VAM3 Juni 2022

Page 1

3

#

nr. 03/ 2022

Vakblad Asset Management

PREDICTIVE MAINTENANCE

Traditioneel of Voorspellend Onderhoud? Non Destructief Onderhoud Gastketelwet, Omgevingswet, ATEX Circulaire uitdagingen, Brzo-wetgeving, Enterprise Asset Management


oje Pr

Do wn tim e

CONNECTED TEAMS MAKE ALL THE DIFFERENCE

Fi x&

ing et me ily g a D tin ee m ly k ee W

inp ut

Request & sign off

Workorder Mgmt

Train

MoC

ts en

id

Requ est

Prov ide

c In

HSE

LOTO

Autonomous Maintenance

te ua al te ev & ua rt al po ev Re & rt po ess Re & ass Request s sses t&a ues Req

Re qu es Pr t ov id e

Request

P to erm W it or s k

er ift ov Sh and H

ns tio ra pe O

Ma int en an ce

te ra bo lla te Co ra bo lla Co

Pr ov ide

an aly se Fix &r ep or t

s

ct

Ma Pre int ven en tiv an e ce

De fabriek van de toekomst is mogelijk door de

Werkorderbeheer, Autonoom Onderhoud, Werk­

efficiënte samenwerking tussen onderhoud, veiligheid

vergunningen, Lockout Tagout, Stilstandanalyse en

en productie. Gebruiksvriendelijke (maar tegelijkertijd

HSE­Incidentenbeheer, helpt het EAM Cloudplatform

geavanceerde software) is hiervoor cruciaal en geeft

van Ultimo u om uw uptime te verbeteren,

teams een volledig overzicht van de bedrijfsvoering en

administratieve taken te verminderen en een veiligere

een centrale bron met essentiële informatie.

werkomgeving te creëren. Hierdoor kunt u beter geïnformeerde beslissingen nemen, uw middelen

Door volledig geïntegreerde processen aan te bieden op het gebied van Wachtoverdracht,

Live-link your assets and facilities.

optimaliseren en meer doen met minder.


3

#

nr. 03 / 2022

Colofon VAM is het vakblad voor Asset Management in Nederland. Concept en realisatie Elma Media B.V. Keizelbos 1, 1721 PJ Broek op Langedijk 0226 33 16 00 www.elma.nl Art Director Kim Speleman Martijn van der Wielen Hoofdredacteur Ellen den Broeder-Ooijevaar, Verenigings Manager NVDO VAM is een uitgave van de NVDO Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud Lange Schaft 7G Postbus 138, 3990 DC Houten 030 634 60 40 www.nvdo.nl info@nvdo.nl VAM is een samenwerking met

worldclassmaintenance.com itanks.eu safetydelta.nl nevap.nl Auteurs Pieter Pulleman (Verduurzamen Gebouwde Omgeving) Evi Husson (bruggen en kademuren in Amsterdam) Barbara van Baarsel, NEVAP (Vastgoedxploitatie in de praktijk) Mark Oosterveer, iTanks (Inspire: Datawerf) Ian van den Brink (Ontmoet en Chemelot) Arjan van Dijk, SDN (Veilig Werken) Laura van der Linde, Mainnovation (EM Market survey en het andere geluid) WCM (Voorspellend onderhoud voor Zeelandbrug) Lisa Kamphuis, MaxGrip (People are pivotal) Anne Hurenkamp, Saxion University of Applied Sciences (Saxion Scania) Ellen den Broeder-Ooijevaar (alle overige artikelen) Druk Elma Media B.V. Advertentie-exploitatie Elma Media B.V. Silvèr Snoek - Sales Manager 0226 33 16 67 - s.snoek@elma.nl

VOORWOORD <

Risico bepalen en de juiste voorspelling doen zou de beste combinatie zijn Eerlijk gezegd denk ik niet dat we nog uit hoeven leggen wat voorspellend onderhoud is. Dat doe ik dan ook maar niet, want deze editie van VAM staat vol met uitleg, best practices en andere informatie over het nut van predictive maintenance. Voordat je deze editie leest, daag ik je uit om jezelf de vraag te stellen; “Is Voorspelbaar Onderhoud de toekomst?”. En als je aan het einde van deze VAM komt, dezelfde vraag nog een keer te stellen. Misschien heb je dan een bevestiging gevonden of je antwoord juist bijgesteld. In elk geval denk ik zeker te weten dat je tot de conclusie komt dat de belangrijkste input om onderhoud te voorspellen data is. Het begint met het in kaart brengen van je assets, feitelijk moet elke asset bekend zijn en uiteraard is de onderhoudshistorie daarbij van groot belang. Voorspelbaar Onderhoud doe je niet zomaar even. Daar zijn stappen voor nodig. De eerste stap is je assetinformatie. Dan heb je meetinstrumentatie nodig waarmee je de dagelijkse invloeden op de assets in kaart te brengen. Bij het analyseren van deze data komen risico’s en mogelijke verbeteringen naar boven. Zo wordt stap voor stap naar voorspelbaar onderhoud toegewerkt. En dan is het tijd voor de implementatie. Hoewel de verleiding waarschijnlijk groot zal zijn om elke stap volledig te automatiseren, is het advies toch om klein te beginnen. Leg eerst een goede basis waarmee iedereen in je organisatie kan werken. Het is niet zozeer een technologisch verhaal, het is een andere manier van werken. En het mag duidelijk zijn dat je een manier van werken niet even verandert met een of andere nieuwe tool. In de praktijk werkt voorspellend onderhoud via IoT zo; de werking van een proces of apparatuur wordt gemeten door middel van continue monitoring. De gegevens worden vastgelegd door sensoren en via een internetverbinding doorgestuurd naar een centraal punt. Na het analyseren van deze gegevens kunnen bedrijven veel betere voorspellingen doen wanneer bijvoorbeeld een machine uit zal vallen, maar ook hoe een proces zo effectief mogelijk verloopt. Dit zijn proactieve stappen die een bedrijf kan nemen om meer controle te houden op een geheel productieproces. Tijdens het Nationaal Asset Management dat de NVDO onlangs organiseerde zoomde Tiedo Tinga in op systemen en componenten om de link te leggen met Asset Management; dus hoe kan je preventive maintenance gebruiken in het grote plaatje van Asset Management? Prof. dr.ir. Tiedo Tinga werkt als hoogleraar aan de Universiteit Twente en als hoogleraar aan de Nederlandse Defensie Academie op het KIM (Koninklijk Instituut voor de Marine). Hij benadrukte tijdens het congres dat de uitdaging van preventive maintenance vooral het vinden van het juiste momentum is. Dat kan op basis van metingen (sensoren bijvoorbeeld), just-in-time Maintenance. Ellen den Broeder-Ooijevaar, Verenigings Manager NVDO

3


VAN DE VOORZITTER <

Vooruitziende Blik Regeren is vooruitzien. Vooruitzien kan op verschillende manieren. Een glazen bol, uw onderbuik of door terug te kijken naar wat geweest is. Voorspellingen met een glazen bol laat ik graag aan experts van een andere beroepsgroep over. Een sterk onderbuik gevoel heeft vaak resultaat, maar niet in de techniek. Het terugkijken naar wat geweest is of kijken, luisteren , ruiken, voelen naar wat er nu gebeurt levert in de techniek altijd resultaat op. Predictief onderhoud is niet nieuw en is volgens mij ouder dan preventief onderhoud. Ervaren monteurs en machinisten konden aan het voelen van trillingen, het horen van geluiden, het zien van verkleuringen van de smeerolie al redelijk nauwkeurig aangeven of een faalmoment al nabij was. Met de huidige meettechnieken is dit veel verder geperfectioneerd, waardoor het faalmechanisme, de faallocatie en het faaltijdstip heel nauwkeurig bepaald kunnen worden. Meetapparatuur wordt steeds goedkoper, kleiner in omvang en makkelijker in gebruik. Elk apparaat zit vol met sensoren, of ze nu gebruikt worden of functioneel zijn of niet. De sensoren genereren Gb’s aan data die via (draadloze) netwerken worden verspreid, gedeeld en opgeslagen. Data verzamelen is dus inmiddels een koud kunstje. Maar wat doe je ermee? Naar iets kijken is makkelijk, maar zie je ook wat? Naar iets luisteren dito, maar hoor je ook wat? Onderzoek van PwC en Mainnovation heeft aangetoond dat steeds meer eigenaren van kapitaalsintensieve assets hebben geïnvesteerd in predictief onderhoud. Daarnaast is geconstateerd dat nog steeds een behoorlijk aantal bedrijven hierin terughoudend is en de stap nog niet willen of kunnen maken. Of dit alleen een kwestie van geld is, zoals het artikel suggereert, waag ik te betwijfelen. De kans is groot dat bedrijven niet kunnen, omdat zij niet over de benodigde competenties beschikken om een dergelijk traject succesvol uit te rollen.

4 juli 2022

‘’

‘Je gaat het pas zien als je het door hebt’

Het analyseren van data is een vak. Het herkennen van patronen die van betekenis zijn voor de staat van onderhoud, kan alleen als die patronen bij de analist bekend zijn, of dat deze door de analist aan een expertsysteem zijn toegevoegd. “Je gaat het pas zien, als je het door hebt” aldus J.C. Mijn onderbuik zegt: Maintenance Data Analist is het technische beroep van de toekomst. Wanneer we er genoeg hebben durf ik geen voorspelling te doen. Toch maar de Glazen Bol raadplegen?

Ik roep onze achterban van harte op hieraan mee te werken en er vandaag al mee te beginnen. Het in dienst nemen van mensen met een arbeidsbeperking biedt tenslotte kansen voor zowel uw nieuwe werknemer als uw bedrijf! Bas Kimpel Voorzitter


Inhoud

03 Voorwoord

04 Van de voorzitter 08 Onderhoud Voorspellen; AI is behulpzaam

14 Voorspellend onderhoud we gaan het zien!

18 Integrale aanpak bruggen en kademuren in Amsterdam werpt vruchten af 22 Data speelt een sleutelrol

28 Team werkt aan voorspellend onderhoud voor Zeelandbrug

32 Het andere geluid over Predictive Maintenance

36 Proud announcement: EuroMaintenance is committed to Charity 38 Where do you stand on the key topics of Asset Management? 42 Hoe staat het met Predictive Maintenance in de vastgoedsector?

54

48 Saxion en Scania zetten onderzoek naar predictive maintenance voort

Pilbeugels Chemelot

58 Zes stappen om snel voorspellend te worden als onderhoudsbedrijf

62 Casus

01 02 03 04 05 06 07 08 09 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64

06

a

De hartelijkheid en leergierigheid uit Zuid-Afrika geven mij enorm veel energie > André Pasman beschrijft zichzelf als nuchter en recht toe recht aan, dit vat hij samen in: what you see is what you get.

Fysieke (vitale) infrastructuur gevoelig voor digitale oorlogsvoering 10

Voorspellend onderhoud wordt een sleuteltechniek in ‘de fabriek van de toekomst’ 16

Kort

21

Optimaliseren van inspecties, onderhoud en versterkingen van dijktrajecten 26

Naar de fabrieksvloer!

31

Datawerf bouwt aan nieuwe waarde People are pivotal

34

37

Voorspellend onderhoud een gouden kans? 40 Verduurzamen van gebouwde omgeving kan niet zonder goed Asset Management 44

Gestructureerde transformatie naar Industrie 4.0 52

Overstappen van preventief naar voorspellend onderhoud 57 Cursuskalender

60 5


6 juli 2022

André Pasman Foto: privé collectie


ONTMOET André Pasman <

Wie

André Pasman

Wat

Scheepswerktuigkundige

André Pasman beschrijft zichzelf als nuchter en recht toe recht aan, dit vat hij samen in: what you see is what you get. “Ik hou er niet van om dingen mooier op te tuigen of te omschrijven dan dat ze in werkelijkheid zijn”. Met negentien jaar is Pasman gaan varen op zee als scheepswerktuigkundige. Later heeft hij de rangenopleidingen aan de hogere zeevaartschool doorlopen. Na twaalf jaar op zee te hebben gezeten is hij aan de opleiding Maintenance & Safety Management aan de University of Bradford begonnen. “Ik koos deze opleiding omdat zeevaartsopleidingen in Nederland toentertijd nog onder Rijkswaterstaat vielen. Hierdoor had mijn opleiding geen propedeusefase en zou ik niet kunnen doorstromen naar de universiteit. Met deze internationale opleiding kon dit wel”. Later kwam daar nog een MBA bij. “Er zaten veel internationale studenten op de opleiding waardoor deze telkens ergens anders in Europa werd georganiseerd. Van Utrecht en Bradford tot Sevilla en Berlijn”. Het reizen en ontmoeten van mensen met verschillende nationaliteiten heeft hij mede door zijn loopbaan altijd leuk gevonden.

Met zijn bedrijf ANNEXIS helpt Pasman zijn klanten aan de slag te gaan met o.a. Predictive Maintenance door middel van procesbegeleiding. “Om met Predictive Maintenance te beginnen dient er een bepaald maturiteitsniveau te zijn in je onderhoud. Je hebt een betrouwbare planning nodig en je data moet op orde zijn”. De discipline om preventieve taken op tijd en in-scope uit te voeren zijn essentieel. “Preventief onderhoud zou eigenlijk prioriteit 0 moeten hebben (de hoogste prio)”.

Het tekort aan vakbekwaam personeel zorgt al enige tijd voor een versnelling in de ontwikkelingen rondom Predictive Maintenance, bijvoorbeeld het automatisch analyseren van data met artificial intelligence en expertsystemen; machine learning “Gasturbines zijn daarvan een mooi voorbeeld, er worden steeds vaker allerlei sensoren gebruikt waarmee serviceproviders real time data op afstand kunnen monitoren en analyseren”. Pasman heeft over de jaren een groot netwerk opgebouwd waarmee hij aan heel veel internationale projecten werkt. “Ik hou van verandering en het samen met de klant werken aan “hoe beter?”, de traditionele ladder past niet bij me. Omdat ik geen bedrijf wil runnen, maar zelf aan de slag wil, heb ik daarom ook nooit personeel aangenomen. Ik vind het ontzettend leuk dat ik tot op de dag van vandaag met zowel monteurs als plantmanagers en executive management mag werken”. Met internationale projecten wil Pasman nog enkele jaren doorgaan. “Net voor de pandemie zat ik in Canada, anderhalf jaar vloog ik elke veertien dagen op een neer met een tijdsverschil van negen uur. Dat werd een beetje teveel van het goede”. De komende jaren zoekt Pasman dan ook projecten die zich zoveel mogelijk in dezelfde tijdzone bevinden als Nederland. Maar net zo lief trekt hij zich terug als ‘hoofd grasmaaidienst’ op de camping en de B&B die hij samen met zijn vrouw beheert alhoewel de passie voor de onderhoudsdiscipline blijft.

‘De hartelijkheid en leergierigheid uit Zuid-Afrika geven mij enorm veel energie’ 7


TECHNIEK <

Onderhoud Voorspellen;

AI is behulpzaam

Foto: NVDO

TNO is vijftien jaar geleden al na gaan denken over innovatie in Beheer en Onderhoud. Terwijl anderen zich nog vooral toelegden op de bouw van windturbines, onderzocht TNO hoe de offshore windturbines ook zo efficiënt mogelijk in bedrijf konden blijven. De modellen die zijn ontwikkeld, behoren tot de meest geavanceerde ter wereld. Het resultaat van die inspanningen is dat windturbines hun hele levensduur – vanaf dag één tot hun verwijdering – tegen zo weinig mogelijk kosten zo veel en zo goedkoop mogelijk energie produceren. Maarten Bijl is Programma Manager bij TNO en weet dat er veel komt kijken bij het Beheer en Onderhoud van offshore windturbines, vooral in grote windparken. “TNO heeft softwaretools ontwikkeld die de eigenaren in staat stellen om te berekenen hoe groot de schade is als bijvoorbeeld een kabel die het park verbindt met het vasteland stukgaat of bij blikseminslag, en hoe alle denkbare defecten zo efficiënt mogelijk kunnen worden verholpen. In grote windparken van honderd turbines of meer is het onderhoud zonder rekenkracht inmiddels onbegonnen werk”.

> Onderhoudsvriendelijk. Taiwan, waar TNO ook actief is, staat bekend om zijn typhoons. Vijf tot zes maanden per jaar teisteren die zware stormen het eiland. Onderhoud op zee is in die periodes vrijwel onmogelijk. Die uitzonderlijke omstandigheden hebben

8 juli 2022

ook gevolgen gehad voor het ontwerp van de windturbines. Nieuwe modellen turbines kunnen inmiddels heel wat onstuimige weersomstandigheden aan. De wat oudere modellen – in totaal zo’n 10-15 procent – lopen tijdens hevige weer, ondanks alle voorzorgsmaatregelen, wel eens schade op. In de meeste gevallen is reparatie nog mogelijk: de bladen of de kop worden vervangen, en dan meteen door geavanceerdere onderdelen met een betere kwaliteit. Windturbines worden tegenwoordig voor 25 à 30 jaar gebouwd.

> Verlengde Levensduur. Bijl; “Wij hebben ook tools ontworpen om op basis van enkele gemeten windturbines uit te rekenen hoeveel onderhoud een turbine nodig heeft en hoe dit uitpakt voor de rest van de windturbines in het park. Er worden daarin berekeningen gemaakt van de belastbaarheid. Die varieert al naar gelang de windkracht op de bladen. Dat is nuttige kennis waarmee onderhoud voorspeld kan worden. Sommige turbines op specifieke plaatsen in de parken worden lichter belast en kunnen daardoor mogelijk met minder onderhoud toe. Voor de meeste turbines geldt dat ze


80 procent van de tijd draaien op 80 procent vermogen: bij grote storm draaien de bladen tegenwoordig eerst deels uit de wind om zo lang mogelijk in een lagere stand energie te blijven opwekken, totdat ze op het hoogtepunt maar heel kort tijdelijk uitschakelen om geen massale powerdip in het energiesysteem te veroorzaken”.

> Predictive Maintenance en Slimme Bediening. Veel sectoren streven naar een betrouwbaar en veilig gebruik van apparatuur, machines en andere infrastructuren. Hoe kan een windpark op een veilige manier maximale energie opwekken tegen minimale kosten? Wanneer moet de overheid onderhoud plegen aan een brug om de veiligheid te waarborgen? Hoe kan een fabrikant zorgen voor automatische aanpassing van hightech instrumenten? TNO probeert dit type vragen te beantwoorden. Door gebruik te maken van AI faciliteert zij een betere planning van predictive maintenance en een slimme bediening.

Foto: NVDO

> Gebruik van AI voor predictive maintenance en slimme bediening. Bijl; “Wij gebruiken AI om de efficiëntie van de bediening en predictive maintenance op drie gebieden te verhogen: Energieproductie- en transportsystemen: TNO ontwikkelt data gestuurde modellen en optimalisatie routines ter ondersteuning van strategische en operationele beslissingen. Dit maakt het mogelijk om met een hoge mate van onzekerheid en complexiteit om te gaan. Ten tweede Predictive maintenance van structuren: Het inspecteren van infrastructuren (bijvoorbeeld bruggen en productiefaciliteiten) is complex, arbeidsintensief en vereist menselijke interpretatie. Hier is voorspellend onderhoud van grote waarde voor de veiligheid. Door de intelligente digital twin technologie, kan het schadepatroon automatisch worden herkend. Op basis hiervan kunnen monitoring, onderhoudsplanning en beoordeling van de degradatie worden verbeterd”.

> Productie-industrie. Er is een toenemende vraag naar flexibiliteit in de productenmix. Daarom moeten we een hoge kwaliteitscontrole handhaven en tegelijkertijd zorgen voor een real-time en continue monitoring. “Bij TNO kijken we naar de totale workflow en toegankelijke data om de juiste AI-gestuurde oplossing te bepalen. Dit kan variëren van de ontwikkeling van specifieke kwaliteitssensoren en intelligente digital twin technologie tot een op fysica gebaseerd model ondersteund door AI. Bijl; “Er is een groot potentieel voor AI in slimme bediening en predictive maintenance. Er zijn ook uitdagingen. Denk aan het omgaan met beperkte en kwalitatief slechte data of het waarborgen van vertrouwelijkheid bij het delen van data tussen meerdere partijen. De toepassing van AI vereist inzicht in de relevante domeineisen”. <

‘AI om de efficiëntie van de bediening en predictive maintenance te verhogen’ 9


INTERVIEW <

Fysieke (vitale) infrastructuur gevoelig voor digitale oorlogsvoering

Asset owners van civiele, beweegbare kunstwerken zoals bruggen, sluizen en gemalen realiseren zich onvoldoende dat veel werken kwetsbaar zijn doordat PLC’s onvoldoende aandacht krijgen in hun Life Cycle. Het zijn de onderdelen die zorgen voor de besturing van objecten en bijvoorbeeld noodstroomvoorziening.

Foto: SPIE

10 juli 2022


Dit vormt een potentieel gevaar voor de samenleving stelt Robbert de Ridder, Manager of Technology & Asset Management bij SPIE. De Ridder; “Er zitten componenten in een beweegbaar kunstwerk die eenvoudig te hacken zijn, dat zijn de zogenaamde PLC’s (Programmable Logic Controller). We zitten middenin een digitale oorlog, dagelijks worden we geconfronteerd met internationale aanvallen. Belangrijk dat de industrie, het bedrijfsleven en overheden de sleutels niet achter de balie hangen en daarmee makkelijk toegang verlenen aan hackers. Dit kan de vitale infrastructuur platleggen met alle gevolgen van dien”.

> Geef hackers geen toegang. De Ridder pleit ervoor om de beschikbaarheid en betrouwbaarheid van objecten te verhogen met Data Driven Asset Management. De Ridder; “Beschermen tegen hackers begint met een inventarisatie van de staat van je assets en kwetsbaarheden. Eventuele tekorten los je vervolgens soft- en hardwarematig op”. Voor Data Driven Asset Management onttrekt men data uit de installaties. Hier is een verbinding voor nodig en creëert men een nieuwe kwetsbaarheid. Deze kwetsbaarheid kan worden afgewend door het plaatsen van bijvoorbeeld een datadiode. Dat is een fysiek apparaat dat uni-directioneel verkeer faciliteert ter bescherming van het kwetsbare netwerksegment. “Is de verbinding beveiligd, dan onttrekt men data en wordt er vervolgens intelligentie toegevoegd om het gedrag van de installatie te voorspellen in het kader van SMART Maintenance. Ook kan men bij kwaadaardig gedrag vroegtijdig ingrijpen om de assets optimaal te kunnen beschermen”. De Ridder ziet dat er initiatieven worden genomen tot Rapid Response Teams om correctief op te treden bij zwakheden of aanvallen. Hij roept deze teams op om preventief op te treden en oude PLC’s te checken en te bekijken wat voor operating software wordt toegepast en waar nodig bij te sturen. > Valkuilen. Absolute informatieveiligheid bestaat niet volgens Leon van der Valk, Chief Information Security Officer bij SPIE. “De voordelen van Data Driven Asset Management zoals Robbert het beschrijft zijn groot, maar er is ook een valkuil. Je onttrekt data en

brengt ze in een omgeving om intelligentie toe te voegen. Op dat moment heb je een verbinding. Onttrekken en leveren moet veilig gebeuren. De interface (techniek en de mens) is een risico want daar is kennis voor nodig”. Beide heren pleiten voor een groter bewustzijn bij zowel de service provider, de ssset manager als de asset owners omdat beide die Data Driven Asset Management vaak onvoldoende beheersen waardoor er ketengevaar ontstaat.

> Cybersecurity Implementatierichtlijn Objecten. Asset owners hebben veel systemen en omgevingen die los staan van de centrale kantooromgeving. Dit zijn veelal operationele systemen voor het bedienen, besturen en beveiligen van objecten. , Deze systemen hebben vaak een specifiek dreigingprofiel. Asset owners, hebben tevens te maken met uitbesteding van werk en het voeren van regie op de uitbestede taken aan marktpartijen. Van der Valk ziet steeds meer relaties die in een aanbesteding een paragraaf toevoegen met eisen aan informatieveiligheid. De aanbieders dienen hier aantoonbaar aan te voldoen. “Ook SPIE heeft te maken met deze richtlijn en daar zijn wij hartstikke blij mee. Het houdt ons scherp, zowel intern als naar onze opdrachtgevers”.

> Verantwoordelijkheden juist beleggen. Omdat incidenten zich overal in de organisatie kunnen voordoen, is cybersecurity een uitdaging voor de gehele organisatie. Om ervoor te zorgen dat de organisatie deze uitdaging aankan, is de juiste sturing vanuit de directie nodig. De belangrijkste cybersecuritytaken van de directie zijn het beleggen van eigenaarschap en verantwoordelijkheid voor informatie en processen. De Ridder legt uit dat dit binnen SPIE is geregeld met een mandaat vanuit de directie waarmee Van der Valk de businessunits ondersteunt. Van der Valk; “We hebben dan intern goed geregeld, maar ook de asset owner moet zo’n Cybersecurity Specialist aanstellen met de bevoegdheden om de objectbeheerders aan te kunnen spreken. Wij geven onze directie jaarlijks een update van de activiteiten en de planning die erbij hoort”. De Ridder ziet dat met name decentrale overheden nog een ontwikkeling kunnen doormaken. >

‘Zwakke plekken in assets vormen gevaar’ 11


Robbert de Ridder Foto: SPIE

Leon van der Valk Foto: SPIE

>

De 5 basisprincipes van veilig digitaal ondernemen 1. Inventariseer kwetsbaarheden door het uitvoeren van een risicoanalyse (RIE) inventariseer de ICT-onderdelen en kwetsbaarheden. Bij risico’s kijk je naar beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid 2. Kies veilige instellingen; Controleer de instellingen van apparatuur, software en netwerk- en internetverbindingen. Pas standaardinstellingen aan en kijk kritisch naar functies en diensten die automatisch ‘aan’ staan (wijzig de standaard ingestelde wachtwoorden voor beheerders) 3. Voer updates uit; Controleer of apparaten en software up-to-date zijn. Installeer beveiligingsupdates direct. Schakel automatische updates in zodat je apparaten en software voortaan altijd draaien op de laatste versie 4. Beperk toegang; Definieer per medewerker tot welke systemen en data toegang vereist is om te kunnen werken. Zorg dat toegangsrechten worden aangepast als iemand een nieuwe functie krijgt of bij de onderneming vertrekt 5. Voorkom virussen en andere malware. Er zijn meerdere manieren om malware te voorkomen: Pas firewalls en filters toe, stimuleer veilig gedrag van medewerkers, gebruik een antivirusprogramma, download apps veilig en beperk de installatiemogelijkheden van software

12 juli 2022

> Bepaal wie toegang heeft tot je data en diensten. De Ridder komt bij veel verschillende organisaties en ziet dat niet overal de toegang tot data juist is geregeld. “Geef toeleveranciers, maar ook je eigen medewerkers, alleen toegang tot de data en systemen die nodig zijn voor het uitvoeren van hun taak. Dit geldt zowel voor accounts als voor fysieke toegang. Dit beperkt de handelingen die een aanvaller kan uitvoeren indien deze zich toegang verschaft. Ook beperkt het de gevolgen van eventuele fouten van gebruikers. Beperk ook de toegang van serviceaccounts, machine-accounts en functionele accounts tot het hoogst noodzakelijke. Op rollen gebaseerde toegangscontrole kan het beheer van rechten makkelijker maken”. Hij voegt daar nog aan toe dat ook het limiteren van beheerrechten een belangrijk aandachtspunt is. > Traditioneel Onderhoud. De staat van de Nederlandse assets is verouderd. Die assets vragen veelal om traditioneel onderhoud. Vaak gaat het dan om het oplossen van storingen en geplande onderhoudswerk-zaamheden. Van der Valk; “In een traditionele omgeving is de kans op aanvallen juist groter. Er worden PLC’s in een industriële omgeving gezet en de focus is dan continuïteit en stabiliteit. Er wordt dan weinig gedaan aan de status van het besturingssysteem. Updates en patches zouden regelmatig moeten worden doorgevoerd om de PLC optimaal te beveiligen. Als je daar te lang en te weinig aandacht aan besteedt, dan zijn er risico’s. Door predictive maintenance toe te passen heb je meer inzicht in de staat van je asset en verlaag je het risico op cyberaanvallen.”. <


Netwerken Beheer en Onderhoud Asset Management Techniek Branchevereniging

Conditiebewaking Prestatiemanagement Maintenance Academy Kennisontwikkeling

Onderhoud je netwerk en Deel kennis en ervaring

Maak onderdeel uit van Europa’s grootste netwerk

>> Word lid!

De Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) is dé toonaangevende brancheorganisatie die middels belangenbehartiging, kennisontwikkelingen en -overdracht en netwerken ondersteuning biedt aan bedrijven en personen die bij de besluitvorming op het gebied van Beheer en Onderhoud/Asset Management betrokken zijn en daarmee de Nederlandse onderhoudssector als ’s werelds beste helpt te presteren.

De NVDO doet dit door in de sector een onafhankelijke positie in te nemen en alle relevante bedrijfssectoren met behulp van voorlichting, advisering, kennisontwikkeling, (wetenschappelijk) onderzoek en kennisuitwisseling ten dienste te staan en zo op weg te helpen naar excellent Asset Management.

Het NVDO-lidmaatschap biedt vele voordelen!

Het NVDO-Lidmaatschap geeft toegang tot

• • • •

Grootste netwerk van Europa (fysiek en digitaal) Regionale activiteiten Vakinhoudelijke kennis en netwerk Compleet portfolio Maintenance Academy Collectieve abonnementen op vakbladen

• • • •

Kengetallen, Trends, Visie (NVDO Onderhoudskompas) Platform Materiaalkunde (wetenschappelijke) Publicaties, waaronder Visiedocumenten Kortingen op ons cursusaanbod van de NVDO Maintenance Academy Jongerenboard

Asset Management, Duurzaamheid, Veilig Werken en Energie-efficiency zijn belangrijke thema’s waaraan de NVDO regelmatig en in breder verband aandacht besteedt!

Ga naar www.nvdo.nl en meld je aan >> Lange Schaft 7G - 3991 AP Houten | Postbus 138 - 3990 DC Houten 030 - 634 60 40 | info @ nvdo.nl | www.nvdo.nl

13


IMPROVE <

Foto: Ideo

Voorspellend onderhoud we gaan het zien! Mensen houden over het algemeen niet zo van veranderingen, en zeker niet van veranderingen die iets onbekends brengen. Vasthouden aan wat je goed kent, voelt veilig en goed. Terwijl veranderingen ook heel positief kunnen uitpakken. Sta je open voor verandering en maak je die sprong in het diepe, dan kan je dat veel voordelen opleveren. Voorspellend Onderhoud is zo’n verandering die aantoonbaar zijn vruchten afwerpt voor Asset Management-organisaties.

14 juli 2022


‘ ’ ‘SAP toont het nut van inzet Voorspellend Onderhoud aan’

> Digital twin. Samen met de klant werd vervolgens een nieuwe decompositie van de kritieke onderdelen van de betreffende groep voertuigen gestart. Op basis van een risico-analyse werd een set aan preventieve onderhoudsmaatregelen voor deze onderdelen opgesteld. Vervolgens zette het projectteam de voertuigen op als digital twins in SAP, met daarbij de focus op de kritieke onderdelen. Hierna kon het SAP-systeem volledig worden ingericht om assetdata te ontvangen en te analyseren en om tijdig de juiste acties uit te zetten. > Meten is weten. De data die in het SAP-systeem binnen-

> Van traditioneel naar toekomstbestendig. SAP heeft al een aantal van haar klanten kunnen overtuigen om samen in de wereld van voorspellend onderhoud te stappen. Veel van de bedrijven die SAP helpt, houdt angstvallig vast aan hoe men al jaren op traditionele wijze het onderhoud uitvoert. Bij een van hen was het preventieve onderhoud voor voertuigen nog steeds gebaseerd op vaste onderhoudsintervallen, waarbij periodiek bijvoorbeeld een bepaalde set aan draaiende onderdelen standaard vervangen werd. Voertuigen kwamen zo soms te vroeg binnen, waardoor onderdelen onnodig vervangen werden. Of ze werden juist niet vervangen, terwijl het wel nodig was. Dit zorgde later dan alsnog voor (spoed)reparaties. > Duidelijke voordelen. Door middel van een business case en diverse demonstraties, wist SAP aan te tonen dat de inzet van voorspellend onderhoud een hogere beschikbaarheid van een specifieke groep van assets oplevert. Bovendien zorgt het voor een significante verlaging van de onderhoudskosten. Na het zien van de concrete cijfers en een bijbehorend plan van aanpak, was het management overtuigd en werd er een pilot-project voor voorspellend onderhoud opgestart.

komt, wordt verzameld door verschillende sensoren die aan de kritieke onderdelen gekoppeld zijn. De sensoren meten onder andere de temperatuur, de vloeistofniveaus en trillingen. Gegevens worden realtime doorgestuurd naar de cloud, waarna deze door het SAP-systeem worden ingelezen. De digital twin verwerkt deze gegevens en vergelijkt die met vastgestelde normen en waarden. Zo kan hij afwijkingen detecteren. Indien deze afwijkingen niet binnen de toegestane limieten liggen, wordt gelijk een notificatie met een prioriteit aangemaakt. Indien nodig, kan er zelfs een onderhoudsorder worden aangemaakt, zodat deze meteen door de onderhoudsafdeling wordt opgepakt.

> Maximaal resultaat. Volgens Bas Horvers, werkzaam als Enterprise Asset Management Consultant bij Ideo, zijn de voordelen van voorspellend onderhoud duidelijk; “Voertuigen worden pas onderhouden en onderdelen pas vervangen, als dat ook echt nodig is. De analyse van data zorgt ook voor een beter inzicht in het ontstaan van slijtage, waardoor de planning van reserveonderdelen efficiënter kan plaatsvinden. En uiteindelijk maken we de cirkel rond en wordt het voorspellend onderhoud ook periodiek geëvalueerd”. Zo wordt er niet alleen vooruit gekeken, maar ook achteruit. Alleen dan wordt het maximale resultaat bereikt. En die grote verandering waar iedereen in eerste instantie zo tegenop keek? Die blijkt alles dan dubbel en dwars waard! <

15


VEILIG WERKEN <

Voorspellend onderhoud wordt een sleuteltechniek in ‘de fabriek van de toekomst’

Foto: NVDO

Als je over 10 jaar een heel nieuwe chemische fabriek zou bouwen, dan zou die er heel anders uitzien dan vandaag, zowel qua leiderschap, ontwerp als bediening en onderhoud. Voorspellend onderhoud wordt een sleuteltechniek in ‘de fabriek van de toekomst’. Safety Delta Nederland werkt met partijen om na te denken over de engineer en operator van de toekomst: welke competenties, vaardigheden, ervaring, kennis en opleiding zouden nu al nodig zijn om dit mogelijk te maken? Het begint vandaag, want ook de huidige installaties gaan mee met hun tijd. Gedegen Asset Management helpt bij het bewaken van de levensduur van de installaties en drijft vernieuwing. Hoe volwassener een Asset Management organisatie is, hoe beter deze organisatie zal omgaan met de uitdagingen van de ‘fabriek van de toekomst’.

> Welke veranderingen verwachten we?. De rol van de engineer zal anders worden. Er zal meer nadruk komen op intrinsiek veilig ontwerpen (Safe-by-Design), verregaande automatisering, andere samenwerking tussen mens en machine (robotisering) en ‘green/circular’ engineering. De tolerantie van aandeelhouders, buren en toezichthouders zal verder afnemen voor ongewone voorvallen zoals lekkages en ongeplande stops. Vergunningen zullen mogelijk anders worden, met meer eisen om zekerheid te hebben dat de operationele- en veiligheidsrisico’s goed beheerst worden. Dit alles heeft gevolgen voor onderhoud en inspectie. Daarnaast zullen door de energietransitie bestaande technieken voor het opwekken van energie worden vervangen door andere,

16 juli 2022

relatief nieuwe, technieken of methoden. Elektriciteit zal vaker en verregaander gebruikt gaan worden als duurzame energiebron in de procesindustrie, bijvoorbeeld als alternatief voor fornuizen die nu gestookt worden met fossiele brandstoffen of als energiebron bij productscheiding. En, nieuwe installaties zullen andere grondstoffen gebruiken in een meer circulaire economie.

> Voorspellend onderhoud als sleuteltechniek in ‘de fabriek van de toekomst’? ‘Wij zien een aantal zaken die steeds belangrijker wordt om voorspellend onderhoud succesvol te implementeren, zowel nu als in de fabriek van de toekomst’, zegt Arjan van Dijk, programma directeur Safety Delta Nederland; “Ten eerste is het belangrijk je data op orde te hebben. We hebben vaak oudere fabrieken waarvan niet alle gegevens bekend zijn die je eigenlijk nodig hebt om tot betrouwbaar voorspellend onderhoud te komen.

> Bouw kennis en capaciteit in je bedrijf om de data om te zetten naar (onderhouds)informatie. Ten tweede meldt Van Dijk; “Zelfs als je alle data wel hebt, kan het lastig zijn om goed voorspellend onderhoud te doen. In de eerste plaats heb je mensen nodig die in staat zijn om de data te evalueren en die digitaal vaardig zijn in het gebruik van de gereedschappen daarvoor. De onderhoudsplanner wordt hierdoor vooral ook een slimme data-


‘Voorspellend onderhoud als sleuteltechniek in ‘de fabriek van de toekomst’

engineer”. Verder moeten deze technische experts ook in staat zijn om de mogelijke gevolgen in te schatten van de gemaakte inspectie- en onderhoudskeuzes, zowel op de korte als de middellange termijn, aldus Van Dijk. “De uitdaging ligt hier in het ‘stapelen’ van kleine risico’s die individueel prima te tolereren zouden zijn, maar die samen zouden kunnen leiden tot een onacceptabele betrouwbaarheid en veiligheid van de installaties. Deze risico inschatting vraagt mensen die goed kunnen samenwerken met bijvoorbeeld operatie en engineering”.

> Ten derde: Sta open voor nieuwe werkmethodes. Nieuwe methodes om real-time data te verzamelen worden steeds belangrijker. Nu al worden robots gebruikt voor het controleren van corrosie in pijpleidingen, voor ultrasone wanddikte-metingen, voor conditie monitoring vanuit de lucht, onderwater-meting, voor het verwijderen van vuil, verf en het schoonmaken van de buitenzijde van tanks. Dit alles levert veel data. Van Dijk; “ ‘Text mining’, Natural Language Processing (NLP) of Artificial Intelligence (AI - Kunstmatige Intelligentie) worden nu nog nauwelijks gebruikt ter verbetering van de betrouwbaarheid of de veiligheid in de industrie. De potentie die deze nieuwe data-technologie biedt in het slim omgaan enorme beschikbare data-volumes biedt kansen voor verdere stappen in voorspellend onderhoud. Zo’n nieuwe vorm van voorspellend onderhoud noodzaakt een grondige herziening van risicobeheersing. Want hoe weet je zeker dat het zelflerend systeem geen andere of onverwachte dingen gaat doen, dan waar het voor bedoeld is? Voor dit laatste is al wetgeving in de maak, welke regels geeft voor ‘hoog risico’ AI activiteiten. Dit zijn activiteiten met mogelijke impact op leven, gezondheid of grondrechten van mensen. De onderhoudsplanner wordt hierdoor ook een ‘machineveiligheidskundige’. Een rol die het gebruik van ‘hoog risico’ AI activiteiten opneemt in de risicoanalyses en die de (nieuwe) wettelijke kaders kent.

Een robuust voorspellend onderhoudssysteem heeft ingebouwde technische en sociale veerkracht om met de gevolgen van (kleine) ‘verstoringen’ om te gaan. Zulke ‘verstoringen’ kunnen bijvoorbeeld zijn: bekende of onbekende technische of werk procedurele onvolkomenheden, kleine menselijke fouten, veranderingen in personele verantwoordelijkheden en onverwachte invloeden van buitenaf, etc. Het is dat samenspel in talloze combinaties van ‘kleine verstoringen’ die ertoe kunnen leiden dat uitkomsten heel anders zijn dan verwacht. Een lerende bedrijfscultuur stimuleert een nieuwsgierig blik van de medewerkers. Mensen vragen zich af waarom iets anders gaat dan verwacht op basis van de technische voorspellingen. Mensen krijgen de tijde en ruimte om uit te zoeken. En, in sommige gevallen zal dit tot diepgaand onderzoek leiden, waarbij concrete verbeteracties dan ook echt worden geïmplementeerd.

> Werken aan de toekomst! “We moeten blijven werken aan innovaties in het opleiden van mensen. Er komen minder professionals beschikbaar en kennis neemt af in een steeds complexere wereld die volop in transitie is. Door kennis-erosie kunnen onze systemen onder druk komen te staan. Trainen nieuwe stijl kan een oplossing zijn met slimmer “hands-on” leren, gebruik van simulatoren, en andere vormen van kennisoverdracht van oudere naar jongere medewerkers”. In de Safety Delta Nederland zetten industrie, overheid en wetenschap zich in om samen de veiligheid verder te verbeteren bij bedrijven in Nederland die werken met gevaarlijke stoffen: vinden, verbinden en vernieuwen in veiligheid, ook in de fabriek van de toekomst! <

> Blijf een lerende bedrijfscultuur stimuleren. Ten slotte meldt Van Dijk dat een te groot vertrouwen in de techniek er toe kan leiden dat het menselijk aspect in de organisatie achterblijft. Want ook met de meest moderne voorspellende technieken, die vaak uiterst ingewikkeld zijn, kunnen dingen anders lopen dan verwacht. Een open, lerende organisatie weet hiermee om te gaan.

Foto: NVDO

17


THEMA ARTIKEL <

Integrale aanpak bruggen en kademuren

in Amsterdam werpt vruchten af Amsterdam telt ongeveer 1.800 bruggen en 600 kilometer kades, oevers en glooiingen. Veel van deze objecten hebben dringend onderhoud nodig. Om onderhoud en Asset Management in goede banen te leiden, werd in 2019 het Programma Bruggen en Kademuren opgericht. Dit programma richt zich op 829 verkeersbruggen en de ongeveer 205 kilometer aan op diepere grondlagen gefundeerde kademuren. “Dit zijn de bruggen en kademuren waarvan de inschatting is dat de gevolgen van constructieve gebreken hoog kunnen zijn. Of ze zijn belangrijk om een goed functioneren van de stad te kunnen garanderen”, stelt Rik Hoogeveen van de gemeente Amsterdam. De inventarisatie van de constructieve staat van de kademuren valt onder meer onder zijn verantwoordelijkheid. “Er is momenteel een gigantische hoeveelheid achterstallig onderhoud. Van veel kademuren en bruggen zijn de bouwkundige documenten in het verleden niet goed beheerd waardoor er niet altijd een duidelijk beeld is van de staat van de objecten. Op basis van onderzoek en een analyse van de impact van mogelijke maatregelen op de bereikbaarheid en leefbaarheid in de stad, bepaalt het PBK waar welke veiligheidsmaatregelen nodig zijn en wanneer er waar

wordt vernieuwd. Daarom hebben we twee hoofddoelen geformuleerd. Een eerste is om inzichtelijk te krijgen wat de staat is van de objecten. Een tweede is een inhaalslag maken op onderhoud door de aanpak van de objecten aanzienlijk te versnellen. De programma-organisatie volgt daarvoor de aanbevelingen uit het zogeheten rapport ‘Factor 20’ van de Commissie Cloo in 2020. Doel is om te zorgen voor een versnelling en opschaling met een factor 20”.

Enkele versterkte kademuur Foto: gemeente Amsterdam

18 juli 2022


‘Naast de informatieverzameling per object zoomen we ook uit en bekijken we het geheel’

Nieuwe rekenmethodieken De kademuren vallen onder de Woningwet, waaronder het Bouwbesluit hangt. Hoogeveen; “We moeten de kademuren dus toetsen of ze voldoen aan het Bouwbesluit. Die zijn allemaal gericht op ontwerpen. Echter, wanneer je bestaande historische kademuren toetst op basis van moderne ontwerpnormen, zouden ze bijna allemaal worden afgekeurd: ze hadden bij wijze van spreken al enige tijd in het verleden moeten bezwijken. Toch zijn die kademuren er nog steeds. Dus de regels passen niet goed bij het beoordelen van de bestaande constructies. Dat maakt het eveneens complex. De normen en de omgevingsdienst hebben als doel om niet ten onrechte een object goed te keuren. Het belang van de gemeente is om niet ten onrechte objecten af te keuren. Daar zit dus een spanningsveld waarvoor we ook een oplossing zoeken. Zo loopt er momenteel onder meer een onderzoek in samenwerking met de TU Delft om de bezwijkmechanismen van kademuren beter in kaart te brengen. Een bestaande kademuur wordt vervormd waarna een diepgaande analyse volgt. Doel is om een rekenmethodiek te ontwikkelen die een voorspellende waarde heeft in plaats van een ontwerpende waarde. Deze rekenmethodiek kan vervolgens – mits goedkeuring van bevoegd gezag - in de rekenprogramma’s worden vertaald”.

team vervolgens gebeurt, is dat we nagaan of de documentatie nog actueel is. Soms zijn er tekeningen uit de jaren vijftig, maar zijn er op een later moment nog aanpassingen doorgevoerd, waardoor deze historische informatie niet langer relevant is. Ook zijn er soms verkeerde benamingen gebruikt of spreken plannen elkaar tegen. We brengen dus de informatie die voor handen is, weer op orde. Waar we op dit moment op focussen zijn de kademuren op houten palen – ongeveer 120 van de 205 kilometer. We gaan ervanuit dat de houten funderingen het meest kwetsbaar zijn”.

> Veel typen constructies. Sommige van de grofweg 1750 kademuren bestaan uit één constructie, maar anderen zijn soms wel op zeven manieren opgebouwd. “Daardoor zullen we in totaal meer dan 3.500 typen constructies moeten beoordelen. Als je dat moet berekenen, kost dit meer dan honderd manjaar. Daarom doen we eerst een kwalitatieve risicobeoordeling zodat duidelijk wordt welke kademuren we moeten doorrekenen”. Dit doet de gemeente Amsterdam niet alleen. Rick de Boer, projectleider asset management bij Arcadis licht toe. “Gezien de grootte en complexiteit, zijn diverse samenwerkingspartners bij het Programma Bruggen en Kademuren betrokken, waaronder een aantal ingenieursbureaus. Arcadis is één van de drie partners in de samenwerkingsovereenkomst (SOK), samen met Fugro in een combinatie, waarnaast ook Antea en Witteveen+Bos zijn aangehaakt. De SOK- >

> Samenwerking. Om dit te kunnen realiseren is het noodzakelijk om werkwijzen en processen te innoveren en optimaliseren en de samenwerking op te zoeken met partners. Hoogeveen; “Een traditionele projectmatige aanpak waarbij je per object een aanbesteding uitschrijft, gaat niet snel genoeg. En aangezien het om veel verschillende objecten gaat, moet je ook rekening houden met diverse variabelen, zoals bijvoorbeeld de leefbaarheid van de stad. We moeten zien te voorkomen dat door het uitvoeren van onderhoud op bepaalde plekken, de stad op slot gaat. Daarom is een overkoepelende, goed gecoördineerde aanpak nodig”.

> Documenteren. De eerste stap is om de documentatie over de kademuren die her en der nog beschikbaar is, te verzamelen. “Daarvoor worden in het programma specialisten ingezet die ongelooflijk goed zijn in het terug vinden van informatie. Wat in ons

Duikinspectie Keizersgracht Foto: gemeente Amsterdam

19


>

partners ondersteunen de gemeente Amsterdam gedurende het gehele vernieuwingsproces; van de eerste onderzoeken tot overdracht aan de beheerder. Zo helpen we de gemeente Amsterdam op dit moment met het uitvoeren van de verificatieberekeningen met als doel de restlevensduur van de kademuren inzichtelijk te maken. Dit doen we op basis van allerlei informatie: van bestektekeningen, bestekteksten, duikonderzoeken, sensordata tot boringen in houten palen om na te gaan in welke mate de dikte is afgenomen gedurende de tijd. Al deze informatie verwerken we in een rekenmodel in Plaxis 2D. Daarin modelleren we vervolgens ook alle belastingen”. “Niet alleen verkeers- en parkeerbelasting spelen een rol, maar ook de bijvoorbeeld de invloed van aanlegpunten voor boten op de kademuren evenals de invloed van de wind op de bomen langs de kade die de windbelasting doorgeven aan hun wortels die zijn verankerd in de kademuren. We onderzoeken of de kademuren rekenkundig voldoen aan de huidige normen en richtlijnen. Op basis daarvan kunnen we advies geven over de programmering, wanneer ze moeten worden vervangen”. Hoogeveen vult aan; “Naast de informatieverzameling per object zoomen we ook uit en bekijken we het geheel. Mogelijk zijn er patronen te herkennen bij bepaalde type kademuren of in bepaalde gebieden waardoor we kunnen versnellen”.

> Gelijkenissen en herhaalbaarheid. De Boer; “Zo’n rekenmodel hoeven we ook niet bij elk object vanaf nul op te bouwen en in te tekenen. Op basis van parameters hebben we het rekenmodel opgezet zodat je snel bij nieuwe objecten variabelen kunt wijzigen zodat er automatisch een nieuw model wordt gegenereerd. Deze automatisering bespaart ons veel tijd. Nu komen we nog veel verschillende kademuren tegen, maar er zijn ook veel kademuren die vergelijkbaar zijn waardoor dit nog meer tijdswinst oplevert in de toekomst. We maken niet elke berekening uniek, maar zoeken naar gelijkenissen en herhaalbaarheid”. > Complex. Het is een uitgebreid, maar vooral ook complexe opgave. De Boer; “De grondopbouw die je in het model stopt is van grote invloed op de berekeningen. Maar je hebt niet altijd exact in beeld hoe de grond precies is opgebouwd. Ook de windbelasting laat bijzondere resultaten zien. In de eerste berekeningen namen we de windbelasting zwaarwegend mee, maar tijdens de storm van afgelopen februari zagen we dat kademuren in de praktijk gewoon overeind

Houten draagstructuur Jacob Catsstraat Foto: gemeente Amsterdam

20 juli 2022

Rik Hoogeveen

Rick de Boer

blijven staan zelfs als een boom omvalt. De theorie sluit dus niet altijd helemaal aan bij wat je in de praktijk ziet. Met gevoeligheidsanalyses en praktijkproeven die de gemeente Amsterdam uitvoert in samenwerking met de TU Delft proberen we meer grip te krijgen op de praktijksituatie. Op de Noord-Zuidlijn-route is er een goede set aan betrouwbare data beschikbaar van de grondopbouw, zeker voor de diepere grondlagen. Daarbuiten is dit soms minder goed in kaart gebracht. De gemeente Amsterdam werkt daarom momenteel aan het ontwikkelen van een completere set grondparameters waarvoor sonderingen en laboratoriumonderzoek nodig zijn. En dat kost tijd”.

> Stap voor stap. Hoogeveen; “Stap voor stap wordt duidelijk welke parameters een belangrijke invloed hebben op de status van de kademuren. Zo is de grondopbouw een belangrijk aspect, maar ook hoe de houten fundering zich gedraagt is van belang”. En ook daar zijn meerdere variabelen. “Er zijn zowel vierkante balken als ronde palen, de houtsoort kan variëren, hout kan zijn gebogen door belasting waardoor het zich anders is gaan gedragen. En ook het metselwerk kan invloed hebben. Wanneer een houten paal niet goed zijn werk doet, zullen de krachten door het metselwerk worden herverdeeld onder de rondom liggende palen. Op dit moment is er nog maar weinig onderzoek beschikbaar hierover, maar het is noodzakelijk dat we ook over dit soort verborgen veiligheden meer te weten komen. Binnenkort hebben we een aantal optimalisatiesessies om de mogelijke routes en verbeterslagen te bespreken, ook met de TU Delft, Deltares, en andere betrokken partners. Zo maken we stap voor vorderingen en worden de modellen steeds nauwkeuriger en betrouwbaarder”. > Samenwerken werpt vruchten af. De samenwerkingsovereenkomst loopt nu pas een aantal maanden, maar de waarde werd al snel duidelijk. De Boer; “De samenwerking verloopt ontzettend goed. Het is geen opdrachtnemer-opdrachtgever-project, maar we werken echt samen als één team. De kennis van de betrokken partijen is complementair aan elkaar. Die breed gedragen aanpak leidt tot mooie vorderingen”. Hoogeveen vult aan; “Aangezien het langlopende en omvangrijke samenwerkingscontracten betreft en het commerciële belang is gedekt, hoeven de betrokken ingenieursbureaus elkaar niet te beconcurreren. Wat er dan gebeurt, is dat de techneuten met hun vakbroeders, ongeacht waar ze werken, aan de slag gaan met hetzelfde doel voor ogen. En dat wil je bereiken. Samen kunnen we innoveren en versnellen. De start is in elk geval gemaakt”. <


Kort Testruimte voor Virtual Reality toepassingen TechValley en Hogeschool Inholland Alkmaar krijgen een zogenoemde ‘XR Demo Room’. Dit project wordt mede mogelijk gemaakt met subsidie van Provincie Noord-Holland. Met de Demo Room kunnen Virtual Reality (VR) en Augmented Reality (AR) oplossingen ontwikkeld worden voor de machinebouwindustrie. Door de Smart Industry Hub Noordwest is hard gewerkt om dit project mogelijk te maken. De Demo Room krijgt een plek bij het Fieldlab TechValley en geeft Noord-Hollandse machinebouwers en studenten de mogelijkheid om samen te werken aan nieuwe AR- en VR-toepassingen. Tien machinebouwers die aan TechValley zijn verbonden willen graag aan de slag met service op afstand. Richard Paardekooper, financieel directeur en aandeelhouder van JOZ B.V. wordt een van de eerste gebruikers; “Deze XR-Demo Room kan ons helpen om onze servicemedewerkers vertrouwd te maken met deze nieuwe technologieën en manier van werken”.

Voor machinebouwers is service en onderhoud op afstand aan machines -die doorgaans wereldwijd worden geplaatst- een grote organisatorische uitdaging. Machines worden steeds complexer, wat het moeilijker maakt om storingen en problemen lokaal door de klant of door lokale partners op te laten lossen. Eigen monteurs en engineers vliegen de hele wereld over, wat belastend is voor de organisatie, medewerkers en het milieu. Daarnaast zijn er veel reisbewegingen tussen machinebouwers en hun klanten voor bijvoorbeeld machinetrainingen en metingen, installaties en testen op locatie van de klant. Door de COVID-19 pandemie en de reisbeperkingen die dat tot gevolg had, is de belangstelling vanuit machinebouwers en hun klanten voor service op afstand (Remote Services) sterk toegenomen. De XR Demo Room wordt naar verwachting nog voor de zomer geplaatst in het TechValley Fieldlab dat onderdeel wordt van het Innovatielab van Hogeschool Inholland in Alkmaar. <

Realtime Onderhouden bij Rijkswaterstaat Met de vervanging- en renovatieopgave waar Rijkswaterstaat mee te maken heeft, zoekt Rijkswaterstaat naar innovatieve manieren om het onderhoud van installaties efficiënter te maken. Waar periodiek onderhoud de norm was, onderzoekt Rijkswaterstaat de mogelijkheden van voorspelbaar onderhoud, waarmee onderhoud op installaties precies op tijd plaats vindt. Hiermee worden storingen voorkomen en zijn kunstwerken beter beschikbaar. Datagericht werken Datagericht werken speelt een belangrijke rol binnen Rijkswaterstaat. Door slim gebruik te maken van sensoren en de technieken daarachter, komt er steeds meer data beschikbaar waarmee onderhoud voorspelt kan worden. De afgelopen jaren heeft het programma Vitale Assets (Voorspelbaar Onderhoud) intensief samengewerkt met aannemers en leveranciers om nieuwe methoden te ontwikkelen en te zoeken naar nieuwe vormen van samenwerking. Binnen het programma Vitale Assets werkt Rijkswaterstaat met sensortechnologie en big data aan voorspelbaar onderhoud. Daarmee

zal regulier onderhoud aan objecten steeds meer plaatsmaken voor realtime onderhoud. Bij verschillende objecten doet Rijkswaterstaat samen met de markt ervaring op met open data en de gevolgen voor contracten. Deze kennis wordt onder andere in een community gedeeld. Het onderhoud van Rijkswaterstaat-objecten moet slimmer. Voorspelbaar onderhoud op basis van sensortechnologie en big data moet uitkomst bieden. Het principe hiervan is dat het niet periodiek plaatsvindt, maar realtime. Achtergrond Vitale Assets sluit heel goed aan bij het aandachtpunt verjongen, vernieuwen of verduurzamen van kunstwerken van Rijkswaterstaat. Veel van de kunstwerken van Rijkswaterstaat zijn verouderd en zijn aan het einde van hun levenscyclus. De staat van onderhoud bepaalt of een kunstwerk snel vervangen moet worden of dat het nog een aantal jaren mee kan. Met voorspelbaar onderhoud krijgt Rijkwaterstaat de staat van onderhoud van het kunstwerk goed in beeld, wat helpt om de vervangingsopgave over de komende decennia te spreiden. <

21


VISIE <

Data speelt een sleutelrol De industrie staat voor een pittige opgave om te verduurzamen. Een van de manieren om dit te doen is data delen en leren van elkaars energiebesparende activiteiten. Maar hoe doe je dat zonder concurrentiegevoelige informatie prijs te geven? Bedrijven zijn aan zet om verduurzamingsplannen te maken. Data speelt hierin een sleutelrol: om energieprestaties te meten én te delen, onderling en met overheden.

> Tot 30% energie besparen Om het belang van het delen van data te benadrukken, zegt Frans van den Akker, business developer industrie bij Royal Haskoning DHV: “Door digitalisering en gebruik van data kunnen bedrijven 5 tot 30% energie besparen. Het gaat om maatregelen met een terugverdientijd van een halfjaar tot twee jaar. Dat zijn belangrijke quick wins”. Hoe bedrijven dit slim kunnen doen? “Kijk naar de digitale vaardigheden die medewerkers nodig hebben. Trek als sector met elkaar op: deel inspirerende praktijkvoorbeelden en maak juridische en technische afspraken hoe je data deelt”. > Werken aan vertrouwen. Harold Veldkamp, directeur Digitalisering van de Topsector Energie, is het eens met Van den Akker. “Wil je alle besparingspotentie realiseren, dan moet je goede afspraken maken. Anders neemt het wantrouwen toe en delen bedrijven niets meer”. Dat vertrouwen geldt ook voor de overheid. “Misschien blijkt

Foto: NVDO

uit cijfers dat een bedrijf wel de helft van zijn energieverbruik kan besparen. Dan moet het niet het gevoel hebben tot die besparing onmiddellijk gedwongen te worden. Een bedrijf wil handelingsvrijheid hebben om op het juiste moment de juiste maatregel te nemen”.

> Eigenaarschap van data. Gerard van der Hoeven van Stichting IShare; “Het uitgangspunt is om de eigenaar van de data alle controle hierover te laten houden. Iedereen houdt zich aan de licentie waarbij het ook mogelijk is om derden te machtigen”. IShare past dit principe al toe in de logistieke sector en doet nu een pilot in de energiesector. “Als RVO bijvoorbeeld subsidie verstrekt voor het verduurzamen van een pand, dan geeft de aanvrager meteen de machtiging aan RVO om data over energiegebruik te monitoren”.

‘Bestaande energiesystemen optimaliseren is niet voldoende’ 22 juli 2022


> Vernieuwing in plaats van optimalisatie. Aaldrik Haijer, directeur van Water Energy Solutions, is kritischer. “Bestaande energiesystemen optimaliseren is niet voldoende. De winst zit in nieuwe concepten en andere modaliteiten voor productieprocessen. Daar

Hoe kunnen bedrijven in de industrie data gebruiken en delen? • Zorg voor onderling begrip tussen industrie, energie en overheid. Pas dan kun je afspraken maken over het delen van data • Maak goede juridische en technische afspraken over het delen van data om onderlinge vertrouwen te vergrote • Geef de eigenaar van data alle controle hierover. Regel de uitwisseling in licenties • Kijk naar de digitale vaardigheden die je medewerkers nodig hebben • Trek als sector met elkaar op: deel inspirerende praktijkvoorbeelden • Richt je ook op nieuwe concepten voor energiebesparende productieprocessen en schat op basis van die kennis data op waarde • Start gewoon met het delen van data. Dan ontdek je vanzelf hoe je dit het beste kunt organiseren

moeten we meer kennis over ontwikkelen. Pas dan kun je data op waarde schatten”. Veldkamp kan Haijers betoog volgen. “Henry Ford zei al: als ik mensen zou hebben gevraagd wat ze wilden, ontwikkelde ik geen auto maar een sneller paard”. Haijer; “Laten we ons dan eerst op de auto concentreren in plaats van sensoren in het achterste van een paard te hangen”.

> Onderling begrip. Haijer constateert nog een aandachtspunt in het delen van data. “Producenten, netbeheerders, gebruikers en overheden moeten elkaar eerst beter leren begrijpen om goed met elkaar samen te werken en data te delen. De overheid moet bijvoorbeeld begrijpen dat je van tevoren niet zo maar commitment van bedrijven mag verwachten om in een bepaalde energiebesparende technologie te investeren”.

> Ondersteuning Topsector Energie. Veldkamp is blij met de discussie. “Het is altijd goed om naar de nut en noodzaak van datadelen te kijken. Als Topsector Energie willen we marktpartijen in de industrie helpen door ze met elkaar te verbinden en te wijzen op nieuwe opties en oplossingen. Zelf zoeken we de samenwerking op met andere topsectoren, zoals Logistiek, maar ook Zorg en Water”. Volgens Van der Hoeven is data delen daarnaast vooral een kwestie van doen. “Ga het met bestaande en bewezen methoden en technieken gewoon lekker proberen. Dan ontdek je vanzelf hoe je dit het beste kunt organiseren”. <

23


BRANDED CONTENT <

‘Slimmer smeren’ in vier stappen met Van Meeuwen Smeertechnisch onderhoud naar een hoger niveau tillen vraagt om maatwerk, want elke productieomgeving heeft zo zijn eigen kenmerken. Van Meeuwen Lubrication heeft de opstart of verbetering van het smeertechnisch onderhoud honderden keren uitgevoerd. Rienk Minderman, Innovator bij Van Meeuwen, licht toe hoe dat tegenwoordig verloopt: “Waar we overeenkomsten zien tussen machineparken, herkennen we ook valkuilen en kritische onderdelen. Verbeteren vraagt om een stabiele basis én betrouwbare data.” In de volgende 4 stappen legt Minderman uit waarmee Van Meeuwen haar klanten ondersteunt en ontzorgt. Stap 1: Van asset-breakdown naar smeerplan Het plaatsen van machines is de basis voor een asset-breakdown. “Dat is de basis voor onze smeerplannen,” begint Minderman. “Met machinehandleidingen komen we tot een theoretisch smeerschema. Waar in pakketten zoals SAP, Maximo en Ultimo de machine op het laagste niveau staat, kijken wij twee niveaus dieper. De machineonderdelen staan op een eigen laag met daaronder alle smeertechnische onderhoudstaken.”

24 juli 2022

Minderman vervolgt: “Helaas komt het zelden voor dat de machinehandleiding precies de situatie op de productievloer omschrijft. Naast de positie, omgevingstemperatuur en uitvoering zijn ook eisen zoals voedselveilig of waterafstotend smeren belangrijke factoren. Onze experts zorgen voor deze verbeterslag en komen zo tot een smeerplan op maat.”


Stap 2: Dynamisch smeren, registreren en actualiseren Voor de uitvoer van een smeerplan heeft Van Meeuwen een eigen onderhoudssoftwareplatform ontwikkeld. Door middel van een app voorziet dit zogenaamde S)MAXX-platform de uitvoerder op elk moment van het beste overzicht van de smeertechnische onderhoudstaken. Na uitvoering volgt registratie en het doorplannen van de taak. Minderman: “Wanneer een taak niet uitgevoerd kan worden, biedt de app de optie om de taak te weigeren wat wordt gemeld als ‘taak niet uitgevoerd’. Ook het actualiseren gebeurt met de app waarbij alle mogelijke wijzigingen kunnen worden aangevraagd.”

Stap 3: Analyseren, visualiseren en ‘Slimmer smeren’ Minderman geeft aan: “Trends of afwijkingen in de data zijn aanleidingen om verbetertrajecten te bespreken. Voorbeelden zijn het verleggen van smeerpunten, het verbeteren van smeer-/controlefrequenties, verdere dataverzameling door middel van sensoren, oliemonsternames en het combineren van data uit een andere bron. Ook een Root Cause Analysis kan worden ondersteund met de data uit S)MAXX.”

Stap 4: Strategisch inzetten Minderman tot slot: ”Niet elke organisatie heeft het onderhoud op hetzelfde niveau. Door middel van analyse en oplossingen op een passend niveau helpt Van Meeuwen met het S)MAXX-platform de ontwikkeling van het smeertechnisch onderhoud en dus met Slimmer smeren!”

25


ONDERZOEK <

Optimaliseren van inspecties, onderhoud en versterkingen

van dijktrajecten

Sinds 2017 gelden nieuwe overstromingskansnormen voor de ongeveer 4000 kilometer primaire waterkeringen in Nederland. Deze normen zijn risicogebaseerd en zorgen ervoor dat overal in Nederland het overstromingsrisico acceptabel laag is. Om de normen goed te benutten, is het van belang om bij alles wat bij versterking, beheer en onderhoud van waterkeringen komt kijken goed rekening te houden met deze risico’s, en daarop te sturen. Wouter Jan Klerk (overstromingsexpert Deltares) promoveerde onlangs aan de TU Delft op dit onderwerp.

Binnen het AllRisk onderzoeksprogramma verdiepte onderzoeker Klerk zich in hoe beter kan worden gestuurd op basis van overstromingskansen bij versterking en beheer en onderhoud van dijken. Hij richtte zich op drie hoofdonderwerpen: optimaliseren van dijkversterkingsprojecten, investeren in het verkleinen van onzekerheden in de sterkte van dijken, en risicogestuurd beheer en onderhoud.

termijn versterkt moeten worden. Uit de vergelijking met gangbare methoden blijkt dat het inzetten van deze optimalisatiemethode niet alleen leidt tot een veel goedkopere dijkversterking (kostenreductie van 30-40 procent), maar dat ook onnodig zware dijkversterkingen, en daarmee overlast voor de omgeving, worden voorkomen.

> Methode in de praktijk. In zijn onderzoek ontwikkelde hij een methode waarmee versterkingen van dijktrajecten (met een lengte van ongeveer 20 kilometer) kunnen worden geoptimaliseerd op basis van het effect van verschillende versterkingsoplossingen op de overstromingskans. De methode is in de praktijk toegepast bij het dijkversterkingsproject Streefkerk-Ameide-Fort Everdingen (SAFE) om te bepalen welke delen van dit dijktraject op korte

Veel van de Nederlandse dijken zijn afgekeurd op onderloopsheid (piping) en instabiliteit. Daarbij speelt vaak een rol dat er weinig zekerheid bestaat over hoe een specifiek stukje dijk zich gaat gedragen onder extreme omstandigheden. In het onderzoek ontwikkelde Klerk een methode om de baten van dijkmonitoring en proefbelasting door bijvoorbeeld infiltratieproeven te onderbouwen zodat deze onzekerheden kunnen worden verkleind. Naast dat

26 juli 2022


‘’

‘Risicogestuurd beheer en onderhoud verbeteren’

invloed hiervan op de faalkans van een dijktraject: deze invloed blijkt dusdanig groot te kunnen zijn, dat hier rekening mee moet worden gehouden in het bepalen van faalkansen. Tegelijkertijd blijken extra inspecties, al dan niet met potentieel nauwkeurigere inspectiemethoden zoals drones, hier zeer kansrijke opties om het risico-gestuurd beheer en onderhoud te verbeteren.

Dijkinspectie Foto: Mark van der Krogt

> Dijkversterkingsprojecten optimaliseren. De in dit onderzoek ontwikkelde optimalisatiemethode voor dijkversterkingen is uitermate geschikt voor het programmeren en prioriteren van toekomstige dijkversterkingen en kan tot een veel efficiëntere programmering voor dijkversterkingsprojecten leiden. Het beter kijken naar de invloed van onzekerheden, en hoe deze verkleind kunnen worden zou daar een onderdeel van moeten zijn. Een belangrijk aandachtspunt wat aan het licht is gekomen in dit onderzoek is de verbinding tussen beheer en onderhoud en de faalkans van dijken. De dagelijkse praktijk van beheer en onderhoud staat ver af van de overstromingskansen, maar blijkt tegelijkertijd erg belangrijk. Onderbouwen hoe inspecties en onderhoud relateren aan de overstromingskans geeft inzicht in hoe deze dagelijkse praktijk kan worden verbeterd. Het verbeteren van visuele inspecties of inzetten van bijvoorbeeld drones bij inspecties kan een belangrijke bijdrage leveren aan het voldoen aan de overstromingskanseisen. <

de baten behoorlijk groot blijken te zijn, heeft dit ook geleid tot een aantal praktische adviezen die helpen bij het in de praktijk efficiënt toepassen van monitoring en proefbelastingen.

> Bepalen van faalkansen. Het derde onderwerp waar hij naar heeft gekeken is risico-gestuurd beheer en onderhoud. Jaarlijks worden de Nederlandse dijken grondig visueel geïnspecteerd door de waterschappen, maar het was niet bekend hoe nauwkeurig deze inspecties zijn. In samenwerking met Waterschap Rivierenland is dit in de praktijk onderzocht door een aantal dijkvakken meerdere keren door verschillende inspecteurs te laten inspecteren. Hieruit blijkt dat inspecties waardevolle informatie opleveren, maar dat visuele inspecties zeker niet perfect zijn en er dus schades en gebreken onder de radar blijven. Daarom is ook gekeken naar de

Wouter Jan Klerk Foto: privé collectie

27


THEMA ARTIKEL <

Team werkt aan voorspellend

onderhoud voor Zeelandbrug Eén brugdeel van de basculebrug van de Zeelandbrug is dit voorjaar voorzien van trillings- en temperatuursensoren die de conditie van lagers en olie meten. De data die dat oplevert wordt gecombineerd met bedieningsdata, energieverbruiksgegevens en informatie over verkeer en weer. Uiteindelijk moet dit leiden tot inzichten die helpen het brugonderhoud in de toekomst honderd procent voorspelbaar te maken.

Zeelandbrug Foto: WCM

28 juli 2022


Ruim tienduizend voertuigen rijden er dagelijks over de 5.200 meter lange brug. Gemiddeld elf keer per dag moet de basculebrug open voor passerende schepen. “Een storing heeft grote impact op de mobiliteit van de bewoners en voor het toerisme. Door de eilandenstructuur van Zeeland vormt de Zeelandbrug een belangrijke verbinding. De brug vertoont weliswaar weinig storingen, maar hij begint op leeftijd te raken en dus neemt de kans op storingen toe”, zegt Martijn Hoosemans, teamcoördinator Programmeren en Plannen en voorbereiden van de provincie Zeeland, eigenaar van de brug.

> Fenomenaal. Het onderhoud aan de uit 1965 daterende brug gebeurt nu nog preventief en op basis van visuele inspecties en de ervaring van de betrokken technici. “De kennis en ervaring van die technici is fenomenaal. Sommigen werken al veertig jaar aan de brug, kennen de brug van binnen en van buiten. Ze horen het gewoon wanneer er iets niet klopt en er een mogelijke storing aankomt. Maar ze gaan ooit met pensioen en daarom is het nu het juiste moment om dit project te doen. Naast de verzamelde data heb je ook die expertkennis nodig om die data te begrijpen en een rekenmodel te kunnen ontwikkelen”. Het meenemen van de mensen in de nieuwe ontwikkeling is dan ook belangrijk, zegt Hoosemans. “Het is trouwens ook niet de verwachting dat we deze mensen niet

meer nodig hebben omdat we data verzamelen en straks hopelijk het onderhoud kunnen voorspellen. De data zorgen er straks voor dat de technici hun werk efficiënter en effectiever kunnen doen”.

> Vier projectpartners. De Zeelandbrug verbindt niet alleen Noord-Beveland met Schouwen-Duiveland, het verbindt ook een vijftal projectpartners. Het verzamelen en analyseren van de brugdata gebeurt namelijk in een project samen met HZ University of Applied Sciences (als kennis- en onderzoeksinstituut) en Istimewa (als assetbeheerder en onderhoudsexpert). Fieldlab CAMINO van World Class Maintenance (WCM) is betrokken als aanjager van het project en is tevens projectbegeleider. Zeer recent is ook IFM Electronic als partner toegetreden tot het samenwerknigsverband. Zij waren al aan boord als leverancier van de sensoren, maar zijn nu volwaardig partner geworden. De vijfde partner is asset owner provincie Zeeland, WCM is de smeerolie tussen de partners. Het project startte in 2020 en aanvankelijk werd als doel vastgesteld ‘het voorkomen van storingen’, maar inmiddels is dat gewijzigd naar ‘het voorspellen van het onderhoud’. “Ons doel is om te komen tot voorspelbaar en risicogestuurd onderhoud en dit te integreren in de beheerstrategie van de brug”.

> Tachtigduizend records. Begin dit jaar werden er trillingsen temperatuursensoren die de conditie van lagers en olie meten aangebracht op een van de beweegbare delen. Hoosemans hoopt nog voor de zomer samen met zijn technische collega’s, HZ en Istimewa stappen te kunnen zetten om de data te begrijpen. “De grootste uitdaging is wellicht het inwinnen van de juiste data voor het nemen van de juiste beslissingen. Toevallig ontving ik vanmorgen een Excel-bestand met sensordata met tachtigduizend records. Dat analyseren kost wel even tijd”. Reindert Hoeksema, maintenance engineer bij Istimewa, legt uit; “We zijn begonnen met uiteenzetten uit welke onderdelen de brug bestaat. Vervolgens hebben we op elk onderdeel een risicoanalyse uitgevoerd. Welk onderdeel geeft het vaakst storingen? Wat zijn de gevolgen van een storing? En wat is interessant om te voorspellen? Zo bleek dat we veel storingen hadden door vervuiling van de camera’s, maar dat is voor ons niet interessant om te monitoren. Terwijl bij een storing in de hoofdbeweging van de brug – bijvoorbeeld in de elektrische aandrijving of in de tandwielkasten – de gevolgen groot zijn. Daarom kozen we > ervoor om op die onderdelen te focussen”.

Martijn Hoosemans Foto: Provincie Zeeland

29


>

Hoosemans; “De bestaande data van verkeer, weer, energieverbruik en bewegingsdata hebben we al. Die data leggen we over de sensordata en dat moet leiden tot nieuwe inzichten die ons helpen om een model te ontwikkelen dat kan voorspellen wanneer onderhoud nodig is. Niet te vroeg, maar ook zeker niet te laat”.

> Normaalprofiel vaststellen. Hoosemans; “We willen nu eerst vaststellen wat normaal is, want anders weet je niet wat een afwijking is”. De pilot leverde in elk geval al op dat de 4G-verbinding ‘midden op het water’ niet stabiel genoeg is. “We rijden er nu heen met een USB-stick om de data op te halen. Dat is wel wat gedoe. Binnenkort krijgen we een ADSL-verbinding”. Dat de windkracht en windrichting van invloed zijn op het energieverbruik kwam niet als een verrassing. “Maar nu weten we het zeker op basis van alle data”. Als de normaalwaardes straks in kaart zijn gebracht, gaan de projectpartners in de volgende fase aan de slag met het beheerplan. “Op basis van welke informatie maken we de onderhoudskeuzes? Zodra we het normaalprofiel hebben, kunnen we ook gaan kijken naar de signalen van degradatie. Die zijn nodig om de uiteindelijke voorspellende onderhoudsstrategie te ontwikkelen”. Voor 2026 staat er groot onderhoud aan de brug op de rol. In elk geval worden dan de stalen brugdekken vervangen. Hoosemans; “We kijken nu wat er nog meer moet gebeuren. En op basis van de data-analyses onderzoeken we of we de beweegbare delen dan ook direct meenemen, of niet”.

Foto: WCM

“Wij zien dit als een belangrijk proefproject. We hebben nog acht beweegbare bruggen en we hebben meer infra-assets, zoals vierhonderd kilometer aan wegen, twee sluiscomplexen én een veerboot. De ervaringen met de Zeelandbrug gaan ons zeker helpen bij het optimaliseren van het onderhoud van deze andere assets”. <

‘De grootste uitdaging is wellicht het inwinnen van de juiste data voor het nemen van de juiste beslissingen’

30 juli 2022


GAST COLUMN <

Naar de fabrieksvloer! Predictive Maintenance, oftewel het voorspellen van onderhoud. Niet te laat onderhouden, want dat geeft ellende, maar ook zeker niet te vroeg, want dat kost geld, soms veel geld. Andere soort ellende, maar nog steeds ellende. Onze auto vaker naar de garage brengen dan nodig, doen we toch ook niet? Kortom we willen precies op tijd onderhouden! Jan Teun Koningen

Onderhoud voorspellen is niet nieuw. We doen dit al lang. In de vorige eeuw hebben oorlogen, maar ook de lucht- en ruimtevaartindustrie dit vakgebied vormgegeven. Met allerhande methodes en wiskundige modellen werd gezocht naar een onderbouwing van het juiste onderhoud. Vanachter een bureau, en later met computers, pasten we deze methodes en modellen toe. De mensen uit de praktijk werden geraadpleegd. Storingshistorie is meegenomen. Met als uiteindelijk resultaat een mooi onderhoudsplan of reservedelen strategie. Maar het bleven modellen. Het bleef een theoretische exercitie. Nuttig en een goed startpunt, en we hadden niet anders, maar de directe link met de installaties ontbrak. Wij, mensen, deden uiteindelijk de voorspelling, niet de installaties. Wat is het toch mooi dat bij het aanbreken van de 21ste eeuw onze predictieve studies ons naar een volgend niveau kunnen brengen. Als je het mij vraagt één van de leukste, maar ook één van de meest complexe vraagstukken die we als onderhoudswereld gepresenteerd hadden kunnen krijgen! Waar zit dit nu in? Dit volgende niveau wordt veroorzaakt door wat we ook wel Industry 4.0 of Internet of Things noemen. Sensortechniek en connectiviteit zijn zodanig ontwikkeld dat we kunnen gaan communiceren met onze installaties. We hoeven geen theoretisch modellen meer toe te passen, we kunnen onze installaties zelf gaan vragen naar een voorspelling van het volgende onderhoud. Hoe mooi is dat?

Onze installaties gaan voor ons voorspellen wanneer ze onderhoud nodig hebben! Wij hoeven alleen maar te luisteren. Maar dat vraagt van ons dat we hun taal weer leren spreken. Dit betekent leren begrijpen hoe installaties ons vertellen dat ze stuk gaan. We kunnen oortjes (sensoren) plakken op die plekken waar onze installaties ons vertellen dat we ons oor te luisteren moeten leggen. Wat we horen, zenden we als data naar onze systemen. En als we onze installaties zijn gaan verstaan, kunnen we het onderhoud voorspellen en een onderhoudsplan gaan maken. Nu echt. Niet te veel, niet te weinig. Daar zit wat mij betreft ook onze grote uitdaging. We moeten onszelf opnieuw gaan verbinden met onze machines & installaties. We moeten met ze gaan praten, ze gaan begrijpen. Geen theorie, maar terug naar de praktijk. En dat is denk ik een mooie uitdaging voor de komende jaren. < Jan Teun Koningen mede oprichter Catch22

31


ASSET MANAGEMENT <

Foto: Mainnovation

Het andere geluid over

Predictive Maintenance Honderd procent voorspelbaar onderhoud was de belofte. Just-in-time maintenance waarbij we onderdelen nooit meer te vroeg vervangen. Smart maintenance op basis van real time monitoring. Het klinkt fantastisch. Maar Predictive Maintenance werd ook geduid als ‘een hype’ of als ‘de heilige graal’. Waar staan we nu? Is Predictive Maintenance dé belofte van de toekomst, of zijn er echt (nog) te veel valkuilen? Het onderzoeksrapport van Mainnovation en PwC ‘Predictive Maintenance 4.0 - Beyond the hype: PdM 4.0 delivers results’ vertelde ons in 2018 dat van de 268 deelnemende bedrijven maar liefst 60% concrete plannen had om PdM te gaan toepassen. “Een kleine vier jaar later zien we dat daadwerkelijk doorpakken toch lastig is. De markt is voorzichtig”, stelt Pieter de Klerk, Executive Consultant bij Mainnovation.

> Grote voordelen. Dat de ondertitel van het onderzoek ‘PdM 4.0 delivers results’ luidde, is niet vreemd. De markt zag zeker de toegevoegde waarde van het toepassen van nieuwe digitale technologieën. Level 4.0 staat overigens voor een continue realtime monitoring van de assets en het nemen van beslissingen op basis van deze data. “Dan gaat het over patronen herkennen, anomalieën waarnemen en zodoende tijdig worden gewaarschuwd over

32 juli 2022

verminderde prestaties ofwel een uiteindelijke storing van een onderdeel”, aldus De Klerk. “Natuurlijk is dat interessant. Je voorkomt downtime, je kunt je maintenancetaken beter plannen, de reguliere visuele inspecties worden overbodig en je kunt je assets optimaal en maximaal benutten, omdat het faalmoment bekend is”. Predictive Maintenance zou dus een antwoord kunnen zijn op de personeelstekorten, efficiëntieverbetering én kostenreductie. Dit klinkt natuurlijk allemaal ‘too good to be true’ en daar zit ‘m inderdaad de crux. “Bedrijven hebben moeite met de business case. Wat zijn de echte voordelen en hoe makkelijk of hoe moeilijk zijn deze te realiseren”?

> Big data analytics. Veel bedrijven zijn in de afgelopen jaren wel gestart met een pilot. Sensoren werden geplaatst, data werd verzameld en er werd goed nagedacht over de analyse van


de verzamelde data. Een vak apart! Zo ontdekten bedrijven dat alleen data over bijvoorbeeld de trilling en de temperatuur nog steeds niets zegt over het faalmechanisme. Ook het soort materiaal, de wanddikte en andere constructiedetails hebben invloed. En dat geldt ook voor procescondities en de wijze van bedienen. Een chemiebedrijf op Chemelot ontdekte dat het belangrijk bleek om de procescondities in relatie tot elkaar te beschouwen. Het gaat dan bijvoorbeeld om druk als functie van temperatuur en tijd. Deze factoren waren altijd als onafhankelijke variabelen gezien, maar er bleek wel degelijk een verband te zijn. “Soms was noch de temperatuur, noch de druk te hoog, maar had een bepaalde combinatie wel degelijk effect”, aldus de betreffende asset manager.

> Algoritme. Het blijkt dus enorm complex om een storing te voorspellen. Enerzijds omdat de beïnvloedende factoren enorm groot zijn en er soms onverwachte verbanden blijken te zijn, maar anderzijds omdat er simpelweg geen data beschikbaar is over het falen. De Klerk; “Een food & beverage onderneming startte een jaar geleden, samen met ons, een pilot voor predictive maintenance. Hun meest kritische asset werd nauwkeurig gemanaged. Maar de installatie ging niet kapot. Als je een algoritme wil maken, heb je de faaldata nodig. Wat vertelt de data een maand voor deze kapot gaat? En wat zie je twee weken voor deze kapot gaat? En kun je een uur voor het daadwerkelijk falen zien dat het moment van breakdown nu echt is aangebroken? Ongetwijfeld, maar dan moet ie wel een keer kapot gaan”. Ook is gebleken dat de kopieerbaarheid van het algoritme lastig is. Een zelfde installatie is niet per definitie een zelfde installatie. Mogelijk is het eindproduct anders, is de bediening anders en staat deze installatie op een andere plek in de fabriek waar bijvoorbeeld meer zonlicht of meer tocht aanwezig is.

> De menselijke factor. Tot slot is er - en dat moet ook zeker niet veranderen - het zelfdenkend vermogen van de mens. Zo is daar de OEM’er die, al dan niet terecht, sterke twijfel heeft of hij de conditiedata wel beschikbaar moet stellen. In veel gevallen zit deze data in de black box van de machine. De OEM’er wil graag zelf eigenaar blijven van deze data. De Klerk; “Zij willen de data zelf gebruiken om het product verder te ontwikkelen en de concurrentiekracht te vergroten. Zij willen bijvoorbeeld zelf predictive analyses doen en in sommige gevallen is deze data met voorspellende algoritmes al veel geld waard”.

‘’

‘De OEM’er wil graag zelf eigenaar blijven van deze data’

tussen worden de sensoren steeds beter, weten we steeds beter hoe we de resultaten moeten interpreteren, maken we afspraken over het delen van data en kunnen we dit ook steeds beter beveiligen. Er worden echt wel stappen voorwaarts gezet”. Ook wordt de IT architectuur steeds gebruiksvriendelijker. “De grote EAM systemen - zoals Maximo, SAP, Infor EAM en Ultimo - bieden oplossingen om de predictive analyses te faciliteren, door sensordata te combineren met storingsgegevens, inspectiegegevens en onderhoudsdata. En het wordt steeds eenvoudiger om analysemodellen te ontwikkelen”. Mainnovation en PwC zullen dit jaar opnieuw een onderzoek opstarten naar de benefits van predictive maintenance. In de tussentijd biedt het eerdere onderzoek nog altijd de benodigde handvatten om hier daadwerkelijk mee aan de slag te gaan. “Steunend op een stevige business case”, voegt De Klerk toe. “Want die is er, daar ben ik van overtuigd”. <

Een ander mooi voorbeeld uit de praktijk gaat over een pilot bij een containerterminal. Er was faaldata beschikbaar, de installatie was daadwerkelijk uitgevallen dus de maintenance planning was hierop aangepast. “Nadelige consequentie van het opgestelde algoritme waren de zogenaamde false positivs”, legt De Klerk uit. “Er werd een marge van extra veiligheid aangehouden waardoor just-in-time nog altijd te preventief was. Monteurs constateerden dat ze een machine te snel uit bedrijf haalden, waardoor er twijfels rezen ten aanzien van de werkbaarheid en de toepasbaarheid van het algoritme.’

> Hoop. Nu lijkt dit misschien een zeer negatief verhaal over de grote belofte, predictive maintenance. Het klinkt nu wellicht als een kansloze missie, maar zijn we niet allemaal groot geworden met vallen en opstaan? “Wij geloven nog steeds in de toegevoegde waarde”, vertelt De Klerk. “Predictive maintenance kan een onderneming veel geld besparen, efficiency opleveren en ook helpen bij het realiseren van de duurzaamheidsdoelstellingen. Maar we zijn lerende. Onder-

Foto: Mainnovation

33


INSPIRE <

Datawerf bouwt

aan nieuwe waarde Het MKB is een belangrijke schakel in elke waardeketen van de industrie. Vaak komen vernieuwingen uit het MKB, maar in diezelfde groep kan het voor bedrijven ook lastig zijn om met innovaties mee te gaan. Voor dat deel van de groep loopt in Zuid-Holland voor het (maritieme) MKB een project onder de naam Datawerf. Kwartiermaker Dominique Nieuwpoort legt uit wat de plannen zijn en hoe het MKB daar kan bouwen aan zijn eigen toekomst. ‘Hoe kunnen we MKB bedrijven sneller data- gedreven laten worden’, dat is eigenlijk de kern van de opdracht die Dominique Nieuwpoort als kwartiermaker vanuit InnovationQuarter heeft meegekregen. En om die vraag te beantwoorden, heeft ze nauw contact met het maritieme MKB om te kijken wat er speelt, wat er zou kunnen en wat er nog in de weg staat. Nieuwpoort; “Nederland is een kennis- en innovatieland en de Nederlandse overheid wil dat graag zo houden. Ook op het gebied van data en kunstmatige intelligentie (AI) moeten we koploper zijn. Dat is voor sommige MKB bedrijven een mooi streven maar vaak te ver van de dagelijkse realiteit. En toch wórdt het realiteit. Veel toeleveranciers in de sector zijn vaak MKB-er. Zij leveren materialen of diensten aan een volgende partij. En hoe mooi zou het zijn als je als leverancier weet hoe het met de installaties bij je klanten is. Dat zijn tastbare cases waar we deelnemers mee willen helpen”.

> Vraaggestuurd. De versnelde digitalisering van werkend Nederland tijdens de pandemie heeft wel een positieve invloed. Maar er is nog veel te winnen. Nieuwpoort; “De opdrachtgevers van deze toeleveranciers zijn vaak wat groter en zijn daarmee ook vaak verder met digitalisering. Omdat ze meer mensen in dienst hebben en omdat ze er soms zelfs een digital business team voor hebben. Dat is bij MKB-ers lastiger”. Met de Datawerf moet daar een versnelling aan gegeven worden. “We zijn nu in de pilotfase en onderzoeken wat we kunnen aanbieden aan MKBers zodat zij zelf ook meer datagedreven gaan werken. Niet door het op te leggen, maar door de vragen van de doelgroep aan te pakken”. En daar zit vaak de crux. De kennis van digitale mogelijkheden is bij de bedrijven vaak te beperkt om de waarde en zelfs de business case van de vernieuwing in te zien. Daarbij speelt ook dat er een proactieve en innovatieve houding wordt verwacht terwijl de markt eigenlijk

‘De versnelde digitalisering van werkend Nederland tijdens de pandemie heeft een positieve invloed’

34 juli 2022


nogal reactief is. Nieuwpoort; “Hoe ga je het voor elkaar krijgen om op de vraag van je klant in te spelen of zelfs een vraag te creëren? Door het gesprek aan te gaan met deze klanten”!

> Pilots. Op dit moment is er al een aantal bedrijven die hun interesse aangeven om meer te doen met digitalisering. Ze hebben hun vragen ook al aardig in beeld. De volgende stap is om daar mee aan de slag te gaan. Met het maken van business cases voor digitale diensten en pilotprojecten waarbij verschillende bedrijven met behulp van experts aan de slag gaan met vernieuwing, wordt ervaring opgedaan en worden nieuwe producten of diensten gecreëerd. “We hebben nog ruimte voor deelnemers. De bedoeling is om meerdere bedrijven onder begeleiding van een experts een business case uit te laten werken of een prototype te laten bouwen, dat ook daadwerkelijk gevalideerd wordt met klanten. Elk bedrijf individueel en met aan het eind een gezamenlijke bijeenkomst om van elkaar te kunnen leren”.

Meer weten? Dominique.nieuwpoort@innovationquarter.nl Datawerf is een initiatief van Provincie Zuid-Holland, Gemeente Rotterdam, Maritime Delta en InnovationQuarter. De kwartiermakers rol is mogelijk gemaakt door kwartiermakersbijdrage van Maritime Delta.

> Toekomst. Het kwartiermaken loopt tot het eind van 2022. Maar dat is niet het einde, eerder het begin. “Als ik hardop nadenk over bijvoorbeeld de datawerf in 2025, dan hebben er misschien wel 50 bedrijven uit de sector deel genomen! Er worden nieuwe diensten ontwikkeld, ook door bedrijven die we eerder al hebben geholpen, en voor de diensten van de datawerf is de continuïteit geborgd. Met als doel, onze deelnemers zijn straks veel minder vatbaar voor invloeden van buitenaf. De ketens staan als een huis en de dienstverlening is mooi op elkaar afgestemd”.

> Onderbuik. Voor veel van de bedrijven waar de kwartiermaker mee praat, geldt dat ze wel het onderbuikgevoel hebben dat ze iets moeten met de verdere digitalisering in hun waardeketen. Maar hoe ze daar mee moeten beginnen en zelfs succesvol verder komen, dat is nog de vraag. Nieuwpoort; “Juist voor dit soort bedrijven zijn we een goede plaats. Als werf bouw je aan nieuwe dingen. En op de datawerf helpen we bedrijven om nieuwe digitale producten en diensten te bouwen. Dat begint vaak met een één op één gesprek en pakt door in de workshops”.

De aanpak om vragen op te halen bij de klant en in de keten is zowel voor de deelnemers als voor de datawerf gelijk. Nieuwpoort; “Wij gaan ook op pad om te weten wat er speelt bij onze potentiële ‘klanten’. Daar passen we ook zelf onze diensten op aan. En ondanks dat we een programma van InnovationQuarter zijn, werken we zelf ook als MKB-er of zelfs als startup. We werken er steeds aan om de diensten aan te passen aan de wensen van de klant. Net als dat we dat voor de MKBers voor ogen zien, een betere klantbeleving”! <

Foto: iTanks

35


ON OUR WAY TO EUROMAINTENANCE <

Proud announcement:

EuroMaintenance is committed to Charity Gered Gereedschap is a Dutch NGO which has been making a consistent effort for craftsmen and women in developing countries for the last 40 years. Projects supported by Gered Gereedschap strengthen technical vocational education and entrepreneurship in Africa. Not only tools but often also sufficient skilled people, knowledge and funds are lacking in the areas Gered Gereedschap is actively working. Therefore, they support craftsmanship in broadest sense of the word. In practice, it means that Gered Gereedschap is focusing even more on quality vocational education, available to everyone. They support students after completing their training and encourage entrepreneurship.

> Origin of the tools. The required tools and machines are

Malawi Technical drawing Foto: Gered Gereedschap

EuroMaintenance supports this fantastic charity to give people in the poorest areas of the world the opportunity to train themselves in Technology and Maintenance. EuroMaintenance will take care of the refurbishment of old tools, the purchase of new tools and technical education. Their support is practical, tangible and comprehensive. From tool sets and machines for schools, fully equipped sewing workshops to the education of technical vocational teachers. All their support is directed towards one purpose: promoting technical craftsmanship as a basis for self-reliance.

> Training the next generation. “Gered Gereedschap has already achieved a lot in her history. They supported 1,650 organizations with tools and created 132,000 fully equipped vocational training places for craftsmen. They will continue to further develop on this success. Besides collecting, refurbishing and sending tools from their 26 workshops in the Netherlands, they do more. The reason for this is very simple. The organization knows from experience that a flourishing craft sector in developing countries offers great opportunity to a better life for large groups of people.

36 juli 2022

collected in the Netherlands by Gered Gereedschap through 400 collection points. These are then refurbished and prepared for a second life by some 500 volunteers in 26 independent workshops of Gered Gereedschap. Every year about 100,000 tools and 1,000 sewing machines find their way to projects in Africa, to support vocational education and entrepreneurship like setting up the tool rental shops.

> More information. Want to know more about Gered Gereed-

schap and the programmes they carry out in Africa under the name of EQUIP? EuroMaintenance will inform you during the upcoming months! <

‘Give your old tools a second life in developing countries and give people a future’


People are

pivotal

Much has changed in the world of Maintenance and Asset Performance Management in MaxGrip’s 25 years as a consultancy firm. However, having done projects across the globe and in a variety of industries during those years we can say that one thing is indisputable: people are a key success factor. In Asset Management improvement projects, middle managers are usually the owner of the project. They have to get employees on the shop floor to go along with the changes. Senior managers act as a sponsor in the background. Maintenance, Operations, Engineering and other departments ideally work together, understanding and respecting each other’s intents and perspectives while striving for a common, overarching goal.

> Variety. Obviously, this is too simplistic as we all know from experience that reality is not that straightforward. There are many interests and factors at play that can vary from company to company. To name a few: the financial possibilities, running processes, systems and tools, KPIs, laws and regulations, people’s ability to change, the company culture and national culture. Factors like these make every project seem unique. Yet, in the consultancy projects we carry out at MaxGrip we also see many similarities in challenges, themes and ambitions between companies, irrespective of their location or the industry they operate in.

Lisa Kamphuis

> Human Factor is key. One such recurring theme is the ‘human factor’ and internal adoption of changes; how to act so that people embrace a transformation making business improvements stick. Despite all the attention given to digital transformation, Industry 4.0 and technological advancements, people are pivotal for successful asset management. It is therefore not surprising that the human factor is one of the themes of EuroMaintenance 2023. The conference is an excellent opportunity for our consultants to share their knowledge and experience with industry peers. To partner with our customers and share best practices in workshops. To engage in conversation with participants and conference guests, to inspire and be inspired. MaxGrip is a proud partner of EuroMaintenance 2023. We look forward to coming together next year with all those Maintenance and Asset Management professionals with whom we share common interests. Now that really is ‘Asset Management at its Best.’ Lisa Kamphuis Global Marketing Manager MaxGrip

<

‘MaxGrip is a proud partner of EuroMaintenance 2023’ 37


Where do you stand on the key topics

of Asset Management?

Join the EuroMaintenance 2023 market survey. If you were to answer the question ‘what is your biggest challenge within maintenance?’, your answer probably can be linked to one of the following themes: Smart Industry, Asset Performance Management, Sustainability, Safety or The Human Factor. Therefore these are the pillars for EuroMaintenance 2023. We are anxious to find out where you stand, compared to others, on these key topics of Asset Management. What is in Europe the status about Predictive Maintenance? Is this ‘the holy grail’ every factory will benefit from? And how many companies are really making use of Artificial Intelligence and Robotics? Was this implemented for improving Safety or was this a necessary evil because of the troubling shortages of employees with technical skills? Speaking of which… did your company thought of efficient ways to attract skilled technicians and engineers?

> Where do we stand? On some grounds we struggle, don’t know where to start. On some grounds we are taking first steps to professionalize and we are discovering the benefits. And on some grounds some of us can act as an example to others. What’s the status per country, per branch and can we learn from companies who are best in class?

On Our Road to EuroMaintenance, a market survey on the previous mentioned themes will be held. What are the new business

requirements for maintenance organizations in Europe regarding technical availability, safety, sustainability, liftetime extension and costs? Which new working methods are applied to meet these new requirements? This market survey about the Future of Maintenance in Europe will be open for all European companies. The survey will be executed this year and the results will be presented at EuroMaintenance, the largest maintenance congress in Europe, to be held from 17 to 19 April 2023 in the brand new, state-of-the-art, Rotterdam Ahoy Convention Centre in the Netherlands.

> Online market survey. The market survey is executed by Mainnovation in cooperation with the NVDO, the Dutch Maintenance Society, and the EFNMS, the European Federation of National Maintenance Societies. Ellen den Broeder, NVDO General Manager and Project leader EuroMaintenance 2023; “The survey is one of the activities we organize on Our Road to EuroMaintenance. Main-

‘Gain insight into the European topics of Asset Management’

38 juli 2022


Foto: NVDO

novation is expert in market research in the field of Maintenance and Asset Management. As a partner of EuroMaintenance, they are in the lead and of course the NVDO will make every effort to enthuse asset owners to participate”. Maintenance- and Asset Managers and Reliability Engineers will be invited to fill in the online survey. With the added information about the branch they operate in, the size of the maintenance organization and in which country they work, results can then be compared with other companies or other branches. And it will also be interesting to find out which country is ahead when it comes to IoT, Smart Industry or Sustainability? Den Broeder; “Goal is to be able to compare results amongst the different countries and within different branches. Which industries and countries are leading the step forward? This is valuable information for every maintenance society and of course for the participating companies. Where do you stand, on a European scale, on the most important topics of Asset Management and what trends and developments do you see?”

> Learn from best practices. The analysed results of the market survey will be presented at EuroMaintenance. Besides numbers, figures and comparisons the best practices will be shared. “The best-in-class companies who are really ahead and can be considered as an example to others, will be identified. Which best practices are they applying?”, Mark Haarman, Managing Partner

from Mainnovation explains; “EuroMaintenance is all about Asset Management at its Best. Business leaders will share their vision on developments and the future of the industry and best practices will be showcased. What can we learn from best-in-class companies and how does the maintenance organization of the future look like? Based on these best practices, companies gain new knowledge or inspiration to improve their own maintenance and Asset Management department”.

> Participate. This online EuroMaintenance 2023 market survey about the Future of Maintenance in Europe is open for participation from July 2022. Filling in the survey will take no more than twenty minutes. The survey can be approached via the websites euromaintenance.net and nvdo.nl and you will most likely get an invitation for participation via your national maintenance organization. When all results are gathered and analysed, a Vision Document EuroMaintenance will be presented at the conference. All participants will receive this rapport as well as an individual benchmark analysis about their branch. This way you can compare your results with others and you can map out where your improvement potential lies. Find out what the definite questions are and share your thoughts on these matters by joining the EuroMaintenance 2023 market survey from July 2022, to be found at the websites of euromaintenance.net and nvdo.nl <

39


ONDERHOUD <

Voorspellend onderhoud…

een gouden kans?

Is data het nieuwe goud en is Predictive Maintenance de methode om goud om te zetten naar ongekende waarde voor je organisatie? Dat zijn onderwerpen waar veel over wordt gediscussieerd in de wereld van asset performance management en onderhoud. Marktleiders en experts uit sectoren zoals de chemie, food & beverage, water en manufacturing belichten diverse invalshoeken en meningen.

40 juli 2022


Sander van Wezel, Technical Manager bij Smurfit Kappa Parenco; “Predictive Maintenance is wel echt een buzzword, maar voor ons bedrijf en onze sector kan het zeker wel goud zijn. Elektronische componenten zitten traditioneel bij de 85% asset falen die random is. Met dit feit in gedachten zijn wij een verkenningsproject gestart om componenten te monitoren en om te proberen om ongeplande uitval voor te zijn. We kijken naar welke datapunten er in een asset zitten en zijn nu het als een ui aan het afpellen; een elektronisch component bestaat uit vele mechanische componenten dus je moet ook echt in detail gaan. Op die mechanische onderdelen kun je wel voorspellend onderhoud toepassen. Het project staat nog in de kinderschoenen, maar ik geloof erin dat deze andere of nieuwe manier van denken ons helpt om wat voorheen onvoorspelbaar was wel te kunnen voor zijn”.

> Niet zaligmakend. Dennis van der Plas, Manager Maintenance & Asset Care bij Heineken; “Voorspellend onderhoud is voor ons niet per se interessant om toe te passen op alles. Ik hoor en zie veel dat bedrijven focussen op het implementeren van Predictive Maintenance als onderdeel van hun Digitale Transformatie roadmap. Zo wordt Predictive Maintenance meer een doel dan een middel om een doel te bereiken. Voor de Food & Beverage industrie vraag ik me dus erg af of voorspellend onderhoud dé oplossing is, nu en in de toekomst. Een voorbeeld: een grote groep van onze assets is al vijftig jaar in bedrijf. We hebben volledig uitgekiende onderhoudsplannen voor die installaties en ons pitstop-achtige onderhoudsproces zorgt voor een zeer hoge betrouwbaarheid en beschikbaarheid. Het toepassen van voorspellend onderhoud zou voor deze assets geen meerwaarde hebben. Ik denk dat we ons meer moeten richten op operationele data voor data gedreven inzichten en ondersteuning bij het nemen van beslissingen. Neem nou de inzet van Artificial Intelligence (AI) voor het oplijnen van locaties met dezelfde assets: hiermee kunnen sites best practice settings automatisch van elkaar overnemen. Dat draagt sterk bij aan een beter productieresultaat en is daarmee goud waard”.

> Wanneer is het interessant. Peter Drolenga, beleidsadviseur bij Vitens; “We kijken naar wat nodig is voor Maintenance Engineering en Operations. Conditie gebaseerd onderhoud en voorspellend onderhoud zijn maar twee voorbeelden van mogelijke onderhoudsstrategieën die je kunt toepassen. Je moet de strategieën kiezen op basis van Prestaties, Risico’s en Kosten, een PRKafweging dus. Blind een sensor ergens opplakken en gaan meten

‘Is predictive maintenance een buzz?’

Ronde Tafel Foto: MaxGrip

zonder de effectiviteit van de beoogde onderhoudsregel te toetsen, vind ik niet slim. Op bepaalde kritische assets kan voorspellend onderhoud van toegevoegde waarde zijn, maar in de overwegend redundant uitgevoerde assetbase van Vitens is deze onderhoudsstrategie vaak niet effectief. Bij enkele kritische assetgroepen en bij het bouwen van nieuwe locaties zou het interessant kunnen zijn”.

> Beschikbaarheid. René van Eerten, Global Maintenance Manager bij Vopak; “Asset redundantie hoeft naar mijn mening niet een limiterende factor te zijn voor de toepassing van Predictive Maintenance. Ondanks dat we bij Vopak ook een hoge redundantie hebben om flexibiliteitsredenen, zien we voorspellend onderhoud wel als een grote bijdragende factor voor meer uptime. De beschikbaarheid van onze tanks is essentieel voor onze business resultaten. Alles wat we dus kunnen doen om downtime te minimaliseren is een grote plus, inclusief het voorspellen van falen en het beter en meer vooruit kunnen plannen. Onze focus is op het maximaliseren van de beschikbaarheid van onze tanks en we hebben een ambitie om alleen nog geplande stops te doen voor onderhoud. Dit betekent dat we ervan dromen om een tank niet uit te bedrijf te halen voor inspecties. Dat heeft natuurlijk extreem veel impact op onze gehele organisatie”.

> Inzicht en Support. Eric Riemersma, consultant bij MaxGrip; “Voorspellend onderhoud is een hot topic. Dat zie je in vakmedia, nationaal en internationaal en dat zie ik ook terug bij de bedrijven waar ik trajecten uitvoer”. Dit kwam ook naar voren tijdens een Ronde Tafel over data gedreven onderhoud die MaxGrip onlangs organiseerde in het kader van haar 25-jarige verjaardag. Iedereen die in dit artikel aan het woord komt, nam overigens deel aan die Ronde Tafel. Veel organisaties zijn echter nog niet klaar voor het werken met voorspellend onderhoud. Ze geven wel vaak aan dat ze deze vorm van onderhoud willen implementeren. Ze voelen een ‘sense of urgency’ op dit vlak. Het is belangrijk om dan een stapje terug te nemen en te evalueren hoe nuttig het is voor je business. Waar en hoe voegt het waarde toe? Wat is de business case? En stel dat het een logische toevoeging is voor je Asset Management en onderhoudsstrategie, wat heel goed kan, dan is het belangrijk om helder in beeld te hebben wat er nog moet veranderen om het te kunnen implementeren. Dat gaat verder dan alleen de aanpassing van data, systemen en processen. Ook de mensen moeten meegaan in de verandering”.

41


VASTGOEDEXPLOITATIE <

Hoe staat het met Predictive Maintenance

in de vastgoedsector?

Foto: NVDO

Unica-experts geven een beeld van de mogelijkheden van voorspellend onderhoud. Wanneer je het gaat hebben over predictive maintenance, ofwel voorspellend onderhoud, kom je al snel uit bij technisch dienstverleners. NEVAP-lid en tevens NVDO-lid Unica is in Nederland een van de grootste op dat gebied. De verschillende expertises uit de ‘groep’ van Unica zorgen ervoor dat de klant – denk aan Microsoft en Bol.com - bij zo’n beetje alles wat met data en techniek te maken heeft, terecht kan bij de experts van Unica. We spreken met Robert Hietbrink (Productmanager Advies & Monitoring Building Services) en Jaap Jan Tromp (Lead Engineer Building Automation). Ze werken beide al jaren voor Unica en doen dat in intensief teamverband. Tromp; “We installeren, beheren en onderhouden techniek. De korte lijntjes tussen de verschillende onderdelen van Unica, en dus tussen ons, zorgen ervoor dat we echt stappen kunnen maken met en voor de klant. Ook op het gebied van voorspellend onderhoud”.

Tegelijk stelt Hietbrink dat een gecalculeerd risico regelmatig genomen wordt. Tromp beaamt dit; “Die berekeningen kun je zo fijnmazig maken als je wilt, met daarin de hoofdvraag: wat is het doel? Aan de ene kant pak je dan de techniek van Unica erbij, aan de andere

> Het belang van voorspellen; impact op bedrijfsvoering. Technologische ontwikkelingen bieden steeds meer mo-

- Financiële impuls; besparen op energiekosten - Betrouwbaarheid van de installatie vergroten - Grip op onderhoud vergroten (efficiencyslag) - Inefficiënties wegnemen; minder risico op storingen - Wet- en regelgeving (denk aan de maatregelen m.b.t. corona) - Risico-analyse; minimale investering, grote impact En daar komt ook nog bij dat het effect niet alleen voelbaar is voor de klant, maar tevens voor de keten. Namelijk; het grondstoffentekort en het tekort aan vakmensen, leiden ertoe dat ad hoc bestellingen de leveranciersstromen grillig maken. Ook hier geldt: een gestructureerd inkoopproces zorgt voor efficiency.

gelijkheden ten aanzien van correctief en preventief onderhoud. Maar interessanter nog wordt het rondom toestand afhankelijk en voorspelbaar onderhoud. Maar waarom eigenlijk? “Vroeger belde je een monteur wanneer bij een probleem met de CV-ketel. Dan kon het wel eens even duren voordat het werd opgelost. Tegenwoordig mogen installaties minder lang in storing staan, niet in de laatste plaats vanwege de focus op gezondheid (denk aan een luchtbehandelingskast en het ventilatiesysteem). Het is alleen daarom al van belang dat gebouweigenaren en -beheerders meer kunnen voorspellen. Immers, als een installatie uitvalt, heeft dat direct effect op de bedrijfsvoering”.

42 juli 2022

Redenen om over te stappen op predictive maintenance:


‘Technologische ontwikkelingen bieden steeds meer mogelijkheden ten aanzien van correctief en preventief onderhoud’

kant zijn de bedrijfsprocessen van de klant essentieel”. Om het te verduidelijken: Een storing aan de klimaatinstallatie van een operatiekamer van een ziekenhuis heeft vele malen meer impact dan een storing in een installatie in een minder prioritaire omgeving. “Precies,” zegt Hietbrink. “Een OK mag niet geconfronteerd worden met een defect, dat is vreselijk voor de patiënt in de eerste plaats. Maar ook financieel is de impact enorm voor het ziekenhuis. De kosten voor een pompje dat vervangen had moeten worden - en waar je dus een automatische waarschuwing voor had kunnen krijgen, staan in schril contrast met de schade”.

terpotentieel zit.” Zodoende krijg je meer grip en vertrouwen op de werking van de installaties (ook al zijn ze al tien jaar oud), kun je inefficiëntie eruit halen en tegelijk ook controle hebben op onderhoud.

> Redenen die de stap naar predictive maintenance aanjagen. De voorspellende factor is in bovenstaand voorbeeld urgent

> Blik op de toekomst. Tromp; “Over vijf jaar zullen nog veel meer installaties datakoppelingen hebben, zodat ze optimaal ingezet worden. Het wordt steeds bereikbaarder voor bedrijven omdat het bijna een standaard systeem is om toe te passen: je moet alleen kiezen wat je wilt automatiseren en voorspellen. De gemiddelde gebouwbesturing is nu al uitgebreider dan vijf jaar geleden (denk aan data rondom ruimtereservering en -kantoorbezetting, waardevolle informatie voor facility management en schoonmaak). De verwachting is dat datakoppeling straks gemeengoed is; iedereen wil immers smart wonen en smart werken. Dat is goed, want de techniek is er klaar voor”! Hietbrink sluit af met de woorden: “Ik kan niet wachten tot de dag dat elk gebouw als een persoonlijk assistent is en het proces van een bedrijf ondersteunt”. <

te noemen. Voor bedrijven zijn er meer aanleidingen om de stap naar voorspelbaar onderhoud te maken. Zoals die in de zoektocht naar energiebesparende toepassingen nu de energieprijzen structureel stijgen. “Het punt is dat de meeste gebouwbeheersystemen al voorzien zijn van installaties waaraan je intelligentie kunt toevoegen,” vertelt Tromp. Hietbrink vult aan; “Wanneer we dat doen, kunnen we alle data die zo’n installatie genereert zo maximaal mogelijk analyseren. Vaak werkten ze inefficiënt, zonder dat het storingen opleverde. Maar wanneer we, dankzij de analyses, de inefficiënties wegnemen, bespaart dat de klant een aanzienlijk deel op energie. Predictive maintenance is de volgende stap”.

> Controle op je onderhoud. En wordt die stap al breed genomen of staat het nog in de kinderschoenen in de vastgoedmarkt? “De industrie is er druk mee bezig: daar zijn ze geënt op een zo maximaal mogelijke uptime van alle installaties. Maar in de gebouwde omgeving komt het slechts mondjesmaat op gang. Dat komt omdat het belang ervan niet bij iedereen duidelijk is. Toch zien we dat de hoge energieprijzen de beweging aanjaagt. Hoewel nu nog financieel gedreven, zet het ook een bepaalde transitie in gang,” meent Hietbrink. Ook Tromp ziet dat zo; “Die transitie is bovendien nodig om verspilling tegen te gaan. We kenden het afstandsbeheer al, de connectie tussen het gebouw en de services van Unica. Een informatiebrug die al inzichtelijk maakt dat veel energie verloren gaat omdat een gasketel in het gebouw dag en nacht aanstaat zonder dat dit nodig is. Vanuit die bestaande gebouwbeheersystemen ontvangen we al enorm veel data, het is laaghangend fruit. Door deze data aan een analysesysteem te koppelen, is eenvoudig het eerste inzicht te plukken. We adviseren daarom een snelle scan, zodat je weet waar het verbe-

Nog een aanleiding waardoor de markt aan preventief onderhoud denkt en werkt, is de verhoogde aandacht voor volksgezondheid sinds Corona. “Voorheen maakte weinig mensen zich druk als het ventilatiesysteem uitviel. Nu staat het belang van een goed werkend klimaatsysteem bovenaan op de agenda, in vrijwel alle sectoren. En dan geldt: als je een storing ziet aankomen, ben je het voor”!

Robert Hietbrink Foto: Unica

Jaap Jan Tromp Foto: Unica

43


THEMA ARTIKEL <

Verduurzamen van gebouwde omgeving kan niet zonder goed

Asset Management

Gebouwen in de Europese Unie zijn goed voor 36 procent van de broeikasgasuitstoot en 40 procent van het totale Europese energieverbruik. De ambitie van de EU is om in 2050 klimaatneutraal te zijn. De verduurzamingsopgave van de gebouwde omgeving is dus enorm. Het hebben en ontwikkelen van data is cruciaal om die verduurzamingsopgave te realiseren. 44 juli 2022


‘We staan aan de vooravond van een grote revolutie van de gebouwde omgeving’

> Geen integrale benadering. Schonks collega Marcus Boe-

ABN AMRO Bank is een vastgoedeigenaar met een grote kantorenportefeuille. ABN AMRO besloot vanwege de complexiteit van de opgave om het gebouwbeheer en de doorontwikkeling van haar duurzame gebouwen naar de Paris Proof ambitie ‘in de markt’ te zetten.

senach constateert dat veel vastgoedorganisaties nog ad hoc werken; “Veelal gaat het om instandhouding met hier en daar een renovatieproject. Echter, thema’s als energie en circulariteit zorgen ervoor dat besluitvorming steeds complexer wordt, dan is digitaliseren noodzakelijk om de benodigde grip te verkrijgen en te houden. Er wordt op dit moment nog veel vanuit de eigen ‘plot’ gedacht en gewerkt. In de nabije toekomst zullen oplossingen meer en meer in samenhang met de omgeving gevonden moeten worden voor het optimale resultaat. Digitaliseren en data hebben we daarbij nodig. De Asset Management filosofie vormt een essentiële basis voor deze digitaliseringsslag”.Vermeij; “ABN AMRO wil in 2030 Paris-proof zijn en Asset Managementinformatie is daarvoor heel belangrijk. Je kunt bijvoorbeeld beter sturen op het natuurlijke vervangingsmoment. Ook de overheid wil steeds meer informatie. Je kunt beter reageren en sneller acteren op basis van data. Het zorgt ook voor een betere financiële prognose. Daarnaast kun je dankzij digitalisering je installaties effectiever aansturen en daarmee zorgen voor extra energiereductie”.

> Data is nodig. Rob Vermeij, domain expert buildings bij ABN AMRO; “Aan de ene kant wil de bank capaciteit flexibel kunnen op- en afschalen. Aan de andere kant is de benodigde (technische) expertise bij gespecialiseerde bedrijven veel groter”. Royal HaskoningDHV is sinds september vorig jaar als managing agent verantwoordelijk voor het gebouwbeheer en de doorontwikkeling op het gebied van duurzaamheid. Rob Schonk van Royal HaskoningDHV; “De opgave is complex met een grote variëteit aan panden. Er lopen ombouwprogramma’s, bijvoorbeeld voor hybride werken, en er worden panden afgestoten. Het integreren van verduurzaming in die ombouwprojecten is belangrijk. Om de juiste keuzes daarin – maar ook op andere terreinen – te kunnen maken, heb je data nodig”.

> Platform Duurzame Huisvesting. NVDO is ruim tien jaar een van de deelnemers in de stichting Platform Duurzame Huisvesting (PDH), een samenwerking tussen overheden en de markt, die als doel heeft de verduurzaming van de gebouwde omgeving te versnellen. Boesenach zit namens de NVDO in het platform. “NVDO ziet een belangrijke opgave liggen voor het doelmatig realiseren van de duurzame ambities van Nederland. Omdat de opdracht zo fors is, is het zaak om de juiste dingen te doen die ook bijdragen aan de toekomst van een organisatie. Het is die Asset Managementfilosofie waar de NVDO voor staat”. Het platform wil vastgoedorganisaties helpen om professional te worden in Asset Management”. Integraal in plaats van ad hoc en als strategisch partner in >

Foto: NVDO

45


Fit for 55 Europa wil in 2050 klimaatneutraal zijn. Het tussendoel in 2030 is 55 procent lagere CO2 uitstoot ten opzichte van het niveau van 1990. Deze doelstelling is vastgelegd in de Europese Klimaatwet en uitgewerkt in het Fit for 55-pakket van de Europese Commissie dat voorziet in een eerlijke, concurrerende en groene transitie. Het pakket bestaat uit zeventien verschillende wetgevende voorstellen. Fit for 55 voorziet onder andere in een apart emissiehandelssysteem (ETS) voor het wegvervoer en de gebouwde omgeving, naast maatregelen rondom energiebesparing, hernieuwbare energie en de energieprestatie van gebouwen. Het pakket behelst verschillende bouwblokken die allemaal op elkaar ingrijpen. Digitalisering loopt daar als ‘facilitator’ doorheen.

>

het bedrijfsproces. Maar het is een lastig onderwerp. Het is geen onderwerp waar organisaties van nature sturing op geven. Het leeft onvoldoende vergeleken met de hoog-risico industrie. Er zijn uiteraard wel koplopers, zoals enkele UMC’s en sommige banken.

> Renovation Wave: renovatietempo verdubbelen. Ondanks de grote milieubelasting van de gebouwde omgeving, worden weinig gebouwen energie-efficiënt gerenoveerd. Om het verduurzamen van gebouwen te stimuleren stelde de EU de Renovation Wavestrategie op. Doel is om het renovatietempo te verdubbelen in de komende tien jaar. De renovaties moeten leiden tot een betere energie- en hulpbronefficiëntie. Dit moet de uitstoot van broeikasgassen verminderen, de digitalisering bevorderen en het hergebruik van duurzame materialen verbeteren. PDH stelde hiervoor een position paper op dat dient als input voor het Europese programma. De paper werd afgelopen mei overhandigd aan Robert Dijksterhuis, gezant Duurzaam bouwen bij het ministerie van Binnenlandse Zaken. Hij houdt zich onder meer bezig met nieuwe regelgeving die uit Brussel komt en de impact daarvan op Nederland. Dijksterhuis; “Digitalisering is één van de belangrijke onderwerpen in de Renovation Wave. Als we 55 procent uitstoot willen reduceren over acht jaar, dan moet je wel kunnen meten, en soms ook handhaven. Daar heb je digitale middelen voor nodig”. Vermeij; “Klopt. Tien jaar geleden zijn wij begonnen ons energieverbruik te meten. Als je geen data hebt, weet je niet waar je staat en neem je mogelijk verkeerde beslissingen”.

> In samenhang met de bedrijfsdoelstellingen. PDH richt zich op de utiliteitsbouw: grote vastgoedeigenaren in de kantorenmarkt, zorg, het onderwijs en gemeenten. Boesenach; “Voorheen vrij operationele georiënteerde organisaties die de uitdaging hebben om in samenhang met de bedrijfsdoelstellingen aan de slag te gaan met duurzaamheid. Vanuit het platform willen we vastgoedeigenaren helpen bij het ontwikkelen van een interne Asset Managementaanpak zodat je jezelf kunt ontwikkelen van technisch partner naar strategisch partner. Daarvoor moeten asset owners de interne structuur en processen (taken, rollen en bevoegdheden) op orde brengen en weten hoe ze moeten sturen op hun doelstellingen. Het top down inrichten van de line of sight dus, zodat iedereen weet wat er moet gebeuren. “Wat ook meespeelt is dat onderhoud voorheen vaak ‘in de kelder’ zat terwijl projecten dichter tegen Raad van Bestuur aanzaten. Een belangrijk ontwikkelpunt is dat deze twee afdelingen op één lijn komen en meer samen werken ten behoeve van het primair proces”.

> Businesscase. Dijksterhuis; “Door te meten kun je beter specifieke renovatiemaatregelen nemen voor het gebouw en de omgeving en creëer je een goede businesscase in relatie tot de CO2-beprijzing. Dat is nodig, want de CO2-rechten worden duurder. Je kunt bijvoorbeeld de omgeving betrekken. In de zomer wil je eigenlijk geen actieve koeling gebruiken. Een luifel, bomen en een vijver leveren ook koelte. Dat soort oplossingen komt bovendrijven als je meet”. Boesenach; “Het gaat dus aan de ene kant om het aanbrengen van de benodigde fysieke verbeteringen en aan de andere kant om een interne ontwikkelopgave. Hoe borg je het in je organisatie dusdanig dat je het integraal kunt aansturen?”

> Bedrijfsrisico. Om de gestelde klimaatdoelen te behalen, scherpen overheden de regels aan. Zo moet elk kantoorgebouw per 1 januari volgend jaar minimaal energielabel C hebben en er komen meer regels aan: uit Nederland en uit Europa. Dijksterhuis;

‘Data en duurzaamheid zijn geïntegreerde onderdelen van Asset Management’ 46 juli 2022


“De label-C verplichting voor kantoorgebouwen begint een bedrijfsrisico te worden: verduurzamen begint sowieso een bedrijfsrisico te worden als je niets doet. De noodzaak om te verduurzamen wordt steeds meer een businesscase. Door beprijzingsmaatregelen van de overheid en door marktomstandigheden. Asset managers weten hoe hun portefeuille ervoor staat en wat er te doen is. Mijn tip voor vastgoedeigenaren en -beheerders is: Volg de Asset Management opleiding bij de NVDO!”

> ISO-55001. Schonk wil graag het ISO-55001-certificaat behalen voor het ABN AMRO-contract. “Als je conform ISO-55001 organiseert, dan ben je zichtbaar en aantoonbaar efficiënt. Het appelleert ook aan een duurzame organisatie en het strategische thema van de bank op kostenefficiency. Je kunt duurzaamheid niet los zetten van data, van je onderhoudsstrategie en van het inrichtingsconcept. Op termijn plaatsen we bijvoorbeeld specifieke sensoren om onderhoud beter te kunnen voorspellen. Dit leidt tot een langere levensduur en dus duurzamer beheer, maar zorgt tevens voor een betere sturing op energieverbruik. Data en duurzaamheid zijn geïntegreerde onderdelen van asset manage-

ment”. Boesenach; “Wij helpen de bank bij het maken van de digitaliseringsslag die nodig is om de ambitieuze duurzaamheidsdoelstellingen te halen en om tegelijkertijd optimale waarde te leveren voor het bedrijfsproces. Samen met ABN AMRO hebben wij roadmaps opgesteld voor de thema’s energie en circulariteit. Deze roadmaps vormen een belangrijk onderdeel van het duurzaamheidsbeleid. Wat moet je fysiek doen om de doelstellingen te halen en wat moet je intern organiseren om grip te krijgen en te houden op het proces? Dat is uitgewerkt in een groot KPImodel met subdoelstellingen op strategisch, tactisch en operationeel niveau, zodat je optimaal kunt sturen op die doelstellingen, bijvoorbeeld het energieverbruik per vierkante meter. Want dat is het: Bruikbare data ontstaat pas als je er voldoende professioneel mee bezig bent”. Dijksterhuis; “We staan aan de vooravond van een grote revolutie van de gebouwde omgeving. De vraag is hoe we die revolutie organiseren zonder dat de bevolking of de private sector in opstand komt. Goed weten wat er aan komt en wat je te doen staat kan je daarbij helpen”. <

Foto: NVDO

47


SAMENWERKING <

Saxion en Scania zetten onderzoek naar predictive maintenance voort “Vanuit ons hoofdkantoor in Zweden kijken mijn collega’s met belangstelling naar wat we hier in de regio ontwikkelen,” zegt Hein van Rietschoten. Als Maintenance Manager bij Scania Production Zwolle BV startte hij met Saxionprojectleider Jan Veltman (lectoraat Ambient Intelligence) met de vierde fase van het predictive maintenance-onderzoeksproject: storingen in het assemblageproces van Scania-trucks voorkomen, met hulp van data en algoritmen. In de enorme fabriekshal van Scania in Zwolle rolt elke vijf minuten een nieuwe truck van de assemblage-lijnen. Daarbij zijn geen twee opeenvolgende trucks gelijk van samenstelling. “We maken series van één,” zegt Hein van Rietschoten, waarmee hij zijn trots verpakt in humor. Aan dat ingenieuze assemblageproces komt geen robot te

Foto: Scania

48 juli 2022

pas, legt hij uit. Wel maken de honderden technici in de hal gebruik van gemechaniseerde hulpmiddelen. Al rijdend op een carrier doorkruist een truck-in-wording steeds een station van ruim twaalf meter, waar een groep technici zorgdraagt voor de montage-handelingen. Stagneert het proces, dan staan in de fabriek honderden handen stil.


> Algoritmen ontwikkelen om storingen te voorspellen. “Ons ROFA-carriersysteem is de aorta van onze fabriek,” zegt Van Rietschoten. “Eigenlijk kun je dit systeem nog steeds vergelijken met de lopende band die autofabrikant Henry Ford aan het begin van de twintigste eeuw ontwikkelde. Tegenwoordig is alles ergonomisch natuurlijk beter geregeld. Machines ondersteunen nu de oorspronkelijke til- en duw-werkzaamheden”. Diezelfde machines geven op een gemiddelde productiedag zo’n tien- tot twaalfduizend meldingen. Dat zijn niet allemaal noodsignalen dat de productie stagneert, maar het is interessante metadata over het productieproces, die belangrijke input vormt om storingen en stagnatie juist een stap voor te kunnen blijven. “Maar voor een goede analyse en het voorspellen van storingen is ook gedetailleerde data uit de ROFA-carriers nodig. Door de koppeling van al deze data is het mogelijk algoritmen te ontwikkelen, die leiden tot het voorspellen van mogelijke storingen in het productieproces.

> Twee soorten data koppelen voor nieuwe inzichten. In 2017 startte de samenwerking tussen Scania en hogescholen Saxion en Windesheim in het TechForFuture-project Uptime Improvement Scania. Het project kende inmiddels twee vervolgonderzoeken en mondt nu uit in een vierde onderzoek. Projectleider Jan Velt-

man is sinds 2019 vanuit het Saxion-lectoraat Ambient Intelligence nauw betrokken en ziet hoe de partners tijdens de opeenvolgende projecten de kennis verdiepten en de toepassingsmogelijkheden voor Scania steeds concreter worden. “Voor vervolgstappen was het nodig om de aanwezige metadata te koppelen met nieuwe data uit de carrier. Drie studenten van onze opleiding HBO-ICT hebben afgelopen zomer een simulatie gedraaid. Ze onderzochten met een dashboard hoe ze die twee soorten data konden koppelen. Ik werd er heel blij van. In zo’n project zie je gebeuren waar we met elkaar naar op zoek zijn”.

> Geen standaard reserve-onderdelen op de plank. Scania koos ervoor de ROFA-carrier onderdeel te maken van het TechForFuture-project rond predictive maintenance. Van Rietschoten; “Van dit soort belangrijke installaties heb je geen standaard reserve-onderdelen op de plank liggen. We hebben, overigens voor de hele fabriek, te maken met aging assets, zoals we ze noemen. Installaties die nog steeds hun unieke kenmerken en voordelen hebben, maar qua ontwerp nu als verouderd beschouwd worden. Als je kunt anticiperen op de aanschaf van onderdelen die het dreigen te begeven, dan levert dat enorme voordelen op. In de eerste > plaats in de ondersteuning van onze monteurs”.

49


Foto: NVDO

>

> Voorspellend onderhoud. Voor Saxion levert de samenwerking interessante kansen op om de ontwikkelde analyse-modellen te toetsen aan de praktijk, vult Veltman aan. “Dit vervolgproject richt zich volledig op voorspellend onderhoud, dat daadwerkelijk bij gaat dragen aan de uptime improvement bij Scania. Er zijn studieboeken over volgeschreven, maar de praktijk is een stuk weerbarstiger dan de theorie. We zijn nu in de fase beland die hele concrete resultaten voor het productieproces bij Scania kunnen gaan opleveren. We zien dat we samen met Scania tot een versnelling komen en dat voedt onze drive naar meer”.

‘Steeds de storing een stap voorblijven’

50 juli 2022

> Technici van de toekomst. Scania heeft de ambitie om in 2025 een uptime van 99,9% te garanderen, zegt Van Rietschoten. Dat vraagt niet alleen om het verhogen van de uptime van de installaties, maar ook om het verbeteren van back up-plannen. Hij beaamt dat Scania en Saxion inhoudelijk nog jaren vooruit kunnen en onderkent ook een ander belang van de samenwerking; “Ik zie een enorme toegevoegde waarde in praktijkgericht onderzoek met het hoger onderwijs. Niet alleen omdat we er als fabrikant veel baat bij hebben, maar ook in breder perspectief. Onze bedrijfstak krijgt straks vanuit het mbo en het hbo vakmensen die ons land weer verder moeten helpen. Met deze technici van de toekomst blijven we ook als Scania onderdeel van de wereld om ons heen. We zijn niet autonoom, maar hebben onze omgeving en een nieuwe generatie technici nodig, ook bij duurzaamheidsvraagstukken”.

> Theorie en praktische kennis verder uitbouwen. De samenwerking geeft het lectoraat de kans om de theorie en de aanwezige praktische kennis verder uit te bouwen, besluit Veltman. “Onze studenten hebben knap werk verzet, meegeholpen aan kennisopbouw en zelf ook weer een inhoudelijke ontwikkeling doorgemaakt. Ik verwacht dat we in deze nieuwe onderzoeksfase nog meer detaildata tot onze beschikking krijgen, waarmee we mogelijke defecten aan de truck-carrier beter kunnen voorspellen. Mijn persoonlijke drijfveer is dat we dit volgend jaar rond deze tijd bereikt hebben en met trots kunnen melden”. <


KENNIS MOET JE OOK ONDERHOUDEN. • Wat is Asset Management? • Hoeveel onderhoud is juist genoeg? • Kunnen we met de onderhoudsfunctie waarde creëren? • Wat is de rol van onderhoud binnen het Asset Management? • Wat is Predictive Maintenance en hoe geef ik dit vorm?

DEZE OPLEIDIN ZIJN IN TE BRE GEN NG IN DE BACHEL EN WERKTUIGBOU OR WKUNDE DEELTIJD.

INFORMEER!

WAARDECREATIE DOOR GOED ONDERHOUD Een onderhoudsopleiding bij Hogeschool Utrecht helpt u in uw eigen bedrijf de antwoorden te vinden op deze vragen. Aan de hand van kaders gesteld door het Institute of Asset Management (IAM) en de European Federation of National Maintenance Societies (EFNMS) zijn vele mooie resultaten en forse besparingen bereikt bij de deelnemende bedrijven. Door de brede scope op zowel Materiaalkunde, Engineering, Inspectie als Maintenance Management bieden onze opleidingen op het gebied van Onderhoud precies die (integrale) kennis die nodig is om verder te kunnen kijken dan het eigen vakgebied, en daardoor aantoonbaar betere resultaten te boeken. • Post-HBO Onderhoudstechnologie Hoogeveen • Post-HBO Onderhoudstechnologie Utrecht • Post-HBO Onderhoud en Asset Management • Master of Engineering in Maintenance & Asset Management

Start mei 2023 Start 6 oktober 2022 Start 13 oktober 2022 Start 5 september 2022

Nieuw: Post-HBO Projectmanagement voor Engineers In 2021 tweemaal succesvol gestart. Informeer naar de startdata in 2022. De Post-HBO opleidingen kunnen naar wens, op zowel post-mbo als post-hbo niveau, in-company (op maat) verzorgd worden. Meer weten? Bel 088 481 88 88, mail naar info@cvnt.nl of kijk op www.cvnt.nl.

ER VALT NOG GENOEG TE LEREN


WET- EN REGELGEVING <

Gestructureerde transformatie naar Industrie 4.0

Bedrijven in de maakindustrie die toegang willen krijgen tot de voordelen van het Industrial Internet of Things (IIoT) moeten een toegewijde en holistische benadering toepassen op hun digitale transformatie. De Smart Industry Readiness Index (SIRI) stelt hen in staat om hun digitale volwassenheidsniveau efficiënt te beoordelen en een systematische aanpak te volgen voor het implementeren van transformatie. SIRI is ontwikkeld door de Singapore Economic Development Board (EDB) in samenwerking met TÜV SÜD en andere bedrijven en wordt erkend door het World Economic Forum (WEF). Begin dit jaar werden SIRI-activiteiten overgeheveld van de EDB naar het International Centre for Industrial Transformation (INCIT). “SIRI streeft een holistische beoordeling na die veel verder gaat dan een snelle controle”, zegt Pascal Gaillot, SIRI-beoordelaar bij TÜV SÜD. In tegenstelling tot veel andere volwassenheidsmodellen richt SIRI zich niet uitsluitend op technologie. In plaats daarvan maakt het model gebruik van een geïntegreerde strategie die ook rekening houdt met de processen en organisatie van een bedrijf en zo informatieve resultaten oplevert. “Naast het beoordelen van de gereed-

52 juli 2022

heid van de activiteiten door een gestandaardiseerde kwantificering van looptijden, neemt SIRI locatiespecifieke kostenprofielen en bedrijfsprioriteiten op in de analyse. Deze gestructureerde en alomvattende aanpak resulteert in zeer nauwkeurige prioritering van digitale initiatieven voor het bedrijf ”, legt Maurice Houben, SIRI-beoordelaar bij Yokogawa, uit. Zo ontwikkelen bedrijven een stappenplan die het mogelijk maakt om de volgende stappen gericht te plannen - een groot voordeel.

> Eerst testen, dan gebruiken. De SIRI-beoordeling is gebaseerd op een raamwerk met een duidelijke structuur; de drie belangrijkste bouwstenen technologie, proces en organisatie rusten op acht pijlers, die zijn onderverdeeld in 16 subcategorieën of dimensies.


Foto: Yokogawa

Dankzij de duidelijke structuur levert de beoordeling in relatief korte tijd informatieve resultaten op, waardoor zelfs sectorspecifieke benchmarking van het volwassenheids-niveau mogelijk is. De SIRI-applicatie werd voor het eerst getest in verschillende proefprojecten bij bedrijven van verschillende grootte en uit verschillende industrieën, waaronder chemie, elektronica en luchtvaart. Tot op heden is SIRI met succes gebruikt in meer dan 600 bedrijven wereldwijd. Gaillot; “Op basis van onze ervaring zijn we ervan overtuigd dat SIRI kan worden overgedragen naar alle sectoren van de industrie en ten goede komt aan bedrijven van elke omvang, van kleine bedrijven tot multinationals”.

> Externe, onafhankelijke SIRI-beoordelaars. TÜV SÜD en Yokogawa ondersteunen bedrijven met SIRI-beoordelingen. Ondersteuning door ervaren, onafhankelijke en gecertificeerde SIRI-beoordelaars verhoogt de efficiëntie van de beoordeling en verhoogt de informatieve waarde van de resultaten. “Een belangrijk effect dat vaak over het hoofd wordt gezien, is het creëren van bewustzijn en enthousiasme bij de deelnemers voor de Industry 4.0-concepten en de waarde die ze het bedrijf kunnen brengen”, legt Houben uit. “Deze bieden een sterke basis voor de verandermanagementaspecten tijdens de implementatie van de transformatie-initiatieven.” De beoordelaars van TÜV SÜD en Yokogawa werken meestal in gemengde teams en dragen de expertise en ervaring bij van een test- en certificeringsbedrijf en een leverancier van procesautomatiseringsoplossingen en apparatuur, die beide tot de wereldleiders in hun industriesectoren behoren. <

Over TÜV SÜD Opgericht in 1866 als een stoomketelinspectievereniging, heeft de TÜV SÜD Group zich ontwikkeld tot een wereldwijde onderneming. Meer dan 25.000 medewerkers werken op meer dan 1.000 locaties in ongeveer 50 landen om technologie, systemen en expertise voortdurend te verbeteren. Ze dragen aanzienlijk bij aan het veilig en betrouwbaar maken van technische innovaties zoals Industrie 4.0, autonoom rijden en hernieuwbare energie.

Over Yokogawa Yokogawa biedt geavanceerde oplossingen op het gebied van metingen, regeltechniek en informatie aan klanten in een breed scala van industrieën, waaronder energie, chemicaliën, farmaceutische producten en voedingsmiddelen. Yokogawa pakt problemen van klanten met betrekking tot de optimalisatie van productie, activa en de toeleveringsketen aan met de effectieve toepassing van digitale technologieën, waardoor de overgang naar autonome activiteiten mogelijk wordt. Yokogawa, opgericht in Tokio in 1915, blijft werken aan een duurzame samenleving via haar 17.500 werknemers in een wereldwijd netwerk van 119 bedrijven in 61 landen.

‘Industriële bedrijfstransformatieinspanningen beoordelen op basis van de Smart Industry Readiness Index (SIRI)’ 53


INNOVATIE <

Pilbeugels Chemelot Op Chemelot ligt zo’n 800 kilometer aan bovengrondse leidingen. Aan de leidingen kan schade ontstaan en dan is herstel uiteraard noodzakelijk. Toch vindt dat herstel niet altijd onmiddellijk plaats en daarvoor zijn een paar goede redenen. Dennis Clahsen, productie ingenieur bij USG, vertelt hoe dat zit.

Pilbeugel op flens Foto: USG

54 juli 2022


Wirwar van leidingen Foto: USG

“Er komt nogal wat bij kijken om al die leidingen operationeel te houden. Voor onderhoud betekent dit vooral een enorme hoeveelheid aan onderhoudsplannen om de conditie van de leidingen te bewaken. Het onderhoud verschilt per keuringsklasse van de leiding. Deze keuringsklasse is weer afhankelijk van medium, druk, temperatuur en diameter van deze leiding. Zo zijn er bijvoorbeeld C-stalen leidingen met stoom, RVS leidingen of kunstof leidingen (PE) voor demiwater en kunststof (GVK) leidingen met koelwater, om er een paar te noemen”.

> Niet altijd ‘u vraagt, wij draaien’. Wanneer een leiding

of afsluiter gerepareerd dient te worden kan dit niet altijd direct.

“Je kunt niet zomaar van het ene op het andere moment een gedeelte van een leiding uit bedrijf nemen om een reparatie uit te voeren, daarvoor gebruiken we de zogenoemde pilbeugel”. De pilbeugel kan je het beste vergelijken met een pleister, het helpt om het acute probleem tijdelijk te stoppen zoals een pleister op een wond. Beleid van USG is om pilbeugels maximaal 5 tot 6 jaar te gebruiken, dan moet de ‘gepilde’ leiding gerepareerd worden of de ‘gepilde’ afsluiter worden vervangen. De pilbeugels worden in de tussentijd elke twee jaar visueel gecontroleerd en indien nodig krijgen ze een herinjectie om alles dicht te houden. Je wilt geen LoC (loss of containment) hebben. Dat wil zeggen je wilt voorkomen > dat er ongecontroleerd stoffen vrijkomen”.

‘Hoe je het ook went of keert, de plants zijn letterlijk en figuurlijk met elkaar verbonden’ 55


>

Lekkages die met een pilbeugel tijdelijk zijn opgelost, worden zoveel mogelijk gebundeld om tegelijk aan te pakken. Op die manier zijn er minder stops en worden kosten voor onderhoud uitgesteld. Clahsen; “Onderhoud voeren we zoveel mogelijk uit in combinatie met een geplande stop. Is er elke zes jaar een stop, dan voeren wij elke zes jaar ons onderhoud uit. Maar het mag natuurlijk niet gevaarlijk worden, dan zijn we genoodzaakt om eerder in te grijpen”.

> Voorspellend onderhoud op basis van berekeningen. USG streeft ernaar om reparaties zo snel mogelijk op te pakken en is daarbij gebonden aan keurtermijnen. Tegelijkertijd wil de opdrachtgever het liefst zo min mogelijk overlast en productiederving. Afstemming en goed overleg is daarom essentieel. Clahsen verzamelt de informatie over levering en terug-levering van klanten en gaat daarmee aan de slag. “Op basis van die berekeningen wordt vervolgens gekeken welke stop het meest geschikt is voor de ingreep. In de leidingen bevinden zich sensoren die onder andere de druk, hoeveelheid en temperatuur meten. Op basis van deze gegevens zetten we Predictive Maintenance in om leidingen, wanneer nodig, preventief te vervangen”. De gegevens worden gecontroleerd en in de gaten gehouden vanuit een centrale meetkamer. Hier is continue iemand van operations aanwezig die overzicht heeft over het gehele distributienetwerk. Als er daadwerkelijk iets gerepareerd dient te worden, wordt het onderhoudsteam ingeschakeld. “Door de kwaliteit van het water te meten, weet het team al snel om welk medium en dus om welke leiding het gaat”. Lekkages vinden voornamelijk plaats bij afslui-

ters die bij het continue in bedrijf zijn nagenoeg nooit gebruikt worden. Clahsen; “Wanneer ze dan wel bediend worden, kan dit lekkages veroorzaken. Door preventief onderdelen te vervangen blijft alles in een betere conditie”.

> Project locatie Noord. USG ging eind september in gesprek met een aantal plants om te bespreken hoe op locatie Noord een inhaalslag gemaakt kon worden voor het twaalf-bar-stoomnet. Daar moesten tien pilbeugels vervangen worden op twee redundante leidingen. Geen eenvoudige klus volgens Clahsen omdat de pilbeugels zich op cruciale knooppunten in het distributienet bevinden. “De pilbeugels zitten er langer dan zes jaar, waardoor de aftakkingen van deze leidingen niet meer individueel bediend konden worden”. Bij het project op Noord zijn twee scenario’s denkbaar legt Clahsen uit. “In het eerste scenario vindt er bij de plants een stop plaats die tussen de tien en veertien dagen duurt. Dat is een kostbare aangelegenheid, vooral vanwege productiederving. In het tweede scenario worden noodvoorzieningen ingezet en is er sprake van zogenaamd ‘eilandbedrijf’ waarbij USG niet aan haar klanten kan leveren. Andere partijen kunnen nog wel leveren, maar dit is slechts een noodvoorziening. Het voordeel van deze tweede optie is dat er kan worden geproduceerd. Het nadeel is dat het stoomnet minder stabiel is. Je kan dan te maken krijgen met onderschrijding van de minimaal gegarandeerde druk.” De keuze is daarmee een afweging tussen inkomsten en betrouwbaarheid.

> Nadat de scenariokeuze is gemaakt. Na de berekeningen en afwegingen volgt een inspectie ter plaatse. Voor een correcte uitvoering is het belangrijk om goed voorbereid aan de slag te gaan. “Door ter plekke de situatie te bekijken en in te schatten, voorkom je onverwachte zaken zoals problemen met asbest of isolatie. Overigens biedt dit project een mooie gelegenheid om nog een verbeterpunt door te voeren. Rondom de nieuwe afsluiters wordt een leiding aangebracht die de afsluiter kan voorverwarmen. Als deze afsluiter vervolgens wordt opengezet slijt deze minder tot niet en dicht de afsluiter vervolgens ook weer goed af ”.

> Terug naar de pilbeugels. De stoomverdeling op locatie Noord bevindt zich nu nog in een oud gebouw waar inmiddels veel pilbeugels geplaatst zijn. Daarom is besloten om nieuwe ketels en leidingen te plaatsen, niet langer in een gebouw dat extra kosten met zich meebrengt, maar buiten. “Alles buiten plaatsen heeft zijn voor- en nadelen. Buiten ben je afhankelijk van het weer, maar kan je wel beter omgaan met lekkages. Lekkages zijn tevens buiten beter en sneller zichtbaar dan in een gebouw waar alles door elkaar heen loopt”.

Pilbeugel Foto: USG

56 juli 2022

In januari 2022 startte het project Stoom Distributie Noord (SDN), de reparaties aan het 12 bar stoomnet moeten uiterlijk aan het einde van dit jaar afgerond zijn. Zodra die reparaties zijn afgerond, kan worden begonnen met het één voor één naar buiten plaatsen van alle ketels en leidingen die zich nu nog in het oude gebouw bevinden. Hierbij wordt er steeds een nieuw deel van de installatie op het netwerk aangesloten alvorens het oude deel van de installatie uit bedrijf wordt genomen. “Ik hoop dat alle betrokken partijen de handen ineenslaan en dat we dit project naar ieders tevredenheid kunnen afronden”. <


Overstappen van preventief naar voorspellend onderhoud Er zijn in de afgelopen jaren stappen gezet met de invoering van voorspellend onderhoud met als gevolg dat we op weg zijn naar meer inzicht in het toepassen van de algoritmes en de noodzakelijke onderliggende data. Het lijkt er echter op dat deze stappen veelal betrekking hebben op losstaande oplossingen voor specifieke toepassingen. Deze aanpak heeft zeker zijn voordelen, maar het blijft moeilijk te bewijzen welke dat zijn en hoe groot deze zijn voor specifieke situaties. Je kunt jezelf afvragen of een meer integrale aanpak niet grotere voordelen oplevert tegen relatief lagere kosten en met minder problemen. Kijkend naar de toepassing van voorspellend onderhoud in de procesindustrie, zijn de typische categorieën van gebruikte apparatuur die in aanmerking komt voor voorspellend onderhoud ten eerste apparaten met draaiende onderdelen als pompen en compressoren. Ten tweede statische apparatuur als leidingen en vaten en ten derde generatoren. Denk ook aan warmtewisselaars, (meet)instrumentatie en kleppen. Voor al deze categorieën zijn er voorbeelden te geven van applicaties gericht op voorspellend onderhoud. Hoe succesvol deze voorbeelden

‘Uitdagingen ten aanzien van het hebben van de juiste data en informatie’

KIJK OP <

Martin te Lintelo Foto: privé collectie

Martin te Lintelo Incoming Director USPI zijn, is afhankelijk van de categorie en de daadwerkelijke toepassing. Een voorbeeld met succesvolle implementaties betreft het voorspellen van de capaciteit van leidingen om in de toekomst bepaalde drukken te kunnen weerstaan op basis van wanddiktemetingen. Voor het monitoren van pompen zijn er ook de nodige voorbeelden te geven en zijn er ook ontwikkelingen om de analyses in de cloud te doen, wat voordelen biedt ten aanzien van het gebruik van specialisten, en het gebruik van grotere datasets van meerdere locaties en toepassingen. Of de resultaten van de uitkomsten van de analyses ook op een integrale wijze gebruikt worden, is de vraag. Is de operator bijvoorbeeld op de hoogte van de gevolgen van deze uitkomsten voor zijn werkzaamheden? Weet de productieplanner wat de gevolgen voor hem/haar gaan zijn? Het lijkt er tot op heden op dat de voorbeelden met name betrekking hebben op losstaande oplossingen (point solutions) en het lastig is om de verkregen inzichten ook op de juiste wijze (tijd, plaats en locatie) beschikbaar te maken voor andere processen en personen, die geraakt worden. Het is waarschijnlijk dat een meer integrale benadering grotere voordelen gaat bieden en het gemakkelijker gaat maken om investeringen in voorspellend onderhoud te justificeren. Investeringen om voorspellend onderhoud mogelijk te maken zijn aanzienlijk. Als het niet gaat om een min or meer verplichte investering, zal een goede business case met een bijbehorende inschatting van de voordelen noodzakelijk zijn of een visionaire manager, om de investering goedgekeurd te krijgen. Om een integrale benadering mogelijk te maken moeten objecten met de uit de modellen en onderliggende data verkregen informatie aan elkaar gekoppeld kunnen worden. USPI is betrokken bij projecten in een internationale setting, waarvan het opzetten van deze standaarden en bibliotheken het doel is. Een recente ontwikkeling is dat er effort gestoken wordt om het integrale gebruik van de verschillende standaarden eenvoudiger mogelijk te maken door ze beter op elkaar af te stemmen.

57


OPGELEVERD <

Zes stappen om snel voorspellend te worden als onderhoudsbedrijf Veel onderhoudsbedrijven werken met periodiek onderhoud, om storingen en defecten bij machines preventief te voorkomen. Voor veel opdrachtgevers van onderhoudsbedrijven is het namelijk geen optie dat storingen en defecten pas achteraf worden verholpen. In dat geval ben je namelijk (bijna) altijd te laat. “Je loopt als onderhoudsbedrijf het risico dat je onderdelen niet op voorraad hebt en het probleem niet direct kan verhelpen, waardoor machines nog langer stilliggen. Preventief onderhoud is dus een logische keuze voor veel onderhoudsbedrijven” aldus Raymond Janssen, Business Development Manager bij Axians. Maar ook deze werkwijze heeft zijn gebreken. “Het nadeel van preventief onderhoud is dat je onderdelen gaat vervangen die nog prima een aantal jaar mee kunnen. En dat er onnodige kosten worden gemaakt voor de aankoop van nieuwe onderdelen. Door

58 juli 2022

preventief onderhoud liggen machines van opdrachtgevers vaak stil op het moment dat het eigenlijk helemaal niet nodig is. Dat kan je opdrachtgever en jou veel tijd en geld kosten”.

> Analyse, Voorspelling, Actie. Dankzij de technologische ontwikkelingen van de afgelopen jaren is er inmiddels een beter alternatief: voorspellend onderhoud. Door data van machines te analyseren, kun je voorspellen wanneer bepaalde onderdelen onderhoud nodig hebben en direct actie ondernemen op het moment dat het écht nodig is. Janssen; “Dat gaat je helpen om je first time


Stap 1 – Kijk naar de informatie die je al hebt Start met het verzamelen van reeds bestaande informatie uit onderhoudshistorie, inspecties en gebruikte assets. Stap 2 – Toets je data bij domeinexperts Betrek onderhoudsmonteurs bij het vinden en analyseren van patronen. Dat gaat helpen om naar de juiste patronen te zoeken en ook de juiste conclusies te trekken. Stap 3 – Ontdek welke machine-data je al uit machines kan halen Inventariseer welke machine-data er al beschikbaar is en of ze mogelijk al data verzamelen. Afhankelijk van deze inventarisatie weet je ook hoe eenvoudig het wordt om data uit meerdere machines te ontsluiten en welke data je inzichtelijk kunt gaan maken. Stap 4 – Kijk hoe je machines (nog) slimmer kan maken Door te begrijpen over welke machine-data je opdrachtgever en/of de machinebouwer al beschikt, kun je samen ook bepalen welke belangrijke informatie misschien nog ontbreekt. Denk bijvoorbeeld aan de temperatuur of het aantal trillingen per seconde van specifieke onderdelen. Deze waarden kunnen je helpen om écht tot in detail het gedrag en de conditie van machines in kaart te brengen. Hierbij komt de kennis van je domeinexperts opnieuw goed van pas. Zij weten vaak uit ervaring welke onderdelen snel kapotgaan en hoe dat komt. Stap 5 – Bepaal waarden en ga daarop monitoren Als je eenmaal over de juiste data beschikt, kun je gaan bepalen bij welke waarden je notificaties wilt ontvangen. Stap 6 – Koppel acties aan notificaties De vervolgstap is dat je direct acties gaat koppelen aan notificaties. Het mooiste zou zijn als je als onderhoudsbedrijf de meldingen van je opdrachtgever beheert, direct kunt zien om welke machine het gaat, wat er precies aan de hand is en weet welke onderdelen een monteur mee moet nemen. Maak duidelijke afspraken met je opdrachtgever over het wie de notificaties beheert en wat precies de vervolgacties zijn bij verschillende meldingen.

fix rate drastisch te verbeteren. Je weet als onderhoudsbedrijf namelijk precies welke onderdelen vervangen moeten worden en kunt daardoor je onderhoudsmonteurs efficiënter inplannen en de juiste onderdelen meenemen. Je kunt bovendien beter onderbouwen bij je opdrachtgevers waarom je onderdelen gaat vervangen en kunt de downtime van machines flink verminderen”.

> Hoe overtuig je opdrachtgevers? Als onderhoudsbedrijf ben je echter geen eigenaar van de machines. Je moet dus in gesprek met je opdrachtgevers om ze te overtuigen van de toegevoegde waarde van voorspellend onderhoud voor hun machines en toegang te krijgen tot machinedata. Hoe pak je dat aan als onderhoudsbedrijf? Dat lijkt misschien ingewikkeld, maar dat hoeft het niet te zijn volgens Janssen. “Wat je nodig hebt is een plan van aanpak met stappen die eenvoudig te realiseren zijn en snel resultaat opleveren voor je organisatie en je opdrachtgevers. En plan waarbij je nog geen grote investeringen hoeft te doen, weinig mensen beschikbaar hoeft te stellen en de machines van je opdrachtgevers gewoon door kunnen blijven draaien”.

> Aan de slag. “In zes stappen kun je op een laagdrempelige manier al voorspellend worden. Bij stap 1 en 2 heb je zelfs nog geen hulp nodig van buitenaf en kun je alvast de eerste patronen gaan herkennen. Met de resultaten uit die fase kun je vervolgens een opdrachtgever over de streep trekken. Start met één opdrachtgever en één machine en ga samen experimenteren. Daarna kan je op je eigen tempo steeds een stapje vooruitzetten. Door klein te starten, kun je bovendien al vrij snel de toegevoegde waarde van voorspellend onderhoud aantonen voor jou en je opdrachtgever”. <

Raymond Janssen Foto: Axians

‘Wat je zelf al kunt doen als onderhoudsbedrijf om voorspellend te worden’ 59


CursusKalender Kennis is onze kracht! Inschrijven kan eenvoudig via de maintenance academy op www.nvdo.nl

8 en 9 september; Voorraadbeheersing van Spare Parts De training bevat methoden en technieken om te komen tot een optimale balans tussen de KPI’s grijpkans, voorraadwaarde en operationele kosten. We gaan in op de overeenkomsten en verschillen met voorraadbeheersing voor handels- en productievoorraden, vraagvoorspelling en het berekenen van veiligheidsvoorraden, bestelniveaus en ordergroottes, zowel voor consumables als repareerbare reservedelen.

Onderwerpen

Tijdens de training leer je; • De invloed van verschillende soorten onderhoud op de voorraad te kennen • De voorraadhoogtestrategie te bepalen • Optimale voorraadhoogtes en bestelgroottes te berekenen • De technieken rond repairables toe te passen • De efficiëntie en effectiviteit van het voorraadbeheer op basis van KPI’s op te volgen De aangeboden theorie wordt verduidelijkt met praktijkvoorbeelden en wordt bovendien afgewisseld met oefeningen en cases, waarbij deelnemers ook hun eigen kennis en ervaring kunnen delen. Er is bovendien ruimte om problemen, waarmee de deelnemers in de eigen praktijk te maken hebben, te bespreken.

14 september Start; Leergang Lean Six Sigma Black Belt De Lean Six Sigma Black Belt is in staat organisatie breed processen te verbeteren, verbeterteams te leiden en kwaliteit en uptime aantoonbaar te verhogen. De belangrijkste vaardigheid van de Black Belt is ook het verzamelen en analyseren van data, om hier vervolgens statisch onderbouwde verbeteringen mee door te voeren in productie- en Onderhoudsprocessen.

Na afloop van deze Leergang:

• Ben je in staat om organisatie brede (complexe) verbeteren verandertrajecten te leiden • Kan je statistisch onderbouwde beslissingen nemen • Ben je in staat om processen te ontwerpen en meetsysteem analyses uit te voeren • Heb je een praktijkopdracht afgerond met een businesscase van minimaal €50.000,• Ben je in staat om statische betrouwbaarheidsen tolerantieonderzoeken te doen De Leergang is gecertificeerd volgens ISO 13053 en ISO 18404

60 juli 2022


15 en 16 september; Risk Based Maintenance (RBM), onderhoudsconcepten op basis van Risico In de Cursus Risk Based Maintenance (RBM), onderhoudsconcepten op basis van Risico leer je hoe je grip krijgt op het onderhoud en een optimum kunt creëren tussen bedrijfsdoelstellingen en onderhoudskosten. Je leert een risicomatrix op te stellen op basis van bedrijfsdoelstellingen. Je leert (van grof naar fijn) de kritische onderdelen van de installaties op te sporen en de faaloorzaken in kaart te brengen. Risk Based Maintenance (RBM) helpt prioriteiten te stellen in preventief onderhoud. Het maakt inzichtelijk waar de grootste risico’s liggen, zodat je daar op kunt anticiperen en weet welke delen van je installatie wel en welke niet mogen falen. Tot slot faciliteert RBM jouw gesprek in

de boardroom. Een objectieve onderbouwing, waarbij ook gevolgkosten in beeld zijn van ‘wat als scenario’s’, is daarbij zeer behulpzaam.

Onderwerpen

• Het herkennen en formuleren van bedrijfsdoelstellingen • Het definiëren van risico’s • Verschillende methodieken van risicoanalyses (een voorbeeld: FMECA) • Opstellen van een onderhoudsconcept naar aanleiding van de risicoanalyse • Optimaliseren van onderhoudsconcepten

Start 19 september; Leergang CUR117 Na het volgen van de Leergang kan je een volledig inspectierapport en advies uitbrengen. Je bent in staat alle relevante informatie vast te leggen om tot een actueel en betrouwbaar beeld te komen van de risico’s. Op basis daarvan breng je advies uit over efficiënte en doeltreffende beheersmaatregelen, rekening houdend met omgevingsfactoren. In deze Leergang leer je alle stappen te zetten naar zo’n instandhoudingsadvies.

Onderwerpen

Module 1 (Inspecteur) Schouw en Toestandinspectie • CUR117, Asset Management, Inspectie, Rapporteren • Materialen zoals hout, beton en conservering • Voegovergangen • Veiligheid en Gezondheid (incl. wet- en regelgeving)

Module 2 (Inspecteur en Adviseur) Instandhoudingsinspectieen advies • Inspectieplan • Risicoanalyse • Duurzaamheid • Advisering en Rapportage Module 3 (Optioneel na module 1 en 2) Duurzaamheid (verdiepingscursus) • Duurzaam GWW en IFD ontwerpen • Duurzaamheid meetbaar maken • Casusbespreking

20,21,22 september; Basiscursus Reliability Centered Maintenance 3 (RCM3) Deze cursus neemt de deelnemers mee door het Aladon RCM3-proces, de volgende generatie RCM. RCM3 is de opvolger van het robuuste en grondige denkproces van de RCM2-methode. Organisaties passen RCM3 toe om operationele en onderhoudsrisico’s die samenhangen met het gebruik van fysieke assets te reduceren, om zo de inherente capaciteit van assets op het gebied van veiligheid en betrouwbaarheid te bereiken tegen minimale kosten. Risicogebaseerd RCM (RCM3) brengt de onderhoudsstrategie volledig in lijn met de internationale normen voor Asset Management en risicomanagement (ISO 55000 en ISO 31000).

Onderwerpen

• Risico’s inventariseren en beoordelen • Maatregelen bepalen om de risico’s effectief te beheersen • Kiezen uit de verschillende soorten onderhoud en operationele strategieën op basis van technische haalbaarheid en toegevoegde waarde

• Vereiste intervallen bepalen van onderhoudstaken • De gemeenschappelijke RCM3-taal; met gedeelde doelstellingen voor onderhoud, inspectie en productie en hoe de onderlinge samenwerking tussen deze afdelingen succesvol Asset Management mogelijk maakt • De juiste Asset Management beslissingen nemen voor optimale prestaties van technische systemen en tegelijkertijd veiligheid en milieu-integriteit maximaliseren • Bereiken van compliance - onderhoudsstrategieën opstellen die voldoen aan de ISO-standaards voor Asset Management en risicomanagement (ISO55000 en ISO31000). Na de cursus bent u in staat om deel te nemen in een projectteam dat RCM3 toepast op een asset onder leiding van een RCM3-facilitator

61


Team building met The GAME De NVDO en Mainnovation presenteren een unieke teambuildingsactiviteit: the Great Asset Management Experience, oftewel the GAME. Op 15 september kun je als team meedoen aan deze interactieve Maintenance en Asset Management-challenge. In één dag krijg je volgens het principe ‘learning-by-doing’ veel nieuwe inzichten en leer je om met een andere blik naar Asset Management te kijken. Met the GAME doe je, aan de hand van een uitdagende business simulatie, praktijkervaring op met diverse Maintenance en Asset Management uitdagingen. We leggen uit hoe je aan de hand van Value Driven Maintenance & Asset Management (VDMXL) waarde kunt toevoegen aan het bedrijfsresultaat. Het gaat over slimme keuzes, preventive maintenance optimization, ISO 55.000, vervangingsbeslissingen en levensduuruitbreiding. Ook best practices zoals RCM, TPM en RBI worden behandeld.

team gaat naar huis met de bokaal, maar alle deelnemers krijgen eyeopeners en handvatten om de volgende dag in de praktijk te kunnen toepassen.

High Score The GAME is een bewezen concept. Vele bedrijven hebben deze interactieve sessie reeds gevolgd, in company of in het Meeting House te Dordrecht. Onlangs heeft een delegatie van de Onderhouds- en Asset Managementafdelingen van de RET deelgenomen aan The GAME. Het Team RET Purple kwam als winnaar uit de strijd. Sterker nog: de all time high score van The GAME is na zes jaar gesneuveld. De RET is de nieuwe koploper! In de vorm die wordt aangeboden, wordt niet een compleet bedrijf uitgenodigd om deel te nemen, maar krijgen kleinere teams van verschillende bedrijven de gelegenheid om tegen elkaar te strijden. Het gaat over Maintenance en Asset Management en die taal en aanpak is universeel.

Teambuilding Meld je aan met een team van minimaal vier en maximaal zes personen uit hetzelfde bedrijf en ga de ‘strijd’ aan met Maintenance en Asset Management collega’s van andere bedrijven. Het is inspirerend en leerzaam en daarnaast hartstikke leuk en interessant. Of zoals Bas Horvers van Ideo het samenvatte; “Inspirerend, interactief en leerzaam. Zo hoort een goede workshop te zijn”! En Harry Rikken schreef; “Game changer in Asset Management”. Het competitieve element geeft de dag een extra uitdaging. Eén

Waar en Wanneer? The GAME vindt plaats op 15 september a.s. van 09.00 tot 17.00 uur in het Meeting House in Dordrecht. De kosten bedragen € 690,- per persoon, € 590,- voor NVDO-Leden. Dit is inclusief koffie/thee en een goed verzorgde lunch, het boek VDMXL en voor de winnaars de VDMXL Award. Er is per dag ruimte voor twintig deelnemers! Registreren kan via de website van de NVDO. Klik op Maintenance Academy en kijk onder Asset Management.

‘Wie wordt 15 september winnaar van The GAME?’ 62 juli 2022


GEEF ELKE ASSET EEN DIGITALE IDENTITEIT Identificeer en lokaliseer meerdere assets, vanop afstand, in realtime, zonder dat u een zichtlijn nodig heeft. Met onze complete RFID-oplossing kunt u elke asset een unieke digitale identiteit geven en zo aanzienlijke efficiëntiewinst behalen.

Maak een grote sprong in efficiëntie! Ontdek onze complete RFID-oplossing www.bradyeurope.com/rfid

#

2022

#

ent anagem Asset M Vakblad

Scanners

Printers

Softwareintegratie

INFORMEER!

ëren? ment? noeg? arde cre gement? Manage st ge tie wa is Asset rhoud is jui Mana udsfunc • Wat Asset de vorm? onderho binnen het eel on ef ik dit • Hoev met de derhoud hoe ge en we de • Kunn de rol van on intenance en bedrijf Ins titute eigen t is D Ma t e OU Wa tiv u in uw steld door he • RH ties ONDE is Predic ht helpt ge ce Socie • Wat GOED school Utrec kaders intenan ende DOOR nd van National Ma elnem EATIE de bij Hoge n. Aan de ha of CR de ng ion DE idi rat ctie als ge kt bij WA AR rhoudsople deze vra European Fede aringen berei eering, Inspe rhoud op de n on de gin de vin Een besp Onde e, En rden te ment (IAM) en en forse teriaalkund t gebied van het eigen n ate antwoo ge ult Ma dan op he Mana zowel oie res dingen kunnen kijken pe op of Asset zijn vele mo te ze oplei de sco . S) de bre nt bieden on is om verder (EFNM boeken 22 n. Door me aten te dig mei 20 bedrijve ce Manage die no betere result Start 17 tober 2022 an kennis ar ok Mainten tegrale) r aantoonba Start 6 ok tober 2022 s die (in oo n ee ard ev 22 da precie Hoog Start 13 d, en ber 20 ologie septem ht vakgebie chn 5 rec rt ste Ut Sta ologie gement nt derhoud na nageme HBO On rhoudstechn set Ma de set Ma • Postce & As HBO On rhoud en As eers . an stgin 22 en Po En de • int voor ata in 20 HBO On eering in Ma ement • Postde startd gin tmanag r naar u, r of En O Projec rt. Informee o nivea • Maste Post-HB sta post-hb Nieuw: succesvol ge mbo als al l posttweema op zowe wens, In 2021 ar nl. na nnen w.cvnt. gen ku op ww rden. din wo lei kijk of HBO op verzorgd cvnt.nl De Post- y (op maat) ar info@ an , mail na in- comp 1 88 88 l 088 48 ten? Be Meer we

ELMA

E LER OEG T MEDIA G GEN LT NO

Asset Vakblad

1 2022

Labels

ZIJN IN TE BRENGEN IN DE BACHELOR WERKTUIGBOUWKUNDE DEELTIJD.

nr. 01 /

OET J KENNISNDMERHOUDEN. OOK O

2 nr. 02/

BRADY BENELUX Tel BE: +32 (0) 52 45 78 11 Tel NL: +31 (0)70 323 62 98 salesbenelux@bradycorp.com www.brady.nl DEZE OPLEIDINGEN E

ent Managem

G LGEVIN N REGE WET- E

t en het nu zaak d de no o

EN

ER VA

ENERGIE

nt nageme ud Asset Ma EX f Onderho structie gevingswet, AT ing, Enterprise Non De ev lwet, Om n, Brzo-wetg ge Gastkete gin e uitda Circulair

Exclusief partner voor branche- en beroepsverenigingen

4 22 14:1

25-04-20

# 4 22 20:5

26-01-20

nr. 01 /

ADVERTEREN BIJ DE NVDO?

1

o et Wat M an K t en w a

Vakblad

NV

Vakblad

OET JE KENNISNDMERHOUDEN. OOK O

ent anagem Asset M

DEZE OPLEIDINGEN ZIJN IN TE BRENGEN IN DE BACHELOR WERKTUIGBOUWKUNDE DEELTIJD.

INFORMEER!

ëren? ment? noeg? arde cre gement? Manage st ge tie wa is Asset rhoud is jui Mana udsfunc • Wat Asset de vorm? onderho binnen het eel on ef ik dit • Hoev met de derhoud hoe ge en we f de • Kunn de rol van on intenance en en bedrij t Ins titute is D he uw eig tive Ma • Wat DERHOU ht helpt u in gesteld door ce Societies is Predic ED ON rec ers enan • Wat OR GO geschool Ut van kad l Maint elnemende TIE DO Ho de hand ion of Nationa de DECREA iding bij vragen. Aan kt bij de Inspectie als derat rei WA AR rhoudsople Fe be ze n g, de ea rin ngen op de derhoud de Europ se bespari nde, Enginee vinden Een on rden te ment (IAM) en d van On en lku en for antwoo ultaten Materiaa n op het gebie en dan het eig Manage zowel oie res dinge en kijk pe op of Asset zijn vele mo te kunn eken. ze oplei de sco S) de bre nt bieden on is om verder (EFNM te bo 22 n. Door me ultaten nodig mei 20 res 17 bedrijve ce Manage die e rt is ter 2022 Sta an kenn ar be ok tober Mainten tegrale) r aantoonba Start 6 ok tober 2022 s die (in n ardoo 22 precie ogevee Start 13 d, en da ber 20 gie Ho ht septem vakgebie chnolo rec Start 5 rhoudste chnologie Ut ment nt de On me ste nage HBO Manage set Ma derhoud • PostAsset HBO On rhoud en As eers . ance & • Postor Engin ata in 2022 Onde Mainten vo O t in g HB en rtd em ie st- of En • Po de sta udrin ginee tmanag ransit r naar u, r Onderho O Projec rt. Informee Energiet or• en door Maste o nivea Post-HB sta vo post-hb Nieuw: succesvol ge Kansen mbo als al l post(en) tweema op zowe Techniek In 2021 ar wens, cvnt.nl. nnen na n. w. ku n ww op worde leidinge of kijk HBO op verzorgd cvnt.nl De Post- y (op maat) ar info@ an , mail na in- comp 1 88 88 l 088 48 ten? Be Meer we

ENERGIE

De accountmanagers van onze mediapartner Elma Media informeren en adviseren u graag.

Exclusief partner voor branche- en beroepsverenigingen

0226 - 33 16 52 www.elma.nl g.metz@elma.nl h.deboer@elma.nl NV

11:31 28-08-20 13:5 5 3 21 10:5 22

4-20 14-02-20 03-0

O G GEN LT NO ER VA

LERE EG TE

G LGEVIN N REGE WET- E 6 22 10:1

11-02-20

# N

2 2022

22-0000

o et Wat M an K t a w en

nr. 02/

-1556-03

indd 1

#6 ent 2021 Managem DO Asset

mm. 1 gRUG4,8 n.indd 1 1 msla contoure m.in dd-1_O 2022 VAM NL AM.indd m_A 280m O_V 215x 280m 0 NVD -01_ 1333215x 1556 1-1_

Vakblad

2 2022

VRAAG NAAR DE MOGELIJKHEDEN

22-0000

11:31 28-08-20 13:5 5 3 21 10:5 22

4-20 14-02-20 03-0

#6 ent 2021 Managem DO Asset

nr. 02/

-1556-03

1

11-02-20

#

ent anagem Asset M

mm.indd 1 gRUG4,8 n.indd 1 1 msla contoure m.in dd-1_O 2022 VAM NL AM.indd m_A 280m O_V 215x 280m 0 NVD -01_ 1333215x 1556 1-1_

6 22 10:1

ransitie derhoud Energiet or en door On vo Kansen (en) Techniek

2022

1 1 m.indd mm.indd 215x280m gRUG4,5 2022-FC- 2022-2_Omsla iMaintain AM NVDO_V 13331

ent anagem Asset M

4 22 20:5

26-01-20

t en het nu zaak d o o n de nt nageme ud Asset Ma EX f Onderho structie gevingswet, AT ing, Enterprise Non De ev lwet, Om n, Brzo-wetg Gastkete ginge e uitda air cul Cir