Issuu on Google+

BIJLAGE SPORTPARACHUTIST Jaargang 7 - nummer 4 - 1 maart 1979


Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart Afdeling Parachutespringen Jozef Israëlsplein 8 2596 AS 's-Gravenhage

Geachte sportvriend(in)

,

Thans gaat u een opleiding volgen in het SPORT-PARACHUTESPRINGEN het parachutespringen ook "uw" sport zal worden. Wij - het Bestuur van de Afdeling Parachutespringen Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart.

en wij hopen dat

- heten u van harte welkom in de

Wie zijn "wij" en "wat" doet het Afdelingsbestuur. Zoals bij elke sportvereniging zijn ook de sportparachutisten nationaal georganiseerd. Een overkoepelende instantie is bitter noodzakelijk en wel om voor allerlei organisatorische, administratieve en technische zaken zorg te dragen.

De Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart (KNVvL) is op haart beurt weer aangesloten bij de Féderation Aé ronautique Internationale (FAI). Deze internationale luchtsportorganisatie houdt zich bezig met belangrijke wedstrijden, sporteisen en records. Deze organisatie heeft derhalve vele commissies - ook voor het PARACHUTESPRINGEN (ons land speelt hierin een belangrij ke rol). Indien een club bij de afdeling wenst te worden aangesloten waarden worden voldaan.

dan moet aan een aantal voor-

Het Bestuur van de Afdeling wordt gekozen door de Algemene Ledenvergadering. recht tijdens de vergaderingen wordt uitgeoefend door een deskundig bestuurslid Individuele leden hebben één stem.

Het stemuit uw club.

Wat doet nu het Afdelingsbestuur? De taken en werkzaamheden

zijn zeer vele.

We noemen slechts:

- het dichter bij elkaar brengen van de verenigingen en de leden; - het organiseren van sportieve ontmoetingen; - het bevorderen, organiseren en het deelnemen aan nationale en internationale wedstrijden; - het in studie nemen van onderwerpen op springtechnisch gebied; - het geven van voorlichting en propaganda voor de parasport; - het tot stand brengen en onderhouden van goede betrekkingen met instanties in het binnen- en buitenland die direkt dan wel indirekt betrokken zijn bij het parachutespringen; - het verstrekken van allerlei informaties; - het uitgeven van het nationale paratijdschrift - de SPORTPARACHUTIST - KORTOM ZOVEEL ALS MOGELIJK IS DE PARASPORT DIENEN!

l

Bijgaand treft u veel informatie-materiaal aan en wij hopen u hiermede hebben gegeven over het wel en wee van de para-sport. Heeft u nog wensen? Heeft u een suggestie? Wij zijn er om u te helpen. Veel succes met uw opleiding.

enig inzicht te

Laat het ons weten!

Met vriendelijke

groeten,

HET BESTUUR VAN DE AFDELING PARACHUTESPRINGEN 2

sportparachutist


algemene basiskennis aantekening "a" Op dit ogenblik start uw opleiding voor de AANTEKENING "A" - SPORTPARACHUTIST(E). Tijdens de opleiding ontvangt u naast de praktische lessen (valbreken, parachutevouwen, exit-beoefening) een aantal theoretische lessen over procedures, regelingen enz. Wij begrijpen dat u bepaalde procedures nog eens uitvoerig wilt beoefenen en bestuderen. Om u hierbij te helpen is deze HANDLEIDING samengesteld. Is èèn en ander u nog niet duidelijk? Schroom dan niet om te vragen, aan de enige juiste persoon: UW INSTRUCTEUR. Veel springgenoegens.

INHOUD: Blz. 4 Blz. 5 Blz. 8 Blz. 13 Blz. 15 -

GESCHIEDENIS VAN DE PARACHUTE DE PARACHUTE-UITRUSTING HET PARACHUTESPRINGEN STORINGEN alsmede de RESERVE-PROCEDURES GEVAARLIJKE SITUATIES Foto's

sportparachutist

(alsmede

frontpagina):

Jan Sikking

3


de geschiedenis van de

parachute

Parachutespringen is zo oud als de weg naar Rome. Ouder eigenlijk, als we de verhalen uit de overlevering moeten geloven. Zo zou de chinese Keizer SHUN (plm. 2200 v Chr.) een geslaagde parachutesprong hebben uitgevoerd van de beroemde chinese muur,doch aan de historische waarde wordt echter wel getwijfeld. hl eenzelfde kader kunnen we het verhaal zien van die chinese vluchteling die aan zijn achtervolgers wist te ontsnappen door van dezelfde chinese muur te springen, ditmaal uitgerust met twee hoofddeksels in elke hand vastgehouden. 1797 werd voor het parachutespringen een gedenkwaardige dag. De fransman ANDRE GARNERIN maakte op 22 oktober 1797 de eerste parachutesprong!Op deze dag sprong AndrĂŠ Garnerin van een 2000 feet hoogte uit een ballon boven Parijs. Zijn parachute opende en AndrĂŠ Garnerin landde ongedeerd in het park Monceau. Het werd de eerste geregistreerde parachutesprong in onze geschiedenis. Vanaf dit moment ontstaat er een ontwikkeling op het gebied van de parachute. Het gaat echter nog lang niet snel, voornamelijk door het ontbreken van transport dat de parachutist omhoog kan brengen. De sprongen die gedurende de jaren na 1797 volgen werden voornamelijk uitgevoerd uit ballons, zo maakte de poolse ballonist KUPARENTO geschiedenis door in 1808 uit een brandende ballon te springen. Hij werd hiermee het eerste mens wiens leven werd gered door gebruik van een parachute.

1978 .... 1979 ....

U heeft uw eerste sprong(en) gemaakt, met springuitrusting Het eerste, bekende ontwerp van een parachute werd geschetst door de beroemde LEONARDO DA VINCI in 1495. Hij zelf zei: "Indien een mens met een koepel van stof, gespannen op een freem van latten van ongeveer 12 el lang en 12 el breed, zou springen dan kan hij zonder gevaar van elke hoogte veilig naar beneden afdalen! " Hij heeft er zelf nooit mee gesprongen, dat duurde nog zo'n 300 jaar alvorens realiteit te worden.

4

dat zich heeft ontwikkeld, .... door de eeuwen heen! ! !

sportparachutist


de parachuteuitrusting

PILOT-CHUTE De pilot-chute is de kleine parachute met de ingebouwde spiraalveer, die direct na de opening van de container door zijn veerdruk wegspringt en dan gaat funktioneren als luchtanker van de parachute.

Foto's:

H. Verbeek

De uitrusting van de sportparachutist moet bestaan uit een HOOFDparachute en een RESERVEparachute, beide bevestigd aan één harnas. HOOFDPARACHUTES De hoofdparachute met automatische opening voor de static-line springers is samengesteld uit zes hoofdgroepen te weten: -

SLEEVE/BAG De sleeve is de lange hoes, die over de volle lengte van de koepel wordt geschoven. De bag is de korte zak, waarin de koepel zig-zag ingeschoven wordt. Beide modellen funge ren als remhoes van de koepel, zij zorgen daarbij voor een geleidelijke vertraging van de opening en een vermindering van de openingsschok. De veiligheid wordt tevens verhoogd, omdat door middel van de sluitflap de koorden van de koepel eerst volledig gestrekt moeten zijn alvorens de koepel vrij kan komen, waardoor de betrokken springer en de koorden van de koepel niet gemakkelijk met de koepel zelf verward kunnen raken tijdens de opening van de parachute. De sleeve of bag is aan de top verbonden met de pilotchute door middel van een sleeve-line. PARACHUTE

de static-line; de pilot-chute; de sleeve of bag; de koepel compleet met hangriemen; het harnas; de containe r.

STATIC-LINE De static-line is de lijn, die met een haak aan het vliegtuig wordt verbonden en na de afsprong van de betrokken springer automatisch de container opent. Als extra hulpmiddel is de static-line door middel van velcrotape ef breekkoord met de basis van de pilotchute verbonden, om de pilot-chute direct na de opening van de container in de slipstroom van het vliegtuig te trekken, hetgeen een snelle opening van de hoofdparachute bevordert. sportparachutist

a. pilot chute b. bridle cord c. opgetrommelde sleeve d. sleeve line e. schoorsteen f. kroon koorden g. een baan h. een paneel Î. koepel j. skirt k. koorden (lijnen) I. hangriemen m. CapeweIl Il. stuurlijnen N.B.: dit is een zeer schematische voorstelling van de parachute. In werkelijkheid liggen bij een geopende koepel sleeve line, sleeve, bridle cord en pilot chute slap op de koepel.

5


KOEPEL/HANGRIEMEN De koepel is het grote paraplu-achtige oppervlak met als frame de koorden, die met de hangriemen aan het harnas verbonden zijn. Alle onderdelen van de koepel zijn gemaakt van nylon met uitzondering van het ijzerwerk aan de hang riem en en de stuurklossen. Van de algemeen in gebruik zijnde leerlingenparachutes kunnen de koepels onderling wel in vorm en uitvoering verschillen, in opbouw' zijn zij praktisch gelijk. De pa raplu-achttge vorm van de koepel is gemaakt van nylon weefsel, samengesteld uit een aantal banen, die weer opgebouwd zijn uit een aantal panelen. Het luchtgat in de top van de koepel dient voornamelijk ter vennindering van het oscileren, of ook wel genoemd het slingeren.

HARNAS Het harnas is het stelsel van nylon webbing banden (waar ook de risers van zijn gemaakt) en metalen gespen, waarin de springer zodanig gegespt kan worden, dat hij, zonder gevaar, op veilige en comfortabele wijze onder zijn koepel kan hangen indien het geheel op maat is afgesteld. De reserve-parachute kan aan de D-ringen worden aangehaakt.

MODIFICEREN Bij het gebruik van de rondom gesloten koepels, wordt de daalsnelheid grotendeels bepaald door de vorm en de omvang van de koepel en de poreusiteit van het weefsel. De gevangen lucht ontsnapt voor het merendeel via de onderzijde op een willekeurige, ongecontroleerde wijze waardoor deze koepels enorm slingeren. Tijdens deze slingerbeweging ontsnapt weer meer lucht, waardoor de daalsnelheid toeneemt in een riskante ongecontroleerde horizontale beweging van de parachutist onder de koepel. De mate waarin het bovenstaande resulteert, wordt bovendien nog belhvloed door de weer- en terreincondities en het gewicht van de springer. Om nu de stabiliteit van de gangbare conventionele koepels te bevorderen, kunnen deze gemodificeerd worden, d. w.z. het uitsparen van openingen op diverse plaatsen in de koepel, waardoor de karakteristiek merkbaar wordt veranderd. Door het verwijderen van gedeeltes van een aantal banen in de achterzijde van de koepel wordt de slingerbeweging vrijwel weggenomen. De gevangen lucht in de koepel kan nu tevens naar achteren ontsnappen, waardoor de koepel als reaktie een stuwing naar voren ondergaat, waannee de koepel een eigen voorwaartse snelheid ontwikkelt t. o. v. de omringende lucht. Deze luchtsnelheid is onafhankelijk van de windsnelheid, welke slechts de verplaatsing van de koepel t. o. v. de grond kan be invloeden. Bij geen wind verhouden zich de horizontale richting en de verticale richting van de koepel zodanig, dat dit resulteert in een glijhoek van 35 - 40 graden. Door aan de vanglijn te trekken, welke bijvoorbeeld met de uiterste linker zijde van de modificatie verbonden is, zal het linker aangrenzende gedeelte van de koepel schuin naar binnen komen te staan, waardoor de ontsnappende lucht niet alleen recht naar achteren, maar ook links zijwaarts uit de modificatie kan stromen en als reactie gaat de koepel linksom roteren. Hetzelfde geldt voor de rechterkant van de koepel indien men aan de rechter vanglijn zou trekken. Aan de twee betrokken vanglijnen worden de extra stuurlijnen bevestigd, die via de geleide ringen op de buitenste zijde via de achterste hangriemen naar de stuurklossen lopen. Het modificeren van de conventionele koepels resulteert niet alleen in een voorwaartse snelheid en een rotatteve rrnogen , doch ook in een vennindering van de daalsnelheid. 6

CONTAINER De container is de tas van stevig nylon of canvas, die achter op het harnas bevestigd is en waarin de complete koepel met sleeve en pilot-chute wordt opgeborgen. De container tesamen met de gepakte inhoud worden het pack genoemd. Ten behoeve van het toegepaste openingssysteem van de static-line kunnen de metalen"conen" eventueel verlengd worden met elastieke "conen". sportparachutist


RESERVE PARACHUTES De reserve 'parachute met eventueel een hierop gemonteerde automatische opener voor de static-line springers is samengesteld uit de volgende vijf hoofdgroepen: -

ripcord koepel met snaps t. b. v. het aanhaken aan de D-ringen container buikband cross connector" (automatische opener) (radio)

RIPCORD Het ripcord is de stalen kabel met pennen, voorzien van een handgreep. Bij een gevouwen reserve, voor de static-line springers veelal van het type T-10-R, bevindt zich de ripcord-hendel in de pocket rechts voor op de container, de ripcord pennen bevinden zich in de eonen en houden de container zodanig gesloten. KOEPEL Voor algemene opbouwen constructie: zie de koepel van de hoofdparachute. De reserve koepel, de T-10-R, is voor de static-line springers doorgaans niet uitgerust met een pilot-chute en een sleeve. De vangt ijnen zijn direct verbonden met de haken of hebben slechts korte hangriemen als verbinding met deze haken. De koepel is veelal ongemodificeerd en dus niet direct bestuurbaar, alhoewel koerskorrekties uitgevoerd kunnen worden door middel van het z. g. "slippen" (zie reserve procedures). CROSS-CONNECTOR De cross-connector is het verbindingsstuk, van zeer sterke constructie tussen de haken en/of risers, waardoor de koepel niet in elkaar kan klappen als 茅茅n van de haken door een verkeerde handeling los mocht schieten van de D-ringen. CONTAINER Voor de algemene opbouwen constructie: zie container van de hoofd parachute. De reserve wordt voor op het harnas bevestigd door middel van de haken te koppelen aan de D-ringen van het harnas. In het algemeen wordt de vorm van de container verstevigd door een ingebouwd frame aan de achterzijde van de reserve container. BAND De buikband is de verstelbare riem om de buik, die de reserve container met de container van de hoofdparachute verbindt. Door het aanspannen van de buikband wordt de reserve strak op de buik, en de hoofdcontainer strak op de rug van de springer getrokken. AUTOMATISCHE OPENER De automatische opener, die veelal op de reserve van de leerlingen geplaatst wordt, is de Sentinel-2000. De afstelling dient altijd-vlak voor de daadwerkelijke sprong uitgevoerd te worden en wel tijdens de controle voor het instappen. Het electronisch element in het Sentinel-huis is gevoelig voor luchtdruk en daalsnelheid. Het afvuurmechanisme treedt in werking bij een daalsnelheid van plm 15 m/sec vanaf een hoogte van plm 1000 feet en lager, boven de plaats waar het apparaat v贸贸r de sprong werd afgesteld. Zodra de patroon wordt afgevuurd, slaat de slede met de hieraan bevestigde ripcord-kabel en penneri naar achteren waardoor de container flappen niet langer gesloten blijven en de reserve koepel vrij komt om te openen.

Foto's:

sportparachutist

H. Verbeek

7


het parachute• springen BRIEFING Alvorens een parachutesprong te mogen uitvoeren, dient u de basis grondopleiding met succes te hebben doorlopen. Tevens dient u vlak vóór de sprong op de hoogte te zijn van de voor u noodzakelijke informatie voor de sprong. Deze informatie kunt u verkrijgen tijdens de briefing door de dienstdoend instructeur. Hoewel de inhoud van de te verkrijgen informatie van plaats tot plaats zullen verschillen, zijn er algemene richtlijnen aan te geven waaraan deze dienen te voldoen: - meldt u bij de dienstdoende instructeur; - biedt uw springdocumenten en uw logboek ter controle aan (veelal bestaan deze documenten uit uw lidmaatschapskaarten, oefenvergunning, medische verklaring en logboek); - informeer naar de opdracht voor de volgende sprong; - informeer naar de windrichting en -sterkte; - informeer naar de plaats van het exitpunt én de herkenning ervan; - informeer naar het juiste landingsgebied; - informeer naar de te volgen procedures voor-, tijdens-, en na de sprong; - informeer naar de eventuele verdere bijzonderheden. Handel voorts op aanwijzingen van de dienstdoende instructeur en heeft u er de gelegenheid voor, observeer dan nauwkeurig de uitvoering van de sprongen die para's die voor u aan de beurt waren maakten; toets uw waarnemingen op uw eigen sprongopdracht. INSPECTIE vóór de sprong Voordat u het vliegtuig in kunt gaan, dient uw complete parachute en persoonlijke uitrusting aan een grondige inspectie onderworpen te worden. U dient ervoor te zorgen, dat u zich volledig en deugdelijk uitgerust aan de dienstdoende instructeur aanbiedt, zodat hij deze inspectie zonder meer bij u kan uitvoeren: -stel u op de voorgeschreven wijze in het bezit van de betrokken parachutes; -controleer het type van de betrokken parachute; -controleer de documentatie bij de parachute zoals bijvoorbeeld de logkaart/vouwkaart;

-controleer de parachutes en de diverse onderdelen ervan op hun funktie. werking, deugdelijkheid en installatie; -maak uw persoonlijke uitrusting compleet in orde en kleedt u zich springklaar aan; -besteedt hierna speciale aandacht-aän het pasklaar maken van uw springuitrusting; -leg uw uitrusting op de voorgeschreven wijze gereed; -hande l de eventuele c1ubformaliteiten zoals inschrijving, betaling e. d. op de voorgeschreven wijze af; -handel voorts op aanwijzingen van de dienstdoende instructeur. Bent u bij een stick ingedeeld en wordt u opgeroepen om u ge reed te maken: -hang uw parachute op de aangegeven wijze om; -draag er zorg voor dat u volledig springklaar bent uitgerust; -laat de documentatie van uw parachute controleren; -laat de inspectie op uw uitrusting uitvoeren; -laat de eventuele automatische opener op uw reserve afstellen; -laat de eventuele radio testen en/of aanzetten; -laat uw persoonlijke uitrusting controleren; -handel voorts op aanwijzingen van de instructeur. INSTAPPEN Na de briefing en de inspectie kunt u zich op aanwijzing van de instructeur naar het instappunt begeven. Let er vooral goed op dat er niets aan uw uitrusting wordt verande rd. Zodra het, voor uw stick bestemde vliegtuig, gaat landen dient u volledig uitgerust gereed te staan om in te stappen, maar blijft ter plaatse staan, tot het vliegtuig geparkeerd staat en de propellor geheel tot stilstand is gekomen. Na een laatste briefing door de jumpmaster kunt u op zijn aanwijzingen gaan instappen. Beweeg u in het vliegtuig beheerst, ga op de voor u bestemde plaats zitten, waarna de veiligheidsriemen worden vastgemaakt. Let er vooral op dat geen van uw uitrustingstukken ergens blijven haken. Bescherm hierbij de ripcord van de reserve parachute. Hierna volgt het taxiën en de start van het vliegtuig, Op aanwijzing van de vlieger maakt de jumpmaster op 200 feet hoogte de veiligheidsriemen los en bevestigd de static-line. Controleer tijdens het klimmen van het vliegtuig voortdurend of uw reserve ripcord steeds voldoende wordt beschermd. EXITPUNT Het exitpunt is de plaats, waar recht boven, op mrnrmaal 2000 feet hoogte, zich het openingspunt bevindt van uw parachute. Het exitpunt wordt doorgaans bepaald met behulp van een verzwaarde strook crêpe-papier, nl. de z. g. streamer. Deze streamer wordt recht boven het landingskruis uit het vliegtuig geworpen. De afdrijving, de daalsnelheid en de plaats waar de streamer landt wordt door de jumpmaster nauwkeurig geobserveerd. Aangezien de streamer een vrijwel gelijke daalsnelheid heeft als de springer onder een geopende koepel, wordt de afstand welke de streamer heeft afgelegd 180 graden omgepast en wordt het gezochte exitpunt verkregen. De denkbeeldige rechte lijn, gaande over het punt waar de streamer is geland, het landingskruis en het exitpunt noemt men de windlijn van dat moment. De procedure tijdens de jumprun het vliegtuig via de windlijn naar het exitpunt te laten vliegen wordt het z. g. spotten genoemd. Op ongeveer 10 seconden voor het exitpunt zal de jumpmaster de exitprocedures starten.

a

b

de berekening van het afspringpunt:

a=b

Foto: H. Verbeek 8

sportparachutist


EXIT De exitproc.edure is uiteraard sterk afhankelijk van het type vliegtuig waaruit u springt. U heeft daarom ook praktische instructie gekregen betreffende deze gehele procedure in een mock up en daarna in het springvliegtuig op de grond. Alhoewel de uitvoering kan varieëren, zijn de grondslagen, waarop de commando's van de jumpmaster berusten tijdens de diverse exitprocedures vrijwel gelijk.

EXITTECHNIEK Het doel van de exit, bij het sportparachutespringen, is het maken van een gemakkelijke en veilige afsprong, met als hoofdelement een stabiele houding. Ook de exittechniek is weer sterk afhankelijk van het type vl iegtuig. Door het beheersen van deze gerichte exittechniek is het mogelijk om op verantwoorde wijze het vliegtuig in een stabiele houding te verlaten.

EXITPROCEDURE : (voorbeeld) - 10 seconden voör exit: "jumprun" - de springer(s) stellen zich in de juiste volgorde op, gereed voor exit 8 seconden voor exit: "naar voren" - springer nr. 1 gaat zich in de deur opstellen - 6 seconden voor exit: "coupez" - de vlieger brengt het vliegtuig op minimale vliegsnelheid - 4 seconden voor exit: "naar buiten" - springe r Dl: 1 stelt zich op in de juiste positie om af te springen - 2 seconden voor exit: "ready" - springer nr. 1 houdt zich gereed en concentreert zich op een correcte afsprong exit: "GO" - springer springt af in de juiste houding en telt luidkeels af: "1001, 1002,1003, PARACHUTE CONTROLEREN"!! ! Indien er meerdere springers in dezelfde jumprun gedropped worden, dan dienen zij, volgens hun instructies, plaats voor plaats op te schuiven, hierbij onnodig contact met de static-line van hun voorganger vermijden, hun reserve ripcord steeds afdoende te beschermen tot men in de deuropening is opgesteld.

STABIELE VALHOUDING Zodra u los bent van het vliegtuig, bent u v. w. b. de stabiliteit verder aangewezen op een correct aangepaste valhouding. Alhoewel de uitvoering van de diverse afsprongen zal varieëren, zijn er toch algemene richtlijnen aan te geven, waaraan de stabiele valhouding moet voldoen: -het hoofd achterover in de nek, evt. het vliegtuig nakijken; -de borst vooruit; -de rug goed holgetrokken; -armen gespreid naar achteren; -de handen op gelijke hoogte, de vingers gespreid; -de benen gespreid; -de knieën licht gebogen; -de voeten op gelijke hoogte.

PARACHUTEOPENING Direct na de afsprong, in een goed holgetrokken stabiele houding telt u luidkeels: "1001, 1002, 1003, PARACHUTE, CONTROLEREN!! Daarbij telt u eigenlijk de openingsstadia van de hoofdparachute af, welke plm 3 seconden in beslag zal nemen en de overige plm 2 seconden of de parachute korrekt geopend is. 1001: - de static-line wordt strakgetrokken - de sluiting van de container wordt verbroken - de openingselastieken trekken de flaps van elkaar - de pilot-chute springt uit de geopende container en gaat als luchtanker en als loodsparachute van de hoofdparachute fungeren, daarbij eerst nog bijgestaan door het pilot-chute assist - de top van de sleeve wordt uit de container getrokken. 1002: - de verbinding van het pilot-chute assist wordt verbroken - de sleeve wordt gestrekt en gaat als remhoes fungeren - de vanglijnen worden uit de elastieken getrokken - door de vergrote weerstand wordt de stabiele houding van de springer reeds enigszins verstoord in verticale richting - de sluitflap van de sleeve wordt losgetrokken - de vanglijnen worden volledig gestrekt - de springer wordt verder in een meer verticale positie getrokken - de koepel wordt uit de sleeve getrokken - de springer hangt nu praktisch verticaal - de lucht begint in de koepel te stromen - de sleeve schuift verder geheel van de koepel over de sleeve-line - de pilot-chute verliest zijn werking - de koepel begint zich te openen van apex tot skirt IT.

Foto: H. Verbeek sportparachutist

9


1003: - de koepel is geheel geopend - de sleeve en de pilot-chute vallen verder nutteloos over de koepel PARACHUTE!

- U constateert uw hoofd

een geopende koepel boven

CONTROLE REN- U constateert of de koepel geheel intact is en verder normaal kan funktioneren.

AFDALEN Voor de leerlingparachutist is het maken van een veilige landing op de dropzöne van groot belang. Daarbij is het mogelijk om d.m. v. de juiste stuurtechniek in de direkte omgeving van het landingskruis terecht te komen. Na de direkte overtuiging dat de parachute korrekt geopend is, kunt u de stuurklossen vastpakken en na zich afdoende georiënteerd te hebben, gaan sturen. Controleer in de lucht altijd eerst of de direkte omgeving geheel vrij is, alvorens een stuurkorrektie uit te voeren. Blijf altijd op veilige afstand van de overige luchtgebruikers en stuur er zonodig onmiddellijk van weg. Snelle koerskorrekties kunnen uitgevoerd worden door de toggle tot heuphoogte even krachtig door te trekken; vermijdt deze manoevre echter beneden de 50 m . hoogte! Bewaar zoveel mogelijk uw kalmte en voer de normale koerskorrekties rustig uit door een stuurklos tot schouderhoogte even door te trekken; bedien daarbij de stuurklossen steeds afwisselend en dus niet beide tegelijk! Houdt de stuurklossen echter wel vast tlm de landing. Zodra dit mogelijk is, probeer dan de evt. aanwijzingen van de dienstdoende instructeur op de grond op te vangen; let daarbij op de afgesproken signalen en volg deze ook onmiddellijk op. Wordt u tijdens de afdaling gesteund door aanwijzingen via een radio of ander communicatiemiddel, verlaat u dan niet geheel en al op deze extra hulpmiddelen, maar houdt het initiatief aan uw zijde door in eerste instantie zelf tot de juiste beslissing te komen bij het uitvoeren van de diverse manoevres. STUURTECHNIEK - probeert u zich direkt goed te oriënteren (zie ook briefing) en bepaal uw huidige positie zonodig met behulp van een 360 graden draai; - zoek de DZ en het landingskruis en ga daarna achterwaarts hangen met het gezicht in de wind; - bepaal uw winddrift t. o. v. de gegeven wind-lijn (zie briefing) en ook uw glijhoek t. o. v. het landingskruis door b. v. over de reserve langs de voeten naar beneden te kijken; - heeft u zich voldoende georiënteerd en heeft u uw positie afdoende bepaald, maak dan een keuze uit de navolgende voorbeelden van manoevres, of combinaties hiervan, welke u kunt uitvoeren om in de direkte omgeving van het laridingskruis terecht te komen: 10

: probeer d. m. v. zig-zagmanoevres globaal op de aktuele wind-lijn te blijven en door afwisselende vooren achterwaarts te gaan hangen, de algemene glijhoek t. o. v. het landingakruis te volgen; : ga voorwaarts hangen, probeer glo- positie te ver baal op de aktuele wind-lijn te blij(op de wind-lijn) ven tot een meer korrekte positie bereikt is; - positie te ver : ga schuin voorwaarts naar de ak(naast de wind-lijn) tuele wind-lijn toe hangen, het zgn. krabben, tot de aktuele wind-lijn globaal bereikt is en bepaal dan opnieuw uw nieuwe positie; : ga dwars op de windrichting hangen - positie naast de naar de aktuele wind-lijn toe, (krabwind-lijn (afstand ben), tot de aktuele wind-lijn glokorrekt) baal bereikt is en bepaal dan weer uw nieuwe positie; : ga achterwaarts hangen en probeer - positie te kort globaal op de aktuele wind-lijn te (op de wind-lijn) blijven tot een meer korrekte positie bereikt is; - positie te kort : ga schuin achterwaarts naar de ak(naast de wind-lijn) tuele wind-lijn toe hangen, krabben, tot de aktuele wind-lijn globaal bereikt is en bepaal dan uw nieuwe positie.

- positie korrekt

Bandbak

N. B.: de daalsnelheid blijft in beide posities dezelfde, zes meter per seconde. Alleen de horizontale snelheid is veranderd. In eenzelfde tijdseenheid zakt de parachutist dus altijd eenzelfde afstand, alleen de afstand over het aardoppervlak verschilt.

KRABBEN

I zandbak

o

a

wlDdlija

I a. te weinig hoogte voor de afstand tot de bak. b. juiste hoogte om al krabbend in de bak te komen. c. te hoog voor de afstand tot de bak. sportparachutist


KBABBENII

zandbak

1II71ndllJl1

I windsnelheid en -richting. eigen snelheid en richting van de koepel. x. punt waar de koepel op de windlijn zal komen. Vl.

V2.

LANDEN Het uitvoeren van een goede landing is voor elke sportparachutist zeer belangrijk. Om onnodige risico's te voorkomen, betekent dit speciaal voor de leerlingparachutist primair een veilige landing op de DZ en secundair de afstand tot het landingskruis, dat tijdens de afdaling slechts als mikpunt mag dienen tot een hoogte van plm. 100 m. Vanaf deze hoogte, gelet op het voorafgaande, wordt het sturen gecombineerd met de voorbereiding op de landing. - bepaal ruim van te voren, op plm. 100 m hoogte, een geschikte landingsplaats welke binnen uw bereik is; - indien nodig kunt u uw positie nog verbeteren d. m. v. de diverse manoevres tot een hoogte van plm. 50 m (kerktorenhoogte); - ga op 50 m hoogte achterwaarts hangen met het gezicht in de wind en neem de neutrale landingshouding aan.

ti

PARAPOSITIE - houdt de beide stuurklossen tussen de vingers vast om te kunnen blijven sturen; - druk de ellebogen naar voren en zover mogelijk naar binnen; - druk de kin op de borst en de tanden op elkaar (de mond gesloten); - trek de schouders op en druk ze naar voren; - trek de rug bolrond; - druk de knieĂŤn licht gebogen tegen elkaar; _ druk de voeten horizontaal, recht onder het lichaam, tegen elkaar; - houdt de ogen geopend en kijk zo ver mogelijk naar voren; - ontspan de spieren zodanig, dat de parapositie gemakkelijk gehandhaafd kan worden; - blijf achterwaarts hangen, met het gezicht in de wind; - handhaaf globaal uw positie op de aktuele windlijn; - vermijdt eventuele obstakels d. m. v. korte stuurkor= rekties(zie obstakelprocedure); - bepaal uw drift en daarbij uw landingsrichting; - de neutrale landingshouding kunt u dan aan gaan passen aan de landingsrichting. sportparachutist

Na het uitvoeren van de PLF dient u onmiddellijk overeind te komen om eventueel meeslepen tegen te gaan. (zie sleepprocedures) . Ren daarom met de wind mee om de koepel heen tot de skirt geheel uit de wind getrokken is en de koepel plat op de grond blijft liggen. Loop daarna verder tot de koepel en de hanglijnen gestrekt zijn. Zet dan uw helm af en schakel de evt. aanwezige radio uit. TERUGKEREN Na de landing dient u volgens de kortst aangewezen weg z , s. m. terug te keren naar de afgesproken plaats (zie briefing) om u bij de dienstdoende instructeur af te melden. Indien u op het vliegveld bent geland, let dan voortdurend scherp op alle bewegingen op en rond het afgebakende gebied en maak in voorkomende gevallen z. s. m. het gedeelte t. b. v. de aktieve luchtvaart vrij. Blijf altijd in de eerste instantie staan als een vliegtuig u nadert, coĂśrdineer de richting en de snelheid van het betrokken vliegtuig, probeer de bedoelingen van de vlieger te onderkennen en wijk in tweede instantie uit via de kortste weg. Al naar gelang de omstandigheden en de instructie hieromtrent, zijn er twee methoden aan te geven waarop de parachute getransporteerd kan worden: ZIG-Z AG OP DE ARMEN -blijf omhangen; -ontkoppel de beenbanden en haak deze buiten de benen om weer aan de V-ringen; -ontkoppel de buikbandsluiting en leg de loshangende einden kruislings over de reserve; -spreidt de armen zo wijd mogelijk; -neem de hanglijnen en de koepel zig-zag-8-end op de armen; -steek de handen steeds in van onderen naar boven en wel van binnen naar buiten; -Ioop onderwijl in de richting van de apex; -neem de helm en de overige losse uitrustingstukken in de hand mee; -controleer of het geheel vrij van de grond hangt, ook tijdens het transport. Deze snelle methode wordt veelal toegepast bij een verplaatsing over korte afstanden. Het kan ook voorkomen dat het landingsgebied snel verlaten moet worden of dat b. v. de grond door zijn gesteldheid ongeschikt is om de parachute langer te laten liggen. Plotselinge neerslag kan ook een aanleiding zijn, om snel een beschutte plaats te moeten zoeken. Bent u echter onder gunstiger omstandigheden geland en/of moet de parachute over een langere afstand getransporteerd worden, verdient het aanbeveling de betrokken parachute, wat meer gedegen, tijdelijk te pakken, waardoor het geheel beter beschermd kan worden tegen evt. schadelijke invloeden. 11


AFMELDEN Zodra u bent teruggekeerd op de afgesproken plaats, dient u zich af te melden bij de dienstdoende instructeur. U kunt dan de eventuele bijzonderheden aan hem doorgeven. Op zijn beurt zal de dienstdoende-instructeur zijn observaties van de door u uitgevoerde sprong op een geschikt moment aan u doorgeven. U zult dan de bijzonderheden vernemen over uw spronguitvoering zoals b. v. de afsprong, het sturen, de landing e. d. Veelal zal de eindconclusie, waarop de opdracht voor uw volgende sprong gebaseerd wordt, pas volledig bekend zijn, als ook uw jumpmaster weer is teruggekeerd en hij zijn bevindingen kenbaar heeft gemaakt. Voorzien van alle informatie kunt u dan op een geschikt moment uw logboek op de voorgeschreven wijze invullen en door een bevoegd persoon laten aftekenen. Vergeet daarbij vooral niet de ruimte in het logboek, welke bestemd is voor het invullen van de bijzonderheden, zo volledig mogelijk te benutten en overdenk de gemaakte sprong nogmaals in details voorzien van de nodige zelfkritiek. Handel voorts naar de verkregen opdrachten van de dienstdoende instructeur.

Wilt

U

meer

weten (De toekomst .....

VRIJE VAL!)

Foto: Jan Sikking

FIELDPACKEN -ontkoppel alle haken van de reserveparachute; -leg de reserveparachute op de grond; -ontkoppel alle haken van de hoofdparachute; -zorg dat de hanglijnen en de koepel gestrekt op de grond liggen; -leg de sleevevbag en de pilot-chute vrij naast de koepel; -sleeve: steek de hand door de top van de sleeve naar binnen en schuif deze over de arm; pak de apex en schuif met de andere hand de sleeve weer van de arm af; schuif de sleeve zover mogelijk over de koepel; neem de top van de sleeve met de apex in de ene hand stevig vast; schuif met de andere hand de sleeve verder over de koepel; werk hand over hand verder tot de sleeve over de gehele koepel strakgetrokken is. -bag: stop de koepel van apex tot skirt zig-zag in de bag: -leg het harnas, met de container geopend bovenop, naast de sleeve/bag; -verkort de hanglijnen d. m. v. kettingsteken van risers tot skirt; -sluit de laatste kettingsteek met de sluitflap van de sleeve; -leg de hanglijnen zig-zag in de container; -stapel de sleeve mat lange slagen erbovenop of plaats de bag in de container; -maak alle openingselastieken los; -laat de pilot-chute vrij bovenuit de container steken; -sluit de flaps en haak tegenoverliggende openingselastieken aan één van de flaps op de voorgeschreven wijze; -sluit de beenbanden en hang de uitrusting om; -sluit de borstband en haak de reserve weer aan de Dringen; -leg de loshangende einden van de buikband kruislings over de reserve; -neem de helm en de overige losse uitrustingstukken in de hand mee; -begeef u op de voorgeschreven wijze naar het afgesproken punt.

12

over het

PARACHUTESPRINGEN als SPORT? Bestel dan:

lTQEVER~J

s..».

DUWAER

&:

;tONEN

AMSTER-li

Het boekwerkje is ad f 4,25 te verkrijgen bij: - uw clubsecretaris: - de erkende boekhandel.

sportpa rachutist


de storingen aan een parachute (MALFUNCTIONS)

reserve-procedure ALGEMEEN Indien een parachute-uitrusting en de bijbehorende training in orde zijn en daarbij goed op elkaar afgestemd, dan is er betrekkelijk weinig gevaar bij de beoefening van de parasport. Toch is het mogelijk dat ergens tijdens de uitvoering van een parachutesprong een storing optreedt, omdat de menselijke factor niet uitgesloten kan worden. Voor elk type storing bestaat echter een aangepaste veilige reserveprocedure. TRAINING Alle reserve-procedures dienen 0.1. v. een instructeur regelmatig beoefend te worden tot deze procedure van nature korrekt uitgevoerd kan worden. Een aanzienlijk deel van de opleiding tot parachutist zal dus dienen te worden besteedt aan de herkenning van het type storing en de uitvoering van de bijbehorende reserve-procedure. Daarbij is het gebruik van een oefenharnas oefenreserve een eerste vereiste.

en een

Ongeacht het aantal sprongen, dient elke parachutist zijn reserve-procedures perfekt te beheersen en deze procedures regelmatig in een oefenharnas praktisch te beoefenen. HERKENNING De tijdige herkenning van een storing is gebaseerd op het aftellen van de openingsstadia van de hoofdparachute direkt na de exit, nl. 1001,1002, 1003 en de twee seconden daarna op de daadwerkelijke controle of de parachute wel korrekt geopend is. Is dit niet het geval, dan kan in eerste instantie de klasse storing herkend worden aan de verticale snelheid van de springer, nl. een LOW-SPEED of HIGH-SPEEDMALFUNCTION . In tweede instantie kan het type storing herkend worden aan het overige beeld van de situatie.

I.

sportpa rachutist

langzame methode

(z.g. low-speed-malfunctions) LLJN-OVER-DE-KOEPEL U voelt wel enigermate een openingsschok, maar de koepel waaronder u hangt heeft a. h. w. de vorm van een soort bh of een klavertje, omdat door de ĂŠĂŠn of andere oorzaak een inversie is ontstaan tijdens de opening van de koepel en er daardoor mogelijk hanglijnen over de koepel zijn geschoven. Ten gevolge van de eventuele onstabiliteit en de mogelijke a-symetrische vorm van de storing zal de koepel vaak gaan spinnen. - Sluit de benen en trek de knieĂŤn op tegen de onderkant van de reservecontainer; - kijk naar de reserve; - plaats de linkerhand stevig voorop de reserve bij de rtpco rd-flap, - kijk naar het reserve-ripcord; - pak met de rechterhand het reserve ripcord stevig vast; - trek het reserve ripcord krachtig naar rechts geheel uit het pocket; - laat het reserve ripcord los; - houdt de linkerhand stevig bovenop de vrijgekomen koepel bij de apex; - steek de rechterhand rechts onder de koepel bij het skirt; - til het koepel-pakket, aldus tussen beide handen geklemd, uit de container; - werp het koepel-pakket vanuit de schouder krachtig zover mog-elijk van u af; - begeleidt hand over hand de hanglijnen uit de elastieken; - maak eventueel pompende bewegingen met de hanglijnen om de opening van de reserve-koepel te bespoedigen; - controleer de opening van de reserve-koepel; - maak met beide armen een zwembeweging tussen de linker en de rechterhanglijnen groep door; - houdt de twee hanglijnen groepen links- en rechtsachter de bovenarmen onder de oksels geklemd; - pak van buiten naar binnen zoveel mogelijk van de verst verwijderde hanglijnen links en rechts zo hoog mogelijk vast om te kunnen slippen; - bereidt de landing voor volgens de normale procedures; - trek ruim voor de landing met beide handen de betrokken hanglijnen krachtig naar beneden tot voor de borst om het slingeren te verminderen; - voer de landing uit volgens de normale procedure en laat indien mogelijk uw uitrusting verder ongemoeid liggen ter inspectie van de dienstdoende instructeur. In alle voorkomende situaties zal de daalsnelheid wel beihvloed worden en u dient altijd na herkenning van de storing uw reserve te activeren volgens de ... LOW... SPEED ... RESERVE ... PROCEDURE.

13


reserve-procedure snelle methode (z.g. high-speed-malfunction) STREAMER U voelt geen openingsschok, want de koepel kan zich niet ontplooien doordat om de een of andere reden de parachute in zijn late openingsstadium ergens geblokkeerd is. U wordt wel enigermate verticaal getrokken, omdat de hanglijnen en de koepel al dan niet nog in de sleeve, geheel gestrekt boven uw hoofd staan en het geheel nog enige weerstand biedt. U kunt echter in deze situatie een hoge valsnelheid ontwikkelen en u dient daarom altijd onmiddellijk na herkenning van de malfunctie uw reserve te activeren volgens de ... HIGH... SPEED ... PROCEDURE ...

HORSE SHOE: U voelt geen openingsschok, want de koepel kan zich niet ontplooien doordat om de een of andere reden de parachute in zijn vroege openingsstadium ergens geblokkeerd is. Uw lichaamspositie wordt praktisch niet beinvloed, omdat er delen van de parachute ergens achter andere delen van de parachuteuitrusting of lichaamsdelen gehaakt zijn, waardoor de hanglijnen en de koepel al dan niet nog in de sleeve, in een soort hoefijzervorm achter u aan gesleept worden en het geheel maar zeer weinig weerstand biedt. U kunt dan ook in deze situatie een zeer hoge valsnelheid ontwikkelen en u dient daarom altijd onmiddellijk na herkenning van de malfunctie uw reserve te activeren volgens de HIGH. _ . SPEED .... RESERVE ... PROCEDURE . TOTALE STORlNG U voelt geen openingsschok, want de koepel kan zich niet ontplooien doordat om de één of andere reden de parachute in zijn vroegste openingsstadium ergens geblokkeerd is. Uw lichaamspositie wordt niet beinvloed, omdat er totaal geen opening heeft plaatsgevonden en het pack geen weerstand biedt.

U kunt dan ook in deze situatie de hoogste valsnelheid ontwikkelen en u dient daarom altijd na herkenning van de malfunctie uw reserve te activeren volgens de ... HIGH ... SPEED ... RESERVE ... PROCEDURE ... - sluit de benen en trek de knieën op tegen de onderkant van de reserve container; - kijk naar de reserve; - houdt de linker vuist links naast de reserve opgeheven; - kijk naar het reserve ripcord; - pak met de rechterhand het reserve ripcord stevig vast; - trek het reserve ripcord krachtig naar rechts geheel uit het pocket; - laat het reserve ripcord los; - sla met de linkervuist krachtig tegen de linkerkant van de reserve container om de reserve koepel met het skirt direkt in de luchtstroom te brengen en daarmee de opening van de reserve te bespoedigen; - controleer de opening van de reserve koepel; - maak met beide armen een zwembeweging tussen de linker en rechterhanglijnen groep doo.r; - houdt de twee hanglijngroepen links en rechts achter de bovenarmen onder de oksels geklemd; - pak van buiten naar binnen zoveel mogelijk van de verst verwijderde hanglijnen links en rechts zo hoog mogelijk vast om te kunnen slippen; - bereidt de landing voor volgens de normale procedures; - trek ruim voor de landing met beide handen de betrokken hanglijnen krachtig naar beneden tot voor de borst om het slingeren te verminderen. - voer de landing uit volgens de normale procedure en laat indien mogelijk uw uitrusting verder ongemoeid liggen ter inspectie van de dienstdoende instructeur.

~------------------------_ ..._------+

+

: SPORT PARACHUTIST

1

:

:

t

het tijdschrift

+

van de

t

tAFDELING

t

PARACHUTESPRINGEN

:

+

wordt u - als lid -

t + t

+

:

elke twee maanden

tt

gratis toegezonden.

14

"';ó:

~ sportparachutist


Motorstoring

I

gevaarlijke situaties bij het parachutesprinqen

~ ALGEMEEN: Bij de beoefening van de parasport is de veiligheid de belangrijkste faktor waarmee rekening dient te worden gehouden. Indien de regels en de procedures m. b. t. de veiligheid nauwkeurig in acht genomen worden, zal de veiligheid bij de parasport optimaal zijn.

Na de start tijdens het klimmen worden de veiligheidsriemen op aanwijzing van de jumpmaster afgehaakt, na het commando van de vlieger op 200 ft AGL. Bij een motorstoring van het vliegtuig boven de 1000 ft. AGLdient men zich op aanwijzing van de jumpmaster voor te bereiden op een mogelijke noodsprong uit het vliegtuig. Veiligheidsprocedure : -blijf in elk geval eerst rustig zitten en raak nooit in paniek; -houdt u zich gereed voor een mogelijke direkte exit van de gehele stick achterelkaar, -voer de exit uit op aanwijzing van de jumpmaster; -houdt speciaal rekening met een mogelijke geringere afspringhoogte; -voer de sprong uit volgens de opgedragen procedure. Structurele

TRAINING: Alle veiligheidsprocedures dienen 0.1. v. een instructeur door en door getrained te worden tot deze procedures van nature korrekt uitgevoerd kunnen worden. Ongeacht het aantal sprongen, dient elke parachutist zijn veiligheidsprocedures perfekt te beheersen en deze procedures regelmatig met de geeigende middelen praktisch te beoefenen.

HERKENNING Het uitschakelen van een gevaarlijke situatie is in eerste instantie gebaseerd op de tijdige herkenning van het mogelijk ontstaan van deze situatie. In deze spoedfase is het vaak nog mogelijk deze situatie te voorkomen door een aangepaste veiligheidsprocedure. In tweede instantie kan men zich reeds in een gevaarlijke situatie bevinden. In deze noodfase is het beslist nog mogelijk deze situatie op te heffen door een aangepaste veiligheidsprocedure.

het vliegen Motorstoring

van het vliegtuig beneden 1000 ft. AGL.

Reeds voor het starten van de motor van het vliegtuig bevestigt de jumpmaster de static-lines en de veiligheidsriemen op de voorgeschreven wijze. Op dat moment dienen ook uw parachute-uitrusting en uw persoĂłnlijkeuitrusting beide volledig springklaar te zijn. Bij een motorstoring van het vliegtuig beneden de 1000 ft AGL dient men zich op aanwijzing van de jumpmaster voor te bereiden op een mogelijke noodlanding met het vliegtuig. Veiligheidsp rocedu re: -Blijf in elk geval eerst rustig zitten en raak nooit in paniek; -trek de knieĂŤn op; -plaats de handen achter op de helm; -druk het hoofd tussen de knieĂŤn; -klem de armen om de benen; -nadat het vliegtuig tot stilstand is gekomen worden op aanwijzing van de jumpmaster de betrokken veiligheidsriemen en de static-lines afgehaakt; -verlaat daarna onverwijld het vliegtuig; -blijf op geruime afstand van het vliegtuig i. v. m. explosiegevaar; -handel voorts op aanwijzing van de jumpmaster. sportparachutist

van het vliegtuig boven de 1000 ft AGL.

schade aan het vliegtuig tijdens de vlucht:

Bij een structurele schade aan het vliegtuig tijdens de vlucht dient men onmiddellijk na herkenning van deze noodsituatie op commando van de jumpmaster te handelen volgens de noodprocedure. Veiligheidsprocedure : -verlaat op commando van de jumpmaster zonder aarzeling onmiddellijk het vliegtuig; -houdt speciaal rekening met een mogelijke geringere afspringhoogte dan gebruikelijk; -voe r de sprong uit volgens de opgedragen procedure. Vroegtijdig

geopende parachute

binnen het vliegtuig:

U dient vanaf het moment dat u de deuropening van het vliegtuig passeert bij het instappen onder alle omstandigheden het ripcord van uw reserve met uw linkerhand continu afdoende te beschermen tot de daadwerkelijke exit uit het vliegtuig. Tevens dient u zich altijd rustig te bewegen binnen het vliegtuig. Indien ondanks deze voorzorgsmaatregelen toch een van de parachutes ongewild voortijdig geopend en er nog niets van de betrokken parachute uit de deuropening is ontsnapt, dient u in deze. spoedsituatie de navolgende aangepaste veiligheidsprocedure te volgen. Veiligheidsprocedure (1): -blijf in elk geval eerst rustig zitten en raak nooit in paniek; -Iaat verder niets meer uit de container ontsnappen door deze direkt snel en goed af te klemmen; -houdt daarbij het geheel goed kompakt afgeschermd zover mogelijk uit de buurt van de deuropening? -In geval van een open hoofdparachute aktiveert de jumpmaster uw beide capewells; -In geval van een open reserve-parachute ontkoppelt de jumpmaster uw buikband en ontkoppelt vervolgens uw vlinderhaken van de D-ringen; -installeer u op aanwijzing van de jumpmaster voor een landing met het vliegtuig. Indien ondanks alle voorzorgsmaatregelen toch een van de betrokken parachutes voortijdig geopend wordt en er wel iets van de betrokken parachute uit de deuropening is ontsnapt dient u onmiddellijk na herkenning van deze noodsituatie op commando's van de jumpmaster te handelen volgens een noodsprong-procedure. Veiligheidsprocedure (2): -op commando van de jumpmaster en tevens direkt op eigen initiatief zonder aarzeling onmiddellijk de betrokken parachute naar buiten volgen; -houdt speciaal rekening met een mogelijke geringere afspringhoogte dan gebruikelijk; -voe r de sprong uit volgens de opgedragen procedure. 15


Parachutist

blijft ongewild aan het vliegtuig hangen:

U voelt direkt na de exit een hevige schok en u bent ongewild aan het vliegtuig blijven hangen. Uw lichaamspositie wordt bepaald door de' wijze waarop de afsprong geblokkeerd wordt. U dient onmiddellijk na herkenning van deze noodsituatie te handelen volgens de na volgende aangepaste veiligheidsp rocedu re . Veiligheidsprocedure': -blijf in elk geval eerst rustig hangen en raak nooit in paniek; -plaats indien mogelijk direkt uw beide handen bovenop uw helm als signaal aan de jumpmaster; -kijk indien mogelijk naar de deuropening om eventuele signalen van de jumpmaster op te kunnen vangen; -wacht op de verbreking van de verbinding met het vliegtuig; -zodra u voelt dat u wegvalt van het vliegtuig dient u onmiddellijk uw reserve te aktiveren volgens de HIGH SPEED RESERVE PROCEDURE.

het afdalen Lijntwist: U voelt wel een openingsschok en u hangt onder een open koepel, maar de hanglijnen zijn om de een of andere reden in elkaar gedraaid. De daalsnelheid zal hierdoor niet beinvloed worden, maar u kunt niet direkt sturen of slippen. Alhoewel de hanglijnen na verloop van tijd vanzelf weer uit elkaar kunnen draaien, kunt u dit het beste bespoedigen door de navolgende aangepaste veiligheidsproeedure te volgen. Veiligheidsprocedure : -kijk omhoog; -plaats de handen tegen de binnenkant van de linker- en rechterriserof hanglijnengroep; -druk het geheel zover mogelijk uit elkaar; -maak daarbij voortdurend trappelende bewegingen met de benen; -voer alle bovenstaande bewegingen uit tot de hanglijnen en u zelf volledig uitgedraaid zijn; -houdt speciaal rekening met het feit, dat tijdens het uitdraaien u zelf het draaiend voorwerp bent; de koepel gaat ondertussen ongecontroleerd zijnsweegs; -controleer tijdens de bovenstaande procedure steeds uw hoogteverlies. Hakende hanglijnen: U voelt wel een openingsschok en u hangt onder een open koepel, maar één of meerdere hanglijnen zijn om de een of andere reden achter delen van uw uitrusting of lichaam gehaakt. Afhankelijk van de situatie kan de daalsnelheid en uw lichaamspositie wel enigermate be invloed worden en u kunt het beste deze situatie opheffen door de na volgende aangepaste veiligheidsprocedure te volgen. Veiligheidsprocedure : -bepaal welke hanglijn gehaakt is; -haal de betrokken hanglijn hand over hand gehoekt naar beneden tot deze afgehaakt kan worden; -herhaal deze handeling tot alle betrokken delen bevrijd zijn; -houdt speciaal rekening met het feit, dat tijdens de bovenstaande handelingen de koepel ongecontroleerd zijnsweegs gaat; -controleer tijdens de bovenstaande handelingen steeds uw hoogteverlies. Ongewilde reserve

opening:

U hangt onder een goed geopende hoofdkoepel, maar om de een of andere reden wordt uw reserve ongewild geaktiveerd. Bevindt u zich nog op voldoende hoogte en er is weinig of niets uit de container ontsnapt, dan kunt u het beste 16

handelen volgens de navolgende aangepaste procedure..

vetlighetda-

Veiligheidsprocedure (1): -laat verder niets meer uit de c?f1tainer ontsnappen door deze direkt snel en goed af te klemmen; -bedien in eerste instantie met de vrije hand afwisselend de stuurklossen om eventuele stuurkorrekties uit te kunnen voeren; -sluit de benen en trek de knieën op tegen de onderkant van de reservecontainer; -houdt de linkerhand stevig op de vrijgekomen koepel bij de apex; -steek de rechterhand rechts onder de koepel bij het skirt; -tfl het koepelpakket , aldus tussen de handen geklemd, uit de containe r; -druk het koepelpakket tussen de bovenbenen; -houdt het geheel goed kompakt afgeschermd tussen de benen geklemd; -voe r de sprong verder uit volgens de opgedragen procedure. Bevindt u zich nog op voldoende hoogte en de reservekoepel en eventueel ook de hanglijnen zijn ook reeds uit de container gevallen, maar de reservekoepel hangt nog niet ontplooid onder u, dan kunt u het beste handelen volgens de navolgende aangepaste veiligheidsprocedure. Veiligheidsprocedure (2): -Iaat verder niets meer uit de container ontsnappen door deze direkt snel en goed af te klemmen; -bedien in eerste instantie met de vrije hand afwisselend de stuurklossen om eventuele stuurkorrekties uit te voeren; -sluit de benen en trek de knieën op tegen de onderkant van de reservecontainer; -haal hand over hand de loshangende hanglijnen en de koepel weer binnen tot het geheel op uw schoot ligt; -rol de koepel zo stijf mogelijk in elkaar en wildcel zoveel mogelijk hanglijnen er stevig omheen; -druk de koepel aldus opgerold tussen de bovenbenen; -houdt het geheel goed kompakt afgeschermd tussen de benen geklemd; -controleer tijdens de bovenstaande handelingen steeds uw hoogte; -voe r de sprong verder uit volgens de opgedragen procedure. Bevindt u zich nog op voldoende hoogte en de reservekoepel is reeds geheel ontplooid, dan kunt u verder het beste handelen als bij een voorgenomen reserveprocedure. Bevindt u zich niet meer op voldoende hoogte en u bereidt zich reeds op de landing voor, dan kunt u indien mogelijk daarbij eventueel nog wel de reservekoepel tussen de benen opvangen en daar afgekneld houden, maar u dient ondertussen wel de landing korrekt volgens de voorgeschreven procedure uit te voeren. Koepelbotsing : U dient tijdens de afdaling altijd eerst te controleren of uw direkte omgeving geheel vrij is alvorens te sturen. Indien u ondanks deze voorzorgsmaatregel toch in botsing dreigt te komen met een andere luchtgebruiker, dan dient u vooralsnog te proberen direkt weg te sture n. Heeft er ondanks deze laatste manoevre toch een botsing plaatsgevonden, dan dient u wederom te proberen weg te sturen. Het wegsturen dient altijd in eerste instantie naar rechts te geschieden bij een frontale nadering van gelijkwaardige luchtgebruikers en bij andere voorkomende gevallen via de meest logische en snelste weg. Bent u echter verward geraakt in de uitrusting van de ander en u kunt zich niet direkt bevrijden, dan zal uw koepel zijn draagkracht dreigen te verliezen. U dient dan direkt uw reserve te aktiveren volgens de LOW SPEED RESERVE PROCEDURE. Bereikt u inmiddels echter reeds een hogere valsnelheid, dan dient u onmiddellijk uw reserve te aktiveren volgens de HIGH SPEED RESERVE PROCEDURE. sportparachutist


het landen Obstakels: U dient tijdens de afdaling ruim van te voren op plm. 100 m hoogte een geschikte landingsplaats te zoeken welke binnen bereik is. Indien u in de direkte omgeving van obstakels dreigt te landen, dan kunt u nog steeds proberen d. m. v. de diverse manoevres uw positie te verbeteren tot op plm. 50 m hoogte. Nadat u op plm. 50 m hoogte tegen de wind achterwaarts bent gaan hangen, dan kunt u vooralsnog de eventuele obstakels vermijden d. m. v, korte stuurkorrekties. Indien het u ondanks alle voorzorgsmaatregelen niet is gelukt uit de buurt van een obstakel te blijven en u heeft nog voldoende hoogte, dient u er overheen te sturen en aan de loefzijde achter het betreffende obstakel te landen; desnoods voorwaarts uitgevoerd, omdat laag indraaien vlak voor de landing zeer gevaarlijk kan zijn. U dient dan ook onder deze omstandigheden zoveel mogelijk de normale landingsprocedures te volgens en uw landingshouding korrekt aan te passen, ook al heeft u het obstakel niet meer kunnen vermijden.

gebouwen Indien u ondanks alle voorzorgsmaatregelen, zie onder obstakels, daadwerkelijk toch op of tegen een gebouw gaat landen, dan dient u onder deze omstandigheden in elk geval toch een korrekt aangepaste landingshouding te handhaven. Plaats daarbij uw gesloten voeten zoveel mogelijk parallel aan en in de richting van het te verwachten kontaktvlak, speciaal bij rechtopstaande muren en schoorstenen, maar ook bij b. v. schuine daken, alkoven en balkons. Zodra u op een gebouw landt, probeert u dan direkt ergens aan vast te klampen. Heeft de wind verder geen vat op uw koepel, blijf dan rustig ter plaatse en wacht op hulp. Vooral bij een schuin dak e.d. fungeert uw parachute vaak als anker, waardoor het handhaven van uw positie vereenvoudigd wordt en een verdere val van het dak voorkomen kan worden. Bent u echter op een plat dak geland, dan dient u onmiddellijk als uw koepel wind kan vangen één van de Capewell releases te aktiveren om het eventuele afslepen van het dak te voorkomen.

slepen (dragging) Na het uitvoeren van de landingsrol

dient u onmid-

dellijk overeind te komen om een eventuele dragging te voorkomen als uw koepel wind kan vangen. U kunt het beste handelen volgens de standaard procedure na de rol: - spring zo snel mogelijk overeind; - ren met de wind mee om de koepel heen tot de skirt geheel uit de wind getrokken is en de koepel plat op de grond blijft liggen; - loop verder door tot de koepel en de hanglijnen geheel gestrekt zijn; - zet de helm af. Indien u niet direkt overeind kunt komen en door de koepel over de grond gesleept wordt, bestaan er nog een aantal procedures om dit probleem zelf op te lossen. Sleepprocedures : - werk altijd vanuit een ruggelingse positie; - trek de linker- of rechterriserof hanglijngroep naar onder tot voor de borst; - trek de knieën op tot onder de maag; door het aannemen van deze positie wordt u met de voeten in de sleeprichting gedraaid; - zet de hielen schrap in de grond; hierdoor kunt u door de opgebolde koepel overeind getrokken worden; - handel verder als bij de landingsrol Alternatief (1): - werk altijd vanuit de ruggelingse positie; - trek de linker- of rechterriserof hanglijngroep naar onder tot voor de borst; kies daarbij in eerste instantie de onde rste groep; - trek vervolgens de bijbehorende hanglijnen hand over hand gehoekt verder naar onderen tot voor de borst; - continueer deze handeling tot de koepel plat op de grond blijft liggen; - handel verder als bij de landingsrol Alternatief (2): - werk altijd vanuit een ruggelingse positie; - reik met de twee handen naar één van de Capewellsluitingen; - open de beschermkap; - ontkoppel de riser van het harnas; - kom nu eenvoudig overeind; - zet de helm af. Indien noodzakelijk kan men eventueel de hulp inroepen van iemand, die de koepel bij de apex met de bovenzijde in de wind kan trekken, waardoor de koepel sneller plat tegen de grond te krijgen is. Kan men na het uitvoeren van een landingsrol om de een of andere reden beslist niet overeind komen, ontkoppel dan zonder meer de risers van het harnas, zet de helm af en zwaai hiermee boven hetno.ofd om de aandacht van anderen te trekken.

Foto: Jan Sikking sportparachutist

17


boomlanding Indien u ondanks alle voorzorgsmaatregelen, zie ook obstakels, daadwerkelijk toch in een boom gaat landen, dient u te handelen volgens de navolgende aangepaste veiligheidsprocedure .

Foto: Jan Sikking

hoogspanningslanding Indien u ondanks alle voorzorgsmaatregelen, zie ook obstakels, daadwerkelijk toch in hoogspanningskabels gaat landen, dient u te handelen volgens de navolgende aangepaste veiligheidsprocedure .

Veiligheidsprocedure:

-plaats de voeten op elkaar; -kruis de armen voor het gezicht; -plaats de handen voor de oksels met de palmen naar buiten; -druk de ellebogen naar boven; -draai het hoofd iets zijwaarts; -houdt de ogen open; -observeer uw landingsstadia. U dient deze aangepaste tot u stilhangt .

lichaamspositie

te handhaven

Probeer daarna de stam te bereiken, maar blijf in het harnas en neem geen onnodig risiko; blijf rustig ter plaatse en wacht op hulp. Bent u verder door de kruin naar beneden gevallen en heeft u alle takken gepasseerd, dan dient u weer terug te komen in de normale parapositie met de voeten naast elkaar om een eventuele landing alsnog korrekt uit te kunnen voeren. 18

Veiligheidsprocedure : -plaats de voeten op elkaar; -druk de tenen zover mogelijk naar beneden; -steek de armen gestrekt omhoog tussen de risers; -plaats de handen tegen de binnenzijde van de voorste risers met gestrekte vingers; -draai het hoofd iets zijwaarts; -houdt de ogen open; -observeer scherp uw landingsstadia; -vermijdt het contact met twee kabels tegelijk. U dient deze aangepaste lichaamspositie te handhaven tot u stilhangt. Onderneem daarna niets dat enig risiko kan opleveren; blijf in het harnas ter plaatse en wacht beslist op hulp. Bent u echter tussen de kabels verder door naar beneden gevallen en heeft u alle kabels gepasseerd, dan dient u terug te komen in de normale parapositie met de voeten naast elkaar om een eventuele landing alsnog korrekt uit te kunnen voeren. Indien u bent geland, dient u er scherp op te blijven letten, dat u op geen enkele wijze meer in kontakt kan komen met de kabels. sportparachutist


waterlandinq Ongewilde waterlanding: Indien u ondanks alle voorzorgsmaatregelen, zie ook obstakels, daadwerkelijk toch onvoorbereid in het water zal gaan landen, dient u te handelen volgens de navolgende aangepaste.veiligheidsprocedure.

-is de koepel over u heen gevallen, druk dan rustig hand over hand één gore volgend de koepel over het hoofd tot u vrij bent; -z ijn er hanglijnen over u heen gevallen, verwijder deze dan rustig van evt, hakende delen; -zwem rustig weg van de parachute; verwijder zo mogelijk beklemmende uitrustingstukken en zwem dan rustig naar de kant. Indien u binnen een straal van 300 m van open water kan landen bent u verplicht een zwemvest te dragen.

Foto: K. Sikkens

Veiligheidsprocedure : -bepaal de drift en probeer zo dicht mogelijk naar de kant te sturen; -haak de sluitingen van de buikband los van de ringen op plm. 100 m hoogte; -ontkoppel één van de reservehaken van de D-ringen; -druk de reserve terzijde; -trek de knieën op; -haak beide duimen achter de zitband van het harnas; -druk de zitband zover mogelijk naar voren onder de bovenbenen; -overtuig u dat u stevig in de zitband zit; -haak de beenbanden na elkaar af van de ringen; -ga op plm. 50 m hoogte achterwaarts hangen met het gezicht in de wind; -kruis de armen voor de borst en pak de hoofdbanden vast; -haak met één hand de borstband los; -pak met dezelfde hand daarna de bijbehorende stuurklos en riser samen stevig vast; -voer met dezelfde hand afwisselend de eventuele koerskorrekties naa r links en rechts uit; -bepaal de drift en probeer zo snel en zo goed mogelijk tegen de wind te landen; -haal vlak voor de landing in het water diep adem; -zodra de voeten het water raken, laat u alles los, strek de armen en benen, glij uit het harnas; aktiveer evt. uw zwem vest; sportparachutist

aanvragen om het borstonderscheidingsteken "parachutist" te mogen dragen Aan NEDERLANDSE militairen kan onder bepaalde voorwaarden het recht worden' verleend om het borstonderscheidingsteken "parachutist" te mogen dragen. Indien u hiervoor in aanmerking wenst te komen kunt u bij het secretariaat van de Afdeling schriftelijk de daarvoor bestemde formulieren aanvragen. Bedoelde documenten kunt u bestellen door een briefkaart te zenden aan: Secretariaat Afdeling Parachutespringen Jozef Israëlsplein 8 Den Haag. Op de achterzijde van de kaart behoeft u slechts te vermelden "aanvraagformulier wing" - tevens opgeven of u behoort tot de Koninklijke Marine, de Koninklijke Landmacht of de Koninklijke Luchtmacht.

19


blijf gezond ... én ... kom met beide benen op de grond Ondanks de veel tijd die tijdens de grondopleiding wordt besteedt aan valbreken kan men constateren dat er nog regelrnattgbeen en armbreuken voorkomen. De meeste fouten worden veroorzaakt door situaties zoals in onderstaande tekeningen zijn weergegeven. Bestudeer deze fouten eens rustig en tracht er in de praktijk rekening mede te houden. Probeer nooit voor arts te spelen indien iemand een arm of been heeft gebroken. De juiste diagnose is eerst met behulp van röntgen apparatuur vast te stellen. Het is bekend dat verstuikingen vaak net zo pijnlijk kunnen zijn als een breuk.

Ellebogen naar buiten en voeten op ongelijke hoogte.

Voeten naar voren. Te slappe houding.

Benen uit elkaar.

Landing op de hakken (valt achterover).

Is er iemand geblesseerd - neem dan de volgende akties: 1. Probeer (voor zover mogelijk) de springschoen voorzichtig los te maken zonder dat daarbij de breuk wordt verergerd. 2. Laat de altijd nieuwsgierige toeschouwers verdwijnen. Rust is voor het slachtoffer belangrijk. 3. Laat de patrent rustig liggen. Beweeg of laat hem niet teveel bewegingen maken. Eventueel met deken of parachute toedekken. Hoe minder u met hem rondsjouwt des te zekerder zal hij zich voelen. 4. Doe een lap met koud water op zijn voorhoofd. Hij zal dit prettig vinden en het helpt hem een shock te voorkomen. 5. Zorg dat hij zo spoedig mogelijk naar een ziekenhuis wordt vervoerd. 6. Veroorzaak geen paniek. Neem rustig de tijd. Zelfverzekerdheid en kalmte bernvloeden het gedrag van de patient.

Rug en benen te strak en recht.

Landing op tenen (valt voorover) .

Bij het naderen van de grond benen optrekken.

Landing op achterwerk (heup- en rugblessures)

Benen naar voren.

Landing op rug. .

\ ÈN ZO MOET U LANDEN

20

, sponparachutist


SP 1979 Handleiding Aspirant Sportparachutist