---
-.....-....
De] gezelli~ eens ee Als ik j ande rei Sjaal van md ten atkl kunnen' den) kJ niet me en het Wa voo rui 182, hl lijk no nu oOK Pijnacl een sp
handleiding voor de adspirant sportparachutist(e) Vorig jaar zijn wij begonnen om - d. t. v. de verenigingen - aan elke leerling-springer/ster een handleiding uit te reiken. In de tussentijd zijn een aantal opbouwende kritieken ontvangen. In een herziene uitgave zijn alle adviezen verwerkt. De handleiding is thans in drukvorm verschenen. Wij hopen dat deze definitieve versie door instrukteurs en leerlingen intensief zal worden gebruikt.
handboek voor de sportparachutist Binnenkort zullen de bezitters van het HANDBOEK VOOR DE SPORTPARACHUTIST
Bën-äänvüÜëndë-fiöö[dstUkkëü-küüüën-öntvangën. Over de wijze van verstrekking worden geiilformeerd.
Waf
en verzending zult u nog K.S.
die OU( Toen b nieuwe FD-le pen, ei en PAl Hij st~ beetje onze erg go den VE beter vermc e rmee raar! Ho1 tijd ri nog in woens Sja Wat d hulpit Maar keer den ~ poosj dat ü voor het 0 lag j( goedl alle i gers uit d i
sjaak kouwenhoven derde winnaar van de tom verschoorbokaal Je ziet het niet meteen aan Sjaak Kouwenhoven af, maar deze 21-jarige Flying Dutchmen-springer behoort tot de paar echte fanatiekelingen die ons parawereldje rijk is. Iemand dus, die niet alleen veel sprongen maakt, maar die van elke sprong een serieuze trainingssprong maakt. Zo te zien is Sjaak Kouwenhoven een wat stille, weinig op de voorgrond tredende, ogenschijnlijk wat vaag ogende jongen. Maar na bestudering van de uitslagenlijsten van de NKP '77 en het doorkijken van een hele stapel logboeken van springers onder de 25 jaar waren de initiatiefnemers van de Tom Verschoorbokaal unaniem van mening: Sjaak Kouwenhoven was de man van 1977. De Tom Verschoorbokaal, een schitterende in brons gegoten vijfmansster, werd drie jaar geleden ingesteld na het verongelukken van Tom Verschoor, de initiatiefnemers van het sportspringen in ons land, die zijn springleven lang steeds weer nieuwe initiatieven ontplooide en steeds weer jonge springers wist te enthousiasmeren. Vandaar dat de bokaal elk jaar bij de NKP wordt uitgereikt aan die jonge springer, die aangetoond heeft een "nieuw talent" te zijn en bezig is dat talent op alle moge. lijke manieren te ontwikkelen. Sjaak Kouwenhoven deed niet alleen aan alle drie de wedstrijdonderdelen mee (wat natuurlijk niet essentieel is, maar wel meehelpt) sprong weliswaar zeer onregelmatig precisie (de ene keer 22 cm, de andere keer buiten de bak) en behoorde tot de middenmoot in stijl, maar verraste iedereen danig met zijn team op het onderdeel relatiefspringen, waar hij uit het niets op de vierde
4
plaats belandde, mede dankzij het feit dat het team , dat verder uit Ko van Wijngaarden, Norbert Streng en Ed Wissink bestond, enkele keren een complete viermansster uit de deur vlogen, iets waar de topteams met al hun ervaring niet toe in staat waren. Uit het logboek van Sjaak Kouwenhoven bleek bovendien dat hij, begonnen op zijn 17e, in drie jaar ruim 400 sprongen heeft, dit jaar vanaf 1 januari al meer dan 100 sprongen had gemaakt, waarvan ruim 50 met zijn viermansteam, hij de laatste maand (sinds de FD een bak heeft) na het droppen van leerlingen (Sjaak is ook een van de, zo niet de jongste instructeur van ons land) PA trainde, waar hij eerder zelden de gelegenheid voor heeft gehad, hij elke keer als hij in zijn eentje op 7000 ft (ook na het droppen van leerlingen meestal) uitstapte zich nooit zomaar liet vallen, maar een stijlserie draaide. Met andere woorden: iemand die het meest gefascineerd wordt door relatief maar die als het zo uitkomt zich best schrap wil zetten voor de andere twee onderdelen. Wie is die Sjaak Kouwenhoven ? We zitten wat onwennig tegenover elkaar in het wegrestaurant bij Bunnik, halverwege de autobaan Den Haag (waar Sjaak woont) en Oosterbeek (waar ik woon). Sjaak: "Ik ben altijd wel een fanatiekeling, of liever doordouwer of enthousiasteling, geweest. Vroeger zat ik bij de padvinderij. En daar heb ik ook alles gehaald wat te halen viel. Op m'n 16e ging ik er af. Een jaar heb ik niks gedaan. Toen ik in maart 1974 17 geworden was, gaf ik me op bij de Flying Dutchmen. Ik had een paar jaar ervoor een demo gezien op het strand bij Scheveningen en dat had ik wel mooi gevonden. Het geld voor het springen, kreeg ik bij elkaar door vakantiewerk. Het eerste jaar ging ik elke keer naar Zestienhoven op m'n brommertje. Tegenwoordig mag ik de auto van m'n ouders lenen. Dat scheelt wel, met al drie springspullen. Tijdens de opleiding heb ik nogal wat problemen gehad. In het begin van de vrije val durfde ik niet te vallen. Ande rhalf jaar heb ik op m'n drie en vijf sekonden gezeten. Pas met m'n 82ste sprong haalde ik m'n B-brevet. Maar ik zou en ik moest het halen. Daarna ging het erg snel. " Je hebt ook wat problemen met je praktische instructeursexamen gehad, hoorde ik? Sjaak: "We hadden bij de FD eigenlijk nooit grotere opleidingen van dan hooguit tien man. Bij dat examen stond ik opeens voor een man of 20 en dat werkt heel anders". sportparachutist
]
•
D
avon met
H
S:
PA ( PA-
wa re door we c
E
kan
S heb gem heib Dat Mal see ontz jam zijn gen ook
spo