Page 1

federatie sociaal-cultureel werk

update sociaal-cultureel werk info@fov.be | 02/244 93 39

Op maat Je hebt de eerste editie van Beleidspost Sociaal-cultureel werk in handen. Met deze nieuwsbrief willen we beleidsmakers die met het sociaal-cultureel werk bezig zijn, op de hoogte houden van lopende dossiers. Daarbij richten we ons in het bijzonder tot de leden van de Commissie Cultuur. Een publicatie op maat, dus. We hopen dat de nieuwsbrief van pas komt om het parlementaire werk voor te bereiden en op te volgen. Beleidspost geeft je korte en heldere updates met oog voor de context. Waar komt het dossier vandaan? Wat is het belang? Wat zijn relevante documenten? Waar gaat het dossier naartoe?... Je vindt bovendien telkens de contactgegevens van een expert bij de FOV. Beleidspost verschijnt voortaan minstens tweemaal per jaar, op politiek belangrijke momenten. Aarzel niet ons te contacteren bij vragen. We kijken uit naar je reactie op onze uitgave. Veel leesplezier!

In deze editie p. 2

Beleidsbrief 2012

p. 4 

Begroting 2012

p. 8

DAC-herverdeling

p. 10

Decreetwijzigingen

p. 14

Interne staatshervorming

p. 16

Lokaal cultuurbeleid

p. 18

Participatiedecreet

p. 21

Evaluatiemodel

p. 23

Volle kracht vooruit

Beleidspost vind je ook online: www.fov.be/beleidspost


Beleidsbrief Cultuur gaat verder op ingeslagen weg

Beleidsbrief 2012: rustige vastheid De beleidsbrief-cultuur 2012 bevat geen echte verrassingen voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk. Wat al eerder in 2011 werd opgestart of aangekondigd, wordt volgend jaar verder gezet.

Verder werken Voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk blikt de minister even terug naar 2011. Ze vermeldt de start van de nieuwe beleidsperiode, de kennismakingsgesprekken door de administratie bij alle organisaties, de start van de DAC-herverdeling en de (her-)installatie van een Cultuurprijs voor het Sociaal-Cultureel Volwassenenwerk. Volgend jaar werkt de minister door op de afspraken en overlegtrajecten die in 2011 al met de sector in gang werden gestoken. Zo zal ook aandacht gaan naar de DAC-herverdeling: voor elke organisatie is er minstens een halftijdse personeelsfunctie, zo stelt ze. De decreetaanpassingen inzake niet-formele educatie en de erkenning van de bewegingen krijgen ook aandacht. Tot slot onderstreept ze de gegevensverwerking als een prioritaire doelstelling voor volgend jaar. De basis hiervoor werd al gelegd in de beleidsnota. Hierin gaf

2

de minister aan dat er al heel wat materiaal over de sector bestaat, maar dat het goed zou zijn om hier met de verschillende partners gemeenschappelijke afspraken over te maken. Kernwoorden hierbij zijn: beleidsrelevant, geen planlastverhoging en maximaal draagvlak in de sector. Enkele andere sporen Elders in de beleidsbrief legt de minister ook enkele accenten die relevant zijn voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk. Een selectie: • voor 30 oktober 2012 maakt de minister de prioriteiten voor het lokaal cultuurbeleid bekend: ze vermeldt in de beleidsbrief onder meer gemeenschapsvorming, ondersteuning van verengingen en vrijwilligers en een actieve ondersteuning door cultuurcentra van sociaalculturele verenigingen. Zie ook elders in deze Beleidspost: De FOV heeft zich eerder al positief


uitgelaten over deze prioriteiten;

• nadat ook de collega-ministers van Jeugd en

• •

Sport hun evaluatie hebben gemaakt van het participatiedecreet, zullen zij “de conclusies samenleggen en nagaan welke maatregelen desgevallend moeten worden genomen”. Zie ook verder in deze Beleidspost voor ons standpunt; het proefproject Vlaamse Vrijetijdspas in de regio Aalst wordt verder uitgewerkt. De FOV rekent er – in aansluiting op ons standpunt bij het participatiedecreet - sterk op dat maximaal rekening wordt gehouden met de kansengroepen en de vrijwilligers in de regio, zodat het experiment meer is dan een technisch hoogstandje; het departement CJSM bouwt een digitaal repertorium uit dat het onderzoek over cultuur en cultuurbeleid samenbrengt en vlotter beschikbaar maakt voor praktijk en beleid; een engagementsverklaring rond interculturaliteit wordt geïmplementeerd. Wat de minister hier concreet mee bedoelde, is voor ons nog niet duidelijk. De organisaties zelf hebben immers al een engagementsverklaring: een beoordelingselement in het decreet. De FOV vindt het wel belangrijk dat de inspanningen en engagementen rond diversiteit op sectorniveau zichtbaar worden gemaakt. Het sociaalcultureel volwassenenwerk behoort hierin tot de voorlopers; samen met haar collega-minister van onderwijs en jeugd, Pascal Smet (sp.a), werkt de minister een strategisch beleidskader rond cultuureducatie uit; een strategisch plan Internationaal Cultuurbeleid kent in 2012 zijn lancering.

Cultuurforum als kruispunt Minister Schauvliege schuift het jaarlijks Cultuurforum naar voor als kruispunt tussen het beleid en de sectoren om verder voeding te geven. Om dit instrument écht te laten werken, denken we dat het goed zou zijn om meer in te zetten op beleidsrelevante scharniermomenten. Zo kan het forum uitgroeien tot een plaats waarop beleidskeuzes worden verkend en afgetoetst.

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code •

beleidsbrief Cultuur 2012

Meer informatie: Dirk Verbist (dirk.verbist@fov.be) 02 244 93 39

3


Vlaamse regering streeft naar maximaal stabiele subsidies

Begroting 2012: op weg uit het diep dal? Weldra bespreekt de Cultuurcommissie de begroting voor volgend jaar. De algemene lijnen zijn duidelijk: voor cultuur zag de Vlaamse regering geen ruimte voor bijkomende vragen. Dit betekent dat de besparingen niet worden weggewerkt en dat er slechts enkele beperkte accenten worden gelegd. Voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk wordt 606.000 euro extra voorzien. Klimmen we hiermee stilaan uit het diepe dal?

Geen geld voor culturele meervragen Het algemeen kader is duidelijk: van de 1,14 miljard toegenomen bruto-beleidsruimte, kon uiteindelijk slechts 230 miljoen aan reĂŤel nieuw initiatief worden toegekend. Dit budget wordt opgesoupeerd door de invulling van de afspraken die bij de vorming van de regering werden gemaakt. En, zoals intussen al meermaals duidelijk is geworden, cultuur behoort niet tot dit afsprakenpakket. Op culturele meervragen voor ruim 13 miljoen euro ging de Vlaamse regering dus niet in. Indexering uitbetaald Minister Schauvliege kon bevestigen dat in 2012 de voorziene index volledig wordt uitbetaald. Dus hier

4

zou geen kaasschaaf meer langs passeren. Voor de indexeringen binnen cultuur is in totaal 8,5 miljoen euro voorzien. Klein accent op sociaal-cultureel volwassenenwerk Voor de beperkte accenten die de minister kan leggen, put zij dan ook haast integraal uit een provisie in het kader van VIA, goed voor 2,2 miljoen euro. Dit gebruikt ze voor een aantal organisaties zoals Bibnet, M HKA en Daarkom, voor de ontwikkeling van de Vrijetijdspas en voor drie sectoren: de amateurkunsten, de volkscultuur ĂŠn het sociaal-cultureel volwassenenwerk. Het gaat om 606.000 euro voor onze sector. Uit dezelfde provisie putte de minister in 2011 ook 500.000 euro om eenmalig een overbruggingskrediet aan de getroffen volkshogescholen


toe te kennen. Dit geld blijft in de sector en er wordt 106.000 euro aan toegevoegd. Het budget wordt pro rata verdeeld over de werksoorten binnen het decreet. Een knikje naar boven ‘De Verenigde Verenigingen’ sprak in het actieplan 20112012 met de Vlaamse regering af om voor de begroting 2012 oog te hebben voor de budgettaire wensen van het verenigingsleven en te streven naar een maximaal stabiele subsidiebasis. Het feit dat er voor het sociaalcultureel volwassenenwerk geen kaasschaaf meer passeert en dat er geen onverhoedse ingrepen gebeuren, zorgt opnieuw voor een stabiel vertrekpunt. Het extra budget veroorzaakt in de grafieken zelfs een lichte knik opwaarts. Dit is - hoe beperkt ook - een belangrijk signaal. In de toekomst zal moeten blijken of hiermee opnieuw een duurzaam perspectief wordt gecreëerd. Nog een lange weg te gaan De FOV ging na welke kloof de besparingen sinds

2009 hebben veroorzaakt. We berekenden hiervoor waar we zouden staan als er een “constant beleid” zou zijn gevoerd. Dus: als de kaasschaaf zijn werk niet zou hebben gedaan, als de experimentensubsidie bij de verenigingen niet zou zijn afgeschaft, als de volkshogescholen, de migrantenverenigingen en het steunpunt gewoon hun nieuwe beleidsperiode zouden hebben kunnen ingaan en als de minister voor de bewegingen het advies – dat zij principieel volgde ook budgettair zou vertalen. Het verlies in procenten ten opzichte van dit constant beleid zetten we uit op onderstaande grafiek. De kloof met het constant beleid zorgde in 2011 voor het geheel van de sector voor een derving van 13,72 % van de middelen. In 2012 zou dit op 12,93 % uitkomen. Dit is goed voor 6 360 000 euro. Sinds 2009 droeg het decreet sociaal-cultureel volwassenenwerk al 15,5 miljoen euro bij aan de begrotingsinspanningen. Omwille van de gerichte bijkomende ingrepen op een aantal werksoorten is er een

Evolutie ten opzichte van constant beleid per werksoort

2009

2010

2011

Cijfers in detail

2012

2009

2010

2011

2012

FOV

-0,97

-3,26

-7,98

-8,00

verenigingen

-1,26

-5,86

-5,15

-3,75

migr.verenigingen

-1,26

-3,26

-28,78

-27,07

-12,93

bewegingen

-1,26

-3,26

-28,69

-26,98

-16,57

instellingen

-1,26

-3,26

-4,04

-2,48

volkshogescholen

-1,26

-3,26

-27,27

-32,53

Socius

-1,26

-3,26

-31,85

-32,58

SCW

-1,26

-4,31

-13,27

-12,93

constant beleid -1,26

-3,26

-8,23

-3,26 -4,31 -5,45

verenigingen bewegingen instellingen SCW

-13,27 -15,25

-28,69

-6,79

-26,98

5


beduidend verschil ontstaan. Zo blijven de bewegingen in 2012 werken met 26,98 % minder. In bovenstaande tabel geven we ook detailinformatie over de effecten van de ingrepen op twee subsectoren: de migrantenverenigingen en de volkshogescholen. Om het plaatje van de uitvoering van het decreet volledig te maken, voegen we ook het steunpunt en de belangenbehartiger toe. DAC en VIA We stellen nog enkele opmerkelijke verschuivingen vast. Uit alle begrotingsposten binnen cultuur worden de VIA-middelen weggehaald en geparkeerd op één centrale post. Dit heeft te maken met de beslissing om voortaan de VIA-middelen volgens een één-loketprincipe vanuit het departement uit te betalen. Dit zou geen vermindering van de subsidies aan de organisaties mogen inhouden. De moeilijke technische oefening wordt voorbereid door het departement en de sociale partners. Voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk betekent dit een verschuiving van 1 366 000 euro. Ook de begrotingspost rond de DAC-middelen krijgt onze bijzondere aandacht. Van hieruit wordt ruim 5 miljoen euro overgeheveld naar de jeugdbegroting om de DACsubsidies voor het jeugdwerk voortaan van daaruit te organiseren. Of de resterende middelen zullen toelaten om de DAC-herverdeling (zie verder in de Beleidspost) volledig uit te voeren, is voor ons op dit moment nog niet duidelijk.

Begroting gerenoveerd De begroting van de Vlaamse Gemeenschap kent een grondige, technische renovatie. Door het Rekendecreet, dat in juli door het Vlaams Parlement werd goedgekeurd, communiceert de Vlaamse Regering nog slechts in hoofdlijnen aan het Vlaams parlement. Vandaag hebben sommige decreten verschillende begrotingsposten per onderdeel; morgen zal in principe enkel het globale budget voor heel dat decreet nog maar zichtbaar zijn. Minister Schauvliege maakte zich wel sterk dat in de memorie van toelichting bij de begroting de details nog steeds zullen worden opgenomen. Gevolg van één en ander is dat de vakadministraties en –ministers een grotere vrijheid hebben om binnen de budgetten te schuiven. We rekenen erop dat het parlement er mee over waakt dat deze interne “planlastverlichting” niet zal leiden tot een “verlichting” van de transparantie.

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code • •

begroting 2012 (uittreksel) dossier budget

Snelle begrotingscontrole De eerste begrotingscontrole van 2012 zal zeer vroeg worden georganiseerd (al begin februari). Oorspronkelijk was dit bedoeld om al snel na te gaan of er toch nog wat bijkomende ruimte zou zijn, maar de perikelen rond de Gemeentelijke Holding en de discussies in het kader van de federale regeringsvorming doen een andere oefening vrezen. Minister Schauvliege zag onlangs –bij een algemene toelichting van de begroting aan de steunpunten en de belangenbehartigers - deze bijkomende besparing echter “nog niet onze richting uitkomen” en denkt “dat dit ook niet bedoeld is”.

6

Meer informatie: Dirk Verbist (dirk.verbist@fov.be) 02 244 93 39


Herverdeling van tewerkstellingsmiddelen gaat van start

DAC: delicate puzzel krijgt vorm Deze maanden brengt de administratie (IVA Sociaal-Cultureel Werk) alles in stelling om de DAC-normalisatie effectief van start te kunnen laten gaan op 1 januari 2012. Dit is een belangrijke operatie: de volgende jaren worden de middelen voor niet minder dan 235 voltijdse equivalenten (vte’s) geleidelijk herverdeeld onder de sociaal-culturele organisaties.

Objectieve verdeling van de middelen Een tiental jaar geleden spraken de Vlaamse regering en de sociale partners af om de DAC’ers te “regulariseren en normaliseren”. Voortaan zouden de mensen die in een DAC-statuut werkten in een regulier arbeidsregime terecht komen (regularisatie). Bovendien zouden de DAC-middelen billijk worden verdeeld over de verschillende organisaties (normalisatie). Voor het cultuurdomein mondden deze afspraken uit in het decreet van 7 mei 2004. Geleidelijk proces, met uitstel De regularisatie ging snel van start. Voor de normalisatie spraken de onderhandelaars af om met

8

overgangstermijnen te werken. Deze operatie zou immers een herverdeling inhouden tussen organisaties die over DAC-middelen beschikken en organisaties die er niet over beschikken. Het spreekt voor zich dat dit geen evident proces is. Met winnaars en verliezers. De sector toonde zich echter verantwoordelijk en solidair en tekende in overleg met de overheid de herverdelingsprocedure uit. Voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk zou de normalisatie starten bij het begin van de nieuwe beleidsperiode: op 1 januari 2011. Omwille van financiële en juridische problemen besloot minister Schauvliege in maart 2010 de operatie met een jaar uit te stellen. Hierover werd ook in de Cultuurcommissie gedebatteerd (voorjaar 2010).


1 januari 2012: operatie gaat van start In april 2011 was het wetgevend en financieel kader eindelijk klaar. De uitrol kon van start gaan. Concreet: de organisaties ontvingen midden juni een brief van de administratie met de mededeling van de “theoretische” trekkingsrechten vanaf 1 januari 2012. Voor een aantal (“gevende”) organisaties betekende dit dat zij een vermindering van de middelen zouden kennen, voor andere (“krijgende”) organisaties stonden bijkomende tewerkstellingsmiddelen in het vooruitzicht. In september moesten de (krijgende) organisaties vervolgens aangeven of zij van hun trekkingsrechten gebruik wensten te maken. Temperingen De organisaties die middelen moeten afgeven hebben tot 1 december 2011 tijd om hun “DAC-personeelsoverzicht” te actualiseren. Voor hen is dit dikwijls een pijnlijke interne operatie, zeker ook na de besparingen die zij de afgelopen jaren al te verduren kregen. Omdat er voor de “gevende” organisaties temperende maatregelen zijn, betekent dit dat niet onmiddellijk alle middelen vrijkomen voor de “krijgende” organisaties. De “theoretische” trekkingsrechten worden dus geleidelijk ingevuld, uitgesmeerd over een aantal beleidsperiodes.

in de gaten of in de begroting voor 2012 voldoende middelen voorzien zijn voor het gehele contingent van 235,3 vte.

Tijdslijn 2004

2010

2011

7 mei 2004: decreet regularisatie en normalisatie DAC 22 april 2010: debat Commissie Cultuur over uitstel normalisatie

30 juni 2011: start voorbereidingen herverdeling 1 januari 2012: start herverdeling

2012

Zekerheid over concrete effecten Weldra krijgen de organisaties een tweede brief van de administratie. Hierin zal staan hoeveel tewerkstellingsmiddelen er concreet op 1 januari vrij zullen zijn voor hen. De FOV kreeg het vooruitzicht dat dit alvast voor elke “krijgende” organisatie zou neerkomen op een bijkomende halftijdse kracht.

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code DAC-decreet brief overheid uitstel normalisatie verslag bespreking Commissie 22 april 2010

Genoeg boter bij de vis?

• • •

Voor ons is het voorts van belang om spoedig informatie te krijgen over welke subsidiëring effectief verbonden is aan een vte en hoe de subsidies volgend jaar zullen worden uitbetaald. Bovendien houden wij graag mee

Meer informatie: Dirk Verbist (dirk.verbist@fov.be) 02 244 93 39

9


Decreet sociaal-cultureel volwassenenwerk verdient dubbele update

Meer zekerheid, souplesse en kwaliteit Het decreet voor het sociaal-cultureel volwassenwerk is rijp voor een gedeeltelijke update. Twee fundamentele voorstellen van decreetaanpassing liggen op de plank. Enerzijds is er de erkenning van de bewegingen. Anderzijds een verbreding van de criteria voor het opzetten van niet-formele educatie. We rekenen vurig op de steun van het Parlement. Hopelijk zijn de wijzigingen weldra verworven.

Eerste aanpassing: erkenning bewegingen De bewegingen zijn momenteel de enige werksoort in het decreet voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk die niet beschikken over een erkenning. Daardoor leven ze aan het einde van elke beleidsperiode in (bestaans-) onzekerheid. Kater na de eerste evaluatie Het afronden van de evaluatieprocedure eindigde voor de bewegingen in 2009 met een kater. Zes van de 31 organisaties verdwenen uit het decreet. Amper een half jaar later startte voor de overblijvende positief

10

geĂŤvalueerde organisaties een nieuw traject vol onzekerheden. De organisaties dienden een beleidsplan en een subsidieaanvraag in bij de adviescommissie. Deze procedure leidde voor heel wat organisaties - ondanks de lovende commentaren van de adviescommissie - tot een substantieel verlies aan subsidies. Harde en omslachtige procedure De voorbije twee jaar is eens te meer gebleken dat de huidige procedure voor de bewegingen, de administratie en de adviescommissie bijzonder intens en tijdrovend is. De procedure leidt tot een nodeloos verlies aan tijd en middelen voor alle betrokken partners. Daarenboven zijn de gevolgen voor de betrokken bewegingen te drastisch (volledig verlies van subsidies).


Bewegingen moeten de kans krijgen een langetermijnstrategie te ontwikkelen. De voorstellen om het decreet aan te passen zijn realistisch en afgewogen:

• De regeling bepaalt een maximaal aantal organisaties

• •

die aanvaard kunnen worden als nieuwe beweging. Bovendien zijn de organisaties alleen zeker van het minimum of het bedrag dat ze reeds in de vorige beleidsperiode ontvingen. Om extra middelen aan te vragen, moeten zij langs een adviescommissie passeren. Het gaat uit van een evenwichtige verhouding met de andere werksoorten (verenigingen, vormingpluscentra, vormingsinstellingen) in het decreet. Bewegingen met een negatieve eindevaluatie verliezen de volgende beleidsperiode 10% van hun subsidiebedrag. Twee negatieve eindbeoordelingen in opeenvolgende beleidsperiodes resulteren in de uitsluiting van de beweging voor subsidiëring in de volgende beleidsperiode. Op deze manier krijgen de organisaties de kans

hun werking gedurende een beleidsperiode bij te stellen. Het resultaat van de eindevaluatie is op deze wijze minder drastisch dan bij de huidige procedure en meer in evenwicht met de andere werksoorten binnen het decreet. Tegelijk bewaken we de dynamiek binnen de groep bewegingen door, ingeval van blijvende tekortkomingen, een uitsluiting van subsidiëring mogelijk te maken. Ruimte voor langetermijnstrategie Het is vooral belangrijk om vanuit de appreciatie voor de maatschappelijke taak van deze organisaties enkele zekerheden in te bouwen. Bewegingen moeten de kans krijgen een langetermijnstrategie te ontwikkelen. Zo kunnen ze zich ten volle richten op wat echt belangrijk is: het creëren van een draagvlak voor maatschappelijke verandering.

11


Tweede aanpassing: versoepeling voorwaarden niet-formele educatie Het huidige decreet omschrijft strikte voorwaarden voor vormingsinstellingen om niet-formele educatie te organiseren. De al te rigide regels belemmeren de organisaties om - vanuit hun sociaal-culturele eigenheid - bij te dragen aan een écht lerende samenleving met competente burgers. Om het sociaal-cultureel werk ten volle zijn rol te laten spelen is een decreetwijziging noodzakelijk.

Tijdslijn

Kunstmatig isolement Het voorliggende voorstel wil de huidige geïsoleerde plaats van educatie - helemaal in de vrijetijdssfeer, ver weg van elke link met de beroepscontext - openbreken. Daarnaast creëert het meer mogelijkheden om in gesloten contexten (niet open voor het brede publiek, maar enkel voor specifieke doelgroepen) vorming op te zetten. Op die manier kunnen vormingsinstellingen nauwer aansluiten bij de leerbehoeften van hun deelnemers.

2003

2006

4 april 2003: decreet sociaal-cultureel volwassenenwerk

17 november 2006: FOV vraagt in standpunt erkenning bewegingen en verruiming niet-formele educatie

Vorming voor specifieke groepen Concreet: kadervorming voor mensen uit de cultuursector blijft onbeperkt mogelijk. Vorming voor professionals uit de non-profit is een nieuwe kans, weliswaar met een beperking van maximum 20% van het totale gesubsidieerde aanbod. Tegelijk wil het voorstel meer gesloten aanbod mogelijk maken voor mensen met een educatieve achterstand en voor mensen die omwille van de aard van hun handicap niet kunnen participeren aan het sociaal-culturele vormingsaanbod De FOV hoopt vurig op de steun van het Vlaams Parlement om deze decreetwijzigingen mogelijk te maken.

12

2008

14 maart 2008: grondige wijziging decreet, zonder deze twee aanpassingen

2010

27 oktober 2010: beleidsbrief Cultuur heeft oog voor de twee FOV-eisen

2011

november 2011: bespreking beleidsbrief Cultuur in Commissie Cultuur


De al te rigide regels belemmeren de organisaties om - vanuit hun sociaal-culturele eigenheid - bij te dragen aan een écht lerende samenleving met competente burgers.

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code • • •

sectordecreet (gecoördineerd) standpunt FOV 2006 beleidsbrief Cultuur 2011

Meer informatie: • Bewegingen: Liesbeth De Winter (liesbeth.de.winter@fov.be) • Niet-formele educatie: Claire Luyten (claire.luyten@fov.be) 02 244 93 39

13


3,5 miljoen euro provinciale middelen in het geding

Interne staatshervorming met... externe effecten? Van groenboek tot witboek. De bestuurlijke hervorming van de Vlaamse provincies was de afgelopen twee jaar voer voor debat in het Parlement. Ook achter de schermen werken beleidsmakers stevig door. We geven een overzicht van de recente ontwikkelingen en aandachtspunten. Naar één subsidiërende overheid “De subsidiëring van landelijke organisaties sociaalcultureel volwassenenwerk gebeurt op één niveau (Vlaamse overheid) in plaats van op twee niveaus (Vlaamse overheid en provincies)”, zo staat te lezen in het witboek Interne Staatshervorming van de Vlaamse regering. Dit betekent dat de provincies zich terugtrekken uit de structurele ondersteuning van landelijke organisaties voor sociaal-cultureel volwassenenwerk.

ondersteunen wanneer organisaties bijvoorbeeld een gebiedsgericht project of een project naar een bijzondere doelgroep opzetten.

Volgens het witboek zal dit een aanzienlijke planlastvermindering opleveren voor de betrokken organisaties. Zij zullen maar één dossier moeten doorsturen naar één overheid. Omdat op Vlaams niveau net een nieuwe beleidsperiode is gestart, voorziet het witboek in overgangsperiodes. Uitzondering: projectmatige ondersteuning Provincies zullen wél nog projectmatig kunnen

14

“De interne staatshervorming is geen besparingsoperatie.”


3,5 miljoen euro in het geding De implicaties van deze veranderende regelgeving zijn groot binnen het sociaal-cultureel volwassenenwerk. Voorzichtige schattingen ramen dat er momenteel om en bij de 3,5 miljoen euro vanuit de provincies naar het sociaal-cultureel volwassenenwerk gaat. Het verzamelen van correcte en volledige cijfers blijkt echter niet evident. Het sociaal-cultureel volwassenenwerk is immers provinciaal ook aanwezig in andere beleidsdomeinen dan cultuur alleen. Sociaal-culturele organisaties krijgen vaak ook middelen voor hun bijdrage aan welzijn, milieu, onderwijs... “Geen besparingsoperatie” De provinciale middelen zijn voor de organisaties erg belangrijk om hun werking in stand te houden. Gelukkig biedt het witboek de nodige garanties. Het stelt dat een verschuiving van de taken ook gepaard moet gaan met een verschuiving van de middelen. “...[O]m te vermijden dat bepaalde sectoren of organisaties omwille van een bestuurlijke wijziging minder middelen zouden ontvangen. De interne staatshervorming is immers geen besparingsoperatie.” De overheid wil de interne staatshervorming in eerste instantie financieren met middelen uit het provinciefonds. In tweede orde via aftopping van de provinciale opcentiemen op de onroerende voorheffing. De stelling dat het witboek Interne Staatshervorming geen besparingsoperatie is, werd onlangs bevestigd door minister-president Kris Peeters op een formeel overleg met de Verenigde Verenigingen. Hij maakte de harde afspraak dat de Vlaamse regering zich engageert om, in de uitvoering van de afspraken met de gemeenten en provincies, niet te besparen op het budgettaire kader voor de verschillende sectoren. Meerkost voor de overheid? Wij vragen ons echter af of de huidige provinciale midden zullen volstaan om de volledige herstructureringsoperatie op een goede manier door

te voeren. Het behoud van middelen voor organisaties en sector zal immers moeten gekaderd worden binnen een zinnige Vlaamse regelgeving. We verwachten dat deze operatie binnen de contouren van het witboek een meerkost voor de Vlaamse overheid zal opleveren. Veel meer dan een technische operatie De FOV vindt het belangrijk dat er genoeg tijd en ruimte wordt genomen om de gesprekken hierover te voeren. Het gaat immers om meer dan een technische operatie.

Tijdslijn 2009

15 juli 2009: Vlaams Regeerakkoord

2010

23 juni 2010: regering keurt groenboek Interne Staatshervorming goed

2011

8 april 2011: regering keurt witboek Interne Staatshervorming goed

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code • • •

Regeerakkoord groenboek witboek

Meer informatie: Liesbeth De Winter (liesbeth.de.winter@fov.be) 02 244 93 39

15


14.000 lokale afdelingen hebben recht op een plaats in het lokaal cultuurbeleid

Lokaal: naar minder planlast en meer inspraak? Het decreet lokaal cultuurbeleid moet aangepast worden aan de vereisten van het nieuwe planlastdecreet. Vandaag ligt het voorontwerp van wijziging voor. Wij wachten vol spanning op de parlementaire bespreking in de Commissie Cultuur.

Lokaal verankerd met 14.000 afdelingen Het sociaal-cultureel volwassenenwerk zit – met zijn 14.000 lokale afdelingen - geworteld in het lokale cultuurbeleid. Het ligt ons dan ook na aan het hart. Beleidsprioriteiten als richtsnoer Het lokaal cultuurbeleid zal voortaan vanuit Vlaanderen aangestuurd worden met beleidsprioriteiten. Het kabinet van minister van Cultuur Joke Schauvliege verraste net voor de zomer alvast met enkele voorstellen van prioriteiten. Na het lezen van de eerste ontwerpteksten zagen we dat het goed was. Kansen voor besturen en verenigingen Enerzijds vormen de voorgestelde beleidsprioriteiten een sterk pakket om in te zetten op de kwaliteiten en

16

vrijheden van lokale besturen. Anderzijds zien we in de prioriteiten ook mooie kansen om de banden tussen het verenigingsleven en de lokale besturen verder aan te halen en samen met de lokale besturen van het lokaal cultuurbeleid een succesverhaal te maken. De voorgestelde prioriteiten zijn daarmee duidelijk een stap in de realisatie van de doelstellingen van het Cultuurluik van Vlaanderen In Actie. Decretale garanties op inspraak Ook decretaal is de minister van plan om de nodige garanties op inspraak en ondersteuning van sociaalculturele organisaties in te bouwen. De minister verankert binnen het decreet de ondersteuning van verenigingen als instapvoorwaarde voor gemeenten die op de beleidsprioriteiten willen intekenen. Ook participatie zal een duidelijk luik krijgen in het uiteindelijke decreet. De functie van adviesraden wordt


bevestigd en de inspraak in het strategisch proces wordt naar waarde geschat. Minister houdt rekening met sector De voorgestelde beleidsprioriteiten zijn echter nog niet definitief. De FOV is alvast tevreden over de voorstellen die nu op tafel liggen. We stellen vast dat de minister in haar voorstel rekening gehouden heeft met onze opmerkingen en suggesties. We blijven de verdere concrete invulling vanzelfsprekend met veel interesse volgen.

Tijdslijn 2009

2011

15 juli 2009: Vlaams Regeerakkoord 8 april 2011: regering keurt ontwerp planlastdecreet goed 6 juli 2011: Parlement keurt ontwerp planlastdecreet goed

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code • • •

Regeerakkoord planlastdecreet voorstel prioriteiten lokaal cultuurbeleid

Meer informatie: Liesbeth De Winter (liesbeth.de.winter@fov.be) 02 244 93 39

We zien mooie kansen om de banden tussen het verenigingsleven en de lokale besturen verder aan te halen en samen het lokaal cultuurbeleid tot een succesverhaal te maken.

17


Het participatiedecreet benut de expertise van erkende organisaties onvoldoende

Bruggen bouwen is een stiel Cultuurminister Schauvliege kondigde, in samenspel met de andere betrokken ministers (Sport (Muyters) en Jeugd (Smet)) een evaluatie van het participatiedecreet aan. Minister Schauvliege gaf de administratie(s) de opdracht om de evaluatie van het participatiedecreet in april 2011 af te ronden. De FOV pleit voor een betere inbedding van bestaande sociaal-culturele organisaties. Dit najaar ligt het evaluatieproces stil. Verbreden en verdiepen Het participatiedecreet wil “verbreden en verdiepen”. Verbreding omvat maatregelen om bredere publieksgroepen aan te spreken (bijvoorbeeld via de ondersteuning van Cultuurnet, van grootschalige evenementen…). Verdieping omvat maatregelen om nauwer aan te sluiten bij bepaalde groepen mensen (bijvoorbeeld via de ondersteuning van projecten en organisaties vanuit het perspectief van kansengroepen). Het DNA van sociaal-cultureel werk Er is een sterke overeenkomst tussen de kansen die het participatiedecreet biedt voor (het bereiken van) specifieke groepen mensen en de expertise die het sociaal-cultureel werk hierin heeft opgebouwd. Emancipatorisch werken met kansengroepen zit in het DNA van de sector, gisteren én vandaag. De organisaties

18

werken met mensen die leven in armoede, laag- en kortgeschoolden, alleenstaande moeders, senioren, mensen met een diverse etnisch-culturele achtergrond, een mentale en/of fysieke beperking… Ervaren bruggenbouwers Deze expertise beperkt zich niet tot het bereiken en werken met deze doelgroepen. De organisaties die met deze doelgroepen werken, kennen de drempels naar andere levensdomeinen en organisaties. Zij hebben methodische ervaring in het bruggen slaan en beschikken over een hecht netwerk en sterke samenwerkingsverbanden. Het participatiedecreet zou efficiënter worden als het optimaal gebruik zou maken van de expertise van het sociaal-cultureel werk. Hiertoe formuleerde de FOV enkele aandachtspunten.


Het participatiedecreet wordt efficiënter door optimaal gebruik te maken van de expertise in de sector. Aandachtspunten projectoproepen

• Er is veel meer participatie-expertise aanwezig

• •

in de sector, dan uit de lijst van de ondersteunde participatieprojecten blijkt. Het zou voor het participatiebeleid veel effectiever zijn als deze expertise ook ten volle kan worden ingeschakeld. Alle initiatieven die bruggen bouwen en bestaande bruggen versterken, moeten aanspraak kunnen maken op projectmiddelen uit het participatiedecreet. Bovendien willen we wijzen op het belang van “deelnemen” én “deelhebben”. Beide elementen zijn belangrijk. Enerzijds mensen en het aanbod dichter bij elkaar brengen. Anderzijds kansen geven aan mensen om zelf producent, medebeslisser, cultuurmaker… te zijn. Ook op “deelhebben”, een moeilijker spoor, moet steevast worden ingezet.

Aandachtspunten procedures

• Voor de maatregelen waar lokale vrijwilligers in

beeld komen, zijn de procedures dikwijls moeilijk

of liggen de verwachtingen soms te hoog. De procedures moeten vanuit het oogpunt van de lokale vrijwilligers worden geëvalueerd. Bovendien wijzen we op het belang van voldoende ruimte voor “landelijke” ondersteuning van deze vrijwilligers. We pleiten ervoor dat de verschillende deadlines in de regelgeving beter bewaakt zouden worden. De beslissingen worden soms te laat gecommuniceerd. Dat brengt organisaties in moeilijkheden.

Aandachtspunten proeftuinen

• Het participatiedecreet beschrijft een beleidsmethode

om te werken met “proeftuinen”: dit is een specifieke regeling om voor vijf jaar bepaalde ontwikkelingen te verkennen en vervolgens (eventueel) te laten overgaan in reguliere ondersteuning. We dringen erop aan dat, ter gelegenheid van de evaluatie van het participatiedecreet, de proeftuinformule mee wordt geëvalueerd, met het oog op soortgelijke verankeringen in sectorale regelgeving.

19


SARC vraagt aandacht voor bestaande organisaties Ook de SARC (Strategische AdviesRaad Cultuur) maakte in haar advies van 27 april een gelijkaardige evaluatie. In de praktijk, aldus de SARC, worden de doelstellingen van het decreet niet altijd gerealiseerd. Meer zelfs, de SARC spreekt van een pervers effect op bestaande organisaties. De Raad stelt vast dat projecten van erkende organisaties mét expertise slechts mondjesmaat worden gedoogd in het participatiedecreet.

Tijdslijn 18 januari 2008: participatiedecreet

2008

2009

13 juli 2009: vorming nieuwe Vlaamse regering, drie ministers (jeugd, cultuur en sport) worden bevoegd voor het participatiedecreet 26 oktober 2009: minister Schauvliege kondigt in beleidsnota evaluatie van het decreet aan. 8 februari 2010: SARC vraagt een degelijke evaluatie van het decreet

2010

27 oktober 2010: beleidsbrief Cultuur concretiseert evaluatie van het decreet 3 maart 2011: FOV brengt standpunt uit

2011

20

27 april 2011: o SARC brengt advies uit over evaluatie participatiedecreet

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code • • • • • •

participatiedecreet beleidsnota Cultuur aanbeveling SARC beleidsbrief Cultuur standpunt FOV advies SARC

Meer informatie: Nele Cornelis (nele.cornelis@fov.be) 02 244 93 39


Sector en overheid werken aan een betere evaluatie van de organisaties

Partnerschap voor een betere evaluatie Sinds 2008 worden de sociaal-culturele organisaties op een nieuwe manier geëvalueerd. Voortaan staat, in plaats van cijfertjes, de concrete werking centraal en krijgen de organisaties bezoek van een visitatiecommissie. Met de ervaringen van een eerste evaluatieronde op zak, maken sector en overheid werk van een aantal verbeteringen aan de procedure. Evaluatie door visitatiecommissie Elke beleidsperiode worden de sociaal-culturele organisaties die subsidies ontvangen door de overheid geëvalueerd. Met de wijziging van het decreet voor het sociaal-cultureel volwassenenwerk in 2008 werd de wijze van evalueren van de erkende en/of gesubsidieerde organisaties grondig vernieuwd. Voortaan staat de concrete werking centraal en krijgen de organisaties bezoek van een visitatiecommissie. Woord en wederwoord Deze visitatiecommissie brengt een uitgebreid plaatsbezoek aan de organisatie. De commissie bestaat uit maximum vier personen: twee ambtenaren en twee externe deskundigen. De leden van de commissie beschikken over het beleidsplan en de ingediende verantwoordingstukken van de organisatie. Op basis van

deze stukken en de bevindingen tijdens het plaatsbezoek brengt de visitatiecommissie een verslag uit. Daarin motiveert de commissie de bevindingen en doet het eventueel aanbevelingen. De gevisiteerde organisatie kan bij de administratie schriftelijk commentaar leveren op het visitatieverslag. Het visitatieverslag, samen met de commentaar van de organisatie, de controle van de voortgangsrapporten, begrotingen, financiële verslagen… vormen de basis voor het eindevaluatieverslag vanwege de administratie. Organisaties kunnen, bij een negatieve eindevaluatie, een beroep doen op een “second opinion” van de beroepscommissie alvorens de minister beslist. Aanpassingen in onderling overleg De nieuwe evaluatieprocedure werd voor de eerste keer toegepast in 2009-2010. Zowel de sector als de overheid waren positief over de omslag naar een

21


kwalitatieve beoordeling. Toch maakte de sector enkele kanttekeningen om de procedure van woord en wederwoord transparanter te laten verlopen. Daarom spraken overheid en sector af om een aantal aanpassingen aan het model door te voeren. De gesprekken over de aanpassing van het evaluatiemodel zitten in de laatste rechte lijn. Het nieuwe model zal van toepassing zijn in de lopende beleidsperiode (2011-2015)

Tijdslijn 2008

2009

2010

14 maart 2008: grondige wijziging decreet, nieuw evaluatiemodel 2008-2009: nieuw evaluatiemodel wordt voor het eerst afgewikkeld

2010-2011: evaluatiemodel wordt geĂŤvalueerd, voorstellen voor technische aanpassingen

2011

Relevante documenten Surf naar www.fov.be/beleidspost, of scan de QR-code •

evaluatiemodel

Meer informatie: Nele Cornelis (nele.cornelis@fov.be) 02 244 93 39

22


Out je als medestander van het sociaal-cultureel werk

Volle kracht vooruit In april 2011 startten we onze actie ‘Volle kracht vooruit’, voor een meer genereus beleid voor sociaal-cultureel werk. In oktober rondden we de actie af tijdens de Algemene Vergadering van de FOV. We bezorgden de leden van de Commissie Cultuur een petitie met 4.500 handtekeningen en vroegen hen zich te outen als medestanders van onze sector. Dat kunnen ze doen door een steunbadge op te spelden en hier een foto van te (laten) maken. Opnieuw investeren in sociaal kapitaal In april 2011 startten we onze actie ‘Volle kracht vooruit’, voor een meer genereus beleid voor sociaal-cultureel werk. We willen dat overheid en politiek na de zware besparingsrondes opnieuw investeren in sociaal kapitaal. Tegelijk pakken we ferm uit met de verwezenlijkingen van onze sector. In de zure periode van besparingen zorgen we zelf wel voor het goede nieuws. Doe mee! Sinds de start van de actie hebben we een aantal successen geboekt. Onze positieve berichtgeving over de sector werd massaal door de geschreven pers opgepikt. De cijfers die het sociaal-cultureel werk kan voorleggen blijven dan ook indrukwekkend, besparingen of niet. De Volle kracht-actie ging ook gepaard met een petitie / verzameling van getuigenissen. 4.500 mensen ondertekenden onze eis en lieten in een boodschap weten waarom de sector steun verdient. Tijdens de Algemene Vergadering van de FOV op 21 oktober 2011 bezorgden we de petitie aan de leden

van de Commissie Cultuur van het Vlaams Parlement. Tegelijk vroegen we hen en collega’s-politici zich te outen als medestanders van onze sector. Dat kunnen ze doen door een steunbadge op te spelden, hier een fotootje van te maken en de foto door te mailen/tweeten/posten. Wij verzamelen de foto’s, zetten ze online en mailen ze als afsluiter naar al onze ondertekenaars.

Meer weten? Surf naar www.vollekracht.be of scan de QR-code • • •

mail je foto naar info@fov.be tweet met #vollekracht post je foto op www.facebook.com/vollekracht

Meer informatie: Sam Deckmyn (sam.deckmyn@fov.be) 02 244 93 39

23


Beleidspost is een uitgave van FOV - federatie sociaal-cultureel werk Gallaitstraat 86 bus 12 - 1030 brussel - tel. 02 244 93 39 - info@fov.be - www.fov.be De rechten op het gebruikte beeldmateriaal berusten bij de respectieve organisaties. Foto’s in volgorde van publicatie: Vormingplus regio Brugge, Vormingplus Arch’educ, FOV, Netwerk Vlaanderen, Vormingplus Arch’educ, iStockphoto, FMV - Federatie van Marrokaanse Verenigingen, Vlaamse Volksbeweging, Toemeka en curieus. V.U. Dirk Verbist, Gallaitstraat 86 bus 12, 1030 Brussel

Beleidspost november 2011  

Beleidspost is een halfjaarlijkse gedrukte nieuwsbrief voor beleidsmakers. Met deze nieuwsbrief willen we de buitenwereld op de hoogte houde...

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you