Issuu on Google+

Tijdschrift over monumentenzorg, restauratie, beheer en behoud van cultureel erfgoed

I

Nummer 1

I

feb - mrt I 2011

TONGEREN

Oudste stad van Vlaanderen frist patrimonium op

ZEDELGEM Onderwijzerswoning omgeschoold

Aalst Landhuis is weer pronkstuk


   

Natuurlijke hydraulische kalk - restauratie isolerend - dampopen - duurzaam - kalleien Passief Huis - UNILIT - CORICAL - innovatie sanerend - injecties moulures - voegen - pleister metselen - tadelakt - natuurlijke bindmiddelen esthetiek - vette kalk ...

Arte Constructo bvba Molenberglei 18 - 2627 Schelle - Belgium

Tel. +32 (0)3 880 73 73 - Fax +32 (0)3 880 73 70 www.arteconstructo.be - info@arteconstructo.be


VAN DEN BROECK: EXCLUSIEF VERDELER VAN NATUURLEIEN LA CANADIENNE IN VLAANDEREN

Dankzij het geduld van vele jaren is de natuurlei La Canadienne, ontgonnen in het hart van Québec, één van de mooiste natuurleien die we kennen. Eenmaal op het dak blijft de lei ongevoelig voor veroudering dankzij de afwezigheid van pyriet. Dankzij de kenmerken mbt vlakheid en weerstand voldoen deze natuurleien aan de eisen van iedere markt. Zo worden natuurleien La Canadienne geplaatst op zowel historische gebouwen bij renovaties als op moderne woningen. Enkele uitzonderlijke voordelen van La Canadienne: • Geen roestvorming: La Canadienne is de enige natuurlei waar geen metallieke mineralen (pyriet) in aanwezig zijn. • Sterk: doordat de lei 400 miljoen jaar oud is kan men gemakkelijk gaten boren zonder breuken. • Vorstbestendig, resistent tegen zuren en extreme temperaturen. • Maatvast: uitsorteren is niet nodig.

VLOER- & WANDTEGELS | TERRASTEGELS | KLINKERS | MOZAÏEK | NATUURSTEEN | LAMINAAT BOUWCENTER | BOUWMATERIALEN | DAKMATERIALEN | WELVING | STABILISE | 3 VESTIGINGEN

BOUW- & TEGELHANDEL

VAN DEN BROECK www.vandenbroeck-hamme.be

Hamme - Belsele - Stekene info@vandenbroeck-hamme.be T: 052/47 87 54 - F: 052/47 71 26


Voorwoord Beste Lezer, Tot voor enkele jaren spraken de meeste voor monumentenzorg bevoegde diensten hun veto uit over alle ingrepen die ook maar enigszins zouden afwijken van het originele karakter van een gebouw. Dat is nu enigszins veranderd. Een gebouw uit de vijftiende eeuw, met aanpassingen, verbouwingen of uitbreidingen uit de zestiende, zeventiende, achttiende … kan ook wel een blijvende herinnering aan de eenentwintigste eeuw meedragen. Aanpassingen liggen echter nog altijd gevoelig bij gebouwen uit één enkele periode. Onze journalisten horen regelmatig opdrachtgevers, architecten en aannemers zich erover verbazen dat ze geen dubbele of driedubbele beglazing mogen aanbrengen in beschermde historische gebouwen. De eisen van monumentenzorg komen er in aanvaring met die van een duurzame aanpak. En halen het, zonder zich te moeten verantwoorden. Een nieuwer probleem is de eis om te restaureren gebouwen ook een praktische functie of invulling te geven. Ook die eis gaat soms zweven. In dit nummer van Bouwen aan Monumenten formuleert professor Piet Lombaerde een aantal kritische bedenkingen hieromtrent. Een voorbeeld van mogelijk te ver gezochte herbestemmingen is het voorstel dat oudminister van monumentenzorg Dirk Van Mechelen (VLD) onlangs opwierp: hij wil oude windmolens weer laten draaien… om elektriciteit te produceren. In dit geval is er zeker geen conflict tussen erfgoedzorg en duurzaamheid, want windenergie is ‘groene’ stroom. Van Mechelen gaat helaas erg kort door de bocht. Hij baseert zich op een handvol historische watermolens, die al meer dan twintig jaar op een kleinschalige manier duurzame stroom produceren in Vlaanderen. En hij verwijt zijn opvolger Geert Bourgeois (N-VA) en diens diensten kortzichtigheid, omdat ze zich zouden verschuilen achter het feit ‘dat de aanpassingen aan de kap en de wieken bijvoorbeeld de erfgoedwaarden van deze molens zouden aantasten.’ Het klopt wel dat zowat alle historische windmolens vandaag geen economisch nut meer hebben. En dat stilstand tot verval leidt. Maar heel wat gerestaureerde windmolens werken af en toe wel, op demonstratiedagen, tijdens schoolbezoeken of in het kader van de kleinschalige productie van culinaire streekspecialiteiten. Van Mechelens voorstel kreeg ook al gauw heel wat tegenwind, niet zozeer uit politieke, maar wel uit technische hoek. Vanuit de windmolensector zelf kwam de melding dat er sinds 1900 wel diverse pogingen zijn ondernomen om windmolens in te schakelen in de productie van elektriciteit, maar dat dit nog nergens in Vlaanderen tot succes had geleid. Ook de vergelijking met watermolens loopt mank. De wind blaast onregelmatig, terwijl water een vrij stabiel debiet heeft en (bijna) altijd in dezelfde richting stroomt. Waterkrachtcentrales kunnen grotendeels automatisch werken, terwijl voor een werkende windmolen de aanwezigheid van een (gesalarieerde) molenaar onmisbaar is. Afhankelijk van de wind moet hij zeil bijleggen of weghalen. Hij moet eveneens de molen in de juiste richting draaien, er fixeren en, wanneer de wind van richting verandert, bijsturen. Toch is wat Van Mechelen voorstelt niet onmogelijk, zo bewijst de computergestuurde Moulin de la Fée in de omgeving van het Franse Saint-Nazaire. Die levert elektriciteit voor meerdere huishoudens. Om dit resultaat te bereiken, onderging het molengebouw uit 1768 wel enkele ingrijpende aanpassingen. En mogelijk begint in de loop van 2011 de herbouwde windmolen De Kameel in het Nederlandse Schiedam elektriciteit te leveren. Monumentaal leesplezier,

Koen Mortelmans


Tijdschrift over monumentenzorg, restauratie, beheer en behoud van cultureel erfgoed www.bouwenaanmonumenten.be Nummer 1 2011 Verschijnt 6 x per jaar

Verantwoordelijke Uitgever

H.B.J.M. Louwers Wildlaan 7, 3910 Neerpelt Postbus 85 ,3900 Overpelt T +32 (0)11 605540 F +32 (0)11 605541 E info@louwersmediagroep.be W louwersmediagroep.be

Redactie

Dave Cuypers Henri Gielen Koen Mortelmans Bram Souffreau Senne Starckx Michel Vanden Heede Bert Verbeke

28

8

Redactieadres

Koen Mortelmans Kempenlaan 5 2160 Wommelgem T +32 (0)3 3536066 E koen@mortelmans.com

Bladmanagement

Pascal Op de Beeck E p.opdebeeck@louwersmediagroep.be

Secretariaat

Manuela Depenbrock

Advertenties

FTP-server van Louwers Mediagroep: http://ftp2.louwersuitgevers.nl Username: monumenten be Wachtwoord: gast Adresgegevens: Postbus 85, 3900 Overpelt T +32 (0)11 605540

Abonnementsprijs

€ 45,00 per jaar excl. BTW ABN Amro: 723-5404718-21 t.n.v. Louwers Mediagroep BVBA o.v.v. Bouwen aan Monumenten België Informatie over abonnementen: T +32 (0)11 605540

66 08

Piet Lombaerde: “Erfgoedsector weegt niet op beleid”

12

Stad Tongeren

12

Burgemeester Patrick Dewael over monumentenbeleid in Tongeren

Adreswijzigingen

16

Restauratie OLV-Geboortebasiliek

Vormgeving / Art-direction

20 24

Restauratie notariswoning Hougaerts Restauratie Agnetenklooster

Schriftelijk ten minste drie weken voor verhuizing naar: Postbus 85, 3900 Overpelt

Logo Reclame- Ontwerpbureau BV T +32 (0)11 605540 E info@louwersmediagroep.be Valerie Berben, Barry Hoogkamer

28

Opfrisbeurt voor Aalsters Landhuis

Opzeggingen

34

Bouwen aan Monumenten bij Geert Bourgeois

36

Hemelvaartkerk Damme

41

Restauratie kasteel van Horst van start

44

Free Clinic: afkicken in oud spoorweggebouw

48 50

Glas-in-lood van Renotec

Indien twee maanden voor het verstrijken van de abonnements-periode geen schriftelijk bericht van opzegging is ontvangen, wordt het abonnement automatisch met een jaar verlengd.

Doelgroep

Abonnees, betrokken ministeries en rijksdiensten, provinciale, gemeentelijke en andere betrokken overheden, monumentenwachten, landelijke, regionale en lokale organisaties, stichtingen en instellingen m.b.t. cultureel erfgoed. Aannemers, adviesbureaus, architecten en andere betrokken marktpartijen. Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen of vermenigvuldigd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever en zonder bronvermelding. Hoewel dit blad op zorgvuldige wijze en naar beste weten is samengesteld kunnen uitgever en auteurs op geen enkele wijze instaan voor de juistheid of volledigheid van de informatie. Zij aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor schade, van welke aard ook, die het gevolg is van handelingen en/ of beslissingen die gebaseerd zijn op deze informatie.

36 40

Kerkrestauratie verloopt in fasen All-Scaff: in de steigers

Journaal


36

41

44

77 80 Tijdschrift over monumentenzorg, restauratie, beheer en behoud van cultureel erfgoed

I

Nummer 1

I

jan - feb - mrt I 2011

tONGEREN

Oudste stad van Vlaanderen frist patrimonium op

ZEDElGEM Onderwijzerswoning omgeschoold

AAlst landhuis is weer pronkstuk

Cover: De basiliek van Tongeren

54

Baumit op Batibouw

56

Sint-Elisabethgasthuis Diest heeft weer bewoners

62

Bopro renoveert historisch Gents pand

66

Kasteel Boetfort heeft opnieuw recreatiebestemming

72

Eerste fase renovatie Lakenhal Herentals voltooid

77

Fris kleedje voor sprookjeskasteel Dilbeek

80

Onderwijzerswoning Zedelgem krijgt culturele bestemming

85

Flamey advocaten: reparatiedecreet ruimtelijke ordening

88

VCB: handboek tegelzetter en conceptnota erfgoeddecreet

90

Glas-in-lood is passie Vitrotech

91

Wie doet wat?


Piet Lombaerde

Piet Lombaerde in de met historische bouwmaterialen gevulde tuin van de Antwerpse academie. De tuin wacht op een opfrisbeurt.

8

Bouwen aan Monumenten


Piet Lombaerde

Tekst: Koen Mortelmans Foto’s: Koen Mortelmans en stad Antwerpen (SA)

Het verdriet van Antwerpen Piet Lombaerde: “Erfgoedsector weegt niet op beleid” “De culturele sector verkeert in een grote crisis,” stelt Piet Lombaerde, secretaris van het Forum voor Erfgoedverenigingen. “De perceptie is dat hij veel geld opslorpt, zeker voor wat betreft het behoud van historische gebouwen. Maar deze gebouwen vormen een deel van ons collectief geheugen. Je kunt niet alles integraal behouden, maar je mag het ook niet weggooien.” ”De culturele sector verkeert in een grote crisis,” stelt Piet Lombaerde, secretaris van het Forum voor Erfgoedverenigingen. “De perceptie is dat hij veel geld opslorpt, zeker voor wat betreft het behoud van historische gebouwen. Maar deze gebouwen vormen een deel van ons collectief geheugen. Je kunt niet alles integraal behouden, maar je mag het ook niet weggooien.”

L

ombaerde haalt het omstreden voornemen van Vlaams minister voor erfgoed Geert Bourgeois aan om binnen zijn administratie monumentenzorg los te koppelen van ruimtelijke ordening en het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) en de functies bescherming en beheer van onroerend erfgoed te bundelen in een nieuw agentschap Onroerend Erfgoed. Zijn commentaar bij het al dan niet koppelen van monumentenzorg aan stedenbouw: “Ik kan de standpunten voor en tegen begrijpen. Maar hoe dan ook mag je monumentenzorg niet los zien van ruimtelijke ordening. Een monument staat nooit alleen, maar maakt deel uit van zijn omgeving. Die samenhang kan een kader vormen om bepaalde projec-

ten zin te geven en andere af te stoten. Neem nu de kerktoren van het vroegere polderdorp Wilmarsdonk. Die staat nu in het Antwerpse havengebied, omsingeld door ettelijke lagen hoog gestapelde containers. Zo’n relict heeft alleen zin als je het ook een plein geeft.” Hij raakt ook het probleem van de huidige stedenbouw aan. “Die is de laatste jaren sterk veranderd. Het accent is veel meer gaan liggen op bereikbaarheid en mobiliteit. Ook het milieu weegt zwaar door, kijk maar naar de groendaken, de energiehuishouding en het waterbeheer. In tegenstelling tot de cultuursector is de milieusector er wil in geslaagd zich op te dringen bij de beleidsmakers. Net als de economische sector.” ▼

Wie is Piet Lombaerde? Piet Lombaerde (°1948) studeerde in 1973 aan de KU Leuven af als burgerlijk ingenieur-architect. Negen jaar later promoveerde hij tot doctor in de stedenbouw en ruimtelijke ordening. Hij is nu hoogleraar in de theorie en de geschiedenis van de architectuur en stedenbouw aan het departement ontwerpwetenschappen van de Antwerpse Hogeschool en buitengewoon academisch personeelslid geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen. Daarnaast bekleedde of bekleedt hij leidende functies in talrijke vakorganisaties en adviesorganen, zoals het voorzitterschap van de Antwerpse provinciale commissie ruimtelijke ordening. Geschiedenis van de militaire architectuur is zijn stokpaardje.

Bouwen aan Monumenten

9


Piet Lombaerde

Omstreden invulling “Dat ruimtelijke ordening, stedenbouw en monumentenzorg nauw met elkaar verbonden zijn, merken we goed in het centrum van Antwerpen. Om historische gebouwen een nieuwe functie te geven, moet men de invulling soms ver zoeken. Ik denk dan aan de chocolaterie in het Koninklijk Paleis langs de Meir (n.v.d.r.: zie vorig nummer van Bouwen

En veel mensen die wel in oud-Antwerpen wonen zijn geen typische klanten van de betere speciaalzaken. Het gaat in veel gevallen om alleenstaanden, die al hun inkopen graag op één enkele plaats en zo goedkoop mogelijk willen doen: kijk maar naar de populariteit van de Carrefour met ingang via de metrogangen onder de Groenplaats. Maar een biercentrale, zoals ik die vroeger kende

‘Monumentenzorg kende een opleving midden jaren zeventig, maar is daarna in een eigen hoekje verzeild geraakt’ aan Monumenten). Ik heb het moeilijk met dergelijke keuzes.” Lombaerde argumenteert dat bepaalde middenstandzaken in het centrum van Antwerpen niet leefbaar zijn, omdat hun doelpubliek te weinig of niet meer in deze buurt woont. “Heel wat bovenverdiepingen van winkelstraten zijn onbewoond.

langs de Paardenmarkt en waar je de keuze had uit honderden bieren, vind je niet meer in het centrum van Antwerpen.” “Monumentenzorg kende een opleving midden jaren zeventig, maar is daarna in een eigen hoekje verzeild geraakt.

Mensen die het als een beleidsthema willen opwerpen, zoals Andries Van den Abeele in Brugge, raken geïsoleerd en behoren dikwijls al tot een oudere generatie. Maar dit isolement is ook deels te wijten aan de te afwachtende houding van de betrokken diensten. Archeologen voelden zich te gemakkelijk vervlochten in het stramien van opgraven in de zomer en rapporteren in de winter, zonder vooruit te kijken. En de eigenlijke monumentenzorgers beschouwden alles wat onder de grond zat als archeologie. Van contact tussen de overheidsdiensten archeologie en monumentenzorg was nauwelijks sprake. Het resultaat: toen begin deze eeuw het zuidelijke deel van de Antwerpse leien werd heraangelegd en delen van de zestiende-eeuwse ‘Spaanse’ omwalling tevoorschijn kwamen, schrokken de bevoegde diensten zich een hoedje en wisten ze niet hoe ermee om te gaan. Terwijl iedereen die het wilde weten in feite al lang wist dat bij de afbraak

Tijdens de aanleg van een autotunnel onder de leien werden de resten van de ‘Spaanse’ omwalling zichtbaar. Een deel ervan is minutieus verwijderd en werd daarna geïntegreerd in een ondergrondse parking nabij de Nationale Bank. (SA)

10

Bouwen aan Monumenten


Piet Lombaerde

van die omwalling, in de jaren 1865-70, alleen de bovengrondse delen waren verwijderd.” Vroeger waren overheidsdiensten bijna onafhankelijke bastions, in de nieuwe Vlaamse organisatie moeten ze veeleer beleidsondersteunend werken. “En preventiever optreden. In Nederland is het al lang een traditie dat een afgevaardigde van monumentenzorg deel uitmaakt van adviescommissies. De term ‘ondergronds monument’ is er al ingeburgerd. In Vlaanderen is de intrede van medewerkers van monumentenzorg en archeologen in dergelijke commissies recenter. Ze worden er soms in een hoekje gedrumd. Terwijl ze net het initiatief zouden moeten nemen en zelf ideeën naar voren schuiven. In deze situatie komt wel stilaan beweging, vooral omdat de stadsarcheologen –zoals die van Antwerpen– initiatieven durven nemen.” Spaanse wallen, deel 2 Lombaerde koestert dan ook hoge verwachtingen voor de stedenbouwkundige aanpak van de noordelijke zone van de Spaanse omwalling, ruwweg het gebied van de huidige Franklin Rooseveltplaats (de terminus voor heel wat autobussen van De Lijn) en de Italiëlei. “We moeten de historische relicten zo goed mogelijk combineren met de nieuw aan te leggen stedelijke infrastructuur.” Einde 2004 kende de jury van een hiervoor georganiseerde architectuurwedstrijd de opdracht hiervoor toe aan de Spaanse architect Manuel de Sola Morales. Diens aanvankelijke plannen hielden geen rekening met het historische ondergrondse patrimonium. Onder meer Piet Lombaerde protesteerde heftig. “Tot een onderzoekster in de architectuur, Kelly Lambrechts, in een studie opwierp dat de Kipdorpbrug, één van stadsingangen in de Spaanse muur, relatief intact bewaard bleef. De archeologische dienst van de stad Antwerpen legde de brug bloot. Nu is het idee om deze brug en andere relicten in het nieuwe stadsbeeld te integreren vrij algemeen aanvaard.” Lombaerde geeft de jonge architecte de eer die haar toekomt. Niet iedereen is daarin even rechtlijnig. Het geeft immers meer uitstraling zulke ideeën

geruisloos in de bestaande plannen op te nemen, zodat de naam van een internationale toparchitect erop kleeft. Lombaerde vindt dat Antwerpen deze uitdaging om een deel van de historische stadsomwalling zinvol op te nemen in het nieuwe stadsbeeld niet mag missen. “Vroeger zijn er teveel fouten gemaakt. De discussie is trouwens niet nieuw. In de negentiende eeuw is er lang geprobeerde om de Blauwe Toren, een onderdeel van de Spaanse omwalling, te behouden. Maar uiteindelijk hebben de Antwerpenaren hem afgebroken. In Brussel is de Hallepoort een eenzaam relict van de vroegere stadsmuur. Het is ook het eerste gebouw in België dat een beschermd statuut kreeg. “Ook in andere landen bleven er weinig stadspoorten bewaard. En pas na verloop van tijd groeide het besef dat een losstaande poort een anomalie was. De Duitser Josef Stübben was op het einde van de negentiende eeuw, toen veel steden uit hun middeleeuwse wallen barstten, de eerste om met de poorten ook stukken stadsmuur te behouden. In Trier kan je nog altijd zien hoe goed de Porta Nigra met de naastliggende ommuring bewaard bleef en geslaagd de omvorming tot een hedendaags stadsmuseum is.”

oude, centrale parken –het Stadspark, het Prins Albertpark en het Harmoniepark– als overschotjes uit het verleden. Dat stoort me. De stad zou er beter aan doen om deze parken te kaderen in een stedenbouwkundig totaalbeleid voor de hele zone tussen de leien en de ring. Het ergert me ook dat de stad diverse kleinere musea afstoot om hun collecties te bundelen in het moeilijk bereikbare MAS. Een museum als Ridder Smidt-Van Gelder, in een herenhuis langs de Belgiëlei, past met zijn interieur en kunstverzameling helemaal in die omgeving. Toegegeven, de bereikbaarheid is momenteel niet ideaal, maar een stedenbouwkundige visie op de hele wijk kan dit veranderen.” z

Parken Het huidige Antwerpse stadspark dateert uit de negentiende eeuw en is aangelegd op een vroegere ‘lunet’ van de omwalling. De plannen om het park een nieuwe invulling te geven, meer gericht op sport en ontspanning, kan niet rekenen op het begrip van Piet Lombaerde. “Het stadsbestuur ziet de drie

Vlaanderen-Wallonië Volgens veel Vlamingen ligt het ritme in Wallonië lager dan in Vlaanderen. “Voor monumentenzorg is dat zeker geen slechte zaak. “Omdat de Walen langer wachten met het slopen van oude gebouwen, gaan ze er ook meer van houden. Zoals in Italië, waar aan elke beslissing om al dan niet te slopen een grondige discussie voorafgaat. Die discussies zouden bij ons veel meer moeten plaatsvinden, met name binnen de bevoegde overheidsdiensten.” Lombaerde vergelijkt het Vlaamse Oostende met het Waalse Spa. “Spa heeft wel jarenlang een vervallen indruk gemaakt, maar het negentiende-eeuwse patrimonium bleef er bewaard en wordt er nu volop in ere hersteld. In de ‘Koningin der Badsteden’ daarentegen zijn bijna alle gebouwen uit de negentiende eeuw verdwenen.”

Bouwen aan Monumenten

11


Bouwen aan Monumenten