Page 1

Architect wordt bij CPO weer bouwmeester CPO moet het helemaal worden. Gemeenten als Almere komen de consument van alle kanten tegemoet. Architecten zijn afwachtend.

Sla met COINS munt uit BIM Architecten slaan pas echt munt uit BIM als ze de volgende stap zetten: deelnemen aan COINS voor de overdracht aan andere partners in de keten.

bredere rol, andere vaardigheden Welke competenties moeten architecten meenemen om staande te blijven in het niet-traditionele planproces bij gebiedsontwikkeling?

Ken je kracht! Introductie op een nieuwe serie over ondernemerschap als opmaat naar succesvol vakmanschap. Is goed vakmanschap een garantie voor succes?

BNABLAD#07/09

Collectief Particulier Opdrachtgeverschap


advertentie


inhoud 04 Uitvergroot

Jan Brouwer over de Vrije Bras in Delft van Mark Graafland.

07 Van Schooten En nu verder.

08 Kortom 10 Afscheid van een uitdagende baan

Marie HÊlène Cornips professionaliseerde en verjongde de BNA tot een beroepsvereniging met een duidelijk gezicht.

12 Sla met COINS munt uit BIM

Architecten slaan pas echt munt uit BIM als ze de volgende stap zetten: deelnemen aan COINS voor de overdracht aan andere partners in de keten.

14 Architect wordt bij CPO weer bouwmeester

Collectief Particulier Opdrachtgeverschap moet het helemaal worden, als het aan de overheid ligt. Tweekap.nl en Architecten Bouwers zien een gat in de markt.

19 Het Detail

Bureau B+B ontwierp bewust kieren in de gevel van een pilot-cascowoning op het landgoed Groote Scheere in Overijssel.

20 bredere rol architect vraagt andere vaardigheden

Gebiedsontwikkeling als nieuwe tak van sport behoeft steeds minder introductie. Welke competenties moeten architecten meenemen?

24 Ken je kracht!

Introductie op een nieuwe serie over ondernemerschap als opmaat naar succesvol vakmanschap. Is goed vakmanschap een garantie voor succes?

28 Opinie

Geeft de architect wel voldoende invulling aan zijn maatschappelijke taak? En wat is die taak eigenlijk?

30 De BNA Academie: vraag en antwoord

Meer dan 2000 deelnemers hebben in het eerste jaar meegedaan aan de activiteiten van de BNA Academie. Tijd om de balans op te maken.

31 BNA voldoet aan verwachtingen van leden De belangrijkste uitkomsten uit het ledentevredenheidsonderzoek dat de BNA onlangs hield.

32 Bureauberichten 33 Nieuwe Oogst 34 BNA Academie 35 Het Bureau

De Twee Snoeken

BNABLAD #07/09

7

03


Verrassend, zonder dat het spectaculair of schreeuwerig is

04


Zeer zorgvuldige manier van ontwerpen 05


een geraffineerde plastiek Beeld Ellen Houtman / Bureau Kroner

06


COLUMN

■UITVERGROOT Een gevestigde naam uit de Nederlandse architectenwereld vertelt over het werk van een jonge architect

De Vrije Bras in Delft Jan Brouwer (1935, emeritus-hoogleraar Bouwtechnologie TU Delft en oud-voorzitter BNA) over de Vrije Bras in Delft, een ontwerp van Mark Graafland (1969, Bureau Kroner).

‘Dit gebouw aan de Brasserskade in Delft viel me op toen ik er langsreed. Het heeft iets verrassends, zonder dat het spectaculair of schreeuwerig is. Het bleek een woongebouw voor ex-psychiatrische patiënten te zijn, gemaakt door Mark Graafland van Bureau Kroner. Een oud-leerling van me, die ik als hoogleraar bouwtechnologie heb begeleid bij zijn afstuderen. Hij studeerde destijds af op een bijzonder plan in het Belgische Luik, hij kreeg een tien voor stedenbouw. Dit gebouw in Delft bevestigt zijn zeer zorgvuldige manier van ontwerpen. De gevel getuigt van een geraffineerde plastiek. Gezien de locatie aan die drukke weg met tram, moest het een dove gevel worden. Deze is een stuk vrolijker dan de dove gevels die je doorgaans ziet. Meer ramen dan anders, met Delftsblauwe tegeltjes aan weerszijden. De betonelementen daaromheen verspringen ten opzichte van elkaar, wat voor een eigen karakter zorgt. Binnen heb ik de woonruimtes op de begane grond gezien. Niet één gemeenschappelijke woonkamer, maar een aantal verschillende ruimtes met een open verbinding, die zich van elkaar onderscheiden door kleur en inrichting. Met vrij eenvoudige ingrepen heeft elke ruimte een eigen sfeer gekregen. Afhankelijk van je stemming en behoefte aan contact kun je je eigen plek kiezen. Ik zie hier ook de hand van Solita Stucken, Graaflands partner bij Kroner, die gespecialiseerd is in scenografie. Ik vind Kroner een bijzonder bureau. Hun werk getuigt van grote zorgvuldigheid en sociale bevlogenheid, wat opmerkelijk is voor jonge architecten. Voor de Vrije Bras hebben ze een opstelling op ware grootte gemaakt, zodat toekomstige bewoners konden ervaren hoe het er zou zijn. Ik weet hoe moeilijk het is om iets goed te ontwerpen voor mensen die voorzichtig hun plek moeten terugvinden in de maatschappij. Dat is hier heel goed gelukt.’

BNABLAD #07/09

En nu verder Na ruim vijf jaar directeur te zijn geweest, gaat Marie Hélène Cornips de BNA verlaten. Mijn voorganger Kees van der Hoeven heeft destijds een zeer goede zet gedaan door haar aan te nemen. Onder haar leiding is de BNA enorm veranderd. Het imago is afgestoft, de vertrouwde huisstijl heeft plaatsgemaakt voor een dynamischer nieuwe identiteit die laat zien dat de BNA wakker is geworden. De statige huisvesting in een monumentaal pand aan de Keizersgracht is verruild voor een eigentijds kantoor aan de IJ-oevers. De interne organisatie is herzien, met duidelijk herkenbare afdelingen, taken en verantwoordelijkheden. Marie Hélène heeft een beleid gevoerd met duidelijke speerpunten waardoor aan de leden en de buitenwereld helder kon worden gemaakt waar de BNA zich mee bezig houdt en wat hij kan betekenen. De contacten met zowel landelijke als regionale overheden zijn versterkt; de banden met andere partijen in de bouwwereld zijn aangehaald. De zichtbaarheid van de BNA is vergroot door de consistente manier waarop de bond in de media van zich heeft laten horen op alle momenten dat het nodig was, mede dankzij een stroom van persberichten en interviews. De BNA Academie is opgericht, waardoor de professionalisering van de branche en de permanente educatie gestalte krijgen. Er zijn nog twee belangrijke trajecten te gaan, het omzetten van de verenigingsstructuur en het oprichten van BNA Studie, die beide 1 januari 2010 zullen worden geëffectueerd. Bovendien is de afgelopen jaren de BNA gegroeid en het ledenbestand sterk verjongd. Dit is bij elkaar een mooi resultaat waarvoor ik Marie Hélène dankbaar ben. Dat de klus nog niet is volbracht, is vanzelfsprekend. Er blijft altijd genoeg te wensen en te bereiken voor de BNA: meer aandacht voor verdere professionalisering, het versterken van de banden met culturele centra als het NAi, blijvende aandacht voor de problematiek van Europese aanbestedingen, van nieuwe contractvormen. Zo zijn er nog veel meer punten die kunnen en moeten worden opgepakt. Er is kortom nog heel wat te doen voor degene die straks de weg mag voortzetten die Marie Hélène is ingeslagen, maar haar opvolger zal kunnen voortbouwen op dat wat zij in ruim vijf jaar tot stand heeft weten te brengen, voor de BNA en derhalve voor ons vakgebied. Jeroen van Schooten

07


kort nieuws

kortom BNA Studie De voorbereidingen voor de inrichting van BNA Studie zijn in volle gang. BNA Studie wordt de centrale plek binnen de vereniging waarbinnen de verschillende studie- en onderzoeksactiviteiten zijn gebundeld. Deskundigheidsbevordering en brancheontwikkeling zijn van strategisch belang voor de beroepsgroep. De BNA wil graag met de studiestichtingen BNA Studie inrichten om zowel het bereik van de onderzoeksactiviteiten binnen de architectengemeenschap als het effect ervan in de buitenwereld te vergroten. In juni hebben Jeroen van Schooten en Marie HÊlène Cornips op de ledenvergaderingen van Stagg, Staro en Stawon de plannen voor BNA Studie gepresenteerd. De drie studiestichtingen hebben op basis daarvan besloten te participeren in de verdere uitwerking van de plannen, met in principe als doel per 1 januari 2010 in BNA Studie op te gaan. Een werkgroep met vertegenwoordigers van de besturen van de BNA en de studiestichtingen zal voor eind september een uitgewerkt voorstel doen. Het BNA bestuur zal op basis hiervan in oktober een besluit nemen. De studiestichtingen zullen vervolgens in het najaar een definitief besluit nemen over integratie in BNA Studie. Wilma Jansen, manager brancheontwikkeling en marketing

Moderniseringstraject CAO van start Bij de onderhandelingen voor de architecten-CAO 2009-2010 is overeen gekomen dat de CAO een moderniseringsslag zal ondergaan. Dit is een lang gekoesterde wens van de BNA. Voor de modernisering van de CAO is door de onderhandelingsdelegaties van werkgevers en werknemers een traject ontwikkeld dat in september start. Dit moderniseringstraject concentreert zich rond een aantal thema’s, waaronder beloning, arbeidsduur en werktijden, vakantie en verlof, employability en vergoedingen en voorzieningen. Verder wordt aandacht besteed aan onder andere de toegankelijkheid, de leesbaarheid en de vormgeving van de CAO. Alle BNA-leden worden opgeroepen om actief aan dit traject bij te dragen. Om dat mogelijk te maken is een speciale website ontwikkeld: www.architectenplatform.nl. Deze website wordt intensief ingezet om input te genereren, discussie te voeren, vragen te stellen en te beantwoorden en concepten te bespreken. Zowel werkgevers als werknemers hebben toegang tot dit platform. Dit zal uiteindelijk leiden tot een digitale CAO. De BNA zal via zijn eigen website leden blijvend informeren over de voortgang en het resultaat van het traject. Tijdens dit moderniseringstraject wordt er niet onderhandeld over een nieuwe CAO. Na afloop van het traject, dat naar verwachting in het voorjaar van 2010 zal zijn, zal worden gestart met de onderhandelingen voor een nieuwe CAO. Jasper Etten, beleidsmedewerker ondernemerschap

Inspanningen Europese aanbestedingen De BNA voert een actief beleid voor de structurele verbetering van Europese aanbestedingen. Onlangs heeft de BNA uitvoerig gereageerd op het conceptwetsvoorstel voor de nieuwe Aanbestedingswet. De minister van Economische Zaken had de BNA in een persoonlijk gesprek al laten weten dat zij de door de BNA gesignaleerde problemen herkent, erkent en daar acties op wil nemen. Als een van de structurele oplossingen heeft de BNA gepleit voor een Steunpunt voor opdrachtgevers, waar vooraf advies kan worden gevraagd over een aanbesteding. De BNA heeft tot die tijd regelmatig overleg met gemeenten en adviseurs over hun wijze van aanbesteden en mogelijke verbeteringen. Het BNA Meldpunt heeft daarin een belangrijke rol. Hiermee wordt informatie gegenereerd over bestaande misstanden. Als de BNA vindt dat een aanbesteding zeer slecht is, worden de opdrachtgever en de adviseur daar op gewezen en wordt aangegeven hoe het beter kan. Een uitgebreide rapportage over het BNA Meldpunt van het eerste half jaar volgt binnenkort. Femke Rasenberg, manager beleid

08

BNABLAD #07/09


kort nieuws

kwaliteit met beleid In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart 2010 heeft de BNA zeven programmapunten opgesteld om lokale partijen te helpen invulling te geven aan hun verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de publieke ruimte. De BNA wil dat lokale partijorganisaties, zowel bij het opstellen van hun programma’s als bij de debatten in de aanloop naar de verkiezingen, gebruikmaken van deze aandachtspunten en van de aangereikte praktische tips voor het te voeren ruimtelijk kwaliteitsbeleid. Ruimtelijke kwaliteit in ons land komt onder steeds grotere druk te staan. Of het nu gaat om de stedelijke of landschappelijke ruimte, het gebruik van die ruimte wordt intensiever en meer divers. Een groot aantal gebruikers doet een steeds dringender beroep op onze schaarse ruimte en claims uit diverse sectoren (zoals wonen, werken, natuur, water en infrastructuur) strijden om voorrang. Om aan deze claims recht te doen én tegelijkertijd Mooi Nederland te realiseren, moeten bij het maken van beleid en concrete plannen zorgvuldige afwegingen worden gemaakt. Het is van groot belang dat deze urgentie wordt ingezien, zowel op politiek-bestuurlijk als ambtelijk niveau. De kwaliteit van de ruimte staat of valt met goed publiek opdrachtgeverschap. De gemeenteraadsverkiezingen van 2010 bieden kansen voor gemeenten om invulling te geven aan hun verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de publieke ruimte. Hoe? Door onder meer goed gebruik te maken van de instrumenten die gemeenten ter beschikking staan, zoals de vernieuwde Wet ruimtelijke ordening (Wro), het welstandsbeleid en het stimuleren van ontwerpend onderzoek. De zeven aanbevelingen staan in de uitgave ‘Kwaliteit met beleid; zeven programmapunten voor de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart 2010’, die is verspreid onder lokale partijorganisaties. Ook BNA-leden en andere geïnteresseerden worden opgeroepen de programmapunten te gebruiken in de debatten die dit najaar voorafgaande aan de verkiezingen worden gevoerd. ‘Kwaliteit met beleid’ kunt u downloaden via www.bna.nl > Dossiers > Verkiezingen gemeenteraad 2010.

Bijeenkomsten en cursussen Wabo Over 4 maanden wordt de Wabo (wet algemene bepalingen omgevingsrecht) ingevoerd. Door deze wet verandert het vergunningsproces. Om ervoor te zorgen dat ook uw bureau per 1 januari klaar is voor deze nieuwe manier van werken, worden de komende maanden diverse bijeenkomsten en cursussen georganiseerd. Om ervoor te zorgen dat alle bij een omgevingsvergunning betrokken partijen weten wat ze van elkaar kunnen verwachten, hebben de BNA, gemeenten, provincies, Aedes, Bouwend Nederland en het ministerie van VROM samen het initiatief genomen tot een serie gratis informatiebijeenkomsten, onder de noemer ‘Winst met de Wabo’. Doel van deze bijeenkomsten is de verschillende rollen en belangen duidelijk te maken en zo wederzijds begrip te creëren. Voor data, locaties en aanmelden: www.omgevingsvergunning.vrom.nl. De BNA Academie verzorgt ook in het najaar een aantal cursussen, waarmee u leert hoe u vanaf volgend jaar het vergunningproces kunt organiseren in uw bureau. Zie www.bna-academie.nl. Alexander Pastoors, beleidsmedewerker ontwerpproces en techniek

KARIN LAGLAS INTERIM-DIRECTEUR BNA Met ingang van 1 september neemt Karin Laglas de taken van de directeur BNA waar. Eerder was zij werkzaam bij onder meer MAB, Rodamco en OVG Projectontwikkeling. Daarnaast bekleedde Laglas verschillende nevenfuncties, waaronder die van Neprom-bestuurslid. Momenteel is zij lid van de Raad van Toezicht van het NAi en bestuurslid van de Stichting Kunst en Openbare Ruimte. Voor de BNA had Laglas eerder zitting in jury’s voor de Kubus en het Gebouw van het Jaar. De wervingsprocedure voor de directeursfunctie bij de BNA is inmiddels in gang gezet door het BNA-bestuur.

Jan van Rijn, beleidsmedewerker ruimtelijke kwaliteit

BNABLAD #07/09

09


ARTIKEL

Afscheid van een uitdagende baan 10

BNABLAD #07/09


ARTIKEL

Na bijna zes jaar verlaat directeur Marie Hélène Cornips de BNA om aan de slag te gaan als algemeen directeur van het SNS Reaal Fonds. Cornips professionaliseerde en verjongde de BNA tot een beroepsvereniging met een duidelijk gezicht. ––

Tekst Miloe van Beek Beeld Kick Smeets

Marie Hélène Cornips houdt van bouwen, van dynamiek en van complexe zaken. Drie elementen die de afgelopen jaren volop aanwezig waren bij de BNA. Bij haar aantreden in 2004 kreeg ze de opdracht om de organisatie opener, professioneler en zichtbaarder te maken. Met een achtergrond in de cultuur – ze studeerde kunstgeschiedenis en was hoofd kunst en vormgeving bij KPN – trok de BNA haar ook vanwege de Koninklijke Maatschappij ter Bevordering der Bouwkunst. In het begin was daar discussie over, moest er geen splitsing komen? ‘Ik ben blij dat het nooit is gebeurd. De BNA gaat voor excellente vakbeoefening, de Maatschappij ter Bevordering der Bouwkunst is daarbij nodig, net als de vorig jaar opgerichte BNA Academie.’ Zowel intern als extern werkte Cornips de afgelopen jaren hard aan die eenheid. Een nieuwe huisstijl, ontwikkeld door ontwerpbureau Thonik gaf een duidelijke identiteit en zette de BNA neer als een stevig merk. Intern werkte ze aan meer structuur, onder andere door de organisatie te herzien en een hoofd beleid aan te stellen. Het strategisch beleidsplan ‘Perspectief 2005 – 2010’ vormde daarbij de leidraad. Cornips zette ook vaart achter het idee om het pand aan de Keizersgracht te verlaten. ‘Dat bestond uit vier verdiepingen waar medewerkers elkaar amper zagen. Het huidige kantoor aan het IJ is heel open. Dat maakt samenwerken makkelijker.’ Ook de structuur van de BNA veranderde: het bestuur nam steeds meer afstand van het bureau. Vier jaar geleden werd Jeroen van Schooten tot voorzitter gekozen. ‘Een jonge, middenin de beroepspraktijk staande architect. Ik heb altijd heel prettig met de voorzitters en het bestuur samen gewerkt.’ Het sluitstuk van dit veranderproces is het aanpassen van de verenigingsstructuur: het is de bedoeling dat de algemene vergadering wordt vervangen door een ledenraad. De vele veranderingen van de afgelopen jaren hebben veel van de BNA medewerkers gevraagd. ‘Ik wil hen complimenteren met de flexibiliteit die ze hebben getoond. Heel bijzonder hoe ze zijn meegegaan in het nieuwe denken.’

Grote diversiteit Cornips werkte ook aan de communicatie en binding met de leden en bezocht veel architectenbureaus. ‘De BNA werkt voor kleine en grote bureaus met uiteenlopende belangen. Ik ben me altijd zeer bewust geweest van die grote diversiteit en vond het belangrijk om goed te weten wat zij wilden van de BNA.’ De regiocoördinatoren die het lokale contact met de leden verzorgen, kregen daarom een grotere rol. Onder leiding van Cornips zijn er niet alleen meer leden bij gekomen, ook bekende

BNABLAD #07/09

architectenbureaus traden toe tot de BNA. ‘Onze grotere zichtbaarheid en inzet trok hen over de streep, lid zijn van de BNA is voor veel architecten nu iets dat hoort.’Met de BNA Jonge Architectenprijsvraag en de Jonge Architectendag, richtte Cornips zich nadrukkelijk op jonge leden. Met succes: momenteel is een kwart van de werkzame leden jonger dan veertig jaar. ‘Jongeren zijn belangrijk voor de toekomst van de vereniging.’ Toen de crisis begin 2009 toesloeg, belde Cornips zelf met bureaus. ‘Ik wilde weten hoe het ging en wat we als BNA konden doen.’ Ook intern bij de BNA moest worden ingegrepen. ‘Dat was soms moeilijk maar wel een fact of life. Het is logisch dat deze economische situatie ook je eigen organisatie treft.’ Behalve bij de leden was Cornips, vaak samen met de voorzitter, ook regelmatig te vinden in Den Haag. Ze schoof aan bij de Ministeries van OC&W, VROM en Economische Zaken. ‘De BNA wordt steeds vaker gevraagd om mee te

Momenteel is een kwart van de werkzame leden jonger dan veertig jaar. praten, we worden serieus genomen als gesprekspartner.’ Het voortdurend schakelen tussen de verschillende niveaus en de veelomvattendheid van het vak van architect, maakte het directeurschap van de BNA tot een uitdagende baan. ‘Het was erg afwisselend en enerverend.’ Makkelijk vond ze het niet altijd. Dingen gingen wel eens langzamer dan ze zou willen, waardoor Cornips regelmatig haar ongeduld moest beteugelen. ‘Ik wil vooruit, dynamisch bezig zijn, maar heb te maken met een proces waarin goedkeuring moet plaatsvinden. Te ver voor de troepen uitlopen kon niet. Dat was wel eens een spanningsveld. Ik heb veel moeten doen op overtuigingskracht.’ Zes jaar na de komst van Cornips is de BNA een professionele, zichtbare organisatie met veel jonge leden. ‘Een goede basis waarop het beleid verder uitgebouwd kan worden. Toch kan er nog veel worden verbeterd, bijvoorbeeld de communicatie met de leden.’ Misschien vertrekt ze wel iets te vroeg, zegt ze zelf, maar de baan bij SNS kwam voorbij. ‘Ik vind het leuk om weer in de culturele sector te gaan werken en veel met de inhoud bezig te zijn. Het afscheid valt me best zwaar. Het is te vergelijken met je kind dag zeggen op zijn eerste schooldag. Gelukkig heb ik heel veel vertrouwen in deze organisatie.’

11


ARtikel

Sla met COINS munt uit BIM

Beeld Simulatie van project ODE in Amsterdam, gemaakt met behulp van COINS. Beeld: Strukton Engineering

12

BNABLAD #07/09


artikel

Meer grip, beter inzicht, lagere faalkosten. Dat zijn de beloftes van BIM, Bouw Informatie Systemen. Architecten slaan er pas echt munt uit als ze de volgende stap zetten: deelnemen aan COINS voor de overdracht aan andere partners in de keten. ––

Tekst Miro Lucassen

Geen architect die er nog over piekert om zonder 3D-tekening ontwerpen te presenteren. Enkele voorlopers zetten een stap verder: zij vertalen niet langer op geschikte momenten het platte vlak naar drie dimensies, maar ontwerpen met een Bouw Informatie Model (BIM) om direct het 3D-effect te zien van elke wijziging. In de ideale situatie openen de constructeur, aannemer en installateur het BIM van de architect op hun computers om informatie uit het model te halen of toe te voegen. Helaas, in de praktijk van alledag zijn traditionele tweedimensionale tekeningen het fundament onder vrijwel elk bouwproject. Daarom hebben diverse grote bouwers inmiddels personeel dat zelf de papieren informatie invoert in een 3D-model, omdat de volgende stap zo toch efficiënter verloopt. Renzo van Rijswijk, hoofd vakgroep BIM bij Strukton: ‘Door zelf te modelleren, halen we er al veel ellende uit. Waar we naar toe willen, is dat die controleslag bij het ontwerpteam komt te liggen. Zo ondervang je het traditionele gesteggel over tekenwerk, meerwerk en minderwerk in de uitvoeringsfase. Een architect die meedoet, ziet eerder de knelpunten en verbetert de kostenraming voordat die naar derden gaat. Hij heeft een veel beter overzicht en de nazorg aan problemen rond de uitvoering van het tekenwerk is een stuk minder.’

‘Ondervang het gesteggel over tekenwerk, meerwerk en minderwerk’ Maar de bouwer moet er geen punthoofd van krijgen als de ene architect aanlevert uit Autodesk Revit, de volgende werkt met Nemetchek Allplan en de derde zweert bij Archicad. ‘De overdracht aan de volgende partner is nu het struikelblok’, zegt Carl-peter Goossen, architect en BIM-deskundige. ‘Werken met 3D moet zo gebeuren dat je álle informatie kunt overdragen aan de volgende partij. Het afsprakenstelsel om dat mogelijk te maken, is COINS.’ De betekenis van de afkorting verraadt de praktische herkomst ervan: Constructieve Objecten en de INtegratie van processen en Systemen, een standaardisatieprogramma onder beheer van opdrachtgevers, bouwers, ingenieursbureaus, kennisinstellingen en netwerkorganisaties. Geen architectenbureau heeft zich nog aangesloten, zelfs pleitbezorger Goossen niet: ‘Ik volg het onderwerp op de voet, maar ik doe er nog niks mee in mijn projecten. Als zelfstandige kan ik niet zomaar aanschuiven bij grote jongens als ProRail en de Rijksgebouwendienst. Het zou prachtig zijn wanneer de BNA zich aansluit.’ COINS is zo’n project dat alles met elkaar wil verbinden:

BNABLAD #07/09

3D-materiaal, planningen, pdf-bestanden, rekenvellen en materiaaldatabases. Goossen voelt zich niet bekneld door de noodzaak om informatie strikt vast te leggen: ‘Architecten zijn wars van system-engineering, vanwege hun vrijheid. Maar die vrijheid houden ze in elk model. COINS is een verfijnder instrument voor wat ze nu doen bij het opstellen van een STABU-bestek. En het levert zo veel meer op.’ Henk Schaap, de man achter het informatiecentrum www. coinsweb.nl, verwacht dit jaar de eerste architect te verwelkomen. De nieuwkomer zal wel wat tijd kwijt zijn in deze nog experimentele fase: ‘In dit tijdsgewricht zijn die uren er mogelijk wel. Dan is het ook niet zo duur. Architecten zijn de spelers aan de voorzijde van de keten. Gebruik de mogelijkheden om informatie over te dragen en te hergebruiken, dan blijf je een rol spelen in de digitale toekomst. Volgens mij leeft dit besef voldoende onder architecten. Constructeurs en bouwers vragen steeds vaker om digitale informatie.’ Wie met een volbloed BIM aan de slag wil, kan volgens Schaap nu beginnen: ‘De uitwisselingsstandaarden zijn voldoende op niveau. Wel moet je gedetailleerde extra afspraken maken voor iedere keten. Het is niet zo eenvoudig als een Word-document uitwisselen. Ik kan me best voorstellen dat architecten dit ingewikkeld en lastig vinden.’ De regels en standaarden voor uitwisseling brengen de artistieke vrijheid niet in de knel, beloven de ontwikkelaars van COINS. Schaap: ‘Nederlandse standaarden zijn niet dwingend. Het gaat om kaders om iets vast te leggen. COINS is pas nodig als je je materiaal aflevert. De standaard bemoeit zich niet met wat je in huis doet. Bij wijze van spreken kan de architect gewoon op papier werken.’ Architect en adviseur Dik Spekkink looft de manier waarop de bouwsector het heft in eigen handen neemt: ‘COINS sluit aan bij internationale ontwikkelingen, we doen niets dubbel. Wat COINS bedenkt, wordt internationaal ingebracht. Veel overleg tussen partijen is een Nederlandse traditie. BIM-polderen, zeg maar. Het buitenland kent dat niet. In Duitsland is het ondenkbaar dat architecten en aannemers samen aan tafel zitten over dit onderwerp. In de landen om ons heen werkt het allemaal veel formeler.’ De BNA wil een toonaangevende rol spelen bij de verdere ontwikkeling van BIM en COINS, aldus beleidsmedewerker Alexander Pastoors. Cursussen en lezingen over de basis en de praktische toepassingen zijn een eerste stap in die richting.

De BNA Academie organiseert in het najaar cursussen over dit onderwerp. Voor meer informatie en aanmelden: www.bna-academie.nl.

13


ARTIKEL

Beeld Voormekaar, Boxmeer. CPO-project met aparte ruimte voor gezamenlijke activiteit. Ontwerp: Elemans Postma Van den Hork Architecten

CPO’s moeizaam van de grond, overheid blijft positief

Architect wordt bij CPO weer bouwmeester 14


ARTIKEL

Beeld Ecologische wijk De Buitenkans, CPO in Almere. Ontwerp: ORTA Nova Architectuur

Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) moet het helemaal worden. Als het aan de overheid ligt. De economische crisis helpt een handje. Tweekap.nl en Architecten Bouwers zien een gat in de markt. Gemeenten als Almere komen de consument van alle kanten tegemoet. En architecten? Die zijn afwachtend. ––

Tekst Gerard Keijsers

Het ministerie van VROM stelde in 2004 als doel dat in de toekomst een derde van de woningproductie via (collectief) particulier opdrachtgeverschap zou moeten plaatsvinden. Want daar zou behoefte aan zijn. CPO is een vorm van samenwerking bij de bouw van woningen. Een groep burgers richt een rechtspersoon zonder winstoogmerk op die volledige juridische zeggenschap heeft over en verantwoordelijkheid draagt voor het gebruik van de grond, het ontwerp en de bouw van de eigen woning. Het is gissen waar de behoefte aan CPO’s vandaan komt. Particulier bouwen is een redelijk onbekend fenomeen in

BNABLAD #07/09

Nederland. Niet voor niets stelde de overheid voor de periode 2005 – 2010 zo’n 42,5 miljoen euro beschikbaar aan stimuleringsmiddelen. Zo kunnen particuliere opdrachtgevers via de gemeente subsidie krijgen voor het inhuren van een procesbegeleider, een coördinator of een architect. De gemeente Almere geeft CPO’s maximaal 30.000 euro voor procesbegeleiding; 3000 euro per deelnemer. De procesbegeleider moet wel worden gekozen uit een pool die de gemeente zelf heeft samengesteld. Andere gemeenten stellen vergelijkbare subsidies beschikbaar. Soms is er geld voor een haalbaarheidsonderzoek van een CPO-project. Allemaal bedoeld om CPO’s van de grond te krijgen.

15


ARTIKEL

De particuliere opdrachtgever hapte niet echt. Reden voor minister Vogelaar om in 2008 nog eens 8 miljoen euro uit te trekken om de subsidiemogelijkheden onder de aandacht te brengen. Onbekend zou best eens onbemind kunnen maken.

Ik zie een toenemende vraag bij jongeren en ouderen Er lijkt nu een lichte kentering. Althans, zo zeggen architecten en de gemeente Almere. ‘Ik zie een toenemende vraag’, zegt Bart van den Hork van Elemans Postma Van den Hork Architecten. ‘Vooral bij jongeren en ouderen. Om betaalbare starterwoningen te kunnen realiseren. En om woningen met specifieke op oudere gerichte voorzieningen tot stand te brengen.’ Van een trend wil Van den Hork niet spreken. Daarvoor gaat het nog te moeizaam. Ook Erik Eijsbouts van BDG Architecten is tegelijk enthousiast en onderkoeld. De architect kan meerwaarde bieden aan een CPO. Maar, waarschuwt hij, werken met een CPO vraagt veel geduld. ‘Probleem bij een collectief is dat het smeden ervan veel tijd en overredingskracht vergt.’ Hij

werkte ooit met een CPO dat eigenlijk geen collectief wilde worden. ‘De deelnemers wilden uiteindelijk alleen maar een bouwkavel. En helemaal geen collectieve bouw. En ze gingen ervan uit dat kostenbesparing het enige doel was. Zo werkt het niet. Alleen een economisch motief is geen goede basis voor een collectief. Er is ideologische binding nodig.’ Zo is hij nu betrokken bij een Indonesische woonwijk. Het gaat ook op andere fronten fout. ‘CPO heeft twee grote problemen’, zegt Irene van Exel, programmamanager PO van de gemeente Almere. ‘Geld en hypotheekverstrekking. Want als je nog geen grond gekocht hebt en als je wel met plannen bezig bent, moet je de architect al betalen. En een normale hypotheek is daarop niet voorgesorteerd. We zijn met de banken aan het praten om speciale hypotheken te krijgen voor CPO. Zodat de voorfinanciering wordt overgenomen door de hypotheek.’ Geld is niet het enige obstakel. De lange procedures werken ook niet echt bevorderlijk. Sommige projecten sterven een vroege dood. ‘Vooral omdat de procedures zo lang duren’, zegt Van den Hork. ‘Een groep particulieren heeft vaak de tijd niet om zes of zeven jaar te wachten op een woning. Door bestemmingsplanprocedures, het bouwrijp maken van grond, het verkrijgen van kavels, duurt een project vaak zo lang. Bij een CPO-project met

Beeld Voormekaar, Boxmeer. CPO-project met aparte ruimte voor gezamenlijke activiteit. Ontwerp: Elemans Postma Van den Hork Architecten

16

BNABLAD #07/09


ARTIKEL

senioren in Boxmeer hebben twee van de deelnemers de oplevering niet meer meegemaakt.’ Ook Van Exel ziet nogal wat CPO’s uiteen spatten. ‘Je ziet vaak dat er mensen aan de voorkant van de groep binnenlopen, en tegelijk er aan de achterkant mensen uit een CPO stappen omdat het te lang duurt.’ Almere heeft daarom een accountmanager die een CPO door de gemeente loodst. Zodat het proces veel sneller verloopt. ‘Binnen 2,5 jaar kun je hier je woning in via een CPOproject.’ De rijksoverheid stimuleert overigens gemeenten het aanbod van bouwkavels te bevorderen (in het kader van het Actieplan Woningproductie). Gemeenten kunnen zelf vastleggen hoeveel grond benut wordt voor vrije kavels. En ze ontvangen een premie als de (C)PO-productie boven het regionale gemiddelde uitkomt. Maar, het helpt niet. In de gemeente Almere liggen kavels klaar voor particuliere opdrachtgevers. De rij gegadigden is echter niet zo lang. Sterker: hij is er niet. ‘Dat is een probleem’, zegt Van Exel. ‘De groepen komen niet.’ Ach, kijk naar België, verzucht iedereen. Daar vindt 70% van de woningbouw in PO plaats. Daar kunnen we nog wat van leren. Architect Frank Toeset zag bij de

zuiderburen een marktkans voor het oprapen. Architecten Bouwers werkt in België al meer dan 25 jaar met een formule die het architecten én particulieren aantrekkelijk maakt om een (C)PO-project te starten. Kernidee: de architect ontwerpt en stuurt de uitvoering aan. En het project is verzekerd tegen bepaalde, essentiële aspecten van budgetoverschrijding, zodat de particulier tevoren weet aan welke prijs en uitvoering hij toe is.

Door lange procedures sterven projecten soms een vroege dood Toeset richtte twee jaar geleden een Nederlandse poot van Architecten Bouwers op. Een stichting zonder winstoogmerk, zoals de Belgische tak een vereniging zonder winstoogmerk is. Het lijkt op een franchiseorganisatie. Architecten (alleen geregistreerde) mogen in licentie gebruik maken van de diensten en instrumenten van Architecten Bouwers en betalen daar een jaarlijkse fee voor. Elke architect krijgt een vierdaagse basistraining om bijvoorbeeld klantgericht te kunnen werken en om controle te houden over het proces. Toeset: ‘Wij richten ons op het proces, risicoafdekking en ondersteuning om het werk van de architect makkelijker te maken. Ze krijgen bijvoorbeeld

Beeld Villa Overgooi, Almere. CPO-project met vijf particuliere opdrachtgevers. Ontwerp: NEXT architects. Foto: Iwan Baan

BNABLAD #07/09

17


ARTIKEL

tools om makkelijker een kostenraming te kunnen maken, of om projectadministratie te organiseren. Verder ondersteunen we in communicatie.’ Architecten Bouwers heeft het bouwproces in twee stukken geknipt. De eerste fase is klassiek. Er wordt een voorontwerp gemaakt dat wordt getoetst op welstand en bestemmingsplan. In de tweede fase wordt een design en constructovereenkomst aangegaan. Architecten Bouwers maakt daarvoor gebruik van de raamovereenkomst Uniforme Administratieve Voorwaarden voor Geïntegreerde Contractvormen. De overeenkomst wordt afgesloten met Architecten Bouwers BV, die 100% eigendom is van de stichting Architecten Bouwers en gerund wordt door de deelnemende architecten. De BV regelt de administratieve verplichtingen en de verzekeringen en treedt op als hoofdaannemer. In praktijk is het zo dat de architect de uitvoerende fase aanstuurt en organiseert. Toeset gelooft heilig in zijn formule. Omdat er volgens hem juist nu grote kansen liggen voor CPO en PO. ‘Het ministerie van OC&W heeft geld vrijgemaakt voor een PO-lab. Om de kwaliteit te stimuleren. Wij zijn in een vergevorderd stadium om daarin een rol van betekenis te spelen.’ Architecten Bouwers heeft op dit moment een gebruikersgroep van tien architecten. ‘Binnen drie jaar moeten dat er tussen de 60 en 80 zijn’, zegt Toeset. Dat lijkt te kunnen lukken. De gemeente Almere draagt AB een warm hart

Beeld Wonen op bestelling, Almere. Projectmatige woningbouw met keuzevrijheid voor bewoners. Ontwerp: BDG Architecten Ingenieurs Almere

toe. Maar ook de BNA. Toeset: ‘De design & constructovereenkomst lag aanvankelijk wat gevoelig. Maar we zijn het er over eens dat we van een verlies- een winsituatie kunnen maken. Aannemers hielden zich toch ook met ontwerpen bezig? Waarom zouden ontwerpers zich dan ook niet met aannemen mogen bezighouden?’

CPO heeft twee grote problemen: geld en hypotheekverstrekking Een architect wordt weer een beetje bouwmeester bij CPO’s. Vindt ook Van den Hork. Hij doet alles. Van ontwerp tot begeleiding bij de uitvoering. ‘Als het besef groeit dat ze samen algemene voorzieningen kunnen realiseren, dan levert het wat op. Dat moet je als architect kunnen sturen. Je bent toch een adviseur van een groep opdrachtgevers. Om het proces zichtbaar te maken. En ze te stimuleren gezamenlijke doelen te zien. Dat is veel werk. Je kunt dat niet tussen de soep en de aardappels door doen. Je wordt vroeg bij het project betrokken. En gaat door tot het einde. We zijn gewend te denken: we maken een schets, een VO en een DO en dan gaat de trein rollen. Dat is bij een CPO anders. Mooier. Een plan van een CPO is meer bezield, is echt.’ Eijsbouts blijft gematigd. Natuurlijk, werken met een CPO vindt ook hij mooi. Maar, ‘het hele procesmanagement van een bouwproject bij een architect neerleggen? Daar zit niet zijn specifieke meerwaarde. Dat kan in feite iedereen die verstand heeft van bouwen. Zijn bijdrage en kennis zijn beter benut wanneer hij collectieven helpt om hun specifieke wensen of thema’s te uit te werken in bouwplannen.’ Of er veel werk komt van CPO’s, dat betwijfelt Eijsbouts. ‘De behoefte aan collectieve bouwprojecten is er misschien uit onvrede met wat de markt biedt. Dat mensen zich verenigen om in hun behoefte te voorzien. Maar ik vermoed dat het niet in die mate gebeurt als de overheid aanvankelijk dacht.’ Sinds april is tweekap.nl online, een landelijke portaal voor kleinschalige, collectieve bouw. Tot medio september gaat het om een Betaversie. Vraag en aanbod worden via de site bij elkaar gebracht. Van kavelaanbieder, bouwbegeleider (architect) of bouwbedrijf tot deelnemers aan een CPO, die elkaar vinden via gezamenlijke bouwwensen. Is er een CPO in wording, dan brengt de site bouwbegeleider en collectief bij elkaar. Architecten kunnen zich via Tweekap.nl aanbieden. Volgens Vanya Algra, oprichter/eigenaar van Tweekap.nl, is het grote voordeel voor de architect dat hij via de site in contact kan komen met particuliere die overwegen om te gaan bouwen. ‘In de fase van oriëntatie dus.’ Volgens Algra wordt zijn initiatief zeer serieus genomen door VROM. Tweekap.nl is in gesprek met Stawon en met Architecten Bouwers over mogelijke samenwerking.

18

BNABLAD #07/09


RUBRIEK

■HEt DETAIL

Waarom ziet een gebouw eruit zoals het eruitziet? De architect van het gebouw bespreekt een in het oog springend detail.

Tekst Kirsten Hannema Beeld Lard Buurman, Bureau B+B

Kieren een bijzondere lichtinval in de woning. Projectarchitect Frederica Rijkenberg, geboren in een Oostenrijkse bergdopje nabij Innsbruck, herinnert zich nog goed hoe ze zelf als meisje op de hooizolder speelde en dan lag te kijken naar het gefilterde licht dat door de gevel naar binnen viel. Dat effect had zij hier ook voor ogen. Natuurlijk moest de gevel, anders dan bij een ouderwetse schuur, wel goed geïsoleerd zijn. ‘In eerste instantie wilden we een volledig glazen binnengevel met daarvoor een kierende tweede huid, maar dat bleek te kostbaar.’ Uiteindelijk zitten de kieren daarom alleen in de luiken, die voor de gevelopeningen zijn gemaakt. De luiken vouwen zowel horizontaal als verticaal open, afhankelijk van de richting van de planken. Om het beeld van een huid die rondom doorloopt te creëren zijn er drie maten hout gebruikt: 11,5; 15,5 en 18,5 centimeter. Het patroon, inclusief kieren, is exact uitgetekend. Wel bleek het ingewikkeld om het vervolgens precies in te meten. ‘Vooral bij de luiken werd het lastig. Gelukkig dacht de aannemer goed mee, en konden we tekeningen ter plaatse aanpassen.’ Over het resultaat is Bureau B+B zeer tevreden. Frederica Rijkenberg: ‘Het ontwerp zoals oorspronkelijk gedacht, is precies uitgekomen. Wat ik nu vooral hoop is dat de toekomstige bewoners het huis helemaal open laten, als een grote leefruimte. Dan is het effect van het lichtspel optimaal.’

Normaal gesproken proberen architecten te voorkomen dat er kieren in de gevel ontstaan, maar bij deze pilot-cascowoning op het landgoed Groote Scheere in Overijssel zijn ze juist bewust ontworpen. De kieren dragen, net als de archetypische vorm van het gebouw, de hangende (slaap) zolder, het strakke rieten dak en de geoliede houten gevels, bij aan het beeld van een

BNABLAD #07/09

moderne schuur – een woontypologie die de laatste jaren in opmars is in de provincie. De smalle openingen tussen de plankdelen, ongeveer een centimeter breed, zorgen voor

Project Pilotwoning ‘Het Entreehuis’, Landgoed de Groote Scheere, Gramsbergen Architect Bureau B+B stedenbouw en landschapsarchitectuur Projectarchitect Frederica Rijkenberg i.s.m. Aad Krom Aannemer Bouwbedrijf Zweers, Ane/Hardenberg

19


ARTIKEL

Beeld Gebiedsontwikkeling in Roombeek, Enschede. Foto: Jan Schartman

bredere rol architect vraagt andere vaardigheden Gebiedsontwikkeling als nieuwe tak van sport – ook voor architecten – behoeft steeds minder introductie. Wel is de vraag aan de orde welke competenties architecten mee moeten nemen om staande te blijven in een niet-traditioneel planproces. Een voorproefje op de aanstaande BNA Masterclass. ––

Tekst Kees de Graaf

In twee eerdere uitgaven van BNA Blad (#06/08 en #08/08) kwam gebiedsontwikkeling als belangrijke opgave voor de toekomst al uitgebreid aan de orde. Duidelijk werd dat het bij gebiedsontwikkeling niet meer om een traditionele top down blauwdrukaanpak gaat, maar veel meer om een open proces waarin meerdere partijen het samen moeten zien te redden. Dat heeft voor al die partijen gevolgen, ook voor de ontwerper. In plaats van lijdzaam te wachten op een programma van eisen, kan hij naar voren schuiven in het proces en daar zijn bijdrage leveren aan de planontwikkeling. Een bijdrage bijvoorbeeld als onderzoeker en creatief verbeelder

20

van uiteenlopende scenario’s en ambities. Of de architect ook daadwerkelijk in die positie wordt geplaatst, is voor een belangrijk deel afhankelijk van de eigen competenties.

Ondermaatse kwaliteit Masterclass-docent Peter van Rooy is overtuigd van de potentiële kwaliteiten van ontwerpers: ‘Ik heb in de praktijk gezien dat zij het verschil kunnen maken. En dat is hard nodig ook, als ik naar de kwaliteit van een aantal actuele gebiedsontwikkelingen kijk. De ruimtelijke kwaliteit daarvan houdt niet over. Oorzaak: de kennis van ontwerpers wordt

BNABLAD #07/09


ARTIKEL

onvoldoende in het proces ingebracht en daardoor gaat het alleen over letters en contracten.’ In plaats daarvan moet veel meer de unieke kracht van de architect worden ingezet, aldus Van Rooy. ‘De kunst is om de letters die partijen vooraf op papier hebben gezet te verbeelden en vervolgens mee te groeien met de opgave. Van architecten vraagt dat echter wel een andere houding. Tijdens de eerste BNA Masterclass kreeg ik nog steeds de vraag “wanneer moeten we dan ons ontwerp inleveren?”. Die hebben het dus nog niet begrepen.’ Gebiedsontwikkeling vergt van architecten dat zij in durven stappen in het proces, de werkelijke urgenties boven tafel weten te krijgen en programma’s kritisch kunnen benaderen. Dat kan door goed te luisteren en zich te verdiepen in de wereld van anderen. Ook moeten ze bijvoorbeeld weten wat een grondexploitatie en een fasering inhouden. Van Rooy: ‘Het ontwerp fungeert vervolgens niet als statisch document, maar als de gezamenlijke verbeelding van wat alle partijen beogen. En dat soms wel twintig jaar lang. Architecten moeten hun ontwerp dus veel meer als een proces zien.’

Veel partijen De stellingname van Peter van Rooy wordt bevestigd door twee praktijkdeskundigen, die beiden tijdens de BNA Masterclass in september het woord zullen voeren: Ton van Snellenberg (Programmamanager Roombeek bij de gemeente Enschede) en stedenbouwkundige Shyam Khandekar. Zij waren de afgelopen jaren respectievelijk betrokken bij de locaties Roombeek (Enschede) en Paleiskwartier (’s-Hertogenbosch). De eerste ontwikkeling betrof de herontwikkeling van een zestig hectare groot gebied tegen de Enschedese binnenstad aan; een samentrekking van het gebied van de vuurwerkramp en een nog te ontwikkelen binnenstedelijke

BNABLAD #07/09

Vinex-locatie. Een maximaal aantal partijen zette hier vanaf 2000 de schouders onder, zo geeft Ton van Snellenberg aan. ’Naast traditioneel aanwezige partijen als de corporaties hebben vooral de bewoners zelf een centrale rol in de planontwikkeling vervuld. Iedereen – jong en oud, autochtoon en allochtoon, huurders en kopers, kunstenaars en ondernemers – dacht mee. En vervolgens zijn veel particulieren ook opdrachtgever geworden voor de eigen woning. Particulier opdrachtgeverschap is met Roombeek echt op de kaart gezet.’ Een uitgesproken niet-traditioneel proces dus: de toekomst van de wijk werd echt in de handen van de mensen zelf gelegd. Niets meer en minder dan een paradigmawisseling, aldus Van Snellenberg. ‘Dat vraagt aan de ene kant om nieuwe expertise, zoals de inbreng van een participatiebegeleider die erin slaagt om van inspraak veel meer een creatief proces te maken.’ Daarnaast moeten betrokken partijen de knop omzetten, de ontwerpers incluis.

‘Er is behoefte aan een framework dat inspiratie biedt.’ Blanco vel Een mooi voorbeeld van de omslag in denken die ook bij architecten nodig is, werd geleverd bij de ontwerpprijsvraag die de gemeente uitzette voor het centrale voorzieningencluster in de wijk. Van Snellenberg hierover: ‘Eén architect, de Westduitser Peter Hübner, leverde een blanco vel papier in. Daarop zijn we met hem gaan praten en hij maakte ons

21


ARTIKEL

Beeld Maquette van het Paleiskwartier in ’s-Hertogenbosch. Ontwerp en foto: BDP.Khandekar

duidelijk dat een project als dit alleen gerealiseerd kan worden als alle partijen met de architect samen aan de slag gaan. Vanaf scratch. Die visie leverde hem de opdracht op.’ Een ander voorbeeld in dit verband is de ontwikkeling die stedenbouwkundig supervisor Pi de Bruijn doormaakte. De man die ooit aan de top down-gestuurde ontwikkeling van de Bijlmermeer meewerkte, ontpopte zich bij Roombeek als hartstochtelijk voorvechter van het particuliere initiatief. Samen met projectdirecteur Peter Kuenzli en wethouder Roelof Bleker ontstond zo een krachtig driemanschap, aldus Van Snellenberg: ‘De keuze voor een niet-traditioneel proces is één, maar dan moet je wel de mensen hebben die dat proces kunnen dragen. Daar is bij Roombeek nadrukkelijk op gelet: chemie en leiderschap.’

Stedelijk gebied Slaagde men bij Roombeek erin om 45 van de zestig hectare in krap tien jaar tijd te herontwikkelen, bij het Paleiskwartier in ’s-Hertogenbosch zijn partijen inmiddels al twintig jaar bezig. Stedenbouwkundige Shyam Khandekar was er vanaf het prille begin bij betrokken: ‘Het vormde een van de eerste opdrachten van ons net opgerichte bureau: een studie naar de mogelijkheden om negen hectare grond ten westen van het station te herontwikkelen. De inzet: een meer stedelijk gebied maken van dit verpauperde bedrijventerrein en daarmee een uitbreiding van de binnenstad realiseren.’ In de loop van de jaren groeide het herontwikkelingsgebied en daarmee de rol van Khandekar, die als supervisor werd aangewezen. Essentieel in dit soort langlopende processen is zijns inziens dat flexibiliteit in de planontwikkeling wordt ingebouwd: ‘Wie heeft de wijsheid in pacht om te weten hoe de wereld er over vijf of tien jaar uitziet? In plaats van een ontwerp dat alles vastlegt, is

22

veel meer behoefte aan een framework dat inspiratie biedt aan opdrachtgevers en ontwerpers. En dat tegelijkertijd een bepaalde kwaliteit in het gebied waarborgt. Dat is een dilemma.’

Goede acteurs Een dilemma dat alleen wordt doorbroken door niet alles vast te leggen en bovenal vertrouwen te hebben, aldus Khandekar: ‘Ik vergelijk mijn rol met die van een filmregisseur. Ik heb een script en zoek daar de goede acteurs bij. Vervolgens vraag ik een bepaalde emotie van ze. Maar hoe zij die emotie vertolken, is binnen bepaalde bredere kaders vrij.’ Het script bestond in dit geval uit een document waarin met tekst en illustraties de kernboodschap van het Paleiskwartier en de criteria waar de bouwinitiatieven aan moesten voldoen werden beschreven: ‘In dat document hebben we de gewenste identiteit van het gebied beschreven, op een voor iedereen begrijpelijke manier, en wat dat betekent voor stedenbouw, architectuur en niet te vergeten de openbare ruimte. Daarmee hebben we ook bijvoorbeeld steeds de architectenselectie op touw gezet. Architecten moesten dit verhaal onderschrijven, zij moesten zich in het grotere geheel willen voegen. Nu, jaren later, staat dat document nog steeds als een huis.’ BNA Masterclass op herhaling Op 21 en 28 september 2009 vindt opnieuw de BNA Masterclass Architect en gebiedsontwikkeling plaats. Tijdens de bijeenkomsten komen de praktijkcases Paleiskwartier in ’s-Hertogenbosch en Roombeek in Enschede aan bod. Informatie en aanmelden: www. bna-academie.nl. Meer informatie over gebiedsontwikkeling in Nederland: www.nederlandbovenwater.nl.

BNABLAD #07/09


advertentie


SERIE BUREAUPROFIELEN

24

BNABLAD #07/09


SERIE BUREAUPROFIELEN

Ken je kracht!

Je bent architect en goed in je vak. Maar ben je er daarmee? Is goed vakmanschap een garantie voor succes? En waar ben je als bureau eigenlijk goed in? Deze nieuwe serie gaat over de noodzaak van professionalisering, over ondernemerschap als opmaat naar succesvol vakmanschap. In dit eerste deel een introductie. ––

Tekst Jacqueline van Reijsen Beeld Stockxpert

Het professionaliseren van de architectenbranche staat hoog in het vaandel bij de BNA. Door het stimuleren van ondernemerschap wil de BNA de branche naar een professioneler niveau tillen. Dat niet iedereen daar het belang van inziet, blijkt uit het groeiende ongemak onder architecten als het woord ondernemerschap valt. Deze bij uitstek creatief en kunstzinnig ingestelde beroepsgroep is doorgaans nog niet gewend aan het combineren van het creatieve met het zakelijke; taken als management en financiën zijn geen geïntegreerd onderdeel van de organisatie als geheel en worden er veelal ‘bijgedaan’. Onze snelle, complexe en onzekere tijd vraagt echter om bewust ondernemerschap. ‘We vinden het met name belangrijk dat bureaus goed nadenken over welke structuur bij hun identiteit past,’ benadrukt Jasper Etten, beleidsmedewerker ondernemerschap bij de BNA. Een goede match komt het functioneren van het bureau en daarmee ook het product ten goede. Bureaus hebben vaak een sterke signatuur zonder zich daarvan bewust te zijn. Bij kleinere bureaus drukt de eigenaar een heel eigen stempel wat het bureau persoonlijkheid geeft. Bij grotere bureaus met meer partners zijn het specialisme en esthetische kwaliteit veelal bepalend voor de identiteit. Etten: ‘Deze signatuur is in feite je merk. Juist door je bewust te zijn van je identiteit en van je sterke kanten, kun je bedrijfsdoelen stellen en bewust kiezen wat voor type bureau je wilt zijn, welk soort opdrachten je wilt verwerven en bij welke opdrachtgevers je binnen wilt komen.’ Organisatieadviseur Jaap Neijzen van Archipunt adviseert architectenbureaus die zich op de toekomst bezinnen. De architectenbranche onderscheidt zich van andere bedrijven door overwegend hoog opgeleid personeel, creatief en modegevoelig werk en een product dat zich niet leent voor standaardisatie. ‘Het bijzondere aan deze creatieve sector is

BNABLAD #07/09

het spanningsveld tussen het creatieve vak, management en techniek’, aldus Neijzen. Daarom heeft Archipunt speciaal voor de architectenbranche een model ontwikkeld voor het bepalen van marktposities. Neijzen: ‘Het model helpt bureaus bij het inzichtelijk maken van de eigen marktpositie, geeft meer grip op de eigen situatie en maakt zo een betere sturing mogelijk.’ Beter inzicht in je eigen marktpositie helpt je focussen op dat deel van de markt waar je actief wilt zijn en je organisatie daarop in te richten. Ligt bijvoorbeeld je kracht in relatief eenvoudige opdrachten en sta je in voor een hoge graad van service, dan is een eenvoudig gestructureerd klein en centraal geleid bureau passend. Zijn de opdrachten groter of complexer en ben je regionaal, nationaal of zelfs internationaal actief, dan is een middelgroot tot groot bureau met een duidelijke hiërarchische structuur van toepassing. Of werk je aan zeer diverse opdrachten voor particulieren en ondernemers met geld en ambitie, dan is een relatief kleine, informele dynamische organisatie nodig met weinig tot geen hiërarchie.

‘Je signatuur is in feite je merk.’ Zelfkennis door reflectie Een dergelijk model is niet alleen in tijden van crisis een handig hulpmiddel voor de bedrijfsvoering, maar ook als het economisch voor de wind gaat. Bijvoorbeeld voor klein begonnen bureaus die een groeispurt doormaken met de nodige groeistuipen, omdat de kleinere organisatievorm niet langer past bij de hoeveelheid werk of complexiteit van de opdrachten. De aan verandering onderhevige marktomstandigheden vragen voortdurend om zelfkennis, reflectie en doelbewust ondernemen. ‘Met behulp van dit model kunnen bureaus

25


SERIE BUREAUPROFIELEN

vaststellen waar ze hun aandacht, tijd en energie op moeten richten, in plaats van de dingen maar gewoon te laten gebeuren’, aldus Neijzen. De structuur en cultuur van een organisatie beïnvloeden elkaar. Elke sector heeft zijn eigen normen en waarden. De vraag is welke cultuur in deze branche dominant is en wat dat zegt over de bereidheid van architecten om naar zichzelf te kijken en hun organisatie. De architectenwereld kenmerkt zich door een taakcultuur naast een persoonsgebonden cultuur, zo blijkt uit een recent onderzoek naar cultuur binnen de bouwwereld door Frens Pries, lector aan de Hogeschool Utrecht. Binnen een taakcultuur zijn vakcompetenties belangrijker dan hiërarchie en staan resultaatgericht werken en samenwerking centraal. Een persoonscultuur is mensgericht en zet individuele ontwikkeling voorop, wat er bij kleinere bureaus vaak toe leidt dat alles rondom één persoon is georganiseerd. Dat kan lastig worden als een bedrijf gaat groeien, want één persoon kan niet altijd alles weten. Bij grotere bureaus speelt dit minder; zij komen qua cultuur meer overeen met andere bedrijven in de bouwwereld en hebben hun werk vooral georganiseerd rondom projecten. De architectenwereld heeft in zijn geheel ook een sterke eigen cultuur van gelijkgestemden. ‘Architecten zijn relatief introvert en laten het allemaal een beetje gebeuren,’ stelt Pries. Zij geven zelf aan dat hun rol in het bouwproces de afgelopen jaren gemarginaliseerd is. Ook blijken de ontwerpers weinig veranderingsbereid. ‘Juist binnen zo’n sterk paradigma is het extra lastig om veranderingen in gang te zetten,’ aldus Pries. ‘Architecten zouden daarom eens goed in de spiegel moeten kijken.’

Ondernemerschap is vaak geen bewuste keuze geweest Bedrijfsvoering als struikelblok Architecten blijken vooral in de bedrijfsvoering problemen te ondervinden: ondernemerschap is vaak geen bewuste keuze geweest, maar een gevolg van het succes als architect. Niet iedere architect heeft de juiste competenties voor een goede bedrijfsvoering. Daarom adviseert Joop van Wingaarden, trainer en adviseur bij AIM, grotere bureaus een directeur algemene zaken aan te stellen, bij voorkeur met een bedrijfskundige achtergrond. Deze kan alle managementtaken op zich nemen, zodat de vakmensen hun handen vrijhouden om zich met het ontwerpen bezig te houden. Voor kleine bureaus is het van belang om goed grip te hebben op de ondernemerstaken, zodat zij zich door zorgvuldig timemanagement niet laten ondersneeuwen door de waan van de dag. Ook het binnenhalen van opdrachten vraagt om

26

ondernemerschap. Een goed ontwerp of gebouw verkoopt zichzelf, is nog altijd de heersende overtuiging. Maar om je als bureau duidelijk te onderscheiden naar opdrachtgevers toe, zul je actief moeten acquireren. Uit onderzoek van de BNA blijkt dat slechts 5% van de bureaus zeer actief aan acquisitie doet en nadenkt over waar ze binnen willen komen om opdrachten te verwerven. Dat betekent niet dat de overige 95% niets doet, maar wel minder actief. Van Wingaarden herkent deze uitkomsten: ‘Tot medio 2008 werden veel bureaus door opdrachtgevers zelf gebeld of uitgenodigd om aan een wedstrijd of pitch mee te doen. Maar sinds de crisis blijft de telefoon stil. Voor bureaus die zelf niet actief aan acquisitie doen, is dat een groot probleem,’ aldus Van Wingaarden. Ervaren architecten hebben meestal een groot netwerk en een ‘goed verhaal’, een voorsprong waarmee zij eerder de nu schaarse opdrachten binnenhalen. Daarom adviseert Van Wingaarden: ‘Al vind je het snel een beetje plat, bezoek gewoon die receptie op het stadhuis en spreek de wethouder Wonen aan over toekomstige plannen en denk actief mee. Laat je zien en horen.’ Er zijn ook minder voor de hand liggende methoden. Van Wingaarden noemt het zoeken naar cross overs, naar verbindingen in de samenleving om bepaalde maatschappelijke problemen op te lossen. Bijvoorbeeld door het verbinden van de toenemende vergrijzing met wonen en zorg; bureaus die deze materie bij de kop pakken, zich eigen maken en naar innovatieve oplossingen zoeken, maken volgens Van Wingaarden een grotere kans om opdrachten binnen te halen. ‘Het levert door de crisis weliswaar niet direct opdrachten op’, benadrukt Van Wingaarden, ‘maar door innovatie ben je wel beter voorbereid als er betere tijden aanbreken.’ Niets doen is geen optie. ‘Als je niets doet en geen keuzes maakt, loop je het risico dat je vastloopt,’ waarschuwt Neijzen. Ook Pries voorziet problemen als actie uitblijft: ‘Je loopt als branche het risico verder gemarginaliseerd te worden binnen het bouwproces en je positie kwijt te raken.’ Bewust ondernemerschap vergroot de overlevingskansen van bureaus. Alleen op creatieve en emotionele gronden handelen is niet professioneel. Je neemt daarmee enorme risico’s, niet alleen ten koste van je bureau maar ook van de mensen die er werken. Doe daarom een pas op de plaats: kijk eens goed in de spiegel en ga op zoek naar je kracht!

Het model dat Archipunt voor de architectenbranche ontwikkelde voor het bepalen van marktposities, wordt toegelicht in het rapport De noordelijke architectenbranche. Een strategische verkenning, uitgevoerd door HLB Nannen Advies. Het rapport is de vinden op www.archipunt.nl > Onderzoek.

BNABLAD #07/09


advertentie


rubriek

■opinie

Zoveel mensen, zoveel meningen. In deze rubriek komen verschillende mensen aan het woord over een speciaal onderwerp.

Het maatschappelijk belang De BNA vraagt zich af of de architect wel voldoende invulling geeft aan zijn maatschappelijke taak. Maar wat is die taak eigenlijk? En krijgt de architect wel de kans hem te vervullen? Drie architecten en een projectontwikkelaar over mooie principes en de praktijk van alledag.

––

Tekst Willemijn de Jonge

‘Ik ben te vaak teleurgesteld.’ Han Heuvelink, eigenaar architektenburo heuvelink in Apeldoorn ‘Ik had bijna mijn lidmaatschap opgezegd, omdat mijn collega’s en ik hun visie niet meer kwijt kunnen in het BNA Blad. Het komt over als een oekaze-mededelingenblad uit het verre Amsterdam. Maar goed dit stukje vergoedt weer veel voor de komende tijd. Je eerste vraag zou moeten zijn: krijgt de architect überhaupt wel een maatschappelijke taak toegemeten? Die taak is de laatste decennia grotendeels door anderen overgenomen. Men vertelt mij over het algemeen wat ik doen moet, er valt nog maar weinig zelf in te vullen. De overheid wil niet dat burgers zelf maatschappelijke verantwoordelijkheid aan de dag leggen. Particuliere initiatieven – die je zou moeten koesteren – worden over het algemeen onderdrukt, de overheid trekt alles naar zich toe.

28

Dat vind ik ongezond. De burger krijgt de inrichting van het land door de strot geduwd, en ze komen er nog mee weg ook, want er is nog altijd “woningnood”. Bestemmingsplannen hebben niet zo veel meer te maken met stedenbouw, het zijn eerder politieke statements geworden. Het zit hier allemaal muurvast, het land is niet vloeibaar genoeg. Soms kom ik ergens langs en doorzie ik wat er mogelijk is. Maar zo’n plan blijft vaak op een plank liggen, uiteindelijk weten de projectontwikkelaar en de wethouder het altijd beter. Wat dat betreft ben ik in de loop der jaren wel wat terughoudender geworden met het uitdragen van mijn maatschappelijke visie, ik ben te vaak teleurgesteld. Maar af en toe hou ik er heus nog wel eens een verhaaltje over op bijeenkomsten.’

‘Ik zie nog te vaak dat een gebouw ophoudt bij de gevel.’

Helen van Duin, directeur van De Principaal in Amsterdam ‘De maatschappelijke rol van de architect is tweeledig. Enerzijds moet hij de gebruiker optimaal bedienen, waarbij woon- en kantoorkwaliteit niet mogen worden opgeofferd aan architectuur. Je kunt balkons niet mooi vinden, maar dat mag niet zwaarder wegen dan het feit dat mensen behoefte hebben aan een goede buitenruimte. Een architect moet rekening houden met de gebruikswensen van degenen voor wie hij ontwerpt. Anderzijds is de omgeving waarin gebouwd wordt ook onderdeel van zijn maatschappelijke taak. Een gebouw heeft invloed op de beleving en leefbaarheid van de openbare ruimte, de gevel fungeert in wezen als aankleding van de openbare ruimte. De plint moet passen bij de aard van de omgeving, de interactie tussen gevel en straat moet kloppen. Het is de kunst om iets te ontwerpen wat werkt voor binnen én buiten. Ik zie nog te vaak dat de functie van een gebouw ophoudt bij de gevel. Dat hoeft niet per se aan de architect te liggen, het kan ook zijn dat de opdracht dat niet toelaat. Ik zie hier een verantwoordelijkheid van zowel architect als opdrachtgever. De architect is soms bijzonder eigenwijs. En de opdrachtgever gaat soms te kort door de bocht of heeft niet de visie om verder te kunnen kijken dan het gebouw zelf. Beiden hebben de maatschappelijke taak deze balans in de gaten te houden en te onderhandelen met de overheid om de aansluiting tussen privé en openbaar goed te kunnen maken. Als alle partijen zorgvuldig te werk gaan, kun je samen een wezenlijke bijdrage leveren aan de maatschappij.’

BNABLAD #07/09


rubriek

waar ik van houd. Architectuur die ik mooi vind. Studies met een maatschappelijke component doen we ook. Recentelijk hebben we in opdracht van het Stimuleringsfonds voor Architectuur een ontwerpend onderzoek gedaan naar het decentrale ziekenhuis als katalysator van stedelijke vernieuwing. Maar naar architectuurdebatten of -congressen ga ik nooit. Dat vind ik helemaal niet nodig want ik heb drie compagnons waar ik veel mee praat. Misschien denken zij wel heel anders over dit onderwerp hoor, ik spreek voor mezelf.’

‘Mijn terrein is de esthetiek, niet het maatschappelijk belang.’ Ben Cohen, partner bij De Nijl Architecten in Rotterdam ‘Mijn maatschappelijke taak? Ik denk daar nooit over na. Als ik een opdracht krijg, probeer ik die goed te doen. Hoe maatschappelijk verantwoord je bezig bent, ligt in de opdracht besloten. Het behartigen van maatschappelijke belangen hoort bij de taak van de opdrachtgever. We doen wel veel woningbouw in achterstandswijken, omdat we graag in de bestaande stad werken en ervoor gevraagd worden. Nu zijn we bijvoorbeeld bezig met een woonblok in een Vogelaarwijk. Daarvoor hebben we op verzoek van de opdrachtgever een representatieve gevel met verwijzingen naar de 19de eeuw ontworpen. Ik weet niet of we dat ook ongevraagd gedaan zouden hebben. Onze invloed is groot, maar dan vooral op het gebied van vorm en stijl. Mijn terrein is de esthetiek, niet het maatschappelijk belang. Het is interessant om me in te leven in wat de opdrachtgever wil en tegelijkertijd de architectuur te ontwerpen

BNABLAD #07/09

het marktdenken van alle betrokken partijen is te groot geworden. De architect lijkt nu een kunstenaar die aan het begin van de voorstelling een pirouette draait; geef hem een duw en hij valt om. Als we beter in staat zijn om allianties te smeden kunnen we de breedte van ons vak terugpakken. Wij praten overigens weer steeds vaker mee over het Programma van Eisen, en ik merk dat andere partijen het best prettig vinden om de verantwoordelijkheid te delen. Ik geloof niet in de methode van Adri Duijvestein, die particuliere opdrachtgevers in Almere nu de vrije hand geeft. Het is maar de vraag of je daar een boeiender stad van krijgt. Het grote debat moet mijns inziens gaan over hoe je gezamenlijk een stad levend kunt houden. Hoe kun je veel compacter gaan bouwen om te voorkomen dat de stad doodbloedt? Dat onderwerp mis ik in de bladen en de discussies. Ik loop de symposia niet plat, want dat zijn vaak herhalingen van stellingen. Als bestuurslid van Architectura et Amicitia merk ik hoe lastig het is om de discussie goed te organiseren. Ik stuur wel regelmatig een mailtje naar Den Haag, als ze weer iets wonderlijks bedenken, zoals zonder vergunning je tuin vol mogen bouwen.’

‘Hoe kun je voorkomen dat de stad doodbloedt?’ Jurriaan van Stigt, partner bij LEVS (voorheen Loof & Van Stigt architecten) in Amsterdam ‘Architectuur is niet zo vrijblijvend als andere kunsten omdat het maatschappelijk belang zwaar mee weegt. Architectuur begint bij degene voor wie je bouwt, maar het is geen kwestie van blindelings volgen. Als architect moet je inspelen op de ontwikkelingen in de maatschappij. Alleen lukt ons dat de laatste jaren steeds minder. De bevlogenheid en maatschappelijke drive is er wel, maar

29


ARtikel

BNA Academie: vraag en antwoord De BNA Academie bestaat een jaar. Tijd om de balans op te maken. Meer dan 2000 deelnemers hebben in het eerste jaar meegedaan aan de activiteiten van de BNA Academie. De cursussen en trainingen zijn door de deelnemers overwegend positief gewaardeerd. Maar er leven ook vragen, over het aanbod, over de aansluiting op de praktijk en vooral over de prijs. Een selectie uit de vragen, met de antwoorden. ––

Tekst Joep Habets

Waarom zijn de cursussen van de BNA Academie zo duur?

Waarom is het verschil in prijs voor leden en nietleden eigenlijk niet hoger?

In vergelijking met de marktprijzen is het aanbod helemaal niet duur. Het reguliere aanbod van de BNA Academie is kostendekkend. Bijvoorbeeld, de richtprijs voor trainingen met zestien deelnemers ligt op 150 euro voor een halve dag. De marktprijzen voor vergelijkbare trainingen liggen 30 tot 50 procent hoger, met uitschieters ver daarboven. Op het programma van de BNA Academie staan bovendien regelmatig activiteiten die gratis of tegen een geringe bijdrage in de kosten toegankelijk zijn voor leden. Soms is dat mogelijk omdat cursussen kosteloos worden aangeboden aan de BNA. Overigens gaat de BNA Academie alleen op zo’n aanbod in als het inhoudelijk verantwoord is en past binnen het programma. Hoewel de prijzen voor de cursussen van de BNA Academie flink onder de marktprijzen liggen, gaat dat niet ten koste van de inhoudelijke kwaliteit. Wel wordt op de kleintjes gelet bij de keuze van locatie en verzorging, die sober maar doelmatig moeten zijn. Door ‘collectieve inkoop’ kan de BNA Academie gunstige prijzen bedingen en, wat ook scheelt, door gebruik te maken van de bestaande kanalen kan worden bespaard op de kosten van de werving van deelnemers.

De deelname van niet-leden is ook voor de leden van belang. De doelgroep van de BNA Academie is relatief klein. Zouden we ons beperken tot BNA-leden dan zouden bepaalde cursussen niet of slechts tegen veel hogere kosten kunnen worden gegeven. De activiteiten moeten daarom aan nietleden tegen een concurrerende marktprijs worden aangeboden. Voor niet-leden liggen de prijzen in de regel een kwart hoger. Voor medewerkers van architectenbureaus BNA geldt trouwens ook de ledenprijs.

Alles goed en wel, maar ik zie toch ook hoge bedragen op de website staan. Ja, er zijn ook cursussen die meer kosten, maar die bieden ook veel extra. Een intensieve workshop met maximaal acht deelnemers en twee trainers of een meerdaagse cursus met een coachingstraject kost nu eenmaal meer dan een seminar van een halve dag met veertig toehoorders.

30

Biedt de BNA Academie ook cursussen aan voor medewerkers van architectenbureaus? Ja, sommige cursussen zijn speciaal bedoeld voor bepaalde groepen medewerkers. Zo staan ‘Presenteren voor bureaumedewerkers’ en ‘Managementvaardigheden voor projectleiders’ op het programma. Maar er zijn meer mogelijkheden. Architectenbureaus zijn er in soorten en maten. Het hangt dan van de verdeling van taken af voor wie een bepaalde cursus geschikt is. Zo kan bij het ene bureau een architect de aangewezen persoon zijn om een cursus over life cycle costs te volgen en bij het andere bureau een projectleider of een kostendeskundige.

Om teleurstelling te voorkomen wordt de informatie op de website over doelgroepen, voorkennis en inhoud uitgebreid voor het nieuwe cursusaanbod.

Ik kan in het aanbod zo weinig architectuur vinden. Kan daar niet meer aan gebeuren? Het programma van de BNA Academie bestrijkt de hele breedte van het vakgebied en de beroepsuitoefening. In overleg met de docenten is de inhoud zoveel mogelijk afgestemd op de beroepspraktijk. Zo gaat het bijvoorbeeld bij nieuwe regelgeving niet om de regels tot in detail te behandelen, maar om aan te geven wat de consequenties zijn voor het ontwerp of de beroepsuitoefening. Op het thema ‘architectuur en ontwerpen’ is het aanbod inderdaad niet groot. We gaan daar verbetering in brengen, zo komen er ontwerpworkshops en meer masterclasses in het programma voor 2010.

Is er al meer bekend over het aanbod in 2010?

Hoe bepaal ik dan of een cursus voor mij geschikt is?

Ja, daar wordt nu aan gewerkt. Cursussen waarover de afspraken rond zijn, verschijnen in de loop van het najaar op de website. Eind november staat de publicatie van het hele aanbod op stapel. Gedurende het jaar komen daar nog de activiteiten bij die inspelen op de actualiteit. De nieuwe bouwopgave - met onderwerpen als duurzame architectuur, eigentijdse bouwprocesvormen, BIM en binnenstedelijk bouwen - en de professionele vakbeoefening komen zeker aan bod.

Lees in elk geval de informatie op de website goed. En neem die serieus. Een cursus die als ‘oriëntatie’ wordt aangeboden is niet bedoeld voor gevorderden. Bel als er twijfel bestaat naar de BNA Academie (T 020 555 36 66) om meer informatie te krijgen.

Kijk voor meer vragen en antwoorden over de BNA Academie op www.bna-academie.nl

BNABLAD #07/09


artikel

BNA voldoet aan verwachtingen van leden De BNA is betrouwbaar en deskundig, maar mag wel wat opener en innovatiever worden. Het zijn de belangrijkste uitkomsten van het ledentevredenheidsonderzoek dat de BNA onlangs hield. ––

Tekst Miloe van Beek

Om de behoeften van de BNA-leden beter in beeld te krijgen en zo de dienstverlening te verbeteren, voerde onderzoeksbureau Integron onlangs in opdracht van de BNA een tevredenheidsonderzoek uit. Dit werd online bij 2802 BNA-leden uitgezet. De respons was hoog, er reageerden 772 mensen (28%). Zij vormen een evenwichtige afspiegeling van het ledenbestand. Belangrijkste uitkomst: leden zien de BNA als betrouwbaar en deskundig en voor bijna driekwart voldoet de BNA aan de verwachtingen. Acht op de tien leden vindt dat de BNA voldoende mogelijkheden geeft om hun stem te laten horen. Versterking van de rol en positie van de architect is voor leden verreweg het belangrijkste beleidsonderwerp. De leden waarderen verder de inhoud en frequentie van de communicatie van de BNA, al vinden ze dat ze niet altijd goed op de hoogte zijn. Blijkbaar kan de gewenste informatie niet altijd worden gevonden. Waarschijnlijk zal deze klacht grotendeels opgelost zijn met de nieuwe website die in het eerste kwartaal van 2010 klaar is. Deze krijgt een veel betere zoekfunctie en een door veel leden gewenst forum voor het uitwisselen van informatie, tips en ervaringen. Ook de online helpdesk wordt verbeterd. Uit het tevredenheidsonderzoek blijkt dat een kwart van de ondervraagden wel eens telefonisch of online contact opneemt met de helpdesk en een deel wil uitbreiding van de juridische dienstverlening. Voor de telefonische helpdesk zal worden gekeken of het proces verder kan worden verbeterd.

Ondervraagden konden in het onderzoek aangeven hoe belangrijk ze een onderwerp vonden. Onderwerpen die worden gezien als belangrijk en urgent, zijn vertaald in vijf actiepunten: • Een nieuwe website, in het eerste kwartaal van 2010 gaat deze de lucht in • De vorming van een ledenpanel dat dieper in gaat op de antwoorden uit het onderzoek • Professionalisering van de telefonische helpdesk door standaardisatie van de processen en antwoorden • Er komt een scherper aanbod en duidelijke communicatie over het niveau van opleidingen aan de BNA Academie • Meer aandacht voor begeleiding van nieuwe leden

BNABLAD #07/09

Ledenpanel Om erachter te komen wat er aan de communicatie veranderd kan worden, zal binnenkort een ledenpanel worden samengesteld. De BNA hoopt er door dit panel ook achter te komen wat leden bijvoorbeeld verwachten van de collectieve belangenbehartiging. In het tevredenheidsonderzoek geven de leden aan dat de belangenbehartiging beter kan. De BNA lobbyt wel heel actief in Den Haag, alleen komen daar niet altijd de door leden gewenste resultaten uit. Het kan dan overkomen alsof de BNA te weinig doet. Tenslotte is het gebrek aan transparantie, openheid en innovatie van de BNA een kritiekpunt. Verder geeft een deel van de respondenten aan behoefte te hebben aan meer kortingsregelingen, bijvoorbeeld op het gebied van software. De BNA onderzoekt of hiervoor overeenkomsten met externe partijen gesloten kunnen worden. Over de in september 2008 opgezette BNA Academie zijn de leden overwegend positief, 36% van de ondervraagden heeft al eens een cursus gevolgd. Wel is er behoefte aan betere informatie over het niveau van een cursus, het moet sneller duidelijk zijn welke voorkennis ervoor nodig is. Ook het aanbod kan meer worden toegesneden op de wensen van de leden. Tenslotte mogen opleidingen minder duur worden. De BNA Academie is al goedkoper dan andere opleidingen op de markt, maar er wordt gekeken naar mogelijkheden om de kosten verder te beperken, bijvoorbeeld door meer kortere cursussen aan te bieden.

De belangrijkste punten uit het onderzoek • Er is veel tevredenheid over het contact met de medewerkers van de BNA • Leden vinden collectieve belangenbehartiging zeer belangrijk. Dit kan volgens hen nog beter • De BNA is betrouwbaar en deskundig • Er moet gewerkt worden aan transparantie en innovatie

31


rubriek

Bureau berichten

Beeld Terrashuizen, Stuttgart. Ontwerp: KCAP Architects&Planners. Beeld: Fürst Developments

KCAP Architects&Planners maakt deel uit van het winnend internationaal architectenteam waarmee projectontwikkelaar Fürst Developments de prijsvraag voor investeerders ‘Zukunft Killesberg - Think k’ in Stuttgart heeft gewonnen. Tussen 2010 en 2012 zal er een een nieuw stadskwartier met gemengd programma gerealiseerd worden op de Killesberg Stuttgart, dat op een bruto vloeroppervlak van totaal 50.000 m2 onder andere woningen, kantoren, horeca, winkels, een kinderdagverblijf, een stadhuis en het stadsdeelcentrum Forum K omvat. KCAP ontwierp drie verschillend gedimensioneerde en sculpturaal gevormde terrassenhuizen. Hans Kuiper, grondlegger van KOW, heeft het bureau verlaten voor een functie als hoofd Dienst Stedenbouw van de gemeente Den Haag. Door zijn vertrek is er een nieuwe directie gevormd waarin René Marey (algemeen directeur), Anjelica Cicilia (commercieel directeur), Edward van Dongen (operationeel directeur) en Victor Verstappen (financieel directeur) zitting hebben. Zij worden ondersteund en begeleid door een Raad van Advies die bestaat uit een aantal ervaren KOW-ers onder voorzitterschap van medeoprichter Aad Wubben.

Beeld ROC Mondriaan, Leidschenveen. Ontwerp en beeld: Tib Architecten

TIB Architecten is na een Europese aanbesteding geslecteerd voor de opdracht voor het ROC Mondriaan in

32

Leidschenveen. Bij de winnende ontwerpvisie hebben Aat van Tilburg en Marc Ibelings ingezet op een duurzaam flexibel gebouw dat een sterke visuele relatie heeft met het station. Een centraal wigvormig atrium zorgt voor overzicht en oriëntatie in het gebouw. Met dit atrium etaleert de school zich naar de omgeving. Na een fusie per 1 januari 2009 tussen Rijnboutt Van der Vossen Rijnboutt architectuur stedenbouw strategie en CH & Partners stedebouw en landschap heeft het Amsterdamse bureau een nieuwe naam: Rijnboutt. De directie bestaat nu uit Mattijs Rijnboutt, Richard Koek, Bart van der Vossen, Frederik Vermeesch, Renée Liefting en Kees Rijnboutt.

Peter Dautzenberg heeft een nieuwe firma opgericht onder de naam peter dautzenberg + partners interieur+architecten BNI+BNA. De Rotterdamse architectenbureaus ir. Harry Nefkens BV en Atelier Z, Zavrel Architecten BV zijn samengegaan onder de naam DeRoon|VanEs Architecten. De nieuwe samenwerking en naamswijziging betekent een nieuwe start maar tegelijk ook een voortzetting van opgebouwde ervaring en expertise.

Overleden leden

Beeld Kenniscentrum Transformatie & Restauratie. Foto: Bastiaan van ’t Veer

Tijdens de Dag van de Architectuur is het Masterplan Dobbelmanterrein Nijmegen en de drie woonfabrieken en woonzorgcomplex van Architectenbureau Marlies Rohmer uitgeroepen als winnaar van de eerste editie van de Architectuurprijs. De jury vond deze transformatie van de plek een schoolvoorbeeld voor de manier waarop procesmatig en inhoudelijk met deze opgave kan worden omgegaan. Per 1 januari 2009 hebben Rob de Jong en Peter Dautzenberg in goed overleg besloten om hun bureau dautzenberg de jong architecten bna/bni op te heffen.

Beeld De nieuwe huisvesting van Willems en U. Ontwerp: Willems en U. Foto: Norbert van Onna architectuurfotografie

Willems en U is verhuisd naar een nieuw kantoorpand, een eigen ontwerp van het bureau. Het nieuwe adres is Groenstraat 6 in Eindhoven.

IOU heeft een nieuwe website, naar eigen ontwerp, gelanceerd: www.I-O-U.nl.

Beeld Masterplan Dobbelmanterrein, Nijmegen. Ontwerp en foto: Architectenbureau Marlies Rohmer

In november wordt de winnaar bekendgemaakt.

Hooyschuur architecten bna opende in augustus het Kenniscentrum Transformatie & Restauratie. Het doel van dit nieuwe centurm is het creëren van een platform waar vakgenoten en geïnteresseerden elkaar kunnen ontmoeten en met elkaar ervaring en kennis kunnen uitwisselen over de mogelijkheden en het belang van het transformeren en behouden (restaureren) van gebouwen. Activiteiten zijn onder meer lezingen door specialisten en een permanente expositie van voorbeeldprojecten. De volgende projecten zijn genomineerd voor de Rietveldprijs 2009: Westraven van architectenbureau cepezed, Onder Professoren van Jan Bakers Architecten, Parkeergarage De Cope van JHK architecten en Stedenbouwkundig en omgevingsplan Papendorp van Wissing Stedebouw en Ruimtelijke vormgeving en West 8. De jury maakte de nominaties bekend na presentatie van de twaalf projecten die eerder geselecteerd werden.

Op 10 mei 2009 is op 94-jarige leeftijd architect A.C.J. Heerkens, wonende te Tilburg, overleden. Op 29 mei 2009 is op 72-jarige leeftijd architect J. Kleinjan, wonende te Haren, overleden. Op 31 mei 2009 is op 68-jarige leeftijd architect W. Visser, wonende te Oosterbeek, overleden. Op 19 juni 2009 is op 49-jarige leeftijd architect T.A. Sillem, wonende te Amsterdam, overleden. Op 8 juli 2009 is op 54-jarige leeftijd architect F.C.M.H. Bouwens, wonende te Veldhoven, overleden. Op 9 juli 2009 is op 77-jarige leeftijd architect A. van Bergeijk, wonende te Sint Oedenrode, overleden.

Bureaubericht? E-mail naar redactie@bna.nl

BNABLAD #07/09


rubriek

Nieuwe oogst Joop Akkers (59, AvB Arnhem 1987) is sinds 1994 werkzaam als zelfstandig architect bij Archon architectuur en ontwerp in Wijchen. Michiel Akkersdijk (55) is sinds 1985 algemeen directeur / senior adviseur van SBH architecten en adviseurs bv te Arnhem. Tjeerd Haccou (30, TU Delft 2006) is in 2009 zijn eigen bureau Haccou Spatial Design gestart. Heeft voorheen gewerkt van One Architecture te Amsterdam en bij Queeste architecten te Den Haag. Peter Jollie (40, AvB/Rotterdam 2003) is sinds 2003 architect/directeur van R4a, Room for architecture BV te Rijswijk. Eunmee Kim (38, Columbia University NY USA 2001) werkt sinds 2005 als zelfstandig architect bij Studio M.ap-Eunmee Kim in Seoul (Zuid-Korea). Winy Maas (50, TU Delft 1990) is sinds 1993 werkzaam als zelfstandig architect bij MVRDV in Rotterdam. Emiel Noordhuis (31, TU/e 2003) is sinds 2006 in dienst van pvanb architecten te Groningen. COLOFON BNA Blad #07, derde jaargang, september 2009 Uitgever Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Bouwkunst Bond van Nederlandse Architecten BNA, Postbus 19606, 1000 GP Amsterdam, T 020 555 36 66, E redactie@bna.nl, I www.bna.nl. BNA Blad verschijnt tien keer per jaar (oplage 4.500) Advertenties Springer Uitgeverij, Postbus 246, 3990 AG Houten, T 030 638 37 32. E frank.vanderwalt@springeruitgeverij.nl Adreswijzigingen administratie@bna.nl Druk Drukkerij Alfabase Redactie Annemiek van Bentem, Carla Roos, Inge Pit, Leontien Sauerwein, Wilma Jansen Redactiecommissie Michiel Cohen, Maarten Engelman, Sander Mirck Basisontwerp Thonik, Amsterdam Vormgeving Formalism, Amsterdam Beeld omslag Villa Overgooi, Almere. Ontwerp: NEXT architects. Foto: Iwan Baan Tekst Uitvergroot Willemijn de Jonge Foto column Ineke Oostveen ISSN 1874-2696

Niets uit deze uitgave mag zonder toestemming van de BNA geheel of gedeeltelijk worden overgenomen. Aan de totstandkoming van deze uitgave is de uiterste zorg besteed. Voor informatie die onjuist of onvolledig is opgenomen, aanvaarden wij geen aansprakelijkheid.

BNABLAD #07/09

Maarten Overtoom (46, TU Delft 1989) werkt sinds 1994 bij BBHD Architecten te Schagen. Rowin Petersma (46, TU Delft 1988) werkt sinds 2008 bij Inbo Amsterdam als senior-architect. Werkte daarvoor onder andere als docent aan de Academie van Bouwkunst te Amsterdam. Berit Piepgras (31, The Royal Danish Academy of Fine Arts, School of Architecture, Kopenhagen) werkt sinds 2006 als ontwerper bij Ontwerpwerk Multidisciplinary Design, afdeling Architectonische vormgeving te Den Haag.

Michaela Stegerwald (Technische Universität München 1996) is sinds 2009 zelfstandig architect bij Stegerwald architecture & research. Werkte daarvoor bij Neutelings Riedijk Architecten en bij Broekbakema, beide te Rotterdam. Rik van der Velden (48, TU/e 1989) werkt sinds 2005 als architect/projectmanager bij Ector Hoogstad Architecten te Rotterdam en sinds 2006 als seniorarchitect bij van aken architecten te Eindhoven. Ron Vendrig (31, TU Delft 2006) werkt sinds 2007 als zelfstandig architect bij Ron Vendrig architecten in Purmerend. Werkte daarvoor bij Courage BNA te Apeldoorn. Noud de Vreeze (60, TU Delft 2005) is sinds 2009 zelfstandig architect bij Nouddevreeze Architect in Amsterdam. Was voorheen directeur bij de Architectengroep te Amsterdam. Nathalie de Vries (43, TU Delft 1990) is sinds 1993 zelfstandig architect bij MVRDV in Rotterdam. Marco Weijers (33, TU/e 2000) is sinds 2006 werkzaam als projectleider bij BURO 5 te Maastricht. Tanja Wendt-Scheringa (32, TU Delft 2001) is sinds 2001 in dienst van Van Hoogevest Architecten in Amersfoort. Frans de Witte M.Arch (36, AvB 2001) werkt sinds 1996 bij MVRDV in Rotterdam. Daniël de Witte (30, TU Delft 2009) is 2009 werkzaam bij Edifico ontwerp en bouwadvies te Bodegraven. Werkte daarvoor bij GelukTreurniet Architecten te Vlaardingen en was sinds 2006 student-lid van de BNA.

Jacob van Rijs (44, TU Delft 1990) werkt sinds 1993 als zelfstandig architect bij MVRDV in Rotterdam. John van Rooijen (41, AvB Groningen 2000) is sinds 2002 werkzaam bij Breddels Architecten BNA te Heerhugowaard. Wonhye Shin (39, Columbia University NY USA 1997) werkt sinds 2003 als zelfstandig architect bij Wonhye Shin in New York (VS).

33


rubriek

Het ontwerpen van duurzame groene daken Voor architecten, projectleiders en tekenaars

Tijdstip 9.30 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 995. Anderen: € 1.195

In deze eendaagse cursus komen alle aspecten van het ontwerpen en technisch uitwerken van groene daken aan bod. Ook is er aandacht voor innovatieve voorbeeldprojecten.

Presenteren voor bureaumedewerkers Praktische training

Wanneer en waar 1 oktober en 30 november 2009,Gorinchem Tijdstip 14.00 – 20.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 335. Anderen: € 395

Adviesvaardigheden en omgaan met weerstand Gesterkt door een interactieve training Ondervindt u weerstand in een project? In een tweedaagse training verkrijgt u inzicht in de relatie met de opdrachtgever. U krijgt handvatten om effectief om te kunnen gaan met weerstand en u oefent praktijksituaties. Wanneer en waar 1 en 27 oktober 2010, Amersfoort Tijdstip 9.30 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 995. Anderen: € 1.195

De keuze voor een BIM-pakket Informatiemarkt met leveranciers U raakt op de hoogte van de overwegingen die spelen bij de keuze van een BIM-pakket, en op de informatiemarkt komt u in contact met de belangrijkste leveranciers. Wanneer en waar 6 oktober 2009, Ede Tijdstip 9.30 – 17.30 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 75. Anderen: € 150

Profileren en doelgroepmarketing Werf de opdrachtgevers die u verdient PIn een tweedaagse training neemt u het heft in eigen handen. U verkrijgt inzicht in hoe u de communicatie organiseert en verzorgt met de door u gewenste opdrachtgevers. Wanneer en waar 6 oktober en 3 november 2009, Amersfoort

34

Theorie, oefeningen en rollenspelen over het houden van een presentatie. Deelnemers aan de training bereiden een presentatie over een ontwerp voor. Wanneer en waar 8 oktober 2009, Groningen Tijdstip 9.30 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 205. Anderen: € 295

Bureaumanagement Alles over bedrijfsvoering Vierdaagse praktijkcursus over strategie, marketing & beleid, financiën, opdrachten & contracten, medewerkers, en andere aspecten van de bedrijfsvoering, zoals kwaliteitszorg en het ondernemingsplan. Wanneer 16, 23 en 30 september en 7 oktober 2009, midden van het land Tijdstip 14.00 – 21.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 995. Anderen: € 1.395

Bouwen met groen en glas Ontwerpen met licht, warmte en groen Tijdens de tweedaagse cursus krijgt u in een seminar in de principes van het integraal ontwerpen met licht, warmte en groen. Zo komen daglichtoptimalisatie en het gebruik van zonnewarmte aan de orde. In de workshop oefent u de praktische toepassing. Wanneer en waar seminar op 8 oktober 2009 gevolgd door een workshop op 29 oktober 2009, midden van het land. Tijdstip 10.00 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 725. Anderen: € 825

Uw website als marketinginstrument Met beoordeling van uw website Aan het eind van de workshop van twee halve dagen heeft u

een helder beeld van hoe u uw website kunt inzetten bij het versterken van uw imago en het verwerven van projecten. Daarnaast heeft u een concreet plan voor hoe u uw website verder gaat ontwikkelen. Wanneer en waar 8 oktober en 5 november 2009, Amersfoort Tijdstip 13.00 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 995. Anderen: € 1.195

Ondernemen voor startende architecten Een vliegende start Vierdaagse cursus voor startende architect/ondernemers. De startende ondernemers maken hun eigen ondernemingsplan, alle aspecten komen daarbij aan bod van acquisitie en onderhandelen tot belasting en rechtsvorm. Wanneer en waar 12,13, 14 en 15 oktober 2009, Utrecht Tijdstip 10.00 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 395. Anderen: € 495

Gefeliciteerd u wordt partner! De volgende stap Partner, aandeelhouder, een directiefunctie: de volgende stap in uw loopbaan? Een workshop van één dagdeel voor architecten die meer willen weten over partnerschap. Wanneer en waar 13 oktober 2009, midden van het land Tijdstip 16.00 – 19.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 95. Anderen: € 145

Frisse blik op onderhanden werk, juist voor architectenbureaus Werken aan winst In de tweedaagse praktijkcursus leert u hoe u met behulp van een eenvoudige managementtool betrouwbaar inzicht kunt krijgen in de financiële situatie van uw bedrijf. Met deze tool voldoet u aan de gewijzigde fiscale regels voor het bepalen van onderhanden werk. Wanneer en waar 14 oktober en 18 november 2009, Amsterdam Tijdstip 9.30 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 1.375. Anderen: € 1.595

Risico- en contractmanagement Risico’s herkennen en beteugelen In een tweedaagse training krijgt u inzicht in verschillende contractvormen en de risico’s die deze contractvormen met zich meebrengen. Daarnaast leert u risico’s herkennen in de verschillende fases van een project en hoe u hierop proactief kunt sturen. Wanneer en waar 15 oktober en 12 november 2009, Amersfoort Tijdstip 9.30 – 17.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 995. Anderen: € 1.195

Het Plastische Getal Zie het in de juiste verhoudingen In zes middagen leert u het fenomeen proportie kennen door aansprekende instrumenten en oefeningen. Een nieuwe aanschouwelijke manier om met het Plastische Getal om te gaan, maakt deel uit van de cursus. Wanneer en waar 28 oktober, 4, 11, 18, 25 november en 2 december 2009, Amsterdam Tijdstip 13.30 – 16.30 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 795. Anderen: € 995

Financieel beleid voor architectenbureaus De cockpit van het architectenbureau Krijg helder inzicht in de geldstromen in uw bureau, leer de belangrijkste financiële kenmerken kennen en interpreteren en weet hoe u op basis daarvan het financieel beleid stuurt. Wanneer en waar 27 oktober en 3 november 2009, Amersfoort Tijdstip 14.00 – 20.00 uur Kosten BNA-leden en hun medewerkers: € 595. Anderen: € 895

De vermelde prijzen zijn exclusief btw. Voor inschrijven en meer informatie over alle cursussen, zie www.bna-academie.nl. Met vragen kunt u terecht op 020 555 36 31.

BNABLAD #07/09


rubriek

■Het Bureau

Architectenbureaus die zijn gevestigd op een bijzondere locatie.

Tekst Carla Roos Beeld De Twee Snoeken

De Twee Snoeken Locatie Monumentaal pand (16e – 19e eeuw) in Den Bosch Zit daar sinds 1999 Projecten o.m. Hoofdkantoor Waterschap De Dommel in Boxtel, Stadskantoor te Vught, Hoofdvestiging Würth Nederland in Den Bosch.

Midden in de oude binnenstad van Den Bosch staat het kantoorpand van De Twee Snoeken. Het gebouw beslaat drie adressen en is een samenvoeging van oorspronkelijk drie herenhuizen. ‘De verschillende delen stammen uit de periode van de 19e eeuw tot zelfs een deel uit de 16e eeuw,’ vertelt architect Tom Senders van het bureau. Na jaren van werken in een voormalig pakhuis – een Middeleeuws monument waarnaar het bureau zichzelf vernoemd heeft – en dependances in het centrum van Den Bosch, deed zich de mogelijkheid voor een paar straten verderop het bureau met al zijn medewerkers te huisvesten. Senders: ‘Het pand was eerder al geschikt gemaakt als kantoorruimte. Wij hebben hierop eigen toevoegingen gedaan, zoals een nieuwe receptie en ontvangstbalie, nieuwe sanitaire units en een tweede, monumentale trap. Daarnaast hebben we de zolder geschikt gemaakt als werkruimte en de kelder uitgediept om daar een drukwerkafdeling te vestigen. Dit alles met respect voor het monumentale karakter. Oorspronkelijke elementen hebben we in ere gelaten en waar

BNABLAD #07/09

nodig hersteld. Niet-oorspronkelijke details zijn verwijderd; in plaats daarvan hebben we nieuwe toegevoegd.’ Volgens Senders is de kracht van De Twee Snoeken de tijdloosheid van de ontwerpen. ‘Kenmerkend voor onze projecten is een niet-modieuze ontwerpstijl, die daarbij niet historiserend is. Wij houden niet van nostalgische namaakarchitectuur. We willen geen ontwerp maken dat na tien jaar verveelt. Je kunt het tijdloze duurzaamheid noemen, met gebouwen die blijven staan en respect voor de omgeving tonen.’ Inspirerend aan zijn eigen werkplek vindt Senders dat ‘het laat zien dat het mogelijk is om tot goede oplossingen te komen, ondanks dat de kaders ingewikkeld zijn.’ Daarbij is het Bosche centrum voor hem en zijn collega’s een prettige werkomgeving. ‘Wij stimuleren iedereen om ’s middags een uur pauze te houden, zodat ze even de geest kunnen verzetten en kunnen genieten van de binnenstad.’ Een bijzondere bureaulocatie? E-mail naar redactie@bna.nl

35

BNA Blad #07/09  

Het vakblad voor BNA-architecten

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you