Issuu on Google+

MENDELSSOHN, HINDEMITH, BRAHMS ZA | 26.02.11 | 20:00 symfonieorkest vlaanderen olv seikyo kim

PROGRAMMA

UITVOERDERS

Felix Mendelssohn (1809-1847) Symfonie nr. 1 in c, opus 11 I. Allegro Di Molto II. Andante III. Menuetto. Allegro Molto IV. Allegro Con Fuoco

Symfonieorkest Vlaanderen Seikyo Kim | dirigent

Paul Hindemith (1895-1963) Concerto voor orkest, opus 38 I. Mit Kraft mäßig schnelle Viertel II. Sehr schnelle Halbe III. Marsch für Holzbläser. Nicht zu langsam Viertel IV. Basso Ostinato Pauze Johannes Brahms (1833-1897) Symfonie nr. 4 in e, opus 98 I. Allegro Non Troppo II. Andante Moderato III. Allegro Giocoso IV. Allegro Energico e Passionato

Aandacht! Gelieve uw mobiele telefoon uit te schakelen.


2

TOELICHTING Mendelssohn, hindemith, brahms bart tijskens (mendelssohn, hindemith) | mark janssens (Brahms) Felix Mendelssohn. Symfonie nr. 1 in c, opus 11 De jonge Felix Mendelssohn kon niet om de symfonie heen. Hij was niet zomaar een wonderkind, maar ook een bekwaam pianist en een vroegrijp componist. Het was duidelijk dat hij ook geniaal was en daarom zowat gedoemd om de rechtmatige erfgenaam van Beethoven te worden, die met zijn symfonieën een ontmoedigend grote schaduw wierp over het pad van zijn opvolgers. Mendelssohn begon zeer zelfverzekerd. Op zondagmorgen was het in het gezin Mendelssohn, waar geld geen rol speelde, tijd om te musiceren. Voor de jonge Felix was dit de ideale gelegenheid om de composities waaraan hij tijdens de week had gewerkt, te laten horen. Pianosonates, kamermuziek en zelfs kameropera’s kregen op deze bijeenkomsten hun première. Tot de meer ambitieuze werken behoorden de Twaalf symfonieën voor strijkers, die geschreven zijn tussen 1821 en 1823, nog voordat de jongen vijftien werd. Het zijn geen meesterwerken, maar ze tonen wel Mendelssohns bijna angstwekkende vermogen om zijn grote voorgangers na te bootsen. Je hoort een fuga in de stijl van Bach, een ouverture in de stijl van Händel, een allegro in de stijl van Haydn of een rondo zoals de jonge Mozart schreef. De Symfonie nr.1 in do klein opus 11, gecomponeerd in het voorjaar van 1824, was de eerste van vijf voor groot orkest. Mendelssohn zelf zag ze ook als de afsluiter van zijn twaalf jeugdsymfonieën (hij gaf ze zelf het nummer 13). Maar laat er geen misverstand over bestaan: dit opus 11 is een origineel en in technisch opzicht volwassen werk, en niet het oefenstuk van een vroegrijpe puber. Het kamermuziekwerk, in tijd het dichtst bij deze eerste symfonie, is het iets later geschreven Sextet in D voor piano, strijkkwartet en contrabas opus 110. Vergeleken hiermee lijkt de symfonie tegelijk meer samenhangend en minder verrassend. Je bespeurt, behalve in het menuet, minder de invloed van Carl Maria von Weber, en meer die van Franz Schubert en Wolfgang Amadeus Mozart, vooral dan van diens Symfonie in g. Adolf Marx, een vriend van Mendelssohn, schreef na de eerste, besloten uitvoering over het openingsdeel: “Een verzengend vuur slaat uit dit eerste Allegro di molto.” Het trage deel, Andante, wellicht het meest rijpe en ontwikkelde stuk, toont aan dat de jeugdige componist al over een verbazingwekkende beheersing van de orkestratie beschikte. Het robuuste Menuet (Allegro molto) klinkt Mozartiaans, maar het trio hieruit doet dan weer denken aan het tweede thema van de ouverture Rübezahl van Weber. Bij een uitvoering van de symfonie in 1829 verving Men-


TOELICHTING delssohn dit menuet met trio door een prachtig georkestreerde versie van het scherzo van zijn beroemde Octet voor Strijkers. De Finale (Allegro con fuoco) lijkt al de ouverture Ruy Blas (die hij pas vijftien jaar later zou schrijven) aan te kondigen, vooral in het tweede thema. Deze energieke finale mist misschien wat hartstocht, maar een tussenspel voor soloklarinet en pizzicato strijkers geeft dit deel iets bekoorlijks en ongewoons. Paul Hindemith. Concerto voor orkest, opus 38 Paul Hindemith (1895-1963) toonde zijn hele leven een diepe morele bezorgdheid over de plaats van de kunstenaar in de maatschappij. Die bezorgdheid ontstond in de periode van Duitse ellende na de Eerste Wereldoorlog, toen de jonge Hindemith zijn weg in de wereld zocht. Op elfjarige leeftijd was hij van huis weggelopen omdat zijn ouders zich tegen een muzikale loopbaan verzet hadden. Hij speelde in cafés en bioscopen om zijn verdere studies in Frankfurt te betalen, en nog voor zijn twintigste werd hij daar dirigent van het operaorkest. In 1923 verliet Hindemith Frankfurt om zich meer aan het componeren te kunnen wijden en om als altviolist met het Amar Kwartet door heel Europa te reizen. Hindemith vond dat het de maatschappelijke plicht van een componist was om zogenaamde ‘Gebrauchsmusik’ te schrijven: dat wil zeggen meestal in neoklassieke taal geschreven muziek voor praktische doeleinden en voor amateurs. Dit standpunt zorgde in die tijd voor heel wat discussie. Ook kort na 1939 bleef Hindemith trouw aan zijn verlangen om de gemeenschap te dienen, maar hij deed dat in een nieuwe stijl, waarin hij zocht naar een grotere helderheid in opbouw van een muziekstuk, en ook en vooral naar een diepere expressie. Het gevolg was dat de nationaal-socialisten zijn muziek verboden. Daarop verliet Hindemith Duitsland om eerst muziekdirecteur van de Turkse regering te worden, en wat later, in 1940, naar de Verenigde Staten uit te wijken. En zo zal de naam Paul Hindemith altijd wel nauw verbonden blijven met de stijl en de harmonische taal van het Europese modernisme in de muziek, vooral dan met het neoclassicisme zoals dat ontwikkeld werd door Igor Stravinsky. In zijn reeks concerto grosso-achtige werken voor kamermuziekbezettingen uit de vroege jaren 1920, bekend onder de titel Kammermusiken, vond Hindemith een muzikaal equivalent voor de toen eigentijdse ‘nieuwe objectiviteit’ van jonge Duitse schilders. Om bewust een niet genotzuchtige en antiemotionele muzikale stijl te scheppen, bouwde hij, net als Stravinsky, voort op de ritmische en contrapuntische energie van de barokke dansvormen. Hindemith verwerkte de stijl van zijn Kammermusik-werken (en de invloed

3


4

TOELICHTING van Bach) op briljante wijze in zijn Concerto voor orkest uit 1925. De volledige krachten van het orkest worden geregeld vervangen door een kleinere ‘concertino’-groep (hobo, fagot en viool), helemaal zoals in een barok concerto. Een kort eerste deel (Mit Kraft, mässig schnelle Viertel) gaat onmiddellijk over in het tweede (Sehr schnelle Halbe). Het derde deel is een mars, die alleen voor de houtblazers is bestemd (Marsch für Holzbläser. Nicht zu langsame Viertel); het doet tegelijk dienst als een hoogst effectief contrast voor de afsluitende passacaglia (Basso Ostinato. Schnelle Viertel). Johannes Brahms. Symfonie nr. 4 in e, opus 98 De laatste symfonie van Brahms smaakte, om het in z’n eigen woorden te zeggen, naar kersen zonder zoetheid. “Kersen die je best niet opeet!” In een brief aan een vriendin klonk het zo: “In het algemeen is mijn muziek aangenamer dan mijn karakter. Aan mijn muziek willen mensen niet zoveel veranderen als aan mij. Maar deze symfonie is treurig. En als u mij vraagt waar ik de ideeën gehaald heb, dan zeg ik: “Ik kan er zelf niets aan doen, ik zit er voor niets tussen. Ze komen voort uit een hogere inspiratie.” De Vierde is een uitdagend werk. En waarschijnlijk was dat ook de bedoeling van Brahms. Muzikanten en publiek verrassen, tegen hun verwachtingen ingaan en die overstijgen. Brahms zou volgens specialisten zijn Vierde Symfonie vol gestopt hebben met verwijzingen naar andere meesterwerken: Händels Messiah en de Hammerklavier-sonate van Beethoven, en ook linken naar zijn eigen liederen. Over leven en dood, maar toch vooral over verdriet en sterven. Zoals de kersen die voor één keer niet zoet smaken. Brahms zou in zijn laatste symfonie veel meer met beelden werken. Misschien klinkt de muziek wel als een fabel, als een verhaal over ‘er was eens’ ... een sfeer van lang geleden in een heel andere tijd. Melancholie naar de onschuld van de kindertijd. Melancholie die sterker wordt naarmate de smaak van de eindigheid doordringender wordt. In de finale keert Brahms weer helemaal terug naar de werkelijkheid. En die werkelijkheid is episch. Dirigent Nikolaus Harnoncourt vertelde dat deze muziek van Brahms hem doet denken aan Franse barokmuziek: Rameau en Marais. Brahms kende die muziek, en enkele van zijn beste vrienden dweepten ermee. De Vierde van Brahms is volgens Harnoncourt “Duitse romantische muziek die geworteld is in de Franse barok. Hoeveel invloed de cantates van Bach ook mogen gehad hebben op Brahms.” Een andere dirigent, Bruno Walter, bekijkt het filosofisch: “Muziek is een grote kracht die we liefde kunnen noemen. Het ethisch appèl dat van die muziek uitgaat, dringt diep in ons door. Wie kan er weerstaan aan de boodschap van liefde in de muziek van Bach, Schubert, Mozart, Beethoven en Brahms?”


5

ORKEST Concertmeester Mircea Calin Jo Vercruysse Eerste violen Arman Simonian Erik Sluys Bence Abraham Hilde Coppieters Peter Hellemond Nathalie Hepp Veerle Houbraken Eva Stijnen Tweede violen Gudrun Verbanck Isabelle Buyck Geraldine De Baets Isabelle Decraene Mieke De Geyter Hadewijch Hofland Ingrid Van Mossevelde Maya Shvartsman Altviolen Kris Hellemans Annemie Vercauteren Korneel Taeckens Lieve Dreelinck Bruno De Schaepdrijver Kaatje Strauven Celli Renaat Ackaert Jan Van Kelst Isabelle Brys Caroline Steen Wouter Vercruysse Hélène Viratelle Contrabassen Koenraad Hofman Jan Verheye

Bram Decroix N.N. Houtblazers Caroline Peeters | fluit Veerle Secember | fluit Korneel Alsteens | hobo Carola Dieraert | hobo Frank Coryn | klarinet Tom Daans | klarinet Danny Corstjens | Eb-klarinet Koen Coppé | fagot N.N. | fagot Wim Van Volsem | contrafagot Koperblazers Johan Van Neste | hoorn Bruno Melckebeke | hoorn Lies Molenaar | hoorn Frank Clarysse | hoorn Steven Bossuyt | trompet Bart Coppé | trompet Bob Van Der Strieckt | trombone Bram Fournier | trombone N.N. | bastrombone Stephane Van Aenrode | tuba Slagwerk Jan Huylebroeck | pauken Wim De Vlaminck | percussie Gert D’Haese | percussie Koen Plaetinck | percussie Tom Pipeleers | percussie Joachim Vandendriessche | percussie


6

BIO Symfonieorkest Vlaanderen Het Symfonieorkest Vlaanderen is een orkest samengesteld uit een zestigtal enthousiaste musici. Het orkest werd opgericht in 1960 onder impuls van Dirk Varendonck, die ook de eerste dirigent was. Vanaf 1984 werd het ‘Nieuw Vlaams Orkest’ gedirigeerd door Patrick Peire, Robert Groslot en Fabrice Bollon. In 1995 werd het omgedoopt tot ‘Het Symfonieorkest van Vlaanderen’ en grondig hervormd onder leiding van intendant Dirk Coutigny. Hij herstructureerde het tot een modern flexibel orkest. Jaarlijks brengt het orkest een tiental producties die worden ontdubbeld in een ruim netwerk van concerten in eigen land, maar ook in Nederland, Duitsland, Groot-Brittannië en Italië. In 1998 trok Coutigny de Britse dirigent David Angus aan als chef-dirigent. In oktober 2004 werd David Angus opgevolgd door de Vlaamse dirigent Etienne Siebens. Deze dirigent heeft met zijn eigen Prometheus Ensemble reeds bewezen een goede combinatie te maken tussen kwaliteit, vernieuwing en gedrevenheid. In de Vlaamse pers werd deze aanstelling unaniem toegejuicht als een boeiende artistieke koers voor de toekomst van één van Vlaanderens meest dynamische orkesten. Intussen is een nieuwe chef-dirigent aangesteld, Seikyo Kim. Hij is een van Japans meest vooraanstaande jonge dirigenten. Seikyo Kim Seikyo Kim werd geboren in Osaka, Japan en trok op veertienjarige leeftijd naar de Verenigde Staten. Hij studeerde er aan het New England Conservatory in Boston waarna hij zich vervolmaakte bij Seiji Ozawa in Tanglewood en Leopold Hager aan de Musikhochschule in Wenen. In 1997 maakte Seikyo Kim zijn debuut met het Osaka Symphony en in 1998 won hij de eerste prijs op de prestigieuze International Nicolai Malko Competition for Young Conductors in Kopenhagen in Denemarken. Momenteel woont Seikyo Kim in Tokyo waar hij een reputatie heeft opgebouwd als één van Japans meest toonaangevende jonge dirigenten. Seikyo Kims discografie, die beschikbaar is op de labels Avex en Warner Classics Japan, omvat de symfonieën 2, 3, 5, 6 en 7 van Ludwig van Beethoven en de symfonieën 1, 2 en 3 van Johannes Brahms, alle opgenomen met het Orchestra Ensemble Kanazawa. Zijn fascinatie voor de historische uitvoeringspraktijk leidde ertoe dat hij in zijn geboorteland een pionier geworden is van deze benadering. Deze manier van denken inspireert hem bovendien bij het brengen van repertoire gaande van Mozart tot Brahms, en zelfs tot werken van Mahler en Sjostakovitsj. Zowel met het Orchestra Ensemble Kanazawa als met grotere symfonieorkesten zoals het NHK Symphony of het Osaka Century Orchestra kreeg hij de kans zich grondig te verdiepen in dit aspect van zijn werk. Seikyo Kim is vanaf het seizoen 2010-2011 chef-dirigent van het Symfonieor-kest Vlaanderen.


7

NIEUWS Akram Khan & de Indiase Kathakdans Van 31 maart tot en met 3 april vindt in Muziekcentrum De Bijloke Gent een dans- en muziekfestival plaats rond choreograaf Akram Khan. Khan gaat in première met zijn voorstelling ‘Gnosis’ en wordt daarbij live begeleid door een ensemble van vijf uitzonderlijke muzikanten uit India, Pakistan en het Verenigd Koninkrijk. Akram Khan is een van de fascinerendste dansers-choreografen van zijn generatie en wordt internationaal gewaardeerd voor zijn multi-disciplinaire werk dat over de grenzen van verschillende culturen heen reikt. In zijn nieuwe voorstelling ‘Gnosis’ combineert hij zijn roots in de Indiase kathakdans met hedendaagse dans. Naast de dansvoorstellingen staat een concert van het Spectra Ensemble met cantaora Amparo Cortes gepland, een concert met Noord-Indiase liederen, een muzikale vertelling voor de hele familie van en met Gerda Dendooven, dansinitiaties kathak, gratis films en dansfilms, een documentaire en lezingen rond de Indiase kathak. Meer info op www.debijloke.be.

Bespreekbureau Muziekcentrum De Bijloke Gent J. Kluyskensstraat 2, 9000 Gent Di - vr 10:00 - 12:00 & 13:00 - 17:00, za 13:00 - 17:00 t. 09 269 92 92 e. tickets@debijloke.be w. www.debijloke.be Colofon Tekst programmaboekje | Bart Tijskens & Mark Janssens Inleiding | Frank Pauwels & Seikyo Kim Programmaboekjes | Sophie Cocquyt v.u. | Daan Bauwens © Muziekcentrum De Bijloke Gent Muziekcentrum De Bijloke is mobiel dankzij het partnership met Gent Motors (www.gentmotors.be)


8

BiNNENKORT ZO | 27.02.11 17:00 | Docenten in concert

WO | 23.03.11 20:00 | Symfonisch 2+

Docenten Jazz/Pop

Isabelle Faust (viool), Jean-Guihen Queyras (cello), Alexander Melnikov

DI | 01.03.11 20:15 | Miry Mix (in Handels-

(piano)

beurs)

Haydn, Schumann, Beethoven

Pavel Haas Quartet Beethoven, Prokofjev, Dvorak

VR | 25.03.11 20:00 | Musica Antiqua 1 New Dutch Academy, Simon Murphy

DO | 03.03.11 20:00 | East of Eden

(dirigent)

Osaka Gakuso

Vroege symfonieën uit de Lage Landen

Japanse keizerlijke hofmuziek ‘gagaku’ ZO | 27.03.11 15:00 en 20:00 | Voix Gras VR | 04.03.11 18:30-24:00

(uitverkocht)

Voorwaarts Maart / En avant Mars

Huelgas Ensemble, Paul Van Nevel

Festival nieuwe muziek

(dirigent) De weg naar het eeuwige leven

ZO | 06.03.11 16:00 | De Bijloke Jong deFilharmonie, Steven Verhaert

WO | 30.03.11 20:15 | Miry Mix

(dirigent), Ianka Fleerackers (acteur)

(in Handelsbeurs)

Kidconcert : Le carnaval des animaux &

Meta4

Peter en de wolf

Kaipainen, Haydn, von Zemlinsky

WO | 16.03.11 20:00 | Jazz

DO |31.03.11 - ZO | 03.04.11

James Carter Organ Trio

Kathak- en Akram Kahn Festival

VR | 18.03.11 20:00 | Symfonisch 1

WO | 06.04.11 20:00 | Jazz+

deFilharmonie, Martyn Brabbins

Robin Verheyen & Friends

(dirigent), Paul Watkins (cello)

Reflections on Brandenburg 3

Walton, Elgar DO | 07.04.11 20:00 | East of Eden ZA | 19.03.11 20:00 | Symfonisch 3

Solisten van de Byzantijnse muziek

Brussels Philharmonic, Vlaams Radio

Grieks-orthodoxe hymnes tijdens de

Koor, James Mc Millan (dirigent), Andrew

Goede Week

Schroeder (bariton) St. John Passion

VR | 08.04.11 20:00 | Musica Antiqua 2 Collegium Vocale Gent, Akademie für

ZA | 19.03.11 20:00 | East of Eden Mix

Alte Musik Berlin, Daniel Reuss (dirigent)

Giorgis Xylouris (zang & laouto), Stelios

Der Tod Jesu

Petrakis (lira), Periklis Papapetropoulos (lavta & bulgari), Keyvan Chemirani (percussie) Kretenzische liederen


100% symphonic