Praten met kinderen – het lijkt zo vanzelfsprekend. En toch vraagt het, elke dag opnieuw, om aandacht, rust en echte nabijheid. In pleegzorg krijgt dat gesprek nog een extra, vaak kwetsbare laag. Een pleegkind, pleeggast of jongere die tijdelijk elders woont, draagt vragen met zich mee waarvoor soms geen eenvoudige woorden bestaan. Juist zij dagen ons uit om, keer op keer, moedig en eerlijk in dialoog te gaan. Dit themanummer van Kleurrijk! nodigt ons uit om te luisteren – écht te luisteren – en om samen taal te vinden voor wat soms moeilijk te benoemen is. De adviezen van An Coetsiers, de spelmethodieken en onze boekentips zijn warme en bruikbare handvatten om je daarin te ondersteunen.
Ook tijdens onze Dialoogdag in oktober gingen we intens in gesprek met de verschillende pleegzorgdoelgroepen: ouders, pleegzorgers, pleeggrootouders, pleegkinderen, pleeggasten, professionals… én — voor het eerst zo expliciet — pleegbroers en -zussen. Hun stem klinkt in veel gesprekken nog te zacht, terwijl hun ervaringen cruciaal zijn bij een pleegzorgsituatie. Ook zij delen hun huis, hun tijd, hun ouders, hun vrienden, hun ritme, ... Hun stem verdient dus minstens evenveel gewicht. We zijn dan ook heel blij dat de Pleegzorgpluim dit keer naar een trotse pleegbroer gaat. Het is een ode aan alle kinderen en jongeren die de deur van hun hart openen – vaak zonder dat iemand dat benoemt. Deze erkenning is voor hen.
Een andere pluim is er eentje voor jullie, onze pleegzorgers die ons tijdens de voorbije Week van de Pleegzorg massaal hielpen om Vlaanderen en Brussel helemaal op te fleuren met duizenden posters aan evenveel warme huiskamervensters. Bovendien hoorden we tijdens deze week in De tafel van Tine op Play een ontwapenende getuigenis van een mama en pleegmama, en lanceerden we het eerste seizoen van onze podcast “Pleegzorg, niet perfect, altijd de moeite” waarin pleegzorgambassadeur Tom De Cock in gesprek gaat met heel wat pleegzorgbetrokkenen. Het resultaat is een reeks beklijvende gesprekken vol eerlijke en warme pleegzorgverhalen. Aarzel niet om hem toe te voegen aan je favorietenlijstje op Spotify!
Je merkt het, de pleegzorgverhalen zijn nog lang niet opgedroogd en het enthousiasme om hiermee naar buiten te komen groeit elke dag. We geloven dan ook dat we ze nóg breder, frisser en krachtiger kunnen delen met jullie en alle andere betrokkenen bij pleegzorg. Daarom zullen we deze Kleurrijk! het komende jaar achter de schermen een opfrisbeurt geven en drukken we heel even de pauzeknop in. In 2026 zorgen we sowieso voor een best-ofeditie met een overzicht van de voorbije jaren om dan in het najaar met een vernieuwde Kleurrijk! naar buiten te komen. We kijken er alvast heel erg naar uit!
Dit najaar trokken we met een nieuwe campagne naar de wachtzalen van huisartsen in de hele provincie Antwerpen. Huisartsen zijn vaak het eerste aanspreekpunt voor gezinnen die het moeilijk hebben. Via hen willen we pleegzorg zichtbaarder maken en zo nog meer kinderen en jongeren een warme plek geven.
Alle huisartsen ontvingen een infobrief, een poster en flyers om in hun wachtzaal te leggen. De focus ligt op ondersteunende pleegzorg Met de campagne hopen we ook nieuwe kandidaat-pleeggezinnen te bereiken die misschien nog niet eerder aan pleegzorg dachten. Want soms maakt een paar dagen per maand al een wereld van verschil. Zo hopen we dat nog meer gezinnen de stap zetten om een kind af en toe een warme plek te bieden.
BOEKENTIP: Ondersteunend opvoeden, Kompas in een complexe wereld
Joost Devolder werkte ruim 40 jaar als pleegzorgmedewerker binnen de Jeugdhulp. Het thema ‘opvoeding’ groeide uit tot zijn passie. In 2004 ontving hij voor zijn vernieuwend werk een award uit de handen van de toenmalige Prinses Mathilde. In 2005 verscheen zijn eerste boek Positief opvoeden (Garant) dat door verschillende organisaties werd gebruikt om ouders te inspireren. In 2011 volgde Opvoeding in evolutie (Garant). Nu schreef Joost Ondersteunend opvoeden, Kompas in een complexe wereld (Garant). Het boek wil op een bevattelijke manier teruggaan naar de essentie en de eenvoud: opvoeden benaderen als een reis met je kind waarbij je probeert te zorgen voor en te genieten van elkaar.
De auteur is hoopvol en gelooft rotsvast in de competenties van ouders en kinderen. Zelfvertrouwen is zowel voor kinderen als voor ouders een belangrijke hefboom. Het ‘opvoedkompas’ wijst de drie richtingen aan die er voor kinderen en ouders toe doen om met een gerust hart
te kunnen zeggen: ‘We zijn goed bezig!’ Dit kompas wordt aangevuld met een inspiratielijst met tips die helpen om de gewenste richtingen aan te houden. Tot slot neemt het boek je mee in de wondere wereld van hoe kinderen ‘ont-wikkelen’. Elke ontwikkelingsfase gaat gepaard met specifieke uitdagingen en kansen, zowel voor ouder als kind.
Dit boek is een absolute leestip voor iedereen die opvoeden een uitdaging vindt!
Ontmoetingsgroep pleegzorgers Pleegzorg
Limburg
Ken jij de ontmoetingsgroep voor pleegzorgers al?
De ontmoetingsgroep voor pleegzorgers is volledig gericht op het uitwisselen en delen van kennis. Een uitgelezen kans om met andere pleeggezinnen te praten over allerlei thema’s, en samen naar oplossingen voor dingen waar je tegenaan loopt, te zoeken. Je leert er de noden van jezelf, je pleegkind en de context beter begrijpen. Het is de ideale plek om kracht te putten, je hart te luchten, energie op te doen en nieuwe vriendschappen te zien ontstaan.
Iets voor jou? De ontmoetingsgroep komt maandelijks samen (uitgezonderd tijdens de zomervakantie). Alle data en het inschrijvingsformulier vind je terug op de website: https://www.pleegzorg. be/ontmoetingsgroepen-limburg/ontmoetingsgroep-pleegzorgers
Pleegzorgdag 2025
Op 11 oktober vierden we opnieuw onze Pleegzorgdag! Pleegkinderen, -jongeren, -gasten, pleegzorgers en ouders waren een hele dag welkom in Bellewaerde.
Meer dan 1.700 deelnemers genoten van de attracties, de dieren en vooral van het samenzijn.
Een groot spel zorgde voor extra verbinding, en als kers op de taart kreeg iedereen aan het eind van de dag een cadeautje mee naar huis.
Bedankt aan iedereen die erbij was en er samen met ons een warm en hartelijk feest van maakte!
Save the date: Pleegzorgdag, 12 september 2026
Na het grote succes van de editie in 2024 organiseren we op zaterdag 12 september 2026 opnieuw een Pleegzorgdag in Zoo Planckendael. We trakteren je dan op een heerlijke dag in de dierentuin met lunch en kinderanimatie.
Meer informatie volgt binnenkort, inclusief de mogelijkheid om je in te schrijven. Zet de datum alvast in je agenda, we kijken ernaar uit je te verwelkomen!
Dialoogdag “de kracht van samen”.
Op 18 oktober 2025 kwamen meer dan 200 belanghebbenden van pleegzorg samen in het Vlaams Parlement voor een dialoogdag met als titel “de kracht van samen”. Pleegzorgers, ouders, pleeggasten, pleegjongeren, -kinderen, pleeggrootouders, pleegbroers-en zussen en pleegzorgmedewerkers kwamen om in gesprek te gaan over het recht op informatie in pleegzorg. Er werd in groepen over het thema gepraat en in dialoog gegaan met experten rond het thema. De vragen en adviezen die uit deze gesprekken kwamen worden nu gebundeld en in een beleidsnota gegoten met de bedoeling die terug te koppelen naar de overheid: het Agentschap Opgroeien, maar ook naar de doelgroepen zelf en de pleegzorgdiensten. Zo kunnen we
de bezorgdheden ter harte nemen en de tips in daden omzetten in het werkveld en de concrete pleegzorgsituaties in Vlaanderen en Brussel. We benadrukken graag nog eens hoe trots en dankbaar we zijn om zoveel betrokken deelnemers en de interessante signalen die we die dag ontvingen. Met “de kracht van samen” willen we pleegzorg in Vlaanderen en Brussel nog beter maken!
VLAAMS-BRABANT
“Luisteren kan altijd, oplossen niet”: in gesprek met pleegkinderen en -jongeren
— Tekst: Tinne De Smet —
De valkuil van ‘te veel praten’
An start het gesprek met een opvallende opener: “Ik denk niet dat we de boodschap moeten geven aan (pleeg)ouders dat ze meer moeten praten met hun (pleeg) kind. We leven in een maatschappij waarin praten centraal staat. We zijn allemaal mondiger geworden waardoor we met zijn allen heel goed kunnen discussiëren. Maar dat is nog iets anders dan goed kunnen praten. Dus ja, het klopt deels dat praten belangrijk is. Maar probeer als (pleeg)ouder vooral eens stil te staan bij wanneer en hoe je praat met je (pleeg)kind. Mijn pleidooi is niet om meer te praten, maar om beter te praten”.
Om te beginnen is er de timing waarop je een gesprek voert. Als (pleeg)ouder zijn we geneigd om lastige situaties ‘nu’ te willen uitpra-
Pleegzorg is een warm engagement. Het is de keuze om een kind – vaak met een kwetsbaar verleden – een veilige thuis te bieden. Maar het is ook een keuze die vraagt, schuurt, en confronteert. Vooral het in gesprek gaan met pleegkinderen of -jongeren blijkt voor veel pleegouders een zoektocht. Ze willen het goed doen, steun bieden, luisteren, grenzen aangeven. Maar hoe doe je dat, als een kind niet praat? Of juist explodeert? Hoe voer je een écht gesprek met een kind of jongere die zoveel heeft meegemaakt?
We leggen ons oor te luister bij An Coetsiers. Zij is klinisch psycholoog en gedragstherapeut en al heel wat jaren gaat ze in gesprek met kinderen en jongeren in haar groepspraktijk De Praatdoos. Ze is ook werkzaam aan de Universiteit Gent als praktijkassistente aan de faculteit Psychologie en geeft vaak vorming rond dit thema. Daarnaast is ze ook mama van twee tieners.
ten, maar het heetst van de strijd is zelden het juiste moment voor een goed gesprek. Dan is het beter om af te koelen en pas nadien opnieuw contact te maken. Als je voelt dat het gesprek nergens heen gaat, is het beter om eruit te stappen en te zeggen dat je er later op zult terugkomen. Een gouden regel is hier: eerst reguleren (rust brengen), dan relateren (verbinding maken) en dan pas redeneren (praten over het probleem). Kinderen - en ouders trouwens ook - kunnen niet goed in gesprek gaan als ze overprikkeld zijn. Eerst moet de storm gaan liggen.
Ik merk ook dat ouders vaak hun kinderen overschatten op het vlak van praten. Kinderen en jongeren zijn vaak mondig en kunnen verbaal heel vlot overkomen, maar dat betekent nog niet dat ze hun gevoelens en gedachten kunnen ver-
woorden. Zeker pleegkinderen zijn door hun geschiedenis vaak sociaal-emotioneel jonger dan hun kalenderleeftijd, en dat vraagt afstemming. Je verwachtingen bijstellen in gesprek én veel geduld zijn hier de boodschap. Dat botst soms met hoe pleegouders in een pleegzorgverhaal gestapt zijn. Ze geven een kind liefde, structuur en een thuis in de hoop dat dat voldoende is. Als ze dan merken dat het toch niet lukt, volgt de teleurstelling. Pleegouders willen het goed doen en worstelen soms met een gevoel van falen als de dingen dan niet lopen zoals ze gehoopt hadden.
Pleegkinderen en -jongeren ‘spreken’ vaak niet in woorden, maar in gedrag. Ze klappen dicht of ze ontploffen. Ze trekken zich terug of zoeken net eindeloos contact. Als pleegouder probeer je te ‘luisteren’ naar dat gedrag en te zoeken naar
wat het betekent. Wat probeert het kind duidelijk te maken met zijn gedrag? En daarna ga je samen op zoek naar wat het kind nodig heeft? Daarnaast moet er niet alleen gepraat worden, maar is ook ‘daadkracht’ belangrijk. Als (pleeg)ouder volstaat het niet om oeverloos te discussiëren over bepaalde afspraken, maar moet je soms duidelijke grenzen stellen. En dat vraagt soms ook een fysieke actie in plaats van eindeloos praten. Als een kind er ondanks gemaakte afspraken niet in slaagt om zijn tabletgebruik te beperken, dan haal je de tablet gewoon weg met de boodschap ‘ik zie dat het jou niet lukt om je aan onze afspraken te houden, dus ik zal je helpen’. Geen dreigende boodschap dus, maar wel een duidelijke grens. En daar heeft elk kind nood aan, maar pleegkinderen misschien nog net iets meer. Te veel praten kan die daadkracht ook ondermijnen.
Investeren in de band: eerst connectie, dan correctie
Kinderen en jongeren zullen pas dingen leren van volwassenen als ze zich gezien voelen door hen. Die connectie is de basis van een goed gesprek. Pas als er een band is, als kinderen en jongeren voelen dat je geïnteresseerd bent in wie ze zijn, los van hun gedrag, zullen ze openstaan voor een goed gesprek én zullen ze zich laten corrigeren in hun gedrag.
Vandaar mijn oproep om ook interesse te tonen in de leefwereld van het kind of de jongere. Wees nieuwsgierig naar zijn games, zijn muziek. Ga erbij zitten en stel vragen. Kijk eens samen een serie die hij leuk vindt. Niet omdat het moet, maar omdat je echt wil verbinden. En soms krijg je niets terug. Maar toch blijf je investeren. Het is soms keihard werken. Maar die relatie vormt de basis voor alle verdere communicatie.
Er wordt soms gezegd: smeed het ijzer als het koud is. Door te werken aan de band met je kind, heb je ook een basis om op terug te vallen als er zich problemen voordoen.
De kracht van luisteren
Pleegkinderen hebben vaak al heel wat meegemaakt en dat zorgt soms
voor heftige emoties. Pleegouders weten niet altijd goed hoe hiermee om te gaan als die in gesprek naar boven komen. Daardoor zien we soms de neiging om het gesprek te vermijden.
We zijn ook een beetje bang voor grote emoties. Hoe vaak zeggen we als volwassene niet: “je moet niet boos zijn” of “je moet niet bang” zijn. We duwen die emoties vaak wat weg, maar dat helpt niet. De boodschap hier is: luisteren kan altijd, oplossen niet. We voelen vaak de drang om problemen te fixen, om met oplossingen te komen voor de kinderen of jongeren, om hun emoties weg te nemen. Maar gevoelens willen gehoord worden. Iemand die verdrietig is, heeft vooral nood aan gezien worden in zijn verdriet, niet aan een oplossing. Zeg dus gerust: “Ik zie dat je verdrietig bent omdat je mama niet gekomen is. Ik wou dat ik het kon oplossen, maar dat kan ik niet. En dat vind ik ook lastig”. Dan heb je al heel wat gedaan!
Als therapeut is het ook nooit mijn doel om een kind bijvoorbeeld minder bang te laten zijn. Nee, die emotie is er en ik ga die samen met het kind onderzoeken. Wat is dat, bang zijn? Hoe kunnen we dat verstaan? En hoe gaan we leren om dapper te zijn? Aan het bang zijn kun je niets veranderen, maar als een kind leert ontrafelen wat die angst precies is en wat die hem vertelt, dan kan het er meestal ook beter mee omgaan.
Als pleegouder kun je een pleegkind helpen om zijn gevoelens te leren benoemen. In dit liefst al vanaf de kleuterleeftijd. Zo bestaan er heel wat emotieposters om in je huis op te hangen en die helpen om gevoelens onder woorden te brengen. Zo leren kinderen wanneer ze blij, bang, boos of verdrietig zijn. Maar ook complexere emoties zoals trots of verlegenheid kunnen zo woorden krijgen.
Iemand die verdrietig is, heeft vooral nood aan gezien worden in zijn verdriet, niet aan een oplossing.
‘Babbelen’ op maat van de leeftijd
Praten met een kleuter is uiteraard niet hetzelfde als praten met een puber. In gesprek gaan met kinderen en jongeren vraagt afstemming op hun ontwikkelingsniveau. Zoals gezegd overschatten we kinderen vaak. Kleuters hebben nog geen zicht op hun binnenkant, zijn heel concrete denkers en denken vaak zwart-wit over iets. Bovendien leven ze vooral
in het hier-en-nu: wat nu gebeurt, overheerst. Als kinderen hier bij mij op gesprek komen en ze hebben net ruzie gehad met hun mama in de auto, dan zal dat een ‘stoute mama’ zijn. Spreek ze een uur later en je kunt al helemaal iets anders horen. In gesprek met een kleuter is het dus belangrijk om heel concrete vraagjes te stellen. Het kan helpend zijn om zo’n gesprekje te ondersteunen met een vertelplaat of een boekje. Kleuters kunnen zich immers nog niet zo lang focussen en dus is alleen praten vaak onvoldoende. Aan de hand van een concrete tekening kan een kind vertellen hoe dat dan bij hem is. Vaak verwachten we ook van kleuters dat ze zich al in de schoenen van een ander kunnen verplaatsen. Een vraag als ‘denk jij dat dit leuk is voor die andere?’ kan een kleuter nog niet beantwoorden. Zich inleven in de ander kan je ten vroegste op zes jaar verwachten. En kinderen met hechtingsproblemen, zoals er heel wat zijn in pleegzorg, hebben bijna altijd moeite met het innemen van het perspectief van de ander. Vanaf de tweede helft van de lagere school kunnen kinderen meestal hun gevoelens en gedachten verwoorden. Dan pas kun je vragen: “Wat denk je daar nu bij? Wat voel je daar nu bij?”
Pubers hebben die vaardigheid normaal gezien al goed onder de knie maar daar bots je vaak op de realiteit dat ze niet meer willen spreken met hun ouders. Dan moet je zoeken wanneer je daarin toegelaten wordt en wanneer niet. En dan komen we terug op het investeren in je band: er zijn, aanwezig zijn, je deur openzetten. Er zijn als ze willen praten, maar forceren helpt niet.
Hou er in pleegzorg rekening mee dat heel wat kinderen op sociaal-emotioneel gebied jonger functioneren dan hun kalenderleeftijd. In gesprek stem je dus best af op de sociaal-emotionele leeftijd van een kind. En dat is niet zo makkelijk als je een puber voor je hebt die sociaal-emotioneel functioneert op kleuterniveau.
Pleegkinderen en -jongeren
‘spreken’ vaak niet in woorden, maar in gedrag.
Ze klappen dicht of ze ontploffen. Ze trekken zich terug of zoeken net eindeloos contact.
Hulpmiddelen om in gesprek te gaan
Tegenwoordig bestaan er heel wat hulpmiddelen die gesprekken kunnen ondersteunen. Ze helpen om je kind uit te nodigen om in gesprek te gaan.
Ik verwees al naar de emotieposters en naar vertelplaten en boekjes. Zo kan het boekje over het gevoelensmonster jonge kinderen helpen om taal te geven aan wat ze voelen. Op de website van pleegzorg vind je heel wat boekjes over ‘pleegkinderen’. Maar er bestaan ook heel wat kaartjes die gesprekken kunnen helpen ondersteunen. Zo denk ik aan de kaartjes ‘Vraag maar!’ om in gesprek te gaan met je gezin.
Daarnaast kunnen ook heel wat websites, al dan niet rond een specifiek thema, een goed aanknopingspunt vormen voor gesprek. Bovendien vind je er als (pleeg) ouder heel wat nuttige info en materiaal om mee aan de slag te gaan. Ik denk hier aan de websites Noknok (over mentaal welbevinden), Awel (een website voor kinderen en jongeren) of MediaNest
(opvoeden in een digitale wereld). Ook de website ‘SOS kinderen en emoties’ bevat een schat aan interessant materiaal en op de website ‘eerstehulpbijemotiesvantieners’ vind je een e-learning over omgaan met emoties die je als (pleeg)ouder gratis kunt volgen.
Kinderen en jongeren die moeilijk praten, zijn vaak geholpen met spelletjes waarin ze dingen moeten verwoorden. Ik denk aan ‘Wie is het?’ of ‘Wie ben ik?’. Of ‘Story cubes’, dobbelstenen die uitnodigen om op een speelse manier iets te vertellen.
Maar ook hier geldt: bekijk welk materiaal aangepast is aan de (sociaal-emotionele) leeftijd van jouw pleegkind en zoek naar wat aansluit bij de leefwereld van je kind.
Tot slot: wees mild voor jezelf
Op de vraag of An nog een boodschap heeft voor pleegouders, houdt ze een pleidooi voor mildheid voor jezelf als pleegouder. Soms zijn pleegouders hard voor zichzelf. Ik zie vaak pleegouders die van zichzelf verwachten dat ze het allemaal goed doen. Maar het is oké om zoekend te zijn. Om fouten te maken. Om opnieuw te beginnen. Net zoals kinderen leren, leren (pleeg)ouders ook. Door te proberen, door steeds opnieuw het gesprek aan te gaan. Ook dat versterkt je relatie met je pleegkindof jongere.
Pleegzorg is geen sprint, maar een marathon. Daarvoor moet de batterij opgeladen blijven. Elke ouder ervaart ‘opvoedstress’, maar voor pleegouders is die vaak nog meer aanwezig. Zoek als pleegouder dus wat voor jou werkt om het vol te houden. Voor de ene is dat sporten, voor de andere het huis poetsen, lezen of praten met anderen. Het maakt niet uit wat het is, zolang het maar voor jou werkt. En durf een reddingsboei uit te gooien. Je hoeft dit niet alleen te doen. Zoek verbinding, erken je grenzen en vraag hulp. Je kunt dan aan den lijve ondervinden dat het helpt als er gewoon eens iemand luistert, zonder dat er een pasklare oplossing geboden wordt.
Praten met kinderen kan ook anders!
Via een activiteit, een spel of een boek samen stilstaan bij emoties
Kinderen motiveren om te praten over hun gevoelens is geen gemakkelijke opdracht voor (pleeg)ouders. Ze hebben er vaak geen zin in of vinden het moeilijk om te verwoorden wat er in hun hoofd en lichaam omgaat. In dit artikel reiken we je alternatieve manieren aan om samen met je (pleeg)kind stil te staan bij emoties: via een spel, een activiteit of een boek.
Op een speelse, laagdrempelige manier help je je (pleeg)kind bij zijn emotionele ontwikkeling en werk je aan het versterken van jullie onderlinge band. Je (pleeg)kind leert stil te staan bij wat het voelt, gevoelens te benoemen en ze te delen met anderen — vaardigheden die ook later van grote waarde zijn.
Als (pleeg)ouder doe je actief mee aan het spel en praat je ook over jouw gevoelens, afgestemd op de leeftijd van het kind. Zo leer je je kind taal geven aan emoties en toon je dat ook volwassenen gevoelens hebben. Het is bovendien ondersteunend dat je kind niet de enige is die zich kwetsbaar opstelt.
Spelletjes en activiteiten die peilen naar emoties zijn vooral geschikt wanneer je kind zich rustig voelt. Is je kind overstuur na een moeilijk bezoek, een lastige schooldag of een ruzie thuis? Geef het dan eerst tijd en ruimte om tot rust te komen. Soms kun jij daarbij helpen door samen te springen op de trampoline, te gaan fietsen of wandelen, of door samen een mandala te kleuren (co-regulatie). Sommige (pleeg)kinderen willen liever alleen zijn om te kalmeren. Dan kun je vanop afstand tonen dat je er bent, tot je kind klaar is om opnieuw nabijheid toe te laten.
Het is niet de bedoeling dat elk spel of elke activiteit leidt tot grote gesprekken of inzichten. Het mag luchtig en speels blijven. Het belangrijkste is dat je samen oefent in het bespreekbaar maken van emoties op een toegankelijke manier.
Doel: elkaar beter leren kennen
Leeftijd: vanaf 6 jaar (kan ook met jongere kinderen als je de vragen aanpast)
Aantal deelnemers: bij voorkeur minimum 3 – met 2 kan ook Speelwijze: Alle deelnemers staan in een cirkel. Als (pleeg)ouder stel je vragen die je vooraf hebt opgeschreven (je gezinsleden mogen ook vragen bedenken). Wie zich herkent in een vraag, zet een stap naar voren. Combineer luchtige vragen met vragen die peilen naar gevoelens. Begin met enkele eenvoudige vragen en wissel af met gevoeligere. Zorg voor een goed evenwicht tussen speelsheid en ernst. Je kunt iedereen laten vertellen waarom hij/zij wel of geen stap naar voren zette.
Voorbeeldvragen:
• Wie heeft een hond als lievelingsdier?
• Wie houdt van de kleur geel?
Cirkelspel
• Wie eet het liefst spaghetti? (Vraag eventueel aan wie géén stap zette wat hun lievelingseten is.)
• Wie mist soms iemand die overleden is?
> Wie mis je dan?
> Hoe voel je je op dat moment?
> Praat je er met iemand over?
> Zou je het fijn vinden om erover te kunnen praten?
• Wie heeft wel eens verdriet op school of op het werk?
> Wanneer was dat?
> Wat gebeurde er?
> Wat deed je toen?
> Kunnen mensen aan jou zien dat je verdrietig bent?
• Wie is al eens boos geweest op de juf of baas?
> Wat gebeurde er?
> Wat deed je toen?
> Waar voelde je de boosheid in je lichaam?
> Wat hielp jou toen?
• Wie vindt het niet leuk om te gaan slapen?
> Waarom niet?
> Wat helpt jou om in slaap te vallen?
> Wat zou jou kunnen helpen om liever te gaan slapen?
• Wie is bang van ruzie?
> Wat maakt jou bang?
> Wat voel je dan in je lichaam en waar?
> Praat je er met iemand over?
> Wat zou jou kunnen helpen?
— Auteur: Bernadette Verdonck
Boekentips over emoties
Boeken zijn een fijne manier om je kind te laten kennismaken met emoties en kunnen een mooie ingang zijn voor een gesprek.
• Soms ben ik…
– Kathrin Schärer (3–6 jaar)
• Kamiel de groene kameleon – Danielle Steggink (3–9 jaar)
• Daantje Vulkaantje – Mandy Langbroek (3–9 jaar)
• Draakje Vurig – vanaf 4 à 5 jaar, herkenbaar voor entousiaste, wilskrachtige maar toch zo gevoelige heethoofdjes
• De boeken en spelletjes van de Gevoelensmonsters (vanaf 3 jaar)
Boeken over pleegzorg vind je op de website van Pleegzorg Vlaanderen: www.pleegzorgvlaanderen.be. Typ in de zoekbalk ‘boeken over pleegzorg’.
Silhouetspel
Doel: stilstaan bij de leefwereld van je (pleeg)kind –leren dat emoties ook lichamelijk voelbaar zijn
Leeftijd: vanaf 6 jaar
Aantal deelnemers: 2
Benodigdheden: groot papier (bv. behangpapier), dikke stift
Werkwijze: Je (pleeg)kind gaat op het papier liggen zodat jij zijn silhouet kunt tekenen. Als liggen niet prettig is, kun je het papier tegen de muur hangen en het silhouet staand tekenen. Is ook dat te moeilijk, dan kun je een peperkoekmannetje tekenen als alternatief.
Laat je kind de buitenkant versieren met vragen zoals:
• Hoe zie jij eruit?
• Welke kleur haar heb je?
• Welke kleur ogen?
• Hoe ziet je neus/mond eruit?
Stel daarna vragen zoals:
• Wie zit er in jouw hoofd? Aan wie denk je vaak?
• Maak je je soms zorgen? Waarover?
• Wie zit er in jouw hart? Wie zie je graag? Wie mis je?
• Wat ligt er op je maag? Waar ben je boos over? Kun je daarover praten?
• Wat doe je graag met je handen/voeten?
• Waar voel je boosheid/verdriet/piekergedachten in je lichaam? Hoe laat je dat zien? Hoe kunnen anderen dat merken?
Je kind schrijft de antwoorden op zijn silhouet.
Schatkist
Doel: via een symbool vertellen hoe je je voelt – geschikt na school, na een bezoek, of als voorbereiding op een bezoek
Leeftijd: vanaf 4 jaar
Aantal deelnemers: 2 of meer
Werkwijze: Vul een doos of kistje met allerlei kleine voorwerpen: steentjes, veren, touw, plastic diertjes, een potje plasticine, een stylo, een batterij, elastiekjes, poppetjes, bolletjes, een lijmstift, een alien, een diamant, een hartje, schelpjes...
Laat je (pleeg)kind een voorwerp kiezen dat past bij hoe het zich voelt. Kies zelf ook een voorwerp. Vertel om de beurt waarom je dat voorwerp koos en wat het zegt over je gevoelens.
Je kunt de schatkist gebruiken na een moeilijk moment, maar ook op een gewone dag. Het is een fijne ingang voor een gesprek, dat niet altijd lang of ernstig hoeft te zijn. Zo koos een kind na een loopwedstrijd de bom uit de schatkist: “Ik had het zo warm dat ik dacht dat ik ging ontploffen!”
Leuke spelletjes voor tussendoor (bv. in de auto)
• Kwaliteitenspel: Welke kwaliteit kies jij voor jezelf? Waar ben jij goed in? Welke kwaliteit kiezen wij voor jou? Welke kies jij voor mij? + Waarom?
• Dierenspel: Welk dier kies jij voor jezelf? Welk dier kiezen wij voor jou? Welk dier kies jij voor mij? + Waarom?
• Tovervraag: Stel dat jij een tovenaar, fee of elf was, wat zou je dan toveren?
• Alienvraag: Stel dat er aliens naar de aarde komen, wie zouden ze meenemen en waarom?
• Eilandvraag: Stel dat je naar een onbewoond eiland moet, welke drie dingen/personen zou je meenemen?
BOEKENTIP Slaapklets
Slaapklets is geliefd bij ouders en kinderen. Het is een bijzonder dagboek met leuke vragen en speelse opdrachten. Vul ’s avonds voor het slapengaan samen een pagina in. Door de concrete vragen vertellen kinderen spontaan wat ze meegemaakt hebben en hoe dat voelde. Slaapklets is fijn om de dag te laten bezinken en het biedt een waardevol moment van echte aandacht tussen kind en (pleeg)ouder.
Slaapklets nodigt uit om de dag te laten bezinken met vragen en opdrachtjes en tips om lekker te slapen. Bovenaan iedere pagina staan vaste vragen: Hoe was je dag? Wat was leuk, wat was stom? Heb je zin in morgen? Onderaan op iedere pagina staat een verrassende opdracht. Van ademhalingstips en ontspanningsoefeningen tot grappige vragen die aanleiding zijn voor een leuk gesprek of een moment van ontspanning voor het slapen gaan.
Er bestaan inmiddels verschillende edities:
Slaapklets voor kleuters is speciaal gemaakt voor 4 tot 7-jarigen. De opmaak is anders dan deel 1, 2 en 3. Per dag vul je een spread (twee pagina’s) in. Op de linkerpagina staan steeds dezelfde plaatjes om de dag door te nemen. Op de rechter pagina staat elke keer een andere opdracht of spelletje.
Slaapklets deel 1, deel 2 en deel 3 zijn gelijk qua opzet. Per dag vul je één pagina in. Op de bovenste helft van de pagina staan steeds terugkerende vragen en op de onderste helft elke keer een andere opdracht of spelletje. De volgorde van gebruik maakt niet uit. Ieder deel heeft uiteraard weer nieuwe inhoud. Alle delen zijn geschikt voor 6+.
Wat ik niet zeg
Er is zoveel gebeurd
Waarover ik met je wil praten
Maar je bent nog zo klein
Dat ik denk dat ik het beter kan laten
Ik laat het praten over zaken
Die jou verdrietig zouden kunnen maken
Ik laat het passeren
Tot de dag
Dat jij er klaar voor bent en zegt:
Het mag
Tot jij mij vragen komt stellen
En ik je eindelijk kan vertellen
Hoe het is gegaan
En wat er is gebeurd
En jij mij dan kan zeggen
Hoe het jouw leven heeft ingekleurd
Soms verlang ik naar dat moment
Omdat het mij belangrijk lijkt
Voor wie je bent
Ik vind dat je recht hebt om
Uit mijn mond te horen
Hoe je leven is verlopen
Sinds de dag dat je bent geboren
Maar ik laat het
Ik wacht
Zodat je kan opgroeien
In je kracht
Wat ik je nu kan vertellen
Zijn simpele dingen
Heel gewoon en klein
Woorden die je bekrachtigen
Om jezelf te kunnen zijn
‘Lies’
Hallo, ik ben Lies (45). Ik ben getrouwd met Gert (47) en samen runnen we, naast een eigen zaak, ook nog een gezin met 4 kinderen: Marie (20), Jef (17), Josefien (14) en L. (10)*. 13 jaar geleden waagden we de sprong als pleeggezin. We begonnen als crisisgezin maar sinds 10 jaar verblijft ons pleegzoontje L. bij ons. De gezellige chaos en onvermijdelijke drukte in ons gezin zijn een bron van inspiratie voor mijn blog ‘Leef lach Lies’ (www.leeflachlies.com).
Het blijft me dagelijks verbazen en intrigeren hoe verschillend onze vier kinderen zijn. Een dochter van 21, een zoon van 18 gevolgd door nog een dochter van 15 en een pleegzoon van 11: dat zijn heel uiteenlopende leeftijden die het leven hier thuis boeiend en mezelf alert houden, want de knop moet omgedraaid worden afhankelijk van welk kind voor me staat. Al heeft dat niet alleen met de leeftijd te maken, maar vooral met de eigenheid van het kind.
Snel switchen van onderwerp en manier van praten is dus de boodschap wanneer ik in gesprek ga met mijn kinderen. De oudste dochter studeert en werkt wanneer het kan. Ze denkt aan samenwonen met haar vriend én droomt luidop van een eigen gezin. Mijn man en ik genieten van de gesprekken aan de keukentafel met het jonge koppeltje dat raad vraagt én gewillig in ontvangst neemt. Ze gaan in discussie, geven hun mening en slagen er meer dan eens in om óns van gedacht te doen veranderen. Het is een verademing om met je eigen dochter als volwassenen onder elkaar te kunnen praten.
De andere dochter is volop aan het puberen en dat maakt een gesprek voeren tegenwoordig minder evident. Een gesprek met haar voelt alsof ik mijn weg moet zoeken in een mijnenveld. Ze voelt zich sneller aangevallen. In het beste geval blokt ze de conversatie dan af en neemt letterlijk afstand. Wanneer ik minder geluk heb, trap ik op haar tenen en ontploft de boel. Wat een contrast met nog niet eens zo lang geleden, toen we wekelijks ettelijke uren in de auto al pratend doorbrachten. Gelukkig zijn er af en toe momenten waarop ze zelf toenadering zoekt. Het is een werkpunt voor mij om dan mijn volledige aandacht op haar te richten en de kans op een gesprek niet te laten schieten. Deze dochter is kritisch en recht door zee. Ze zal het niet nalaten me onder
mijn voeten te geven wanneer ik met één oog op mijn gsm, naar de tv of in de kookpotten blijf kijken. En terecht!
Met onze pleegzoon zijn we hopelijk nog enkele jaren verwijderd van de puberteit. De gesprekken met hem worden gevoerd in de auto op weg naar of van school én in bed. Hij is elf, maar meestal kruip ik - op zijn vraag - nog even bij hem in bed en lees ik voor. Hij wordt er kalm van. Het brengt rust in zijn hoofd en dan komen de vragen. Tientallen vragen die mij duidelijk maken wat het ventje bezighoudt en hoe het met zijn gemoedstoestand gesteld is. Hij heeft ondertussen geleerd om zijn emoties te herkennen en er taal aan te geven. Daar maakt hij dan ook dankbaar gebruik van.
Dit staat in schril contrast met onze oudste zoon. Hij was nooit een vlotte prater, maar met de puberteit ging de kinderlijke onschuld verloren en daarmee ook de weinige momenten waarop hij ons toch een kijk gaf op zijn complexe binnenkant. Communiceren met hem is meestal eenrichtingsverkeer waarbij ik me de vraag stel hoe veel of weinig er van de boodschap blijft hangen. In mijn zoektocht naar verbinding met hem heb ik de oplossing gevonden in whatsapp of andere chatplatformen. De afstand die er dan letterlijk tussen ons is, zorgt soms voor verrassend eerlijke reacties. Bovendien verplicht het hem én mij om na te denken over wat je gaat typen. Zo krijg ik soms de kans om een te impulsief berichtje te verwijderen voor hij het leest.
Communiceren tout court is moeilijk, laat staan met kleine kinderen, pubers en jongvolwassenen. Met je eigen kinderen komt daar vaak nog een extra dimensie bij omdat je emotioneel te betrokken bent. Hiervoor bestaat geen handleiding en het is een constante zoektocht naar manieren om aansluiting, verbinding en contact te vinden met je kroost.
“Van ons kreeg hij al zoveel pluimen dat hij haast kan vliegen.”
– ouders van Obe
In elke Kleurrijk reiken we de pleegzorgpluim uit aan iemand die een bijzondere bijdrage levert aan pleegzorg. Vaak gaat die erkenning naar een pleegzorger zelf, maar dit keer is het anders: de ouders van Obe gaven hún zoon op voor de pluim. Al zes jaar deelt hij zijn thuis, klas en vrije tijd met zijn pleegzus A. Dit verhaal toont hoe pleegzorg niet alleen pleegzorgers, maar een heel gezin raakt – en hoe een broer met een groot hart daarin een sleutelrol kan spelen.
— Tekst: Bernadette Verdonck
—
Een nieuw hoofdstuk in Bonheiden.
Tussen het groen van Bonheiden schrijven Kathleen en Kenny al een hele tijd een warm pleegzorgverhaal. Zes jaar geleden startten ze een traject met pleegdochter A. Obe, toen vijf jaar oud en de jongste van vier kinderen, kreeg er even later een pleegzus bij. Terwijl zijn oudere broers en zus stilaan hun eigen weg gingen, groeide hij van kleuter tot tiener samen met haar op. Wat begon als een speelgezin tijdens de weekends, werd uiteinde-
Ken jij ook iemand die een pluim verdient voor een bijzondere bijdrage aan een pleegzorgverhaal? Vertel ons wie en waarom je die persoon wil nomineren voor de pluim en stuur je nominatie naar Kleurrijk@pleegzorgvlaanderen.be
lijk een voltijdse plaatsing. Intussen woont A. al vier jaar permanent in het gezin. In dat hele traject speelt Obe een bijzondere rol. Hij deelt zijn huis, zijn klas en zoveel meer met zijn pleegzus. Dat is niet altijd gemakkelijk, maar hij doet het met een vanzelfsprekend geduld en een groot hart. Zijn ouders vertellen: “Soms verdwijnen zijn eigen noden een beetje naar de achtergrond wanneer A. het moeilijk heeft. Toch blijft hij zorgzaam en begripvol. Van ons kreeg hij al zoveel pluimen dat hij haast kan vliegen.”
Samen spelen, samen groeien. Obe herinnert zich nog goed dat zijn pleegzus kwam inwonen: “Ik vond het fijn dat zij naar hier kwam. Ik had meer te doen en wilde graag met haar spelen. Het klikte ook meteen” Dat doet het nog steeds. Samen springen op de trampoline of wandelen in het bos. Of heerlijk aan tafel met een gezelschapsspel. Obe wint meestal, maar zegt dat liever niet. Ook dat typeert hem. Eén van zijn mooiste herinneringen is de reis samen naar Oostenrijk: “We deden een wandeling met stempels verzamelen. Dat was zoveel leuker met z’n tweeën dan alleen.”
Obe omschrijft zichzelf als geduldig, (vaak) lief en iemand die graag
helpt. Hij verdedigt zijn pleegzus niet met grote woorden of daden, maar door er altijd te zijn. “Als ze bijvoorbeeld ruzie heeft op school of verdrietig is, praten we er thuis wel over. Ik probeer haar rustig te maken.” Dat bevestigt mama Kathleen: “Obe weet altijd precies de juiste toon en ook het perfecte moment te vinden. Ze vullen elkaar eigenlijk perfect aan.”
Meer dan een (groene) band. Toch genieten ze ook van metime. Obe heeft zijn eigen passies. Hij wordt blij van wandelen in de natuur, fietsen en reizen. En mocht hij écht kunnen vliegen met al die pluimen? “Dan zou ik naar alle landen vliegen, maar zeker naar Japan – voor de Japanse cultuur maar vooral voor karate.” Obe heeft intussen de groene band behaald in de Oosterse vechtsport. Zelf loopt hij daar niet mee te koop. Pleegzus A. des te meer. Zij is ontzettend trots op Obe. Iedereen mag dat geweten hebben.
Dat hij nu de pleegzorgpluim krijgt, verrast hem. “Ik kende dat niet, maar ik ben er blij mee.” Hij heeft er alvast een mooi plaatsje voor gemaakt op zijn kamer. Zijn ouders zijn overtuigd: “Wij vinden dat hij het absoluut verdient. Hij laat elke dag zien wat onvoorwaardelijke steun betekent. We zijn zo ongelooflijk trots.”
Obe vat het zelf het mooist samen: “Ik ben gewoon blij dat mijn pleegzus in mijn leven is gekomen.”
Wat betekent het recht op inspraak en participatie voor kinderen in de jeugdhulp?
Het recht op participatie betekent dat kinderen en jongeren mee mogen bespreken, mee overwegen, meebeslissen, mee uitvoeren en mee evalueren. Om dit op een betekenisvolle manier te doen, is een participatieklimaat nodig. De minderjarige wordt gezien als evenwaardige partner, die de kans krijgt om betrokken te zijn in het hele hulpverleningsproces. De inbreng van de minderjarige is essentieel om hulpverlening te laten lukken. Het kind kan aangeven hoe hij of zij de situatie ervaart en geeft zo ook belangrijke informatie aan de hulpverlener. Dit recht op inspraak en participatie betekent niet dat we de minderjarige altijd gelijk geven of steeds moeten volgen. De hulpverlener behoudt zijn eigen professioneel inzicht en verantwoordelijkheid. Als hij afwijkt van wat de minderjarige wenst, dient dit goed uitgelegd en gemotiveerd te worden.
Een participatieve basishouding bestaat uit een aantal aspecten. Negen kenmerken ervan werden enkele jaren geleden in het project ‘Accent van de cliënt” van Integrale Jeugdhulp beschreven. (Https://www. rechtspositie.be/themas/inspraak-en-participatie/grabbelbox-participatie)
Het gaat om authentiek zijn, onvoorwaardelijk achter het kind staan, gelijkwaardigheid, betrouwbaarheid, respect, positief ingesteld zijn, openheid, empathisch zijn, professioneel nabij zijn.
— Auteur: Min Berghmans —
Inspraak en participatie op individueel niveau
Het gaat om participatie door het kind bij de eigen jeugdhulp en bij de eigen evaluatie.
Inspraak kan je omschrijven als het geven van een eigen mening. Het kind moet ervaren dat er met diens mening rekening wordt gehouden. Dit kan blijken uit een aanpassing in de praktijk, maar evengoed uit een motivering waarom die mening niet of slechts gedeeltelijk gevolgd wordt. Soms is het proces van echt luisteren en delen van verantwoordelijkheden belangrijker dan de uiteindelijke uitkomst.
Voor pleegzorgers is dit een dagelijks aspect van rekening houden met wat het kind zelf aangeeft over zijn noden en wensen.
Participatie in de jeugdhulp houdt in dat kinderen en jongeren actief betrokken worden bij de jeugdhulpverlening. Het gaat om meer dan enkel luisteren, het gaat om samen met jongeren te zoeken naar de meest passende hulpverleningsvorm, naar oplossingen voor problemen, naar alternatieven, ... Kinderen en jongeren leren op die manier communiceren en verantwoordelijkheid nemen. In dit proces is samenwerking tussen de minderjarigen en volwassenen no-
dig, maar ook samenwerking tussen volwassenen onderling.
Het gaat om mee weten, meedenken, meepraten, meebeslissen, mee doen en mee evalueren.
Evalueren is eigenlijk niets anders dan kijken hoe iets gaat of hoe het is gegaan. Voordat de hulpverlening start, worden er doelen en criteria bepaald. Zowel tijdens het proces van de hulpverlening als op het einde van de hulpverlening is het nuttig te kijken in hoeverre de gestelde doelen bereikt zijn. Tijdens de evaluatie kunnen bevorderende en/of belemmerende factoren besproken worden waarna, indien
nodig, de hulpverlening kan bijgestuurd worden.
Periodiek evalueren houdt in dat er, afhankelijk van de duur van de hulpverlening, ook tussentijds geëvalueerd wordt. Hoe regelmatig dit dient te gebeuren, wordt niet gepreciseerd in het decreet. We nemen aan dat minstens elke zes maanden een evaluatie van de hulpverlening wenselijk is.
De concrete invulling van de evaluatie zal natuurlijk verschillen afhankelijk van de aard en de duur van de jeugdhulpverlening.
Inspraak en participatie op collectief niveau
Het gaat om een recht op vergaderen en het recht op een (formele) inspraakregeling. Binnen pleegzorg zal dit een taak van de dienst voor pleegzorg zijn, zowel naar de kinderen, als naar de ouders en de pleegzorgers toe.
Het recht op inspraak en participatie krijgt pas echt invulling wanneer de minderjarigen ook samen kunnen overleggen over het leven in pleegzorg, hun ervaringen kunnen delen.
Mogelijke vormen van formele participatie zijn groepsdiscussies, overlegraden, referenda, rollenspelen, simulatiespelen, ... Bij een rollenspel leert de minderjarige zich inleven in andere standpunten, van rol te veranderen of zich aan te passen aan nieuwe omstandigheden. Op deze wijze ontstaat een beter inzicht in de gehele situatie en is het mogelijk de gevolgen van bepaalde keuzes beter in te schatten. Ook het organiseren van verbetergroepen is een aan te raden methodiek.
Structurele beleidsparticipatie
en verwachtingen werden opgesomd in een besluit van de Vlaamse Regering. Het cliëntenforum kan de belangen van cliënten verdedigen, hen op beleidsniveau vertegenwoordigen, zorgen voor de nodige ondersteuning van cliëntvertegenwoordigers, knelpunten signaleren en beleidsadviezen formuleren, materiaal verzamelen en ontsluiten waar het cliëntperspectief uit spreekt, … Zo’n forum moet in elk geval verbindend werken tussen de bestaande initiatieven die de belangen van cliënten behartigen. Het cliëntenforum moet kunnen bouwen op sterke cliëntorganisaties. Daarom is ook de werking van de cliëntorganisaties in de regelgeving verankerd. Voor minderjarigen is de vzw Cachet erkend als cliëntorganisatie, lid van het Cliëntenforum. Voor pleegzorg is het overkoepelende Pleegzorg Vlaanderen lid. Zie daarover https://www.pleegzorg.be/organisatie-van-pleegzorg-in-vlaanderen. De erkende cliëntenorganisaties vind je op de website https://www.jeugdhulp.be/ themas/participatie
Er bestaan daarnaast ook nog andere verenigingen van pleeggezinnen die het standpunt van pleegkinderen en -jongeren vertegenwoordigen, zo bijvoorbeeld vzw Vlaamse Vereniging Pleegzorg – VVP (www.pleegouders. be – met nieuwsbrief). Al meer dan 40 jaar beïnvloedt deze vzw ook het beleid in verband met pleegzorg. (Volwassen) Pleegkinderen en pleeggasten maken ook deel uit van hun werking. Hun facebookgroep kondigt de door hen georganiseerde ontmoetingsmomenten tussen pleeggezinnen aan.
Mee beslissen in de jeugdhulp speelt ook op niveau van de Vlaamse overheid die de jeugdhulp reglementeert en controleert. Wie is dan representatief om het clientstandpunt te kunnen vertolken? De participerende cliëntvertegenwoordigers moeten kunnen terugvallen op een stevige basis, op een kring van lotgenoten. In 2020 kreeg het Cliëntenforum daartoe een erkenningskader: voorwaarden
Inspraak en participatie van kinderen in de jeugdhulp speelt zich af in de relatie binnen het pleeggezin, in de relatie met de begeleiders van de dienst voor pleegzorg en op maatschappelijk vlak via de erkende cliëntenorganisaties Cachet en Pleegzorg Vlaanderen. Wie pleegzorg wil verbeteren, kan zich op die drie niveaus inzetten!
Week van de pleegzorg 2025 in de Kijker: Een denderende week!
— Auteur: MNelle Devisscher —
Wat een week! De Week van de Pleegzorg 2025 is misschien voorbij, maar de positieve energie en de impact die we samen hebben ervaren, voelen we nog steeds nazinderen. Het was een week waarin we met drive en enthousiasme pleegzorg onder de aandacht wilden brengen en dat is aardig gelukt!
We zetten samen met jullie de succesjes van de week van de pleegzorg graag nog even op een rijtje:
We waren te zien!
Je kon er letterlijk niet naast kijken: we trapten de week van de pleegzorg af met een oproep om posters aan de ramen te hangen. Voor deze campagne hebben we meer dan 43.000 affiches verstuurd! We konden hiervoor rekenen op de samenwerking met maatwerkbedrijf Mirto dat onze posters met heel veel liefde gedrukt, verpakt en verstuurd heeft. Maar daarnaast konden we ook rekenen op heel wat bibliotheken en de winkels van JBC fashion die hun schouders mee onder deze actie zetten door de posters aan te bieden in hun filialen. Pleegzorgambassadeurs Tom De Cock en Dina
Tersago mochten van JBC bovendien tien gezinnen met een poster voor hun raam bedanken met een JBC-bon van 50 euro.
Ook de pleeggezinnen kregen allemaal een exemplaar van de poster voor zichzelf én nog eentje om vrienden, familie of kennissen te inspireren. Want onze grootste ambassadeurs dat blijven jullie!
Pleegzorg was ook óveral in de media.
We schopten het tot in de huiskamers via het VRT-journaal en werden gehoord op het radionieuws
van verchillende zenders. Ook Karrewiet pikte het thema op, waardoor we ook de jongste generatie konden bereiken en sensibiliseren.
Een speciaal hoogtepunt was de aandacht die we kregen in het actualiteitsprogramma ‘De Tafel van Tine’, waar het belang van een warme thuis voor elk kind en elke jongere uitgebreid aan bod kwam dankzij tafelgasten Miet en Wendy. Deze ouder en pleegouder brachten een getuigenis recht uit het hart. Daarnaast zorgde de lokale pers ervoor dat onze boodschap tot in de kleinste uithoekjes van Vlaanderen en Brussel doorsijpelde. Al deze media-aandacht is
goud waard om de taboes rond pleegzorg te doorbreken en nieuwe mensen voor pleegzorg warm te maken.
We waren ook te horen!
Een bijzondere primeur dit jaar was de lancering van onze allereerste podcast over pleegzorg. Dit was voor ons een nieuwe, boeiende manier om verhalen te delen, inzichten te bieden en de vele facetten van pleegzorg te belichten. Tom De Cock host de podcast acht afleveringen lang samen met Elke De Jaegher, pleegzorgmedewerkster uit Vlaams-Brabant. Ze gaan in gesprek met allerlei pleegzorgbetrokkenen: van consulenten, ouders, screeners, begeleiders, pleegouders tot pleegjongeren. Heb jij hem al gehoord? We zijn overweldigd door de positieve reacties en hopen dat het een bron van inspiratie en herkenning is voor zowel ervaren als nieuwe pleeggezinnen.
Een
week van én voor jullie
Deze week zou geen succes geweest zijn zonder jullie, de pleeggezinnen die elke dag het verschil maken. Jullie zijn de ambassadeurs, de verhalenvertellers en de drijvende kracht in pleegzorg. Daarom konden we het niet nalaten om jullie ook dit jaar een kleine attentie te bezorgen. Jullie kregen stickertjes met figuurtjes van Eva Mouton, en behalve de posters en een bedanktkaartje, opnieuw een lekker extraatje van de Aveve-winkels. Om na te genieten: laat het smaken!
Bedankt om er mee zo’n knallende, zichtbare en warme week van te maken. We kijken al uit naar wat we volgend jaar samen kunnen bereiken!
van de Pleegzorg in de Bibliotheek
Storm & Flynnt in Karrewiet
Koning Kevin vzw
Bij Koning Kevin vind je creatieve vakanties en animator cursussen voor kinderen en jongeren van 3 tot 30 jaar.
Schrijf je in voor een vakantie vol dans, toneel, muziek, beeld, media en/of spel en laat je creativiteit de vrije loop via www.koningkevin.be/ vakanties/vakantieaanbod/
Wil je zelf aan de slag als animator in het jeugdwerk? Schrijf je dan zeker in voor een van hun animatorencursussen, die vind je ook op de website van Koning Kevin.
Opgelet!! Als de correcte kortingscode niet ingevuld wordt bij de inschrijving, wordt er geen korting toegekend. De verantwoordelijkheid ligt bij de inschrijver.
Meer info: www.koningkevin.be
Platform Steunpunt Vakantieparticipatie
Is je vakantiebudget beperkt?
Ook dan zijn er mogelijkheden om je gezin te laten genieten van vakantie.
Meer info: iedereenverdientvakantie.be. Heb jij recht op korting?
Check het even op www.iedereenverdientvakantie.be/nl/budgetcheck
Iedereen verdient vakantie!
Nu de dagen weer kort en donker zijn, kijken we uit naar dat onbezorgde vakantiegevoel. Enkele organisaties die vakantiekampen organiseren, geven opnieuw mooie kortingen aan pleeggezinnen. Die gelden voor alle pleegkinderen én eigen kinderen in het pleeggezin. Naast onderstaande kortingen zijn er ook verschillende steden, gemeenten en lokale organisaties die kortingen voorzien voor (pleeg)kinderen in pleeggezinnen. Neem daarvoor contact op met je pleegzorgdienst.
Heyo
Heyo organiseert onvergetelijke vakantiekampen voor kinderen en jongeren tussen 2,5 en 18 jaar. Met of zonder overnachting, dichtbij of iets verder van huis, avontuurlijk of creatief, met dieren of tussen de kookpotten. We hebben voor elk wat wils!
Sporta
Sporta organiseert geweldige jongerenvakanties met en zonder overnachting en buiten of binnen de landsgrenzen voor 3 tot 18-jarigen. Avontuur, sport, spel, creatieve of educatieve thema’s: wat de interesses van je (pleeg-)kinderen ook zijn, hier vinden ze vast een kamp dat bij hen past.
Hoeveel korting?
• €10 korting per kind per vakantiekamp.
• tingen zijn niet cumuleerbaar, de hoogste korting wordt automatisch verrekend.
Bij ‘korting’ selecteer je Pleegzorg Vlaanderen.
Bij ‘code’ vul je met hoofdletters PLEEGZORGVHEYO in. De korting wordt verrekend op de factuur. Opgelet bij het invoeren van de kortingscode: die is hoofdletteren spatiegevoelig en moet je onmiddellijk bij inschrijving toevoegen.
Meer info: www.heyo.be
Hoeveel korting?
• €20 directe korting bij een kamp met overnachting
• €10 directe korting op een dagkamp
Kortingscode Pleegzorg Vlaanderen Vul de kortingscode ZRG311AHB1 direct in bij het boeken, zodat de korting onmiddellijk wordt toegekend.
De code is geldig tot 30/11/2026. Je kan die dus ook al gebruiken voor het huidige winteraanbod. De inschrijvingen voor de zomerkampen openen vanaf 1 december 2025 om 12u00.
Meer info: www.sportakampen.be
Tot ziens! Of toch voor even...
Deze editie van K leurrijk is voorlopig de laatste in haar huidige vorm. Achter de schermen werken we hard aan K leurrijk 2.0, een vernieuwd magazine voor iedereen die meer wil lezen over pleegzorg.
We zijn benieuwd naar jouw ideeën!
Wat mag er volgens jou niet ontbreken in de nieuwe K leurrijk?
Laat het ons weten via pleegzorg.typeform.com/K leurrijk of door de QR-code te scannen.