Page 1

Nr. 4-2019

BINNEN

MEELEVEN IS EEN MAGAZINE VAN DE REGENBOOG GROEP EN VERSCHIJNT VIER KEER PER JAAR

VEEGPLOEGEN: DIE ZIJN LEKKER BEZIG

GEZOCHT! WOONRUIMTE VOOR GEZINNEN

VRIJWILLIGERSWERK ACHTER DE VOORDEUR

EMANUEL IS AARDIGE AMSTERDAMMER


HOOFDREDACTIONEEL COMMENTAAR

Binnen Volgens brombeer-bioloog Midas Dekkers “voelen mensen zich het lekkerst als ze met z’n allen in een gezellig hol zitten, met getemperd licht.” Een heerlijke uitspraak, die uit een interview komt waar hij zijn liefde voor de buurtkroeg bezingt. En ja, het is ook herkenbaar: binnen, geborgen zijn, dat vinden we fijn. En niet alleen omdat het – heel praktisch- buiten onaangenaam koud en nat is. Je voelt het ook veranderen als je zo richting de donkerste dagen gaat. Samen binnen zijn, daar is het te doen. Lekker gezellig. In deze wintereditie van Meeleven vind je dan ook vele verhalen, ingestoken met dit thema. Over de mensen voor wie we een binnen willen vinden, over vrijwilligers die binnen bij eenzame stadgenoten komen en wat dakloze Amsterdammers in een inloophuis kunnen vinden, om deze donkere, koude tijden door te komen. Maar we gaan ook van binnen naar buiten; de stoere binken van de veegploegen vegen door weer en wind de straten van hun buurtje schoon. Dat zij lekker bezig zijn, zie je op pagina’s 4 en 5. Ook kun je, voor het eerst, donateurwervers tegenkomen, die namens De Regenboog Groep aan het werk zijn. Zij vertellen de mensen die De Regenboog nog niet kennen ons verhaal, in de hoop dat ze ons

Colofon Meeleven wordt vier keer per jaar uitgegeven door De Regenboog Groep ISBN 13840607 De Regenboog Groep Droogbak 1-d 1013 GE Amsterdam 020 531 76 00 www.deregenboog.org info@deregenboog.org Contactpersoon donateurs Fré Meijer 020 531 76 00 Fotografie cover Angeniet Berkers / angenietberkers.nl 2

Check deregenboog.org/nieuws voor het verhaal en de fotografie van Angeniet Berkers! Fotografie Merlijn Michon Bas Evers Redactie Nicolline van der Spek Iris Stam Eindredactie en Correcties Vanessa Smit/ Veu Studio Hoofdredactie Sander Kersten Design Left Graphic Design

willen steunen de inloophuizen te geven wat er nodig is. En dat is nogal wat! Van lieve vrijwilligers en meewerkende bezoekers tot wasmachines en boilers die overuren draaien. Van eten tot shampoo en van stopcontacten voor smartphones tot riemen voor de –bijna altijd te wijde- gedoneerde broeken. Het inzetten van straatwerving vinden we best een beetje spannend. We hebben er dus voor gezorgd dat de wervers écht goed ingelezen zijn en heel goed weten waar De Regenboog Groep voor staat. Hierbij een foto, zodat je ze kunt herkennen als je ze buiten tegenkomt.

Voor nu heel veel leesplezier, hopelijk lekker warm binnen, met Meeleven ‘Binnen’! Sander Kersten, hoofdredacteur

Druk Drukkerij Schuttersmagazijn Disclaimer De in dit magazine gepresenteerde informatie is in samenspraak met en met toestemming van de geraadpleegde bron tot stand gekomen. Samensteller De Regenboog Groep accepteert dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor onjuistheden anders dan spellings- of interpunctiefouten. Acceptgiro We sturen altijd een acceptgiro mee met Meeleven, zodat ook de lezers die geen donateur zijn aan onze projecten kunnen doneren.

Direct doneren? Dat kan ook NL79 TRIO 0379 3155 64 Volg ons op Facebook en Twitter en blijf op de hoogte van het laatste nieuws over De Regenboog Groep. De Regenboog Groep Amsterdam @Regenboog020 Nieuwsbrief ontvangen? Meld je aan via www.deregenboog.org/nieuwsbrief Meeleven niet meer ontvangen? Stuur een mail naar Fré Meijer: fmeijer@deregenboog.org of bel 020 531 76 00


HANS IN GESPREK MET …

EMIL Emil Sadowski (38) sliep vier jaar lang op straat. Inmiddels heeft hij een huis en onlangs heeft De Regenboog Groep hem in dienst genomen. Emil is dus helemaal ‘binnen’, zou je kunnen zeggen. Hans Wijnands is directeur bij De Regenboog Groep. H: “Hoe heb je ons indertijd gevonden?” E: “Via een jongen die ook dakloos was. Hij vroeg me op straat om geld. Dat gaf ik hem. Daarna kwamen we in gesprek. Hij liet me de stad zien en vertelde over de Regenboog. Door hem kwam ik bij de inloophuizen De Kloof en Blaka Watra.” H: “Vertel eens, hoe word je van een bezoeker een betaalde medewerker?” E: “Ik zat buiten op de stoep te wachten tot Blaka Watra openging, toen een medewerker op me af kwam. Hij vroeg of ik achter de bar wilde werken. Als vrijwilliger. Daar hoefde ik geen seconde over na te denken, ik ben het meteen gaan doen. Zeven dagen per week stond ik in de keuken, een jaar lang. Ik sliep buiten, kwam ‘s morgens naar Blaka Watra en ging aan de slag. Op een gegeven moment hadden jullie moeite met het bemannen van de receptie. Jullie hebben me toen de kans gegeven om achter de receptie te staan. Vervolgens heb ik een contract gekregen, voor twee maanden.” H: “En, dat is toch verlengd?”

E: “Ja, ik ben dolgelukkig.” H: “Top gedaan, man. Vooral omdat je zelf zoveel hebt geïnvesteerd.” E: “Dank u wel.” H: “Je was vier jaar lang dakloos. Waar sliep je?” E: “Ik sliep in een container in Amsterdam Noord. Met twee vrienden. Een stuk veiliger dan in je eentje buiten slapen.” H: “En hoe kwam je toen rond?” E: “Ik had niet veel nodig. Ik had geen huis, dus hoefde ik ook geen huur te betalen. Ik overleefde door elke dag bij Blaka Watra vrijwilligerswerk te doen in de keuken. Ik bleef er tot sluitingstijd, kreeg er eten en ik kon er douchen.” H: “Ben je blij met je huidige situatie?” E: “Zeker. Ik heb een woning gevonden, ik ga blij naar mijn werk. En ik doe cursussen, BHV, agressietraining. So far, so good.” H: “Slapen je vrienden nog altijd in een container?” E: “Ja.” H: “Zijn ze niet jaloers?” E: “Niet echt. Ze zijn blij voor me. Misschien inspireer ik ze wel. Ik wil graag een rolmodel zijn.” H: “Wat is jouw belangrijkste tip aan mensen die ook dakloos zijn. Ik bedoel, jij bent ver gekomen.” E: “Blijf weg van de rotzooi. Zelf drink ik geen druppel. [lacht] en dat voor een Pool. Mijn vader was alcoholist; ik heb genoeg gezien. Wees actief. Ga niet de hele dag alleen maar een beetje op je telefoon zitten. Pak dingen op – en misschien wel het belangrijkste – geloof in jezelf.” Tekst Nicolline van der Spek | Fotografie Merlijn Michon 3


LEKKER BEZIG

Woensdagochtend in West. Zes mannen van de veegploeg gaan de straat op. Met prikstok en frisse tegenzin. In de Jacob van Lennepstraat komt een buurtbewoner op ze afgerend. In zijn hand een doos chocola van Merci. Bijna een kerstverhaal, deze blijk van waardering, alleen loopt het net even anders. Het begint zachtjes te regenen, maar dat kan Johnny Banana niets schelen. “Sun is shining”, neuriet hij met Bob Marley in gedachten. Elke vraag beantwoordt hij met een big smile. “Mijn moeder noemde me als kind ‘banana’, omdat ik altijd bananen stal van het aanrecht.’ Felle vrouwenstem: ‘Waar is banana?!’” In gedachten zijn moeder. Johnny Banana komt uit Ghana, naar eigen zeggen ‘Downtown’. “Ik woon nu in Amsterdam, dat is Noord-Europa en noem ik ‘Uptown’. Maar ik kom dus uit Afrika en dat is ‘Downtown’.” Johnny, die in werkelijkheid Peter heet en door 4

iedereen Pierre wordt genoemd, prikt wekelijks, omdat hij het geld goed kan gebruiken. Na anderhalf uur plastic en bierblikjes prikken, krijgen de heren 4 euro plus een maaltijd. Vaderfiguur De vegers van De Regenboog Groep zijn dakloos en hebben geen inkomen. Ze verzamelen elke dinsdag- en woensdagochtend op de Bilderdijkstraat bij inloophuis Oud-West. Om half tien vertrekt de stoet, gewapend met prikstok en gestoken in fonkelnieuwe hesjes met daarop


Leonardo da Vinci-school. De energie van die kinderen op het schoolplein is zo goed voor de jongens. Soms helpen de kids mee. Dat onze mannen dakloos zijn of verslaafd, zien die kinderen helemaal niet. Dat maakt het zo bijzonder. Het contact met de kinderen brengt je voor heel even terug naar de echte wereld, want die kinderen zijn ook echt.”

in grote witte chocoladeletters: LEKKER BEZIG. Voerman Aysh (68) moet gniffelen om de tekst. Hij houdt wel van die typisch Nederlandse humor, zegt hij met Engels accent. Hij komt oorspronkelijk uit Zimbabwe, in zijn tijd nog Rhodesië. Al 12 jaar komt hij als bezoeker bij de Regenboog over de vloer. Van bezoeker werd hij meewerkend bezoeker, inmiddels is hij een soort vaderfiguur voor de jongens. “Ik merk dat de jongens behoefte hebben aan een beetje sturing in hun leven”, zegt Aysh, terwijl hij zijn ploeg de Jacob van Lennepkade op dirigeert. “Ik ben in ieder geval altijd eerlijk en direct. Wie bijvoorbeeld onder invloed op dienst verschijnt, wordt onmiddellijk teruggestuurd.”

Merci de koekoek Aysh loopt even weg. Er is een probleem. De groep is ontstemd. Zojuist heeft een van de vegers als bedankje van een buurtbewoner een doos Merci-chocolaatjes gekregen. De boodschap kan niet mooier. Het is bijna een kerstverhaal, alleen weigert de veger in kwestie te delen. Hij houdt de mokka-, hazelnoot- en melkpralines allemaal voor zichzelf. Sterker, hij steekt ze, zittend op een bankje, een voor een in zijn mond zonder uit te delen. “Hier is het laatste woord nog niet over gezegd”, zucht Aysh en loopt op de man af. Iedereen kijkt toe. Behalve Johnny Banana. Onze man uit Ghana prikt vrolijk verder. Sun is shining. Niet veel later schijnt hij echt: de zon.

Tekst: Nicolline van der Spek / Fotografie: Merlijn Michon. N.B.: Alleen Peter a.k.a. Pierre a.k.a. Johnny Banana wilde

Waardering Nog even over die nieuwe hesjes met LEKKER BEZIG erop; Aysh had liever gezien dat ze geel waren of oranje, want nu kan hij zijn mensen niet meer goed zien. “Tijd om te stoppen met dit werk”, lacht hij. Na zes jaar vindt hij het welletjes. Dit is zijn laatste week als veegploegbegeleider. Hij gaat in het washok werken. Inloophuis Oud-West krijgt altijd veel kleding toegestopt van de buurt. Aan Aysh straks de taak die kleding te sorteren, te wassen en uit te delen. Zakken vol kleding ziet hij langskomen. Een teken van waardering. Ook tijdens het vegen krijgt de Regenboog veel bedankjes. Aysh: “Mensen steken hun duim op als ze ons bezig zien. Soms bieden ze zelfs een kopje thee aan. Maar de leukste reacties komen van de kinderen. We komen ook bij de

herkenbaar op de foto.

5


ECONOMISCH DAKLOZEN

Binnen maar toch op straat ‘Binnen’, wordt in deze context gebruikt als ‘je zaken op orde’. Of, ‘op het droge’ had ook gekund. Hoe je het ook wil noemen, de 12.000 economische, nieuwe of zogenoemde ‘zelfredzame’ daklozen die Nederland rijk is, staan op straat. Ook al hebben ze hun zaakjes verder vaak op orde. Naar schatting zijn er 12.000 van deze zogenoemde zelfredzame daklozen. Dat is zo’n veertig procent van de 31.000 geregistreerde daklozen in heel Nederland. Door bijvoorbeeld een scheiding of baanverlies moeten zij hun huis uit. Vervolgens krijgen ze te maken met een groot gebrek aan betaalbare woonruimte (Bron: CBS en Federatie Opvang). Maar als je kijkt naar de samenstelling van nieuwe daklozen 6


Steunpunten nieuwe daklozen in vier stadsdelen Amsterdam Noord: Huis van de Wijk De Meeuw – Motorwal 300 Amsterdam Centrum: Het Claverhuis – Elandsgracht 70 Amsterdam Oost: Post Oost – Wijttenbachstraat 36 Amsterdam Zuidoost: Buurtwerkkamer - Gravestein 30

te doen als ze eenmaal een huis hebben. Zij hebben geen problemen, alleen weinig geld en geen huis”.

Economisch dakloze is vaak eenzaam

die zich aanmelden, is het aantal economisch daklozen dat er bij komt twee keer zo groot als het aantal ‘traditionele’ daklozen met geestelijke gezondheids- of verslavingsproblematiek.

Negentig procent heeft geen problemen, alleen geen huis Bep Brunt is ambulant maatschappelijk werker van De Regenboog Groep in Zuidoost. Zij ondervindt deze groei aan den lijve. “We hebben dit steunpunt in juni geopend, naast onze aanwezigheid in noord, oost en de Jordaan. Nu denk ik regelmatig: ‘red ik het nog wel in mijn eentje?’. Dit loket was hoog nodig.” Ze vervolgt: “Ik werkte al twintig jaar met dak -en thuislozen, maar altijd in de verslaving-, ggz- en maatschappelijke opvang. Dit is echter zo anders, het is schokkend. Werkende daklozen worden nóg harder gepest door de regelgeving in het systeem. Er is zo veel te doen, er moeten gewoon betaalbare huizen komen. En dat is wat er mis is: het is geen probleem van deze mensen, het is een volkshuisvestingsprobleem. Bij negentig procent van deze zelfredzame daklozen hoef je niks meer

Je zou denken dat eenzaamheid misschien niet echt je grootste zorg is, als je geen huis hebt. Maar Malika Amghar, die zich bij De Regenboog al lange tijd inzet voor nieuwe daklozen, verwoordt het treffend. “Het eigen netwerk is als eerste uitgeput, als het er al was. Dan ligt het volledig alleen zijn -en daarmee het verder afglijden- op de loer.” Malika leidt Steunpunt Oost en treft wekelijks collega Martine Drabbe, coördinator bij onze Informele Zorg. Samen koppelen zij de nieuwe daklozen, die dat willen, aan een vrijwilliger van De Regenboog Groep. Ze vertelt: “Er zijn zo weinig voorzieningen voor de economisch daklozen. Het feit dat Martine nu naar behoefte een maatje kan bieden, kan die eenzaamheid doorbreken.”

‘Heb je nou nóg geen huis?’ Martine: “Dat mensen zich eenzaam voelen, komt vaak door schaamte voor hun situatie. Vaak komt er vanuit hun vriendenkring of familie toch de vraag: ‘heb je nou nog steeds geen huis?’ Schaamte en de energievretende zoektocht naar een verblijfplaats, zorgen voor een neergaande spiraal.”

Een vrijwilliger staat er zonder oordeel in, misschien wel een nieuw begin Martine vervolgt: “Een ‘maatje’, of vrijwilliger, is blanco. Iemand zonder oordeel. En misschien wel 7


een onderdeel van een nieuw begin, dat is soms ook nodig. De redenen waarom iemand dakloos wordt zijn legio. Een maatje kijkt voorbij het stigma dat het iemands eigen schuld wel zal zijn.”

Oplossingsgericht: Vier steunpunten en Onder de Pannen Om het hoofd te bieden aan dit groeiende probleem, heeft De Regenboog Groep in vier stadsdelen (zie kader) steunpunten ingericht waar nieuwe daklozen zich kunnen aanmelden voor hulp. Ook is ons project Onder de Pannen (zie kader) al enkele jaren druk met het plaatsen van daklozen bij particulieren die een kamer willen

Onder de Pannen: van bank naar bed Bij ons Project Onder de Pannen verhuren we kamers bij particulieren, zonder dat zij worden gekort op hun uitkering. Hiermee is een economisch dakloze van de straat en de verhuurder krijgt een extra zakcentje. Ook verhuren mensen wel eens kamers omdat ze het gezellig vinden, een fijn gevoel iemand in huis te hebben of puur om te helpen. Het is ook niet voor niets dat ons initiatief ook buiten Amsterdam steeds meer navolging krijgt! Enkele verhalen van mensen die we met Onder de Pannen konden helpen: Workaholic op straat Chef-kok Teun (33) was altijd ambitieus. Samen met een vriend startte hij zijn eigen restaurant. Het leek goed te gaan, totdat hij erachter kwam dat zijn compagnon van alles achterhield. Zonder dat hij het wist, was hij zwaar in de schulden beland. Hij verloor zijn huis. Nergens kon hij terecht. Als workaholic had hij maar een heel klein sociaal netwerk. Na jaren zonder vaste plek, was daar via Onder de Pannen verhuurster Ineke, die er niet om maalt waar het mis ging, zolang je maar open en eerlijk bent. Bij haar kon Teun een kamer huren. Dit gaf hem de rust zijn zaken op orde te krijgen en weer een baan te vinden. 8

verhuren. Dat deze maatregelen nodig zijn, blijkt uit de interesse van gemeenten buiten Amsterdam. De Regenboog Groep faciliteert Onder de Pannen sinds 2018 in Zaanstad en sinds 8 november 2019 is Onder de Pannen ook in Haarlem actief. Cindy Vermuë, coördinator Haarlem vertelt: “We zijn nog maar net van start, maar ik merk dat de gemeente Haarlem er alles aan doet om dit project soepel te laten verlopen. Het mag duidelijk zijn dat men de noodzaak ervan inziet en we echt aan de slag moeten.”

Solliciteren lukt weer Roderick (54 jaar) had na zijn studie altijd goed betaalde banen gehad. Hij reisde veel en woonde ook langere tijd in het buitenland. Zeven jaar geleden werd zijn werk geautomatiseerd en werd hij dientengevolge ontslagen. Hij solliciteerde zich suf en moest al zijn spaargeld opmaken om zijn huur te kunnen betalen. Toen hij op straat kwam te staan, werd hij door een hulpverlener naar De Regenboog Groep doorverwezen. Via het project Onder de Pannen huurt hij nu een kamer bij Jan (50 jaar), die een uitkering heeft en wat geld wil bijverdienen. Heel fijn voor Jan, én voor Roderick


OPROEP!

Woonruimte gezocht voor dakloze, alleenstaande moeders met kinderen 25 eenoudergezinnen moeten voor 1 februari 2020 de noodopvang verlaten!

Bep Brunt, tussen twee oude vrienden uit Aruba die elkaar jaren niet gezien hebben en elkaar opnieuw ontmoetten bij Gravestein 30 in Zuidoost

natuurlijk, want hij heeft weer rust en ruimte om naar de volgende stappen te kijken.

Ze hebben elkaar Dhani (28) werd op jonge leeftijd uitgehuwelijkt. Haar huwelijk hield geen stand. Dit was al heftig, maar wat het extra zwaar maakte was dat Dhani’s familie niet achter de echtscheiding stond. Hierdoor kon ze niet bij hen intrekken. Even heeft zij bij kennissen gelogeerd en len tijdelijk kon ze bij haar horecacollega wonen. Toen ze via AT5 over Onder de Pannen hoorde, nam ze meteen contact op met De Regenboog Groep. Die stelde haar voor aan Maria (35 jaar), waar ze nu sinds enkele maanden een kamer huurt. Maria is afgekeurd, heeft graag gezelschap en kan op deze manier ook nog eens mooi een centje bijverdienen. Meer weten? www.deregenboog.org/onder-de-pannen

Tekst: Sander Kersten.

De toenemende dakloosheid onder mensen zonder ggz- of verslavingsproblematiek treft ook gezinnen. Zeker in Amsterdam is er een schreeuwend tekort aan betaalbare woningen voor hen. Wij begeleiden 25 alleenstaande moeders met jonge kinderen, die op 1 februari de noodopvang moeten verlaten en geen perspectief hebben in Amsterdam. Voor deze gezinnen zoeken we met spoed ergens in Nederland een plek om de draad op te pakken. In Amsterdam kennen wij de weg, in de rest van Nederland nauwelijks. Ben jij, of ken jij iemand die kan helpen? Weet jij het antwoord, laat het ons weten en wie weet kunnen deze ontheemde kinderen in 2020 gewoon naar school. Hebben 25 moeders eindelijk de rust om weer iets van het leven te maken. Het heeft ze lang tegen gezeten, ze zijn toe aan een beetje wind mee. Heb jij woonruimte (over)? Of ken je mensen die woonruimte verhuren of weten hoe we een stap dichterbij komen? We horen het graag! Contactgegevens Per mail: maatschappelijkwerk@deregenboog.org Telefonisch: Bel ons secretariaat op 020 531 76 00 en vraag naar Janneke van Loo of Michael Sprokkereef. 9


Marian en Raymond Het project Onder de Pannen, wat we in 2014 gestart zijn, blijft maar groeien. Maar ook buiten de stadsgrenzen, want sinds begin november is het project ook gestart in Haarlem! Kijk eens op de nieuwe site: www.onderdepannen.nl en lees hier enkele verhalen van mooie matches.

Victor “Een kopje koffie smaakt beter met zijn twee” Victor nam Anton in huis toen deze dakloos dreigde te worden. “Ik ken Anton van de biljartclub. Toen hij op straat kwam te staan, logeerde hij veel bij me. “Dat mocht niet van de uitkeringsinstantie DWI, waardoor ik mijn uitkering kwijt dreigde te raken.” Door mee te doen aan Onder de Pannen werd dat voorkomen. Toen ik overwoog Anton een woonplek aan te bieden, wogen mijn eigen slechte ervaringen van mijn tijd op straat zwaar mee. Ik ben blij dat het harde leven op straat hem bespaard is gebleven.”

Marian: “Ik woon hier alleen en dit huis is groot genoeg.” Marian doet mee aan Onder de Pannen, omdat ze altijd graag al mensen heeft willen helpen. “Ik ben zelf een kwetsbaar mens, ik heb mijn geschiedenis. “Zelf heb ik ook vaak in mijn leven dingen moeten omgooien. Ik vind het ook best spannend om een jaar lang te kunnen zien hoe iemand anders dat gaat doen.” Ik laat mijn huurder Raymond in zijn waarde. Het is niet zo dat we de hele dag samen in de huiskamer zitten. Hij gaat zijn eigen gang en dat is ook mijn bedoeling. Het is een pad naar zelfstandigheid. Hier krijg je een jaar de tijd om tot rust te komen en kijken wat je verder met je leven wil.” Raymond​: “Ik kwam op straat nadat het uitging met mijn vriendin.” Raymond woont tijdelijk bij Marian op een ruime zolderkamer. “Ik probeer via Onder de Pannen alles weer op te bouwen. Toen mijn toenmalige vriendin en ik destijds gingen samenwonen, hadden we van tevoren afgesproken dat ik uit het huis zou vertrekken, mocht het ooit niet goed gaan. Zij heeft kinderen. Ik zou alles wel zelf regelen. Gelukkig had ik een auto. Dat was mijn redding ... tot ik geen geld meer had voor benzine. Bijna was ik ‘die’ kant op gegaan: tanken zonder betalen en wie weet wat meer? Het was echt een heel vervelend traject. Maar toen ik eenmaal bij Onder de Pannen kwam, heb ik alles binnen drie weken geregeld: uitkering, kamer en nu ook weer werk.”


Stefan

Ramla en Maria Ramla: “Zeven maanden lang logeren bij verschillende vriendinnen – dat vond ik erg zwaar.” Ramla werd in mei 2017 dakloos, nadat ze van haar man was gescheiden. Ze huurt nu een kamer in de sociale huurwoning van de Amsterdamse Maria (70). Aan de muur hangen foto’s van haar vijf kinderen, die bij hun vader wonen. Nu Ramla haar eigen stekje heeft, gaat het haar goed. Ze werkt vier keer per week als huishoudster in een hotel en heeft geregeld contact met haar kinderen. “Ik ben heel erg blij dat ik hier kan wonen. Maria praat met me, luistert naar me. “Mijn kinderen komen geregeld langs, daar is ze ook heel vriendelijk tegen.” Maria: “Ramla is een geschenk.” Maria woont vanaf 2003 alleen in een groot huis en snakte lange tijd naar sociaal contact. “Ramla is een geschenk. We drinken samen een kopje koffie als Ramla van haar werk komt. We kletsen met elkaar en gaan dan wandelen of eten. Als Ramla’s kinderen langskomen zitten we met de hele kliek in de keuken, heel gezellig. Beter dan stilte, dan hoor je alleen maar de muizen lopen. Het samenwonen is ook praktisch. Als ik val, weet ik dat er iemand is die mij kan helpen.”

“Met deze bijverdiensten loop ik huurachterstand in.” De enveloppen bleven maar op de mat vallen en dat was erg vervelend. Ik was blij toen ik hoorde dat er via dit project de mogelijkheid was om een huurder in huis te nemen, en dat mijn huurachterstand zou worden over genomen. Met de regeling (Kleine Schuld, Grote Winst) is mijn schuld overgenomen en loop ik dit in met de inkomsten van de huurder. Ik verdien dus niet direct iets bij, maar als alle schuld over drie maanden is opgelost, krijg ik zelf de huur binnen. Daar gaan we wat leuks van doen!

Illustraties: Guido van Driel

We zijn altijd op zoek naar verhuurders voor Onder de Pannen! Er zijn veel mensen die een ruimte nodig hebben om op adem te komen en zich te herpakken voor een volgende stap, op weg naar hun eigen woonruimte. Ben je of ken je iemand met een kamer over en interesse in een huisgenoot? Laat het weten! Bel naar ons secretariaat: 020 53 17 600 11


ACHTER DE VOORDEUR

Binnen bij Agnes Het eerste wat opvalt als je bij Agnes binnenkomt, zijn de bloemen. Haar woonkamer is een zee van kunstbloemen. “Ik houd niet van lege plekken”, lacht ze. “Toch, Ries..?”

R

ichard is haar maatje. Vorig jaar om deze tijd kwam hij voor het eerst bij haar langs. Met een zak oliebollen. Verfrissende lach: “Daar bleek ze helemaal niet van te houden.” Agnes trekt haar neus op. Nee, oliebollen zijn niet aan haar besteed, het gezelschap van Richard des te meer. De klik is goed. Richard begrijpt waar Agnes behoefte aan heeft, rustig een beetje praten, een12

op-een, over de dingen des levens. Beiden zijn op jonge leeftijd hun moeder verloren. Ook dat geeft een band. Het maatjeskoppel is een keer naar het tuincentrum in Osdorp geweest om plantjes te kopen voor het balkon. Ze lopen zo nu en dan samen naar de Jumbo voor de boodschappen. Agnes achter de rollator, die Richard voor haar heeft geregeld. Daadkrachtige stem: “Ik liep zo’n winkel binnen en zei: ik heb een vriendin die slecht loopt. Hoe werkt het hier?”

Aandacht Richard is een aanpakker. Hij komt oorspronkelijk uit Rotterdam en woont sinds twee jaar in Amsterdam. Hij wilde vrijwilligerswerk gaan doen en kwam online de Regenboog tegen. “Doe wat voor je stad’, las ik. Dat sprak me erg aan, dus meldde ik me aan. Ik kreeg een cursus bij de Vrijwilligersacademie, trouwens erg goed, en nu zit ik hier, naast mijn lieve Agnes. We zien


elkaar eens in de twee weken. Dan blijf ik zo’n vier uurtjes. Een beetje kletsen. ‘Hoe is het met Agnes?’, vragen mijn vrienden als ik weer ben geweest.” “O ja?” Het vleit Agnes zichtbaar. Richard heeft jarenlang in de damesmode gewerkt. Zijn clientèle bestond uit dames die helemaal geen kleding nodig hadden. “Ik verkocht aandacht.” Op precies die aandacht, is Agnes zo gesteld. De thuiszorg komt ook wekelijks langs. Agnes: “Schatten van meisjes hoor, maar ze kijken de hele tijd op hun horloge. Soms wil ik met ze praten, maar dan zeggen ze: ‘sorry, daar zijn wij niet voor’. Alsof je psyche niet bij je lichaam hoort.” “Mij moet ze er daarentegen regelmatig uitgooien”, knipoogt Richard. “Dan gaat ze demonstratief zitten geeuwen. Nee hoor, meid.”

Paviljoen 3 Agnes verloor haar vader toen ze vijftien was, haar moeder volgde een paar jaar later. Toen haar zus borstkanker kreeg en overleed, stortte ze in. Jong in de twintig is ze opgenomen in Paviljoen 3,

de psychiatrieafdeling van het Wilhelmina Gasthuis. Destijds een begrip in de stad, weet Agnes. “Vroeger zeiden ze als iemand niet helemaal lekker bij zijn hoofd was: ‘Ga jij maar naar Paviljoen 3’. Iedereen wist wat daarmee bedoeld werd: ga maar naar het gekkenhuis. Gelukkig kende ik die uitdrukking toen nog niet. Ik heb er juist heel veel steun gehad. Ik heb er geleerd dat het verdriet eruit mag. Je innerlijk naar buiten brengen. Dat helpt goed.” Helaas zou het verdriet haar nog lang blijven achtervolgen. Na haar zus verloor ze haar twee broers aan kanker, terwijl haar jongere zusje werd opgenomen met een psychische aandoening. Het verdriet nestelde zich in haar lijf. Agnes kan haast niet lopen en heeft ernstige darmklachten. De artsen wisten het op een gegeven moment ook niet meer en stuurden haar naar de afdeling Onverklaarbare Ziekten. Tot overmaat van ramp brak ze haar pols. “Ik kwam thuis en kreeg een hele grote huilbui. Langzaam maar zeker zei mijn incasseringsvermogen: het is klaar. Ik werd angstig. Dat ben ik zo nu en dan nog steeds.

13


Wij beginnen achter de voordeur

Richard van Wely (41) is vrijwilliger bij De Regenboog Groep. Een man met hart voor de stad. Elke twee weken staat hij op de stoep bij Agnes Pot (68), een rasechte Amsterdamse met een lichte en donkere kant. Ze verheugt zich elke keer op zijn komst.

Nog altijd heb ik een zwarte kant. Toch Ries..?” Richard knikt. “Toen ik net binnenkwam, was je nog een beetje wiebelig.” “Mijn goede oude maat,” zucht Agnes en kijkt Richard aan. “Het is nu maandag, maar zaterdag verheugde ik me al op je komst. Ik slik ook medicijnen tegen mijn depressies, maar ik blijf een kwetsbaar iemand op dat vlak. Dus ik ben altijd dolblij met je bezoek. Daar kikker ik altijd zo van op.” Agnes heeft eerder een maatje gehad via de Regenboog. “Een prima dame, maar de klik was een stuk minder. Ze wilde altijd maar naar een terrasje. Vreselijk: een terrasje! Ik hoef ook niet naar een buurtrestaurant. Al die mensen. Ik ben het liefste thuis!”

Lichte kant Het huis van Agnes is bijzonder. Overal staan spullen; beeldjes, kaarten, vazen en heel veel bloemen, een zee van kunstbloemen. “Ik houd niet van lege plekken in huis. Het is psychologie van de koude grond hoor, maar ik denk dat het 14

Marleen Botman is coördinator Informele Zorg bij De Regenboog Groep. Ze koppelt mensen zoals Richard aan mensen zoals Agnes. Ze ziet veel eenzaamheid in de stad. Voor die groep mensen wordt van alles georganiseerd in de wijken, maar juist aan het huiselijke is behoefte, stelt ze. “Mensen die via ons een maatje krijgen, zijn vaak lang alleen geweest. Ze zijn stil en teruggetrokken. Het gaat om mensen met een ggz-achtergrond. Mensen die van alle kanten hulp krijgen aangeboden, vaak zelfs een speciale stoel in huis hebben staan, bedoeld voor het wekelijkse bezoek van de hulpverlener, maar zelf nauwelijks hun huis uit komen en alleen maar op de bank zitten. De kuil in de bank is vaak zichtbaar. Voor deze groep mensen kun je wel van alles buitenshuis organiseren, maar wij beginnen liever achter de voordeur. Onze vrijwilligers gaan bij mensen thuis op bezoek en van daaruit bouwen we verder. Soms wordt ook helemaal niets speciaals gedaan en is ‘er zijn’ voldoende. Samen tv kijken. Juist aan dit soort dingen – het huiselijke – is vaak veel behoefte.”

iets met veiligheid te maken heeft.” Richard: “Je spullen omarmen je. En misschien werkt het ook wel therapeutisch voor je. Dat je lekker bezig bent.” Agnes: “O, zeker. Als ik één ding heb geleerd van mijn depressies is dat je dingen moet DOEN, al is het maar een afwasje. Ik ben altijd met mijn spulletjes bezig. Die horen bij mijn lichte kant. Want die is er ook hoor! Ik heb zowel een donkere als lichte kant.” Plotseling veert ze op. “O ja Ries, dat heb ik jou nog helemaal niet verteld, maar ik heb me aangemeld voor de lichtjestour van de Zonnebloem. Je mag mee hoor.” Richard, bijna jaloers: “Wie gaat er anders mee?”

Tekst: Nicolline van der Spek / Fotografie: Merlijn Michon.


MEEDRAAIEN EN ETEN IN EEN BUURTRESTAURANT VAN DE REGENBOOG GROEP

We maken er echt een feestje van! Voor een prikkie genieten van een kostelijk maal en gezellig een praatje met buurtgenoten maken. Of als vrijwilliger de fijne kneepjes van het horecavak in de vingers krijgen en zorgen dat het de gasten aan niets ontbreekt; de buurtrestaurants van De Regenboog Groep zijn als een mes dat aan twee kanten snijdt. Meeleven proeft de sfeer in een van deze laagdrempelige eetgelegenheden. Welkom bij De Gravin, een sterrenlocatie in Amsterdam-Zuid. Mensen die zich makkelijk eenzaam voelen of moeilijk contact maken, sociale dieren met een kleine beurs, lekkerbekken zonder kookskills, ou-

deren die graag een vorkje meeprikken… In de zes buurtrestaurants van De Regenboog Groep kunnen Amsterdammers van alle pluimage elke week aanschuiven bij mensen uit hun eigen stadsdeel. Zoals op donderdagavond tussen 18.00 en 20.30 uur bij De Gravin. Een sfeervol ingericht etablissement op de benedenverdieping van leerwerkwerkbedrijf De Derde Schinkel, gevestigd in een zijstraat van de Amstelveenseweg.

Griekse kookgodin In de keuken van De Gravin zwaait Katerina Charitopoulou de scepter. Net als haar collega-hoofdkoks in andere buurtrestaurants kookt ze met kwalitatieve ingrediënten een driegangenmenu voor slechts € 5,voor haar gasten. Katerina gebruikt altijd groenten van het seizoen, zoveel mogelijk biologisch. Met prijzen spelen vindt ze een sport. “Zijn de ingrediënten voor het hoofdgerecht aan de dure kant, dan worden die voor het voorgerecht en het toetje wat goedkoper.” Vandaag kookt ze onder andere met pastinaak en spruitjes. Groenten waar mensen niet meteen warm voor lopen, zou je zeggen. Maar de Griekse is een ware kookgodin, die van elk gerecht een culinair hoogstandje weet te maken. En dat spreekt zich rond. Als maandagmiddag het menu van De Gravin op de site van reserveringsbureau Punt Uit wordt 15


Alles met aandacht Peer, een senior die ook vrijwilligerswerk voor het Amsterdamse Bos doet, vertelt: “Ik had tijd over. Koken is mijn hobby. Ik vind het leuk om bij De Gravin te helpen een menu samen te stellen voor mensen met een kleine beurs. De gasten zijn dankbare eters.” Hij lacht. “Katerina is in de keuken een beetje streng. Maar dat moet ook, anders loopt alles in de soep ...” De andere vrijwilligers vandaag zijn Khajinder, die met de gasten afrekent, en paradijsvogel Hibah, die met zorg bestek, glazen, waterkaraffen en bloemenvaasjes op de tafels zet. Al jaren draait Hibah mee. Bedienen doet ze het liefst. “Ik neem rustig de tijd en doe het goed.” Haar lieve ogen flonkeren. “Alles met aandacht.”

Samen eten is gezelliger dan alleen

geplaatst, is het restaurant met zo’n 25 plaatsen vrijwel meteen volgeboekt. Ook deze week weer.

Een stukje mooier maken Katerina werkte als professioneel kok in een restaurant, tot ze artrose kreeg. “Dag in, dag uit in het hectische horecaproces meedraaien lukte niet meer. Door De Regenboog Groep kan ik mijn passie voor mijn vak toch nog een beetje in de praktijk brengen. Het is heerlijk om mijn eigen menu’s te bedenken. Om maaltijden te bereiden die lekker, gezond en een beetje origineel zijn. Dat doe ik met heel veel genoegen, bijgestaan door twee of drie hulpkoks. Ik doe de boodschappen vooraf, ik sta op donderdag aan het fornuis en heb de regie, de vrijwilligers doen het voorbereidende keukenwerk, zoals het wassen en snijden van de ingrediënten. Voordat de gasten komen, dekken ze de tafel. Later serveren ze de maaltijd, ruimen ze de tafels af en helpen ze met de afwas. Het zijn mensen die nuttig willen bezig zijn. De meesten van hen nemen niet deel aan het gangbare arbeidsproces. Andere vrijwilligers hebben wel een vaste baan. Ze proberen de maatschappij een stukje mooier te maken en beleven daar veel plezier aan. Ook voor mij geldt dat.” 16

Pastinaaksoep gegarneerd met bietenchips, sprui�tjesstamppot met een jus van champignons, gebakken ui en hamblokjes (voor de vegetariërs jus zonder vlees), yoghurt-citroenmousse met gepocheerde kweepeer ... Het menu wordt ook deze avond weer met smaak verorberd. Aan een van de lange tafels zit een vriendengroep die elke week van de partij is. Twee stamgasten vertellen waarom. Enrico: “Het is echt vier sterren hier.” Hubert: “We zijn er altijd al om 17.30 uur. We drinken wat en maken er echt een feestje van. Ook met de andere bezoekers kletsen we. Dat is ook de bedoeling van deze restaurants. Het is altijd gezellig hier.” Aan de andere tafel zit Arpid (72), die het eten van De Gravin als bijzonder goed omschrijft. “Het is ook betaalbaar en gemakkelijk. Maar het belangrijkste is het gezelschap. Met elkaar eten is gezelliger dan alleen. Bijna elke dag ga ik naar een ander buurtrestaurant. Het is een geweldig initiatief van De Regenboog Groep!

Ook meedraaien in een buurtrestaurant? Wil jij – net als vrijwilligers Peer, Heba en Khajinder – de gasten van een buurtrestaurant een heerlijke avond bezorgen? En daar ondertussen zelf ook veel plezier aan beleven? www.deregenboog.org/nieuws/koks-metkraak-smaak-en-een-warm-hart-gezocht

L B


LEKKER IG Uit EZPunt Bdoor

staat de telefoon roodgloeiend. Dat kan het geval zijn als aan het begin van de week alle menu’s van de buurtrestaurants online staan en er gereserveerd kan worden. Dan is het wel even stressen. Zeker als mensen aan de telefoon moeite hebben met wachten. Af en toe moet ik ze teleurstellen, als een populair buurtrestaurant al volgeboekt is. Door dit werk heb ik veel geleerd.” Ze lacht: “Zelf geduldig blijven bijvoorbeeld.”

Tekst: Iris Stam / Fotografie: Bas Evers.

Buurtrestaurants, zoals De Gravin, zijn een warme en laagdrempelige ontmoetingsplek voor stadgenoten. Ook ErOpUit brengt Amsterdammers samen. Sporten, iets drinken in het (psychiatrie) café, naar de bios of een museum. Al deze betaalbare en soms zelfs gratis groepsactiviteiten zijn te boeken via Punt Uit, een bijzonder reserveringsbureau van De Regenboog Groep. Joyce is een van de dames die bij Punt Uit de telefoon aanneemt en de mails met aanmeldingen verwerkt. Ze is een ster in administratief werk en weet ook in de horeca van aanpakken. Maar door omstandigheden raakte ze werkloos en was ze een tijdlang uit de running. Joyce wil verder niet met haar persoonlijke verhaal in Meeleven. Veel liever vertelt ze over het nu. Over Punt Uit, waar ze twee dagdelen per week vrijwilligerswerk doet. Al twee jaar gaat ze met veel plezier naar het kantoor op de Keizersgracht. Enthousiast: “Ik vind het mooi dat De Regenboog Groep zich inzet voor de kwetsbaren en eenzamen, voor Amsterdammers die weinig te besteden hebben. Het leukste vind ik het contact met deze mensen. Ze zijn vaak zo blij met wat ze aangeboden wordt. ‘Wat fijn dat er plek is!’, hoor ik of lees ik dan. Zó positief. Dat is fijn. Soms kom ik ze tegen als ik zelf iets onderneem met ErOpUit. Of als ik bijspring of ga eten bij De Gravin. ‘Dus jíj bent Joyce die we bij Punt Uit aan de lijn krijgen, zeggen ze dan.’ Erg leuk!”

Lessen in geduld Zijn er ook mindere kanten aan het werk bij het reserveringsbureau? Joyce: “Soms zijn er een hoop gewone mails en voicemails te beantwoorden en

Raad en daad en zorgen voor verbinding Milena Doets en Ceciel Hekkens zijn beiden coördinator Groepsactiviteiten bij De Regenboog Groep. Zij zijn verantwoordelijk voor de invulling en planning van de ErOpUit-activiteiten. Ook runnen ze samen de zes buurtrestaurants, waar ze vrijwilligers en gasten met raad en daad terzijde staan en zorgen voor verbinding. Milena: “Het mooie vind ik dat er door de sociale initiatieven van De Regenboog Groep échte vriendschappen ontstaan.” Ceciel: “Totaal verschillende mensen, waarvan je nooit had gedacht dat ze een klik zouden hebben, vinden elkaar. Die onverwachte ontmoetingen maken ons werk bijzonder leuk!” Milena: “Ik vind het ook geweldig om te zien hoe mensen door vrijwilligerswerk, zoals voor Punt Uit, kunnen opbloeien en groeien!”

17


Aardige Amsterdammer Emanuel: “Ik zie het als mijn maatschappelijke taak.’’ Schulden, aanmaningen, deurwaarders. Een leven dat financieel op orde is, is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Voor die Amsterdammers zet Emanuel Alken (65) zich in als vrijwilliger bij De Regenboog Groep. Waarom eigenlijk? 18

I

k ben zelf een gelukkig mens.” Zo begint het antwoord van Emanuel Alken op de vraag wat hem motiveert vrijwilligerswerk te doen bij De Regenboog Groep. Hij heeft twee maatjes via de Amsterdamse vrijwilligersorganisatie. Zijn eigen leven is opgeruimd, hij danst, gaat naar de gym, ademt geluk. Dat gunt hij iedereen. Wekelijks spreekt hij mensen die hun leven – zacht uitgedrukt – financieel niet op orde hebben. Ze hebben door gebrek aan kennis een regelrechte puinhoop van hun administratie gemaakt, krijgen boete op boete en kampen met deurwaarders. Totaal ontredderd,


met tassen vol ongeopende enveloppen, nemen ze plaats tegenover de grote gelukkige Emanuel. Op hun voorhoofd vier letters: H.E.L.P.

Van huis uit Hij heeft het van huis meegekregen, zegt Emanuel, om iets voor de medemens te doen. Hij komt uit Nieuw-Nickerie, een regio in Suriname, waar mensen naar elkaar omkijken. Emanuel over zijn jeugd: “Of iedereen had te eten, óf iedereen had niet te eten. Delen, dat was de regel.” In 1974 kwam hij naar Nederland. IJskoud (november), maar wat hij zich ook herinnert was de steun die hij kreeg als jonge twintiger. “Je kreeg in die tijd als nieuwkomer nog helemaal uitgelegd hoe het werkt in Nederland. De regeltjes, de wetten. Dit doen we zus, dat doen we zo. Het is nu allemaal wegbezuinigd, met als gevolg dat mensen onvoldoende kennis hebben over het Nederlandse systeem. Ze komen daardoor in de problemen met bijvoorbeeld het terugbetalen van toeslagen. Ze snappen niet hoe je nou aan iemand zonder geld met vijf kinderen kunt vragen om geld terug te betalen?”

Leermomenten Emanuel houdt van financiën. De juiste man op de juiste plek. Hij komt uit een buurt waar volgens hem veel verborgen armoede is. Hij begroet iedereen op straat en belt als het moet direct een instantie om mensen uit de brand te helpen. “En dat bellen is nou net niet de bedoeling als vrijwilliger”, klinkt het verontschuldigend. Een leermoment, aldus Emanuel. “Mijn eerste maatje van de Regenboog kwam naar me toe met een dwangbevel. Hij was totaal in paniek. Ik pakte

in een reflex de telefoon en vroeg om uitstel van betaling. Ik kreeg een toezegging. Daarin was ik te ver gegaan, hoorde ik tijdens de terugkoppeling met de Regenboog. Ze vonden het menselijk en begrijpelijk dat ik in de bres gesprongen was voor mijn maatje, maar het is niet de bedoeling om als vrijwilliger op de stoel van de schuldhulpverlening te gaan zitten. Je doet je best als mens, maar mist handvatten. Precies om die reden voel ik me prettig bij De Regenboog Groep. Er staat een organisatie achter je, die je werk als vrijwilliger structuur geeft en zorgt dat je niet over je grenzen heen gaat. Zulke tips zijn heel belangrijk.”

Wakend oog “Je rol als vrijwilliger is dat je er bent voor iemand. Je denkt mee. Ik vraag waar mijn maatje over een paar maanden wil staan en wat hij van mij verwacht. Samen stippelen we een pad uit. Je bent daardoor ook een beetje een wakend oog, iemand die kijkt of het pad nog bewandeld wordt. De meeste mensen willen een stabiel leven, zowel mentaal als financieel. Mijn kracht is dat ik heel motiverend kan zijn. Ook ben ik direct. Ik draai niet om de feiten heen. Nederland is een land van regels en wetten. Sommige mensen ervaren die als onrechtvaardig, zeker als ze uit een cultuur komen waar veel onder de tafel wordt geregeld. Ik zeg dan: ‘die wetten en regels houden Nederland juist overeind’. Wel is de maatschappij waarin we leven heel individualistisch geworden. Er bestaat bijna geen gemeenschapszin meer, zoals in mijn Surinaamse jeugd. Daar komen vrijwilligers om de hoek kijken. Als vrijwilliger zorg je dat iemand het gevoel heeft er niet alleen voor te staan. Ik zie het ook als mijn maatschappelijke taak om mensen die dreigen af te glijden erbij te houden. Dat vonden we in Nieuw-Nickerie heel normaal.”

Tekst: Nicolline van der Spek / Fotografie: Merlijn Michon.

Leuk om te weten: voortaan vind je iedere maand het verhaal van een Aardige Amsterdammer op deregenboog.org/nieuws! 19


OP DE ZEEPKIST

OOK DAKLOZEN ZIJN WELKOM Met 25 vestigingen en vier miljoen bezoekers per jaar is de Openbare Bibliotheek van Amsterdam de meest bezochte culturele instelling in de stad. Onder de vaste klanten zijn veel eenzame Amsterdammers, maar ook dak- en thuislozen. Wat dat betreft zou je de bibliotheek het grootste inloophuis van Amsterdam kunnen noemen. Directeur Martin Berendse noemt zijn People’s Palace liever ‘het grootste optilhuis van Amsterdam’ waar iedereen inspiratie vindt. “Waar ik trots op ben, is dat we worden gezien als een plek voor alle Amsterdammers, niemand uitgezonderd. Ik noem dat maar even in modern jargon de maximale inclusiviteit. Heeft een bezoeker oude vieze kleren aan, dan zou hij mogelijk dakloos kunnen zijn, maar daar kijken we helemaal niet naar. Er komen hier ook veel eenzame Amsterdammers. Mensen die in formele zin wel een dak boven hun hoofd hebben, maar waarbij bijna het omgekeerde het probleem is, namelijk dat ze wel een dak hebben maar bijna de deur niet uitkomen. Wij zijn een People’s Palace. Iedereen is welkom. We leggen niemand een stigma op. Dit gebouw moet voelen als een gebouw van jezelf. Aan de andere kant gaan we 20

geen voorzieningen treffen voor daklozen. Daar zijn wij niet voor. Daar zijn de Regenboog en andere instellingen in de stad voor. We vragen ook niet veel van onze bezoekers, maar waar we een klein beetje op bijsturen is houding en gedrag. Kom je hier bijvoorbeeld binnen met een alcoholwalm of ben je luidruchtig, dan word je vriendelijk verzocht over een uurtje nog eens te komen. Ooit zei een bezoeker tegen mij, en dat vind ik een mooi compliment: ‘Elke keer als ik hier binnenkom, voel ik me een beetje opgetild.’ Dat is prachtig en gun ik alle Amsterdammers. Mét of zonder dak boven hun hoofd. We blijven een missiegedreven instelling en hopen dat iedereen die hier binnenkomt een eindje opschiet. Het boek dat ik daklozen van harte aanraad is De Zachte Atlas van Amsterdam, met pentekeningen en teksten van Jan Rothuizen. Die man kent iedereen in de stad. Hij tekent een plein, een straat en schrijft dan wie er woont of welke instelling subsidie heeft aangevraagd. Ik kan er in ieder geval uren naar kijken.” Tekst: Nicolline van der Spek.

Profile for De Regenboog Groep

MEELEVEN 4 - 2019: BINNEN  

Onze Veegploegen zijn lekker bezig / GEZOCHT! WOONRUIMTE VOOR GEZINNEN / Vrijwilligerswerk achter de voordeur en veel meer ...

MEELEVEN 4 - 2019: BINNEN  

Onze Veegploegen zijn lekker bezig / GEZOCHT! WOONRUIMTE VOOR GEZINNEN / Vrijwilligerswerk achter de voordeur en veel meer ...