Krant 2

Page 1

Algemeen Nijmeegs Studentenblad ans.online ANS_online Editie 2 - 15 september 2020

2

Nieuws

Privacy op de RU: ‘Waarom zou ik bang zijn voor een datalek als mijn gegevens al op straat liggen door Facebook?’

2

Column

Dwalen in het Thomas van Aquinogebouw

5

Van het lijf

‘Ik vind dat de man de kleding maakt, want het gaat om het karakter van een persoon.’

8

Over de kook

Het is aan de student om een hoogstaand staaltje kookkunst te laten zien. Deze keer: ontGROENing.

Interview

PAUL VAN TONGEREN HOUDT DE SPIEGEL VOOR foto Vincent Veerbeek

Opinie

Achtergrond

Pagina 3: De Radboud Universiteit zou gratis menstruatieproducten moeten uitgeven.

illustratie Inge Spoelstra

Steeds meer jongeren steken hun geld in aandelen, beurzen en populaire cryptovaluta. Pagina 4: Wat beweegt jongeren om hun geld te beleggen?

Email redactie@ans-online.nl Adres Heyendaalseweg 141 6525AJ Nijmegen Tel. 0636458763


2

Nieuws Radboud

Een datalek op de HAN: hoe veilig is de RU?

DE IRREALISTISCHE ANALIST Dwalen in het Thomas van Aquinogebouw Derdejaars student Tonnie de Benis heeft op de universiteit mateloos leren nuanceren. Iedereen weet echter dat een goed verhaal ontstaat met een leugentje of een zware overdrijving. In zijn column laat hij de nuances varen op een zee met meer dan één korreltje zout. De Hogeschool van Arnhem Nijmegen (HAN) hoorde op 1 september dat er data was gelekt. Het gaat om een lek van wachtwoorden uit 2018 van 4300 personen. De HAN geeft aan er alles aan te doen de digitale veiligheid te waarborgen. Dit roept de vraag op: wat doet de Radboud Universiteit (RU) omtrent digitale veiligheid? Een datalek kan in verschillende maten voorkomen. Op de HAN is dit 1 september in een grotere vorm gebeurd. Een voorbeeld van een kleinere datalek is het verliezen van een USB-stick. ‘Als die stick wordt gestolen en er stonden persoonsgegevens op, spreken we van een datalek’, vertelt Martijn Gerritsen, woordvoerder van de RU. Ook op de RU komt dus af en toe zo’n lek voor. Voorkomen van een lek De RU stelt dat zij te allen tijden datalekken probeert te voorkomen. Om problemen zoals een in de verkeerde handen gevallen USB-stick te verhelpen, werken we in een cloud. Die kan je namelijk niet per ongeluk kwijtraken’, legt Gerritsen uit. Daarnaast is de universiteit verplicht om zich aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming te houden (AVG). Hierin staan onder andere regels over de verwerking van persoonsgegevens. Naar aanleiding van het datalek op de HAN doet de RU

niet veel extra’s om de digitale veiligheid te beschermen. ‘Dit is namelijk niet iets wat je vandaag eventjes doet en morgen niet meer’, zegt de woordvoerder. ‘Privacy en digitale veiligheid moeten continu in de gaten worden gehouden omdat het zich altijd ontwikkelt.’ Daarnaast stelt Gerritsen dat het risico op een lek altijd aanwezig is. ‘Het is net als een huis dat je goed op slot doet, maar nog steeds kan er worden ingebroken. Dat geldt ook voor de bescherming van persoonsgegevens’, zegt hij. Om deze redenen heeft de universiteit een team dat dit constant monitort en de privacy zo goed mogelijk waarborgen. Verantwoordelijkheid De RU heeft in dat opzicht een grote verantwoordelijkheid wat betreft de privacy van haar studenten en medewerkers. Toch vindt Gerritsen dat de universiteit niet alleen die verantwoordelijkheid heeft: ‘Privacybescherming moet een zorg zijn van iedereen.’ Hij legt uit dat studenten en medewerkers het kunnen melden als ze het gevoel hebben dat er iets niet klopt omtrent hun digitale privacy. Om studenten en medewerkers bewust te maken van onder andere het voorzichtig gebruiken van data en wachtwoorden organiseert de RU een awareness campagne. ‘Bovendien kunnen we zo ook zelf alert blijven’, stelt Gerritsen.

Studenten over hun privacy Student Business Administration: ‘Ik denk dat mijn gegevens veilig zijn op de RU en heb geen reden om bang te zijn voor een datalek. Dat het op de HAN is gebeurt, wil niet zeggen dat dat ook op de RU zal gebeuren. Ik denk dat zowel ikzelf als de universiteit verantwoordelijk zijn voor de bescherming van mijn privacy. Ik moet ervoor zorgen dat ik niet onzorgvuldig met mijn gegevens om ga. Zo moet ik ze niet verspreiden als ik niet wil dat anderen bij mijn gegevens kunnen. De taak van de RU is om enkel mijn gegevens te gebruiken voor de dingen waarvoor ze bedoeld zijn. Als de universiteit en ik dit doen, dan maak ik me geen zorgen om de veiligheid van mijn persoonsgegevens.’

Student Economie en bedrijfseconomie: ‘Ik ben niet bang voor een datalek op de universiteit. Waarom zou ik daar bang voor zijn als ik weet dat mijn gegevens toch al op straat liggen door Facebook en Google? Ik bescherm mijn digitale privacy niet heel veel. Dat kost me namelijk te veel moeite. Je moet dan verschillende lijstjes bijhouden van alle wachtwoorden die je instelt en bij elk account dat je wilt aanmaken moet je nadenken of dat wel verstandig is. Zolang ze mijn BSN-nummer en het wachtwoord van mijn bankaccount niet hebben, maak ik me niet druk. De universiteit heeft wel meer verantwoordelijkheid dan ik. Dat komt vooral doordat ze heel veel gegevens hebben en ik heb alleen die van mezelf.’ Delphine Broasca

Nederland

Vakbonden presenteren alternatieve begroting Op 6 september presenteerde verschillende vakbonden een alternatieve begroting aan Ingrid van Engelshoven, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Met de ingang van het nieuwe collegejaar willen de vakbonden aantonen dat er meer moet worden geïnvesteerd in het onderwijs. ‘Er is structureel 1,1 miljard euro extra nodig.’ De vakbonden FNV Onderwijs & Onderzoek, Algemene Onderwijsbond, WOinActie, FNV Young & United, Landelijke Studenten Vakbond (LSVb), Promovendi Netwerk Nederland, Casual Leiden en 0.7 overhandigen de alternatieve begroting op het Pieterskerkhof in Utrecht. Zij vinden namelijk dat er meer moet worden geïnvesteerd in het onderwijs. ‘We doen dit bij de start van het nieuwe collegejaar omdat het een symbolisch moment is’, stelt Ama Boahene, voorzitter van de LSVb. ‘Het is namelijk weer een jaar waarin studenten moeten lenen en docenten kampen met een hoge werkdruk.’ Begroting en prijzen Investeringen die moeten worden gedaan volgens de vakbonden gaan over het afschaffen van het leenstelsel, geld voor docenten en onderzoek. ‘De alternatieve begroting toont aan dat er tenminste 1,7 miljard euro nodig is om ervoor te zorgen dat alle studenten schuldenvrij

kunnen afstuderen’, vertelt de voorzitter. ‘Dit is niet eenmalig, want we zien graag dat de basisbeurs terugkomt’, voegt ze toe. Daarnaast vertelt de voorzitter dat er structureel 1,1 miljard extra nodig is om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Om een beeld te schetsen van de problemen in het hoger onderwijs, worden er vanmiddag verschillende prijzen uitgereikt. ‘Er is bijvoorbeeld een prijs voor de universiteit die de slechtste contracten aanbiedt en een prijs voor de universiteit met het meeste massa-onderwijs’, zegt Boahene. Op deze manier hopen de vakbonden te laten zien dat de nood voor extra investeringen hoog is. Huidige problemen ‘Op dit moment gaat de kwaliteit van het onderwijs naar beneden. Dat is te zien aan de werkgroepen en colleges die steeds groter worden, aan de hoge werkdruk van docenten en de afname van persoonlijke begeleiding van studenten’, zegt Boahene. De voorzitter hoopt op een positief effect van de alternatieve begroting. ‘Op prinsjesdag zullen we zien hoe ons voorstel heeft uitgepakt’, sluit ze af. Delphine Broasca

Menig student aan de Radboud Universiteit is bekend met het Thomas van Aquinogebouw, ook wel het ‘TvA’ genoemd. Waar niet iedere student zich van bewust is, is de krachtige metafoor die het TvA vormt. Dit gebouw is namelijk een symbolisering van de maatschappij anno 2021, maar om dit te begrijpen is het relevant om eerst te weten wie Thomas van Aquino eigenlijk was en wat zijn denkbeelden waren. Deze filosoof uit de dertiende eeuw staat bekend om zijn ideeën waarbij hij oorlogen en diefstal legitimeert. Daarnaast had hij omstreden ideeën over vrouwen, waarvan hij vond dat ze mislukte mannen waren. Deze conservatieve gedachtegangen omtrent gender worden in de 21e eeuw volledig ‘afgebroken’ op de universiteit. Datzelfde lot wachtte het TvA dan ook in 2018. De sloop van dit gebouw staat symbool voor de maatschappelijke trends waaraan niet alleen de universiteit, maar de hele samenleving onderhevig is. Naast de destructieve tendens symboliseert het TvA nog een ander fenomeen uit de 21e eeuw: verdwalen in oneindige zoektochten naar controle. We voelen tijdens deze dwalingen een afkeer tegen de moderniteit en de menselijke controle- en beheersingsdrang. Deze denkwijze maakt duidelijk dat wij de wereld om ons heen helemaal niet zo goed onder controle hebben als we denken, met klimaatverandering als confronterend voorbeeld. Dit gebrek aan controle is precies wat het TvA garandeert. Wanneer men de poorten van dit gebouw betrad, verdwaalden de bezoekers in een doolhof van circulaire wegennetwerken en oneindige donkere gangenstelsels. De AMBER Alerts konden per direct worden verzonden wanneer een student een studieruimte moest verlaten vanwege een sanitair bezoek. Nog steeds zijn er duizenden studenten aan het zoeken naar hun gereserveerde studieplek in het TvA, niet wetende dat het gebouw eigenlijk allang is gesloopt. Verder bestaan er schimmige bewijzen over oud-studenten die de wandelgangen nooit meer hebben kunnen verlaten, waarbij hun gegroeide baarden vast zijn komen te zitten aan deurklinken en op deze wijze zijn gaan fungeren als ketenen. Archeologische opgravingen zullen in de toekomst skeletten onthullen waarbij de studentenpas van de RU nog steeds zit vastgeplakt tussen de vingerkootjes. Het TvA symboliseert de complexe werkelijkheid waar wij als mensen geen grip op hebben, samen met het destructieve karakter van continue vernieuwing. Laten we het iconische Thomas van Aquinogebouw nooit vergeten.

tekst Tonnie de Benis illustratie Inge Spoelstra


3 Opinie

DOEKJE VOOR HET BLOEDEN

tekst Naomi Habashy illustratie Laura Umbgrove

Sinds eind februari stelt de Vrije Universiteit Amsterdam gratis menstruatieproducten beschikbaar voor studenten die dat niet kunnen betalen. Zo’n initiatief zou ook een middel kunnen zijn om het gesprek over sekseongelijkheid te starten. De Radboud Universiteit (RU) zou daarom ook gratis menstruatieproducten moeten uitgeven.

M

vinden zijn, maar in de hokjes. ‘Als ze op een Rood staan Om gelijkheid tussen vrouwen en mannen bin- openbare plek liggen, ziet iedereen dat je iets nen de Radboudgemeenschap te bevorderen, pakt’, zegt Sterk. ‘Daarmee dwing je transmanzouden zij eerst financieel gelijk moeten wor- nen om óf uit de kast te komen, óf niet van die den gezet. Menstruerenden zijn namelijk struc- dienst gebruik te maken. Dat is niet rechtvaartureel meer geld kwijt dan zij die dat niet doen. dig.’ Hetzelfde gaat op voor cisgender-vrouwen Volgens het onderzoek van De Bovengrondse die bij zo’n dienst gebaat zijn. kost een gemiddelde menstruatie 7,90 euro per maand, wat grofweg de achterstand in Pad on the back maandelijkse kosten van vrouwen ten opzich- Niet alleen menstruatiearmoede kan zo worte van mannen betekent. Ter illustratie: dat zijn den bestreden, maar ook het brede gesprek meer dan zes hele broden of dertien pakken over sekseongelijkheid kan via deze weg spaghetti per maand die vrouwen nog eens op gang komen. In de huidige gang van zaextra moeten aanschaffen. ‘Eigenlijk is het heel ken is daar met het oog op efficiëntie echter raar dat mensen die menstrueren structureel vaak geen ruimte voor. Zo’n debat faciliteren meer geld kwijt zijn voor iets dat hen overkomt. is namelijk te kostbaar en levert te weinig op. Daar zou iets aan gedaan moeten worden’, Zonder de aanpassingen die mogelijk uit zo’n vindt Sterk. Zoiets zie je in Frankrijk al gebeu- debat voortvloeien kunnen zij die aan ongelijkren. Sommige zorgverzekeraars daar vergoe- heid en kwetsbaarheid onderhevig zijn niet of den menstruatieproducten om de kosten gelijk minder goed meedraaien. Heldens vindt dat te trekken en menstruatiearmoede tegen te dan ook kwalijk: ‘Efficiëntie is in wezen niet gaan. De Schotse overheid betaalt om dezelf- verkeerd, maar wel als het kwetsbare groepen de reden voor menstruatieproducten in alle raakt. We kunnen deze mensen helpen door Doordat het debat over de ongelijk verdeelde openbare ruimten. Aangezien Nederlandse hun basisvoorzieningen te verstrekken. Dat kosten tussen vrouwen en mannen in het Ver- overheid en verzekeraars het vooralsnog laten moeten we dan ook doen.’ Daarnaast staat dit enigd Koninkrijk oplaaide, begon de discussie afweten, zouden universiteiten die rol alvast op haaks op een van de missies van de RU, naook in ons land. ‘Als mensen die menstrueren zich kunnen nemen voor hun studenten. Deze melijk het voorzien in ‘een klimaat waarin de hebben we lange tijd extra kosten gemaakt groep bestaat immers grotendeels uit mensen talenten en kwaliteiten van ieder individu tot ten opzichte van cis-mannen, daar mag best die het niet breed hebben en daardoor eerder bloei komen’. De kleine groep die waarschijnondersteuning in zijn’, vindt ook Garjan Sterk, vatbaar zijn voor ongelijkheid. Dat is precies lijk gebaat is bij gratis maandverband of tamcoördinator van het interfacultaire netwerk Ge- waartegen de RU zich meent te verzetten. pons, zou voor de universiteit dus geen enkele nder & Diversity Studies aan de RU. Het gratis Door menstruatieproducten bovendien op belemmering moeten vormen. beschikbaar stellen van menstruatieproducten zou bovendien een hoger doel kunnen dienen. Ibuprofen tegen de krampen van het patri‘Hiermee kan het gesprek over genderongelijkarchaat heid en de structurele aanpak ervan op gang Hoewel gratis menstruatieproducten ervoor komen’, zegt Sterk. De RU stelt zichzelf de miskunnen zorgen dat studenten met een klein sie om een veilige omgeving voor haar studeninkomen worden gecompenseerd, kun je je ten te bieden waarin iedereen dezelfde kansen afvragen of dit op grote schaal iets oplevert. krijgt. In een poging dit te realiseren zou zij zowel de dames- als herentoiletten te leggen, ‘Het is een mooi gebaar, maar ook slechts het kunnen beginnen met het gratis beschikbaar zullen transgendermannen die menstrueren bestrijden van één symptoom van een enorm stellen van menstruatieproducten. ook geholpen zijn. Hierbij is het van belang dat structureel probleem’, aldus Sterk. Heldens de producten niet in een openbare ruimte te sluit zich hierbij aan: ‘Het is goed dat de dis-

enstruatiearmoede klinkt als iets dat zich in het welvarende Nederland niet voordoet. Toch blijkt uit onderzoeken van Plan International en feministisch platform De Bovengrondse dat negen procent van de Nederlandse meisjes en vrouwen soms geen geld heeft voor maandverband of tampons. In combinatie met het taboe dat nog altijd op ongesteldheid rust, zorgt dit voor een oncomfortabele menstruatie vol schaamte. ‘We weten uit eerder onderzoek dat meisjes en vrouwen zonder de juiste producten soms zelfs thuis blijven en hierdoor onderwijs missen.’ Zegt Jeanette Heldens, diversity officer aan de RU.

De gemiddelde kosten zijn meer dan zes hele broden per maand.

Het brede gesprek over sekseongelijkheid kan via deze weg op gang komen.

cussie hiermee op gang komt, maar het lost het probleem niet op.’

In het bieden van een veilige omgeving zou die financiële afweging echter niet moeten bestaan. Voor een structurele bestrijding van sekseongelijkheid is namelijk meer nodig dan alleen menstruatieproducten, maar deze producten zullen wel klauwen met geld kosten. Hierdoor blijft er minder geld over voor het tegengaan van sekseongelijkheid en welke vorm van ongelijkheid dan ook: ‘Docenten moeten bijvoorbeeld ook goed ondersteund worden bij het dekoloniseren van curricula en mensen die racisme ervaren zouden een goede vertrouwenspersoon moeten krijgen’, zegt Sterk. ‘De kosten daarvoor worden nu ook niet gedragen, terwijl dit soort zaken wel iets groters structureel kan aanpakken.’ In het bieden van een veilige omgeving, waar de RU zelf voor zegt te staan, zou die financiële afweging echter niet moeten bestaan. Menstruatie en menstruatiearmoede zijn zulke met taboe en schaamte doorspekte onderwerpen dat ze wel aangepakt moeten worden. Het zou bovendien niet alleen hen helpen die minder koopkrachtig zijn, maar ook andere groepen zoals transgendermannen. Dat gratis menstruatieproducten een doekje voor het bloeden zijn, betekent evengoed dat er een open wond is. Laten we eindelijk beginnen die te laten helen. ANS

Volg ANS op instagram


4

Achtergrond

KOP OF MUNT? tekst Simon Swelsen illustratie Inge Spoelstra

Steeds meer jongeren steken hun geld in aandelen, beurzen en populaire cryptovaluta. Onder hen bevinden zich echter veel studenten die niet bekend staan om hun grote kapitaal en weinig ervaring hebben op de beurs. Wat beweegt jongeren dan om toch hun geld te beleggen?

I

edereen kent de klassieke studentenvereniging zoals het corps of de roeivereniging. Het afgelopen jaar is echter ook een andere vereniging flink in trek, namelijk Pecunia Causa, de studentenbeleggersvereniging aan de Radboud Universiteit. Zo vertelt Rens Eggink, voorzitter van de vereniging: ‘Het ledenaantal is dit jaar met een derde toegenomen. Bovendien hebben opvallend veel nieuwe leden dit jaar geen economie-achtergrond.’ Naast studenten zijn jongeren in het algemeen ook meer gaan investeren tijdens de pandemie, berichtten NRC en Financieel Dagblad.

Jongeren hielden naast tijd ook geld over doordat alles dicht. Populaire podcasts zoals Jong Beleggen en Zolderbeleggers, waarin de luisteraar wordt meegenomen in beleggingsverhalen van de host, illustreren de trend. Ook grote beleggingsapps zoals BUX melden dat de categorie beleggers onder de 25 jaar significant is toegenomen. Kortom, Generatie Z verovert Wall Street, maar wat beweegt hen eigenlijk om te gaan investeren? Gouden broekzak Volgens de leden van de studentenbeleggersvereniging valt de toegenomen interesse onder meer toe te schrijven aan de tijd die studenten overhouden door de pandemie.

Het sociale leven viel immers weg, wat ruim baan gaf aan het ontwikkelen van nieuwe interesses. Dit geldt ook voor Florian Kramer, student Economie en Bedrijfseconomie aan de RU. ‘Ik had veel tijd over en toen besloot ik mij te verdiepen in de beleggingswereld. Ik vond dat altijd interessant en wilde weten waar ik naar moest kijken om succesvol te investeren.’ Hij geeft aan dat het vak accounting hem daarbij helpt. Daarnaast heeft hij onder andere het beleggingsboek De Intelligente Belegger gekocht en luistert hij naar de Podcast Jong Beleggen. Jongeren hielden naast tijd ook geld over doordat alles dicht was. Stefan Zeisberger, hoogleraar Financiële Economie, stelt dat dit kan hebben bijgedragen aan de trend: ‘Veel jonge mensen kunnen het niet weerstaan om hun geld ergens aan uit te geven, in zo’n situatie is beleggen een optie.’

De winst die je in een half jaar kan maken met Bitcoin is veel hoger dan op de aandelenbeurs. Volgens Zeisberger is het hebben van meer tijd en geld niet de belangrijkste oorzaak. Er zijn meer structurele veranderingen in de beleggingswereld die op lange termijn voor meer beleggers zorgen, ook onder jongeren. Ten eerste legt hij uit dat investeren steeds laagdrempeliger wordt door de komst van beleggingsapps. Martijn van den Assem, hoog-

leraar financiële besluitvorming aan de Vrije Universiteit, beaamt dit: ‘Jonge mensen zijn immers gewend om met apps te werken.’ Doordat je via je telefoon kan beleggen is de drempel om te beginnen veel makkelijker overgestapt. Naast het gebruiksgemak brengen de apps ook het voordeel met zich mee dat de kosten lager zijn. ‘Vroeger betaalde je al gauw twintig euro aan transactiekosten wanneer je een aandeel kocht, net als wanneer je het verkocht’, legt Van den Assem uit. ‘Voor jongeren die vaak met lage bedragen beleggen wordt dat lastig geld verdienen’, grapt hij. Beleggen kan tegenwoordig dus binnen het bereik van je broekzak en met een klein startkapitaal zoals honderd euro. Deze laagdrempeligheid draagt ongetwijfeld bij aan de toegenomen populariteit, stellen de experts. Een tweede structurele oorzaak is de komst van cryptovaluta. Daarmee is op zeer snelle wijze geld te verdienen. Zo stond de koers van de Bitcoin in juni 2020 nog op zevenduizend euro waar deze op haar hoogtepunt een half jaar later bijna 52.000 euro was. De winst die je in een half jaar kan maken met Bitcoin is dus veel hoger dan op de aandelenbeurs. ‘Je hebt geen geduld meer nodig’, verklaart Van den Assem. Voor jongeren, die over het algemeen minder geduld hebben, kunnen cryptovaluta dus erg verleidelijk zijn. De toegenomen toegankelijkheid en aantrekkelijkheid zijn dus een gouden combinatie om jongeren tot investeren te brengen. ‘Het is nog nooit zo makkelijk geweest om te investeren in iets dat zo aanlokkelijk is’, concludeert Zeisberger.

Geen autonome econoom De hype die hierdoor ontstaat versterkt zichzelf, jongeren krijgen namelijk het gevoel dat zij de boot missen als zij niet ook gaan beleggen. Van den Assem legt uit hoe dit werkt: ‘De mens denkt dat hij autonome keuzes maakt, maar wat hij doet is vooral gebaseerd op wat toevallig zijn aandacht trekt.’ Hij vervolgt: ‘De keuze om te beleggen en waarin, wordt vaak bepaald door wat we horen of zien.’ Iedereen ziet dat de koersen al een aardige tijd stijgen. ‘Als gevolg hiervan stappen steeds meer mensen in, omdat zij denken ook geld te kunnen verdienen’, stelt Van den Assem. Eggink herkent het effect van de zichtbaarheid van de hype: ‘Op feestjes spreken veel mensen over de cryptomunten. Zij hebben het dan over de koers die met een flinke factor is gestegen.’ Ook op sociale media wordt de hype rondom crypto extra aangewakkerd. Online worden de munten door bekende mensen als Boef gepromoot en vertellen adverteerders op YouTube dat je middels hun beleggingscursus rijk kan worden. ‘Vaak worden er echter versimpelde one-liners gebruikt, zoals dat cryptomunten het goed doen of waterstofbeleggingen de toekomst zijn.’ zegt Van den Assem. Op dit soort uitspraken wordt vervolgens gehandeld en zo kan de koers van bijvoorbeeld cryptovaluta boven zijn daadwerkelijke waarde uit stijgen. Bovendien zijn online alleen de succesverhalen zichtbaar, hierdoor denk je haast dat je niet kunt verliezen. Zo komt het investeren dus op zeer positieve manier onder de aandacht van jongeren. ‘Dit wekt bij hen de urgentie om


VAN HET LIJF tekst Sietske Dijkstra foto’s Ted van Aanholt

in te stappen, want je wilt de boot niet missen’, vertelt Van den Assem. ‘Je bent eigenlijk een sukkel als je het niet doet’, grapt hij.

‘Op feestjes spreken veel mensen over de cryptomunten.’ Eenmaal in de boot wordt autonome keuzes maken wederom verhinderd. Dit is een cruciaal onderdeel van een trend binnen de beleggingswereld genaamd Gamification. Hierbij krijgt het beleggen steeds meer de trekken van een spelletje. ‘Zo krijg je te maken met raketten, glitters en andere audiovisuele effecten als je een aandeel verkoopt op een van de beleggingsapps’, vertelt Zeisberger. Deze effecten trekken de aandacht en geven een overwinningsgevoel, waardoor het aantrekkelijker wordt om beleggingen op de app te blijven verrichten. Volgens Van den Assem heeft de financiële wereld er over het algemeen baat bij als beleggers veel kopen en verkopen. ‘De werking van de apps geeft de illusie dat jij autonomie hebt over het rendement dat je behaalt’, stelt hij. ‘De boodschap die daarbij impliciet naar voren komt, is dat jij door slim te kopen en verkopen geld kan verdienen.’ Dit is echter niet waar, stellen de experts. ‘Zeker studenten denken misschien dat ze heel slim zijn, maar zij leggen het gemiddeld genomen af tegen beter geïnformeerde grotere partijen’, verklaart Van den Assem. Door de Gamification trend wordt het beleggen een stuk sensatione-

ler gemaakt en trekt het jongeren om te blijven beleggen. Zeisberger benadrukt dat dit echter niet bijdraagt aan het daadwerkelijke succes van jongeren op de markt. ‘Investeren hoort helaas saai te zijn. De meest succesvolle beleggers zijn die met de meest saaie beleggingsstrategieën’, legt hij uit. Investeren kun je leren Van den Assem wil het investeren voor plezier echter niet volledig afschrijven. Hij heeft in zijn twintig jaar op de universiteit namelijk geconcludeerd dat studenten zelden een idee hebben wat beleggen nou eigenlijk is en ziet ook mooie kansen. ‘Het goede is dat jongeren leren om te gaan met handelssystemen’, stelt hij. Leren is dan ook het hoofddoel bij de beleggingsvereniging Pecunia Causa, waar ze gezamenlijk aandelen kopen en informatie over bedrijven met elkaar uitwisselen. Eggink legt uit hoe de vereniging dat doet: ‘Iedere bijeenkomst pitchen twee leden een aandeel dat zij hebben bestudeerd. Vervolgens besluiten we gezamenlijk of we het kopen of niet.’ Zo leert iedereen waar ze op moeten letten bij het kopen van aandelen. Van den Assem wijst er echter wel op dat mensen hardleers zijn. ‘Als een handeling succesvol is, schrijven ze dat aan zichzelf toe, maar als het slecht gaat wijten ze dat aan pech.’ Zo ga je vanzelf onterecht denken dat je het spelletje door hebt en blijf je actief handelen. Volgens hem is de beste strategie om iets te kopen en dat vervolgens vast te houden. Zeisberger voegt zich bij Van den Assem en staat ook positief tegenover de

5 Wie : Ashwin Bholasingh,

Stijl : (in)formeel multifunctioneel

vierdejaars rechtenstudent Wat spreekt jou aan in een kledingHoe zou jij je stijl omschrijven? ‘Mijn alledaagse outfit bestaat uit een wit stuk? overhemd, een beige of grijze pantalon ‘Een kledingstuk spreekt me vaak pas met hoge pijpen en designerschoe- aan wanneer het weinig door anderen nen. Op het eerste gezicht heeft mijn wordt gedragen. Ik vind het namelijk outfit veel overeenkomsten met die van niet leuk om de stijl van anderen te kode algemene rechtenstudent. Net als piëren. Hoewel ik iemand met een toffe de meesten heb ik een formele stijl en trui graag complimenteer, zou ik dat draag ik graag een overhemd. Wat mijn kledingstuk dan niet meer willen hebstijl anders maakt zijn de merkaccessoi- ben. De soort kledingstukken die mij res: de gemiddelde rechtenstudent zul je het meest aanspreken, zijn riemen, jasniet gauw zien rondlopen met een Gucci sen, of schoenen van een merk, omdat riem. Daarnaast is de veelzijdigheid van ik vind dat deze mijn outfit echt afmaken. een kledingstuk voor mij belangrijk: het Een voorwaarde is dan wel dat het klemoet zowel goed te combineren zijn dingstuk subtiel moet zijn, want ik hecht met andere kledingstukken, als dat het weinig waarde aan kleding die er echt geschikt moet zijn voor formele en infor- uitspringt. Ik zou bijvoorbeeld niet snel mele situaties. Een voorbeeld van een kleurrijke sneakers kopen, zelfs al vind chique en veelzijdige accessoire is mijn ik ze mooi. Die zijn namelijk lastig te bril van Cartier. Deze trekt minder de combineren en ongeschikt voor formele aandacht omdat hij geen montuur om de activiteiten. Ik vind het ook niet mooi als glazen heeft. Het is daarom niet alleen een shirt aan stukken gescheurd is, met een bril die past bij meerdere activitei- groot het merk erop. Het moet wel netjes ten, ik kan er ook eindeloos veel outfits blijven.’ mee combineren. Maakt de man de kleding of maakt Waarom kies je voor de combinatie de kleding de man? van simpel en chique? ‘Ik vind dat de man de kleding maakt, Ik vind dit fijn omdat ik gedurende dag want het gaat om het karakter van een vaak in verschillende situaties beland. persoon. In sommige gevallen lijkt de Voor mijn stage moet ik bijvoorbeeld ‘s kleding echter de man te maken. Zo middags naar kantoor, waar het belang- hangt er een stigma om allochtone jonrijk is dat ik net gekleed ga. Als ik daar- geren die een trainingspak dragen: men voor ga lunchen met vrienden wil ik een verwacht meteen dat iemand in die klegoede balans vinden tussen simpel en ding zich zal misdragen. Om dit vooroordesign om op beide activiteiten eenzelf- deel te doorbreken loop ik soms ook in de passende outfit te hebben. Mijn favo- trainingspak de winkel binnen. Door me riete hemd is daarom ook een groen ge- normaal te gedragen kan ik dan bewijruit overshirt dat door het dichtdoen van zen dat het niet aan de kleding hoeft te de knoopjes van informeel naar formeel liggen. De man maakt dus absoluut de omgevormd kan worden.’ kleding.’ ANS

toename van het aantal jonge beleggers, mits zij zich op de lange termijn richten. Gezien het gemiddelde jaarlijkse rendement van zeven procent op de beurs is tijd het enige voordeel dat je hebt. ‘Ook met een klein bedrag kan je al veel bereiken’, stelt hij. Volgens hem kan je beter niet al je geld investeren in cryptovaluta’s, maar je investeringen spreiden. Hij schrijft studenten voor: ‘Het is zeker het meest wijs om

De utopie van het snelle geld zal blijven bestaan.

te investeren in wereldwijd gespreide indexfondsen.’ De toename van het aantal investerende jongeren heeft zo zijn gevaren, maar Zeisberger en Van den Assem geven aan dat het een goed idee is om vroeg te beginnen met beleggen. De utopie van het snelle geld zal blijven bestaan, maar als jongeren een beetje geduld hebben en zich er in verdiepen dan kunnen zij er een mooi pensioen aan overhouden. Generatie Z kan dus maar beter Wall Street af en toe haar gang laten gaan, en met een borrel op het terras praten over welk indexfonds voor volgende week de beste koop is. ANS


6

Interview

PAUL VAN TONGEREN HOUDT DE SPIEGEL VOOR tekst Mara Burgstede foto’s Vincent Veerbeek

Paul van Tongeren, emeritus hoogleraar Wijsgerige Ethiek aan de Radboud Universiteit, is recentelijk verkozen tot Denker des Vaderlands. ANS ging bij de filosoof op bezoek om te praten over zijn taak als Denker en de functie van de filosofie met betrekking tot de huidige tijd. ‘De pandemie heeft zichtbaar gemaakt hoe we aan het veranderen zijn.’

T

ussen de boekenkasten steekt Paul van Tongeren van wal over zijn nieuwe taak: ‘Het mooiste aan de functie is dat ik mijn liefde voor filosofie met zoveel mogelijk mensen kan delen.’ Hij vervolgt zijn verhaal terwijl hij rustig in een zonnige voorkamer zit. ‘Ik wil niet zozeer bepaalde ideeën in de samenleving planten. Ik wil juist graag een brug zijn tussen de samenleving en de filosofie’, zegt hij opgewekt. Ook wil Van Tongeren meer verbinding tussen filosofen zelf. Hij legt uit dat filosofen elkaar onder invloed van internationalisering en specialisering steeds slechter begrijpen. Van Tongeren moedigt daarom als Denker de samenleving, filosofen en studenten aan om meer aandacht te hebben voor onze gezamenlijke betekeniswereld. Grappend voegt hij toe: ‘Ik heb het idee dat er tegenwoordig geen sprake meer is van een zolderkamerfilosoof, maar van een vliegveldfilosoof.’ Het probleem hiervan is dat filosofen weinig binding hebben met een gemeenschap en alleen hun gespecialiseerde vakgenoten spreken, zo legt hij uit. Van Tongeren vertelt dat zelfs filosofen onderling elkaar niet goed begrijpen door specialisering. ‘Toen ik in Nijmegen begon werd je als filosoof voor een publicatie bekritiseerd door taalfilosofen, wijsgerige antropologen en metafysici, dat gebeurt nu niet meer’, zegt hij bedenkelijk. Hij verzucht: ‘Hoe rechtvaardig je dan wat je doet? Het zou wel eens kunnen dat je onderzoek dan niet meer te onderscheiden valt van het ma-

ken van een kruiswoordpuzzel. Dat doe je ook maar in je vrije tijd.’ Een stapje terug Waar voorgaande Denkers veelvuldig over actuele onderwerpen spraken in de media, ziet Van Tongeren een dergelijke rol niet voor zichzelf weggelegd. Hij vertelt dat wijsbegeerte als het ware een oefening is in persoonlijke en maatschappelijk zelfkennis. Hij zou graag zien dat filosofen naar het maatschappelijke debat als geheel kijken en daarop reflecteren. ‘Het maakt bijvoorbeeld niet uit wat ik vind van de verkiezingen. Als filosoof moet ik proberen om een stap terug te nemen en te zoeken naar onderliggende patronen in het nieuws’, zegt hij stellig. Dat betekent niet dat hij niks in de media wil zeggen, veel liever wil hij de patronen aanwijzen. ‘Daarmee geef ik dus niet rechtstreeks antwoord op de vraag, maar probeer ik iets te zeggen waarvan ik denk dat de samenleving er wat aan heeft’, verklaart de ethicus. Hij noemt een voorbeeld: ‘Neem het gejok van Rutte. Het gaat niet alleen om het beschuldigen of vrijpleiten van deze minister-president, maar ook om de onderliggende politieke cultuur.’ Hij erkent echter dat het geven van eigen commentaar wel lonkt: ‘Toen ik voor het eerst zei dat ik niet activistisch wilde zijn in mijn functie, kreeg ik een berichtje van een voorganger die benieuwd was hoe lang ik dat vol zou houden. Het is namelijk moeilijk om afstand te houden door de manier waarop je als Denker wordt aangesproken.’

Toch waakt Van Tongeren ervoor om niet te vervallen in vluchtige meningen. Hij zet zich daarmee af tegen het debat als dominante discussievorm in de media, die hij verwijt te veel focus te leggen op het strijdgesprek. ‘In zo’n gesprek probeer je jouw gelijk te halen en ben je voortdurend op zoek naar de zwakke plekken van je tegenstander,’ duidt hij. In plaats daarvan pleit hij voor een zoekend gesprek: ‘Hierin ga je samen op zoek naar een iets. Dat is de mooiste vorm van filosofie.’ Er is volgens de emeritus hoogleraar veel haast en ongeduld op radio en televisie, waardoor de filosofie zich moet invechten. Lachend geeft van Tongeren een voorbeeld: ‘Ach, dan word je gebeld door de radio met een tijdslimiet van drie minuten om over een bepaald onderwerp te praten. Tegen de tijd dat ik heb verteld waarom drie minuten te weinig is voor een mening is die tijd al op.’ Hij verwijst naar het ongeduld dat hij eerder signaleerde aan talkshowtafels: ‘Dit bestaat al heel lang en is tijdens de pandemie sterker zichtbaar geworden.’ Hoestend voor de spiegel Het onderzoeken en uitwijzen van patronen is juist waardevol in crisistijd. De filosofie heeft volgens Van Tongeren een spiegelfunctie voor de maatschappij, waarmee hij zich aansluit bij grote filosofen. ‘Socrates noemde de filosoof het slechte geweten van de tijd. Hegel stelde dat de filosofie de tijd in gedachten vervat’, noemt de filosoof op. De pandemie kan voor ons als een spiegel van onze tijdsgeest funge-

ren. De ethicus gaat echter in tegen het idee dat we zijn veranderd door de crisis. Er valt een lange stilte waarna hij zegt: ‘Ik denk eerder dat de pandemie zichtbaar heeft gemaakt hoe de samenleving verandert.’ Als voorbeeld noemt de Denker cijferfetisjisme. ‘Twee jaar geleden had niemand zich kunnen voorstellen dat de Volkskrant nu elke dag twee volle kolommen besteedt aan de R-waarde en de besmettingscijfers’, licht hij toe. De neiging tot het kwantificeren van kwalitatieve zaken is volgens hem al veel langer aanwezig. ‘De crisis heeft dit slechts zichtbaar gemaakt, maar we zijn al tijden bezig met iets kwalitatiefs zoals gezondheid in cijfers te vatten, zoals stappenstellers dat doen’, betoogt hij. Dat geeft een vals gevoel van controle over je gezondheid. Welzijn omvat namelijk veel meer dan het aantal stappen dat je neemt. ‘Ik denk -en dat is natuurlijk een interpretatie- dat cijfers een illusie geven van beheersbaarheid. Daarmee houden we onszelf voor de gek’, stelt hij.

‘De mens kan niet anders dan voortdurend met betekenis te worden geconfronteerd.’ Betekenis De cijfers die een poging doen de werkelijkheid te beschrijven staan volgens de filosoof niet centraal in zijn vakgebied. ‘De filosofie doet juist niks met de feitelijke waarheid’,


7 verklaart Van Tongeren. In tegenstelling tot de wetenschap kijken filosofen naar de betekenislaag die wij samen op de werkelijkheid leggen. Die betekenis is een combinatie van onze waardeoordelen, waarmee we samen vorm geven aan de wereld om ons heen. ‘De mens kan niet anders dan voortdurend met betekenis te worden geconfronteerd,’ zegt de filosoof met enthousiasme. Hij kijkt de kamer rond en geeft een voorbeeld: ‘Wat wij hier nu doen heeft een en al betekenis. Het is spannend om geïnterviewd te worden, het is saai om dingen te horen, het is leuk of niet leuk om gefotografeerd te worden.’ Dit merken wij echter zelden op. ‘Moet je je voorstellen dat we termen als mooi, slecht, uitdagend en vervelend overal vanaf halen. Dan blijft er niets over’, stelt hij vast. Hij verduidelijkt: ‘Ik kan nu ook zeggen dat er zes stoelen en een donkere tafel staan. Zonder die eerder genoemde oordelen betekent dat niks.’ We zouden volgens Van Tongeren meer oog voor die gesprekken moeten hebben. ‘We zijn geen robots die een bepaalde mechaniek tot uitvoering brengen. We willen het ergens over hebben: we hebben iets wat wij wel of niet interessant vinden en willen daarover communiceren’, poneert hij. Op die manier komen we tot gedeelde betekenis. Geïsoleerd communiceren Aangezien betekenissen gezamenlijk worden gevormd, heeft de sociale isolatie van het afgelopen jaar invloed op onze betekenisvorming. Van Tongeren legt uit: ‘Betekenisaspecten kun je niet objectiveren. De interpretaties die verschijnen zijn subjectief.’ Hij legt uit hoe isolement dat bemoeilijkt: ‘Stel je voor dat je op een plek komt waar je de taal niet spreekt en de tekens niet kan lezen. Je houdt het dan niet lang in je eentje vol, aangezien je de betekenissen niet kan interpreteren.’ De eenzaamheid van studenten in de coronacrisis vindt hij twee kanten hebben. Zo noemt hij dat een stuk alleen wandelen juist kan aanzetten tot goed nadenken: ‘Wie

nadenkt is nooit alleen.’ Toch is er volgens de filosoof een keerzijde aan eenzaamheid. ‘We hebben die gemeenschappelijkheid in de vorm van een gesprek nodig, want in eenzaamheid kan men niet tot betekenissen komen’, nuanceert hij.

‘Precies het café is belangrijk omdat je daar maar wat met elkaar ouwehoert.’ Vriendschappelijk contact geeft ons betekenis en de mogelijkheid om betekenissen te vormen. In zijn nieuwe boek Doodgewone vrienden gebruikt Van Tongeren de geschiedenis als spiegel voor onze ideeën over vriendschap. ‘Plato schrijft over vriendschap tussen oudere mannen en jonge jongens, Kant over de gegoede burgerij’, vertelt hij over diverse vormen van vriendschap. Desondanks observeert Van Tongeren ook parallellen tussen vriendschappen van vroeger en vriendschappen die in coronatijd op afstand zijn ontstaan. Door de hele geschiedenis wordt vriendschap namelijk geïdealiseerd, signaleert hij. Hij legt uit dat die zoektocht effect heeft op het denken over onze vriendschappen: ‘We kennen normen: een betere vriend vervult meer waar wij in een vriendschap naar streven dan een goede vriend. Het ideaalbeeld van de beste komt daardoor zo op afstand te staan dat alleen een dode vriend dat beeld kan halen.’ Toch ziet de filosoof ook een verschil: ‘We zijn meer dan ooit bezig met het maken van een berekening wat de kosten en de baten van vriendschap zijn.’ Van Tongeren denkt echter niet dat de waarde van vriendschap minder is geworden. Verwijzend naar de sluiting van de horeca merkt hij op: ‘Precies het terras en het café zijn belangrijk omdat je daar maar wat met elkaar ouwehoert. Die betekenissen in de kroeg moeten nu op een andere manier worden gedeeld: geen mens houdt het uit in een solipsistische wereld.’ ANS

STUDENTENSTANDPUNT tekst Elze Bekkers illustratie Merel Janssen

Vandaag de dag vindt iedereen overal ergens wat van en vliegen de meningen je om de oren. Wat is eigenlijk het standpunt van de Nijmeegse student rondom actuele thema’s? In Het Studentenstandpunt geven leden van het Radboudstudentenpanel hun kijk op de zaak. Dit keer: hulp voor Afghanistan. Dion (22), bachelorstudent Geschiedenis

Djano (23), bachelorstudent Nederlandse Taal en Cultuur

Meike (20), bachelorstudent Geneeskunde

Jasper (24), masterstudent Fiscaal Recht

‘Het is een groot probleem dat de westerse

‘Doordat ik Nederlandse Taal en Cultuur stu-

‘Ik vind het eigenlijk een gek idee dat de

‘Ik ben redelijk terughoudend als het gaat

wereld zich jarenlang te veel heeft bemoeid

deer heb ik het gevoel ontwikkeld dat iemand

wereld is verdeeld in verschillende landen

om ingrijpen in het buitenland. Wat heb-

met

Nederland

die een taalopleiding heeft gevolgd bij moet

en dat je mensen kan verbieden om een

ben wij in het buitenland te zoeken? Wij,

heeft zich jarenlang, overigens met goede

dragen aan de ontwikkeling van mensen die

bedachte grens over te steken. Stel je voor

het Westen, hebben er een handje van om

bedoelingen, bemoeid. Daarom hebben we

de taal nog niet beheersen. Mijn grootste angst

dat je je ooit in dezelfde situatie bevindt en

te vertellen hoe het zou moeten zijn. Als er

nu de verplichting om de situatie in Afgha-

is niet meer kunnen spreken en schrijven. Af-

dan te horen krijgt van een land: “Jou ne-

binnenlands gevaar dreigt dan zou ik ingrij-

nistan te verlichten. Alle Afghaanse mensen

ghaanse vluchtelingen die in Nederland aan-

men we niet op, want we hebben geen ruim-

pen. Vluchtelingen opnemen vind ik een las-

die ons toentertijd hebben geholpen als gids

komen maken precies dat mee. Ik kan nog wel

te.” Daar kan ik me zo boos over maken. Er

tige kwestie. We roepen altijd dat zij goed

of tolk, verdienen het om nu door ons gehol-

spreken en schrijven en ik moet daar iets mee

wordt vaak vergeten dat vluchtelingen ook

moeten integreren, maar dan moeten wij

pen te worden. Ik vind dan ook dat zij voor-

doen. Daarnaast moet de vluchtelingenstroom

mensen zijn die ergens naartoe moeten en

daar ook voor open staan. Veel Nederlan-

rang moeten krijgen als het gaat om vluchte-

ook in betere banen geleid worden door de

hulp nodig hebben. Afghaanse burgers be-

ders staan daar echter niet om te springen.

lingenopvang en inburgering in Nederland.

Europese Unie. Of je nou voor of tegen het op-

vinden zich in zo’n benarde situatie, dat wij

Het zou volgens mij een goed idee zijn om in

Als het aan mij lag namen we alleen hen op,

nemen van vluchtelingen bent, ze komen in ie-

ons dat gewoon niet kunnen voorstellen.

contact te raken met vluchtelingen en een ge-

want we hebben beperkte ruimte en er zijn

der geval. We hebben in Griekenland kunnen

In Nederland kunnen mensen namelijk kla-

sprek met ze aan te gaan voor betere integra-

nog steeds naschokken van de vluchtelingen-

zien dat de vluchtelingenstroom onontkoom-

gen over de kleinste dingetjes en dat is niet

tie. Toch blijft de situatie in Afghanistan wel een

problemen van een paar jaar geleden. Het zou

baar is. Daarom kunnen we er maar beter voor

te vergelijken. Als mens heb je de plicht om

ver-van-mijn-bed-show. Ik weet te weinig van

het mooiste zijn als iedere Nederlander een

zorgen dat vluchtelingenhulp goed georgani-

je medemens te helpen. Daarom is het be-

het leven daar om een scherp oordeel hier-

steentje bijdraagt, maar de overheid kan ze

seerd is. Als die er niet is, zal de toestroom pro-

langrijk dat we hen goed opvangen, zodat

over te vellen. Ik ben 24 jaar lang opgegroeid

structureel helpen, als individu kan je dat niet.

blematischer verlopen. Zonder goede hulp en

ze hun leven kunnen voortzetten. Toch zou ik

in veiligheid en ik hoef me zelden zorgen te

Er moet meer geld vanuit de overheid gaan

een onderkomen kunnen er rellen ontstaan. Je

ook geld inzetten op het weer leefbaar ma-

maken over of ik mijn huur wel kan betalen aan

naar veiligheid voor opgevangen vluchtelin-

moet er als land en als Europese Unie dus echt

ken van Afghanistan omdat dat het thuis is van

het einde van de maand. Dat zijn zulke kleine

gen. Tot slot denk ik dat het een goed idee zou

voor zorgen dat je er goed mee omgaat anders

de gevluchte mensen.’

dingen in vergelijking met vluchten voor je le-

zijn als de Europese Unie een commissie opzet

riskeer je heel veel schade.’

het

Midden-Oosten. Ook

die Afghaanse vluchtelingen kan helpen.’

ven. Dat kunnen wij nooit begrijpen.’ ANS


OVER DE KOOK

tekst Mayra Hijdra en Anne-Maaike van Aken afbeeldingen Mayra Hijdra en Annika Eskes

Dit is de rubriek voor echte fijnproevers. ANS bedenkt iedere editie een bepaald thema en een budget voor een gerecht. Het is aan de student om de uitdaging aan te gaan, de boodschappen te kiezen en een hoogstaand staaltje kookkunst te laten zien. Staat de student nog aan het begin van zijn bachelor of is hij al een masterchef? Deze editie: OntGROENing

O

p zondagavond om half zeven arriveert aanstaand psychologiestudent Marjolein Smetsers (17) vrolijk bij het afgesproken studentenhuis in Weurt. Ter inluiding van haar studententijd heeft ze de opdracht gekregen een ontgroeningsmaaltijd te koken. Ze mag alleen groene ingrediënten gebruiken en moet deze matchen met een biertje naar keuze. Marjolein vertelt honderduit over haar verwachtingen van het studentenleven, terwijl ze met veel aandacht de courgette in stukjes snijdt. Deze lastige combinatie zorgt dat het snijden enige tijd in beslag neemt. De keuze voor het bijpassende bier ging uit naar een simpel Grolschje. ‘Deze past goed bij het groene thema’, stelt Marjolein. Bij het onthullen van haar bierkeuze, vraagt de uitbundige jongedame zich hardop af of van bier te genieten valt. De komende jaren zullen het leren. Hoewel de bierkeuze snel gemaakt was, gaan niet alle beslissingen haar makkelijk af. ‘Ik vind het leuk om verschillende perspectieven van mensen te horen’, stelt Marjolein. Aan de omstanders wordt gevraagd wat zij willen: wel of geen ui erin? Ze beantwoordt haar eigen vraag door de ui te snijden. Hoewel Marjolein een groentje in het studentenleven is, is ze niet onervaren in

het trotseren van vreemde keukens. Samen met haar vriendinnen rouleert ze vaker tussen ieders keuken om een mooie maaltijd op tafel te toveren. Terwijl ze de ui snippert, praat Marjolein over haar beeld van een studentenkeuken. De student in spé herkent de verhalen over ratten en vieze keukens, maar dat houdt haar niet tegen om op kamers te gaan. Nadat het water is gekookt, gooit Marjolein de smaakvolle fusilli erbij. Om in het thema te blijven heeft Marjolein gekozen voor de prijzige groene erwtenpasta die de helft van haar budget kostte. Gelet op de restjes van morgen is te veel beter dan te weinig en worden er twee pakken pasta gebruikt. Marjolein houdt zich vaker bezig met toekomstplannen. Zo wil ze een vegetarisch studentenkookboek maken. Simpel, goedkoop en zonder vlees, dat moet het allemaal zijn. Ze vertelt met een lach dat het er nog niet van gekomen is. Ondertussen worden de goedkope ingrediënten met de erwtenpasta gemengd in de pan. Hiermee is de ex-scholier een recept dichterbij de realisatie van haar kookboek. De tuintafel is gedekt, het bier staat op tafel en de stoelen worden aangeschoven. Als finishing touch strooit Marjolein enkele blaadjes rucola op de pasta pesto. Hiermee rondt Marjolein het koken af en betreedt zij groen maar goedmoedig het studentenle-

Budget: Tien euro voor vier personen Boodschappen: 500 gram erwtenfusilli, 190 gram pesto, 85 gram rucola, 1

courgette en een blaadje basilicum Overige toegestane ingrediënten: water, olie, knoflook, ui, peper en zout

IS DE SMAAK RAAK?

Pasta pesto, een voor de hand liggende keuze als het gaat om een studentikoze, groene maaltijd. Marjolein wist de proevers in te palmen met een gezonde dosis pesto en een esthetisch blaadje basilicum als garnering. De bite van de rucola zweeft na op de smaakpapillen en een verfrissend slokje Grolsch bier verlengt de smaak. De aandacht besteed aan het fijnsnijden van de courgette was terug te proeven in de pasta. Ieder hapje bevatte een verfijnde verdeling tussen pasta en courgette. De wat droge, eentonige samenstelling van het gerecht werd hiermee gecompenseerd. Het gemis van de smeuïgheid van diverse ingrediënten, werd vereffend door haar verhalen. ANS

Resultaat: Van leerling tot meester in de pasta pesto Sterren: 3/5

36e jaargang Hoofdredactie Delphine Broasca en Simon Swelsen Redactie Annika Eskes, Gian Oerlemans, Rik Sinnige en Loïs Verkooijen Medewerkers Anne-Maaike van Aken, Mara Burgstede, Naomi Habashy, Mayra Hijdra en Sietske Dijkstra Illustraties Laura Umbgrove en Inge Spoelstra

VRAAG VAN DE WEEK Vind je fysiek onderwijs veilig?

82%

JA

18% NEE

73%

JA

27% NEE

ANS ZOEKT MEDEWERKERS! Vind jij het leuk om te schrijven, illustreren, vertalen of fotograferen? Stuur dan een mail naar redactie@ans-online.nl. De koffie staat klaar!

Foto’s Ted van Aanholt, Annika Eskes, Mayra Hijdra en Vincent Veerbeek Columnist Tonnie de Benis Eindredactie Elze Bekkers, Jochem Bodewes, Cameron-May Bosch, Sofie Bongers, Sanne Breedveld, Mara Burgstede, Pim Dankloff, Sietske Dijkstra, Sophia van Engelshoven, Julia Mars, Julia Meilink, Leah van Oorschot, Inge Spoelstra, Floor Toebes, Vincent Veerbeek, Pablo Vinkenoog en Simone Vlug Ontwerp en lay-out Simon Swelsen Logodesign voorpagina Noah Kleijne Dagelijks bestuur Shiba Shohra Fahim (penningmeester), Seber Faraj (secretaris) en Sumaya Jimale (voorzitter) Druk Flevodruk Harlingen BV Uitgave, abonnementen en advertentieacquisitie Stichting MultiMedia: stichtingmultimedia@gmail.com Redactieadres Heyendaalseweg 141 6525 AJ Nijmegen Tel: 06-36458763 Mail: redactie@ans-online.nl