De Boomklever Juni 2010

Page 14

' <J/;,I

,:�' .. '\-

.

·Ecoduct .�.

Onderzoek naar passage van recreanten Het onderzoek naar het gebruik van het ecoduct door recreanten toonde aan dat vooral ruiters passe­ ren en in mindere mate mountainbikers, wandelaars en joggers. De enige categorie van recreanten die is toegelaten op het ecoduct zijn ruiters. Het merendeel van de recreanten gebruikt het rui­ terpad en doet dat linea recta, zonder enige aanwijs­ bare verstoring van het ecoduct. Een beperkt aantal

Uitgebreid veldonderzoek in 2006 en 2008 leert dat de zonering van de recreatieve routes rondom het ecoduct en de inrichting van het ecoduct zelf naar behoren hebben gefunctioneerd. Het recreatieve medegebruik van het ecoduct is in hoofdzaak be­ perkt gebleven tot ruiters op de voor hen voorziene ruiterstrook. Vandalisme aan de meetopstelling is uitgebleven, en wandelaars en mountainbikers wa­ gen zich slechts uitzonderlijk op het ecoduct. Het faunagebruik van het ecoduct lijkt op basis van ons onderzoek geen negatieve invloed te ondervin­ den van het recreatieve medegebruik.

recreanten is (via sporenonderzoek) vastgesteld op het faunadeel van het ecoduct. Het betreft 1 moun­ tainbiker en een aantal (wandelaars met) honden. Deze laatste categorie vormt potentieel een bedrei­ ging voor de werking van het ecoduct.

Dankwoord Veel dank aan Luc Janssens & Katja Claus van de dienst NTMB voor de aangename samenwerking. Katja las een eerdere versie van dit artikel na, waar­

Besluiten

voor dank. Boswachter Chris Van denbempt en regiobeheerder

Bij de aanleg van het ecoduct 'De Warande' en bij­

Bart Meuleman stonden steeds klaar voor hulp waar

horend wildraster langs de Naamsesteenweg (N25)

nodig. Bedankt!

in Meerdaalwoud stonden drie belangrijke functies

Tot slot ook veel dank aan de overige leden van het

voorop: het creëren van een ecologische verbinding,

onderzoeksteam. Zonder de technische kennis van

recreatief medegebruik en het verhogen van de ver­

Rollin Verlinde zouden er geen videobeelden ge­

keersveiligheid.

weest zijn. Sven Verkem voerde het vleermuizen­

Dat het ecoduct goed functioneert in termen van

onderzoek uit en zorgde voor de opnames met de

gebruik door doelsoorten, mag blijken uit dit ar­

Moultrie camera's.

tikel. Een lange reeks doelsoorten is aangetroffen, vaak in aantallen die de (stoutste) verwachtingen

Jorg Lambrechts - jorglambrechts@hotmail.com en

overtroffen. De 3 voornaamste doelsoorten die nog

j.lam brechts@arcadisbelgiurn. be

niet zijn aangetroffen, zijn Levendbarende hagedis, Vinpootsalamander en Vuursalamander. Voor eerst­ genoemde is de directe omgeving van het ecoduct

Referenties

ongeschikt als leefgebied, voor de 2 andere soorten is het mogelijk dat ze al gepasseerd zijn (maar niet

- Decleer, K" Devriese, H., Hofmans, K., Loek, K.,

opgemerkt).

Barenburg, B. & D. Maes (2000). Voorlopige at­

Een belangrijk knelpunt blijft het ontbreken van af­

las en 'rode lijst' van de sprinkhanen en krekels

rastering op het Waals deel van het Meerdaalwoud.

van België. Saltabel i.s.m. IN en KBIN, rapport

Wellicht daardoor is al tweemaal een Das veronge­ lukt nabij het ecoduct, terwijl de soort nog niet is

IN2000/10. - Desender, K., Maes, D., Maelfait, J.-P. & M. Van Kerckvoorde (1995). Een gedocumenteerde Rode

vastgesteld op het ecoduct ...

Lijst van de zandloopkevers en loopkevers van Sinds de aanleg van wildraster en ecoduct zijn in het projectgebied geen ongevallen met Ree meer geregi­

V laanderen. Mededelingen van het Instituut voor Natuurbehoud 1995 (1): 1-208.

streerd. Voordien kwamen jaarlijks 20 tot 25 aanrij­

- Desender, K. Dekoninck, W., Maes, D., Creve­

dingen met Ree in de ongevallenstatistieken, meestal

coeur, L., Dufrêne, M" Jacobs, M., Lambrechts,

met dodelijke afloop voor het Ree, soms ook voor de

]., Pollet, M" Stassen, E. & N. Thys (2008). Een

automobilist.

nieuwe verspreidingsatlas van de loopkevers en

44

De Boomklever - JUnl

201 O