BNA Beste Gebouw van het Jaar 2021 juryrapport

Scroll for more

Page 1

Niet mooiste et beste uw wint


BNA BESTE GEBOUW VAN HET JAAR Van der Valk Hotel, Amsterdam Zuidas Publieksprijs #5 Architect Wiel Arets Architects Opdrachtgever Van der Valk Hotel Zuidas B.V.

De vraag aan architect Wiel Arets was om op een driehoekige kavel op de Amsterdamse Zuidas een hotel with a view te bouwen. Die krappe kavel, waarop ook parkeren, laden en lossen opgelost moesten worden en niet ondergronds gebouwd kon worden, bracht hem tot een ­bijzondere gebouwindeling. Naast de centrale entrée aan de straat met de ­inpandi­­ge expeditieruimte, voert een ­hellingbaan naar de vier open parkeerlagen met in de ‘loze’ hoeken atelierruimtes die ‘om niet’ worden verhuurd aan creatieven. Vanuit de hal brengt de lift gasten naar de vijfde verdieping met de lobby, het restaurant en ­vergaderruimtes. ­Verder omhoog bevinden zich de hotelkamers, helemaal bovenin de spa met grandioos uitzicht over ­Amsterdam. Het interieur is ­speciaal voor dit project door het Van der Valkconcern ­ontwikkeld waarbij, in contrast met het strakke exterieur, is gekozen voor ronde vormen. De jury is om veel redenen e ­ nthousiast. Op een complexe bouwkavel is met beton, aluminium en glas een prachtig gebouw gecreëerd dat past op de zakelijke Zuidas, terwijl het van binnen een aangename warmte uitstraalt. Het ‘is een feest’ om met je auto omhoog te rijden naar de ­parkeerruimte – chique zonder franje - en ook de ontvangst in de lobby met bar voelt bijzonder gastvrij. Alle gangen hebben daglicht, alle kamers verdiepingshoge vensters waaraan een huiselijke plek is gecreëerd met een bankje waarin installaties slim zijn weggewerkt. Daar waar hotels ­doorgaans tot op de laatste v ­ ierkante millimeter zijn voorbedacht, ziet de jury dat hier ‘een mooie dans’ is­ ­ontstaan tussen opdrachtgever en architect; er was ruimte om van elkaar te leren. Zo ontstond het plan om de vele duurzame maatregelen die genomen zijn op het gebied van duurzaamheid (het gebouw heeft een BREEAM Outstanding certificering) te tonen in een enorme etalage in de p ­ arkeergarage, en kwam er een spectaculaire vide in het vergadercentrum. Bij Van der Valk dacht de jury aan ­bakstenen gebouwen met een t­ oekan-logo. Met dit hotel krijgt niet alleen die naam ‘een nieuwe ­dimensie’, maar ook de hoteltypologie.

vernieuwende hoteltypologie


ARCHITECTONISCHE OOGST, MAATSCHAPPELIJKE CONTEXT 108 gebouwen, 6 juryleden met een eigen, uitgesproken kijk op de gebouwde omgeving, en een coronaproof i­ngerichte bus om 3 dagen door het land te toeren; dat waren de ingrediënten van de Beste Gebouw van het Jaarverkiezing 2021. Dat gebouwen en plekken op die manier bezocht konden worden, was op zichzelf al een feest, en een voorrecht, na een jaar waarin we gebouwen en plekken niet konden bezoeken en gebruiken zoals bedoeld. Blijf thuis was het devies, en de anderhalve meter is nog steeds maatgevend. We zijn gewend geraakt aan het ‘nieuwe normaal’, dat we in een aantal opzichten misschien zelfs zien als een beter normaal. Met meer rust in ons persoonlijke leven, en stillere, schonere steden.

¬ Vitaliteit en gezondheid verdienen blijvend aandacht Vitaliteit en gezondheid Maar na het aanvankelijk enthousiasme over videobellend thuis werken groeit het verlangen om terug naar kantoor te mogen. Na maanden van ommetjes door de buurt, stromen winkelstraten en terrassen vol. Gaat corona onze leefomgeving veranderen? De jury vindt het nog te vroeg om een uitspraak te doen over het effect van de pandemie op de architectuur. Wel is duidelijk dat de thema’s vitaliteit en gezondheid blijvend aandacht verdienen; denk aan zaken als ventilatie, wandelruimte in de stad, maar ook eenzaamheid – niet enkel onder ouderen, maar juist ook jongeren. Er wordt nagedacht over manieren om hybride te kunnen blijven werken, met de digitale ruimte als schakel tussen thuis en kantoor.


PARTICULIERE WOONBELEVING CATEGORIEWINNAAR Huis op ’t Raboes, Eemnes Architect: De Kort Van Schaik Opdrachtgever: Schipper Bosch Projecten

Eind jaren ’90 kocht ondernemer ­Michel Schoonderbeek van ontwikkelaar Schipper Bosch de vervallen jachthaven ’t Raboes aan het Eemmeer, met het idee om het ­terrein te r­ ansformeren tot ­‘landgoed van de 21e eeuw’. Een plek om tot rust te komen in de ­natuur, en te ­­experi ­menteren ­ uurzaam met biologisch beheer en d bouwen, waarbij hij v ­ erschillende, veelal jonge o ­ ntwerpers betrok. Het Huis op ’t Raboes is de kroon op deze ­ontwikkeling. Het buitenhuis is als een betonnen ‘zwerfkei’ in het gras geplaatst. Het is opgebouwd uit drie volumes, onderling verbonden door een tussenruimte en een reeks patio’s die uit het houten dak zijn gespaard. Grote schuiframen met zitvensterbanken kaderen het uitzicht over het meer. Het interieur is verbijzonderd met op maat ­ontworpen luiken, ­badmeubels en een klimstapelbed voor de kleinkinderen. De jury is zwaar onder de indruk, geroerd zelfs. Het staat prachtig in het landschap, het ruimtelijk concept is ‘fantastisch uitgewerkt’, elke hoek verrast. De architect kreeg alle vrijheid, wat de vraag oproept waar de uitdaging lag. Tegelijk ziet de jury dat de opdrachtgever de lat hoog legde. Het beton waarin de afdruk van de houten b ­ ekisting zichtbaar is, vindt de jury een vondst; het geeft een bijzondere sfeer en ‘aanraakbare’ kwaliteit. De liefde voor het maken is voelbaar; daarbij hebben opdracht­ gever – die het ontwerp met zijn eigen bedrijf bouwde – en architect nauw samengewerkt. Dit huis is een Gesamtkunstwerk dat tot het kleinste detail klopt; de onbetwiste winnaar in deze categorie.

liefdevol gesamt­kunstwerk


We zien combinaties van werken, wonen en horeca ontstaan, en kleinschalige werkruimtes dichtbij huis. Het lokale krijgt meer aandacht, en daarbij hoort ook het vergroenen van buurten en woongebouwen. Vergrootglas Onderwerpen die al op de agenda stonden, zijn onder een vergrootglas komen te liggen, zoals klimaatverandering, de betekenis van de buurt, diversiteit en kansgelijkheid. Corona heeft iedereen geraakt, maar niet in gelijke mate. Ouderen lopen meer risico om ernstig ziek te worden, jongeren lijden meer onder de lockdowns. Bewoners in sociaal-economisch zwakke wijken worden vaker ziek, kinderen lopen daar een grotere leerachterstand op, wat onder meer te maken heeft met de kwaliteit van wonen, in kleine, slechte huizen, met veel mensen bij elkaar. Kunst van het samenleven De coronacrisis versterkt een ontwikkeling in de samenleving waarbij groepen tegenover elkaar komen te staan. In gentrificerende wijken: nieuwe tegenover bestaande bewoners. Op de huizenmarkt: woningbezitters die geld ‘verdienen’ door de stijgende huizenprijzen tegenover huurders die steeds hogere huren betalen. De Randstad waar fors geïnvesteerd wordt, tegenover het buitengebied dat kampt met krimp. How will we live together? is de titel van de Architectuurbiennale in Venetië, die na een jaar uitstel in mei 2021 open ging. Hoe kun je met ruimtelijk ontwerp samen -wonen, -werken en -komst stimuleren; en waar

¬ De coronacrisis versterkt de maatschappelijke tweedeling


PARTICULIERE WOONBELEVING Villa Fifty-Fifty, Eindhoven Architect: Studioninedots Opdrachtgever: Particulier

Op het voormalige beeldbuizen fabriek­­­s­­terrein van Philips in Eindhoven, dat wordt getransformeerd tot een woonwijk, staat Villa Fifty-Fifty, een huis dat half tuin is. Studioninedots ontwierp eerder het interieur van een loft in de Licht­fabriek voor de opdrachtgever, maar nu ze een gezin hebben, verlangden ze naar een huis buiten de stad, in de buurt van de natuur. Op een vrije kavel aan de rand van het bos zagen ze kans om die droom te realiseren. Het Farnsworth House was een inspiratiebron. De architect knipte de klassieke modernistische villa op in een reeks ‘tiny houses’ die in dam­bordpatroon op het kavel zijn ­uitgelegd, afgewisseld met beplanting. Elk blokje heeft een eigen functie en materiaal – natuursteen, tegels, golfplaat; het aluminium torentje met de twee kinderkamers is de blikvanger. De jury vindt het een sterk ­concept, dat een huis heeft opgeleverd met een unieke beleving en een ­­­aan­­genaam open gevoel. Met gekleurde en soms bijna breekbare m ­ aterialisering is het in elkaar ­‘geknutseld’. De centrale patio waardoor bezoekers ‘achterom’ binnenlopen, heeft veel kwaliteit. Punt van kritiek is de ­­­slaap­­kamer die weinig privacy biedt. Ook vindt de jury dat het huis wat gewrongen op de kavel staat. Over de plattegrond verschillen de meningen; het ene jurylid noemt de looplijn, in een richting, te strikt, de ander vindt de routing goed gelukt. Dit is een hyperspecifiek huis, net als het Farnsworth House. Over dat ontwerp was opdrachtgever Edith Farnsworth ontevreden, hier ziet de jury contente bewoners.

half huis, half natuur


houdt de gebouwde omgeving dat juist tegen? Een toegankelijke stad begint met betaalbare woon- en werkruimtes, en die ziet de jury nauwelijks tussen de inzendingen. Woningen worden steeds kleiner, je kunt er weinig mensen ontvangen, maar er is wel behoefte aan ontmoeting of een studieplek. In dit verband kijkt de jury met interesse naar de opkomst van woongebouwen met gezamenlijke voorzieningen. De vraag is wel hoe toegankelijk deze woningen zijn; de huurprijzen, rond 700 euro/maand voor een studio, exclusief servicekosten, zijn fors. Een andere trend is de publieke stadshuiskamer met ruimte om koffie te drinken, te werken en te studeren. De jury denkt dat deze gebouwen een bijdrage kunnen leveren aan het creëren van gemeenschapszin en ruimte voor ontmoeting en gesprek - en daarmee aan wederzijds begrip. Strijd om de ruimte De ‘strijd om de ruimte’ was een belangrijk onderwerp bij de Tweede Kamerverkiezingen in maart 2021. Klimaatverandering, de energietransitie, verdichting, biodiversiteit, de 1 miljoen woningen die gebouwd moeten worden om de woningnood te ledigen; hoe moeten we de vele grote vraagstukken waar we voor staan op een beperkt grondoppervlak oplossen? Dat kan alleen door functies slim te combineren, en meer en beter samen te werken met andere disciplines. ‘De kracht van integraal bouwen’ noemt de T ­ askforce Bouwagenda deze aanpak, die beschreven wordt in de gelijknamige publicatie die in maart verscheen. Om die enorme opgave tastbaar te maken, en betrokken te partijen te inspireren, is de Beste Gebouw-prijs belangrijk; de geslecteerde projecten laten in het klein zien hoe je met ontwerp kansen kunt creëren op krappe kavels, allianties aangaat en wat een experimentele aanpak op kan leveren. Tegen deze achtergrond heeft de jury tijdens de driedaagse rondrit door Nederland de bezochte projecten bekeken en met elkaar besproken.


PARTICULIERE WOONBELEVING Top-Up, Amsterdam Architect: FRANTZEN et al Opdrachtgever: Lemniskade ­ (Tom Frantzen & Claus Oussoren)

Woongebouw Top-Up is bedacht als een enorme ‘optopping’, gebouwd op de fundamenten van een oude opslagloods in Amsterdam Noord. Het is het tweede project dat architect Tom Frantzen als ontwikkelaar bouwde; eerder realiseerde hij, nadat hij de aanbesteding op duurzaamheid won, het naastgelegen, uit hout opgetrokken appartementengebouw Patch22. Top-Up zag hij als kans om geleerde lessen toe te passen. Het concept – een houten gebouw met casco woningen die bewoners zelf afbouwen – is hetzelfde. Doordat er geen woning­scheidende wanden en de leidingen niet ingestort zijn, maar ­verborgen in een holle vloer, zijn de woningen makkelijk aan te passen en/of samen te voegen. Ombouwen tot kantoor is ook mogelijk; de verdiepingshoogte, vluchtweg en vloerbelasting zijn daarop berekend. Het gebouw – in 28 dagen gebouwd is eenvoudig te demonteren; de componenten kunnen dan worden hergebruikt. Dit geldt ook voor de naastgelegen parkeergarage, die (deels) is gemaakt van g ­ erecyclede bakstenen. De jury vindt het bijzonder hoe de architect in de rol van ontwikkelaar is gestapt om met ‘een enorme gedrevenheid’ te zoeken naar nieuwe – geslaagde – ruimtelijke en financiele oplossingen; dat Frantzen zelf in het gebouw woont, zegt iets over het eindresultaat. Het gebouw is modulair, circulair en kan verschillende functies accommoderen. De hoge ruimtes en ruime loggia’s bieden licht en lucht, de houten gevel een gevoel van beschutting en maken van het huis een thuis. Op de entrée en trap na, die wat minimaal zijn afgewerkt, vindt de jury het project prachtig uitgevoerd.

modulaire en circulaire innovatie


Beoordelingscriteria De inzendingen zijn - net als in voor­ gaande jaren - ondergebracht in vier categorieën: Identiteit & Icoonwaarde, Particuliere Woonbeleving, Stimulerende Omgevingen en Leefbaarheid & Sociale Cohesie. De jury had de mogelijkheid om inzendingen in een andere categorie te plaatsen, als zij die passender vond. De projecten zijn op drie onderdelen beoordeeld: de score binnen de categorie; architectonische criteria (stedenbouwkundige inpassing, conceptuele kracht, consistente uitwerking, materialisatie en detaillering) en de samenwerking tussen architect en opdrachtgever in relatie tot de opgave (proces, planning, omgang met budget, communicatie). Op basis van het ingezonden materiaal is een eerste selectie gemaakt, waarna de jury een longlist heeft samengesteld. In een videovergadering besprak de jury deze longlist (29 projecten) en selecteerde achttien gebouwen voor een bezoek. De jury heeft elkaar bevraagd over betrokkenheid bij projecten; er was geen enkele belemmering om dit juryproces onafhankelijk te laten verlopen. Per categorie kon de jury maximaal drie projecten nomineren, waarvan één categoriewinnaar. Daarnaast bestond de mogelijkheid om maximaal drie projecten een Eervolle Vermelding toe te kennen. Uit de genomineerde inzendingen is tot slot het BNA Beste Gebouw van het Jaar 2021 gekozen. Transformatie Tweederde van de bouwopgaven betreft tegenwoordig transformaties, variërend van restauraties tot herontwikkeling van hele industrie­ terreinen. Het zijn opgaven waarin veel samenkomt; functiewijziging, verduurzaming, monumentenzorg, de business case rond krijgen. De jury bezocht onder meer de tot appartementen­complex verbouwde Openluchtschool in Goirle, het Fort van Hoofddorp, de Bibliotheek in het voormalige hoofdpostkantoor op de


LEEFBAARHEID & SOCIALE COHESIE CATEGORIEWINNAAR Theater Zuidplein, Rotterdam Architect De Zwarte Hond Opdrachtgever Hart van Zuid (Ballast Nedam/Heijmans)

Theater Zuidplein wil meer zijn dan een theater met drie zalen, oefenruimtes en een biliotheek: de Huis­kamer van Rotterdam Zuid, waar iedereen zich welkom voelt. Het gebouw, dat het gesloopte Zuidpleintheater vervangt, staat midden in een woonwijk, aan een nieuw aangelegd plein met terrassen. De beperkte ruimte op de kavel noodzaakte om (geluidsbelastende) functies precies op hun plek te ‘puzzelen’. Zo laden en lossen de vrachtwagens in een inpandige expeditieruimte, direct gekoppeld aan de kleine zaal met zijn inschuiftribune en de grote zaal waarvan het podium dubbelt als stazaal. De akoestische wand in de grote zaal, opgebouwd uit 6.000 unieke aluminium drie­hoeken, is ontwikkeld in samenwering met Studio RAP. Het driehoekmotief zie je terug in de lambrisering, de bar en de geperforeerde aluminium gevel, die overdag als een voile werkt en ’s avonds het effect geeft van een lantaarn. Blij verrast is de jury door dit ‘heerlijk gedegen’ gebouw, dat logistiek vernuftig in elkaar zit en met zijn multifunctionele zalen en robuuste interieur ‘zo dertig jaar mee kan’. Naast het nieuwe zwembad staat het gebouw goed op zijn plek, de manier waarop het plein aan de publieke foyer tot leven is gewekt toont de betekenis van het theater voor de buurt. De perforaties in de gevel werken prachtig, al vinden sommige juryleden het geheel te gesloten richting de stad. De uitstraling van het gebouw en de grote zaal – rood als het oude Zuidpleintheater – past bij de sfeer van Rotterdam Zuid. De aandacht voor materiaal en detail is vastgehouden tot en met de ingenaaide stoelnummers.

huiskamer van zuid


Utrechtse Neude en een gevangenis­­­­­­­­­­­ complex in Rotterdam, getransformeerd tot het woonwijkje Tuin van Noord. Een uitdaging bij deze projecten was ook om, met behoud van de oorsponkelijke kwaliteiten, de van karakter gesloten gebouwen te openen naar hun omgeving. Fantastisch dat de monumenten op deze manier ‘teruggegeven’ zijn aan het publiek. Bij Tuin van Noord zijn er twijfels over de kwaliteit van de rug-aan-rugwoningen en de omsloten buitenruimte. In de Openluchtschool zijn prachtige woningen gemaakt, maar daarbij is de mooie open sfeer verdwenen. In het algemeen valt het de jury op dat de bestaande gebouwen sterker zijn dan de ingrepen en toevoegingen. Een jurylid merkt op dat er sowieso minder aandacht lijkt voor materialisatie en afwerkingen in nieuwbouw, het omgaan met verhoudingen van massa en gevelindelingen, en het spelen met licht.

­¬ Verrassende woontypologieën

Particuliere Woonbeleving In deze categorie bezoekt de jury uiteenlopende projecten, van hyperspecifieke villa’s tot particuliere cascowoningen die bewoners zelf af­bouwen en een gerenoveerd school­ gebouw. De villabewoners gaven de architect de vrije hand en dat heeft verrassende typologieën opgeleverd. Villa Fifty-Fifty is een kruising van tuin en huis die je kunt lezen als een statement om bebouwing en groen meer met elkaar in balans te brengen. Huis op ’t Raboes aan het Eemmeer is onderdeel is van de jarenlange herontwikkeling van de gelijknamige jachthaven tot een hedendaags landgoed, waar de drukke stedeling rust vindt en aan zijn boot kan klussen. Appartementengebouw Top-Up in


LEEFBAARHEID & SOCIALE COHESIE Westbeat, Amsterdam Architect Studioninedots Opdrachtgever Lingotto Ontwikkeling B.V.

Westbeat heet het ontwerp waarmee ontwikkelaar Lingotto en ­Studioninedots in 2016 de prijsvraag wonnen voor een woongebouw met voorzieningen. De vraag was om een gebouw te ontwikkelen dat ‘de sprong over de A10’ in A ­ msterdam-West zou maken en de stadsdelen aan weerszijden van de ringweg met elkaar verbinden. De noodzakelijke overgangsconstructie tussen de rationeel opgezette bovenbouw met (middensegment) huurwoningen en de kolomvrije parkeerkelder, is benut om een spectaculair publiek interieur te realiseren. Deze zogenoemde ‘superruimte’ wordt overspannen door enorme betonnen bogen, biedt onderdak aan bedrijven, culturele functies en horeca, en vormt tegelijk een stedelijke doorsteek tussen het metrostation en lager gelegen plein. De jury wil allereerst de ontwikkelaar complimenteren voor zijn lef om in deze lastige locatie te investeren, waarbij de gemeente ruimte bood aan een gedurfd initiatief. Met min of meer standaard woningen is een karakteristiekeigenwijs gebouw gemaakt dat allerlei (buurt-)functies kan accommoderen. Daarbij is het hoogteverschil tussen het plein en het talud naast de snelweg met trappartijen mooi opgelost. De meningen over het gevelbeeld verschillen; het ene jurylid vindt de gele baksteen en de diepe ramen mooi, een ander stoort zich aan de verspringing en verschillende boogvormen. Als binnenruimte overtuigt de constructie van ruw beton. De vraag waar de jury mee blijft zitten: gaat Westbeat bruisen, is er voldoende programma om de straat te verlevendigen? De lage huur die aan een dansgezelschap geboden wordt, maakt het noodzakelijk om met andere ruimtes geld te verdienen. Door de coronacrisis is de horecaruimte nog niet verhuurd; de ontwikkelaar gaat het café nu zelf uitbaten.

verbindende superruimte


Amsterdam-Noord met zijn casco-lofts bouwt voort op het drager-inbouwsysteem van architect John Habraken, maar nu met een houten draag­ constructie. Deze gebouwen zijn meer dan een particuliere woonbeleving: een zoektocht naar nieuwe ruimtelijke woonmodellen voor de toekomst. Niet toevallig zijn al deze gebouwen ontwikkeld door particulieren en architecten. Ze tonen waar kleine ondernemers groot in kunnen zijn: het (duurzame) experiment en aandacht voor detail.

­¬ Stimulans voor de plek waar het staat

Stimulerende Omgevingen Een stimulerende omgeving moet een gebouw zijn waar het prettig werken of studeren is, maar ook een stimulans is voor de plek waar het staat. Hoe landt een gebouw op zijn plek, hoe verhoudt het zich tot de lokale geschiedenis en hoe ervaar je het als passant? Tussen de werkomgevingen valt het kloeke hoofdkantoor van Canon in Venlo op; een ‘green landmark’ met veel licht, lucht en ruimte, mooi afgewerkt, maar weinig toevoegend aan de omgeving. Veel ingezonden onderwijsgebouwen kennen een soortgelijke ruimtelijke opzet met atrium en tribunetrap; ze lijken erg op elkaar. Fontys Eindhoven springt eruit door zijn markante entrée, onder een enorme uitkraging, en aan de achterkant grote getrapte terrassen op het zuiden. De binnenruimtes weten de jury te bekoren, maar het gebouw sluit zich af naar de campus; een gemiste kans. Het Berghege-bedrijfskantoor in Oss, gevestigd in een oud klooster, spreekt aan door de subtiele inpassing van de nieuwbouw; het complex staat precies op zijn plek waarbij het gebied publiek toegankelijk is gemaakt voor wandelaars en fietsers.


LEEFBAARHEID & SOCIALE COHESIE East House, Amsterdam Architect OZ Opdrachtgever Greystar

In wat voorheen een saaie uithoek van Amsterdam was, is een levendig ‘dorpje’ van drie gebouwen gerealiseerd: het East House. Het complex omvat 1.559 studentenwoningen rond een openbare binnentuin met een heuvel waaronder de fietsenstalling is weggewerkt. Op de begane grond bevinden zich gemeenschappelijke leefruimtes en voorzieningen als de wasserette, muziekkamer en werkplekken. Door toevoeging van een supermarkt, een café en een gezondheidscentrum is het complex functioneel verbonden met de buurt. Internet en fitnessabonnement zijn inbegrepen in de huur (vanaf 631 euro/maand voor een studio van 20m2). De jury is onder de indruk van de aanpak van belegger-ontwikkelaar Greystar, die een hyperefficient georganiseerd complex heeft gemaakt dat absoluut niet goedkoop aandoet. Van de kleurige koppen en diepe negges in de gevels tot de kunst in de gemeenschappelijke ruimtes; de architectuur straalt kwaliteit uit en oogt tot in de puntjes verzorgd. De gangen naar de appartementen – helaas zonder balkon – vormen daarop de uitzondering; die ervaart de jury als benauwd en anoniem. Enthousiasme is er over de community die in het complex is ontstaan; de gedeelde ruimtes worden goed gebruikt, en dat geldt ook voor de binnentuin. East House biedt niet alleen de studentenwoningen die Amsterdam hard nodig heeft, maar geeft ook een impuls aan dit gebied.

levendig dorpje


Duurzaamheid: meer dan een moetje Alle inzendingen overziend ziet de jury weinig projecten met een intrinsieke drive ten aanzien van duurzaamheid; het lijkt vaak een moetje. Men volgt de regels, wil de BENG-norm (Bijna Energie Neutraal Gebouw) halen, of ‘nul op de meter’ bouwen. Er zijn zonnepanelen en een warmtepomp, maar wat is de toegevoegde waarde voor de gebruiker? Hoe wordt hij meegenomen in de overgang naar de circulaire e­conomie, gestimuleerd om zijn steentje bij te dragen? De jury kiest p ­ rojecten die een poging doen om duurzaamheid verder te brengen. In station Assen en woongebouw Top-Up tekent zich de ontwikkeling van houtbouw en flexibel modulair bouwen af. Top-Up biedt de mogelijkheid om woningen te transformeren naar ­kantoren, Studio Thonik kan andersom omgevormd worden tot woongebouw. Op jacht­haven ’t Raboes is de nieuwbouwgebruikt om het terrein energieneutraal te laten functioneren, en wordt het landschap ingericht in samenwerking met een ecoloog.

­¬ Wat is de toegevoegde waarde voor de gebruiker?


IDENTITEIT & ICOONWAARDE CATEGORIEWINNAAR Studio Thonik, Amsterdam Publieksprijs #4 Architect MMX architecten Opdrachtgever Studio Thonik

Aan de Amsterdamse Wibautstraat steekt een zwart-wit gestreept ­gebouw met een trap die als een strik erom­ heen is gewikkeld, brutaal ander­halve meter buiten de rooilijn. Het is het kantoor van grafisch ­ontwerpbureau Thonik. Het project is door Thomas Widdershoven – medeoprichter van Thonik - ontwikkeld en ontworpen, samen met architect Arjan van Ruyven van MMX, vanuit een tweeledige missie. Een: bewijzen dat creatieven door zelf werkplekken te ontwikkelen ­kwaliteit en diversiteit aan de stedelijke bebouwing kunnen toevoegen. Twee: een gebouw maken dat van functie kan veranderen en daarmee duurzaam is. Thonik heeft het in gebruik ­genomen als kantoor, met bovenin een event space en onderin horeca. Maar met zijn grote ramen en balkons is het ook geschikt als woonruimte. De jury is ­allereerst onder de indruk van de ondernemingszin achter dit project. Samen met de architect heeft de opdrachtgever gestreden om een plek in de stad te bemachtigen, het pand op de beschikbare postzegel grond in te passen en de belijning van de trespagevel precies in elkaar te ‘puzzelen’. Door die strakke, grafische vormgeving werkt het gebouw als een sculptuur voor de stad, maar het biedt ook plezierige binnenruimtes met geweldig uitzicht, en verrassende horeca, bemand door een jonge sushichef. Details als de speciaal ontworpen binnentrap dragen bij aan de unieke ruimtelijke beleving. De jury vindt dit gebouw een ‘pareltje’ en een waar icoon, waarmee (een deel van) de straat op de kaart is gezet. Daarom wint Studio Thonik in deze categorie.

een waar icoon


Discussie De meningen over de kwaliteit van de bezochte gebouwen verschillen sterk. Mede daarom is besloten om het maxi­maal mogelijke aantal gebouwen te nomineren, en het publiek de kans te geven om ook zijn oordeel te vellen. De jury is verrast door de opdrachtgevers die risico’s nemen, met pioniersprojecten als Westbeat (Amsterdam-West), Theater Zuidplein (Rotterdam-Zuid) en East House (Amsterdam-Zuidoost). Deze bouwlocaties zijn door de ligging aan weg of spoor, in achtergestelde wijken, niet ideaal; des te groter is de toegevoegde waarde van de gebouwen voor hun omgeving. Het is mooi om te zien dat opdrachtgevers met passie over de impact van architectuur op de samenleving nadenken. Dat laatste geldt ook voor het Van der Valkhotel aan de Amsterdamse Zuidas, station Assen en het kantoor van Bouwbedrijf Berghege in Oss. De jury ziet dat de ambitie achter deze projecten stimulerend werkt en spreekt de hoop uit dat dit het ‘nieuwe normaal’ voor (commerciële) opdrachtgevers wordt.

­¬ De jury is verrast door opdrachtgevers die risico’s nemen Een huis dat raakt Top-Up is een royaal en warm woon­ gebouw, en een project dat inspireert als het gaat om circulariteit en duurzaamheid. Startmotor, waar jonge mensen hun wooncarrière beginnen, blinkt uit door de manier waarop het ontmoeting tussen bewoners stimuleert; de jury vindt dat dit project in de verkeerde categorie is ingezonden. Besloten wordt om dit gebouw te verplaatsen naar de categorie Stimulerende Omgevingen. Villa FiftyFifty is een uitgesproken en bijzondere


IDENTITEIT & ICOONWAARDE Station Assen, Assen Publieksprijs #1 Architect Powerhouse Company i.s.m. De Zwarte Hond Opdrachtgever Gemeente Assen i.s.m. NS, Prorail

monumentale driehoekige luifel Het vernieuwde station Assen is het slotakkoord van het ontwikkelings­ programma FlorijnAs, dat als doel heeft om de bereikbaarheid van de stad te verbeteren. Het spoor is aangepast, de perrons zijn verbreed en met de aanleg van een reizigerstunnel is de barrière die het spoor vormde tussen het centrum en de woonwijk Assen Oost weggenomen. Als symbool voor deze verbinding ontwierpen Powerhouse Company en De Zwarte Hond een monumentale ­driehoekige houten luifel, die zich vanaf het nieuwe stationsplein uitstrekt over het spoor. Onder het plein zijn de fietsenstalling en een autotunnel voor het doorgaand rijverkeer aangelegd. Zo is een verkeersvrij voorplein gecreëerd. De jury spreekt allereerst lof uit voor de opdrachtgever gemeente, Prorail en NS - die bij de prijsvraag voorbij de usual suspects dacht en een jong bureau de kans gaf om samen met een ervaren architect het project te realiseren. Stedenbouwkundig zit het station knap in elkaar; de verbinding over het spoor overtuigt, de routes zijn helder, de openbare ruimte is mee-ontworpen. De keus om de kolommen in staal uit te voeren in plaats van hout doet het architectonisch concept enigszins teniet. Daarbij sluiten de verschillende materialen niet overal op elkaar aan. Het station lijkt meer op de stad dan voor de gebruiker ontworpen. De hal is ’s zomers erg warm. Niettemin vindt de jury, die zich het oude, onprettige stationsgebied nog herinnert, dit ­ge­bouw een aanwinst en een icoon voor Assen.


woning met een paar schoonheidsfoutjes. Foutjes die opvallen wanneer je het gebouw vergelijkt met het Huis op ’t Raboes, dat tot in het kleinste detail klopt. Dit ‘integere’ betonnen huis heeft de jury geraakt, ook door de geweldige inpassing in het landschap. Het is een schoolvoorbeeld van goed opdrachtgeverschap, waarbij kansen zijn gecreërd voor jonge architecten. De jury is het er unaniem over eens dat dit de categoriewinnaar is.

¬ Theaters doen veel voor leefbaarheid en sociale cohesie

Theater van de stad Post Utrecht is een geweldig gebouw dat programmatisch goed in elkaar zit. De jury vindt de ingrepen, waarbij in de materialisering en belijning is voortgebouwd op de bestaande architectuur, onderdoen voor het monument. De hal heeft niet echt een invulling gekregen, op een aantal plekken ‘botsen’ oud en nieuw. Het project valt om die reden af. East House, Westbeat en Theater Zuidplein worden genomineerd. Over de categoriewinnaar is de jury het direct eens: het theater heeft als podium, straat- en pleinwand, ontmoetingsplek en stadshuiskamer de meeste betekenis en waarde op het gebied van leefbaarheid en sociale cohesie. Stimulans voor samen wonen Stimulerende Omgevingen vindt de jury de moeilijkste categorie om een winnaar te kiezen. De basisschool in Overhoeks doet als gebouw veel voor de wijk, maar er zijn twijfels of de ruimte voldoende stimulerend is voor de oudere leerlingen. Het kantoor van Bouwbedrijf Berghege in Oss is een


STIMULERENDE OMGEVINGEN CATEGORIEWINNAAR Startmotor, Rotterdam Architect Marge architecten Opdrachtgever BPA Ridderkerk

Woongebouw Startmotor in Rotterdam Zuid combineert 566 woningen voor starters met collectieve voorzieningen die moeten bijdragen aan community­ vorming. Deze voorzieningen – ­bibliotheek, werkplekken, fitnessruim­te - zijn verdeeld over de verdiepingen, op de platte daken zijn gezamenlijke terrassen, tuinen en een sportveld aangelegd. Onder het gebouw bevindt zich de parkeergarage met een grote fiestenstalling. De bakstenen gevel is een hedendaagse interpretatie van de wederopbouwarchitectuur in de ­omgeving, met als basis een strakke rode gevelsteen waarmee op de kop een kunstwerk in relief is gemetseld. De jury is enthousiast over het woonconcept, dat de ontwikkelaar ondanks enkele bezuinigingen fier overeind heeft gehouden. Ze ziet een gebouw dat leeft, met enthousiaste bewoners die actief zijn in verschillende commissies, gekoppeld aan de voorzieningen. Het is prettig dat de bewoners naast de gedeelde tuin beschikken over een ruim balkon. Spannend detail: in de fietsenstalling – met veel daglicht - kun je met je scooter over een hellingbaan naar boven rijden. De bakstenen gevel is niet ieders smaak, maar oogt fris en verzorgd. Het interieur en de met kunstgras beklede binnentuin steken daarbij wat armoedig af. Startmotor biedt een fijne woonomgeving voor jongeren en werkt tegelijk als een ‘motor’ voor de herontwikkeling van de buurt.

een fijne woon­­omgeving voor starters


indrukwekkend renovatieproject met een geweldige sfeer, maar als werkomgeving minder onderscheidend. Startmotor roept verdeeldheid op. De aandacht voor materiaal en detail laat te wensen over. Maar het is een prachtig voorbeeld van hoe je de stad kunt verdichten, en hoe je door het mengen van functies communityvorming kunt stimuleren. Jongeren kunnen elkaar waar nodig helpen, spontaan samenkomen, even een praatje maken; hoe belangrijk dat is, weten we door de coronacrisis. Het concept is niet nieuw, maar zeer goed en compleet uitgevoerd. Daarom kiest dit de jury dit project als beste in deze categorie. Ook als beloning voor het lef en doorzettingsvermogen om in deze wijk te investeren met een woongebouw voor jonge mensen. Instant icoon Station Assen is een heel mooi gebaar voor de verbinding van de wijken aan weerszijden van het spoor, en het gebouw draagt als icoon bij aan de trots van Assenaren. Het Van der Valk Hotel Amsterdam Zuidas maakt indruk door de manier waarop de complexe locatie de creativiteit heeft gestimuleerd, en door het samenspel tussen opdrachtgever en architect. Als het gaat over de iconische kwaliteit, heeft het iets ironisch dat het hotel pal tegenover het RAI-hotel van OMA staat, als David tegenover Goliath. Het is moeilijk dit gebouw op je netvlies te krijgen, de jury ging het gaandeweg steeds meer waarderen. Studio Thonik daarentegen is een instant icoon, dat tegelijk op briljante wijze (met het verguisde materiaal Trespa!) uitdruk­ king geeft aan de identiteit van het bedrijf dat het huisvest. Dit is de categoriewinnaar. Verrassing De eindstrijd gaat tussen Huis op ’t Raboes en Van der Valk Hotel Amsterdam Zuidas, projecten met een sterke opdrachtgever en dito visie. Van der Valk wilde een hotel with a view; de vraag aan de architect


STIMULERENDE OMGEVINGEN IKC Overhoeks, Amsterdam Publieksprijs #3 Architect Rudy Uytenhaak + partners Opdrachtgever Innoord - Promeijer

Tussen de woonblokken in de nieuw­ bouwwijk Overhoeks in Amsterdam Noord staat het Integraal Kindcentrum (IKC) Overhoeks: een sculpturaal en solide pand, gemaakt met tijdloze materialen – hout, keramische gevelelementen en bronskleurige frames. De school is georganiseerd rond de centrale, hoge entréehal vanwaar een speels-monumentale trappartij naar boven voert. De lokalen zijn per klas geclusterd rond brede gangen, en zijn met behulp van schuifwanden te koppelen. Bovenin het gebouw is de kinderopvang, voorzien van een groot dakterras met uitzicht op het IJ. De 600 leerlingen komen uit Overhoeks en de omringende wijken. De verbindende rol wordt versterkt door het vrij toegankelijke schoolplein en de gymzaal die ook door de buurt worden gebruikt. ‘Ik had zelf als kind wel op deze school willen zitten’, reageert een jurylid. Dat zit ’m in sim­pele dingen: daglicht, uitzicht, de frisse uitstraling. De architectonische compositie met in hoogte verspringende bouwvolumes en terugliggende ramen is mooi, de indeling met de trap als spil van het gebouw en de sportvoorziening bovenin klopt. Het weinig uit­­­­gesproken interieur is een puntje van kritiek. Een onderwijsgebouw moet ruimte bieden om te ravotten, en tegelijk wijsheid en kennis overbrengen; het mag ook imponeren, en dat doet het IKC niet. Voor de hogere klassen is het gebouw wellicht niet uitdagend genoeg. Concluderend vindt de jury dit een bovengemiddeld goed schoolgebouw waarvan je zou willen dat het de standaard is in het onderwijs.

speelsmonumentale school


was hoe je dat uitzicht op een tussen snelweg en torens ingeklemde kavel creëert. Opdrachtgever en architect ontwierpen samen aan de binnenkant en kwamen tot een contrastrijke, warme omgeving. Het hotel laat zien hoe een gebouw van betekenis kan zijn voor de stedelijke omgeving, het parkeren is daarbij subliem opgelost. Het gebouw toont zich met zijn open gevels, publieke entrée met buurtwinkeltje en het aangrenzende restaurant gastvrij naar de buurt en begeleidt de stedelijke route vanaf station RAI richting de Zuidas. Als het gaat om de betekenis van architectuur voor mens en maatschappij, dan is het hotel de verrassing.

¬ Hotel met betekenis voor de stedelijke omgeving Ontdekkingsreis Het Huis op ’t Raboes is een uniek project, en daardoor als concept niet direct breder toepasbaar; het biedt vooral woongenot voor de bewoners. De jury voelde een tinteling toen ze door het huis liep; dat gebeurde bij geen enkel ander gebouw. Bij Van der Valk maakt de zakelijke organisatie van het project dan weer grote indruk, met een opdrachtgever die ook eigenaar en exploitant is én meewerkt als interieurarchitect. Bij de ontwerpopdracht voor het buitenhuis zat alles mee: de prachtige plek, het budget, de voortuitstrevende opdrachtgever. Terwijl Van der Valk juist een traditionele opdrachtgever is. In die context, wetend waar Van der Valk vandaan komt, dwingt de ontwikkeling van het gebouw dat er nu staat, veel respect af. Een goed gebouw vraagt om uitstekende samenwerking, elkaar kennen en begrijpen. Architect Wiel Arets spotte


STIMULERENDE OMGEVINGEN Kantoor Bouwbedrijf Berghege, Oss Publieksprijs #2 Architect De Twee Snoeken Opdrachtgever Bouwbedrijf Berghege

Naast de Grote Kerk in Oss staat het neogotische fraterhuis uit 1883, waaraan in de jaren vijftig een uitbreiding in Bossche Schoolstijl is toegevoegd. Even verderop begon de familie Berghege in 1924 een bouwbedrijf, dat zich in de jaren ’80 in het in onbruik geraakte klooster vestigde. Na 35 jaar was het complex, waar ook een school in zat, verrommeld en verkeerde het in slechte staat. Samen met architectenbureau De Twee Snoeken is het monument verbouwd en uitgebreid tot modern kantoor. Het eenvoudige karakter en de symmetrie van het bestaande pand zijn overeind gehouden, rond de patio en aan de achterzijde is nieuwbouw toegevoegd van baksteen, glas en bronskleurig aluminium, als verbindende element tussen heden en verleden. De voormalige kapel uit de jaren 50 fungeert als centrale ontmoetings­ ruimte. De eerste reactie van de jury: wat een fantastisch pand - licht, ruim en met een prachtig trappenhuis. Gedurfd dat de opdrachtgever de grootscheepse renovatie van dit voor Oss beeldbepalende gebouw op zich heeft genomen; daarbij is geen wand teveel gesloopt. De lift werkt weer, karakteristieke details als de ingebouwde boekenkasten zijn behouden. De buitengevel van de nieuwbouw is mooi ­gematerialiseerd, met de baksteen koppen in ­tegelverband. De ingrepen die binnen zijn gedaan hebben jammer genoeg niet diezelfde kwaliteit, de details missen finesse. Al met al vindt de jury dit een respectvolle renovatie, waarvan de serene sfeer bijblijft; een omgeving waarin het prettig werken is.

respectvolle renovatie


de driehoekige kavel op de Zuidas, wetend dat de familie – met wie hij bevriend is - droomde van een hotel in deze buurt. Samen gingen ze het avontuur aan en hebben ze grenzen verlegd vanuit de wens om een nieuwe hoteltypologie te realiseren. In de manier waarop de ‘onmogelijke’ scherpe hoeken van het gebouw een weldadige inrichting hebben gekregen, en aan een gewone betonnen kolom een bijzondere vorm is gegeven, toont zich de hand van de meester. Dat de architect de familie tot dit niveau heeft weten te brengen, is razend knap - een prijs waard. Van der Valk Hotel Amsterdam Zuidas is het BNA Beste Gebouw van het Jaar.


EERVOLLE VERMELDING Fort van Hoofddorp, Hoofddorp Architect Serge Schoemaker Architects Opdrachtgever Stichting Fort van Hoofddorp

Verborgen tussen de nieuwbouwhuizen en overwoekerd door onkruid was het fort bij Hoofddorp bijna vergeten. Totdat theatermaker Femme Hammer, die de plek uit haar jeugd kende, op het idee kwam om er openlucht­voor­­stel­ lingen te ­organiseren. Ze nam architect Serge Schoemaker mee om de ruimtelijke mogelijkheden te verkennen; hij was zo onder de indruk van de brute betonnen ruimtes dat hij voorstelde om het hele complex te herontwikkelen. De gemeente was blij dat iemand zich over het leegstaande gebouw wilde ontfermen; Hammer en Schoemaker mochten het fort overnemen, onder voorwaarde dat ze zelf de financiering voor de renovatie zouden regelen en het daarna openstellen voor publiek. Met een beperkt aantal ingrepen is het gebouw getransformeerd; het biedt onderdak aan een zangschool, coaching en visrestaurant. Op het dak is een ‘wild’ park aangelegd dat door vrijwilligers wordt verzorgd. Een ontwerp dat uitblinkt in bescheidenheid, waarmee een prachtige plek is gecreëerd, om rond te dwalen, samen te tuinieren, en tot rust te komen. Toch denk de jury dat een grotere ingreep op een paar plaatsen had gepast, bijvoorbeeld om een buitenruimte op de verdieping met het restaurant te maken. Ook zijn er twijfels over hoe goed de bedrijven en het gebouw met elkaar matchen. Duidelijk is dat dit project van betekenis is voor de lokale bevolking; goed dat de gemeente Haarlemmermeer dat belang zag en dapper hoe de initiatiefnemers tien jaar hebben doorgezet om hun droom te verwezenlijken. Daarvoor verdient dit project een eervolle vermelding.


De Jury

Fotografen

Voorzitter Alexander Pechtold Directeur CBR

Van der Valk Hotel Amsterdam Zuidas Jan Bitter Huis op ’t Raboes Iwan Baan Villa Fifty-Fifty Frans Parthesius Top-Up Isabel Nabuurs Theater Zuidplein Scagliola Brakkee Westbeat Frans Parthesius East House Marcel van den Burg Studio Thonik Ossip van Duivenbode Station Assen Sebastian van Damme & Egbert de Boer Startmotor Scagliola Brakkee IKC Overhoeks Pieter Kers Kantoor Bouwbedrijf Berghege Joep Jacobs

Pieter Bannenberg Partner NL Architects Marjolein van Eig Bureau van Eig Murtada Alkaabi KCAP Architects Josja van der Veer Directeur Duurzaamheid & Ruimte, Amsterdam Tobias Verhoeven Directeur Synchroon Jurysecretaris Kirsten Hannema Zelfstandig journalist Hoofdsponsor

Co-sponsoren

Colofon Ontwerp thonik Drukwerk Aeroprint Eindredactie Renson van Tilborg (BNA) Uitgave BNA Mediapartner


het m maar he gebou