding en verdieping van de competenties van wethouders, beleidsambtenaren én inkopers. Dat kan beginnen met intensiever overleg tussen de betrokkenen, maar vraagt eveneens om te investeren in meer kennis bij de beleidsambtenaren. Zij moeten, naast de taakopvatting dat zij verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van het beleid, ook verantwoordelijk zijn voor de resultaten die daarmee samenhangen en hoe die resultaten het beste kunnen worden behaald. Noodzakelijk is dat zij ook bekend zijn met de basisbegrippen van de (zorg)inkoop. Kortom, naast een betere kennis en inzicht vraagt dat ook om een andere taakopdracht binnen de gemeentelijke organisatie.

De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg Dit advies geeft antwoord op de vraag wat het publieke belang van ‘kwaliteit van zorg’ precies is en hoe getoetst kan worden of zorginstellingen hieraan voldoen. De zorgverzekeraar krijgt hiermee meer gedegen informatie in handen om selectief zorg in te kunnen kopen. Hij kan daarmee zorgaanbieders stimuleren om tot de top te gaan behoren. Daarmee kan de zorgverzekeraar zijn verzekerden meer ‘value for money’ geven. De auteurs van het advies zijn van mening dat dit advies kostenneutraal kan worden gerealiseerd. Op de website van de RVZ is naast het advies zelf ook een Code voor goed intern toezicht te vinden. Deze zou ook betrokken kunnen worden bij de inkoop van zorg.

Stichting Pandora In opdracht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg heeft Stichting Pandora een rapport geschreven over de voor- en nadelen, kansen en bedreigingen van medische technologie in de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ). Specifiek is ingegaan op twee onderwerpen: e-mental health en het gebruik van technologische toepassingen in GGZ- instellingen. Bijzonder aan dit rapport is dat het geschreven is vanuit de optiek van mensen met psychische klachten en de professionals die direct bij de behandeling hiervan betrokken zijn.

Onderzoek PGB-bemiddelingsbureaus

College voor Zorgverzekeringen Gemeenten die hun Wmo-doelstellingen willen realiseren, kunnen daarom leren van de zorginkoop bij zorgverzekeraars, die zich met vallen en opstaan begint te professionaliseren. Een verdere invulling van een zorgvuldig opdrachtgeverschap is daarnaast een groeikans. Het ligt dan ook voor de hand om zowel beleidsambtenaren als bestuurders bewuster te maken van een verbeterde taakopvatting. En hen daarbij voldoende bagage te geven om dit geheel van complexe factoren goed te

Hoewel de zorgverzekeraars zeker ook hun zorginkoop niet in alle gevallen perfect hebben georganiseerd, biedt hun

Monitor Kraamzorgveiling 2006 - 2008

Nederlandse Zorgautoriteit De kraamzorgveiling is een goed instrument voor het toe­wijzen van zorg en aan te bevelen voor andere zorgmarkten. Dat is de belangrijkste conclusie uit de monitor Kraam­ zorgveiling 2006 - 2008 van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). De veiling bevordert de kwaliteit en de toegankelijkheid van de kraamzorg en zorgt voor meer transparantie. In de onderzochte periode had de veiling nauwelijks effect op de prijs. Een kleine aanpassing kan de prijsverlagende werking van de veiling echter vergroten.

Op verzoek van de staatssecretaris van het ministerie van VWS heeft het College voor zorgverzekeringen (CVZ onder­­zoek gedaan naar de activiteiten en de kwaliteit van PGB-bemiddelingsbureaus. Uit het onderzoek komt het beeld naar voren dat een meerder­heid van de PGBbemiddelingsbureaus een werkwijze heeft die voldoet aan algemene kwaliteitscriteria. Bij een deel van de bureaus is het risico aanwezig op belangenverstrengeling en kan een PGBklant onvoldoende toezicht houden op de besteding van zijn persoonsgebonden budget.

Bovengenoemde rapporten zijn gratis te downloaden of te bestellen via de websites van RVZ, NZA, Stichting Pandora en CVZ.

integrale sturing van het proces belangrijke voordelen

Jan Breedveld

overzien en te beheren. Dit zal naast de verdere verbreding van de Wmo-invulling naar andere prestatievelden, in ieder geval zorgen voor een verdieping van de kwaliteit van de in te kopen professionele maatschappelijke ondersteuning in prestatieveld 6. ●

Strategie van aanbesteden en creatieve (financiële) aansturing in de Wmo Een cursus waarbij de hier genoemde aspecten aan de orde komen, wordt in september onder verantwoordelijkheid van Transfergroep Rotterdam gegeven door Significant. Het zal gaan om strategie van aanbesteden en creatieve (financiële) aansturing in de Wmo. De cursus richt zich op het realiseren van strategische beleidsopgaven en het gebruik van het financieel instrumentarium daarbij; de wijze waarop diverse specialismen beter kunnen samenwerken binnen gemeenten, de wijze waarop cliënten kunnen worden betrokken en de manier waarop de (markt-) omgeving in acht kan worden genomen. Doelgroep zijn wethouders, beleidsambtenaren en inkopers van gemeenten en bestuurders en beleidsmedewerkers van aanbiedende instellingen. Meer informatie hierover vindt u in het opleidingsoverzicht op pagina 46

36 | Z kopers

Technologische ontwikkelingen in de GGZ; e-mental health en substituties nader bekeken

Advies: Governance en kwaliteit van zorg

Harry de Zorginkoper Maar... Dat is een waanzinnige kostenbesparing!!!

Ja Bert... en het medicijn schijnt nog een betere werking te hebben ook...

Harry, als dat zo is dan zie ik geen enkel probleem

Het zal alleen voor de patiënt even slikken zijn!

L PI

april 2009 | 37


Innovatief zorgaanbod

Innovatief zorgaanbod

Kinderwijkteam ontdekt dat professionele medische hulp thuis goed werkt en goedkoper is

Gouden vondst: thuiszorg voor kinderen Tekst: Els van Thiel | Fotografie: STN Zorg

Het Kinderwijkteam van STN Zorg levert thuiszorg aan vaak ernstig zieke kinderen van nul tot achttien jaar. Ervaren kinderverpleegkundigen helpen de kinderen in hun eigen bed, in hun eigen vertrouwde omgeving. De jonge patiënten hoeven minder lang in het ziekenhuis te blijven en soms is een opname zelfs helemaal niet nodig. Beter voor de kinderen, beter voor de ouders én een stuk goedkoper.

E

en uniek en doeltreffend concept, zegt Marlies Paauwe van het Kinderwijkteam. ‘In de thuiszorg werden kinderen nooit als een aparte categorie patiënten beschouwd. Dat is eigenlijk raar. Je brengt je kind wel naar een peuterspeelzaal, een kinderdagverblijf of de kinderafdeling van een ziekenhuis. Maar als je thuiszorg nodig hebt, is er alleen thuiszorg die toegesneden is op volwassen patiënten.’ Andere tak van sport Thuishulp aan kinderen is echt een andere tak van sport, verzekert Paauwe, zelf kinderverpleegkundige. ‘De be­geleiding van kinderen met kanker bijvoorbeeld, die samen met hun ouders in een traject tussen hoop en vrees zitten, is iets héél iets anders dan ouderen onder de douche zetten of benen zwachtelen. Kinderen die gaan overlijden hebben een volstrekt ander scenario dan volwassenen die al een leven achter zich hebben.’ Het Kinderwijkteam van Samenwerkende Thuiszorg Nederland (STN Zorg) in Goes is de klok rond bereikbaar en levert zeven dagen per week zorg. Het werkgebied bestrijkt Zeeland, Noord-Brabant en de Zuid-Hollandse eilanden. Het team werkt met een twintigtal verpleegkundigen die zich na hun opleiding anderhalf jaar hebben gespecialiseerd in kinderverpleegkunde en die ervaring hebben op een kinder­ afdeling in een ziekenhuis. Het blijkt geen probleem te zijn om aan gespecialiseerde professionals te komen. Het Kinderwijk­ team heeft veel contact met kinderafdelingen in ziekenhuizen. De vonk slaat dan al gauw over. Veel kinderverpleegkundigen

zijn zelf moeder en parttimer en willen er graag wat bij werken, mits de werktijden flexibel zijn. En dat zijn ze. Take Good Care STN Zorg levert ook kraamzorg onder de naam Take Good Care. Een mooie combinatie met het Kinderwijkteam, vindt Marjet Kole, coördinator Zeeland. ‘Kraamzorg is in principe voor de eerste acht dagen na de bevalling. Maar wij gaan een stapje verder en leveren ook couveusenazorg. Dat is zorg voor baby’s die lang op een kinderafdeling hebben gelegen en die mede daardoor allerlei problemen hebben ontwikkeld. Een baby die na achtentwintig weken geboren wordt, vraagt om een andere benadering dan een blakend gezond kind dat na veertig weken ter wereld komt.’ De zorgverlening door de kraamzorg sluit aan op die van het Kinderwijkteam. Als de kraamverzorgenden signaleren dat er extra zorg nodig is, schakelen ze het Kinderwijkteam in. Dat leidt tot continuïteit in de zorg.

middag voor in het ziekenhuis. Terwijl het heel gemakkelijk thuis kan. Dan kost het geen ligdag. Het kind blijft in zijn sociale context en de tijd van de toediening kan worden aangepast aan de thuissituatie.’ De zorg van het Kinderwijkteam wordt op verschillende manieren gefinancierd. In de eerste plaats vanuit de AWBZ. Hiervoor is een indicatie van het CIZ (Centrum Indicatie­stelling Zorg) nodig of van de kinderarts of transferverpleegkundige van het ziekenhuis. In de tweede plaats kan de financiering plaatsvinden via een pgb (persoons gebonden budget). En in de derde plaats wordt de zorg soms rechtstreeks door de zorgverzekeraar betaald. In dat geval moet het team in conclaaf met de zorgverzekeraar. Paauwe, drijvende kracht achter het Kinderwijkteam, ervaart de onduidelijkheid die momenteel rond de AWBZ heerst als een knelpunt. ‘Wat is nu precies AWBZ-zorg en wat ziekenhuisverplaatste zorg? Door de uitkleding van de AWBZ is er onrust ontstaan. Ik heb nog geen heldere uitspraken gehoord over thuiszorg voor kinderen.’ Een ander knelpunt is dat de AWBZ zorg berekent in minuten. ‘Als ik voor een injectie kom, beseft een kind van een jaar of drie drommels goed dat ik iets heel vervelends kom doen. Het verzet zich of kruipt weg. Ik moet dat patiëntje heel rustig voorbereiden en het contact ook weer goed afsluiten, want anders

kan ik het de volgende keer helemaal vergeten. Dat lukt niet in tien minuten. Dat aantal is gebaseerd op een volwassene, die klaarzit met het spuitje omdat de zuster zo komt. Medewerkers van het CIZ begrijpen het probleem, maar vragen zich af onder welke categorie ze de extra minuten kunnen wegschrijven.’ Baby’s drinken thuis beter Paauwe wijst op het Handvest Kind en Ziekenhuis van de stichting Kind en Ziekenhuis. Dit handvest is in overeenstemming met het VN-verdrag over de rechten van het kind. Artikel 1 luidt: ‘Kinderen worden niet in een ziekenhuis opgenomen als de zorg die zij nodig hebben thuis, in dagbehandeling of poliklinisch kan worden verleend’. Zorginkopers die dit onderschrijven, kunnen niet anders dan een pre hebben voor de zorg van het Kinderwijkteam, zegt Paauwe. Als het medisch gezien kan, is het thuis beter voor een kind dan in het ziekenhuis. ‘Dat geldt zelfs voor baby’s’, zegt Kole van de kraamzorg. ‘Premature baby’s drinken thuis beter. Borstvoeding komt in de huiselijke omgeving ook sneller op gang. Als moeder heen en weer moet rijden of in het ziekenhuis moet kolven, kan het weken duren voordat het echt goed gaat. Thuis met ondersteuning is het negen van de tien keer vrijwel meteen geregeld.’ Niet alleen de kwaliteit van leven van kinderen, maar ook die van ouders gaat er met sprongen op vooruit, stelt Paauwe.

Onduidelijkheid financiering Een uniek concept dat wérkt. Professionele hulp aan huis en nog goedkoper ook. Verdringen de zorginkopers zich niet in Goes? ‘Een nieuwe vorm van zorg heeft een aanloopperiode nodig. Het duurt een poos voordat men erachter komt dat er thuis veel meer kan dan er nu gebeurt. Neem kinderen die gammaglobuline krijgen, een stof die om de drie à vier weken toegediend wordt. Die jonge patiëntjes zitten daar een hele

‘Een nieuwe vorm van zorg heeft een aanloopperiode nodig. Het duurt een poos voordat men erachter komt dat er thuis veel meer kan dan er nu gebeurt.’ 38 | Z kopers

april 2009 | 39


Innovatief zorgaanbod Column Walter Engelhart | Aanbestedingsadvocaat ‘Als ouder wil je bij je zieke kind zijn. Maar hoe moet het met de andere kinderen en met je werk? Het gebeurt niet zelden dat de thuissituatie ontwricht raakt doordat ouders frequent naar het ziekenhuis gaan. Zeeland is dunbevolkt, ouders moeten vaak flinke afstanden overbruggen om de ziekenhuizen in de wijde omtrek te bereiken.’ Oude Rode Kruisbus Het Kinderwijkteam is niet voor één gat te vangen. Onlangs zijn drie kinderen in een oude Rode Kruisbus van het ziekenhuis naar huis gebracht om daar zes weken in een zogenoemde spreidbroek te liggen. Anders zouden ze al die tijd in het ziekenhuis hebben moeten doorbrengen. Met vereende krachten - vrijwilligers hielpen een handje mee - zijn de kinderen met bed en al liggend in een stellage vervoerd. Dat er her en der een schuttinkje neergehaald moest worden, kon de vreugde van ouders en kinderen niet temperen. Ze waren thuis! Mooi werk Vijf jaar geleden ging het Kinderwijkteam van start met drie kinderen in de zorg. Het reilen en zeilen van het team werd met argusogen bekeken. Kinderartsen verwezen ‘moeilijke’ kinderen door onder het motto: probeer het maar eens… ‘Een

‘Wat het consultatiebureau voor de gezonde zuigeling is, zou het Kinderwijkteam voor zieke kinderen van nul tot achttien jaar moeten worden.’ baby die naar verwachting niet zou gaan eten. Binnen het eerste levensjaar lukte het ons om het kindje aan het eten te krijgen! Een mooie opsteker. Geleidelijk groeide het vertrouwen bij kinderartsen en nu sturen ze steeds meer kinderen door. Ook kinderen met bijvoorbeeld gedragsstoornissen, epilepsie en Gilles de la Tourette.’ Zorginkopers worden gevoeliger voor het kostenargument, merkt Paauwe. ‘Wij boeken ook goede resultaten met thuisbegeleiding bij kinderen met incontinentie. Het komt nog steeds voor dat kinderen opgenomen worden om ze

40 | Z kopers

In de hoek gezet zindelijk te maken. Soms wel drie maanden lang, een kostbare aangelegenheid. Het lukt dan meestal wel om ze zindelijk te krijgen - op de afdeling. Maar eenmaal thuis, waar alles nog hetzelfde is, valt het kind terug in zijn oude gedragspatroon. Dat is logisch, want vaak ligt er een psychische oorzaak aan ten grondslag. Wij begeleiden de kinderen thuis in hun eigen omgeving en betrekken het hele gezin erbij. Dat leidt tot veel betere resultaten.’ Mooi werk, moeilijk werk soms, maar uiterst bevredigend, vindt Paauwe. ‘Wij hebben al vier jaar een meisje in zorg met mucopolysacharidose type 1, een zeldzame ziekte waar maar vier kinderen in Nederland aan lijden. Ze gaat langzaam achteruit, haar ouders weten dat ze niet oud zal worden. We brengen wekelijks een infuus in bij het meisje en geven haar thuis zeven uur therapie. Iedereen is blij dat het zo kan, want anders zou moeder elke week een hele dag met haar in het ziekenhuis moeten blijven, terwijl er thuis nog andere kinderen zijn.’ STN Zorg heeft nu ook een Kinderwijkteam in Almere. Er zijn er meer in Nederland. Hun werkwijze verschilt, sommige werken uitsluitend op basis van een pgb. Naarmate het concept bekender wordt, groeit de vraag. Paauwe heeft een hartenwens: ‘Thuiszorg voor kinderen die wat mankeren als basisvoorziening met een goed geregelde financiering uit één bron. Wat het consultatiebureau voor de gezonde zuigeling is, zou het Kinderwijkteam voor zieke kinderen van nul tot achttien jaar moeten worden.’ ●

Een aantal gemeenten voelde zich in de hoek gezet toen een

op kwaliteit, waarbij elke aanbieder die een bepaalde minimum

aanbesteding voor huishoudelijke hulp te weinig aanbieders

kwaliteit bood een raamcontract kreeg. In deze aanbestedings­

opleverde om de benodigde hulpuren te realiseren. Nader

procedure waren de door de gemeente gestelde condities

beschouwd lijken de gemeenten vooral gefrustreerd doordat zij,

kennelijk geen probleem. Alle in de regio bekende zorgaanbieders

totdat de nieuwe aanbestedingsprocedure is afgerond, met de

schreven in elk geval in. Niettemin vroeg een aanbieder vrijwel

aanbieders zaken moeten doen tegen minder gunstige condities.

direct na het zetten van haar handtekening al een tariefs­

Hebben de betreffende aanbieders de gemeenten in de hoek

verhoging aan de gemeente. De gemeente moest toch ook

gezet? Dat zou ik niet durven zeggen. Kennelijk waren de condities

begrijpen dat voor de afgegeven tarieven de hulp niet mogelijk

die de gemeenten in de aanbestedingsprocedure stelden voor de

was. Toen de gemeente niet wilde onderhandelen, dreigde de

aanbieders niet aanvaardbaar. Niet inschrijven is dan passend.

aanbieder het raamcontract op te zeggen met alle mogelijke

Dat de aanbieders toen de gemeenten bij hen aanklopten voor

gevolgen voor de hulpbehoevenden van dien. Deze aanbieder

een tussenoplossing en vervolgens eigen en minder gunstige

probeerde in mijn beleving de gemeente in de hoek te zetten.

condities stelden, valt te begrijpen. Gemakshalve aannemende dat er geen sprake was van verboden vooroverleg, lijkt mij de

Mijn advies: rug recht houden. De aanbieder heeft zojuist bij het

gang van zaken een goede demonstratie van marktwerking.

volle verstand een handtekening onder de tarieven gezet. Als de tarieven te laag zijn, had zij niet moeten inschrijven. Bovendien,

Het siert aanbieders dat zij niet inschrijven als de gestelde

als de gemeente haar condities aanpast, handelt zij in strijd

condities voor hen niet haalbaar zijn. Weten wat voor de eigen

met het aanbestedingsrecht. Wat te denken van aanbieders die

organisatie verantwoord is en wat niet, past bij professioneel

vanwege de gestelde condities niet hebben ingeschreven en

ondernemen. Mij bekruipt nog wel eens het gevoel dat aanbieders

die dus kennelijk niet veronderstelden dat na de aanbesteding

lukraak op opdrachten inschrijven, onder het mom van: eerst

de gemeente wel op zoek zou gaan naar een nieuw potje om

maar eens binnenhalen en dan verder zien. Het optreden van

bij te springen? Aanpassen van contractscondities nadat het

de aanbieders in de hiervoor geschetste situatie staat mij beter

contract is aanbesteed, leidt bijna altijd tot schending van de

aan dan het optreden van een aanbieder dat ik in een andere

vrije mededinging en dus tot frustratie van de marktwerking.

gemeente tegenkwam. De betreffende gemeente organiseerde ook een aanbestedings­ procedure voor huishoudelijke hulp, volgens het Zeeuwse

Walter Engelhart

model. De tarieven waren dus een gegeven. Er werd beoordeeld

is advocaat bij Van Benthem & Keulen advocaten & notariaat

april 2009 | 41


E-health

E-health

Innovatiebereidheid en vertrouwen nemen toe, weerstand neemt af

E-health in opmars

Empowerment zorgconsument ‘Marketing lijkt soms een vies woord in de zorg’, stelt Ketelaar. ‘Maar een brede publiciteitscampagne die succesvolle, evidence based e-health-toepassingen voor het voetlicht brengt, zou bij de zorgvrager, zorgverlener en zorg­­verzekeraars de koudwatervrees zeker kunnen wegnemen.’

Dominique Vijverberg Directeur van Interapy

Tekst: Simone La Lau

Zkopers start met een informatieve reeks over e-health. Want e-health is zo’n breed begrip geworden, dat je soms door de bomen het bos niet meer ziet. Welke toepassingen zijn er? Wat zijn de ontwikkelingen? Waar liggen de kansen? En wat zijn de bedreigingen? Kortom: we gaan op onderzoek uit. Deze aflevering spreken we met Pim Ketelaar, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor e-health (NVEH), over de stand van zaken op dit gebied. Daarna gaan we samen met Dominique Vijverberg (Interapy), René Grim (Roder Consult) en Heleen Westendorp (alcoholdebaas.nl) dieper in op internetbehandelingen in de GGZ en de verslavingszorg.

roadmap die opgesteld moet worden door de overheid, samen met zorgverzekeraars, patiëntenorganisaties en beroepsorganisaties. Regie is van groot belang en deze rol zou de overheid volgens Ketelaar bij Nictiz kunnen neerleggen. ‘Er moet een concreet plan van aanpak komen op basis waarvan we snel kunnen opschakelen en vaart kunnen maken.’

Inhaalslag zorgsector Al in 2002 signaleerde de RVZ dat e-health een belangrijke bijdrage kan leveren aan kwalitatieve, toegankelijke en kosteneffectieve zorg. De zorgsector loopt achter op andere sectoren en moet een inhaalslag maken met het inzetten van ICT-toepassingen. Het advies aan de minister was om de regie te pakken en samen met het veld de geboden kansen te benutten en de belemmeringen op te lossen. Belemmeringen die zich met name bevinden in marktstructuur, financiering en wet- en regelgeving.

Canada als voorbeeld Ketelaar beschrijft dat e-health-initiatieven in Nederland vaak blijven steken op het niveau van projecten, pilots en proeven en dat de switch naar grootschalige en structurele inbedding in de reguliere zorg veelal niet gemaakt wordt. ‘We kunnen veel leren van Canada, daar is al ruime ervaring opgedaan met het succesvol opschalen en ‘mainstream’ maken van Telehealth. De focus ligt daar niet meer op het product, maar op aanschaf, ingebruikname en exploitatie. Belangrijke succesfactor is dat de overheid e-health steunt met aandacht en financiële prikkels en de regie bij één partij heeft neergelegd: Canada Health Info.’

In 2005 werd de Nederlandse Vereniging voor e-health (NVEH) opgericht om e-health structureel en verantwoord te verankeren in de zorg. ‘De Nederlandse zorgsector loopt nog steeds achter en internationaal gezien zijn we ook bepaald geen koploper. En dat terwijl juist in Nederland alle benodigde infrastructuur meer dan voldoende aanwezig is om de vele toepassingen van e-health optimaal in te zetten’, vertelt Pim Ketelaar, voorzitter van de NVEH. ‘Met de steeds oplopende zorgkosten staat het water Nederland inmiddels tot aan de lippen en e-health-toepassingen kunnen bijdragen aan meer kwaliteit, toegankelijkheid en effectiviteit van zorg. Dat zien we ook in andere landen.’ Niet polderen, vaart maken Ketelaar geeft aan dat het in Nederland blijft bij praten en dat het ontbreekt aan prikkels en regie om e-health structureel te stimuleren. ‘Kijk bijvoorbeeld naar alle geldpotjes die uitgedeeld worden: het innovatieplatform, ZonMW, Zorgverzekeraars Nederland, enzovoorts. Prima natuurlijk om innovaties te steunen, maar dit getuigt niet van een structurele aanpak.’ Daarom pleit Ketelaar voor een 42 | Z kopers

Pim Ketelaar Voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor e-health

Als voorbeeld noemt Ketelaar de introductie van internet­ bankieren. ‘Bij de introductie was het grote publiek huiverig en ontbrak het vertrouwen. Door een uitgekiende campagne bankiert bijna iedereen nu online. Voor de banken zeer kosteneffectief en klanten zijn blij dat ze de controle hebben over de eigen bankzaken, 24 uur per dag, waar dan ook. De banken trekken overigens nog steeds gezamenlijk op om het vertrouwen in internetbankieren op peil te houden.’ Personal Health Records (PHR’s), zoals Google Health, ontwikkelen zich razend snel, weet Ketelaar. Consumenten kunnen hier hun eigen medisch dossier aanleggen en beheren. Ze kunnen medische informatie vinden, een second opinion aanvragen en zoeken naar een zorginstelling die het beste past bij hun persoonlijke profiel. Over empowerment gesproken! ‘Internet kent geen landsgrenzen, dus dergelijke ontwikkelingen houden we in Nederland echt niet tegen. Ook hier zal de consument steeds meer de controle willen hebben over de eigen zorg.’ Dit blijkt overigens ook al uit het visiedocument ‘Gezondheid 2.0’ dat vorig jaar door de NPCF gepubliceerd werd: de zorgconsument wil meer eigen regie, zoals bijvoorbeeld inzage in het medisch dossier, toegang tot betrouwbare medische informatie en contact op afstand met zorgverleners.

E-health-toepassingen: indeling op basis van de verschillende ‘actoren’ Uit Visiedocument Gezondheid 2.0 NPCF, mei 2008 1. D  2D – doctor to doctor Bijvoorbeeld teleconsultatie, teleradiologie, teledermatologie, telepathologie, emd 2. D2P – doctor to patient Bijvoorbeeld telemonitoring, telethuiszorg, e-consult, internetbehandelingen, epd 3. P2P – patient to patient Bijvoorbeeld communities, user generated content, weblogs, rating: kortom health 2.0

‘Ook in Nederland zal de consument steeds meer de controle willen hebben over de eigen zorg.’

Internetbehandelingen Internetbehandelingen in de GGZ en in de verslavingszorg blijken aantoonbaar effectief. Een overzichtelijke beschrijving van dergelijke ‘e-mental health’ behandelingen geven Huson en Nordeman in ‘Technologische ontwikkelingen in de GGZ’

‘Een derde van de cliënten van Interapy geeft aan het face-to-facecontact met de vaste hulpverlener gemist te hebben. Bij doorvragen blijkt dat het merendeel alleen nieuwsgierig is naar welke persoon achter de hulpverlener zit!’ (Stichting Pandora, 2008): ‘De meeste internetbehandelingen zijn gericht op specifieke klachten, zoals depressie, angstklachten of alcoholproblemen. Alle behandelingen zijn sterk geprotocolleerd. De cliënten hebben een vaste hulpverlener die voor de online behandeling een extra opleiding heeft gevolgd. De intake is veelal online. Cliënten met ernstige klachten (bijvoorbeeld bij wie de testscore boven een bepaald niveau is, die automutileren of die suïcidaal zijn) wordt behandeling in het reguliere circuit aangeraden. De programma’s zijn primair gericht op mensen met lichte tot milde klachten, maar in de praktijk blijkt dat veel deelnemers een wat zwaardere problematiek hebben. Blijkbaar voorzien de programma’s ook in een behoefte bij deze groep.’ Dominique Vijverberg van Interapy, de eerste aanbieder in Nederland van GGZ-internetbehandelingen, haakt graag in op deze laatste bewering van Huson en Nordeman. Interapy is namelijk een tweedelijns aanbieder, die met name cliënten behandelt die te kampen hebben met matige tot ernstige klachten. Milde tot lichte klachten worden naar zijn mening toch meestal door een spv-er of psycholoog, dus in de eerste lijn, gezien. Succesfactoren Volgens Huson en Nordeman zijn de succesfactoren van internetbehandelingen de anonieme deelname, de be­ handeling buiten kantooruren en dat er geen reistijden zijn. De behandelingen van Interapy zijn niet anoniem, en Vijverberg geeft aan dat hij van cliënten terugkrijgt dat ze - in tegenstelling tot veel face-to-facebehandelingen - het prettig april 2009 | 43


E-health

vinden dat bij aanvang exact duidelijk is hoe de behandeling gaat verlopen en dat het een enorme meerwaarde heeft dat de behandeling in de vertrouwde thuissituatie kan plaatsvinden. Verder laten cliënten van Interapy weten het prettig te vinden dat de behandelgeschiedenis bewaard blijft en op elk gewenst moment ingezien kan worden. Hierdoor is het overigens ook voor de directe omgeving gemakkelijker om bij de behandeling betrokken te zijn. ‘Ook kennen internetbehandelingen geen wachtlijsten,’ stipt Vijverberg aan. ‘Men kan binnen een paar dagen aan de slag en dit motiveert de cliënt sterk. Deze motivatie is extreem belangrijk voor een succesvol behandelresultaat.’ Dit wordt bevestigd door Heleen Westendorp van alcoholdebaas.nl, een internetbehandeling voor mensen met alcoholproblemen, en René Grim van Roder Consult, een instituut dat gecombineerde ‘op maat’-behandelingen in de verslavingszorg aanbiedt. Andere cliënten? Bij Interapy hebben cliënten vrijwel hetzelfde profiel als in het reguliere face-to-face GGZ-circuit. Alleen hoger opgeleiden zijn licht oververtegenwoordigd. In de verslavingszorg zijn de verschillen groter. Westendorp van alcoholdebaas.nl vertelt dat relatief veel hoger opgeleide vrouwen met een baan zich melden. Deze groep wordt vrijwel niet gezien in de reguliere verslavingszorg. Schaamte speelt daarbij een grote rol. ‘Ook geldt voor het overgrote deel van onze deelnemers dat zij voor het eerst hulp zoeken voor hun probleem,’ zegt Westendorp, ‘en dat ze dit in een veel eerder stadium doen dan in het reguliere circuit.’ ‘In de reguliere verslavingszorg melden zich inderdaad vaak mensen bij wie het probleem al jarenlang speelt en bij wie het probleem nu zo groot is dat ze niets meer te verliezen hebben. Vaak onder druk van de familie,’ vult René Grim van Roder Consult aan. Vijverberg weet dat Interapy een uitkomst biedt voor bijvoorbeeld medewerkers van de KLM en expats die werk­zaam zijn voor het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Voor deze mensen is het praktisch niet haalbaar om een reguliere behandeling te volgen. ‘Ook is er een groep die zich niet kan melden in het reguliere circuit,’ vult Grim aan. ‘Neem bijvoorbeeld een politieagent. Als de verslaving bekend wordt bij zijn werkgever, volgt ontslag. En waar kan een huisarts terecht?’ Huson en Nordeman zochten uit dat circa 1,5 miljoen Neder­landers kampt met een depressie, angstklachten en alcoholproblemen. Een groot percentage wordt niet behandeld. Hoeveel dit precies is, is niet bekend. Wel stellen ze vast dat internetbehandelingen eraan kunnen bijdragen de onderbehandeling van deze stigmatiserende, veelvoorkomende klachten te verminderen. De drempel van internetbehandelingen is namelijk laag, ze zijn goedkoop en minder arbeidsintensief.

44 | Z kopers

E-health

Onbekend maakt onbemind Grim, Westendorp en Vijverberg geven aan dat de mogelijkheden van internetbehandelingen nog onvoldoende bekend zijn bij zorgconsument, zorgverzekeraar en de verwijzers in de eerste lijn. Zowel Vijverberg als Westendorp hebben recent een pr- en marketingcampagne ontwikkeld om de huisarts te informeren. ‘Het is van belang dat de eerste lijn inziet dat het om veilige behandelingen gaat waarvan evidence based is aangetoond dat ze effectief zijn,’ aldus Vijverberg. ‘Het moet voor de verwijzer en zorgconsument duidelijk worden dat er wat te kiezen valt, dat er verschillende behandelingsmethoden zijn.’ Grim is al wel actief in de eerste lijn. In 600 Brabantse huisartsen­ praktijken worden spreekuren door verslavings­consulenten van Roder Consult aangeboden. Een alcohol­probleem wordt door de huisarts slechts in 30% van de gevallen herkend. Door de inzet van de verslavingsconsulent worden huisartsen alerter, wordt de patiënt snel geholpen en weet de huisarts de verschillende behandelingsmethoden met de patiënt te bespreken. Dit blijkt uit een onderzoek van Iris-Zorg, Novadic-Kentron en NISPA. Vijverberg merkt op dat keuzevrijheid ook een steeds belangrijker thema wordt in het inkoopbeleid van zorg­verzekeraars. Specifiek voor de zorginkoper is het goed om te weten dat veel internetbehandelingen bewezen effectief zijn. Het zijn echte behandelingen door professionele hulpverleners. Het betreft doelmatige zorg die breed toegankelijk is en inspeelt op wensen van zorgconsumenten. Zowel Westendorp als Grim benadrukken dat met hun behandelingen de alcoholgerelateerde zorgkosten sterk kunnen verminderen. De lichamelijke schade (onder meer aan lever en zenuwstelsel) van een alcoholverslaving zal minder zijn als het probleem vroeg wordt aangepakt. Te veel

Heleen Westendorp Ontwikkelaar alcoholdebaas.nl

‘Wij zien ook na een half jaar nog hele goede resultaten bij de mensen die alleen een internetbehandeling hebben gehad.’

René Grim Directeur van Roder Consult en Roder Sana

‘Ik geloof niet in alleen online behandelen van verslavingsproblematiek; het afhaakrisico is te groot en nazorg is erg belangrijk om terugval te voorkomen.’ alcohol kan overigens ook slaapproblemen en depressies veroorzaken. Ook zal een vroegtijdige behandeling zich vertalen in een reductie van verzuimkosten van werkgevers. Financiering Een belangrijke bedreiging voor internetbehandelingen is de financiering. Bij veel programma’s is deelname anoniem of zou het animo veel groter zijn als men anoniem zou kunnen deelnemen. Voor zorgverzekeraars blijkt het lastig om anonieme behandelingen te vergoeden. De kans bestaat nu dat bewezen effectieve behandelingen zullen verdwijnen. ‘De politieke wil is er wel’, geeft Westendorp aan. ‘Minister Klink heeft op Kamervragen (motie Van Velzen) aangegeven ruimte te willen maken voor anonieme behandelingsmogelijkheden. Ook heeft VWS het initiatief genomen door een denktank van aanbieders en verzekeraars samen te stellen om oplossingen te bedenken voor dit probleem.’ Maar wet- en regelgeving vormen voorlopig een belemmering en het proces wordt daardoor vertraagd. Grim is benieuwd. ‘NZa houdt vooralsnog vast aan ‘‘eerst melden, dan pas vergoeden’’ dus of Klink het erdoorheen krijgt, is de vraag.’ De toekomst Ketelaar van de NVEH vertelde dat we met e-health internationaal bepaald niet voorop lopen. Maar Vijverberg en Westendorp geven aan dat Nederland met haar internetbehandelingen wel koploper is. Vijverberg krijgt regelmatig vragen over Interapy uit het buitenland en dit geldt ook voor Westendorp van alcoholdebaas.nl. Alle partijen zijn echter behoorlijk optimistisch gestemd over de toekomst. Grim vertelt dat de weerstand groot was toen hij de verslavingsconsulent in de huisartspraktijk introduceerde. ‘Pas toen CZ en UVIT inzagen hoe laagdrempelig en

eenvoudig het idee eigenlijk was en dat de kosten relatief laag waren, kwam er plots een geldpotje voor beschikbaar.’ Dus zo werkt het met veel nieuwe ontwikkelingen in de zorg: eerst weerstand, en als je kunt laten zien wat het effect is, dan pas kun je verder. Vijverberg kijkt vooral uit naar de benchmark in de GGZ die in 2010 afgerond moet zijn. In deze benchmark wordt de output van reguliere en online behandelingen gemeten. De output van Interapy is goed en Vijverberg verwacht dat de behandelingen van Interapy fors kunnen gaan groeien zodra de output door de benchmark bevestigd en bekend wordt. Westendorp verwacht veel van de Randomized Clinical Trial, waarvan de eerste resultaten eind dit jaar bekend worden. In deze RCT wordt onder meer de effectiviteit van alcoholdebaas. nl versus face-to-face onderzocht. De resultaten moeten, net als de benchmark van Vijverberg, bijdragen aan een structurele opname van internetbehandelingen in het zorgaanbod. Ketelaar van de NVEH merkt in al zijn contacten dat de innovatiebereidheid toeneemt en de weerstand afneemt, ook bij artsen. En bij beroepsorganisaties als de KNMG en NHG wordt e-health steeds meer bespreekbaar. Voor zijn gevoel staan we op een omslagpunt. Dat zojuist besloten is dat de patiënt inzage heeft in het eigen EPD is een goed signaal: dit geeft vertrouwen bij de consument en daar draait het immers uiteindelijk allemaal om. ● Pim Ketelaar is voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor e-health en eigenaar van adviesbureau Telecom4Care. www.nveh.nl René Grim is directeur van Roder Consult en Roder Sana. Roder Consult (2007) is 100% dochter van Novadic-Kentron. Roder Consult biedt gecombineerde behandelingen voor verslavingsproblemen: fysieke consulten, online en nazorg. De consulten kunnen ook in de avonduren plaatsvinden, op verschillende plekken in Nederland. www.roderconsult.nl Dominique Vijverberg is directeur van Interapy: de eerste internetbehandeling in Nederland. Opgericht in 1997 als een onderzoeksproject van de UvA. Interapy biedt online behandelingen voor depressie, rouwverwerking, ptss, burn out en angst- en paniekstoornissen. www.interapy.nl Heleen Westendorp is ontwikkelaar alcoholdebaas.nl. Alcoholdebaas.nl (2005) is een website met feiten en tips over alcoholgebruik met internetbehandeling, online forum, online lot­ genotencontact en onderzoek. www.alcoholdebaas.nl

april 2009 | 45


Agenda / Congressen

Agenda / Congressen op erp catego Hèt vakblad over zorginko Onderw

Agenda Paul Cremerslezing ‘Zorg moet een afspiegeling zijn van de samenleving’ Datum: 22 april 2009 Locatie: Hulstkampgebouw, Rotterdam http://www.forum.nl/agenda/ cremerslezing.html Nationaal Farma Congres Datum: 3 juni 2009 Loctie: ’t Spant, Bussum www.sbo.nl PianOO congres Datum: 4 juni 2009 Locatie: Beatrix Theater, Utrecht www.pianoo.nl Zorgcontractering in de praktijk Datum: 4 en 5 juni 2009 Locatie: Meeting Plaza, Utrecht www.sbo.nl NEVI Inkoopdag 2009 Datum: 23 juni 2009 Locatie: Hart van Holland, Nijkerk www.nevi.nl Recente nationale en internationale ontwikkelingen in onderzoek, projecten, bekostiging en beleid van ketenzorg en geïntegreerde zorg Datum: 3 juli 2009 Locatie: Educatorium Universiteit Utrecht www.integratedcare.nl Duurzaam Europees aanbesteden Dit seminar wordt op meerdere data en in verschillende plaatsen georganiseerd. www.ebpnl.com

Symposium: Zorg te koop?! Een inspirerende dag met lezingen en werkgroepen over zorginkoop

Nr 2 Apr il 200

lad over

Onderwerp categorie zorginko

op On de rw er

p ca te go

rie

9

Nr 1 Februari 2009

Wanneer: 14 mei 2009 Waar: Rotterdam, Congrescentrum Engels Tijd: 9.00-16.30 uur Organisatie: Stichting Symposium Beleid en Management Gezondheidszorg (SBMG) Inschrijven: www.symposiumbmg.nl Kosten: € 150,Zorg te koop?! Het jaarlijkse symposium georganiseerd door de SBMG gaat dit jaar over zorg­inkoop. Op deze dag brengen verschillende partijen, zoals zorgverzekeraars, het Ministerie van VWS en diverse consultants, hun visie en ervaringen met het inkopen van zorg ten gehore. In workshops wordt o.a. door deze partijen dieper in gegaan op specifieke aspecten van zorginkoop. Voor het definitieve programma kunt u terecht op de bovengenoemde website, via deze site kunt u zich ook inschrijven. Cursus: Strategie van aanbesteden en creatieve (financiële) aansturing in de Wmo Hoe richt ik mijn opdrachtgeverschap in tijdens een turbulente tijd? Voor welke vragen sta ik? Wanneer: 8 september 2009 (ochtend) en 22 september 2009 (hele dag), totaal 3 dagdelen Waar: Transfergroep Rotterdam, Brainpark 1 Tijd: 8 september van 9.30-13.00 en 22 september 2009 van 9.30-17.00 Organisatie: De cursus wordt verzorgd door Significant onder verantwoordelijkheid van Transfergroep Rotterdam Doelgroep: Wethouders, beleidsambtenaren en inkopers van gemeenten en bestuurders en beleidsmedewerkers van aanbiedende instellingen. Inschrijven: www.transfergroep.nl Kosten: € 665,- inclusief reader en lunch op 22 september 2009 Inhoud van de cursus: Strategie van het aanbesteden met o.a. • Subsidiëren of aanbesteden? • Collectief of individueel • Samenwerkingsvormen • Regionaal of locaal Ook komt de samenwerking binnen de organisatie, buiten de organisatie en met de opdrachtgevers aan de orde. Belangrijke items hierbij zijn: • Wie moet ik wanneer bij het geheel betrekken? • Hoe kan ik cliënten hierbij betrekken? • Wat is adequaat contract- en leveranciersmanagement? Met welke middelen? • Hoe moet de financiële bewaking worden ingericht? Werkmethode Uiteenzetting aan de hand van vele praktijkvoorbeelden. Nadere voorbereiding door de deelnemers aan de hand van gerichte vragen en verdieping van de stof. Het gepraktiseerde is ook in de eigen situatie direct bruikbaar.

46 | Z kopers

Hét vakb

rie

De nieuwe zorg- Patiënt verdie nt grotere inkoper moet r o l es nti ete in zorgin nieuwe comp koop ontwikkelen Interview met Mar c

mp In dit nu interview met Pieter Haseka mm

Berg

(arts en gezondhei dswetensc happer)

er o.a.: de inkoo o-beleid pmach t van DV te verng | zorgveili zorginko sterken N | het ntieerdeinte rnetbeop | kinde reclam hande Van selectieve naar gediffere rwijkte ezuiltje den: In dit nummer o.a.: en moet | aanbesteling op de we am lev in de GG van Ag innovatieve zorgaanbieder ert beter ParC: rkp | is | kan Z aantoo succes lein se | e én go en? | a’s sen gemeente Spijkenis opcolleg nbaar eff en me edkopere | 16.4 miljoen zorginko er... ectief | innovatie tot leidt ntie zorg | zijn zor dat nou echt? | concurre | En meer... ginkop | NZa: klagen is zinvol | 1 pers ers voo 2009 zorginko februari met rbereid specialisten gaan in dialoog om Wm

apr il 200 9 | 1

Mis de volgende editie van niet! Vul de antwoordkaart in of meld je aan op zkopers.nl Zkopers is een initiatief van Media Zorg, een uitgeverij die gespecialiseerd is in de Nederlandse gezondheidszorg. De inhoud van het magazine komt tot stand in zeer nauwe samenwerking met zorginkopers zelf en met professionals die elk gespecialiseerd zijn in één of meerdere aspecten waar u als zorginkoper dagelijks mee te maken heeft.

Jan Telgen: ‘Inkopen en aa nbesteden is m eer dan alleen kiezen. Profes 5 offertes aanv sioneel inkope ragen en de be n ste voor de eigen Professioneel organisatie ve inkopen van zo reist vakwerk. rg, welzijn en sociale dienste voor anderen: n doe je per de dat is meer da n alleen een va finitie k, dat is een ge weldige uitdag ing.’

kblad. k een eigen va s: acht en dus oo Hans Hopman nd aa eren tra lis ex na sio rs verdienen ndsnel profes ‘De zorginkope t ze zich raze le, da ne ht sio ac es rw of ve pr t pers word erne tijd. Een Van zorginko en van de mod voor eis ijk iegr tat es lan pr be n aan de is niet allee en aanpassen koopfunctie van het aanwending - of Wmo-in rg ge zo ati e ev elm cti do fe ef of r aa er ek wen dat rz ou t van de ve kunnen vertr de continuïtei ent moet er op um ns d en de co lei be de op al get. Voor naar goed inko gemeentebud belang vertalen ten en um ns het co deze inkopers ies.’ inkoopprestat re ba nk de st be

april 2009 | 47


Onderwerp categorie

Dansac, de meest toegewijde partner voor iedereen binnen stomazorg

Dansac, de verzorging thuis brochures De praktische benadering van het vervangen van stoma opvangmateriaal, ondersteund met zowel tekst als afbeeldingen.

Toewijding betekent meer dan alleen producten Dansac verbetert haar patiënt informatie en educatie materiaal gericht op de stomazorg continu, om de beste ondersteuning te bieden, zowel vóór als na de operatie. Alle uitingen en publicaties zijn zorgvuldig gekozen in overleg met stomaverpleegkundigen en stomadragers, die hun ervaringen willen delen met anderen. Wij zijn trots op onze toewijding in alle aspecten van de stomazorg. Bezoek ook eens onze website www.dansac.nl.

Dedicated to Stoma Care 48 | Z kopers

E12-100-700 03/09 © Dansac www.lindegaard.dk

Hints en Tips De Hints & Tips brochures zijn speciaal ontwikkeld voor mensen met een stoma. Het doel van dit drietal brochures is het begeleiden van de stomadrager vanaf de operatie tot een aantal maanden na de operatie, en daarna te helpen met het oppakken van het ‘nieuwe’ leven met een stoma. Elke brochure is toegespitst op het specifieke stoma – Colostoma, Ileostoma en Urostoma.

Zkopers editie 2  

Tweede editie van Zkopers. Het vakblad voor zorginkopers

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you