Page 1

acute zorg in twente en oost-achterhoek Project BRAIN-PROTECT: Prehospitale zorg bij schedelhersenletsel in kaart

net werk

‘Patiënten zijn in Nordhorn in even goede handen' Jochen Hermeling (huisarts) en Andreas Bongartz (Euregio-Klinik)

GHOR adviseert rondom Salland-Twentetunnel Kick-off PREpare Verslag van EuroHeartCare 2015

OKTOBER 2015


112 journaal

Een vroege terugblik Voor u ligt alweer de laatste 112 Netwerk van 2015 waarin we, zoals gebruikelijk, berichten over de ontwikkelingen rondom de acute zorg in Twente en de Oost-Achterhoek. Een goed moment om eens terug te blikken op de activiteiten ter verbetering van de kwaliteit, de beschikbaarheid en continuïteit van de acute zorg in onze regio, zowel voor de individuele patiënten als voor grotere aantallen in geval van rampen en crises. Met de vaststelling van de strategische agenda in 2013 waarin de missie, visie en doelen werden vastgelegd, werd in onze ROAZ-regio een nieuwe weg ingeslagen. Er is de afgelopen periode toegewerkt naar een netwerk waarin relatief grote veranderingen in de zorg, zoals concentratie van de geboortezorg in Enschede en Almelo, de profielveranderingen van de ziekenhuizen ZGT Hengelo en MST Oldenzaal, goed doorgevoerd zijn. Dat neemt niet weg dat het ROAZ kritisch zal blijven kijken naar deze veranderingen in het acute zorg landschap en de effecten voor bijvoorbeeld ambulancediensten, de zorg­capaciteit en gewondenspreiding. Zorginstituut Nederland heeft het Landelijk Netwerk Acute Zorg (LNAZ) gevraagd een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van het Kwaliteits­ kader Spoedzorgketen, inclusief de schakels die hiermee verbonden zijn. De uitkomsten zijn weer van belang voor de inrichting van een toekomst­ bestendige acute zorg in onze regio.

2

In deze uitgave informeren we over de start van het centrum voor acute psychiatrie bij Mediant in Enschede. Het pand is ingericht volgens de nieuwste inzichten op het gebied van acute psychiatrie en herstelgerichte zorg.

Op maandag 28 september 2015 zijn bij het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) de nieuwe voertuigen met uitrusting gepresenteerd die vanaf januari 2016 worden ingezet voor de geneeskundige hulpverlening bij grote calamiteiten. Tijdens een feestelijke bijeenkomst hebben het IFV en GGD GHOR Nederland de voertuigen overgedragen aan Ambulancezorg ­ Nederland en het Rode Kruis: de organisaties die de nieuwe voertuigen gaan gebruiken. De aanschaf van nieuwe voertuigen en uitrusting is onderdeel van de invoering van een nieuw model voor geneeskundige hulpverlening bij grote calamiteiten waarbij veel slachtoffers vallen: Grootschalige Geneeskundige Bijstand (GGB). Dit nieuwe model sluit beter aan op de dagelijkse traumazorg en veranderde wettelijke verantwoordelijkheden in de afgelopen jaren. n

Emergency! What happens next?

Een huisarts uit Weerselo en een arts van de Notfallstation van de EuregioKlinik in Nordhorn bespreken de optimalisatie voor toegang tot acute zorg voor bijvoorbeeld de CVA-patiënten uit Noordoost-Twente door grensoverschrijdende samenwerking. Verder leest u een verslag van een verpleegkundig specialist van A ­ mbulance Oost van zijn bezoek aan het EuroHeartCare congres 2015 in Dubrovnik, Kroatië. Tot slot een terugblik op de inzet van LCMS-GZ tijdens de Zwarte Cross. LCMS-GZ is het systeem om netcentrisch informatie te delen tussen geneeskundige hulpverleners. Door een koppeling met het multidisciplinaire LCMS kunnen zorginstellingen zien wat de situatie in de regio is ten tijde van een evenement en andersom.

Cees Schenkeveld Manager Acute Zorg Euregio

112 NETWERK | OKTOBER 2015

Nieuwe voer­ tuigen in kader van GGB

Lisanne Wiggers heeft voor haar master Health Sciences aan UT onderzoek gedaan naar de spoed­ zorg tijdens kantooruren door Twentse huisartsen. Zij nam een online survey af. Omdat in de huisartsenpraktijk niet geregistreerd wordt of een melding spoed is, zijn de resultaten van het onderzoek gebaseerd op schattingen van huisartsen. Er is een hoge variëteit in het aantal telefonische spoedmeldingen, de triagemethodiek en de acties die worden ingezet om de patiënt te helpen. Goede kennis van de patiënt, toegankelijkheid en telefonische bereikbaarheid zijn sterke punten van spoedzorg in de huisartsenpraktijk. Als zwakke punten worden de verstoring van de praktijkvoering en de triagemethodiek genoemd. 21% van de huisartsen kon geen zwakke punten aanwijzen. In de toekomst wil 74% spoedzorg houden zoals het nu is. n


SOS Toegang: bijna landelijke dekking

Simone Schmidt werkzaam bij BAZE

SOS Toegang maakt met een simpel gecodeerd openingssysteem terreinen die voorzien zijn van een slagboom, goed toegankelijk voor ambulances. Het initiatief van Regionale Ambulance Voorziening (RAV) IJsselland is inmiddels bijna landelijk geïmplementeerd en ook de brandweer toont vanuit diverse regio’s belangstelling. Een belangrijke ontwikkeling als het gaat over vrij baan voor hulpdiensten. Kijk voor meer informatie op www.sostoegang.nl. n

Vergelijking Nederlandse en Duitse traumaregistratie De landelijke traumaregistratie (LTR) en de Duitse traumaregistratie (TRDGU) hebben een andere methode om, als indicatie van de geleverde kwaliteit van zorg, de overlevings­ kansen van patiënten te vergelijken met de daadwerkelijke overleving. In de LTR gebruikt men de Trauma and Injury Severity Score (TRISS) en binnen de TR-DGU wordt de Revised Injury Severity Classification, version II (RISC II)

gebruikt. In het kader van zijn afstudeeronderzoek bij Bureau Acute Zorg Euregio heeft Jan Wohlmann (master student Health Sciences aan UT) deze methoden met elkaar vergeleken. Dit deed hij op basis van de gegevens van 778 multitrauma patiënten die in beide traumaregistraties voorkwamen. De resultaten laten een lichte voorkeur zien voor de RISC II als betere voorspeller voor de overlevingskansen van multitrauma patiënten. n

Jan Wohlmann (midden) en Lisanne Wiggers (rechts) tijdens hun eindpresentaties.

Bureau Acute Zorg Euregio heeft sinds deze zomer steun van Duitse kant. Simone Schmidt is de nieuwe projectmedewerker die in het kader van het door INTERREG gefinancierde PREpare-project meedraait. Samen met haar collega’s wil ze meehelpen de grensoverschrijdende acute zorg te verbeteren. Iets nuttigs doen, waar mensen iets aan hebben, is hetgeen ze hier zo leuk aan vindt. Na een inwerkperiode die vooral bestond uit het inlezen van grensoverschrijdende stukken, neemt ze ondertussen meer en meer administratieve en communicatieve taken over en levert zo een wezenlijke bijdrage aan het project. n

Expertgroep crisisbeheersing Vanuit het Regionaal Overleg Acute Zorg (ROAZ) heeft de expertgroep crisisbeheersing opdracht gekregen de capaciteit van de huidige acute zorgketen bij grote ongevallen en rampen in beeld te brengen. Hierbij wordt gekeken wat de acute keten aankan. Met andere woorden, hoeveel slachtoffers kunnen we in een korte tijdsperiode stabiliseren, vervoeren en behandelen, op straat en in de ziekenhuizen. Deze capaciteit wordt in beeld gebracht met behulp van verschillende ETS (Emergo Train System) sessies. De eerste sessie is geweest en de resultaten zijn zeer bruikbaar. Eind 2015 vindt de tweede sessie plaats. De uitkomsten van deze sessies zullen in een volgende editie van 112 Netwerk van 2016 aan bod komen. n 112 NETWERK 112| NETWERK OKTOBER |2015 OKTOBER 2015

3


ketenpartners

Herstelgerichte crisiszorg Helmer-Es biedt cliënten ruimte, rust en veiligheid Door Annemarie Smidt, Geen Blad voor de Mond

Op 24 september 2015 vond de officiële opening plaats van Helmer-Es, het nieuwe centrum van Mediant waar ambulante crisisinterventie en acute psychiatrie gebundeld worden. Door de nieuwbouw is Mediant nog beter toegerust op de reeds ingezette veranderingen in de zorg.

H 4

elmer-Es biedt opnamecapaciteit voor maximaal veertig cliënten, hetzelfde aantal als de oude locatie. Het creëren van extra plaatsen was dus niet het uitgangspunt, waarom heeft Mediant dan besloten tot nieuwbouw? Willem Snelleman, psychiater en manager Behandelzaken bij Mediant, legt uit: ‘Met de nieuwbouw van Helmer-Es hebben we een aantal bouwstenen bij elkaar gebracht. Het oude gebouw voldeed niet meer aan de eisen van deze tijd en verbouwen was geen optie. Dus hebben we de kans aangegrepen om in kaart te brengen hoe we onze zorgfuncties op het gebied van crisisinterventie in een nieuw gebouw zo goed mogelijk kunnen combineren. Zo kunnen we de reeds ingezette veranderingen in de zorg veel beter in het voordeel van onze cliënten uitvoeren. We gaan een nieuw tijdperk in dat nog meer gericht is op intensieve samenwerking tussen de ambulante en korte klinische crisis­ interventie.’

Passende begeleiding Eén van de grote veranderingen is het opsplitsen van twee grote afdelingen (een gesloten en een open) in vier kleinere milieus. Willem: ‘Voorheen zaten op de gesloten afdeling rustige en onrustige cliënten bij elkaar. Beide groepen hebben op hun eigen manier bescherming en begeleiding nodig. Dat kunnen we nu bij Helmer-Es bieden. Een ander groot verschil is dat het oude 112 NETWERK | OKTOBER 2015

gebouw grotendeels uit tweepersoonskamers bestond. Verschil in hygiëne­ normen of geluidsoverlast konden voor de nodige onrust zorgen. Ook het scheiden van mannelijke en vrouwelijke cliënten was telkens opnieuw een puzzel. Met de nieuwe, eenpersoonskamers bieden we alle cliënten meer rust.’ In de kamers worden nieuwe vormen van domotica toegepast om het gevoel van eigen regie terug te geven aan de cliënten. Daarnaast worden sport en andere activiteiten aan­ geboden. Ook de binnentuinen, de lichtinval, de vele open zichtlijnen en de akoestiek zorgen voor een prettige leefomgeving.

Herstelbevorderende zorg Marcel Hooch Antink, manager Bedrijfsvoering, vult aan: ‘Allemaal prachtige ontwikkelingen. Maar wat ook zeer belangrijk is, is dat het nieuwe gebouw aansluit op de werkwijze die we willen neerzetten. Vanaf het begin ligt de focus op herstelbevorderende en deescalerende zorg. Zodat we zo weinig mogelijk gebruik hoeven te maken van dwang en drang. Cliënten kunnen hun eigen ruimte, rust en veiligheid zoeken.’ Willem: ‘De afgelopen jaren zijn we de familie steeds meer gaan betrekken bij een crisis. Een cliënt is niet alleen in crisis, ook de naasten zijn daar een belangrijk onderdeel van. Het nieuwe gebouw biedt bijvoorbeeld aparte ruimtes voor een-op-een begeleiding, waar ook de naasten een belangrijke rol in hebben.’

Wanneer de betrokkenheid van naasten of familie zo intensief nodig is dat een overnachting de voorkeur verdient, kan na goed overleg een naaste een enkele nacht op de afdeling doorbrengen in speciale rooming-in-kamers.

Rol van ketenpartners Naast het betrekken van cliënten en hun naasten bij de nieuwbouw­plannen, is ook gekeken naar de rol die ketenpartners spelen binnen Helmer-Es. Marcel: ‘We zijn niet de eerste instelling voor geestelijke gezondheidszorg die nieuwbouw heeft gerealiseerd. We hebben goed gekeken naar wat elders in Nederland gebeurt. Wat we erg belangrijk vinden, is dat er een goede ingang bestaat voor de ambulancediensten, zodat we een cliënt adequaat kunnen opvangen en direct kunnen screenen. In het oude gebouw gebruikte de ambulance de hoofdingang, waar zich ook de receptie bevindt en alle bezoekers binnenkomen. Door de aparte ingang bieden we cliënten meer privacy en kunnen we ze opvangen in een speciale onderzoekskamer. De politie is betrokken bij de oefendag die we medio september hebben georganiseerd. Ze hebben het nieuwe gebouw bekeken, omdat ze hier toch regelmatig over de vloer komen. Die inzichtelijkheid in elkaars processen maakt dat wij onze cliënten nog betere zorg kunnen bieden.’ n

Over organisaties heen Mediant is deel­nemer van de expertgroep acute psychiatrie. Het meest recente wapenfeit van deze expertgroep zijn de afspraken die gemaakt zijn rondom de GHB-problematiek op het gebied van detox-beleid en verantwoordelijkheid. Ook heeft Mediant onlangs op verzoek van de Enschedese huisartsen trainingen verzorgd over de acute opvang van suïcidale cliënten die in crisis verkeren.


ketenpartners

in een nieuw jasje

5

Foto's: Robert Buitink.

112 NETWERK | OKTOBER 2015


innovatie

BRAIN-PROTECT: Regionale instellingen sluiten aan Prehospitale risicofactoren geïndentificeerd in nationale database Door Kelly van Almkerk, Vrije Universiteit Amsterdam, en Rolf Egberink, Acute Zorg Euregio

6

Om de huidige zorg voor patiënten met ernstig schedelhersenletsel na een ongeval door ambulancepersoneel en/of de traumahelikopter in kaart te brengen en te kunnen verbeteren is de BRAINPROTECT studie gestart. In maart van dit jaar hebben Ambulance Oost en Medisch Spectrum Twente (MST) zich aangesloten bij het Consortium en worden ook gegevens van patiënten uit onze regio verzameld in de nationale database.

O

ndanks verbeteringen in de traumazorg vormt ernstig traumatisch schedelhersenletsel een ­be­langrijke oorzaak voor blijvende in­­va­liditeit en mortaliteit bij de Nederlandse be­ volking jonger dan 45 jaar. Hoewel vroege en gerichte prehospitale behandeling de overlevingskansen van patiënten met ernstig schedelhersenletsel lijkt te beïnvloeden, is er nauwelijks iets bekend over de relatie tussen prehospitale behandeling en morbiditeit en mor­ taliteit. Het doel van de BRAIN-PROTECT studie is om binnen de Nederlandse context prehospitale risicofactoren te identificeren en voor de patiënt gunstige be­handelingsmethoden te definiëren. Daarmee moet de prognose voor patiënten met ernstig schedelhersen­ letsel verbeteren.

Nationale database Bij het BRAIN-PROTECT Consortium zijn op dit moment de vier Nederlandse helikopter MMT’s, zeven level trauma­ centra en twee regionale ambulance voorzieningen aangesloten. De deel­ nemers van het Consortium hebben een nationale database opgezet waarin patiënten worden opgenomen met 112 NETWERK | OKTOBER 2015

­rnstig schedelhersenletsel die zijn e behandeld door ambulancepersoneel en/of het helikopter MMT. In deze database ligt de nadruk op het verzamelen van gegevens over de huidige prehospitale aanpak ten aanzien van luchtweg­ management, de circulatie, vloeistof- en medicatiemanagement en de relatie hiervan ten opzichte van morbiditeit en mortaliteit. Daarnaast wordt de uitkomst niet alleen gemeten aan de hand van mortaliteit, maar ook op basis van de objectieve mate van herstel, gemeten met behulp van de extended Glasgow Outcome Scale (GOSE). Een jaar na afloop van het ongeval wordt de GOSE telefonisch afgenomen bij de patiënt.

Regionale inbreng Acute Zorg Euregio ondersteunt onder­ zoek dat leidt tot aantoonbare verbeteringen in de keten van acute zorg en juicht toe dat Ambulance Oost en MST deelnemen aan de BRAIN-PROTECT studie. Vanuit de regionale trauma­

registratie database worden patiënten geïdentificeerd die geïncludeerd kunnen worden. Vervolgens komt data­ manager Kelly van Almkerk vanuit Amsterdam eens in de 2-3 maanden zelf gegevens van deze patiënte verzamelen bij Acute Zorg Euregio. Kelly: 'We hebben vanaf het jaar 2013 vanuit deze regio patiënten geïncludeerd, de komende maanden zal ik starten met inclusie van patiënten uit 2014.' Aangezien in deze regio ook primair de Duitse traumahelikopter wordt in­gezet, bekijken we ook de mogelijkheden om de verleende prehospitale zorg aan patiënten met ernstig schedelhersenletsel door de Nederlandse en Duitse heli­ kopter MMT’s met elkaar te vergelijken. De studie heeft een looptijd van zes jaar en de eerste resultaten worden verwacht in 2017. n BRAIN-PROTECT wordt mede mogelijk gemaakt door ACHMEA & Hersen­ stichting Nederland. Kijk voor meer informatie op www.brain-protect.net.


over de grens

Missie: één grenzeloze acute zorg regio Kick-off van driejarig Interreg-project PREpare Door Alexandra Ziemann en Simone Schmidt, Acute Zorg Euregio Op 20 juli zijn voor het eerst de Duitse en Nederlandse partners van het nieuwe grens­ overschrijdende project PREpare bijeen­gekomen om het werkplan voor het drie­jarig project te be­ spreken. Het Geneeskundig Trainingscentrum Zuidkamp in Enschede bood het passende kader voor deze kick-off.

O

nze missie: het realiseren van een grenzeloze acute zorg regio in het jaar 2020. Het middel: het door Interreg gefinancierde driejarig project PREpare. De hoofdpersonen: de veiligheidsregio’s Twente, Noord- en Oost-Gelderland, IJsselland, de Duitse Landkreise Grafschaft Bentheim en Borken, de Genees­ kundige Hulp­ verleningsorganisatie (GHOR) Twente, de Feuerwehr- und Rettungsdienst­ akademie Bocholt, de EUREGIO en leadpartner Bureau Acute Zorg Euregio. De uitdaging: grenzeloze acute zorg in de EUREGIO tot ‘iets gewoons’ maken – voor professionals, voor de

patiënt, voor alle inwoners van de EUREGIO.

Tot maart 2018 Om een gezamenlijke aanpak vast te stellen, hebben de voor de verschillende werkpakketten verantwoordelijke organisaties bij de kick-off bijeenkomst hun plannen gepitcht. Vervolgens hebben de andere project­partners over de ideeën gediscussieerd. De activiteiten die wij tot maart 2018 willen uitvoeren, zijn bijvoorbeeld gezamenlijke grensoverschrijdende oefeningen, bijscholingen met grensoverschrijdende thema’s voor ambulanceverpleegkundigen, het opstellen van FAQ-handleidingen voor professionals en informatiefolders voor patiënten, de verdere uitwerking van de A-Z Euregio app en het definiëren van Standard Operating Procedures en kwaliteitsmetingen voor grensoverschrijdende samenwerking.

sche belemmeringen en welke oplossingen er al zijn en hoe de vergoeding van grensoverschrijdende zorg geregeld is. Verder hebben wij al concepten en tools ontwikkeld voor kennisoverdracht aan patiënten en professionals, die nu geïmplementeerd kunnen worden.

Webplatform

In het PREpare-project ligt de focus voor een groot deel op de communicatie naar de burger toe. Hiervoor gaan wij een webplatform opbouwen, dat niet alleen informatie zal verspreiden, maar hier kunnen de burgers ook terecht met hun vragen over grensoverschrijdende acute zorg of problemen en knel­punten in de acute zorg in hun eigen land, die door grensoverschrijdende samenwerking opgelost kunnen worden. Dit ‘meldpunt’ wordt in het najaar 2015 opgezet. De meldingen worden in het PREpare-project opgeCasussen uit de praktijk pakt en als casestudies uitgewerkt. Uit Gelukkig hoeven wij niet vanaf nul deze casussen op een bepaald gebied te beginnen. Uit eerdere Interreg-­ willen wij lering trekken, ook voor anprojecten, maar nog meer uit casussen dere regio’s. Zo creëren wij niet alleen uit de praktijk die we in afgelopen ja- één acute zorg regio voor de inwoners ren hebben uitgewerkt, kennen wij het in de EUREGIO, maar worden we ook acute zorglandschap aan weerszijden een voorbeeldregio voor andere grensvan de grens, weten we welke juridiregio’s in Europa. n

PREpare projectpartners discussiëren over de werkplannen bij de kick-off bijeenkomst op 20 juli 2015.

112 NETWERK | OKTOBER 2015

7


COVERINTERVIEW

Acute zorg over de grens Noordoost-Twente en Nordhorn werken samen Door Mathilde van de Veen, Geen Blad voor de Mond

Sinds 1 juli zijn grensoverschrijdende samenwerkings­ afspraken tussen Noordoost-Twente en de Euregio-Klinik in Nordhorn van kracht. Patiënten met verdenking op CVA of met verwondingen aan armen en/of benen kunnen nu, als de patiënt dat wenst, in spoedgevallen terecht bij het ziekenhuis in Nordhorn – voor veel inwoners dichterbij dan de 8

ziekenhuizen in Enschede of Almelo.

J

ochen Hermeling raakte als crisiscoördinator en voor­ zitter van de Huisartsengroep Dinkelland betrokken bij het samenwerkingsverband. Samen met Andreas Bongartz, leidinggevend arts in de Euregio-Klinik, legt hij het belang van de grensoverschrijdende samenwerking uit. Jochen Hermeling: 'Bij een CVA is tijd een belangrijke factor. De patiënt moet zo snel mogelijk behandeld worden en dan is Enschede of Almelo voor inwoners van Noordoost-Twente te ver weg. Ook voor letsels aan armen of benen is het een voordeel om in Nordhorn behandeld te worden. Vaak gaat het om een wond die te groot is om door de huisarts te worden gehecht of moet er een röntgen­ foto gemaakt worden vanwege verdenking op een botbreuk. De patiënt moet voor behandeling worden doorverwezen naar het zieken­ huis en het is dan efficiënter dat de patiënt naar een ziekenhuis in de buurt kan. Er is in eerste instantie bewust voor gekozen de grensoverschrijdende acute zorg te beperken tot verdenking op CVA’s en gevallen waarbij sprake is van extremiteitenletsel. We weten 112 NETWERK | OKTOBER 2015

zeker dat er binnen deze categorieën geen medische, juridische, ­ financiële en praktische bezwaren zijn. Dat is de uitkomst van de eerdere Peopleto-People projecten, waarin de grensoverschrijdende acute zorg is getest.' Andreas vult aan: 'Eventueel kunnen in de toekomst patiënten met andersoortige letsels of aan­ doeningen in spoedgevallen terecht bij de Euregio-Klinik, maar vooralsnog is het goed om ons te richten op CVA’s en extremiteitenletsels. Op deze terreinen voldoet het ziekenhuis in Nordhorn aan de Nederlandse eisen. Patiënten die naar Duitsland worden gebracht zijn dus verzekerd van een behandeling van vergelijkbare kwaliteit.'

Geen twijfel meer 'Toen we anderhalf jaar geleden begonnen met dit project, waren er hier en daar wel wat twijfels,' vertelt Jochen. 'Ik vroeg mij bijvoorbeeld af of zorgverzekeraar Menzis belangstelling zou hebben om aan het project deel te nemen en in hoeverre MST, dat toch in bepaalde mate als concurrerend ziekenhuis gezien kan worden,

‘Patiënten zijn verzekerd van een behandeling van vergelijkbare kwaliteit’


COVERINTERVIEW

Binnen tien minuten Aanleiding voor de grensoverschrijdende samenwerking was de sluiting van de Spoedeisende Hulp in Oldenzaal. De sluiting zorgde voor onrust onder burgers en het gemeentebestuur: was de acute zorg voor inwoners van de gemeente Dinkelland nog wel gewaarborgd nu zij moesten uitwijken naar andere ziekenhuizen? Nu de samenwerkingsafspraken van kracht zijn kunnen patiënten vanuit bijvoorbeeld Lattrop binnen tien minuten in de Euregio-Klinik zijn, terwijl zij naar Enschede zo’n veertig minuten onderweg zijn.

Bij zowel Andreas Bongartz (links) als Jochen Hermeling­ zijn twijfels over grensoverschrijdende samenwerking inmiddels weggenomen.

­­ wilde meewerken aan de samenwerking met Euregio-Klinik.' Andreas vult aan: 'Ook ik was sceptisch. Uit ervaring met andere projecten wist ik dat niet alle zorgverzekeraars de zorg­ kosten over de grens willen vergoeden. Bureau Acute Zorg Euregio, de drijvende kracht achter het grensover­ schrijdende project, heeft echter alle twijfels weggenomen. Ze hebben er voor gezorgd dat alle betrokken partijen aan tafel zijn gekomen en afspraken hebben gemaakt. De bijeenkomsten zijn door alle betrokken goed bezocht en het was interessant om te horen waar elke ketenpartner knelpunten zag. Zo waren er bijvoorbeeld twijfels over hoe de nabehandeling ge­organiseerd zou worden en hoe we moesten omgaan met verschillen tussen Duitsland en Nederland wat betreft medicijnen. Gelukkig zijn overal op­ lossingen voor gevonden.'

Grote stap Jochen: 'Op veel vlakken zijn de grenzen binnen Europa open, maar als het om medische zorg gaat, dan is de landsgrens nog steeds een daadwerkelijke grens. Veel collega’s, maar ook patiënten weten niet hoe de zorg vlak over de grens georganiseerd wordt. Het besef dat patiënten naar een ziekenhuis in het buitenland kunnen moet nog een beetje groeien. De samenwerkings­ afspraken zijn daarbij een grote stap in de goede richting.' n 112 NETWERK | OKTOBER 2015

9


grootschalige zorg

Salland-Twentetunnel veilig GHOR adviseert op planvorming tijdens en na bouw Door Communicatie, GHOR Twente

Op 29 augustus was het zover: de SallandTwentetunnel in Nijverdal werd geopend voor automobilisten. De combitunnel in Nijverdal is de eerste tunnel in Nederland die voldoet aan de nieuwe landelijke tunnelveiligheid standaard. Diverse multi-oefeningen hebben geresulteerd in een veilige tunnel en goed voorbereide en samenwerkende hulpdiensten. 10

D

e tunnel is uniek voor ­Nederland omdat het een combinatie is van een spoor- en wegtunnel. De wegtunnel bestaat uit twee tunnel­buizen voor het wegverkeer. Bij de voor­bereidingen is intensief samen­ gewerkt tussen alle betrokken partijen: Rijkswaterstaat, GHOR, brandweer, ProRail, provincie en gemeenten.

Planvorming GHOR Twente heeft in samenwerking

met de coördinator Brandweerzorg bij de start van het traject een aantal principes benoemd als basis voor de planvorming. Daarbij is gekozen om bestaande plannen aan te passen aan de nieuwe situatie en niet helemaal opnieuw alles te bedenken. Gezamenlijk is het ontwerp getoetst op vluchtroutes. Op basis daarvan zijn plannen ontwikkeld en diverse scenario’s uitgewerkt. Deze scenario’s zijn gebruikt bij zowel mono- als multi­

disciplinaire oefeningen. De scenario’s liepen uiteen van een auto met pech tot een vrachtwagen die in de brand staat. Planvorming was niet alleen nodig voor de periode na de opening van de tunnel, maar ook voor de bouw­ periode. Ook tijdens de bouw moest de veiligheid gegarandeerd blijven. Het treinverkeer maakt al meer dan een jaar gebruik van de tunnel. Hierdoor waren duidelijke afspraken nodig over incidenten en oefeningen.

Oefenen Tijdens meerdere oefeningen in november 2014 zijn verschillende scenario’s geoefend. De oefeningen zijn door een ‘multi’-team vormgegeven. Tijdens een multidisciplinaire oefening tot GRIP 1 werkten alle disciplines samen. In totaal deden ruim 150 mensen mee, waaronder een groot geneeskundig team dat zich ontfermde over de 21 ‘slachtoffers’ in de wegtunnel en de 22 in de spoortunnel. Er zijn zowel grote als kleine scenario’s beoefend. De nadruk bij de oefeningen lag op het onder de knie krijgen van de basisprincipes van de tunnel. Belang­rijkste doel van deze oefendagen was de samen­ werking, afstemming en communi­ catie tussen de diverse hulpdiensten

Tijdens de oefeningen in de Salland-Twentetunnel werkten alle disciplines samen. (Foto's: Emile Willems)

112 NETWERK | OKTOBER 2015


grootschalige zorg

door goede samenwerking

11 en meldkamers. En daarnaast ging het om het toepassen van de procedures in de planvorming voor de combitunnel. Naast de hulpdiensten deden aan deze oefening ook ProRail en Rijkswaterstaat mee. Ook in eerdere fases waren er oefeningen in tunnels, zowel voor wegverkeer als voor het spoor. Na de oefeningen in november moest helaas geconcludeerd worden dat de veiligheid nog onvoldoende gegarandeerd kon worden. Hiervoor was het aan­

passen van diverse technische aspecten noodzakelijk.

Leren van elkaar Door de gezamenlijke oefening en uitwisseling van ervaring, leerden de betrokkenen van elkaar, Daar­ naast leverden de oefeningen aandachts­ punten op voor de planvorming, die op basis daarvan bijgesteld werden. Zo kon de GHOR bijvoorbeeld adviseren over de richtingaanduiding in de

tunnel, die soms voor verwarring zorgde. Ook dreigden slachtoffers sneller onder­ koeld te raken door de tunnel­ ventilatoren. Op 30 juni 2015 vond de laatste oefening voor de opening plaats. Ook hier werden vijf scenario’s opnieuw beoefend. Alle ervaringen van eerdere oefeningen zorgden ervoor dat deze laatste test goed ging. De verschillende betrokken partijen werken goed samen en zijn voldoende voorbereid op mogelijke incidenten. n

Doorsnede van de Salland-Twentetunnel met links de spoortunnel en rechts de wegtunnels.

Wist u dat… De combitunnel is bijna 500 meter lang en bestaat uit twee wegtunnelbuizen en één spoor­tunnelbuis, inclusief een ver­diepte ligging van de N35 Almelo - Zwolle, en een verdiept gelegen station. De spoortunnel is vanaf april 2013 in gebruik. De wegtunnel vanaf 29 augustus 2015. Gemiddeld rijden per dag bijna 16.000 voertuigen door de wegtunnel. Per uur rijden er vier treinen door de spoor­tunnel. Door de tunnel zijn vijf spoor­ weg­overgangen opgeheven.

In het groen aangegeven de ligging van de Salland-Twentetunnel.

112 NETWERK | OKTOBER 2015


patientenzorg

EuroHeartCare 2015 Een tweedaags congres in Dubrovnik voor professionals binnen de cardiovasculaire Door Geert Hengstman, Ambulance Oost

EuroHeartCare is het ­jaarlijkse, tweedaagse congres van de Council on Cardiovascular Nursing and Allied Professions, kortweg CCNAP. EuroHeartCare 2015 is georganiseerd in samenwerking met de Kroatische vereniging voor cardiologieverpleegkundigen.

B 12

ewust is dit jaar door de organi­satie gekozen voor Dubrovnik om op deze wijze het publiek uit Oost-­Europa meer te betrekken bij ontwikkelingen in de cardiovasculaire zorg. Het thema van dit jaar was: ‘Guidelines: care to implement’. Implementatie van richtlijnen staat hoog op de agenda van de CCNAP. EuroHeartCare is een congres speciaal bedoeld voor verpleegkundigen en aanverwante professionals,

­werkzaam in de cardiovasculaire zorg.

Presentaties en masterclasses Het doorlopende hoofdprogramma werd overzichtelijk geprogrammeerd binnen een drietal zalen; twee zalen waren gereserveerd voor zeer uiteenlopende mondelinge presentaties, terwijl de derde zaal was gereserveerd voor de ruim driehonderd(!) p ­ osterpresentaties. Gedurende de pauzes was er volop

­ g elegenheid om de posterpresen­ tatoren te bevragen op hun onderwerpen. Naast het hoofdprogramma bestond verder de mogelijkheid om deel te nemen aan een tweetal zogenaamde pre-conference masterclasses. De ene was toegankelijk voor verpleeg­ kundigen en aanverwante professionals en handelde over de communicatie met patiënten en familie over cardiovasculaire risico’s en de promotie van leefstijlwijziging. De andere masterclass was bedoeld voor onderzoekers en ging over hoe om te gaan met de uitdagingen van je onderzoeksopzet. Zonder anderen tekort te willen doen wil ik twee, voor de acute zorg interessante, onderwerpen beschrijven.

ICD-dragers en partners De eerste betreft een onderzoek dat in Denemarken is uitgevoerd naar hoe ICDdragers en hun familie het leven ervaren na implantatie. Een ICD (Implanteerbare Cardioverter Defibrillator) is een in-

Geert Hengstman werd door de organisatie van EuroHeartCare uitgenodigd om een (poster)presentatie te verzorgen over de opzet van het RACE-6 onderzoek; een pilotstudy naar de mogelijkheden om patiënten thuis te cardioverteren. Het RACE-6 onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met het ZGT en onder auspiciën van Universiteit Maastricht.

112 NETWERK | OKTOBER 2015


Patientenzorg

zorg wendige defibrillator voor mensen met een gevaarlijke, onvoorspelbare hartritmestoornis. De ICD geeft een schok om het normale hartritme te herstellen en voorkomt zo een hartstilstand. Uit het onderzoek kwam naar voren dat het leven na ICD-implantatie op allerlei manieren beïnvloed werd, voor zowel de drager als de partners. Partners ­ervaren beper­kingen in het alledaagse leven als gevolg van fysieke beperkingen bij de drager en krijgen andere rollen in de relatie met de ICD-drager. Zo geven de partners onder andere aan dat ze weliswaar een rol spelen in het gezamenlijke leven, maar dat ze zich niet teveel mogen bemoeien met de ICD-drager. Verder wordt aange­geven dat de partner veelvuldig optreedt als bewaker om ontmoediging en depressie bij de ICDdrager te voor­komen en dat hij of zij het voortouw dient te nemen bij alledaagse zaken, maar zeker ook in geval van ­calamiteiten. Genoemde en andere ervaringen maken, volgens de onder­ zoekers, dat verpleegkundigen werkzaam op ICD-centra zich bewust moeten zijn van dergelijke gevoelens, zodat hierop geanticipeerd kan worden en zowel partners als dragers beter voorgelicht en voorbereid kunnen worden.

13

EuroHeartCare 2015: ‘Guidelines: care to implement’.

Angst en depressie post-OHCA Een tweede onderwerp dat voor de acute zorg vooral interessant is, betrof een posterpresentatie over de aanwezigheid en verloop van angst en depressie na out of hospital cardiac arrest (OHCA). Het betreft een Zweeds onderzoek onder 73 overlevenden na OHCA. Zij werden middels vragenlijsten (Hospital Anxiety and Depression Scale) beoordeeld op de mate van angst en depressie na drie en twaalf maanden post-OHCA. Ondanks dat er een significante afname van zowel angst als depressie plaatsvond tussen de derde en de twaalfde maand, ervaart ongeveer 20% van de onderzochten nog angsten één jaar na overleving.

Professionele beleving Resumerend was EuroHeartCare een

beleving; allereerst door de prachtige omgeving, maar zeker ook door het gevarieerde en boeiende aanbod van onderwerpen, de contacten met buitenlandse collega’s, de professionele beleving van de beroepsgroep en het gevoel dat we samen op de goede weg zijn naar verdere professionalisering van ons beroep. De Editie van EuroHeartCare 2016 staat alweer gepland in Athene Griekenland met als thema: ‘Excellence in Patient Care – the heart of EuroHeartCare’. n Meer informatie: Geert Hengstman, verpleegkundig specialist Acute zorg bij Ambulance Oost en promovendus aan Universiteit Maastricht. E-mail: ghengstman@ambulanceoost.nl of g.hengstman@maastrichtuniversity.nl.

Meld je aan! Geïnteresseerden in de cardio­ vasculaire zorg kunnen zich gratis aanmelden bij de CCNAP door de QR-code hierboven te scannen met een smartphone of tablet en het aanmeldingsformulier in te vullen. Leden krijgen hiermee toegang tot een hoeveelheid aan informatie op het gebied van cardiovasculaire zorg, waaronder richtlijnen, protocollen en toolkits.

112 NETWERK | OKTOBER 2015


ACHTERGROND

24/7 live-informatie voor Situatie op feestterreinen steeds duidelijk in beeld met behulp van LCMS-GZ Door Frank Bruinink, GHOR-VNOG

Netcentrisch werken is een werkwijze waarbij informatie niet wordt doorgegeven via de hiërarchische lijn, maar zo snel mogelijk tussen teams en organisaties wordt gedeeld. Hierdoor is er altijd een actueel beeld van de situatie, zowel in als buiten de zorginstelling.

N 14

etcentrisch werken wordt ondersteund met een computerprogramma, het LCMS Geneeskundige Zorg (LCMS-GZ), waarin tekst en geografische informatie worden gedeeld in de voorbereiding op of tijdens een incident.

Evenementen Het LCMS-GZ is onlangs ingezet bij de evenementen Wings, Wheels en ­Goggles, een show met klassieke vliegtuigen en auto’s, en de Zwarte Cross. Het was de eerste keer dat GHOR Noord- en Oost-Gelderland en de zorginstellingen in LCMS-GZ met één digitaal overzicht werkten. Dat bleek erg handig, ook toen het noodweer op de Zwarte Cross losbarstte. Voor de Zwarte Cross zijn betrokken geweest: de Officier van Dienst Geneeskundig (OvD-G), EHBO-contactpersonen, Streekziekenhuis ­ Koningin Beatrix Winterswijk, Slingeland Ziekenhuis Doetinchem, Huisartsenposten Oost-Achterhoek en Oude IJssel en de ambulancedienst Witte Kruis.

Werkwijze De OvD-G bracht het ‘geneeskundig beeld’ in tijdens een zogeheten veiligheidsoverleg. Het doel van dit overleg is het afstemmen over de op dat moment bestaande situatie en maatregelen. De EHBO-posten en zorginstellingen konden eventuele knelpunten in­voeren en het Hoofd Informatie (HIN) van de GHOR maakte een gedeeld genees­ 112 NETWERK | OKTOBER 2015

kundig beeld. De ketenpartners vonden deze werkwijze heel positief, omdat er steeds een duidelijk beeld was van de situatie op het evenemententerrein.

LCMS-GZ Met het toepassen van LCMS-GZ bij evenementen is een goede start gemaakt met netcentrisch werken en dat biedt perspectief voor de toekomst. GHOR Noord- en Oost-Gelderland en de zorginstellingen trekken hier samen in op. Kijk voor meer informatie op vwww.lcms-gz.nl. n


zorginstellingen

Het volgende magazine van

net werk verschijnt in januari 2016

Colofon 112 Netwerk is een uitgave van Bureau Acute Zorg Euregio, Ambulance Oost en GHOR Twente. Dit magazine verschijnt vier keer per jaar en bericht over ontwikkelingen rondom acute zorg in Twente en Oost-Achterhoek. Jaargang 2015, editie oktober

Redactie Kitty Muntenaar kmuntenaar@ambulanceoost.nl Marja Nijkrake m.nijkrake@acutezorgeuregio.nl Cees Schenkeveld c.schenkeveld@acutezorgeuregio.nl Irma Huiskes info@ghortwente.nl Annemarie Smidt a.smidt@geenbladvoordemond.nl Coverfotografie Marjo Baas Bladformule, vormgeving, eindredactie en drukwerk

GEEN BLAD VOORDE MOND MAKERS VAN MAGAZINES

Geen Blad voor de Mond B.V. Lasondersingel 149-151 7514 BR Enschede tel. 053 460 9002 geenbladvoordemond.nl ISSN 2211-8225

112 NETWERK | OKTOBER 2015

15


Bezoek ons ook online! 112 Netwerk is ook beschikbaar als app voor tablets en smartphones met besturingssystemen van Apple iOS en Google Android. Je kunt dus met je tablet of smartphone overal waar je bent, het 112 Netwerk magazine lezen en bekijken. De app is gratis te downloaden.

Acute Zorg Euregio

GHOR Twente

Ambulance Oost

Postbus 50000

Postbus 1400

Postbus 784

7500 KA Enschede

7500 BK Enschede

7550 AT Hengelo

Tel. 053 487 20 97

Tel. 088 256 78 50

Tel. 074 256 22 22

info@acutezorgeuregio.nl

secretariaat@ghortwente.nl

info@ambulanceoost.nl

acutezorgeuregio.nl

ghortwente.nl

ambulanceoost.nl

112 Netwerk - editie 4 - 2015  
112 Netwerk - editie 4 - 2015  

Hét magazine voor acute zorg professionals in Twente en Oost-Achterhoek.